1
00:00:02,070 --> 00:00:04,350
Welkom bij Vers voor Vers!

2
00:00:04,350 --> 00:00:09,930
Deze keer behandelen
we 1 Koningen 21 en 22.

3
00:00:09,930 --> 00:00:14,430
We hebben nog twee hoofdstukken te
behandelen in onze studie van 1 Koningen,

4
00:00:14,430 --> 00:00:18,330
en die gaan verder over deze
periode van Achabs regering.

5
00:00:18,330 --> 00:00:23,010
Het is interessant hoeveel uiteenlopende
informatie we over Achab hebben.

6
00:00:23,010 --> 00:00:26,070
In het vorige verhaal was
hij een soort oorlogsheld,

7
00:00:26,070 --> 00:00:28,170
maar ook een vriendelijke man die zich

8
00:00:28,170 --> 00:00:31,350
vrijgevig toonde tegenover
zijn tegenstander.

9
00:00:31,350 --> 00:00:35,550
Alleen was dat juist een moment
waarop hij dat niet had moeten doen.

10
00:00:35,550 --> 00:00:40,410
Hij heeft de profeet Elia vervolgd, en
nu zien we iemand die beslist niet zo'n

11
00:00:40,410 --> 00:00:43,830
sterke persoonlijkheid en
leider is als zijn vrouw.

12
00:00:43,830 --> 00:00:48,450
Zij is natuurlijk die boosaardige
Sidonische koningin, Izebel.

13
00:00:48,450 --> 00:00:52,350
In dit hoofdstuk zullen we iets meer
van haar gedrag zien dan we tot nu

14
00:00:52,350 --> 00:00:53,670
toe hebben gezien.

15
00:00:53,670 --> 00:00:58,230
We hebben gehoord dat Izebel de profeten
van Jahweh doodde en de profeten

16
00:00:58,230 --> 00:01:00,510
van Baäl ondersteunde.

17
00:01:00,510 --> 00:01:03,270
We hebben gehoord dat ze Elia bedreigde.

18
00:01:03,270 --> 00:01:06,030
Maar we hebben haar nog
niet echt in actie gezien.

19
00:01:06,030 --> 00:01:09,390
We hebben over deze dingen
gehoord als gebeurtenissen die

20
00:01:09,390 --> 00:01:11,790
ergens in het verleden
hebben plaatsgevonden,

21
00:01:11,790 --> 00:01:13,950
maar die niet beschreven werden.

22
00:01:13,950 --> 00:01:18,990
In hoofdstuk 21 zullen we
Izebel in al haar glorie zien.

23
00:01:18,990 --> 00:01:24,990
Hierna gebeurde het volgende : Naboth uit
Jizreël had een wijngaard die in Jizreël

24
00:01:24,990 --> 00:01:29,310
lag, naast het paleis van
Achab, de koning van Samaria.

25
00:01:29,310 --> 00:01:33,390
Dat is waarschijnlijk een goede buurt,
als je pal naast de koning woont.

26
00:01:33,390 --> 00:01:37,530
Zoiets als naast het Witte
Huis wonen, of iets dergelijks.

27
00:01:37,530 --> 00:01:40,710
Maar ook al waren de huizen
en de grond daar veel waard,

28
00:01:40,710 --> 00:01:44,490
voor Naboth was het niet per se
een voordelige plek om te wonen,

29
00:01:44,490 --> 00:01:45,690
zoals zou blijken.

30
00:01:45,690 --> 00:01:49,830
En Achab sprak tot Naboth:
Geef mij uw wijngaard,

31
00:01:49,830 --> 00:01:52,050
dan kan die mij tot moestuin dienen.

32
00:01:52,050 --> 00:01:54,690
Hij ligt immers vlak naast mijn huis.

33
00:01:54,690 --> 00:02:00,391
Dan geef ik u in plaats daarvan een
wijngaard die beter is dan deze, of ,

34
00:02:00,391 --> 00:02:05,010
als het goed is in uw ogen, geef
ik u de waarde ervan in geld.

35
00:02:05,010 --> 00:02:06,810
Het is een redelijk aanbod.

36
00:02:06,810 --> 00:02:12,150
Hij zegt: ‘Ik zal je iets beters geven,
of het bedrag dat je ervoor wilt hebben.’

37
00:02:12,150 --> 00:02:16,050
Maar voor Naboth speelde er
iets wat meer was dan geld.

38
00:02:16,050 --> 00:02:20,790
Dat was de eer van zijn familie en de
gedachte dat God in de dagen van Jozua

39
00:02:20,790 --> 00:02:24,270
aan elke familie een bepaald
grondgebied had gegeven.

40
00:02:24,270 --> 00:02:28,590
Dat mocht niet in andere handen
overgaan, in elk geval niet voorgoed.

41
00:02:28,590 --> 00:02:33,750
Maar Naboth zei tegen Achab: Laat de HEERE
daarvan bij mij geen sprake doen zijn,

42
00:02:33,750 --> 00:02:36,990
dat ik u het erfelijk bezit
van mijn vaderen zou geven!

43
00:02:36,990 --> 00:02:38,730
Let erop dat er staat:

44
00:02:38,730 --> 00:02:41,610
Dat mag Jahweh niet laten gebeuren.

45
00:02:41,610 --> 00:02:44,190
Naboth beroept zich op de Naam Jahweh.

46
00:02:44,190 --> 00:02:48,570
Achab is blijkbaar een aanbidder van
Baäl, en toch woont er pal naast hem

47
00:02:48,570 --> 00:02:50,730
een gelovige, Naboth.

48
00:02:50,730 --> 00:02:54,990
Hij zegt: ‘Het spijt me, mijn
geweten laat dit niet toe.

49
00:02:54,990 --> 00:02:57,330
Dit is het erfbezit van mijn vader.

50
00:02:57,330 --> 00:02:59,010
Ik kan het niet verkopen.

51
00:02:59,010 --> 00:03:01,770
Ik kan het zelfs niet ruilen
voor een betere plek.’

52
00:03:01,770 --> 00:03:07,110
Toen kwam Achab thuis, somber gestemd
en woedend vanwege het woord dat

53
00:03:07,110 --> 00:03:11,550
Naboth uit Jizreël tot hem had
gesproken; dat deze had gezegd:

54
00:03:11,550 --> 00:03:14,730
Ik geef u het erfelijk
bezit van mijn vaderen niet.

55
00:03:14,730 --> 00:03:19,770
Hij ging op zijn bed liggen, wendde zijn
gezicht af en nam geen voedsel tot zich.

56
00:03:19,770 --> 00:03:21,030
Of mokkend.

57
00:03:21,030 --> 00:03:23,070
Wat een kinderachtig gedrag.

58
00:03:23,070 --> 00:03:26,250
Toen kwam Izebel, zijn vrouw, bij hem.

59
00:03:26,250 --> 00:03:29,730
Zij sprak tot hem: Wat is er, dat uw geest

60
00:03:29,730 --> 00:03:33,270
somber gestemd is en dat u
geen voedsel tot u neemt?

61
00:03:33,270 --> 00:03:38,490
Hij sprak tot haar: Omdat ik tot Naboth
uit Jizreël heb gesproken en tegen hem heb

62
00:03:38,490 --> 00:03:41,790
gezegd: Geef mij uw wijngaard voor geld.

63
00:03:41,790 --> 00:03:46,650
Of, als u dat liever hebt, zal ik u er
een wijngaard voor in de plaats geven.

64
00:03:46,650 --> 00:03:50,250
Hij heeft echter gezegd: Ik
geef u mijn wijngaard niet.

65
00:03:50,250 --> 00:03:53,430
Toen zei Izebel, zijn vrouw, tegen hem:

66
00:03:53,430 --> 00:03:57,090
Moet ú nu het koningschap
over Israël uitoefenen?

67
00:03:57,090 --> 00:04:01,170
Sta op, neem voedsel tot u,
laat uw hart vrolijk zijn,

68
00:04:01,170 --> 00:04:05,190
dan zal ík u de wijngaard van
Naboth uit Jizreël, geven.

69
00:04:05,190 --> 00:04:10,710
Vervolgens schreef zij brieven in de naam
van Achab, verzegelde die met zijn zegel,

70
00:04:10,710 --> 00:04:14,850
en zij stuurde de brieven naar de oudsten
en naar de edelen die bij Naboth in

71
00:04:14,850 --> 00:04:16,470
diens stad woonden.

72
00:04:16,470 --> 00:04:19,650
In die brieven schreef
zij: Roep een vasten uit

73
00:04:19,650 --> 00:04:22,710
en laat Naboth aan het
hoofd van het volk zitten.

74
00:04:22,710 --> 00:04:28,230
En laat twee mannen tegenover hem zitten,
verdorven lieden, die tegen hem getuigen:

75
00:04:28,230 --> 00:04:31,710
U hebt God en de koning vaarwel gezegd.

76
00:04:31,710 --> 00:04:35,670
Breng hem dan naar buiten en
stenig hem, zodat hij sterft.

77
00:04:35,670 --> 00:04:38,310
Let erop dat ze niet Jahweh zegt.

78
00:04:38,310 --> 00:04:41,850
Ze kan het waarschijnlijk niet
verdragen die Naam uit te spreken.

79
00:04:41,850 --> 00:04:47,250
En de mannen van zijn stad, die oudsten
en die edelen die in zijn stad woonden,

80
00:04:47,250 --> 00:04:52,050
deden zoals Izebel hun opgedragen had,
zoals geschreven was in de brieven

81
00:04:52,050 --> 00:04:53,850
die zij hun gestuurd had.

82
00:04:53,850 --> 00:04:58,170
Zij riepen een vasten uit, en zij lieten
Naboth aan het hoofd van het volk zitten.

83
00:04:58,170 --> 00:05:02,730
Toen kwamen er twee mannen, verdorven
lieden, tegenover hem zitten,

84
00:05:02,730 --> 00:05:06,990
en die verdorven lieden getuigden
tegen hem, tegen Naboth,

85
00:05:06,990 --> 00:05:12,450
ten overstaan van het volk: Naboth
heeft God en de koning vaarwel gezegd.

86
00:05:12,450 --> 00:05:16,410
Daarop brachten zij hem buiten de
stad en stenigden hem met stenen,

87
00:05:16,410 --> 00:05:18,030
zodat hij stierf.

88
00:05:18,030 --> 00:05:24,090
Daarna stuurden zij Izebel een bode om te
zeggen: Naboth is gestenigd en is dood.

89
00:05:24,090 --> 00:05:28,350
Hier hebben we een rechtschapen burger
over wie zijn buren er geen moeite mee

90
00:05:28,350 --> 00:05:33,030
hebben in de rechtszaal te liegen en die
ze zonder dat hij schuldig is laten doden.

91
00:05:33,030 --> 00:05:34,110
En waarom?

92
00:05:34,110 --> 00:05:37,230
De meeste buren geloofden
waarschijnlijk de getuigen.

93
00:05:37,230 --> 00:05:40,530
We weten niet wie de getuigen
daartoe had aangezet.

94
00:05:40,530 --> 00:05:43,050
Iemand die in opdracht
van Izebel handelde,

95
00:05:43,050 --> 00:05:48,450
had deze twee schurken ertoe aangezet een
vals getuigenis tegen hem af te leggen.

96
00:05:48,450 --> 00:05:52,770
Het is duidelijk dat de gemeenschap ervan
overtuigd moest zijn dat hij schuldig was,

97
00:05:52,770 --> 00:05:56,670
want de buren zouden hem niet
willen doden als hij onschuldig was.

98
00:05:56,670 --> 00:06:00,690
Maar als je een paar getuigen tegen iemand
vindt en zegt dat hij dingen heeft gedaan

99
00:06:00,690 --> 00:06:04,530
die de dood verdienen, dan kan de
gemeenschap eigenlijk geen bezwaar maken

100
00:06:04,530 --> 00:06:06,390
tegen zijn terechtstelling.

101
00:06:06,390 --> 00:06:10,530
Er waren dus een paar slechte
mensen, natuurlijk de getuigen zelf.

102
00:06:10,530 --> 00:06:14,310
Volgens de wet van Mozes
zouden zij als valse getuigen

103
00:06:14,310 --> 00:06:18,810
dezelfde straf moeten krijgen als
hun slachtoffer. Dat zei de wet:

104
00:06:18,810 --> 00:06:22,830
dan moet u met hem doen zoals hij
met zijn broeder dacht te doen.

105
00:06:22,830 --> 00:06:25,710
Zo moet u het kwaad uit uw midden wegdoen.

106
00:06:25,710 --> 00:06:30,090
Deze mannen verdienden dus zelf
de dood, maar ze kwamen ermee weg.

107
00:06:30,090 --> 00:06:31,350
Achab echter niet.

108
00:06:31,350 --> 00:06:33,990
Achab was hier niet
rechtstreeks bij betrokken,

109
00:06:33,990 --> 00:06:37,890
voor zover het verhaal vermeldt,
maar Izebel had deze bevelen met zijn

110
00:06:37,890 --> 00:06:39,570
zegel erop verstuurd.

111
00:06:39,570 --> 00:06:43,590
Dat betekent dat ze op zijn minst van
het bureau van de koning afkomstig

112
00:06:43,590 --> 00:06:44,850
leken te zijn.

113
00:06:44,850 --> 00:06:46,950
En dat waren ze misschien ook wel.

114
00:06:46,950 --> 00:06:50,910
Hoe dan ook, als Achab hier niet
rechtstreeks bij betrokken was,

115
00:06:50,910 --> 00:06:55,110
is hij er verantwoordelijk voor dat hij
zijn vrouw haar gang liet gaan en haar

116
00:06:55,110 --> 00:06:57,930
lafhartige daad in zijn
naam liet uitvoeren.

117
00:06:57,930 --> 00:07:02,130
Toen kwam het woord van de
HEERE tot Elia, de Tisbiet,

118
00:07:02,130 --> 00:07:06,630
over wie we in het afgelopen anderhalve
hoofdstuk niet veel hebben gehoord.

119
00:07:06,630 --> 00:07:10,830
Het laatste wat we over hem hoorden,
was dat hij was afgedaald en

120
00:07:10,830 --> 00:07:14,130
Elisa had geroepen om
zijn volgeling te worden.

121
00:07:14,130 --> 00:07:18,090
Sindsdien hadden we niets
meer gehoord. En de HEERE zei:

122
00:07:18,090 --> 00:07:24,870
Sta op, daal af, Achab, de koning van
Israël, tegemoet, die in Samaria woont.

123
00:07:24,870 --> 00:07:27,690
Zie, hij is in de wijngaard van Naboth,

124
00:07:27,690 --> 00:07:30,810
waarheen hij afgedaald is
om die in bezit te nemen.

125
00:07:30,810 --> 00:07:34,530
En u moet tegen hem
zeggen: Zo zegt de HEERE:

126
00:07:34,530 --> 00:07:38,970
Hebt u een moord gepleegd en ook
iemands land in bezit genomen?

127
00:07:38,970 --> 00:07:42,450
Verder moet u tot hem
spreken: Zo zegt de HEERE,

128
00:07:42,450 --> 00:07:46,170
op de plaats waar de honden het
bloed van Naboth opgelikt hebben,

129
00:07:46,170 --> 00:07:50,070
zullen de honden uw bloed
oplikken, ja, het uwe!

