1
00:00:02,010 --> 00:00:04,470
Welkom bij Vers voor Vers!

2
00:00:04,470 --> 00:00:10,230
Deze keer behandelen we Jesaja
hoofdstuk 58 tot en met 60.

3
00:00:10,230 --> 00:00:12,990
We gaan nu naar Jesaja 58.

4
00:00:12,990 --> 00:00:18,870
De hoofdstukken 58 tot en met 66, de
laatste negen hoofdstukken van het boek,

5
00:00:18,870 --> 00:00:20,790
vormen het laatste gedeelte.

6
00:00:20,790 --> 00:00:24,750
We hebben steeds gezegd dat het deel van
Jesaja dat we het Boek van Vertroosting

7
00:00:24,750 --> 00:00:28,110
noemen, de hoofdstukken 40 tot en met 66,

8
00:00:28,110 --> 00:00:33,510
uiteenvalt in drie gedeelten van gelijke
lengte, elk negen hoofdstukken lang.

9
00:00:33,510 --> 00:00:36,030
We hebben de eerste
twee daarvan behandeld.

10
00:00:36,030 --> 00:00:41,070
Het laatste gedeelte rest ons
nog en begint bij hoofdstuk 58.

11
00:00:41,070 --> 00:00:44,910
Dit hoofdstuk is vrij bekend als
een hoofdstuk dat gewijd is aan

12
00:00:44,910 --> 00:00:46,530
het onderwerp vasten.

13
00:00:46,530 --> 00:00:50,970
De Bijbel geeft in het algemeen
niet erg veel onderwijs over vasten.

14
00:00:50,970 --> 00:00:53,370
Vasten is je onthouden van voedsel.

15
00:00:53,370 --> 00:00:57,150
Wanneer christenen ontdekken dat
er zoiets als vasten bestaat,

16
00:00:57,150 --> 00:01:00,930
doorzoeken ze de Schriften om
inzicht te krijgen in waarom je vast,

17
00:01:00,930 --> 00:01:03,450
wanneer je vast en hoe je vast.

18
00:01:03,450 --> 00:01:05,550
En in wezen vinden ze niets.

19
00:01:05,550 --> 00:01:10,110
Er staat vrijwel helemaal geen onderwijs
in de Schrift over het onderwerp vasten,

20
00:01:10,110 --> 00:01:13,410
behalve dat mensen het doen
en dat christenen het doen.

21
00:01:13,410 --> 00:01:17,970
In Handelingen 13 zien we dat de leiders
van de gemeente aan het vasten waren

22
00:01:17,970 --> 00:01:22,890
en de Heere dienden voordat de apostelen
Barnabas en Saulus werden uitgezonden.

23
00:01:22,890 --> 00:01:25,350
Toen sprak de Heilige Geest tot hen.

24
00:01:25,350 --> 00:01:28,950
Vasten is iets wat Paulus en
Barnabas volgens mij deden

25
00:01:28,950 --> 00:01:31,170
voordat ze oudsten aanstelden.

26
00:01:31,170 --> 00:01:34,950
Jezus gaf aan dat Zijn discipelen
inderdaad zouden vasten.

27
00:01:34,950 --> 00:01:39,210
Jezus heeft het nooit geboden; Hij
ging ervan uit dat ze het zouden doen.

28
00:01:39,210 --> 00:01:42,210
In Mattheüs 9 vroegen de
discipelen van Johannes

29
00:01:42,210 --> 00:01:45,390
de Doper en van de Farizeeën aan Jezus:

30
00:01:45,390 --> 00:01:50,130
De discipelen van Johannes vroegen Hem
waarom zij en de Farizeeën vaak vastten,

31
00:01:50,130 --> 00:01:52,290
maar Jezus’ discipelen niet.

32
00:01:52,290 --> 00:01:55,770
De andere godsdienstige
mensen hadden vastendagen.

33
00:01:55,770 --> 00:02:01,590
De Farizeeën vastten twee dagen per week
en de discipelen van Jezus vastten niet.

34
00:02:01,590 --> 00:02:04,530
Daarom vroegen degenen
die vastten aan Jezus:

35
00:02:04,530 --> 00:02:07,110
Waarom vastten Zijn discipelen dan niet?

36
00:02:07,110 --> 00:02:08,370
Jezus zei:

37
00:02:08,370 --> 00:02:12,930
Zolang de Bruidegom bij de bruiloftsgasten
was, was het voor hen niet de tijd

38
00:02:12,930 --> 00:02:14,190
om te vasten.

39
00:02:14,190 --> 00:02:18,870
Met andere woorden, tijdens de
feestelijkheden. Maar Hij zei:

40
00:02:18,870 --> 00:02:23,430
Jezus zei tegen hen: De bruiloftsgasten
kunnen toch niet treuren zolang de

41
00:02:23,430 --> 00:02:25,170
Bruidegom bij hen is?

42
00:02:25,170 --> 00:02:29,490
Maar de dagen zullen komen dat de
Bruidegom van hen weggenomen zal zijn,

43
00:02:29,490 --> 00:02:31,530
en dan zullen zij vasten.

44
00:02:31,530 --> 00:02:35,070
Dit is natuurlijk niet hetzelfde
als een gebod aan Zijn discipelen,

45
00:02:35,070 --> 00:02:37,050
maar het is wel een voorspelling.

46
00:02:37,050 --> 00:02:40,230
Hij zei dat Zijn discipelen
inderdaad zouden vasten.

47
00:02:40,230 --> 00:02:43,770
In de Bergrede sprak Jezus
achtereenvolgens over het geven van

48
00:02:43,770 --> 00:02:46,890
liefdegaven, het bidden en het vasten.

49
00:02:46,890 --> 00:02:52,590
Over dat laatste zei Hij in
Mattheüs 6:16: „Wanneer u vast.”

50
00:02:52,590 --> 00:02:55,050
Let op: wanneer u vast.

51
00:02:55,050 --> 00:02:57,390
Hij gebood hun niet te vasten.

52
00:02:57,390 --> 00:03:00,090
Hij ging ervan uit dat ze het zouden doen.

53
00:03:00,090 --> 00:03:04,470
Vasten maakte zo algemeen deel uit van
de vroomheid in het jodendom en in veel

54
00:03:04,470 --> 00:03:08,610
godsdiensten, dat het kennelijk ook
hoorde bij wat Jezus van Zijn discipelen

55
00:03:08,610 --> 00:03:10,770
verwachtte. Hoe vaak?

56
00:03:10,770 --> 00:03:12,690
Dat wordt ons nooit verteld.

57
00:03:12,690 --> 00:03:15,270
Sommige christenen maken
er een gewoonte van om

58
00:03:15,270 --> 00:03:17,250
één of twee keer per week te vasten.

59
00:03:17,250 --> 00:03:21,270
Sommigen doen het veel minder vaak,
nog niet eens één keer per jaar.

60
00:03:21,270 --> 00:03:24,090
Sommige christenen
hebben nog nooit gevast.

61
00:03:24,090 --> 00:03:27,390
De Bijbel zegt niet hoe vaak
iemand zou moeten vasten.

62
00:03:27,390 --> 00:03:31,470
Sommige mensen hebben gemerkt dat
het nuttig is om volgens een vast

63
00:03:31,470 --> 00:03:34,110
schema te vasten. Ik niet.

64
00:03:34,110 --> 00:03:38,190
Toen ik jonger was en vasten voor
het eerst in de Schrift ontdekte,

65
00:03:38,190 --> 00:03:41,610
besloot ik dat ik het mijn
hele leven had verwaarloosd.

66
00:03:41,610 --> 00:03:45,810
Daarom besloot ik één dag per week te
vasten en vervolgens aan het einde van

67
00:03:45,810 --> 00:03:47,970
elke maand drie dagen.

68
00:03:47,970 --> 00:03:49,770
Dat leek me wel voldoende.

69
00:03:49,770 --> 00:03:54,150
Het was absoluut voldoende, maar het was
niet voldoende in de zin dat het mijn

70
00:03:54,150 --> 00:03:56,970
geestelijke groei niet
werkelijk bevorderde.

71
00:03:56,970 --> 00:03:59,850
Voor mij was het absoluut genoeg vasten.

72
00:03:59,850 --> 00:04:03,090
Soms was het een geestelijk
opbouwende ervaring.

73
00:04:03,090 --> 00:04:06,630
Op andere momenten was het
alleen maar zwaar en moeizaam

74
00:04:06,630 --> 00:04:09,810
en leidde het me af van
gebed en dat soort dingen.

75
00:04:09,810 --> 00:04:15,210
Soms kan vasten je gebed intensiveren;
soms lijkt het je daarvan af te leiden.

76
00:04:15,210 --> 00:04:19,350
Ik besloot — en volgens mij had ik
daarvoor gezag in het Nieuwe Testament,

77
00:04:19,350 --> 00:04:23,550
en trouwens ook in het Oude Testament
— dat vasten niet iets is wat je

78
00:04:23,550 --> 00:04:28,110
inplant als een wettisch, gestructureerd
onderdeel van je geestelijke leven.

79
00:04:28,110 --> 00:04:31,530
Je vast wanneer het
gepast is om te vasten.

80
00:04:31,530 --> 00:04:35,670
Jezus zei dat de vrienden van de
bruidegom niet vasten zolang de bruidegom

81
00:04:35,670 --> 00:04:36,930
bij hen is.

82
00:04:36,930 --> 00:04:38,670
Eigenlijk zei Hij het zo:

83
00:04:38,670 --> 00:04:42,570
De vrienden van de bruidegom treuren
niet zolang de bruidegom bij hen is,

84
00:04:42,570 --> 00:04:46,110
maar als Hij bij hen wordt
weggehaald, dan zullen ze vasten.

85
00:04:46,110 --> 00:04:49,830
Jezus gebruikte de woorden ‘vasten’
en ‘rouwen’ als synoniemen.

86
00:04:49,830 --> 00:04:54,390
In het Oude Testament werd vasten nooit
geboden, behalve op één dag per jaar,

87
00:04:54,390 --> 00:04:56,130
op Grote Verzoendag.

88
00:04:56,130 --> 00:04:59,790
De Joden moesten eenmaal per
jaar op Grote Verzoendag vasten.

89
00:04:59,790 --> 00:05:02,970
Ze voegden daar echter nog
andere vastendagen aan toe.

90
00:05:02,970 --> 00:05:07,470
In de tijd van Zacharia hadden de Joden
op grond van hun eigen traditie nog

91
00:05:07,470 --> 00:05:10,170
vier jaarlijkse vastendagen ingevoerd.

92
00:05:10,170 --> 00:05:13,170
Ze rouwden om zaken als de
belegering van Jeruzalem,

93
00:05:13,170 --> 00:05:17,310
de val van de tempel en het
doorbreken van de muren van Jeruzalem.

94
00:05:17,310 --> 00:05:20,010
De gedenkdagen van die
gebeurtenissen waren

95
00:05:20,010 --> 00:05:23,790
voor de Joden in ballingschap
jaarlijkse vastendagen geworden.

96
00:05:23,790 --> 00:05:28,290
Vasten was iets wat je vaak deed
wanneer je om een overledene rouwde.

97
00:05:28,290 --> 00:05:32,430
Maar volgens mij is vasten het
meest organisch en het natuurlijkst

98
00:05:32,430 --> 00:05:36,030
wanneer je werkelijk geen zin
hebt om te eten omdat je rouwt.

99
00:05:36,030 --> 00:05:41,010
In tijden van diepe emoties sloegen
mensen maaltijden over en vastten ze.

100
00:05:41,010 --> 00:05:45,630
Misschien deden ze dat af en toe op een
wettische manier, maar God eiste het niet.

101
00:05:45,630 --> 00:05:51,210
Het was iets wat je, zoals Jezus zei,
doet wanneer er iets is om over te rouwen.

102
00:05:51,210 --> 00:05:54,570
Je rouwt niet wanneer er
niets is om over te rouwen.

103
00:05:54,570 --> 00:05:58,350
Christenen hebben veel om
over te treuren. Jezus zei:

104
00:05:58,350 --> 00:06:02,310
Zalig zijn zij die treuren, want
zij zullen vertroost worden.

105
00:06:02,310 --> 00:06:04,770
We treuren over de toestand van de wereld.

106
00:06:04,770 --> 00:06:08,250
We treuren over onze eigen
onvolmaaktheden en zonden.

107
00:06:08,250 --> 00:06:11,850
We treuren over mensen die we
kennen en die verloren zijn.

108
00:06:11,850 --> 00:06:15,390
Daarom zijn er voor ons veel
gelegenheden waarop vasten terecht is,

109
00:06:15,390 --> 00:06:18,510
waarop we ertoe gedreven
worden te vasten en te bidden.

110
00:06:18,510 --> 00:06:24,450
In Mattheüs 17 zei Jezus, afhankelijk
van welke handschriften je raadpleegt,

111
00:06:24,450 --> 00:06:27,690
toen Hij met de discipelen
sprak en zij vroegen:

112
00:06:27,690 --> 00:06:30,990
waarom zij de demon niet
hadden kunnen uitdrijven.

113
00:06:30,990 --> 00:06:31,890
Jezus zei:

114
00:06:31,890 --> 00:06:35,550
Maar dit soort gaat niet uit
dan door bidden en vasten.

115
00:06:35,550 --> 00:06:41,070
Toegegeven, de woorden ‘en vasten’
ontbreken in sommige handschriften.

116
00:06:41,070 --> 00:06:44,850
Maar het punt is dat gebed
en vasten vaak samengingen.

117
00:06:44,850 --> 00:06:50,070
Daniël bad en vastte in Daniël 10 en
had kennelijk enige invloed op een

118
00:06:50,070 --> 00:06:54,150
geestelijke oorlog die gaande was en
waarvan hij zich niet eens bewust was,

119
00:06:54,150 --> 00:06:56,070
als je Daniël 10 leest.

120
00:06:56,070 --> 00:06:59,550
Wanneer vasten op de juiste
manier met gebed verbonden is,

121
00:06:59,550 --> 00:07:03,570
lijkt het invloed te hebben als het de
ware weerspiegeling is van een gebroken

122
00:07:03,570 --> 00:07:07,950
hart, van verdriet over iets wat
niet is zoals het zou moeten zijn

123
00:07:07,950 --> 00:07:10,950
en waarvan je God smeekt
het te veranderen.

124
00:07:10,950 --> 00:07:14,190
Daarom denk ik dat vasten iets
geestelijks is wat je doet

125
00:07:14,190 --> 00:07:16,770
wanneer je je er geestelijk
toe geleid voelt.

126
00:07:16,770 --> 00:07:20,850
Ik geloof in vasten, maar de Bijbel
zegt niet dat we volgens een vast

127
00:07:20,850 --> 00:07:22,650
schema moeten vasten.

128
00:07:22,650 --> 00:07:25,770
Voor mensen die dat doen,
wordt dat meestal wettisch.

129
00:07:25,770 --> 00:07:29,850
Ik ga niet zeggen dat iemand van jullie
die dat misschien doet, wettisch is.

130
00:07:29,850 --> 00:07:34,590
Het is alleen zo dat sommige mensen
er een wettische gewoonte van maken.

131
00:07:34,590 --> 00:07:38,610
Soms zullen ze merken dat het een
geestelijk opbouwende ervaring is,

132
00:07:38,610 --> 00:07:39,930
en soms niet.

133
00:07:39,930 --> 00:07:43,710
In hoofdstuk 58 lezen
we dat de Joden vastten.

134
00:07:43,710 --> 00:07:46,590
Waarom ze vastten, wordt ons niet verteld.

135
00:07:46,590 --> 00:07:50,850
Misschien doelden ze op hun vasten
op de Grote Verzoendag, Jom Kipoer,

136
00:07:50,850 --> 00:07:53,430
hoewel het ook om ander
vasten kan zijn gegaan

137
00:07:53,430 --> 00:07:56,250
waarmee ze Gods gunst
probeerden te verwerven.

138
00:07:56,250 --> 00:07:59,370
Het probleem was
hetzelfde als in Jesaja 1.

139
00:07:59,370 --> 00:08:03,570
Net als de andere godsdienstige dingen
die ze deden, behaagde dit God niet.

140
00:08:03,570 --> 00:08:05,550
In hoofdstuk 1 zei God:

141
00:08:05,550 --> 00:08:11,070
dat hun reukwerk en offers Hem niet
welgevallig waren, maar Hem tegenstonden.

142
00:08:11,070 --> 00:08:14,070
Dit betekent niet dat
God tegen offers was.

143
00:08:14,070 --> 00:08:18,150
Het betekent dat hun oppervlakkige
godsdienstige gebruiken

144
00:08:18,150 --> 00:08:23,070
geen indruk op God maakten, omdat de
handen van deze mensen vol bloed waren

145
00:08:23,070 --> 00:08:28,410
en ze onrechtvaardig waren in al
hun relaties en handel en wandel.

146
00:08:28,410 --> 00:08:32,670
Ze wekten zelfs Zijn afschuw, omdat ze
door die dingen te doen deden alsof ze

147
00:08:32,670 --> 00:08:37,770
goede mensen waren, terwijl ze geen
goed leven leidden. De Bijbel zegt:

148
00:08:37,770 --> 00:08:41,610
Het offer van goddelozen is
voor de HEERE een gruwel,

149
00:08:41,610 --> 00:08:45,090
maar het gebed van oprechten
is Hem welgevallig.

150
00:08:45,090 --> 00:08:48,090
Jesaja wijst erop dat deze mensen vastten,

151
00:08:48,090 --> 00:08:50,910
maar geen enkele reactie
van God bemerkten,

152
00:08:50,910 --> 00:08:54,510
en dat ze zich afvroegen waarom. Hij zei:

153
00:08:54,510 --> 00:08:59,070
terwijl zij zeggen: Waarom vasten
wij, als U het toch niet ziet,

154
00:08:59,070 --> 00:09:02,730
waarom kwellen wij onze ziel,
als U het toch niet weet?

155
00:09:02,730 --> 00:09:10,470
Zie, op uw vastendag zoekt u uw eigen
wens, en beult u al uw arbeiders af.

156
00:09:10,470 --> 00:09:16,830
Zie, u vast om te twisten en ruzie te
maken en om goddeloos op de vuist te gaan.

157
00:09:16,830 --> 00:09:21,750
Vast niet zoals heden als u uw
stem wilt laten horen in de hoogte.

158
00:09:21,750 --> 00:09:25,050
enzovoort. Wat God feitelijk zegt, is:

159
00:09:25,050 --> 00:09:26,850
Daar moet je mee ophouden.

