1
00:00:02,010 --> 00:00:04,290
Welkom bij Vers voor Vers!

2
00:00:04,290 --> 00:00:10,230
Deze keer behandelen we Jeremia
hoofdstuk 45 tot en met 49.

3
00:00:10,230 --> 00:00:14,190
De vorige keer zijn we gestopt
bij het begin van Jeremia 45,

4
00:00:14,190 --> 00:00:15,810
het kortste hoofdstuk.

5
00:00:15,810 --> 00:00:20,070
Het is maar vijf verzen lang en het
is een bemoedigend woord voor Baruch,

6
00:00:20,070 --> 00:00:24,690
de zoon van Neria, die blijkbaar
de trouwste vriend van Jeremia was.

7
00:00:24,690 --> 00:00:26,970
Het lijkt sterk op een andere positieve

8
00:00:26,970 --> 00:00:33,510
profetie die aan een andere vriend werd
gegeven, Ebed-Melech, in hoofdstuk 39,

9
00:00:33,510 --> 00:00:35,850
vers 15 tot en met 18.

10
00:00:35,850 --> 00:00:39,810
Het is net zo kort, maar in wezen is
het een bemoediging voor de man die zijn

11
00:00:39,810 --> 00:00:42,690
leven riskeerde om Jeremia bij te staan.

12
00:00:42,690 --> 00:00:46,710
Bedenk dat Baruch degene is
die dit boek heeft geschreven.

13
00:00:46,710 --> 00:00:50,910
Jeremia sprak de profetieën
uit, maar Baruch schreef ze op.

14
00:00:50,910 --> 00:00:53,490
Door zijn hand is het
boek tot stand gekomen.

15
00:00:53,490 --> 00:00:57,090
Hij was het boek gaan voorlezen
in aanwezigheid van de vorsten,

16
00:00:57,090 --> 00:01:00,210
die het vervolgens naar
koning Jojakim brachten.

17
00:01:00,210 --> 00:01:03,090
Die wilde Baruch en Jeremia arresteren.

18
00:01:03,090 --> 00:01:06,690
Deze man diende Jeremia
dus met enig risico.

19
00:01:06,690 --> 00:01:11,310
In hoofdstuk 45 krijgt hij een
bemoedigend woord. Er staat:

20
00:01:11,310 --> 00:01:16,950
Het woord dat de profeet Jeremia gesproken
heeft tot Baruch, de zoon van Neria,

21
00:01:16,950 --> 00:01:20,670
toen hij deze woorden uit de mond
van Jeremia op een boekrol schreef,

22
00:01:20,670 --> 00:01:26,310
in het vierde jaar van Jojakim, de
zoon van Josia, de koning van Juda:

23
00:01:26,310 --> 00:01:33,750
Zo zegt de HEERE, de God van Israël,
tegen u, Baruch: U zegt: Wee mij toch,

24
00:01:33,750 --> 00:01:37,470
want de HEERE heeft aan mijn leed
nog meer verdriet toegevoegd.

25
00:01:37,470 --> 00:01:39,330
Ik ben moe van mijn zuchten.

26
00:01:39,330 --> 00:01:40,890
Ik vind geen rust.

27
00:01:40,890 --> 00:01:43,650
Dit kan de houding zijn
geweest die Baruch had

28
00:01:43,650 --> 00:01:47,670
toen hij besefte dat er vanwege wat
hij had gedaan een bevel tot zijn

29
00:01:47,670 --> 00:01:49,470
arrestatie was uitgevaardigd.

30
00:01:49,470 --> 00:01:54,030
Jojakim had immers geprobeerd zowel
Baruch als Jeremia te arresteren.

31
00:01:54,030 --> 00:01:57,330
Maar ze doken onder en
werden niet ontdekt.

32
00:01:57,330 --> 00:02:01,230
Baruch kan toen erg bang
zijn geweest. Hij zei:

33
00:02:01,230 --> 00:02:05,250
Hij krijgt nog meer verdriet
te verduren en vindt geen rust.

34
00:02:05,250 --> 00:02:06,930
Hij is niet ontspannen.

35
00:02:06,930 --> 00:02:10,170
Hij houdt zich schuil
en staat onder spanning.

36
00:02:10,170 --> 00:02:12,930
Maar het troostende woord voor hem is:

37
00:02:12,930 --> 00:02:19,050
Dit moet u tegen hem zeggen: Zo zegt
de HEERE: Zie, wat Ik gebouwd heb,

38
00:02:19,050 --> 00:02:24,870
ga Ik afbreken, en wat Ik geplant heb,
ga Ik wegrukken, zelfs heel dit land.

39
00:02:24,870 --> 00:02:28,290
En zou ú voor uzelf grote dingen zoeken?

40
00:02:28,290 --> 00:02:34,170
Zoek ze niet, want zie, Ik ga onheil
brengen over alle vlees, spreekt de HEERE.

41
00:02:34,170 --> 00:02:39,510
Maar u zal Ik uw leven ten buit geven
in alle plaatsen waarheen u zult gaan.

42
00:02:39,510 --> 00:02:43,290
Dit is dezelfde belofte die
Hij aan Ebed-Melech deed,

43
00:02:43,290 --> 00:02:46,530
dat Hij hem zijn leven als buit zou geven.

44
00:02:46,530 --> 00:02:52,710
De Engelse vertaling die ik gebruik,
heeft hier ‘prize’, oftewel ‘beloning’.

45
00:02:52,710 --> 00:02:54,330
Dat is een beloning.

46
00:02:54,330 --> 00:03:00,450
Een beloning omdat hij aan de juiste kant
stond, aan Gods kant, aan Jeremia's kant,

47
00:03:00,450 --> 00:03:04,050
op een moment dat alle
anderen daar niet stonden.

48
00:03:04,050 --> 00:03:07,890
Hij wordt dus beloond doordat
hij zijn leven mag behouden,

49
00:03:07,890 --> 00:03:12,210
in tegenstelling tot de zeer velen
die met het zwaard werden gedood of

50
00:03:12,210 --> 00:03:17,790
stierven aan de pest of aan andere
oorzaken die Jeremia had voorspeld.

51
00:03:17,790 --> 00:03:21,510
Deze man werd beloond
voor zijn trouw aan God.

52
00:03:21,510 --> 00:03:22,830
Wanneer Hij zegt:

53
00:03:22,830 --> 00:03:27,030
Ben je op zoek naar grootse
dingen voor jezelf? Doe dat niet.

54
00:03:27,030 --> 00:03:32,010
kan dat zijn omdat Baruch uit een
tamelijk belangrijke familie kwam.

55
00:03:32,010 --> 00:03:37,830
Zijn grootvader is Maäseja, zoals ons
elders wordt verteld, in hoofdstuk

56
00:03:37,830 --> 00:03:39,510
32, vers 12.

57
00:03:39,510 --> 00:03:43,830
Die man was de gouverneur van Jeruzalem
toen de boekrol werd gevonden tijdens de

58
00:03:43,830 --> 00:03:45,510
regering van Josia.

59
00:03:45,510 --> 00:03:50,550
Toen de priester Hilkia de boekrol
vond, was ook Maäseja, de gouverneur,

60
00:03:50,550 --> 00:03:53,370
betrokken bij het
aanbieden ervan aan Josia.

61
00:03:53,370 --> 00:03:57,390
En hij was duidelijk een belangrijk
man, de gouverneur van de stad.

62
00:03:57,390 --> 00:03:59,610
Dat was de grootvader van Baruch.

63
00:03:59,610 --> 00:04:03,390
Hij had dus connecties,
belangrijke familieconnecties,

64
00:04:03,390 --> 00:04:06,750
en had misschien gedacht dat
hij het ook ver zou schoppen.

65
00:04:06,750 --> 00:04:12,210
Misschien zou hij op een gegeven moment
een overheidsfunctie bekleden. Hij zegt:

66
00:04:12,210 --> 00:04:14,610
Ga je grootse dingen voor jezelf zoeken?

67
00:04:14,610 --> 00:04:16,590
Ik denk niet dat je die wilt.

68
00:04:16,590 --> 00:04:20,370
Ik denk niet dat je hier in
Jeruzalem iets groots wilt nastreven,

69
00:04:20,370 --> 00:04:24,690
want het zal worden uitgerukt
en het zal onheil meemaken.

70
00:04:24,690 --> 00:04:27,210
Wees dus maar blij dat
je je leven mag behouden,

71
00:04:27,210 --> 00:04:30,330
want dat is meer dan veel
mensen zullen overhouden.

72
00:04:30,330 --> 00:04:35,010
Wanneer we bij hoofdstuk 46
komen, tot en met hoofdstuk 51,

73
00:04:35,010 --> 00:04:39,030
hebben we een gedeelte met
profetieën tegen heidense volken.

74
00:04:39,030 --> 00:04:44,730
Eerst tegen Egypte, dan tegen de
Filistijnen, dan tegen Moab, enzovoort.

75
00:04:44,730 --> 00:04:49,770
Tegen elk van deze volken rondom Israël
wordt geprofeteerd en er zullen oordelen

76
00:04:49,770 --> 00:04:51,270
over hen komen.

77
00:04:51,270 --> 00:04:56,310
Dit blok hoofdstukken lijkt sterk
op de groep hoofdstukken in Jesaja,

78
00:04:56,310 --> 00:04:58,950
hoofdstuk 13 tot en met 23.

79
00:04:58,950 --> 00:05:04,230
Dat is ook een groep soortgelijke
profetieën tegen de volken rondom Israël.

80
00:05:04,230 --> 00:05:08,370
Net als bij die hoofdstukken kunnen
we er vaak niet veel over zeggen.

81
00:05:08,370 --> 00:05:12,810
We kunnen zeggen dat het oordeel over
hen grotendeels door Babylon kwam.

82
00:05:12,810 --> 00:05:17,010
Een paar van deze landen werden feitelijk
door Arabische stammen geoordeeld,

83
00:05:17,010 --> 00:05:21,510
maar voor het merendeel werden
deze volken door Babylon veroverd.

84
00:05:21,510 --> 00:05:27,870
Totdat je bij hoofdstuk 50 en 51 komt,
die tegen Babylon zelf gericht zijn.

85
00:05:27,870 --> 00:05:32,490
Daar wordt gezegd dat de koningen van
de Meden Babylon zullen veroveren.

86
00:05:32,490 --> 00:05:38,070
Zoals het uiteindelijk liep, was de koning
van de Meden natuurlijk Kores, de Pers.

87
00:05:38,070 --> 00:05:43,110
De Perzen en de Meden waren samen, en het
was een Perzische koning die aan het hoofd

88
00:05:43,110 --> 00:05:47,130
van de Meden en de Perzen
kwam en Babylon verwoestte.

89
00:05:47,130 --> 00:05:52,230
De hoofdstukken 50 en 51 gaan
dus over de val van Babylon,

90
00:05:52,230 --> 00:05:56,310
maar de andere hoofdstukken daarvoor
gaan vooral over landen die door

91
00:05:56,310 --> 00:05:58,290
Babylon werden veroverd.

92
00:05:58,290 --> 00:06:01,470
Sommige daarvan zijn
heel lange profetieën.

93
00:06:01,470 --> 00:06:05,070
Hoofdstuk 48 gaat bijvoorbeeld over Moab.

94
00:06:05,070 --> 00:06:08,250
Je zou denken dat Moab niet
zo'n belangrijk land is.

95
00:06:08,250 --> 00:06:12,270
Toch is hoofdstuk 48 over Moab heel lang.

96
00:06:12,270 --> 00:06:15,510
De profetie tegen Egypte is niet kort.

97
00:06:15,510 --> 00:06:18,870
Sommige hoofdstukken tegen
Babylon zijn heel lang.

98
00:06:18,870 --> 00:06:27,270
De hoofdstukken 50 en 51: het ene heeft
46 verzen, het andere heeft 64 verzen.

99
00:06:27,270 --> 00:06:29,850
Je hebt dus een aantal lange aanklachten.

100
00:06:29,850 --> 00:06:31,770
Maar ze zijn poëtisch.

101
00:06:31,770 --> 00:06:34,230
In veel gevallen bevatten ze herhalingen,

102
00:06:34,230 --> 00:06:38,370
omdat gedichten soms een refrein
hebben waar je steeds bij terugkomt.

103
00:06:38,370 --> 00:06:41,850
Over het algemeen is de gedachte
van de profetie eenvoudig,

104
00:06:41,850 --> 00:06:45,930
maar wordt die breed uitgewerkt
met veel poëtische beeldspraak.

105
00:06:45,930 --> 00:06:50,430
Het zal dus niet mogelijk of nodig zijn
om hier veel commentaar op te geven,

106
00:06:50,430 --> 00:06:54,870
behalve de belangrijkste feiten aan te
wijzen en dan gewoon de verzen te lezen.

107
00:06:54,870 --> 00:06:58,470
Bij poëzie is het voornaamste doel
natuurlijk niet om informatie over te

108
00:06:58,470 --> 00:07:03,210
brengen, hoewel dat vaak wel gebeurt,
maar om een gevoel over te brengen en een

109
00:07:03,210 --> 00:07:04,590
indruk te maken.

110
00:07:04,590 --> 00:07:08,910
Als je alleen informatie wilt geven,
hoef je geen poëzie te schrijven.

111
00:07:08,910 --> 00:07:13,470
Wanneer je iets in dichtvorm schrijft,
doe je dat omdat je een gevoel en een

112
00:07:13,470 --> 00:07:15,690
emotie probeert over te brengen.

113
00:07:15,690 --> 00:07:20,130
Daarom is het lezen van de poëzie, in
plaats van er commentaar op te geven,

114
00:07:20,130 --> 00:07:24,690
vaak de beste manier om die poëzie
het bedoelde effect te laten hebben.

115
00:07:24,690 --> 00:07:28,410
Gewoon de levendige beelden
en dat soort dingen lezen,

116
00:07:28,410 --> 00:07:31,410
zonder ze al te veel te
proberen te analyseren.

117
00:07:31,410 --> 00:07:37,230
Hoofdstuk 46, de verzen 1 en 2,
vormen volgens mij een opschrift dat

118
00:07:37,230 --> 00:07:41,370
Baruch moet hebben geschreven
voordat hij de profetie optekende,

119
00:07:41,370 --> 00:07:44,070
om ons te vertellen waar die over ging.

120
00:07:44,070 --> 00:07:47,310
Bij sommige van deze profetieën,
eigenlijk bij de meeste,

121
00:07:47,310 --> 00:07:53,010
wordt wel iets vermeld over het tijdstip
of de reden waarom ze werden geschreven.

122
00:07:53,010 --> 00:07:55,950
Hoofdstuk 47 begint bijvoorbeeld met:

123
00:07:55,950 --> 00:08:01,410
Het woord van de HEERE dat tot de profeet
Jeremia kwam, tegen de Filistijnen,

124
00:08:01,410 --> 00:08:04,170
voordat de farao Gaza versloeg.

125
00:08:04,170 --> 00:08:07,950
Baruch vertelt ons dus wanneer
de profetie werd geschreven.

126
00:08:07,950 --> 00:08:10,710
Er zijn veel meer van zulke aantekeningen.

