1
00:00:02,010 --> 00:00:04,410
Welkom bij Vers voor Vers!

2
00:00:04,410 --> 00:00:09,390
Deze keer behandelen we Jeremia
hoofdstuk 1 tot en met 3.

3
00:00:09,390 --> 00:00:12,750
We beginnen onze studie van
Jeremia bij hoofdstuk 1.

4
00:00:12,750 --> 00:00:17,610
De hoofdstukken in Jeremia zijn gemiddeld
langer dan de hoofdstukken in Jesaja.

5
00:00:17,610 --> 00:00:20,250
Ik moet zo veel mogelijk voortgang maken.

6
00:00:20,250 --> 00:00:25,410
Toch zal de verleiding groot zijn om bij
bepaalde passages lang stil te staan.

7
00:00:25,410 --> 00:00:29,250
Ze zijn namelijk zo
klassiek, zo rijk en zo

8
00:00:29,250 --> 00:00:33,270
vol informatie en gedachten die we
in het Nieuwe Testament terugvinden

9
00:00:33,270 --> 00:00:35,490
en die op ons van toepassing zijn.

10
00:00:35,490 --> 00:00:38,790
Het is zo'n geweldig boek.
Maar we gaan beginnen.

11
00:00:38,790 --> 00:00:41,130
In hoofdstuk 1, vers 1:

12
00:00:41,130 --> 00:00:44,310
De woorden van Jeremia,
de zoon van Hilkia,

13
00:00:44,310 --> 00:00:48,390
uit de priesters die in Anathoth
waren, in het land van Benjamin.

14
00:00:48,390 --> 00:00:53,490
Tot hem kwam het woord van de HEERE in
de dagen van Josia, de zoon van Amon,

15
00:00:53,490 --> 00:00:57,570
de koning van Juda, in het
dertiende jaar van zijn regering.

16
00:00:57,570 --> 00:01:01,890
Ook kwam het tot hem in de dagen
van Jojakim, de zoon van Josia,

17
00:01:01,890 --> 00:01:07,290
de koning van Juda, totdat het elfde
jaar van Zedekia, de zoon van Josia,

18
00:01:07,290 --> 00:01:11,730
de koning van Juda, voorbij
was en totdat Jeruzalem in de

19
00:01:11,730 --> 00:01:14,010
vijfde maand in ballingschap ging.

20
00:01:14,010 --> 00:01:18,090
Josia was natuurlijk de laatste
echt goede koning die Juda had.

21
00:01:18,090 --> 00:01:22,050
Hij was Juda's laatste kans om zich
te herstellen van het afglijden naar

22
00:01:22,050 --> 00:01:27,030
afgoderij en geloofsafval waarover de
eerdere profeten hadden geklaagd en

23
00:01:27,030 --> 00:01:29,070
waarvoor ze hadden gewaarschuwd.

24
00:01:29,070 --> 00:01:34,290
Jesaja had gewaarschuwd voor deze dingen
waarvoor Jeremia nu gaat waarschuwen.

25
00:01:34,290 --> 00:01:37,230
Maar Jesaja profeteerde
in de tijd van Hizkia,

26
00:01:37,230 --> 00:01:41,730
die net als Josia een goede koning
was, een paar generaties eerder.

27
00:01:41,730 --> 00:01:46,290
Maar Josia was de laatste goede koning die
ze zouden krijgen, en hij was een goede.

28
00:01:46,290 --> 00:01:48,870
Hij nam het zich voor om
de afgoden neer te halen,

29
00:01:48,870 --> 00:01:53,250
de offerhoogten te ontwijden en al het
occultisme uit het land te verwijderen dat

30
00:01:53,250 --> 00:01:55,710
zijn grootvader Manasse had ingevoerd.

31
00:01:55,710 --> 00:01:58,410
Hij werd geboren tijdens
de regering van Manasse,

32
00:01:58,410 --> 00:02:01,230
in de ergste periode
van Juda's geschiedenis.

33
00:02:01,230 --> 00:02:04,050
Hij bracht waarschijnlijk de
beste hervormingen tot stand

34
00:02:04,050 --> 00:02:07,350
die Juda in de tijd van het
Oude Testament heeft gekend.

35
00:02:07,350 --> 00:02:10,950
Maar ze gingen niet diep genoeg
om na zijn dood stand te houden.

36
00:02:10,950 --> 00:02:13,950
Zijn zonen, de koningen
die na hem regeerden,

37
00:02:13,950 --> 00:02:16,770
keerden gewoon meteen
terug naar de afgoderij.

38
00:02:16,770 --> 00:02:21,570
Jeremia werd, net als Josia, geboren
tijdens de regering van Manasse.

39
00:02:21,570 --> 00:02:24,510
De twee mannen waren
waarschijnlijk ongeveer even oud.

40
00:02:24,510 --> 00:02:27,750
Terwijl Josia door middel van zijn
koninklijke besluiten hervormingen

41
00:02:27,750 --> 00:02:31,230
probeerde door te voeren,
probeerde Jeremia dat te doen door

42
00:02:31,230 --> 00:02:35,550
onheil te profeteren, te waarschuwen
en opnieuw Gods rechten op Juda

43
00:02:35,550 --> 00:02:36,870
te laten gelden.

44
00:02:36,870 --> 00:02:39,390
Die rechten werden versmaad en genegeerd.

45
00:02:39,390 --> 00:02:43,650
Hij profeteerde helemaal tot
aan het jaar 586 voor Christus,

46
00:02:43,650 --> 00:02:46,410
het elfde regeringsjaar van Zedekia.

47
00:02:46,410 --> 00:02:51,090
Dat was het jaar waarin de Babyloniërs
kwamen en Jeruzalem platbrandden.

48
00:02:51,090 --> 00:02:53,490
Jeremia leefde daarna nog verder.

49
00:02:53,490 --> 00:02:57,210
We weten niet hoeveel langer, maar we
hebben geen echte voorbeelden van zijn

50
00:02:57,210 --> 00:02:59,250
profeteren van na dat moment.

51
00:02:59,250 --> 00:03:02,850
Hier staat dat zijn profetieën
blijkbaar eindigden in het elfde

52
00:03:02,850 --> 00:03:04,830
regeringsjaar van Zedekia.

53
00:03:04,830 --> 00:03:06,930
Dat lijkt het laatste tijdstip te zijn

54
00:03:06,930 --> 00:03:09,510
waarop hij naar eigen zeggen
zijn bediening vervulde.

55
00:03:09,510 --> 00:03:10,830
In vers 4:

56
00:03:10,830 --> 00:03:15,450
Het woord van de HEERE kwam tot mij:
Voordat Ik u in de moederschoot vormde,

57
00:03:15,450 --> 00:03:19,170
heb Ik u gekend; voordat u uit
de baarmoeder naar buiten kwam,

58
00:03:19,170 --> 00:03:20,790
heb Ik u geheiligd.

59
00:03:20,790 --> 00:03:24,210
Ik heb u aangesteld tot
een profeet voor de volken.

60
00:03:24,210 --> 00:03:28,650
Deze gedachte dat God iemand al vóór
zijn geboorte zou kunnen kennen,

61
00:03:28,650 --> 00:03:33,870
roept natuurlijk vragen op over het
hele onderwerp predestinatie. Hij zegt:

62
00:03:33,870 --> 00:03:38,610
Ik had je al vóór je geboorte
aangewezen als profeet voor de volken.

63
00:03:38,610 --> 00:03:41,490
Paulus zei in Galaten hoofdstuk 1:

64
00:03:41,490 --> 00:03:45,510
God heeft mij, zei hij, vanaf
de moederschoot afgezonderd om

65
00:03:45,510 --> 00:03:50,430
Christus in mij te openbaren, om
Zijn genade in mij te openbaren.

66
00:03:50,430 --> 00:03:55,830
Bepaalde mannen heeft God blijkbaar al
uitgekozen voordat ze ooit geboren waren.

67
00:03:55,830 --> 00:03:59,370
Jezus ook, maar Jezus was geen gewone man.

68
00:03:59,370 --> 00:04:04,410
Jeremia en Paulus leken meer op gewone
mannen, maar ook weer niet helemaal.

69
00:04:04,410 --> 00:04:06,450
Het waren bijzondere mannen.

70
00:04:06,450 --> 00:04:08,550
Ze waren niet zoals Christus.

71
00:04:08,550 --> 00:04:11,070
Ze waren niet God Die mens geworden was,

72
00:04:11,070 --> 00:04:14,190
maar ze waren mensen met
een bijzondere roeping.

73
00:04:14,190 --> 00:04:18,690
God riep Jeremia om iets te doen wat
niemand anders in zijn tijd wilde doen,

74
00:04:18,690 --> 00:04:20,310
en hij werd vervolgd.

75
00:04:20,310 --> 00:04:24,450
Het overblijfsel van Israël was
in zijn tijd blijkbaar heel klein.

76
00:04:24,450 --> 00:04:27,870
We kennen maar twee mensen die
door hem tot bekering kwamen:

77
00:04:27,870 --> 00:04:30,090
Baruch en Ebed-Melech.

78
00:04:30,090 --> 00:04:33,750
En afgezien van hen leek het
hele volk tegen hem te zijn.

79
00:04:33,750 --> 00:04:38,970
Hij was dus een unieke man in zijn tijd,
en God had hem voor dat doel uitgekozen.

80
00:04:38,970 --> 00:04:40,410
Hoe deed God dat?

81
00:04:40,410 --> 00:04:45,150
Bepaalt God van tevoren wie behouden
zal worden en wie verloren zal gaan?

82
00:04:45,150 --> 00:04:47,610
Zoveel kunnen we niet
in deze passage lezen.

83
00:04:47,610 --> 00:04:51,450
We zouden hieruit kunnen concluderen
dat God weet hoe mensen zullen zijn

84
00:04:51,450 --> 00:04:56,490
en voor hen keuzes kan maken over hun
levenswerk voordat ze er ooit zijn.

85
00:04:56,490 --> 00:05:01,230
Als God de toekomst kent, als God weet dat
je een man of een vrouw zult zijn die Hem

86
00:05:01,230 --> 00:05:06,270
zal dienen, dan kan Hij al voordat je
geboren bent een bepaalde bediening voor

87
00:05:06,270 --> 00:05:08,910
je uitkiezen waartoe Hij je zal roepen.

88
00:05:08,910 --> 00:05:11,670
Dit gaat dus niet zo ver
als sommigen zouden zeggen.

89
00:05:11,670 --> 00:05:15,450
Het leert niet dat God beslist
wie een gelovige zal worden en wie

90
00:05:15,450 --> 00:05:17,370
geen gelovige zal worden.

91
00:05:17,370 --> 00:05:21,930
Maar onder degenen die gelovigen zijn en
van wie Hij weet dat ze gelovigen zullen

92
00:05:21,930 --> 00:05:24,330
zijn, kan Hij keuzes maken.

93
00:05:24,330 --> 00:05:27,930
Want Hij weet het inderdaad
van tevoren, zegt de Bijbel.

94
00:05:27,930 --> 00:05:33,630
Zoals toen Jezus in Johannes 15 met de
discipelen in de bovenzaal was. Hij zei:

95
00:05:33,630 --> 00:05:38,070
Jullie hebben Mij niet uitgekozen,
maar Ik heb jullie uitgekozen

96
00:05:38,070 --> 00:05:42,150
en aangesteld om op weg te
gaan en veel vrucht te dragen.

97
00:05:42,150 --> 00:05:46,590
Hij heeft het erover dat Hij hen
aanstelt tot hun bediening als apostelen.

98
00:05:46,590 --> 00:05:48,450
Daarvoor koos Hij hen uit.

99
00:05:48,450 --> 00:05:52,650
Maar Hij koos hen uit een groep
mensen die al discipelen waren.

100
00:05:52,650 --> 00:05:57,510
Ze waren eerst discipelen, en vervolgens
koos Hij hen uit om apostelen te zijn.

101
00:05:57,510 --> 00:06:00,330
Dat God mensen kiest voor
specifieke bedieningen,

102
00:06:00,330 --> 00:06:03,510
staat in het Oude en het Nieuwe
Testament duidelijk vast,

103
00:06:03,510 --> 00:06:06,570
en dat lijkt alles te zijn
wat hier wordt gezegd.

104
00:06:06,570 --> 00:06:10,770
Er staat niet dat God bepaalde dat
Jeremia een gelovige zou worden.

105
00:06:10,770 --> 00:06:14,250
Al waren er in de tijd waarin
hij leefde zo weinig gelovigen,

106
00:06:14,250 --> 00:06:17,610
dat je je zou afvragen of
iemand een gelovige kon worden

107
00:06:17,610 --> 00:06:19,590
zonder dat God daarvoor zorgde.

108
00:06:19,590 --> 00:06:23,250
Want het was in zijn dagen zo
ongebruikelijk dat iemand God

109
00:06:23,250 --> 00:06:24,750
werkelijk trouw was.

110
00:06:24,750 --> 00:06:28,830
Maar ik geloof wel dat God al vóór
zijn geboorte een bijzondere roeping

111
00:06:28,830 --> 00:06:30,030
voor hem had.

112
00:06:30,030 --> 00:06:34,350
God openbaarde Zich aan hem toen hij
nog jong was, zoals we zullen zien.

113
00:06:34,350 --> 00:06:36,690
Hij was op dat moment nog jong.

114
00:06:36,690 --> 00:06:39,210
Jeremia was iemand met een zacht hart.

115
00:06:39,210 --> 00:06:40,830
Hij huilde gemakkelijk.

116
00:06:40,830 --> 00:06:45,810
Hij voelde de pijn die God voelde, en hij
voelde de pijn van zijn volk wanneer hij

117
00:06:45,810 --> 00:06:49,110
nadacht over de verschrikkingen
die over hen zouden komen.

118
00:06:49,110 --> 00:06:53,430
Hij was een gevoelige ziel, en
God openbaarde Zich aan hem.

119
00:06:53,430 --> 00:06:57,870
Misschien zouden die dingen op zichzelf er
al in belangrijke mate voor zorgen dat hij

120
00:06:57,870 --> 00:07:01,890
zich tot God zou keren en een
volgeling van God zou worden.

121
00:07:01,890 --> 00:07:05,010
We weten niet wat er allemaal
bij kwam kijken toen God

122
00:07:05,010 --> 00:07:08,190
Jeremia na zijn geboorte
tot een profeet maakte.

123
00:07:08,190 --> 00:07:12,630
Maar God wist vóór zijn geboorte
al dat dit de man was die Hij zou

124
00:07:12,630 --> 00:07:14,430
roepen en gebruiken.

125
00:07:14,430 --> 00:07:15,630
Hij zegt:

126
00:07:15,630 --> 00:07:20,310
Toen zei ik: Ach Heere HEERE,
zie, ik kan niet spreken,

127
00:07:20,310 --> 00:07:21,690
want ik ben nog maar een jongen.

128
00:07:21,690 --> 00:07:26,130
Maar de HEERE zei tegen mij: Zeg
niet: Ik ben nog maar een jongen,

129
00:07:26,130 --> 00:07:31,410
want overal waarheen Ik u zenden zal, zult
u gaan, en alles wat Ik u gebieden zal,

130
00:07:31,410 --> 00:07:32,970
zult u spreken.

131
00:07:32,970 --> 00:07:38,730
Wees niet bevreesd voor hen, want Ik ben
met u om u te redden, spreekt de HEERE.

132
00:07:38,730 --> 00:07:42,330
We weten niet hoe oud Jeremia
was toen hij werd geroepen.

133
00:07:42,330 --> 00:07:45,990
Hij zei alleen dat hij nog jong
was, maar we weten dat hij meer dan

134
00:07:45,990 --> 00:07:48,330
veertig jaar heeft geprofeteerd.

135
00:07:48,330 --> 00:07:50,490
Tenzij hij buitengewoon oud is geworden,

136
00:07:50,490 --> 00:07:54,270
moet hij waarschijnlijk nog geen twintig
zijn geweest toen hij werd geroepen,

137
00:07:54,270 --> 00:07:56,850
en was hij toen waarschijnlijk een tiener.

138
00:07:56,850 --> 00:08:02,070
Er zijn verschillende mensen in de Bijbel
die werden geroepen toen ze zo jong waren.

139
00:08:02,070 --> 00:08:05,610
David werd duidelijk gezalfd
toen hij een jonge man was.

140
00:08:05,610 --> 00:08:10,110
Het lijkt erop dat Stefanus in het
Nieuwe Testament een jonge man was.

141
00:08:10,110 --> 00:08:12,450
Er staat niets over zijn leeftijd.

142
00:08:12,450 --> 00:08:16,410
Het is alleen een soort overlevering
dat hij een jonge man was,

143
00:08:16,410 --> 00:08:18,030
mogelijk nog een tiener.

144
00:08:18,030 --> 00:08:21,090
God roept niet noodzakelijk
de oudere mannen.

145
00:08:21,090 --> 00:08:24,690
Timotheus was een jonge
man, en Paulus zei:

146
00:08:24,690 --> 00:08:28,410
Laat niemand u minachten
vanwege uw jeugdige leeftijd,

147
00:08:28,410 --> 00:08:35,010
maar wees een voorbeeld voor de gelovigen
in woord, in wandel, in liefde, in geest,

148
00:08:35,010 --> 00:08:37,650
in geloof en in reinheid.

149
00:08:37,650 --> 00:08:42,090
Wanneer mensen een jonge prediker
zien, vragen ze zich natuurlijk af:

150
00:08:42,090 --> 00:08:43,590
‘Wat weet hij nou?

151
00:08:43,590 --> 00:08:45,510
Hij komt nog maar net kijken.

152
00:08:45,510 --> 00:08:47,970
Hij is nog niet droog achter de oren.’

153
00:08:47,970 --> 00:08:52,050
En toch, als God hem roept,
geldt wat Paulus zegt:

154
00:08:52,050 --> 00:08:55,350
Laat niemand op je neerkijken
of je minderwaardig behandelen

155
00:08:55,350 --> 00:08:56,670
omdat je jong bent.

156
00:08:56,670 --> 00:09:01,110
Waar het werkelijk om gaat, is of je
het Woord van de Heere hebt of niet.

157
00:09:01,110 --> 00:09:03,330
Jeremia kreeg het Woord van de Heere.

158
00:09:03,330 --> 00:09:04,890
Hij zegt daarom:

159
00:09:04,890 --> 00:09:06,510
Klaag niet dat je jong bent.

160
00:09:06,510 --> 00:09:09,630
Je gezag komt niet van je
leeftijd en je ervaring.

161
00:09:09,630 --> 00:09:13,410
Je gezag komt doordat je alles
zult zeggen wat Ik je opdraag.

162
00:09:13,410 --> 00:09:17,250
Je zult Mijn woorden spreken
en Ik zal bij je zijn.

163
00:09:17,250 --> 00:09:19,050
Ze zullen je niet kunnen doden.

164
00:09:19,050 --> 00:09:21,810
Ze zullen het proberen, maar God zegt:

165
00:09:21,810 --> 00:09:24,450
Ik zal bij je zijn om je te redden.

166
00:09:24,450 --> 00:09:27,870
Jeremia had dat echt nodig,
want hij werd aangevallen.

167
00:09:27,870 --> 00:09:32,370
Er werden aanslagen op zijn leven
beraamd, en hij werd zelfs gevangengezet.

168
00:09:32,370 --> 00:09:35,790
Er waren mensen die wilden dat hij
daar zou verhongeren en sterven,

169
00:09:35,790 --> 00:09:37,770
maar God heeft hem wel bewaard.

170
00:09:37,770 --> 00:09:41,250
Hoewel God hem uitredde, maakte
Hij het niet gemakkelijk.

171
00:09:41,250 --> 00:09:45,150
God voorkwam inderdaad dat zijn
vijanden hem het zwijgen oplegden,

172
00:09:45,150 --> 00:09:48,030
en dat is eigenlijk alles
wat God hier belooft.

173
00:09:48,030 --> 00:09:50,430
Maar hij had geen gemakkelijk leven.

174
00:09:50,430 --> 00:09:54,510
Wanneer God je uitredt, betekent dat niet
dat Hij je noodzakelijk een leven geeft

175
00:09:54,510 --> 00:09:56,190
dat over rozen gaat.

176
00:09:56,190 --> 00:09:58,770
En Jeremia's leven ging niet over rozen.

177
00:09:58,770 --> 00:09:59,850
Er staat:

178
00:09:59,850 --> 00:10:03,630
Toen stak de HEERE Zijn hand
uit en raakte mijn mond aan.

