1
00:00:02,010 --> 00:00:04,470
Welkom bij Vers voor Vers!

2
00:00:04,470 --> 00:00:10,530
Deze keer behandelen we Genesis 26 en 27.

3
00:00:10,530 --> 00:00:16,410
Genesis hoofdstuk 26 is het enige
hoofdstuk in de Bijbel dat uitsluitend aan

4
00:00:16,410 --> 00:00:17,970
Izak is gewijd.

5
00:00:17,970 --> 00:00:22,890
Izak is een betrekkelijk onbelangrijk
persoon, afgezien van het feit dat hij een

6
00:00:22,890 --> 00:00:27,690
onmisbare schakel vormt tussen
Abraham en de latere generaties.

7
00:00:27,690 --> 00:00:30,330
Hij deed eigenlijk niets oorspronkelijks.

8
00:00:30,330 --> 00:00:32,850
Alle andere hoofdstukken
waarin hij wordt genoemd,

9
00:00:32,850 --> 00:00:37,590
noemen hem in verband met
óf zijn vader óf zijn zonen.

10
00:00:37,590 --> 00:00:41,430
Natuurlijk komt hij voor in
sommige verhalen over Abraham,

11
00:00:41,430 --> 00:00:46,050
en hij komt voor in sommige
verhalen over Jakob en Ezau.

12
00:00:46,050 --> 00:00:52,230
Maar tegen het einde van hoofdstuk
25 staan Jakob en Ezau al centraal.

13
00:00:52,230 --> 00:00:56,430
En vanaf hoofdstuk 27 zullen zij
opnieuw in het middelpunt van

14
00:00:56,430 --> 00:00:58,350
de belangstelling staan.

15
00:00:58,350 --> 00:01:02,250
Hoofdstuk 26 lijkt er bijna
tussen te zijn gezet om

16
00:01:02,250 --> 00:01:05,010
Izak een beetje eigen aandacht te geven.

17
00:01:05,010 --> 00:01:09,150
Maar de aandacht die hij krijgt,
is niet erg indrukwekkend.

18
00:01:09,150 --> 00:01:11,310
Hij doet niets oorspronkelijks.

19
00:01:11,310 --> 00:01:16,770
Hij maakt dezelfde fout als zijn vader
door te zeggen dat zijn vrouw zijn zus is.

20
00:01:16,770 --> 00:01:19,530
Dus zelfs dat is niet oorspronkelijk.

21
00:01:19,530 --> 00:01:23,970
Daarna brengt hij de rest van zijn
leven door met het graven van putten,

22
00:01:23,970 --> 00:01:26,430
maar het zijn geen nieuwe putten.

23
00:01:26,430 --> 00:01:30,210
Hij graaft de putten die Abraham
had gegraven opnieuw uit,

24
00:01:30,210 --> 00:01:33,330
en hij geeft ze niet eens
oorspronkelijke namen.

25
00:01:33,330 --> 00:01:37,590
Hij geeft ze dezelfde namen
die Abraham eraan had gegeven.

26
00:01:37,590 --> 00:01:42,270
Met andere woorden, deze man
houdt de zaak gewoon in stand.

27
00:01:42,270 --> 00:01:45,210
Dit is een generatie die alles onderhoudt.

28
00:01:45,210 --> 00:01:48,810
Er gaat geen terrein verloren en
er wordt geen terrein gewonnen,

29
00:01:48,810 --> 00:01:53,550
behalve dat er weer een generatie
voorbijgaat en daarin een belangrijk kind,

30
00:01:53,550 --> 00:01:55,350
Jakob, geboren wordt.

31
00:01:55,350 --> 00:01:58,890
Maar ik weet niet precies wat
Mozes hiermee in gedachten had:

32
00:01:58,890 --> 00:02:03,690
hij besteedt zo weinig aandacht aan
Izak en legt alleen gedragingen vast die

33
00:02:03,690 --> 00:02:05,790
volstrekt niet oorspronkelijk zijn.

34
00:02:05,790 --> 00:02:09,990
Het kan een manier zijn om te zeggen dat
er perioden zijn in Gods handelen als

35
00:02:09,990 --> 00:02:13,050
geheel waarin Hij belangrijke
dingen door iemand doet,

36
00:02:13,050 --> 00:02:16,530
en dat Hij in de toekomst belangrijke
dingen door iemand zal doen,

37
00:02:16,530 --> 00:02:20,790
maar dat er tussen hen in een
generatie is waarin niet veel gebeurt.

38
00:02:20,790 --> 00:02:23,730
Dat geldt beslist voor de
geschiedenis van de kerk.

39
00:02:23,730 --> 00:02:26,610
Het geldt ook voor de
geschiedenis van opwekkingen:

40
00:02:26,610 --> 00:02:30,930
er zal in de ene generatie een opwekking
zijn en in een latere generatie een

41
00:02:30,930 --> 00:02:35,370
opwekking, maar daartussen houdt
de kerk de zaak gewoon in stand.

42
00:02:35,370 --> 00:02:39,150
Ze houdt gewoon stand en
verliest hopelijk geen terrein.

43
00:02:39,150 --> 00:02:42,810
God kent in de geschiedenis
uitbarstingen van activiteit.

44
00:02:42,810 --> 00:02:45,870
Op andere momenten, tussen
die uitbarstingen in,

45
00:02:45,870 --> 00:02:47,850
is het de taak van het volk van God

46
00:02:47,850 --> 00:02:52,410
eenvoudigweg om geen terrein te verliezen
en de tradities van de vorige uitbarsting

47
00:02:52,410 --> 00:02:55,230
voort te zetten totdat de volgende komt.

48
00:02:55,230 --> 00:02:58,110
Dat is eigenlijk alles
wat Izak lijkt te doen.

49
00:02:58,110 --> 00:03:02,490
Er was dus een hongersnood in het land,
een andere dan de eerste hongersnood,

50
00:03:02,490 --> 00:03:04,950
die er in de dagen van Abraham was.

51
00:03:04,950 --> 00:03:08,970
Er kwam hongersnood in het land, een
andere dan de eerste hongersnood,

52
00:03:08,970 --> 00:03:11,430
die er in de dagen van
Abraham geweest was.

53
00:03:11,430 --> 00:03:16,530
Daarom ging Izak naar Abimelech, de
koning van de Filistijnen, naar Gerar.

54
00:03:16,530 --> 00:03:20,010
Die eerste hongersnood in de
dagen van Abraham vond plaats

55
00:03:20,010 --> 00:03:22,170
in Genesis hoofdstuk 12.

56
00:03:22,170 --> 00:03:25,830
Die had Abraham ertoe gebracht
het Beloofde Land te verlaten

57
00:03:25,830 --> 00:03:30,570
en naar Egypte af te dalen, waar hij Sara
natuurlijk in gevaar had gebracht door te

58
00:03:30,570 --> 00:03:32,670
zeggen dat zij zijn zus was.

59
00:03:32,670 --> 00:03:35,430
Izak daalt tenminste niet af naar Egypte.

60
00:03:35,430 --> 00:03:37,170
Hij verlaat het land niet.

61
00:03:37,170 --> 00:03:41,850
Het is duidelijk dat Abraham niet wilde
dat Izak ooit het land zou verlaten.

62
00:03:41,850 --> 00:03:45,810
Hij liet hem niet eens naar Paddan-Aram
gaan om een vrouw te zoeken.

63
00:03:45,810 --> 00:03:50,070
In plaats daarvan moest hij een
dienaar sturen. Toen de dienaar zei:

64
00:03:50,070 --> 00:03:54,270
En de dienaar zei tegen hem: Misschien
zal die vrouw mij niet willen volgen

65
00:03:54,270 --> 00:03:55,470
naar dit land.

66
00:03:55,470 --> 00:03:59,610
Zal ik dan uw zoon terug moeten brengen
naar het land waaruit u vertrokken bent?

67
00:03:59,610 --> 00:04:01,050
zei Abraham:

68
00:04:01,050 --> 00:04:06,390
Abraham zei tegen hem: Wees op uw hoede
dat u mijn zoon daar niet terugbrengt!

69
00:04:06,390 --> 00:04:10,230
De HEERE, de God van de hemel,
Die mij uit mijn familie

70
00:04:10,230 --> 00:04:14,670
en uit mijn geboorteland weggehaald
heeft, Die tot mij gesproken heeft

71
00:04:14,670 --> 00:04:19,711
en Die mij gezworen heeft: Aan uw
nageslacht zal Ik dit land geven —

72
00:04:19,711 --> 00:04:22,890
die God zal Zijn engel voor u uit sturen,

73
00:04:22,890 --> 00:04:26,730
opdat u voor mijn zoon
daarvandaan een vrouw zult nemen.

74
00:04:26,730 --> 00:04:31,770
Maar als die vrouw u niet wil volgen,
dan bent u vrij van deze eed aan mij;

75
00:04:31,770 --> 00:04:34,710
breng mijn zoon echter
niet daarheen terug.

76
00:04:34,710 --> 00:04:37,530
Izak had die houding
blijkbaar overgenomen.

77
00:04:37,530 --> 00:04:41,730
In plaats van naar Egypte af te dalen
en het Beloofde Land te verlaten,

78
00:04:41,730 --> 00:04:45,690
bleef hij in het land, maar ging
hij in de streek van Gerar wonen.

79
00:04:45,690 --> 00:04:50,550
Het is mogelijk dat Gerar voedsel
uit Egypte invoerde, of zoiets,

80
00:04:50,550 --> 00:04:53,910
waardoor daar tijdens een
hongersnood meer te krijgen was.

81
00:04:53,910 --> 00:04:58,410
Izak was rijk, dus hij kon graan
van hen kopen als zij het hadden.

82
00:04:58,410 --> 00:05:01,950
Toen verscheen de HEERE aan hem en zei:

83
00:05:01,950 --> 00:05:06,450
Toen verscheen de HEERE hem
en zei: Trek niet naar Egypte,

84
00:05:06,450 --> 00:05:09,690
maar woon in het land dat Ik u noemen zal.

85
00:05:09,690 --> 00:05:12,090
Verblijf als vreemdeling in dit land.

86
00:05:12,090 --> 00:05:18,090
Ik zal dan met u zijn en u zegenen,
want aan u en uw nageslacht zal Ik al

87
00:05:18,090 --> 00:05:19,590
deze landen geven.

88
00:05:19,590 --> 00:05:25,230
Ik zal de eed gestand doen die Ik
Abraham, uw vader, gezworen heb.

89
00:05:25,230 --> 00:05:32,430
Ik zal uw nageslacht zo talrijk maken als
de sterren aan de hemel en uw nageslacht

90
00:05:32,430 --> 00:05:34,290
al deze landen geven.

91
00:05:34,290 --> 00:05:38,430
In uw Nageslacht zullen alle volken
van de aarde gezegend worden,

92
00:05:38,430 --> 00:05:44,670
omdat Abraham Mijn stem gehoorzaamd heeft
en Mijn voorschriften, Mijn geboden,

93
00:05:44,670 --> 00:05:48,750
Mijn verordeningen en Mijn
wetten in acht genomen heeft.

94
00:05:48,750 --> 00:05:51,810
God geeft Izak een
belofte, maar het is gewoon

95
00:05:51,810 --> 00:05:55,050
dezelfde belofte die Hij aan Abraham gaf.

96
00:05:55,050 --> 00:05:57,030
Hij zegt zelfs in feite:

97
00:05:57,030 --> 00:06:02,250
Ik ga dit voor jullie doen vanwege Abraham
— niet omdat jullie per se bijzonder zijn,

98
00:06:02,250 --> 00:06:06,090
maar omdat jullie vader Abraham
naar Mij heeft geluisterd.

99
00:06:06,090 --> 00:06:08,010
Ik ga dit voor jullie doen.

100
00:06:08,010 --> 00:06:09,270
Hij zegt wel:

101
00:06:09,270 --> 00:06:12,390
Blijf in dit land, dan
zal Ik je hier zegenen.

102
00:06:12,390 --> 00:06:15,870
Hoewel er een hongersnood was,
zegende God hem inderdaad,

103
00:06:15,870 --> 00:06:18,570
zoals we voor het einde van
het hoofdstuk zullen zien.

104
00:06:18,570 --> 00:06:22,590
Hij verbouwde zelfs gewassen en
haalde een behoorlijke oogst binnen.

105
00:06:22,590 --> 00:06:27,450
Izak woonde dus in Gerar, en de mannen van
die plaats vroegen hem naar zijn vrouw.

106
00:06:27,450 --> 00:06:28,230
Hij zei:

107
00:06:28,230 --> 00:06:29,430
Ze is mijn zus.

108
00:06:29,430 --> 00:06:30,930
Want hij was bang om te zeggen:

109
00:06:30,930 --> 00:06:32,370
Ze is mijn vrouw.

110
00:06:32,370 --> 00:06:33,450
Hij dacht namelijk:

111
00:06:33,450 --> 00:06:36,030
Zo bleef Izak in Gerar wonen.

112
00:06:36,030 --> 00:06:39,450
Toen de mannen van die plaats hem
naar zijn vrouw vroegen, zei hij:

113
00:06:39,450 --> 00:06:44,790
Zij is mijn zuster, want hij was
bevreesd om te zeggen: Zij is mijn vrouw.

114
00:06:44,790 --> 00:06:50,070
Hij dacht: Anders zullen de mannen
van deze plaats mij doden om Rebekka.

115
00:06:50,070 --> 00:06:52,110
Zij was namelijk knap om te zien.

116
00:06:52,110 --> 00:06:56,310
Toen hij daar al lange tijd geweest
was, gebeurde het dat Abimelech,

117
00:06:56,310 --> 00:07:01,290
de koning van de Filistijnen, uit
het venster keek en zag, en zie,

118
00:07:01,290 --> 00:07:04,590
Izak was zijn vrouw
Rebekka aan het liefkozen.

119
00:07:04,590 --> 00:07:07,230
‘Tederheid betonen’ betekent letterlijk—

120
00:07:07,230 --> 00:07:09,390
Het betekent liefkozen.

121
00:07:09,390 --> 00:07:10,650
De King James zegt:

122
00:07:10,650 --> 00:07:12,990
aan het stoeien met zijn vrouw.

123
00:07:12,990 --> 00:07:17,310
Ik denk dat de meesten zouden aannemen
dat hiermee wordt bedoeld wat wij

124
00:07:17,310 --> 00:07:22,530
strelen noemen: haar liefkozen en op
een intieme manier met haar omgaan,

125
00:07:22,530 --> 00:07:25,350
zoals een man dat niet
met zijn zus zou doen.

126
00:07:25,350 --> 00:07:27,570
Daarom legde Abimelech het verband.

127
00:07:27,570 --> 00:07:31,590
Toen viel bij hem het kwartje
en zei hij: „Wacht eens even.

128
00:07:31,590 --> 00:07:34,650
Het is overduidelijk dat ze je vrouw is.”

129
00:07:34,650 --> 00:07:39,390
Deden Izak en Rebekka dit nu in het
openbaar, waar iedereen bij was?

130
00:07:39,390 --> 00:07:43,050
Niet erg verstandig als hij de mensen
ervan probeerde te overtuigen dat ze

131
00:07:43,050 --> 00:07:44,430
zijn zus was.

132
00:07:44,430 --> 00:07:47,730
In dit geval werd ze,
anders dan bij Abram,

133
00:07:47,730 --> 00:07:50,190
tenminste nooit bij Izak weggehaald.

134
00:07:50,190 --> 00:07:54,510
Ze hoefde nooit uit de harem van een
koning aan hem te worden teruggegeven.

135
00:07:54,510 --> 00:07:59,550
Maar deze koning besefte wel dat het
gevaar had bestaan dat dit zou gebeuren,

136
00:07:59,550 --> 00:08:01,890
en hij wees Izak erom terecht.

137
00:08:01,890 --> 00:08:04,590
Maar misschien waren ze
niet in het openbaar.

138
00:08:04,590 --> 00:08:08,370
Misschien hadden Abimelech en
zij gebouwen tegenover elkaar,

139
00:08:08,370 --> 00:08:10,170
een beetje zoals bij David.

140
00:08:10,170 --> 00:08:14,610
David kon uit zijn raam kijken en
Bathseba op haar dak zien baden.

141
00:08:14,610 --> 00:08:17,790
Misschien waren ze in verschillende
gebouwen, maar kon hij het toch door

142
00:08:17,790 --> 00:08:18,990
het raam zien.

143
00:08:18,990 --> 00:08:22,530
Misschien was Abimelech een voyeur en
stond hij daar met zijn verrekijker

144
00:08:22,530 --> 00:08:23,610
voor het raam.

145
00:08:23,610 --> 00:08:26,910
Toen hij dit zag gebeuren,
dacht hij: „Wacht eens,

146
00:08:26,910 --> 00:08:29,190
ze is blijkbaar niet echt beschikbaar.

147
00:08:29,190 --> 00:08:30,630
Ze is zijn vrouw.”

148
00:08:30,630 --> 00:08:31,770
Hij zei:

149
00:08:31,770 --> 00:08:37,050
Toen riep Abimelech Izak en zei:
Nee maar, zie, zij is uw vrouw!

150
00:08:37,050 --> 00:08:40,170
Hoe kunt u dan zeggen: Zij is mijn zuster?

151
00:08:40,170 --> 00:08:45,090
Izak antwoordde hem: Omdat ik dacht dat
ik anders om haar zou moeten sterven.

152
00:08:45,090 --> 00:08:46,650
Izak zei tegen hem:

153
00:08:46,650 --> 00:08:50,550
Omdat ik dacht: straks ga
ik vanwege haar nog dood.

154
00:08:50,550 --> 00:08:53,970
Heel heldhaftig. „Ik wil
niet voor haar sterven.”

155
00:08:53,970 --> 00:08:57,690
Maar de Bijbel zegt dat een
man juist dát hoort te doen.

156
00:08:57,690 --> 00:08:59,850
In Efeze 5 staat:

157
00:08:59,850 --> 00:09:05,010
Mannen, heb uw eigen vrouw lief, zoals
ook Christus de gemeente liefgehad heeft

158
00:09:05,010 --> 00:09:07,350
en Zich voor haar heeft overgegeven,

159
00:09:07,350 --> 00:09:09,510
Maar Izak was niet heldhaftig.

160
00:09:09,510 --> 00:09:12,450
Het is duidelijk dat hij
een man van zijn tijd was.

161
00:09:12,450 --> 00:09:14,970
Hij hield op zijn eigen
manier van zijn vrouw,

162
00:09:14,970 --> 00:09:18,690
maar zijn liefde was niet zo
opofferend als die van Jezus,

163
00:09:18,690 --> 00:09:22,230
Die bereid was te sterven. Want Jezus zei:

164
00:09:22,230 --> 00:09:25,050
Niemand heeft een grotere liefde dan deze,

165
00:09:25,050 --> 00:09:28,470
namelijk dat iemand zijn leven
geeft voor zijn vrienden.

166
00:09:28,470 --> 00:09:34,350
Dus: „Ik wil niet voor haar sterven, en
daarom zei ik gewoon dat ze mijn zus was.”

