1
00:00:02,070 --> 00:00:04,590
Welkom bij Vers voor Vers!

2
00:00:04,590 --> 00:00:09,270
Deze keer behandelen we Efeze 3.

3
00:00:09,270 --> 00:00:11,790
Nu het derde hoofdstuk van Efeze.

4
00:00:11,790 --> 00:00:16,590
De eerste drie hoofdstukken vormen het
eerste grote gedeelte van het boek.

5
00:00:16,590 --> 00:00:20,730
Aan het einde van hoofdstuk 3 begint
Paulus de praktische toepassing te geven

6
00:00:20,730 --> 00:00:23,910
van de theologie die hij hier uiteenzet.

7
00:00:23,910 --> 00:00:27,390
Eigenlijk staat het meeste
theologische materiaal uit de eerste

8
00:00:27,390 --> 00:00:31,650
drie hoofdstukken in hoofdstuk 1
en 2, die we al behandeld hebben.

9
00:00:31,650 --> 00:00:34,950
In hoofdstuk 3 staat nog
maar een klein beetje meer.

10
00:00:34,950 --> 00:00:39,870
Dat gebeurt haast bij toeval, want
Paulus begint hoofdstuk 3 met de woorden:

11
00:00:39,870 --> 00:00:45,270
Om deze reden ben ik, Paulus, de
gevangene van Christus Jezus, voor u,

12
00:00:45,270 --> 00:00:46,530
die heidenen bent,

13
00:00:46,530 --> 00:00:49,950
Dan breekt hij af. Hij
maakt die zin niet af.

14
00:00:49,950 --> 00:00:52,470
[Vertalersnoot: In de Engelse
Bijbelvertaling die de spreker gebruikt,

15
00:00:52,470 --> 00:00:58,231
staat hier geen persoonsvorm: ‘Om deze
reden, ik, Paulus, de gevangene …’.

16
00:00:58,231 --> 00:01:00,930
De HSV voegt ‘ben’ in.

17
00:01:00,930 --> 00:01:04,110
De bespreking van de
afgebroken zin en de mogelijke

18
00:01:04,110 --> 00:01:07,350
voltooiing ervan gaat uit
van de Engelse zinsbouw.]

19
00:01:07,350 --> 00:01:10,710
In vers 14 begint hij de draad
weer op te pakken. Hij zegt:

20
00:01:10,710 --> 00:01:15,690
Om deze reden buig ik mijn knieën voor
de Vader van onze Heere Jezus Christus,

21
00:01:15,690 --> 00:01:18,210
Maar eigenlijk pakt hij
de draad pas weer op

22
00:01:18,210 --> 00:01:22,050
en gaat hij ermee verder
in hoofdstuk 4, vers 1:

23
00:01:22,050 --> 00:01:27,630
Zo roep ik, de gevangene in de Heere, u
op tot een wandel die de roeping waarmee u

24
00:01:27,630 --> 00:01:29,850
geroepen bent, waardig is,

25
00:01:29,850 --> 00:01:34,470
Nu betekent ‘daarom’
hetzelfde als ‘om deze reden’.

26
00:01:34,470 --> 00:01:38,130
Dus wanneer Paulus in
hoofdstuk 3, vers 1 zegt:

27
00:01:38,130 --> 00:01:41,610
Daarom ben ik, Paulus,
de gevangene van de Heer,

28
00:01:41,610 --> 00:01:46,170
is dat qua betekenis identiek
aan hoofdstuk 4, vers 1:

29
00:01:46,170 --> 00:01:49,350
Daarom vraag ik je dringend,
als gevangene van de Heer.

30
00:01:49,350 --> 00:01:53,610
Het lijkt erop dat hij in hoofdstuk 4 echt
verdergaat met wat hij aan het begin van

31
00:01:53,610 --> 00:01:55,950
hoofdstuk 3 van plan was te zeggen.

32
00:01:55,950 --> 00:02:00,450
Hij was van plan verder te gaan met
het geven van praktische instructies.

33
00:02:00,450 --> 00:02:04,890
Hij begon dus bijna met hoofdstuk
4 op de plaats van hoofdstuk 3.

34
00:02:04,890 --> 00:02:08,010
Dat zou erop wijzen dat hoofdstuk 1 en 2

35
00:02:08,010 --> 00:02:12,510
bevatten wat hij oorspronkelijk als zijn
hele leerstellige gedeelte had bedoeld.

36
00:02:12,510 --> 00:02:15,390
Toen hij hoofdstuk 2 af had, was hij zo

37
00:02:15,390 --> 00:02:19,830
ongeveer klaar om verder te gaan met
de stof die we in hoofdstuk 4 hebben,

38
00:02:19,830 --> 00:02:21,570
maar hij dwaalde af.

39
00:02:21,570 --> 00:02:25,770
In hoofdstuk 3 begint hij te
doen wat hij in hoofdstuk 4 deed:

40
00:02:25,770 --> 00:02:31,350
Om deze reden ben ik, Paulus, de
gevangene van Christus Jezus, voor u,

41
00:02:31,350 --> 00:02:32,670
die heidenen bent,

42
00:02:32,670 --> 00:02:38,130
Maar dan wordt hij afgeleid, zoals dat
bij Paulus soms gebeurt. Wanneer hij zegt:

43
00:02:38,130 --> 00:02:42,510
voor jullie die geen Joden zijn, beseft
hij dat hij een paar bijzondere dingen wil

44
00:02:42,510 --> 00:02:45,690
zeggen over zijn zending
onder de heidenen en over het

45
00:02:45,690 --> 00:02:48,750
Evangelie voor zover
het de heidenen betreft.

46
00:02:48,750 --> 00:02:52,110
Die heeft hij in de eerste twee
hoofdstukken nog niet gezegd.

47
00:02:52,110 --> 00:02:56,550
Hij besluit ze op dit punt maar te
zeggen. Het is de verwijzing naar:

48
00:02:56,550 --> 00:03:00,870
voor jullie die geen Joden zijn
die hem tot deze uitweiding brengt.

49
00:03:00,870 --> 00:03:01,950
Hij zegt:

50
00:03:01,950 --> 00:03:04,770
als u tenminste gehoord
hebt van de uitdeling van de

51
00:03:04,770 --> 00:03:08,490
genade van God die aan mij
gegeven is ten behoeve van u,

52
00:03:08,490 --> 00:03:11,190
Dat wil zeggen: voor de heidenen.

53
00:03:11,190 --> 00:03:15,390
Paulus was een apostel voor de
heidenen, en dat is wat hij zegt.

54
00:03:15,390 --> 00:03:18,810
Nogmaals, het Engelse
woord ‘dispensation’,

55
00:03:18,810 --> 00:03:24,630
dat de HSV hier met ‘uitdeling’ weergeeft,
betekent letterlijk ‘rentmeesterschap’.

56
00:03:24,630 --> 00:03:25,950
Daarom zegt hij:

57
00:03:25,950 --> 00:03:30,210
Als jullie hebben gehoord dat ik de taak
heb gekregen om Gods genade aan jullie

58
00:03:30,210 --> 00:03:31,710
door te geven.

59
00:03:31,710 --> 00:03:34,650
Rentmeesterschap over de
genade van God hebben,

60
00:03:34,650 --> 00:03:39,390
veronderstelt dat de genade van God iets
is waarover je rentmeester kunt zijn,

61
00:03:39,390 --> 00:03:41,550
iets wat beheerd moet worden.

62
00:03:41,550 --> 00:03:45,090
Net als geld: je kunt
rentmeester zijn over geld,

63
00:03:45,090 --> 00:03:50,430
of je kunt rentmeester zijn over je
tijd, of rentmeester over je talenten,

64
00:03:50,430 --> 00:03:54,150
of je kunt rentmeester zijn
over de genade van God.

65
00:03:54,150 --> 00:03:59,010
God geeft je genade, en je wordt
de rentmeester van die genade.

66
00:03:59,010 --> 00:04:00,990
Laat me je iets laten zien.

67
00:04:00,990 --> 00:04:05,730
Petrus heeft in 1 Petrus een soortgelijke
gedachte over rentmeester zijn

68
00:04:05,730 --> 00:04:07,650
van de genade van God.

69
00:04:07,650 --> 00:04:11,130
Met die genade van God
bedoelt hij een gave,

70
00:04:11,130 --> 00:04:16,230
een bepaalde gave en roeping uit
genade die God heeft gegeven.

71
00:04:16,230 --> 00:04:20,970
In 1 Petrus 4:10 en 11 zegt Petrus:

72
00:04:20,970 --> 00:04:25,650
Laat ieder de anderen dienen met de
genadegave zoals hij die ontvangen heeft,

73
00:04:25,650 --> 00:04:29,850
als goede beheerders van de
veelsoortige genade van God.

74
00:04:29,850 --> 00:04:35,610
Als iemand spreekt, dan als iemand die de
woorden van God spreekt; als iemand dient,

75
00:04:35,610 --> 00:04:39,270
dan als iemand die dient
uit kracht die God schenkt;

76
00:04:39,270 --> 00:04:43,170
zodat God in alles verheerlijkt
wordt door Jezus Christus.

77
00:04:43,170 --> 00:04:48,750
Hem komt de heerlijkheid en de kracht
toe, tot in alle eeuwigheid. Amen.

78
00:04:48,750 --> 00:04:52,890
Let op: als je een gave hebt,
wat je gave ook mag zijn,

79
00:04:52,890 --> 00:04:56,430
is die een aspect van de
veelsoortige genade van God.

80
00:04:56,430 --> 00:04:59,190
Een genadegave, een charisma.

81
00:04:59,190 --> 00:05:01,110
Dat is een genadegave.

82
00:05:01,110 --> 00:05:04,110
Je hoort je gave te gebruiken
om elkaar te dienen.

83
00:05:04,110 --> 00:05:08,370
Als je dat met je gave doet, beheer
je de genade die God je heeft gegeven.

84
00:05:08,370 --> 00:05:12,390
Je bent een goede rentmeester van
de genade van God die je gegeven is.

85
00:05:12,390 --> 00:05:14,730
Hij geeft voorbeelden in vers 11:

86
00:05:14,730 --> 00:05:18,450
Als iemand spreekt, laat hij dan
spreken met de woorden van God.

87
00:05:18,450 --> 00:05:23,610
Als iemand anderen dient, laat hij dat
dan doen met de kracht die God geeft.

88
00:05:23,610 --> 00:05:29,190
Dit zijn dus verschillende gaven, gaven
om te spreken en gaven om te dienen.

89
00:05:29,190 --> 00:05:32,370
Als je spreekt als iemand die
de woorden van God doorgeeft,

90
00:05:32,370 --> 00:05:36,810
of dient met de kracht die God
geeft, ben je een goede rentmeester.

91
00:05:36,810 --> 00:05:40,410
Je dient elkaar met de genade
die God je heeft gegeven.

92
00:05:40,410 --> 00:05:44,910
Petrus spreekt dus over de noodzaak
een goede rentmeester te zijn van de

93
00:05:44,910 --> 00:05:47,310
genade van God die je gegeven is.

94
00:05:47,310 --> 00:05:52,050
Daarmee bedoelt hij de gave, de
roeping die God je heeft gegeven.

95
00:05:52,050 --> 00:05:55,230
God geeft je bepaalde
bekwaamheden en een roeping,

96
00:05:55,230 --> 00:05:57,630
en vervolgens ben je
ervoor verantwoordelijk

97
00:05:57,630 --> 00:05:59,490
die voor Hem te gebruiken.

98
00:05:59,490 --> 00:06:04,410
Denk eraan: in de gelijkenissen over
rentmeesters die Jezus vertelde,

99
00:06:04,410 --> 00:06:08,670
waren er rentmeesters die van
één talent twee talenten maakten,

100
00:06:08,670 --> 00:06:13,050
en rentmeesters die van één
talent vijf talenten maakten.

101
00:06:13,050 --> 00:06:15,810
Als God je bepaalde gaven en genade geeft,

102
00:06:15,810 --> 00:06:18,930
kan je gebruik daarvan
meer of minder opleveren,

103
00:06:18,930 --> 00:06:22,110
afhankelijk van de mate van
je trouw en rentmeesterschap.

104
00:06:22,110 --> 00:06:26,190
Je bent bijvoorbeeld geboren in een
land waar je toegang hebt tot de Bijbel.

105
00:06:26,190 --> 00:06:29,370
Je kunt een goede rentmeester
van die gelegenheid zijn.

106
00:06:29,370 --> 00:06:33,270
Dat is een gave van God: dat
je de Bijbel kunt leren kennen.

107
00:06:33,270 --> 00:06:37,530
Nu kan het zijn dat jouw roeping niet
ligt in het onderwijzen van de Bijbel.

108
00:06:37,530 --> 00:06:41,370
Misschien heb je andere genadegaven
waarvoor je meer als rentmeester moet

109
00:06:41,370 --> 00:06:44,670
zorgen, en waaraan je
meer tijd zult besteden.

110
00:06:44,670 --> 00:06:48,450
Maar je zou kunnen stellen dat je,
als je toegang tot de Bijbel hebt,

111
00:06:48,450 --> 00:06:52,470
er meer of minder energie in kunt
steken om die te leren kennen,

112
00:06:52,470 --> 00:06:54,690
zodat je anderen kunt onderwijzen.

113
00:06:54,690 --> 00:06:59,730
Sommige mensen zullen trouwer of
ijveriger zijn in hun studie dan anderen.

114
00:06:59,730 --> 00:07:04,110
Daardoor zal hun bediening, waarvoor
God hun de genade heeft gegeven,

115
00:07:04,110 --> 00:07:05,970
beter of slechter zijn.

116
00:07:05,970 --> 00:07:10,110
Als je een gave hebt om op een bepaalde
manier te helpen, om te dienen,

117
00:07:10,110 --> 00:07:14,070
dan kun je meer of minder vrucht
voortbrengen voor het Koninkrijk,

118
00:07:14,070 --> 00:07:16,290
afhankelijk van hoe je die gebruikt.

119
00:07:16,290 --> 00:07:19,350
Er zijn bijvoorbeeld
mensen met muzikaal talent,

120
00:07:19,350 --> 00:07:22,890
christenen die volgens mij een deel
daarvan verkwisten door er gewoon op uit

121
00:07:22,890 --> 00:07:26,430
te gaan en te proberen met
muziek hun brood te verdienen,

122
00:07:26,430 --> 00:07:29,730
en misschien zelfs
wereldlijke muziek te spelen.

123
00:07:29,730 --> 00:07:33,450
Ik denk niet dat het zonde is
om wereldlijke muziek te spelen.

124
00:07:33,450 --> 00:07:37,050
Ik vind het voor een christen
een armzalig gebruik van talent.

125
00:07:37,050 --> 00:07:39,030
Ik denk niet dat ze daarmee het beste

126
00:07:39,030 --> 00:07:41,850
rentmeesterschap over
dat talent uitoefenen.

127
00:07:41,850 --> 00:07:43,590
Misschien dragen ze enige vrucht.

128
00:07:43,590 --> 00:07:47,190
Ik ken christenen die hun brood
verdienen met wereldlijke muziek,

129
00:07:47,190 --> 00:07:51,330
en daarnaast af en toe ook christelijke
muziek maken als bediening.

130
00:07:51,330 --> 00:07:53,430
Dat is beter dan niets, denk ik.

131
00:07:53,430 --> 00:07:57,690
Ik veronderstel dat het beter is dan
wanneer iemand muzikaal talent heeft

132
00:07:57,690 --> 00:08:00,030
en het helemaal niet voor God gebruikt.

133
00:08:00,030 --> 00:08:05,070
Maar als God je een genadegave, een
bekwaamheid, een gave heeft gegeven,

134
00:08:05,070 --> 00:08:10,470
dan is jouw rentmeesterschap over die
gave eigenlijk een persoonlijke zaak.

135
00:08:10,470 --> 00:08:14,070
Niemand kan je vertellen in welke mate
je die wel of niet op een bepaalde

136
00:08:14,070 --> 00:08:15,690
manier moet gebruiken.

137
00:08:15,690 --> 00:08:20,970
Maar op een dag zul je voor God staan
als een rentmeester die trouw of

138
00:08:20,970 --> 00:08:25,770
ontrouw is geweest, of heel
trouw of een beetje trouw.

139
00:08:25,770 --> 00:08:29,610
Paulus ziet zijn bediening
onder de heidenen op die manier.

140
00:08:29,610 --> 00:08:35,430
Hij zet al zijn energie in om een goede
rentmeester te zijn van die genade die God

141
00:08:35,430 --> 00:08:39,030
hem als apostel voor de
heidenen heeft gegeven.

142
00:08:39,030 --> 00:08:44,010
En om zijn gelegenheden en zijn gaven
te gebruiken om de heidenen te winnen.