127
00:08:10,710 --> 00:08:13,890
Bijvoorbeeld in hoofdstuk 50, vers 1:

128
00:08:13,890 --> 00:08:17,130
Het woord dat de HEERE
gesproken heeft tegen Babel,

129
00:08:17,130 --> 00:08:21,390
tegen het land van de Chaldeeën, door
de dienst van de profeet Jeremia:

130
00:08:21,390 --> 00:08:26,430
En dan volgt die. Of in
hoofdstuk 49, vers 34:

131
00:08:26,430 --> 00:08:32,370
Hetgeen als het woord van de HEERE tot
de profeet Jeremia gekomen is tegen Elam,

132
00:08:32,370 --> 00:08:36,930
aan het begin van het koningschap
van Zedekia, koning van Juda:

133
00:08:36,930 --> 00:08:41,610
Dus niet bij alle profetieën, maar bij
sommige wordt ons daadwerkelijk verteld

134
00:08:41,610 --> 00:08:43,650
wanneer ze werden uitgesproken.

135
00:08:43,650 --> 00:08:47,850
En op andere plaatsen wordt ons
verteld wanneer ze werden vervuld.

136
00:08:47,850 --> 00:08:51,690
In hoofdstuk 46, de verzen 1 en 2,

137
00:08:51,690 --> 00:08:55,050
vertelt Baruch ons wanneer
de profetie werd vervuld,

138
00:08:55,050 --> 00:08:58,710
al vertelt hij niet noodzakelijk
wanneer die werd uitgesproken.

139
00:08:58,710 --> 00:09:04,110
Het woord van de HEERE dat tot de profeet
Jeremia kwam tegen de heidenvolken.

140
00:09:04,110 --> 00:09:05,550
Over Egypte.

141
00:09:05,550 --> 00:09:09,510
Tegen het leger van farao
Necho, de koning van Egypte,

142
00:09:09,510 --> 00:09:14,250
dat zich aan de rivier de Eufraat bij
Karchemis bevond, dat Nebukadrezar,

143
00:09:14,250 --> 00:09:18,570
de koning van Babel, in het
vierde regeringsjaar van Jojakim,

144
00:09:18,570 --> 00:09:22,830
de zoon van Josia, de koning
van Juda, verslagen heeft.

145
00:09:22,830 --> 00:09:26,310
Deze profetie wordt dus vervuld
bij de slag bij Karkemis,

146
00:09:26,310 --> 00:09:30,090
toen farao Necho door
Nebukadnezar werd verslagen.

147
00:09:30,090 --> 00:09:32,250
Dat wordt ons achteraf verteld.

148
00:09:32,250 --> 00:09:36,150
Wanneer Baruch dit schrijft, weet
hij wanneer dit werd vervuld.

149
00:09:36,150 --> 00:09:38,370
Maar het was daarvoor al voorspeld.

150
00:09:38,370 --> 00:09:41,730
We hebben hier dus deze
profetie tegen Egypte.

151
00:09:41,730 --> 00:09:46,470
Maak het kleine en het grote
schild gereed, bind de strijd aan,

152
00:09:46,470 --> 00:09:52,290
span de paarden in, bestijg ze,
ruiters, stel u op, met de helmen op,

153
00:09:52,290 --> 00:09:55,290
scherp de speren, trek de pantsers aan.

154
00:09:55,290 --> 00:09:57,870
Waarom zie Ik hen verschrikt terugwijken?

155
00:09:57,870 --> 00:10:02,370
Hun helden zijn te gronde gericht,
zij slaan ijlings op de vlucht,

156
00:10:02,370 --> 00:10:07,050
zij keren zich niet om, angst
van rondom! — spreekt de HEERE.

157
00:10:07,050 --> 00:10:11,610
Laat de snelle niet op de vlucht
slaan, laat de held niet ontkomen:

158
00:10:11,610 --> 00:10:17,310
in het noorden, aan de oever van de rivier
de Eufraat, struikelen zij en vallen.

159
00:10:17,310 --> 00:10:20,670
Dit zijn natuurlijk de
Egyptische legers die zich bij

160
00:10:20,670 --> 00:10:23,610
Karkemis verslagen
terugtrekken voor Babylon.

161
00:10:23,610 --> 00:10:29,130
Wie is dat? Als de Nijl komt hij
opzetten, als rivieren kolkt zijn water.

162
00:10:29,130 --> 00:10:34,470
Egypte — als de Nijl komt het opzetten,
als rivieren kolkt zijn water.

163
00:10:34,470 --> 00:10:38,610
Het zegt: Ik kom opzetten,
ik zal de aarde bedekken,

164
00:10:38,610 --> 00:10:41,850
ik zal de stad verdelgen
en wie daarin wonen.

165
00:10:41,850 --> 00:10:47,850
Kom op, paarden, raas, strijdwagens,
laten de helden uittrekken, de Cusjieten,

166
00:10:47,850 --> 00:10:53,910
de Puteeërs, die het schild hanteren, de
Lydiërs, die de boog hanteren en spannen.

167
00:10:53,910 --> 00:10:57,150
Dit zullen de huursoldaten
zijn die door Egypte waren

168
00:10:57,150 --> 00:11:00,090
ingehuurd om zich bij hen aan te sluiten.

169
00:11:00,090 --> 00:11:04,110
Trouwens, er wordt gezegd dat
Egypte opkomt als een rivier,

170
00:11:04,110 --> 00:11:08,730
waarschijnlijk een vergelijking met de
Nijl, waar Egypte vooral om bekendstond.

171
00:11:08,730 --> 00:11:13,530
En als een overstromende vloed, in
de hoop de hele aarde te overspoelen.

172
00:11:13,530 --> 00:11:17,790
Dat doet vermoeden dat Egypte
wilde doen wat Assyrië had gedaan.

173
00:11:17,790 --> 00:11:21,690
De Assyriërs waren eerder,
in Jesaja hoofdstuk 10,

174
00:11:21,690 --> 00:11:25,110
vergeleken met een
overstromende rivier die Syrië,

175
00:11:25,110 --> 00:11:28,890
Israël en Juda binnenstroomde
en overspoelde.

176
00:11:28,890 --> 00:11:32,850
Zo wilde Egypte in feite alle
omliggende gebieden veroveren.

177
00:11:32,850 --> 00:11:37,770
Wat er was gebeurd, was dat Babylon
daarvoor het Assyrische rijk had veroverd,

178
00:11:37,770 --> 00:11:39,630
Ninevé had veroverd.

179
00:11:39,630 --> 00:11:41,970
Dat schiep een machtsvacuüm.

180
00:11:41,970 --> 00:11:47,370
Assyrië had op dat moment bijna 300 jaar
lang vrijwel het hele gebied beheerst,

181
00:11:47,370 --> 00:11:49,350
en nu was het voor Babylon gevallen.

182
00:11:49,350 --> 00:11:53,550
Maar Babylon had nog niet alle delen
van het rijk in handen gekregen,

183
00:11:53,550 --> 00:11:57,570
en daarom lagen sommige delen
ervan nog voor het grijpen.

184
00:11:57,570 --> 00:12:01,830
De twee machtigste koninkrijken
waren Babylon en Egypte,

185
00:12:01,830 --> 00:12:06,510
en zij wedijverden om de positie
van opvolger van Assyrië.

186
00:12:06,510 --> 00:12:09,330
Assyrië had het hele gebied beheerst.

187
00:12:09,330 --> 00:12:11,490
Egypte wilde dat doen.

188
00:12:11,490 --> 00:12:13,770
Babylon wilde dat doen.

189
00:12:13,770 --> 00:12:17,070
Zo lezen we dus over
de ambities van Egypte.

190
00:12:17,070 --> 00:12:22,110
Het trekt op om tegen Babylon te strijden,
in de hoop hen bij Karkemis te verslaan

191
00:12:22,110 --> 00:12:24,630
en de overhand te krijgen in het gebied.

192
00:12:24,630 --> 00:12:28,530
Het was nog niet bekend dat
Babylon het gebied zou veroveren.

193
00:12:28,530 --> 00:12:34,050
Babylon was in die tijd nog in opkomst,
en Egypte hoopte ook op te komen.

194
00:12:34,050 --> 00:12:36,690
In vers 8 staat dus dat Egypte zegt:

195
00:12:36,690 --> 00:12:39,450
Ik zal oprukken en de aarde bedekken.

196
00:12:39,450 --> 00:12:42,510
Ik zal de stad en haar
inwoners vernietigen.

197
00:12:42,510 --> 00:12:45,150
Maar dat is natuurlijk
niet wat er gebeurde.

198
00:12:45,150 --> 00:12:48,030
In plaats daarvan sloegen ze op de vlucht.

199
00:12:48,030 --> 00:12:49,230
Vers 10:

200
00:12:49,230 --> 00:12:53,610
Deze dag is van de Heere, de
HEERE van de legermachten,

201
00:12:53,610 --> 00:12:57,390
een dag van wraak om Zich te
wreken op Zijn tegenstanders.

202
00:12:57,390 --> 00:13:02,730
Het zwaard zal verslinden en verzadigd
worden, en dronken worden van hun bloed.

203
00:13:02,730 --> 00:13:06,930
Want het is een slachting voor de
Heere, de HEERE van de legermachten,

204
00:13:06,930 --> 00:13:10,650
in het land in het noorden,
aan de rivier de Eufraat.

205
00:13:10,650 --> 00:13:15,450
Het is alsof het zwaard hun bloed
drinkt — dichterlijke beeldspraak.

206
00:13:15,450 --> 00:13:19,530
De Engelse vertaling die ik
gebruik, spreekt hier van een offer.

207
00:13:19,530 --> 00:13:21,930
Hij gaat de Egyptenaren offeren.

208
00:13:21,930 --> 00:13:27,510
Ruk op naar Gilead en haal
balsem, maagd, dochter van Egypte.

209
00:13:27,510 --> 00:13:31,950
Tevergeefs verhoogt u de medicijnen,
herstel is er niet voor u. De volken

210
00:13:31,950 --> 00:13:35,610
hebben van uw schande gehoord,
het land is vol van uw gejammer,

211
00:13:35,610 --> 00:13:40,650
want de ene held is over de andere held
gestruikeld, samen zijn zij gevallen

212
00:13:40,650 --> 00:13:42,690
— zij beiden.

213
00:13:42,690 --> 00:13:46,890
Ik wil je erop wijzen dat de Engelse
vertaling vers 10 zo formuleert:

214
00:13:46,890 --> 00:13:48,810
Dit is de dag van de Heere.

215
00:13:48,810 --> 00:13:52,290
Die uitdrukking wordt in het
Nieuwe Testament bijna altijd

216
00:13:52,290 --> 00:13:54,690
gebruikt voor de wederkomst van Christus,

217
00:13:54,690 --> 00:13:59,610
behalve in nieuwtestamentische passages
die uit het Oude Testament citeren.

218
00:13:59,610 --> 00:14:03,570
Wanneer Petrus bijvoorbeeld
Joël hoofdstuk 2 citeert,

219
00:14:03,570 --> 00:14:08,130
spreekt hij over de komst van de grote
en ontzagwekkende dag van de Heere.

220
00:14:08,130 --> 00:14:13,770
Maar Joël heeft het over de verwoesting
van Jeruzalem in het jaar 70 na Christus.

221
00:14:13,770 --> 00:14:16,710
In de latere geschriften
van het Nieuwe Testament

222
00:14:16,710 --> 00:14:21,510
spraken de apostelen over de wederkomst
van Christus als de dag van Christus

223
00:14:21,510 --> 00:14:23,550
of de dag van de Heere.

224
00:14:23,550 --> 00:14:28,110
Petrus noemt die in 2 Petrus
hoofdstuk 3 de dag van God.

225
00:14:28,110 --> 00:14:30,210
Het is een dag van oordeel.

226
00:14:30,210 --> 00:14:35,490
In het Oude Testament wordt de term ‘dag
van de Heere’ in algemene zin gebruikt.

227
00:14:35,490 --> 00:14:39,330
In dit geval is het de dag
van de Heere tegen Egypte.

228
00:14:39,330 --> 00:14:44,550
In hoofdstuk 13 van Jesaja was het
de dag van de Heere tegen Babylon.

229
00:14:44,550 --> 00:14:48,990
In Jesaja hoofdstuk 2, vers
12, vinden we de uitdrukking:

230
00:14:48,990 --> 00:14:52,470
Want de dag van de HEERE van
de legermachten zal zijn tegen

231
00:14:52,470 --> 00:14:56,370
al wie hoogmoedig en trots
is, tegen al wie zich verheft,

232
00:14:56,370 --> 00:14:58,470
opdat hij vernederd zal worden;

233
00:14:58,470 --> 00:15:03,570
Dit gaat over de Assyriërs die tegen het
noordelijke koninkrijk Israël optrekken.

234
00:15:03,570 --> 00:15:08,910
De dag van de Heere van de legermachten
in Jesaja 2:12 is dus het moment

235
00:15:08,910 --> 00:15:11,550
waarop Assyrië Israël verslaat.

236
00:15:11,550 --> 00:15:17,850
In Jesaja hoofdstuk 13, de verzen 6 en
9, is het het moment waarop Babylon valt.

237
00:15:17,850 --> 00:15:20,790
Hier is het de dag van
de Heere tegen Egypte.

238
00:15:20,790 --> 00:15:24,390
Je moet dus niet denken dat de dag
van de Heere in het Oude Testament

239
00:15:24,390 --> 00:15:27,150
een vaste vakterm is
voor één bepaalde dag.

240
00:15:27,150 --> 00:15:30,690
Het is een dag van oordeel die
betrekking heeft op verschillende

241
00:15:30,690 --> 00:15:35,130
koninkrijken op verschillende
tijdstippen, op verschillende dagen.

242
00:15:35,130 --> 00:15:39,570
Elk koninkrijk heeft zijn dag
waarop God het ten val brengt.

243
00:15:39,570 --> 00:15:42,510
En dat is voor hen de dag van de Heere.

244
00:15:42,510 --> 00:15:43,830
Vers 13:

245
00:15:43,830 --> 00:15:48,270
Het woord dat de HEERE sprak tot de
profeet Jeremia over de komst van

246
00:15:48,270 --> 00:15:53,430
Nebukadrezar, de koning van Babel,
om het land Egypte te treffen:

247
00:15:53,430 --> 00:15:57,870
Dus ook hier geeft Baruch ons blijkbaar
een samenvatting van waar deze volgende

248
00:15:57,870 --> 00:15:59,610
profetie over gaat.

249
00:15:59,610 --> 00:16:03,630
Die gaat over Nebukadnezar
die Egypte treft.

250
00:16:03,630 --> 00:16:07,350
Verkondig in Egypte,
laat het horen in Migdol,

251
00:16:07,350 --> 00:16:10,710
laat het horen in Nof en in Tachpanhes.

252
00:16:10,710 --> 00:16:17,070
Zeg: Stel u op, maak u gereed, want het
zwaard heeft verslonden wat rondom u is.

253
00:16:17,070 --> 00:16:19,410
Waarom zijn uw machtigen weggevaagd?

254
00:16:19,410 --> 00:16:23,490
Zij hebben geen stand gehouden,
omdat de HEERE hen heeft verjaagd.

