1
00:00:02,070 --> 00:00:04,530
Welkom bij Vers voor Vers!

2
00:00:04,530 --> 00:00:08,370
Deze keer behandelen we Hebreeën 2.

3
00:00:08,370 --> 00:00:12,990
We slaan Hebreeën hoofdstuk 2 op en gaan
in dit hoofdstuk verder met hetzelfde

4
00:00:12,990 --> 00:00:15,030
thema als in hoofdstuk 1.

5
00:00:15,030 --> 00:00:19,710
Dat was dat Jezus boven alle anderen
staat als openbaring van God.

6
00:00:19,710 --> 00:00:24,930
In de openingsverzen van hoofdstuk 1
stelde hij Jezus tegenover de profeten.

7
00:00:24,930 --> 00:00:30,870
In het Oude Testament openbaarde God
Zichzelf en sprak Hij door de profeten.

8
00:00:30,870 --> 00:00:36,450
Maar nu spreekt Hij door een Boodschapper
Die boven hen staat, Zijn eigen Zoon,

9
00:00:36,450 --> 00:00:42,150
Nadat God voorheen vele malen en op vele
wijzen tot de vaderen gesproken had door

10
00:00:42,150 --> 00:00:47,850
de profeten, heeft Hij in deze laatste
dagen tot ons gesproken door de Zoon,

11
00:00:47,850 --> 00:00:53,610
Die Hij Erfgenaam gemaakt heeft van alles,
door Wie Hij ook de wereld gemaakt heeft.

12
00:00:53,610 --> 00:00:57,030
Hij , Die de afstraling
van Gods heerlijkheid is

13
00:00:57,030 --> 00:01:00,450
en de afdruk van Zijn
zelfstandigheid, Die alle dingen

14
00:01:00,450 --> 00:01:05,430
draagt door Zijn krachtig woord,
heeft, nadat Hij de reiniging van onze

15
00:01:05,430 --> 00:01:08,430
zonden door Zichzelf
tot stand had gebracht,

16
00:01:08,430 --> 00:01:13,531
Zich gezet aan de rechter hand van
de Majesteit in de hoogste hemelen .

17
00:01:13,531 --> 00:01:16,170
Daarna begon hij ook over
de engelen te spreken,

18
00:01:16,170 --> 00:01:21,330
omdat de engelen daadwerkelijk een rol
hadden, tenminste in het Joodse denken,

19
00:01:21,330 --> 00:01:24,750
bij het overbrengen van
de wet van God naar Mozes.

20
00:01:24,750 --> 00:01:28,290
Daardoor had de wet een zekere
waardigheid die boven die van

21
00:01:28,290 --> 00:01:30,510
menselijke leiders uitging.

22
00:01:30,510 --> 00:01:36,690
Deze bovenmenselijke wezens, deze engelen,
waren betrokken bij het geven van de wet.

23
00:01:36,690 --> 00:01:39,570
Natuurlijk behoren we
respect voor hen te hebben.

24
00:01:39,570 --> 00:01:43,470
Het probleem met de lezers was
dat ze misschien wat meer respect,

25
00:01:43,470 --> 00:01:47,190
van een andere aard, voor de wet
hadden dan ze zouden moeten hebben.

26
00:01:47,190 --> 00:01:49,890
Ze dachten dat ze de wet
weer moesten gaan houden,

27
00:01:49,890 --> 00:01:52,950
misschien zelfs ten koste
van het volgen van Jezus.

28
00:01:52,950 --> 00:01:56,850
Niet alleen dat ze wat Joodse gebruiken
aan hun christendom zouden toevoegen,

29
00:01:56,850 --> 00:02:00,090
maar dat ze Christus
daadwerkelijk zouden verlaten.

30
00:02:00,090 --> 00:02:04,050
Ze zouden opnieuw vertrouwen op
de regelingen van het oude verbond

31
00:02:04,050 --> 00:02:06,510
die God met hun voorouders had getroffen

32
00:02:06,510 --> 00:02:10,050
voor hun verlossing en
verzoening en rechtvaardiging,

33
00:02:10,050 --> 00:02:13,110
al die dingen die met
behoud te maken hebben.

34
00:02:13,110 --> 00:02:17,010
Dat was de richting die ze opgingen,
en hij wilde dat tegenhouden.

35
00:02:17,010 --> 00:02:19,650
Daarom gaat hij in de
eerste paar hoofdstukken

36
00:02:19,650 --> 00:02:23,910
verschillende gezagsdragers bespreken die
op de een of andere manier verbonden zijn

37
00:02:23,910 --> 00:02:26,010
met de waardigheid van de wet.

38
00:02:26,010 --> 00:02:30,090
Hij gaat erop wijzen dat
Jezus ver boven hen staat.

39
00:02:30,090 --> 00:02:32,790
In het eerste hoofdstuk begon
hij inderdaad op die manier

40
00:02:32,790 --> 00:02:36,810
over de engelen te spreken, en hij
haalde behoorlijk wat Schriften uit het

41
00:02:36,810 --> 00:02:38,490
Oude Testament aan.

42
00:02:38,490 --> 00:02:42,990
Allereerst haalde hij twee Schriftteksten
aan waarin Jezus in het Oude Testament

43
00:02:42,990 --> 00:02:46,290
op een unieke manier
Gods Zoon wordt genoemd.

44
00:02:46,290 --> 00:02:48,510
Jij bent Mijn Zoon.

45
00:02:48,510 --> 00:02:50,730
Vandaag ben Ik Je Vader geworden.

46
00:02:50,730 --> 00:02:54,930
Ik zal Zijn Vader zijn en
Hij zal Mijn Zoon zijn.

47
00:02:54,930 --> 00:02:57,630
Dat waren de bewoordingen
die hij gebruikte.

48
00:02:57,630 --> 00:03:01,830
Hij zei dat engelen nooit de waardigheid
hebben gehad dat God op die manier

49
00:03:01,830 --> 00:03:03,210
over hen sprak.

50
00:03:03,210 --> 00:03:07,050
Vervolgens zegt hij in vers
6 van hoofdstuk 1 dat God

51
00:03:07,050 --> 00:03:09,450
alle engelen beveelt Jezus te aanbidden,

52
00:03:09,450 --> 00:03:12,210
en dat de engelen
vergankelijke wezens zijn.

53
00:03:12,210 --> 00:03:15,210
Ze zijn niet zoals God, niet zoals Jezus.

54
00:03:15,210 --> 00:03:21,330
Hij maakt die tegenstelling door over de
engelen uit de Septuaginta van Psalm 104:4

55
00:03:21,330 --> 00:03:27,630
te citeren, en vervolgens over
Jezus uit Psalm 45 en Psalm 102.

56
00:03:27,630 --> 00:03:31,530
In Psalm 45 wordt Jezus
aangesproken als God.

57
00:03:31,530 --> 00:03:33,630
God spreekt Jezus aan met:

58
00:03:33,630 --> 00:03:37,830
Uw troon, o God, bestaat eeuwig en altijd;

59
00:03:37,830 --> 00:03:41,850
de scepter van Uw Koninkrijk is
een scepter van rechtvaardigheid.

60
00:03:41,850 --> 00:03:46,710
In Psalm 102 is het Jahweh Die
in de psalm wordt aangesproken.

61
00:03:46,710 --> 00:03:50,910
Toch vertelt de schrijver ons
hier dat dit tot Jezus gericht is.

62
00:03:50,910 --> 00:03:54,270
De schrijver heeft ons dus
hier in het openingshoofdstuk

63
00:03:54,270 --> 00:03:57,570
werkelijk een zeer hoge
christologie voorgehouden.

64
00:03:57,570 --> 00:04:01,470
Hij zegt dat Jezus allereerst
de Zoon van God wordt genoemd.

65
00:04:01,470 --> 00:04:04,290
Dat op zichzelf plaatst
Hem boven alle engelen.

66
00:04:04,290 --> 00:04:08,730
Maar als je verdergaat, wordt er nog
verhevener taal voor Jezus gebruikt.

67
00:04:08,730 --> 00:04:12,810
Hij wordt in het Oude Testament
God of zelfs Jahweh genoemd.

68
00:04:12,810 --> 00:04:17,310
Aan het eind van hoofdstuk 1,
in de verzen 13 en 14, zegt hij:

69
00:04:17,310 --> 00:04:21,870
En tegen wie van de engelen heeft Hij
ooit gezegd: Zit aan Mijn rechter hand ,

70
00:04:21,870 --> 00:04:26,130
totdat Ik Uw vijanden neergelegd
heb als een voetbank voor Uw voeten?

71
00:04:26,130 --> 00:04:29,370
Zijn zij niet allen dienende
geesten, die uitgezonden worden

72
00:04:29,370 --> 00:04:32,430
ten dienste van hen die de
zaligheid zullen beërven?

73
00:04:32,430 --> 00:04:36,510
Aan de rechterhand van God zitten,
regeren, alle dingen erven,

74
00:04:36,510 --> 00:04:40,890
met inbegrip van Zijn vijanden, dat
plaatst Hem boven de hele schepping en

75
00:04:40,890 --> 00:04:44,790
zeker boven de engelen, die
deel uitmaken van die schepping.

76
00:04:44,790 --> 00:04:47,130
Hij zegt in vers 14 over de engelen:

77
00:04:47,130 --> 00:04:49,470
Zijn het niet allemaal geesten die God

78
00:04:49,470 --> 00:04:53,910
dienen en eropuit worden gestuurd om de
mensen te helpen die gered zullen worden?

79
00:04:53,910 --> 00:04:58,470
Bij het Engelse woord ‘minister’
denken we aan zoiets als een predikant,

80
00:04:58,470 --> 00:05:01,950
maar het woord ‘minister’
betekent een dienaar.

81
00:05:01,950 --> 00:05:04,650
Het is een oud woord voor dienaar.

82
00:05:04,650 --> 00:05:08,130
Het Griekse woord hier betekent dienaar.

83
00:05:08,130 --> 00:05:10,170
Zijn zij geen dienaren?

84
00:05:10,170 --> 00:05:14,070
Zijn zij geen dienende geesten
in het huisgezin van God,

85
00:05:14,070 --> 00:05:17,430
uitgezonden om de belangen van
het volk van God te dienen?

86
00:05:17,430 --> 00:05:20,730
Hij gaat in hoofdstuk
2 met dit thema verder.

87
00:05:20,730 --> 00:05:23,070
Maar zoals ik in onze inleiding al zei,

88
00:05:23,070 --> 00:05:26,550
maakt de schrijver van tijd
tot tijd een uitweiding.

89
00:05:26,550 --> 00:05:28,350
Er zijn er ongeveer vijf.

90
00:05:28,350 --> 00:05:32,070
Ik denk dat het er precies
vijf zijn, zoals ik ze tel.

91
00:05:32,070 --> 00:05:33,750
Het begin en het einde van deze

92
00:05:33,750 --> 00:05:36,630
uitweidingen zijn niet
altijd helemaal duidelijk,

93
00:05:36,630 --> 00:05:39,570
hoewel de eerste vrij duidelijk zijn.

94
00:05:39,570 --> 00:05:45,330
In dit geval vormen de verzen 1 tot en
met 4 van hoofdstuk 2 een uitweiding.

95
00:05:45,330 --> 00:05:48,570
Daarna keert hij in vers 5
terug naar dit onderwerp,

96
00:05:48,570 --> 00:05:52,170
dat Christus boven de engelen staat,
en gaat hij daar de rest van het

97
00:05:52,170 --> 00:05:53,730
hoofdstuk mee verder.

98
00:05:53,730 --> 00:05:58,170
In deze uitweidingen of tussengedeelten
voelt de schrijver dat iets wat hij

99
00:05:58,170 --> 00:06:02,250
zojuist heeft gezegd de lezers
ergens aan zou moeten herinneren.

100
00:06:02,250 --> 00:06:05,070
Of misschien herinnert
het alleen hem eraan:

101
00:06:05,070 --> 00:06:07,410
ze moeten ervoor oppassen af te vallen,

102
00:06:07,410 --> 00:06:10,890
dingen te veronachtzamen
of niet verder te groeien.

103
00:06:10,890 --> 00:06:15,150
Dat wil zeggen, dat ze niet leven in
overeenstemming met de voorrechten van het

104
00:06:15,150 --> 00:06:19,470
christen-zijn, dat ze niet waarderen
wat Jezus tot stand heeft gebracht.

105
00:06:19,470 --> 00:06:23,970
Deze tussengedeelten zijn voornamelijk
waarschuwingen tegen geestelijke traagheid

106
00:06:23,970 --> 00:06:27,630
of onvolwassenheid,
onnodige onvolwassenheid,

107
00:06:27,630 --> 00:06:33,150
of zelfs helemaal afvallen, weg van
Christus, terug naar het jodendom.

108
00:06:33,150 --> 00:06:35,550
Een van de kortste is dit gedeelte.

109
00:06:35,550 --> 00:06:37,170
In hoofdstuk 2 zegt hij:

110
00:06:37,170 --> 00:06:41,250
Daarom moeten wij ons te meer
houden aan wat door ons gehoord is,

111
00:06:41,250 --> 00:06:44,370
opdat wij niet op enig moment afdrijven.

112
00:06:44,370 --> 00:06:47,610
Want als het woord dat door
engelen gesproken werd,

113
00:06:47,610 --> 00:06:51,930
al bindend was en elke
overtreding en ongehoorzaamheid

114
00:06:51,930 --> 00:06:53,970
rechtvaardige vergelding ontving,

115
00:06:53,970 --> 00:06:56,670
Met het woord dat door
engelen gesproken werd,

116
00:06:56,670 --> 00:06:59,970
bedoelt hij de wet die
door engelen gegeven is.

117
00:06:59,970 --> 00:07:03,690
En hier kunnen we zien dat dit
een verwijzing naar de wet is.

118
00:07:03,690 --> 00:07:07,290
Elke ongehoorzaamheid van
degenen die de wet overtraden,

119
00:07:07,290 --> 00:07:10,710
kreeg een rechtvaardige
vergelding. Hij zegt:

120
00:07:10,710 --> 00:07:15,390
hoe zullen wij dan ontvluchten, als wij
zo'n grote zaligheid veronachtzamen,

121
00:07:15,390 --> 00:07:17,970
die in het begin door
de Heere is verkondigd,

122
00:07:17,970 --> 00:07:21,930
en die aan ons is bevestigd
door hen die Hem gehoord hebben.

123
00:07:21,930 --> 00:07:26,130
God heeft er bovendien mede
getuigenis aan gegeven door tekenen,

124
00:07:26,130 --> 00:07:30,450
wonderen en allerlei krachten,
en gaven van de Heilige Geest,

125
00:07:30,450 --> 00:07:32,670
overeenkomstig Zijn wil.

126
00:07:32,670 --> 00:07:36,810
Na dit korte gedeelte gaat hij weer
over de engelen spreken en over de

127
00:07:36,810 --> 00:07:39,570
tegenstelling tussen
Christus en de engelen.

128
00:07:39,570 --> 00:07:44,730
Maar dit gedeelte is hier op zijn
plaats omdat hij nadenkt over de engelen

129
00:07:44,730 --> 00:07:47,430
en hun rol bij het geven van de wet.

130
00:07:47,430 --> 00:07:49,530
Zij hebben aanzienlijk gezag.

131
00:07:49,530 --> 00:07:53,430
Als een engel van God naar je toe
komt en je aanwijzingen geeft,

132
00:07:53,430 --> 00:07:56,130
kun je daar niet lichtvaardig mee omgaan.

133
00:07:56,130 --> 00:08:01,410
Maar hij zegt: ‘Ik heb al vastgesteld
dat Jezus veel verhevener is en veel

134
00:08:01,410 --> 00:08:03,810
hoger staat dan welke engel ook.

135
00:08:03,810 --> 00:08:08,310
Hoeveel te meer zou je er dan voor
terugschrikken om Zijn gezag te negeren?’

136
00:08:08,310 --> 00:08:12,210
Toch liepen sommige luisteraars
blijkbaar gevaar om dat te doen.

137
00:08:12,210 --> 00:08:13,950
Misschien deden ze dat zelfs al.

138
00:08:13,950 --> 00:08:15,930
In hoofdstuk 10 zei hij:

139
00:08:15,930 --> 00:08:19,110
Laten wij de onderlinge
bijeenkomst niet nalaten,

140
00:08:19,110 --> 00:08:22,890
zoals het bij sommigen de gewoonte
is, maar elkaar aansporen,

141
00:08:22,890 --> 00:08:26,490
en dat zoveel te meer als u
de grote dag ziet naderen.

142
00:08:26,490 --> 00:08:30,150
Sommige van zijn luisteraars kwamen
al niet meer samen met de christelijke

143
00:08:30,150 --> 00:08:33,390
gemeenten, waarschijnlijk
vanwege de vervolging die ze door

144
00:08:33,390 --> 00:08:35,310
die contacten ondervonden.

145
00:08:35,310 --> 00:08:39,150
Er waren dus al mensen die zich
als het ware terugtrokken uit hun

146
00:08:39,150 --> 00:08:41,610
openlijke belijdenis als christen.

147
00:08:41,610 --> 00:08:46,470
Hij zegt: ‘Je trekt je terug van
het gezag van Christus. Waarvoor?

148
00:08:46,470 --> 00:08:49,650
Voor een wet die engelen
aan Mozes hebben gegeven?’

149
00:08:49,650 --> 00:08:53,670
We hebben al laten zien dat Christus
zo ver boven de engelen staat.

150
00:08:53,670 --> 00:08:55,650
Als er een zware straf staat op het

151
00:08:55,650 --> 00:08:58,710
overtreden van de wet door
mensen in het Oude Testament,

152
00:08:58,710 --> 00:09:03,270
dan is de straf natuurlijk heel zwaar
voor degenen die tegen Christus ingaan.

153
00:09:03,270 --> 00:09:06,990
Dat zegt hij ook echt in een van
de latere waarschuwende gedeelten

154
00:09:06,990 --> 00:09:11,490
die nog aan de orde komen, het
vierde, dat in hoofdstuk 10 staat.

155
00:09:11,490 --> 00:09:15,030
Het is dezelfde gedachte,
maar dan verder doorgetrokken.

156
00:09:15,030 --> 00:09:18,270
In Hebreeën 10:28 zegt hij:

157
00:09:18,270 --> 00:09:20,910
Als iemand de wet van
Mozes tenietgedaan heeft,

158
00:09:20,910 --> 00:09:26,310
moet hij sterven zonder barmhartigheid,
op het woord van twee of drie getuigen.

159
00:09:26,310 --> 00:09:28,890
Dat is hetzelfde als wat hij daar zei:

160
00:09:28,890 --> 00:09:32,430
elke overtreding van het woord
dat door de engelen gegeven was,

161
00:09:32,430 --> 00:09:34,710
kreeg vergelding en straf.

162
00:09:34,710 --> 00:09:37,410
Hier zegt hij dat die straf de dood was.

163
00:09:37,410 --> 00:09:41,970
Als twee getuigen onder de wet tegen je
getuigden in een zaak waarop de doodstraf

164
00:09:41,970 --> 00:09:44,010
stond, werd je ter dood gebracht.

165
00:09:44,010 --> 00:09:47,430
Maar kijk naar vers 29 van Hebreeën 10:

166
00:09:47,430 --> 00:09:51,750
Hoeveel te zwaarder straf, denkt
u, zal hij waard geacht worden

167
00:09:51,750 --> 00:09:55,530
die de Zoon van God vertrapt heeft
en het bloed van het verbond,

168
00:09:55,530 --> 00:10:00,210
waardoor hij geheiligd was, onrein
geacht heeft en de Geest van de

169
00:10:00,210 --> 00:10:01,950
genade gesmaad heeft?

170
00:10:01,950 --> 00:10:06,330
Let op: de straf voor het
overtreden van de wet was de dood.