143
00:08:44,010 --> 00:08:47,730
Dus zegt hij tegen hen
in hoofdstuk 3, vers 2:

144
00:08:47,730 --> 00:08:51,630
als u tenminste gehoord hebt van de
uitdeling van de genade van God die aan

145
00:08:51,630 --> 00:08:54,090
mij gegeven is ten behoeve van u,

146
00:08:54,090 --> 00:08:57,690
dat Hij mij door openbaring dit
geheimenis bekendgemaakt heeft

147
00:08:57,690 --> 00:09:02,550
(zoals ik eerder in het kort geschreven
heb; waaraan u, als u dit leest,

148
00:09:02,550 --> 00:09:05,610
mijn inzicht kunt bemerken in
het geheimenis van Christus),

149
00:09:05,610 --> 00:09:09,150
dat in andere tijden niet
bekendgemaakt is aan de mensenkinderen,

150
00:09:09,150 --> 00:09:12,810
zoals het nu geopenbaard is aan Zijn
heilige apostelen en profeten door de

151
00:09:12,810 --> 00:09:16,710
Geest, namelijk dat de
heidenen mede-erfgenamen zijn

152
00:09:16,710 --> 00:09:20,190
en tot hetzelfde lichaam
behoren en mededeelgenoten zijn

153
00:09:20,190 --> 00:09:23,430
van Zijn belofte in
Christus, door het Evangelie,

154
00:09:23,430 --> 00:09:28,110
waarvan ik een dienaar geworden ben,
krachtens de gave van de genade van God,

155
00:09:28,110 --> 00:09:32,490
die mij gegeven is, overeenkomstig
de werking van Zijn kracht.

156
00:09:32,490 --> 00:09:36,450
De gave van de genade van God
die aan Paulus werd gegeven,

157
00:09:36,450 --> 00:09:41,190
heeft dus de vorm van Gods kracht die
doeltreffend door hem heen werkt om de

158
00:09:41,190 --> 00:09:42,810
heidenen te bereiken.

159
00:09:42,810 --> 00:09:48,090
Hier brengt Paulus een begrip ter sprake,
en dat staat in vers 3 tot en met 6.

160
00:09:48,090 --> 00:09:53,490
Namelijk dat er een verborgenheid was die
God kende en die niemand anders kende.

161
00:09:53,490 --> 00:09:55,110
In vers 5 staat:

162
00:09:55,110 --> 00:09:58,890
In vroegere tijden is dit niet
aan de mensen bekendgemaakt.

163
00:09:58,890 --> 00:10:02,430
Maar de andere kant van dit
begrip is dat dit verborgene,

164
00:10:02,430 --> 00:10:07,470
dit wat eeuwenlang alleen God wist, nu
bekendgemaakt is aan de heilige apostelen

165
00:10:07,470 --> 00:10:10,470
en profeten, staat er in vers 5.

166
00:10:10,470 --> 00:10:13,470
Paulus hoorde bij hen, volgens vers 3:

167
00:10:13,470 --> 00:10:17,430
Hoe Hij mij door een openbaring
het geheim bekend heeft gemaakt.

168
00:10:17,430 --> 00:10:21,810
Hij is een van die apostelen en
profeten aan wie dit bekendgemaakt is.

169
00:10:21,810 --> 00:10:25,650
De gedachte dat God in de tijd van
het Oude Testament een geheim had,

170
00:10:25,650 --> 00:10:29,010
en dat Hij het pas in de dagen
van de apostelen openbaarde,

171
00:10:29,010 --> 00:10:33,930
houdt in dat er in het Oude Testament
profeten en godvrezende mensen waren

172
00:10:33,930 --> 00:10:37,530
die eenvoudigweg geen toegang
hadden tot deze informatie.

173
00:10:37,530 --> 00:10:41,310
Het was een verborgenheid die
God nog niet had geopenbaard.

174
00:10:41,310 --> 00:10:45,450
Paulus vertelt ons wat die
verborgenheid is, namelijk, vers 6:

175
00:10:45,450 --> 00:10:48,630
Dat ook mensen die geen
Joden zijn mee mogen erven,

176
00:10:48,630 --> 00:10:52,170
bij hetzelfde lichaam horen en
door het evangelie delen in Zijn

177
00:10:52,170 --> 00:10:53,790
belofte in Christus.

178
00:10:53,790 --> 00:10:58,830
Dat wil zeggen: de verborgenheid en
het geheim van God was de gemeente.

179
00:10:58,830 --> 00:11:02,310
En dan vooral dat onderdeel
van ons begrip van de gemeente,

180
00:11:02,310 --> 00:11:06,510
dat de heidenen daarin een gelijke
plaats zouden hebben als de Joden.

181
00:11:06,510 --> 00:11:11,190
Dat ze in één lichaam zouden delen
in hetzelfde voorrecht als de Joden.

182
00:11:11,190 --> 00:11:16,230
Niet als proselieten die Joden werden,
maar als heidenen die nooit Joden werden,

183
00:11:16,230 --> 00:11:20,730
nooit besneden werden, nooit proselieten
van het Joodse geloof werden.

184
00:11:20,730 --> 00:11:25,770
Maar als heidenen die samen met de Joden
ten volle deelden in Gods barmhartigheid

185
00:11:25,770 --> 00:11:29,490
en genade en weldaden en voorrechten.

186
00:11:29,490 --> 00:11:33,630
Dit is de gemeente die hij in
het vorige hoofdstuk beschreef:

187
00:11:33,630 --> 00:11:38,010
de scheidingsmuur tussen de Jood
en de heiden die afgebroken wordt,

188
00:11:38,010 --> 00:11:40,830
en het maken van één nieuwe mens.

189
00:11:40,830 --> 00:11:42,690
Dat was een verborgenheid.

190
00:11:42,690 --> 00:11:45,990
Die is in deze laatste dagen
aan Paulus en aan de andere

191
00:11:45,990 --> 00:11:49,110
apostelen en profeten
geopenbaard, zegt hij.

192
00:11:49,110 --> 00:11:53,310
Deze gedachte dat het Evangelie,
of beter gezegd de gemeente,

193
00:11:53,310 --> 00:11:57,810
een verborgenheid was die in de tijd
van het Oude Testament verborgen was,

194
00:11:57,810 --> 00:12:02,730
maar nu geopenbaard is, vinden we ook
elders in de geschriften van Paulus

195
00:12:02,730 --> 00:12:04,710
en ook in die van Petrus.

196
00:12:04,710 --> 00:12:10,710
Een ander punt van overeenkomst met
Petrus staat in 1 Petrus hoofdstuk 1,

197
00:12:10,710 --> 00:12:13,770
vers 10 tot en met 12. Petrus zei:

198
00:12:13,770 --> 00:12:16,410
Naar deze zaligheid
hebben de profeten, die

199
00:12:16,410 --> 00:12:21,570
geprofeteerd hebben over de genade die
aan u bewezen is, gezocht en gespeurd.

200
00:12:21,570 --> 00:12:26,850
Zij onderzochten op welke en wat voor tijd
de Geest van Christus, Die in hen was,

201
00:12:26,850 --> 00:12:31,470
doelde, toen Hij tevoren getuigde van
het lijden dat op Christus komen zou,

202
00:12:31,470 --> 00:12:34,110
en ook van de heerlijkheid daarna.

203
00:12:34,110 --> 00:12:37,110
Aan hen werd geopenbaard
dat zij niet zichzelf,

204
00:12:37,110 --> 00:12:41,250
maar ons dienden in de dingen
die u nu verkondigd zijn door hen

205
00:12:41,250 --> 00:12:44,490
die u het Evangelie verkondigd
hebben door de Heilige Geest,

206
00:12:44,490 --> 00:12:47,250
Die vanuit de hemel gezonden is; dingen,

207
00:12:47,250 --> 00:12:49,590
waarin de engelen begerig
zijn zich te verdiepen.

208
00:12:49,590 --> 00:12:51,210
Aan wie?

209
00:12:51,210 --> 00:12:56,730
Aan de heidenen aan wie hij schrijft:
de genade die tot de heidenen zou komen.

210
00:12:56,730 --> 00:12:59,670
Paulus zei dat het geheimenis
was dat de heidenen

211
00:12:59,670 --> 00:13:03,390
samen met de Joden in één
lichaam opgenomen zouden worden.

212
00:13:03,390 --> 00:13:05,970
De profeten spraken hier trouwens over.

213
00:13:05,970 --> 00:13:08,190
Je kunt het bij de profeten lezen.

214
00:13:08,190 --> 00:13:10,590
Ze spreken over het
binnenkomen van de heidenen,

215
00:13:10,590 --> 00:13:13,050
maar het was voor de lezers
van het Oude Testament

216
00:13:13,050 --> 00:13:15,570
en voor de profeten
die erover spraken niet

217
00:13:15,570 --> 00:13:18,930
duidelijk wat dat binnenkomen
van de heidenen precies inhield.

218
00:13:18,930 --> 00:13:22,770
De Joden dachten allemaal dat dit
betekende dat de heidenen allemaal

219
00:13:22,770 --> 00:13:25,290
proselieten van het
jodendom zouden worden.

220
00:13:25,290 --> 00:13:28,530
Ze begrepen het geheimenis
niet dat zowel Joden als

221
00:13:28,530 --> 00:13:32,070
heidenen hun vroegere
identiteit zouden opgeven om

222
00:13:32,070 --> 00:13:36,330
één nieuwe mens in Christus te
worden. Dat is het geheimenis.

223
00:13:36,330 --> 00:13:40,650
Maar over deze genade die tot jullie
zou komen, spraken de profeten.

224
00:13:40,650 --> 00:13:44,610
En over de profeten staat
er in vers 11 dat ze:

225
00:13:44,610 --> 00:13:49,530
Ze zochten uit op welke tijd en welke
omstandigheden de Geest van Christus in

226
00:13:49,530 --> 00:13:54,030
hen doelde toen Hij van tevoren
vertelde over het lijden van Christus

227
00:13:54,030 --> 00:13:56,790
en de heerlijkheid die daarna zou komen.

228
00:13:56,790 --> 00:14:00,450
De heerlijkheden die zouden volgen,
zouden niet alleen de opstanding

229
00:14:00,450 --> 00:14:02,070
van Christus zijn.

230
00:14:02,070 --> 00:14:05,310
Ook de gemeente, die uit
Zijn lijden voortkwam,

231
00:14:05,310 --> 00:14:08,970
behoort tot de heerlijkheden die
op Zijn lijden zouden volgen.

232
00:14:08,970 --> 00:14:12,570
Dus het lijden van Christus
en de gemeente die door die

233
00:14:12,570 --> 00:14:17,130
barensweeën werd voortgebracht, waren
het onderwerp waarover de profeten in het

234
00:14:17,130 --> 00:14:18,990
Oude Testament schreven.

235
00:14:18,990 --> 00:14:20,850
Maar ze begrepen het niet.

236
00:14:20,850 --> 00:14:23,190
Ze probeerden er meer van te begrijpen.

237
00:14:23,190 --> 00:14:25,410
Maar er staat in vers 12:

238
00:14:25,410 --> 00:14:30,750
Hun werd duidelijk gemaakt dat ze met die
dingen niet zichzelf dienden, maar ons:

239
00:14:30,750 --> 00:14:33,150
het gaat om wat jullie nu is verteld

240
00:14:33,150 --> 00:14:35,970
door de mensen die jullie
het evangelie hebben gebracht

241
00:14:35,970 --> 00:14:39,270
door de Heilige Geest die
uit de hemel is gestuurd,

242
00:14:39,270 --> 00:14:43,050
dingen waar zelfs de engelen
graag meer over willen weten.

243
00:14:43,050 --> 00:14:49,170
We zullen zien dat Paulus in Efeze 3 zegt
dat de engelen zich hier ook in verdiepen.

244
00:14:49,170 --> 00:14:53,370
Petrus en Efeze sluiten
hier dus nauw op elkaar aan.

245
00:14:53,370 --> 00:14:58,410
De gedachte is dat er geheimenissen
waren die zelfs de engelen niet kenden.

246
00:14:58,410 --> 00:15:00,270
Geen mens wist ervan.

247
00:15:00,270 --> 00:15:03,330
De mensenkinderen waren niet ingelicht.

248
00:15:03,330 --> 00:15:05,610
De engelen wisten het niet.

249
00:15:05,610 --> 00:15:11,190
Maar nu, in deze laatste dagen in
Christus, is God ermee bezig geweest,

250
00:15:11,190 --> 00:15:15,990
en het is een wonder voor de engelen,
en het is een wonder voor iedereen.

251
00:15:15,990 --> 00:15:18,870
En het was niet aan de
profeten om het te weten.

252
00:15:18,870 --> 00:15:21,510
De profeten deden navraag
naar zulke dingen,

253
00:15:21,510 --> 00:15:25,350
maar hun werd gezegd dat het
niet aan hen was om het te weten.

254
00:15:25,350 --> 00:15:28,350
Hun werd gezegd dat ze
niet voor zichzelf dienden.

255
00:15:28,350 --> 00:15:33,390
Het was voor ons, dat wil zeggen
voor degenen onder ons die nu leven,

256
00:15:33,390 --> 00:15:37,950
nadat dit geheimenis door de prediking
van de apostelen duidelijk is gemaakt.

257
00:15:37,950 --> 00:15:41,370
Degenen die jullie het Evangelie
verkondigen, zegt Petrus,

258
00:15:41,370 --> 00:15:42,990
door de Heilige Geest.

259
00:15:42,990 --> 00:15:45,810
Petrus zegt hier dus hetzelfde als Paulus:

260
00:15:45,810 --> 00:15:49,470
hoewel de profeten over het
geheimenis van de gemeente spraken,

261
00:15:49,470 --> 00:15:51,810
begrepen ze niet waarover ze schreven.

262
00:15:51,810 --> 00:15:55,650
En toen ze ernaar vroegen, kregen
ze het antwoord niet te horen.

263
00:15:55,650 --> 00:15:59,430
God zei: ‘Sorry, dat is
niet aan jullie om te weten.

264
00:15:59,430 --> 00:16:02,490
Dat is voor een latere
generatie om te weten.’

265
00:16:02,490 --> 00:16:04,710
Paulus maakt dezelfde opmerkingen,

266
00:16:04,710 --> 00:16:07,830
namelijk dat dit geheimenis
vroeger verborgen was,

267
00:16:07,830 --> 00:16:12,810
maar nu aan de apostelen geopenbaard
is, in minstens drie andere brieven.

268
00:16:12,810 --> 00:16:17,130
In Romeinen hoofdstuk 16, vlak
voordat hij die brief afsluit,

269
00:16:17,130 --> 00:16:18,750
maakt hij dezelfde opmerking.

270
00:16:18,750 --> 00:16:23,190
In Romeinen 16:25 en 26 zegt hij:

271
00:16:23,190 --> 00:16:26,850
Hem nu Die in staat is
u vast te doen staan,

272
00:16:26,850 --> 00:16:31,530
overeenkomstig mijn Evangelie en
de prediking van Jezus Christus,

273
00:16:31,530 --> 00:16:34,530
overeenkomstig de openbaring
van het geheimenis

274
00:16:34,530 --> 00:16:37,590
dat door de tijden der
eeuwen heen verzwegen was,

275
00:16:37,590 --> 00:16:42,570
maar dat nu geopenbaard is en door de
profetische Schriften onder alle heidenen

276
00:16:42,570 --> 00:16:47,070
bekendgemaakt is, overeenkomstig
het bevel van de eeuwige God,

277
00:16:47,070 --> 00:16:49,710
om hen tot geloofsgehoorzaamheid
te brengen,

278
00:16:49,710 --> 00:16:54,630
Deze boodschap, deze openbaring, zei
hij, was sinds het begin van de wereld

279
00:16:54,630 --> 00:16:58,050
geheimgehouden, maar
is nu openbaar gemaakt.

280
00:16:58,050 --> 00:16:59,790
Dezelfde gedachte.

281
00:16:59,790 --> 00:17:03,570
Hij zegt het ook in Kolossenzen,
wat niet verwonderlijk is,

282
00:17:03,570 --> 00:17:08,430
aangezien er zoveel overeenkomsten
zijn tussen Efeze en Kolossenzen.

283
00:17:08,430 --> 00:17:11,310
In Kolossenzen verwoordt
hij het iets anders.

284
00:17:11,310 --> 00:17:16,410
In Kolossenzen hoofdstuk 1,
vers 24 en verder, staat:

285
00:17:16,410 --> 00:17:19,110
Nu verblijd ik mij in mijn lijden voor u

286
00:17:19,110 --> 00:17:23,250
en vervul in mijn vlees wat overblijft
van de verdrukkingen van Christus,

287
00:17:23,250 --> 00:17:26,610
ten behoeve van Zijn
lichaam, dat is de gemeente.

288
00:17:26,610 --> 00:17:30,810
Daarvan ben ik een dienaar geworden,
overeenkomstig de taak in de dienst van

289
00:17:30,810 --> 00:17:35,790
God, die mij met het oog op u gegeven
is om het Woord van God te vervullen,

290
00:17:35,790 --> 00:17:38,190
Dat wil zeggen, van de gemeente.

291
00:17:38,190 --> 00:17:43,290
namelijk het geheimenis, dat eeuwen en
geslachten lang verborgen is geweest,

292
00:17:43,290 --> 00:17:46,410
maar nu geopenbaard is aan Zijn heiligen.

293
00:17:46,410 --> 00:17:49,950
Aan hen heeft God willen
bekendmaken wat de rijkdom is

294
00:17:49,950 --> 00:17:55,590
van de heerlijkheid van dit geheimenis
onder de heidenen: Christus onder u,

295
00:17:55,590 --> 00:17:57,450
de hoop op de heerlijkheid.

296
00:17:57,450 --> 00:17:59,850
Trouwens, de Engelse woorden:

297
00:17:59,850 --> 00:18:04,110
Christus in jullie kunnen vertaald
worden als ‘Christus onder jullie’.