167
00:09:34,350 --> 00:09:39,330
Trouwens, Abimelech is dezelfde naam
als die van de koning van dezelfde stad

168
00:09:39,330 --> 00:09:40,830
in hoofdstuk 20.

169
00:09:40,830 --> 00:09:43,890
Toen Abraham daar in
hoofdstuk 20 naartoe ging

170
00:09:43,890 --> 00:09:48,870
en Abimelech Sara in zijn harem opnam,
was dat vóór de geboorte van Izak.

171
00:09:48,870 --> 00:09:51,330
Nu is Izak minstens zestig.

172
00:09:51,330 --> 00:09:53,670
Is dit dus dezelfde Abimelech?

173
00:09:53,670 --> 00:09:57,990
De Abimelech in hoofdstuk 20 voelde
zich aangetrokken tot een vrouw van

174
00:09:57,990 --> 00:10:01,830
negentig jaar, dus misschien
was hij toen al een oude man.

175
00:10:01,830 --> 00:10:05,670
Nu is het minstens zestig jaar
later, misschien nog langer.

176
00:10:05,670 --> 00:10:08,730
Daarom is dit waarschijnlijk
een andere Abimelech.

177
00:10:08,730 --> 00:10:12,330
Velen denken dat Abimelech misschien
zelfs een titel was in plaats van een

178
00:10:12,330 --> 00:10:16,170
persoonsnaam, een beetje
zoals farao in Egypte.

179
00:10:16,170 --> 00:10:21,390
De koning van Egypte wordt altijd
farao genoemd, ongeacht wie hij is.

180
00:10:21,390 --> 00:10:25,170
Wat zijn eigennaam ook
is, hij is altijd farao.

181
00:10:25,170 --> 00:10:29,730
De Filistijnse leiders van Gerar werden
mogelijk altijd Abimelech genoemd,

182
00:10:29,730 --> 00:10:31,170
wie ze ook waren.

183
00:10:31,170 --> 00:10:34,530
Misschien was er een Abimelech
de eerste, een Abimelech

184
00:10:34,530 --> 00:10:37,770
de tweede en zelfs een
derde en een vierde.

185
00:10:37,770 --> 00:10:43,110
Later, in vers 26, zal er staan dat
Pichol, de bevelhebber van zijn leger,

186
00:10:43,110 --> 00:10:47,250
samen met Abimelech kwam om een
overeenkomst met Izak te sluiten.

187
00:10:47,250 --> 00:10:51,690
De eerdere Abimelech in hoofdstuk 20
had ook een bevelhebber van zijn leger

188
00:10:51,690 --> 00:10:53,430
die Pichol heette.

189
00:10:53,430 --> 00:10:58,050
Pichol kan dus ook meer een titel of
rang zijn geweest dan een persoonsnaam.

190
00:10:58,050 --> 00:11:01,050
Hoe dan ook, Abimelech zei in vers 10:

191
00:11:01,050 --> 00:11:04,470
Abimelech zei daarop:
Wat hebt u ons aangedaan?

192
00:11:04,470 --> 00:11:08,010
Hoe gemakkelijk had er één van het
volk met uw vrouw kunnen slapen,

193
00:11:08,010 --> 00:11:11,070
en dan zou u een schuld
over ons gebracht hebben!

194
00:11:11,070 --> 00:11:14,310
Daarom gaf Abimelech
heel zijn volk het bevel:

195
00:11:14,310 --> 00:11:19,110
Toen gebood Abimelech heel het volk:
Wie deze man of zijn vrouw aanraakt,

196
00:11:19,110 --> 00:11:20,610
zal zeker gedood worden.

197
00:11:20,610 --> 00:11:26,730
Dit is interessant, want deze Filistijnen,
die onbesneden, onreine heidenen waren,

198
00:11:26,730 --> 00:11:28,710
toonden enig moreel besef.

199
00:11:28,710 --> 00:11:34,050
Hij zei: „Nu we weten dat ze je
vrouw is, mag niemand haar aanraken.”

200
00:11:34,050 --> 00:11:38,130
Izak was bang dat ze hem zouden doden
om haar te kunnen nemen als hij had

201
00:11:38,130 --> 00:11:40,230
toegegeven dat ze zijn vrouw was.

202
00:11:40,230 --> 00:11:43,950
Maar het is duidelijk dat ze daar
helemaal niet toe geneigd waren.

203
00:11:43,950 --> 00:11:48,150
Sommige mensen in bepaalde culturen
hadden zulke dingen wel gedaan.

204
00:11:48,150 --> 00:11:52,170
Uit Egypte is een bekend verhaal
dat archeologen hebben ontdekt,

205
00:11:52,170 --> 00:11:54,870
„Het verhaal van twee broers” geheten.

206
00:11:54,870 --> 00:11:57,150
Daarin wordt een
werkelijk geval beschreven

207
00:11:57,150 --> 00:12:00,990
waarin een man werd gedood omdat
iemand zijn vrouw wilde hebben.

208
00:12:00,990 --> 00:12:03,990
Het stamt uit ongeveer die periode.

209
00:12:03,990 --> 00:12:08,730
Abraham kende dat verhaal waarschijnlijk
en was daar bang voor, en Izak ook.

210
00:12:08,730 --> 00:12:13,470
Maar denk eraan dat Abimelech in
hoofdstuk 20 tegen Abraham zei:

211
00:12:13,470 --> 00:12:15,750
Waarom hebt u ons zo bedrogen?

212
00:12:15,750 --> 00:12:17,130
Abraham zei:

213
00:12:17,130 --> 00:12:22,830
Daarop zei Abraham: Omdat ik dacht: Er
is vast geen vreze Gods in deze plaats,

214
00:12:22,830 --> 00:12:26,190
daarom zullen zij mij
omwille van mijn vrouw doden.

215
00:12:26,190 --> 00:12:30,390
Maar die was er wel. Abimelech
vreesde God wel degelijk.

216
00:12:30,390 --> 00:12:34,770
Hij kende de ware God niet, maar
toen God Zich aan hem openbaarde,

217
00:12:34,770 --> 00:12:37,410
vreesde en gehoorzaamde hij Hem.

218
00:12:37,410 --> 00:12:40,950
Zo lijkt ook deze man,
misschien de zoon van de andere,

219
00:12:40,950 --> 00:12:43,650
bepaalde gewetensbezwaren te hebben gehad.

220
00:12:43,650 --> 00:12:47,490
Nu bekend was geworden dat
Rebekka de vrouw van Izak was,

221
00:12:47,490 --> 00:12:51,990
vaardigde hij een bevel uit:
niemand mocht deze man kwaad doen of

222
00:12:51,990 --> 00:12:53,910
zijn vrouw aanraken.

223
00:12:53,910 --> 00:12:56,730
Voor een heiden lijkt dat
behoorlijk prijzenswaardig.

224
00:12:56,730 --> 00:12:59,010
Izak zaaide dus in het land.

225
00:12:59,010 --> 00:13:02,310
Zaad zaaien was niet iets
wat Abraham had gedaan.

226
00:13:02,310 --> 00:13:03,990
Hij had rondgetrokken.

227
00:13:03,990 --> 00:13:07,890
Je bedrijft geen landbouw als je van
de ene plaats naar de andere rondtrekt.

228
00:13:07,890 --> 00:13:10,950
Hij was een schapenhouder.
Hij was een bedoeïen.

229
00:13:10,950 --> 00:13:13,290
Hij was een nomadische herder.

230
00:13:13,290 --> 00:13:16,650
Dat was Abraham, en
bovendien was hij een sjeik.

231
00:13:16,650 --> 00:13:20,190
Hij was zeer machtig, en
Izak was dat allemaal ook.

232
00:13:20,190 --> 00:13:24,690
Maar vanwege de hongersnood vestigt
hij zich nu een tijdlang op één plaats

233
00:13:24,690 --> 00:13:30,390
en besluit hij: nu ik hier toch ben, kan
ik net zo goed een stuk land pachten,

234
00:13:30,390 --> 00:13:33,690
wat zaad zaaien en zien wat ervan komt.

235
00:13:33,690 --> 00:13:36,150
Hij was nog maar pas
begonnen met die landbouw,

236
00:13:36,150 --> 00:13:38,610
maar hij zaaide zaad in het land.

237
00:13:38,610 --> 00:13:42,870
Er staat dat hij in datzelfde jaar
het honderdvoudige oogstte en dat

238
00:13:42,870 --> 00:13:44,670
Jahweh hem zegende.

239
00:13:44,670 --> 00:13:48,510
Honderdvoudig is een heel
grote oogst, heel ongewoon.

240
00:13:48,510 --> 00:13:52,650
Het is niet onmogelijk, maar
het is beslist een recordoogst.

241
00:13:52,650 --> 00:13:55,170
Toch was het een tijd van hongersnood.

242
00:13:55,170 --> 00:13:57,390
Vermoedelijk heerste er droogte.

243
00:13:57,390 --> 00:14:02,430
En toch gaf God hem zo’n enorme oogst,
omdat God hem inderdaad had gezegd:

244
00:14:02,430 --> 00:14:06,630
Toen verscheen de HEERE hem
en zei: Trek niet naar Egypte,

245
00:14:06,630 --> 00:14:09,630
maar woon in het land dat Ik u noemen zal.

246
00:14:09,630 --> 00:14:11,850
Verblijf als vreemdeling in dit land.

247
00:14:11,850 --> 00:14:16,950
Ik zal dan met u zijn en u zegenen,
want aan u en uw nageslacht zal Ik al

248
00:14:16,950 --> 00:14:18,390
deze landen geven.

249
00:14:18,390 --> 00:14:23,130
Ik zal de eed gestand doen die Ik
Abraham, uw vader, gezworen heb.

250
00:14:23,130 --> 00:14:27,810
Dus hoewel andere mensen geen goede
oogsten binnenhaalden, deed Izak dat wel.

251
00:14:27,810 --> 00:14:31,590
God schonk bijzondere aandacht aan
zijn akker en gaf hem veel opbrengst.

252
00:14:31,590 --> 00:14:36,330
De man kreeg aanzien, ja,
gaandeweg meer aanzien,

253
00:14:36,330 --> 00:14:39,450
totdat hij zeer aanzienlijk geworden was.

254
00:14:39,450 --> 00:14:44,730
Hij had kudden kleinvee en kudden
runderen, en een groot aantal slaven,

255
00:14:44,730 --> 00:14:47,490
zodat de Filistijnen
jaloers op hem werden.

256
00:14:47,490 --> 00:14:50,730
Als hij in een tijd van
hongersnood al dit graan had,

257
00:14:50,730 --> 00:14:55,230
terwijl andere mensen geen graan hadden,
moesten zij het bij iemand kopen.

258
00:14:55,230 --> 00:14:58,710
En hij leek de graanmagneet
van het gebied te zijn.

259
00:14:58,710 --> 00:15:05,370
Mensen kwamen naar hem toe en gaven hem
goud, zilver en vee in ruil voor graan.

260
00:15:05,370 --> 00:15:09,030
Hij had dus niet alleen veel
graan dat hij zelf verbouwde.

261
00:15:09,030 --> 00:15:12,150
Door handel te drijven in
het gebied vergaarde hij ook

262
00:15:12,150 --> 00:15:17,190
al die andere soorten rijkdom, totdat
hij de machtigste man in het gebied was.

263
00:15:17,190 --> 00:15:20,490
De Filistijnen voelden
zich door hem bedreigd.

264
00:15:20,490 --> 00:15:22,470
Ze waren jaloers op hem.

265
00:15:22,470 --> 00:15:25,050
Er staat dat ze hem benijdden.

266
00:15:25,050 --> 00:15:29,550
Al de putten die de dienaren van zijn
vader in de dagen van zijn vader Abraham

267
00:15:29,550 --> 00:15:34,410
gegraven hadden, stopten de Filistijnen
dicht en vulden ze met aarde.

268
00:15:34,410 --> 00:15:38,310
Naar alle waarschijnlijkheid waren
deze putten de bron van het water

269
00:15:38,310 --> 00:15:40,650
waarmee zijn gewassen werden bevloeid.

270
00:15:40,650 --> 00:15:42,750
Er viel blijkbaar geen regen.

271
00:15:42,750 --> 00:15:45,990
Daarom zullen zijn knechten water
uit de putten hebben gehaald

272
00:15:45,990 --> 00:15:48,690
en het over de gewassen hebben uitgegoten.

273
00:15:48,690 --> 00:15:54,150
Dat is een behoorlijk langzame en moeizame
manier om je gewassen water te geven.

274
00:15:54,150 --> 00:15:58,770
De Filistijnen waren jaloers op hem en
vonden het niet prettig dat zijn rijkdom

275
00:15:58,770 --> 00:16:00,450
zo sterk toenam.

276
00:16:00,450 --> 00:16:05,250
Ze vulden de putten met modder, kennelijk
om te proberen de voorspoed en zegen

277
00:16:05,250 --> 00:16:08,970
in zijn leven te dwarsbomen.
Maar het werkte niet.

278
00:16:08,970 --> 00:16:10,710
God zegende hem nog steeds.

279
00:16:10,710 --> 00:16:13,050
Maar Abimelech zei tegen Izak:

280
00:16:13,050 --> 00:16:16,710
Toen zei Abimelech tegen
Izak: Ga van ons weg,

281
00:16:16,710 --> 00:16:19,530
want u bent veel machtiger
geworden dan wij.

282
00:16:19,530 --> 00:16:23,190
Het is mogelijk dat de Filistijnen
destijds niet in groten getale in

283
00:16:23,190 --> 00:16:25,230
Palestina aanwezig waren.

284
00:16:25,230 --> 00:16:28,710
We weten dat de Filistijnen al
enige tijd in het gebied waren,

285
00:16:28,710 --> 00:16:31,410
maar hun steden kunnen klein zijn geweest.

286
00:16:31,410 --> 00:16:35,010
Als Izak alle knechten had
geërfd die Abraham had gehad,

287
00:16:35,010 --> 00:16:38,190
en hij daarbovenop al deze
nieuwe voorspoed kreeg,

288
00:16:38,190 --> 00:16:42,510
kon hij gemakkelijk een enorme en geduchte
macht zijn waarmee men in het gebied

289
00:16:42,510 --> 00:16:43,950
rekening moest houden.

290
00:16:43,950 --> 00:16:47,790
De Filistijnen vonden dat hij
werkelijk machtiger was dan zij.

291
00:16:47,790 --> 00:16:52,710
Toen ging Izak vandaar weg en hij sloeg
zijn kamp op in het dal van Gerar;

292
00:16:52,710 --> 00:16:54,330
daar bleef hij wonen.

293
00:16:54,330 --> 00:16:58,350
En Izak keerde terug en groef de
waterputten weer op die zij in de tijd van

294
00:16:58,350 --> 00:17:02,730
zijn vader Abraham gegraven hadden
en die de Filistijnen na de dood van

295
00:17:02,730 --> 00:17:04,770
Abraham dichtgestopt hadden.

296
00:17:04,770 --> 00:17:08,130
Hij gaf ze dezelfde namen als
zijn vader ze gegeven had.

297
00:17:08,130 --> 00:17:10,890
De dienaren van Izak
groeven eens in het dal

298
00:17:10,890 --> 00:17:13,950
en vonden daar een put
met opborrelend water.

299
00:17:13,950 --> 00:17:18,090
De herders van Gerar kregen daarop
onenigheid met de herders van Izak en

300
00:17:18,090 --> 00:17:20,790
zeiden: Dit water is van ons.

301
00:17:20,790 --> 00:17:25,470
Hij gaf die put de naam Esek, omdat
zij ruzie met hem gemaakt hadden.

302
00:17:25,470 --> 00:17:30,150
Vervolgens groeven ze een andere put,
maar zij kregen ook daar onenigheid over;

303
00:17:30,150 --> 00:17:32,850
daarom gaf hij hem de naam Sitna.

304
00:17:32,850 --> 00:17:37,650
Het lijkt erop dat hij deze putten
opgeeft zodra er onenigheid over ontstaat.

305
00:17:37,650 --> 00:17:40,950
Hij graaft de putten van zijn
vader opnieuw uit en daarna

306
00:17:40,950 --> 00:17:42,450
graaft hij er zelf een paar.

307
00:17:42,450 --> 00:17:46,110
Maar ze maken er ruzie over,
dus hij kan ze niet houden.

308
00:17:46,110 --> 00:17:50,850
Hij geeft ze op en noemt ze
eenvoudigweg Ruzie en Haat.

309
00:17:50,850 --> 00:17:54,330
Toen brak hij vandaar op
en groef een andere put

310
00:17:54,330 --> 00:17:57,210
en daarover kregen zij geen onenigheid.

311
00:17:57,210 --> 00:18:01,590
Daarom gaf hij hem de naam
Rehoboth, want, zei hij,

312
00:18:01,590 --> 00:18:06,870
nu heeft de HEERE ruimte voor ons gemaakt
en zullen wij vruchtbaar zijn in dit land.

313
00:18:06,870 --> 00:18:11,250
Om vruchtbaar te zijn in het land,
kennelijk om gewassen voort te brengen,

314
00:18:11,250 --> 00:18:13,350
hadden ze deze putten nodig.

315
00:18:13,350 --> 00:18:16,530
En dus zegt hij: nu hebben we een plek.

316
00:18:16,530 --> 00:18:21,990
We hebben deze put hier, er zit water
in en niemand vecht er met ons om.

317
00:18:21,990 --> 00:18:25,230
Dus hier kunnen we ons
vestigen en vruchtbaar zijn,

318
00:18:25,230 --> 00:18:29,490
aangezien we de vorige plek waar we
landbouw bedreven hebben moeten verlaten.

319
00:18:29,490 --> 00:18:31,950
Hij vertrok vandaar naar Berseba.

320
00:18:31,950 --> 00:18:38,190
De HEERE verscheen hem in die nacht en
zei: Ik ben de God van Abraham, uw vader.

321
00:18:38,190 --> 00:18:41,310
Wees niet bevreesd, want Ik ben met u;

322
00:18:41,310 --> 00:18:47,790
Ik zal u zegenen en uw nageslacht talrijk
maken omwille van Abraham, Mijn dienaar.

323
00:18:47,790 --> 00:18:52,050
Toen bouwde hij daar een altaar
en riep de Naam van de HEERE aan.

324
00:18:52,050 --> 00:18:56,970
Hij zette daar zijn tent op en de
dienaren van Izak groeven daar een put.

325
00:18:56,970 --> 00:19:00,510
Welnu, dat was het opnieuw
uitgraven van de put.

326
00:19:00,510 --> 00:19:02,250
Er was daar al een put.

327
00:19:02,250 --> 00:19:06,210
Die heette Berseba, wat de
Put van de Eed betekent.

328
00:19:06,210 --> 00:19:08,310
Die naam kreeg hij, weet je nog,

329
00:19:08,310 --> 00:19:11,910
toen Abram zeven ooilammeren
aan Abimelech had gegeven,

330
00:19:11,910 --> 00:19:15,270
omdat er ook bij die gelegenheid
een geschil over een put was.