171
00:10:06,330 --> 00:10:10,890
Hoeveel erger zou de straf zijn voor
degenen die tegen Christus ingaan?

172
00:10:10,890 --> 00:10:15,390
Dit is precies het tegenovergestelde
van de houding van veel christenen.

173
00:10:15,390 --> 00:10:19,890
Veel christenen zeggen: ‘De wet
was een stelsel waarin je echt niet

174
00:10:19,890 --> 00:10:22,110
zomaar met dingen kon wegkomen.

175
00:10:22,110 --> 00:10:26,730
Maar we leven nu onder de genade,
dus kun je wel met dingen wegkomen.’

176
00:10:26,730 --> 00:10:30,390
Het is alsof je onder de
genade met dingen kunt wegkomen

177
00:10:30,390 --> 00:10:33,570
waarmee je onder de
wet niet kunt wegkomen.

178
00:10:33,570 --> 00:10:36,150
Zo klonk de schrijver van Hebreeën niet.

179
00:10:36,150 --> 00:10:41,070
Het klonk alsof hij zei: als
je de wet overtreedt, sterf je.

180
00:10:41,070 --> 00:10:44,490
Ga je tegen Christus in,
dan is het nog erger.

181
00:10:44,490 --> 00:10:47,010
Dan verdien je een ergere straf.

182
00:10:47,010 --> 00:10:51,210
Dat is dezelfde tegenstelling die
de schrijver in hoofdstuk 2 maakt,

183
00:10:51,210 --> 00:10:53,670
al stelt hij die daar niet zo scherp.

184
00:10:53,670 --> 00:10:58,050
Hij zegt daar alleen dat er zware straffen
stonden op het overtreden van de wet,

185
00:10:58,050 --> 00:11:01,230
hoewel die alleen maar
door engelen gegeven was.

186
00:11:01,230 --> 00:11:03,690
Hoe zullen wij dan zonder schuld zijn?

187
00:11:03,690 --> 00:11:09,450
Ik wil een paar dingen zeggen over
deze eerste vier verzen. Hij zegt:

188
00:11:09,450 --> 00:11:13,350
Daarom moeten wij ons te meer
houden aan wat door ons gehoord is,

189
00:11:13,350 --> 00:11:16,350
opdat wij niet op enig moment afdrijven.

190
00:11:16,350 --> 00:11:19,650
Hij bedoelt wat we binnen het
christendom gehoord hebben,

191
00:11:19,650 --> 00:11:22,170
de christelijke dingen
die we gehoord hebben.

192
00:11:22,170 --> 00:11:24,990
We moeten daar des te
ernstiger acht op slaan,

193
00:11:24,990 --> 00:11:29,610
in het besef dat de bron van die
dingen zoveel meer gezag heeft

194
00:11:29,610 --> 00:11:35,850
dan de bron van Mozes zelf of de engelen
die de wet zoveel waardigheid verleenden.

195
00:11:35,850 --> 00:11:40,050
De grotere waardigheid van
Christus betekent dat we nog meer

196
00:11:40,050 --> 00:11:41,850
acht op Hem moeten slaan.

197
00:11:41,850 --> 00:11:43,830
We moeten niet afdrijven.

198
00:11:43,830 --> 00:11:48,150
Dit is blijkbaar een waarschuwing
voor de mogelijkheid dat we afdrijven.

199
00:11:48,150 --> 00:11:51,810
Sommigen lieten het samenkomen
van de christenen al na.

200
00:11:51,810 --> 00:11:54,990
Ze gingen er niet meer
naartoe. Ze dreven af.

201
00:11:54,990 --> 00:11:56,610
In de King James staat:

202
00:11:56,610 --> 00:11:58,710
Zodat we ze niet kwijtraken.

203
00:11:58,710 --> 00:12:03,150
Maar het Griekse woord verwijst eigenlijk
naar een schip waarvan het anker zijn

204
00:12:03,150 --> 00:12:05,130
houvast heeft verloren.

205
00:12:05,130 --> 00:12:08,850
Beetje bij beetje voert het getij
het schip verder naar buiten,

206
00:12:08,850 --> 00:12:11,430
misschien 's nachts terwijl ze slapen.

207
00:12:11,430 --> 00:12:17,670
Ze rekenen erop dat het anker hen daar op
hun plaats houdt, en het anker werkt niet.

208
00:12:17,670 --> 00:12:21,990
Dus worden ze 's morgens wakker en
zijn ze ver van de plek waar ze dachten

209
00:12:21,990 --> 00:12:23,190
te zullen zijn.

210
00:12:23,190 --> 00:12:29,130
Het gaat over geleidelijk afdrijven,
zoals een boot die nergens aan vastligt.

211
00:12:29,130 --> 00:12:31,590
Overigens gaat hij het
er later over hebben

212
00:12:31,590 --> 00:12:36,090
dat de hoop die we in Christus
hebben als een anker voor de ziel is.

213
00:12:36,090 --> 00:12:39,150
Dat komt in hoofdstuk 6 aan de orde.

214
00:12:39,150 --> 00:12:41,670
Dit is de beeldspraak die hij gebruikt.

215
00:12:41,670 --> 00:12:46,290
We zijn als mensen op een schip die
doelbewust een bepaalde richting op varen.

216
00:12:46,290 --> 00:12:49,950
Maar als je niet oplet, kan
een schip uit koers raken.

217
00:12:49,950 --> 00:12:52,890
Er zijn natuurkrachten
die het schip verplaatsen,

218
00:12:52,890 --> 00:12:55,410
tenzij je erop let dat je dat voorkomt.

219
00:12:55,410 --> 00:12:59,550
Als je geen stevig anker hebt,
word je meegesleurd door de wereld,

220
00:12:59,550 --> 00:13:00,810
door je omgeving.

221
00:13:00,810 --> 00:13:05,610
Er is dus een zekere overeenkomst
tussen zeilen en het christelijke leven.

222
00:13:05,610 --> 00:13:06,990
En hij zegt in vers 2:

223
00:13:06,990 --> 00:13:09,690
Want als het woord dat door
engelen gesproken werd,

224
00:13:09,690 --> 00:13:12,810
al bindend was en elke
overtreding en ongehoorzaamheid

225
00:13:12,810 --> 00:13:14,910
rechtvaardige vergelding ontving,

226
00:13:14,910 --> 00:13:19,170
Nu heb ik gezegd dat dit een verwijzing
naar de wet is, en dat is ook zo.

227
00:13:19,170 --> 00:13:21,870
En er zijn nog twee andere
plaatsen in het Nieuwe Testament

228
00:13:21,870 --> 00:13:24,630
waarnaar ik in een eerdere
lezing heb verwezen.

229
00:13:24,630 --> 00:13:26,430
Daar noemen mensen in het Nieuwe Testament

230
00:13:26,430 --> 00:13:29,670
de bemiddelende rol van engelen
bij het geven van de wet.

231
00:13:29,670 --> 00:13:33,810
Een van hen is Stefanus in
Handelingen hoofdstuk 7.

232
00:13:33,810 --> 00:13:37,710
Tegen het einde van zijn toespraak, die
hem op steniging kwam te staan omdat die

233
00:13:37,710 --> 00:13:44,430
zo confronterend was, zegt
hij in Handelingen 7:52 en 53:

234
00:13:44,430 --> 00:13:48,150
Wie van de profeten hebben
uw vaderen niet vervolgd?

235
00:13:48,150 --> 00:13:52,770
Zelfs hebben zij hen gedood die de
komst van de Rechtvaardige aankondigden,

236
00:13:52,770 --> 00:13:56,730
van Wie u nu verraders en
moordenaars geworden bent.

237
00:13:56,730 --> 00:14:00,030
U, die de wet ontvangen hebt
door de dienst van engelen,

238
00:14:00,030 --> 00:14:02,310
hebt die niet in acht genomen!

239
00:14:02,310 --> 00:14:06,330
Hij spreekt het Sanhedrin aan, dezelfde
mensen die een paar weken eerder

240
00:14:06,330 --> 00:14:08,010
Christus hadden gekruisigd.

241
00:14:08,010 --> 00:14:13,110
Hij wist dat het bloeddorstige mensen
waren die mensen zoals hij zouden doden,

242
00:14:13,110 --> 00:14:17,190
en hij liet zich daardoor niet
weerhouden om vrijuit te spreken.

243
00:14:17,190 --> 00:14:18,990
Hij was vrijmoedig.

244
00:14:18,990 --> 00:14:23,070
Let erop dat Stefanus de Joodse
overlevering lijkt te bevestigen.

245
00:14:23,070 --> 00:14:27,570
Er staat niets in het Oude Testament dat
ons vertelt dat de engelen betrokken waren

246
00:14:27,570 --> 00:14:29,190
bij het geven van de wet.

247
00:14:29,190 --> 00:14:31,470
Maar blijkbaar waren ze dat wel.

248
00:14:31,470 --> 00:14:35,670
Nieuwtestamentische schrijvers bevestigen
de rol die de Joden op grond van hun

249
00:14:35,670 --> 00:14:38,790
overlevering aan de engelen
waren gaan toeschrijven.

250
00:14:38,790 --> 00:14:43,410
Stefanus zegt dat zij de wet op
aanwijzing van engelen hadden ontvangen.

251
00:14:43,410 --> 00:14:47,250
En toch hadden ze daar niet het
juiste gewicht aan toegekend.

252
00:14:47,250 --> 00:14:52,890
In Galaten 3 bevestigt Paulus ook de rol
van engelen bij het geven van de wet.

253
00:14:52,890 --> 00:14:56,970
In Galaten 3, vers 19, zegt Paulus:

254
00:14:56,970 --> 00:14:59,070
Waartoe dient dan de wet?

255
00:14:59,070 --> 00:15:02,250
Zij is eraan toegevoegd
omwille van de overtredingen,

256
00:15:02,250 --> 00:15:06,450
totdat het Nageslacht zou gekomen
zijn aan Wie het beloofd was;

257
00:15:06,450 --> 00:15:10,230
en zij is door engelen in de
hand van de middelaar beschikt.

258
00:15:10,230 --> 00:15:14,130
Mozes. De wet is dus
door engelen ingesteld.

259
00:15:14,130 --> 00:15:17,310
Stefanus en Paulus bevestigen dat allebei.

260
00:15:17,310 --> 00:15:21,630
Nu heeft de schrijver van Hebreeën
het over hetzelfde. Hij zegt:

261
00:15:21,630 --> 00:15:24,450
De boodschap die door
engelen werd overgebracht,

262
00:15:24,450 --> 00:15:26,730
en hij verwijst hier naar de wet.

263
00:15:26,730 --> 00:15:29,850
Want als het woord dat door
engelen gesproken werd,

264
00:15:29,850 --> 00:15:34,050
al bindend was en elke
overtreding en ongehoorzaamheid

265
00:15:34,050 --> 00:15:36,270
rechtvaardige vergelding ontving,

266
00:15:36,270 --> 00:15:42,090
Hebreeën 2:2, Ik wil hierop wijzen:
de vergeldingen in het Oude Testament

267
00:15:42,090 --> 00:15:45,510
waren volgens de schrijver
rechtvaardige vergeldingen.

268
00:15:45,510 --> 00:15:49,710
In het Oude Testament stond de
doodstraf op heel wat vergrijpen

269
00:15:49,710 --> 00:15:54,270
waarop die in onze samenleving, of in
welke seculiere samenleving dan ook,

270
00:15:54,270 --> 00:15:55,650
niet zou staan.

271
00:15:55,650 --> 00:15:59,250
Maar wanneer we in het Oude Testament
lezen over heel zware straffen voor

272
00:15:59,250 --> 00:16:03,330
bepaalde dingen, dan druist dat
enigszins tegen ons gevoel in.

273
00:16:03,330 --> 00:16:08,310
We denken: ‘Nou, ik weet het niet,
moet iemand daarvoor worden gestenigd?’

274
00:16:08,310 --> 00:16:11,910
Maar het Nieuwe Testament bevestigt,
net als het Oude Testament,

275
00:16:11,910 --> 00:16:14,310
dat er geen onrechtvaardigheid in God is.

276
00:16:14,310 --> 00:16:19,770
Elke wet, elke verordening die is
ingesteld, is volkomen rechtvaardig.

277
00:16:19,770 --> 00:16:23,250
David verheugde zich in de
Psalmen over de rechtvaardigheid,

278
00:16:23,250 --> 00:16:26,250
de volmaakte rechtvaardigheid
van Gods wetten.

279
00:16:26,250 --> 00:16:29,490
En het gaat niet alleen om de
rechtvaardigheid van de wetten,

280
00:16:29,490 --> 00:16:31,950
maar zelfs om die van de straffen.

281
00:16:31,950 --> 00:16:34,530
De schrijver van Hebreeën zegt dat elke

282
00:16:34,530 --> 00:16:38,430
ongehoorzaamheid aan de wet een
rechtvaardige straf ontving.

283
00:16:38,430 --> 00:16:42,090
De schrijver bevestigt dus dat
die straffen rechtvaardig zijn,

284
00:16:42,090 --> 00:16:44,490
hoe zwaar ze ons ook mogen lijken.

285
00:16:44,490 --> 00:16:46,770
Niet alleen de schrijvers
van het Oude Testament,

286
00:16:46,770 --> 00:16:49,890
maar ook die van het Nieuwe
Testament bevestigen dit.

287
00:16:49,890 --> 00:16:53,490
En dat betekent natuurlijk dat
de wet ons onderricht geeft.

288
00:16:53,490 --> 00:16:55,230
Ze is een leermeester.

289
00:16:55,230 --> 00:16:58,470
Ze leert ons dingen die we
anders niet zouden weten.

290
00:16:58,470 --> 00:17:02,730
Als ik denk: ‘Nou, ik vind niet
dat iemand die overspel pleegt,

291
00:17:02,730 --> 00:17:06,750
verdient om te worden gestenigd’, en
ik ontdek dat hij dat wel verdient,

292
00:17:06,750 --> 00:17:09,930
dan zegt me dat iets. Ik leer iets.

293
00:17:09,930 --> 00:17:12,270
‘O, het is erger dan ik dacht.

294
00:17:12,270 --> 00:17:16,530
Blijkbaar ben ik op dat punt in moreel
opzicht wat te toegeeflijk geworden.

295
00:17:16,530 --> 00:17:19,470
Blijkbaar ben ik wat
te veel gaan toelaten.’

296
00:17:19,470 --> 00:17:24,450
Als mensen denken dat het onrechtvaardig
is om sommige van deze mensen te stenigen,

297
00:17:24,450 --> 00:17:28,050
zegt dat ons niets over hoe
onrechtvaardig de wet is.

298
00:17:28,050 --> 00:17:31,950
Het zegt ons hoe ver onze eigen
opvattingen van een besef van

299
00:17:31,950 --> 00:17:36,690
rechtvaardigheid zijn afgedreven,
want de wet is rechtvaardig.

300
00:17:36,690 --> 00:17:41,550
God heeft nooit een straf toegestaan die
zwaarder was dan wat iemand verdiende.

301
00:17:41,550 --> 00:17:45,030
En waar de straffen van de wet
tegen ons gevoel indruisen,

302
00:17:45,030 --> 00:17:49,170
laat dat dus alleen maar zien dat
ons gevoel verkeerd is afgestemd.

303
00:17:49,170 --> 00:17:52,410
Wij zijn degenen die opnieuw
moeten worden afgesteld,

304
00:17:52,410 --> 00:17:56,610
want we zijn in veel opzichten
producten van onze eigen cultuur.

305
00:17:56,610 --> 00:17:59,370
En onze cultuur wordt
steeds toegeeflijker,

306
00:17:59,370 --> 00:18:02,310
en wij worden meestal
ook steeds toegeeflijker.

307
00:18:02,310 --> 00:18:04,350
Nu moeten we genadig zijn.

308
00:18:04,350 --> 00:18:09,030
Ik wil dit heel duidelijk maken: als
ik me tegen toegeeflijkheid uitspreek,

309
00:18:09,030 --> 00:18:11,850
spreek ik me niet uit tegen genadig zijn.

310
00:18:11,850 --> 00:18:16,170
Toegeeflijkheid en genadigheid zijn
twee heel verschillende dingen.

311
00:18:16,170 --> 00:18:20,850
Een toegeeflijke vader is iemand die zijn
kinderen alles laat doen wat ze willen.

312
00:18:20,850 --> 00:18:23,550
Het kan hem niet schelen
wat er met hen gebeurt.

313
00:18:23,550 --> 00:18:27,630
Het kan hem niet schelen hoe ze
zich in moreel opzicht gedragen.

314
00:18:27,630 --> 00:18:29,550
Hij is gewoon toegeeflijk.

315
00:18:29,550 --> 00:18:32,310
Het is een vorm van onverschilligheid.

316
00:18:32,310 --> 00:18:35,430
Morele onverschilligheid
is toegeeflijkheid.

317
00:18:35,430 --> 00:18:38,310
God is in moreel opzicht
niet onverschillig,

318
00:18:38,310 --> 00:18:43,170
zoals de wet heel duidelijk maakt:
heel zware straffen voor zonde.

319
00:18:43,170 --> 00:18:47,490
God neemt zonde heel ernstig,
maar Hij kan genadig zijn.

320
00:18:47,490 --> 00:18:52,230
Dat wil zeggen: hoewel Hij die heel
ernstig neemt, kan Hij vergeven.

321
00:18:52,230 --> 00:18:56,370
Dat iemand vergeeft, betekent niet
dat het hem niets kon schelen.

322
00:18:56,370 --> 00:18:59,190
Het betekent niet dat
hij onverschillig is.

323
00:18:59,190 --> 00:19:05,010
God is helemaal niet toegeeflijk, en dat
heeft Hij bewezen. Maar Hij is genadig.

324
00:19:05,010 --> 00:19:10,770
En natuurlijk kan Hij genadig zijn,
volgens Paulus in Romeinen 3:26,

325
00:19:10,770 --> 00:19:14,730
omdat Jezus de straf voor de zonden
van de wereld heeft ontvangen.

326
00:19:14,730 --> 00:19:19,530
En nu heeft God een reden om
genadig te zijn, zoals Paulus zegt:

327
00:19:19,530 --> 00:19:25,050
Zo kan Hij rechtvaardig zijn en degene
rechtvaardigen die in Jezus gelooft.

328
00:19:25,050 --> 00:19:29,670
Dit zijn dus rechtvaardige straffen,
hoe streng ze ook mogen lijken.

329
00:19:29,670 --> 00:19:33,810
En wat ze voor ons doen, is ons denken
weer in overeenstemming brengen met

330
00:19:33,810 --> 00:19:35,910
de morele werkelijkheid.

331
00:19:35,910 --> 00:19:41,190
‘O, ik zou nooit gedacht hebben dat
dat zo erg was.’ Dat moet het wel zijn.

332
00:19:41,190 --> 00:19:44,010
Als God heeft gezegd dat
het die straf verdient,

333
00:19:44,010 --> 00:19:46,590
moet die straf rechtvaardig zijn.

334
00:19:46,590 --> 00:19:48,810
Dan moet het wel zo erg zijn.

335
00:19:48,810 --> 00:19:53,130
Ik moet mijn morele denken weer in
overeenstemming brengen met God.

336
00:19:53,130 --> 00:19:57,150
Wij zeggen dat het niet aanvaardbaar
is, zelfs niet een klein beetje,

337
00:19:57,150 --> 00:20:00,750
om een kind dat zijn ouders
slaat ter dood te brengen.

338
00:20:00,750 --> 00:20:03,690
Dat zouden we in geen
enkele samenleving doen.

339
00:20:03,690 --> 00:20:05,910
Maar dat is het juiste om te doen.

340
00:20:05,910 --> 00:20:09,270
Het is een rechtvaardige
straf voor die zonde.