298
00:18:04,110 --> 00:18:08,130
En aangezien hij aan heidenen schrijft,
is het mogelijk dat hij zegt dat het

299
00:18:08,130 --> 00:18:12,150
geheimenis hier is dat Christus
zowel onder de heidenen als

300
00:18:12,150 --> 00:18:13,950
onder de Joden zou wonen.

301
00:18:13,950 --> 00:18:18,630
Met andere woorden, bedenk dat hij
in Efeze zei dat het geheimenis was

302
00:18:18,630 --> 00:18:23,490
dat de heidenen en de Joden één
lichaam in Christus zouden zijn.

303
00:18:23,490 --> 00:18:29,250
Hier spreekt hij over hetzelfde geheimenis
dat verborgen was en nu geopenbaard is,

304
00:18:29,250 --> 00:18:30,630
en hij verwoordt het anders.

305
00:18:30,630 --> 00:18:34,050
Wanneer hij ons in Efeze vertelt
wat dit vroeger verborgen

306
00:18:34,050 --> 00:18:39,810
maar nu geopenbaarde geheimenis is,
zegt hij in Efeze 3:6 dat de heidenen

307
00:18:39,810 --> 00:18:42,870
mede-erfgenamen van hetzelfde
lichaam zouden zijn.

308
00:18:42,870 --> 00:18:47,130
In Kolossenzen zegt hij dat dit
geheimenis is dat Christus in jullie,

309
00:18:47,130 --> 00:18:50,910
of Christus onder jullie, dat
wil zeggen onder de heidenen,

310
00:18:50,910 --> 00:18:53,070
hun hoop op heerlijkheid is.

311
00:18:53,070 --> 00:18:57,090
Dat ook de heidenen delen in
Christus, dat Hij ook onder hen is,

312
00:18:57,090 --> 00:19:00,330
en niet alleen onder de Joden,
dat ze samen met de Joden

313
00:19:00,330 --> 00:19:02,490
één lichaam in Christus zijn.

314
00:19:02,490 --> 00:19:05,790
En dus vinden we dit idee
van iets wat verborgen was en

315
00:19:05,790 --> 00:19:10,470
in de tijd van de apostelen, door
de apostelen, openbaar is gemaakt,

316
00:19:10,470 --> 00:19:13,650
in Romeinen 16 en in Efeze 3.

317
00:19:13,650 --> 00:19:19,110
Het idee staat in Kolossenzen 1;
het staat in 1 Petrus hoofdstuk 1.

318
00:19:19,110 --> 00:19:23,250
Volgens mij is het ook waar Paulus
het over heeft in 1 Korinthe 2.

319
00:19:23,250 --> 00:19:27,270
In 1 Korinthe hoofdstuk 2 spreekt
hij opnieuw over het geheimenis.

320
00:19:27,270 --> 00:19:29,190
Hij zegt in vers 7:

321
00:19:29,190 --> 00:19:32,970
Wij spreken echter de wijsheid
van God, als een geheimenis;

322
00:19:32,970 --> 00:19:35,790
een wijsheid die verborgen was en die God

323
00:19:35,790 --> 00:19:39,270
vóór alle eeuwen voorbestemd
heeft tot onze heerlijkheid;

324
00:19:39,270 --> 00:19:43,770
een wijsheid die niemand van de
leiders van deze wereld gekend heeft.

325
00:19:43,770 --> 00:19:47,910
Immers, als zij die gekend hadden,
zouden zij de Heere der heerlijkheid

326
00:19:47,910 --> 00:19:49,650
niet gekruisigd hebben.

327
00:19:49,650 --> 00:19:52,050
En dan gaat hij in vers 10 verder:

328
00:19:52,050 --> 00:19:56,010
Aan ons echter heeft God het
geopenbaard door Zijn Geest.

329
00:19:56,010 --> 00:20:00,150
De Geest immers onderzoekt alle
dingen, zelfs de diepten van God.

330
00:20:00,150 --> 00:20:03,450
We hebben dus hetzelfde
idee: een geheimenis,

331
00:20:03,450 --> 00:20:08,130
een wijsheid die niemand eerder kende,
maar die God aan ons heeft geopenbaard.

332
00:20:08,130 --> 00:20:12,750
Dat wil zeggen, aan de apostelen
en profeten, door Zijn Geest.

333
00:20:12,750 --> 00:20:15,870
Dit idee is voor Paulus
een belangrijk thema.

334
00:20:15,870 --> 00:20:20,190
Hij brengt het in zijn geschriften
minstens vier keer ter sprake,

335
00:20:20,190 --> 00:20:23,610
en Petrus neemt het ook
op en zegt het eveneens.

336
00:20:23,610 --> 00:20:27,870
Waarom wordt er zo de nadruk op
gelegd dat het eerder verborgen was?

337
00:20:27,870 --> 00:20:32,550
De reden lijkt te zijn dat we niet moeten
proberen het Evangelie uit te leggen

338
00:20:32,550 --> 00:20:35,370
vanuit de misvattingen
die de Joden al hadden.

339
00:20:35,370 --> 00:20:39,030
Hij zegt dat wat de Joden
dachten, verkeerd was.

340
00:20:39,030 --> 00:20:41,490
Het was niet aan hen geopenbaard.

341
00:20:41,490 --> 00:20:45,330
Probeer hun vooropgezette
ideeën niet te nemen en als

342
00:20:45,330 --> 00:20:48,630
interpretatiekader toe te
passen op wat het Evangelie is,

343
00:20:48,630 --> 00:20:50,310
want zij wisten het niet.

344
00:20:50,310 --> 00:20:52,770
Het was niet aan hen geopenbaard.

345
00:20:52,770 --> 00:20:54,450
Het was een geheim.

346
00:20:54,450 --> 00:20:58,230
Zelfs de profeten die tot
hen spraken, wisten het niet.

347
00:20:58,230 --> 00:21:01,530
Ze wilden het wel weten, maar God zei:

348
00:21:01,530 --> 00:21:05,190
Aan hen werd geopenbaard
dat zij niet zichzelf,

349
00:21:05,190 --> 00:21:09,750
maar ons dienden in de dingen die u
nu verkondigd zijn door hen die u het

350
00:21:09,750 --> 00:21:12,930
Evangelie verkondigd hebben
door de Heilige Geest,

351
00:21:12,930 --> 00:21:15,930
Die vanuit de hemel gezonden is; dingen,

352
00:21:15,930 --> 00:21:18,990
waarin de engelen begerig
zijn zich te verdiepen.

353
00:21:18,990 --> 00:21:21,930
Petrus zegt dat wij die generatie zijn.

354
00:21:21,930 --> 00:21:26,790
Wij zijn degenen die het weten, omdat
God het aan ons heeft geopenbaard door de

355
00:21:26,790 --> 00:21:29,850
Geest, door de apostelen, enzovoort.

356
00:21:29,850 --> 00:21:35,130
De waarde van die kennis is eenvoudigweg
dit: als je het Oude Testament leest,

357
00:21:35,130 --> 00:21:39,750
zou je een indruk krijgen van wat Gods
plan en bedoeling voor de eeuwen is,

358
00:21:39,750 --> 00:21:42,570
en dat zou heel sterk
op Israël gericht zijn.

359
00:21:42,570 --> 00:21:46,890
De Joden kregen beslist de indruk dat
Gods bedoeling in de eeuwigheid was

360
00:21:46,890 --> 00:21:50,130
om met Israël, het volk, te werken.

361
00:21:50,130 --> 00:21:54,510
Maar in het Oude Testament wordt niet
zo duidelijk als je zou wensen dat de

362
00:21:54,510 --> 00:21:58,950
heidenen die binnengebracht zullen
worden, geen Israël zullen worden.

363
00:21:58,950 --> 00:22:02,970
Dat zij binnenkomen, wordt in
het Oude Testament vaak genoemd,

364
00:22:02,970 --> 00:22:05,310
vooral in Jesaja en de Psalmen.

365
00:22:05,310 --> 00:22:08,670
Maar zij zullen dus geen
natuurlijk Israël worden.

366
00:22:08,670 --> 00:22:11,970
De Joden dachten dat de
heidenen eenvoudigweg door

367
00:22:11,970 --> 00:22:14,970
proselitisme deel van
Israël zouden worden.

368
00:22:14,970 --> 00:22:17,970
Wij worden deel van een geestelijk Israël,

369
00:22:17,970 --> 00:22:22,650
en het overblijfsel van Israël wordt
deel van dat geestelijke Israël.

370
00:22:22,650 --> 00:22:25,890
Er is dus een nieuw
Israël, een nieuwe mens,

371
00:22:25,890 --> 00:22:30,450
een nieuw verschijnsel dat in het Oude
Testament niet duidelijk wordt gemaakt,

372
00:22:30,450 --> 00:22:32,550
maar in het Nieuwe wel.

373
00:22:32,550 --> 00:22:37,590
Het is niet zo dat het niet in het Oude
Testament te vinden is. Het staat er wel.

374
00:22:37,590 --> 00:22:42,090
Het is alleen zo dat voor de uitleg
van het Oude Testament nodig was dat

375
00:22:42,090 --> 00:22:44,790
Jezus het verstand van
de apostelen opende,

376
00:22:44,790 --> 00:22:47,430
zodat zij de Schriften konden begrijpen.

377
00:22:47,430 --> 00:22:51,510
En toen dat eenmaal gebeurd was,
zagen ze wat zonder dat inzicht niet

378
00:22:51,510 --> 00:22:53,070
begrepen kon worden.

379
00:22:53,070 --> 00:22:56,010
Tegenwoordig is er bij de
studie van het Oude Testament,

380
00:22:56,010 --> 00:22:57,990
of van de Bijbel in het algemeen,

381
00:22:57,990 --> 00:23:02,070
natuurlijk een groot verschil tussen wat
we de benadering vanuit de bedelingenleer

382
00:23:02,070 --> 00:23:06,150
noemen en de benadering die niet
van de bedelingenleer uitgaat.

383
00:23:06,150 --> 00:23:09,990
De benadering vanuit de bedelingenleer
lijkt dit punt te missen.

384
00:23:09,990 --> 00:23:13,650
Want volgens de hermeneutiek van de
bedelingenleer moet je het Nieuwe

385
00:23:13,650 --> 00:23:17,250
Testament uitleggen door de
lens van het Oude Testament.

386
00:23:17,250 --> 00:23:20,430
Degenen die geen aanhangers
van de bedelingenleer zijn,

387
00:23:20,430 --> 00:23:23,910
kiezen precies de
tegenovergestelde benadering.

388
00:23:23,910 --> 00:23:28,230
Wij leggen het Oude Testament uit
door de lens van het Nieuwe Testament.

389
00:23:28,230 --> 00:23:30,990
Dat wil zeggen, nu we het
Nieuwe Testament hebben,

390
00:23:30,990 --> 00:23:34,230
kunnen we weten wat het Oude
Testament werkelijk zei.

391
00:23:34,230 --> 00:23:38,250
Want de geïnspireerde apostelen
hebben ons nu Gods duidelijke en

392
00:23:38,250 --> 00:23:41,130
definitieve woord over deze zaak gegeven.

393
00:23:41,130 --> 00:23:43,230
We weten hoe het verhaal afloopt.

394
00:23:43,230 --> 00:23:46,770
Als je een detectiveverhaal van Sherlock
Holmes leest en je weet niet hoe het

395
00:23:46,770 --> 00:23:50,730
afloopt, dan kijk je tijdens het lezen
naar alle aanwijzingen en trek je

396
00:23:50,730 --> 00:23:52,770
vaak verkeerde conclusies.

397
00:23:52,770 --> 00:23:56,910
Soms is het verhaal zelfs zo geschreven
dat je op een dwaalspoor wordt gebracht,

398
00:23:56,910 --> 00:24:00,450
zodat je denkt: ‘Die man is
waarschijnlijk de dader.’

399
00:24:00,450 --> 00:24:04,110
En dan is er een verrassend
einde: het is iemand anders.

400
00:24:04,110 --> 00:24:07,710
Maar als je het verhaal eenmaal hebt
gelezen en weet hoe het afloopt,

401
00:24:07,710 --> 00:24:11,610
en je weet wie de misdaad werkelijk
heeft gepleegd en waarom en hoe,

402
00:24:11,610 --> 00:24:14,670
dan krijgen de eerdere
aanwijzingen een andere betekenis

403
00:24:14,670 --> 00:24:16,770
als je het verhaal opnieuw leest.

404
00:24:16,770 --> 00:24:21,330
En dan zul je niet dat dwaalspoor
volgen waarop ze je proberen te brengen.

405
00:24:21,330 --> 00:24:23,190
Zo is het ook met de Bijbel.

406
00:24:23,190 --> 00:24:27,690
Het Oude Testament bevatte
aanwijzingen, maar er is een geheimenis.

407
00:24:27,690 --> 00:24:31,350
En het geheimenis werd pas in
het Nieuwe Testament geopenbaard.

408
00:24:31,350 --> 00:24:35,310
Nu het geheimenis is opgelost,
lezen we het Oude Testament,

409
00:24:35,310 --> 00:24:39,450
wanneer we het opnieuw gaan lezen, in het
licht van wat het Nieuwe Testament ons

410
00:24:39,450 --> 00:24:41,910
over de uiteindelijke afloop vertelt.

411
00:24:41,910 --> 00:24:44,910
Dat is de juiste manier om
de Schrift te bestuderen.

412
00:24:44,910 --> 00:24:49,470
De aanhangers van de bedelingenleer
hebben de tegenovergestelde opvatting.

413
00:24:49,470 --> 00:24:54,030
Zij zeggen: ‘Nee, we moeten ervan
uitgaan dat we het Nieuwe Testament,

414
00:24:54,030 --> 00:24:58,470
wanneer we het lezen, moeten lezen door
de ogen van een Jood die onderwezen is in

415
00:24:58,470 --> 00:25:00,090
het Oude Testament.’

416
00:25:00,090 --> 00:25:03,210
En omdat een Jood die het Nieuwe
Testament niet heeft gelezen,

417
00:25:03,210 --> 00:25:07,770
maar alleen het Oude Testament, deze
ideeën heeft over de bestemming van Israël

418
00:25:07,770 --> 00:25:12,810
enzovoort, moeten we die dus overbrengen
naar onze studie van het Nieuwe Testament.

419
00:25:12,810 --> 00:25:15,690
Ook al leert het Nieuwe
Testament geen van die dingen,

420
00:25:15,690 --> 00:25:19,290
we moeten ze erin meenemen alsof
ze daar wel geleerd worden,

421
00:25:19,290 --> 00:25:21,690
omdat ze in het Oude Testament staan.

422
00:25:21,690 --> 00:25:25,290
Uiteindelijk moet je het Nieuwe
uitleggen in het licht van het Oude,

423
00:25:25,290 --> 00:25:27,690
zegt de aanhanger van de bedelingenleer.

424
00:25:27,690 --> 00:25:31,470
De vraag is natuurlijk, in
haar eenvoudigste vorm, deze:

425
00:25:31,470 --> 00:25:33,150
welk Testament biedt het

426
00:25:33,150 --> 00:25:36,570
interpretatiekader om het
andere Testament te lezen?

427
00:25:36,570 --> 00:25:39,990
En de opvatting van de
bedelingenleer is die van de Joden:

428
00:25:39,990 --> 00:25:43,350
je neemt het Joodse kader
van het Oude Testament.

429
00:25:43,350 --> 00:25:46,050
Wat zeiden de profeten volgens de Joden?

430
00:25:46,050 --> 00:25:48,150
Wel, zij hadden gelijk.

431
00:25:48,150 --> 00:25:51,210
Nu moeten we hun opvatting
aan de apostelen opleggen,

432
00:25:51,210 --> 00:25:54,030
alsof de apostelen dat ook moeten geloven.

433
00:25:54,030 --> 00:25:57,150
Wanneer je de apostelen dus
iets hoort zeggen dat niet

434
00:25:57,150 --> 00:25:59,370
erg lijkt op wat de Joden zeiden,

435
00:25:59,370 --> 00:26:04,050
herinterpreteer je wat de apostelen zeiden
om het te laten passen bij wat de Joden

436
00:26:04,050 --> 00:26:09,390
gedacht zouden hebben, met inbegrip van
hun misverstanden over het Oude Testament.

437
00:26:09,390 --> 00:26:13,590
Maar Paulus geeft ons juist de opvatting
dat zij het in de tijd van het Oude

438
00:26:13,590 --> 00:26:15,090
Testament niet wisten.

439
00:26:15,090 --> 00:26:18,150
Waarom zou je hun mening
dan als uitgangspunt nemen

440
00:26:18,150 --> 00:26:20,490
om ook maar iets te interpreteren?

441
00:26:20,490 --> 00:26:22,470
Zij tastten in het duister.

442
00:26:22,470 --> 00:26:24,870
Het licht ging aan toen Jezus kwam,

443
00:26:24,870 --> 00:26:29,430
en de apostelen en profeten ontvingen
openbaring over dit geheimenis

444
00:26:29,430 --> 00:26:31,650
dat daarvoor niet bekend was.

445
00:26:31,650 --> 00:26:36,330
Daarom lezen we het Nieuwe Testament om
erachter te komen wie het gedaan heeft,

446
00:26:36,330 --> 00:26:38,910
en dan is het raadsel opgelost.

447
00:26:38,910 --> 00:26:41,130
Het antwoord is gegeven.

448
00:26:41,130 --> 00:26:43,770
Als we vervolgens het
Oude Testament lezen,

449
00:26:43,770 --> 00:26:47,250
kunnen we de aanwijzingen zien
in het licht van de oplossing.