179
00:10:03,630 --> 00:10:08,970
En de HEERE zei tegen mij: Zie,
Ik geef Mijn woorden in uw mond.

180
00:10:08,970 --> 00:10:13,590
Zie, Ik stel u op deze dag aan over
de volken en over de koninkrijken,

181
00:10:13,590 --> 00:10:18,390
om weg te rukken en af te breken,
om te vernielen en omver te halen,

182
00:10:18,390 --> 00:10:21,090
maar ook om te bouwen en te planten.

183
00:10:21,090 --> 00:10:24,870
Het aanraken van zijn mond staat symbool
voor het geven van de woorden van

184
00:10:24,870 --> 00:10:25,710
God aan hem.

185
00:10:25,710 --> 00:10:30,750
Jesaja had een enigszins vergelijkbare
ervaring in Jesaja hoofdstuk 6,

186
00:10:30,750 --> 00:10:32,310
toen God zei:

187
00:10:32,310 --> 00:10:34,050
Wie zal er voor Ons gaan?

188
00:10:34,050 --> 00:10:37,290
Jesaja vond zichzelf
niet geschikt. Hij zei:

189
00:10:37,290 --> 00:10:40,890
Toen zei ik: Wee mij, want ik verga!

190
00:10:40,890 --> 00:10:44,910
Ik ben immers een man met onreine
lippen en woon te midden van een volk

191
00:10:44,910 --> 00:10:46,530
met onreine lippen.

192
00:10:46,530 --> 00:10:52,290
Mijn ogen hebben namelijk de Koning,
de HEERE van de legermachten, gezien.

193
00:10:52,290 --> 00:10:55,230
Een van de serafs nam
een kool van het altaar.

194
00:10:55,230 --> 00:10:58,170
En hij raakte Jesaja's mond aan en zei:

195
00:10:58,170 --> 00:10:59,910
Nu ben je gereinigd.

196
00:10:59,910 --> 00:11:02,010
Je lippen zijn gereinigd.

197
00:11:02,010 --> 00:11:04,530
Nu kun je namens Mij spreken.

198
00:11:04,530 --> 00:11:08,010
Deze lichamelijke aanraking
van de mond in een visioen

199
00:11:08,010 --> 00:11:13,290
was een symbool van het openen van de mond
met de zalving om Gods woorden te spreken.

200
00:11:13,290 --> 00:11:14,610
En Hij zegt:

201
00:11:14,610 --> 00:11:18,570
Ik heb je gezag gegeven
over koninkrijken en volken.

202
00:11:18,570 --> 00:11:21,270
Natuurlijk had hij helemaal
geen politiek gezag.

203
00:11:21,270 --> 00:11:26,190
En degenen die wel politiek gezag
hadden, luisterden meestal niet naar hem.

204
00:11:26,190 --> 00:11:29,130
Maar hij was niettemin de
vertegenwoordiger van God,

205
00:11:29,130 --> 00:11:32,550
Die boven de volken en
de gezagsdragers staat.

206
00:11:32,550 --> 00:11:35,970
En hij sprak veroordelingen
en voorspellingen uit

207
00:11:35,970 --> 00:11:38,910
waaraan de volken zich
zouden moeten onderwerpen.

208
00:11:38,910 --> 00:11:42,450
Ze zouden geen enkele macht hebben
om te ontkomen aan de besluiten die

209
00:11:42,450 --> 00:11:44,190
hij zou uitvaardigen.

210
00:11:44,190 --> 00:11:47,490
Dus in zekere zin stond hij boven hen.

211
00:11:47,490 --> 00:11:53,430
Zijn bediening was om uit te rukken, af te
breken, te vernietigen en omver te halen.

212
00:11:53,430 --> 00:11:55,590
Dat zijn allemaal vernietigende dingen.

213
00:11:55,590 --> 00:11:58,050
Dat is allemaal sloopwerk.

214
00:11:58,050 --> 00:12:00,630
En dan om te bouwen en te planten.

215
00:12:00,630 --> 00:12:05,190
De beelden van bouwen en planten zijn heel
gebruikelijke metaforen in de Schrift,

216
00:12:05,190 --> 00:12:06,990
en ook in het Nieuwe Testament.

217
00:12:06,990 --> 00:12:09,990
Denk eraan dat Paulus
sprak over het werk dat hij

218
00:12:09,990 --> 00:12:13,050
en Apollos in de gemeente
van Korinthe hadden gedaan.

219
00:12:13,050 --> 00:12:15,090
In 1 Korinthe 3 zei hij:

220
00:12:15,090 --> 00:12:19,590
Ik heb geplant, Apollos heeft
begoten, maar God heeft laten groeien.

221
00:12:19,590 --> 00:12:21,570
Daarna zei hij tegen de gemeente:

222
00:12:21,570 --> 00:12:24,270
Want Gods medearbeiders zijn wíj.

223
00:12:24,270 --> 00:12:27,450
Gods akker en Gods bouwwerk bent ú.

224
00:12:27,450 --> 00:12:29,550
Dus een akker en een gebouw.

225
00:12:29,550 --> 00:12:33,030
Als hij de gemeente als een
akker beschouwt, zegt Paulus:

226
00:12:33,030 --> 00:12:36,930
Ik heb de zaadjes geplant,
Apollos heeft ze water gegeven.

227
00:12:36,930 --> 00:12:39,690
Als hij haar als een
gebouw beschouwt, zegt hij:

228
00:12:39,690 --> 00:12:42,930
Overeenkomstig de genade
van God die mij gegeven is,

229
00:12:42,930 --> 00:12:46,110
heb ik als een wijs bouwmeester
het fundament gelegd en een

230
00:12:46,110 --> 00:12:47,670
ander bouwt daarop.

231
00:12:47,670 --> 00:12:50,850
Ieder dient er echter op toe
te zien hoe hij daarop bouwt.

232
00:12:50,850 --> 00:12:53,970
Wanneer je de gemeente ziet als
een akker waarop iets groeit,

233
00:12:53,970 --> 00:12:59,070
of als een gebouw in aanbouw, voeren
de arbeiders, zoals Paulus en Apollos,

234
00:12:59,070 --> 00:13:01,470
verschillende onderdelen van het werk uit.

235
00:13:01,470 --> 00:13:05,490
Ze zorgen ervoor dat het
groeit, dat het gebouw verrijst.

236
00:13:05,490 --> 00:13:08,670
Paulus deed het eerste
werk: de zaden planten,

237
00:13:08,670 --> 00:13:11,070
het fundament van het gebouw leggen.

238
00:13:11,070 --> 00:13:15,330
Nadat Paulus vertrokken was, kwamen
er andere arbeiders naar Korinthe.

239
00:13:15,330 --> 00:13:19,410
Zij gaven de zaden water die hij had
geplant en die begonnen te groeien.

240
00:13:19,410 --> 00:13:22,290
Zij bouwden op het fundament
dat hij had gelegd.

241
00:13:22,290 --> 00:13:26,550
Deze beelden worden gebruikt voor
Jeremia, ook een arbeider van God.

242
00:13:26,550 --> 00:13:28,830
Hij gaat bouwen en planten.

243
00:13:28,830 --> 00:13:31,650
Hij gaat door zijn woorden
iets nieuws in gang zetten.

244
00:13:31,650 --> 00:13:33,870
Dat zal niet tijdens zijn leven gebeuren,

245
00:13:33,870 --> 00:13:36,450
maar hij gaat daar
voorspellingen over doen.

246
00:13:36,450 --> 00:13:41,550
En zijn woorden zullen noodzakelijkerwijs
uitkomen, omdat het Gods woorden zijn.

247
00:13:41,550 --> 00:13:44,070
Dus hij plant de zaden
van een nieuwe orde.

248
00:13:44,070 --> 00:13:47,310
Hij gaat de zaden planten van
een orde van het nieuwe verbond,

249
00:13:47,310 --> 00:13:48,990
die hij zal voorspellen.

250
00:13:48,990 --> 00:13:51,870
Maar dat zal ten koste
gaan van de oude orde.

251
00:13:51,870 --> 00:13:56,370
Het oude zal worden afgebroken, de
oude bomen zullen worden ontworteld.

252
00:13:56,370 --> 00:14:01,350
Denk eraan wat Jezus zei toen de
discipelen naar Hem toe kwamen en zeiden:

253
00:14:01,350 --> 00:14:05,310
Toen kwamen Zijn discipelen naar
Hem toe en zeiden tegen Hem:

254
00:14:05,310 --> 00:14:10,470
Weet U wel dat toen de Farizeeën dit
woord hoorden, zij er aanstoot aan namen?

255
00:14:10,470 --> 00:14:11,550
Hij zei:

256
00:14:11,550 --> 00:14:17,070
Maar Hij antwoordde en zei: Elke plant
die Mijn hemelse Vader niet geplant heeft,

257
00:14:17,070 --> 00:14:19,050
zal uitgetrokken worden.

258
00:14:19,050 --> 00:14:21,870
En dus moet de oude
orde worden ontworteld.

259
00:14:21,870 --> 00:14:25,110
Wat daar ook gebouwd is,
moet worden afgebroken,

260
00:14:25,110 --> 00:14:27,210
en er zal een nieuw gebouw komen.

261
00:14:27,210 --> 00:14:29,190
Er zal nieuwe groei komen.

262
00:14:29,190 --> 00:14:32,910
Jeremia zal er zijn om die dingen
aan te kondigen en te voorspellen,

263
00:14:32,910 --> 00:14:36,270
terwijl de wereld zoals hij
die kent ten onder gaat.

264
00:14:36,270 --> 00:14:40,170
Maar in zijn visioenen, waarin
hij zal voorspellen wat er komt,

265
00:14:40,170 --> 00:14:44,610
zal er een nieuwe wereld zijn, een
nieuw verbond waarover hij in hoofdstuk

266
00:14:44,610 --> 00:14:46,230
31 zal spreken.

267
00:14:46,230 --> 00:14:49,890
Eigenlijk in de hoofdstukken
30 tot en met 33.

268
00:14:49,890 --> 00:14:53,910
Het woord van de HEERE kwam
tot mij: Wat ziet u, Jeremia?

269
00:14:53,910 --> 00:14:56,850
Ik zei: Ik zie een amandeltak.

270
00:14:56,850 --> 00:15:00,270
Toen zei de HEERE tegen
mij: Dat hebt u goed gezien,

271
00:15:00,270 --> 00:15:03,210
want Ik waak over Mijn
woord om dat te doen.

272
00:15:03,210 --> 00:15:07,830
Het woord van de HEERE kwam voor de
tweede keer tot mij: Wat ziet u daar?

273
00:15:07,830 --> 00:15:13,890
Ik zei: Ik zie een kokende pot en zijn
open kant verschijnt vanuit het noorden.

274
00:15:13,890 --> 00:15:16,890
Dat wil zeggen, hij is
naar het zuiden gericht,

275
00:15:16,890 --> 00:15:19,830
op het punt om naar het
zuiden te kantelen en zijn

276
00:15:19,830 --> 00:15:22,470
inhoud in die richting uit te storten.

277
00:15:22,470 --> 00:15:25,530
_[Vertalersnoot: de Engelse
Bijbelvertaling die de spreker gebruikt,

278
00:15:25,530 --> 00:15:28,590
zegt dat de pot van het
noorden af gericht is.

279
00:15:28,590 --> 00:15:32,070
Daarop berust deze
uitleg.]_ Een kokende ketel.

280
00:15:32,070 --> 00:15:35,190
Toen zei de HEERE tegen
mij: Vanuit het noorden

281
00:15:35,190 --> 00:15:38,850
zal het onheil losbreken over
al de inwoners van het land.

282
00:15:38,850 --> 00:15:43,590
Want zie, Ik ga alle geslachten van de
koninkrijken uit het noorden roepen,

283
00:15:43,590 --> 00:15:45,030
spreekt de HEERE.

284
00:15:45,030 --> 00:15:49,950
Zij zullen komen en eenieder zal zijn
troon neerzetten bij de ingang van de

285
00:15:49,950 --> 00:15:55,890
poorten van Jeruzalem, tegen al zijn muren
rondom, en tegen alle steden van Juda.

286
00:15:55,890 --> 00:16:00,390
Ik zal Mijn oordelen over hen
uitspreken vanwege al hun kwaad:

287
00:16:00,390 --> 00:16:05,370
dat zij Mij verlaten hebben en reukoffers
gebracht hebben aan andere goden,

288
00:16:05,370 --> 00:16:08,790
en zich hebben neergebogen
voor de werken van hun handen.

289
00:16:08,790 --> 00:16:16,590
U dan, omgord uw middel, sta op en spreek
tot hen alles wat Ík u gebieden zal.

290
00:16:16,590 --> 00:16:22,590
Wees niet ontsteld vanwege hen, anders
zal Ík u ontsteld doen zijn voor hen.

291
00:16:22,590 --> 00:16:26,610
Want zie, Ík stel u heden
aan tot een versterkte stad,

292
00:16:26,610 --> 00:16:31,710
tot een ijzeren pilaar en tot
bronzen muren, tegen heel het land,

293
00:16:31,710 --> 00:16:35,010
tegen de koningen van
Juda, tegen zijn vorsten,

294
00:16:35,010 --> 00:16:39,030
tegen zijn priesters en tegen
de bevolking van het land.

295
00:16:39,030 --> 00:16:43,410
Zij zullen tegen u strijden, maar
zij zullen niet tegen u op kunnen,

296
00:16:43,410 --> 00:16:47,790
want Ik ben met u, spreekt
de HEERE, om u te redden.

297
00:16:47,790 --> 00:16:49,650
Hij heeft twee visioenen.

298
00:16:49,650 --> 00:16:53,790
Het ene is van een amandeltak
en het andere van een ketel.

299
00:16:53,790 --> 00:16:57,870
Die staat daar in het noorden, klaar
om naar het zuiden te kantelen en zijn

300
00:16:57,870 --> 00:17:00,330
inhoud naar het zuiden uit te storten.

301
00:17:00,330 --> 00:17:05,490
Kennelijk vanuit het gebied van Syrië
naar beneden, Israël en Juda in.

302
00:17:05,490 --> 00:17:10,170
De amandeltak krijgt maar heel weinig
uitleg, en dat is raadselachtig.

303
00:17:10,170 --> 00:17:14,850
Ik ken niemand die dit leest
en niet achteraf zegt: ‘Wat?

304
00:17:14,850 --> 00:17:17,730
Waarom stond dat er eigenlijk?
Waar gaat dat over?’

305
00:17:17,730 --> 00:17:20,910
Er is een woordspeling tussen
de amandeltak en wat God

306
00:17:20,910 --> 00:17:23,070
er daadwerkelijk over zegt.

307
00:17:23,070 --> 00:17:24,810
In vers 12 zegt Hij:

308
00:17:24,810 --> 00:17:28,650
Je hebt het goed gezien, want Ik sta
klaar om te doen wat Ik heb gezegd.

309
00:17:28,650 --> 00:17:34,050
Het woord ‘ready’, ‘gereed’, in de Engelse
vertaling is in het Hebreeuws ‘wakend’,

310
00:17:34,050 --> 00:17:39,990
en het woord ‘amandel’ betekent in
het Hebreeuws ‘waakzaam’ of ‘wakker’.

311
00:17:39,990 --> 00:17:45,090
Het was de eerste boom die in het voorjaar
bloeide nadat de winter voorbij was.

312
00:17:45,090 --> 00:17:47,970
Het was de eerste
voorbode van nieuwe groei

313
00:17:47,970 --> 00:17:52,890
en van iets dat eraan kwam nadat de
bomen de hele winter kaal waren geweest.

314
00:17:52,890 --> 00:17:57,690
Als het voorjaar naderde, verschenen de
bloesems het eerst aan de amandelboom.

315
00:17:57,690 --> 00:18:02,790
Het zien van de amandeltak betekent dus
dat er binnenkort iets gaat gebeuren.

316
00:18:02,790 --> 00:18:06,510
Het is een vroege waarschuwing
voor iets. En God zegt:

317
00:18:06,510 --> 00:18:10,950
Ik sta klaar, ofwel: Ik waak
om te doen wat Ik heb gezegd.

318
00:18:10,950 --> 00:18:14,130
Het lijkt erop dat Hij zegt
dat de boodschap van Jeremia

319
00:18:14,130 --> 00:18:18,210
een vroege waarschuwing voor Juda
zal zijn over iets dat op het punt

320
00:18:18,210 --> 00:18:19,830
staat te gebeuren.

321
00:18:19,830 --> 00:18:23,010
Zoals de amandelboom een
vroege waarschuwing is dat het

322
00:18:23,010 --> 00:18:24,630
voorjaar eraan komt.

323
00:18:24,630 --> 00:18:28,890
Het is moeilijk om uit dit specifieke
beeld van de amandelboom nog meer

324
00:18:28,890 --> 00:18:31,830
informatie te halen of
er meer mee te doen.

325
00:18:31,830 --> 00:18:34,110
Maar het is, zoals ik zeg,

326
00:18:34,110 --> 00:18:39,210
een woordspeling die aangeeft dat
God klaarstaat om iets te doen.

327
00:18:39,210 --> 00:18:42,630
Er begint onmiddellijk of
binnenkort iets te gebeuren,

328
00:18:42,630 --> 00:18:45,750
en dit is daar een
waarschuwing vooraf voor.

329
00:18:45,750 --> 00:18:50,670
Zoals de bloei van de amandelboom
aankondigt dat er meer leven aankomt.

330
00:18:50,670 --> 00:18:52,710
Er zal meer te zien zijn.

331
00:18:52,710 --> 00:18:57,990
God zal later in het voorjaar meer dingen
doen, wanneer andere planten groeien.

332
00:18:57,990 --> 00:19:03,090
Dit is het eerste wat Hij doet, en het is
een voorbode van dingen die eraan komen.

333
00:19:03,090 --> 00:19:08,250
Wat de ketel betreft: die helt
duidelijk over in de richting van Juda.

334
00:19:08,250 --> 00:19:13,350
Hij zal zijn inhoud uitstorten,
wat die ook is: kokende bouillon,

335
00:19:13,350 --> 00:19:15,270
gesmolten wat dan ook.

336
00:19:15,270 --> 00:19:20,850
We weten niet wat er in de ketel zit, maar
wat het ook is, het kookt, het is heet,

337
00:19:20,850 --> 00:19:24,870
het is vloeibaar en het wordt
uitgegoten naar het zuiden.

338
00:19:24,870 --> 00:19:27,210
Het zal dus op Juda neerkomen.

339
00:19:27,210 --> 00:19:32,610
Dit wordt wat uitvoeriger uitgelegd
dan het eerdere visioen. Er staat:

340
00:19:32,610 --> 00:19:36,570
Vanuit het noorden zal er onheil
losbarsten over alle inwoners

341
00:19:36,570 --> 00:19:37,710
van het land.

342
00:19:37,710 --> 00:19:41,430
Dat wil zeggen: het land Juda. Hij zegt:

343
00:19:41,430 --> 00:19:45,810
Want zie, Ik ga alle geslachten van de
koninkrijken uit het noorden roepen,

344
00:19:45,810 --> 00:19:46,710
spreekt de HEERE.

345
00:19:46,710 --> 00:19:51,090
Zij zullen komen en eenieder zal zijn
troon neerzetten bij de ingang van de

346
00:19:51,090 --> 00:19:56,730
poorten van Jeruzalem, tegen al zijn muren
rondom, en tegen alle steden van Juda.

347
00:19:56,730 --> 00:20:02,490
Die geslachten moet je niet opvatten als
gezinnen: moeders en vaders en kinderen.

348
00:20:02,490 --> 00:20:05,910
Het betekent eenvoudigweg
volken uit het noorden,

349
00:20:05,910 --> 00:20:09,930
verschillende volken die zich bij
de Babyloniërs hebben aangesloten.

350
00:20:09,930 --> 00:20:14,910
Mensen die al door Babylon zijn overwonnen
en nu deel uitmaken van hun legers.

351
00:20:14,910 --> 00:20:18,390
Zij trekken naar het zuiden
om Jeruzalem te veroveren.

352
00:20:18,390 --> 00:20:20,610
God zegt dat dit gebeurt omdat:

353
00:20:20,610 --> 00:20:25,230
Ik zal Mijn oordelen over hen
uitspreken vanwege al hun kwaad:

354
00:20:25,230 --> 00:20:29,910
dat zij Mij verlaten hebben en reukoffers
gebracht hebben aan andere goden,

355
00:20:29,910 --> 00:20:32,910
en zich hebben neergebogen
voor de werken van hun handen.

356
00:20:32,910 --> 00:20:37,050
Dat is zo ongeveer wat ze vrijwel
hun hele geschiedenis hebben gedaan.

