1
00:00:02,010 --> 00:00:05,550
Welkom bij Vers voor Vers!

2
00:00:05,550 --> 00:00:12,750
Wat ons in onze studie van Exodus nog
rest, is hoofdstuk 28 en 29 te bekijken.

3
00:00:12,750 --> 00:00:17,190
Die staan midden in de beschrijving van
de tabernakel en het meubilair ervan.

4
00:00:17,190 --> 00:00:20,670
Ze gaan over de wijding van het
priesterschap en de bijzondere kleding die

5
00:00:20,670 --> 00:00:22,590
de priesters zouden dragen.

6
00:00:22,590 --> 00:00:25,590
Tot nu toe is ons eigenlijk
nog niet verteld dat

7
00:00:25,590 --> 00:00:28,590
Aäron en zijn zonen
priesters zullen worden.

8
00:00:28,590 --> 00:00:32,130
Maar daar wordt het voor het eerst
duidelijk gemaakt, in hoofdstuk

9
00:00:32,130 --> 00:00:33,870
28, vers 1.

10
00:00:33,870 --> 00:00:36,030
Want God zei tegen Mozes:

11
00:00:36,030 --> 00:00:41,010
Wat u betreft, laat uw broer Aäron
en zijn zonen die bij hem zijn,

12
00:00:41,010 --> 00:00:45,870
bij u komen uit het midden van de
Israëlieten om Mij als priester te dienen:

13
00:00:45,870 --> 00:00:52,350
Aäron, Nadab en Abihu, Eleazar
en Ithamar, de zonen van Aäron.

14
00:00:52,350 --> 00:00:56,190
We gaan over enkele van deze
kledingstukken uitvoerig lezen.

15
00:00:56,190 --> 00:01:00,030
Onder de vakbekwaamheden van de werklieden
die betrokken waren bij het maken van de

16
00:01:00,030 --> 00:01:02,850
tabernakel en alles
wat zich daarin bevond,

17
00:01:02,850 --> 00:01:05,850
moesten uiteraard ook
kleermakersvaardigheden zijn,

18
00:01:05,850 --> 00:01:08,070
om mooie kleding te kunnen maken.

19
00:01:08,070 --> 00:01:12,750
De kleding die Aäron zou dragen,
zou rijker en uitgebreider zijn

20
00:01:12,750 --> 00:01:14,430
dan die van zijn zonen.

21
00:01:14,430 --> 00:01:18,690
De kleding van zijn zonen wordt tegen
het einde van dit hoofdstuk genoemd,

22
00:01:18,690 --> 00:01:21,450
in vers 40 tot en met 43.

23
00:01:21,450 --> 00:01:25,230
Zij droegen eenvoudiger
kleding dan de hogepriester.

24
00:01:25,230 --> 00:01:27,210
Aäron was de hogepriester.

25
00:01:27,210 --> 00:01:31,590
Er zou maar één hogepriester zijn,
maar er zouden veel priesters zijn.

26
00:01:31,590 --> 00:01:36,330
Priesters zouden dienstdoen bij de altaren
en wierook branden in de tabernakel.

27
00:01:36,330 --> 00:01:39,150
De hogepriester zou die
dingen blijkbaar ook doen,

28
00:01:39,150 --> 00:01:43,290
maar wat hem voornamelijk onderscheidde,
was dat hij eenmaal per jaar,

29
00:01:43,290 --> 00:01:49,050
op de Grote Verzoendag, Jom Kipoer, het
Heilige der Heiligen mocht binnengaan.

30
00:01:49,050 --> 00:01:51,090
Daarin onderscheidde hij zich.

31
00:01:51,090 --> 00:01:54,990
Voor de christen ligt het belang
hiervan natuurlijk in het feit dat Jezus

32
00:01:54,990 --> 00:01:56,910
onze Hogepriester is.

33
00:01:56,910 --> 00:01:59,730
Dat feit wordt in het
boek Hebreeën benadrukt,

34
00:01:59,730 --> 00:02:02,850
waarbij vooral de nadruk
ligt op Jezus’ taak

35
00:02:02,850 --> 00:02:06,990
om het Heilige der Heiligen
binnen te gaan in wat de eeuwige,

36
00:02:06,990 --> 00:02:10,830
hemelse tegenhanger van de
Grote Verzoendag zou zijn.

37
00:02:10,830 --> 00:02:13,110
Dit is de Grote Verzoendag.

38
00:02:13,110 --> 00:02:15,090
Dit is de dag van behoud.

39
00:02:15,090 --> 00:02:17,190
In het Nieuwe Testament staat:

40
00:02:17,190 --> 00:02:21,810
Want Hij zegt: In de tijd van
het welbehagen heb Ik U verhoord,

41
00:02:21,810 --> 00:02:25,110
en op de dag van het
heil heb Ik U geholpen.

42
00:02:25,110 --> 00:02:31,230
Zie, nu is het de tijd van het welbehagen,
zie, nu is het de dag van het heil!

43
00:02:31,230 --> 00:02:35,130
en dat is zo omdat
Christus, onze Hogepriester,

44
00:02:35,130 --> 00:02:39,630
het Heilige der Heiligen in de
hemel is binnengegaan en er nog niet

45
00:02:39,630 --> 00:02:41,610
opnieuw uit is gekomen.

46
00:02:41,610 --> 00:02:46,350
Het hele tijdperk van de gemeente
is dus de Grote Verzoendag.

47
00:02:46,350 --> 00:02:50,250
Wat Aäron voornamelijk onderscheidde,
waren zijn handelingen op

48
00:02:50,250 --> 00:02:51,750
één dag van het jaar.

49
00:02:51,750 --> 00:02:54,870
Hij was voortdurend de
leider van het priesterschap.

50
00:02:54,870 --> 00:02:59,790
In latere perioden van de geschiedenis
van Israël was de voornaamste priester,

51
00:02:59,790 --> 00:03:04,050
oftewel de hogepriester, ook de
voorzitter van het Sanhedrin.

52
00:03:04,050 --> 00:03:09,630
In de tijd van Jezus was het Sanhedrin
een bestuursorgaan van oudsten van Israël,

53
00:03:09,630 --> 00:03:12,210
dat bestond uit priesters en anderen.

54
00:03:12,210 --> 00:03:15,510
De voorzitter van het
Sanhedrin was de hogepriester.

55
00:03:15,510 --> 00:03:19,470
Er hoorde op enig moment maar
één hogepriester te zijn.

56
00:03:19,470 --> 00:03:23,070
Aäron zou in zijn generatie
de hogepriester zijn.

57
00:03:23,070 --> 00:03:27,930
Wanneer hij stierf, zou zijn oudste
zoon na hem hogepriester zijn.

58
00:03:27,930 --> 00:03:32,850
Alle nakomelingen van Aäron zouden een
of andere priesterlijke functie hebben,

59
00:03:32,850 --> 00:03:37,650
maar per generatie zou slechts
één priester de hogepriester zijn.

60
00:03:37,650 --> 00:03:42,630
Gewoonlijk zou dat de oudste
zoon zijn die van Aäron afstamde.

61
00:03:42,630 --> 00:03:48,750
Zijn oudste zoon, vervolgens zijn oudste
kleinzoon, zijn oudste achterkleinzoon,

62
00:03:48,750 --> 00:03:53,610
enzovoort in hun generaties,
zouden ieder hogepriester zijn.

63
00:03:53,610 --> 00:03:58,830
Deze opvolgingsregeling raakte enigszins
ontregeld toen de Romeinen aan de macht

64
00:03:58,830 --> 00:04:04,890
kwamen en dat gebied veroverden, want er
was onenigheid over het hogepriesterschap.

65
00:04:04,890 --> 00:04:08,610
Eigenlijk waren er zelfs voordat
de Romeinen aan de macht kwamen

66
00:04:08,610 --> 00:04:10,590
al interne conflicten.

67
00:04:10,590 --> 00:04:14,010
In de tijd dat Israël onder
Grieks toezicht stond,

68
00:04:14,010 --> 00:04:18,270
nadat Alexander de Grote was
gestorven, waren er rivalen die

69
00:04:18,270 --> 00:04:21,150
aanspraak maakten op
het hogepriesterschap.

70
00:04:21,150 --> 00:04:26,070
Daarna was er een periode waarin de
Syrische heerser het hogepriesterschap aan

71
00:04:26,070 --> 00:04:27,990
de hoogste bieder gaf.

72
00:04:27,990 --> 00:04:32,310
Tijdens de periode van de Makkabeeën
was er sprake van enig gekonkel,

73
00:04:32,310 --> 00:04:35,730
waarbij het hogepriesterschap
naar de hoogste bieder ging.

74
00:04:35,730 --> 00:04:38,490
Het was een politiek machtig ambt.

75
00:04:38,490 --> 00:04:42,930
In de tijd van Jezus werden twee
mensen als hogepriester erkend.

76
00:04:42,930 --> 00:04:48,510
Een man die Annas heette, was blijkbaar
de erfelijke en rechtmatige hogepriester.

77
00:04:48,510 --> 00:04:52,050
Maar de Romeinen vonden
blijkbaar dat Annas te veel

78
00:04:52,050 --> 00:04:55,350
invloed op de Joden had om zich
daar prettig bij te voelen.

79
00:04:55,350 --> 00:04:58,470
Ze wilden niet dat er een
sterke Joodse leider was

80
00:04:58,470 --> 00:05:01,110
achter wie de Joden zich
mogelijk zouden verenigen,

81
00:05:01,110 --> 00:05:03,450
misschien wel tegen de Romeinen.

82
00:05:03,450 --> 00:05:07,830
De Romeinen stelden Annas’
schoonzoon Kajafas daadwerkelijk

83
00:05:07,830 --> 00:05:09,870
als hogepriester aan.

84
00:05:09,870 --> 00:05:14,490
In de evangeliën lezen we dat
Kajafas de hogepriester was.

85
00:05:14,490 --> 00:05:18,270
Hij was degene die door de
Romeinen werd goedgekeurd.

86
00:05:18,270 --> 00:05:21,990
Maar de Joden bleven Annas
min of meer erkennen.

87
00:05:21,990 --> 00:05:26,610
Toen Jezus bijvoorbeeld werd gearresteerd,
brachten ze Jezus eerst naar het huis van

88
00:05:26,610 --> 00:05:29,970
Annas en daarna naar het huis van Kajafas.

89
00:05:29,970 --> 00:05:34,650
Er waren namelijk twee mannen die allebei
als hogepriester werden beschouwd,

90
00:05:34,650 --> 00:05:37,350
afhankelijk van wie hen zo beschouwde.

91
00:05:37,350 --> 00:05:41,970
Het ambt van hogepriester raakte in
de loop van de tijd in verwarring.

92
00:05:41,970 --> 00:05:46,050
Maar oorspronkelijk was het de
bedoeling dat er één man zou zijn,

93
00:05:46,050 --> 00:05:50,850
de oudste afstammeling van
Aäron, die hogepriester zou zijn,

94
00:05:50,850 --> 00:05:56,190
en dat alle andere afstammelingen
van Aäron ook priesters zouden zijn.

95
00:05:56,190 --> 00:06:01,530
Uiteindelijk leefden er op hetzelfde
moment duizenden afstammelingen van Aäron,

96
00:06:01,530 --> 00:06:04,770
en het was onmogelijk
dat zij allemaal tegelijk

97
00:06:04,770 --> 00:06:07,830
dienst zouden doen in
de tempel van Salomo.

98
00:06:07,830 --> 00:06:13,590
Er waren honderden priesters, en in de
tijd van Christus waren het er duizenden.

99
00:06:13,590 --> 00:06:19,410
Daarom verdeelde David in zijn tijd
het priesterschap in 24 afdelingen.

100
00:06:19,410 --> 00:06:22,650
Dit wordt niet voorgeschreven
in de wet van Mozes.

101
00:06:22,650 --> 00:06:27,810
Het was een praktische maatregel waartoe
David in zijn tijd zijn toevlucht nam,

102
00:06:27,810 --> 00:06:30,930
ongeveer 500 jaar na de tijd van Mozes,

103
00:06:30,930 --> 00:06:33,690
toen het priesterschap
uit meer mensen bestond

104
00:06:33,690 --> 00:06:37,230
dan er op enig moment in de
tabernakel dienst konden doen.

105
00:06:37,230 --> 00:06:40,170
David verdeelde hen in 24 groepen.

106
00:06:40,170 --> 00:06:43,710
Aan elke groep werden bepaalde
perioden van het jaar toegewezen

107
00:06:43,710 --> 00:06:48,090
waarin die groep dienst zou doen in
de tabernakel, telkens twee weken.

108
00:06:48,090 --> 00:06:50,730
Deze groepen werden afdelingen genoemd.

109
00:06:50,730 --> 00:06:54,990
Elke afdeling zou twee weken
dienstdoen in de tabernakel.

110
00:06:54,990 --> 00:06:59,370
Tijdens de periode van twee weken waarin
een bepaalde groep priesters dienst moest

111
00:06:59,370 --> 00:07:04,470
doen in de tabernakel, werd er onder
hen geloot om te bepalen wie van hen het

112
00:07:04,470 --> 00:07:08,550
voorrecht zou krijgen om naar binnen
te gaan en het reukwerk te branden.

113
00:07:08,550 --> 00:07:14,310
Ik vermeld dit allemaal omdat we weten dat
de vader van Johannes de Doper in Lukas 1

114
00:07:14,310 --> 00:07:19,470
een priester was uit een van die 24
afdelingen, de afdeling van Abia.

115
00:07:19,470 --> 00:07:24,450
Het lot viel op hem om in de tempel
reukwerk te branden, en toen hij dat deed,

116
00:07:24,450 --> 00:07:26,370
verscheen de engel aan hem.

117
00:07:26,370 --> 00:07:31,110
Dat was voor hem een unieke ervaring, want
een priester kon dat voorrecht maar één

118
00:07:31,110 --> 00:07:33,030
keer in zijn leven krijgen.

119
00:07:33,030 --> 00:07:37,710
Hoewel de afdeling van Abia en
elk van de andere 23 afdelingen

120
00:07:37,710 --> 00:07:43,230
ieder twee weken per jaar kregen, kozen ze
één man uit hun midden om een week of twee

121
00:07:43,230 --> 00:07:45,090
het reukwerk te branden.

122
00:07:45,090 --> 00:07:49,650
Wanneer het lot eenmaal één man had
aangewezen en hij het had gedaan,

123
00:07:49,650 --> 00:07:52,410
werd hij later van de loting uitgesloten.

124
00:07:52,410 --> 00:07:54,510
Hij kreeg geen tweede kans.

125
00:07:54,510 --> 00:07:58,470
Het was een voorrecht dat je
maar eenmaal in je leven kreeg.

126
00:07:58,470 --> 00:08:01,530
Zo ontwikkelde het
priesterschap zich na die tijd.

127
00:08:01,530 --> 00:08:06,630
In de tijd van Mozes was het een zeer
klein en overzichtelijk priesterschap:

128
00:08:06,630 --> 00:08:11,970
één man en zijn vier zonen, Aäron
als hogepriester en zijn zonen

129
00:08:11,970 --> 00:08:13,590
als gewone priesters.

130
00:08:13,590 --> 00:08:17,610
Aäron is een voorafbeelding van
Christus, onze Hogepriester,

131
00:08:17,610 --> 00:08:19,350
maar wij zijn ook priesters.

132
00:08:19,350 --> 00:08:21,210
Het Nieuwe Testament leert dat

133
00:08:21,210 --> 00:08:26,430
dan wordt u ook zelf, als levende
stenen, gebouwd tot een geestelijk huis,

134
00:08:26,430 --> 00:08:30,450
tot een heilig priesterschap, om
geestelijke offers te brengen,

135
00:08:30,450 --> 00:08:33,750
die God welgevallig zijn
door Jezus Christus.

136
00:08:33,750 --> 00:08:37,950
en daarom zijn de zonen van
Aäron, de gewone priesters,

137
00:08:37,950 --> 00:08:40,770
in zekere zin voorafbeeldingen van ons.

138
00:08:40,770 --> 00:08:44,670
Het priesterschap, met Aäron
als de voornaamste priester

139
00:08:44,670 --> 00:08:49,710
en zijn zonen als priesters, is een
beeld van Christus en de gemeente:

140
00:08:49,710 --> 00:08:55,110
Christus als Hogepriester en de gemeente
als het priesterschap in het algemeen.

141
00:08:55,110 --> 00:08:59,130
Nu worden de bijzondere kledingstukken
van de hogepriester beschreven.

142
00:08:59,130 --> 00:09:02,670
Afbeeldingen van de kleding van de
priester zouden misschien helpen,

143
00:09:02,670 --> 00:09:06,150
maar ik zal proberen die zo
goed mogelijk te beschrijven.

