1
00:00:02,010 --> 00:00:04,230
Welkom bij Vers voor Vers!

2
00:00:04,230 --> 00:00:10,290
Deze keer behandelen we Jeremia
hoofdstuk 24 tot en met 28.

3
00:00:10,290 --> 00:00:13,350
Wanneer we bij Jeremia hoofdstuk 24 komen,

4
00:00:13,350 --> 00:00:17,070
krijgen we een heel korte bespreking
van een visioen dat hij had,

5
00:00:17,070 --> 00:00:19,710
waarin hij twee manden met vijgen zag.

6
00:00:19,710 --> 00:00:23,250
Deze visioenen komen op mij
niet bijzonder fantasierijk

7
00:00:23,250 --> 00:00:25,710
of buitengewoon creatief over.

8
00:00:25,710 --> 00:00:30,330
Er is één mand met goede vijgen
en één mand met slechte vijgen.

9
00:00:30,330 --> 00:00:36,210
De goede vijgen stellen de goede mensen
voor, de slechte vijgen de slechte mensen.

10
00:00:36,210 --> 00:00:39,930
Maar er worden vooral voorspellingen
gedaan over de goede mensen

11
00:00:39,930 --> 00:00:43,410
en de slechte mensen die
enige aandacht verdienen.

12
00:00:43,410 --> 00:00:48,510
De goede mensen zijn in dit geval niet het
overblijfsel van de Joden in Jeruzalem,

13
00:00:48,510 --> 00:00:52,410
maar degenen die met Jechonia
in ballingschap zijn gegaan.

14
00:00:52,410 --> 00:00:55,590
Daar zou bijvoorbeeld Ezechiël bij horen.

15
00:00:55,590 --> 00:00:59,910
Daniël en zijn vrienden waren ook
al eerder in ballingschap gegaan.

16
00:00:59,910 --> 00:01:03,810
Zij zouden dus voorbeelden zijn van
degenen die al in ballingschap waren

17
00:01:03,810 --> 00:01:08,490
gegaan: Ezechiël, Daniël, enzovoort.

18
00:01:08,490 --> 00:01:09,630
Er staat:

19
00:01:09,630 --> 00:01:14,310
De HEERE liet mij zien, en zie,
twee manden met vijgen waren

20
00:01:14,310 --> 00:01:20,190
neergezet voor de tempel van de HEERE,
nadat Nebukadrezar, de koning van Babel,

21
00:01:20,190 --> 00:01:26,430
Jechonia, de zoon van Jojakim, de
koning van Juda en de vorsten van Juda,

22
00:01:26,430 --> 00:01:30,990
de ambachtslieden en de smeden uit
Jeruzalem in ballingschap gevoerd had,

23
00:01:30,990 --> 00:01:33,330
en hen naar Babel gebracht had.

24
00:01:33,330 --> 00:01:36,990
Deze manden met vijgen stonden
voor de tempel van de HEERE,

25
00:01:36,990 --> 00:01:39,750
alsof het een offer was
dat iemand had gebracht

26
00:01:39,750 --> 00:01:42,810
en daar voor de priesters
had achtergelaten of zoiets.

27
00:01:42,810 --> 00:01:46,410
Een offer aan de HEERE,
misschien van hun eerstelingen,

28
00:01:46,410 --> 00:01:47,970
dat naar de tempel was gebracht.

29
00:01:47,970 --> 00:01:52,890
Maar één van de manden was volkomen
onwaardig als geschenk aan de HEERE.

30
00:01:52,890 --> 00:01:55,590
Er waren goede vijgen,
daar was niets mis mee,

31
00:01:55,590 --> 00:01:58,950
maar de andere mand was
absoluut onaanvaardbaar.

32
00:01:58,950 --> 00:02:02,850
Het waren als het ware rotte vijgen
die iemand had gebracht om aan God

33
00:02:02,850 --> 00:02:03,870
aan te bieden.

34
00:02:03,870 --> 00:02:07,470
Het volk van Juda werd
hier, zo wordt geïmpliceerd,

35
00:02:07,470 --> 00:02:10,230
in zijn geheel aan God aangeboden.

36
00:02:10,230 --> 00:02:12,150
Juda was Gods volk.

37
00:02:12,150 --> 00:02:14,430
Ze hoorden Hem allemaal te volgen.

38
00:02:14,430 --> 00:02:18,150
Ze hoorden zichzelf aan God
aan te bieden als Zijn dienaren

39
00:02:18,150 --> 00:02:20,730
en als Zijn gehoorzame volgelingen.

40
00:02:20,730 --> 00:02:24,990
Toch waren sommigen van hen als vijgen
die aan God werden geofferd en die

41
00:02:24,990 --> 00:02:28,530
zo smerig waren dat ze
weerzinwekkend zouden zijn.

42
00:02:28,530 --> 00:02:30,990
Ze zaten waarschijnlijk
vol wormen en waren

43
00:02:30,990 --> 00:02:34,770
precies het soort dingen dat
je nooit zou overwegen te eten.

44
00:02:34,770 --> 00:02:35,790
Hij zegt:

45
00:02:35,790 --> 00:02:41,010
In de ene mand zaten zeer goede vijgen,
zoals de eerste vroege vijgen zijn.

46
00:02:41,010 --> 00:02:44,070
In de andere mand zaten
zeer slechte vijgen,

47
00:02:44,070 --> 00:02:47,370
die vanwege hun slechte
kwaliteit niet te eten waren.

48
00:02:47,370 --> 00:02:49,890
Ze zijn dus als eerstelingenoffers.

49
00:02:49,890 --> 00:02:53,430
Toen zei de HEERE tegen
mij: Wat ziet u, Jeremia?

50
00:02:53,430 --> 00:02:55,710
Ik zei: Vijgen.

51
00:02:55,710 --> 00:03:00,030
De goede vijgen zijn zeer goed,
maar de slechte zeer slecht,

52
00:03:00,030 --> 00:03:03,270
die vanwege hun slechte
kwaliteit niet te eten zijn.

53
00:03:03,270 --> 00:03:08,670
Toen kwam het woord van de HEERE tot
mij: Zo zegt de HEERE, de God van Israël:

54
00:03:08,670 --> 00:03:12,570
Zoals die goede vijgen, zo
zal Ik de ballingen van Juda,

55
00:03:12,570 --> 00:03:16,770
die Ik uit deze plaats heb weggestuurd
naar het land van de Chaldeeën,

56
00:03:16,770 --> 00:03:18,090
kennen ten goede.

57
00:03:18,090 --> 00:03:21,210
Ik zal Mijn oog op hen
gericht houden ten goede

58
00:03:21,210 --> 00:03:24,030
en Ik zal hen naar dit
land doen terugkeren.

59
00:03:24,030 --> 00:03:26,850
Ik zal hen bouwen en niet afbreken.

60
00:03:26,850 --> 00:03:29,550
Ik zal hen planten en niet wegrukken.

61
00:03:29,550 --> 00:03:32,490
De goede vijgen die aan
de HEERE worden geofferd,

62
00:03:32,490 --> 00:03:36,570
zijn dus als mensen die inderdaad
aanvaardbaar zijn voor de HEERE.

63
00:03:36,570 --> 00:03:38,370
Hij aanvaardt hen.

64
00:03:38,370 --> 00:03:40,230
Hij erkent hen.

65
00:03:40,230 --> 00:03:43,710
Ze worden in ballingschap weggevoerd,
maar Hij zegt dat Hij dat voor hun

66
00:03:43,710 --> 00:03:45,330
bestwil heeft gedaan.

67
00:03:45,330 --> 00:03:49,710
De mensen die achterblijven, zullen echt
afschuwelijke dingen meemaken wanneer

68
00:03:49,710 --> 00:03:52,350
Nebukadnezar komt en de stad verwoest.

69
00:03:52,350 --> 00:03:56,550
Dan kun je veel beter weggevoerd zijn
in een tijd van betrekkelijke vrede

70
00:03:56,550 --> 00:03:59,130
en je in een nieuwe
omgeving hebben gevestigd.

71
00:03:59,130 --> 00:04:01,650
Het is daar in Babel niet zo heel slecht.

72
00:04:01,650 --> 00:04:04,890
Eigenlijk weten we daar
iets over dankzij Ezechiël.

73
00:04:04,890 --> 00:04:07,650
Hij was een van degenen
die waren weggevoerd.

74
00:04:07,650 --> 00:04:10,350
Hij was een van deze goede vijgen.

75
00:04:10,350 --> 00:04:13,830
Maar niet iedereen die werd
weggevoerd, was werkelijk goed,

76
00:04:13,830 --> 00:04:16,110
zoals Ezechiël duidelijk maakt.

77
00:04:16,110 --> 00:04:20,130
God vertelt Ezechiël dat veel van
zijn medeballingen afgoden in hun hart

78
00:04:20,130 --> 00:04:22,410
hebben opgericht, enzovoort.

79
00:04:22,410 --> 00:04:26,850
Het is dus niet zo dat iedereen die
naar Babel is gegaan een goed mens is.

80
00:04:26,850 --> 00:04:30,330
Maar ze zijn misschien betrekkelijk
goed vergeleken met de monsters van

81
00:04:30,330 --> 00:04:33,270
ongerechtigheid die nog
in Jeruzalem zitten.

82
00:04:33,270 --> 00:04:38,070
Hoe dan ook, degenen die zijn weggegaan,
zijn aan de verwoesting ontsnapt.

83
00:04:38,070 --> 00:04:40,650
Ze hebben zich nu in
vrede elders gevestigd.

84
00:04:40,650 --> 00:04:43,950
Daarom zal God hun goeddoen,
en hun nakomelingen

85
00:04:43,950 --> 00:04:47,670
zullen zeventig jaar later met
Zerubbabel worden teruggebracht.

86
00:04:47,670 --> 00:04:50,070
We zijn nog niet klaar met hen. Hij zegt:

87
00:04:50,070 --> 00:04:54,510
Ik zal hun een hart geven om Mij
te kennen, dat Ik de HEERE ben,

88
00:04:54,510 --> 00:04:59,490
en zij zullen Mij tot een volk zijn
en Ík zal hun tot een God zijn;

89
00:04:59,490 --> 00:05:03,210
want zij zullen zich tot Mij
bekeren met heel hun hart.

90
00:05:03,210 --> 00:05:07,050
Het overblijfsel dat met heel
zijn hart naar God terugkeert,

91
00:05:07,050 --> 00:05:09,630
zal dus uit Babel worden teruggebracht.

92
00:05:09,630 --> 00:05:14,650
Maar zoals de slechte vijgen, die vanwege
hun slechte kwaliteit niet te eten zijn —

93
00:05:14,650 --> 00:05:21,690
want zo zegt de HEERE — zo zal Ik Zedekia
maken, de koning van Juda, zijn vorsten,

94
00:05:21,690 --> 00:05:27,030
het overblijfsel van Jeruzalem, die in
dit land zijn overgebleven en die in het

95
00:05:27,030 --> 00:05:28,890
land Egypte wonen.

96
00:05:28,890 --> 00:05:31,890
Ik zal hen voor alle
koninkrijken van de aarde

97
00:05:31,890 --> 00:05:35,130
tot een schrikbeeld stellen
hoe slecht het kan aflopen,

98
00:05:35,130 --> 00:05:41,790
tot smaad en tot een spreekwoord, tot een
voorwerp van spot en tot een vloek in alle

99
00:05:41,790 --> 00:05:44,370
plaatsen waarheen Ik hen zal verdrijven.

100
00:05:44,370 --> 00:05:46,230
Niet voor hun bestwil.

101
00:05:46,230 --> 00:05:49,170
De anderen gingen voor
hun bestwil naar Babel.

102
00:05:49,170 --> 00:05:52,350
Deze mensen zullen tot hun
schade worden verstrooid.

103
00:05:52,350 --> 00:05:56,130
Ik zal onder hen zenden het
zwaard, de honger en de pest,

104
00:05:56,130 --> 00:05:59,970
totdat zij omgekomen zullen zijn
uit het land dat Ik hun en hun

105
00:05:59,970 --> 00:06:01,650
vaderen heb gegeven.

106
00:06:01,650 --> 00:06:08,490
Dat uit het land weggevaagd worden is
een uitdrukking uit Deuteronomium 28:21.

107
00:06:08,490 --> 00:06:12,570
Daar, opnieuw in dat bekende hoofdstuk
over de vervloekingen die hen zouden

108
00:06:12,570 --> 00:06:16,170
treffen vanwege ongehoorzaamheid, zei God:

109
00:06:16,170 --> 00:06:19,050
De HEERE zal de pest aan u laten kleven,

110
00:06:19,050 --> 00:06:23,250
totdat Hij u vernietigd heeft en u
verdwenen bent uit het land waar u naartoe

111
00:06:23,250 --> 00:06:25,050
gaat om het in bezit te nemen.

112
00:06:25,050 --> 00:06:31,230
Die uitdrukkingen uit Deuteronomium
28:21 komen dus ook in deze

113
00:06:31,230 --> 00:06:33,330
profetische uitspraak terecht.

114
00:06:33,330 --> 00:06:38,010
In wezen zegt hij dat de Joden die
niet in gevangenschap zijn weggevoerd,

115
00:06:38,010 --> 00:06:42,750
zichzelf misschien gelukkig prijzen
dat ze daaraan zijn ontkomen.

116
00:06:42,750 --> 00:06:44,910
Ze zijn de dans ontsprongen.

117
00:06:44,910 --> 00:06:49,110
Nebukadnezar kwam, greep
degenen die hij wilde meenemen

118
00:06:49,110 --> 00:06:51,870
en nam hen mee terug naar Babylon.

119
00:06:51,870 --> 00:06:54,870
Zij zeggen: ‘Ik ben overgeslagen.

120
00:06:54,870 --> 00:06:56,490
Wat een geluk voor mij.

121
00:06:56,490 --> 00:06:58,830
Ik moet wel een van de goeden zijn.’

122
00:06:58,830 --> 00:07:02,970
Hij zegt: ‘Nee, je bent
een van de slechte vijgen.

123
00:07:02,970 --> 00:07:06,750
De goede vijgen zijn voor
hun eigen bestwil weggevoerd.

124
00:07:06,750 --> 00:07:11,490
Degenen die achterblijven, zullen
heel ernstige ontberingen meemaken.

125
00:07:11,490 --> 00:07:15,210
Ze zullen onder meer verstrooid
worden naar landen waar ze niet

126
00:07:15,210 --> 00:07:19,890
erg goed behandeld zullen worden, en ze
zullen uit het land weggevaagd worden.’

127
00:07:19,890 --> 00:07:24,210
Maar de goede vijgen zullen
terugkeren, en dat deden ze ook.

128
00:07:24,210 --> 00:07:27,270
Hoofdstuk 25 gaat hier ook over.

129
00:07:27,270 --> 00:07:32,010
Dit is het hoofdstuk waarin Jeremia
bekendmaakt dat het een gevangenschap van

130
00:07:32,010 --> 00:07:33,690
zeventig jaar zal zijn.

131
00:07:33,690 --> 00:07:37,890
Dit speelde zich eigenlijk acht
jaar vóór het vorige hoofdstuk af.

132
00:07:37,890 --> 00:07:44,550
Dat wil zeggen: hoofdstuk 24 werd acht
jaar na hoofdstuk 25 uitgesproken.

133
00:07:44,550 --> 00:07:48,810
We gaan nu terug in de tijd,
naar 605 voor Christus.