450
00:26:47,250 --> 00:26:51,930
Dan hoeven we niet te proberen de
aanwijzingen zonder enig licht te volgen

451
00:26:51,930 --> 00:26:54,210
en onze eigen conclusies te trekken,

452
00:26:54,210 --> 00:26:57,330
waardoor we soms op een
dwaalspoor terechtkomen.

453
00:26:57,330 --> 00:27:00,210
De Joden werden soms in een
verkeerde richting geleid,

454
00:27:00,210 --> 00:27:04,410
omdat ze probeerden gevolgtrekkingen
te maken uit wat er gezegd was,

455
00:27:04,410 --> 00:27:07,950
maar zonder rekening te
houden met wat verborgen was.

456
00:27:07,950 --> 00:27:11,610
Zo kwamen ze voorbarig
tot verkeerde conclusies.

457
00:27:11,610 --> 00:27:16,230
Paulus zegt dit in Efeze vooral om
nader in te gaan op het feit dat hij een

458
00:27:16,230 --> 00:27:18,270
bediening onder de heidenen heeft.

459
00:27:18,270 --> 00:27:20,310
Dat is zijn rentmeesterschap.

460
00:27:20,310 --> 00:27:22,710
Hij is een apostel voor de heidenen.

461
00:27:22,710 --> 00:27:26,310
De reden dat hij zo enthousiast is
over het bereiken van de heidenen,

462
00:27:26,310 --> 00:27:29,550
is dat hij een openbaring
van dit geheimenis heeft:

463
00:27:29,550 --> 00:27:34,050
dat de heidenen evenzeer deelhebben
aan Gods plan als de Joden,

464
00:27:34,050 --> 00:27:37,530
en op dezelfde gronden,
onder dezelfde voorwaarden.

465
00:27:37,530 --> 00:27:39,570
Dat geeft hem een visie om deze

466
00:27:39,570 --> 00:27:43,050
heidenen te bereiken die
God heeft willen insluiten.

467
00:27:43,050 --> 00:27:44,970
Dat is wat hij hier zegt.

468
00:27:44,970 --> 00:27:47,610
Laten we nu verdergaan. Vers 8:

469
00:27:47,610 --> 00:27:52,470
Mij, de allerminste van alle
heiligen, is deze genade gegeven,

470
00:27:52,470 --> 00:27:57,270
om onder de heidenen door het
Evangelie de onnaspeurlijke rijkdom van

471
00:27:57,270 --> 00:27:58,770
Christus te verkondigen,

472
00:27:58,770 --> 00:28:03,930
Zijn opdracht om te prediken noemt
hij een genade die hem gegeven is.

473
00:28:03,930 --> 00:28:07,230
Dat komt doordat hij erover
spreekt als een gave.

474
00:28:07,230 --> 00:28:10,410
Het is zijn roeping;
het is zijn levenswerk.

475
00:28:10,410 --> 00:28:14,730
God heeft hem begiftigd en geroepen
om naar de heidenen te gaan.

476
00:28:14,730 --> 00:28:17,550
Dat is een genade die hem gegeven is,

477
00:28:17,550 --> 00:28:20,970
waardoor hij onder de heidenen
doeltreffend kan zijn,

478
00:28:20,970 --> 00:28:23,610
waar anderen dat misschien
niet zouden zijn.

479
00:28:23,610 --> 00:28:26,730
Paulus had niet zo'n grote
genade voor de Joden.

480
00:28:26,730 --> 00:28:31,350
Dat wil zeggen: hij had onder de Joden
niet zo'n doeltreffende bediening als

481
00:28:31,350 --> 00:28:32,850
onder de heidenen.

482
00:28:32,850 --> 00:28:37,170
Telkens wanneer hij probeerde de Joden
gunstig te stemmen of het hun naar de zin

483
00:28:37,170 --> 00:28:41,910
te maken, of de synagoge binnenging
om hen te proberen te bereiken,

484
00:28:41,910 --> 00:28:46,770
liep het er gewoonlijk op uit dat ze hem
de synagoge uit gooiden en vervolgens ook

485
00:28:46,770 --> 00:28:48,090
de stad uit.

486
00:28:48,090 --> 00:28:51,450
Gelukkig kwamen er ondertussen
enkele heidenen tot behoud,

487
00:28:51,450 --> 00:28:54,390
maar de Joden wezen hem
over het algemeen af.

488
00:28:54,390 --> 00:28:59,130
Op zijn leven rustte geen genade,
geen zalving om de Joden te bereiken,

489
00:28:59,130 --> 00:29:01,290
maar wel om de heidenen te bereiken.

490
00:29:01,290 --> 00:29:02,490
Hij zegt:

491
00:29:02,490 --> 00:29:07,170
Mij, de allerminste van alle
heiligen, is deze genade gegeven,

492
00:29:07,170 --> 00:29:10,290
om onder de heidenen door het Evangelie de

493
00:29:10,290 --> 00:29:14,790
onnaspeurlijke rijkdom van Christus te
verkondigen, en allen te verlichten,

494
00:29:14,790 --> 00:29:19,530
opdat zij mogen begrijpen wat de
gemeenschap aan het geheimenis inhoudt,

495
00:29:19,530 --> 00:29:23,430
dat door de eeuwen heen
verborgen is geweest in God,

496
00:29:23,430 --> 00:29:26,790
Die alle dingen geschapen
heeft door Jezus Christus,

497
00:29:26,790 --> 00:29:32,070
Hij predikt nu dus onder de heidenen
de onnaspeurlijke rijkdom van Christus,

498
00:29:32,070 --> 00:29:36,810
om aan alle mensen bekend te maken, dat
zouden de Joden en de heidenen zijn,

499
00:29:36,810 --> 00:29:39,630
wat de gemeenschap van het geheimenis is.

500
00:29:39,630 --> 00:29:44,550
Het woord ‘gemeenschap’ betekent
eigenlijk zoiets als eenheid

501
00:29:44,550 --> 00:29:46,710
of onderlinge verbondenheid.

502
00:29:46,710 --> 00:29:52,050
Als dat zo is, kunnen we zien dat Paulus
de eenheid van de heidenen en de Joden in

503
00:29:52,050 --> 00:29:54,210
de gemeente voor ogen heeft.

504
00:29:54,210 --> 00:29:57,870
Het rentmeesterschap, de
gemeenschap van het geheimenis,

505
00:29:57,870 --> 00:30:02,430
is een wat vreemde uitdrukking, maar hij
heeft al aangegeven dat het geheimenis

506
00:30:02,430 --> 00:30:03,990
de gemeente is.

507
00:30:03,990 --> 00:30:08,790
De gemeente is het geheimenis, en daarom
is de gemeenschap van het geheimenis,

508
00:30:08,790 --> 00:30:12,570
de eenheid of de onderlinge
verbondenheid van het geheimenis,

509
00:30:12,570 --> 00:30:15,630
de eenheid van de Joden en de heidenen.

510
00:30:15,630 --> 00:30:20,370
Paulus predikt dus onder de heidenen,
zodat alle mensen kunnen zien dat deze

511
00:30:20,370 --> 00:30:24,450
heidenen door God worden aanvaard
in één gemeenschap met de eerdere

512
00:30:24,450 --> 00:30:26,250
heiligen, de Joden.

513
00:30:26,250 --> 00:30:31,050
En zo kan Paulus door het insluiten van
heidenen de waarheid van dit geheimenis,

514
00:30:31,050 --> 00:30:33,810
van deze eenheid, aantonen.

515
00:30:33,810 --> 00:30:35,790
Dit geheimenis, zegt hij:

516
00:30:35,790 --> 00:30:39,630
dat sinds het begin van de tijden
verborgen is gebleven in God.

517
00:30:39,630 --> 00:30:42,450
Natuurlijk heeft hij
dat in vers 5 al gezegd.

518
00:30:42,450 --> 00:30:44,670
Maar vervolgens zegt hij dat het was:

519
00:30:44,670 --> 00:30:47,850
en allen te verlichten,
opdat zij mogen begrijpen

520
00:30:47,850 --> 00:30:50,490
wat de gemeenschap aan
het geheimenis inhoudt,

521
00:30:50,490 --> 00:30:53,790
dat door de eeuwen heen
verborgen is geweest in God,

522
00:30:53,790 --> 00:30:57,030
Die alle dingen geschapen
heeft door Jezus Christus,

523
00:30:57,030 --> 00:31:02,130
opdat nu door de gemeente aan de overheden
en de machten in de hemelse gewesten

524
00:31:02,130 --> 00:31:05,610
de veelvuldige wijsheid van
God bekendgemaakt zou worden,

525
00:31:05,610 --> 00:31:09,570
volgens het eeuwige voornemen
dat Hij gemaakt heeft in Christus

526
00:31:09,570 --> 00:31:11,790
Jezus, onze Heere.

527
00:31:11,790 --> 00:31:14,310
Hier belicht hij het
vanuit een andere hoek.

528
00:31:14,310 --> 00:31:18,570
Hij zei eerder in vers 5 dat het
voor de mensenkinderen verborgen was,

529
00:31:18,570 --> 00:31:21,690
maar nu aan de mensenkinderen
bekendgemaakt wordt door de

530
00:31:21,690 --> 00:31:24,750
prediking van de heilige
apostelen en profeten.

531
00:31:24,750 --> 00:31:27,750
Maar vervolgens zegt hij dat
het verborgen was in God,

532
00:31:27,750 --> 00:31:31,170
maar nu geopenbaard wordt
aan de overheden en machten.

533
00:31:31,170 --> 00:31:34,770
Dat wil zeggen: het was niet
alleen voor mensen verborgen

534
00:31:34,770 --> 00:31:37,050
en wordt nu aan mensen geopenbaard.

535
00:31:37,050 --> 00:31:40,290
Het was vroeger zelfs
voor engelen verborgen.

536
00:31:40,290 --> 00:31:44,730
Het was verborgen in God, in
Zijn geheime raadsbesluiten.

537
00:31:44,730 --> 00:31:49,170
Niet alleen begrepen mensen het niet,
maar ook engelen begrepen het niet:

538
00:31:49,170 --> 00:31:52,590
de overheden en machten
in de hemelse gewesten.

539
00:31:52,590 --> 00:31:56,850
Maar nu Hij het door de prediking van
de apostelen en profeten aan mensen

540
00:31:56,850 --> 00:32:01,290
bekendmaakt, maakt Hij het
tegelijkertijd ook aan de engelen bekend.

541
00:32:01,290 --> 00:32:05,790
Dat wil zeggen dat God door de gemeente
Zijn veelvuldige wijsheid aan de

542
00:32:05,790 --> 00:32:08,250
overheden en machten bekendmaakt.

543
00:32:08,250 --> 00:32:10,350
Zelfs zij wisten dit allemaal niet.

544
00:32:10,350 --> 00:32:14,130
Dit loopt ongetwijfeld parallel
met de uitspraak van Petrus:

545
00:32:14,130 --> 00:32:17,310
Aan hen werd geopenbaard
dat zij niet zichzelf,

546
00:32:17,310 --> 00:32:21,750
maar ons dienden in de dingen die u
nu verkondigd zijn door hen die u het

547
00:32:21,750 --> 00:32:24,690
Evangelie verkondigd hebben
door de Heilige Geest,

548
00:32:24,690 --> 00:32:27,690
Die vanuit de hemel gezonden is; dingen,

549
00:32:27,690 --> 00:32:30,570
waarin de engelen begerig
zijn zich te verdiepen.

550
00:32:30,570 --> 00:32:36,570
Dat is 1 Petrus 1:12, nadat hij heeft
besproken dat de profeten het niet wisten,

551
00:32:36,570 --> 00:32:41,250
maar dat hun geopenbaard werd dat het
voor een latere generatie bestemd was,

552
00:32:41,250 --> 00:32:44,130
en dat zijn wij. Dan zegt hij:

553
00:32:44,130 --> 00:32:47,370
Dingen waar zelfs de engelen
graag meer over willen weten.

554
00:32:47,370 --> 00:32:51,690
Het klinkt alsof Petrus hier precies
de gedachtegang van Paulus volgt.

555
00:32:51,690 --> 00:32:55,470
Niet alleen wij hebben nu de nieuwe
openbaring van dit geheimenis,

556
00:32:55,470 --> 00:33:01,350
maar ook de hemelbewoners, de engelen in
de hemel, zien het en leren er iets van.

557
00:33:01,350 --> 00:33:04,050
Ze leren hoe wijs God is.

558
00:33:04,050 --> 00:33:07,290
Ze leren de veelvuldige
wijsheid van God kennen.

559
00:33:07,290 --> 00:33:11,190
Veelvuldig betekent veelzijdig,
of met veel aspecten.

560
00:33:11,190 --> 00:33:16,350
De veelvuldige genade van God betekent
dat het een genade van God is die veel

561
00:33:16,350 --> 00:33:19,950
kanten heeft, heel, heel veel aspecten.

562
00:33:19,950 --> 00:33:25,110
De overheden en machten in de hemel waren
zeker niet onbekend met Gods genade.

563
00:33:25,110 --> 00:33:28,170
Maar ze wisten niet hoeveel
aspecten Gods genade had,

564
00:33:28,170 --> 00:33:32,430
totdat ze zagen dat Hij de
heidenen samen met de Joden opnam.

565
00:33:32,430 --> 00:33:37,230
Gedurende de hele oudtestamentische
periode keken de engelen toe hoe God met

566
00:33:37,230 --> 00:33:41,550
Israël werkte, en ze zagen Zijn
genade aan het werk bij Israël.

567
00:33:41,550 --> 00:33:45,570
Maar Hij ging grotendeels aan de
heidenen voorbij en deed niets onder hen.

568
00:33:45,570 --> 00:33:50,310
De engelen zagen hoe God in Zijn
barmhartigheid Israëls zonden en

569
00:33:50,310 --> 00:33:53,670
opstanden verdroeg en
hun nog een kans gaf.

570
00:33:53,670 --> 00:33:57,630
Ze zagen daar in Israël de
genade van God aan het werk.

571
00:33:57,630 --> 00:34:01,110
Maar ze wisten niet hoe
gevarieerd Zijn genade was,

572
00:34:01,110 --> 00:34:04,830
totdat ze begonnen te zien dat
de heidenen mochten binnenkomen

573
00:34:04,830 --> 00:34:07,770
en in Zijn barmhartigheid
werden opgenomen.

574
00:34:07,770 --> 00:34:14,070
Zo worden Zijn veelkleurige of veelzijdige
genade en wijsheid nu bekendgemaakt aan de

575
00:34:14,070 --> 00:34:17,190
overheden en machten
in de hemelse gewesten,

576
00:34:17,190 --> 00:34:21,870
terwijl die voorheen zelfs
voor hen verborgen waren.

577
00:34:21,870 --> 00:34:23,970
Hij zegt in vers 11:

578
00:34:23,970 --> 00:34:30,150
Volgens het eeuwige plan dat Hij heeft
uitgevoerd in Christus Jezus, onze Heer.

579
00:34:30,150 --> 00:34:33,450
[Vertalersnoot: De Engelse Bijbelvertaling
van de spreker gebruikt hier

580
00:34:33,450 --> 00:34:38,250
‘accomplished’: ‘verwezenlijkt’
of ‘tot stand gebracht’.

581
00:34:38,250 --> 00:34:41,310
De HSV heeft ‘gemaakt heeft’.

582
00:34:41,310 --> 00:34:44,790
De volgende uitleg sluit aan
bij de Engelse formulering.]

583
00:34:44,790 --> 00:34:48,150
Nogmaals, ik wil het niet
speciaal op de aanhangers van de

584
00:34:48,150 --> 00:34:52,710
bedelingenleer gemunt hebben, maar
dit is een punt dat mij zorgen baart.

585
00:34:52,710 --> 00:34:56,730
De aanhangers van de bedelingenleer
geloven dat de gemeente voor God

586
00:34:56,730 --> 00:34:59,490
eigenlijk een soort gedachte achteraf is.

587
00:34:59,490 --> 00:35:03,030
Zo formuleren ze het niet echt,
maar de gemeente is een tussenzin

588
00:35:03,030 --> 00:35:04,530
in Gods handelen.

589
00:35:04,530 --> 00:35:08,310
God houdt Zich in de geschiedenis
voornamelijk met Israël bezig,

590
00:35:08,310 --> 00:35:12,270
en Israël wees Zijn behoud
af toen Jezus hier was.

591
00:35:12,270 --> 00:35:14,190
Daarom nam Hij het weg.

592
00:35:14,190 --> 00:35:16,350
Later zal Hij het voor hen terugbrengen

593
00:35:16,350 --> 00:35:20,910
en het duizendjarige koninkrijk voor
hen oprichten wanneer Hij terugkomt.

594
00:35:20,910 --> 00:35:23,070
Dat is de visie van de bedelingenleer.

595
00:35:23,070 --> 00:35:26,610
Omdat Israël nogal koppig is
en niet zo snel bijdraait,

596
00:35:26,610 --> 00:35:28,710
doet God intussen iets anders.

597
00:35:28,710 --> 00:35:31,530
Vanaf het moment dat
Israël Christus afwees

598
00:35:31,530 --> 00:35:35,490
tot het moment dat ze Hem aannemen
en Hij naar hen terugkomt,

599
00:35:35,490 --> 00:35:39,450
heeft Hij er nog een ander project
bij, en dat is de gemeente.