160
00:09:26,850 --> 00:09:30,990
Er is, naar ik aanneem, in
de jaren zestig of zeventig

161
00:09:30,990 --> 00:09:35,670
een boek geschreven met de
titel God’s Chosen Fast.

162
00:09:35,670 --> 00:09:40,830
De titel was ontleend aan dit
hoofdstuk, waar God in vers 6 zegt:

163
00:09:40,830 --> 00:09:46,830
Is dit niet het vasten dat Ik verkies: dat
u de boeien van de goddeloosheid losmaakt,

164
00:09:46,830 --> 00:09:49,170
dat u de banden van het juk ontbindt,

165
00:09:49,170 --> 00:09:54,390
dat u de onderdrukten vrij laat
heengaan en dat u elk juk breekt?

166
00:09:54,390 --> 00:09:56,730
Gods uitverkoren vasten.

167
00:09:56,730 --> 00:10:01,350
Dit boek bepleitte vasten, maar wees
erop dat dit hoofdstuk zei dat je

168
00:10:01,350 --> 00:10:04,650
naast het vasten ook deze
andere dingen moest doen.

169
00:10:04,650 --> 00:10:09,390
De meeste predikers die ik heb gehoord,
hebben het lange tijd zo opgevat.

170
00:10:09,390 --> 00:10:14,430
Maar toen ik Jesaja bestudeerde, begon
ik me af te vragen of dat wel waar is,

171
00:10:14,430 --> 00:10:20,190
of Jesaja zegt dat je moet vasten maar dit
met die bekering gepaard moet laten gaan.

172
00:10:20,190 --> 00:10:23,310
Zoals ik het lees, klinkt
het alsof God zegt:

173
00:10:23,310 --> 00:10:26,310
Ik heb je trouwens nooit
gevraagd om te vasten.

174
00:10:26,310 --> 00:10:29,070
Ik heb je nooit gevraagd om niet te eten.

175
00:10:29,070 --> 00:10:33,210
Ik heb je gevraagd om het kwaad
te mijden, om niet te zondigen.

176
00:10:33,210 --> 00:10:37,170
Ik geloof dat Hij zegt dat het
vasten waar God naar zoekt niet

177
00:10:37,170 --> 00:10:39,690
bestaat uit het zich
onthouden van voedsel,

178
00:10:39,690 --> 00:10:42,750
maar uit het zich onthouden
van slecht gedrag.

179
00:10:42,750 --> 00:10:44,190
En dat Hij hier helemaal niet

180
00:10:44,190 --> 00:10:49,230
noodzakelijkerwijs het zich onthouden
van voedsel bepleit. Dat doen ze al.

181
00:10:49,230 --> 00:10:51,390
Ik geloof niet dat Hij zegt:

182
00:10:51,390 --> 00:10:55,110
Naast het vasten van eten
moet je ook het kwaad mijden.

183
00:10:55,110 --> 00:10:57,150
Ik denk dat Hij dit zegt:

184
00:10:57,150 --> 00:11:00,330
God heeft je nooit echt
opgedragen om niet te eten,

185
00:11:00,330 --> 00:11:04,230
maar Hij heeft je wel opgedragen
om het kwaad te mijden.

186
00:11:04,230 --> 00:11:06,690
Laten we dat soort vasten nu dus doen.

187
00:11:06,690 --> 00:11:08,370
Laten we stoppen met zondigen.

188
00:11:08,370 --> 00:11:09,630
We lezen:

189
00:11:09,630 --> 00:11:14,610
Roep luidkeels, houd u niet in,
verhef uw stem als een bazuin,

190
00:11:14,610 --> 00:11:19,830
verkondig Mijn volk hun overtreding,
en het huis van Jakob hun zonden.

191
00:11:19,830 --> 00:11:21,390
Vervolgens zegt Hij:

192
00:11:21,390 --> 00:11:23,850
Hoewel zij Mij dag aan dag zoeken en

193
00:11:23,850 --> 00:11:26,550
vreugde vinden in de
kennis van Mijn wegen,

194
00:11:26,550 --> 00:11:31,050
als een volk dat gerechtigheid doet en
het recht van zijn God niet verlaat,

195
00:11:31,050 --> 00:11:34,230
vragen zij Mij om rechtvaardige oordelen.

196
00:11:34,230 --> 00:11:37,710
Zij vinden er vreugde in
om tot God te naderen,

197
00:11:37,710 --> 00:11:43,470
Met „als een volk dat gerechtigheid doet”
wordt bedoeld: alsof zij zo’n volk waren,

198
00:11:43,470 --> 00:11:47,610
terwijl zij Gods recht in
werkelijkheid wel hadden verlaten.

199
00:11:47,610 --> 00:11:52,110
terwijl zij zeggen: Waarom vasten
wij, als U het toch niet ziet,

200
00:11:52,110 --> 00:11:56,010
waarom kwellen wij onze ziel,
als U het toch niet weet?

201
00:11:56,010 --> 00:12:02,310
Zie, op uw vastendag zoekt u uw eigen
wens, en beult u al uw arbeiders af.

202
00:12:02,310 --> 00:12:06,930
In het Oude Testament is het kwellen
van de ziel een synoniem voor vasten.

203
00:12:06,930 --> 00:12:11,250
Je vindt die uitdrukking op een
aantal plaatsen in het Oude Testament.

204
00:12:11,250 --> 00:12:15,030
David spreekt in de Psalmen
over het kwellen van zijn ziel.

205
00:12:15,030 --> 00:12:18,330
Dat verwijst naar vasten, en
je kunt zien dat het hier ook

206
00:12:18,330 --> 00:12:20,490
parallel aan vasten wordt gebruikt.

207
00:12:20,490 --> 00:12:23,130
Het antwoord wordt gegeven in vers 3:

208
00:12:23,130 --> 00:12:27,870
terwijl zij zeggen: Waarom vasten
wij, als U het toch niet ziet,

209
00:12:27,870 --> 00:12:32,010
waarom kwellen wij onze ziel,
als U het toch niet weet?

210
00:12:32,010 --> 00:12:38,250
Zie, op uw vastendag zoekt u uw eigen
wens, en beult u al uw arbeiders af.

211
00:12:38,250 --> 00:12:44,190
Zie, u vast om te twisten en ruzie te
maken en om goddeloos op de vuist te gaan.

212
00:12:44,190 --> 00:12:48,390
Vast niet zoals heden als u uw
stem wilt laten horen in de hoogte.

213
00:12:48,390 --> 00:12:50,850
Zou dit het vasten zijn dat Ik verkies:

214
00:12:50,850 --> 00:12:53,310
dat de mens zich een
dag lang verootmoedigt,

215
00:12:53,310 --> 00:12:58,710
dat hij zijn hoofd buigt als een riet
en zich neerlegt in rouwgewaad en as?

216
00:12:58,710 --> 00:13:03,270
Noemt u dat vasten en een dag
die de HEERE welgevallig is?

217
00:13:03,270 --> 00:13:06,690
Deze dingen — wat de
gebruikte Engelse vertaling

218
00:13:06,690 --> 00:13:12,090
„je ziel kwellen” noemt en de HSV
met „zich verootmoedigen” weergeeft,

219
00:13:12,090 --> 00:13:16,471
je hoofd buigen als een bieze
en zak en as uitspreiden —

220
00:13:16,471 --> 00:13:20,070
waren de gebruikelijke uitingen
van verdriet en bekering die met

221
00:13:20,070 --> 00:13:21,930
vasten gepaard gingen.

222
00:13:21,930 --> 00:13:24,210
En toch zijn ze uiterlijk.

223
00:13:24,210 --> 00:13:27,030
Het zijn allemaal uiterlijke handelingen.

224
00:13:27,030 --> 00:13:30,750
Ze hebben niet echt enig effect
op het morele gedrag van iemand.

225
00:13:30,750 --> 00:13:34,530
Je kunt je hoofd buigen, je
kunt in zak en as zitten,

226
00:13:34,530 --> 00:13:39,510
je kunt je van voedsel onthouden, terwijl
je hart al die tijd nog steeds tegen God

227
00:13:39,510 --> 00:13:40,950
in opstand is.

228
00:13:40,950 --> 00:13:45,570
Hij zegt dat je tijdens het vasten
nog steeds je dienaren onderdrukt.

229
00:13:45,570 --> 00:13:49,590
Je hebt niets aan je gedrag
veranderd, behalve je eetgewoonten.

230
00:13:49,590 --> 00:13:53,010
Hij zegt dat God daarin
niet geïnteresseerd is.

231
00:13:53,010 --> 00:13:54,870
Hij zegt in vers 6:

232
00:13:54,870 --> 00:14:00,210
Is dit niet het vasten dat Ik verkies: dat
u de boeien van de goddeloosheid losmaakt,

233
00:14:00,210 --> 00:14:02,490
dat u de banden van het juk ontbindt,

234
00:14:02,490 --> 00:14:07,110
dat u de onderdrukten vrij laat
heengaan en dat u elk juk breekt?

235
00:14:07,110 --> 00:14:11,010
Is het niet dit , dat u uw
brood deelt met wie hongerlijdt,

236
00:14:11,010 --> 00:14:15,750
en de ellendige ontheemden een thuis
biedt, dat, als u een naakte ziet,

237
00:14:15,750 --> 00:14:20,250
u hem kleedt, en dat u zich voor
eigen vlees en bloed niet verbergt?

238
00:14:20,250 --> 00:14:26,310
Dit is wat Hij zegt: Ik wil dat je dit
doet in plaats van, of naast, je vasten.

239
00:14:26,310 --> 00:14:28,830
Je kunt vasten als je dat wilt, of niet.

240
00:14:28,830 --> 00:14:31,530
Waar God naar zoekt, is iets heel anders.

241
00:14:31,530 --> 00:14:33,870
Hij zoekt mededogen met de armen.

242
00:14:33,870 --> 00:14:37,590
Hij wil zien dat je je broeder
behandelt alsof hij je broeder is.

243
00:14:37,590 --> 00:14:39,750
Als hij naakt is, kleed je hem.

244
00:14:39,750 --> 00:14:42,510
Als hij dakloos is, neem je hem in huis.

245
00:14:42,510 --> 00:14:45,390
Als hij honger heeft, geef je hem te eten.

246
00:14:45,390 --> 00:14:49,890
Het is beter je broeder te voeden
dan jezelf van voedsel te onthouden.

247
00:14:49,890 --> 00:14:53,970
Er zijn dingen die je kunt doen
die praktischer zijn dan vasten,

248
00:14:53,970 --> 00:14:58,110
die wenselijker zouden zijn
en nuttiger voor je naaste.

249
00:14:58,110 --> 00:15:01,830
Met „de boeien van de
goddeloosheid losmaken”

250
00:15:01,830 --> 00:15:06,150
wordt misschien het beëindigen van
onrechtvaardige slavernij bedoeld;

251
00:15:06,150 --> 00:15:09,570
ik weet niet zeker wat die
uitdrukking precies betekent.

252
00:15:09,570 --> 00:15:12,390
Wat de afzonderlijke
beelden ook betekenen,

253
00:15:12,390 --> 00:15:17,550
de strekking is dat je je broeder op een
juiste manier hoort te behandelen en zijn

254
00:15:17,550 --> 00:15:20,430
vrijheid en welzijn hoort te bevorderen.

255
00:15:20,430 --> 00:15:23,250
Met andere woorden, waar God naar zoekt,

256
00:15:23,250 --> 00:15:27,270
is dat je gedrag tegenover
je broeder liefdevol is.

257
00:15:27,270 --> 00:15:31,530
Het gedeelte over eten is
niet zo'n belangrijke kwestie.

258
00:15:31,530 --> 00:15:34,410
In vers 8 wordt een belofte gedaan:

259
00:15:34,410 --> 00:15:40,770
Dan zal uw licht doorbreken als de
dageraad, en uw herstel snel intreden.

260
00:15:40,770 --> 00:15:45,630
Uw gerechtigheid zal voor u uit gaan
en de heerlijkheid van de HEERE zal

261
00:15:45,630 --> 00:15:47,370
uw achterhoede zijn.

262
00:15:47,370 --> 00:15:52,291
— met andere woorden, wanneer je dit
doet in plaats van wat je nu doet —

263
00:15:52,291 --> 00:15:55,770
Dan zult u roepen en de
HEERE zal antwoorden,

264
00:15:55,770 --> 00:16:00,750
dan zult u om hulp roepen en Hij
zal zeggen: Zie, hier ben Ik.

265
00:16:00,750 --> 00:16:03,150
Als u het juk uit uw midden wegdoet,

266
00:16:03,150 --> 00:16:07,410
het uitsteken van de vinger en het
uitspreken van ongerechtigheid;

267
00:16:07,410 --> 00:16:10,890
— waarbij het juk de last
van slavernij betekent.

268
00:16:10,890 --> 00:16:15,090
Misschien zegt Hij hun daadwerkelijk
dat ze hun slaven moeten vrijlaten.

269
00:16:15,090 --> 00:16:20,490
Of in ieder geval moet het zware juk, de
zware last waarover Hij in vers 6 spreekt,

270
00:16:20,490 --> 00:16:24,390
worden weggenomen. Doe
dat weg. Stop daarmee.

271
00:16:24,390 --> 00:16:28,230
„Het uitsteken van de vinger” betekent
blijkbaar dat men mensen beschuldigt,

272
00:16:28,230 --> 00:16:30,030
misschien ten onrechte.

273
00:16:30,030 --> 00:16:33,450
„Het uitspreken van ongerechtigheid”
zal waarschijnlijk op

274
00:16:33,450 --> 00:16:36,030
leugens en valse beschuldigingen doelen.

275
00:16:36,030 --> 00:16:40,350
als u uw hart opent voor de hongerigen,
en de verdrukte ziel verzadigt,

276
00:16:40,350 --> 00:16:45,210
dan zal uw licht in de duisternis opgaan,
en uw donkerheid als de middag zijn.

277
00:16:45,210 --> 00:16:50,610
En de HEERE zal u voortdurend leiden, Hij
zal uw ziel in dorre streken verzadigen,

278
00:16:50,610 --> 00:16:54,930
uw beenderen kracht geven; u
zult zijn als een bevloeide tuin,

279
00:16:54,930 --> 00:16:58,470
als een waterbron waarvan
het water nooit ontbreekt.

280
00:16:58,470 --> 00:17:03,330
En wie uit u voortkomen , zullen de
verwoeste plaatsen van weleer herbouwen;

281
00:17:03,330 --> 00:17:08,610
de fundamenten, van generatie op
generatie verwoest , zult u herstellen.

282
00:17:08,610 --> 00:17:13,770
En u zult genoemd worden: hij die bressen
dichtmaakt, hij die paden herstelt,

283
00:17:13,770 --> 00:17:15,690
opdat men er weer kan wonen.

284
00:17:15,690 --> 00:17:20,430
Dit is interessant, omdat het spreekt over
het herbouwen van de verwoeste plaatsen,

285
00:17:20,430 --> 00:17:22,950
maar dit is ongetwijfeld geestelijk.

286
00:17:22,950 --> 00:17:25,830
Het kan zijn dat zij het
letterlijk zouden opvatten.

287
00:17:25,830 --> 00:17:29,370
Want als dit een beeld geeft van de
mensen aan het einde van de Babylonische

288
00:17:29,370 --> 00:17:34,050
ballingschap, die om bevrijding roepen, en
zij bevrijd zullen worden wanneer ze zich

289
00:17:34,050 --> 00:17:37,890
werkelijk bekeren, dan zouden
ze teruggaan naar Jeruzalem.

290
00:17:37,890 --> 00:17:40,530
Daar zouden ze de ruïnes
van de oude stad zien

291
00:17:40,530 --> 00:17:42,930
en de oude verwoeste plaatsen herbouwen.

292
00:17:42,930 --> 00:17:48,690
Maar in hoofdstuk 61, dat Jezus in
verband bracht met Zijn eigen bediening —

293
00:17:48,690 --> 00:17:52,350
denk aan hoofdstuk 61, vers 1:

294
00:17:52,350 --> 00:17:55,470
De Geest van de Heere HEERE is op Mij,

295
00:17:55,470 --> 00:17:59,610
omdat de HEERE Mij gezalfd heeft
om een blijde boodschap te brengen

296
00:17:59,610 --> 00:18:01,290
aan de zachtmoedigen.

297
00:18:01,290 --> 00:18:05,430
Hij heeft Mij gezonden om te
verbinden de gebrokenen van hart,

298
00:18:05,430 --> 00:18:10,290
om voor de gevangenen vrijlating uit
te roepen en voor wie gebonden zaten,

299
00:18:10,290 --> 00:18:12,150
opening van de gevangenis;

300
00:18:12,150 --> 00:18:17,310
enzovoort. Jezus zei dat dit
voor hun oren vervuld was.

301
00:18:17,310 --> 00:18:20,070
In vers 4 van dat hoofdstuk zegt Hij:

302
00:18:20,070 --> 00:18:23,730
Zij zullen verwoeste plaatsen
van weleer herbouwen,

303
00:18:23,730 --> 00:18:28,710
de woeste plaatsen van vroeger weer
oprichten, de verwoeste steden vernieuwen,

304
00:18:28,710 --> 00:18:32,670
die verwoest lagen, van
generatie op generatie.

305
00:18:32,670 --> 00:18:37,170
Het klinkt precies als hetzelfde wat daar
wordt beloofd aan degenen die de bressen

306
00:18:37,170 --> 00:18:40,110
in de muren zouden herstellen, enzovoort.

307
00:18:40,110 --> 00:18:43,950
Dit spreekt kennelijk over een
geestelijk bouwwerk, en er is alle

308
00:18:43,950 --> 00:18:46,350
reden om het zo te begrijpen, want de

309
00:18:46,350 --> 00:18:50,370
historische terugkeer van de ballingen
uit Babylon wordt behandeld als een

310
00:18:50,370 --> 00:18:53,850
voorafbeelding van het
behoud voor ons in deze tijd.

311
00:18:53,850 --> 00:18:57,330
Natuurlijk is de bouw van de
tempel en de bouw van de stad

312
00:18:57,330 --> 00:19:00,030
te vergelijken met de
bouw van de gemeente.

