1
00:00:02,070 --> 00:00:05,310
Welkom bij Vers voor Vers!

2
00:00:05,310 --> 00:00:09,210
Ik zal je in vertrouwen zeggen
dat ik de afgelopen weken

3
00:00:09,210 --> 00:00:13,410
enige bezorgdheid heb gevoeld
over het behandelen van Jesaja.

4
00:00:13,410 --> 00:00:17,250
Niet omdat ik Jesaja niet
graag behandel; ik houd ervan.

5
00:00:17,250 --> 00:00:20,070
Er is nauwelijks een boek
in het Oude Testament dat

6
00:00:20,070 --> 00:00:22,410
plezieriger is om te behandelen.

7
00:00:22,410 --> 00:00:27,510
Waar ik niet van houd, is dat ik het
in zo’n beperkte tijd moet onderwijzen.

8
00:00:27,510 --> 00:00:30,570
Zelfs als ik mezelf vijftien
lessen zou toestaan,

9
00:00:30,570 --> 00:00:35,430
en zelfs als ik gewoon in hoog
tempo door het hele boek zou gaan en

10
00:00:35,430 --> 00:00:40,710
vier hoofdstukken per uur zou behandelen,
zou ik in vijftien lessen geen

11
00:00:40,710 --> 00:00:43,050
zesenzestig hoofdstukken
kunnen behandelen.

12
00:00:43,050 --> 00:00:46,830
Daarom wist ik dat ik
enigszins zou moeten uitlopen.

13
00:00:46,830 --> 00:00:49,050
Hoeveel, dat weet ik niet.

14
00:00:49,050 --> 00:00:54,150
Toch is het voor mij een uitdaging om te
bepalen wat de beste manier is om de stof

15
00:00:54,150 --> 00:00:58,710
in Jesaja grondig te behandelen
binnen de beschikbare tijd.

16
00:00:58,710 --> 00:01:02,490
Ik besefte dat ik gewoon kon
beginnen het boek door te nemen,

17
00:01:02,490 --> 00:01:06,870
hier en daar snel wat opmerkingen
kon maken en kon proberen

18
00:01:06,870 --> 00:01:09,870
vijf hoofdstukken in
een uur af te krijgen.

19
00:01:09,870 --> 00:01:12,930
Dat is ongeveer twaalf
minuten per hoofdstuk.

20
00:01:12,930 --> 00:01:14,730
Dat is niet realistisch.

21
00:01:14,730 --> 00:01:18,810
Ik bedoel, het is wel
realistisch, maar niet voor mij.

22
00:01:18,810 --> 00:01:22,590
Sommige mensen zouden dat
misschien kunnen. Ik kan dat niet.

23
00:01:22,590 --> 00:01:24,870
Aan de andere kant zijn er jaren geweest

24
00:01:24,870 --> 00:01:28,110
waarin ik Jesaja
thematisch heb onderwezen.

25
00:01:28,110 --> 00:01:31,650
Op onze website staan
twee series over Jesaja.

26
00:01:31,650 --> 00:01:35,550
De ene staat in het gedeelte
met onderwijs vers voor vers,

27
00:01:35,550 --> 00:01:38,970
waarin ik Jesaja vers voor vers doorneem.

28
00:01:38,970 --> 00:01:41,790
De andere staat in het
thematische gedeelte.

29
00:01:41,790 --> 00:01:47,010
Die heet Thematisch Jesaja, of
Thematische behandeling van Jesaja.

30
00:01:47,010 --> 00:01:51,450
Dit is een alternatieve manier om
Jesaja te onderwijzen die ik in de jaren

31
00:01:51,450 --> 00:01:55,950
zeventig ontdekte—of, moet ik
zeggen, in de jaren tachtig.

32
00:01:55,950 --> 00:01:59,850
Nadat ik het een paar keer vers voor vers
had onderwezen op de school die ik in

33
00:01:59,850 --> 00:02:04,290
Oregon leidde, besefte ik dat het
me vooral veel te veel tijd kostte

34
00:02:04,290 --> 00:02:08,670
doordat Jesaja herhaaldelijk dezelfde
onderwerpen ter sprake brengt.

35
00:02:08,670 --> 00:02:14,310
Iedere keer dat we ze tegenkwamen terwijl
we het boek vers voor vers doornamen,

36
00:02:14,310 --> 00:02:18,030
voelde ik me genoodzaakt
dezelfde opmerkingen te maken.

37
00:02:18,030 --> 00:02:22,710
Je kunt tenslotte niet een hele passage
behandelen en er niets over zeggen.

38
00:02:22,710 --> 00:02:26,310
Toch waren de opmerkingen
die ik maakte dezelfde

39
00:02:26,310 --> 00:02:30,690
als de opmerkingen die ik de vorige
keer had gemaakt toen hij het zei.

40
00:02:30,690 --> 00:02:34,290
Sommige dingen zegt hij vijf of zes keer.

41
00:02:34,290 --> 00:02:38,610
Daardoor herhaalde ik mezelf
uiteindelijk zeer vaak op verschillende

42
00:02:38,610 --> 00:02:39,990
plaatsen in het boek.

43
00:02:39,990 --> 00:02:43,350
Ik dacht dat ik misschien alle
passages uit het hele boek

44
00:02:43,350 --> 00:02:47,190
waarin hij over hetzelfde
spreekt, bij elkaar kon brengen,

45
00:02:47,190 --> 00:02:51,150
per onderwerp kon ordenen en
in één les kon behandelen.

46
00:02:51,150 --> 00:02:54,750
Dan kon ik in één lezing alle
opmerkingen daarover maken

47
00:02:54,750 --> 00:02:57,450
en hoefde ik ze niet zo vaak te herhalen.

48
00:02:57,450 --> 00:03:01,410
Dat bleek een efficiënte manier
te zijn om het boek te behandelen.

49
00:03:01,410 --> 00:03:04,710
Maar zo wilde ik het boek op
deze school niet behandelen.

50
00:03:04,710 --> 00:03:07,650
Ik wilde het vers voor vers doornemen.

51
00:03:07,650 --> 00:03:10,710
Dat was het probleem
waarmee ik te maken had.

52
00:03:10,710 --> 00:03:14,430
Wat ik besloten heb te doen, is een
deel van de tijd besteden aan de

53
00:03:14,430 --> 00:03:15,870
onderwerpen in Jesaja.

54
00:03:15,870 --> 00:03:19,950
Daarna ga ik het boek sneller
doornemen, meer vers voor vers,

55
00:03:19,950 --> 00:03:25,590
of in elk geval hoofdstuk voor hoofdstuk,
en ervoor zorgen dat we elk vers bekijken.

56
00:03:25,590 --> 00:03:29,130
Wanneer we bij ieder vers komen, hebben
we het onderwerp daarvan natuurlijk

57
00:03:29,130 --> 00:03:30,690
misschien al besproken.

58
00:03:30,690 --> 00:03:33,690
Omdat je dan al een overzicht
en behandeling hebt gehad

59
00:03:33,690 --> 00:03:38,430
van de verschillende onderwerpen die als
terugkerende motieven in het boek Jesaja

60
00:03:38,430 --> 00:03:41,010
voorkomen, zul je ze begrijpen.

61
00:03:41,010 --> 00:03:44,910
We behandelen ze namelijk eerst
in een reeks thematische lezingen.

62
00:03:44,910 --> 00:03:49,590
Er zullen, denk ik, zes of
zeven thematische lezingen zijn.

63
00:03:49,590 --> 00:03:54,270
Daarna zullen we verschillende lessen
gebruiken, waarschijnlijk minstens zes,

64
00:03:54,270 --> 00:03:58,410
om het boek snel door te nemen
en het grote geheel te zien.

65
00:03:58,410 --> 00:04:01,590
Zo kunnen we de schors van
de bomen in detail bekijken

66
00:04:01,590 --> 00:04:04,950
zolang ik denk dat dit
nuttig en noodzakelijk is.

67
00:04:04,950 --> 00:04:08,490
Daarna kunnen we een stap
terugdoen, het hele bos bekijken

68
00:04:08,490 --> 00:04:11,010
en er in hoog tempo doorheen gaan.

69
00:04:11,010 --> 00:04:14,610
Misschien zou je Jesaja liever
op een andere manier benaderen.

70
00:04:14,610 --> 00:04:18,870
Je kunt voor een grondiger behandeling
vers voor vers kiezen als je naar mijn

71
00:04:18,870 --> 00:04:22,710
lezingen over Jesaja vers
voor vers wilt luisteren.

72
00:04:22,710 --> 00:04:26,070
Of je kunt voor een volledig
thematische benadering kiezen

73
00:04:26,070 --> 00:04:28,950
door naar mijn thematische
lezingen te luisteren.

74
00:04:28,950 --> 00:04:31,950
Dit is een samenvoeging
van de twee benaderingen.

75
00:04:31,950 --> 00:04:34,470
Ik wil het niet alleen
thematisch behandelen.

76
00:04:34,470 --> 00:04:39,030
Ik wil het hele boek doornemen, zodat
je een beeld krijgt van het terrein.

77
00:04:39,030 --> 00:04:41,430
Maar ik denk dat dit
een nuttige methode is.

78
00:04:41,430 --> 00:04:45,510
Doordat ik Jesaja meer dan zestien
keer in zestien opeenvolgende jaren heb

79
00:04:45,510 --> 00:04:50,010
onderwezen, heb ik de gelegenheid gehad
om te beoordelen welke verschillende

80
00:04:50,010 --> 00:04:52,230
werkwijzen nuttig lijken te zijn.

81
00:04:52,230 --> 00:04:56,670
Ik denk dat het bijzonder behulpzaam
is om, in elk geval aanvankelijk,

82
00:04:56,670 --> 00:04:59,430
een thematische benadering te volgen.

83
00:04:59,430 --> 00:05:03,750
Zo raak je vertrouwd met de terugkerende
thema’s en motieven in het boek.

84
00:05:03,750 --> 00:05:07,290
Als je deze onderwerpen eenmaal
kent en ermee vertrouwd bent,

85
00:05:07,290 --> 00:05:10,590
verandert dat de manier
waarop je het boek zult lezen.

86
00:05:10,590 --> 00:05:13,710
Sterker nog, Jesaja is, zoals ik al zei,

87
00:05:13,710 --> 00:05:17,010
niet alleen de belangrijkste van
de profeten die geschreven hebben,

88
00:05:17,010 --> 00:05:20,310
maar hij zet ook het
patroon voor vele anderen.

89
00:05:20,310 --> 00:05:24,270
Veel van de thema’s en motieven
die Jesaja naar voren brengt,

90
00:05:24,270 --> 00:05:27,090
worden door latere profeten herhaald.

91
00:05:27,090 --> 00:05:29,670
Jeremia herhaalt sommige ervan.

92
00:05:29,670 --> 00:05:33,750
Micha, een tijdgenoot van
Jesaja, herhaalt sommige ervan,

93
00:05:33,750 --> 00:05:38,910
en zijn boek bevat zelfs materiaal
dat bijna woordelijk uit Jesaja komt.

94
00:05:38,910 --> 00:05:44,670
In Amos, Hosea en andere profeten
komen enkele van dezelfde thema’s voor.

95
00:05:44,670 --> 00:05:49,830
Met andere woorden, de Heilige Geest
Zelf leek een voorkeur te hebben voor het

96
00:05:49,830 --> 00:05:54,750
gebruik van bepaalde beelden en begrippen
die bij andere profeten terugkeren.

97
00:05:54,750 --> 00:05:58,950
Jesaja is de eerste van de
profeten die we samen bestuderen.

98
00:05:58,950 --> 00:06:03,390
Daarom is dit voor ons een goed moment om
kennis te maken met die motieven die niet

99
00:06:03,390 --> 00:06:05,850
alleen het boek Jesaja zullen doortrekken,

100
00:06:05,850 --> 00:06:08,970
maar ook andere profeten die
later bestudeerd zullen worden.

101
00:06:08,970 --> 00:06:11,430
Ik heb een aantal lezingen voorbereid.

102
00:06:11,430 --> 00:06:16,230
Ik denk dat mijn thematische serie over
Jesaja ongeveer dertien verschillende

103
00:06:16,230 --> 00:06:18,330
thematische lezingen telde.

104
00:06:18,330 --> 00:06:21,570
Hier breng ik dat aantal
terug tot ongeveer de helft.

105
00:06:21,570 --> 00:06:24,810
Maar volgens mij behandelen we
alle belangrijke thema’s die het

106
00:06:24,810 --> 00:06:26,670
vaakst zullen terugkomen.

107
00:06:26,670 --> 00:06:30,630
Hoewel je je dat nu misschien nog
niet kunt voorstellen, denk ik dat je,

108
00:06:30,630 --> 00:06:33,390
wanneer we deze onderwerpen
hebben doorgenomen,

109
00:06:33,390 --> 00:06:37,950
het gevoel zult hebben dat je
Jesaja en waar hij het over heeft

110
00:06:37,950 --> 00:06:42,390
veel beter begrijpt dan je waarschijnlijk
op dit moment het gevoel hebt.

111
00:06:42,390 --> 00:06:46,050
Ik wil het hebben over de manier
waarop volken in de profeten,

112
00:06:46,050 --> 00:06:50,190
en in het bijzonder in Jesaja,
niet-letterlijk worden beschreven.

113
00:06:50,190 --> 00:06:52,890
Daaronder vallen een aantal deelpunten.

114
00:06:52,890 --> 00:06:57,150
Je moet beseffen dat het onderwijs en
de prediking van de profeten over het

115
00:06:57,150 --> 00:07:02,490
algemeen niet alleen godsdienstige,
maar ook politieke gevolgen hadden.

116
00:07:02,490 --> 00:07:05,250
Israël was tenslotte een kerkstaat.

117
00:07:05,250 --> 00:07:09,930
Anders dan Amerika, en eerlijk gezegd
anders dan de meeste moderne landen,

118
00:07:09,930 --> 00:07:14,430
is beslist geen enkel westers land
tegelijk een politieke eenheid

119
00:07:14,430 --> 00:07:16,890
en een gemeenschap die God aanbidt.

120
00:07:16,890 --> 00:07:20,730
Dat is doelbewust uit de
westerse cultuur verwijderd door

121
00:07:20,730 --> 00:07:25,410
moderne grondwettelijke ideeën over
de scheiding van deze twee terreinen.