255
00:16:23,490 --> 00:16:27,030
Hij maakte het aantal van hen
die struikelden groot, ja,

256
00:16:27,030 --> 00:16:28,830
de een viel over de ander.

257
00:16:28,830 --> 00:16:33,930
Toen zeiden zij: Sta op, laten wij
terugkeren naar ons volk en naar ons

258
00:16:33,930 --> 00:16:37,650
geboorteland, vanwege het
zwaard van de onderdrukker.

259
00:16:37,650 --> 00:16:43,230
Daar riepen zij: De farao, de koning
van Egypte, is een grootspreker:

260
00:16:43,230 --> 00:16:46,410
hij heeft het juiste
moment voorbij laten gaan!

261
00:16:46,410 --> 00:16:52,140
Zo waar Ik leef, spreekt de Koning —
HEERE van de legermachten is Zijn Naam —

262
00:16:52,140 --> 00:16:57,450
voorzeker, als de Tabor onder de bergen
en als de Karmel bij de zee zal hij komen!

263
00:16:57,450 --> 00:17:03,210
Dat wil zeggen: zo zeker als de Tabor
een berg is en de Karmel aan zee ligt,

264
00:17:03,210 --> 00:17:07,710
zo zeker als dat waar is,
zo zeker zal Babylon komen.

265
00:17:07,710 --> 00:17:11,430
Pak uw boedel bij elkaar voor
de ballingschap, inwoonster,

266
00:17:11,430 --> 00:17:12,690
dochter van Egypte.

267
00:17:12,690 --> 00:17:16,470
Want Nof zal tot een verwoesting
worden en het zal vernietigd worden,

268
00:17:16,470 --> 00:17:18,810
zodat er geen inwoner meer is.

269
00:17:18,810 --> 00:17:22,230
Nof is trouwens de oude
naam voor Memphis in Egypte.

270
00:17:22,230 --> 00:17:25,830
Een andere oude naam die
we zullen tegenkomen is No,

271
00:17:25,830 --> 00:17:28,650
de oude naam voor Thebe in Egypte.

272
00:17:28,650 --> 00:17:33,750
Dit zijn oude namen voor deze steden die
we tegenwoordig onder andere namen kennen.

273
00:17:33,750 --> 00:17:35,070
Vers 20:

274
00:17:35,070 --> 00:17:39,451
Egypte is een bijzonder mooi kalf, maar
de horzel uit het noorden komt eraan —

275
00:17:39,451 --> 00:17:41,010
hij komt eraan!

276
00:17:41,010 --> 00:17:44,610
Zelfs zijn huursoldaten zijn in
zijn midden als gemeste kalveren,

277
00:17:44,610 --> 00:17:46,710
maar ook zij keren zich om.

278
00:17:46,710 --> 00:17:50,010
Zij slaan tezamen op de
vlucht, zij houden geen stand,

279
00:17:50,010 --> 00:17:53,310
want de dag van hun ondergang
is over hen gekomen,

280
00:17:53,310 --> 00:17:55,590
de tijd van de vergelding aan hen.

281
00:17:55,590 --> 00:17:59,430
Het geluid van Egypte is als dat
van een slang die wegschuifelt,

282
00:17:59,430 --> 00:18:04,050
want met een legermacht zullen zij erheen
gaan; met bijlen zullen zij bij hem

283
00:18:04,050 --> 00:18:06,210
komen, als houthakkers.

284
00:18:06,210 --> 00:18:11,190
Zij zullen zijn woud omhakken, spreekt
de HEERE, al is het ondoordringbaar.

285
00:18:11,190 --> 00:18:15,990
Want zij zijn talrijker dan sprinkhanen,
zodat zij niet te tellen zijn.

286
00:18:15,990 --> 00:18:19,890
De dochter van Egypte staat beschaamd,
zij is in de hand van het volk van

287
00:18:19,890 --> 00:18:21,570
het noorden gegeven.

288
00:18:21,570 --> 00:18:27,510
De HEERE van de legermachten, de God
van Israël, zegt: Zie, Ik ga Amon,

289
00:18:27,510 --> 00:18:34,110
de god van No, de farao, Egypte, zijn
goden, en zijn koningen straffen, ja,

290
00:18:34,110 --> 00:18:37,650
Ik straf de farao en
wie op hem vertrouwen.

291
00:18:37,650 --> 00:18:42,750
Ammon is een god, de zonnegod van
de Egyptenaren, en No is Thebe,

292
00:18:42,750 --> 00:18:45,090
een stad die aan de zonnegod gewijd was.

293
00:18:45,090 --> 00:18:50,490
Toen God Egypte oordeelde, destijds
in Exodus, in de dagen van Mozes,

294
00:18:50,490 --> 00:18:55,230
zei Hij dat dit een oordeel was dat
Hij over de goden van Egypte bracht.

295
00:18:55,230 --> 00:18:58,530
Het is niet alleen een oordeel over
de mensen die de goden aanbidden,

296
00:18:58,530 --> 00:19:00,390
maar over de goden zelf.

297
00:19:00,390 --> 00:19:05,310
Dat zegt Hij in Exodus 12:12. Hij zegt:

298
00:19:05,310 --> 00:19:09,570
Want Ik zal in deze nacht door
het land Egypte trekken en alle

299
00:19:09,570 --> 00:19:14,190
eerstgeborenen in het land Egypte
treffen, van de mensen tot het vee.

300
00:19:14,190 --> 00:19:18,810
En Ik zal aan al de goden van de
Egyptenaren strafgerichten voltrekken,

301
00:19:18,810 --> 00:19:20,730
Ik, de HEERE.

302
00:19:20,730 --> 00:19:25,530
God ziet Zichzelf als verwikkeld in een
geestelijke oorlog tegen valse goden,

303
00:19:25,530 --> 00:19:28,230
die de Bijbel als demonen aanduidt.

304
00:19:28,230 --> 00:19:32,490
Zowel Deuteronomium als het Nieuwe
Testament zeggen dat de heidenen die

305
00:19:32,490 --> 00:19:35,730
offers aan afgoden
brengen, demonen aanbidden.

306
00:19:35,730 --> 00:19:39,390
Paulus zei dat in 1 Korinthe 10:20,

307
00:19:39,390 --> 00:19:42,930
en eigenlijk haalt hij alleen
maar Deuteronomium aan.

308
00:19:42,930 --> 00:19:46,470
Meer dan eens worden de
valse goden demonen genoemd.

309
00:19:46,470 --> 00:19:49,770
God voert dus oorlog tegen
de demonische machten

310
00:19:49,770 --> 00:19:51,870
die door de heidenen worden aanbeden.

311
00:19:51,870 --> 00:19:58,290
Die oorlog kreeg vaak deze vorm: Israël,
of iemand anders die in opdracht van God

312
00:19:58,290 --> 00:20:02,310
handelde, zoals Babylon,
kwam een volk oordelen dat

313
00:20:02,310 --> 00:20:05,010
onder de bescherming van die goden stond.

314
00:20:05,010 --> 00:20:09,090
Daardoor werd de invloed van
die goden enorm teruggedrongen.

315
00:20:09,090 --> 00:20:14,670
God verwijst dus naar het feit dat Hij
de farao oordeelt en Egypte oordeelt,

316
00:20:14,670 --> 00:20:20,310
maar Hij oordeelt ook Ammon van No,
dat wil zeggen, deze god van Thebe.

317
00:20:20,310 --> 00:20:21,990
Vers 26:

318
00:20:21,990 --> 00:20:26,130
Ik zal hen geven in de hand van
hen die hen naar het leven staan,

319
00:20:26,130 --> 00:20:29,850
zowel in de hand van
Nebukadrezar, de koning van Babel,

320
00:20:29,850 --> 00:20:32,010
als in de hand van zijn dienaren.

321
00:20:32,010 --> 00:20:36,930
Maar daarna zal zij bewoond worden als
in de dagen van weleer, spreekt de HEERE.

322
00:20:36,930 --> 00:20:41,010
Veel van deze oordelen over volken
eindigen met deze uitspraak,

323
00:20:41,010 --> 00:20:44,070
dat God daarna sommigen
van hen zal terugbrengen.

324
00:20:44,070 --> 00:20:48,750
Met andere woorden, geen van deze
volken komt volledig aan zijn einde.

325
00:20:48,750 --> 00:20:53,070
Ze zullen naar Babylon gaan of
door Babylon worden verslagen,

326
00:20:53,070 --> 00:20:55,710
maar op een dag zal het beter worden.

327
00:20:55,710 --> 00:20:59,310
Natuurlijk viel Babylon inderdaad
in handen van de Perzen.

328
00:20:59,310 --> 00:21:02,850
De Perzen stonden mensen die uit
verschillende landen in gevangenschap

329
00:21:02,850 --> 00:21:06,390
waren weggevoerd inderdaad
toe om terug te gaan.

330
00:21:06,390 --> 00:21:10,770
De profetie klopt dus in dit
detail: er treft hen een oordeel,

331
00:21:10,770 --> 00:21:15,450
maar ook keren sommigen van de ballingen
terug, een deel van het overblijfsel.

332
00:21:15,450 --> 00:21:22,110
De verzen 27 en 28 zijn eenvoudigweg een
herhaling van wat er in hoofdstuk 30,

333
00:21:22,110 --> 00:21:27,630
vers 10 en 11 wordt gezegd, en die
woorden zijn tot Israël gericht.

334
00:21:27,630 --> 00:21:29,670
Dit is hoop voor de ballingen.

335
00:21:29,670 --> 00:21:35,610
Zoals ik al zei, Jeremia
30:10–11 bevat dezelfde woorden.

336
00:21:35,610 --> 00:21:41,130
U dan, wees niet bevreesd, Mijn
dienaar Jakob, spreekt de HEERE,

337
00:21:41,130 --> 00:21:46,950
wees niet ontsteld, Israël, want zie,
Ik ga u verlossen uit verre landen,

338
00:21:46,950 --> 00:21:52,170
uw nageslacht uit het land van hun
gevangenschap, zodat Jakob terugkeert,

339
00:21:52,170 --> 00:21:56,910
rust heeft en zonder zorgen is,
en niemand hem schrik aanjaagt.

340
00:21:56,910 --> 00:22:01,410
Want Ik ben met u, spreekt
de HEERE, om u te verlossen,

341
00:22:01,410 --> 00:22:03,930
want Ik maak een
vernietigend einde aan alle

342
00:22:03,930 --> 00:22:07,710
heidenvolken waarheen Ik u
verspreid heb, maar aan u

343
00:22:07,710 --> 00:22:10,170
zal Ik geen vernietigend einde maken.

344
00:22:10,170 --> 00:22:15,210
Ik zal u bestraffen met mate, maar u
beslist niet voor onschuldig houden.

345
00:22:15,210 --> 00:22:18,990
Dit is dus een belofte dat de
Israëlieten mogen terugkeren uit de

346
00:22:18,990 --> 00:22:20,670
ballingschap in Babylon.

347
00:22:20,670 --> 00:22:22,770
Waarom zou dat hier worden genoemd?

348
00:22:22,770 --> 00:22:26,730
Dit staat niet in een context
die over de val van Babylon gaat.

349
00:22:26,730 --> 00:22:30,630
Het staat eigenlijk in een
context die erover gaat dat Egypte

350
00:22:30,630 --> 00:22:32,790
in handen van Babylon valt.

351
00:22:32,790 --> 00:22:36,870
Maar aan het einde daarvan wordt gezegd
dat het daarna bewoond zal worden.

352
00:22:36,870 --> 00:22:41,790
Dat wil zeggen, Egypte zal bewoond
worden zoals in de dagen vanouds.

353
00:22:41,790 --> 00:22:46,770
Met andere woorden, dat wijst wel vooruit
naar een tijd waarin niet alleen Israël,

354
00:22:46,770 --> 00:22:50,430
maar ook de Egyptenaren zich
enigszins zullen kunnen herstellen van

355
00:22:50,430 --> 00:22:52,830
deze Babylonische overheersing.

356
00:22:52,830 --> 00:22:57,630
Nu dat over Egypte was gezegd, leek het
blijkbaar passend om daar in te voegen

357
00:22:57,630 --> 00:23:01,470
dat natuurlijk ook Israël er op
dat moment baat bij zal hebben.

358
00:23:01,470 --> 00:23:04,650
Ook Israël zal naar zijn
land kunnen terugkeren.

359
00:23:04,650 --> 00:23:08,910
Hij neemt dus een profetie die hij
eerder in hoofdstuk 30 heeft gegeven

360
00:23:08,910 --> 00:23:10,650
en voegt die hier in.

361
00:23:10,650 --> 00:23:12,570
Hoofdstuk 47:

362
00:23:12,570 --> 00:23:17,730
Het woord van de HEERE dat tot de profeet
Jeremia kwam, tegen de Filistijnen,

363
00:23:17,730 --> 00:23:20,370
voordat de farao Gaza versloeg.

364
00:23:20,370 --> 00:23:24,750
Er waren vijf Filistijnse
steden in het land Palestina.

365
00:23:24,750 --> 00:23:28,650
Gaza is een belangrijke, maar er
worden in deze profetie ook andere

366
00:23:28,650 --> 00:23:31,050
genoemd, waaronder Askelon.

367
00:23:31,050 --> 00:23:34,050
Je zult bij het doorlezen
merken dat enkele van de andere

368
00:23:34,050 --> 00:23:36,330
steden van de Filistijnen worden genoemd.

369
00:23:36,330 --> 00:23:39,390
Het is niet precies bekend
wanneer dit plaatsvond.

370
00:23:39,390 --> 00:23:43,170
We weten niet van een specifieke
aanval van de Filistijnen op Gaza,

371
00:23:43,170 --> 00:23:47,370
maar het is niet onwaarschijnlijk dat de
Babyloniërs kwamen en hen aanvielen toen

372
00:23:47,370 --> 00:23:49,290
ze door het hele gebied trokken.

373
00:23:49,290 --> 00:23:53,370
Ze waren in Palestina, en er moet
dus een aanval op Gaza zijn geweest.

374
00:23:53,370 --> 00:23:57,870
Let erop dat dit is geschreven
nadat de farao Gaza had aangevallen.

375
00:23:57,870 --> 00:24:00,090
Dat wil zeggen, de opmerking.

376
00:24:00,090 --> 00:24:05,010
De profetie is daarvoor geschreven, maar
de opmerking is duidelijk geschreven met

377
00:24:05,010 --> 00:24:07,530
kennis van de inval in Gaza.

378
00:24:07,530 --> 00:24:11,610
En de inval in Gaza wordt
niet in de profetie genoemd.

379
00:24:11,610 --> 00:24:15,630
Baruch, die schreef nadat
Babylon Gaza had veroverd,

380
00:24:15,630 --> 00:24:18,990
zag dus dat dit van belang
was voor deze profetie.

381
00:24:18,990 --> 00:24:21,750
Daarom geeft hij dit
als opschrift erboven.

382
00:24:21,750 --> 00:24:25,050
Met andere woorden, we
weten dat het is gebeurd,

383
00:24:25,050 --> 00:24:29,550
anders zou Baruch er in vers 1 niet naar
verwijzen als iets wat niet eens in de

384
00:24:29,550 --> 00:24:31,050
profetie wordt genoemd.

