1
00:00:02,010 --> 00:00:05,370
Welkom bij Vers voor Vers!

2
00:00:05,370 --> 00:00:08,190
We hebben nog maar een klein
stukje van Exodus over,

3
00:00:08,190 --> 00:00:11,190
wat je misschien wat losse
gedeelten zou kunnen noemen

4
00:00:11,190 --> 00:00:12,930
die we nog moeten behandelen.

5
00:00:12,930 --> 00:00:17,550
We hebben de tabernakel en alle
bijzonderheden ervan uitvoerig besproken,

6
00:00:17,550 --> 00:00:20,190
maar in de hoofdstukken
kwamen enkele zaken aan bod

7
00:00:20,190 --> 00:00:22,350
waarover we niet hebben gesproken.

8
00:00:22,350 --> 00:00:26,610
Een van de dingen die bij de bespreking
van de tabernakel vaak ter sprake komen,

9
00:00:26,610 --> 00:00:29,970
zijn de bijdragen die voor
de tabernakel werden gegeven

10
00:00:29,970 --> 00:00:33,150
en de gretigheid waarmee
het volk wilde bijdragen.

11
00:00:33,150 --> 00:00:36,450
Het waren meestal niet
bepaald geestelijke mensen.

12
00:00:36,450 --> 00:00:40,470
Zoals we weten, aanbaden ze
een gouden kalf, enzovoort.

13
00:00:40,470 --> 00:00:42,750
Maar ze waren ook onervaren.

14
00:00:42,750 --> 00:00:45,810
Ze waren honderden jaren
slaven in Egypte geweest

15
00:00:45,810 --> 00:00:48,630
en hadden heel weinig ervaring met Jahweh.

16
00:00:48,630 --> 00:00:52,710
Ze hadden Zijn wetten ontvangen,
maar ze waren dwaas geweest en waren

17
00:00:52,710 --> 00:00:55,770
bezweken voor de verleiding
om een afgod te maken.

18
00:00:55,770 --> 00:00:57,930
Dat was een groot probleem geweest.

19
00:00:57,930 --> 00:00:59,610
Maar dat werd opgelost.

20
00:00:59,610 --> 00:01:03,630
Het bleek dat het volk over het algemeen
enthousiast was om mee te werken

21
00:01:03,630 --> 00:01:06,390
en God op de juiste wijze te aanbidden.

22
00:01:06,390 --> 00:01:10,470
Daarvoor moesten ze de tabernakel
en het bijbehorende meubilair maken,

23
00:01:10,470 --> 00:01:13,350
en moesten er priesters zijn, enzovoort.

24
00:01:13,350 --> 00:01:15,630
Ze hadden kleding voor de priesters nodig,

25
00:01:15,630 --> 00:01:19,290
en materialen voor de tabernakel
en het meubilair ervan.

26
00:01:19,290 --> 00:01:23,790
Zoals je bij het lezen hebt gezien,
was daarvoor veel goud, zilver,

27
00:01:23,790 --> 00:01:28,590
hout en materiaal nodig, waaronder
linnen, leer en dergelijke.

28
00:01:28,590 --> 00:01:33,150
Daarvoor werden bijdragen ingezameld, en
op verschillende plaatsen in Exodus wordt

29
00:01:33,150 --> 00:01:34,830
over die bijdragen gesproken.

30
00:01:34,830 --> 00:01:38,130
Misschien denk je: „Moeten
we dat echt behandelen?”

31
00:01:38,130 --> 00:01:40,830
Misschien niet tot in
alle vermoeiende details,

32
00:01:40,830 --> 00:01:43,470
maar omdat er zoveel
aandacht aan wordt besteed,

33
00:01:43,470 --> 00:01:45,750
heeft het blijkbaar waarde voor ons.

34
00:01:45,750 --> 00:01:50,310
In hoofdstuk 25, vers
1 tot en met 9, staat:

35
00:01:50,310 --> 00:01:54,930
Toen sprak de HEERE tot Mozes:
Spreek tot de Israëlieten

36
00:01:54,930 --> 00:01:58,110
en zeg dat zij voor
Mij een hefoffer nemen.

37
00:01:58,110 --> 00:02:01,470
U moet van iedereen wiens
hart hem gewillig maakt,

38
00:02:01,470 --> 00:02:04,050
een hefoffer voor Mij nemen.

39
00:02:04,050 --> 00:02:09,930
Dit is het hefoffer dat u van hen
moet nemen: goud, zilver en koper,

40
00:02:09,930 --> 00:02:14,251
blauwpurperen, roodpurperen
en scharlakenrode wol ,

41
00:02:14,251 --> 00:02:21,390
fijn linnen en geiten haar , roodgeverfde
ramshuiden, zeekoeienhuiden en acaciahout,

42
00:02:21,390 --> 00:02:26,070
olie voor de lamp, specerijen voor
de zalfolie en specerijen voor het

43
00:02:26,070 --> 00:02:30,750
geurige reukwerk, onyxstenen
en andere edel stenen als

44
00:02:30,750 --> 00:02:33,570
opvulling voor de efod en de borsttas.

45
00:02:33,570 --> 00:02:38,490
En zij moeten voor Mij een heiligdom
maken, zodat Ik in hun midden kan wonen.

46
00:02:38,490 --> 00:02:43,170
Volgens alles wat Ik u zal tonen, een
ontwerp van de tabernakel en een ontwerp

47
00:02:43,170 --> 00:02:46,710
van al zijn voorwerpen,
zó moet u het maken.

48
00:02:46,710 --> 00:02:49,290
Hij spreekt dus eigenlijk
over deze voorwerpen

49
00:02:49,290 --> 00:02:51,690
alsof de mensen ermee bekend zijn.

50
00:02:51,690 --> 00:02:56,370
Hij noemt de efod en Hij noemt de
olie voor het licht, enzovoort.

51
00:02:56,370 --> 00:03:00,150
Toch heeft Hij op dit punt nog geen
van die dingen echt beschreven.

52
00:03:00,150 --> 00:03:03,930
Die dingen worden later beschreven,
in de volgende hoofdstukken.

53
00:03:03,930 --> 00:03:06,990
Maar we kunnen zien dat het
bij deze bijdragen niet gaat om

54
00:03:06,990 --> 00:03:10,170
Mozes die om zijn honorarium
als leider vraagt.

55
00:03:10,170 --> 00:03:14,670
Er wordt gevraagd om de daadwerkelijke
materialen die nodig zijn voor de dienst,

56
00:03:14,670 --> 00:03:16,950
materialen voor de bouw van het heiligdom,

57
00:03:16,950 --> 00:03:19,770
zonder welke ze geen
heiligdom zullen hebben.

58
00:03:19,770 --> 00:03:25,410
We slaan een stukje over en gaan naar
hoofdstuk 30, vers 11 tot en met 16.

59
00:03:25,410 --> 00:03:26,910
Daar staat:

60
00:03:26,910 --> 00:03:31,950
Verder sprak de HEERE tot Mozes: Wanneer
u het aantal Israëlieten opneemt,

61
00:03:31,950 --> 00:03:36,870
volgens hun tellingen, dan moet ieder bij
hun telling aan de HEERE een losgeld geven

62
00:03:36,870 --> 00:03:41,670
voor zijn leven, opdat er bij hun
telling geen plaag over hen komt.

63
00:03:41,670 --> 00:03:47,250
Dit moeten allen die bij de getelden
gaan behoren, geven: een halve sikkel,

64
00:03:47,250 --> 00:03:52,350
gerekend volgens de sikkel van het
heiligdom (de sikkel is twintig gera waard

65
00:03:52,350 --> 00:03:56,310
), een halve sikkel als
een hefoffer voor de HEERE.

66
00:03:56,310 --> 00:04:00,630
Al wie bij de getelden gaat behoren,
van twintig jaar oud en daarboven,

67
00:04:00,630 --> 00:04:03,630
moet het hefoffer voor de HEERE geven.

68
00:04:03,630 --> 00:04:09,030
De rijke mag niet meer en de arme niet
minder geven dan een halve sikkel,

69
00:04:09,030 --> 00:04:14,370
als u het hefoffer voor de HEERE geeft
om voor uw leven verzoening te doen.

70
00:04:14,370 --> 00:04:17,610
U moet het geld ter verzoening
van de Israëlieten nemen

71
00:04:17,610 --> 00:04:21,210
en het bestemmen voor de dienst
van de tent van ontmoeting.

72
00:04:21,210 --> 00:04:24,210
Het moet een herinnering voor
de Israëlieten zijn voor het

73
00:04:24,210 --> 00:04:28,650
aangezicht van de HEERE, om voor
uw leven verzoening te doen.

74
00:04:28,650 --> 00:04:32,610
Dit is anders dan wat in
hoofdstuk 25 werd beschreven,

75
00:04:32,610 --> 00:04:36,030
want in hoofdstuk 25 was het vrijwillig.

76
00:04:36,030 --> 00:04:40,710
In hoofdstuk 25, vers 2,
werd uitdrukkelijk gezegd:

77
00:04:40,710 --> 00:04:43,470
Van iedereen die het van
harte en vrijwillig geeft,

78
00:04:43,470 --> 00:04:45,810
moeten jullie mijn offer aannemen.

79
00:04:45,810 --> 00:04:48,090
Dat was één soort offer.

80
00:04:48,090 --> 00:04:49,770
Dat was een vrijwillig offer.

81
00:04:49,770 --> 00:04:54,930
Dit is daarentegen een verplicht offer
dat een soort hoofdelijke belasting was.

82
00:04:54,930 --> 00:04:57,750
De volkstelling zou
uiteindelijk worden gehouden.

83
00:04:57,750 --> 00:04:59,550
Die was nog niet gehouden.

84
00:04:59,550 --> 00:05:02,010
Ze werd gehouden in het boek Numeri.

85
00:05:02,010 --> 00:05:05,490
Daaruit zou blijken dat er
meer dan 600.000 mannen van

86
00:05:05,490 --> 00:05:07,410
twintig jaar en ouder waren.

87
00:05:07,410 --> 00:05:10,710
Ieder van hen moest een
halve zilveren sikkel geven,

88
00:05:10,710 --> 00:05:16,590
wat betekende dat ze na afloop zoiets als
300.000 zilveren sikkels zouden hebben.

89
00:05:16,590 --> 00:05:19,890
Ook dit zilver was bestemd
voor het heiligdom.

90
00:05:19,890 --> 00:05:24,570
Het zou waarschijnlijk worden gebruikt
voor zaken als de zilveren voetstukken die

91
00:05:24,570 --> 00:05:28,470
onder de planken stonden waaruit het
gebouw van het heiligdom bestond,

92
00:05:28,470 --> 00:05:30,870
en voor andere toepassingen van zilver.

93
00:05:30,870 --> 00:05:32,730
Het was als een belasting.

94
00:05:32,730 --> 00:05:34,950
Het was de tempelbelasting.

95
00:05:34,950 --> 00:05:37,470
Daarna werd het onder de Joden

96
00:05:37,470 --> 00:05:41,850
gebruikelijk om bij elke volkstelling
de halve sikkel te innen.

97
00:05:41,850 --> 00:05:45,810
Zo werd die halve zilveren
sikkel een blijvende belasting,

98
00:05:45,810 --> 00:05:47,910
zelfs in de tijd van Jezus.

99
00:05:47,910 --> 00:05:52,530
Maar in die tijd werd die min of
meer als vrijwillig beschouwd.

100
00:05:52,530 --> 00:05:57,090
Hier, op dit moment, was de eerste
halve sikkel bijna een soort

101
00:05:57,090 --> 00:05:59,070
losgeld voor henzelf.

102
00:05:59,070 --> 00:06:02,550
God zei: „Ik heb jullie
uit Egypte bevrijd.

103
00:06:02,550 --> 00:06:05,490
Jullie staan daarom bij Mij in de schuld.

104
00:06:05,490 --> 00:06:09,390
Om te laten zien dat jullie
daarvoor bij Mij in de schuld staan,

105
00:06:09,390 --> 00:06:12,330
kunnen jullie losgeld
voor jezelf betalen.”

106
00:06:12,330 --> 00:06:14,550
Dat was trouwens behoorlijk goedkoop.

107
00:06:14,550 --> 00:06:18,030
De waarde ervan was waarschijnlijk
ongeveer vijftig cent.

108
00:06:18,030 --> 00:06:19,410
Ik weet het niet meer.

109
00:06:19,410 --> 00:06:21,210
Het was een klein bedrag.

110
00:06:21,210 --> 00:06:23,010
Het was betaalbaar.

111
00:06:23,010 --> 00:06:27,150
Zelfs de armen konden het geven, en
de rijken zouden niet meer geven.

112
00:06:27,150 --> 00:06:30,990
In zekere zin is dat beginsel
waarschijnlijk veelbetekenend:

113
00:06:30,990 --> 00:06:35,670
de armen betalen niet minder
en de rijken betalen niet meer.

114
00:06:35,670 --> 00:06:39,150
In sommige opzichten zijn
alle mensen gelijk voor God.