313
00:19:00,030 --> 00:19:03,030
Paulus zei bijvoorbeeld
toen hij naar Korinthe kwam:

314
00:19:03,030 --> 00:19:06,450
Overeenkomstig de genade
van God die mij gegeven is,

315
00:19:06,450 --> 00:19:09,930
heb ik als een wijs bouwmeester
het fundament gelegd en een

316
00:19:09,930 --> 00:19:11,370
ander bouwt daarop.

317
00:19:11,370 --> 00:19:14,490
Ieder dient er echter op toe
te zien hoe hij daarop bouwt.

318
00:19:14,490 --> 00:19:18,030
Een andere dienaar komt
daarna en bouwt daarop voort.

319
00:19:18,030 --> 00:19:23,730
In Efeze, hoofdstuk 2, zei Paulus dat de
gemeente gebouwd is op het fundament van

320
00:19:23,730 --> 00:19:28,890
apostelen en profeten, met Jezus
Christus als de voornaamste hoeksteen.

321
00:19:28,890 --> 00:19:33,990
In Hem groeit het hele gebouw uit
tot een heilige tempel in de Heere.

322
00:19:33,990 --> 00:19:40,710
Petrus zei in 1 Petrus 2:5 dat wij als
levende stenen samengevoegd worden tot

323
00:19:40,710 --> 00:19:42,510
een geestelijk huis.

324
00:19:42,510 --> 00:19:47,490
Er zijn arbeiders aan dit bouwwerk, en
dat zijn mensen als Paulus en Apollos

325
00:19:47,490 --> 00:19:49,710
en degenen die de gemeente bouwen.

326
00:19:49,710 --> 00:19:52,230
Ze gaan naar een stad,
leggen een fundament,

327
00:19:52,230 --> 00:19:58,290
beginnen te bouwen en voegen stenen toe
door zielen toe te voegen, levende stenen.

328
00:19:58,290 --> 00:20:02,370
En zo is de gemeente een gebouw
waaraan nog gebouwd wordt.

329
00:20:02,370 --> 00:20:06,330
Zij zal op de juiste manier worden
gebouwd, volgens de oude wijze,

330
00:20:06,330 --> 00:20:11,010
de aloude wegen, de oorspronkelijke
manier waarop de apostelen haar bouwden,

331
00:20:11,010 --> 00:20:13,770
wanneer mensen op God afgestemd zijn.

332
00:20:13,770 --> 00:20:17,670
Niet alleen door te vasten, maar
door hun gedrag te vernieuwen

333
00:20:17,670 --> 00:20:22,290
en zich tegenover andere mensen
rechtvaardig en billijk te gedragen.

334
00:20:22,290 --> 00:20:24,750
Dat is waar God werkelijk naar zoekt.

335
00:20:24,750 --> 00:20:28,470
Bedenk dat Hij in Hosea 6:6 zegt:

336
00:20:28,470 --> 00:20:32,490
Want Ik vind vreugde in
goedertierenheid en niet in offer,

337
00:20:32,490 --> 00:20:35,910
in kennis van God meer dan in brandoffers!

338
00:20:35,910 --> 00:20:38,910
God verlangt ernaar dat
mensen barmhartigheid en

339
00:20:38,910 --> 00:20:43,890
medeleven tonen tegenover hun medemens, en
niet zozeer dat ze dierenoffers brengen.

340
00:20:43,890 --> 00:20:48,570
Nogmaals, overal in het Oude Testament
waar de profeten hierover spreken,

341
00:20:48,570 --> 00:20:53,490
maken ze duidelijk dat God niet uit
is op de dierenoffers, de wierook,

342
00:20:53,490 --> 00:20:57,930
het uiterlijke vertoon van
aanbidding, het ritueel of het vasten.

343
00:20:57,930 --> 00:21:01,650
Hij zoekt veranderde
harten en veranderd gedrag.

344
00:21:01,650 --> 00:21:03,390
Dat is wat Hij hier zegt.

345
00:21:03,390 --> 00:21:08,130
Degenen die veranderen, degenen die zich
werkelijk naar Gods maatstaven richten,

346
00:21:08,130 --> 00:21:12,090
zullen door Hem gebruikt worden om
de oude fundamenten op te bouwen

347
00:21:12,090 --> 00:21:14,010
die afgebroken zijn.

348
00:21:14,010 --> 00:21:17,970
In zekere zin heeft de gemeente
sinds de tijd van de apostelen,

349
00:21:17,970 --> 00:21:20,910
vooral in de middeleeuwen,
werkelijk het verval

350
00:21:20,910 --> 00:21:24,990
en de verwoesting meegemaakt van
wat de apostelen hadden gebouwd.

351
00:21:24,990 --> 00:21:29,430
Veel van de apostolische gemeente hield
bijna op te bestaan in de tijd van het

352
00:21:29,430 --> 00:21:32,250
pausdom en alles wat daarbij hoorde.

353
00:21:32,250 --> 00:21:36,330
Sindsdien is er enig herstel
geweest, maar niet volledig.

354
00:21:36,330 --> 00:21:40,110
De oude plaatsen en de
fundamenten van vele generaties

355
00:21:40,110 --> 00:21:42,450
moeten nog altijd herbouwd worden.

356
00:21:42,450 --> 00:21:46,350
Er zijn nog steeds bressen in de
muur die hersteld moeten worden.

357
00:21:46,350 --> 00:21:48,870
God zegt dat jij daarvoor
gebruikt zult worden,

358
00:21:48,870 --> 00:21:53,130
of in elk geval dat degenen die
uit jou voortkomen dat zullen doen,

359
00:21:53,130 --> 00:21:56,250
als je vast van het kwaad
in plaats van je alleen

360
00:21:56,250 --> 00:21:58,590
volgens een ritueel van
voedsel te onthouden.

361
00:21:58,590 --> 00:22:00,810
Indien u uw voet van de sabbat terughoudt,

362
00:22:00,810 --> 00:22:04,710
ermee ophoudt om op Mijn heilige
dag te doen wat u zelf wilt;

363
00:22:04,710 --> 00:22:09,031
indien u de sabbat een verlustiging
noemt, opdat de HEERE geheiligd wordt —

364
00:22:09,031 --> 00:22:13,770
die geëerd moet worden — indien u die
eert door niet uw eigen wegen te volgen,

365
00:22:13,770 --> 00:22:17,130
niet uw eigen wensen zoekt of
daarover een woord spreekt,

366
00:22:17,130 --> 00:22:21,090
dan zult u vreugde scheppen
in de HEERE, Ik zal u doen

367
00:22:21,090 --> 00:22:25,230
rijden op de hoogten van de aarde en Ik
zal u voeden met het erfelijk bezit van uw

368
00:22:25,230 --> 00:22:29,250
vader Jakob, want de mond
van de HEERE heeft gesproken.

369
00:22:29,250 --> 00:22:32,910
Let eens op hoe vaak het Hem erom
gaat dat mensen doen waar ze zelf

370
00:22:32,910 --> 00:22:34,350
plezier in hebben.

371
00:22:34,350 --> 00:22:38,670
Eerder, in vers 3, wanneer Hij voor het
eerst begint te zeggen wat er mis met hen

372
00:22:38,670 --> 00:22:41,730
is, zegt Hij aan het einde van dat vers:

373
00:22:41,730 --> 00:22:46,230
terwijl zij zeggen: Waarom vasten
wij, als U het toch niet ziet,

374
00:22:46,230 --> 00:22:50,310
waarom kwellen wij onze ziel,
als U het toch niet weet?

375
00:22:50,310 --> 00:22:56,850
Zie, op uw vastendag zoekt u uw eigen
wens, en beult u al uw arbeiders af.

376
00:22:56,850 --> 00:23:02,670
Zie, u vast om te twisten en ruzie te
maken en om goddeloos op de vuist te gaan.

377
00:23:02,670 --> 00:23:06,990
Vast niet zoals heden als u uw
stem wilt laten horen in de hoogte.

378
00:23:06,990 --> 00:23:09,570
Zou dit het vasten zijn dat Ik verkies:

379
00:23:09,570 --> 00:23:11,910
dat de mens zich een
dag lang verootmoedigt,

380
00:23:11,910 --> 00:23:17,190
dat hij zijn hoofd buigt als een riet
en zich neerlegt in rouwgewaad en as?

381
00:23:17,190 --> 00:23:21,330
Noemt u dat vasten en een dag
die de HEERE welgevallig is?

382
00:23:21,330 --> 00:23:25,230
Nu zegt Hij in vers 13 dat
je je ervan moet onthouden

383
00:23:25,230 --> 00:23:28,350
op de sabbat te doen waar
je zelf plezier in hebt.

384
00:23:28,350 --> 00:23:30,750
Aan het einde van vers 13 staat:

385
00:23:30,750 --> 00:23:35,490
En je moet Hem eren door niet je eigen
weg te gaan en niet je eigen plezier

386
00:23:35,490 --> 00:23:36,810
na te jagen.

387
00:23:36,810 --> 00:23:41,970
Waar het allemaal om draait, is dit:
wie probeer je met je leven te behagen?

388
00:23:41,970 --> 00:23:46,590
Leef je om God te behagen, of
leef je om jezelf te behagen?

389
00:23:46,590 --> 00:23:49,950
Kennelijk beschouwt God
het als vanzelfsprekend dat

390
00:23:49,950 --> 00:23:53,070
leven om jezelf te behagen niet juist is.

391
00:23:53,070 --> 00:23:56,910
Dat is de hele gedachte
achter vasten: in zekere zin

392
00:23:56,910 --> 00:24:00,750
ontzeg je jezelf dan zogenaamd
iets wat je plezier geeft.

393
00:24:00,750 --> 00:24:04,830
Maar op de dag dat je vast, leef
je in andere opzichten nog steeds

394
00:24:04,830 --> 00:24:06,570
voor je eigen plezier.

395
00:24:06,570 --> 00:24:11,370
De sabbat was apart gezet zodat mensen
hun aandacht aan God zouden wijden en die

396
00:24:11,370 --> 00:24:14,070
zouden afwenden van hun eigen plezier.

397
00:24:14,070 --> 00:24:17,490
Natuurlijk was de sabbat in
het Oude Testament maar één dag

398
00:24:17,490 --> 00:24:19,230
waarop ze dat moesten doen.

399
00:24:19,230 --> 00:24:22,710
In het Nieuwe Testament
is elke dag als de sabbat.

400
00:24:22,710 --> 00:24:25,110
Elke dag is een heilige dag.

401
00:24:25,110 --> 00:24:28,950
Zoals Paulus in Romeinen
veertien, vers vijf, zei:

402
00:24:28,950 --> 00:24:32,550
De een acht de ene dag
boven de andere dag,

403
00:24:32,550 --> 00:24:35,671
maar de ander acht al de dagen gelijk .

404
00:24:35,671 --> 00:24:39,510
Laat ieder in zijn eigen geest
ten volle overtuigd zijn.

405
00:24:39,510 --> 00:24:40,770
En hij zegt:

406
00:24:40,770 --> 00:24:45,150
Laat iedereen daar voor zichzelf
volledig van overtuigd zijn.

407
00:24:45,150 --> 00:24:47,670
Romeinen veertien, vers vijf.

408
00:24:47,670 --> 00:24:51,870
Wanneer iemand elke dag gelijk
acht, betekent dit dat hij elke dag

409
00:24:51,870 --> 00:24:56,310
min of meer als een sabbat beschouwt,
als de heilige dag van de Heere.

410
00:24:56,310 --> 00:25:01,530
Het is een dag waarop ik niet mijn eigen
plezier zoek; ik zoek wat God behaagt.

411
00:25:01,530 --> 00:25:05,550
Het gaat erom God te behagen, niet jezelf.

412
00:25:05,550 --> 00:25:09,510
De sabbat was één afzonderlijke
dag die ze daarvoor apart zetten.

413
00:25:09,510 --> 00:25:14,130
Ik neem aan dat het vóór de tijd waarin
de Heilige Geest aan hen gegeven werd,

414
00:25:14,130 --> 00:25:17,310
te veel gevraagd was om
dit elke dag te doen.

415
00:25:17,310 --> 00:25:19,710
Maar nu wij de Heilige Geest wel hebben,

416
00:25:19,710 --> 00:25:24,510
worden wij natuurlijk in staat gesteld om
in ons leven eenvoudig te zoeken wat God

417
00:25:24,510 --> 00:25:29,310
behaagt en ons streven naar ons
eigen plezier opzij te zetten.

418
00:25:29,310 --> 00:25:31,710
Nu hoofdstuk 59:

419
00:25:31,710 --> 00:25:36,930
Zie, de hand van de HEERE is niet te
kort dat ze niet zou kunnen verlossen,

420
00:25:36,930 --> 00:25:40,650
en Zijn oor is niet toegestopt
dat het niet zou kunnen horen.

421
00:25:40,650 --> 00:25:45,390
Dit volgt vanzelf op de vorige vraag:
hoe komt het dat wij vasten en God

422
00:25:45,390 --> 00:25:46,830
ons niet hoort?

423
00:25:46,830 --> 00:25:48,210
God redt ons niet.

424
00:25:48,210 --> 00:25:49,890
God reageert niet.

425
00:25:49,890 --> 00:25:53,730
Welnu, het probleem ligt
hier niet echt aan Gods kant.

426
00:25:53,730 --> 00:25:55,770
God is niet slechthorend.

427
00:25:55,770 --> 00:25:57,750
Zijn hand is niet verschrompeld.

428
00:25:57,750 --> 00:26:01,350
Hij is niet buiten staat om die
uit te strekken en je te helpen.

429
00:26:01,350 --> 00:26:02,850
Het probleem is:

430
00:26:02,850 --> 00:26:06,990
Maar uw ongerechtigheden maken
scheiding tussen u en uw God,

431
00:26:06,990 --> 00:26:12,030
uw zonden doen Zijn aangezicht voor u
verborgen zijn, zodat Hij u niet hoort.

432
00:26:12,030 --> 00:26:14,130
Het is niet zo dat Hij niet kan horen.

433
00:26:14,130 --> 00:26:18,750
Hij wil niet horen, omdat je door je
gedrag een barrière hebt opgeworpen tussen

434
00:26:18,750 --> 00:26:19,890
Hem en jou.

435
00:26:19,890 --> 00:26:24,450
Want uw handen zijn met bloed besmet,
en uw vingers met ongerechtigheid.

436
00:26:24,450 --> 00:26:29,130
Uw lippen spreken leugen, uw
tong brengt onrecht tot uiting.

437
00:26:29,130 --> 00:26:33,750
Dat was al lang geleden, in hoofdstuk
1, een verwijt. Toen zei Hij:

438
00:26:33,750 --> 00:26:38,430
dat zij geen nutteloze offers meer moesten
brengen en hun met bloed bevlekte handen

439
00:26:38,430 --> 00:26:41,010
niet in gebed tot Hem moesten opheffen.

440
00:26:41,010 --> 00:26:44,190
Hij zegt in vers 15 van hoofdstuk 1:

441
00:26:44,190 --> 00:26:49,590
En wanneer u uw handen uitspreidt,
verberg Ik Mijn ogen voor u;

442
00:26:49,590 --> 00:26:53,430
ook wanneer u uw gebed
vermeerdert, luister Ik niet:

443
00:26:53,430 --> 00:26:55,530
uw handen zitten vol bloed.

444
00:26:55,530 --> 00:26:57,750
Dit betekent bloedvergieten.

445
00:26:57,750 --> 00:27:01,530
Dat betekent dat er in
Jeruzalem moord plaatsvond.

446
00:27:01,530 --> 00:27:04,530
Waarschijnlijk ging het niet
alleen om criminele moord,

447
00:27:04,530 --> 00:27:06,990
gepleegd door misdadigers op straat.

448
00:27:06,990 --> 00:27:10,710
Het ging waarschijnlijk meer om
geïnstitutionaliseerde moord,

449
00:27:10,710 --> 00:27:13,890
een beetje zoals abortus
in onze samenleving.

450
00:27:13,890 --> 00:27:16,230
Het is geïnstitutionaliseerde moord.

451
00:27:16,230 --> 00:27:19,410
Het is niet een of andere
misdadiger die in een donker

452
00:27:19,410 --> 00:27:22,350
steegje op de loer ligt om
een slachtoffer te grijpen.

453
00:27:22,350 --> 00:27:26,430
Het lijkt er meer op dat je bij een
keurige arts kunt binnenlopen en je

454
00:27:26,430 --> 00:27:28,230
baby kunt laten vermoorden.

455
00:27:28,230 --> 00:27:32,790
Maar ik weet niet zeker welke
vorm dit in hun tijd aannam.

456
00:27:32,790 --> 00:27:35,190
Waarschijnlijk ging het niet om abortus.

457
00:27:35,190 --> 00:27:38,970
Het kan heel goed zijn dat de
machthebbers het soort dingen deden dat

458
00:27:38,970 --> 00:27:41,310
koning Achab en Izebel deden.

459
00:27:41,310 --> 00:27:44,250
Toen zij de wijngaard
van een buurman, Naboth,

460
00:27:44,250 --> 00:27:47,130
wilden hebben en hij
die niet wilde afstaan,

461
00:27:47,130 --> 00:27:50,790
liet Izebel de man doden
door valse getuigen.

462
00:27:50,790 --> 00:27:54,750
Die zeiden dat hij een bedrieger
was en dat hij God had gelasterd.

463
00:27:54,750 --> 00:27:58,890
Dus werd hij gestenigd en
namen zij zijn bezit in beslag.

464
00:27:58,890 --> 00:28:02,250
Mensen met macht vertrappen
vaak degenen die machteloos zijn

465
00:28:02,250 --> 00:28:04,650
en nemen hun af wat zij bezitten.

466
00:28:04,650 --> 00:28:08,610
Soms gaat dat ten koste van het leven
van de mensen die vertrapt worden.

467
00:28:08,610 --> 00:28:13,650
En laten we eerlijk zijn: tirannen
hechten weinig waarde aan een mensenleven.

468
00:28:13,650 --> 00:28:19,650
Mensen als Hitler, Stalin, Mao Zedong
en Pol Pot hebben dat laten zien.

469
00:28:19,650 --> 00:28:24,150
Zij doodden miljoenen mensen en sliepen
’s nachts waarschijnlijk uitstekend.

470
00:28:24,150 --> 00:28:28,950
Als mensen tirannen zijn, lopen ze
vaak zonder meer over anderen heen,

471
00:28:28,950 --> 00:28:31,590
doden hen en voelen daar niets bij.

472
00:28:31,590 --> 00:28:35,190
Blijkbaar gebeurde dat op de een
of andere manier in Jeruzalem.