357
00:20:37,050 --> 00:20:40,050
Maar Hij zegt dat het nu op
het punt staat om te slaan.

358
00:20:40,050 --> 00:20:44,790
Het omslagpunt is bereikt en de ketel
staat op het punt om te kantelen.

359
00:20:44,790 --> 00:20:47,190
Dit oordeel komt uit het noorden.

360
00:20:47,190 --> 00:20:49,830
Babylon lag grotendeels in het oosten.

361
00:20:49,830 --> 00:20:53,670
Babylon lag ten noordoosten
van Jeruzalem, net als Assyrië.

362
00:20:53,670 --> 00:20:58,290
Maar men sprak altijd over de komst van de
Assyriërs en de Babyloniërs als een komst

363
00:20:58,290 --> 00:20:59,490
uit het noorden.

364
00:20:59,490 --> 00:21:03,150
De reden daarvoor is dat het gemakkelijker
was om Israël vanuit het noorden

365
00:21:03,150 --> 00:21:04,350
binnen te vallen.

366
00:21:04,350 --> 00:21:08,070
Als je uit het oosten kwam,
moest je de Jordaan oversteken.

367
00:21:08,070 --> 00:21:10,830
Voor moderne legers is
dat geen groot obstakel,

368
00:21:10,830 --> 00:21:14,010
maar als je veel militair materieel
en dergelijke bij je hebt,

369
00:21:14,010 --> 00:21:17,610
is een grote rivier niet het
gemakkelijkste om doorheen te waden.

370
00:21:17,610 --> 00:21:19,650
Toch hoefden ze dat niet te doen.

371
00:21:19,650 --> 00:21:23,910
Ze konden gewoon in het noorden om de
bovenloop van de Jordaan heen trekken

372
00:21:23,910 --> 00:21:27,870
en zonder obstakels vanuit het
noorden naar het zuiden komen.

373
00:21:27,870 --> 00:21:29,370
Zo ging het gewoonlijk.

374
00:21:29,370 --> 00:21:32,790
De legers van bijvoorbeeld
Assyrië en Babylon

375
00:21:32,790 --> 00:21:35,970
veroverden eerst de gebieden
ten noorden van Israël

376
00:21:35,970 --> 00:21:39,510
en trokken van daaruit gewoon
verder naar het zuiden.

377
00:21:39,510 --> 00:21:44,970
Dus hoewel Assyrië en Babylon meer naar
het oosten dan naar het noorden lagen,

378
00:21:44,970 --> 00:21:47,550
vielen ze altijd vanuit het noorden aan.

379
00:21:47,550 --> 00:21:51,150
Ze worden altijd beschreven
als de noordelijke volken,

380
00:21:51,150 --> 00:21:54,630
of de volken uit het noorden
die uit het noorden komen.

381
00:21:54,630 --> 00:21:57,750
God vertelt Jeremia aan
het einde van hoofdstuk 1

382
00:21:57,750 --> 00:22:00,390
dat de mensen tegen hem zullen strijden.

383
00:22:00,390 --> 00:22:05,070
De mensen die tegen hem strijden,
zullen niet de Babyloniërs zijn.

384
00:22:05,070 --> 00:22:09,150
Het zullen zijn eigen volksgenoten
zijn, zoals we zullen zien.

385
00:22:09,150 --> 00:22:13,350
De Babyloniërs waren juist
vriendelijk tegen Jeremia.

386
00:22:13,350 --> 00:22:16,110
Jeremia stond niet bepaald aan hun kant.

387
00:22:16,110 --> 00:22:20,790
Jeremia stond aan Gods kant, maar
uiteindelijk vertelde hij Juda dat het

388
00:22:20,790 --> 00:22:23,310
zich aan Babylon moest overgeven.

389
00:22:23,310 --> 00:22:27,750
Dat was een boodschap die de Babyloniërs
waardeerden en de Joden niet.

390
00:22:27,750 --> 00:22:31,590
Zijn tegenstand zou dus niet
van de Babyloniërs komen.

391
00:22:31,590 --> 00:22:37,290
De Babyloniërs kwamen tegen zijn volk op,
maar zijn volk zou zich tegen hem keren.

392
00:22:37,290 --> 00:22:41,190
En ze zouden hem niet kunnen
overwinnen, omdat God met hem zou zijn.

393
00:22:41,190 --> 00:22:42,690
Hoofdstuk 2:

394
00:22:42,690 --> 00:22:48,150
Ga ten aanhoren van Jeruzalem prediken:
Zo zegt de HEERE: Ik denk aan u,

395
00:22:48,150 --> 00:22:52,530
aan de genegenheid van uw jeugd,
aan de liefde van uw bruidsdagen,

396
00:22:52,530 --> 00:22:58,470
toen u achter Mij aan ging in de woestijn,
in een land waarin niet wordt gezaaid.

397
00:22:58,470 --> 00:23:02,070
Dit gaat natuurlijk terug naar de
tijd onmiddellijk na de uittocht,

398
00:23:02,070 --> 00:23:06,510
toen God hen uit Egypte leidde
en hen naar de Sinaï bracht.

399
00:23:06,510 --> 00:23:09,990
Daar stemden ze ermee
in met God te trouwen.

400
00:23:09,990 --> 00:23:15,690
Bij de berg Sinaï stemden ze in met de
verbondsrelatie tussen henzelf en God.

401
00:23:15,690 --> 00:23:19,170
Hij spreekt erover alsof
dat iets heel teers was,

402
00:23:19,170 --> 00:23:21,930
een heel gevoelig moment voor Hem.

403
00:23:21,930 --> 00:23:24,930
Eigenlijk waren ze zelfs
toen niet zo erg trouw.

404
00:23:24,930 --> 00:23:27,750
Zoals we weten uit het lezen van Exodus,

405
00:23:27,750 --> 00:23:32,370
maakten ze zelfs een gouden kalf
terwijl ze nog bij de berg waren.

406
00:23:32,370 --> 00:23:37,410
Zelfs toen ze met Hem door de woestijn
trokken, mopperden ze vaker wel dan niet.

407
00:23:37,410 --> 00:23:39,930
Of misschien niet vaker wel dan niet.

408
00:23:39,930 --> 00:23:43,950
Misschien mopperden ze alleen op
de momenten waarover we lezen.

409
00:23:43,950 --> 00:23:47,550
Misschien waren ze het grootste
deel van de tijd trouw.

410
00:23:47,550 --> 00:23:49,290
Dat is moeilijk te zeggen.

411
00:23:49,290 --> 00:23:53,610
Hoe dan ook, zelfs wanneer
ze mopperden, volgden ze Hem.

412
00:23:53,610 --> 00:23:57,570
Ze lieten hun oude, vertrouwde
thuis in Egypte achter.

413
00:23:57,570 --> 00:24:02,130
Honderden jaren hadden zij en
hun voorouders in Egypte gewoond,

414
00:24:02,130 --> 00:24:05,550
en nu gingen ze met God een
nieuw avontuur tegemoet,

415
00:24:05,550 --> 00:24:10,230
zoals een bruid die haar huis verlaat
en met haar nieuwe man meegaat.

416
00:24:10,230 --> 00:24:13,470
God haalt daar herinneringen aan op. Dus:

417
00:24:13,470 --> 00:24:17,970
Ik weet nog dat jullie Mij de woestijn
in volgden toen jullie nog maar net een

418
00:24:17,970 --> 00:24:22,350
volk waren, toen we net verloofd
waren, toen we net getrouwd waren.

419
00:24:22,350 --> 00:24:27,210
Israël was heilig voor de HEERE,
de eersteling van Zijn opbrengst.

420
00:24:27,210 --> 00:24:32,670
Allen die deze opaten, werden schuldig,
onheil kwam over hen, spreekt de HEERE.

421
00:24:32,670 --> 00:24:36,690
Dat wil zeggen, Gods houding
tegenover hen was destijds:

422
00:24:36,690 --> 00:24:41,070
‘Als iemand aan Mijn bruid komt, zal
Ik hard tegen die persoon optreden.

423
00:24:41,070 --> 00:24:44,310
Ik zal Mijn vrouw verdedigen
en haar recht verschaffen’,

424
00:24:44,310 --> 00:24:46,770
zoals iedere deugdzame man zou doen.

425
00:24:46,770 --> 00:24:50,610
Het contrast is natuurlijk dat God
in de dagen van Jeremia afstand neemt

426
00:24:50,610 --> 00:24:51,810
van Zijn vrouw.

427
00:24:51,810 --> 00:24:56,130
Hij laat daadwerkelijk toe dat er
mensen komen om haar te vernietigen.

428
00:24:56,130 --> 00:24:57,750
Babylon zal dat doen.

429
00:24:57,750 --> 00:25:00,630
Maar dat komt doordat
Hij van haar scheidt.

430
00:25:00,630 --> 00:25:04,050
Zoals we in hoofdstuk 3 zullen
zien, zal Hij vermelden dat Hij van

431
00:25:04,050 --> 00:25:05,670
haar gescheiden is.

432
00:25:05,670 --> 00:25:09,450
Hoor het woord van de HEERE,
huis van Jakob en alle

433
00:25:09,450 --> 00:25:13,410
geslachten van het huis van
Israël: Zo zegt de HEERE:

434
00:25:13,410 --> 00:25:16,470
Wat voor onrecht hebben uw
vaderen in Mij gevonden,

435
00:25:16,470 --> 00:25:18,810
dat zij zich ver van Mij hebben gehouden,

436
00:25:18,810 --> 00:25:24,211
dat zij achter nietige dingen zijn aan
gegaan — en zelf nietig zijn geworden —

437
00:25:24,211 --> 00:25:26,490
Dit is echt de indringende vraag.

438
00:25:26,490 --> 00:25:30,210
Ik herinner me dat ik, toen
ik nog maar pas christen was,

439
00:25:30,210 --> 00:25:32,730
sommige van mijn vrienden zag afdwalen.

440
00:25:32,730 --> 00:25:37,350
Ik weet nog dat ik deze passage las
en dacht: ‘Dat is toch de vraag?

441
00:25:37,350 --> 00:25:40,410
Wat hebben deze mensen voor
verkeerds aan God gevonden?

442
00:25:40,410 --> 00:25:42,030
Ik begrijp het niet.’

443
00:25:42,030 --> 00:25:47,190
Deze mensen die Jezus niet volgen, die een
jaar geleden nog Zijn lof zongen en zeiden

444
00:25:47,190 --> 00:25:53,430
dat Hij de Heere is, dat Hij de Messias
is — is Hij opgehouden de Heere te zijn?

445
00:25:53,430 --> 00:25:56,490
Is Hij opgehouden de Messias te zijn?

446
00:25:56,490 --> 00:25:58,530
Wat is er met hen gebeurd?

447
00:25:58,530 --> 00:26:00,690
Waarom volgen ze Hem niet meer?

448
00:26:00,690 --> 00:26:03,270
Hebben ze iets verkeerds aan Hem gevonden?

449
00:26:03,270 --> 00:26:05,670
Het antwoord is natuurlijk nee.

450
00:26:05,670 --> 00:26:09,030
Welke onrechtvaardigheid zou
je bij God kunnen vinden?

451
00:26:09,030 --> 00:26:11,430
Wat heeft Hij ooit verkeerd gedaan?

452
00:26:11,430 --> 00:26:16,170
Wanneer iemand God een tijdlang volgt
en dan afvalt, vraag je je toch af:

453
00:26:16,170 --> 00:26:17,610
‘Wat was dat dan?’

454
00:26:17,610 --> 00:26:20,250
Waarom volgde je Hem
als Hij niet echt was?

455
00:26:20,250 --> 00:26:22,230
Dacht je toen dat Hij echt was?

456
00:26:22,230 --> 00:26:24,510
Waarom denk je nu dat Hij dat niet is?

457
00:26:24,510 --> 00:26:26,490
Dacht je toen dat Hij goed was?

458
00:26:26,490 --> 00:26:28,470
Denk je nu niet dat Hij goed is?

459
00:26:28,470 --> 00:26:30,510
Wat is er aan God veranderd?

460
00:26:30,510 --> 00:26:32,070
God verandert niet.

461
00:26:32,070 --> 00:26:34,710
Het zijn de mensen die wispelturig zijn.

462
00:26:34,710 --> 00:26:37,650
Dat is wat God zegt: ‘Wat heb Ik gedaan

463
00:26:37,650 --> 00:26:41,490
waardoor je niet meer van die
liefdevolle gevoelens voor Mij hebt?

464
00:26:41,490 --> 00:26:44,910
Wat heeft je ertoe gebracht
je tot andere goden te wenden?

465
00:26:44,910 --> 00:26:48,210
Wat heeft je ertoe gebracht
Mij ontrouw te zijn?’

466
00:26:48,210 --> 00:26:53,190
Met andere woorden, we waren getrouwd
en jij ging achter andere goden aan.

467
00:26:53,190 --> 00:26:54,810
Dat is overspel.

468
00:26:54,810 --> 00:26:57,390
Jullie zijn afgodendienaars geworden.

469
00:26:57,390 --> 00:26:59,550
Wat heb Ik gedaan om dat te verdienen?

470
00:26:59,550 --> 00:27:04,470
dat zij niet zeiden: Waar is de HEERE,
Die ons uit het land Egypte geleid heeft,

471
00:27:04,470 --> 00:27:09,030
Die ons in de woestijn deed gaan,
in een land van wildernis en kuilen,

472
00:27:09,030 --> 00:27:12,030
in een land van dorheid
en schaduw van de dood,

473
00:27:12,030 --> 00:27:16,470
in een land waar niemand doorheen
trok en waar geen mens woonde?

474
00:27:16,470 --> 00:27:20,970
Met andere woorden, ze vergaten
dat Hij hen uit Egypte had bevrijd.

475
00:27:20,970 --> 00:27:25,830
Ze gingen gewoon achter andere goden aan
en negeerden de God Die hen had gered.

476
00:27:25,830 --> 00:27:31,110
Ik bracht u in een vruchtbaar land, om de
vrucht daarvan en het goede ervan te eten.

477
00:27:31,110 --> 00:27:34,350
Maar toen u daarin kwam,
verontreinigde u Mijn land

478
00:27:34,350 --> 00:27:37,350
en hebt u Mijn eigendom
tot een gruwel gemaakt.

479
00:27:37,350 --> 00:27:39,810
De priesters zeiden
niet: Waar is de HEERE?

480
00:27:39,810 --> 00:27:42,810
en zij die de wet
hanteerden, kenden Mij niet;

481
00:27:42,810 --> 00:27:48,390
de herders kwamen in opstand tegen Mij, en
de profeten profeteerden namens de Baäl.

482
00:27:48,390 --> 00:27:51,270
Ze gingen achter dingen
aan die niet van nut zijn.

483
00:27:51,270 --> 00:27:54,870
Degenen die zich met de wet
bezighouden, zijn de priesters.

484
00:27:54,870 --> 00:27:57,330
Dat zijn dus parallelle uitspraken.

485
00:27:57,330 --> 00:27:59,970
De priesters die zich
met de wet bezighielden,

486
00:27:59,970 --> 00:28:03,810
kenden God niet en ze zochten
God niet. Ze zeiden niet:

487
00:28:03,810 --> 00:28:05,190
Waar is de Heer?

488
00:28:05,190 --> 00:28:09,750
‘We moeten God vinden.’ Het waren
beroepsmatig godsdienstige mensen.

489
00:28:09,750 --> 00:28:11,790
Ze leefden van hun dienstwerk.

490
00:28:11,790 --> 00:28:13,710
Dat was wat priesters deden.

491
00:28:13,710 --> 00:28:18,090
Ze waren voltijds in de bediening werkzaam
en ze werden betaald uit de tienden

492
00:28:18,090 --> 00:28:19,350
van de Levieten.

493
00:28:19,350 --> 00:28:22,290
De Levieten werden betaald
uit de tienden van het volk.

494
00:28:22,290 --> 00:28:25,590
Het waren dus beroepskrachten,
maar ze kenden God niet

495
00:28:25,590 --> 00:28:28,410
en ze hadden er ook geen
behoefte aan Hem te kennen.

496
00:28:28,410 --> 00:28:30,930
Ze vroegen zich niet eens af waar God was.

497
00:28:30,930 --> 00:28:32,610
Ze zochten God niet.

498
00:28:32,610 --> 00:28:35,130
Ze hadden het gewoon goed in hun beroep.

499
00:28:35,130 --> 00:28:38,470
Eén ding dat we in Jeremia
zullen zien — hij doet dit vaak —

500
00:28:38,470 --> 00:28:41,730
is dat hij de bevolking
in categorieën verdeelt.

501
00:28:41,730 --> 00:28:45,450
Dat doet hij voor het eerst
in hoofdstuk 1, vers 18.

502
00:28:45,450 --> 00:28:49,530
Let op de laatste paar regels
van vers 18. Daar staat:

503
00:28:49,530 --> 00:28:53,310
Want zie, Ík stel u heden
aan tot een versterkte stad,

504
00:28:53,310 --> 00:28:58,050
tot een ijzeren pilaar en tot
bronzen muren, tegen heel het land,

505
00:28:58,050 --> 00:29:01,110
tegen de koningen van
Juda, tegen zijn vorsten,

506
00:29:01,110 --> 00:29:04,470
tegen zijn priesters en tegen
de bevolking van het land.

507
00:29:04,470 --> 00:29:07,830
Hij verdeelt de bevolking vaak
in deze verschillende groepen.

508
00:29:07,830 --> 00:29:09,990
De priesters worden meestal genoemd.

509
00:29:09,990 --> 00:29:12,810
De koningen of de vorsten
worden meestal genoemd.

510
00:29:12,810 --> 00:29:15,450
De profeten worden er
meestal ook bij betrokken,

511
00:29:15,450 --> 00:29:19,110
maar die staan niet in
hoofdstuk 1, vers 18.

512
00:29:19,110 --> 00:29:24,930
Heel vaak zal hij zeggen: ‘De vorsten,
de priesters, de profeten, het volk.’

513
00:29:24,930 --> 00:29:30,030
Dat die woorden in het Engels allemaal
met een P beginnen, is puur toeval:

514
00:29:30,030 --> 00:29:35,130
‘the princes, the priests,
the prophets, the people’.

515
00:29:35,130 --> 00:29:38,130
Het klinkt als een mooie
alliteratie van een prediker,

516
00:29:38,130 --> 00:29:41,670
maar ik weet zeker dat het in het
Hebreeuws niet die alliteratie heeft

517
00:29:41,670 --> 00:29:43,350
die het in het Engels heeft.

518
00:29:43,350 --> 00:29:46,470
Je zult telkens weer de
vorsten, de priesters,

519
00:29:46,470 --> 00:29:51,390
de profeten en het volk tegenkomen,
of een combinatie daarvan.

520
00:29:51,390 --> 00:29:56,430
Wat hij zegt, is dat het probleem
bovenaan begint en naar beneden doorwerkt.

521
00:29:56,430 --> 00:29:59,910
De vorsten en de priesters,
degenen die het land leiden,

522
00:29:59,910 --> 00:30:03,810
de politieke en godsdienstige
leiders, zelfs de profeten,

523
00:30:03,810 --> 00:30:05,730
die nog meer dan de priesters

524
00:30:05,730 --> 00:30:09,050
de charismatische spreekbuis
van God zouden moeten zijn —

525
00:30:09,050 --> 00:30:11,910
al deze mensen zijn verdorven.

526
00:30:11,910 --> 00:30:15,390
Daarom is ook het volk van
het land verdorven geraakt.

527
00:30:15,390 --> 00:30:17,730
Maar wanneer die
opsommingen worden gegeven,

528
00:30:17,730 --> 00:30:20,130
staan bijna altijd de vorsten en de

529
00:30:20,130 --> 00:30:23,190
priesters bovenaan de
lijst van overtreders.

530
00:30:23,190 --> 00:30:26,490
We zien dat in hoofdstuk 2, vers 8:

531
00:30:26,490 --> 00:30:29,850
De priesters vroegen
niet: waar is de Heer?

532
00:30:29,850 --> 00:30:31,710
Dan halverwege het vers:

533
00:30:31,710 --> 00:30:34,950
De priesters zeiden
niet: Waar is de HEERE?

534
00:30:34,950 --> 00:30:38,130
en zij die de wet
hanteerden, kenden Mij niet;

535
00:30:38,130 --> 00:30:43,770
de herders kwamen in opstand tegen Mij, en
de profeten profeteerden namens de Baäl.

536
00:30:43,770 --> 00:30:46,890
Ze gingen achter dingen
aan die niet van nut zijn.