341
00:20:09,270 --> 00:20:10,950
In vers 3 zegt hij:

342
00:20:10,950 --> 00:20:15,930
hoe zullen wij dan ontvluchten, als wij
zo'n grote zaligheid veronachtzamen,

343
00:20:15,930 --> 00:20:18,570
die in het begin door
de Heere is verkondigd,

344
00:20:18,570 --> 00:20:22,590
en die aan ons is bevestigd
door hen die Hem gehoord hebben.

345
00:20:22,590 --> 00:20:26,550
God heeft er bovendien mede
getuigenis aan gegeven door tekenen,

346
00:20:26,550 --> 00:20:30,870
wonderen en allerlei krachten,
en gaven van de Heilige Geest,

347
00:20:30,870 --> 00:20:32,970
overeenkomstig Zijn wil.

348
00:20:32,970 --> 00:20:37,050
Ik ken dit al sinds mijn jeugd
als een tekst voor evangelisatie.

349
00:20:37,050 --> 00:20:40,170
Het is het vers dat je aan het
einde van de preek aanhaalt,

350
00:20:40,170 --> 00:20:44,250
wanneer je op het punt staat mensen
op te roepen naar voren te komen.

351
00:20:44,250 --> 00:20:46,710
Verzuim niet om christen te worden.

352
00:20:46,710 --> 00:20:48,930
Veronachtzaam het behoud niet.

353
00:20:48,930 --> 00:20:52,110
Maar de schrijver spreekt
niet tot niet-christenen.

354
00:20:52,110 --> 00:20:55,710
Hij spreekt tot christenen over
het gevaar dat ze het behoud dat

355
00:20:55,710 --> 00:20:57,990
ze hebben, veronachtzamen.

356
00:20:57,990 --> 00:21:02,430
Veronachtzamen betekent dat je
nalaat te reageren op een manier

357
00:21:02,430 --> 00:21:06,510
waarop je in zekere zin
verplicht bent te reageren.

358
00:21:06,510 --> 00:21:10,470
Veronachtzamen betekent dat je
tekortschiet in iets waarvoor je een

359
00:21:10,470 --> 00:21:12,690
bepaalde verantwoordelijkheid had.

360
00:21:12,690 --> 00:21:15,990
Voor een christen die al
christen is en behouden is,

361
00:21:15,990 --> 00:21:18,570
betekent het veronachtzamen
van zijn behoud

362
00:21:18,570 --> 00:21:23,190
dat er verantwoordelijkheden bij het
behoud horen die hij niet nakomt.

363
00:21:23,190 --> 00:21:27,090
Die verantwoordelijkheden worden
ook later in Hebreeën hoofdstuk 6,

364
00:21:27,090 --> 00:21:29,190
vers 9 geïmpliceerd.

365
00:21:29,190 --> 00:21:33,090
Dit staat in een van de andere
waarschuwingsgedeelten, het derde.

366
00:21:33,090 --> 00:21:34,230
Hij zegt:

367
00:21:34,230 --> 00:21:37,530
Ook al spreken wij zo,
geliefden, wat u betreft

368
00:21:37,530 --> 00:21:41,850
zijn wij echter overtuigd van betere
dingen, die met de zaligheid samenhangen.

369
00:21:41,850 --> 00:21:45,690
Er zijn dingen die met
het behoud gepaard gaan.

370
00:21:45,690 --> 00:21:48,270
Er zijn verantwoordelijkheden
en gedragingen

371
00:21:48,270 --> 00:21:50,730
die met het behoud gepaard gaan.

372
00:21:50,730 --> 00:21:53,250
Sommige mensen denken
dat ze het behoud hebben,

373
00:21:53,250 --> 00:21:56,670
maar ze hebben geen van de
dingen die ermee gepaard gaan.

374
00:21:56,670 --> 00:21:59,370
Aangezien die dingen er
altijd mee gepaard gaan,

375
00:21:59,370 --> 00:22:02,730
heeft iemand bij wie die
bijbehorende dingen ontbreken

376
00:22:02,730 --> 00:22:05,010
blijkbaar ook het behoud niet.

377
00:22:05,010 --> 00:22:07,710
Welke dingen gaan met het behoud gepaard?

378
00:22:07,710 --> 00:22:12,510
Dat is heel duidelijk: liefde
voor God, liefde voor je broeders,

379
00:22:12,510 --> 00:22:16,710
gehoorzaamheid aan God, de
algemene gerichtheid op Christus

380
00:22:16,710 --> 00:22:19,290
in plaats van op jezelf en de wereld.

381
00:22:19,290 --> 00:22:24,210
Dit is een verandering in een mens die
gepaard gaat met het verschijnsel behoud.

382
00:22:24,210 --> 00:22:27,150
Maar die dingen brengen
verantwoordelijkheden met zich mee die je

383
00:22:27,150 --> 00:22:28,590
moet blijven nakomen.

384
00:22:28,590 --> 00:22:30,810
Ze horen bij het geheel van het behoud,

385
00:22:30,810 --> 00:22:33,930
maar het is onze verantwoordelijkheid
om ze te beheren,

386
00:22:33,930 --> 00:22:37,770
er als rentmeesters voor te zorgen en
ervoor te waken dat we ze niet laten

387
00:22:37,770 --> 00:22:40,950
afdrijven, of dat wij
er niet van afdrijven.

388
00:22:40,950 --> 00:22:44,730
Als we ze veronachtzamen,
drijven ze inderdaad weg.

389
00:22:44,730 --> 00:22:49,110
We veronachtzamen ons behoud en de
verantwoordelijkheden die erbij horen als

390
00:22:49,110 --> 00:22:55,410
we niet actief aan ons behoud werken,
zoals Paulus in Filippenzen 2:12 zegt:

391
00:22:55,410 --> 00:22:58,590
Werk aan uw behoud met vrees en beven.

392
00:22:58,590 --> 00:22:59,850
Hij zegt:

393
00:22:59,850 --> 00:23:03,690
Deze redding waar de Heer als
eerste over begon te vertellen.

394
00:23:03,690 --> 00:23:07,410
Dat is het belangrijke punt,
omdat de Heere hier tegenover de

395
00:23:07,410 --> 00:23:08,910
engelen wordt gesteld.

396
00:23:08,910 --> 00:23:11,310
De wet werd door engelen gegeven.

397
00:23:11,310 --> 00:23:16,170
Ons behoud werd verkondigd door Jezus,
Die, zoals hij heeft aangegeven,

398
00:23:16,170 --> 00:23:17,850
groter is dan de engelen.

399
00:23:17,850 --> 00:23:19,770
Maar vervolgens zegt hij:

400
00:23:19,770 --> 00:23:23,910
En de mensen die hem hebben gehoord,
hebben dat aan ons bevestigd.

401
00:23:23,910 --> 00:23:27,510
Wanneer uitleggers proberen vast
te stellen wie de schrijver is,

402
00:23:27,510 --> 00:23:30,810
zeggen ze vaak dat deze zin
waarschijnlijk betekent dat

403
00:23:30,810 --> 00:23:33,330
Paulus deze brief niet heeft geschreven.

404
00:23:33,330 --> 00:23:37,110
Paulus zou niet zeggen dat hij behoorde
tot degenen aan wie het woord bevestigd

405
00:23:37,110 --> 00:23:39,930
werd door hen die Jezus hadden gehoord.

406
00:23:39,930 --> 00:23:43,290
Paulus benadrukt heel
sterk, vooral in Galaten,

407
00:23:43,290 --> 00:23:46,470
dat hij zijn Evangelie niet
van mensen heeft geleerd.

408
00:23:46,470 --> 00:23:49,110
Het werd hem door Christus geopenbaard.

409
00:23:49,110 --> 00:23:51,870
Veel uitleggers hebben
erop gewezen dat Paulus,

410
00:23:51,870 --> 00:23:56,550
die in Galaten zo nadrukkelijk zou zeggen
dat hij zijn Evangelie niet uit de tweede

411
00:23:56,550 --> 00:23:59,250
hand had, niet op deze manier zou spreken.

412
00:23:59,250 --> 00:24:05,250
Hij spreekt over het Evangelie als iets
waarover hij heeft gehoord van degenen die

413
00:24:05,250 --> 00:24:09,210
Jezus hadden gehoord, alsof
het uit de tweede hand kwam.

414
00:24:09,210 --> 00:24:12,270
Natuurlijk betekent zeggen
dat het bevestigd werd

415
00:24:12,270 --> 00:24:15,630
door degenen die Hem hadden
gehoord, niet dat je het

416
00:24:15,630 --> 00:24:17,790
oorspronkelijk van hen hebt geleerd.

417
00:24:17,790 --> 00:24:20,370
Ik zeg niet dat Paulus de schrijver is,

418
00:24:20,370 --> 00:24:25,530
maar ik zeg dat Paulus dit had kunnen
zeggen als hij daarmee bedoelde:

419
00:24:25,530 --> 00:24:30,750
‘Wat ik over Jezus heb geleerd, heb ik
geleerd door persoonlijke openbaring

420
00:24:30,750 --> 00:24:36,210
op de weg naar Damascus en in
mijn tijd alleen in Arabië daarna.

421
00:24:36,210 --> 00:24:39,930
Later ging ik naar Jeruzalem,
en wat ik van God had gehoord,

422
00:24:39,930 --> 00:24:44,370
werd mij bevestigd door degenen
die Jezus hadden horen spreken.

423
00:24:44,370 --> 00:24:47,070
Zij bevestigden wat ik al wist.’

424
00:24:47,070 --> 00:24:51,210
In Galaten 2 zegt hij inderdaad
dat hij naar Jeruzalem ging

425
00:24:51,210 --> 00:24:54,030
om te zien of hij
tevergeefs had gepredikt,

426
00:24:54,030 --> 00:24:57,510
omdat hij er niet zeker van
was dat de andere apostelen

427
00:24:57,510 --> 00:24:59,670
zijn boodschap zouden bevestigen.

428
00:24:59,670 --> 00:25:02,190
Maar dat deden ze, zo blijkt.

429
00:25:02,190 --> 00:25:05,070
Dus zeggen dat wij het woord
bevestigd hebben gehoord

430
00:25:05,070 --> 00:25:09,330
door degenen die Jezus hadden gehoord,
zou op zichzelf niet iets zijn

431
00:25:09,330 --> 00:25:12,150
wat Paulus niet zou
kunnen verenigen met zijn

432
00:25:12,150 --> 00:25:17,250
nadruk op het feit dat hij het Evangelie
rechtstreeks van Christus had ontvangen.

433
00:25:17,250 --> 00:25:19,650
Het zou nog steeds bevestigd zijn.

434
00:25:19,650 --> 00:25:24,330
We hebben volgens mij vaak bevestiging van
de broeders nodig over dingen waarover God

435
00:25:24,330 --> 00:25:26,130
tot ons heeft gesproken.

436
00:25:26,130 --> 00:25:30,330
Voor mij staat het niet vast dat Paulus
die zin niet geschreven kan hebben,

437
00:25:30,330 --> 00:25:35,010
al ben ik niet noodzakelijk van mening
dat Paulus dit inderdaad heeft geschreven.

438
00:25:35,010 --> 00:25:35,730
Hij zegt:

439
00:25:35,730 --> 00:25:40,170
hoe zullen wij dan ontvluchten, als wij
zo'n grote zaligheid veronachtzamen,

440
00:25:40,170 --> 00:25:42,630
die in het begin door
de Heere is verkondigd,

441
00:25:42,630 --> 00:25:46,650
en die aan ons is bevestigd
door hen die Hem gehoord hebben.

442
00:25:46,650 --> 00:25:50,850
God heeft er bovendien mede
getuigenis aan gegeven door tekenen,

443
00:25:50,850 --> 00:25:54,990
wonderen en allerlei krachten,
en gaven van de Heilige Geest,

444
00:25:54,990 --> 00:25:57,150
overeenkomstig Zijn wil.

445
00:25:57,150 --> 00:26:01,830
Tekenen, wonderen, krachten
en gaven van de Heilige Geest.

446
00:26:01,830 --> 00:26:07,170
Nu, tekenen en wonderen en krachten:
Paulus noemt die dingen ergens,

447
00:26:07,170 --> 00:26:11,310
in 2 Korinthe 12:12, de
tekenen van het apostelschap.

448
00:26:11,310 --> 00:26:14,550
Als iemand tekenen en
wonderen en krachten doet,

449
00:26:14,550 --> 00:26:19,110
noemt Paulus dat de bevestiging dat
die persoon inderdaad een apostel is.

450
00:26:19,110 --> 00:26:21,510
Hij spreekt over zichzelf in een situatie

451
00:26:21,510 --> 00:26:23,790
waarin er onder de
Korinthiërs mensen waren

452
00:26:23,790 --> 00:26:26,910
die ontkenden dat Paulus een apostel was.

453
00:26:26,910 --> 00:26:30,450
Daarom doet hij in 2 Korinthe
verschillende hoofdstukken lang

454
00:26:30,450 --> 00:26:34,110
alle moeite om hen ervan te
overtuigen dat hij een apostel is

455
00:26:34,110 --> 00:26:36,150
en dat ze dat moeten beseffen.

456
00:26:36,150 --> 00:26:41,130
In die bespreking, in 2
Korinthe 12:12, zegt Paulus:

457
00:26:41,130 --> 00:26:46,410
De tekenen van een apostel zijn onder
u verricht, in al mijn volharding,

458
00:26:46,410 --> 00:26:49,470
in tekenen, wonderen en krachten.

459
00:26:49,470 --> 00:26:53,490
Wanneer de schrijver van Hebreeën zegt
dat degenen die Christus gehoord hadden —

460
00:26:53,490 --> 00:26:57,150
hij bedoelt de apostelen
— het woord bevestigden,

461
00:26:57,150 --> 00:27:02,190
en dat zij op hun beurt bevestigd werden
door tekenen en wonderen en krachten,

462
00:27:02,190 --> 00:27:06,450
bevestigt dat ook wat het laatste vers
van het Evangelie van Markus zegt.

463
00:27:06,450 --> 00:27:08,910
Markus 16:20 zegt:

464
00:27:08,910 --> 00:27:11,490
maar zij gingen overal
heen om te prediken,

465
00:27:11,490 --> 00:27:16,590
en de Heere werkte mee en bevestigde het
Woord door de tekenen die erop volgden.

466
00:27:16,590 --> 00:27:17,550
Amen.

467
00:27:17,550 --> 00:27:19,830
Dus de apostelen hoorden Jezus.

468
00:27:19,830 --> 00:27:24,750
Hij gaf hun de opdracht eropuit te gaan
en te prediken, en ze gingen eropuit.

469
00:27:24,750 --> 00:27:30,270
Ze predikten en God bevestigde hun
woorden met tekenen en wonderen enzovoort.

470
00:27:30,270 --> 00:27:34,410
Dat was het apostolische bewijs
dat zij door God gezonden waren.

471
00:27:34,410 --> 00:27:38,610
We weten wel dat tekenen en wonderen
niet alleen door apostelen werden gedaan.

472
00:27:38,610 --> 00:27:42,810
Dat is vreemd, want als Paulus ze
de tekenen van een apostel noemt,

473
00:27:42,810 --> 00:27:46,290
zou je verwachten dat je ze niet
zou aantreffen bij mensen die

474
00:27:46,290 --> 00:27:48,030
geen apostelen zijn.

475
00:27:48,030 --> 00:27:52,290
Maar we weten wel dat Stefanus
bijvoorbeeld, in Handelingen 6,

476
00:27:52,290 --> 00:27:56,310
tekenen en wonderen deed,
en hij was geen apostel.

477
00:27:56,310 --> 00:28:00,570
Filippus, die geen apostel maar
een evangelist wordt genoemd,

478
00:28:00,570 --> 00:28:05,730
deed in Handelingen hoofdstuk 8
ook tekenen en wonderen in Samaria.

479
00:28:05,730 --> 00:28:09,870
Naast de apostelen lezen we dus over
minstens twee andere mensen in de

480
00:28:09,870 --> 00:28:13,950
gemeente van de eerste eeuw
die tekenen en wonderen deden.

481
00:28:13,950 --> 00:28:16,170
Waarschijnlijk waren er nog anderen.

482
00:28:16,170 --> 00:28:18,450
We lezen niet over iedereen daar.

483
00:28:18,450 --> 00:28:21,930
Waarschijnlijk waren er nog
anderen, maar daarmee werd niet

484
00:28:21,930 --> 00:28:24,450
aangetoond dat zij apostelen waren.

485
00:28:24,450 --> 00:28:27,870
Ik probeer nog een andere plaats
in Handelingen te bedenken.

486
00:28:27,870 --> 00:28:32,850
Handelingen 2:43 beschrijft
de vroege gemeente en zegt:

487
00:28:32,850 --> 00:28:37,410
Iedereen werd met ontzag vervuld, en
door de apostelen werden veel wonderen

488
00:28:37,410 --> 00:28:38,670
en tekenen gedaan.

489
00:28:38,670 --> 00:28:42,330
Toen ik in 1970 voor het
eerst in de Geest gedoopt werd

490
00:28:42,330 --> 00:28:44,730
en me bewust werd van
het bovennatuurlijke,

491
00:28:44,730 --> 00:28:48,570
in een soort charismatische
omgeving, begonnen we daadwerkelijk

492
00:28:48,570 --> 00:28:51,270
gaven van de Heilige
Geest in werking te zien.

493
00:28:51,270 --> 00:28:55,710
We zagen het bovennatuurlijke, dat ik
tijdens mijn baptistische opvoeding nooit

494
00:28:55,710 --> 00:28:57,150
eerder had gezien.

495
00:28:57,150 --> 00:29:00,210
Vanuit dat perspectief las
ik het boek Handelingen.

496
00:29:00,210 --> 00:29:04,410
Ik begon de indruk te krijgen dat in het
boek Handelingen iedereen rondliep en

497
00:29:04,410 --> 00:29:08,730
wonderen deed, en dat iedere christen
zieken genas en wonderen deed.

498
00:29:08,730 --> 00:29:12,030
Ik dacht dat dat het normale
christelijke leven was.

499
00:29:12,030 --> 00:29:16,470
Dat kwam alleen doordat ik het boek
uitlegde vanuit mijn toenmalige ervaring

500
00:29:16,470 --> 00:29:20,370
en ongetwijfeld ook vanuit mijn
vooroordelen van dat moment.

501
00:29:20,370 --> 00:29:24,210
Toen ik in latere jaren het boek
Handelingen wat nuchterder las,

502
00:29:24,210 --> 00:29:29,310
besefte ik dat er niet staat dat de meeste
christenen rondgingen en wonderen deden.

503
00:29:29,310 --> 00:29:32,430
Het zijn de apostelen die je
steeds wonderen ziet doen,

504
00:29:32,430 --> 00:29:38,070
met heel weinig uitzonderingen: Stefanus,
die een christelijke apologeet is,

505
00:29:38,070 --> 00:29:41,250
en Filippus, die een
evangelist wordt genoemd.

506
00:29:41,250 --> 00:29:44,850
Maar van de meeste christenen
wordt niet gezegd dat ze dat deden.

507
00:29:44,850 --> 00:29:48,870
In Handelingen 2 staat wat
de meeste christenen deden.

508
00:29:48,870 --> 00:29:50,550
Vers 42:

509
00:29:50,550 --> 00:29:54,570
En zij volhardden in de leer van
de apostelen en in de gemeenschap,

510
00:29:54,570 --> 00:29:57,630
in het breken van het
brood en in de gebeden.

511
00:29:57,630 --> 00:30:00,510
Dat was het leven van het
gemiddelde gemeentelid.

512
00:30:00,510 --> 00:30:02,010
Vervolgens staat er:

513
00:30:02,010 --> 00:30:05,790
En de apostelen legden met grote
kracht getuigenis af van de

514
00:30:05,790 --> 00:30:10,170
opstanding van de Heere Jezus; en
er was grote genade over hen allen.