331
00:19:15,270 --> 00:19:19,410
Dit staat eerder, in hoofdstuk
21, toen Abraham zei:

332
00:19:19,410 --> 00:19:24,570
Maar Abraham wees Abimelech eerst terecht
over een waterput die de dienaren van

333
00:19:24,570 --> 00:19:27,570
Abimelech hem met geweld afgenomen hadden.

334
00:19:27,570 --> 00:19:28,650
Abimelech zei:

335
00:19:28,650 --> 00:19:32,730
Abimelech zei daarop: Ik weet
niet wie dit gedaan heeft;

336
00:19:32,730 --> 00:19:36,150
bovendien hebt u het ook zelf
niet eerder aan mij verteld,

337
00:19:36,150 --> 00:19:39,690
en heb ik er ook zelf niet
eerder van gehoord dan vandaag.

338
00:19:39,690 --> 00:19:41,550
Dus Abraham zei:

339
00:19:41,550 --> 00:19:46,050
Toen nam Abraham kleinvee en
runderen en gaf die aan Abimelech

340
00:19:46,050 --> 00:19:48,510
en zij beiden sloten een verbond.

341
00:19:48,510 --> 00:19:52,410
Maar Abraham zette zeven
ooilammeren van het kleinvee apart.

342
00:19:52,410 --> 00:19:57,391
Toen zei Abimelech tegen Abraham: Wat
betekenen die zeven ooilammeren hier ,

343
00:19:57,391 --> 00:19:59,190
die u apart gezet hebt?

344
00:19:59,190 --> 00:20:03,450
Hij zei: U moet die zeven
ooilammeren uit mijn hand aannemen,

345
00:20:03,450 --> 00:20:07,950
zodat het voor mij als bewijs zal
dienen dat ik deze put gegraven heb.

346
00:20:07,950 --> 00:20:12,930
Daar werd een eed afgelegd en ze
noemden die plek de Put van de Eed.

347
00:20:12,930 --> 00:20:19,350
Eigenlijk kan het woorddeel Seba in
Berseba zowel ‘eed’ als ‘zeven’ betekenen.

348
00:20:19,350 --> 00:20:22,530
Het zou dus de Put van
Zeven kunnen worden genoemd,

349
00:20:22,530 --> 00:20:26,790
de put van de zeven ooilammeren
die daar werden uitgewisseld.

350
00:20:26,790 --> 00:20:31,890
Maar het lijkt een woordspeling te zijn,
omdat ze daar ook een eed aflegden.

351
00:20:31,890 --> 00:20:36,450
Berseba kan dus de Put van de Eed
of de Put van de Zeven betekenen.

352
00:20:36,450 --> 00:20:40,650
Izak graaft die put opnieuw uit
en geeft hem dezelfde naam als

353
00:20:40,650 --> 00:20:42,630
Abraham eraan had gegeven.

354
00:20:42,630 --> 00:20:48,330
Toen kwam Abimelech vanuit Gerar naar hem
toe, met Ahuzzath, een van zijn vrienden,

355
00:20:48,330 --> 00:20:51,570
en Pichol, de bevelhebber van zijn leger.

356
00:20:51,570 --> 00:20:53,370
Izak zei tegen hen:

357
00:20:53,370 --> 00:20:56,610
Izak vroeg hun: Waarom
komt u naar mij toe,

358
00:20:56,610 --> 00:20:59,550
terwijl u mij haat en mij
bij u weggestuurd hebt?

359
00:20:59,550 --> 00:21:01,050
Maar zij zeiden:

360
00:21:01,050 --> 00:21:05,190
Zij antwoordden: Wij hebben duidelijk
gezien dat de HEERE met u is.

361
00:21:05,190 --> 00:21:10,230
Daarom hebben we gezegd: Laat er toch een
overeenkomst onder ede tussen ons zijn,

362
00:21:10,230 --> 00:21:14,130
tussen ons en u; laten we
een verbond met u sluiten:

363
00:21:14,130 --> 00:21:17,610
Nu zeggen ze Jahweh. Interessant.

364
00:21:17,610 --> 00:21:20,310
De Filistijnen aanbaden Jahweh niet.

365
00:21:20,310 --> 00:21:24,330
Zij aanbaden Dagon, een god
die werd afgebeeld als een

366
00:21:24,330 --> 00:21:26,610
vis met het lichaam van een man.

367
00:21:26,610 --> 00:21:29,010
Dagon was duidelijk een demonische god,

368
00:21:29,010 --> 00:21:32,970
maar de verschillende volken aanvaardden
over het algemeen dat de andere

369
00:21:32,970 --> 00:21:35,850
goden van de andere volken
werkelijk bestonden.

370
00:21:35,850 --> 00:21:40,890
Ze vonden alleen dat elke stam of elk
volk een bepaalde loyaliteit voelde

371
00:21:40,890 --> 00:21:42,930
aan de god van de eigen groep.

372
00:21:42,930 --> 00:21:47,310
Toch betwistten ze niet dat de goden
van andere groepen echte goden waren.

373
00:21:47,310 --> 00:21:51,990
Het is dus niet vreemd dat de Filistijnen
Jahweh als een echte God erkenden,

374
00:21:51,990 --> 00:21:54,750
ook al waren ze geen
aanbidders van Jahweh.

375
00:21:54,750 --> 00:22:01,410
Ze wisten dat Izak en zijn familie deze
Jahweh aanbaden en dat Jahweh hen zegende.

376
00:22:01,410 --> 00:22:03,870
Ze hadden er geen moeite
mee dat te erkennen

377
00:22:03,870 --> 00:22:06,390
en Jahweh daarvoor de eer te geven.

378
00:22:06,390 --> 00:22:07,650
Ze zeiden:

379
00:22:07,650 --> 00:22:12,150
Zij antwoordden: Wij hebben duidelijk
gezien dat de HEERE met u is.

380
00:22:12,150 --> 00:22:16,710
Daarom hebben we gezegd: Laat er toch een
overeenkomst onder ede tussen ons zijn,

381
00:22:16,710 --> 00:22:22,890
tussen ons en u; laten we een verbond met
u sluiten: dat u ons geen kwaad zult doen,

382
00:22:22,890 --> 00:22:26,910
zoals wij u niet aangeraakt hebben, en
zoals wij u alleen maar goed behandeld

383
00:22:26,910 --> 00:22:29,910
hebben en u in vrede
hebben laten vertrekken.

384
00:22:29,910 --> 00:22:32,670
Nu bent u immers de
gezegende van de HEERE!

385
00:22:32,670 --> 00:22:37,650
Met andere woorden: ‘We voelen ons
door jou bedreigd. God zegent je.

386
00:22:37,650 --> 00:22:41,670
We zijn bang dat je misschien besluit
dat je sterk genoeg bent om ons ten

387
00:22:41,670 --> 00:22:42,390
val te brengen.

388
00:22:42,390 --> 00:22:45,510
Laten we afspreken dat
dat niet zal gebeuren.’

389
00:22:45,510 --> 00:22:49,290
Dat zou niet nodig moeten
zijn, want in hoofdstuk 21

390
00:22:49,290 --> 00:22:53,430
legde Abraham diezelfde eed
af met de eerdere Abimelech,

391
00:22:53,430 --> 00:22:56,310
en die had ook betrekking
op hun nakomelingen.

392
00:22:56,310 --> 00:23:00,750
Dat wil zeggen, ze zeiden:
‘Mijn zonen zullen jouw zonen

393
00:23:00,750 --> 00:23:03,150
niet kwellen’, enzovoort.

394
00:23:03,150 --> 00:23:08,130
De eed die Abraham aflegde, had
hier dus bindend moeten zijn.

395
00:23:08,130 --> 00:23:12,930
Vervolgens zien we dat Izak ook
precies zo’n eed aflegt als zijn vader.

396
00:23:12,930 --> 00:23:15,810
Nogmaals, alles wat
van Izak wordt vermeld,

397
00:23:15,810 --> 00:23:19,350
is gewoon een herhaling van
dingen die Abraham deed.

398
00:23:19,350 --> 00:23:22,530
Genesis 26:34 zegt:

399
00:23:22,530 --> 00:23:28,590
Toen Ezau veertig jaar oud was, nam hij
Judith, de dochter van Beëri, de Hethiet,

400
00:23:28,590 --> 00:23:33,390
en Basmath, de dochter van
Elon, de Hethiet, tot vrouw.

401
00:23:33,390 --> 00:23:35,370
Dan gaan de jaren voorbij.

402
00:23:35,370 --> 00:23:37,950
We weten niet hoeveel
jaren, maar de meeste

403
00:23:37,950 --> 00:23:43,590
geleerden hebben berekend dat ze
rond deze tijd, in hoofdstuk 27,

404
00:23:43,590 --> 00:23:46,470
vijfenzeventig of tachtig jaar oud zijn.

405
00:23:46,470 --> 00:23:50,070
Ezau is misschien al vijfendertig
jaar getrouwd met deze vrouwen,

406
00:23:50,070 --> 00:23:52,770
met wie hij in het
vorige hoofdstuk trouwde.

407
00:23:52,770 --> 00:23:56,310
En nu is het tijd om de
patriarchale zegen te geven.

408
00:23:56,310 --> 00:23:59,730
Een zegen is niet hetzelfde
als een eerstgeboorterecht,

409
00:23:59,730 --> 00:24:01,530
maar hij hoort er wel bij.

410
00:24:01,530 --> 00:24:05,610
In wezen lijkt de patriarchale
zegen op een mondeling testament:

411
00:24:05,610 --> 00:24:07,950
‘Dit is wat ik wil dat deze zoon krijgt.

412
00:24:07,950 --> 00:24:10,050
Ik ga het mondeling verklaren.’

413
00:24:10,050 --> 00:24:14,610
Er zit ook iets profetisch in,
want de Bijbel zegt in Hebreeën 11:

414
00:24:14,610 --> 00:24:19,050
Door het geloof heeft Izak zijn
zonen Jakob en Ezau gezegend,

415
00:24:19,050 --> 00:24:21,570
met betrekking tot toekomstige dingen.

416
00:24:21,570 --> 00:24:24,990
Er zit dus iets in die zegen
wat met God te maken heeft.

417
00:24:24,990 --> 00:24:29,490
Zijn geloof in God bracht hem
ertoe om tot op zekere hoogte

418
00:24:29,490 --> 00:24:32,550
over de toekomst van
zijn zonen te profeteren.

419
00:24:32,550 --> 00:24:36,870
Maar ook in andere families zou
een stervende patriarch of vader

420
00:24:36,870 --> 00:24:40,770
zijn zonen doorgaans zegenen
en hun dingen nalaten.

421
00:24:40,770 --> 00:24:45,750
Degene met het eerstgeboorterecht zou
vanzelfsprekend de goede dingen krijgen.

422
00:24:45,750 --> 00:24:50,310
Nu is het daarvoor tijd, want
Izak denkt dat hij stervende is.

423
00:24:50,310 --> 00:24:52,350
Izak is niet stervende.

424
00:24:52,350 --> 00:24:55,710
Izak is blind geworden,
hij kan niet veel meer doen

425
00:24:55,710 --> 00:24:58,050
en hij denkt dat hij stervende is.

426
00:24:58,050 --> 00:25:01,290
Dus redeneert hij: ‘Ik kan maar beter die

427
00:25:01,290 --> 00:25:04,590
zegen geven die bij het
eerstgeboorterecht hoort.’

428
00:25:04,590 --> 00:25:09,210
Hij wil hem aan zijn lievelingszoon
Ezau geven, niet aan Jakob.

429
00:25:09,210 --> 00:25:11,790
Waarom denk ik dat hij
nog niet stervende is?

430
00:25:11,790 --> 00:25:14,910
Omdat hij ongeveer 130 jaar oud is.

431
00:25:14,910 --> 00:25:18,690
Dat valt te berekenen aan de hand
van de omliggende hoofdstukken.

432
00:25:18,690 --> 00:25:22,110
Jakob was 130 toen hij
voor de farao stond.

433
00:25:22,110 --> 00:25:25,890
Als je vanaf dat moment terugrekent
via de jaren van hongersnood,

434
00:25:25,890 --> 00:25:29,250
was Izak hier ongeveer 135 jaar oud.

435
00:25:29,250 --> 00:25:34,110
Maar later wordt ons verteld dat hij
op zijn honderdtachtigste stierf.

436
00:25:34,110 --> 00:25:38,970
Hij is dus nog ruim veertig jaar van zijn
dood verwijderd, maar dat weet hij niet.

437
00:25:38,970 --> 00:25:42,270
Hij is een blinde oude man en
hij denkt dat hij stervende is.

438
00:25:42,270 --> 00:25:45,390
Hoewel hij zich met ongeveer
veertig jaar heeft misrekend,

439
00:25:45,390 --> 00:25:48,030
denkt hij dat hij dit
maar beter kan afhandelen,

440
00:25:48,030 --> 00:25:52,950
zijn zaken op orde kan brengen en de
familiezegen, de patriarchale zegen,

441
00:25:52,950 --> 00:25:56,130
kan doorgeven aan zijn
lievelingszoon Ezau.

442
00:25:56,130 --> 00:26:00,030
Ik weet niet waarom hij ervoor
koos die aan Ezau te geven.

443
00:26:00,030 --> 00:26:03,150
We weten alleen dat Ezau
zijn lievelingszoon is,

444
00:26:03,150 --> 00:26:05,130
maar dat is niet genoeg reden.

445
00:26:05,130 --> 00:26:07,710
Jakob moet immers zeker
hebben geweten wat God

446
00:26:07,710 --> 00:26:10,590
tegen Rebekka zei toen zij zwanger was.

447
00:26:10,590 --> 00:26:12,570
Waarom zou ze het hem niet vertellen?

448
00:26:12,570 --> 00:26:16,230
Hoe kwam het in de Bijbel terecht
als ze het voor zichzelf hield?

449
00:26:16,230 --> 00:26:18,390
Zij heeft de Bijbel niet geschreven.

450
00:26:18,390 --> 00:26:21,930
Het is duidelijk dat ze zeer belangrijke
informatie aan haar man zou hebben

451
00:26:21,930 --> 00:26:26,190
doorgegeven: ‘God heeft mij
verteld dat dit een tweeling is.

452
00:26:26,190 --> 00:26:29,370
De jongste zal degene zijn
met de eerstgeboorterechten,

453
00:26:29,370 --> 00:26:31,650
en de oudste zal hem dienen.’

454
00:26:31,650 --> 00:26:34,410
Izak zou geweten hebben
dat God dat had gezegd,

455
00:26:34,410 --> 00:26:38,970
tenzij hij er misschien aan twijfelde
of zijn vrouw God wel goed had verstaan.

456
00:26:38,970 --> 00:26:42,150
Maar Izak bleef een andere
zoon voortrekken dan degene die

457
00:26:42,150 --> 00:26:43,830
God had aangewezen.

458
00:26:43,830 --> 00:26:47,850
Natuurlijk kon de verkoop van het
eerstgeboorterecht voor een bord stoofpot,

459
00:26:47,850 --> 00:26:51,450
die ongetwijfeld tientallen
jaren eerder had plaatsgevonden,

460
00:26:51,450 --> 00:26:53,550
nauwelijks geheim zijn gebleven.

461
00:26:53,550 --> 00:26:57,450
Jakob zou geen enkele reden hebben
gehad om het geheim te houden.

462
00:26:57,450 --> 00:27:01,350
Ezau had er misschien geen
belangstelling voor om erover te praten,

463
00:27:01,350 --> 00:27:05,070
maar Jakob zou er binnen zijn
familie beslist over praten.

464
00:27:05,070 --> 00:27:09,930
Ik kan niet geloven dat Izak niet wist
dat Ezau dit alles geacht werd te krijgen.

465
00:27:09,930 --> 00:27:13,770
Maar het was mogelijk dat een vader een
betere zegen gaf aan de zoon die het

466
00:27:13,770 --> 00:27:15,870
eerstgeboorterecht niet had.

467
00:27:15,870 --> 00:27:20,670
Misschien was Izak boos omdat Jakob
het eerstgeboorterecht had gekregen,

468
00:27:20,670 --> 00:27:24,990
en wilde hij toch iets waardevols
geven aan Ezau, zijn lievelingszoon.

469
00:27:24,990 --> 00:27:29,730
Om de een of andere reden liet Izak
Rebekka en Jakob hier niets van weten.

470
00:27:29,730 --> 00:27:33,150
Hij sprak onder vier ogen met Ezau en zei:

471
00:27:33,150 --> 00:27:37,710
Nu dan, pak je jachtgerei,
je pijlkoker en je boog,

472
00:27:37,710 --> 00:27:41,550
trek het veld in en jaag
voor mij een stuk wild.

473
00:27:41,550 --> 00:27:45,390
Maak dan een smakelijk gerecht voor
me klaar, zoals ik het graag heb,

474
00:27:45,390 --> 00:27:47,250
en breng het me om te eten.

475
00:27:47,250 --> 00:27:50,490
Dan zal mijn ziel je
zegenen voordat ik sterf.

476
00:27:50,490 --> 00:27:54,330
Zoiets zou normaal gesproken
tijdens een groot feest gebeuren.

477
00:27:54,330 --> 00:27:58,230
Zelfs toen Izak gespeend werd,
was er een groot feest geweest.

478
00:27:58,230 --> 00:28:01,890
In het Midden-Oosten heb je
zulke feestelijke gebeurtenissen.

479
00:28:01,890 --> 00:28:07,230
Het geven van de zegen van de vader zou
beslist tijdens een feest plaatsvinden.

480
00:28:07,230 --> 00:28:08,730
Toch zei Izak:

481
00:28:08,730 --> 00:28:12,510
Breng me gewoon het eten, zo
redeneert Izak volgens Gregg,

482
00:28:12,510 --> 00:28:14,430
dan houden we dit onder ons.

483
00:28:14,430 --> 00:28:16,890
We maken er een klein feestmaal van.

484
00:28:16,890 --> 00:28:20,130
Ik ga lekker eten en
dan geef ik je de zegen.

485
00:28:20,130 --> 00:28:24,510
Het was heel duidelijk dat hij niet
wilde dat Rebekka of Jakob ervan wist.

486
00:28:24,510 --> 00:28:26,790
Of hij voelde zich er schuldig over,

487
00:28:26,790 --> 00:28:29,670
of hij wilde eenvoudigweg geen
moeilijkheden met de andere

488
00:28:29,670 --> 00:28:31,290
leden van zijn gezin.

489
00:28:31,290 --> 00:28:34,050
Izak zegt in vers 2 tegen Ezau:

490
00:28:34,050 --> 00:28:40,050
Hij zei: Zie toch, ik ben oud geworden
en ik weet de dag van mijn dood niet.

491
00:28:40,050 --> 00:28:44,310
Nu dan, pak je jachtgerei,
je pijlkoker en je boog,

492
00:28:44,310 --> 00:28:47,550
trek het veld in en jaag
voor mij een stuk wild.

