1
00:00:01,950 --> 00:00:04,170
Welkom bij Vers voor Vers!

2
00:00:04,170 --> 00:00:10,950
Deze keer behandelen we Jakobus 2
vers 8 tot en met hoofdstuk 3 vers 12.

3
00:00:10,950 --> 00:00:14,430
We zijn bij Jakobus
hoofdstuk 2, vanaf vers 8.

4
00:00:14,430 --> 00:00:18,030
Tijdens onze vorige bijeenkomst
hebben we nog iets verder gelezen,

5
00:00:18,030 --> 00:00:21,690
maar ik heb alleen tot en met
vers 7 commentaar gegeven.

6
00:00:21,690 --> 00:00:25,290
In vers 1 tot en met 7
wees Jakobus de gemeente

7
00:00:25,290 --> 00:00:27,870
terecht omdat ze de rijken voortrok.

8
00:00:27,870 --> 00:00:30,930
Hij vond het een beetje vreemd
dat de gemeente dat deed.

9
00:00:30,930 --> 00:00:35,010
Als je erover nadenkt: Jezus
is nooit een rijk man geweest,

10
00:00:35,010 --> 00:00:37,770
en de apostelen waren geen rijke mannen.

11
00:00:37,770 --> 00:00:41,790
Jakobus wijst erop dat het over
het algemeen juist de rijken waren

12
00:00:41,790 --> 00:00:46,170
die zich tegen de gemeente verzetten,
zich tegen het Evangelie verzetten,

13
00:00:46,170 --> 00:00:50,670
hen zelfs voor de rechterlijke
rechtbanken sleepten en God lasterden.

14
00:00:50,670 --> 00:00:56,010
Terwijl God de armen van deze wereld had
uitgekozen om rijk te zijn in het geloof.

15
00:00:56,010 --> 00:01:00,150
Rijk in een andere betekenis,
een veel belangrijkere betekenis,

16
00:01:00,150 --> 00:01:02,610
en erfgenamen van het Koninkrijk.

17
00:01:02,610 --> 00:01:05,370
Natuurlijk zinspeelt
hij daar op de Bergrede,

18
00:01:05,370 --> 00:01:08,130
waar Jezus in Lukas hoofdstuk 6 zei:

19
00:01:08,130 --> 00:01:13,410
En toen Hij Zijn ogen opgeslagen had naar
Zijn discipelen, zei Hij: Zalig bent u,

20
00:01:13,410 --> 00:01:16,590
armen, want van u is
het Koninkrijk van God.

21
00:01:16,590 --> 00:01:17,790
Hij zegt:

22
00:01:17,790 --> 00:01:21,750
Luister, mijn geliefde broeders,
heeft God de armen van deze

23
00:01:21,750 --> 00:01:24,750
wereld niet uitverkoren om
rijk te zijn in het geloof,

24
00:01:24,750 --> 00:01:29,670
en erfgenamen te zijn van het
Koninkrijk, dat Hij beloofd heeft aan hen

25
00:01:29,670 --> 00:01:31,110
die Hem liefhebben?

26
00:01:31,110 --> 00:01:35,670
Wanneer hij zegt dat Hij de armen heeft
uitgekozen om rijk te zijn in het geloof,

27
00:01:35,670 --> 00:01:39,990
denkt hij misschien zelfs aan gevallen
zoals dat van de rijke jongeling,

28
00:01:39,990 --> 00:01:44,130
die er vanwege zijn rijkdom moeite
mee had om tot geloof te komen.

29
00:01:44,130 --> 00:01:48,990
We hebben toen gezegd dat er geen garantie
is dat een rijk man ongeestelijk zal zijn,

30
00:01:48,990 --> 00:01:51,810
of dat een arm man geestelijk zal zijn.

31
00:01:51,810 --> 00:01:56,910
Er zullen arme mensen in de hel zijn, en
er zullen rijke mensen in de hemel zijn.

32
00:01:56,910 --> 00:01:59,550
Mensen die hier rijk of arm zijn.

33
00:01:59,550 --> 00:02:04,710
Je kunt iemands geestelijke gesteldheid
of zijn positie tegenover God niet

34
00:02:04,710 --> 00:02:08,910
eenvoudig afleiden uit zijn
banksaldo of zijn bezittingen.

35
00:02:08,910 --> 00:02:12,690
Maar wie werkelijk geestelijk
is, hecht waarde aan iets

36
00:02:12,690 --> 00:02:15,210
waar de wereld geen waarde aan hecht.

37
00:02:15,210 --> 00:02:20,190
En Hij zei tegen hen: U bent het die
uzelf rechtvaardigt voor de mensen,

38
00:02:20,190 --> 00:02:22,470
maar God kent uw hart.

39
00:02:22,470 --> 00:02:26,970
Want wat hoog is onder de
mensen, is een gruwel voor God.

40
00:02:26,970 --> 00:02:31,650
zei Jezus in Lukas hoofdstuk
16, volgens mij was het daar.

41
00:02:31,650 --> 00:02:35,430
We moeten dus oppassen dat we
niet in beslag genomen worden

42
00:02:35,430 --> 00:02:38,970
door wat Jezus in de gelijkenis
van de zaaier noemde:

43
00:02:38,970 --> 00:02:43,830
En bij wie in de dorens gezaaid
is, dat is hij die het Woord hoort;

44
00:02:43,830 --> 00:02:48,090
maar de zorgen van deze wereld
en de verleiding van de rijkdom

45
00:02:48,090 --> 00:02:51,330
verstikken het Woord, en
het wordt onvruchtbaar.

46
00:02:51,330 --> 00:02:55,590
Die dingen staan bij de meeste mensen
beslist het soort geloof in de weg

47
00:02:55,590 --> 00:03:00,990
dat de vroege gemeente kende, voordat
ze de luxe hadden om rijk te zijn.

48
00:03:00,990 --> 00:03:06,510
Jakobus geeft aan dat je, door de rijken
voor te trekken of mensen op welke andere

49
00:03:06,510 --> 00:03:09,570
vleselijke grond dan ook
naar de ogen te zien,

50
00:03:09,570 --> 00:03:12,510
een rechter met kwade gedachten wordt.

51
00:03:12,510 --> 00:03:14,490
Mensen die de rijken voortrekken,

52
00:03:14,490 --> 00:03:18,150
hebben heel vaak overduidelijke
zelfzuchtige motieven.

53
00:03:18,150 --> 00:03:21,030
Want door vriendschap te
sluiten met de rijken,

54
00:03:21,030 --> 00:03:26,190
zorg je er tot op zekere hoogte voor dat
je rijke mensen aan jouw kant hebt wanneer

55
00:03:26,190 --> 00:03:30,390
je iets nodig hebt, of wat
dan ook. In Spreuken staat:

56
00:03:30,390 --> 00:03:32,970
Een arme wordt zelfs
door zijn vriend gehaat,

57
00:03:32,970 --> 00:03:36,090
maar de vrienden van
een rijke zijn talrijk.

58
00:03:36,090 --> 00:03:39,510
maar in veel gevallen zijn
dat geen erg trouwe vrienden.

59
00:03:39,510 --> 00:03:44,310
Het zijn mensen die graag in een gunstige
positie verkeren en bij de rijken in de

60
00:03:44,310 --> 00:03:48,090
gunst staan, voor het geval ze
iets van hen kunnen krijgen.

61
00:03:48,090 --> 00:03:51,930
Maar als je de rijken begunstigt,
of iemand begunstigt op een andere

62
00:03:51,930 --> 00:03:54,450
grond dan zijn werkelijke gerechtigheid,

63
00:03:54,450 --> 00:03:58,410
zijn geestelijke gesteldheid
en zijn positie tegenover God,

64
00:03:58,410 --> 00:04:00,870
dan oordeel je anders dan God.

65
00:04:00,870 --> 00:04:04,350
Hij gaat verder met deze gedachte
over het aanzien van de persoon,

66
00:04:04,350 --> 00:04:06,330
en hij noemt het een zonde.

67
00:04:06,330 --> 00:04:08,850
In vers 8 tot en met 11 zegt hij:

68
00:04:08,850 --> 00:04:12,750
Als u echter de koninklijke wet
volbrengt, volgens de Schrift:

69
00:04:12,750 --> 00:04:16,830
U zult uw naaste liefhebben
als uzelf, dan handelt u goed.

70
00:04:16,830 --> 00:04:19,590
Maar als u met aanzien
des persoons handelt,

71
00:04:19,590 --> 00:04:24,330
begaat u een zonde en wordt u door
de wet ontmaskerd als overtreders.

72
00:04:24,330 --> 00:04:28,230
Want wie de hele wet in acht
neemt, maar op één punt struikelt,

73
00:04:28,230 --> 00:04:30,991
die is schuldig geworden
aan alle geboden .

74
00:04:30,991 --> 00:04:37,110
Immers, Hij Die gezegd heeft: U zult
geen overspel plegen, heeft ook gezegd:

75
00:04:37,110 --> 00:04:38,970
U zult niet doodslaan.

76
00:04:38,970 --> 00:04:42,630
Als u dan geen overspel
bedrijft, maar wel doodslaat,

77
00:04:42,630 --> 00:04:44,790
bent u toch een wetsovertreder geworden.

78
00:04:44,790 --> 00:04:49,350
Wat zonde betreft, vertelt 1 Johannes
ons in 1 Johannes hoofdstuk 3,

79
00:04:49,350 --> 00:04:53,610
volgens mij is het vers 4 of
vers 6, ergens daar in de buurt,

80
00:04:53,610 --> 00:04:55,290
dat Johannes zegt:

81
00:04:55,290 --> 00:04:57,930
Zonde is overtreding van de wet.

82
00:04:57,930 --> 00:05:01,050
Jakobus is het dus eens met die definitie.

83
00:05:01,050 --> 00:05:06,030
Hij zegt in vers 9 dat zonde begaan
betekent dat je schuldig bevonden wordt

84
00:05:06,030 --> 00:05:08,130
aan overtreding van de wet.

85
00:05:08,130 --> 00:05:13,590
Gods wet overtreden is zonde en is
daarom onder christenen onaanvaardbaar.

86
00:05:13,590 --> 00:05:17,130
Hij maakt ons duidelijk welke
wet hij op het oog heeft.

87
00:05:17,130 --> 00:05:19,110
Het is niet de wet van Mozes.

88
00:05:19,110 --> 00:05:22,890
Het is wat hij in vers 8
de koninklijke wet noemt.

89
00:05:22,890 --> 00:05:27,570
Het woord ‘koninklijk’ geeft aan
dat die verband houdt met de koning

90
00:05:27,570 --> 00:05:29,190
of het koninkrijk.

91
00:05:29,190 --> 00:05:31,410
Het is de wet van het Koninkrijk.

92
00:05:31,410 --> 00:05:33,870
Het is de wet van onze Koning.

93
00:05:33,870 --> 00:05:36,690
Natuurlijk verwijzen de Koning en Zijn wet

94
00:05:36,690 --> 00:05:40,410
voor zowel de christelijke Jood
als de christelijke heiden naar het

95
00:05:40,410 --> 00:05:42,270
onderwijs van Jezus.

96
00:05:42,270 --> 00:05:46,650
Jezus is de Koning, en Zijn
wet was, zoals je je herinnert,

97
00:05:46,650 --> 00:05:48,810
dat we elkaar moeten liefhebben.

98
00:05:48,810 --> 00:05:54,030
Jezus haalde hierover de oudtestamentische
wet aan, en dat doet Jakobus ook.

99
00:05:54,030 --> 00:05:57,630
De passage in Leviticus 19:18:

100
00:05:57,630 --> 00:06:01,950
U mag geen wraak nemen of een wrok
koesteren tegen uw volksgenoten,

101
00:06:01,950 --> 00:06:05,190
maar u moet uw naaste
liefhebben als uzelf.

102
00:06:05,190 --> 00:06:07,410
Ik ben de HEERE.

103
00:06:07,410 --> 00:06:11,970
Jezus ging eigenlijk wat later, in
de bovenzaal, nog een stap verder.

104
00:06:11,970 --> 00:06:16,350
Hij stelde de eisen iets scherper,
zo lijkt het, toen Hij zei:

105
00:06:16,350 --> 00:06:22,470
Een nieuw gebod geef Ik u, namelijk dat u
elkaar liefhebt; zoals Ik u liefgehad heb,

106
00:06:22,470 --> 00:06:24,630
moet u ook elkaar liefhebben.

107
00:06:24,630 --> 00:06:28,710
Volgens mij gaat dat nog verder dan
alleen je naaste liefhebben als jezelf.

108
00:06:28,710 --> 00:06:30,690
Toen Johannes de Doper zei:

109
00:06:30,690 --> 00:06:35,010
Hij antwoordde en zei tegen hen:
Wie twee stel onderkleren heeft,

110
00:06:35,010 --> 00:06:39,450
moet delen met hem die er geen heeft,
en wie voedsel heeft, moet ook zo doen.

111
00:06:39,450 --> 00:06:42,990
zou dat een voorbeeld zijn van de
oudtestamentische vorm van je naaste

112
00:06:42,990 --> 00:06:44,730
liefhebben als jezelf.

113
00:06:44,730 --> 00:06:48,390
Je behandelt je naaste
in wezen als je gelijke.

114
00:06:48,390 --> 00:06:52,710
Als jullie niet evenveel hebben en
hij niets heeft, deel je met hem,

115
00:06:52,710 --> 00:06:55,410
en dan hebben jullie allebei evenveel.

116
00:06:55,410 --> 00:06:57,750
Je hebt hem even lief als jezelf.

117
00:06:57,750 --> 00:07:01,650
Maar Jezus zei dat we moeten leren
elkaar lief te hebben zoals Hij

118
00:07:01,650 --> 00:07:03,390
ons heeft liefgehad.

119
00:07:03,390 --> 00:07:09,570
In zekere zin stelde Jezus ons in Zijn
handelen tegenover ons boven Zichzelf.

120
00:07:09,570 --> 00:07:11,850
Zo moeten wij niet met Hem omgaan.

121
00:07:11,850 --> 00:07:15,990
Natuurlijk moet Hij boven ons
staan in heel onze omgang met Hem.

122
00:07:15,990 --> 00:07:22,110
Maar in Zijn verhouding tot ons maakte
Hij Zichzelf tot onze dienaar. Jezus zei:

123
00:07:22,110 --> 00:07:26,130
zoals ook de Zoon des mensen niet
gekomen is om gediend te worden,

124
00:07:26,130 --> 00:07:30,990
maar om te dienen, en Zijn ziel te
geven tot een losprijs voor velen.

125
00:07:30,990 --> 00:07:32,370
En Hij zei:

126
00:07:32,370 --> 00:07:35,130
Niemand heeft een grotere liefde dan deze,

127
00:07:35,130 --> 00:07:38,610
namelijk dat iemand zijn leven
geeft voor zijn vrienden.

128
00:07:38,610 --> 00:07:39,870
voor de broeders.

129
00:07:39,870 --> 00:07:45,390
Wanneer je je leven aflegt voor iemand
anders, stel je die persoon boven jezelf.

130
00:07:45,390 --> 00:07:48,690
Als je twee jassen hebt en
iemand anders geen enkele,

131
00:07:48,690 --> 00:07:52,710
kun je hem een van je jassen
geven en dan zijn jullie gelijk.

132
00:07:52,710 --> 00:07:57,210
Maar als jij alleen je ene leven
hebt en hij zijn ene leven,

133
00:07:57,210 --> 00:08:03,450
en het gaat tussen jou en hem, en je zegt:
‘Neem mij maar, ik zal voor hem sterven’,

134
00:08:03,450 --> 00:08:05,190
dan maak je niets gelijk.

135
00:08:05,190 --> 00:08:07,470
Je neemt dan zelf het verlies op je,

136
00:08:07,470 --> 00:08:10,230
zodat hij misschien geen
verlies hoeft te lijden.

137
00:08:10,230 --> 00:08:13,710
Je stelt de ander boven
jezelf, en dat is de manier

138
00:08:13,710 --> 00:08:16,470
waarop Jezus zei dat we
elkaar moeten liefhebben.

139
00:08:16,470 --> 00:08:20,010
Johannes zegt dat trouwens ook
in 1 Johannes, hoofdstuk 3,

140
00:08:20,010 --> 00:08:22,830
vers 16 tot en met 18:

141
00:08:22,830 --> 00:08:27,810
Hieraan leerden wij de liefde kennen, dat
Hij voor ons Zijn leven heeft gegeven.

142
00:08:27,810 --> 00:08:30,450
Ook wij moeten voor de
broeders het leven geven.

143
00:08:30,450 --> 00:08:34,530
Wie dan de goederen van de wereld heeft,
en zijn broeder gebrek ziet lijden,

144
00:08:34,530 --> 00:08:39,090
maar zijn hart voor hem toesluit, hoe
kan de liefde van God in hem blijven?

145
00:08:39,090 --> 00:08:43,170
Mijn lieve kinderen, laten wij niet
liefhebben met het woord of met de tong,

146
00:08:43,170 --> 00:08:45,690
maar met de daad en in waarheid.

147
00:08:45,690 --> 00:08:50,910
Wanneer Johannes daar in 1 Johannes 3
over spreekt, geeft hij dit voorbeeld:

148
00:08:50,910 --> 00:08:55,350
Als je genoeg hebt om van te leven en
je ziet dat je broeder iets nodig heeft

149
00:08:55,350 --> 00:08:59,850
en je helpt hem niet, hoe kun je dan
beweren dat je Gods liefde in je hebt?

150
00:08:59,850 --> 00:09:04,530
Met andere woorden, je leven afleggen voor
je broeder betekent niet altijd dat je in

151
00:09:04,530 --> 00:09:06,150
zijn plaats sterft.

152
00:09:06,150 --> 00:09:10,230
Het kan eenvoudig betekenen dat je voor
hem afstand doet van je voorrechten

153
00:09:10,230 --> 00:09:11,430
en je rechten.

154
00:09:11,430 --> 00:09:15,210
Je hebt natuurlijk het recht om al
het geld dat je eerlijk hebt verdiend

155
00:09:15,210 --> 00:09:17,550
naar eigen wens uit te geven.

156
00:09:17,550 --> 00:09:22,590
Niet noodzakelijk tegenover God, want God
verwacht dat je dat allemaal overgeeft

157
00:09:22,590 --> 00:09:24,330
wanneer je christen wordt.

158
00:09:24,330 --> 00:09:29,430
Maar wat je rentmeesterschap betreft, is
het van jou en niet van iemand anders.

159
00:09:29,430 --> 00:09:32,550
Als geld op een eerlijke
manier in jouw handen komt,

160
00:09:32,550 --> 00:09:35,670
ben jij Gods rentmeester over dat geld.

161
00:09:35,670 --> 00:09:38,790
En wat je ermee doet,
beslis je helemaal zelf,

162
00:09:38,790 --> 00:09:42,210
waarbij je natuurlijk verantwoording
aan God verschuldigd bent.

163
00:09:42,210 --> 00:09:44,850
Het is niet de beslissing
van een arme man.

164
00:09:44,850 --> 00:09:47,910
Hij kan niet bij je
komen en je geld opeisen.

165
00:09:47,910 --> 00:09:51,870
Maar als hij iets nodig heeft, kun je hem
uit barmhartigheid geven wat hij nodig

166
00:09:51,870 --> 00:09:54,630
heeft, ook al heeft
hij daar geen recht op.

167
00:09:54,630 --> 00:09:59,370
Dat is een deel van hoe Johannes duidelijk
maakt wat het betekent om je leven af te

168
00:09:59,370 --> 00:10:00,930
leggen voor je broeder.

169
00:10:00,930 --> 00:10:04,590
Het betekent dat je de rechten die
je hebt aan iemand anders geeft

170
00:10:04,590 --> 00:10:09,090
en iemand anders boven jezelf stelt,
zelfs als dat betekent dat je voor

171
00:10:09,090 --> 00:10:11,010
hem sterft, natuurlijk.

172
00:10:11,010 --> 00:10:13,170
Dat is dus de koninklijke wet.

173
00:10:13,170 --> 00:10:17,730
Jakobus haalt die om de een of andere
reden uit het Oude Testament aan,

174
00:10:17,730 --> 00:10:21,510
in plaats van eenvoudig Jezus’
eigen woorden aan te halen.

175
00:10:21,510 --> 00:10:25,770
Maar Jezus haalde deze
oudtestamentische wet zelf ook aan.

176
00:10:25,770 --> 00:10:28,830
Wat Jakobus ongetwijfeld
duidelijk probeert te maken,

177
00:10:28,830 --> 00:10:34,290
is dat de koninklijke wet, de wet van
het Koninkrijk, inhoudt dat je liefhebt,

178
00:10:34,290 --> 00:10:37,710
dat je Jezus en de broeders
boven alles liefhebt.

179
00:10:37,710 --> 00:10:42,330
En hij zegt dat het voortrekken van de
rijken een overtreding is van die wet,

180
00:10:42,330 --> 00:10:44,190
de wet van de liefde.

181
00:10:44,190 --> 00:10:46,770
Het is interessant dat
hij dat evenzeer een

182
00:10:46,770 --> 00:10:51,450
overtreding van de wet van de
liefde noemt als overspel en moord,

183
00:10:51,450 --> 00:10:55,110
die hij als andere
voorbeelden geeft. Hij zegt:

184
00:10:55,110 --> 00:10:58,230
Maar als u met aanzien
des persoons handelt,

185
00:10:58,230 --> 00:11:03,150
begaat u een zonde en wordt u door
de wet ontmaskerd als overtreders.

186
00:11:03,150 --> 00:11:06,270
En mocht je denken dat dat
maar iets kleins is, een kleine

187
00:11:06,270 --> 00:11:08,730
overtreding, besef dan:

188
00:11:08,730 --> 00:11:13,110
Want wie de hele wet in acht
neemt, maar op één punt struikelt,

189
00:11:13,110 --> 00:11:15,871
die is schuldig geworden
aan alle geboden .

190
00:11:15,871 --> 00:11:19,290
Het is niet zozeer dat de wetten
op zichzelf gewicht hebben.

191
00:11:19,290 --> 00:11:23,490
De reden om de wet van God te
houden, is dat die de wil van God is.

192
00:11:23,490 --> 00:11:27,690
En Zijn wet overtreden betekent
dat je je tegen Zijn wil keert,

193
00:11:27,690 --> 00:11:30,810
dat je tegen Hem als
persoon in opstand komt.

194
00:11:30,810 --> 00:11:36,450
Het is de Wetgever tegen Wie je in opstand
komt wanneer je de wet van God overtreedt,

195
00:11:36,450 --> 00:11:37,830
niet de wet.

196
00:11:37,830 --> 00:11:40,890
Daarom wordt benadrukt dat Hij Die zei:

197
00:11:40,890 --> 00:11:43,110
U zult geen overspel plegen

198
00:11:43,110 --> 00:11:46,050
dezelfde is als Degene Die zei:

199
00:11:46,050 --> 00:11:47,190
Dood niemand.

200
00:11:47,190 --> 00:11:49,470
Het gaat hier om de Wetgever.

201
00:11:49,470 --> 00:11:53,550
Je overtreedt één van Zijn wetten
en je overtreedt ze allemaal,

202
00:11:53,550 --> 00:11:58,110
omdat het de Wetgever Zelf is
tegenover Wie je hier komt te staan.

203
00:11:58,110 --> 00:12:01,110
En als je je naaste niet
liefhebt als jezelf,

204
00:12:01,110 --> 00:12:04,890
bijvoorbeeld wanneer je de rijken
voortrekt en de arme man een

205
00:12:04,890 --> 00:12:09,150
lagere plaats geeft en hem in de
gemeente minder waardigheid toekent,

206
00:12:09,150 --> 00:12:11,910
dan heb je die arme
man duidelijk niet lief

207
00:12:11,910 --> 00:12:15,150
op de manier waarop Jezus
je opdraagt dat te doen.

208
00:12:15,150 --> 00:12:17,910
Dus vergrijp je je net
zo goed aan de Wetgever

209
00:12:17,910 --> 00:12:20,910
als wanneer je de Tien
Geboden zou overtreden.

210
00:12:20,910 --> 00:12:25,590
Dit is interessant in het licht van een
debat dat ik op de radio met Harold had.

211
00:12:25,590 --> 00:12:30,390
Hij gaf namelijk aan dat zonde
eenvoudigweg gedefinieerd moet worden

212
00:12:30,390 --> 00:12:34,290
als het willens en wetens
overtreden van de Tien Geboden.

213
00:12:34,290 --> 00:12:39,270
Hij zei dat christenen in die zin
niet zondigen. Dat doen ze nooit.

214
00:12:39,270 --> 00:12:41,250
Dat was zijn standpunt.

215
00:12:41,250 --> 00:12:45,690
Het was heel moeilijk om hem te
laten erkennen dat ook boos worden

216
00:12:45,690 --> 00:12:49,650
en onvriendelijk tegen zijn
vrouw spreken een zonde was.

217
00:12:49,650 --> 00:12:52,770
Hij noemde dat een fout, geen zonde.

218
00:12:52,770 --> 00:12:56,430
Dit zou een heel goede Schriftplaats
zijn geweest om met hem te bespreken,

219
00:12:56,430 --> 00:12:57,750
want hij zegt:

220
00:12:57,750 --> 00:13:00,151
‘Als je de een voortrekt boven de ander’ —

221
00:13:00,151 --> 00:13:04,170
dat is zeker geen rechtstreekse
overtreding van een van de Tien Geboden.

222
00:13:04,170 --> 00:13:05,190
Toch zegt hij:

223
00:13:05,190 --> 00:13:09,570
‘Dan zondig je en veroordeelt
de wet je als overtreder.’

224
00:13:09,570 --> 00:13:13,050
En hij vergelijkt het met
overspel of moord plegen,

225
00:13:13,050 --> 00:13:15,390
die onder de Tien Geboden vallen.

226
00:13:15,390 --> 00:13:20,670
In wezen zegt hij dat elke overtreding
van het gebod van de liefde even erg is

227
00:13:20,670 --> 00:13:25,590
als elke andere overtreding daarvan, zelfs
de overtredingen die in de Tien Geboden

228
00:13:25,590 --> 00:13:28,590
worden opgesomd. Dus zegt hij:

229
00:13:28,590 --> 00:13:31,890
Wie zich aan de hele wet houdt
maar op één punt struikelt,

230
00:13:31,890 --> 00:13:34,950
is schuldig aan het
overtreden van de hele wet.

231
00:13:34,950 --> 00:13:37,170
Overigens, de woorden

232
00:13:37,170 --> 00:13:41,070
Want wie de hele wet in acht
neemt, maar op één punt struikelt,

233
00:13:41,070 --> 00:13:44,191
die is schuldig geworden
aan alle geboden .

234
00:13:44,191 --> 00:13:48,450
wijzen niet noodzakelijk op een daad
van openlijke opstand tegen God,

235
00:13:48,450 --> 00:13:53,550
in de zin dat je ervoor gaat zitten en
zegt: ‘Ik wil tegen God in opstand komen.’

236
00:13:53,550 --> 00:13:55,650
Het is gewoon struikelen.

237
00:13:55,650 --> 00:13:59,610
Struikelen is meestal iets wat
min of meer per ongeluk gebeurt.

238
00:13:59,610 --> 00:14:03,870
Verderop, in Jakobus
hoofdstuk 3, vers 2, zegt hij:

239
00:14:03,870 --> 00:14:07,050
Want wij struikelen
allen in veel opzichten.