144
00:09:06,150 --> 00:09:08,430
In vers 4 worden verschillende
kledingstukken van

145
00:09:08,430 --> 00:09:10,290
de hogepriester genoemd.

146
00:09:10,290 --> 00:09:14,010
In de gebruikte Engelse vertaling
heet het een ‘breastplate’,

147
00:09:14,010 --> 00:09:18,450
wat vreemd is omdat het eigenlijk
helemaal geen plaat of pantser is.

148
00:09:18,450 --> 00:09:23,790
De HSV noemt het duidelijker een
borsttas: een klein stoffen zakje.

149
00:09:23,790 --> 00:09:26,730
Daar zullen we het over hebben
wanneer we eraan toekomen.

150
00:09:26,730 --> 00:09:30,570
Dat komt in dit hoofdstuk
vanaf vers 15 aan de orde.

151
00:09:30,570 --> 00:09:35,970
Er is de efod, het eerste kledingstuk
dat vanaf vers 5 wordt beschreven.

152
00:09:35,970 --> 00:09:40,710
Die lijkt op een soort overkleed dat
over een mantel heen wordt gedragen.

153
00:09:40,710 --> 00:09:42,390
Het is een bovenkleed.

154
00:09:42,390 --> 00:09:47,550
Er is een mantel, die helemaal blauw is,
en er is een kunstig geweven onderkleed,

155
00:09:47,550 --> 00:09:50,010
dat blijkbaar onder de
mantel wordt gedragen.

156
00:09:50,010 --> 00:09:54,030
Het onderkleed wordt direct op de
huid gedragen, onder de mantel.

157
00:09:54,030 --> 00:09:58,950
Dan is er een tulband en een gordel: de
gordel om hem bij zijn middel te omgorden

158
00:09:58,950 --> 00:10:01,590
en de tulband uiteraard op zijn hoofd.

159
00:10:01,590 --> 00:10:03,690
Sommige dingen worden hier niet genoemd.

160
00:10:03,690 --> 00:10:08,790
Er zijn ook kledingstukken die in de New
King James „trousers” worden genoemd.

161
00:10:08,790 --> 00:10:11,490
De King James noemt ze „breeches”.

162
00:10:11,490 --> 00:10:15,330
Ze lijken eigenlijk op
boxershorts, of ondergoed.

163
00:10:15,330 --> 00:10:17,130
De priesters droegen die.

164
00:10:17,130 --> 00:10:21,090
Ze droegen deze boxershorts
en vervolgens dit onderkleed,

165
00:10:21,090 --> 00:10:25,230
dat meer lijkt op een nachthemd dat
direct op de huid wordt gedragen.

166
00:10:25,230 --> 00:10:27,630
Daaroverheen kwam een blauwe mantel.

167
00:10:27,630 --> 00:10:29,730
Dit geldt voor de hogepriester.

168
00:10:29,730 --> 00:10:32,790
De blauwe mantel reikte tot aan de enkels.

169
00:10:32,790 --> 00:10:35,490
Daaroverheen werd de efod gedragen.

170
00:10:35,490 --> 00:10:38,430
De efod was gemaakt van twee stukken stof.

171
00:10:38,430 --> 00:10:41,790
Het ene hing aan de voorkant en
het andere aan de achterkant,

172
00:10:41,790 --> 00:10:44,370
waarschijnlijk tot aan
het middel of iets verder.

173
00:10:44,370 --> 00:10:48,330
Hij liep vanaf de schouders tot
aan — we weten niet precies hoever,

174
00:10:48,330 --> 00:10:52,950
maar ten minste tot aan het middel —
en werd met een gordel vastgebonden.

175
00:10:52,950 --> 00:10:56,790
Het kan zijn dat hij verder naar
beneden liep en dat de gordel hem boven

176
00:10:56,790 --> 00:10:58,710
zijn onderrand omsloot.

177
00:10:58,710 --> 00:11:02,370
Maar de efod bestond eenvoudigweg
uit twee stukken stof

178
00:11:02,370 --> 00:11:05,730
die bij de schouders aan elkaar
waren bevestigd met sluitingen

179
00:11:05,730 --> 00:11:09,030
waarop edelstenen zaten, onyxstenen.

180
00:11:09,030 --> 00:11:13,950
In de onyxstenen waren de namen van de
twaalf stammen van Israël gegraveerd,

181
00:11:13,950 --> 00:11:17,670
zes op de ene schouder en
zes op de andere schouder.

182
00:11:17,670 --> 00:11:21,990
De efod was dit kledingstuk dat
over de mantel werd gedragen.

183
00:11:21,990 --> 00:11:26,370
Daaroverheen, of ervoor, zat
dan de zogenaamde borsttas.

184
00:11:26,370 --> 00:11:31,770
Zoals ik al zei, was het een stoffen tas,
gemaakt van een dubbelgevouwen stuk stof.

185
00:11:31,770 --> 00:11:36,150
Het was een stuk stof dat tweemaal
zo lang was als het breed was,

186
00:11:36,150 --> 00:11:39,210
en de afmeting was één handbreedte.

187
00:11:39,210 --> 00:11:43,410
Een handbreedte was, zoals ik al
zei toen we het over ellen hadden,

188
00:11:43,410 --> 00:11:48,690
een benaderende maat en niet wat
wij een exacte maat zouden noemen.

189
00:11:48,690 --> 00:11:52,230
Een handbreedte was een
officiële maateenheid:

190
00:11:52,230 --> 00:11:56,850
als een man zijn hand uitstrekt, werd
de afstand van het topje van zijn duim

191
00:11:56,850 --> 00:12:00,510
tot het topje van zijn pink
een handbreedte genoemd.

192
00:12:00,510 --> 00:12:06,930
Traditioneel denkt men dat dit
ongeveer 21,5 of 23 centimeter was.

193
00:12:06,930 --> 00:12:09,630
De borsttas die op de borst werd gedragen,

194
00:12:09,630 --> 00:12:14,190
was na het opvouwen tot een tas
één handbreedte in het vierkant.

195
00:12:14,190 --> 00:12:18,630
Het stuk stof was in feite tweemaal
zo lang, maar het werd dubbelgevouwen,

196
00:12:18,630 --> 00:12:21,090
zodat het een vierkante tas werd.

197
00:12:21,090 --> 00:12:24,330
Die was met gouden kettingen
aan de hogepriester bevestigd,

198
00:12:24,330 --> 00:12:29,190
vanaf de twee bovenhoeken van deze tas
tot aan de onyxstenen op zijn schouders.

199
00:12:29,190 --> 00:12:32,130
De gouden kettingen droegen
het gewicht van de tas.

200
00:12:32,130 --> 00:12:36,510
De twee onderste hoeken waren met iets wat
op linten leek aan de gordel bevestigd.

201
00:12:36,510 --> 00:12:42,750
Aan de voorkant van de tas zaten twaalf
edelstenen, twaalf verschillende stenen.

202
00:12:42,750 --> 00:12:48,510
Ze stelden de twaalf stammen van Israël
voor en waren in vier rijen gerangschikt.

203
00:12:48,510 --> 00:12:52,590
Er waren er drie naast elkaar,
daaronder nog eens drie,

204
00:12:52,590 --> 00:12:56,790
daaronder nog eens drie en
daaronder nog eens drie.

205
00:12:56,790 --> 00:13:01,890
In de tas zaten twee voorwerpen die
de Urim en de Tummim werden genoemd.

206
00:13:01,890 --> 00:13:06,390
Die zijn enigszins mysterieus, omdat
de Bijbel eigenlijk nergens uitlegt

207
00:13:06,390 --> 00:13:07,710
wat ze zijn.

208
00:13:07,710 --> 00:13:10,890
We weten alleen iets over
waarvoor ze werden gebruikt,

209
00:13:10,890 --> 00:13:15,450
en er bestaan verschillende theorieën
over hoe ze hun functie vervulden.

210
00:13:15,450 --> 00:13:18,930
Maar dit is wat we nu uitvoerig
beschreven zullen zien.

211
00:13:18,930 --> 00:13:22,710
De priester draagt, zoals ik
al zei, een zogenaamde broek,

212
00:13:22,710 --> 00:13:27,210
die in werkelijkheid het ondergoed voor
de onderste helft van zijn lichaam is.

213
00:13:27,210 --> 00:13:31,770
Op de bovenste helft van zijn
lichaam is zijn ondergoed een tuniek.

214
00:13:31,770 --> 00:13:36,030
Ik stel me die voor als iets wat lijkt
op een nachthemd dat een man in bed

215
00:13:36,030 --> 00:13:37,590
zou kunnen dragen.

216
00:13:37,590 --> 00:13:40,290
Eigenlijk lijkt het meer op een T-shirt.

217
00:13:40,290 --> 00:13:42,930
Daaroverheen draagt
hij zijn blauwe mantel,

218
00:13:42,930 --> 00:13:45,870
die alles tot aan zijn enkels bedekt.

219
00:13:45,870 --> 00:13:48,030
Daaroverheen komt de efod.

220
00:13:48,030 --> 00:13:51,630
Die bestaat eenvoudigweg
uit deze twee stukken stof

221
00:13:51,630 --> 00:13:56,430
die bij de schouders door deze
onyxstenen met elkaar verbonden zijn.

222
00:13:56,430 --> 00:13:58,950
Ze hangen over een bepaalde
lengte naar beneden

223
00:13:58,950 --> 00:14:02,970
en zijn waarschijnlijk bij het
middel met de gordel vastgebonden.

224
00:14:02,970 --> 00:14:06,030
Er is ook de borsttas, of de tas.

225
00:14:06,030 --> 00:14:08,550
Sommigen zouden die het borststuk noemen.

226
00:14:08,550 --> 00:14:12,450
De King James en de New King
James noemen het de breastplate,

227
00:14:12,450 --> 00:14:16,830
maar sommigen beseffen dat het in
geen enkel opzicht een plaat is

228
00:14:16,830 --> 00:14:19,710
en hebben het daarom
vertaald als borststuk.

229
00:14:19,710 --> 00:14:22,590
Maar het is eenvoudigweg
een versierde tas met

230
00:14:22,590 --> 00:14:25,710
edelstenen die op de
voorkant zijn aangebracht,

231
00:14:25,710 --> 00:14:29,010
en met daarin de Urim en de Tummim.

232
00:14:29,010 --> 00:14:31,470
Verder droeg de priester een tulband.

233
00:14:31,470 --> 00:14:35,130
Wat evenmin in vers 4 wordt
genoemd, maar later wel,

234
00:14:35,130 --> 00:14:39,690
is dat er aan de voorkant van de
tulband een gouden plaat werd gedragen.

235
00:14:39,690 --> 00:14:44,310
Daarop waren de woorden gegraveerd
die je in vers 36 zult zien:

236
00:14:44,310 --> 00:14:48,810
U moet ook een plaat maken van
zuiver goud en daarin graveren,

237
00:14:48,810 --> 00:14:53,430
zoals men zegels graveert:
DE HEILIGHEID VAN DE HEERE.

238
00:14:53,430 --> 00:14:56,130
Dat is dus wat we beschreven zullen zien.

239
00:14:56,130 --> 00:14:59,370
Als je je dat allemaal kunt
voorstellen terwijl we het lezen,

240
00:14:59,370 --> 00:15:02,910
lezen we vanaf vers 5 eerst over de efod:

241
00:15:02,910 --> 00:15:08,490
En zíj moeten daarvoor het goud en
de blauwpurperen, de roodpurperen,

242
00:15:08,490 --> 00:15:12,750
en de scharlakenrode wol
en het fijn linnen nemen.

243
00:15:12,750 --> 00:15:17,010
Vervolgens moeten zij de efod
maken van goud, van blauwpurperen,

244
00:15:17,010 --> 00:15:22,830
roodpurperen en scharlakenrode wol
en van dubbeldraads fijn linnen,

245
00:15:22,830 --> 00:15:24,510
werk van een kunstenaar.

246
00:15:24,510 --> 00:15:26,970
Hij moet twee
schouderstukken hebben die de

247
00:15:26,970 --> 00:15:32,370
efod aan zijn beide uiteinden
bijeenhouden, zodat hij één geheel vormt.

248
00:15:32,370 --> 00:15:35,671
En de kunstige band van
zijn efod die erop vastzit ,

249
00:15:35,671 --> 00:15:41,430
moet op dezelfde manier gemaakt worden
en er één geheel mee vormen: van goud,

250
00:15:41,430 --> 00:15:45,690
blauwpurperen, roodpurperen
en scharlakenrode wol en

251
00:15:45,690 --> 00:15:47,310
dubbeldraads fijn linnen.

252
00:15:47,310 --> 00:15:52,590
Vervolgens moet u twee onyxstenen nemen
en daarin de namen van de zonen van

253
00:15:52,590 --> 00:15:57,450
Israël graveren: zes van
hun namen op de ene steen,

254
00:15:57,450 --> 00:16:01,350
en de namen van de zes
overige op de andere steen,

255
00:16:01,350 --> 00:16:03,930
in de volgorde van hun geboorte.

256
00:16:03,930 --> 00:16:09,030
Als werk van een graveerder van edel
stenen, zoals men zegels graveert,

257
00:16:09,030 --> 00:16:14,130
moet u de twee stenen graveren, met
de namen van de zonen van Israël.

258
00:16:14,130 --> 00:16:18,510
U moet ze zó maken dat ze
gevat zijn in gouden kassen.

259
00:16:18,510 --> 00:16:23,190
Dan moet u de twee stenen op de
schouderstukken van de efod bevestigen,

260
00:16:23,190 --> 00:16:26,190
als gedenkstenen voor de Israëlieten.

261
00:16:26,190 --> 00:16:30,150
Aäron moet hun namen namelijk ter
gedachtenis voor het aangezicht van de

262
00:16:30,150 --> 00:16:33,150
HEERE op zijn beide schouders dragen.

263
00:16:33,150 --> 00:16:38,010
U moet ook gouden kassen maken en
twee kettinkjes van zuiver goud.

264
00:16:38,010 --> 00:16:41,190
U moet ze ineengedraaid
maken, als vlechtwerk,

265
00:16:41,190 --> 00:16:44,790
en de gevlochten kettinkjes
vastmaken aan de kassen.

266
00:16:44,790 --> 00:16:47,670
Het is niet duidelijk
wat deze zettingen zijn.

267
00:16:47,670 --> 00:16:51,450
Blijkbaar zijn het de zettingen
voor de onyxstenen op de schouders.

268
00:16:51,450 --> 00:16:54,510
Maar de kettingen lopen er
kennelijk vanaf naar beneden

269
00:16:54,510 --> 00:16:59,190
om aan de borsttas te worden bevestigd,
zoals we hierna zullen lezen.

270
00:16:59,190 --> 00:17:00,690
Vers 15:

271
00:17:00,690 --> 00:17:05,610
Vervolgens moet u een borsttas van de
beslissing maken, werk van een kunstenaar.

272
00:17:05,610 --> 00:17:10,950
U moet hem maken op dezelfde manier als
de efod: van goud, van blauwpurperen,

273
00:17:10,950 --> 00:17:16,350
roodpurperen, en scharlakenrode wol ,
en van dubbeldraads fijn linnen moet

274
00:17:16,350 --> 00:17:17,850
u hem maken.

275
00:17:17,850 --> 00:17:20,790
Vierkant moet hij zijn
en dubbel gevouwen ,

276
00:17:20,790 --> 00:17:24,450
zijn lengte moet een span
zijn en zijn breedte een span.

277
00:17:24,450 --> 00:17:29,290
Dan moet u hem opvullen met een edel
steenvulling, vier rijen edel stenen:

278
00:17:29,290 --> 00:17:35,490
een rij van een robijn, een topaas en
een karbonkel; dit is de eerste rij.

279
00:17:35,490 --> 00:17:40,170
De tweede rij: een smaragd,
een saffier en een diamant.

280
00:17:40,170 --> 00:17:45,090
De derde rij: een hyacint,
een agaat en een amethist.

281
00:17:45,090 --> 00:17:50,430
Ten slotte de vierde rij: een
turkoois, een onyx en een jaspis;

282
00:17:50,430 --> 00:17:53,130
ze moeten in hun zettingen
in goud gevat zijn.

283
00:17:53,130 --> 00:17:55,770
En de stenen moeten twaalf in getal zijn,

284
00:17:55,770 --> 00:18:01,230
overeenkomstig de namen van de zonen
van Israël, overeenkomend met hun namen.

285
00:18:01,230 --> 00:18:05,850
De stenen moeten zegelgraveringen
krijgen, ieder met zijn naam.

286
00:18:05,850 --> 00:18:08,550
Zij zijn voor de twaalf stammen bestemd.

287
00:18:08,550 --> 00:18:12,270
Verder moet u op de borsttas
ineengedraaide kettinkjes maken,

288
00:18:12,270 --> 00:18:14,490
vlechtwerk van zuiver goud.