493
00:28:47,550 --> 00:28:51,450
Maak dan een smakelijk gerecht voor
me klaar, zoals ik het graag heb,

494
00:28:51,450 --> 00:28:53,250
en breng het me om te eten.

495
00:28:53,250 --> 00:28:56,250
Dan zal mijn ziel je
zegenen voordat ik sterf.

496
00:28:56,250 --> 00:29:00,330
Ik heb voor het eerst Dennis Pragers
commentaar op Genesis erbij gepakt.

497
00:29:00,330 --> 00:29:04,650
Hij is een Jood en is zo’n beetje
onofficieel een Joodse rabbijn.

498
00:29:04,650 --> 00:29:08,250
Hij spreekt in synagogen
en dat soort gelegenheden.

499
00:29:08,250 --> 00:29:11,370
Hij heeft enkele commentaren
op de Thora geschreven.

500
00:29:11,370 --> 00:29:15,150
Ik had het boek op de plank staan,
maar had het nog nooit gebruikt.

501
00:29:15,150 --> 00:29:19,230
Hij zei dat je onder de latere
Joodse wet, onder de Thora,

502
00:29:19,230 --> 00:29:24,030
niet met pijl-en-boog op jacht zou
gaan en het dier vervolgens zou eten.

503
00:29:24,030 --> 00:29:26,730
Je moest de keel van het dier doorsnijden.

504
00:29:26,730 --> 00:29:29,610
Het moest door één enkele slag sterven.

505
00:29:29,610 --> 00:29:33,150
Je mocht het dier niet met een
pijl erin laten rondrennen totdat

506
00:29:33,150 --> 00:29:34,890
het uiteindelijk stierf.

507
00:29:34,890 --> 00:29:38,850
Ik zie dit niet in de Thora, maar
blijkbaar is dit de manier waarop de

508
00:29:38,850 --> 00:29:40,710
rabbijnen de wet begrepen.

509
00:29:40,710 --> 00:29:43,050
Ze moesten het slachten zoals een koe.

510
00:29:43,050 --> 00:29:47,970
Je gaat niet jagen om het vervolgens
te volgen terwijl het gewond rondrent.

511
00:29:47,970 --> 00:29:52,710
Prager merkte op dat dit aantoont dat
het verhaal, zoals het zelf beweert,

512
00:29:52,710 --> 00:29:55,230
van vóór de Joodse wet dateert.

513
00:29:55,230 --> 00:29:58,590
Het laat zien dat het oud
is, want latere Joden,

514
00:29:58,590 --> 00:30:04,590
in elk geval Joden uit de tijd na Mozes,
zouden hier gevoelig voor zijn geweest.

515
00:30:04,590 --> 00:30:06,510
Izak zou niet hebben gezegd:

516
00:30:06,510 --> 00:30:10,590
Ga eropuit, jaag een
hert voor me en doe dit.

517
00:30:10,590 --> 00:30:16,110
Zo vermeldt hij ook dat God in hoofdstuk
18 Abraham bij zijn tent kwam bezoeken

518
00:30:16,110 --> 00:30:19,410
en dat Abraham Hem een maaltijd voorzette.

519
00:30:19,410 --> 00:30:23,070
Er staat dat hij Hem
kaas, melk en vlees gaf.

520
00:30:23,070 --> 00:30:27,510
Latere Joden hebben de gewoonte dat
je tijdens dezelfde maaltijd geen melk

521
00:30:27,510 --> 00:30:29,130
en vlees eet.

522
00:30:29,130 --> 00:30:33,150
Prager wees erop dat dit kenmerken
zijn van de authenticiteit

523
00:30:33,150 --> 00:30:35,430
en ouderdom van deze verhalen.

524
00:30:35,430 --> 00:30:40,590
Als latere Joden ze hadden verzonnen,
zouden ze Abraham niet aan dezelfde tafel

525
00:30:40,590 --> 00:30:45,150
melk en vlees hebben laten eten en
dat aan God hebben laten voorzetten.

526
00:30:45,150 --> 00:30:47,550
En ze zouden Izak niet
hebben laten zeggen:

527
00:30:47,550 --> 00:30:49,470
Ga wat wild voor me jagen.

528
00:30:49,470 --> 00:30:54,390
Dat is eenvoudigweg niet de manier waarop
de Joden hun voedselvoorschriften begrepen

529
00:30:54,390 --> 00:30:56,370
nadat de wet gegeven was.

530
00:30:56,370 --> 00:31:00,030
Het draagt werkelijk de kenmerken
van een zeer oud verhaal,

531
00:31:00,030 --> 00:31:02,430
zoals ook het geval zou moeten zijn.

532
00:31:02,430 --> 00:31:04,410
Er staat in vers 5:

533
00:31:04,410 --> 00:31:09,270
Nu luisterde Rebekka mee, toen
Izak tot zijn zoon Ezau sprak.

534
00:31:09,270 --> 00:31:14,010
Ezau ging het veld in om een stuk
wild te jagen en dat mee te brengen.

535
00:31:14,010 --> 00:31:16,590
Dus zij gaan ook iets in het geheim doen.

536
00:31:16,590 --> 00:31:23,190
Toen zei Rebekka tegen Jakob, haar zoon:
Zie, ik heb je vader tegen Ezau, je broer,

537
00:31:23,190 --> 00:31:27,870
horen zeggen: Breng me een stuk wild en
maak een smakelijk gerecht voor me klaar

538
00:31:27,870 --> 00:31:32,430
om op te eten; dan zal ik je voor
het aangezicht van de HEERE zegenen,

539
00:31:32,430 --> 00:31:33,150
vóór mijn dood.

540
00:31:33,150 --> 00:31:38,610
Nu dan, mijn zoon, luister naar
mijn stem, naar wat ik je gebied.

541
00:31:38,610 --> 00:31:43,230
Ga toch naar de kudde en haal daar
voor mij twee goede geitenbokjes.

542
00:31:43,230 --> 00:31:46,950
Dan zal ik daarvan een smakelijk
gerecht voor je vader klaarmaken,

543
00:31:46,950 --> 00:31:48,630
zoals hij het graag heeft.

544
00:31:48,630 --> 00:31:51,870
Dat moet je naar je vader
brengen en hij zal het eten.

545
00:31:51,870 --> 00:31:54,570
Dan zal hij je zegenen, vóór zijn dood.

546
00:31:54,570 --> 00:31:58,530
Ik heb maar heel zelden hertenvlees
gegeten. Het is heerlijk.

547
00:31:58,530 --> 00:32:02,850
Ik heb nog nooit geitenvlees gegeten, en
ik zou niet hebben gedacht dat een man die

548
00:32:02,850 --> 00:32:05,370
een favoriet gerecht met hertenvlees had,

549
00:32:05,370 --> 00:32:08,730
een maaltijd met geitenvlees
daarvoor zou kunnen aanzien.

550
00:32:08,730 --> 00:32:12,870
Misschien smaakt geit sterk naar
hertenvlees; ik weet het niet.

551
00:32:12,870 --> 00:32:17,010
Maar ik denk dat het waarschijnlijk wel
over een sterk gekruide maaltijd gaat.

552
00:32:17,010 --> 00:32:20,850
Dat is een veronderstelling
bij het Engelse woord ‘savory’;

553
00:32:20,850 --> 00:32:25,110
de Bijbeltekst zelf spreekt
alleen over een smakelijk gerecht.

554
00:32:25,110 --> 00:32:27,330
Het is heel goed mogelijk dat ze bepaalde

555
00:32:27,330 --> 00:32:31,830
specerijen gebruikten die de smaak zo
sterk veranderden dat je eigenlijk niet

556
00:32:31,830 --> 00:32:36,090
kon proeven of het hert of
geit was. Maar het werkte.

557
00:32:36,090 --> 00:32:40,350
Izak merkte niet dat het geitenvlees
was in plaats van hertenvlees.

558
00:32:40,350 --> 00:32:41,550
Er staat:

559
00:32:41,550 --> 00:32:45,750
Breng het daarna naar je vader,
zodat hij ervan kan eten en je kan

560
00:32:45,750 --> 00:32:47,910
zegenen voordat hij sterft.

561
00:32:47,910 --> 00:32:50,610
En Jakob zei tegen zijn moeder Rebekka:

562
00:32:50,610 --> 00:32:54,750
Toen zei Jakob tegen
Rebekka, zijn moeder: Zie,

563
00:32:54,750 --> 00:32:59,010
mijn broer Ezau is een behaarde
man en ik heb een gladde huid.

564
00:32:59,010 --> 00:33:01,770
Dit werd al vermeld
toen ze geboren werden.

565
00:33:01,770 --> 00:33:07,170
Bij hun geboorte, in hoofdstuk 25,
staat dat de eerste naar buiten kwam,

566
00:33:07,170 --> 00:33:10,530
helemaal bedekt met rood haar, harig.

567
00:33:10,530 --> 00:33:14,670
De eerste kwam naar buiten,
rossig en helemaal behaard.

568
00:33:14,670 --> 00:33:18,210
Je vraagt je misschien af
hoe harig hij precies was.

569
00:33:18,210 --> 00:33:22,170
De naam Ezau, die hij
kreeg, betekent harig.

570
00:33:22,170 --> 00:33:25,530
Het was dus een heel opvallend
kenmerk van deze baby,

571
00:33:25,530 --> 00:33:28,530
die bedekt met rood haar geboren werd.

572
00:33:28,530 --> 00:33:31,650
Edom, zijn andere naam, betekent rood.

573
00:33:31,650 --> 00:33:36,330
Door de hele geschiedenis heen zijn
er heel wat roodharigen geweest die

574
00:33:36,330 --> 00:33:37,830
Rooie werden genoemd.

575
00:33:37,830 --> 00:33:40,290
Maar hoeveel haar had hij precies?

576
00:33:40,290 --> 00:33:45,030
Zoals we zullen zien, deed Jakob
geitenvellen met het haar er nog aan om

577
00:33:45,030 --> 00:33:47,670
zijn hals en handen, zodat hij zich als

578
00:33:47,670 --> 00:33:52,350
Ezau kon voordoen voor het geval
zijn vader zijn huid zou betasten.

579
00:33:52,350 --> 00:33:57,750
Toen Isaak later argwaan kreeg,
betastte hij hem inderdaad. Hij zei:

580
00:33:57,750 --> 00:33:59,910
O, dat is Ezau.

581
00:33:59,910 --> 00:34:03,870
Deze man had net zoveel haar
op zijn lichaam als een geit.

582
00:34:03,870 --> 00:34:07,890
Stel je hem voor met lang rood
haar over zijn hele lichaam.

583
00:34:07,890 --> 00:34:11,790
Hij leek wel een orang-oetan,
de ontbrekende schakel.

584
00:34:11,790 --> 00:34:14,730
Het is verbazingwekkend
als je erover nadenkt.

585
00:34:14,730 --> 00:34:17,970
Ik heb nog nooit een baby
met zoveel haar gezien.

586
00:34:17,970 --> 00:34:21,870
Maar dit was waar Jakob zich
zorgen over maakte. Hij zei:

587
00:34:21,870 --> 00:34:23,370
Ik heb een gladde huid.

588
00:34:23,370 --> 00:34:27,030
Met andere woorden: „Ik
heb niet veel testosteron.”

589
00:34:27,030 --> 00:34:31,530
Dat is niet noodzakelijk wat het betekent,
maar het zou dat kunnen betekenen.

590
00:34:31,530 --> 00:34:33,390
In ieder geval zegt hij:

591
00:34:33,390 --> 00:34:37,110
Toen zei Jakob tegen
Rebekka, zijn moeder: Zie,

592
00:34:37,110 --> 00:34:41,250
mijn broer Ezau is een behaarde
man en ik heb een gladde huid.

593
00:34:41,250 --> 00:34:45,690
Misschien betast mijn vader mij; dan zal
ik in zijn ogen als een bedrieger zijn

594
00:34:45,690 --> 00:34:49,110
en zal ik een vloek over
mij brengen en geen zegen.

595
00:34:49,110 --> 00:34:50,850
Sterker nog, hij zegt:

596
00:34:50,850 --> 00:34:54,390
Straks voelt mijn vader aan me
en denkt hij dat ik hem bedrieg;

597
00:34:54,390 --> 00:34:57,630
dan haal ik een vloek over
mezelf in plaats van een zegen.

598
00:34:57,630 --> 00:35:01,830
Het pleit misschien voor Jakob dat
hij bezwaar maakte tegen dit plan,

599
00:35:01,830 --> 00:35:03,750
maar niet om goede redenen.

600
00:35:03,750 --> 00:35:06,690
Hij wilde geen vloek over
zichzelf brengen als zijn

601
00:35:06,690 --> 00:35:08,490
list door zijn vader ontdekt werd.

602
00:35:08,490 --> 00:35:11,850
Hij maakte geen bezwaar tegen
het bedriegen van zijn vader.

603
00:35:11,850 --> 00:35:16,110
Hij maakte bezwaar tegen het gevaar
dat hij erop betrapt zou worden.

604
00:35:16,110 --> 00:35:19,710
We zullen zien dat iedereen in
dit verhaal iets verkeerds doet.

605
00:35:19,710 --> 00:35:24,090
Er zijn vier personages in dit
verhaal, de ouders en de twee zonen,

606
00:35:24,090 --> 00:35:29,490
en ieder van hen doet iets waarvan
hij of zij weet dat het verkeerd is.

607
00:35:29,490 --> 00:35:34,530
Isaak wist dat het verkeerd was om te
proberen de zegen te geven aan de zoon die

608
00:35:34,530 --> 00:35:36,630
God niet had gekozen.

609
00:35:36,630 --> 00:35:40,590
Ezau wist dat hij zijn
eerstgeboorterecht al had verkocht.

610
00:35:40,590 --> 00:35:42,210
Toen zijn vader zei:

611
00:35:42,210 --> 00:35:46,950
Nu dan, pak je jachtgerei,
je pijlkoker en je boog,

612
00:35:46,950 --> 00:35:50,430
trek het veld in en jaag
voor mij een stuk wild.

613
00:35:50,430 --> 00:35:54,390
Maak dan een smakelijk gerecht voor
me klaar, zoals ik het graag heb,

614
00:35:54,390 --> 00:35:56,190
en breng het me om te eten.

615
00:35:56,190 --> 00:35:59,730
Dan zal mijn ziel je
zegenen voordat ik sterf.

616
00:35:59,730 --> 00:36:04,290
had hij moeten zeggen: „Pap, weet je nog
dat ik mijn rechten hierop lang geleden

617
00:36:04,290 --> 00:36:05,970
aan Jakob heb verkocht?”

618
00:36:05,970 --> 00:36:09,570
Als hij een eerlijk man was
geweest, had hij dat moeten doen.

619
00:36:09,570 --> 00:36:12,930
Rebekka speelde niet bepaald
open kaart met haar man.

620
00:36:12,930 --> 00:36:16,890
Je zou denken dat ze naar hem toe
had moeten gaan en had moeten zeggen:

621
00:36:16,890 --> 00:36:19,470
„Ik heb gehoord wat je tegen Ezau zei.

622
00:36:19,470 --> 00:36:23,310
Je weet heel goed dat je de zegen
niet aan Ezau hoort te geven.

623
00:36:23,310 --> 00:36:25,110
Je moest je schamen.

624
00:36:25,110 --> 00:36:27,030
Daar moet je je van bekeren.”

625
00:36:27,030 --> 00:36:30,690
Dat had ze kunnen doen, maar in
plaats daarvan besloot ze hem voor de

626
00:36:30,690 --> 00:36:32,070
gek te houden.

627
00:36:32,070 --> 00:36:35,190
Jakob droeg waarschijnlijk de
minste schuld van allemaal,

628
00:36:35,190 --> 00:36:37,290
alleen omdat hij geen ruggengraat had.

629
00:36:37,290 --> 00:36:41,550
Hij wist dat dit niet goed was, maar hij
durfde niet tegen zijn moeder in te gaan,

630
00:36:41,550 --> 00:36:43,770
en dus deed hij ook het verkeerde.

631
00:36:43,770 --> 00:36:46,590
Er is geen deugdzaam mens in dit verhaal.

632
00:36:46,590 --> 00:36:50,550
Toch wordt de wil van God volbracht,
en dat is misschien een belangrijke les

633
00:36:50,550 --> 00:36:51,750
uit het verhaal.

634
00:36:51,750 --> 00:36:55,410
In de soevereiniteit van God heeft
Hij zelfs niemands gewillige,

635
00:36:55,410 --> 00:36:59,370
rechtvaardige medewerking nodig
om de wil van God te volbrengen.

636
00:36:59,370 --> 00:37:03,690
Het was Gods wil dat Jakob de zegen
zou krijgen, en hij kreeg hem.

637
00:37:03,690 --> 00:37:07,170
Maar alle betrokkenen waren
bezig alle anderen te bedriegen.

638
00:37:07,170 --> 00:37:11,250
Het is een heel interessant,
zij het ingewikkeld, verhaal.

639
00:37:11,250 --> 00:37:15,030
Dus zei hij: „Pap merkt misschien
dat ik zijn zoon niet ben.

640
00:37:15,030 --> 00:37:18,870
Misschien vervloekt hij mij dan juist
omdat ik hem probeer te bedriegen.”

641
00:37:18,870 --> 00:37:20,250
Vers 13 zegt:

642
00:37:20,250 --> 00:37:25,110
Maar zijn moeder zei tegen hem: Laat je
vloek mij dan maar treffen , mijn zoon.

643
00:37:25,110 --> 00:37:28,170
Luister nu maar naar mijn
stem en ga ze voor mij halen.

644
00:37:28,170 --> 00:37:29,790
Ze moesten opschieten.

645
00:37:29,790 --> 00:37:34,830
Ze moesten dit allemaal gedaan krijgen,
die geiten slachten en al het andere,

646
00:37:34,830 --> 00:37:36,750
voordat Ezau terugkwam.

647
00:37:36,750 --> 00:37:40,890
Als hij een goede jachtdag had,
kon hij elk moment terug zijn.

648
00:37:40,890 --> 00:37:43,350
Het is dus een gespannen situatie.

649
00:37:43,350 --> 00:37:47,310
Als dit een film was, zou
er spannende muziek klinken.

650
00:37:47,310 --> 00:37:51,630
Ook al komt Jakob ermee weg, je
weet wat er zou kunnen gebeuren.

651
00:37:51,630 --> 00:37:55,290
Ezau zou binnen kunnen komen met
nog meer pijlen in zijn koker

652
00:37:55,290 --> 00:37:59,550
en beseffen dat iemand probeert te
stelen wat volgens hem van hem is.

653
00:37:59,550 --> 00:38:03,990
Hij zou beter moeten weten, maar ook
hij is hier niet helemaal eerlijk.

654
00:38:03,990 --> 00:38:07,710
Nu zegt zijn moeder: „Laat
mij die vloek maar krijgen.”

655
00:38:07,710 --> 00:38:11,850
In feite haalt ze daarmee de vloek
over zichzelf heen die haar man over

656
00:38:11,850 --> 00:38:13,590
Jakob zou uitspreken.