473
00:28:35,190 --> 00:28:37,650
Het was niet zo dat er oorlog woedde in de

474
00:28:37,650 --> 00:28:40,830
straten en mensen op die
manier werden afgeslacht.

475
00:28:40,830 --> 00:28:44,250
Het ging om een andere vorm
van geïnstitutionaliseerd

476
00:28:44,250 --> 00:28:47,670
onrecht waardoor
onschuldige mensen stierven.

477
00:28:47,670 --> 00:28:50,670
God zag hun bloed aan de
handen van de onderdrukkers.

478
00:28:50,670 --> 00:28:55,170
Dat deze lippen leugens spreken, heeft
heel mogelijk betrekking op leugens voor

479
00:28:55,170 --> 00:29:00,450
de rechtbank, op een vals getuigenis
tegen mensen van wie zij misbruik maakten.

480
00:29:00,450 --> 00:29:03,510
Dit kwam heel vaak voor. Het gebod:

481
00:29:03,510 --> 00:29:07,890
U zult de Naam van de HEERE,
uw God, niet ijdel gebruiken,

482
00:29:07,890 --> 00:29:12,210
want de HEERE zal niet voor onschuldig
houden wie Zijn Naam ijdel gebruikt.

483
00:29:12,210 --> 00:29:16,110
had zijn eerste toepassing waarschijnlijk
op het zweren voor de rechtbank.

484
00:29:16,110 --> 00:29:18,930
Zweer je in de Naam van
de Heere dat iets waar is?

485
00:29:18,930 --> 00:29:21,870
Als je liegt, gebruik je die Naam ijdel.

486
00:29:21,870 --> 00:29:26,430
Naar alle waarschijnlijkheid besefte God
dat de rechtbanken de plaatsen waren waar

487
00:29:26,430 --> 00:29:29,970
gewetenloze mensen leerden
het systeem te manipuleren.

488
00:29:29,970 --> 00:29:34,650
Op manieren die wettig leken, kregen zij
wat zij wilden van hulpeloze slachtoffers

489
00:29:34,650 --> 00:29:37,890
die te arm waren om het
systeem te manipuleren.

490
00:29:37,890 --> 00:29:40,590
Zij konden valse getuigen inhuren.

491
00:29:40,590 --> 00:29:45,090
Jezus werd veroordeeld toen het
Sanhedrin valse getuigen liet optreden.

492
00:29:45,090 --> 00:29:50,070
Het Sanhedrin huurde valse getuigen
in om tegen Stefanus te spreken.

493
00:29:50,070 --> 00:29:54,270
Zowel Jezus als Stefanus werden
als gevolg daarvan gedood.

494
00:29:54,270 --> 00:29:56,670
Het is niet waarschijnlijk
dat zij de enigen waren

495
00:29:56,670 --> 00:29:59,310
die Jeruzalem dit ooit heeft aangedaan.

496
00:29:59,310 --> 00:30:02,190
Er is niemand die bijeen
roept in gerechtigheid

497
00:30:02,190 --> 00:30:05,250
er is niemand die in trouw
een rechtszaak voert.

498
00:30:05,250 --> 00:30:09,210
Zij vertrouwen op holle woorden
en spreken valse dingen.

499
00:30:09,210 --> 00:30:13,230
Zij zijn zwanger van onheil,
zij baren ongerechtigheid.

500
00:30:13,230 --> 00:30:17,850
Zij broeden eieren van een gifslang
uit en zij weven spinnenwebben.

501
00:30:17,850 --> 00:30:21,810
Wie van hun eieren eet,
sterft; is er een kapotgedrukt,

502
00:30:21,810 --> 00:30:23,790
dan perst er zich een adder uit.

503
00:30:23,790 --> 00:30:26,250
Hun webben zijn niet
geschikt voor kleding,

504
00:30:26,250 --> 00:30:29,730
en zij zullen zich niet kunnen
bedekken met hun maaksels.

505
00:30:29,730 --> 00:30:33,690
Hun maaksels zijn maaksels
van ongerechtigheid;

506
00:30:33,690 --> 00:30:36,330
gewelddadig werk is in hun handen.

507
00:30:36,330 --> 00:30:40,050
Dit leggen van adderseieren en
weven van een spinnenweb heeft

508
00:30:40,050 --> 00:30:44,310
duidelijk te maken met adders en
spinnen, die allebei giftig zijn.

509
00:30:44,310 --> 00:30:47,910
Maar eieren leggen en een web
weven zijn dingen die uit het

510
00:30:47,910 --> 00:30:50,310
schepsel zelf voortkomen.

511
00:30:50,310 --> 00:30:54,090
Met andere woorden, ze zijn
de vrucht van zijn arbeid.

512
00:30:54,090 --> 00:30:56,370
Ze zijn wat het voortbrengt.

513
00:30:56,370 --> 00:31:00,390
Een adder brengt eieren
voort, en meer adders.

514
00:31:00,390 --> 00:31:04,590
Uit zijn eigen lichaam brengt
een spin een web voort.

515
00:31:04,590 --> 00:31:07,830
Naar alle waarschijnlijkheid
wordt het web hier niet gezien

516
00:31:07,830 --> 00:31:10,230
als iets waarmee mensen gevangen worden,

517
00:31:10,230 --> 00:31:13,290
hoewel webben daar
hoofdzakelijk voor dienen.

518
00:31:13,290 --> 00:31:19,170
Maar sommige webben, spinrag bijvoorbeeld,
lijken bijna op gaas of stof.

519
00:31:19,170 --> 00:31:22,830
Er staat dat deze mensen zich niet
zullen kunnen bedekken met de webben

520
00:31:22,830 --> 00:31:24,330
die zij weven.

521
00:31:24,330 --> 00:31:27,630
In beide gevallen zijn de
eieren die zij uitbroeden

522
00:31:27,630 --> 00:31:30,510
en de webben die zij weven hun werken.

523
00:31:30,510 --> 00:31:33,930
Dat wordt duidelijk gemaakt
aan het einde van vers 6:

524
00:31:33,930 --> 00:31:36,810
Ze zullen zich niet met
hun werken kunnen bedekken.

525
00:31:36,810 --> 00:31:39,270
Hun werken zijn onrechtvaardig.

526
00:31:39,270 --> 00:31:41,130
Ze hebben geweld gepleegd.

527
00:31:41,130 --> 00:31:44,610
Wat hun leven voortbrengt,
zijn slechte werken.

528
00:31:44,610 --> 00:31:49,770
Net zoals een adder eieren voortbrengt
waaruit nog meer dodelijke slangen komen,

529
00:31:49,770 --> 00:31:51,690
weeft een spin een web.

530
00:31:51,690 --> 00:31:55,350
Je zou kunnen denken dat je jezelf
met een web kunt bedekken en je

531
00:31:55,350 --> 00:31:58,230
naaktheid kunt verbergen,
maar dat kan niet.

532
00:31:58,230 --> 00:32:00,930
Hij zegt dat hun werken hen
niet zullen kunnen bedekken.

533
00:32:00,930 --> 00:32:04,470
Hun uiterlijke werken zullen niet
verbergen wat ze innerlijk zijn,

534
00:32:04,470 --> 00:32:07,230
en hun werken zijn hoe dan ook slecht.

535
00:32:07,230 --> 00:32:11,010
De verzen 7 en 8 worden
zelfs door Paulus aangehaald:

536
00:32:11,010 --> 00:32:14,130
Hun voeten snellen naar het
kwaad, zij haasten zich om

537
00:32:14,130 --> 00:32:16,110
onschuldig bloed te vergieten.

538
00:32:16,110 --> 00:32:19,950
Hun gedachten zijn zondige
gedachten, verwoesting en

539
00:32:19,950 --> 00:32:22,410
ondergang zijn op hun gebaande wegen.

540
00:32:22,410 --> 00:32:26,910
De weg van de vrede kennen zij niet,
er is geen recht in hun sporen.

541
00:32:26,910 --> 00:32:31,650
Zij gaan kromme paden; ieder die
ze betreedt, kent de vrede niet.

542
00:32:31,650 --> 00:32:35,250
In Romeinen 3 probeert Paulus vast
te stellen dat Joden en heidenen

543
00:32:35,250 --> 00:32:36,990
ongeveer hetzelfde zijn.

544
00:32:36,990 --> 00:32:39,510
Hij schrijft om de Joden
ervan te overtuigen

545
00:32:39,510 --> 00:32:43,830
dat zij niet boven de heidenen staan,
alleen maar omdat zij in het verleden Gods

546
00:32:43,830 --> 00:32:47,670
uitverkoren volk zijn geweest en het
voorrecht hebben gehad dat hun de

547
00:32:47,670 --> 00:32:49,170
wet werd gegeven.

548
00:32:49,170 --> 00:32:53,430
De Joden dachten dat het feit dat
zij besneden waren en de wet hadden,

549
00:32:53,430 --> 00:32:56,070
bewees dat zij Gods gunstelingen waren.

550
00:32:56,070 --> 00:32:59,910
God had hen in het Oude Testament
inderdaad begunstigd door hun voorrechten

551
00:32:59,910 --> 00:33:05,370
te geven die de heidenen niet hadden: het
voorrecht Hem en Zijn wegen te kennen.

552
00:33:05,370 --> 00:33:08,070
Het probleem is dat zij
die kennis nooit hebben

553
00:33:08,070 --> 00:33:11,550
gebruikt om hun leven met Zijn
wegen in overeenstemming te brengen,

554
00:33:11,550 --> 00:33:14,010
en dat zij Zijn wetten hebben overtreden.

555
00:33:14,010 --> 00:33:16,470
Het feit dat zij deze voorrechten hadden,

556
00:33:16,470 --> 00:33:19,710
maakte hen dus in werkelijkheid
geen betere mensen.

557
00:33:19,710 --> 00:33:23,910
Paulus wijst er in Romeinen 2 op dat niet
degenen die de wet horen gerechtvaardigd

558
00:33:23,910 --> 00:33:28,170
worden, maar dat degenen die de wet
doen voor God gerechtvaardigd worden.

559
00:33:28,170 --> 00:33:32,070
Met andere woorden: jullie zouden
betere mensen zijn als jullie deden wat

560
00:33:32,070 --> 00:33:33,630
God jullie opdroeg.

561
00:33:33,630 --> 00:33:36,690
Alleen het bezit van de wet
maakt jullie geen betere mensen.

562
00:33:36,690 --> 00:33:40,110
Maar de Joden dachten dat zij
beter waren dan de heidenen

563
00:33:40,110 --> 00:33:42,210
omdat zij Gods wetten hadden.

564
00:33:42,210 --> 00:33:46,290
De heidenen waren een minderwaardig
soort mensen zonder de wet.

565
00:33:46,290 --> 00:33:49,230
Daarom voelden de Joden
zich verheven boven hen

566
00:33:49,230 --> 00:33:52,830
en dachten zij vaak dat zij bij God
al een streepje voor hadden dat de

567
00:33:52,830 --> 00:33:54,270
heidenen niet hadden.

568
00:33:54,270 --> 00:33:56,850
Dit is waar Paulus zich
in ten minste de eerste

569
00:33:56,850 --> 00:34:00,150
drie of vier hoofdstukken
van Romeinen mee bezighoudt.

570
00:34:00,150 --> 00:34:03,510
Hij richt zich tegen
dat Joodse vooroordeel,

571
00:34:03,510 --> 00:34:06,210
dat valse zelfvertrouwen van de Joden.

572
00:34:06,210 --> 00:34:10,470
Het is interessant hoe hij in Romeinen
3 zijn gedachtegang ontwikkelt

573
00:34:10,470 --> 00:34:12,270
wanneer hij hierop wijst.

574
00:34:12,270 --> 00:34:16,530
Veel mensen zien die over het hoofd en
denken dat hij een ander punt maakt.

575
00:34:16,530 --> 00:34:20,070
Calvinisten gebruiken deze
passage omdat zij denken dat

576
00:34:20,070 --> 00:34:23,970
Paulus de leer van de totale
verdorvenheid probeert vast te stellen.

577
00:34:23,970 --> 00:34:25,230
Dat doet hij niet.

578
00:34:25,230 --> 00:34:27,630
Hij probeert de leer vast te stellen dat

579
00:34:27,630 --> 00:34:31,650
Joden en heidenen hetzelfde zijn
wat hun verdorvenheid betreft

580
00:34:31,650 --> 00:34:34,170
en wat hun behoefte aan genade betreft.

581
00:34:34,170 --> 00:34:37,350
In hoofdstuk 3, vers 1, zegt hij:

582
00:34:37,350 --> 00:34:39,691
Wat heeft de Jood dan voor op anderen ?

583
00:34:39,691 --> 00:34:42,450
Of wat is het voordeel
van het besneden zijn?

584
00:34:42,450 --> 00:34:43,830
Hij antwoordt:

585
00:34:43,830 --> 00:34:46,110
Veel, in alle opzichten.

586
00:34:46,110 --> 00:34:50,130
Want in de eerste plaats zijn hun
de woorden van God toevertrouwd.

587
00:34:50,130 --> 00:34:53,730
De Schriften zijn aan hen
gegeven. Dat is een voordeel.

588
00:34:53,730 --> 00:34:56,190
Welk voordeel hadden zij?

589
00:34:56,190 --> 00:34:58,290
Zij hadden een groot voordeel.

590
00:34:58,290 --> 00:35:01,170
Het voornaamste voordeel
was dat God Zichzelf aan

591
00:35:01,170 --> 00:35:05,310
hen openbaarde en hun Zijn
wetten en Zijn Schriften gaf.

592
00:35:05,310 --> 00:35:07,290
Dat is een groot voordeel.

593
00:35:07,290 --> 00:35:09,210
Maar in vers 9 staat:

594
00:35:09,210 --> 00:35:10,711
Wat dan wel ?

595
00:35:10,711 --> 00:35:13,830
Zijn wij voortreffelijker? Beslist niet!

596
00:35:13,830 --> 00:35:18,390
Wij hebben immers zojuist én Joden én
Grieken beschuldigd dat zij allen onder

597
00:35:18,390 --> 00:35:19,590
de zonde zijn,

598
00:35:19,590 --> 00:35:22,590
Met ‘wij’ bedoelt hij: wij Joden.

599
00:35:22,590 --> 00:35:25,110
Met ‘Grieken’ bedoelt hij de heidenen.

600
00:35:25,110 --> 00:35:27,090
Paulus is een Jood en hij zegt:

601
00:35:27,090 --> 00:35:29,190
Zijn wij soms beter dan zij?

602
00:35:29,190 --> 00:35:33,930
Dat wil zeggen: welk voordeel
hebben de Joden? Een groot voordeel.

603
00:35:33,930 --> 00:35:37,770
Maar zijn wij dan beter dan
de heidenen? Helemaal niet.

604
00:35:37,770 --> 00:35:41,730
Wij hebben voordelen gehad, maar die
hebben ons geen betere mensen gemaakt.

605
00:35:41,730 --> 00:35:44,010
Wij zijn niet beter dan zij.

606
00:35:44,010 --> 00:35:49,350
Na dit ‘zoals geschreven staat’ volgen
ongeveer negen verzen die bestaan uit

607
00:35:49,350 --> 00:35:53,370
citaten uit vijf verschillende
passages in het Oude Testament.

608
00:35:53,370 --> 00:35:58,290
Een daarvan is Jesaja
59, de verzen 7 en 8.

609
00:35:58,290 --> 00:36:01,110
De andere komen allemaal uit de Psalmen.

610
00:36:01,110 --> 00:36:05,970
Het is een hele reeks veroordelingen
van de zondigheid van bepaalde mensen.

611
00:36:05,970 --> 00:36:10,650
Wanneer Paulus klaar is met het
samenvoegen van deze collage van teksten,

612
00:36:10,650 --> 00:36:12,870
zegt hij in vers 19:

613
00:36:12,870 --> 00:36:15,690
Wij weten nu dat alles wat de wet zegt,

614
00:36:15,690 --> 00:36:18,810
zij dat spreekt tot hen
die onder de wet zijn,

615
00:36:18,810 --> 00:36:24,510
opdat elke mond gestopt wordt en de
hele wereld doemwaardig wordt voor God.

616
00:36:24,510 --> 00:36:28,350
Daarmee bedoelt hij de verzen
die hij zojuist heeft aangehaald;

617
00:36:28,350 --> 00:36:31,530
met de wet verwijst hij
naar het Oude Testament.

618
00:36:31,530 --> 00:36:34,110
Dat wil zeggen: tot de Joden.

619
00:36:34,110 --> 00:36:36,750
Wat hij zegt, is dat je
bij het lezen van deze

620
00:36:36,750 --> 00:36:41,130
beschrijving van goddeloosheid in
deze passages misschien zegt: ‘Ja,

621
00:36:41,130 --> 00:36:43,530
dat beschrijft die heidenen beslist.’

622
00:36:43,530 --> 00:36:47,490
Maar hij zegt: ‘Nee, dit is
niet aan de heidenen geschreven.

623
00:36:47,490 --> 00:36:49,650
Dit is aan de Joden geschreven.’

624
00:36:49,650 --> 00:36:53,490
Alles wat de wet te zeggen heeft,
is aan de Joden geschreven,

625
00:36:53,490 --> 00:36:56,190
aan degenen die onder de wet zijn.

626
00:36:56,190 --> 00:37:00,330
Paulus zegt dat deze Schriftgedeelten,
die mensen beschrijven die ongeveer zo

627
00:37:00,330 --> 00:37:04,770
goddeloos zijn als maar mogelijk
is, geen heidenen beschrijven.

628
00:37:04,770 --> 00:37:07,890
Dit zijn beschrijvingen van Joodse mensen.

629
00:37:07,890 --> 00:37:10,770
Paulus zegt beslist niet
dat alle Joden zo zijn,

630
00:37:10,770 --> 00:37:15,270
maar hij zegt wel dat Joods-zijn
niet voorkomt dat mensen zo worden.

631
00:37:15,270 --> 00:37:18,930
Mensen kunnen net zo slecht
zijn, ook al zijn zij Joods.

632
00:37:18,930 --> 00:37:24,030
Hij bewijst dat doordat David en Jesaja
hun eigen landgenoten zo beschreven.

633
00:37:24,030 --> 00:37:30,390
In Jesaja 59, de verzen 7 en 8,
beschrijft Jesaja geen heidenen.

634
00:37:30,390 --> 00:37:33,210
Hij beschrijft de inwoners van Jeruzalem.