289
00:18:14,490 --> 00:18:18,150
Vervolgens moet u op de borsttas
twee gouden ringen maken,

290
00:18:18,150 --> 00:18:22,350
en de beide ringen vastmaken aan
de twee uiteinden van de borsttas.

291
00:18:22,350 --> 00:18:26,250
Dan moet u de beide gevlochten
gouden kettinkjes vastmaken aan de

292
00:18:26,250 --> 00:18:29,070
twee ringen aan de
uiteinden van de borsttas.

293
00:18:29,070 --> 00:18:33,510
Dan moet u de twee andere uiteinden van de
beide gevlochten kettinkjes vastmaken aan

294
00:18:33,510 --> 00:18:35,010
de twee kassen.

295
00:18:35,010 --> 00:18:39,930
U moet ze vastmaken aan de schouderstukken
van de efod, aan de voorkant ervan.

296
00:18:39,930 --> 00:18:44,670
U moet nog twee gouden ringen maken en ze
bevestigen aan de beide andere uiteinden

297
00:18:44,670 --> 00:18:48,750
van de borsttas, op de zoom ervan,
die aan de kant van de efod,

298
00:18:48,750 --> 00:18:50,430
aan de binnenkant ligt.

299
00:18:50,430 --> 00:18:54,930
Daarna moet u nogmaals twee gouden
ringen maken en ze vastmaken aan de beide

300
00:18:54,930 --> 00:18:58,830
schouderstukken van de efod,
van onderen af, aan de voorkant,

301
00:18:58,830 --> 00:19:02,670
dicht bij zijn verbinding, boven
op de kunstige band van de efod.

302
00:19:02,670 --> 00:19:06,270
Dit behoorde duidelijk tot de dingen
die Mozes al op de berg van het

303
00:19:06,270 --> 00:19:07,710
Visioen had gezien.

304
00:19:07,710 --> 00:19:11,910
Hij kon hun dus meer bijzonderheden geven
over hoe het er werkelijk uitzag dan

305
00:19:11,910 --> 00:19:13,350
wij hier aantreffen.

306
00:19:13,350 --> 00:19:15,750
We krijgen hier wel echt de voorschriften,

307
00:19:15,750 --> 00:19:19,290
maar we krijgen geen beschrijving
waarmee je je elk aspect ervan

308
00:19:19,290 --> 00:19:21,150
volledig kunt voorstellen.

309
00:19:21,150 --> 00:19:25,830
Terwijl ze deze gewaden maakten, moest
hij hun ook visuele informatie geven,

310
00:19:25,830 --> 00:19:28,410
zodat ze konden zien of ze het goed deden.

311
00:19:28,410 --> 00:19:32,250
Want volgens mij spreekt een deel van
de gegeven informatie niet helemaal voor

312
00:19:32,250 --> 00:19:36,330
zichzelf en moet je het ook
zien. Dat kunnen wij niet.

313
00:19:36,330 --> 00:19:39,390
In vers 28 staat dat ze de borsttas

314
00:19:39,390 --> 00:19:43,470
door middel van zijn ringen met een
blauwpurperen koord aan de ringen van de

315
00:19:43,470 --> 00:19:48,510
efod moeten vastbinden, zodat hij boven
de kunstig geweven band van de efod blijft

316
00:19:48,510 --> 00:19:51,510
en de borsttas niet van de efod losraakt.

317
00:19:51,510 --> 00:19:56,970
Dat zou dus betekenen dat de twee onderste
hoeken met een blauwpurperen koord of lint

318
00:19:56,970 --> 00:20:01,230
werden vastgebonden aan enkele ringen
die zich ergens rond de band van de efod

319
00:20:01,230 --> 00:20:04,110
bevonden, terwijl de
twee bovenste hoeken met

320
00:20:04,110 --> 00:20:06,870
gevlochten gouden
kettinkjes waren bevestigd.

321
00:20:06,870 --> 00:20:11,310
Dit waren geen kettingen die
eruitzagen als industriële kettingen.

322
00:20:11,310 --> 00:20:15,330
Het waren sieradenkettinkjes
van gevlochten goud.

323
00:20:15,330 --> 00:20:16,710
Nu staat er:

324
00:20:16,710 --> 00:20:21,870
Zo zal Aäron de namen van de zonen van
Israël op de borsttas van de beslissing,

325
00:20:21,870 --> 00:20:25,110
op zijn hart dragen, als hij
in het heiligdom binnenkomt,

326
00:20:25,110 --> 00:20:28,950
tot een voortdurende gedachtenis
voor het aangezicht van de HEERE.

327
00:20:28,950 --> 00:20:33,390
En u moet in de borsttas van de
beslissing de urim en de tummim doen,

328
00:20:33,390 --> 00:20:35,730
zodat die op het hart van Aäron zijn,

329
00:20:35,730 --> 00:20:38,850
als hij binnenkomt voor het
aangezicht van de HEERE.

330
00:20:38,850 --> 00:20:43,050
Zo zal Aäron de beslissing voor de
Israëlieten voortdurend op zijn hart

331
00:20:43,050 --> 00:20:45,870
dragen voor het aangezicht van de HEERE.

332
00:20:45,870 --> 00:20:49,290
Voordat we verder lezen, laten
we hier iets over zeggen.

333
00:20:49,290 --> 00:20:53,910
Het is niet mogelijk om van elk detail
van deze dingen een gezaghebbende

334
00:20:53,910 --> 00:20:55,650
interpretatie te geven.

335
00:20:55,650 --> 00:21:00,690
De genoemde kleuren van de gewaden, in
elk geval van de efod en de borsttas,

336
00:21:00,690 --> 00:21:04,590
zijn dezelfde kleuren die overheersen
in het doek van de tabernakel,

337
00:21:04,590 --> 00:21:06,870
de voorhangsels enzovoort.

338
00:21:06,870 --> 00:21:12,210
De overheersende kleuren zijn
blauwpurper, purper en scharlakenrood.

339
00:21:12,210 --> 00:21:16,830
Er wordt ons niet verteld hoe die kleuren
in de kleding met elkaar waren vermengd.

340
00:21:16,830 --> 00:21:20,190
Blijkbaar was er ook gouddraad
tussen die kleuren geweven,

341
00:21:20,190 --> 00:21:24,210
en ik weet evenmin precies
wat voor patroon dat vormde.

342
00:21:24,210 --> 00:21:30,150
In de gebruikte Engelse vertaling staat in
vers 2 dat deze gewaden bestemd waren voor

343
00:21:30,150 --> 00:21:35,370
‘glory and beauty’; de HSV spreekt
van waardigheid en aanzien.

344
00:21:35,370 --> 00:21:39,990
Het was de bedoeling om door de aanblik
van wat hij droeg visueel indruk te maken

345
00:21:39,990 --> 00:21:44,610
op de kinderen van Israël, zodat zij
de heerlijkheid en waardigheid van zijn

346
00:21:44,610 --> 00:21:46,350
ambt zouden beseffen.

347
00:21:46,350 --> 00:21:49,770
En aangezien de hogepriester
Christus vertegenwoordigt,

348
00:21:49,770 --> 00:21:55,050
was de aantrekkelijkheid van zijn gewaden
ongetwijfeld bedoeld om het volk Israël

349
00:21:55,050 --> 00:21:59,310
een beeld te geven van de schoonheid
van de Heere en van Zijn waardigheid.

350
00:21:59,310 --> 00:22:04,410
De onyxstenen op zijn schouders
droegen elk de ingegraveerde namen van

351
00:22:04,410 --> 00:22:06,450
zes van de stammen van Israël.

352
00:22:06,450 --> 00:22:09,510
Er wordt ons uitdrukkelijk
verteld dat dit zo was

353
00:22:09,510 --> 00:22:14,010
opdat hij de namen van de stammen van
Israël op zijn schouders zou dragen.

354
00:22:14,010 --> 00:22:17,010
Het idee is dat de last
van de bediening aan

355
00:22:17,010 --> 00:22:20,010
hen op de schouders van
de hogepriester rust.

356
00:22:20,010 --> 00:22:24,330
Je zou zelfs kunnen zeggen dat de last
van hun zonden op hem wordt gelegd,

357
00:22:24,330 --> 00:22:27,330
omdat hij als hun
vertegenwoordiger optreedt,

358
00:22:27,330 --> 00:22:30,450
als degene die verzoening
voor zonden gaat doen.

359
00:22:30,450 --> 00:22:34,410
Als het ware draagt hij het gewicht
van hun zonden op zijn schouders.

360
00:22:34,410 --> 00:22:39,750
Maar dan is er ook de tas die hij
op zijn borst draagt, de borsttas.

361
00:22:39,750 --> 00:22:45,090
Daarop zitten eveneens twaalf stenen met
daarop de namen van de twaalf stammen.

362
00:22:45,090 --> 00:22:48,150
Dat herinnert ons waarschijnlijk
aan het feit dat de stad,

363
00:22:48,150 --> 00:22:51,270
het Nieuwe Jeruzalem in Openbaring 21,

364
00:22:51,270 --> 00:22:56,490
twaalf fundamentstenen heeft en
dat elk daarvan een edelsteen is.

365
00:22:56,490 --> 00:23:00,210
Je zou misschien verwachten dat het
dezelfde edelstenen waren die hier op de

366
00:23:00,210 --> 00:23:03,270
borsttas worden genoemd,
maar dat is niet zo.

367
00:23:03,270 --> 00:23:06,810
Sommige komen overeen, maar
het is een andere reeks.

368
00:23:06,810 --> 00:23:11,490
In Openbaring 21 worden twaalf
edelstenen genoemd als de twaalf

369
00:23:11,490 --> 00:23:13,110
fundamenten van de stad.

370
00:23:13,110 --> 00:23:16,830
Die vertegenwoordigen echter niet
de twaalf stammen van Israël,

371
00:23:16,830 --> 00:23:20,670
maar de twaalf apostelen
van het Lam. Paulus zei:

372
00:23:20,670 --> 00:23:23,910
gebouwd op het fundament van
de apostelen en profeten,

373
00:23:23,910 --> 00:23:26,730
waarvan Jezus Christus
Zelf de hoeksteen is,

374
00:23:26,730 --> 00:23:30,510
En zo zien we dat de fundamenten van
de stad de apostelen voorstellen,

375
00:23:30,510 --> 00:23:33,810
die eveneens door twaalf
edelstenen worden uitgebeeld.

376
00:23:33,810 --> 00:23:36,930
Maar in dit geval stelt
een enigszins andere reeks

377
00:23:36,930 --> 00:23:41,790
edelstenen de twaalf stammen van Israël
voor, en hij draagt ze op zijn hart.

378
00:23:41,790 --> 00:23:46,470
Hij draagt dus de namen van de twaalf
stammen op zijn schouders en op zijn hart.

379
00:23:46,470 --> 00:23:51,570
Op zijn schouders stelt dit, neem ik aan,
de last van het volk voor die op hem rust,

380
00:23:51,570 --> 00:23:54,630
maar op zijn hart zijn zorg voor het volk.

381
00:23:54,630 --> 00:23:56,670
En als dit een beeld van Jezus is,

382
00:23:56,670 --> 00:24:00,750
dan draagt Jezus natuurlijk Zelf
de last van de schuld van de mens.

383
00:24:00,750 --> 00:24:03,330
In 2 Korinthe hoofdstuk 5 staat:

384
00:24:03,330 --> 00:24:08,010
Want Hem Die geen zonde gekend heeft,
heeft Hij voor ons tot zonde gemaakt,

385
00:24:08,010 --> 00:24:11,310
opdat wij zouden worden
gerechtigheid van God in Hem.

386
00:24:11,310 --> 00:24:16,230
En in 1 Petrus hoofdstuk 2, vers
24 staat dat Hij onze zonden

387
00:24:16,230 --> 00:24:19,470
in Zijn eigen lichaam aan
het hout gedragen heeft.

388
00:24:19,470 --> 00:24:23,490
1 Petrus 2:24 zegt over Jezus:

389
00:24:23,490 --> 00:24:28,230
Die Zelf onze zonden in Zijn lichaam
gedragen heeft op het hout, opdat wij,

390
00:24:28,230 --> 00:24:31,950
voor de zonden dood, voor de
gerechtigheid zouden leven.

391
00:24:31,950 --> 00:24:34,350
Door Zijn striemen bent u genezen.

392
00:24:34,350 --> 00:24:39,930
En zo droeg Christus onze zonden op Zich,
het gewicht en de last van onze nood,

393
00:24:39,930 --> 00:24:42,870
toen Hij verzoening voor
onze zonden bewerkte.

394
00:24:42,870 --> 00:24:46,170
Dat was een last die Hij droeg, onze last.

395
00:24:46,170 --> 00:24:50,010
En zo zouden de onyxstenen op
de schouder van de priester

396
00:24:50,010 --> 00:24:54,090
heel goed kunnen uitbeelden dat
de twaalf stammen en hun zonden,

397
00:24:54,090 --> 00:24:58,050
het gewicht van hun zonden, door
de hogepriester gedragen worden

398
00:24:58,050 --> 00:25:02,490
wanneer hij het heilige der heiligen
binnengaat om voor hen te pleiten.

399
00:25:02,490 --> 00:25:05,490
Maar hij draagt hen ook op zijn hart.

400
00:25:05,490 --> 00:25:10,890
Hoewel hij dus hun last draagt, doet
hij dat omdat zij op zijn hart liggen.

401
00:25:10,890 --> 00:25:14,010
Het is geen last die
hij met tegenzin draagt.

402
00:25:14,010 --> 00:25:19,470
Hij draagt die omdat zij het nodig
hebben en omdat hij om hen geeft.

403
00:25:19,470 --> 00:25:22,890
Zij zijn voortdurend
voor hem en op zijn hart.

404
00:25:22,890 --> 00:25:26,130
Dat wil zeggen: hij houdt van hen.

405
00:25:26,130 --> 00:25:30,450
En zo stellen de kledingstukken van
Aäron hier bepaalde dingen over Jezus,

406
00:25:30,450 --> 00:25:32,730
de Hogepriester, voor.

407
00:25:32,730 --> 00:25:36,510
Nu, de Urim en de Tummim
die in de tas zaten:

408
00:25:36,510 --> 00:25:41,490
de woorden Urim en Tummim zijn
beide Hebreeuwse meervoudsvormen.

409
00:25:41,490 --> 00:25:46,470
De uitgang ‘im’ aan het einde van
het woord duidt een meervoud aan.

410
00:25:46,470 --> 00:25:50,730
‘Ur’ betekent licht en
‘tum’ betekent volmaaktheid.

411
00:25:50,730 --> 00:25:55,470
De Urim en de Tummim betekenen dus
de lichten en de volmaaktheden.

412
00:25:55,470 --> 00:25:59,190
Wat dat precies betekent,
is beslist een mysterie.

413
00:25:59,190 --> 00:26:03,210
Het is in feite duidelijk dat de
Urim en de Tummim gebruikt werden

414
00:26:03,210 --> 00:26:06,630
om bij bepaalde zaken te
onderscheiden wat God dacht.

415
00:26:06,630 --> 00:26:09,750
Er was een moment waarop
David moest beslissen of hij

416
00:26:09,750 --> 00:26:13,950
ten strijde moest trekken, en hij liet
de priester de efod bij hem brengen.

417
00:26:13,950 --> 00:26:18,510
Aan de efod zat de tas, met
daarin de Urim en de Tummim,

418
00:26:18,510 --> 00:26:21,690
en hij kon de Urim en
de Tummim raadplegen.

419
00:26:21,690 --> 00:26:26,730
Het lijkt erop dat de Urim en de Tummim
middelen voor goddelijke leiding waren,

420
00:26:26,730 --> 00:26:31,110
maar het is niet bekend hoe die leiding
via deze middelen werd meegedeeld.

421
00:26:31,110 --> 00:26:36,510
Algemeen wordt aangenomen dat het een
soort stenen waren, misschien edelstenen,

422
00:26:36,510 --> 00:26:40,830
en dat ze op de een of andere manier
licht wierpen op de wil van God.

423
00:26:40,830 --> 00:26:45,390
Sommige mensen denken dat het zo eenvoudig
was als een steen uit de tas trekken.

424
00:26:45,390 --> 00:26:48,570
Je trekt een witte steen
en het antwoord is ja.

425
00:26:48,570 --> 00:26:51,990
Je trekt een zwarte steen
en het antwoord is nee.

426
00:26:51,990 --> 00:26:55,770
Het zou dus eigenlijk gewoon vergelijkbaar
zijn met het werpen van het lot,

427
00:26:55,770 --> 00:26:58,110
maar dan het heilig werpen van het lot.

428
00:26:58,110 --> 00:27:01,530
De ene steen komt eruit
en het antwoord is ja;

429
00:27:01,530 --> 00:27:05,010
de andere steen komt eruit
en het antwoord is nee.