515
00:30:10,170 --> 00:30:13,230
Volgens mij hebben tekenen en
wonderen in de eerste plaats

516
00:30:13,230 --> 00:30:17,730
tot doel het woord te bevestigen,
zoals Hebreeën ons vertelt.

517
00:30:17,730 --> 00:30:22,170
Als er tekenen en wonderen plaatsvinden
— en dat gebeurt soms in een bediening —

518
00:30:22,170 --> 00:30:26,550
is dat gewoonlijk om te bevestigen
dat het woord dat gebracht wordt

519
00:30:26,550 --> 00:30:29,070
een bovennatuurlijke oorsprong heeft.

520
00:30:29,070 --> 00:30:32,610
Helaas lezen we echter in
2 Thessalonicenzen 2 dat:

521
00:30:32,610 --> 00:30:37,350
De mens van de zonde komt door de kracht
van satan met allerlei leugenachtige

522
00:30:37,350 --> 00:30:38,850
tekenen en wonderen.

523
00:30:38,850 --> 00:30:42,210
Dus niet alleen God kan
tekenen en wonderen doen.

524
00:30:42,210 --> 00:30:46,230
Paulus deed tekenen en wonderen, maar
er waren nog steeds mensen die aan

525
00:30:46,230 --> 00:30:48,510
zijn apostelschap twijfelden.

526
00:30:48,510 --> 00:30:52,950
Welke rol spelen tekenen en wonderen
dan bij het bevestigen van het woord,

527
00:30:52,950 --> 00:30:56,670
als de duivel zelf tekenen en
wonderen kan doen om de mens van de

528
00:30:56,670 --> 00:30:58,290
zonde te bevestigen?

529
00:30:58,290 --> 00:31:02,790
Ik denk dat het zo zit: wat de
tekenen en wonderen werkelijk doen,

530
00:31:02,790 --> 00:31:07,350
is aantonen dat er achter de boodschap
meer zit dan menselijke kracht.

531
00:31:07,350 --> 00:31:11,310
Het kan Gods kracht zijn,
of demonische kracht.

532
00:31:11,310 --> 00:31:15,750
Er bestaan andere vormen van het
bovennatuurlijke dan alleen God.

533
00:31:15,750 --> 00:31:20,430
Tekenen en wonderen betekenen eenvoudig
dat niet zomaar iemand dit verzint.

534
00:31:20,430 --> 00:31:23,430
Dit is niet gewoon iets
wat een mens heeft bedacht.

535
00:31:23,430 --> 00:31:27,570
Er staat een of andere bovennatuurlijke
macht achter hun boodschap.

536
00:31:27,570 --> 00:31:29,550
Maar dat hoeft niet God te zijn.

537
00:31:29,550 --> 00:31:34,470
Om te weten of het God of satan is,
moet je het op andere manieren toetsen.

538
00:31:34,470 --> 00:31:37,470
Maar één ding kunnen we
zeggen als mensen zeggen:

539
00:31:37,470 --> 00:31:40,170
‘Ik denk niet dat Paulus een apostel is.’

540
00:31:40,170 --> 00:31:41,670
En sommige mensen zeggen dat.

541
00:31:41,670 --> 00:31:44,970
Ik kwam onlangs nog iemand
tegen op ons Bijbelforum

542
00:31:44,970 --> 00:31:48,090
die zei dat hij alleen in de
woorden van Jezus geloofde

543
00:31:48,090 --> 00:31:50,850
en vond dat Paulus het
Evangelie had verprutst

544
00:31:50,850 --> 00:31:52,890
en het bij het verkeerde eind had.

545
00:31:52,890 --> 00:31:55,770
Tegen zulke mensen zeg ik graag: ‘Nou,

546
00:31:55,770 --> 00:31:59,370
zo dachten de andere apostelen
aanvankelijk eigenlijk ook over Paulus.’

547
00:31:59,370 --> 00:32:02,070
We lezen in het boek
Handelingen dat Paulus,

548
00:32:02,070 --> 00:32:06,090
toen hij net tot behoud was gekomen en
terugkwam om zich bij de apostelen in

549
00:32:06,090 --> 00:32:09,450
Jeruzalem aan te sluiten,
door hen gevreesd werd.

550
00:32:09,450 --> 00:32:12,390
Ze geloofden niet dat hij
tot behoud was gekomen.

551
00:32:12,390 --> 00:32:14,610
Ze hadden zijn getuigenis gehoord.

552
00:32:14,610 --> 00:32:18,990
Ze wisten dat hij zei dat hij de Heere
op de weg naar Damascus had ontmoet,

553
00:32:18,990 --> 00:32:20,970
en hij was drie jaar weggeweest.

554
00:32:20,970 --> 00:32:23,970
Toen hij terugkwam,
kenden ze zijn getuigenis,

555
00:32:23,970 --> 00:32:26,550
maar ze wisten niet zeker
of ze het geloofden.

556
00:32:26,550 --> 00:32:28,410
Ze wilden hem niet vertrouwen.

557
00:32:28,410 --> 00:32:33,690
Hij was een vijand geweest, en ze zouden
zich niet kwetsbaar opstellen. Er staat:

558
00:32:33,690 --> 00:32:36,210
Toen Saulus nu in Jeruzalem gekomen was,

559
00:32:36,210 --> 00:32:38,850
probeerde hij zich bij de
discipelen aan te sluiten,

560
00:32:38,850 --> 00:32:41,010
maar zij waren allen bevreesd voor hem,

561
00:32:41,010 --> 00:32:43,950
want zij geloofden niet
dat hij een discipel was.

562
00:32:43,950 --> 00:32:48,390
Interessant. Ze kenden zijn
getuigenis, maar ze geloofden het niet.

563
00:32:48,390 --> 00:32:50,670
Toch veranderden ze van gedachten.

564
00:32:50,670 --> 00:32:54,690
Waardoor veranderden ze van
gedachten? Door een aantal dingen.

565
00:32:54,690 --> 00:32:57,450
Een daarvan waren de tekenen en wonderen.

566
00:32:57,450 --> 00:33:02,310
Inderdaad, als dat alles was, dan zou
hij een mens der zonde kunnen zijn.

567
00:33:02,310 --> 00:33:06,030
Hij zou aangedreven kunnen worden
door tekenen en wonderen en de

568
00:33:06,030 --> 00:33:07,590
kracht van satan.

569
00:33:07,590 --> 00:33:09,870
Maar dat was niet alles wat ze zagen.

570
00:33:09,870 --> 00:33:13,050
Alleen al het feit dat ze
tekenen en wonderen zagen,

571
00:33:13,050 --> 00:33:18,750
betekende als uitgangspunt minstens één
ding: hij verzint niet zomaar een verhaal.

572
00:33:18,750 --> 00:33:20,310
Er is iets gebeurd.

573
00:33:20,310 --> 00:33:23,430
Er is bij hem inderdaad iets
bovennatuurlijks aan de hand.

574
00:33:23,430 --> 00:33:26,670
Om vast te stellen of het
van God of van satan komt,

575
00:33:26,670 --> 00:33:30,630
moet je het toetsen aan de verschillende
toetsen voor het bovennatuurlijke.

576
00:33:30,630 --> 00:33:32,310
Zulke toetsen zijn er.

577
00:33:32,310 --> 00:33:35,310
Een daarvan vind je in Deuteronomium 13.

578
00:33:35,310 --> 00:33:38,610
Daar gaat het over een bovennatuurlijk
verschijnsel dat kennelijk niet

579
00:33:38,610 --> 00:33:40,050
van God komt.

580
00:33:40,050 --> 00:33:45,150
Deuteronomium 13:1 zegt, terwijl
Mozes het volk onderwijst:

581
00:33:45,150 --> 00:33:49,290
Als in uw midden een profeet
opstaat of iemand die dromen heeft,

582
00:33:49,290 --> 00:33:51,690
en u een teken of wonder geeft,

583
00:33:51,690 --> 00:33:54,270
Daar zijn die tekenen en wonderen weer.

584
00:33:54,270 --> 00:33:59,610
en dat teken of dat wonder waarvan hij
tot u gesproken had, komt en hij zegt:

585
00:33:59,610 --> 00:34:04,650
Laten we achter andere goden aan gaan,
die u niet kent, en laten we die dienen,

586
00:34:04,650 --> 00:34:06,390
Dus dit gebeurt echt.

587
00:34:06,390 --> 00:34:11,970
Hij zegt: ‘Ik ga een teken verrichten’,
en hij doet het. Het gebeurt echt.

588
00:34:11,970 --> 00:34:16,590
Hij kan je een bovennatuurlijk bewijs
geven dat hij echt van God komt.

589
00:34:16,590 --> 00:34:17,670
Er staat:

590
00:34:17,670 --> 00:34:23,610
en dat teken of dat wonder waarvan hij
tot u gesproken had, komt en hij zegt:

591
00:34:23,610 --> 00:34:28,650
Laten we achter andere goden aan gaan,
die u niet kent, en laten we die dienen,

592
00:34:28,650 --> 00:34:33,630
luister dan niet naar de woorden van die
profeet of naar hem die die dromen heeft!

593
00:34:33,630 --> 00:34:39,750
Want de HEERE, uw God, stelt u dan op de
proef om te weten of u de HEERE, uw God,

594
00:34:39,750 --> 00:34:43,650
liefhebt met heel uw
hart en met heel uw ziel.

595
00:34:43,650 --> 00:34:44,610
Interessant.

596
00:34:44,610 --> 00:34:49,470
Ik zou waarschijnlijk hebben gezegd dat
als iemand een teken of wonder verricht

597
00:34:49,470 --> 00:34:53,430
en je achter andere goden
aan leidt, dat de duivel is.

598
00:34:53,430 --> 00:34:55,290
En dat is het waarschijnlijk ook.

599
00:34:55,290 --> 00:34:57,330
Maar Mozes zegt het niet zo.

600
00:34:57,330 --> 00:35:01,050
De duivel is in het Oude
Testament nauwelijks bekend.

601
00:35:01,050 --> 00:35:03,870
Mozes zegt dat de HEERE
je op de proef stelt.

602
00:35:03,870 --> 00:35:06,510
Met andere woorden,
het kan de duivel zijn,

603
00:35:06,510 --> 00:35:10,890
maar het is de HEERE Die de duivel
toestaat je op de proef te stellen.

604
00:35:10,890 --> 00:35:15,390
De HEERE gebruikt dit om te zien of
je Hem trouw zult blijven of niet.

605
00:35:15,390 --> 00:35:16,890
Als je je door een of ander

606
00:35:16,890 --> 00:35:20,370
wonderbaarlijk verschijnsel laat
verblinden en afdwaalt van de weg waarop

607
00:35:20,370 --> 00:35:23,610
je God volgt, dan was
je God niet erg trouw.

608
00:35:23,610 --> 00:35:25,950
Je hebt de proef niet doorstaan.

609
00:35:25,950 --> 00:35:30,030
Als iemand je kan verblinden en
kan zeggen: ‘Verlaat Jezus’, of:

610
00:35:30,030 --> 00:35:34,830
‘Verlaat Jahweh’, en je gaat mee,
dan heb je de proef niet doorstaan.

611
00:35:34,830 --> 00:35:39,090
God stelt je op de proef om te zien
of je de Heere liefhebt of niet.

612
00:35:39,090 --> 00:35:44,250
Ook in de neocharismatische beweging
zijn er veel van dat soort beproevingen.

613
00:35:44,250 --> 00:35:48,990
Veel vreemde verschijnselen lokken mensen
weg en leiden hen naar mijn mening af van

614
00:35:48,990 --> 00:35:52,950
gewoon discipelschap,
van gewoon Jezus volgen.

615
00:35:52,950 --> 00:35:55,890
Het is niet zo dat deze
mensen de Heere verloochenen.

616
00:35:55,890 --> 00:35:57,330
Het is niet zo dat ze een andere

617
00:35:57,330 --> 00:36:01,290
godsdienst omarmen en zeggen
dat Jezus niet de Heere is.

618
00:36:01,290 --> 00:36:04,050
Ze geloven juist wel
dat Jezus de Heere is,

619
00:36:04,050 --> 00:36:07,950
maar ze worden van de hoofdweg
afgeleid door dingen die zij tekenen en

620
00:36:07,950 --> 00:36:09,630
wonderen zouden noemen.

621
00:36:09,630 --> 00:36:13,290
Sommige daarvan zijn, moet
ik zeggen, onverklaarbaar.

622
00:36:13,290 --> 00:36:17,370
Ik weet niet waar goudstof vandaan komt
als het tijdens jullie samenkomst op de

623
00:36:17,370 --> 00:36:19,530
bladzijde van je Bijbel terechtkomt.

624
00:36:19,530 --> 00:36:22,830
Ik weet niet of het in de luchtkanalen
van de airconditioning zit,

625
00:36:22,830 --> 00:36:26,130
of iemand daar glitters in
heeft gestopt, of wat dan ook.

626
00:36:26,130 --> 00:36:29,730
Ik weet niet waar het vandaan komt,
maar ik kan het niet verklaren.

627
00:36:29,730 --> 00:36:34,290
Zelfs als het bovennatuurlijk is, betekent
dat nog niet dat het van God komt.

628
00:36:34,290 --> 00:36:39,450
Het feit dat het in een gemeente gebeurt,
betekent nog niet dat het van God komt.

629
00:36:39,450 --> 00:36:44,130
We herinneren ons de Toronto Blessing
van enkele tientallen jaren geleden.

630
00:36:44,130 --> 00:36:47,730
Die werd gekenmerkt door wat
ze heilig lachen noemden:

631
00:36:47,730 --> 00:36:51,270
mensen die tijdens de samenkomst
op de grond vielen en lachten,

632
00:36:51,270 --> 00:36:53,070
soms midden in de preek.

633
00:36:53,070 --> 00:36:57,750
Het leek wel alsof lachen het enige was
waarvoor alle andere activiteiten in die

634
00:36:57,750 --> 00:36:59,730
samenkomsten moesten wijken.

635
00:36:59,730 --> 00:37:03,750
Midden in de aanbidding, midden
in een preek, midden in het gebed:

636
00:37:03,750 --> 00:37:09,570
als iemand begint te lachen, dan is dat
de Heilige Geest; dat is heilig lachen.

637
00:37:09,570 --> 00:37:13,470
Ik herinner me dat mensen zeiden:
‘Wat vind je van heilig lachen?’

638
00:37:13,470 --> 00:37:18,150
Ik zei: ‘Ik vind heilig lachen iets
goeds, maar hoe weet je of het heilig

639
00:37:18,150 --> 00:37:19,470
is of niet?’

640
00:37:19,470 --> 00:37:22,470
Het feit dat iemand tijdens
de samenkomst lacht,

641
00:37:22,470 --> 00:37:25,290
betekent nog niet dat het iets heiligs is.

642
00:37:25,290 --> 00:37:29,790
De duivel gaat naar de samenkomst
telkens als de deuren opengaan.

643
00:37:29,790 --> 00:37:34,110
Hoe weet je dat het niet de duivel is
die probeert de aandacht af te leiden?

644
00:37:34,110 --> 00:37:38,310
Het feit dat iets in de christelijke
gemeenschap of in de kring van de gemeente

645
00:37:38,310 --> 00:37:41,550
gebeurt, betekent nog
niet dat God het doet.

646
00:37:41,550 --> 00:37:44,010
Daarom waarschuwde Mozes hen.

647
00:37:44,010 --> 00:37:46,290
Israël is Gods gemeenschap.

648
00:37:46,290 --> 00:37:51,510
Als er een profeet of dromer onder jullie
is die jullie een teken of wonder geeft,

649
00:37:51,510 --> 00:37:55,290
en het komt uit, maar hij leidt
jullie bij Jahweh vandaan,

650
00:37:55,290 --> 00:37:57,750
dan stelt God jullie op de proef.

651
00:37:57,750 --> 00:38:01,890
Ik geloof dat God christenen nog steeds
op sommige van diezelfde manieren op

652
00:38:01,890 --> 00:38:02,850
de proef stelt.

653
00:38:02,850 --> 00:38:06,930
Dus het feit dat Paulus tekenen
en wonderen deed toen hij vanuit

654
00:38:06,930 --> 00:38:09,330
Damascus weer in Jeruzalem aankwam,

655
00:38:09,330 --> 00:38:12,750
betekent niet dat hij
noodzakelijkerwijs de waarheid sprak.

656
00:38:12,750 --> 00:38:15,090
Maar het betekent wel één ding.

657
00:38:15,090 --> 00:38:19,590
Het betekent dat als iemand vermoedde
dat dit verhaal over Paulus’ bekering

658
00:38:19,590 --> 00:38:22,290
alleen maar iets was wat hij
als een list had bedacht,

659
00:38:22,290 --> 00:38:24,390
er meer aan de hand is dan dat.

660
00:38:24,390 --> 00:38:27,390
Want er worden door deze
man wonderen gedaan.

661
00:38:27,390 --> 00:38:30,570
De apostelen waren ook
overtuigd door zijn karakter,

662
00:38:30,570 --> 00:38:33,870
door wat hij bereid was te
lijden om Christus’ wil.

663
00:38:33,870 --> 00:38:36,870
Natuurlijk waren er, nadat
ze hem hadden aanvaard,

664
00:38:36,870 --> 00:38:40,770
nog meer bewijzen van wat hij bereid
was te verdragen en te lijden,

665
00:38:40,770 --> 00:38:43,950
en dat hij bereid was
voor Jezus te sterven.

666
00:38:43,950 --> 00:38:48,510
Het bewijs dat hij een echte apostel
is, is behoorlijk overtuigend.

667
00:38:48,510 --> 00:38:52,650
Maar de schrijver van Hebreeën zegt dat
God het christendom op die manier aan

668
00:38:52,650 --> 00:38:54,390
ons heeft bevestigd:

669
00:38:54,390 --> 00:38:59,850
hoe zullen wij dan ontvluchten, als wij
zo'n grote zaligheid veronachtzamen,

670
00:38:59,850 --> 00:39:02,490
die in het begin door
de Heere is verkondigd,

671
00:39:02,490 --> 00:39:06,930
en die aan ons is bevestigd
door hen die Hem gehoord hebben.

672
00:39:06,930 --> 00:39:11,070
God heeft er bovendien mede
getuigenis aan gegeven door tekenen,

673
00:39:11,070 --> 00:39:15,390
wonderen en allerlei krachten,
en gaven van de Heilige Geest,

674
00:39:15,390 --> 00:39:17,370
overeenkomstig Zijn wil.

675
00:39:17,370 --> 00:39:21,690
De gaven van de Geest zijn,
anders dan de tekenen en wonderen,

676
00:39:21,690 --> 00:39:24,510
iets wat iedereen heeft die christen is.

677
00:39:24,510 --> 00:39:29,190
Iedere christen heeft een gave,
zegt Paulus in 1 Korinthe 12

678
00:39:29,190 --> 00:39:31,650
en in Romeinen hoofdstuk 12.

679
00:39:31,650 --> 00:39:34,410
Het zijn niet allemaal
indrukwekkende gaven.

680
00:39:34,410 --> 00:39:38,010
Niet iedereen verricht bovennatuurlijke
wonderen en genezingen.

681
00:39:38,010 --> 00:39:40,290
Misschien denken we daaraan bij gaven.

682
00:39:40,290 --> 00:39:44,670
Of misschien denken sommigen aan het
spreken in tongen of aan profetie.

683
00:39:44,670 --> 00:39:47,070
Dat zijn gaven van de Heilige Geest.

684
00:39:47,070 --> 00:39:51,270
Maar er zijn gaven die veel
minder spectaculair zijn.

685
00:39:51,270 --> 00:39:56,070
Gaven van dienen, geven, leidinggeven
en barmhartigheid bewijzen

686
00:39:56,070 --> 00:39:58,110
staan ook allemaal in de lijst.