240
00:14:07,050 --> 00:14:10,950
Als iemand in woorden niet
struikelt, is hij een volmaakt man,

241
00:14:10,950 --> 00:14:15,150
die bij machte is om ook het
hele lichaam in toom te houden.

242
00:14:15,150 --> 00:14:19,890
Hij erkent dus dat dit soort zonde vaak
voorkomt in het leven van gelovigen.

243
00:14:19,890 --> 00:14:21,030
Hij zegt:

244
00:14:21,030 --> 00:14:24,030
We gaan allemaal op
veel punten de fout in.

245
00:14:24,030 --> 00:14:26,970
Iemand die één punt van de wet overtreedt,

246
00:14:26,970 --> 00:14:29,430
zelfs door in een
overtreding te struikelen,

247
00:14:29,430 --> 00:14:33,690
heeft de wet gebroken en wordt
daarom door de wet schuldig bevonden.

248
00:14:33,690 --> 00:14:37,350
Zegt Jakobus: ‘Daarom
zondigen christenen niet,

249
00:14:37,350 --> 00:14:41,490
want dan zouden we veroordeeld worden,
en we kunnen niet veroordeeld worden;

250
00:14:41,490 --> 00:14:44,070
daarom moeten we dus
wel zonder zonde zijn’?

251
00:14:44,070 --> 00:14:49,530
Nee, in Jakobus 3:2 vertelt hij
ons dat we wel degelijk struikelen.

252
00:14:49,530 --> 00:14:51,510
Het is duidelijk wat hij zegt.

253
00:14:51,510 --> 00:14:56,010
Voor zover we de christelijke ethiek en
moraal ook maar enigszins serieus nemen,

254
00:14:56,010 --> 00:15:00,090
moeten we consequent zijn in het
toepassen van de koninklijke wet op

255
00:15:00,090 --> 00:15:03,270
allerlei relaties en allerlei gedrag.

256
00:15:03,270 --> 00:15:07,710
Niet alleen op de overduidelijke
kwesties, zoals trouw in het huwelijk of

257
00:15:07,710 --> 00:15:09,630
respect voor iemands leven.

258
00:15:09,630 --> 00:15:12,750
Die maken natuurlijk ook
deel uit van de liefde.

259
00:15:12,750 --> 00:15:17,250
Overspel of moord plegen is een
overtreding van het gebod van de liefde,

260
00:15:17,250 --> 00:15:21,450
maar een rijke man voortrekken
boven een arme man is dat ook.

261
00:15:21,450 --> 00:15:24,090
Hoewel die kwesties in
het Oude Testament niet

262
00:15:24,090 --> 00:15:27,330
evenveel nadruk krijgen
als moord en overspel,

263
00:15:27,330 --> 00:15:31,830
maakt zelfs het Oude Testament duidelijk
dat het verkeerd is om de rijken te

264
00:15:31,830 --> 00:15:34,710
bevoordelen, of trouwens ook de armen.

265
00:15:34,710 --> 00:15:39,810
De een of de ander bevoordelen op grond
van zijn financiële positie is een zonde.

266
00:15:39,810 --> 00:15:43,050
Het is zelfs een overtreding
van de wet van Mozes,

267
00:15:43,050 --> 00:15:47,070
zoals je kunt zien als je
Exodus hoofdstuk 23 bekijkt.

268
00:15:47,070 --> 00:15:51,750
Die drie hoofdstukken, 21
tot en met 23 in Exodus,

269
00:15:51,750 --> 00:15:55,590
vormen een gedeelte dat het Boek
van het Verbond wordt genoemd.

270
00:15:55,590 --> 00:16:00,270
Het werd blijkbaar gegeven op hetzelfde
moment dat de Tien Geboden werden gegeven,

271
00:16:00,270 --> 00:16:03,690
maar deze hoofdstukken werden
niet op steen geschreven.

272
00:16:03,690 --> 00:16:06,870
In Exodus 23:3 staat:

273
00:16:06,870 --> 00:16:10,530
U mag een arme bij zijn
rechtszaak niet voortrekken.

274
00:16:10,530 --> 00:16:14,130
En dan in vers 6 van hetzelfde hoofdstuk:

275
00:16:14,130 --> 00:16:18,570
U mag het recht van de arme onder
u niet buigen bij zijn rechtszaak.

276
00:16:18,570 --> 00:16:22,050
Met andere woorden, je moet de
arme niet benadelen omdat hij

277
00:16:22,050 --> 00:16:24,450
arm is en je niet kan omkopen.

278
00:16:24,450 --> 00:16:28,950
Je moet de rijke niet bevoordelen, maar
je moet de arme man ook niet bevoordelen

279
00:16:28,950 --> 00:16:30,810
alleen omdat hij arm is.

280
00:16:30,810 --> 00:16:34,890
Je moet niet partijdig zijn tegenover
iemand op grond van je medeleven met hem

281
00:16:34,890 --> 00:16:39,570
als arme man, of omdat je hoopt
voordeel te behalen bij een rijke man.

282
00:16:39,570 --> 00:16:44,790
Je moet rechtvaardig oordelen, op grond
van wat hun zaak werkelijk waard is.

283
00:16:44,790 --> 00:16:49,410
Niet op grond van de gedachte: ‘Nou, ik
heb medelijden met deze man omdat hij

284
00:16:49,410 --> 00:16:53,190
arm is, dus ik ga het recht
in zijn voordeel verdraaien.’

285
00:16:53,190 --> 00:16:58,710
Of: ‘Ik hoop iets van deze rijke man
te krijgen, steekpenningen of zoiets,

286
00:16:58,710 --> 00:17:03,990
dus ik zal het recht in zijn voordeel
en ten nadele van de arme verdraaien.’

287
00:17:03,990 --> 00:17:05,970
Beide worden in de wet verboden.

288
00:17:05,970 --> 00:17:10,650
Hoewel de situatie die Jakobus beschrijft
zich niet in een rechtszaal afspeelt,

289
00:17:10,650 --> 00:17:16,290
zoals in Exodus, maar in een gemeente,
zegt hij dat er hier een parallel is.

290
00:17:16,290 --> 00:17:19,470
We oordelen voortdurend,
en die oordelen komen tot

291
00:17:19,470 --> 00:17:22,230
uiting in ons gedrag tegenover mensen.

292
00:17:22,230 --> 00:17:24,810
Als je een rijke of arme man bevoordeelt,

293
00:17:24,810 --> 00:17:29,430
niet omdat hij rechtvaardiger is
maar alleen omdat hij rijk of arm is,

294
00:17:29,430 --> 00:17:33,750
word je een rechter met onzuivere
motieven of kwade gedachten.

295
00:17:33,750 --> 00:17:35,670
Dat staat er in vers 4.

296
00:17:35,670 --> 00:17:37,470
Het overtreedt de wet.

297
00:17:37,470 --> 00:17:41,970
Het overtreedt de wet van Mozes; het
overtreedt de koninklijke wet van de

298
00:17:41,970 --> 00:17:47,070
Schrift, de koninklijke wet van Jezus,
die ook overeenkomstig de Schrift is,

299
00:17:47,070 --> 00:17:48,510
zegt vers 8.

300
00:17:48,510 --> 00:17:50,850
Vers 12 en 13 zeggen:

301
00:17:50,850 --> 00:17:55,590
Spreek zó en handel zó als mensen die
geoordeeld zullen worden door de wet

302
00:17:55,590 --> 00:17:56,610
van de vrijheid.

303
00:17:56,610 --> 00:18:00,030
Want onbarmhartig zal
het oordeel zijn over

304
00:18:00,030 --> 00:18:03,030
hem die geen barmhartigheid heeft bewezen.

305
00:18:03,030 --> 00:18:06,930
En de barmhartigheid
triomfeert over het oordeel.

306
00:18:06,930 --> 00:18:11,190
Dit is de tweede keer dat hij de
koninklijke wet aanduidt als de wet

307
00:18:11,190 --> 00:18:12,630
van de vrijheid.

308
00:18:12,630 --> 00:18:15,750
Hij noemt die de wet van de vrijheid.

309
00:18:15,750 --> 00:18:19,710
We zagen dat ook al in
hoofdstuk 1, vers 25:

310
00:18:19,710 --> 00:18:24,630
Hij echter die zich in de volmaakte
wet verdiept, die van de vrijheid,

311
00:18:24,630 --> 00:18:30,210
en daarbij blijft, die zal, omdat hij niet
een vergeetachtige hoorder geworden is,

312
00:18:30,210 --> 00:18:34,410
maar een dader van het werk,
zalig zijn in wat hij doet.

313
00:18:34,410 --> 00:18:38,550
Er bestaat geen twijfel over dat hij
hier dezelfde wet op het oog heeft als

314
00:18:38,550 --> 00:18:43,530
in vers 8, die hij de koninklijke
wet overeenkomstig de Schrift noemde.

315
00:18:43,530 --> 00:18:47,730
Het is een wet die in de Schrift
van het Oude Testament staat.

316
00:18:47,730 --> 00:18:52,590
Het is ook een wet die Jezus opnieuw
benadrukte als de voornaamste wet voor

317
00:18:52,590 --> 00:18:55,230
christenen, of voor
mensen in het algemeen,

318
00:18:55,230 --> 00:18:57,690
en het is een wet van de vrijheid.

319
00:18:57,690 --> 00:19:00,210
Waarom is het een wet van de vrijheid?

320
00:19:00,210 --> 00:19:05,430
Omdat het houden van die ene wet je
bevrijdt van alle andere verplichtingen.

321
00:19:05,430 --> 00:19:08,970
Dat betekent niet dat er geen
verplichtingen aan verbonden zijn,

322
00:19:08,970 --> 00:19:13,170
maar je komt die vanzelf na
wanneer je deze ene wet houdt.

323
00:19:13,170 --> 00:19:17,430
Toen Jezus werd gevraagd wat
het grote gebod was, zei Hij:

324
00:19:17,430 --> 00:19:18,450
Liefde.

325
00:19:18,450 --> 00:19:25,470
En u zult de Heere, uw God, liefhebben
met heel uw hart en met heel uw ziel

326
00:19:25,470 --> 00:19:29,430
en met heel uw verstand
en met heel uw kracht.

327
00:19:29,430 --> 00:19:31,350
Dit is het eerste gebod.

328
00:19:31,350 --> 00:19:34,110
En een ander gebod, daaraan gelijk:

329
00:19:34,110 --> 00:19:37,770
U zult uw naaste liefhebben als uzelf.

330
00:19:37,770 --> 00:19:42,510
Precies wat Jakobus hier de koninklijke
wet overeenkomstig de Schrift noemt.

331
00:19:42,510 --> 00:19:43,890
En Jezus zei:

332
00:19:43,890 --> 00:19:47,850
Aan deze twee geboden hangt
heel de Wet, en de Profeten.

333
00:19:47,850 --> 00:19:51,450
Met andere woorden, als je alleen
maar deze twee dingen doet,

334
00:19:51,450 --> 00:19:54,390
hoef je je niet druk te
maken over alle andere.

335
00:19:54,390 --> 00:19:57,210
Want juist door God lief
te hebben met heel je hart

336
00:19:57,210 --> 00:19:59,670
en je naaste lief te hebben als jezelf,

337
00:19:59,670 --> 00:20:02,970
blijf je binnen de
rechtvaardige eisen van de wet.

338
00:20:02,970 --> 00:20:06,390
Paulus maakt hetzelfde punt
in Romeinen hoofdstuk 13

339
00:20:06,390 --> 00:20:09,330
en zegt in wezen hetzelfde als Jezus.

340
00:20:09,330 --> 00:20:14,610
Alleen legt hij de nadruk op het
tweede van deze grote geboden:

341
00:20:14,610 --> 00:20:18,570
Je moet net zoveel van je
naaste houden als van jezelf.

342
00:20:18,570 --> 00:20:21,930
Want hij zegt in Romeinen 13:8:

343
00:20:21,930 --> 00:20:27,450
Wees niemand iets schuldig dan elkaar lief
te hebben; want wie de ander liefheeft,

344
00:20:27,450 --> 00:20:29,190
heeft de wet vervuld.

345
00:20:29,190 --> 00:20:35,670
Want dit: U zult geen overspel plegen,
u zult niet doden, u zult niet stelen,

346
00:20:35,670 --> 00:20:40,110
u zult geen vals getuigenis
geven, u zult niet begeren,

347
00:20:40,110 --> 00:20:45,630
en welk ander gebod er ook is, wordt in
dit woord samengevat, namelijk hierin:

348
00:20:45,630 --> 00:20:49,050
U zult uw naaste liefhebben als uzelf.

349
00:20:49,050 --> 00:20:51,750
De liefde doet de naaste geen kwaad.

350
00:20:51,750 --> 00:20:54,870
Daarom is de liefde de
vervulling van de wet.

351
00:20:54,870 --> 00:20:56,370
Die uitspraak:

352
00:20:56,370 --> 00:20:59,910
Door lief te hebben doe je
alles wat de wet vraagt.

353
00:20:59,910 --> 00:21:05,370
herinnert ons aan wat Jezus in de Bergrede
zei over Zijn rol ten opzichte van de wet.

354
00:21:05,370 --> 00:21:08,730
In Mattheüs 5:17 zei Hij:

355
00:21:08,730 --> 00:21:13,170
Denk niet dat Ik gekomen ben om de
Wet of de Profeten af te schaffen;

356
00:21:13,170 --> 00:21:17,190
Ik ben niet gekomen om die af
te schaffen, maar te vervullen.

357
00:21:17,190 --> 00:21:22,770
Want, voorwaar, Ik zeg u: Totdat
de hemel en de aarde voorbijgaan,

358
00:21:22,770 --> 00:21:27,150
zal er niet één jota of één
tittel van de Wet voorbijgaan,

359
00:21:27,150 --> 00:21:28,890
totdat het alles geschied is.

360
00:21:28,890 --> 00:21:32,850
Zoals we eerder hebben besproken,
waren er wetten die min of meer

361
00:21:32,850 --> 00:21:35,970
ritueel en ceremonieel van aard waren.

362
00:21:35,970 --> 00:21:40,350
Ze waren symbolisch en zagen
vooruit naar de komst van Christus.

363
00:21:40,350 --> 00:21:42,930
Hij vervulde ze door ze te vervullen.

364
00:21:42,930 --> 00:21:46,950
Hij vervulde ze door datgene te
zijn waarnaar ze vooruitwezen,

365
00:21:46,950 --> 00:21:48,870
en die wetten zijn niet langer nodig,

366
00:21:48,870 --> 00:21:52,710
omdat datgene waarnaar ze
vooruitzagen gekomen is.

367
00:21:52,710 --> 00:21:56,250
De schaduw heeft nu plaatsgemaakt
voor de werkelijkheid.

368
00:21:56,250 --> 00:21:59,610
Maar hoe zit het met de wetten
die over morele kwesties gaan?

369
00:21:59,610 --> 00:22:01,470
Hoe heeft Hij die vervuld?

370
00:22:01,470 --> 00:22:05,850
Door Zijn Geest te geven,
zodat er in Romeinen 8:4 staat:

371
00:22:05,850 --> 00:22:09,930
opdat de rechtvaardige eis van
de wet vervuld zou worden in ons,

372
00:22:09,930 --> 00:22:13,290
die niet naar het vlees
wandelen, maar naar de Geest.

373
00:22:13,290 --> 00:22:17,610
Dus wanneer we in de Geest wandelen,
worden de rechtvaardige eisen van de wet,

374
00:22:17,610 --> 00:22:22,170
de morele zaken van de wet,
in ons vervuld. Waarom?

375
00:22:22,170 --> 00:22:24,870
Omdat de Heilige Geest,
in Wie we wandelen,

376
00:22:24,870 --> 00:22:28,770
de vrucht van de Geest
voortbrengt, en die is liefde.

377
00:22:28,770 --> 00:22:31,710
En liefde is de vervulling van de wet.

378
00:22:31,710 --> 00:22:36,030
Dus als je eenvoudigweg consequent
in liefde met je broeder omgaat,

379
00:22:36,030 --> 00:22:37,410
vervul je die.

380
00:22:37,410 --> 00:22:42,870
De hele wet wordt, zo staat er,
hierin vervuld. Paulus zegt:

381
00:22:42,870 --> 00:22:45,390
Liefde doet een ander geen kwaad.

382
00:22:45,390 --> 00:22:49,950
Wees niemand iets schuldig dan elkaar lief
te hebben; want wie de ander liefheeft,

383
00:22:49,950 --> 00:22:51,690
heeft de wet vervuld.

384
00:22:51,690 --> 00:22:58,410
Want dit: U zult geen overspel plegen,
u zult niet doden, u zult niet stelen,

385
00:22:58,410 --> 00:23:02,850
u zult geen vals getuigenis
geven, u zult niet begeren,

386
00:23:02,850 --> 00:23:08,790
en welk ander gebod er ook is, wordt in
dit woord samengevat, namelijk hierin:

387
00:23:08,790 --> 00:23:11,550
U zult uw naaste liefhebben als uzelf.

388
00:23:11,550 --> 00:23:14,610
De liefde doet de naaste geen kwaad.

389
00:23:14,610 --> 00:23:17,790
Daarom is de liefde de
vervulling van de wet.

390
00:23:17,790 --> 00:23:21,690
Als je Galaten 5 opslaat,
let dan op vers 13:

391
00:23:21,690 --> 00:23:24,270
Want u bent tot vrijheid
geroepen, broeders,

392
00:23:24,270 --> 00:23:27,930
alleen niet tot die vrijheid die
aanleiding geeft aan het vlees;

393
00:23:27,930 --> 00:23:30,270
maar dien elkaar door de liefde.

394
00:23:30,270 --> 00:23:33,330
Jakobus noemt dit de wet van de vrijheid.

395
00:23:33,330 --> 00:23:37,710
Want de hele wet wordt in één
woord vervuld, namelijk hierin:

396
00:23:37,710 --> 00:23:40,830
U zult uw naaste liefhebben als uzelf.

397
00:23:40,830 --> 00:23:44,190
Daar is dat woord weer,
de vervulling van de wet.

398
00:23:44,190 --> 00:23:49,350
Deze ene wet krijgt heel veel
aandacht in de Bijbel, van Paulus, van

399
00:23:49,350 --> 00:23:51,690
Jakobus, van Jezus.

400
00:23:51,690 --> 00:23:55,770
Maar als u elkaar bijt en verslindt,
pas dan op dat u niet door

401
00:23:55,770 --> 00:23:57,510
elkaar verteerd wordt.

402
00:23:57,510 --> 00:24:03,030
Hier in Galaten 5, en ook in Romeinen
13, zegt Paulus, net als Jezus,

403
00:24:03,030 --> 00:24:06,390
dat de hele wet in dit
ene gebod wordt vervuld.

404
00:24:06,390 --> 00:24:10,530
Dat betekent eenvoudigweg dat
als je dit ene gebod houdt,

405
00:24:10,530 --> 00:24:13,290
al het andere zo ongeveer vanzelf gaat.

406
00:24:13,290 --> 00:24:16,770
En toch zegt hij in
vers 13 in dit verband:

407
00:24:16,770 --> 00:24:19,890
Jullie zijn geroepen om vrij te zijn.

408
00:24:19,890 --> 00:24:22,170
Dit gebod maakt je vrij.

409
00:24:22,170 --> 00:24:26,970
Het maakt je vrij, maar niet
vrij van morele verplichtingen.

410
00:24:26,970 --> 00:24:31,350
Het maakt je vrij om die verplichtingen
vanuit je hart na te komen.

411
00:24:31,350 --> 00:24:36,510
Want de wet die in het Oude Testament werd
opgelegd, was niet in het hart geschreven.

412
00:24:36,510 --> 00:24:41,610
Ze werd opgelegd aan een halsstarrige,
opstandige en gevallen natuur,

413
00:24:41,610 --> 00:24:46,710
die er niet van harte mee kon instemmen
in die zin dat ze die ook zou houden.

414
00:24:46,710 --> 00:24:49,770
Nu schrijft Hij Zijn wet in ons hart.

415
00:24:49,770 --> 00:24:52,350
Hij maakt ons tot liefdevolle mensen.

416
00:24:52,350 --> 00:24:56,250
Door het werk van de Geest in je
hart word je een liefdevol mens.

417
00:24:56,250 --> 00:25:01,710
En daarom is het houden van de geboden om
geen overspel te plegen, niet te stelen,

418
00:25:01,710 --> 00:25:06,570
niet te doden of al die andere dingen,
niet iets wat moeilijk is om te doen.

419
00:25:06,570 --> 00:25:09,270
Het is iets waartoe je
nu bent vrijgemaakt.

420
00:25:09,270 --> 00:25:12,510
Je bent vrij, maar niet
vrij om te zondigen,

421
00:25:12,510 --> 00:25:17,370
en niet vrij om die vrijheid te gebruiken
als een gelegenheid voor het vlees,

422
00:25:17,370 --> 00:25:21,390
maar om elkaar door de liefde
te dienen. Dat is het gebod.

423
00:25:21,390 --> 00:25:24,810
Dat is een echte vrijheid
die ons gegeven wordt.

424
00:25:24,810 --> 00:25:27,630
In plaats van dat we alleen
maar een gedragscode krijgen

425
00:25:27,630 --> 00:25:31,950
waaraan we proberen te voldoen, ontvangen
we een Geest Die in ons hart een

426
00:25:31,950 --> 00:25:36,150
gezindheid teweegbrengt die
gericht is op het juiste gedrag.

427
00:25:36,150 --> 00:25:39,750
Daarom worden we bevrijd van de
last om een code te moeten houden

428
00:25:39,750 --> 00:25:42,030
die tegen onze natuur ingaat.

429
00:25:42,030 --> 00:25:45,510
We hebben nu een nieuwe natuur
die met die code instemt,

430
00:25:45,510 --> 00:25:47,610
die het rechtvaardige wil doen.

431
00:25:47,610 --> 00:25:52,530
En hoewel er, zoals Paulus zowel in
Galaten als in Romeinen aangeeft,

432
00:25:52,530 --> 00:25:55,770
een strijd is tussen deze
liefdevolle natuur van de

433
00:25:55,770 --> 00:25:58,350
Geest en de wet die in onze leden werkt,

434
00:25:58,350 --> 00:26:02,130
heeft de Geest toch de overhand
in het leven van een christen.

435
00:26:02,130 --> 00:26:06,270
Daarom houden of vervullen we de
rechtvaardige eisen van de wet,

436
00:26:06,270 --> 00:26:09,270
zoals hij zei in Romeinen 8:4.

437
00:26:09,270 --> 00:26:11,730
Hij noemt dit de wet van de vrijheid,

438
00:26:11,730 --> 00:26:15,150
omdat we van de uiterlijke code
bevrijd worden doordat deze

439
00:26:15,150 --> 00:26:17,970
innerlijke wet in onze
innerlijke mens werkt.

440
00:26:17,970 --> 00:26:21,390
Hij zegt in Jakobus 2:13:

441
00:26:21,390 --> 00:26:24,330
Want onbarmhartig zal
het oordeel zijn over

442
00:26:24,330 --> 00:26:27,270
hem die geen barmhartigheid heeft bewezen.

443
00:26:27,270 --> 00:26:30,810
En de barmhartigheid
triomfeert over het oordeel.

444
00:26:30,810 --> 00:26:33,210
Hier verwijst hij
opnieuw naar de Bergrede.

445
00:26:33,210 --> 00:26:36,270
Ik heb in het boek Jakobus
twintig keer geteld

446
00:26:36,270 --> 00:26:41,130
dat hij naar de Bergrede verwijst of
eruit citeert. Dit is er weer een.

447
00:26:41,130 --> 00:26:45,270
In de Bergrede zei Jezus in Mattheüs 5:7:

448
00:26:45,270 --> 00:26:50,730
Zalig zijn de barmhartigen, want aan
hen zal barmhartigheid bewezen worden.

449
00:26:50,730 --> 00:26:53,250
En vermoedelijk alleen zij.

450
00:26:53,250 --> 00:26:58,890
Ik zeg ‘vermoedelijk alleen zij’, omdat
de zaligspreking geen betekenis zou hebben

451
00:26:58,890 --> 00:27:02,250
als ook anderen barmhartigheid
zouden ontvangen.

452
00:27:02,250 --> 00:27:05,610
Hij geeft aan dat degenen
die barmhartigheid bewijzen,

453
00:27:05,610 --> 00:27:10,830
degenen zijn die erop kunnen rekenen dat
ook hun barmhartigheid bewezen zal worden.

454
00:27:10,830 --> 00:27:15,570
Dat benadrukt Hij later in
de Bergrede, in Mattheüs 6.

455
00:27:15,570 --> 00:27:18,990
Nadat Hij het voorbeeldgebed
heeft gegeven, zegt Hij:

456
00:27:18,990 --> 00:27:21,750
Want als u de mensen hun
overtredingen vergeeft,

457
00:27:21,750 --> 00:27:24,570
zal uw hemelse Vader u ook vergeven.

458
00:27:24,570 --> 00:27:27,390
Maar als u de mensen hun
overtredingen niet vergeeft,

459
00:27:27,390 --> 00:27:31,050
zal uw Vader uw overtredingen
ook niet vergeven.

460
00:27:31,050 --> 00:27:35,070
Dat staat in Mattheüs 6:14 en 15.

461
00:27:35,070 --> 00:27:39,630
Opnieuw dezelfde gedachte: je
bewijst anderen barmhartigheid;

462
00:27:39,630 --> 00:27:42,210
God zal jou barmhartigheid bewijzen.

463
00:27:42,210 --> 00:27:46,290
Dat betekent niet dat je het ontvangen
van Gods barmhartigheid verdient door

464
00:27:46,290 --> 00:27:48,390
zelf barmhartigheid te bewijzen.

465
00:27:48,390 --> 00:27:52,230
Er zijn misschien niet-christenen
die behoorlijk barmhartig zijn

466
00:27:52,230 --> 00:27:55,230
en die geen barmhartigheid
van God zullen ontvangen,

467
00:27:55,230 --> 00:27:57,870
omdat ze het Evangelie hebben verworpen.

468
00:27:57,870 --> 00:28:02,430
Maar het wijst er wel op dat de christen
die Gods barmhartigheid ontvangt,

469
00:28:02,430 --> 00:28:06,870
niet alleen een ontvanger moet zijn, maar
ook iemand door wie Gods barmhartigheid

470
00:28:06,870 --> 00:28:08,490
naar anderen stroomt.

471
00:28:08,490 --> 00:28:12,270
We ontvangen niet alleen
genade, maar we zijn vol genade

472
00:28:12,270 --> 00:28:15,210
en handelen genadig tegenover anderen.

473
00:28:15,210 --> 00:28:19,470
Jezus vertelde daarover minstens
één heel beangstigende gelijkenis in

474
00:28:19,470 --> 00:28:20,910
Mattheüs hoofdstuk 18.

475
00:28:20,910 --> 00:28:25,770
Die gaat over de koning die een dienaar
een grote schuld kwijtschold omdat hij hem

476
00:28:25,770 --> 00:28:30,150
om vergeving smeekte, en hij
schold hem die zonder meer kwijt.

477
00:28:30,150 --> 00:28:35,250
Diezelfde dienaar ging later naar buiten
en vond een dienaar die hem een klein,

478
00:28:35,250 --> 00:28:37,410
nietig bedrag schuldig was.

479
00:28:37,410 --> 00:28:42,510
Hij wilde hem dat niet kwijtschelden,
hoewel ook hij om barmhartigheid smeekte.