385
00:24:31,050 --> 00:24:36,150
Maar hij vermeldt dat deze profetie
werd gegeven voordat dat gebeurde.

386
00:24:36,150 --> 00:24:39,270
De aanval van de farao op Gaza is daarom,

387
00:24:39,270 --> 00:24:44,010
vanuit het gezichtspunt van Baruch op het
moment dat het boek werd samengesteld,

388
00:24:44,010 --> 00:24:46,290
iets wat al heeft plaatsgevonden.

389
00:24:46,290 --> 00:24:48,330
En dit is daarvoor geschreven.

390
00:24:48,330 --> 00:24:52,950
Zo zegt de HEERE: Zie, water
komt opzetten uit het noorden,

391
00:24:52,950 --> 00:24:55,410
het wordt tot een overstromende beek.

392
00:24:55,410 --> 00:25:01,110
Ze zullen het land en al wat het bevat
overstromen, de stad en wie erin wonen.

393
00:25:01,110 --> 00:25:05,850
De mensen zullen het uitschreeuwen, alle
inwoners van het land zullen weeklagen,

394
00:25:05,850 --> 00:25:10,170
vanwege het geluid van het stampen van
de hoeven van zijn machtige paarden,

395
00:25:10,170 --> 00:25:15,150
vanwege het gedreun van zijn
strijdwagens, het ratelen van zijn wielen.

396
00:25:15,150 --> 00:25:19,830
Vaders zien niet om naar hun kinderen,
vanwege het verslappen van hun handen,

397
00:25:19,830 --> 00:25:23,850
Deze mannen die voor de invasie
vluchten, zullen zo doodsbang zijn

398
00:25:23,850 --> 00:25:27,750
dat ze niet eens omkijken om te zien
of hun kinderen achter hen aan komen

399
00:25:27,750 --> 00:25:29,430
of veilig zijn.

400
00:25:29,430 --> 00:25:31,770
Zo laf zullen ze zijn, zonder moed.

401
00:25:31,770 --> 00:25:35,370
vanwege de dag die komt om
alle Filistijnen te verdelgen,

402
00:25:35,370 --> 00:25:40,170
om elke overgebleven helper van
Tyrus en Sidon uit te roeien.

403
00:25:40,170 --> 00:25:43,530
Want de HEERE zal de
Filistijnen verdelgen,

404
00:25:43,530 --> 00:25:46,890
het overblijfsel van
het kustland van Kaftor.

405
00:25:46,890 --> 00:25:50,490
Nu wordt Kaftor in de
kanttekening van de New King James

406
00:25:50,490 --> 00:25:54,090
gelijkgesteld aan
Kappadocië in Klein-Azië.

407
00:25:54,090 --> 00:25:58,470
Ik weet niet waarom, want de geleerden
lijken het er in alle commentaren over

408
00:25:58,470 --> 00:26:04,290
eens te zijn dat Kaftor een benaming
is voor Kreta, het eiland Kreta.

409
00:26:04,290 --> 00:26:06,450
Daar kwamen de Filistijnen vandaan.

410
00:26:06,450 --> 00:26:09,450
Toen ze zich aan de kust van
Palestina kwamen vestigen,

411
00:26:09,450 --> 00:26:11,850
kwamen ze per schip van Kreta.

412
00:26:11,850 --> 00:26:13,710
Het waren zeevaarders.

413
00:26:13,710 --> 00:26:16,830
Ik weet niet waarom de
kanttekening Kappadocië noemt,

414
00:26:16,830 --> 00:26:20,130
want geen van de commentatoren
is het daarmee eens.

415
00:26:20,130 --> 00:26:23,130
Dit is de plaats waar de
Filistijnen vandaan kwamen

416
00:26:23,130 --> 00:26:26,490
voordat ze in Israël of
in Palestina woonden.

417
00:26:26,490 --> 00:26:27,750
Vers 5:

418
00:26:27,750 --> 00:26:32,070
Kaalheid is over Gaza gekomen,
Askelon is uitgeroeid,

419
00:26:32,070 --> 00:26:34,590
samen met het overblijfsel van hun dal.

420
00:26:34,590 --> 00:26:37,350
Hoelang zult u uw lichaam kerven?

421
00:26:37,350 --> 00:26:41,310
Wee, zwaard van de HEERE,
hoelang hebt u geen rust?

422
00:26:41,310 --> 00:26:45,450
Keer terug in uw schede,
kom tot rust, wees stil.

423
00:26:45,450 --> 00:26:47,430
En daarop komt het antwoord:

424
00:26:47,430 --> 00:26:49,530
Hoe zou u rust kunnen hebben?

425
00:26:49,530 --> 00:26:52,950
De HEERE heeft immers het
zwaard opdracht gegeven.

426
00:26:52,950 --> 00:26:57,330
Tegen Askelon en tegen de zeekust,
daartegen heeft Hij het bestemd.

427
00:26:57,330 --> 00:26:59,250
Hoofdstuk 48:

428
00:26:59,250 --> 00:27:00,210
Over Moab.

429
00:27:00,210 --> 00:27:02,370
Dit is een heel lange.

430
00:27:02,370 --> 00:27:06,210
Babel is in de loop van zijn geschiedenis
meer dan eens Moab binnengevallen en

431
00:27:06,210 --> 00:27:07,890
heeft het verwoest.

432
00:27:07,890 --> 00:27:15,150
In 588 tot 586, wat natuurlijk in dezelfde
tijd was dat hij Jeruzalem belegerde,

433
00:27:15,150 --> 00:27:22,470
maar ook later, in 582 en 581,
was er nog een invasie van Moab.

434
00:27:22,470 --> 00:27:26,790
Waarschijnlijk is dus een van deze
twee de aanleiding voor deze profetie.

435
00:27:26,790 --> 00:27:28,050
Over Moab.

436
00:27:28,050 --> 00:27:33,510
Zo zegt de HEERE van de legermachten,
de God van Israël: Wee over Nebo,

437
00:27:33,510 --> 00:27:35,190
want het is verwoest!

438
00:27:35,190 --> 00:27:38,610
Kirjathaïm staat beschaamd,
het is ingenomen.

439
00:27:38,610 --> 00:27:42,210
De veilige vesting staat
beschaamd en is ontsteld.

440
00:27:42,210 --> 00:27:45,030
Dat zijn natuurlijk Moabitische steden.

441
00:27:45,030 --> 00:27:50,190
Moabs roem is er niet meer, in Hesbon
hebben zij kwaad tegen hem bedacht: Kom,

442
00:27:50,190 --> 00:27:53,430
laten we het uitroeien,
zodat het geen volk meer is.

443
00:27:53,430 --> 00:27:58,050
Ook u, Madmen, zult verdelgd worden,
het zwaard zal u achtervolgen.

444
00:27:58,050 --> 00:28:03,450
Hoor, geschreeuw uit Horonaïm:
Verwoesting, een grote ramp!

445
00:28:03,450 --> 00:28:07,770
Moab is gebroken, zijn kleine kinderen
hebben geschreeuw laten horen.

446
00:28:07,770 --> 00:28:12,390
Ja, de weg omhoog naar Luhith gaat
men met voortdurend geween op.

447
00:28:12,390 --> 00:28:17,850
Ja, op de weg omlaag naar Horonaïm hebben
tegenstanders noodgeschrei gehoord.

448
00:28:17,850 --> 00:28:20,130
Vlucht, red uw leven!

449
00:28:20,130 --> 00:28:22,710
Word als een kale struik in de woestijn.

450
00:28:22,710 --> 00:28:26,790
Want vanwege uw vertrouwen op uw
vestingwerken en op uw schatten

451
00:28:26,790 --> 00:28:29,070
zult ook u ingenomen worden.

452
00:28:29,070 --> 00:28:34,170
Kamos zal in ballingschap weggaan,
zijn priesters en zijn vorsten samen.

453
00:28:34,170 --> 00:28:37,530
Kamos was de nationale
god van de Moabieten.

454
00:28:37,530 --> 00:28:40,410
Hij was in wezen dezelfde god als Molech.

455
00:28:40,410 --> 00:28:43,830
Maar de Moabieten bevonden zich
aan de overkant van de Jordaan,

456
00:28:43,830 --> 00:28:46,770
ten oosten van Israël en
in het zuidelijke gebied.

457
00:28:46,770 --> 00:28:51,090
Als je vandaar naar het noorden ging,
kwam je in het gebied van de Ammonieten.

458
00:28:51,090 --> 00:28:55,470
De Ammonieten aanbaden Milkom of Molech.

459
00:28:55,470 --> 00:28:59,730
De Ammonieten en de Moabieten
waren een soort broedervolken.

460
00:28:59,730 --> 00:29:02,850
Ze stamden allebei af van
de twee zonen van Lot.

461
00:29:02,850 --> 00:29:05,610
Ze waren natuurlijk in de
verte verwant aan de Joden,

462
00:29:05,610 --> 00:29:08,370
omdat Lot de neef van Abraham was.

463
00:29:08,370 --> 00:29:13,110
Maar het was geen heel nauwe verwantschap
en er was nooit veel vriendschap,

464
00:29:13,110 --> 00:29:17,670
hoewel Ruth uit Moab kwam en een
overgrootmoeder van David was.

465
00:29:17,670 --> 00:29:22,830
Op een keer, toen David door Saul werd
achtervolgd, bracht hij zijn familieleden,

466
00:29:22,830 --> 00:29:26,430
zijn vader en zijn broers,
bij de koning van Moab

467
00:29:26,430 --> 00:29:30,930
onder om hen in veiligheid te
brengen, als in een toevluchtsoord.

468
00:29:30,930 --> 00:29:36,810
Moab was dus bij gelegenheid, vooral in de
tijd van David, soms bevriend met Israël,

469
00:29:36,810 --> 00:29:38,370
maar meestal niet.

470
00:29:38,370 --> 00:29:44,250
Ze waren echter aanbidders van Kamos, en
Kamos was, net als Molech in het noorden,

471
00:29:44,250 --> 00:29:47,190
een god die offers van zuigelingen eiste.

472
00:29:47,190 --> 00:29:51,090
Dit is iets waar God vaak met
grote afschuw tegen sprak.

473
00:29:51,090 --> 00:29:54,330
Nu zegt Hij dat Kamos
in ballingschap gaat,

474
00:29:54,330 --> 00:29:56,850
samen met zijn priesters en zijn vorsten.

475
00:29:56,850 --> 00:29:58,290
Vers 9:

476
00:29:58,290 --> 00:30:02,010
Geef Moab vleugels, want
vliegend zal het weggaan.

477
00:30:02,010 --> 00:30:06,810
Zijn steden zullen tot een verwoesting
worden, zodat er geen inwoner meer is.

478
00:30:06,810 --> 00:30:10,830
Vervloekt wie het werk van
de HEERE traag uitvoert, ja,

479
00:30:10,830 --> 00:30:13,470
vervloekt wie zijn zwaard bloed onthoudt.

480
00:30:13,470 --> 00:30:17,850
De New King James heeft hier
‘deceitfully’, ‘bedrieglijk’,

481
00:30:17,850 --> 00:30:20,970
waar het Nederlandse citaat ‘traag’ heeft.

482
00:30:20,970 --> 00:30:24,690
Dat Engelse woord is waarschijnlijk
geen erg goede vertaling.

483
00:30:24,690 --> 00:30:28,830
Bijna alle vertalingen wijken
hierin af van de New King James.

484
00:30:28,830 --> 00:30:33,630
Young’s Literal Translation
zegt ‘slothfully’, ‘lui’,

485
00:30:33,630 --> 00:30:38,490
en dat lijkt qua betekenis overeen te
komen met de meeste moderne vertalingen.

486
00:30:38,490 --> 00:30:43,050
De New American Standard zegt
‘negligently’, ‘nalatig’.

487
00:30:43,050 --> 00:30:48,810
De English Standard Version zegt
‘with slackness’, ‘met slapheid’.

488
00:30:48,810 --> 00:30:51,810
En de New International Version zegt:

489
00:30:51,810 --> 00:30:54,630
Vervloekt is wie er met de pet naar gooit.

490
00:30:54,630 --> 00:30:56,970
bij het doen van het werk van de Heere.

491
00:30:56,970 --> 00:31:00,090
Het gaat hier dus eigenlijk
niet over iets bedrieglijk doen.

492
00:31:00,090 --> 00:31:05,490
Het gaat hier over iets lui
doen, of met slapheid, nalatig.

493
00:31:05,490 --> 00:31:10,230
Waar dit op doelt, is dat het werk van de
Heere hier het afslachten van de Moabieten

494
00:31:10,230 --> 00:31:12,090
door de Babyloniërs is.

495
00:31:12,090 --> 00:31:15,930
De Babyloniërs zijn degenen
die het werk van de Heere doen.

496
00:31:15,930 --> 00:31:19,950
In wezen wordt er gezegd:
wees hierin niet traag.

497
00:31:19,950 --> 00:31:23,730
Hier wordt de Moabieten
in wezen kwaad toegewenst.

498
00:31:23,730 --> 00:31:28,650
Er wordt gezegd dat de Babyloniër
vervloekt is die dit niet met ijver doet

499
00:31:28,650 --> 00:31:33,090
en het niet grondig doet, maar
die het nalatig of traag doet.

500
00:31:33,090 --> 00:31:36,390
De Babyloniërs worden dus
in wezen aangemoedigd om

501
00:31:36,390 --> 00:31:40,170
voortvarend en enthousiast te
zijn bij hun verovering van Moab,

502
00:31:40,170 --> 00:31:42,810
omdat dit het werk van de Heere is.

503
00:31:42,810 --> 00:31:45,510
Dit is Gods oordeel over Moab.

504
00:31:45,510 --> 00:31:46,950
In vers 11:

505
00:31:46,950 --> 00:31:49,950
Moab is vanaf zijn jeugd
zonder zorgen geweest,

506
00:31:49,950 --> 00:31:53,070
en heeft als wijn op
zijn droesem stilgelegen.

507
00:31:53,070 --> 00:31:56,250
Het is niet van het ene vat
in het andere overgegoten:

508
00:31:56,250 --> 00:31:58,710
het is niet in ballingschap gegaan.

509
00:31:58,710 --> 00:32:03,030
Daarom heeft het zijn smaak behouden
en is zijn geur niet veranderd.

510
00:32:03,030 --> 00:32:06,930
Daarom, zie, er komen
dagen, spreekt de HEERE,

511
00:32:06,930 --> 00:32:10,530
dat Ik aftappers naar hem toe
zal sturen om hem af te tappen.

512
00:32:10,530 --> 00:32:14,730
Zij zullen hun vaten leegmaken
en hun kruiken stukslaan.

513
00:32:14,730 --> 00:32:17,610
Dit is duidelijk beeldspraak over wijn.

514
00:32:17,610 --> 00:32:21,930
Moab wordt met wijn vergeleken, en
hier wordt gezinspeeld op enkele

515
00:32:21,930 --> 00:32:23,790
gebruiken bij het wijnmaken.

