1
00:00:02,010 --> 00:00:04,230
Welkom bij Vers voor Vers!

2
00:00:04,230 --> 00:00:10,110
Deze keer behandelen we
Deuteronomium 31 en 32.

3
00:00:10,110 --> 00:00:15,450
In Deuteronomium hoofdstuk 31 sprak
Mozes heel Israël met deze woorden toe.

4
00:00:15,450 --> 00:00:16,770
Hij zei tegen hen:

5
00:00:16,770 --> 00:00:18,090
Wanneer hij zegt:

6
00:00:18,090 --> 00:00:21,990
en hij zei tegen hen: Ik ben
heden honderdtwintig jaar oud.

7
00:00:21,990 --> 00:00:27,210
Ik kan niet meer uitgaan of ingaan;
bovendien heeft de HEERE tegen mij gezegd:

8
00:00:27,210 --> 00:00:30,210
U zult deze Jordaan niet oversteken.

9
00:00:30,210 --> 00:00:34,890
bedoelt hij niet: ‘Ik ben oud en afgeleefd
en ik kan me niet meer bewegen zoals

10
00:00:34,890 --> 00:00:38,610
vroeger,’ want later zegt hij
dat dit niet het geval is.

11
00:00:38,610 --> 00:00:42,210
Zijn natuurlijke kracht is in
feite helemaal niet afgenomen.

12
00:00:42,210 --> 00:00:44,970
God heeft hem gezond en sterk gehouden.

13
00:00:44,970 --> 00:00:48,390
Wat hij zegt, is: ‘Ik
kan jullie niet leiden.’

14
00:00:48,390 --> 00:00:51,930
‘Uitgaan en ingaan’ is een
uitdrukking die vaak wordt

15
00:00:51,930 --> 00:00:54,210
gebruikt voor de leiders van Israël.

16
00:00:54,210 --> 00:00:57,570
Zij gaan voor Israël
uit en gaan voor hen in.

17
00:00:57,570 --> 00:01:00,990
Dat betekent gewoon dat zij
de legers naar buiten leiden,

18
00:01:00,990 --> 00:01:03,750
hen terugbrengen naar het kamp, enzovoort.

19
00:01:03,750 --> 00:01:07,470
Het verwijst gewoon naar de
algemene taak om het volk te leiden.

20
00:01:07,470 --> 00:01:10,110
Hij zegt: ‘Dat kan ik niet meer doen.’

21
00:01:10,110 --> 00:01:13,770
Niet omdat hij lichamelijk niet meer
in staat is, maar omdat God hem,

22
00:01:13,770 --> 00:01:17,130
zoals hij zegt, heeft verteld
dat hij niet degene zal zijn

23
00:01:17,130 --> 00:01:19,110
die hen het land binnenleidt.

24
00:01:19,110 --> 00:01:24,270
De volgende keer dat zij uitgaan en
ingaan, zal dat het land Kanaän in zijn.

25
00:01:24,270 --> 00:01:26,730
Hij zal hen daar niet
naartoe kunnen brengen.

26
00:01:26,730 --> 00:01:30,930
Niet omdat hij het niet zou kunnen, maar
omdat hij er geen toestemming voor heeft.

27
00:01:30,930 --> 00:01:31,950
Hij zegt:

28
00:01:31,950 --> 00:01:36,450
De HEERE, uw God, Hij zal
Zelf voor u uit overtrekken.

29
00:01:36,450 --> 00:01:41,790
Híj zal deze volken van voor uw ogen
wegvagen en u zult hen in bezit nemen.

30
00:01:41,790 --> 00:01:46,410
Jozua zal zelf voor u uit overtrekken,
zoals de HEERE gesproken heeft.

31
00:01:46,410 --> 00:01:52,230
En de HEERE zal met hen doen zoals Hij met
Sihon en Og, de koningen van de Amorieten,

32
00:01:52,230 --> 00:01:55,890
en met hun land gedaan heeft,
die Hij weggevaagd heeft.

33
00:01:55,890 --> 00:01:58,590
Wanneer de HEERE hen aan u gegeven heeft,

34
00:01:58,590 --> 00:02:03,990
moet u met hen doen overeenkomstig
alle geboden die ik u gegeven heb.

35
00:02:03,990 --> 00:02:09,570
Wees sterk en moedig, wees niet
bevreesd en schrik niet voor hen terug,

36
00:02:09,570 --> 00:02:13,710
want het is de HEERE, uw
God, Die met u meegaat.

37
00:02:13,710 --> 00:02:17,190
Hij zal u niet loslaten
en u niet verlaten.

38
00:02:17,190 --> 00:02:22,650
Toen riep Mozes Jozua en zei tegen
hem ten overstaan van heel Israël:

39
00:02:22,650 --> 00:02:27,750
Wees sterk en moedig, want ú zult
met dit volk in het land komen

40
00:02:27,750 --> 00:02:31,830
dat de HEERE hun vaderen
gezworen heeft hun te geven;

41
00:02:31,830 --> 00:02:35,550
en ú zult het hun in erfbezit laten nemen.

42
00:02:35,550 --> 00:02:39,210
De HEERE nu is het Die voor u uit gaat.

43
00:02:39,210 --> 00:02:40,950
Hij zal met u zijn.

44
00:02:40,950 --> 00:02:44,850
Hij zal u niet loslaten
en u niet verlaten.

45
00:02:44,850 --> 00:02:48,450
Wees niet bevreesd en wees niet ontsteld.

46
00:02:48,450 --> 00:02:53,830
Je zult dit herkennen, omdat we
Jozua 1:8 zingen — of is het 1:9?

47
00:02:53,830 --> 00:02:59,970
— als de opdracht waarvan ons wordt
verteld dat God die aan Jozua gaf.

48
00:02:59,970 --> 00:03:02,730
Het kan zijn dat God, toen Hij dit zei,

49
00:03:02,730 --> 00:03:07,230
eenvoudig rechtstreeks tegen
Jozua dezelfde woorden sprak die

50
00:03:07,230 --> 00:03:09,150
Mozes eerder had gezegd.

51
00:03:09,150 --> 00:03:13,890
Of het kan zijn dat dit terugverwijst
naar het feit dat God deze opdracht door

52
00:03:13,890 --> 00:03:16,710
Mozes aan Jozua had gegeven.

53
00:03:16,710 --> 00:03:22,890
Maar in Jozua 1 is vers 9 het einde
van een lang gedeelte waarin God tot

54
00:03:22,890 --> 00:03:25,410
Jozua spreekt. Hij zegt:

55
00:03:25,410 --> 00:03:27,390
Heb Ik het u niet geboden?

56
00:03:27,390 --> 00:03:34,110
Wees sterk en moedig, schrik niet en wees
niet ontsteld, want de HEERE, uw God,

57
00:03:34,110 --> 00:03:37,530
is met u, overal waar u heen gaat.

58
00:03:37,530 --> 00:03:42,570
Dat is precies dezelfde opdracht die
Mozes hier in deze verzen aan Jozua gaf.

59
00:03:42,570 --> 00:03:47,250
Het lijkt mij dat God die opdracht
in Jozua 1:9 opnieuw geeft,

60
00:03:47,250 --> 00:03:49,590
wanneer God tegen Jozua zegt:

61
00:03:49,590 --> 00:03:52,170
Heb ik je niet opgedragen dit te doen?

62
00:03:52,170 --> 00:03:56,550
De eerdere gelegenheid waarbij God hem
kennelijk had opgedragen om dit te doen,

63
00:03:56,550 --> 00:03:59,430
was waarschijnlijk toen
Mozes het hier zei.

64
00:03:59,430 --> 00:04:02,370
Hier wordt dus niet alleen het
moment opgetekend waarop God

65
00:04:02,370 --> 00:04:04,170
door Mozes tot hem sprak.

66
00:04:04,170 --> 00:04:08,310
Het gaat om een aanvullende
openbaring die God aan Jozua gaf

67
00:04:08,310 --> 00:04:13,590
nadat Mozes gestorven was, waarbij Hij
hem herinnerde aan de opdracht die hier

68
00:04:13,590 --> 00:04:16,470
gegeven werd: wees niet bang.

69
00:04:16,470 --> 00:04:20,250
Vers 9, Deuteronomium 31:9:

70
00:04:20,250 --> 00:04:25,770
En Mozes schreef deze wet op en gaf ze
aan de priesters, de zonen van Levi,

71
00:04:25,770 --> 00:04:30,330
die de ark van het verbond van de HEERE
droegen, en aan alle oudsten van Israël.

72
00:04:30,330 --> 00:04:33,810
Hij vertrouwde de wet
toe aan de priesters.

73
00:04:33,810 --> 00:04:38,310
Zij waren degenen die haar zouden bewaren
en zij zouden verantwoordelijk zijn

74
00:04:38,310 --> 00:04:40,350
voor het onderwijzen ervan.

75
00:04:40,350 --> 00:04:46,110
Dit zal later opnieuw worden gezegd in
de zegen die Mozes over Levi uitspreekt:

76
00:04:46,110 --> 00:04:51,150
de Levieten zouden degenen zijn
die het volk de wet onderwijzen.

77
00:04:51,150 --> 00:04:54,750
Dit wordt ook op andere plaatsen
in de Schrift bevestigd.

78
00:04:54,750 --> 00:04:58,470
Het werd zelfs al bevestigd
in Leviticus hoofdstuk 10,

79
00:04:58,470 --> 00:05:02,910
toen Nadab en Abihu zojuist
door vuur verteerd waren.

80
00:05:02,910 --> 00:05:09,870
God sprak in Leviticus hoofdstuk 10 tot
Mozes en Aäron en God zei tegen hen dat

81
00:05:09,870 --> 00:05:11,430
zij niet mochten drinken.

82
00:05:11,430 --> 00:05:13,230
In vers 9 staat:

83
00:05:13,230 --> 00:05:18,630
Wijn en sterkedrank mag u niet drinken,
u niet en uw zonen met u ook niet,

84
00:05:18,630 --> 00:05:22,351
als u de tent van ontmoeting
binnenkomt, opdat u niet sterft —

85
00:05:22,351 --> 00:05:26,311
het is een eeuwige verordening,
al uw generaties door —

86
00:05:26,311 --> 00:05:27,930
In vers 10 staat:

87
00:05:27,930 --> 00:05:32,190
zowel om onderscheid te kunnen maken
tussen het heilige en het onheilige,

88
00:05:32,190 --> 00:05:34,470
tussen het onreine en het reine,

89
00:05:34,470 --> 00:05:36,570
En Hij zegt in vers 11:

90
00:05:36,570 --> 00:05:40,350
als om de Israëlieten in al de
verordeningen te kunnen onderwijzen

91
00:05:40,350 --> 00:05:44,010
die de HEERE door de dienst van
Mozes tot hen gesproken heeft.

92
00:05:44,010 --> 00:05:48,150
De Levieten en de priesters waren dus
degenen die onderwijs zouden geven,

93
00:05:48,150 --> 00:05:50,730
en daarom geeft Mozes de wet aan hen.

94
00:05:50,730 --> 00:05:54,810
De meeste mensen in Israël zouden
zelf geen exemplaar hebben.

95
00:05:54,810 --> 00:05:58,470
Ze konden niet naar huis gaan en
elke ochtend tijdens hun stille tijd

96
00:05:58,470 --> 00:05:59,970
de Bijbel lezen.

97
00:05:59,970 --> 00:06:02,310
Ze moesten hem gewoon
van de priesters horen,

98
00:06:02,310 --> 00:06:05,670
op de momenten dat de priesters
er onderwijs uit gaven.

99
00:06:05,670 --> 00:06:08,550
Veel later in de geschiedenis
kwamen er synagogen,

100
00:06:08,550 --> 00:06:12,210
en konden de Joden elke sabbat
naar de synagoge gaan om de wet

101
00:06:12,210 --> 00:06:13,770
te horen voorlezen.

102
00:06:13,770 --> 00:06:16,470
Maar aanvankelijk waren er geen synagogen.

103
00:06:16,470 --> 00:06:19,230
Er waren geen wekelijkse
bijeenkomsten van dat soort.

104
00:06:19,230 --> 00:06:24,730
Dus eens in de zeven jaar, in het gewone
sabbatsjaar, het jaar van kwijtschelding —

105
00:06:24,730 --> 00:06:27,530
we hebben natuurlijk onderwijs
over dat jaar gehad —

106
00:06:27,530 --> 00:06:33,210
zouden ze elke zeven jaar de slaven
vrijlaten en de schulden kwijtschelden.

107
00:06:33,210 --> 00:06:37,650
Maar tijdens het Loofhuttenfeest van
dat jaar, dus eens in de zeven jaar,

108
00:06:37,650 --> 00:06:41,850
moesten ze ook alle mensen laten
staan om de wet te horen voorlezen.

109
00:06:41,850 --> 00:06:45,870
Of dat nu de hele Pentateuch
betekende, de hele Thora,

110
00:06:45,870 --> 00:06:50,310
of alleen bijvoorbeeld het Boek van
het Verbond of het boek Deuteronomium,

111
00:06:50,310 --> 00:06:53,820
dat natuurlijk veel van de
kern van de wet van God bevat,

112
00:06:53,820 --> 00:06:58,590
deze mensen moesten ermee vertrouwd
zijn en er elke zeven jaar opnieuw

113
00:06:58,590 --> 00:07:00,270
vertrouwd mee raken.

114
00:07:00,270 --> 00:07:04,350
Zo konden, zegt hij, de kinderen
die hem niet gekend hadden,

115
00:07:04,350 --> 00:07:08,070
hem horen en leren de HEERE te vrezen.

116
00:07:08,070 --> 00:07:11,490
Ik weet niet of dit daadwerkelijk
in praktijk werd gebracht.

117
00:07:11,490 --> 00:07:15,330
We lezen dat het geboden werd,
maar niet of ze het ook deden.

118
00:07:15,330 --> 00:07:20,790
Als het op de juiste manier gebeurde, zou
ieder kind op zevenjarige leeftijd de wet

119
00:07:20,790 --> 00:07:25,290
één keer hebben gehoord, al kon het
zijn dat het die al hoorde toen het één

120
00:07:25,290 --> 00:07:26,550
jaar oud was.

121
00:07:26,550 --> 00:07:30,870
De tweede keer zou hij hem horen
wanneer hij acht jaar oud was.

122
00:07:30,870 --> 00:07:36,090
Tegen de tijd dat hij veertien was, zou
hij hem zeker twee keer hebben gehoord.

123
00:07:36,090 --> 00:07:41,910
En tegen de tijd dat hij eenentwintig was
en in feite een gezin begon of zoiets,

124
00:07:41,910 --> 00:07:46,050
zou hij hopelijk de hele wet
minstens drie keer hebben gehoord.

125
00:07:46,050 --> 00:07:49,890
Je zou kunnen denken dat ze hem
best vaker konden horen dan dat,

126
00:07:49,890 --> 00:07:51,570
maar dit was het minimum.

127
00:07:51,570 --> 00:07:53,970
Natuurlijk was er niets wat de
Levieten in de verschillende

128
00:07:53,970 --> 00:07:58,230
stammen ervan weerhield om in andere
situaties onderwijs te geven uit de wet,

129
00:07:58,230 --> 00:08:01,710
zelfs van dag tot dag of
van sabbat tot sabbat.