130
00:07:50,070 --> 00:07:52,410
Toen zei Achab tegen Elia:

131
00:07:52,410 --> 00:07:56,910
En Achab zei tegen Elia: Hebt
u mij gevonden, mijn vijand?

132
00:07:56,910 --> 00:08:02,010
Hij zei: Ik heb u gevonden, omdat u uzelf
verkocht hebt om te doen wat slecht is in

133
00:08:02,010 --> 00:08:03,330
de ogen van de HEERE.

134
00:08:03,330 --> 00:08:04,770
En hij antwoordde:

135
00:08:04,770 --> 00:08:09,570
Ik heb je gevonden, omdat je jezelf hebt
verkocht om te doen wat slecht is in de

136
00:08:09,570 --> 00:08:11,070
ogen van de Heer.

137
00:08:11,070 --> 00:08:13,950
Kijk, Ik zal onheil over je brengen.

138
00:08:13,950 --> 00:08:19,710
Ik zal je nakomelingen uitroeien en elke
man in Israël die bij Achab hoort doden,

139
00:08:19,710 --> 00:08:21,450
slaaf of vrij.

140
00:08:21,450 --> 00:08:25,890
Ik zal met jouw familie hetzelfde
doen als met de familie van Jerobeam,

141
00:08:25,890 --> 00:08:30,690
de zoon van Nebat, en de familie
van Baësa, de zoon van Achia,

142
00:08:30,690 --> 00:08:35,130
omdat je Me zo kwaad hebt gemaakt
en Israël hebt laten zondigen.

143
00:08:35,130 --> 00:08:39,450
En over Izebel heeft de Heer ook gezegd
dat de honden haar bij de muur van

144
00:08:39,450 --> 00:08:41,250
Jizreël zullen opeten.

145
00:08:41,250 --> 00:08:44,790
Iedereen die bij Achab
hoort en in de stad sterft,

146
00:08:44,790 --> 00:08:48,810
zal door de honden worden opgegeten,
en wie op het land sterft,

147
00:08:48,810 --> 00:08:51,390
zal door de vogels worden opgegeten.

148
00:08:51,390 --> 00:08:56,490
Dat er op zo'n manier met een dood lichaam
werd omgegaan, zou heel zeldzaam zijn.

149
00:08:56,490 --> 00:09:00,810
Een koning en een koningin zouden
gewoonlijk met koninklijke eer worden

150
00:09:00,810 --> 00:09:05,970
begraven, met een heel indrukwekkende
stoet en rouwbetoon en een grootse,

151
00:09:05,970 --> 00:09:10,770
uitvoerige begrafenis, en in
prachtige graftombes worden bijgezet.

152
00:09:10,770 --> 00:09:14,250
Iemand die door vogels of
door honden werd opgegeten,

153
00:09:14,250 --> 00:09:20,070
zou óf iemand zijn die op het slagveld
was gestorven en door gieren was opgegeten

154
00:09:20,070 --> 00:09:24,630
voordat men hem kon bereiken en
begraven, óf, in het geval van honden,

155
00:09:24,630 --> 00:09:27,690
iemand van wie het lijk gewoon
voor de honden werd gegooid

156
00:09:27,690 --> 00:09:31,830
vanwege de grote minachting
die men voor die persoon had.

157
00:09:31,830 --> 00:09:36,990
Zo iemand zou geen fatsoenlijke begrafenis
mogen krijgen en werd buiten achtergelaten

158
00:09:36,990 --> 00:09:39,090
om door de dieren te worden opgegeten.

159
00:09:39,090 --> 00:09:42,270
Als dat met een koning
of koningin zou gebeuren,

160
00:09:42,270 --> 00:09:45,390
zou dat een bijzonder
onwaardig einde zijn.

161
00:09:45,390 --> 00:09:47,250
En toch is het gebeurd.

162
00:09:47,250 --> 00:09:48,330
Er staat:

163
00:09:48,330 --> 00:09:51,870
Op de plek waar de honden
Nabots bloed hebben opgelikt,

164
00:09:51,870 --> 00:09:54,390
zullen ze ook jouw bloed oplikken.

165
00:09:54,390 --> 00:09:59,010
Achab stierf eigenlijk niet in
Jizreël, maar in Samaria, geloof ik.

166
00:09:59,010 --> 00:10:02,130
Maar de honden hebben
inderdaad zijn bloed opgelikt.

167
00:10:02,130 --> 00:10:05,610
Hij raakte gewond in de
strijd, en toen hij thuiskwam,

168
00:10:05,610 --> 00:10:08,250
zat zijn strijdwagen vol met zijn bloed.

169
00:10:08,250 --> 00:10:12,990
En toen ze de strijdwagen schoonspoelden,
likten de honden zijn bloed op.

170
00:10:12,990 --> 00:10:18,450
Izebel werd uiteindelijk op bevel van Jehu
door haar dienaren uit een toren gegooid.

171
00:10:18,450 --> 00:10:23,610
En ze stierf, en Jehu en zijn mannen
liepen gewoon over haar lijk heen toen ze

172
00:10:23,610 --> 00:10:26,010
naar binnen gingen en gingen lunchen.

173
00:10:26,010 --> 00:10:30,630
En toen ze weer naar buiten kwamen, hadden
de honden haar zo ongeveer uiteengerukt

174
00:10:30,630 --> 00:10:34,230
en aan stukken gescheurd, en waren
er alleen nog een paar resten van

175
00:10:34,230 --> 00:10:35,610
haar lichaam over.

176
00:10:35,610 --> 00:10:39,630
Dus deze vloek van Elia, waarvan
het vanuit menselijk oogpunt heel

177
00:10:39,630 --> 00:10:42,210
onwaarschijnlijk leek
dat die zou uitkomen,

178
00:10:42,210 --> 00:10:45,870
is daadwerkelijk min of
meer letterlijk uitgekomen.

179
00:10:45,870 --> 00:10:48,270
Er is nooit iemand zoals Achab geweest,

180
00:10:48,270 --> 00:10:52,350
die zichzelf verkocht om te doen wat
slecht is in de ogen van de HEERE,

181
00:10:52,350 --> 00:10:56,370
omdat Izebel, zijn vrouw,
hem daartoe aanspoorde.

182
00:10:56,370 --> 00:11:01,230
De schrijver geeft Izebel hier de schuld
dat zij hem ertoe aanzette zo slecht te

183
00:11:01,230 --> 00:11:02,670
zijn als hij was.

184
00:11:02,670 --> 00:11:04,530
Hij was geen groot man.

185
00:11:04,530 --> 00:11:09,030
Hij was geen bijzonder goed man
en ook geen bijzonder slecht man.

186
00:11:09,030 --> 00:11:12,390
Uiteindelijk werd hij
slecht, buitengewoon slecht,

187
00:11:12,390 --> 00:11:15,510
door de invloed van zijn
buitengewoon slechte vrouw.

188
00:11:15,510 --> 00:11:20,190
Hij had ook een zachte kant, en hij
was niet zo moordzuchtig als Izebel.

189
00:11:20,190 --> 00:11:23,310
Maar in zijn geval werd hij
door een slechte vrouw tot

190
00:11:23,310 --> 00:11:25,230
verkeerde dingen aangezet.

191
00:11:25,230 --> 00:11:28,170
Hij had zelf meer leiding moeten geven.

192
00:11:28,170 --> 00:11:31,770
Hij had zich tegen de invloed
van zijn vrouw moeten verzetten,

193
00:11:31,770 --> 00:11:34,890
en daarvoor zou hij verantwoordelijk zijn.

194
00:11:34,890 --> 00:11:39,870
Maar zijn vrouw zette hem aan tot dingen
die hij anders niet zou hebben gedaan.

195
00:11:39,870 --> 00:11:44,430
En we zien dat hij zelfs tot een
zekere mate van bekering in staat is,

196
00:11:44,430 --> 00:11:48,990
omdat hij in zijn hart niet
door en door slecht is.

197
00:11:48,990 --> 00:11:53,370
Hij was een heel slechte heerser,
doordat hij op aanstichten van

198
00:11:53,370 --> 00:11:56,610
Izebel de aanbidding van Baäl invoerde.

199
00:11:56,610 --> 00:12:01,830
In die zin wordt hij de slechtste
heerser die Israël ooit heeft gehad.

200
00:12:01,830 --> 00:12:07,830
Maar hij is ook een man die in sommige
opzichten nogal slap en kinderachtig is,

201
00:12:07,830 --> 00:12:10,830
en kennelijk helemaal geen sterke man.

202
00:12:10,830 --> 00:12:12,030
En er staat:

203
00:12:12,030 --> 00:12:16,710
Hij handelde zeer gruwelijk door
achter de stinkgoden aan te gaan,

204
00:12:16,710 --> 00:12:20,490
overeenkomstig alles wat
de Amorieten hadden gedaan,

205
00:12:20,490 --> 00:12:25,050
die de HEERE van voor de ogen
van de Israëlieten verdreven had.

206
00:12:25,050 --> 00:12:30,570
Het gebeurde nu, toen Achab deze woorden
hoorde, dat hij zijn kleren scheurde,

207
00:12:30,570 --> 00:12:34,050
een rouwgewaad om zijn
lichaam deed en vastte.

208
00:12:34,050 --> 00:12:38,731
In dat rouwgewaad ging hij ook
slapen en liep hij langzaam rond .

209
00:12:38,731 --> 00:12:41,910
Hij had dus gehoord dat
dit verschrikkelijke lot

210
00:12:41,910 --> 00:12:45,870
hem en al zijn nakomelingen
zou treffen, en het raakte hem.

211
00:12:45,870 --> 00:12:50,430
Toen kwam het woord van de
HEERE tot Elia, de Tisbiet:

212
00:12:50,430 --> 00:12:54,150
Hebt u gezien dat Achab zich heeft
vernederd voor Mijn aangezicht?

213
00:12:54,150 --> 00:12:56,910
Omdat hij zich heeft vernederd
voor Mijn aangezicht,

214
00:12:56,910 --> 00:12:59,850
zal Ik dat onheil nog niet
in zijn dagen brengen.

215
00:12:59,850 --> 00:13:03,930
In de dagen van zijn zoon zal Ik
dat onheil over zijn huis brengen.

216
00:13:03,930 --> 00:13:08,970
Met andere woorden, God zegt: ‘Ik ga Mijn
oordeel hierover niet echt veranderen,

217
00:13:08,970 --> 00:13:12,450
want eerlijk gezegd heeft
hij de schade al aangericht.

218
00:13:12,450 --> 00:13:14,970
En toch, omdat hij zich vernederd heeft,

219
00:13:14,970 --> 00:13:19,710
zal Ik al deze verschrikkelijke dingen
niet tijdens zijn leven laten gebeuren.’

220
00:13:19,710 --> 00:13:23,910
Hij zal ze niet hoeven mee te maken
of met eigen ogen hoeven te zien:

221
00:13:23,910 --> 00:13:26,790
de afslachting van zijn
kinderen enzovoort.

222
00:13:26,790 --> 00:13:31,290
En zo zou Achab sterven,
maar niet op vreedzame wijze.

223
00:13:31,290 --> 00:13:34,950
Hij zou in de strijd sterven,
en het volgende hoofdstuk

224
00:13:34,950 --> 00:13:37,350
vertelt ons hoe dat gebeurde.

225
00:13:37,350 --> 00:13:42,990
Drie jaar zaten zij stil: er was
geen oorlog tussen Syrië en Israël.

226
00:13:42,990 --> 00:13:47,790
In feite vertelt de wereldlijke
geschiedenis ons dat Syrië en Israël

227
00:13:47,790 --> 00:13:50,730
in die tijd samen tegen Assyrië streden.

228
00:13:50,730 --> 00:13:56,010
De geschiedschrijving van Sanherib van
Assyrië vermeldt dat er rond deze tijd een

229
00:13:56,010 --> 00:14:01,290
strijd tegen hem werd gevoerd door een
bondgenootschap van Israël en Syrië.

230
00:14:01,290 --> 00:14:06,330
Ongeveer drie jaar nadat het vredesverdrag
tussen Achab en Syrië was gesloten,

231
00:14:06,330 --> 00:14:10,950
ondernamen zij deze gezamenlijke poging
om de oprukkende macht van Assyrië

232
00:14:10,950 --> 00:14:12,330
tegen te houden.

233
00:14:12,330 --> 00:14:15,930
Assyrië breidde zich rond
die tijd in die richting uit.

234
00:14:15,930 --> 00:14:19,110
Sanherib beweert dat hij
die strijd gewonnen heeft.

235
00:14:19,110 --> 00:14:22,770
Maar aangezien hij zijn voordeel
op dat moment niet uitbuitte,

236
00:14:22,770 --> 00:14:25,830
ga je je toch afvragen of dat wel zo was.

237
00:14:25,830 --> 00:14:30,090
Soms beweren deze koningen dat ze gewonnen
hebben terwijl ze niet gewonnen hebben.

238
00:14:30,090 --> 00:14:34,710
En dus lijkt het erop dat Achab en
Benhadad samen inderdaad een aanval van

239
00:14:34,710 --> 00:14:38,790
Assyrië hebben afgeslagen, hoewel
dat niet in de Schrift is opgetekend.

240
00:14:38,790 --> 00:14:42,570
Blijkbaar was het echter niet de moeite
waard om in de Schrift te vermelden.

241
00:14:42,570 --> 00:14:47,370
En het was rond die tijd, waarschijnlijk
vlak daarna, dat we hierover lezen.

242
00:14:47,370 --> 00:14:49,410
In hoofdstuk 22:

243
00:14:49,410 --> 00:14:54,930
Drie jaar zaten zij stil: er was
geen oorlog tussen Syrië en Israël.

244
00:14:54,930 --> 00:14:59,370
Het gebeurde echter in het derde
jaar dat Josafat, de koning van Juda,

245
00:14:59,370 --> 00:15:01,650
naar de koning van Israël toe ging.

246
00:15:01,650 --> 00:15:04,590
We hebben nog maar heel
kort over Josafat gehoord.

247
00:15:04,590 --> 00:15:10,350
Toen Asa in hoofdstuk 15, vers
24 stierf, staat er namelijk:

248
00:15:10,350 --> 00:15:14,730
Asa ging te ruste bij zijn vaderen,
en werd begraven bij zijn vaderen,

249
00:15:14,730 --> 00:15:17,310
in de stad van zijn vader David.

250
00:15:17,310 --> 00:15:20,790
En zijn zoon Josafat werd
koning in zijn plaats.

251
00:15:20,790 --> 00:15:25,230
Dat is alles wat we vóór dit
moment over Josafat hebben gehoord.

252
00:15:25,230 --> 00:15:30,690
Al deze tussenliggende hoofdstukken
gingen over Achab en natuurlijk over Elia,

253
00:15:30,690 --> 00:15:32,970
die met Achab te maken had.

254
00:15:32,970 --> 00:15:36,570
Intussen heeft Josafat al
die tijd in Juda geregeerd.

255
00:15:36,570 --> 00:15:39,270
En nu wordt hij alleen in
het verhaal geïntroduceerd

256
00:15:39,270 --> 00:15:42,030
omdat hij vriendschap sloot met Achab.

257
00:15:42,030 --> 00:15:46,470
In 1 Koningen zullen we niet veel
over Josafat te horen krijgen.