122
00:07:25,410 --> 00:07:28,530
Godsdienst heeft natuurlijk
altijd invloed op de politiek,

123
00:07:28,530 --> 00:07:32,010
maar in de oudheid waren
politiek en godsdienst als

124
00:07:32,010 --> 00:07:34,290
één geheel met elkaar verbonden.

125
00:07:34,290 --> 00:07:37,410
Elk volk had zijn eigen staatsgodsdienst.

126
00:07:37,410 --> 00:07:39,090
Israël natuurlijk ook.

127
00:07:39,090 --> 00:07:44,010
Het had het godsdienstige stelsel dat
God het bij de berg Sinaï had gegeven.

128
00:07:44,010 --> 00:07:47,310
Het had de tabernakel en daarna de tempel,

129
00:07:47,310 --> 00:07:51,030
het priesterschap van
Aäron en het offersysteem.

130
00:07:51,030 --> 00:07:54,270
Al deze dingen waren
onlosmakelijk verbonden met het

131
00:07:54,270 --> 00:07:57,630
bestaan zelf van het volk
als politieke eenheid.

132
00:07:57,630 --> 00:08:00,570
Het volk werd zelfs gesticht
op het moment dat God

133
00:08:00,570 --> 00:08:03,270
het godsdienstige stelsel instelde.

134
00:08:03,270 --> 00:08:05,430
Het was een godsdienstig volk.

135
00:08:05,430 --> 00:08:07,650
Het was een volk onder Jahweh.

136
00:08:07,650 --> 00:08:13,230
De volken rondom Israël waren eveneens
godsdienstige volken: de Moabieten,

137
00:08:13,230 --> 00:08:17,010
de Ammonieten, de Edomieten
en de Filistijnen;

138
00:08:17,010 --> 00:08:23,730
in het noorden de Syriërs en de Feniciërs;
later, verder weg, de Assyriërs,

139
00:08:23,730 --> 00:08:26,610
de Babyloniërs en andere volken.

140
00:08:26,610 --> 00:08:29,970
Al deze volken hadden hun nationale goden.

141
00:08:29,970 --> 00:08:35,190
Dit was een periode waarin de godsdienst
strikt genomen niet monotheïstisch was,

142
00:08:35,190 --> 00:08:39,870
behalve in Israël, maar technisch
gezien ook niet polytheïstisch.

143
00:08:39,870 --> 00:08:42,810
Wanneer je aan polytheïstische
godsdiensten denkt,

144
00:08:42,810 --> 00:08:46,830
denk je misschien aan de goden op
de Olympus in de Griekse mythologie,

145
00:08:46,830 --> 00:08:49,590
of aan het Romeinse pantheon van goden,

146
00:08:49,590 --> 00:08:53,490
waarbij men vele goden had
die men allemaal aanbad.

147
00:08:53,490 --> 00:08:58,110
In de tijd van het oude Israël hielden de
godsdienstige opvattingen van de heidense

148
00:08:58,110 --> 00:09:02,430
volken een zienswijze in
die we henotheïsme noemen.

149
00:09:02,430 --> 00:09:07,350
Het was geen monotheïsme, want zij
geloofden niet dat er maar één God was.

150
00:09:07,350 --> 00:09:12,330
Het was geen polytheïsme, want de
volken dienden niet meerdere goden.

151
00:09:12,330 --> 00:09:17,490
Ze geloofden dat er meerdere goden
waren, maar elk volk had één voornaamste

152
00:09:17,490 --> 00:09:19,830
god, één beschermgod.

153
00:09:19,830 --> 00:09:24,030
Wanneer iemand uit zo’n volk het
internationale toneel overzag,

154
00:09:24,030 --> 00:09:28,410
geloofde hij dat er veel goden
waren, maar één voor elk volk.

155
00:09:28,410 --> 00:09:33,691
Elk volk was als het ware monotheïstisch,
in de zin dat het één god had —

156
00:09:33,691 --> 00:09:38,910
of soms misschien twee of drie — maar men
geloofde niet dat alle goden door alle

157
00:09:38,910 --> 00:09:40,950
volken aanbeden moesten worden.

158
00:09:40,950 --> 00:09:44,310
Men geloofde dat volken hun
nationale godheden hadden

159
00:09:44,310 --> 00:09:47,010
en dat die godheden
aanbeden moesten worden.

160
00:09:47,010 --> 00:09:49,950
Alle volken hadden priesters
van hun beschermgod.

161
00:09:49,950 --> 00:09:53,370
De koningen van de volken moesten
die beschermgoden aanbidden.

162
00:09:53,370 --> 00:09:57,330
Ze hadden profeten die beweerden
namens die godheden te spreken.

163
00:09:57,330 --> 00:10:00,630
Bij Israël was er sprake van
een andere manier van denken.

164
00:10:00,630 --> 00:10:03,390
Het had natuurlijk zijn
beschermgod, Jahweh,

165
00:10:03,390 --> 00:10:07,650
maar bovendien geloofde het dat
Hij de enige werkelijke God was.

166
00:10:07,650 --> 00:10:10,710
De Israëlieten geloofden dat
de beschermgoden van andere

167
00:10:10,710 --> 00:10:13,590
volken helemaal geen echte goden waren.

168
00:10:13,590 --> 00:10:17,850
Ze waren slechts van steen en hout
gemaakt, en het was bijgeloof.

169
00:10:17,850 --> 00:10:21,450
Anders dan de andere volken
erkenden zij geen enkele god naast

170
00:10:21,450 --> 00:10:23,190
Jahweh als werkelijk.

171
00:10:23,190 --> 00:10:26,670
Er is maar één God, Die
alles heeft geschapen en

172
00:10:26,670 --> 00:10:29,430
Die terecht de God van alle volken is.

173
00:10:29,430 --> 00:10:33,630
Daarom velde Jahweh niet alleen
oordelen over zaken binnen Israël,

174
00:10:33,630 --> 00:10:37,110
maar ook over andere volken,
die Hem niet aanbaden.

175
00:10:37,110 --> 00:10:41,610
De god Bel van de Babyloniërs had
geen enkele zeggenschap over de

176
00:10:41,610 --> 00:10:46,170
interne aangelegenheden van Israël
— natuurlijk totdat Israël door

177
00:10:46,170 --> 00:10:49,470
Babylon werd ingelijfd,
en toen veranderde dat.

178
00:10:49,470 --> 00:10:54,870
Maar waar het om gaat, is dat de mensen
in Moab niet dachten dat Kamos, hun god,

179
00:10:54,870 --> 00:10:58,650
werkelijk iets te maken had met
de aangelegenheden van Israël.

180
00:10:58,650 --> 00:11:03,450
Hij was de god van Moab, niet de
god van Israël of van iemand anders.

181
00:11:03,450 --> 00:11:07,770
Maar de Israëlieten geloofden dat
hun God de God van iedereen was.

182
00:11:07,770 --> 00:11:10,230
Alleen wisten de meeste mensen dat niet.

183
00:11:10,230 --> 00:11:14,430
De meeste mensen aanbaden
demonen in plaats van God.

184
00:11:14,430 --> 00:11:18,750
Dit is wat de Bijbel leert, en
dit is ook wat christenen geloven.

185
00:11:18,750 --> 00:11:22,170
Daarom beperkten de
profeten die namens Jahweh

186
00:11:22,170 --> 00:11:25,770
spraken hun belangstelling niet
tot wat er in Israël gebeurde.

187
00:11:25,770 --> 00:11:30,210
De centrale zorg van de profeten
had te maken met de heiligheid en

188
00:11:30,210 --> 00:11:33,390
gehoorzaamheid van het
volk Israël tegenover God,

189
00:11:33,390 --> 00:11:37,650
met de verbondstrouw die Israël
aan God verschuldigd was.

190
00:11:37,650 --> 00:11:42,570
Profeten stonden gewoonlijk op en spraken
in tijden waarin die verbondstrouw werd

191
00:11:42,570 --> 00:11:47,370
geschonden, wanneer Israël compromissen
sloot, meestal met afgoden,

192
00:11:47,370 --> 00:11:49,050
maar ook op andere manieren.

193
00:11:49,050 --> 00:11:51,870
Jesaja noemt een groot aantal zonden.

194
00:11:51,870 --> 00:11:55,410
Onderdrukking van de armen,
overspel en dronkenschap

195
00:11:55,410 --> 00:11:58,890
worden in Jesaja allemaal
genoemd als dingen waarover God

196
00:11:58,890 --> 00:12:01,710
klaagt dat ze in Israël plaatsvinden.

197
00:12:01,710 --> 00:12:04,290
Maar meestal gaat het om de afgoderij.

198
00:12:04,290 --> 00:12:08,070
Wanneer Israël andere goden aanbidt,
is dat als een vrouw die met

199
00:12:08,070 --> 00:12:09,870
andere mannen naar bed gaat.

200
00:12:09,870 --> 00:12:12,630
God stond in een
verbondsrelatie met Israël,

201
00:12:12,630 --> 00:12:16,110
zoals een man in een verbondsrelatie
met zijn vrouw staat.

202
00:12:16,110 --> 00:12:18,810
Zij hoorde uitsluitend hem toe te behoren.

203
00:12:18,810 --> 00:12:22,950
Als de vrouw van een man eropuit gaat
en met een andere man naar bed gaat,

204
00:12:22,950 --> 00:12:26,790
schendt zij de unieke verbondsrelatie
die zij met haar man heeft.

205
00:12:26,790 --> 00:12:30,030
Zo was het ook wanneer
Israël een andere god aanbad.

206
00:12:30,030 --> 00:12:35,190
De profeten duidden Israëls afgoderij
vaak aan als ontucht of overspel.

207
00:12:35,190 --> 00:12:37,710
De Israëlieten waren God ontrouw.

208
00:12:37,710 --> 00:12:41,070
Het is niet verrassend dat Gods
voornaamste klacht over Israël

209
00:12:41,070 --> 00:12:42,930
hun afgoderij betrof.

210
00:12:42,930 --> 00:12:46,830
Hun dronkenschap, hun overspel
met de vrouwen van hun naasten,

211
00:12:46,830 --> 00:12:50,550
hun moorden en hun onrechtvaardigheden
waren verschrikkelijke dingen.

212
00:12:50,550 --> 00:12:52,410
God was daar boos over.

213
00:12:52,410 --> 00:12:55,410
Maar Hij was vooral boos over afgoderij.

214
00:12:55,410 --> 00:12:58,530
Zo kan een man van streek zijn
als zijn vrouw onbeschoft is

215
00:12:58,530 --> 00:13:03,030
en minachtend tegen hem spreekt, maar
is hij bozer als ze eropuit gaat en met

216
00:13:03,030 --> 00:13:04,770
iemand anders naar bed gaat.

217
00:13:04,770 --> 00:13:07,650
Er zijn bepaalde dingen die
de wezenlijke kwesties zijn

218
00:13:07,650 --> 00:13:09,990
waardoor verbondstrouw wordt bepaald.

219
00:13:09,990 --> 00:13:14,670
Israël werd doorgaans door profeten
benaderd wanneer Israël andere godheden

220
00:13:14,670 --> 00:13:15,630
dan God aanbad.

221
00:13:15,630 --> 00:13:20,970
Toch spraken de profeten weliswaar
over zaken binnen Israël en over de

222
00:13:20,970 --> 00:13:25,170
compromissen binnen het volk
Israël, maar omdat de God van Israël

223
00:13:25,170 --> 00:13:31,410
ook de God van de hele aarde is, velde
Hij ook een oordeel over andere volken.

224
00:13:31,410 --> 00:13:36,330
Alle volken aanbaden andere goden
dan Hem en het kon hun niets schelen

225
00:13:36,330 --> 00:13:38,010
wat Jahweh wilde.

226
00:13:38,010 --> 00:13:40,530
Hem kon het wel schelen wat zij deden.

227
00:13:40,530 --> 00:13:44,550
Hij handelde alsof Hij
rechtsmacht had in alle landen.

228
00:13:44,550 --> 00:13:48,690
Daarom verkeerde Hij in de
positie om zowel andere volken als

229
00:13:48,690 --> 00:13:50,430
Israël te oordelen.

230
00:13:50,430 --> 00:13:54,390
Zijn oordeel over andere volken
kwam op de tweede plaats,

231
00:13:54,390 --> 00:13:57,570
omdat Israël natuurlijk Zijn
voornaamste aandacht had.

232
00:13:57,570 --> 00:14:02,070
Maar toch behield Hij Zich het recht
voor om andere volken aan te spreken

233
00:14:02,070 --> 00:14:06,930
en over hen te spreken, bij hen
in te grijpen en hen te oordelen.

234
00:14:06,930 --> 00:14:11,610
Dat is bijvoorbeeld duidelijk te zien
wanneer God een Israëlitische profeet naar

235
00:14:11,610 --> 00:14:15,810
Ninevé, de hoofdstad van
Assyrië, stuurt met de boodschap:

236
00:14:15,810 --> 00:14:19,770
En Jona begon de stad
in te gaan, één dagreis.

237
00:14:19,770 --> 00:14:25,710
Hij predikte en zei: Nog veertig dagen
en Ninevé wordt ondersteboven gekeerd!

238
00:14:25,710 --> 00:14:31,590
De koning van Ninevé besefte dat dit een
profeet van Jahweh was, de God van Israël.

239
00:14:31,590 --> 00:14:35,070
Om de een of andere reden
dacht de koning van Ninevé:

240
00:14:35,070 --> 00:14:37,770
„Ik kan hier maar beter
aandacht aan schenken.”

241
00:14:37,770 --> 00:14:40,590
Veel mensen die hun eigen
nationale goden hadden,

242
00:14:40,590 --> 00:14:44,730
wisten dat ze weliswaar die ene god
hadden aan wie hun volk trouw was,

243
00:14:44,730 --> 00:14:48,630
maar dat hij niet noodzakelijk
de grootste en sterkste god was.

244
00:14:48,630 --> 00:14:52,890
Bij de meeste internationale conflicten
nam men zelfs aan dat het volk met de

245
00:14:52,890 --> 00:14:54,750
sterkste god de oorlog zou winnen.

246
00:14:54,750 --> 00:14:59,070
Als je de oorlog verloor, betekende
dat dat je god een slappeling was.

247
00:14:59,070 --> 00:15:01,530
Als je won, was je god sterk.

248
00:15:01,530 --> 00:15:05,970
De mensen wisten dat sommige goden
slappelingen leken te zijn en dat andere

249
00:15:05,970 --> 00:15:08,010
goden sterk leken te zijn.

