1
00:00:02,070 --> 00:00:04,470
Welkom bij Vers voor Vers!

2
00:00:04,470 --> 00:00:09,930
Deze keer behandelen we Hosea
hoofdstuk 1 tot en met 3.

3
00:00:09,930 --> 00:00:12,690
We gaan het boek Hosea bestuderen.

4
00:00:12,690 --> 00:00:16,530
We zullen ongeveer twee bijeenkomsten
nodig hebben om het te behandelen.

5
00:00:16,530 --> 00:00:20,250
Het heeft veertien hoofdstukken,
behoorlijk veel hoofdstukken,

6
00:00:20,250 --> 00:00:22,170
maar niet zo veel bladzijden.

7
00:00:22,170 --> 00:00:24,450
De hoofdstukken zijn niet bijzonder lang.

8
00:00:24,450 --> 00:00:27,990
Het is een van die kleine
profeten, zoals Amos,

9
00:00:27,990 --> 00:00:31,530
die een boodschap brengt aan het
noordelijke koninkrijk Israël

10
00:00:31,530 --> 00:00:33,030
vóór zijn val.

11
00:00:33,030 --> 00:00:36,750
Hosea trad op tegen het einde
van de bediening van Amos.

12
00:00:36,750 --> 00:00:39,210
Ze waren een tijdje tijdgenoten.

13
00:00:39,210 --> 00:00:41,550
Hun bedieningen overlapten elkaar.

14
00:00:41,550 --> 00:00:45,270
Hosea kwam iets later en
ging iets langer door.

15
00:00:45,270 --> 00:00:49,170
Anders dan Amos profeteerde
Hosea ook tegen Juda.

16
00:00:49,170 --> 00:00:52,620
Men neemt aan, hoewel ons niet
wordt verteld dat dit zo is,

17
00:00:52,620 --> 00:00:58,410
dat Hosea uit het noordelijke koninkrijk
afkomstig was, anders dan Amos.

18
00:00:58,410 --> 00:01:02,790
Amos kwam uit het zuidelijke koninkrijk
en ging naar het noordelijke koninkrijk

19
00:01:02,790 --> 00:01:04,290
om te profeteren.

20
00:01:04,290 --> 00:01:08,070
Het is niet echt met zekerheid
bekend waar Hosea vandaan kwam,

21
00:01:08,070 --> 00:01:11,430
maar de meeste geleerden zijn het
erover eens dat hij uit het noordelijke

22
00:01:11,430 --> 00:01:15,510
koninkrijk kwam en tot het
noordelijke koninkrijk profeteerde.

23
00:01:15,510 --> 00:01:19,530
Dat verklaart misschien waarom hij
het gevallen volk Israël met meer

24
00:01:19,530 --> 00:01:23,910
tederheid en zachtmoedigheid
benaderde dan Amos liet zien.

25
00:01:23,910 --> 00:01:27,870
Amos was heel direct en streng
in vrijwel alles wat hij zei,

26
00:01:27,870 --> 00:01:31,830
terwijl Hosea de nadruk legt op
de liefde en de goedheid van God

27
00:01:31,830 --> 00:01:35,010
en de barmhartigheid en
de vergeving van God.

28
00:01:35,010 --> 00:01:38,430
Misschien komt dat doordat Hosea
zijn eigen volk aanspreekt,

29
00:01:38,430 --> 00:01:42,450
terwijl Amos de landsgrenzen was
overgestoken om een boodschap te brengen

30
00:01:42,450 --> 00:01:45,870
aan mensen die niet zijn eigen
volk waren. Ik weet het niet.

31
00:01:45,870 --> 00:01:49,830
We weten dat Jona een tijdgenoot
was van Amos en Hosea,

32
00:01:49,830 --> 00:01:53,910
in elk geval gedurende een bepaalde
periode tijdens de regering van

33
00:01:53,910 --> 00:01:55,710
Jerobeam de Tweede.

34
00:01:55,710 --> 00:01:59,580
Deze drie profeten, Jona, Hosea en Amos,

35
00:01:59,580 --> 00:02:02,490
zijn de enige schrijvende profeten die

36
00:02:02,490 --> 00:02:06,630
boeken voor onze Bijbel hebben nagelaten
en die uitdrukkelijk naar het noordelijke

37
00:02:06,630 --> 00:02:08,370
koninkrijk werden gezonden.

38
00:02:08,370 --> 00:02:13,830
Hoewel Hosea, zoals ik al zei, ook het een
en ander te zeggen heeft tegen Jeruzalem

39
00:02:13,830 --> 00:02:17,910
en tegen Judea of Juda,
het zuidelijke koninkrijk.

40
00:02:17,910 --> 00:02:22,710
Het boek Hosea wordt gekenmerkt door een
interessant verhaal over de man zelf.

41
00:02:22,710 --> 00:02:27,510
We zien dat sommige profeten de opdracht
krijgen om hun boodschap uit te beelden.

42
00:02:27,510 --> 00:02:29,550
Ze moeten niet alleen een preek houden,

43
00:02:29,550 --> 00:02:32,550
maar die ook met hun
eigen leven uitbeelden.

44
00:02:32,550 --> 00:02:36,630
Er waren momenten waarop zelfs de
grote profeten dit moesten doen.

45
00:02:36,630 --> 00:02:40,350
Jeremia moest een tijdlang een
ossenjuk op zijn nek dragen.

46
00:02:40,350 --> 00:02:44,070
Jesaja kreeg de opdracht om drie
jaar lang naakt rond te lopen,

47
00:02:44,070 --> 00:02:45,810
met zijn billen bloot.

48
00:02:45,810 --> 00:02:49,530
Ezechiël deed allerlei vreemde dingen
waarmee hij de boodschappen die hij

49
00:02:49,530 --> 00:02:51,270
had, moest uitbeelden.

50
00:02:51,270 --> 00:02:53,430
We vinden daar nog andere voorbeelden van,

51
00:02:53,430 --> 00:02:57,210
maar onder de kleine profeten valt
vooral Hosea op doordat hij zijn

52
00:02:57,210 --> 00:02:59,010
boodschap moest uitleven.

53
00:02:59,010 --> 00:03:03,450
De manier waarop hij dat moest doen,
had te maken met zijn burgerlijke staat.

54
00:03:03,450 --> 00:03:07,830
De burgerlijke staat van de
profeten speelt heel vaak een rol.

55
00:03:07,830 --> 00:03:12,630
Jesaja had een vrouw die hem enkele
kinderen baarde met symbolische namen.

56
00:03:12,630 --> 00:03:16,410
En de namen van Jesaja's kinderen
dragen een boodschap uit,

57
00:03:16,410 --> 00:03:17,910
een deel van zijn boodschap.

58
00:03:17,910 --> 00:03:20,430
Hetzelfde geldt voor Hosea.

59
00:03:20,430 --> 00:03:23,250
Hij had een vrouw die hem
enkele kinderen baarde,

60
00:03:23,250 --> 00:03:26,310
en de betekenis van hun
namen maakt symbolisch ook

61
00:03:26,310 --> 00:03:28,350
deel uit van zijn boodschap.

62
00:03:28,350 --> 00:03:32,370
Jeremia kreeg uitdrukkelijk de
opdracht om niet te trouwen.

63
00:03:32,370 --> 00:03:36,030
Ezechiël was getrouwd,
en zijn vrouw stierf.

64
00:03:36,030 --> 00:03:39,210
Hij kreeg de opdracht om
niet over haar te rouwen,

65
00:03:39,210 --> 00:03:43,530
omdat haar dood een symbool was van
de belegering van Jeruzalem en de

66
00:03:43,530 --> 00:03:46,350
ondergang van die stad, Gods vrouw.

67
00:03:46,350 --> 00:03:51,210
We zien dus dat de vrouwen van de profeten
vaak op de een of andere manier een rol

68
00:03:51,210 --> 00:03:53,130
spelen in hun profetieën.

69
00:03:53,130 --> 00:03:57,750
Maar waarschijnlijk geen van hen
zozeer als Hosea's vrouw Gomer.

70
00:03:57,750 --> 00:04:02,250
Dit is de enige profeet van wie
de vrouw bij name wordt genoemd.

71
00:04:02,250 --> 00:04:06,630
Dat wil zeggen, haar naam
wordt gegeven: Gomer.

72
00:04:06,630 --> 00:04:08,730
Ze is geen goede vrouw.

73
00:04:08,730 --> 00:04:14,790
We nemen aan dat de vrouw van Ezechiël en
de vrouw van Jesaja goede vrouwen waren.

74
00:04:14,790 --> 00:04:19,110
De vrouw van Jesaja was een
profetes, wordt ons verteld.

75
00:04:19,110 --> 00:04:22,410
Maar de vrouw van Hosea
was een prostituee,

76
00:04:22,410 --> 00:04:26,490
en blijkbaar wist hij al voordat
hij met haar trouwde dat ze een

77
00:04:26,490 --> 00:04:28,290
prostituee zou zijn.

78
00:04:28,290 --> 00:04:31,470
God zei tegen hem dat hij
met haar moest trouwen,

79
00:04:31,470 --> 00:04:36,150
en in dat gebod zelf noemde Hij
haar een vrouw van hoererij,

80
00:04:36,150 --> 00:04:39,990
of een vrouw van overspel,
een overspelige vrouw.

81
00:04:39,990 --> 00:04:44,190
Hij kreeg de opdracht om met een
overspelige vrouw te trouwen.

82
00:04:44,190 --> 00:04:49,350
We weten niet of ze al een overspelige
vrouw was voordat hij met haar trouwde.

83
00:04:49,350 --> 00:04:54,150
Sommige mensen zeggen bijvoorbeeld dat
ze misschien een tempelprostituee was in

84
00:04:54,150 --> 00:04:56,790
een van de heidense tempels in Israël.

85
00:04:56,790 --> 00:05:00,630
Hij zou dan de opdracht hebben
gekregen om haar tot vrouw te nemen.

86
00:05:00,630 --> 00:05:05,550
Maar ze kan ook een deugdzame jonge maagd
zijn geweest toen hij met haar trouwde.

87
00:05:05,550 --> 00:05:10,650
Maar het is heel duidelijk dat ze een
overspelige vrouw werd. Dus er staat:

88
00:05:10,650 --> 00:05:15,270
Het begin van het spreken
van de HEERE door Hosea.

89
00:05:15,270 --> 00:05:18,390
De HEERE zei tegen Hosea: Ga!

90
00:05:18,390 --> 00:05:22,170
Neem voor u een vrouw van de hoererijen
en kinderen van de hoererijen,

91
00:05:22,170 --> 00:05:26,190
want het land wendt zich in
schandelijke hoererij van de HEERE af.

92
00:05:26,190 --> 00:05:30,750
Of die uitspraak betekent dat ze al een
hoer is voordat hij haar tot vrouw neemt,

93
00:05:30,750 --> 00:05:36,270
of dat ze een vrouw is die een hoer wordt,
daar zijn geleerden nooit echt uitgekomen.

94
00:05:36,270 --> 00:05:41,070
Er lijkt discussie over te bestaan, en het
is voor ons niet echt belangrijk om die

95
00:05:41,070 --> 00:05:42,270
vraag op te lossen.

96
00:05:42,270 --> 00:05:47,250
Waar het om gaat, is dat hij trouwt met
een vrouw die overspelig blijkt te zijn.

97
00:05:47,250 --> 00:05:51,630
Dit overspel leidt tot een
scheiding tussen hem en zijn vrouw.

98
00:05:51,630 --> 00:05:56,430
Maar later, in hoofdstuk 3, krijgt hij
de opdracht om haar terug te nemen.

99
00:05:56,430 --> 00:06:00,090
Dat hij zijn ontrouwe vrouw
opnieuw barmhartigheid bewijst,

100
00:06:00,090 --> 00:06:05,190
wordt gezien als een symbool van God Die
opnieuw barmhartigheid bewijst aan Israël,

101
00:06:05,190 --> 00:06:08,070
dat Hem als vrouw ontrouw is geweest.

102
00:06:08,070 --> 00:06:13,110
God trouwde met Israël, en veel van de
profeten hebben dit naar voren gebracht.

103
00:06:13,110 --> 00:06:17,730
Ezechiël 16 brengt dit naar
voren, dat God met Israël trouwde.

104
00:06:17,730 --> 00:06:21,210
Jeremia hoofdstuk 1 en 2 spreken hierover.

105
00:06:21,210 --> 00:06:24,390
Jesaja hoofdstuk 50 spreekt hierover.

106
00:06:24,390 --> 00:06:28,110
Het is helemaal niet ongebruikelijk
dat de profeten het beeld gebruiken van

107
00:06:28,110 --> 00:06:29,970
Israël als Gods vrouw.

108
00:06:29,970 --> 00:06:33,510
Maar Hosea beeldt deze
boodschap daadwerkelijk uit.

109
00:06:33,510 --> 00:06:36,750
Hij neemt een vrouw die
Israël vertegenwoordigt.

110
00:06:36,750 --> 00:06:39,990
Zijn vrouw pleegt overspel, zoals Israël

111
00:06:39,990 --> 00:06:44,370
geestelijk overspel tegen God pleegde
door andere goden te aanbidden.

112
00:06:44,370 --> 00:06:49,170
Hosea neemt haar terug, zoals God
belooft Zijn volk terug te nemen.

113
00:06:49,170 --> 00:06:51,930
Dat zijn de drie
grondgedachten van het boek.

114
00:06:51,930 --> 00:06:54,990
God nam een vrouw, zij pleegde overspel

115
00:06:54,990 --> 00:07:00,330
en veroorzaakte daarmee verwijdering en
vervreemding, en Hij zal herstel brengen.

116
00:07:00,330 --> 00:07:05,430
Amos had de mensen vóór Hosea al
verteld dat God Israël zou oordelen.

117
00:07:05,430 --> 00:07:09,090
Hosea herhaalt dat, maar
Hosea benadrukt meer dat,

118
00:07:09,090 --> 00:07:12,090
hoewel God Israël oordeelt
en haar wegstuurt,

119
00:07:12,090 --> 00:07:14,430
het Hem verdriet doet om dat te doen.

120
00:07:14,430 --> 00:07:16,170
Hij houdt nog steeds van haar.

121
00:07:16,170 --> 00:07:18,810
Hij blijft treuren om het
verlies van Zijn vrouw,

122
00:07:18,810 --> 00:07:20,910
en Hij verlangt ernaar dat ze terugkomt.

123
00:07:20,910 --> 00:07:23,190
Uiteindelijk zal Hij haar herstellen.

124
00:07:23,190 --> 00:07:27,810
Hosea heeft dus meer een
boodschap van mededogen, liefde,

125
00:07:27,810 --> 00:07:30,990
barmhartigheid en herstel dan Amos.

126
00:07:30,990 --> 00:07:35,070
Al geeft ook Amos, helemaal aan
het einde van het boek Amos,

127
00:07:35,070 --> 00:07:39,030
een hoopvolle profetie over
het Messiaanse tijdperk.

128
00:07:39,030 --> 00:07:40,710
Dat doet Hosea ook.

129
00:07:40,710 --> 00:07:42,810
Dat doen alle profeten eigenlijk.

130
00:07:42,810 --> 00:07:45,330
Maar Hosea benadrukt dit meer.

131
00:07:45,330 --> 00:07:51,030
Het boek Hosea kan worden onderverdeeld
in drie delen van zeer ongelijke lengte.

132
00:07:51,030 --> 00:07:54,810
Het eerste deel bestaat uit
hoofdstuk 1 tot en met 3.

133
00:07:54,810 --> 00:07:57,630
Dit zou de historische
proloog van het boek zijn,

134
00:07:57,630 --> 00:08:00,690
een beetje zoals de eerste
twee hoofdstukken van Job.

135
00:08:00,690 --> 00:08:06,450
Het grootste deel van Job bestaat uit
gesprekken en debatten, uit filosoferen.

136
00:08:06,450 --> 00:08:10,230
Maar het begint met een proloog
van twee hoofdstukken die wat

137
00:08:10,230 --> 00:08:14,370
historische informatie geven
over wat Job is overkomen.

138
00:08:14,370 --> 00:08:19,110
Zo bestaat ook het grootste deel van
Hosea uit profetieën en besprekingen,

139
00:08:19,110 --> 00:08:23,610
maar de eerste drie hoofdstukken
geven ons een historische achtergrond.

140
00:08:23,610 --> 00:08:26,850
En die heeft te maken met
Hosea's eigen huwelijk.

141
00:08:26,850 --> 00:08:31,410
In hoofdstuk 1 trouwt hij met de
vrouw en baart zij hem drie kinderen.

142
00:08:31,410 --> 00:08:35,250
In hoofdstuk 2 wordt een
godsspraak tegen haar uitgesproken.

143
00:08:35,250 --> 00:08:38,130
In hoofdstuk 3 neemt hij haar terug.

144
00:08:38,130 --> 00:08:42,750
De eerste drie hoofdstukken geven
dus dit hele historische verslag.

145
00:08:42,750 --> 00:08:47,310
Daarna vinden we in het hele boek
Hosea niets meer over Hosea's huwelijk.

146
00:08:47,310 --> 00:08:50,310
Het staat allemaal in de
eerste drie hoofdstukken.

147
00:08:50,310 --> 00:08:52,770
Dat is dus de historische proloog.

148
00:08:52,770 --> 00:08:55,410
Dan hebben we in hoofdstuk 4 tot en met 13

149
00:08:55,410 --> 00:09:00,870
de onheilsprofetieën over Israël en
ook over Juda, maar vooral over Israël.

150
00:09:00,870 --> 00:09:04,650
We zouden dit Gods rechtsgeding
met Zijn volk kunnen noemen.

151
00:09:04,650 --> 00:09:08,490
Daar noemt Hosea, net als
Amos en andere profeten,

152
00:09:08,490 --> 00:09:12,810
enkele van hun zonden die God hebben
gekrenkt en vertelt hij wat God

153
00:09:12,810 --> 00:09:14,250
eraan gaat doen.

154
00:09:14,250 --> 00:09:16,410
Dit is het langste gedeelte.

155
00:09:16,410 --> 00:09:20,490
Het derde gedeelte is het
laatste hoofdstuk, hoofdstuk 14.

156
00:09:20,490 --> 00:09:25,710
Dat vormt heel vanzelfsprekend een
eenheid, omdat de toon meteen verandert.

157
00:09:25,710 --> 00:09:29,910
Het gaat over herstel, over
Gods genadige vergeving van Zijn

158
00:09:29,910 --> 00:09:32,490
overspelige vrouw, Israël.

159
00:09:32,490 --> 00:09:36,210
Geen van de commentaren die ik ooit
over dit onderwerp heb gelezen,

160
00:09:36,210 --> 00:09:38,430
heeft hier ooit op gewezen.

161
00:09:38,430 --> 00:09:42,570
Maar toen ik het bestudeerde, leek het me
dat er nog een verdere opmerking over de

162
00:09:42,570 --> 00:09:44,550
structuur gemaakt kon worden.

163
00:09:44,550 --> 00:09:48,750
Besef natuurlijk dat de hoofdstukindeling
enigszins willekeurig is,

164
00:09:48,750 --> 00:09:50,310
maar niet helemaal.

165
00:09:50,310 --> 00:09:53,250
Hoewel de hoofdstukindeling
niet geïnspireerd was,

166
00:09:53,250 --> 00:09:57,390
was die in de meeste gevallen gebaseerd
op duidelijke veranderingen in

167
00:09:57,390 --> 00:09:59,130
toon of onderwerp.

168
00:09:59,130 --> 00:10:03,450
Het is interessant dat de historische
proloog drie hoofdstukken heeft.

169
00:10:03,450 --> 00:10:07,050
Elk van die hoofdstukken komt
volgens mij overeen met een van deze

170
00:10:07,050 --> 00:10:08,610
drie delen van het boek.

171
00:10:08,610 --> 00:10:13,890
Als je erop let, is hoofdstuk 1 in zekere
zin een historische proloog bij de eerste

172
00:10:13,890 --> 00:10:17,130
drie hoofdstukken, net zoals
de eerste drie hoofdstukken een

173
00:10:17,130 --> 00:10:19,890
historische proloog bij
de rest van het boek zijn.

174
00:10:19,890 --> 00:10:24,090
Hoofdstuk 1 geeft de meeste
historische informatie waarop de andere

175
00:10:24,090 --> 00:10:26,310
twee hoofdstukken zijn gebaseerd.

176
00:10:26,310 --> 00:10:29,850
In zekere zin verhoudt hoofdstuk
1 zich dus tot de eerste

177
00:10:29,850 --> 00:10:32,970
drie hoofdstukken zoals de eerste
drie hoofdstukken zich tot het

178
00:10:32,970 --> 00:10:34,230
hele boek verhouden.

179
00:10:34,230 --> 00:10:37,830
Anders gezegd, je kunt zien dat
het eerste gedeelte van het boek,

180
00:10:37,830 --> 00:10:42,150
hoofdstuk 1 tot en met 3,
overeenkomt met hoofdstuk 1.

181
00:10:42,150 --> 00:10:46,710
Beide zijn namelijk historische prologen
bij de gedeelten die ze inleiden.

182
00:10:46,710 --> 00:10:49,110
Ik hoop dat dit niet verwarrend is.

183
00:10:49,110 --> 00:10:53,190
Misschien is het minder verwarrend
als ik deze opmerking heb afgerond.

184
00:10:53,190 --> 00:10:57,450
Het tweede hoofdstuk, dat natuurlijk
nog bij de historische proloog hoort,

185
00:10:57,450 --> 00:11:00,570
lijkt overeen te komen met
het tweede deel van het boek,

186
00:11:00,570 --> 00:11:03,390
namelijk hoofdstuk 4 tot en met 13.

187
00:11:03,390 --> 00:11:06,150
Dat is Gods rechtsgeding tegen Israël.

188
00:11:06,150 --> 00:11:09,330
Hoofdstuk 2, het tweede
hoofdstuk van de proloog,

189
00:11:09,330 --> 00:11:13,470
lijkt qua onderwerp en aard overeen te
komen met het tweede gedeelte van het

190
00:11:13,470 --> 00:11:16,290
boek, hoofdstuk 4 tot en met 13.

191
00:11:16,290 --> 00:11:20,250
Het is interessant dat
hoofdstuk 2, vers 1 begint met:

192
00:11:20,250 --> 00:11:24,990
Klaag jullie moeder aan, klaag haar
aan, want zij is Mijn vrouw niet

193
00:11:24,990 --> 00:11:27,030
en Ik ben haar Man niet.

194
00:11:27,030 --> 00:11:32,310
Hier spreekt Hosea zijn vrouw Gomer
aan op haar gedrag, en hij zegt:

195
00:11:32,310 --> 00:11:33,990
Klaag haar aan.

196
00:11:33,990 --> 00:11:38,430
Let op hoofdstuk 4, waarmee het
tweede gedeelte van het boek begint.

197
00:11:38,430 --> 00:11:41,310
Kijk naar hoofdstuk 4, vers 1:

198
00:11:41,310 --> 00:11:46,410
Hoor het woord van de HEERE, Israëlieten,
want de HEERE heeft een rechtszaak met de

199
00:11:46,410 --> 00:11:49,350
inwoners van dit land,
omdat er geen trouw,

200
00:11:49,350 --> 00:11:53,310
geen goedertierenheid en geen
kennis van God in het land is.

201
00:11:53,310 --> 00:11:56,910
Terwijl Hosea in hoofdstuk
2 zijn vrouw aanklaagt,

202
00:11:56,910 --> 00:12:00,630
klaagt God in hoofdstuk 4
de mensen van het land aan.