687
00:39:58,110 --> 00:40:02,310
Wanneer mensen die gaven hebben, zie
je niet noodzakelijkerwijs wonderen

688
00:40:02,310 --> 00:40:03,750
door hen gebeuren.

689
00:40:03,750 --> 00:40:07,710
Maar God doet iets: Hij
dient door hen heen.

690
00:40:07,710 --> 00:40:10,710
De verschillende gaven die
God geeft, zo staat er,

691
00:40:10,710 --> 00:40:13,170
worden gegeven naar Zijn eigen wil.

692
00:40:13,170 --> 00:40:17,010
Het maakt duidelijk dat de gaven
van de Geest die ieder heeft,

693
00:40:17,010 --> 00:40:19,890
worden uitgedeeld zoals God dat wil.

694
00:40:19,890 --> 00:40:23,610
Dat betekent niet dat iemand die
graag een betere gave zou willen,

695
00:40:23,610 --> 00:40:25,530
daar niet naar mag streven.

696
00:40:25,530 --> 00:40:29,250
Want misschien wil God die
later aan die persoon geven.

697
00:40:29,250 --> 00:40:31,470
Bedenk dat Paulus zei:

698
00:40:31,470 --> 00:40:34,110
Streef dus naar de beste genadegaven.

699
00:40:34,110 --> 00:40:37,590
En ik wijs u een weg die
dit alles nog overtreft.

700
00:40:37,590 --> 00:40:40,650
Hij zei in 1 Korinthe 14:1:

701
00:40:40,650 --> 00:40:44,671
Jaag de liefde na en streef
naar de geestelijke gaven ,

702
00:40:44,671 --> 00:40:48,090
en vooral daarnaar dat u mag profeteren.

703
00:40:48,090 --> 00:40:51,930
Er is dus niets mis mee om te
streven naar gaven die je niet hebt,

704
00:40:51,930 --> 00:40:54,870
als je daarmee God vraagt
om ze aan je te geven.

705
00:40:54,870 --> 00:40:59,370
Maar als Hij ze niet aan je geeft,
komt dat doordat het niet Zijn wil was.

706
00:40:59,370 --> 00:41:02,910
Hij geeft gaven van de
Heilige Geest naar Zijn wil.

707
00:41:02,910 --> 00:41:06,690
Hoe dan ook, alle dingen die
daar in vers 4 worden genoemd,

708
00:41:06,690 --> 00:41:08,730
zijn bovennatuurlijke dingen.

709
00:41:08,730 --> 00:41:11,070
Ze zien er niet allemaal
bovennatuurlijk uit.

710
00:41:11,070 --> 00:41:15,870
Want bij de gave van barmhartigheid
bewijzen, zoals Moeder Teresa die had,

711
00:41:15,870 --> 00:41:19,050
lijkt het misschien niet alsof
ze iets wonderbaarlijks doet.

712
00:41:19,050 --> 00:41:21,690
Maar als het de Geest
van Christus is Die haar

713
00:41:21,690 --> 00:41:25,410
gebruikt om Christus bij de zieken en
zelfs bij de wereld te brengen door haar

714
00:41:25,410 --> 00:41:29,370
barmhartigheid, dan is dat ook
iets wat de Heilige Geest doet.

715
00:41:29,370 --> 00:41:34,050
Al deze dingen, zegt de schrijver,
bevestigen voor ons dat wat Jezus

716
00:41:34,050 --> 00:41:35,670
zei waar is.

717
00:41:35,670 --> 00:41:40,470
En wat wij hebben gehoord over wat Jezus
zei, heeft Hij ook werkelijk gezegd,

718
00:41:40,470 --> 00:41:45,930
want degenen die Hem hoorden, hebben deze
tekenen en wonderen om dat te bevestigen.

719
00:41:45,930 --> 00:41:50,250
Nadat hij die korte waarschuwing heeft
gegeven om het niet te veronachtzamen,

720
00:41:50,250 --> 00:41:53,970
om niet af te drijven, keert
hij terug naar zijn onderwerp:

721
00:41:53,970 --> 00:41:57,150
de tegenstelling tussen
Christus en engelen.

722
00:41:57,150 --> 00:41:58,830
In vers 5 zegt hij:

723
00:41:58,830 --> 00:42:02,010
Want Hij heeft de komende
wereld, waarover wij spreken,

724
00:42:02,010 --> 00:42:05,970
niet onderworpen aan de engelen,
maar iemand heeft ergens getuigd:

725
00:42:05,970 --> 00:42:11,970
Wat is de mens, dat U aan hem denkt, of
de mensenzoon, dat U naar hem omziet?

726
00:42:11,970 --> 00:42:15,510
U hebt hem voor korte tijd
minder gemaakt dan de engelen;

727
00:42:15,510 --> 00:42:18,750
met heerlijkheid en eer
hebt U hem gekroond.

728
00:42:18,750 --> 00:42:21,690
U hebt hem gesteld over
de werken van Uw handen;

729
00:42:21,690 --> 00:42:24,450
alle dingen hebt U onder
zijn voeten onderworpen.

730
00:42:24,450 --> 00:42:28,230
De aangehaalde woorden over
de mens komen uit Psalm 8,

731
00:42:28,230 --> 00:42:32,250
in de Nederlandse versnummering
vers 5 tot en met 7.

732
00:42:32,250 --> 00:42:36,690
Het is interessant dat de schrijver van
Hebreeën zegt dat iemand dit ergens heeft

733
00:42:36,690 --> 00:42:41,130
gezegd, als je denkt aan onze opvattingen
over inspiratie en dat soort dingen.

734
00:42:41,130 --> 00:42:42,870
Als je ooit hebt gedacht dat deze

735
00:42:42,870 --> 00:42:47,310
schrijvers als doorgeefluik voor de
Heilige Geest fungeerden en dat Hij hun

736
00:42:47,310 --> 00:42:51,930
gewoon de gedachten ingaf, dan is dit
een van die plaatsen waar je denkt:

737
00:42:51,930 --> 00:42:54,450
‘Die man kon zich niet
herinneren waar het stond.

738
00:42:54,450 --> 00:42:58,530
Ik herinner me dat er ergens in
onze Bijbel dit of dat staat.’

739
00:42:58,530 --> 00:43:01,830
Mensen zeggen dat vaak, en dan
staat het niet in de Bijbel.

740
00:43:01,830 --> 00:43:05,550
Ik heb mensen gehad die me tijdens
de uitzending belden en zeiden:

741
00:43:05,550 --> 00:43:07,830
‘De Bijbel zegt dit of dat.’

742
00:43:07,830 --> 00:43:11,010
Dan zeg ik: ‘Volgens mij
staat dat er niet in.’

743
00:43:11,010 --> 00:43:13,050
‘Jawel, dat staat er wel.’

744
00:43:13,050 --> 00:43:15,510
Ik zei: ‘Waar staat het dan?’

745
00:43:15,510 --> 00:43:17,370
‘Het staat er ergens in.’

746
00:43:17,370 --> 00:43:20,130
Zo klinkt de schrijver
van Hebreeën een beetje.

747
00:43:20,130 --> 00:43:22,170
Het staat er ergens in.

748
00:43:22,170 --> 00:43:24,450
Het staat ergens daarin.

749
00:43:24,450 --> 00:43:26,550
Iemand heeft dit ergens gezegd.

750
00:43:26,550 --> 00:43:28,890
In dit geval heeft hij toevallig gelijk.

751
00:43:28,890 --> 00:43:32,550
Hij citeert nauwkeurig, maar hij
vermeldt niet wie het heeft gezegd.

752
00:43:32,550 --> 00:43:34,710
Het was David die het zei.

753
00:43:34,710 --> 00:43:38,670
David verwonderde zich erover dat God
aandacht aan de mens zou schenken,

754
00:43:38,670 --> 00:43:42,630
terwijl de mens zo klein is vergeleken
met het heelal dat hij overdacht toen hij

755
00:43:42,630 --> 00:43:44,070
dat lied schreef.

756
00:43:44,070 --> 00:43:45,810
In vers 5 staat:

757
00:43:45,810 --> 00:43:49,710
God heeft de toekomstige wereld waar
we het over hebben niet onder het gezag

758
00:43:49,710 --> 00:43:51,570
van engelen geplaatst.

759
00:43:51,570 --> 00:43:52,650
Interessant.

760
00:43:52,650 --> 00:43:55,590
Hij heeft vóór dit punt in
dit boek nog niet over een

761
00:43:55,590 --> 00:43:57,630
toekomstige wereld gesproken.

762
00:43:57,630 --> 00:44:02,670
Maar er wordt aangenomen dat christenen
christelijke leraren hebben horen spreken

763
00:44:02,670 --> 00:44:04,410
over een toekomstige wereld.

764
00:44:04,410 --> 00:44:07,170
De komende wereld verwijst
niet naar de hemel.

765
00:44:07,170 --> 00:44:09,990
Voor zover ik kan nagaan,
doet die dat niet.

766
00:44:09,990 --> 00:44:14,910
In 2 Petrus 3 en in Openbaring
hoofdstuk 21 en 22 wordt

767
00:44:14,910 --> 00:44:17,130
gesproken over een komende wereld.

768
00:44:17,130 --> 00:44:20,370
Het is een nieuwe hemel
en een nieuwe aarde.

769
00:44:20,370 --> 00:44:24,630
Er komt een nieuwe wereld, en God
zal die niet onder engelen stellen,

770
00:44:24,630 --> 00:44:28,710
net zomin als Hij de eerste wereld
onder engelen heeft gesteld.

771
00:44:28,710 --> 00:44:31,710
Hij heeft de wereld onder de mens gesteld.

772
00:44:31,710 --> 00:44:37,170
Toen God de mens maakte, zei Hij
oorspronkelijk in Genesis 1:26,

773
00:44:37,170 --> 00:44:38,850
volgens mij was het daar:

774
00:44:38,850 --> 00:44:44,550
En God zei: Laten Wij mensen maken
naar Ons beeld, naar Onze gelijkenis;

775
00:44:44,550 --> 00:44:49,170
en laten zij heersen over de vissen
van de zee, over de vogels in de lucht,

776
00:44:49,170 --> 00:44:52,530
over het vee, over heel de aarde en over

777
00:44:52,530 --> 00:44:55,950
al de kruipende dieren
die over de aarde kruipen!

778
00:44:55,950 --> 00:44:59,130
Dat wil zeggen, God maakte een wereld.

779
00:44:59,130 --> 00:45:02,970
En Hij zei: ‘Laten We
die onder iemand stellen.

780
00:45:02,970 --> 00:45:07,590
Laten We iemand maken zoals Wijzelf,
die dit geheel kan besturen.’

781
00:45:07,590 --> 00:45:10,830
En dus maakte Hij mensen
om de heersers te zijn.

782
00:45:10,830 --> 00:45:15,630
Uit de Schrift blijkt duidelijk dat de
verloste mensen de heersers zullen zijn

783
00:45:15,630 --> 00:45:17,610
over de verloste wereld.

784
00:45:17,610 --> 00:45:19,770
God zal de wereld herstellen.

785
00:45:19,770 --> 00:45:22,530
In Romeinen hoofdstuk 8 zegt Paulus:

786
00:45:22,530 --> 00:45:25,530
De schepping zucht en
verkeert in barensnood,

787
00:45:25,530 --> 00:45:30,270
terwijl zij uitziet naar de tijd waarin
de zonen van God openbaar worden.

788
00:45:30,270 --> 00:45:34,890
De schepping is immers aan zinloosheid
onderworpen, niet uit eigen wil,

789
00:45:34,890 --> 00:45:38,130
maar door Hem Die haar
daaraan onderworpen heeft.

790
00:45:38,130 --> 00:45:41,850
Maar ook zij zal uit de slavernij
van het verval worden bevrijd

791
00:45:41,850 --> 00:45:44,610
tot de heerlijke vrijheid
van de kinderen van God.

792
00:45:44,610 --> 00:45:50,370
Dus Paulus en Petrus en Openbaring spreken
allemaal over een tijd waarin de wereld

793
00:45:50,370 --> 00:45:55,530
waarin wij leven, zal worden hersteld,
zal worden verlost, zal worden vernieuwd.

794
00:45:55,530 --> 00:45:57,630
De vloek zal er niet meer zijn.

795
00:45:57,630 --> 00:46:02,130
Wat door de vloek en de zondeval over de
wereld is gekomen, zal verdwenen zijn,

796
00:46:02,130 --> 00:46:05,190
volgens Openbaring 22:3.

797
00:46:05,190 --> 00:46:08,190
En geen enkele vervloeking
zal er meer zijn.

798
00:46:08,190 --> 00:46:11,970
En de troon van God en
van het Lam zal daar zijn,

799
00:46:11,970 --> 00:46:14,670
en Zijn dienstknechten zullen Hem dienen,

800
00:46:14,670 --> 00:46:18,750
En het zal zijn zoals het
was voordat de mens zondigde.

801
00:46:18,750 --> 00:46:23,610
De wereld werd oorspronkelijk niet onder
engelen gesteld, maar onder de mens.

802
00:46:23,610 --> 00:46:27,150
En de komende wereld zal niet
onder engelen worden gesteld,

803
00:46:27,150 --> 00:46:28,770
maar onder de mens.

804
00:46:28,770 --> 00:46:31,170
Dat is het punt dat hij hier maakt.

805
00:46:31,170 --> 00:46:35,790
Hij citeert Psalm 8 omdat daar
daadwerkelijk wordt verkondigd dat God

806
00:46:35,790 --> 00:46:38,250
alle dingen onder de mens heeft gesteld.

807
00:46:38,250 --> 00:46:42,510
De psalmdichter heeft het niet over
de nieuwe hemel en de nieuwe aarde.

808
00:46:42,510 --> 00:46:45,450
Hij heeft het over de
huidige hemel en aarde.

809
00:46:45,450 --> 00:46:49,710
Hij verwondert zich erover dat de mens
nu zelfs de waardigheid geniet dat

810
00:46:49,710 --> 00:46:51,390
God hem opmerkt.

811
00:46:51,390 --> 00:46:55,530
Hoe kan het dat U aan iemand
denkt die zo klein is als ik?

812
00:46:55,530 --> 00:47:00,090
Als ik naar de hemel kijk, weet ik
niet eens hoe U de aarde zou opmerken.

813
00:47:00,090 --> 00:47:05,070
De aarde is als een piepklein molecuul
in een uitgestrekte zee van planeten en

814
00:47:05,070 --> 00:47:07,110
sterren en dat soort dingen.

815
00:47:07,110 --> 00:47:10,050
Hoe zou God de aarde zelfs maar opmerken?

816
00:47:10,050 --> 00:47:14,430
En dan ben ik op die aarde als
individu microscopisch klein.

817
00:47:14,430 --> 00:47:17,610
We zijn hier met zes
miljard mensen op aarde.

818
00:47:17,610 --> 00:47:20,610
Hoe zou God de aarde
zelfs maar kunnen zien?

819
00:47:20,610 --> 00:47:22,050
Ze is zo klein.

820
00:47:22,050 --> 00:47:26,310
En hoe zou Hij trouwens ieder van ons
afzonderlijk op aarde kunnen zien?

821
00:47:26,310 --> 00:47:27,870
Een van de psalmen zegt:

822
00:47:27,870 --> 00:47:31,290
Die zeer laag ziet, in
de hemel en op de aarde;

823
00:47:31,290 --> 00:47:35,070
God heeft de aarde waardigheid
verleend als een bijzondere plaats

824
00:47:35,070 --> 00:47:36,750
waar Hij werkzaam is.

825
00:47:36,750 --> 00:47:40,710
Hij heeft de aarde bezocht en
is er gekruisigd en opgewekt.

826
00:47:40,710 --> 00:47:44,910
En het is de plaats waar Hij de mens
naar Zijn eigen beeld heeft gemaakt.

827
00:47:44,910 --> 00:47:49,470
De mens is dat schepsel waaraan
God waardigheid heeft verleend.

828
00:47:49,470 --> 00:47:52,590
En David denkt daarover na: hoe kan dat?

829
00:47:52,590 --> 00:47:55,410
Als je die hemel ziet, zo groot:

830
00:47:55,410 --> 00:47:58,650
Want Hij heeft de komende
wereld, waarover wij spreken,

831
00:47:58,650 --> 00:48:02,910
niet onderworpen aan de engelen,
maar iemand heeft ergens getuigd:

832
00:48:02,910 --> 00:48:08,790
Wat is de mens, dat U aan hem denkt, of
de mensenzoon, dat U naar hem omziet?

833
00:48:08,790 --> 00:48:12,270
U hebt hem voor korte tijd
minder gemaakt dan de engelen;

834
00:48:12,270 --> 00:48:15,570
met heerlijkheid en eer
hebt U hem gekroond.

835
00:48:15,570 --> 00:48:18,810
U hebt hem gesteld over
de werken van Uw handen;

836
00:48:18,810 --> 00:48:21,990
alle dingen hebt U onder
zijn voeten onderworpen.

837
00:48:21,990 --> 00:48:24,750
Want bij het onderwerpen
van alle dingen aan Hem

838
00:48:24,750 --> 00:48:28,350
heeft Hij niets uitgezonderd
wat Hem niet onderworpen is.

839
00:48:28,350 --> 00:48:32,130
Nu zien wij echter nog niet dat
Hem alle dingen onderworpen zijn,

840
00:48:32,130 --> 00:48:36,930
Ik wil erop wijzen dat de woorden
‘zoon des mensen’ in vers 6

841
00:48:36,930 --> 00:48:40,410
niet naar Jezus verwijzen,
niet rechtstreeks.

842
00:48:40,410 --> 00:48:44,670
‘Zoon des mensen’ betekent in een
passage uit het Oude Testament

843
00:48:44,670 --> 00:48:46,650
waarschijnlijk gewoon een mens.

844
00:48:46,650 --> 00:48:48,510
Het is een hebraïsme.

845
00:48:48,510 --> 00:48:53,850
Er zijn bepaalde mensen die als ‘zoon
des mensen’ worden aangesproken.

846
00:48:53,850 --> 00:48:57,570
Daniël werd op één plaats
‘zoon des mensen’ genoemd.

847
00:48:57,570 --> 00:49:01,890
Ezechiël werd in het boek
Ezechiël ongeveer zeventig keer

848
00:49:01,890 --> 00:49:04,290
‘zoon des mensen’ genoemd.

849
00:49:04,290 --> 00:49:08,130
God sprak Ezechiël aan
als ‘zoon des mensen’.

850
00:49:08,130 --> 00:49:13,350
Maar de term betekent gewoon een mens,
een zoon van stof, een gewone mens.

851
00:49:13,350 --> 00:49:16,530
En hij wordt niet alleen voor
Ezechiël en Daniël gebruikt.

852
00:49:16,530 --> 00:49:20,850
Hij wordt overal in de Psalmen
gebruikt, overal in de profeten,

853
00:49:20,850 --> 00:49:24,750
overal in Spreuken en eigenlijk zo
ongeveer in de hele literatuur van

854
00:49:24,750 --> 00:49:26,310
het Oude Testament.

855
00:49:26,310 --> 00:49:31,710
In de Hebreeuwse taal was ‘zoon des
mensen’ eenvoudigweg een uitdrukking

856
00:49:31,710 --> 00:49:33,990
die gewoon een mens betekende.

857
00:49:33,990 --> 00:49:36,990
En in Hebreeuwse poëzie, zoals de Psalmen,

858
00:49:36,990 --> 00:49:41,850
werd die naast het afzonderlijke woord
‘mens’ gebruikt. Dat gebeurt hier.

859
00:49:41,850 --> 00:49:45,030
Wat is een mens? Wat is een mensenkind?

860
00:49:45,030 --> 00:49:46,950
Het is dezelfde vraag.