134
00:07:48,810 --> 00:07:51,390
Dat was de tijd waarin Nebukadnezar kwam

135
00:07:51,390 --> 00:07:55,770
en een aantal gevangenen uit
Jeruzalem meenam, onder wie Daniël.

136
00:07:55,770 --> 00:08:01,470
Daniël en zijn drie vrienden werden in
605 voor Christus weggevoerd. Er staat:

137
00:08:01,470 --> 00:08:05,250
Het woord dat tot Jeremia is
gekomen over heel het volk van Juda,

138
00:08:05,250 --> 00:08:09,850
in het vierde jaar van Jojakim, de
zoon van Josia, koning van Juda —

139
00:08:09,850 --> 00:08:14,311
dit was het eerste jaar van
Nebukadrezar, koning van Babel —

140
00:08:14,311 --> 00:08:17,430
Hier hebben we een klein
probleem dat we moeten oplossen.

141
00:08:17,430 --> 00:08:20,790
Het kan worden opgelost, maar het
is soms als een tegenstrijdigheid in

142
00:08:20,790 --> 00:08:22,290
de Bijbel gezien.

143
00:08:22,290 --> 00:08:25,590
Er staat dat het eerste jaar
van Nebukadnezar het vierde jaar

144
00:08:25,590 --> 00:08:27,330
van Jojakim was.

145
00:08:27,330 --> 00:08:30,870
Maar kijk eens naar Daniël
hoofdstuk 1, vers 1.

146
00:08:30,870 --> 00:08:33,030
Daniël 1:1 zegt:

147
00:08:33,030 --> 00:08:37,290
In het derde jaar van de regering
van Jojakim, de koning van Juda,

148
00:08:37,290 --> 00:08:42,870
kwam Nebukadnezar, de koning van
Babel, naar Jeruzalem en belegerde het.

149
00:08:42,870 --> 00:08:46,230
Dit verwijst ook naar 605 voor Christus.

150
00:08:46,230 --> 00:08:48,030
Dit is hetzelfde jaar.

151
00:08:48,030 --> 00:08:53,790
Toen Nebukadnezar kwam en Jeruzalem
belegerde, was het 605 voor Christus.

152
00:08:53,790 --> 00:08:56,970
Het was het eerste
regeringsjaar van Nebukadnezar.

153
00:08:56,970 --> 00:09:00,630
Maar Daniël zegt dat het het
derde jaar van Jojakim was,

154
00:09:00,630 --> 00:09:04,650
en Jeremia zegt dat het het
vierde jaar van Jojakim was.

155
00:09:04,650 --> 00:09:07,830
Beiden zijn het erover eens
dat Nebukadnezar regeerde,

156
00:09:07,830 --> 00:09:11,850
en Jeremia zegt dat het het
eerste jaar van zijn regering was.

157
00:09:11,850 --> 00:09:15,570
Hoe kan hetzelfde jaar, het
eerste jaar van Nebukadnezar,

158
00:09:15,570 --> 00:09:20,550
dan zowel het vierde jaar van Jojakim
als het derde jaar van Jojakim zijn?

159
00:09:20,550 --> 00:09:22,950
Dat klinkt als een tegenstrijdigheid.

160
00:09:22,950 --> 00:09:26,970
Het klinkt alsof Daniël of
Jeremia zich heeft vergist.

161
00:09:26,970 --> 00:09:31,470
Eén ding mogen we niet aannemen:
dat Daniël zich heeft vergist.

162
00:09:31,470 --> 00:09:34,290
Daniël schreef hierover later dan Jeremia.

163
00:09:34,290 --> 00:09:39,570
Maar het interessante is dat Daniël
dit hoofdstuk van Jeremia kende,

164
00:09:39,570 --> 00:09:45,690
want in Daniël hoofdstuk 9 las Daniël
juist dit hoofdstuk van Jeremia.

165
00:09:45,690 --> 00:09:51,510
We lezen in Daniël 9 dat hij bij de
profeet Jeremia las dat de gevangenschap

166
00:09:51,510 --> 00:09:53,370
zeventig jaar zou duren.

167
00:09:53,370 --> 00:09:56,010
Dat komt in dit hoofdstuk aan de orde.

168
00:09:56,010 --> 00:09:59,130
Dat is het hoofdstuk dat
hij aan het lezen is.

169
00:09:59,130 --> 00:10:03,150
Daniël kan dus niet onbekend
zijn geweest met dit hoofdstuk.

170
00:10:03,150 --> 00:10:07,050
Hij kan niet onbekend zijn
geweest met wat Jeremia schreef.

171
00:10:07,050 --> 00:10:09,690
Daarom kan hij hem
eigenlijk niet tegenspreken.

172
00:10:09,690 --> 00:10:12,870
Dat hij dit eerste jaar van
Nebukadnezar zo weergaf,

173
00:10:12,870 --> 00:10:16,230
en dat anders deed dan
Jeremia, was opzettelijk.

174
00:10:16,230 --> 00:10:17,970
Het was geen vergissing.

175
00:10:17,970 --> 00:10:20,070
Het is geen tegenstrijdigheid.

176
00:10:20,070 --> 00:10:24,930
Hij heeft dit bewust anders
geformuleerd: het derde jaar van Jojakim

177
00:10:24,930 --> 00:10:28,770
in plaats van het vierde
jaar bij Jeremia. Waarom?

178
00:10:28,770 --> 00:10:32,130
Sommigen van jullie weten dit
al, maar anderen misschien niet.

179
00:10:32,130 --> 00:10:35,190
De Joden en de Babyloniërs hadden
verschillende manieren om de

180
00:10:35,190 --> 00:10:37,710
regeringsjaren van een koning te tellen.

181
00:10:37,710 --> 00:10:39,750
De Joden volgden wat de methode met

182
00:10:39,750 --> 00:10:42,750
meetelling van het
troonsbestijgingsjaar wordt genoemd.

183
00:10:42,750 --> 00:10:46,530
Dat betekent dat ze elk gedeelte van
een jaar aan het begin van de regering,

184
00:10:46,530 --> 00:10:50,550
het jaar van de troonsbestijging,
als een jaar telden.

185
00:10:50,550 --> 00:10:54,990
Dat betekent dat als een man twee maanden
vóór het einde van het jaar koning werd,

186
00:10:54,990 --> 00:10:58,770
dat jaar waarin hij twee maanden
regeerde zijn eerste jaar was.

187
00:10:58,770 --> 00:11:02,070
Het begin van het volgende
jaar was dan zijn tweede jaar.

188
00:11:02,070 --> 00:11:06,930
Hoewel hij misschien pas drie maanden had
geregeerd, zat hij al in zijn tweede jaar.

189
00:11:06,930 --> 00:11:10,350
Want de twee maanden waarin hij
in het eerste jaar regeerde,

190
00:11:10,350 --> 00:11:14,550
zijn troonsbestijgingsjaar,
worden als een heel jaar geteld.

191
00:11:14,550 --> 00:11:18,390
Hij kan zes maanden hebben
geregeerd, of twee of drie of

192
00:11:18,390 --> 00:11:22,650
één maand aan het einde van een jaar, maar
dat wordt in de Joodse telling het eerste

193
00:11:22,650 --> 00:11:24,390
jaar van zijn regering.

194
00:11:24,390 --> 00:11:28,710
Het volgende kalenderjaar is
dan zijn tweede jaar, enzovoort.

195
00:11:28,710 --> 00:11:30,990
De Babyloniërs deden dat niet.

196
00:11:30,990 --> 00:11:35,490
De Babyloniërs gebruikten een telmethode
waarbij het troonsbestijgingsjaar

197
00:11:35,490 --> 00:11:37,110
niet werd meegeteld.

198
00:11:37,110 --> 00:11:40,110
Dit is door de archeologie
goed aangetoond.

199
00:11:40,110 --> 00:11:42,990
Het is onder wetenschappers
algemeen bekend.

200
00:11:42,990 --> 00:11:46,590
Ze telden het troonsbestijgingsjaar
niet als het eerste jaar.

201
00:11:46,590 --> 00:11:51,450
Als een man twee maanden vóór het einde
van het jaar als koning aan de macht kwam,

202
00:11:51,450 --> 00:11:54,390
werd dat zijn
troonsbestijgingsjaar genoemd.

203
00:11:54,390 --> 00:11:56,670
Het werd niet zijn eerste jaar genoemd.

204
00:11:56,670 --> 00:12:00,270
Het begin van het volgende jaar
zou dan zijn eerste jaar zijn.

205
00:12:00,270 --> 00:12:02,610
Het is natuurlijk een
beetje verwarrend, maar

206
00:12:02,610 --> 00:12:05,850
laten we zeggen dat iemand
in november president wordt.

207
00:12:05,850 --> 00:12:09,450
Onze president wordt uiteraard
in januari president;

208
00:12:09,450 --> 00:12:11,670
de verkiezingen zijn in november.

209
00:12:11,670 --> 00:12:16,290
Laten we zeggen dat hij in november
van dit jaar daadwerkelijk aantrad.

210
00:12:16,290 --> 00:12:19,410
Dat betekent het jaar tweeduizenddertien.

211
00:12:19,410 --> 00:12:24,210
Het volgende jaar zouden de Joden het
tweede jaar van dat presidentschap noemen,

212
00:12:24,210 --> 00:12:29,130
maar de Babyloniërs zouden het het eerste
jaar van zijn presidentschap noemen.

213
00:12:29,130 --> 00:12:32,970
Want de Joden zouden de laatste
twee maanden van dit jaar

214
00:12:32,970 --> 00:12:35,430
beschouwen als zijn eerste ambtsjaar.

215
00:12:35,430 --> 00:12:38,370
De Babyloniërs zouden dat niet doen.

216
00:12:38,370 --> 00:12:43,410
Zij zouden dit zijn troonsbestijgingsjaar
noemen en de jaren beginnen te tellen bij

217
00:12:43,410 --> 00:12:46,050
het eerste volledige kalenderjaar.

218
00:12:46,050 --> 00:12:51,090
Voor ons is dat vreemd, maar geleerden
weten inmiddels dat het zo werd gedaan.

219
00:12:51,090 --> 00:12:56,850
Het eerste jaar van koning
Nebukadnezar was 605 voor Christus.

220
00:12:56,850 --> 00:13:00,150
Jeremia, een Jood die
in Jeruzalem schreef,

221
00:13:00,150 --> 00:13:03,390
noemde het het vierde
regeringsjaar van Jojakim,

222
00:13:03,390 --> 00:13:06,330
omdat hij de Joodse jaartelling gebruikte.

223
00:13:06,330 --> 00:13:10,950
Zij zouden het gedeelte van het jaar aan
het begin van Jojakims regering als zijn

224
00:13:10,950 --> 00:13:13,290
eerste volledige jaar tellen.

225
00:13:13,290 --> 00:13:18,870
De Babyloniërs zouden pas bij het eerste
volledige kalenderjaar beginnen te tellen.

226
00:13:18,870 --> 00:13:23,190
Daniël is in Babylon en schrijft
voor een Babylonisch publiek.

227
00:13:23,190 --> 00:13:26,551
Hij noemt dat jaar het
derde jaar van Jojakim —

228
00:13:26,551 --> 00:13:29,670
hetzelfde jaar dat het vierde jaar is.

229
00:13:29,670 --> 00:13:33,090
Volgens de Joodse telling
is het het vierde jaar.

230
00:13:33,090 --> 00:13:36,450
Volgens de Babylonische
telling is het het derde jaar.

231
00:13:36,450 --> 00:13:39,570
Hoewel ik je misschien vreselijk
in verwarring heb gebracht,

232
00:13:39,570 --> 00:13:44,190
is dit in feite het antwoord op wat
sommigen als een tegenstrijdigheid tussen

233
00:13:44,190 --> 00:13:46,530
Jeremia en Daniël hebben gezien.

234
00:13:46,530 --> 00:13:50,250
Het is geen slimme manier om
je uit een probleem te redden.

235
00:13:50,250 --> 00:13:53,970
Het is eenvoudigweg toepassen
wat we inmiddels weten

236
00:13:53,970 --> 00:13:59,130
over hoe Joden en Babyloniërs over de
regeringsjaren van een koning spraken.

237
00:13:59,130 --> 00:14:02,790
Zoals ik al zei: Daniël
kende dit hoofdstuk,

238
00:14:02,790 --> 00:14:06,510
want hij noemt het als iets
wat hij aan het lezen was.

239
00:14:06,510 --> 00:14:10,470
Dat sluit de mogelijkheid
uit dat Daniël en Jeremia

240
00:14:10,470 --> 00:14:14,310
hierover verschillende opvattingen
moeten hebben gehad en dat een van hen

241
00:14:14,310 --> 00:14:15,750
het mis had.

242
00:14:15,750 --> 00:14:19,530
Daniël zou beslist weten
wat Jeremia had gezegd,

243
00:14:19,530 --> 00:14:24,930
en hij veranderde het omdat hij het
aanpaste aan zijn Babylonische lezers.

244
00:14:24,930 --> 00:14:26,310
Nu vers 2:

245
00:14:26,310 --> 00:14:30,870
dat de profeet Jeremia gesproken
heeft tot heel het volk van Juda

246
00:14:30,870 --> 00:14:35,790
en tot al de inwoners van Jeruzalem:
Vanaf het dertiende jaar van Josia,

247
00:14:35,790 --> 00:14:39,870
de zoon van Amon, de koning
van Juda tot op deze dag —

248
00:14:39,870 --> 00:14:45,450
dit is het drieëntwintigste jaar — is
het woord van de HEERE tot mij gekomen.

249
00:14:45,450 --> 00:14:49,770
Ik sprak vroeg en laat tot u,
maar u hebt niet geluisterd.

250
00:14:49,770 --> 00:14:54,510
Het dertiende jaar van Josia is het
jaar waarin Jeremia begon te profeteren.

251
00:14:54,510 --> 00:15:00,390
Ook heeft de HEERE tot u al Zijn dienaren,
de profeten, vroeg en laat gezonden,

252
00:15:00,390 --> 00:15:05,010
maar u hebt niet geluisterd en uw
oor niet geneigd om te luisteren.

253
00:15:05,010 --> 00:15:09,810
[Vertalersnoot: De spreker reageert
hier op ‘rising early’ (‘vroeg opstaan’)

254
00:15:09,810 --> 00:15:11,670
in zijn Engelse Bijbelvertaling.

255
00:15:11,670 --> 00:15:15,930
De HSV heeft op deze
plaatsen ‘vroeg en laat’.]

256
00:15:15,930 --> 00:15:20,070
Het klinkt mij in de oren alsof
je, als je profeet wilt worden,

257
00:15:20,070 --> 00:15:22,350
een vroege vogel moet worden.

258
00:15:22,350 --> 00:15:26,190
Jeremia en alle profeten
zijn vroege vogels.

259
00:15:26,190 --> 00:15:30,630
Blijkbaar willen ze hun boodschap aan de
mensen brengen voordat de hitte van de dag

260
00:15:30,630 --> 00:15:32,310
te zwaar gaat wegen.

261
00:15:32,310 --> 00:15:38,490
Ze zeiden: Bekeer u toch, ieder van zijn
slechte weg en van uw slechte daden.

262
00:15:38,490 --> 00:15:44,130
Dan zult u eeuw uit en eeuw in blijven
wonen in het land dat de HEERE u

263
00:15:44,130 --> 00:15:46,650
en uw vaderen gegeven heeft.