480
00:28:42,510 --> 00:28:45,750
Toen de koning hoorde van de
onverzoenlijke houding van deze

481
00:28:45,750 --> 00:28:49,470
dienaar die vergeving had
ontvangen, riep hij hem terug om hem

482
00:28:49,470 --> 00:28:51,690
ter verantwoording te roepen en zei:

483
00:28:51,690 --> 00:28:53,730
Je bent een slechte dienaar.

484
00:28:53,730 --> 00:28:56,550
Ik heb je die hele schuld kwijtgescholden.

485
00:28:56,550 --> 00:28:59,850
Jij had je mededienaar zijn
schuld moeten kwijtschelden.

486
00:28:59,850 --> 00:29:03,870
En hij leverde hem over aan
de folteraars. Er staat:

487
00:29:03,870 --> 00:29:07,470
Totdat hij alles zou hebben
betaald wat hij schuldig was.

488
00:29:07,470 --> 00:29:11,190
Met andere woorden, de
barmhartigheid werd ingetrokken.

489
00:29:11,190 --> 00:29:15,450
Als de gelijkenis iets betekent,
dan moet het dit betekenen:

490
00:29:15,450 --> 00:29:18,330
als we eenmaal vergeving
van God hebben ontvangen,

491
00:29:18,330 --> 00:29:21,690
maar vervolgens onbarmhartig
tegenover anderen worden

492
00:29:21,690 --> 00:29:25,350
en weigeren Zijn genade en
barmhartigheid door te geven,

493
00:29:25,350 --> 00:29:27,750
wordt de barmhartigheid ingetrokken.

494
00:29:27,750 --> 00:29:32,970
We ontvangen die; we horen
die door te geven. Jezus zei:

495
00:29:32,970 --> 00:29:38,970
Een nieuw gebod geef Ik u, namelijk dat u
elkaar liefhebt; zoals Ik u liefgehad heb,

496
00:29:38,970 --> 00:29:40,950
moet u ook elkaar liefhebben.

497
00:29:40,950 --> 00:29:44,610
Je ontvangt de liefde van
Hem en je hebt elkaar lief.

498
00:29:44,610 --> 00:29:47,550
Die stroomt als het ware
gewoon door je heen.

499
00:29:47,550 --> 00:29:50,310
Zijn liefde voor jou komt
door de achterdeur binnen

500
00:29:50,310 --> 00:29:53,610
en jouw liefde voor anderen gaat
door de voordeur naar buiten.

501
00:29:53,610 --> 00:29:55,950
Hij geeft je barmhartigheid
door de achterdeur

502
00:29:55,950 --> 00:29:59,370
en jij bewijst anderen
barmhartigheid door de voordeur.

503
00:29:59,370 --> 00:30:01,470
Het is gewoon hoe liefde werkt.

504
00:30:01,470 --> 00:30:04,350
Het is gewoon hoe de
koninklijke wet werkt:

505
00:30:04,350 --> 00:30:06,990
dat je anderen barmhartigheid bewijst.

506
00:30:06,990 --> 00:30:10,110
Als je weigert anderen
barmhartigheid te bewijzen,

507
00:30:10,110 --> 00:30:14,970
word je iemand die uit gewoonte de wet
overtreedt, en daar staan straffen op.

508
00:30:14,970 --> 00:30:19,230
Wie zelf onbarmhartig is geweest
in zijn gedrag tegenover anderen,

509
00:30:19,230 --> 00:30:22,650
zal een oordeel zonder
barmhartigheid ondergaan.

510
00:30:22,650 --> 00:30:24,570
Dat is wat Jakobus zegt.

511
00:30:24,570 --> 00:30:28,770
Zoals Jezus het heel
duidelijk maakte, zo ook hier:

512
00:30:28,770 --> 00:30:33,510
Spreek zó en handel zó als mensen
die geoordeeld zullen worden

513
00:30:33,510 --> 00:30:35,610
door de wet van de vrijheid.

514
00:30:35,610 --> 00:30:39,150
Want onbarmhartig zal
het oordeel zijn over

515
00:30:39,150 --> 00:30:42,090
hem die geen barmhartigheid heeft bewezen.

516
00:30:42,090 --> 00:30:45,990
En de barmhartigheid
triomfeert over het oordeel.

517
00:30:45,990 --> 00:30:51,930
Dat zou eenvoudig kunnen betekenen dat
Gods barmhartigheid jegens ons groter is

518
00:30:51,930 --> 00:30:54,690
dan Zijn oordeel over ons.

519
00:30:54,690 --> 00:31:00,450
Barmhartigheid en oordeel zijn beslist
allebei aspecten van Gods karakter,

520
00:31:00,450 --> 00:31:05,010
en ze horen allebei ook aspecten
van ons karakter te zijn.

521
00:31:05,010 --> 00:31:08,970
Jezus zei dat de Farizeeën
en schriftgeleerden de

522
00:31:08,970 --> 00:31:12,270
gewichtigste zaken van de
wet hadden verwaarloosd:

523
00:31:12,270 --> 00:31:17,250
Wee u, schriftgeleerden
en Farizeeën, huichelaars,

524
00:31:17,250 --> 00:31:21,390
want u geeft tienden van de
munt, de dille en de komijn,

525
00:31:21,390 --> 00:31:25,170
en u laat het belangrijkste
van de Wet na: het recht,

526
00:31:25,170 --> 00:31:28,230
en de barmhartigheid en het geloof.

527
00:31:28,230 --> 00:31:32,490
Deze dingen zou men moeten doen
en die andere dingen niet nalaten.

528
00:31:32,490 --> 00:31:36,750
Maar gerechtigheid en barmhartigheid
zijn voor God belangrijke zaken.

529
00:31:36,750 --> 00:31:38,790
Micha 6:8 zegt:

530
00:31:38,790 --> 00:31:42,030
Hij heeft u, mens,
bekendgemaakt wat goed is.

531
00:31:42,030 --> 00:31:45,330
En wat vraagt de HEERE van
u anders dan recht te doen,

532
00:31:45,330 --> 00:31:49,710
goedertierenheid lief te hebben en
ootmoedig te wandelen met uw God.

533
00:31:49,710 --> 00:31:53,370
Gerechtigheid en barmhartigheid
zijn altijd de twee deugden die

534
00:31:53,370 --> 00:31:54,870
bij elkaar horen.

535
00:31:54,870 --> 00:31:57,450
Ze maken deel uit van Gods natuur.

536
00:31:57,450 --> 00:32:01,590
Ze moeten deel uitmaken van
ons gedrag en onze natuur.

537
00:32:01,590 --> 00:32:05,490
Van die twee heeft barmhartigheid
bij God echter de overhand.

538
00:32:05,490 --> 00:32:10,170
Maar niet altijd. God wil iedereen
barmhartig zijn, zegt de Bijbel.

539
00:32:10,170 --> 00:32:12,750
Hij zou heel graag
iedereen barmhartig zijn,

540
00:32:12,750 --> 00:32:16,470
maar in enkele gevallen zal het
oordeel toch moeten zegevieren.

541
00:32:16,470 --> 00:32:20,310
Dat zijn gevallen waarin mensen
eenvoudigweg niet aan de voorwaarden

542
00:32:20,310 --> 00:32:23,430
hebben voldaan om
barmhartigheid te ontvangen.

543
00:32:23,430 --> 00:32:28,590
Barmhartigheid blijft barmhartigheid, ook
als er voorwaarden aan verbonden zijn.

544
00:32:28,590 --> 00:32:33,810
Als je mij tienduizend dollar schuldig
bent en ik zeg: ‘Luister, weet je wat?

545
00:32:33,810 --> 00:32:36,750
Ik scheld je de hele schuld
kwijt als je alleen maar

546
00:32:36,750 --> 00:32:40,350
daar het huis van die arme
persoon gratis gaat schilderen.

547
00:32:40,350 --> 00:32:43,710
Dan scheld ik je die tienduizend
dollar gewoon kwijt.’

548
00:32:43,710 --> 00:32:48,450
Is het barmhartig van mij om dat te doen,
ook al zijn er voorwaarden aan verbonden?

549
00:32:48,450 --> 00:32:50,730
Uiteraard is dat barmhartigheid.

550
00:32:50,730 --> 00:32:54,990
Ik geef hun iets beters dan ze verdienen,
en dat is altijd barmhartigheid.

551
00:32:54,990 --> 00:33:00,630
God zegt: ‘Goed, Ik scheld je die hele
schuld kwijt, maar wat Ik wil dat je doet,

552
00:33:00,630 --> 00:33:02,430
is anderen vergeven.

553
00:33:02,430 --> 00:33:07,770
Wat Ik wil dat je doet, is anderen
liefhebben zoals Ik jou heb liefgehad.’

554
00:33:07,770 --> 00:33:13,170
En Ik wil niet alleen dat je het doet,
dit is een gebod. Dit is verplicht.

555
00:33:13,170 --> 00:33:15,390
Dit is de wet van je Koning.

556
00:33:15,390 --> 00:33:19,170
Het is een koninklijke wet, en
het staat je niet vrij je aan deze

557
00:33:19,170 --> 00:33:21,210
verantwoordelijkheid te onttrekken.

558
00:33:21,210 --> 00:33:24,990
Je zult een oordeel zonder
barmhartigheid ondergaan.

559
00:33:24,990 --> 00:33:29,610
In jouw geval zal barmhartigheid niet
over het oordeel zegevieren als je geen

560
00:33:29,610 --> 00:33:32,010
barmhartigheid betoont, want:

561
00:33:32,010 --> 00:33:36,990
Spreek zó en handel zó als mensen die
geoordeeld zullen worden door de wet

562
00:33:36,990 --> 00:33:38,430
van de vrijheid.

563
00:33:38,430 --> 00:33:41,310
Want onbarmhartig zal
het oordeel zijn over

564
00:33:41,310 --> 00:33:44,190
hem die geen barmhartigheid heeft bewezen.

565
00:33:44,190 --> 00:33:47,610
En de barmhartigheid
triomfeert over het oordeel.

566
00:33:47,610 --> 00:33:52,470
Barmhartigheid betonen aan anderen is
dus een voorwaarde om barmhartigheid van

567
00:33:52,470 --> 00:33:54,030
God te ontvangen.

568
00:33:54,030 --> 00:33:58,770
En wanneer je dat doet, staat er dat
die over het oordeel zal zegevieren.

569
00:33:58,770 --> 00:34:01,950
Dat wil zeggen: als je een
barmhartig mens bent geweest,

570
00:34:01,950 --> 00:34:06,870
dan zal Gods barmhartigheid jegens jou
de overhand hebben in de spanning tussen

571
00:34:06,870 --> 00:34:09,150
gerechtigheid en barmhartigheid.

572
00:34:09,150 --> 00:34:13,350
Als jou recht werd gedaan, zou
je natuurlijk naar de hel gaan.

573
00:34:13,350 --> 00:34:17,130
Barmhartigheid is wat we verlangen,
en we kunnen die ontvangen

574
00:34:17,130 --> 00:34:21,150
onder de voorwaarden die Jezus
Zelf in de Bergrede heeft genoemd.

575
00:34:21,150 --> 00:34:23,070
We kunnen die ontvangen.

576
00:34:23,070 --> 00:34:28,290
Jakobus herhaalt dat eenvoudigweg,
zoals hij zo vaak doet in zijn brief.

577
00:34:28,290 --> 00:34:31,890
Nu begint in vers 14 van hoofdstuk 2

578
00:34:31,890 --> 00:34:34,830
waarschijnlijk de bekendste
passage in Jakobus.

579
00:34:34,830 --> 00:34:38,370
Het is in elk geval de passage
die heel belangrijk is geweest

580
00:34:38,370 --> 00:34:40,770
en veel aandacht heeft
gekregen in het debat

581
00:34:40,770 --> 00:34:44,310
tussen de hervormers en de
rooms-katholieke godsdienst.

582
00:34:44,310 --> 00:34:49,230
Dit was een passage waar Luther nooit
echt zo goed mee in het reine is gekomen

583
00:34:49,230 --> 00:34:51,870
als volgens mij mogelijk was geweest.

584
00:34:51,870 --> 00:34:54,870
Zelf heb ik geen enkele
moeite met deze passage.

585
00:34:54,870 --> 00:34:59,250
Ik zie die niet als werkelijk in strijd
met wat Paulus in wezen onderwees.

586
00:34:59,250 --> 00:35:04,590
Ik denk dat Paulus en Jakobus dezelfde
dingen onderwezen en geloofden.

587
00:35:04,590 --> 00:35:09,870
Maar Luther kwam, denk ik, uit een
godsdienst die helemaal om werken draaide

588
00:35:09,870 --> 00:35:13,050
en waarin geloof
nauwelijks een rol speelde.

589
00:35:13,050 --> 00:35:16,950
Bij hem sloeg de slinger de
andere kant op. Hij had ontdekt:

590
00:35:16,950 --> 00:35:22,350
Want de gerechtigheid van God wordt
daarin geopenbaard uit geloof tot geloof,

591
00:35:22,350 --> 00:35:27,630
zoals geschreven is: Maar de
rechtvaardige zal uit het geloof leven.

592
00:35:27,630 --> 00:35:30,930
En dat Abraham gerechtigheid
werd toegerekend omdat hij

593
00:35:30,930 --> 00:35:33,270
God geloofde, enzovoort.

594
00:35:33,270 --> 00:35:37,650
Hij werd de man die dit idee van
geloof alleen moest verdedigen

595
00:35:37,650 --> 00:35:41,190
tegenover de tegenstander,
de Rooms-Katholieke Kerk,

596
00:35:41,190 --> 00:35:44,430
die bijna uitsluitend
op werken gericht was.

597
00:35:44,430 --> 00:35:48,450
En toen hij dus een passage
tegenkwam zoals Jakobus hoofdstuk 2,

598
00:35:48,450 --> 00:35:53,850
vers 14 tot en met 26, legde die
niet de nadruk op geloof alleen.

599
00:35:53,850 --> 00:35:57,270
Nu geloof ik dat Luther gelijk
heeft wanneer hij zegt dat

600
00:35:57,270 --> 00:35:59,610
alleen geloof ons behoudt.

601
00:35:59,610 --> 00:36:04,350
Maar Jakobus geeft daar een wending
aan die we ook moeten onthouden:

602
00:36:04,350 --> 00:36:07,230
geloof dat behoudt, is nooit alleen.

603
00:36:07,230 --> 00:36:09,630
Het is eenvoudigweg geloof dat behoudt,

604
00:36:09,630 --> 00:36:13,590
maar dat eenvoudige geloof gaat
met bepaalde dingen gepaard.

605
00:36:13,590 --> 00:36:17,550
In Hebreeën hoofdstuk 6
schrijft de schrijver eerst die

606
00:36:17,550 --> 00:36:22,590
angstaanjagende passage over degenen
die afvallen en de onmogelijkheid

607
00:36:22,590 --> 00:36:27,750
om hen opnieuw tot bekering te brengen,
wat dat allemaal ook mag betekenen.

608
00:36:27,750 --> 00:36:30,810
Daarna zegt hij in Hebreeën 6:9:

609
00:36:30,810 --> 00:36:34,290
Ook al spreken wij zo,
geliefden, wat u betreft

610
00:36:34,290 --> 00:36:39,270
zijn wij echter overtuigd van betere
dingen, die met de zaligheid samenhangen.

611
00:36:39,270 --> 00:36:40,350
Hij zei:

612
00:36:40,350 --> 00:36:43,530
Ik schrijf over mensen
die hun geloof loslaten,

613
00:36:43,530 --> 00:36:46,410
maar ik verwacht niet dat
dat bij jullie gebeurt.

614
00:36:46,410 --> 00:36:50,850
Wat ik bij jullie wel verwacht, is dat
ik in jullie leven de dingen zal zien die

615
00:36:50,850 --> 00:36:52,770
horen bij gered zijn.

616
00:36:52,770 --> 00:36:54,750
Behoud heeft zijn metgezellen.

617
00:36:54,750 --> 00:36:58,950
Wanneer behoud tot je komt,
komen er ook bepaalde dingen mee.

618
00:36:58,950 --> 00:37:03,810
En Jakobus vertelt ons wat die
dingen zijn: een veranderd leven.

619
00:37:03,810 --> 00:37:07,230
Iedereen die beweert of belijdt
een geloof te hebben dat niet

620
00:37:07,230 --> 00:37:11,610
blijkt uit een veranderd leven, kan
maar beter blijven zoeken naar dat

621
00:37:11,610 --> 00:37:13,410
geloof dat behoudt.

622
00:37:13,410 --> 00:37:17,550
Want er bestaan minderwaardige
soorten geloof die je eenvoudigweg

623
00:37:17,550 --> 00:37:19,590
geen leven kunnen geven.

624
00:37:19,590 --> 00:37:24,330
Jakobus geeft zelfs aan dat
sommige soorten geloof dood zijn.

625
00:37:24,330 --> 00:37:29,310
En hoe kun je van iets wat dood is
verwachten dat het een bron van leven is?

626
00:37:29,310 --> 00:37:31,170
Dat benadrukte Paulus.

627
00:37:31,170 --> 00:37:36,210
Maar je kunt niet leven als gevolg
van een geloof dat zelf niet leeft.

628
00:37:36,210 --> 00:37:40,590
En zo helpt Jakobus ons
eenvoudig om onderscheid te maken

629
00:37:40,590 --> 00:37:46,290
tussen het soort geloof dat wel behoudt
en het soort geloof dat niet behoudt.

630
00:37:46,290 --> 00:37:50,970
Jakobus benadrukt dat het een geloof
is dat gepaard gaat met werken.

631
00:37:50,970 --> 00:37:54,210
Het is een geloof dat geen
versterking krijgt door werken,

632
00:37:54,210 --> 00:37:57,690
maar dat werken voortbrengt
door de aard van wat het is.

633
00:37:57,690 --> 00:38:02,670
Het geloof dat behoudt, is naar zijn
aard een levensveranderende ervaring,

634
00:38:02,670 --> 00:38:07,590
een bepaalde gezindheid, een vertrouwen op
God dat het geweten aanzet tot een nieuw

635
00:38:07,590 --> 00:38:11,850
soort gedrag, tot gerechtigheid,
tot gehoorzaamheid.

636
00:38:11,850 --> 00:38:14,790
Dat zijn de dingen die geloof voortbrengt.

637
00:38:14,790 --> 00:38:19,650
Paulus zei in Romeinen twee keer dat
zijn opdracht als apostel was om alle

638
00:38:19,650 --> 00:38:22,770
volken tot de gehoorzaamheid
van het geloof te brengen.

639
00:38:22,770 --> 00:38:25,290
De gehoorzaamheid van het geloof.

640
00:38:25,290 --> 00:38:29,610
En in Galaten hoofdstuk
5, vers 6, zei Paulus:

641
00:38:29,610 --> 00:38:33,750
In Christus Jezus heeft namelijk
niet het besneden zijn enige kracht,

642
00:38:33,750 --> 00:38:40,050
en ook niet het onbesneden zijn, maar het
geloof, dat door de liefde werkzaam is.

643
00:38:40,050 --> 00:38:43,110
Paulus had dezelfde theologie als Jakobus.

644
00:38:43,110 --> 00:38:47,010
Waar het God om gaat, is niet of
je besneden bent of dat je aan

645
00:38:47,010 --> 00:38:49,710
andere godsdienstige voorwaarden voldoet.

646
00:38:49,710 --> 00:38:53,430
Waar het God om gaat, wat je
werkelijk bij God aanbeveelt,

647
00:38:53,430 --> 00:38:55,950
is of je dit soort geloof hebt.

648
00:38:55,950 --> 00:39:00,210
Paulus benadrukte in al zijn geschriften
dat het alleen om geloof gaat,

649
00:39:00,210 --> 00:39:05,790
maar in Galaten 5:6 vertelt hij ons
duidelijker dan op sommige andere plaatsen

650
00:39:05,790 --> 00:39:08,850
wat hij bedoelt wanneer hij
het woord geloof gebruikt.

651
00:39:08,850 --> 00:39:12,090
Het is niet zomaar iets wat
zich als geloof voordoet.

652
00:39:12,090 --> 00:39:15,931
U gelooft dat God één is;
daar doet u goed aan .

653
00:39:15,931 --> 00:39:19,530
Maar ook de demonen geloven
dit , en zij sidderen.

654
00:39:19,530 --> 00:39:23,010
Ze hebben een bepaald soort
geloof, vertelt Jakobus ons,

655
00:39:23,010 --> 00:39:27,390
maar ze zijn niet behouden, omdat niet elk
soort geloof dat iemand zegt te hebben,

656
00:39:27,390 --> 00:39:28,350
hem kan behouden.

657
00:39:28,350 --> 00:39:30,930
Het is waar dat iedereen die behouden is,

658
00:39:30,930 --> 00:39:35,010
behouden is eenvoudigweg omdat
hij het juiste soort geloof heeft.

659
00:39:35,010 --> 00:39:39,990
De misdadiger aan het kruis werd behouden
omdat hij het juiste soort geloof had.

660
00:39:39,990 --> 00:39:42,930
Je kreeg nooit te zien wat
voor soort geloof het was,

661
00:39:42,930 --> 00:39:47,130
omdat hij nooit de tijd had om het
in zijn leven tot uiting te brengen.

662
00:39:47,130 --> 00:39:51,030
Hij stierf op dezelfde dag
dat hij tot dat geloof kwam,

663
00:39:51,030 --> 00:39:53,370
en hij was aan een kruis genageld.

664
00:39:53,370 --> 00:39:58,530
Daardoor kon hij geen goede werken doen om
te laten zien dat dit het soort geloof was

665
00:39:58,530 --> 00:39:59,730
dat hij had.

666
00:39:59,730 --> 00:40:04,890
Maar Jezus, Die het hart zag, wist
dat als die man was blijven leven,

667
00:40:04,890 --> 00:40:10,170
zijn leven zou hebben laten zien wat voor
soort geloof hij had. Daar gaat het om.

668
00:40:10,170 --> 00:40:12,810
Je wordt niet behouden door goede werken.

669
00:40:12,810 --> 00:40:16,350
En zelfs nadat je gelooft en
goede werken begint te doen,

670
00:40:16,350 --> 00:40:19,170
is er geen bepaalde
hoeveelheid goede werken

671
00:40:19,170 --> 00:40:21,570
waardoor je aan de maat zult voldoen.

672
00:40:21,570 --> 00:40:25,590
Je bent behouden en aanvaard
in de Geliefde op het moment

673
00:40:25,590 --> 00:40:27,810
dat je een levend geloof hebt.

674
00:40:27,810 --> 00:40:31,710
Maar Jakobus vertelt ons hoe je
kunt vaststellen of je het hebt.

675
00:40:31,710 --> 00:40:36,390
Dat soort geloof verandert je
gerichtheid, verandert je gezindheid,

676
00:40:36,390 --> 00:40:41,370
verandert je hele levensloop en verandert
de hele aard van je activiteiten of je

677
00:40:41,370 --> 00:40:47,610
werken: van kwade werken, dode werken
zoals Hebreeën het noemt, in goede werken.

678
00:40:47,610 --> 00:40:52,710
Laat ik de passage voorlezen, en dan
zullen we die wat uitvoeriger bespreken.

679
00:40:52,710 --> 00:40:56,490
Wat heeft het voor nut, mijn broeders,
als iemand zegt dat hij geloof heeft,

680
00:40:56,490 --> 00:40:58,050
maar geen werken heeft?

681
00:40:58,050 --> 00:40:59,730
Kan dat geloof hem behouden?

682
00:40:59,730 --> 00:41:03,750
Als een broeder of zuster geen kleding
en geen dagelijks voedsel heeft,

683
00:41:03,750 --> 00:41:08,610
en iemand van jullie zegt: ‘Ga in
vrede, word warm en eet voldoende’,

684
00:41:08,610 --> 00:41:12,870
maar jullie geven niet wat het lichaam
nodig heeft, wat heeft dat dan voor nut?

685
00:41:12,870 --> 00:41:16,590
Zo is ook geloof op zichzelf
dood als het geen werken heeft.

686
00:41:16,590 --> 00:41:21,090
Maar iemand zal zeggen: ‘Jij
hebt geloof en ik heb werken.’

687
00:41:21,090 --> 00:41:25,350
Laat mij je geloof zien zonder je werken,
dan zal ik je mijn geloof laten zien

688
00:41:25,350 --> 00:41:26,730
door mijn werken.

689
00:41:26,730 --> 00:41:30,150
Je gelooft dat er één God
is; daar doe je goed aan.

690
00:41:30,150 --> 00:41:33,150
Ook de demonen geloven
dat, en zij sidderen.

691
00:41:33,150 --> 00:41:38,070
Maar wil je weten, dwaas mens,
dat geloof zonder werken dood is?

692
00:41:38,070 --> 00:41:42,570
Werd onze vader Abraham niet door werken
gerechtvaardigd toen hij zijn zoon Izak op

693
00:41:42,570 --> 00:41:44,070
het altaar offerde?

694
00:41:44,070 --> 00:41:48,150
Zie je dat zijn geloof met zijn werken
samenwerkte en dat zijn geloof door de

695
00:41:48,150 --> 00:41:49,770
werken volmaakt werd?

696
00:41:49,770 --> 00:41:51,990
Of misschien: volledig?

697
00:41:51,990 --> 00:41:56,190
En de Schrift werd vervuld die
zegt: ‘Abraham geloofde God,

698
00:41:56,190 --> 00:41:58,890
en dat werd hem tot
gerechtigheid gerekend.’

699
00:41:58,890 --> 00:42:01,110
En hij werd een vriend van God genoemd.

700
00:42:01,110 --> 00:42:04,530
Jullie zien dus dat een mens door
werken gerechtvaardigd wordt en niet

701
00:42:04,530 --> 00:42:06,030
alleen door geloof.

702
00:42:06,030 --> 00:42:11,250
Werd ook Rachab, de hoer, niet door werken
gerechtvaardigd toen zij de boden ontving

703
00:42:11,250 --> 00:42:13,530
en langs een andere weg liet vertrekken?

704
00:42:13,530 --> 00:42:18,630
Want zoals het lichaam zonder geest dood
is, zo is ook geloof zonder werken dood.

705
00:42:18,630 --> 00:42:22,650
Opnieuw ligt hier de nadruk op de vraag
of het geloof een levend geloof is

706
00:42:22,650 --> 00:42:24,330
of een dood geloof.

707
00:42:24,330 --> 00:42:26,850
Een levend geloof kan leven geven.

708
00:42:26,850 --> 00:42:28,890
Een dood geloof kan dat niet.

709
00:42:28,890 --> 00:42:33,030
Leven geven is waar het bij behoud
om draait: eeuwig leven hebben.

710
00:42:33,030 --> 00:42:36,330
En dus stelt hij de vraag wat
het iemand baat om een soort

711
00:42:36,330 --> 00:42:39,330
geloof te hebben dat
geen werken voortbrengt.

712
00:42:39,330 --> 00:42:41,310
Hij zegt in vers 14:

713
00:42:41,310 --> 00:42:45,870
Wat voor nut heeft het, mijn broeders,
als iemand zegt dat hij geloof heeft,

714
00:42:45,870 --> 00:42:47,850
en hij heeft geen werken?

715
00:42:47,850 --> 00:42:50,130
Kan dat geloof hem zalig maken?

716
00:42:50,130 --> 00:42:56,010
Het antwoord op de algemene vraag ‘Kan
geloof iemand redden?’ zou ja moeten zijn.

717
00:42:56,010 --> 00:43:02,130
De Engelse vertaling die ik hier gebruik,
formuleert de vraag algemener dan de HSV,

718
00:43:02,130 --> 00:43:05,610
die ‘Kan dat geloof hem
zalig maken?’ heeft.