657
00:38:13,590 --> 00:38:16,590
Ik neem aan dat iemand
zoiets zou kunnen doen.

658
00:38:16,590 --> 00:38:21,630
Net zoals je iemand zou kunnen vervloeken
en dat dan zou behoren te werken, zou je,

659
00:38:21,630 --> 00:38:26,070
denk ik, ook kunnen zeggen: „Nou,
dan neem ik die vloek wel op me.

660
00:38:26,070 --> 00:38:28,710
Ik ben hier degene die
verantwoordelijk is.”

661
00:38:28,710 --> 00:38:31,170
Hoe dan ook, het gebeurde niet.

662
00:38:31,170 --> 00:38:34,050
En hij ging ze halen en
bracht ze naar zijn moeder,

663
00:38:34,050 --> 00:38:38,670
en zijn moeder maakte smakelijk eten
klaar zoals zijn vader dat graag had.

664
00:38:38,670 --> 00:38:43,050
Toen nam Rebekka de mooiste
kleren van haar oudste zoon Ezau.

665
00:38:43,050 --> 00:38:46,830
Waarom moest hij Ezaus kleren
dragen als zijn vader blind was?

666
00:38:46,830 --> 00:38:48,710
Omdat ze naar Ezau roken.

667
00:38:48,710 --> 00:38:51,150
Ezau was een buitenmens.

668
00:38:51,150 --> 00:38:53,610
Maar of je nu een buitenmens bent of niet,

669
00:38:53,610 --> 00:38:57,690
in een samenleving waarin mensen
zich maar één keer per jaar wassen,

670
00:38:57,690 --> 00:39:01,170
zullen die kleren een heel
kenmerkende stank hebben.

671
00:39:01,170 --> 00:39:04,770
Jakob rook waarschijnlijk ook
niet erg lekker. Niemand deed dat.

672
00:39:04,770 --> 00:39:06,870
Niemand rook lekker in die tijd.

673
00:39:06,870 --> 00:39:08,670
Ze douchten niet elke dag.

674
00:39:08,670 --> 00:39:10,710
Ze hadden geen deodorant.

675
00:39:10,710 --> 00:39:14,370
Ze bevonden zich in een heet,
zweterig woestijngebied.

676
00:39:14,370 --> 00:39:18,210
Maar de reden voor Ezaus kleren was
duidelijk niet om Izak met zijn ogen te

677
00:39:18,210 --> 00:39:23,130
misleiden, want hij was blind, maar
om zijn andere zintuigen te misleiden.

678
00:39:23,130 --> 00:39:28,110
Hij had zijn gezichtsvermogen niet meer,
maar hij had nog vier andere zintuigen,

679
00:39:28,110 --> 00:39:30,570
en ze werden allemaal misleid: zijn

680
00:39:30,570 --> 00:39:34,110
smaak doordat geitenvlees als
wildbraad werd klaargemaakt,

681
00:39:34,110 --> 00:39:37,770
zijn reuk doordat Jakob
de kleren van Ezau droeg,

682
00:39:37,770 --> 00:39:43,170
zijn tastzin door het haar op zijn armen
en hals, en natuurlijk zijn gehoor.

683
00:39:43,170 --> 00:39:47,190
Het gehoor was het enige zintuig
waarbij het bijna niet lukte,

684
00:39:47,190 --> 00:39:50,790
want Jakob kon zijn broer
niet helemaal volmaakt nadoen.

685
00:39:50,790 --> 00:39:53,070
Hier staat een beroemde uitspraak:

686
00:39:53,070 --> 00:39:57,510
Toen kwam Jakob dichter bij zijn
vader Izak en die betastte hem.

687
00:39:57,510 --> 00:40:03,210
Hij zei: De stem is Jakobs stem,
maar de handen zijn Ezaus handen.

688
00:40:03,210 --> 00:40:07,350
Die is zelfs een Joods spreekwoord
geworden voor iets wat niet klopt,

689
00:40:07,350 --> 00:40:11,070
in allerlei situaties waarin
iets niet helemaal klopt:

690
00:40:11,070 --> 00:40:15,810
De stem is die van Jakob, maar
de handen zijn die van Ezau.

691
00:40:15,810 --> 00:40:21,270
De stem misleidde hun vader niet
helemaal, maar alle andere zintuigen wel.

692
00:40:21,270 --> 00:40:23,730
Rebekka had aan alles gedacht.

693
00:40:23,730 --> 00:40:27,570
Wie zou eraan gedacht hebben dat
je ook als je broer moest ruiken

694
00:40:27,570 --> 00:40:29,970
en niet alleen het eten moest brengen?

695
00:40:29,970 --> 00:40:33,870
Dus ging ze de mooiste kleren
van haar oudste zoon Ezau halen,

696
00:40:33,870 --> 00:40:38,550
die ze bij zich in huis had, en trok
die haar jongste zoon Jakob aan.

697
00:40:38,550 --> 00:40:39,690
Ze kleedde hem aan.

698
00:40:39,690 --> 00:40:42,090
Hij was een man van bijna tachtig jaar oud

699
00:40:42,090 --> 00:40:44,970
en zijn moeder trok hem
nog steeds zijn kleren aan.

700
00:40:44,970 --> 00:40:47,730
Hij was niet bepaald een
mannelijke man, denk ik,

701
00:40:47,730 --> 00:40:49,710
maar een beetje een moederskindje.

702
00:40:49,710 --> 00:40:52,290
Hij was echter wel een heel bekwaam man.

703
00:40:52,290 --> 00:40:55,290
Toen hij eenmaal zaken ging
doen met Laban, was hij een

704
00:40:55,290 --> 00:40:57,750
goede, gewiekste onderhandelaar.

705
00:40:57,750 --> 00:41:02,490
En hij bezat ook lichamelijke kracht
toen hij de hele nacht met God worstelde.

706
00:41:02,490 --> 00:41:06,270
Het was dus niet zo dat hij de
natuurlijke kracht van een man niet had.

707
00:41:06,270 --> 00:41:08,490
Het kwam doordat hij vertroeteld werd,

708
00:41:08,490 --> 00:41:12,450
omdat hij het lievelingetje van zijn
moeder was en meestal binnenbleef.

709
00:41:12,450 --> 00:41:14,310
Maar ze kleedde hem aan.

710
00:41:14,310 --> 00:41:17,010
Ze legde zelfs het eten in zijn handen.

711
00:41:17,010 --> 00:41:21,810
Vervolgens gaf ze hem dus het smakelijke
eten en het brood dat ze had klaargemaakt

712
00:41:21,810 --> 00:41:24,090
en legde het in Jakobs handen.

713
00:41:24,090 --> 00:41:26,430
Het is alsof hij zelf niets deed.

714
00:41:26,430 --> 00:41:31,170
Hij ging de geiten halen, en zij
haalde de kleren, trok ze hem aan,

715
00:41:31,170 --> 00:41:36,750
bereidde het geitenvlees, gaf alles aan
Jakob en vertelde hem wat hij moest doen.

716
00:41:36,750 --> 00:41:38,970
Dus ging hij naar zijn vader en zei:

717
00:41:38,970 --> 00:41:40,170
Mijn vader.

718
00:41:40,170 --> 00:41:41,370
En hij zei:

719
00:41:41,370 --> 00:41:44,250
Hier ben ik. Wie ben je, mijn zoon?

720
00:41:44,250 --> 00:41:47,430
Het kan niet Jakobs
natuurlijke stem zijn geweest.

721
00:41:47,430 --> 00:41:50,070
Hij moet geprobeerd
hebben Ezau na te doen,

722
00:41:50,070 --> 00:41:54,510
maar niet goed genoeg om zijn vader
te laten denken dat hij Ezau was.

723
00:41:54,510 --> 00:41:58,710
„Wacht eens, wie ben je? Je
noemt me vader? Wie ben je?

724
00:41:58,710 --> 00:42:01,950
Je bent mijn zoon, maar
welke zoon ben je?”

725
00:42:01,950 --> 00:42:04,890
Het is mogelijk dat Jakob
begon met alleen dat

726
00:42:04,890 --> 00:42:07,650
ene woord om te zien of dit ging werken.

727
00:42:07,650 --> 00:42:10,710
„Ik noem hem gewoon ‘vader’
en zeg verder niets,

728
00:42:10,710 --> 00:42:13,350
en dan kijk ik of ik die
hindernis voorbij kom.

729
00:42:13,350 --> 00:42:15,030
Zal hij mijn stem herkennen?”

730
00:42:15,030 --> 00:42:16,350
En hij zei:

731
00:42:16,350 --> 00:42:17,490
Wie ben je?

732
00:42:17,490 --> 00:42:19,650
En Jakob zei tegen zijn vader:

733
00:42:19,650 --> 00:42:24,390
Jakob zei tegen zijn vader:
Ik ben Ezau, uw eerstgeborene.

734
00:42:24,390 --> 00:42:26,670
Ik heb gedaan wat u mij gezegd hebt.

735
00:42:26,670 --> 00:42:33,030
Richt u toch op, ga zitten en eet van mijn
wildbraad, zodat uw ziel mij kan zegenen.

736
00:42:33,030 --> 00:42:36,630
Hij sprak waarschijnlijk op een
lagere toonhoogte dan gewoonlijk.

737
00:42:36,630 --> 00:42:38,910
Maar Izak zei tegen zijn zoon:

738
00:42:38,910 --> 00:42:43,110
Izak zei daarop tegen zijn zoon: Hoe is
het mogelijk dat je dat zo snel gevonden

739
00:42:43,110 --> 00:42:44,550
hebt, mijn zoon?

740
00:42:44,550 --> 00:42:50,310
Hij zei: Omdat de HEERE, uw God,
het mij heeft laten tegenkomen.

741
00:42:50,310 --> 00:42:51,450
En hij zei:

742
00:42:51,450 --> 00:42:56,670
Omdat de Heer, uw God, ervoor heeft
gezorgd dat ik het zo snel vond.

743
00:42:56,670 --> 00:43:01,050
Jakob gebruikte hier dus in zekere
zin zelfs de Naam van de Heere ijdel,

744
00:43:01,050 --> 00:43:04,950
door te liegen en daarbij de
Naam van Jahweh te gebruiken.

745
00:43:04,950 --> 00:43:06,930
Toen zei Izak tegen Jakob:

746
00:43:06,930 --> 00:43:11,850
Izak zei tegen Jakob: Kom toch wat
dichterbij zodat ik je kan betasten,

747
00:43:11,850 --> 00:43:16,110
mijn zoon, of je werkelijk
mijn zoon Ezau bent of niet.

748
00:43:16,110 --> 00:43:17,850
Izak was niet echt overtuigd.

749
00:43:17,850 --> 00:43:21,870
Hij zei: „Goed, je stem is
niet helemaal wat ik verwacht.

750
00:43:21,870 --> 00:43:24,450
Je bent iets eerder terug dan ik dacht.

751
00:43:24,450 --> 00:43:27,090
Laten we hier dus nog een paar tests doen.

752
00:43:27,090 --> 00:43:29,550
Kom hier en laat me je huid voelen.”

753
00:43:29,550 --> 00:43:32,310
Hij zou ook aan hem ruiken, enzovoort.

754
00:43:32,310 --> 00:43:35,490
Je kunt zien dat Izak het
niet helemaal geloofde.

755
00:43:35,490 --> 00:43:38,970
Dat betekent dat er bij Jakob
waarschijnlijk zweetplekken onder zijn

756
00:43:38,970 --> 00:43:40,830
oksels begonnen te ontstaan.

757
00:43:40,830 --> 00:43:43,830
Hij dacht waarschijnlijk:
„Dit werkt niet.”

758
00:43:43,830 --> 00:43:47,790
En daardoor rook hij misschien
zelfs nog wat meer als Ezau.

759
00:43:47,790 --> 00:43:50,490
Dus ging Jakob naar zijn vader Izak toe.

760
00:43:50,490 --> 00:43:52,410
Die betastte hem en zei:

761
00:43:52,410 --> 00:43:56,250
Toen kwam Jakob dichter bij zijn
vader Izak en die betastte hem.

762
00:43:56,250 --> 00:44:01,170
Hij zei: De stem is Jakobs stem,
maar de handen zijn Ezaus handen.

763
00:44:01,170 --> 00:44:04,590
En hij herkende hem niet,
omdat zijn handen behaard waren

764
00:44:04,590 --> 00:44:07,290
zoals de handen van zijn broer Ezau.

765
00:44:07,290 --> 00:44:09,570
Dus zegende hij hem en zei:

766
00:44:09,570 --> 00:44:13,170
Hij zei: Ben je echt mijn zoon Ezau?

767
00:44:13,170 --> 00:44:15,630
Hij antwoordde: Dat ben ik.

768
00:44:15,630 --> 00:44:20,550
Zelfs toen zei hij nog steeds: „Kom nou,
probeer je me hier voor de gek te houden?

769
00:44:20,550 --> 00:44:22,590
Ben je echt Ezau?”

770
00:44:22,590 --> 00:44:26,970
Dit moet een beetje aan Jakobs geweten
hebben geknaagd, als hij enig geweten had,

771
00:44:26,970 --> 00:44:33,090
toen hij zei: „Ja, dat ben ik”, zelfs
toen zijn vader vroeg: „Lieg je tegen me?”

772
00:44:33,090 --> 00:44:34,650
„Nee, ik lieg niet.

773
00:44:34,650 --> 00:44:36,690
Ik ben echt Ezau.”

774
00:44:36,690 --> 00:44:37,890
Toen zei hij:

775
00:44:37,890 --> 00:44:41,430
Toen zei Izak : Zet
het wat dichter bij me.

776
00:44:41,430 --> 00:44:46,530
Dan kan ik van het wildbraad van mijn
zoon eten, zodat mijn ziel je kan zegenen.

777
00:44:46,530 --> 00:44:48,990
Hij zette het dicht bij hem en hij at.

778
00:44:48,990 --> 00:44:52,051
Hij bracht hem ook wijn
en hij dronk ervan .

779
00:44:52,051 --> 00:44:55,110
Dus bracht hij het bij hem en hij at.

780
00:44:55,110 --> 00:44:57,936
Hij bracht hem wijn en hij dronk.
Zijn vader Izak zei tegen hem:

781
00:44:57,936 --> 00:45:05,670
Zijn vader Izak zei tegen hem: Kom
toch dichterbij en kus mij, mijn zoon!

782
00:45:05,670 --> 00:45:08,550
Hij kwam naar hem toe en kuste hem.

783
00:45:08,550 --> 00:45:14,190
Izak rook de geur van zijn kleren,
zegende hem en sprak zijn zegen uit.

784
00:45:14,190 --> 00:45:18,570
Volken zullen je dienen, naties
zullen zich voor je buigen.

785
00:45:18,570 --> 00:45:23,970
Wees heerser over je broers, de zonen
van je moeder zullen zich voor je buigen.

786
00:45:23,970 --> 00:45:28,830
Vervloekt moet zijn wie jou
vervloekt, en gezegend wie jou zegent!

787
00:45:28,830 --> 00:45:31,110
Het is interessant dat hij zegt:

788
00:45:31,110 --> 00:45:33,690
Laat de zonen van je moeder je dienen.

789
00:45:33,690 --> 00:45:37,350
Er was maar één andere
zoon, zijn tweelingbroer.

790
00:45:37,350 --> 00:45:42,510
Die tweelingbroer wordt door Izak
aangeduid als ‘de zoon van je moeder’.

791
00:45:42,510 --> 00:45:46,890
Izak had zijn zoon Ezau en
Rebekka had haar zoon Jakob.

792
00:45:46,890 --> 00:45:50,850
Misschien is ‘de zonen van je moeder’
gewoon een manier om te zeggen:

793
00:45:50,850 --> 00:45:52,770
‘Ik dek gewoon alles af.

794
00:45:52,770 --> 00:45:56,070
Je weet nooit of Rebekka
ooit nog een kind krijgt.

795
00:45:56,070 --> 00:45:59,370
En als dat gebeurt, vallen
ze hier allemaal onder.

796
00:45:59,370 --> 00:46:04,050
Alle andere zonen in het gezin:
jij staat boven hen allemaal.’

797
00:46:04,050 --> 00:46:05,550
Maar die waren er niet.

798
00:46:05,550 --> 00:46:07,590
Er was toen maar één andere.

799
00:46:07,590 --> 00:46:12,030
Ik wil erop wijzen dat de zegen die
hij hem hier gaf eigenlijk geen van de

800
00:46:12,030 --> 00:46:16,350
geestelijke aspecten bevatte van de
belofte die aan Abram was gedaan.

801
00:46:16,350 --> 00:46:21,450
Sommige geleerden denken dat Izak die
bewust tot het lichamelijke beperkte:

802
00:46:21,450 --> 00:46:27,150
veel oogsten, veel tarwe, veel voorspoed
en bescherming tegen je vijanden.

803
00:46:27,150 --> 00:46:31,830
Als ze jou kwaad doen, mogen zij
dan kwaad ondervinden, enzovoort.

804
00:46:31,830 --> 00:46:36,930
Maar hij laat het gedeelte weg waarin
staat dat alle volken van de wereld

805
00:46:36,930 --> 00:46:39,210
door hem gezegend zouden worden.

806
00:46:39,210 --> 00:46:43,470
Sommigen denken dat Izak er inmiddels
zo volledig mogelijk van overtuigd was

807
00:46:43,470 --> 00:46:48,870
dat dit Ezau was, maar wist dat Ezau
niet de juiste persoon was om die

808
00:46:48,870 --> 00:46:50,370
zegeningen te ontvangen.

809
00:46:50,370 --> 00:46:54,630
Het is bijna alsof hij het
eerstgeboorterecht wilde opsplitsen:

810
00:46:54,630 --> 00:46:59,790
Ezau de lichamelijke voordelen geven
en het andere voor Jakob bewaren.

811
00:46:59,790 --> 00:47:03,810
Aan het einde van het hoofdstuk
geeft hij Jakob nog een zegen.

812
00:47:03,810 --> 00:47:06,270
Hier weet hij niet dat dit Jakob is.

813
00:47:06,270 --> 00:47:09,990
Maar later, wanneer hij
wel weet dat het Jakob is,

814
00:47:09,990 --> 00:47:13,410
zegent hij hem met de geestelijke
aspecten van de zegen.

815
00:47:13,410 --> 00:47:16,830
Het is dus bijna alsof hij
die bewust achterhoudt.

816
00:47:16,830 --> 00:47:20,490
Dit is een nogal beknopte zegen
en hij heeft alleen te maken

817
00:47:20,490 --> 00:47:22,410
met lichamelijke voordelen.

818
00:47:22,410 --> 00:47:26,730
Zodra Izak klaar was met het zegenen van
Jakob en Jakob nog maar nauwelijks bij

819
00:47:26,730 --> 00:47:31,950
zijn vader Izak vandaan was gegaan,
kwam zijn broer Ezau terug van de jacht.