203
00:12:00,630 --> 00:12:04,170
Dat lijkt eenvoudigweg te
bevestigen wat ik voorstelde:

204
00:12:04,170 --> 00:12:09,510
hoofdstuk 2 is Gods rechtsgeding, of
Hosea's rechtsgeding tegen zijn vrouw,

205
00:12:09,510 --> 00:12:14,250
net zoals hoofdstuk 4 tot en met 13
Gods rechtsgeding tegen Israël is.

206
00:12:14,250 --> 00:12:19,350
Dan beschrijft het derde hoofdstuk, dat
heel kort is, slechts vijf verzen lang,

207
00:12:19,350 --> 00:12:22,410
hoe Hosea de relatie
met zijn vrouw herstelt.

208
00:12:22,410 --> 00:12:26,550
Het sluit zelfs af met een verwijzing
naar het Messiaanse tijdperk.

209
00:12:26,550 --> 00:12:31,350
Dat geldt ook voor het laatste gedeelte
van het boek Hosea, hoofdstuk 14.

210
00:12:31,350 --> 00:12:36,330
Dat gaat over Gods herstel van Israël
en over het Messiaanse tijdperk.

211
00:12:36,330 --> 00:12:39,810
Zoals ik zei, kun je het boek
onderverdelen in drie gemakkelijk

212
00:12:39,810 --> 00:12:41,370
te herkennen gedeelten.

213
00:12:41,370 --> 00:12:46,050
Het eerste is de historische proloog,
die overeenkomt met hoofdstuk 1.

214
00:12:46,050 --> 00:12:51,510
Het tweede is Gods rechtsgeding tegen
Zijn volk in hoofdstuk 4 tot en met 13.

215
00:12:51,510 --> 00:12:54,690
Dat komt qua onderwerp
overeen met hoofdstuk 2.

216
00:12:54,690 --> 00:12:57,750
Het derde gedeelte gaat
over het beloofde herstel,

217
00:12:57,750 --> 00:13:00,270
de barmhartigheid en de vergeving.

218
00:13:00,270 --> 00:13:02,670
Dat komt overeen met hoofdstuk 3.

219
00:13:02,670 --> 00:13:06,090
De historische proloog in
Hosea die we nu gaan bekijken,

220
00:13:06,090 --> 00:13:09,150
is in zekere zin een
schets van het hele boek.

221
00:13:09,150 --> 00:13:13,110
Het is alsof het rechtsgeding vanaf
hoofdstuk 4 weer wordt opgepakt

222
00:13:13,110 --> 00:13:17,310
en vervolgens wordt uitgebreid
van Hosea's vrouw naar Israël.

223
00:13:17,310 --> 00:13:20,490
Een aantal dingen zal je helpen
om het boek te begrijpen.

224
00:13:20,490 --> 00:13:24,210
Hosea gebruikt bepaalde
codenamen wanneer hij personen,

225
00:13:24,210 --> 00:13:26,370
plaatsen en volken aanspreekt.

226
00:13:26,370 --> 00:13:29,910
Die komen telkens terug, dus als
je niet weet wat ze betekenen,

227
00:13:29,910 --> 00:13:31,710
kan dat verwarrend zijn.

228
00:13:31,710 --> 00:13:34,950
Een naam die je moet kennen, is Efraïm.

229
00:13:34,950 --> 00:13:39,030
Efraïm was natuurlijk een van de tien
stammen van het noordelijke koninkrijk,

230
00:13:39,030 --> 00:13:43,170
maar het was de belangrijkste van de tien
stammen van het noordelijke koninkrijk.

231
00:13:43,170 --> 00:13:44,430
Het was de grootste.

232
00:13:44,430 --> 00:13:49,890
Daarom wordt het noordelijke koninkrijk
zelf soms eenvoudigweg Efraïm genoemd.

233
00:13:49,890 --> 00:13:52,830
Wij kennen het beter onder de naam Israël.

234
00:13:52,830 --> 00:13:56,910
De naam waarmee het gewoonlijk
werd aangeduid, was Israël.

235
00:13:56,910 --> 00:14:03,330
Maar soms spreken de profeten, en vooral
Hosea, over dat koninkrijk als Efraïm.

236
00:14:03,330 --> 00:14:07,110
Wanneer je de naam Efraïm
tegenkomt, besef dan dat je

237
00:14:07,110 --> 00:14:10,710
eenvoudigweg een andere
naam voor Israël tegenkomt.

238
00:14:10,710 --> 00:14:15,930
Soms noemt hij het volk Jakob, maar
hij bedoelt het noordelijke koninkrijk.

239
00:14:15,930 --> 00:14:19,110
Telkens wanneer hij Efraïm
zegt, bedoelt hij dat

240
00:14:19,110 --> 00:14:22,350
ter onderscheiding van het
zuidelijke koninkrijk Juda,

241
00:14:22,350 --> 00:14:24,570
dat hij soms ook aanspreekt.

242
00:14:24,570 --> 00:14:29,430
Een van de namen die je moet kennen en
die hij vrij vaak gebruikt, is Efraïm.

243
00:14:29,430 --> 00:14:33,390
Wanneer hij dat doet, bedoelt
hij het noordelijke koninkrijk.

244
00:14:33,390 --> 00:14:37,470
Een andere naam die een paar
keer voorkomt, is Beth-Aven.

245
00:14:37,470 --> 00:14:40,530
In hoofdstuk 4, vers 15, staat:

246
00:14:40,530 --> 00:14:46,590
Als u, Israël, hoererij wilt bedrijven,
laat Juda toch niet medeschuldig worden!

247
00:14:46,590 --> 00:14:51,150
Kom toch niet naar Gilgal, ga niet
naar Beth-Aven, en zweer niet:

248
00:14:51,150 --> 00:14:53,190
Zo waar de HEERE leeft!

249
00:14:53,190 --> 00:14:56,610
Beth-Aven is een kleinerende
bijnaam voor Bethel.

250
00:14:56,610 --> 00:15:00,390
Bethel is de plaats waar het gouden
kalf stond en waar het centrum van de

251
00:15:00,390 --> 00:15:02,730
aanbidding van het gouden kalf was.

252
00:15:02,730 --> 00:15:05,490
Bethel betekent natuurlijk huis van God.

253
00:15:05,490 --> 00:15:08,610
Beth-Aven betekent huis van goddeloosheid.

254
00:15:08,610 --> 00:15:12,990
In plaats van deze plaats waar het gouden
kalf stond het huis van God te noemen,

255
00:15:12,990 --> 00:15:17,370
zoals de naam Bethel suggereert,
noemt de profeet die liever Beth-Aven,

256
00:15:17,370 --> 00:15:19,410
het huis van goddeloosheid.

257
00:15:19,410 --> 00:15:22,530
Sommige vertalers vertalen het
als het huis van nietigheid,

258
00:15:22,530 --> 00:15:24,090
in plaats van het huis van God.

259
00:15:24,090 --> 00:15:27,870
Bethel was de plaats geweest waar
Jakob God voor het eerst had ontmoet

260
00:15:27,870 --> 00:15:30,570
en met God een verbond was aangegaan.

261
00:15:30,570 --> 00:15:34,530
Daar was het verbond voor het eerst
mondeling aan Jakob bekendgemaakt,

262
00:15:34,530 --> 00:15:36,330
aan de man Jakob.

263
00:15:36,330 --> 00:15:39,390
Nu hadden zijn nakomelingen
die plaats verdorven.

264
00:15:39,390 --> 00:15:41,490
Het was niet langer het huis van God.

265
00:15:41,490 --> 00:15:46,290
Het was nu het huis van nietigheid
of het huis van goddeloosheid.

266
00:15:46,290 --> 00:15:50,730
Daarom noemt Hosea het zo
in hoofdstuk 4, vers 15.

267
00:15:50,730 --> 00:15:53,970
En ook weer in hoofdstuk 5, vers 8:

268
00:15:53,970 --> 00:16:00,390
Blaas de bazuin in Gibea, de trompet
in Rama, sla alarm in Beth-Aven:

269
00:16:00,390 --> 00:16:01,950
Achter u, Benjamin!

270
00:16:01,950 --> 00:16:04,110
Opnieuw wordt Bethel bedoeld.

271
00:16:04,110 --> 00:16:06,810
Dat is nog een naam die Hosea gebruikt.

272
00:16:06,810 --> 00:16:10,110
Dan is er nog een die je een
paar keer zult tegenkomen,

273
00:16:10,110 --> 00:16:14,850
in elk geval in de King James,
denk ik, en in de New King James.

274
00:16:14,850 --> 00:16:18,030
Al heb ik gemerkt dat de NIV die weglaat,

275
00:16:18,030 --> 00:16:21,750
eenvoudigweg omdat ze die naam
in plaats daarvan vertalen.

276
00:16:21,750 --> 00:16:24,810
In hoofdstuk 5, vers 13, staat:

277
00:16:24,810 --> 00:16:28,470
Toen Efraïm zijn ziekte
zag en Juda zijn gezwel,

278
00:16:28,470 --> 00:16:33,150
ging Efraïm naar Assyrië en stuurde
hij boden naar koning Jareb.

279
00:16:33,150 --> 00:16:38,190
Maar die zal u niet kunnen genezen,
en van u het gezwel niet wegnemen.

280
00:16:38,190 --> 00:16:42,330
Koning Jareb is niet de eigennaam
van een of andere koning in Assyrië,

281
00:16:42,330 --> 00:16:45,090
maar wordt tweemaal in Hosea gebruikt.

282
00:16:45,090 --> 00:16:49,650
Het wordt daar gebruikt en
ook in hoofdstuk 10, vers 6.

283
00:16:49,650 --> 00:16:52,770
In hoofdstuk 10, vers 6, zegt hij:

284
00:16:52,770 --> 00:16:58,590
Ja, dat kalf zal naar Assyrië gevoerd
worden, een geschenk voor koning Jareb.

285
00:16:58,590 --> 00:17:03,030
Zo zal Efraïm schande op zich laden
en Israël zal beschaamd worden

286
00:17:03,030 --> 00:17:04,710
vanwege zijn voornemen.

287
00:17:04,710 --> 00:17:07,590
Jareb betekent eigenlijk
strijden of twist,

288
00:17:07,590 --> 00:17:11,310
en het wordt gebruikt als een
symbolische naam voor Assyrië.

289
00:17:11,310 --> 00:17:16,410
Waarom deze naam aan de koning van Assyrië
wordt gegeven, is niet helemaal duidelijk.

290
00:17:16,410 --> 00:17:21,210
Het zou kunnen zijn omdat God er aanstoot
aan nam dat Israël voor hulp naar de

291
00:17:21,210 --> 00:17:24,690
koning van Assyrië ging, en
dat zag als een onderdeel van

292
00:17:24,690 --> 00:17:28,290
Israëls strijd tegen God of twist met God.

293
00:17:28,290 --> 00:17:31,110
Deze man, naar wie ze toe
gingen in plaats van naar God,

294
00:17:31,110 --> 00:17:35,490
was een symbool van hun strijd
tegen God of hun twist met Hem.

295
00:17:35,490 --> 00:17:39,450
Dat is mogelijk een reden waarom
hij koning Strijd wordt genoemd.

296
00:17:39,450 --> 00:17:42,570
Aan de andere kant kan het iets
te maken hebben met het karakter

297
00:17:42,570 --> 00:17:45,090
van de koning van Assyrië zelf.

298
00:17:45,090 --> 00:17:49,770
Hij was een oorlogszuchtige koning
die graag ruzie zocht en veel met

299
00:17:49,770 --> 00:17:51,330
andere volken streed.

300
00:17:51,330 --> 00:17:53,070
Het is niet helemaal duidelijk.

301
00:17:53,070 --> 00:17:57,390
Het kan ironisch bedoeld zijn, omdat de
Israëlieten zich voor hulp tot de koning

302
00:17:57,390 --> 00:18:01,530
van Assyrië wendden, maar hij
alleen maar met hen zal twisten of

303
00:18:01,530 --> 00:18:03,090
tegen hen zal strijden.

304
00:18:03,090 --> 00:18:05,370
Hij zal hun niet tot hulp zijn.

305
00:18:05,370 --> 00:18:09,930
Uiteindelijk zal hij strijd en
twist en oorlog over hen brengen.

306
00:18:09,930 --> 00:18:12,990
Wat de reden ook is, we
komen die naam tegen.

307
00:18:12,990 --> 00:18:15,150
Ik dacht dat ik je er
even op moest wijzen,

308
00:18:15,150 --> 00:18:19,770
omdat koning Jareb niet de eigennaam is
van een van de koningen van Assyrië of van

309
00:18:19,770 --> 00:18:21,510
iemand anders in de Bijbel.

310
00:18:21,510 --> 00:18:25,710
Het is eenvoudigweg een symbolische
naam die Hosea gebruikt.

311
00:18:25,710 --> 00:18:29,430
Dat zijn enkele dingen die je in
zijn taalgebruik zult tegenkomen.

312
00:18:29,430 --> 00:18:32,910
Afgezien van die opmerkingen
hoeven we verder geen inleidende

313
00:18:32,910 --> 00:18:34,110
opmerkingen te maken.

314
00:18:34,110 --> 00:18:37,770
We weten niet veel over de
persoonlijke geschiedenis van deze man,

315
00:18:37,770 --> 00:18:40,290
behalve over zijn
huwelijk en zijn kinderen.

316
00:18:40,290 --> 00:18:44,430
Dus we gaan meteen naar de historische
proloog in de eerste drie hoofdstukken.

317
00:18:44,430 --> 00:18:50,430
Het woord van de HEERE dat gekomen
is tot Hosea, de zoon van Beëri,

318
00:18:50,430 --> 00:18:57,030
in de dagen van Uzzia, Jotham,
Achaz, Hizkia, de koningen van Juda,

319
00:18:57,030 --> 00:19:02,910
en in de dagen van Jerobeam, de
zoon van Joas, de koning van Israël.

320
00:19:02,910 --> 00:19:06,570
De reden dat hij de koningen
van Juda en van Israël noemt,

321
00:19:06,570 --> 00:19:09,990
is dat hij voor die beide
volken een boodschap heeft.

322
00:19:09,990 --> 00:19:14,250
Hij wil zijn profetieën vanuit
het gezichtspunt van beide kanten

323
00:19:14,250 --> 00:19:17,730
in het juiste chronologische
perspectief plaatsen.

324
00:19:17,730 --> 00:19:20,070
De koningen van Juda die hij noemt,

325
00:19:20,070 --> 00:19:25,890
zijn precies dezelfde koningen die aan
het begin van Jesaja worden genoemd

326
00:19:25,890 --> 00:19:31,230
als de koningen tijdens wier
regering Jesaja profeteerde.

327
00:19:31,230 --> 00:19:34,590
We kunnen dus zien dat
Hosea zijn dienstwerk

328
00:19:34,590 --> 00:19:38,010
in precies dezelfde tijd
verrichtte als Jesaja,

329
00:19:38,010 --> 00:19:41,790
gedurende de regeringen
van dezelfde vier koningen.

330
00:19:41,790 --> 00:19:44,610
Maar er was natuurlijk
een verschil in plaats.

331
00:19:44,610 --> 00:19:47,190
Jesaja was in Jeruzalem.

332
00:19:47,190 --> 00:19:50,310
Hosea was in het noordelijke koninkrijk.

333
00:19:50,310 --> 00:19:54,150
Maar dat zijn de koningen in
Juda tijdens zijn regering.

334
00:19:54,150 --> 00:19:58,470
Dan de dagen van Jerobeam, die
in dit geval heel duidelijk

335
00:19:58,470 --> 00:20:00,630
Jerobeam de tweede is.

336
00:20:00,630 --> 00:20:07,350
Niet Jerobeam, de zoon van Nebat, die
de eerste Jerobeam was, maar Jerobeam,

337
00:20:07,350 --> 00:20:11,190
de zoon van Joas, die
de tweede Jerobeam was.

338
00:20:11,190 --> 00:20:17,550
Dezelfde koning die in Israël regeerde
toen Amos en Jona daar profeteerden.

339
00:20:17,550 --> 00:20:21,030
Het is interessant dat
hij alleen Jerobeam noemt.

340
00:20:21,030 --> 00:20:24,690
Want aangezien zijn profetieën
doorliepen tot in de regering van

341
00:20:24,690 --> 00:20:28,710
Hizkia in het zuidelijke
koninkrijk, gingen ze in feite

342
00:20:28,710 --> 00:20:32,970
verder dan de regering van Jerobeam
in het noordelijke koninkrijk.

343
00:20:32,970 --> 00:20:35,190
Maar hij noemt alleen Jerobeam.

344
00:20:35,190 --> 00:20:36,750
Blijkbaar hadden de meeste van zijn

345
00:20:36,750 --> 00:20:39,690
profetieën betrekking op
de regering van Jerobeam,

346
00:20:39,690 --> 00:20:42,150
of werden ze in die tijd uitgesproken.

347
00:20:42,150 --> 00:20:46,170
Het begin van het spreken
van de HEERE door Hosea.

348
00:20:46,170 --> 00:20:49,410
De HEERE zei tegen Hosea: Ga!

349
00:20:49,410 --> 00:20:53,670
Neem voor u een vrouw van de hoererijen
en kinderen van de hoererijen,

350
00:20:53,670 --> 00:20:57,690
want het land wendt zich in
schandelijke hoererij van de HEERE af.

351
00:20:57,690 --> 00:21:01,050
Hij ging en nam Gomer,
een dochter van Diblaïm;

352
00:21:01,050 --> 00:21:03,930
zij werd zwanger en baarde hem een zoon.

353
00:21:03,930 --> 00:21:07,770
Toen zei de HEERE tegen hem:
Geef hem de naam Jizreël,

354
00:21:07,770 --> 00:21:12,090
want nog even en Ik zal de bloedschulden
van Jizreël vergelden aan het huis van

355
00:21:12,090 --> 00:21:16,410
Jehu, en Ik zal het koningschap
van het huis van Israël wegdoen.

356
00:21:16,410 --> 00:21:18,870
Op die dag zal het gebeuren dat Ik de

357
00:21:18,870 --> 00:21:22,230
boog van Israël zal breken
in het dal van Jizreël.

358
00:21:22,230 --> 00:21:25,410
Zij werd opnieuw zwanger
en baarde een dochter.

359
00:21:25,410 --> 00:21:29,730
God zei tegen hem: Geef
haar de naam Lo-Ruchama,

360
00:21:29,730 --> 00:21:33,330
want Ik zal geen barmhartigheid meer
bewijzen aan het huis van Israël,

361
00:21:33,330 --> 00:21:35,430
maar hen geheel wegvoeren.

362
00:21:35,430 --> 00:21:39,510
Maar aan het huis van Juda zal
Ik barmhartigheid bewijzen.

363
00:21:39,510 --> 00:21:46,050
Ik zal hen redden door de HEERE, hun
God, niet door boog, zwaard of strijd,

364
00:21:46,050 --> 00:21:48,270
niet door paarden of ruiters.

365
00:21:48,270 --> 00:21:53,910
Toen zij Lo-Ruchama niet meer de borst
gaf, werd zij zwanger en baarde een zoon.

366
00:21:53,910 --> 00:22:00,270
God zei: Geef hem de naam Lo-Ammi, want
jullie zijn Mijn volk niet en Ik zal

367
00:22:00,270 --> 00:22:02,130
jullie God niet zijn.

368
00:22:02,130 --> 00:22:05,610
Toch zal het aantal Israëlieten
zijn als het zand van de zee,

369
00:22:05,610 --> 00:22:07,890
dat niet gemeten of geteld kan worden.

370
00:22:07,890 --> 00:22:12,090
Op de plaats waar tegen hen gezegd
werd: Jullie zijn Mijn volk niet,

371
00:22:12,090 --> 00:22:16,890
zal tegen hen gezegd worden: Jullie
zijn kinderen van de levende God.

372
00:22:16,890 --> 00:22:21,690
Dan zullen de Judeeërs en de
Israëlieten samen bijeengebracht worden.

373
00:22:21,690 --> 00:22:26,070
Zij zullen één hoofd over zich
aanstellen en uit het land optrekken,

374
00:22:26,070 --> 00:22:29,490
want groot zal de dag van Jizreël zijn.

375
00:22:29,490 --> 00:22:33,990
Zeg tegen jullie broeders: Mijn
volk, en tegen jullie zusters:

376
00:22:33,990 --> 00:22:37,170
Aan jullie wordt barmhartigheid bewezen.

377
00:22:37,170 --> 00:22:41,190
Daar zit ook het vers bij dat in
de Engelse Bijbel hoofdstuk 2 opent

378
00:22:41,190 --> 00:22:47,370
en in de HSV hoofdstuk 1 afsluit, omdat
de alinea hier eigenlijk pas eindigt.

379
00:22:47,370 --> 00:22:49,050
Wat is hier gebeurd?

380
00:22:49,050 --> 00:22:54,390
God zegt allereerst tegen hem dat hij een
vrouw moet nemen die overspelig zou zijn.

381
00:22:54,390 --> 00:22:57,690
Naar alle waarschijnlijkheid
ligt haar hoererij, die hier

382
00:22:57,690 --> 00:23:01,590
in vers 2 van hoofdstuk 1
wordt genoemd, in de toekomst.

383
00:23:01,590 --> 00:23:04,710
Het is geen verwijzing
naar haar huidige toestand.

384
00:23:04,710 --> 00:23:09,210
De reden dat ik dat zeg, is dat de
kinderen van hoererij die worden genoemd,

385
00:23:09,210 --> 00:23:11,430
beslist nog toekomstig zijn.

386
00:23:11,430 --> 00:23:14,190
Hosea krijgt te horen dat
hij een vrouw moet nemen,

387
00:23:14,190 --> 00:23:17,610
en hij krijgt al te horen
wat het resultaat zal zijn.

388
00:23:17,610 --> 00:23:21,030
Het zal blijken dat zij een
vrouw is die overspel pleegt.

389
00:23:21,030 --> 00:23:25,770
Het zal blijken dat zij kinderen zal
krijgen uit haar overspel. Er staat:

390
00:23:25,770 --> 00:23:29,670
Want het land is ontrouw geweest
door zich van de Heer af te keren.

391
00:23:29,670 --> 00:23:33,690
Dus meteen al geeft de HEERE hem
de betekenis van de symboliek.

392
00:23:33,690 --> 00:23:36,210
God verlangt van deze
man dat hij daadwerkelijk

393
00:23:36,210 --> 00:23:39,030
trouwt met een vrouw die
hem ellende zal bezorgen.

394
00:23:39,030 --> 00:23:43,530
Dat laat zien hoeveel het je kan kosten
om geroepen te worden als profeet

395
00:23:43,530 --> 00:23:48,270
en de boodschap die God je opdraagt in
je eigen leven te moeten uitbeelden.

396
00:23:48,270 --> 00:23:52,350
Maar het lijkt misschien vreemd dat God
een man zou roepen tot zo’n ellendig

397
00:23:52,350 --> 00:23:56,490
huwelijksleven, omdat God dat
Zelf heeft moeten ervaren.

398
00:23:56,490 --> 00:24:01,110
In zekere zin krijgen we een diepere
gemeenschap met God wanneer we met Hem

399
00:24:01,110 --> 00:24:02,970
delen in Zijn lijden.

400
00:24:02,970 --> 00:24:06,030
Ik herinner me dat mijn
eerste huwelijk zo was.

