1
00:00:02,010 --> 00:00:04,410
Welkom bij Vers voor Vers!

2
00:00:04,410 --> 00:00:10,230
Deze keer behandelen we 1 Petrus
2, vers 1 tot en met vers 10.

3
00:00:10,230 --> 00:00:14,850
We slaan 1 Petrus hoofdstuk 2 op,
aan het begin van het hoofdstuk.

4
00:00:14,850 --> 00:00:19,590
Het hoofdstuk begint met ‘Daarom’,
net zoals hoofdstuk 1 vers 13

5
00:00:19,590 --> 00:00:21,690
met ‘Daarom’ begon.

6
00:00:21,690 --> 00:00:25,830
Dat betekent dat Petrus steeds
opnieuw begrippen uiteenzet

7
00:00:25,830 --> 00:00:28,470
en daarna de toepassing ervan geeft.

8
00:00:28,470 --> 00:00:31,770
Telkens wanneer je het
woord ‘daarom’ tegenkomt,

9
00:00:31,770 --> 00:00:36,570
betekent dat dat er nu een toepassing
wordt gemaakt van wat eerder is gezegd.

10
00:00:36,570 --> 00:00:40,470
Ik heb deze vergelijking met
Efeze al heel wat keren gemaakt,

11
00:00:40,470 --> 00:00:42,990
omdat ik die heel treffend vind.

12
00:00:42,990 --> 00:00:45,330
Petrus gaat in zijn eerste hoofdstukken

13
00:00:45,330 --> 00:00:50,250
snel langs heel diepgaande theologische
gedachten, die hij maar kort noemt,

14
00:00:50,250 --> 00:00:52,890
net zoals Paulus dat in Efeze deed.

15
00:00:52,890 --> 00:00:55,410
Eén lange zin kan wel een stuk of zes

16
00:00:55,410 --> 00:00:59,790
of meer gedachten bevatten die elk een
semestercollege aan een theologische

17
00:00:59,790 --> 00:01:01,350
opleiding waard zijn.

18
00:01:01,350 --> 00:01:03,510
Maar we moeten eraan voorbijgaan.

19
00:01:03,510 --> 00:01:05,850
We gaan er niet zo snel
aan voorbij als hij,

20
00:01:05,850 --> 00:01:10,470
omdat we de tijd nemen om er een aantal
te bespreken, zoveel als we kunnen.

21
00:01:10,470 --> 00:01:14,850
Maar we moeten beseffen dat we
bij sommige heel diepgaande zaken

22
00:01:14,850 --> 00:01:17,550
eigenlijk alleen maar
de oppervlakte raken.

23
00:01:17,550 --> 00:01:22,350
Het punt met deze diepgaande theologische
begrippen is dat we ze waarschijnlijk

24
00:01:22,350 --> 00:01:25,470
jaren en jaren en jaren
zouden kunnen bestuderen

25
00:01:25,470 --> 00:01:29,430
en steeds dieper zouden kunnen
doordringen in wat ze betekenen.

26
00:01:29,430 --> 00:01:34,290
Maar het belangrijkste wat we moeten
weten, is wat het ‘daarom’ is.

27
00:01:34,290 --> 00:01:38,250
Deze dingen zijn waar, en er valt
ongetwijfeld veel meer over te weten

28
00:01:38,250 --> 00:01:39,690
dan wij weten.

29
00:01:39,690 --> 00:01:42,090
Misschien valt er veel meer over te weten

30
00:01:42,090 --> 00:01:45,030
dan er zelfs maar ergens in
de Schrift wordt besproken.

31
00:01:45,030 --> 00:01:48,690
Misschien zullen we nooit alles weten
wat er over deze dingen te weten valt,

32
00:01:48,690 --> 00:01:51,930
maar wat we er wel over
weten, heeft gevolgen.

33
00:01:51,930 --> 00:01:57,090
Wat we wel weten, is dat God ons heeft
verlost met het bloed van Christus.

34
00:01:57,090 --> 00:02:01,530
Wat we wel weten, is dat God dit
behoud van eeuwigheid af heeft gepland

35
00:02:01,530 --> 00:02:07,290
om ons te verlossen van onze wetteloze
daden en van onze doelloze levenswandel.

36
00:02:07,290 --> 00:02:12,690
Wat we wel weten, is dat we wedergeboren
zijn met de natuur van God Zelf,

37
00:02:12,690 --> 00:02:16,350
niet met vergankelijk zaad
maar met het Woord van God.

38
00:02:16,350 --> 00:02:18,030
Deze dingen weten we.

39
00:02:18,030 --> 00:02:22,050
Hoe diep we op deze dingen zouden
kunnen ingaan, weet niemand.

40
00:02:22,050 --> 00:02:25,350
Maar het weinige dat we
wel weten, heeft gevolgen,

41
00:02:25,350 --> 00:02:28,890
en daar komt het ‘daarom’
om de hoek kijken.

42
00:02:28,890 --> 00:02:30,870
Dit zijn de gevolgen daarvan.

43
00:02:30,870 --> 00:02:33,270
Hoofdstuk 2 vers 1 zegt:

44
00:02:33,270 --> 00:02:37,530
Leg dan af alle slechtheid,
alle bedrog, huichelarij,

45
00:02:37,530 --> 00:02:40,470
afgunst en alle kwaadsprekerij.

46
00:02:40,470 --> 00:02:43,230
Als je hebt geproefd
dat de Heere genadig is,

47
00:02:43,230 --> 00:02:46,650
leg dan bepaalde dingen af
en verlang naar iets anders.

48
00:02:46,650 --> 00:02:50,370
Ervan uitgaande dat je hebt
geproefd dat de Heere genadig is:

49
00:02:50,370 --> 00:02:52,410
heb je dat werkelijk gedaan?

50
00:02:52,410 --> 00:02:55,410
Petrus kan er niet van uitgaan
dat iedereen in de gemeente

51
00:02:55,410 --> 00:02:59,550
werkelijk iets van God heeft geproefd,
want veel mensen kunnen theologie over God

52
00:02:59,550 --> 00:03:02,970
herhalen zonder ooit van
Hem te hebben geproefd.

53
00:03:02,970 --> 00:03:06,330
Bij het evangeliseren wordt
vaak de vergelijking gemaakt

54
00:03:06,330 --> 00:03:11,670
dat je alles over Jezus kunt weten zonder
enige ervaring met Jezus te hebben.

55
00:03:11,670 --> 00:03:14,970
Vaak wordt een of ander
voedingsmiddel als voorbeeld gebruikt,

56
00:03:14,970 --> 00:03:16,710
laten we zeggen een appel.

57
00:03:16,710 --> 00:03:19,110
Je kunt alles over appels weten.

58
00:03:19,110 --> 00:03:20,790
Misschien kun je er een beschrijven.

59
00:03:20,790 --> 00:03:24,750
Misschien kun je er een schilderen,
een volmaakte afbeelding.

60
00:03:24,750 --> 00:03:28,890
Misschien kun je ons een wetenschappelijke
uiteenzetting geven over hoe appels

61
00:03:28,890 --> 00:03:32,370
verschillen van andere vruchten, of
misschien weet je alles over hoe je

62
00:03:32,370 --> 00:03:33,690
ze moet kweken.

63
00:03:33,690 --> 00:03:38,130
Maar totdat je een hap van een appel
neemt, ken je een appel eigenlijk niet.

64
00:03:38,130 --> 00:03:41,610
Je weet er alles over, maar
je hebt hem nog niet geproefd.

65
00:03:41,610 --> 00:03:45,570
Ik herinner me dat mensen in de jaren
zeventig op die manier getuigden.

66
00:03:45,570 --> 00:03:49,050
Zolang je niet proeft en
ziet, ken je de Heere niet.

67
00:03:49,050 --> 00:03:51,150
Misschien ken je alle theologie.

68
00:03:51,150 --> 00:03:55,170
Misschien kun je alles herhalen wat
de Bijbel over het onderwerp zegt.

69
00:03:55,170 --> 00:03:59,190
Maar zolang je niet zelf de stap hebt
gezet om iets te proeven en het tot je te

70
00:03:59,190 --> 00:04:03,030
nemen, is er een dimensie van
kennen die je nog niet kent.

71
00:04:03,030 --> 00:04:05,670
Dat wordt vergeleken met proeven.

72
00:04:05,670 --> 00:04:07,710
In Psalm 34 staat:

73
00:04:07,710 --> 00:04:10,410
Proef en zie dat de HEERE goed is;

74
00:04:10,410 --> 00:04:13,770
welzalig de man die tot
Hem de toevlucht neemt.

75
00:04:13,770 --> 00:04:17,730
Ongetwijfeld heeft Petrus dat vers
in gedachten wanneer hij zegt:

76
00:04:17,730 --> 00:04:21,450
indien u tenminste geproefd hebt
dat de Heere goedertieren is,

77
00:04:21,450 --> 00:04:23,850
We weten dat in Hebreeën hoofdstuk 6

78
00:04:23,850 --> 00:04:28,230
de geestelijke ervaring van mensen
wordt beschreven die, in de context,

79
00:04:28,230 --> 00:04:30,150
inmiddels afgevallen zijn.

80
00:04:30,150 --> 00:04:33,690
Er wordt beschreven waar ze
stonden voordat ze afvielen.

81
00:04:33,690 --> 00:04:38,130
In Hebreeën 6:4 worden ze
beschreven als mensen die:

82
00:04:38,130 --> 00:04:41,610
Want het is onmogelijk om hen
die eens verlicht zijn geweest,

83
00:04:41,610 --> 00:04:45,270
die de hemelse gave geproefd hebben
en deelgenoot zijn geworden van

84
00:04:45,270 --> 00:04:46,470
de Heilige Geest,

85
00:04:46,470 --> 00:04:48,690
Dat zal ongetwijfeld het behoud zijn.

86
00:04:48,690 --> 00:04:50,670
Ook staat er in vers 5:

87
00:04:50,670 --> 00:04:53,310
en die het goede Woord
van God geproefd hebben

88
00:04:53,310 --> 00:04:55,590
en de krachten van de komende wereld,

89
00:04:55,590 --> 00:04:58,950
Het proeven duidt erop
dat je iets zelf ervaart.

90
00:04:58,950 --> 00:05:01,770
Je weet niet alleen met je
verstand iets over een zaak,

91
00:05:01,770 --> 00:05:04,410
maar je hebt er
daadwerkelijk deel aan gehad.

92
00:05:04,410 --> 00:05:06,090
Je hebt het zelf geproefd.

93
00:05:06,090 --> 00:05:10,110
Hetzelfde woord wordt door de schrijver
van Hebreeën gebruikt wanneer hij

94
00:05:10,110 --> 00:05:11,730
over Jezus spreekt.

95
00:05:11,730 --> 00:05:14,370
In Hebreeën 2:9 staat:

96
00:05:14,370 --> 00:05:18,270
maar wij zien Jezus met
heerlijkheid en eer gekroond,

97
00:05:18,270 --> 00:05:21,450
Die voor korte tijd minder
dan de engelen geworden was,

98
00:05:21,450 --> 00:05:25,830
vanwege het lijden van de dood,
opdat Hij door de genade van God voor

99
00:05:25,830 --> 00:05:28,170
allen de dood zou proeven.

100
00:05:28,170 --> 00:05:33,870
Voordat Jezus kwam en stierf, wist God
in theoretische zin wat de dood was.

101
00:05:33,870 --> 00:05:35,970
Hij had mensen zien sterven.

102
00:05:35,970 --> 00:05:40,230
Hij is Degene Die de dood als
straf op de zonde heeft bepaald.

103
00:05:40,230 --> 00:05:43,890
Maar Hij had die nog niet geproefd
totdat Jezus naar de aarde kwam

104
00:05:43,890 --> 00:05:46,290
en daadwerkelijk stierf.

105
00:05:46,290 --> 00:05:48,090
Hij proefde de dood.

106
00:05:48,090 --> 00:05:51,990
Dit is de eerste keer dat God
de dood van binnenuit ervoer,

107
00:05:51,990 --> 00:05:55,590
in plaats van die alleen van
buitenaf te analyseren wanneer iemand

108
00:05:55,590 --> 00:05:57,210
anders die ondergaat.

109
00:05:57,210 --> 00:06:00,630
De dood proeven is eigenlijk sterven.

110
00:06:00,630 --> 00:06:05,130
De hemelse gave proeven, de krachten
van de komende eeuw proeven:

111
00:06:05,130 --> 00:06:09,210
dat is volgens mij wat de schrijver
van Hebreeën beschrijft als een

112
00:06:09,210 --> 00:06:11,310
werkelijke christelijke ervaring.

113
00:06:11,310 --> 00:06:16,470
En Petrus ook. Ik bedoel mensen met
een echte christelijke ervaring.

114
00:06:16,470 --> 00:06:19,050
Misschien hang je alleen
maar rond in de gemeente.

115
00:06:19,050 --> 00:06:22,590
Je kent de liederen omdat je ze
je hele leven al hebt gehoord.

116
00:06:22,590 --> 00:06:27,270
Je kunt de leerstellingen herhalen omdat
je op de zondagsschool hebt gezeten.

117
00:06:27,270 --> 00:06:32,010
Maar als je nooit van God hebt geproefd,
ben jij niet degene die ik hier bedoel.

118
00:06:32,010 --> 00:06:35,670
Ik heb het over degenen onder
jullie die God hebben geproefd.

119
00:06:35,670 --> 00:06:40,770
Als je hebt geproefd dat de Heere goed is,
dan moet je dit nieuwe leven verzorgen.

120
00:06:40,770 --> 00:06:45,330
Wanneer een baby gezond geboren wordt,
moet zijn leven in stand gehouden

121
00:06:45,330 --> 00:06:46,890
en gevoed worden.

122
00:06:46,890 --> 00:06:51,030
Het moet verzorgd worden, zoals
een plant verzorgd moet worden.

123
00:06:51,030 --> 00:06:56,610
Zodra het zaad opkomt, moet het verzorgd
worden en water krijgen, enzovoort.

124
00:06:56,610 --> 00:06:59,970
Een baby moet na zijn
geboorte gevoed worden.

125
00:06:59,970 --> 00:07:01,890
Je hebt een nieuw leven.

126
00:07:01,890 --> 00:07:05,790
u, die opnieuw geboren
bent, niet uit vergankelijk,

127
00:07:05,790 --> 00:07:11,610
maar uit onvergankelijk zaad, door het
levende en eeuwig blijvende Woord van God.

128
00:07:11,610 --> 00:07:15,690
Het beeld van geboren worden en
het beeld van een plant die groeit,

129
00:07:15,690 --> 00:07:20,370
worden allebei gebruikt in hoofdstuk
1, in de verzen vlak hiervoor.

130
00:07:20,370 --> 00:07:23,490
De gedachte is: als je wedergeboren bent,

131
00:07:23,490 --> 00:07:29,010
En verlang vurig, als pasgeboren kinderen,
naar de zuivere melk van het Woord,

132
00:07:29,010 --> 00:07:31,050
opdat u daardoor mag opgroeien,

133
00:07:31,050 --> 00:07:35,310
Als je zaad bent dat is opgekomen,
dan moet je dit verzorgen.

134
00:07:35,310 --> 00:07:39,810
Wat je eerst moet doen, is dingen
weghalen en daarna dingen toevoegen.

135
00:07:39,810 --> 00:07:42,930
Veel mensen worden niet
enthousiast over het Woord van God,

136
00:07:42,930 --> 00:07:45,330
ook al belijden ze christenen te zijn.

137
00:07:45,330 --> 00:07:48,210
Misschien zijn ze ook wel
christenen. Ik weet het niet.

138
00:07:48,210 --> 00:07:52,290
Een baby die niet naar melk
verlangt, is geen gezonde baby.

139
00:07:52,290 --> 00:07:55,230
Hij heeft voeding nodig,
en als hij dat niet weet,

140
00:07:55,230 --> 00:07:58,290
is er iets niet helemaal
in orde met die baby.

141
00:07:58,290 --> 00:08:02,790
Er is iets mis met een echte christen
die niet naar het Woord van God verlangt,

142
00:08:02,790 --> 00:08:06,450
die niet naar het Woord van God
verlangt zoals een pasgeboren baby

143
00:08:06,450 --> 00:08:07,890
naar melk verlangt.