130
00:08:01,710 --> 00:08:06,330
Maar dit was één gelegenheid waarbij
heel Israël hem gezamenlijk zou horen,

131
00:08:06,330 --> 00:08:10,410
om er zeker van te zijn dat ze minstens
elke zeven jaar herinnerd werden

132
00:08:10,410 --> 00:08:12,390
aan alles wat erin stond.

133
00:08:12,390 --> 00:08:13,830
Vers 14:

134
00:08:13,830 --> 00:08:20,610
De HEERE zei tegen Mozes: Zie, uw dagen
zijn naderbij gekomen dat u zult sterven.

135
00:08:20,610 --> 00:08:25,890
Roep Jozua en ga staan in de tent van
ontmoeting, dan zal Ik hem bevelen geven.

136
00:08:25,890 --> 00:08:30,630
Toen kwamen Mozes en Jozua en zij
gingen staan in de tent van ontmoeting.

137
00:08:30,630 --> 00:08:34,410
Als ik Mozes was geweest,
zou ik gezegd hebben: ‘God,

138
00:08:34,410 --> 00:08:36,630
ik vind het niet erg dat ik ga sterven,

139
00:08:36,630 --> 00:08:40,170
maar ik had liever niet gehoord
wat er daarna gaat gebeuren.’

140
00:08:40,170 --> 00:08:43,110
Stel dat het met het geloof van
mijn kinderen niet goed ging

141
00:08:43,110 --> 00:08:45,090
en ik op mijn sterfbed lag.

142
00:08:45,090 --> 00:08:49,470
Dan zou ik tenminste graag willen sterven
met de gedachte dat het misschien goed met

143
00:08:49,470 --> 00:08:52,050
hen zou gaan wanneer ik er niet meer was.

144
00:08:52,050 --> 00:08:57,030
Ze zouden God dienen, het zou goed met
hen gaan en ze zouden goede gezinnen

145
00:08:57,030 --> 00:08:59,910
en goede huwelijken hebben
en dat soort dingen.

146
00:08:59,910 --> 00:09:04,290
Met zulke informatie zou het iets
gemakkelijker zijn om te sterven.

147
00:09:04,290 --> 00:09:07,590
Maar als je stervende bent
en er wordt tegen je gezegd:

148
00:09:07,590 --> 00:09:12,030
‘Wanneer jij er niet meer bent, zullen
al je kinderen misdadigers worden.

149
00:09:12,030 --> 00:09:16,650
Ze zullen allemaal moordenaars worden en
in de gevangenis in de dodencel sterven.

150
00:09:16,650 --> 00:09:21,210
Ze zullen hun hele leven ruïneren en
het leven van hun kinderen verwoesten,’

151
00:09:21,210 --> 00:09:24,390
dan is dat gewoon niet het
nieuws dat je wilt horen.

152
00:09:24,390 --> 00:09:27,870
Het verbaast me dat God
dit met Mozes deelde.

153
00:09:27,870 --> 00:09:32,250
Maar ik moet aannemen dat God
niet wreed was tegen Mozes.

154
00:09:32,250 --> 00:09:34,710
Mozes vroeg zich dit waarschijnlijk af.

155
00:09:34,710 --> 00:09:39,870
Mozes wilde waarschijnlijk weten hoe het
zou gaan, zelfs als het nieuws slecht was.

156
00:09:39,870 --> 00:09:43,830
Toen hij dit hoorde, zou hij er
echt teleurgesteld over zijn,

157
00:09:43,830 --> 00:09:48,270
maar waarschijnlijk wilde hij niet
sterven zonder te weten hoe het zou gaan.

158
00:09:48,270 --> 00:09:50,130
Dus vertelt God het hem.

159
00:09:50,130 --> 00:09:52,110
Het is geen goed nieuws.

160
00:09:52,110 --> 00:09:55,410
Dan zal Mijn toorn op die
dag tegen hen ontbranden.

161
00:09:55,410 --> 00:09:59,490
Ik zal hen verlaten en Mijn
aangezicht voor hen verbergen,

162
00:09:59,490 --> 00:10:03,930
zodat zij opgegeten zullen worden;
en veel verschrikkelijke dingen en

163
00:10:03,930 --> 00:10:08,130
noden zullen het volk treffen,
zodat het op die dag zal zeggen:

164
00:10:08,130 --> 00:10:12,330
Hebben deze verschrikkelijke dingen mij
niet getroffen omdat mijn God niet in

165
00:10:12,330 --> 00:10:13,710
ons midden is?

166
00:10:13,710 --> 00:10:18,150
Nu hebben de Joden in hun geschiedenis
verschrikkelijke dingen doorstaan.

167
00:10:18,150 --> 00:10:21,690
Veel daarvan hebben ze vóór de
tijd van Christus doorstaan,

168
00:10:21,690 --> 00:10:26,310
maar het ergste is hun overkomen
sinds de tijd van Christus,

169
00:10:26,310 --> 00:10:30,270
sinds ze als volk Christus
grotendeels hebben verworpen.

170
00:10:30,270 --> 00:10:35,430
Nu is er een overblijfsel in Israël dat
Christus is gaan volgen en dat net als

171
00:10:35,430 --> 00:10:39,990
wij christen is, en wat ik zeg
is niet op hen van toepassing.

172
00:10:39,990 --> 00:10:43,530
Maar er zijn Joodse mensen
die Christus hebben verworpen,

173
00:10:43,530 --> 00:10:47,790
en helaas zijn hun grote,
verschrikkelijke dingen overkomen.

174
00:10:47,790 --> 00:10:49,950
Wanneer mensen aan de Holocaust denken,

175
00:10:49,950 --> 00:10:54,630
vooral wanneer atheïsten redenen proberen
te bedenken om niet in God te geloven,

176
00:10:54,630 --> 00:10:59,010
of zelfs wanneer christenen hier gewoon
gevoelig voor zijn en zich afvragen:

177
00:10:59,010 --> 00:11:00,690
„Waarom liet God dat toe?

178
00:11:00,690 --> 00:11:03,270
Waar was God ten tijde van de Holocaust?”,

179
00:11:03,270 --> 00:11:06,510
dan wordt het antwoord
door God Zelf gegeven.

180
00:11:06,510 --> 00:11:09,030
Hij verborg Zijn aangezicht voor hen.

181
00:11:09,030 --> 00:11:11,610
Hij zorgde er niet voor dat het gebeurde.

182
00:11:11,610 --> 00:11:14,670
Ik denk dat het een vergissing
zou zijn om te zeggen dat God

183
00:11:14,670 --> 00:11:16,770
de Holocaust teweegbracht.

184
00:11:16,770 --> 00:11:20,550
Ik denk dat Hij hen er
eenvoudigweg niet tegen beschermde,

185
00:11:20,550 --> 00:11:25,290
omdat Hij zei dat als zij Hem
verlaten, Hij hen niet zal helpen.

186
00:11:25,290 --> 00:11:29,610
Hij waarschuwde hen dat andere volken
hen heel slecht zouden behandelen,

187
00:11:29,610 --> 00:11:33,870
maar Hij gaf niet aan dat dit
noodzakelijkerwijs Zijn toedoen zou zijn.

188
00:11:33,870 --> 00:11:38,190
Het is veeleer zo dat Hij
eenvoudigweg niet zou ingrijpen.

189
00:11:38,190 --> 00:11:42,810
Als ze Hem trouw waren gebleven,
houden de beloften van Mozes in dat God

190
00:11:42,810 --> 00:11:45,270
ten behoeve van hen zou hebben ingegrepen.

191
00:11:45,270 --> 00:11:49,590
Maar Hij liet hen eenvoudigweg
aan zichzelf over, zonder Hemzelf,

192
00:11:49,590 --> 00:11:52,050
omdat ze zonder Hem wilden leven.

193
00:11:52,050 --> 00:11:53,790
Dat is wat er gebeurde.

194
00:11:53,790 --> 00:11:56,430
Nu zouden mensen kunnen
zeggen: „Maar het is niet

195
00:11:56,430 --> 00:11:59,430
zo dat de Joden zonder
God probeerden te leven.

196
00:11:59,430 --> 00:12:01,710
Velen van hen waren vrome Joden.”

197
00:12:01,710 --> 00:12:05,970
Dat is een heel verdrietige zaak, en
God weet in hoeverre ieder van hen

198
00:12:05,970 --> 00:12:10,410
verantwoordelijk is voor zijn
onwetendheid over Jezus, enzovoort.

199
00:12:10,410 --> 00:12:13,770
Maar de waarheid is dat ze
zich voor het grootste deel van

200
00:12:13,770 --> 00:12:16,050
Christus hadden afgekeerd.

201
00:12:16,050 --> 00:12:17,850
Ze wisten van Christus.

202
00:12:17,850 --> 00:12:20,490
Ze leefden in zogenoemde
christelijke landen.

203
00:12:20,490 --> 00:12:22,950
Die waren niet erg
christelijk, maar het waren

204
00:12:22,950 --> 00:12:25,770
landen waar de kerk
beslist een getuigenis had,

205
00:12:25,770 --> 00:12:28,410
waarschijnlijk geen erg goed getuigenis.

206
00:12:28,410 --> 00:12:32,790
Maar net als ieder ander waren zij ervoor
verantwoordelijk of ze zich wel of niet

207
00:12:32,790 --> 00:12:34,050
tot Christus keerden.

208
00:12:34,050 --> 00:12:36,570
Wat hen anders maakte dan andere mensen,

209
00:12:36,570 --> 00:12:41,250
is dat krankzinnige en demonisch
geïnspireerde mensen hen om de een of

210
00:12:41,250 --> 00:12:44,850
andere reden pijn wilden
doen en hen wilden doden.

211
00:12:44,850 --> 00:12:46,890
Maar zij waren niet de enigen.

212
00:12:46,890 --> 00:12:51,750
Ook de zigeuners werden door de
nazi’s net zo vervolgd als de Joden.

213
00:12:51,750 --> 00:12:55,171
De zigeuners en de
verstandelijk gehandicapten —

214
00:12:55,171 --> 00:12:58,530
Hitler heeft ook een heleboel
van die mensen uitgeroeid.

215
00:12:58,530 --> 00:13:01,890
Het waren niet alleen de Joden,
maar de Joden hebben wel meer

216
00:13:01,890 --> 00:13:06,390
geleden dan nodig zou zijn geweest
als God aan hun kant had gestaan.

217
00:13:06,390 --> 00:13:09,690
Wat hier wordt gezegd, is dat
wanneer deze dingen gebeuren,

218
00:13:09,690 --> 00:13:13,050
zij aan het einde van
vers 17 zullen zeggen:

219
00:13:13,050 --> 00:13:19,350
Zijn al deze ellendige dingen ons niet
overkomen omdat onze God niet bij ons is?

220
00:13:19,350 --> 00:13:23,310
Dat is het. Het is omdat
God niet onder hen was.

221
00:13:23,310 --> 00:13:26,190
Het is niet omdat God achter hen aan kwam.

222
00:13:26,190 --> 00:13:29,250
Het is niet zo dat God
hen doelbewust aanviel.

223
00:13:29,250 --> 00:13:31,710
Hij was er eenvoudigweg niet voor hen.

224
00:13:31,710 --> 00:13:35,310
Zij waren er niet voor Hem,
en Hij was er niet voor hen.

225
00:13:35,310 --> 00:13:40,830
Overgeleverd aan de plannen van goddeloze
mensen, overkwamen hun deze dingen.

226
00:13:40,830 --> 00:13:42,210
Vers 19:

227
00:13:42,210 --> 00:13:46,830
En nu, schrijf voor u dit lied
op en leer het de Israëlieten;

228
00:13:46,830 --> 00:13:50,610
leg het hun in de mond, opdat
dit lied voor Mij een getuige is

229
00:13:50,610 --> 00:13:52,290
tegen de Israëlieten.

230
00:13:52,290 --> 00:13:55,590
zegt God. Dit is trouwens
geen vrolijk lied.

231
00:13:55,590 --> 00:14:00,750
We zullen het lied in hoofdstuk 32 lezen,
maar het is een lied dat Israël in wezen

232
00:14:00,750 --> 00:14:03,390
veroordeelt wegens hun opstandigheid.

233
00:14:03,390 --> 00:14:08,430
Ze moesten het leren, uit hun
hoofd leren en zingen. Waarom?

234
00:14:08,430 --> 00:14:11,310
Omdat het hen aan dingen zou herinneren.

235
00:14:11,310 --> 00:14:15,390
Liederen zijn een vrij gemakkelijke
manier om dingen uit het hoofd te leren.

236
00:14:15,390 --> 00:14:17,970
Veel Schriftgedeelten die ik
uit mijn hoofd heb geleerd,

237
00:14:17,970 --> 00:14:22,230
heb ik alleen maar geleerd omdat we ze
zingen, en ze zijn moeilijk te vergeten.

238
00:14:22,230 --> 00:14:25,710
Als je een lied eenmaal kent, is
het moeilijk om de woorden of de

239
00:14:25,710 --> 00:14:27,390
melodie te vergeten.

240
00:14:27,390 --> 00:14:31,410
Vaak gaat zelfs de melodie door je
hoofd wanneer je er niet aan denkt.

241
00:14:31,410 --> 00:14:35,370
Dan besef je welke melodie het is, en
komen de woorden van het lied weer bij

242
00:14:35,370 --> 00:14:37,530
je boven, enzovoort.

243
00:14:37,530 --> 00:14:41,010
Liederen zijn een goede manier om
informatie die je wilt onthouden op te

244
00:14:41,010 --> 00:14:45,750
slaan, omdat die beter te onthouden is
wanneer ze in dichtvorm staat en er een

245
00:14:45,750 --> 00:14:47,430
melodie aan verbonden is.

246
00:14:47,430 --> 00:14:50,730
Er is dan meer dan één ding dat
je herinnering aan de informatie

247
00:14:50,730 --> 00:14:52,050
op gang brengt.

248
00:14:52,050 --> 00:14:56,250
Wanneer je je de melodie herinnert,
roept dat ook de informatie weer op.

249
00:14:56,250 --> 00:15:00,630
Wanneer iets in dichtvorm staat, zoals
liederen en zoals het lied van Mozes in

250
00:15:00,630 --> 00:15:05,730
hoofdstuk 32, is het trouwens om één reden
veel gemakkelijker uit het hoofd te leren

251
00:15:05,730 --> 00:15:10,290
dan gewoon proza: je merkt het altijd
wanneer je een deel ervan vergeet.

252
00:15:10,290 --> 00:15:13,410
Als je gewoon een alinea uit
de krant uit je hoofd leert,

253
00:15:13,410 --> 00:15:15,690
zou je een hele regel kunnen vergeten

254
00:15:15,690 --> 00:15:18,330
zonder te beseffen dat
je die bent vergeten.

255
00:15:18,330 --> 00:15:23,370
Maar wanneer het een gedicht is, besef
je: „Oeps, dat kwam niet goed uit.

256
00:15:23,370 --> 00:15:24,750
Daar ontbreekt iets.

257
00:15:24,750 --> 00:15:26,490
Wat heb ik weggelaten?”

258
00:15:26,490 --> 00:15:30,750
Zo worden poëzie en zang een
hulpmiddel voor het geheugen.