401
00:24:06,030 --> 00:24:11,370
Mijn eerste vrouw was overspelig, en ik
besloot dat ik niet van haar zou scheiden.

402
00:24:11,370 --> 00:24:13,170
Uiteindelijk ging ze weg.

403
00:24:13,170 --> 00:24:15,030
Je kent het verhaal vast wel.

404
00:24:15,030 --> 00:24:18,270
Ik heb er in elk geval
al eerder op gezinspeeld.

405
00:24:18,270 --> 00:24:23,730
Toch had ik, voordat ze wegging, geen
idee dat ons huwelijk ooit zou stuklopen.

406
00:24:23,730 --> 00:24:27,810
Voor zover ik wist, zouden we
ons leven lang getrouwd blijven.

407
00:24:27,810 --> 00:24:30,570
En toch was het een
ellendig soort huwelijk.

408
00:24:30,570 --> 00:24:33,270
Er was duidelijk geen trouw van haar kant.

409
00:24:33,270 --> 00:24:37,770
Ik kon haar nooit vertrouwen als ze met
andere mensen buiten mijn zicht was.

410
00:24:37,770 --> 00:24:41,430
Ik weet hoe moeilijk het
kan zijn om, net als Hosea,

411
00:24:41,430 --> 00:24:44,610
getrouwd te zijn met een
vrouw die hoererij bedrijft.

412
00:24:44,610 --> 00:24:47,970
Ik herinner me dat ik
destijds dacht: ‘Heere,

413
00:24:47,970 --> 00:24:50,370
waarom zou U dit van mij verlangen?

414
00:24:50,370 --> 00:24:53,190
Wat is de reden dat U mij
in zo'n huwelijk plaatst?’

415
00:24:53,190 --> 00:24:57,390
Nu zou iemand natuurlijk kunnen aanvoeren
dat ik niet met haar had moeten trouwen

416
00:24:57,390 --> 00:25:01,650
en dat het niet God was Die dit
had gedaan. Dat zou kunnen kloppen.

417
00:25:01,650 --> 00:25:03,270
Ik weet het niet zeker.

418
00:25:03,270 --> 00:25:07,590
Ik had van tevoren beslist gebeden en
dacht dat de Heere mij hierin leidde,

419
00:25:07,590 --> 00:25:09,450
maar dat is een andere kwestie.

420
00:25:09,450 --> 00:25:12,750
Ik heb eigenlijk geen behoefte
om daarover te speculeren.

421
00:25:12,750 --> 00:25:15,570
Het is vruchteloos om te
proberen vast te stellen

422
00:25:15,570 --> 00:25:18,810
of ik er goed of verkeerd
aan heb gedaan om te trouwen.

423
00:25:18,810 --> 00:25:21,930
Ik dacht destijds dat ik
de wil van de Heere deed.

424
00:25:21,930 --> 00:25:26,550
Maar hoe dan ook, ik wist dat het,
nadat ik met haar getrouwd was,

425
00:25:26,550 --> 00:25:29,970
de wil van de Heere was
dat ik trouw zou blijven.

426
00:25:29,970 --> 00:25:35,550
Ik dacht: ‘God, waarom zou U iemand
die in de bediening staat, zoals ik,

427
00:25:35,550 --> 00:25:38,190
in zo’n moeilijke thuissituatie brengen?

428
00:25:38,190 --> 00:25:40,770
Vooral omdat oudsten en
leiders in de gemeente

429
00:25:40,770 --> 00:25:43,470
toch een voorbeeldig
gezin horen te hebben?’

430
00:25:43,470 --> 00:25:46,890
Ik vroeg de Heere daarnaar, en
ik had het gevoel dat Hij me toen

431
00:25:46,890 --> 00:25:48,690
aan Hosea herinnerde.

432
00:25:48,690 --> 00:25:53,910
Hij vertelde me dat de enige manier waarop
we werkelijk dicht bij Hem kunnen komen,

433
00:25:53,910 --> 00:25:58,950
soms is dat we lijden op een aantal van
de manieren waarop Hij heeft geleden.

434
00:25:58,950 --> 00:26:03,990
God heeft smaad geleden doordat Hij
een overspelige vrouw had, Israël,

435
00:26:03,990 --> 00:26:06,870
en ook sinds de tijd van Israël.

436
00:26:06,870 --> 00:26:12,870
Zelfs de gemeente, de bruid van Christus,
is niet in haar geheel zo zuiver geweest.

437
00:26:12,870 --> 00:26:17,910
In zekere zin kunnen degenen die op deze
manier lijden dus samen met Hem delen

438
00:26:17,910 --> 00:26:20,010
in het lijden van Christus.

439
00:26:20,010 --> 00:26:23,190
Ze kunnen hetzelfde ervaren
als wat Hij doormaakt.

440
00:26:23,190 --> 00:26:25,290
Paulus zei dat hij ernaar verlangde:

441
00:26:25,290 --> 00:26:29,130
opdat ik Hem mag kennen, en de
kracht van Zijn opstanding en de

442
00:26:29,130 --> 00:26:33,270
gemeenschap met Zijn lijden, doordat
ik aan Zijn dood gelijkvormig word,

443
00:26:33,270 --> 00:26:36,270
Dat staat in Filippenzen 3:10.

444
00:26:36,270 --> 00:26:40,890
Hosea werd geroepen tot gemeenschap
met God door te delen in Gods lijden.

445
00:26:40,890 --> 00:26:44,130
Dat zou hem in een innigere
verhouding tot God brengen.

446
00:26:44,130 --> 00:26:48,330
Het zou zijn eigen hart breken
zoals Gods hart gebroken was,

447
00:26:48,330 --> 00:26:52,890
en het zou hem tot een zachtmoediger
mens maken, die meer op God leek.

448
00:26:52,890 --> 00:26:54,930
Dus God zei meteen tegen hem:

449
00:26:54,930 --> 00:26:58,710
Je gaat met deze vrouw trouwen,
maar ze zal een hoer worden.

450
00:26:58,710 --> 00:27:01,590
Ze zal ook buitenechtelijke
kinderen krijgen,

451
00:27:01,590 --> 00:27:04,290
kinderen die uit haar hoererij voortkomen.

452
00:27:04,290 --> 00:27:09,090
Maar het eerste kind was kennelijk
van hemzelf, zo lijkt het. Er staat:

453
00:27:09,090 --> 00:27:13,890
Hij trouwde met Gomer en ze werd
zwanger en kreeg een zoon van hem.

454
00:27:13,890 --> 00:27:16,170
Het feit dat ze hem een zoon baarde,

455
00:27:16,170 --> 00:27:19,290
suggereert dat hij de vader
van het eerste kind was.

456
00:27:19,290 --> 00:27:24,870
Let op de andere kinderen: er staat
niet wie de vader was. In vers 6:

457
00:27:24,870 --> 00:27:28,530
Zij werd opnieuw zwanger,
en zij baarde een dochter.

458
00:27:28,530 --> 00:27:32,610
Daarop zei Hij tegen hem:
Geef haar de naam Lo-Ruchama,

459
00:27:32,610 --> 00:27:36,090
want Ik zal Mij voortaan niet meer
ontfermen over het huis van Israël,

460
00:27:36,090 --> 00:27:38,310
want Ik zal hen zeker wegvoeren.

461
00:27:38,310 --> 00:27:42,990
Maar er staat niet van wie ze zwanger
werd of voor wie ze de dochter baarde.

462
00:27:42,990 --> 00:27:44,430
Ook in vers 8:

463
00:27:44,430 --> 00:27:48,450
Toen zij Lo-Ruchama niet meer de
borst gaf, werd zij weer zwanger,

464
00:27:48,450 --> 00:27:49,950
en zij baarde een zoon.

465
00:27:49,950 --> 00:27:53,070
Bij de twee volgende kinderen
wordt de vader niet genoemd,

466
00:27:53,070 --> 00:27:57,390
maar de kinderen krijgen wel een naam,
en hun namen lijken erop te wijzen dat

467
00:27:57,390 --> 00:27:59,550
ze buitenechtelijk zijn.

468
00:27:59,550 --> 00:28:02,970
Lo-Ruchama, de naam van
de dochter in vers 6,

469
00:28:02,970 --> 00:28:06,210
betekent letterlijk ‘geen barmhartigheid’.

470
00:28:06,210 --> 00:28:11,670
En vooral Lo-Ammi, de zoon die in
vers 8 of vers 9 wordt geboren.

471
00:28:11,670 --> 00:28:18,090
De naam Lo-Ammi betekent ‘niet mijn
volk’ of ‘geen familie van mij’.

472
00:28:18,090 --> 00:28:23,070
Stel je nu eens voor dat een man een
kind zo noemt: ‘Geen familie van mij.’

473
00:28:23,070 --> 00:28:28,950
Het is alsof Hosea wordt opgedragen te
erkennen dat deze zoon niet zijn zoon is.

474
00:28:28,950 --> 00:28:33,750
Deze zoon is niet zijn
kind, en Lo-Ruchama evenmin.

475
00:28:33,750 --> 00:28:35,370
Een man kan het toch zeker niet

476
00:28:35,370 --> 00:28:38,310
nalaten barmhartigheid te
hebben met zijn eigen dochter,

477
00:28:38,310 --> 00:28:43,650
maar dit meisje zou geen barmhartigheid
ontvangen omdat zij zijn dochter niet was.

478
00:28:43,650 --> 00:28:48,150
Dit houdt nu niet in dat Hosea geen
goede vader voor deze kinderen bleef,

479
00:28:48,150 --> 00:28:51,030
of niet voor hen zorgde,
of iets dergelijks.

480
00:28:51,030 --> 00:28:56,010
We hebben het over de symboliek van hun
geboorte en van de namen die ze kregen.

481
00:28:56,010 --> 00:28:59,310
Voor zover we weten, bleef Hosea hun vader

482
00:28:59,310 --> 00:29:02,010
en heeft hij hen
waarschijnlijk grootgebracht.

483
00:29:02,010 --> 00:29:06,870
Terwijl ze opgroeiden, waren hun namen
bekend onder de mensen in hun stad.

484
00:29:06,870 --> 00:29:09,030
Hun namen waren een boodschap.

485
00:29:09,030 --> 00:29:12,570
We zullen het niet eerst over de
twee volgende kinderen hebben.

486
00:29:12,570 --> 00:29:15,270
Laten we het eerst over Jizreël hebben.

487
00:29:15,270 --> 00:29:18,210
De eerste naam is Jizreël.

488
00:29:18,210 --> 00:29:21,150
Dit is waarschijnlijk
Hosea’s eigen wettige kind,

489
00:29:21,150 --> 00:29:24,630
omdat zij hem dat kind
baarde. En Hij zegt:

490
00:29:24,630 --> 00:29:28,170
Het begin van het spreken
van de HEERE door Hosea.

491
00:29:28,170 --> 00:29:31,230
De HEERE zei tegen Hosea: Ga!

492
00:29:31,230 --> 00:29:35,310
Neem voor u een vrouw van de hoererijen
en kinderen van de hoererijen,

493
00:29:35,310 --> 00:29:39,570
want het land wendt zich in
schandelijke hoererij van de HEERE af.

494
00:29:39,570 --> 00:29:43,410
Hij ging en nam Gomer,
een dochter van Diblaïm;

495
00:29:43,410 --> 00:29:46,350
zij werd zwanger en baarde hem een zoon.

496
00:29:46,350 --> 00:29:50,490
Toen zei de HEERE tegen hem:
Geef hem de naam Jizreël,

497
00:29:50,490 --> 00:29:55,590
want nog even en Ik zal de bloedschulden
van Jizreël vergelden aan het huis van

498
00:29:55,590 --> 00:30:00,570
Jehu, en Ik zal het koningschap
van het huis van Israël wegdoen.

499
00:30:00,570 --> 00:30:05,130
Op die dag zal het gebeuren dat Ik
de boog van Israël zal breken in het

500
00:30:05,130 --> 00:30:06,870
dal van Jizreël.

501
00:30:06,870 --> 00:30:10,230
Jehu was degene die God had aangesteld.

502
00:30:10,230 --> 00:30:15,450
Bedenk dat hij gezalfd werd door een van
de profeten die door Elisa was gestuurd.

503
00:30:15,450 --> 00:30:19,770
Jehu was een legeraanvoerder
in het noordelijke koninkrijk.

504
00:30:19,770 --> 00:30:24,630
Hij werd door een profeet gezalfd en kreeg
te horen dat het zijn opdracht was het

505
00:30:24,630 --> 00:30:26,850
huis van Achab uit te roeien.

506
00:30:26,850 --> 00:30:31,590
Achab was al dood, maar Izebel
leefde nog en woonde in Jizreël.

507
00:30:31,590 --> 00:30:35,490
Kennelijk woonde haar gezin,
het nageslacht van Achab,

508
00:30:35,490 --> 00:30:37,590
nog steeds in Jizreël.

509
00:30:37,590 --> 00:30:41,130
Jehu kreeg de legers aan zijn
kant en ging naar Jizreël.

510
00:30:41,130 --> 00:30:45,630
Hij liet Izebel uit het bovenraam
gooien en zij kwam om het leven.

511
00:30:45,630 --> 00:30:48,330
En hij doodde daar al
het nageslacht van Achab.

512
00:30:48,330 --> 00:30:50,250
Dat was het juiste om te doen.

513
00:30:50,250 --> 00:30:52,230
Daar had God hem toe geroepen.

514
00:30:52,230 --> 00:30:56,070
Maar we herinneren ons dat Jehu
hierin iets te ijverig werd.

515
00:30:56,070 --> 00:31:00,870
Hij begon ook andere mensen te doden,
die alleen maar vrienden van Achab waren.

516
00:31:00,870 --> 00:31:04,590
Met andere woorden, hij handelde
niet langer uitsluitend als

517
00:31:04,590 --> 00:31:06,750
uitvoerder van Gods oordeel.

518
00:31:06,750 --> 00:31:09,510
Hij begon te handelen
uit politieke berekening,

519
00:31:09,510 --> 00:31:14,010
om te doen wat andere koningen zouden
doen om hun heerschappij te vestigen.

520
00:31:14,010 --> 00:31:17,850
Hij werd bloeddorstig en
vergoot onschuldig bloed.

521
00:31:17,850 --> 00:31:21,750
Bedenk dat er bepaalde mensen uit
Jeruzalem kwamen om de koning in het

522
00:31:21,750 --> 00:31:23,190
noorden te bezoeken.

523
00:31:23,190 --> 00:31:27,570
Ze wisten niet dat hij gedood
was, en Jehu doodde hen ook.

524
00:31:27,570 --> 00:31:32,310
Zo richtte Jehu in Jizreël
een buitensporig bloedbad aan.

525
00:31:32,310 --> 00:31:36,810
Hij voltrok inderdaad het oordeel
van God over het huis van Achab,

526
00:31:36,810 --> 00:31:38,190
zoals hij moest doen.

527
00:31:38,190 --> 00:31:42,150
Maar het bloed in Jizreël was
niet allemaal terecht vergoten.

528
00:31:42,150 --> 00:31:45,150
In sommige gevallen was
het onschuldig bloed.

529
00:31:45,150 --> 00:31:49,230
Daarom sprak God ook een vloek
uit over het huis van Jehu.

530
00:31:49,230 --> 00:31:53,910
Er rustte een zegen op, omdat hij het
oordeel over het huis van Achab met

531
00:31:53,910 --> 00:31:55,710
ijver had uitgevoerd.

532
00:31:55,710 --> 00:31:59,730
Jehu kreeg te horen dat zijn kinderen
tot in de vierde generatie op de

533
00:31:59,730 --> 00:32:01,110
troon zouden zitten.

534
00:32:01,110 --> 00:32:04,170
Jerobeam de Tweede was
de vierde generatie,

535
00:32:04,170 --> 00:32:07,710
en hij regeerde in de tijd
dat Hosea profeteerde.

536
00:32:07,710 --> 00:32:13,410
Hosea zegt dus dat het nu tijd is dat het
oordeel ook over het huis van Jehu komt.

537
00:32:13,410 --> 00:32:17,250
Dat zou dan Jerobeam
betekenen, de huidige heerser.

538
00:32:17,250 --> 00:32:20,910
Natuurlijk was Jehu al dood
in de tijd dat Hosea leefde,

539
00:32:20,910 --> 00:32:23,430
maar zijn nakomeling Jerobeam regeerde.

540
00:32:23,430 --> 00:32:27,330
En dit was het moment waarop het
oordeel over dat huis zou komen,

541
00:32:27,330 --> 00:32:29,790
dat met bloed bevlekte huis.

542
00:32:29,790 --> 00:32:30,990
Hij zei:

543
00:32:30,990 --> 00:32:34,770
Maak een einde aan het koninkrijk
van het huis van Israël.

544
00:32:34,770 --> 00:32:39,390
Dus de val van Jerobeam en van het
huis van Jehu was eenvoudig een

545
00:32:39,390 --> 00:32:42,690
voorloper van de grotere
val van het hele koninkrijk,

546
00:32:42,690 --> 00:32:45,810
die enkele generaties
later zou plaatsvinden.

547
00:32:45,810 --> 00:32:48,990
Er wordt een oordeel op
korte termijn aangekondigd.

548
00:32:48,990 --> 00:32:53,850
Door zijn zoon Jizreël te noemen, wordt
die bloedige en onrechtvaardige daad in

549
00:32:53,850 --> 00:32:58,170
herinnering gebracht die de voorvader
van Jerobeam daar had begaan.

550
00:32:58,170 --> 00:33:03,450
En dat wordt het uitgangspunt voor deze
boodschap dat Jerobeam ten val zal komen.

551
00:33:03,450 --> 00:33:08,310
Niet alleen dat, maar uiteindelijk zal
het hele koninkrijk Israël ten val komen,

552
00:33:08,310 --> 00:33:13,770
omdat Jerobeam geen op zichzelf
staand geval is, en Jehu evenmin.

553
00:33:13,770 --> 00:33:17,190
Elke koning in Israël is
net zo goddeloos geweest.

554
00:33:17,190 --> 00:33:21,750
“Is de val van het huis van David
een voorloper van de val van Israël?”

555
00:33:21,750 --> 00:33:26,610
Ja, hij heeft het hier in vers 4 over het
wreken van het bloedvergieten van Jizreël

556
00:33:26,610 --> 00:33:28,350
op het huis van Jehu.

557
00:33:28,350 --> 00:33:32,310
Dat betekent dat het huis
van Jehu gestraft zal worden.

558
00:33:32,310 --> 00:33:35,910
Met het huis van Jehu wordt
Jerobeam de Tweede bedoeld,

559
00:33:35,910 --> 00:33:38,010
want Jehu was al lang dood.

560
00:33:38,010 --> 00:33:40,950
Jerobeam leefde vier generaties later.

561
00:33:40,950 --> 00:33:43,770
Maar Jerobeam was op dat moment de koning.

562
00:33:43,770 --> 00:33:48,810
Wat er dus wordt voorspeld, is dat
het huis van Jehu, namelijk Jerobeam,

563
00:33:48,810 --> 00:33:52,650
de dynastie die Jehu had
gevestigd, vernietigd zal worden.

564
00:33:52,650 --> 00:33:55,950
Dat is eigenlijk alleen de
vernietiging van één dynastie.

565
00:33:55,950 --> 00:34:00,330
Het noordelijke koninkrijk had hiervoor
en hierna verschillende dynastieën.

566
00:34:00,330 --> 00:34:04,830
Maar er wordt gezegd dat, zoals
dit met deze dynastie zal gebeuren,

567
00:34:04,830 --> 00:34:09,630
het uiteindelijk ook met het hele
koninkrijk zal gebeuren. Er staat:

568
00:34:09,630 --> 00:34:13,830
Ik zal een einde maken aan het
koninkrijk van het huis van Israël.

569
00:34:13,830 --> 00:34:19,350
Dat het huis van Jehu geoordeeld wordt,
betekent niet dat Jehu zelf nog leeft,

570
00:34:19,350 --> 00:34:23,010
evenmin als wanneer de profeten
spreken over het brengen van een

571
00:34:23,010 --> 00:34:25,650
oordeel over het huis van David.

572
00:34:25,650 --> 00:34:28,950
David was al lang dood
toen die profeten spraken.

573
00:34:28,950 --> 00:34:32,550
Maar het sloeg op degene die
op dat moment koning was,

574
00:34:32,550 --> 00:34:36,510
de toenmalige nakomeling
van David in Jeruzalem.

575
00:34:36,510 --> 00:34:41,370
Zo verwijst ook het huis van Jehu naar
de vertegenwoordiger van zijn dynastie

576
00:34:41,370 --> 00:34:43,650
die op dat moment op de troon zat.

577
00:34:43,650 --> 00:34:49,890
De naam Jizreël betekent letterlijk
‘God zaait’ of ‘Jehovah zaait’.

578
00:34:49,890 --> 00:34:54,090
Dat is niet bijzonder belangrijk om
dit deel van de profetie te begrijpen.

579
00:34:54,090 --> 00:34:58,170
Maar de naam Jizreël komt
later in het boek opnieuw voor,

580
00:34:58,170 --> 00:35:02,970
in een verband waarin het een
woordspeling is op de woorden ‘God zaait’.

581
00:35:02,970 --> 00:35:06,210
We zullen wachten en dat
op dat moment bespreken.

582
00:35:06,210 --> 00:35:11,130
Het eerste kind is dus blijkbaar een
wettig kind en krijgt de naam Jizreël

583
00:35:11,130 --> 00:35:16,350
om duidelijk te maken dat er een oordeel
over het noordelijke koninkrijk zou komen.

584
00:35:16,350 --> 00:35:18,870
Het tweede kind is een dochter.

585
00:35:18,870 --> 00:35:24,150
Er worden sterke aanwijzingen gegeven
dat zij niet Hosea's eigen kind is.

586
00:35:24,150 --> 00:35:27,450
Want bedenk dat God in
vers 2 had gezegd dat

587
00:35:27,450 --> 00:35:30,450
deze vrouw kinderen
van hoererij zou baren.

588
00:35:30,450 --> 00:35:34,890
Er werden twee kinderen geboren die
blijkbaar voortkwamen uit hoererij,

589
00:35:34,890 --> 00:35:36,510
uit haar ontucht.

590
00:35:36,510 --> 00:35:39,690
Een van hen was Lo-Ruchama, een dochter.

591
00:35:39,690 --> 00:35:43,230
Het betekent ‘geen
barmhartigheid’. Hij zegt:

592
00:35:43,230 --> 00:35:46,890
Zij werd opnieuw zwanger,
en zij baarde een dochter.

593
00:35:46,890 --> 00:35:51,330
Daarop zei Hij tegen hem:
Geef haar de naam Lo-Ruchama,

594
00:35:51,330 --> 00:35:55,110
want Ik zal Mij voortaan niet meer
ontfermen over het huis van Israël,

595
00:35:55,110 --> 00:35:57,510
want Ik zal hen zeker wegvoeren.

596
00:35:57,510 --> 00:36:00,810
Maar over het huis van
Juda zal Ik Mij ontfermen,

597
00:36:00,810 --> 00:36:04,350
en Ik zal hen verlossen
door de HEERE, hun God.

598
00:36:04,350 --> 00:36:09,150
Ik zal hen echter niet verlossen
door boog, door zwaard, door strijd,

599
00:36:09,150 --> 00:36:11,550
door paarden of door ruiters.

600
00:36:11,550 --> 00:36:15,390
Hij zegt in wezen dat Juda nog
niet zo rijp is voor het oordeel

601
00:36:15,390 --> 00:36:17,490
als het noordelijke koninkrijk.