264
00:15:46,650 --> 00:15:51,210
De oorspronkelijke boodschap was
dat je je moest bekeren, zegt hij,

265
00:15:51,210 --> 00:15:53,730
en dan had je in het land kunnen blijven.

266
00:15:53,730 --> 00:15:59,550
Ga niet achter andere goden aan om die
te dienen en u voor hen neer te buigen.

267
00:15:59,550 --> 00:16:02,910
Verwek Mij niet tot toorn
door het werk van uw handen,

268
00:16:02,910 --> 00:16:05,070
dan zal Ik u geen kwaad doen.

269
00:16:05,070 --> 00:16:08,010
Hij zegt: ‘Dit is wat ik in het begin zei,

270
00:16:08,010 --> 00:16:11,610
toen ik in het dertiende jaar
van Josia naar jullie toe kwam.

271
00:16:11,610 --> 00:16:16,410
En vanaf die tijd was mijn boodschap
een boodschap van bekering en hoop.

272
00:16:16,410 --> 00:16:19,770
Als je je bekeert, zal
God je geen kwaad doen.

273
00:16:19,770 --> 00:16:22,170
God zal je niet naar Babylon sturen.

274
00:16:22,170 --> 00:16:24,570
Je kunt in dit land blijven.’

275
00:16:24,570 --> 00:16:27,570
Maar u hebt naar Mij niet
geluisterd, spreekt de HEERE,

276
00:16:27,570 --> 00:16:33,030
zodat u Mij tot toorn verwekte met het
werk van uw handen, uzelf ten kwade.

277
00:16:33,030 --> 00:16:36,150
Daarom, zo zegt de HEERE
van de legermachten:

278
00:16:36,150 --> 00:16:39,630
Omdat u niet naar Mijn
woorden hebt geluisterd, zie,

279
00:16:39,630 --> 00:16:44,130
Ik ga een boodschap zenden en Ik zal
alle geslachten uit het noorden halen,

280
00:16:44,130 --> 00:16:48,990
spreekt de HEERE, en ook een
boodschap zenden naar Nebukadrezar,

281
00:16:48,990 --> 00:16:51,570
de koning van Babel, Mijn dienaar.

282
00:16:51,570 --> 00:16:56,070
Ik zal hen over dit land brengen,
over zijn inwoners en over al

283
00:16:56,070 --> 00:16:57,810
deze volken rondom.

284
00:16:57,810 --> 00:17:02,010
Ik zal hen slaan met de ban en
hen stellen tot een verschrikking,

285
00:17:02,010 --> 00:17:05,670
tot een aanfluiting, en
tot eeuwige puinhopen.

286
00:17:05,670 --> 00:17:09,750
Ik zal uit hun midden doen
verdwijnen de stem van de vreugde,

287
00:17:09,750 --> 00:17:15,030
de stem van de blijdschap, de stem van
de bruidegom en de stem van de bruid,

288
00:17:15,030 --> 00:17:18,810
het geluid van de molenstenen
en het licht van de lamp.

289
00:17:18,810 --> 00:17:23,970
Al die vertrouwde, geruststellende,
gewone, huiselijke dingen die je ziet en

290
00:17:23,970 --> 00:17:26,850
hoort — daar zul je naar verlangen.

291
00:17:26,850 --> 00:17:31,950
Daar zul je herinneringen aan ophalen,
omdat je op een ellendige plek zult zijn.

292
00:17:31,950 --> 00:17:33,810
Je zult geen licht hebben.

293
00:17:33,810 --> 00:17:36,150
Er zullen geen bruiloften plaatsvinden.

294
00:17:36,150 --> 00:17:38,970
Je zult geen mensen bij
de molen horen malen,

295
00:17:38,970 --> 00:17:41,250
zoals je gewend was toen je opgroeide.

296
00:17:41,250 --> 00:17:44,670
Je gaat iets vreemds en
ongelukkigs meemaken.

297
00:17:44,670 --> 00:17:47,940
Deze specifieke opsomming van
dingen die er niet meer zullen zijn,

298
00:17:47,940 --> 00:17:53,910
de stem van vreugde enzovoort, is al
twee keer eerder genoemd, in hoofdstuk 7,

299
00:17:53,910 --> 00:17:58,050
vers 34, en in hoofdstuk 16, vers 9.

300
00:17:58,050 --> 00:18:02,850
Het is interessant dat ze ook in
Openbaring 18:23 worden genoemd,

301
00:18:02,850 --> 00:18:05,550
met betrekking tot de val van Babylon.

302
00:18:05,550 --> 00:18:10,260
In Openbaring 18, vers 23, waar
het over de val van Babylon gaat,

303
00:18:10,260 --> 00:18:14,250
wie dat ook mag zijn, worden
dezelfde uitdrukkingen gebruikt

304
00:18:14,250 --> 00:18:18,810
die herhaaldelijk worden gebruikt voor de
omstandigheden bij de val van Jeruzalem.

305
00:18:18,810 --> 00:18:22,170
We lezen in Openbaring 18, vers 23:

306
00:18:22,170 --> 00:18:26,730
En het lamplicht zal nooit meer in u
schijnen en de stem van een bruidegom

307
00:18:26,730 --> 00:18:30,090
of van een bruid zal nooit
meer in u gehoord worden.

308
00:18:30,090 --> 00:18:32,610
Want uw kooplieden waren
de groten van de aarde.

309
00:18:32,610 --> 00:18:36,150
Door uw tovenarij immers
werden alle naties misleid.

310
00:18:36,150 --> 00:18:41,430
Maar zie je, de bruidegom en de bruid
en de lamp komen allemaal uit deze

311
00:18:41,430 --> 00:18:44,610
passage in Jeremia 25:10.

312
00:18:44,610 --> 00:18:48,630
Ze zullen niet meer in Jeruzalem
gehoord worden, of in Babylon.

313
00:18:48,630 --> 00:18:51,990
Jeremia 25:11 zegt:

314
00:18:51,990 --> 00:18:56,730
Dan zal heel dit land worden tot
een puinhoop, tot een verschrikking.

315
00:18:56,730 --> 00:19:00,930
Deze volken zullen de koning
van Babel zeventig jaar dienen.

316
00:19:00,930 --> 00:19:05,010
Nu, zeventig jaar is ook
echt hoelang het duurde.

317
00:19:05,010 --> 00:19:09,690
Daarmee levert Jeremia duidelijk
bewijs dat hij een ware profeet was,

318
00:19:09,690 --> 00:19:12,390
want zo lang heeft hij niet geleefd.

319
00:19:12,390 --> 00:19:15,150
Hij heeft wel het begin
van die tijd meegemaakt,

320
00:19:15,150 --> 00:19:18,990
maar het einde ervan heeft
hij beslist niet meegemaakt.

321
00:19:18,990 --> 00:19:24,870
Hij was een oude man, die al ruim veertig
jaar geprofeteerd had toen Jeruzalem viel.

322
00:19:24,870 --> 00:19:27,150
Dat was het begin van de zeventig jaar,

323
00:19:27,150 --> 00:19:30,270
maar het einde ervan
heeft hij niet meegemaakt.

324
00:19:30,270 --> 00:19:34,590
Hij had dit dus niet kunnen weten
zonder een ware profeet te zijn.

325
00:19:34,590 --> 00:19:38,370
Maar het zal gebeuren wanneer
de zeventig jaar voorbij zijn,

326
00:19:38,370 --> 00:19:42,751
dat Ik de koning van Babel en
dat volk — spreekt de HEERE —

327
00:19:42,751 --> 00:19:47,790
hun ongerechtigheid zal vergelden, en
ook het land van de Chaldeeën en Ik

328
00:19:47,790 --> 00:19:50,610
zal dat maken tot eeuwige woestenijen.

329
00:19:50,610 --> 00:19:54,210
Jesaja 13 was ook een
profetie tegen Babylon,

330
00:19:54,210 --> 00:20:00,630
en Jesaja 13:20 vermeldt ook dat Babylon
een eeuwige woestenij zal worden.

331
00:20:00,630 --> 00:20:05,070
Het is enigszins een overdrijving, maar
in wezen wordt hier gesproken over de

332
00:20:05,070 --> 00:20:10,350
totale verwoesting van deze stad,
die destijds zo onoverwinnelijk leek.

333
00:20:10,350 --> 00:20:14,910
Ik zal over dat land al de woorden
brengen die Ik daarover gesproken heb,

334
00:20:14,910 --> 00:20:17,010
al wat in dit boek geschreven is,

335
00:20:17,010 --> 00:20:20,730
wat Jeremia geprofeteerd
heeft over al deze volken.

336
00:20:20,730 --> 00:20:26,910
Het is interessant: Jeremia spreekt deze
godsspraak uit, maar God is aan het woord.

337
00:20:26,910 --> 00:20:28,530
Hij noemt Jeremia.

338
00:20:28,530 --> 00:20:32,790
Jeremia noemt zichzelf in zijn godsspraak
dus bij naam in de derde persoon,

339
00:20:32,790 --> 00:20:35,130
omdat God door hem heen spreekt.

340
00:20:35,130 --> 00:20:39,930
Want vele volken en grote koningen
zullen zich door hen laten dienen.

341
00:20:39,930 --> 00:20:44,190
Zo zal Ik hun naar hun daden en naar
het werk van hun handen vergelden.

342
00:20:44,190 --> 00:20:47,130
Nu komen we bij een ander
deel van deze profetie,

343
00:20:47,130 --> 00:20:49,710
waarin een wijnbeker centraal staat.

344
00:20:49,710 --> 00:20:54,750
Jeremia neemt deze wijnbeker mee naar
allerlei volken, hetzij in werkelijkheid,

345
00:20:54,750 --> 00:20:56,730
hetzij in een visioen.

346
00:20:56,730 --> 00:21:00,930
Hij verlangt van de koningen van
deze volken dat ze de beker drinken,

347
00:21:00,930 --> 00:21:04,470
als teken dat Gods toorn over
hen uitgegoten zal worden

348
00:21:04,470 --> 00:21:07,530
en dat ze de beker van
Zijn toorn zullen drinken.

349
00:21:07,530 --> 00:21:11,910
Het beeld van een beker vol toorn
komt oorspronkelijk uit de Psalmen.

350
00:21:11,910 --> 00:21:14,850
In Psalm 75:8 staat:

351
00:21:14,850 --> 00:21:17,850
Want in de hand van de HEERE is een beker.

352
00:21:17,850 --> 00:21:21,330
Daarin schuimt de wijn,
overvloedig gekruid.

353
00:21:21,330 --> 00:21:26,550
Hij schenkt eruit; zelfs zijn droesem
moeten alle goddelozen van de aarde tot op

354
00:21:26,550 --> 00:21:28,230
de bodem opdrinken.

355
00:21:28,230 --> 00:21:31,650
Dit is een beker die Hij de
goddelozen te drinken geeft.

356
00:21:31,650 --> 00:21:34,410
Het is beslist een beker van oordeel.

357
00:21:34,410 --> 00:21:40,290
Het boek Openbaring verwijst ook
naar deze beker, in Openbaring 14:10.

358
00:21:40,290 --> 00:21:44,310
Daar staat over degenen die het
merkteken van het beest aannemen:

359
00:21:44,310 --> 00:21:47,730
dan zal hij ook drinken van
de wijn van de toorn van God,

360
00:21:47,730 --> 00:21:51,990
die onvermengd is ingeschonken
in de drinkbeker van Zijn toorn,

361
00:21:51,990 --> 00:21:56,790
en gepijnigd worden in vuur en zwavel
voor het oog van de heilige engelen en

362
00:21:56,790 --> 00:21:58,110
van het Lam.

363
00:21:58,110 --> 00:22:00,750
Wie het beest aanbidt, zal de volle,

364
00:22:00,750 --> 00:22:05,310
onvermengde wijn van Gods toorn drinken
uit de beker van Zijn verbolgenheid.

365
00:22:05,310 --> 00:22:08,430
De gedachte achter de beker
lijkt te zijn dat deze

366
00:22:08,430 --> 00:22:12,510
beker geleidelijk gevuld raakt
naarmate volken kwaad doen.

367
00:22:12,510 --> 00:22:14,550
Gods toorn neemt toe.

368
00:22:14,550 --> 00:22:19,530
Hoe meer kwaad een volk doet, hoe dichter
de beker bij zijn volle maat komt.

369
00:22:19,530 --> 00:22:22,410
Zodra hij vol is, kan er niets meer bij.

370
00:22:22,410 --> 00:22:25,650
Dan zal hij in een oordeel
uitgegoten moeten worden.

371
00:22:25,650 --> 00:22:28,830
Misschien hebben we al een
toespeling op dit begrip in Genesis,

372
00:22:28,830 --> 00:22:33,330
wanneer God met Abraham spreekt over
hoe zijn nakomelingen vierhonderd jaar,

373
00:22:33,330 --> 00:22:37,110
zei Hij, in een land zullen
doorbrengen dat niet van hen is.

374
00:22:37,110 --> 00:22:40,530
Maar vervolgens staat er dat
Hij hen zal terugbrengen.

375
00:22:40,530 --> 00:22:45,510
Zijn uitspraak daarover is dat het zo lang
zal duren omdat de ongerechtigheid van de

376
00:22:45,510 --> 00:22:47,670
Amorieten nog niet vol is.

377
00:22:47,670 --> 00:22:51,330
Ik dacht dat het hoofdstuk 14
was, maar ik zoek het nu op.

378
00:22:51,330 --> 00:22:53,850
Ik heb het niet in mijn
aantekeningen staan.

379
00:22:53,850 --> 00:22:56,130
Het is 15:16.

380
00:22:56,130 --> 00:22:59,250
Ik zat aan het einde van
hoofdstuk 14 te kijken.

381
00:22:59,250 --> 00:23:01,110
God zegt tegen Abraham:

382
00:23:01,110 --> 00:23:05,910
De vierde generatie zal hier terugkeren,
want de maat van de ongerechtigheid van de

383
00:23:05,910 --> 00:23:08,670
Amorieten is tot nu toe niet vol.

384
00:23:08,670 --> 00:23:13,470
De New King James zegt
‘complete’, oftewel ‘volledig’.

385
00:23:13,470 --> 00:23:18,750
Het woord is ‘full’: ‘vol’, zoals
hier in het Nederlandse citaat.

386
00:23:18,750 --> 00:23:23,250
Hun ongerechtigheid heeft de beker
van toorn nog niet helemaal gevuld.

387
00:23:23,250 --> 00:23:28,770
God zei dat het in feite vierhonderd
jaar zou duren voordat dat gebeurd was.

388
00:23:28,770 --> 00:23:32,250
Maar waar het hier om gaat, is
dat er een beker gevuld wordt,

389
00:23:32,250 --> 00:23:35,550
en in hun geval is die
nog niet helemaal vol.

390
00:23:35,550 --> 00:23:40,650
God stelt het oordeel over de Kanaänieten
dus uit totdat die beker kennelijk vol is.

391
00:23:40,650 --> 00:23:47,310
Als je naar Mattheüs hoofdstuk 23 kijkt,
spreekt Jezus daar tegen de Farizeeën.