144
00:08:07,890 --> 00:08:12,450
Misschien hebben zulke mensen stap
nummer 1 in vers 1 overgeslagen.

145
00:08:12,450 --> 00:08:14,970
Je geniet niet zomaar
van het Woord van God

146
00:08:14,970 --> 00:08:20,070
zonder eerst een ommekeer in je leven te
maken en de levenswijze op te geven die

147
00:08:20,070 --> 00:08:22,170
in strijd is met het Woord van God.

148
00:08:22,170 --> 00:08:25,770
Hij zegt dat je allereerst
iets moet afleggen. Wat dan?

149
00:08:25,770 --> 00:08:29,850
Een aantal dingen die eenvoudigweg
niet samengaan met leven voor God.

150
00:08:29,850 --> 00:08:32,970
Je bent verlost uit je
doelloze levenswijze,

151
00:08:32,970 --> 00:08:37,230
dus geef die dingen op die bij
die doelloze levenswijze horen.

152
00:08:37,230 --> 00:08:41,010
Dan kun je op de juiste manier
profijt hebben van het Woord van God.

153
00:08:41,010 --> 00:08:45,690
Als iemand de Bijbel leest en bestudeert,
maar nog steeds in zonde leeft,

154
00:08:45,690 --> 00:08:49,890
kan ik me niet voorstellen dat die veel
profijt zal hebben van het Woord van God.

155
00:08:49,890 --> 00:08:53,550
Het Woord van God kan hem uiteindelijk
wel van zijn zonde overtuigen

156
00:08:53,550 --> 00:08:55,890
en hem ertoe brengen die op te geven.

157
00:08:55,890 --> 00:09:00,510
Maar tenzij je bereid bent de levenswijze
op te geven waaruit je verlost bent,

158
00:09:00,510 --> 00:09:04,410
zul je niet gedijen en groeien in de
levenswijze waarin je door je nieuwe

159
00:09:04,410 --> 00:09:06,450
geboorte bent terechtgekomen.

160
00:09:06,450 --> 00:09:07,890
Dus zegt hij:

161
00:09:07,890 --> 00:09:11,910
Leg dan af alle slechtheid,
alle bedrog, huichelarij,

162
00:09:11,910 --> 00:09:14,550
afgunst en alle kwaadsprekerij.

163
00:09:14,550 --> 00:09:19,770
En verlang vurig, als pasgeboren kinderen,
naar de zuivere melk van het Woord,

164
00:09:19,770 --> 00:09:24,090
opdat u daardoor mag opgroeien, indien
u tenminste geproefd hebt dat de

165
00:09:24,090 --> 00:09:25,830
Heere goedertieren is,

166
00:09:25,830 --> 00:09:29,730
Dit zou in zekere zin een
willekeurige opsomming kunnen zijn

167
00:09:29,730 --> 00:09:33,990
van dingen die staan voor alle slechte
gedragingen van het leven van iemand

168
00:09:33,990 --> 00:09:35,730
die niet behouden is.

169
00:09:35,730 --> 00:09:40,170
Ik weet niet of we ons op deze
specifieke ondeugden meer moeten richten

170
00:09:40,170 --> 00:09:43,290
dan op de hele wereld van
ondeugden die er zijn.

171
00:09:43,290 --> 00:09:45,810
Dit zijn misschien gewoon
een paar voorbeelden

172
00:09:45,810 --> 00:09:48,090
die voor de hele categorie staan.

173
00:09:48,090 --> 00:09:51,570
Het Engelse woord dat hier
met ‘slechtheid’ is vertaald,

174
00:09:51,570 --> 00:09:54,930
is ‘malice’: kwaadwilligheid.

175
00:09:54,930 --> 00:09:58,170
Die is zeker het
tegenovergestelde van liefde.

176
00:09:58,170 --> 00:10:02,610
Een kwaadaardig mens haat
mensen en wenst hun kwaad toe.

177
00:10:02,610 --> 00:10:07,230
Een kwaadaardig mens zal vrijwel
zeker een wreed mens zijn.

178
00:10:07,230 --> 00:10:10,350
Een kwaadaardig mens
schept er enig genoegen in

179
00:10:10,350 --> 00:10:15,210
als mensen die hij als zijn
vijanden beschouwt, kwaad overkomt.

180
00:10:15,210 --> 00:10:18,450
Wreedheid past dus heel
goed bij kwaadaardigheid.

181
00:10:18,450 --> 00:10:20,610
Daar zou niets van in je moeten zitten.

182
00:10:20,610 --> 00:10:24,570
Je zou dat nooit tegenover iemand
moeten voelen, niet tegenover je

183
00:10:24,570 --> 00:10:26,910
vijanden, tegenover niemand.

184
00:10:26,910 --> 00:10:31,830
Je zou nooit wreed mogen zijn, zelfs niet
als je iemand anders iets pijnlijks moet

185
00:10:31,830 --> 00:10:36,210
aandoen omdat het je plicht is om daarmee
het leven van weer iemand anders te

186
00:10:36,210 --> 00:10:40,770
redden, of misschien zelfs het
leven van die persoon zelf.

187
00:10:40,770 --> 00:10:45,090
Een kind een pak slaag geven is niet
iets wat een kind prettig vindt,

188
00:10:45,090 --> 00:10:47,070
maar je doet het voor zijn bestwil.

189
00:10:47,070 --> 00:10:51,270
Soms moet je dingen doen die
een ander onaangenaam vindt,

190
00:10:51,270 --> 00:10:55,050
of die een ander op een
bepaalde manier zelfs pijn doen.

191
00:10:55,050 --> 00:10:57,810
Maar je zou dat nooit
mogen doen met de gedachte:

192
00:10:57,810 --> 00:11:00,510
‘Ik vind het fijn om deze
persoon pijn te doen.

193
00:11:00,510 --> 00:11:03,390
Ik wil dat hij pijn voelt.

194
00:11:03,390 --> 00:11:06,030
Ik wil dat zijn leven ellendig is.

195
00:11:06,030 --> 00:11:08,190
Ik wil hem kapotmaken.’

196
00:11:08,190 --> 00:11:10,230
Dat is kwaadaardigheid.

197
00:11:10,230 --> 00:11:13,710
Bedrog en huichelarij
worden samen genoemd.

198
00:11:13,710 --> 00:11:19,050
Ik weet niet eens precies waar de grens
tussen bedrog en huichelarij ligt.

199
00:11:19,050 --> 00:11:21,870
Bedrog is eigenlijk dubbelhartig zijn.

200
00:11:21,870 --> 00:11:26,130
Je doet alsof iets zo is terwijl
dat niet werkelijk waar is.

201
00:11:26,130 --> 00:11:31,830
Bedrog zou liegen zijn, bewust
liegen, iets verkeerd voorstellen.

202
00:11:31,830 --> 00:11:35,490
Zonder bedrog zijn heeft
meer te maken met openheid,

203
00:11:35,490 --> 00:11:38,370
dat anderen je zien zoals je bent.

204
00:11:38,370 --> 00:11:43,950
Weet je nog dat Jezus Nathanaël ontmoette
in Johannes hoofdstuk 1? Hij zei:

205
00:11:43,950 --> 00:11:49,170
Jezus zag Nathanaël naar Zich
toe komen en zei over hem: Zie,

206
00:11:49,170 --> 00:11:52,590
werkelijk een Israëliet
in wie geen bedrog is.

207
00:11:52,590 --> 00:11:57,150
Jezus was er verheugd over dat er
ten minste een paar mensen zoals deze

208
00:11:57,150 --> 00:12:01,650
man waren die ware Israëlieten
waren, anders dan de Farizeeën,

209
00:12:01,650 --> 00:12:03,690
die vol bedrog waren.

210
00:12:03,690 --> 00:12:06,210
Ze deden altijd alsof ze iets waren.

211
00:12:06,210 --> 00:12:11,130
Hij noemde hen huichelaars, en dat
woord zelf betekent een toneelspeler,

212
00:12:11,130 --> 00:12:13,110
iemand die een masker draagt.

213
00:12:13,110 --> 00:12:16,770
De Farizeeën deden alsof ze
godsdienstig en rechtvaardig waren,

214
00:12:16,770 --> 00:12:19,170
maar dat waren ze in werkelijkheid niet.

215
00:12:19,170 --> 00:12:21,270
Het was alleen maar schijn.

216
00:12:21,270 --> 00:12:27,030
Maar Nathanaël was een ander soort
Israëliet, een ware Israëliet.

217
00:12:27,030 --> 00:12:28,890
Niets van die aanstellerij.

218
00:12:28,890 --> 00:12:32,490
Niets van dat doen alsof hij
rechtvaardiger was dan hij was.

219
00:12:32,490 --> 00:12:33,810
Geen bedrog in hem.

220
00:12:33,810 --> 00:12:39,450
Wanneer de 144.000 in Openbaring
hoofdstuk 14 worden genoemd, staat er:

221
00:12:39,450 --> 00:12:41,730
En in hun mond is geen leugen gevonden,

222
00:12:41,730 --> 00:12:44,370
want zij zijn smetteloos
voor de troon van God.

223
00:12:44,370 --> 00:12:49,590
De Engelse citaten gebruiken hier en
bij Nathanaël dezelfde woorden: ‘no

224
00:12:49,590 --> 00:12:51,750
guile’, geen bedrog.

225
00:12:51,750 --> 00:12:54,930
Dat betekent opnieuw dat
ze ware Israëlieten zijn,

226
00:12:54,930 --> 00:12:59,190
werkelijk Israëlieten in wie
geen bedrog is, zoals Nathanaël.

227
00:12:59,190 --> 00:13:03,510
Wij zouden dus mensen moeten zijn bij
wie je eigenlijk krijgt wat je ziet:

228
00:13:03,510 --> 00:13:08,370
zonder bedrog, zonder te doen alsof,
zonder ons op een of andere manier

229
00:13:08,370 --> 00:13:11,490
voor te doen als
rechtvaardiger dan we zijn.

230
00:13:11,490 --> 00:13:15,030
Huichelarij hangt daar
uiteraard heel nauw mee samen.

231
00:13:15,030 --> 00:13:18,450
Afgunst. We weten allemaal wat afgunst is.

232
00:13:18,450 --> 00:13:22,410
Iedereen weet uit ervaring wat het
betekent om iemand te benijden.

233
00:13:22,410 --> 00:13:25,470
Die ander heeft iets wat
wij graag zouden hebben.

234
00:13:25,470 --> 00:13:30,330
Als je zegt: ‘Nou, ik wou dat ik
een beter leven had dan ik nu heb,

235
00:13:30,330 --> 00:13:34,770
zoals die persoon dat heeft’, dan
is dat niet noodzakelijk zondig.

236
00:13:34,770 --> 00:13:38,910
Tenminste, als je niet wenst dat jij
het hebt in plaats van die ander.

237
00:13:38,910 --> 00:13:42,750
‘Ik wou dat ik had wat hij heeft,
in plaats van dat hij het heeft.’

238
00:13:42,750 --> 00:13:44,730
Dat is volgens mij afgunst.

239
00:13:44,730 --> 00:13:48,750
Als je zegt: ‘Ik zou mijn
omstandigheden graag verbeteren.

240
00:13:48,750 --> 00:13:51,870
Die persoon heeft betere
omstandigheden dan ik.

241
00:13:51,870 --> 00:13:54,570
Dat inspireert me om
hetzelfde te willen doen’,

242
00:13:54,570 --> 00:13:57,750
dan is dat niet hetzelfde
als zondige afgunst.

243
00:13:57,750 --> 00:14:02,130
Afgunst is wanneer je denkt: ‘Ik
zou dat moeten hebben, hij niet.

244
00:14:02,130 --> 00:14:05,850
Ik wil dat voor mezelf,
desnoods ten koste van hem.

245
00:14:05,850 --> 00:14:08,610
Ik stel mijn belangen
boven zijn belangen.’

246
00:14:08,610 --> 00:14:12,870
Dat is het tegenovergestelde van
liefde, en dat is wat afgunst is wanneer

247
00:14:12,870 --> 00:14:14,190
die zondig is.

248
00:14:14,190 --> 00:14:19,110
De Engelse vertaling gebruikt hier
‘all evil speaking’, letterlijk:

249
00:14:19,110 --> 00:14:21,210
al het spreken dat slecht is.

250
00:14:21,210 --> 00:14:23,010
Dat is een heel ruime uitdrukking.

251
00:14:23,010 --> 00:14:26,730
Sommige mensen die ik heb gekend, vonden
dat je nooit kritiek op een ander mocht

252
00:14:26,730 --> 00:14:29,670
hebben, omdat je dan kwaad
over die ander spreekt.

253
00:14:29,670 --> 00:14:32,970
Maar het is duidelijk dat de
apostel Paulus en Jezus Zelf

254
00:14:32,970 --> 00:14:35,370
kwaad spreken over bepaalde mensen.

255
00:14:35,370 --> 00:14:37,230
Wat is kwaadspreken dan?

256
00:14:37,230 --> 00:14:40,410
Het is een algemene term
voor zonden van de mond.

257
00:14:40,410 --> 00:14:42,510
Liegen is kwaadspreken.

258
00:14:42,510 --> 00:14:44,490
Lasteren is kwaadspreken.

259
00:14:44,490 --> 00:14:46,830
Godslastering is kwaadspreken.

260
00:14:46,830 --> 00:14:48,930
Er zijn heel wat zonden van de mond.

261
00:14:48,930 --> 00:14:54,870
Het boek Spreuken somt er heel wat
op: opscheppen, liegen, godslastering,

262
00:14:54,870 --> 00:14:56,850
allerlei ongepast spreken.

263
00:14:56,850 --> 00:15:00,990
Het is niet verrassend dat Paulus in
Efeze een gedeelte heeft waarin hij even

264
00:15:00,990 --> 00:15:03,210
vaag spreekt over zonden van de mond.

265
00:15:03,210 --> 00:15:07,650
Maar hij noemt wel iets positiefs dat ons
kan helpen te bepalen wat het negatieve is

266
00:15:07,650 --> 00:15:09,510
waartegen hij zich uitspreekt.

267
00:15:09,510 --> 00:15:14,490
In Efeze hoofdstuk 5,
vers 3 en 4, zegt Paulus:

268
00:15:14,490 --> 00:15:17,850
Maar ontucht en alle
onreinheid of hebzucht,

269
00:15:17,850 --> 00:15:22,050
laten die onder u beslist niet genoemd
worden, zoals het heiligen past,

270
00:15:22,050 --> 00:15:28,650
en evenmin oneerbaarheid, dwaze praat en
lichtzinnige taal, die onbehoorlijk zijn;

271
00:15:28,650 --> 00:15:30,810
maar veelmeer past dankzegging.

272
00:15:30,810 --> 00:15:34,650
Dus grove grappen, vuile
praat, dwaas gepraat,

273
00:15:34,650 --> 00:15:38,370
die vallen duidelijk onder de dingen
die christenen niet zouden moeten doen.

274
00:15:38,370 --> 00:15:41,610
Wat daar precies onder valt,
wordt niet uiteengezet.

275
00:15:41,610 --> 00:15:44,370
Maar blijkbaar moeten we
enig onderscheidingsvermogen

276
00:15:44,370 --> 00:15:47,970
gebruiken om te beoordelen of
onze grappen wat te grof worden,

277
00:15:47,970 --> 00:15:49,710
of dat ons spreken dwaas wordt.

278
00:15:49,710 --> 00:15:53,190
Maar in Efeze 4, vers 29, staat:

279
00:15:53,190 --> 00:15:57,150
Laat er geen vuile taal uit uw
mond komen, maar wel iets goeds,

280
00:15:57,150 --> 00:16:02,730
wat nuttig is tot opbouw, opdat het
genade geeft aan hen die het horen.

281
00:16:02,730 --> 00:16:06,510
Verdorven taal zou een synoniem
zijn voor kwaadspreken.

282
00:16:06,510 --> 00:16:08,790
Maar wat is verdorven taal?

283
00:16:08,790 --> 00:16:11,790
In plaats van ons te vertellen
wat verdorven taal is,

284
00:16:11,790 --> 00:16:14,670
vertelt hij ons wat daartegenover staat.