635
00:37:33,210 --> 00:37:38,310
Door zulke verzen aan te halen, wijst
Paulus erop dat als jij als Jood denkt dat

636
00:37:38,310 --> 00:37:42,390
je beter bent dan de heidenen,
alleen maar omdat je Joods bent,

637
00:37:42,390 --> 00:37:45,390
je maar eens goed naar je
eigen Schriften moet kijken.

638
00:37:45,390 --> 00:37:48,690
Je eigen Schriften beschrijven
deze goddeloze mensen,

639
00:37:48,690 --> 00:37:51,630
en het zijn geen heidenen. Het zijn Joden.

640
00:37:51,630 --> 00:37:54,390
Hoewel dus niet alle Joden goddeloos zijn,

641
00:37:54,390 --> 00:37:57,990
geldt niet dat alle Joden
níét goddeloos zijn.

642
00:37:57,990 --> 00:38:01,230
Veel Joden zijn net zo
goddeloos als heidenen.

643
00:38:01,230 --> 00:38:05,370
Het punt dat hij maakt, is dat
Joden en heidenen in werkelijkheid

644
00:38:05,370 --> 00:38:08,910
ongeveer hetzelfde zijn. Dat is zijn punt.

645
00:38:08,910 --> 00:38:11,550
En zo beschrijft hij deze toestand.

646
00:38:11,550 --> 00:38:15,870
Sommige mensen, vooral calvinisten,
willen dat dit een beschrijving van

647
00:38:15,870 --> 00:38:17,430
alle mensen is.

648
00:38:17,430 --> 00:38:23,490
Calvinisten halen die verzen in Romeinen
3 aan en zeggen: „Kijk hier eens naar.

649
00:38:23,490 --> 00:38:24,750
Paulus zegt:

650
00:38:24,750 --> 00:38:28,890
Allen zijn zij afgedwaald, samen
zijn zij nutteloos geworden.

651
00:38:28,890 --> 00:38:32,250
Er is niemand die goeddoet,
er is er zelfs niet één.

652
00:38:32,250 --> 00:38:35,010
Dat is een citaat uit Psalm 14.

653
00:38:35,010 --> 00:38:36,870
Er is niemand die God zoekt.

654
00:38:36,870 --> 00:38:38,910
Alles aan hen is verdorven.”

655
00:38:38,910 --> 00:38:43,350
En zij zeggen: „Dit is de totale
verdorvenheid van de mens.

656
00:38:43,350 --> 00:38:47,310
Paulus stelt vast dat
iedereen totaal verdorven is.”

657
00:38:47,310 --> 00:38:49,350
Dat is niet precies wat hij doet.

658
00:38:49,350 --> 00:38:52,230
Hij heeft het niet over
ieder afzonderlijk mens.

659
00:38:52,230 --> 00:38:56,790
Hij zegt dat zowel Joden als heidenen
in deze categorie kunnen vallen.

660
00:38:56,790 --> 00:39:00,990
Hij geeft voorbeelden van plaatsen waar
over Joden wordt gezegd dat ze in die

661
00:39:00,990 --> 00:39:04,170
categorie vallen, maar
niet over alle Joden.

662
00:39:04,170 --> 00:39:06,210
Jesaja was niet zo.

663
00:39:06,210 --> 00:39:07,950
David was niet zo.

664
00:39:07,950 --> 00:39:13,290
Zij beschrijven en beklagen het feit dat
zoveel van hun volksgenoten zo waren.

665
00:39:13,290 --> 00:39:16,590
De Schriften die Paulus
aanhaalt, stellen niet vast dat

666
00:39:16,590 --> 00:39:18,690
alle mensen moordenaars zijn.

667
00:39:18,690 --> 00:39:20,610
Dat zijn niet alle mensen.

668
00:39:20,610 --> 00:39:25,050
Ze stellen evenmin vast dat er
werkelijk niemand is die God zoekt,

669
00:39:25,050 --> 00:39:27,510
want sommige mensen doen dat wel.

670
00:39:27,510 --> 00:39:30,630
David deed dat, en hij was degene die zei:

671
00:39:30,630 --> 00:39:32,910
Er is niemand die God zoekt.

672
00:39:32,910 --> 00:39:37,110
David zocht God, en in
dezelfde psalm waarin hij zei:

673
00:39:37,110 --> 00:39:38,970
Er is niemand die God zoekt.

674
00:39:38,970 --> 00:39:43,530
—dat is Psalm 14—zegt
hij enkele verzen later:

675
00:39:43,530 --> 00:39:45,630
Er is niemand die God zoekt.

676
00:39:45,630 --> 00:39:51,210
Met andere woorden, hij doet een algemene
uitspraak over Israël in zijn tijd.

677
00:39:51,210 --> 00:39:55,110
Het lijkt alsof niemand God zoekt,
maar er zijn er wel een paar.

678
00:39:55,110 --> 00:40:00,210
Er zijn mensen die het geslacht van de
rechtvaardigen vormen. God is met hen.

679
00:40:00,210 --> 00:40:05,130
Met andere woorden, David en
Jesaja proberen geen van beiden een

680
00:40:05,130 --> 00:40:09,450
universele uitspraak te doen
over alle onwedergeboren mensen,

681
00:40:09,450 --> 00:40:14,130
zodat de calvinisten een mooie leer
van totale verdorvenheid hebben.

682
00:40:14,130 --> 00:40:18,930
Wat ze proberen te zeggen, is dat
zonde geen raciale grenzen kent.

683
00:40:18,930 --> 00:40:22,890
Zonde bestaat onder heidenen
en zonde bestaat onder Joden.

684
00:40:22,890 --> 00:40:26,490
Hoewel Joden de wet hebben,
kunnen ze, als ze die niet houden,

685
00:40:26,490 --> 00:40:28,710
net zo slecht zijn als de heidenen.

686
00:40:28,710 --> 00:40:32,310
Ze moeten niet denken dat ze op
grond van hun afkomst beter zijn.

687
00:40:32,310 --> 00:40:36,690
Ze kunnen beter zijn als ze werkelijk
rechtvaardiger leven dan iemand anders.

688
00:40:36,690 --> 00:40:40,830
Ze zouden terecht kunnen denken:
„God is meer ingenomen met mij,

689
00:40:40,830 --> 00:40:43,770
omdat ik rechtvaardiger
leef dan iemand anders.”

690
00:40:43,770 --> 00:40:49,110
Maar ze kunnen niet zeggen: „God is meer
ingenomen met mij, omdat ik een Jood ben.”

691
00:40:49,110 --> 00:40:53,310
God houdt niet meer van verdorven
Joden dan van verdorven heidenen.

692
00:40:53,310 --> 00:40:57,930
Hij houdt niet van verdorven
mensen, en Joden zijn ook mensen.

693
00:40:57,930 --> 00:41:01,650
Nu Jesaja 59:8–9:

694
00:41:01,650 --> 00:41:06,150
De weg van de vrede kennen zij niet,
er is geen recht in hun sporen.

695
00:41:06,150 --> 00:41:10,710
Zij gaan kromme paden; ieder die
ze betreedt, kent de vrede niet.

696
00:41:10,710 --> 00:41:15,630
Daarom is het recht ver van ons en
bereikt de gerechtigheid ons niet.

697
00:41:15,630 --> 00:41:21,030
Wij zien uit naar licht, maar zie, er
is duisternis; naar stralend licht,

698
00:41:21,030 --> 00:41:23,370
maar wij wandelen in donkerheid.

699
00:41:23,370 --> 00:41:25,590
We zijn een beetje bipolair.

700
00:41:25,590 --> 00:41:28,410
Soms zijn we zeurderig en neerslachtig.

701
00:41:28,410 --> 00:41:31,290
Andere keren zijn we agressief en gemeen.

702
00:41:31,290 --> 00:41:36,030
We bidden vrijmoedig en ballen onze
vuist tegen God om eisen te stellen.

703
00:41:36,030 --> 00:41:40,650
Op andere momenten vernederen
we onszelf, kreunen en huilen we

704
00:41:40,650 --> 00:41:45,090
en roepen we het uit tot God,
maar ons leven is niet anders.

705
00:41:45,090 --> 00:41:46,890
Daarom doet God niets.

706
00:41:46,890 --> 00:41:51,330
Wij grommen allen als beren, en
wij kirren voortdurend als duiven.

707
00:41:51,330 --> 00:41:56,730
Wij zien uit naar recht, maar het is er
niet; naar heil, maar dat is ver van ons.

708
00:41:56,730 --> 00:42:02,070
Want onze overtredingen zijn talrijk
voor U en onze zonden getuigen tegen ons.

709
00:42:02,070 --> 00:42:07,230
Want onze overtredingen zijn bij ons,
onze ongerechtigheden, wij kennen ze:

710
00:42:07,230 --> 00:42:10,230
Jesaja belijdt de zonde van zijn volk.

711
00:42:10,230 --> 00:42:14,670
Hij is hier duidelijk aan het bidden en
zegt: „We weten dat we zondaars zijn.

712
00:42:14,670 --> 00:42:16,470
We zijn overtreders.”

713
00:42:16,470 --> 00:42:20,250
Hij legt een belijdenis af en legt
daarmee hopelijk woorden in de mond

714
00:42:20,250 --> 00:42:21,930
van het overblijfsel.

715
00:42:21,930 --> 00:42:25,050
Hij brengt onder woorden wat er leeft
in het hart van degenen die zich

716
00:42:25,050 --> 00:42:26,490
tot God keren.

717
00:42:26,490 --> 00:42:29,610
het overtreden en het
liegen tegen de HEERE

718
00:42:29,610 --> 00:42:32,310
en het zich afkeren bij onze God vandaan,

719
00:42:32,310 --> 00:42:35,430
het spreken van onderdrukking
en afvalligheid,

720
00:42:35,430 --> 00:42:40,530
het zwanger zijn en melding maken van
leugenachtige woorden vanuit het hart.

721
00:42:40,530 --> 00:42:45,570
Daarom is het recht teruggeweken, en de
gerechtigheid blijft van verre staan.

722
00:42:45,570 --> 00:42:50,910
Want de waarheid struikelt op de straat,
en wat recht is, kan niet binnenkomen.

723
00:42:50,910 --> 00:42:56,490
Ja, de waarheid ontbreekt, en wie zich
afkeert van het kwade, wordt beroofd.

724
00:42:56,490 --> 00:43:01,470
En de HEERE zag het, en het was kwalijk
in Zijn ogen dat er geen recht was.

725
00:43:01,470 --> 00:43:04,950
Waarheid, gerechtigheid
en billijkheid worden

726
00:43:04,950 --> 00:43:08,430
voorgesteld als personen die
naar de stad proberen te komen.

727
00:43:08,430 --> 00:43:13,650
Wanneer ze bij de stad aankomen, worden
ze neergeschoten. Ze vallen op straat.

728
00:43:13,650 --> 00:43:15,150
Ze overwinnen niet.

729
00:43:15,150 --> 00:43:17,130
Het recht zegeviert niet.

730
00:43:17,130 --> 00:43:21,810
Wie zich afkeert van het kwaad, zo
staat er, maakt zichzelf tot een prooi.

731
00:43:21,810 --> 00:43:24,870
Dat wil zeggen: als je
je van het kwaad afkeert,

732
00:43:24,870 --> 00:43:27,030
zul je door mensen vervolgd worden.

733
00:43:27,030 --> 00:43:30,450
Je moet slecht zijn om op goede
voet te staan met de bevolking.

734
00:43:30,450 --> 00:43:35,190
Als je je van het kwaad afkeert, maak
je jezelf tot doelwit van vervolging.

735
00:43:35,190 --> 00:43:36,750
Toen zag de Heer het.

736
00:43:36,750 --> 00:43:39,090
Dit was geen goede situatie.

737
00:43:39,090 --> 00:43:44,190
Omdat Hij zag dat er niemand was, ontzette
Hij Zich, want er was geen voorbidder.

738
00:43:44,190 --> 00:43:49,410
Daarom bracht Zijn arm Hem heil, en Zijn
gerechtigheid, die ondersteunde Hem.

739
00:43:49,410 --> 00:43:51,990
Want Hij trok de gerechtigheid
aan als een harnas

740
00:43:51,990 --> 00:43:54,750
en zette de helm van
het heil op Zijn hoofd.

741
00:43:54,750 --> 00:43:59,070
Het gewaad van de wraak trok Hij aan
als kleding en Hij hulde zich in de

742
00:43:59,070 --> 00:44:01,290
na-ijver als mantel.

743
00:44:01,290 --> 00:44:06,630
Naar de daden, daarnaar zal Hij vergelden,
grimmigheid aan Zijn tegenstanders,

744
00:44:06,630 --> 00:44:08,730
vergelding aan Zijn vijanden.

745
00:44:08,730 --> 00:44:12,090
Aan de kustlanden zal Hij
vergelden wat zij verdienen.

746
00:44:12,090 --> 00:44:16,650
Dan zullen zij de Naam van de HEERE
vrezen vanwaar de zon ondergaat,

747
00:44:16,650 --> 00:44:19,650
en Zijn heerlijkheid
van waar de zon opkomt.

748
00:44:19,650 --> 00:44:24,210
Als de vijand zal komen als een rivier,
zal de Geest van de HEERE de banier

749
00:44:24,210 --> 00:44:25,170
tegen hem oprichten.

750
00:44:25,170 --> 00:44:27,360
wat natuurlijk het oosten betekent.

751
00:44:27,360 --> 00:44:33,390
En naar Sion zal een Verlosser komen voor
wie zich in Jakob van overtreding bekeren,

752
00:44:33,390 --> 00:44:34,830
spreekt de HEERE.

753
00:44:34,830 --> 00:44:38,970
Paulus citeert vers 20 in Romeinen 11:26.

754
00:44:38,970 --> 00:44:43,290
Hij citeert het als uitleg, of
als ondersteuning van zijn uitleg,

755
00:44:43,290 --> 00:44:47,970
dat God inderdaad door Christus is
teruggekeerd naar het ware Sion.

756
00:44:47,970 --> 00:44:52,170
Het staat aan het einde van zijn
uitspraak dat er voor een deel verharding,

757
00:44:52,170 --> 00:44:55,950
of voor een deel blindheid,
over Israël is gekomen

758
00:44:55,950 --> 00:44:58,650
totdat de volheid van
de heidenen binnengaat:

759
00:44:58,650 --> 00:45:03,150
En zo zal heel Israël zalig
worden, zoals geschreven staat:

760
00:45:03,150 --> 00:45:08,250
De Verlosser zal uit Sion komen en zal
de goddeloosheden afwenden van Jakob.

761
00:45:08,250 --> 00:45:09,810
Dan citeert hij dit vers.

762
00:45:09,810 --> 00:45:15,150
Dat is wat hij zegt. Dit vers voorspelt
dat de Verlosser naar Sion zal komen,

763
00:45:15,150 --> 00:45:19,530
en ‘wie zich in Jakob van
overtreding bekeren’ is Israël.

764
00:45:19,530 --> 00:45:25,650
Paulus ziet dit als een uitspraak over
behoud in Christus voor Sion, voor Israël.

765
00:45:25,650 --> 00:45:30,270
Maar hij heeft heel duidelijk gemaakt
dat we, wanneer we over Israël spreken,

766
00:45:30,270 --> 00:45:35,310
spreken over de volheid van de heidenen,
samen met het overblijfsel van Israël.

767
00:45:35,310 --> 00:45:38,790
Hij zei dat er verharding over
een deel van Israël is gekomen,

768
00:45:38,790 --> 00:45:40,830
maar niet over het andere deel.

769
00:45:40,830 --> 00:45:43,590
Er is een overblijfsel
dat niet verhard is.

770
00:45:43,590 --> 00:45:47,790
Er zijn takken die nog steeds aan de
olijfboom vastzitten en niet vanwege hun

771
00:45:47,790 --> 00:45:50,430
ongeloof zijn afgebroken, zegt Paulus.

772
00:45:50,430 --> 00:45:53,850
Er is een overblijfsel van
Israël dat in Christus gelooft,

773
00:45:53,850 --> 00:45:58,350
en vervolgens worden daar heidenen aan
toegevoegd die in Christus geloven.

774
00:45:58,350 --> 00:46:01,650
Op deze manier redt God
heel het ware Israël.

775
00:46:01,650 --> 00:46:06,750
Het ware Israël bestaat uit de Joden
die geloven en de heidenen die geloven.

776
00:46:06,750 --> 00:46:10,110
Paulus citeert dit vers als
iets wat daarmee te maken heeft.

777
00:46:10,110 --> 00:46:12,690
De verzen die er in Jesaja aan voorafgaan,

778
00:46:12,690 --> 00:46:16,230
spreken erover dat God de
toestand van het volk Israël zag,

779
00:46:16,230 --> 00:46:20,910
dat daar geen recht en geen gerechtigheid
was, en dat dit Hem dwarszat.

780
00:46:20,910 --> 00:46:24,870
Hij besefte dat niemand dit zou
herstellen als Hij het niet deed.

781
00:46:24,870 --> 00:46:27,570
Niemand behalve Hij kon dit herstellen.

782
00:46:27,570 --> 00:46:32,250
Daarom bewapende Hij Zich om ten strijde
te trekken tegen Zijn tegenstanders.

783
00:46:32,250 --> 00:46:36,150
Het is interessant dat Hij gerechtigheid
aantrok als een borstpantser

784
00:46:36,150 --> 00:46:38,490
en een helm van behoud
op Zijn hoofd zette.

785
00:46:38,490 --> 00:46:43,050
Paulus noemt die twee uitrustingsstukken
wanneer hij in Efeze 6 spreekt

786
00:46:43,050 --> 00:46:46,590
over het aantrekken van de
volledige wapenrusting van God.

787
00:46:46,590 --> 00:46:50,310
Paulus noemt in feite vijf
onderdelen van de wapenrusting,

788
00:46:50,310 --> 00:46:54,210
maar de helm en het borstpantser
zijn precies de onderdelen die

789
00:46:54,210 --> 00:46:55,650
hier worden genoemd.

790
00:46:55,650 --> 00:47:00,270
Paulus is dus duidelijk tot op zekere
hoogte door deze passage beïnvloed.

791
00:47:00,270 --> 00:47:02,550
Hij gaat verder dan deze passage door

792
00:47:02,550 --> 00:47:08,370
andere delen van de wapenrusting toe
te voegen, maar Efeze 6, vers 13, zegt:

793
00:47:08,370 --> 00:47:11,250
Neem daarom de hele
wapenrusting van God aan,

794
00:47:11,250 --> 00:47:14,550
opdat u weerstand kunt bieden
op de dag van het kwaad,

795
00:47:14,550 --> 00:47:17,670
en na alles gedaan te
hebben, stand kunt houden.