115
00:06:39,150 --> 00:06:43,470
Iedereen heeft voor God
dezelfde waarde, rijk of arm,

116
00:06:43,470 --> 00:06:46,770
en staat in dezelfde mate
bij God in de schuld.

117
00:06:46,770 --> 00:06:51,270
Dat blijkt uit het feit dat iedereen
dit vastgestelde bedrag geeft.

118
00:06:51,270 --> 00:06:54,870
In de tijd van Jezus vroegen
de Joden eens aan Petrus

119
00:06:54,870 --> 00:06:57,570
of Jezus de tempelbelasting betaalde.

120
00:06:57,570 --> 00:07:01,590
Het ging om deze halve sikkel
waarover we het hier hebben.

121
00:07:01,590 --> 00:07:04,050
Dat vinden we in Mattheüs 17.

122
00:07:04,050 --> 00:07:09,090
In Mattheüs 17:24–27 staat:

123
00:07:09,090 --> 00:07:14,430
Toen zij Kapernaüm binnengekomen waren,
gingen zij die de twee drachmen inden,

124
00:07:14,430 --> 00:07:19,170
naar Petrus toe en zeiden: Betaalt
uw Meester de twee drachmen niet?

125
00:07:19,170 --> 00:07:21,090
Hij zei: Jawel.

126
00:07:21,090 --> 00:07:26,850
En toen hij in huis gekomen was, was
Jezus hem voor en zei: Wat denkt u, Simon?

127
00:07:26,850 --> 00:07:30,990
De koningen van de aarde, van wie
ontvangen zij tol of belasting,

128
00:07:30,990 --> 00:07:33,750
van hun zonen of van vreemden?

129
00:07:33,750 --> 00:07:36,810
Petrus zei tegen Hem: Van vreemden.

130
00:07:36,810 --> 00:07:41,010
Jezus zei tegen hem: Dan zijn
de zonen dus vrijgesteld.

131
00:07:41,010 --> 00:07:46,410
Maar om hun geen aanstoot te geven:
ga naar de zee, werp een vishaak uit,

132
00:07:46,410 --> 00:07:49,050
en pak de eerste vis die bovenkomt.

133
00:07:49,050 --> 00:07:52,470
Doe zijn bek open en u
zult een stater vinden.

134
00:07:52,470 --> 00:07:56,370
Neem die en geef hem aan
hen voor Mij en voor u.

135
00:07:56,370 --> 00:07:58,831
— dat zou de zilveren halve sikkel zijn —

136
00:07:58,831 --> 00:08:02,730
Maar toen begon hij zich af te vragen
of hij wel het juiste had gezegd.

137
00:08:02,730 --> 00:08:04,350
Hij wist het niet zeker.

138
00:08:04,350 --> 00:08:09,210
Hij zou daar in feite een sikkel vinden,
en die zou genoeg zijn voor twee mensen.

139
00:08:09,210 --> 00:08:12,030
Hij vond niet genoeg voor
alle twaalf discipelen.

140
00:08:12,030 --> 00:08:16,410
Jezus leek niet goed te weten
wat Hij van het betalen van deze

141
00:08:16,410 --> 00:08:18,270
tempelbelasting moest vinden.

142
00:08:18,270 --> 00:08:21,930
Hij zei in feite: „Wij
zijn ervan vrijgesteld.

143
00:08:21,930 --> 00:08:25,350
Dit is het huis van Mijn Vader
dat hiermee wordt onderhouden.

144
00:08:25,350 --> 00:08:30,450
Dit is bestemd voor het onderhoud van de
tempel, en Ik ben een van Zijn kinderen.”

145
00:08:30,450 --> 00:08:33,930
Koningen vragen hun kinderen
niet om hun schatting te betalen.

146
00:08:33,930 --> 00:08:38,430
Ze eisen schatting van overwonnen
volken, van vreemdelingen.

147
00:08:38,430 --> 00:08:42,570
Aardse koningen vragen hun zonen
niet om hun onkosten te betalen.

148
00:08:42,570 --> 00:08:46,110
De zonen zijn vrij vanwege
hun koninklijke status.

149
00:08:46,110 --> 00:08:50,610
Vreemdelingen en overwonnen volken moeten
schatting betalen aan de koning die

150
00:08:50,610 --> 00:08:52,290
hen heeft overwonnen.

151
00:08:52,290 --> 00:08:58,350
Jezus zegt in wezen: „Dit geld is bestemd
voor de tempel, en dit is Gods huis,

152
00:08:58,350 --> 00:09:00,330
en wij zijn Zijn kinderen.

153
00:09:00,330 --> 00:09:03,510
Dit is niet iets waarvan Hij
verwacht dat wij het betalen.

154
00:09:03,510 --> 00:09:08,130
Maar we willen deze mensen geen
aanstoot geven, dus betaal het maar.”

155
00:09:08,130 --> 00:09:11,250
Maar Hij nam het geld niet
uit de kas van de discipelen.

156
00:09:11,250 --> 00:09:13,890
Hij zei: „Ga een vis vangen.”

157
00:09:13,890 --> 00:09:18,450
Het is een heel vreemd verhaal,
omdat het een wonder lijkt te zijn:

158
00:09:18,450 --> 00:09:23,970
Jezus zorgde ervoor dat deze vis werd
gevangen, die de munt in zijn bek had.

159
00:09:23,970 --> 00:09:28,230
Wat dit nu precies betekent wat
betreft de toepassing ervan op ons,

160
00:09:28,230 --> 00:09:33,390
is moeilijk te zeggen, omdat die tempel
er vandaag de dag niet meer staat.

161
00:09:33,390 --> 00:09:37,650
Jezus leek te denken dat het
onderhoud van de tempel in die tijd

162
00:09:37,650 --> 00:09:42,090
geen prioriteit zou zijn voor
God of voor Gods kinderen.

163
00:09:42,090 --> 00:09:45,630
Misschien dacht Jezus al in termen
van een nieuwe tempel die uit

164
00:09:45,630 --> 00:09:47,070
Zijn discipelen bestond.

165
00:09:47,070 --> 00:09:50,850
Daarom voelden Hij en Zijn discipelen
zich eigenlijk niet verplicht de oude

166
00:09:50,850 --> 00:09:52,410
tempel te onderhouden.

167
00:09:52,410 --> 00:09:57,870
Maar Hij zei: „We willen hun geen aanstoot
geven, dus we betalen het toch maar.”

168
00:09:57,870 --> 00:09:59,370
Het was vrijwillig.

169
00:09:59,370 --> 00:10:04,230
Daarom vroegen mensen: „Betaalt jouw
Meester de tempelbelasting of niet?”

170
00:10:04,230 --> 00:10:06,330
Je kon die wel of niet betalen.

171
00:10:06,330 --> 00:10:09,510
Maar in de dagen van Mozes
was die hier verplicht.

172
00:10:09,510 --> 00:10:13,710
Het was het enige deel van de bijdragen
voor de tabernakel dat verplicht was,

173
00:10:13,710 --> 00:10:15,750
en het was niet erg duur.

174
00:10:15,750 --> 00:10:19,410
God legde Israël geen hoge
verplichte bijdrage op.

175
00:10:19,410 --> 00:10:24,630
Er was veel nodig, maar voor bijna
alles wachtte Hij op vrijwillige offers.

176
00:10:24,630 --> 00:10:31,710
Als je nu naar Exodus 35:4–29 gaat, vinden
we daar de beschrijving van de dingen die

177
00:10:31,710 --> 00:10:33,390
het volk aanbood.

178
00:10:33,390 --> 00:10:36,390
Inmiddels zullen die dingen
ons bekend voorkomen.

179
00:10:36,390 --> 00:10:41,670
In Exodus 35:4 sprak Mozes tot de
hele gemeente van de kinderen van

180
00:10:41,670 --> 00:10:43,170
Israël en zei:

181
00:10:43,170 --> 00:10:47,190
Verder sprak Mozes tot heel de
gemeenschap van de Israëlieten:

182
00:10:47,190 --> 00:10:52,170
Dit is het woord dat de HEERE geboden
heeft: Neem uit dat wat u hebt,

183
00:10:52,170 --> 00:10:54,450
een hefoffer voor de HEERE.

184
00:10:54,450 --> 00:10:59,970
Ieder die gewillig van hart is, moet het
brengen als hefoffer voor de HEERE: goud,

185
00:10:59,970 --> 00:11:05,911
zilver en koper, blauwpurperen,
roodpurperen en scharlakenrode wol ,

186
00:11:05,911 --> 00:11:13,050
fijn linnen en geiten haar , roodgeverfde
ramshuiden, zeekoeienhuiden en acaciahout,

187
00:11:13,050 --> 00:11:16,590
olie voor de lamp, specerijen
voor de zalfolie en

188
00:11:16,590 --> 00:11:22,170
specerijen voor het geurige reukwerk;
onyxstenen en andere edel stenen als

189
00:11:22,170 --> 00:11:24,810
opvulling voor de efod en de borsttas.

190
00:11:24,810 --> 00:11:27,030
Allen die wijs van hart zijn onder u,

191
00:11:27,030 --> 00:11:32,670
moeten komen en alles maken wat de
HEERE geboden heeft: de tabernakel,

192
00:11:32,670 --> 00:11:40,350
zijn tent en dekkleed, haken, planken,
dwarsbalken, pilaren en voetstukken;

193
00:11:40,350 --> 00:11:44,970
de ark met zijn draagbomen, het
verzoendeksel en het voorhangsel ter

194
00:11:44,970 --> 00:11:48,570
afscherming; de tafel met zijn draagbomen,

195
00:11:48,570 --> 00:11:52,230
al de bijbehorende
voorwerpen en de toonbroden;

196
00:11:52,230 --> 00:11:56,070
de kandelaar voor het licht
en de bijbehorende voorwerpen,

197
00:11:56,070 --> 00:12:02,310
zijn lampen en de olie voor het licht;
het reukofferaltaar en zijn draagbomen,

198
00:12:02,310 --> 00:12:08,130
de zalfolie, het geurige reukwerk, het
gordijn van de ingang voor de ingang van

199
00:12:08,130 --> 00:12:14,370
de tabernakel; het brandofferaltaar,
het koperen rooster dat erbij hoort,

200
00:12:14,370 --> 00:12:20,310
zijn draagbomen en alle bijbehorende
voorwerpen, het wasvat met zijn voetstuk;

201
00:12:20,310 --> 00:12:25,290
de kleden van de voorhof, zijn
pilaren en bijbehorende voetstukken,

202
00:12:25,290 --> 00:12:28,170
het gordijn voor de poort van de voorhof;

203
00:12:28,170 --> 00:12:32,070
de pinnen van de tabernakel
en de pinnen van de voorhof,

204
00:12:32,070 --> 00:12:37,410
met de bijbehorende touwen; de
ambtskleding om in het heilige te dienen,

205
00:12:37,410 --> 00:12:41,550
de geheiligde kleding van de
priester Aäron en de kleding van zijn

206
00:12:41,550 --> 00:12:44,550
zonen om daarin als priester te dienen.

207
00:12:44,550 --> 00:12:48,390
Toen ging heel de gemeenschap
van de Israëlieten bij Mozes weg,

208
00:12:48,390 --> 00:12:54,030
en ze kwamen terug : ieder wiens hart
hem daartoe bewoog en ieder wiens geest

209
00:12:54,030 --> 00:12:55,770
hem gewillig maakte.

210
00:12:55,770 --> 00:13:00,090
Ze brachten het hefoffer voor de HEERE
ten behoeve van het werk aan de tent van

211
00:13:00,090 --> 00:13:05,550
ontmoeting, voor al het dienstwerk daarin
en voor de geheiligde kledingstukken.

212
00:13:05,550 --> 00:13:08,670
Zo kwamen ze , de mannen en de vrouwen.

213
00:13:08,670 --> 00:13:14,250
Ieder die gewillig van hart was, bracht
sierspelden, oorringen, zegel ringen,

214
00:13:14,250 --> 00:13:17,790
halssieraden en allerlei
gouden voorwerpen.

215
00:13:17,790 --> 00:13:22,350
Ja, iedereen die de HEERE een
beweegoffer van goud bracht,

216
00:13:22,350 --> 00:13:28,111
en iedereen bij wie blauwpurperen,
roodpurperen en scharlakenrode wol ,

217
00:13:28,111 --> 00:13:32,910
fijn linnen, geiten haar ,
roodgeverfde ramshuiden en

218
00:13:32,910 --> 00:13:36,151
zeekoeienhuiden te vinden
was, die bracht ze .

219
00:13:36,151 --> 00:13:39,450
Ieder die een hefoffer van
zilver of koper bracht,

220
00:13:39,450 --> 00:13:44,910
bracht dat als hefoffer voor de HEERE; en
ieder bij wie acaciahout gevonden werd,

221
00:13:44,910 --> 00:13:48,090
bracht het voor al het werk
ten behoeve van de dienst.