537
00:30:46,890 --> 00:30:48,510
En de volgende regel:

538
00:30:48,510 --> 00:30:51,330
De profeten profeteerden namens Baäl.

539
00:30:51,330 --> 00:30:54,990
We zullen deze opsomming heel vaak
tegenkomen in het boek Jeremia.

540
00:30:54,990 --> 00:30:59,670
Daarom zal Ik u nog ter verantwoording
roepen, spreekt de HEERE, ja,

541
00:30:59,670 --> 00:31:02,490
uw kleinkinderen zal Ik
ter verantwoording roepen.

542
00:31:02,490 --> 00:31:03,810
Wat betekent dat:

543
00:31:03,810 --> 00:31:06,990
Ik zal jullie kleinkinderen
ter verantwoording roepen.

544
00:31:06,990 --> 00:31:11,130
Ze zouden naar Babel gaan, en minstens
drie generaties zouden daar de

545
00:31:11,130 --> 00:31:12,990
gevolgen van ondervinden.

546
00:31:12,990 --> 00:31:17,130
Hun kinderen en hun kleinkinderen,
die in Babel geboren zouden worden,

547
00:31:17,130 --> 00:31:21,630
zouden alleen maar ballingschap,
slavernij en een leven ver van hun

548
00:31:21,630 --> 00:31:23,190
Beloofde Land kennen.

549
00:31:23,190 --> 00:31:26,190
Dit is volgens mij werkelijk
de vervulling van wat God

550
00:31:26,190 --> 00:31:29,250
dreigde te doen toen
Hij de Tien Geboden gaf

551
00:31:29,250 --> 00:31:33,750
en het gebod om geen gesneden
beelden te maken. Hij zei:

552
00:31:33,750 --> 00:31:39,810
U zult zich daarvoor niet neerbuigen,
en die niet dienen, want Ik, de HEERE,

553
00:31:39,810 --> 00:31:44,730
uw God, ben een na-ijverig God,
Die de misdaad van de vaderen

554
00:31:44,730 --> 00:31:50,190
vergeldt aan de kinderen, aan het derde
en vierde geslacht van hen die Mij haten,

555
00:31:50,190 --> 00:31:55,110
Wat Hij zegt, is dat als je afgoden
maakt en andere goden dient,

556
00:31:55,110 --> 00:32:00,090
er een oordeel over je zal komen dat tot
in de derde en vierde generatie van je

557
00:32:00,090 --> 00:32:02,310
nakomelingen gevolgen zal hebben.

558
00:32:02,310 --> 00:32:05,010
En dat gebeurde toen ze naar Babel gingen.

559
00:32:05,010 --> 00:32:07,230
Ze waren daar zeventig jaar.

560
00:32:07,230 --> 00:32:12,210
Minstens twee generaties, zo niet
drie, ondervonden de gevolgen:

561
00:32:12,210 --> 00:32:17,310
de generatie volwassenen die erheen ging,
mogelijk hun kinderen die toen al leefden,

562
00:32:17,310 --> 00:32:21,390
en nog een paar generaties kinderen
die in Babel geboren werden.

563
00:32:21,390 --> 00:32:26,370
Dus Ik klaag niet alleen jullie aan; de
straf zal ook over jullie kinderen en

564
00:32:26,370 --> 00:32:28,110
jullie kleinkinderen komen.

565
00:32:28,110 --> 00:32:29,190
Vers 10:

566
00:32:29,190 --> 00:32:33,990
Voorzeker, steek over naar de
eilanden van de Kittiërs, en zie,

567
00:32:33,990 --> 00:32:39,510
stuur boden naar Kedar en let aandachtig
op, en kijk of iets dergelijks gebeurd is.

568
00:32:39,510 --> 00:32:42,030
Heeft een volk ooit goden ingeruild?

569
00:32:42,030 --> 00:32:43,890
— en het zijn niet eens goden!

570
00:32:43,890 --> 00:32:48,150
— Toch heeft Mijn volk zijn Eer
ingeruild voor wat niet van nut is.

571
00:32:48,150 --> 00:32:54,270
Ontzet u hierover, hemel, huiver,
wees zeer ontsteld, spreekt de HEERE.

572
00:32:54,270 --> 00:32:59,370
Want Mijn volk heeft een dubbel kwaad
gedaan: Mij, de bron van levend water,

573
00:32:59,370 --> 00:33:03,450
hebben zij verlaten, om zich bakken
uit te hakken, lekkende bakken,

574
00:33:03,450 --> 00:33:05,190
die geen water houden.

575
00:33:05,190 --> 00:33:09,990
Hij zegt dat dit iets is wat werkelijk
nergens anders ter wereld bekend is,

576
00:33:09,990 --> 00:33:11,670
behalve in Israël.

577
00:33:11,670 --> 00:33:16,230
Elk volk had zijn nationale
goden, zoals Israël die had.

578
00:33:16,230 --> 00:33:20,250
Maar de andere volken bleven
hun goden trouw, eeuw na eeuw.

579
00:33:20,250 --> 00:33:24,390
Je vindt nooit een moment waarop de
Moabieten in opstand kwamen tegen Kamos,

580
00:33:24,390 --> 00:33:28,350
of de Egyptenaren tegen Ra,
of de Babyloniërs tegen Bel,

581
00:33:28,350 --> 00:33:33,090
of de Feniciërs tegen Baäl, of
de Kanaänieten tegen Molech.

582
00:33:33,090 --> 00:33:34,830
Ze hielden van die goden.

583
00:33:34,830 --> 00:33:37,950
Hoe komt het dan dat Israël
het enige volk is dat zijn God

584
00:33:37,950 --> 00:33:41,130
nooit langer dan een paar dagen
achter elkaar trouw blijft,

585
00:33:41,130 --> 00:33:43,710
en dat ze achter andere goden aan dwalen?

586
00:33:43,710 --> 00:33:46,530
Terwijl Israël in feite
een echte God heeft,

587
00:33:46,530 --> 00:33:49,230
Die hen daadwerkelijk
uit Egypte heeft bevrijd,

588
00:33:49,230 --> 00:33:53,370
hen door de woestijn heeft geleid, hen
beschermt en hun beloften heeft gedaan

589
00:33:53,370 --> 00:33:55,650
zoals geen andere god dat kan doen?

590
00:33:55,650 --> 00:34:00,030
En de goden waar ze achteraan lopen,
zijn helemaal geen echte goden.

591
00:34:00,030 --> 00:34:02,730
Waarom verlaten die andere
volken hun goden niet?

592
00:34:02,730 --> 00:34:06,030
Volgens mij is het antwoord,
hoewel het hier niet wordt gezegd,

593
00:34:06,030 --> 00:34:10,050
dat de andere goden niet zulke
morele eisen aan hun volk stellen.

594
00:34:10,050 --> 00:34:14,130
De heidense goden worden
aanbeden met dronken orgieën.

595
00:34:14,130 --> 00:34:16,650
Dat was de heidense godsdienst eigenlijk:

596
00:34:16,650 --> 00:34:20,130
in wezen dronken orgieën
voor een afgodsbeeld.

597
00:34:20,130 --> 00:34:22,890
Dat was aantrekkelijk
voor vleselijke mensen.

598
00:34:22,890 --> 00:34:26,970
Gods volk wist van God, maar
in hun hart waren ze vleselijk.

599
00:34:26,970 --> 00:34:29,790
God had Zijn wetten nog niet
in hun binnenste geschreven,

600
00:34:29,790 --> 00:34:34,590
zoals Jeremia later in
hoofdstuk 31, vers 31 en verder,

601
00:34:34,590 --> 00:34:37,650
zegt dat God in het
nieuwe verbond zal doen.

602
00:34:37,650 --> 00:34:40,470
Het oude verbond liet
hen kennismaken met God,

603
00:34:40,470 --> 00:34:43,050
maar richtte hen innerlijk niet op God.

604
00:34:43,050 --> 00:34:46,230
Daarom voelden ze zich nog
steeds aangetrokken tot alle

605
00:34:46,230 --> 00:34:49,110
vleselijke dingen die
de andere goden boden.

606
00:34:49,110 --> 00:34:53,910
Maar toch is het iets verbazingwekkends
als je er even afstand van neemt en erover

607
00:34:53,910 --> 00:34:56,430
nadenkt. Hoe zit dat toch?

608
00:34:56,430 --> 00:35:01,050
Israël is het enige volk dat
een echte God had, de echte God,

609
00:35:01,050 --> 00:35:04,590
en toch keerden ze God om
de haverklap de rug toe.

610
00:35:04,590 --> 00:35:09,210
En elke keer dat Hij Zijn ogen even
van hen afwendde, waren ze weg.

611
00:35:09,210 --> 00:35:13,890
Toch hebben de andere volken geen
echte goden, en zij bleven hun trouw,

612
00:35:13,890 --> 00:35:17,370
generatie na generatie, eeuw na eeuw.

613
00:35:17,370 --> 00:35:19,530
Dat is waar God op wijst.

614
00:35:19,530 --> 00:35:23,370
Wie heeft er ooit gehoord van
een volk dat zijn goden verlaat?

615
00:35:23,370 --> 00:35:26,070
Welk ander volk heeft dat ooit gedaan?

616
00:35:26,070 --> 00:35:29,610
En hun goden, zegt Hij, zijn geen goden.

617
00:35:29,610 --> 00:35:30,810
Hij zegt:

618
00:35:30,810 --> 00:35:33,570
Mijn volk heeft twee
dingen verkeerd gedaan.

619
00:35:33,570 --> 00:35:37,230
Ze hebben Mij verlaten,
de bron van levend water.

620
00:35:37,230 --> 00:35:40,410
En het andere wat ze verkeerd
deden, was Mij vervangen.

621
00:35:40,410 --> 00:35:44,130
Ze hadden Mij, Die
voortdurend voor hen zorgde.

622
00:35:44,130 --> 00:35:46,170
Ze hadden een relatie met Mij.

623
00:35:46,170 --> 00:35:49,230
Ze hadden Mij niet alleen
ontmoet waarna het daarbij bleef,

624
00:35:49,230 --> 00:35:51,270
waarna alles voorbij was.

625
00:35:51,270 --> 00:35:54,630
Maar Ik was voortdurend
bij hen, in hun midden,

626
00:35:54,630 --> 00:35:58,950
als een stromende beek die voortdurend
uit de grond opwelt om steeds

627
00:35:58,950 --> 00:36:00,570
vers water te geven.

628
00:36:00,570 --> 00:36:05,250
Maar ze zijn naar die afgoden gegaan,
en dat is alsof je waterputten graaft,

629
00:36:05,250 --> 00:36:07,470
of reservoirs voor water.

630
00:36:07,470 --> 00:36:11,850
Waterputten werden in de rots uitgehouwen,
meestal in die woestijngebieden.

631
00:36:11,850 --> 00:36:16,230
Het is moeilijk om te voorkomen dat
water verdampt en in de grond wegzakt.

632
00:36:16,230 --> 00:36:20,310
Maar als ze een rotsachtige plek vonden,
hakten ze een waterput uit de rots,

633
00:36:20,310 --> 00:36:25,050
omdat het water niet zou doordringen en
in de grond verdwijnen als het rots was.

634
00:36:25,050 --> 00:36:29,610
Maar soms zitten er in rotsachtige plekken
spleten en scheuren die ze niet kunnen

635
00:36:29,610 --> 00:36:33,150
dichten, en dan zijn die
waterputten in feite gebroken,

636
00:36:33,150 --> 00:36:35,430
en lekt het water er toch uit.

637
00:36:35,430 --> 00:36:36,810
En God zei:

638
00:36:36,810 --> 00:36:39,270
Jullie hebben voor jezelf
waterreservoirs gemaakt.

639
00:36:39,270 --> 00:36:42,870
Je zou in je relatie met Mij
voortdurend de bronnen van fris,

640
00:36:42,870 --> 00:36:47,970
levend water kunnen hebben, maar in plaats
daarvan heb je gekozen voor godsdienstige

641
00:36:47,970 --> 00:36:50,010
systemen waar geen leven in zit.

642
00:36:50,010 --> 00:36:54,270
Je probeert daarmee je dorst te
lessen, maar het water lekt eruit.

643
00:36:54,270 --> 00:36:57,930
Het zijn gebroken
waterbakken. Ze voldoen niet.

644
00:36:57,930 --> 00:37:01,230
Je hebt verlaten wat echt
is, wat voldoening geeft

645
00:37:01,230 --> 00:37:03,630
en waarin God voor je heeft voorzien.

646
00:37:03,630 --> 00:37:07,410
En je hebt dat vervangen door
iets wat geen voldoening geeft

647
00:37:07,410 --> 00:37:10,770
en je niet kan blijven
voorzien van wat je nodig hebt.

648
00:37:10,770 --> 00:37:15,750
De waterbakken zijn gebroken; ze kunnen
het water niet langdurig vasthouden.

649
00:37:15,750 --> 00:37:20,190
Dit is volgens mij echt wat de kerk
in de moderne tijd vaak heeft gedaan.

650
00:37:20,190 --> 00:37:23,010
Ik denk dat de wending die
we zien naar de psychologie

651
00:37:23,010 --> 00:37:27,510
en naar wereldse manieren van bediening
en wereldse manieren van aanbidding,

652
00:37:27,510 --> 00:37:30,210
waarbij ideeën aan de
wereld worden ontleend,

653
00:37:30,210 --> 00:37:34,950
waarschijnlijk een afwijken is van de
zuiverheid van wat God heeft ingesteld.

654
00:37:34,950 --> 00:37:39,510
Dat heeft de gemeente al sinds de tijd
van Jezus tot haar beschikking gehad.

655
00:37:39,510 --> 00:37:43,770
Als ik denk aan mensen die met problemen
in hun leven naar therapeuten of zoiets

656
00:37:43,770 --> 00:37:47,310
rennen: de eerste christenen
moesten naar Jezus rennen.

657
00:37:47,310 --> 00:37:52,170
De eerste christenen moesten hulp van God
krijgen, want er waren geen therapeuten.

658
00:37:52,170 --> 00:37:55,170
Die waterbakken om uit
te drinken waren er niet.

659
00:37:55,170 --> 00:37:59,130
Ze moesten uit Jezus drinken,
anders moesten ze maar dorst lijden.

660
00:37:59,130 --> 00:38:00,930
Maar Jezus was genoeg.

661
00:38:00,930 --> 00:38:04,050
Jezus was toereikend
voor de vroege gemeente.

662
00:38:04,050 --> 00:38:06,870
Tegenwoordig kennen christenen
Jezus nauwelijks meer.

663
00:38:06,870 --> 00:38:11,190
Als ze in hun leven gewone problemen
hebben die de Bijbel zonde noemt,

664
00:38:11,190 --> 00:38:13,890
gaan ze niet naar
Christus voor bevrijding.

665
00:38:13,890 --> 00:38:18,750
Ze gaan naar een of andere menselijke
hulpbron die menselijke middelen gebruikt.

666
00:38:18,750 --> 00:38:21,150
In Psalm 1:1 staat:

667
00:38:21,150 --> 00:38:25,110
Welzalig de man die niet wandelt
in de raad van de goddelozen,

668
00:38:25,110 --> 00:38:29,850
die niet staat op de weg van de zondaars,
die niet zit op de zetel van de spotters,

669
00:38:29,850 --> 00:38:34,290
Maar de meeste christelijke psychologen
en christelijke therapeuten hebben,

670
00:38:34,290 --> 00:38:37,950
als ze überhaupt een opleiding
in hulpverlening hebben gevolgd,

671
00:38:37,950 --> 00:38:40,530
les gehad van seculiere docenten.

672
00:38:40,530 --> 00:38:44,010
Of zelfs als ze naar een
christelijke hogeschool zijn gegaan:

673
00:38:44,010 --> 00:38:47,490
voor zover ze seculiere
psychologie gebruiken

674
00:38:47,490 --> 00:38:52,170
die met Bijbelverzen is aangekleed, zijn
het nog steeds de ideeën van mensen die

675
00:38:52,170 --> 00:38:54,390
niet godvruchtig waren.

676
00:38:54,390 --> 00:38:56,670
Freud was niet godvruchtig.

677
00:38:56,670 --> 00:38:58,650
Jung was niet godvruchtig.

678
00:38:58,650 --> 00:39:01,590
Carl Rogers was zeker niet godvruchtig.

679
00:39:01,590 --> 00:39:06,270
Abraham Maslow was geen godvruchtig
man. Hij was een atheïst.

680
00:39:06,270 --> 00:39:08,430
Jung was een occultist.

681
00:39:08,430 --> 00:39:13,650
Freud was een atheïst, antichristelijk,
en had van jongs af aan gezworen het

682
00:39:13,650 --> 00:39:15,510
christendom te vernietigen.

683
00:39:15,510 --> 00:39:18,750
Deze mensen, de grondleggers
van de systemen waar

684
00:39:18,750 --> 00:39:21,330
christenen naartoe gaan
voor hulp in hun leven,

685
00:39:21,330 --> 00:39:24,270
zijn mensen die God nooit hebben gekend.

686
00:39:24,270 --> 00:39:29,730
Christenen onderwijzen deze theorieën van
Freud en Jung en Carl Rogers enzovoort

687
00:39:29,730 --> 00:39:32,250
nu aan de christelijke hogescholen.

688
00:39:32,250 --> 00:39:36,870
Christenen leren van christelijke
docenten hoe ze hulp moeten verlenen.

689
00:39:36,870 --> 00:39:39,390
Toch blijft het raad
die niet van God kwam,

690
00:39:39,390 --> 00:39:42,690
maar van deze mannen die
in het duister verkeerden.

691
00:39:42,690 --> 00:39:47,910
Ze proberen de dorst van de ziel te lessen
van mensen wier leven niet vervuld en niet

692
00:39:47,910 --> 00:39:51,450
stabiel is, en niet zoals
het zou moeten zijn.

693
00:39:51,450 --> 00:39:55,290
Vroegere christenen zouden daarvoor
naar God hebben moeten gaan,

694
00:39:55,290 --> 00:39:59,490
en ze zouden in God de bronnen
van levend water hebben gevonden.

695
00:39:59,490 --> 00:40:03,750
Maar Gods volk lijkt altijd naar
het minderwaardige te willen gaan,

696
00:40:03,750 --> 00:40:07,350
terwijl de God van het heelal
voor hen beschikbaar is.

697
00:40:07,350 --> 00:40:09,510
Dat is iets verbijsterends.

698
00:40:09,510 --> 00:40:14,190
Voorzeker, steek over naar de
eilanden van de Kittiërs, en zie,

699
00:40:14,190 --> 00:40:20,010
stuur boden naar Kedar en let aandachtig
op, en kijk of iets dergelijks gebeurd is.

700
00:40:20,010 --> 00:40:22,530
Heeft een volk ooit goden ingeruild?

701
00:40:22,530 --> 00:40:24,330
— en het zijn niet eens goden!

702
00:40:24,330 --> 00:40:29,070
— Toch heeft Mijn volk zijn Eer
ingeruild voor wat niet van nut is.

703
00:40:29,070 --> 00:40:35,610
Ontzet u hierover, hemel, huiver,
wees zeer ontsteld, spreekt de HEERE.

704
00:40:35,610 --> 00:40:41,130
Want Mijn volk heeft een dubbel kwaad
gedaan: Mij, de bron van levend water,

705
00:40:41,130 --> 00:40:45,630
hebben zij verlaten, om zich bakken
uit te hakken, lekkende bakken,

706
00:40:45,630 --> 00:40:47,430
die geen water houden.

707
00:40:47,430 --> 00:40:50,250
Hoe zou Gods volk zulke
dingen kunnen doen?

708
00:40:50,250 --> 00:40:53,730
Als je erover nadenkt, is
het gewoon niet te begrijpen.

709
00:40:53,730 --> 00:40:58,170
Dat laat alleen maar zien dat mensen,
hoewel wij de rationele soort zijn,

710
00:40:58,170 --> 00:41:02,310
bij lange na niet zo rationeel
zijn als we zouden moeten zijn.

711
00:41:02,310 --> 00:41:07,050
We kunnen het wel zijn, maar we lijken
ons verstand opzij te zetten en gewoon te

712
00:41:07,050 --> 00:41:10,350
kiezen voor, denk ik, wat onze emoties

713
00:41:10,350 --> 00:41:14,910
of onze begeerten of onze meest
oppervlakkige gedachten aanspreekt.

714
00:41:14,910 --> 00:41:18,150
Maar als je erover nadenkt, is God genoeg.