250
00:15:08,010 --> 00:15:13,350
Toen Israël uit Egypte trok en God
tien plagen over Egypte had gebracht,

251
00:15:13,350 --> 00:15:17,670
versterkte dat de reputatie van
Jahweh als een sterke God enorm,

252
00:15:17,670 --> 00:15:20,910
omdat Hij alle goden van Egypte oordeelde.

253
00:15:20,910 --> 00:15:24,690
Dat staat volgens mij in Exodus 12:12.

254
00:15:24,690 --> 00:15:28,650
Hij zegt dat Hij een oordeel
velde over alle goden van Egypte

255
00:15:28,650 --> 00:15:30,570
en hen tot niets maakte.

256
00:15:30,570 --> 00:15:34,530
Want Ik zal in deze nacht door
het land Egypte trekken en alle

257
00:15:34,530 --> 00:15:39,150
eerstgeborenen in het land Egypte
treffen, van de mensen tot het vee.

258
00:15:39,150 --> 00:15:43,830
En Ik zal aan al de goden van de
Egyptenaren strafgerichten voltrekken,

259
00:15:43,830 --> 00:15:45,870
Ik, de HEERE.

260
00:15:45,870 --> 00:15:50,250
Alle volken waar Israël vanuit
Egypte naartoe ging, beefden,

261
00:15:50,250 --> 00:15:52,770
zoals de Kanaänieten in Jericho.

262
00:15:52,770 --> 00:15:56,190
Zij beefden toen Israël
eraan kwam. Waarom?

263
00:15:56,190 --> 00:16:00,750
Omdat de god van Jericho niet
opgewassen was tegen de God van Israël.

264
00:16:00,750 --> 00:16:04,890
Jahweh was sterk, en Hij had dat
laten zien door Egypte te vernietigen

265
00:16:04,890 --> 00:16:07,470
en de goden van Egypte te oordelen.

266
00:16:07,470 --> 00:16:12,390
Dat is precies wat Rachab zei toen de
verspieders bij haar in Jericho kwamen.

267
00:16:12,390 --> 00:16:13,410
Ze zei:

268
00:16:13,410 --> 00:16:18,630
en zei tegen die mannen: Ik weet dat de
HEERE u dit land gegeven heeft en dat de

269
00:16:18,630 --> 00:16:23,370
schrik voor u op ons gevallen is, en dat
al de inwoners van dit land weggesmolten

270
00:16:23,370 --> 00:16:26,550
zijn van angst voor u.
Want wij hebben gehoord

271
00:16:26,550 --> 00:16:31,170
dat de HEERE het water van de Schelfzee
voor uw ogen heeft doen opdrogen,

272
00:16:31,170 --> 00:16:32,730
toen u uit Egypte ging.

273
00:16:32,730 --> 00:16:37,650
En ook wat u hebt gedaan met de twee
koningen van de Amorieten, Sihon en Og,

274
00:16:37,650 --> 00:16:42,090
die aan de andere zijde van de Jordaan
waren, die u met de ban geslagen hebt.

275
00:16:42,090 --> 00:16:43,950
God had een reputatie.

276
00:16:43,950 --> 00:16:48,690
Wanneer een profeet van Jahweh naar Ninevé
ging, konden ze hem niet zomaar negeren,

277
00:16:48,690 --> 00:16:52,110
ook al aanbaden ze andere
goden en niet Jahweh.

278
00:16:52,110 --> 00:16:54,930
Want Jahweh stuurde een profeet die zei:

279
00:16:54,930 --> 00:16:56,490
Ik ga je vernietigen.

280
00:16:56,490 --> 00:17:00,750
Hoewel Jahweh niet hun god was, was het
gevaarlijk om Hem als tegenstander te

281
00:17:00,750 --> 00:17:04,170
hebben, want de Israëlieten
hadden een sterke God.

282
00:17:04,170 --> 00:17:08,010
Natuurlijk wisten de Israëlieten
dat hun God de enige God was,

283
00:17:08,010 --> 00:17:11,010
en daarom was Hij
sterker dan andere goden.

284
00:17:11,010 --> 00:17:14,070
De andere goden waren van hout en steen.

285
00:17:14,070 --> 00:17:15,690
Ze waren helemaal niets.

286
00:17:15,690 --> 00:17:17,790
Maar de heidenen wisten dat niet.

287
00:17:17,790 --> 00:17:21,810
God richtte via de profeten dan
ook noodzakelijkerwijs Zijn blik

288
00:17:21,810 --> 00:17:25,290
en Zijn godsspraken op zaken
buiten de grenzen van Israël,

289
00:17:25,290 --> 00:17:27,210
dus ook op andere volken.

290
00:17:27,210 --> 00:17:31,230
Wanneer God over volken spreekt, doet
Hij dat niet altijd op een manier

291
00:17:31,230 --> 00:17:35,430
waaraan je noodzakelijkerwijs zou
herkennen dat Hij over een volk spreekt.

292
00:17:35,430 --> 00:17:40,770
Bij de profeten komen veel metaforen voor
en verschillende manieren waarop volken en

293
00:17:40,770 --> 00:17:43,410
nationale entiteiten worden aangesproken.

294
00:17:43,410 --> 00:17:47,130
Meestal gaat het om Israël
of Juda, om die volken.

295
00:17:47,130 --> 00:17:48,930
Soms gaat het om andere volken.

296
00:17:48,930 --> 00:17:52,950
We moeten beseffen dat de profeten over
het algemeen geen mensen waren die op een

297
00:17:52,950 --> 00:17:57,750
man op straat afliepen en zeiden: „Ik
heb een woord van de Heere voor je,”

298
00:17:57,750 --> 00:18:01,890
tenzij die man op straat de koning
was of iemand die belangrijk was,

299
00:18:01,890 --> 00:18:03,510
zoals de hogepriester.

300
00:18:03,510 --> 00:18:05,790
De profeten waren niet
alleen maar mannen die

301
00:18:05,790 --> 00:18:09,090
persoonlijke boodschappen aan
afzonderlijke mensen brachten,

302
00:18:09,090 --> 00:18:12,630
zoals sommige mensen in het lichaam
van Christus tegenwoordig doen.

303
00:18:12,630 --> 00:18:16,770
De profeten waren mensen die iets
te zeggen hadden over geopolitiek.

304
00:18:16,770 --> 00:18:20,070
Ze adviseerden de koningen
over het voeren van oorlogen,

305
00:18:20,070 --> 00:18:23,190
het sluiten van verdragen
en dat soort dingen.

306
00:18:23,190 --> 00:18:27,150
Daarom zijn de boodschappen van de
profeten voornamelijk van nationale

307
00:18:27,150 --> 00:18:29,550
en internationale omvang.

308
00:18:29,550 --> 00:18:33,750
Volken, en niet afzonderlijke mensen,
zijn de voornaamste aangesprokenen

309
00:18:33,750 --> 00:18:35,130
van de profeten.

310
00:18:35,130 --> 00:18:39,630
Wanneer de profeten, onder wie
Jesaja, over volken spreken,

311
00:18:39,630 --> 00:18:41,730
gebruiken ze verschillende beelden.

312
00:18:41,730 --> 00:18:44,850
Eén manier waarop ze dat doen,
is door een volk met een mens

313
00:18:44,850 --> 00:18:46,890
of een dier te vergelijken.

314
00:18:46,890 --> 00:18:50,190
In het Nieuwe Testament vinden
we een soortgelijk begrip,

315
00:18:50,190 --> 00:18:55,170
waarin de gemeente met een lichaam wordt
vergeleken: het lichaam van Christus.

316
00:18:55,170 --> 00:18:59,130
We beseffen dat een lichaam
gewoonlijk dat van één mens is.

317
00:18:59,130 --> 00:19:02,730
Maar in de Bijbel vinden we het
idee van een collectieve mens

318
00:19:02,730 --> 00:19:04,950
die uit vele leden bestaat.

319
00:19:04,950 --> 00:19:08,430
Vele mensen vormen dit
ene lichaam, Christus.

320
00:19:08,430 --> 00:19:12,570
Voor ons is dat waarschijnlijk het laatste
overblijfsel van deze manier van denken,

321
00:19:12,570 --> 00:19:15,390
die in Bijbelse tijden
zo gebruikelijk was.

322
00:19:15,390 --> 00:19:18,930
Over het algemeen werd een heel
volk als één mens beschouwd.

323
00:19:18,930 --> 00:19:23,130
Toen God Israël uit Egypte
leidde, zei Hij bijvoorbeeld:

324
00:19:23,130 --> 00:19:28,470
Dan moet u tegen de farao zeggen:
Zo zegt de HEERE: Mijn zoon, Mijn

325
00:19:28,470 --> 00:19:30,990
eerstgeborene, is Israël.

326
00:19:30,990 --> 00:19:35,730
Daarom zeg Ik tegen u: Laat Mijn
zoon gaan, zodat hij Mij kan dienen.

327
00:19:35,730 --> 00:19:40,050
Maar u hebt geweigerd hem te
laten gaan, zie, Ik zal uw zoon,

328
00:19:40,050 --> 00:19:42,930
uw eerstgeborene, doden.

329
00:19:42,930 --> 00:19:46,710
Israël bestond uit miljoenen
mensen, maar God sprak over

330
00:19:46,710 --> 00:19:49,410
Israël alsof het één persoon was.

331
00:19:49,410 --> 00:19:53,130
Het is dus niet ongehoord om een
volk als een mens voor te stellen,

332
00:19:53,130 --> 00:19:57,030
als één afzonderlijke
man, of soms als een dier.

333
00:19:57,030 --> 00:19:58,770
Wij doen dat niet zo vaak.

334
00:19:58,770 --> 00:20:03,990
Wanneer we het tegenkomen, voelen we
misschien intuïtief aan dat God dit doet.

335
00:20:03,990 --> 00:20:08,310
Maar mogelijk zijn we er niet vertrouwd
genoeg mee om te weten dat we op onze

336
00:20:08,310 --> 00:20:10,470
intuïtie kunnen vertrouwen.

337
00:20:10,470 --> 00:20:13,950
Daarom wil ik je hiervan
enkele voorbeelden geven.

338
00:20:13,950 --> 00:20:19,050
Juda, een volk, wordt in Jesaja
bijvoorbeeld vergeleken met een zieke man,

339
00:20:19,050 --> 00:20:20,910
met één persoon.

340
00:20:20,910 --> 00:20:25,170
We komen dit meteen tegen,
aan het begin van Jesaja 1.

341
00:20:25,170 --> 00:20:28,170
Hij richt zich daar tot het volk Juda.

342
00:20:28,170 --> 00:20:31,350
Israël betekent natuurlijk
soms alle twaalf stammen,

343
00:20:31,350 --> 00:20:34,290
en soms alleen de tien
stammen in het noorden.

344
00:20:34,290 --> 00:20:37,530
Maar in Jesaja 1:5 zegt hij:

345
00:20:37,530 --> 00:20:40,290
Waarom wilt u nog meer geslagen worden?

346
00:20:40,290 --> 00:20:43,170
U gaat gewoon door met uw afvalligheid.

347
00:20:43,170 --> 00:20:47,370
Heel het hoofd is ziek, en
heel het hart is afgemat.

348
00:20:47,370 --> 00:20:51,690
Hier wordt een zieke man
beschreven, ziek van top tot teen,

349
00:20:51,690 --> 00:20:54,270
van zijn voetzool tot zijn kruin.

350
00:20:54,270 --> 00:20:57,930
Hij zit onder de zweren
en is ernstig ziek.

351
00:20:57,930 --> 00:21:00,630
Er is geen behandelend
arts bij hem geweest.

352
00:21:00,630 --> 00:21:04,110
De etterende zweren en de
wonden zijn niet verbonden.

353
00:21:04,110 --> 00:21:06,930
Er is ongetwijfeld
sprake van een infectie.

354
00:21:06,930 --> 00:21:10,530
Het doet ons sterk denken aan de man
die in het verhaal van de barmhartige

355
00:21:10,530 --> 00:21:16,110
Samaritaan in de handen van rovers viel:
een man die mishandeld is en bloedt,

356
00:21:16,110 --> 00:21:18,450
bij wie zich een infectie
begint te ontwikkelen,

357
00:21:18,450 --> 00:21:21,690
terwijl niemand hem helpt
of zijn wonden verbindt.

358
00:21:21,690 --> 00:21:25,770
Dit is de beschrijving van een man,
maar er wordt geen man beschreven.

359
00:21:25,770 --> 00:21:27,570
Het gaat om een volk.

360
00:21:27,570 --> 00:21:29,310
Dit is beeldspraak.

361
00:21:29,310 --> 00:21:33,030
Het wil zeggen dat het volk
Juda zwaar is toegetakeld.

362
00:21:33,030 --> 00:21:36,150
Uit de context lijkt de
historische situatie,

363
00:21:36,150 --> 00:21:38,430
wanneer je de rest van
het hoofdstuk leest,

364
00:21:38,430 --> 00:21:43,170
de tijd te zijn waarin Juda door
Assyrië onder de voet was gelopen.

365
00:21:43,170 --> 00:21:47,010
Assyrië verbrandde en verwoestte
de meeste steden van Juda,

366
00:21:47,010 --> 00:21:49,530
maar wist Jeruzalem niet te veroveren.

367
00:21:49,530 --> 00:21:52,590
Dat kwam door de gebeurtenis
die we eerder hebben genoemd,

368
00:21:52,590 --> 00:21:57,210
waarbij de engel buiten de muren
zoveel Assyrische soldaten doodde.

369
00:21:57,210 --> 00:22:00,270
Jeruzalem bleef gespaard,
maar het land Juda,

370
00:22:00,270 --> 00:22:05,250
waarvan Jeruzalem slechts de hoofdstad
was, werd door de Assyriërs verwoest.

371
00:22:05,250 --> 00:22:09,750
Het lijkt om deze situatie te gaan,
waarin het land als het ware een pak

372
00:22:09,750 --> 00:22:12,870
slaag heeft gekregen en
niemand het komt redden.

373
00:22:12,870 --> 00:22:14,910
Het verkeert in moeilijkheden.

374
00:22:14,910 --> 00:22:17,850
Het staat feitelijk onder
het oordeel van God.

375
00:22:17,850 --> 00:22:22,590
God maakt in feite duidelijk
dat Hij Degene is Die hen slaat.

376
00:22:22,590 --> 00:22:27,090
Hij probeert hen te tuchtigen zoals
je een opstandige tiener tuchtigt,

377
00:22:27,090 --> 00:22:29,910
maar ze keren niet terug. Hij zegt:

378
00:22:29,910 --> 00:22:32,550
Waarom zou je nog meer
klappen willen krijgen?