861
00:49:46,950 --> 00:49:51,330
Dus hoewel wij gewend zijn om bij de Zoon
des mensen te denken aan een aanduiding

862
00:49:51,330 --> 00:49:55,650
voor Christus, omdat Hij die in de
Evangeliën voor Zichzelf gebruikte,

863
00:49:55,650 --> 00:49:57,630
denkt David daar niet aan.

864
00:49:57,630 --> 00:50:01,410
David verwondert zich niet over
wat God aan Christus heeft gegeven.

865
00:50:01,410 --> 00:50:05,850
Hij verwondert zich over wat God aan
ons nietige mensen heeft gegeven.

866
00:50:05,850 --> 00:50:08,910
Dat wil zeggen, door ons
heerschappij te geven.

867
00:50:08,910 --> 00:50:10,410
Daar eindigt het citaat.

868
00:50:10,410 --> 00:50:14,910
Door dit te citeren zegt de schrijver:
kijk, het zijn geen engelen,

869
00:50:14,910 --> 00:50:16,410
het zijn mensen.

870
00:50:16,410 --> 00:50:18,750
Wat heeft dat met Jezus te maken?

871
00:50:18,750 --> 00:50:23,550
Het gaat de schrijver erom te laten zien
dat Christus boven de engelen staat.

872
00:50:23,550 --> 00:50:26,310
Maar tot op dit punt heeft hij in deze

873
00:50:26,310 --> 00:50:30,150
verzen alleen laten zien dat
mensen boven engelen staan.

874
00:50:30,150 --> 00:50:33,270
Hoewel wij een weinig minder
dan de engelen zijn gemaakt,

875
00:50:33,270 --> 00:50:38,010
hebben wij in werkelijkheid een grotere
waardigheid en bestemming dan de engelen:

876
00:50:38,010 --> 00:50:40,650
heersen over heel Gods schepping.

877
00:50:40,650 --> 00:50:45,810
Dus hij heeft alleen laten zien dat de
mens nu een positie bekleedt die zich

878
00:50:45,810 --> 00:50:48,270
onderscheidt van die van de engelen.

879
00:50:48,270 --> 00:50:52,830
Maar vanaf hier gaat hij erop
wijzen dat Jezus een mens is.

880
00:50:52,830 --> 00:50:55,050
Jezus is geen engel geworden.

881
00:50:55,050 --> 00:50:56,790
Hij is mens geworden.

882
00:50:56,790 --> 00:51:01,410
En daardoor heeft Hij Zich verbonden met
de bestemming van het menselijk geslacht,

883
00:51:01,410 --> 00:51:05,910
om het weer uit de zondeval op te
richten en de mens te zijn die als

884
00:51:05,910 --> 00:51:08,490
voorbeeld dient, de nieuwe Adam.

885
00:51:08,490 --> 00:51:13,410
Hij is Degene Die vooruitgaat naar
datgene waarin de rest van de mensheid

886
00:51:13,410 --> 00:51:15,150
Hem zal mogen volgen.

887
00:51:15,150 --> 00:51:19,170
Dat is de bestemming om te heersen
over de toekomstige wereld,

888
00:51:19,170 --> 00:51:21,090
die hij al heeft genoemd.

889
00:51:21,090 --> 00:51:24,750
Hij heeft de heerschappij over
de toekomstige wereld niet

890
00:51:24,750 --> 00:51:26,430
aan engelen gegeven.

891
00:51:26,430 --> 00:51:32,490
Hij heeft die aan de mens gegeven, zoals
David erop wijst dat God deze schepping,

892
00:51:32,490 --> 00:51:35,730
deze wereld, aan de mens heeft gegeven.

893
00:51:35,730 --> 00:51:38,910
Christus is de eerste
van een nieuwe schepping.

894
00:51:38,910 --> 00:51:42,150
Christus is de Eerstgeborene uit de doden.

895
00:51:42,150 --> 00:51:46,170
Ook wij zullen uit de doden
geboren worden, bij de opstanding.

896
00:51:46,170 --> 00:51:49,590
Wij zullen volgen en wij
zullen met Hem regeren.

897
00:51:49,590 --> 00:51:53,130
Maar het punt hier is dat
Christus als mens regeert,

898
00:51:53,130 --> 00:51:56,370
niet als een of ander engelachtig wezen.

899
00:51:56,370 --> 00:52:00,930
Dat doet Hij doordat Hij deel uitmaakt
van het geslacht waaraan God het

900
00:52:00,930 --> 00:52:04,230
eigendomsrecht op de
aarde heeft overgedragen.

901
00:52:04,230 --> 00:52:10,110
Het eigendomsrecht op de aarde is aan de
mensen overgedragen, niet aan de engelen.

902
00:52:10,110 --> 00:52:12,210
Daarom staat er in vers 8:

903
00:52:12,210 --> 00:52:15,150
Want toen Hij alles onder
zijn gezag plaatste,

904
00:52:15,150 --> 00:52:18,630
liet Hij niets over waar
hij geen gezag over had.

905
00:52:18,630 --> 00:52:20,790
Onder de mens, bedoelt hij.

906
00:52:20,790 --> 00:52:24,450
Want Hij heeft de komende
wereld, waarover wij spreken,

907
00:52:24,450 --> 00:52:28,890
niet onderworpen aan de engelen,
maar iemand heeft ergens getuigd:

908
00:52:28,890 --> 00:52:34,950
Wat is de mens, dat U aan hem denkt, of
de mensenzoon, dat U naar hem omziet?

909
00:52:34,950 --> 00:52:38,610
U hebt hem voor korte tijd
minder gemaakt dan de engelen;

910
00:52:38,610 --> 00:52:42,150
met heerlijkheid en eer
hebt U hem gekroond.

911
00:52:42,150 --> 00:52:45,390
U hebt hem gesteld over
de werken van Uw handen;

912
00:52:45,390 --> 00:52:48,870
alle dingen hebt U onder
zijn voeten onderworpen.

913
00:52:48,870 --> 00:52:51,690
Want bij het onderwerpen
van alle dingen aan Hem

914
00:52:51,690 --> 00:52:56,010
heeft Hij niets uitgezonderd
wat Hem niet onderworpen is.

915
00:52:56,010 --> 00:53:00,330
Nu zien wij echter nog niet dat
Hem alle dingen onderworpen zijn,

916
00:53:00,330 --> 00:53:04,530
De schepping gehoorzaamt de mens
op dit moment niet helemaal.

917
00:53:04,530 --> 00:53:09,090
Als je dat wilt ontdekken, ga dan maar
eens een vijver vol krokodillen in

918
00:53:09,090 --> 00:53:11,910
en kijk hoeveel respect ze voor je hebben.

919
00:53:11,910 --> 00:53:15,930
We zien nog niet dat de hele
schepping aan de mens onderworpen is.

920
00:53:15,930 --> 00:53:18,930
Maar er is een Mens Die
ons vertegenwoordigt,

921
00:53:18,930 --> 00:53:21,690
aan Wie de schepping al onderworpen is.

922
00:53:21,690 --> 00:53:25,650
Hij zegt dat we niet zien dat alle
dingen aan de mens onderworpen zijn.

923
00:53:25,650 --> 00:53:30,030
maar wij zien Jezus met
heerlijkheid en eer gekroond,

924
00:53:30,030 --> 00:53:33,030
Die voor korte tijd minder
dan de engelen geworden was,

925
00:53:33,030 --> 00:53:37,230
vanwege het lijden van de dood, opdat
Hij door de genade van God voor allen de

926
00:53:37,230 --> 00:53:38,670
dood zou proeven.

927
00:53:38,670 --> 00:53:42,990
Nu voegt hij daaraan toe dat David zei
dat de mens een weinig minder dan de

928
00:53:42,990 --> 00:53:44,490
engelen was gemaakt.

929
00:53:44,490 --> 00:53:46,470
Jezus is mens geworden.

930
00:53:46,470 --> 00:53:50,370
Door een sterfelijk mens te worden, nam
Hij dus Zelf voor een korte tijd een

931
00:53:50,370 --> 00:53:53,550
positie in die lager was
dan die van de engelen.

932
00:53:53,550 --> 00:53:56,670
Zo vernederend was het voor
Hem om een van ons te worden.

933
00:53:56,670 --> 00:53:59,370
Hij moest afdalen naar een lager niveau,

934
00:53:59,370 --> 00:54:03,690
in veel opzichten lager dan
sommige van Zijn geschapen wezens.

935
00:54:03,690 --> 00:54:08,370
Dat is de uitdrukking die David
in vers 7 voor de mens gebruikte.

936
00:54:08,370 --> 00:54:11,610
De mens is met heerlijkheid
en eer gekroond.

937
00:54:11,610 --> 00:54:16,770
Toen God Adam en Eva maakte, kroonde
Hij hen met heerlijkheid en eer door hun

938
00:54:16,770 --> 00:54:18,630
heerschappij te geven.

939
00:54:18,630 --> 00:54:21,990
Christus heeft dat proces
inmiddels al opnieuw doorlopen.

940
00:54:21,990 --> 00:54:25,710
Hij is minder dan de engelen
gemaakt, maar Hij is al gekroond.

941
00:54:25,710 --> 00:54:27,510
Hij heeft al heerschappij.

942
00:54:27,510 --> 00:54:31,110
Als zodanig is Hij de
Eersteling van de rest van ons.

943
00:54:31,110 --> 00:54:34,650
Hij trekt de rest van het
menselijk geslacht met Zich mee.

944
00:54:34,650 --> 00:54:36,870
Hij is de voorste sledehond.

945
00:54:36,870 --> 00:54:39,690
Hij is Degene Die de
rest van het span trekt.

946
00:54:39,690 --> 00:54:44,070
We zien nog niet alles onder ons,
maar we zien wel alles onder Christus.

947
00:54:44,070 --> 00:54:48,210
Dat is de garantie dat dit ook voor
de rest van ons waar zal worden.

948
00:54:48,210 --> 00:54:53,190
Hij is de Eersteling, het begin
van dit alles. Dus we zien Hem:

949
00:54:53,190 --> 00:54:58,470
gekroond met eer en glorie, zodat Hij
dankzij Gods genade voor iedereen de

950
00:54:58,470 --> 00:54:59,550
dood zou ondergaan.

951
00:54:59,550 --> 00:55:02,910
Over deze passage valt het
een en ander te zeggen.

952
00:55:02,910 --> 00:55:06,930
Deze schrijver van Hebreeën geeft aan
dat alle dingen aan de mens onderworpen

953
00:55:06,930 --> 00:55:09,150
zijn, werkelijk alles.

954
00:55:09,150 --> 00:55:15,810
Ook 1 Korinthe 15, vers 27,
citeert dit vers uit Psalm 8:6.

955
00:55:15,810 --> 00:55:17,730
Psalm 8:6 zegt:

956
00:55:17,730 --> 00:55:21,150
U doet hem heersen over
de werken van Uw handen,

957
00:55:21,150 --> 00:55:23,670
U hebt alles onder zijn voeten gelegd:

958
00:55:23,670 --> 00:55:27,510
De schrijver van Hebreeën
citeert dat over de mens.

959
00:55:27,510 --> 00:55:32,370
Paulus citeert het ook
in 1 Korinthe 15:27.

960
00:55:32,370 --> 00:55:34,230
Hij citeert dat vers:

961
00:55:34,230 --> 00:55:38,550
Immers, alle dingen heeft Hij
aan Zijn voeten onderworpen.

962
00:55:38,550 --> 00:55:42,210
Wanneer Hij echter zegt dat aan
Hem alle dingen onderworpen zijn,

963
00:55:42,210 --> 00:55:46,830
is het duidelijk dat Hij Die Zelf
alles aan Hem onderworpen heeft,

964
00:55:46,830 --> 00:55:48,630
hiervan is uitgezonderd.

965
00:55:48,630 --> 00:55:50,130
Dan zegt Paulus:

966
00:55:50,130 --> 00:55:53,370
Maar als Hij zegt dat alles
onder Zijn voeten is geplaatst,

967
00:55:53,370 --> 00:55:58,470
is het duidelijk dat Degene Die alles
onder Zijn gezag heeft geplaatst daar

968
00:55:58,470 --> 00:56:00,090
Zelf niet onder valt.

969
00:56:00,090 --> 00:56:04,710
Dus alle dingen zijn onder de voeten
van de mens gelegd, behalve God,

970
00:56:04,710 --> 00:56:07,050
Die ze onder onze voeten heeft gelegd.

971
00:56:07,050 --> 00:56:11,610
Wij zullen nooit boven God staan,
of zelfs maar op Zijn niveau.

972
00:56:11,610 --> 00:56:15,510
Maar onder God zijn alle dingen
onder onze voeten gelegd.

973
00:56:15,510 --> 00:56:19,350
Paulus heeft het in 1 Korinthe
15 eigenlijk over Christus.

974
00:56:19,350 --> 00:56:23,730
Maar Davids woorden gelden
voor Christus en voor de mens,

975
00:56:23,730 --> 00:56:26,550
omdat Christus een mens is.

976
00:56:26,550 --> 00:56:28,590
Hij is de voorbeeldmens.

977
00:56:28,590 --> 00:56:31,950
Hij is de Pionier van een nieuwe mensheid.

978
00:56:31,950 --> 00:56:34,530
Hij maakt deel uit van de oude mensheid,

979
00:56:34,530 --> 00:56:38,730
omdat Hij uit de menselijke
afstammingslijn is voortgekomen.

980
00:56:38,730 --> 00:56:41,790
Daarom was het noodzakelijk
dat Jezus geboren werd.

981
00:56:41,790 --> 00:56:46,350
In het Oude Testament verscheen
Christus soms in theofanieën,

982
00:56:46,350 --> 00:56:51,870
toen Hij met Jakob worstelde en in dat
soort situaties waarin Hij even verscheen

983
00:56:51,870 --> 00:56:53,670
en daarna weer wegging.

984
00:56:53,670 --> 00:56:56,730
Maar in die gevallen
werd Hij nooit een mens.

985
00:56:56,730 --> 00:56:59,070
Hij zag eruit als een mens.

986
00:56:59,070 --> 00:57:02,970
Hij nam een mensachtige
gedaante aan, maar Hij kwam niet

987
00:57:02,970 --> 00:57:05,970
voort uit de
familiegeschiedenis van de mens.

988
00:57:05,970 --> 00:57:09,210
In die verhalen was
Hij geen zoon van Adam.

989
00:57:09,210 --> 00:57:12,870
Hij was eenvoudig bij God
vandaan neergedaald met een

990
00:57:12,870 --> 00:57:14,970
uiterlijk als dat van een mens.

991
00:57:14,970 --> 00:57:17,910
Maar Hij had niet de
geschiedenis van een mens.

992
00:57:17,910 --> 00:57:22,530
Die heeft Hij nu wel, want toen
Jezus als mens op aarde kwam,

993
00:57:22,530 --> 00:57:29,070
was de hele geschiedenis van het menselijk
geslacht, het DNA van Adam, in Christus.

994
00:57:29,070 --> 00:57:33,690
Het DNA van Noach was in
Christus, net zoals het in ons is.

995
00:57:33,690 --> 00:57:38,970
Het DNA van Juda, het DNA
van David, was in Christus.

996
00:57:38,970 --> 00:57:43,650
Jezus verbond Zich met de stamboom en
werd deel van het menselijk geslacht,

997
00:57:43,650 --> 00:57:47,910
omdat Hij kwam om het menselijk geslacht
terug te brengen naar wat het was voordat

998
00:57:47,910 --> 00:57:52,590
het viel, om de wereld te herstellen
tot de toekomstige wereld.

999
00:57:52,590 --> 00:57:54,450
Hij is ons ver vooruit.

1000
00:57:54,450 --> 00:57:58,110
We zien nog niet dat alle dingen
aan de mens onderworpen zijn.

1001
00:57:58,110 --> 00:58:02,730
Maar we zien wel dat alle dingen
aan één Mens onderworpen zijn.

1002
00:58:02,730 --> 00:58:06,210
Hij is de eerste Mens Die
voor de anderen de weg baant.

1003
00:58:06,210 --> 00:58:10,410
Op een dag zal de hele komende
wereld onder onze voeten zijn,

1004
00:58:10,410 --> 00:58:13,410
en wij zullen natuurlijk
onder Jezus staan.

1005
00:58:13,410 --> 00:58:15,210
Nu zegt vers 10:

1006
00:58:15,210 --> 00:58:20,070
Want het paste Hem, om Wie alle dingen
zijn en door Wie alle dingen zijn,

1007
00:58:20,070 --> 00:58:23,550
dat Hij, om veel kinderen
tot heerlijkheid te brengen,

1008
00:58:23,550 --> 00:58:27,510
de Leidsman van hun zaligheid
door lijden zou heiligen.

1009
00:58:27,510 --> 00:58:33,090
De gebruikte Engelse vertaling spreekt
hier over ‘door lijden volmaakt maken’,

1010
00:58:33,090 --> 00:58:36,870
waar de HSV ‘door lijden
zou heiligen’ heeft.

1011
00:58:36,870 --> 00:58:40,590
De volgende uitleg sluit aan
bij die Engelse formulering.

1012
00:58:40,590 --> 00:58:44,970
Dat wil zeggen: Hij werd een
volmaakte Bewerker van behoud.

1013
00:58:44,970 --> 00:58:48,030
In andere opzichten was
Hij uiteraard volmaakt.

1014
00:58:48,030 --> 00:58:53,790
Maar als we het woord ‘volmaakt’
gebruiken, bedoel ik natuurlijk: compleet.

1015
00:58:53,790 --> 00:58:56,850
Was Jezus volmaakt toen Hij geboren werd?

1016
00:58:56,850 --> 00:59:00,030
Nou, niet helemaal. Hij kon niet lopen.

1017
00:59:00,030 --> 00:59:05,790
Hij moest groeien en leren lopen,
zoals de meeste baby's. Kon Hij praten?

1018
00:59:05,790 --> 00:59:08,070
Nee, nog niet volmaakt.

1019
00:59:08,070 --> 00:59:09,750
Hij was ideaal.

1020
00:59:09,750 --> 00:59:12,270
Een appel die vroeg in
het seizoen groen is,

1021
00:59:12,270 --> 00:59:16,950
wanneer hij net aan de boom verschijnt,
is een volmaakte appel voor dat seizoen.

1022
00:59:16,950 --> 00:59:20,910
Maar hij is nog niet wat je wilt
dat hij is wanneer je hem wilt eten.

1023
00:59:20,910 --> 00:59:22,470
Hij moet nog rijpen.

1024
00:59:22,470 --> 00:59:26,250
Hij is niet onvolmaakt, hij
is alleen nog niet compleet.

1025
00:59:26,250 --> 00:59:30,210
Misschien is hij zo goed als een appel
in die tijd van het jaar kan zijn.

1026
00:59:30,210 --> 00:59:32,310
Maar hij moet nog wel groeien.

1027
00:59:32,310 --> 00:59:35,790
Jezus werd geboren als een zo
goede baby als maar mogelijk

1028
00:59:35,790 --> 00:59:39,150
is: zondeloos, wonderbaarlijk.

1029
00:59:39,150 --> 00:59:41,010
Maar Hij moest opgroeien.

1030
00:59:41,010 --> 00:59:43,530
En opgroeien betekent lijden.

1031
00:59:43,530 --> 00:59:47,190
In Zijn geval betekende het
dat Hij een Zaligmaker werd.

1032
00:59:47,190 --> 00:59:50,070
Hij was geen volmaakte Zaligmaker.

1033
00:59:50,070 --> 00:59:53,310
Hij was pas compleet toen Hij
een reddende rol had vervuld.

1034
00:59:53,310 --> 00:59:59,190
Hij werd door lijden volmaakt gemaakt als
Zaligmaker, als de Bewerker van behoud.