222
00:13:48,090 --> 00:13:50,730
Elke vrouw die wijs van hart was,

223
00:13:50,730 --> 00:13:55,470
spon eigenhandig en bracht wat
ze gesponnen had: blauwpurperen,

224
00:13:55,470 --> 00:14:00,510
roodpurperen en scharlakenrode
wol en fijn linnen.

225
00:14:00,510 --> 00:14:05,550
En al de vrouwen van wie het hart hen
daartoe bewoog en die wijs van hart waren,

226
00:14:05,550 --> 00:14:07,410
sponnen het geiten haar .

227
00:14:07,410 --> 00:14:12,630
De leiders brachten ook onyxstenen en
andere edel stenen als opvulling voor de

228
00:14:12,630 --> 00:14:16,590
efod en de borsttas, specerijen
en olie voor de lamp,

229
00:14:16,590 --> 00:14:20,130
voor de zalfolie en voor
het geurige reukwerk.

230
00:14:20,130 --> 00:14:23,190
Alle mannen en vrouwen van
wie het hart gewillig was,

231
00:14:23,190 --> 00:14:27,210
droegen bij aan al het werk dat de
HEERE door de dienst van Mozes geboden

232
00:14:27,210 --> 00:14:28,230
had te doen.

233
00:14:28,230 --> 00:14:32,490
De Israëlieten brachten het als
een vrijwillige gave voor de HEERE.

234
00:14:32,490 --> 00:14:33,810
enzovoort.

235
00:14:33,810 --> 00:14:37,050
Dit zijn dezelfde dingen die
we eerder hebben gelezen.

236
00:14:37,050 --> 00:14:41,550
Let er natuurlijk op dat onder de dingen
die werden aangeboden goud wordt genoemd,

237
00:14:41,550 --> 00:14:45,450
waarvan er veel zou
zijn, en zilver en brons.

238
00:14:45,450 --> 00:14:48,810
Naast het zilver van de halve
sikkel was er dus nog dit

239
00:14:48,810 --> 00:14:51,030
extra zilver dat ze zouden inzamelen.

240
00:14:51,030 --> 00:14:53,430
Er was dus echt heel veel zilver.

241
00:14:53,430 --> 00:14:55,350
Dan staat er in vers 10:

242
00:14:55,350 --> 00:14:57,570
Allen die wijs van hart zijn onder u,

243
00:14:57,570 --> 00:15:01,230
moeten komen en alles maken
wat de HEERE geboden heeft:

244
00:15:01,230 --> 00:15:05,130
En zo lezen we dat de
voorwerpen werden aangeboden.

245
00:15:05,130 --> 00:15:06,750
In vers 20 staat:

246
00:15:06,750 --> 00:15:11,130
En de hele gemeenschap van de
Israëlieten ging bij Mozes weg.

247
00:15:11,130 --> 00:15:15,630
Daarna kwam iedereen die zich er met
hart en ziel toe geroepen voelde,

248
00:15:15,630 --> 00:15:19,770
en ze brachten de Heer een offer
voor het werk aan de ontmoetingstent,

249
00:15:19,770 --> 00:15:23,790
voor alles wat daarvoor nodig
was en voor de heilige kleding.

250
00:15:23,790 --> 00:15:28,410
Zowel mannen als vrouwen kwamen,
iedereen die van harte wilde geven,

251
00:15:28,410 --> 00:15:33,270
en ze brachten oorbellen,
neusringen, ringen en kettingen mee,

252
00:15:33,270 --> 00:15:35,550
allerlei gouden sieraden.

253
00:15:35,550 --> 00:15:39,330
Kortom, iedereen die de
Heer goud wilde aanbieden.

254
00:15:39,330 --> 00:15:45,750
Iedereen die blauwpurperen, roodpurperen
of scharlakenrode stof had, fijn linnen,

255
00:15:45,750 --> 00:15:49,710
geitenhaar, ramsvellen of
dassenvellen, bracht die mee.

256
00:15:49,710 --> 00:15:54,810
Iedereen die zilver of brons wilde
geven, bracht dat als offer voor de Heer.

257
00:15:54,810 --> 00:15:58,770
En iedereen die acaciahout had dat
voor het werk gebruikt kon worden,

258
00:15:58,770 --> 00:16:00,030
bracht het mee.

259
00:16:00,030 --> 00:16:03,990
Nogmaals, waar hadden deze
mensen al die spullen vandaan?

260
00:16:03,990 --> 00:16:06,750
Ze hadden ze van de Egyptenaren gekregen.

261
00:16:06,750 --> 00:16:08,970
Sommige mensen hadden dassenvellen.

262
00:16:08,970 --> 00:16:11,190
Sommige mensen hadden ramsvellen.

263
00:16:11,190 --> 00:16:13,650
Sommige mensen hadden acaciahout.

264
00:16:13,650 --> 00:16:16,890
Blijkbaar gingen ze,
voordat ze Egypte verlieten,

265
00:16:16,890 --> 00:16:20,850
allemaal bij hun Egyptische
buren langs om spullen te vragen,

266
00:16:20,850 --> 00:16:23,730
en kregen verschillende
mensen verschillende dingen.

267
00:16:23,730 --> 00:16:29,190
De ene Egyptenaar had een stapel hout
liggen, en dus zeiden de Joden: „Goed,

268
00:16:29,190 --> 00:16:30,450
die neem ik wel.”

269
00:16:30,450 --> 00:16:35,130
Iemand anders zei: „Nou, ik heb hier
een stapel dassenvellen liggen.”

270
00:16:35,130 --> 00:16:37,890
Die man zei: „Die neem ik wel.”

271
00:16:37,890 --> 00:16:40,530
Zo hadden verschillende
Joden, verschillende

272
00:16:40,530 --> 00:16:43,110
Israëlieten, verschillende dingen.

273
00:16:43,110 --> 00:16:47,790
Wie dit had, bracht dit mee,
en wie dat had, bracht dat mee.

274
00:16:47,790 --> 00:16:49,890
In vers 25 staat:

275
00:16:49,890 --> 00:16:54,630
Alle vrouwen die goed konden handwerken,
sponnen zelf garen en brachten wat ze

276
00:16:54,630 --> 00:16:59,310
gesponnen hadden van blauwpurperen,
roodpurperen en scharlakenrode wol

277
00:16:59,310 --> 00:17:00,690
en fijn linnen.

278
00:17:00,690 --> 00:17:03,690
En alle vrouwen die zich geroepen
voelden en er verstand van

279
00:17:03,690 --> 00:17:05,430
hadden, sponnen geitenhaar.

280
00:17:05,430 --> 00:17:10,530
De leiders brachten onyxstenen en andere
stenen die op de efod en de borsttas

281
00:17:10,530 --> 00:17:11,850
moesten worden gezet.

282
00:17:11,850 --> 00:17:15,990
De beschrijving daarvan hebben we nog
niet gelezen. Verder brachten zij:

283
00:17:15,990 --> 00:17:21,510
specerijen en olie voor de lamp, voor de
zalfolie en voor het geurige reukwerk.

284
00:17:21,510 --> 00:17:22,590
Er staat:

285
00:17:22,590 --> 00:17:25,770
Alle mannen en vrouwen van
wie het hart gewillig was,

286
00:17:25,770 --> 00:17:29,670
droegen bij aan al het werk dat de
HEERE door de dienst van Mozes geboden

287
00:17:29,670 --> 00:17:30,210
had te doen.

288
00:17:30,210 --> 00:17:34,590
De Israëlieten brachten het als
een vrijwillige gave voor de HEERE.

289
00:17:34,590 --> 00:17:38,970
En zo hebben we zojuist gelezen
over alles wat werd aangeboden.

290
00:17:38,970 --> 00:17:42,150
Naar het bleek, brachten
ze meer dan nodig was.

291
00:17:42,150 --> 00:17:45,690
In hoofdstuk 36, vers 2 tot en met 7,

292
00:17:45,690 --> 00:17:51,150
wordt zelfs aan Mozes gemeld dat er te
veel spullen worden gegeven. Er staat:

293
00:17:51,150 --> 00:17:56,850
Mozes had namelijk Bezaleël en Aholiab
geroepen, en ieder die wijs van hart was,

294
00:17:56,850 --> 00:17:59,970
aan wie de HEERE wijsheid
in zijn hart gegeven had,

295
00:17:59,970 --> 00:18:03,690
iedereen wiens hart hem ertoe
bewoog om naar voren te komen om het

296
00:18:03,690 --> 00:18:05,310
werk te verrichten.

297
00:18:05,310 --> 00:18:07,950
Zij namen van Mozes heel het hefoffer aan

298
00:18:07,950 --> 00:18:10,350
dat de Israëlieten
gebracht hadden om het werk

299
00:18:10,350 --> 00:18:12,810
ten dienste van het
heiligdom te verrichten.

300
00:18:12,810 --> 00:18:16,350
Men bracht elke morgen nog
vrijwillige gaven bij hem.

301
00:18:16,350 --> 00:18:20,370
Toen kwamen alle vaklieden die
allerlei werk voor het heiligdom deden,

302
00:18:20,370 --> 00:18:25,590
man voor man, van het werk waarmee ze
bezig waren, en ze zeiden tegen Mozes:

303
00:18:25,590 --> 00:18:29,190
Het volk brengt veel,
meer dan toereikend is

304
00:18:29,190 --> 00:18:32,730
ten dienste van het werk dat
de HEERE geboden heeft te doen.

305
00:18:32,730 --> 00:18:37,350
Toen gaf Mozes bevel dat men een
boodschap door het kamp zou laten gaan:

306
00:18:37,350 --> 00:18:42,570
Laat geen man of vrouw nog werk verrichten
voor het hefoffer voor het heiligdom.

307
00:18:42,570 --> 00:18:46,110
Zo werd het volk ervan weerhouden
om nog meer te brengen.

308
00:18:46,110 --> 00:18:49,710
Want het materiaal was voldoende voor
hen om er al het werk mee te kunnen

309
00:18:49,710 --> 00:18:52,770
verrichten, ja, er bleef over.

310
00:18:52,770 --> 00:18:56,790
Dat is een mooi probleem om te hebben
wanneer je een kostbaar project hebt

311
00:18:56,790 --> 00:18:59,190
en mensen meer dan
bereid zijn om te helpen,

312
00:18:59,190 --> 00:19:03,870
zodat er zelfs meer geld is dan nodig
en de leiders het bevel moeten geven:

313
00:19:03,870 --> 00:19:05,730
„Breng alsjeblieft niets meer.”

314
00:19:05,730 --> 00:19:08,670
Ik weet niet of ik ooit een
voorganger zoiets heb horen zeggen.

315
00:19:08,670 --> 00:19:13,470
Ik weet niet of ik ooit een voorganger
heb horen zeggen: „Alsjeblieft, mensen,

316
00:19:13,470 --> 00:19:15,690
jullie offers zijn te royaal.

317
00:19:15,690 --> 00:19:17,490
We hebben niet zoveel nodig.

318
00:19:17,490 --> 00:19:19,350
Alle kosten zijn gedekt.

319
00:19:19,350 --> 00:19:21,810
Breng het alsjeblieft niet hierheen.”

320
00:19:21,810 --> 00:19:24,990
Nu denk ik natuurlijk niet
dat je te veel kunt geven.

321
00:19:24,990 --> 00:19:28,470
Eén reden waarom de voorganger van
een gemeente dat nooit zou zeggen,

322
00:19:28,470 --> 00:19:32,910
is dat de meeste gemeenten, zelfs
als er meer zou zijn dan nodig is,

323
00:19:32,910 --> 00:19:35,190
wel een visie hebben om uit te breiden,

324
00:19:35,190 --> 00:19:37,470
een extra vleugel aan
het gebouw te zetten,

325
00:19:37,470 --> 00:19:40,230
of op zijn minst nog wat zendelingen
zouden kunnen ondersteunen

326
00:19:40,230 --> 00:19:41,730
of iets dergelijks.

327
00:19:41,730 --> 00:19:44,310
Er kunnen goede dingen met
het geld worden gedaan.

328
00:19:44,310 --> 00:19:48,870
Maar het is mooi om te zien dat God de
harten van de mensen zo bewoog dat ze het

329
00:19:48,870 --> 00:19:51,750
maar bleven aandragen en bleven geven,

330
00:19:51,750 --> 00:19:54,990
hoewel er waarschijnlijk voor
honderden miljoenen dollars aan

331
00:19:54,990 --> 00:19:56,490
materialen nodig was.

332
00:19:56,490 --> 00:20:01,050
Ik herinner me dat ik voor het eerst
naar Calvary Chapel Costa Mesa kwam.

333
00:20:01,050 --> 00:20:04,950
Ik kwam net uit een traditionele
gemeente, en dit was aan het begin van

334
00:20:04,950 --> 00:20:06,690
de Jesus Movement.

335
00:20:06,690 --> 00:20:10,830
Daarom was ik niet bekend met
dingen die erg ontraditioneel waren.