516
00:32:23,790 --> 00:32:29,310
Wanneer ze het druivensap binnenbrachten
en in flessen deden, lieten ze het staan.

517
00:32:29,310 --> 00:32:32,670
Zo trok de zwaartekracht
de droesem naar de bodem:

518
00:32:32,670 --> 00:32:37,770
de stukjes schil en pitten en dat soort
dingen die niet in de wijn thuishoren.

519
00:32:37,770 --> 00:32:41,730
Dan had je wijn met het grootste
deel van de droesem op de bodem.

520
00:32:41,730 --> 00:32:45,690
Vervolgens schonken ze de wijn zo
voorzichtig mogelijk over in een andere

521
00:32:45,690 --> 00:32:49,410
kruik, om te voorkomen dat
ze de droesem meeschonken.

522
00:32:49,410 --> 00:32:54,150
Daarna lieten ze de wijn opnieuw staan
en lieten ze de droesem bezinken.

523
00:32:54,150 --> 00:32:59,130
Wanneer die bezonken was, schonken ze
de wijn weer over in andere kruiken.

524
00:32:59,130 --> 00:33:03,210
Zo zuiverden ze de wijn en
haalden ze alle droesem eruit.

525
00:33:03,210 --> 00:33:07,770
Maar terwijl de wijn daar op zijn droesem
stond, werd hij zachter van smaak.

526
00:33:07,770 --> 00:33:09,990
Zijn smaak ontwikkelde zich.

527
00:33:09,990 --> 00:33:11,670
Hij was aan het gisten.

528
00:33:11,670 --> 00:33:16,710
Wat hier wordt gezegd, is dat Moab als
wijn is geweest die in een pot staat

529
00:33:16,710 --> 00:33:18,750
en nooit is uitgegoten.

530
00:33:18,750 --> 00:33:21,210
Ze zijn alleen maar
aan het gisten geweest.

531
00:33:21,210 --> 00:33:25,350
Hun geur en hun smaak zijn niet
veranderd, zijn niet verbeterd,

532
00:33:25,350 --> 00:33:29,730
omdat ze de wijn niet van het ene
vat in het andere hebben overgegoten.

533
00:33:29,730 --> 00:33:31,890
Daarom moeten ze worden uitgegoten.

534
00:33:31,890 --> 00:33:35,190
Dat ze niet van het ene vat in
het andere zijn overgegoten,

535
00:33:35,190 --> 00:33:40,290
wordt in vers 11 uitgelegd als dat
ze niet in gevangenschap zijn gegaan.

536
00:33:40,290 --> 00:33:42,810
Ze zijn nooit uit hun land uitgegoten.

537
00:33:42,810 --> 00:33:44,970
Ze zijn er nooit uit gezet.

538
00:33:44,970 --> 00:33:49,590
Israël was er wel uit gezet,
en zo veranderde God hen,

539
00:33:49,590 --> 00:33:53,610
door hen aan te pakken met
de gevangenschap enzovoort.

540
00:33:53,610 --> 00:33:57,570
Dit is Gods tuchtiging van
hen, waardoor ze veranderen.

541
00:33:57,570 --> 00:34:00,690
Maar dat had Hij met Moab nooit gedaan.

542
00:34:00,690 --> 00:34:05,310
Moab was tevreden geweest en had
in veiligheid geleefd en had nooit

543
00:34:05,310 --> 00:34:07,350
enige ballingschap gekend.

544
00:34:07,350 --> 00:34:09,630
Hun land was een paar keer binnengevallen,

545
00:34:09,630 --> 00:34:12,930
maar ze waren nooit in
ballingschap weggevoerd.

546
00:34:12,930 --> 00:34:15,330
Daarom verbeterden ze nooit.

547
00:34:15,330 --> 00:34:19,710
Een kind dat nooit wordt
terechtgewezen, zal nooit verbeteren.

548
00:34:19,710 --> 00:34:23,670
De wijn die niet van de ene fles
in de andere wordt overgegoten,

549
00:34:23,670 --> 00:34:25,590
zal niet verbeteren.

550
00:34:25,590 --> 00:34:31,350
Daarom zal God komen en wijnwerkers
sturen die zijn flessen zullen leegmaken.

551
00:34:31,350 --> 00:34:35,130
Dat betekent dat hij in
gevangenschap zal gaan.

552
00:34:35,130 --> 00:34:39,990
Moab zal beschaamd worden vanwege Kamos,
zoals het huis van Israël beschaamd is

553
00:34:39,990 --> 00:34:42,630
vanwege Bethel, hun vertrouwen.

554
00:34:42,630 --> 00:34:46,830
Dat betekent: teleurgesteld zijn in Kamos.

555
00:34:46,830 --> 00:34:49,530
Kamos zal hen niet kunnen helpen.

556
00:34:49,530 --> 00:34:55,050
Hoewel ze Kamos trouw hebben aanbeden,
zal Kamos hun die gunst niet vergelden

557
00:34:55,050 --> 00:34:58,230
en hen niet helpen in
de tijd van benauwdheid.

558
00:34:58,230 --> 00:35:01,350
Ze zullen beschaamd staan vanwege Kamos:

559
00:35:01,350 --> 00:35:04,590
Zoals het volk van Israël
zich schaamde voor Bethel,

560
00:35:04,590 --> 00:35:07,230
waar ze hun vertrouwen op hadden gesteld.

561
00:35:07,230 --> 00:35:10,170
Bethel was een plaats
waar Jerobeam een gouden

562
00:35:10,170 --> 00:35:13,770
kalf had opgericht toen het
noordelijke koninkrijk werd gesticht.

563
00:35:13,770 --> 00:35:16,650
Toen Israël door de Assyriërs
werd binnengevallen,

564
00:35:16,650 --> 00:35:21,150
ontdekten ze dat het gouden kalf
in Bethel hen ook niet kon helpen.

565
00:35:21,150 --> 00:35:23,910
Zoals Bethel de Israëlieten
niet kon helpen,

566
00:35:23,910 --> 00:35:28,590
zo kan Kamos de Moabieten niet
helpen in de tijd van Gods oordeel.

567
00:35:28,590 --> 00:35:34,290
Hoe kunt u zeggen: Wij zijn helden,
dappere mannen, gereed voor de strijd?

568
00:35:34,290 --> 00:35:37,530
Moab is verwoest en uit
zijn steden opgetrokken,

569
00:35:37,530 --> 00:35:41,370
en de keur van hun jongemannen
is afgevoerd ter slachting,

570
00:35:41,370 --> 00:35:45,630
spreekt de Koning — HEERE van
de legermachten is Zijn Naam.

571
00:35:45,630 --> 00:35:51,870
De ondergang van Moab is nabij, die is
in aantocht, zijn onheil haast zich zeer.

572
00:35:51,870 --> 00:35:56,370
Beklaag hem, allen rondom hem,
allen die zijn naam kennen.

573
00:35:56,370 --> 00:36:01,590
Zeg: Hoe is de machtige scepter
gebroken, die sierlijke staf!

574
00:36:01,590 --> 00:36:07,890
Daal af uit uw luister, verblijf in dorst,
u die hier woont, dochter van Dibon,

575
00:36:07,890 --> 00:36:11,190
want de verdelger van Moab
is tegen u opgetrokken,

576
00:36:11,190 --> 00:36:13,350
hij heeft uw vestingen verwoest.

577
00:36:13,350 --> 00:36:17,910
Ga aan de weg staan, en zie
uit, inwoonster van Aroër.

578
00:36:17,910 --> 00:36:23,130
Vraag hem die vlucht en haar die
ontkomt, zeg: Wat is er gebeurd?

579
00:36:23,130 --> 00:36:26,370
Moab staat beschaamd,
want het is ontsteld.

580
00:36:26,370 --> 00:36:31,590
Weeklaag, schreeuw het uit, maak in
Arnon bekend dat Moab verwoest is.

581
00:36:31,590 --> 00:36:36,510
Ja, het oordeel is gekomen over
het land van de vlakte, over Holon,

582
00:36:36,510 --> 00:36:44,370
over Jahza en over Mefaäth, over Dibon,
over Nebo en over Beth-Diblathaïm,

583
00:36:44,370 --> 00:36:53,250
over Kirjathaïm, over Beth-Gamul en over
Beth-Meon, over Kerioth en over Bozra, ja,

584
00:36:53,250 --> 00:36:58,230
over alle steden van het land
Moab, die ver en dichtbij zijn.

585
00:36:58,230 --> 00:37:01,830
Dit zijn natuurlijk
allemaal Moabitische steden.

586
00:37:01,830 --> 00:37:07,770
De hoorn van Moab is afgehakt en zijn
arm is gebroken, spreekt de HEERE.

587
00:37:07,770 --> 00:37:12,450
Een hoorn betekent in oudtestamentische
profetie eenvoudigweg macht,

588
00:37:12,450 --> 00:37:14,310
meestal politieke macht.

589
00:37:14,310 --> 00:37:17,250
De politieke kracht van
de stad is afgesneden,

590
00:37:17,250 --> 00:37:19,530
die van het land is afgesneden.

591
00:37:19,530 --> 00:37:23,910
Maak hem dronken, want hij heeft
zich groot gemaakt tegen de HEERE.

592
00:37:23,910 --> 00:37:26,430
Moab zal met de handen
klappen in zijn braaksel,

593
00:37:26,430 --> 00:37:28,770
zodat het zelf ook belachelijk wordt.

594
00:37:28,770 --> 00:37:31,710
Laat me even zeggen dat dit
teruggrijpt op een hoofdstuk

595
00:37:31,710 --> 00:37:35,670
dat je je misschien herinnert, Jeremia 25.

596
00:37:35,670 --> 00:37:39,330
Daar moest Jeremia een wijnbeker
nemen en langs de verschillende

597
00:37:39,330 --> 00:37:42,870
volken gaan om ze uit die
wijnbeker te laten drinken.

598
00:37:42,870 --> 00:37:47,070
Dat was de wijnbeker
van Gods toorn. Hij zei:

599
00:37:47,070 --> 00:37:50,730
Ze zullen eruit drinken,
wankelen en struikelen.

600
00:37:50,730 --> 00:37:53,910
En dat soort dingen, als een dronken man.

601
00:37:53,910 --> 00:37:58,170
De toorn van God wordt
vergeleken met bedwelmende drank.

602
00:37:58,170 --> 00:38:02,910
Mensen denken misschien soms dat dronken
worden een manier is om plezier te hebben,

603
00:38:02,910 --> 00:38:06,630
maar in wezen is het een manier
om jezelf te vernietigen.

604
00:38:06,630 --> 00:38:11,130
Gods toorn brengt hen in verwarring
en laat hen struikelen en al dat soort

605
00:38:11,130 --> 00:38:13,230
dingen, als een dronkaard.

606
00:38:13,230 --> 00:38:15,150
Dat wordt hier beschreven.

607
00:38:15,150 --> 00:38:16,890
Vers 27:

608
00:38:16,890 --> 00:38:20,370
Of is Israël voor u niet
geweest om te belachen?

609
00:38:20,370 --> 00:38:24,870
Is hij aangetroffen onder dieven, dat
u zo dikwijls als u over hem sprak,

610
00:38:24,870 --> 00:38:26,490
schudde van het lachen?

611
00:38:26,490 --> 00:38:30,810
Verlaat de steden, woon in
rotsen, inwoners van Moab.

612
00:38:30,810 --> 00:38:33,990
Word als een duif die nestelt in
de openingen van een rotsspleet.

613
00:38:33,990 --> 00:38:39,990
Wij hebben gehoord van de trots van Moab,
dat zeer hoogmoedig is, van zijn hoogheid,

614
00:38:39,990 --> 00:38:44,010
zijn trots, zijn hoogmoed,
en zijn hooghartigheid.

615
00:38:44,010 --> 00:38:48,390
Ík ken zijn overmoed, spreekt de
HEERE, zijn holle praat is niet gepast,

616
00:38:48,390 --> 00:38:50,490
zij doen wat niet gepast is!

617
00:38:50,490 --> 00:38:54,930
Daarom zal ik over Moab weeklagen,
ja, het over heel Moab uitschreeuwen,

618
00:38:54,930 --> 00:38:57,930
om de mannen van
Kir-Heres zal men zuchten.

619
00:38:57,930 --> 00:39:03,030
Meer dan het bewenen van Jaëzer zal
ik om u wenen, wijnstok van Sibma.

620
00:39:03,030 --> 00:39:08,430
Uw ranken zijn de zee overgestoken, zij
hebben tot aan de zee van Jaëzer gereikt.

621
00:39:08,430 --> 00:39:13,830
Op uw zomervruchten en op uw wijnoogst
heeft een verwoester zich geworpen.

622
00:39:13,830 --> 00:39:18,390
Zo zijn de blijdschap en de vreugde
weggenomen van het vruchtbare veld,

623
00:39:18,390 --> 00:39:20,550
namelijk het land Moab.

624
00:39:20,550 --> 00:39:24,150
De wijn uit de perskuipen
heb Ik doen ophouden,

625
00:39:24,150 --> 00:39:26,790
men zal geen druiven
treden onder vreugderoep,

626
00:39:26,790 --> 00:39:29,910
de vreugderoep zal geen vreugderoep zijn.

627
00:39:29,910 --> 00:39:35,550
Vanwege het geschreeuw van Hesbon, te
horen tot aan Eleale, tot aan Jahaz,

628
00:39:35,550 --> 00:39:42,390
laten zij hun stem klinken, van Zoar
tot aan Horonaïm, Eglath Selisia.

629
00:39:42,390 --> 00:39:46,470
Want zelfs de wateren van
Nimrim worden tot woestenijen.

630
00:39:46,470 --> 00:39:50,190
Ik zal in Moab doen
ophouden, spreekt de HEERE,

631
00:39:50,190 --> 00:39:54,690
wie offert op de hoogte en wie
reukoffers brengt aan zijn goden.

632
00:39:54,690 --> 00:39:58,770
Daarom klaagt mijn hart om
Moab als de fluiten, ja,

633
00:39:58,770 --> 00:40:02,850
klaagt mijn hart om de mannen
van Kir-Heres als de fluiten,

634
00:40:02,850 --> 00:40:06,570
omdat de overvloed die
het verwierf, verloren is.

635
00:40:06,570 --> 00:40:11,550
Want elk hoofd is kaalgeschoren,
elke baard is afgesneden,

636
00:40:11,550 --> 00:40:16,470
op alle handen zijn insnijdingen,
om de heupen is een rouwgewaad.

637
00:40:16,470 --> 00:40:18,990
Zo werden die mannen beschreven die door

638
00:40:18,990 --> 00:40:23,250
Ismaël werden gedood in het
vorige gedeelte dat we lazen.

639
00:40:23,250 --> 00:40:25,770
Ze kwamen om offers aan
de Heere te brengen.

640
00:40:25,770 --> 00:40:30,930
Maar dit is de manier waarop mannen op
offerhoogten naar hun goden komen om hun

641
00:40:30,930 --> 00:40:35,310
goden te aanbidden: ze
snijden zichzelf en zo verder.