600
00:35:39,450 --> 00:35:43,710
De gemeente wordt behandeld alsof
ze een soort tweede project is,

601
00:35:43,710 --> 00:35:48,990
een gedachte achteraf, iets bijkomstigs
waarmee God Zich bezighoudt tot het moment

602
00:35:48,990 --> 00:35:50,910
dat Israël bijdraait.

603
00:35:50,910 --> 00:35:54,630
Ik zeg het wat botter dan de meeste
aanhangers van de bedelingenleer zouden

604
00:35:54,630 --> 00:35:58,170
doen, maar zij gebruiken
het woord ‘tussenzin’:

605
00:35:58,170 --> 00:36:02,490
de gemeente is een tussenzin
in Gods handelen met Israël.

606
00:36:02,490 --> 00:36:04,890
Paulus was hier blijkbaar
niet van op de hoogte,

607
00:36:04,890 --> 00:36:09,390
want Paulus zei dat de gemeente
Gods eeuwige voornemen is:

608
00:36:09,390 --> 00:36:14,490
Het eeuwige plan dat Hij heeft
uitgevoerd in Christus Jezus, onze Heer.

609
00:36:14,490 --> 00:36:17,730
De gemeente is door
Christus tot stand gebracht.

610
00:36:17,730 --> 00:36:19,770
Wat heeft Hij tot stand gebracht?

611
00:36:19,770 --> 00:36:24,750
Dat de Jood en de heiden één nieuwe
mens in Christus zijn geworden.

612
00:36:24,750 --> 00:36:26,370
Dat is de gemeente.

613
00:36:26,370 --> 00:36:29,370
Dat was Gods eeuwige voornemen.

614
00:36:29,370 --> 00:36:31,290
Het is niet iets bijkomstigs.

615
00:36:31,290 --> 00:36:34,530
Het is geen tussenzin in
Zijn grotere voornemen.

616
00:36:34,530 --> 00:36:37,890
Dit is het, het voornemen
van de eeuwigheid.

617
00:36:37,890 --> 00:36:42,510
Alles wat God ooit heeft gedaan,
heeft toegewerkt naar dit hoogtepunt:

618
00:36:42,510 --> 00:36:47,970
de schepping van een nieuwe mens in
Christus, bestaande uit Jood en heiden.

619
00:36:47,970 --> 00:36:51,930
In Hem hebben wij de vrijmoedigheid
en de toegang met vertrouwen,

620
00:36:51,930 --> 00:36:53,730
door het geloof in Hem.

621
00:36:53,730 --> 00:36:57,870
Daarom vraag ik u dat u de moed niet
verliest vanwege mijn verdrukkingen

622
00:36:57,870 --> 00:37:00,870
omwille van u, want
dat is uw heerlijkheid.

623
00:37:00,870 --> 00:37:06,090
Het is mogelijk dat vers 13 oorspronkelijk
bedoeld was als het slot van vers 1.

624
00:37:06,090 --> 00:37:09,390
Bedenk dat vers 1 de zin niet afmaakte:

625
00:37:09,390 --> 00:37:14,490
Om deze reden ben ik, Paulus, de
gevangene van Christus Jezus, voor u,

626
00:37:14,490 --> 00:37:15,750
die heidenen bent,

627
00:37:15,750 --> 00:37:18,390
Daarna komt al dat andere
wat we hebben behandeld.

628
00:37:18,390 --> 00:37:22,170
Misschien was hij van plan die
zin met vers 13 af te sluiten:

629
00:37:22,170 --> 00:37:25,230
Ik vraag jullie om de
moed niet te verliezen

630
00:37:25,230 --> 00:37:29,430
door wat ik voor jullie moet
doorstaan, want dat is jullie tot eer.

631
00:37:29,430 --> 00:37:32,370
Dat zou een logische
afsluiting van die zin zijn.

632
00:37:32,370 --> 00:37:35,850
Het is niet duidelijk of dat
oorspronkelijk de bedoelde afsluiting van

633
00:37:35,850 --> 00:37:40,710
die specifieke zin was, want Paulus
maakt de zin eigenlijk nooit af.

634
00:37:40,710 --> 00:37:42,990
Maar in vers 14 zegt hij:

635
00:37:42,990 --> 00:37:48,090
Om deze reden buig ik mijn knieën voor
de Vader van onze Heere Jezus Christus,

636
00:37:48,090 --> 00:37:52,050
naar Wie elk geslacht in de hemelen
en op de aarde genoemd wordt,

637
00:37:52,050 --> 00:37:53,970
En dan geeft hij een gebed.

638
00:37:53,970 --> 00:37:57,930
Paulus neemt niet zelden gebeden
op die hij voor zijn lezers bidt:

639
00:37:57,930 --> 00:37:59,970
‘Dit is wat ik voor jullie bid.

640
00:37:59,970 --> 00:38:02,070
Dit bid ik voor jullie.’

641
00:38:02,070 --> 00:38:04,350
Deze brief heeft er echter twee.

642
00:38:04,350 --> 00:38:09,570
Het eerste stond in hoofdstuk
1, in vers 15. Daar staat:

643
00:38:09,570 --> 00:38:14,730
Daarom, omdat ook ik gehoord heb van
het geloof in de Heere Jezus onder u,

644
00:38:14,730 --> 00:38:19,350
en van de liefde voor alle heiligen,
houd ik niet op voor u te danken,

645
00:38:19,350 --> 00:38:21,510
als ik in mijn gebeden aan u denk,

646
00:38:21,510 --> 00:38:23,490
Dan geeft hij zijn gebed:

647
00:38:23,490 --> 00:38:28,410
opdat de God van onze Heere Jezus
Christus, de Vader van de heerlijkheid,

648
00:38:28,410 --> 00:38:33,450
u de Geest van wijsheid en van
openbaring geeft in het kennen van Hem,

649
00:38:33,450 --> 00:38:35,910
Enzovoort, enzovoort.

650
00:38:35,910 --> 00:38:38,070
Daar hebben we het al over gehad.

651
00:38:38,070 --> 00:38:43,350
Maar nu heeft hij nog een gebed dat hij
voor hen bidt en dat hij hier vermeldt,

652
00:38:43,350 --> 00:38:45,630
een nogal uitgebreid gebed.

653
00:38:45,630 --> 00:38:48,030
Maar in vers 14 zegt hij:

654
00:38:48,030 --> 00:38:49,410
Om die reden.

655
00:38:49,410 --> 00:38:53,730
Om welke reden? Zo begon hij
ook vers 1 van dit hoofdstuk:

656
00:38:53,730 --> 00:38:59,490
Om deze reden ben ik, Paulus, de
gevangene van Christus Jezus, voor u,

657
00:38:59,490 --> 00:39:00,870
die heidenen bent,

658
00:39:00,870 --> 00:39:06,150
In hoofdstuk 3, vers 1 moet de reden
beslist liggen in al die waarheid

659
00:39:06,150 --> 00:39:11,310
die hij in hoofdstuk 2 heeft uiteengezet,
of in de hoofdstukken 1 en 2.

660
00:39:11,310 --> 00:39:15,810
Volgens mij worden deze twee gebeden
opgeroepen en ingegeven door het

661
00:39:15,810 --> 00:39:18,150
nadenken over bepaalde waarheden.

662
00:39:18,150 --> 00:39:23,310
De waarheden die hij in Efeze 1:1
tot en met 14 heeft uiteengezet,

663
00:39:23,310 --> 00:39:27,630
vormen in zekere zin een heel
gedetailleerd theologisch kluwen.

664
00:39:27,630 --> 00:39:32,490
Het is een heel lange, ingewikkelde
zin, maar vol belangrijke waarheid.

665
00:39:32,490 --> 00:39:36,450
Vanwege die waarheid in
Efeze 1:1 tot en met 14

666
00:39:36,450 --> 00:39:40,890
bidt hij het gebed van
Efeze 1:15 tot en met 23.

667
00:39:40,890 --> 00:39:43,290
Daarom denk ik in mijn gebeden aan jullie.

668
00:39:43,290 --> 00:39:46,050
Vanwege deze waarheden bid ik voor jullie.

669
00:39:46,050 --> 00:39:49,050
Op welke manier riepen die
waarheden dat gebed op?

670
00:39:49,050 --> 00:39:52,950
Die waarheden waren dat God iets
heel diepgaands aan het doen is.

671
00:39:52,950 --> 00:39:57,510
Het heeft te maken met Zijn uitverkiezing,
het heeft te maken met een erfenis,

672
00:39:57,510 --> 00:40:02,370
het heeft te maken met het openbaar worden
van Zijn wijsheid, en met dat alles.

673
00:40:02,370 --> 00:40:03,690
En hij zegt:

674
00:40:03,690 --> 00:40:06,510
Daarom bid ik dat jullie
deze dingen zullen begrijpen,

675
00:40:06,510 --> 00:40:10,290
dat God jullie inzicht zal geven
en dat jullie Hem door openbaring

676
00:40:10,290 --> 00:40:11,670
zullen leren kennen.

677
00:40:11,670 --> 00:40:16,470
Dat gebed kwam voort uit het feit dat hij
sprak over dingen die zo diepgaand waren,

678
00:40:16,470 --> 00:40:20,310
dat hij dacht dat ze misschien moeite
zouden hebben om ze te begrijpen.

679
00:40:20,310 --> 00:40:21,630
Daarom bad hij voor hen.

680
00:40:21,630 --> 00:40:26,250
Dan staat er in hoofdstuk 2 nog meer
waarheid over de gemeente en over

681
00:40:26,250 --> 00:40:28,590
alle verschillende
manieren waarop de gemeente

682
00:40:28,590 --> 00:40:31,530
in die verschillende
beeldspraken wordt voorgesteld.

683
00:40:31,530 --> 00:40:33,570
Ook dat brengt hem tot gebed.

684
00:40:33,570 --> 00:40:37,050
Heel goed mogelijk zegt
hij in hoofdstuk 3, vers 1:

685
00:40:37,050 --> 00:40:41,190
Om die reden, vanwege deze
waarheden, bid ik voor jullie.

686
00:40:41,190 --> 00:40:44,670
Maar in de verzen 2 tot
en met 13 dwaalt hij af.

687
00:40:44,670 --> 00:40:47,070
In vers 14 komt hij erop terug:

688
00:40:47,070 --> 00:40:51,810
Om deze reden buig ik mijn knieën voor
de Vader van onze Heere Jezus Christus,

689
00:40:51,810 --> 00:40:54,450
Dat is vanwege de
waarheden in hoofdstuk 2,

690
00:40:54,450 --> 00:40:57,150
wat hij in vers 1 bijna begon te zeggen.

691
00:40:57,150 --> 00:40:59,850
Met andere woorden, er zijn
verschillende mogelijke

692
00:40:59,850 --> 00:41:04,770
plaatsen waar Paulus de gedachte zou
kunnen hervatten die hij in vers 1 afbrak.

693
00:41:04,770 --> 00:41:08,070
Het is moeilijk te zeggen
welke daarvan de juiste is.

694
00:41:08,070 --> 00:41:13,530
Maar het is logisch dat het gebed van de
verzen 14 tot en met 21 in hoofdstuk 3

695
00:41:13,530 --> 00:41:17,910
zou worden opgeroepen door het nadenken
over de waarheden van hoofdstuk 2.

696
00:41:17,910 --> 00:41:21,750
Laat me het gebed aan je voorlezen,
dan zal ik je vertellen waarom.

697
00:41:21,750 --> 00:41:26,610
naar Wie elk geslacht in de hemelen en op
de aarde genoemd wordt, opdat Hij u geeft,

698
00:41:26,610 --> 00:41:29,610
naar de rijkdom van Zijn
heerlijkheid, met kracht

699
00:41:29,610 --> 00:41:32,490
gesterkt te worden door Zijn
Geest in de innerlijke mens,

700
00:41:32,490 --> 00:41:36,930
opdat Christus door het geloof in uw
harten woont en u in de liefde geworteld

701
00:41:36,930 --> 00:41:41,850
en gefundeerd bent, opdat u ten volle
zou kunnen begrijpen, met alle heiligen,

702
00:41:41,850 --> 00:41:45,630
wat de breedte en lengte
en diepte en hoogte is,

703
00:41:45,630 --> 00:41:49,590
en u de liefde van Christus zou
kennen, die de kennis te boven gaat,

704
00:41:49,590 --> 00:41:52,650
opdat u vervuld zou worden
tot heel de volheid van God.

705
00:41:52,650 --> 00:41:57,450
Hem nu Die bij machte is te doen ver
boven alles wat wij bidden of denken,

706
00:41:57,450 --> 00:42:00,390
overeenkomstig de kracht
die in ons werkzaam is,

707
00:42:00,390 --> 00:42:05,730
Hem zij de heerlijkheid in de gemeente,
door Christus Jezus, in alle geslachten,

708
00:42:05,730 --> 00:42:08,670
tot in alle eeuwigheid. Amen.

709
00:42:08,670 --> 00:42:10,230
Daar heb je zijn gebed.

710
00:42:10,230 --> 00:42:14,730
Dit gebed houdt volgens mij verband
met de waarheden die hij in hoofdstuk 2

711
00:42:14,730 --> 00:42:16,110
naar voren bracht.

712
00:42:16,110 --> 00:42:18,990
Net zoals het gebed aan
het einde van hoofdstuk 1

713
00:42:18,990 --> 00:42:23,310
verband houdt met de waarheden die
hij eerder in hoofdstuk 1 had genoemd.

714
00:42:23,310 --> 00:42:26,910
De waarheden in hoofdstuk 2
waren dat God in de gemeente

715
00:42:26,910 --> 00:42:30,990
een nieuwe mens heeft geschapen,
die ook een nieuwe tempel is.

716
00:42:30,990 --> 00:42:35,850
En waar dit gebed uiteindelijk op
neerkomt, is wat er in vers 19 staat:

717
00:42:35,850 --> 00:42:39,510
Dat jullie vervuld mogen worden
met heel de volheid van God.

718
00:42:39,510 --> 00:42:44,430
De tempel van de Heilige Geest, waarover
hij als laatste sprak in Efeze 2,

719
00:42:44,430 --> 00:42:49,350
moet vervuld worden met de heerlijkheid
van God, vervuld met de volheid van God.

720
00:42:49,350 --> 00:42:52,050
Zo zegt hij ook in vers 21:

721
00:42:52,050 --> 00:42:54,030
Laat Hem de eer krijgen in de gemeente.

722
00:42:54,030 --> 00:42:57,150
De heerlijkheid van
God vervulde de tempel.

723
00:42:57,150 --> 00:43:02,310
Omdat wij de tempel zijn, omdat wij
het nieuwe lichaam van Christus zijn,

724
00:43:02,310 --> 00:43:06,990
moeten wij vervuld worden met God,
zoals Christus vervuld was met God,

725
00:43:06,990 --> 00:43:12,270
en vervuld met heerlijkheid zoals de
tempel vervuld was met heerlijkheid.

726
00:43:12,270 --> 00:43:16,710
Daarom bidt hij voor de gemeente
dat deze dingen zo zullen zijn.

727
00:43:16,710 --> 00:43:21,090
Er zijn een paar interessante dingen
aan dit gebed waar ik bij wil stilstaan.

728
00:43:21,090 --> 00:43:23,970
Allereerst, tot Wie bidt Paulus?

729
00:43:23,970 --> 00:43:25,530
Bidt hij tot Jezus?

730
00:43:25,530 --> 00:43:30,750
Niemand in de Bijbel bidt tot Jezus,
behalve Stefanus wanneer hij zegt:

731
00:43:30,750 --> 00:43:37,050
En zij stenigden Stefanus, terwijl
deze Jezus aanriep en zei: Heere Jezus,

732
00:43:37,050 --> 00:43:38,670
ontvang mijn geest.

733
00:43:38,670 --> 00:43:42,330
en Johannes, in het laatste
gebed in Openbaring:

734
00:43:42,330 --> 00:43:47,190
Hij Die van deze dingen getuigt,
zegt: Ja, Ik kom spoedig.

735
00:43:47,190 --> 00:43:48,270
Amen.

736
00:43:48,270 --> 00:43:50,070
Ja, kom, Heere Jezus!

737
00:43:50,070 --> 00:43:52,950
Die twee gebeden werden natuurlijk
uitgesproken door mannen die

738
00:43:52,950 --> 00:43:54,510
naar Jezus keken.

739
00:43:54,510 --> 00:43:59,070
Ze ontvingen daadwerkelijk openbaringen
van Jezus en spraken tot Hem.

740
00:43:59,070 --> 00:44:03,090
Maar gewoon bidden is in de
Bijbel nooit tot Jezus gericht.

741
00:44:03,090 --> 00:44:04,890
Jezus leerde ons bidden:

742
00:44:04,890 --> 00:44:06,270
Onze Vader.

743
00:44:06,270 --> 00:44:08,790
Hij zei niet dat we
tot Hem moesten bidden.

744
00:44:08,790 --> 00:44:11,670
Hij zei dat we tot de
Vader moesten bidden.

745
00:44:11,670 --> 00:44:14,010
Jezus zegt in Johannes 16:

746
00:44:14,010 --> 00:44:17,730
En op die dag zult u Mij niets vragen.

747
00:44:17,730 --> 00:44:23,850
Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: Alles wat
u de Vader zult bidden in Mijn Naam,

748
00:44:23,850 --> 00:44:25,770
zal Hij u geven.