430
00:27:05,010 --> 00:27:07,770
Er zou niets wonderbaarlijks
bij betrokken zijn.

431
00:27:07,770 --> 00:27:11,370
Het zou gewoon een kwestie zijn van
een steen uit de tas trekken en kijken

432
00:27:11,370 --> 00:27:12,750
welke je krijgt.

433
00:27:12,750 --> 00:27:17,310
Dat zou een mogelijke manier zijn waarop
de Urim en de Tummim hielpen om te

434
00:27:17,310 --> 00:27:23,850
onderscheiden wat God dacht, aangezien de
Bijbel elders, in Spreuken 16:33, zegt:

435
00:27:23,850 --> 00:27:26,010
Het lot wordt in de schoot geworpen,

436
00:27:26,010 --> 00:27:29,550
maar elke beslissing
daardoor komt van de HEERE.

437
00:27:29,550 --> 00:27:33,630
Misschien verwijst dat zelfs naar het
bijzondere goddelijke lot van de Urim en

438
00:27:33,630 --> 00:27:36,330
de Tummim. We weten het niet.

439
00:27:36,330 --> 00:27:39,990
Anderen zijn van mening dat er iets
bovennatuurlijkers aan de Urim en de

440
00:27:39,990 --> 00:27:43,950
Tummim was, iets wat
duidelijker bovennatuurlijk was.

441
00:27:43,950 --> 00:27:46,890
Omdat ze de lichten en de
volmaaktheden genoemd worden,

442
00:27:46,890 --> 00:27:50,130
denken sommige mensen dat ze
misschien op een bepaalde manier

443
00:27:50,130 --> 00:27:54,630
begonnen te gloeien om Gods gedachten
over een onderwerp bekend te maken.

444
00:27:54,630 --> 00:27:59,370
De ene zou dan gloeien als het antwoord ja
was en de andere als het antwoord nee was,

445
00:27:59,370 --> 00:28:00,810
of iets dergelijks.

446
00:28:00,810 --> 00:28:03,630
Maar dit is allemaal volkomen speculatief.

447
00:28:03,630 --> 00:28:08,430
Wat we wel weten, is dat ze gebruikt
werden om de wil van God te kennen.

448
00:28:08,430 --> 00:28:10,290
Blijkbaar werden ze niet meer zo vaak

449
00:28:10,290 --> 00:28:13,110
gebruikt nadat de orde
van profeten was ontstaan.

450
00:28:13,110 --> 00:28:17,850
Na de tijd van David lees je eigenlijk
nooit meer over de Urim en de Tummim.

451
00:28:17,850 --> 00:28:22,590
Maar je leest wel over de opkomst van
een nieuwe orde van personen in Israël,

452
00:28:22,590 --> 00:28:26,370
de profeten, in feite
rond de tijd van David.

453
00:28:26,370 --> 00:28:30,030
Het kan dus zijn dat de komst
van de profetische bediening,

454
00:28:30,030 --> 00:28:34,830
of het profetische ambt, de plaats
van de Urim en de Tummim innam.

455
00:28:34,830 --> 00:28:38,490
De priesters waren degenen die
de Urim en de Tummim hadden,

456
00:28:38,490 --> 00:28:42,870
en daarom zouden zij in die vroege
tijd degenen zijn geweest die leiding

457
00:28:42,870 --> 00:28:44,730
voor Israël ontvingen.

458
00:28:44,730 --> 00:28:49,110
De Urim en de Tummim bevinden zich
dus in de tas, in de borsttas,

459
00:28:49,110 --> 00:28:53,130
en dat is ongeveer alles wat we daar
op dit moment over kunnen zeggen.

460
00:28:53,130 --> 00:28:55,950
Laten we verdergaan met vers 31:

461
00:28:55,950 --> 00:29:01,050
U moet ook het bovenkleed van de efod
geheel van blauwpurperen wol maken.

462
00:29:01,050 --> 00:29:06,150
Het gewaad van de efod betekent het
gewaad dat onder de efod gedragen wordt.

463
00:29:06,150 --> 00:29:08,130
Het wordt het gewaad van de efod

464
00:29:08,130 --> 00:29:12,630
genoemd omdat het onderscheiden wordt
van de gewaden van de andere priesters.

465
00:29:12,630 --> 00:29:15,450
Alleen de hogepriester draagt een efod.

466
00:29:15,450 --> 00:29:20,670
De andere priesters dragen gewoon
normale gewaden, kennelijk witte gewaden.

467
00:29:20,670 --> 00:29:26,130
Maar het gewaad van de efod, het gewaad
van de hogepriester, is een blauw gewaad.

468
00:29:26,130 --> 00:29:29,490
Zijn halsopening moet dan
in het midden ervan zijn.

469
00:29:29,490 --> 00:29:33,870
Zijn opening moet rondom een
zoom hebben, werk van een wever.

470
00:29:33,870 --> 00:29:37,410
Het moet net zo'n opening hebben
als bij een leren pantser,

471
00:29:37,410 --> 00:29:39,510
zodat het niet kan inscheuren.

472
00:29:39,510 --> 00:29:44,430
De gebruikte Engelse vertaling vergelijkt
de halsopening met die van een ‘coat of

473
00:29:44,430 --> 00:29:48,750
mail’, een maliënkolder zoals
een ridder die zou dragen.

474
00:29:48,750 --> 00:29:52,590
De spreker verstaat dit als een
kledingstuk dat vanaf de hals uit

475
00:29:52,590 --> 00:29:56,970
één geheel is vervaardigd, in plaats
van uit afzonderlijke stukken stof

476
00:29:56,970 --> 00:30:00,390
die bij de schouders of elders
aan elkaar zijn genaaid.

477
00:30:00,390 --> 00:30:03,030
Dit is helemaal uit één stuk.

478
00:30:03,030 --> 00:30:05,790
Jezus droeg in feite ook zo’n gewaad.

479
00:30:05,790 --> 00:30:10,530
Ons wordt verteld dat iemand Hem
blijkbaar zo’n kledingstuk had gegeven,

480
00:30:10,530 --> 00:30:17,010
en Zijn kledingstuk was vanaf de hals naar
beneden helemaal uit één stuk geweven.

481
00:30:17,010 --> 00:30:21,690
En zo moest het gewaad van de
hogepriester zijn, zodat het niet scheurt.

482
00:30:21,690 --> 00:30:26,850
Vervolgens moet u op de zomen ervan
granaatappels van blauwpurperen,

483
00:30:26,850 --> 00:30:32,850
roodpurperen en scharlakenrode wol
maken, dus rondom op zijn zomen,

484
00:30:32,850 --> 00:30:36,630
en daartussenin gouden belletjes, rondom.

485
00:30:36,630 --> 00:30:40,050
Nu wordt aangenomen dat de
belletjes echte belletjes zijn

486
00:30:40,050 --> 00:30:42,750
en niet alleen afbeeldingen van belletjes.

487
00:30:42,750 --> 00:30:46,710
De granaatappels zijn
geen echte granaatappels.

488
00:30:46,710 --> 00:30:52,290
De granaatappels zijn slechts geborduurde
afbeeldingen van granaatappels,

489
00:30:52,290 --> 00:30:55,770
gemaakt met garen in deze
verschillende kleuren.

490
00:30:55,770 --> 00:31:00,330
Maar tussen de granaatappels zitten
blijkbaar echte kleine belletjes die

491
00:31:00,330 --> 00:31:02,790
werkelijk rinkelen. Er staat:

492
00:31:02,790 --> 00:31:06,270
Een gouden belletje,
daarna een granaatappel,

493
00:31:06,270 --> 00:31:09,750
dan weer een gouden belletje
en een granaatappel,

494
00:31:09,750 --> 00:31:12,690
rondom op de zomen van het bovenkleed.

495
00:31:12,690 --> 00:31:16,590
Aäron moet dat namelijk
dragen wanneer hij dienstdoet,

496
00:31:16,590 --> 00:31:21,210
zodat het geluid ervan gehoord wordt als
hij in het heiligdom binnenkomt voor het

497
00:31:21,210 --> 00:31:26,730
aangezicht van de HEERE, en als hij naar
buiten gaat, opdat hij niet zal sterven.

498
00:31:26,730 --> 00:31:30,330
— en daardoor weten we dat
het echte belletjes zijn

499
00:31:30,330 --> 00:31:32,731
en niet alleen afbeeldingen
van belletjes —

500
00:31:32,731 --> 00:31:35,130
Hij rinkelt dus wanneer hij loopt.

501
00:31:35,130 --> 00:31:38,790
Dat is blijkbaar omdat niemand hem
meer kan zien zodra hij door het

502
00:31:38,790 --> 00:31:40,590
voorhangsel is gegaan.

503
00:31:40,590 --> 00:31:44,430
Ze kunnen alleen horen of hij nog
leeft doordat hij nog beweegt en de

504
00:31:44,430 --> 00:31:46,230
belletjes nog rinkelen.

505
00:31:46,230 --> 00:31:50,190
Sommige mensen hebben geprobeerd de
granaatappels en de belletjes in verband

506
00:31:50,190 --> 00:31:54,330
te brengen met de vrucht van de
Geest en de gaven van de Geest.

507
00:31:54,330 --> 00:31:56,490
Ik weet niet of dat terecht is of niet,

508
00:31:56,490 --> 00:31:59,190
maar ik noem het omdat
sommigen hebben geopperd

509
00:31:59,190 --> 00:32:02,190
dat de granaatappels zijn
als de vrucht van de Geest

510
00:32:02,190 --> 00:32:05,070
en de belletjes als de gaven van de Geest.

511
00:32:05,070 --> 00:32:09,150
Ik weet eigenlijk niet goed welk verband
er gelegd kan worden tussen belletjes en

512
00:32:09,150 --> 00:32:10,890
de gaven van de Geest.

513
00:32:10,890 --> 00:32:15,930
Maar als dat een juist verband is,
wijzen zij erop dat die twee min of meer

514
00:32:15,930 --> 00:32:17,730
gelijk verdeeld zijn.

515
00:32:17,730 --> 00:32:22,290
Rond de zoom van het gewaad zit eerst
een belletje, dan een granaatappel,

516
00:32:22,290 --> 00:32:25,290
dan een belletje, dan een granaatappel.

517
00:32:25,290 --> 00:32:29,610
Als dat verband juist is, geeft
dit aan dat er een evenwicht is:

518
00:32:29,610 --> 00:32:33,630
er wordt verwacht dat de Geest Zich
evenzeer openbaart in de gaven als

519
00:32:33,630 --> 00:32:34,830
in de vrucht.

520
00:32:34,830 --> 00:32:39,870
Niet alleen de vrucht of alleen de gaven,
maar alle openbaringen van de Geest.

521
00:32:39,870 --> 00:32:41,430
Vers 36 zegt:

522
00:32:41,430 --> 00:32:45,450
U moet ook een plaat maken van
zuiver goud en daarin graveren,

523
00:32:45,450 --> 00:32:49,710
zoals men zegels graveert:
DE HEILIGHEID VAN DE HEERE.

524
00:32:49,710 --> 00:32:54,330
De gebruikte Engelse vertaling
heeft hier ‘Holiness to the Lord’.

525
00:32:54,330 --> 00:33:00,150
De spreker legt dat uit als: heilig,
oftewel voor de Heere apartgezet.

526
00:33:00,150 --> 00:33:03,510
Dat wordt aangegeven door de
woorden op deze gouden plaat.

527
00:33:03,510 --> 00:33:08,010
Die is met een blauwe band of een soort
blauw lint om de tulband gebonden.

528
00:33:08,010 --> 00:33:10,890
Daar zit deze gouden plaat waarop staat:

529
00:33:10,890 --> 00:33:14,670
Heilig voor de Heer, en alleen
de hogepriester draagt die.

530
00:33:14,670 --> 00:33:17,250
De andere priesters dragen die niet.

531
00:33:17,250 --> 00:33:20,490
Hij is in dat opzicht
werkelijk uniek en apart gezet,

532
00:33:20,490 --> 00:33:24,990
en hij is degene die meer dan de andere
priesters de last voor het volk draagt.

533
00:33:24,990 --> 00:33:28,890
U moet vervolgens het onderkleed
weven, van fijn linnen.

534
00:33:28,890 --> 00:33:31,770
U moet ook een tulband
van fijn linnen maken,

535
00:33:31,770 --> 00:33:34,830
maar de gordel moet u
van borduurwerk maken.

536
00:33:34,830 --> 00:33:39,210
Dat is het einde van de bespreking
van de kleding van de hogepriester.

537
00:33:39,210 --> 00:33:41,550
We moeten ook nog naar zijn zonen kijken.

538
00:33:41,550 --> 00:33:45,870
U moet voor de zonen van Aäron ook
onderkleren maken en u moet voor

539
00:33:45,870 --> 00:33:47,730
hen gordels maken.

540
00:33:47,730 --> 00:33:53,311
Ook moet u voor hen hoofddoeken maken
die hun waardigheid en aanzien geven .

541
00:33:53,311 --> 00:33:58,770
U moet ze uw broer Aäron en zijn zonen
met hem aantrekken en hen zalven,

542
00:33:58,770 --> 00:34:03,210
wijden en heiligen, zodat zij
Mij als priester kunnen dienen.

543
00:34:03,210 --> 00:34:07,710
Vervolgens moet u linnen broeken voor
hen maken om de schaamdelen te bedekken;

544
00:34:07,710 --> 00:34:10,530
ze moeten van de heupen
tot op de dijen reiken.

545
00:34:10,530 --> 00:34:14,790
Dat is misschien de enige concrete
aanwijzing die de Bijbel ooit geeft

546
00:34:14,790 --> 00:34:19,830
over wat bescheidenheid vereist wat
betreft zoomlengtes of iets dergelijks.

547
00:34:19,830 --> 00:34:23,790
De Bijbel brengt wel naar voren dat de
kleding van alle mensen bescheiden moet

548
00:34:23,790 --> 00:34:28,110
zijn, maar zegt eigenlijk nooit wat
bescheidenheid inhoudt of hoeveel van het

549
00:34:28,110 --> 00:34:31,650
lichaam bedekt moet zijn om
werkelijk bescheiden te zijn.

550
00:34:31,650 --> 00:34:36,270
God had eerder al Zijn zorg uitgesproken
dat ze geen altaar zouden maken waar ze

551
00:34:36,270 --> 00:34:37,650
met treden naartoe gingen.

552
00:34:37,650 --> 00:34:41,790
Weet je nog, ze moesten een
altaar van aarde maken en geen

553
00:34:41,790 --> 00:34:46,350
treden maken om ernaartoe te gaan, opdat
hun naaktheid niet gezien zou worden.

554
00:34:46,350 --> 00:34:49,050
Dat staat aan het einde van hoofdstuk 20.

555
00:34:49,050 --> 00:34:51,690
Hij zegt in vers 26:

556
00:34:51,690 --> 00:34:54,690
En u mag niet langs trappen
naar Mijn altaar klimmen,

557
00:34:54,690 --> 00:34:57,870
opdat uw naaktheid daarop
niet zichtbaar wordt.

558
00:34:57,870 --> 00:35:01,890
Blijkbaar kunnen mensen die beneden
staan naar boven kijken en iemands

559
00:35:01,890 --> 00:35:06,270
naaktheid zien, als diegene een
gewaad of iets dergelijks draagt en

560
00:35:06,270 --> 00:35:07,770
een trap oploopt.

561
00:35:07,770 --> 00:35:11,910
Maar om dat te voorkomen droegen
de priesters een soort onderbroek,

562
00:35:11,910 --> 00:35:15,870
die hier een broek wordt genoemd,
om hun naaktheid te bedekken.

563
00:35:15,870 --> 00:35:19,110
Het deel van hun naaktheid
dat bedekt moest worden,

564
00:35:19,110 --> 00:35:21,330
liep van hun middel tot hun dijen.

565
00:35:21,330 --> 00:35:23,730
Ik weet niet tot welk punt op de dijen,

566
00:35:23,730 --> 00:35:29,490
maar blijkbaar zou een surfshort volgens
deze maatstaven gepast en zedig zijn.

567
00:35:29,490 --> 00:35:33,030
Ik weet niet of dat voor
iedereen als regel moet gelden.

568
00:35:33,030 --> 00:35:36,810
Maar wanneer we de vagere verwijzingen
naar zedigheid tegenkomen,

569
00:35:36,810 --> 00:35:40,590
geeft dit ons wel enig idee van
wat ermee bedoeld wordt wanneer we

570
00:35:40,590 --> 00:35:42,390
over zedigheid spreken.

571
00:35:42,390 --> 00:35:47,730
God wilde dat hun naaktheid in elk geval
van hun middel tot hun dijen bedekt was.