715
00:41:18,150 --> 00:41:22,050
God heeft altijd beloofd dat Hij
genoeg zou zijn voor Zijn volk.

716
00:41:22,050 --> 00:41:27,030
En mensen verlaten Hem en gaan naar
menselijke bedenksels om te drinken en hun

717
00:41:27,030 --> 00:41:28,650
dorst te lessen.

718
00:41:28,650 --> 00:41:30,390
In vers 14 staat:

719
00:41:30,390 --> 00:41:32,550
Is Israël dan een slaaf?

720
00:41:32,550 --> 00:41:35,610
Of is hij een in huis geboren slaaf?

721
00:41:35,610 --> 00:41:38,010
Waarom is hij dan een prooi geworden?

722
00:41:38,010 --> 00:41:42,210
Jonge leeuwen brullen tegen hem,
zij hebben hun stem laten klinken.

723
00:41:42,210 --> 00:41:45,270
Zij hebben van zijn land
een woestenij gemaakt.

724
00:41:45,270 --> 00:41:48,990
Zijn steden zijn vernietigd,
zodat niemand er meer woont.

725
00:41:48,990 --> 00:41:53,370
Ook de mensen van Nof en Tachpanhes
graasden u de schedel af.

726
00:41:53,370 --> 00:41:57,930
Dit zijn Egyptische steden;
Nof is Thebe, geloof ik.

727
00:41:57,930 --> 00:42:01,830
Doet u dit niet uzelf aan
doordat u de HEERE, uw God,

728
00:42:01,830 --> 00:42:04,710
verlaat op het moment dat
Hij u op de weg leidt?

729
00:42:04,710 --> 00:42:08,130
Nu weet ik niet op welke gebeurtenissen
wordt gedoeld wanneer de mensen van

730
00:42:08,130 --> 00:42:13,470
Nof en Tachpanhes, de Egyptenaren, de
kroon van je hoofd hebben gebroken.

731
00:42:13,470 --> 00:42:17,370
Dit zou geschreven kunnen zijn
nadat Josia gestorven was.

732
00:42:17,370 --> 00:42:20,910
Er staat geen datum bij
deze profetie, maar Josia

733
00:42:20,910 --> 00:42:23,550
stierf in de strijd tegen de Egyptenaren.

734
00:42:23,550 --> 00:42:25,770
Hij was de koning, de kroon.

735
00:42:25,770 --> 00:42:30,990
Je zou dus kunnen betogen dat, toen
farao Necho Josia in de strijd doodde,

736
00:42:30,990 --> 00:42:35,190
de Egyptenaren daarmee de kroon
van het hoofd van Juda afbraken.

737
00:42:35,190 --> 00:42:38,370
_[Vertalersnoot: de Engelse
Bijbelvertaling die de spreker gebruikt,

738
00:42:38,370 --> 00:42:41,190
spreekt over ‘de kroon van uw hoofd’.

739
00:42:41,190 --> 00:42:45,270
De HSV heeft ‘graasden u de schedel af’.

740
00:42:45,270 --> 00:42:49,950
De spreker verbindt het Engelse woord
‘crown’ met het koningschap van Josia.]_

741
00:42:49,950 --> 00:42:52,410
Dat zou kunnen zijn
waarop hier wordt gedoeld.

742
00:42:52,410 --> 00:42:55,710
We weten niet wanneer deze
profetie is uitgesproken,

743
00:42:55,710 --> 00:42:59,910
maar als het laat genoeg was,
als het na de dood van Josia was,

744
00:42:59,910 --> 00:43:03,510
dan zou dat waarschijnlijk
zijn waarop werd gezinspeeld.

745
00:43:03,510 --> 00:43:04,410
Vers 17:

746
00:43:04,410 --> 00:43:08,610
Doet u dit niet uzelf aan
doordat u de HEERE, uw God,

747
00:43:08,610 --> 00:43:11,670
verlaat op het moment dat
Hij u op de weg leidt?

748
00:43:11,670 --> 00:43:16,830
Welnu, wat hebt u met de weg naar Egypte
om het water van Sichor te drinken?

749
00:43:16,830 --> 00:43:21,090
En wat hebt u met de weg naar
Assyrië om het water van de rivier de

750
00:43:21,090 --> 00:43:22,590
Eufraat te drinken?

751
00:43:22,590 --> 00:43:28,830
Uw eigen kwaad straft u en uw eigen
afdwalingen bestraffen u. Erken en zie in,

752
00:43:28,830 --> 00:43:33,750
dat het kwaad en bitter is de
HEERE, uw God, te verlaten,

753
00:43:33,750 --> 00:43:37,950
en dat er geen vreze voor Mij
bij u is, spreekt de Heere,

754
00:43:37,950 --> 00:43:40,350
de HEERE van de legermachten.

755
00:43:40,350 --> 00:43:45,930
Want van oude tijden af heb Ik uw juk
gebroken, en uw banden verscheurd.

756
00:43:45,930 --> 00:43:48,390
U zei: Ik wil niet dienen!

757
00:43:48,390 --> 00:43:52,590
Maar op elke hoge heuvel en
onder elke bladerrijke boom

758
00:43:52,590 --> 00:43:54,810
legt u zich als een hoer neer.

759
00:43:54,810 --> 00:43:59,190
[Redactionele toelichting: de spreker
volgt hier een andere versweergave:

760
00:43:59,190 --> 00:44:05,190
‘Ik zal niet overtreden’, tegenover
‘Ik wil niet dienen’ in de HSV.

761
00:44:05,190 --> 00:44:08,850
Zijn uitleg gaat uit van een
belofte van gehoorzaamheid.]

762
00:44:08,850 --> 00:44:12,270
Dit was natuurlijk bij de Sinaï. God zei:

763
00:44:12,270 --> 00:44:14,130
Zullen jullie die dingen doen?

764
00:44:14,130 --> 00:44:15,330
Zij zeiden:

765
00:44:15,330 --> 00:44:17,970
We zullen alles doen wat
de Heer heeft gezegd.

766
00:44:17,970 --> 00:44:20,550
We zullen ons er niet tegen verzetten.

767
00:44:20,550 --> 00:44:25,950
Hij had hun juk verbroken, dat wil zeggen,
Hij had hen uit de slavernij bevrijd,

768
00:44:25,950 --> 00:44:27,390
en zij zeiden:

769
00:44:27,390 --> 00:44:30,030
We zullen nu naar U luisteren.

770
00:44:30,030 --> 00:44:32,310
Dat zeiden ze bij de berg Sinaï.

771
00:44:32,310 --> 00:44:38,070
Ík had u evenwel geplant, een edele
wijnstok, een volkomen betrouwbare stek.

772
00:44:38,070 --> 00:44:42,570
Hoe bent u tegenover Mij dan veranderd in
wilde ranken van een uitheemse wijnstok?

773
00:44:42,570 --> 00:44:47,910
Hij zinspeelt ongetwijfeld op wat zijn
vroegere tijdgenoot in Jeruzalem, Jesaja,

774
00:44:47,910 --> 00:44:53,130
had gezegd toen hij het over de wijngaard
had in Jesaja hoofdstuk 5. Hij zegt:

775
00:44:53,130 --> 00:44:57,210
Hij plantte een edele wijnstok
op een vruchtbare heuvel.

776
00:44:57,210 --> 00:45:01,710
Daarmee verwijst hij naar de vestiging
van Israël in het land Kanaän.

777
00:45:01,710 --> 00:45:05,370
Daar verwijst hij hier
naar, die edele wijnstok.

778
00:45:05,370 --> 00:45:09,750
Zij waren een edele wijnstok,
zaad van de hoogste kwaliteit.

779
00:45:09,750 --> 00:45:13,530
_[Vertalersnoot: waar
de HSV in Jeremia 2:21

780
00:45:13,530 --> 00:45:18,510
‘een volkomen betrouwbare stek’ heeft,
spreekt de Engelse Bijbelvertaling die de

781
00:45:18,510 --> 00:45:22,230
spreker gebruikt over ‘zaad
van de hoogste kwaliteit’.

782
00:45:22,230 --> 00:45:25,530
Daarop sluit zijn uitleg
over Abraham aan.]_

783
00:45:25,530 --> 00:45:29,790
Dat wil zeggen, als je kijkt naar
het zaad, en dat was Abraham zelf,

784
00:45:29,790 --> 00:45:33,630
dan was hij een man van hoge
kwaliteit, een trouwe man,

785
00:45:33,630 --> 00:45:37,050
een man die elke beproeving
van zijn geloof doorstond.

786
00:45:37,050 --> 00:45:41,250
Een man die meer dan honderd jaar
met God wandelde en nooit afweek van

787
00:45:41,250 --> 00:45:42,870
gehoorzaamheid aan God.

788
00:45:42,870 --> 00:45:45,030
Hij was geen volmaakt mens.

789
00:45:45,030 --> 00:45:49,530
Hij had zijn momenten van angst waarop
hij de veiligheid van zijn gezin in gevaar

790
00:45:49,530 --> 00:45:51,570
bracht en dat soort dingen.

791
00:45:51,570 --> 00:45:54,990
Maar hij was een man die,
wanneer God hem iets vertelde,

792
00:45:54,990 --> 00:45:57,870
het geloofde en ernaar handelde.

793
00:45:57,870 --> 00:46:00,750
Hij had niet zoveel
openbaring van God als wij,

794
00:46:00,750 --> 00:46:04,170
maar hij bleef trouw aan
alles wat God hem vertelde.

795
00:46:04,170 --> 00:46:08,250
Hij ging zelfs zover dat hij zijn
zoon Izak offerde toen hem werd gezegd

796
00:46:08,250 --> 00:46:09,450
dat te doen.

797
00:46:09,450 --> 00:46:13,830
Dat was het zaad van de hoogste kwaliteit
waar die wijnstok uit voortkwam.

798
00:46:13,830 --> 00:46:18,270
Want al zou u zich met loog wassen
en zou u zeep in overvloed gebruiken,

799
00:46:18,270 --> 00:46:24,390
uw ongerechtigheid blijft een vlek voor
Mijn aangezicht, spreekt de Heere HEERE.

800
00:46:24,390 --> 00:46:29,310
Dit vormt misschien een tegenstelling
met Jesaja hoofdstuk 1, waar God zei:

801
00:46:29,310 --> 00:46:31,830
Kom, laten we samen overleggen.

802
00:46:31,830 --> 00:46:34,470
Jesaja 1:18:

803
00:46:34,470 --> 00:46:38,910
Kom nu, laten wij samen een
rechtszaak voeren, zegt de HEERE.

804
00:46:38,910 --> 00:46:43,590
Al waren uw zonden als scharlaken,
ze zullen wit worden als sneeuw;

805
00:46:43,590 --> 00:46:48,210
al waren ze rood als karmozijn,
ze zullen worden als witte wol.

806
00:46:48,210 --> 00:46:53,130
Hoe bevlekt je ook bent door je zonden,
God kan je weer wit en rein maken.

807
00:46:53,130 --> 00:46:55,890
God kan die zonde volledig wegnemen.

808
00:46:55,890 --> 00:46:58,230
Maar wanneer je je
eigen middelen gebruikt,

809
00:46:58,230 --> 00:47:01,890
kun je zoveel loog en zeep
gebruiken als je wilt;

810
00:47:01,890 --> 00:47:04,890
je ongerechtigheid
blijft aangetekend staan.

811
00:47:04,890 --> 00:47:06,930
Je zult die niet kunnen afwassen.

812
00:47:06,930 --> 00:47:12,270
Alleen God kan je wit als sneeuw maken
wanneer je door zonde verontreinigd bent.

813
00:47:12,270 --> 00:47:14,010
Nu vers 23:

814
00:47:14,010 --> 00:47:17,430
Hoe kunt u dan zeggen: Ik
heb mij niet verontreinigd,

815
00:47:17,430 --> 00:47:20,490
ik ben niet achter de Baäls aan gegaan?

816
00:47:20,490 --> 00:47:24,810
Zie uw weg in het dal, erken
wat u gedaan hebt, snelle,

817
00:47:24,810 --> 00:47:31,050
op al haar wegen heen en weer rennende,
jonge vrouwtjeskameel, een wilde ezelin,

818
00:47:31,050 --> 00:47:36,571
gewend aan de woestijn, de wind opsnuivend
in haar hitsigheid, haar bronst —

819
00:47:36,571 --> 00:47:38,130
wie kan haar keren?

820
00:47:38,130 --> 00:47:41,130
Allen die haar zoeken, hoeven
zich niet af te matten,

821
00:47:41,130 --> 00:47:43,650
in haar maand zullen zij haar wel vinden.

822
00:47:43,650 --> 00:47:48,390
Hij zegt dat Zijn vrouw Israël meer op
een ezel in de bronst is gaan lijken,

823
00:47:48,390 --> 00:47:52,470
een ezelin in de bronst, of
een kameelwijfje in de bronst.

824
00:47:52,470 --> 00:47:56,970
Alle mannetjes zoeken haar op wanneer
ze bronstig is, en zij zoekt hen op.

825
00:47:56,970 --> 00:47:59,190
Ze loopt buiten de lucht op te snuiven,

826
00:47:59,190 --> 00:48:02,010
te snuffelen om te ontdekken
waar de mannetjes zijn.

827
00:48:02,010 --> 00:48:05,190
Ze is op zoek naar minnaars,
dat is wat Hij zegt.

828
00:48:05,190 --> 00:48:09,750
Hij vergelijkt Zijn vrouw Israël met een
onrein dier in de paartijd dat gewoon heel

829
00:48:09,750 --> 00:48:11,190
veel seks wil hebben.

830
00:48:11,190 --> 00:48:14,910
Met andere woorden, voor hen
betekende veel seks hebben dat ze veel

831
00:48:14,910 --> 00:48:20,250
goden aanbaden, want de beeldspraak
is: Hij is hun God, hun Echtgenoot;

832
00:48:20,250 --> 00:48:21,810
zij is de vrouw.

833
00:48:21,810 --> 00:48:25,950
Maar overspel betekent voor haar
dat ze andere goden aanbidt,

834
00:48:25,950 --> 00:48:29,130
andere echtgenoten dan
haar eigen Echtgenoot.

835
00:48:29,130 --> 00:48:33,990
Hij heeft het erover hoe promiscue
Israël is in het zoeken naar vele goden,

836
00:48:33,990 --> 00:48:36,810
het aanbidden van vele anderen dan God.

837
00:48:36,810 --> 00:48:41,190
Verhinder uw voet barrevoets te
gaan en verhinder uw keel de dorst!

838
00:48:41,190 --> 00:48:45,690
Maar u zegt: Daar is geen hoop op,
nee, want ik heb vreemden lief,

839
00:48:45,690 --> 00:48:47,850
en ik zal achter hen aan gaan.

840
00:48:47,850 --> 00:48:50,850
Zoals een dief beschaamd
staat als hij wordt ontdekt,

841
00:48:50,850 --> 00:48:55,950
zo staat het huis van Israël beschaamd,
zij, hun koningen, hun vorsten,

842
00:48:55,950 --> 00:48:58,350
hun priesters en hun profeten.

843
00:48:58,350 --> 00:49:00,570
Daar heb je die hele groep mensen weer.

844
00:49:00,570 --> 00:49:05,130
Tegen een stuk hout zeggen ze: U
bent mijn vader, en tegen een steen:

845
00:49:05,130 --> 00:49:09,690
U hebt mij gebaard, want Mij keren
zij de nek toe en niet het gezicht,

846
00:49:09,690 --> 00:49:15,330
op het moment echter dat onheil hen
treft, zeggen ze: Sta op en verlos ons.

847
00:49:15,330 --> 00:49:18,810
Hij heeft het over een boom
die tot een afgod is gesneden

848
00:49:18,810 --> 00:49:21,630
of een steen die tot
een beeld is gehouwen.

849
00:49:21,630 --> 00:49:23,910
Ze beweren dat die steen of die boom

850
00:49:23,910 --> 00:49:26,430
hen op de een of andere
manier heeft geschapen,

851
00:49:26,430 --> 00:49:30,030
terwijl God Degene is Die
hun volk heeft geschapen

852
00:49:30,030 --> 00:49:32,370
door hen uit Egypte
geboren te laten worden.

853
00:49:32,370 --> 00:49:35,850
Dat wil zeggen, ze zullen
God vragen hen te redden.

854
00:49:35,850 --> 00:49:39,630
Ze schrijven hun bestaan toe aan
valse goden en aanbidden die,

855
00:49:39,630 --> 00:49:42,750
maar ze zullen zich tot
God wenden, de echte God,

856
00:49:42,750 --> 00:49:44,970
wanneer ze echt in moeilijkheden zitten.

857
00:49:44,970 --> 00:49:48,450
Maar waar zijn dan uw goden,
die u zich gemaakt hebt?

858
00:49:48,450 --> 00:49:52,110
Laten die opstaan, als zij u
kunnen verlossen op het moment dat

859
00:49:52,110 --> 00:49:57,690
onheil u treft, want het aantal van uw
goden is even groot als uw steden, Juda.

860
00:49:57,690 --> 00:50:01,950
Dat zegt Hij heel vaak, dat ze
evenveel goden hebben als steden.

861
00:50:01,950 --> 00:50:04,050
Er zijn veel steden in Juda.

862
00:50:04,050 --> 00:50:08,490
Ze hebben evenveel goden als steden,
dat is de kritiek die Hij uit,

863
00:50:08,490 --> 00:50:11,610
want ze zouden er helemaal niet
meer dan één moeten hebben.

864
00:50:11,610 --> 00:50:14,550
Ze hebben voor elke stad een andere god.

865
00:50:14,550 --> 00:50:17,070
Waarom gaan jullie met Mij in discussie?

866
00:50:17,070 --> 00:50:21,150
Jullie zijn allemaal tegen Mij
in opstand gekomen, zegt de Heer.

867
00:50:21,150 --> 00:50:25,650
Ik heb jullie kinderen voor niets
gestraft; ze laten zich niet corrigeren.

868
00:50:25,650 --> 00:50:30,270
Jullie zwaard heeft jullie profeten
verslonden als een verscheurende leeuw.

869
00:50:30,270 --> 00:50:33,810
Mensen van nu, luister
naar het woord van de Heer!

870
00:50:33,810 --> 00:50:37,830
Ben Ik voor Israël een woestijn
geweest, of een donker land?

871
00:50:37,830 --> 00:50:41,670
Waarom zegt Mijn volk:
wij zijn onze eigen baas?

872
00:50:41,670 --> 00:50:45,690
We komen niet meer bij U. Kan een
jonge vrouw haar sieraden vergeten,

873
00:50:45,690 --> 00:50:47,850
of een bruid haar trouwjurk?

874
00:50:47,850 --> 00:50:51,930
Toch is Mijn volk Mij al
ontelbaar veel dagen vergeten.

875
00:50:51,930 --> 00:50:56,190
Hij zegt dat Hij als de sieraden
en de kleding van een bruid is.

876
00:50:56,190 --> 00:50:57,990
Zij is met Hem bekleed.

877
00:50:57,990 --> 00:51:01,410
Een bruid draagt op haar trouwdag
natuurlijk haar mooiste kleren en

878
00:51:01,410 --> 00:51:03,990
sieraden, en daar is ze trots op.

879
00:51:03,990 --> 00:51:07,110
De manier waarop ze gekleed
is, is haar heerlijkheid,

880
00:51:07,110 --> 00:51:10,410
en iedereen praat erover
hoe mooi de bruid is.

881
00:51:10,410 --> 00:51:15,570
God is het sieraad en de trots van
Israël, en toch zijn ze Hem vergeten.

882
00:51:15,570 --> 00:51:18,330
Een bruid zou haar
sieraden nooit vergeten,

883
00:51:18,330 --> 00:51:20,850
en toch is het volk God vergeten.

884
00:51:20,850 --> 00:51:23,970
Het is interessant, vers 30 zegt:

885
00:51:23,970 --> 00:51:29,430
Tevergeefs heb Ik uw kinderen geslagen,
zij wilden geen vermaning aanvaarden.

886
00:51:29,430 --> 00:51:34,530
Uw zwaard heeft uw profeten verslonden,
als een leeuw die verderf aanricht.

887
00:51:34,530 --> 00:51:39,270
Het is duidelijk dat tuchtiging, zelfs
wanneer die van een wijze vader komt,

888
00:51:39,270 --> 00:51:42,330
kinderen niet altijd
tot verbetering brengt.

889
00:51:42,330 --> 00:51:46,950
Ouders hebben geen absolute controle
over hoe hun kinderen zich ontwikkelen.