749
00:44:25,770 --> 00:44:30,510
Jezus gaf dus niet aan dat bidden
tot Hem ooit de norm zou worden.

750
00:44:30,510 --> 00:44:35,250
En Paulus bidt, zoals je weet, in
overeenstemming met het hele onderwijs van

751
00:44:35,250 --> 00:44:37,950
het Nieuwe Testament, tot Wie?

752
00:44:37,950 --> 00:44:42,630
Om deze reden buig ik mijn knieën voor
de Vader van onze Heere Jezus Christus,

753
00:44:42,630 --> 00:44:46,650
naar Wie elk geslacht in de hemelen
en op de aarde genoemd wordt,

754
00:44:46,650 --> 00:44:49,350
Ik vraag deze dingen aan de Vader.

755
00:44:49,350 --> 00:44:53,550
Daarom is normaal christelijk bidden
eigenlijk tot de Vader gericht.

756
00:44:53,550 --> 00:44:57,210
Bidden tot Jezus is eenvoudigweg
geen Bijbels patroon

757
00:44:57,210 --> 00:45:00,750
en wordt in de Schrift
niet geboden of onderwezen.

758
00:45:00,750 --> 00:45:05,190
Natuurlijk spraken de discipelen tot
Jezus toen ze bij Hem op aarde waren,

759
00:45:05,190 --> 00:45:09,810
net als Stefanus en Johannes toen
ze visioenen van Christus zagen.

760
00:45:09,810 --> 00:45:14,370
Ik wil niet suggereren dat Jezus je
niet kan horen als je tot Hem spreekt.

761
00:45:14,370 --> 00:45:19,470
Het is alleen zo dat er in de Schrift geen
precedent of onderwijs is dat het idee van

762
00:45:19,470 --> 00:45:21,690
bidden tot Jezus ondersteunt.

763
00:45:21,690 --> 00:45:25,950
Jezus is niet gekomen om voor jou
de plaats van de Vader in te nemen.

764
00:45:25,950 --> 00:45:29,070
Hij is gekomen om je
bij de Vader te brengen.

765
00:45:29,070 --> 00:45:32,130
Hij is gekomen om je met
de Vader te verzoenen.

766
00:45:32,130 --> 00:45:36,990
God was het namelijk Die in Christus
de wereld met Zichzelf verzoende,

767
00:45:36,990 --> 00:45:40,410
en aan hen hun overtredingen
niet toerekende;

768
00:45:40,410 --> 00:45:44,430
en Hij heeft het woord van
de verzoening in ons gelegd.

769
00:45:44,430 --> 00:45:47,190
dat wil zeggen, met de Vader Zelf.

770
00:45:47,190 --> 00:45:52,650
Het probleem voordat Jezus kwam, was
dat de mens van God vervreemd was.

771
00:45:52,650 --> 00:45:57,690
Jezus kwam om die situatie recht te
zetten en die relatie te herstellen,

772
00:45:57,690 --> 00:46:00,990
zodat we nu een relatie
met de Vader kunnen hebben.

773
00:46:00,990 --> 00:46:03,510
Dat was de oorspronkelijke bedoeling.

774
00:46:03,510 --> 00:46:08,490
Zoveel mensen voelen zich nog steeds
even ongemakkelijk bij God de Vader

775
00:46:08,490 --> 00:46:12,330
als ze zich zouden hebben gevoeld
als Jezus nooit gekomen was,

776
00:46:12,330 --> 00:46:15,750
maar bij Jezus voelen
ze zich op hun gemak.

777
00:46:15,750 --> 00:46:20,910
Op de een of andere manier denken
ze dat Jezus hun meer ter wille is,

778
00:46:20,910 --> 00:46:26,070
hun gunstiger gezind is dan de
Vader, vriendelijker of zoiets.

779
00:46:26,070 --> 00:46:28,950
Dat is gewoon een leugen van de duivel.

780
00:46:28,950 --> 00:46:32,790
Jezus staat niet méér aan
onze kant dan de Vader.

781
00:46:32,790 --> 00:46:38,910
Het is God Die de wereld zo liefhad dat
Hij Zijn eniggeboren Zoon heeft gezonden.

782
00:46:38,910 --> 00:46:42,630
Hierin is de liefde van
God aan ons geopenbaard,

783
00:46:42,630 --> 00:46:46,650
dat God Zijn eniggeboren Zoon
in de wereld gezonden heeft,

784
00:46:46,650 --> 00:46:49,350
opdat wij zouden leven door Hem.

785
00:46:49,350 --> 00:46:53,250
Hierin is de liefde, niet
dat wij God liefgehad hebben,

786
00:46:53,250 --> 00:46:59,670
maar dat Hij ons heeft liefgehad en Zijn
Zoon zond als verzoening voor onze zonden.

787
00:46:59,670 --> 00:47:03,570
Daarom lijkt het erop dat christenen
zich weer moeten richten naar de Bijbelse

788
00:47:03,570 --> 00:47:08,490
ideeën over een relatie met
God, met de Vader door Jezus.

789
00:47:08,490 --> 00:47:13,890
Om die reden bidt Paulus tot de Vader van
onze Heere Jezus Christus. Vers 15 zegt:

790
00:47:13,890 --> 00:47:18,450
aan Wie de hele familie in de
hemel en op aarde haar naam dankt.

791
00:47:18,450 --> 00:47:23,190
Het woord dat daar in het Engels met
‘family’, ‘familie’, is vertaald,

792
00:47:23,190 --> 00:47:25,950
is in het Grieks eigenlijk ‘vaderschap’:

793
00:47:25,950 --> 00:47:30,810
Aan Wie al het vaderschap in de
hemel en op aarde zijn naam dankt.

794
00:47:30,810 --> 00:47:33,750
Het is niet helemaal duidelijk
hoe dat gebruikt moet worden,

795
00:47:33,750 --> 00:47:37,710
dus vertalers geven het soms
gewoon weer met ‘familie’.

796
00:47:37,710 --> 00:47:41,790
Maar vaderschap en familie zijn niet
precies hetzelfde woord en zelfs

797
00:47:41,790 --> 00:47:43,530
niet hetzelfde begrip.

798
00:47:43,530 --> 00:47:46,290
Als hij alleen maar
‘de hele familie’ zegt,

799
00:47:46,290 --> 00:47:50,370
dan introduceert hij opnieuw een
andere beeldspraak voor de gemeente.

800
00:47:50,370 --> 00:47:55,590
De gemeente is een familie. Ze is
een lichaam. Ze is een nieuwe mens.

801
00:47:55,590 --> 00:47:57,090
Ze is een tempel.

802
00:47:57,090 --> 00:47:58,710
Ze is een gemeenschap.

803
00:47:58,710 --> 00:48:02,970
Ze is dit, ze is dat, en
ze is ook een familie.

804
00:48:02,970 --> 00:48:06,570
Later, in hoofdstuk 5, is
ze een bruid, een vrouw.

805
00:48:06,570 --> 00:48:10,710
Maar het is heel goed mogelijk dat
Paulus familie bedoelt wanneer hij zegt:

806
00:48:10,710 --> 00:48:15,450
Om deze reden buig ik mijn knieën voor
de Vader van onze Heere Jezus Christus,

807
00:48:15,450 --> 00:48:19,170
naar Wie elk geslacht in de hemelen
en op de aarde genoemd wordt,

808
00:48:19,170 --> 00:48:23,610
Een familie ontleent haar naam aan de
vader in het gezin, niet aan de moeder.

809
00:48:23,610 --> 00:48:27,630
De meisjesnaam van mijn vrouw
was anders dan mijn achternaam.

810
00:48:27,630 --> 00:48:30,450
Toen we trouwden, nam
ze mijn achternaam aan,

811
00:48:30,450 --> 00:48:35,670
en sindsdien heeft het hele gezin mijn
achternaam gedragen. Dat is normaal.

812
00:48:35,670 --> 00:48:37,770
Zo heeft God gezinnen ingericht.

813
00:48:37,770 --> 00:48:41,550
Het is ergens een beeld van,
namelijk dat de hele familie van God

814
00:48:41,550 --> 00:48:44,070
haar naam aan de Vader ontleent.

815
00:48:44,070 --> 00:48:45,870
Wij zijn Gods familie.

816
00:48:45,870 --> 00:48:48,330
Maar ik weet niet zeker
of Paulus dat bedoelt.

817
00:48:48,330 --> 00:48:52,110
Als hij dat hier bedoelt, laat
hij ons in elk geval dit zien:

818
00:48:52,110 --> 00:48:56,130
dat de familie deels in de
hemel en deels op aarde is.

819
00:48:56,130 --> 00:48:58,590
Veel christenen zijn al gestorven.

820
00:48:58,590 --> 00:49:00,870
Misschien de meeste christenen wel.

821
00:49:00,870 --> 00:49:04,590
Dat is moeilijk te zeggen, want
sommigen zeggen dat er vandaag

822
00:49:04,590 --> 00:49:07,650
meer mensen in leven
zijn die behouden zijn

823
00:49:07,650 --> 00:49:10,230
dan in de hele geschiedenis bij elkaar.

824
00:49:10,230 --> 00:49:12,690
Ik weet niet of dat waar is of niet.

825
00:49:12,690 --> 00:49:17,370
Natuurlijk weet niemand behalve God
hoeveel echte christenen er zijn.

826
00:49:17,370 --> 00:49:21,030
Maar het is een feit dat een
enorm percentage van de familie

827
00:49:21,030 --> 00:49:23,430
nu in de hemel is, terwijl een ander

828
00:49:23,430 --> 00:49:26,850
percentage van diezelfde
familie op aarde is.

829
00:49:26,850 --> 00:49:29,070
Het is allemaal één familie.

830
00:49:29,070 --> 00:49:32,670
We zijn verbonden met degenen
die vóór ons hebben geleefd.

831
00:49:32,670 --> 00:49:35,730
We zijn gewoon broers en
zussen in een familie.

832
00:49:35,730 --> 00:49:39,870
Het is alsof twee ouders een paar
honderd jaar zouden kunnen leven

833
00:49:39,870 --> 00:49:43,770
en gedurende honderden jaren
kinderen zouden kunnen krijgen,

834
00:49:43,770 --> 00:49:47,310
terwijl hun kinderen een
normale levensduur hadden.

835
00:49:47,310 --> 00:49:50,190
De ouders zouden dan nog
baby's kunnen krijgen

836
00:49:50,190 --> 00:49:53,130
nadat hun oudere kinderen
al gestorven waren.

837
00:49:53,130 --> 00:49:58,050
Maar het blijft hetzelfde gezin, ook als
hun broers en zussen al gestorven waren

838
00:49:58,050 --> 00:49:59,970
voordat zij geboren werden.

839
00:49:59,970 --> 00:50:02,670
God krijgt al duizenden jaren kinderen.

840
00:50:02,670 --> 00:50:06,750
Maar Hij is dezelfde God,
het is dezelfde familie.

841
00:50:06,750 --> 00:50:12,270
Een deel van de familie is al naar de
hemel gegaan; een deel is nog op aarde.

842
00:50:12,270 --> 00:50:15,390
Dat is het beeld van de
gemeente dat hij ons geeft.

843
00:50:15,390 --> 00:50:19,170
Het is een werkelijkheid die
door de eeuwen heen voortduurt,

844
00:50:19,170 --> 00:50:20,670
door de millennia heen.

845
00:50:20,670 --> 00:50:25,050
Maar als het woord ‘familie’
vertaald werd met ‘vaderschap’,

846
00:50:25,050 --> 00:50:27,210
wat eigenlijk de juistere vertaling is:

847
00:50:27,210 --> 00:50:31,530
‘aan Wie het hele vaderschap, al het
vaderschap in de hemel en op aarde,

848
00:50:31,530 --> 00:50:36,150
zijn naam dankt’, dan zou dat misschien
een iets andere gedachte overbrengen:

849
00:50:36,150 --> 00:50:40,890
dat het vaderschap zelf zijn geldigheid
ontleent aan het vaderschap van God.

850
00:50:40,890 --> 00:50:44,190
Maar het is niet duidelijk waarom
Paulus hier dat punt zou maken.

851
00:50:44,190 --> 00:50:47,610
Het zou wel meer overeenkomen met
de betekenis van de Griekse woorden

852
00:50:47,610 --> 00:50:48,930
die hij gebruikte.

853
00:50:48,930 --> 00:50:53,370
Ik moet bekennen dat deze uitspraak me
altijd voor een raadsel heeft gesteld,

854
00:50:53,370 --> 00:50:55,710
vanwege de bewoording die hij gebruikt.

855
00:50:55,710 --> 00:51:00,210
Die maakt niet erg duidelijk welk punt
hij in vers 15 probeert over te brengen.

856
00:51:00,210 --> 00:51:04,410
Maar hij bidt wel tot de Vader,
en in vers 16 bidt hij dit:

857
00:51:04,410 --> 00:51:08,070
opdat Hij u geeft, naar de
rijkdom van Zijn heerlijkheid,

858
00:51:08,070 --> 00:51:11,250
De rijkdom van Zijn
heerlijkheid is, denk ik,

859
00:51:11,250 --> 00:51:15,990
zoiets als Gods voorraadkamer
van alles wat Hij is en bezit.

860
00:51:15,990 --> 00:51:18,450
Elders zegt Paulus tegen de Filippenzen:

861
00:51:18,450 --> 00:51:22,410
Maar mijn God zal u,
overeenkomstig Zijn rijkdom,

862
00:51:22,410 --> 00:51:27,570
voorzien van alles wat u nodig hebt,
in heerlijkheid, door Christus Jezus.

863
00:51:27,570 --> 00:51:31,530
Dat is Filippenzen hoofdstuk 4, vers 19.

864
00:51:31,530 --> 00:51:34,110
Als God in je lichamelijke
behoeften voorziet,

865
00:51:34,110 --> 00:51:39,210
doet Hij dat vanuit Zijn voorraadkamer
met de rijkdom van Zijn heerlijkheid.

866
00:51:39,210 --> 00:51:41,430
Zo heeft Paulus het hier ook over God

867
00:51:41,430 --> 00:51:44,790
Die ons iets schenkt vanuit de
rijkdom van Zijn heerlijkheid,

868
00:51:44,790 --> 00:51:47,610
maar hier gaat het niet
om lichamelijke dingen.

869
00:51:47,610 --> 00:51:51,270
Hij bidt dat zij ‘met
kracht gesterkt’ worden.

870
00:51:51,270 --> 00:51:55,470
Het woord dat hier met ‘kracht’
is vertaald, is dunamis.

871
00:51:55,470 --> 00:51:57,990
Dat gebeurt ‘door Zijn Geest’.

872
00:51:57,990 --> 00:52:00,570
We weten dat de Geest
kracht hoort te geven.

873
00:52:00,570 --> 00:52:05,250
maar u zult de kracht van de Heilige
Geest ontvangen, Die over u komen zal;

874
00:52:05,250 --> 00:52:11,370
en u zult Mijn getuigen zijn, zowel in
Jeruzalem als in heel Judea en Samaria

875
00:52:11,370 --> 00:52:13,830
en tot aan het uiterste van de aarde.

876
00:52:13,830 --> 00:52:16,470
zei Jezus in Handelingen 1:8.

877
00:52:16,470 --> 00:52:20,670
Hij bidt dus dat we door Zijn Geest met
Zijn kracht versterkt zullen worden in

878
00:52:20,670 --> 00:52:22,230
de innerlijke mens.

879
00:52:22,230 --> 00:52:26,970
Dit is belangrijk, want als we denken
aan de kracht die de Heilige Geest geeft,

880
00:52:26,970 --> 00:52:30,150
denken we misschien vooral
aan spectaculaire gaven,

881
00:52:30,150 --> 00:52:33,330
het doen van wonderen,
genezingen enzovoort.

882
00:52:33,330 --> 00:52:36,990
Als de kracht van de Geest
aanwezig is in een samenkomst,

883
00:52:36,990 --> 00:52:41,670
vatten veel mensen zo'n uitspraak op als
iets wat betekent dat er bijzondere dingen

884
00:52:41,670 --> 00:52:43,590
gebeuren in die samenkomst.

885
00:52:43,590 --> 00:52:48,090
Dat er uiterlijke, spectaculaire
verschijnselen plaatsvinden en dat daarin

886
00:52:48,090 --> 00:52:50,610
de kracht van de Geest zichtbaar wordt.

887
00:52:50,610 --> 00:52:53,430
Paulus bidt dat de kracht, of de dunamis,

888
00:52:53,430 --> 00:52:57,330
van de Geest zichtbaar zou worden
doordat wij in onze innerlijke

889
00:52:57,330 --> 00:52:59,130
mens versterkt worden.

890
00:52:59,130 --> 00:53:03,690
Dat wil zeggen: de kracht van de Geest is
er voornamelijk op gericht iets vanbinnen

891
00:53:03,690 --> 00:53:06,330
te bewerken, in de innerlijke mens.

892
00:53:06,330 --> 00:53:10,590
Ik weet niet hoe het in de NIV of
sommige nieuwere vertalingen staat,

893
00:53:10,590 --> 00:53:13,410
maar ze zeggen ‘in the inner person’,

894
00:53:13,410 --> 00:53:16,530
omdat ze bezwaar zouden hebben
tegen het gebruik van het mannelijke

895
00:53:16,530 --> 00:53:18,450
Engelse woord ‘man’.