285
00:16:14,670 --> 00:16:18,150
In Efeze 4, vers 29, zegt hij:

286
00:16:18,150 --> 00:16:21,330
Maar wat er uit je mond komt,
moet iets goeds zijn dat

287
00:16:21,330 --> 00:16:23,730
anderen helpt groeien waar dat nodig is,

288
00:16:23,730 --> 00:16:26,550
zodat het de mensen
die luisteren goeddoet.

289
00:16:26,550 --> 00:16:28,650
Dat is wat een goed gesprek is.

290
00:16:28,650 --> 00:16:30,990
Het bouwt op waar dat nodig is.

291
00:16:30,990 --> 00:16:33,030
Het brengt mensen genade.

292
00:16:33,030 --> 00:16:36,150
Er zijn natuurlijk allerlei manieren
van spreken die dat niet doen,

293
00:16:36,150 --> 00:16:38,490
en dat zou verdorven taal zijn.

294
00:16:38,490 --> 00:16:42,330
Als je iemand veroordeling brengt,
als je iemand misleiding brengt,

295
00:16:42,330 --> 00:16:45,750
als je iemand woede brengt,
dan is dat kwaadspreken.

296
00:16:45,750 --> 00:16:49,710
Als je iemands reputatie kapotmaakt
door laster, of wat dan ook,

297
00:16:49,710 --> 00:16:51,690
dan is dat kwaadspreken.

298
00:16:51,690 --> 00:16:53,670
Al die dingen moet je wegdoen.

299
00:16:53,670 --> 00:16:59,130
Dus, vanaf 1 Petrus 2:1: zodra
je al die dingen hebt weggedaan,

300
00:16:59,130 --> 00:17:04,290
of in wezen afstand van die dingen hebt
genomen, volgt de oproep uit vers 2:

301
00:17:04,290 --> 00:17:09,330
En verlang vurig, als pasgeboren kinderen,
naar de zuivere melk van het Woord,

302
00:17:09,330 --> 00:17:11,490
opdat u daardoor mag opgroeien,

303
00:17:11,490 --> 00:17:16,170
Je zult groeien als je het Woord
van God tot je neemt en verteert.

304
00:17:16,170 --> 00:17:20,370
Die vertering van het Woord van
God gaat niet noodzakelijk vanzelf.

305
00:17:20,370 --> 00:17:24,810
Alleen maar lezen of horen heeft niet
altijd de uitwerking die het zou kunnen

306
00:17:24,810 --> 00:17:27,630
hebben als het op de juiste
manier wordt ontvangen.

307
00:17:27,630 --> 00:17:32,430
Veel mensen groeien op in de gemeente,
kinderen groeien op in de gemeente,

308
00:17:32,430 --> 00:17:36,270
en als ze ouder worden, blijkt
dat niets ervan is aangeslagen.

309
00:17:36,270 --> 00:17:38,670
Ze hebben er helemaal geen baat bij gehad.

310
00:17:38,670 --> 00:17:41,790
Ze hebben het gehoord, maar
ze hebben het niet gegeten.

311
00:17:41,790 --> 00:17:44,610
Om op de juiste manier door
het Woord van God te groeien,

312
00:17:44,610 --> 00:17:48,630
moet er beslist nog iets
bijkomen naast alleen maar horen.

313
00:17:48,630 --> 00:17:53,370
De gelijkenis van de zaaier spreekt
over die verschillende soorten grond.

314
00:17:53,370 --> 00:17:56,550
Sommige horen het Woord
van God, of het zaad,

315
00:17:56,550 --> 00:18:01,590
ontvangen het op de juiste manier en
brengen vrucht voort. Andere niet.

316
00:18:01,590 --> 00:18:05,550
Een oppervlakkige ontvangst
op steenachtige grond.

317
00:18:05,550 --> 00:18:08,610
Een hard hart dat het
helemaal niet ontvangt.

318
00:18:08,610 --> 00:18:13,410
Een hart dat het ontvangt, maar waar
ook de misleiding van de rijkdom is,

319
00:18:13,410 --> 00:18:17,250
en de doornen en distels
komen op en verstikken het.

320
00:18:17,250 --> 00:18:23,130
In een parallelgedeelte van Mattheüs 13
spreekt Jezus over het zaad en de zaaier.

321
00:18:23,130 --> 00:18:27,750
Ik geloof dat het in Lukas
staat, hoofdstuk 8, vers 15:

322
00:18:27,750 --> 00:18:32,610
En waar het zaad in de goede aarde
valt, dat zijn zij die het Woord horen,

323
00:18:32,610 --> 00:18:35,550
het in een oprecht en
goed hart vasthouden,

324
00:18:35,550 --> 00:18:38,310
en in volharding vruchten voortbrengen.

325
00:18:38,310 --> 00:18:42,870
De King James-vertaling zegt:
‘een goed en eerlijk hart’.

326
00:18:42,870 --> 00:18:47,910
De Engelse vertaling die ik hier
gebruik, zegt: ‘een edel en goed hart’.

327
00:18:47,910 --> 00:18:52,890
Dat wil zeggen: het Woord van God wordt
ontvangen in het juiste soort hart

328
00:18:52,890 --> 00:18:56,850
en brengt daardoor het
juiste soort vrucht voort.

329
00:18:56,850 --> 00:18:59,730
In Jakobus staat iets
wat daar sterk op lijkt.

330
00:18:59,730 --> 00:19:03,150
Jakobus hoofdstuk 1, vers 21 zegt:

331
00:19:03,150 --> 00:19:08,490
Leg daarom af alle vuilheid en elke
uitwas van slechtheid en ontvang met

332
00:19:08,490 --> 00:19:13,590
zachtmoedigheid het in u geplante
Woord, dat uw zielen zalig kan maken.

333
00:19:13,590 --> 00:19:19,110
Opnieuw dezelfde gedachte als bij Petrus:
doe deze dingen weg en ontvang in plaats

334
00:19:19,110 --> 00:19:21,150
daarvan het Woord van God.

335
00:19:21,150 --> 00:19:26,010
Het lijkt noodzakelijk te zijn dat je hart
voorbereid is om het Woord te ontvangen.

336
00:19:26,010 --> 00:19:28,770
Van de vier soorten grond
waarop het zaad viel,

337
00:19:28,770 --> 00:19:31,650
bracht er maar één werkelijk iets voort.

338
00:19:31,650 --> 00:19:35,670
Er waren drie soorten grond
die niets zouden voortbrengen.

339
00:19:35,670 --> 00:19:41,250
Hetzelfde Woord, hetzelfde zaad, werd
aangeboden aan alle mensen die door die

340
00:19:41,250 --> 00:19:43,830
vier soorten grond worden voorgesteld.

341
00:19:43,830 --> 00:19:47,190
Maar slechts één soort
bracht vrucht voort.

342
00:19:47,190 --> 00:19:50,190
De veronderstelling hier is
dus dat je niet alleen maar

343
00:19:50,190 --> 00:19:55,110
passief naar het Woord van God luistert
en verwacht dat dat iets voor je doet.

344
00:19:55,110 --> 00:20:00,210
Je moet de grond voorbereiden, je
hart voorbereiden om het te ontvangen.

345
00:20:00,210 --> 00:20:04,110
Dat betekent dat als je weet
dat er zonde in je leven is,

346
00:20:04,110 --> 00:20:06,930
je je van die bekende zonde bekeert.

347
00:20:06,930 --> 00:20:10,110
Je breekt met zonde waarvan je weet hebt.

348
00:20:10,110 --> 00:20:14,190
Je kunt in het christelijke leven
misschien een tijdje vooruitkomen met een

349
00:20:14,190 --> 00:20:17,910
verborgen zonde in je leven,
maar je zult niet groeien.

350
00:20:17,910 --> 00:20:21,510
Het Woord van God zal geen
vrucht in je leven voortbrengen

351
00:20:21,510 --> 00:20:23,310
zolang dat aan de gang is.

352
00:20:23,310 --> 00:20:26,370
Je moet met die dingen
breken, ze van je wegdoen,

353
00:20:26,370 --> 00:20:29,970
en dan de melk van het Woord
ontvangen en ernaar verlangen,

354
00:20:29,970 --> 00:20:31,650
zodat je daardoor kunt groeien.

355
00:20:31,650 --> 00:20:35,190
In 1 Petrus 2:4-10 staat:

356
00:20:35,190 --> 00:20:38,190
en kom naar Hem toe als
naar een levende steen,

357
00:20:38,190 --> 00:20:43,110
die wel door de mensen verworpen is,
maar bij God uitverkoren en kostbaar,

358
00:20:43,110 --> 00:20:48,210
dan wordt u ook zelf, als levende
stenen, gebouwd tot een geestelijk huis,

359
00:20:48,210 --> 00:20:51,690
tot een heilig priesterschap, om
geestelijke offers te brengen,

360
00:20:51,690 --> 00:20:55,050
die God welgevallig zijn
door Jezus Christus.

361
00:20:55,050 --> 00:21:00,570
Daarom staat er in de Schrift: Zie, Ik leg
in Sion een hoeksteen die uitverkoren en

362
00:21:00,570 --> 00:21:05,610
kostbaar is; en: Wie in Hem
gelooft, zal niet beschaamd worden.

363
00:21:05,610 --> 00:21:11,130
Voor u dan, die gelooft, is Hij kostbaar;
maar voor de ongehoorzamen geldt:

364
00:21:11,130 --> 00:21:15,150
De steen die de bouwers verworpen
hebben, die is de hoeksteen geworden,

365
00:21:15,150 --> 00:21:18,330
en een steen des aanstoots
en een struikelblok;

366
00:21:18,330 --> 00:21:22,770
voor hen namelijk die zich aan het
Woord stoten, door ongehoorzaam te zijn,

367
00:21:22,770 --> 00:21:24,930
waartoe zij ook bestemd zijn.

368
00:21:24,930 --> 00:21:30,150
Maar u bent een uitverkoren geslacht, een
koninklijk priesterschap, een heilig volk,

369
00:21:30,150 --> 00:21:33,390
een volk dat God Zich
tot Zijn eigendom maakte;

370
00:21:33,390 --> 00:21:37,950
opdat u de deugden zou verkondigen van
Hem Die u uit de duisternis geroepen heeft

371
00:21:37,950 --> 00:21:44,850
tot Zijn wonderbaar licht, u, die voorheen
geen volk was, maar nu Gods volk bent; u,

372
00:21:44,850 --> 00:21:49,410
die zonder ontferming was, maar
nu in ontferming aangenomen bent.

373
00:21:49,410 --> 00:21:53,550
Ik heb dit hele gedeelte gelezen, ook al
zullen we het in kleinere stukken moeten

374
00:21:53,550 --> 00:21:55,830
behandelen om het te bekijken.

375
00:21:55,830 --> 00:21:59,430
Dat komt doordat het één
doorlopende gedachtegang is,

376
00:21:59,430 --> 00:22:03,210
en hij in het volgende vers
een nieuwe richting inslaat.

377
00:22:03,210 --> 00:22:07,170
Hij begint te spreken over het
komen tot Christus, wat wij doen.

378
00:22:07,170 --> 00:22:10,950
Hij gebruikt het beeld van
Christus als een levende steen.

379
00:22:10,950 --> 00:22:14,250
Hij zegt dat ook wij levende stenen zijn.

380
00:22:14,250 --> 00:22:16,710
We zijn dus van dezelfde soort.

381
00:22:16,710 --> 00:22:20,970
Trouwens, stenen leven over het
algemeen niet, zoals we weten.

382
00:22:20,970 --> 00:22:23,130
Niemand hoeft ons dat te vertellen.

383
00:22:23,130 --> 00:22:28,530
Een levende steen zou dus een uniek
verschijnsel zijn, niet iets natuurlijks.

384
00:22:28,530 --> 00:22:30,810
Stenen leven van nature niet.

385
00:22:30,810 --> 00:22:35,970
Als je toevallig een levende steen
ontdekt, heb je iets unieks ontdekt.

386
00:22:35,970 --> 00:22:40,050
Van Christus wordt gezegd dat
Hij als een levende steen is.

387
00:22:40,050 --> 00:22:46,050
Maar meer nog, van ons wordt in vers
5 gezegd dat wij levende stenen zijn.

388
00:22:46,050 --> 00:22:50,370
Dat betekent dat we delen in
die unieke natuur van Christus.

389
00:22:50,370 --> 00:22:54,950
Wanneer hij het beeld van een steen op
ons toepast — wij zijn levende stenen —

390
00:22:54,950 --> 00:22:57,510
heeft hij het over een stenen gebouw.

391
00:22:57,510 --> 00:23:01,830
Wij zijn als stenen die worden
samengevoegd tot de muur van een gebouw.

392
00:23:01,830 --> 00:23:04,890
Wij worden opgebouwd
tot een geestelijk huis.

393
00:23:04,890 --> 00:23:08,850
Wanneer Christus een steen wordt
genoemd, heeft dit beeld van een steen

394
00:23:08,850 --> 00:23:11,610
een grotere verscheidenheid
aan toepassingen.

395
00:23:11,610 --> 00:23:16,530
Ja, Hij is een hoeksteen, dus ook
Hij maakt deel uit van het gebouw.

396
00:23:16,530 --> 00:23:23,190
Hij is ook de funderingssteen, want
in vers 6 citeert hij Jesaja 28:16.

397
00:23:23,190 --> 00:23:27,210
Hoewel hij het niet helemaal met dezelfde
woorden citeert als die in ons boek Jesaja

398
00:23:27,210 --> 00:23:31,950
staan, stelt hij Jezus beslist voor
als de hoeksteen van het gebouw.

399
00:23:31,950 --> 00:23:35,430
In Jesaja 28:16 staat eigenlijk:

400
00:23:35,430 --> 00:23:41,670
daarom, zo zegt de Heere HEERE: Zie,
Ik leg in Sion een steen ten grondslag,

401
00:23:41,670 --> 00:23:46,830
een beproefde steen, een kostbare
hoeksteen, die vast gegrondvest is.

402
00:23:46,830 --> 00:23:48,930
Wie gelooft, zal zich niet weg haasten.

403
00:23:48,930 --> 00:23:51,270
Hij is dus een funderingssteen.

404
00:23:51,270 --> 00:23:53,310
Hij is ook een hoeksteen.

405
00:23:53,310 --> 00:23:56,730
De beeldspraak verschuift
vaak in deze metaforen.

406
00:23:56,730 --> 00:23:58,950
Maar Hij is ook een struikelblok.

407
00:23:58,950 --> 00:24:01,530
Dat is nog iets wat een steen kan zijn.

408
00:24:01,530 --> 00:24:05,730
God wordt in het Oude Testament
vaak de rots van Israël genoemd.

409
00:24:05,730 --> 00:24:11,370
David en Mozes gebruiken allebei die
uitdrukking en noemen God onze rots.

410
00:24:11,370 --> 00:24:16,050
Gewoonlijk werd er met een rots in het
Oude Testament een soort vesting bedoeld.

411
00:24:16,050 --> 00:24:19,950
Het werd in elk geval gebruikt als
een parallel beeld voor een vesting.

412
00:24:19,950 --> 00:24:22,530
Als mensen met pijl en boog op je schoten,

413
00:24:22,530 --> 00:24:25,770
was het goed om een rots te
hebben waarachter je kon schuilen.

414
00:24:25,770 --> 00:24:27,870
Een rotswand was nog beter.

415
00:24:27,870 --> 00:24:31,350
Een vesting die uit rotssteen
is gebouwd, is goed.

416
00:24:31,350 --> 00:24:34,770
Boven op een hoog rotsplateau
was je behoorlijk veilig.

417
00:24:34,770 --> 00:24:39,390
Je kon achter de rotspunten schuilen,
en als het regent terwijl je daar bent,

418
00:24:39,390 --> 00:24:41,370
spoelt het niet weg zoals zand.

419
00:24:41,370 --> 00:24:45,090
Je hebt een stevige plek om
te zijn, een stevige vesting.

420
00:24:45,090 --> 00:24:50,070
Op een rots bouwen, zei Jezus, is een huis
bouwen waar je een huis hoort te bouwen,

421
00:24:50,070 --> 00:24:53,910
omdat de rots niet zal wegspoelen
wanneer de overstromingen komen.

422
00:24:53,910 --> 00:24:57,330
Maar een huis op zand
bouwen, dat is iets anders.

423
00:24:57,330 --> 00:25:01,950
God wordt de rots genoemd, en het beeld
van de rots heeft meerdere kanten.