890
00:51:46,950 --> 00:51:51,030
In Jesaja hoofdstuk 1
klaagde God. Hij zegt:

891
00:51:51,030 --> 00:51:54,630
Ik heb kinderen grootgebracht
en opgevoed, maar zij zijn

892
00:51:54,630 --> 00:51:56,730
tegen Mij in opstand gekomen.

893
00:51:56,730 --> 00:52:01,890
Toch kan er geen betere Vader zijn dan
God, en nu heeft Hij hen getuchtigd.

894
00:52:01,890 --> 00:52:06,570
Dat gaat over Zijn opvoedingsmethoden,
maar ze hebben er niet op gereageerd.

895
00:52:06,570 --> 00:52:10,170
Het is een beangstigende gedachte
dat God ons zou kunnen tuchtigen

896
00:52:10,170 --> 00:52:13,230
in de hoop ons een bepaalde
richting op te laten gaan,

897
00:52:13,230 --> 00:52:16,050
en dat wij ons daardoor
niet laten veranderen.

898
00:52:16,050 --> 00:52:20,430
Het betekent dat we alles ondergaan
wat nodig is om ons goed te maken,

899
00:52:20,430 --> 00:52:22,290
maar dat we niet goed worden.

900
00:52:22,290 --> 00:52:24,210
We lijden tevergeefs.

901
00:52:24,210 --> 00:52:27,930
Al het lijden dat God in ons
leven toelaat, de beproevingen,

902
00:52:27,930 --> 00:52:33,210
is bedoeld om ons te veranderen en ons
te helpen groeien, ons sterk te maken,

903
00:52:33,210 --> 00:52:37,410
ons te corrigeren en ons meer
op Christus te laten lijken.

904
00:52:37,410 --> 00:52:39,870
Daarvoor worden beproevingen toegelaten.

905
00:52:39,870 --> 00:52:44,670
Het is vreselijk om te bedenken dat je
zulke beproevingen zou kunnen doormaken

906
00:52:44,670 --> 00:52:47,610
zonder ooit meer op
Christus te gaan lijken.

907
00:52:47,610 --> 00:52:51,690
Je hebt er nooit het voordeel
van, je betaalt alleen de prijs.

908
00:52:51,690 --> 00:52:54,090
Toch is dat wat opstandigheid doet.

909
00:52:54,090 --> 00:52:55,950
Je zult getuchtigd worden.

910
00:52:55,950 --> 00:52:57,690
Je zult beproevingen krijgen.

911
00:52:57,690 --> 00:52:59,850
Je kunt je laten veranderen of niet.

912
00:52:59,850 --> 00:53:03,870
Als je je laat veranderen, zul je
baat hebben bij de beproevingen.

913
00:53:03,870 --> 00:53:05,910
Je zult er voordeel van hebben.

914
00:53:05,910 --> 00:53:08,910
Als je in opstand komt,
zul je nog steeds lijden,

915
00:53:08,910 --> 00:53:11,670
zul je nog steeds dezelfde prijs betalen.

916
00:53:11,670 --> 00:53:14,430
Alleen zal het je niets hebben opgeleverd.

917
00:53:14,430 --> 00:53:18,150
Paulus zei dat tegen de Galaten
toen hij hun schreef. Hij zegt:

918
00:53:18,150 --> 00:53:20,550
Hebt u tevergeefs zoveel geleden?

919
00:53:20,550 --> 00:53:22,890
Als het toch eens tevergeefs was!

920
00:53:22,890 --> 00:53:23,970
Hij zegt:

921
00:53:23,970 --> 00:53:27,990
Ik vrees voor u dat ik mij misschien
tevergeefs voor u heb ingespannen.

922
00:53:27,990 --> 00:53:29,250
Toch zegt hij:

923
00:53:29,250 --> 00:53:32,850
Jullie hebben zoveel meegemaakt, maar
blijkbaar hebben ze er niets door

924
00:53:32,850 --> 00:53:34,950
gewonnen, omdat ze niet vooruitgingen.

925
00:53:34,950 --> 00:53:39,390
Ze gingen achteruit, de
dwaling in, de ketterij in.

926
00:53:39,390 --> 00:53:42,570
Maar alleen al de gedachte
dat iemand getuchtigd wordt:

927
00:53:42,570 --> 00:53:45,090
het is pijnlijk om getuchtigd te worden.

928
00:53:45,090 --> 00:53:47,970
Dat staat in Hebreeën hoofdstuk 12:

929
00:53:47,970 --> 00:53:52,770
Tuchtiging lijkt op het moment zelf
geen vreugde te brengen, maar verdriet.

930
00:53:52,770 --> 00:53:56,550
Later brengt ze voor wie erdoor
geoefend zijn de vreedzame vrucht

931
00:53:56,550 --> 00:53:58,410
van gerechtigheid voort.

932
00:53:58,410 --> 00:54:01,590
Dat is goed. Het is goed
als je getuchtigd wordt

933
00:54:01,590 --> 00:54:04,710
en het de vreedzame vrucht
van gerechtigheid voortbrengt,

934
00:54:04,710 --> 00:54:06,810
omdat je erdoor geoefend bent.

935
00:54:06,810 --> 00:54:09,390
Maar als je getuchtigd
wordt en het verdrietig is,

936
00:54:09,390 --> 00:54:13,590
maar je nooit enige vrucht voortbrengt,
dan heb je alleen maar een prijs betaald

937
00:54:13,590 --> 00:54:16,170
voor een product dat
je niet hebt gekregen.

938
00:54:16,170 --> 00:54:19,710
Je hebt het niet gekregen omdat
je er niet op hebt gereageerd.

939
00:54:19,710 --> 00:54:23,310
We horen op een bepaalde manier
te reageren op Gods tuchtiging

940
00:54:23,310 --> 00:54:24,690
en Gods beproevingen.

941
00:54:24,690 --> 00:54:27,570
Als we dat doen, zullen
we er voordeel van hebben,

942
00:54:27,570 --> 00:54:30,090
en zal God ook krijgen wat Hij wil.

943
00:54:30,090 --> 00:54:33,810
Anders zal het alleen
maar verspild lijden zijn.

944
00:54:33,810 --> 00:54:37,830
Er is een boek dat Paul Billheimer in
de jaren zeventig heeft geschreven,

945
00:54:37,830 --> 00:54:43,230
met de titel ‘Don't Waste Your
Sorrows’, ‘Verspil je verdriet niet’.

946
00:54:43,230 --> 00:54:47,610
Ik heb het boek nooit gelezen, maar
alleen al op grond van de titel kon ik me

947
00:54:47,610 --> 00:54:49,290
voorstellen waar het over ging.

948
00:54:49,290 --> 00:54:53,910
Het was een geweldige titel:
‘Verspil je verdriet niet’.

949
00:54:53,910 --> 00:54:56,310
Als ik een boek met die
titel had geschreven,

950
00:54:56,310 --> 00:54:58,110
weet ik wat ik zou hebben gezegd.

951
00:54:58,110 --> 00:55:02,130
Ik weet niet wat hij heeft gezegd,
maar het lijkt erop dat dit is waar het

952
00:55:02,130 --> 00:55:03,450
hier om gaat.

953
00:55:03,450 --> 00:55:08,250
Deze mensen hadden verdriet, ze
ondergingen lijden, ze werden getuchtigd.

954
00:55:08,250 --> 00:55:12,810
Maar het is allemaal verspild, omdat
ze zich daarin niet tot God keerden.

955
00:55:12,810 --> 00:55:14,850
Ze reageerden niet op God.

956
00:55:14,850 --> 00:55:19,950
Tevergeefs heb Ik uw kinderen geslagen,
zij wilden geen vermaning aanvaarden.

957
00:55:19,950 --> 00:55:25,170
Uw zwaard heeft uw profeten verslonden,
als een leeuw die verderf aanricht.

958
00:55:25,170 --> 00:55:28,890
We zullen verdriet hebben, of
het nu iets oplevert of niet.

959
00:55:28,890 --> 00:55:33,750
Maar het zal verspild zijn als we het
niet gebruiken om godvruchtiger te worden.

960
00:55:33,750 --> 00:55:37,350
Wat weet u goed uw weg
om wellust te zoeken.

961
00:55:37,350 --> 00:55:41,070
Daarom hebt u ook de slechtste
hoeren uw wegen geleerd.

962
00:55:41,070 --> 00:55:43,110
Dat zegt vers 33.

963
00:55:43,110 --> 00:55:47,310
Met andere woorden, waarom ben
je eropuit om andere goden,

964
00:55:47,310 --> 00:55:49,110
andere mannen te verleiden?

965
00:55:49,110 --> 00:55:53,550
Hij gebruikt nog steeds het beeld
van Zijn vrouw die Hem ontrouw is.

966
00:55:53,550 --> 00:55:59,190
Ja, in de zomen van uw kleren is gevonden
het bloed van arme, onschuldige zielen,

967
00:55:59,190 --> 00:56:03,510
die u niet hebt betrapt op
inbraak, ja, dat slaat alles.

968
00:56:03,510 --> 00:56:06,990
[Redactionele toelichting: de spreker
volgt hier een andere versweergave,

969
00:56:06,990 --> 00:56:11,490
waarin God zegt dat Hij het bloed niet
door heimelijk zoeken heeft gevonden.

970
00:56:11,490 --> 00:56:16,530
De HSV spreekt hier over slachtoffers
die niet op inbraak waren betrapt.]

971
00:56:16,530 --> 00:56:20,130
Hij heeft het over het feit dat
ze tijdens de regering van Manasse

972
00:56:20,130 --> 00:56:23,550
daadwerkelijk hun kleine
kinderen aan Moloch offerden.

973
00:56:23,550 --> 00:56:29,070
Hij zegt: die onschuldige kinderen,
hun bloed zit overal op je kleren.

974
00:56:29,070 --> 00:56:32,370
Ik hoefde niet je huis binnen
te sluipen toen je er niet was

975
00:56:32,370 --> 00:56:34,890
en op alle geheime
verstopplekken te kijken

976
00:56:34,890 --> 00:56:37,230
om het bewijs van je schuld te vinden.

977
00:56:37,230 --> 00:56:39,450
Je draagt het gewoon op je kleren.

978
00:56:39,450 --> 00:56:41,430
Je schaamt je er niet eens voor.

979
00:56:41,430 --> 00:56:44,850
Ik hoefde er op geen enkele
manier heimelijk naar te zoeken.

980
00:56:44,850 --> 00:56:49,050
Je laat openlijk zien dat je
deze onschuldige kinderen doodt.

981
00:56:49,050 --> 00:56:50,970
Je schaamt je er niet voor.

982
00:56:50,970 --> 00:56:55,710
En dan zegt u nog: Voorzeker,
ik ben onschuldig, ja,

983
00:56:55,710 --> 00:56:58,290
Zijn toorn is van mij afgewend.

984
00:56:58,290 --> 00:57:03,510
Zie, Ik ga met u een rechtszaak voeren,
omdat u zegt: Ik heb niet gezondigd.

985
00:57:03,510 --> 00:57:08,190
Dat wil zeggen, de Joden dachten
dat God hen zou beschermen tegen de

986
00:57:08,190 --> 00:57:12,630
dreigende Babylonische aanval,
omdat zij Gods volk waren.

987
00:57:12,630 --> 00:57:17,190
En daarbij gingen ze er natuurlijk aan
voorbij dat ze niet onschuldig waren.

988
00:57:17,190 --> 00:57:20,730
We lezen dit opnieuw
in Jeremia hoofdstuk 7.

989
00:57:20,730 --> 00:57:26,070
Ze dachten dat God hun geen kwaad zou doen
omdat ze de tempel in Jeruzalem hadden,

990
00:57:26,070 --> 00:57:28,290
zolang de tempel daar maar stond.

991
00:57:28,290 --> 00:57:33,510
Ze stelden hun vertrouwen op dingen
die niet God Zelf waren: de tempel.

992
00:57:33,510 --> 00:57:36,990
Het is net als in 1 Samuel,
toen het volk zijn eerste

993
00:57:36,990 --> 00:57:40,350
veldslag tegen de Filistijnen
verloor. Ze zeiden:

994
00:57:40,350 --> 00:57:45,270
Toen het volk in het kamp teruggekomen
was, zeiden de oudsten van Israël:

995
00:57:45,270 --> 00:57:49,770
Waarom heeft de HEERE ons vandaag
vóór de Filistijnen verslagen?

996
00:57:49,770 --> 00:57:54,690
Laten wij vanuit Silo de ark van het
verbond van de HEERE bij ons nemen,

997
00:57:54,690 --> 00:57:58,950
en laat die in ons midden komen, opdat
die ons zal verlossen uit de hand

998
00:57:58,950 --> 00:58:00,630
van onze vijanden.

999
00:58:00,630 --> 00:58:05,130
En ze namen de ark van het verbond
mee, alsof de ark hen zou redden.

1000
00:58:05,130 --> 00:58:09,210
Ze vertrouwden op godsdienstige
dingen in plaats van op God Zelf.

1001
00:58:09,210 --> 00:58:13,590
Het stond niet goed tussen hen en God,
maar ze dachten dat het wel goed zou komen

1002
00:58:13,590 --> 00:58:15,390
omdat ze de ark hadden.

1003
00:58:15,390 --> 00:58:19,530
Ook tussen de inwoners van Jeruzalem
en God stond het niet goed.

1004
00:58:19,530 --> 00:58:22,710
Ze waren opstandig, maar
ze hadden daar de tempel,

1005
00:58:22,710 --> 00:58:26,130
dus God zou de stad
daardoor natuurlijk redden.

1006
00:58:26,130 --> 00:58:30,450
Mensen stelden hun vertrouwen op
godsdienst en op godsdienstige dingen.

1007
00:58:30,450 --> 00:58:35,190
Ze beseften niet dat hun veiligheid
ligt in een werkelijke relatie met God

1008
00:58:35,190 --> 00:58:39,210
en in een rechtvaardig
leven, en zo leefden ze niet.

1009
00:58:39,210 --> 00:58:43,710
Ze praten alsof God aan hun
kant staat. Maar God zegt:

1010
00:58:43,710 --> 00:58:48,330
Wat trekt u er veel op uit en
verandert u telkens uw weg?

1011
00:58:48,330 --> 00:58:53,670
U zult ook door Egypte beschaamd worden,
zoals u door Assyrië beschaamd bent.

1012
00:58:53,670 --> 00:58:57,330
Ook vandaar zult u uitgaan
met uw handen op uw hoofd,

1013
00:58:57,330 --> 00:59:01,110
want de HEERE verwerpt
hen op wie u vertrouwt.

1014
00:59:01,110 --> 00:59:03,690
Met hen zult u niet voorspoedig zijn.

1015
00:59:03,690 --> 00:59:08,790
Hij verwijst naar het feit dat Juda op
bepaalde momenten steun zocht bij Assyrië

1016
00:59:08,790 --> 00:59:12,330
en Egypte als bondgenoten
tegen andere vijanden.

1017
00:59:12,330 --> 00:59:17,250
In de dagen van Achaz huurde hij Assyrië
daadwerkelijk in om hem te bevrijden van

1018
00:59:17,250 --> 00:59:22,890
het gevaar van Syrië en Efraïm, die zich
hadden verenigd om hem ten val te brengen.

1019
00:59:22,890 --> 00:59:27,330
In plaats van steun te zoeken bij de
HEERE, zoals Jesaja hem had gezegd,

1020
00:59:27,330 --> 00:59:33,030
betaalde Achaz Assyrië om naar het zuiden
te komen en Syrië en Israël aan te vallen,

1021
00:59:33,030 --> 00:59:35,250
zodat hij van hen af zou zijn.

1022
00:59:35,250 --> 00:59:37,710
Ze vertrouwden dus op Assyrië.

1023
00:59:37,710 --> 00:59:40,470
Op andere momenten, in
de dagen van Hizkia,

1024
00:59:40,470 --> 00:59:43,290
waren er mensen die op Egypte vertrouwden.

1025
00:59:43,290 --> 00:59:46,170
Ze stuurden geschenken
naar Egypte en zeiden:

1026
00:59:46,170 --> 00:59:48,510
‘Kom ons helpen tegen de Assyriërs.’

1027
00:59:48,510 --> 00:59:52,830
En Hij zegt dat ze beschaamd zullen
staan omdat ze op deze landen,

1028
00:59:52,830 --> 00:59:56,970
Assyrië en Egypte, hebben
vertrouwd in plaats van op God,

1029
00:59:56,970 --> 01:00:00,450
want ook die zullen door
Babylon worden verslagen.

1030
01:00:00,450 --> 01:00:03,210
Assyrië werd als eerste verslagen.

1031
01:00:03,210 --> 01:00:07,230
Twee of drie jaar later werd
Egypte door Babylon verslagen.

1032
01:00:07,230 --> 01:00:11,070
En daarna zou ook Juda door
Babylon worden verslagen.

1033
01:00:11,070 --> 01:00:14,370
Met andere woorden, jullie
vertrouwen op Egypte en

1034
01:00:14,370 --> 01:00:19,650
Assyrië zal jullie tot schande worden,
omdat zij zelf verslagen zullen worden.

1035
01:00:19,650 --> 01:00:22,350
Jullie zullen samen met
hen in ballingschap gaan,

1036
01:00:22,350 --> 01:00:24,330
met jullie handen op jullie hoofd.

1037
01:00:24,330 --> 01:00:27,930
Dat is waarschijnlijk een houding
van overgave aan de Babyloniërs.

1038
01:00:27,930 --> 01:00:29,970
In hoofdstuk 3 zeggen ze:

1039
01:00:29,970 --> 01:00:32,970
Men zegt: Als een man
zijn vrouw wegstuurt,

1040
01:00:32,970 --> 01:00:36,330
zij bij hem weggaat en de
vrouw van een andere man wordt,

1041
01:00:36,330 --> 01:00:38,310
mag hij nog naar haar terugkeren?

1042
01:00:38,310 --> 01:00:41,250
Zou dat land niet ten
zeerste ontheiligd worden?

1043
01:00:41,250 --> 01:00:46,590
U echter, u hebt hoererij bedreven met
veel vrienden, en dan naar Mij terugkeren?

1044
01:00:46,590 --> 01:00:47,490
— spreekt de HEERE.

1045
01:00:47,490 --> 01:00:51,810
Dat is een citaat uit
Deuteronomium hoofdstuk 24.

1046
01:00:51,810 --> 01:00:55,710
Bedenk dat de priester Hilkia
in de dagen van Jeremia een

1047
01:00:55,710 --> 01:01:00,210
exemplaar van het wetboek in de tempel
vond, dat al heel lang vergeten was,

1048
01:01:00,210 --> 01:01:02,070
en het naar Josia bracht.

1049
01:01:02,070 --> 01:01:06,150
Blijkbaar waren de priesters zelf
in de loop van een hele generatie

1050
01:01:06,150 --> 01:01:08,130
vergeten wat de wet inhield.

1051
01:01:08,130 --> 01:01:12,330
Het lag gewoon ergens in een muffe
oude opbergkist in de tempel.

1052
01:01:12,330 --> 01:01:16,410
Toen ze de tempel aan het renoveren
waren, kwamen ze het tegen.

1053
01:01:16,410 --> 01:01:20,430
Ze openden het en
zeiden: ‘Hé, wat is dit?’

1054
01:01:20,430 --> 01:01:24,870
Geleerden denken dat ze een boekrol
van Deuteronomium hadden gevonden.

1055
01:01:24,870 --> 01:01:27,630
Daar zijn enkele heel goede redenen voor.

1056
01:01:27,630 --> 01:01:31,590
Jeremia leefde in de tijd dat
deze boekrol werd herontdekt.

1057
01:01:31,590 --> 01:01:37,350
Hier citeert hij uit Deuteronomium
24, een passage over echtscheiding

1058
01:01:37,350 --> 01:01:42,330
die hij noch iemand anders zou kennen als
ze Deuteronomium niet hadden gevonden.

1059
01:01:42,330 --> 01:01:46,230
Later, in hoofdstuk 11, zullen
er heel wat aanwijzingen zijn

1060
01:01:46,230 --> 01:01:51,450
dat Jeremia zinspeelt op het boek
Deuteronomium als iets waaraan het volk nu

1061
01:01:51,450 --> 01:01:52,890
gehouden zal worden.

1062
01:01:52,890 --> 01:01:57,990
Het lijkt er dus op dat het boek dat Josia
ontdekte, of dat zijn priester ontdekte,

1063
01:01:57,990 --> 01:02:00,270
het boek Deuteronomium was.

1064
01:02:00,270 --> 01:02:03,630
En dit moet na de ontdekking
van die boekrol zijn geschreven,

1065
01:02:03,630 --> 01:02:05,790
want Jeremia citeert eruit.