336
00:20:10,830 --> 00:20:14,430
Calvary Chapel hield iedere
avond van de week samenkomsten,

337
00:20:14,430 --> 00:20:17,610
maar op zondagochtend hadden
ze een samenkomst die veel

338
00:20:17,610 --> 00:20:20,670
traditioneler was dan
hun andere samenkomsten.

339
00:20:20,670 --> 00:20:24,210
De samenkomst op zondagochtend
leek min of meer op een

340
00:20:24,210 --> 00:20:29,010
gewone gemeentelijke samenkomst,
terwijl de avondsamenkomsten meer op

341
00:20:29,010 --> 00:20:32,550
opwekkingssamenkomsten en
onderwijssamenkomsten leken.

342
00:20:32,550 --> 00:20:36,030
De eerste keer dat ik op
zondagochtend naar Calvary ging,

343
00:20:36,030 --> 00:20:39,990
zag ik voor het eerst dat mensen zich
netjes aankleedden om naar Calvary Chapel

344
00:20:39,990 --> 00:20:43,110
te gaan, omdat het een
behoudender dienst was.

345
00:20:43,110 --> 00:20:47,250
Maar toen het tijd was voor de
collecte, stond Chuck Smith op.

346
00:20:47,250 --> 00:20:50,430
Later kwam ik erachter dat
hij dit iedere week zei.

347
00:20:50,430 --> 00:20:55,410
Hij zei: „De Bijbel zegt dat de Heere
een blijmoedige gever liefheeft.”

348
00:20:55,410 --> 00:21:00,870
Hij zei dat het Griekse woord dat hier
met „blijmoedig” is vertaald, hilaros is,

349
00:21:00,870 --> 00:21:04,530
het woord waarvan het Engelse
„hilarious” is afgeleid.

350
00:21:04,530 --> 00:21:08,250
Hij zei: „Wanneer we God
aanbidden door te geven,

351
00:21:08,250 --> 00:21:11,910
hoort dat een uitbundig
vreugdevolle ervaring te zijn.

352
00:21:11,910 --> 00:21:13,950
We horen dolblij te zijn.

353
00:21:13,950 --> 00:21:18,030
Als je niet met een uitbundig vreugdevolle
geest aan de collecte kunt geven,

354
00:21:18,030 --> 00:21:20,430
geef dan alsjeblieft helemaal niets.

355
00:21:20,430 --> 00:21:22,710
God heeft jouw geld niet nodig.

356
00:21:22,710 --> 00:21:26,610
Als je niet blijmoedig kunt
geven, geef dan alsjeblieft niet.

357
00:21:26,610 --> 00:21:30,630
Bevlek Gods schatkamer niet met
geld dat je met tegenzin geeft.”

358
00:21:30,630 --> 00:21:32,910
Ik stond versteld toen ik dat hoorde,

359
00:21:32,910 --> 00:21:35,370
want ik had mijn voorganger
in de baptistengemeente

360
00:21:35,370 --> 00:21:39,510
nog nooit horen proberen om mensen
die niet graag wilden geven,

361
00:21:39,510 --> 00:21:42,030
ervan te weerhouden om te geven.

362
00:21:42,030 --> 00:21:46,290
Maar het verbazingwekkende is dat
dit werkelijk Chucks houding was.

363
00:21:46,290 --> 00:21:49,710
Ze hielden iedere avond van
de week avondsamenkomsten,

364
00:21:49,710 --> 00:21:53,430
en bij geen van die samenkomsten
hielden ze een collecte.

365
00:21:53,430 --> 00:21:58,110
De enige samenkomst waarin ze een collecte
hielden, was die op zondagochtend,

366
00:21:58,110 --> 00:22:01,650
en aan het begin gaf hij
altijd zo’n soort waarschuwing.

367
00:22:01,650 --> 00:22:05,730
Toch bleef dat werk maar groeien en
was er een overvloed aan middelen.

368
00:22:05,730 --> 00:22:09,390
Daardoor breidden ze hun werk uit
met allerlei vormen van bediening,

369
00:22:09,390 --> 00:22:11,910
omdat de mensen maar wilden blijven geven.

370
00:22:11,910 --> 00:22:14,790
Ik herinner me dat Chuck
zei dat andere plaatselijke

371
00:22:14,790 --> 00:22:18,750
voorgangers hem doordeweeks
soms aanspraken en zeiden:

372
00:22:18,750 --> 00:22:22,290
„Wat doe jij om deze mensen
zo veel te laten bijdragen?

373
00:22:22,290 --> 00:22:25,590
Onze gemeente kan nauwelijks
haar rekeningen betalen.”

374
00:22:25,590 --> 00:22:29,370
Ze dachten dat Chuck wel iets moest
doen om mensen te manipuleren zodat

375
00:22:29,370 --> 00:22:30,750
ze zouden geven.

376
00:22:30,750 --> 00:22:32,730
Hij wist niet wat hij moest zeggen.

377
00:22:32,730 --> 00:22:35,730
Hij zei alleen maar dat
de mensen graag gaven.

378
00:22:35,730 --> 00:22:39,630
Dat is wat Mozes hier in dit
specifieke geval ontdekte.

379
00:22:39,630 --> 00:22:43,950
Deze mensen wilden graag geven, en
hun moest worden gezegd dat ze moesten

380
00:22:43,950 --> 00:22:45,570
ophouden met geven.

381
00:22:45,570 --> 00:22:49,110
Datzelfde was later ook het
geval toen in de tijd van David

382
00:22:49,110 --> 00:22:51,810
de inzameling voor de
tempel werd gehouden.

383
00:22:51,810 --> 00:22:54,570
De mensen waren enthousiast
over het project.

384
00:22:54,570 --> 00:22:57,690
Omdat ze voor ogen hadden
wat ermee bereikt kon worden,

385
00:22:57,690 --> 00:23:01,290
kon je eigenlijk niet voorkomen
dat ze er veel aan gaven.

386
00:23:01,290 --> 00:23:08,370
Het laatste gedeelte over de giften staat
in hoofdstuk 38, vers 21 tot en met 31.

387
00:23:08,370 --> 00:23:11,790
Daar wordt verteld welke
materialen er werden gebracht.

388
00:23:11,790 --> 00:23:14,730
Hoofdstuk 38, vers 21, zegt:

389
00:23:14,730 --> 00:23:17,970
Dit zijn de getelde
voorwerpen voor de tabernakel,

390
00:23:17,970 --> 00:23:22,650
de tabernakel van de getuigenis,
die op bevel van Mozes geteld zijn

391
00:23:22,650 --> 00:23:26,070
door de dienst van de Levieten
onder leiding van Ithamar,

392
00:23:26,070 --> 00:23:28,710
de zoon van de priester Aäron.

393
00:23:28,710 --> 00:23:34,650
Bezaleël nu, de zoon van Uri, de
zoon van Hur, uit de stam Juda,

394
00:23:34,650 --> 00:23:41,250
heeft alles wat de HEERE aan Mozes
geboden had, gemaakt, en met hem Aholiab,

395
00:23:41,250 --> 00:23:46,290
de zoon van Ahisamach, uit
de stam Dan, een graveerder,

396
00:23:46,290 --> 00:23:50,190
kunstenaar en maker van
borduurwerk van blauwpurperen,

397
00:23:50,190 --> 00:23:55,650
roodpurperen en scharlakenrode
wol en van fijn linnen.

398
00:23:55,650 --> 00:24:00,030
Al het goud dat bij het werk gebruikt
werd, bij al het werk aan het heiligdom,

399
00:24:00,030 --> 00:24:02,970
namelijk het goud afkomstig
van het beweegoffer,

400
00:24:02,970 --> 00:24:07,110
bedroeg negenentwintig talent
en zevenhonderddertig sikkel,

401
00:24:07,110 --> 00:24:10,110
gerekend volgens de
sikkel van het heiligdom.

402
00:24:10,110 --> 00:24:13,590
Een talent goud is, geloof ik, 60 pond.

403
00:24:13,590 --> 00:24:19,230
Dus bijna 30 talenten zouden
ongeveer 1.800 pond zijn.

404
00:24:19,230 --> 00:24:23,730
Er werd dus bijna een ton goud
gebruikt, iets minder dan een ton,

405
00:24:23,730 --> 00:24:29,250
met daarnaast nog 730 sikkels,
volgens de sikkel van het heiligdom.

406
00:24:29,250 --> 00:24:32,610
En het zilver van hen die
geteld waren uit de gemeenschap,

407
00:24:32,610 --> 00:24:37,830
was honderd talent en duizend
zevenhonderdvijfenzeventig sikkel,

408
00:24:37,830 --> 00:24:40,890
gerekend volgens de
sikkel van het heiligdom.

409
00:24:40,890 --> 00:24:44,250
Eén beka per persoon,
dat is een halve sikkel,

410
00:24:44,250 --> 00:24:47,070
gerekend volgens de
sikkel van het heiligdom,

411
00:24:47,070 --> 00:24:50,970
voor ieder die bij de getelde
personen van twintig jaar oud

412
00:24:50,970 --> 00:24:53,190
en daarboven ging behoren,

413
00:24:53,190 --> 00:24:56,491
zeshonderddrieduizend
vijfhonderdvijftig man .

414
00:24:56,491 --> 00:24:58,710
Dat is wat een beka is.

415
00:24:58,710 --> 00:25:02,070
Het is interessant dat de
volkstelling nog niet is opgetekend.

416
00:25:02,070 --> 00:25:04,650
Die komt in het boek Numeri aan de orde,

417
00:25:04,650 --> 00:25:07,530
maar hier wordt ons al
het aantal gegeven dat

418
00:25:07,530 --> 00:25:10,170
later uit de volkstelling naar voren komt.

419
00:25:10,170 --> 00:25:14,190
Zonder een volkstelling te houden, hadden
ze kunnen afleiden hoeveel mannen dat

420
00:25:14,190 --> 00:25:18,030
bedrag betaalden door de halve
sikkels bij elkaar op te tellen.

421
00:25:18,030 --> 00:25:20,610
Het kwam op het juiste aantal uit.

422
00:25:20,610 --> 00:25:25,050
Ook was er honderd talent zilver
om de voetstukken van het heiligdom

423
00:25:25,050 --> 00:25:27,990
en de voetstukken van het
voorhangsel te gieten:

424
00:25:27,990 --> 00:25:33,090
honderd voetstukken voor honderd
talent, één talent per voetstuk.

425
00:25:33,090 --> 00:25:36,810
Dit waren de voetstukken voor
de planken van het heiligdom.

426
00:25:36,810 --> 00:25:41,910
Denk aan die hoge planken van 15
voet die met goud overtrokken waren.

427
00:25:41,910 --> 00:25:44,130
Die waren natuurlijk erg zwaar.

428
00:25:44,130 --> 00:25:48,270
Het voetstuk waarop ze stonden en
waarmee ze op hun plaats werden gehouden,

429
00:25:48,270 --> 00:25:50,310
was van zilver gemaakt.

430
00:25:50,310 --> 00:25:53,370
Elk ervan was een voetstuk van 60 pond.

431
00:25:53,370 --> 00:25:58,710
Van de duizend zevenhonderdvijfenzeventig
sikkel maakte hij de haken aan de pilaren;

432
00:25:58,710 --> 00:26:03,690
hij overtrok hun koppen, dat wil zeggen
de bekroningen boven op de pilaren,

433
00:26:03,690 --> 00:26:06,270
en maakte er verbindingsstukken aan vast.

434
00:26:06,270 --> 00:26:10,170
Het koper van het beweegoffer
bedroeg zeventig talent en

435
00:26:10,170 --> 00:26:12,390
tweeduizend vierhonderd sikkel.

436
00:26:12,390 --> 00:26:16,230
Daarvan maakte hij de voetstukken bij
de ingang van de tent van ontmoeting,

437
00:26:16,230 --> 00:26:20,550
het koperen altaar, het koperen
rooster dat daarbij hoorde,

438
00:26:20,550 --> 00:26:22,590
al de voorwerpen van het altaar,

439
00:26:22,590 --> 00:26:27,630
de voetstukken rondom de voorhof, de
voetstukken bij de poort van de voorhof,

440
00:26:27,630 --> 00:26:32,130
alle pinnen voor de tabernakel
en alle pinnen rondom de voorhof.

441
00:26:32,130 --> 00:26:36,090
Toegegeven, al die details
zijn een beetje langdradig,

442
00:26:36,090 --> 00:26:39,510
maar God achtte het goed om
ze allemaal vast te leggen.

443
00:26:39,510 --> 00:26:43,290
Het is dus niet aan ons om te beslissen
dat ze niet belangrijk genoeg zijn

444
00:26:43,290 --> 00:26:44,790
om te behandelen.

445
00:26:44,790 --> 00:26:50,190
Er zijn in dit hele gedeelte nog een of
twee andere dingen die we moeten bekijken.

446
00:26:50,190 --> 00:26:52,890
Eén daarvan heeft te maken
met de ambachtslieden,

447
00:26:52,890 --> 00:26:56,730
degenen die het kunstzinnige
werk daadwerkelijk uitvoerden.