424
00:25:01,950 --> 00:25:07,170
Dat zien we zelfs in de passage waarin
Petrus Jezus de levende steen noemt.

425
00:25:07,170 --> 00:25:11,010
Hij heeft hier een veelzijdige
voorstelling van wat een rots is.

426
00:25:11,010 --> 00:25:15,630
Toen Jezus aan het einde van de Bergrede
zei dat we op een rots moesten bouwen,

427
00:25:15,630 --> 00:25:20,190
maakte Hij in elk geval heel duidelijk dat
Hij het over Zichzelf of Zijn onderwijs

428
00:25:20,190 --> 00:25:21,690
had. Hij zegt:

429
00:25:21,690 --> 00:25:25,470
Daarom, ieder die deze woorden
van Mij hoort en ze doet,

430
00:25:25,470 --> 00:25:28,110
die zal Ik vergelijken
met een verstandig man,

431
00:25:28,110 --> 00:25:30,810
die zijn huis op de rots gebouwd heeft;

432
00:25:30,810 --> 00:25:36,990
Dus op een rots bouwen is bouwen op het
gezag van Christus, op Zijn heerschappij,

433
00:25:36,990 --> 00:25:39,930
op de toewijding om Hem te gehoorzamen.

434
00:25:39,930 --> 00:25:42,510
Dat is je huis op een rots bouwen.

435
00:25:42,510 --> 00:25:44,610
Hier is Jezus een rots.

436
00:25:44,610 --> 00:25:48,630
Ik weet niet precies waarom Petrus hier
het beeld van de rots wil invoeren,

437
00:25:48,630 --> 00:25:51,990
maar het is niet belangrijk
dat we dat per se achterhalen.

438
00:25:51,990 --> 00:25:54,270
We zien dat hij het wel invoert.

439
00:25:54,270 --> 00:25:56,970
Jezus is een rots, een steen:

440
00:25:56,970 --> 00:26:02,550
die wel door de mensen verworpen is,
maar bij God uitverkoren en kostbaar.

441
00:26:02,550 --> 00:26:06,750
Wanneer hij dat in vers 4 zegt,
zinspeelt hij op twee verschillende

442
00:26:06,750 --> 00:26:09,030
passages uit het Oude Testament.

443
00:26:09,030 --> 00:26:10,890
De schrijvers van het Nieuwe Testament

444
00:26:10,890 --> 00:26:15,150
gebruikten graag een aantal passages
uit het Oude Testament over rotsen,

445
00:26:15,150 --> 00:26:17,190
die ze op Jezus toepasten.

446
00:26:17,190 --> 00:26:20,490
Op twee daarvan wordt
in vers 4 gezinspeeld.

447
00:26:20,490 --> 00:26:24,270
Met de woorden ‘Hij is
inderdaad door mensen afgewezen’

448
00:26:24,270 --> 00:26:28,230
verwijst Petrus naar Psalm 118, vers 22.

449
00:26:28,230 --> 00:26:32,130
Dat vers citeert hij later
ook daadwerkelijk in vers 7.

450
00:26:32,130 --> 00:26:36,930
Hij citeert Psalm 118,
vers 22, waar staat:

451
00:26:36,930 --> 00:26:41,430
De steen die de bouwers verworpen
hadden, is tot een hoeksteen geworden.

452
00:26:41,430 --> 00:26:44,490
Ik weet niet precies hoe de
psalmdichter dat bedoelde,

453
00:26:44,490 --> 00:26:47,130
maar de schrijvers van het
Nieuwe Testament geloven

454
00:26:47,130 --> 00:26:50,850
dat de Heilige Geest daarmee
zei dat Jezus de steen is

455
00:26:50,850 --> 00:26:53,130
die door de bouwers werd verworpen.

456
00:26:53,130 --> 00:26:55,530
Opnieuw is het een beeld uit de bouw.

457
00:26:55,530 --> 00:27:00,030
Er wordt een stenen gebouw gebouwd, en
de bouwers van het gebouw hebben deze

458
00:27:00,030 --> 00:27:03,150
steen niet geschikt bevonden
voor hun doeleinden.

459
00:27:03,150 --> 00:27:07,230
Hij past niet in hun bouwplan,
dus verwerpen ze deze steen.

460
00:27:07,230 --> 00:27:12,930
Maar kijk nu eens: God heeft een heel
nieuw gebouw rondom die ene steen gemaakt.

461
00:27:12,930 --> 00:27:17,130
De bouwers zagen er de waarde niet
van in, dus verwierpen ze hem.

462
00:27:17,130 --> 00:27:20,310
Maar God zag er wel waarde in, en Hij zei:

463
00:27:20,310 --> 00:27:23,430
‘Die wordt nu de hoeksteen
van Mijn nieuwe gebouw.’

464
00:27:23,430 --> 00:27:27,810
Wie zijn de bouwers? Het zijn duidelijk
degenen die Christus verwierpen,

465
00:27:27,810 --> 00:27:30,510
en in het bijzonder de Joodse leiders.

466
00:27:30,510 --> 00:27:33,870
Jezus werd aan Israël
voorgesteld als de Messias,

467
00:27:33,870 --> 00:27:37,050
maar Hij was niet het soort
Messias dat ze zochten.

468
00:27:37,050 --> 00:27:40,350
Ze hadden hun eigen bouwplan
voor het Koninkrijk van God,

469
00:27:40,350 --> 00:27:43,290
en Hij was niet het soort
Koning dat ze wilden.

470
00:27:43,290 --> 00:27:47,250
Ze wilden niet dat hun voorstelling van
het Koninkrijk gebouwd werd op het soort

471
00:27:47,250 --> 00:27:49,410
Koning dat Hij beweerde te zijn.

472
00:27:49,410 --> 00:27:52,590
Het is als een steen die
niet in hun project paste.

473
00:27:52,590 --> 00:27:55,710
Dus verwierpen ze Hem, doodden ze Hem.

474
00:27:55,710 --> 00:28:00,150
Ze bouwden aan hun eigen project,
en toen God de Messias voorstelde,

475
00:28:00,150 --> 00:28:02,550
paste Hij gewoon niet in hun project.

476
00:28:02,550 --> 00:28:07,350
Dus verwierpen ze Hem, maar vervolgens
wordt hun project door God verworpen,

477
00:28:07,350 --> 00:28:10,830
omdat ze de hoeksteen
verwierpen die God had gezonden.

478
00:28:10,830 --> 00:28:17,670
God bouwt een nieuw huis, de gemeente, op
Christus, ons fundament en onze hoeksteen.

479
00:28:17,670 --> 00:28:22,230
Dat verhaal over de steen die door
mensen wordt verworpen, in vers 4,

480
00:28:22,230 --> 00:28:26,790
verwijst naar het feit
dat Psalm 118, vers 22,

481
00:28:26,790 --> 00:28:30,690
zegt dat er een steen zou zijn
die de bouwers zouden verwerpen,

482
00:28:30,690 --> 00:28:34,650
maar die God zou aanvaarden en
gebruiken als de bepalende steen van

483
00:28:34,650 --> 00:28:36,090
het nieuwe project.

484
00:28:36,090 --> 00:28:38,370
Het andere deel van vers 4 zegt:

485
00:28:38,370 --> 00:28:41,490
Maar door God uitgekozen en kostbaar.

486
00:28:41,490 --> 00:28:48,450
Dit is een verwijzing naar Jesaja 28:16,
die hij in vers 6 citeert. Daar staat:

487
00:28:48,450 --> 00:28:54,990
daarom, zo zegt de Heere HEERE: Zie,
Ik leg in Sion een steen ten grondslag,

488
00:28:54,990 --> 00:29:00,210
een beproefde steen, een kostbare
hoeksteen, die vast gegrondvest is.

489
00:29:00,210 --> 00:29:02,790
Wie gelooft, zal zich niet weg haasten.

490
00:29:02,790 --> 00:29:05,370
Dat is natuurlijk wat er in vers 4 staat:

491
00:29:05,370 --> 00:29:07,290
‘door God uitgekozen’.

492
00:29:07,290 --> 00:29:09,750
‘Uitverkoren en kostbaar.’

493
00:29:09,750 --> 00:29:11,910
Dat staat ook in vers 4.

494
00:29:11,910 --> 00:29:13,770
In vers 7 zegt hij:

495
00:29:13,770 --> 00:29:17,430
‘Dus voor jullie die
geloven, is Hij kostbaar.’

496
00:29:17,430 --> 00:29:23,070
Deze hoeksteen, Christus, is kostbaar,
gewaardeerd door ons die geloven.

497
00:29:23,070 --> 00:29:27,210
Voor degenen die niet geloofden,
is Hij een verworpen hoeksteen.

498
00:29:27,210 --> 00:29:34,830
Wat Jesaja 28:16 en Psalm 118, vers 22,
de verzen die in vers 6 en 7 van deze

499
00:29:34,830 --> 00:29:38,730
passage worden geciteerd, gemeen
hebben, is dat Jezus wordt

500
00:29:38,730 --> 00:29:41,550
aangeduid als een
hoeksteen van een gebouw.

501
00:29:41,550 --> 00:29:45,270
Petrus brengt die twee bij elkaar
terwijl hij het over de bouw van de

502
00:29:45,270 --> 00:29:46,830
nieuwe tempel heeft.

503
00:29:46,830 --> 00:29:49,830
Ook wij maken deel uit van het gebouw.

504
00:29:49,830 --> 00:29:53,550
Wij zijn levende stenen,
zegt hij in vers 5:

505
00:29:53,550 --> 00:29:57,870
Ook jullie worden als levende stenen
opgebouwd tot een geestelijk huis,

506
00:29:57,870 --> 00:29:59,790
een heilig priesterschap.

507
00:29:59,790 --> 00:30:03,810
Daar verschuift het beeld, want
een priesterschap en een huis zijn

508
00:30:03,810 --> 00:30:05,430
twee verschillende dingen.

509
00:30:05,430 --> 00:30:10,530
De priesters in het Oude Testament
dienden in het huis van God, de tempel.

510
00:30:10,530 --> 00:30:13,230
Maar hij zegt dat wij allebei zijn.

511
00:30:13,230 --> 00:30:15,990
Wij zijn het huis en het priesterschap.

512
00:30:15,990 --> 00:30:19,110
Dat wil zeggen dat de
tempel in het Oude Testament

513
00:30:19,110 --> 00:30:23,610
en het priesterschap dat daarin
diende, elk op hun eigen manier als

514
00:30:23,610 --> 00:30:25,590
beeld van de gemeente dienen.

515
00:30:25,590 --> 00:30:29,010
Als we als een huis worden
voorgesteld, zijn we stenen

516
00:30:29,010 --> 00:30:31,290
die tot een huis worden opgebouwd.

517
00:30:31,290 --> 00:30:33,630
Jezus is de voornaamste hoeksteen.

518
00:30:33,630 --> 00:30:37,590
Als we als een priesterschap worden
voorgesteld, zijn we priesters.

519
00:30:37,590 --> 00:30:39,930
Jezus is de hogepriester.

520
00:30:39,930 --> 00:30:44,430
Als je de andere beelden voor de gemeente
in de Bijbel neemt, zoals het lichaam,

521
00:30:44,430 --> 00:30:49,770
het lichaam van Christus: wij zijn
het lichaam, Hij is het Hoofd.

522
00:30:49,770 --> 00:30:57,030
Of het gezin: God is de Vader, Jezus
is de oudere Broer, de Eerstgeborene,

523
00:30:57,030 --> 00:30:59,670
en wij zijn de kinderen van God.

524
00:30:59,670 --> 00:31:05,490
Deze metaforen voor de gemeente geven
Christus altijd de voornaamste plaats,

525
00:31:05,490 --> 00:31:08,250
maar wij hebben dezelfde natuur.

526
00:31:08,250 --> 00:31:13,950
Wij zijn kinderen van God, maar Hij
is de Eerstgeborene van het gezin.

527
00:31:13,950 --> 00:31:18,150
Wij zijn stenen; Hij is de Hoeksteen.

528
00:31:18,150 --> 00:31:21,990
Maar waar het om gaat,
is dat wij op Hem lijken.

529
00:31:21,990 --> 00:31:24,750
We zijn alleen niet zo belangrijk als Hij.

530
00:31:24,750 --> 00:31:28,470
Hij is Degene Die de
voornaamste plaats inneemt.

531
00:31:28,470 --> 00:31:33,690
Maar afgezien van die voornaamste
plaats heeft Hij ons in hoge mate

532
00:31:33,690 --> 00:31:37,230
dezelfde natuur gegeven als Hijzelf.

533
00:31:37,230 --> 00:31:42,990
Zo bouwt Hij een tempel, een geestelijk
huis, een geestelijke tempel.

534
00:31:42,990 --> 00:31:46,110
Petrus heeft dit
waarschijnlijk weer van Paulus.

535
00:31:46,110 --> 00:31:51,510
Misschien krijgt hij het rechtstreeks van
God, maar hij is vertrouwd met Paulus.

536
00:31:51,510 --> 00:31:54,510
Elders spreekt Petrus
over de brieven van Paulus

537
00:31:54,510 --> 00:31:57,630
en hoe die overeenstemmen
met wat hij zegt.

538
00:31:57,630 --> 00:32:02,130
In Efeze zien we opnieuw dat
Paulus precies dit punt maakt.

539
00:32:02,130 --> 00:32:05,550
Paulus gebruikt de term
‘levende stenen’ niet.

540
00:32:05,550 --> 00:32:09,510
Dat is iets waarmee Petrus komt
om hetzelfde te beschrijven als

541
00:32:09,510 --> 00:32:11,430
waar Paulus het over heeft.

542
00:32:11,430 --> 00:32:15,090
In Efeze 2, vers 20 tot en met 22,

543
00:32:15,090 --> 00:32:18,930
heeft Paulus het erover dat wij
huisgenoten van God zijn geworden.

544
00:32:18,930 --> 00:32:21,030
Hij zegt in vers 20:

545
00:32:21,030 --> 00:32:24,330
gebouwd op het fundament van
de apostelen en profeten,

546
00:32:24,330 --> 00:32:27,210
waarvan Jezus Christus
Zelf de hoeksteen is,

547
00:32:27,210 --> 00:32:34,290
Paulus heeft dus ook deze passages uit
Psalm 118 en Jesaja 28 in gedachten.

548
00:32:34,290 --> 00:32:39,030
Jezus is de belangrijkste
Hoeksteen, precies zoals Petrus zei.

549
00:32:39,030 --> 00:32:42,270
‘In Wie’, dat wil zeggen: in Christus.

550
00:32:42,270 --> 00:32:45,810
en op Wie het hele
gebouw, goed samengevoegd,

551
00:32:45,810 --> 00:32:48,630
verrijst tot een heilige
tempel in de Heere;

552
00:32:48,630 --> 00:32:53,070
op Wie ook u mede gebouwd wordt tot
een woning van God, in de Geest.

553
00:32:53,070 --> 00:32:54,630
Hij heeft het over ons.

554
00:32:54,630 --> 00:32:58,410
Hoewel Paulus de term ‘levende
stenen’ niet gebruikt,

555
00:32:58,410 --> 00:33:01,470
zegt hij dat christenen
samen worden opgebouwd.

556
00:33:01,470 --> 00:33:05,430
Het beeld is dat van stenen die
tot een gebouw worden opgebouwd.

557
00:33:05,430 --> 00:33:08,490
Petrus ziet ons als stenen,
in overeenstemming met de

558
00:33:08,490 --> 00:33:10,050
metafoor van Paulus.

559
00:33:10,050 --> 00:33:13,230
Maar ze hebben het allebei
over een geestelijk gebouw.

560
00:33:13,230 --> 00:33:17,790
God woont nu in mensen, niet
alleen in afzonderlijke personen.

561
00:33:17,790 --> 00:33:21,570
Het is niet zo dat ik de tempel
ben en jij de tempel bent.

562
00:33:21,570 --> 00:33:26,250
Het is zo dat het hele lichaam van
Christus gezamenlijk de tempel is.

563
00:33:26,250 --> 00:33:28,110
Alle christenen samen.

564
00:33:28,110 --> 00:33:33,390
God bereidt het lichaam van Christus erop
voor om uiteindelijk de definitieve en

565
00:33:33,390 --> 00:33:35,910
eeuwige woonplaats van God te zijn.