796
00:47:17,670 --> 00:47:22,170
In de daaropvolgende verzen noemt
Paulus ook het omgorden met de waarheid,

797
00:47:22,170 --> 00:47:26,190
het borstpantser van de gerechtigheid
en het schoeien van de voeten met de

798
00:47:26,190 --> 00:47:28,830
bereidheid van het Evangelie van de vrede.

799
00:47:28,830 --> 00:47:33,570
Dat laatste is een
verwijzing naar Jesaja 52:7.

800
00:47:33,570 --> 00:47:36,090
Neem bovenal het schild van het geloof op,

801
00:47:36,090 --> 00:47:40,290
waarmee u alle vurige pijlen van
de boze zult kunnen uitblussen.

802
00:47:40,290 --> 00:47:45,330
En neem de helm van de zaligheid en het
zwaard van de Geest, dat is Gods Woord,

803
00:47:45,330 --> 00:47:49,830
terwijl u bij elke gelegenheid met
alle gebed en smeking bidt in de Geest

804
00:47:49,830 --> 00:47:55,110
en daarin waakzaam bent met alle
volharding en smeking voor alle heiligen.

805
00:47:55,110 --> 00:47:58,050
Dit is de uitrusting voor
de geestelijke strijd.

806
00:47:58,050 --> 00:48:01,770
Hij noemt een helm en een
borstpantser en drie andere

807
00:48:01,770 --> 00:48:05,010
onderdelen van de
wapenrusting, plus een zwaard.

808
00:48:05,010 --> 00:48:09,390
Maar het is duidelijk dat de helm en
het borstpantser de onderdelen zijn die

809
00:48:09,390 --> 00:48:10,710
God Zelf draagt.

810
00:48:10,710 --> 00:48:15,150
In Jesaja is het God Die gerechtigheid
als een borstpantser aantrok,

811
00:48:15,150 --> 00:48:17,430
of waarschijnlijker Christus.

812
00:48:17,430 --> 00:48:21,150
Zie je, de wapenrusting
aantrekken is Christus aantrekken,

813
00:48:21,150 --> 00:48:25,410
want volgens Jesaja is Hij Degene
Die de wapenrusting draagt.

814
00:48:25,410 --> 00:48:30,390
Hij draagt de wapenrusting, en wij
dragen die wanneer wij Hem dragen.

815
00:48:30,390 --> 00:48:34,710
Als je naar Romeinen hoofdstuk
13, vers 12 kijkt, zei Paulus:

816
00:48:34,710 --> 00:48:38,670
De nacht is ver gevorderd
en de dag is nabijgekomen.

817
00:48:38,670 --> 00:48:41,430
Laten wij dus de werken
van de duisternis afleggen

818
00:48:41,430 --> 00:48:43,830
en de wapens van het licht aandoen.

819
00:48:43,830 --> 00:48:45,630
In vers 14 zegt hij:

820
00:48:45,630 --> 00:48:48,150
Maar bekleed u met de
Heere Jezus Christus,

821
00:48:48,150 --> 00:48:51,210
en verzorg het vlees niet
om begeerten op te wekken.

822
00:48:51,210 --> 00:48:55,230
Wij moeten de wapenrusting van het
licht aantrekken. Hoe doe je dat?

823
00:48:55,230 --> 00:48:57,090
Je trekt Christus aan.

824
00:48:57,090 --> 00:48:59,310
Hij draagt die wapenrusting.

825
00:48:59,310 --> 00:49:04,290
Als je in Christus bent, heb je de
wapenrusting aan, omdat Hij die aanheeft.

826
00:49:04,290 --> 00:49:06,750
Daardoor treed je toe tot Zijn strijd.

827
00:49:06,750 --> 00:49:09,930
Je raakt betrokken bij Zijn
strijd tegen het kwaad.

828
00:49:09,930 --> 00:49:15,030
Als je in Christus bent, heb je de
helm van behoud, omdat Hij die opheeft.

829
00:49:15,030 --> 00:49:18,930
Je hebt het borstpantser van
gerechtigheid, omdat Hij dat heeft.

830
00:49:18,930 --> 00:49:22,590
Je hebt de gordel van de
waarheid, omdat Hij die draagt.

831
00:49:22,590 --> 00:49:26,970
Je hebt je voeten geschoeid met de
bereidheid van het Evangelie van de vrede,

832
00:49:26,970 --> 00:49:29,250
omdat dat Zijn schoenen zijn.

833
00:49:29,250 --> 00:49:34,050
Zo kunnen we zien dat dit de achtergrond
vormt voor Paulus’ uitspraken.

834
00:49:34,050 --> 00:49:37,470
Paulus spreekt over het aantrekken
van de wapenrusting van God,

835
00:49:37,470 --> 00:49:39,870
maar hij heeft dit niet zelf bedacht.

836
00:49:39,870 --> 00:49:42,930
Dit is in feite gewoon
overgenomen uit Jesaja,

837
00:49:42,930 --> 00:49:46,830
waar het zonder twijfel Christus
is Die de wapenrusting draagt.

838
00:49:46,830 --> 00:49:49,710
Paulus zegt dat je
Christus moet aantrekken.

839
00:49:49,710 --> 00:49:52,770
Door dat te doen trek je de
wapenrusting van het licht aan,

840
00:49:52,770 --> 00:49:56,250
en ben je veilig in de
strijd tegen goddeloosheid.

841
00:49:56,250 --> 00:50:01,770
In deze passage in Jesaja zien we dus
dat Christus komt om oorlog te voeren

842
00:50:01,770 --> 00:50:03,690
tegen Zijn tegenstanders.

843
00:50:03,690 --> 00:50:08,790
Dit waren ongetwijfeld de geestelijke
tegenstanders, satan enzovoort.

844
00:50:08,790 --> 00:50:12,330
Want wanneer Paulus ons zegt
de wapenrusting aan te trekken,

845
00:50:12,330 --> 00:50:16,050
zegt hij dat wij worstelen
tegen overheden en machten,

846
00:50:16,050 --> 00:50:19,830
tegen de heersers van de duisternis
van dit tijdperk en tegen

847
00:50:19,830 --> 00:50:25,410
geestelijke verdorvenheid in de hemelse
gewesten, kennelijk demonische machten.

848
00:50:25,410 --> 00:50:30,750
Deze wapenrusting is dus de voorbereiding
op de strijd tegen demonische machten.

849
00:50:30,750 --> 00:50:34,050
Wanneer er staat dat Hij Zijn
tegenstanders zal vergelden,

850
00:50:34,050 --> 00:50:38,850
gaat het kennelijk over de straf die
Jezus satan aan het kruis toebracht.

851
00:50:38,850 --> 00:50:40,770
Hij zegevierde over hem.

852
00:50:40,770 --> 00:50:46,650
De gebruikte Engelse vertaling verbindt
die overwinning in Kolossenzen 2:15

853
00:50:46,650 --> 00:50:53,130
expliciet met het kruis; de HSV geeft de
betreffende woorden weer met „daardoor”:

854
00:50:53,130 --> 00:50:56,190
Hij heeft de overheden
en de machten ontwapend,

855
00:50:56,190 --> 00:51:01,170
die openlijk te schande gemaakt
en daardoor over hen getriomfeerd.

856
00:51:01,170 --> 00:51:05,490
Dit is dus de overwinning van
Christus over de zonde en satan

857
00:51:05,490 --> 00:51:07,230
ten behoeve van Zijn volk.

858
00:51:07,230 --> 00:51:09,270
Hij begon er genoeg van te krijgen.

859
00:51:09,270 --> 00:51:14,430
Hij begon er genoeg van te krijgen dat
Hij Zijn volk als slaven van de zonde zag.

860
00:51:14,430 --> 00:51:18,150
Dus trad Hij naar voren,
trok de wapenrusting aan

861
00:51:18,150 --> 00:51:20,370
en deed wat er gedaan moest worden.

862
00:51:20,370 --> 00:51:23,250
Hij was de Verlosser Die naar Sion kwam.

863
00:51:23,250 --> 00:51:24,750
Vers 19 zegt:

864
00:51:24,750 --> 00:51:29,010
Dan zullen zij de Naam van de HEERE
vrezen vanwaar de zon ondergaat,

865
00:51:29,010 --> 00:51:32,490
en Zijn heerlijkheid
van waar de zon opkomt.

866
00:51:32,490 --> 00:51:37,350
Als de vijand zal komen als een rivier,
zal de Geest van de HEERE de banier

867
00:51:37,350 --> 00:51:38,490
tegen hem oprichten.

868
00:51:38,490 --> 00:51:42,150
Dit verwijst ongetwijfeld
naar de voortgaande veldtocht,

869
00:51:42,150 --> 00:51:44,550
want in vers 19 staat ook:

870
00:51:44,550 --> 00:51:48,870
In het westen zullen ze ontzag hebben
voor de naam van de Heer en in het

871
00:51:48,870 --> 00:51:50,790
oosten voor zijn glorie.

872
00:51:50,790 --> 00:51:54,990
Dit gaat erover dat het Evangelie in
de heidense landen in het oosten en het

873
00:51:54,990 --> 00:51:57,210
westen wordt aanvaard.

874
00:51:57,210 --> 00:52:00,630
Jezus kwam dus en behaalde
aan het kruis de overwinning,

875
00:52:00,630 --> 00:52:04,350
maar de strijd gaat door terwijl de
boodschap naar de heidense wereld wordt

876
00:52:04,350 --> 00:52:06,630
gebracht en wordt aanvaard.

877
00:52:06,630 --> 00:52:11,490
Daardoor aanbidden mensen in alle
landen God en komen ze tot Christus.

878
00:52:11,490 --> 00:52:13,350
Dit is de gemeentetijd.

879
00:52:13,350 --> 00:52:14,670
De uitspraak:

880
00:52:14,670 --> 00:52:18,990
Als de vijand als een vloedgolf komt
moet waarschijnlijk zo worden opgevat

881
00:52:18,990 --> 00:52:22,290
dat dit gebeurt telkens
wanneer de vijand tijdens deze

882
00:52:22,290 --> 00:52:26,310
verovering van de volken door het
Evangelie als een vloed opkomt.

883
00:52:26,310 --> 00:52:29,550
De vijand biedt sterke
tegenstand wanneer hij dat kan,

884
00:52:29,550 --> 00:52:34,050
maar de Heere heft een banier op
en verzamelt de troepen tegen hem.

885
00:52:34,050 --> 00:52:37,410
Kennelijk wordt daarmee bedoeld
dat zij hem overweldigen,

886
00:52:37,410 --> 00:52:41,310
dat de duivel overweldigd zal
worden wanneer hij tegen de legers

887
00:52:41,310 --> 00:52:42,810
van God optrekt.

888
00:52:42,810 --> 00:52:45,270
En dit lijkt inderdaad waar te zijn.

889
00:52:45,270 --> 00:52:48,750
De duivel heeft door de hele
geschiedenis heen beslist

890
00:52:48,750 --> 00:52:52,110
gewelddadige aanvallen op
de gemeente uitgevoerd.

891
00:52:52,110 --> 00:52:55,590
De vervolging van de gemeente
is vaak bloedig en gruwelijk,

892
00:52:55,590 --> 00:52:58,050
maar de gemeente blijft oprukken.

893
00:52:58,050 --> 00:53:03,030
Ze blijft alle volken bereiken en heeft
in tijden van de hevigste vervolging

894
00:53:03,030 --> 00:53:04,770
meer terrein veroverd.

895
00:53:04,770 --> 00:53:08,070
De vijand komt dus als een
vloed om weerstand te bieden,

896
00:53:08,070 --> 00:53:10,290
te strijden en te doden.

897
00:53:10,290 --> 00:53:11,910
Hij is bloeddorstig.

898
00:53:11,910 --> 00:53:13,350
Hij is meedogenloos.

899
00:53:13,350 --> 00:53:17,310
Maar de Heere brengt nog steeds een
grotere macht tegen hem op de been,

900
00:53:17,310 --> 00:53:21,570
zodat het Evangelie dat gebied
binnendringt en het toch inneemt.

901
00:53:21,570 --> 00:53:25,110
Het duidelijkste geval in de
moderne tijd is natuurlijk China,

902
00:53:25,110 --> 00:53:29,970
waar christenen onder Mao Zedong veertig
jaar of langer een vervolging ondergingen

903
00:53:29,970 --> 00:53:34,590
die waarschijnlijk tot de hevigste uit
de geschiedenis behoort. Toen stierf hij.

904
00:53:34,590 --> 00:53:37,950
Toen er na Mao’s dood berichten
uit China naar buiten kwamen,

905
00:53:37,950 --> 00:53:41,910
ontdekte men dat de gemeente was
gegroeid van minder dan een miljoen

906
00:53:41,910 --> 00:53:46,710
toen Mao aan de macht kwam — misschien
waren er 700.000 mensen in de gemeente

907
00:53:46,710 --> 00:53:51,990
in China — tot minstens 50 miljoen
christenen toen hij er niet meer was.

908
00:53:51,990 --> 00:53:54,510
Sommigen zeggen 100 miljoen.

909
00:53:54,510 --> 00:53:59,010
De gemeente groeide in China in die
jaren sneller dan ooit tevoren in

910
00:53:59,010 --> 00:54:02,010
enige vergelijkbare
periode in de geschiedenis,

911
00:54:02,010 --> 00:54:05,610
en dat gebeurde onder de hevigste
vervolging die bekend is.

912
00:54:05,610 --> 00:54:09,030
De vijand komt dus als een vloed
om de gemeente uit te roeien,

913
00:54:09,030 --> 00:54:12,930
en daarbij vallen slachtoffers,
maar de gemeente wint toch.

914
00:54:12,930 --> 00:54:17,970
God verzamelt de troepen, stuurt
ongetwijfeld engelen en schenkt kracht,

915
00:54:17,970 --> 00:54:20,910
en behaalt hoe dan ook overwinningen.

916
00:54:20,910 --> 00:54:23,790
Christus is onoverwinnelijk bewapend.

917
00:54:23,790 --> 00:54:29,370
Daarom is ook de gemeente die in Hem is en
met Hem optrekt, onoverwinnelijk bewapend.

918
00:54:29,370 --> 00:54:31,170
Vers 21:

919
00:54:31,170 --> 00:54:37,050
Wat Mij betreft, dit is Mijn verbond
met hen, zegt de HEERE: Mijn Geest,

920
00:54:37,050 --> 00:54:41,970
Die op U is, en Mijn woorden
die Ik U in de mond gelegd heb,

921
00:54:41,970 --> 00:54:47,610
zullen uit Uw mond niet wijken, ook
niet uit de mond van Uw nakomelingen,

922
00:54:47,610 --> 00:54:53,430
evenmin uit de mond van de nakomelingen
van Uw nakomelingen, zegt de HEERE,

923
00:54:53,430 --> 00:54:56,130
van nu aan tot in eeuwigheid.

924
00:54:56,130 --> 00:55:01,770
Met andere woorden, de gemeente zal altijd
het Woord van God bezitten en zal voor

925
00:55:01,770 --> 00:55:04,230
eeuwig Zijn spreekbuis zijn.

926
00:55:04,230 --> 00:55:08,370
Er zal geen tijd komen waarin de
gemeente terzijde wordt gesteld,

927
00:55:08,370 --> 00:55:12,330
zoals Israël dat werd, en door
iemand anders wordt vervangen.

928
00:55:12,330 --> 00:55:17,130
Je nakomelingen en de nakomelingen
van je nakomelingen zullen altijd

929
00:55:17,130 --> 00:55:19,170
Mijn Woord in hun mond hebben.

930
00:55:19,170 --> 00:55:23,670
Met andere woorden, ze zullen
altijd Mijn woordvoerders zijn.

931
00:55:23,670 --> 00:55:28,110
Met de gemeente wordt natuurlijk
niet de institutionele kerk bedoeld.

932
00:55:28,110 --> 00:55:32,130
Elke institutionele kerk kan
beslist terzijde worden gesteld,

933
00:55:32,130 --> 00:55:34,950
en vele zijn gekomen en gegaan.

934
00:55:34,950 --> 00:55:39,330
Veel institutionele kerken zijn
opgekomen, hebben een tijdlang bestaan

935
00:55:39,330 --> 00:55:41,610
en zijn van het toneel verdwenen.

936
00:55:41,610 --> 00:55:46,590
Maar de gemeente is het ware lichaam van
Christus, het ware Koninkrijk van God,

937
00:55:46,590 --> 00:55:52,170
en ze blijft bestaan ondanks de opkomst
en ondergang van institutionele kerken.

938
00:55:52,170 --> 00:55:54,030
Nu hoofdstuk 60.

939
00:55:54,030 --> 00:56:00,390
Er is veel duisternis geweest in hoofdstuk
58 en 59, maar nu schijnt het licht.

940
00:56:00,390 --> 00:56:04,230
Deze passage beschrijft het
nieuwe hemelse Jeruzalem.

941
00:56:04,230 --> 00:56:10,590
Sion, dat in hoofdstuk 59, vers 20 wordt
genoemd, was in feite al lang daarvoor,

942
00:56:10,590 --> 00:56:14,790
in hoofdstuk 52, bij
Jesaja uit beeld verdwenen.

943
00:56:14,790 --> 00:56:20,670
De laatste keer dat we vóór hoofdstuk
59, vers 20 over Sion hoorden,

944
00:56:20,670 --> 00:56:23,670
was in hoofdstuk 52, vers 8.

945
00:56:23,670 --> 00:56:28,770
Daarna volgde veel materiaal waarin de
aandacht ergens anders op gericht was,

946
00:56:28,770 --> 00:56:30,210
niet op Sion.

947
00:56:30,210 --> 00:56:35,130
Maar nu komt de Verlosser naar
Sion, en dit Sion is een nieuw Sion.

948
00:56:35,130 --> 00:56:40,290
Toen Jezus kwam, vestigde Hij een
nieuw Jeruzalem, een nieuw Sion,

949
00:56:40,290 --> 00:56:42,150
een nieuw volk van God.

950
00:56:42,150 --> 00:56:47,790
Het staat in continuïteit met het oude
Sion, omdat het overblijfsel van Israël,

951
00:56:47,790 --> 00:56:53,670
het overblijfsel van Jeruzalem en Judea,
het beginpunt van het nieuwe Sion vormde.