719
00:43:05,610 --> 00:43:10,050
Maar in de situatie die hij beschrijft,
gaat het om iemand die iets heeft wat hij

720
00:43:10,050 --> 00:43:13,710
geloof noemt, maar die geen
enkel bijbehorend gedrag

721
00:43:13,710 --> 00:43:18,150
vertoont waaruit blijkt dat zijn
geloof van het soort is dat behoudt.

722
00:43:18,150 --> 00:43:21,570
Het geloof van die persoon
kan hem niet behouden.

723
00:43:21,570 --> 00:43:26,490
Wat hij ook geloof noemt, het is
niet het soort geloof dat God zoekt.

724
00:43:26,490 --> 00:43:29,730
Het is niet het geloof
dat door de liefde werkt.

725
00:43:29,730 --> 00:43:33,810
En Jakobus maakt duidelijk dat
het geloof waarover hij spreekt

726
00:43:33,810 --> 00:43:38,730
precies het soort geloof is waarover
Paulus spreekt wanneer hij in Galaten

727
00:43:38,730 --> 00:43:43,650
5:6 zegt dat het een geloof
is dat door de liefde werkt.

728
00:43:43,650 --> 00:43:48,630
Want hij geeft een voorbeeld van wat
wij liefde zouden noemen. Hij zegt:

729
00:43:48,630 --> 00:43:52,050
Als er nu een broeder of zuster
zonder kleding zou zijn en

730
00:43:52,050 --> 00:43:56,730
gebrek zou hebben aan dagelijks voedsel,
en iemand van u zou tegen hen zeggen:

731
00:43:56,730 --> 00:44:00,750
Ga heen in vrede, word
warm en word verzadigd,

732
00:44:00,750 --> 00:44:06,271
en u zou hun niet geven wat het lichaam
nodig heeft, wat voor nut heeft dat dan ?

733
00:44:06,271 --> 00:44:08,790
Let op het soort werken
dat hij hier noemt.

734
00:44:08,790 --> 00:44:10,950
Je ziet iemand die in nood verkeert.

735
00:44:10,950 --> 00:44:13,530
Jij hebt wat die persoon nodig heeft.

736
00:44:13,530 --> 00:44:17,190
Die ander verkeert in een
wanhopige situatie, jij niet,

737
00:44:17,190 --> 00:44:19,650
maar je doet niets voor die persoon.

738
00:44:19,650 --> 00:44:24,990
Dat is precies dezelfde situatie als
waarover Johannes sprak in 1 Johannes 3,

739
00:44:24,990 --> 00:44:28,230
waar we zojuist naar gekeken
hebben, wanneer hij zegt:

740
00:44:28,230 --> 00:44:31,470
Als een broeder of zuster
aardse goederen heeft,

741
00:44:31,470 --> 00:44:35,730
zijn broeder gebrek ziet lijden
en zijn hart voor hem toesluit…

742
00:44:35,730 --> 00:44:40,590
Dat betekent dat hij zich ertegen verzet
om die ander barmhartigheid te bewijzen

743
00:44:40,590 --> 00:44:42,570
en niets voor hem doet.

744
00:44:42,570 --> 00:44:46,650
Wie dan de goederen van de wereld heeft,
en zijn broeder gebrek ziet lijden,

745
00:44:46,650 --> 00:44:51,330
maar zijn hart voor hem toesluit, hoe
kan de liefde van God in hem blijven?

746
00:44:51,330 --> 00:44:54,390
Dat zei de passage in 1 Johannes 3.

747
00:44:54,390 --> 00:44:57,450
Over diezelfde situatie zegt Johannes:

748
00:44:57,450 --> 00:45:02,610
Als je iemand in zo’n situatie niet helpt,
laat dat zien dat je Gods liefde niet

749
00:45:02,610 --> 00:45:03,930
in je hebt.

750
00:45:03,930 --> 00:45:08,910
Jakobus beschrijft precies dezelfde
situatie en zegt dat het bewijst dat je

751
00:45:08,910 --> 00:45:13,530
niet het soort werken hebt dat
bij echt, behoudend geloof hoort.

752
00:45:13,530 --> 00:45:17,250
Wat voor werken zijn
dat? Werken van liefde.

753
00:45:17,250 --> 00:45:20,790
Geloof dat door de liefde werkt,
is het soort geloof waardoor

754
00:45:20,790 --> 00:45:22,530
iemand behouden wordt.

755
00:45:22,530 --> 00:45:26,070
Jakobus beschrijft eenvoudigweg
een ander soort geloof

756
00:45:26,070 --> 00:45:30,810
als het soort dat niet behoudt: het
soort waarbij je wel je geloof belijdt,

757
00:45:30,810 --> 00:45:32,070
maar dat niet werkt.

758
00:45:32,070 --> 00:45:35,130
We hebben het niet over
geloof plus werken.

759
00:45:35,130 --> 00:45:40,170
We hebben het over een geloof dat werkt,
en dat is een wereld van verschil.

760
00:45:40,170 --> 00:45:44,970
Wetticisme, en ook de rooms-katholieke
vorm van godsdienst waartegen Luther zich

761
00:45:44,970 --> 00:45:49,230
keerde, leerde dat geloof
iets goeds en belangrijks is.

762
00:45:49,230 --> 00:45:53,130
De judaïsten leerden dat trouwens
al in de tijd van Paulus:

763
00:45:53,130 --> 00:45:58,470
geloof in Christus is iets goeds en
ongetwijfeld noodzakelijk voor je behoud,

764
00:45:58,470 --> 00:46:01,770
maar het brengt je slechts een
deel van de weg naar het behoud.

765
00:46:01,770 --> 00:46:05,430
De afstand die je moet afleggen
van niet behouden naar behouden

766
00:46:05,430 --> 00:46:08,550
kun je met geloof maar
gedeeltelijk overbruggen.

767
00:46:08,550 --> 00:46:10,710
De rest moet je zelf aanvullen.

768
00:46:10,710 --> 00:46:13,710
De judaïsten zouden dat
doen door de besnijdenis

769
00:46:13,710 --> 00:46:16,350
en het houden van de hele wet van Mozes.

770
00:46:16,350 --> 00:46:20,190
Het rooms-katholicisme had
zijn eigen reeks rituelen en

771
00:46:20,190 --> 00:46:22,350
sacramenten die het daaraan verbond.

772
00:46:22,350 --> 00:46:25,950
Maar waar het om ging, was dat je
een bepaald deel van de afstand

773
00:46:25,950 --> 00:46:29,370
naar het behoud met je eigen
werken moest overbruggen.

774
00:46:29,370 --> 00:46:33,690
Geloof kon je maar een deel van de
weg brengen; de rest was jouw taak.

775
00:46:33,690 --> 00:46:38,310
Dat is niet wat Paulus zegt wanneer
hij zegt dat het geloof is dat werkt.

776
00:46:38,310 --> 00:46:42,090
Dat zou betekenen dat geloof
plus werken je behouden.

777
00:46:42,090 --> 00:46:45,810
Maar wat Paulus zegt, en wat
Jakobus hier later ook zegt,

778
00:46:45,810 --> 00:46:48,570
is dat een geloof dat werkt je behoudt.

779
00:46:48,570 --> 00:46:52,230
Zodra je het geloof hebt,
ben je helemaal behouden.

780
00:46:52,230 --> 00:46:55,050
Er is geen afstand meer te overbruggen.

781
00:46:55,050 --> 00:46:59,190
De stap van niet behouden naar
behouden wordt in één keer gezet,

782
00:46:59,190 --> 00:47:01,290
en wel door tot geloof te komen.

783
00:47:01,290 --> 00:47:05,430
Maar als we geloof zeggen, moeten we
daarmee een geloof bedoelen dat zal laten

784
00:47:05,430 --> 00:47:07,710
zien dat het je leven verandert.

785
00:47:07,710 --> 00:47:11,730
Een veranderd leven is in vele
opzichten het bewijs dat iemand

786
00:47:11,730 --> 00:47:14,190
christen is geworden en behouden is,

787
00:47:14,190 --> 00:47:17,670
vooral doordat hij de koninklijke
wet volgens de Schrift houdt en

788
00:47:17,670 --> 00:47:19,050
in liefde leeft.

789
00:47:19,050 --> 00:47:23,790
Iemand die zijn broeder in nood ziet en
iets te geven heeft, en het niet geeft,

790
00:47:23,790 --> 00:47:25,350
overtreedt de wet.

791
00:47:25,350 --> 00:47:27,990
Misschien is zijn geloof
niet zo heel oprecht.

792
00:47:27,990 --> 00:47:32,490
‘Ik heb het altijd gewoon zo bekeken
— misschien is het een beetje dwaas.

793
00:47:32,490 --> 00:47:35,190
Paulus en Jakobus beschrijven hetzelfde.

794
00:47:35,190 --> 00:47:39,330
Als je over de weg rijdt en er brandt
een vuur in de open haard, dan is dat

795
00:47:39,330 --> 00:47:42,090
Paulus: behoudend geloof.

796
00:47:42,090 --> 00:47:45,450
Maar de rook die uit de open
haard en de schoorsteen komt,

797
00:47:45,450 --> 00:47:49,350
als je over de weg rijdt, dat is
Jakobus die het bewijs beschrijft

798
00:47:49,350 --> 00:47:52,350
dat je geloof in de
praktijk tot uiting komt.

799
00:47:52,350 --> 00:47:55,830
Je ziet de rook, dus je
weet dat je behouden bent.

800
00:47:55,830 --> 00:47:59,790
Als je het vuur hebt, weet je
dat er rook als bewijs zal zijn.

801
00:47:59,790 --> 00:48:03,510
Dus hetzelfde wordt vanuit een
andere invalshoek beschreven.’

802
00:48:03,510 --> 00:48:09,030
De verhouding tussen geloof en werken is
die tussen respectievelijk vuur en rook,

803
00:48:09,030 --> 00:48:11,490
of tussen een boom en vruchten.

804
00:48:11,490 --> 00:48:15,870
De werken worden voortgebracht door
de aanwezigheid van dat soort geloof.

805
00:48:15,870 --> 00:48:20,550
Deze goede werken gaan met het behoud
gepaard zodra je behouden bent.

806
00:48:20,550 --> 00:48:24,090
Ze verdienen het niet voor je, en
ze zorgen er zelfs niet voor dat

807
00:48:24,090 --> 00:48:25,710
je behouden blijft.

808
00:48:25,710 --> 00:48:27,510
Ik wil dit heel duidelijk maken.

809
00:48:27,510 --> 00:48:30,630
In de bekende controverse
over Jezus als Heere,

810
00:48:30,630 --> 00:48:34,950
die woedt onder aanhangers van de
bedelingenleer onderling en ook tussen

811
00:48:34,950 --> 00:48:39,150
gereformeerde theologen en sommige
aanhangers van de bedelingenleer,

812
00:48:39,150 --> 00:48:43,110
hebben Zane Hodges, Charles
Ryrie en enkele andere

813
00:48:43,110 --> 00:48:46,590
schrijvers uit de bedelingenleer
betoogd dat alleen al een

814
00:48:46,590 --> 00:48:48,690
geloofsbelijdenis je behoudt.

815
00:48:48,690 --> 00:48:52,110
Als je die belijdenis hebt
afgelegd, kun je afvallen

816
00:48:52,110 --> 00:48:56,490
en nooit ook maar één dag met Jezus
wandelen en als een zondaar zonder

817
00:48:56,490 --> 00:48:59,850
berouw sterven, maar je
zult toch behouden worden.

818
00:48:59,850 --> 00:49:04,110
Je zult natuurlijk je beloningen in de
hemel verliezen, dat spreekt vanzelf,

819
00:49:04,110 --> 00:49:08,850
maar je zult je behoud niet verliezen,
zelfs als je nooit behouden bent.

820
00:49:08,850 --> 00:49:13,650
Het meer historische Evangelie, dat
naar mijn mening ook Bijbels is,

821
00:49:13,650 --> 00:49:16,710
leert dat als je behouden
bent, je behouden bent

822
00:49:16,710 --> 00:49:22,350
omdat je je geloof hebt gesteld in
Jezus als jouw Heere. Jezus zei:

823
00:49:22,350 --> 00:49:26,970
Waarom noemt u Mij: Heere,
Heere, en doet niet wat Ik zeg?

824
00:49:26,970 --> 00:49:30,210
De gedachte is: als je Jezus Heere noemt,

825
00:49:30,210 --> 00:49:35,730
is dat dan een lege belijdenis of
een oprechte belijdenis? Jezus zei:

826
00:49:35,730 --> 00:49:39,690
Niet ieder die tegen
Mij zegt: Heere, Heere,

827
00:49:39,690 --> 00:49:42,390
zal binnengaan in het
Koninkrijk der hemelen,

828
00:49:42,390 --> 00:49:46,230
maar wie de wil doet van Mijn
Vader, Die in de hemelen is.

829
00:49:46,230 --> 00:49:50,490
Velen zullen op die dag tegen
Mij zeggen: Heere, Heere,

830
00:49:50,490 --> 00:49:55,830
hebben wij niet in Uw Naam geprofeteerd,
en in Uw Naam demonen uitgedreven,

831
00:49:55,830 --> 00:49:58,290
en in Uw Naam veel krachten gedaan?

832
00:49:58,290 --> 00:50:03,510
Dan zal Ik hun openlijk zeggen: Ik
heb u nooit gekend; ga weg van Mij,

833
00:50:03,510 --> 00:50:05,250
u die de wetteloosheid werkt!

834
00:50:05,250 --> 00:50:11,790
Dat staat ook in de Bergrede, Mattheüs
hoofdstuk 7, vers 21 tot en met 23.

835
00:50:11,790 --> 00:50:15,750
Het is heel goed mogelijk dat
Jakobus daar hier op voortborduurt.

836
00:50:15,750 --> 00:50:20,670
Het gaat er niet alleen om dat je erover
praat; het gaat erom dat je het doet.

837
00:50:20,670 --> 00:50:23,790
Het is niet zo dat je behouden
wordt door het te doen.

838
00:50:23,790 --> 00:50:28,410
Je wordt behouden doordat je een
Heere hebt Die ook een Zaligmaker is.

839
00:50:28,410 --> 00:50:33,030
En je neemt niet op het ene moment
een Zaligmaker aan en later een Heere,

840
00:50:33,030 --> 00:50:35,490
want Jezus is dezelfde Persoon.

841
00:50:35,490 --> 00:50:38,370
Hij is Zaligmaker en Heere.

842
00:50:38,370 --> 00:50:42,810
Je kunt niet nu de helft van Hem
aannemen en later de andere helft.

843
00:50:42,810 --> 00:50:45,570
Je hebt Hem of je hebt Hem niet.

844
00:50:45,570 --> 00:50:49,770
Wie de Zoon heeft, heeft het leven;
wie de Zoon van God niet heeft,

845
00:50:49,770 --> 00:50:51,390
heeft het leven niet.

846
00:50:51,390 --> 00:50:54,150
Je hebt Hem of je hebt Hem niet.

847
00:50:54,150 --> 00:50:59,790
Als je de Zoon hebt, heb je Iemand Die
tegelijk de Zaligmaker en de Heere is.

848
00:50:59,790 --> 00:51:01,230
Hij is allebei.

849
00:51:01,230 --> 00:51:04,650
Als je de Heere niet hebt,
heb je de Zaligmaker ook niet,

850
00:51:04,650 --> 00:51:07,950
want als je Jezus niet
hebt, heb je de Heere niet.

851
00:51:07,950 --> 00:51:11,850
Behoud komt met de erkenning van
de heerschappij van Christus.

852
00:51:11,850 --> 00:51:15,210
Zoals een bekende passage
in Romeinen 10 zegt:

853
00:51:15,210 --> 00:51:20,310
Als u met uw mond de Heere Jezus belijdt
en met uw hart gelooft dat God Hem uit de

854
00:51:20,310 --> 00:51:23,370
doden heeft opgewekt, zult u zalig worden.

855
00:51:23,370 --> 00:51:27,930
Je moet oprecht en vanuit je
hart belijden dat Jezus Heere is.

856
00:51:27,930 --> 00:51:31,950
Als dat oprecht is, dan zul
je je daar ook naar gedragen.

857
00:51:31,950 --> 00:51:36,090
Als je zegt dat Hij Heere is,
maar je doet niet wat Hij zegt,

858
00:51:36,090 --> 00:51:40,230
dan laat je zien dat die
belijdenis leeg en hol is.

859
00:51:40,230 --> 00:51:41,550
Ze is helemaal niet echt.

860
00:51:41,550 --> 00:51:44,250
Goede werken zijn eenvoudig
het gevolg van het

861
00:51:44,250 --> 00:51:47,550
serieus nemen van de
heerschappij van Jezus Christus.

862
00:51:47,550 --> 00:51:50,130
Als je behouden bent,
zal dat zichtbaar zijn.

863
00:51:50,130 --> 00:51:53,610
Het zal niet altijd in alle
opzichten zichtbaar zijn.

864
00:51:53,610 --> 00:51:57,450
Christenen gedragen zich niet altijd
consequent zoals Jezus dat deed,

865
00:51:57,450 --> 00:51:59,970
maar het is wel ons doel om dat te doen.

866
00:51:59,970 --> 00:52:05,130
Jakobus heeft vóór deze passage gesproken
over de koninklijke wet en over hoe je,

867
00:52:05,130 --> 00:52:09,270
als je één wet overtreedt,
de hele wet hebt overtreden.

868
00:52:09,270 --> 00:52:14,370
Daarmee probeert hij te benadrukken dat je
werken zo consequent mogelijk moeten zijn.

869
00:52:14,370 --> 00:52:18,390
Je moet het niet aanvaardbaar vinden om
de wet van de vrijheid te overtreden,

870
00:52:18,390 --> 00:52:21,450
ook niet op een paar
punten of in kleine zaken.

871
00:52:21,450 --> 00:52:25,590
Je moet proberen consequent liefdevol
te zijn in alles wat je doet

872
00:52:25,590 --> 00:52:27,390
en alles wat je zegt.

873
00:52:27,390 --> 00:52:32,010
Spreek zó en handel zó als mensen die
geoordeeld zullen worden door de wet

874
00:52:32,010 --> 00:52:33,330
van de vrijheid.

875
00:52:33,330 --> 00:52:37,830
Je werken zullen laten zien dat je
deze wet serieus neemt en dus dat je

876
00:52:37,830 --> 00:52:41,070
werkelijk onder die Heere,
onder die Koning staat,

877
00:52:41,070 --> 00:52:43,410
als je werkelijk deze liefde hebt.

878
00:52:43,410 --> 00:52:47,370
Daarom geeft hij een voorbeeld van
iets liefdevols dat je kunt doen.

879
00:52:47,370 --> 00:52:49,470
Hier is een man die niets heeft.

880
00:52:49,470 --> 00:52:52,170
Jij hebt iets; je geeft het aan hem.

881
00:52:52,170 --> 00:52:55,710
Als je dat niet doet, hoe kun je
dan beweren dat je het geloof hebt

882
00:52:55,710 --> 00:52:56,970
dat je behoudt?

883
00:52:56,970 --> 00:53:00,750
Want je hebt duidelijk geen
liefde, en dit geloof dat behoudt,

884
00:53:00,750 --> 00:53:03,570
is een geloof dat door liefde werkt.

885
00:53:03,570 --> 00:53:04,770
Vers 18:

886
00:53:04,770 --> 00:53:09,630
Maar nu zal iemand zeggen: U
hebt geloof en ik heb werken.

887
00:53:09,630 --> 00:53:12,450
Laat mij dan uw geloof zien uit uw werken

888
00:53:12,450 --> 00:53:15,810
en ik zal u uit mijn werken
mijn geloof laten zien.

889
00:53:15,810 --> 00:53:19,830
Ik moet bekennen dat ik het niet eens ben
met de vertalers van de New King James

890
00:53:19,830 --> 00:53:22,590
over de plaats waar ze hier
de aanhalingstekens zetten.

891
00:53:22,590 --> 00:53:24,510
Ik weet niet waarom ze dit doen.

892
00:53:24,510 --> 00:53:27,870
Ze hebben alleen de eerste zin
tussen aanhalingstekens staan:

893
00:53:27,870 --> 00:53:31,830
Jij laat zien dat je geloof hebt
en ik laat zien dat ik daden heb.

894
00:53:31,830 --> 00:53:35,670
Ik krijg de indruk dat Jakobus
hier iemand met instemming citeert.

895
00:53:35,670 --> 00:53:40,170
Eerlijk gezegd denk ik dat het hele vers
tussen aanhalingstekens zou moeten staan.

896
00:53:40,170 --> 00:53:42,750
Iemand kan namelijk terecht
het volgende zeggen:

897
00:53:42,750 --> 00:53:47,070
Jij hebt geloof, of dat beweer
je tenminste; ik heb daden.

898
00:53:47,070 --> 00:53:49,890
Laat me maar zien dat je echt
geloof hebt zonder daden,

899
00:53:49,890 --> 00:53:53,310
dan zal ik je met wat ik doe
bewijzen dat mijn geloof bestaat.

900
00:53:53,310 --> 00:53:57,450
[Vertalersnoot: de gebruikte Engelse
vertaling heeft hier ‘zonder uw werken’;

901
00:53:57,450 --> 00:54:02,190
het hierboven opgenomen
HSV-citaat heeft ‘uit uw werken’.]

902
00:54:02,190 --> 00:54:05,310
Dat lijkt één samenhangende
uitspraak te zijn.

903
00:54:05,310 --> 00:54:09,210
En toch wordt die om de een of andere
reden door de aanhalingstekens opgesplitst

904
00:54:09,210 --> 00:54:12,510
in een korte uitspraak en
het antwoord van Jakobus,

905
00:54:12,510 --> 00:54:15,390
alsof Jakobus er afwijzend op reageert.

906
00:54:15,390 --> 00:54:18,330
Ik denk dat ze daar gewoon
een blunder hebben gemaakt.

907
00:54:18,330 --> 00:54:22,830
Volgens mij zegt Jakobus: ‘Hier is iets
wat iemand oprecht en terecht zou kunnen

908
00:54:22,830 --> 00:54:25,410
zeggen, en wat steekhoudend is.

909
00:54:25,410 --> 00:54:28,290
Je zegt dat je geloof hebt? Uitstekend!

910
00:54:28,290 --> 00:54:32,970
Ik ook, maar ik heb ook werken, en
het kan zijn dat jij die niet hebt.

911
00:54:32,970 --> 00:54:35,370
Dus wie heeft er werkelijk geloof?’

912
00:54:35,370 --> 00:54:39,450
Het is niet de vraag of iemand door
geloof of door werken behouden wordt,

913
00:54:39,450 --> 00:54:42,270
maar of hij werkelijk
geloof heeft of niet.

914
00:54:42,270 --> 00:54:44,730
Ik kan je laten zien dat ik geloof heb.

915
00:54:44,730 --> 00:54:47,010
Kijk naar de manier waarop ik leef.

916
00:54:47,010 --> 00:54:49,710
Aan de manier waarop jij
leeft, kan ik het niet zien.

917
00:54:49,710 --> 00:54:52,890
Dus hoe ga je mij bewijzen
dat je geloof hebt?

918
00:54:52,890 --> 00:54:54,690
Dat is hier de gedachte.

919
00:54:54,690 --> 00:54:58,470
Gezien het algemene betoog van
Jakobus hier is dat iets wat je

920
00:54:58,470 --> 00:54:59,970
terecht kunt zeggen.

921
00:54:59,970 --> 00:55:02,250
Hij zegt in vers 19:

922
00:55:02,250 --> 00:55:06,631
U gelooft dat God één is;
daar doet u goed aan .

923
00:55:06,631 --> 00:55:10,530
Maar ook de demonen geloven
dit , en zij sidderen.

924
00:55:10,530 --> 00:55:15,450
Dat ‘je doet er goed aan’ vat
ik enigszins sarcastisch op.

925
00:55:15,450 --> 00:55:19,590
Geweldig, je bent
monotheïstisch. Uitstekend.

926
00:55:19,590 --> 00:55:21,330
Dat is de duivel ook.

927
00:55:21,330 --> 00:55:23,070
Dat zijn de moslims ook.

928
00:55:23,070 --> 00:55:25,710
Dat zijn de Jehova's getuigen ook.

929
00:55:25,710 --> 00:55:28,350
Er zijn heel wat monotheïsten.

930
00:55:28,350 --> 00:55:31,050
Nee, mormonen zijn dat niet.

931
00:55:31,050 --> 00:55:35,190
Mormonen geloven in veel
goden. ‘O, dat wist ik niet.’

932
00:55:35,190 --> 00:55:37,650
‘Ik wilde het alleen even controleren.’

933
00:55:37,650 --> 00:55:42,390
De gedachte hier lijkt te zijn:
„Dus je gelooft in één God?”

934
00:55:42,390 --> 00:55:47,970
Alle Joden geloven in één God, behalve
degenen die tegenwoordig atheïst zijn.

935
00:55:47,970 --> 00:55:51,570
Het jodendom is in al zijn
vormen monotheïstisch,

936
00:55:51,570 --> 00:55:54,150
in tegenstelling tot polytheïstisch.

937
00:55:54,150 --> 00:55:56,970
Hij schreef aan de twaalf
stammen in de verstrooiing,

938
00:55:56,970 --> 00:56:00,510
dus volgens mij aan Joodse
gelovigen, of in elk geval

939
00:56:00,510 --> 00:56:03,210
aan Joden die belijden gelovigen te zijn.

940
00:56:03,210 --> 00:56:06,930
Het is duidelijk dat hij in deze
passage het geloof van sommigen van hen

941
00:56:06,930 --> 00:56:08,310
in twijfel trekt.

942
00:56:08,310 --> 00:56:12,810
Hier heb je een groep mensen die denken
dat ze erbij horen omdat ze in één God

943
00:56:12,810 --> 00:56:15,450
geloven, zoals Abraham dat deed.

944
00:56:15,450 --> 00:56:19,410
Abraham geloofde in één God
in een tijd van polytheïsme.

945
00:56:19,410 --> 00:56:22,950
Ze zeggen: „Wij hebben
het geloof van Abraham.

946
00:56:22,950 --> 00:56:26,250
Wij geloven ook in één God.” Hij zegt:

947
00:56:26,250 --> 00:56:28,050
Dat doet de duivel ook.

948
00:56:28,050 --> 00:56:32,370
Wat dan nog? Kijk eens wat
nauwkeuriger naar Abrahams geloof.

949
00:56:32,370 --> 00:56:35,190
Zijn geloof werd bewezen door zijn werken.

950
00:56:35,190 --> 00:56:37,350
Dat is wat hij vervolgens zegt.

951
00:56:37,350 --> 00:56:40,050
Maar dat is duidelijk toch niet zo goed.

952
00:56:40,050 --> 00:56:42,990
Het is goed om in één God te geloven,

953
00:56:42,990 --> 00:56:47,130
maar daarmee ben je er nog niet
noodzakelijkerwijs helemaal, want:

954
00:56:47,130 --> 00:56:50,310
De demonen geloven ook en beven van angst.

955
00:56:50,310 --> 00:56:53,610
Met andere woorden, zij geloven sterk.

956
00:56:53,610 --> 00:56:57,690
Ze geloven sterker dan veel mensen
die belijden christen te zijn,

957
00:56:57,690 --> 00:56:59,790
want de demonen sidderen.

958
00:56:59,790 --> 00:57:04,710
Veel mensen die belijden christen te
zijn, hebben geen enkele vrees voor God.