259
00:15:30,750 --> 00:15:33,630
Dit is wat Mozes hun zal nalaten.

260
00:15:33,630 --> 00:15:35,550
Dit is zijn beste poging.

261
00:15:35,550 --> 00:15:37,290
Hij zal er niet meer zijn.

262
00:15:37,290 --> 00:15:41,190
Wat kan hij nog meer doen om ervoor
te zorgen dat ze zullen onthouden wat

263
00:15:41,190 --> 00:15:42,210
hij heeft gezegd?

264
00:15:42,210 --> 00:15:47,130
Als bijna zijn laatste daad schrijft hij
een lied en leert hij hun het te zingen,

265
00:15:47,130 --> 00:15:49,170
zodat ze het zullen onthouden.

266
00:15:49,170 --> 00:15:50,970
In vers 20 staat:

267
00:15:50,970 --> 00:15:55,770
Want Ik zal dit volk brengen in het land
dat Ik zijn vaderen onder ede beloofd heb,

268
00:15:55,770 --> 00:15:58,830
een land dat overvloeit
van melk en honing,

269
00:15:58,830 --> 00:16:02,250
en het zal eten en
verzadigd en vet worden.

270
00:16:02,250 --> 00:16:05,790
Dan zal het zich tot andere
goden wenden en hen dienen,

271
00:16:05,790 --> 00:16:09,510
en zij zullen Mij verwerpen
en Mijn verbond verbreken.

272
00:16:09,510 --> 00:16:11,610
En het zal gebeuren, wanneer veel

273
00:16:11,610 --> 00:16:14,610
verschrikkelijke dingen en
noden het volk getroffen hebben,

274
00:16:14,610 --> 00:16:18,510
dat dit lied dan voor zijn aangezicht
als getuige zal antwoorden;

275
00:16:18,510 --> 00:16:23,311
want het zal niet vergeten worden of uit
de mond van zijn nageslacht verdwijnen .

276
00:16:23,311 --> 00:16:26,130
Want Ik ken zijn overleggingen
die het heden maakt,

277
00:16:26,130 --> 00:16:29,730
voordat Ik het breng in het land
dat Ik hun onder ede beloofd heb.

278
00:16:29,730 --> 00:16:33,330
Nogmaals, een lied is
gemakkelijker te onthouden.

279
00:16:33,330 --> 00:16:36,210
Mozes, je woorden worden
misschien vergeten,

280
00:16:36,210 --> 00:16:38,790
maar het lied zal niet worden vergeten.

281
00:16:38,790 --> 00:16:43,530
Wanneer hun deze dingen overkomen, zal
de melodie weer bij hen bovenkomen en

282
00:16:43,530 --> 00:16:44,910
zullen ze zeggen:

283
00:16:44,910 --> 00:16:48,750
Het lied dat we hebben geleerd,
voorspelde dit allemaal.

284
00:16:48,750 --> 00:16:50,730
Het getuigt tegen ons.

285
00:16:50,730 --> 00:16:53,910
Daarom schreef Mozes dat
lied nog diezelfde dag op

286
00:16:53,910 --> 00:16:56,430
en leerde het de kinderen van Israël.

287
00:16:56,430 --> 00:17:00,450
Hij stelde Jozua, de
zoon van Nun, aan en zei:

288
00:17:00,450 --> 00:17:06,510
En Hij gebood Jozua, de zoon van
Nun, en zei: Wees sterk en moedig,

289
00:17:06,510 --> 00:17:12,090
want ú zult de Israëlieten brengen in het
land dat Ik hun onder ede beloofd heb;

290
00:17:12,090 --> 00:17:13,650
en Ík zal met u zijn.

291
00:17:13,650 --> 00:17:17,970
Toen Mozes de woorden van deze wet
helemaal in een boek had opgeschreven

292
00:17:17,970 --> 00:17:22,830
en daarmee klaar was, gaf Mozes de
Levieten die de ark van het verbond van de

293
00:17:22,830 --> 00:17:25,650
HEERE droegen het volgende bevel:

294
00:17:25,650 --> 00:17:30,930
Neem dit wetboek en leg het naast de ark
van het verbond van de HEERE, uw God,

295
00:17:30,930 --> 00:17:33,810
zodat het daar is als getuige tegen u.

296
00:17:33,810 --> 00:17:36,870
De wet zou dus een getuige tegen hen zijn.

297
00:17:36,870 --> 00:17:41,850
Hij zou worden bewaard, zodat Hij,
als het volk hem overtrad en zei:

298
00:17:41,850 --> 00:17:44,250
Jullie kunnen ons niets verwijten.

299
00:17:44,250 --> 00:17:48,930
We wisten niet beter, de wet
tevoorschijn kon halen en kon zeggen:

300
00:17:48,930 --> 00:17:53,070
Weet je dit nog? Jullie hebben
deze wet al die tijd gehad.

301
00:17:53,070 --> 00:17:57,690
De wet is een getuige tegen hen dat
ze inderdaad verantwoordelijk zijn.

302
00:17:57,690 --> 00:18:02,610
Want ikzelf ken uw ongehoorzaamheid
en uw halsstarrigheid.

303
00:18:02,610 --> 00:18:05,970
Zie, terwijl ik heden
nog bij u in leven ben,

304
00:18:05,970 --> 00:18:11,310
bent u al opstandig geweest tegen de
HEERE; hoeveel te meer na mijn dood!

305
00:18:11,310 --> 00:18:13,410
Dat is natuurlijk een goede vraag.

306
00:18:13,410 --> 00:18:19,110
Als Mozes daar met zijn staf stond en in
staat was plagen over Egypte af te roepen,

307
00:18:19,110 --> 00:18:22,290
en ook plagen over Israël, en dat hen niet

308
00:18:22,290 --> 00:18:25,050
tegenhield toen hij daar
toezicht op hen hield,

309
00:18:25,050 --> 00:18:29,550
wat zal er dan gebeuren wanneer
hij er niet meer is om dat te doen?

310
00:18:29,550 --> 00:18:32,010
Wat zal hen in het gareel houden?

311
00:18:32,010 --> 00:18:34,890
Dus zegt hij in vers 28:

312
00:18:34,890 --> 00:18:39,390
Roep alle oudsten van uw stammen
en uw beambten bij mij samen.

313
00:18:39,390 --> 00:18:44,790
Ik zal deze woorden ten aanhoren van
hen spreken en de hemel en de aarde tot

314
00:18:44,790 --> 00:18:46,710
getuige tegen hen nemen.

315
00:18:46,710 --> 00:18:51,630
Want ik weet dat u na mijn dood zeker
op verderfelijke wijze zult handelen,

316
00:18:51,630 --> 00:18:54,870
en van de weg die ik u
geboden heb, zult afwijken.

317
00:18:54,870 --> 00:18:57,690
Dan zal dit kwaad u in
later tijd overkomen,

318
00:18:57,690 --> 00:19:02,190
wanneer u doet wat slecht is in de ogen
van de HEERE om Hem door het werk van uw

319
00:19:02,190 --> 00:19:03,870
handen tot toorn te verwekken.

320
00:19:03,870 --> 00:19:07,950
Ik weet niet hoe verstandig het is
om dat tegen het volk te zeggen,

321
00:19:07,950 --> 00:19:12,030
maar ik neem aan dat ik
niet zo wijs ben als Mozes.

322
00:19:12,030 --> 00:19:14,610
Misschien was het wel
het juiste om te doen.

323
00:19:14,610 --> 00:19:19,530
Ik weet zeker dat hij het gewoon zei—het
klinkt bijna alsof hij alleen maar

324
00:19:19,530 --> 00:19:21,090
zijn hart luchtte:

325
00:19:21,090 --> 00:19:24,150
Ik weet dat jullie dit
allemaal gaan negeren.

326
00:19:24,150 --> 00:19:29,190
Dan is de vraag: waarom doe je eigenlijk
de moeite om het ons te vertellen?

327
00:19:29,190 --> 00:19:31,350
Welke hoop is er voor ons?

328
00:19:31,350 --> 00:19:35,730
Waarom zouden we het zelfs maar proberen
als je weet dat we zullen falen?

329
00:19:35,730 --> 00:19:40,230
Ik zou zeggen dat dit beslist
lijnrecht lijkt in te gaan tegen de

330
00:19:40,230 --> 00:19:46,110
openheidstheologie, het idee dat God niet
van tevoren weet wat mensen zullen doen.

331
00:19:46,110 --> 00:19:49,410
Want Hij vertelt heel
duidelijk wat ze zullen doen.

332
00:19:49,410 --> 00:19:51,150
Hij kondigt het aan.

333
00:19:51,150 --> 00:19:54,570
Nu moet het bijna wel gebeuren,
want als het niet gebeurt,

334
00:19:54,570 --> 00:19:57,450
lijkt het alsof Hij vals profeteert.

335
00:19:57,450 --> 00:20:00,330
Toch zouden aanhangers
van de openheidstheologie

336
00:20:00,330 --> 00:20:05,310
volgens mij kunnen zeggen dat God
vertelt hoe Hij weet wat ze zullen doen.

337
00:20:05,310 --> 00:20:07,830
Hij zegt in vers 27:

338
00:20:07,830 --> 00:20:12,090
Want ik weet hoe opstandig
en halsstarrig jullie zijn.

339
00:20:12,090 --> 00:20:16,710
In vers 21, in de tweede
helft van dat vers, zegt Hij:

340
00:20:16,710 --> 00:20:20,370
Want Ik ken zijn overleggingen
die het heden maakt,

341
00:20:20,370 --> 00:20:24,450
voordat Ik het breng in het land
dat Ik hun onder ede beloofd heb.

342
00:20:24,450 --> 00:20:27,630
Met andere woorden, God zou kunnen zeggen:

343
00:20:27,630 --> 00:20:32,490
Ik weet dat ze in opstand zullen
komen, want ik zie nu al hoe ze zijn.

344
00:20:32,490 --> 00:20:34,350
Ze zijn halsstarrig.

345
00:20:34,350 --> 00:20:36,750
Ik zie waar ze toe geneigd zijn.

346
00:20:36,750 --> 00:20:39,510
Ik zie welke kant hun gedrag opgaat.

347
00:20:39,510 --> 00:20:42,390
Iemand die in de
openheidstheologie geloofde,

348
00:20:42,390 --> 00:20:45,930
zou kunnen zeggen dat God inderdaad
wist dat ze het zouden doen,

349
00:20:45,930 --> 00:20:49,410
maar niet omdat Hij absolute
kennis van de toekomst heeft.

350
00:20:49,410 --> 00:20:53,310
Dat kwam doordat Hij kon zien
wat voor mensen ze waren.

351
00:20:53,310 --> 00:20:57,690
Hij kon zien dat zij precies het soort
mensen waren dat zoiets zou doen.

352
00:20:57,690 --> 00:21:03,150
Hij kon hetzelfde vaststellen als Mozes:
als ze dit doen terwijl Mozes hier is,

353
00:21:03,150 --> 00:21:06,270
zullen ze het zeker doen
wanneer hij er niet meer is.

354
00:21:06,270 --> 00:21:11,550
Maar toch lijkt het erop dat Hij hen, door
hun te vertellen dat ze het zullen doen,

355
00:21:11,550 --> 00:21:13,530
er bijna toe veroordeelt.

356
00:21:13,530 --> 00:21:15,990
Nu zal het wel op die
manier moeten gebeuren.

357
00:21:15,990 --> 00:21:20,790
Dat is een van de grote mysteries die
met de voorkennis van God samenhangen:

358
00:21:20,790 --> 00:21:25,530
hoe kan Hij werkelijk weten welke dingen
mensen in de toekomst zullen doen?

359
00:21:25,530 --> 00:21:29,610
Komt het doordat Hij vanuit de huidige
gang van zaken vooruit kan rekenen,

360
00:21:29,610 --> 00:21:31,710
zoals een computer dat zou kunnen?

361
00:21:31,710 --> 00:21:35,730
Je voert alle gegevens in en trekt
de lijn door naar de toekomst,

362
00:21:35,730 --> 00:21:38,610
en de computer vertelt je
wat de getallen zullen zijn,

363
00:21:38,610 --> 00:21:42,090
of wat over duizend jaar de
stand van de sterren zal zijn.

364
00:21:42,090 --> 00:21:45,570
Of heeft Hij een ander soort
bovennatuurlijke toegang tot alle kennis

365
00:21:45,570 --> 00:21:47,010
van alle tijden?

366
00:21:47,010 --> 00:21:50,430
Hoe dan ook, als God de
toekomst inderdaad kent,

367
00:21:50,430 --> 00:21:54,990
roept dat vragen op over de vraag of de
toekomst nog veranderd zou kunnen worden

368
00:21:54,990 --> 00:21:58,050
nadat die is voorspeld. Blijkbaar niet.

369
00:21:58,050 --> 00:22:02,970
Er zijn dus filosofische mysteries die
niet aan ons worden uitgelegd en die

370
00:22:02,970 --> 00:22:06,990
samenhangen met de voorkennis van God
en de manier waarop die in wisselwerking

371
00:22:06,990 --> 00:22:09,510
staat met de menselijke
verantwoordelijkheid.

372
00:22:09,510 --> 00:22:10,770
Vers 30:

373
00:22:10,770 --> 00:22:14,610
Toen sprak Mozes ten aanhoren
van heel de gemeente van Israël

374
00:22:14,610 --> 00:22:18,090
de woorden van dit lied,
totdat ze voltooid waren:

375
00:22:18,090 --> 00:22:20,670
Hier is het lied in hoofdstuk 32.

376
00:22:20,670 --> 00:22:23,910
Het is een lang lied en het
hoort bij een lang hoofdstuk,

377
00:22:23,910 --> 00:22:26,850
maar ik denk dat we het hier
helemaal kunnen behandelen.

378
00:22:26,850 --> 00:22:29,550
Hoor mij aan, hemel, dan zal ik spreken!

379
00:22:29,550 --> 00:22:32,070
Laat de aarde de woorden
van mijn mond horen.

380
00:22:32,070 --> 00:22:36,750
Dit is kenmerkend voor Hebreeuwse poëzie,
zoals je die aantreft in de Psalmen,

381
00:22:36,750 --> 00:22:41,070
de Spreuken, de profeten en de
liederen van het Oude Testament.

382
00:22:41,070 --> 00:22:42,930
Ze zijn vol herhaling.

383
00:22:42,930 --> 00:22:45,330
Je hebt daar die parallelle zinsdelen.

384
00:22:45,330 --> 00:22:48,450
Hij roept de hemel en de
aarde op als getuigen,

385
00:22:48,450 --> 00:22:52,350
zoals hij eerder al had gezegd
dat hij zou doen. Hij zei:

386
00:22:52,350 --> 00:22:56,370
Roep alle oudsten van uw stammen
en uw beambten bij mij samen.

387
00:22:56,370 --> 00:22:59,250
Ik zal deze woorden ten
aanhoren van hen spreken

388
00:22:59,250 --> 00:23:03,090
en de hemel en de aarde tot
getuige tegen hen nemen.

389
00:23:03,090 --> 00:23:05,730
Nu roept hij ze op, maar elk afzonderlijk,

390
00:23:05,730 --> 00:23:10,170
in een parallellisme dat kenmerkend
is voor Hebreeuwse poëzie.