258
00:15:46,470 --> 00:15:50,670
Aan het eind van dit hoofdstuk,
in de verzen 41 tot en met 50,

259
00:15:50,670 --> 00:15:54,090
krijgen we een korte vermelding
van Josafats regering,

260
00:15:54,090 --> 00:15:55,890
zonder veel bijzonderheden.

261
00:15:55,890 --> 00:16:01,050
Het belangrijkste verhaal in 1 Koningen
gaat over zijn bondgenootschap met Israël,

262
00:16:01,050 --> 00:16:05,370
met Achab, bij deze gelegenheid
waarbij Achab stierf.

263
00:16:05,370 --> 00:16:09,570
In Kronieken krijgen we echter
aanzienlijk meer over Josafat te horen,

264
00:16:09,570 --> 00:16:12,990
genoeg om ons ervan te overtuigen
dat hij een van de beste

265
00:16:12,990 --> 00:16:15,270
koningen was die Juda ooit heeft gehad.

266
00:16:15,270 --> 00:16:18,870
Hij was een van de vier
koningen die hervormers waren.

267
00:16:18,870 --> 00:16:24,450
Er waren acht koningen van Juda van wie
wordt gezegd dat ze goede koningen waren.

268
00:16:24,450 --> 00:16:27,330
Vier van hen waren
daadwerkelijk hervormers,

269
00:16:27,330 --> 00:16:31,290
die ingrijpende hervormingen in
Juda probeerden door te voeren,

270
00:16:31,290 --> 00:16:33,690
en Josafat was een van hen.

271
00:16:33,690 --> 00:16:35,310
In 2 Kronieken worden

272
00:16:35,310 --> 00:16:38,670
enkele bijzonderheden over
zijn hervormingen gegeven,

273
00:16:38,670 --> 00:16:44,010
en zelfs over een heel opmerkelijke
overwinning die hij behaalde op een enorm

274
00:16:44,010 --> 00:16:45,930
leger dat tegen hem optrok.

275
00:16:45,930 --> 00:16:48,930
We zullen de tijd nemen om
die hoofdstukken te bekijken

276
00:16:48,930 --> 00:16:51,990
wanneer we op het betreffende
punt zijn aangekomen.

277
00:16:51,990 --> 00:16:56,730
Maar dat is dus deze Josafat, over
wie we hiervoor niets hebben gehoord,

278
00:16:56,730 --> 00:17:00,810
behalve dat hij als zoon van
Asa in Juda was gaan regeren.

279
00:17:00,810 --> 00:17:04,170
Toen zei de koning van
Israël tegen zijn dienaren:

280
00:17:04,170 --> 00:17:07,110
Weet u dat Ramoth in Gilead van ons is?

281
00:17:07,110 --> 00:17:11,550
En wij doen niets om het uit de hand
van de koning van Syrië terug te nemen.

282
00:17:11,550 --> 00:17:16,770
We weten niet op welk moment Syrië
Ramoth in Gilead van hem had afgenomen.

283
00:17:16,770 --> 00:17:21,750
Ramoth in Gilead ligt aan de oostelijke
oever van de Jordaan, in Gilead.

284
00:17:21,750 --> 00:17:26,310
Het was een grensstad en daarom een
belangrijke verdedigingspositie.

285
00:17:26,310 --> 00:17:28,830
Dat de Syriërs die stad in handen hadden,

286
00:17:28,830 --> 00:17:32,730
werd op de lange termijn niet als
voordelig voor Israël beschouwd,

287
00:17:32,730 --> 00:17:37,110
ook al was er op dat moment geen
oorlog tussen Syrië en Israël.

288
00:17:37,110 --> 00:17:42,330
Syrië was immers soms hun vijand geweest,
en dat zij Ramoth in Gilead beheersten,

289
00:17:42,330 --> 00:17:44,430
was geen positieve zaak.

290
00:17:44,430 --> 00:17:47,910
Ze hadden de stad blijkbaar op
een eerder moment ingenomen,

291
00:17:47,910 --> 00:17:51,870
zonder dat dit is opgetekend, en
hadden haar nooit teruggegeven.

292
00:17:51,870 --> 00:17:57,150
En nu zijn er drie jaar voorbijgegaan
zonder oorlog tussen Israël en Syrië.

293
00:17:57,150 --> 00:18:01,470
Maar nu denkt Achab: ‘Het heeft me
eigenlijk nooit lekker gezeten dat

294
00:18:01,470 --> 00:18:04,530
Syrië Ramoth in Gilead bezet houdt.

295
00:18:04,530 --> 00:18:07,530
Misschien moeten we het
maar op hen gaan heroveren.’

296
00:18:07,530 --> 00:18:13,410
Met andere woorden, laten we weer oorlog
met hen voeren en dit gebied terugkrijgen.

297
00:18:13,410 --> 00:18:17,430
Het is nogal strategisch gelegen,
en het is tenslotte van ons.

298
00:18:17,430 --> 00:18:19,350
Het hoort bij Israël.

299
00:18:19,350 --> 00:18:21,330
Dus zei hij tegen Josafat:

300
00:18:21,330 --> 00:18:26,970
Daarna zei hij tegen Josafat: Trekt u met
mij ten strijde tegen Ramoth in Gilead?

301
00:18:26,970 --> 00:18:33,330
En Josafat zei tegen de koning van Israël:
Ik ben als u, mijn volk is als uw volk,

302
00:18:33,330 --> 00:18:35,970
mijn paarden zijn als uw paarden.

303
00:18:35,970 --> 00:18:38,910
En Josafat zei tegen de koning van Israël:

304
00:18:38,910 --> 00:18:42,690
Ik sta aan jouw kant, mijn
volk staat aan jouw kant

305
00:18:42,690 --> 00:18:45,450
en mijn paarden staan tot je beschikking.

306
00:18:45,450 --> 00:18:49,650
Met andere woorden, wat mij
betreft zijn we hier één volk.

307
00:18:49,650 --> 00:18:52,650
We zijn samen de twaalf
stammen van Israël.

308
00:18:52,650 --> 00:18:56,370
We zijn hier allemaal één
grote, gelukkige familie.

309
00:18:56,370 --> 00:19:02,310
Mijn soldaten, mijn paarden, ik ben
als jij en sta tot je beschikking.

310
00:19:02,310 --> 00:19:05,610
En Josafat zei tegen de koning van Israël:

311
00:19:05,610 --> 00:19:08,970
Verder zei Josafat tegen
de koning van Israël:

312
00:19:08,970 --> 00:19:11,970
Vraag toch vandaag nog naar
het woord van de HEERE.

313
00:19:11,970 --> 00:19:17,070
Ik weet niet of Josafat wist dat
Achab geen aanbidder van de HEERE was.

314
00:19:17,070 --> 00:19:21,930
Hoewel Achab een syncretist was, aanbad
hij waarschijnlijk een deel van de tijd de

315
00:19:21,930 --> 00:19:27,150
HEERE, een deel van de tijd Baäl en
een deel van de tijd andere goden.

316
00:19:27,150 --> 00:19:30,870
Maar Josafat was een godvrezend
man die de HEERE diende.

317
00:19:30,870 --> 00:19:35,010
En hij zei: ‘Luister, ik wil
niet zoiets gaan ondernemen

318
00:19:35,010 --> 00:19:38,730
tenzij we van de HEERE horen wat
Hij vindt dat we moeten doen.’

319
00:19:38,730 --> 00:19:42,270
Toen riep de koning van
Israël de profeten bijeen.

320
00:19:42,270 --> 00:19:45,030
Dit speelde zich af in
de hoofdstad van Achab.

321
00:19:45,030 --> 00:19:47,370
Josafat was bij hem op bezoek.

322
00:19:47,370 --> 00:19:51,390
En Achab had, zoals alle
koningen, profeten in dienst.

323
00:19:51,390 --> 00:19:54,450
Maar deze profeten waren valse profeten.

324
00:19:54,450 --> 00:19:57,510
We lezen niet dat ze
profeten van Baäl waren,

325
00:19:57,510 --> 00:20:01,350
maar het waren beslist profeten
die het om het geld deden.

326
00:20:01,350 --> 00:20:03,750
Het waren geen echte profeten.

327
00:20:03,750 --> 00:20:06,090
Ze spraken niet het Woord van de Heere.

328
00:20:06,090 --> 00:20:08,790
Ze spraken zelfs niet
in de Naam van de HEERE,

329
00:20:08,790 --> 00:20:12,450
en dat was iets wat
Josafat blijkbaar opmerkte.

330
00:20:12,450 --> 00:20:13,530
Er staat:

331
00:20:13,530 --> 00:20:18,450
Toen riep de koning van Israël de
profeten bijeen, ongeveer vierhonderd man,

332
00:20:18,450 --> 00:20:23,250
en zei tegen hen: Zal ik tegen
Ramoth in Gilead ten strijde trekken,

333
00:20:23,250 --> 00:20:25,110
of zal ik ervan afzien?

334
00:20:25,110 --> 00:20:30,570
Zij zeiden: Trek op, want de Heere zal
hen in de hand van de koning geven.

335
00:20:30,570 --> 00:20:34,650
Let erop dat er in de Engelse
tekst gewoon ‘Lord’ staat.

336
00:20:34,650 --> 00:20:36,210
Het is niet Yahweh.

337
00:20:36,210 --> 00:20:37,950
Het is Adonai.

338
00:20:37,950 --> 00:20:41,670
En daarom spreken ze niet
werkelijk in de Naam van de HEERE.

339
00:20:41,670 --> 00:20:43,290
En Josafat zei:

340
00:20:43,290 --> 00:20:47,430
Maar Josafat zei: Is er hier niet
nog een profeet van de HEERE,

341
00:20:47,430 --> 00:20:50,490
zodat wij de HEERE door
hem kunnen raadplegen?

342
00:20:50,490 --> 00:20:56,070
Er zijn dus vierhonderd profeten, maar
geen van hen is een profeet van de HEERE.

343
00:20:56,070 --> 00:21:00,990
Josafat merkte eenvoudig op dat ze
niet in de Naam van de HEERE spraken.

344
00:21:00,990 --> 00:21:05,130
‘Hebben jullie in dit land niemand
die in de Naam van de HEERE spreekt?’

345
00:21:05,130 --> 00:21:08,910
Elia deed dat natuurlijk wel, maar
die was moeilijk te pakken te krijgen,

346
00:21:08,910 --> 00:21:10,650
niet gemakkelijk te vinden.

347
00:21:10,650 --> 00:21:13,410
Je kon hem niet zomaar laten
roepen wanneer je maar wilde.

348
00:21:13,410 --> 00:21:15,090
Hij kon overal zijn.

349
00:21:15,090 --> 00:21:19,410
Maar er was daar in de stad één
bekende profeet van de HEERE.

350
00:21:19,410 --> 00:21:21,630
En Achab zei tegen Josafat:

351
00:21:21,630 --> 00:21:25,350
Toen zei de koning van Israël
tegen Josafat: Er is nog

352
00:21:25,350 --> 00:21:30,090
één man om door hem de HEERE te
raadplegen, maar ík haat hem,

353
00:21:30,090 --> 00:21:35,070
want hij profeteert niets goeds
over mij, alleen maar onheil: Micha,

354
00:21:35,070 --> 00:21:36,690
de zoon van Jimla.

355
00:21:36,690 --> 00:21:40,230
Josafat zei: Zo moet
de koning niet spreken!

356
00:21:40,230 --> 00:21:44,130
Je zou toch denken dat er bij deze
mannen eens een lichtje zou gaan branden.

357
00:21:44,130 --> 00:21:48,090
Als de profeten van de HEERE,
de betrouwbare profeten,

358
00:21:48,090 --> 00:21:53,850
onheil over je profeteerden en zeiden dat
God boos op je was en je zou oordelen,

359
00:21:53,850 --> 00:21:56,430
dan zou je toch denken
dat het kwartje viel.

360
00:21:56,430 --> 00:22:00,630
Dat ze zouden zeggen: ‘Weet
je wat? God is tegen me.

361
00:22:00,630 --> 00:22:02,790
Misschien moet ik iets anders gaan doen.

362
00:22:02,790 --> 00:22:04,650
Misschien moet ik veranderen.

363
00:22:04,650 --> 00:22:07,950
Misschien moet ik zorgen dat
God aan mijn kant staat.’

364
00:22:07,950 --> 00:22:11,550
Deze mannen begrepen dat gewoon niet,
terwijl het toch een kwestie van

365
00:22:11,550 --> 00:22:13,290
gezond verstand lijkt.

366
00:22:13,290 --> 00:22:15,810
Hier is een profeet van de HEERE.

367
00:22:15,810 --> 00:22:21,030
‘Ja, de HEERE spreekt tot hem, maar hij
zegt altijd slechte dingen over mij.’

368
00:22:21,030 --> 00:22:25,530
Nou, waarom verander je dan niet, zodat
hij goede dingen over je zal zeggen?

369
00:22:25,530 --> 00:22:27,690
O, dat is ondenkbaar.

370
00:22:27,690 --> 00:22:30,570
Hij zei: ‘Ik haat die Micha.

371
00:22:30,570 --> 00:22:34,710
Hij profeteert altijd slechte
dingen over me, geen goede dingen.’

372
00:22:34,710 --> 00:22:36,330
En Josafat zei:

373
00:22:36,330 --> 00:22:38,430
Zo moet de koning niet spreken!

374
00:22:38,430 --> 00:22:42,090
Toen riep de koning van
Israël een hoveling en zei:

375
00:22:42,090 --> 00:22:46,530
Toen riep de koning van Israël een
hoveling en zei: Haal snel Micha,

376
00:22:46,530 --> 00:22:48,150
de zoon van Jimla.

377
00:22:48,150 --> 00:22:51,690
De koning van Israël en
Josafat, de koning van Juda,

378
00:22:51,690 --> 00:22:55,110
hadden hun gewaden aangetrokken
en zaten ieder op zijn troon.

379
00:22:55,110 --> 00:22:58,590
Blijkbaar hadden ze daar een
gastentroon voor de koning van Juda,

380
00:22:58,590 --> 00:23:00,870
voor de keren dat hij op bezoek was.

381
00:23:00,870 --> 00:23:03,330
Dit was een koninklijke gelegenheid.

382
00:23:03,330 --> 00:23:06,270
Ze dragen allebei hun koninklijke gewaden.

383
00:23:06,270 --> 00:23:08,730
Ze hebben niet hun gewone kleren aan.

384
00:23:08,730 --> 00:23:13,050
Ze hadden daarvoor getennist,
dus ze liepen in hun korte broek.

385
00:23:13,050 --> 00:23:18,690
Toen trokken ze hun gewaden aan om er meer
een officiële aangelegenheid van te maken.

386
00:23:18,690 --> 00:23:23,190
Ze gaan een paar officiële besluiten
nemen over het voeren van oorlog,

387
00:23:23,190 --> 00:23:26,610
maar eerst moeten ze de
profeet van de HEERE horen.

388
00:23:26,610 --> 00:23:27,870
En er staat:

389
00:23:27,870 --> 00:23:34,650
Nu zaten de koning van Israël en Josafat,
de koning van Juda, ieder op zijn troon,

390
00:23:34,650 --> 00:23:37,830
gekleed in staatsie
gewaad op de dorsvloer,

391
00:23:37,830 --> 00:23:40,650
bij de ingang van de poort van Samaria.

392
00:23:40,650 --> 00:23:44,850
En al de profeten profeteerden
in hun tegenwoordigheid.