572
00:35:47,730 --> 00:35:50,730
Aäron en zijn zonen
moeten ze namelijk dragen,

573
00:35:50,730 --> 00:35:53,070
als zij de tent van
ontmoeting binnenkomen,

574
00:35:53,070 --> 00:35:57,030
of als zij tot het altaar naderen
om in het heiligdom te dienen,

575
00:35:57,030 --> 00:36:00,990
opdat zij geen ongerechtigheid
op zich laden en sterven.

576
00:36:00,990 --> 00:36:05,730
Dit is een eeuwige verordening voor
hem en voor zijn nageslacht na hem.

577
00:36:05,730 --> 00:36:09,210
Dat wil zeggen: ze moeten
hun officiële kleding dragen,

578
00:36:09,210 --> 00:36:12,570
zodat ze niet sterven wanneer
ze de tabernakel binnengaan.

579
00:36:12,570 --> 00:36:15,630
Als ze daar in hun gewone
alledaagse kleren naar binnen gaan,

580
00:36:15,630 --> 00:36:17,250
zullen ze sterven.

581
00:36:17,250 --> 00:36:21,810
Hoofdstuk 29 beschrijft deze uitgebreide
ceremonie voor de wijding van

582
00:36:21,810 --> 00:36:23,610
Aäron en zijn zonen.

583
00:36:23,610 --> 00:36:27,870
Zoals ik al zei, wordt die pas
daadwerkelijk uitgevoerd in Leviticus 8,

584
00:36:27,870 --> 00:36:30,990
waar bijna al dezelfde
bijzonderheden worden gegeven.

585
00:36:30,990 --> 00:36:34,110
We zullen die behandelen
wanneer we bij Leviticus komen,

586
00:36:34,110 --> 00:36:36,330
dus ik wil er nu niet te veel over zeggen.

587
00:36:36,330 --> 00:36:40,470
Maar laten we het lezen, zodat we
van tevoren weten wat er gaat komen,

588
00:36:40,470 --> 00:36:44,850
aangezien het hier staat zodat we er
op dit punt mee vertrouwd kunnen raken.

589
00:36:44,850 --> 00:36:48,390
Dit nu is wat u met hen moet
doen om hen te heiligen,

590
00:36:48,390 --> 00:36:54,391
om Mij als priester te dienen: Neem één
jonge stier — het jong van een rund —

591
00:36:54,391 --> 00:36:57,150
en twee rammen zonder enig gebrek,

592
00:36:57,150 --> 00:36:59,970
Dit is hun wijdingsdienst als priesters.

593
00:36:59,970 --> 00:37:03,630
Ze zullen die nu niet uitvoeren;
ze zullen dat later doen.

594
00:37:03,630 --> 00:37:06,450
Maar dit is wat ze later zullen doen.

595
00:37:06,450 --> 00:37:10,290
ongezuurd brood, ongezuurde
koeken gemengd met olie,

596
00:37:10,290 --> 00:37:13,650
en ongezuurde platte
koeken met olie bestreken.

597
00:37:13,650 --> 00:37:15,810
U moet ze maken van meelbloem.

598
00:37:15,810 --> 00:37:20,550
U moet ze dan in één mand leggen en ze
in de mand naar het heiligdom brengen,

599
00:37:20,550 --> 00:37:23,490
evenals de jonge stier en de twee rammen.

600
00:37:23,490 --> 00:37:27,210
Vervolgens moeten Aäron en
zijn zonen bij de ingang van de

601
00:37:27,210 --> 00:37:29,910
tent van ontmoeting met
water worden gewassen.

602
00:37:29,910 --> 00:37:35,550
Daarna krijgt Aäron achtereenvolgens het
onderkleed, het bovenkleed van de efod,

603
00:37:35,550 --> 00:37:40,770
de efod en de borsttas aan en wordt
hem de kunstige band omgebonden.

604
00:37:40,770 --> 00:37:45,930
Vervolgens wordt de tulband met de heilige
diadeem opgezet — dat is de gouden plaat.

605
00:37:45,930 --> 00:37:49,410
Dan moet u de tulband op zijn hoofd
zetten en de heilige diadeem aan

606
00:37:49,410 --> 00:37:51,270
de tulband vastmaken.

607
00:37:51,270 --> 00:37:55,110
Dan moet u de zalfolie nemen
en die op zijn hoofd gieten.

608
00:37:55,110 --> 00:37:56,790
Zo moet u hem zalven.

609
00:37:56,790 --> 00:37:59,790
Ze zullen ook bloed op zijn
nieuwe kleren aanbrengen.

610
00:37:59,790 --> 00:38:03,330
Hij zal zijn splinternieuwe,
fraaie kleren aanhebben,

611
00:38:03,330 --> 00:38:06,330
en daar gieten ze overal olie overheen.

612
00:38:06,330 --> 00:38:09,090
Daarna zullen ze er ook
bloed op sprenkelen.

613
00:38:09,090 --> 00:38:12,810
Deze kleren zullen meteen vuil
worden, maar dat is belangrijk,

614
00:38:12,810 --> 00:38:17,370
want die zalfolie stelt de zalving
van de Heilige Geest op hem voor.

615
00:38:17,370 --> 00:38:20,610
Toen Jezus Zijn bediening
begon, werd Hij gedoopt

616
00:38:20,610 --> 00:38:25,110
en werd Hij gezalfd doordat de Heilige
Geest in de gedaante van een duif

617
00:38:25,110 --> 00:38:27,090
op Hem neerdaalde.

618
00:38:27,090 --> 00:38:31,890
Het uitgieten van de olie over Aärons
hoofd is daarmee te vergelijken.

619
00:38:31,890 --> 00:38:36,510
Blijkbaar brachten ze Aäron tijdens
een openbare ceremonie naar voren,

620
00:38:36,510 --> 00:38:40,230
en in het begin droeg hij
waarschijnlijk alleen die broek.

621
00:38:40,230 --> 00:38:44,490
Voor ons zou het vreemd zijn als de
voorganger bij zijn wijding in zijn

622
00:38:44,490 --> 00:38:46,230
ondergoed naar voren kwam.

623
00:38:46,230 --> 00:38:49,590
Maar dit ondergoed was
echt een kledingstuk.

624
00:38:49,590 --> 00:38:52,530
Het werd toevallig direct
op de huid gedragen.

625
00:38:52,530 --> 00:38:54,210
Het was niet onzedig.

626
00:38:54,210 --> 00:38:58,110
Het was juist bedoeld om
onzedigheid te voorkomen.

627
00:38:58,110 --> 00:39:01,650
Het was alsof iemand
tegenwoordig een surfshort droeg.

628
00:39:01,650 --> 00:39:04,950
De priester gaat dus naar
buiten terwijl hij die draagt.

629
00:39:04,950 --> 00:39:09,150
Vervolgens wassen ze zijn lichaam en
trekken ze hem zijn andere kledingstukken

630
00:39:09,150 --> 00:39:13,050
een voor een aan, blijkbaar
tijdens een openbare ceremonie.

631
00:39:13,050 --> 00:39:16,950
We zien in welke volgorde de verschillende
kledingstukken worden aangetrokken.

632
00:39:16,950 --> 00:39:20,850
Daardoor weten we dat het onderkleed
direct op de huid wordt gedragen

633
00:39:20,850 --> 00:39:25,230
en niet over andere kledingstukken
heen, want in vers 5 staat:

634
00:39:25,230 --> 00:39:29,250
Vervolgens moet u de kleding
nemen en Aäron het onderkleed,

635
00:39:29,250 --> 00:39:33,570
het bovenkleed van de efod, de
efod en de borsttas aantrekken

636
00:39:33,570 --> 00:39:36,510
en hem de kunstige band
van de efod ombinden.

637
00:39:36,510 --> 00:39:40,470
Hij heeft zijn broek al aan, dus
trekken ze hem het onderkleed aan.

638
00:39:40,470 --> 00:39:42,990
Nu draagt hij al zijn onderkleding.

639
00:39:42,990 --> 00:39:46,830
Daarna komt het gewaad, het
blauwe gewaad van de efod,

640
00:39:46,830 --> 00:39:50,370
vervolgens de efod zelf
en daarna de borsttas.

641
00:39:50,370 --> 00:39:55,350
Dan wikkel je de gordel, of de band,
om hem heen om alles bijeen te houden.

642
00:39:55,350 --> 00:39:59,370
Vervolgens zet je hem zijn tulband
op en bevestig je zijn gouden plaat

643
00:39:59,370 --> 00:40:00,870
op zijn voorhoofd.

644
00:40:00,870 --> 00:40:02,550
In vers 8 staat:

645
00:40:02,550 --> 00:40:06,450
Vervolgens moet u zijn zonen
naderbij laten komen en hen de

646
00:40:06,450 --> 00:40:08,370
onderkleren laten aantrekken.

647
00:40:08,370 --> 00:40:09,810
Dat is hetzelfde.

648
00:40:09,810 --> 00:40:13,770
Dan moet u hun de gordel
ombinden, Aäron en zijn zonen,

649
00:40:13,770 --> 00:40:17,490
en hun de hoofddoeken omwikkelen,
opdat zij het priesterambt bezitten als

650
00:40:17,490 --> 00:40:19,470
een eeuwige verordening.

651
00:40:19,470 --> 00:40:23,010
Zo moet u Aäron en zijn
zonen tot priester wijden.

652
00:40:23,010 --> 00:40:27,210
Ik wil terzijde nog iets zeggen,
omdat veel mensen zich dit afvragen.

653
00:40:27,210 --> 00:40:29,970
In 1 Korinthe 11 geeft
Paulus de Korinthiërs

654
00:40:29,970 --> 00:40:32,310
aanwijzingen over hoofdbedekking.

655
00:40:32,310 --> 00:40:37,230
Paulus stelt als regel dat het een schande
is als een man met bedekt hoofd bidt of

656
00:40:37,230 --> 00:40:41,430
profeteert, en dat het een schande
is als een vrouw met onbedekt hoofd

657
00:40:41,430 --> 00:40:43,290
bidt of profeteert.

658
00:40:43,290 --> 00:40:46,050
Dit geldt ook voor zaken
als de lengte van het haar.

659
00:40:46,050 --> 00:40:51,510
Het is een schande als een vrouw haar
haar afknipt of haar hoofd kaal scheert,

660
00:40:51,510 --> 00:40:55,470
en het is een schande als
een man lang haar heeft.

661
00:40:55,470 --> 00:41:00,510
De vraag die vaak opkomt over deze
aanwijzingen in 1 Korinthe 11 is:

662
00:41:00,510 --> 00:41:05,130
zijn dit universele regels,
of zijn het culturele regels?

663
00:41:05,130 --> 00:41:09,330
Draagt Paulus de Korinthiërs op zich te
houden aan de culturele verwachtingen

664
00:41:09,330 --> 00:41:13,230
over hoe mannen en vrouwen
zich in hun cultuur in Korinthe

665
00:41:13,230 --> 00:41:15,930
behoren te kleden en te gedragen?

666
00:41:15,930 --> 00:41:21,870
Of is dit een of ander universeel beginsel
waarvan God verwacht dat alle mensen van

667
00:41:21,870 --> 00:41:24,090
alle tijden het in acht nemen?

668
00:41:24,090 --> 00:41:28,470
Als het universeel is, mogen
vrouwen hun haar nooit kort hebben,

669
00:41:28,470 --> 00:41:31,110
mogen mannen hun haar nooit lang hebben,

670
00:41:31,110 --> 00:41:35,790
mogen vrouwen nooit bidden of
profeteren met een onbedekt hoofd

671
00:41:35,790 --> 00:41:39,990
en mogen mannen nooit bidden of
profeteren met een bedekt hoofd.

672
00:41:39,990 --> 00:41:43,950
Er zijn zeker mensen die zulke
dingen geloven: mennonieten,

673
00:41:43,950 --> 00:41:46,170
rooms-katholieken en anderen.

674
00:41:46,170 --> 00:41:49,890
De vrouwen bedekken hun hoofd
wanneer ze naar de kerk gaan.

675
00:41:49,890 --> 00:41:53,610
Soms bedekken mennonitische
vrouwen hun hoofd voortdurend,

676
00:41:53,610 --> 00:41:55,650
en mannen doen dat natuurlijk niet.

677
00:41:55,650 --> 00:41:59,730
Ook wat de haarlengte betreft,
volgen ze de gebruiken die Paulus in

678
00:41:59,730 --> 00:42:01,590
1 Korinthe 11 noemde.

679
00:42:01,590 --> 00:42:07,290
Aan het einde van Paulus’ bespreking in
1 Korinthe 11, in vers 16, zegt Paulus:

680
00:42:07,290 --> 00:42:09,870
Maar als iemand op
twist uit lijkt te zijn,

681
00:42:09,870 --> 00:42:14,730
wij hebben een dergelijke gewoonte
niet, en de gemeenten van God evenmin.

682
00:42:14,730 --> 00:42:18,870
Dit lijkt te betekenen: deze
gebruiken die ik jullie aanraad,

683
00:42:18,870 --> 00:42:21,390
zijn geen universele gebruiken.

684
00:42:21,390 --> 00:42:24,690
Wij hebben ze niet en andere
gemeenten hebben ze ook niet.

685
00:42:24,690 --> 00:42:29,250
We kunnen zien dat er geen universeel
geestelijk beginsel bestaat waardoor God

686
00:42:29,250 --> 00:42:33,030
er bezwaar tegen heeft dat een
man bidt met een bedekt hoofd.

687
00:42:33,030 --> 00:42:37,710
De hogepriester en de priesters
moesten namelijk hoofdbedekking dragen.

688
00:42:37,710 --> 00:42:41,550
Ze waren verplicht tulbanden en
hoofddeksels te dragen wanneer ze

689
00:42:41,550 --> 00:42:42,870
de Heere dienden.

690
00:42:42,870 --> 00:42:45,990
Daaronder vielen ook hun
gebeden en alle vormen van

691
00:42:45,990 --> 00:42:48,210
geestelijke bediening die ze verrichtten.

692
00:42:48,210 --> 00:42:51,990
Het feit dat God gebood dat ze hun
bediening met een bedekt hoofd moesten

693
00:42:51,990 --> 00:42:55,950
verrichten, bewijst dus dat er in
Gods gedachten niet een of andere

694
00:42:55,950 --> 00:43:00,390
ethische regel bestaat dat mannen
nooit hun hoofd bedekt mogen hebben.

695
00:43:00,390 --> 00:43:04,770
Als dat waar is, dan zijn de dingen
die Paulus in 1 Korinthe 11 zei

696
00:43:04,770 --> 00:43:07,350
cultureel en niet universeel.

697
00:43:07,350 --> 00:43:10,890
Dat zou ook gelden voor alle
andere dingen die hij daarover zei.

698
00:43:10,890 --> 00:43:15,450
Vrouwen die hoofdbedekking dragen,
vrouwen die hun haar lang dragen,

699
00:43:15,450 --> 00:43:20,310
mannen die geen hoofdbedekking dragen
en mannen die hun haar kort dragen:

700
00:43:20,310 --> 00:43:25,170
dat zijn allemaal gebruiken van Korinthe
waarvan Paulus wilde dat ze die volgden.

701
00:43:25,170 --> 00:43:29,310
Zo zouden ze de mensen in hun omgeving
niet voor het hoofd stoten met gedrag

702
00:43:29,310 --> 00:43:30,930
dat ongepast leek.

703
00:43:30,930 --> 00:43:33,630
Maar niet alle gemeenten
hadden die gebruiken, zei hij.

704
00:43:33,630 --> 00:43:37,050
Paulus heeft zelf trouwens
een nazireeërgelofte afgelegd,

705
00:43:37,050 --> 00:43:40,710
wat betekent dat hij zijn
haar enigszins liet groeien.

706
00:43:40,710 --> 00:43:44,310
Een nazireeër knipte zijn
haar een bepaalde tijd niet,

707
00:43:44,310 --> 00:43:47,610
en dat betekende dat
zijn haar langer werd.

708
00:43:47,610 --> 00:43:51,270
Paulus deed dat overigens
terwijl hij in Korinthe was.

709
00:43:51,270 --> 00:43:56,790
Hij beëindigde die gelofte in Handelingen
18:18, toen hij Korinthe verliet.

710
00:43:56,790 --> 00:44:00,510
Aan het einde van de gelofte
schoor hij zijn hoofd kaal.

711
00:44:00,510 --> 00:44:04,110
We zullen later in het boek
Numeri over die geloften lezen.

712
00:44:04,110 --> 00:44:08,850
Ik wijs hierop omdat het deel uitmaakte
van de voorschriften dat de priesters hun

713
00:44:08,850 --> 00:44:11,790
hoofd bedekt moesten
hebben terwijl ze baden.