391
00:23:10,170 --> 00:23:15,570
Laat mijn leer neerdruppelen als de regen,
laten mijn woorden stromen als de dauw,

392
00:23:15,570 --> 00:23:20,130
als een zachte regen op het groen,
en als regendruppels op het gewas.

393
00:23:20,130 --> 00:23:22,170
Zie je daar het parallellisme?

394
00:23:22,170 --> 00:23:25,110
Elke gedachte wordt met
andere woorden herhaald.

395
00:23:25,110 --> 00:23:30,570
Want ik zal de Naam van de HEERE
uitroepen; geef grootheid aan onze God!

396
00:23:30,570 --> 00:23:36,930
Hij is de rots, Wiens werk volmaakt is,
want al Zijn wegen zijn een en al recht.

397
00:23:36,930 --> 00:23:42,390
God is waarheid en geen onrecht;
rechtvaardig en waarachtig is Hij.

398
00:23:42,390 --> 00:23:44,550
Trouwens, dat is ook een lied.

399
00:23:44,550 --> 00:23:46,290
Ik weet niet of je dat lied kent.

400
00:23:46,290 --> 00:23:49,230
Ik had het graag aangeleerd,
maar we hebben al te veel

401
00:23:49,230 --> 00:23:51,030
andere liederen aangeleerd.

402
00:23:51,030 --> 00:23:52,770
Het is een geweldig lied.

403
00:23:52,770 --> 00:23:57,450
Hij is een God van waarheid en
zonder onrecht, staat er in vers 4.

404
00:23:57,450 --> 00:24:00,630
Daarom is niets wat God
doet onrechtvaardig.

405
00:24:00,630 --> 00:24:04,050
Er staat zelfs dat al Zijn
wegen gerechtigheid zijn.

406
00:24:04,050 --> 00:24:08,550
Het is interessant: je zou verwachten dat
er stond dat al Zijn wegen rechtvaardig

407
00:24:08,550 --> 00:24:12,690
zijn, in de zin dat al Zijn wegen
rechtvaardig en eerlijk zijn.

408
00:24:12,690 --> 00:24:15,930
Maar er staat dat al Zijn
wegen gerechtigheid zijn.

409
00:24:15,930 --> 00:24:20,490
Het is bijna alsof de definitie van
gerechtigheid alles is wat God doet.

410
00:24:20,490 --> 00:24:22,230
Wat is gerechtigheid?

411
00:24:22,230 --> 00:24:24,510
Gerechtigheid is wat God doet.

412
00:24:24,510 --> 00:24:28,410
Al Zijn wegen, dat is de
definitie van gerechtigheid.

413
00:24:28,410 --> 00:24:31,290
Al Zijn wegen zijn gerechtigheid.

414
00:24:31,290 --> 00:24:34,830
Alles wat Hij doet is
rechtvaardig en oprecht.

415
00:24:34,830 --> 00:24:39,270
Zij hebben verderfelijk tegen Hem
gehandeld; het zijn Zijn kinderen niet.

416
00:24:39,270 --> 00:24:40,590
Een schandvlek!

417
00:24:40,590 --> 00:24:43,830
Het is een slinkse en verdorven generatie.

418
00:24:43,830 --> 00:24:48,390
Doet u dit de HEERE aan,
dwaas en onwijs volk?

419
00:24:48,390 --> 00:24:51,750
Is Hij niet uw Vader,
Die u verworven heeft,

420
00:24:51,750 --> 00:24:55,590
Die u gemaakt heeft en u
stand heeft doen houden?

421
00:24:55,590 --> 00:25:00,690
Nu zegt hij dat God je Vader is, maar er
staat dat zij Zijn kinderen niet zijn.

422
00:25:00,690 --> 00:25:03,930
Dat zij Zijn kinderen niet zijn,
betekent natuurlijk in wezen dat

423
00:25:03,930 --> 00:25:05,730
zij verstoten zijn.

424
00:25:05,730 --> 00:25:10,230
Hij is hun Vader, maar net als de verloren
zoon die zijn vader heeft verlaten,

425
00:25:10,230 --> 00:25:14,310
hebben zij een historische band met
hun Vader, een biologische band,

426
00:25:14,310 --> 00:25:17,130
maar geen enkele andere
band met hun Vader.

427
00:25:17,130 --> 00:25:21,330
Vanwege hun opstandigheid hebben
zij geen relationele band met Hem.

428
00:25:21,330 --> 00:25:24,210
Israël wordt door Jezus ook zo beschreven.

429
00:25:24,210 --> 00:25:28,710
Maar in het verhaal van de verloren zoon
beschreef Hij specifiek dat deel van

430
00:25:28,710 --> 00:25:32,670
Israël dat tot God
terugkeerde en zich bekeerde.

431
00:25:32,670 --> 00:25:35,970
De tollenaars en prostituees
die tot Hem kwamen,

432
00:25:35,970 --> 00:25:40,110
waren in die gelijkenis de
verloren zonen die terugkeerden.

433
00:25:40,110 --> 00:25:43,590
Maar hier wordt het hele
volk als verloren gezien.

434
00:25:43,590 --> 00:25:49,170
Denk aan de dagen van vroeger tijd; let
op de jaren van generatie op generatie.

435
00:25:49,170 --> 00:25:53,550
Vraag het uw vader, hij zal het u
vertellen, vraag het uw oudsten,

436
00:25:53,550 --> 00:25:55,290
zij zullen het u zeggen.

437
00:25:55,290 --> 00:25:58,890
Toen de Allerhoogste aan de volken
het erfelijk bezit uitdeelde,

438
00:25:58,890 --> 00:26:01,410
toen Hij Adams kinderen
van elkaar scheidde,

439
00:26:01,410 --> 00:26:04,410
heeft Hij het grondgebied
van de volken vastgesteld

440
00:26:04,410 --> 00:26:07,350
overeenkomstig het aantal Israëlieten.

441
00:26:07,350 --> 00:26:12,810
Want het deel van de HEERE is Zijn volk,
Jakob is het gebied dat Zijn eigendom is.

442
00:26:12,810 --> 00:26:17,670
Hij vond hem in een woestijngebied,
in een woeste, huilende wildernis.

443
00:26:17,670 --> 00:26:23,070
Hij omringde hem, Hij onderwees hem,
Hij beschermde hem als Zijn oogappel.

444
00:26:23,070 --> 00:26:26,130
Dat wil zeggen: God vond Jakob.

445
00:26:26,130 --> 00:26:30,390
De uitdrukking ‘Zijn oogappel’ komt
meer dan eens in de Schrift voor,

446
00:26:30,390 --> 00:26:31,770
maar niet vaak.

447
00:26:31,770 --> 00:26:35,550
Zacharia gebruikt haar ook,
waar God tegen Israël zegt:

448
00:26:35,550 --> 00:26:40,471
Want zo zegt de HEERE van de legermachten:
Nadat Hij heerlijkheid heeft beloofd ,

449
00:26:40,471 --> 00:26:44,250
heeft Hij Mij gezonden tot die
heidenvolken die u beroven,

450
00:26:44,250 --> 00:26:47,670
want wie u aanraakt,
raakt Zijn oogappel aan.

451
00:26:47,670 --> 00:26:52,110
Wij gebruiken de uitdrukking ‘oogappel’,
die we ongetwijfeld aan de King James

452
00:26:52,110 --> 00:26:53,310
Version hebben ontleend.

453
00:26:53,310 --> 00:26:56,610
De King James Version, en
de Bijbel in het algemeen,

454
00:26:56,610 --> 00:26:59,490
hebben de Engelse taal door
de eeuwen heen van veel

455
00:26:59,490 --> 00:27:02,430
zinswendingen en uitdrukkingen voorzien.

456
00:27:02,430 --> 00:27:06,570
Een daarvan is deze
uitdrukking: ‘Mijn oogappel’.

457
00:27:06,570 --> 00:27:10,290
_[Vertalersnoot: deze taalhistorische
uitleg betreft de Engelse uitdrukking

458
00:27:10,290 --> 00:27:11,910
“apple of the eye”.

459
00:27:11,910 --> 00:27:15,331
De overeenkomstige Nederlandse
bijbeluitdrukking is “oogappel”.]_

460
00:27:15,331 --> 00:27:17,730
Omdat er dingen staan als:

461
00:27:17,730 --> 00:27:21,450
Hij beschermde hen zoals
Hij Zijn oogappel beschermt,

462
00:27:21,450 --> 00:27:25,350
zijn mensen geneigd geweest
te denken dat ‘oogappel’

463
00:27:25,350 --> 00:27:29,010
eenvoudigweg iets betekent
waar je erg op gesteld bent.

464
00:27:29,010 --> 00:27:33,870
‘Zij is mijn oogappel’ betekent
dat zij mijn geliefde is.

465
00:27:33,870 --> 00:27:38,730
In het moderne taalgebruik wordt
‘oogappel’ vaak op die manier gebruikt,

466
00:27:38,730 --> 00:27:40,530
maar dat betekent het niet.

467
00:27:40,530 --> 00:27:46,170
De uitdrukking ‘oogappel’ is een
hebraïsme voor de pupil van het oog.

468
00:27:46,170 --> 00:27:50,970
In hun taal wordt de pupil
‘the apple of the eye’ genoemd.

469
00:27:50,970 --> 00:27:53,910
Wanneer er bijvoorbeeld in Zacharia staat:

470
00:27:53,910 --> 00:27:57,150
Wie aan jullie komt,
komt aan Gods oogappel,

471
00:27:57,150 --> 00:28:00,090
wil dat zeggen dat als
iemand Gods volk verdrukt,

472
00:28:00,090 --> 00:28:02,610
het is alsof hij God in het oog prikt.

473
00:28:02,610 --> 00:28:06,090
Het doet Hem pijn en Hij
zal waarschijnlijk reageren.

474
00:28:06,090 --> 00:28:09,030
Als je iemand in zijn
oog prikt, is de kans

475
00:28:09,030 --> 00:28:11,970
groot dat hij daar ongunstig op reageert.

476
00:28:11,970 --> 00:28:17,430
Israël aanraken — dat wil zeggen: Israël
verdrukken toen het Gods volk was —

477
00:28:17,430 --> 00:28:20,130
is alsof je God in het oog prikt.

478
00:28:20,130 --> 00:28:22,890
Dat is wat het betekent wanneer er staat:

479
00:28:22,890 --> 00:28:26,790
Hier staat dat Hij hen
bewaarde als Zijn oogappel.

480
00:28:26,790 --> 00:28:31,290
Het betekent dat Hij hen beschermde
zoals iemand zijn ogen beschermt tegen

481
00:28:31,290 --> 00:28:35,730
stof in een zandstorm of tegen
welk rondvliegend voorwerp dan ook.

482
00:28:35,730 --> 00:28:39,990
Iedereen beschermt zijn ogen,
zelfs zonder erbij na te denken.

483
00:28:39,990 --> 00:28:44,190
Als er iets bij je oog in de buurt
komt, reageer je onwillekeurig.

484
00:28:44,190 --> 00:28:47,550
Je denkt niet: „Ik kan maar
beter mijn oog sluiten.”

485
00:28:47,550 --> 00:28:49,650
Je oog gaat gewoon dicht.

486
00:28:49,650 --> 00:28:54,330
Het is een reflex waardoor je je oog
beschermt wanneer het gevaar loopt.

487
00:28:54,330 --> 00:28:57,810
Zo beschermde God Israël, reflexmatig.

488
00:28:57,810 --> 00:29:00,930
Wanneer ze in gevaar
waren, beschermde Hij hen,

489
00:29:00,930 --> 00:29:04,350
zoals een mens zijn ogen
tegen verwondingen beschermt.

490
00:29:04,350 --> 00:29:08,370
Zoals een arend zijn nest
opwekt, boven zijn jongen zweeft,

491
00:29:08,370 --> 00:29:13,050
zijn vleugels uitspreidt, ze pakt
en ze draagt op zijn vlerken,

492
00:29:13,050 --> 00:29:17,790
zo heeft alleen de HEERE hem geleid,
er was geen vreemde god bij hem.

493
00:29:17,790 --> 00:29:21,870
Dat wil zeggen: Israël kwam
veilig door de woestijn heen.

494
00:29:21,870 --> 00:29:23,850
Hoe hebben ze dat klaargespeeld?

495
00:29:23,850 --> 00:29:26,430
Er waren geen vreemde goden bij hen.

496
00:29:26,430 --> 00:29:29,850
Ze hadden geen afgodsbeelden
bij zich die hen beschermden.

497
00:29:29,850 --> 00:29:33,450
Het spreekt vanzelf dat Jahweh
daarvoor alle eer krijgt.

498
00:29:33,450 --> 00:29:37,170
Er waren in die tijd geen
vreemde goden die ze aanbaden.

499
00:29:37,170 --> 00:29:39,810
Daarom moet alles wat
tot stand werd gebracht,

500
00:29:39,810 --> 00:29:44,310
worden toegeschreven aan de ene
God Die bij hen was, Jahweh.

501
00:29:44,310 --> 00:29:47,130
Ze mochten geen andere goden eer bewijzen.

502
00:29:47,130 --> 00:29:51,450
Vervolgens vergelijkt Hij het met een
moederarend die haar nest omwoelt.

503
00:29:51,450 --> 00:29:54,630
Dit verwijst ongetwijfeld naar
het feit dat God het leven in

504
00:29:54,630 --> 00:29:56,850
Egypte onaangenaam maakte.

505
00:29:56,850 --> 00:30:00,090
Toen Jakob en zijn gezin voor
het eerst naar Egypte gingen,

506
00:30:00,090 --> 00:30:01,770
hadden ze het daar goed.

507
00:30:01,770 --> 00:30:03,690
Jozef was de grootvizier.

508
00:30:03,690 --> 00:30:05,790
Ze werden van alles voorzien.

509
00:30:05,790 --> 00:30:09,090
Voor hun kudden kregen ze het
beste deel van het land Gosen.

510
00:30:09,090 --> 00:30:11,130
Ze hadden het heel goed in Egypte,

511
00:30:11,130 --> 00:30:14,490
zoals jonge arendjes het
behaaglijk hebben in een nest,

512
00:30:14,490 --> 00:30:18,270
omdat de moederarend het heeft
bekleed met haar dons en haar veren,

513
00:30:18,270 --> 00:30:21,030
als een verenbed voor de jonge arendjes.

514
00:30:21,030 --> 00:30:24,090
Ze hebben zelfs geen enkele
reden om weg te gaan.

515
00:30:24,090 --> 00:30:27,330
Er komt een tijd dat de jonge
arenden volwassen moeten worden,

516
00:30:27,330 --> 00:30:30,330
moeten vliegen en het
nest moeten verlaten.

517
00:30:30,330 --> 00:30:31,890
Maar wie wil dat nu?

518
00:30:31,890 --> 00:30:33,690
Het is net een verenbed.

519
00:30:33,690 --> 00:30:37,050
Om de jongen ertoe te
brengen het nest te verlaten,

520
00:30:37,050 --> 00:30:41,250
moet de moederarend daarom de
bodem van het nest openbreken.

521
00:30:41,250 --> 00:30:45,210
Daardoor komen de takjes overeind
te staan, met de punten omhoog,

522
00:30:45,210 --> 00:30:49,170
en hebben de jonge arenden geen
comfortabele plek meer om te zitten.