392
00:23:47,310 --> 00:23:51,450
In Mattheüs 23:29 zegt Hij:

393
00:23:51,450 --> 00:23:56,610
Wee u, schriftgeleerden
en Farizeeën, huichelaars,

394
00:23:56,610 --> 00:23:59,130
want u bouwt de graven voor de profeten

395
00:23:59,130 --> 00:24:03,270
en versiert de grafmonumenten
van de rechtvaardigen, en u zegt:

396
00:24:03,270 --> 00:24:06,030
Als wij in de tijd van onze
vaderen hadden geleefd,

397
00:24:06,030 --> 00:24:10,410
hadden wij niet met hen meegewerkt om
het bloed van de profeten te vergieten.

398
00:24:10,410 --> 00:24:14,250
Aldus getuigt u tegen uzelf,
dat u kinderen bent van hen

399
00:24:14,250 --> 00:24:16,470
die de profeten gedood hebben.

400
00:24:16,470 --> 00:24:19,170
Maakt ook u dan de maat
van uw vaderen vol!

401
00:24:19,170 --> 00:24:23,550
Het is alsof je vader al die eeuwen
deze beker van toorn heeft gevuld.

402
00:24:23,550 --> 00:24:26,490
Hij is nog niet vol, maar
jullie zullen hem vullen.

403
00:24:26,490 --> 00:24:28,530
Jullie gaan Mij doden.

404
00:24:28,530 --> 00:24:32,490
Jullie gaan de profeten doden
die Ik naar jullie toe stuur.

405
00:24:32,490 --> 00:24:35,250
Zoals Hij in vers 34 zegt:

406
00:24:35,250 --> 00:24:40,290
Daarom zie, Ik zend profeten, wijzen
en schriftgeleerden naar u toe,

407
00:24:40,290 --> 00:24:44,010
en sommigen van hen zult
u doden en kruisigen,

408
00:24:44,010 --> 00:24:48,030
en sommigen van hen zult
u geselen in uw synagogen,

409
00:24:48,030 --> 00:24:50,850
en u zult hen vervolgen van stad tot stad,

410
00:24:50,850 --> 00:24:56,550
opdat over u al het rechtvaardige bloed
zal komen dat vergoten is op de aarde,

411
00:24:56,550 --> 00:25:00,930
vanaf het bloed van de rechtvaardige
Abel tot het bloed van Zacharia,

412
00:25:00,930 --> 00:25:06,390
de zoon van Berechja, die u gedood
hebt tussen de tempel en het altaar.

413
00:25:06,390 --> 00:25:07,590
enzovoort.

414
00:25:07,590 --> 00:25:12,210
Waar het nu om gaat, is dat Hij zegt dat
hun vaderen de profeten hebben gedood,

415
00:25:12,210 --> 00:25:16,410
maar dat zij zullen aanvullen wat er
nog ontbreekt aan de maat van de schuld

416
00:25:16,410 --> 00:25:17,730
van hun vaderen.

417
00:25:17,730 --> 00:25:22,110
De beker zal vol zijn en zal in
die generatie worden uitgegoten.

418
00:25:22,110 --> 00:25:25,470
De gedachte dat de beker
vol is van de toorn van God,

419
00:25:25,470 --> 00:25:29,430
die overeenkomt met de zonden van de
mensen die de beker hebben gevuld,

420
00:25:29,430 --> 00:25:33,930
geeft een bijzondere betekenis aan
Jezus' gebed in de hof, waar Hij zei:

421
00:25:33,930 --> 00:25:39,450
En nadat Hij iets verder gegaan was, wierp
Hij Zich met het gezicht ter aarde en bad:

422
00:25:39,450 --> 00:25:44,910
Mijn Vader, als het mogelijk is, laat
deze drinkbeker aan Mij voorbijgaan.

423
00:25:44,910 --> 00:25:48,390
Maar niet zoals Ik wil, maar zoals U wilt.

424
00:25:48,390 --> 00:25:53,370
En toen Hij werd gearresteerd en
Petrus Hem probeerde te verdedigen,

425
00:25:53,370 --> 00:25:55,170
zei Jezus natuurlijk:

426
00:25:55,170 --> 00:25:59,790
Jezus dan zei tegen Petrus:
Steek uw zwaard in de schede.

427
00:25:59,790 --> 00:26:04,170
De drinkbeker die de Vader Mij gegeven
heeft, zal Ik die niet drinken?

428
00:26:04,170 --> 00:26:06,750
De beker ging niet aan Hem voorbij.

429
00:26:06,750 --> 00:26:08,850
Waarom verwees Hij naar die beker?

430
00:26:08,850 --> 00:26:11,790
Ik geloof dat het de
beker van Gods toorn is,

431
00:26:11,790 --> 00:26:17,490
de beker die gevuld is met de zonden van
de wereld en over Jezus wordt uitgegoten.

432
00:26:17,490 --> 00:26:19,470
Hij moest die beker drinken.

433
00:26:19,470 --> 00:26:23,730
Maar in de dagen van Jeremia
zouden deze heidense volken door

434
00:26:23,730 --> 00:26:28,530
tijdelijke oordelen worden getroffen en
zouden ze hun eigen beker moeten drinken.

435
00:26:28,530 --> 00:26:33,450
En dit werd uitgebeeld doordat Jeremia
deze wijnbeker naar die volken bracht.

436
00:26:33,450 --> 00:26:37,710
Ik vermoed dat hij dit in een
visioen deed, niet in werkelijkheid.

437
00:26:37,710 --> 00:26:42,450
De reden daarvoor is dat alle volken naar
wie hij volgens de tekst de beker brengt,

438
00:26:42,450 --> 00:26:44,850
aan de overkant van de zee liggen.

439
00:26:44,850 --> 00:26:50,550
Babel staat in de lijst, Egypte staat
in de lijst, heel, heel veel koningen,

440
00:26:50,550 --> 00:26:54,030
alle koningen van Arabië,
alle koningen van dit.

441
00:26:54,030 --> 00:26:57,570
Hij moet deze wijnbeker
naar al deze mensen brengen.

442
00:26:57,570 --> 00:27:01,830
Als hij te voet zou reizen, zou
dat de rest van zijn leven kosten.

443
00:27:01,830 --> 00:27:06,931
Daarom vermoed ik dat de betekenis — dat
zij de beker van toorn zullen drinken —

444
00:27:06,931 --> 00:27:11,010
net zo goed tot haar recht zou komen
als dit in een visioen gebeurde.

445
00:27:11,010 --> 00:27:15,030
Jeremia zou het dan beschrijven alsof
hij er werkelijk naartoe was gegaan

446
00:27:15,030 --> 00:27:16,530
en het had gedaan.

447
00:27:16,530 --> 00:27:21,090
Het is vrijwel zeker dat deze profetie
niet ten behoeve van die volken was,

448
00:27:21,090 --> 00:27:26,670
maar ten behoeve van Juda, om te zien
dat God ook de volken zou oordelen.

449
00:27:26,670 --> 00:27:28,530
In vers 15 staat:

450
00:27:28,530 --> 00:27:33,270
Want zo heeft de HEERE, de God
van Israël, tegen mij gezegd:

451
00:27:33,270 --> 00:27:37,410
Neem deze beker van de wijn van
de grimmigheid uit Mijn hand,

452
00:27:37,410 --> 00:27:41,490
en geef die te drinken aan al
de volken tot wie Ik u zend,

453
00:27:41,490 --> 00:27:45,930
zodat zij drinken en waggelen en
zich als een waanzinnige gedragen

454
00:27:45,930 --> 00:27:48,870
vanwege het zwaard dat Ik onder hen zend.

455
00:27:48,870 --> 00:27:53,190
Het drinken van deze beker is
dus de oorlog die tegen hen komt.

456
00:27:53,190 --> 00:27:55,710
Ze worden door hun vijanden verslagen.

457
00:27:55,710 --> 00:27:58,530
Toen nam ik deze beker
uit de hand van de HEERE

458
00:27:58,530 --> 00:28:03,270
en gaf die te drinken aan al de volken
tot wie de HEERE mij gezonden had:

459
00:28:03,270 --> 00:28:05,910
Dit moet in een visioen zijn geweest.

460
00:28:05,910 --> 00:28:08,010
Waar is Gods hand zichtbaar?

461
00:28:08,010 --> 00:28:13,050
In het werkelijke leven is het moeilijk je
voor te stellen dat God een tastbare hand

462
00:28:13,050 --> 00:28:17,310
en een tastbare beker had en
die naar hem omlaag aanreikte.

463
00:28:17,310 --> 00:28:21,990
Het is veel gemakkelijker om dit te zien
als iets wat in een visioen gebeurt.

464
00:28:21,990 --> 00:28:25,050
God verschijnt daarin met
een beker in Zijn hand,

465
00:28:25,050 --> 00:28:29,670
en Jeremia gaat er in het visioen
naartoe en neemt die uit Zijn hand.

466
00:28:29,670 --> 00:28:33,150
Jeruzalem en de steden
van Juda komen eerst.

467
00:28:33,150 --> 00:28:37,950
aan Jeruzalem en de steden van
Juda, zijn koningen en zijn vorsten,

468
00:28:37,950 --> 00:28:41,550
om die te maken tot een
puinhoop, tot een verschrikking,

469
00:28:41,550 --> 00:28:45,870
tot een aanfluiting en tot een
vloek, zoals het heden ten dage is,

470
00:28:45,870 --> 00:28:50,370
Dan krijgen we de farao, de
koning van Egypte, in vers 19.

471
00:28:50,370 --> 00:28:53,610
In vers 20 gaat het om
de koningen van het land

472
00:28:53,610 --> 00:28:56,790
Uz en de koningen van het
land van de Filistijnen.

473
00:28:56,790 --> 00:28:59,250
Dat zijn daar behoorlijk wat koningen.

474
00:28:59,250 --> 00:29:05,550
Dan, in vers 21, Edom, Moab
en de mensen van Ammon.

475
00:29:05,550 --> 00:29:07,470
In vers 22:

476
00:29:07,470 --> 00:29:11,550
aan al de koningen van Tyrus,
al de koningen van Sidon,

477
00:29:11,550 --> 00:29:15,390
en de koningen van de kustlanden die
liggen aan de overkant van de zee,

478
00:29:15,390 --> 00:29:19,650
Het is duidelijk dat hij deze
reis niet lichamelijk gaat maken.

479
00:29:19,650 --> 00:29:21,390
Vers 23:

480
00:29:21,390 --> 00:29:27,990
aan Dedan, Tema, Buz, en allen die
kaalgeschoren zijn aan hun slapen,

481
00:29:27,990 --> 00:29:29,730
Vers 24:

482
00:29:29,730 --> 00:29:34,290
aan al de koningen van Arabië en al de
koningen van de gemengde bevolking die in

483
00:29:34,290 --> 00:29:35,790
de woestijn woont,

484
00:29:35,790 --> 00:29:37,530
Vers 25:

485
00:29:37,530 --> 00:29:42,150
aan al de koningen van Zimri,
al de koningen van Elam en al de

486
00:29:42,150 --> 00:29:43,650
koningen van Medië,

487
00:29:43,650 --> 00:29:46,770
Ik vraag me af hoeveel koningen Zimri had.

488
00:29:46,770 --> 00:29:49,170
Ik weet niet eens waar die plaats lag.

489
00:29:49,170 --> 00:29:56,070
Over Elam zegt hij: dat zijn eigenlijk de
Meden of Perzië — of liever, de Perzen.

490
00:29:56,070 --> 00:30:00,030
aan al de koningen van het noorden,
die dichtbij en veraf zijn,

491
00:30:00,030 --> 00:30:04,590
de een na de ander; ja, aan al
de koninkrijken van de aarde,

492
00:30:04,590 --> 00:30:06,810
die op de aardbodem zijn.

493
00:30:06,810 --> 00:30:09,750
Na hen zal de koning van Sesach drinken.

494
00:30:09,750 --> 00:30:13,470
Dat zijn heel wat koningen,
ver weg en dichtbij.

495
00:30:13,470 --> 00:30:15,210
Dat is een groot aantal.

496
00:30:15,210 --> 00:30:18,630
Hij gaat naar alle koningen van
alle koninkrijken ter wereld

497
00:30:18,630 --> 00:30:20,850
op het oppervlak van de aarde.

498
00:30:20,850 --> 00:30:22,290
Waar is Sesach?

499
00:30:22,290 --> 00:30:24,150
Dat is eigenlijk Babel.

500
00:30:24,150 --> 00:30:26,310
Het is een codenaam voor Babel.

501
00:30:26,310 --> 00:30:31,230
Ik weet niet waarom die gekozen is, maar
hij wordt ook genoemd in hoofdstuk 51,

502
00:30:31,230 --> 00:30:33,210
in vers 41.

503
00:30:33,210 --> 00:30:37,590
Hoofdstuk 51:41 noemt Babel Sesach.

504
00:30:37,590 --> 00:30:40,650
En zo komt uiteindelijk ook
Babel onder het oordeel.

505
00:30:40,650 --> 00:30:44,610
De vervulling hiervan is natuurlijk dat
in het begin Jeruzalem wordt genoemd,

506
00:30:44,610 --> 00:30:46,770
maar ook alle volken eromheen.

507
00:30:46,770 --> 00:30:51,090
De meeste daarvan komen onder het
oordeel dat door Babel wordt voltrokken.

508
00:30:51,090 --> 00:30:55,650
Maar uiteindelijk wordt Babel genoemd
als degene die onder het oordeel komt.

509
00:30:55,650 --> 00:31:00,990
Dus alle volken, Jeruzalem en de
heidenen, zullen onder het oordeel komen.

510
00:31:00,990 --> 00:31:05,790
Dan moet u tegen hen zeggen: Zo
zegt de HEERE van de legermachten,

511
00:31:05,790 --> 00:31:11,190
de God van Israël: Drink,
word dronken, spuw uit,

512
00:31:11,190 --> 00:31:16,410
val neer zodat u niet weer opstaat,
vanwege het zwaard dat Ik onder u zend.

513
00:31:16,410 --> 00:31:20,550
Mocht het gebeuren dat zij weigeren de
beker uit uw hand te nemen om te drinken,

514
00:31:20,550 --> 00:31:25,530
dan zult u tegen hen zeggen: Zo
zegt de HEERE van de legermachten:

515
00:31:25,530 --> 00:31:30,990
Drinken zult u! Want zie, in de stad
waarover Mijn Naam is uitgeroepen,

516
00:31:30,990 --> 00:31:35,010
begin Ik met onheil aan te richten
en zou u dan in enig opzicht voor

517
00:31:35,010 --> 00:31:36,870
onschuldig worden gehouden?

518
00:31:36,870 --> 00:31:39,270
U zult niet voor
onschuldig worden gehouden,

519
00:31:39,270 --> 00:31:43,290
want Ik roep het zwaard op tegen
alle bewoners van de aarde,

520
00:31:43,290 --> 00:31:46,110
spreekt de HEERE van de legermachten.

521
00:31:46,110 --> 00:31:49,350
Er is hier ongetwijfeld
sprake van enige overdrijving,

522
00:31:49,350 --> 00:31:54,150
met alle kusten van de zee en alle
koningen in de wereld enzovoort.

523
00:31:54,150 --> 00:31:58,650
In wezen gaat het over de tijd waarin
Babylon het hele gebied veroverde.

524
00:31:58,650 --> 00:32:01,350
Maar je zou kunnen zeggen
dat dit verder kijkt,

525
00:32:01,350 --> 00:32:05,310
naar het feit dat alle volken op
een dag geoordeeld zullen worden,

526
00:32:05,310 --> 00:32:06,690
want dat zullen ze.

527
00:32:06,690 --> 00:32:08,910
Iedereen zal geoordeeld worden.