566
00:33:35,910 --> 00:33:38,310
Maar Hij woont nu al onder ons.

567
00:33:38,310 --> 00:33:39,570
Jezus zei:

568
00:33:39,570 --> 00:33:43,050
Want waar twee of drie in
Mijn Naam bijeengekomen zijn,

569
00:33:43,050 --> 00:33:45,090
daar ben Ik in hun midden.

570
00:33:45,090 --> 00:33:47,910
In Hebreeën 3:6 stond dat:

571
00:33:47,910 --> 00:33:52,050
Christus echter is getrouw
over Zijn huis als Zoon.

572
00:33:52,050 --> 00:33:57,210
Zijn huis zijn wij, als wij tenminste
de vrijmoedigheid en de roem van de hoop

573
00:33:57,210 --> 00:34:00,210
tot het einde toe onwrikbaar vasthouden.

574
00:34:00,210 --> 00:34:01,530
En er staat:

575
00:34:01,530 --> 00:34:03,810
‘Wij zijn Zijn huis.’

576
00:34:03,810 --> 00:34:06,030
Paulus zei tegen de Korinthiërs:

577
00:34:06,030 --> 00:34:10,890
Weet u niet dat u Gods tempel bent
en dat de Geest van God in u woont?

578
00:34:10,890 --> 00:34:14,250
Dit idee van aardse
tempels heeft dus afgedaan

579
00:34:14,250 --> 00:34:17,310
en is vervangen door
een geestelijke tempel.

580
00:34:17,310 --> 00:34:19,230
Daar heeft Petrus het over.

581
00:34:19,230 --> 00:34:21,990
Hij verwerkt hier de ideeën van Paulus.

582
00:34:21,990 --> 00:34:23,730
Natuurlijk zijn het Gods ideeën.

583
00:34:23,730 --> 00:34:26,490
Ik spreek alleen over de ideeën van Paulus

584
00:34:26,490 --> 00:34:30,630
omdat ik heb geprobeerd te laten
zien hoe sterk Petrus in deze eerste

585
00:34:30,630 --> 00:34:36,810
brief overeenkomt met vooral Efeze, maar
ook met de geschriften van Paulus elders,

586
00:34:36,810 --> 00:34:41,550
waarvoor Petrus zegt bewondering
te hebben. Die heeft hij duidelijk.

587
00:34:41,550 --> 00:34:45,150
Behalve een geestelijk huis
zijn wij ook een priesterschap.

588
00:34:45,150 --> 00:34:48,750
Dat wordt verderop ook genoemd
in vers 9, waar hij zegt:

589
00:34:48,750 --> 00:34:53,130
U bent een uitverkoren geslacht,
een koninklijk priesterschap.

590
00:34:53,130 --> 00:34:55,590
Het priesterschap van de gelovige is

591
00:34:55,590 --> 00:34:58,650
duidelijk een van de
nieuwtestamentische leerstellingen

592
00:34:58,650 --> 00:35:02,130
waardoor het nieuwe verbond
verschilt van het oude verbond.

593
00:35:02,130 --> 00:35:06,330
In het oude verbond was er binnen Israël
een groep mensen die priesters waren,

594
00:35:06,330 --> 00:35:09,750
en zij bemiddelden tussen de
meeste Israëlieten en God.

595
00:35:09,750 --> 00:35:13,170
Maar in het nieuwe Israël,
in het nieuwe volk van God,

596
00:35:13,170 --> 00:35:17,730
hebben we geen groep binnen de groep die
voor de rest als bemiddelaars optreedt.

597
00:35:17,730 --> 00:35:19,410
Wij bemiddelen allemaal.

598
00:35:19,410 --> 00:35:22,350
Wij hebben allemaal dezelfde
voorrechten als de priesters

599
00:35:22,350 --> 00:35:24,870
en dezelfde plichten als de priesters.

600
00:35:24,870 --> 00:35:27,870
Een van die plichten is natuurlijk om
te bemiddelen tussen God en de rest

601
00:35:27,870 --> 00:35:29,070
van de wereld.

602
00:35:29,070 --> 00:35:33,510
Onze priesterlijke taak is dus om voor de
wereld te doen wat het priesterschap in

603
00:35:33,510 --> 00:35:35,610
Israël voor Israël deed.

604
00:35:35,610 --> 00:35:38,790
Wij zijn een koninkrijk
dat uit priesters bestaat.

605
00:35:38,790 --> 00:35:42,870
En U hebt ons voor onze God
gemaakt tot koningen en priesters,

606
00:35:42,870 --> 00:35:46,230
en wij zullen als koningen
regeren over de aarde.

607
00:35:46,230 --> 00:35:49,230
Zo staat het in Openbaring 5:10.

608
00:35:49,230 --> 00:35:53,790
Als priesters vervullen wij de taken van
priesters tegenover de wereld om ons heen.

609
00:35:53,790 --> 00:35:57,630
Wat zijn de taken van
priesters? Ze brengen offers.

610
00:35:57,630 --> 00:35:59,730
Wij offeren onze lichamen:

611
00:35:59,730 --> 00:36:03,090
Ik roep u er dan toe op, broeders,
door de ontfermingen van God,

612
00:36:03,090 --> 00:36:06,870
om uw lichamen aan God te
wijden als een levend offer,

613
00:36:06,870 --> 00:36:12,570
heilig en voor God welbehaaglijk:
dat is uw redelijke godsdienst.

614
00:36:12,570 --> 00:36:16,050
Romeinen 12:1. Wij brengen:

615
00:36:16,050 --> 00:36:19,410
Laten wij dan altijd door Hem
een lofoffer brengen aan God,

616
00:36:19,410 --> 00:36:22,770
namelijk de vrucht van lippen
die Zijn Naam belijden.

617
00:36:22,770 --> 00:36:25,290
Hebreeën 13:15.

618
00:36:25,290 --> 00:36:29,310
Maar we onderwijzen ook het Woord,
want dat deden de priesters ook.

619
00:36:29,310 --> 00:36:34,710
De priesters onderwezen de rest van Israël
in het Woord van God, de wet van God.

620
00:36:34,710 --> 00:36:36,510
Jezus droeg ons op:

621
00:36:36,510 --> 00:36:41,790
Ga dan heen, onderwijs al de volken,
hen dopend in de Naam van de Vader

622
00:36:41,790 --> 00:36:46,950
en van de Zoon en van de Heilige Geest,
hun lerend alles wat Ik u geboden heb,

623
00:36:46,950 --> 00:36:48,570
in acht te nemen.

624
00:36:48,570 --> 00:36:54,690
En zie, Ik ben met u al de dagen, tot
de voleinding van de wereld. Amen.

625
00:36:54,690 --> 00:36:58,650
De kerk heeft dus deze priesterlijke
taak tegenover de rest van de wereld,

626
00:36:58,650 --> 00:37:02,490
die het priesterschap van
Israël ooit tegenover hen had.

627
00:37:02,490 --> 00:37:05,850
Dat is natuurlijk een afzonderlijke
theologische bespreking,

628
00:37:05,850 --> 00:37:11,070
waar Petrus met één enkele zinsnede
aan voorbijgaat: dat wij zijn:

629
00:37:11,070 --> 00:37:14,790
een heilig priesterschap, om
geestelijke offers te brengen,

630
00:37:14,790 --> 00:37:18,090
die God welgevallig zijn
door Jezus Christus.

631
00:37:18,090 --> 00:37:23,190
Die geestelijke offers zijn, zoals ik
al zei, het offeren van onze lichamen,

632
00:37:23,190 --> 00:37:27,690
zelfs het offeren van de vrucht van
onze lippen en ook onze goede werken.

633
00:37:27,690 --> 00:37:34,530
Hij zegt in Hebreeën, volgens mij is
het 13:16, ik denk dat dat het is:

634
00:37:34,530 --> 00:37:38,130
En vergeet het weldoen en het
onderlinge hulpbetoon niet,

635
00:37:38,130 --> 00:37:41,370
want aan zulke offers
heeft God een welgevallen.

636
00:37:41,370 --> 00:37:46,410
**Verwijzing gecontroleerd:**
de spreker noemde Jesaja 13:16,

637
00:37:46,410 --> 00:37:50,190
maar de bewoording is Hebreeën 13:16.

638
00:37:50,190 --> 00:37:53,610
Wij brengen dus als
priesterschap offers aan God.

639
00:37:53,610 --> 00:37:57,870
Natuurlijk vertegenwoordigen we God ook
tegenover de wereld door de mensen te

640
00:37:57,870 --> 00:38:01,410
leren zich te houden aan
wat Christus geboden heeft.

641
00:38:01,410 --> 00:38:04,710
Dat is natuurlijk
evangelisatie en discipelschap.

642
00:38:04,710 --> 00:38:07,290
We hebben vers 6 en 7 al genoemd,

643
00:38:07,290 --> 00:38:11,850
waar hij eenvoudigweg deze twee
citaten aanhaalt waarop hij in vers

644
00:38:11,850 --> 00:38:13,710
4 heeft gezinspeeld.

645
00:38:13,710 --> 00:38:18,870
Hij deed een uitspraak in vers 4 en
onderbouwt die door deze twee passages

646
00:38:18,870 --> 00:38:21,510
in vers 6 en 7 te citeren.

647
00:38:21,510 --> 00:38:26,370
Waar ik je terloops even op zou willen
wijzen, is dat hij in vers 7 zegt:

648
00:38:26,370 --> 00:38:29,550
‘Dus voor jullie die
geloven, is Hij kostbaar,

649
00:38:29,550 --> 00:38:32,190
maar voor degenen die niet gehoorzamen…’

650
00:38:32,190 --> 00:38:34,050
En zie je de tegenstelling?

651
00:38:34,050 --> 00:38:38,190
Degenen die geloven tegenover
degenen die ongehoorzaam zijn.

652
00:38:38,190 --> 00:38:42,270
Opnieuw gaat hij er gewoon van uit
dat dit de normale tegenstelling is.

653
00:38:42,270 --> 00:38:43,950
Hij zou kunnen zeggen:

654
00:38:43,950 --> 00:38:47,130
‘Voor jullie die geloven, is Hij kostbaar.

655
00:38:47,130 --> 00:38:51,270
Voor degenen die niet geloven, is Hij
een steen waarover ze struikelen.’

656
00:38:51,270 --> 00:38:56,250
Maar ‘niet geloven’ en
‘ongehoorzaam zijn’ zijn hetzelfde.

657
00:38:56,250 --> 00:39:00,390
Voor hem is dat de vanzelfsprekende
tegenstelling. Hij zei:

658
00:39:00,390 --> 00:39:04,830
Voor degenen die niet gehoorzamen, is
de steen die de bouwers hebben afgekeurd

659
00:39:04,830 --> 00:39:07,350
de belangrijkste hoeksteen geworden.

660
00:39:07,350 --> 00:39:10,110
In vers 8 citeert hij
uit een andere passage.

661
00:39:10,110 --> 00:39:12,990
Die andere passage komt
eigenlijk ook uit Jesaja,

662
00:39:12,990 --> 00:39:18,930
maar uit een ander gedeelte van Jesaja:
Jesaja 8:14, waar staat dat Hij is:

663
00:39:18,930 --> 00:39:23,130
Hij zal tot een heiligdom voor u
zijn, tot een steen des aanstoots,

664
00:39:23,130 --> 00:39:27,570
en tot een rots waarover men struikelt
voor de beide huizen van Israël,

665
00:39:27,570 --> 00:39:31,470
tot een strik en een val voor
de inwoners van Jeruzalem.

666
00:39:31,470 --> 00:39:34,170
Een steen kun je gebruiken in een gebouw.

667
00:39:34,170 --> 00:39:37,290
Stenen kun je voor heel
veel dingen gebruiken.

668
00:39:37,290 --> 00:39:42,690
Je kunt ze zelfs als munitie gebruiken als
je een slinger hebt en reuzen wilt doden.

669
00:39:42,690 --> 00:39:46,470
Maar het is zo dat Jezus
als steen wordt voorgesteld

670
00:39:46,470 --> 00:39:52,470
als Degene Die een centrale rol speelt in
wat God op aarde doet, in wat Hij bouwt.

671
00:39:52,470 --> 00:39:56,970
Maar ook voor degenen die Hem afwijzen,
blijft het niet zonder gevolgen.

672
00:39:56,970 --> 00:40:01,470
Het is niet alleen zo dat ze iets
mislopen, maar ze struikelen over Hem.

673
00:40:01,470 --> 00:40:03,630
Ze nemen aanstoot aan Hem.

674
00:40:03,630 --> 00:40:05,550
En hij zegt in vers 8:

675
00:40:05,550 --> 00:40:09,150
Zij struikelen doordat zij
ongehoorzaam zijn aan het Woord,

676
00:40:09,150 --> 00:40:11,370
waartoe zij ook bestemd zijn.

677
00:40:11,370 --> 00:40:14,010
Deze zinsnede, daar waren
ze ook voor bestemd,

678
00:40:14,010 --> 00:40:18,510
is een tekst die als bewijs voor
het calvinisme wordt aangevoerd.

679
00:40:18,510 --> 00:40:21,810
Die mensen die Christus
afwijzen, doen dat omdat God

680
00:40:21,810 --> 00:40:26,190
hen ertoe bestemd heeft Hem af te
wijzen, over het Woord te struikelen.

681
00:40:26,190 --> 00:40:29,190
Dus zegt de calvinist: ‘Zie je wel,

682
00:40:29,190 --> 00:40:33,450
God heeft van tevoren bepaald dat sommige
mensen gelovigen zullen zijn en dat

683
00:40:33,450 --> 00:40:37,830
sommige mensen geen gelovigen zullen
zijn en verloren zullen gaan.’

684
00:40:37,830 --> 00:40:41,910
Eén ding is interessant: als je
tegenwoordig met calvinisten praat,

685
00:40:41,910 --> 00:40:46,650
zijn de meesten niet zo uitgesproken
in hun calvinisme als Calvijn zelf was.

686
00:40:46,650 --> 00:40:49,110
Calvijn had er geen moeite
mee te zeggen dat God

687
00:40:49,110 --> 00:40:52,110
sommigen van tevoren bestemd
had om naar de hemel te gaan

688
00:40:52,110 --> 00:40:55,890
en dat Hij sommigen van tevoren
bestemd had om naar de hel te gaan.

689
00:40:55,890 --> 00:40:59,430
Moderne calvinisten zeggen
dat tweede deel liever niet.

690
00:40:59,430 --> 00:41:04,650
Ze zeggen alleen: ‘Nou, God heeft niemand
gepredestineerd om naar de hel te gaan.

691
00:41:04,650 --> 00:41:08,850
Het is alleen zo dat iedereen hoe
dan ook al op weg was naar de hel.

692
00:41:08,850 --> 00:41:12,450
Hij heeft alleen sommigen
gepredestineerd om hen te behouden.’

693
00:41:12,450 --> 00:41:15,510
Maar zie je, volgens hun leer heeft God

694
00:41:15,510 --> 00:41:18,570
zoveel mensen gepredestineerd
als Hij wilde.

695
00:41:18,570 --> 00:41:22,290
Volgens de predestinatie in
het calvinisme was God niet

696
00:41:22,290 --> 00:41:25,950
beperkt in het aantal mensen
dat Hij kon predestineren.

697
00:41:25,950 --> 00:41:29,790
Hij wacht immers niet tot zij
aan bepaalde voorwaarden voldoen.

698
00:41:29,790 --> 00:41:32,490
Het is onvoorwaardelijke uitverkiezing.

699
00:41:32,490 --> 00:41:35,430
Dat betekent dat God, als Hij wilde,

700
00:41:35,430 --> 00:41:40,770
slechts één persoon kon predestineren om
behouden te worden, of vijftig procent,

701
00:41:40,770 --> 00:41:44,730
of negentig procent, of
zelfs honderd procent.

702
00:41:44,730 --> 00:41:49,050
God kon zoveel mensen
predestineren als Hij maar wilde.

703
00:41:49,050 --> 00:41:52,710
Binnen het calvinistische stelsel
heeft Hij slechts sommigen

704
00:41:52,710 --> 00:41:55,410
gepredestineerd om behouden te worden.