714
00:44:11,790 --> 00:44:17,430
Dat zou in strijd zijn met de aanwijzingen
van 1 Korinthe 11 en laat daarom zien dat

715
00:44:17,430 --> 00:44:20,910
1 Korinthe 11 niet een
of andere universele,

716
00:44:20,910 --> 00:44:24,570
boven de cultuur uitstijgende
wet van God beschrijft.

717
00:44:24,570 --> 00:44:25,710
Vers 10:

718
00:44:25,710 --> 00:44:31,590
Vervolgens moet u de jonge stier naderbij
laten komen, vóór de tent van ontmoeting,

719
00:44:31,590 --> 00:44:36,810
en Aäron en zijn zonen moeten hun handen
op de kop van de jonge stier leggen.

720
00:44:36,810 --> 00:44:41,250
Het werd gebruikelijk om vóór het
offeren de handen op een dier te leggen,

721
00:44:41,250 --> 00:44:44,430
maar in de meeste gevallen
staat er eigenlijk niet waarom.

722
00:44:44,430 --> 00:44:48,810
Wanneer Leviticus 1 tot en met 7
over de verschillende offers spreekt,

723
00:44:48,810 --> 00:44:52,050
legt de priester altijd zijn
hand op de kop van het dier

724
00:44:52,050 --> 00:44:53,670
voordat het wordt geslacht.

725
00:44:53,670 --> 00:44:58,290
Maar in die gedeelten wordt ons nooit
echt verteld waarom dat gebeurt.

726
00:44:58,290 --> 00:45:00,510
Wat betekent het om de
hand erop te leggen?

727
00:45:00,510 --> 00:45:04,230
Dat lijkt echter wel geopenbaard te worden
in een van de gedeelten over een van de

728
00:45:04,230 --> 00:45:09,570
rituelen, namelijk het ritueel van
de Grote Verzoendag in Leviticus 16.

729
00:45:09,570 --> 00:45:12,870
Ook daar worden de handen op
de kop van het dier gelegd.

730
00:45:12,870 --> 00:45:15,630
In Leviticus 16:7 staat:

731
00:45:15,630 --> 00:45:20,730
Hij moet ook de beide bokken nemen en die
voor het aangezicht van de HEERE plaatsen,

732
00:45:20,730 --> 00:45:23,430
bij de ingang van de tent van ontmoeting.

733
00:45:23,430 --> 00:45:27,390
Vervolgens moet Aäron de
stier brengen, enzovoort.

734
00:45:27,390 --> 00:45:29,310
Vers 21 zegt:

735
00:45:29,310 --> 00:45:33,150
Aäron moet zijn beide handen op
de kop van de levende bok leggen

736
00:45:33,150 --> 00:45:36,510
en al de ongerechtigheden
van de Israëlieten belijden,

737
00:45:36,510 --> 00:45:40,350
al hun overtredingen,
overeenkomstig al hun zonden.

738
00:45:40,350 --> 00:45:44,310
Hij moet die op de kop van de bok
leggen en hem door de hand van een man,

739
00:45:44,310 --> 00:45:47,790
die daarvoor gereedstaat,
de woestijn in sturen.

740
00:45:47,790 --> 00:45:51,630
Dit is de enige plaats waar werkelijk
wordt uitgelegd wat het betekent

741
00:45:51,630 --> 00:45:54,390
om de hand op de kop
van het dier te leggen.

742
00:45:54,390 --> 00:45:57,510
Door dat te doen, leg je
de zonden op het dier.

743
00:45:57,510 --> 00:46:02,490
Tot het ritueel behoorde dat men de hand
op het dier legde en de zonden beleed.

744
00:46:02,490 --> 00:46:05,730
Bij het belijden van de
zonden is het alsof je zegt:

745
00:46:05,730 --> 00:46:11,010
„Ik breng al deze zonden die beleden
worden, via deze hand over op dit dier.”

746
00:46:11,010 --> 00:46:15,330
Het dier wordt dan officieel schuldig
en wordt gedood als plaatsvervanger,

747
00:46:15,330 --> 00:46:17,190
als offer voor de zonden.

748
00:46:17,190 --> 00:46:20,610
Dat is blijkbaar wat dit leggen
van de hand op het dier betekent.

749
00:46:20,610 --> 00:46:24,930
Het is een overdracht van de schuld van
de aanbidder op het dier, zodat het dier,

750
00:46:24,930 --> 00:46:29,130
wanneer het sterft, sterft in de plaats
van de persoon die het aanbiedt en

751
00:46:29,130 --> 00:46:30,150
voor diens zonden.

752
00:46:30,150 --> 00:46:33,030
In dit geval zijn dat Aäron en zijn zonen,

753
00:46:33,030 --> 00:46:36,750
want zij hebben zelf zonden
waarvan ze gereinigd moeten worden.

754
00:46:36,750 --> 00:46:40,350
Later zullen zij dit doen
namens individuele aanbidders

755
00:46:40,350 --> 00:46:42,810
die hun offers naar de tabernakel brengen.

756
00:46:42,810 --> 00:46:46,950
De priester zal zijn handen erop
leggen, en de mensen zullen er, denk ik,

757
00:46:46,950 --> 00:46:48,690
ook hun handen op leggen.

758
00:46:48,690 --> 00:46:51,630
Op die manier worden
de zonden overgedragen.

759
00:46:51,630 --> 00:46:56,370
Maar deze keer zijn het Aäron en zijn
zonen die gereinigd moeten worden.

760
00:46:56,370 --> 00:46:58,650
Daarom leggen zij hun handen op de stier,

761
00:46:58,650 --> 00:47:01,890
waardoor hun schuld op de
stier wordt overgedragen.

762
00:47:01,890 --> 00:47:03,750
Het is alleen symbolisch.

763
00:47:03,750 --> 00:47:07,470
Je kunt schuld niet werkelijk van
jezelf op een dier overdragen,

764
00:47:07,470 --> 00:47:09,570
of trouwens op enig ander mens.

765
00:47:09,570 --> 00:47:14,250
Maar het symboliseert het feit dat
onze schuld op Christus wordt gelegd.

766
00:47:14,250 --> 00:47:19,230
Daarom sterft Hij als offer, als
plaatsvervanger die de straffen ondergaat

767
00:47:19,230 --> 00:47:21,870
die wij vanwege onze zonden verdienen.

768
00:47:21,870 --> 00:47:25,590
Dan moet u de jonge stier voor het
aangezicht van de HEERE slachten,

769
00:47:25,590 --> 00:47:28,110
bij de ingang van de tent van ontmoeting.

770
00:47:28,110 --> 00:47:31,350
Vervolgens moet u een deel van het
bloed van de jonge stier nemen,

771
00:47:31,350 --> 00:47:34,950
en dat met uw vinger op de
hoorns van het altaar strijken.

772
00:47:34,950 --> 00:47:39,450
Al het overige bloed moet u dan aan
de voet van het altaar uitgieten.

773
00:47:39,450 --> 00:47:42,330
Dan moet u al het vet
dat de ingewanden bedekt,

774
00:47:42,330 --> 00:47:46,530
het net over de lever en de beide
nieren met het vet dat eraan vastzit,

775
00:47:46,530 --> 00:47:49,890
nemen en op het altaar
in rook laten opgaan.

776
00:47:49,890 --> 00:47:53,010
Maar het vlees van de jonge
stier, zijn huid en zijn

777
00:47:53,010 --> 00:47:58,170
mest moet u buiten het kamp met vuur
verbranden: het is een zondoffer.

778
00:47:58,170 --> 00:48:02,250
Later in Leviticus krijgen we nog
meer voorschriften over zondoffers.

779
00:48:02,250 --> 00:48:05,250
Maar een deel van het offer
wordt op het altaar geofferd,

780
00:48:05,250 --> 00:48:08,370
en een ander deel wordt
als onrein behandeld,

781
00:48:08,370 --> 00:48:11,430
buiten het kamp gebracht en daar verbrand.

782
00:48:11,430 --> 00:48:15,990
De schrijver van de Hebreeënbrief
benadrukt in hoofdstuk 13 zelfs dat

783
00:48:15,990 --> 00:48:20,730
Christus buiten het kamp werd
gebracht en daar werd gekruisigd.

784
00:48:20,730 --> 00:48:25,590
Dat geeft aan dat Israël Hem
behandelde alsof Hij onrein was.

785
00:48:25,590 --> 00:48:30,690
Het onreine deel van het dier, of het
deel dat niet aan God geofferd kon worden,

786
00:48:30,690 --> 00:48:34,650
werd buiten het kamp verbrand,
niet in de tabernakel.

787
00:48:34,650 --> 00:48:39,450
Zo werd ook Christus buiten het
kamp gekruisigd, buiten de stad.

788
00:48:39,450 --> 00:48:42,210
En de schrijver van de Hebreeënbrief zegt:

789
00:48:42,210 --> 00:48:47,730
Laten wij dan naar Hem uitgaan buiten
de legerplaats en Zijn smaad dragen.

790
00:48:47,730 --> 00:48:50,610
Hij wordt behandeld alsof Hij onrein was.

791
00:48:50,610 --> 00:48:53,610
En ook wij moeten misschien
als onrein behandeld worden

792
00:48:53,610 --> 00:48:56,190
door degenen die Hem verworpen hebben.

793
00:48:56,190 --> 00:48:58,350
En er staat in vers 15:

794
00:48:58,350 --> 00:49:03,270
Vervolgens moet u de ene ram nemen, en
Aäron en zijn zonen moeten hun handen op

795
00:49:03,270 --> 00:49:05,190
de kop van de ram leggen.

796
00:49:05,190 --> 00:49:10,890
U moet de ram slachten, zijn bloed nemen
en dat rondom op het altaar sprenkelen.

797
00:49:10,890 --> 00:49:13,230
Dan moet u de ram in stukken verdelen,

798
00:49:13,230 --> 00:49:18,690
zijn ingewanden en zijn poten wassen en
die op zijn stukken en zijn kop leggen.

799
00:49:18,690 --> 00:49:22,230
U moet ten slotte de hele ram op
het altaar in rook laten opgaan.

800
00:49:22,230 --> 00:49:26,730
Het is een brandoffer voor
de HEERE, een aangename geur.

801
00:49:26,730 --> 00:49:29,190
Het is een vuuroffer voor de HEERE.

802
00:49:29,190 --> 00:49:31,590
Dat is iets anders dan een zondoffer.

803
00:49:31,590 --> 00:49:36,450
De stier wordt als zondoffer geofferd,
in de verzen 10 tot en met 14.

804
00:49:36,450 --> 00:49:40,950
Maar wanneer deze eerste ram wordt
gedood, wordt hij een brandoffer genoemd,

805
00:49:40,950 --> 00:49:42,570
een volledig brandoffer.

806
00:49:42,570 --> 00:49:46,110
Ook hierover zullen we later
meer voorschriften lezen,

807
00:49:46,110 --> 00:49:50,610
over volledige brandoffers, in de
eerste hoofdstukken van Leviticus.

808
00:49:50,610 --> 00:49:53,670
Hij werd volledig voor de Heere verbrand.

809
00:49:53,670 --> 00:49:54,690
Vers 19:

810
00:49:54,690 --> 00:49:59,430
En u moet de andere ram nemen en Aäron en
zijn zonen moeten hun handen op de kop van

811
00:49:59,430 --> 00:50:00,690
de ram leggen.

812
00:50:00,690 --> 00:50:04,350
U moet de ram slachten, wat
van zijn bloed nemen en dat

813
00:50:04,350 --> 00:50:09,390
strijken op de rechter oorlel van Aäron
en op de rechteroorlel van zijn zonen,

814
00:50:09,390 --> 00:50:14,310
op de duim van hun rechterhand en op
de grote teen van hun rechtervoet.

815
00:50:14,310 --> 00:50:18,750
Daarna moet u het overige bloed
rondom op het altaar sprenkelen.

816
00:50:18,750 --> 00:50:23,250
Dan moet u wat van het bloed nemen dat
op het altaar is, en van de zalfolie,

817
00:50:23,250 --> 00:50:26,310
en dat sprenkelen op
Aäron, op zijn kleding,

818
00:50:26,310 --> 00:50:30,270
op zijn zonen en op de kleding
van zijn zonen met hem.

819
00:50:30,270 --> 00:50:34,050
Dan zal hij geheiligd
zijn, hij, zijn kleding,

820
00:50:34,050 --> 00:50:38,130
zijn zonen en de kleding
van zijn zonen met hem.

821
00:50:38,130 --> 00:50:41,730
Neem vervolgens het vet
van de ram, de vetstaart,

822
00:50:41,730 --> 00:50:46,110
het vet dat de ingewanden bedekt,
het aanhangsel aan de lever,

823
00:50:46,110 --> 00:50:50,250
de beide nieren met het vet
eraan en de rechterachterbout,

824
00:50:50,250 --> 00:50:52,590
want het is een ram ter inwijding.

825
00:50:52,590 --> 00:50:57,510
Neem ook één rond brood, één
met olie bereid brood en één

826
00:50:57,510 --> 00:51:01,350
platte koek uit de mand met ongezuurd
brood die voor het aangezicht van

827
00:51:01,350 --> 00:51:02,970
de HEERE staat.

828
00:51:02,970 --> 00:51:06,150
Leg dit alles in de handen
van Aäron en zijn zonen

829
00:51:06,150 --> 00:51:10,170
en beweeg het als beweegoffer
voor het aangezicht van de HEERE.

830
00:51:10,170 --> 00:51:14,070
Neem het daarna weer uit hun
handen en laat het op het altaar,

831
00:51:14,070 --> 00:51:17,310
boven op het brandoffer,
in rook opgaan als een

832
00:51:17,310 --> 00:51:20,550
aangename geur voor het
aangezicht van de HEERE.

833
00:51:20,550 --> 00:51:23,070
Het is een vuuroffer voor de HEERE.

834
00:51:23,070 --> 00:51:26,670
De eerste ram wordt dus gewoon
volledig verbrand nadat zijn

835
00:51:26,670 --> 00:51:29,130
poten en ingewanden gewassen zijn.

836
00:51:29,130 --> 00:51:33,090
Bij de tweede ram wordt het bloed op
verschillende manieren aangebracht.

837
00:51:33,090 --> 00:51:36,990
Allereerst wordt er bloed op de
horens van het altaar aangebracht.

838
00:51:36,990 --> 00:51:39,990
Ook wordt er bloed aangebracht
op de rechteroorlel,

839
00:51:39,990 --> 00:51:45,090
de rechterduim en de rechtergrote
teen van Aäron en zijn zonen.

840
00:51:45,090 --> 00:51:49,230
Vervolgens worden bepaalde delen
van het dier voor de Heere bewogen.

841
00:51:49,230 --> 00:51:52,950
Blijkbaar worden ze omhooggehouden
en heen en weer bewogen,

842
00:51:52,950 --> 00:51:57,150
alsof daarmee wordt aangegeven:
„Dit wordt aan God geofferd.”

843
00:51:57,150 --> 00:52:00,510
Daarna geven zij die
delen terug aan Mozes.

844
00:52:00,510 --> 00:52:04,830
Bij deze plechtigheid treedt
Mozes tijdelijk op als priester,

845
00:52:04,830 --> 00:52:07,710
en hij verbrandt die delen op het altaar.

846
00:52:07,710 --> 00:52:13,650
Het oor, de duim en de teen — het is niet
zo moeilijk te bedenken wat die betekenen.

847
00:52:13,650 --> 00:52:16,290
Het oor staat natuurlijk voor horen.

848
00:52:16,290 --> 00:52:21,150
De duim, of de hand, staat voor
je daden, en de teen, of de voet,

849
00:52:21,150 --> 00:52:23,730
staat voor de manier waarop je wandelt.

850
00:52:23,730 --> 00:52:26,370
En ze moeten met bloed gereinigd worden.

851
00:52:26,370 --> 00:52:28,770
Er moet verzoening voor worden gedaan.

852
00:52:28,770 --> 00:52:31,410
Ook zal de olie erop worden aangebracht.

853
00:52:31,410 --> 00:52:36,030
Het bloed en de olie staan natuurlijk
voor de verzoening en de zalving.

854
00:52:36,030 --> 00:52:39,510
En voor christenen moet er natuurlijk
verzoening worden gedaan door het bloed

855
00:52:39,510 --> 00:52:44,370
van Christus, en zij moeten gezalfd en
vervuld worden met de Heilige Geest.

856
00:52:44,370 --> 00:52:48,450
Het aanbrengen van bloed en olie
staat dus voor deze twee dingen,

857
00:52:48,450 --> 00:52:52,590
die tamelijk onmiskenbaar zijn
en niet zo moeilijk te begrijpen.

858
00:52:52,590 --> 00:52:55,350
En de zalving van het
oor met bloed en olie

859
00:52:55,350 --> 00:52:59,910
wijst erop dat het oor gereinigd en
gezalfd moet worden om God te horen.