896
00:53:18,450 --> 00:53:22,590
Hebben vrouwen een ‘inner
man’, een innerlijke mens?

897
00:53:22,590 --> 00:53:25,290
Ja, dat hebben ze, geloof het of niet.

898
00:53:25,290 --> 00:53:28,470
De psychologen zeggen dat
je een innerlijk kind hebt.

899
00:53:28,470 --> 00:53:31,530
Wisten jullie, vrouwen, dat
jullie een innerlijke mens hebben?

900
00:53:31,530 --> 00:53:33,690
Ik geloof niet in het innerlijke kind,

901
00:53:33,690 --> 00:53:36,990
maar ik geloof zeker
in de innerlijke mens.

902
00:53:36,990 --> 00:53:42,810
Petrus zegt in 1 Petrus hoofdstuk
3 tegen de vrouwen, in vers 3 en 4:

903
00:53:42,810 --> 00:53:47,970
Uw sieraad moet niet bestaan in iets
uiterlijks: het vlechten van het haar,

904
00:53:47,970 --> 00:53:52,590
het dragen van gouden sieraden of
het aantrekken van mooie kleren;

905
00:53:52,590 --> 00:53:56,310
maar uw sieraad moet zijn de
verborgen mens van het hart,

906
00:53:56,310 --> 00:54:01,110
met het onvergankelijke sieraad van
een zachtmoedige en stille geest,

907
00:54:01,110 --> 00:54:02,970
die kostbaar is voor God.

908
00:54:02,970 --> 00:54:06,750
De New King James zegt
‘person of the heart’.

909
00:54:06,750 --> 00:54:10,410
Het sieraad van de vrouwen is te
vinden in hun innerlijke mens,

910
00:54:10,410 --> 00:54:12,750
in de verborgen mens van het hart.

911
00:54:12,750 --> 00:54:17,550
Het Engelse ‘man’ is hier duidelijk
niet specifiek mannelijk bedoeld;

912
00:54:17,550 --> 00:54:23,490
het betekent ‘persoon’, en daarom geeft
de New King James het weer met ‘person’.

913
00:54:23,490 --> 00:54:27,030
Maar er is de innerlijke
mens en de uiterlijke mens.

914
00:54:27,030 --> 00:54:30,810
Paulus zei, zoals je je
herinnert, in 2 Korinthe 4:

915
00:54:30,810 --> 00:54:35,190
Ook al vergaat onze uiterlijke mens,
toch wordt de innerlijke mens van dag

916
00:54:35,190 --> 00:54:36,630
tot dag vernieuwd.

917
00:54:36,630 --> 00:54:39,630
Dat staat in 2 Korinthe 4:16.

918
00:54:39,630 --> 00:54:42,390
De uiterlijke mens en de
innerlijke mens worden

919
00:54:42,390 --> 00:54:45,390
als een tweedeling tegenover elkaar gezet.

920
00:54:45,390 --> 00:54:48,750
Onder theologen woeden daar
enkele discussies over.

921
00:54:48,750 --> 00:54:52,770
Misschien interesseren die je helemaal
niet, maar ze gaan over de vraag of de

922
00:54:52,770 --> 00:54:56,670
mens in wezen uit twee of
uit drie delen bestaat.

923
00:54:56,670 --> 00:55:01,290
Met andere woorden: of de menselijke
natuur uit twee delen of uit

924
00:55:01,290 --> 00:55:02,850
drie delen bestaat.

925
00:55:02,850 --> 00:55:06,810
We zijn waarschijnlijk vooral vertrouwd
met de trichotomische opvatting dat we

926
00:55:06,810 --> 00:55:10,530
lichaam, ziel en geest zijn: drie delen.

927
00:55:10,530 --> 00:55:14,850
Er zijn veel geleerden die betogen dat
we eigenlijk maar uit twee delen bestaan.

928
00:55:14,850 --> 00:55:18,510
Dat ziel en geest in
wezen hetzelfde betekenen.

929
00:55:18,510 --> 00:55:22,950
Dat we enerzijds het lichaam zijn, en dat
zich vervolgens in het lichaam de ziel

930
00:55:22,950 --> 00:55:24,450
of geest bevindt.

931
00:55:24,450 --> 00:55:28,470
Je zou dit de innerlijke mens en
de uiterlijke mens kunnen noemen.

932
00:55:28,470 --> 00:55:33,690
Het lichaam is de uiterlijke mens, en
de ziel of geest is de innerlijke mens.

933
00:55:33,690 --> 00:55:37,350
Wanneer er over de ziel of
over de geest gesproken wordt,

934
00:55:37,350 --> 00:55:40,470
zijn dat gewoon onderling
uitwisselbare termen.

935
00:55:40,470 --> 00:55:43,710
Het is heel moeilijk om
over die vraag te beslissen.

936
00:55:43,710 --> 00:55:49,830
Er zijn plaatsen waar het lichaam, de ziel
en de geest los van elkaar worden genoemd,

937
00:55:49,830 --> 00:55:51,630
al zijn het er niet zo veel.

938
00:55:51,630 --> 00:55:57,270
De voornaamste tekst hierover staat
in 1 Thessalonicenzen hoofdstuk 5.

939
00:55:57,270 --> 00:56:01,470
In 1 Thessalonicenzen 5:23 staat:

940
00:56:01,470 --> 00:56:06,090
En moge de God van de vrede
Zelf u geheel en al heiligen,

941
00:56:06,090 --> 00:56:10,590
en mogen uw geheel oprechte
geest, de ziel en het lichaam

942
00:56:10,590 --> 00:56:15,330
onberispelijk bewaard worden bij de
komst van onze Heere Jezus Christus.

943
00:56:15,330 --> 00:56:19,650
Dit is zo ongeveer de enige
plaats in de Bijbel waar de geest,

944
00:56:19,650 --> 00:56:24,930
het lichaam en de ziel allemaal als
afzonderlijke delen worden genoemd.

945
00:56:24,930 --> 00:56:29,130
Er is echter nog een andere plaats waarvan
men denkt dat die een onderscheid leert

946
00:56:29,130 --> 00:56:31,230
tussen de geest en de ziel.

947
00:56:31,230 --> 00:56:34,650
Dat is in Hebreeën hoofdstuk 4, vers 12.

948
00:56:34,650 --> 00:56:37,350
In Hebreeën 4:12 staat:

949
00:56:37,350 --> 00:56:42,390
Want het Woord van God is levend en
krachtig en scherper dan enig tweesnijdend

950
00:56:42,390 --> 00:56:46,410
zwaard, en het dringt door tot op
de scheiding van ziel en geest,

951
00:56:46,410 --> 00:56:51,390
van gewrichten en merg, en het oordeelt de
overleggingen en gedachten van het hart.

952
00:56:51,390 --> 00:56:54,810
Dus als het scheiding kan maken
tussen de ziel en de geest,

953
00:56:54,810 --> 00:56:57,810
moet er een verschil zijn
tussen ziel en geest.

954
00:56:57,810 --> 00:57:02,370
Degenen die de dichotomische opvatting
aanhangen en geloven dat de ziel en de

955
00:57:02,370 --> 00:57:07,710
geest hetzelfde zijn, denken eenvoudigweg
dat de schrijver van Hebreeën zegt dat het

956
00:57:07,710 --> 00:57:12,930
Woord van God scheiding maakt tussen de
innerlijke mens en de uiterlijke mens.

957
00:57:12,930 --> 00:57:16,110
De innerlijke mens is de ziel en de geest.

958
00:57:16,110 --> 00:57:19,770
De uiterlijke mens is de
gewrichten en het merg.

959
00:57:19,770 --> 00:57:23,670
En het Woord maakt scheiding tussen
de ziel en de geest aan de ene kant

960
00:57:23,670 --> 00:57:27,870
en de gewrichten en het merg aan
de andere kant van die scheiding.

961
00:57:27,870 --> 00:57:30,090
Ook dat is een mogelijke lezing.

962
00:57:30,090 --> 00:57:35,370
Het is dus eigenlijk bijna onmogelijk om
zeker te weten welke opvatting juist is,

963
00:57:35,370 --> 00:57:38,190
en soms loopt de discussie hoog op.

964
00:57:38,190 --> 00:57:42,390
Eén ding kunnen we zeggen: of er
nu drie delen zijn of twee delen,

965
00:57:42,390 --> 00:57:45,450
we weten dat er minstens twee delen zijn.

966
00:57:45,450 --> 00:57:49,230
Of die innerlijke mens kan
worden verdeeld in geest en ziel,

967
00:57:49,230 --> 00:57:53,490
twee verschillende entiteiten, of
dat het één complexe entiteit is,

968
00:57:53,490 --> 00:57:57,570
is misschien een kwestie van haarkloverij
die voor een godvruchtig leven

969
00:57:57,570 --> 00:57:58,890
niet nodig is.

970
00:57:58,890 --> 00:58:02,730
We moeten echter wel weten dat de
uiterlijke mens niet met de innerlijke

971
00:58:02,730 --> 00:58:04,830
mens vereenzelvigd mag worden.

972
00:58:04,830 --> 00:58:08,010
Daarom verliezen wij de
moed niet; integendeel,

973
00:58:08,010 --> 00:58:12,150
ook al vergaat onze uiterlijke mens,
toch wordt de innerlijke mens van dag

974
00:58:12,150 --> 00:58:13,590
tot dag vernieuwd.

975
00:58:13,590 --> 00:58:19,710
In Romeinen 7:22 maakt Paulus onderscheid
tussen de waarden van zijn innerlijke mens

976
00:58:19,710 --> 00:58:21,750
en zijn uiterlijke mens.

977
00:58:21,750 --> 00:58:25,230
Hij zegt in Romeinen 7:22:

978
00:58:25,230 --> 00:58:28,650
Want naar de innerlijke mens
verheug ik mij in de wet van God.

979
00:58:28,650 --> 00:58:30,810
Maar in mijn leden zie ik een andere wet,

980
00:58:30,810 --> 00:58:33,510
die tegen de wet van mijn
verstand strijd voert

981
00:58:33,510 --> 00:58:37,650
en mij tot gevangene maakt van de wet
van de zonde, die in mijn leden is.

982
00:58:37,650 --> 00:58:41,790
Dat wil zeggen: mijn lichaam,
mijn uiterlijke mens.

983
00:58:41,790 --> 00:58:44,430
Mijn verstand is de innerlijke mens.

984
00:58:44,430 --> 00:58:47,490
Mijn lichaam is de uiterlijke mens.

985
00:58:47,490 --> 00:58:50,310
In de innerlijke mens
heb ik bepaalde waarden.

986
00:58:50,310 --> 00:58:53,010
Mijn uiterlijke mens
werkt niet helemaal mee.

987
00:58:53,010 --> 00:58:55,590
Maar als de innerlijke mens sterk is,

988
00:58:55,590 --> 00:58:58,230
heerst die natuurlijk
over de uiterlijke mens.

989
00:58:58,230 --> 00:59:03,570
Als de uiterlijke mens sterk is,
heerst die over de innerlijke mens.

990
00:59:03,570 --> 00:59:08,010
Misschien verheugde Paulus zich daarom
in zijn zwakheden in 2 Korinthe 12,

991
00:59:08,010 --> 00:59:11,790
omdat hij, wanneer hij verzwakt
werd in zijn uiterlijke mens,

992
00:59:11,790 --> 00:59:14,070
vernieuwd werd in zijn innerlijke mens.

993
00:59:14,070 --> 00:59:15,270
Hij zei:

994
00:59:15,270 --> 00:59:18,570
Want onze lichte verdrukking,
die van korte duur is,

995
00:59:18,570 --> 00:59:23,790
brengt in ons een allesovertreffend
eeuwig gewicht van heerlijkheid teweeg.

996
00:59:23,790 --> 00:59:25,590
De innerlijke mens.

997
00:59:25,590 --> 00:59:28,170
Paulus bidt hier voor de innerlijke mens.

998
00:59:28,170 --> 00:59:30,990
Hij spreekt over de kracht
van de Heilige Geest,

999
00:59:30,990 --> 00:59:33,810
maar hij spreekt niet over de
kracht van de Heilige Geest

1000
00:59:33,810 --> 00:59:38,670
in termen van krachtmetingen met demonen
en met ongelovigen en het doen van

1001
00:59:38,670 --> 00:59:41,190
wonderen en tekenen enzovoort.

1002
00:59:41,190 --> 00:59:45,450
Niet dat Paulus daar allemaal niet
in gelooft; dat doet hij zeker wel.

1003
00:59:45,450 --> 00:59:48,090
Paulus verrichtte al die soorten wonderen.

1004
00:59:48,090 --> 00:59:50,250
Maar zijn gebed is niet dat de gemeente

1005
00:59:50,250 --> 00:59:53,550
meer van dit soort wonderen zal
hebben door de werking van de kracht

1006
00:59:53,550 --> 00:59:54,810
van de Geest.

1007
00:59:54,810 --> 00:59:58,350
Zijn gebed is dat de kracht
van de Geest Zijn belangrijkste

1008
00:59:58,350 --> 01:00:00,690
en meest veeleisende werk zal doen.

1009
01:00:00,690 --> 01:00:03,450
En dat is de vernieuwing
van de innerlijke mens

1010
01:00:03,450 --> 01:00:06,030
en het versterken van de innerlijke mens

1011
01:00:06,030 --> 01:00:09,570
tegen de verleidingen van de
uiterlijke mens. Hij zegt:

1012
01:00:09,570 --> 01:00:13,170
opdat Hij u geeft, naar de
rijkdom van Zijn heerlijkheid,

1013
01:00:13,170 --> 01:00:17,850
met kracht gesterkt te worden door
Zijn Geest in de innerlijke mens,

1014
01:00:17,850 --> 01:00:19,770
Ten tweede, vers 17:

1015
01:00:19,770 --> 01:00:23,370
opdat Christus door het
geloof in uw harten woont.

1016
01:00:23,370 --> 01:00:26,850
Hier zien we een interessante
verschuiving in het denken van Paulus,

1017
01:00:26,850 --> 01:00:31,710
want vooral in hoofdstuk 1 sprak
hij erover dat wij in Christus zijn,

1018
01:00:31,710 --> 01:00:33,990
niet dat Christus in ons is.

1019
01:00:33,990 --> 01:00:39,870
Het is steeds: ‘in Christus, in
Christus, in Christus, in Christus’.

1020
01:00:39,870 --> 01:00:42,450
Als gemeenschap zijn we in Christus.

1021
01:00:42,450 --> 01:00:45,750
We maken deel uit van het
gemeenschappelijke verschijnsel,

1022
01:00:45,750 --> 01:00:50,010
de gemeenschappelijke werkelijkheid
die God in Christus heeft geschapen.

1023
01:00:50,010 --> 01:00:56,010
Maar individueel is Christus in ons, en
Zijn Geest is in onze innerlijke mens,

1024
01:00:56,010 --> 01:00:59,910
en we worden vervuld met de
volheid van God, vers 19.

1025
01:00:59,910 --> 01:01:03,210
We kunnen zien dat Paulus beide
dingen in gedachten heeft.

1026
01:01:03,210 --> 01:01:07,050
Wij zijn niet alleen in
Christus, maar Hij is ook in ons.

1027
01:01:07,050 --> 01:01:09,870
De Geest is in onze innerlijke mens.

1028
01:01:09,870 --> 01:01:14,310
Christus is in ons hart, en de
volheid van God vervult ons,

1029
01:01:14,310 --> 01:01:16,350
zodat Hij verheerlijkt wordt.

1030
01:01:16,350 --> 01:01:18,750
Zijn heerlijkheid is in de gemeente.

1031
01:01:18,750 --> 01:01:22,590
De gemeente is in Hem, maar
Hij is ook in de gemeente.

1032
01:01:22,590 --> 01:01:26,130
In dit gebed wordt dus de
andere kant hiervan benadrukt.

1033
01:01:26,130 --> 01:01:31,410
Paulus weet dat wij in Christus zijn, maar
hij bidt dat Christus in ons zal zijn,

1034
01:01:31,410 --> 01:01:34,110
dat Hij door het geloof
in ons hart zal wonen.

1035
01:01:34,110 --> 01:01:36,630
Dat is iets interessants, want het woord

1036
01:01:36,630 --> 01:01:40,110
‘wonen’ betekent natuurlijk dat
je daar leeft en daar blijft,

1037
01:01:40,110 --> 01:01:42,090
dat je daar je thuis van maakt.

1038
01:01:42,090 --> 01:01:45,750
Als iemand geloof heeft,
komt Jezus dan in zijn hart?

1039
01:01:45,750 --> 01:01:49,590
Blijkbaar wel, in de betekenis
waar Paulus het over heeft.

1040
01:01:49,590 --> 01:01:54,090
We weten dat Christus Jezus Zelf in
werkelijkheid aan de rechterhand van God

1041
01:01:54,090 --> 01:01:55,290
de Vader is.

1042
01:01:55,290 --> 01:01:57,270
Hij zit niet binnen in ons.

1043
01:01:57,270 --> 01:02:01,110
Het opstandingslichaam van
Jezus heeft vlees en beenderen.

1044
01:02:01,110 --> 01:02:05,790
En als je een christen ontleedt, zul
je daarbinnen geen extra stel vlees en

1045
01:02:05,790 --> 01:02:09,390
beenderen aantreffen van een
andere persoon die daar woont.