523
00:30:49,170 --> 00:30:53,190
Plotseling is het nest voor hen
een onaangename plek geworden.

524
00:30:53,190 --> 00:30:57,990
Zo krijgen ze een reden om erover na
te denken ergens anders heen te gaan.

525
00:30:57,990 --> 00:31:00,510
Dat is wat God met Israël deed.

526
00:31:00,510 --> 00:31:03,030
Hij woelde het nest in Egypte om.

527
00:31:03,030 --> 00:31:05,790
Hij maakte het daar onaangenaam voor hen.

528
00:31:05,790 --> 00:31:10,350
Hij bracht slavernij over hen en
onderdrukking door de farao's.

529
00:31:10,350 --> 00:31:13,590
Daardoor werd Israël
bereid Egypte te verlaten,

530
00:31:13,590 --> 00:31:18,150
waar het vroeger een luxueuze en
bevoorrechte positie had gehad.

531
00:31:18,150 --> 00:31:23,010
Nu wilden ze er echt weg, en dat
was God Die het nest omwoelde.

532
00:31:23,010 --> 00:31:27,150
Vervolgens draagt een moederarend
haar jonge arendjes op haar vleugels.

533
00:31:27,150 --> 00:31:31,410
Ik heb dit nooit zelf gezien, maar
ik heb gehoord dat jonge arendjes,

534
00:31:31,410 --> 00:31:35,550
wanneer ze het nest verlaten, nog
niet echt sterke vliegers zijn.

535
00:31:35,550 --> 00:31:39,510
Ze fladderen een beetje rond, maar
de moederarend blijft vlakbij.

536
00:31:39,510 --> 00:31:43,590
Als ze als een baksteen naar beneden
beginnen te vallen, duikt zij onder hen,

537
00:31:43,590 --> 00:31:47,370
schuift haar vleugel onder hen,
tilt hen weer omhoog en draagt hen

538
00:31:47,370 --> 00:31:48,870
op haar vleugels.

539
00:31:48,870 --> 00:31:50,730
Daar wordt hier kennelijk naar verwezen.

540
00:31:50,730 --> 00:31:54,930
In deze vergelijking met een moederarend
zien we dat Gods hart soms wordt

541
00:31:54,930 --> 00:32:00,090
vergeleken met het hart van een moeder,
en niet alleen met het hart van een Vader.

542
00:32:00,090 --> 00:32:03,570
God wordt altijd geopenbaard als de Vader.

543
00:32:03,570 --> 00:32:07,830
En ik denk dat het een enorme
vergissing is wanneer mensen voor God

544
00:32:07,830 --> 00:32:12,990
genderneutrale taal proberen te gebruiken,
want de Bijbel kiest daar niet voor.

545
00:32:12,990 --> 00:32:17,610
God wordt voortdurend onze Vader genoemd,
en er is een verschil tussen een vader

546
00:32:17,610 --> 00:32:18,930
en een moeder.

547
00:32:18,930 --> 00:32:23,310
Onze verhouding tot God moet zijn
als die van kinderen tot een vader.

548
00:32:23,310 --> 00:32:27,210
Maar het ontbreekt God evenmin
aan die moederlijke gevoelens,

549
00:32:27,210 --> 00:32:31,110
zoals bij een moederarend of
zoals Jezus het uitdrukte:

550
00:32:31,110 --> 00:32:35,370
Jeruzalem, Jeruzalem, u
die de profeten doodt en

551
00:32:35,370 --> 00:32:37,770
stenigt wie naar u toe gezonden zijn!

552
00:32:37,770 --> 00:32:40,410
Hoe vaak heb Ik uw kinderen
bijeen willen brengen,

553
00:32:40,410 --> 00:32:45,030
op de wijze waarop een hen haar kuikens
bijeenbrengt onder haar vleugels;

554
00:32:45,030 --> 00:32:46,830
maar u hebt niet gewild!

555
00:32:46,830 --> 00:32:50,130
Er zijn positieve eigenschappen
van moeders en van

556
00:32:50,130 --> 00:32:55,530
vaders die we moeten onderkennen en
waarderen, en die in God aanwezig zijn.

557
00:32:55,530 --> 00:32:58,590
Hoewel Hij meestal als een
Vader wordt beschreven,

558
00:32:58,590 --> 00:33:02,070
geldt alles wat goed is
aan moeders ook voor Hem.

559
00:33:02,070 --> 00:33:04,530
Hij liet hem rijden op
de hoogten van de aarde,

560
00:33:04,530 --> 00:33:07,110
en hij at de opbrengsten van het veld.

561
00:33:07,110 --> 00:33:12,030
Hij liet hem honing zuigen uit de
rots, en olie uit hard gesteente;

562
00:33:12,030 --> 00:33:17,370
boter van runderen, en melk van
kleinvee, samen met het vet van lammeren,

563
00:33:17,370 --> 00:33:20,670
van rammen die in Basan
weiden, en van bokken,

564
00:33:20,670 --> 00:33:25,170
samen met het allerbeste van de
tarwe, en druivenbloed, goede wijn,

565
00:33:25,170 --> 00:33:26,310
hebt u gedronken.

566
00:33:26,310 --> 00:33:29,070
Hier beschrijft hij niet
hun leven in de woestijn.

567
00:33:29,070 --> 00:33:33,630
Hij beschrijft de overvloed waarin
ze in het land terecht zouden komen.

568
00:33:33,630 --> 00:33:37,530
Het lied moest worden onthouden
nadat dat alles voorbij was.

569
00:33:37,530 --> 00:33:42,750
Bedenk dat het doel van dit lied is dat
ze het zich herinneren zodra ze al deze

570
00:33:42,750 --> 00:33:47,610
zegeningen hebben prijsgegeven, zodra
ze tegen God in opstand zijn gekomen,

571
00:33:47,610 --> 00:33:52,650
Hij hen uit het land heeft verdreven
en deze vervloekingen zijn gekomen.

572
00:33:52,650 --> 00:33:57,030
Dit lied moet hen eraan herinneren
wat God eerder voor hen heeft gedaan.

573
00:33:57,030 --> 00:34:01,650
Hoewel Mozes en de kinderen van Israël die
dingen nog niet hadden meegemaakt toen dit

574
00:34:01,650 --> 00:34:05,490
werd geschreven, was dat dus
wat ze zouden gaan meemaken.

575
00:34:05,490 --> 00:34:09,510
En op een later tijdstip, wanneer
ze in opstand zouden komen,

576
00:34:09,510 --> 00:34:11,730
zouden ze dat prijsgeven.

577
00:34:11,730 --> 00:34:14,610
Daarom spreekt hij over de tarwe, het vee,

578
00:34:14,610 --> 00:34:17,910
de graslanden en de wijn
waarvan ze genieten.

579
00:34:17,910 --> 00:34:20,970
Natuurlijk was daar niets
van te vinden in de woestijn.

580
00:34:20,970 --> 00:34:23,190
Dat was wat ze tegemoet gingen.

581
00:34:23,190 --> 00:34:25,470
Maar in vers 15 staat:

582
00:34:25,470 --> 00:34:31,590
Maar toen Jesjurun vet werd, trapte
hij achteruit — u bent vet, u bent dik,

583
00:34:31,590 --> 00:34:36,570
u bent vetgemest — toen verliet
hij God, Die hem gemaakt heeft,

584
00:34:36,570 --> 00:34:39,090
hij versmaadde de Rots van zijn heil.

585
00:34:39,090 --> 00:34:42,390
Ik weet niet waarom Jesjurun
als naam wordt gebruikt.

586
00:34:42,390 --> 00:34:46,110
Het woord betekent letterlijk
‘mijn kleine rechtvaardige’,

587
00:34:46,110 --> 00:34:48,990
en misschien wordt het
enigszins sarcastisch gebruikt,

588
00:34:48,990 --> 00:34:51,810
maar het is een poëtische
naam voor Israël.

589
00:34:51,810 --> 00:34:54,750
Het wordt drie keer
gebruikt in Deuteronomium.

590
00:34:54,750 --> 00:34:58,530
Het wordt hier gebruikt, en
dan staat er in hoofdstuk 33,

591
00:34:58,530 --> 00:35:01,890
vers 5 dat God koning was in Jesjurun.

592
00:35:01,890 --> 00:35:06,390
In hoofdstuk 33, vers 26, staat:

593
00:35:06,390 --> 00:35:09,090
Niemand is er als God, Jesjurun!

594
00:35:09,090 --> 00:35:13,950
Hij rijdt op de hemel om u te helpen,
en in Zijn majesteit op de wolken.

595
00:35:13,950 --> 00:35:18,330
Dat zijn de enige plaatsen in de Bijbel
waar die uitdrukking wordt gebruikt.

596
00:35:18,330 --> 00:35:20,610
Hoe men ertoe kwam die naam te kiezen,

597
00:35:20,610 --> 00:35:25,170
waarom hij hier en nergens anders wordt
gebruikt en waarom hij überhaupt wordt

598
00:35:25,170 --> 00:35:27,390
gebruikt, wordt niet uitgelegd.

599
00:35:27,390 --> 00:35:32,070
Maar hij betekent ‘mijn kleine
rechtvaardige’, en in dit lied is het een

600
00:35:32,070 --> 00:35:34,110
poëtische naam voor Israël.

601
00:35:34,110 --> 00:35:37,290
In de eerste hoofdstukken van
Deuteronomium werd herhaaldelijk

602
00:35:37,290 --> 00:35:41,130
gewaarschuwd: wanneer je eenmaal
het land bent binnengegaan,

603
00:35:41,130 --> 00:35:44,550
wanneer je niet langer dit
manna eet maar gewassen eet,

604
00:35:44,550 --> 00:35:50,370
en je comfortabele huizen hebt en dik en
zelfgenoegzaam bent, vergeet God dan niet.

605
00:35:50,370 --> 00:35:54,690
Dit lied veronderstelt een toekomstige
tijd waarin ze God juist om die reden

606
00:35:54,690 --> 00:35:57,510
vergeten zullen zijn. Ze werden dik.

607
00:35:57,510 --> 00:35:59,430
Ze werden zelfgenoegzaam.

608
00:35:59,430 --> 00:36:02,970
Ze vergaten dat ze God nodig
hadden, en ze verlieten God

609
00:36:02,970 --> 00:36:06,030
en hadden minachting voor
de Rots van hun behoud.

610
00:36:06,030 --> 00:36:07,770
In vers 16 staat:

611
00:36:07,770 --> 00:36:11,311
Zij hebben Hem tot na-ijver
gebracht met vreemde goden ,

612
00:36:11,311 --> 00:36:15,090
met gruwelijke daden hebben
zij Hem tot toorn verwekt.

613
00:36:15,090 --> 00:36:20,190
Zij hebben geofferd aan de demonen, niet
aan God; aan goden die zij niet kenden,

614
00:36:20,190 --> 00:36:23,490
aan nieuwe goden , die
kortgeleden gekomen zijn,

615
00:36:23,490 --> 00:36:26,070
voor wie uw vaderen niet gehuiverd hebben.

616
00:36:26,070 --> 00:36:29,610
De Rots Die u verwekt heeft,
hebt u veronachtzaamd,

617
00:36:29,610 --> 00:36:32,910
en u hebt de God Die u
gebaard heeft, vergeten.

618
00:36:32,910 --> 00:36:35,550
Toen de HEERE dat zag, verwierp Hij hen,

619
00:36:35,550 --> 00:36:38,190
uit toorn tegen Zijn
zonen en Zijn dochters.

620
00:36:38,190 --> 00:36:44,250
Hij zei: Ik zal Mijn aangezicht voor hen
verbergen; Ik zal zien wat hun einde is,

621
00:36:44,250 --> 00:36:47,550
want zij zijn een totaal
verdorven generatie,

622
00:36:47,550 --> 00:36:50,490
kinderen in wie geen enkele trouw is.

623
00:36:50,490 --> 00:36:52,830
Geloof kan hier trouw betekenen.

624
00:36:52,830 --> 00:36:55,110
Het zijn ontrouwe kinderen.

625
00:36:55,110 --> 00:36:59,430
Zíj hebben Mij tot na-ijver
gebracht met wat geen God is;

626
00:36:59,430 --> 00:37:03,780
zij hebben Mij tot toorn verwekt
door hun nietige afgoden .

627
00:37:03,780 --> 00:37:07,530
Ík zal hen daarom jaloers
maken door wat geen volk is,

628
00:37:07,530 --> 00:37:11,670
door een dwaas volk zal Ik
hen tot toorn verwekken.

629
00:37:11,670 --> 00:37:16,710
**Verwijzing gecontroleerd:** de
spreker noemde Romeinen 10:19,

630
00:37:16,710 --> 00:37:21,390
maar de bewoording is Deuteronomium 32:21.

631
00:37:21,390 --> 00:37:24,330
Deze jaloezie die God
tegenover mensen heeft,

632
00:37:24,330 --> 00:37:29,550
staat altijd in de context van Zijn rol
als hun echtgenoot, om het zo te zeggen.

633
00:37:29,550 --> 00:37:33,810
Zoals een echtgenoot jaloers is wanneer
zijn vrouw een ander toebehoort,

634
00:37:33,810 --> 00:37:38,310
zo is God jaloers wanneer Israël
andere goden achternagaat.

635
00:37:38,310 --> 00:37:42,930
Hij zegt dat ze Hem jaloers maakten
door andere goden achterna te gaan,

636
00:37:42,930 --> 00:37:46,410
net zoals een echtgenoot jaloers
zou zijn als zijn vrouw met

637
00:37:46,410 --> 00:37:48,150
andere mannen naar bed ging.

638
00:37:48,150 --> 00:37:52,230
Dat is de parallel die in het Oude
Testament altijd wordt getrokken.

639
00:37:52,230 --> 00:37:56,250
Wanneer Israël andere goden
aanbidt in plaats van de ware God,

640
00:37:56,250 --> 00:37:59,550
geeft zij hun wat zij
aan God verschuldigd is.

641
00:37:59,550 --> 00:38:02,430
Zo geeft een vrouw die seks
heeft met een andere man,

642
00:38:02,430 --> 00:38:06,150
die man wat zij alleen aan haar
echtgenoot verschuldigd is.

643
00:38:06,150 --> 00:38:08,910
Maar het interessante
hier is dat God zegt:

644
00:38:08,910 --> 00:38:13,230
Omdat jullie Mij jaloers maken door
achter andere goden aan te lopen,

645
00:38:13,230 --> 00:38:15,390
zal Ik jullie jaloers maken.

646
00:38:15,390 --> 00:38:17,130
Ik zal een ander volk zoeken.

647
00:38:17,130 --> 00:38:20,730
God zegt hier in wezen dat
het huwelijk voorbij zal zijn.

648
00:38:20,730 --> 00:38:24,090
God zal niet uitgaan en
een affaire beginnen,

649
00:38:24,090 --> 00:38:27,090
alleen maar om Zijn
vrouw jaloers te maken.

650
00:38:27,090 --> 00:38:30,270
Hij zal haar verlaten en
een nieuwe vrouw nemen.

651
00:38:30,270 --> 00:38:32,310
Dat wordt hier geïmpliceerd.