820
00:47:31,950 --> 00:47:36,331
De ene man gaat weg — af door
de rechterkant van het toneel —

821
00:47:36,331 --> 00:47:38,790
en de andere komt aan de linkerkant op.

822
00:47:38,790 --> 00:47:41,130
Het is precies een toneelstuk.

823
00:47:41,130 --> 00:47:43,590
Het lijkt een beetje op het boek Job:

824
00:47:43,590 --> 00:47:47,190
de ene boodschapper was nog maar net
uitgesproken of er kwam een andere

825
00:47:47,190 --> 00:47:51,630
boodschapper, en zodra die was
uitgesproken, kwam er weer een andere.

826
00:47:51,630 --> 00:47:55,170
Ik weet niet zeker of het werkelijk
zo onmiddellijk na elkaar gebeurde,

827
00:47:55,170 --> 00:47:59,070
of dat dit gewoon een krachtige
manier is om het verhaal te vertellen:

828
00:47:59,070 --> 00:48:01,050
‘Laten we de vaart erin houden.

829
00:48:01,050 --> 00:48:02,970
Hij was nog maar nauwelijks weg.’

830
00:48:02,970 --> 00:48:06,450
Misschien was hij een uur
eerder vertrokken. Wie weet?

831
00:48:06,450 --> 00:48:08,010
Of misschien ook niet.

832
00:48:08,010 --> 00:48:11,610
Misschien liep hij de ene deur van
de tent uit en kwam Ezau door de

833
00:48:11,610 --> 00:48:12,870
andere naar binnen.

834
00:48:12,870 --> 00:48:15,330
Het is moeilijk te
bepalen of dit een nogal

835
00:48:15,330 --> 00:48:19,770
Midden-Oosterse manier van vertellen
is, bedoeld om de gebeurtenissen snel op

836
00:48:19,770 --> 00:48:21,450
elkaar te laten volgen.

837
00:48:21,450 --> 00:48:24,330
Het lijkt een beetje op
het Evangelie van Markus.

838
00:48:24,330 --> 00:48:27,450
Anders dan de andere evangeliën
gaat het steeds maar door:

839
00:48:27,450 --> 00:48:30,990
onmiddellijk deed Jezus dat,
toen deed Hij onmiddellijk dat,

840
00:48:30,990 --> 00:48:35,070
toen deed Hij onmiddellijk dat en
daarna deed Hij onmiddellijk dat.

841
00:48:35,070 --> 00:48:37,650
In de eerste twee
hoofdstukken van Markus lijkt

842
00:48:37,650 --> 00:48:41,670
‘onmiddellijk’ wel een half dozijn
keer of vaker voor te komen.

843
00:48:41,670 --> 00:48:46,110
Het is alsof er wordt gezegd: ‘Laten
we hiervan een krachtig verhaal maken.

844
00:48:46,110 --> 00:48:48,210
Laten we de vaart erin houden.’

845
00:48:48,210 --> 00:48:50,550
Dat zou enigszins een
hyperbool kunnen zijn.

846
00:48:50,550 --> 00:48:53,910
Misschien was het een manier
waarop ze de verhalen levendig,

847
00:48:53,910 --> 00:48:56,130
interessant en boeiend hielden.

848
00:48:56,130 --> 00:49:01,170
Er staat volop hyperbool in de
Bijbel, dus dat zou heel goed kunnen.

849
00:49:01,170 --> 00:49:03,510
Of het kan letterlijk zo gebeurd zijn.

850
00:49:03,510 --> 00:49:06,150
Ik zeg niet dat dit niet zo is.

851
00:49:06,150 --> 00:49:10,650
Jakob was dus nog maar nauwelijks
weggegaan of Ezau kwam binnen.

852
00:49:10,650 --> 00:49:13,590
Ook hij had een smakelijk
gerecht klaargemaakt.

853
00:49:13,590 --> 00:49:16,770
Zijn vader zou toen natuurlijk
niet veel honger meer hebben.

854
00:49:16,770 --> 00:49:19,170
Hij bracht het bij zijn vader en zei:

855
00:49:19,170 --> 00:49:23,910
Ook hij maakte een smakelijk gerecht
klaar en bracht dat bij zijn vader.

856
00:49:23,910 --> 00:49:28,590
Hij zei tegen zijn vader:
Mijn vader, richt u op en

857
00:49:28,590 --> 00:49:33,270
eet van het wildbraad van uw zoon,
zodat uw ziel mij kan zegenen.

858
00:49:33,270 --> 00:49:35,850
Zijn vader Izak zei tegen hem:

859
00:49:35,850 --> 00:49:37,110
Wie ben je?

860
00:49:37,110 --> 00:49:41,370
Dat moet zijn vader achterdochtig
hebben gemaakt. ‘Wacht eens even.

861
00:49:41,370 --> 00:49:43,470
Ik heb dat allemaal net gedaan.

862
00:49:43,470 --> 00:49:46,830
Wie is hier nu binnen en zegt
dat ik het opnieuw moet doen?’

863
00:49:46,830 --> 00:49:49,110
Ik denk dat het bedrog uitkwam.

864
00:49:49,110 --> 00:49:53,190
Ik denk dat Izak het plotseling
wist. ‘Ik begrijp het.

865
00:49:53,190 --> 00:49:55,530
Daarom klonk hij niet als Ezau.

866
00:49:55,530 --> 00:49:59,310
Daarom was de stem die
van Jakob. Het was Jakob.’

867
00:49:59,310 --> 00:50:00,690
Dus zei hij:

868
00:50:00,690 --> 00:50:01,830
Wie ben je?

869
00:50:01,830 --> 00:50:02,970
Hij zei:

870
00:50:02,970 --> 00:50:06,630
Zijn vader Izak zei tegen hem: Wie ben je?

871
00:50:06,630 --> 00:50:11,610
Hij zei: Ik ben uw zoon,
uw eerstgeborene, Ezau.

872
00:50:11,610 --> 00:50:16,470
Toen beefde Izak hevig, omdat hij
besefte dat God hem te pakken had.

873
00:50:16,470 --> 00:50:18,030
Hij was bedrogen.

874
00:50:18,030 --> 00:50:20,250
Hij beefde hevig en zei:

875
00:50:20,250 --> 00:50:24,150
Toen beefde Izak van grote
en hevige schrik en zei:

876
00:50:24,150 --> 00:50:28,110
Wie was het dan die een stuk wild
gejaagd en het mij gebracht heeft?

877
00:50:28,110 --> 00:50:33,150
Ik heb overal van gegeten voordat
jij kwam, en ik heb hem gezegend,

878
00:50:33,150 --> 00:50:35,430
en gezegend zal hij zijn.

879
00:50:35,430 --> 00:50:37,470
Het wordt niet ongedaan gemaakt.

880
00:50:37,470 --> 00:50:39,090
Deze laatste uitspraak:

881
00:50:39,090 --> 00:50:41,190
Hij zal inderdaad gezegend zijn.

882
00:50:41,190 --> 00:50:45,510
wordt gewoonlijk zo uitgelegd dat
hij plotseling besefte dat God

883
00:50:45,510 --> 00:50:50,430
zijn list had gedwarsboomd en dat
God wilde dat Jakob de zegen kreeg.

884
00:50:50,430 --> 00:50:54,750
Dus: ‘Nu ja, ik heb geprobeerd
dit niet te laten gebeuren,

885
00:50:54,750 --> 00:50:58,290
maar hij zal gezegend
worden. Hij is degene.

886
00:50:58,290 --> 00:51:00,630
Ik kan het nu niet meer veranderen.’

887
00:51:00,630 --> 00:51:03,450
Toen Ezau de woorden
van zijn vader hoorde,

888
00:51:03,450 --> 00:51:06,870
slaakte hij een buitengewoon
luide en bittere schreeuw.

889
00:51:06,870 --> 00:51:08,610
Hij zei tegen zijn vader:

890
00:51:08,610 --> 00:51:11,490
Toen Ezau de woorden
van zijn vader hoorde,

891
00:51:11,490 --> 00:51:16,590
gaf hij een zeer luide en bittere
schreeuw, en zei tegen zijn vader:

892
00:51:16,590 --> 00:51:19,770
Zegen mij, ook mij, mijn vader!

893
00:51:19,770 --> 00:51:20,970
Maar hij zei:

894
00:51:20,970 --> 00:51:24,810
Hij antwoordde echter: Je
broer is met bedrog gekomen

895
00:51:24,810 --> 00:51:27,510
en heeft je je zegen afgenomen.

896
00:51:27,510 --> 00:51:28,590
Ezau zei:

897
00:51:28,590 --> 00:51:32,190
Hij zei daarop: Wordt hij
niet terecht Jakob genoemd,

898
00:51:32,190 --> 00:51:34,890
omdat hij mij nu twee keer bedrogen heeft?

899
00:51:34,890 --> 00:51:38,490
Mijn eerstgeboorterecht heeft
hij mij afgenomen, en zie,

900
00:51:38,490 --> 00:51:41,250
nu heeft hij mij mijn zegen afgenomen.

901
00:51:41,250 --> 00:51:45,570
Verder zei hij: Hebt u dan geen
zegen voor mij overgehouden?

902
00:51:45,570 --> 00:51:48,870
De naam Jakob betekent hier ‘verdringer’.

903
00:51:48,870 --> 00:51:52,230
Maar je hebt je eerstgeboorterecht
eerlijk verkocht.

904
00:51:52,230 --> 00:51:56,910
Niemand hield een pistool tegen je
hoofd; je wilde dat eten gewoon hebben.

905
00:51:56,910 --> 00:51:59,670
Hier klaagt hij over wat
hij eerder heeft gedaan,

906
00:51:59,670 --> 00:52:02,790
en hij ondervindt de gevolgen van
een slechte beslissing die hij

907
00:52:02,790 --> 00:52:04,350
eerder heeft genomen.

908
00:52:04,350 --> 00:52:08,190
Nu klaagt hij zowel over de slechte
beslissing die hij heeft genomen

909
00:52:08,190 --> 00:52:11,490
als over de huidige gevolgen. Hij zegt:

910
00:52:11,490 --> 00:52:14,250
Hij heeft me nu al twee keer beetgenomen.

911
00:52:14,250 --> 00:52:16,770
Nu pakt hij ook nog mijn zegen af.

912
00:52:16,770 --> 00:52:17,910
En hij zei:

913
00:52:17,910 --> 00:52:20,670
Hebt u dan geen zegen
voor mij overgehouden?

914
00:52:20,670 --> 00:52:25,290
Heb je hem alles gegeven, of is er
nog iets over wat je mij kunt geven?

915
00:52:25,290 --> 00:52:27,390
Ik wil in elk geval iets.

916
00:52:27,390 --> 00:52:30,750
Toen antwoordde Izak en zei tegen Ezau:

917
00:52:30,750 --> 00:52:36,930
Izak antwoordde en zei tegen Ezau: Zie,
ik heb hem heerser over jou gemaakt en al

918
00:52:36,930 --> 00:52:39,870
zijn broers heb ik hem
als dienaar gegeven.

919
00:52:39,870 --> 00:52:43,290
Ik heb hem van koren en
nieuwe wijn voorzien.

920
00:52:43,290 --> 00:52:45,870
Wat kan ik dan nog voor
je doen, mijn zoon?

921
00:52:45,870 --> 00:52:47,970
Ezau zei tegen zijn vader:

922
00:52:47,970 --> 00:52:54,390
Daarop zei Ezau tegen zijn vader: Hebt u
alleen maar deze ene zegen, mijn vader?

923
00:52:54,390 --> 00:52:57,690
Zegen mij, ook mij, mijn vader!

924
00:52:57,690 --> 00:53:00,330
En Ezau begon luid te huilen.

925
00:53:00,330 --> 00:53:03,570
En Ezau verhief zijn stem en huilde.

926
00:53:03,570 --> 00:53:06,810
Dit is het huilen van
wroeging wanneer je beseft

927
00:53:06,810 --> 00:53:11,610
hoeveel die stomme keuze die je
eerder hebt gemaakt je nu kost.

928
00:53:11,610 --> 00:53:15,090
Veel mensen hebben zich in een situatie
bevonden die hier enigszins mee

929
00:53:15,090 --> 00:53:16,590
te vergelijken is.

930
00:53:16,590 --> 00:53:20,670
Dit is een uniek geval, maar er zijn
natuurlijk momenten waarop je kunt kiezen

931
00:53:20,670 --> 00:53:24,270
voor een geestelijke keuze
of een vleselijke keuze.

932
00:53:24,270 --> 00:53:28,530
Je maakt de vleselijke keuze
en later jammer je erover.

933
00:53:28,530 --> 00:53:31,770
Dat kan bijvoorbeeld zo zijn
als in mijn eigen geval:

934
00:53:31,770 --> 00:53:35,130
de eerste keer met de verkeerde
persoon trouwen en later

935
00:53:35,130 --> 00:53:38,550
jammeren wanneer mijn dochter uit dat
huwelijk in een gebroken gezin wordt

936
00:53:38,550 --> 00:53:41,010
grootgebracht, en dat soort dingen.

937
00:53:41,010 --> 00:53:45,690
Je kent het gezegde: „Trouw in
haast, toon berouw op je gemak.”

938
00:53:45,690 --> 00:53:49,590
Als je in haast trouwt, heb je
alle tijd om berouw te hebben.

939
00:53:49,590 --> 00:53:52,710
Veel mensen hebben ongeestelijke
beslissingen genomen,

940
00:53:52,710 --> 00:53:57,690
of verkeerde beslissingen, onverstandige
beslissingen, en daarna huilen ze.

941
00:53:57,690 --> 00:54:01,590
Dit huilen van Ezau wordt, zoals
de meesten van jullie volgens mij

942
00:54:01,590 --> 00:54:05,070
waarschijnlijk weten,
in Hebreeën hoofdstuk 12

943
00:54:05,070 --> 00:54:08,370
aangehaald op een manier die
veel mensen naar mijn mening niet

944
00:54:08,370 --> 00:54:09,930
goed hebben begrepen.

945
00:54:09,930 --> 00:54:14,970
Ik heb veel mensen dit gedeelte uit
Hebreeën 12 horen citeren op een manier

946
00:54:14,970 --> 00:54:16,710
die niet bedoeld is.

947
00:54:16,710 --> 00:54:21,390
In Hebreeën 12, vers 15
tot en met 17, staat:

948
00:54:21,390 --> 00:54:25,530
Zie erop toe dat niemand
achteropraakt in de genade van God,

949
00:54:25,530 --> 00:54:29,010
en dat er geen enkele wortel
van bitterheid opschiet en

950
00:54:29,010 --> 00:54:33,330
onrust veroorzaakt zodat
daardoor velen bezoedeld worden.

951
00:54:33,330 --> 00:54:37,950
Laat niemand een ontuchtpleger
zijn of een onheilige, zoals Ezau,

952
00:54:37,950 --> 00:54:42,150
die voor één enkele maaltijd zijn
eerstgeboorte recht verkocht.

953
00:54:42,150 --> 00:54:47,430
Want u weet dat hij ook daarna, toen hij
de zegen wilde erven, verworpen werd,

954
00:54:47,430 --> 00:54:51,330
want hij vond geen plaats van
berouw, hoewel hij de zegen vurig en

955
00:54:51,330 --> 00:54:52,950
met tranen zocht.

956
00:54:52,950 --> 00:54:58,950
Ezau wordt een onheilig man genoemd, wat
betekent dat hij geen gewijd leven leidde.

957
00:54:58,950 --> 00:55:03,690
Hij wordt vergeleken met ontuchtplegers,
al wordt daarmee niet noodzakelijk gezegd

958
00:55:03,690 --> 00:55:06,270
dat hij zelf een ontuchtpleger was.

959
00:55:06,270 --> 00:55:08,250
Dat kan hij wel zijn geweest.

960
00:55:08,250 --> 00:55:12,030
Hij trouwde met verscheidene
behoorlijk goddeloze vrouwen.

961
00:55:12,030 --> 00:55:15,510
Je zou dus kunnen betogen dat
hij een ontuchtpleger was.

962
00:55:15,510 --> 00:55:19,890
Maar je zou ook kunnen betogen dat de
schrijver van Hebreeën zegt dat iedere

963
00:55:19,890 --> 00:55:24,090
christen die ontucht pleegt,
dezelfde soort fout maakt als Ezau.

964
00:55:24,090 --> 00:55:28,110
Je gooit iets waardevols weg —
je reinheid, je maagdelijkheid,

965
00:55:28,110 --> 00:55:30,630
je heiligheid — waarvoor?

966
00:55:30,630 --> 00:55:33,510
Voor één ogenblik waarin
je een begeerte bevredigt?

967
00:55:33,510 --> 00:55:37,950
Je kunt ervan uitgaan dat Ezau zichzelf
wel voor zijn hoofd kon slaan toen hij

968
00:55:37,950 --> 00:55:43,110
eenmaal besefte dat het eerstgeboorterecht
dat hij had opgegeven waardevol was.

969
00:55:43,110 --> 00:55:46,110
Wat heb ik ervoor gekregen? Een maaltijd.

970
00:55:46,110 --> 00:55:50,070
Als je ooit hebt gevast en van plan
bent een bepaalde tijd te vasten,

971
00:55:50,070 --> 00:55:53,130
maar het wordt nogal moeilijk en
uiteindelijk word je door een maaltijd in

972
00:55:53,130 --> 00:55:57,750
verleiding gebracht, dan zeg je:
„Ach, ik heb lang genoeg gevast.

973
00:55:57,750 --> 00:55:59,730
Ik verbreek dat vasten nu.”

974
00:55:59,730 --> 00:56:04,170
Ik weet niet of jij net zo bent als
ik, maar uiteindelijk zeg je: „Goed,

975
00:56:04,170 --> 00:56:05,370
ik heb honger.

976
00:56:05,370 --> 00:56:07,170
Ik heb al dagen honger.

977
00:56:07,170 --> 00:56:08,910
Ik ga deze maaltijd eten.

978
00:56:08,910 --> 00:56:10,710
Het zal zo lekker zijn.”

979
00:56:10,710 --> 00:56:13,710
Je neemt twee happen en opeens
heb je geen honger meer.

980
00:56:13,710 --> 00:56:17,550
Dan denk je: „Had ik dit vasten
niet gewoon kunnen voltooien?

981
00:56:17,550 --> 00:56:20,190
Wat was er nu zo geweldig
aan die twee happen?”

982
00:56:20,190 --> 00:56:22,650
Wanneer de honger je echt
scherp te pakken heeft,

983
00:56:22,650 --> 00:56:25,590
zou je bijna je ziel
verkopen voor een maaltijd.

984
00:56:25,590 --> 00:56:29,370
En wanneer je inderdaad je ziel voor
een maaltijd verkoopt en van de maaltijd

985
00:56:29,370 --> 00:56:32,490
proeft, denk je: „Nou,
dat was niet slecht,

986
00:56:32,490 --> 00:56:37,530
maar het was beslist niet zo geweldig als
het beloofde te zijn.” De Bijbel zegt:

987
00:56:37,530 --> 00:56:40,650
Iemand die verzadigd
is, vertrapt honingzeem,

988
00:56:40,650 --> 00:56:43,230
maar voor een hongerige
is al het bittere zoet.