448
00:26:56,730 --> 00:27:00,330
Zij maakten de cherubs en
het meubilair en dergelijke.

449
00:27:00,330 --> 00:27:04,710
Er zit veel graveerwerk op de
kandelaar, op de gouden tafel, op de

450
00:27:04,710 --> 00:27:07,050
gouden altaren, enzovoort.

451
00:27:07,050 --> 00:27:09,750
Het moesten dus bekwame vaklieden zijn.

452
00:27:09,750 --> 00:27:13,410
Hun namen worden genoemd,
maar niet alleen hun namen.

453
00:27:13,410 --> 00:27:17,010
Ook de bijzondere bekwaamheid
die zij hadden, wordt genoemd.

454
00:27:17,010 --> 00:27:20,370
Dit is iets wat volgens
mij het overwegen waard is.

455
00:27:20,370 --> 00:27:23,670
In hoofdstuk 31, vers 1, staat:

456
00:27:23,670 --> 00:27:29,850
Daarna sprak de HEERE tot Mozes: Zie,
Ik heb Bezaleël, de zoon van Uri,

457
00:27:29,850 --> 00:27:34,050
de zoon van Hur, uit de stam
Juda, bij zijn naam geroepen.

458
00:27:34,050 --> 00:27:38,430
Ik heb hem vervuld met de Geest
van God, met wijsheid, inzicht,

459
00:27:38,430 --> 00:27:43,350
kennis en allerlei vakmanschap, om
ontwerpen te bedenken en om die uit te

460
00:27:43,350 --> 00:27:49,170
voeren in goud, zilver en koper; en om
edel stenen te bewerken en in te zetten,

461
00:27:49,170 --> 00:27:53,250
en om hout te bewerken, dus om
allerlei werk te verrichten.

462
00:27:53,250 --> 00:27:57,750
Deze man was een veelzijdig ambachtsman,
die met vrijwel elk denkbaar

463
00:27:57,750 --> 00:27:59,250
materiaal kon werken.

464
00:27:59,250 --> 00:28:05,010
En Ik, zie, Ik heb Aholiab, de zoon
van Ahisamach, uit de stam Dan,

465
00:28:05,010 --> 00:28:06,150
aan hem toegevoegd.

466
00:28:06,150 --> 00:28:09,030
En in het hart van ieder
die wijs van hart is,

467
00:28:09,030 --> 00:28:14,070
heb Ik wijsheid gegeven zodat zij alles
kunnen maken wat Ik u geboden heb:

468
00:28:14,070 --> 00:28:17,550
de tent van ontmoeting,
de ark van de getuigenis,

469
00:28:17,550 --> 00:28:21,570
het verzoendeksel dat daarop ligt,
alle voorwerpen voor de tent,

470
00:28:21,570 --> 00:28:26,910
de tafel met zijn voorwerpen, de zuiver
gouden kandelaar met al zijn voorwerpen,

471
00:28:26,910 --> 00:28:31,410
het reukofferaltaar, het
brandofferaltaar met al zijn voorwerpen,

472
00:28:31,410 --> 00:28:34,710
het wasvat met zijn
voetstuk, de ambtskleding,

473
00:28:34,710 --> 00:28:37,650
de geheiligde kleding
van de priester Aäron,

474
00:28:37,650 --> 00:28:41,430
de kleding van zijn zonen om
daarin als priester te dienen,

475
00:28:41,430 --> 00:28:45,450
de zalfolie en het geurige
reukwerk voor het heiligdom.

476
00:28:45,450 --> 00:28:49,470
Overeenkomstig alles wat Ik u
geboden heb, moeten zij het maken.

477
00:28:49,470 --> 00:28:53,850
Het belangrijke punt hier is dat God
natuurlijk bijzondere vaklieden nodig had

478
00:28:53,850 --> 00:28:56,790
die in staat waren om
het heilige werk te doen.

479
00:28:56,790 --> 00:28:59,790
Het waren niet zomaar
mensen die bekwaam waren.

480
00:28:59,790 --> 00:29:02,130
In ieder geval wat de voorman betreft:

481
00:29:02,130 --> 00:29:05,970
de leider van de groep
ambachtslieden was Bezaleël.

482
00:29:05,970 --> 00:29:07,650
God zei uitdrukkelijk:

483
00:29:07,650 --> 00:29:10,050
Ik heb hem vervuld met de Geest van God,

484
00:29:10,050 --> 00:29:14,130
en dat was natuurlijk de reden waarom
hij het talent had dat hij had.

485
00:29:14,130 --> 00:29:18,570
Nu had Hij ook gewoon kunnen zeggen: ‘Ik
heb gemerkt dat deze man op dit gebied

486
00:29:18,570 --> 00:29:20,130
zeer bekwaam is.’

487
00:29:20,130 --> 00:29:24,030
In een groep van zeshonderdduizend
mannen zouden mannen met verschillende

488
00:29:24,030 --> 00:29:26,190
graden van bekwaamheid zijn geweest.

489
00:29:26,190 --> 00:29:30,210
God had eenvoudig de man kunnen
vinden die de beste metaalbewerker was

490
00:29:30,210 --> 00:29:32,730
en kunnen zeggen: ‘Deze man is goed.

491
00:29:32,730 --> 00:29:35,550
Ik laat hem het werk doen.’ Maar Hij zegt:

492
00:29:35,550 --> 00:29:38,130
Ik heb hem hiervoor de
Geest van God gegeven,

493
00:29:38,130 --> 00:29:41,310
want Gods werk moet door
Gods Geest worden gedaan,

494
00:29:41,310 --> 00:29:44,790
of in elk geval door de
bekwaammaking van Gods Geest.

495
00:29:44,790 --> 00:29:48,150
Het is niet genoeg dat een man
natuurlijke bekwaamheid heeft.

496
00:29:48,150 --> 00:29:51,510
Hij moet voor die taak door
de Geest van God gezalfd zijn.

497
00:29:51,510 --> 00:29:56,250
Dit is een heel belangrijk beginsel
dat we in de hele Schrift aantreffen.

498
00:29:56,250 --> 00:29:58,950
God deed Zijn werk in het Oude Testament,

499
00:29:58,950 --> 00:30:02,130
waarbij Hij leiderschap
verschafte enzovoort,

500
00:30:02,130 --> 00:30:07,590
door mannen die vervuld waren met de
Geest: profeten op wie de Geest kwam.

501
00:30:07,590 --> 00:30:12,030
Wanneer de koningen werden gezalfd,
wanneer Saul tot koning werd gezalfd,

502
00:30:12,030 --> 00:30:13,770
kwam de Geest op hem.

503
00:30:13,770 --> 00:30:18,750
Toen hij werd verworpen, verliet
de Geest hem en kwam Hij op David,

504
00:30:18,750 --> 00:30:21,390
zodat die het volk kon leiden.

505
00:30:21,390 --> 00:30:23,610
Mozes had de Geest op zich.

506
00:30:23,610 --> 00:30:28,410
Toen het leiderschap met zeventig oudsten
werd gedeeld, kwam de Geest op hen.

507
00:30:28,410 --> 00:30:31,770
Blijkbaar kwam de Geest
van God ook op de richters.

508
00:30:31,770 --> 00:30:37,050
Dat wordt niet altijd vermeld, maar in
sommige gevallen wel, vooral bij Simson.

509
00:30:37,050 --> 00:30:39,390
De Geest van God kwam op hem.

510
00:30:39,390 --> 00:30:43,830
Om het volk van God te leiden of op welke
manier dan ook bediening te verrichten,

511
00:30:43,830 --> 00:30:48,390
moet iemand dus gezalfd of
vervuld zijn met de Geest van God.

512
00:30:48,390 --> 00:30:52,470
Er zijn mensen die geen christen zijn en
daarom niet vervuld zijn met de Geest van

513
00:30:52,470 --> 00:30:56,610
God, maar die op veel gebieden
van nature zeer begaafd zijn.

514
00:30:56,610 --> 00:30:59,850
Maar God is niet onder de
indruk van natuurlijke gaven.

515
00:30:59,850 --> 00:31:04,410
Hij is er niet in geïnteresseerd om
eenvoudig de meest begaafde te vinden.

516
00:31:04,410 --> 00:31:07,410
Hij wil degene vinden die
het meest geestelijk is,

517
00:31:07,410 --> 00:31:11,670
degene die de grootste toerusting
heeft die Hij in hem heeft gelegd.

518
00:31:11,670 --> 00:31:14,310
God neemt werkelijk
alleen dienstbetoon aan

519
00:31:14,310 --> 00:31:17,910
waarvoor Hij Zelf het vermogen
verschaft om het te verrichten.

520
00:31:17,910 --> 00:31:21,870
Zo zien we bijvoorbeeld dat
Petrus in 1 Petrus, hoofdstuk 4,

521
00:31:21,870 --> 00:31:25,830
de christenen aanspreekt over
hun gaven, hun geestelijke gaven.

522
00:31:25,830 --> 00:31:30,450
In 1 Petrus 4, vers 10 en 11, zegt Petrus:

523
00:31:30,450 --> 00:31:34,770
Laat ieder de anderen dienen met de
genadegave zoals hij die ontvangen heeft,

524
00:31:34,770 --> 00:31:38,730
als goede beheerders van de
veelsoortige genade van God.

525
00:31:38,730 --> 00:31:43,051
Als iemand spreekt, dan als iemand
die de woorden van God spreekt ;

526
00:31:43,051 --> 00:31:48,090
als iemand dient, dan als iemand die
dient uit kracht die God schenkt;

527
00:31:48,090 --> 00:31:52,290
zodat God in alles verheerlijkt
wordt door Jezus Christus.

528
00:31:52,290 --> 00:31:58,050
Hem komt de heerlijkheid en de kracht
toe, tot in alle eeuwigheid. Amen.

529
00:31:58,050 --> 00:32:01,890
Het woord ‘gave’ is
hier het woord charisma.

530
00:32:01,890 --> 00:32:03,990
Charis is genade.

531
00:32:03,990 --> 00:32:06,810
Charisma betekent genadegave.

532
00:32:06,810 --> 00:32:14,190
Het woord ‘gave’ is charisma, en charis,
dat genade betekent, is daarvan de stam.

533
00:32:14,190 --> 00:32:18,150
Maar de genadegaven zijn dezelfde
dingen die Paulus elders de gaven van de

534
00:32:18,150 --> 00:32:19,650
Heilige Geest noemt.

535
00:32:19,650 --> 00:32:20,730
Hij zegt:

536
00:32:20,730 --> 00:32:24,930
Gebruik de geestelijke gave die je
hebt gekregen om elkaar te helpen.

537
00:32:24,930 --> 00:32:27,570
Dienen betekent dienstbaar zijn.

538
00:32:27,570 --> 00:32:30,150
Je hebt dus een gave ontvangen.

539
00:32:30,150 --> 00:32:34,950
Gebruik die om elkaar te dienen, als
goede rentmeesters van de veelvoudige

540
00:32:34,950 --> 00:32:36,270
genade van God.

541
00:32:36,270 --> 00:32:40,350
God heeft je door Zijn Geest van
genade de genade van deze gave

542
00:32:40,350 --> 00:32:42,990
of de genade van die gave gegeven.

543
00:32:42,990 --> 00:32:46,530
Dat vermogen dat Hij je geeft,
is datgene waarover je het

544
00:32:46,530 --> 00:32:48,630
rentmeesterschap moet voeren.

545
00:32:48,630 --> 00:32:50,490
Je beheert die gave.

546
00:32:50,490 --> 00:32:52,770
Als je die gebruikt om elkaar te dienen,

547
00:32:52,770 --> 00:32:57,090
ben je een goede rentmeester van die
genadegave die God heeft gegeven.

548
00:32:57,090 --> 00:32:58,890
Dan zegt hij in vers 11:

549
00:32:58,890 --> 00:33:03,810
Als iemand spreekt, laat hem dan spreken
alsof hij de woorden van God doorgeeft.

550
00:33:03,810 --> 00:33:08,550
De Engelse vertaling die de spreker
gebruikt, heeft hier „de Godsspraken”.

551
00:33:08,550 --> 00:33:12,270
Hij legt dat uit als:
zoals een profeet van God.

552
00:33:12,270 --> 00:33:15,630
Laat hij met andere woorden
spreken onder de leiding en

553
00:33:15,630 --> 00:33:17,970
inspiratie van de Heilige Geest.

554
00:33:17,970 --> 00:33:21,870
Met „dient” bedoelt
Petrus: dienstbaar zijn.

555
00:33:21,870 --> 00:33:25,710
In vers 10 spreekt hij over de
gaven van de Geest in het algemeen.

556
00:33:25,710 --> 00:33:29,790
Vervolgens verdeelt hij ze in
vers 11 in twee soorten gaven.

557
00:33:29,790 --> 00:33:32,490
Er zijn mensen die de
gave hebben om te spreken,

558
00:33:32,490 --> 00:33:35,490
en er zijn mensen die de
gave hebben om te dienen.