379
00:22:32,550 --> 00:22:35,490
Waarom wil je steeds weer
een pak slaag krijgen?

380
00:22:35,490 --> 00:22:36,990
Kijk eens hoe je eraan toe bent.

381
00:22:36,990 --> 00:22:41,850
Het volk in deze verwoeste toestand lijkt
op een man die er lichamelijk zeer slecht

382
00:22:41,850 --> 00:22:43,050
aan toe is.

383
00:22:43,050 --> 00:22:47,250
Hij heeft een pak slaag gekregen en
is niet in een ziekenhuis behandeld.

384
00:22:47,250 --> 00:22:51,090
Dit is een personificatie, of
een antropomorfe beschrijving,

385
00:22:51,090 --> 00:22:53,730
van een volk alsof het een man is.

386
00:22:53,730 --> 00:22:58,110
Dit specifieke gebruik van het beeld van
de zieke man voor het volk is belangrijk

387
00:22:58,110 --> 00:23:03,510
om te begrijpen en in gedachten te houden
terwijl we het boek Jesaja doornemen.

388
00:23:03,510 --> 00:23:07,650
In de rest van het boek worden de kwalen
van het volk namelijk nog vaak beschreven

389
00:23:07,650 --> 00:23:10,350
alsof het ziekten van één persoon zijn.

390
00:23:10,350 --> 00:23:15,690
Het onderwerp van de genezing van ziekte
komt later in Jesaja opnieuw ter sprake.

391
00:23:15,690 --> 00:23:19,110
Veel mensen die zich niet bewust
zijn van dit motief in Jesaja,

392
00:23:19,110 --> 00:23:24,030
hebben geconcludeerd dat Jesaja spreekt
over de lichamelijke genezing van

393
00:23:24,030 --> 00:23:26,370
individuele gelovigen van hun ziekten.

394
00:23:26,370 --> 00:23:29,070
Als je het motief echter
door het boek heen volgt,

395
00:23:29,070 --> 00:23:31,770
besef je dat het gaat om
het nationale herstel,

396
00:23:31,770 --> 00:23:34,350
om de genezing van de ziekte van het volk.

397
00:23:34,350 --> 00:23:38,250
Ik zal je dit laten zien, want het
werkt het beeld dat we in hoofdstuk 1

398
00:23:38,250 --> 00:23:39,930
aantreffen verder uit.

399
00:23:39,930 --> 00:23:44,130
Kijk je naar hoofdstuk 3, waarin het
oordeel en verschrikkelijke gebeurtenissen

400
00:23:44,130 --> 00:23:48,570
voor het volk worden beschreven,
dan staat er in vers 6 en 7:

401
00:23:48,570 --> 00:23:53,430
Ja, iemand zal zijn broer uit het huis
van zijn vader vastgrijpen met de woorden:

402
00:23:53,430 --> 00:23:59,070
Jij hebt nog een mantel, wees leider over
ons, en neem deze puinhoop onder je hoede.

403
00:23:59,070 --> 00:24:04,110
Dan zal hij op die dag zijn stem verheffen
en zeggen: Ik kan geen heelmeester zijn,

404
00:24:04,110 --> 00:24:07,290
en er is in mijn huis
geen brood en geen mantel;

405
00:24:07,290 --> 00:24:09,990
stel mij daarom niet aan
als leider van het volk.

406
00:24:09,990 --> 00:24:14,730
Wat hier wordt beschreven, is een situatie
waarin het volk er zo slecht aan toe is

407
00:24:14,730 --> 00:24:17,430
dat niemand
verantwoordelijkheid wil nemen.

408
00:24:17,430 --> 00:24:19,530
Niemand wil koning zijn.

409
00:24:19,530 --> 00:24:23,370
Wie het bestuur overneemt, krijgt
een enorm probleem op zijn bord,

410
00:24:23,370 --> 00:24:25,650
en de meeste mensen willen dat niet.

411
00:24:25,650 --> 00:24:28,770
Iedereen kijkt naar zijn
broer en zegt: ‘Luister,

412
00:24:28,770 --> 00:24:31,290
jij bent beter af dan de meesten van ons.

413
00:24:31,290 --> 00:24:33,210
Jij hebt tenminste kleren.

414
00:24:33,210 --> 00:24:35,730
De rest van ons loopt in lompen.

415
00:24:35,730 --> 00:24:37,650
Waarom word jij geen koning?

416
00:24:37,650 --> 00:24:40,890
Jij lijkt meer op een koning
dan ieder van ons hier,

417
00:24:40,890 --> 00:24:44,970
want wij lopen allemaal in
lompen en jij hebt kleren aan.’

418
00:24:44,970 --> 00:24:48,210
Het antwoord dat hij
krijgt, staat in vers 7:

419
00:24:48,210 --> 00:24:53,550
Op die dag zal hij protesteren en zeggen:
Ik kan jullie kwalen niet genezen.

420
00:24:53,550 --> 00:24:55,530
Eigenlijk zegt de King James:

421
00:24:55,530 --> 00:25:00,630
Ik zal jullie niet genezen, want ik
heb thuis geen eten en geen kleren.

422
00:25:00,630 --> 00:25:03,270
Maak mij niet de leider van dit volk.

423
00:25:03,270 --> 00:25:08,010
Merk op dat de heerser over het volk de
taak zou hebben de ziekte te genezen.

424
00:25:08,010 --> 00:25:11,790
Het is alsof het volk ziek
is en iemand arts moet zijn.

425
00:25:11,790 --> 00:25:14,910
In dit geval wordt deze man
hypothetisch voorgesteld

426
00:25:14,910 --> 00:25:18,870
als iemand die misschien de leiding op
zich zou kunnen nemen en de situatie

427
00:25:18,870 --> 00:25:20,430
zou kunnen herstellen.

428
00:25:20,430 --> 00:25:24,390
Hij zegt: „Ik ben geen
genezer. Ik ben geen arts.

429
00:25:24,390 --> 00:25:27,030
Ik kan jullie kwalen niet genezen.”

430
00:25:27,030 --> 00:25:31,110
Dit is de beeldspraak in
hoofdstuk 10, vers 18.

431
00:25:31,110 --> 00:25:35,790
Daar gaat het eigenlijk niet over
Israël, maar in dit geval over Assyrië.

432
00:25:35,790 --> 00:25:39,750
Hetzelfde beeld wordt voor
Assyrië gebruikt wanneer Assyrië

433
00:25:39,750 --> 00:25:42,510
onder het oordeel komt. Vers 18 zegt:

434
00:25:42,510 --> 00:25:47,190
Hij zal ook de luister van zijn wouden
en zijn vruchtbare velden vernietigen met

435
00:25:47,190 --> 00:25:48,690
alles wat daar leeft.

436
00:25:48,690 --> 00:25:52,050
En hij zal zijn als
een wegkwijnende zieke.

437
00:25:52,050 --> 00:25:56,370
In de gebruikte Engelse vertaling
staat hier het meervoud „they”,

438
00:25:56,370 --> 00:26:00,690
waarmee de Assyriërs worden
bedoeld; de HSV geeft dit weer met

439
00:26:00,690 --> 00:26:02,850
het enkelvoud „hij”.

440
00:26:02,850 --> 00:26:08,010
Het volk wordt als geheel gezien
als één man die ziek is. Waarom?

441
00:26:08,010 --> 00:26:12,090
Omdat hij onder het oordeel
van God staat. Hij lijdt.

442
00:26:12,090 --> 00:26:16,710
Het is een nationale ramp die wordt
beschreven alsof het een ziekte is.

443
00:26:16,710 --> 00:26:21,990
En het is een ramp die over hen komt
doordat zij op slechte voet met God staan,

444
00:26:21,990 --> 00:26:24,810
doordat zij van God vervreemd zijn.

445
00:26:24,810 --> 00:26:30,150
Het idee dat God de afvalligheid van
mensen geneest, is te vinden in Jesaja,

446
00:26:30,150 --> 00:26:32,370
Jeremia en Hosea.

447
00:26:32,370 --> 00:26:39,150
In Jesaja 57:17–18 gaat het er
bijvoorbeeld over dat het volk

448
00:26:39,150 --> 00:26:42,210
Juda van God is afgevallen. Hij zegt:

449
00:26:42,210 --> 00:26:46,470
Ik was zeer toornig over de
ongerechtigheid van hun winstbejag,

450
00:26:46,470 --> 00:26:50,910
Ik sloeg het volk , Ik verborg
Mij en was zeer toornig.

451
00:26:50,910 --> 00:26:53,970
Maar het ging afkerig verder
op de weg van zijn hart.

452
00:26:53,970 --> 00:26:57,210
Ik heb zijn wegen gezien,
Ik zal hem genezen,

453
00:26:57,210 --> 00:27:01,950
Ik zal hem leiden en hem vertroosting
bieden, namelijk zijn treurenden.

454
00:27:01,950 --> 00:27:03,390
Dus dit idee:

455
00:27:03,390 --> 00:27:05,130
Ik zal hem genezen.

456
00:27:05,130 --> 00:27:07,110
Waarvan zal Hij hem genezen?

457
00:27:07,110 --> 00:27:08,730
Van zijn afvalligheid.

458
00:27:08,730 --> 00:27:12,690
Met andere woorden, de
relatie met God is verbroken.

459
00:27:12,690 --> 00:27:14,970
Zij zijn van God vervreemd.

460
00:27:14,970 --> 00:27:20,250
Zij zijn van God afgevallen, en dit
heeft geleid tot het oordeel van God.

461
00:27:20,250 --> 00:27:22,050
Zij moeten genezen worden.

462
00:27:22,050 --> 00:27:25,890
De genezing die moet plaatsvinden,
betreft hun relatie met God.

463
00:27:25,890 --> 00:27:30,210
Je zou bijvoorbeeld naar een
parallel hiervan in Jeremia 3:22

464
00:27:30,210 --> 00:27:34,050
kunnen kijken om te zien dat
deze beelden ook door andere

465
00:27:34,050 --> 00:27:36,030
profeten worden overgenomen.

466
00:27:36,030 --> 00:27:38,910
Jeremia 3:22 zegt:

467
00:27:38,910 --> 00:27:44,370
Keer terug, afkerige kinderen, Ik
zal u van uw afdwalingen genezen.

468
00:27:44,370 --> 00:27:46,350
Zie, hier zijn wij.

469
00:27:46,350 --> 00:27:50,790
Wij komen tot U, want U
bent de HEERE, onze God.

470
00:27:50,790 --> 00:27:53,250
De beeldspraak van het
genezen van een ziekte

471
00:27:53,250 --> 00:27:56,610
gaat in werkelijkheid over
het genezen van een relatie.

472
00:27:56,610 --> 00:28:00,570
De ziekte is de vervreemding
van God en de gevolgen daarvan.

473
00:28:00,570 --> 00:28:03,090
De relatie met God moet genezen worden.

474
00:28:03,090 --> 00:28:07,350
De bewoordingen lijken op de
genezing van één individuele man,

475
00:28:07,350 --> 00:28:11,250
maar wat hier bedoeld wordt, is het
geestelijke herstel van een volk.

476
00:28:11,250 --> 00:28:14,790
Jeremia hoofdstuk 30 bevat nog
een voorbeeld van hetzelfde.

477
00:28:14,790 --> 00:28:17,430
Jeremia 30:17 zegt:

478
00:28:17,430 --> 00:28:22,830
Ja, Ik zal uw herstel bevorderen, u van
uw wonden genezen, spreekt de HEERE,

479
00:28:22,830 --> 00:28:28,290
al noemen ze u: Verdrevene, het
is Sion, niemand vraagt naar haar.

480
00:28:28,290 --> 00:28:30,810
Denk eraan dat in Jesaja hoofdstuk 1

481
00:28:30,810 --> 00:28:33,330
niemand de wonden van
het volk had verbonden,

482
00:28:33,330 --> 00:28:36,150
die etterden en open zweren waren.

483
00:28:36,150 --> 00:28:38,490
God zegt: „Ik zal dat doen.

484
00:28:38,490 --> 00:28:40,590
Ik zal jullie wonden verbinden.

485
00:28:40,590 --> 00:28:42,510
Ik zal jullie genezen.”

486
00:28:42,510 --> 00:28:46,650
Het is dezelfde beeldspraak in
Jeremia, in andere omstandigheden,

487
00:28:46,650 --> 00:28:50,370
maar het zijn dezelfde beelden
die we in Jesaja aantreffen.

488
00:28:50,370 --> 00:28:54,930
Waar dit voor ons in de christelijke
theologie natuurlijk betekenisvol wordt,

489
00:28:54,930 --> 00:28:58,710
is wanneer we bij Jesaja
hoofdstuk 53 komen.

490
00:28:58,710 --> 00:29:02,490
Daar wordt de taal van genezing
gebruikt en die wordt naar mijn mening

491
00:29:02,490 --> 00:29:04,650
heel vaak verkeerd begrepen.

492
00:29:04,650 --> 00:29:09,270
Jesaja 53:4–5 gaat
natuurlijk over Christus.

493
00:29:09,270 --> 00:29:12,870
Ik zeg „natuurlijk” omdat
wij als christenen dat

494
00:29:12,870 --> 00:29:15,150
als vanzelfsprekend beschouwen.

495
00:29:15,150 --> 00:29:18,750
De Joden zouden dat niet
zeggen, maar wij zeggen het wel.

496
00:29:18,750 --> 00:29:23,790
Ik ben ervan overtuigd dat er geen reden
is om te ontkennen dat dit hoofdstuk een

497
00:29:23,790 --> 00:29:27,570
beschrijving is van Jezus
Christus, de Messias.

498
00:29:27,570 --> 00:29:30,570
Over Hem wordt in vers 4 gezegd:

499
00:29:30,570 --> 00:29:37,230
Voorwaar, onze ziekten heeft Híj op Zich
genomen, onze smarten heeft Hij gedragen.

500
00:29:37,230 --> 00:29:42,390
Wíj hielden Hem echter voor een
geplaagde, door God geslagen en verdrukt.

501
00:29:42,390 --> 00:29:47,130
Nu kunnen de woorden die met „verdriet”
en „smarten” worden weergegeven,

502
00:29:47,130 --> 00:29:51,750
vanuit het Hebreeuws ook vertaald
worden als „ziekten” en „pijnen”.