528
00:32:08,910 --> 00:32:12,570
Jezus zei in Mattheüs 25:31:

529
00:32:12,570 --> 00:32:16,350
Wanneer de Zoon des mensen komen
zal in Zijn heerlijkheid en

530
00:32:16,350 --> 00:32:21,510
al de heilige engelen met Hem, dan zal Hij
zitten op de troon van Zijn heerlijkheid.

531
00:32:21,510 --> 00:32:25,290
En vóór Hem zullen al de
volken bijeengebracht worden,

532
00:32:25,290 --> 00:32:30,450
en Hij zal ze van elkaar scheiden zoals de
herder de schapen van de bokken scheidt.

533
00:32:30,450 --> 00:32:35,670
Alle volken dus. In zekere zin geldt
dit dus letterlijk voor alle volken.

534
00:32:35,670 --> 00:32:40,530
Maar ik heb het gevoel dat de voornaamste
betekenis te maken heeft met het onheil

535
00:32:40,530 --> 00:32:45,870
dat vanuit Babylon komt over het gebied
waar de meeste van deze landen liggen.

536
00:32:45,870 --> 00:32:47,190
Vers 30:

537
00:32:47,190 --> 00:32:52,350
En ú moet tegen hen al deze woorden
profeteren, en tegen hen zeggen:

538
00:32:52,350 --> 00:32:55,890
De HEERE zal brullen als
een leeuw vanuit de hoogte,

539
00:32:55,890 --> 00:32:59,490
vanuit Zijn heilige woning
Zijn stem laten klinken.

540
00:32:59,490 --> 00:33:02,310
Hij zal geweldig brullen
tegen Zijn woonplaats,

541
00:33:02,310 --> 00:33:06,270
Hij zal een vreugderoep als van
druiventreders aanheffen tegen alle

542
00:33:06,270 --> 00:33:08,250
bewoners van de aarde.

543
00:33:08,250 --> 00:33:11,850
Vreselijk gedruis zal komen
tot aan het einde der aarde,

544
00:33:11,850 --> 00:33:15,510
want de HEERE heeft een
rechtszaak met de volken;

545
00:33:15,510 --> 00:33:18,510
Híj zal een rechtszaak
voeren met alle vlees.

546
00:33:18,510 --> 00:33:23,190
De goddelozen heeft Hij overgegeven
aan het zwaard, spreekt de HEERE.

547
00:33:23,190 --> 00:33:24,390
Of het land.

548
00:33:24,390 --> 00:33:29,010
Dit moet worden opgevat als de
hele wereld, blijkbaar alle volken.

549
00:33:29,010 --> 00:33:35,430
Zo zegt de HEERE van de legermachten:
Zie, onheil gaat uit van volk tot volk.

550
00:33:35,430 --> 00:33:39,330
Een zware storm wordt opgewekt
van de uithoeken van de aarde.

551
00:33:39,330 --> 00:33:44,370
De door de HEERE dodelijk gewonden zullen
op die dag van het ene einde der aarde

552
00:33:44,370 --> 00:33:46,650
tot aan het andere einde der aarde liggen.

553
00:33:46,650 --> 00:33:49,530
Er zal over hen geen rouw bedreven worden,

554
00:33:49,530 --> 00:33:52,710
zij zullen niet verzameld
en niet begraven worden:

555
00:33:52,710 --> 00:33:55,710
tot mest op de aardbodem zullen zij zijn.

556
00:33:55,710 --> 00:33:57,210
Of het land.

557
00:33:57,210 --> 00:34:02,790
Huil en jammer, herders, en wentel
u in de as, leiders van de kudde.

558
00:34:02,790 --> 00:34:06,390
De dagen van uw slachting en
verstrooiing zijn aangebroken.

559
00:34:06,390 --> 00:34:08,910
U zult vallen als een kostbare vaas.

560
00:34:08,910 --> 00:34:12,390
De herders zullen niet kunnen vluchten
en de leiders van de kudde zullen

561
00:34:12,390 --> 00:34:13,950
niet kunnen ontkomen.

562
00:34:13,950 --> 00:34:17,790
Het geroep van de herders en het
gejammer van de leiders van de kudde

563
00:34:17,790 --> 00:34:22,230
zullen te horen zijn, want de
HEERE heeft hun weide verwoest.

564
00:34:22,230 --> 00:34:26,070
De vredige verblijfplaatsen worden
vernietigd vanwege de brandende toorn

565
00:34:26,070 --> 00:34:27,330
van de HEERE.

566
00:34:27,330 --> 00:34:30,210
Als een leeuw heeft Hij
Zijn schuilplaats verlaten.

567
00:34:30,210 --> 00:34:33,630
Hun land is verwoest vanwege
de woede van de onderdrukker

568
00:34:33,630 --> 00:34:36,090
en vanwege Zijn brandende toorn.

569
00:34:36,090 --> 00:34:39,990
Dit gedeelte, vanaf vers 30 tot
het einde van het hoofdstuk,

570
00:34:39,990 --> 00:34:44,670
lijkt een toelichting te geven op het
drinken van die beker door al deze volken.

571
00:34:44,670 --> 00:34:48,150
God komt als een leeuw uit Zijn
schuilplaats en Hij oordeelt

572
00:34:48,150 --> 00:34:49,650
al deze volken.

573
00:34:49,650 --> 00:34:54,090
Dit zou eenvoudig kunnen betekenen dat
de verovering van het hele gebied door

574
00:34:54,090 --> 00:34:56,670
Babylon Gods oordeel over hen was.

575
00:34:56,670 --> 00:35:01,410
Toen Nebukadnezar dat deed, zei
Daniël immers tegen Nebukadnezar in

576
00:35:01,410 --> 00:35:03,450
Daniël hoofdstuk 2:

577
00:35:03,450 --> 00:35:06,750
De Heere God heeft u
al deze volken gegeven.

578
00:35:06,750 --> 00:35:10,470
Hij heeft u tot heerser
over deze volken gemaakt.

579
00:35:10,470 --> 00:35:16,410
Daniël zag God dus als Degene Die deze
volken in de hand van Nebukadnezar gaf.

580
00:35:16,410 --> 00:35:21,510
God zou hier over Zichzelf kunnen spreken
als Degene Die hen op die manier oordeelt.

581
00:35:21,510 --> 00:35:26,850
Maar toegegeven, er staan bewoordingen
die wereldwijd klinken: de hele wereld,

582
00:35:26,850 --> 00:35:28,710
alle volken van de wereld.

583
00:35:28,710 --> 00:35:33,210
En toch, om te voorkomen dat we denken
dat zulke bewoordingen absoluut letterlijk

584
00:35:33,210 --> 00:35:37,230
moeten worden opgevat, kijk eens
naar Handelingen hoofdstuk 2.

585
00:35:37,230 --> 00:35:40,770
Vers 5 zegt, en dit is
op de dag van Pinksteren:

586
00:35:40,770 --> 00:35:44,850
Nu woonden er Joden in Jeruzalem,
godvrezende mannen uit alle

587
00:35:44,850 --> 00:35:46,890
volken die er onder de hemel zijn.

588
00:35:46,890 --> 00:35:51,270
Toen de menigte het geluid hoorde en de
mensen het spreken in tongen hoorden,

589
00:35:51,270 --> 00:35:52,890
zeiden ze in vers 8:

590
00:35:52,890 --> 00:35:56,850
En hoe kunnen wij hen dan horen,
eenieder in onze eigen taal,

591
00:35:56,850 --> 00:35:58,830
waarin wij geboren zijn?

592
00:35:58,830 --> 00:36:05,070
Parthen, Meden en Elamieten en zij die
inwoners zijn van Mesopotamië, Judea,

593
00:36:05,070 --> 00:36:12,210
Kappadocië, Pontus en Asia, Frygië,
Pamfylië, Egypte, en de streken van Libië,

594
00:36:12,210 --> 00:36:16,290
dat bij Cyrene ligt, alsook de
nu hier verblijvende Romeinen,

595
00:36:16,290 --> 00:36:20,730
zowel Joden als proselieten,
Kretenzen en Arabieren,

596
00:36:20,730 --> 00:36:24,990
wij horen hen in onze taal over
de grote werken van God spreken.

597
00:36:24,990 --> 00:36:28,590
Er worden hier ongeveer vijftien
verschillende landen genoemd.

598
00:36:28,590 --> 00:36:31,650
Dit waren landen waarheen
Joden verstrooid waren

599
00:36:31,650 --> 00:36:35,430
en vanwaar de pelgrims met
Pinksteren kwamen om te aanbidden.

600
00:36:35,430 --> 00:36:39,450
En er staat dat ze uit elk
volk onder de hemel kwamen.

601
00:36:39,450 --> 00:36:42,690
Vijftien volken zijn natuurlijk
niet elk volk onder de hemel,

602
00:36:42,690 --> 00:36:45,270
maar dat is gewoon een manier van spreken.

603
00:36:45,270 --> 00:36:50,370
In Lukas hoofdstuk 2 staat dat keizer
Augustus een bevel uitvaardigde:

604
00:36:50,370 --> 00:36:55,470
En het geschiedde in die dagen dat er een
gebod uitging van keizer Augustus dat heel

605
00:36:55,470 --> 00:36:57,690
de wereld ingeschreven moest worden.

606
00:36:57,690 --> 00:37:00,030
Of geregistreerd voor de belastingheffing.

607
00:37:00,030 --> 00:37:05,550
De hele wereld viel niet onder het gezag
van Augustus, maar de Romeinse wereld wel.

608
00:37:05,550 --> 00:37:10,230
Met de wereld wordt in wezen de
toenmalige bekende wereld bedoeld.

609
00:37:10,230 --> 00:37:13,590
Dit probeert niet noodzakelijkerwijs
te zeggen dat de hele

610
00:37:13,590 --> 00:37:15,630
aardbol ermee te maken kreeg.

611
00:37:15,630 --> 00:37:19,890
Dezelfde bewoordingen zouden dat
kunnen betekenen, maar wat ik zeg

612
00:37:19,890 --> 00:37:24,030
is dat dit soort overdrijving in
de Bijbel niet ongebruikelijk is.

613
00:37:24,030 --> 00:37:26,550
Nu hoofdstuk 26 van Jeremia.

614
00:37:26,550 --> 00:37:31,050
Het begint met: ‘In het begin
van het koningschap van Jojakim.’

615
00:37:31,050 --> 00:37:34,170
Dit is vier jaar eerder
dan het vorige hoofdstuk.

616
00:37:34,170 --> 00:37:40,350
Dat was 605 voor Christus; dit zou
dan 609 voor Christus zijn, denk ik.

617
00:37:40,350 --> 00:37:44,670
In het begin van het koningschap
van Jojakim, de zoon van Josia,

618
00:37:44,670 --> 00:37:47,970
koning van Juda, kwam
dit woord van de HEERE:

619
00:37:47,970 --> 00:37:53,730
Zo zegt de HEERE: Ga in de voorhof van het
huis van de HEERE staan en spreek tot alle

620
00:37:53,730 --> 00:37:57,990
steden van Juda die komen om zich neer
te buigen in het huis van de HEERE,

621
00:37:57,990 --> 00:38:01,230
alle woorden die Ik u geboden
heb tot hen te spreken.

622
00:38:01,230 --> 00:38:03,330
Doe er geen woord van af.

623
00:38:03,330 --> 00:38:07,950
Misschien zullen zij luisteren en zich
bekeren, zij allen van hun slechte weg.

624
00:38:07,950 --> 00:38:12,330
Dan zal Ik berouw hebben over het kwade
dat Ik hun denk aan te doen vanwege

625
00:38:12,330 --> 00:38:13,890
hun slechte daden.

626
00:38:13,890 --> 00:38:14,760
Die woorden:

627
00:38:14,760 --> 00:38:16,590
Misschien doen ze dat wel.

628
00:38:16,590 --> 00:38:20,850
wekken de indruk dat er in de tijd
van Jojakim nog een mogelijkheid is,

629
00:38:20,850 --> 00:38:24,810
maar later, in de tijd van
Zedekia, niet zozeer meer.

630
00:38:24,810 --> 00:38:30,210
Zeg dan tegen hen: Zo zegt de HEERE: Als
u niet naar Mij wilt luisteren door te

631
00:38:30,210 --> 00:38:33,690
wandelen volgens Mijn wet,
die Ik u heb voorgehouden,

632
00:38:33,690 --> 00:38:38,010
door te luisteren naar de woorden
van Mijn dienaren, de profeten,

633
00:38:38,010 --> 00:38:42,630
die Ik vroeg en laat tot u zend,
en u niet hebt willen luisteren,

634
00:38:42,630 --> 00:38:48,390
dan zal Ik dit huis maken als Silo, en
deze stad zal Ik maken tot een vloek voor

635
00:38:48,390 --> 00:38:49,950
alle volken van de aarde.

636
00:38:49,950 --> 00:38:54,090
Dit is natuurlijk een herhaling van
zijn profetie die hij bij de poorten van

637
00:38:54,090 --> 00:38:55,890
de tempel uitsprak.

638
00:38:55,890 --> 00:38:59,250
Nu spreekt hij die uit in
de voorhoven van de tempel,

639
00:38:59,250 --> 00:39:02,790
maar in hoofdstuk 7 gaf
hij dezelfde profetie:

640
00:39:02,790 --> 00:39:07,350
dat God met Jeruzalem zou doen
wat Hij met Silo had gedaan.

641
00:39:07,350 --> 00:39:11,070
Die wordt hier in verkorte
vorm herhaald om te laten zien

642
00:39:11,070 --> 00:39:14,790
welke reactie hij er bij
deze gelegenheid op kreeg.

643
00:39:14,790 --> 00:39:17,730
Het kostte Jeremia bijna zijn leven.

644
00:39:17,730 --> 00:39:19,230
In vers 7 staat:

645
00:39:19,230 --> 00:39:22,830
De priesters, de profeten en heel het volk

646
00:39:22,830 --> 00:39:26,670
hoorden Jeremia deze woorden
spreken in het huis van de HEERE.

647
00:39:26,670 --> 00:39:30,510
Het gebeurde zodra Jeremia
geëindigd had uit te spreken

648
00:39:30,510 --> 00:39:35,490
alles wat de HEERE geboden had tot heel
het volk te spreken, dat de priesters,

649
00:39:35,490 --> 00:39:41,610
de profeten en heel het volk hem
grepen en zeiden: U zult zeker sterven!

650
00:39:41,610 --> 00:39:46,590
En daarvan is hier maar heel weinig
opgetekend, alleen dat ene over Silo,

651
00:39:46,590 --> 00:39:48,990
maar er was blijkbaar nog veel meer.

652
00:39:48,990 --> 00:39:51,630
Toen hij uitgesproken was, staat er:

653
00:39:51,630 --> 00:39:55,350
Het gebeurde zodra Jeremia
geëindigd had uit te spreken

654
00:39:55,350 --> 00:40:00,330
alles wat de HEERE geboden had tot heel
het volk te spreken, dat de priesters,

655
00:40:00,330 --> 00:40:06,690
de profeten en heel het volk hem
grepen en zeiden: U zult zeker sterven!

656
00:40:06,690 --> 00:40:09,930
Waarom hebt u in de Naam
van de HEERE geprofeteerd:

657
00:40:09,930 --> 00:40:14,430
Dit huis zal worden als Silo en
deze stad zal verwoest worden,

658
00:40:14,430 --> 00:40:16,710
zodat er geen inwoner meer is?