393
00:23:44,850 --> 00:23:50,130
Dus terwijl Micha werd gehaald, stonden
al die valse profeten daar hun preken,

394
00:23:50,130 --> 00:23:52,350
hun profetieën te houden.

395
00:23:52,350 --> 00:23:54,930
Daar werden ze tenslotte voor betaald.

396
00:23:54,930 --> 00:24:00,990
Zedekia, de zoon van Kenaäna, had ijzeren
hoorns voor zichzelf gemaakt, en zei:

397
00:24:00,990 --> 00:24:05,490
Zo zegt de HEERE: Hiermee
zult u de Syriërs neerstoten,

398
00:24:05,490 --> 00:24:07,410
totdat u hen vernietigd hebt.

399
00:24:07,410 --> 00:24:11,130
Dit is een van de valse
profeten. En hij zei:

400
00:24:11,130 --> 00:24:15,690
Zo zegt de HEERE: Hiermee
zult u de Syriërs neerstoten,

401
00:24:15,690 --> 00:24:17,610
totdat u hen vernietigd hebt.

402
00:24:17,610 --> 00:24:21,750
Nu dus: ‘O, willen jullie
iets van de HEERE horen?

403
00:24:21,750 --> 00:24:25,770
Ik zal wel in de Naam van de HEERE
spreken als jullie dat willen.’

404
00:24:25,770 --> 00:24:30,870
Nou, het is wel een beetje laat om de
HEERE er nu bij te halen in je profetieën.

405
00:24:30,870 --> 00:24:35,370
En deze mannen zeggen gewoon alles
wat de koning volgens hen wil horen.

406
00:24:35,370 --> 00:24:38,610
Omdat Achab geen aanbidder
van de HEERE was,

407
00:24:38,610 --> 00:24:44,310
noemden ze de HEERE niet totdat de koning
zei: ‘Nou, we willen de HEERE raadplegen.’

408
00:24:44,310 --> 00:24:47,910
Dus: ‘Goed, dit is wat de HEERE zegt.’

409
00:24:47,910 --> 00:24:53,130
Deze profeten zijn heel plooibaar en heel
inschikkelijk, maar ze zijn niet echt.

410
00:24:53,130 --> 00:24:55,590
En ze zeggen wat de koning wil horen.

411
00:24:55,590 --> 00:24:59,430
Wat hij wil horen, is dat
hij deze oorlog gaat winnen.

412
00:24:59,430 --> 00:25:01,950
Dat is niet bepaald wat God zegt.

413
00:25:01,950 --> 00:25:03,270
Vers 12:

414
00:25:03,270 --> 00:25:08,790
En alle profeten profeteerden
hetzelfde: Trek op naar Ramoth in Gilead

415
00:25:08,790 --> 00:25:13,710
en u zult slagen, want de HEERE zal
hen in de hand van de koning geven.

416
00:25:13,710 --> 00:25:18,330
De bode nu die Micha was gaan
roepen, sprak tot hem: Zie toch,

417
00:25:18,330 --> 00:25:22,830
de woorden van de profeten zijn
eenstemmig in het voordeel van de koning.

418
00:25:22,830 --> 00:25:27,390
Laat toch uw woord als het woord van
een van hen zijn, en spreek het goede.

419
00:25:27,390 --> 00:25:32,730
Maar Micha zei: Zo waar de HEERE
leeft, wat de HEERE tegen mij zegt,

420
00:25:32,730 --> 00:25:34,230
dat zal ik spreken.

421
00:25:34,230 --> 00:25:38,730
Toen hij bij de koning kwam,
zei de koning tegen hem: Micha,

422
00:25:38,730 --> 00:25:42,030
zullen wij tegen Ramoth in
Gilead ten strijde trekken,

423
00:25:42,030 --> 00:25:43,950
of zullen wij ervan afzien?

424
00:25:43,950 --> 00:25:48,090
En hij zei tegen hem:
Trek op, en u zult slagen,

425
00:25:48,090 --> 00:25:51,450
want de HEERE zal hen in de
hand van de koning geven.

426
00:25:51,450 --> 00:25:54,330
Dat was natuurlijk wat de
andere profeten zeiden.

427
00:25:54,330 --> 00:25:58,950
Het verbaast ons misschien dat Micha
zou komen en hetzelfde zou zeggen.

428
00:25:58,950 --> 00:26:00,990
Het verbaasde Achab ook.

429
00:26:00,990 --> 00:26:04,830
Hij besefte zelfs dat Micha niet
zei wat hij werkelijk dacht.

430
00:26:04,830 --> 00:26:09,510
De kans is heel groot dat Micha het op
een sarcastische of spottende toon zei

431
00:26:09,510 --> 00:26:11,970
en de andere profeten nadeed.

432
00:26:11,970 --> 00:26:15,930
Daarmee maakte hij duidelijk dat hij
alleen zei wat de koning wilde horen

433
00:26:15,930 --> 00:26:17,730
en niet wat werkelijk waar was.

434
00:26:17,730 --> 00:26:22,530
De koning zei tegen hem: Hoeveel keer moet
ik u nog bezweren dat u tot mij niets zult

435
00:26:22,530 --> 00:26:25,470
spreken dan alleen de waarheid,
in de Naam van de HEERE?

436
00:26:25,470 --> 00:26:29,970
Hij zei: Ik zag heel Israël
overal verspreid op de bergen,

437
00:26:29,970 --> 00:26:32,190
als schapen die geen herder hebben.

438
00:26:32,190 --> 00:26:35,550
En de HEERE zei: Dezen hebben geen heer,

439
00:26:35,550 --> 00:26:38,730
laat ieder in vrede naar
zijn huis terugkeren.

440
00:26:38,730 --> 00:26:42,870
Met andere woorden, na de strijd
is de koning er niet meer.

441
00:26:42,870 --> 00:26:46,110
Er is geen herder van Israël. Hij is dood.

442
00:26:46,110 --> 00:26:50,790
En dus trekken de mensen gewoon van
het slagveld weg, ieder zijns weegs.

443
00:26:50,790 --> 00:26:55,590
Toen zei de koning van Israël tegen
Josafat: Heb ik niet tegen u gezegd:

444
00:26:55,590 --> 00:26:59,850
Hij zal over mij niets goeds
profeteren, alleen maar onheil?

445
00:26:59,850 --> 00:27:03,930
Verder zei Micha : Daarom,
hoor het woord van de HEERE:

446
00:27:03,930 --> 00:27:08,790
Ik zag de HEERE op Zijn troon zitten,
en heel het hemelse leger stond bij Hem,

447
00:27:08,790 --> 00:27:11,550
aan Zijn rechter- en aan Zijn linkerzijde.

448
00:27:11,550 --> 00:27:14,910
En de HEERE zei: Wie zal Achab misleiden,

449
00:27:14,910 --> 00:27:19,771
zodat hij zal optrekken en bij Ramoth
in Gilead zal vallen in de strijd ?

450
00:27:19,771 --> 00:27:22,650
De een nu zei dit, en de ander zei dat.

451
00:27:22,650 --> 00:27:27,270
Toen trad er een geest naar voren en ging
voor het aangezicht van de HEERE staan.

452
00:27:27,270 --> 00:27:29,970
Hij zei: Ík zal hem misleiden.

453
00:27:29,970 --> 00:27:32,730
En de HEERE zei tegen hem: Waarmee?

454
00:27:32,730 --> 00:27:37,170
Hij zei: Ik zal eropuit gaan en
een leugengeest zijn in de mond van

455
00:27:37,170 --> 00:27:38,670
al zijn profeten.

456
00:27:38,670 --> 00:27:43,950
En Hij zei: U mag misleiden, en
u zult er ook toe in staat zijn.

457
00:27:43,950 --> 00:27:45,870
Vertrek en doe het zo.

458
00:27:45,870 --> 00:27:50,490
Welnu, zie, de HEERE heeft een
leugengeest in de mond van al deze

459
00:27:50,490 --> 00:27:55,410
profeten van u gegeven, en de HEERE
heeft onheil over u uitgesproken.

460
00:27:55,410 --> 00:27:59,910
Dit is interessant, want hij zegt
dat God van plan is je te misleiden,

461
00:27:59,910 --> 00:28:02,730
maar ik sta je hier te vertellen
dat Hij dat van plan is.

462
00:28:02,730 --> 00:28:07,350
De Heere vertelt je nu dat Hij je probeert
te misleiden door een valse leugengeest in

463
00:28:07,350 --> 00:28:09,690
de mond van je profeten te sturen.

464
00:28:09,690 --> 00:28:13,470
Hier zitten verschillende lagen in,
want aan de ene kant wil God dat

465
00:28:13,470 --> 00:28:15,210
Achab misleid wordt.

466
00:28:15,210 --> 00:28:20,910
Aan de andere kant zegt Micha, die namens
God spreekt: ‘Luister niet naar hen.

467
00:28:20,910 --> 00:28:22,650
Ze liegen tegen je.

468
00:28:22,650 --> 00:28:26,970
God heeft een leugengeest in hun mond
gelegd, en Hij wil dat je weet dat het een

469
00:28:26,970 --> 00:28:30,450
leugengeest is en dat je daar
niet naar moet luisteren.

470
00:28:30,450 --> 00:28:33,690
Maar Hij heeft die daar
gelegd om je te misleiden.’

471
00:28:33,690 --> 00:28:36,390
Wil God nu dat hij misleid wordt of niet?

472
00:28:36,390 --> 00:28:39,390
Het lijkt duidelijk dat
God de misleiding stuurt.

473
00:28:39,390 --> 00:28:43,350
Maar Hij waarschuwt ook duidelijk
dat het misleiding is en dat hij het

474
00:28:43,350 --> 00:28:44,910
niet moet geloven.

475
00:28:44,910 --> 00:28:47,550
Het doet me denken aan
wat sommige mensen zeggen

476
00:28:47,550 --> 00:28:50,250
wanneer je oppert dat
de aarde en het heelal

477
00:28:50,250 --> 00:28:53,010
misschien geen miljarden jaren oud zijn.

478
00:28:53,010 --> 00:28:56,850
Ze hebben het over alle dingen die
in de aardkorst worden gevonden

479
00:28:56,850 --> 00:29:02,130
en over al het bewijs dat volgens hen aan
de hemel te vinden is voor een heelal dat

480
00:29:02,130 --> 00:29:05,190
miljarden en miljarden jaren oud is.

481
00:29:05,190 --> 00:29:10,890
En je zegt: ‘Nou, dat kan allemaal in de
afgelopen paar duizend jaar gedaan zijn.’

482
00:29:10,890 --> 00:29:13,170
En dan zeggen ze: ‘Wat?

483
00:29:13,170 --> 00:29:16,050
Heeft God ons dan geprobeerd te misleiden?

484
00:29:16,050 --> 00:29:20,010
Heeft God al die dingen erin
aangebracht om ons te misleiden

485
00:29:20,010 --> 00:29:23,310
en ons te laten denken dat
het ouder is dan het is?

486
00:29:23,310 --> 00:29:25,830
Waarom zou God ons willen misleiden?’

487
00:29:25,830 --> 00:29:30,570
Hoe kun je zeggen dat God je misleidt,
als Hij je in Zijn Woord heeft verteld hoe

488
00:29:30,570 --> 00:29:31,710
oud het is?

489
00:29:31,710 --> 00:29:32,970
Nu heb je een keuze.

490
00:29:32,970 --> 00:29:35,370
Je kunt afgaan op wat God je vertelt,

491
00:29:35,370 --> 00:29:38,730
of op je eigen gevolgtrekkingen
uit wat je ziet.

492
00:29:38,730 --> 00:29:43,710
En als je afgaat op wat je afleidt uit
wat je ziet, heeft God je niet misleid.

493
00:29:43,710 --> 00:29:45,630
Hij heeft je erover verteld.

494
00:29:45,630 --> 00:29:49,230
In dit geval heeft God Achab niet misleid.

495
00:29:49,230 --> 00:29:52,230
Hij liet de liegende profeten
wel tegen hem liegen,

496
00:29:52,230 --> 00:29:55,410
terwijl Hij wist dat hij
naar hen zou luisteren.

497
00:29:55,410 --> 00:29:58,710
Maar Hij zegt ook:
‘Luister niet naar hen.’

498
00:29:58,710 --> 00:30:03,750
Hij stuurt Zijn profeten om te
zeggen: ‘Luister niet naar die lui.

499
00:30:03,750 --> 00:30:06,630
Ze liegen tegen je. Doe het niet.’

500
00:30:06,630 --> 00:30:11,250
Het is alsof God Achab probeert mee te
sleuren naar een strijd waarin hij zal

501
00:30:11,250 --> 00:30:16,170
sterven, terwijl God al die
tijd zegt: ‘Ga niet. Ga niet.

502
00:30:16,170 --> 00:30:19,350
Ik zeg je, dit gaat
slecht voor je aflopen.

503
00:30:19,350 --> 00:30:21,090
Ik waarschuw je.’

504
00:30:21,090 --> 00:30:23,490
Wie misleidt Achab nu eigenlijk?

505
00:30:23,490 --> 00:30:27,270
God kan er niet van worden
beschuldigd dat Hij hem misleidde,

506
00:30:27,270 --> 00:30:31,230
terwijl Hij de ware profeet Micha
stuurde om hem te vertellen dat

507
00:30:31,230 --> 00:30:32,850
het misleiding was.

508
00:30:32,850 --> 00:30:35,790
Het is echt een wat
vreemde gang van zaken.

509
00:30:35,790 --> 00:30:40,950
Wat er natuurlijk vreemd aan is, is dat
God überhaupt een leugengeest stuurt.

510
00:30:40,950 --> 00:30:45,330
Een leugengeest is, nemen
we aan, een boze geest.

511
00:30:45,330 --> 00:30:48,330
En waarom zou God een boze geest sturen?

512
00:30:48,330 --> 00:30:52,710
Toch is dit niet de eerste keer dat we
hierover lezen in de historische boeken.

513
00:30:52,710 --> 00:30:56,610
We zagen in Richteren dat God
een boze geest stuurde tussen

514
00:30:56,610 --> 00:31:00,330
Abimelech en de mannen van
Sichem, zijn woonplaats.

515
00:31:00,330 --> 00:31:05,010
Daardoor werd er een wig tussen hen
gedreven en keerden ze zich tegen hem.

516
00:31:05,010 --> 00:31:09,870
We zagen ook dat God een boze geest
tegen Saul stuurde om hem te oordelen.

517
00:31:09,870 --> 00:31:12,570
En nu stuurt God een
leugengeest in de mond van

518
00:31:12,570 --> 00:31:15,450
Achabs profeten om hem te oordelen.

519
00:31:15,450 --> 00:31:20,610
Het is duidelijk dat boze geesten in de
Bijbel uit Gods tegenwoordigheid komen.

520
00:31:20,610 --> 00:31:21,930
Hij stuurt ze.

521
00:31:21,930 --> 00:31:23,850
Maar je moet dit niet
verwarren met een soort

522
00:31:23,850 --> 00:31:27,870
leer dat God en de boze geesten
aan dezelfde kant staan.

523
00:31:27,870 --> 00:31:33,570
God is soeverein en niets kan gebeuren
tenzij Hij het op zijn minst toestaat.

524
00:31:33,570 --> 00:31:38,010
Hij neemt niet altijd het initiatief,
maar Hij staat bepaalde dingen toe.