652
00:38:32,310 --> 00:38:35,730
Hij zal hen jaloers maken
door wat geen volk is,

653
00:38:35,730 --> 00:38:39,930
dat wil zeggen door heidenen
die op dit moment geen bestaande

654
00:38:39,930 --> 00:38:42,870
natie en geen volk van God zijn.

655
00:38:42,870 --> 00:38:46,710
Deze verzen over jaloezie
worden door Paulus aangehaald in

656
00:38:46,710 --> 00:38:48,990
Romeinen, hoofdstuk 10.

657
00:38:48,990 --> 00:38:51,210
In vers 18 zegt Paulus:

658
00:38:51,210 --> 00:38:54,750
Maar ik zeg: Hebben zij
het dan echt niet gehoord?

659
00:38:54,750 --> 00:38:58,830
Zeker wel: Hun geluid is
over heel de aarde uitgegaan,

660
00:38:58,830 --> 00:39:01,770
en hun woorden tot de
einden van de wereld.

661
00:39:01,770 --> 00:39:05,310
Nu haalt hij de openingsverzen
van Psalm 19 aan:

662
00:39:05,310 --> 00:39:08,250
Hun richtlijn gaat uit over heel de aarde,

663
00:39:08,250 --> 00:39:11,190
hun boodschap tot aan
het einde van de wereld.

664
00:39:11,190 --> 00:39:13,650
Hij heeft daar een tent
opgezet voor de zon.

665
00:39:13,650 --> 00:39:17,370
Maar ik zeg: Heeft Israël
het dan niet begrepen?

666
00:39:17,370 --> 00:39:23,190
Ten eerste is het Mozes die zegt: Ik zal
u jaloers maken door wat geen volk is;

667
00:39:23,190 --> 00:39:27,150
door een onverstandig volk
zal Ik u tot toorn verwekken.

668
00:39:27,150 --> 00:39:32,790
En Jesaja durft het aan te zeggen: Ik ben
gevonden door hen die Mij niet zochten,

669
00:39:32,790 --> 00:39:36,810
Ik heb Mij geopenbaard aan
hen die naar Mij niet vroegen.

670
00:39:36,810 --> 00:39:40,710
Wat Paulus zegt, is dat het
feit dat God heidenen behoudt

671
00:39:40,710 --> 00:39:46,830
en het ongelovige Israël voorbijgaat, iets
is wat Mozes en Jesaja hebben voorspeld.

672
00:39:46,830 --> 00:39:50,910
Jesaja voorspelde dat degenen die
God voorheen nooit hadden gezocht —

673
00:39:50,910 --> 00:39:56,190
de heidenen, die voorheen andere goden
hadden aanbeden — in het nieuwe verbond,

674
00:39:56,190 --> 00:40:00,450
doordat de Messias hen bereikt,
degenen zouden worden die Hem zoeken.

675
00:40:00,450 --> 00:40:04,770
Dit staat in contrast met Israël,
dat in de loop van zijn geschiedenis

676
00:40:04,770 --> 00:40:07,950
juist degene was geweest die Yahweh zocht.

677
00:40:07,950 --> 00:40:12,030
Zij zullen Hem niet vinden, omdat
ze opgehouden zijn Hem te zoeken.

678
00:40:12,030 --> 00:40:14,370
Maar de volken die Hem
vroeger niet zochten,

679
00:40:14,370 --> 00:40:17,910
zullen Hem zoeken en
door Hem gevonden worden.

680
00:40:17,910 --> 00:40:24,570
Evenzo haalt hij in Romeinen 10:19 dit
vers uit Deuteronomium aan, waar God zegt:

681
00:40:24,570 --> 00:40:30,090
Ik zal jullie, Israël, jaloers maken
door die heidenen die geen volk zijn.

682
00:40:30,090 --> 00:40:33,330
Ik zal jullie boos maken
door een dwaas volk.

683
00:40:33,330 --> 00:40:37,530
De heidenen werden als dwaas beschouwd
omdat ze de wet en de wijsheid van

684
00:40:37,530 --> 00:40:39,030
God niet hadden.

685
00:40:39,030 --> 00:40:43,170
De Joden keken op de heidenen
neer als dwaas en onontwikkeld,

686
00:40:43,170 --> 00:40:46,290
een minderwaardig slag
mensen zonder de wet.

687
00:40:46,290 --> 00:40:51,330
Toch zijn juist zij degenen die God
in plaats van Israël zal kiezen.

688
00:40:51,330 --> 00:40:57,810
In Deuteronomium 32:21 staat dus
een voorspelling dat de heidenen

689
00:40:57,810 --> 00:40:59,850
Israël zullen vervangen.

690
00:40:59,850 --> 00:41:03,570
Niet de heidenen als geheel,
maar veeleer de gemeente,

691
00:41:03,570 --> 00:41:09,090
die voor het overgrote deel uit heidenen
zal bestaan, naast sommige Joden.

692
00:41:09,090 --> 00:41:10,650
Vers 22:

693
00:41:10,650 --> 00:41:13,770
Want een vuur is
aangestoken in Mijn toorn,

694
00:41:13,770 --> 00:41:16,050
het zal branden tot onder in de hel,

695
00:41:16,050 --> 00:41:20,070
het zal het land met zijn opbrengst
verteren en de fundamenten van de

696
00:41:20,070 --> 00:41:21,870
bergen in vlam zetten.

697
00:41:21,870 --> 00:41:24,510
of tot het laagste deel van Sheol.

698
00:41:24,510 --> 00:41:29,010
_[Vertalersnoot: de Engelse bijbeltekst
die Gregg gebruikt, heeft hier “Sheol”;

699
00:41:29,010 --> 00:41:33,630
de aangehaalde HSV vertaalt
dit woord met “hel”.]_

700
00:41:33,630 --> 00:41:38,070
Dit is een van de weinige plaatsen waar
we zien dat de Bijbel daadwerkelijk

701
00:41:38,070 --> 00:41:41,670
spreekt over vuur dat met
Sheol in verband staat.

702
00:41:41,670 --> 00:41:46,290
Sheol is hetzelfde als wat later in het
Nieuwe Testament Hades wordt genoemd.

703
00:41:46,290 --> 00:41:50,550
Het is niet de plaats van het
uiteindelijke oordeel over de verlorenen.

704
00:41:50,550 --> 00:41:53,850
Dat is de poel van vuur,
en dat is niet hetzelfde.

705
00:41:53,850 --> 00:41:57,450
De poel van vuur is waar
mensen in worden geworpen.

706
00:41:57,450 --> 00:42:02,490
Zelfs Hades zelf wordt na het laatste
oordeel in de poel van vuur geworpen,

707
00:42:02,490 --> 00:42:04,830
volgens Openbaring 20.

708
00:42:04,830 --> 00:42:08,430
Maar Hades is de plaats
waar de doden nu zijn.

709
00:42:08,430 --> 00:42:12,870
Over het algemeen vertelt de Bijbel ons
in het Oude Testament niet erg veel over

710
00:42:12,870 --> 00:42:15,870
hoe Hades, of Sheol, is.

711
00:42:15,870 --> 00:42:18,090
Hier wordt naar vuur verwezen.

712
00:42:18,090 --> 00:42:20,370
Het is waarschijnlijk beeldspraak.

713
00:42:20,370 --> 00:42:24,570
Er wordt gezegd dat Gods toorn als
een vuur is dat tot het laagste deel

714
00:42:24,570 --> 00:42:26,250
van Sheol brandt.

715
00:42:26,250 --> 00:42:30,390
Ik denk dat het misschien betekent
dat het vuur van Gods toorn het

716
00:42:30,390 --> 00:42:36,330
opstandige Israël zal achtervolgen, zelfs
tot in het graf en voorbij het graf.

717
00:42:36,330 --> 00:42:40,650
Zelfs wanneer ze Sheol ingaan,
zullen ze er niet aan ontkomen.

718
00:42:40,650 --> 00:42:43,770
Zijn toorn zal hen
zelfs daar achtervolgen.

719
00:42:43,770 --> 00:42:47,190
Of Hij hier letterlijk zegt
dat er vuren in Hades zijn,

720
00:42:47,190 --> 00:42:50,190
kan misschien niet met
zekerheid worden gezegd.

721
00:42:50,190 --> 00:42:54,330
Jezus sprak echter over Hades als
een plaats waar de rijke man in

722
00:42:54,330 --> 00:42:55,890
vlammen werd gekweld.

723
00:42:55,890 --> 00:42:58,050
Ook dat kan beeldspraak zijn.

724
00:42:58,050 --> 00:43:02,130
Maar het is interessant dat
hier en in Lukas 16 over deze

725
00:43:02,130 --> 00:43:06,570
plaats waar de doden naartoe gaan,
wordt gesproken als een plaats waar het

726
00:43:06,570 --> 00:43:09,450
vuur van Gods toorn hen
blijft achtervolgen.

727
00:43:09,450 --> 00:43:12,630
Ik zal verschrikkelijke
dingen over hen ophopen;

728
00:43:12,630 --> 00:43:15,030
al Mijn pijlen schiet Ik op hen af.

729
00:43:15,030 --> 00:43:19,410
wat betekent: „Ik zal mijn hele
voorraad wapens opgebruiken in de

730
00:43:19,410 --> 00:43:20,970
strijd tegen hen.”

731
00:43:20,970 --> 00:43:26,910
Uitgeteerd door honger, verteerd door
pest en bitter verderf zullen zij zijn;

732
00:43:26,910 --> 00:43:30,090
tanden van wilde dieren
zal Ik op hen afsturen,

733
00:43:30,090 --> 00:43:34,290
met vurig vergif van slangen
die in het stof kruipen.

734
00:43:34,290 --> 00:43:38,070
Buiten berooft het zwaard, en
binnenskamers de verschrikking,

735
00:43:38,070 --> 00:43:42,690
zowel de jongen als het meisje, de
zuigeling samen met de grijsaard.

736
00:43:42,690 --> 00:43:46,170
Ik zei: Ik zal hen naar
alle kanten verspreiden,

737
00:43:46,170 --> 00:43:50,550
Ik zal de gedachtenis aan hen onder
de stervelingen doen ophouden,

738
00:43:50,550 --> 00:43:54,750
ware het niet dat Ik beducht
was voor de toorn van de vijand.

739
00:43:54,750 --> 00:44:00,030
Hun tegenstanders zouden het verdraaien
en zeggen: Ónze hand is verheven,

740
00:44:00,030 --> 00:44:03,330
het is niet de HEERE Die
dit alles gedaan heeft.

741
00:44:03,330 --> 00:44:07,050
Dat wil zeggen: „Ik zou hen
door de hand van hun vijanden

742
00:44:07,050 --> 00:44:11,070
volledig hebben uitgeroeid, maar
Ik wil niet dat hun vijanden

743
00:44:11,070 --> 00:44:13,230
te veel met de eer gaan strijken.

744
00:44:13,230 --> 00:44:17,790
Ik wil niet dat de vijanden denken
dat zij het allemaal hebben gedaan.

745
00:44:17,790 --> 00:44:21,210
Daarom ga Ik de omvang
van dit oordeel beperken.

746
00:44:21,210 --> 00:44:26,190
Ik wil niet dat de vijanden zichzelf
de eer geven en niet weten dat

747
00:44:26,190 --> 00:44:29,370
Ik Degene ben Die hier aan het werk is.”

748
00:44:29,370 --> 00:44:33,990
God kan dus een oordeel brengen, maar
Hij kan het oordeel ook beperken.

749
00:44:33,990 --> 00:44:37,590
De vijanden willen misschien een
onbeperkt oordeel voltrekken,

750
00:44:37,590 --> 00:44:40,950
maar God zal niet toelaten
dat zij werkelijk alle

751
00:44:40,950 --> 00:44:43,590
Joden tot de laatste toe uitroeien.

752
00:44:43,590 --> 00:44:47,430
Dat is ongetwijfeld ook de
reden waarom Hitler faalde.

753
00:44:47,430 --> 00:44:51,150
Want zij zijn een volk dat door
raadgevingen verloren gaat,

754
00:44:51,150 --> 00:44:52,890
er is geen inzicht bij hen.

755
00:44:52,890 --> 00:44:58,410
_[Vertalersnoot: Greggs Engelse
bijbeltekst noemt hen hier “a nation

756
00:44:58,410 --> 00:45:02,550
void of counsel”, letterlijk
een volk zonder raad.

757
00:45:02,550 --> 00:45:06,150
Op die formulering berust
de volgende woordspeling.]_

758
00:45:06,150 --> 00:45:11,190
God gaf hun door Mozes volop raad, maar
toch ontbreekt het hun aan inzicht,

759
00:45:11,190 --> 00:45:13,410
omdat ze Zijn raad niet aannemen.

760
00:45:13,410 --> 00:45:16,650
Waren zij maar wijs, dan
zouden zij dit opmerken.

761
00:45:16,650 --> 00:45:18,690
Zij zouden op hun einde letten.

762
00:45:18,690 --> 00:45:21,750
Hoe zou één man er duizend
kunnen achtervolgen,

763
00:45:21,750 --> 00:45:24,450
en twee mannen er
tienduizend laten vluchten,

764
00:45:24,450 --> 00:45:28,470
tenzij hun Rots hen verkocht
en de HEERE hen uitleverde?

765
00:45:28,470 --> 00:45:33,090
Dit idee dat één persoon er duizend
achtervolgt en twee er tienduizend op de

766
00:45:33,090 --> 00:45:38,610
vlucht jagen, is een interessante gedachte
waar predikers soms over hebben gesproken.

767
00:45:38,610 --> 00:45:41,430
Want als één persoon
er duizend achtervolgt,

768
00:45:41,430 --> 00:45:45,570
zou je verwachten dat twee personen
er tweeduizend achtervolgen.

769
00:45:45,570 --> 00:45:49,530
Maar in plaats daarvan achtervolgen
twee personen er tienduizend.

770
00:45:49,530 --> 00:45:54,570
Soms wordt dit gebruikt als een voorbeeld
van hoe eenheid en gezamenlijke inspanning

771
00:45:54,570 --> 00:45:58,650
meer tot stand kunnen brengen dan
de som van de afzonderlijke delen.

772
00:45:58,650 --> 00:46:03,090
In plaats van dat twee personen tweemaal
zoveel tot stand brengen als één persoon,

773
00:46:03,090 --> 00:46:07,410
brengen twee personen tienmaal
zoveel tot stand als één persoon.

774
00:46:07,410 --> 00:46:09,450
Het is een geweldige gedachte.

775
00:46:09,450 --> 00:46:12,030
Het is een geweldig motiverend concept.

776
00:46:12,030 --> 00:46:14,310
Ik weet niet in hoeverre
dat hier wordt bedoeld,

777
00:46:14,310 --> 00:46:17,730
maar hier gaat het niet over goede
mensen die dit tot stand brengen.

778
00:46:17,730 --> 00:46:21,150
Het gaat over de mensen
die Israël achtervolgen.

779
00:46:21,150 --> 00:46:25,770
Israël zal op zo’n manier op de vlucht
worden gejaagd en zozeer aan zijn

780
00:46:25,770 --> 00:46:29,790
vijanden zijn overgeleverd,
dat één vijandelijke soldaat

781
00:46:29,790 --> 00:46:34,230
duizend Joden kan overmeesteren en
op de vlucht kan jagen wanneer God

782
00:46:34,230 --> 00:46:39,270
Israël heeft verlaten, en twee soldaten
kunnen er tienduizend achtervolgen.