705
00:41:55,410 --> 00:41:59,070
Het is alsof God de wereld
aantrof op weg naar de hel

706
00:41:59,070 --> 00:42:03,570
en van tevoren bepaalde dat Hij er een
paar zou redden en de anderen niet,

707
00:42:03,570 --> 00:42:05,730
terwijl Hij dat wel had gekund.

708
00:42:05,730 --> 00:42:09,990
Dat betekent dat Hij hen dus wel
gepredestineerd heeft om niet

709
00:42:09,990 --> 00:42:12,990
behouden te worden, als die leer waar is.

710
00:42:12,990 --> 00:42:15,630
Dat is een onaangename uitspraak.

711
00:42:15,630 --> 00:42:21,510
Daarom zullen bijna alle calvinisten die
je tegenwoordig leest of spreekt, zeggen:

712
00:42:21,510 --> 00:42:26,010
‘Nee, God heeft niemand
gepredestineerd om verloren te gaan.’

713
00:42:26,010 --> 00:42:29,730
Maar door alleen sommigen te
predestineren om behouden te worden,

714
00:42:29,730 --> 00:42:34,710
zou Hij hetzelfde doen als de rest
predestineren om niet behouden te worden,

715
00:42:34,710 --> 00:42:36,570
maar verloren te gaan.

716
00:42:36,570 --> 00:42:41,790
En toch, als dit vers dat we bekijken het
calvinisme ook maar enigszins ondersteunt,

717
00:42:41,790 --> 00:42:46,110
dan ondersteunt het de meer
uitgesproken vorm van het calvinisme.

718
00:42:46,110 --> 00:42:50,430
Want als het zegt dat God van tevoren
bepaald heeft dat de ongelovigen

719
00:42:50,430 --> 00:42:53,310
ongelovig zouden zijn
en verloren zouden gaan,

720
00:42:53,310 --> 00:42:57,090
dat ze over het Woord zouden
struikelen, dan leert het beslist

721
00:42:57,090 --> 00:43:02,010
de leer die Calvijn onderwees, maar die
de meeste calvinisten tegenwoordig niet

722
00:43:02,010 --> 00:43:03,690
durven te onderschrijven.

723
00:43:03,690 --> 00:43:07,110
Als het ook maar van toepassing
is op het calvinistische betoog,

724
00:43:07,110 --> 00:43:10,650
dan is het geen uitspraak
over wie God behouden heeft,

725
00:43:10,650 --> 00:43:13,770
wie Hij gepredestineerd
heeft om behouden te worden,

726
00:43:13,770 --> 00:43:18,210
maar over wie Hij gepredestineerd
heeft om niet behouden te worden.

727
00:43:18,210 --> 00:43:20,775
Ze struikelen omdat, ja, waarom?

728
00:43:20,775 --> 00:43:23,430
Omdat ze daartoe bestemd waren.

729
00:43:23,430 --> 00:43:26,970
Als dit zegt dat God hen,
voordat ze geboren waren,

730
00:43:26,970 --> 00:43:29,970
ertoe bestemd heeft te
struikelen, dan is dat toch

731
00:43:29,970 --> 00:43:32,550
predestinatie om verloren te gaan?

732
00:43:32,550 --> 00:43:34,890
Predestinatie tot verdoemenis.

733
00:43:34,890 --> 00:43:39,690
We moeten beseffen dat we, tenzij de
Bijbel zoiets in het algemeen leert,

734
00:43:39,690 --> 00:43:44,790
voorzichtig moeten zijn met de gedachte
dat één passage dat als enige leert.

735
00:43:44,790 --> 00:43:47,070
Dat zou een zaak van groot belang zijn.

736
00:43:47,070 --> 00:43:50,130
Als het waar is dat God
de massa’s mensen die

737
00:43:50,130 --> 00:43:52,650
Hij naar Zijn eigen beeld heeft gemaakt,

738
00:43:52,650 --> 00:43:56,910
eenvoudigweg heeft gemaakt om hen ertoe
te bestemmen in de hel te branden,

739
00:43:56,910 --> 00:43:59,490
dan is dat een ingrijpende gedachte.

740
00:43:59,490 --> 00:44:03,150
Je zou denken dat heel wat
Bijbelverzen die suggestie,

741
00:44:03,150 --> 00:44:06,810
die tegen je intuïtie
ingaat, te hulp zouden komen.

742
00:44:06,810 --> 00:44:11,310
Dit is een van de zeer, zeer
weinige teksten die ze ooit zouden

743
00:44:11,310 --> 00:44:13,230
gebruiken om dit punt te maken.

744
00:44:13,230 --> 00:44:17,070
Maar maakt die tekst
dat punt? Zegt hij dat?

745
00:44:17,070 --> 00:44:19,950
Zegt Petrus dat mensen die ongelovig zijn,

746
00:44:19,950 --> 00:44:24,690
ongelovig zijn omdat ze vóór de
grondlegging van de wereld van tevoren

747
00:44:24,690 --> 00:44:27,330
bestemd waren om ongelovig te zijn?

748
00:44:27,330 --> 00:44:29,790
Nou, als de Bijbel dit elders leert,

749
00:44:29,790 --> 00:44:33,870
dan zou dit vers daar natuurlijk een
ondersteunende tekst voor kunnen zijn.

750
00:44:33,870 --> 00:44:36,630
Maar volgens mij hoef je
het niet zo op te vatten.

751
00:44:36,630 --> 00:44:39,990
Zeggen dat ze ertoe bestemd waren
over het Woord te struikelen,

752
00:44:39,990 --> 00:44:43,350
betekent niet noodzakelijk
dat ze vóór hun geboorte

753
00:44:43,350 --> 00:44:45,810
ertoe bestemd waren over
het Woord te struikelen.

754
00:44:45,810 --> 00:44:49,650
Als God bepaalde mensen heeft aangewezen
om over het Woord te struikelen,

755
00:44:49,650 --> 00:44:54,030
kan dat zijn omdat ze zich eerder in
hun leven al tegen Hem hadden gekeerd.

756
00:44:54,030 --> 00:44:57,030
En dit is het oordeel
dat Hij over hen brengt.

757
00:44:57,030 --> 00:44:59,910
Zoals toen Hij het hart
van de farao verhardde.

758
00:44:59,910 --> 00:45:03,510
God bepaalde beslist dat de
farao zijn hart zou verharden

759
00:45:03,510 --> 00:45:07,290
en het volk tijdens de eerste
negen plagen niet zou laten gaan.

760
00:45:07,290 --> 00:45:10,830
Maar dat betekent niet dat Hij
dat voor de farao al vóór zijn

761
00:45:10,830 --> 00:45:12,690
geboorte had voorbeschikt.

762
00:45:12,690 --> 00:45:15,690
God deed dat toen de farao volwassen was.

763
00:45:15,690 --> 00:45:18,990
De farao had al een heel leven
als slecht mens achter zich

764
00:45:18,990 --> 00:45:21,030
en verdiende Gods oordeel.

765
00:45:21,030 --> 00:45:23,430
Aan het einde van het leven van de farao,

766
00:45:23,430 --> 00:45:28,590
nadat hij er zelf voor gekozen had een
heel goddeloos mens te zijn, zegt God:

767
00:45:28,590 --> 00:45:33,570
‘Ik ga je straffen door te bepalen dat je
de rest van je leven opstandig zult zijn,

768
00:45:33,570 --> 00:45:35,430
hoeveel pijn je dat ook doet.

769
00:45:35,430 --> 00:45:38,850
En het zal je veel pijn doen,
want hierdoor zullen er negen,

770
00:45:38,850 --> 00:45:40,950
tien plagen over je komen.

771
00:45:40,950 --> 00:45:45,270
Ik bepaal dat je op deze manier
door je opstandigheid zult lijden.

772
00:45:45,270 --> 00:45:48,990
Ik verhard je hart, zodat
je je niet zult bekeren.’

773
00:45:48,990 --> 00:45:52,290
We zouden kunnen zeggen:
‘Waarom zou God dat doen?’

774
00:45:52,290 --> 00:45:55,350
Ik weet niet waarom God
dat altijd zou doen.

775
00:45:55,350 --> 00:45:59,610
Ik weet niet waarom Hij het niet
altijd doet en het soms wel doet.

776
00:45:59,610 --> 00:46:03,870
Maar waar het hier om gaat, is
dat Zijn verharding van de farao,

777
00:46:03,870 --> 00:46:08,310
zodat hij zich niet zou bekeren,
niet iets eenzijdigs was wat God

778
00:46:08,310 --> 00:46:13,050
vóór de geboorte van de farao deed
en waartoe Hij hem predestineerde.

779
00:46:13,050 --> 00:46:18,330
God trof de farao juist aan als een
goddeloos mens die het oordeel verdiende.

780
00:46:18,330 --> 00:46:23,190
Dit is het oordeel dat Hij uitsprak:
‘Ik ga bepalen dat je zult lijden

781
00:46:23,190 --> 00:46:26,250
en op deze manier aan je einde zult komen.

782
00:46:26,250 --> 00:46:30,570
Dat is je oordeel voor de keuzes
die je in vrijheid hebt gemaakt.

783
00:46:30,570 --> 00:46:34,710
Ik heb je er niet toe gepredestineerd
om die keuzes te maken.

784
00:46:34,710 --> 00:46:39,210
Maar nu je ze hebt gemaakt,
predestineer Ik deze straf voor je.

785
00:46:39,210 --> 00:46:40,950
Ik wijs je dit toe.’

786
00:46:40,950 --> 00:46:45,270
Er staat niet dat deze mensen
gepredestineerd waren om te struikelen.

787
00:46:45,270 --> 00:46:48,990
Er staat dat ze aangewezen
waren om te struikelen.

788
00:46:48,990 --> 00:46:53,370
Op welk moment werden ze daartoe
aangewezen? Dat weten we niet.

789
00:46:53,370 --> 00:46:58,410
Maar het is beslist heel goed mogelijk dat
God hen heeft aangewezen om te struikelen

790
00:46:58,410 --> 00:47:02,190
vanwege hun eerdere keuzes
om ongehoorzaam te zijn.

791
00:47:02,190 --> 00:47:07,410
We weten dat Jezus en Paulus allebei
aangaven dat de Joden in de tijd van Jezus

792
00:47:07,410 --> 00:47:11,490
Hem grotendeels verwierpen
omdat God hun ogen verblindde.

793
00:47:11,490 --> 00:47:14,550
Ze waren aangewezen om niet te geloven.

794
00:47:14,550 --> 00:47:16,350
Maar waarom deed Hij dat?

795
00:47:16,350 --> 00:47:21,690
Jezus zei dat het was omdat ze de
wet van Mozes al verwierpen. Hij zei:

796
00:47:21,690 --> 00:47:26,310
Maar als u zijn Schriften niet gelooft,
hoe zult u Mijn woorden geloven?

797
00:47:26,310 --> 00:47:28,830
Dat wil zeggen: er was een tijd geweest

798
00:47:28,830 --> 00:47:32,130
waarin ze positief op God
hadden kunnen reageren.

799
00:47:32,130 --> 00:47:35,310
Hij deed een beroep op
hen en zij verwierpen Hem.

800
00:47:35,310 --> 00:47:39,990
Dus zegt Hij: ‘Jullie oordeel
is dat Ik jullie zal verblinden.

801
00:47:39,990 --> 00:47:43,470
Als jullie verwerpen wat Ik
jullie eerder heb geopenbaard,

802
00:47:43,470 --> 00:47:46,770
zal Ik jullie niet laten
zien wat Ik nu ga brengen.’

803
00:47:46,770 --> 00:47:51,090
Degenen die werkelijk Gods trouwe
overblijfsel in Israël waren,

804
00:47:51,090 --> 00:47:55,050
al voordat Jezus kwam, waren
degenen die God tot Hem bracht.

805
00:47:55,050 --> 00:47:58,890
Denk maar aan Handelingen,
volgens mij hoofdstuk 16, denk ik,

806
00:47:58,890 --> 00:48:03,690
toen Paulus naar Filippi kwam
en Lydia daar was. Er staat:

807
00:48:03,690 --> 00:48:07,230
En een zekere vrouw, van
wie de naam Lydia was,

808
00:48:07,230 --> 00:48:11,370
een purperverkoopster uit de
stad Thyatira, die God diende,

809
00:48:11,370 --> 00:48:12,871
luisterde naar ons .

810
00:48:12,871 --> 00:48:15,630
En de Heere opende haar hart, zodat zij

811
00:48:15,630 --> 00:48:18,630
acht gaf op wat door
Paulus gesproken werd.

812
00:48:18,630 --> 00:48:23,070
**Verwijzing gecontroleerd:**
de spreker noemde Jesaja 16,

813
00:48:23,070 --> 00:48:27,030
maar de bewoording is Handelingen 16:14.

814
00:48:27,030 --> 00:48:31,530
Calvinisten wijzen erop:
‘Kijk, God opende haar hart.

815
00:48:31,530 --> 00:48:35,550
Het is God Die mensen laat
geloven of niet laat geloven,

816
00:48:35,550 --> 00:48:38,550
overeenkomstig Zijn predestinatie.’

817
00:48:38,550 --> 00:48:41,190
Er wordt daar niet naar
predestinatie verwezen,

818
00:48:41,190 --> 00:48:44,550
maar wel naar het feit dat
ze een aanbidster van God was

819
00:48:44,550 --> 00:48:46,710
voordat God haar hart opende.

820
00:48:46,710 --> 00:48:50,370
Mensen die God aanbaden voordat
ze over Christus hoorden,

821
00:48:50,370 --> 00:48:55,410
waren erop voorbereid om baat te hebben
bij Christus en in Hem te geloven.

822
00:48:55,410 --> 00:49:00,810
God zegende hen met de openbaring van
Christus omdat ze al naar Hem toe neigden.

823
00:49:00,810 --> 00:49:05,790
Tegen degenen die Hem al verwierpen, zei
Hij: ‘Jullie verdienen de waarheid niet.’

824
00:49:05,790 --> 00:49:09,150
Paulus zei in 2
Thessalonicenzen hoofdstuk 2

825
00:49:09,150 --> 00:49:14,790
dat het komt doordat mensen de liefde
voor de waarheid niet aannemen. Hij zegt:

826
00:49:14,790 --> 00:49:17,850
En daarom zal God hun een
krachtige dwaling zenden,

827
00:49:17,850 --> 00:49:20,010
zodat zij de leugen geloven,

828
00:49:20,010 --> 00:49:22,410
zodat ze de leugen zullen geloven.

829
00:49:22,410 --> 00:49:25,950
Het is niet omdat Hij hen vóór hun
geboorte heeft gepredestineerd om een

830
00:49:25,950 --> 00:49:27,510
leugen te geloven.

831
00:49:27,510 --> 00:49:31,830
Het is omdat ze de liefde voor de
waarheid niet hebben aangenomen toen ze

832
00:49:31,830 --> 00:49:33,570
de gelegenheid hadden.

833
00:49:33,570 --> 00:49:36,150
Daarom zendt God hun
een krachtige dwaling.

834
00:49:36,150 --> 00:49:40,110
Dus als Petrus zegt dat er mensen
zijn die gestruikeld zijn omdat God

835
00:49:40,110 --> 00:49:43,770
hen heeft aangewezen om te struikelen,
hoeven we niet aan te nemen dat hij

836
00:49:43,770 --> 00:49:48,990
bedoelt dat God hen daartoe al lang
vóór hun geboorte heeft aangewezen.

837
00:49:48,990 --> 00:49:53,010
Het betekent alleen dat dit
Gods oordeel over hen is.

838
00:49:53,010 --> 00:49:56,850
We mogen ervan uitgaan dat als
God een oordeel over hen brengt,

839
00:49:56,850 --> 00:49:59,970
ze iets hebben gedaan wat
een oordeel verdiende.

840
00:49:59,970 --> 00:50:04,410
En dat moeten ze dan hebben gedaan toen
ze in die zaak nog keuzevrijheid hadden.

841
00:50:04,410 --> 00:50:07,950
Er zijn veel mensen die zich zo
beslist tegen God hebben gekeerd

842
00:50:07,950 --> 00:50:12,690
voordat ze het Evangelie horen, dat Hij
hun niet de eer schenkt van een openbaring

843
00:50:12,690 --> 00:50:16,470
van Wie Christus is wanneer
ze het Evangelie wel horen.