525
00:31:38,010 --> 00:31:40,290
De duivel kwam bij God en zei:

526
00:31:40,290 --> 00:31:42,210
Laat me Job laten lijden.

527
00:31:42,210 --> 00:31:45,030
God had het recht om daar
ja of nee op te zeggen.

528
00:31:45,030 --> 00:31:49,650
Bij deze gelegenheid zei God ja, en daarom
ging de duivel uit de tegenwoordigheid van

529
00:31:49,650 --> 00:31:53,130
de Heere weg en bracht
hij ellende over Job.

530
00:31:53,130 --> 00:31:57,090
Maar God was niet Degene Die het
initiatief nam tot die activiteit.

531
00:31:57,090 --> 00:32:00,330
God was Degene Die het
voorstel van de duivel afwoog

532
00:32:00,330 --> 00:32:03,450
en besloot het in dit
specifieke geval toe te staan,

533
00:32:03,450 --> 00:32:06,570
terwijl Hij het in andere
gevallen niet zou toestaan.

534
00:32:06,570 --> 00:32:10,050
Bij andere gelegenheden had Hij
Job met een omheining beschermd,

535
00:32:10,050 --> 00:32:12,390
en de duivel kon hem niets aandoen.

536
00:32:12,390 --> 00:32:15,510
God heeft de macht om de duivel
te beletten ook maar iets te doen,

537
00:32:15,510 --> 00:32:16,770
als Hij dat wil.

538
00:32:16,770 --> 00:32:21,450
Hij kan Gods volk beschermen tegen alles
wat de duivel tegen hen zou proberen te

539
00:32:21,450 --> 00:32:25,710
doen, maar Hij kan het toestaan
met het oog op Zijn bedoelingen.

540
00:32:25,710 --> 00:32:28,650
In dit geval zien we dat
God een bedoeling had.

541
00:32:28,650 --> 00:32:31,590
Zijn bedoeling was om Achab te oordelen.

542
00:32:31,590 --> 00:32:36,210
Het specifieke voorstel om een leugengeest
in de mond van zijn profeten te leggen,

543
00:32:36,210 --> 00:32:39,450
kwam niet van God, maar
van een boze geest zelf.

544
00:32:39,450 --> 00:32:42,330
Een boze geest kwam
zijn diensten aanbieden,

545
00:32:42,330 --> 00:32:47,670
of vroeg als het ware toestemming om
tegen Achab en zijn profeten op te treden.

546
00:32:47,670 --> 00:32:51,990
God stond het toe, net zoals Hij
satan toestond eropuit te gaan

547
00:32:51,990 --> 00:32:53,790
en Job ellende te bezorgen.

548
00:32:53,790 --> 00:32:58,770
Ik denk dat deze paar taferelen ons enig
houvast geven om te begrijpen wat hier

549
00:32:58,770 --> 00:33:01,290
werkelijk gebeurt, al is het vreemd.

550
00:33:01,290 --> 00:33:05,430
De sluier wordt weggetrokken en we zien
wat er gebeurt in de onderhandelingen

551
00:33:05,430 --> 00:33:08,310
tussen God en de geestelijke wezens.

552
00:33:08,310 --> 00:33:12,930
De duivel en de demonen doen voorstellen
en vragen toestemming om mensen

553
00:33:12,930 --> 00:33:14,190
kwaad te doen.

554
00:33:14,190 --> 00:33:18,390
God is Degene Die het recht heeft
om het te verbieden of toe te staan.

555
00:33:18,390 --> 00:33:24,210
In dit geval, zegt Micha, stond God het
toe omdat het paste bij Gods bedoelingen.

556
00:33:24,210 --> 00:33:28,350
Het paste blijkbaar bij Gods bedoelingen
om Job op de proef te stellen,

557
00:33:28,350 --> 00:33:31,470
dus stond Hij de duivel
toe te doen wat hij deed.

558
00:33:31,470 --> 00:33:34,770
Het paste bij Gods bedoeling
om Saul te oordelen,

559
00:33:34,770 --> 00:33:37,590
dus liet Hij een boze geest bij hem komen.

560
00:33:37,590 --> 00:33:41,970
Maar die boze geest moest eerst bij
God komen en toestemming krijgen.

561
00:33:41,970 --> 00:33:47,130
Zo past het ook bij Gods bedoeling
dat leugenprofeten Achab misleiden.

562
00:33:47,130 --> 00:33:51,870
Daarom staat Hij deze leugenprofeet
toe te komen, en stuurt Hij hem zelfs,

563
00:33:51,870 --> 00:33:53,670
zoals we zouden kunnen zeggen.

564
00:33:53,670 --> 00:33:58,050
Maar dat betekent niet dat de
leugengeest werkelijk Gods vriend was.

565
00:33:58,050 --> 00:34:02,010
Boze geesten staan aan de andere
kant, maar God gebruikt hen,

566
00:34:02,010 --> 00:34:05,130
bijna tot hun ergernis,
voor Zijn bedoelingen.

567
00:34:05,130 --> 00:34:07,890
Zij hebben kennelijk alleen
maar kwaadaardige bedoelingen,

568
00:34:07,890 --> 00:34:11,430
maar God kan zelfs de kwaadaardige
dingen die de demonen doen,

569
00:34:11,430 --> 00:34:15,510
ombuigen en gebruiken voor een
bepaald doel binnen Zijn bestel.

570
00:34:15,510 --> 00:34:20,310
In dit geval: een heel, heel
slechte koning uit de weg ruimen.

571
00:34:20,310 --> 00:34:21,870
Dus zei Micha:

572
00:34:21,870 --> 00:34:25,950
De Heer heeft een geest in de mond van
je profeten gelegd die ze laat liegen.

573
00:34:25,950 --> 00:34:29,250
Dat zegt hij natuurlijk waar die
vierhonderd profeten bij staan.

574
00:34:29,250 --> 00:34:32,730
Hij heeft eigenlijk gezegd:
‘Jullie zijn een stel leugenaars.

575
00:34:32,730 --> 00:34:37,230
Jullie worden geïnspireerd door
boze geesten, niet door Jahweh.’

576
00:34:37,230 --> 00:34:42,390
Dus een van hen, de man die
de horens had, in vers 24:

577
00:34:42,390 --> 00:34:46,770
Toen kwam Zedekia, de zoon
van Kenaäna, naar voren.

578
00:34:46,770 --> 00:34:50,790
Hij sloeg Micha op zijn kaak,
en zei: Langs welke weg is de

579
00:34:50,790 --> 00:34:54,990
Geest van de HEERE van mij
weggegaan om tot u te spreken?

580
00:34:54,990 --> 00:34:59,190
Blijkbaar betekent dit: ‘De
Geest van Jahweh sprak door mij.

581
00:34:59,190 --> 00:35:04,110
Wanneer heeft Hij mij verlaten om
door jou te spreken?’ En Micha zei:

582
00:35:04,110 --> 00:35:09,750
En Micha zei: Zie, u zult het zien, op de
dag waarop u van kamer naar kamer gaat om

583
00:35:09,750 --> 00:35:11,070
u te verbergen.

584
00:35:11,070 --> 00:35:13,650
Hij zegt niet waarvoor
hij zich zal verbergen.

585
00:35:13,650 --> 00:35:18,990
Misschien voor Jehu, die zal komen om al
deze valse profeten en heel het huis van

586
00:35:18,990 --> 00:35:21,270
Achab uit te roeien, enzovoort.

587
00:35:21,270 --> 00:35:24,630
Het zou kunnen dat deze man dan
ook aan zijn einde zou komen,

588
00:35:24,630 --> 00:35:27,630
of zich zou moeten verbergen
om daaraan te ontkomen.

589
00:35:27,630 --> 00:35:29,730
De koning van Israël zei:

590
00:35:29,730 --> 00:35:35,070
Daarop zei de koning van Israël: Neem
Micha mee en breng hem terug naar Amon,

591
00:35:35,070 --> 00:35:39,210
de leider van de stad, en naar
Joas, de zoon van de koning.

592
00:35:39,210 --> 00:35:44,130
En u moet zeggen: Dit zegt de
koning: Zet deze man in de gevangenis

593
00:35:44,130 --> 00:35:48,331
en laat hem brood van verdrukking eten
en water van verdrukking drinken ,

594
00:35:48,331 --> 00:35:50,430
totdat ik in vrede terug kom.

595
00:35:50,430 --> 00:35:51,870
Toen zei Micha:

596
00:35:51,870 --> 00:35:55,410
Maar Micha zei: Als u
echt in vrede terugkeert,

597
00:35:55,410 --> 00:35:58,170
heeft de HEERE niet door mij gesproken!

598
00:35:58,170 --> 00:36:01,710
Verder zei hij: Luister, volken, allemaal!

599
00:36:01,710 --> 00:36:02,910
En hij zei:

600
00:36:02,910 --> 00:36:04,410
Luister goed, allemaal.

601
00:36:04,410 --> 00:36:09,270
Terwijl hij in ketenen wordt weggesleept,
onder arrest, zegt hij tegen hen:

602
00:36:09,270 --> 00:36:13,410
‘Luister, mensen, hoor wat
ik gezegd heb. Let goed op.

603
00:36:13,410 --> 00:36:16,230
Jullie zullen zien dat ik gelijk had.’

604
00:36:16,230 --> 00:36:20,550
Zo trok de koning van Israël
met Josafat, de koning van Juda,

605
00:36:20,550 --> 00:36:22,650
op naar Ramoth in Gilead.

606
00:36:22,650 --> 00:36:25,710
Het is vreemd dat Josafat meeging.

607
00:36:25,710 --> 00:36:28,050
Wat was dat een vreemde beslissing.

608
00:36:28,050 --> 00:36:33,870
Josafat zei: ‘Laten we niet gaan tenzij
ik hierover iets van Jahweh hoor.’

609
00:36:33,870 --> 00:36:39,270
Dus Jahweh spreekt en zegt: ‘Dit
zal Achab zijn dood worden.’

610
00:36:39,270 --> 00:36:44,130
En dan zegt Josafat: ‘Goed,
laten we gaan. Waarom niet?

611
00:36:44,130 --> 00:36:47,850
Klinkt alsof het een succes
wordt. Laten we gaan vechten.’

612
00:36:47,850 --> 00:36:50,670
Wat denkt Josafat hier eigenlijk?

613
00:36:50,670 --> 00:36:56,610
In 2 Kronieken hoofdstuk 20 lezen we
dat er een profeet naar Josafat toe kwam

614
00:36:56,610 --> 00:37:00,750
toen hij van deze strijd naar
zijn eigen land was teruggekeerd.

615
00:37:00,750 --> 00:37:04,650
Die bestrafte hem omdat hij
met Achab was opgetrokken

616
00:37:04,650 --> 00:37:07,290
en vriendschap met hem had gesloten.

617
00:37:07,290 --> 00:37:12,967
Dat staat in 2 Kronieken
20, vers 35 tot en met 37.

618
00:37:12,967 --> 00:37:17,610
[Vertalersnoot: De bestraffing na
de veldtocht met Achab staat in

619
00:37:17,610 --> 00:37:21,270
2 Kronieken 19:1–3.

620
00:37:21,270 --> 00:37:24,330
De spreker verwijst hier
naar een andere bestraffing,

621
00:37:24,330 --> 00:37:28,830
over het scheepsverbond met Ahazia,
die hij hieronder bespreekt.]

622
00:37:28,830 --> 00:37:31,350
Laten we dat opslaan en ernaar kijken.

623
00:37:31,350 --> 00:37:35,430
We vragen ons af waarom
Josafat dit gedaan zou hebben.

624
00:37:35,430 --> 00:37:38,190
Blijkbaar vroeg God Zich dat ook af.

625
00:37:38,190 --> 00:37:43,710
In 2 Kronieken 20, vers
35 tot en met 37 staat:

626
00:37:43,710 --> 00:37:50,070
Hierna is Josafat, de koning van Juda,
een verbintenis aangegaan met Ahazia,

627
00:37:50,070 --> 00:37:52,050
de koning van Israël.

628
00:37:52,050 --> 00:37:54,870
Hij was het die goddeloos
handelde in zijn doen.

629
00:37:54,870 --> 00:38:00,150
Hij ging een verbintenis met hem aan om
schepen te bouwen om naar Tarsis te varen.

630
00:38:00,150 --> 00:38:03,030
Zij bouwden schepen in Ezeon-Geber.

631
00:38:03,030 --> 00:38:09,330
Maar Eliëzer, de zoon van Dodava, uit
Maresa, profeteerde tegen Josafat:

632
00:38:09,330 --> 00:38:12,750
Omdat u een verbintenis
aangegaan bent met Ahazia,

633
00:38:12,750 --> 00:38:15,810
heeft de HEERE uw werken afgebroken.

634
00:38:15,810 --> 00:38:20,730
Toen leden de schepen schipbreuk en
konden zij niet naar Tarsis varen.

635
00:38:20,730 --> 00:38:21,930
Enzovoort.

636
00:38:21,930 --> 00:38:24,630
En dit is natuurlijk de zoon van Achab.

637
00:38:24,630 --> 00:38:27,330
Het hoorde bij zijn verbond met Achab,

638
00:38:27,330 --> 00:38:32,670
bij zijn vriendschap met het noordelijke
koninkrijk en die goddeloze koningen daar.

639
00:38:32,670 --> 00:38:36,330
Dit is natuurlijk een ander
verhaal uit het leven van Josafat,

640
00:38:36,330 --> 00:38:40,350
maar de profeet bestraft hem omdat
hij zich verbindt met die noordelijke

641
00:38:40,350 --> 00:38:43,110
koningen, die zo goddeloos zijn.

642
00:38:43,110 --> 00:38:48,690
Dus we zien de koning van Israël
en Josafat, de koning van Juda,

643
00:38:48,690 --> 00:38:51,390
samen naar Ramoth in Gilead gaan.

644
00:38:51,390 --> 00:38:55,830
En de koning van Israël zei tegen
Josafat — luister hier eens naar,

645
00:38:55,830 --> 00:38:58,290
en Josafat gaat hierin mee.

646
00:38:58,290 --> 00:39:00,570
Dit is bijna te kinderachtig.

647
00:39:00,570 --> 00:39:02,550
Achab zegt tegen Josafat:

648
00:39:02,550 --> 00:39:07,290
De koning van Israël zei tegen
Josafat: Zodra ik mij vermomd heb,

649
00:39:07,290 --> 00:39:09,030
trek ik ten strijde.

650
00:39:09,030 --> 00:39:11,730
Trekt u echter uw eigen kleren aan.

651
00:39:11,730 --> 00:39:16,050
Zo vermomde de koning van
Israël zich en trok ten strijde.

652
00:39:16,050 --> 00:39:20,790
De koning zal in de strijd het
voornaamste doelwit van de vijand zijn.

653
00:39:20,790 --> 00:39:24,090
Dus hij zegt: ‘Jij
kleedt je als een koning,

654
00:39:24,090 --> 00:39:27,630
en ik ga erin gekleed
als een gewone soldaat.’

655
00:39:27,630 --> 00:39:30,750
En Josafat zei: ‘Ja, dat klinkt goed.

656
00:39:30,750 --> 00:39:31,950
Waarom niet?’

657
00:39:31,950 --> 00:39:35,490
Josafat was een goede man,
maar blijkbaar geen slimme man.