959
00:57:04,710 --> 00:57:08,190
Ze beweren te geloven,
maar ze leven op een manier

960
00:57:08,190 --> 00:57:11,550
die er volgens de Bijbel op
wijst dat ze naar de hel gaan.

961
00:57:11,550 --> 00:57:14,130
En ze maken zich er niet eens zorgen over.

962
00:57:14,130 --> 00:57:17,730
De demonen hebben een
sterker geloof van dat soort

963
00:57:17,730 --> 00:57:21,690
dan veel mensen die in de gemeente
belijden christen te zijn,

964
00:57:21,690 --> 00:57:26,310
want die christenen in de gemeente
zijn zogenaamde christenen.

965
00:57:26,310 --> 00:57:30,090
Vaak zondigen ze als de duivel
en leven ze als de duivel,

966
00:57:30,090 --> 00:57:32,130
maar ze sidderen er niet om.

967
00:57:32,130 --> 00:57:39,750
In Jesaja hoofdstuk 66, in vers 1 en 2,
zegt God dat Hij dicht bij zo iemand is.

968
00:57:39,750 --> 00:57:45,870
Zo zegt de HEERE: De hemel is Mijn troon
en de aarde de voetbank van Mijn voeten.

969
00:57:45,870 --> 00:57:49,590
Waar zou dan het huis zijn dat
u voor Mij zou willen bouwen

970
00:57:49,590 --> 00:57:51,870
en waar de plaats van Mijn rust?

971
00:57:51,870 --> 00:57:54,750
Want Mijn hand heeft
al die dingen gemaakt,

972
00:57:54,750 --> 00:57:58,110
en daardoor bestaan al die
dingen, spreekt de HEERE.

973
00:57:58,110 --> 00:58:02,850
Maar Ik zal zien op deze, op de
ellendige en verslagene van geest,

974
00:58:02,850 --> 00:58:05,130
en wie voor Mijn woord beeft.

975
00:58:05,130 --> 00:58:10,290
En was het Felix of Festus die
sidderde toen Paulus met hem sprak over

976
00:58:10,290 --> 00:58:15,570
zelfbeheersing en gerechtigheid
en het oordeel van God, enzovoort?

977
00:58:15,570 --> 00:58:16,590
Hij sidderde ook.

978
00:58:16,590 --> 00:58:20,670
Hij kwam niet tot behoud, maar op
dat moment vreesde hij God even.

979
00:58:20,670 --> 00:58:24,570
Maar nu hebben we een heel slag
christenen die zijn opgegroeid onder een

980
00:58:24,570 --> 00:58:26,790
leer van antinomianisme.

981
00:58:26,790 --> 00:58:29,790
Die zegt dat het niet
uitmaakt of je werken hebt;

982
00:58:29,790 --> 00:58:31,770
je hoeft alleen maar geloof te hebben.

983
00:58:31,770 --> 00:58:34,410
Het maakt niet uit of
je leven veranderd is.

984
00:58:34,410 --> 00:58:38,610
Ik herinner me dat ik als tiener nog
maar net begonnen was met getuigen.

985
00:58:38,610 --> 00:58:42,150
Ik was op pad met iemand die
meer ervaring had dan ik.

986
00:58:42,150 --> 00:58:46,050
Terwijl we samen waren, zei
iemand tegen wie hij getuigde:

987
00:58:46,050 --> 00:58:49,230
„Ik wil geen christen worden,
want ik rook graag wiet

988
00:58:49,230 --> 00:58:51,570
en ik woon samen met mijn vriendin.”

989
00:58:51,570 --> 00:58:55,890
En mijn vriend zei: „Nou, je hoeft
niet te stoppen met wiet roken of met

990
00:58:55,890 --> 00:58:57,810
je vriendin samenwonen.

991
00:58:57,810 --> 00:59:00,690
Je hoeft alleen maar in Jezus te geloven.

992
00:59:00,690 --> 00:59:03,750
Jezus is niet gekomen
om je iets af te nemen.

993
00:59:03,750 --> 00:59:07,350
Hij is alleen gekomen om
je eeuwig leven te geven.”

994
00:59:07,350 --> 00:59:09,270
O, dat is mooi.

995
00:59:09,270 --> 00:59:11,010
Destijds leek me dat waar.

996
00:59:11,010 --> 00:59:14,370
Ik was een tiener en nog
vrij nieuw in deze dingen.

997
00:59:14,370 --> 00:59:18,150
Ik dacht: „Nou, dat is een
behoorlijk goed aanbod.

998
00:59:18,150 --> 00:59:19,950
Dat is wel heel gemakkelijk.”

999
00:59:19,950 --> 00:59:24,750
En degene die dat zei, is waarschijnlijk
ook over die overtuiging heen gegroeid,

1000
00:59:24,750 --> 00:59:27,750
of anders is hij geen
christen meer, vermoed ik.

1001
00:59:27,750 --> 00:59:32,130
Hij is waarschijnlijk ofwel van het
geloof afgedwaald, ofwel volwassen

1002
00:59:32,130 --> 00:59:33,750
geworden, vermoed ik.

1003
00:59:33,750 --> 00:59:39,270
Maar dat is natuurlijk antinomianisme: het
idee dat Jezus niet gekomen is om je iets

1004
00:59:39,270 --> 00:59:40,650
af te nemen.

1005
00:59:40,650 --> 00:59:44,070
Nou, Hij is gekomen om
je ketenen af te nemen.

1006
00:59:44,070 --> 00:59:49,590
Hij is gekomen om je vrij te maken, en
die ketenen zijn de zonde in je leven.

1007
00:59:49,590 --> 00:59:53,670
En als je daar niet van wegloopt,
dan wijs je het behoud af.

1008
00:59:53,670 --> 00:59:56,370
Behoud kost je bekering en geloof.

1009
00:59:56,370 --> 01:00:00,210
Je moet je bekeren en het
Evangelie geloven, zei Jezus,

1010
01:00:00,210 --> 01:00:02,850
zoals Paulus en anderen dat ook zeiden.

1011
01:00:02,850 --> 01:00:05,130
Petrus zei op de dag van Pinksteren:

1012
01:00:05,130 --> 01:00:06,330
Bekeer je.

1013
01:00:06,330 --> 01:00:09,450
Je afkeren van de zonde is dus vereist.

1014
01:00:09,450 --> 01:00:12,990
De duivel gelooft, maar hij
heeft zich niet bekeerd.

1015
01:00:12,990 --> 01:00:17,970
Maar hij is dichterbij gekomen dan sommige
christenen, omdat hij tenminste siddert.

1016
01:00:17,970 --> 01:00:20,310
De demonen sidderen tenminste.

1017
01:00:20,310 --> 01:00:22,950
Het brengt hen niet helemaal tot bekering.

1018
01:00:22,950 --> 01:00:27,870
Wat zij hebben, is meer de vrees die tot
de dood leidt dan de godvruchtige vrees of

1019
01:00:27,870 --> 01:00:31,110
het godvruchtige verdriet
dat tot het leven leidt.

1020
01:00:31,110 --> 01:00:34,470
Maar ik ken christenen die
niet sidderen voor het Woord,

1021
01:00:34,470 --> 01:00:36,990
die niet sidderen voor
het oordeel van God,

1022
01:00:36,990 --> 01:00:40,470
die niet genoeg wijsheid
hebben om God te vrezen.

1023
01:00:40,470 --> 01:00:45,570
De duivel is tenminste slim genoeg om te
weten dat hij bij God in de problemen zit,

1024
01:00:45,570 --> 01:00:48,030
en de demonen weten dat ook.

1025
01:00:48,030 --> 01:00:49,830
En ze geloven sterk.

1026
01:00:49,830 --> 01:00:54,030
Mensen die zeggen dat ze geloven
in God, Die de wereld zal oordelen,

1027
01:00:54,030 --> 01:00:57,090
maar leven alsof er geen oordeel is:

1028
01:00:57,090 --> 01:01:01,230
je kunt ernstig betwijfelen
of ze dat werkelijk geloven.

1029
01:01:01,230 --> 01:01:05,910
Sidderen zou een goede manier zijn om
te laten zien dat ze werkelijk geloven

1030
01:01:05,910 --> 01:01:09,030
dat ze voor de rechterstoel
van Christus zullen staan.

1031
01:01:09,030 --> 01:01:13,170
Gezien de manier waarop ze
leven, zou sidderen gepast zijn.

1032
01:01:13,170 --> 01:01:16,950
Nou, zoveel geloven de
demonen ook, maar zelfs dat

1033
01:01:16,950 --> 01:01:19,290
is niet genoeg om hen te behouden.

1034
01:01:19,290 --> 01:01:20,550
Nu zegt hij:

1035
01:01:20,550 --> 01:01:26,250
Maar wilt u weten, o dwaze mens, dat
het geloof zonder de werken dood is?

1036
01:01:26,250 --> 01:01:30,570
Abraham was ook een monotheïst, maar
hij was meer dan een monotheïst.

1037
01:01:30,570 --> 01:01:36,630
Is Abraham, onze vader, niet uit de werken
gerechtvaardigd, toen hij Izak, zijn zoon,

1038
01:01:36,630 --> 01:01:38,430
op het altaar offerde?

1039
01:01:38,430 --> 01:01:41,070
Dit is een van de moeilijkste verzen om in

1040
01:01:41,070 --> 01:01:43,890
overeenstemming te brengen
met wat Paulus zei.

1041
01:01:43,890 --> 01:01:50,070
Want Paulus benadrukt in gedeelten zoals
Galaten 3 en Romeinen hoofdstuk 4 dat

1042
01:01:50,070 --> 01:01:54,630
Abraham gerechtvaardigd werd
door geloof en niet door werken.

1043
01:01:54,630 --> 01:01:58,950
En toch zegt Jakobus uitdrukkelijk
dat hij door werken behouden werd,

1044
01:01:58,950 --> 01:02:01,650
of hij vraagt in elk geval retorisch:

1045
01:02:01,650 --> 01:02:04,170
Werd hij niet gered door wat hij deed?

1046
01:02:04,170 --> 01:02:07,770
En het antwoord is: „Ja, dat werd hij.”

1047
01:02:07,770 --> 01:02:11,310
Schijnbaar het tegenovergestelde
van wat Paulus zegt.

1048
01:02:11,310 --> 01:02:16,110
Paulus haalt zowel in Galaten hoofdstuk
3 als in Romeinen hoofdstuk 4,

1049
01:02:16,110 --> 01:02:21,330
waar hij deze uitspraak doet,
Genesis hoofdstuk 15, vers 6 aan:

1050
01:02:21,330 --> 01:02:26,790
En hij geloofde in de HEERE, en Die
rekende hem dat tot gerechtigheid.

1051
01:02:26,790 --> 01:02:28,890
Zie je, het is geloof.

1052
01:02:28,890 --> 01:02:30,510
Hij geloofde God.

1053
01:02:30,510 --> 01:02:33,510
Dat werd hem tot
gerechtigheid toegerekend.

1054
01:02:33,510 --> 01:02:36,510
Hij werd door geloof gerechtvaardigd.

1055
01:02:36,510 --> 01:02:39,690
Maar Jakobus is in dat
vers niet onduidelijk.

1056
01:02:39,690 --> 01:02:41,910
Hij haalt hetzelfde vers aan.

1057
01:02:41,910 --> 01:02:45,030
En hij geeft aan dat die
Schrift werd vervuld toen

1058
01:02:45,030 --> 01:02:50,010
Abraham zijn zoon op het altaar
offerde: dat Abraham God geloofde

1059
01:02:50,010 --> 01:02:53,190
en dat het hem tot
gerechtigheid werd toegerekend.

1060
01:02:53,190 --> 01:02:56,490
Hij en Paulus hebben
dus dezelfde theologie.

1061
01:02:56,490 --> 01:03:01,230
Abraham geloofde God en dat werd
hem tot gerechtigheid toegerekend.

1062
01:03:01,230 --> 01:03:06,210
Iets tot gerechtigheid toegerekend
krijgen betekent gerechtvaardigd worden.

1063
01:03:06,210 --> 01:03:10,290
Hij werd dus door geloof gerechtvaardigd,
maar niet alleen door geloof.

1064
01:03:10,290 --> 01:03:13,890
Nogmaals, hij werd door
geloof alleen gerechtvaardigd,

1065
01:03:13,890 --> 01:03:16,710
maar niet door een
geloof dat alleen staat.

1066
01:03:16,710 --> 01:03:19,050
En dat is waar Jakobus op wijst.

1067
01:03:19,050 --> 01:03:21,990
Hij werd door geloof
gerechtvaardigd, maar dat

1068
01:03:21,990 --> 01:03:27,090
geloof werd tot voltooiing gebracht
door gedrag, door gehoorzaamheid.

1069
01:03:27,090 --> 01:03:30,870
De werken die hij deed, lieten
zien dat hij dit soort geloof had,

1070
01:03:30,870 --> 01:03:33,450
dat hij werkelijk gerechtvaardigd was.

1071
01:03:33,450 --> 01:03:37,590
Hij werd dus als het ware door
geloof en werken gerechtvaardigd.

1072
01:03:37,590 --> 01:03:40,170
Dat staat in vers 24:

1073
01:03:40,170 --> 01:03:44,310
U ziet dus nu dat een mens uit
werken gerechtvaardigd wordt en niet

1074
01:03:44,310 --> 01:03:46,170
alleen uit geloof.

1075
01:03:46,170 --> 01:03:51,750
De woorden ‘Niet alleen door geloof’
in vers 24 betekenen natuurlijk dat hij

1076
01:03:51,750 --> 01:03:56,550
erkent dat je door geloof gerechtvaardigd
wordt, maar niet alleen door geloof.

1077
01:03:56,550 --> 01:04:00,390
De werken moeten er ook zijn om te
laten zien dat het om het juiste

1078
01:04:00,390 --> 01:04:02,010
soort geloof gaat.

1079
01:04:02,010 --> 01:04:05,070
Wanneer hij zegt dat je door
werken gerechtvaardigd wordt,

1080
01:04:05,070 --> 01:04:09,510
probeert hij de leer van rechtvaardiging
door geloof niet te vervangen door een

1081
01:04:09,510 --> 01:04:12,570
tegengestelde leer van
rechtvaardiging door werken.

1082
01:04:12,570 --> 01:04:16,050
Hij erkent dat je door
geloof gerechtvaardigd wordt.

1083
01:04:16,050 --> 01:04:20,070
Hij haalt dezelfde Schrift aan
als Paulus om te laten zien dat

1084
01:04:20,070 --> 01:04:22,830
Abraham door geloof gerechtvaardigd werd.

1085
01:04:22,830 --> 01:04:28,110
Door te zeggen ‘Niet alleen door geloof’
bevestigt hij dat het door geloof is,

1086
01:04:28,110 --> 01:04:30,270
maar niet alleen door geloof.

1087
01:04:30,270 --> 01:04:32,430
Het is door geloof dat werkt.

1088
01:04:32,430 --> 01:04:36,690
Je hebt geloof in je leven; je
hebt ook de werken in je leven.

1089
01:04:36,690 --> 01:04:40,350
En dat is wat het hele beeld
van rechtvaardiging omvat: een

1090
01:04:40,350 --> 01:04:42,570
levend, werkzaam geloof.

1091
01:04:42,570 --> 01:04:46,170
Over Abraham staat er in vers 21:

1092
01:04:46,170 --> 01:04:52,110
Is Abraham, onze vader, niet uit de werken
gerechtvaardigd, toen hij Izak, zijn zoon,

1093
01:04:52,110 --> 01:04:53,910
op het altaar offerde?

1094
01:04:53,910 --> 01:04:59,250
Dat wil zeggen: naast zijn geloof maakten
zijn werken deel uit van zijn leven.

1095
01:04:59,250 --> 01:05:03,390
Dat hoort allemaal bij wat het inhoudt
om een rechtvaardig mens te zijn.

1096
01:05:03,390 --> 01:05:06,270
Dat is natuurlijk maar één
daad van gehoorzaamheid,

1097
01:05:06,270 --> 01:05:10,530
maar wel het toonbeeld van Abrahams
daadwerkelijke gehoorzaamheid.

1098
01:05:10,530 --> 01:05:15,870
Het offeren van Izak wordt aangevoerd als
bewijs van zijn geloof, niet alleen hier,

1099
01:05:15,870 --> 01:05:18,450
maar ook in Hebreeën hoofdstuk 11.

1100
01:05:18,450 --> 01:05:21,690
Daar wordt er zelfs iets
uitgebreider op ingegaan.

1101
01:05:21,690 --> 01:05:24,090
In Hebreeën hoofdstuk 11 staat:

1102
01:05:24,090 --> 01:05:27,870
Door het geloof heeft Abraham, toen
hij door God op de proef gesteld

1103
01:05:27,870 --> 01:05:30,090
werd, Izak geofferd.

1104
01:05:30,090 --> 01:05:35,490
En hij, die de beloften ontvangen
had, heeft zijn eniggeborene geofferd.

1105
01:05:35,490 --> 01:05:39,330
Eerder zei Jakobus dat ons
geloof beproefd moet worden,

1106
01:05:39,330 --> 01:05:44,430
en dat wie die beproeving doorstaat,
de kroon van het leven zal ontvangen.

1107
01:05:44,430 --> 01:05:48,270
Maar in Hebreeën 11:17 staat:

1108
01:05:48,270 --> 01:05:53,970
Door zijn geloof offerde Abraham Isaak
toen hij op de proef werd gesteld.

1109
01:05:53,970 --> 01:05:58,350
En hij die de beloften had
ontvangen, offerde zijn enige zoon,

1110
01:05:58,350 --> 01:06:04,530
over wie gezegd was dat zijn nakomelingen
via Isaak zijn naam zouden voortzetten.

1111
01:06:04,530 --> 01:06:10,110
En dat is het tegenstrijdige eraan, want
Izak had nog geen kinderen gekregen.

1112
01:06:10,110 --> 01:06:15,750
Hoe kon Abrahams nageslacht dan via
de lijn van Izak worden voortgezet als

1113
01:06:15,750 --> 01:06:18,330
Izak kinderloos zou sterven?

1114
01:06:18,330 --> 01:06:20,610
Daar kwam geloof bij kijken.

1115
01:06:20,610 --> 01:06:25,890
Abraham overwoog dat God bij machte was
hem zelfs uit de doden op te wekken.

1116
01:06:25,890 --> 01:06:29,430
En hij kreeg hem als het
ware daaruit ook terug.

1117
01:06:29,430 --> 01:06:33,390
Dit geeft ons iets meer
inzicht in de geloofscrisis die

1118
01:06:33,390 --> 01:06:38,370
Abraham doormaakte toen hem werd
gevraagd Izak op het altaar te offeren.

1119
01:06:38,370 --> 01:06:43,710
Het zou voor iedereen al moeilijk genoeg
zijn om een kind op het altaar te offeren.

1120
01:06:43,710 --> 01:06:44,970
Wie zou dat willen doen?

1121
01:06:44,970 --> 01:06:47,970
Het zou het moeilijkste zijn
wat een ouder zou kunnen doen.

1122
01:06:47,970 --> 01:06:51,930
Alleen al te geloven dat ik God
tot op dat punt moet gehoorzamen,

1123
01:06:51,930 --> 01:06:56,670
dat ik dat uiterste offer moet brengen en
mijn enige zoon op het altaar moet leggen.

1124
01:06:56,670 --> 01:07:01,110
Dat zou op zichzelf al moeilijk zijn,
maar bij Abraham komt er nog iets bij.

1125
01:07:01,110 --> 01:07:05,850
Want al zijn hoop was op Izak gevestigd,
niet alleen voor zijn eigen gezinsleven,

1126
01:07:05,850 --> 01:07:07,830
maar ook voor de wereld.

1127
01:07:07,830 --> 01:07:12,270
Alle volken van de wereld zouden immers
door zijn nageslacht gezegend worden,

1128
01:07:12,270 --> 01:07:15,210
en Izak was degene door
wie dat zou gebeuren.

1129
01:07:15,210 --> 01:07:20,550
Dit kind, of deze jongeman, was degene
door wie de volken gezegend zouden worden.

1130
01:07:20,550 --> 01:07:23,550
Maar er was nog geen enkel
volk door hem gezegend,

1131
01:07:23,550 --> 01:07:25,890
en nu is het tijd om hem te doden.

1132
01:07:25,890 --> 01:07:30,210
Hoe kon hij erop vertrouwen, hoe kon hij
geloven dat die beloften vervuld zouden

1133
01:07:30,210 --> 01:07:34,530
worden als hij Gods bevelen
uitvoerde en Izak doodde?

1134
01:07:34,530 --> 01:07:38,850
Het antwoord is, denk ik: er
zijn niet veel mogelijkheden.

1135
01:07:38,850 --> 01:07:42,150
Dan zal God hem wel uit
de dood moeten opwekken.

1136
01:07:42,150 --> 01:07:44,670
Abraham bedacht dat Hij dat zou doen.

1137
01:07:44,670 --> 01:07:47,010
Daar is veel geloof voor nodig.

1138
01:07:47,010 --> 01:07:51,030
Ofwel veel geloof, ofwel veel domheid.

1139
01:07:51,030 --> 01:07:55,290
Ik heb heel wat groepen gekend die
hun kinderen min of meer laten sterven

1140
01:07:55,290 --> 01:07:59,130
door kinderen met diabetes
insuline te onthouden, of zoiets.

1141
01:07:59,130 --> 01:08:03,810
En dan gaan ze bidden en verwachten
ze dat God hen uit de dood opwekt.

1142
01:08:03,810 --> 01:08:08,370
Ik ken niet veel van zulke gevallen,
maar ik heb wel van een paar gehoord.

1143
01:08:08,370 --> 01:08:12,810
En naar mijn idee is dat een soort
vreemd christendom aan de rand.

1144
01:08:12,810 --> 01:08:15,390
Dat is niet het toonbeeld van geloof.

1145
01:08:15,390 --> 01:08:18,390
Maar in dit geval had Abraham echt geloof.

1146
01:08:18,390 --> 01:08:20,670
Hij wist dat God aan hem verschenen was,

1147
01:08:20,670 --> 01:08:24,570
tot hem gesproken had en
hem had gezegd dit te doen.

1148
01:08:24,570 --> 01:08:29,790
Toch moesten Gods beloften vervuld worden,
hoewel er geen enkele denkbare manier was

1149
01:08:29,790 --> 01:08:33,990
waarop Hij dat kon doen, tenzij
Hij hem uit de dood opwekte.

1150
01:08:33,990 --> 01:08:37,230
Dus dat was wat Abraham
dacht dat Hij zou doen.

1151
01:08:37,230 --> 01:08:39,990
Daar had hij groot geloof voor nodig.

1152
01:08:39,990 --> 01:08:43,410
Er staat in Jakobus 2:22:

1153
01:08:43,410 --> 01:08:47,010
Ziet u wel dat het geloof
samenwerkte met zijn werken

1154
01:08:47,010 --> 01:08:50,550
en dat door de werken het
geloof volmaakt is geworden?

1155
01:08:50,550 --> 01:08:56,130
Met andere woorden, het daadwerkelijke
werk, of de daad van het offeren van Izak,

1156
01:08:56,130 --> 01:09:00,090
moest uit geloof voortkomen, of niet soms?

1157
01:09:00,090 --> 01:09:05,370
Hoeveel geloof moest er aanwezig zijn om
daadwerkelijk te proberen deze daad van

1158
01:09:05,370 --> 01:09:08,310
gehoorzaamheid aan God uit te voeren?

1159
01:09:08,310 --> 01:09:12,210
Je kunt zien dat het geloof
werkzaam was. Daar gaat het om.

1160
01:09:12,210 --> 01:09:14,190
Het is geloof dat werkt.

1161
01:09:14,190 --> 01:09:17,430
Zijn handelen liet zijn
geloof aan het werk zien.

1162
01:09:17,430 --> 01:09:21,810
Het geloof werkte door deze werken
heen, door de werken van het offeren,

1163
01:09:21,810 --> 01:09:23,490
van het gehoorzamen.

1164
01:09:23,490 --> 01:09:26,970
Dit is waarschijnlijk de meest
evenwichtige verwoording van

1165
01:09:26,970 --> 01:09:30,450
Jakobus’ standpunt in
dit hele korte hoofdstuk.

1166
01:09:30,450 --> 01:09:32,490
Geloof en werken.

1167
01:09:32,490 --> 01:09:36,330
De werken laten het verschijnsel
zien van geloof dat werkt.

1168
01:09:36,330 --> 01:09:41,070
Het geloof werkt door deze werken
heen, en de werken vormen de voltooiing

1169
01:09:41,070 --> 01:09:42,690
van het geloof.

1170
01:09:42,690 --> 01:09:47,490
Geloof is onvolledig totdat het een
ander soort werken heeft voortgebracht.

1171
01:09:47,490 --> 01:09:51,450
Zoals ik al zei, in het geval
van de misdadiger aan het kruis:

1172
01:09:51,450 --> 01:09:56,130
hij bracht geen goede werken voort, maar
dat kon je hem nauwelijks kwalijk nemen.

1173
01:09:56,130 --> 01:09:58,170
Hij had er geen enkele gelegenheid toe.

1174
01:09:58,170 --> 01:10:03,510
Maar als iemand dit soort geloof heeft en
de vrijheid heeft om zijn leven te leiden,

1175
01:10:03,510 --> 01:10:08,730
is er naast zijn uitspraak dat hij
gelooft ook een ander bewijs van behoud:

1176
01:10:08,730 --> 01:10:10,710
de manier waarop hij leeft.

1177
01:10:10,710 --> 01:10:14,070
Daarin komt zijn geloof tot voltooiing.

1178
01:10:14,070 --> 01:10:19,230
En die is natuurlijk in wezen
gehoorzaam aan Christus als Heere.

1179
01:10:19,230 --> 01:10:19,950
‘Ja?’

1180
01:10:19,950 --> 01:10:22,950
‘Ik vroeg me af waar je de grens trekt.

1181
01:10:22,950 --> 01:10:26,790
Als je naar een christen probeert te
kijken om aan zijn werken te zien of hij

1182
01:10:26,790 --> 01:10:32,010
werkelijk behouden is of niet, weet
je niet hoever hij al gekomen is.

1183
01:10:32,010 --> 01:10:33,570
Begrijp je wat ik bedoel?’

1184
01:10:33,570 --> 01:10:34,350
‘Ja.

1185
01:10:34,350 --> 01:10:39,810
Ik denk niet dat Jakobus ons een maatstaf
geeft om andere mensen te beoordelen.

1186
01:10:39,810 --> 01:10:45,270
Ik denk dat hij ons in dit opzicht tot
zelfonderzoek probeert aan te moedigen.

1187
01:10:45,270 --> 01:10:51,090
Als je vraagt waar ik de grens trek: ik
trek die grenzen niet. Dat is onmogelijk.

1188
01:10:51,090 --> 01:10:54,450
Ik heb niet het
onderscheidingsvermogen om dat te doen.

1189
01:10:54,450 --> 01:10:56,610
Alleen God kent het hart.

1190
01:10:56,610 --> 01:11:01,650
En zelfs iemand die geloof heeft, kan
een zwakker geloof hebben dan anderen.

1191
01:11:01,650 --> 01:11:06,390
Sommigen hebben geloof en daarnaast
bepaalde zwakheden in hun karakter.

1192
01:11:06,390 --> 01:11:09,570
Ze kunnen ernaar verlangen
om godvruchtig te leven,

1193
01:11:09,570 --> 01:11:13,470
maar vaker dan iemand anders
terugvallen in patronen die ze nog

1194
01:11:13,470 --> 01:11:15,330
niet overwonnen hebben.