783
00:46:39,270 --> 00:46:41,190
Hij zegt: „Hoe zou dat kunnen?

784
00:46:41,190 --> 00:46:43,590
Hoe zou zoiets kunnen gebeuren?”

785
00:46:43,590 --> 00:46:48,330
Zelfs onder natuurlijke omstandigheden
zou je niet verwachten dat één man

786
00:46:48,330 --> 00:46:50,850
duizend mannen op de vlucht kan jagen.

787
00:46:50,850 --> 00:46:54,030
Toch slaagde Simson
erin om helemaal alleen

788
00:46:54,030 --> 00:46:58,230
duizend mannen met een ezelskaak
te doden toen God met hem was.

789
00:46:58,230 --> 00:47:03,030
Maar de vijand kan hetzelfde met Israël
doen wanneer God niet met hen is.

790
00:47:03,030 --> 00:47:04,710
Dat zou je niet verwachten.

791
00:47:04,710 --> 00:47:08,250
Het wijst erop dat Israël uiterst zwak is.

792
00:47:08,250 --> 00:47:12,270
Maar hij zegt dat je niet zou
kunnen verwachten dat dit gebeurt,

793
00:47:12,270 --> 00:47:14,430
tenzij God hen had verlaten.

794
00:47:14,430 --> 00:47:18,210
Wanneer hun vijanden hen dus op
deze manier op de vlucht jagen,

795
00:47:18,210 --> 00:47:22,230
kun je daaruit concluderen dat
God niet aan hun kant staat

796
00:47:22,230 --> 00:47:25,590
en dat Hij hen aan hun
vijanden heeft overgeleverd.

797
00:47:25,590 --> 00:47:27,150
Vers 31:

798
00:47:27,150 --> 00:47:30,450
Want hun rots is niet zoals onze Rots,

799
00:47:30,450 --> 00:47:33,810
zelfs onze vijanden
kunnen hierover oordelen.

800
00:47:33,810 --> 00:47:40,230
Dat wil zeggen: zelfs onze vijanden
weten dat onze God anders is dan hun god.

801
00:47:40,230 --> 00:47:42,270
Onze God is machtiger.

802
00:47:42,270 --> 00:47:44,010
Dat wisten ze beslist.

803
00:47:44,010 --> 00:47:46,710
De inwoners van Jericho wisten dat.

804
00:47:46,710 --> 00:47:51,810
Wanneer Jozua verspieders stuurt, komen
we erachter dat de inwoners van Jericho

805
00:47:51,810 --> 00:47:55,890
beven, omdat ze weten wat
Jahweh met Egypte heeft gedaan.

806
00:47:55,890 --> 00:48:00,210
Ze weten dat de goden van Egypte
niet tegen Jahweh opgewassen waren,

807
00:48:00,210 --> 00:48:04,650
en ze vrezen dat hun goden ook
niet tegen Jahweh opgewassen zijn.

808
00:48:04,650 --> 00:48:07,830
Zelfs onze vijanden zelf getuigen hiervan.

809
00:48:07,830 --> 00:48:11,550
Zij erkennen zelf, naar hun
eigen inschatting en oordeel,

810
00:48:11,550 --> 00:48:14,610
dat hun goden niet zijn zoals onze God.

811
00:48:14,610 --> 00:48:18,570
Want onze God is de echte,
Degene Die werkelijk dingen doet.

812
00:48:18,570 --> 00:48:24,750
Want hun wijnstok is uit de wijnstok
van Sodom en uit de velden van Gomorra;

813
00:48:24,750 --> 00:48:29,070
hun druiven zijn giftige druiven,
bittere trossen hebben zij.

814
00:48:29,070 --> 00:48:34,230
Hun wijn is slangenvergif, en
een venijnig gif van adders.

815
00:48:34,230 --> 00:48:37,530
Dit verwijst naar Israël
wanneer het verdorven is.

816
00:48:37,530 --> 00:48:41,190
Het is als Sodom; het is als Gomorra.

817
00:48:41,190 --> 00:48:43,590
Die vergelijking hebben we al gezien.

818
00:48:43,590 --> 00:48:45,330
Vers 34:

819
00:48:45,330 --> 00:48:50,250
Is dat niet bij Mij opgeborgen,
verzegeld in Mijn schatkamers?

820
00:48:50,250 --> 00:48:55,710
Aan Mij komt de wraak en de vergelding
toe, op het tijdstip dat hun voet wankelt.

821
00:48:55,710 --> 00:48:59,130
Voorzeker, de dag van hun
ondergang is dichtbij,

822
00:48:59,130 --> 00:49:02,250
en spoedig komen de dingen
die hen te wachten staan.

823
00:49:02,250 --> 00:49:05,190
Want de HEERE zal Zijn
volk recht verschaffen,

824
00:49:05,190 --> 00:49:07,890
Hij zal berouw hebben over Zijn dienaren.

825
00:49:07,890 --> 00:49:10,770
Want Hij zal zien dat
hun kracht is vergaan,

826
00:49:10,770 --> 00:49:14,010
en dat het met de gebondene
en de vrije gedaan is.

827
00:49:14,010 --> 00:49:17,490
Dan zal Hij zeggen:
Waar zijn nu hun goden,

828
00:49:17,490 --> 00:49:22,230
de rots tot wie zij de toevlucht namen,
van wie zij het vet van de offers aten,

829
00:49:22,230 --> 00:49:25,290
van wie zij de wijn van
de plengoffers dronken?

830
00:49:25,290 --> 00:49:30,150
Laten zij opstaan en u helpen, laat
daar een schuilplaats voor u zijn.

831
00:49:30,150 --> 00:49:35,130
Zijn uitspraak in vers 35,
en vervolgens in vers 36,

832
00:49:35,130 --> 00:49:41,250
gaat natuurlijk over God Die wraak neemt
op Israël vanwege hun opstand tegen Hem.

833
00:49:41,250 --> 00:49:45,870
De uitspraak in vers 36
betekent volgens Gregg dat God

834
00:49:45,870 --> 00:49:51,630
weliswaar de goddelozen zal oordelen, maar
het trouwe overblijfsel zal herkennen.

835
00:49:51,630 --> 00:49:54,810
Hij zal niet zonder onderscheid oordelen.

836
00:49:54,810 --> 00:49:59,310
Hij zal onderscheid maken tussen
degenen die Zijn ware dienaren zijn

837
00:49:59,310 --> 00:50:01,290
en degenen die dat niet zijn.

838
00:50:01,290 --> 00:50:04,170
Hij zal medelijden hebben
met degenen die dat wel zijn,

839
00:50:04,170 --> 00:50:06,690
maar de rest zal geoordeeld worden.

840
00:50:06,690 --> 00:50:10,950
_[Vertalersnoot: Greggs uitleg berust
op de Engelse formulering “the Lord will

841
00:50:10,950 --> 00:50:12,570
judge His people”.

842
00:50:12,570 --> 00:50:17,190
De HSV vertaalt hier dat de HEERE
Zijn volk “recht zal verschaffen”,

843
00:50:17,190 --> 00:50:20,970
wat ook als verdediging of
vindicatie kan worden gelezen.]_

844
00:50:20,970 --> 00:50:26,130
Dit staat in de context van het oordeel
over Israël wanneer het in opstand is.

845
00:50:26,130 --> 00:50:30,510
Paulus haalt beide uitspraken aan, en
de schrijver van Hebreeën doet dat ook,

846
00:50:30,510 --> 00:50:32,550
in Hebreeën hoofdstuk 10.

847
00:50:32,550 --> 00:50:38,190
Eigenlijk haalt Paulus alleen de
eerste daarvan aan, in Romeinen 12:19.

848
00:50:38,190 --> 00:50:43,230
Vervolgens worden in Hebreeën hoofdstuk
10 beide Schriftgedeelten aangehaald.

849
00:50:43,230 --> 00:50:47,010
In Hebreeën hoofdstuk 10 staat
dit in de context van het komende

850
00:50:47,010 --> 00:50:48,810
oordeel over Israël.

851
00:50:48,810 --> 00:50:51,510
Het gaat hier om Joden die
christen waren geweest,

852
00:50:51,510 --> 00:50:54,990
maar die zich hadden afgekeerd
en teruggingen naar het jodendom.

853
00:50:54,990 --> 00:50:57,090
Door het hele boek Hebreeën heen

854
00:50:57,090 --> 00:51:00,870
waarschuwt de schrijver hen dat
het jodendom en zijn instellingen,

855
00:51:00,870 --> 00:51:04,830
zijn stad Jeruzalem en zijn
tempel vernietigd zullen worden.

856
00:51:04,830 --> 00:51:07,050
Hij zegt in vers 28:

857
00:51:07,050 --> 00:51:10,110
Als iemand de wet van
Mozes tenietgedaan heeft,

858
00:51:10,110 --> 00:51:15,570
moet hij sterven zonder barmhartigheid,
op het woord van twee of drie getuigen.

859
00:51:15,570 --> 00:51:19,710
Hoeveel te zwaarder straf, denkt
u, zal hij waard geacht worden

860
00:51:19,710 --> 00:51:23,610
die de Zoon van God vertrapt heeft
en het bloed van het verbond,

861
00:51:23,610 --> 00:51:26,850
waardoor hij geheiligd
was, onrein geacht heeft

862
00:51:26,850 --> 00:51:29,130
en de Geest van de genade gesmaad heeft?

863
00:51:29,130 --> 00:51:32,970
Dit zou het geval zijn bij
iemand die Christus heeft gekend

864
00:51:32,970 --> 00:51:35,010
en zich van Christus heeft afgekeerd.

865
00:51:35,010 --> 00:51:39,030
Dit alles staat hier in de context
van het Joodse volk dat teruggaat

866
00:51:39,030 --> 00:51:40,530
naar het jodendom.

867
00:51:40,530 --> 00:51:41,310
Er staat:

868
00:51:41,310 --> 00:51:45,510
Wij kennen immers Hem Die gezegd
heeft: Mij komt de wraak toe,

869
00:51:45,510 --> 00:51:48,150
Ik zal het vergelden, spreekt de Heere.

870
00:51:48,150 --> 00:51:52,410
En verder: De Heere
zal Zijn volk oordelen.

871
00:51:52,410 --> 00:51:55,650
Vreselijk is het te vallen in
de handen van de levende God.

872
00:51:55,650 --> 00:51:58,890
Hij zegt dus dat als je
teruggaat naar het jodendom,

873
00:51:58,890 --> 00:52:03,150
God heeft gezegd dat Hij het
afvallige jodendom zal oordelen.

874
00:52:03,150 --> 00:52:07,290
Toen Hebreeën werd geschreven, stond
de verwoesting van Jeruzalem blijkbaar

875
00:52:07,290 --> 00:52:08,430
voor de deur.

876
00:52:08,430 --> 00:52:12,270
De schrijver van Hebreeën verwijst
namelijk meerdere keren naar de

877
00:52:12,270 --> 00:52:14,850
naderende verwoesting
van de stad Jeruzalem

878
00:52:14,850 --> 00:52:19,170
en de naderende verdwijning van
het systeem van het oude verbond.

879
00:52:19,170 --> 00:52:22,110
In Romeinen hoofdstuk 12 gebruikt Paulus

880
00:52:22,110 --> 00:52:26,430
Wreek uzelf niet, geliefden,
maar laat ruimte voor de toorn,

881
00:52:26,430 --> 00:52:31,470
want er staat geschreven: Mij komt
de wraak toe , Ik zal het vergelden,

882
00:52:31,470 --> 00:52:32,790
zegt de Heere.

883
00:52:32,790 --> 00:52:38,070
ook om een ander punt te maken, een punt
over christelijk gedrag en de houding van

884
00:52:38,070 --> 00:52:41,430
christenen tegenover
mensen die hun kwaad doen.

885
00:52:41,430 --> 00:52:45,450
In Romeinen 12:19 zei Paulus:

886
00:52:45,450 --> 00:52:50,250
Geliefden, neem geen wraak, maar
laat ruimte voor Gods toorn.

887
00:52:50,250 --> 00:52:56,310
Want er staat geschreven: De wraak is
aan Mij, Ik zal vergelden, zegt de Heer.

888
00:52:56,310 --> 00:53:00,990
Dat wil zeggen: neem geen wraak
op mensen die je kwaad doen.

889
00:53:00,990 --> 00:53:03,210
Laat dat aan God over.

890
00:53:03,210 --> 00:53:05,670
Geef God de ruimte om te handelen.

891
00:53:05,670 --> 00:53:08,610
Hij heeft gezegd dat Hij wraak zal nemen.

892
00:53:08,610 --> 00:53:11,490
Laat het aan Hem over om dat te doen.

893
00:53:11,490 --> 00:53:14,670
Wat moet je dan doen wanneer
mensen je slecht behandelen?

894
00:53:14,670 --> 00:53:16,410
Paulus zegt vervolgens:

895
00:53:16,410 --> 00:53:20,610
Als dan uw vijand honger heeft, geef
hem te eten, als hij dorst heeft,

896
00:53:20,610 --> 00:53:23,310
geef hem te drinken,
want door dat te doen,

897
00:53:23,310 --> 00:53:26,370
zult u vurige kolen op zijn hoofd hopen.

898
00:53:26,370 --> 00:53:28,170
Dat is wat je moet doen.

899
00:53:28,170 --> 00:53:32,670
Door dat te doen, zul je vurige
kolen op zijn hoofd stapelen.

900
00:53:32,670 --> 00:53:40,290
Romeinen 12:20 is een citaat uit
Spreuken hoofdstuk 25, vers 21 en 22.

901
00:53:40,290 --> 00:53:43,710
Het zegt in wezen dat als je
vijand je slecht behandelt,

902
00:53:43,710 --> 00:53:45,810
jij hem toch goed behandelt.

903
00:53:45,810 --> 00:53:48,810
Als hij honger heeft,
geef hem dan te eten.

904
00:53:48,810 --> 00:53:51,870
Als hij dorst heeft,
geef hem dan te drinken.

905
00:53:51,870 --> 00:53:54,930
Natuurlijk draag je er,
door goed voor hem te zijn,

906
00:53:54,930 --> 00:53:57,570
toe bij dat het oordeel over hem komt.

907
00:53:57,570 --> 00:54:02,370
Je laat het rechtzetten van het onrecht
dat hij je heeft aangedaan in Gods handen.

908
00:54:02,370 --> 00:54:05,670
Je stapelt als het ware
vurige kolen op zijn hoofd,

909
00:54:05,670 --> 00:54:10,830
die God te Zijner tijd in de vorm van
oordelen over hem zal laten komen.

910
00:54:10,830 --> 00:54:12,750
Maar je doet dat niet zelf.

911
00:54:12,750 --> 00:54:16,950
Als je de persoon die jou onrecht
aandoet met gelijke munt betaalt,

912
00:54:16,950 --> 00:54:19,950
geef je God geen ruimte om wraak te nemen.

913
00:54:19,950 --> 00:54:23,670
Dan heb je Hem de wind al
volledig uit de zeilen genomen.