658
00:39:35,490 --> 00:39:39,570
Achab zegt hier overduidelijk:
‘Maak jezelf tot doelwit,

659
00:39:39,570 --> 00:39:43,770
zodat ik daar veilig in en uit
kan komen.’ En dat deden ze.

660
00:39:43,770 --> 00:39:47,490
Nu had de koning van Syrië de
bevelhebbers van de strijdwagens,

661
00:39:47,490 --> 00:39:52,470
waarvan hij er tweeëndertig had, geboden:
U mag niet tegen kleinen of tegen

662
00:39:52,470 --> 00:39:56,370
groten strijden, maar alleen
tegen de koning van Israël.

663
00:39:56,370 --> 00:40:01,530
Het gebeurde dan, zodra de bevelhebbers
van de strijdwagens Josafat zagen,

664
00:40:01,530 --> 00:40:05,550
dat zij zeiden: Dat is
zeker de koning van Israël.

665
00:40:05,550 --> 00:40:08,250
Zij gingen op hem af om
tegen hem te strijden,

666
00:40:08,250 --> 00:40:10,951
maar Josafat schreeuwde om hulp .

667
00:40:10,951 --> 00:40:16,290
Omdat hij degene was die als een koning
gekleed was, zagen ze hem voor Achab aan.

668
00:40:16,290 --> 00:40:21,090
En het gebeurde, zodra de bevelhebbers
van de strijdwagens zagen dat hij niet de

669
00:40:21,090 --> 00:40:25,050
koning van Israël was, dat
zij zich van hem afkeerden.

670
00:40:25,050 --> 00:40:30,030
Dus Josafat liep hier met een groot
doelwit op zich, waarop stond:

671
00:40:30,030 --> 00:40:31,290
‘Schiet op mij.’

672
00:40:31,290 --> 00:40:34,830
En toch spaarde God hem,
omdat hij een goede man was.

673
00:40:34,830 --> 00:40:39,090
Hij had gedood kunnen worden, en dan
hadden ze erachter kunnen komen dat het de

674
00:40:39,090 --> 00:40:41,130
koning van Israël niet was.

675
00:40:41,130 --> 00:40:44,970
Maar ze zagen voordat ze hem
doodden dat hij het niet was.

676
00:40:44,970 --> 00:40:48,030
Daarom keerden ze om,
en bleef hij gespaard.

677
00:40:48,030 --> 00:40:52,770
Toen spande een man in zijn onschuld
de boog en trof de koning van Israël

678
00:40:52,770 --> 00:40:55,530
tussen de verbindingsstukken
en het harnas.

679
00:40:55,530 --> 00:41:01,110
Toen zei deze tegen zijn wagenmenner: Wend
de teugel en breng mij weg uit het leger,

680
00:41:01,110 --> 00:41:02,610
want ik ben gewond.

681
00:41:02,610 --> 00:41:05,250
De strijd laaide die dag echter hoog op.

682
00:41:05,250 --> 00:41:09,030
De koning werd in de wagen staande
gehouden tegenover de Syriërs,

683
00:41:09,030 --> 00:41:10,950
maar in de avond stierf hij.

684
00:41:10,950 --> 00:41:14,010
Het bloed van de wond vloeide
in de bak van de wagen.

685
00:41:14,010 --> 00:41:15,450
Wat later nog van belang is.

686
00:41:15,450 --> 00:41:20,790
Toen de zon onderging, ging de luide roep
door het legerkamp: Ieder naar zijn stad,

687
00:41:20,790 --> 00:41:22,710
en ieder naar zijn land!

688
00:41:22,710 --> 00:41:26,610
Doordat Achab stierf, was
de oorlog in feite voorbij,

689
00:41:26,610 --> 00:41:28,890
en iedereen trok zich terug.

690
00:41:28,890 --> 00:41:33,810
Blijkbaar bleef Ramoth in
Gilead in handen van de Syriërs.

691
00:41:33,810 --> 00:41:37,110
Achab kwam aan zijn einde, en
de schapen hadden geen herder,

692
00:41:37,110 --> 00:41:39,870
zoals in het visioen van Micha gezegd was.

693
00:41:39,870 --> 00:41:43,410
Of Micha ooit uit de gevangenis
is vrijgelaten omdat zijn

694
00:41:43,410 --> 00:41:46,290
profetie waar bleek te
zijn, weten we niet.

695
00:41:46,290 --> 00:41:48,570
We lezen nooit meer over hem.

696
00:41:48,570 --> 00:41:52,230
Het is mogelijk dat hij werd
vrijgelaten, maar het is ook mogelijk dat

697
00:41:52,230 --> 00:41:53,670
dat niet gebeurde.

698
00:41:53,670 --> 00:41:57,990
Het interessante hier is dat Achab
maatregelen had genomen om ervoor te

699
00:41:57,990 --> 00:42:01,410
zorgen dat het niet zou
gebeuren, dat hij zou sterven.

700
00:42:01,410 --> 00:42:02,970
Hij vermomde zich.

701
00:42:02,970 --> 00:42:05,370
Hij zag eruit als een gewone soldaat.

702
00:42:05,370 --> 00:42:08,250
En de man die hem doodde,
herkende hem niet.

703
00:42:08,250 --> 00:42:11,790
Hij schoot zomaar wat in de
richting van het Israëlitische kamp,

704
00:42:11,790 --> 00:42:16,770
of op de strijdwagens van Israël,
en toevallig raakte een pijl Achab.

705
00:42:16,770 --> 00:42:21,270
Die raakte hem op een kwetsbare plek,
tussen de verbindingen van zijn harnas.

706
00:42:21,270 --> 00:42:25,050
Vermoedelijk zou zijn harnas een pijl
hebben afgeweerd als die hem niet juist op

707
00:42:25,050 --> 00:42:28,470
een plek had geraakt waar
het harnas hem niet bedekte.

708
00:42:28,470 --> 00:42:33,390
Er werd niet noodzakelijkerwijs een vitaal
orgaan geraakt, maar hij bloedde dood,

709
00:42:33,390 --> 00:42:34,530
zo lijkt het.

710
00:42:34,530 --> 00:42:37,110
Hij had gewoon een grote wond die bloedde,

711
00:42:37,110 --> 00:42:40,290
en ze hadden geen enkele manier
om het bloeden te stoppen.

712
00:42:40,290 --> 00:42:44,550
Dus daar op het slagveld bloedde
hij dood in zijn strijdwagen.

713
00:42:44,550 --> 00:42:45,870
Zo stierf de koning.

714
00:42:45,870 --> 00:42:50,670
Hij werd naar Samaria gebracht en
zij begroeven de koning in Samaria.

715
00:42:50,670 --> 00:42:55,470
Hij werd dus wel degelijk begraven, maar
zijn bloed werd door honden opgelikt,

716
00:42:55,470 --> 00:42:58,110
zoals de profeet Elia had gezegd.

717
00:42:58,110 --> 00:43:03,090
Men spoelde de wagen af bij de vijver
van Samaria, waar de hoeren zich wasten.

718
00:43:03,090 --> 00:43:07,410
De honden likten zijn bloed op,
overeenkomstig het woord van de HEERE,

719
00:43:07,410 --> 00:43:09,150
dat Hij gesproken had.

720
00:43:09,150 --> 00:43:11,550
[Vertalersnoot: De spreker
bespreekt een Engelse vertaling met

721
00:43:11,550 --> 00:43:13,770
‘terwijl de hoeren zich baadden’.

722
00:43:13,770 --> 00:43:18,630
De hierboven aangehaalde Nederlandse
tekst zegt ‘waar de hoeren zich wasten’

723
00:43:18,630 --> 00:43:21,570
en drukt daarmee geen
gelijktijdigheid uit.]

724
00:43:21,570 --> 00:43:24,750
Dat is een vreemde zinsnede
om daar te hebben staan.

725
00:43:24,750 --> 00:43:27,030
De Syrische vertaling zegt eigenlijk:

726
00:43:27,030 --> 00:43:29,430
Toen ze zijn harnas schoonmaakten.

727
00:43:29,430 --> 00:43:32,010
Blijkbaar was de Hebreeuwse
tekst dubbelzinnig,

728
00:43:32,010 --> 00:43:36,330
en de Masoretische tekst zegt dat de
honden zijn bloed oplikten terwijl de

729
00:43:36,330 --> 00:43:37,890
hoeren zich baadden.

730
00:43:37,890 --> 00:43:42,270
Dat de hoeren zich baadden, als dat
op dat moment inderdaad gebeurde,

731
00:43:42,270 --> 00:43:44,790
lijkt niet erg relevant voor het verhaal.

732
00:43:44,790 --> 00:43:48,150
Het is niet eens duidelijk waarom
de hoeren zich op dat moment

733
00:43:48,150 --> 00:43:52,950
überhaupt in die vijver zouden baden
terwijl de wagen werd schoongespoeld.

734
00:43:52,950 --> 00:43:56,850
Misschien hebben de Targoems en de
Syrische vertaling dus een eerdere

735
00:43:56,850 --> 00:44:00,570
Hebreeuwse versie hiervan
bewaard. Want in plaats van:

736
00:44:00,570 --> 00:44:03,750
‘terwijl de hoeren zich wasten’, staat er:

737
00:44:03,750 --> 00:44:06,570
‘terwijl ze zijn harnas schoonmaakten’.

738
00:44:06,570 --> 00:44:08,430
Dat is wel logisch.

739
00:44:08,430 --> 00:44:13,110
De honden zouden zijn bloed oplikken
terwijl zijn wapenrusting werd gewassen,

740
00:44:13,110 --> 00:44:18,150
omdat ze de wagen al hadden schoongespoeld
en het bloed uit de wagen op de grond lag.

741
00:44:18,150 --> 00:44:22,410
Het overige nu van de geschiedenis
van Achab, alles wat hij gedaan heeft,

742
00:44:22,410 --> 00:44:27,150
het ivoren huis dat hij gebouwd heeft
en al de steden die hij gebouwd heeft,

743
00:44:27,150 --> 00:44:31,770
is dat niet beschreven in het boek van
de kronieken van de koningen van Israël?

744
00:44:31,770 --> 00:44:34,410
Zo ging Achab te ruste bij zijn vaderen,

745
00:44:34,410 --> 00:44:38,070
en zijn zoon Ahazia werd
koning in zijn plaats.

746
00:44:38,070 --> 00:44:42,330
Josafat, de zoon van Asa, was
koning geworden over Juda in het

747
00:44:42,330 --> 00:44:45,750
vierde jaar van Achab,
de koning van Israël.

748
00:44:45,750 --> 00:44:49,110
Josafat was vijfendertig jaar
oud toen hij koning werd,

749
00:44:49,110 --> 00:44:52,170
en hij regeerde vijfentwintig
jaar in Jeruzalem.

750
00:44:52,170 --> 00:44:56,430
De naam van zijn moeder was
Azuba, de dochter van Silchi.

751
00:44:56,430 --> 00:44:59,490
Hij wandelde in heel de
weg van zijn vader Asa.

752
00:44:59,490 --> 00:45:04,230
Hij week daarvan niet af, en deed wat
juist was in de ogen van de HEERE.

753
00:45:04,230 --> 00:45:07,770
Hier staat dat de offerhoogten
niet werden weggenomen.

754
00:45:07,770 --> 00:45:11,610
In de uitvoerige beschrijving van
zijn hervormingen in 2 Kronieken

755
00:45:11,610 --> 00:45:14,310
staat wel dat hij de offerhoogten wegnam.

756
00:45:14,310 --> 00:45:16,890
Het is mogelijk dat
beide dingen waar zijn.

757
00:45:16,890 --> 00:45:21,570
Het is mogelijk dat hij de offerhoogten
op een bepaald moment inderdaad wegnam,

758
00:45:21,570 --> 00:45:25,170
maar dat de mensen ze later
tijdens zijn regering weer bouwden.

759
00:45:25,170 --> 00:45:28,530
Hij liet ze toen staan en
nam ze niet opnieuw weg.

760
00:45:28,530 --> 00:45:31,890
Misschien werd hij na zijn
eerste hervormingen toegeeflijk.

761
00:45:31,890 --> 00:45:35,610
Als de mensen ze weer oprichtten,
kan het hem zijn aangerekend dat hij

762
00:45:35,610 --> 00:45:37,050
ze niet wegnam.

763
00:45:37,050 --> 00:45:41,190
Of het is mogelijk dat hij ze
aanvankelijk niet wegnam en later wel.

764
00:45:41,190 --> 00:45:44,010
Maar de ene passage zegt
dat hij het wel deed,

765
00:45:44,010 --> 00:45:47,850
en de andere passage zegt dat
hij de offerhoogten niet wegnam.

766
00:45:47,850 --> 00:45:50,130
In vers 44 staat:

767
00:45:50,130 --> 00:45:53,670
De offer hoogten werden
evenwel niet weggenomen:

768
00:45:53,670 --> 00:45:58,230
het volk bracht nog steeds slachtoffers
en reukoffers op de offer hoogten.

769
00:45:58,230 --> 00:46:01,470
Ook sloot Josafat vrede
met de koning van Israël.

770
00:46:01,470 --> 00:46:08,670
Zoals we in 2 Kronieken 20:35–37
zagen, was dat geen goede zaak.

771
00:46:08,670 --> 00:46:12,810
Overigens gaan we het zo meteen over die
andere dingen hebben die Josafat deed,

772
00:46:12,810 --> 00:46:15,030
wanneer we naar 2 Kronieken kijken.

773
00:46:15,030 --> 00:46:18,870
Het overige nu van de geschiedenis
van Josafat, zijn macht,

774
00:46:18,870 --> 00:46:22,470
die hij uitgeoefend heeft, en
hoe hij oorlog gevoerd heeft,

775
00:46:22,470 --> 00:46:26,490
is dat niet beschreven in het boek van
de kronieken van de koningen van Juda?

776
00:46:26,490 --> 00:46:29,790
Ook vaagde hij uit het land de
rest van de schandknapen weg,

777
00:46:29,790 --> 00:46:33,690
die in de dagen van zijn
vader Asa waren overgebleven.

778
00:46:33,690 --> 00:46:38,130
Er was toen geen koning in Edom,
maar een stadhouder van de koning.

779
00:46:38,130 --> 00:46:42,750
Josafat had Tarsis-schepen gebouwd
om naar Ofir te gaan om goud.

780
00:46:42,750 --> 00:46:44,491
De reis ging echter niet door ,

781
00:46:44,491 --> 00:46:48,030
want de schepen leden al
in Ezeon-Geber schipbreuk.

782
00:46:48,030 --> 00:46:51,810
Dit is waarover we in het twintigste
hoofdstuk van Kronieken lazen.

783
00:46:51,810 --> 00:46:56,310
Daar staat dat dit kwam doordat hij
een verbond had gesloten met Ahazia,

784
00:46:56,310 --> 00:46:58,050
de zoon van Achab.

785
00:46:58,050 --> 00:47:03,090
Dit was iets waar God geen behagen in had,
en daarom leden de schepen schipbreuk.

786
00:47:03,090 --> 00:47:07,830
Misschien in de haven; misschien stak er
een storm op die de schepen vernielde.

787
00:47:07,830 --> 00:47:10,890
Of misschien waren ze op
zee en leden ze schipbreuk.

788
00:47:10,890 --> 00:47:15,690
Maar ze zijn nooit naar Ofir gevaren om
goud te halen, zoals hij van plan was.