602
00:36:17,490 --> 00:36:21,390
Het noordelijke koninkrijk staat
op het punt vernietigd te worden,

603
00:36:21,390 --> 00:36:23,730
en wel door de Assyriërs natuurlijk.

604
00:36:23,730 --> 00:36:26,790
Maar het zuidelijke koninkrijk
was er nog niet aan toe.

605
00:36:26,790 --> 00:36:30,450
Daarom zouden de Assyriërs
Juda niet vernietigen.

606
00:36:30,450 --> 00:36:34,590
Hij verwijst naar iets waarover we
meer weten uit de historische boeken,

607
00:36:34,590 --> 00:36:36,870
wanneer Hij in vers 7 zegt:

608
00:36:36,870 --> 00:36:41,730
Toch zal Ik medelijden hebben met Juda
en hen redden door de Heer, hun God,

609
00:36:41,730 --> 00:36:46,290
en Ik zal hen niet redden met pijl en
boog, met het zwaard of door oorlog,

610
00:36:46,290 --> 00:36:48,450
en ook niet met paarden of ruiters.

611
00:36:48,450 --> 00:36:50,490
Waar heeft Hij het daar over?

612
00:36:50,490 --> 00:36:53,910
Kan iemand een historische
gebeurtenis bedenken waarnaar dat

613
00:36:53,910 --> 00:36:55,470
zou kunnen verwijzen?

614
00:36:55,470 --> 00:36:59,130
Toen de Assyriërs het noordelijke
koninkrijk vernietigden,

615
00:36:59,130 --> 00:37:04,650
wat in vers 6 wordt voorspeld, trokken
de Assyriërs vervolgens naar Juda.

616
00:37:04,650 --> 00:37:09,870
Ze verwoestten een heleboel steden van
Juda en trokken daarna op tegen Jeruzalem

617
00:37:09,870 --> 00:37:12,210
en sloegen er hun kamp tegen op.

618
00:37:12,210 --> 00:37:15,690
Maar Jeruzalem was nog niet
helemaal rijp voor het oordeel,

619
00:37:15,690 --> 00:37:17,730
zoals de profeet hier zegt.

620
00:37:17,730 --> 00:37:21,810
God spaarde Juda omdat koning Hizkia bad.

621
00:37:21,810 --> 00:37:26,130
En ze werden gespaard, maar niet
door strijd, niet door de boog,

622
00:37:26,130 --> 00:37:30,090
niet door paarden of
ruiters, of door het zwaard.

623
00:37:30,090 --> 00:37:33,930
Ze werden gered doordat een
engel van de Heere eropuit ging

624
00:37:33,930 --> 00:37:36,990
en de Assyriërs buiten de stad neersloeg.

625
00:37:36,990 --> 00:37:40,650
2 Koningen 19:35 vermeldt dit.

626
00:37:40,650 --> 00:37:42,570
Daar verwijst Hosea naar.

627
00:37:42,570 --> 00:37:46,050
Hij geeft geen bijzonderheden,
maar hij zegt dat God hen

628
00:37:46,050 --> 00:37:48,270
zonder oorlogvoering zal redden.

629
00:37:48,270 --> 00:37:53,790
De tekst lijkt te suggereren dat Hij hen
zal redden van dezelfde vijand die Israël,

630
00:37:53,790 --> 00:37:56,850
het noordelijke koninkrijk,
zal vernietigen.

631
00:37:56,850 --> 00:38:02,250
Op dit punt vermeldt hij alleen terloops
dat Juda nog niet helemaal rijp is.

632
00:38:02,250 --> 00:38:04,890
Later heeft hij dingen
tegen Juda te zeggen.

633
00:38:04,890 --> 00:38:08,070
Hij spreekt wel degelijk
tegen Juda, maar op dit punt

634
00:38:08,070 --> 00:38:12,990
zegt hij eenvoudig dat wanneer Israël
valt, Juda niet meteen zal vallen,

635
00:38:12,990 --> 00:38:16,050
maar dat God hen op dat moment zal sparen.

636
00:38:16,050 --> 00:38:20,130
Juda viel niet in de Assyrische
periode, zoals Israël.

637
00:38:20,130 --> 00:38:23,610
Juda viel later, in de
Babylonische periode.

638
00:38:23,610 --> 00:38:27,930
Het derde kind is opnieuw een zoon,
en blijkbaar ook een onwettig kind.

639
00:38:27,930 --> 00:38:32,970
Hij krijgt de naam Lo-Ammi, wat
‘geen familie van mij’ betekent,

640
00:38:32,970 --> 00:38:36,870
of letterlijk ‘niet
mijn volk’. En Hij zegt:

641
00:38:36,870 --> 00:38:42,030
Want jullie zijn Mijn volk niet
en Ik zal jullie God niet zijn.

642
00:38:42,030 --> 00:38:46,290
Ik maak hier soms een punt van,
misschien vaker dan je hoeft te horen,

643
00:38:46,290 --> 00:38:49,110
vanwege mijn achtergrond
en de dingen die ik

644
00:38:49,110 --> 00:38:51,810
christenen heb zien doen en horen zeggen.

645
00:38:51,810 --> 00:38:54,330
Ik wil daar altijd op reageren.

646
00:38:54,330 --> 00:38:58,110
Als je niet dezelfde dingen
hebt gezien of gehoord als ik,

647
00:38:58,110 --> 00:39:01,350
heb je misschien het gevoel
dat ik overdreven reageer.

648
00:39:01,350 --> 00:39:05,070
Maar ik ben heel vaak de houding
tegenover Israël tegengekomen

649
00:39:05,070 --> 00:39:10,710
die bij de bedelingenleer hoort: dat
Israël, de mensen van Israël vandaag,

650
00:39:10,710 --> 00:39:13,230
Gods uitverkoren volk zijn.

651
00:39:13,230 --> 00:39:17,070
Het doet er niet toe dat de meesten
van hen niet in God geloven,

652
00:39:17,070 --> 00:39:21,570
en dat van degenen die dat wel doen,
de meesten niet in Jezus geloven.

653
00:39:21,570 --> 00:39:24,150
Het doet er niet toe dat ze net zozeer in

654
00:39:24,150 --> 00:39:28,590
opstand zijn tegen Jezus Christus
en Zijn Koninkrijk en Zijn gemeente

655
00:39:28,590 --> 00:39:31,950
als ze ooit waren in de
dagen van de apostel Paulus.

656
00:39:31,950 --> 00:39:36,390
Dat doet er allemaal niet toe;
ze zijn hoe dan ook Gods volk.

657
00:39:36,390 --> 00:39:39,270
Omdat God hen ooit als Zijn volk had,

658
00:39:39,270 --> 00:39:43,110
moeten ze voor altijd en
onvoorwaardelijk Zijn volk zijn.

659
00:39:43,110 --> 00:39:46,170
Dat is de opvatting van
veel christenen vandaag.

660
00:39:46,170 --> 00:39:50,430
Uit die opvatting komen bepaalde
vormen van buitenlands beleid voort

661
00:39:50,430 --> 00:39:53,970
die in sommige gevallen niet
noodzakelijk zo rechtvaardig zijn,

662
00:39:53,970 --> 00:39:57,070
en in veel gevallen
beslist niet christelijk:

663
00:39:57,070 --> 00:40:01,110
Israël steunen in bepaalde
oorlogen waarin het betrokken is,

664
00:40:01,110 --> 00:40:05,910
om geen andere reden dan dat wij denken
dat zij Gods uitverkoren volk zijn.

665
00:40:05,910 --> 00:40:09,210
Zijn zij vandaag Gods uitverkoren volk?

666
00:40:09,210 --> 00:40:13,110
Hosea richt zich hier natuurlijk
niet noodzakelijk tot Israël vandaag,

667
00:40:13,110 --> 00:40:16,590
maar hij richt zich tot
Israël in zijn eigen tijd.

668
00:40:16,590 --> 00:40:22,050
Ze waren Gods uitverkoren volk geweest;
daar bestaat geen twijfel over.

669
00:40:22,050 --> 00:40:26,430
Ze waren afstammelingen
van Abraham, Izak en Jakob.

670
00:40:26,430 --> 00:40:30,030
Maar wat zegt Hij over hen? God zegt:

671
00:40:30,030 --> 00:40:32,190
Jullie zijn Mijn volk niet.

672
00:40:32,190 --> 00:40:38,070
De naam Lo-Ammi, de naam van deze
jongen, vertegenwoordigt die boodschap.

673
00:40:38,070 --> 00:40:42,990
God heeft hen verstoten vanwege
hun ongeloof en hun afvalligheid.

674
00:40:42,990 --> 00:40:47,610
Jullie zijn Mijn volk niet;
Ik zal jullie God niet zijn.

675
00:40:47,610 --> 00:40:51,570
Dat is de boodschap die met de
geboorte van dit kind gepaard gaat.

676
00:40:51,570 --> 00:40:55,350
Zoals dit kind buitenechtelijk
was, en het vorige ook,

677
00:40:55,350 --> 00:40:58,890
zo zijn de Joden die geen
aanbidders van Jehovah zijn,

678
00:40:58,890 --> 00:41:04,530
en vandaag niet gehoorzaam zijn
aan Jezus Christus, niet Gods volk.

679
00:41:04,530 --> 00:41:07,830
Ze zijn als het ware
buitenechtelijke kinderen.

680
00:41:07,830 --> 00:41:11,250
Dat klinkt natuurlijk als een
heel antisemitische opmerking,

681
00:41:11,250 --> 00:41:15,390
maar het geldt eigenlijk alleen
voor de Joden die ongelovig zijn.

682
00:41:15,390 --> 00:41:20,970
Hetzelfde zou in zekere zin gezegd kunnen
worden van heidenen die ongelovig zijn.

683
00:41:20,970 --> 00:41:23,490
We doen geen uitspraak over ras.

684
00:41:23,490 --> 00:41:28,230
We zeggen eenvoudig dat mensen een valse
aanspraak maken als ze niet in Jezus

685
00:41:28,230 --> 00:41:32,190
Christus geloven en toch
beweren Gods volk te zijn.

686
00:41:32,190 --> 00:41:38,010
Sinds Jezus gekomen is, zou het onmogelijk
zijn om gehoorzaam te zijn aan God en

687
00:41:38,010 --> 00:41:41,490
ongehoorzaam aan Jezus, want Jezus zei:

688
00:41:41,490 --> 00:41:45,390
Wie u ontvangt, ontvangt
Mij; en wie Mij ontvangt,

689
00:41:45,390 --> 00:41:47,970
ontvangt Hem Die Mij gezonden heeft.

690
00:41:47,970 --> 00:41:53,250
Het is altijd zo geweest dat als de
Joden God verwerpen, God hen verwerpt.

691
00:41:53,250 --> 00:41:58,350
Sinds de komst van Jezus is Jezus
verwerpen hetzelfde als God verwerpen.

692
00:41:58,350 --> 00:42:04,290
En dus zijn de Joden die niet in Jezus
geloven eenvoudigweg niet Gods volk.

693
00:42:04,290 --> 00:42:08,790
Als ze beweren Gods volk te zijn of
zichzelf als Gods kinderen beschouwen,

694
00:42:08,790 --> 00:42:12,690
dan maken ze in werkelijkheid
een onrechtmatige aanspraak.

695
00:42:12,690 --> 00:42:15,810
Net zoals dit kind de zoon
van Hosea leek te zijn.

696
00:42:15,810 --> 00:42:19,590
Hij was geboren uit Hosea's
vrouw, in Hosea's huis,

697
00:42:19,590 --> 00:42:22,170
en werd waarschijnlijk in
zijn huis grootgebracht,

698
00:42:22,170 --> 00:42:24,450
maar was niet werkelijk zijn kind.

699
00:42:24,450 --> 00:42:29,010
Hij had niet Hosea's bloed in zijn
aderen, had niet Hosea's aard.

700
00:42:29,010 --> 00:42:31,650
Hij was van een totaal ander slag.

701
00:42:31,650 --> 00:42:36,690
En zo zei Jezus tegen de Joden van
Zijn eigen tijd, die ook afvallig waren

702
00:42:36,690 --> 00:42:37,830
— zij zeiden:

703
00:42:37,830 --> 00:42:40,230
U doet de werken van uw vader.

704
00:42:40,230 --> 00:42:44,250
Zij zeiden dan tegen Hem: Wij
zijn niet geboren uit hoererij;

705
00:42:44,250 --> 00:42:47,250
wij hebben één Vader, namelijk God.

706
00:42:47,250 --> 00:42:50,970
Weet je dat nog? Dat staat
in Johannes hoofdstuk 8.

707
00:42:50,970 --> 00:42:53,130
Ik zal het versnummer daar even opzoeken,

708
00:42:53,130 --> 00:42:57,810
want God sprak over bepaalde Israëlieten
die uit hoererij geboren waren,

709
00:42:57,810 --> 00:42:59,970
zoals de kinderen van Hosea.

710
00:42:59,970 --> 00:43:04,950
De Joden namen er aanstoot aan, omdat ze
dachten dat Jezus suggereerde dat ze uit

711
00:43:04,950 --> 00:43:06,870
hoererij geboren waren.

712
00:43:06,870 --> 00:43:10,050
Johannes 8, vers 39 en verder:

713
00:43:10,050 --> 00:43:14,610
Zij antwoordden en zeiden tegen
Hem: Abraham is onze vader.

714
00:43:14,610 --> 00:43:18,270
Jezus zei tegen hen: Als
u Abrahams kinderen was,

715
00:43:18,270 --> 00:43:20,670
zou u de werken van Abraham doen.

716
00:43:20,670 --> 00:43:25,470
Maar nu probeert u Mij te doden, een Mens
Die de waarheid tot u gesproken heeft,

717
00:43:25,470 --> 00:43:27,510
die Ik van God gehoord heb.

718
00:43:27,510 --> 00:43:29,190
Dat deed Abraham niet.

719
00:43:29,190 --> 00:43:31,050
U doet de werken van uw vader.

720
00:43:31,050 --> 00:43:35,190
Zij zeiden dan tegen Hem: Wij
zijn niet geboren uit hoererij;

721
00:43:35,190 --> 00:43:37,770
wij hebben één Vader, namelijk God.

722
00:43:37,770 --> 00:43:41,370
Daarmee suggereert Hij dat hun
vader iemand anders is dan Abraham.

723
00:43:41,370 --> 00:43:45,270
Jezus suggereerde dat ze geen
kinderen van Abraham waren,

724
00:43:45,270 --> 00:43:47,970
en ze begrepen niet
helemaal wat Hij bedoelde.

725
00:43:47,970 --> 00:43:50,910
Hij bedoelde dat ze
niet tot het geestelijke

726
00:43:50,910 --> 00:43:55,950
nageslacht van Abraham behoorden, want
degenen die tot dat nageslacht behoren,

727
00:43:55,950 --> 00:43:58,350
doen dezelfde werken als Abraham.

728
00:43:58,350 --> 00:44:01,950
Het geestelijke nageslacht
van Abraham is de gemeente,

729
00:44:01,950 --> 00:44:05,190
zoals Paulus ons vertelt
in Galaten hoofdstuk 3.

730
00:44:05,190 --> 00:44:08,310
En wat Jezus tegen de Joden
van Zijn tijd zegt, is:

731
00:44:08,310 --> 00:44:12,870
Jullie horen niet bij die nakomelingen,
omdat jullie niet doen wat Abraham doet.

732
00:44:12,870 --> 00:44:14,910
Jullie hebben zijn geloof niet.

733
00:44:14,910 --> 00:44:17,790
Daarom kunnen jullie er niet
terecht aanspraak op maken

734
00:44:17,790 --> 00:44:19,710
kinderen van Abraham te zijn.

735
00:44:19,710 --> 00:44:23,970
Dat begrepen ze niet, en ze dachten dat
Hij de wettigheid van hun Joodse geboorte

736
00:44:23,970 --> 00:44:28,650
in twijfel trok door te zeggen dat
ze geen kinderen van Abraham waren.

737
00:44:28,650 --> 00:44:33,450
Ze wisten dat ze hun afstamming tot
hem konden terugvoeren. Dus zeiden ze:

738
00:44:33,450 --> 00:44:35,970
Wij zijn niet uit ontucht geboren.

739
00:44:35,970 --> 00:44:39,930
Wat, beschuldigt U ons ervan
kinderen van hoererij te zijn?

740
00:44:39,930 --> 00:44:43,470
Dat was precies wat Hij
zei. En ze beweerden:

741
00:44:43,470 --> 00:44:45,630
God is onze Vader.

742
00:44:45,630 --> 00:44:47,850
Toen moest Jezus dat rechtzetten.

743
00:44:47,850 --> 00:44:50,010
In vers 42 zei Hij:

744
00:44:50,010 --> 00:44:55,530
Jezus dan zei tegen hen: Als God
uw Vader was, zou u Mij liefhebben;

745
00:44:55,530 --> 00:44:58,410
want Ik ben van God uitgegaan en gekomen.

746
00:44:58,410 --> 00:45:02,790
Want Ik ben ook niet uit Mijzelf
gekomen, maar Hij heeft Mij gezonden.

747
00:45:02,790 --> 00:45:05,670
Maar verderop, in vers 44, zegt Hij:

748
00:45:05,670 --> 00:45:10,290
U bent uit uw vader de duivel, en
wilt de begeerten van uw vader doen;

749
00:45:10,290 --> 00:45:14,490
die was een mensenmoordenaar van het
begin af, en staat niet in de waarheid,

750
00:45:14,490 --> 00:45:16,770
want er is in hem geen waarheid.

751
00:45:16,770 --> 00:45:20,910
Wanneer hij de leugen spreekt,
spreekt hij vanuit wat van hemzelf is,

752
00:45:20,910 --> 00:45:24,210
want hij is een leugenaar
en de vader van de leugen.

753
00:45:24,210 --> 00:45:28,710
Jullie lijken uiterlijk Gods kinderen te
zijn, omdat jullie tot Israël behoren,

754
00:45:28,710 --> 00:45:32,910
maar jullie hebben in werkelijkheid een
andere natuur dan Gods kinderen hebben.

755
00:45:32,910 --> 00:45:37,350
Jullie zijn geboren uit een periode
van Israëls hoererij en het heulen met

756
00:45:37,350 --> 00:45:40,710
demonen, met afgoden, met de duivel zelf.

757
00:45:40,710 --> 00:45:44,910
En dus zijn jullie als kinderen
van hoererij, zegt Hij tegen hen.

758
00:45:44,910 --> 00:45:48,570
Zo begrepen ze het ook, en ze
zeiden: ‘Dat zijn we niet.’

759
00:45:48,570 --> 00:45:51,090
Maar dat waren ze wel, in dezelfde zin

760
00:45:51,090 --> 00:45:54,990
waarin Hosea zei dat de Joden
in zijn dagen dat waren.

761
00:45:54,990 --> 00:45:58,230
Als zodanig waren ze geen familie van God.

762
00:45:58,230 --> 00:45:59,970
Ze zijn niet Gods volk.

763
00:45:59,970 --> 00:46:02,190
Ze zijn niet de kinderen van God.

764
00:46:02,190 --> 00:46:05,400
Als je naar Romeinen
hoofdstuk 9, vers 8 kijkt:

765
00:46:05,400 --> 00:46:08,730
Romeinen 9 is het begin
van een bespreking van

766
00:46:08,730 --> 00:46:11,970
meerdere hoofdstukken over de
huidige positie van Israël.

767
00:46:11,970 --> 00:46:16,110
In hoofdstuk 9, vers 8 van Romeinen staat:

768
00:46:16,110 --> 00:46:20,370
Dat is: niet de kinderen van
het vlees zijn kinderen van God,

769
00:46:20,370 --> 00:46:24,690
maar de kinderen van de belofte
worden als nageslacht gerekend.

770
00:46:24,690 --> 00:46:28,110
Daarmee worden Abrahams
kinderen naar het vlees bedoeld.

771
00:46:28,110 --> 00:46:31,950
Hij zegt dus, in tegenstelling
tot wat algemeen wordt geloofd,

772
00:46:31,950 --> 00:46:35,070
dat de kinderen naar het vlees
die van Abraham afstammen,

773
00:46:35,070 --> 00:46:39,030
namelijk het Joodse volk,
niet de kinderen van God zijn.

774
00:46:39,030 --> 00:46:44,070
In elk geval niet enkel op grond van het
feit dat ze kinderen naar het vlees zijn.

775
00:46:44,070 --> 00:46:47,070
Als ze in Christus
geloven, zijn ze dat wel,

776
00:46:47,070 --> 00:46:50,490
maar dat staat helemaal los van
hun verwantschap met Abraham.

777
00:46:50,490 --> 00:46:53,670
Want degenen onder ons die
niet aan Abraham verwant zijn,

778
00:46:53,670 --> 00:46:55,470
zijn ook kinderen van God.

779
00:46:55,470 --> 00:46:59,670
Wat hij dus zegt, is dat
nationale afstamming van Israël,

780
00:46:59,670 --> 00:47:05,670
of nationaal burgerschap, of afstamming
van het nationale of natuurlijke Israël,

781
00:47:05,670 --> 00:47:10,710
op geen enkele manier garandeert
dat mensen werkelijk Gods volk zijn.

782
00:47:10,710 --> 00:47:14,670
Deze namen, Geen Barmhartigheid
en Niet Mijn Volk,

783
00:47:14,670 --> 00:47:19,290
komen terug in de rest van dit
hoofdstuk en in hoofdstuk 2,

784
00:47:19,290 --> 00:47:22,050
in een profetie over wat God zal doen

785
00:47:22,050 --> 00:47:27,390
wanneer Hij mensen die voorheen niet Zijn
volk waren als Zijn volk zal aannemen.

786
00:47:27,390 --> 00:47:31,230
De bewoordingen van
hoofdstuk 1, vers 10 en 11,

787
00:47:31,230 --> 00:47:34,470
klinken als een herstel
van het natuurlijke Israël.

788
00:47:34,470 --> 00:47:37,950
Maar ik geloof dat we
verschillende Schriftgedeelten

789
00:47:37,950 --> 00:47:42,390
naast elkaar kunnen leggen om dit te
zien als een beeld van de gemeente.

790
00:47:42,390 --> 00:47:45,390
In hoofdstuk 1, vers 10 staat:

791
00:47:45,390 --> 00:47:49,890
Toch zal het aantal Israëlieten
zijn als het zand van de zee,

792
00:47:49,890 --> 00:47:53,250
dat niet gemeten en
niet geteld kan worden.

793
00:47:53,250 --> 00:47:57,390
En het zal gebeuren dat in de
plaats waar tegen hen gezegd is:

794
00:47:57,390 --> 00:48:03,930
U bent niet Mijn volk, tegen hen gezegd
zal worden: Kinderen van de levende God.

795
00:48:03,930 --> 00:48:09,090
Dan zullen de Judeeërs bijeengebracht
worden samen met de Israëlieten.

796
00:48:09,090 --> 00:48:13,770
Zij zullen voor zich één Hoofd
aanstellen en uit het land oprukken;

797
00:48:13,770 --> 00:48:16,950
want groot zal de dag van Jizreël zijn.

798
00:48:16,950 --> 00:48:21,210
‘U bent niet Mijn volk’:
dat is wat Lo-Ammi betekent.

799
00:48:21,210 --> 00:48:22,290
Er staat:

800
00:48:22,290 --> 00:48:26,070
Toch zal het aantal Israëlieten
zijn als het zand van de zee,

801
00:48:26,070 --> 00:48:29,190
dat niet gemeten en
niet geteld kan worden.