503
00:29:51,750 --> 00:29:55,350
Dit vers wordt in het Nieuwe
Testament zelfs aangehaald,

504
00:29:55,350 --> 00:29:59,730
en de Griekse woorden die in het citaat
in het Nieuwe Testament worden gebruikt,

505
00:29:59,730 --> 00:30:02,970
zijn „sicknesses” en „pains”.

506
00:30:02,970 --> 00:30:06,030
De Hebreeuwse woorden
kunnen dat ook betekenen.

507
00:30:06,030 --> 00:30:10,050
Dit gaat over ziekte en pijn. Er staat:

508
00:30:10,050 --> 00:30:14,010
Hij heeft onze ziekten gedragen
en onze pijn op zich genomen,

509
00:30:14,010 --> 00:30:19,350
maar wij dachten dat Hij geslagen,
door God getroffen en gekweld werd.

510
00:30:19,350 --> 00:30:24,330
Wij waren degenen die pijn hadden en
ziek waren doordat wij geslagen waren,

511
00:30:24,330 --> 00:30:27,510
maar wij zien Hem als
Degene Die geslagen is.

512
00:30:27,510 --> 00:30:31,230
Hij is Degene Die in onze
plaats gekruisigd wordt.

513
00:30:31,230 --> 00:30:32,850
In vers 5 staat:

514
00:30:32,850 --> 00:30:38,370
Maar Hij is om onze overtredingen verwond,
om onze ongerechtigheden verbrijzeld.

515
00:30:38,370 --> 00:30:41,730
De straf die ons de vrede
aanbrengt, was op Hem,

516
00:30:41,730 --> 00:30:44,790
en door Zijn striemen is er
voor ons genezing gekomen.

517
00:30:44,790 --> 00:30:49,290
Nu wordt deze laatste uitspraak in
populaire prediking en onderwijs vaak uit

518
00:30:49,290 --> 00:30:50,790
haar verband gehaald.

519
00:30:50,790 --> 00:30:56,910
Dan zegt men: „Nou, je ziet het daar:
Jezus werd vóór Zijn kruisiging gegeseld.

520
00:30:56,910 --> 00:31:00,810
De striemen die Hem toen bij de
geselpaal op Zijn rug werden toegebracht,

521
00:31:00,810 --> 00:31:02,970
hebben onze genezing verworven.

522
00:31:02,970 --> 00:31:07,170
Net zoals Jezus aan het kruis de
vergeving van onze zonden verwierf,

523
00:31:07,170 --> 00:31:10,470
zo hebben de striemen die Hem bij
de geselpaal werden toegebracht

524
00:31:10,470 --> 00:31:12,990
onze genezing van ziekte verworven.”

525
00:31:12,990 --> 00:31:15,510
Dit is een buitengewoon gangbare leer,

526
00:31:15,510 --> 00:31:18,750
vooral onder pinkstergelovigen
en vooral binnen de

527
00:31:18,750 --> 00:31:21,570
Woord-van-Geloofstroming
in de pinksterbeweging,

528
00:31:21,570 --> 00:31:25,350
maar zelfs onder mensen die
geen pinkstergelovigen zijn.

529
00:31:25,350 --> 00:31:30,850
Mensen als Andrew Murray, die anglicaan
was, leerden dat Jezus, toen Hij stierf —

530
00:31:30,850 --> 00:31:35,970
of eigenlijk toen Hij gegeseld werd —
de genezing van onze ziekten verwierf.

531
00:31:35,970 --> 00:31:39,690
Het zijn dus niet uitsluitend
charismatische en pinkstergelovige mensen

532
00:31:39,690 --> 00:31:41,070
die dit geloven.

533
00:31:41,070 --> 00:31:45,930
Maar vooral in die kringen wordt dit
onderwezen, want wat zij in wezen zeggen,

534
00:31:45,930 --> 00:31:49,350
is: „Je hebt geen reden om ziek te zijn.

535
00:31:49,350 --> 00:31:53,550
Jezus heeft jouw genezing verworven,
net zoals Hij de vergeving van je

536
00:31:53,550 --> 00:31:55,230
zonden heeft verworven.

537
00:31:55,230 --> 00:32:00,750
Er is net zo min reden waarom je ziek zou
zijn als waarom je niet vergeven zou zijn.

538
00:32:00,750 --> 00:32:04,110
Jezus heeft beide zaken in
de verzoening geregeld.”

539
00:32:04,110 --> 00:32:09,510
Dit is de leer van genezing in de
verzoening, en die berust op dit ene vers.

540
00:32:09,510 --> 00:32:12,810
Nou ja, op dit vers en het voorgaande:

541
00:32:12,810 --> 00:32:16,710
dat Hij onze ziekten heeft gedragen
en onze pijnen op Zich heeft genomen.

542
00:32:16,710 --> 00:32:21,390
Ze zeggen: “Als Hij ze heeft gedragen,
hoeven wij ze niet te dragen,

543
00:32:21,390 --> 00:32:24,270
net zoals Hij onze zonden
heeft gedragen, toch?”

544
00:32:24,270 --> 00:32:27,750
Dat klinkt heel overtuigend als dat de
enige verzen zijn die je in het boek

545
00:32:27,750 --> 00:32:31,230
Jesaja bekijkt, en als je niet leest
hoe de schrijvers van het Nieuwe

546
00:32:31,230 --> 00:32:33,090
Testament ze aanhalen.

547
00:32:33,090 --> 00:32:36,870
Beide verzen worden afzonderlijk
in het Nieuwe Testament aangehaald.

548
00:32:36,870 --> 00:32:43,110
Vers 4 van Jesaja 53 wordt door
Mattheüs aangehaald in Mattheüs 8:17,

549
00:32:43,110 --> 00:32:46,590
en vers 5 wordt aangehaald in 1 Petrus 2.

550
00:32:46,590 --> 00:32:48,030
Waar gaat dit over?

551
00:32:48,030 --> 00:32:52,650
We zien in het boek Jesaja een rode
draad die vanaf hoofdstuk 1 doorloopt.

552
00:32:52,650 --> 00:32:55,410
Het volk is ziek. Niemand geneest het.

553
00:32:55,410 --> 00:32:57,390
Niemand verzorgt de wonden.

554
00:32:57,390 --> 00:32:59,490
Het volk moet genezen worden.

555
00:32:59,490 --> 00:33:01,410
Wat moet er genezen worden?

556
00:33:01,410 --> 00:33:03,630
Ze moeten tot God hersteld worden.

557
00:33:03,630 --> 00:33:06,090
Hun afvalligheid moet genezen worden.

558
00:33:06,090 --> 00:33:11,190
Ze moeten de relatie herstellen die ze met
God verbroken hebben. Dat is hun probleem.

559
00:33:11,190 --> 00:33:12,810
Dat is hun ziekte.

560
00:33:12,810 --> 00:33:15,270
Wanneer er over de Messias wordt gezegd:

561
00:33:15,270 --> 00:33:17,910
Door Zijn striemen zijn wij genezen.

562
00:33:17,910 --> 00:33:20,850
dan zou dat binnen de
algemene context van Jesaja

563
00:33:20,850 --> 00:33:24,510
erop wijzen dat het gaat over
het herstel van mensen tot God.

564
00:33:24,510 --> 00:33:29,370
Het gaat niet over mijn griep die genezen
wordt of mijn kanker die genezen wordt.

565
00:33:29,370 --> 00:33:33,810
Het gaat erom dat het volk van
God, dat van God vervreemd is,

566
00:33:33,810 --> 00:33:35,730
tot God wordt hersteld.

567
00:33:35,730 --> 00:33:37,590
Dat is de genezing.

568
00:33:37,590 --> 00:33:40,710
Is er, afgezien van de
brede context van het boek,

569
00:33:40,710 --> 00:33:46,050
in de passage zelf enige reden om
te geloven dat dit zo is? Die is er.

570
00:33:46,050 --> 00:33:50,550
Het belangrijkste kenmerk van Hebreeuwse
poëzie is dat dezelfde gedachte

571
00:33:50,550 --> 00:33:51,990
tweemaal wordt herhaald.

572
00:33:51,990 --> 00:33:57,030
Soms vaker dan tweemaal, maar
altijd minstens tweemaal.

573
00:33:57,030 --> 00:34:00,150
Dat zien we in dit poëtische gedeelte.

574
00:34:00,150 --> 00:34:02,610
Aan de manier waarop
de tekst is opgemaakt,

575
00:34:02,610 --> 00:34:07,470
kun je zien dat dit deel uitmaakt
van Jesaja’s poëtische geschriften.

576
00:34:07,470 --> 00:34:10,410
Er zijn versparen, parallellisme.

577
00:34:10,410 --> 00:34:13,230
Let erop dat de uitspraak in vers 5:

578
00:34:13,230 --> 00:34:16,590
Hij werd verwond vanwege
onze overtredingen.

579
00:34:16,590 --> 00:34:19,770
inhoudelijk hetzelfde is
als de volgende regel:

580
00:34:19,770 --> 00:34:23,430
Hij werd verbrijzeld
vanwege onze wandaden.

581
00:34:23,430 --> 00:34:27,690
Gewond en verbrijzeld,
overtredingen en ongerechtigheden,

582
00:34:27,690 --> 00:34:30,150
zijn in wezen parallelle begrippen.

583
00:34:30,150 --> 00:34:33,210
De twee uitspraken
betekenen precies hetzelfde,

584
00:34:33,210 --> 00:34:36,030
op de kenmerkende Joodse poëtische manier,

585
00:34:36,030 --> 00:34:39,870
omdat dit het Hebreeuwse
oor esthetisch aanspreekt.

586
00:34:39,870 --> 00:34:43,470
Ze zeggen tweemaal hetzelfde,
maar op verschillende manieren.

587
00:34:43,470 --> 00:34:45,810
Hij zegt tweemaal hetzelfde:

588
00:34:45,810 --> 00:34:51,330
Maar Hij is om onze overtredingen verwond,
om onze ongerechtigheden verbrijzeld.

589
00:34:51,330 --> 00:34:54,450
De straf die ons de vrede
aanbrengt, was op Hem,

590
00:34:54,450 --> 00:34:57,810
en door Zijn striemen is er
voor ons genezing gekomen.

591
00:34:57,810 --> 00:35:00,150
Dan zegt hij nog iets twee keer.

592
00:35:00,150 --> 00:35:04,710
Hij zegt dat kastijding tuchtiging
betekent en meestal de vorm

593
00:35:04,710 --> 00:35:06,630
aannam van een aframmeling.

594
00:35:06,630 --> 00:35:10,290
Een opstandig kind of een
opstandige dienaar kreeg doorgaans

595
00:35:10,290 --> 00:35:12,390
slaag, werd gekastijd.

596
00:35:12,390 --> 00:35:16,470
Waarmee loopt kastijding
parallel? Met striemen.

597
00:35:16,470 --> 00:35:20,790
Een slaaf die opstandig is en
gekastijd wordt, krijgt striemen.

598
00:35:20,790 --> 00:35:23,130
Waarmee loopt genezen parallel?

599
00:35:23,130 --> 00:35:25,110
Met onze vrede met God.

600
00:35:25,110 --> 00:35:28,710
Wat genezen wordt, is
onze relatie met God.

601
00:35:28,710 --> 00:35:30,810
We hadden geen vrede met God.

602
00:35:30,810 --> 00:35:33,090
We lagen overhoop met God.

603
00:35:33,090 --> 00:35:37,590
Nu hebben we vrede met God doordat
Hij in onze plaats geslagen is.

604
00:35:37,590 --> 00:35:42,090
Door Zijn lijden worden we hersteld
tot een vreedzame relatie met God.

605
00:35:42,090 --> 00:35:43,590
Er is verzoening.

606
00:35:43,590 --> 00:35:45,570
Dat is wat genezen wordt.

607
00:35:45,570 --> 00:35:49,530
Voor het geval we het nog niet zeker
wisten op grond van de brede context van

608
00:35:49,530 --> 00:35:54,750
Jesaja, of zelfs op grond van de
directe context van de regel in vers 5,

609
00:35:54,750 --> 00:35:58,350
kunnen we zien hoe het Nieuwe
Testament het vers aanhaalt.

610
00:35:58,350 --> 00:36:01,350
Dat doet Petrus in 1 Petrus 2.

611
00:36:01,350 --> 00:36:06,810
In 1 Petrus 2:24–25 zegt Petrus:

612
00:36:06,810 --> 00:36:11,850
Die Zelf onze zonden in Zijn lichaam
gedragen heeft op het hout, opdat wij,

613
00:36:11,850 --> 00:36:15,450
voor de zonden dood, voor de
gerechtigheid zouden leven.

614
00:36:15,450 --> 00:36:18,030
Door Zijn striemen bent u genezen.

615
00:36:18,030 --> 00:36:23,370
Want u was als dwalende schapen; maar u
bent nu bekeerd tot de Herder en Opziener

616
00:36:23,370 --> 00:36:24,510
van uw zielen.

617
00:36:24,510 --> 00:36:26,130
Maar hij gaat verder:

618
00:36:26,130 --> 00:36:27,090
Want.

619
00:36:27,090 --> 00:36:29,071
— wat ‘omdat’ betekent —

620
00:36:29,071 --> 00:36:30,210
Hij zegt:

621
00:36:30,210 --> 00:36:31,770
Je bent genezen.

622
00:36:31,770 --> 00:36:33,270
Wat bedoel ik daarmee?

623
00:36:33,270 --> 00:36:38,610
Ik bedoel dat je van God afdwaalde
en nu tot God bent teruggekeerd.

624
00:36:38,610 --> 00:36:40,590
Dat is wat genezen wordt.

625
00:36:40,590 --> 00:36:45,150
Let erop dat hij, wanneer hij spreekt over
wat bij het kruis op Jezus werd gelegd,

626
00:36:45,150 --> 00:36:47,250
zegt: “Onze zonden.”

627
00:36:47,250 --> 00:36:50,010
Hij droeg onze zonden
in Zijn eigen lichaam,

628
00:36:50,010 --> 00:36:52,830
zodat wij aan de zonde
gestorven zouden zijn

629
00:36:52,830 --> 00:36:55,110
en voor de gerechtigheid zouden leven.

630
00:36:55,110 --> 00:36:59,910
Hij zegt niet: “En onze ziekten, zodat
we een gezond leven zouden leiden.”

631
00:36:59,910 --> 00:37:03,390
Hij zegt dat God onze zonden
op Christus heeft gelegd.

632
00:37:03,390 --> 00:37:08,190
Hij heeft onze zonden weggenomen en ons de
opdracht gegeven een rechtvaardig leven te

633
00:37:08,190 --> 00:37:13,110
leiden, anders dan voorheen, omdat
we van die afvalligheid genezen zijn.