559
00:33:35,490 --> 00:33:38,670
Zij spreken niet; zij dienen.

560
00:33:38,670 --> 00:33:42,210
Spreken hoort natuurlijk ook
een vorm van dienen te zijn.

561
00:33:42,210 --> 00:33:46,050
Maar hij spreekt over het verschil tussen
degenen die door het spreken van de

562
00:33:46,050 --> 00:33:49,050
woorden van God voorzien
in geestelijke behoeften,

563
00:33:49,050 --> 00:33:52,410
en degenen die daarentegen
door dienstbetoon voorzien

564
00:33:52,410 --> 00:33:54,330
in lichamelijke behoeften.

565
00:33:54,330 --> 00:33:57,570
Wanneer Paulus verschillende
gaven van de Geest opsomt,

566
00:33:57,570 --> 00:33:59,670
staan daar beide soorten bij.

567
00:33:59,670 --> 00:34:03,210
De meeste gaven die Paulus
noemt, zijn spreekgaven.

568
00:34:03,210 --> 00:34:09,270
Hij spreekt over een woord van kennis,
een woord van wijsheid, profetie, tongen,

569
00:34:09,270 --> 00:34:12,930
vertolking van tongen,
onderwijs en vermaning.

570
00:34:12,930 --> 00:34:16,170
Dit zijn allemaal gaven
waarbij gesproken wordt,

571
00:34:16,170 --> 00:34:20,670
en ze zijn gericht op de geestelijke
behoeften van het lichaam van Christus.

572
00:34:20,670 --> 00:34:24,090
Maar ook de gave om
barmhartigheid te bewijzen,

573
00:34:24,090 --> 00:34:28,710
de gave van hulpbetoon en de
gave om te geven worden genoemd.

574
00:34:28,710 --> 00:34:33,690
Die voorzien allemaal in de lichamelijke
behoeften van het lichaam van Christus.

575
00:34:33,690 --> 00:34:38,250
Het lichaam van Christus bestaat uit
mensen die op beide terreinen leven.

576
00:34:38,250 --> 00:34:41,430
Ze hebben lichamelijke
en geestelijke behoeften,

577
00:34:41,430 --> 00:34:43,890
en daarom zijn er beide soorten gaven.

578
00:34:43,890 --> 00:34:48,330
Sommige mensen spreken voornamelijk,
en hun bijdrage is daarom gericht op de

579
00:34:48,330 --> 00:34:50,790
geestelijke behoeften van de gemeente.

580
00:34:50,790 --> 00:34:56,190
Andere mensen dienen en hebben gaven
van hulpbetoon, geven, enzovoort.

581
00:34:56,190 --> 00:35:01,530
Het belangrijke dat Petrus zegt, is dat je
het, tot welke categorie het ook behoort,

582
00:35:01,530 --> 00:35:03,810
niet in eigen kracht moet doen.

583
00:35:03,810 --> 00:35:06,870
Doe het overeenkomstig
de gave die God geeft.

584
00:35:06,870 --> 00:35:11,670
Als jij iemand bent die spreekt, spreek
dan zoals de Godsspraken klinken.

585
00:35:11,670 --> 00:35:15,030
Dat wil zeggen: door de
geestelijke gave van God.

586
00:35:15,030 --> 00:35:17,670
Niet omdat je van nature
welbespraakt bent,

587
00:35:17,670 --> 00:35:21,930
niet omdat je als redenaar bent opgeleid
en niet omdat je een formele opleiding

588
00:35:21,930 --> 00:35:26,370
hebt gevolgd en daardoor dingen
weet die andere mensen niet weten.

589
00:35:26,370 --> 00:35:29,130
Spreek niet vanuit die kwalificaties.

590
00:35:29,130 --> 00:35:32,310
Spreek vanuit de enige
kwalificatie die ertoe doet,

591
00:35:32,310 --> 00:35:35,970
namelijk dat de Heilige Geest je
tot een woordvoerder heeft gemaakt.

592
00:35:35,970 --> 00:35:38,790
De Heilige Geest geeft
je woorden om te spreken,

593
00:35:38,790 --> 00:35:41,070
want het zijn de woorden
die de Geest geeft

594
00:35:41,070 --> 00:35:43,710
die de geesten van mensen zullen voeden.

595
00:35:43,710 --> 00:35:46,470
Andere woorden, die niet
van de Heilige Geest komen,

596
00:35:46,470 --> 00:35:50,130
kunnen het verstand van de
mensen voeden, of zelfs hun ego,

597
00:35:50,130 --> 00:35:52,230
of het ego van de spreker.

598
00:35:52,230 --> 00:35:54,990
Maar als het de woorden zijn
die de Heilige Geest geeft,

599
00:35:54,990 --> 00:35:59,490
dan geeft de Heilige Geest woorden die de
geesten van de luisteraars zullen dienen,

600
00:35:59,490 --> 00:36:03,450
Laat er geen vuile taal uit uw
mond komen, maar wel iets goeds,

601
00:36:03,450 --> 00:36:08,190
wat nuttig is tot opbouw, opdat het
genade geeft aan hen die het horen.

602
00:36:08,190 --> 00:36:10,530
zoals Paulus in Efeze 4 zegt.

603
00:36:10,530 --> 00:36:13,830
Dan zijn er andere gaven die
gaven van dienstbetoon zijn.

604
00:36:13,830 --> 00:36:16,110
Petrus zei dat als je zulke gaven hebt:

605
00:36:16,110 --> 00:36:20,311
Als iemand spreekt, dan als iemand
die de woorden van God spreekt ;

606
00:36:20,311 --> 00:36:25,050
als iemand dient, dan als iemand die
dient uit kracht die God schenkt;

607
00:36:25,050 --> 00:36:29,070
zodat God in alles verheerlijkt
wordt door Jezus Christus.

608
00:36:29,070 --> 00:36:34,650
Hem komt de heerlijkheid en de kracht
toe, tot in alle eeuwigheid. Amen.

609
00:36:34,650 --> 00:36:38,190
Niet noodzakelijkerwijs alleen
met natuurlijk vermogen,

610
00:36:38,190 --> 00:36:42,450
maar met datgene waarin God op
bovennatuurlijke wijze voorziet.

611
00:36:42,450 --> 00:36:46,350
Je zou kunnen zeggen: „Als mijn
dienst aan het lichaam van Christus

612
00:36:46,350 --> 00:36:49,410
bestaat uit het repareren
van auto’s voor mensen,

613
00:36:49,410 --> 00:36:53,550
hoe maak ik dan onderscheid tussen
het vermogen waarin God voorziet

614
00:36:53,550 --> 00:36:56,490
en mijn natuurlijke
vermogens op dat gebied,

615
00:36:56,490 --> 00:37:00,630
waarvoor ik ben opgeleid of
waarvan ik van nature kennis heb?

616
00:37:00,630 --> 00:37:05,310
Of als mijn bediening bestaat uit
koken voor mensen, stoelen klaarzetten,

617
00:37:05,310 --> 00:37:10,290
gras maaien of iets dergelijks doen, hoe
doe ik dat dan overeenkomstig het vermogen

618
00:37:10,290 --> 00:37:14,910
waarin God voorziet, in tegenstelling
tot gewoon het natuurlijke vermogen

619
00:37:14,910 --> 00:37:16,950
dat iedereen zou kunnen hebben?”

620
00:37:16,950 --> 00:37:22,710
Ik geloof dat de gaven van de Geest, zoals
de gave die Oholiab en Bezaleël hadden,

621
00:37:22,710 --> 00:37:25,710
waarschijnlijk ook bestonden
uit wat de meeste mensen als

622
00:37:25,710 --> 00:37:29,970
natuurlijke talenten zouden
beschouwen, artistieke talenten.

623
00:37:29,970 --> 00:37:33,750
Naast hen waren er in Israël
waarschijnlijk veel mensen met talenten

624
00:37:33,750 --> 00:37:36,030
van een vergelijkbaar niveau.

625
00:37:36,030 --> 00:37:39,330
We weten niet eens of dit de
meest getalenteerde mannen op

626
00:37:39,330 --> 00:37:41,010
hun vakgebied waren.

627
00:37:41,010 --> 00:37:46,830
Maar zij waren degenen op wie God Zijn
Geest legde en die Hij daardoor machtigde,

628
00:37:46,830 --> 00:37:51,750
zalfde en in staat stelde om het werk
als geestelijk werk te verrichten.

629
00:37:51,750 --> 00:37:54,930
Iemand die geen gave voor
onderwijs of profetie heeft,

630
00:37:54,930 --> 00:37:58,530
die niet de gave of de roeping
heeft om tot de gemeente te spreken,

631
00:37:58,530 --> 00:38:02,130
kan een geweldige spreker
zijn en hoogopgeleid zijn.

632
00:38:02,130 --> 00:38:06,750
Maar wanneer zo iemand spreekt, spreekt
diegene slechts vanuit menselijk vermogen,

633
00:38:06,750 --> 00:38:09,570
en daar gaat geen
geestelijke zegen van uit.

634
00:38:09,570 --> 00:38:13,650
God is er niet in werkzaam, omdat
het niet uit Zijn Geest voortkomt.

635
00:38:13,650 --> 00:38:19,170
Hetzelfde geldt wanneer het niet om
spreken gaat, maar om koken, schoonmaken,

636
00:38:19,170 --> 00:38:23,850
repareren, onderhoud plegen of welke
praktische hulp iemand ook geeft.

637
00:38:23,850 --> 00:38:27,270
Als dat iemands gave is,
dan doet diegene dat.

638
00:38:27,270 --> 00:38:30,150
Wat diegene doet, ziet er
natuurlijk hetzelfde uit

639
00:38:30,150 --> 00:38:33,270
als wat iemand die geen christen
is zou doen bij het verrichten

640
00:38:33,270 --> 00:38:34,710
van hetzelfde werk.

641
00:38:34,710 --> 00:38:37,290
Maar er zou een geestelijke
zegen in zitten.

642
00:38:37,290 --> 00:38:39,450
Ik weet niet hoe ik dit moet uitleggen,

643
00:38:39,450 --> 00:38:42,990
behalve door te zeggen dat ik me
voorstel dat velen van jullie gevallen

644
00:38:42,990 --> 00:38:44,910
hebben meegemaakt waarin—

645
00:38:44,910 --> 00:38:48,390
Laten we zeggen dat een gemeente
een conciërge heeft die het gewoon

646
00:38:48,390 --> 00:38:49,710
als baan doet.

647
00:38:49,710 --> 00:38:52,290
Hij lijkt geen gave van
hulpbetoon te hebben,

648
00:38:52,290 --> 00:38:54,510
maar het is zijn werk om te helpen.

649
00:38:54,510 --> 00:38:56,610
Hij vervult gewoon een functie.

650
00:38:56,610 --> 00:38:59,070
Misschien doet hij het
zelfs wel met tegenzin.

651
00:38:59,070 --> 00:39:02,070
Hij doet het niet vanuit de
bekwaamheid die God geeft.

652
00:39:02,070 --> 00:39:06,990
Hij doet het gewoon als iets wat hij kan
en waarmee hij de kost kan verdienen.

653
00:39:06,990 --> 00:39:10,470
Maar dan zijn er andere mensen
die dienen, en wanneer zij dienen,

654
00:39:10,470 --> 00:39:12,270
is het gewoon een zegen.

655
00:39:12,270 --> 00:39:15,990
Ik zie dat bijvoorbeeld heel duidelijk
bij de gave van gastvrijheid.

656
00:39:15,990 --> 00:39:19,110
Bijna iedereen zal weleens
iemand bij zich thuis uitnodigen

657
00:39:19,110 --> 00:39:21,930
en proberen diegene zich
thuis te laten voelen.

658
00:39:21,930 --> 00:39:25,050
Maar op sommige plaatsen
voel je je echt thuis.

659
00:39:25,050 --> 00:39:26,850
Op andere momenten niet.

660
00:39:26,850 --> 00:39:30,690
Ze doen hun best, maar je hebt het gevoel
dat je een indringer bent in de ruimte

661
00:39:30,690 --> 00:39:32,130
van iemand anders.

662
00:39:32,130 --> 00:39:36,090
Bij weer andere mensen loop je hun
huis binnen en heb je gewoon het gevoel

663
00:39:36,090 --> 00:39:38,310
dat je daar echt thuishoort.

664
00:39:38,310 --> 00:39:41,070
Er heerst gewoon een gastvrije sfeer.

665
00:39:41,070 --> 00:39:45,450
Er zit een geestelijk aspect aan wat
zij doen, waardoor het mensen dient.

666
00:39:45,450 --> 00:39:48,690
Petrus zegt dat geestelijke
gaven er soms uit kunnen zien

667
00:39:48,690 --> 00:39:52,710
als hetzelfde soort gedrag dat
mensen zonder die gaven vertonen.

668
00:39:52,710 --> 00:39:55,710
Maar een geestelijke gave is
iets wat, wanneer ze wordt

669
00:39:55,710 --> 00:39:58,170
uitgeoefend, God verheerlijkt.