860
00:52:59,910 --> 00:53:03,870
En de handen en de voeten moeten
eveneens gereinigd en gezalfd worden

861
00:53:03,870 --> 00:53:06,570
om God te dienen en met God te wandelen.

862
00:53:06,570 --> 00:53:10,410
Een mens moet met God wandelen,
een mens moet God dienen

863
00:53:10,410 --> 00:53:12,990
en een mens moet van God horen.

864
00:53:12,990 --> 00:53:18,090
Zijn oren en de andere lichaamsdelen die
op deze manier aan God worden aangeboden,

865
00:53:18,090 --> 00:53:20,250
de delen waarmee hij met God omgaat,

866
00:53:20,250 --> 00:53:24,390
moeten gereinigd en gezalfd
worden met bloed en met olie.

867
00:53:24,390 --> 00:53:28,170
Laten we een stukje overslaan,
want dit wordt nogal lang.

868
00:53:28,170 --> 00:53:30,270
Er staat in vers 29:

869
00:53:30,270 --> 00:53:35,610
En de geheiligde kleding die van Aäron
is, moet voor zijn zonen na hem zijn,

870
00:53:35,610 --> 00:53:39,630
om hen daarin te zalven en hen
daarin tot priester te wijden.

871
00:53:39,630 --> 00:53:42,750
Wie van zijn zonen in zijn
plaats priester zal worden

872
00:53:42,750 --> 00:53:46,770
en die de tent van ontmoeting zal
binnengaan om in het heiligdom te dienen,

873
00:53:46,770 --> 00:53:50,130
moet die kleding zeven
dagen lang aanhouden.

874
00:53:50,130 --> 00:53:55,530
Dan moet u de ram ter inwijding nemen en
zijn vlees op een heilige plaats koken.

875
00:53:55,530 --> 00:53:59,490
En Aäron en zijn zonen moeten
het vlees van de ram eten,

876
00:53:59,490 --> 00:54:04,410
met het brood dat in de mand is, bij
de ingang van de tent van ontmoeting.

877
00:54:04,410 --> 00:54:08,730
Zij mogen namelijk alleen die dingen
eten waarmee verzoening gedaan is om

878
00:54:08,730 --> 00:54:11,850
hen tot priester te
wijden en hen te heiligen.

879
00:54:11,850 --> 00:54:15,990
Een onbevoegde echter mag er niet
van eten, want het is heilig.

880
00:54:15,990 --> 00:54:19,530
En als er van het vlees van de
wijdingsoffers of van dit brood wat

881
00:54:19,530 --> 00:54:24,630
overblijft tot de volgende morgen, dan
moet u het overschot met vuur verbranden.

882
00:54:24,630 --> 00:54:27,750
Het mag niet gegeten
worden, want het is heilig.

883
00:54:27,750 --> 00:54:30,330
U moet dan met Aäron en zijn zonen

884
00:54:30,330 --> 00:54:34,290
precies zo doen overeenkomstig
alles wat Ik u geboden heb;

885
00:54:34,290 --> 00:54:36,270
zeven dagen lang moet de wijding duren.

886
00:54:36,270 --> 00:54:41,370
U moet ook elke dag een jonge stier als
zondoffer ter verzoening bereiden en het

887
00:54:41,370 --> 00:54:44,790
altaar van zonde reinigen door
er verzoening voor te doen;

888
00:54:44,790 --> 00:54:47,610
u moet het dan zalven om het te heiligen.

889
00:54:47,610 --> 00:54:51,630
Zeven dagen lang moet u verzoening
doen voor het altaar en het heiligen;

890
00:54:51,630 --> 00:54:54,510
dan zal dat altaar allerheiligst zijn.

891
00:54:54,510 --> 00:54:57,690
Ieder die het altaar
aanraakt, zal heilig zijn.

892
00:54:57,690 --> 00:55:00,570
Dat wil zeggen dat zijn
opvolger als hogepriester

893
00:55:00,570 --> 00:55:02,790
de ceremonie ook zou ondergaan.

894
00:55:02,790 --> 00:55:07,290
Dat wil zeggen dat iemand die geen
priester is, dit niet mag eten.

895
00:55:07,290 --> 00:55:10,710
Dit zijn heilige dingen,
omdat zij heilig zijn.

896
00:55:10,710 --> 00:55:11,640
Deze uitspraak:

897
00:55:11,640 --> 00:55:18,510
De gebruikte Engelse vertaling luidt hier:
‘Whatever touches the altar must be holy.’

898
00:55:18,510 --> 00:55:20,730
De spreker ziet daarin twee kanten:

899
00:55:20,730 --> 00:55:23,790
alleen geheiligde mensen
mogen het altaar aanraken,

900
00:55:23,790 --> 00:55:27,690
en een offerdier wordt door het
aanraken van het altaar geheiligd.

901
00:55:27,690 --> 00:55:33,090
De HSV verwoordt rechtstreeks die tweede
kant: ‘Ieder die het altaar aanraakt,

902
00:55:33,090 --> 00:55:34,590
zal heilig zijn.’

903
00:55:34,590 --> 00:55:38,250
Een dier wordt een heilig offer
wanneer het op het altaar wordt gelegd,

904
00:55:38,250 --> 00:55:40,470
maar daarvoor is het niet heilig.

905
00:55:40,470 --> 00:55:42,690
Daarvoor is het een gewoon dier.

906
00:55:42,690 --> 00:55:45,750
Het laatste gedeelte van
dit hoofdstuk gaat nu over

907
00:55:45,750 --> 00:55:49,950
dagelijkse offers die ’s morgens en
’s avonds gebracht zouden worden.

908
00:55:49,950 --> 00:55:53,550
Dit zou het voortdurende
dagelijkse offer worden genoemd.

909
00:55:53,550 --> 00:55:58,950
Zes dagen per week zouden ze ’s morgens
één lam en ’s avonds één lam offeren.

910
00:55:58,950 --> 00:56:01,290
Dat is voor de zonden van het hele volk.

911
00:56:01,290 --> 00:56:05,370
Op de sabbat zouden ze ’s morgens twee
lammeren en ’s avonds twee lammeren

912
00:56:05,370 --> 00:56:08,430
offeren, en daardoor zou de
sabbat zich onderscheiden.

913
00:56:08,430 --> 00:56:11,550
In dat opzicht doen ze op de
sabbat eigenlijk meer werk dan op

914
00:56:11,550 --> 00:56:13,230
de andere dagen.

915
00:56:13,230 --> 00:56:17,610
Jezus wees daarop toen Hij in Mattheüs
hoofdstuk 12 met de Farizeeën over

916
00:56:17,610 --> 00:56:18,570
de sabbat sprak:

917
00:56:18,570 --> 00:56:22,410
Of hebt u niet gelezen in de Wet
dat de priesters op de sabbatdagen

918
00:56:22,410 --> 00:56:26,370
de sabbat ontheiligen in de
tempel, en toch onschuldig zijn?

919
00:56:26,370 --> 00:56:28,650
of dat zij de sabbat ontwijden?

920
00:56:28,650 --> 00:56:30,990
Ze behandelen hem als een gewone dag.

921
00:56:30,990 --> 00:56:34,710
Ze doen op de sabbat hetzelfde
soort werk als op elke andere dag

922
00:56:34,710 --> 00:56:36,810
en zijn toch onschuldig.

923
00:56:36,810 --> 00:56:39,390
Hier wordt voorgeschreven
dat ze dat moeten doen.

924
00:56:39,390 --> 00:56:42,090
Het wordt een voortdurend
brandoffer genoemd.

925
00:56:42,090 --> 00:56:45,870
Je kunt zien dat sommige
offers weliswaar stieren,

926
00:56:45,870 --> 00:56:49,890
rammen en grote dieren voor de reiniging
van afzonderlijke mensen omvatten,

927
00:56:49,890 --> 00:56:53,310
maar dat het hele volk beschouwd
kan worden als bedekt door

928
00:56:53,310 --> 00:56:56,730
één lam in de ochtend
en één lam in de avond.

929
00:56:56,730 --> 00:57:00,570
Dit laat zien dat het helemaal niet
om de hoeveelheid van het offer gaat.

930
00:57:00,570 --> 00:57:02,610
Het offer is symbolisch.

931
00:57:02,610 --> 00:57:05,130
Het is niet zo dat God
een bepaalde hoeveelheid

932
00:57:05,130 --> 00:57:09,270
vlees vereist om voor een bepaald
aantal zonden verzoening te doen.

933
00:57:09,270 --> 00:57:12,330
De zonden van het hele volk
worden immers bedekt door het

934
00:57:12,330 --> 00:57:17,250
lam dat ’s morgens geofferd wordt en
het lam dat ’s avonds geofferd wordt.

935
00:57:17,250 --> 00:57:20,370
Dit nu is het wat u op
het altaar moet bereiden:

936
00:57:20,370 --> 00:57:24,330
elke dag twee lammeren van een
jaar oud, en dat voortdurend.

937
00:57:24,330 --> 00:57:27,750
Het ene lam moet u in de
morgen bereiden en het andere

938
00:57:27,750 --> 00:57:33,090
lam moet u tegen het vallen van de avond
bereiden, met een tiende efa meelbloem,

939
00:57:33,090 --> 00:57:36,210
gemengd met een kwart hin
uit olijven gestoten olie,

940
00:57:36,210 --> 00:57:40,050
en een plengoffer van een kwart
hin wijn, voor het ene lam.

941
00:57:40,050 --> 00:57:43,830
En het andere lam moet u bereiden
tegen het vallen van de avond.

942
00:57:43,830 --> 00:57:47,850
U moet daarmee doen als met het
ochtendgraanoffer en het bijbehorende

943
00:57:47,850 --> 00:57:50,310
plengoffer, als een aangename geur.

944
00:57:50,310 --> 00:57:53,370
Het is een vuuroffer voor de HEERE.

945
00:57:53,370 --> 00:57:57,930
Het moet een voortdurend brandoffer
zijn, al uw generaties door,

946
00:57:57,930 --> 00:58:03,030
bij de ingang van de tent van ontmoeting,
voor het aangezicht van de HEERE.

947
00:58:03,030 --> 00:58:06,630
Daar zal Ik u ontmoeten
om daar met u te spreken.

948
00:58:06,630 --> 00:58:09,330
Daar zal Ik dan de Israëlieten ontmoeten,

949
00:58:09,330 --> 00:58:12,930
en zij zullen door Mijn
heerlijkheid geheiligd worden.

950
00:58:12,930 --> 00:58:17,550
Dat wil zeggen: wanneer Gods
heerlijkheid de tabernakel vervult,

951
00:58:17,550 --> 00:58:21,090
zal die het gebouw van alle
andere gebouwen afzonderen

952
00:58:21,090 --> 00:58:23,070
als de woonplaats van God.

953
00:58:23,070 --> 00:58:26,790
Het zal door Zijn heerlijke
aanwezigheid daar geheiligd worden

954
00:58:26,790 --> 00:58:28,830
als een bijzonder gebouw.

955
00:58:28,830 --> 00:58:32,850
En zoals we in hoofdstuk 40
zullen zien, gebeurt dat ook.

956
00:58:32,850 --> 00:58:36,930
Dan zal Ik de tent van ontmoeting
en het altaar heiligen.

957
00:58:36,930 --> 00:58:42,870
Ik zal Aäron en zijn zonen heiligen
om voor Mij als priester te dienen.

958
00:58:42,870 --> 00:58:48,330
Ik zal dan te midden van de Israëlieten
wonen, en Ik zal hun tot een God zijn.

959
00:58:48,330 --> 00:58:52,950
En zij zullen weten dat
Ik de HEERE, hun God, ben,

960
00:58:52,950 --> 00:58:58,230
Die hen uit het land Egypte geleid
heeft, opdat Ik in hun midden zal wonen;

961
00:58:58,230 --> 00:59:00,990
Ik ben de HEERE, hun God.

962
00:59:00,990 --> 00:59:04,530
Nu worden de dubbele offers op
de sabbat hier niet genoemd.

963
00:59:04,530 --> 00:59:08,730
Elders gebeurt dat wel, wanneer
hetzelfde gebruik wordt beschreven.

964
00:59:08,730 --> 00:59:11,970
Maar we moeten naar het laatste
hoofdstuk van Exodus kijken,

965
00:59:11,970 --> 00:59:14,910
want dat is eigenlijk wat we
nog niet behandeld hebben.

966
00:59:14,910 --> 00:59:17,670
Hoofdstuk 39 zullen we niet lezen.

967
00:59:17,670 --> 00:59:20,670
Het beschrijft eenvoudigweg
het maken van de efod,

968
00:59:20,670 --> 00:59:23,430
de borsttas en de andere priesterkleding.

969
00:59:23,430 --> 00:59:25,950
Net zoals we dubbele
informatie hebben over de ark

970
00:59:25,950 --> 00:59:28,710
en de tafel met de
toonbroden en andere dingen,

971
00:59:28,710 --> 00:59:32,070
hebben we eerst de beschrijving
van hoe het gemaakt moest worden.

972
00:59:32,070 --> 00:59:36,330
Daarna hebben we dezelfde beschrijving
wanneer het daadwerkelijk gemaakt is.

973
00:59:36,330 --> 00:59:41,430
Hetzelfde geldt voor de priesterkleding,
en daar gaat hoofdstuk 39 over.

974
00:59:41,430 --> 00:59:45,450
Maar hoofdstuk 40 brengt
ons bij het einde. Er staat:

975
00:59:45,450 --> 00:59:50,130
Toen sprak de HEERE tot Mozes: Op
de eerste dag van de eerste maand

976
00:59:50,130 --> 00:59:54,150
moet u de tabernakel, de tent
van ontmoeting, opbouwen.

977
00:59:54,150 --> 00:59:56,370
De eerste maand is Abib.

978
00:59:56,370 --> 00:59:59,970
Het Pascha had plaatsgevonden op de
veertiende dag van de eerste maand,

979
00:59:59,970 --> 01:00:03,990
dus dit was slechts twee weken
voordat er een vol jaar verstreken was

980
01:00:03,990 --> 01:00:05,490
sinds het Pascha.

981
01:00:05,490 --> 01:00:08,250
Tegen de tijd dat ze de
tabernakel oprichtten,

982
01:00:08,250 --> 01:00:11,010
waren ze bijna een heel
jaar uit Egypte weg.

983
01:00:11,010 --> 01:00:15,330
Het grootste deel van die tijd, of in
elk geval een aanzienlijk deel ervan,

984
01:00:15,330 --> 01:00:17,850
waren ze bij de berg Sinaï geweest.

985
01:00:17,850 --> 01:00:20,250
U moet de ark van de
getuigenis erin zetten,

986
01:00:20,250 --> 01:00:23,130
en de ark met het voorhangsel afschermen.

987
01:00:23,130 --> 01:00:25,590
Daarna moet u de tafel
naar binnen brengen en

988
01:00:25,590 --> 01:00:28,050
schikken wat daarop geschikt moet worden.

989
01:00:28,050 --> 01:00:32,250
Verder moet u de kandelaar naar binnen
brengen en zijn lampen aansteken.

990
01:00:32,250 --> 01:00:35,010
Dan moet u het gouden
altaar voor het reukwerk

991
01:00:35,010 --> 01:00:38,850
vóór de ark van de getuigenis plaatsen
en het gordijn voor de ingang van

992
01:00:38,850 --> 01:00:40,770
de tabernakel ophangen.

993
01:00:40,770 --> 01:00:45,630
Vervolgens moet u het brandofferaltaar
vóór de ingang van de tabernakel,

994
01:00:45,630 --> 01:00:47,790
de tent van ontmoeting, plaatsen.

995
01:00:47,790 --> 01:00:52,170
Het wasvat moet u tussen de tent van
ontmoeting en het altaar plaatsen

996
01:00:52,170 --> 01:00:53,670
en u moet er water in doen.

997
01:00:53,670 --> 01:00:57,630
De voorhof moet u eromheen zetten
en het gordijn voor de poort van

998
01:00:57,630 --> 01:00:59,670
de voorhof ophangen.

999
01:00:59,670 --> 01:01:04,110
Daarna moet u de zalfolie nemen en
de tabernakel zalven met alles wat

1000
01:01:04,110 --> 01:01:05,730
zich daarin bevindt.

1001
01:01:05,730 --> 01:01:10,590
Zo moet u hem met al zijn voorwerpen
heiligen, en dan zal hij heilig zijn.

1002
01:01:10,590 --> 01:01:15,690
Ook moet u het brandofferaltaar en
alle bijbehorende voorwerpen zalven.

1003
01:01:15,690 --> 01:01:20,430
Zo moet u het altaar heiligen, en
dan zal het allerheiligst zijn.

1004
01:01:20,430 --> 01:01:24,810
Vervolgens moet u het wasvat en
zijn voetstuk zalven en heiligen.