802
00:48:29,190 --> 00:48:32,910
Gaat dit over het natuurlijke
Israël of het geestelijke Israël?

803
00:48:32,910 --> 00:48:37,350
Het grijpt natuurlijk terug op de
belofte die aan Abraham werd gedaan.

804
00:48:37,350 --> 00:48:39,150
Tegen Abraham werd gezegd:

805
00:48:39,150 --> 00:48:44,310
zal Ik u zeker rijk zegenen en
uw nageslacht zeer talrijk maken,

806
00:48:44,310 --> 00:48:48,990
als de sterren aan de hemel en als het
zand dat aan de oever van de zee is.

807
00:48:48,990 --> 00:48:53,190
Uw nageslacht zal de poort van
zijn vijanden in bezit hebben.

808
00:48:53,190 --> 00:48:57,810
En toch vertelt het Nieuwe Testament
ons dat het ware zaad van Abraham

809
00:48:57,810 --> 00:49:02,670
op wie dit van toepassing is,
deze grote ontelbare menigte,

810
00:49:02,670 --> 00:49:06,570
niet het natuurlijke zaad is,
maar het geestelijke zaad.

811
00:49:06,570 --> 00:49:10,410
In Galaten 3, vers 16 zegt Paulus:

812
00:49:10,410 --> 00:49:15,870
Welnu, zo zijn de beloften aan
Abraham en aan zijn nageslacht gedaan.

813
00:49:15,870 --> 00:49:21,090
Hij zegt niet: En aan de nageslachten,
alsof er sprake zou zijn van velen;

814
00:49:21,090 --> 00:49:26,730
maar van één: En aan uw
Nageslacht; dat is Christus.

815
00:49:26,730 --> 00:49:29,970
Later in hetzelfde hoofdstuk
wijst hij er dan op:

816
00:49:29,970 --> 00:49:35,430
En als u van Christus bent, dan bent u
Abrahams nageslacht en overeenkomstig

817
00:49:35,430 --> 00:49:37,470
de belofte erfgenamen.

818
00:49:37,470 --> 00:49:41,370
Dat is Galaten 3:29.

819
00:49:41,370 --> 00:49:45,930
De beloften over de ontelbare
menigten die van Abraham afstammen,

820
00:49:45,930 --> 00:49:50,370
zijn dus van toepassing op Christus
en degenen die in Christus zijn,

821
00:49:50,370 --> 00:49:53,430
die volgens de belofte de erfgenamen zijn.

822
00:49:53,430 --> 00:49:55,590
De beloften hebben betrekking op hen.

823
00:49:55,590 --> 00:49:58,770
Dat lijkt in deze passage
in elk geval zo te zijn.

824
00:49:58,770 --> 00:50:03,090
Hij zegt de kinderen van Israël, waarmee
Hij het geestelijke Israël bedoelt,

825
00:50:03,090 --> 00:50:05,250
niet het natuurlijke Israël.

826
00:50:05,250 --> 00:50:09,990
En vergeet niet dat het natuurlijke
Israël de gemeenschap vormde waaruit het

827
00:50:09,990 --> 00:50:12,210
geestelijke Israël is ontstaan.

828
00:50:12,210 --> 00:50:15,990
Het overblijfsel van het
natuurlijke Israël ging als eerste

829
00:50:15,990 --> 00:50:18,270
het geestelijke Israël binnen.

830
00:50:18,270 --> 00:50:23,010
Zij waren de eerste leden van de
gemeente, vele tienduizenden van hen.

831
00:50:23,010 --> 00:50:26,190
De eerstelingen van de
gemeente waren allemaal Joden,

832
00:50:26,190 --> 00:50:29,370
deel van het gelovige
overblijfsel van Israël.

833
00:50:29,370 --> 00:50:34,110
Maar vervolgens zijn wij heidenen
daar natuurlijk eenvoudigweg in geënt.

834
00:50:34,110 --> 00:50:36,450
We zijn daar gewoon deel van geworden.

835
00:50:36,450 --> 00:50:40,290
Het ware Israël van God was
de gemeente op de Pinksterdag,

836
00:50:40,290 --> 00:50:44,550
de drieduizend Joden die geloofden,
in tegenstelling tot alle andere

837
00:50:44,550 --> 00:50:46,410
Joden die niet geloofden.

838
00:50:46,410 --> 00:50:49,410
Daarna werden er nog vele
duizenden toegevoegd,

839
00:50:49,410 --> 00:50:53,670
en uiteindelijk begonnen er mondjesmaat
enkele heidenen bij te komen.

840
00:50:53,670 --> 00:50:59,490
Maar waar zij deel van gingen uitmaken,
was dit Israël, dit geestelijke Israël.

841
00:50:59,490 --> 00:51:03,570
Ze werden als het ware
proselieten van het ware Israël.

842
00:51:03,570 --> 00:51:07,950
En nu is het zo dat het kleine stroompje
heidenen is veranderd in een grote vloed

843
00:51:07,950 --> 00:51:12,570
van heidenen, zodat de heidenen
inmiddels talrijker zijn dan de Joden.

844
00:51:12,570 --> 00:51:14,910
Maar het is nog steeds dezelfde groep.

845
00:51:14,910 --> 00:51:17,310
Het is nog steeds dezelfde eenheid.

846
00:51:17,310 --> 00:51:20,130
Het is nog steeds het geestelijke Israël.

847
00:51:20,130 --> 00:51:22,710
Het is nog steeds dezelfde olijfboom,

848
00:51:22,710 --> 00:51:25,530
ook al zijn sommige
natuurlijke takken afgebroken

849
00:51:25,530 --> 00:51:29,550
en zijn er enkele niet-natuurlijke
takken, heidenen, in geënt.

850
00:51:29,550 --> 00:51:31,950
Het is nog steeds dezelfde boom.

851
00:51:31,950 --> 00:51:34,110
Dit is het Israël van God.

852
00:51:34,110 --> 00:51:38,970
De vervulling van vers 10 ligt dus
in de gemeente, het Israël van God.

853
00:51:38,970 --> 00:51:42,210
Hoewel God het natuurlijke
Israël zal vernietigen

854
00:51:42,210 --> 00:51:44,910
en hen niet langer als
de Zijnen zal erkennen,

855
00:51:44,910 --> 00:51:49,530
zegt Hij dat het ware Israël nog
steeds een ontelbare menigte zal zijn.

856
00:51:49,530 --> 00:51:51,870
Aan het einde van vers 10 zegt Hij:

857
00:51:51,870 --> 00:51:55,890
Toen zij Lo-Ruchama niet meer de
borst gaf, werd zij weer zwanger,

858
00:51:55,890 --> 00:51:57,930
en zij baarde een zoon.

859
00:51:57,930 --> 00:52:04,050
En Hij zei: Geef hem de naam Lo-Ammi,
want u bent niet Mijn volk en Ík

860
00:52:04,050 --> 00:52:05,790
zal er voor u niet zijn.

861
00:52:05,790 --> 00:52:09,210
Toch zal het aantal Israëlieten
zijn als het zand van de zee,

862
00:52:09,210 --> 00:52:12,090
dat niet gemeten en
niet geteld kan worden.

863
00:52:12,090 --> 00:52:15,630
En het zal gebeuren dat in de
plaats waar tegen hen gezegd is:

864
00:52:15,630 --> 00:52:21,930
U bent niet Mijn volk, tegen hen gezegd
zal worden: Kinderen van de levende God.

865
00:52:21,930 --> 00:52:26,310
Dan zullen de Judeeërs bijeengebracht
worden samen met de Israëlieten.

866
00:52:26,310 --> 00:52:30,630
Zij zullen voor zich één Hoofd
aanstellen en uit het land oprukken;

867
00:52:30,630 --> 00:52:33,630
want groot zal de dag van Jizreël zijn.

868
00:52:33,630 --> 00:52:37,830
Het klinkt alsof Hij alleen maar zegt
dat die Joden in de tijd van Hosea,

869
00:52:37,830 --> 00:52:41,130
van wie werd gezegd dat
ze niet Zijn volk waren,

870
00:52:41,130 --> 00:52:45,390
ooit vervangen zullen worden door
Joden tegen wie God zal zeggen:

871
00:52:45,390 --> 00:52:49,410
Jullie zijn Mijn volk,
jullie zijn Mijn zonen.

872
00:52:49,410 --> 00:52:51,030
Maar dat staat er niet.

873
00:52:51,030 --> 00:52:53,550
Wat er werkelijk staat, is dat de Joden,

874
00:52:53,550 --> 00:52:56,640
die op dat moment niet
langer Zijn volk waren,

875
00:52:56,640 --> 00:53:02,190
vervangen zullen worden door heidenen die
zonen van de levende God zullen worden.

876
00:53:02,190 --> 00:53:07,110
Dat wil zeggen: mensen die ooit
niet Gods volk waren, de heidenen,

877
00:53:07,110 --> 00:53:08,850
zullen kinderen van God worden.

878
00:53:08,850 --> 00:53:10,590
Hoe durf ik dat te zeggen?

879
00:53:10,590 --> 00:53:12,510
Omdat Paulus dat zegt.

880
00:53:12,510 --> 00:53:18,690
Hij haalt dit vers aan in
Romeinen 9:22 tot en met 26:

881
00:53:18,690 --> 00:53:23,070
En is het niet zo dat God, omdat Hij
Zijn toorn wilde bewijzen en Zijn

882
00:53:23,070 --> 00:53:27,510
macht bekendmaken, met veel geduld
de voorwerpen van Zijn toorn,

883
00:53:27,510 --> 00:53:30,750
voor het verderf
gereedgemaakt, verdragen heeft?

884
00:53:30,750 --> 00:53:35,070
En dat met het doel om de rijkdom van
Zijn heerlijkheid bekend te maken over de

885
00:53:35,070 --> 00:53:40,410
voorwerpen van Zijn ontferming, die Hij
van tevoren bereid heeft tot heerlijkheid?

886
00:53:40,410 --> 00:53:44,730
Hen heeft Hij ook geroepen, namelijk
ons, niet alleen uit de Joden,

887
00:53:44,730 --> 00:53:46,710
maar ook uit de heidenen.

888
00:53:46,710 --> 00:53:51,930
Zoals Hij ook in Hosea zegt: Ik zal
Niet-Mijn-volk noemen: Mijn volk,

889
00:53:51,930 --> 00:53:54,690
en de Niet-geliefde: Geliefde.

890
00:53:54,690 --> 00:53:58,530
En het zal zijn dat op de plaats
waar tegen hen gezegd was:

891
00:53:58,530 --> 00:54:02,610
U bent Niet-Mijn-volk, daar
zullen zij kinderen van de levende

892
00:54:02,610 --> 00:54:04,170
God genoemd worden.

893
00:54:04,170 --> 00:54:10,830
Trouwens, Hosea 8:8 noemt de Joden uit
zijn tijd vaten waarin geen behagen is.

894
00:54:10,830 --> 00:54:13,590
_[Vertalersnoot: De spreker legt
een verband tussen het Engelse

895
00:54:13,590 --> 00:54:18,150
‘vessels’ in Hosea 8:8 en Romeinen 9.

896
00:54:18,150 --> 00:54:21,150
De Nederlandse citaten
gebruiken verschillende woorden:

897
00:54:21,150 --> 00:54:24,210
in Hosea een pot waaraan
niemand waarde hecht,

898
00:54:24,210 --> 00:54:28,230
in Romeinen voorwerpen
van toorn en ontferming.]_

899
00:54:28,230 --> 00:54:31,530
De ongelovige Joden
waren de vaten van toorn,

900
00:54:31,530 --> 00:54:34,350
de vaten waarin God geen behagen had.

901
00:54:34,350 --> 00:54:37,950
Hosea 8:8 gebruikt die
uitdrukking voor hen.

902
00:54:37,950 --> 00:54:42,210
Paulus zegt dat God deze vaten van
toorn lange tijd met groot geduld heeft

903
00:54:42,210 --> 00:54:47,010
verdragen, zodat Hij, in
vers 23, bekend zou maken:

904
00:54:47,010 --> 00:54:50,910
De rijkdom van Zijn glorie voor de
mensen met wie Hij medelijden heeft.

905
00:54:50,910 --> 00:54:56,130
Er zijn twee soorten vaten: vaten van
toorn en vaten van barmhartigheid.

906
00:54:56,130 --> 00:55:00,870
Het natuurlijke Israël dat de Messias
verwerpt, bestaat uit vaten van toorn.

907
00:55:00,870 --> 00:55:05,370
Degenen die de Messias aannemen,
maken deel uit van het ware Israël,

908
00:55:05,370 --> 00:55:07,350
de vaten van barmhartigheid:

909
00:55:07,350 --> 00:55:11,130
Die Hij van tevoren had voorbereid
om in Zijn glorie te delen.

910
00:55:11,130 --> 00:55:13,170
Kijk naar vers 24:

911
00:55:13,170 --> 00:55:15,090
Ook wij, De gemeente.

912
00:55:15,090 --> 00:55:19,050
Dus de vaten van barmhartigheid
begonnen met een Joods overblijfsel,

913
00:55:19,050 --> 00:55:22,110
maar nu maken ook heidenen
deel uit van dit vat.

914
00:55:22,110 --> 00:55:25,350
Kijk dan naar vers 25 en 26:

915
00:55:25,350 --> 00:55:31,350
Zoals Hij ook in Hosea zegt: Ik zal
Niet-Mijn-volk noemen: Mijn volk,

916
00:55:31,350 --> 00:55:34,050
en de Niet-geliefde: Geliefde.

917
00:55:34,050 --> 00:55:37,470
En het zal zijn dat op de plaats
waar tegen hen gezegd was:

918
00:55:37,470 --> 00:55:41,190
U bent Niet-Mijn-volk, daar
zullen zij kinderen van de levende

919
00:55:41,190 --> 00:55:42,690
God genoemd worden.

920
00:55:42,690 --> 00:55:46,050
Hij haalt hier twee verschillende
verzen uit Hosea aan.

921
00:55:46,050 --> 00:55:50,850
Het eerste dat hij aanhaalt,
komt uit Hosea 2:22.

922
00:55:50,850 --> 00:55:56,970
Het tweede komt uit Hosea 1, dat we
zojuist hebben gelezen, Hosea 1:10.

923
00:55:56,970 --> 00:56:01,590
Hij voegt ze samen, maar beide gaan
over mensen die niet Gods volk waren en

924
00:56:01,590 --> 00:56:03,690
later Gods volk worden genoemd.

925
00:56:03,690 --> 00:56:06,870
Op wie past Paulus dit toe? Op heidenen.

926
00:56:06,870 --> 00:56:10,350
Hij benadrukt dat God ook heidenen
tot de vaten van barmhartigheid

927
00:56:10,350 --> 00:56:11,790
zou laten behoren.

928
00:56:11,790 --> 00:56:15,630
Hij haalt Hosea aan om dat duidelijk
te maken, om het te bewijzen.

929
00:56:15,630 --> 00:56:20,040
Dus ook al klinken Hosea's woorden
misschien alsof hij tegen diezelfde Joden,

930
00:56:20,040 --> 00:56:25,290
die nu niet Zijn volk waren, zegt dat ze
later Zijn volk genoemd zouden worden,

931
00:56:25,290 --> 00:56:31,350
Paulus begrijpt deze passage in Hosea
1:10 zo dat die gaat over heidenen.

932
00:56:31,350 --> 00:56:35,430
Zij waren in de tijd van het Oude
Testament niet Gods volk en worden

933
00:56:35,430 --> 00:56:39,090
onder het nieuwe verbond Gods
volk, in het nieuwe Israël.

934
00:56:39,090 --> 00:56:42,810
Dat is dus waar Hosea
1:10 en 11 over gaan.

935
00:56:42,810 --> 00:56:47,550
Hoe zit het in dit verband
met vers 11, Hosea 1:11?

936
00:56:47,550 --> 00:56:51,750
Dan zullen de Judeeërs bijeengebracht
worden samen met de Israëlieten.

937
00:56:51,750 --> 00:56:55,890
Zij zullen voor zich één Hoofd
aanstellen en uit het land oprukken;

938
00:56:55,890 --> 00:56:58,770
want groot zal de dag van Jizreël zijn.

939
00:56:58,770 --> 00:57:05,130
Ik weet niet hoe het met jou zit, maar dit
doet mij heel sterk denken aan Efeze 2:15.

940
00:57:05,130 --> 00:57:08,010
Israël en Juda worden
hier afzonderlijk genoemd,

941
00:57:08,010 --> 00:57:11,730
maar waarschijnlijk omdat sinds de
Babylonische ballingschap alle Joden tot

942
00:57:11,730 --> 00:57:16,050
Juda hebben behoord, met een paar
vertegenwoordigers van de andere stammen.

943
00:57:16,050 --> 00:57:20,490
Dat is grotendeels de reden waarom we
het woord Joden voor hen gebruiken.

944
00:57:20,490 --> 00:57:22,710
Jood komt van het woord Juda.

945
00:57:22,710 --> 00:57:26,310
Bedenk dat het noordelijke
koninkrijk voorgoed werd vernietigd.

946
00:57:26,310 --> 00:57:30,870
Het zuidelijke koninkrijk Juda, dat
voornamelijk uit de stam Juda bestond,

947
00:57:30,870 --> 00:57:33,630
ging in ballingschap, maar keerde terug.

948
00:57:33,630 --> 00:57:37,470
Toen Jezus kwam, waren eigenlijk
alleen die mensen nog over.

949
00:57:37,470 --> 00:57:40,110
Er waren nog wat achterblijvers
uit de andere stammen,

950
00:57:40,110 --> 00:57:43,890
maar het was vooral de stam Juda
die door de overgebleven Joden werd

951
00:57:43,890 --> 00:57:46,710
vertegenwoordigd, en nog
steeds wordt vertegenwoordigd.

952
00:57:46,710 --> 00:57:51,810
Daarom noemen we hen Joden, omdat
ze naar de stam Juda zijn genoemd.

953
00:57:51,810 --> 00:57:55,710
Dus wanneer hij Juda noemt, verwijst
hij mogelijk naar degenen die wij

954
00:57:55,710 --> 00:57:57,390
nu Joden noemen.

955
00:57:57,390 --> 00:58:02,070
Wanneer hij Israël noemt, heeft hij die
term in vers 10 al gebruikt voor het

956
00:58:02,070 --> 00:58:05,670
geestelijke Israël, waartoe
ook heidenen behoren.

957
00:58:05,670 --> 00:58:09,210
Dus wanneer hij zegt dat Israël
en Juda samen zullen zijn,

958
00:58:09,210 --> 00:58:13,470
kan hij heel goed spreken over het
samenbrengen van Joden en heidenen onder

959
00:58:13,470 --> 00:58:15,750
één hoofd. Hij zegt:

960
00:58:15,750 --> 00:58:19,770
Toen zij Lo-Ruchama niet meer de
borst gaf, werd zij weer zwanger,

961
00:58:19,770 --> 00:58:21,750
en zij baarde een zoon.

962
00:58:21,750 --> 00:58:27,210
En Hij zei: Geef hem de naam
Lo-Ammi, want u bent niet Mijn volk

963
00:58:27,210 --> 00:58:29,430
en Ík zal er voor u niet zijn.

964
00:58:29,430 --> 00:58:32,970
Toch zal het aantal Israëlieten
zijn als het zand van de zee,

965
00:58:32,970 --> 00:58:35,850
dat niet gemeten en
niet geteld kan worden.

966
00:58:35,850 --> 00:58:39,330
En het zal gebeuren dat in de
plaats waar tegen hen gezegd is:

967
00:58:39,330 --> 00:58:45,030
U bent niet Mijn volk, tegen hen gezegd
zal worden: Kinderen van de levende God.

968
00:58:45,030 --> 00:58:49,530
Dan zullen de Judeeërs bijeengebracht
worden samen met de Israëlieten.

969
00:58:49,530 --> 00:58:53,670
Zij zullen voor zich één Hoofd
aanstellen en uit het land oprukken;

970
00:58:53,670 --> 00:58:56,670
want groot zal de dag van Jizreël zijn.

971
00:58:56,670 --> 00:59:00,210
Velen zouden dit zien als een
voorspelling dat de twee koninkrijken,

972
00:59:00,210 --> 00:59:05,250
het noordelijke en het zuidelijke, tijdens
het duizendjarig rijk onder de Messias

973
00:59:05,250 --> 00:59:06,750
hersteld zullen worden.

974
00:59:06,750 --> 00:59:11,130
Maar zoals ik het begrijp, verwijst dit
naar waar Paulus naar verwijst in Efeze

975
00:59:11,130 --> 00:59:13,470
hoofdstuk 2, vers 15.

976
00:59:13,470 --> 00:59:18,210
In Efeze 2 spreekt Paulus over hoe
God Joden en heidenen heeft genomen

977
00:59:18,210 --> 00:59:22,170
en hen in de gemeente heeft
samengebracht, en hij verwoordt het zo.

978
00:59:22,170 --> 00:59:24,930
Efeze 2:15 zegt:

979
00:59:24,930 --> 00:59:28,050
heeft Hij de vijandschap
in Zijn vlees tenietgedaan,

980
00:59:28,050 --> 00:59:31,830
namelijk de wet van de geboden,
die uit bepalingen bestond,

981
00:59:31,830 --> 00:59:36,450
opdat Hij die twee in Zichzelf tot
één nieuwe mens zou scheppen en zo

982
00:59:36,450 --> 00:59:37,830
vrede zou maken,

983
00:59:37,830 --> 00:59:39,630
Of vijandigheid.

984
00:59:39,630 --> 00:59:42,030
Dat wil zeggen, in Christus.

985
00:59:42,030 --> 00:59:46,230
Dat wil zeggen, één mens
die maar één hoofd heeft.

986
00:59:46,230 --> 00:59:51,870
Hij neemt die twee, Jood en heiden,
en brengt hen samen tot één mens of

987
00:59:51,870 --> 00:59:55,410
één lichaam, namelijk onder één hoofd.

988
00:59:55,410 --> 00:59:57,090
En vers 16 zegt:

989
00:59:57,090 --> 01:00:01,950
en opdat Hij die beiden in één lichaam
met God zou verzoenen door het kruis,

990
01:00:01,950 --> 01:00:04,530
waaraan Hij de vijandschap gedood heeft.

991
01:00:04,530 --> 01:00:09,130
Dus deze verwijzing in Hosea
1:11 naar Juda en Israël —

992
01:00:09,130 --> 01:00:14,010
ik denk dat geestelijk Israël
al in vers 10 wordt aangeduid,

993
01:00:14,010 --> 01:00:18,990
en daar zouden ook heidenen bij
horen, in feite voornamelijk heidenen.

994
01:00:18,990 --> 01:00:25,470
Dus Joden en heidenen komen samen
onder één Hoofd, in één lichaam.

995
01:00:25,470 --> 01:00:27,150
Dat is in de gemeente.

996
01:00:27,150 --> 01:00:31,650
Dat is het geheimenis waarvan Paulus
zei dat het in het Oude Testament niet

997
01:00:31,650 --> 01:00:35,370
duidelijk werd begrepen, maar
het was beslist voorzegd.

998
01:00:35,370 --> 01:00:36,990
En daar staat het.

999
01:00:36,990 --> 01:00:41,610
De slotverzen van Hosea hoofdstuk
1 spreken over de gemeente.