844
00:50:16,470 --> 00:50:19,950
Het heeft gevolgen als je
je hart tegen God verhardt.

845
00:50:19,950 --> 00:50:23,910
En met deze mensen die struikelen,
heeft hij het ongetwijfeld over de Joden

846
00:50:23,910 --> 00:50:25,590
die Christus verwierpen.

847
00:50:25,590 --> 00:50:29,670
Ik zeg dat omdat zij de bouwers
zijn die de steen verwierpen.

848
00:50:29,670 --> 00:50:35,370
De steen die die bouwers verwierpen,
over Hem zijn ze gestruikeld. Waarom?

849
00:50:35,370 --> 00:50:40,410
Zij waren degenen, de Joodse leiders, die
zich eerder tegen God hadden gekeerd en de

850
00:50:40,410 --> 00:50:42,930
wet van Mozes niet gehoorzaamden.

851
00:50:42,930 --> 00:50:47,010
Ze namen de openbaring die God
eerder had gegeven niet aan.

852
00:50:47,010 --> 00:50:49,950
Dus bepaalde God dat ze
ook zouden struikelen

853
00:50:49,950 --> 00:50:53,250
wanneer ze het Evangelie
hoorden. En dat deden ze.

854
00:50:53,250 --> 00:50:57,090
Zelfs dat kan ons dwarszitten,
maar of dat nu zo is of niet,

855
00:50:57,090 --> 00:51:01,530
het is beslist een andere kwestie dan dat
God vanaf de grondlegging van de wereld

856
00:51:01,530 --> 00:51:06,870
predestineert dat een bepaald percentage
van de mensen gewoon naar de hel zal gaan

857
00:51:06,870 --> 00:51:09,150
en daarin geen andere keuze zal hebben.

858
00:51:09,150 --> 00:51:12,270
Er is nog een andere manier
om dit vers te begrijpen.

859
00:51:12,270 --> 00:51:14,490
Die verschilt maar een klein beetje.

860
00:51:14,490 --> 00:51:19,170
En die houdt in dat zij ertoe bestemd
waren om te struikelen omdat ze

861
00:51:19,170 --> 00:51:21,810
ongehoorzaam waren. Er staat:

862
00:51:21,810 --> 00:51:25,830
Zij struikelen doordat zij
ongehoorzaam zijn aan het Woord,

863
00:51:25,830 --> 00:51:27,930
waartoe zij ook bestemd zijn.

864
00:51:27,930 --> 00:51:31,830
Dat betekent niet dat hun
ongehoorzaamheid voor hen bestemd was,

865
00:51:31,830 --> 00:51:35,310
maar dat ze struikelen
vanwege hun ongehoorzaamheid.

866
00:51:35,310 --> 00:51:38,490
Er staat dat ze ongehoorzaam
waren aan het Woord,

867
00:51:38,490 --> 00:51:41,790
en daarom bepaalde God
dat ze zouden struikelen.

868
00:51:41,790 --> 00:51:44,430
Die uitleg laat de formulering toe.

869
00:51:44,430 --> 00:51:47,250
Ik beweer dus niet dat
we een onweerlegbare

870
00:51:47,250 --> 00:51:50,670
arminiaanse uitleg hebben
die de calvinistische uitleg

871
00:51:50,670 --> 00:51:52,470
zomaar uit de ring slaat.

872
00:51:52,470 --> 00:51:56,670
Maar ik zeg wel dat het vers op
beide manieren kan worden uitgelegd.

873
00:51:56,670 --> 00:52:00,210
Als je het calvinisme elders
in de Schrift hebt aangetoond,

874
00:52:00,210 --> 00:52:03,450
zou je dit vers calvinistisch
kunnen uitleggen.

875
00:52:03,450 --> 00:52:05,910
Maar dat is helemaal niet noodzakelijk.

876
00:52:05,910 --> 00:52:11,250
De specifieke dingen die calvinisten op
grond van dit vers beweren, staan er niet.

877
00:52:11,250 --> 00:52:16,050
Tegenover degenen die struikelen,
staan wij in vers 9 en 10.

878
00:52:16,050 --> 00:52:20,850
Het Engelse woord ‘generation’ moet hier
waarschijnlijk worden opgevat als een

879
00:52:20,850 --> 00:52:22,830
familie, een geslacht.

880
00:52:22,830 --> 00:52:27,510
Dat kan het woord ‘generation’
betekenen. En hij zegt:

881
00:52:27,510 --> 00:52:29,910
jullie zijn een uitverkoren volk.

882
00:52:29,910 --> 00:52:34,350
Volgens mij staat hier in veel
nieuwe vertalingen ‘a chosen race’,

883
00:52:34,350 --> 00:52:36,270
een uitverkoren geslacht.

884
00:52:36,270 --> 00:52:38,550
Hij heeft dat priesterschap al genoemd.

885
00:52:38,550 --> 00:52:40,230
Maar het is koninklijk.

886
00:52:40,230 --> 00:52:43,770
Dat wil zeggen: priesters
van het Koninkrijk.

887
00:52:43,770 --> 00:52:46,110
Koninklijk heeft te maken
met het koningschap.

888
00:52:46,110 --> 00:52:49,410
Er wordt niet noodzakelijk
gezegd dat wij koningen zijn,

889
00:52:49,410 --> 00:52:51,990
maar wij zijn priesters in het Koninkrijk.

890
00:52:51,990 --> 00:52:55,710
Het is een koninklijke rol die
we onder de Koning vervullen.

891
00:52:55,710 --> 00:53:01,470
De Engelse vertaling noemt ons ‘a
holy nation’, een heilige natie.

892
00:53:01,470 --> 00:53:04,110
We zien de gemeente niet
zozeer als een natie,

893
00:53:04,110 --> 00:53:07,230
omdat we bij een natie denken
aan een politieke eenheid met

894
00:53:07,230 --> 00:53:09,630
bepaalde grenzen enzovoort.

895
00:53:09,630 --> 00:53:15,810
Zoals de natie Amerika of Canada of
Mexico of Israël, of welke dan ook.

896
00:53:15,810 --> 00:53:17,850
Er zijn naties met grenzen.

897
00:53:17,850 --> 00:53:20,070
Ze zijn politiek afgebakend.

898
00:53:20,070 --> 00:53:23,250
Het Koninkrijk van God lijkt
daar eigenlijk wel enigszins op.

899
00:53:23,250 --> 00:53:25,050
De gemeente is ook zo.

900
00:53:25,050 --> 00:53:28,590
We hebben een Koning, maar we
hebben geen begrensd grondgebied.

901
00:53:28,590 --> 00:53:31,530
We zijn in feite een
natie binnen de naties.

902
00:53:31,530 --> 00:53:33,570
We wonen in andere naties.

903
00:53:33,570 --> 00:53:37,710
Een beetje zoals de zigeuners misschien,
of zoals de Israëlieten toen ze in de

904
00:53:37,710 --> 00:53:40,890
diaspora leefden. Zij zijn een natie.

905
00:53:40,890 --> 00:53:45,390
Ze zijn een afzonderlijk volk onder een
afzonderlijk bestuur, in zekere zin.

906
00:53:45,390 --> 00:53:48,510
Ze volgen de wet van Mozes,
als ze zich daaraan houden,

907
00:53:48,510 --> 00:53:53,790
maar ze wonen in Duitsland of Rusland
of Amerika of Polen of ergens anders.

908
00:53:53,790 --> 00:53:55,890
Ze zijn een verstrooide natie.

909
00:53:55,890 --> 00:53:57,450
En dat zijn wij ook.

910
00:53:57,450 --> 00:54:02,670
We zijn één natie onder één Koning,
maar we zijn verstrooid onder de naties.

911
00:54:02,670 --> 00:54:07,590
En wij zijn die natie waarnaar Jezus
verwees in Mattheüs hoofdstuk 21,

912
00:54:07,590 --> 00:54:12,270
aan het einde van de gelijkenis van de
wijngaard en de pachters van de wijngaard.

913
00:54:12,270 --> 00:54:16,650
In Mattheüs hoofdstuk
21, vers 43, zei Jezus:

914
00:54:16,650 --> 00:54:20,910
Daarom zeg Ik u dat het Koninkrijk
van God van u weggenomen zal worden

915
00:54:20,910 --> 00:54:24,330
en aan een volk gegeven dat
de vruchten ervan voortbrengt.

916
00:54:24,330 --> 00:54:29,670
Israël was de natie die het Koninkrijk
als eerste ontving, bij de berg Sinaï.

917
00:54:29,670 --> 00:54:33,990
God zei dat tegen hen in Exodus 19:5 en 6.

918
00:54:33,990 --> 00:54:38,790
Hij zei dat zij Zijn Koninkrijk
zouden zijn als ze gehoorzaam waren.

919
00:54:38,790 --> 00:54:40,530
Maar nu zei Jezus:

920
00:54:40,530 --> 00:54:44,610
Het wordt van jullie afgenomen
en aan een ander volk gegeven.

921
00:54:44,610 --> 00:54:46,770
Dit is geen politieke natie.

922
00:54:46,770 --> 00:54:51,870
Hij nam het Koninkrijk niet van Israël af
om het aan de Britten of aan de Amerikanen

923
00:54:51,870 --> 00:54:53,910
of aan de Arabieren te geven.

924
00:54:53,910 --> 00:54:58,950
Hij nam het af en gaf het aan een
geestelijk volk, een geestelijke natie.

925
00:54:58,950 --> 00:55:00,510
En Petrus zegt:

926
00:55:00,510 --> 00:55:04,830
Jullie zijn dat heilige volk,
Gods eigen bijzondere volk.

927
00:55:04,830 --> 00:55:09,810
Dit zijn allemaal termen die in het Oude
Testament op Israël van toepassing waren.

928
00:55:09,810 --> 00:55:14,250
Maar nu schrijft Petrus aan christenen
en zegt hij dat Israël het uitverkoren

929
00:55:14,250 --> 00:55:18,630
geslacht was, het koninklijke
priesterschap, de heilige natie,

930
00:55:18,630 --> 00:55:20,550
Gods bijzondere volk.

931
00:55:20,550 --> 00:55:22,350
Veel verzen in het Oude Testament

932
00:55:22,350 --> 00:55:25,710
gebruiken zulke woorden
wanneer ze over Israël spreken.

933
00:55:25,710 --> 00:55:29,130
Hij zegt dat jullie, christenen,
die titels nu dragen,

934
00:55:29,130 --> 00:55:31,950
omdat jullie in Christus bij God horen.

935
00:55:31,950 --> 00:55:33,690
Jullie hebben die posities.

936
00:55:33,690 --> 00:55:37,530
Ik wil erop wijzen dat de woorden
‘geslacht’, ‘priesterschap’,

937
00:55:37,530 --> 00:55:40,830
‘natie’ en ‘volk’ collectieve termen zijn.

938
00:55:40,830 --> 00:55:44,010
Hij zegt dat het uitverkoren
zijn iets collectiefs is.

939
00:55:44,010 --> 00:55:47,130
De natie is uitverkoren of heilig.

940
00:55:47,130 --> 00:55:50,610
Het geslacht van de
christenen is uitverkoren.

941
00:55:50,610 --> 00:55:52,590
Dit zijn collectieve termen.

942
00:55:52,590 --> 00:55:55,470
God heeft de gemeente
als geheel uitverkoren.

943
00:55:55,470 --> 00:55:58,590
En ik zeg dat omdat sommigen van
jullie weten waar ik op doel.

944
00:55:58,590 --> 00:56:02,910
Sommigen misschien niet, maar dit is een
ander begrip dan de gedachte dat mensen

945
00:56:02,910 --> 00:56:04,890
individueel uitverkoren zijn.

946
00:56:04,890 --> 00:56:08,730
God koos in het Oude
Testament de natie Israël uit,

947
00:56:08,730 --> 00:56:14,250
maar individuele mensen konden er naar
eigen keuze wel of niet deel van uitmaken.

948
00:56:14,250 --> 00:56:18,210
De uitverkiezing betrof de
natie als geheel, Israël.

949
00:56:18,210 --> 00:56:21,270
God koos Israël uit om de natie te zijn

950
00:56:21,270 --> 00:56:24,390
waaruit Hij de Messias
zou laten voortkomen.

951
00:56:24,390 --> 00:56:27,810
Als een heiden bij Israël
wilde horen, dan kon dat.

952
00:56:27,810 --> 00:56:32,730
Hij kon een proseliet worden,
deel gaan uitmaken van Israël.

953
00:56:32,730 --> 00:56:35,430
Er werd gezegd dat hij, als hij dat deed,

954
00:56:35,430 --> 00:56:38,850
als een van de geboren
inwoners van het land kon zijn.

955
00:56:38,850 --> 00:56:41,070
Hij kon een Israëliet zijn.

956
00:56:41,070 --> 00:56:44,550
Als een Jood geen gelovige
in Jahweh wilde zijn,

957
00:56:44,550 --> 00:56:48,630
kon hij weggaan en zou hij
van Israël worden afgesneden.

958
00:56:48,630 --> 00:56:51,990
Welke personen de natie
vormden, kon veranderen.

959
00:56:51,990 --> 00:56:55,590
Mensen konden erbij komen
en mensen konden eruit gaan,

960
00:56:55,590 --> 00:56:58,410
maar de natie zelf was uitverkoren.

961
00:56:58,410 --> 00:57:02,130
Als je erbij kwam, was je
een van het uitverkoren volk.

962
00:57:02,130 --> 00:57:06,090
Als je wegging, was je niet langer
een van het uitverkoren volk.

963
00:57:06,090 --> 00:57:09,510
Zo is het ook met Christus,
Die het nieuwe Israël is.

964
00:57:09,510 --> 00:57:13,050
Als je in Christus bent,
ben je in Hem uitverkoren.

965
00:57:13,050 --> 00:57:17,130
Als je Christus verlaat, behoor
je niet tot de uitverkorenen.

966
00:57:17,130 --> 00:57:21,630
De uitverkiezing betreft de categorie,
degenen die in Christus zijn.

967
00:57:21,630 --> 00:57:26,190
De natie, het priesterschap,
het volk, het geslacht:

968
00:57:26,190 --> 00:57:29,550
dit zijn categorieën die
een geheel aanduiden.

969
00:57:29,550 --> 00:57:33,690
En daarom betreft de uitverkiezing
waarover Petrus spreekt die categorieën,

970
00:57:33,690 --> 00:57:36,570
en niet noodzakelijk de
individuele leden ervan.

971
00:57:36,570 --> 00:57:40,650
Wij hebben ook bepaalde keuzes
als het gaat om onze deelname of

972
00:57:40,650 --> 00:57:42,450
het ontbreken daarvan.

973
00:57:42,450 --> 00:57:45,750
Aan het einde van vers 9 staat over ons:

974
00:57:45,750 --> 00:57:48,510
Hij heeft ons uit het donker
naar het licht geroepen.

975
00:57:48,510 --> 00:57:53,910
Dat is een vrij algemene uitspraak die in
veel Bijbelgedeelten vaak wordt herhaald.

976
00:57:53,910 --> 00:57:57,990
Maar de volgende uitspraak
is niet algemeen. Er staat:

977
00:57:57,990 --> 00:58:02,070
Vroeger waren jullie geen volk,
maar nu zijn jullie Gods volk;

978
00:58:02,070 --> 00:58:05,970
vroeger hadden jullie geen
ontferming gekregen, maar nu wel.

979
00:58:05,970 --> 00:58:11,130
Dit is een heel belangrijk vers om bij
stil te staan, omdat hij Hosea citeert,

980
00:58:11,130 --> 00:58:14,550
of op zijn minst duidelijk
op Hosea zinspeelt.

981
00:58:14,550 --> 00:58:18,450
Hosea had twee zonen die hij
niet als zijn kinderen erkende,

982
00:58:18,450 --> 00:58:21,090
omdat ze kennelijk buitenechtelijk waren.

983
00:58:21,090 --> 00:58:23,250
Hosea's vrouw ging vreemd.

984
00:58:23,250 --> 00:58:26,490
Ze was een vrouw van
ontucht, van hoererij.

985
00:58:26,490 --> 00:58:30,030
Zijn eerste kind lijkt zijn eigen
wettige kind te zijn geweest,

986
00:58:30,030 --> 00:58:33,510
maar ze kregen nog twee
andere kinderen. God zei:

987
00:58:33,510 --> 00:58:36,930
Zij werd opnieuw zwanger,
en zij baarde een dochter.