670
00:39:58,170 --> 00:40:01,650
De mensen die ermee gediend
worden, ontvangen een zegen,

671
00:40:01,650 --> 00:40:05,190
en die zegen komt van God
door de Heilige Geest.

672
00:40:05,190 --> 00:40:09,990
Dat maakt het tot een geestelijke
begaafdheid: God dient erdoorheen.

673
00:40:09,990 --> 00:40:12,390
Het is niet zomaar iets wat gedaan wordt.

674
00:40:12,390 --> 00:40:17,430
Een man kan een inspirerende toespraak
houden over een godsdienstig onderwerp,

675
00:40:17,430 --> 00:40:21,570
een toespraak die mensen onderwijst,
en mensen kunnen veel meer informatie

676
00:40:21,570 --> 00:40:23,970
ontvangen die ze daarvoor niet hadden.

677
00:40:23,970 --> 00:40:27,090
Toch hoeft er helemaal geen
geestelijke zegen te zijn.

678
00:40:27,090 --> 00:40:31,230
God gebruikt die toespraak helemaal
niet om de toehoorders te veranderen.

679
00:40:31,230 --> 00:40:36,030
Evenzo kunnen mensen allerlei vormen van
dienstbetoon verrichten, of zelfs geven,

680
00:40:36,030 --> 00:40:39,030
zonder dat dit het Koninkrijk
van God werkelijk bevordert,

681
00:40:39,030 --> 00:40:41,910
omdat God hen niet
leidt of in staat stelt.

682
00:40:41,910 --> 00:40:44,610
Ze doen het niet vanuit de
bekwaamheid die God geeft.

683
00:40:44,610 --> 00:40:47,610
Ze doen het gewoon omdat
zij die bekwaamheid hebben.

684
00:40:47,610 --> 00:40:52,170
Ze zijn zich er niet van bewust dat
God Degene is Die hun kracht geeft,

685
00:40:52,170 --> 00:40:55,470
hen in staat stelt en door hen heen werkt.

686
00:40:55,470 --> 00:40:58,770
God heeft er altijd op gestaan
dat Zijn gemeente wordt

687
00:40:58,770 --> 00:41:03,870
gebouwd door mensen die de Geest van
God hebben en daarvoor de gaven hebben.

688
00:41:03,870 --> 00:41:06,990
De tabernakel en het
bijbehorende meubilair

689
00:41:06,990 --> 00:41:11,250
moesten worden gebouwd door iemand die
niet alleen een bekwame vakman was,

690
00:41:11,250 --> 00:41:16,410
maar die door de Geest van God begiftigd
was om het werk van God te doen.

691
00:41:16,410 --> 00:41:21,690
Jezus leidde Zijn discipelen ongeveer
drie jaar op voordat Hij werd gekruisigd,

692
00:41:21,690 --> 00:41:23,190
voordat Hij wegging.

693
00:41:23,190 --> 00:41:28,530
Maar toen Hij klaar was met hun opleiding
en op het punt stond weg te gaan, zei Hij:

694
00:41:28,530 --> 00:41:34,710
En zie, Ik zend de belofte van Mijn Vader
op u; maar blijft u in de stad Jeruzalem,

695
00:41:34,710 --> 00:41:38,190
totdat u met kracht uit de
hoogte bekleed zult worden.

696
00:41:38,190 --> 00:41:43,110
Zij waren heel goed in staat om
zonder dat van Jezus te getuigen.

697
00:41:43,110 --> 00:41:48,690
Getuigen betekent eenvoudigweg dat
je mensen vertelt wat je hebt gezien.

698
00:41:48,690 --> 00:41:51,570
Zij hadden die evangeliën
toch kunnen schrijven

699
00:41:51,570 --> 00:41:53,790
zonder vervuld te zijn met de Geest?

700
00:41:53,790 --> 00:41:58,530
Ze vertelden tenslotte gewoon een
verhaal over iets wat ze hadden gezien.

701
00:41:58,530 --> 00:42:01,110
Heel veel mensen die geen christen zijn,

702
00:42:01,110 --> 00:42:05,130
schrijven hun memoires of schrijven
biografieën van mensen die

703
00:42:05,130 --> 00:42:06,630
ze hebben gekend.

704
00:42:06,630 --> 00:42:11,430
Waarom moesten zij wachten totdat ze
met kracht uit de hoogte bekleed waren,

705
00:42:11,430 --> 00:42:15,090
voordat ze eropuit gingen
om van Jezus te getuigen?

706
00:42:15,090 --> 00:42:21,030
Die verbinding met het getuigen wordt
expliciet gemaakt in Handelingen 1:8.

707
00:42:21,030 --> 00:42:24,750
Dat kwam doordat ze weliswaar hun
volledige opleiding van Hem hadden

708
00:42:24,750 --> 00:42:28,770
ontvangen, maar nog steeds niet de
kracht van de Heilige Geest hadden,

709
00:42:28,770 --> 00:42:31,170
de gave van de Heilige Geest.

710
00:42:31,170 --> 00:42:35,730
Het bouwen van de gemeente mag niet door
natuurlijke bekwaamheid worden gedaan.

711
00:42:35,730 --> 00:42:40,830
Hoe bekwaam een natuurlijk mens ook is in
zijn vermogen om te communiceren of om te

712
00:42:40,830 --> 00:42:44,370
doen wat hij ook maar doet,
het bouwt de gemeente niet.

713
00:42:44,370 --> 00:42:49,170
Want de gemeente is iets geestelijks en
moet worden gebouwd door het werk van de

714
00:42:49,170 --> 00:42:50,430
Geest van God.

715
00:42:50,430 --> 00:42:54,210
Daarom moeten degenen die
werken, bouwen en dienen,

716
00:42:54,210 --> 00:42:56,550
vervuld zijn met de Geest van God.

717
00:42:56,550 --> 00:43:00,630
Jezus stond Zijn discipelen niet
toe om enig dienstwerk te gaan doen

718
00:43:00,630 --> 00:43:04,410
zonder eerst met Pinksteren de kracht
van de Heilige Geest te ontvangen,

719
00:43:04,410 --> 00:43:07,590
hoewel Hij hun opleiding
inmiddels had voltooid.

720
00:43:07,590 --> 00:43:12,510
Daarna had hun dienstwerk natuurlijk
grote kracht en een grote zalving.

721
00:43:12,510 --> 00:43:17,190
Bij de bouw van de tabernakel zien we
dat God aan hetzelfde belang hecht.

722
00:43:17,190 --> 00:43:20,790
De bouw van Zijn gemeente,
de bouw van Zijn bouwwerk,

723
00:43:20,790 --> 00:43:24,210
moet plaatsvinden door de
gaven van de Heilige Geest.

724
00:43:24,210 --> 00:43:27,930
Deze man Bezaleël was degene met de gave.

725
00:43:27,930 --> 00:43:30,690
Blijkbaar hield hij toezicht
op de andere arbeiders

726
00:43:30,690 --> 00:43:33,330
en gaf hij hun kennelijk zelfs onderricht.

727
00:43:33,330 --> 00:43:40,710
Er staat meer over hem en hen in hoofdstuk
35, vers 30, tot en met hoofdstuk 36,

728
00:43:40,710 --> 00:43:43,170
vers 1. Er staat:

729
00:43:43,170 --> 00:43:48,990
Daarna zei Mozes tegen de Israëlieten:
Zie, de HEERE heeft Bezaleël,

730
00:43:48,990 --> 00:43:54,870
de zoon van Uri, de zoon van Hur, uit
de stam Juda, bij zijn naam geroepen.

731
00:43:54,870 --> 00:43:58,650
De Geest van God heeft hem
vervuld met wijsheid, inzicht,

732
00:43:58,650 --> 00:44:03,390
kennis en allerlei vakmanschap, om
ontwerpen te bedenken en om die uit te

733
00:44:03,390 --> 00:44:09,090
voeren in goud, zilver en koper; om
edel stenen te bewerken en in te zetten,

734
00:44:09,090 --> 00:44:14,490
en om hout te bewerken, dus om allerlei
kunstig uitgedacht werk te verrichten.

735
00:44:14,490 --> 00:44:19,110
Hij heeft hem ook in zijn hart het
vermogen gegeven om anderen te leren,

736
00:44:19,110 --> 00:44:24,510
hem en Aholiab, de zoon van
Ahisamach, uit de stam Dan.

737
00:44:24,510 --> 00:44:29,130
Hij heeft hen vervuld met wijsheid van
hart om allerlei werk te verrichten:

738
00:44:29,130 --> 00:44:32,010
dat van een graveerder, een kunstenaar,

739
00:44:32,010 --> 00:44:35,430
een maker van borduurwerk
met blauwpurperen,

740
00:44:35,430 --> 00:44:41,370
roodpurperen en scharlakenrode wol
en fijn linnen, en dat van een wever.

741
00:44:41,370 --> 00:44:45,630
Zij kunnen allerlei werkzaamheden
uitvoeren en ontwerpen bedenken.

742
00:44:45,630 --> 00:44:51,090
Dat wil zeggen: andere ambachtslieden
onderwijzen, de anderen opleiden,

743
00:44:51,090 --> 00:44:54,630
want deze man zou al dat werk
niet met zijn eigen handen doen.

744
00:44:54,630 --> 00:44:58,230
Dat zou veel te lang duren:
ieder onderdeel maken,

745
00:44:58,230 --> 00:45:03,270
elke plank afzonderlijk bewerken
en met goud overtrekken, enzovoort.

746
00:45:03,270 --> 00:45:05,070
Hij moest helpers hebben.

747
00:45:05,070 --> 00:45:10,590
Maar God gaf hem het vermogen om anderen
te onderwijzen en hen in zijn vak

748
00:45:10,590 --> 00:45:14,370
en in het gebruik van de gave die
hij had ontvangen op te leiden.

749
00:45:14,370 --> 00:45:15,870
En dus staat er:

750
00:45:15,870 --> 00:45:20,910
Hij heeft hem ook in zijn hart het
vermogen gegeven om anderen te leren,

751
00:45:20,910 --> 00:45:26,370
hem en Aholiab, de zoon van
Ahisamach, uit de stam Dan.

752
00:45:26,370 --> 00:45:31,050
Hij heeft hen vervuld met wijsheid van
hart om allerlei werk te verrichten:

753
00:45:31,050 --> 00:45:33,990
dat van een graveerder, een kunstenaar,

754
00:45:33,990 --> 00:45:37,290
een maker van borduurwerk
met blauwpurperen,

755
00:45:37,290 --> 00:45:43,410
roodpurperen en scharlakenrode wol
en fijn linnen, en dat van een wever.

756
00:45:43,410 --> 00:45:47,550
Zij kunnen allerlei werkzaamheden
uitvoeren en ontwerpen bedenken.

757
00:45:47,550 --> 00:45:50,370
Dat is dus het laatste
wat we over hen horen.

758
00:45:50,370 --> 00:45:52,770
Maar het punt hier is, zoals ik al zei,

759
00:45:52,770 --> 00:45:57,750
dat het werk van God door met de Geest
vervulde arbeiders moet worden gedaan,

760
00:45:57,750 --> 00:46:00,990
zelfs als het om handwerk
gaat, zoals iets maken.

761
00:46:00,990 --> 00:46:05,550
Iets anders wat we hierbij zien, is dat
deze mannen veel beroepen uitoefenden die

762
00:46:05,550 --> 00:46:11,370
wij als seculier van aard zouden
beschouwen: diamantslijper, houtsnijder,

763
00:46:11,370 --> 00:46:14,070
wever van stoffen, beeldhouwer.

764
00:46:14,070 --> 00:46:16,170
De vaardigheden die deze mannen hadden,

765
00:46:16,170 --> 00:46:18,990
zouden wij normaal gesproken
gewoon als een soort

766
00:46:18,990 --> 00:46:21,510
seculiere bekwaamheden beschouwen.

767
00:46:21,510 --> 00:46:23,550
Ze waren door God gegeven.

768
00:46:23,550 --> 00:46:27,870
Maar het interessante is dat iemand
deze dingen als gaven van God kan doen,

769
00:46:27,870 --> 00:46:29,910
als een offer aan God.

770
00:46:29,910 --> 00:46:33,750
Iemand die geen gave heeft om
te prediken, te onderwijzen,

771
00:46:33,750 --> 00:46:37,830
te profeteren of een of andere
openbare bediening te verrichten,

772
00:46:37,830 --> 00:46:42,150
kan een vak hebben dat eigenlijk
gewoon iets is wat wij een alledaagse,

773
00:46:42,150 --> 00:46:44,250
seculiere vaardigheid noemen.

774
00:46:44,250 --> 00:46:50,490
Zoals ik zei: koken, naaien, auto’s
repareren, ramen lappen, wat dan ook.

775
00:46:50,490 --> 00:46:53,610
Dat zijn gewone dingen, maar
het is duidelijk dat mensen met

776
00:46:53,610 --> 00:46:57,630
zulke gewone gaven, als God
hun die taak heeft gegeven,

777
00:46:57,630 --> 00:46:59,490
die aan de Heere kunnen aanbieden.