1000
01:00:41,610 --> 01:00:46,410
Er wordt gesproken over God Die het
natuurlijke Israël verstoot vanwege hun

1001
01:00:46,410 --> 01:00:49,410
afvalligheid en voorwerpen
van barmhartigheid

1002
01:00:49,410 --> 01:00:52,590
kiest uit degenen die
voorheen niet Zijn volk waren,

1003
01:00:52,590 --> 01:00:55,290
maar die nu kinderen van God worden.

1004
01:00:55,290 --> 01:01:00,060
Vanuit deze historische informatie,
de geboorte van deze drie kinderen,

1005
01:01:00,060 --> 01:01:02,550
krijgen we een profetische aanklacht.

1006
01:01:02,550 --> 01:01:06,090
Het lijkt erop dat Hosea zijn
vrouw ter verantwoording roept,

1007
01:01:06,090 --> 01:01:09,990
en het meeste wat er wordt gezegd,
kan op die manier worden begrepen.

1008
01:01:09,990 --> 01:01:13,650
Maar natuurlijk begrijpen we dat
het een verdere toepassing heeft,

1009
01:01:13,650 --> 01:01:20,070
een verdere betekenis: God Die Zijn
vrouw, Israël, ter verantwoording roept.

1010
01:01:20,070 --> 01:01:23,910
Dus hij zegt in hoofdstuk 2, vers 1 en 2:

1011
01:01:23,910 --> 01:01:29,610
Klaag jullie moeder aan, klaag haar
aan, want zij is Mijn vrouw niet en Ik

1012
01:01:29,610 --> 01:01:31,050
ben haar Man niet.

1013
01:01:31,050 --> 01:01:34,830
Laat zij haar hoererij van
haar gezicht wegdoen en haar

1014
01:01:34,830 --> 01:01:39,810
overspel van tussen haar borsten, anders
zal Ik haar naakt uitkleden en haar

1015
01:01:39,810 --> 01:01:42,750
neerzetten zoals op haar geboortedag.

1016
01:01:42,750 --> 01:01:48,270
Dit verwijst naar hetzelfde als waar
Ezechiël in hoofdstuk 16 over spreekt.

1017
01:01:48,270 --> 01:01:53,310
Hij heeft een uitvoerige gelijkenis
over hoe God dit naakte kindje vond,

1018
01:01:53,310 --> 01:01:55,350
waar niemand voor zorgde.

1019
01:01:55,350 --> 01:01:59,430
Vervolgens maakte Hij haar
schoon, kleedde Hij haar mooi aan

1020
01:01:59,430 --> 01:02:01,590
en gaf Hij haar goed te eten.

1021
01:02:01,590 --> 01:02:07,170
Ze groeide op, ging eropuit
en pleegde overspel. Hij zegt:

1022
01:02:07,170 --> 01:02:12,090
Anders zal Ik haar naakt uitkleden,
haar neerzetten als op haar geboortedag,

1023
01:02:12,090 --> 01:02:16,650
haar maken als de woestijn, haar
doen worden als een dor land

1024
01:02:16,650 --> 01:02:19,050
en haar doen sterven van de dorst.

1025
01:02:19,050 --> 01:02:21,810
Ook over haar kinderen
zal Ik Mij niet ontfermen,

1026
01:02:21,810 --> 01:02:24,810
omdat zij kinderen van de hoererijen zijn.

1027
01:02:24,810 --> 01:02:30,390
Het herinnert ons eraan dat Israël,
toen God haar vond, ongekleed was,

1028
01:02:30,390 --> 01:02:36,390
blootgesteld aan weer en wind,
kwetsbaar, zwak, hulpeloos.

1029
01:02:36,390 --> 01:02:40,230
En Hij zegt dat als ze niet
ophoudt overspel te plegen:

1030
01:02:40,230 --> 01:02:43,890
Ik ga haar weer terugbrengen in
die oorspronkelijke toestand.

1031
01:02:43,890 --> 01:02:48,510
Want hun moeder heeft hoererij bedreven;
zij die van hen zwanger is geweest,

1032
01:02:48,510 --> 01:02:50,730
heeft zich schandelijk gedragen.

1033
01:02:50,730 --> 01:02:53,910
Zij zegt immers: Ik ga
achter mijn minnaars aan;

1034
01:02:53,910 --> 01:02:58,470
die geven mij mijn brood en mijn
water, mijn wol en mijn vlas,

1035
01:02:58,470 --> 01:03:00,870
mijn olie en mijn drank.

1036
01:03:00,870 --> 01:03:04,470
Daarom, zie, Ik ga uw
weg met dorens omheinen,

1037
01:03:04,470 --> 01:03:09,210
Ik zal haar met een muur omgeven, zodat
zij haar paden niet zal kunnen vinden.

1038
01:03:09,210 --> 01:03:11,610
Dat geldt natuurlijk
voor Hosea's kinderen,

1039
01:03:11,610 --> 01:03:14,010
maar het geldt ook voor Gods kinderen.

1040
01:03:14,010 --> 01:03:19,050
Hij spreekt over hen, de Joden, in
een bepaalde tijd en in een bepaalde

1041
01:03:19,050 --> 01:03:22,590
geestelijke toestand, als
kinderen van hoererij.

1042
01:03:22,590 --> 01:03:27,570
En zoals ik al zei, lijken de
Joden in Johannes 8:41 te denken

1043
01:03:27,570 --> 01:03:29,790
dat Jezus hen daarvan beschuldigt.

1044
01:03:29,790 --> 01:03:33,990
Met andere woorden, ze schrijft
haar voorspoed toe aan de minnaars,

1045
01:03:33,990 --> 01:03:37,830
die andere goden die ze aanbidt,
terwijl het in werkelijkheid God was

1046
01:03:37,830 --> 01:03:39,690
Die haar die voorspoed gaf.

1047
01:03:39,690 --> 01:03:43,230
Dus het krenkt Hem dat ze
niet alleen overspel pleegt,

1048
01:03:43,230 --> 01:03:46,410
maar ook nog die andere goden
gaat bedanken voor de dingen

1049
01:03:46,410 --> 01:03:48,750
waarmee God haar heeft gezegend.

1050
01:03:48,750 --> 01:03:49,830
Er staat:

1051
01:03:49,830 --> 01:03:54,810
Zij zal haar minnaars najagen,
maar hen niet inhalen; hen zoeken,

1052
01:03:54,810 --> 01:03:56,370
maar hen niet vinden.

1053
01:03:56,370 --> 01:04:01,290
Dan zal zij zeggen: Ik ga, ik
keer terug naar mijn vorige Man,

1054
01:04:01,290 --> 01:04:03,630
want toen had ik het beter dan nu.

1055
01:04:03,630 --> 01:04:08,250
Zíj erkent echter niet dat Ik het
ben Die haar gegeven heeft het koren,

1056
01:04:08,250 --> 01:04:12,450
de nieuwe wijn en de olie, dat Ik het
zilver en het goud voor haar vermeerderd

1057
01:04:12,450 --> 01:04:15,570
heb, dat zij voor de Baäl gebruikt hebben.

1058
01:04:15,570 --> 01:04:19,350
Daarom keer Ik terug en neem
Ik Mijn koren weg op zijn tijd,

1059
01:04:19,350 --> 01:04:22,530
en Mijn nieuwe wijn op de
daarvoor vastgestelde tijd.

1060
01:04:22,530 --> 01:04:27,390
Ik ruk Mijn wol en Mijn vlas weg,
waarmee zij haar naaktheid moet bedekken.

1061
01:04:27,390 --> 01:04:31,770
Dat wil zeggen, ze gaven deze
dingen als offers aan Baäl,

1062
01:04:31,770 --> 01:04:36,150
zonder te beseffen dat het God was
Die hun die dingen had gegeven.

1063
01:04:36,150 --> 01:04:40,530
Nu dan, Ik zal haar schaamte ontbloten
voor de ogen van haar minnaars,

1064
01:04:40,530 --> 01:04:43,050
en niemand zal haar uit Mijn hand redden.

1065
01:04:43,050 --> 01:04:46,470
Ik zal al haar vreugde doen
ophouden, haar feesten,

1066
01:04:46,470 --> 01:04:51,630
haar nieuwemaansdagen en haar
sabbatten, ja, al haar feestdagen.

1067
01:04:51,630 --> 01:04:56,070
Ik zal haar wijnstok en haar vijgenboom
verwoesten, waarvan zij zegt:

1068
01:04:56,070 --> 01:05:00,570
Die vormen voor mij het hoerenloon
dat mijn minnaars mij gegeven hebben.

1069
01:05:00,570 --> 01:05:05,310
Maar Ik zal er een woud van maken en de
dieren van het veld zullen ervan vreten.

1070
01:05:05,310 --> 01:05:08,010
Ik zal haar de dagen
van de Baäls vergelden,

1071
01:05:08,010 --> 01:05:10,650
waarop zij reukoffers aan hen bracht.

1072
01:05:10,650 --> 01:05:13,710
Zij tooide zich met haar
ring en haar halssieraad

1073
01:05:13,710 --> 01:05:18,870
en ging achter haar minnaars aan, maar
Mij vergeet zij, spreekt de HEERE.

1074
01:05:18,870 --> 01:05:23,190
Daarom, zie, Ikzelf ga haar
lokken, haar de woestijn in leiden,

1075
01:05:23,190 --> 01:05:25,170
en naar haar hart spreken.

1076
01:05:25,170 --> 01:05:30,030
Nu is een van de dingen die God zegt
uiteindelijk te zullen doen, in vers 5,

1077
01:05:30,030 --> 01:05:33,630
haar met een haag omgeven,
haar insluiten met een muur,

1078
01:05:33,630 --> 01:05:36,150
zodat ze van haar
minnaars gescheiden wordt.

1079
01:05:36,150 --> 01:05:40,110
Zodat ze hen wel kan najagen,
maar hen niet kan vinden.

1080
01:05:40,110 --> 01:05:44,670
Haar met een haag insluiten betekent dat
God zal ingrijpen om een scheiding tot

1081
01:05:44,670 --> 01:05:47,550
stand te brengen tussen
haar en die zonden,

1082
01:05:47,550 --> 01:05:50,250
of de verleidingen waaraan ze blootstaat.

1083
01:05:50,250 --> 01:05:54,270
En Hij zegt in vers 6 dat
ze naar Hem zal terugkeren.

1084
01:05:54,270 --> 01:05:57,930
Dan zal ze haar eerste Man
weer zoeken, en ze zal zeggen:

1085
01:05:57,930 --> 01:05:59,430
Toen had ik het beter.

1086
01:05:59,430 --> 01:06:03,270
Bill Gothard, wiens seminars
ik nooit heb bijgewoond,

1087
01:06:03,270 --> 01:06:06,810
hoewel ik veel van wat hij
onderwijst uit de tweede hand ken,

1088
01:06:06,810 --> 01:06:10,110
spreekt over het bidden om
een doornhaag rondom iemand.

1089
01:06:10,110 --> 01:06:14,490
Tenminste, als wat mij is verteld
zijn onderwijs juist weergeeft.

1090
01:06:14,490 --> 01:06:18,930
Als je bezorgd bent over je kinderen of
over iemand die met verleiding te maken

1091
01:06:18,930 --> 01:06:22,110
heeft, en je bang bent dat
ze ten val zullen komen,

1092
01:06:22,110 --> 01:06:25,050
kun je bidden om een doornhaag rondom hen.

1093
01:06:25,050 --> 01:06:30,210
Die zal voorkomen dat de vijand bij hen
kan komen en hen in feite beschermen,

1094
01:06:30,210 --> 01:06:32,970
zoals Job door een haag omgeven was.

1095
01:06:32,970 --> 01:06:38,070
Je herinnert je dat de duivel klaagde
dat God een haag rondom Job had gezet

1096
01:06:38,070 --> 01:06:40,470
en dat hij niet bij hem kon komen.

1097
01:06:40,470 --> 01:06:45,210
En ik geloof dat de Schrift die wordt
gebruikt om deze gedachte te ondersteunen,

1098
01:06:45,210 --> 01:06:47,550
Hosea 2:5 is:

1099
01:06:47,550 --> 01:06:50,730
Ik zal je weg met
doornstruiken versperren.

1100
01:06:50,730 --> 01:06:54,210
Ik geloof dat God een
omheining om mensen heen zet,

1101
01:06:54,210 --> 01:06:59,550
en ik geloof dat het inderdaad terecht kan
zijn om te bidden dat God dat zal doen.

1102
01:06:59,550 --> 01:07:03,030
Maar ik denk niet dat Hosea
het daar hier over heeft.

1103
01:07:03,030 --> 01:07:08,130
Ik denk niet dat dit hetzelfde beeld
is als dat van Job in Job hoofdstuk 1,

1104
01:07:08,130 --> 01:07:10,830
met die omheining om hem heen.

1105
01:07:10,830 --> 01:07:14,310
De omheining rond Job
was voor hem een zegen

1106
01:07:14,310 --> 01:07:18,090
en een bescherming tegen het
binnendringen van de vijand.

1107
01:07:18,090 --> 01:07:22,770
In dit geval is de omheining bedoeld
om iets teweeg te brengen bij degene

1108
01:07:22,770 --> 01:07:24,630
die ingesloten is.

1109
01:07:24,630 --> 01:07:28,470
Ze houdt geen vijanden buiten,
maar weerhoudt degene die

1110
01:07:28,470 --> 01:07:32,610
binnen zit ervan achter degenen
aan te gaan die in werkelijkheid

1111
01:07:32,610 --> 01:07:34,530
de vijanden van God zijn.

1112
01:07:34,530 --> 01:07:36,210
Het lijkt te betekenen:

1113
01:07:36,210 --> 01:07:40,830
Ik ga haar pad met doorns
bezaaien en haar weg smal maken.

1114
01:07:40,830 --> 01:07:43,410
Zoals een smalle weg
waar muren langs staan,

1115
01:07:43,410 --> 01:07:46,590
zodat ze beperkt is tot
een smal en benauwd pad.

1116
01:07:46,590 --> 01:07:49,890
En het zal een moeilijk
pad zijn, een doornig pad.

1117
01:07:49,890 --> 01:07:54,450
Hij zegt eigenlijk dat Hij haar in haar
afgoderij moeilijkheden zal bezorgen,

1118
01:07:54,450 --> 01:07:59,790
zodat ze zich niet langer tot afgoderij
aangetrokken zal voelen. En ze zal zeggen:

1119
01:07:59,790 --> 01:08:01,470
Vroeger had ik het beter.

1120
01:08:01,470 --> 01:08:03,750
En ze zal naar God terugkeren.

1121
01:08:03,750 --> 01:08:08,370
Ik denk dat dit in deze specifieke
context in wezen de betekenis is

1122
01:08:08,370 --> 01:08:10,710
van die omheining van doornen.

1123
01:08:10,710 --> 01:08:16,770
En Hij spreekt erover dat ze Baäl en de
andere goden de eer hebben gegeven voor de

1124
01:08:16,770 --> 01:08:19,470
zegeningen die God hun heeft gegeven.

1125
01:08:19,470 --> 01:08:22,110
Daarom gaat Hij die zegeningen wegnemen.

1126
01:08:22,110 --> 01:08:28,410
Dat is interessant, want Romeinen 11:29,
een deel van die bespreking van hoe God

1127
01:08:28,410 --> 01:08:31,170
vandaag met Israël omgaat, vermeldt:

1128
01:08:31,170 --> 01:08:35,850
Want de genadegaven en de roeping
van God zijn onberouwelijk.

1129
01:08:35,850 --> 01:08:40,770
Dat wordt gewoonlijk zo begrepen dat
God, nadat Hij Israël heeft uitgekozen,

1130
01:08:40,770 --> 01:08:47,250
daar nooit op zal terugkomen en Zijn gaven
aan hen nooit zal terugroepen of wegnemen.

1131
01:08:47,250 --> 01:08:51,630
En toch zegt Hij hier uitdrukkelijk dat
Hij de gaven die Hij hun gegeven heeft,

1132
01:08:51,630 --> 01:08:53,610
van hen gaat wegnemen.

1133
01:08:53,610 --> 01:08:58,170
Wat bedoelt Paulus in
Romeinen 11:29, waar staat:

1134
01:08:58,170 --> 01:09:01,530
God komt niet terug op wat
Hij geeft en op wie Hij roept.

1135
01:09:01,530 --> 01:09:05,610
Dat is niet helemaal duidelijk, maar
ik denk dat het betekent dat Gods roep

1136
01:09:05,610 --> 01:09:07,110
nog steeds klinkt.

1137
01:09:07,110 --> 01:09:09,570
Hij is niet opgehouden te roepen.

1138
01:09:09,570 --> 01:09:12,150
Zijn gaven zijn nog steeds
voor hen beschikbaar

1139
01:09:12,150 --> 01:09:14,310
als ze zich tot Hem willen keren.

1140
01:09:14,310 --> 01:09:18,210
En ik denk dat dit in de context
van Romeinen 11 wordt gezegd:

1141
01:09:18,210 --> 01:09:21,630
God heeft Zijn aanbod
aan hen niet ingetrokken.

1142
01:09:21,630 --> 01:09:26,850
Zijn roeping van hen en Zijn gaven aan
hen zijn nog steeds voor hen beschikbaar

1143
01:09:26,850 --> 01:09:29,250
als ze aan de voorwaarden willen voldoen.

1144
01:09:29,250 --> 01:09:31,830
Maar het betekent niet
dat Zijn roeping van hen

1145
01:09:31,830 --> 01:09:37,290
als Zijn volk iets is wat nooit verandert,
ongeacht hun geestelijke toestand.

1146
01:09:37,290 --> 01:09:42,150
Hier maakt Hij heel duidelijk dat Hij
Zijn gaven, nadat ze gegeven zijn,

1147
01:09:42,150 --> 01:09:47,070
weer wegneemt als ze worden misbruikt,
omdat zij de Heere vergeten is.

1148
01:09:47,070 --> 01:09:49,170
Vers 13 en 14:

1149
01:09:49,170 --> 01:09:54,330
Daarom, zie, Ikzelf ga haar
lokken, haar de woestijn in leiden,

1150
01:09:54,330 --> 01:09:56,310
en naar haar hart spreken.

1151
01:09:56,310 --> 01:10:01,050
Ik zal haar daarvandaan haar wijngaarden
geven, en het Dal van Achor tot een

1152
01:10:01,050 --> 01:10:02,550
deur van hoop.

1153
01:10:02,550 --> 01:10:05,970
Daar zal zij zingen als in
de dagen van haar jeugd,

1154
01:10:05,970 --> 01:10:09,690
als op de dag dat zij
wegtrok uit het land Egypte.

1155
01:10:09,690 --> 01:10:15,330
Met andere woorden: ‘Ik ga opnieuw naar
haar liefde dingen, helemaal opnieuw,

1156
01:10:15,330 --> 01:10:18,570
net zoals Ik deed toen Ik
haar uit Egypte bracht,

1157
01:10:18,570 --> 01:10:21,270
in de begintijd van Onze verkering.’

1158
01:10:21,270 --> 01:10:25,890
Hij zegt: ‘Ik ga helemaal
opnieuw naar haar liefde dingen.’

1159
01:10:25,890 --> 01:10:28,290
Maar dat zal in de woestijn zijn.

1160
01:10:28,290 --> 01:10:30,870
Dat zal op een doornige weg zijn.

1161
01:10:30,870 --> 01:10:35,070
Hij gaat door verdrukking en
moeilijkheden naar haar liefde dingen.

1162
01:10:35,070 --> 01:10:36,750
In vers 14 staat:

1163
01:10:36,750 --> 01:10:40,050
Het Achordal zal een deur naar hoop zijn.

1164
01:10:40,050 --> 01:10:41,910
Achor betekent onheil.

1165
01:10:41,910 --> 01:10:45,330
Wat Hij dus zegt, is dat
Hij hen in dit dal van

1166
01:10:45,330 --> 01:10:50,790
onheil brengt door deze moeilijkheden,
die Hij als oordelen over hen zal brengen.

1167
01:10:50,790 --> 01:10:55,830
Die zullen dienen als tuchtigingen, en ze
zullen een toegang zijn tot nieuwe hoop.

1168
01:10:55,830 --> 01:10:59,310
Het zal bij sommigen een
verandering van hart teweegbrengen.

1169
01:10:59,310 --> 01:11:03,390
Dus ook al is het onheil, of
lijkt het slecht uit te pakken,

1170
01:11:03,390 --> 01:11:06,090
toch is het een hoopvolle situatie.

1171
01:11:06,090 --> 01:11:11,970
Onheil draagt hoop met zich mee, want
als ons onheil en het ongemak daarvan ons

1172
01:11:11,970 --> 01:11:16,590
aansporen, kunnen we ons tot
God keren, en dan is er hoop.

1173
01:11:16,590 --> 01:11:21,090
En Hij geeft aan dat dit bij
sommigen van hen het geval zal zijn.

1174
01:11:21,090 --> 01:11:24,270
Ik geloof dat dit weer
over het overblijfsel gaat.

1175
01:11:24,270 --> 01:11:28,770
En ik denk dat we hier een verwijzing
naar de gemeente hebben, want Hij zegt:

1176
01:11:28,770 --> 01:11:35,190
Op die dag zal het gebeuren, spreekt de
HEERE, dat u Mij zult noemen: mijn Man,

1177
01:11:35,190 --> 01:11:38,730
en Mij niet meer zult noemen: mijn Baäl!

1178
01:11:38,730 --> 01:11:43,170
In het Hebreeuws is ‘mijn man’
eigenlijk Ishi, en ‘mijn meester’ is

1179
01:11:43,170 --> 01:11:45,330
Baali, mijn Baäl.

1180
01:11:45,330 --> 01:11:49,470
Met andere woorden, het
woord Baäl betekent meester.

1181
01:11:49,470 --> 01:11:52,470
Wat Hij hier zegt, is
dat de Joden in die tijd

1182
01:11:52,470 --> 01:11:56,970
Baäl zozeer met God verward hebben
dat ze het verschil niet kennen.

1183
01:11:56,970 --> 01:11:59,790
Ze noemen Jehovah Baäl.

1184
01:11:59,790 --> 01:12:03,990
Je kunt dat begrijpen, want zelfs
toen de Joden uit Israël kwamen,

1185
01:12:03,990 --> 01:12:06,990
verwarden ze het gouden kalf met Jehovah.

1186
01:12:06,990 --> 01:12:10,650
Blijkbaar gaan mensen, wanneer
de kennis van Jehovah ontbreekt

1187
01:12:10,650 --> 01:12:16,050
en ze de wet van God niet kennen, gewoon
denken dat alle goden hetzelfde zijn.

1188
01:12:16,050 --> 01:12:21,090
Dus aanbidden ze Baäl en denken ze dat
ze tegelijkertijd Jehovah aanbidden.

1189
01:12:21,090 --> 01:12:24,330
Er zijn mensen die zeggen: ‘Hoe
weten we dat de moslims niet

1190
01:12:24,330 --> 01:12:26,070
werkelijk behouden zijn?

1191
01:12:26,070 --> 01:12:27,870
Geloven ze niet in één god?

1192
01:12:27,870 --> 01:12:31,770
Misschien is de god in wie zij
geloven ook wel dezelfde als de onze.

1193
01:12:31,770 --> 01:12:34,050
Zijn niet alle goden hetzelfde?

1194
01:12:34,050 --> 01:12:36,690
Geloven de mormonen ook niet in Jezus?

1195
01:12:36,690 --> 01:12:39,510
Waarom zeggen we dan dat
ze anders zijn dan wij?’

1196
01:12:39,510 --> 01:12:44,490
Het is niet zo dat alle Jezussen hetzelfde
zijn of dat alle goden hetzelfde zijn.