1066
01:02:05,790 --> 01:02:06,570
Ze zeggen:

1067
01:02:06,570 --> 01:02:08,550
Een man trouwt met een vrouw.

1068
01:02:08,550 --> 01:02:12,870
Omdat hij iets schandelijks aan haar
vindt, wil hij haar niet langer als vrouw.

1069
01:02:12,870 --> 01:02:17,490
Hij schrijft haar een echtscheidingsbrief,
geeft die aan haar en stuurt haar weg.

1070
01:02:17,490 --> 01:02:20,190
Zij vertrekt en trouwt met een andere man.

1071
01:02:20,190 --> 01:02:22,650
Ook die man kan een
afkeer van haar krijgen,

1072
01:02:22,650 --> 01:02:25,830
haar een echtscheidingsbrief
geven en haar wegsturen.

1073
01:02:25,830 --> 01:02:28,770
Het kan ook gebeuren dat
die tweede man sterft.

1074
01:02:28,770 --> 01:02:32,670
In beide gevallen mag haar eerste man
haar niet opnieuw tot vrouw nemen,

1075
01:02:32,670 --> 01:02:34,770
nu zij onrein geworden is.

1076
01:02:34,770 --> 01:02:37,170
Dat is voor de HEERE een gruwel.

1077
01:02:37,170 --> 01:02:40,950
U mag geen zonde brengen over
het land dat de HEERE, uw God,

1078
01:02:40,950 --> 01:02:43,170
u als erfelijk bezit geeft.

1079
01:02:43,170 --> 01:02:46,770
Dat is wat Deuteronomium
zegt. Maar God zegt:

1080
01:02:46,770 --> 01:02:51,690
Maar je hebt je als een hoer gedragen met
allerlei minnaars, kom toch bij Mij terug,

1081
01:02:51,690 --> 01:02:52,230
zegt de Heer.

1082
01:02:52,230 --> 01:02:55,890
_[Vertalersnoot: de Engelse
Bijbelvertaling die de spreker gebruikt,

1083
01:02:55,890 --> 01:02:59,790
formuleert dit als een oproep:
‘keer toch naar Mij terug’.

1084
01:02:59,790 --> 01:03:04,470
De HSV heeft de tegenvraag
‘en dan naar Mij terugkeren?’

1085
01:03:04,470 --> 01:03:07,830
De volgende uitleg gaat uit
van de Engelse formulering.]_

1086
01:03:07,830 --> 01:03:12,990
Nu zegt Hij dus ofwel: ‘Ik zal in
jouw geval een uitzondering maken.’

1087
01:03:12,990 --> 01:03:16,770
In het algemeen geldt dat als
een man van zijn vrouw scheidt,

1088
01:03:16,770 --> 01:03:20,970
zij niet kan terugkomen, tenminste
als ze met iemand anders is getrouwd.

1089
01:03:20,970 --> 01:03:23,010
‘Maar Ik wil dat je terugkomt.

1090
01:03:23,010 --> 01:03:25,350
En je hebt overspel gepleegd.’

1091
01:03:25,350 --> 01:03:28,890
Nu is het inderdaad zo dat
God van haar gescheiden is.

1092
01:03:28,890 --> 01:03:33,390
Dat staat verderop in dit
hoofdstuk, in vers 8. Daar staat:

1093
01:03:33,390 --> 01:03:38,550
Maar Ik zag, toen Ik vanwege alles
waarin het afvallige Israël overspel had

1094
01:03:38,550 --> 01:03:43,950
gepleegd, haar weggestuurd had en haar een
echtscheidingsbrief gegeven had, dat Juda,

1095
01:03:43,950 --> 01:03:47,430
haar trouweloze zuster,
niet bevreesd werd.

1096
01:03:47,430 --> 01:03:49,950
Zij ging zelf ook hoererij bedrijven.

1097
01:03:49,950 --> 01:03:53,790
Dat is eigenlijk het noordelijke
koninkrijk, niet Juda.

1098
01:03:53,790 --> 01:03:56,010
Er staat dus dat Hij haar had weggestuurd

1099
01:03:56,010 --> 01:03:58,890
en haar een echtscheidingsbrief
had gegeven.

1100
01:03:58,890 --> 01:04:02,670
Strikt genomen was Hij volgens
mij nog niet van Juda gescheiden.

1101
01:04:02,670 --> 01:04:05,790
Hij zegt wel dat Hij van
Israël was gescheiden.

1102
01:04:05,790 --> 01:04:10,410
Maar van Juda is Hij nog niet gescheiden,
en dus verbiedt de wet haar niet

1103
01:04:10,410 --> 01:04:12,390
om bij Hem terug te komen.

1104
01:04:12,390 --> 01:04:14,430
Ze heeft veel minnaars gehad.

1105
01:04:14,430 --> 01:04:18,270
Ze is niet hertrouwd, want ze
is nog steeds met God getrouwd.

1106
01:04:18,270 --> 01:04:22,530
Maar als ze niet terugkomt, loopt ze
het gevaar dat Hij van haar scheidt,

1107
01:04:22,530 --> 01:04:24,210
en Hij roept haar terug.

1108
01:04:24,210 --> 01:04:29,550
Hij zegt: ‘Als Ik inderdaad van je scheid,
zal Ik je niet meer kunnen terugnemen.’

1109
01:04:29,550 --> 01:04:31,170
Dat is wat de wet zegt.

1110
01:04:31,170 --> 01:04:34,290
Maar er heeft nog geen
echtscheiding plaatsgevonden.

1111
01:04:34,290 --> 01:04:36,090
Je bent ontrouw geweest.

1112
01:04:36,090 --> 01:04:38,970
Hij zegt wel tegen hen in vers 14:

1113
01:04:38,970 --> 01:04:44,970
Keer terug, afkerige kinderen, spreekt
de HEERE, want Ík heb u getrouwd.

1114
01:04:44,970 --> 01:04:49,530
Ik zal u nemen, één uit een
stad en twee uit een geslacht,

1115
01:04:49,530 --> 01:04:51,570
en Ik zal u naar Sion brengen.

1116
01:04:51,570 --> 01:04:54,210
Het klinkt dus alsof Hij misschien zegt:

1117
01:04:54,210 --> 01:04:58,230
‘De echtscheiding tussen Mij en
jou heeft nog niet plaatsgevonden.

1118
01:04:58,230 --> 01:05:01,590
Ik ben van je zuster Israël
in het noorden gescheiden,

1119
01:05:01,590 --> 01:05:04,290
en jij gaat dezelfde weg als zij.

1120
01:05:04,290 --> 01:05:08,250
En als Ik inderdaad van je scheid,
zal Ik je niet meer kunnen terugnemen.

1121
01:05:08,250 --> 01:05:12,570
Kom dus nu terug, nu het nog
kan, voordat het te laat is.’

1122
01:05:12,570 --> 01:05:17,490
Sla uw ogen op naar de kale hoogten,
en zie, waar bent u niet beslapen?

1123
01:05:17,490 --> 01:05:22,170
U bent voor hen langs de wegen gaan
zitten, als een Arabier in de woestijn.

1124
01:05:22,170 --> 01:05:26,490
Zo hebt u het land ontheiligd
met uw hoererijen en uw kwaad.

1125
01:05:26,490 --> 01:05:30,390
Hij bedoelt met hen geslapen,
andere goden aanbeden.

1126
01:05:30,390 --> 01:05:33,210
Het is het beeld van
een overspelige vrouw.

1127
01:05:33,210 --> 01:05:36,510
Daarmee bedoelt Hij een
Arabische prostituee.

1128
01:05:36,510 --> 01:05:41,610
Daarom werden de regendruppels ingehouden
en is er geen late regen geweest.

1129
01:05:41,610 --> 01:05:46,230
U hebt het voorhoofd van een hoer, u
weigert daarvoor beschaamd te zijn.

1130
01:05:46,230 --> 01:05:50,790
Het voorhoofd van een hoer betekent
gewoon dat ze schaamteloos is.

1131
01:05:50,790 --> 01:05:53,250
Ze heeft een harde gezichtsuitdrukking.

1132
01:05:53,250 --> 01:05:55,650
Ze schaamt zich niet voor haar overspel.

1133
01:05:55,650 --> 01:06:00,510
Zult u dan niet van nu af aan
tot Mij roepen: Mijn Vader,

1134
01:06:00,510 --> 01:06:02,850
U bent de Leidsman van mijn jeugd?

1135
01:06:02,850 --> 01:06:08,130
— Zou Hij soms voor eeuwig Zijn toorn
handhaven of die voor altijd vasthouden?

1136
01:06:08,130 --> 01:06:12,870
— Zie, zo spreekt u, maar u doet alles
wat slecht is, en speelt het klaar!

1137
01:06:12,870 --> 01:06:16,230
In de dagen van koning Josia
zei de HEERE tegen mij:

1138
01:06:16,230 --> 01:06:19,410
Hebt u gezien wat het
afvallige Israël gedaan heeft?

1139
01:06:19,410 --> 01:06:23,610
Zij ging elke hoge berg op en
onder elke bladerrijke boom,

1140
01:06:23,610 --> 01:06:25,710
en bedreef daar hoererij.

1141
01:06:25,710 --> 01:06:29,910
Dit gaat over het noordelijke
koninkrijk, dat inmiddels verdwenen was.

1142
01:06:29,910 --> 01:06:33,150
Hij herinnert hen alleen aan wat
er gebeurd was met het noordelijke

1143
01:06:33,150 --> 01:06:37,410
koninkrijk, Israël, dat eerder
door Assyrië veroverd was.

1144
01:06:37,410 --> 01:06:42,570
Ik zei, nadat zij al deze dingen
gedaan had: Keer terug naar Mij,

1145
01:06:42,570 --> 01:06:44,310
maar zij keerde niet terug.

1146
01:06:44,310 --> 01:06:46,710
Dat zag haar trouweloze zuster Juda.

1147
01:06:46,710 --> 01:06:51,090
Maar Ik zag, toen Ik vanwege alles
waarin het afvallige Israël overspel had

1148
01:06:51,090 --> 01:06:56,610
gepleegd, haar weggestuurd had en haar een
echtscheidingsbrief gegeven had, dat Juda,

1149
01:06:56,610 --> 01:06:59,970
haar trouweloze zuster,
niet bevreesd werd.

1150
01:06:59,970 --> 01:07:02,550
Zij ging zelf ook hoererij bedrijven.

1151
01:07:02,550 --> 01:07:06,690
Juda keek dus toe terwijl Israël
door de Assyriërs werd vernietigd,

1152
01:07:06,690 --> 01:07:10,230
en ze werden vernietigd
vanwege hun ontrouw aan God.

1153
01:07:10,230 --> 01:07:12,930
Maar Hij zegt dat Juda er
niets van geleerd heeft.

1154
01:07:12,930 --> 01:07:16,170
Ze zagen wat God deed toen
Hij van Israël scheidde,

1155
01:07:16,170 --> 01:07:21,510
en nu is Juda dezelfde weg ingeslagen
en roept het dezelfde ramp over zich af.

1156
01:07:21,510 --> 01:07:22,590
Er staat:

1157
01:07:22,590 --> 01:07:26,610
Zelfs in dit alles heeft haar
trouweloze zuster Juda zich niet

1158
01:07:26,610 --> 01:07:31,830
tot Mij bekeerd met heel haar hart, maar
slechts in schijn, spreekt de HEERE.

1159
01:07:31,830 --> 01:07:35,490
Dit klinkt alsof het tijdens
de hervormingen van Josia was.

1160
01:07:35,490 --> 01:07:39,690
In vers 6 staat inderdaad dat
het in de tijd van Josia was.

1161
01:07:39,690 --> 01:07:43,290
Het moet tijdens de eerste fasen
van zijn hervormingen zijn geweest,

1162
01:07:43,290 --> 01:07:46,470
of misschien zelfs
tijdens de latere fasen.

1163
01:07:46,470 --> 01:07:49,770
Juda was slechts in schijn
tot God teruggekeerd.

1164
01:07:49,770 --> 01:07:54,750
Met andere woorden, Hij zegt dat er hier
uiterlijk enige hervorming te zien is.

1165
01:07:54,750 --> 01:07:58,710
Josia was daar ongetwijfeld
oprecht in, maar het volk niet.

1166
01:07:58,710 --> 01:08:01,350
Ze volgden alleen maar
wat de koning beval.

1167
01:08:01,350 --> 01:08:03,690
Hun hart ging niet echt naar God uit.

1168
01:08:03,690 --> 01:08:06,870
Ze zijn niet met hun hele hart
tot de Heere teruggekeerd,

1169
01:08:06,870 --> 01:08:08,790
alleen op een oppervlakkige manier.

1170
01:08:08,790 --> 01:08:12,990
Toen zei de Heere tegen mij het
volgende over het afvallige Israël,

1171
01:08:12,990 --> 01:08:15,030
het noordelijke koninkrijk:

1172
01:08:15,030 --> 01:08:17,430
Daarom zei de HEERE tegen mij:

1173
01:08:17,430 --> 01:08:21,690
Het afvallige Israël heeft zichzelf
nog rechtvaardig doen lijken,

1174
01:08:21,690 --> 01:08:23,970
vergeleken bij het trouweloze Juda.

1175
01:08:23,970 --> 01:08:27,870
Waarom? Eigenlijk was Israël
niet rechtvaardiger dan Juda,

1176
01:08:27,870 --> 01:08:30,810
behalve dat Juda minder
te verontschuldigen was.

1177
01:08:30,810 --> 01:08:33,510
Daarom was Israël misschien
wat minder schuldig,

1178
01:08:33,510 --> 01:08:36,210
omdat Israël geen eerder voorbeeld had.

1179
01:08:36,210 --> 01:08:39,750
Toen zij vernietigd werden, hadden
ze geen eerder voorbeeld van God

1180
01:08:39,750 --> 01:08:42,750
Die een ander volk had
vernietigd om wat zij deden.

1181
01:08:42,750 --> 01:08:45,450
Ze wisten dus iets minder dan Juda.

1182
01:08:45,450 --> 01:08:47,730
Ze waren niet helemaal onwetend.

1183
01:08:47,730 --> 01:08:51,390
Ze hadden profeten die hun zeiden
dat ze verkeerd bezig waren.

1184
01:08:51,390 --> 01:08:56,310
Maar Juda had daadwerkelijk gezien dat
God Zijn dreigementen zou uitvoeren.

1185
01:08:56,310 --> 01:08:58,890
Hij zou doen waarmee Hij had gedreigd.

1186
01:08:58,890 --> 01:09:03,750
Juda had gezien dat Israël daadwerkelijk
een echtscheiding van God had meegemaakt.

1187
01:09:03,750 --> 01:09:05,970
Daarom waren zij minder onwetend.

1188
01:09:05,970 --> 01:09:10,170
Ze hadden een grotere verantwoordelijkheid
om op die waarschuwing te reageren,

1189
01:09:10,170 --> 01:09:11,850
en dat deden ze niet.

1190
01:09:11,850 --> 01:09:14,670
Juda draagt dus een grotere
verantwoordelijkheid,

1191
01:09:14,670 --> 01:09:18,690
en in dat opzicht is Israël
iets rechtvaardiger dan Juda.

1192
01:09:18,690 --> 01:09:23,190
Ga deze woorden prediken tegen
het noorden, en zeg: Keer terug,

1193
01:09:23,190 --> 01:09:28,530
afvallig Israël, spreekt de HEERE, Mijn
aangezicht is tegenover u niet betrokken,

1194
01:09:28,530 --> 01:09:31,170
want Ik ben goedertieren,
spreekt de HEERE,

1195
01:09:31,170 --> 01:09:34,230
Ik handhaaf Mijn toorn niet voor eeuwig.

1196
01:09:34,230 --> 01:09:38,430
En vanuit Juda gezien zou dat
in de richting van Israël zijn.

1197
01:09:38,430 --> 01:09:43,350
Alleen, erken uw ongerechtigheid,
want u bent tegen de HEERE, uw God,

1198
01:09:43,350 --> 01:09:47,790
in opstand gekomen, en u hebt zich in
alle richtingen verspreid op zoek naar de

1199
01:09:47,790 --> 01:09:52,350
vreemden, onder elke bladerrijke boom,
maar u hebt niet geluisterd naar Mijn

1200
01:09:52,350 --> 01:09:53,910
stem, spreekt de HEERE.

1201
01:09:53,910 --> 01:09:59,910
Keer terug, afkerige kinderen, spreekt
de HEERE, want Ík heb u getrouwd.

1202
01:09:59,910 --> 01:10:03,990
Ik zal u nemen, één uit een
stad en twee uit een geslacht,

1203
01:10:03,990 --> 01:10:06,030
en Ik zal u naar Sion brengen.

1204
01:10:06,030 --> 01:10:11,250
Ik zal u herders geven naar Mijn hart, die
u zullen weiden met kennis en verstand.

1205
01:10:11,250 --> 01:10:15,510
En het zal gebeuren in die dagen, wanneer
u zich vermeerdert en vruchtbaar wordt in

1206
01:10:15,510 --> 01:10:19,050
het land, spreekt de HEERE,
dan zal men niet meer zeggen:

1207
01:10:19,050 --> 01:10:21,690
de ark van het verbond van de HEERE.

1208
01:10:21,690 --> 01:10:24,150
Zij zal niet meer in het hart opkomen.

1209
01:10:24,150 --> 01:10:27,930
Men zal er niet meer aan denken
en niet meer naar haar omzien.

1210
01:10:27,930 --> 01:10:30,270
Zij zal niet opnieuw gemaakt worden.

1211
01:10:30,270 --> 01:10:32,610
Dit is een messiaanse passage.

1212
01:10:32,610 --> 01:10:36,510
Het gaat over de tijd waarin er
een nieuw verbond zal zijn gekomen.

1213
01:10:36,510 --> 01:10:39,870
Jeremia heeft de term ‘nieuw
verbond’ nog niet gebruikt.

1214
01:10:39,870 --> 01:10:41,550
Dat zal hij later doen.

1215
01:10:41,550 --> 01:10:44,130
Hier spreekt hij over
de ark van het verbond,

1216
01:10:44,130 --> 01:10:46,770
die het zinnebeeld van
het oude verbond is.

1217
01:10:46,770 --> 01:10:49,890
Hij zegt dat er een dag zal komen
waarop de ark van het verbond

1218
01:10:49,890 --> 01:10:51,630
achterhaald zal zijn.

1219
01:10:51,630 --> 01:10:54,570
Mensen zullen God aanbidden,
maar ze zullen de ark van het

1220
01:10:54,570 --> 01:10:56,310
verbond niet bezoeken.

1221
01:10:56,310 --> 01:10:59,010
Ze zullen niet aan de ark
van het verbond denken.

1222
01:10:59,010 --> 01:11:04,110
Het zijn de oude dingen waaraan niet
meer gedacht moet worden. Jesaja zei:

1223
01:11:04,110 --> 01:11:08,670
Denk niet aan de dingen van vroeger,
let niet op de dingen van het verleden.

1224
01:11:08,670 --> 01:11:10,890
Zie, Ik maak iets nieuws.

1225
01:11:10,890 --> 01:11:14,310
Nu zal het ontkiemen.
Zult u dat niet weten?

1226
01:11:14,310 --> 01:11:19,050
Ja, Ik zal een weg aanleggen in de
woestijn, rivieren in de wildernis.

1227
01:11:19,050 --> 01:11:22,890
Hij heeft het over het nieuwe
verbond tegenover het oude verbond.

1228
01:11:22,890 --> 01:11:26,550
In de tijd van het nieuwe verbond zullen
ze de ark van het verbond vergeten.

1229
01:11:26,550 --> 01:11:30,690
Toch spreekt hij in deze context
over hoe Israël, het noordelijke

1230
01:11:30,690 --> 01:11:32,850
koninkrijk, verwoest is.

1231
01:11:32,850 --> 01:11:37,950
Ze waren verstrooid, en tegen die tijd
waren ze opgegaan in de heidense volken.

1232
01:11:37,950 --> 01:11:41,490
Ze hadden zich door huwelijken
met hen vermengd, enzovoort.

1233
01:11:41,490 --> 01:11:44,790
Er was eigenlijk geen volk
Israël meer in het noorden.

1234
01:11:44,790 --> 01:11:47,730
Toch spreekt hij symbolisch in
de richting van het noorden,

1235
01:11:47,730 --> 01:11:50,910
waar die verwoesting heeft
plaatsgevonden, en zegt:

1236
01:11:50,910 --> 01:11:52,650
Kom toch terug bij de Heer.