1195
01:11:15,330 --> 01:11:19,470
Reddend geloof maakt je niet
ogenblikkelijk tot een volwassen,

1196
01:11:19,470 --> 01:11:22,110
volmaakt en geheiligd mens.

1197
01:11:22,110 --> 01:11:27,090
Maar er gebeurt wel onmiddellijk iets, en
dat is een verandering in je gerichtheid.

1198
01:11:27,090 --> 01:11:30,690
Je bent niet langer tegen
God gericht, maar op God.

1199
01:11:30,690 --> 01:11:34,290
Iemand die werkelijk behouden
is, wil God gehoorzamen.

1200
01:11:34,290 --> 01:11:36,030
Ik heb dit al eerder gezegd.

1201
01:11:36,030 --> 01:11:41,250
Ik denk dat dit in wezen het voornaamste
bewijs in de gelovige zelf is dat hij van

1202
01:11:41,250 --> 01:11:43,950
de dood tot het leven is overgegaan.

1203
01:11:43,950 --> 01:11:48,030
Dan heb ik het over objectief
bewijs waarnaar hij kan kijken

1204
01:11:48,030 --> 01:11:51,750
en waarbij hij kan zeggen:
“Ben ik behouden of niet?”

1205
01:11:51,750 --> 01:11:53,670
Ben je in je hart veranderd?

1206
01:11:53,670 --> 01:11:56,370
Vroeger was je erop
gericht jezelf te behagen,

1207
01:11:56,370 --> 01:11:59,250
en dat was je voornaamste
doel in het leven.

1208
01:11:59,250 --> 01:12:05,190
Is je voornaamste doel in het leven nu
om te doen wat aangenaam is in Gods ogen?

1209
01:12:05,190 --> 01:12:09,150
In hoeverre je die doelen
verwezenlijkt, is een andere kwestie.

1210
01:12:09,150 --> 01:12:14,130
Want je kracht of je zwakheid, je
volwassenheid of je mate van inzicht,

1211
01:12:14,130 --> 01:12:19,050
of al dat soort dingen, kunnen van invloed
zijn op hoe goed je de gehoorzaamheid

1212
01:12:19,050 --> 01:12:21,510
waarnaar je verlangt in praktijk brengt.

1213
01:12:21,510 --> 01:12:25,830
Maar het is wel zo dat iemand die
werkelijk reddend geloof heeft gekregen,

1214
01:12:25,830 --> 01:12:28,230
een veranderde gerichtheid heeft.

1215
01:12:28,230 --> 01:12:32,550
Want dat is wat bekering is:
van gedachten veranderen.

1216
01:12:32,550 --> 01:12:38,730
Zijn denken is veranderd: vroeger keurde
hij zonde goed, nu keurt hij zonde af.

1217
01:12:38,730 --> 01:12:43,170
En zelfs als die persoon zondigt, zal
hij dat nooit met goedkeuring doen.

1218
01:12:43,170 --> 01:12:45,030
Hij zal het niet goedkeuren.

1219
01:12:45,030 --> 01:12:50,170
Hij kan in zonde vallen, en hij zou
zelfs — en dat is nooit geoorloofd —

1220
01:12:50,170 --> 01:12:52,290
opstandig kunnen zondigen.

1221
01:12:52,290 --> 01:12:55,650
Maar hij zal nooit werkelijk
goedkeuren wat hij gedaan heeft,

1222
01:12:55,650 --> 01:12:59,910
en hij zal zich er altijd van bekeren
als hij werkelijk behouden is.

1223
01:12:59,910 --> 01:13:03,570
Hij kan dat soort gedrag namelijk
eenvoudigweg niet meer goedkeuren.

1224
01:13:03,570 --> 01:13:06,930
En als hij het doet, doet
hij, zoals Paulus zegt:

1225
01:13:06,930 --> 01:13:12,210
Wat ik namelijk teweegbreng, doorzie ik
niet, want niet wat ik wil, dat doe ik,

1226
01:13:12,210 --> 01:13:14,550
maar wat ik haat, dat doe ik.

1227
01:13:14,550 --> 01:13:19,950
Wanneer een zondaar die niet wedergeboren
is zondigt, doet hij wat hij liefheeft.

1228
01:13:19,950 --> 01:13:23,490
Wanneer een christen zondigt,
doet hij wat hij haat.

1229
01:13:23,490 --> 01:13:27,270
En de aanwezigheid van haat
tegen de zonde getuigt van een

1230
01:13:27,270 --> 01:13:30,030
gerichtheid op gehoorzaamheid in het hart.

1231
01:13:30,030 --> 01:13:34,230
En dat is het nieuwe hart, de wet
die op het hart geschreven is, de

1232
01:13:34,230 --> 01:13:36,570
verandering, de bekering.

1233
01:13:36,570 --> 01:13:40,830
Nu zou ik zeggen dat er bij iedereen
die tot bekering komt onmiddellijk enige

1234
01:13:40,830 --> 01:13:45,150
verandering in zijn gedrag optreedt,
al is het maar een kleine stap.

1235
01:13:45,150 --> 01:13:49,230
Voordat iemand tot bekering komt,
zondigt hij gewoon uit gewoonte

1236
01:13:49,230 --> 01:13:51,330
en omdat hij dat het liefst doet.

1237
01:13:51,330 --> 01:13:55,650
Zodra je tot bekering bent gekomen, zullen
die zonden die je alleen maar deed omdat

1238
01:13:55,650 --> 01:13:57,930
je ze graag deed, wegvallen.

1239
01:13:57,930 --> 01:14:02,130
Het kan in sommige gevallen een tijd
duren om de gewoonten te overwinnen,

1240
01:14:02,130 --> 01:14:07,230
maar de voorkeur — ik kende een man
die gewoon voor zijn plezier loog.

1241
01:14:07,230 --> 01:14:09,990
Voordat hij behouden werd,
was hij een oplichter.

1242
01:14:09,990 --> 01:14:13,050
Hij schepte er een soort
plezier in mensen te bedriegen,

1243
01:14:13,050 --> 01:14:15,330
zelfs wanneer hij er
niets bij te winnen had,

1244
01:14:15,330 --> 01:14:17,910
alleen maar om te zien
of het hem zou lukken.

1245
01:14:17,910 --> 01:14:22,530
Nou, daar kan ik me niet in verplaatsen,
want ik ben nooit een leugenaar geweest.

1246
01:14:22,530 --> 01:14:26,970
Ik heb andere zonden gehad, maar dat
was geen zwakke plek in mijn karakter.

1247
01:14:26,970 --> 01:14:28,710
Ik kan het niet begrijpen.

1248
01:14:28,710 --> 01:14:33,750
Maar ik garandeer je dat hij, zodra hij
tot behoud kwam, niet meer graag loog.

1249
01:14:33,750 --> 01:14:36,990
Hij hield er niet meer van om
mensen voor de gek te houden.

1250
01:14:36,990 --> 01:14:39,690
Misschien is hij af en toe
voor de verleiding bezweken

1251
01:14:39,690 --> 01:14:41,850
doordat liegen een gewoonte was.

1252
01:14:41,850 --> 01:14:43,950
Ik weet niet of dat gebeurd is.

1253
01:14:43,950 --> 01:14:46,830
Maar ik kan je zeggen
dat er ontzettend veel

1254
01:14:46,830 --> 01:14:51,690
leugens niet meer verteld werden in zijn
leven zodra hij tot behoud was gekomen,

1255
01:14:51,690 --> 01:14:53,910
omdat je niet meer graag zondigt.

1256
01:14:53,910 --> 01:14:57,510
Je wilt liever heilig zijn
wanneer je bekeerd bent.

1257
01:14:57,510 --> 01:15:00,810
Er vindt dus onmiddellijk
enige verandering plaats.

1258
01:15:00,810 --> 01:15:03,870
En daarna zou die
verandering moeten doorgaan,

1259
01:15:03,870 --> 01:15:06,150
terwijl je steeds beter leert om

1260
01:15:06,150 --> 01:15:10,230
consequent door de Heilige Geest te
wandelen en de begeerte van het vlees

1261
01:15:10,230 --> 01:15:11,970
niet te volbrengen.

1262
01:15:11,970 --> 01:15:15,210
Nadat hij dus over Abrahams
geloof heeft gesproken,

1263
01:15:15,210 --> 01:15:20,490
over hoe zijn geloof werken voortbracht,
of hoe zijn geloof werkzaam was,

1264
01:15:20,490 --> 01:15:25,770
en hoe zijn werken de voltooiing waren
van zijn reddende geloof, enzovoort,

1265
01:15:25,770 --> 01:15:27,990
zegt hij in vers 23:

1266
01:15:27,990 --> 01:15:32,370
En de Schrift is vervuld die
zegt: En Abraham geloofde God,

1267
01:15:32,370 --> 01:15:37,110
en het is hem tot gerechtigheid gerekend,
en hij werd een vriend van God genoemd.

1268
01:15:37,110 --> 01:15:41,910
Jakobus erkent dat aan Abraham door
geloof gerechtigheid werd toegerekend.

1269
01:15:41,910 --> 01:15:44,670
Maar de Schrift die zegt
dat het zo met hem was,

1270
01:15:44,670 --> 01:15:47,550
vond daadwerkelijk haar
vervulling in zijn gedrag.

1271
01:15:47,550 --> 01:15:51,870
De Schrift die hij aanhaalt, staat in
Genesis aanzienlijk eerder dan het moment

1272
01:15:51,870 --> 01:15:54,930
waarop Abraham zijn zoon
op het altaar offerde.

1273
01:15:54,930 --> 01:15:58,770
Hier wordt Genesis hoofdstuk
15, vers 6 aangehaald:

1274
01:15:58,770 --> 01:16:03,030
En hij geloofde in de HEERE, en Die
rekende hem dat tot gerechtigheid.

1275
01:16:03,030 --> 01:16:08,190
terwijl hij pas in Genesis
22, zeven hoofdstukken later,

1276
01:16:08,190 --> 01:16:11,070
zijn zoon Izak op het altaar offerde.

1277
01:16:11,070 --> 01:16:14,490
Hij was gerechtvaardigd
voordat hij Izak offerde,

1278
01:16:14,490 --> 01:16:19,230
maar zijn hele leven van gehoorzaamheid
was de vervulling van dat behoud door

1279
01:16:19,230 --> 01:16:23,130
geloof, die rechtvaardiging
door geloof in zijn leven.

1280
01:16:23,130 --> 01:16:27,870
Het hoogtepunt daarvan was natuurlijk
het moment waarop hij Izak offerde.

1281
01:16:27,870 --> 01:16:31,950
Dat wordt gegeven als het voorbeeld
van zijn gedrag waarin zijn

1282
01:16:31,950 --> 01:16:36,930
algemene gerichtheid op gehoorzaamheid
aan God tot uitdrukking komt.

1283
01:16:36,930 --> 01:16:42,870
Trouwens, Paulus benadrukt in Romeinen
4 bijna even sterk dat het enige geloof

1284
01:16:42,870 --> 01:16:45,810
waardoor zelfs Abraham
behouden kon worden,

1285
01:16:45,810 --> 01:16:50,430
in elk geval een geloof was waarbij
zijn hele hart betrokken was.

1286
01:16:50,430 --> 01:16:54,570
In Romeinen 4:18 staat over Abraham:

1287
01:16:54,570 --> 01:16:58,770
En hij heeft tegen alles in gehoopt
en geloofd dat hij een vader van

1288
01:16:58,770 --> 01:17:05,310
vele volken zou worden, overeenkomstig
wat gezegd was: Zo zal uw nageslacht zijn.

1289
01:17:05,310 --> 01:17:06,990
En vers 19:

1290
01:17:06,990 --> 01:17:11,550
En niet verzwakt in het geloof, heeft hij
er niet op gelet dat zijn eigen lichaam

1291
01:17:11,550 --> 01:17:15,391
reeds verstorven was — hij was
ongeveer honderd jaar oud —

1292
01:17:15,391 --> 01:17:18,690
en dat ook de moederschoot
van Sara verstorven was.

1293
01:17:18,690 --> 01:17:23,010
En hij heeft aan de belofte van
God niet getwijfeld door ongeloof,

1294
01:17:23,010 --> 01:17:27,210
maar werd gesterkt in het geloof,
terwijl hij God de eer gaf.

1295
01:17:27,210 --> 01:17:32,970
Hij was er ten volle van overtuigd dat God
ook machtig was te doen wat beloofd was.

1296
01:17:32,970 --> 01:17:34,590
vers 22:

1297
01:17:34,590 --> 01:17:37,710
Daarom ook is het hem tot
gerechtigheid gerekend.

1298
01:17:37,710 --> 01:17:41,850
Opnieuw een verwijzing naar
Genesis hoofdstuk 15, vers 6.

1299
01:17:41,850 --> 01:17:45,510
Met andere woorden: zijn
geloof was krachtig,

1300
01:17:45,510 --> 01:17:49,410
veranderde zijn leven en
kwam uit zijn hele hart.

1301
01:17:49,410 --> 01:17:54,030
Omdat hij dat soort geloof had, werd
het hem tot gerechtigheid gerekend.

1302
01:17:54,030 --> 01:17:58,650
Als het een minderwaardig soort geloof
was geweest, zoals dat van de demonen,

1303
01:17:58,650 --> 01:18:01,710
zou het niet tot
gerechtigheid gerekend zijn.

1304
01:18:01,710 --> 01:18:05,310
Zowel Paulus als Jakobus benadrukt dus dat

1305
01:18:05,310 --> 01:18:08,250
Abraham niet alleen door
geloof gerechtvaardigd werd,

1306
01:18:08,250 --> 01:18:12,690
maar door een soort geloof dat zijn
leven heel ingrijpend veranderde

1307
01:18:12,690 --> 01:18:15,270
en zijn hele gerichtheid veranderde.

1308
01:18:15,270 --> 01:18:19,170
Hij was er ten volle van
overtuigd, en hij gaf God de eer,

1309
01:18:19,170 --> 01:18:22,950
en hij keek niet naar de obstakels
die de vervulling van Gods belofte in

1310
01:18:22,950 --> 01:18:24,270
de weg stonden.

1311
01:18:24,270 --> 01:18:27,090
Hij ging gewoon in geloof verder.

1312
01:18:27,090 --> 01:18:30,630
Het is hetzelfde soort dingen
dat Paulus en Jakobus zeggen.

1313
01:18:30,630 --> 01:18:32,370
Laat ik dit duidelijk maken.

1314
01:18:32,370 --> 01:18:34,110
Wanneer Jakobus zegt:

1315
01:18:34,110 --> 01:18:38,670
Maar nu zal iemand zeggen: U
hebt geloof en ik heb werken.

1316
01:18:38,670 --> 01:18:43,410
Laat mij dan uw geloof zien uit uw
werken en ik zal u uit mijn werken mijn

1317
01:18:43,410 --> 01:18:45,030
geloof laten zien.

1318
01:18:45,030 --> 01:18:48,690
bedoelt hij met die werken geen
rituele godsdienstige werken.

1319
01:18:48,690 --> 01:18:51,210
Hij heeft het niet over godsdienstigheid.

1320
01:18:51,210 --> 01:18:53,910
Hij heeft het niet over
het soort werken waarover

1321
01:18:53,910 --> 01:18:56,730
Paulus vaak negatief
spreekt wanneer hij zegt:

1322
01:18:56,730 --> 01:18:59,970
Maar als het door genade is,
is het niet meer uit de werken,

1323
01:18:59,970 --> 01:19:02,910
anders is genade geen genade meer.

1324
01:19:02,910 --> 01:19:06,270
En als het uit de werken
is, is het geen genade meer,

1325
01:19:06,270 --> 01:19:08,850
anders is het werk geen werk meer.

1326
01:19:08,850 --> 01:19:09,990
enzovoort.

1327
01:19:09,990 --> 01:19:15,210
Hij heeft het heel vaak over besnijdenis,
werken van de wet en rituele werken.

1328
01:19:15,210 --> 01:19:18,990
Waar Jakobus het hier over
heeft, is eenvoudigweg dit:

1329
01:19:18,990 --> 01:19:23,970
het woord ‘werken’ kan ook gewoon
worden weergegeven als ‘daden’.

1330
01:19:23,970 --> 01:19:27,810
Wat de man met zijn mond zei,
bewees hij met zijn daden.

1331
01:19:27,810 --> 01:19:32,070
Wat er in zijn hart was, kwam naar
buiten in de manier waarop hij handelde,

1332
01:19:32,070 --> 01:19:34,170
de manier waarop hij leefde.

1333
01:19:34,170 --> 01:19:36,630
Dat is alles wat het hier betekent.

1334
01:19:36,630 --> 01:19:40,230
Geloof dat geen overeenkomstige
levenswijze voortbrengt,

1335
01:19:40,230 --> 01:19:43,950
is niet het geloof waarover wij
het hebben wanneer we spreken over

1336
01:19:43,950 --> 01:19:46,230
gerechtvaardigd worden voor God.

1337
01:19:46,230 --> 01:19:50,850
Ook Rachab wordt als
voorbeeld gegeven, in vers 25:

1338
01:19:50,850 --> 01:19:56,070
En is Rachab, de hoer, niet op dezelfde
manier uit werken gerechtvaardigd,

1339
01:19:56,070 --> 01:20:00,630
toen zij de boden heeft ontvangen en
langs een andere weg heeft laten weggaan?

1340
01:20:00,630 --> 01:20:04,350
Hier in Jakobus wordt niets
gezegd over het geloof van Rachab.

1341
01:20:04,350 --> 01:20:06,330
Hij noemt alleen haar werken.

1342
01:20:06,330 --> 01:20:11,670
Maar het is interessant dat zij ook in
Hebreeën 11 wordt genoemd, en daar staat:

1343
01:20:11,670 --> 01:20:16,950
Door het geloof is Rachab, de hoer,
niet omgekomen met de ongehoorzamen,

1344
01:20:16,950 --> 01:20:19,770
omdat zij de verkenners
met vrede had ontvangen.

1345
01:20:19,770 --> 01:20:20,970
enzovoort.

1346
01:20:20,970 --> 01:20:25,890
Voor dezelfde gebeurtenis in haar leven
waarvoor zij in Hebreeën 11 om haar geloof

1347
01:20:25,890 --> 01:20:29,970
wordt geprezen, wordt zij
hier om haar werken geprezen.

1348
01:20:29,970 --> 01:20:34,230
Met andere woorden, zij had
geloof dat werkzaam was.

1349
01:20:34,230 --> 01:20:38,910
Zowel geloof als werken, twee
kanten van dezelfde medaille.

1350
01:20:38,910 --> 01:20:42,750
Zij werd gerechtvaardigd doordat
zij het soort geloof had dat dit

1351
01:20:42,750 --> 01:20:44,850
soort werken voortbracht.

1352
01:20:44,850 --> 01:20:48,690
Overigens betekent dat niet dat
alles wat Rachab in dit verhaal

1353
01:20:48,690 --> 01:20:50,610
deed, prijzenswaardig is.

1354
01:20:50,610 --> 01:20:54,510
Veel mensen hebben het geval van
Rachab gebruikt om te proberen

1355
01:20:54,510 --> 01:20:59,190
leugens te rechtvaardigen die goed
uitkomen als je er iemand mee helpt.

1356
01:20:59,190 --> 01:21:03,690
Ik weet dat Richard Wurmbrand in een
aantal van zijn boeken heeft geschreven

1357
01:21:03,690 --> 01:21:08,430
dat hij het geoorloofd vond om tegen
ondervragers te liegen, enzovoort,

1358
01:21:08,430 --> 01:21:11,070
als je hen daarmee op
een dwaalspoor brengt.

1359
01:21:11,070 --> 01:21:15,270
Wanneer ze vragen: ‘Waar
is de verborgen drukpers?

1360
01:21:15,270 --> 01:21:18,330
Waar worden de geheime
bijeenkomsten gehouden?’

1361
01:21:18,330 --> 01:21:23,010
vond hij het liefdevol om te liegen,
om hen de verkeerde kant op te sturen.

1362
01:21:23,010 --> 01:21:25,530
Rachab zou daar een voorbeeld van zijn.

1363
01:21:25,530 --> 01:21:28,830
Ze loog over de vraag of de
spionnen bij haar waren of niet,

1364
01:21:28,830 --> 01:21:32,430
en ze vertelde niet de
waarheid, en daar heb je het.

1365
01:21:32,430 --> 01:21:37,590
Maar het probleem is dat je niet zomaar
verhalen uit het Oude Testament kunt nemen

1366
01:21:37,590 --> 01:21:41,490
waarin staat dat iemand
iets deed, en dan zeggen:

1367
01:21:41,490 --> 01:21:43,950
‘Dus is het geoorloofd om dat te doen.’

1368
01:21:43,950 --> 01:21:47,610
Want mensen deden in het Oude
Testament ontzettend veel dingen die

1369
01:21:47,610 --> 01:21:49,470
niet geoorloofd zijn.

1370
01:21:49,470 --> 01:21:52,530
En Rachab wordt niet
geprezen om haar liegen.

1371
01:21:52,530 --> 01:21:55,290
Ze wordt geprezen om haar geloof.

1372
01:21:55,290 --> 01:22:00,210
Dat mag op geen enkele manier worden
opgevat als zou God blij zijn geweest met

1373
01:22:00,210 --> 01:22:01,770
alles wat ze deed.

1374
01:22:01,770 --> 01:22:03,810
Ze was tenslotte een hoer.

1375
01:22:03,810 --> 01:22:07,470
Er is geen reden om te geloven
dat Hij daar blij mee was.

1376
01:22:07,470 --> 01:22:11,790
Ze wordt niet geprezen omdat ze
een hoer of een leugenaar was.

1377
01:22:11,790 --> 01:22:17,370
Ze wordt geprezen omdat ze God
geloofde en de kant van Gods volk koos

1378
01:22:17,370 --> 01:22:21,450
in plaats van de kant van haar
eigen volk, de Kanaänieten.

1379
01:22:21,450 --> 01:22:25,410
Net zoals ook niet alles wat
Abraham deed, prijzenswaardig is.

1380
01:22:25,410 --> 01:22:29,310
Toen hij twee keer loog door te
zeggen dat zijn vrouw zijn zus was,

1381
01:22:29,310 --> 01:22:31,710
was dat niet iets om na te volgen.

1382
01:22:31,710 --> 01:22:34,530
Hoewel hij geprezen wordt om zijn geloof,

1383
01:22:34,530 --> 01:22:38,190
waren niet al zijn daden
consequent van geloof vervuld.

1384
01:22:38,190 --> 01:22:40,950
Gebruik het feit dat
Rachab hier geprezen wordt

1385
01:22:40,950 --> 01:22:43,830
dus niet als een bewijstekst
dat je mag liegen

1386
01:22:43,830 --> 01:22:46,590
wanneer dat goed uitkomt
voor een goede zaak.

1387
01:22:46,590 --> 01:22:49,050
Of er misschien gevallen
zijn waarin liegen

1388
01:22:49,050 --> 01:22:53,190
liefdevoller en daarom rechtvaardiger
is dan de waarheid vertellen,

1389
01:22:53,190 --> 01:22:57,510
is wellicht een onderwerp om bij
een andere gelegenheid te bespreken.

1390
01:22:57,510 --> 01:23:01,470
Maar laat ik dit zeggen: in het
geval dat soms wordt aangehaald,

1391
01:23:01,470 --> 01:23:06,810
het voorbeeld dat Richard Wurmbrand geeft,
is liegen niet het enige alternatief.

1392
01:23:06,810 --> 01:23:10,290
Het is niet het enige liefdevolle
alternatief voor het vertellen

1393
01:23:10,290 --> 01:23:11,670
van de waarheid.

1394
01:23:11,670 --> 01:23:15,930
Als ze bamboesplinters onder je
vingernagels drijven en vragen:

1395
01:23:15,930 --> 01:23:19,770
‘Waar is de geheime bijeenkomst,
en wie zijn jullie leiders?’

1396
01:23:19,770 --> 01:23:22,410
zijn er natuurlijk drie
dingen die je kunt doen.

1397
01:23:22,410 --> 01:23:26,370
Je kunt zeggen: ‘Ze zijn hier’,
en de waarheid vertellen,

1398
01:23:26,370 --> 01:23:28,410
zodat ze worden gearresteerd.

1399
01:23:28,410 --> 01:23:30,630
Dat lijkt niet erg liefdevol.

1400
01:23:30,630 --> 01:23:34,530
Of je kunt zeggen: ‘Ze zijn
daar’, terwijl je liegt,

1401
01:23:34,530 --> 01:23:36,750
wat misschien liefdevoller lijkt.

1402
01:23:36,750 --> 01:23:40,350
Maar er is een derde alternatief
dat ook liefdevol is.

1403
01:23:40,350 --> 01:23:43,170
Je kunt zeggen: ‘Ik vertel het niet.

1404
01:23:43,170 --> 01:23:45,690
Doe me maar het ergste aan wat je kunt.’

1405
01:23:45,690 --> 01:23:47,790
Maar dat kan je wat meer kosten.

1406
01:23:47,790 --> 01:23:51,510
Het is iets gemakkelijker om hen
op een dwaalspoor te brengen en

1407
01:23:51,510 --> 01:23:53,550
even wat verlichting te krijgen.

1408
01:23:53,550 --> 01:23:57,870
Maar je kunt ook de waarheid
vertellen en zeggen: ‘Ik weet het,

1409
01:23:57,870 --> 01:23:59,070
maar ik zeg het niet.’

1410
01:23:59,070 --> 01:24:04,170
Hoe dan ook, dat is de heldhaftigere weg,
en ik zeg niet dat ik de kracht zou hebben

1411
01:24:04,170 --> 01:24:05,370
om dat te doen.

1412
01:24:05,370 --> 01:24:07,290
Ik zou hopen van wel.

1413
01:24:07,290 --> 01:24:12,030
Maar als we afstand nemen, de situatie
zonder emoties bekijken en over

1414
01:24:12,030 --> 01:24:16,770
ethiek praten, denk ik dat een leugen
vertellen in die situatie niet het

1415
01:24:16,770 --> 01:24:19,410
enige liefdevolle alternatief is.

1416
01:24:19,410 --> 01:24:23,730
Je zou de waarheid kunnen vertellen
en toch je broeders kunnen sparen.

1417
01:24:23,730 --> 01:24:26,430
Maar misschien had Rachab dat niet gekund.

1418
01:24:26,430 --> 01:24:31,350
Als Rachab de waarheid had verteld
en had gezegd: ‘Ja, ze zijn hier,

1419
01:24:31,350 --> 01:24:33,990
onder de stapels gerst
in mijn bovenkamer’,

1420
01:24:33,990 --> 01:24:38,070
dan had ze dat niet kunnen doen en
hen tegelijkertijd kunnen sparen.

1421
01:24:38,070 --> 01:24:40,230
Hoewel, wie weet?

1422
01:24:40,230 --> 01:24:43,650
Misschien zou een engel van de
Heere daar zijn gaan staan en haar

1423
01:24:43,650 --> 01:24:45,990
waarheidsgetrouwheid hebben beloond.

1424
01:24:45,990 --> 01:24:50,070
Corrie ten Boom vertelt een verhaal
over de tijd waarin ze de Joden voor de

1425
01:24:50,070 --> 01:24:51,870
nazi’s verborgen hielden.

1426
01:24:51,870 --> 01:24:56,250
Ik denk niet dat het haar huis was, maar
in het huis van een van hun vrienden

1427
01:24:56,250 --> 01:25:01,050
was een verborgen ruimte onder de
keukenvloer, waar ze de Joden verborgen.