1197
01:12:44,490 --> 01:12:47,430
De heidenen hebben hun
eigen opvattingen over God.

1198
01:12:47,430 --> 01:12:51,330
Maar mensen die Gods openbaring van
Zichzelf in de Bijbel niet kennen,

1199
01:12:51,330 --> 01:12:55,710
nemen vaak gewoon aan dat alle
goden, alle opvattingen over God,

1200
01:12:55,710 --> 01:12:57,510
ongeveer hetzelfde zijn.

1201
01:12:57,510 --> 01:13:00,570
Dat lijkt hier de stand
van zaken te zijn geweest.

1202
01:13:00,570 --> 01:13:04,110
Er was zoveel syncretisme in de
godsdienst van de Joden geweest

1203
01:13:04,110 --> 01:13:08,610
dat ze de aanbidding van Baäl hadden
vermengd met de aanbidding van de HEERE.

1204
01:13:08,610 --> 01:13:13,530
Ze dachten nog steeds dat ze de HEERE
aanbaden, maar ze noemden Hem Baäl.

1205
01:13:13,530 --> 01:13:18,810
En ze meenden dat ze, terwijl ze Hem mijn
Baäl noemden, eigenlijk tot God spraken.

1206
01:13:18,810 --> 01:13:19,950
Hij zegt:

1207
01:13:19,950 --> 01:13:21,630
Dat ga je niet meer doen.

1208
01:13:21,630 --> 01:13:25,230
Er komt een tijd dat je Me op de
juiste manier zult aanspreken.

1209
01:13:25,230 --> 01:13:28,710
Je zult Me mijn man noemen, niet Baäl.

1210
01:13:28,710 --> 01:13:29,970
Vers 16:

1211
01:13:29,970 --> 01:13:33,510
Dan zal Ik de namen van de
Baäls uit haar mond wegdoen

1212
01:13:33,510 --> 01:13:36,330
en aan hun namen zal
niet meer gedacht worden.

1213
01:13:36,330 --> 01:13:40,470
Dat wil zeggen: Ik zal haar die
namen niet meer laten uitspreken.

1214
01:13:40,470 --> 01:13:44,910
Ik zal voor hen een verbond sluiten
op die dag met de dieren van het veld,

1215
01:13:44,910 --> 01:13:48,750
met de vogels in de lucht en de
kruipende dieren op de aarde.

1216
01:13:48,750 --> 01:13:53,790
En boog, zwaard en strijd zal
Ik van de aarde doen verdwijnen,

1217
01:13:53,790 --> 01:13:56,730
en Ik zal hen onbezorgd doen neerliggen.

1218
01:13:56,730 --> 01:14:00,450
Ik zal u voor eeuwig tot
Mijn bruid nemen: ja,

1219
01:14:00,450 --> 01:14:04,770
Ik zal u tot Mijn bruid nemen
in gerechtigheid en in recht,

1220
01:14:04,770 --> 01:14:08,190
in goedertierenheid en in barmhartigheid.

1221
01:14:08,190 --> 01:14:13,470
In trouw zal Ik u voor Mij als bruid
nemen; en u zult de HEERE kennen.

1222
01:14:13,470 --> 01:14:18,570
Op die dag zal het geschieden,
spreekt de HEERE, dat Ik zal verhoren.

1223
01:14:18,570 --> 01:14:22,530
Ik zal de hemel verhoren en
die zal de aarde verhoren.

1224
01:14:22,530 --> 01:14:26,970
Dan zal de aarde het koren, de
nieuwe wijn en de olie verhoren,

1225
01:14:26,970 --> 01:14:29,250
en die zullen Jizreël verhoren.

1226
01:14:29,250 --> 01:14:34,950
En Ik zal haar voor Mij in de aarde
zaaien en Mij ontfermen over Lo-Ruchama.

1227
01:14:34,950 --> 01:14:41,550
Ik zal zeggen tegen Lo-Ammi: U bent
Mijn volk, en hij zal zeggen: Mijn God!

1228
01:14:41,550 --> 01:14:44,190
Jizreël betekent: God zaait.

1229
01:14:44,190 --> 01:14:49,830
Het gaat er dus over dat God Zijn
volk op de aarde zal zaaien. Hij zegt:

1230
01:14:49,830 --> 01:14:55,410
u, die voorheen geen volk was,
maar nu Gods volk bent; u,

1231
01:14:55,410 --> 01:14:59,970
die zonder ontferming was, maar
nu in ontferming aangenomen bent.

1232
01:14:59,970 --> 01:15:06,270
Dit hele gedeelte, de verzen 17 tot en
met 22, gaat over het nieuwe verbond.

1233
01:15:06,270 --> 01:15:08,070
Hij begint met te zeggen:

1234
01:15:08,070 --> 01:15:10,470
Ik zal voor hen een verbond sluiten.

1235
01:15:10,470 --> 01:15:14,790
Het enige verbond dat Hij sinds
de tijd van Hosea heeft gesloten,

1236
01:15:14,790 --> 01:15:18,690
is het verbond dat Jezus
het nieuwe verbond noemde.

1237
01:15:18,690 --> 01:15:22,170
Hij zegt dat het een verbond
is met de dieren van het veld

1238
01:15:22,170 --> 01:15:25,110
en de vogels in de lucht, enzovoort.

1239
01:15:25,110 --> 01:15:29,370
Misschien herinnert dat ons eraan
dat dit verbond een verbond van vrede

1240
01:15:29,370 --> 01:15:34,170
tussen de verschillende soorten dieren
is, tenminste in figuurlijke zin.

1241
01:15:34,170 --> 01:15:40,050
Denk eraan, in Jesaja 11 en
Jesaja 65 gaat het over de wolf

1242
01:15:40,050 --> 01:15:45,630
en het lam die samen neerliggen,
en de os en de beer, enzovoort.

1243
01:15:45,630 --> 01:15:48,990
Toen we die gedeelten behandelden,
zei ik dat volgens mij de

1244
01:15:48,990 --> 01:15:53,190
onreine dieren die daar worden
genoemd de heidenen voorstellen,

1245
01:15:53,190 --> 01:15:55,890
en de reine dieren de Joden.

1246
01:15:55,890 --> 01:16:00,990
De os is een rein dier; de
beer is een onrein dier.

1247
01:16:00,990 --> 01:16:06,330
Het lam is een rein dier;
de wolf is een onrein dier.

1248
01:16:06,330 --> 01:16:11,010
En niet alleen dat, de onreine
dieren die worden genoemd zijn ook

1249
01:16:11,010 --> 01:16:14,970
dieren die een bedreiging vormen
voor de schapen en hun kwaad doen.

1250
01:16:14,970 --> 01:16:20,250
Ik geloof dat de Joden, Gods kudde, zoals
ze in zoveel gedeelten bij de profeten

1251
01:16:20,250 --> 01:16:26,070
worden genoemd, worden voorgesteld door
het lam, het geitenbokje en de stier.

1252
01:16:26,070 --> 01:16:28,710
De heidenen die hen
altijd hebben bedreigd,

1253
01:16:28,710 --> 01:16:32,790
de onreine heidenen die altijd
vijanden van de Joden zijn geweest,

1254
01:16:32,790 --> 01:16:38,250
worden voorgesteld door de wolf,
de beer, de leeuw en het luipaard.

1255
01:16:38,250 --> 01:16:43,470
Zoals ik het begrijp, is dit een profetie
dat zij onder het nieuwe verbond in vrede

1256
01:16:43,470 --> 01:16:45,150
samen zullen neerliggen.

1257
01:16:45,150 --> 01:16:47,250
Dat klinkt vergelijkbaar met dit:

1258
01:16:47,250 --> 01:16:50,550
Ik zal voor hen een verbond
sluiten met de wilde dieren,

1259
01:16:50,550 --> 01:16:54,510
met de vogels in de lucht en met de
dieren die over de grond kruipen,

1260
01:16:54,510 --> 01:16:58,050
waarvan de meeste onrein
waren, net als de heidenen.

1261
01:16:58,050 --> 01:17:00,930
Dan zegt Hij aan het einde van vers 17:

1262
01:17:00,930 --> 01:17:05,130
Ik zal pijl en boog en het
oorlogszwaard van de aarde wegdoen

1263
01:17:05,130 --> 01:17:07,950
en ervoor zorgen dat ze
veilig kunnen slapen.

1264
01:17:07,950 --> 01:17:12,570
Het klinkt heel erg als Jesaja
hoofdstuk 2 en Micha hoofdstuk 4,

1265
01:17:12,570 --> 01:17:16,470
waar het gaat over het messiaanse
tijdperk, het huidige tijdperk.

1266
01:17:16,470 --> 01:17:18,030
Daar staat hoe zij:

1267
01:17:18,030 --> 01:17:22,830
Hij zal oordelen tussen de
heidenvolken en veel volken vonnissen.

1268
01:17:22,830 --> 01:17:26,550
En zij zullen hun zwaarden
omsmeden tot ploegscharen en hun

1269
01:17:26,550 --> 01:17:28,470
speren tot snoeimessen.

1270
01:17:28,470 --> 01:17:32,430
Geen volk zal tegen een ander
volk het zwaard opheffen.

1271
01:17:32,430 --> 01:17:35,430
Oorlog voeren zullen zij niet meer leren.

1272
01:17:35,430 --> 01:17:40,890
Die messiaanse profetieën van Jesaja en
Micha spreken over het ophouden van oorlog

1273
01:17:40,890 --> 01:17:43,410
en het einde van oorlogswapens.

1274
01:17:43,410 --> 01:17:46,830
Dat gaat over de huidige tijd,
maar het gaat niet over een einde

1275
01:17:46,830 --> 01:17:48,510
aan letterlijke oorlog.

1276
01:17:48,510 --> 01:17:52,050
Het gaat over degenen
die in dit verbond zijn.

1277
01:17:52,050 --> 01:17:53,970
Zij zweren geweld af.

1278
01:17:53,970 --> 01:17:55,830
Zij doen hun wapens weg.

1279
01:17:55,830 --> 01:18:00,270
Zij voeren geen oorlog meer,
en God houdt hen veilig.

1280
01:18:00,270 --> 01:18:05,670
Zij zien voor hun veiligheid op naar
God in plaats van naar oorlogswapens.

1281
01:18:05,670 --> 01:18:07,110
Dat is wat er staat:

1282
01:18:07,110 --> 01:18:11,490
Ik zal voor hen een verbond sluiten
op die dag met de dieren van het veld,

1283
01:18:11,490 --> 01:18:15,570
met de vogels in de lucht en de
kruipende dieren op de aarde.

1284
01:18:15,570 --> 01:18:20,310
En boog, zwaard en strijd zal
Ik van de aarde doen verdwijnen,

1285
01:18:20,310 --> 01:18:23,130
en Ik zal hen onbezorgd doen neerliggen.

1286
01:18:23,130 --> 01:18:27,090
Ik zal u voor eeuwig tot
Mijn bruid nemen: ja,

1287
01:18:27,090 --> 01:18:31,170
Ik zal u tot Mijn bruid nemen
in gerechtigheid en in recht,

1288
01:18:31,170 --> 01:18:34,710
in goedertierenheid en in barmhartigheid.

1289
01:18:34,710 --> 01:18:39,930
In trouw zal Ik u voor Mij als bruid
nemen; en u zult de HEERE kennen.

1290
01:18:39,930 --> 01:18:45,090
Op die dag zal het geschieden,
spreekt de HEERE, dat Ik zal verhoren.

1291
01:18:45,090 --> 01:18:49,110
Ik zal de hemel verhoren en
die zal de aarde verhoren.

1292
01:18:49,110 --> 01:18:53,790
Dan zal de aarde het koren, de
nieuwe wijn en de olie verhoren,

1293
01:18:53,790 --> 01:18:56,250
en die zullen Jizreël verhoren.

1294
01:18:56,250 --> 01:19:01,530
En Ik zal haar voor Mij in de aarde
zaaien en Mij ontfermen over Lo-Ruchama.

1295
01:19:01,530 --> 01:19:07,890
Ik zal zeggen tegen Lo-Ammi: U bent
Mijn volk, en hij zal zeggen: Mijn God!

1296
01:19:07,890 --> 01:19:09,630
Dan spreekt Hij erover:

1297
01:19:09,630 --> 01:19:12,570
Ik zal Me voor altijd met je verloven.

1298
01:19:12,570 --> 01:19:17,430
Deze eeuwige ondertrouw, dit
eeuwige verbond, is met de gemeente,

1299
01:19:17,430 --> 01:19:20,070
met Zijn volk. En Hij zegt:

1300
01:19:20,070 --> 01:19:21,870
En je zult de Heer kennen.

1301
01:19:21,870 --> 01:19:25,710
De woorden ‘Je zult de
Heer kennen’ in vers 19

1302
01:19:25,710 --> 01:19:30,330
staan tegenover wat in het boek Hosea
meestal over de Joden wordt gezegd.

1303
01:19:30,330 --> 01:19:35,970
Je zult zelfs merken dat de kennis van de
HEERE een belangrijk thema in Hosea is,

1304
01:19:35,970 --> 01:19:39,750
en hij klaagt er vaak over
dat het volk God niet kent.

1305
01:19:39,750 --> 01:19:44,430
Maar hij zegt dat de tijd zal komen
dat zij de HEERE zullen kennen.

1306
01:19:44,430 --> 01:19:48,210
Doet dat je niet denken aan een andere
passage over het nieuwe verbond?

1307
01:19:48,210 --> 01:19:53,430
Jeremia 31, vers 31 tot
en met 34, waar Hij zegt:

1308
01:19:53,430 --> 01:19:55,650
Ik zal een nieuw verbond sluiten.

1309
01:19:55,650 --> 01:19:56,670
Hij zegt:

1310
01:19:56,670 --> 01:20:01,590
Ik zal Mijn woorden op hun hart schrijven
en Mijn wegen in hun binnenste leggen.

1311
01:20:01,590 --> 01:20:02,790
En Hij zegt:

1312
01:20:02,790 --> 01:20:06,270
Ze zullen niet tegen elkaar
hoeven te zeggen: Ken de Heere,

1313
01:20:06,270 --> 01:20:11,970
want ze zullen Mij allemaal kennen, van de
grootste tot de kleinste, zegt de Heere.

1314
01:20:11,970 --> 01:20:16,350
Het nieuwe verbond zal erdoor gekenmerkt
worden dat mensen de Heere kennen.

1315
01:20:16,350 --> 01:20:19,890
Dat is wat hier volgens
deze woorden zal gebeuren.

1316
01:20:19,890 --> 01:20:22,530
We weten dus dat we het
hebben over het nieuwe verbond

1317
01:20:22,530 --> 01:20:25,350
en het tijdperk waarin wij nu leven.

1318
01:20:25,350 --> 01:20:30,690
Hij spreekt over het herstel van het
graan en de wijn en de olie enzovoort,

1319
01:20:30,690 --> 01:20:32,610
die Hij heeft weggenomen.

1320
01:20:32,610 --> 01:20:35,190
Dan zegt Hij in vers 22:

1321
01:20:35,190 --> 01:20:38,490
En Ik zal haar voor Mij in de aarde zaaien

1322
01:20:38,490 --> 01:20:43,110
Jezus vertelde een gelijkenis over een
man die goed zaad op zijn akker zaaide,

1323
01:20:43,110 --> 01:20:45,750
en een vijand kwam en zaaide onkruid.

1324
01:20:45,750 --> 01:20:48,870
Toen Hij de gelijkenis uitlegde, zei Hij:

1325
01:20:48,870 --> 01:20:53,730
De akker is de wereld, het goede zaad
zijn de kinderen van het Koninkrijk

1326
01:20:53,730 --> 01:20:56,910
en het onkruid zijn de
kinderen van de boze.

1327
01:20:56,910 --> 01:21:02,610
Het goede zaad, de kinderen van het
Koninkrijk, zijn Jezus’ eigen discipelen.

1328
01:21:02,610 --> 01:21:08,670
Jezus heeft het dus over het zaaien van
Gods kinderen in de gemeente in de wereld.

1329
01:21:08,670 --> 01:21:10,470
Dat is wat hier gezegd wordt:

1330
01:21:10,470 --> 01:21:15,570
Ik zal haar voor Mezelf in de aarde
zaaien, zoals zaad gezaaid wordt.

1331
01:21:15,570 --> 01:21:20,730
u, die voorheen geen volk was,
maar nu Gods volk bent; u,

1332
01:21:20,730 --> 01:21:25,530
die zonder ontferming was, maar
nu in ontferming aangenomen bent.

1333
01:21:25,530 --> 01:21:29,490
Er kan geen twijfel over
bestaan, geen enkele twijfel,

1334
01:21:29,490 --> 01:21:32,130
dat de schrijvers van
het Nieuwe Testament deze

1335
01:21:32,130 --> 01:21:35,670
passage opvatten als een
passage over de gemeente.

1336
01:21:35,670 --> 01:21:40,170
Niet alleen omdat Paulus die aanhaalt
in Romeinen 9, zoals we zagen —

1337
01:21:40,170 --> 01:21:44,510
hij haalt die aan in
Romeinen 9:25, volgens mij —

1338
01:21:44,510 --> 01:21:48,990
maar ook omdat Petrus er heel
ondubbelzinnig op zinspeelt in

1339
01:21:48,990 --> 01:21:52,710
1 Petrus hoofdstuk 2, vers 9 en 10.

1340
01:21:52,710 --> 01:21:56,610
Hij schrijft aan gemeenten die
voornamelijk uit heidenen bestaan,

1341
01:21:56,610 --> 01:22:03,690
in Asia, in Pontus, Galatië,
Kappadocië, Asia en Bithynië.

1342
01:22:03,690 --> 01:22:06,810
Dit waren grotendeels
gemeenten uit de heidenen.

1343
01:22:06,810 --> 01:22:10,470
Hij schrijft dus aan mensen die
niet van geboorte Joods zijn,

1344
01:22:10,470 --> 01:22:14,550
maar hij zegt in 1 Petrus 2, vers 9 en 10:

1345
01:22:14,550 --> 01:22:20,790
Maar u bent een uitverkoren geslacht, een
koninklijk priesterschap, een heilig volk,

1346
01:22:20,790 --> 01:22:24,150
een volk dat God Zich
tot Zijn eigendom maakte;

1347
01:22:24,150 --> 01:22:29,430
opdat u de deugden zou verkondigen van
Hem Die u uit de duisternis geroepen heeft

1348
01:22:29,430 --> 01:22:36,810
tot Zijn wonderbaar licht, u, die voorheen
geen volk was, maar nu Gods volk bent; u,

1349
01:22:36,810 --> 01:22:41,310
die zonder ontferming was, maar
nu in ontferming aangenomen bent.

1350
01:22:41,310 --> 01:22:46,050
Dit zijn allemaal termen die in het Oude
Testament voor Israël werden gebruikt.

1351
01:22:46,050 --> 01:22:48,510
Nu past hij ze toe op de gemeente.

1352
01:22:48,510 --> 01:22:50,310
Let op vers 10:

1353
01:22:50,310 --> 01:22:54,510
Jullie waren ooit geen volk,
maar zijn nu Gods volk,

1354
01:22:54,510 --> 01:22:58,170
en vroeger kregen jullie
geen genade, maar nu wel.

1355
01:22:58,170 --> 01:23:01,530
Let op die twee dingen:
jullie waren geen volk;

1356
01:23:01,530 --> 01:23:04,410
jullie hadden geen
barmhartigheid verkregen.

1357
01:23:04,410 --> 01:23:10,890
Denk aan Lo-Ruchama, Lo-Ammi: geen
barmhartigheid en niet Mijn volk.

1358
01:23:10,890 --> 01:23:12,570
En toch zegt Hij:

1359
01:23:12,570 --> 01:23:18,090
Zoals Hij ook in Hosea zegt: Ik zal
Niet-Mijn-volk noemen: Mijn volk,

1360
01:23:18,090 --> 01:23:20,610
en de Niet-geliefde: Geliefde.

1361
01:23:20,610 --> 01:23:23,970
En het zal zijn dat op de plaats
waar tegen hen gezegd was:

1362
01:23:23,970 --> 01:23:28,290
U bent Niet-Mijn-volk, daar
zullen zij kinderen van de levende

1363
01:23:28,290 --> 01:23:30,090
God genoemd worden.

1364
01:23:30,090 --> 01:23:33,270
Petrus verwijst heel
duidelijk naar deze passage.

1365
01:23:33,270 --> 01:23:37,650
De heidenen waren eens geen volk,
maar zijn nu het volk van God.

1366
01:23:37,650 --> 01:23:40,110
Eens hadden ze geen
barmhartigheid verkregen,

1367
01:23:40,110 --> 01:23:43,470
maar nu hebben ze
barmhartigheid verkregen.

1368
01:23:43,470 --> 01:23:45,570
Wij zijn nieuwkomers bij God.

1369
01:23:45,570 --> 01:23:48,931
De Joden zijn vele eeuwen
lang Gods volk geweest —

1370
01:23:48,931 --> 01:23:52,831
in elk geval was Israël in
het Oude Testament Gods volk —

1371
01:23:52,831 --> 01:23:55,410
maar de heidenen kwamen er later bij.

1372
01:23:55,410 --> 01:23:59,610
Eens waren ze niet Zijn volk en hadden ze
in hun geschiedenis geen barmhartigheid

1373
01:23:59,610 --> 01:24:01,170
van God verkregen.

1374
01:24:01,170 --> 01:24:04,410
Maar nu, in de gemeente, is dat veranderd.

1375
01:24:04,410 --> 01:24:06,750
Daar verwijst Petrus dus naar.

1376
01:24:06,750 --> 01:24:11,250
Hij verwijst naar Hosea
2:22, waar Hij zegt:

1377
01:24:11,250 --> 01:24:14,070
en Mij ontfermen over Lo-Ruchama.

1378
01:24:14,070 --> 01:24:19,770
Ik zal zeggen tegen Lo-Ammi: U bent
Mijn volk, en hij zal zeggen: Mijn God!

1379
01:24:19,770 --> 01:24:24,090
De manier waarop Paulus en Petrus deze
twee hoofdstukken van Hosea in het Nieuwe

1380
01:24:24,090 --> 01:24:29,190
Testament gebruiken, maakt dus
overduidelijk dat deze profetieën over

1381
01:24:29,190 --> 01:24:32,850
zegen en herstel in de
gemeente vervuld worden.

1382
01:24:32,850 --> 01:24:36,510
Ze worden niet vervuld in een of
ander toekomstig duizendjarig rijk

1383
01:24:36,510 --> 01:24:37,830
of iets anders.

1384
01:24:37,830 --> 01:24:40,770
De apostelen passen ze toe op de gemeente.

1385
01:24:40,770 --> 01:24:45,690
Nu is er nog een heel kort hoofdstuk,
hoofdstuk 3, dat we moeten behandelen.

1386
01:24:45,690 --> 01:24:50,190
Ik heb gezegd dat dit volgens mij in de
opbouw van het boek overeenkomt met het

1387
01:24:50,190 --> 01:24:52,050
laatste gedeelte van het boek.

1388
01:24:52,050 --> 01:24:58,230
Dat is hoofdstuk 14, het hoofdstuk over
herstel en over het messiaanse tijdperk.

1389
01:24:58,230 --> 01:24:59,430
Er staat:

1390
01:24:59,430 --> 01:25:04,830
De HEERE zei tegen mij: Ga opnieuw, bemin
een vrouw die bemind wordt door haar

1391
01:25:04,830 --> 01:25:10,050
levensgezel, maar overspel pleegt,
zoals de HEERE de Israëlieten bemint,

1392
01:25:10,050 --> 01:25:14,490
hoewel zij zich wenden tot andere
goden en houden van rozijnenkoeken.