659
00:40:16,710 --> 00:40:21,390
En heel het volk liep te hoop tegen
Jeremia in het huis van de HEERE.

660
00:40:21,390 --> 00:40:24,990
We zullen zien dat de priesters en
de profeten degenen zijn die tot

661
00:40:24,990 --> 00:40:26,970
deze aanval aanzetten.

662
00:40:26,970 --> 00:40:30,270
Het zullen de vorsten zijn die
Jeremia daadwerkelijk redden.

663
00:40:30,270 --> 00:40:34,650
De vorsten nemen blijkbaar niet zo veel
aanstoot aan zijn woorden als de priesters

664
00:40:34,650 --> 00:40:36,030
en de profeten.

665
00:40:36,030 --> 00:40:39,090
De priesters kunnen er heel
goed aanstoot aan nemen,

666
00:40:39,090 --> 00:40:43,410
want hij voorspelt de verwoesting
van de tempel. Daar werken zij.

667
00:40:43,410 --> 00:40:46,110
Dat is immers het terrein
waar zij gezag hebben.

668
00:40:46,110 --> 00:40:49,290
Wat er ook mis is in de
tempel, het is hun schuld.

669
00:40:49,290 --> 00:40:53,370
Dus als hij zegt dat de tempel
onder Gods oordeel ligt, zegt hij:

670
00:40:53,370 --> 00:40:56,310
‘Jullie priesters hebben
dit over ons gebracht.’

671
00:40:56,310 --> 00:41:01,590
De profeten daarentegen zijn degenen die
profeteren dat er niets ergs zal gebeuren.

672
00:41:01,590 --> 00:41:03,210
Alles zal goed gaan.

673
00:41:03,210 --> 00:41:05,610
Jeremia spreekt hen dus tegen.

674
00:41:05,610 --> 00:41:09,090
Dit zijn de godsdienstige
leiders, en met zijn woorden

675
00:41:09,090 --> 00:41:13,230
richt Jeremia het zoeklicht op
hen en veroordeelt hen daarmee.

676
00:41:13,230 --> 00:41:17,730
Maar de politieke leiders lijken zich hier
niet aan te storen, zoals we zullen zien.

677
00:41:17,730 --> 00:41:18,870
Er staat:

678
00:41:18,870 --> 00:41:21,930
Toen nu de vorsten van
Juda deze woorden hoorden,

679
00:41:21,930 --> 00:41:25,230
kwamen zij uit het huis van de
koning naar het huis van de HEERE,

680
00:41:25,230 --> 00:41:30,030
en gingen bij de ingang van de nieuwe
poort van het huis van de HEERE, zitten.

681
00:41:30,030 --> 00:41:32,010
Blijkbaar om recht te spreken.

682
00:41:32,010 --> 00:41:36,510
Jeremia is beschuldigd van een of
andere vorm van godslastering of zoiets,

683
00:41:36,510 --> 00:41:38,730
en daarom willen ze hem doden.

684
00:41:38,730 --> 00:41:41,490
Dus moeten de vorsten daar rechtspreken.

685
00:41:41,490 --> 00:41:45,090
Ze komen en gaan zitten bij de
poort van het huis van de HEERE.

686
00:41:45,090 --> 00:41:48,810
De priesters en de profeten,
die zich tegen hem keren,

687
00:41:48,810 --> 00:41:51,030
spraken tot de vorsten en heel het volk.

688
00:41:51,030 --> 00:41:55,650
Tot op dit moment is het volk door de
priesters en de profeten opgehitst.

689
00:41:55,650 --> 00:41:59,370
Het volk werd steeds samen
met hen genoemd: de priesters,

690
00:41:59,370 --> 00:42:01,170
de profeten en het volk.

691
00:42:01,170 --> 00:42:05,850
Maar op dit punt wordt het volk beïnvloed
door de argumenten van beide kanten,

692
00:42:05,850 --> 00:42:10,230
en uiteindelijk kiest het volk in
deze zaak de kant van de vorsten

693
00:42:10,230 --> 00:42:12,210
in plaats van die van de priesters.

694
00:42:12,210 --> 00:42:13,950
Ze zeiden tegen het volk:

695
00:42:13,950 --> 00:42:18,810
Toen zeiden de priesters en de profeten
tegen de vorsten en tegen heel het volk:

696
00:42:18,810 --> 00:42:24,270
Deze man heeft de doodstraf verdiend, want
hij heeft geprofeteerd tegen deze stad,

697
00:42:24,270 --> 00:42:26,790
zoals u met eigen oren gehoord hebt.

698
00:42:26,790 --> 00:42:30,570
Het is interessant dat Stefanus
voor het Sanhedrin werd gebracht

699
00:42:30,570 --> 00:42:33,690
omdat hij ervan werd beschuldigd
de tempel te lasteren

700
00:42:33,690 --> 00:42:38,310
en te beweren dat Jezus zou komen
en de tempel zou verwoesten.

701
00:42:38,310 --> 00:42:42,570
Dat was de beschuldiging tegen Stefanus,
en het Sanhedrin was bereid hem

702
00:42:42,570 --> 00:42:44,190
daarvoor te berechten.

703
00:42:44,190 --> 00:42:49,230
Ze hadden zich moeten herinneren dat hun
eigen profeet Jeremia terecht had gestaan

704
00:42:49,230 --> 00:42:52,590
omdat hij precies hetzelfde
soort voorspellingen deed.

705
00:42:52,590 --> 00:42:56,190
Wat hier interessant is, is
dat Jeremia gespaard werd

706
00:42:56,190 --> 00:43:00,510
omdat de leiders van zijn tijd zich
herinnerden dat een eerdere profeet

707
00:43:00,510 --> 00:43:03,630
precies hetzelfde soort
voorspellingen had gedaan.

708
00:43:03,630 --> 00:43:06,210
Micha had precies zoiets gezegd.

709
00:43:06,210 --> 00:43:10,650
Ze wijzen erop dat dit tijdens de
regering van Hizkia werd uitgesproken

710
00:43:10,650 --> 00:43:13,770
en dat Hizkia hem toen
niet liet arresteren.

711
00:43:13,770 --> 00:43:15,990
Hier is dus een precedent voor.

712
00:43:15,990 --> 00:43:19,170
Dat precedent heeft Jeremia
hier daadwerkelijk gered,

713
00:43:19,170 --> 00:43:23,250
omdat een eerdere profeet niet terecht
had gestaan en niet vervolgd was

714
00:43:23,250 --> 00:43:24,870
omdat hij deze dingen zei.

715
00:43:24,870 --> 00:43:28,710
Maar toen Stefanus deze dingen
zei, moest hij terechtstaan

716
00:43:28,710 --> 00:43:31,770
ondanks het precedent van
zowel Micha als Jeremia,

717
00:43:31,770 --> 00:43:35,370
die het Sanhedrin allebei als
profeten zou hebben erkend.

718
00:43:35,370 --> 00:43:38,430
Ze zouden Micha en Jeremia
als profeten hebben erkend,

719
00:43:38,430 --> 00:43:43,470
maar ze negeerden dit precedent,
berechtten Stefanus en stenigden hem toch.

720
00:43:43,470 --> 00:43:47,790
Maar Jeremia zei tegen al de
vorsten en tegen heel het volk:

721
00:43:47,790 --> 00:43:52,830
De HEERE heeft mij gezonden om
tegen dit huis en tegen deze stad

722
00:43:52,830 --> 00:43:56,370
te profeteren alle woorden
die u gehoord hebt.

723
00:43:56,370 --> 00:44:03,750
Beter daarom nu uw wegen en uw daden en
luister naar de stem van de HEERE, uw God.

724
00:44:03,750 --> 00:44:08,610
Dan zal de HEERE afzien van het onheil
dat Hij over u heeft uitgesproken.

725
00:44:08,610 --> 00:44:11,970
Wat mij betreft: ik ben in uw hand.

726
00:44:11,970 --> 00:44:14,730
Doe met mij wat u goed en juist vindt.

727
00:44:14,730 --> 00:44:20,250
Maar weet zeker dat u, als u mij doodt,
onschuldig bloed brengt over uzelf,

728
00:44:20,250 --> 00:44:23,310
over deze stad en over haar inwoners.

729
00:44:23,310 --> 00:44:27,570
Want werkelijk, de HEERE heeft
mij naar u gezonden om al deze

730
00:44:27,570 --> 00:44:30,210
woorden ten aanhoren van u te spreken.

731
00:44:30,210 --> 00:44:33,450
De vorsten lieten zich nu
door Jeremia overtuigen.

732
00:44:33,450 --> 00:44:36,391
Er staat dat de vorsten en heel het volk —

733
00:44:36,391 --> 00:44:38,790
nu staat het volk aan
de kant van de vorsten

734
00:44:38,790 --> 00:44:42,570
in plaats van aan de kant van
de priesters. Ze zijn flexibel.

735
00:44:42,570 --> 00:44:45,270
Goedgelovig is misschien een
andere manier om het te zeggen.

736
00:44:45,270 --> 00:44:49,950
Toen zeiden de vorsten en heel het volk
tegen de priesters en tegen de profeten:

737
00:44:49,950 --> 00:44:54,330
Deze man heeft niet de doodstraf verdiend,
want hij heeft in de Naam van de HEERE,

738
00:44:54,330 --> 00:44:56,910
onze God, tot ons gesproken.

739
00:44:56,910 --> 00:45:00,030
Ook stonden er mannen op
uit de oudsten van het land.

740
00:45:00,030 --> 00:45:04,230
Zij zeiden tegen heel het
verzamelde volk: Micha uit Moreset

741
00:45:04,230 --> 00:45:08,610
heeft in de dagen van Hizkia,
koning van Juda, geprofeteerd.

742
00:45:08,610 --> 00:45:14,190
Hij zei tegen heel het volk van Juda:
Zo zegt de HEERE van de legermachten:

743
00:45:14,190 --> 00:45:16,830
Sion zal als een akker omgeploegd worden,

744
00:45:16,830 --> 00:45:22,710
Jeruzalem zal tot puinhopen worden en de
berg van dit huis tot hoogten in het woud.

745
00:45:22,710 --> 00:45:25,110
De profeet Micha heeft
dat inderdaad gezegd.

746
00:45:25,110 --> 00:45:30,210
Die profetie staat opgetekend
in Micha hoofdstuk 3, vers 12.

747
00:45:30,210 --> 00:45:34,830
Hij had die uitgesproken in de dagen
van Hizkia, lang vóór de vervulling.

748
00:45:34,830 --> 00:45:38,430
Jeremia leefde veel dichter bij
de tijd van de vervulling ervan,

749
00:45:38,430 --> 00:45:40,710
maar Micha zei dezelfde dingen.

750
00:45:40,710 --> 00:45:43,350
Het gaat hier om een juridisch precedent.

751
00:45:43,350 --> 00:45:49,410
Hebben Hizkia, de koning van Juda, en
heel Juda hem ooit ter dood laten brengen?

752
00:45:49,410 --> 00:45:51,450
Vreesde hij niet de HEERE?

753
00:45:51,450 --> 00:45:54,930
Trachtte hij niet het aangezicht
van de HEERE gunstig te stemmen,

754
00:45:54,930 --> 00:45:59,610
zodat het de HEERE berouwde over het
kwaad dat Hij over hen uitgesproken had?

755
00:45:59,610 --> 00:46:02,910
Wij zijn bezig onszelf een
groot kwaad aan te doen!

756
00:46:02,910 --> 00:46:06,390
Micha? Ze hebben Micha
niet ter dood gebracht.

757
00:46:06,390 --> 00:46:09,030
Deze vorsten hadden een
beetje gezond verstand

758
00:46:09,030 --> 00:46:14,370
en beseften dat Hizkia vrede over het volk
had gebracht door naar Micha te luisteren.

759
00:46:14,370 --> 00:46:18,630
En nu proberen wij een profeet te
doden die hetzelfde zegt als Micha.

760
00:46:18,630 --> 00:46:20,550
Vers 24 zegt:

761
00:46:20,550 --> 00:46:25,590
Maar de hand van Ahikam, de
zoon van Safan, was met Jeremia,

762
00:46:25,590 --> 00:46:30,450
zodat men hem niet overgaf in de hand
van het volk om hem ter dood te brengen.

763
00:46:30,450 --> 00:46:32,730
Blijkbaar was hij een van de bestuurders.

764
00:46:32,730 --> 00:46:36,450
De verzen 20 tot en met
23 vormen een tussenzin.

765
00:46:36,450 --> 00:46:39,690
Ze maken geen deel uit
van wat hier wordt gezegd.

766
00:46:39,690 --> 00:46:42,270
Dit gaat over een andere profeet.

767
00:46:42,270 --> 00:46:46,650
Jeremia, die dit vertelt, maakt een
zijdelingse opmerking over een ander

768
00:46:46,650 --> 00:46:51,450
geval, over een profeet met wie het
minder goed afliep dan met Jeremia.

769
00:46:51,450 --> 00:46:55,710
Hij zei dezelfde dingen als Jeremia,
maar het kostte hem zijn leven.

770
00:46:55,710 --> 00:46:58,890
Bij deze gelegenheid
werd Jeremia niet gedood.

771
00:46:58,890 --> 00:47:02,250
Over deze man wordt
ons in vers 20 verteld:

772
00:47:02,250 --> 00:47:07,050
Er was nog een man die in de Naam
van de HEERE profeteerde: Uria,

773
00:47:07,050 --> 00:47:10,410
de zoon van Semaja, uit Kirjath-Jearim.

774
00:47:10,410 --> 00:47:14,910
Hij profeteerde tegen deze stad en
tegen dit land overeenkomstig al de

775
00:47:14,910 --> 00:47:16,410
woorden van Jeremia.

776
00:47:16,410 --> 00:47:18,690
Hij zei hetzelfde als Jeremia.

777
00:47:18,690 --> 00:47:23,550
Toen koning Jojakim met al zijn dappere
helden en al de vorsten zijn woorden

778
00:47:23,550 --> 00:47:26,550
hoorden, wilde de koning
hem ter dood brengen.

779
00:47:26,550 --> 00:47:29,610
Toen Uria dat hoorde, werd hij bevreesd.

780
00:47:29,610 --> 00:47:35,190
Hij vluchtte en kwam in Egypte, maar
koning Jojakim stuurde mannen naar Egypte:

781
00:47:35,190 --> 00:47:40,290
Elnathan, de zoon van Achbor, en
andere mannen met hem, naar Egypte.

782
00:47:40,290 --> 00:47:44,910
Die haalden Uria uit Egypte en
brachten hem naar koning Jojakim.

783
00:47:44,910 --> 00:47:47,070
Toen sloeg hij hem met het zwaard en

784
00:47:47,070 --> 00:47:51,090
wierp zijn dode lichaam op de
begraafplaats van het gewone volk.

785
00:47:51,090 --> 00:47:52,950
Ze lieten hem uitleveren.

786
00:47:52,950 --> 00:47:57,390
Jojakim was zo'n tiran dat hij er niet
eens genoegen mee nam dat de profeet de

787
00:47:57,390 --> 00:47:58,470
stad had verlaten.

788
00:47:58,470 --> 00:48:03,090
Als hij last heeft van wat de
profeet zegt, nou, die man is nu weg.

789
00:48:03,090 --> 00:48:05,010
Hij is naar Egypte gegaan.

790
00:48:05,010 --> 00:48:07,350
Laten we hem gewoon met rust laten.