1237
01:11:52,650 --> 01:11:55,830
Dit zou figuurlijk zijn,
want daar was geen volk meer

1238
01:11:55,830 --> 01:11:57,930
dat tot de Heere kon terugkeren.

1239
01:11:57,930 --> 01:12:02,190
Maar de gedachte was dat God, ook
al had Hij Zijn volk geoordeeld,

1240
01:12:02,190 --> 01:12:07,050
toch ieder overblijfsel van hen zou
aannemen dat tot Hem zou terugkeren.

1241
01:12:07,050 --> 01:12:08,490
Dat is wat Hij zegt:

1242
01:12:08,490 --> 01:12:13,170
Ik zal jullie meenemen, één uit
een stad en twee uit een familie.

1243
01:12:13,170 --> 01:12:15,690
Het zal niet heel Israël zijn dat komt.

1244
01:12:15,690 --> 01:12:18,270
Het zal een overblijfsel zijn dat komt.

1245
01:12:18,270 --> 01:12:22,770
Dat is wat Jesaja in Jesaja
hoofdstuk 10 zei. Hij zei:

1246
01:12:22,770 --> 01:12:26,430
Want, Israël, al is uw volk
als het zand van de zee,

1247
01:12:26,430 --> 01:12:29,610
toch zal maar een overblijfsel
daarvan terugkeren;

1248
01:12:29,610 --> 01:12:34,290
tot verdelging is vast besloten;
het stroomt over van gerechtigheid.

1249
01:12:34,290 --> 01:12:39,330
Paulus haalt dat aan in Romeinen 9 met
betrekking tot Joden die christen worden.

1250
01:12:39,330 --> 01:12:43,110
Slechts een overblijfsel van de
Joden wordt in Christus behouden.

1251
01:12:43,110 --> 01:12:47,790
God brengt maar één uit een stad
of twee uit een familie tot Zich.

1252
01:12:47,790 --> 01:12:49,770
Hij brengt hen naar Sion.

1253
01:12:49,770 --> 01:12:54,690
Dit Sion is het geestelijke Sion
waarover Jesaja zo veel sprak.

1254
01:12:54,690 --> 01:12:57,390
Dit is het Sion van het nieuwe verbond.

1255
01:12:57,390 --> 01:12:58,710
Dit is de gemeente.

1256
01:12:58,710 --> 01:13:00,750
Hij zegt in vers 15:

1257
01:13:00,750 --> 01:13:06,930
Keer terug, afkerige kinderen, spreekt
de HEERE, want Ík heb u getrouwd.

1258
01:13:06,930 --> 01:13:11,430
Ik zal u nemen, één uit een
stad en twee uit een geslacht,

1259
01:13:11,430 --> 01:13:13,530
en Ik zal u naar Sion brengen.

1260
01:13:13,530 --> 01:13:18,690
Ik zal u herders geven naar Mijn hart, die
u zullen weiden met kennis en verstand.

1261
01:13:18,690 --> 01:13:21,630
En het zal gebeuren in
die dagen, wanneer u zich

1262
01:13:21,630 --> 01:13:25,830
vermeerdert en vruchtbaar wordt
in het land, spreekt de HEERE,

1263
01:13:25,830 --> 01:13:30,270
dan zal men niet meer zeggen: de
ark van het verbond van de HEERE.

1264
01:13:30,270 --> 01:13:32,790
Zij zal niet meer in het hart opkomen.

1265
01:13:32,790 --> 01:13:36,690
Men zal er niet meer aan denken
en niet meer naar haar omzien.

1266
01:13:36,690 --> 01:13:39,210
Zij zal niet opnieuw gemaakt worden.

1267
01:13:39,210 --> 01:13:42,990
Dit verwijst naar betere
geestelijke leiders dan ze hadden.

1268
01:13:42,990 --> 01:13:48,570
In Ezechiël 34:2 veroordeelde
God de leiders van Israël als

1269
01:13:48,570 --> 01:13:52,890
herders die de schapen niet
voedden; ze voedden zichzelf.

1270
01:13:52,890 --> 01:13:56,490
In Ezechiël 34:2 zei God:

1271
01:13:56,490 --> 01:14:02,910
Mensenkind, profeteer tegen de herders
van Israël, profeteer, en zeg tegen hen,

1272
01:14:02,910 --> 01:14:06,750
tegen die herders: Zo zegt de Heere HEERE:

1273
01:14:06,750 --> 01:14:10,410
Wee de herders van Israël
die zichzelf weiden!

1274
01:14:10,410 --> 01:14:12,990
Moeten de herders niet de schapen weiden?

1275
01:14:12,990 --> 01:14:16,350
De herders zijn de geestelijke
leiders van de gemeente.

1276
01:14:16,350 --> 01:14:20,910
In het Nieuwe Testament zei Paulus tegen
de oudsten van de gemeente in Efeze,

1277
01:14:20,910 --> 01:14:24,690
in Handelingen hoofdstuk 20, vers 28:

1278
01:14:24,690 --> 01:14:27,630
Zie dan toe op uzelf en op heel de kudde,

1279
01:14:27,630 --> 01:14:31,230
te midden waarvan de Heilige Geest
u tot opzieners aangesteld heeft

1280
01:14:31,230 --> 01:14:36,210
om de gemeente van God te weiden, die Hij
verkregen heeft door Zijn eigen bloed.

1281
01:14:36,210 --> 01:14:42,150
In 1 Petrus 5:2 spreekt Petrus tot de
oudsten van de gemeenten. Hij zegt:

1282
01:14:42,150 --> 01:14:46,590
Hoed de kudde van God die bij u is en
houd daar toezicht op, niet gedwongen,

1283
01:14:46,590 --> 01:14:51,450
maar vrijwillig; niet uit
winstbejag, maar bereidwillig;

1284
01:14:51,450 --> 01:14:52,290
Of:

1285
01:14:52,290 --> 01:14:56,490
Zorg als herders voor Gods kudde,
die aan jullie is toevertrouwd.

1286
01:14:56,490 --> 01:15:00,390
Jezus zei tegen Petrus in Johannes 21:17:

1287
01:15:00,390 --> 01:15:06,270
Hij zei voor de derde keer tegen hem:
Simon, zoon van Jona, houdt u van Mij?

1288
01:15:06,270 --> 01:15:11,550
Petrus werd bedroefd, omdat Hij voor de
derde keer tegen hem zei: Houdt u van Mij?

1289
01:15:11,550 --> 01:15:17,970
En hij zei tegen Hem: Heere, U weet
alle dingen, U weet dat ik van U houd.

1290
01:15:17,970 --> 01:15:21,750
Jezus zei tegen hem: Weid Mijn schapen.

1291
01:15:21,750 --> 01:15:26,850
De christelijke leiders, de apostelen,
de oudsten die zij aanstelden,

1292
01:15:26,850 --> 01:15:31,590
de leiders van de gemeenten: hun
opdracht is om de schapen te voeden.

1293
01:15:31,590 --> 01:15:36,750
De leiders van Israël moesten ook voor de
schapen zorgen, maar ze voedden zichzelf.

1294
01:15:36,750 --> 01:15:41,870
Helaas zijn er in de institutionele kerken
soms leiders geweest die zichzelf voedden.

1295
01:15:41,870 --> 01:15:44,430
We denken aan de priesters en de

1296
01:15:44,430 --> 01:15:48,150
bisschoppen in de middeleeuwen die
zichzelf alleen maar verrijkten ten koste

1297
01:15:48,150 --> 01:15:52,530
van het volk, en de mensen niet
werkelijk geestelijk voedden.

1298
01:15:52,530 --> 01:15:57,870
Ze hielden alleen hun eigen banen in stand
en leidden een tamelijk weelderig leven:

1299
01:15:57,870 --> 01:16:01,230
herders die zichzelf voedden
en de kudden niet voedden.

1300
01:16:01,230 --> 01:16:05,670
Maar God spreekt hier over terugkeren
tot Hem in een nieuwe gemeenschap

1301
01:16:05,670 --> 01:16:07,710
die met Hem getrouwd is.

1302
01:16:07,710 --> 01:16:12,330
Deze gemeenschap van het nieuwe verbond
heeft de ark van het verbond niet meer.

1303
01:16:12,330 --> 01:16:16,890
Dit is het nieuwe Sion waar een
overblijfsel van Israël zal binnengaan.

1304
01:16:16,890 --> 01:16:20,370
God belooft degenen die tot
Hem terugkeren goede herders,

1305
01:16:20,370 --> 01:16:23,130
die hen met kennis en
inzicht zullen voeden.

1306
01:16:23,130 --> 01:16:25,950
Dat zijn degenen die God heeft aangesteld.

1307
01:16:25,950 --> 01:16:30,330
Jezus stelde Zijn discipelen aan om
de schapen op die manier te voeden.

1308
01:16:30,330 --> 01:16:33,450
De discipelen stelden de
oudsten en dergelijke aan.

1309
01:16:33,450 --> 01:16:35,850
Dat is wat leiders van
gemeenten moeten doen.

1310
01:16:35,850 --> 01:16:39,570
Ze moeten onderwijzen en
voeden met inzicht en kennis.

1311
01:16:39,570 --> 01:16:41,370
In vers 17 staat:

1312
01:16:41,370 --> 01:16:45,750
In die tijd zal men Jeruzalem
de Troon van de HEERE noemen.

1313
01:16:45,750 --> 01:16:51,690
Alle heidenvolken zullen er samenstromen,
tot de Naam van de HEERE, tot Jeruzalem.

1314
01:16:51,690 --> 01:16:56,190
Zij zullen niet meer hun verharde,
boosaardige hart achternagaan.

1315
01:16:56,190 --> 01:17:01,290
Ook dit is een beeld dat Jesaja een aantal
keren heeft geschetst, vooral in Jesaja 2,

1316
01:17:01,290 --> 01:17:05,010
waar de berg van het huis van de
Heere boven alle volken verheven wordt

1317
01:17:05,010 --> 01:17:07,410
en alle volken ernaartoe stromen.

1318
01:17:07,410 --> 01:17:09,150
Ze leren Zijn wegen.

1319
01:17:09,150 --> 01:17:14,130
Ze hebben herders die hen met kennis
en inzicht onderwijzen. Ze zeggen:

1320
01:17:14,130 --> 01:17:18,330
Vele volken zullen gaan en zeggen: Kom,
laten wij opgaan naar de berg van de

1321
01:17:18,330 --> 01:17:21,210
HEERE, naar het huis van de God van Jakob;

1322
01:17:21,210 --> 01:17:24,390
dan zal Hij ons onderwijzen
aangaande Zijn wegen,

1323
01:17:24,390 --> 01:17:26,850
en zullen wij Zijn paden bewandelen.

1324
01:17:26,850 --> 01:17:32,010
Want uit Sion zal de wet uitgaan, en
het woord van de HEERE uit Jeruzalem.

1325
01:17:32,010 --> 01:17:36,630
Dat is dezelfde tijd die hier wordt
beschreven: het huidige tijdperk,

1326
01:17:36,630 --> 01:17:40,410
waarin de heidenen naar de God
van Israël komen, naar de Messias,

1327
01:17:40,410 --> 01:17:44,550
en leren om in Zijn wegen
te wandelen. Jezus zei:

1328
01:17:44,550 --> 01:17:50,070
Ga dan heen, onderwijs al de volken, hen
dopend in de Naam van de Vader en van de

1329
01:17:50,070 --> 01:17:54,570
Zoon en van de Heilige Geest, hun
lerend alles wat Ik u geboden heb,

1330
01:17:54,570 --> 01:17:56,070
in acht te nemen.

1331
01:17:56,070 --> 01:18:01,890
En zie, Ik ben met u al de dagen, tot
de voleinding van de wereld. Amen.

1332
01:18:01,890 --> 01:18:03,690
Dat is de opdracht van de kerk.

1333
01:18:03,690 --> 01:18:05,790
Dat is wat hier wordt beschreven.

1334
01:18:05,790 --> 01:18:10,410
De volken leren te doen wat Jezus
geboden heeft. En dus zegt Hij:

1335
01:18:10,410 --> 01:18:14,850
Alle volken zullen in dit Jeruzalem
bij elkaar komen, bij de gemeente,

1336
01:18:14,850 --> 01:18:17,010
het geestelijke Jeruzalem.

1337
01:18:17,010 --> 01:18:21,750
In die dagen zal het huis van Juda
naar het huis van Israël gaan.

1338
01:18:21,750 --> 01:18:25,950
Tezamen zullen zij komen uit het
land in het noorden naar het land

1339
01:18:25,950 --> 01:18:29,490
dat Ik uw vaderen in
erfelijk bezit heb gegeven.

1340
01:18:29,490 --> 01:18:34,170
Dit wordt natuurlijk geestelijk
opgevat: het geestelijke Beloofde Land,

1341
01:18:34,170 --> 01:18:39,450
het geestelijke Israël dat verenigd
is in het land waarin God voorziet.

1342
01:18:39,450 --> 01:18:44,850
In Hebreeën hoofdstuk 11 vinden we zeker
een bevestiging dat dit geestelijk is.

1343
01:18:44,850 --> 01:18:52,350
Hebreeën 11, vers 13, gaat over
Abraham, Izak en Jakob. Er staat:

1344
01:18:52,350 --> 01:18:55,470
Deze allen zijn in het geloof gestorven.

1345
01:18:55,470 --> 01:18:58,410
Zij hebben de vervulling van
de beloften niet verkregen,

1346
01:18:58,410 --> 01:19:02,490
maar hebben die vanuit de verte
gezien en geloofd en begroet,

1347
01:19:02,490 --> 01:19:05,550
en zij hebben beleden
dat zij vreemdelingen en

1348
01:19:05,550 --> 01:19:07,530
bijwoners op de aarde waren.

1349
01:19:07,530 --> 01:19:11,070
Want wie zulke dingen zeggen,
laten duidelijk blijken dat zij

1350
01:19:11,070 --> 01:19:12,630
een vaderland zoeken.

1351
01:19:12,630 --> 01:19:16,950
En als zij aan het vaderland gedacht
hadden vanwaaruit zij weggegaan waren,

1352
01:19:16,950 --> 01:19:20,490
zouden zij gelegenheid gehad
hebben om terug te keren.

1353
01:19:20,490 --> 01:19:24,990
Maar nu verlangen zij naar een beter,
dat is naar een hemels vaderland.

1354
01:19:24,990 --> 01:19:29,610
Daarom schaamt God Zich niet voor
hen om hun God genoemd te worden.

1355
01:19:29,610 --> 01:19:32,730
Want Hij had voor hen
een stad gereedgemaakt.

1356
01:19:32,730 --> 01:19:36,270
Een geestelijke stad,
een hemels vaderland.

1357
01:19:36,270 --> 01:19:40,530
Er staat dat Abraham, Izak en
Jakob werkelijk op zoek waren

1358
01:19:40,530 --> 01:19:44,490
naar iets dat verder ging
dan het aardse land Kanaän.

1359
01:19:44,490 --> 01:19:46,530
Ze zochten een hemels vaderland.

1360
01:19:46,530 --> 01:19:52,170
En dus is ‘het land dat Ik uw vaderen
in erfelijk bezit heb gegeven’ hier,

1361
01:19:52,170 --> 01:19:56,970
in deze passages over het messiaanse
tijdperk, een geestelijk land,

1362
01:19:56,970 --> 01:19:59,250
een hemels vaderland.

1363
01:19:59,250 --> 01:20:01,170
Nu vers 19:

1364
01:20:01,170 --> 01:20:06,210
Ík had wel gezegd: Hoe kan Ik u tot
kinderen maken en u een begerenswaardig

1365
01:20:06,210 --> 01:20:10,350
land geven, het sierlijke erfelijk
bezit van de heidenvolken?

1366
01:20:10,350 --> 01:20:14,790
Ik zei: U zult tot Mij roepen: Mijn Vader,

1367
01:20:14,790 --> 01:20:18,270
en u zult zich van
achter Mij niet afkeren.

1368
01:20:18,270 --> 01:20:22,110
Voorwaar, zoals een vrouw haar
levensgezel ontrouw wordt,

1369
01:20:22,110 --> 01:20:27,750
zo bent u Mij ontrouw geworden,
huis van Israël, spreekt de HEERE.

1370
01:20:27,750 --> 01:20:31,890
Er wordt een geluid gehoord op
de kale hoogten, een geween,

1371
01:20:31,890 --> 01:20:36,390
smeekbeden door de Israëlieten, want
zij hebben hun weg krom gemaakt,

1372
01:20:36,390 --> 01:20:39,930
zij hebben de HEERE, hun God, vergeten.

1373
01:20:39,930 --> 01:20:45,450
Keer terug, afkerige kinderen, Ik
zal u van uw afdwalingen genezen.

1374
01:20:45,450 --> 01:20:47,730
Zie, hier zijn wij.

1375
01:20:47,730 --> 01:20:52,290
Wij komen tot U, want U
bent de HEERE, onze God.

1376
01:20:52,290 --> 01:20:54,810
Ja, we komen echt bij U.

1377
01:20:54,810 --> 01:20:59,010
Jeremia spreekt kennelijk als
vertegenwoordiger van het overblijfsel

1378
01:20:59,010 --> 01:21:01,650
en bidt zoals zij zouden moeten bidden.

1379
01:21:01,650 --> 01:21:07,650
Voorwaar, tevergeefs verwacht men het van
de heuvels, en de menigte van de bergen.

1380
01:21:07,650 --> 01:21:12,930
Voorwaar, in de HEERE, onze
God, is het heil van Israël.

1381
01:21:12,930 --> 01:21:17,550
Daar bevonden zich de offerhoogten
en aanbaden ze de andere goden.

1382
01:21:17,550 --> 01:21:22,290
Die schande heeft de arbeid van onze
vaderen verslonden, van onze jeugd af,

1383
01:21:22,290 --> 01:21:26,910
hun schapen en hun runderen,
hun zonen en hun dochters.

1384
01:21:26,910 --> 01:21:32,190
Wij liggen in onze schande en onze
smaad overdekt ons, want tegen de HEERE,

1385
01:21:32,190 --> 01:21:36,930
onze God, hebben wij
gezondigd, wij en onze vaderen,

1386
01:21:36,930 --> 01:21:42,030
van onze jeugd af tot op deze dag, wij
hebben niet geluisterd naar de stem van de

1387
01:21:42,030 --> 01:21:43,590
HEERE, onze God.

1388
01:21:43,590 --> 01:21:45,750
In dit laatste gedeelte van hoofdstuk 3

1389
01:21:45,750 --> 01:21:49,230
geeft Jeremia Israël dus de gelegenheid
om te weten wat ze eigenlijk

1390
01:21:49,230 --> 01:21:50,790
zouden moeten zeggen.

1391
01:21:50,790 --> 01:21:53,970
Dit is het soort gebed dat
je zou moeten uitspreken.

1392
01:21:53,970 --> 01:21:57,390
Het is alsof je iemand
voorgaat in een zondaarsgebed.

1393
01:21:57,390 --> 01:22:02,010
De oproep klinkt herhaaldelijk:
keer terug. In vers 12:

1394
01:22:02,010 --> 01:22:03,750
Kom bij Mij terug.

1395
01:22:03,750 --> 01:22:05,430
In vers 22:

1396
01:22:05,430 --> 01:22:10,710
Keer terug, afkerige kinderen, Ik
zal u van uw afdwalingen genezen.

1397
01:22:10,710 --> 01:22:12,630
Zie, hier zijn wij.

1398
01:22:12,630 --> 01:22:17,010
Wij komen tot U, want U
bent de HEERE, onze God.

1399
01:22:17,010 --> 01:22:21,690
En we zullen het opnieuw
tegenkomen in hoofdstuk 4, vers 1:

1400
01:22:21,690 --> 01:22:23,370
Kom bij Mij terug.

1401
01:22:23,370 --> 01:22:27,690
De uitnodiging ligt er om terug te
keren en zichzelf te redden van de ramp

1402
01:22:27,690 --> 01:22:28,950
die eraan komt.

1403
01:22:28,950 --> 01:22:31,230
En als ze niet weten
hoe ze dat moeten doen,

1404
01:22:31,230 --> 01:22:33,930
geeft Jeremia hun een voorbeeldgebed.

1405
01:22:33,930 --> 01:22:36,750
Dit is wat God je graag wil horen zeggen.

1406
01:22:36,750 --> 01:22:41,070
En dat zijn de woorden
in vers 22 tot en met 25.

1407
01:22:41,070 --> 01:22:42,750
We komen terug op hoofdstuk 4.