634
00:37:13,110 --> 00:37:15,510
We zijn genezen van dat afdwalen.

635
00:37:15,510 --> 00:37:18,090
We waren als schapen die afdwaalden.

636
00:37:18,090 --> 00:37:19,650
Nu zijn we teruggekeerd.

637
00:37:19,650 --> 00:37:21,270
Dat is genezen worden.

638
00:37:21,270 --> 00:37:23,370
Met andere woorden, de woorden:

639
00:37:23,370 --> 00:37:29,670
Maar Hij is om onze overtredingen verwond,
om onze ongerechtigheden verbrijzeld.

640
00:37:29,670 --> 00:37:33,090
De straf die ons de vrede
aanbrengt, was op Hem,

641
00:37:33,090 --> 00:37:36,930
en door Zijn striemen is er
voor ons genezing gekomen.

642
00:37:36,930 --> 00:37:42,810
verwijzen in feite naar de genezing van
een relatie, de genezing van vervreemding,

643
00:37:42,810 --> 00:37:44,970
een verzoening met God.

644
00:37:44,970 --> 00:37:48,570
Dat geldt of je ze nu
rechtstreeks uit Jesaja neemt

645
00:37:48,570 --> 00:37:51,450
of uit het citaat in het Nieuwe Testament.

646
00:37:51,450 --> 00:37:53,670
Het is iets geestelijks.

647
00:37:53,670 --> 00:37:58,170
Het vloeit voort uit de manier waarop
Jesaja het volk al vroeg aanduidt als een

648
00:37:58,170 --> 00:38:02,430
zieke die genezing nodig heeft,
die medische zorg nodig heeft.

649
00:38:02,430 --> 00:38:09,150
Als je Jesaja 61:1 en de volgende
verzen bekijkt, staat daar het volgende.

650
00:38:09,150 --> 00:38:13,290
Dit vers werd trouwens door
Jezus aangehaald in Lukas 4,

651
00:38:13,290 --> 00:38:17,490
toen Hij in de synagoge van Zijn
geboorteplaats Nazareth predikte.

652
00:38:17,490 --> 00:38:21,270
Hij haalde vers 1 en
een deel van vers 2 aan.

653
00:38:21,270 --> 00:38:23,670
Toen sloot Hij het boek en zei:

654
00:38:23,670 --> 00:38:28,710
Hij begon tegen hen te zeggen:
Heden is deze Schrift in uw oren

655
00:38:28,710 --> 00:38:30,330
in vervulling gegaan.

656
00:38:30,330 --> 00:38:35,250
Met andere woorden, Jezus vervulde
deze Schrift tijdens Zijn bediening.

657
00:38:35,250 --> 00:38:38,790
En Hij zegt: “Dit is wat
er in de Schrift staat:”

658
00:38:38,790 --> 00:38:41,430
De Geest van de Heere HEERE is op Mij,

659
00:38:41,430 --> 00:38:45,510
omdat de HEERE Mij gezalfd heeft
om een blijde boodschap te brengen

660
00:38:45,510 --> 00:38:47,190
aan de zachtmoedigen.

661
00:38:47,190 --> 00:38:51,210
Hij heeft Mij gezonden om te
verbinden de gebrokenen van hart,

662
00:38:51,210 --> 00:38:55,950
om voor de gevangenen vrijlating uit
te roepen en voor wie gebonden zaten,

663
00:38:55,950 --> 00:38:58,050
opening van de gevangenis;

664
00:38:58,050 --> 00:38:59,910
Schrift in Zijn bediening.

665
00:38:59,910 --> 00:39:06,090
En Hij zegt: ‘Dit is wat de Schrift zegt:
De Geest van de Heere HEERE is op Mij,

666
00:39:06,090 --> 00:39:09,870
omdat de HEERE Mij gezalfd
heeft.’ Om wat te doen?

667
00:39:09,870 --> 00:39:13,110
‘Om een blijde boodschap te
brengen aan de zachtmoedigen.

668
00:39:13,110 --> 00:39:16,350
Hij heeft Mij gezonden
om te verbinden’ — wie?

669
00:39:16,350 --> 00:39:19,770
— ‘de gebrokenen van hart’,
een geestelijke toestand,

670
00:39:19,770 --> 00:39:23,970
‘om voor de gevangenen vrijlating
uit te roepen’, enzovoort.

671
00:39:23,970 --> 00:39:26,490
Jezus werd gezonden om te genezen.

672
00:39:26,490 --> 00:39:30,450
Er staat niet dat Hij kankerpatiënten
en melaatsen moest genezen.

673
00:39:30,450 --> 00:39:34,230
Hij werd gezonden om mensen met
een gebroken hart te genezen,

674
00:39:34,230 --> 00:39:39,030
mensen die door hun vervreemding van God
een geestelijke hartaandoening hebben die

675
00:39:39,030 --> 00:39:40,590
genezen moet worden.

676
00:39:40,590 --> 00:39:44,370
Eigenlijk betekent het woord
‘genezen’ hier ‘verbinden’.

677
00:39:44,370 --> 00:39:48,690
Je herinnert je dat het volk in hoofdstuk
1 deze wonden had en dat niemand

678
00:39:48,690 --> 00:39:50,190
ze had verbonden.

679
00:39:50,190 --> 00:39:53,910
Verbinden betekent medische
zorg geven aan de wonden.

680
00:39:53,910 --> 00:39:57,750
Jezus zei dus: ‘God heeft
Mij gezonden om deze

681
00:39:57,750 --> 00:40:00,990
wonden van mensen met een
gebroken hart te verbinden.’

682
00:40:00,990 --> 00:40:05,430
Met andere woorden, dit
genezingsmotief in Jesaja gaat altijd

683
00:40:05,430 --> 00:40:07,470
over geestelijk herstel.

684
00:40:07,470 --> 00:40:11,250
We weten heel goed dat
Jezus ook ziekten genas.

685
00:40:11,250 --> 00:40:14,610
Jesaja 53:4 zegt zelfs:

686
00:40:14,610 --> 00:40:21,030
Voorwaar, onze ziekten heeft Híj op Zich
genomen, onze smarten heeft Hij gedragen.

687
00:40:21,030 --> 00:40:26,010
Wíj hielden Hem echter voor een
geplaagde, door God geslagen en verdrukt.

688
00:40:26,010 --> 00:40:27,870
en dit wordt in het Nieuwe Testament

689
00:40:27,870 --> 00:40:31,950
aangehaald met betrekking tot
lichamelijke genezing van ziekte.

690
00:40:31,950 --> 00:40:37,350
We hebben naar Jesaja 53:5 gekeken
en gezien dat die tekst in het Nieuwe

691
00:40:37,350 --> 00:40:41,370
Testament wordt gebruikt om over
geestelijk herstel te spreken.

692
00:40:41,370 --> 00:40:47,190
Maar Jesaja 53:4 wordt in
Mattheüs 8:17 aangehaald.

693
00:40:47,190 --> 00:40:48,570
In welke context?

694
00:40:48,570 --> 00:40:53,130
Jezus geneest in Kapernaüm
iedere zieke in de omgeving,

695
00:40:53,130 --> 00:40:57,930
opdat vervuld werd wat gesproken was
door de profeet Jesaja toen hij zei:

696
00:40:57,930 --> 00:41:02,790
Hij heeft onze zwakheden op Zich
genomen, en onze ziekten gedragen.

697
00:41:02,790 --> 00:41:09,090
Met andere woorden, Jesaja 53:4 wordt
in het Nieuwe Testament behandeld

698
00:41:09,090 --> 00:41:14,910
alsof die tekst inderdaad over de genezing
van lichamelijke ziekte gaat. Maar waar?

699
00:41:14,910 --> 00:41:16,410
Niet aan het kruis.

700
00:41:16,410 --> 00:41:18,270
Niet aan de geselpaal.

701
00:41:18,270 --> 00:41:24,270
Het gebeurde jaren eerder, toen Jezus
in Kapernaüm diende en mensen genas.

702
00:41:24,270 --> 00:41:30,030
Dat was de vervulling van Jesaja 53:4,
niet wat er gebeurde toen Hij bij de

703
00:41:30,030 --> 00:41:32,070
geselpaal werd geslagen.

704
00:41:32,070 --> 00:41:35,730
Wat hier wordt gezegd, is
dat Jezus op individuele

705
00:41:35,730 --> 00:41:39,390
basis inderdaad de
zondelast van mensen wegnam.

706
00:41:39,390 --> 00:41:43,770
Het Hebreeuwse woord dat in de
gebruikte Engelse vertaling met

707
00:41:43,770 --> 00:41:48,930
‘carried’ en in de HSV met
‘gedragen’ wordt weergegeven,

708
00:41:48,930 --> 00:41:51,630
kan ook ‘optillen’ betekenen.

709
00:41:51,630 --> 00:41:57,510
Mensen gingen gebukt onder zonde, een
bloedvloeiing die niet genas, melaatsheid,

710
00:41:57,510 --> 00:42:00,810
blindheid of een verkromming
van de ruggengraat.

711
00:42:00,810 --> 00:42:04,950
Niemand anders kon hen
genezen, maar Jezus genas hen.

712
00:42:04,950 --> 00:42:06,750
Hij nam hun last weg.

713
00:42:06,750 --> 00:42:09,150
Hij tilde die ziekten van hen af.

714
00:42:09,150 --> 00:42:12,870
Ja, dat deed Hij, en dat is een
verwijzing naar de genezing van

715
00:42:12,870 --> 00:42:15,330
ziekte, lichamelijke ziekte.

716
00:42:15,330 --> 00:42:18,990
Maar wat we moeten begrijpen, is
dat de wonderen van Jezus naar

717
00:42:18,990 --> 00:42:22,770
mijn mening door de gemiddelde
christen heel slecht worden begrepen.

718
00:42:22,770 --> 00:42:26,130
De meeste mensen denken dat
Jezus’ genezingsbediening

719
00:42:26,130 --> 00:42:30,090
en de verschillende wonderen er alleen
maar waren om te laten zien dat Hij

720
00:42:30,090 --> 00:42:34,110
bovennatuurlijk was, alleen
om indruk op mensen te maken,

721
00:42:34,110 --> 00:42:39,090
alleen om mensen versteld te doen
staan en hen te laten zeggen: ‘Wauw,

722
00:42:39,090 --> 00:42:40,830
Hij moet wel God zijn.’

723
00:42:40,830 --> 00:42:45,150
Nee, Zijn wonderen getuigden op een
lichamelijke manier van iets wat

724
00:42:45,150 --> 00:42:46,650
geestelijk waar was.

725
00:42:46,650 --> 00:42:50,250
Toen bijvoorbeeld de verlamde man door
zijn vrienden door het dak naar Hem toe

726
00:42:50,250 --> 00:42:52,710
werd neergelaten, zei Jezus:

727
00:42:52,710 --> 00:42:57,630
En toen Jezus hun geloof zag,
zei Hij tegen de verlamde: Zoon,

728
00:42:57,630 --> 00:42:59,610
uw zonden zijn u vergeven.

729
00:42:59,610 --> 00:43:04,290
En iemand zei: ‘U kunt geen
zonden vergeven. U bent God niet.’

730
00:43:04,290 --> 00:43:06,570
Daarop stelde Hij de volgende vraag:

731
00:43:06,570 --> 00:43:11,730
Wat is gemakkelijker, tegen de verlamde
te zeggen: De zonden zijn u vergeven,

732
00:43:11,730 --> 00:43:16,470
of te zeggen: Sta op, neem
uw ligmat op en ga lopen?

733
00:43:16,470 --> 00:43:20,730
Maar opdat u zult weten dat de Zoon des
mensen macht heeft op de aarde zonden te

734
00:43:20,730 --> 00:43:25,770
vergeven (zei Hij tegen de
verlamde): Ik zeg u: Sta op,

735
00:43:25,770 --> 00:43:28,890
neem uw ligmat op en ga naar uw huis.

736
00:43:28,890 --> 00:43:32,970
‘Maar zodat jullie weten dat de Zoon des
mensen op aarde gezag heeft om zonden te

737
00:43:32,970 --> 00:43:35,550
vergeven, ga Ik hem genezen.’

738
00:43:35,550 --> 00:43:40,230
Met andere woorden, de genezing van deze
man liet zien dat Jezus niet alleen het

739
00:43:40,230 --> 00:43:43,230
gezag had om zijn lichamelijke
aandoening te genezen,

740
00:43:43,230 --> 00:43:45,930
maar ook om hem geestelijk te genezen.

741
00:43:45,930 --> 00:43:49,350
We zien bijvoorbeeld dat dit
in het Evangelie van Johannes

742
00:43:49,350 --> 00:43:51,210
werkelijk wordt onderstreept.

743
00:43:51,210 --> 00:43:56,130
Johannes vermeldt in zijn Evangelie
maar enkele wonderen van Jezus, zeven,

744
00:43:56,130 --> 00:43:58,590
geloof ik, afgezien van de opstanding.

745
00:43:58,590 --> 00:44:02,610
Johannes brengt deze wonderen in
verband met geestelijke zaken.

746
00:44:02,610 --> 00:44:05,130
Hij vermeldt bijvoorbeeld dat Jezus zegt:

747
00:44:05,130 --> 00:44:11,550
Jezus dan sprak opnieuw tot hen en zei: Ik
ben het Licht der wereld; wie Mij volgt,

748
00:44:11,550 --> 00:44:14,250
zal beslist niet in de
duisternis wandelen,

749
00:44:14,250 --> 00:44:16,170
maar zal het licht van het leven hebben.

750
00:44:16,170 --> 00:44:20,070
en daarna vermeldt hij dat Hij
de ogen van een blinde man opent,

751
00:44:20,070 --> 00:44:23,790
als illustratie van het feit
dat Hij de man licht geeft.

752
00:44:23,790 --> 00:44:26,730
Het licht van de wereld is
natuurlijk iets geestelijks,

753
00:44:26,730 --> 00:44:29,790
maar Hij geneest
lichamelijk een blinde man

754
00:44:29,790 --> 00:44:32,730
om de geestelijke
werkelijkheid te illustreren.

755
00:44:32,730 --> 00:44:33,810
Hij zegt:

756
00:44:33,810 --> 00:44:38,310
Ik ben de ware Wijnstok en Mijn
Vader is de Wijngaardenier.

757
00:44:38,310 --> 00:44:43,290
en daarom verandert Hij water in
wijn, zoals wijnstokken dat doen.