1393
01:25:14,490 --> 01:25:18,810
De rozijnenkoeken hoorden bij de dingen
die ze op het heidense feest aten.

1394
01:25:18,810 --> 01:25:24,030
Hij spreekt dus met minachting: ze
hebben God verlaten voor rozijnenkoeken.

1395
01:25:24,030 --> 01:25:29,430
Zijn rozijnenkoeken zo verleidelijk dat
iemand er zijn behoud voor zou prijsgeven?

1396
01:25:29,430 --> 01:25:33,090
Ezau verkocht zijn
eerstgeboorterecht voor een kom moes.

1397
01:25:33,090 --> 01:25:36,330
Deze mensen verkopen hun
God voor rozijnenkoeken.

1398
01:25:36,330 --> 01:25:38,430
Maar Hij zegt tegen Hosea:

1399
01:25:38,430 --> 01:25:43,650
Ga weer naar deze vrouw toe en heb haar
weer lief, de vrouw die overspel pleegt.

1400
01:25:43,650 --> 01:25:48,030
Hij noemt haar op dat moment niet zijn
vrouw, maar het gaat duidelijk over haar,

1401
01:25:48,030 --> 01:25:50,430
de vrouw die naar andere
minnaars is gegaan

1402
01:25:50,430 --> 01:25:53,190
en buitenechtelijke
kinderen heeft gebaard.

1403
01:25:53,190 --> 01:25:55,350
Ga terug en heb haar opnieuw lief.

1404
01:25:55,350 --> 01:25:59,250
Neem haar terug, zoals God
Israël liefheeft, zegt Hij.

1405
01:25:59,250 --> 01:26:04,290
Voor vijftien zilverstukken en anderhalve
homer gerst kocht ik haar toen voor mij.

1406
01:26:04,290 --> 01:26:07,950
Er was ons hiervoor nooit
verteld dat Gomer, zijn vrouw,

1407
01:26:07,950 --> 01:26:10,830
hem ooit had verlaten of was weggestuurd.

1408
01:26:10,830 --> 01:26:12,510
Dat wordt verondersteld.

1409
01:26:12,510 --> 01:26:15,690
Er wordt ons alleen verteld
dat ze kinderen baart.

1410
01:26:15,690 --> 01:26:18,630
Dan lezen we de profetie in hoofdstuk 2:

1411
01:26:18,630 --> 01:26:22,350
want zij is Mijn vrouw niet
en Ik ben haar Man niet.

1412
01:26:22,350 --> 01:26:25,470
Nu kunnen we zien dat ze
van hem gescheiden leeft.

1413
01:26:25,470 --> 01:26:27,810
Ze is van Hosea vervreemd geraakt.

1414
01:26:27,810 --> 01:26:29,670
Hij gaat haar terugnemen.

1415
01:26:29,670 --> 01:26:33,390
In die periode van vervreemding
pleegde ze overspel.

1416
01:26:33,390 --> 01:26:38,610
En blijkbaar raakte ze zo aan lagerwal
dat ze uiteindelijk als slavin eindigde,

1417
01:26:38,610 --> 01:26:41,790
want hij moest haar voor een
bepaald bedrag terugkopen.

1418
01:26:41,790 --> 01:26:46,170
Misschien heeft ze zichzelf als slavin
moeten verkopen aan een of andere pooier

1419
01:26:46,170 --> 01:26:49,290
of zoiets om in haar
levensonderhoud te voorzien.

1420
01:26:49,290 --> 01:26:54,330
Maar dit laat zien hoe diep Israël
zinkt wanneer ze God verlaten.

1421
01:26:54,330 --> 01:26:58,710
Ze denken dat ze met andere minnaars
een aantrekkelijker leven tegemoet gaan

1422
01:26:58,710 --> 01:27:02,490
waarin ze vervulling zullen vinden,
maar ze eindigen in slavernij

1423
01:27:02,490 --> 01:27:04,530
en moeten worden teruggekocht.

1424
01:27:04,530 --> 01:27:08,010
Net zoals God een prijs moest
betalen om het geestelijke

1425
01:27:08,010 --> 01:27:13,230
Israël voor Zich te verwerven:
de prijs van het bloed van Jezus.

1426
01:27:13,230 --> 01:27:16,350
Dus Hosea betaalt een prijs voor haar.

1427
01:27:16,350 --> 01:27:19,590
Hij koopt haar blijkbaar
vrij uit de slavernij.

1428
01:27:19,590 --> 01:27:23,910
Let op: de prijs die hij betaalt
is vijftien sikkel zilver.

1429
01:27:23,910 --> 01:27:30,570
Volgens Exodus 21:32 was de gebruikelijke
prijs voor een slaaf die door een rund was

1430
01:27:30,570 --> 01:27:34,710
gestoten en voor wie een vergoeding
moest worden betaald, dertig sikkel,

1431
01:27:34,710 --> 01:27:36,510
of dertig zilverstukken.

1432
01:27:36,510 --> 01:27:39,210
Hij koopt haar voor de
helft van de prijs terug.

1433
01:27:39,210 --> 01:27:42,690
Dat zou erop kunnen wijzen dat ze
zelfs niet zoveel waard werd geacht als

1434
01:27:42,690 --> 01:27:44,310
een gewone slaaf.

1435
01:27:44,310 --> 01:27:48,390
Ze werd voor de helft van de prijs
verkocht, als beschadigde waar.

1436
01:27:48,390 --> 01:27:53,130
Haar leven van seksuele onzedelijkheid
en wisselende seksuele contacten

1437
01:27:53,130 --> 01:27:56,250
had haar zo verwoest dat
ze niet veel waard was.

1438
01:27:56,250 --> 01:28:00,210
Dus kon hij haar op de slavenmarkt
voor de helft van de prijs kopen.

1439
01:28:00,210 --> 01:28:03,450
Hij zegt dat hij haar voor
die prijs heeft gekocht.

1440
01:28:03,450 --> 01:28:05,010
In vers 3 staat:

1441
01:28:05,010 --> 01:28:08,730
En ik zei tegen haar: U moet
veel dagen bij mij blijven,

1442
01:28:08,730 --> 01:28:13,050
u mag geen hoererij bedrijven; u
mag geen andere man toebehoren,

1443
01:28:13,050 --> 01:28:15,510
en ook ik zal niet bij u komen.

1444
01:28:15,510 --> 01:28:19,230
_[Vertalersnoot: De spreker bespreekt
een Engelse vertaling waarvan de slotzin

1445
01:28:19,230 --> 01:28:23,010
letterlijk luidt: ‘Zo zal
ik ook tegenover jou zijn.’

1446
01:28:23,010 --> 01:28:27,390
Die formulering laat meer ruimte
voor uitleg dan ‘en ook ik

1447
01:28:27,390 --> 01:28:30,750
zal niet bij u komen’ in
het Nederlandse citaat.]_

1448
01:28:30,750 --> 01:28:35,010
Het is niet duidelijk of dit betekent
dat ze voortaan zijn vrouw zal zijn

1449
01:28:35,010 --> 01:28:39,810
en geen andere mannen zal nemen, of
dat het betekent dat ze voorlopig,

1450
01:28:39,810 --> 01:28:45,090
nu hij haar heeft teruggekocht, niet
meteen weer seksuele omgang zullen hebben.

1451
01:28:45,090 --> 01:28:47,610
Misschien wil hij vanwege
haar verontreiniging

1452
01:28:47,610 --> 01:28:52,410
dat ze eerst een periode van reiniging
of zoiets doormaakt. Hij zegt:

1453
01:28:52,410 --> 01:28:55,710
Je blijft bij mij, maar
je zult geen man hebben.

1454
01:28:55,710 --> 01:28:57,750
En ik zal voor jou hetzelfde doen.

1455
01:28:57,750 --> 01:29:02,430
Met andere woorden, ik zal me ook
onthouden, als dat is wat hij zegt.

1456
01:29:02,430 --> 01:29:08,010
Als hij zegt: ‘Jij en ik zullen ons
allebei een tijdlang, vele dagen,

1457
01:29:08,010 --> 01:29:12,450
van seksuele omgang onthouden’, dan
zou dat blijkbaar een periode zijn

1458
01:29:12,450 --> 01:29:16,530
waarin zij de ceremoniële
reiniging vanwege haar hoererij

1459
01:29:16,530 --> 01:29:18,270
enzovoort moet ondergaan.

1460
01:29:18,270 --> 01:29:23,730
Dit komt ook met iets overeen: een periode
waarin God geen omgang had met Zijn volk.

1461
01:29:23,730 --> 01:29:25,470
Dat staat in vers 4:

1462
01:29:25,470 --> 01:29:30,630
Want de Israëlieten moeten veel dagen
zonder koning en zonder vorst blijven,

1463
01:29:30,630 --> 01:29:36,270
zonder offer en zonder gewijde
steen, zonder efod en afgodsbeelden.

1464
01:29:36,270 --> 01:29:40,590
Er staat dat ze vele dagen zonder
koning of vorst zullen zijn,

1465
01:29:40,590 --> 01:29:43,890
of zonder offer of gewijde zuil.

1466
01:29:43,890 --> 01:29:48,030
Ik zou dit opvatten als een aanduiding
van de tijd vanaf de verwoesting van het

1467
01:29:48,030 --> 01:29:51,270
noordelijke koninkrijk
tot de komst van Christus.

1468
01:29:51,270 --> 01:29:54,990
De premillennialisten zouden
dit volgens mij anders opvatten.

1469
01:29:54,990 --> 01:29:59,730
Zij zouden bij die vele dagen zonder
offer mogelijk denken aan het tijdperk

1470
01:29:59,730 --> 01:30:01,050
van de gemeente.

1471
01:30:01,050 --> 01:30:05,610
Maar zij geloven dat de offers in het
duizendjarig rijk in een nieuwe tempel

1472
01:30:05,610 --> 01:30:07,290
hersteld zullen worden.

1473
01:30:07,290 --> 01:30:12,030
Daarom zouden ze zeggen dat vers 5 ons
vertelt over een terugkeer van de Joden

1474
01:30:12,030 --> 01:30:16,410
tot God in de laatste dagen,
en over het dienen van David.

1475
01:30:16,410 --> 01:30:20,790
David is gewoon een naam die in de
plaats van de Messias wordt gebruikt.

1476
01:30:20,790 --> 01:30:24,870
De Joden in het Oude Testament wisten
immers niet wat de werkelijke Naam van de

1477
01:30:24,870 --> 01:30:29,490
Messias zou zijn, maar ze wisten
wel dat Hij van David zou afstammen.

1478
01:30:29,490 --> 01:30:32,550
Ze noemden Hem soms gewoon David.

1479
01:30:32,550 --> 01:30:37,470
Jeremia noemde de Messias
David in Jeremia 30, vers 9.

1480
01:30:37,470 --> 01:30:43,410
En Ezechiël noemde de Messias
David in Ezechiël 34:24.

1481
01:30:43,410 --> 01:30:48,330
Dus ook andere profeten hebben deze naam
gebruikt om over de Messias te spreken.

1482
01:30:48,330 --> 01:30:52,230
Maar dit zijn de twee opvattingen
over deze laatste twee verzen.

1483
01:30:52,230 --> 01:30:55,830
Het premillennialistische
standpunt zou volgens mij zijn dat

1484
01:30:55,830 --> 01:31:00,090
vers 4 spreekt over een lange
periode, het tijdperk van de gemeente,

1485
01:31:00,090 --> 01:31:05,010
waarin Israël zonder tempel, zonder
offers en zonder koning zou zijn.

1486
01:31:05,010 --> 01:31:07,770
Dat is het huidige
tijdperk van de gemeente.

1487
01:31:07,770 --> 01:31:10,170
Ze bevinden zich nog
steeds in die toestand.

1488
01:31:10,170 --> 01:31:14,430
Maar daarna zullen ze terugkeren:
aan het einde van het tijdperk,

1489
01:31:14,430 --> 01:31:18,450
vlak voor de komst van Christus en
vervolgens ook in de periode van het

1490
01:31:18,450 --> 01:31:22,170
duizendjarig rijk, nadat
Jezus is teruggekomen.

1491
01:31:22,170 --> 01:31:27,930
Ze zullen de Heere zoeken en David
dienen, oftewel Jezus, hun Koning.

1492
01:31:27,930 --> 01:31:31,890
En ze zullen de Heere en Zijn
goedheid vrezen in de laatste dagen.

1493
01:31:31,890 --> 01:31:36,510
De verwijzing naar de laatste dagen zou
voor velen natuurlijk bevestigen dat het

1494
01:31:36,510 --> 01:31:38,730
over het einde van het tijdperk gaat.

1495
01:31:38,730 --> 01:31:44,010
Want zo hebben christenen de uitdrukking
‘de laatste dagen’ vaak opgevat.

1496
01:31:44,010 --> 01:31:48,030
Volgens mij ten onrechte, maar dat is
een gangbare manier om die uitdrukking

1497
01:31:48,030 --> 01:31:49,170
op te vatten.

1498
01:31:49,170 --> 01:31:54,090
Ik zie het zo: hij spreekt over de
verwoesting die over Israël zal komen.

1499
01:31:54,090 --> 01:31:57,270
Ze zullen zonder koninkrijk
en zonder God zijn,

1500
01:31:57,270 --> 01:32:01,590
en gedurende die dagen zullen
ze geen aanbidders van God zijn.

1501
01:32:01,590 --> 01:32:06,330
Zoals Hosea en zijn vrouw zich blijkbaar
vele dagen van omgang met elkaar zouden

1502
01:32:06,330 --> 01:32:10,410
onthouden voordat ze hun omgang
als man en vrouw hervatten,

1503
01:32:10,410 --> 01:32:15,930
zo zou er een periode zijn waarin God
Zich van omgang met Israël zou onthouden.

1504
01:32:15,930 --> 01:32:20,370
En Hij zou die omgang weer hervatten
wanneer ze Jezus, de Messias,

1505
01:32:20,370 --> 01:32:21,510
zouden komen dienen.

1506
01:32:21,510 --> 01:32:26,430
Ik geloof dat Hij Zijn relatie met Israël
hervatte toen Johannes de Doper kwam

1507
01:32:26,430 --> 01:32:30,930
en begon te profeteren en Israël
opnieuw tot bekering opriep,

1508
01:32:30,930 --> 01:32:33,750
en dat velen zich tot Christus keerden.

1509
01:32:33,750 --> 01:32:38,070
Ze vormden een minderheid, dat is
waar; het was een overblijfsel,

1510
01:32:38,070 --> 01:32:39,750
maar ze deden het wel.

1511
01:32:39,750 --> 01:32:42,990
Dat is het overblijfsel
waarover hier gesproken wordt.

1512
01:32:42,990 --> 01:32:47,850
De kinderen van Israël zijn hier het
overblijfsel, en zij keren terug,

1513
01:32:47,850 --> 01:32:52,950
en zij aanbidden God, en zij aanbidden
Jezus, en zij zijn de gemeente.

1514
01:32:52,950 --> 01:32:54,330
Daar gaat het over.

1515
01:32:54,330 --> 01:32:57,450
De latere dagen kunnen het
laatste tijdperk betekenen,

1516
01:32:57,450 --> 01:32:59,850
namelijk het tijdperk van de gemeente.

1517
01:32:59,850 --> 01:33:03,570
Er zijn verschillende uitleggers die
geloven dat met de laatste dagen het

1518
01:33:03,570 --> 01:33:07,950
tijdperk van de gemeente wordt bedoeld,
het hele tijdperk van de gemeente.

1519
01:33:07,950 --> 01:33:10,290
Ik heb dat lange tijd ook zo onderwezen,

1520
01:33:10,290 --> 01:33:14,310
omdat dat in het Nieuwe Testament op
het eerste gezicht zo lijkt te zijn.

1521
01:33:14,310 --> 01:33:18,210
Toen Petrus erover sprak dat op de
Pinksterdag de profetie van Joël werd

1522
01:33:18,210 --> 01:33:19,830
vervuld, zei hij:

1523
01:33:19,830 --> 01:33:22,830
En het zal zijn in de
laatste dagen, zegt God,

1524
01:33:22,830 --> 01:33:26,250
dat Ik zal uitstorten van
Mijn Geest op alle vlees;

1525
01:33:26,250 --> 01:33:29,550
en uw zonen en uw dochters
zullen profeteren,

1526
01:33:29,550 --> 01:33:34,770
uw jongemannen zullen visioenen zien
en uw ouderen zullen dromen dromen.

1527
01:33:34,770 --> 01:33:36,150
Petrus zei:

1528
01:33:36,150 --> 01:33:37,230
Dit is het.

1529
01:33:37,230 --> 01:33:39,390
De schrijver van Hebreeën zei:

1530
01:33:39,390 --> 01:33:44,430
Nadat God voorheen vele malen en op vele
wijzen tot de vaderen gesproken had door

1531
01:33:44,430 --> 01:33:49,650
de profeten, heeft Hij in deze laatste
dagen tot ons gesproken door de Zoon,

1532
01:33:49,650 --> 01:33:55,410
Die Hij Erfgenaam gemaakt heeft van alles,
door Wie Hij ook de wereld gemaakt heeft.

1533
01:33:55,410 --> 01:33:56,730
Johannes zei:

1534
01:33:56,730 --> 01:34:01,890
Kinderen, het is het laatste uur; en zoals
u gehoord hebt dat de antichrist eraan

1535
01:34:01,890 --> 01:34:04,830
komt, zijn er ook nu al
veel antichristen gekomen,

1536
01:34:04,830 --> 01:34:07,710
waaruit wij weten dat
het het laatste uur is.

1537
01:34:07,710 --> 01:34:10,890
In 1 Petrus hoofdstuk 1 staat dat Jezus:

1538
01:34:10,890 --> 01:34:14,790
Hij is wel van tevoren gekend,
vóór de grondlegging van de wereld,

1539
01:34:14,790 --> 01:34:18,030
maar in de laatste tijden
geopenbaard omwille van u.

1540
01:34:18,030 --> 01:34:20,670
Paulus spreekt over ons als de mensen:

1541
01:34:20,670 --> 01:34:24,390
Al deze dingen nu zijn hun
overkomen als voorbeelden voor ons,

1542
01:34:24,390 --> 01:34:27,030
en ze zijn beschreven tot
waarschuwing voor ons,

1543
01:34:27,030 --> 01:34:29,970
over wie het einde van
de eeuwen gekomen is.

1544
01:34:29,970 --> 01:34:33,150
Zulke uitdrukkingen worden in
het Nieuwe Testament gebruikt.

1545
01:34:33,150 --> 01:34:37,230
Dat wijst erop dat men het einde van
het tijdperk, of de laatste dagen,

1546
01:34:37,230 --> 01:34:41,670
of de latere tijden, of het laatste
uur zag als iets wat in de dagen van de

1547
01:34:41,670 --> 01:34:43,710
apostelen al aanwezig was.

1548
01:34:43,710 --> 01:34:48,750
Op grond daarvan hebben velen dit zo
opgevat dat het tijdperk van de gemeente,

1549
01:34:48,750 --> 01:34:53,790
dat toen begon, de laatste dagen is, en
dat we nog steeds in de laatste dagen

1550
01:34:53,790 --> 01:34:56,610
leven en dat al tweeduizend jaar doen.

1551
01:34:56,610 --> 01:35:00,570
Ik heb het lange tijd zo begrepen,
maar door mijn studie sindsdien ben ik

1552
01:35:00,570 --> 01:35:02,370
van opvatting veranderd.

1553
01:35:02,370 --> 01:35:06,330
Ik denk dat het de laatste dagen
van de Joodse bedeling betekent,

1554
01:35:06,330 --> 01:35:09,810
de laatste dagen van de
orde van het oude verbond.

1555
01:35:09,810 --> 01:35:13,410
De orde van het oude verbond
was in de een of andere vorm

1556
01:35:13,410 --> 01:35:17,610
tweeduizend jaar van kracht,
vanaf de tijd van Abraham.

1557
01:35:17,610 --> 01:35:21,570
Die orde kwam in het jaar
70 na Christus ten einde.

1558
01:35:21,570 --> 01:35:25,410
De dagen waarin de apostelen
leefden, waren de laatste dagen van

1559
01:35:25,410 --> 01:35:27,090
dat specifieke stelsel.

1560
01:35:27,090 --> 01:35:31,890
Daarom is het heel juist om over hun
tijd te spreken als de latere dagen.

1561
01:35:31,890 --> 01:35:34,710
Het lijkt me nu heel vreemd
om een hele periode van

1562
01:35:34,710 --> 01:35:37,770
tweeduizend jaar als de
laatste dagen te beschouwen.

1563
01:35:37,770 --> 01:35:41,250
Het lijken eerder de laatste
eeuwen dan de laatste dagen.

1564
01:35:41,250 --> 01:35:45,690
Maar het zou wel logisch zijn om over
de laatste paar jaren vanaf de tijd van

1565
01:35:45,690 --> 01:35:51,090
Christus tot het jaar 70 na Christus
te spreken als de laatste dagen.

1566
01:35:51,090 --> 01:35:53,190
Dat is minder dan één eeuw.

1567
01:35:53,190 --> 01:35:58,050
Het is het kleine afsluitende gedeelte
van het tijdperk van het oude verbond.

1568
01:35:58,050 --> 01:36:02,430
Dat is volgens mij wat in de Bijbel
meestal met de latere dagen wordt bedoeld.

1569
01:36:02,430 --> 01:36:04,890
Soms kan de term algemener zijn.

1570
01:36:04,890 --> 01:36:09,750
Hij kan in een bepaalde context de laatste
dagen van het een of ander betekenen:

1571
01:36:09,750 --> 01:36:14,010
de laatste dagen van Edom, of
de laatste dagen van Babylon,

1572
01:36:14,010 --> 01:36:16,470
of de laatste dagen van iets anders.

1573
01:36:16,470 --> 01:36:20,130
Het is ook mogelijk dat in sommige
geschriften van Paulus de term

1574
01:36:20,130 --> 01:36:24,630
‘laatste dagen’ betrekking heeft
op de laatste dagen van de wereld.

1575
01:36:24,630 --> 01:36:29,730
Dat wil zeggen, zoals we er gewoonlijk
over denken: het einde van de wereld.

1576
01:36:29,730 --> 01:36:33,690
Sommige uitspraken van Paulus
over de laatste dagen in Timotheus

1577
01:36:33,690 --> 01:36:36,690
zouden naar mijn idee die
betekenis kunnen hebben.

1578
01:36:36,690 --> 01:36:40,710
Maar ik kan er niet zeker van zijn,
en ik ben er niet dogmatisch over.

1579
01:36:40,710 --> 01:36:44,550
Over het algemeen geloof ik dat
het normale gebruik van de term

1580
01:36:44,550 --> 01:36:49,350
‘laatste dagen’ of ‘latere
dagen’ in het Nieuwe Testament

1581
01:36:49,350 --> 01:36:52,410
verwijst naar de laatste
dagen van de Joodse bedeling,

1582
01:36:52,410 --> 01:36:55,590
die in het jaar 70 na Christus eindigde.

1583
01:36:55,590 --> 01:37:00,330
En wanneer ze die term gebruiken,
citeren ze vaak uit het Oude Testament.

1584
01:37:00,330 --> 01:37:02,550
Dat is dus waar het daar
in hoofdstuk 3 over gaat.