1035
00:59:59,190 --> 01:00:01,950
Een paar belangrijke dingen over dit vers.

1036
01:00:01,950 --> 01:00:05,850
Eén daarvan is dat er in vers
10 staat dat God veel zonen tot

1037
01:00:05,850 --> 01:00:07,530
heerlijkheid wilde brengen.

1038
01:00:07,530 --> 01:00:10,650
Deze gedachte wordt met iets
andere woorden uitgesproken

1039
01:00:10,650 --> 01:00:12,990
in Romeinen hoofdstuk 8.

1040
01:00:12,990 --> 01:00:15,750
Romeinen 8, vers 29 zegt:

1041
01:00:15,750 --> 01:00:18,330
Want hen die Hij van tevoren gekend heeft,

1042
01:00:18,330 --> 01:00:22,590
heeft Hij er ook van tevoren toe
bestemd om aan het beeld van Zijn Zoon

1043
01:00:22,590 --> 01:00:26,490
gelijkvormig te zijn, opdat
Hij de Eerstgeborene zou zijn

1044
01:00:26,490 --> 01:00:28,290
onder vele broeders.

1045
01:00:28,290 --> 01:00:31,410
God wilde veel zonen tot
heerlijkheid brengen.

1046
01:00:31,410 --> 01:00:36,030
Hij wilde dat Jezus de Eerstgeborene
van veel broeders zou zijn.

1047
01:00:36,030 --> 01:00:38,070
God wilde een groot gezin.

1048
01:00:38,070 --> 01:00:39,870
Hij wil veel kinderen.

1049
01:00:39,870 --> 01:00:42,810
Dat wordt op deze twee plaatsen bevestigd.

1050
01:00:42,810 --> 01:00:50,190
Dit zijn overeenkomstige gedachten
in Hebreeën 2:10 en Romeinen 8:29.

1051
01:00:50,190 --> 01:00:53,550
Maar wat interessant is,
is waar ze naartoe gaan.

1052
01:00:53,550 --> 01:00:56,130
In Hebreeën 2:10 staat:

1053
01:00:56,130 --> 01:00:59,010
Hij brengt veel zonen naar de glorie.

1054
01:00:59,010 --> 01:01:02,310
Maar wat is heerlijkheid?
Hoe ziet dat eruit?

1055
01:01:02,310 --> 01:01:06,150
In de woorden van Paulus is het hen
gelijkvormig maken aan het beeld

1056
01:01:06,150 --> 01:01:07,590
van Zijn Zoon.

1057
01:01:07,590 --> 01:01:11,250
Tot heerlijkheid komen betekent
op Christus gaan lijken.

1058
01:01:11,250 --> 01:01:13,110
Dat is wat heerlijkheid is.

1059
01:01:13,110 --> 01:01:14,430
Paulus zei:

1060
01:01:14,430 --> 01:01:18,690
Aan hen heeft God willen bekendmaken wat
de rijkdom is van de heerlijkheid van dit

1061
01:01:18,690 --> 01:01:24,330
geheimenis onder de heidenen: Christus
onder u, de hoop op de heerlijkheid.

1062
01:01:24,330 --> 01:01:26,910
De heerlijkheid van God waarop wij hopen,

1063
01:01:26,910 --> 01:01:31,650
is dat wij in Zijn heerlijkheid
zullen delen en als Jezus zullen zijn.

1064
01:01:31,650 --> 01:01:36,990
Sterker nog, iets eerder in Romeinen
hoofdstuk 8, in vers 18, Romeinen

1065
01:01:36,990 --> 01:01:39,750
8:18, zei Paulus:

1066
01:01:39,750 --> 01:01:44,370
Want ik ben ervan overtuigd dat het
lijden van de tegenwoordige tijd niet

1067
01:01:44,370 --> 01:01:48,690
opweegt tegen de heerlijkheid die
aan ons geopenbaard zal worden.

1068
01:01:48,690 --> 01:01:55,050
De gebruikte Engelse vertaling heeft
in Romeinen 8:18 ‘in ons geopenbaard’,

1069
01:01:55,050 --> 01:01:58,770
waar de HSV ‘aan ons geopenbaard’ heeft.

1070
01:01:58,770 --> 01:02:02,730
De spreker sluit in zijn
uitleg aan bij ‘in ons’.

1071
01:02:02,730 --> 01:02:05,070
De heerlijkheid is de gelijkenis met

1072
01:02:05,070 --> 01:02:08,310
Christus die in ons
geopenbaard zal worden.

1073
01:02:08,310 --> 01:02:12,090
In 2 Korinthe 3:18 zei Paulus:

1074
01:02:12,090 --> 01:02:16,710
Wij allen nu, die met onbedekt
gezicht de heerlijkheid van de Heere

1075
01:02:16,710 --> 01:02:21,930
als in een spiegel aanschouwen, worden van
gedaante veranderd naar hetzelfde beeld,

1076
01:02:21,930 --> 01:02:26,550
van heerlijkheid tot heerlijkheid,
zoals dit door de Geest van de Heere

1077
01:02:26,550 --> 01:02:27,811
bewerkt wordt .

1078
01:02:27,811 --> 01:02:32,190
Hij gebruikt het woord ‘heerlijkheid’
als een synoniem voor het beeld.

1079
01:02:32,190 --> 01:02:36,750
Zo is het eigenlijk ook ongeveer
in Hebreeën 1:3, waar hij zegt:

1080
01:02:36,750 --> 01:02:41,310
Hij , Die de afstraling van Gods
heerlijkheid is en de afdruk van Zijn

1081
01:02:41,310 --> 01:02:46,170
zelfstandigheid, Die alle dingen
draagt door Zijn krachtig woord, heeft,

1082
01:02:46,170 --> 01:02:51,030
nadat Hij de reiniging van onze zonden
door Zichzelf tot stand had gebracht,

1083
01:02:51,030 --> 01:02:55,711
Zich gezet aan de rechter hand van
de Majesteit in de hoogste hemelen .

1084
01:02:55,711 --> 01:03:01,470
De termen ‘heerlijkheid’ en ‘beeld’ worden
min of meer als synoniemen gebruikt,

1085
01:03:01,470 --> 01:03:04,890
of in elk geval als nauw
verbonden begrippen.

1086
01:03:04,890 --> 01:03:09,990
Dus Paulus zegt dat God wilde dat Jezus
de Eerstgeborene zou zijn van een groot

1087
01:03:09,990 --> 01:03:11,970
gezin met veel broeders.

1088
01:03:11,970 --> 01:03:15,630
Daarom heeft Hij voorbestemd dat
zij gelijkvormig zullen worden

1089
01:03:15,630 --> 01:03:17,850
aan het beeld van Zijn Zoon.

1090
01:03:17,850 --> 01:03:21,030
Hebreeën 2:10 zegt hetzelfde:

1091
01:03:21,030 --> 01:03:26,190
Want het paste Hem, om Wie alle dingen
zijn en door Wie alle dingen zijn,

1092
01:03:26,190 --> 01:03:29,550
dat Hij, om veel kinderen
tot heerlijkheid te brengen,

1093
01:03:29,550 --> 01:03:33,570
de Leidsman van hun zaligheid
door lijden zou heiligen.

1094
01:03:33,570 --> 01:03:35,730
Dat is het beeld van Christus.

1095
01:03:35,730 --> 01:03:38,970
God brengt ons tot het beeld van Christus.

1096
01:03:38,970 --> 01:03:42,630
En dat gebeurt in ons leven van
heerlijkheid tot heerlijkheid,

1097
01:03:42,630 --> 01:03:46,410
terwijl we van heerlijkheid tot
heerlijkheid veranderd worden

1098
01:03:46,410 --> 01:03:49,050
naar hetzelfde beeld van Christus.

1099
01:03:49,050 --> 01:03:51,030
Dat is Gods doel.

1100
01:03:51,030 --> 01:03:55,410
Gods doel is niet alleen om de
hemel vol mensen te krijgen.

1101
01:03:55,410 --> 01:04:01,050
Zijn doel is om de wereld vol mensen
te krijgen die op Jezus lijken.

1102
01:04:01,050 --> 01:04:05,550
Daarom zijn wij mensen die
steeds meer op Jezus gaan lijken.

1103
01:04:05,550 --> 01:04:07,410
Dat is Zijn doel.

1104
01:04:07,410 --> 01:04:12,030
Maar Hij moest Christus het lijden
laten doormaken dat Hij doormaakte,

1105
01:04:12,030 --> 01:04:18,630
zodat Hij op volmaakte wijze kon voorzien
in het soort behoud dat wij nodig hadden.

1106
01:04:18,630 --> 01:04:22,590
Daarvoor was een verzoenend offer
nodig, en dat wordt het onderwerp

1107
01:04:22,590 --> 01:04:24,750
van latere hoofdstukken.

1108
01:04:24,750 --> 01:04:26,130
Vers 11:

1109
01:04:26,130 --> 01:04:33,150
Immers, zowel Hij Die heiligt als zij
die geheiligd worden, zijn allen uit één.

1110
01:04:33,150 --> 01:04:36,390
Daarom schaamt Hij Zich er niet
voor hen broeders te noemen,

1111
01:04:36,390 --> 01:04:38,910
Dat zijn Christus en wij.

1112
01:04:38,910 --> 01:04:44,430
Dat wil zeggen: we hebben één en
dezelfde natuur, de menselijke natuur.

1113
01:04:44,430 --> 01:04:46,410
We zijn allemaal mensen.

1114
01:04:46,410 --> 01:04:49,470
Hij was geen engel. Hij was een Mens.

1115
01:04:49,470 --> 01:04:54,870
Hij heiligt ons, en Degene Die
heiligt, heeft dezelfde natuur als wij.

1116
01:04:54,870 --> 01:04:56,850
Hij is een Mens.

1117
01:04:56,850 --> 01:04:58,830
Christus is geen engel.

1118
01:04:58,830 --> 01:05:00,630
Hij is een Mens.

1119
01:05:00,630 --> 01:05:03,570
Waarom? Omdat Hij een van ons is.

1120
01:05:03,570 --> 01:05:06,450
Hij schaamt Zich niet om
je Zijn broeder te noemen.

1121
01:05:06,450 --> 01:05:10,410
Dit is een opmerkelijke uitspraak,
dat Hij Zich er niet voor schaamt ons

1122
01:05:10,410 --> 01:05:11,730
broeders te noemen.

1123
01:05:11,730 --> 01:05:15,150
De schrijver onderbouwt dit door
drie verzen uit het Oude Testament

1124
01:05:15,150 --> 01:05:16,410
aan te halen.

1125
01:05:16,410 --> 01:05:18,630
Een daarvan komt uit Psalm 22.

1126
01:05:18,630 --> 01:05:21,210
Psalm 22 is een van de meest

1127
01:05:21,210 --> 01:05:24,630
beeldende messiaanse profetieën
in het Oude Testament.

1128
01:05:24,630 --> 01:05:26,850
Dat is de psalm met de woorden:

1129
01:05:26,850 --> 01:05:32,430
Want honden hebben mij omsingeld, een
horde kwaaddoeners heeft mij omgeven;

1130
01:05:32,430 --> 01:05:35,610
zij hebben mijn handen
en mijn voeten doorboord.

1131
01:05:35,610 --> 01:05:38,190
En dat is de psalm die begint met:

1132
01:05:38,190 --> 01:05:42,690
Mijn God, mijn God, waarom
hebt U Mij in de steek gelaten?

1133
01:05:42,690 --> 01:05:45,150
Het is een psalm over Christus.

1134
01:05:45,150 --> 01:05:50,550
Alle schrijvers van het Nieuwe Testament
herkenden Psalm 22 als een psalm over

1135
01:05:50,550 --> 01:05:53,130
Christus en haalden eruit aan.

1136
01:05:53,130 --> 01:05:58,830
Zelfs Jezus deed dat duidelijk, want
Hij haalde vers 1 aan vanaf het kruis.

1137
01:05:58,830 --> 01:06:03,870
En de schrijver hier gaat ervan uit
dat de spreker Jezus is, hoewel het,

1138
01:06:03,870 --> 01:06:09,210
als je Psalm 22 leest, misschien
lijkt alsof David de spreker is.

1139
01:06:09,210 --> 01:06:13,770
De schrijver van Hebreeën gaat
ervan uit dat Jezus de spreker is.

1140
01:06:13,770 --> 01:06:19,530
De volgende twee verzen die hij in vers
13 aanhaalt, komen uit Jesaja hoofdstuk 8,

1141
01:06:19,530 --> 01:06:21,870
vers 17 en 18.

1142
01:06:21,870 --> 01:06:27,270
Als je die verzen in Jesaja 8 leest,
zou je denken dat Jesaja de spreker was.

1143
01:06:27,270 --> 01:06:32,850
In de context van Jesaja 8 heeft Jesaja
het over zichzelf en zijn kinderen.

1144
01:06:32,850 --> 01:06:37,170
In Psalm 22 lijkt David het
over zichzelf te hebben.

1145
01:06:37,170 --> 01:06:42,450
Maar de schrijver van Hebreeën denkt dat
in beide verzen Jezus aan het woord is.

1146
01:06:42,450 --> 01:06:45,210
Dit is iets waar we bij stil moeten staan.

1147
01:06:45,210 --> 01:06:50,250
De schrijvers van het Nieuwe Testament
doen dit vaak, vooral met de Psalmen,

1148
01:06:50,250 --> 01:06:52,350
minder vaak met Jesaja.

1149
01:06:52,350 --> 01:06:56,550
Zij geloven dat veel mensen in het
Oude Testament voorafbeeldingen van

1150
01:06:56,550 --> 01:06:59,430
Christus waren, vooral David.

1151
01:06:59,430 --> 01:07:02,310
David is waarschijnlijk de
belangrijkste voorafbeelding van

1152
01:07:02,310 --> 01:07:04,170
Christus in het Oude Testament.

1153
01:07:04,170 --> 01:07:07,530
Daarom worden de psalmen van
David in het Nieuwe Testament

1154
01:07:07,530 --> 01:07:12,030
vaker aangehaald dan welke andere
oudtestamentische passages ook.

1155
01:07:12,030 --> 01:07:15,450
De schrijvers van het Nieuwe
Testament haalden een groot aantal

1156
01:07:15,450 --> 01:07:19,950
oudtestamentische boeken aan, maar
de Psalmen haalden ze vaker aan dan

1157
01:07:19,950 --> 01:07:21,510
enig ander boek.

1158
01:07:21,510 --> 01:07:25,950
Meestal haalden ze woorden aan
waarin David over zichzelf sprak.

1159
01:07:25,950 --> 01:07:28,050
Maar de schrijvers van
het Nieuwe Testament

1160
01:07:28,050 --> 01:07:31,770
haalden die aan alsof
Jezus over Zichzelf sprak.

1161
01:07:31,770 --> 01:07:36,630
Dit is een heel gebruikelijk verschijnsel
in het Nieuwe Testament, zoals ook hier.

1162
01:07:36,630 --> 01:07:40,890
De schrijver van Hebreeën past
dit duidelijk ook op Jesaja toe.

1163
01:07:40,890 --> 01:07:44,850
Hij ziet Jesaja blijkbaar als
een voorafbeelding van Christus.

1164
01:07:44,850 --> 01:07:49,050
Daarom gaat hij ervan uit dat
wat Jesaja over zichzelf zegt,

1165
01:07:49,050 --> 01:07:53,010
Christus over Zichzelf
zegt. Dit zijn de verzen.

1166
01:07:53,010 --> 01:07:54,990
Wat probeert hij aan te tonen?

1167
01:07:54,990 --> 01:07:59,790
Hij probeert aan te tonen dat Jezus
Zich heeft verwaardigd neer te dalen en

1168
01:07:59,790 --> 01:08:01,350
een van ons te worden.

1169
01:08:01,350 --> 01:08:04,890
Hij schaamt Zich er zelfs
niet voor om Zich als het ware

1170
01:08:04,890 --> 01:08:09,030
zozeer op ons niveau te plaatsen
dat Hij ons Zijn broeders noemt,

1171
01:08:09,030 --> 01:08:13,290
in plaats van Zijn onderdanen of
slaven of een andere benaming,

1172
01:08:13,290 --> 01:08:17,310
hoewel die benamingen in andere
verbanden ook van toepassing zijn.

1173
01:08:17,310 --> 01:08:21,030
De gedachte hier is dat
Hij tegen ons en over ons

1174
01:08:21,030 --> 01:08:25,830
spreekt alsof Hij op ons niveau staat,
waar Hij ook is komen te staan door

1175
01:08:25,830 --> 01:08:27,210
mens te worden.

1176
01:08:27,210 --> 01:08:32,010
Psalm 22, in de Nederlandse
versnummering vers 23, zegt,

1177
01:08:32,010 --> 01:08:34,650
en dit zou Jezus zijn Die spreekt:

1178
01:08:34,650 --> 01:08:40,170
Ik zal Uw Naam mijn broeders vertellen, in
het midden van de gemeente zal ik U loven.

1179
01:08:40,170 --> 01:08:45,690
Als dit werkelijk Jezus is Die spreekt,
en op gezag van de schrijver van Hebreeën

1180
01:08:45,690 --> 01:08:51,150
neem ik aan dat dit zo is, dan noemt
Jezus Gods volk dus Zijn broeders.

1181
01:08:51,150 --> 01:08:56,670
Hij is een Zoon van God geworden, en de
andere zonen van God en dochters van God

1182
01:08:56,670 --> 01:08:59,070
zijn Zijn broeders en zusters.

1183
01:08:59,070 --> 01:09:02,730
Daarover verwondert de
schrijver van Hebreeën zich:

1184
01:09:02,730 --> 01:09:07,770
dat God zou neerdalen en een broeder
van het menselijk geslacht zou worden.

1185
01:09:07,770 --> 01:09:09,870
Daar noemt Hij ons broeders.

1186
01:09:09,870 --> 01:09:14,370
Iets anders wat interessant is en wat de
schrijver van Hebreeën niet naar voren

1187
01:09:14,370 --> 01:09:19,950
brengt, is wat dit betekent voor het
lichaam van Christus. Jezus zegt:

1188
01:09:19,950 --> 01:09:24,810
want Hij zegt: Ik zal Uw Naam
aan Mijn broeders verkondigen;

1189
01:09:24,810 --> 01:09:28,410
te midden van de gemeente
zal Ik U lofzingen.

1190
01:09:28,410 --> 01:09:34,470
**Verwijzing gecontroleerd:**
de spreker noemde Psalmen 22:22,

1191
01:09:34,470 --> 01:09:38,490
maar de bewoording is Hebreeën 2:12.

1192
01:09:38,490 --> 01:09:42,990
Wanneer de gemeente bijeen is, is
het lichaam van Christus bijeen,

1193
01:09:42,990 --> 01:09:45,030
en Christus is daar.

1194
01:09:45,030 --> 01:09:48,630
Terwijl wij als een bijeengekomen
lichaam lofliederen zingen,

1195
01:09:48,630 --> 01:09:53,130
is Christus in ons midden en zingt
Hij ook lofliederen voor God,

1196
01:09:53,130 --> 01:09:57,750
want onze mond is Zijn mond,
onze handen zijn Zijn handen,

1197
01:09:57,750 --> 01:10:00,450
onze voeten zijn Zijn voeten.

1198
01:10:00,450 --> 01:10:02,970
Wij zijn het lichaam van Christus.

1199
01:10:02,970 --> 01:10:04,890
Hij is in ons midden.

1200
01:10:04,890 --> 01:10:08,430
Want waar twee of drie in
Mijn Naam bijeengekomen zijn,

1201
01:10:08,430 --> 01:10:10,230
daar ben Ik in hun midden.

1202
01:10:10,230 --> 01:10:11,610
Dus zegt Hij:

1203
01:10:11,610 --> 01:10:16,350
Als we als gemeente bij elkaar
zijn, zal Ik zingen om U te prijzen.