989
00:56:43,230 --> 00:56:47,190
Het idee is dat alles er goed
uitziet wanneer je honger hebt.

990
00:56:47,190 --> 00:56:52,590
Je begeerten, je vlees eigenlijk, oefenen
een bedrieglijke aantrekkingskracht op je

991
00:56:52,590 --> 00:56:54,030
uit om te eten.

992
00:56:54,030 --> 00:56:58,950
Maar zodra je het doet, is het gebeurd
en is het gewoon weer een maaltijd.

993
00:56:58,950 --> 00:57:02,310
Deze maaltijd kan anders
zijn dan andere maaltijden,

994
00:57:02,310 --> 00:57:05,910
doordat dit de enige is waar
je spijt van zult hebben.

995
00:57:05,910 --> 00:57:08,250
Hiervoor heb ik mijn vasten opgegeven.

996
00:57:08,250 --> 00:57:12,690
Ik heb het opgegeven voor eten
dat gewoon alledaags eten is,

997
00:57:12,690 --> 00:57:16,590
zoals ik op iedere gewone dag
wel vijf keer zou kunnen eten,

998
00:57:16,590 --> 00:57:18,930
en het is niet eens zo geweldig.

999
00:57:18,930 --> 00:57:23,670
Geen enkel eten is zo geweldig
dat je je er goed bij voelt

1000
00:57:23,670 --> 00:57:29,010
dat je daarvoor je vasten hebt verbroken,
als je het voortijdig hebt verbroken.

1001
00:57:29,010 --> 00:57:32,790
Je hoeft niet de hele maaltijd op
te eten om er spijt van te krijgen.

1002
00:57:32,790 --> 00:57:36,030
Na twee happen heb je
waarschijnlijk geen honger meer.

1003
00:57:36,030 --> 00:57:40,050
Je hebt nog genoeg honger om de
rest van de maaltijd op te eten,

1004
00:57:40,050 --> 00:57:42,510
maar de scherpste honger is weg.

1005
00:57:42,510 --> 00:57:45,330
En dan denk je: „Wat ter wereld?

1006
00:57:45,330 --> 00:57:47,430
Wat was dat een stomme fout.”

1007
00:57:47,430 --> 00:57:52,710
De schrijver van Hebreeën vergelijkt wat
Ezau deed met wat een ontuchtpleger doet,

1008
00:57:52,710 --> 00:57:55,350
een christen die ontucht pleegt.

1009
00:57:55,350 --> 00:57:58,470
Iedereen die ontucht
heeft gepleegd weet dit.

1010
00:57:58,470 --> 00:58:01,290
En ook als je geen ontucht hebt gepleegd,

1011
00:58:01,290 --> 00:58:06,570
ook als je alleen binnen het huwelijk en
in geoorloofde situaties seks hebt gehad,

1012
00:58:06,570 --> 00:58:11,250
weet je heel goed dat seks vooraf
allerlei beloften doet van extase

1013
00:58:11,250 --> 00:58:12,990
en geweldig genot.

1014
00:58:12,990 --> 00:58:15,210
Maar hoelang duurt het werkelijk?

1015
00:58:15,210 --> 00:58:18,690
Zelfs als het de beste seksuele
ontmoeting ter wereld is,

1016
00:58:18,690 --> 00:58:21,630
zal het waarschijnlijk binnen
enkele minuten voorbij zijn.

1017
00:58:21,630 --> 00:58:25,770
Zodra het voorbij is, is het
bijna alsof het nooit gebeurd is.

1018
00:58:25,770 --> 00:58:27,870
Het is een voorbijgaand genot.

1019
00:58:27,870 --> 00:58:32,670
Dat is wat het eten van een
maaltijd is: een voorbijgaand genot.

1020
00:58:32,670 --> 00:58:34,770
Seks is een voorbijgaand genot.

1021
00:58:34,770 --> 00:58:40,170
Zoveel genoegens van het vlees zijn gewoon
zo vergankelijk, en ze beloven zoveel.

1022
00:58:40,170 --> 00:58:45,090
Zelfs als ze hun belofte waarmaken, kunnen
ze niet meer beloven dan een paar minuten.

1023
00:58:45,090 --> 00:58:47,310
Als je je heiligheid opgeeft...

1024
00:58:47,310 --> 00:58:49,710
Hoeveel mensen die een
moeilijk huwelijk hadden,

1025
00:58:49,710 --> 00:58:53,190
zijn bezweken en hebben gewoon
een onenightstand gehad,

1026
00:58:53,190 --> 00:58:55,230
of een of andere affaire?

1027
00:58:55,230 --> 00:58:57,570
En daarmee hebben ze
hun huwelijk verwoest,

1028
00:58:57,570 --> 00:59:00,630
hun kinderen verwoest
en al dat soort dingen.

1029
00:59:00,630 --> 00:59:04,650
Wat moeten ze zichzelf wel niet
voor hun hoofd slaan en denken:

1030
00:59:04,650 --> 00:59:06,570
„Dat was het niet eens waard.

1031
00:59:06,570 --> 00:59:09,330
Waarom dacht ik dat het
de moeite waard zou zijn?

1032
00:59:09,330 --> 00:59:12,450
En kijk nu eens: het is onomkeerbaar.

1033
00:59:12,450 --> 00:59:15,150
Ik zal daar nooit meer
onschuldig aan zijn.

1034
00:59:15,150 --> 00:59:19,710
Mijn vrouw of man zal mij nooit
meer als een trouw mens kunnen zien.

1035
00:59:19,710 --> 00:59:22,530
Mijn kinderen... alles is verwoest.

1036
00:59:22,530 --> 00:59:27,150
Ik heb zoveel kapotgemaakt en er
zo weinig voor teruggekregen.”

1037
00:59:27,150 --> 00:59:32,430
Zo moet een ontuchtpleger die christen
is en tot ontucht vervalt erover denken,

1038
00:59:32,430 --> 00:59:34,290
want zo is het nu eenmaal.

1039
00:59:34,290 --> 00:59:36,390
De schrijver van Hebreeën zegt:

1040
00:59:36,390 --> 00:59:40,860
Laat niemand ontucht plegen
of zo goddeloos zijn als Ezau.

1041
00:59:40,860 --> 00:59:44,430
Ezau kan wel of geen
ontuchtpleger zijn geweest,

1042
00:59:44,430 --> 00:59:48,930
maar hij was een onheilig mens die
dezelfde fout maakte als een christen

1043
00:59:48,930 --> 00:59:51,270
maakt wanneer die ontucht pleegt.

1044
00:59:51,270 --> 00:59:54,810
Er was een begeerte die hem
riep en allerlei beloften deed.

1045
00:59:54,810 --> 00:59:59,130
Het zou hem iets kosten, maar het leek
gewoon alsof het de moeite waard zou zijn.

1046
00:59:59,130 --> 01:00:02,790
Dus kreeg hij die kom soep,
en het was het niet waard.

1047
01:00:02,790 --> 01:00:04,710
Het was het gewoon niet waard.

1048
01:00:04,710 --> 01:00:07,470
Pas later kom je erachter
wat je verloren hebt.

1049
01:00:07,470 --> 01:00:09,930
Ruben had dezelfde ervaring.

1050
01:00:09,930 --> 01:00:12,270
Ruben, een van de zonen van Jakob,

1051
01:00:12,270 --> 01:00:16,110
was de oudste en zou het
eerstgeboorterecht hebben gehad.

1052
01:00:16,110 --> 01:00:21,690
Op een bepaald punt in zijn verhaal voegt
Genesis er zomaar deze mededeling tussen:

1053
01:00:21,690 --> 01:00:25,350
En het gebeurde, toen
Israël in dat land woonde,

1054
01:00:25,350 --> 01:00:30,690
dat Ruben eropuit ging en met Bilha
sliep, de bijvrouw van zijn vader;

1055
01:00:30,690 --> 01:00:33,030
en Israël kwam dat te weten.

1056
01:00:33,030 --> 01:00:35,190
Jakob had twaalf zonen.

1057
01:00:35,190 --> 01:00:38,850
Voor zover ik me herinner,
denk ik dat het Bilha was.

1058
01:00:38,850 --> 01:00:43,770
Het kan Zilpa zijn geweest, maar het was
een van de twee bijvrouwen van Jakob.

1059
01:00:43,770 --> 01:00:47,430
Zijn zoon Ruben ging naar
haar toe en sliep met haar.

1060
01:00:47,430 --> 01:00:51,150
Het wordt vermeld, en verder
wordt er niets over gezegd.

1061
01:00:51,150 --> 01:00:55,950
Volgens mij staat er dat Jakob het wist,
of dat hij boos was, of iets dergelijks,

1062
01:00:55,950 --> 01:00:58,530
maar er leek niets uit voort te komen.

1063
01:00:58,530 --> 01:01:03,390
Een moment van hartstocht, een
moment van zonde, en Ruben liep weg.

1064
01:01:03,390 --> 01:01:05,130
Hij was ermee weggekomen.

1065
01:01:05,130 --> 01:01:07,230
Of toch niet? Nee.

1066
01:01:07,230 --> 01:01:11,790
Toen zijn vader op zijn sterfbed
lag, deelde hij de zegeningen uit.

1067
01:01:11,790 --> 01:01:17,790
Daar stond Ruben, de eerstgeborene, die
alles had moeten krijgen. Jakob zei:

1068
01:01:17,790 --> 01:01:22,170
Ruben, jij bent mijn eerstgeborene,
mijn kracht en de eerste

1069
01:01:22,170 --> 01:01:25,830
vrucht van mijn mannelijkheid,
de voortreffelijkste in hoogheid

1070
01:01:25,830 --> 01:01:27,990
en de voortreffelijkste in sterkte.

1071
01:01:27,990 --> 01:01:32,430
Onstuimig als het water als je bent ,
zul je niet de voortreffelijkste zijn,

1072
01:01:32,430 --> 01:01:34,830
want je bent het bed van
je vader ingeklommen,

1073
01:01:34,830 --> 01:01:36,570
en toen heb je het geschonden.

1074
01:01:36,570 --> 01:01:38,970
Hij is mijn sponde ingeklommen!

1075
01:01:38,970 --> 01:01:43,170
Hij verloor zijn voorrang als
eerstgeborene, want, zei Jakob,

1076
01:01:43,170 --> 01:01:45,750
hij was naar het bed
van zijn vader gegaan.

1077
01:01:45,750 --> 01:01:48,210
Dan spreekt hij tot de mensen om hem heen:

1078
01:01:48,210 --> 01:01:52,170
Hij ging in het bed van zijn
vader liggen. Kun je dat geloven?

1079
01:01:52,170 --> 01:01:53,910
Dat is wat Jakob zegt.

1080
01:01:53,910 --> 01:01:58,290
Het is alsof hij profeteert,
bijna alsof hij in een profetische

1081
01:01:58,290 --> 01:02:01,410
trance verkeert of
zoiets. Maar dan zegt hij:

1082
01:02:01,410 --> 01:02:04,410
Hij ging in het bed van zijn vader liggen.

1083
01:02:04,410 --> 01:02:06,750
Dan is het alsof hij tegen de mensen zegt:

1084
01:02:06,750 --> 01:02:10,170
Hij ging in mijn bed
liggen. Kun je dat geloven?

1085
01:02:10,170 --> 01:02:13,410
Oké, laten we weer teruggaan in de trance.

1086
01:02:13,410 --> 01:02:16,770
Het is alsof hij zegt: „Ik
kan gewoon niet geloven

1087
01:02:16,770 --> 01:02:19,230
dat hij dat daarboven gedaan heeft.”

1088
01:02:19,230 --> 01:02:22,290
Ruben ontdekte wat Ezau ontdekte.

1089
01:02:22,290 --> 01:02:27,330
Je hebt een begeerte die bevrediging eist
en belooft dat het de moeite waard is.

1090
01:02:27,330 --> 01:02:30,510
Je geeft eraan toe, en dan is het voorbij.

1091
01:02:30,510 --> 01:02:34,590
Elk genot dat eraan te beleven
viel, ligt in het verleden.

1092
01:02:34,590 --> 01:02:37,110
Dat genot zal nooit terugkomen.

1093
01:02:37,110 --> 01:02:41,910
Je kunt dezelfde zonde opnieuw begaan
en misschien het genot ervaren,

1094
01:02:41,910 --> 01:02:44,610
maar wat je gekregen hebt, is weg.

1095
01:02:44,610 --> 01:02:46,170
Het komt niet terug.

1096
01:02:46,170 --> 01:02:48,750
Maar wat je verloren
hebt, komt ook niet terug.

1097
01:02:48,750 --> 01:02:51,750
Wanneer een christen die rein
is geweest, verzocht wordt,

1098
01:02:51,750 --> 01:02:56,490
toegeeft en ontucht pleegt, verliest
die iets wat nooit meer terugkomt.

1099
01:02:56,490 --> 01:03:00,090
Dat geldt vooral voor de eerste
keer, al is het de tweede,

1100
01:03:00,090 --> 01:03:02,850
derde of vierde keer
natuurlijk niet beter.

1101
01:03:02,850 --> 01:03:07,170
Wanneer een jong meisje maagd is
en verleid wordt of in zonde valt,

1102
01:03:07,170 --> 01:03:10,830
is het duidelijk dat ze wat ze
verliest, haar maagdelijkheid,

1103
01:03:10,830 --> 01:03:12,750
nooit meer terug zal krijgen.

1104
01:03:12,750 --> 01:03:15,630
Er zijn heel wat christelijke
predikers die zeggen:

1105
01:03:15,630 --> 01:03:19,890
„Je kunt een tweede maagdelijkheid
krijgen wanneer je eenmaal christen bent.”

1106
01:03:19,890 --> 01:03:22,350
Nou, dat is een mooie gedachte.

1107
01:03:22,350 --> 01:03:26,970
Je kunt zo praten als je wilt,
maar de waarheid is: nee.

1108
01:03:26,970 --> 01:03:30,150
Je kunt je maagdelijkheid
één keer verliezen.

1109
01:03:30,150 --> 01:03:33,270
Je kunt je trouw aan God
vele malen verbreken,

1110
01:03:33,270 --> 01:03:37,230
maar de eerste keer is het moment
waarna je nooit meer kunt zeggen:

1111
01:03:37,230 --> 01:03:38,970
„Ik ben trouw geweest.”

1112
01:03:38,970 --> 01:03:41,550
Dat is wat de schrijver van Hebreeën zegt.

1113
01:03:41,550 --> 01:03:43,230
Denk aan Ezau.

1114
01:03:43,230 --> 01:03:45,090
Denk aan wat hij verloor.

1115
01:03:45,090 --> 01:03:49,110
Je zult iets verliezen wat
minstens even erg of erger is,

1116
01:03:49,110 --> 01:03:51,510
als je dezelfde fout maakt als hij.

1117
01:03:51,510 --> 01:03:53,370
Maar Hebreeën gaat verder.

1118
01:03:53,370 --> 01:03:56,910
Het spreekt erover hoe hij
later de zegen wilde ontvangen,

1119
01:03:56,910 --> 01:04:00,930
maar de zegen hem werd
geweigerd en hij werd afgewezen.

1120
01:04:00,930 --> 01:04:04,530
Dit is het gedeelte dat zo
vaak verkeerd wordt begrepen:

1121
01:04:04,530 --> 01:04:08,490
Zie erop toe dat niemand
achteropraakt in de genade van God,

1122
01:04:08,490 --> 01:04:11,910
en dat er geen enkele wortel
van bitterheid opschiet en

1123
01:04:11,910 --> 01:04:15,870
onrust veroorzaakt zodat
daardoor velen bezoedeld worden.

1124
01:04:15,870 --> 01:04:20,430
Laat niemand een ontuchtpleger
zijn of een onheilige, zoals Ezau,

1125
01:04:20,430 --> 01:04:24,030
die voor één enkele maaltijd zijn
eerstgeboorte recht verkocht.

1126
01:04:24,030 --> 01:04:29,190
Want u weet dat hij ook daarna, toen hij
de zegen wilde erven, verworpen werd,

1127
01:04:29,190 --> 01:04:33,150
want hij vond geen plaats van
berouw, hoewel hij de zegen vurig en

1128
01:04:33,150 --> 01:04:34,530
met tranen zocht.

1129
01:04:34,530 --> 01:04:37,590
Dat is waarover we hier
in Genesis hebben gelezen.

1130
01:04:37,590 --> 01:04:40,710
Hij huilde en weende
terwijl hij ernaar zocht.

1131
01:04:40,710 --> 01:04:44,190
Maar veel predikers zeggen dat
hij probeerde zich te bekeren,

1132
01:04:44,190 --> 01:04:47,130
maar dat hij niet meer
tot bekering kon komen.

1133
01:04:47,130 --> 01:04:52,710
Hij huilde zelfs en werd emotioneel, maar
toch kon hij zich nog steeds niet bekeren.

1134
01:04:52,710 --> 01:04:55,410
Hij was eenvoudigweg te ver gegaan.

1135
01:04:55,410 --> 01:04:59,730
Hij was voorbij het punt waarop hij
nog in staat was zich te bekeren.

1136
01:04:59,730 --> 01:05:03,510
Hij vond geen plaats voor
bekering, hoewel hij die zocht.

1137
01:05:03,510 --> 01:05:06,090
Zij begrijpen wat hier gebeurt verkeerd.

1138
01:05:06,090 --> 01:05:11,430
We lezen in Genesis niet dat Ezau, wanneer
hij huilt, zich probeert te bekeren.

1139
01:05:11,430 --> 01:05:15,750
Hij probeert zijn vader ertoe te
brengen zich te bekeren, dat wil zeggen,

1140
01:05:15,750 --> 01:05:17,670
van gedachten te veranderen.

1141
01:05:17,670 --> 01:05:22,590
Het Griekse woord dat hier met
‘berouw’ is weergegeven en het Engelse

1142
01:05:22,590 --> 01:05:26,130
‘repentance’ kunnen in de
door Gregg gevolgde uitleg

1143
01:05:26,130 --> 01:05:28,950
ook op een verandering
van gedachten duiden.

1144
01:05:28,950 --> 01:05:31,710
‘Pap, kun je niet van
gedachten veranderen?

1145
01:05:31,710 --> 01:05:33,630
Je hebt mij liever dan Jakob.

1146
01:05:33,630 --> 01:05:35,490
Kun je niet iets voor mij doen?

1147
01:05:35,490 --> 01:05:37,590
Ben ik alles helemaal misgelopen?

1148
01:05:37,590 --> 01:05:40,530
Kan deze situatie niet
worden teruggedraaid?’

1149
01:05:40,530 --> 01:05:42,390
Nee, dat kon niet.

1150
01:05:42,390 --> 01:05:45,690
Hij zocht naar een plaats
voor bekering, dat wil zeggen,

1151
01:05:45,690 --> 01:05:50,550
naar een verandering van gedachten,
niet bij zichzelf, maar bij zijn vader.