914
00:54:23,670 --> 00:54:26,610
Die persoon heeft dan al
door jouw hand geleden,

915
00:54:26,610 --> 00:54:30,030
zodat er voor God niets
meer te doen overblijft.

916
00:54:30,030 --> 00:54:35,070
Maar als je goeddoet aan je vijanden,
blijft de vergelding in Gods handen.

917
00:54:35,070 --> 00:54:38,070
God heeft beloofd dat
Hij het zal vergelden.

918
00:54:38,070 --> 00:54:42,870
Door goed te doen aan je vijanden stapel
je dus een toekomstig oordeel van God

919
00:54:42,870 --> 00:54:48,030
over hen op, maar het is niet de bedoeling
dat jij dat oordeel zelf over hen brengt.

920
00:54:48,030 --> 00:54:53,970
Paulus neemt deze uitspraak van God in
het lied van Mozes in Deuteronomium 32

921
00:54:53,970 --> 00:54:59,190
en gebruikt die als grondslag voor de
christelijke ethiek van niet-vergelden.

922
00:54:59,190 --> 00:55:04,470
Dat is niet het punt dat God
in Deuteronomium 32:35 maakt,

923
00:55:04,470 --> 00:55:08,850
maar het is geen ongepaste
toepassing, en Paulus ziet dat.

924
00:55:08,850 --> 00:55:10,650
Vers 39:

925
00:55:10,650 --> 00:55:16,350
Zie nu in dat Ik, Ik Die ben,
er is geen God naast Mij.

926
00:55:16,350 --> 00:55:21,570
Ík dood en Ik maak levend,
Ik verwond en Ík genees

927
00:55:21,570 --> 00:55:24,150
en er is niemand die uit Mijn hand redt!

928
00:55:24,150 --> 00:55:29,550
Want Ik hef Mijn hand op naar de hemel
en zeg: Zo waar als Ik eeuwig leef,

929
00:55:29,550 --> 00:55:34,590
als Ik Mijn glinsterend zwaard scherp
en Mijn hand het oordeel vastgrijpt,

930
00:55:34,590 --> 00:55:40,230
zal Ik wraak oefenen op Mijn tegenstanders
en het hun die Mij haten vergelden.

931
00:55:40,230 --> 00:55:45,570
Ik zal Mijn pijlen dronken maken van
bloed en Mijn zwaard zal vlees verslinden.

932
00:55:45,570 --> 00:55:49,230
In dit geval is de vijand
natuurlijk het afvallige Israël.

933
00:55:49,230 --> 00:55:51,150
Daar heeft Hij het hier over.

934
00:55:51,150 --> 00:55:55,770
Wanneer Israël Gods vijand wordt, zullen
ze ontdekken dat Hij hen op dezelfde

935
00:55:55,770 --> 00:55:59,070
manier kan behandelen
als Zijn andere vijanden.

936
00:55:59,070 --> 00:56:02,790
Ze hebben gezien hoe Hij Zijn
andere vijanden heeft behandeld:

937
00:56:02,790 --> 00:56:07,830
de Egyptenaren en de Amorieten
en uiteindelijk de Kanaänieten.

938
00:56:07,830 --> 00:56:11,730
Maar ze zullen ontdekken dat ze, als
ze zichzelf tot Zijn vijanden maken,

939
00:56:11,730 --> 00:56:13,890
hetzelfde over zich afroepen.

940
00:56:13,890 --> 00:56:19,590
Ik moet bij deze passage denken aan
Jakobus 4, geloof ik, omdat hij in vers 4,

941
00:56:19,590 --> 00:56:22,590
Jakobus 4:4, zegt:

942
00:56:22,590 --> 00:56:27,390
Overspelige mannen en vrouwen, weet u
dan niet dat de vriendschap met de wereld

943
00:56:27,390 --> 00:56:29,490
vijandschap tegen God is?

944
00:56:29,490 --> 00:56:34,470
Wie dan nu een vriend van de wereld wil
zijn, wordt als vijand van God aangemerkt.

945
00:56:34,470 --> 00:56:38,610
En in deze context heeft hij
het over geestelijk overspel.

946
00:56:38,610 --> 00:56:42,630
In vers 2 heeft hij het over mensen
die hebzuchtig zijn en dergelijke,

947
00:56:42,630 --> 00:56:46,710
en dat leidt tot oorlog omdat je
dingen van andere mensen wilt afnemen.

948
00:56:46,710 --> 00:56:50,190
Dat wil zeggen: je maakt
jezelf tot Gods vijand

949
00:56:50,190 --> 00:56:52,350
als je een vriend van de wereld bent.

950
00:56:52,350 --> 00:56:55,530
Je kunt jezelf dus tot
een vijand van God maken.

951
00:56:55,530 --> 00:56:59,850
Het enige wat je daarvoor hoeft te
doen, is een vriend van de wereld zijn.

952
00:56:59,850 --> 00:57:02,010
De wereld is tegen God.

953
00:57:02,010 --> 00:57:07,530
De wegen, waarden en bezigheden van
de wereld zijn in strijd met God.

954
00:57:07,530 --> 00:57:12,150
Als je je daarmee inlaat, heb je
jezelf tot een vijand van God gemaakt.

955
00:57:12,150 --> 00:57:15,450
Dat is precies waarvoor
Israël werd gewaarschuwd.

956
00:57:15,450 --> 00:57:18,450
Je kunt jezelf tot een
vijand van God maken,

957
00:57:18,450 --> 00:57:24,090
maar je zult ontdekken dat Gods zwaard het
vlees van Zijn vijanden zal verslinden.

958
00:57:24,090 --> 00:57:29,550
Zijn pijlen zullen dronken zijn van hun
bloed, en jij wilt niet een van hen zijn.

959
00:57:29,550 --> 00:57:35,370
Het lied in Deuteronomium 32
eindigt in vers 43 hiermee:

960
00:57:35,370 --> 00:57:37,950
Juich, heidenen, met Zijn volk!

961
00:57:37,950 --> 00:57:40,950
Want Hij zal het bloed
van Zijn dienaren wreken.

962
00:57:40,950 --> 00:57:44,550
Hij zal de wraak laten
terugkomen op Zijn tegenstanders,

963
00:57:44,550 --> 00:57:47,430
en Zijn land en Zijn volk verzoenen!

964
00:57:47,430 --> 00:57:51,510
Dit is hier interessant, want in de
context waarin God het bloed van Zijn

965
00:57:51,510 --> 00:57:56,370
dienaren wreekt, is dit voor de
heidenen een reden om zich te verheugen.

966
00:57:56,370 --> 00:58:00,990
Waarom zouden de heidenen zich verheugen
omdat God Zijn dienaren wreekt,

967
00:58:00,990 --> 00:58:03,390
tenzij de heidenen Zijn dienaren zijn?

968
00:58:03,390 --> 00:58:06,870
De mensen die zich erover
verheugen dat ze gewroken worden,

969
00:58:06,870 --> 00:58:09,870
zijn degenen voor wie wraak wordt genomen.

970
00:58:09,870 --> 00:58:12,690
Zij zijn Zijn dienaren.

971
00:58:12,690 --> 00:58:18,030
Dit vers voorspelt dat de heidenen,
samen met het overblijfsel van Israël,

972
00:58:18,030 --> 00:58:22,050
Gods dienaren zullen zijn en
dat God hen zal wreken door hun

973
00:58:22,050 --> 00:58:25,710
vijanden te vernietigen—in
dit geval de afvallige Joden.

974
00:58:25,710 --> 00:58:29,970
In de tijd van Paulus waren er veel
heidenen die christen waren geworden,

975
00:58:29,970 --> 00:58:32,970
en zij werden vervolgd
door het afvallige Israël,

976
00:58:32,970 --> 00:58:37,110
net zoals Paulus zelf door het
afvallige Israël werd vervolgd.

977
00:58:37,110 --> 00:58:42,270
In Romeinen wijst Paulus erop dat er veel
dingen in het Oude Testament stonden die

978
00:58:42,270 --> 00:58:44,850
juist deze situatie voorspelden.

979
00:58:44,850 --> 00:58:49,470
Hij noemt heel wat verzen uit het Oude
Testament, uit de Psalmen en dergelijke,

980
00:58:49,470 --> 00:58:52,530
en dit vers is er een dat hij citeert.

981
00:58:52,530 --> 00:58:55,530
Hij citeert het in Romeinen 15:10.

982
00:58:55,530 --> 00:58:59,490
Het maakt deel uit van een reeks
verzen uit het Oude Testament

983
00:58:59,490 --> 00:59:03,570
die allemaal hetzelfde punt maken,
namelijk dat God heeft voorspeld

984
00:59:03,570 --> 00:59:07,770
dat de heidenen zullen worden opgenomen
onder degenen die Zijn dienaren zijn,

985
00:59:07,770 --> 00:59:09,810
dat wil zeggen in de gemeente.

986
00:59:09,810 --> 00:59:12,930
Daarom citeert Paulus in Romeinen 15:

987
00:59:12,930 --> 00:59:18,150
En verder zegt Hij: Wees
vrolijk, heidenen, met Zijn volk!

988
00:59:18,150 --> 00:59:22,710
Zoals ik al zei, is dit slechts een
van verscheidene passages uit het Oude

989
00:59:22,710 --> 00:59:26,430
Testament die aan elkaar worden
gekoppeld om dit specifieke punt

990
00:59:26,430 --> 00:59:28,050
krachtig te onderbouwen.

991
00:59:28,050 --> 00:59:30,810
Hij begint in Romeinen 15:8:

992
00:59:30,810 --> 00:59:35,010
En ik zeg dat Jezus Christus een
Dienaar van de besnijdenis is geworden

993
00:59:35,010 --> 00:59:39,450
ter wille van de waarheid van God om de
beloften aan de vaderen te bevestigen,

994
00:59:39,450 --> 00:59:40,410
de Joden,

995
00:59:40,410 --> 00:59:44,670
en opdat de heidenen God zouden
verheerlijken vanwege de barmhartigheid,

996
00:59:44,670 --> 00:59:48,930
zoals geschreven staat: Daarom zal
ik U belijden onder de heidenen,

997
00:59:48,930 --> 00:59:50,850
en Uw Naam lofzingen.

998
00:59:50,850 --> 00:59:55,950
Dan citeert hij uit verschillende Psalmen,
maar in vers 10 citeert hij ook dit

999
00:59:55,950 --> 00:59:57,990
vers uit Deuteronomium:

1000
00:59:57,990 --> 01:00:00,990
Wees blij, heidenen, samen met Zijn volk.

1001
01:00:00,990 --> 01:00:03,930
Deze verschillende citaten
uit het Oude Testament

1002
01:00:03,930 --> 01:00:07,530
bevestigen de gemeente en de
opname van de heidenen daarin,

1003
01:00:07,530 --> 01:00:10,290
waarvoor Paulus in zijn betoog pleitte.

1004
01:00:10,290 --> 01:00:12,570
Laten we het hoofdstuk afmaken.

1005
01:00:12,570 --> 01:00:14,730
Vers 44 zegt:

1006
01:00:14,730 --> 01:00:20,010
En Mozes kwam en sprak al de woorden
van dit lied ten aanhoren van het volk,

1007
01:00:20,010 --> 01:00:22,950
hij en Hosea, de zoon van Nun.

1008
01:00:22,950 --> 01:00:27,450
Toen Mozes geëindigd had al die
woorden tot heel Israël te spreken,

1009
01:00:27,450 --> 01:00:33,570
zei hij tegen hen: Neem al de woorden
waarmee ik u heden waarschuw, ter harte,

1010
01:00:33,570 --> 01:00:38,550
zodat u uw kinderen gebiedt al de woorden
van deze wet nauwlettend te houden.

1011
01:00:38,550 --> 01:00:43,290
Want het is geen woord zonder
inhoud voor u, maar het is uw leven.

1012
01:00:43,290 --> 01:00:47,670
En door dit woord zult u de dagen
verlengen in het land waarvoor u de

1013
01:00:47,670 --> 01:00:50,850
Jordaan oversteekt om
het in bezit te nemen.

1014
01:00:50,850 --> 01:00:52,710
Het is niet iets vruchteloos.

1015
01:00:52,710 --> 01:00:56,550
Het is niet iets wat geen positief
resultaat voor je zal hebben als je je aan

1016
01:00:56,550 --> 01:00:57,810
de wet houdt.

1017
01:00:57,810 --> 01:01:00,090
Wat er werkelijk op het spel staat, is

1018
01:01:00,090 --> 01:01:03,870
of je zult overleven en
je bezit zult behouden.

1019
01:01:03,870 --> 01:01:05,610
Vers 48:

1020
01:01:05,610 --> 01:01:11,010
Vervolgens sprak de HEERE tot Mozes, op
diezelfde dag: Beklim het Abarimgebergte,

1021
01:01:11,010 --> 01:01:15,150
dat is de berg Nebo, die
in het land van Moab ligt

1022
01:01:15,150 --> 01:01:19,590
en die zich tegenover Jericho
bevindt, en zie het land Kanaän,

1023
01:01:19,590 --> 01:01:22,590
dat Ik aan de Israëlieten in bezit geef.

1024
01:01:22,590 --> 01:01:25,470
En sterf dan op de berg
die u beklimmen zult,

1025
01:01:25,470 --> 01:01:30,810
en word verenigd met uw voorgeslacht,
zoals uw broer Aäron gestorven is op de

1026
01:01:30,810 --> 01:01:34,170
berg Hor en met zijn
voorgeslacht verenigd is.

1027
01:01:34,170 --> 01:01:38,730
Daarom, omdat u Mij ontrouw bent
geweest te midden van de Israëlieten,

1028
01:01:38,730 --> 01:01:42,630
bij het water van de twist
van Kades, in de woestijn Zin,

1029
01:01:42,630 --> 01:01:46,650
omdat u Mij niet geheiligd hebt
te midden van de Israëlieten.

1030
01:01:46,650 --> 01:01:50,910
Want van een afstand zult u het
land zien, maar er binnengaan,

1031
01:01:50,910 --> 01:01:55,170
in het land dat Ik de
Israëlieten geef, dat mag u niet.

1032
01:01:55,170 --> 01:01:58,350
Mozes zal diezelfde dag de berg opgaan.

1033
01:01:58,350 --> 01:02:02,130
Het enige wat hem eigenlijk
nog rest, is een patriarchale

1034
01:02:02,130 --> 01:02:04,890
zegen uit te spreken
over de stammen, zoals

1035
01:02:04,890 --> 01:02:10,710
Jakob dat aan het einde van zijn leven
deed in het 49e hoofdstuk van Genesis.

1036
01:02:10,710 --> 01:02:16,410
In hoofdstuk 33 hebben we een zegen
die Mozes over Israël uitspreekt,

1037
01:02:16,410 --> 01:02:18,090
stam voor stam.

1038
01:02:18,090 --> 01:02:20,910
Die lijkt op de zegeningen die Jakob gaf.

1039
01:02:20,910 --> 01:02:22,590
We komen daarop terug.

1040
01:02:22,590 --> 01:02:25,470
Daarna hebben we nog
een kort hoofdstuk 34,

1041
01:02:25,470 --> 01:02:29,430
dat ons bij het einde van Mozes’ leven
en het einde van de Pentateuch brengt.