952
00:56:53,670 --> 00:56:56,790
Jezus evangeliseerde eerst Joodse mensen,

953
00:56:56,790 --> 00:57:01,890
en de apostelen evangeliseerden na
Pinksteren ook eerst Joodse mensen.

954
00:57:01,890 --> 00:57:04,650
Het was dus het overblijfsel
van de Joden dat

955
00:57:04,650 --> 00:57:07,710
onder de Messias het nieuwe Sion vestigde.

956
00:57:07,710 --> 00:57:13,170
Maar later werden er heidenen aan
toegevoegd, en nu, 2000 jaar later,

957
00:57:13,170 --> 00:57:17,130
beschouwen we het bijna uitsluitend
als een heidense gemeenschap.

958
00:57:17,130 --> 00:57:18,810
Maar dat is het niet.

959
00:57:18,810 --> 00:57:23,251
Er zijn ongetwijfeld nog altijd
honderdduizenden, zo niet meer —

960
00:57:23,251 --> 00:57:27,570
misschien miljoenen — Joden die
werkelijk in Christus geloven

961
00:57:27,570 --> 00:57:33,030
en deel uitmaken van het lichaam van
Christus, maar er zijn veel meer heidenen.

962
00:57:33,030 --> 00:57:38,550
Het punt is dat er continuïteit bestaat
tussen het oude Sion en het nieuwe,

963
00:57:38,550 --> 00:57:43,590
omdat het nieuwe uit het oude is
voortgekomen, uit het overblijfsel daar.

964
00:57:43,590 --> 00:57:49,410
Het goede zaad ontkiemde tot een nieuw
Sion, een nieuwe generatie van Sion.

965
00:57:49,410 --> 00:57:54,210
Hoewel het continuïteit met het oude
heeft, is er ook discontinuïteit,

966
00:57:54,210 --> 00:57:56,130
want het oude moest verdwijnen.

967
00:57:56,130 --> 00:58:00,690
Jeruzalem moest worden verwoest, omdat
het verbonden was met een oud stelsel dat

968
00:58:00,690 --> 00:58:02,130
nu vervangen was.

969
00:58:02,130 --> 00:58:07,170
Er was een nieuw verbond voor Sion,
en dat is wat we in vers 21 zien:

970
00:58:07,170 --> 00:58:12,390
Dit is Mijn verbond met hen:
Mijn Geest Die op hen rust.

971
00:58:12,390 --> 00:58:17,670
Het verbond hield in dat Hij Zijn
Geest op hen legde in het nieuwe Sion.

972
00:58:17,670 --> 00:58:21,390
De Verlosser kwam naar Sion
en sloot een nieuw verbond,

973
00:58:21,390 --> 00:58:26,670
namelijk het verbond waarbij de Geest
in hen woont. Dat is de gemeente.

974
00:58:26,670 --> 00:58:31,770
Het is dat Sion dat in hoofdstuk
60 wordt beschreven, waar staat:

975
00:58:31,770 --> 00:58:36,390
Sta op, word verlicht, want uw licht
komt en de heerlijkheid van de HEERE

976
00:58:36,390 --> 00:58:38,010
gaat over u op.

977
00:58:38,010 --> 00:58:40,830
Dit lijkt op het beeld
van een dag die aanbreekt.

978
00:58:40,830 --> 00:58:46,290
Want zie, de duisternis zal de aarde
bedekken en donkere wolken de volken,

979
00:58:46,290 --> 00:58:51,570
maar over u zal de HEERE opgaan en Zijn
heerlijkheid zal over u gezien worden.

980
00:58:51,570 --> 00:58:57,690
En heidenvolken zullen naar uw licht gaan
en koningen naar de glans van uw dageraad.

981
00:58:57,690 --> 00:59:03,150
Sla uw ogen op, kijk om u heen en
zie: zij allen zijn bijeengekomen,

982
00:59:03,150 --> 00:59:04,890
zij komen naar u toe.

983
00:59:04,890 --> 00:59:08,850
Uw zonen zullen van verre komen
en uw dochters zullen op de

984
00:59:08,850 --> 00:59:10,470
heup gedragen worden.

985
00:59:10,470 --> 00:59:16,110
Dan zult u het zien en stralen, uw hart
zal diep ontzag hebben en zich verruimen,

986
00:59:16,110 --> 00:59:19,530
want de menigte van de zee
zal zich naar u toekeren,

987
00:59:19,530 --> 00:59:23,250
het vermogen van de heidenvolken
zal naar u toe komen.

988
00:59:23,250 --> 00:59:29,430
Een menigte kamelen zal u bedekken,
de jonge kamelen van Midian en Efa.

989
00:59:29,430 --> 00:59:34,770
Zij allen uit Sjeba zullen komen,
goud en wierook zullen zij aandragen,

990
00:59:34,770 --> 00:59:38,550
zij zullen de loffelijke daden
van de HEERE boodschappen.

991
00:59:38,550 --> 00:59:42,150
Alle schapen van Kedar zullen
voor u bijeengebracht worden,

992
00:59:42,150 --> 00:59:45,390
de rammen van Nebajoth
staan u ten dienste;

993
00:59:45,390 --> 00:59:49,950
ze zullen als een welgevallig
offer komen op Mijn altaar en Ik

994
00:59:49,950 --> 00:59:53,130
zal aan Mijn luisterrijk
huis aanzien geven.

995
00:59:53,130 --> 00:59:58,530
Met ‘zij allen’ en ‘de menigte van
de zee’ worden de heidenen bedoeld.

996
00:59:58,530 --> 01:00:02,490
Het huis van Zijn heerlijkheid
is het lichaam van Christus, de

997
01:00:02,490 --> 01:00:04,710
gemeente, Gods huis.

998
01:00:04,710 --> 01:00:09,210
Tot deze heidense volken behoren
natuurlijk veel oude volken

999
01:00:09,210 --> 01:00:10,350
die niet meer bestaan.

1000
01:00:10,350 --> 01:00:14,550
Maar zoals we eerder hebben opgemerkt,
noemen Jesaja en de profeten

1001
01:00:14,550 --> 01:00:18,810
vaak volken die in hun tijd bestonden
als vertegenwoordigers van de ruimere

1002
01:00:18,810 --> 01:00:20,670
categorie van heidenen.

1003
01:00:20,670 --> 01:00:23,130
Het is een voorspelling dat
heidenen in het lichaam van

1004
01:00:23,130 --> 01:00:27,150
Christus zullen komen en hun
offers aan God zullen meebrengen.

1005
01:00:27,150 --> 01:00:29,130
Zij zullen God aanbidden.

1006
01:00:29,130 --> 01:00:32,670
Met andere woorden, ze
zullen hun schapen, hun goud

1007
01:00:32,670 --> 01:00:35,250
en hun offergaven naar de Heere brengen.

1008
01:00:35,250 --> 01:00:37,770
Nu wordt dit vergeleken
met een zonsopgang,

1009
01:00:37,770 --> 01:00:41,070
en veel mensen hebben hoofdstuk
60 toegepast op de toekomst,

1010
01:00:41,070 --> 01:00:42,810
wanneer Jezus terugkomt.

1011
01:00:42,810 --> 01:00:46,110
Er zijn enkele redenen die hen
ertoe aanzetten dat te doen.

1012
01:00:46,110 --> 01:00:50,670
Want later zullen we in vers 11
en ook in vers 19 beeldspraak zien

1013
01:00:50,670 --> 01:00:55,710
die het Nieuwe Jeruzalem beschrijft en
die wordt overgenomen in Openbaring 21,

1014
01:00:55,710 --> 01:00:58,170
in de beschrijving van
het Nieuwe Jeruzalem.

1015
01:00:58,170 --> 01:01:01,410
De meesten van ons vatten
dat op als iets toekomstigs.

1016
01:01:01,410 --> 01:01:03,450
Sommige mensen zien het niet zo.

1017
01:01:03,450 --> 01:01:08,070
Sommigen vatten Openbaring 21 op als een
gedeelte dat over de gemeenschap van het

1018
01:01:08,070 --> 01:01:11,790
nieuwe verbond en de gemeente
gaat, en dat is redelijk.

1019
01:01:11,790 --> 01:01:15,870
Maar alles bij elkaar genomen geloof ik
dat het Nieuwe Jeruzalem in Openbaring

1020
01:01:15,870 --> 01:01:17,610
21 toekomstig is.

1021
01:01:17,610 --> 01:01:21,270
Veel van de redenen daarvoor heb ik
hier geen tijd om naar voren te brengen,

1022
01:01:21,270 --> 01:01:24,930
maar ik zal ze noemen wanneer we
daar bij Openbaring op ingaan.

1023
01:01:24,930 --> 01:01:29,490
De schrijver van Hebreeën zei echter
dat wij, die vandaag christenen zijn,

1024
01:01:29,490 --> 01:01:32,730
de krachten van de toekomstige
wereld geproefd hebben.

1025
01:01:32,730 --> 01:01:35,610
Daarom is het waarschijnlijk dat
het Nieuwe Jeruzalem een letterlijk

1026
01:01:35,610 --> 01:01:38,370
verschijnsel zal zijn
wanneer Jezus terugkomt.

1027
01:01:38,370 --> 01:01:42,270
Of misschien niet precies letterlijk, maar
het zal niettemin iets beschrijven dat

1028
01:01:42,270 --> 01:01:44,790
veel meer lijkt op wat we daarover lezen.

1029
01:01:44,790 --> 01:01:49,590
Maar wij hebben door de Geest de krachten
van die toekomstige wereld geproefd.

1030
01:01:49,590 --> 01:01:53,310
Daarom zijn de werkelijkheden
daarvan in zeer grote mate

1031
01:01:53,310 --> 01:01:55,770
werkelijk in het tijdperk van de gemeente.

1032
01:01:55,770 --> 01:02:00,510
Ik heb eerder gezegd dat ik eigenlijk geen
enkele passage uit het Oude Testament ken

1033
01:02:00,510 --> 01:02:04,050
die de apostelen citeren en
op de toekomst toepassen.

1034
01:02:04,050 --> 01:02:07,830
Dit zou een uitzondering kunnen
zijn. Dat staat niet vast.

1035
01:02:07,830 --> 01:02:10,770
Passages uit dit
hoofdstuk in Jesaja worden

1036
01:02:10,770 --> 01:02:15,930
overgenomen in de beschrijving van
het Nieuwe Jeruzalem in Openbaring 21.

1037
01:02:15,930 --> 01:02:21,870
Als Openbaring 21 gaat over een
toekomstige nieuwe hemel en nieuwe aarde,

1038
01:02:21,870 --> 01:02:26,190
wat natuurlijk de meerderheidsopvatting
is, hoewel het niet noodzakelijk de enige

1039
01:02:26,190 --> 01:02:30,930
mogelijke opvatting is, dan hebben we
inderdaad een uitzondering op wat ik zei.

1040
01:02:30,930 --> 01:02:35,310
Een boek van het Nieuwe Testament
neemt deze passage daadwerkelijk over

1041
01:02:35,310 --> 01:02:39,750
en past die toe op een toekomstig
verschijnsel wanneer Jezus terugkomt.

1042
01:02:39,750 --> 01:02:44,370
Toch is dit net als de andere passages
een passage over het Koninkrijk,

1043
01:02:44,370 --> 01:02:48,811
en de andere passages worden in het
Nieuwe Testament vaak geciteerd —

1044
01:02:48,811 --> 01:02:52,530
in feite altijd — als iets
wat nu werkelijkheid is.

1045
01:02:52,530 --> 01:02:57,450
De vraag zou dus zijn: is het Koninkrijk
dat hier wordt beschreven toekomstig,

1046
01:02:57,450 --> 01:02:58,950
of is het er nu?

1047
01:02:58,950 --> 01:03:02,190
Misschien moeten we het zo
begrijpen dat het in de toekomst,

1048
01:03:02,190 --> 01:03:06,150
wanneer Jezus terugkomt,
universeel zichtbaar zal worden,

1049
01:03:06,150 --> 01:03:08,670
maar dat het nu al waar
is voor de gelovige.

1050
01:03:08,670 --> 01:03:12,330
Het lijkt er inderdaad op dat
dit de huidige tijd beschrijft,

1051
01:03:12,330 --> 01:03:14,250
want in vers 2 staat:

1052
01:03:14,250 --> 01:03:19,530
Kijk, duisternis zal de aarde bedekken
en diepe duisternis de volken.

1053
01:03:19,530 --> 01:03:22,110
Dat is één groep mensen op de planeet.

1054
01:03:22,110 --> 01:03:27,390
Maar de Heere zal over ons opgaan en Zijn
heerlijkheid zal op ons gezien worden.

1055
01:03:27,390 --> 01:03:30,750
Blijkbaar is er een tegenstelling
tussen twee gemeenschappen.

1056
01:03:30,750 --> 01:03:35,430
Het Nieuwe Jeruzalem — wij dus
— bevindt zich in het licht.

1057
01:03:35,430 --> 01:03:38,790
De heerlijkheid van God
is over ons opgegaan.

1058
01:03:38,790 --> 01:03:41,790
Maar de wereld bevindt zich in duisternis.

1059
01:03:41,790 --> 01:03:45,930
Er bestaat nog steeds spanning
tussen als het ware twee werelden,

1060
01:03:45,930 --> 01:03:50,970
twee gemeenschappen: de wereld die nog
steeds in duisternis is en de gemeente

1061
01:03:50,970 --> 01:03:52,530
die in het licht is.

1062
01:03:52,530 --> 01:03:56,910
Maar het licht dat over de gemeente
opgaat, trekt heidenen aan.

1063
01:03:56,910 --> 01:03:59,370
Denk eraan, Jezus zei:

1064
01:03:59,370 --> 01:04:04,710
Laat uw licht zo schijnen voor de mensen,
dat zij uw goede werken zien en uw Vader,

1065
01:04:04,710 --> 01:04:07,410
Die in de hemelen is, verheerlijken.

1066
01:04:07,410 --> 01:04:12,330
Dus het licht dat over ons opgaat, zorgt
ervoor dat heidenen het zien en naar het

1067
01:04:12,330 --> 01:04:14,910
licht komen. Vers 3 zegt:

1068
01:04:14,910 --> 01:04:20,790
En heidenvolken zullen naar uw licht gaan
en koningen naar de glans van uw dageraad.

1069
01:04:20,790 --> 01:04:24,870
In vers 4 wordt gesproken over
deze grote toestroom van heidenen.

1070
01:04:24,870 --> 01:04:29,010
Er worden voorbeelden gegeven van
dromedarissen uit Midian en dergelijke.

1071
01:04:29,010 --> 01:04:32,010
Dat is oude taal, de taal van oude dingen,

1072
01:04:32,010 --> 01:04:36,330
die ongetwijfeld zo moeten worden opgevat
dat ze staan voor de algemene categorie

1073
01:04:36,330 --> 01:04:39,390
van heidenen die hun
bezittingen naar God brengen,

1074
01:04:39,390 --> 01:04:43,350
die zichzelf en hun bezittingen
brengen om ze aan God aan te bieden,

1075
01:04:43,350 --> 01:04:44,910
en die de gemeente binnenkomen.

1076
01:04:44,910 --> 01:04:47,370
Met andere woorden, in vers 8 staat:

1077
01:04:47,370 --> 01:04:52,770
Wie zijn dezen, die daar komen aangevlogen
als een wolk, als duiven naar hun til?

1078
01:04:52,770 --> 01:04:56,010
Voorzeker, de kustlanden
zullen Mij verwachten,

1079
01:04:56,010 --> 01:05:00,870
en de schepen van Tarsis zullen de eerste
zijn om uw kinderen van verre te brengen,

1080
01:05:00,870 --> 01:05:06,150
hun zilver en hun goud met hen,
naar de Naam van de HEERE, uw God,

1081
01:05:06,150 --> 01:05:09,750
naar de Heilige van Israël,
want Hij heeft u verheerlijkt.

1082
01:05:09,750 --> 01:05:13,290
Omdat God het overblijfsel in
Christus heeft verheerlijkt

1083
01:05:13,290 --> 01:05:17,670
en Zijn heerlijkheid op hen zichtbaar
is, zijn heidenen van over de hele wereld

1084
01:05:17,670 --> 01:05:19,350
naar binnen getrokken.

1085
01:05:19,350 --> 01:05:23,970
Vreemdelingen zullen uw muren herbouwen
en hun koningen zullen u dienen,

1086
01:05:23,970 --> 01:05:26,850
want in Mijn grote
toorn heb Ik u geslagen,

1087
01:05:26,850 --> 01:05:30,690
maar in Mijn welbehagen
heb Ik Mij over u ontfermd.

1088
01:05:30,690 --> 01:05:33,150
Denk nu aan het herstellen van de bres.

1089
01:05:33,150 --> 01:05:38,130
De godvruchtigen zullen de geestelijke
muren van de geestelijke stad opbouwen,

1090
01:05:38,130 --> 01:05:40,890
en daar zullen ook heidenen
bij betrokken zijn,

1091
01:05:40,890 --> 01:05:43,590
buitenlanders die aan
dat project meewerken.

1092
01:05:43,590 --> 01:05:47,070
Die uitspraak verwijst er
ongetwijfeld naar dat God

1093
01:05:47,070 --> 01:05:50,730
Israël eerder had getuchtigd
door hen naar Babylon te sturen,

1094
01:05:50,730 --> 01:05:54,510
maar dat Hij nu barmhartigheid
betoont door de Messias te sturen

1095
01:05:54,510 --> 01:05:58,590
en de rechtvaardige stad, het
Nieuwe Jeruzalem, te vestigen.

1096
01:05:58,590 --> 01:06:03,510
Uw poorten zullen steeds openstaan; dag
en nacht zullen ze niet gesloten worden,

1097
01:06:03,510 --> 01:06:08,010
opdat men het vermogen van de heidenvolken
naar u toe zal brengen en hun koningen

1098
01:06:08,010 --> 01:06:10,050
naar u toe geleid zullen worden.

1099
01:06:10,050 --> 01:06:15,630
Dat de poorten voortdurend, dag en
nacht, openstaan, wordt in Openbaring 21,

1100
01:06:15,630 --> 01:06:20,490
vers 25 en 26, genoemd met
betrekking tot het Nieuwe Jeruzalem.

1101
01:06:20,490 --> 01:06:24,690
Het was ongehoord dat een stad
haar poorten 's nachts openhield.