1428
01:25:01,050 --> 01:25:04,950
Er woonde een gezin in dit
huis, en er was een valluik.

1429
01:25:04,950 --> 01:25:10,230
Boven dat valluik stond de keukentafel,
met een tafelkleed dat tot op de vloer

1430
01:25:10,230 --> 01:25:13,410
hing en het valluik aan het zicht onttrok.

1431
01:25:13,410 --> 01:25:18,630
Op een keer kwamen de nazi’s daadwerkelijk
het huis binnen, en de Joden vluchtten.

1432
01:25:18,630 --> 01:25:23,970
Ze gingen onder de tafel, door het valluik
naar beneden en deden het daarna dicht.

1433
01:25:23,970 --> 01:25:27,750
Vervolgens probeerde het gezin
zich ongedwongen te gedragen toen

1434
01:25:27,750 --> 01:25:29,130
de nazi’s binnenkwamen.

1435
01:25:29,130 --> 01:25:33,150
Volgens mij hadden ze een dochtertje
dat, als ik het me goed herinner,

1436
01:25:33,150 --> 01:25:37,710
misschien vijf of zes jaar oud
was. Ik weet het niet meer.

1437
01:25:37,710 --> 01:25:41,610
De nazi’s kwamen binnen en
vroegen: ‘Waar zijn de Joden?’

1438
01:25:41,610 --> 01:25:46,050
En ze keken het meisje recht aan
en vroegen: ‘Waar zijn de Joden?’

1439
01:25:46,050 --> 01:25:50,430
Omdat de ouders christenen waren, hadden
ze hun dochtertje altijd geleerd om de

1440
01:25:50,430 --> 01:25:52,050
waarheid te vertellen.

1441
01:25:52,050 --> 01:25:54,990
Maar op dat moment hoopten
ze dat ze misschien niet

1442
01:25:54,990 --> 01:25:57,390
zou doen wat ze haar hadden geleerd.

1443
01:25:57,390 --> 01:26:01,170
Ze hoopten dat ze misschien
niet de waarheid zou vertellen,

1444
01:26:01,170 --> 01:26:03,810
zodat de Joden gespaard zouden blijven.

1445
01:26:03,810 --> 01:26:09,630
Maar het meisje zei in haar argeloosheid
gewoon: ‘Nou, ze zitten onder de tafel.’

1446
01:26:09,630 --> 01:26:13,890
Dus de nazi bukte zich en begon
het tafelkleed op te tillen,

1447
01:26:13,890 --> 01:26:17,310
en het meisje barstte in
onbedaarlijk lachen uit.

1448
01:26:17,310 --> 01:26:20,490
De nazi’s dachten dat ze
voor de gek werden gehouden.

1449
01:26:20,490 --> 01:26:25,950
Ze kwamen overeind, stormden de kamer
uit en begonnen ergens anders te zoeken.

1450
01:26:25,950 --> 01:26:29,310
Dat klinkt mij als een
goddelijk ingrijpen in de oren.

1451
01:26:29,310 --> 01:26:31,590
Ik weet niet of het altijd zo zou gaan,

1452
01:26:31,590 --> 01:26:35,370
maar de waarheid vertellen is
iets wat God misschien zal eren.

1453
01:26:35,370 --> 01:26:38,910
Je weet het nooit wanneer je je
toevlucht neemt tot vleselijke

1454
01:26:38,910 --> 01:26:43,890
en zelfs verboden middelen om te
proberen goed te doen. Denk eraan:

1455
01:26:43,890 --> 01:26:48,150
De toorn van een man brengt immers
geen gerechtigheid voor God teweeg.

1456
01:26:48,150 --> 01:26:52,470
Sommige mensen proberen door toorn
de gerechtigheid van God te bewerken.

1457
01:26:52,470 --> 01:26:54,630
Sommigen doen dat door oneerlijkheid.

1458
01:26:54,630 --> 01:26:59,070
Maar ik denk dat de meeste christenen voor
het grootste deel nog moeten ontdekken wat

1459
01:26:59,070 --> 01:27:03,510
God zou doen om bovennatuurlijk in
te grijpen als we het juiste deden,

1460
01:27:03,510 --> 01:27:07,350
zelfs wanneer we daarmee gevaar
liepen, en de waarheid vertelden,

1461
01:27:07,350 --> 01:27:10,110
zelfs wanneer dat mogelijk
gevaarlijk zou zijn.

1462
01:27:10,110 --> 01:27:13,590
Je weet nooit in hoeverre God
hun te hulp zou kunnen komen.

1463
01:27:13,590 --> 01:27:16,470
In dat geval, vertelt Corrie ten Boom ons,

1464
01:27:16,470 --> 01:27:18,990
lijkt het erop dat God
erbij betrokken was,

1465
01:27:18,990 --> 01:27:23,430
dat Hij de teen van dat kleine meisje
kietelde, waardoor ze zo moest lachen.

1466
01:27:23,430 --> 01:27:25,050
Vers 26 zegt:

1467
01:27:25,050 --> 01:27:27,570
Want zoals het lichaam
zonder geest dood is,

1468
01:27:27,570 --> 01:27:30,510
zo is ook het geloof
zonder de werken dood.

1469
01:27:30,510 --> 01:27:33,090
Dat heeft hij nu wel voldoende benadrukt.

1470
01:27:33,090 --> 01:27:35,670
Nu wil ik graag aan hoofdstuk 3 beginnen.

1471
01:27:35,670 --> 01:27:38,670
Ik verwacht niet dat we
hoofdstuk 3 af zullen krijgen,

1472
01:27:38,670 --> 01:27:41,490
maar we moeten zo ver
mogelijk komen met de stof.

1473
01:27:41,490 --> 01:27:43,830
Laten we dus verdergaan met hoofdstuk 3.

1474
01:27:43,830 --> 01:27:47,070
U moet niet allemaal leermeesters
willen zijn, mijn broeders.

1475
01:27:47,070 --> 01:27:50,730
U weet immers dat wij dan een
strenger oordeel zullen ontvangen.

1476
01:27:50,730 --> 01:27:53,430
Daarmee bedoelt hij: wij leraren.

1477
01:27:53,430 --> 01:27:56,190
Want wij struikelen
allen in veel opzichten.

1478
01:27:56,190 --> 01:27:59,910
Als iemand in woorden niet
struikelt, is hij een volmaakt man,

1479
01:27:59,910 --> 01:28:03,450
die bij machte is om ook het
hele lichaam in toom te houden.

1480
01:28:03,450 --> 01:28:05,430
Of in de dingen die hij zegt.

1481
01:28:05,430 --> 01:28:10,050
Zie, wij leggen de paarden een bit in de
mond, opdat ze ons zouden gehoorzamen,

1482
01:28:10,050 --> 01:28:12,870
en wij sturen daarmee heel hun lichaam.

1483
01:28:12,870 --> 01:28:16,110
Zie, ook de schepen,
al zijn ze nog zo groot

1484
01:28:16,110 --> 01:28:18,690
en worden ze door harde
winden voortgedreven,

1485
01:28:18,690 --> 01:28:21,510
ze worden gestuurd door
een zeer klein roer,

1486
01:28:21,510 --> 01:28:24,090
waarheen de stuurman
ook maar kiest en wil.

1487
01:28:24,090 --> 01:28:28,950
Zo is ook de tong een klein lichaamsdeel,
en roemt toch van grote dingen.

1488
01:28:28,950 --> 01:28:32,970
Zie eens hoe een klein vuur
een grote hoop hout aansteekt.

1489
01:28:32,970 --> 01:28:37,050
Ook de tong is een vuur, een
wereld van ongerechtigheid.

1490
01:28:37,050 --> 01:28:40,230
Zo staat het met de tong
onder onze lichaamsdelen.

1491
01:28:40,230 --> 01:28:45,210
Ze besmet het hele lichaam, en zet onze
levensloop vanaf het begin in vlam,

1492
01:28:45,210 --> 01:28:48,450
en ze wordt zelf door
de hel in vlam gezet.

1493
01:28:48,450 --> 01:28:50,070
Of: door de hel.

1494
01:28:50,070 --> 01:28:55,770
Want elke natuur, zowel van wilde dieren
en vogels als van kruipende dieren en

1495
01:28:55,770 --> 01:29:00,630
zeedieren, wordt getemd en is
getemd door de menselijke natuur.

1496
01:29:00,630 --> 01:29:03,030
Maar de tong kan geen mens temmen.

1497
01:29:03,030 --> 01:29:07,350
Ze is een niet te bedwingen
kwaad, vol dodelijk vergif.

1498
01:29:07,350 --> 01:29:12,090
Door haar loven wij God en de Vader,
en door haar vervloeken wij de mensen,

1499
01:29:12,090 --> 01:29:15,030
die naar de gelijkenis
van God gemaakt zijn.

1500
01:29:15,030 --> 01:29:18,990
Uit dezelfde mond komen
zegen en vervloeking voort.

1501
01:29:18,990 --> 01:29:21,870
Dit behoort niet zo te
zijn, mijn broeders.

1502
01:29:21,870 --> 01:29:24,270
Of volgens de King James:

1503
01:29:24,270 --> 01:29:26,370
Zo hoort het niet te zijn.

1504
01:29:26,370 --> 01:29:31,170
Laat soms een bron uit dezelfde
ader zoet en bitter water opwellen?

1505
01:29:31,170 --> 01:29:35,310
Kan ook, mijn broeders, een
vijgenboom olijven voortbrengen,

1506
01:29:35,310 --> 01:29:37,410
of een wijnstok vijgen?

1507
01:29:37,410 --> 01:29:41,370
Evenmin kan een bron zout
én zoet water voortbrengen.

1508
01:29:41,370 --> 01:29:46,350
In dit gedeelte laat Jakobus zien dat
hij dezelfde zorg heeft als Salomo,

1509
01:29:46,350 --> 01:29:50,850
die in Spreuken veel aandacht besteedt
aan de juiste manier van spreken.

1510
01:29:50,850 --> 01:29:55,950
In Spreuken vinden we waarschuwingen
tegen te snel spreken, te veel spreken,

1511
01:29:55,950 --> 01:29:59,790
met een verkeerde gezindheid
spreken, en nog veel meer over

1512
01:29:59,790 --> 01:30:03,930
gebreken in ons spreken, over onze
gebrekkige manier van spreken.

1513
01:30:03,930 --> 01:30:08,490
Het raadt ons aan om iemand
die boos is zacht te antwoorden

1514
01:30:08,490 --> 01:30:11,670
en hem zo tot bedaren te brengen, of om

1515
01:30:11,670 --> 01:30:14,430
eenvoudigweg niet alles
te zeggen wat we denken,

1516
01:30:14,430 --> 01:30:18,270
of om geen woorden te spreken
die als zwaardsteken verwonden,

1517
01:30:18,270 --> 01:30:20,490
maar woorden die genezen.

1518
01:30:20,490 --> 01:30:24,630
Zo veel dingen in Spreuken benadrukken
de noodzaak om op de juiste

1519
01:30:24,630 --> 01:30:25,770
manier te spreken.

1520
01:30:25,770 --> 01:30:28,890
Dat doet Jezus ook. Jezus zei:

1521
01:30:28,890 --> 01:30:33,330
Adderengebroed! Hoe kunt u goede
dingen spreken, terwijl u slecht bent?

1522
01:30:33,330 --> 01:30:36,510
Want uit de overvloed van
het hart spreekt de mond.

1523
01:30:36,510 --> 01:30:37,950
En daarom zei Hij:

1524
01:30:37,950 --> 01:30:41,850
Want op grond van uw woorden zult
u rechtvaardig verklaard worden,

1525
01:30:41,850 --> 01:30:45,570
en op grond van uw woorden
zult u veroordeeld worden.

1526
01:30:45,570 --> 01:30:46,710
Hij zei:

1527
01:30:46,710 --> 01:30:51,210
Wat de mond ingaat, verontreinigt de
mens niet; maar wat de mond uitkomt,

1528
01:30:51,210 --> 01:30:53,250
dat verontreinigt de mens.

1529
01:30:53,250 --> 01:30:57,390
Ongetwijfeld heeft Jakobus hier de
woorden van Jezus hierover en op andere

1530
01:30:57,390 --> 01:31:00,030
plaatsen in Jezus' onderwijs in gedachten.

1531
01:31:00,030 --> 01:31:04,050
Er zijn een aantal plaatsen in dit
gedeelte dat we zojuist gelezen hebben die

1532
01:31:04,050 --> 01:31:08,670
lijken te zinspelen op bepaalde dingen
die Jezus heeft gezegd, onder meer,

1533
01:31:08,670 --> 01:31:11,790
en dat zal je niet
verbazen, in de Bergrede.

1534
01:31:11,790 --> 01:31:14,670
Vooral aan het einde
van vers 6, waar staat:

1535
01:31:14,670 --> 01:31:18,750
Ook de tong is een vuur, een
wereld van ongerechtigheid.

1536
01:31:18,750 --> 01:31:21,930
Zo staat het met de tong
onder onze lichaamsdelen.

1537
01:31:21,930 --> 01:31:26,610
Ze besmet het hele lichaam, en zet onze
levensloop vanaf het begin in vlam,

1538
01:31:26,610 --> 01:31:29,370
en ze wordt zelf door
de hel in vlam gezet.

1539
01:31:29,370 --> 01:31:31,530
Het woord ‘hel’ daar is niet het

1540
01:31:31,530 --> 01:31:35,310
gebruikelijke woord dat de brieven
doorgaans voor hel gebruiken.

1541
01:31:35,310 --> 01:31:38,490
Het is niet ‘Hades’, het is ‘Gehenna’,

1542
01:31:38,490 --> 01:31:42,570
het woord dat Jezus
doorgaans voor hel gebruikte.

1543
01:31:42,570 --> 01:31:47,190
Wanneer Jezus over de hel sprak,
was Zijn woord meestal ‘Gehenna’.

1544
01:31:47,190 --> 01:31:52,470
Wanneer de brieven naar de hel verwijzen,
gebruiken ze meestal het woord ‘Hades’.

1545
01:31:52,470 --> 01:31:56,130
Jakobus gebruikt het woord
dat Jezus gebruikte en zegt:

1546
01:31:56,130 --> 01:31:58,830
De tong wordt door de hel in vlam gezet.

1547
01:31:58,830 --> 01:32:05,430
In de Bergrede, in Mattheüs 5:22,
zei Jezus, nadat Hij had gezegd:

1548
01:32:05,430 --> 01:32:10,410
Maar Ik zeg u: Al wie ten
onrechte boos is op zijn broeder,

1549
01:32:10,410 --> 01:32:13,290
zal schuldig bevonden
worden door de rechtbank.

1550
01:32:13,290 --> 01:32:16,890
En al wie tegen zijn broeder zegt: Raka!

1551
01:32:16,890 --> 01:32:22,290
zal schuldig bevonden worden door
de Raad; maar al wie zegt: Dwaas!

1552
01:32:22,290 --> 01:32:25,590
die zal schuldig bevonden
worden tot het helse vuur.

1553
01:32:25,590 --> 01:32:26,670
Hij zegt:

1554
01:32:26,670 --> 01:32:31,170
Maar Ik zeg jullie: wie zonder
reden boos is op zijn broeder,

1555
01:32:31,170 --> 01:32:36,330
kan daarvoor veroordeeld worden, en wie
zijn broeder voor leeghoofd uitmaakt,

1556
01:32:36,330 --> 01:32:40,710
kan daarvoor veroordeeld worden,
en wie hem voor idioot uitmaakt,

1557
01:32:40,710 --> 01:32:44,850
kan in de hel terechtkomen,
Of het vuur van Gehenna.

1558
01:32:44,850 --> 01:32:47,970
Het vuur van Gehenna is
dezelfde uitdrukking,

1559
01:32:47,970 --> 01:32:52,590
of een vergelijkbare uitdrukking,
als die Jakobus hier gebruikt:

1560
01:32:52,590 --> 01:32:54,750
het vuur door Gehenna.

1561
01:32:54,750 --> 01:32:57,570
En de tong zelf, als je zegt:

1562
01:32:57,570 --> 01:32:59,130
Jij idioot.

1563
01:32:59,130 --> 01:33:04,470
Of met andere woorden, als je spreken
verraadt dat je hart tekortschiet in deze

1564
01:33:04,470 --> 01:33:09,570
liefde die je leven zou moeten kenmerken,
dan kan dat een even groot gebrek zijn

1565
01:33:09,570 --> 01:33:11,730
als het plegen van een moord.

1566
01:33:11,730 --> 01:33:15,930
Het verschil tussen iemand die een
moord wil plegen maar zich inhoudt,

1567
01:33:15,930 --> 01:33:19,230
en iemand die een moord
wil plegen en het ook doet,

1568
01:33:19,230 --> 01:33:23,010
is dat de een meer zelfbeheersing
heeft dan de ander.

1569
01:33:23,010 --> 01:33:27,030
Maar wat hun hart betreft,
zijn ze allebei moordenaars.

1570
01:33:27,030 --> 01:33:31,110
De tong kan dus een andere manier
zijn waarop je je moordzuchtige

1571
01:33:31,110 --> 01:33:32,370
geest laat zien.

1572
01:33:32,370 --> 01:33:36,750
En door het misbruik van je tong kun je
net zo goed gevaar lopen in het hellevuur

1573
01:33:36,750 --> 01:33:40,650
te komen als door moord
of woede of wat dan ook.

1574
01:33:40,650 --> 01:33:43,530
Dat is waarschijnlijk een
toespeling op de Bergrede.

1575
01:33:43,530 --> 01:33:47,730
Ook op andere dingen die Jezus heeft
gezegd, wordt hier gezinspeeld.

1576
01:33:47,730 --> 01:33:49,350
Helemaal aan het begin:

1577
01:33:49,350 --> 01:33:53,310
U moet niet allemaal leermeesters
willen zijn, mijn broeders.

1578
01:33:53,310 --> 01:33:57,270
U weet immers dat wij dan een
strenger oordeel zullen ontvangen.

1579
01:33:57,270 --> 01:34:01,590
Deze uitdrukking, ‘een strenger
oordeel’, toegepast op leraren,

1580
01:34:01,590 --> 01:34:05,550
lijkt afkomstig te zijn van Jezus’
uitspraak tegen de schriftgeleerden

1581
01:34:05,550 --> 01:34:08,910
en Farizeeën in Mattheüs hoofdstuk 23.

1582
01:34:08,910 --> 01:34:10,770
In vers 8 zegt Jezus:

1583
01:34:10,770 --> 01:34:16,710
Maar u mag zich geen rabbi laten noemen,
want Eén is uw Meester, namelijk Christus;

1584
01:34:16,710 --> 01:34:18,810
en u bent allen broeders.

1585
01:34:18,810 --> 01:34:22,470
Dan in dezelfde passage, in vers 14:

1586
01:34:22,470 --> 01:34:28,410
Wee u, schriftgeleerden en Farizeeën,
huichelaars, want u eet de huizen van de

1587
01:34:28,410 --> 01:34:31,530
weduwen op, en voor de schijn bidt u lang;

1588
01:34:31,530 --> 01:34:34,710
daarom zult u een des te
zwaarder oordeel ontvangen.

1589
01:34:34,710 --> 01:34:36,990
Dat zijn natuurlijk leraren.

1590
01:34:36,990 --> 01:34:37,650
Of:

1591
01:34:37,650 --> 01:34:39,690
Het strengere oordeel.

1592
01:34:39,690 --> 01:34:41,670
Niet dezelfde woorden in het Grieks,

1593
01:34:41,670 --> 01:34:46,830
maar ogenschijnlijk hetzelfde begrip
als in Jakobus hoofdstuk 3, vers 1.

1594
01:34:46,830 --> 01:34:51,630
Leraren ontvangen een strenger
oordeel of een zwaardere veroordeling.

1595
01:34:51,630 --> 01:34:56,670
Waarom? Omdat ze meer mensen ten
goede of ten kwade beïnvloeden.

1596
01:34:56,670 --> 01:35:00,930
Als je in zonde leeft, zul je veroordeeld
worden omdat je in zonde leeft.

1597
01:35:00,930 --> 01:35:04,050
Maar als je vele anderen ertoe
brengt in zonde te leven,

1598
01:35:04,050 --> 01:35:07,710
dan zul je nog steeds veroordeeld
worden, alleen zwaarder.

1599
01:35:07,710 --> 01:35:10,950
Er zijn heel wat plaatsen in
de Bijbel die aangeven dat er

1600
01:35:10,950 --> 01:35:13,050
gradaties in het oordeel zijn.

1601
01:35:13,050 --> 01:35:17,430
Ik weet niet zeker of Jakobus hier
noodzakelijkerwijs het oordeel van de hel

1602
01:35:17,430 --> 01:35:21,990
op het oog heeft, dat christelijke leraren
het oordeel van de hel te wachten staat.

1603
01:35:21,990 --> 01:35:25,770
Het kan eenvoudig betekenen dat we
strenger geoordeeld zullen worden

1604
01:35:25,770 --> 01:35:27,630
omdat we oordelen.

1605
01:35:27,630 --> 01:35:31,350
Leraren moeten voortdurend
oordelen vellen.

1606
01:35:31,350 --> 01:35:33,450
Als we ook maar iets willen onderwijzen,

1607
01:35:33,450 --> 01:35:37,470
moeten we onderscheid maken
tussen waarheid en dwaling.

1608
01:35:37,470 --> 01:35:41,730
We moeten onderscheid maken tussen
— wat zei Jeremia ook alweer?

1609
01:35:41,730 --> 01:35:43,740
In Leviticus is het tussen:

1610
01:35:43,740 --> 01:35:48,990
zowel om onderscheid te kunnen maken
tussen het heilige en het onheilige,

1611
01:35:48,990 --> 01:35:51,420
tussen het onreine en het reine,

1612
01:35:51,420 --> 01:35:57,690
Daarom, zo zegt de HEERE: Als u
terugkeert, laat Ik u terugkeren,

1613
01:35:57,690 --> 01:36:00,210
u zult voor Mijn aangezicht gaan staan.

1614
01:36:00,210 --> 01:36:06,750
Als u wat kostbaar is, afscheidt van wat
waardeloos is, zult u als Mijn mond zijn.

1615
01:36:06,750 --> 01:36:11,970
Laten zíj terugkeren naar u, maar
ú mag niet terugkeren naar hen.

1616
01:36:11,970 --> 01:36:14,850
Of zoiets? Is dat wat hij zei?

1617
01:36:14,850 --> 01:36:19,230
Er zijn leraren en predikers
die voortdurend oordelen vellen.

1618
01:36:19,230 --> 01:36:23,190
En omdat zij leraren zijn, worden
die oordelen aan het denken van

1619
01:36:23,190 --> 01:36:24,990
de schapen opgelegd.

1620
01:36:24,990 --> 01:36:28,650
Als de schapen in hun eigen leven
naar die oordelen gaan handelen,

1621
01:36:28,650 --> 01:36:33,150
en het zijn verkeerde oordelen, dan rust
een groot deel van de verantwoordelijkheid

1622
01:36:33,150 --> 01:36:34,650
op de leraar.

1623
01:36:34,650 --> 01:36:38,910
Niet alle verantwoordelijkheid, want
als luisteraar hoor je te onderscheiden,

1624
01:36:38,910 --> 01:36:43,230
en je moet je leraren niet gehoorzamen als
ze je dingen vertellen die duidelijk tegen

1625
01:36:43,230 --> 01:36:44,790
de Schrift ingaan.

1626
01:36:44,790 --> 01:36:48,330
Er rust een zekere verantwoordelijkheid
op jou als luisteraar,

1627
01:36:48,330 --> 01:36:51,930
maar dat ontslaat de leraar nog steeds
niet van zijn verantwoordelijkheid.

1628
01:36:51,930 --> 01:36:56,850
Ik kan niet zeggen: ‘Nou, ik kan elke
ketterij onderwijzen die ik maar wil,

1629
01:36:56,850 --> 01:37:00,810
want deze mensen zouden die niet
moeten volgen als die verkeerd is.’

1630
01:37:00,810 --> 01:37:05,250
Zo eenvoudig is het niet, want aan
beide kanten ligt verantwoordelijkheid,

1631
01:37:05,250 --> 01:37:07,350
maar meer bij de leraar.

1632
01:37:07,350 --> 01:37:09,390
En hij velt oordelen.

1633
01:37:09,390 --> 01:37:11,070
Jezus zei in de Bergrede:

1634
01:37:11,070 --> 01:37:14,190
Oordeel niet, opdat u
niet geoordeeld wordt;

1635
01:37:14,190 --> 01:37:19,110
Degene die de meeste oordelen velt, loopt
waarschijnlijk zelf het gevaar het zwaarst

1636
01:37:19,110 --> 01:37:20,610
geoordeeld te worden.

1637
01:37:20,610 --> 01:37:25,230
want met het oordeel waarmee u
oordeelt, zult u zelf geoordeeld worden;

1638
01:37:25,230 --> 01:37:29,490
en met welke maat u meet, zal
er bij u ook gemeten worden.

1639
01:37:29,490 --> 01:37:33,750
Dus wij die leraren zijn,
ontvangen een strenger oordeel.

1640
01:37:33,750 --> 01:37:38,370
Het betekent niet noodzakelijkerwijs
dat we naar een diepere hel zullen gaan,

1641
01:37:38,370 --> 01:37:43,290
maar het betekent dat er een strengere
maatstaf voor het oordeel over ons gedrag

1642
01:37:43,290 --> 01:37:44,790
zal worden aangelegd.

1643
01:37:44,790 --> 01:37:49,710
We moeten meer dan anderen het leven
leiden waarover we spreken en de waarheid

1644
01:37:49,710 --> 01:37:53,250
spreken, omdat onze
woorden en ons leven meer

1645
01:37:53,250 --> 01:37:57,090
invloed op anderen hebben dan
die van de gemiddelde persoon.

1646
01:37:57,090 --> 01:37:59,010
En hij zegt in vers 2:

1647
01:37:59,010 --> 01:38:02,370
Want wij struikelen
allen in veel opzichten.

1648
01:38:02,370 --> 01:38:06,450
Als iemand in woorden niet
struikelt, is hij een volmaakt man,

1649
01:38:06,450 --> 01:38:11,070
die bij machte is om ook het
hele lichaam in toom te houden.

1650
01:38:11,070 --> 01:38:14,010
Dit wordt niet door
alle christenen erkend.

1651
01:38:14,010 --> 01:38:17,190
Sommigen denken dat we niet
allemaal in veel dingen struikelen,

1652
01:38:17,190 --> 01:38:22,830
maar Jakobus was zich bewust van hetzelfde
waarvan jij en ik ons bewust zijn:

1653
01:38:22,830 --> 01:38:24,390
dat we dat wel doen.

1654
01:38:24,390 --> 01:38:26,310
We struikelen wel degelijk.

1655
01:38:26,310 --> 01:38:30,090
Dat betekent niet dat we dat
elke dag vele malen doen.

1656
01:38:30,090 --> 01:38:33,870
Ik ben opgevoed met de opvatting
dat we allemaal elke dag

1657
01:38:33,870 --> 01:38:37,830
vele malen zondigen in
gedachten, woorden en daden.

1658
01:38:37,830 --> 01:38:40,230
Ik weet niet of dat Bijbels is.

1659
01:38:40,230 --> 01:38:44,490
Ik denk niet dat ik elke dag van
mijn leven vele malen gezondigd heb.

1660
01:38:44,490 --> 01:38:48,330
Sterker nog, ik geloof echt dat er
dagen in mijn leven zijn geweest

1661
01:38:48,330 --> 01:38:52,110
waarop ik me er niet van bewust
was enige zonde te hebben begaan.