758
00:44:43,290 --> 00:44:46,290
Hij verandert lichamelijk water in wijn.

759
00:44:46,290 --> 00:44:50,010
Maar de ware Wijnstok en het
dragen van vrucht gaan niet

760
00:44:50,010 --> 00:44:52,110
over lichamelijke druiven.

761
00:44:52,110 --> 00:44:54,450
Ze gaan over geestelijke zaken.

762
00:44:54,450 --> 00:44:55,830
Jezus zegt:

763
00:44:55,830 --> 00:45:01,590
Jezus zei tegen haar: Ik ben de Opstanding
en het Leven; wie in Mij gelooft,

764
00:45:01,590 --> 00:45:04,290
zal leven, ook al was hij gestorven,

765
00:45:04,290 --> 00:45:06,150
wat iets geestelijks is.

766
00:45:06,150 --> 00:45:12,390
en ieder die leeft en in Mij gelooft, zal
niet sterven in eeuwigheid. Gelooft u dat?

767
00:45:12,390 --> 00:45:16,590
Vervolgens wekt Hij een man uit
de dood op om dat te illustreren.

768
00:45:16,590 --> 00:45:19,230
Hij wekte niet iedereen uit de dood op.

769
00:45:19,230 --> 00:45:24,510
Hij wekte één man uit de dood op om
deze uitspraak van Hem te illustreren.

770
00:45:24,510 --> 00:45:25,830
Jezus zegt:

771
00:45:25,830 --> 00:45:31,110
En Jezus zei tegen hen: Ik ben het
Brood des levens; wie tot Mij komt,

772
00:45:31,110 --> 00:45:36,450
zal beslist geen honger hebben, en wie in
Mij gelooft, zal nooit meer dorst hebben.

773
00:45:36,450 --> 00:45:40,950
en vervolgens vermenigvuldigt Hij
broden en geeft Hij de mensen te eten.

774
00:45:40,950 --> 00:45:44,850
Wat we zien, is dat de wonderen
van Jezus geen willekeurige

775
00:45:44,850 --> 00:45:46,530
daden van goedheid waren.

776
00:45:46,530 --> 00:45:51,930
Het waren specifieke, doelgerichte
daden van wonderbaarlijke kracht.

777
00:45:51,930 --> 00:45:55,350
Ze lieten op wonderbaarlijke
wijze in de lichamelijke sfeer

778
00:45:55,350 --> 00:45:57,690
zien wat er in de
geestelijke sfeer gebeurde.

779
00:45:57,690 --> 00:46:03,210
Toen Jezus ziekten genas,
vervulde Hij Jesaja 53:4,

780
00:46:03,210 --> 00:46:05,730
waarin stond dat Hij dat zou doen.

781
00:46:05,730 --> 00:46:11,010
Maar Hij deed het om te laten zien dat wij
door Zijn striemen genezen zouden worden,

782
00:46:11,010 --> 00:46:13,470
dat wil zeggen geestelijk.

783
00:46:13,470 --> 00:46:19,170
Jezus trok rond en deed wonderen als
afzonderlijke bewijzen dat Hij inderdaad

784
00:46:19,170 --> 00:46:24,510
Degene was van Wie Jesaja zei dat Hij
zou komen en het volk in geestelijke

785
00:46:24,510 --> 00:46:26,370
zin zou genezen.

786
00:46:26,370 --> 00:46:30,870
Lichamelijke genezingen dienden als
tekenen dat Hij de Genezer van het volk

787
00:46:30,870 --> 00:46:37,170
was, de Genezer van de zondige toestand
van de mensheid die herstel nodig heeft.

788
00:46:37,170 --> 00:46:42,930
Dus hoewel we in Jesaja 53:4
inderdaad een verwijzing hebben naar

789
00:46:42,930 --> 00:46:45,870
lichamelijke genezingen
die Jezus verrichtte,

790
00:46:45,870 --> 00:46:50,490
worden die in hun context geplaatst
door de toevoeging van vers 5,

791
00:46:50,490 --> 00:46:54,030
namelijk dat Hij de
Genezer van onze zonden is.

792
00:46:54,030 --> 00:46:57,090
Hij werd verbrijzeld
om onze overtredingen,

793
00:46:57,090 --> 00:46:59,670
verwond om onze ongerechtigheden.

794
00:46:59,670 --> 00:47:02,970
De straf die ons de vrede
aanbrengt, was op Hem,

795
00:47:02,970 --> 00:47:06,450
en door Zijn striemen
kwam er voor ons genezing.

796
00:47:06,450 --> 00:47:10,170
De genezing was de
vrede die hersteld werd.

797
00:47:10,170 --> 00:47:15,990
Deze beeldspraak komt voor in Jesaja en
ook in enkele andere delen van de Bijbel.

798
00:47:15,990 --> 00:47:18,750
Het beeld van de genezing van één mens

799
00:47:18,750 --> 00:47:23,070
verwijst eigenlijk naar het herstel
van een volk van een probleem dat

800
00:47:23,070 --> 00:47:26,670
in bredere zin op dat
volk van toepassing is.

801
00:47:26,670 --> 00:47:33,510
In Jesaja hoofdstuk 7 spreekt God erover
hoe Hij Assyrië gaat gebruiken om Juda en

802
00:47:33,510 --> 00:47:36,690
Israël grotendeels neer te maaien.

803
00:47:36,690 --> 00:47:39,810
Hij gebruikte het beeld van
het scheren van een man.

804
00:47:39,810 --> 00:47:43,770
In hoofdstuk 7, vers 20, staat:

805
00:47:43,770 --> 00:47:46,890
Op die dag zal de Heere met een scheermes,

806
00:47:46,890 --> 00:47:50,911
ingehuurd aan de overzijde
van de rivier de Eufraat ,

807
00:47:50,911 --> 00:47:55,770
namelijk de koning van Assyrië, het
hoofd- en het schaamhaar afscheren;

808
00:47:55,770 --> 00:47:58,110
en het zal ook de baard wegnemen.

809
00:47:58,110 --> 00:48:03,270
Hij spreekt over Israël alsof het een
man met haar is die wordt kaalgeschoren:

810
00:48:03,270 --> 00:48:10,350
zijn hoofdhaar, zijn baard en, zoals de
HSV het weergeeft, zelfs zijn schaamhaar.

811
00:48:10,350 --> 00:48:15,570
Met andere woorden, zowel het lichaamshaar
als het hoofdhaar wordt verwijderd.

812
00:48:15,570 --> 00:48:20,070
Deze persoon wordt overal helemaal
tot op de huid kaalgeschoren.

813
00:48:20,070 --> 00:48:24,030
Dit is zonder twijfel een beeld van
de behandeling van een melaatse.

814
00:48:24,030 --> 00:48:29,010
Wanneer in Leviticus hoofdstuk 14 bij
een man melaatsheid werd vastgesteld,

815
00:48:29,010 --> 00:48:33,150
moest hij elk haartje van zijn
lichaam en zijn hoofd afscheren.

816
00:48:33,150 --> 00:48:35,070
Anders zou je dat niet doen.

817
00:48:35,070 --> 00:48:38,610
Om te beginnen schoren
Joden nooit hun baard af.

818
00:48:38,610 --> 00:48:43,170
David stuurde eens enkele gezanten naar
de koning van Moab om hem geluk te wensen

819
00:48:43,170 --> 00:48:45,090
met zijn troonsbestijging.

820
00:48:45,090 --> 00:48:47,970
De koning vermoedde
dat het spionnen waren.

821
00:48:47,970 --> 00:48:51,150
Daarom liet hij hen op een
vernederende manier behandelen,

822
00:48:51,150 --> 00:48:54,630
de helft van hun baard
afscheren en naar huis sturen.

823
00:48:54,630 --> 00:48:58,230
Ze konden niet naar huis gaan
met een half afgeschoren baard.

824
00:48:58,230 --> 00:49:01,890
Je zou kunnen zeggen: ‘Scheer
dan gewoon de andere helft af.’

825
00:49:01,890 --> 00:49:03,750
Dat was geen mogelijkheid.

826
00:49:03,750 --> 00:49:08,010
Ze moesten in een andere stad blijven
totdat hun baard weer aangegroeid was,

827
00:49:08,010 --> 00:49:09,810
en dan konden ze naar huis.

828
00:49:09,810 --> 00:49:14,130
Het was te beschamend voor een Joodse
man om zonder baard gezien te worden.

829
00:49:14,130 --> 00:49:19,530
Dus als er wordt gezegd dat God je
hoofd, je benen en je baard gaat scheren,

830
00:49:19,530 --> 00:49:21,930
zijn er niet veel redenen om dat te doen,

831
00:49:21,930 --> 00:49:26,910
tenzij we het hebben over een melaatse van
wie al het haar afgeschoren moest worden.

832
00:49:26,910 --> 00:49:30,270
Het volk wordt dus opnieuw
vergeleken met een zieke man,

833
00:49:30,270 --> 00:49:33,090
in dit geval een man met melaatsheid.

834
00:49:33,090 --> 00:49:37,470
Deze beeldspraak van een mens, en
in het bijzonder van een ziek mens,

835
00:49:37,470 --> 00:49:40,230
is niet ongewoon bij de profeten.

836
00:49:40,230 --> 00:49:42,570
Nu is het niet duidelijk
of een deel van deze

837
00:49:42,570 --> 00:49:45,750
beeldspraak een mens
of een dier voorstelt.

838
00:49:45,750 --> 00:49:48,030
Soms wordt er een staart genoemd.

839
00:49:48,030 --> 00:49:50,730
In Jesaja 8:8 staat:

840
00:49:50,730 --> 00:49:55,110
Hij dringt door tot in Juda,
overspoelt het, trekt er doorheen,

841
00:49:55,110 --> 00:49:59,070
hij reikt tot aan de hals,
en zijn uitgebreide vleugels

842
00:49:59,070 --> 00:50:03,390
zullen de volle breedte van
Uw land innemen, Immanuel!

843
00:50:03,390 --> 00:50:05,910
Dit is Assyrië dat erdoorheen trekt.

844
00:50:05,910 --> 00:50:12,510
Hij is Assyrië, het Assyrische volk, dat
opnieuw als één persoon wordt voorgesteld.

845
00:50:12,510 --> 00:50:14,850
Hij zal tot aan de hals komen.

846
00:50:14,850 --> 00:50:18,990
Dit betekent dat de koning van Assyrië
met een persoon wordt vergeleken,

847
00:50:18,990 --> 00:50:20,850
maar ook met een rivier.

848
00:50:20,850 --> 00:50:23,070
In het voorgaande vers staat:

849
00:50:23,070 --> 00:50:28,110
daarom, zie, doet de Heere
over hen opkomen de machtige,

850
00:50:28,110 --> 00:50:30,931
geweldige wateren van
de rivier de Eufraat ,

851
00:50:30,931 --> 00:50:34,590
namelijk de koning van
Assyrië met al zijn luister.

852
00:50:34,590 --> 00:50:37,590
Deze zal buiten al zijn
stroom beddingen treden,

853
00:50:37,590 --> 00:50:40,230
en over al zijn oevers heenstromen.

854
00:50:40,230 --> 00:50:44,490
De legers van Assyrië zijn als een
overstromende rivier die het land

855
00:50:44,490 --> 00:50:48,090
binnenstroomt, en het
water komt tot aan de hals.

856
00:50:48,090 --> 00:50:52,230
Met andere woorden, het land
staat onder water zoals een man

857
00:50:52,230 --> 00:50:54,690
die tot aan zijn hals onder water staat.

858
00:50:54,690 --> 00:50:58,170
Zijn hoofd is boven water,
dus hij is niet verdronken,

859
00:50:58,170 --> 00:51:01,230
maar in het algemeen is
hij beslist overspoeld.

860
00:51:01,230 --> 00:51:05,130
Zo werd ook Juda overspoeld
toen Assyrië erdoorheen trok.

861
00:51:05,130 --> 00:51:09,030
Alleen het hoofd, Jeruzalem,
bleef boven water.

862
00:51:09,030 --> 00:51:12,090
Alleen het hoofd kwam
niet onder water te staan.

863
00:51:12,090 --> 00:51:14,010
Jeruzalem werd gespaard.

864
00:51:14,010 --> 00:51:16,290
De rest van het volk werd overspoeld.

865
00:51:16,290 --> 00:51:20,550
Maar hier wordt gesproken over
water dat tot aan de hals komt.

866
00:51:20,550 --> 00:51:24,210
Het is alsof het volk een
hals en een hoofd heeft.

867
00:51:24,210 --> 00:51:27,690
Het is zonder twijfel
menselijke beeldspraak.

868
00:51:27,690 --> 00:51:31,350
Ook staat er in hoofdstuk 30, vers 28:

869
00:51:31,350 --> 00:51:36,030
Zijn adem is als een overstromende
beek, die reikt tot de hals,

870
00:51:36,030 --> 00:51:40,050
om de heidenvolken te wannen
met de wan van nutteloosheid;

871
00:51:40,050 --> 00:51:44,310
en een toom die doet dwalen,
ligt op de kaken van de volken.

872
00:51:44,310 --> 00:51:50,190
Het bit kan op een dier duiden, een
paard, en daarom kan de hals in dit geval

873
00:51:50,190 --> 00:51:54,030
de hals van een paard zijn in
plaats van de hals van een mens.

874
00:51:54,030 --> 00:51:55,590
Dat is niet duidelijk.

875
00:51:55,590 --> 00:51:59,790
Maar het punt is dat het volk wordt
vergeleken met iets dat een hals heeft,

876
00:51:59,790 --> 00:52:04,110
hetzij een menselijke gestalte,
hetzij de gestalte van een dier.

877
00:52:04,110 --> 00:52:09,030
In sommige gevallen is het duidelijk
een dier, want in hoofdstuk 9, vers 14

878
00:52:09,030 --> 00:52:11,070
en 15, staat:

879
00:52:11,070 --> 00:52:15,990
Daarom zal de HEERE van Israël
kop en staart, palmtak en riet,

880
00:52:15,990 --> 00:52:17,910
op één dag afsnijden.

881
00:52:17,910 --> 00:52:24,030
De oudste en aanzienlijke: zij zijn de
kop, en de leugen onderwijzende profeet:

882
00:52:24,030 --> 00:52:25,470
hij is de staart.

883
00:52:25,470 --> 00:52:28,530
Israël wordt dus vergeleken
met een dier waarvan de kop

884
00:52:28,530 --> 00:52:30,750
en de staart worden afgehakt.