1102
01:06:24,690 --> 01:06:27,510
Overdag zouden de poorten
voor de handel openstaan,

1103
01:06:27,510 --> 01:06:29,610
maar 's nachts moesten ze dicht om

1104
01:06:29,610 --> 01:06:32,550
invallen te voorkomen
wanneer de mensen sliepen.

1105
01:06:32,550 --> 01:06:36,690
Maar dit is een veilige stad, en
ze laat voortdurend mensen binnen.

1106
01:06:36,690 --> 01:06:40,410
Want het volk en het koninkrijk
die u niet zullen dienen,

1107
01:06:40,410 --> 01:06:44,670
zullen vergaan en die volken
zullen totaal verwoest worden.

1108
01:06:44,670 --> 01:06:48,630
Dit kan bedoeld zijn als iets
wat uiteindelijk waar zal zijn:

1109
01:06:48,630 --> 01:06:53,670
de volken die Christus niet volgen, zullen
bij Zijn wederkomst weggevaagd worden.

1110
01:06:53,670 --> 01:06:57,450
Maar misschien is dit in sommige
gevallen ook in deze tijd te zien,

1111
01:06:57,450 --> 01:07:01,590
wanneer volken de gemeente aanvallen
en die volken uiteindelijk zelf

1112
01:07:01,590 --> 01:07:03,330
onder het oordeel komen.

1113
01:07:03,330 --> 01:07:06,090
Niet altijd, en niet altijd snel,

1114
01:07:06,090 --> 01:07:09,630
maar er zijn beslist communistische
regeringen geweest die

1115
01:07:09,630 --> 01:07:12,270
opstonden om het
christendom aan te vallen.

1116
01:07:12,270 --> 01:07:16,050
Veel daarvan zijn gevallen, en
de regeringen die nog over zijn,

1117
01:07:16,050 --> 01:07:17,850
zijn bijna gevallen.

1118
01:07:17,850 --> 01:07:22,830
Hitler verzette zich beslist tegen
God en Zijn volk, en hij is gevallen.

1119
01:07:22,830 --> 01:07:26,070
Het Romeinse Rijk verzette
zich tegen de gemeente,

1120
01:07:26,070 --> 01:07:30,150
en in Rome kwam het
heidendom ten val, enzovoort.

1121
01:07:30,150 --> 01:07:34,110
Ooit waren de pausen de grote
vervolgers van de ware gelovigen.

1122
01:07:34,110 --> 01:07:36,690
Iedereen die het niet
met de pausen eens was,

1123
01:07:36,690 --> 01:07:40,170
werd gemarteld en gedood als
hun aanhangers die persoon te

1124
01:07:40,170 --> 01:07:41,670
pakken konden krijgen.

1125
01:07:41,670 --> 01:07:47,550
Maar tijdens de Reformatie verloren de
pausen hun macht over Europa, enzovoort.

1126
01:07:47,550 --> 01:07:49,650
De volken die Christus niet dienen,

1127
01:07:49,650 --> 01:07:52,890
verdwijnen dus uiteindelijk
of verliezen hun positie.

1128
01:07:52,890 --> 01:07:57,330
De luister van de Libanon
zal naar u toe komen, cipres,

1129
01:07:57,330 --> 01:08:01,110
plataan en dennenboom
tezamen, om de plaats van

1130
01:08:01,110 --> 01:08:06,930
Mijn heiligdom aanzien te geven, en Ik zal
de plaats van Mijn voeten verheerlijken.

1131
01:08:06,930 --> 01:08:13,230
Dat betekent waarschijnlijk de ceders
daar, de cipres, de den en de buxus samen.

1132
01:08:13,230 --> 01:08:17,190
Zoals Salomo die dingen liet
aanvoeren om het heiligdom te bouwen,

1133
01:08:17,190 --> 01:08:21,150
zo wordt hier gesproken over de
bouw van het geestelijke heiligdom,

1134
01:08:21,150 --> 01:08:23,910
uiteraard met geestelijke materialen.

1135
01:08:23,910 --> 01:08:27,690
Mensen worden met bomen
vergeleken, en ook met stenen.

1136
01:08:27,690 --> 01:08:32,250
Het gebouw is van stenen en hout
gemaakt, en wij zijn het gebouw.

1137
01:08:32,250 --> 01:08:37,410
De bomen zijn dus mensen, en
de stenen ook: levende stenen.

1138
01:08:37,410 --> 01:08:38,490
Hij zegt:

1139
01:08:38,490 --> 01:08:42,330
De luister van de Libanon
zal naar u toe komen, cipres,

1140
01:08:42,330 --> 01:08:45,570
plataan en dennenboom
tezamen, om de plaats van

1141
01:08:45,570 --> 01:08:50,250
Mijn heiligdom aanzien te geven, en Ik zal
de plaats van Mijn voeten verheerlijken.

1142
01:08:50,250 --> 01:08:55,890
Ook zullen, zich buigend, naar u toe
komen de kinderen van hen die u onderdrukt

1143
01:08:55,890 --> 01:09:01,710
hebben, en allen die u verworpen hebben,
zullen zich neerbuigen aan uw voetzolen,

1144
01:09:01,710 --> 01:09:08,310
en zij zullen u noemen: Stad van de
HEERE, het Sion van de Heilige van Israël.

1145
01:09:08,310 --> 01:09:12,270
Die bewoording lijkt sterk
op, en is bijna identiek aan,

1146
01:09:12,270 --> 01:09:17,970
de bewoording van Hebreeën 12:22, die we
bij eerdere gelegenheden hebben gezien.

1147
01:09:17,970 --> 01:09:20,910
Hebreeën 12:22 zegt:

1148
01:09:20,910 --> 01:09:25,650
Maar u bent genaderd tot de berg Sion
en tot de stad van de levende God,

1149
01:09:25,650 --> 01:09:29,910
tot het hemelse Jeruzalem en tot
tienduizendtallen van engelen,

1150
01:09:29,910 --> 01:09:31,950
Dat noemt hij in het volgende vers:

1151
01:09:31,950 --> 01:09:35,970
tot een feestelijke vergadering en
de gemeente van de eerstgeborenen,

1152
01:09:35,970 --> 01:09:40,830
die in de hemelen opgeschreven zijn,
en tot God, de Rechter over allen,

1153
01:09:40,830 --> 01:09:45,150
en tot de geesten van de rechtvaardigen,
die tot volmaaktheid zijn gekomen,

1154
01:09:45,150 --> 01:09:49,410
Maar hij noemt het de stad van
de levende God. Hier staat:

1155
01:09:49,410 --> 01:09:51,930
Je zult de stad van de
Heer worden genoemd,

1156
01:09:51,930 --> 01:09:54,990
het Sion van de Heilige van Israël.

1157
01:09:54,990 --> 01:09:57,810
Wij zijn tot de berg Sion gekomen.

1158
01:09:57,810 --> 01:10:00,030
Dit beschrijft de gemeente.

1159
01:10:00,030 --> 01:10:03,090
In plaats van dat u verlaten
en gehaat bent geweest,

1160
01:10:03,090 --> 01:10:07,290
zodat niemand door u heen trok, zal
Ik u tot een eeuwige glorie maken,

1161
01:10:07,290 --> 01:10:10,530
tot een vreugde van
generatie op generatie.

1162
01:10:10,530 --> 01:10:13,950
U zult de melk van de
heidenvolken zuigen, ja,

1163
01:10:13,950 --> 01:10:19,530
u zult aan de borst van koningen zuigen;
dan zult u weten dat Ik, de HEERE,

1164
01:10:19,530 --> 01:10:24,090
uw Heiland ben, en uw Verlosser,
de Machtige van Jakob.

1165
01:10:24,090 --> 01:10:29,610
In plaats van koper zal Ik goud brengen,
in plaats van ijzer zal Ik zilver brengen,

1166
01:10:29,610 --> 01:10:33,630
in plaats van hout koper,
in plaats van stenen ijzer.

1167
01:10:33,630 --> 01:10:39,330
En als uw opzichter stel Ik vrede aan
en als uw opzieners gerechtigheid.

1168
01:10:39,330 --> 01:10:41,010
Vreemde beeldspraak.

1169
01:10:41,010 --> 01:10:44,430
Dit verwijst waarschijnlijk naar
het feit dat sommige koningen,

1170
01:10:44,430 --> 01:10:47,790
wanneer ze belegerd werden,
het goud van de tempel

1171
01:10:47,790 --> 01:10:53,310
of de gouden schilden van sommige torens
afhaalden en die door brons vervingen.

1172
01:10:53,310 --> 01:10:57,270
Zo nam de luister van Jeruzalem
af terwijl ze belegerd werden en

1173
01:10:57,270 --> 01:10:59,550
over hun eigen bevrijding onderhandelden.

1174
01:10:59,550 --> 01:11:03,630
Er kwam minder goud en
meer brons. Nu staat er:

1175
01:11:03,630 --> 01:11:06,570
Ik ga je goud geven in plaats van brons.

1176
01:11:06,570 --> 01:11:09,030
Ik ga je oude glorie herstellen.

1177
01:11:09,030 --> 01:11:11,850
Heel mogelijk wordt hier
naar mensen verwezen.

1178
01:11:11,850 --> 01:11:16,290
In het Nieuwe Testament zijn mensen
als goud dat in het vuur beproefd is.

1179
01:11:16,290 --> 01:11:19,410
Er zal niet meer gehoord
worden van geweld in uw land,

1180
01:11:19,410 --> 01:11:25,590
van verwoesting of rampen binnen uw
grenzen, maar uw muren zult u noemen Heil,

1181
01:11:25,590 --> 01:11:26,910
en uw poorten Lof.

1182
01:11:26,910 --> 01:11:31,410
Dit betekent overduidelijk dat we hier
beslist een geestelijke stad zien,

1183
01:11:31,410 --> 01:11:33,270
geen fysieke stad.

1184
01:11:33,270 --> 01:11:35,550
Lofprijzing vormt de poorten.

1185
01:11:35,550 --> 01:11:37,530
Behoud vormt de muren.

1186
01:11:37,530 --> 01:11:41,190
We zagen dit al in hoofdstuk 26, vers 1.

1187
01:11:41,190 --> 01:11:44,970
Misschien herinner je je Jesaja 26:1:

1188
01:11:44,970 --> 01:11:50,790
Op die dag zal dit lied gezongen worden in
het land Juda: Wij hebben een sterke stad,

1189
01:11:50,790 --> 01:11:54,090
God stelt heil tot muren en vestingwallen.

1190
01:11:54,090 --> 01:11:56,130
Hier gaat het om hetzelfde idee.

1191
01:11:56,130 --> 01:12:00,030
De gemeente is een sterke geestelijke
stad en heeft geestelijke muren

1192
01:12:00,030 --> 01:12:01,890
en geestelijke poorten.

1193
01:12:01,890 --> 01:12:04,230
Je gaat binnen door lofprijzing.

1194
01:12:04,230 --> 01:12:06,270
Volgens Psalm 100 geldt:

1195
01:12:06,270 --> 01:12:11,910
Ga Zijn poorten binnen met een lofoffer,
Zijn voorhoven met een lofzang; loof Hem,

1196
01:12:11,910 --> 01:12:13,410
prijs Zijn Naam.

1197
01:12:13,410 --> 01:12:17,970
Je wordt beschermd door Zijn behoud,
zoals door een helm of door muren.

1198
01:12:17,970 --> 01:12:21,330
De zon zal voor u niet meer
zijn tot een licht overdag

1199
01:12:21,330 --> 01:12:24,270
en als een schijnsel zal
u de maan niet verlichten,

1200
01:12:24,270 --> 01:12:29,730
maar de HEERE zal voor u zijn tot een
eeuwig licht en uw God tot uw sieraad.

1201
01:12:29,730 --> 01:12:35,070
Je kunt dat vergelijken met
Openbaring 21:23. Daar staat:

1202
01:12:35,070 --> 01:12:39,090
En de stad heeft de zon en de maan
niet nodig om haar te beschijnen,

1203
01:12:39,090 --> 01:12:43,470
want de heerlijkheid van God verlicht
haar, en het Lam is haar lamp.

1204
01:12:43,470 --> 01:12:44,970
Wat wordt hiermee gezegd?

1205
01:12:44,970 --> 01:12:47,790
Het is als het Heilige der heiligen.

1206
01:12:47,790 --> 01:12:52,590
Het is de plaats waar God woont, in
rechtstreekse gemeenschap met Zijn volk.

1207
01:12:52,590 --> 01:12:55,170
De hogepriester ging
achter het voorhangsel

1208
01:12:55,170 --> 01:12:59,310
het Heilige der heiligen binnen,
en daar was geen natuurlijk licht:

1209
01:12:59,310 --> 01:13:04,710
geen zon of maan, zelfs geen lampen,
alleen de heerlijkheid van de Heere.

1210
01:13:04,710 --> 01:13:07,530
Dat was het enige licht in
het Heilige der heiligen.

1211
01:13:07,530 --> 01:13:10,350
Daar was rechtstreekse toegang tot God.

1212
01:13:10,350 --> 01:13:14,250
Dat wij die toegang nu hebben, wordt
uitgebeeld door het feit dat het

1213
01:13:14,250 --> 01:13:18,690
voorhangsel van boven tot beneden
scheurde toen Jezus stierf.

1214
01:13:18,690 --> 01:13:23,490
Dat voorhangsel, dat iedereen behalve de
hogepriester de toegang tot het Heilige

1215
01:13:23,490 --> 01:13:27,330
der heiligen ontzegde, is
wat God betreft weggenomen.

1216
01:13:27,330 --> 01:13:30,690
Daardoor wonen wij nu in
het Heilige der heiligen.

1217
01:13:30,690 --> 01:13:35,670
Is de heilige stad, het Nieuwe Jeruzalem,
in feite niet zelf als één groot

1218
01:13:35,670 --> 01:13:37,350
Heilige der heiligen?

1219
01:13:37,350 --> 01:13:41,970
Uw zon zal niet meer ondergaan en uw
maan zal zijn licht niet intrekken,

1220
01:13:41,970 --> 01:13:47,130
want de HEERE zal voor u tot een eeuwig
licht zijn en aan de dagen van uw rouw zal

1221
01:13:47,130 --> 01:13:48,570
een einde komen.

1222
01:13:48,570 --> 01:13:51,990
Natuurlijk komen de zon en de
maan voor in veel verschillende

1223
01:13:51,990 --> 01:13:54,330
profetieën die we eerder hebben gezien.

1224
01:13:54,330 --> 01:13:58,050
Over het algemeen duiden
een helder schijnende zon

1225
01:13:58,050 --> 01:14:00,390
en een schijnende maan op zegen.

1226
01:14:00,390 --> 01:14:05,370
Dat de zon verduisterd wordt, de maan
in bloed of duisternis verandert en de

1227
01:14:05,370 --> 01:14:10,290
sterren vallen, duidt op
oordeel. Hier is alles goed.

1228
01:14:10,290 --> 01:14:15,990
Je zon zal nooit meer ondergaan en je
maan zal haar licht nooit meer intrekken.

1229
01:14:15,990 --> 01:14:17,670
Vers 21:

1230
01:14:17,670 --> 01:14:21,210
Uw volk, zij allen zullen
rechtvaardigen zijn,

1231
01:14:21,210 --> 01:14:24,210
voor eeuwig zullen zij
de aarde in bezit nemen.

1232
01:14:24,210 --> 01:14:29,130
Zij zullen een stekje zijn, door Mij
geplant, een werk van Mijn handen,

1233
01:14:29,130 --> 01:14:31,230
opdat Ik verheerlijkt zal worden.

1234
01:14:31,230 --> 01:14:35,370
Dit verwijst duidelijk naar de gemeente,
want in het volgende hoofdstuk,

1235
01:14:35,370 --> 01:14:40,470
hoofdstuk 61, vers 3, worden
dezelfde termen gebruikt.

1236
01:14:40,470 --> 01:14:45,210
Daar worden wij de planting van de Heere
genoemd, opdat Hij verheerlijkt wordt.

1237
01:14:45,210 --> 01:14:49,650
Dat is dezelfde gedachte als
in hoofdstuk 60, vers 21.

1238
01:14:49,650 --> 01:14:54,270
En toch is hoofdstuk 61 heel duidelijk
werkelijkheid geworden door de eerste

1239
01:14:54,270 --> 01:14:57,630
komst van Christus, want
dat heeft Hij Zelf gezegd.

1240
01:14:57,630 --> 01:14:59,130
Vers 22:

1241
01:14:59,130 --> 01:15:04,830
De kleinste zal tot duizend worden en de
minste tot een machtig volk; Ík, de HEERE,

1242
01:15:04,830 --> 01:15:07,590
zal dit te zijner tijd spoedig doen komen.

1243
01:15:07,590 --> 01:15:10,530
De mensen die zwak zijn,
zullen sterk worden.

1244
01:15:10,530 --> 01:15:14,970
Dat is in wezen wat hij zegt: in de
Heere zullen de zwakken sterk worden.

1245
01:15:14,970 --> 01:15:18,330
Dit is iets wat God op Zijn
tijd tot stand zal brengen.

1246
01:15:18,330 --> 01:15:21,210
Het zou niet onmiddellijk in
de tijd van Jesaja gebeuren,

1247
01:15:21,210 --> 01:15:25,170
maar wanneer de tijd ervoor
gekomen was, zou God het snel doen.

1248
01:15:25,170 --> 01:15:29,070
Hoofdstuk 61 is de
aankondiging dat Hij het doet.

1249
01:15:29,070 --> 01:15:33,150
De Geest rust op Christus,
omdat Hij gezalfd is om de goede

1250
01:15:33,150 --> 01:15:34,830
tijding te verkondigen.

1251
01:15:34,830 --> 01:15:37,530
De tijd was gekomen. Er staat:

1252
01:15:37,530 --> 01:15:41,910
om uit te roepen het jaar van het
welbehagen van de HEERE en de dag van de

1253
01:15:41,910 --> 01:15:45,870
wraak van onze God; om alle
treurenden te troosten;

1254
01:15:45,870 --> 01:15:48,930
God zal het dus op het
juiste moment bespoedigen.

1255
01:15:48,930 --> 01:15:54,390
Hoofdstuk 61 brengt ons vooruit naar de
tijd van de eerste komst van Christus,

1256
01:15:54,390 --> 01:15:57,630
waarin de aankondiging luidt: het is tijd.

1257
01:15:57,630 --> 01:15:59,550
We komen terug op hoofdstuk 61.