1662
01:38:52,110 --> 01:38:55,710
Ik werd me van geen enkele zonde
in mijn leven bewust gemaakt.

1663
01:38:55,710 --> 01:38:58,530
Jakobus zegt niet hoe vaak dit voorkomt.

1664
01:38:58,530 --> 01:39:02,250
Hij zegt niet dat we voortdurend
zondigen, maar hij zegt:

1665
01:39:02,250 --> 01:39:05,190
We gaan allemaal op allerlei
manieren de fout in.

1666
01:39:05,190 --> 01:39:08,490
We gaan allemaal op
veel punten de fout in.

1667
01:39:08,490 --> 01:39:13,410
Naar alle waarschijnlijkheid betekent
‘het hele lichaam in toom houden’ hier:

1668
01:39:13,410 --> 01:39:15,990
je eigen lichaam in toom houden.

1669
01:39:15,990 --> 01:39:20,490
Maar in de context van leraren is het
verleidelijk om het in toom houden of

1670
01:39:20,490 --> 01:39:23,850
sturen van het lichaam, zoals
je een span paarden bestuurt,

1671
01:39:23,850 --> 01:39:26,670
te zien als wat de leider
in de gemeente doet.

1672
01:39:26,670 --> 01:39:29,610
Wat de leraar juist door
zijn onderwijs doet.

1673
01:39:29,610 --> 01:39:34,770
Hij stuurt het lichaam, het denken en
het gedrag van het lichaam van Christus.

1674
01:39:34,770 --> 01:39:38,790
Als je het zo zou moeten opvatten, dan zou
hij het lichaam van Christus vergelijken

1675
01:39:38,790 --> 01:39:41,310
met een zeilend schip of met een paard,

1676
01:39:41,310 --> 01:39:44,790
wanneer hij spreekt over paarden
en schepen die door een klein

1677
01:39:44,790 --> 01:39:47,490
roer en een klein bit worden bestuurd.

1678
01:39:47,490 --> 01:39:50,430
Die beelden zijn trouwens
niet onbekend in de Schrift.

1679
01:39:50,430 --> 01:39:53,730
Ik weet niet direct een plaats waar
de Bijbel de gemeente met een schip

1680
01:39:53,730 --> 01:39:56,910
vergelijkt, maar ik ken wel
passages waarin we de gemeente

1681
01:39:56,910 --> 01:39:59,430
misschien met een paard
vergeleken kunnen zien.

1682
01:39:59,430 --> 01:40:03,510
In Zacharia staat, volgens mij
in hoofdstuk 10, dat God Juda,

1683
01:40:03,510 --> 01:40:07,590
de mannen van Juda, tot Zijn prachtige
paard in de strijd had gemaakt.

1684
01:40:07,590 --> 01:40:12,090
God had Juda, de mannen van Juda, tot
Zijn prachtige strijdpaard gemaakt.

1685
01:40:12,090 --> 01:40:16,710
En ik heb verschillende uitleggers
gekend die geloven dat het in Openbaring,

1686
01:40:16,710 --> 01:40:18,990
waar Jezus op een wit paard wordt gezien

1687
01:40:18,990 --> 01:40:22,350
en de volken overwint met het
zwaard dat uit Zijn mond komt,

1688
01:40:22,350 --> 01:40:26,130
om niets anders gaat dan een beschrijving
van de voortgang van het Evangelie

1689
01:40:26,130 --> 01:40:27,270
door de wereld.

1690
01:40:27,270 --> 01:40:30,810
Het Woord uit Zijn mond dat
deze overwinningen behaalt door

1691
01:40:30,810 --> 01:40:35,850
zielen te winnen, en Jezus Die rijdt
op de gemeente als Zijn vervoermiddel.

1692
01:40:35,850 --> 01:40:40,350
Ik zeg niet dat dit de juiste uitleg is,
maar er zijn verschillende uitleggers,

1693
01:40:40,350 --> 01:40:44,370
onder wie veel heel gangbare
uitleggers, die denken dat dit is wat

1694
01:40:44,370 --> 01:40:46,230
dat visioen uitbeeldt.

1695
01:40:46,230 --> 01:40:49,950
Dus ik weet niet of de gemeente in de
Bijbel ooit met het paard wordt vergeleken

1696
01:40:49,950 --> 01:40:52,110
of niet. Het zou kunnen.

1697
01:40:52,110 --> 01:40:55,350
Maar als dat zo is, is
het, zoals ik al zei,

1698
01:40:55,350 --> 01:40:59,970
voor mij als leraar verleidelijk om hem
hier te horen zeggen dat degene die juist

1699
01:40:59,970 --> 01:41:03,150
spreekt, die in zijn
spreken niet struikelt,

1700
01:41:03,150 --> 01:41:06,150
geschikt is om het lichaam
van Christus te sturen.

1701
01:41:06,150 --> 01:41:10,050
Zoals het bit in de mond van het paard
dat het paard zijn richting geeft,

1702
01:41:10,050 --> 01:41:13,110
of het schip met zijn
roer: dat stuurt het.

1703
01:41:13,110 --> 01:41:15,510
Het is een betrekkelijk
klein lichaamsdeel,

1704
01:41:15,510 --> 01:41:17,910
maar het laat het hele lichaam draaien.

1705
01:41:17,910 --> 01:41:21,690
Het zou ook betekenis geven
aan vers 6, waar staat:

1706
01:41:21,690 --> 01:41:25,650
De tong is een vuur, een
wereld van ongerechtigheid.

1707
01:41:25,650 --> 01:41:29,070
De tong heeft zo'n plaats onder
onze lichaamsdelen dat ze het

1708
01:41:29,070 --> 01:41:30,930
hele lichaam verontreinigt.

1709
01:41:30,930 --> 01:41:33,750
Als dat naar het lichaam
van Christus zou verwijzen,

1710
01:41:33,750 --> 01:41:36,690
zou je gemakkelijk kunnen
zien hoe dat waar zou zijn.

1711
01:41:36,690 --> 01:41:40,350
Verkeerd spreken kan het hele
lichaam van Christus verontreinigen,

1712
01:41:40,350 --> 01:41:43,950
kan velen verontreinigen. Bittere woorden.

1713
01:41:43,950 --> 01:41:47,790
Zie erop toe dat niemand
achteropraakt in de genade van God,

1714
01:41:47,790 --> 01:41:52,530
en dat er geen enkele wortel van
bitterheid opschiet en onrust veroorzaakt

1715
01:41:52,530 --> 01:41:54,990
zodat daardoor velen bezoedeld worden.

1716
01:41:54,990 --> 01:41:58,290
en uiteindelijk kan het hele
lichaam van Christus door

1717
01:41:58,290 --> 01:42:00,270
woorden verontreinigd worden.

1718
01:42:00,270 --> 01:42:04,050
Paulus waarschuwt daar
zelfs voor in 1 Korinthe 3.

1719
01:42:04,050 --> 01:42:08,490
Daar spreekt hij erover hoe hij een
fundament heeft gelegd en anderen,

1720
01:42:08,490 --> 01:42:13,650
zoals Apollos, kwamen en op
het fundament bouwden. Hij zei:

1721
01:42:13,650 --> 01:42:16,410
Laat iedereen erop letten hoe hij bouwt.

1722
01:42:16,410 --> 01:42:23,070
Sommigen bouwen met hout, hooi en stro,
anderen met goud, zilver en edelstenen.

1723
01:42:23,070 --> 01:42:26,310
Wat zij bouwen, zal door
het vuur worden beproefd.

1724
01:42:26,310 --> 01:42:27,690
En hij zegt daar:

1725
01:42:27,690 --> 01:42:30,990
Weet u niet dat u de tempel
van de levende God bent?

1726
01:42:30,990 --> 01:42:34,410
Dat ‘u’ is gezamenlijk, meervoud.

1727
01:42:34,410 --> 01:42:39,150
Als iemand de tempel van God te gronde
richt, zal God hem te gronde richten,

1728
01:42:39,150 --> 01:42:43,410
want de tempel van God is
heilig, en deze tempel bent u.

1729
01:42:43,410 --> 01:42:46,110
In die context heeft
hij het over predikers.

1730
01:42:46,110 --> 01:42:49,590
Dat is wat ze spreken;
het is waarmee ze bouwen.

1731
01:42:49,590 --> 01:42:51,810
Paulus sprak het zuivere Evangelie.

1732
01:42:51,810 --> 01:42:55,830
Hoe? Door in de gemeente te
prediken en onderwijs te geven,

1733
01:42:55,830 --> 01:42:57,450
bouwen ze de gemeente op.

1734
01:42:57,450 --> 01:43:00,750
Maar als iemand de gemeente
verontreinigt, zegt hij,

1735
01:43:00,750 --> 01:43:03,690
zal God die persoon te gronde richten.

1736
01:43:03,690 --> 01:43:09,270
[Vertalersnoot: waar de HSV in 1
Korinthe 3:17 ‘te gronde richt’ heeft,

1737
01:43:09,270 --> 01:43:13,410
gebruikt de aangehaalde Engelse
vertaling een woord voor ‘verontreinigt’.

1738
01:43:13,410 --> 01:43:17,190
Daarop berust de woordelijke
aansluiting bij Jakobus.]

1739
01:43:17,190 --> 01:43:20,130
Dus in zekere zin kunnen leraren
door hun verkeerde woorden het

1740
01:43:20,130 --> 01:43:24,810
hele lichaam verontreinigen, of in
elk geval een plaatselijk lichaam.

1741
01:43:24,810 --> 01:43:29,610
Zoals ik al zei, als leraar zie ik
deze passage een beetje op die manier,

1742
01:43:29,610 --> 01:43:33,150
hoewel ik niet zou kunnen verdedigen
dat dit noodzakelijkerwijs is

1743
01:43:33,150 --> 01:43:34,890
wat Jakobus bedoelde.

1744
01:43:34,890 --> 01:43:37,410
Misschien heeft hij het
over je eigen lichaam.

1745
01:43:37,410 --> 01:43:40,830
Maar hoe verontreinigt
je spreken je lichaam?

1746
01:43:40,830 --> 01:43:45,270
Misschien denkt hij aan de uitspraak
van Jezus in Mattheüs hoofdstuk 15,

1747
01:43:45,270 --> 01:43:46,770
waar Jezus zei:

1748
01:43:46,770 --> 01:43:52,170
Wat de mond ingaat, verontreinigt de
mens niet; maar wat de mond uitkomt,

1749
01:43:52,170 --> 01:43:54,210
dat verontreinigt de mens.

1750
01:43:54,210 --> 01:43:57,450
Wat uit de mond komt, komt uit het hart.

1751
01:43:57,450 --> 01:44:01,170
Uit dat hart komen ook allerlei
dingen voort die je lichaam kunnen

1752
01:44:01,170 --> 01:44:07,590
verontreinigen, zoals overspel,
ontucht, moord en godslastering.

1753
01:44:07,590 --> 01:44:10,710
Dit soort gedrag kan je
lichaam verontreinigen

1754
01:44:10,710 --> 01:44:13,350
zoals het een tempel kan verontreinigen.

1755
01:44:13,350 --> 01:44:15,870
Dus misschien denkt hij
dat verkeerd spreken,

1756
01:44:15,870 --> 01:44:18,510
omdat het voortkomt uit een verkeerd hart,

1757
01:44:18,510 --> 01:44:23,430
gewoon deel uitmaakt van het hele
samenstel van een verkeerd leven.

1758
01:44:23,430 --> 01:44:28,710
De tong is het glibberigste lichaamsdeel,
zowel letterlijk als figuurlijk.

1759
01:44:28,710 --> 01:44:31,950
Ze is dan ook het moeilijkst
onder controle te krijgen.

1760
01:44:31,950 --> 01:44:35,190
Het is een wild dier
dat niet te temmen is.

1761
01:44:35,190 --> 01:44:38,850
Je kunt haar in toom houden,
en je moet haar in toom houden,

1762
01:44:38,850 --> 01:44:41,010
want hij zei in hoofdstuk 1:

1763
01:44:41,010 --> 01:44:44,250
Als iemand onder u denkt
dat hij godsdienstig is,

1764
01:44:44,250 --> 01:44:48,030
en hij zijn tong niet in toom
houdt, maar zijn hart misleidt,

1765
01:44:48,030 --> 01:44:50,610
dan is zijn godsdienst zinloos.

1766
01:44:50,610 --> 01:44:54,210
Je moet haar in toom houden,
maar je kunt haar niet temmen.

1767
01:44:54,210 --> 01:44:58,950
Je zult haar je hele leven die toom
moeten omhouden, want ze is onhandelbaar.

1768
01:44:58,950 --> 01:45:05,370
Want elke natuur, zowel van wilde dieren
en vogels als van kruipende dieren en

1769
01:45:05,370 --> 01:45:10,890
zeedieren, wordt getemd en is
getemd door de menselijke natuur.

1770
01:45:10,890 --> 01:45:13,290
Maar de tong kan geen mens temmen.

1771
01:45:13,290 --> 01:45:17,790
Ze is een niet te bedwingen
kwaad, vol dodelijk vergif.

1772
01:45:17,790 --> 01:45:22,950
Door haar loven wij God en de Vader,
en door haar vervloeken wij de mensen,

1773
01:45:22,950 --> 01:45:26,010
die naar de gelijkenis
van God gemaakt zijn.

1774
01:45:26,010 --> 01:45:29,790
Uit dezelfde mond komen
zegen en vervloeking voort.

1775
01:45:29,790 --> 01:45:32,430
Dit behoort niet zo te
zijn, mijn broeders.

1776
01:45:32,430 --> 01:45:35,010
Ze kan je hele leven verontreinigen.

1777
01:45:35,010 --> 01:45:39,570
Ze kan je door de hel in brand
laten steken, figuurlijk gesproken,

1778
01:45:39,570 --> 01:45:42,090
en je hele natuur verderven.

1779
01:45:42,090 --> 01:45:45,210
Woorden hebben zo'n macht
over je geestelijke welzijn

1780
01:45:45,210 --> 01:45:48,690
en mogelijk zelfs over
je lichamelijke welzijn.

1781
01:45:48,690 --> 01:45:53,190
En zelfs je lichaam en je natuur
en alles kan verontreinigd worden

1782
01:45:53,190 --> 01:45:55,110
door wat er uit je mond komt.

1783
01:45:55,110 --> 01:45:59,730
De meest voor de hand liggende lezing
is dus waarschijnlijk dat het in vers 2

1784
01:45:59,730 --> 01:46:06,090
en vers 6 gaat om het individuele lichaam,
dat wil zeggen je persoonlijke lichaam.

1785
01:46:06,090 --> 01:46:10,290
Vooral omdat het begrip van de
gemeente als het lichaam van Christus

1786
01:46:10,290 --> 01:46:13,950
vrijwel uitsluitend bij
Paulus lijkt voor te komen.

1787
01:46:13,950 --> 01:46:18,450
Ik kan me geen specifieke geschriften
buiten de brieven van Paulus herinneren

1788
01:46:18,450 --> 01:46:21,750
waarin de gemeente het lichaam
van Christus wordt genoemd.

1789
01:46:21,750 --> 01:46:25,230
Daarom lijkt het misschien
onwaarschijnlijk dat Jakobus die

1790
01:46:25,230 --> 01:46:27,690
aanduiding voor de gemeente zou gebruiken.

1791
01:46:27,690 --> 01:46:31,470
Het kan dus allebei, en ik denk
dat het heel goed juister kan zijn

1792
01:46:31,470 --> 01:46:35,250
om het zo te begrijpen dat hij
spreekt over hoe je tong jou

1793
01:46:35,250 --> 01:46:36,930
persoonlijk zal verontreinigen.

1794
01:46:36,930 --> 01:46:41,430
En als iemand zijn tong onder controle
heeft en niet struikelt in wat hij zegt,

1795
01:46:41,430 --> 01:46:46,470
dan moet dat betekenen dat je eerst al het
andere al onder controle hebt gekregen.

1796
01:46:46,470 --> 01:46:49,890
Dit is immers het moeilijkste
om onder controle te houden.

1797
01:46:49,890 --> 01:46:52,170
Dan zou je een volmaakt mens zijn.

1798
01:46:52,170 --> 01:46:56,430
Ik denk dat Jakobus suggereert dat er niet
veel mensen zijn die daar aanspraak op

1799
01:46:56,430 --> 01:46:58,650
kunnen maken. Hij zei:

1800
01:46:58,650 --> 01:47:01,710
Want wij struikelen
allen in veel opzichten.

1801
01:47:01,710 --> 01:47:05,730
Als iemand in woorden niet
struikelt, is hij een volmaakt man,

1802
01:47:05,730 --> 01:47:09,690
die bij machte is om ook het
hele lichaam in toom te houden.

1803
01:47:09,690 --> 01:47:14,850
Maar waarin we het meest vatbaar zijn voor
struikelen, is het gebruik van onze tong.

1804
01:47:14,850 --> 01:47:18,510
Nadat je buitensporige zonden
in je leven hebt uitgeroeid,

1805
01:47:18,510 --> 01:47:23,250
kun je nog steeds zonden in je
spreken hebben: hoogmoedig opscheppen,

1806
01:47:23,250 --> 01:47:27,090
laster en roddel, of
sarcastische bitterheid.

1807
01:47:27,090 --> 01:47:30,510
Die dingen zijn soms nog aanwezig
in het spreken van mensen die

1808
01:47:30,510 --> 01:47:32,730
verder een rein leven leiden.

1809
01:47:32,730 --> 01:47:38,070
Want dit is het moeilijkste om onder
controle te houden, het ongrijpbaarste.

1810
01:47:38,070 --> 01:47:42,990
En toch richt de tong schade aan die
niet in verhouding staat tot haar omvang.

1811
01:47:42,990 --> 01:47:47,370
Bedenk eens wat een groot vuur
een klein vonkje kan veroorzaken.

1812
01:47:47,370 --> 01:47:51,090
Het kan een heel bos
platbranden, zegt Jakobus.

1813
01:47:51,090 --> 01:47:54,270
Of denk aan een klein bit in
de bek van een groot dier,

1814
01:47:54,270 --> 01:47:59,670
of een klein roer aan een groot schip dat
door hevige winden wordt voortgedreven.

1815
01:47:59,670 --> 01:48:02,730
Toch oefenen die dingen
een invloed uit die niet

1816
01:48:02,730 --> 01:48:05,250
in verhouding staat tot hun omvang.

1817
01:48:05,250 --> 01:48:08,130
De tong is dus geen
erg groot lichaamsdeel.

1818
01:48:08,130 --> 01:48:10,530
Ze is niet zo groot als
een been of een arm,

1819
01:48:10,530 --> 01:48:15,450
maar in zekere zin kan ze veel meer
schade aanrichten dan een been of een arm.

1820
01:48:15,450 --> 01:48:19,170
Hij geeft aan dat vrijwel
elke soort schepsel getemd is.

1821
01:48:19,170 --> 01:48:22,290
Dat zou in vers 7 een overdrijving zijn.

1822
01:48:22,290 --> 01:48:24,990
Natuurlijk zijn er dieren
die nooit getemd zijn.

1823
01:48:24,990 --> 01:48:28,230
Maar in wezen zegt hij dat
allerlei soorten dieren

1824
01:48:28,230 --> 01:48:33,270
onder de heerschappij van de mens zijn
gekomen, zelfs reptielen en vogels,

1825
01:48:33,270 --> 01:48:34,590
maar de tong niet.

1826
01:48:34,590 --> 01:48:37,590
De tong kan niet door
de mens worden getemd.

1827
01:48:37,590 --> 01:48:42,690
Dat betekent óf dat alleen God de tong
kan temmen, dat geen mens dat kan,

1828
01:48:42,690 --> 01:48:47,190
óf dat de tong eenvoudigweg op geen
enkele manier getemd kan worden.

1829
01:48:47,190 --> 01:48:50,790
Ze kan in toom worden
gehouden, maar niet getemd.

1830
01:48:50,790 --> 01:48:55,170
Zolang je een verdorven natuur hebt,
zolang je vleselijke verlangens hebt,

1831
01:48:55,170 --> 01:49:00,090
zolang je zonde in je lichaamsdelen hebt,
zal er altijd het gevaar zijn dat een

1832
01:49:00,090 --> 01:49:04,530
onbeteugelde tong opnieuw haar
oude zondige gedrag vertoont.

1833
01:49:04,530 --> 01:49:08,490
Ze zal niet worden afgericht zoals
een paard kan worden afgericht.

1834
01:49:08,490 --> 01:49:10,470
Ze zal niet tam worden.

1835
01:49:10,470 --> 01:49:14,670
Ze is iets wilds, en je moet
haar eenvoudigweg bedwingen door,

1836
01:49:14,670 --> 01:49:17,010
zoals de psalmdichter het verwoordde,

1837
01:49:17,010 --> 01:49:21,690
HEERE, zet een wacht voor mijn mond;
bewaak de deur van mijn lippen.

1838
01:49:21,690 --> 01:49:26,430
of door haar in toom te houden
en te zeggen: ‘Ik zal niet’, of,

1839
01:49:26,430 --> 01:49:29,550
zoals de oude uitdrukking
luidt, ‘op je tong bijten’.

1840
01:49:29,550 --> 01:49:33,570
‘Op je tong bijten’ betekent
dat je dat niet moet zeggen.

1841
01:49:33,570 --> 01:49:36,870
Soms geeft het aan dat je
je toevlucht moet nemen tot

1842
01:49:36,870 --> 01:49:40,350
radicale maatregelen om te
voorkomen dat je iets zegt.

1843
01:49:40,350 --> 01:49:43,410
Je kunt het niet zomaar
onuitgesproken laten.

1844
01:49:43,410 --> 01:49:48,510
Je moet zoiets doen als op je tong
bijten, omdat die zo onhandelbaar is.

1845
01:49:48,510 --> 01:49:53,250
Dat is natuurlijk geen Bijbelse uitspraak,
maar de uitdrukking erkent wel dat je zo

1846
01:49:53,250 --> 01:49:58,710
nodig vergaande maatregelen moet nemen
om die tong onder controle te krijgen.

1847
01:49:58,710 --> 01:50:03,810
Zo voorkom je dat ze de schade aanricht
die ze anders zou kunnen aanrichten.

1848
01:50:03,810 --> 01:50:07,470
In vers 11 en 12, en zelfs in vers 10,

1849
01:50:07,470 --> 01:50:11,790
wijst hij op de tegenstrijdigheid
van in wezen twee karakters hebben.

1850
01:50:11,790 --> 01:50:14,610
Je mond uit aan de ene
kant liefde voor God,

1851
01:50:14,610 --> 01:50:19,710
en aan de andere kant stoot diezelfde mond
vervloekingen en liefdeloze woorden uit

1852
01:50:19,710 --> 01:50:23,790
tegen je broeder, die nu eenmaal
naar het beeld van God is gemaakt.

1853
01:50:23,790 --> 01:50:26,250
Omdat hij naar het beeld
van God is gemaakt,

1854
01:50:26,250 --> 01:50:30,810
geeft Jakobus aan dat dat al reden
genoeg is om je broeder te eren,

1855
01:50:30,810 --> 01:50:35,550
hem hoog te achten en hem te behandelen
op een manier die overeenkomt met hoe

1856
01:50:35,550 --> 01:50:37,110
je God behandelt.

1857
01:50:37,110 --> 01:50:41,730
Dat wil zeggen, met enig
respect en met enige liefde.

1858
01:50:41,730 --> 01:50:46,650
Als je God liefhebt maar je broeder niet
liefhebt, hoort dat niet zo te zijn.

1859
01:50:46,650 --> 01:50:51,030
Dat is precies wat er aan het einde
van 1 Johannes hoofdstuk 4 staat:

1860
01:50:51,030 --> 01:50:55,770
Als iemand zou zeggen: Ik heb God
lief, en hij zou zijn broeder haten,

1861
01:50:55,770 --> 01:50:57,570
dan is hij een leugenaar.

1862
01:50:57,570 --> 01:51:02,850
Want wie zijn broeder, die hij ziet, niet
liefheeft, hoe kan hij God liefhebben,

1863
01:51:02,850 --> 01:51:04,650
Die hij niet gezien heeft?

1864
01:51:04,650 --> 01:51:06,270
Jakobus zegt hetzelfde.

1865
01:51:06,270 --> 01:51:11,070
Hoe kun je werkelijk oprecht en zuiver
God prijzen en God werkelijk liefhebben,

1866
01:51:11,070 --> 01:51:14,070
terwijl je liefde voor je
broeder in feite tekortschiet?

1867
01:51:14,070 --> 01:51:17,310
Je vervloekt je broeder.
Is je hart verdeeld?

1868
01:51:17,310 --> 01:51:19,830
Je hart is de bron van
wat er uit je mond komt,

1869
01:51:19,830 --> 01:51:24,450
en bronnen brengen niet tegelijkertijd
zoet water en bitter water voort.

1870
01:51:24,450 --> 01:51:29,310
Bomen die van nature vijgen horen voort
te brengen, brengen geen olijven voort.

1871
01:51:29,310 --> 01:51:33,330
Kan ook, mijn broeders, een
vijgenboom olijven voortbrengen,

1872
01:51:33,330 --> 01:51:35,130
of een wijnstok vijgen?

1873
01:51:35,130 --> 01:51:39,030
Evenmin kan een bron zout
én zoet water voortbrengen.

1874
01:51:39,030 --> 01:51:44,310
Nee, want het is de aard van een wijnstok
om druiven voort te brengen, geen vijgen.

1875
01:51:44,310 --> 01:51:48,030
Die dingen brengen geen vrucht
voort die tegen hun aard ingaat.

1876
01:51:48,030 --> 01:51:50,070
Onze harten trouwens ook niet.

1877
01:51:50,070 --> 01:51:54,570
Als onze harten rein zijn, zullen
er reine dingen uit onze mond komen.

1878
01:51:54,570 --> 01:51:59,550
Of dat zal in elk geval zijn waar we naar
streven: dat dit steeds het geval is.

1879
01:51:59,550 --> 01:52:01,830
Zoals Efeze 4 zegt:

1880
01:52:01,830 --> 01:52:04,890
Laat er geen verderfelijke
taal uit uw mond komen,

1881
01:52:04,890 --> 01:52:07,710
maar alleen wat goed is
om anderen op te bouwen,

1882
01:52:07,710 --> 01:52:10,470
zodat het genade geeft aan wie het hoort.

1883
01:52:10,470 --> 01:52:14,130
Dat is de enige soort taal die
voor een christen gepast is.

1884
01:52:14,130 --> 01:52:17,910
In de verzen die we hierna
zullen behandelen, vanaf vers 13,

1885
01:52:17,910 --> 01:52:19,890
spreekt hij over wijsheid.

1886
01:52:19,890 --> 01:52:24,030
Het spreken komt nog steeds ter
sprake, maar slechts gedeeltelijk.

1887
01:52:24,030 --> 01:52:28,410
De aandacht verschuift dan naar
wijsheid, de twee soorten wijsheid,

1888
01:52:28,410 --> 01:52:30,690
van boven en van beneden.

1889
01:52:30,690 --> 01:52:35,550
De wijsheid van boven blijkt, ten
minste gedeeltelijk, uit wat je zegt,

1890
01:52:35,550 --> 01:52:36,570
zo geeft hij aan.

1891
01:52:36,570 --> 01:52:41,610
Maar er komt meer bij kijken, en bij
vers 13 zullen we toekomen aan die

1892
01:52:41,610 --> 01:52:45,270
tegenstelling, die tweedeling
tussen twee soorten wijsheid.