642
00:40:35,310 --> 00:40:40,290
Op alle daken van Moab, op alle
pleinen, overal is rouwklacht,

643
00:40:40,290 --> 00:40:44,730
want Ik heb Moab stukgebroken als
een pot waaraan niemand waarde hecht,

644
00:40:44,730 --> 00:40:47,910
spreekt de HEERE. Hoe is het ontsteld!

645
00:40:47,910 --> 00:40:52,350
Zij weeklagen: Hoe heeft Moab
zich met schaamte afgewend!

646
00:40:52,350 --> 00:40:55,650
Moab is belachelijk geworden en tot
een verschrikking voor allen die

647
00:40:55,650 --> 00:40:56,970
er omheen wonen.

648
00:40:56,970 --> 00:41:01,950
Een voorwerp van spot betekent iemand
op wie met minachting wordt neergekeken.

649
00:41:01,950 --> 00:41:04,590
Dus toen Hij in vers 27 zei:

650
00:41:04,590 --> 00:41:07,650
Was Israël voor jou niet
iets om om te lachen?

651
00:41:07,650 --> 00:41:11,130
betekent dat: keek je niet op Israël neer?

652
00:41:11,130 --> 00:41:14,670
Heb je Israël niet bespot toen
ze in ballingschap gingen?

653
00:41:14,670 --> 00:41:19,830
En nu zal Moab een voorwerp van spot en
ontzetting zijn voor allen om haar heen.

654
00:41:19,830 --> 00:41:21,150
Vers 40:

655
00:41:21,150 --> 00:41:26,610
Want zo zegt de HEERE: Zie, hij zal
als een arend aan komen zweven en zijn

656
00:41:26,610 --> 00:41:29,190
vleugels over Moab uitspreiden.

657
00:41:29,190 --> 00:41:35,250
Kerioth wordt ingenomen, de bergvestingen
veroverd, het hart van Moabs helden zal op

658
00:41:35,250 --> 00:41:39,210
die dag zijn als het hart
van een vrouw in barensnood.

659
00:41:39,210 --> 00:41:43,110
Zo zal Moab weggevaagd worden,
zodat het geen volk meer is,

660
00:41:43,110 --> 00:41:46,350
omdat het zich groot gemaakt
heeft tegen de HEERE.

661
00:41:46,350 --> 00:41:48,570
Er zijn geen Moabieten meer.

662
00:41:48,570 --> 00:41:54,450
Angst, valkuil en strik over u,
inwoner van Moab, spreekt de HEERE.

663
00:41:54,450 --> 00:41:59,250
Wie uit angst vlucht, zal in de kuil
vallen, wie uit de kuil opklautert,

664
00:41:59,250 --> 00:42:01,170
wordt in de strik gevangen.

665
00:42:01,170 --> 00:42:06,210
Ja, Ik zal daarover, over Moab,
brengen het jaar van hun vergelding,

666
00:42:06,210 --> 00:42:07,830
spreekt de HEERE.

667
00:42:07,830 --> 00:42:11,070
Natuurlijk zijn het aanvankelijk
de Babyloniërs die Moab plunderen.

668
00:42:11,070 --> 00:42:16,170
Maar ongeveer een eeuw later
werden Moab en Ammon en Edom,

669
00:42:16,170 --> 00:42:21,090
al die naburige volken aan de overkant
van de Jordaan, vanuit Israël gezien,

670
00:42:21,090 --> 00:42:23,970
door Arabische stammen
onder de voet gelopen.

671
00:42:23,970 --> 00:42:27,450
Daarmee kwam er in wezen voorgoed
een einde aan de zelfstandigheid

672
00:42:27,450 --> 00:42:28,830
van deze volken.

673
00:42:28,830 --> 00:42:31,710
Dus de Babyloniërs
veroverden hen niet alleen

674
00:42:31,710 --> 00:42:34,650
en brachten niet alleen
pijn en lijden over hen,

675
00:42:34,650 --> 00:42:37,830
maar niet zo heel lang daarna
werden ze daadwerkelijk door

676
00:42:37,830 --> 00:42:39,870
Arabische stammen uitgeroeid.

677
00:42:39,870 --> 00:42:42,630
Zij gingen in de schaduw van Hesbon staan,

678
00:42:42,630 --> 00:42:45,390
zij die vluchtten voor
de macht van de vijand.

679
00:42:45,390 --> 00:42:50,070
Want vuur is uitgegaan van
Hesbon, een vlam van binnen Sihon.

680
00:42:50,070 --> 00:42:55,050
Het heeft de slapen verteerd van Moab,
en de schedel van die druktemakers.

681
00:42:55,050 --> 00:42:59,190
Wee u, Moab, het volk van
Kamos is ten onder gegaan,

682
00:42:59,190 --> 00:43:02,250
want uw zonen zijn
meegenomen in gevangenschap,

683
00:43:02,250 --> 00:43:04,710
evenals uw dochters in gevangenschap.

684
00:43:04,710 --> 00:43:07,890
Maar dan is er aan het einde
dit kleine sprankje hoop,

685
00:43:07,890 --> 00:43:10,350
zoals bij de meeste van deze uitspraken.

686
00:43:10,350 --> 00:43:13,590
In later tijd echter, spreekt de HEERE,

687
00:43:13,590 --> 00:43:16,890
zal Ik een omkeer brengen in
de gevangenschap van Moab.

688
00:43:16,890 --> 00:43:19,530
Tot zover het oordeel over Moab.

689
00:43:19,530 --> 00:43:24,270
De Engelse vertaling heeft hier ‘the
latter days’, ‘de laatste dagen’,

690
00:43:24,270 --> 00:43:28,110
waar het Nederlandse citaat
‘In later tijd’ heeft.

691
00:43:28,110 --> 00:43:33,330
Met ‘de laatste dagen’ kunnen gewoon
dagen in een latere tijd bedoeld worden.

692
00:43:33,330 --> 00:43:36,390
Misschien gaat het over de
tijd na de val van Babylon,

693
00:43:36,390 --> 00:43:40,350
wanneer sommige Moabieten die het
hadden overleefd in vrede naar hun land

694
00:43:40,350 --> 00:43:42,030
zouden kunnen terugkeren.

695
00:43:42,030 --> 00:43:45,270
Niet voorgoed natuurlijk, maar
onder betere omstandigheden.

696
00:43:45,270 --> 00:43:48,810
Hetzelfde wordt over Egypte
gezegd, zoals we hebben gezien.

697
00:43:48,810 --> 00:43:52,950
Natuurlijk kunnen de laatste dagen ook
verwijzen naar de Messiaanse dagen.

698
00:43:52,950 --> 00:43:56,310
We weten wel dat mensen uit alle
volken door het Evangelie tot de

699
00:43:56,310 --> 00:43:58,050
Heere worden teruggebracht.

700
00:43:58,050 --> 00:44:02,670
Hoewel er geen Moabieten meer bestaan,
is het mogelijk dat ze hier gewoon,

701
00:44:02,670 --> 00:44:08,190
zoals zo vaak gebeurt, worden gebruikt als
voorbeeld van heidenen die God behoudt.

702
00:44:08,190 --> 00:44:12,750
Maar ik denk dat het waarschijnlijk
gaat over een herstel in aardse zin,

703
00:44:12,750 --> 00:44:18,450
waarbij een deel van het overblijfsel na
de val van Babylon naar Moab terugkeerde.

704
00:44:18,450 --> 00:44:20,970
Daarna komen de Ammonieten aan de beurt.

705
00:44:20,970 --> 00:44:26,610
In dit hoofdstuk 49 hebben we oordelen
tegen de Ammonieten, tegen Edom,

706
00:44:26,610 --> 00:44:33,210
tegen Damascus, de hoofdstad van Syrië,
tegen Kedar en Hazor en tegen Elam.

707
00:44:33,210 --> 00:44:36,510
Er staan dus korte profetieën
tegen al deze volken

708
00:44:36,510 --> 00:44:38,910
en plaatsen in dit ene hoofdstuk.

709
00:44:38,910 --> 00:44:42,870
De Ammonieten zijn, net als
de Moabieten en de Edomieten,

710
00:44:42,870 --> 00:44:46,470
uiteindelijk allemaal door
Arabische stammen uitgeroeid.

711
00:44:46,470 --> 00:44:50,550
Maar op kortere termijn hadden ze
ook onder Nebukadnezar te lijden.

712
00:44:50,550 --> 00:44:54,930
Vooral de Ammonieten kregen te maken
met vergeldingsacties van Nebukadnezar,

713
00:44:54,930 --> 00:44:59,730
omdat de koning van Ammon Ismaël
had ingehuurd om Gedalia te doden,

714
00:44:59,730 --> 00:45:03,990
de gouverneur van Israël die
Nebukadnezar had aangesteld.

715
00:45:03,990 --> 00:45:09,210
Daarom kwam Nebukadnezar als vergelding
tegen hen in actie en strafte hij hen.

716
00:45:09,210 --> 00:45:13,110
Maar uiteindelijk werden ook zij
uitgeroeid door Arabische stammen,

717
00:45:13,110 --> 00:45:16,350
dezelfde die Moab en Edom uitroeiden.

718
00:45:16,350 --> 00:45:19,230
Dit waren degenen die Molech aanbaden.

719
00:45:19,230 --> 00:45:21,570
Hier wordt hij misschien Milkom genoemd.

720
00:45:21,570 --> 00:45:25,050
Molech is meer een spottende
benaming voor die god,

721
00:45:25,050 --> 00:45:27,510
die de Hebreeën hadden aangenomen.

722
00:45:27,510 --> 00:45:33,390
Voor hun gevoel klonk het als het
woord bosheth, dat schande betekent.

723
00:45:33,390 --> 00:45:39,330
Bij veel personen van wie de naam Baäl
bevatte, werd die naam later veranderd:

724
00:45:39,330 --> 00:45:42,750
Baäl werd vervangen door Bosheth.

725
00:45:42,750 --> 00:45:46,410
Isbaäl was ‘een man van Baäl’.

726
00:45:46,410 --> 00:45:50,610
Mefiboseth had ook de
naam Baäl in zijn naam.

727
00:45:50,610 --> 00:45:55,290
Isbaäl en Mefibaäl waren
hun oorspronkelijke namen.

728
00:45:55,290 --> 00:46:00,090
Maar latere Joden noemden
hen Isboseth en Mefiboseth,

729
00:46:00,090 --> 00:46:03,270
omdat bosheth schande betekent.

730
00:46:03,270 --> 00:46:07,830
Latere Joden wilden de naam
Baäl niet eens uitspreken.

731
00:46:07,830 --> 00:46:11,070
Dus zelfs wanneer die deel
uitmaakte van iemands naam,

732
00:46:11,070 --> 00:46:15,150
vervingen ze de naam Baäl
door het woord voor schande.

733
00:46:15,150 --> 00:46:18,510
Zo klonk ook Molech voor
het Joodse oor meer als

734
00:46:18,510 --> 00:46:22,770
bosheth dan de werkelijke
naam van die god, Milkom.

735
00:46:22,770 --> 00:46:26,370
Molech is dus eigenlijk een
spottende bijnaam voor die god.

736
00:46:26,370 --> 00:46:29,790
Maar zo kennen we hem in
de Bijbel meestal: Molech.

737
00:46:29,790 --> 00:46:31,350
Over de Ammonieten.

738
00:46:31,350 --> 00:46:36,930
Zo zegt de HEERE: Heeft Israël geen
kinderen of heeft het geen erfgenaam?

739
00:46:36,930 --> 00:46:42,090
Waarom is Malcam dan erfgenaam van Gad
en woont zijn volk in diens steden?

740
00:46:42,090 --> 00:46:46,410
Gad was de stam van Israël die
na de vestiging in Kanaän dat

741
00:46:46,410 --> 00:46:49,590
noordelijke gebied van
Transjordanië had bewoond.

742
00:46:49,590 --> 00:46:55,230
Gad, Manasse en Ruben vestigden zich
allemaal aan de oostkant van de Jordaan.

743
00:46:55,230 --> 00:46:59,370
Gad woonde daar in het gebied dat
de Ammonieten later veroverden.

744
00:46:59,370 --> 00:47:01,770
Daar zitten ze nu. Hij zegt:

745
00:47:01,770 --> 00:47:05,670
Heeft Israël geen erfgenamen
om zijn eigen land te erven?

746
00:47:05,670 --> 00:47:09,390
Hoe kan het dat de steden van
Gad niet door Gad worden bewoond?

747
00:47:09,390 --> 00:47:12,510
Gad werd door de Ammonieten
onder de voet gelopen en verloor

748
00:47:12,510 --> 00:47:14,370
daardoor zijn grondgebied.

749
00:47:14,370 --> 00:47:17,010
Ze hielden feitelijk
op als stam te bestaan.

750
00:47:17,010 --> 00:47:21,210
Daarom, zie, er komen
dagen, spreekt de HEERE,

751
00:47:21,210 --> 00:47:25,770
dat Ik tegen Rabba van de Ammonieten
krijgsgeschreeuw zal doen horen.

752
00:47:25,770 --> 00:47:28,170
Het zal tot een woeste ruïne worden,

753
00:47:28,170 --> 00:47:32,250
de bijbehorende plaatsen zullen
met vuur aangestoken worden.

754
00:47:32,250 --> 00:47:38,070
Dan zal Israël in bezit nemen hen die het
in bezit genomen hadden, zegt de HEERE.

755
00:47:38,070 --> 00:47:40,650
Ik weet niet veel over
hoe dit in zijn werk ging,

756
00:47:40,650 --> 00:47:44,790
maar in de dagen van Jezus woonden
er in dit gebied geen Ammonieten,

757
00:47:44,790 --> 00:47:46,290
maar wel Joden.

758
00:47:46,290 --> 00:47:50,010
In dit gebied lag de
Dekapolis, de tien steden.

759
00:47:50,010 --> 00:47:56,610
Dat waren eigenlijk tien Griekse steden,
of heidense steden, op Joods grondgebied.

760
00:47:56,610 --> 00:48:00,690
Maar afgezien van die steden
was het gebied Israëlitisch.

761
00:48:00,690 --> 00:48:03,810
Ik weet niet precies hoe ze
daar terechtgekomen zijn.

762
00:48:03,810 --> 00:48:08,610
Ik vermoed dat het na de Babylonische
ballingschap was, toen ze terugkeerden.

763
00:48:08,610 --> 00:48:13,590
Ze kwamen naar dat deel van het land,
en ook naar de andere delen van Israël.

764
00:48:13,590 --> 00:48:20,250
Weeklaag, Hesbon, want Ai is verwoest,
schreeuw het uit, dochters van Rabba!

765
00:48:20,250 --> 00:48:25,290
Omgord u met rouwgewaden, bedrijf
rouw, loop rond bij de omheiningen,

766
00:48:25,290 --> 00:48:31,110
want Malcam zal in ballingschap gaan,
zijn priesters en zijn vorsten samen.

767
00:48:31,110 --> 00:48:35,250
Net zoals er over Kamos stond:
hij zou in ballingschap gaan,

768
00:48:35,250 --> 00:48:38,070
samen met zijn priesters en vorsten.

769
00:48:38,070 --> 00:48:43,050
Precies dezelfde uitspraak, woordelijk
dezelfde, werd over Kamos gedaan

770
00:48:43,050 --> 00:48:45,210
toen het over de Moabieten ging.