778
00:46:59,490 --> 00:47:02,070
In dit geval boden ze die aan de Heere aan

779
00:47:02,070 --> 00:47:06,510
door werkelijk een gebouw voor Hem te
bouwen dat Hij gebouwd wilde hebben.

780
00:47:06,510 --> 00:47:09,870
Maar alles wat wij doen, moet
bijdragen aan de opbouw van het

781
00:47:09,870 --> 00:47:11,550
lichaam van Christus.

782
00:47:11,550 --> 00:47:15,210
Dat lichaam bestaat uit
mensen, levende stenen die

783
00:47:15,210 --> 00:47:17,970
samen tot een heilige
tempel worden gebouwd.

784
00:47:17,970 --> 00:47:21,390
Met alles wat wij doen,
moeten wij elkaar opbouwen.

785
00:47:21,390 --> 00:47:23,310
Denk eraan dat Paulus zei:

786
00:47:23,310 --> 00:47:25,050
Hoe is het dan, broeders?

787
00:47:25,050 --> 00:47:28,470
Telkens wanneer u samenkomt,
heeft iedereen een psalm,

788
00:47:28,470 --> 00:47:32,010
of hij heeft een onderwijzing,
of hij heeft een andere taal,

789
00:47:32,010 --> 00:47:35,670
of hij heeft een openbaring,
of hij heeft een uitleg.

790
00:47:35,670 --> 00:47:38,070
Laat alles gebeuren tot opbouw.

791
00:47:38,070 --> 00:47:43,710
Het gebruikte Engelse woord ‘edifying’
betekent ‘opbouwen’ en hangt samen met

792
00:47:43,710 --> 00:47:47,250
‘edifice’, het Engelse
woord voor een gebouw.

793
00:47:47,250 --> 00:47:49,470
Wij moeten elkaar dus opbouwen.

794
00:47:49,470 --> 00:47:52,590
Zoals deze bouwers een
gebouw voor God bouwden,

795
00:47:52,590 --> 00:47:55,410
zo bouwen wij allemaal
een gebouw voor God.

796
00:47:55,410 --> 00:47:59,430
Wij bouwen allemaal het lichaam
van Christus en elkaar op.

797
00:47:59,430 --> 00:48:04,230
Wij zijn de onderdelen van dat gebouw,
de tempel van de Heilige Geest.

798
00:48:04,230 --> 00:48:06,570
Nog iets anders wat ik
naar voren moet brengen,

799
00:48:06,570 --> 00:48:09,870
is dat er een speciaal
recept was gegeven voor de

800
00:48:09,870 --> 00:48:14,130
olie waarmee de priesters en andere
dingen gezalfd zouden worden,

801
00:48:14,130 --> 00:48:16,950
en voor het reukwerk dat werd gebrand.

802
00:48:16,950 --> 00:48:21,630
Ze moesten niet gewoon naar de winkel
gaan om een of ander merkproduct te halen.

803
00:48:21,630 --> 00:48:26,490
Ze moesten een speciaal, uniek
mengsel maken dat nergens anders voor

804
00:48:26,490 --> 00:48:31,290
gebruikt mocht worden dan voor de
heilige zalving en het heilige reukwerk.

805
00:48:31,290 --> 00:48:35,970
Dat zien we in hoofdstuk
30, vers 22 tot en met 38.

806
00:48:35,970 --> 00:48:39,270
In hoofdstuk 30, vers 22, staat:

807
00:48:39,270 --> 00:48:43,350
Verder sprak de HEERE
tot Mozes: Wat u betreft,

808
00:48:43,350 --> 00:48:49,050
neem voor uzelf de beste specerijen:
vijfhonderd sikkel vloeibare mirre,

809
00:48:49,050 --> 00:48:54,510
en half zoveel ervan, dus
tweehonderdvijftig sikkel geurige kaneel,

810
00:48:54,510 --> 00:48:57,510
tweehonderdvijftig sikkel geurige kalmoes,

811
00:48:57,510 --> 00:48:59,970
Een sikkel was een gewichtsmaat.

812
00:48:59,970 --> 00:49:04,470
Toen we het over de halve sikkel hadden,
ging het om dat gewicht aan zilver.

813
00:49:04,470 --> 00:49:07,170
Het was een halve sikkel zilver.

814
00:49:07,170 --> 00:49:13,350
Maar nu is dit dezelfde maateenheid,
alleen meten ze er specerijen mee.

815
00:49:13,350 --> 00:49:19,470
Ze hebben dus vloeibare mirre,
welriekende kaneel en welriekende kalmoes.

816
00:49:19,470 --> 00:49:20,970
Vers 24:

817
00:49:20,970 --> 00:49:25,950
ook vijfhonderd sikkel kassia, gerekend
volgens de sikkel van het heiligdom,

818
00:49:25,950 --> 00:49:28,170
en een hin olijfolie.

819
00:49:28,170 --> 00:49:33,330
U moet daarvan heilige zalfolie
maken, een zorgvuldig bereid mengsel,

820
00:49:33,330 --> 00:49:35,310
werk van een zalfbereider.

821
00:49:35,310 --> 00:49:37,830
Het moet heilige zalfolie zijn.

822
00:49:37,830 --> 00:49:42,450
U moet daarmee de tent van ontmoeting
zalven, de ark van de getuigenis,

823
00:49:42,450 --> 00:49:45,630
de tafel met alle bijbehorende voorwerpen,

824
00:49:45,630 --> 00:49:50,250
de kandelaar met de bijbehorende
voorwerpen, het reukofferaltaar,

825
00:49:50,250 --> 00:49:53,970
het brandofferaltaar met
alle bijbehorende voorwerpen,

826
00:49:53,970 --> 00:49:56,310
en het wasvat met zijn voetstuk.

827
00:49:56,310 --> 00:50:00,870
U moet ze dan heiligen, zodat ze
allerheiligst zijn; ieder die ze

828
00:50:00,870 --> 00:50:03,210
aanraakt, wordt heilig.

829
00:50:03,210 --> 00:50:07,230
De spreker legt dit op grond van
zijn Engelse vertaling zo uit:

830
00:50:07,230 --> 00:50:10,710
alleen de priesters, die
heilig zijn voor de Heere,

831
00:50:10,710 --> 00:50:15,990
mogen deze heilige voorwerpen
aanraken; een gewoon mens mag dat niet.

832
00:50:15,990 --> 00:50:21,630
De aangehaalde HSV kan echter ook
betekenen dat wat de voorwerpen aanraakt,

833
00:50:21,630 --> 00:50:23,370
daardoor geheiligd wordt.

834
00:50:23,370 --> 00:50:26,490
U moet ook Aäron en zijn zonen zalven,

835
00:50:26,490 --> 00:50:29,850
en hen heiligen om Mij
als priester te dienen.

836
00:50:29,850 --> 00:50:35,550
Vervolgens moet u tot de Israëlieten
spreken: Dit is heilige zalfolie voor Mij,

837
00:50:35,550 --> 00:50:37,650
al uw generaties door.

838
00:50:37,650 --> 00:50:40,650
Een mensenlichaam mag er
niet mee gezalfd worden;

839
00:50:40,650 --> 00:50:45,271
ook mag u niet iets soortgelijks maken
volgens de bereidingswijze van deze olie .

840
00:50:45,271 --> 00:50:48,630
Ze is heilig, heilig moet ze voor u zijn.

841
00:50:48,630 --> 00:50:50,670
Ieder die zo'n mengsel maakt als dit,

842
00:50:50,670 --> 00:50:53,130
of die daarvan iets op
een onbevoegde strijkt,

843
00:50:53,130 --> 00:50:55,890
moet uitgeroeid worden
uit zijn volksgenoten.

844
00:50:55,890 --> 00:51:00,630
Het punt hier is nu dat de zalfolie
natuurlijk de Heilige Geest voorstelt.

845
00:51:00,630 --> 00:51:03,570
Daarom moet die een andere
samenstelling hebben dan andere

846
00:51:03,570 --> 00:51:06,270
oliën die voor andere
toepassingen worden gebruikt,

847
00:51:06,270 --> 00:51:10,410
want de Heilige Geest is anders
dan andere geesten: menselijke

848
00:51:10,410 --> 00:51:12,990
geesten, demonische geesten.

849
00:51:12,990 --> 00:51:15,090
God is een unieke Geest.

850
00:51:15,090 --> 00:51:21,810
En dat is wat het woord ‘heilig’ betekent:
apart gezet, anders, uniek, niet normaal,

851
00:51:21,810 --> 00:51:24,750
niet gewoon, niet voor algemeen gebruik.

852
00:51:24,750 --> 00:51:28,710
De olie moest dus kenmerkende
eigenschappen hebben die geen enkele

853
00:51:28,710 --> 00:51:30,090
andere olie had.

854
00:51:30,090 --> 00:51:33,210
En als ze probeerden die na te
maken voor andere toepassingen,

855
00:51:33,210 --> 00:51:36,450
of als ze die aanbrachten op
mensen die geen priesters waren,

856
00:51:36,450 --> 00:51:40,470
dan zou dat zo’n ernstige overtreding
zijn dat ze, wat God betrof,

857
00:51:40,470 --> 00:51:43,470
van Israël afgesneden zouden worden.

858
00:51:43,470 --> 00:51:45,390
En zo ook het reukwerk.

859
00:51:45,390 --> 00:51:50,010
Denk eraan: het reukwerk werd op het
reukofferaltaar aangeboden als een

860
00:51:50,010 --> 00:51:51,810
zinnebeeld van gebed.

861
00:51:51,810 --> 00:51:53,670
Vers 34 zegt:

862
00:51:53,670 --> 00:51:59,730
Verder zei de HEERE tegen Mozes: Neem voor
uzelf geurige specerijen: druipende hars,

863
00:51:59,730 --> 00:52:05,550
onyx en galbanum, dus geurige
specerijen, en zuivere wierook.

864
00:52:05,550 --> 00:52:08,250
Dit alles moet in gelijke
hoeveelheden zijn.

865
00:52:08,250 --> 00:52:12,750
De zalfolie en het reukwerk hadden dus
allebei een bijzondere samenstelling,

866
00:52:12,750 --> 00:52:16,050
omdat er van beide werd
gezegd dat ze heilig waren.

867
00:52:16,050 --> 00:52:19,590
Heilig betekent: uitsluitend
voor één gebruik.

868
00:52:19,590 --> 00:52:23,850
Het voor enig ander doel gebruiken
werd als ongepast beschouwd en

869
00:52:23,850 --> 00:52:25,590
was niet toegestaan.

870
00:52:25,590 --> 00:52:27,870
We hebben dus nog maar
twee dingen te behandelen,

871
00:52:27,870 --> 00:52:30,330
en dan zijn we klaar met Exodus.

872
00:52:30,330 --> 00:52:32,610
Een daarvan gaat over de priesters.

873
00:52:32,610 --> 00:52:36,330
We hebben de beschrijving van de
priesterkleding en ook de beschrijving van

874
00:52:36,330 --> 00:52:38,490
de ceremonie van hun wijding.

875
00:52:38,490 --> 00:52:43,770
De daadwerkelijke wijding van de priesters
vond pas plaats in Leviticus hoofdstuk 8,

876
00:52:43,770 --> 00:52:48,570
maar in hoofdstuk 29 hebben we de
beschrijving van die verordening, of rite,

877
00:52:48,570 --> 00:52:49,950
van de wijding.

878
00:52:49,950 --> 00:52:53,430
Hun kleding wordt
beschreven in hoofdstuk 28.

879
00:52:53,430 --> 00:52:56,790
En net als al het andere dat met
de tabernakel te maken heeft,

880
00:52:56,790 --> 00:52:59,910
zijn de kenmerken van
hun kleding symbolisch.

881
00:52:59,910 --> 00:53:01,830
Daar zullen we dus naar kijken.

882
00:53:01,830 --> 00:53:04,230
Daarna rest alleen nog hoofdstuk 40,

883
00:53:04,230 --> 00:53:07,230
waarin ze de tabernakel
daadwerkelijk opzetten.

884
00:53:07,230 --> 00:53:09,990
We hebben de beschrijving
van alles gelezen.

885
00:53:09,990 --> 00:53:13,290
We hebben gelezen over het
inzamelen van de materialen.

886
00:53:13,290 --> 00:53:17,610
We hebben gelezen wie voor het
werk is aangewezen en gezalfd.

887
00:53:17,610 --> 00:53:19,650
Dus nadat we naar de priesters,

888
00:53:19,650 --> 00:53:22,890
hun kleding en hun
wijdingsrite hebben gekeken,

889
00:53:22,890 --> 00:53:27,750
zullen we in het laatste hoofdstuk kijken
naar het opzetten van de tabernakel zelf.

890
00:53:27,750 --> 00:53:30,270
Daarmee komen we aan
het einde van dit boek.

891
00:53:30,270 --> 00:53:32,070
We komen erop terug om het af te maken.