789
00:47:15,690 --> 00:47:20,070
Toen zei Ahazia, de zoon
van Achab, tegen Josafat:

790
00:47:20,070 --> 00:47:23,490
Laat mijn dienaren met uw
dienaren op de schepen meevaren,

791
00:47:23,490 --> 00:47:25,590
maar Josafat wilde dat niet.

792
00:47:25,590 --> 00:47:28,710
Voordat we naar het andere
materiaal over Josafat kijken,

793
00:47:28,710 --> 00:47:32,190
zijn er nog deze laatste verzen
over het noordelijke koninkrijk.

794
00:47:32,190 --> 00:47:34,770
En Josafat ging te ruste bij zijn vaderen,

795
00:47:34,770 --> 00:47:38,370
en werd bij zijn vaderen begraven
in de stad van zijn vader David,

796
00:47:38,370 --> 00:47:41,850
en zijn zoon Jehoram werd
koning in zijn plaats.

797
00:47:41,850 --> 00:47:47,310
Ahazia, de zoon van Achab, werd
koning over Israël in Samaria in het

798
00:47:47,310 --> 00:47:50,730
zeventiende jaar van
Josafat, de koning van Juda,

799
00:47:50,730 --> 00:47:53,370
en regeerde twee jaar over Israël.

800
00:47:53,370 --> 00:47:56,310
Hij deed wat slecht was
in de ogen van de HEERE.

801
00:47:56,310 --> 00:48:00,330
Hij ging namelijk in de weg van zijn
vader en in de weg van zijn moeder,

802
00:48:00,330 --> 00:48:05,730
in de weg van Jerobeam, de zoon van
Nebat, die Israël deed zondigen.

803
00:48:05,730 --> 00:48:09,270
Natuurlijk gaat 2 Koningen
zonder onderbreking verder.

804
00:48:09,270 --> 00:48:13,230
Het is gewoon één boek dat voor
het gemak in tweeën is gedeeld.

805
00:48:13,230 --> 00:48:16,950
Het verhaal over Ahazia in
het noorden gaat dus verder,

806
00:48:16,950 --> 00:48:21,390
en Elia en Elisa staan nog steeds
centraal bij de behandeling van de eerste

807
00:48:21,390 --> 00:48:23,790
hoofdstukken van 2 Koningen.

808
00:48:23,790 --> 00:48:27,930
Maar Koningen is aan de regering
van Josafat voorbijgegaan zonder

809
00:48:27,930 --> 00:48:29,970
veel informatie te geven.

810
00:48:29,970 --> 00:48:34,650
Eigenlijk krijgt alleen zijn verbond met
de koning van het noorden de aandacht.

811
00:48:34,650 --> 00:48:39,090
Maar er zijn verschillende hoofdstukken
in 2 Kronieken die over hem gaan,

812
00:48:39,090 --> 00:48:43,410
zo ongeveer 2 Kronieken 17 tot en met 20.

813
00:48:43,410 --> 00:48:46,410
Natuurlijk kunnen we dat niet
allemaal in detail bekijken,

814
00:48:46,410 --> 00:48:49,170
maar we kunnen wel naar
de hoofdpunten kijken.

815
00:48:49,170 --> 00:48:54,330
2 Kronieken hoofdstuk 17 vertelt over
de hervormingen van Josafat toen hij aan

816
00:48:54,330 --> 00:48:55,710
de macht kwam.

817
00:48:55,710 --> 00:48:59,130
Veel van wat er wordt gezegd,
wordt ook in Koningen samengevat,

818
00:48:59,130 --> 00:49:01,530
maar hier krijgen we
wat meer bijzonderheden.

819
00:49:01,530 --> 00:49:05,250
2 Kronieken 17:6 tot en met 10 zegt:

820
00:49:05,250 --> 00:49:07,890
Vastberaden ging hij in
de wegen van de HEERE,

821
00:49:07,890 --> 00:49:12,270
en ook nam hij de offer hoogten
en de gewijde palen uit Juda weg.

822
00:49:12,270 --> 00:49:14,250
In het derde jaar van zijn regering

823
00:49:14,250 --> 00:49:20,250
stuurde hij een boodschap naar zijn
leiders, naar Ben-Chaïl, Obadja, Zacharja,

824
00:49:20,250 --> 00:49:24,990
Nethaneël en Michaja, om in de
steden van Juda onderricht te geven.

825
00:49:24,990 --> 00:49:31,970
Bij hen waren de Levieten Semaja,
Nethanja, en Zebadja, Asaël, Semiramoth,

826
00:49:31,970 --> 00:49:38,730
Jonathan, Adonia, Tobia en
Tob-Adonia, de Levieten;

827
00:49:38,730 --> 00:49:42,630
en de priesters Elisama en
Joram waren ook bij hen.

828
00:49:42,630 --> 00:49:46,890
Zij gaven onderricht in Juda, en het
wetboek van de HEERE was bij hen.

829
00:49:46,890 --> 00:49:51,330
Zij gingen alle steden van Juda rond,
en gaven onderricht aan het volk.

830
00:49:51,330 --> 00:49:54,210
Toen kwam grote vrees voor de HEERE over

831
00:49:54,210 --> 00:49:57,330
alle koninkrijken van de
landen die rond Juda lagen,

832
00:49:57,330 --> 00:49:59,910
zodat ze niet tegen Josafat streden.

833
00:49:59,910 --> 00:50:02,370
Dat is wat hij volgens Koningen niet deed.

834
00:50:02,370 --> 00:50:05,310
Ook hier kan het gaan om iets
wat hij aanvankelijk deed,

835
00:50:05,310 --> 00:50:09,210
waarna ze in de vijfentwintig jaar van
zijn regering weer werden opgebouwd.

836
00:50:09,210 --> 00:50:12,870
Hij liet ze staan en haalde
ze niet opnieuw neer.

837
00:50:12,870 --> 00:50:16,410
De Michaja die in de namenlijst
in vers 7 wordt genoemd,

838
00:50:16,410 --> 00:50:19,590
is niet dezelfde Micha
als in het vorige verhaal.

839
00:50:19,590 --> 00:50:24,330
Hij had dus deze leraren in de Schrift,
samen met de Levieten en priesters.

840
00:50:24,330 --> 00:50:28,050
Hij stuurde hen het hele land door
om de mensen de wet te onderwijzen,

841
00:50:28,050 --> 00:50:30,150
om hun kennis bij te brengen.

842
00:50:30,150 --> 00:50:31,650
In Spreuken staat:

843
00:50:31,650 --> 00:50:34,650
Als de HEERE behagen
schept in iemands wegen,

844
00:50:34,650 --> 00:50:37,890
zal Hij zelfs zijn vijanden
vrede met hem doen sluiten.

845
00:50:37,890 --> 00:50:43,230
En zo was Josafat de HEERE zo
welgevallig dat God verhinderde dat

846
00:50:43,230 --> 00:50:46,410
een van de volken om hem heen hem aanviel.

847
00:50:46,410 --> 00:50:49,290
We lezen dat sommige volken,
zoals de Filistijnen,

848
00:50:49,290 --> 00:50:52,050
hem geschenken kwamen brengen, enzovoort.

849
00:50:52,050 --> 00:50:54,930
Vervolgens gaat het verder
over zijn macht en dergelijke,

850
00:50:54,930 --> 00:50:58,110
met bijzonderheden die we
nu niet zullen bekijken.

851
00:50:58,110 --> 00:51:03,090
Maar in de hoofdstukken 19 en 20
krijgen we aanvullende informatie.

852
00:51:03,090 --> 00:51:06,270
In hoofdstuk 19 van 2 Kronieken staat:

853
00:51:06,270 --> 00:51:12,330
En Josafat, de koning van Juda, keerde in
vrede terug naar zijn huis in Jeruzalem.

854
00:51:12,330 --> 00:51:16,650
Dit is nadat hij met Achab naar
Ramoth in Gilead was gegaan.

855
00:51:16,650 --> 00:51:21,630
Hoofdstuk 18 van 2 Kronieken vertelt dat
verhaal over de strijd waarover we in het

856
00:51:21,630 --> 00:51:26,610
laatste hoofdstuk van 1 Koningen
hebben gelezen, 1 Koningen 22.

857
00:51:26,610 --> 00:51:27,810
Er staat:

858
00:51:27,810 --> 00:51:33,630
En Josafat, de koning van Juda, keerde in
vrede terug naar zijn huis in Jeruzalem.

859
00:51:33,630 --> 00:51:39,390
En Jehu, de zoon van Hanani, de
ziener, kwam naar buiten, hem tegemoet,

860
00:51:39,390 --> 00:51:43,650
en zei tegen koning Josafat:
Moest u de goddeloze helpen

861
00:51:43,650 --> 00:51:46,290
en hen die de HEERE haten, liefhebben?

862
00:51:46,290 --> 00:51:50,490
Hierom rust op u grote toorn van
voor het aangezicht van de HEERE.

863
00:51:50,490 --> 00:51:52,770
Toch zijn er ook goede
dingen bij u gevonden,

864
00:51:52,770 --> 00:51:55,530
want u hebt de gewijde palen
uit het land weggedaan,

865
00:51:55,530 --> 00:51:58,290
en uw hart erop gericht om God te zoeken.

866
00:51:58,290 --> 00:52:00,870
Het was dus niet allemaal
goed wat hij deed.

867
00:52:00,870 --> 00:52:05,130
Zijn verbond met Achab werd
door deze profeet bekritiseerd.

868
00:52:05,130 --> 00:52:07,830
Zoals we elders in
hoofdstuk 20 hebben gezien,

869
00:52:07,830 --> 00:52:13,350
werd zijn verbond met Ahazia bekritiseerd
door Eliëzer, een andere profeet.

870
00:52:13,350 --> 00:52:14,130
Er staat:

871
00:52:14,130 --> 00:52:16,470
Josafat woonde in Jeruzalem.

872
00:52:16,470 --> 00:52:19,050
Opnieuw trok hij eropuit onder het volk,

873
00:52:19,050 --> 00:52:24,930
vanaf Berseba tot het bergland van Efraïm
toe, en deed hen terugkeren tot de HEERE,

874
00:52:24,930 --> 00:52:26,910
de God van hun vaderen.

875
00:52:26,910 --> 00:52:31,590
En hij stelde rechters aan in het land,
in alle versterkte steden van Juda,

876
00:52:31,590 --> 00:52:33,510
van stad tot stad.

877
00:52:33,510 --> 00:52:38,850
Hij zei tegen de rechters: Let op wat u
doet, want u oordeelt niet voor een mens,

878
00:52:38,850 --> 00:52:40,470
maar voor de HEERE.

879
00:52:40,470 --> 00:52:42,930
Hij is bij u als u rechtspreekt.

880
00:52:42,930 --> 00:52:48,750
Nu dan, laat grote vrees voor de HEERE
over u komen; neem uw plichten waar,

881
00:52:48,750 --> 00:52:53,550
en doe ze , want bij de HEERE,
onze God, is geen onrecht,

882
00:52:53,550 --> 00:52:57,030
geen partijdigheid of
aanneming van geschenken.

883
00:52:57,030 --> 00:53:01,770
Bovendien stelde Josafat in Jeruzalem
enkelen van de Levieten en de priesters,

884
00:53:01,770 --> 00:53:06,090
en enkelen van de familiehoofden van
Israël aan voor de rechtspraak van de

885
00:53:06,090 --> 00:53:10,050
HEERE en voor de rechtszaken
van de inwoners van Jeruzalem.

886
00:53:10,050 --> 00:53:13,410
Dat is kennelijk nadat ze waren
teruggekomen van het onderwijzen van de

887
00:53:13,410 --> 00:53:14,610
wet in het land.

888
00:53:14,610 --> 00:53:18,930
Hij gebood hun: Dit moet
u in de vreze des HEEREN,

889
00:53:18,930 --> 00:53:21,930
in trouw en met een volkomen hart doen.

890
00:53:21,930 --> 00:53:25,890
En bij elk geschil dat door uw
broeders die in hun steden wonen,

891
00:53:25,890 --> 00:53:30,390
aan u wordt voorgelegd over
bloedschuld, over wet en gebod,

892
00:53:30,390 --> 00:53:33,810
verordeningen en bepalingen,
moet u hen waarschuwen,

893
00:53:33,810 --> 00:53:38,610
zodat zij niet schuldig worden tegenover
de HEERE, en er grote toorn op u

894
00:53:38,610 --> 00:53:40,290
en op uw broeders rust.

895
00:53:40,290 --> 00:53:43,890
Als u zo handelt, zult
u niet schuldig worden.

896
00:53:43,890 --> 00:53:48,990
En zie, de hoofdpriester Amarja staat
boven u voor elke zaak die de HEERE

897
00:53:48,990 --> 00:53:54,510
betreft , en Zebadja, de zoon van
Ismaël, de leider van het huis van Juda,

898
00:53:54,510 --> 00:53:56,911
voor elke zaak die de koning betreft .

899
00:53:56,911 --> 00:54:00,750
En als beambten staan de
Levieten u ter beschikking.

900
00:54:00,750 --> 00:54:05,550
Wees sterk en handel zo , en de
HEERE zal zijn bij hem die goed is.

901
00:54:05,550 --> 00:54:06,630
Hij zei niet:

902
00:54:06,630 --> 00:54:08,610
de Heer zal bij je zijn.

903
00:54:08,610 --> 00:54:09,570
Hij zei:

904
00:54:09,570 --> 00:54:12,270
de Heer zal bij de goede mensen zijn.

905
00:54:12,270 --> 00:54:16,110
Als je goed bent, zal Hij
met je zijn. Anders niet.

906
00:54:16,110 --> 00:54:19,290
Hij spoorde zijn rechters
en zijn priesters dus aan

907
00:54:19,290 --> 00:54:22,230
om ervoor te zorgen dat ze
bij het rechtspreken hun

908
00:54:22,230 --> 00:54:24,270
geweten voor God lieten spreken.

909
00:54:24,270 --> 00:54:28,530
Ze mochten geen steekpenningen
aannemen en het recht niet verdraaien,

910
00:54:28,530 --> 00:54:31,230
wat rechters kennelijk
buitengewoon vaak doen.

911
00:54:31,230 --> 00:54:33,750
Zo voerde hij dus een eerlijk bestuur.

912
00:54:33,750 --> 00:54:38,910
Hij schafte de afgoderij af, de grootste
overtreding, en hij schafte ook,

913
00:54:38,910 --> 00:54:42,810
voor zover hij dat kon, het
onrecht in de rechtbanken af.

914
00:54:42,810 --> 00:54:46,110
Er is nog een ander verhaal
over hem dat heel boeiend is.

915
00:54:46,110 --> 00:54:49,590
Het beslaat heel 2 Kronieken 20.

916
00:54:49,590 --> 00:54:53,490
Het gaat over een oorlog, een oorlog
waarin hij werd aangevallen door

917
00:54:53,490 --> 00:54:55,350
een grote menigte.

918
00:54:55,350 --> 00:54:59,790
Deze strijd is ongebruikelijk, omdat er
van de kant van Israël kennelijk helemaal

919
00:54:59,790 --> 00:55:01,410
niet werd gevochten.

920
00:55:01,410 --> 00:55:05,430
Toch werden hun vijanden tot de
laatste man door elkaar uitgeroeid.