1204
01:10:16,350 --> 01:10:21,330
Wanneer de gemeente zingt, zingt Jezus
dus ook en aanbidt Hij Zijn Vader

1205
01:10:21,330 --> 01:10:22,530
te midden van ons.

1206
01:10:22,530 --> 01:10:26,730
Daarna haalt hij Jesaja aan,
twee opeenvolgende verzen,

1207
01:10:26,730 --> 01:10:33,090
Jesaja 8:17 en Jesaja 8:18. Het ene luidt:

1208
01:10:33,090 --> 01:10:37,410
Ik zal de HEERE verwachten, Die Zijn
aangezicht verbergt voor het huis van

1209
01:10:37,410 --> 01:10:39,870
Jakob; op Hem zal ik hopen.

1210
01:10:39,870 --> 01:10:44,190
Als Jezus hier spreekt, zoals de
schrijver van Hebreeën aangeeft,

1211
01:10:44,190 --> 01:10:48,270
dan heeft Jezus Zich op een
niveau geplaatst waarop ook Hij

1212
01:10:48,270 --> 01:10:50,250
op God moet vertrouwen.

1213
01:10:50,250 --> 01:10:55,050
Vóór Zijn menswording was Hij Degene
op Wie mensen moesten vertrouwen.

1214
01:10:55,050 --> 01:10:57,570
Nu wordt Hij kwetsbaar als een mens.

1215
01:10:57,570 --> 01:11:03,270
Hij wordt Iemand Die moet leven door
geloof in Zijn Vader, net zoals wij.

1216
01:11:03,270 --> 01:11:05,910
Daarmee wordt Hij een van onze broeders.

1217
01:11:05,910 --> 01:11:08,430
Daarna haalt hij ook Jesaja aan:

1218
01:11:08,430 --> 01:11:12,330
Zie, ik en de kinderen die
de HEERE mij gegeven heeft,

1219
01:11:12,330 --> 01:11:15,330
dienen tot tekenen en wonderen in Israël,

1220
01:11:15,330 --> 01:11:20,370
afkomstig van de HEERE van de
legermachten, Die op de berg Sion woont.

1221
01:11:20,370 --> 01:11:24,810
In hoofdstuk 8 van Jesaja heeft Jesaja
het heel duidelijk over zichzelf

1222
01:11:24,810 --> 01:11:26,190
en zijn kinderen.

1223
01:11:26,190 --> 01:11:28,590
Dat is het onderwerp van het hoofdstuk.

1224
01:11:28,590 --> 01:11:33,570
Maar hier is Jezus aan het woord, en wij
worden aangeduid als de kinderen die God

1225
01:11:33,570 --> 01:11:35,190
Hem heeft gegeven.

1226
01:11:35,190 --> 01:11:38,910
Dit is dus niet helemaal
hetzelfde als ons broeders noemen.

1227
01:11:38,910 --> 01:11:42,870
De schrijver kon niet erg veel
oudtestamentische passages vinden

1228
01:11:42,870 --> 01:11:46,290
waarin hij kon zeggen dat
Jezus ons broeders noemde.

1229
01:11:46,290 --> 01:11:51,390
Hij vond er één, maar toen kwam hij bij
een andere die er enigszins op lijkt.

1230
01:11:51,390 --> 01:11:53,190
Wij zijn Zijn kinderen.

1231
01:11:53,190 --> 01:11:56,310
Daarmee behoren we nog steeds
tot hetzelfde geslacht,

1232
01:11:56,310 --> 01:11:58,710
nog steeds tot dezelfde familie.

1233
01:11:58,710 --> 01:12:03,570
Dus haalt hij deze verzen aan om te
benadrukken dat Jezus een mens werd,

1234
01:12:03,570 --> 01:12:07,590
een engel werd Hij niet, want de
engelen zijn niet onze kinderen,

1235
01:12:07,590 --> 01:12:12,690
en wij zijn niet de kinderen van engelen,
en ook zijn zij niet onze broeders.

1236
01:12:12,690 --> 01:12:13,890
Zij zijn anders.

1237
01:12:13,890 --> 01:12:15,990
Nu vers 14:

1238
01:12:15,990 --> 01:12:18,570
Omdat nu die kinderen
van vlees en bloed zijn,

1239
01:12:18,570 --> 01:12:21,930
heeft Hij eveneens daaraan
deel gehad om door de dood

1240
01:12:21,930 --> 01:12:26,790
hem die de macht over de dood had —
dat is de duivel — teniet te doen,

1241
01:12:26,790 --> 01:12:30,750
Hij bedoelt de kinderen op wie in
het vorige vers werd gezinspeeld,

1242
01:12:30,750 --> 01:12:34,110
de kinderen die God Mij
gegeven heeft, wij dus.

1243
01:12:34,110 --> 01:12:37,830
Dat is een andere manier om
te zeggen dat wij mensen zijn.

1244
01:12:37,830 --> 01:12:41,370
De kinderen van wie Hij de
Broeder wil zijn, zijn mensen.

1245
01:12:41,370 --> 01:12:44,130
Dat wil zeggen: ook Hij werd mens.

1246
01:12:44,130 --> 01:12:48,930
Hij kreeg deel aan vlees en bloed om
de Broeder te zijn van die kinderen die

1247
01:12:48,930 --> 01:12:52,110
vlees en bloed zijn. Hij werd een mens.

1248
01:12:52,110 --> 01:12:56,130
Hij nam de menselijke natuur aan. Waarom?

1249
01:12:56,130 --> 01:12:59,910
Dus door de dood heeft
Jezus satan vernietigd.

1250
01:12:59,910 --> 01:13:05,190
Nu, het woord ‘destroy’,
katargeo in het Grieks.

1251
01:13:05,190 --> 01:13:09,810
K-A-T-A-R-G-E-O, katargeo.

1252
01:13:09,810 --> 01:13:13,410
Het woord wordt vrij vaak
gebruikt in het Nieuwe Testament

1253
01:13:13,410 --> 01:13:15,750
en op allerlei manieren vertaald.

1254
01:13:15,750 --> 01:13:20,190
Maar de woordenboekbetekenis
ervan is: buiten werking stellen.

1255
01:13:20,190 --> 01:13:24,330
Buiten werking stellen is
de betekenis van katargeo.

1256
01:13:24,330 --> 01:13:29,070
Dus door de dood heeft Jezus de
duivel buiten werking gesteld.

1257
01:13:29,070 --> 01:13:33,330
Dat is ongetwijfeld dezelfde
gedachte als waar Jezus over sprak

1258
01:13:33,330 --> 01:13:37,590
toen Hij de sterke man had gebonden
en zijn huis aan het plunderen was,

1259
01:13:37,590 --> 01:13:39,330
in Mattheüs 12.

1260
01:13:39,330 --> 01:13:42,390
Of in Openbaring, waar
de draak wordt gezien,

1261
01:13:42,390 --> 01:13:45,750
gebonden met een ketting
en in een put geworpen.

1262
01:13:45,750 --> 01:13:47,490
Buiten werking gesteld.

1263
01:13:47,490 --> 01:13:51,690
Het is duidelijk dat de schrijver van
Hebreeën ons niet wil laten geloven dat de

1264
01:13:51,690 --> 01:13:54,030
duivel helemaal niet meer actief is.

1265
01:13:54,030 --> 01:13:56,310
De duivel doet nog steeds dingen.

1266
01:13:56,310 --> 01:13:59,850
Daarom is dit in een
bepaalde, beperkte zin waar.

1267
01:13:59,850 --> 01:14:03,570
Welke activiteit heeft Jezus
satan belet uit te voeren?

1268
01:14:03,570 --> 01:14:06,090
Dat ligt besloten in vers 15:

1269
01:14:06,090 --> 01:14:08,670
Omdat nu die kinderen
van vlees en bloed zijn,

1270
01:14:08,670 --> 01:14:13,170
heeft Hij eveneens daaraan deel gehad om
door de dood hem die de macht over de dood

1271
01:14:13,170 --> 01:14:16,350
had — dat is de duivel — teniet te doen,

1272
01:14:16,350 --> 01:14:20,490
en allen te verlossen die door angst
voor de dood gedurende heel hun leven aan

1273
01:14:20,490 --> 01:14:22,770
slavernij onderworpen waren.

1274
01:14:22,770 --> 01:14:25,170
Bij het plunderen van het
huis van de sterke man

1275
01:14:25,170 --> 01:14:27,450
neemt Hij hem zijn gevangenen af.

1276
01:14:27,450 --> 01:14:32,670
Zij werden gevangengehouden doordat de
duivel hun angst voor de dood uitbuitte.

1277
01:14:32,670 --> 01:14:35,670
Bedenk dat de duivel zo over mensen denkt.

1278
01:14:35,670 --> 01:14:40,110
Hij denkt dat hij iedereen met angst
voor de dood in zijn macht kan houden.

1279
01:14:40,110 --> 01:14:44,790
Toen Job zijn bezittingen waren afgenomen
en God Zich erop beroemde dat Job trouw

1280
01:14:44,790 --> 01:14:47,610
was gebleven, zei de duivel tegen God:

1281
01:14:47,610 --> 01:14:52,290
Toen antwoordde de satan de
HEERE en zei: Huid voor huid!

1282
01:14:52,290 --> 01:14:55,590
Alles wat iemand heeft, zal
hij geven voor zijn leven.

1283
01:14:55,590 --> 01:15:00,450
Met andere woorden, een mens zal
zwichten als je zijn leven bedreigt.

1284
01:15:00,450 --> 01:15:04,770
Angst voor de dood is de universele
drijfveer waarmee je mensen tot alles kunt

1285
01:15:04,770 --> 01:15:07,050
bewegen, denkt de duivel.

1286
01:15:07,050 --> 01:15:10,530
En hij had gemerkt dat dit
voor de meeste mensen opging.

1287
01:15:10,530 --> 01:15:14,490
Niet voor Job, niet voor
Jezus, hopelijk niet voor ons,

1288
01:15:14,490 --> 01:15:19,830
want Jezus is gestorven om elke grond
voor angst voor de dood weg te nemen.

1289
01:15:19,830 --> 01:15:22,290
We hoeven nu niet bang
te zijn voor de dood.

1290
01:15:22,290 --> 01:15:25,950
En als we niet bang kunnen zijn voor
de dood, of dat niet hoeven te zijn,

1291
01:15:25,950 --> 01:15:30,210
dan kunnen we niet in slavernij verkeren,
de slavernij die angst voor de dood

1292
01:15:30,210 --> 01:15:31,350
met zich meebrengt.

1293
01:15:31,350 --> 01:15:35,550
Als je in slavernij verkeert,
betekent dat dat je een slaaf bent.

1294
01:15:35,550 --> 01:15:39,930
De duivel kan je alles laten doen
zolang hij zegt: ‘Je doet dit,

1295
01:15:39,930 --> 01:15:41,430
of ik maak je dood.’

1296
01:15:41,430 --> 01:15:45,690
Je zegt: ‘Nou, doe me dan maar
het ergste aan wat je kunt.

1297
01:15:45,690 --> 01:15:47,850
Ik ga Christus niet verloochenen.

1298
01:15:47,850 --> 01:15:50,430
Ik ga niet zeggen dat de keizer Heer is.

1299
01:15:50,430 --> 01:15:54,630
Ik ga mijn geloof niet opgeven
als ik onder schot word gehouden.

1300
01:15:54,630 --> 01:15:57,030
Doe me maar het ergste aan wat je kunt.

1301
01:15:57,030 --> 01:15:59,790
Je kunt me niet dwingen
te doen wat jij wilt.

1302
01:15:59,790 --> 01:16:01,770
Ik ben jouw slaaf niet meer.

1303
01:16:01,770 --> 01:16:06,750
Ik kan niet in slavernij verkeren als
er in mij geen angst voor de dood is.’

1304
01:16:06,750 --> 01:16:09,630
En dat is waar Christus ons van bevrijdt.

1305
01:16:09,630 --> 01:16:14,310
Satans activiteit om mensen door angst
voor de dood in zijn macht te houden,

1306
01:16:14,310 --> 01:16:18,150
is tenietgedaan voor degenen die
volgelingen van Christus zijn.

1307
01:16:18,150 --> 01:16:20,250
Dat kan de duivel niet meer doen.

1308
01:16:20,250 --> 01:16:24,870
Wat die specifieke activiteit betreft,
is hij buiten werking gesteld.

1309
01:16:24,870 --> 01:16:27,390
Dus Christus bevrijdt ons.

1310
01:16:27,390 --> 01:16:28,770
Vers 16 zegt:

1311
01:16:28,770 --> 01:16:31,830
Want werkelijk, Hij neemt
de engelen niet aan,

1312
01:16:31,830 --> 01:16:35,010
maar Hij neemt het
nageslacht van Abraham aan.

1313
01:16:35,010 --> 01:16:40,350
De gebruikte Engelse vertaling heeft
in Hebreeën 2:16 ‘hulp bieden’,

1314
01:16:40,350 --> 01:16:43,470
waar de HSV ‘neemt … aan’ heeft.

1315
01:16:43,470 --> 01:16:46,230
De spreker legt hier de
Engelse formulering uit.

1316
01:16:46,230 --> 01:16:49,650
De hulp waar hij over spreekt,
is de bijzondere hulp die

1317
01:16:49,650 --> 01:16:53,310
Christus de mensheid heeft gebracht
door een van ons te worden.

1318
01:16:53,310 --> 01:16:57,150
Hij kwam om ons te redden,
om ons vast te grijpen.

1319
01:16:57,150 --> 01:17:02,610
De uitdrukking ‘give aid’ is in het
Grieks een woord dat vastgrijpen betekent.

1320
01:17:02,610 --> 01:17:06,270
Je kunt daarbij denken aan iemand
die in een put is gevallen.

1321
01:17:06,270 --> 01:17:11,070
Jij staat boven de put en je grijpt
zijn hand vast en trekt hem eruit.

1322
01:17:11,070 --> 01:17:15,870
Dat Jezus naar de aarde komt, is
alsof Hij naar beneden reikt in de put

1323
01:17:15,870 --> 01:17:20,970
waarin wij zitten om ons vast te
grijpen en ons uit de put te trekken.

1324
01:17:20,970 --> 01:17:22,950
Dat is het bieden van hulp.

1325
01:17:22,950 --> 01:17:25,410
Dat heeft Hij niet voor engelen gedaan.

1326
01:17:25,410 --> 01:17:29,790
Er waren enkele engelen gevallen, maar
dat heeft Hij niet voor hen gedaan.

1327
01:17:29,790 --> 01:17:31,710
Maar Hij doet het voor ons.

1328
01:17:31,710 --> 01:17:34,650
Wij maken deel uit van Zijn familie.

1329
01:17:34,650 --> 01:17:38,790
De engelen zijn Zijn
dienaren, dienende geesten.

1330
01:17:38,790 --> 01:17:41,430
Maar wij zijn Zijn kinderen.

1331
01:17:41,430 --> 01:17:43,770
En Hij helpt Zijn kinderen.

1332
01:17:43,770 --> 01:17:47,850
Hij is de Zaligmaker van het
nageslacht van Abraham geworden.

1333
01:17:47,850 --> 01:17:50,730
Maar het nageslacht van Abraham is volgens

1334
01:17:50,730 --> 01:17:53,910
Galaten natuurlijk iedereen
die in Christus is.

1335
01:17:53,910 --> 01:17:58,050
Over de laatste twee verzen van dit
hoofdstuk ga ik niet veel zeggen,

1336
01:17:58,050 --> 01:18:01,710
omdat ze vooruitlopen op een
langer gedeelte dat in hoofdstuk

1337
01:18:01,710 --> 01:18:03,870
4 en 5 aan de orde komt.

1338
01:18:03,870 --> 01:18:07,830
Hij loopt hier vooruit op iets
waarvan hij vervolgens afwijkt

1339
01:18:07,830 --> 01:18:09,750
en waarop hij terugkomt.

1340
01:18:09,750 --> 01:18:12,810
In vers 17 en 18 zegt hij:

1341
01:18:12,810 --> 01:18:15,990
Daarom moest Hij in alles aan
Zijn broeders gelijk worden,

1342
01:18:15,990 --> 01:18:20,970
opdat Hij een barmhartig en een getrouw
Hogepriester zou zijn in de dingen die God

1343
01:18:20,970 --> 01:18:23,970
betreffen , om de zonden
van het volk te verzoenen.

1344
01:18:23,970 --> 01:18:28,170
Want waarin Hij Zelf geleden
heeft, toen Hij verzocht werd,

1345
01:18:28,170 --> 01:18:31,470
kan Hij hen die verzocht
worden, te hulp komen.

1346
01:18:31,470 --> 01:18:34,230
Dit idee dat Christus een van ons werd,

1347
01:18:34,230 --> 01:18:38,550
zodat Hij ons lijden en onze
moeilijkheden enzovoort kon ervaren,

1348
01:18:38,550 --> 01:18:42,810
heeft als doel dat Hij een
meelevende Hogepriester kon zijn.

1349
01:18:42,810 --> 01:18:46,590
Dit is de eerste keer dat in
Hebreeën het idee naar voren komt dat

1350
01:18:46,590 --> 01:18:48,750
Jezus een Hogepriester is.

1351
01:18:48,750 --> 01:18:51,330
Hij zinspeelt er hier
op, maar in de volgende

1352
01:18:51,330 --> 01:18:53,430
verzen gaat hij op iets anders over.

1353
01:18:53,430 --> 01:18:57,270
Hij komt erop terug in
hoofdstuk 4, vers 14.

1354
01:18:57,270 --> 01:19:01,530
Eigenlijk zegt hoofdstuk 4,
vers 14 tot en met hoofdstuk 5,

1355
01:19:01,530 --> 01:19:06,090
vers 2 hetzelfde als deze twee
verzen, maar de schrijver gaat er wat

1356
01:19:06,090 --> 01:19:07,470
dieper op in.

1357
01:19:07,470 --> 01:19:12,150
Net zoals hij in hoofdstuk 5 Jezus noemt
als Hogepriester naar de ordening van

1358
01:19:12,150 --> 01:19:17,130
Melchizedek, maar vervolgens op iets
anders overgaat en er in hoofdstuk 7

1359
01:19:17,130 --> 01:19:19,110
uitvoerig op terugkomt.

1360
01:19:19,110 --> 01:19:22,350
De schrijver loopt soms een
beetje op zichzelf vooruit.

1361
01:19:22,350 --> 01:19:25,170
Hij heeft een plan om
zijn betoog te ontvouwen.

1362
01:19:25,170 --> 01:19:28,830
Maar hij weet aan het begin al
waar hij later op in wil gaan.

1363
01:19:28,830 --> 01:19:33,270
Soms kan hij het niet laten daar alvast
iets van in te voegen, waarna hij zegt:

1364
01:19:33,270 --> 01:19:36,810
‘Ho, wacht, wacht, wacht, ik
loop hier op mezelf vooruit.’

1365
01:19:36,810 --> 01:19:41,130
In vers 17 en 18 loopt hij een
beetje op zichzelf vooruit.

1366
01:19:41,130 --> 01:19:44,730
Dus laat hij het onderwerp
rusten tot een geschikter moment.

1367
01:19:44,730 --> 01:19:48,930
En dat geschiktere moment komt
over ongeveer anderhalf hoofdstuk.

1368
01:19:48,930 --> 01:19:50,730
Hij zal erop terugkomen.

1369
01:19:50,730 --> 01:19:54,090
Daarom zullen we dit nu niet
bespreken, hoe belangrijk het ook is.

1370
01:19:54,090 --> 01:19:56,730
We kunnen erop terugkomen
en ernaar verwijzen

1371
01:19:56,730 --> 01:20:00,030
wanneer we zien dat hij daadwerkelijk
zijn tijd aan dat punt besteedt.