771
00:48:45,210 --> 00:48:47,310
Wat beroemt u zich op de dalen?

772
00:48:47,310 --> 00:48:52,770
Weggevloeid is uw dal, afvallige dochter,
die vertrouwt op haar schatten en zegt:

773
00:48:52,770 --> 00:48:54,450
Wie zou er tegen mij opkomen?

774
00:48:54,450 --> 00:48:58,770
Zie, Ik ga angst over u laten
komen, spreekt de Heere,

775
00:48:58,770 --> 00:49:02,610
de HEERE van de legermachten,
overal om u heen.

776
00:49:02,610 --> 00:49:05,550
U zult verdreven worden, ieder voor zich,

777
00:49:05,550 --> 00:49:09,090
en niemand is er die bijeenbrengt
wie weggevlucht zijn.

778
00:49:09,090 --> 00:49:13,110
Maar daarna zal Ik een omkeer brengen
in de gevangenschap van de Ammonieten,

779
00:49:13,110 --> 00:49:14,430
spreekt de HEERE.

780
00:49:14,430 --> 00:49:19,050
Hetzelfde wat Hij aan het einde
van bijna al deze profetieën zegt.

781
00:49:19,050 --> 00:49:23,970
Over de Edomieten zegt Hij dat niet,
maar over de meeste andere volken wel.

782
00:49:23,970 --> 00:49:26,430
Over Edom, vers 7:

783
00:49:26,430 --> 00:49:28,050
Over Edom.

784
00:49:28,050 --> 00:49:32,910
Zo zegt de HEERE van de legermachten:
Is er geen wijsheid meer in Teman?

785
00:49:32,910 --> 00:49:35,910
Is de raad van verstandige mensen vergaan?

786
00:49:35,910 --> 00:49:38,670
Is hun wijsheid overbodig geworden?

787
00:49:38,670 --> 00:49:44,490
Deze profetie, vooral de verzen 7 tot en
met 16, wat ongeveer de helft ervan is,

788
00:49:44,490 --> 00:49:47,310
loopt rechtstreeks parallel met Obadja.

789
00:49:47,310 --> 00:49:50,910
Obadja is een profeet die
tegen Edom profeteerde.

790
00:49:50,910 --> 00:49:53,790
Het is maar een kort boek, één hoofdstuk,

791
00:49:53,790 --> 00:49:57,990
en het loopt bijna punt voor
punt parallel met dit gedeelte.

792
00:49:57,990 --> 00:50:01,650
De verhouding tussen Obadja
en Jeremia is niet bekend.

793
00:50:01,650 --> 00:50:07,350
Het kan zijn dat Obadja zijn profetie als
eerste schreef en Jeremia die erin opnam.

794
00:50:07,350 --> 00:50:10,890
Omdat hij tegen veel volken
profeteerde, citeerde hij

795
00:50:10,890 --> 00:50:14,910
eenvoudig uit Obadja voor een
deel van zijn profetie tegen Edom.

796
00:50:14,910 --> 00:50:20,610
Het is niet vreemd dat een profeet, of
iemand anders, een andere profeet citeert.

797
00:50:20,610 --> 00:50:22,650
Micha citeerde Jesaja.

798
00:50:22,650 --> 00:50:25,950
Of het kan zijn dat
Obadja Jeremia citeerde.

799
00:50:25,950 --> 00:50:30,150
We weten niet wie hier het
eerst was, Obadja of Jeremia.

800
00:50:30,150 --> 00:50:33,330
We weten niet precies
wanneer Obadja schreef.

801
00:50:33,330 --> 00:50:37,590
Maar hoe dan ook, er bestond een
literair verband tussen dit gedeelte en

802
00:50:37,590 --> 00:50:38,910
het boek Obadja.

803
00:50:38,910 --> 00:50:44,070
De verzen 7 tot en met 16 hier
lopen parallel met Obadja.

804
00:50:44,070 --> 00:50:46,650
Een paar dingen staan
in een andere volgorde,

805
00:50:46,650 --> 00:50:50,850
maar het zijn nog steeds dezelfde
gedachten en dezelfde inhoud.

806
00:50:50,850 --> 00:50:55,710
Teman was een van de zonen van Ezau,
en dus ook een van de steden of

807
00:50:55,710 --> 00:50:57,510
stammen van Edom.

808
00:50:57,510 --> 00:51:00,450
Jobs vriend Elifaz was een Temaniet.

809
00:51:00,450 --> 00:51:05,070
We weten dus dat Job in elk
geval na de tijd van Ezau leefde,

810
00:51:05,070 --> 00:51:09,690
toen er Temanieten waren, want een
van zijn vrienden was een Temaniet.

811
00:51:09,690 --> 00:51:15,150
Jobs vrienden werden ongetwijfeld
beschouwd als wijze mannen uit die streek.

812
00:51:15,150 --> 00:51:19,950
Job was zelf een wijs man, en het
boek Job lijkt een gesprek te zijn

813
00:51:19,950 --> 00:51:24,330
tussen een groep wijze mannen,
filosofen die erover speculeren

814
00:51:24,330 --> 00:51:27,090
waarom Job al die dingen overkwamen.

815
00:51:27,090 --> 00:51:29,250
Een van hen was een Temaniet.

816
00:51:29,250 --> 00:51:34,050
Het is mogelijk dat Teman bekendstond
als een plaats met wijze mannen.

817
00:51:34,050 --> 00:51:38,070
Er waren steden in Israël die
bekendstonden om hun wijsheid,

818
00:51:38,070 --> 00:51:40,530
zoals een stad die Adam heette.

819
00:51:40,530 --> 00:51:46,170
Er staat dat mensen, als ze iets wilden
vragen, naar Adam gingen, naar die stad,

820
00:51:46,170 --> 00:51:48,690
en daar waren dan wijze mensen.

821
00:51:48,690 --> 00:51:50,970
Zo kan het ook met Teman zijn geweest.

822
00:51:50,970 --> 00:51:55,050
De manier waarop er hier over
gesproken wordt, wekt die indruk.

823
00:51:55,050 --> 00:51:58,410
En dat zou verklaren
waarom Elifaz, de Temaniet,

824
00:51:58,410 --> 00:52:02,010
een van de wijze raadgevers
was die naar Job toe kwamen.

825
00:52:02,010 --> 00:52:04,590
De raad die hij gaf was niet erg wijs,

826
00:52:04,590 --> 00:52:08,190
maar in zijn tijd werd hij
als een wijs man beschouwd.

827
00:52:08,190 --> 00:52:14,070
Vlucht, keer u om, verblijf in
diepgelegen plaatsen, inwoners van Dedan!

828
00:52:14,070 --> 00:52:19,410
Want Ik heb de ondergang van Ezau over
hem gebracht, de tijd dat Ik hem straf.

829
00:52:19,410 --> 00:52:21,630
Dat betekent diep in de woestijn.

830
00:52:21,630 --> 00:52:25,230
Ga weg uit de steden en trek zo ver
mogelijk weg van de plaatsen die

831
00:52:25,230 --> 00:52:27,870
aangevallen zullen
worden, de wildernis in.

832
00:52:27,870 --> 00:52:32,610
Als er druivenplukkers bij u komen,
laten zij dan geen nalezing over?

833
00:52:32,610 --> 00:52:35,670
Als er dieven in de nacht
komen, zouden zij dan geen

834
00:52:35,670 --> 00:52:38,130
verderf aanrichten tot zij genoeg hebben?

835
00:52:38,130 --> 00:52:43,710
Ik echter, Ik zal Ezau ontbloten, Ik
zal zijn verborgen plaatsen blootleggen,

836
00:52:43,710 --> 00:52:45,870
zodat hij zich niet kan verstoppen.

837
00:52:45,870 --> 00:52:50,371
Zijn nageslacht wordt verdelgd,
evenals zijn broers en zijn buren —

838
00:52:50,371 --> 00:52:51,990
en hij is er niet meer.

839
00:52:51,990 --> 00:52:55,710
Laat uw wezen achter, Ík zal
hen in het leven behouden,

840
00:52:55,710 --> 00:52:58,530
en laten uw weduwen op Mij vertrouwen.

841
00:52:58,530 --> 00:53:01,710
De Arabische stammen die ik
noemde, vielen Edom binnen.

842
00:53:01,710 --> 00:53:04,470
Dat lag ten zuiden en
ten oosten van Israël,

843
00:53:04,470 --> 00:53:07,950
eigenlijk voor een deel in
wat nu Saoedi-Arabië is.

844
00:53:07,950 --> 00:53:12,270
De Arabieren verdreven de Edomieten die
het overleefden naar het zuiden van Juda,

845
00:53:12,270 --> 00:53:15,450
en zij werden enigszins
in Israël opgenomen.

846
00:53:15,450 --> 00:53:18,510
Verder verloor Edom zijn
identiteit als volk.

847
00:53:18,510 --> 00:53:22,050
Degenen die in Israël woonden,
werden Idumeeërs genoemd,

848
00:53:22,050 --> 00:53:27,390
en we weten dat Herodes en zijn familie
Idumeeërs waren, van Edomitische afkomst.

849
00:53:27,390 --> 00:53:30,750
Maar het volk Edom was
niet echt meer een volk.

850
00:53:30,750 --> 00:53:31,530
Vers 12:

851
00:53:31,530 --> 00:53:36,810
Want zo zegt de HEERE: Zie, zij die niet
verdienden om de beker te moeten drinken,

852
00:53:36,810 --> 00:53:39,090
moeten hem beslist drinken.

853
00:53:39,090 --> 00:53:42,870
Zou u dan in enig opzicht voor
onschuldig gehouden worden?

854
00:53:42,870 --> 00:53:47,850
U zult niet voor onschuldig gehouden
worden, maar u moet hem beslist drinken!

855
00:53:47,850 --> 00:53:51,030
Want Ik heb bij Mijzelf
gezworen, spreekt de HEERE,

856
00:53:51,030 --> 00:53:54,810
dat Bozra zal worden tot een
verschrikking, tot smaad,

857
00:53:54,810 --> 00:53:58,050
tot een verwoeste plaats en tot een vloek.

858
00:53:58,050 --> 00:54:01,590
Al zijn steden zullen tot
eeuwige puinhopen worden.

859
00:54:01,590 --> 00:54:04,050
Ik heb een bericht gehoord van de HEERE,

860
00:54:04,050 --> 00:54:09,930
een gezant is uitgezonden onder de
heidenvolken: Verzamel u, kom ertegen op,

861
00:54:09,930 --> 00:54:11,790
sta op voor de strijd!

862
00:54:11,790 --> 00:54:17,670
Want zie, Ik heb u klein gemaakt onder
de heidenvolken, veracht onder de mensen.

863
00:54:17,670 --> 00:54:21,690
De schrik voor u heeft u
bedrogen, de overmoed van uw hart,

864
00:54:21,690 --> 00:54:26,850
u die woont in rotskloven, u die
zich vastklemt aan hoge heuvels.

865
00:54:26,850 --> 00:54:32,190
Al zou u uw nest zo hoog maken als
de arend, vandaar zal Ik u neerhalen,

866
00:54:32,190 --> 00:54:33,510
spreekt de HEERE.

867
00:54:33,510 --> 00:54:37,830
Dit verwijst naar hun rotsstad
Petra, die hoog op een klif lag

868
00:54:37,830 --> 00:54:40,110
en in de rots was uitgehouwen.

869
00:54:40,110 --> 00:54:42,570
Die werd als onneembaar beschouwd.

870
00:54:42,570 --> 00:54:46,470
Door die rotsstad dachten ze dat ze
vrijwel niet te overwinnen waren.

871
00:54:46,470 --> 00:54:47,670
Er staat:

872
00:54:47,670 --> 00:54:51,870
De schrik voor u heeft u
bedrogen, de overmoed van uw hart,

873
00:54:51,870 --> 00:54:56,790
u die woont in rotskloven, u die
zich vastklemt aan hoge heuvels.

874
00:54:56,790 --> 00:55:01,650
Al zou u uw nest zo hoog maken als
de arend, vandaar zal Ik u neerhalen,

875
00:55:01,650 --> 00:55:03,090
spreekt de HEERE.

876
00:55:03,090 --> 00:55:05,430
Edom zal worden tot een verschrikking.

877
00:55:05,430 --> 00:55:09,690
Ieder die er voorbijtrekt, zal zich
ontzetten en sissen van afschuw over

878
00:55:09,690 --> 00:55:10,650
al zijn wonden.

879
00:55:10,650 --> 00:55:16,470
Zoals Sodom, Gomorra en hun naburige
plaatsen ondersteboven zijn gekeerd,

880
00:55:16,470 --> 00:55:21,750
zegt de HEERE, zal daar niemand wonen
en zal geen mensenkind erin verblijven.

881
00:55:21,750 --> 00:55:26,550
Zie, zoals een leeuw zal hij opkomen
uit de glorie van de Jordaan,

882
00:55:26,550 --> 00:55:32,130
tegen de sterke woonplaats; want in een
ogenblik zal Ik hem eruit doen wegsnellen.

883
00:55:32,130 --> 00:55:35,670
En wie daarvoor uitgekozen
is, zal Ik erover aanstellen.

884
00:55:35,670 --> 00:55:39,510
Want wie is Mij gelijk en
wie zou Mij dagvaarden?

885
00:55:39,510 --> 00:55:43,770
En wie is die herder dat hij voor
Mijn aangezicht standhouden zou?

886
00:55:43,770 --> 00:55:45,810
God komt dus op als een leeuw.

887
00:55:45,810 --> 00:55:49,530
Eigenlijk zijn de invallers die hier
bedoeld worden, wie het ook zijn,

888
00:55:49,530 --> 00:55:52,410
Gods werktuigen die als een leeuw komen.

889
00:55:52,410 --> 00:55:54,990
Geen herders kunnen hem tegenhouden.

890
00:55:54,990 --> 00:55:59,190
Niemand kan over Edom worden aangesteld
om het te verdedigen tegen de leeuw die de

891
00:55:59,190 --> 00:56:01,890
kudde van Edom komt stelen, het volk.

892
00:56:01,890 --> 00:56:06,870
Daarom, hoor het raadsbesluit van de
HEERE dat Hij over Edom genomen heeft,

893
00:56:06,870 --> 00:56:11,670
en Zijn plannen die Hij bedacht heeft
tegen de inwoners van Teman: Voorwaar,

894
00:56:11,670 --> 00:56:14,790
de geringsten van de kudde
zullen hen wegslepen!

895
00:56:14,790 --> 00:56:18,690
Voorwaar, men zal hun
woonplaats boven hen verwoesten!

896
00:56:18,690 --> 00:56:22,110
Dat is de minste van de kudde
van degenen die binnenvallen.

897
00:56:22,110 --> 00:56:26,490
De zwaksten van hen zullen de
Edomieten in gevangenschap wegvoeren.

898
00:56:26,490 --> 00:56:31,231
Van het geluid van hun val
beeft de aarde, het geschreeuw —

899
00:56:31,231 --> 00:56:34,710
bij de Schelfzee wordt het
geluid daarvan gehoord.