921
00:55:05,430 --> 00:55:10,470
De voornaamste strategie in deze oorlog
was dat de zangers eropuit zouden trekken

922
00:55:10,470 --> 00:55:14,070
en op het slagveld zouden
zingen en God loven.

923
00:55:14,070 --> 00:55:19,410
Zo zien we dat aanbidding en zang worden
gebruikt als middel om oorlog te voeren.

924
00:55:19,410 --> 00:55:22,830
Hierna gebeurde het dat de
Moabieten en de Ammonieten,

925
00:55:22,830 --> 00:55:27,330
en met hen een deel van de Meünieten,
ten strijde trokken tegen Josafat.

926
00:55:27,330 --> 00:55:29,730
Toen kwam men Josafat
de boodschap brengen:

927
00:55:29,730 --> 00:55:35,490
Er komt een grote troepenmacht op u af van
de overkant van de zee, uit Syrië, en zie,

928
00:55:35,490 --> 00:55:39,270
zij zijn bij Hazezon-Thamar.
(Dat is Engedi.)

929
00:55:39,270 --> 00:55:43,530
Josafat werd bevreesd en hij richtte
zich erop om de HEERE te zoeken.

930
00:55:43,530 --> 00:55:46,110
Hij riep een vasten uit in heel Juda.

931
00:55:46,110 --> 00:55:50,010
En Juda werd bijeengeroepen om
bij de HEERE hulp te zoeken.

932
00:55:50,010 --> 00:55:54,270
Zij kwamen zelfs uit alle steden
van Juda om de HEERE te raadplegen.

933
00:55:54,270 --> 00:55:57,870
Toen ging Josafat tussen de gemeente
van Juda en Jeruzalem staan,

934
00:55:57,870 --> 00:56:03,090
in het huis van de HEERE, vóór
de nieuwe voorhof, en zei: HEERE,

935
00:56:03,090 --> 00:56:07,590
God van onze vaderen, bent U
niet die God Die in de hemel is?

936
00:56:07,590 --> 00:56:12,330
Ja, U bent de Heerser over alle
koninkrijken van de heidenvolken.

937
00:56:12,330 --> 00:56:17,310
In Uw hand is kracht en sterkte,
zodat niemand tegen U kan standhouden.

938
00:56:17,310 --> 00:56:21,210
Hebt U, onze God, niet de
inwoners van dit land van

939
00:56:21,210 --> 00:56:24,150
voor de ogen van Uw volk Israël verdreven,

940
00:56:24,150 --> 00:56:29,550
en dat voor eeuwig aan het nageslacht
van Abraham, die U liefhad, gegeven?

941
00:56:29,550 --> 00:56:33,930
Zij zijn daarin gaan wonen en hebben
daar voor U een heiligdom gebouwd,

942
00:56:33,930 --> 00:56:38,130
voor Uw Naam, en gezegd :
Als ons enig onheil overkomt,

943
00:56:38,130 --> 00:56:42,120
het zwaard van het gericht,
de pest of een hongersnood,

944
00:56:42,120 --> 00:56:46,230
zullen wij voor dit huis en
voor Uw aangezicht staan,

945
00:56:46,230 --> 00:56:48,870
omdat Uw Naam in dit huis is.

946
00:56:48,870 --> 00:56:54,630
Wij zullen uit onze benauwdheid tot U
roepen, en U zult verhoren en verlossen.

947
00:56:54,630 --> 00:56:59,310
Dit verwijst natuurlijk naar Salomo's
gebed bij de inwijding van de tempel.

948
00:56:59,310 --> 00:57:04,890
Welnu, zie de Ammonieten, Moab en
de bewoners van het Seïrgebergte,

949
00:57:04,890 --> 00:57:08,430
tegen wie U Israël niet toestond
op te trekken toen zij uit het

950
00:57:08,430 --> 00:57:09,870
land Egypte kwamen.

951
00:57:09,870 --> 00:57:14,490
Daarom trokken zij bij hen vandaan
en vaagden hen niet weg, en zie,

952
00:57:14,490 --> 00:57:18,810
zij vergelden het ons, door ons
te komen verdrijven uit Uw bezit

953
00:57:18,810 --> 00:57:21,390
dat U ons in bezit hebt gegeven.

954
00:57:21,390 --> 00:57:25,470
Onze God, zult U geen
gericht over hen oefenen?

955
00:57:25,470 --> 00:57:30,390
In ons is immers geen kracht tegen deze
grote troepenmacht die op ons af komt,

956
00:57:30,390 --> 00:57:35,611
en wij weten niet, wat wij moeten doen,
maar op U zijn onze ogen gericht .

957
00:57:35,611 --> 00:57:37,530
Dit is een prachtig gebed.

958
00:57:37,530 --> 00:57:40,230
Het zou prachtig zijn
als ons land zich met

959
00:57:40,230 --> 00:57:45,150
zulke nederige woorden tot God zou wenden
wanneer het met terroristische dreigingen

960
00:57:45,150 --> 00:57:47,610
of wat dan ook wordt geconfronteerd.

961
00:57:47,610 --> 00:57:53,910
Dat we op de HEERE, onze God, vertrouwen,
in plaats van op paarden en strijdwagens.

962
00:57:53,910 --> 00:57:55,110
Hij zegt:

963
00:57:55,110 --> 00:57:57,990
Kijk, we weten niet wat we moeten doen.

964
00:57:57,990 --> 00:58:00,570
Deze vijand is te sterk voor ons.

965
00:58:00,570 --> 00:58:04,230
We kijken alleen naar U.
Zeg ons wat we moeten doen,

966
00:58:04,230 --> 00:58:06,150
dan vertrouwen we gewoon op U.

967
00:58:06,150 --> 00:58:10,890
Heel Juda stond voor het aangezicht
van de HEERE, ook hun kleine kinderen,

968
00:58:10,890 --> 00:58:13,410
hun vrouwen en hun zonen.

969
00:58:13,410 --> 00:58:18,150
Toen kwam de Geest van de HEERE in het
midden van de gemeente op Jahaziël,

970
00:58:18,150 --> 00:58:25,170
de zoon van Zecharja, de zoon van Benaja,
de zoon van Jeïel, de zoon van Mattanja,

971
00:58:25,170 --> 00:58:32,490
de Leviet, uit de zonen van Asaf, en
hij zei: Sla er acht op, heel Juda,

972
00:58:32,490 --> 00:58:37,170
inwoners van Jeruzalem,
en u , koning Josafat!

973
00:58:37,170 --> 00:58:42,510
Zo zegt de HEERE tegen u: Weest u
niet bevreesd en wees niet ontsteld

974
00:58:42,510 --> 00:58:48,450
vanwege deze grote troepenmacht, want
niet aan u is de strijd, maar aan God.

975
00:58:48,450 --> 00:58:50,550
Ga morgen op hen af.

976
00:58:50,550 --> 00:58:53,850
Zie, zij trekken nu over de pas van Ziz.

977
00:58:53,850 --> 00:58:58,770
U zult hen aantreffen aan het einde van
het dal, vóór de woestijn van Jeruel.

978
00:58:58,770 --> 00:59:01,770
Het is niet aan u in
deze oorlog te strijden.

979
00:59:01,770 --> 00:59:07,771
Stel uzelf op, blijf staan en zie
het heil van de HEERE dat met u is ,

980
00:59:07,771 --> 00:59:09,870
Juda en Jeruzalem.

981
00:59:09,870 --> 00:59:13,110
Wees niet bevreesd en wees niet ontsteld.

982
00:59:13,110 --> 00:59:17,070
Trek morgen tegen hen op,
want de HEERE zal met u zijn.

983
00:59:17,070 --> 00:59:20,250
Toen boog Josafat zich
met het gezicht ter aarde,

984
00:59:20,250 --> 00:59:23,310
en heel Juda en de inwoners van Jeruzalem

985
00:59:23,310 --> 00:59:28,710
vielen voor het aangezicht van de HEERE
neer en bogen zich neer voor de HEERE.

986
00:59:28,710 --> 00:59:31,830
En de Levieten van de
nakomelingen van de Kahathieten,

987
00:59:31,830 --> 00:59:37,410
en van de nakomelingen van de Korachieten,
stonden op om de HEERE, de God van Israël,

988
00:59:37,410 --> 00:59:40,350
met luide stem ten hoogste te prijzen.

989
00:59:40,350 --> 00:59:45,270
De volgende morgen stonden zij vroeg op,
en vertrokken naar de woestijn van Tekoa.

990
00:59:45,270 --> 00:59:51,691
Toen zij vertrokken, bleef Josafat staan
en zei: Luister naar mij, Juda, en u ,

991
00:59:51,691 --> 00:59:53,670
inwoners van Jeruzalem.

992
00:59:53,670 --> 00:59:57,750
Vertrouw op de HEERE, uw
God, dan zult u standhouden.

993
00:59:57,750 --> 01:00:01,710
Vertrouw op Zijn profeten,
dan zult u voorspoedig zijn.

994
01:00:01,710 --> 01:00:06,510
Hij pleegde overleg met het volk
en stelde voor de HEERE zangers aan

995
01:00:06,510 --> 01:00:09,510
en mensen die de heilige
Majesteit prijzen zouden,

996
01:00:09,510 --> 01:00:14,430
terwijl zij voor de gewapende mannen
uit trokken en zeiden: Loof de HEERE,

997
01:00:14,430 --> 01:00:17,430
want Zijn goedertierenheid is voor eeuwig!

998
01:00:17,430 --> 01:00:20,850
Juist op de tijd dat zij met
gejuich en lofzang begonnen,

999
01:00:20,850 --> 01:00:23,730
legde de HEERE hinderlagen
tegen de Ammonieten,

1000
01:00:23,730 --> 01:00:28,530
Moab en de bewoners van het Seïrgebergte
die op Juda waren afgekomen,

1001
01:00:28,530 --> 01:00:30,510
en zij werden verslagen.

1002
01:00:30,510 --> 01:00:35,250
De Ammonieten en Moab vielen namelijk de
bewoners van het Seïrgebergte aan door

1003
01:00:35,250 --> 01:00:38,190
hen met de ban te slaan
en hen weg te vagen.

1004
01:00:38,190 --> 01:00:41,070
Zodra zij de bewoners van
Seïr hadden vernietigd,

1005
01:00:41,070 --> 01:00:43,170
hielpen zij elkaar in het verderf.

1006
01:00:43,170 --> 01:00:46,770
Toen Juda bij het uitkijkpunt
in de woestijn gekomen was,

1007
01:00:46,770 --> 01:00:49,110
keerden zij zich naar de troepenmacht.

1008
01:00:49,110 --> 01:00:55,410
En zie, het waren dode lichamen, ter aarde
neergevallen, en niemand was ontkomen.

1009
01:00:55,410 --> 01:00:59,550
Ik vermoed dat de laatste man zich
in zijn eigen zwaard heeft gestort.

1010
01:00:59,550 --> 01:01:01,830
Ze hebben elkaar allemaal gedood.

1011
01:01:01,830 --> 01:01:03,870
Niet één man ontkwam.

1012
01:01:03,870 --> 01:01:08,790
Ik vermoed dat de laatste man die
iemand doodde, zichzelf moest doden.

1013
01:01:08,790 --> 01:01:12,030
Dit kwam duidelijk doordat
God hen in verwarring bracht

1014
01:01:12,030 --> 01:01:15,090
en ze de mensen doodden
die hun vrienden waren.

1015
01:01:15,090 --> 01:01:18,030
Dit gebeurde ook in de dagen van Gideon.

1016
01:01:18,030 --> 01:01:23,190
God bracht de Midianieten in verwarring,
zodat ze elkaar allemaal doodden.

1017
01:01:23,190 --> 01:01:25,890
Zo liet God de dingen soms verlopen.

1018
01:01:25,890 --> 01:01:29,430
Soms probeert de duivel die strategie
tegen christenen te gebruiken.

1019
01:01:29,430 --> 01:01:33,750
Hij brengt hen in verwarring, zodat
ze elkaar allemaal doden en hij niet

1020
01:01:33,750 --> 01:01:35,490
tegen hen hoeft te vechten.

1021
01:01:35,490 --> 01:01:39,330
Toen Josafat en zijn volk
aankwamen om hun buit te roven,

1022
01:01:39,330 --> 01:01:43,350
troffen zij een grote hoeveelheid
last dieren, bezittingen,

1023
01:01:43,350 --> 01:01:46,650
kleding en kostbare
voorwerpen bij hen aan,

1024
01:01:46,650 --> 01:01:51,630
en zij plunderden voor zichzelf zoveel
, dat zij het niet meer dragen konden.

1025
01:01:51,630 --> 01:01:55,470
Drie dagen lang roofden zij
de buit, zo groot was die.

1026
01:01:55,470 --> 01:01:56,670
enzovoort.

1027
01:01:56,670 --> 01:02:01,230
De rest van dit hoofdstuk geeft eigenlijk
alleen nog de afsluitende informatie over

1028
01:02:01,230 --> 01:02:06,510
Josafat: dat hij een goede man was, in
de wegen van zijn vader Asa wandelde

1029
01:02:06,510 --> 01:02:09,870
en bij zijn vaderen te
ruste ging toen hij stierf.

1030
01:02:09,870 --> 01:02:12,630
Maar deze strijd is
een belangrijk verhaal,

1031
01:02:12,630 --> 01:02:15,630
een van de bemoedigende
verhalen in de boeken Koningen,

1032
01:02:15,630 --> 01:02:20,130
omdat een godvrezende koning
zich tot God wendde en God hen op

1033
01:02:20,130 --> 01:02:23,550
wonderbaarlijke wijze liet
winnen zonder te vechten.

1034
01:02:23,550 --> 01:02:26,310
Natuurlijk zou je kunnen
stellen dat zingen en God

1035
01:02:26,310 --> 01:02:29,010
loven op een bepaalde
manier ook vechten is.

1036
01:02:29,010 --> 01:02:32,190
Het is een bepaalde
vorm van oorlogvoering.

1037
01:02:32,190 --> 01:02:36,930
De vijanden van Israël waren mensen
die door demonen werden geïnspireerd en

1038
01:02:36,930 --> 01:02:39,270
die demonen aanbaden.

1039
01:02:39,270 --> 01:02:43,890
Aanbidding en lofprijzing aan God
is een vorm van geestelijke strijd.

1040
01:02:43,890 --> 01:02:47,850
Blijkbaar raakten de demonen erdoor
verbijsterd en in verwarring.

1041
01:02:47,850 --> 01:02:50,910
De mensen die door hen
werden beheerst, raakten zo

1042
01:02:50,910 --> 01:02:55,050
in verwarring dat ze niet meer konden
onderscheiden wie de vijand was,

1043
01:02:55,050 --> 01:02:56,850
en ze doodden elkaar.

1044
01:02:56,850 --> 01:03:00,210
Zo hebben we dan het laatste
hoofdstuk uit het leven van Josafat.

1045
01:03:00,210 --> 01:03:03,210
Wanneer we terugkomen om
aan 2 Koningen te beginnen,

1046
01:03:03,210 --> 01:03:06,690
gaan we opnieuw naar het
noordelijke koninkrijk kijken.

1047
01:03:06,690 --> 01:03:10,950
Daarmee gaat het in 2 Koningen
niet echt beter dan in 1 Koningen.

1048
01:03:10,950 --> 01:03:15,270
Toch hebben we die interessante verhalen
over Elia en Elisa nog voor ons.