1046
01:02:09,390 --> 01:02:12,330
Jezus is aan de rechterhand
van God de Vader,

1047
01:02:12,330 --> 01:02:14,850
en de gemeente wacht op Zijn terugkeer.

1048
01:02:14,850 --> 01:02:19,170
Maar door Zijn Geest woont Christus
door het geloof in onze harten.

1049
01:02:19,170 --> 01:02:23,550
We weten dat wanneer Paulus spreekt
over Christus Die in onze harten woont,

1050
01:02:23,550 --> 01:02:26,610
hij eigenlijk hetzelfde
bedoelt als de Heilige Geest,

1051
01:02:26,610 --> 01:02:29,310
de Geest van Christus in onze harten.

1052
01:02:29,310 --> 01:02:34,470
Dat maakt hij heel duidelijk in
Romeinen hoofdstuk 8, vers 9 en 10:

1053
01:02:34,470 --> 01:02:37,830
Maar u bent niet in het
vlees, maar in de Geest,

1054
01:02:37,830 --> 01:02:41,550
wanneer althans de Geest
van God in u woont.

1055
01:02:41,550 --> 01:02:45,750
Maar als iemand de Geest van Christus
niet heeft, die is niet van Hem.

1056
01:02:45,750 --> 01:02:50,910
Als Christus echter in u is, dan is
het lichaam wel dood vanwege de zonde,

1057
01:02:50,910 --> 01:02:54,630
maar de geest is leven
vanwege de gerechtigheid.

1058
01:02:54,630 --> 01:02:56,190
Let er nu op dat hij zegt:

1059
01:02:56,190 --> 01:02:58,830
‘als de Geest van God in jullie woont’.

1060
01:02:58,830 --> 01:03:01,950
Dat is de Geest van Christus, en daarom:

1061
01:03:01,950 --> 01:03:04,290
als Christus in jullie is.

1062
01:03:04,290 --> 01:03:08,790
De Geest van Christus
in je is Christus in je.

1063
01:03:08,790 --> 01:03:14,730
Zijn lichaam, Zijn opstandingslichaam,
zit voor zover ik weet volgens de Schrift

1064
01:03:14,730 --> 01:03:17,190
aan de rechterhand van God de Vader.

1065
01:03:17,190 --> 01:03:23,190
Maar Zijn Geest is in mij en in
jou, en daarom is Hij in ons.

1066
01:03:23,190 --> 01:03:26,130
Christus is in ons door Zijn Geest.

1067
01:03:26,130 --> 01:03:31,710
De Geest versterkt dus onze
innerlijke mens en is Christus in ons.

1068
01:03:31,710 --> 01:03:36,330
De Geest van Christus is in ons,
zodat het leven van Christus

1069
01:03:36,330 --> 01:03:42,210
in ons zichtbaar kan worden en door ons
heen geleefd kan worden, door het geloof.

1070
01:03:42,210 --> 01:03:47,910
Er is hier opgemerkt dat er vier dimensies
worden genoemd: de breedte, de lengte,

1071
01:03:47,910 --> 01:03:50,370
de diepte en de hoogte.

1072
01:03:50,370 --> 01:03:53,970
In de natuurlijke wereld zijn er
eigenlijk maar drie dimensies,

1073
01:03:53,970 --> 01:03:57,030
en toch noemt Paulus vier dimensies.

1074
01:03:57,030 --> 01:04:01,290
Sommigen hebben geopperd dat Paulus
hiermee bewust probeert te zeggen dat de

1075
01:04:01,290 --> 01:04:05,610
liefde van Christus, die wij
moeten kennen, bovennatuurlijk is.

1076
01:04:05,610 --> 01:04:10,530
De dimensies ervan gaan de dimensies
van de natuurlijke wereld te boven.

1077
01:04:10,530 --> 01:04:14,850
Om de liefde van Christus te
kennen is daarom openbaring nodig.

1078
01:04:14,850 --> 01:04:17,730
Daar is bovennatuurlijk begrip voor nodig.

1079
01:04:17,730 --> 01:04:19,650
Hij zegt in vers 18:

1080
01:04:19,650 --> 01:04:23,550
opdat u ten volle zou kunnen
begrijpen, met alle heiligen,

1081
01:04:23,550 --> 01:04:27,450
wat de breedte en lengte
en diepte en hoogte is.

1082
01:04:27,450 --> 01:04:31,650
Het kan zijn dat Paulus niet
specifiek aan vier dimensies denkt.

1083
01:04:31,650 --> 01:04:35,790
Misschien schrijft hij gewoon maar door en
noemt hij elke dimensie van iets die hij

1084
01:04:35,790 --> 01:04:38,730
maar kan bedenken. Maar wat is dat dan?

1085
01:04:38,730 --> 01:04:41,970
Is het de liefde van Christus
die deze dimensies heeft?

1086
01:04:41,970 --> 01:04:45,810
Dat is moeilijk te zeggen, want hij
begint over de liefde van Christus met

1087
01:04:45,810 --> 01:04:47,430
een andere zinsnede:

1088
01:04:47,430 --> 01:04:49,770
De liefde van Christus kennen.

1089
01:04:49,770 --> 01:04:53,790
Het is alsof hij vers 18 niet
afmaakt. Hij zegt alleen:

1090
01:04:53,790 --> 01:04:58,830
‘dat jullie samen met alle gelovigen
kunnen begrijpen wat de breedte, lengte,

1091
01:04:58,830 --> 01:05:00,870
diepte en hoogte is’.

1092
01:05:00,870 --> 01:05:02,730
Maar hij zegt niet waarvan.

1093
01:05:02,730 --> 01:05:04,890
Vervolgens gaat hij verder en zegt:

1094
01:05:04,890 --> 01:05:09,150
‘En te kennen’. Bijna alsof
het een afzonderlijke zaak is:

1095
01:05:09,150 --> 01:05:12,510
de liefde van Christus te kennen.

1096
01:05:12,510 --> 01:05:16,950
Waarschijnlijk heeft hij in beide gevallen
de liefde van Christus in gedachten.

1097
01:05:16,950 --> 01:05:20,490
Begrijpen en kennen zijn
vergelijkbare begrippen.

1098
01:05:20,490 --> 01:05:24,690
Wat ik interessant vind, is dat hij
bidt dat de gemeente het samen met alle

1099
01:05:24,690 --> 01:05:26,910
heiligen zal begrijpen.

1100
01:05:26,910 --> 01:05:31,290
Dat wil zeggen dat alle christenen
dit samen zullen begrijpen.

1101
01:05:31,290 --> 01:05:36,210
In een gemeente die zo ernstig verdeeld
is als de zichtbare gemeente in onze tijd,

1102
01:05:36,210 --> 01:05:39,510
is het moeilijk je voor te
stellen dat alle heiligen

1103
01:05:39,510 --> 01:05:41,850
ook maar iets samen begrijpen.

1104
01:05:41,850 --> 01:05:44,310
Iedereen heeft zijn eigen systeempje.

1105
01:05:44,310 --> 01:05:47,790
Iedereen heeft zijn eigen
geliefkoosde leerstellingen van

1106
01:05:47,790 --> 01:05:50,490
zijn kerkgenootschap, enzovoort.

1107
01:05:50,490 --> 01:05:53,730
Het is moeilijk je een tijd voor
te stellen waarin de gemeente

1108
01:05:53,730 --> 01:05:56,970
zo eensgezind zou zijn
dat ze allemaal samen

1109
01:05:56,970 --> 01:05:59,970
alle dimensies van Gods liefde begrijpen.

1110
01:05:59,970 --> 01:06:04,350
Maar dat kan natuurlijk wel, zolang er
maar één ding centraal wordt gesteld,

1111
01:06:04,350 --> 01:06:08,970
en dat is Jezus Zelf, in plaats van
een heleboel andere leerstellingen.

1112
01:06:08,970 --> 01:06:12,930
Het is niet zo dat de hele
gemeente alle leerstellige waarheid

1113
01:06:12,930 --> 01:06:15,270
op dezelfde manier moet begrijpen.

1114
01:06:15,270 --> 01:06:18,330
Maar als ze de hele liefde
van Christus zouden begrijpen,

1115
01:06:18,330 --> 01:06:23,790
dan zouden leerstellige waarheden bijzaken
worden en niet de centrale zorg zijn.

1116
01:06:23,790 --> 01:06:27,030
Het zou erom gaan elkaar
eenvoudigweg lief te hebben.

1117
01:06:27,030 --> 01:06:29,850
Dat is wat Paulus bidt
dat de gemeente zal doen.

1118
01:06:29,850 --> 01:06:33,990
Ik weet niet of de gemeente dat nu
doet of het in de toekomst zal doen.

1119
01:06:33,990 --> 01:06:38,430
In zekere zin klinkt het alsof hij bidt om
iets wat nog de toekomstige bestemming van

1120
01:06:38,430 --> 01:06:41,910
de gemeente is: dat we
allemaal samen zullen komen

1121
01:06:41,910 --> 01:06:45,870
tot het kennen van de liefde van
Christus die de kennis te boven gaat.

1122
01:06:45,870 --> 01:06:48,810
Hoe kun je iets kennen wat
de kennis te boven gaat?

1123
01:06:48,810 --> 01:06:50,610
Dat is nu juist het punt.

1124
01:06:50,610 --> 01:06:53,610
Hij bidt om een
bovennatuurlijke openbaring.

1125
01:06:53,610 --> 01:06:58,230
Het gaat natuurlijke kennis te boven,
maar je kunt het door ervaring kennen.

1126
01:06:58,230 --> 01:07:00,390
Je kunt het door openbaring kennen.

1127
01:07:00,390 --> 01:07:04,050
opdat u vervuld zou worden
tot heel de volheid van God.

1128
01:07:04,050 --> 01:07:07,170
Het is echt moeilijk om de
hele rijkdom te kennen van wat

1129
01:07:07,170 --> 01:07:09,990
Paulus met deze uitdrukkingen
in gedachten heeft.

1130
01:07:09,990 --> 01:07:12,990
Hij heeft beslist iets
specifieks in gedachten.

1131
01:07:12,990 --> 01:07:17,010
Hij heeft niet zomaar zinnen afgeraffeld
die voor hem niets betekenden.

1132
01:07:17,010 --> 01:07:20,130
Maar het is niet duidelijk wat
het betekent om vervuld te zijn

1133
01:07:20,130 --> 01:07:22,350
met heel de volheid van God.

1134
01:07:22,350 --> 01:07:26,670
Betekent dat dat de gemeente nu
gedeeltelijk gevuld is met een deel van de

1135
01:07:26,670 --> 01:07:29,190
volheid van God? Ik weet het niet.

1136
01:07:29,190 --> 01:07:33,090
Maar ik denk wel dat het
dit betekent. Hij zei:

1137
01:07:33,090 --> 01:07:36,810
en op Wie het hele
gebouw, goed samengevoegd,

1138
01:07:36,810 --> 01:07:39,690
verrijst tot een heilige
tempel in de Heere;

1139
01:07:39,690 --> 01:07:44,670
op Wie ook u mede gebouwd wordt tot
een woning van God, in de Geest.

1140
01:07:44,670 --> 01:07:49,830
Wanneer het gebouw voltooid is, kan heel
de volheid van God daar zichtbaar worden.

1141
01:07:49,830 --> 01:07:52,590
Net zoals toen Mozes
de tabernakel voltooide

1142
01:07:52,590 --> 01:07:56,610
en de zichtbare Sjechinaheerlijkheid
van God die plaats vervulde.

1143
01:07:56,610 --> 01:07:59,190
En toen Salomo de tempel voltooide,

1144
01:07:59,190 --> 01:08:03,810
vervulde de zichtbare
Sjechinaheerlijkheid van God die plaats.

1145
01:08:03,810 --> 01:08:07,890
Wanneer God klaar is met de gemeente
en zij haar bestemming bereikt,

1146
01:08:07,890 --> 01:08:10,710
zal God er zichtbaar Zijn intrek nemen.

1147
01:08:10,710 --> 01:08:13,590
Zijn heerlijkheid zal daar te zien zijn.

1148
01:08:13,590 --> 01:08:17,790
Denk aan het nieuwe Jeruzalem dat
in Openbaring wordt beschreven.

1149
01:08:17,790 --> 01:08:22,590
Dat is volgens mij een beeld van de
gemeente in haar uiteindelijke bestemming.

1150
01:08:22,590 --> 01:08:23,910
Daar staat:

1151
01:08:23,910 --> 01:08:28,590
En de stad heeft de zon en de maan
niet nodig om haar te beschijnen,

1152
01:08:28,590 --> 01:08:33,330
want de heerlijkheid van God verlicht
haar, en het Lam is haar lamp.

1153
01:08:33,330 --> 01:08:38,070
Het licht dat de gemeente vervult,
zal de heerlijkheid van God zijn.

1154
01:08:38,070 --> 01:08:41,850
Je weet nog dat Paulus werd
opgenomen in de derde hemel.

1155
01:08:41,850 --> 01:08:44,910
Hij hoorde dingen die
hij niet mocht herhalen.

1156
01:08:44,910 --> 01:08:48,030
Ik denk dat hij soms op
sommige daarvan zinspeelt,

1157
01:08:48,030 --> 01:08:52,470
maar hij vertelt ons niet genoeg om
echt te weten wat hij allemaal weet.

1158
01:08:52,470 --> 01:08:56,910
Hij heeft iets in gedachten dat meer
diepgang heeft dan ik kan bevatten.

1159
01:08:56,910 --> 01:08:59,670
Ik zie dat het een heel
verheven visioen is,

1160
01:08:59,670 --> 01:09:03,030
maar ik weet niet wat de
volledige inhoud ervan is.

1161
01:09:03,030 --> 01:09:07,650
Want Paulus zegt niet alles wat hij
weet, en dat mag hij trouwens ook niet.

1162
01:09:07,650 --> 01:09:12,690
Maar vanuit de vervoering die hij over
dit onderwerp voelt, zegt hij in vers 20:

1163
01:09:12,690 --> 01:09:17,130
Aan Hem Die door de kracht die in
ons werkt veel meer kan doen dan

1164
01:09:17,130 --> 01:09:22,110
alles wat we vragen of bedenken, aan
Hem komt de eer toe in de gemeente door

1165
01:09:22,110 --> 01:09:27,870
Christus Jezus, in alle generaties,
voor altijd en eeuwig. Amen.

1166
01:09:27,870 --> 01:09:32,490
Nu kan het lijken alsof de gemeente, zo
versplinterd en verdeeld als ze nu is,

1167
01:09:32,490 --> 01:09:36,030
onmogelijk ooit met één
stem zou kunnen spreken.

1168
01:09:36,030 --> 01:09:40,230
Alsof ze nooit een verenigd lichaam en
een verenigde tempel zou kunnen zijn

1169
01:09:40,230 --> 01:09:43,410
die aan de wereld de
heerlijkheid van God laat zien.

1170
01:09:43,410 --> 01:09:47,730
Als dat een onmogelijke droom lijkt,
zegt Paulus dat dat niet erg is.

1171
01:09:47,730 --> 01:09:51,510
Als je niet denkt dat Hij het kan,
dan kan Hij meer dan je denkt.

1172
01:09:51,510 --> 01:09:54,210
Hij bidt niet om wat
voor God onmogelijk is,

1173
01:09:54,210 --> 01:09:57,690
alleen om wat voor de mens
misschien onmogelijk is.

1174
01:09:57,690 --> 01:10:00,990
Want geen ding zal bij
God onmogelijk zijn.

1175
01:10:00,990 --> 01:10:04,110
En hij zegt dat God meer
kan doen dan jullie denken,

1176
01:10:04,110 --> 01:10:06,990
overeenkomstig de kracht die in ons werkt.

1177
01:10:06,990 --> 01:10:10,290
Deze Heilige Geest, Die
ons in onze innerlijke mens

1178
01:10:10,290 --> 01:10:15,690
versterkt en Die in ons werkt, is een
machtige kracht, een machtige Geest.

1179
01:10:15,690 --> 01:10:19,890
En die Geest kan meer doen dan
iemand van ons werkelijk denkt of

1180
01:10:19,890 --> 01:10:21,990
weet of zou kunnen vermoeden.

1181
01:10:21,990 --> 01:10:25,830
Het resultaat waar hij om
bidt, is dat Christus, of God,

1182
01:10:25,830 --> 01:10:30,450
in de gemeente door Christus verheerlijkt
wordt, door alle eeuwen heen.

1183
01:10:30,450 --> 01:10:33,810
Ik hoop dat de gebeden van Paulus
werkelijkheid kunnen worden,

1184
01:10:33,810 --> 01:10:36,570
ook als we niet alles
begrijpen wat ze betekenen,

1185
01:10:36,570 --> 01:10:38,790
want er zit heel veel inhoud in.

1186
01:10:38,790 --> 01:10:41,670
Maar we zullen er niet
nog dieper op ingaan.

1187
01:10:41,670 --> 01:10:44,250
En hoewel dit een vroeg
moment is om te stoppen,

1188
01:10:44,250 --> 01:10:48,450
wil ik niet aan hoofdstuk 4 beginnen
zonder dat ik het kan behandelen.

1189
01:10:48,450 --> 01:10:50,850
Daarom ga ik de les beëindigen.

1190
01:10:50,850 --> 01:10:52,590
We houden een kortere les.

1191
01:10:52,590 --> 01:10:54,570
Een verrassing voor iedereen.

1192
01:10:54,570 --> 01:10:56,310
En we komen terug op hoofdstuk 4.