1005
01:01:24,810 --> 01:01:29,670
Daarna moet u Aäron en zijn zonen bij de
ingang van de tent van ontmoeting laten

1006
01:01:29,670 --> 01:01:32,010
komen en hen met water wassen.

1007
01:01:32,010 --> 01:01:36,930
U moet Aäron de geheiligde kleding
aantrekken, hem zalven en heiligen,

1008
01:01:36,930 --> 01:01:39,690
zodat hij Mij als priester kan dienen.

1009
01:01:39,690 --> 01:01:43,290
Vervolgens moet u zijn zonen
naderbij laten komen en hun

1010
01:01:43,290 --> 01:01:45,210
de onderkleren aantrekken.

1011
01:01:45,210 --> 01:01:48,150
Nu gaat het hier kennelijk om
het voorlopig aantrekken van hun

1012
01:01:48,150 --> 01:01:51,630
priesterkleding, maar de
eigenlijke uitvoerige wijding

1013
01:01:51,630 --> 01:01:57,630
waarover we zojuist in hoofdstuk 29 lazen,
vindt pas plaats in Leviticus hoofdstuk 8,

1014
01:01:57,630 --> 01:01:59,010
zoals ik al zei.

1015
01:01:59,010 --> 01:02:02,310
Dan moet u hen zalven zoals
u hun vader gezalfd hebt,

1016
01:02:02,310 --> 01:02:05,130
zodat zij Mij als priester kunnen dienen.

1017
01:02:05,130 --> 01:02:10,170
En het zal gebeuren dat hun zalving voor
hen een eeuwig priesterambt zal betekenen,

1018
01:02:10,170 --> 01:02:12,270
al hun generaties door.

1019
01:02:12,270 --> 01:02:17,190
Zo deed Mozes alles wat de Heere
hem geboden had. Zo deed hij.

1020
01:02:17,190 --> 01:02:20,010
En het gebeurde in de eerste
maand, in het tweede jaar,

1021
01:02:20,010 --> 01:02:24,570
op de eerste dag van de maand,
dat de tabernakel opgebouwd werd.

1022
01:02:24,570 --> 01:02:26,670
Mozes richtte de tabernakel op.

1023
01:02:26,670 --> 01:02:30,930
Hij plaatste zijn voetstukken,
bracht de bijbehorende planken aan,

1024
01:02:30,930 --> 01:02:35,010
maakte de dwarsbalken ervan
vast en richtte zijn pilaren op,

1025
01:02:35,010 --> 01:02:37,410
spreidde de tent uit over de tabernakel,

1026
01:02:37,410 --> 01:02:40,230
en legde het dekkleed
van de tent erbovenop,

1027
01:02:40,230 --> 01:02:42,690
zoals de HEERE Mozes geboden had.

1028
01:02:42,690 --> 01:02:48,090
De ‘getuigenis’ betekent hier de
Tien Geboden op stenen tafelen.

1029
01:02:48,090 --> 01:02:51,630
Toen nam hij de getuigenis
en legde die in de ark.

1030
01:02:51,630 --> 01:02:57,330
Hij bevestigde de draagbomen aan de ark en
legde het verzoendeksel boven op de ark.

1031
01:02:57,330 --> 01:02:59,610
Hij bracht de ark in de tabernakel,

1032
01:02:59,610 --> 01:03:04,650
hing het voorhangsel ter afscherming op
en schermde de ark van de getuigenis af,

1033
01:03:04,650 --> 01:03:07,830
zoals de HEERE Mozes geboden had.

1034
01:03:07,830 --> 01:03:13,230
Dat wil zeggen: in het heiligdom, maar
niet binnen het Heilige der Heiligen.

1035
01:03:13,230 --> 01:03:16,830
Vervolgens plaatste hij de
tafel in de tent van ontmoeting,

1036
01:03:16,830 --> 01:03:20,850
aan de noordkant van de
tabernakel, buiten het voorhangsel.

1037
01:03:20,850 --> 01:03:24,450
En hij schikte daarop het brood
dat daarop geschikt moest worden,

1038
01:03:24,450 --> 01:03:29,370
voor het aangezicht van de HEERE,
zoals de HEERE Mozes geboden had.

1039
01:03:29,370 --> 01:03:34,290
Vervolgens zette hij de kandelaar in de
tent van ontmoeting, tegenover de tafel,

1040
01:03:34,290 --> 01:03:36,690
aan de zuidkant van de tabernakel.

1041
01:03:36,690 --> 01:03:40,050
En hij stak de lampen aan voor
het aangezicht van de HEERE,

1042
01:03:40,050 --> 01:03:42,870
zoals de HEERE Mozes geboden had.

1043
01:03:42,870 --> 01:03:48,150
Daarna zette hij het gouden altaar in de
tent van ontmoeting, vóór het voorhangsel,

1044
01:03:48,150 --> 01:03:54,210
en hij liet daarop geurig reukwerk in rook
opgaan, zoals de HEERE Mozes geboden had.

1045
01:03:54,210 --> 01:03:57,930
Ook hing hij het gordijn op voor
de ingang van de tabernakel.

1046
01:03:57,930 --> 01:04:01,830
En hij zette het brandofferaltaar
bij de ingang van de tabernakel,

1047
01:04:01,830 --> 01:04:06,750
de tent van ontmoeting; hij bracht
daarop het brandoffer en het graanoffer,

1048
01:04:06,750 --> 01:04:09,390
zoals de HEERE Mozes geboden had.

1049
01:04:09,390 --> 01:04:13,830
Vervolgens plaatste hij het wasvat tussen
de tent van ontmoeting en het altaar,

1050
01:04:13,830 --> 01:04:16,350
en hij deed er water in om te wassen.

1051
01:04:16,350 --> 01:04:21,150
Mozes, Aäron en zijn zonen wasten
daarmee hun handen en hun voeten.

1052
01:04:21,150 --> 01:04:25,950
Telkens wanneer zij de tent van ontmoeting
binnengingen en het altaar naderden,

1053
01:04:25,950 --> 01:04:30,030
wasten zij zich, zoals de
HEERE Mozes geboden had.

1054
01:04:30,030 --> 01:04:34,770
Hij richtte ten slotte de voorhof op,
rondom de tabernakel en het altaar,

1055
01:04:34,770 --> 01:04:38,370
en hij hing het gordijn van
de poort van de voorhof op.

1056
01:04:38,370 --> 01:04:40,590
Zo voltooide Mozes het werk.

1057
01:04:40,590 --> 01:04:44,370
En daarmee bereikt de inhoud
van bijna de helft van het boek

1058
01:04:44,370 --> 01:04:46,830
in zekere zin haar hoogtepunt.

1059
01:04:46,830 --> 01:04:52,230
Die helft beschrijft hoe dit allemaal
gedaan moet worden. Nu is het gedaan.

1060
01:04:52,230 --> 01:04:55,110
Toen overdekte de wolk
de tent van ontmoeting,

1061
01:04:55,110 --> 01:04:58,950
en de heerlijkheid van de
HEERE vervulde de tabernakel,

1062
01:04:58,950 --> 01:05:02,790
zodat Mozes de tent van
ontmoeting niet kon binnengaan,

1063
01:05:02,790 --> 01:05:06,450
omdat de wolk daarop bleef en
de heerlijkheid van de HEERE

1064
01:05:06,450 --> 01:05:08,430
de tabernakel vervulde.

1065
01:05:08,430 --> 01:05:12,030
Telkens als de wolk opsteeg
van boven de tabernakel,

1066
01:05:12,030 --> 01:05:15,510
braken de Israëlieten op
tijdens al hun tochten.

1067
01:05:15,510 --> 01:05:21,150
Maar als de wolk niet opsteeg, braken zij
niet op, tot op de dag dat hij opsteeg.

1068
01:05:21,150 --> 01:05:25,110
Want de wolk van de HEERE
was overdag op de tabernakel,

1069
01:05:25,110 --> 01:05:30,750
en 's nachts was er een vuur in, voor de
ogen van heel het huis van Israël tijdens

1070
01:05:30,750 --> 01:05:32,010
al hun tochten.

1071
01:05:32,010 --> 01:05:36,090
Dus bij de inwijding en toewijding
van de tabernakel ging God

1072
01:05:36,090 --> 01:05:40,950
er zichtbaar naar binnen met Zijn
sjechinaheerlijkheid en vulde Hij hem,

1073
01:05:40,950 --> 01:05:44,910
zodat zelfs Mozes er op dat
moment niet naar binnen kon.

1074
01:05:44,910 --> 01:05:50,790
Later, toen Salomo de tempel bouwde,
zien we in 1 Koningen 8:10 en 11

1075
01:05:50,790 --> 01:05:52,170
dat hetzelfde gebeurde.

1076
01:05:52,170 --> 01:05:58,290
Toen de tempel van Salomo gebouwd en
ingewijd was, staat er in 1 Koningen 8:10:

1077
01:05:58,290 --> 01:06:01,710
En het gebeurde, toen de priesters
uit het heiligdom gingen,

1078
01:06:01,710 --> 01:06:04,770
dat de wolk het huis
van de HEERE vervulde.

1079
01:06:04,770 --> 01:06:09,810
Dus deze beide bouwwerken, eerst
de tabernakel en later de tempel,

1080
01:06:09,810 --> 01:06:13,410
waren Gods goedgekeurde
ontmoetingsplaats met de mens.

1081
01:06:13,410 --> 01:06:16,410
En Hij maakte zichtbaar
duidelijk dat Hij daar was,

1082
01:06:16,410 --> 01:06:19,110
doordat Zijn heerlijkheid
die plaats vulde.

1083
01:06:19,110 --> 01:06:22,290
In de tijd van Salomo was
het niet gebruikelijk om de

1084
01:06:22,290 --> 01:06:26,730
wolkkolom en de vuurkolom te
zien, zoals in de tijd van Mozes.

1085
01:06:26,730 --> 01:06:31,170
Die kolom was verdwenen nadat ze het
Beloofde Land waren binnengegaan.

1086
01:06:31,170 --> 01:06:35,130
In zekere zin was de inwijding van
de tempel van Salomo dus een heel

1087
01:06:35,130 --> 01:06:39,450
ongewone gebeurtenis: de wolk
verscheen en de heerlijkheid

1088
01:06:39,450 --> 01:06:41,910
verscheen in het huis van de Heere.

1089
01:06:41,910 --> 01:06:44,430
Bij de tabernakel was
het niet zo ongewoon,

1090
01:06:44,430 --> 01:06:46,830
omdat ze die wolk elke dag zagen.

1091
01:06:46,830 --> 01:06:51,870
Maar ze zagen hem wel komen en op de
tabernakel rusten, en de heerlijkheid,

1092
01:06:51,870 --> 01:06:56,970
kennelijk de schitterende stralingsglans
van God, vulde het gebouw vanbinnen.

1093
01:06:56,970 --> 01:07:02,130
Die was te zwaar, te intens, zelfs
voor Mozes om daar naar binnen te gaan.

1094
01:07:02,130 --> 01:07:07,050
En dat terwijl Mozes bij andere
gelegenheden God, Zijn gestalte,

1095
01:07:07,050 --> 01:07:12,030
zag op een manier die anderen niet
was toegestaan. Dit was te veel.

1096
01:07:12,030 --> 01:07:14,610
Dus moesten ze gewoon een
tijdje buiten blijven,

1097
01:07:14,610 --> 01:07:17,430
totdat God daarbinnen ophield te stralen.

1098
01:07:17,430 --> 01:07:22,410
Die laatste drie verzen geven een
samenvatting van de volgende 38 jaar:

1099
01:07:22,410 --> 01:07:26,790
hoe ze door de woestijn trokken,
overdag geleid door de wolkkolom

1100
01:07:26,790 --> 01:07:28,830
en 's nachts door de vuurkolom.

1101
01:07:28,830 --> 01:07:33,510
De wolk verplaatste zich zo nu
en dan, maar onvoorspelbaar.

1102
01:07:33,510 --> 01:07:36,270
Ze wisten niet wanneer hij
zich zou gaan verplaatsen,

1103
01:07:36,270 --> 01:07:38,430
en dan bleef hij weer stilstaan.

1104
01:07:38,430 --> 01:07:41,730
Ze hadden een wachter die moest
opletten om te zien wanneer de wolk

1105
01:07:41,730 --> 01:07:43,290
zich zou verplaatsen.

1106
01:07:43,290 --> 01:07:48,030
Want ze konden een dag, een week of
een jaar op één plek gelegerd zijn,

1107
01:07:48,030 --> 01:07:50,610
omdat de wolk gewoon bleef stilstaan.

1108
01:07:50,610 --> 01:07:54,750
Maar op een bepaald moment dat niemand
kon voorspellen, steeg de wolk op,

1109
01:07:54,750 --> 01:07:58,350
en dan zei een wachter: ‘De wolk beweegt.’

1110
01:07:58,350 --> 01:08:02,730
Vervolgens braken ze de tabernakel
af, legden hem op de ossenkarren

1111
01:08:02,730 --> 01:08:06,210
en droegen de priesters het
meubilair op hun schouders.

1112
01:08:06,210 --> 01:08:10,470
Ze trokken verder zolang de wolk
bewoog, totdat hij weer stilstond.

1113
01:08:10,470 --> 01:08:14,550
Dan zetten ze de tabernakel op,
waar hij ook maar stilstond.

1114
01:08:14,550 --> 01:08:17,970
Ze werden dus als het
ware door de Geest geleid.

1115
01:08:17,970 --> 01:08:23,490
Tijdens al hun omzwervingen werden ze door
de heerlijkheid en de aanwezigheid van God

1116
01:08:23,490 --> 01:08:26,970
geleid naar de plek waar
ze vervolgens moesten zijn.

1117
01:08:26,970 --> 01:08:31,410
Misschien is de les die we hieruit moeten
leren wel de onvoorspelbaarheid ervan:

1118
01:08:31,410 --> 01:08:34,230
ze wisten niet hoelang ze
op één plek zouden blijven

1119
01:08:34,230 --> 01:08:36,870
voordat de wolk zich weer zou verplaatsen.

1120
01:08:36,870 --> 01:08:40,290
Ze konden eigenlijk geen plannen
voor de lange termijn maken.

1121
01:08:40,290 --> 01:08:45,570
Ze moesten gewoon dag na dag doen
waartoe God hen leidde en zijn waar God

1122
01:08:45,570 --> 01:08:46,530
hen naartoe leidde.

1123
01:08:46,530 --> 01:08:51,450
Dus bijna veertig jaar lang leerden ze
God te volgen en voor hun leiding van Hem

1124
01:08:51,450 --> 01:08:53,070
afhankelijk te zijn.

1125
01:08:53,070 --> 01:08:55,950
Tegen de tijd dat ze het
Beloofde Land binnengingen,

1126
01:08:55,950 --> 01:08:59,070
waren ze in veel opzichten
een nieuwe natie.

1127
01:08:59,070 --> 01:09:03,990
Ze waren uit Egypte gekomen zonder ook
maar enigszins vertrouwd te zijn met God,

1128
01:09:03,990 --> 01:09:05,970
maar ze leerden veel lessen.

1129
01:09:05,970 --> 01:09:08,850
De jongere generatie die
in de woestijn opgroeide,

1130
01:09:08,850 --> 01:09:11,490
leerde ontzettend veel lessen over God.

1131
01:09:11,490 --> 01:09:15,510
Daardoor waren ze toegerust
om Gods veldslagen te voeren.

1132
01:09:15,510 --> 01:09:20,250
Nadat Mozes er niet meer was, konden ze
God met meer inzicht blijven volgen dan

1133
01:09:20,250 --> 01:09:23,190
hun ouders, die uit Egypte waren gekomen.

1134
01:09:23,190 --> 01:09:25,710
Maar daarmee sluiten we Exodus af.

1135
01:09:25,710 --> 01:09:29,610
Wanneer we bij Leviticus komen, krijgen
we een heleboel voorschriften voor de

1136
01:09:29,610 --> 01:09:31,950
priesters, een heleboel wetten.

1137
01:09:31,950 --> 01:09:35,850
Als sommige van deze dingen aan het
eind van Exodus langdradig waren,

1138
01:09:35,850 --> 01:09:39,090
zul je in bepaalde gedeelten
van Leviticus en Numeri

1139
01:09:39,090 --> 01:09:41,730
net zoveel langdradigheid aantreffen.

1140
01:09:41,730 --> 01:09:45,210
Maar het ontbreekt deze boeken
niet aan interessante punten.

1141
01:09:45,210 --> 01:09:50,310
Het is belangrijk om ze te bestuderen,
en we zullen ze een voor een behandelen.

1142
01:09:50,310 --> 01:09:53,070
Dan zullen we binnenkort de
hele Pentateuch hebben afgerond.