988
00:58:36,930 --> 00:58:41,250
Daarop zei Hij tegen hem:
Geef haar de naam Lo-Ruchama,

989
00:58:41,250 --> 00:58:45,150
want Ik zal Mij voortaan niet meer
ontfermen over het huis van Israël,

990
00:58:45,150 --> 00:58:47,490
want Ik zal hen zeker wegvoeren.

991
00:58:47,490 --> 00:58:51,630
Als je Hosea hoofdstuk 1
opzoekt, zien we dit verhaal.

992
00:58:51,630 --> 00:58:56,130
Hosea staat direct na Daniël, waardoor
het een van de kleine profeten is die je

993
00:58:56,130 --> 00:58:57,810
gemakkelijker kunt vinden.

994
00:58:57,810 --> 00:59:01,290
De kleine profeten zijn de moeilijkst
te vinden boeken in de Bijbel

995
00:59:01,290 --> 00:59:04,830
voor iemand die de volgorde niet
helemaal uit zijn hoofd kent.

996
00:59:04,830 --> 00:59:09,690
Maar Daniël is gemakkelijk te vinden,
en Hosea is het volgende boek daarna.

997
00:59:09,690 --> 00:59:14,550
In Hosea hoofdstuk 1 krijgt Hosea
zijn eerste kind bij zijn vrouw Gomer,

998
00:59:14,550 --> 00:59:17,010
in Hosea 1:4.

999
00:59:17,010 --> 00:59:19,170
Zijn kind heet Jizreël.

1000
00:59:19,170 --> 00:59:22,290
Maar daarna worden er nog
twee kinderen geboren.

1001
00:59:22,290 --> 00:59:24,030
In vers 6 staat:

1002
00:59:24,030 --> 00:59:26,310
En ze werd weer zwanger
en kreeg een dochter.

1003
00:59:26,310 --> 00:59:29,310
God zei tegen hem: Noem haar Lo-Ruchama,

1004
00:59:29,310 --> 00:59:32,790
want ik zal geen medelijden
meer hebben met het volk Israël.

1005
00:59:32,790 --> 00:59:37,890
Lo-Ruchama, de naam van het meisje,
betekent ‘geen barmhartigheid’.

1006
00:59:37,890 --> 00:59:40,530
Dan staat er in de verzen 8 en 9:

1007
00:59:40,530 --> 00:59:44,430
Toen zij Lo-Ruchama niet meer de
borst gaf, werd zij weer zwanger,

1008
00:59:44,430 --> 00:59:46,290
en zij baarde een zoon.

1009
00:59:46,290 --> 00:59:52,590
En Hij zei: Geef hem de naam Lo-Ammi, want
u bent niet Mijn volk en Ík zal er voor

1010
00:59:52,590 --> 00:59:53,730
u niet zijn.

1011
00:59:53,730 --> 00:59:58,350
Dat betekent ‘niet Mijn volk’
of ‘geen familie van Mij’.

1012
00:59:58,350 --> 01:00:02,790
Het interessante hier is dat wanneer je
vrouw een kind krijgt en je hem ‘niet van

1013
01:00:02,790 --> 01:00:06,810
mij’ noemt, ‘geen familie van
mij’, dat sterk doet vermoeden

1014
01:00:06,810 --> 01:00:09,270
dat het een buitenechtelijk kind is.

1015
01:00:09,270 --> 01:00:11,310
Er was reden om dat te vermoeden.

1016
01:00:11,310 --> 01:00:16,650
Het is interessant dat bij de geboorte van
Hosea's eerste kind de indruk wordt gewekt

1017
01:00:16,650 --> 01:00:18,690
dat het Hosea's kind is.

1018
01:00:18,690 --> 01:00:20,370
Er staat in vers 3:

1019
01:00:20,370 --> 01:00:24,570
Hij ging en nam Gomer,
een dochter van Diblaïm;

1020
01:00:24,570 --> 01:00:27,330
zij werd zwanger en baarde hem een zoon.

1021
01:00:27,330 --> 01:00:29,610
Het klinkt alsof hij
gemeenschap met haar had

1022
01:00:29,610 --> 01:00:32,130
en hij de vader van het eerste kind is.

1023
01:00:32,130 --> 01:00:34,830
Maar bij de andere twee
kinderen staat er alleen:

1024
01:00:34,830 --> 01:00:38,490
Zij werd opnieuw zwanger,
en zij baarde een dochter.

1025
01:00:38,490 --> 01:00:43,230
Daarop zei Hij tegen hem:
Geef haar de naam Lo-Ruchama,

1026
01:00:43,230 --> 01:00:46,950
want Ik zal Mij voortaan niet meer
ontfermen over het huis van Israël,

1027
01:00:46,950 --> 01:00:49,230
want Ik zal hen zeker wegvoeren.

1028
01:00:49,230 --> 01:00:54,090
Er staat niet dat hij met haar heeft
geslapen, maar ze werd opnieuw zwanger.

1029
01:00:54,090 --> 01:00:57,510
Door wie, daar doet de
tekst geen uitspraak over.

1030
01:00:57,510 --> 01:00:59,490
Maar in vers 10 staat:

1031
01:00:59,490 --> 01:01:03,270
Toch zal het aantal Israëlieten
zijn als het zand van de zee,

1032
01:01:03,270 --> 01:01:05,910
dat niet gemeten en
niet geteld kan worden.

1033
01:01:05,910 --> 01:01:09,990
En het zal gebeuren dat in de
plaats waar tegen hen gezegd is:

1034
01:01:09,990 --> 01:01:16,230
U bent niet Mijn volk, tegen hen gezegd
zal worden: Kinderen van de levende God.

1035
01:01:16,230 --> 01:01:18,630
Dat is de naam ‘Lo-Ammi’.

1036
01:01:18,630 --> 01:01:21,330
Dus waar God tegen sommige mensen zei:

1037
01:01:21,330 --> 01:01:26,550
Jullie zijn mijn volk niet, zal Hij
hen de zonen van de levende God noemen.

1038
01:01:26,550 --> 01:01:32,550
Maar kijk eens naar Hosea hoofdstuk 2,
vers 22 in de Nederlandse versnummering:

1039
01:01:32,550 --> 01:01:35,550
Dan zal Ik haar voor
Mijzelf in de aarde zaaien.

1040
01:01:35,550 --> 01:01:39,990
Ik zal Mij ontfermen over haar
die geen ontferming had ontvangen.

1041
01:01:39,990 --> 01:01:45,210
Tegen hen die niet Mijn volk waren,
zal Ik zeggen: ‘Jullie zijn Mijn volk.’

1042
01:01:45,210 --> 01:01:48,330
En zij zullen zeggen: ‘U bent mijn God.’

1043
01:01:48,330 --> 01:01:51,390
Hier verwijst Petrus naar. Hij zegt:

1044
01:01:51,390 --> 01:01:54,870
Jullie hadden geen ontferming
ontvangen, maar nu wel.

1045
01:01:54,870 --> 01:01:58,830
Jullie waren geen volk, maar
nu zijn jullie Gods volk.

1046
01:01:58,830 --> 01:02:02,190
Petrus spreekt de gemeente aan
alsof zij de vervulling van deze

1047
01:02:02,190 --> 01:02:04,110
belofte in Hosea zijn.

1048
01:02:04,110 --> 01:02:06,930
Als je Hosea hoofdstuk 1 en 2 leest

1049
01:02:06,930 --> 01:02:09,930
zonder het nieuwtestamentische
commentaar van Petrus,

1050
01:02:09,930 --> 01:02:14,190
krijg je de indruk dat God
eenvoudigweg zegt dat Israël,

1051
01:02:14,190 --> 01:02:19,890
het noordelijke koninkrijk, in de tijd
van Hosea opstandig was, en dat God zegt:

1052
01:02:19,890 --> 01:02:23,550
Zij werd opnieuw zwanger,
en zij baarde een dochter.

1053
01:02:23,550 --> 01:02:27,930
Daarop zei Hij tegen hem:
Geef haar de naam Lo-Ruchama,

1054
01:02:27,930 --> 01:02:31,830
want Ik zal Mij voortaan niet meer
ontfermen over het huis van Israël,

1055
01:02:31,830 --> 01:02:34,290
want Ik zal hen zeker wegvoeren.

1056
01:02:34,290 --> 01:02:36,270
Dat zal voor hen veranderen.

1057
01:02:36,270 --> 01:02:38,970
Op een dag zullen ze weer Zijn volk zijn.

1058
01:02:38,970 --> 01:02:42,150
Op een dag zullen ze weer
barmhartigheid ontvangen.

1059
01:02:42,150 --> 01:02:47,070
Dat is de indruk die je zou krijgen als
je alleen Hosea hoofdstuk 1 en 2 las.

1060
01:02:47,070 --> 01:02:50,850
We hebben het niet allemaal gelezen,
maar je kunt me daarin vertrouwen,

1061
01:02:50,850 --> 01:02:52,830
of je kunt het zelf lezen.

1062
01:02:52,830 --> 01:02:57,510
Je zult merken dat het klinkt alsof Hij
zegt dat diezelfde Israëlieten die Hij

1063
01:02:57,510 --> 01:03:00,630
heeft verworpen, later
hersteld zullen worden.

1064
01:03:00,630 --> 01:03:03,990
Maar Petrus zegt: nee, het
is eigenlijk een andere

1065
01:03:03,990 --> 01:03:06,630
groep die het volk van God zal zijn.

1066
01:03:06,630 --> 01:03:09,090
Degenen die daarvoor
helemaal geen volk waren

1067
01:03:09,090 --> 01:03:12,330
en degenen die geen
barmhartigheid hadden ontvangen.

1068
01:03:12,330 --> 01:03:16,890
Hij bedoelt dat heidenen en anderen
die geen deel van Gods volk waren,

1069
01:03:16,890 --> 01:03:18,630
dat wel zullen worden.

1070
01:03:18,630 --> 01:03:24,210
Paulus gebruikt deze verzen in Romeinen
hoofdstuk 9 op dezelfde manier als Petrus.

1071
01:03:24,210 --> 01:03:29,310
In Romeinen 9, vers 23 en 24, zegt Paulus:

1072
01:03:29,310 --> 01:03:33,570
En dat met het doel om de rijkdom van
Zijn heerlijkheid bekend te maken over de

1073
01:03:33,570 --> 01:03:38,850
voorwerpen van Zijn ontferming, die Hij
van tevoren bereid heeft tot heerlijkheid?

1074
01:03:38,850 --> 01:03:43,110
Hen heeft Hij ook geroepen, namelijk
ons, niet alleen uit de Joden,

1075
01:03:43,110 --> 01:03:44,970
maar ook uit de heidenen.

1076
01:03:44,970 --> 01:03:48,870
Paulus zegt dus uitdrukkelijk dat
de voorwerpen van barmhartigheid

1077
01:03:48,870 --> 01:03:50,910
Joden en heidenen zijn.

1078
01:03:50,910 --> 01:03:54,750
Met andere woorden:
christenen die gelovigen zijn.

1079
01:03:54,750 --> 01:03:56,970
Hij zegt in vers 25:

1080
01:03:56,970 --> 01:04:02,370
Zoals Hij ook in Hosea zegt: Ik zal
Niet-Mijn-volk noemen: Mijn volk,

1081
01:04:02,370 --> 01:04:05,490
en de Niet-geliefde: Geliefde.

1082
01:04:05,490 --> 01:04:10,530
Nu gaat hij deze verzen uit Hosea citeren,
en hij doet dat om te bewijzen dat Gods

1083
01:04:10,530 --> 01:04:15,150
voorwerpen van barmhartigheid
Joden en heidenen zijn. Hij zegt:

1084
01:04:15,150 --> 01:04:20,910
Zoals Hij ook in Hosea zegt: Ik zal
Niet-Mijn-volk noemen: Mijn volk,

1085
01:04:20,910 --> 01:04:23,370
en de Niet-geliefde: Geliefde.

1086
01:04:23,370 --> 01:04:26,730
En het zal zijn dat op de plaats
waar tegen hen gezegd was:

1087
01:04:26,730 --> 01:04:31,110
U bent Niet-Mijn-volk, daar
zullen zij kinderen van de levende

1088
01:04:31,110 --> 01:04:32,430
God genoemd worden.

1089
01:04:32,430 --> 01:04:35,730
Dit is de passage die we
in Hosea hebben gelezen.

1090
01:04:35,730 --> 01:04:39,990
Paulus gebruikt die om vast te stellen
dat zowel de heidenen als de Joden Gods

1091
01:04:39,990 --> 01:04:41,550
volk zullen zijn.

1092
01:04:41,550 --> 01:04:44,670
Zij zullen Gods vaten
van barmhartigheid zijn.

1093
01:04:44,670 --> 01:04:49,050
Zowel Paulus als Petrus
leest deze verzen in Hosea.

1094
01:04:49,050 --> 01:04:54,210
Als Paulus en Petrus er niet over hadden
gesproken, zouden wij ze lezen en zeggen:

1095
01:04:54,210 --> 01:04:59,190
‘Nou, het lijkt erop dat God het volk
Israël gaat herstellen en hen opnieuw tot

1096
01:04:59,190 --> 01:05:00,930
Zijn volk gaat maken.’

1097
01:05:00,930 --> 01:05:05,190
Paulus zegt: ‘Nee, dat gaat
over Joden en heidenen.’

1098
01:05:05,190 --> 01:05:08,550
Petrus zegt: ‘Dat gaat
over jullie christenen.’

1099
01:05:08,550 --> 01:05:12,570
Veel passages uit het Oude Testament
werden door de schrijvers van het Nieuwe

1100
01:05:12,570 --> 01:05:18,510
Testament anders begrepen, omdat Jezus
hun verstand had geopend. Zoals er staat:

1101
01:05:18,510 --> 01:05:22,890
Toen opende Hij hun verstand
zodat zij de Schriften begrepen.

1102
01:05:22,890 --> 01:05:27,930
Weet je nog? Dit is een van die
gevallen: een passage in Hosea.

1103
01:05:27,930 --> 01:05:32,190
Als Paulus of Petrus die teksten
niet in dit verband had aangehaald,

1104
01:05:32,190 --> 01:05:36,330
zouden we nooit hebben gedacht dat
die passages ook over ons gingen.

1105
01:05:36,330 --> 01:05:41,910
Maar zowel Paulus als Petrus zegt dat
wij, heidenen die in Christus zijn,

1106
01:05:41,910 --> 01:05:48,210
inbegrepen zijn in die voorzeggingen over
mensen die voorheen Gods volk niet waren,

1107
01:05:48,210 --> 01:05:51,750
die voorheen geen
barmhartigheid hadden verkregen.

1108
01:05:51,750 --> 01:05:53,670
Nu hebben we die wel verkregen.

1109
01:05:53,670 --> 01:05:55,590
En, zegt Petrus:

1110
01:05:55,590 --> 01:06:00,990
Maar u bent een uitverkoren geslacht, een
koninklijk priesterschap, een heilig volk,

1111
01:06:00,990 --> 01:06:04,050
een volk dat God Zich
tot Zijn eigendom maakte;

1112
01:06:04,050 --> 01:06:09,270
opdat u de deugden zou verkondigen van
Hem Die u uit de duisternis geroepen heeft

1113
01:06:09,270 --> 01:06:11,190
tot Zijn wonderbaar licht,

1114
01:06:11,190 --> 01:06:15,150
Wij zijn met andere
woorden het nieuwe Israël.

1115
01:06:15,150 --> 01:06:18,690
Daarom noemt hij ons
in vers 1 de diaspora.

1116
01:06:18,690 --> 01:06:22,050
Dat is een term die gewoonlijk
op Israël van toepassing is,

1117
01:06:22,050 --> 01:06:27,330
maar in dit geval op ons, als
vreemdelingen en bijwoners in de wereld.

1118
01:06:27,330 --> 01:06:32,670
Het volk van God, dat vroeger, als
heidenen, die positie niet had.

1119
01:06:32,670 --> 01:06:34,350
Nu hebben we die wel.

1120
01:06:34,350 --> 01:06:37,710
Daarmee zijn we aan het einde
van hoofdstuk 2, vers 10 gekomen.