1152
01:05:50,550 --> 01:05:54,270
Hij deed een beroep op zijn vader
om van gedachten te veranderen.

1153
01:05:54,270 --> 01:05:59,070
Hoewel hij huilde, enzovoort, veranderde
zijn vader niet van gedachten.

1154
01:05:59,070 --> 01:06:02,310
Hebreeën zegt niet dat Ezau
zich probeerde te bekeren,

1155
01:06:02,310 --> 01:06:06,930
maar het eenvoudigweg niet kon,
hoewel hij er emotioneel over werd.

1156
01:06:06,930 --> 01:06:09,870
Er staat dat hij geen
plaats voor bekering vond,

1157
01:06:09,870 --> 01:06:12,210
waarmee die van zijn vader wordt bedoeld.

1158
01:06:12,210 --> 01:06:15,150
Hij probeerde zijn vader
ertoe te brengen om te keren,

1159
01:06:15,150 --> 01:06:19,350
zich te bekeren en iets anders te
doen, maar daar was geen plaats voor.

1160
01:06:19,350 --> 01:06:20,910
Het was niet mogelijk.

1161
01:06:20,910 --> 01:06:26,010
Hij kon wenen, huilen en een beroep
op hem doen, maar het was gebeurd.

1162
01:06:26,010 --> 01:06:28,650
Wat gedaan was, was gedaan.

1163
01:06:28,650 --> 01:06:31,650
Genesis 27:39:

1164
01:06:31,650 --> 01:06:35,910
Toen antwoordde zijn vader
Izak en zei tegen hem: Zie,

1165
01:06:35,910 --> 01:06:39,930
van de vruchtbare streken van
de aarde zal je woongebied zijn,

1166
01:06:39,930 --> 01:06:42,750
en van de dauw van de hemel van boven.

1167
01:06:42,750 --> 01:06:46,290
Hier volgt de zegen
die hij aan Ezau geeft:

1168
01:06:46,290 --> 01:06:51,930
Je zult wonen waar de aarde vruchtbaar
is en de dauw uit de hemel neerdaalt.

1169
01:06:51,930 --> 01:06:55,350
Je zult van je zwaard
leven en je broer dienen.

1170
01:06:55,350 --> 01:06:59,910
Maar zodra je het niet meer pikt,
zul je zijn juk van je nek afwerpen.

1171
01:06:59,910 --> 01:07:04,290
Deze eerste regel klinkt als
hetzelfde wat hij aan Jakob gaf.

1172
01:07:04,290 --> 01:07:09,450
De HSV kiest hier de positieve
lezing: de vruchtbaarheid van de aarde

1173
01:07:09,450 --> 01:07:10,950
zal van hem zijn.

1174
01:07:10,950 --> 01:07:15,450
Als je een andere vertaling hebt, zul
je zien dat bijna elke moderne Engelse

1175
01:07:15,450 --> 01:07:18,390
vertaling het iets anders weergeeft.

1176
01:07:18,390 --> 01:07:22,710
In het Hebreeuws staat letterlijk wel
‘van de vruchtbaarheid van de aarde’,

1177
01:07:22,710 --> 01:07:26,430
maar ‘van’ kan ook ‘vanaf’ betekenen.

1178
01:07:26,430 --> 01:07:30,510
De meeste moderne vertalingen zeggen
dat je woonplaats gescheiden van of

1179
01:07:30,510 --> 01:07:33,630
ver verwijderd van de vruchtbaarheid
van de aarde zal zijn.

1180
01:07:33,630 --> 01:07:37,350
Met andere woorden: ‘Ik heb de
vruchtbaarheid van de aarde aan

1181
01:07:37,350 --> 01:07:38,730
je broer gegeven.

1182
01:07:38,730 --> 01:07:41,070
Jij zult iets anders moeten krijgen.

1183
01:07:41,070 --> 01:07:44,670
Jij zult de vruchtbaarheid
van de aarde niet hebben.

1184
01:07:44,670 --> 01:07:47,550
Je erfdeel zal niet vruchtbaar zijn.

1185
01:07:47,550 --> 01:07:51,690
Het zal afgesneden zijn van de
vruchtbaarheid van de aarde.’

1186
01:07:51,690 --> 01:07:56,970
Ik wil dit wel zeggen: dat staat niet
noodzakelijkerwijs zo in het Hebreeuws.

1187
01:07:56,970 --> 01:08:02,070
Toen ik nog eens naging wat Prager zei,
bleek dat hij dacht dat er stond dat ook

1188
01:08:02,070 --> 01:08:05,430
Ezau voorspoed werd
gegeven, net als Jakob.

1189
01:08:05,430 --> 01:08:08,970
Maar christelijke Bijbels geven
het gewoonlijk niet zo weer.

1190
01:08:08,970 --> 01:08:15,390
Ik heb gekeken naar de New
American Standard, de NIV, de ESV,

1191
01:08:15,390 --> 01:08:22,050
zelfs de New Living Translation, de
Christian Standard Bible en de New RSV.

1192
01:08:22,050 --> 01:08:24,930
Dat zijn allemaal belangrijke vertalingen.

1193
01:08:24,930 --> 01:08:28,170
In elk daarvan stond: ‘Je woonplaats zal

1194
01:08:28,170 --> 01:08:30,870
ver van de vruchtbaarheid
van de aarde zijn.’

1195
01:08:30,870 --> 01:08:32,610
Het is dus negatief.

1196
01:08:32,610 --> 01:08:34,230
Maar dan zegt hij:

1197
01:08:34,230 --> 01:08:38,610
Toen antwoordde zijn vader
Izak en zei tegen hem: Zie,

1198
01:08:38,610 --> 01:08:42,990
van de vruchtbare streken van
de aarde zal je woongebied zijn,

1199
01:08:42,990 --> 01:08:45,690
en van de dauw van de hemel van boven.

1200
01:08:45,690 --> 01:08:49,950
Van je zwaard zul je leven
en je broer zul je dienen.

1201
01:08:49,950 --> 01:08:54,210
Maar als je tot macht komt, zul
je zijn juk van je nek afrukken.

1202
01:08:54,210 --> 01:08:58,110
Dat hij zijn broer zou dienen,
was al geprofeteerd toen hij in

1203
01:08:58,110 --> 01:08:59,610
de baarmoeder was.

1204
01:08:59,610 --> 01:09:04,290
Dat is wat God tegen Rebekka zei toen
de tweeling in de baarmoeder was.

1205
01:09:04,290 --> 01:09:05,610
Maar er staat:

1206
01:09:05,610 --> 01:09:09,510
Je gaat je broer dienen, maar
zodra je het niet meer pikt,

1207
01:09:09,510 --> 01:09:12,090
zul je het juk van je nek afwerpen.

1208
01:09:12,090 --> 01:09:15,150
Dat wil zeggen, je zult je bevrijden.

1209
01:09:15,150 --> 01:09:17,070
Je zult hem niet meer dienen.

1210
01:09:17,070 --> 01:09:20,490
Dit is nooit met Ezau of Jakob gebeurd.

1211
01:09:20,490 --> 01:09:25,170
Ezau heeft nooit in een positie
verkeerd waarin hij Jakob diende.

1212
01:09:25,170 --> 01:09:30,390
Jakob bevond zich na deze gebeurtenis
zelfs eens in een positie waarin hij

1213
01:09:30,390 --> 01:09:34,230
zevenmaal voor Ezau neerboog
en om zijn genade vroeg.

1214
01:09:34,230 --> 01:09:38,010
Maar Ezau heeft nooit
voor Jakob neergebogen.

1215
01:09:38,010 --> 01:09:41,970
Er is nooit een tijd geweest
waarin Ezau Jakob diende.

1216
01:09:41,970 --> 01:09:44,730
Maar Edom diende Israël.

1217
01:09:44,730 --> 01:09:49,170
Natuurlijk hebben deze profetieën niet
te maken met deze mannen als individuen,

1218
01:09:49,170 --> 01:09:52,050
maar met de bestemming
van hun nakomelingen.

1219
01:09:52,050 --> 01:09:55,350
De nakomelingen van
Ezau waren de Edomieten,

1220
01:09:55,350 --> 01:09:58,890
en onder David werden zij
gedwongen Israël te dienen.

1221
01:09:58,890 --> 01:10:00,570
Ze werden onderworpen.

1222
01:10:00,570 --> 01:10:03,810
Maar onder Joram, een
latere koning van Juda,

1223
01:10:03,810 --> 01:10:06,870
kwamen ze in opstand en
maakten ze zich vrij.

1224
01:10:06,870 --> 01:10:11,970
Je kunt daarover lezen
in 2 Koningen 8:20–22.

1225
01:10:11,970 --> 01:10:15,870
Toen Joram koning was,
kwam Edom in opstand.

1226
01:10:15,870 --> 01:10:21,330
Joram trok eropuit en probeerde hen weer
te onderwerpen, maar Joram werd verslagen.

1227
01:10:21,330 --> 01:10:26,070
En de Edomieten, zo staat er, zijn
tot op deze dag vrij gebleven.

1228
01:10:26,070 --> 01:10:31,050
De belofte dat zij het juk van Jakob
zouden verbreken, daar gaat dit dus over.

1229
01:10:31,050 --> 01:10:36,270
Ezau haatte Jakob dus vanwege de zegen
waarmee zijn vader hem gezegend had.

1230
01:10:36,270 --> 01:10:38,430
En Ezau zei in zijn hart:

1231
01:10:38,430 --> 01:10:43,230
Ezau haatte Jakob om de zegen
waarmee zijn vader hem gezegend had,

1232
01:10:43,230 --> 01:10:48,750
en Ezau zei in zijn hart: De dagen
van rouw over mijn vader naderen;

1233
01:10:48,750 --> 01:10:51,330
dan zal ik mijn broer Jakob doden.

1234
01:10:51,330 --> 01:10:55,350
Nu zei hij het tegen zichzelf, maar
hij moet het hardop gemompeld hebben,

1235
01:10:55,350 --> 01:10:57,510
want Rebekka kwam het te weten.

1236
01:10:57,510 --> 01:11:01,950
De woorden van Ezau, haar oudste
zoon, werden aan Rebekka verteld.

1237
01:11:01,950 --> 01:11:06,870
Dus liet ze Jakob, haar
jongste zoon, roepen en zei:

1238
01:11:06,870 --> 01:11:11,490
Toen aan Rebekka deze woorden van
haar oudste zoon Ezau verteld werden,

1239
01:11:11,490 --> 01:11:17,430
stuurde zij een bode en liet Jakob, haar
jongste zoon, roepen en zei tegen hem:

1240
01:11:17,430 --> 01:11:23,190
Zie, je broer Ezau troost zich over jou
met de gedachte dat hij je zal doden.

1241
01:11:23,190 --> 01:11:29,070
Nu dan, mijn zoon, luister naar mijn
stem: Sta op, vlucht naar Haran,

1242
01:11:29,070 --> 01:11:32,970
naar mijn broer Laban, en
blijf enige tijd bij hem,

1243
01:11:32,970 --> 01:11:35,910
totdat de woede van je broer bedaard is.

1244
01:11:35,910 --> 01:11:40,290
Die paar dagen liepen uit op
twintig jaar. Rebekka had gezegd:

1245
01:11:40,290 --> 01:11:42,630
Laat de vloek dan maar over mij komen.

1246
01:11:42,630 --> 01:11:46,770
Welnu, in zekere zin kwam de
vloek inderdaad over haar.

1247
01:11:46,770 --> 01:11:50,610
Door deze list moest ze haar
lievelingszoon twintig jaar missen,

1248
01:11:50,610 --> 01:11:53,010
dus ze leed onder wat ze had gedaan.

1249
01:11:53,010 --> 01:11:56,730
Iedereen in het gezin leed er
tot op zekere hoogte onder,

1250
01:11:56,730 --> 01:11:59,010
maar zij leed misschien wel het meest.

1251
01:11:59,010 --> 01:12:03,270
Ze leefde nog veel langer, maar nergens
staat dat Jakob zijn moeder hierna

1252
01:12:03,270 --> 01:12:04,890
ooit nog terugzag.

1253
01:12:04,890 --> 01:12:09,750
Hij zag zijn vader wel terug, en hij
keerde terug en begroef zijn vader.

1254
01:12:09,750 --> 01:12:15,330
Maar we lezen nergens dat Rebekka Jakob
na dit afscheid ooit nog heeft gezien.

1255
01:12:15,330 --> 01:12:16,530
Ze zei:

1256
01:12:16,530 --> 01:12:18,750
Blijf een paar dagen uit zijn buurt.

1257
01:12:18,750 --> 01:12:21,990
Welnu, dat werden
uiteindelijk twintig jaar.

1258
01:12:21,990 --> 01:12:26,970
Als de boosheid van je broer bedaard is en
hij vergeten is wat je hem hebt aangedaan,

1259
01:12:26,970 --> 01:12:30,870
zal ik een bode sturen en je
vandaar terug laten halen.

1260
01:12:30,870 --> 01:12:34,410
Waarom zou ik me op één dag van
jullie beiden laten beroven?

1261
01:12:34,410 --> 01:12:38,730
Wat, ik? Mam, volgens
mij was dit jouw werk.

1262
01:12:38,730 --> 01:12:41,550
‘Totdat hij vergeet wat
ík hem heb aangedaan’?

1263
01:12:41,550 --> 01:12:43,890
Je schuift dit helemaal op mij af.

1264
01:12:43,890 --> 01:12:46,410
‘Ja, nou, jij hebt het gedaan.

1265
01:12:46,410 --> 01:12:48,870
Ik weet dat ik je ertoe heb verleid.

1266
01:12:48,870 --> 01:12:53,130
Ik heb tegen je gezegd dat je het
moest doen, maar het ligt bij jou.

1267
01:12:53,130 --> 01:12:54,750
Jij hebt het gedaan.’

1268
01:12:54,750 --> 01:12:56,010
Dan zegt ze:

1269
01:12:56,010 --> 01:12:59,670
Zodra hij niet meer boos
is, laat ik je daar ophalen.

1270
01:12:59,670 --> 01:13:02,790
Waarom zou ik jullie allebei
op één dag moeten verliezen?

1271
01:13:02,790 --> 01:13:08,430
Wat ze daarmee bedoelt, is dat als
Ezau zijn plan uitvoert en Jakob doodt,

1272
01:13:08,430 --> 01:13:12,270
Ezau volgens de wetten van iedere
beschaafde samenleving ter dood gebracht

1273
01:13:12,270 --> 01:13:13,650
zou moeten worden.

1274
01:13:13,650 --> 01:13:17,190
Zo zou ze haar beide zonen
op dezelfde dag verliezen.

1275
01:13:17,190 --> 01:13:19,020
En Rebekka zei tegen Izak:

1276
01:13:19,020 --> 01:13:23,610
Rebekka zei tegen Izak: Ik heb een
afkeer van mijn leven vanwege de dochters

1277
01:13:23,610 --> 01:13:24,930
van de Hethieten.

1278
01:13:24,930 --> 01:13:29,191
Als Jakob een vrouw neemt uit de dochters
van de Hethieten zoals deze twee ,

1279
01:13:29,191 --> 01:13:33,150
uit de dochters van dit land, wat
heeft mijn leven dan nog voor zin?

1280
01:13:33,150 --> 01:13:35,130
Nu gaat ze naar haar man toe.

1281
01:13:35,130 --> 01:13:39,030
Ze vertelt hem niet dat Ezau
van plan is Jakob te doden.

1282
01:13:39,030 --> 01:13:43,350
Dat is haar werkelijke reden om voor te
stellen Jakob weg te sturen naar het huis

1283
01:13:43,350 --> 01:13:50,310
van Laban, in een ander land, daarboven
in Syrië, oftewel Paddan-Aram.

1284
01:13:50,310 --> 01:13:54,510
Maar ze moet er een reden voor
bedenken, en het was een geldige reden.

1285
01:13:54,510 --> 01:13:57,330
Het was alleen niet de
reden die ze werkelijk had.

1286
01:13:57,330 --> 01:14:02,790
Ze wil tegen Izak zeggen: ‘Ik wil niet dat
Jakob met Kanaänitische vrouwen trouwt,

1287
01:14:02,790 --> 01:14:07,110
zoals Ezau heeft gedaan, dus laten we
hem terugsturen naar de plaats waar

1288
01:14:07,110 --> 01:14:08,610
ik vandaan kom.’

1289
01:14:08,610 --> 01:14:11,910
Bedenk dat Abraham een dienaar
had teruggestuurd om voor

1290
01:14:11,910 --> 01:14:17,430
Izak een bruid te halen, Rebekka,
uit diezelfde stad in Paddan-Aram.

1291
01:14:17,430 --> 01:14:20,370
Daar woonden Laban en
de familie van Rebekka.

1292
01:14:20,370 --> 01:14:21,690
Dus zei ze:

1293
01:14:21,690 --> 01:14:25,050
Ik ben mijn leven zat vanwege
die Hethitische vrouwen.

1294
01:14:25,050 --> 01:14:27,930
waarmee ze de twee
vrouwen van Ezau bedoelde.

1295
01:14:27,930 --> 01:14:31,350
Ze deed niet echt een
voorstel, maar zei in feite:

1296
01:14:31,350 --> 01:14:33,990
‘Deze jongens zijn oud
genoeg om te trouwen.

1297
01:14:33,990 --> 01:14:36,150
Ezau heeft al twee vrouwen.

1298
01:14:36,150 --> 01:14:38,130
Jakob is tachtig jaar oud.

1299
01:14:38,130 --> 01:14:39,750
Hij heeft nog geen vrouw.

1300
01:14:39,750 --> 01:14:43,470
Ik wil niet dat hij met deze
meisjes uit de omgeving trouwt.’

1301
01:14:43,470 --> 01:14:46,110
Zo liet ze hem denken
dat het zijn idee was.

1302
01:14:46,110 --> 01:14:50,310
‘Ja, ik denk dat het inderdaad tijd
is om een vrouw te gaan zoeken.

1303
01:14:50,310 --> 01:14:51,990
Hij is tachtig jaar oud.

1304
01:14:51,990 --> 01:14:54,210
Ik denk dat hij oud genoeg is.’

1305
01:14:54,210 --> 01:14:57,930
Dus in het volgende hoofdstuk,
waarop we niet zullen ingaan,

1306
01:14:57,930 --> 01:15:02,910
roept Izak Jakob bij zich en zegt hij: ‘Ik
wil dat je naar Laban gaat en voor jezelf

1307
01:15:02,910 --> 01:15:04,230
een vrouw zoekt.’

1308
01:15:04,230 --> 01:15:06,810
Hij gaf hem bij het
afscheid ook een zegen.

1309
01:15:06,810 --> 01:15:11,610
Die omvatte enkele onderdelen van de zegen
van Abraham die hij de eerste keer dat hij

1310
01:15:11,610 --> 01:15:15,390
Jakob zegende had achtergehouden,
toen hij dacht dat hij Ezau zegende.