791
00:48:07,350 --> 00:48:12,390
Nee, we gaan hem daar opsporen,
hem laten uitleveren en hem doden.

792
00:48:12,390 --> 00:48:14,430
Zo iemand was Jojakim.

793
00:48:14,430 --> 00:48:17,070
Dat gebeurde misschien
later dan dit voorval,

794
00:48:17,070 --> 00:48:21,450
want dit voorval vond plaats aan het
begin van de regering van Jojakim,

795
00:48:21,450 --> 00:48:23,910
zo wordt ons in vers 1 verteld.

796
00:48:23,910 --> 00:48:27,870
Aan het begin van Jojakims regering
verkeerde Jeremia in gevaar,

797
00:48:27,870 --> 00:48:30,210
maar hij werd door de vorsten gered.

798
00:48:30,210 --> 00:48:33,750
Blijkbaar had later in
Jojakims regering een andere

799
00:48:33,750 --> 00:48:36,810
profeet die dezelfde
dingen zei, minder geluk.

800
00:48:36,810 --> 00:48:38,970
Nu hoofdstuk 27:

801
00:48:38,970 --> 00:48:41,790
In het begin van het
koningschap van Jojakim

802
00:48:41,790 --> 00:48:44,910
kwam dit woord van de HEERE tot Jeremia.

803
00:48:44,910 --> 00:48:48,270
Met andere woorden,
ongeveer in dezelfde tijd.

804
00:48:48,270 --> 00:48:51,750
Dit klinkt hetzelfde, maar
het lijkt niet te kloppen.

805
00:48:51,750 --> 00:48:56,550
Want wat hier wordt besproken, is iets
wat niet van toepassing is op Jojakim,

806
00:48:56,550 --> 00:48:58,650
maar wel op Zedekia.

807
00:48:58,650 --> 00:49:00,630
In vers 12 zegt hij:

808
00:49:00,630 --> 00:49:06,930
Daarop sprak ik tot Zedekia, de koning
van Juda, overeenkomstig al deze woorden:

809
00:49:06,930 --> 00:49:12,570
Breng uw nekken onder het juk van de
koning van Babel, dien hem en zijn volk,

810
00:49:12,570 --> 00:49:14,310
en u zult leven.

811
00:49:14,310 --> 00:49:19,050
In sommige handschriften
staat in hoofdstuk 27, vers 1:

812
00:49:19,050 --> 00:49:22,350
In het begin van het
koningschap van Zedekia.

813
00:49:22,350 --> 00:49:24,810
Hier is een verschil
tussen de handschriften.

814
00:49:24,810 --> 00:49:28,950
Waarschijnlijk moet het Zedekia
zijn, want in vers 16 en verder

815
00:49:28,950 --> 00:49:32,550
gaat hij spreken over de voorwerpen
die naar Babel zijn weggevoerd

816
00:49:32,550 --> 00:49:35,670
en over de vraag of ze
teruggebracht zouden worden.

817
00:49:35,670 --> 00:49:39,510
De voorwerpen werden weggevoerd
toen Jechonia werd weggevoerd.

818
00:49:39,510 --> 00:49:43,290
Toen werd Zedekia in zijn
plaats op de troon gezet.

819
00:49:43,290 --> 00:49:47,250
Het zou dus tijdens de regering
van Zedekia zijn dat mensen zich

820
00:49:47,250 --> 00:49:51,150
afvroegen of die gestolen goederen
teruggebracht zouden worden.

821
00:49:51,150 --> 00:49:54,630
In de tijd van Jojakim waren
ze nog niet weggevoerd.

822
00:49:54,630 --> 00:49:59,550
Het zou nogal vreemd zijn als Jeremia
in de dagen van Jojakim zou zeggen:

823
00:49:59,550 --> 00:50:02,850
‘Jullie vragen je af of
die dingen al terugkomen.’

824
00:50:02,850 --> 00:50:05,490
Nou, ze waren nog helemaal niet weg.

825
00:50:05,490 --> 00:50:08,430
De chronologie van deze
boodschap lijkt dus niet

826
00:50:08,430 --> 00:50:12,150
te passen bij het begin van
de regering van Jojakim.

827
00:50:12,150 --> 00:50:18,870
Daarom lijkt de andere lezing, de regering
van Zedekia, de voorkeur te verdienen.

828
00:50:18,870 --> 00:50:24,690
Zedekia wordt in vers 12 bij naam
genoemd als de koning van Juda.

829
00:50:24,690 --> 00:50:29,970
De andere mogelijkheid is natuurlijk dat
vers 1 tot en met 11 uit de regering van

830
00:50:29,970 --> 00:50:35,490
Jojakim stammen, en dat vers 12
en verder een latere profetie was,

831
00:50:35,490 --> 00:50:39,270
uitgesproken tijdens de
regering van Zedekia.

832
00:50:39,270 --> 00:50:41,490
Dat is niet onmogelijk.

833
00:50:41,490 --> 00:50:44,970
Zedekia was natuurlijk
geen zoon van Josia.

834
00:50:44,970 --> 00:50:51,090
Zo heeft de HEERE tegen mij gezegd: Maak
u banden en jukken en leg die op uw nek,

835
00:50:51,090 --> 00:50:55,050
en stuur ze naar de koning van
Edom, naar de koning van Moab,

836
00:50:55,050 --> 00:50:59,730
naar de koning van de Ammonieten, naar
de koning van Tyrus en naar de koning van

837
00:50:59,730 --> 00:51:05,430
Sidon, door de hand van de gezanten
die naar Jeruzalem komen naar Zedekia,

838
00:51:05,430 --> 00:51:07,350
de koning van Juda.

839
00:51:07,350 --> 00:51:09,990
Daar is Zedekia de heerser.

840
00:51:09,990 --> 00:51:13,950
Dus in vers 1 moet het
volgens mij Zedekia zijn,

841
00:51:13,950 --> 00:51:18,510
want overal waar de koning daarna bij
naam wordt genoemd, is het Zedekia.

842
00:51:18,510 --> 00:51:26,250
Er waren gezanten uit deze verschillende
volken: Ammon, Moab, Edom, Tyrus, Sidon.

843
00:51:26,250 --> 00:51:30,510
Deze boodschappers, deze gezanten,
waren om de een of andere

844
00:51:30,510 --> 00:51:33,810
reden bij koning Zedekia
op bezoek gekomen.

845
00:51:33,810 --> 00:51:37,110
Waarschijnlijk voor een
politieke conferentie of zoiets.

846
00:51:37,110 --> 00:51:41,130
Terwijl ze in de stad waren,
moest Jeremia ossenjukken maken,

847
00:51:41,130 --> 00:51:44,070
die naar deze mannen
sturen en tegen hen zeggen:

848
00:51:44,070 --> 00:51:48,210
‘Neem deze mee naar huis en breng
deze boodschap aan jullie koningen.’

849
00:51:48,210 --> 00:51:51,150
U moet hun gebieden tegen
hun heren te zeggen:

850
00:51:51,150 --> 00:51:55,590
Zo zegt de HEERE van de
legermachten, de God van Israël:

851
00:51:55,590 --> 00:51:57,720
Zo moet u zeggen tegen uw heren:

852
00:51:57,720 --> 00:52:03,570
Ík heb de aarde gemaakt, de mens en
het vee die op het aardoppervlak zijn,

853
00:52:03,570 --> 00:52:07,290
door Mijn grote kracht en
door Mijn uitgestrekte arm,

854
00:52:07,290 --> 00:52:11,070
en Ik geef haar aan wie
het in Mijn ogen goed is.

855
00:52:11,070 --> 00:52:16,530
Met andere woorden, Jahweh zegt tegen
deze buitenlanders dat Hij de Schepper is,

856
00:52:16,530 --> 00:52:20,910
dat Hij de Soevereine is, en
niet de stamgoden of nationale

857
00:52:20,910 --> 00:52:24,090
goden die zij aanbidden,
welke dat ook zijn.

858
00:52:24,090 --> 00:52:28,830
Welnu, Ík heb al deze landen
gegeven in de hand van Nebukadnezar,

859
00:52:28,830 --> 00:52:32,130
de koning van Babel, Mijn dienaar.

860
00:52:32,130 --> 00:52:36,390
Zelfs ook de dieren van het veld
heb Ik hem gegeven om hem te dienen.

861
00:52:36,390 --> 00:52:40,890
Alle volken zullen hem, zijn
zoon, en zijn kleinzoon dienen,

862
00:52:40,890 --> 00:52:46,290
totdat ook voor zijn land de tijd komt
dat machtige volken en grote koningen

863
00:52:46,290 --> 00:52:48,270
zich door hem laten dienen.

864
00:52:48,270 --> 00:52:52,290
Dus voorlopig heb Ik de volken
aan de koning van Babel gegeven,

865
00:52:52,290 --> 00:52:54,210
maar zijn tijd zal komen.

866
00:52:54,210 --> 00:52:56,850
Uiteindelijk zal hij anderen dienen.

867
00:52:56,850 --> 00:52:59,670
Ik wil erop wijzen dat er in vers 7 staat:

868
00:52:59,670 --> 00:53:01,530
Alle volken zullen hem dienen.

869
00:53:01,530 --> 00:53:05,010
Toen we het hadden over de beker
die naar alle volken werd gebracht,

870
00:53:05,010 --> 00:53:09,090
zei ik dat daarmee misschien niet alle
volken in de hele wereld bedoeld worden,

871
00:53:09,090 --> 00:53:11,490
hoewel de bewoordingen wel zo klinken.

872
00:53:11,490 --> 00:53:16,290
Hier wordt heel duidelijk gezegd dat
Nebukadnezar over alle volken heerst.

873
00:53:16,290 --> 00:53:20,190
Wanneer we het hebben over het zwaard
dat God over al deze volken bracht,

874
00:53:20,190 --> 00:53:24,330
hebben we het dus ongetwijfeld
over de invasies van Nebukadnezar.

875
00:53:24,330 --> 00:53:25,470
Vers 8:

876
00:53:25,470 --> 00:53:30,150
En het zal gebeuren dat het volk of
het koninkrijk dat hem, Nebukadnezar,

877
00:53:30,150 --> 00:53:34,590
de koning van Babel, niet wil dienen,
en dat niet zijn nek wil geven

878
00:53:34,590 --> 00:53:39,271
onder het juk van de koning van
Babel, dat volk — spreekt de HEERE —

879
00:53:39,271 --> 00:53:43,050
zal Ik straffen met het zwaard,
met de honger en met de pest,

880
00:53:43,050 --> 00:53:46,230
totdat Ik hen omgebracht
zal hebben door zijn hand.

881
00:53:46,230 --> 00:53:51,870
U dan, luister niet naar uw profeten,
naar uw waarzeggers, naar uw dromers,

882
00:53:51,870 --> 00:53:56,250
naar uw wolkenduiders en naar uw
tovenaars, die tegen u zeggen:

883
00:53:56,250 --> 00:53:59,370
U mag de koning van Babel niet dienen.

884
00:53:59,370 --> 00:54:03,810
Blijkbaar hadden deze volken valse
profeten die hun verzekerden dat Babel hen

885
00:54:03,810 --> 00:54:05,370
ook niet zou veroveren.

886
00:54:05,370 --> 00:54:09,450
Want zij profeteren u leugen,
om u ver uit uw land te brengen,

887
00:54:09,450 --> 00:54:12,270
zodat Ik u verdrijf en u omkomt.

888
00:54:12,270 --> 00:54:16,950
Maar het volk dat zijn nek zal voegen
onder het juk van de koning van Babel en

889
00:54:16,950 --> 00:54:21,630
hem zal dienen, dat zal Ik in zijn
eigen land laten, spreekt de HEERE,

890
00:54:21,630 --> 00:54:24,690
en het zal dat bewerken en daarin wonen.

891
00:54:24,690 --> 00:54:29,070
Dit is het einde van zijn boodschap
aan deze buitenlandse gezanten.

892
00:54:29,070 --> 00:54:33,270
Hij moet ossenjukken maken,
waarschijnlijk miniatuurossenjukken;

893
00:54:33,270 --> 00:54:34,650
dat is moeilijk te zeggen.

894
00:54:34,650 --> 00:54:39,870
En die moet hij als geschenken aan deze
buitenlandse gezanten geven en zeggen:

895
00:54:39,870 --> 00:54:44,490
‘Neem deze mee terug naar jullie heren,
de koningen die jullie gestuurd hebben,

896
00:54:44,490 --> 00:54:49,650
en breng hun deze boodschap: jullie
moeten je nek onder het juk brengen.

897
00:54:49,650 --> 00:54:53,250
Jullie moeten het juk van
de koning van Babel dragen,

898
00:54:53,250 --> 00:54:55,470
anders worden jullie weggevaagd.’

899
00:54:55,470 --> 00:55:00,090
Maar vervolgens kwam hij met in wezen
dezelfde boodschap naar Zedekia,

900
00:55:00,090 --> 00:55:01,890
de koning van Juda.

901
00:55:01,890 --> 00:55:08,610
Daarop sprak ik tot Zedekia, de koning
van Juda, overeenkomstig al deze woorden:

902
00:55:08,610 --> 00:55:14,310
Breng uw nekken onder het juk van de
koning van Babel, dien hem en zijn volk,

903
00:55:14,310 --> 00:55:16,230
en u zult leven.

904
00:55:16,230 --> 00:55:19,890
Waarom zouden u en uw volk
sterven door het zwaard,

905
00:55:19,890 --> 00:55:24,570
door de honger en door de pest, zoals de
HEERE gesproken heeft van het volk dat

906
00:55:24,570 --> 00:55:27,270
niet de koning van Babel wil dienen?

907
00:55:27,270 --> 00:55:30,930
Luister dan niet naar de woorden
van de profeten die tegen u zeggen:

908
00:55:30,930 --> 00:55:36,090
U mag de koning van Babel niet
dienen, want zij profeteren u leugen.

909
00:55:36,090 --> 00:55:40,710
Zijn boodschap aan Zedekia is duidelijk
bijna woordelijk dezelfde als die aan

910
00:55:40,710 --> 00:55:42,390
deze andere volken.

911
00:55:42,390 --> 00:55:47,790
Want Ik heb hen niet gezonden, spreekt de
HEERE, zij profeteren in Mijn Naam leugen,

912
00:55:47,790 --> 00:55:51,390
zodat Ik u zal verdrijven
en u zult omkomen,

913
00:55:51,390 --> 00:55:54,990
u en de profeten die tegen u profeteren.

914
00:55:54,990 --> 00:56:00,390
Hij heeft dus tot de koning gesproken;
nu gaat hij hiermee naar de priesters.

915
00:56:00,390 --> 00:56:05,730
Ook tot de priesters en heel dit
volk sprak ik: Zo zegt de HEERE:

916
00:56:05,730 --> 00:56:11,250
Luister niet naar de woorden van uw
profeten, die tegen u profeteren: Zie,

917
00:56:11,250 --> 00:56:16,170
de voorwerpen van het huis van de HEERE
worden nu snel uit Babel teruggebracht,

918
00:56:16,170 --> 00:56:18,150
want zij profeteren u leugen.

919
00:56:18,150 --> 00:56:21,870
Natuurlijk hebben ze het over Jechonia en
de voorwerpen uit de tempel die aan het

920
00:56:21,870 --> 00:56:24,930
begin van Zedekia's
regering waren weggevoerd.

921
00:56:24,930 --> 00:56:29,970
Er waren enkele valse profeten die zeiden
dat die maar voor korte tijd weg waren.