900
00:56:34,710 --> 00:56:38,670
Zie, als een arend stijgt
hij op, komt hij aanzweven,

901
00:56:38,670 --> 00:56:41,250
spreidt hij zijn vleugels uit over Bozra.

902
00:56:41,250 --> 00:56:45,210
Het hart van de helden van Edom zal
op die dag zijn als het hart van een

903
00:56:45,210 --> 00:56:46,770
vrouw in barensnood.

904
00:56:46,770 --> 00:56:50,490
Veel beeldspraak uit eerdere
profetieën wordt herhaald.

905
00:56:50,490 --> 00:56:53,610
Damascus was de hoofdstad van Syrië.

906
00:56:53,610 --> 00:56:56,130
Er is een korte profetie tegen die stad.

907
00:56:56,130 --> 00:57:00,270
Over Damascus. Hamath en
Arpad staan beschaamd.

908
00:57:00,270 --> 00:57:04,170
Omdat zij een slecht bericht
hebben gehoord, smelten zij weg.

909
00:57:04,170 --> 00:57:08,250
Bij de zee is bezorgdheid,
men kan niet tot rust komen.

910
00:57:08,250 --> 00:57:12,510
Damascus heeft de moed verloren,
het keert zich om om te vluchten,

911
00:57:12,510 --> 00:57:14,550
siddering heeft het aangegrepen,

912
00:57:14,550 --> 00:57:18,930
benauwdheid en weeën hebben het
aangegrepen als een barende vrouw.

913
00:57:18,930 --> 00:57:23,670
Hoe is de stad van de roem
verlaten, de stad van mijn vreugde!

914
00:57:23,670 --> 00:57:27,150
Daarom zullen haar jongemannen
vallen op haar pleinen en alle

915
00:57:27,150 --> 00:57:30,570
strijdbare mannen zullen
op die dag verdelgd worden,

916
00:57:30,570 --> 00:57:33,090
spreekt de HEERE van de legermachten.

917
00:57:33,090 --> 00:57:36,390
Ik zal een vuur aansteken
in de muur van Damascus,

918
00:57:36,390 --> 00:57:39,450
en het zal de paleizen
van Benhadad verteren.

919
00:57:39,450 --> 00:57:45,510
Dat korte verspaar komt uit Amos
hoofdstuk 1, vers 3 tot en met 5.

920
00:57:45,510 --> 00:57:49,710
Daar worden in deze vorm profetieën
uitgesproken tegen zeven verschillende

921
00:57:49,710 --> 00:57:52,590
volken, waaronder Damascus.

922
00:57:52,590 --> 00:57:58,230
Je ziet dus dat Jeremia hier Amos
citeert, een eerdere profeet.

923
00:57:58,230 --> 00:58:03,330
Misschien heeft hij eerder ook Obadja
geciteerd toen hij over Edom sprak.

924
00:58:03,330 --> 00:58:08,910
Over Kedar en over de koninkrijken
van Hazor, die Nebukadrezar,

925
00:58:08,910 --> 00:58:12,090
de koning van Babel, heeft verslagen.

926
00:58:12,090 --> 00:58:16,350
Zo zegt de HEERE: Sta
op, ruk op naar Kedar,

927
00:58:16,350 --> 00:58:18,810
en verdelg de mensen van het oosten.

928
00:58:18,810 --> 00:58:20,730
Dit zijn woestijnstammen.

929
00:58:20,730 --> 00:58:22,890
Anders dan de andere genoemde plaatsen

930
00:58:22,890 --> 00:58:26,010
waren dit geen gemeenschappen
met een vaste woonplaats.

931
00:58:26,010 --> 00:58:30,270
Het waren een soort bedoeïenen,
nomadische woestijnstammen.

932
00:58:30,270 --> 00:58:34,170
Een Babylonische kroniek vermeldt
inderdaad een veldtocht van Babylon

933
00:58:34,170 --> 00:58:38,250
tegen deze mensen in 599 voor Christus.

934
00:58:38,250 --> 00:58:42,570
Dit voorspelt dus waarschijnlijk dat de
Babyloniërs tegen hen zullen optrekken.

935
00:58:42,570 --> 00:58:44,970
Je zou denken dat je met
rust gelaten zou worden

936
00:58:44,970 --> 00:58:50,130
als je gewoon in de woestijn rondzwierf,
zonder een gebouw of zonder muren.

937
00:58:50,130 --> 00:58:54,090
Maar de Babyloniërs wisten dat deze mensen
eerder behoorlijk wat problemen hadden

938
00:58:54,090 --> 00:58:56,490
veroorzaakt voor de Assyriërs.

939
00:58:56,490 --> 00:59:00,870
De Babyloniërs wilden waarschijnlijk
niet dezelfde problemen met hen krijgen.

940
00:59:00,870 --> 00:59:02,250
Er staat dus:

941
00:59:02,250 --> 00:59:07,650
Over Kedar en over de koninkrijken
van Hazor, die Nebukadrezar,

942
00:59:07,650 --> 00:59:10,650
de koning van Babel, heeft verslagen.

943
00:59:10,650 --> 00:59:14,730
Zo zegt de HEERE: Sta
op, ruk op naar Kedar,

944
00:59:14,730 --> 00:59:17,370
en verdelg de mensen van het oosten.

945
00:59:17,370 --> 00:59:20,130
Zij zullen hun tenten
en hun kudden wegnemen,

946
00:59:20,130 --> 00:59:23,490
hun tentkleden en heel hun uitrusting.

947
00:59:23,490 --> 00:59:28,530
Zij zullen hun kamelen voor zichzelf
wegnemen, en zij zullen tegen hen roepen:

948
00:59:28,530 --> 00:59:30,330
Angst van rondom!

949
00:59:30,330 --> 00:59:35,730
Vlucht, vlucht zo snel mogelijk weg,
verblijf in diepgelegen plaatsen,

950
00:59:35,730 --> 00:59:39,210
inwoners van Hazor, spreekt de HEERE.

951
00:59:39,210 --> 00:59:43,950
Want Nebukadrezar, de koning van
Babel, heeft een raadsbesluit over

952
00:59:43,950 --> 00:59:46,890
u genomen en plannen tegen hen bedacht.

953
00:59:46,890 --> 00:59:50,310
Ook hier weer: trek verder de woestijn in,

954
00:59:50,310 --> 00:59:55,050
naar de dieper gelegen delen waar
men hen minder snel zal gaan zoeken.

955
00:59:55,050 --> 01:00:01,290
Sta op, ruk op naar het geruste volk,
dat onbezorgd woont, spreekt de HEERE,

956
01:00:01,290 --> 01:00:06,210
dat geen poorten en geen grendel
heeft — zij wonen alleen.

957
01:00:06,210 --> 01:00:09,450
De Engelse vertaling spreekt
hier van een rijk volk.

958
01:00:09,450 --> 01:00:12,150
Het waren rijke mensen,
maar ze hadden geen

959
01:00:12,150 --> 01:00:15,570
poorten of grendels omdat
ze geen stadsmuren hadden.

960
01:00:15,570 --> 01:00:18,390
Ze hadden geen steden. Ze trokken rond.

961
01:00:18,390 --> 01:00:23,790
Hun kamelen zullen tot buit worden
en hun menigte van vee tot prooi.

962
01:00:23,790 --> 01:00:26,730
Ik zal hen naar alle
windstreken verstrooien,

963
01:00:26,730 --> 01:00:31,170
hen die kaalgeschoren zijn aan hun
slapen, en Ik zal van alle kanten hun

964
01:00:31,170 --> 01:00:34,470
ondergang doen komen, spreekt de HEERE.

965
01:00:34,470 --> 01:00:38,250
Hazor zal tot een verblijfplaats
van jakhalzen worden,

966
01:00:38,250 --> 01:00:41,010
een woestenij tot in eeuwigheid.

967
01:00:41,010 --> 01:00:45,450
Daar zal niemand wonen, en geen
mensenkind erin verblijven.

968
01:00:45,450 --> 01:00:49,230
Dan is er ten slotte een
korte profetie tegen Elam.

969
01:00:49,230 --> 01:00:54,150
De Elamieten bevonden zich zo ongeveer
in het noordelijke deel van Perzië,

970
01:00:54,150 --> 01:00:58,470
en de Perzen waren verwant
aan de Elamieten. Er staat:

971
01:00:58,470 --> 01:01:04,110
Hetgeen als het woord van de HEERE tot
de profeet Jeremia gekomen is tegen Elam,

972
01:01:04,110 --> 01:01:08,910
aan het begin van het koningschap
van Zedekia, koning van Juda:

973
01:01:08,910 --> 01:01:14,910
Zo zegt de HEERE van de legermachten:
Zie, Ik ga de boog van Elam breken,

974
01:01:14,910 --> 01:01:17,190
de keur van hun gevechtskracht.

975
01:01:17,190 --> 01:01:20,550
Ik zal over Elam doen
komen vier stormwinden,

976
01:01:20,550 --> 01:01:26,070
van de vier einden van de hemel, en Ik zal
hen verstrooien naar al deze windstreken.

977
01:01:26,070 --> 01:01:30,570
Er zal geen volk zijn waarheen de
verdrevenen uit Elam niet zullen komen.

978
01:01:30,570 --> 01:01:35,310
Ik zal Elam ontsteld doen staan
ten overstaan van hun vijanden,

979
01:01:35,310 --> 01:01:38,190
ten overstaan van wie
hen naar het leven staan.

980
01:01:38,190 --> 01:01:43,950
Ik zal onheil over hen brengen: Mijn
brandende toorn, spreekt de HEERE.

981
01:01:43,950 --> 01:01:46,710
Ik zal het zwaard achter hen aan zenden,

982
01:01:46,710 --> 01:01:49,350
tot Ik aan hen een einde
zal hebben gemaakt.

983
01:01:49,350 --> 01:01:55,110
Ik zal Mijn troon opstellen in Elam en
koning en vorsten vandaar verdelgen,

984
01:01:55,110 --> 01:01:56,430
spreekt de HEERE.

985
01:01:56,430 --> 01:01:59,610
Maar het zal in later
tijd gebeuren dat Ik een

986
01:01:59,610 --> 01:02:03,450
omkeer zal brengen in de gevangenschap
van Elam, spreekt de HEERE.

987
01:02:03,450 --> 01:02:08,910
Wanneer dit oordeel over hen kwam, of
wie het uitvoerde, wordt niet gezegd.

988
01:02:08,910 --> 01:02:13,350
Het gaat vrijwel zeker om
Nebukadnezar die de Elamieten overwon,

989
01:02:13,350 --> 01:02:16,290
hoewel zij zich later bij
de Meden aansloten en het

990
01:02:16,290 --> 01:02:18,570
Babylonische Rijk omverwierpen.

991
01:02:18,570 --> 01:02:21,930
Maar dat was een of twee generaties later.

992
01:02:21,930 --> 01:02:23,730
Eén ding dat er staat, is:

993
01:02:23,730 --> 01:02:26,610
Ik zal de gevangenen
van Elam terugbrengen.

994
01:02:26,610 --> 01:02:30,870
De gevangenen terugbrengen is een
uitdrukking die we soms gebruikt zien in

995
01:02:30,870 --> 01:02:35,190
de betekenis van ‘een keer
brengen in het lot van’.

996
01:02:35,190 --> 01:02:40,890
In Job hoofdstuk 42, aan het einde van
het verhaal van Job, staat namelijk:

997
01:02:40,890 --> 01:02:44,490
En de Heere bracht een omkeer
in de gevangenschap van Job.

998
01:02:44,490 --> 01:02:47,790
De meeste moderne vertalingen
geven dat zo weer:

999
01:02:47,790 --> 01:02:51,870
De Heere bracht een gunstige
wending in het lot van Job.

1000
01:02:51,870 --> 01:02:55,710
Een keer brengen in de gevangenschap
is een soort hebraïsme.

1001
01:02:55,710 --> 01:02:59,670
Dat betekent dat je een gunstige
wending brengt in iemands lot.

1002
01:02:59,670 --> 01:03:06,270
De woorden uit Jeremia 49:39 over
Elam, in de Engelse vertaling:

1003
01:03:06,270 --> 01:03:08,610
Ik zal de gevangenen terugbrengen.

1004
01:03:08,610 --> 01:03:13,230
zouden hetzelfde kunnen betekenen:
‘Ik zal de omstandigheden verbeteren.’

1005
01:03:13,230 --> 01:03:16,710
Het zou zelfs kunnen verwijzen
naar Elamieten in de gemeente,

1006
01:03:16,710 --> 01:03:20,850
want in Handelingen hoofdstuk 2
wordt vermeld dat er mensen uit

1007
01:03:20,850 --> 01:03:24,990
Elam in Jeruzalem waren, hoewel
het waarschijnlijk Joden waren.

1008
01:03:24,990 --> 01:03:28,470
Maar het zouden ook enkele Joodse
proselieten uit de Elamieten

1009
01:03:28,470 --> 01:03:29,850
geweest kunnen zijn.

1010
01:03:29,850 --> 01:03:31,230
Dat is moeilijk te zeggen.

1011
01:03:31,230 --> 01:03:34,890
Hoe dan ook, in Handelingen
2:9 wordt vermeld dat

1012
01:03:34,890 --> 01:03:37,650
Elam daar op de Pinksterdag
vertegenwoordigd was

1013
01:03:37,650 --> 01:03:41,970
onder degenen die het Evangelie
hoorden en, naar we mogen aannemen,

1014
01:03:41,970 --> 01:03:43,710
tot behoud kwamen.

1015
01:03:43,710 --> 01:03:46,170
Zo komen we aan het
einde van dit gedeelte.

1016
01:03:46,170 --> 01:03:49,410
Bij zo'n gedeelte is het altijd heel
moeilijk om te weten wat je ermee moet

1017
01:03:49,410 --> 01:03:52,890
doen, omdat lesgeven over poëzie anders is

1018
01:03:52,890 --> 01:03:55,770
dan lesgeven over de
Bijbel in het algemeen.

1019
01:03:55,770 --> 01:03:59,250
Hoewel een groot deel van de
Bijbel in dichtvorm is geschreven,

1020
01:03:59,250 --> 01:04:04,470
vergt het een andere vaardigheid om les te
geven over poëzie, en ik ben geen dichter.

1021
01:04:04,470 --> 01:04:07,890
Maar de algemene strekking
van deze profetieën begrijpen

1022
01:04:07,890 --> 01:04:11,010
is zo ongeveer het beste
wat we kunnen bereiken.

1023
01:04:11,010 --> 01:04:14,850
Deze volken werden bijna allemaal
door de Babyloniërs geoordeeld.

1024
01:04:14,850 --> 01:04:18,450
Vervolgens komen we in hoofdstuk
50 bij de Babyloniërs zelf,

1025
01:04:18,450 --> 01:04:20,370
die onder het oordeel komen.

1026
01:04:20,370 --> 01:04:23,310
Dat is de laatste van deze
profetieën tegen de heidenen,

1027
01:04:23,310 --> 01:04:27,990
maar het is verreweg de langste, en die
zal onze laatste bijeenkomst over Jeremia

1028
01:04:27,990 --> 01:04:28,470
in beslag nemen.