922
00:56:29,970 --> 00:56:32,370
Eén profeet in het
bijzonder zou gaan zeggen

923
00:56:32,370 --> 00:56:34,950
dat ze binnen twee jaar terug zouden zijn.

924
00:56:34,950 --> 00:56:39,630
Die profeet zou in het volgende
hoofdstuk vanwege zijn leugens met de

925
00:56:39,630 --> 00:56:41,190
dood worden getroffen.

926
00:56:41,190 --> 00:56:45,390
Maar hier zegt hij dat je niet moet
luisteren naar degenen die deze

927
00:56:45,390 --> 00:56:48,990
valse hoop geven, dit
rooskleurige verhaal.

928
00:56:48,990 --> 00:56:50,790
Luister niet naar hen.

929
00:56:50,790 --> 00:56:54,330
Dien de koning van Babel, en u zult leven.

930
00:56:54,330 --> 00:56:57,390
Waarom zou deze stad
tot een puinhoop worden?

931
00:56:57,390 --> 00:57:02,190
Maar als zij profeten zijn en als
het woord van de HEERE bij hen is,

932
00:57:02,190 --> 00:57:05,970
laten zij toch bij de HEERE van
de legermachten erop aandringen

933
00:57:05,970 --> 00:57:08,850
dat de voorwerpen die in
het huis van de HEERE,

934
00:57:08,850 --> 00:57:13,110
in het huis van de koning van Juda
en in Jeruzalem zijn overgebleven,

935
00:57:13,110 --> 00:57:15,450
niet in Babel terechtkomen.

936
00:57:15,450 --> 00:57:19,950
Je krijgt de oude voorwerpen niet terug,
maar laten ze bidden dat we de voorwerpen

937
00:57:19,950 --> 00:57:22,650
die nog over zijn niet verliezen.

938
00:57:22,650 --> 00:57:27,510
Want zo zegt de HEERE van de legermachten
over de pilaren, over de zee,

939
00:57:27,510 --> 00:57:31,230
en over de onderstellen en over de
rest van de voorwerpen die in deze

940
00:57:31,230 --> 00:57:32,970
stad zijn overgebleven,

941
00:57:32,970 --> 00:57:36,030
Dit zijn dingen in de tempel
die niet waren weggevoerd.

942
00:57:36,030 --> 00:57:42,210
die Nebukadnezar, de koning van Babel,
niet heeft meegenomen, toen hij Jechonia,

943
00:57:42,210 --> 00:57:45,630
de zoon van Jojakim, de koning van Juda,

944
00:57:45,630 --> 00:57:48,750
van Jeruzalem naar Babel
in ballingschap voerde,

945
00:57:48,750 --> 00:57:55,110
met al de edelen van Juda en Jeruzalem —
ja, zo zegt de HEERE van de legermachten,

946
00:57:55,110 --> 00:57:59,850
de God van Israël, over de voorwerpen
die in het huis van de HEERE,

947
00:57:59,850 --> 00:58:04,770
het huis van de koning van Juda
en in Jeruzalem zijn overgebleven:

948
00:58:04,770 --> 00:58:09,870
Naar Babel zullen zij gebracht worden
en daar zullen ze zijn tot de dag dat Ik

949
00:58:09,870 --> 00:58:12,450
ernaar zal omzien, spreekt de HEERE.

950
00:58:12,450 --> 00:58:16,470
Dan zal Ik ze weghalen en
naar deze plaats terugbrengen.

951
00:58:16,470 --> 00:58:20,250
Dus in de dagen na de ballingschap
zou Hij ze terugbrengen.

952
00:58:20,250 --> 00:58:25,050
Hoofdstuk 28 is kort en kan
vrij snel behandeld worden.

953
00:58:25,050 --> 00:58:29,970
Het gaat alleen maar over een confrontatie
tussen Jeremia en een valse profeet

954
00:58:29,970 --> 00:58:31,770
die Hananja heette.

955
00:58:31,770 --> 00:58:36,990
Hananja nam een van de jukken die
Jeremia had, brak het en profeteerde:

956
00:58:36,990 --> 00:58:41,250
Zo zegt de HEERE van de
legermachten, de God van Israël:

957
00:58:41,250 --> 00:58:44,850
Ik zal het juk van de
koning van Babel breken!

958
00:58:44,850 --> 00:58:49,830
Binnen twee volle jaren breng Ik alle
voorwerpen van het huis van de HEERE naar

959
00:58:49,830 --> 00:58:54,150
deze plaats terug, die
Nebukadnezar, de koning van Babel,

960
00:58:54,150 --> 00:58:58,530
uit deze plaats heeft meegenomen
en naar Babel heeft gebracht.

961
00:58:58,530 --> 00:59:03,870
Ook breng Ik Jechonia, de zoon
van Jojakim, de koning van Juda,

962
00:59:03,870 --> 00:59:09,030
en alle ballingen van Juda die in Babel
zijn gekomen, naar deze plaats terug,

963
00:59:09,030 --> 00:59:13,350
spreekt de HEERE, want Ik breek
het juk van de koning van Babel.

964
00:59:13,350 --> 00:59:18,510
Hij is dus een van die profeten die
Jeremia in hoofdstuk 27 terechtwees.

965
00:59:18,510 --> 00:59:24,090
Maar Jeremia zegt: ‘O, je wilt dus
profetieën uitspreken met een tijdslimiet?

966
00:59:24,090 --> 00:59:26,310
Binnen een jaar zul je sterven.’

967
00:59:26,310 --> 00:59:28,710
En die man stierf inderdaad.

968
00:59:28,710 --> 00:59:31,470
Dat is in wezen waar
dit hoofdstuk over gaat.

969
00:59:31,470 --> 00:59:35,970
Het gebeurde in hetzelfde jaar, aan het
begin van het koningschap van Zedekia,

970
00:59:35,970 --> 00:59:41,370
de koning van Juda, in het vierde jaar, in
de vijfde maand, dat de profeet Hananja,

971
00:59:41,370 --> 00:59:46,350
de zoon van Azzur, die uit Gibeon kwam,
voor de ogen van de priesters en van heel

972
00:59:46,350 --> 00:59:49,410
het volk in het huis van
de HEERE tegen mij zei:

973
00:59:49,410 --> 00:59:52,530
Een valse profeet, welteverstaan.

974
00:59:52,530 --> 00:59:55,590
Jeremia zei dat het
zeventig jaar zou duren.

975
00:59:55,590 --> 00:59:58,890
Deze man zegt: ‘Nee, maar twee jaar.’

976
00:59:58,890 --> 01:00:02,010
Toen zei de profeet Jeremia
tegen de profeet Hananja

977
01:00:02,010 --> 01:00:05,490
voor de ogen van de priesters en
voor de ogen van heel het volk,

978
01:00:05,490 --> 01:00:11,010
die in het huis van de HEERE stonden
— toen zei de profeet Jeremia: Amen,

979
01:00:11,010 --> 01:00:12,510
zo doe de HEERE!

980
01:00:12,510 --> 01:00:15,330
Moge de HEERE de woorden
die u geprofeteerd hebt,

981
01:00:15,330 --> 01:00:18,990
bevestigen door de voorwerpen van
het huis van de HEERE en door alle

982
01:00:18,990 --> 01:00:21,870
ballingen uit Babel terug
te brengen naar deze plaats.

983
01:00:21,870 --> 01:00:25,290
Met andere woorden: ik
hoop dat Hij dat doet.

984
01:00:25,290 --> 01:00:27,150
Ik zou dat heel graag zien.

985
01:00:27,150 --> 01:00:30,630
Maar laten we eens kijken
of je profetie ook uitkomt.

986
01:00:30,630 --> 01:00:33,450
Laten we eens kijken of dit echt gebeurt.

987
01:00:33,450 --> 01:00:35,190
Moge de HEERE dat doen.

988
01:00:35,190 --> 01:00:39,270
Maar luister toch naar dit woord,
dat ik spreek ten aanhoren van u

989
01:00:39,270 --> 01:00:43,650
en ten aanhoren van heel het
volk: De profeten die vóór mij en

990
01:00:43,650 --> 01:00:47,850
vóór u vanouds geweest zijn, die
hebben tegen vele landen en tegen

991
01:00:47,850 --> 01:00:52,950
grote koninkrijken geprofeteerd
van oorlog, van onheil en van pest.

992
01:00:52,950 --> 01:00:56,190
Maar van de profeet die
profeteert van vrede,

993
01:00:56,190 --> 01:01:00,750
als het woord van die profeet uitkomt,
van die profeet zal erkend worden

994
01:01:00,750 --> 01:01:03,750
dat de HEERE hem in
waarheid heeft gezonden.

995
01:01:03,750 --> 01:01:08,250
Dit is duidelijk een verwijzing
naar Deuteronomium 18:22.

996
01:01:08,250 --> 01:01:13,770
Deuteronomium 18 stelt de vraag: hoe weten
we of een profeet in de Naam van de HEERE

997
01:01:13,770 --> 01:01:15,270
spreekt of niet?

998
01:01:15,270 --> 01:01:18,870
Mozes zei in Deuteronomium 18:22:

999
01:01:18,870 --> 01:01:21,930
Wanneer die profeet in de
Naam van de HEERE spreekt,

1000
01:01:21,930 --> 01:01:24,630
en het gebeurt niet en het komt niet uit,

1001
01:01:24,630 --> 01:01:28,590
dan is dat een woord dat de
HEERE niet gesproken heeft.

1002
01:01:28,590 --> 01:01:33,870
In overmoed heeft die profeet dat
gesproken; wees niet bevreesd voor hem.

1003
01:01:33,870 --> 01:01:38,010
Jeremia past die toets uit
Deuteronomium dus op deze man toe.

1004
01:01:38,010 --> 01:01:40,830
Laten we eens kijken
of wat je zegt uitkomt;

1005
01:01:40,830 --> 01:01:45,750
dan zal bekend zijn dat jij degene
bent tot wie de HEERE gesproken heeft.

1006
01:01:45,750 --> 01:01:51,510
Toen nam de profeet Hananja het juk van de
nek van de profeet Jeremia af en brak het.

1007
01:01:51,510 --> 01:01:56,550
Blijkbaar droeg Jeremia zelf een van die
jukken, zoals hij anderen opdroeg te doen.

1008
01:01:56,550 --> 01:02:01,470
En Hananja zei voor de ogen van
heel het volk: Zo zegt de HEERE:

1009
01:02:01,470 --> 01:02:06,930
Zo zal Ik binnen twee volle jaren het juk
van Nebukadnezar, de koning van Babel,

1010
01:02:06,930 --> 01:02:09,450
van de nek van alle volken breken.

1011
01:02:09,450 --> 01:02:12,390
En de profeet Jeremia ging zijns weegs.

1012
01:02:12,390 --> 01:02:14,610
Hij spreekt in de Naam van Jahweh.

1013
01:02:14,610 --> 01:02:18,810
We zullen zien. Ik heb gezegd
dat het zeventig jaar zal duren.

1014
01:02:18,810 --> 01:02:21,270
Jij zegt dat het twee jaar zal duren.

1015
01:02:21,270 --> 01:02:23,970
Laten we gewoon afwachten
wie er gelijk heeft.

1016
01:02:23,970 --> 01:02:27,090
Dan zullen we weten wie de
ware profeet van de HEERE is.

1017
01:02:27,090 --> 01:02:29,910
Toen kwam het woord van
de HEERE tot Jeremia,

1018
01:02:29,910 --> 01:02:35,250
nadat de profeet Hananja het juk van de
nek van de profeet Jeremia had gebroken:

1019
01:02:35,250 --> 01:02:41,310
Ga tegen Hananja zeggen: Zo zegt de
HEERE: Jukken van hout hebt u gebroken,

1020
01:02:41,310 --> 01:02:44,910
nu zult u in plaats daarvan
jukken van ijzer maken.

1021
01:02:44,910 --> 01:02:49,290
Want zo zegt de HEERE van de
legermachten, de God van Israël:

1022
01:02:49,290 --> 01:02:54,990
Ik heb een juk van ijzer gelegd op de
nek van al deze volken, om Nebukadnezar,

1023
01:02:54,990 --> 01:02:59,430
de koning van Babel te dienen,
en zij zullen hem dienen, ja,

1024
01:02:59,430 --> 01:03:02,190
Ik heb hem ook de dieren
van het veld gegeven.

1025
01:03:02,190 --> 01:03:07,710
Toen zei de profeet Jeremia tegen de
profeet Hananja: Luister toch, Hananja,

1026
01:03:07,710 --> 01:03:09,930
de HEERE heeft u niet gezonden.

1027
01:03:09,930 --> 01:03:13,290
Ú echter hebt dit volk op
leugen doen vertrouwen.

1028
01:03:13,290 --> 01:03:18,630
Daarom, zo zegt de HEERE, zie, Ik
ga u wegwerpen van de aardbodem.

1029
01:03:18,630 --> 01:03:23,310
Dit jaar sterft u, omdat u hebt opgeroepen
afvallig te worden van de HEERE.

1030
01:03:23,310 --> 01:03:27,750
En de profeet Hananja stierf in
datzelfde jaar, in de zevende maand.

1031
01:03:27,750 --> 01:03:31,530
Dat liet volgens mij wel zien
wie de echte profeet was.

1032
01:03:31,530 --> 01:03:36,570
Het komt niet zo vaak voor dat profeten
zulke heel specifieke profetieën geven

1033
01:03:36,570 --> 01:03:38,850
die op korte termijn vervuld worden.

1034
01:03:38,850 --> 01:03:42,690
‘Je zult binnen een jaar
sterven.’ En het gebeurt.

1035
01:03:42,690 --> 01:03:47,430
Natuurlijk had Jesaja die profetieën
over het kind dat geboren zou worden.

1036
01:03:47,430 --> 01:03:48,870
Daarover staat:

1037
01:03:48,870 --> 01:03:52,170
Want voordat het jongetje papa
of mama zal kunnen roepen,

1038
01:03:52,170 --> 01:03:55,950
zal men het vermogen van
Damascus en de buit van Samaria

1039
01:03:55,950 --> 01:03:58,590
vóór de koning van Assyrië dragen.

1040
01:03:58,590 --> 01:04:01,230
Voordat het kind papa of mama kon zeggen,

1041
01:04:01,230 --> 01:04:04,410
zouden er dus bepaalde
veranderingen plaatsvinden in de

1042
01:04:04,410 --> 01:04:06,330
geopolitieke wereld van die tijd.

1043
01:04:06,330 --> 01:04:10,770
Maar naast profetieën voor de lange
termijn gaven de profeten soms ook

1044
01:04:10,770 --> 01:04:13,590
zulke profetieën voor de korte termijn.

1045
01:04:13,590 --> 01:04:16,470
In een tijd waarin Israël
twee partijen hoorde

1046
01:04:16,470 --> 01:04:20,070
die allebei beweerden in de
Naam van de HEERE te spreken,

1047
01:04:20,070 --> 01:04:23,190
gaf God op korte termijn een antwoord.

1048
01:04:23,190 --> 01:04:28,290
Zo zouden de mensen een zeker en duidelijk
bewijs hebben van wie de ware profeet was

1049
01:04:28,290 --> 01:04:29,790
en wie de valse.

1050
01:04:29,790 --> 01:04:34,170
In dit geval stelde God Jeremia
duidelijk in het gelijk door deze man

1051
01:04:34,170 --> 01:04:34,710
te laten sterven.