885
00:52:30,750 --> 00:52:33,810
In vers 15 beschrijft Hij
wat Hij daarmee bedoelt:

886
00:52:33,810 --> 00:52:36,690
De oude, geëerde man is het hoofd.

887
00:52:36,690 --> 00:52:40,050
De profeet die leugens
verkondigt, is de staart.

888
00:52:40,050 --> 00:52:43,410
De mensen van Israël waren dus
als lichaamsdelen van een dier.

889
00:52:43,410 --> 00:52:46,170
De valse profeten waren als de staart.

890
00:52:46,170 --> 00:52:48,750
De aanzienlijke mensen waren als de kop.

891
00:52:48,750 --> 00:52:53,370
Maar zowel alle aanzienlijken als de
goddelozen zullen worden afgesneden,

892
00:52:53,370 --> 00:52:57,090
zoals de uiteinden van het lichaam
van een dier worden afgehakt.

893
00:52:57,090 --> 00:53:00,510
In hoofdstuk 19, vers 15, staat:

894
00:53:00,510 --> 00:53:04,230
En Egypte zal geen werk
hebben dat hoofd of staart,

895
00:53:04,230 --> 00:53:06,870
palmtak of riet kan voortbrengen.

896
00:53:06,870 --> 00:53:12,510
Opnieuw wordt Egypte in dit beeld als een
dier beschouwd, met een kop en een staart.

897
00:53:12,510 --> 00:53:16,890
Voor ons is dit vreemde beeldspraak,
maar zo is het nu eenmaal.

898
00:53:16,890 --> 00:53:20,310
Ik heb ook gezegd dat een
volk als een rivier kan zijn,

899
00:53:20,310 --> 00:53:22,950
vooral als het een binnenvallend leger is.

900
00:53:22,950 --> 00:53:24,870
Het is als een watervloed.

901
00:53:24,870 --> 00:53:29,970
Of de volken in het algemeen, de heidenen,
kunnen met de zee worden vergeleken.

902
00:53:29,970 --> 00:53:34,950
In Israël was het gebruikelijk om het
land Israël als stabiel te beschouwen,

903
00:53:34,950 --> 00:53:38,490
omdat zij de wet hadden
waarop zij gegrondvest waren.

904
00:53:38,490 --> 00:53:43,710
Zij hadden een fundament in God en
waren daarom stabiel en onbeweeglijk.

905
00:53:43,710 --> 00:53:48,810
De volken daarentegen, die God of
Zijn wet niet hadden, waren onstabiel.

906
00:53:48,810 --> 00:53:50,430
Ze konden van alles doen.

907
00:53:50,430 --> 00:53:52,350
Ze hadden geen fundament.

908
00:53:52,350 --> 00:53:57,990
Ze waren als de zee: rusteloos,
zonder iets wat hen bestendig hield.

909
00:53:57,990 --> 00:54:00,690
Bij de profeten, of in de Bijbel zelf,

910
00:54:00,690 --> 00:54:04,890
zul je soms zien dat Israël
eenvoudigweg het land wordt genoemd,

911
00:54:04,890 --> 00:54:06,690
in tegenstelling tot de zee.

912
00:54:06,690 --> 00:54:09,030
De zee staat soms voor de volken.

913
00:54:09,030 --> 00:54:12,810
We hebben al gezien dat
God in hoofdstuk 8, vers 7,

914
00:54:12,810 --> 00:54:16,350
de binnenvallende Assyrische
legers een rivier noemde,

915
00:54:16,350 --> 00:54:18,810
een buiten haar oevers tredende rivier.

916
00:54:18,810 --> 00:54:23,070
Maar er zijn ook plaatsen waar de volken
gezamenlijk de zee worden genoemd,

917
00:54:23,070 --> 00:54:27,450
soms op een onduidelijke
manier en soms heel duidelijk.

918
00:54:27,450 --> 00:54:33,090
In hoofdstuk 17, bijvoorbeeld,
staat in de verzen 12 en 13:

919
00:54:33,090 --> 00:54:39,571
Wee, het rumoer van vele volken, ze
razen als het razen van de zee; en wee ,

920
00:54:39,571 --> 00:54:43,230
het gedruis van natiën, zij
maken een gedruis als het

921
00:54:43,230 --> 00:54:45,750
bruisen van geweldige wateren.

922
00:54:45,750 --> 00:54:50,250
Al maken de natiën een gedruis als
het bruisen van machtige wateren,

923
00:54:50,250 --> 00:54:53,970
Hij bestraft het, en ze vluchten, ver weg;

924
00:54:53,970 --> 00:54:58,650
het wordt opgejaagd vóór de
wind uit als kaf op de bergen,

925
00:54:58,650 --> 00:55:02,070
vóór de wervelwind uit als werveldistels.

926
00:55:02,070 --> 00:55:05,310
Dit is niet Israël; dit zijn volken.

927
00:55:05,310 --> 00:55:09,690
Het woord ‘volken’ is trouwens
in het Hebreeuws goyim.

928
00:55:09,690 --> 00:55:13,770
Als je iets van het Jiddisch weet, of
als je ooit in New York tussen Joden hebt

929
00:55:13,770 --> 00:55:19,710
gewoond, weet je dat zij heidenen
goyim noemen. Het is dit woord.

930
00:55:19,710 --> 00:55:23,850
De woorden ‘heiden’ en
‘volk’ zijn hetzelfde woord.

931
00:55:23,850 --> 00:55:27,930
Dus wanneer er ‘volken’ staat,
zou dat in de meeste gevallen als

932
00:55:27,930 --> 00:55:30,330
‘heidenen’ vertaald kunnen worden.

933
00:55:30,330 --> 00:55:33,750
Af en toe wordt specifiek
het volk Israël bedoeld,

934
00:55:33,750 --> 00:55:37,110
maar wanneer de volken zonder
verdere aanduiding worden genoemd,

935
00:55:37,110 --> 00:55:40,290
zijn dat de heidenen, de goyim.

936
00:55:40,290 --> 00:55:41,250
Er staat:

937
00:55:41,250 --> 00:55:46,350
Ze maken lawaai als het bruisen van
de zeeën en als het geraas van volken,

938
00:55:46,350 --> 00:55:49,530
die razen als machtige watermassa's.

939
00:55:49,530 --> 00:55:55,110
De volken, de gojiem, zullen razen
als het bruisen van vele wateren.

940
00:55:55,110 --> 00:55:58,950
Dus terwijl Israël hier doorgaans
met land wordt vergeleken,

941
00:55:58,950 --> 00:56:03,450
worden de volken vergeleken met
wateren, zeeën en overstromingen.

942
00:56:03,450 --> 00:56:06,630
In hoofdstuk 60, vers 5, staat:

943
00:56:06,630 --> 00:56:12,030
Dan zult u het zien en stralen, uw hart
zal diep ontzag hebben en zich verruimen,

944
00:56:12,030 --> 00:56:15,450
want de menigte van de zee
zal zich naar u toekeren,

945
00:56:15,450 --> 00:56:19,290
het vermogen van de heidenvolken
zal naar u toe komen.

946
00:56:19,290 --> 00:56:20,970
Dan legt hij het uit:

947
00:56:20,970 --> 00:56:24,450
De rijkdom van de heidenen
zal naar jullie toe komen.

948
00:56:24,450 --> 00:56:28,290
De overvloed van de zee is
de rijkdom van de heidenen,

949
00:56:28,290 --> 00:56:32,970
omdat de heidenen in deze
specifieke beeldspraak de zee zijn.

950
00:56:32,970 --> 00:56:38,070
In hoofdstuk 24, de
verzen 14 en 15, staat:

951
00:56:38,070 --> 00:56:42,330
Zíj zullen hun stem verheffen,
zij zullen vrolijk zingen;

952
00:56:42,330 --> 00:56:47,190
om de majesteit van de HEERE
zullen zij juichen, van de zee af.

953
00:56:47,190 --> 00:56:50,370
Eer daarom de HEERE in
de landen van het licht,

954
00:56:50,370 --> 00:56:55,770
op de eilanden in de zee de Naam
van de HEERE, de God van Israël.

955
00:56:55,770 --> 00:56:59,610
Dat is waarschijnlijk een
verwijzing naar de heidense volken.

956
00:56:59,610 --> 00:57:02,250
Dat zou in de heidense wereld zijn.

957
00:57:02,250 --> 00:57:07,350
Wat hier volgens mij wordt gezegd, is dat
het gaat over het messiaanse tijdperk,

958
00:57:07,350 --> 00:57:11,070
waarin zowel heidenen als
Joden God zullen prijzen.

959
00:57:11,070 --> 00:57:13,890
Deze lofprijzing komt uit de zee.

960
00:57:13,890 --> 00:57:19,410
De zee, het water, prijst God niet
werkelijk, tenminste niet met een stem,

961
00:57:19,410 --> 00:57:22,050
maar de heidenen zullen dat wel doen.

962
00:57:22,050 --> 00:57:26,910
Dat is volgens mij waarnaar in de
context van deze passage wordt verwezen.

963
00:57:26,910 --> 00:57:29,490
Dan hebben we het
verschijnsel dat één volk,

964
00:57:29,490 --> 00:57:33,750
meestal een volk uit de oudheid dat
bestond in de tijd van de schrijver,

965
00:57:33,750 --> 00:57:37,770
in de tijd van de profeet,
alle volken vertegenwoordigt.

966
00:57:37,770 --> 00:57:41,130
Dat wil zeggen: één volk
wordt specifiek genoemd,

967
00:57:41,130 --> 00:57:45,390
maar in werkelijkheid verwijst het
naar alle volken in het algemeen.

968
00:57:45,390 --> 00:57:50,010
Dit gebeurt soms in Jesaja, maar een
van de plaatsen waar dit duidelijk is,

969
00:57:50,010 --> 00:57:52,830
staat in een ander Bijbelboek, Amos.

970
00:57:52,830 --> 00:57:56,070
Omdat diezelfde motieven bij
andere profeten voorkomen,

971
00:57:56,070 --> 00:58:00,390
is dit een goede plaats om te
zien dat dit motief voorkomt.

972
00:58:00,390 --> 00:58:02,550
Dan kunnen we het ook in Jesaja zien.

973
00:58:02,550 --> 00:58:06,930
In Amos, hoofdstuk 9, de
verzen 11 en 12, staat:

974
00:58:06,930 --> 00:58:10,290
Op die dag zal Ik oprichten
de vervallen hut van David.

975
00:58:10,290 --> 00:58:14,790
Zijn scheuren zal Ik dichtmaken, en wat
aan hem is afgebroken, zal Ik oprichten,

976
00:58:14,790 --> 00:58:18,030
Ik zal hem opbouwen als in
de dagen van oude tijden af;

977
00:58:18,030 --> 00:58:21,030
zodat zij de rest van Edom
in bezit zullen nemen,

978
00:58:21,030 --> 00:58:25,590
en alle heidenvolken waarover Mijn
Naam is uitgeroepen, spreekt de HEERE,

979
00:58:25,590 --> 00:58:26,850
Die dit doet.

980
00:58:26,850 --> 00:58:29,790
Daar wordt het overblijfsel
van Edom genoemd.

981
00:58:29,790 --> 00:58:34,650
Houd je vinger daar bij Amos en
kijk naar Handelingen, hoofdstuk 15.

982
00:58:34,650 --> 00:58:39,150
Dit vers wordt door Jakobus aangehaald
tijdens het concilie in Jeruzalem.

983
00:58:39,150 --> 00:58:42,150
Het is interessant om te
zien hoe hij het aanhaalt.

984
00:58:42,150 --> 00:58:47,130
Tijdens het concilie in Jeruzalem wijst
Jakobus erop dat de komst van de heidenen

985
00:58:47,130 --> 00:58:51,450
in de gemeente — de kwestie die ertoe
leidde dat het concilie in Jeruzalem werd

986
00:58:51,450 --> 00:58:55,830
bijeengeroepen — iets was wat in
het Oude Testament was voorzegd.

987
00:58:55,830 --> 00:58:59,790
Hij haalt dit vers uit Amos
aan om dat punt te maken.

988
00:58:59,790 --> 00:59:03,570
In Handelingen 15:15 zegt Jakobus:

989
00:59:03,570 --> 00:59:08,490
En hiermee stemmen de woorden van de
profeten overeen, zoals geschreven staat:

990
00:59:08,490 --> 00:59:11,250
Nu haalt hij Amos 9 aan:

991
00:59:11,250 --> 00:59:15,630
Hierna zal Ik terugkeren en de
vervallen hut van David weer opbouwen,

992
00:59:15,630 --> 00:59:20,370
en wat daarvan is afgebroken, weer
opbouwen en Ik zal hem weer oprichten,

993
00:59:20,370 --> 00:59:24,270
opdat de mensen die overgebleven
zijn, de Heere zouden zoeken,

994
00:59:24,270 --> 00:59:28,830
en alle heidenen over wie Mijn Naam
uitgeroepen is, spreekt de Heere,

995
00:59:28,830 --> 00:59:30,330
Die dit alles doet.

996
00:59:30,330 --> 00:59:33,210
In Amos gaat het om het
overblijfsel van Edom,

997
00:59:33,210 --> 00:59:36,570
maar Jakobus vat dat op als
de rest van de mensheid.

998
00:59:36,570 --> 00:59:39,390
Edom vertegenwoordigt
eenvoudigweg de heidenen.

999
00:59:39,390 --> 00:59:41,850
Edom was slechts één heidens volk,

1000
00:59:41,850 --> 00:59:44,970
maar het wordt genoemd als
vertegenwoordiger van de heidenen

1001
00:59:44,970 --> 00:59:46,350
in het algemeen.

1002
00:59:46,350 --> 00:59:51,150
Dat kun je zelfs in Amos zien, waar de
regel die volgt op het overblijfsel van

1003
00:59:51,150 --> 00:59:58,050
Edom luidt: „en alle heidenen”, in het
poëtische parallellisme van Amos 9:12:

1004
00:59:58,050 --> 01:00:01,830
Zodat zij in bezit kunnen
nemen wat er van Edom over is,

1005
01:00:01,830 --> 01:00:04,830
en alle heidenen die mijn naam dragen.

1006
01:00:04,830 --> 01:00:10,110
Maar het overblijfsel van Edom wordt door
Jakobus in zijn citaat weergegeven als het

1007
01:00:10,110 --> 01:00:12,150
overblijfsel van de mensheid.

1008
01:00:12,150 --> 01:00:15,630
We kunnen dus zien dat
toen Amos over Edom sprak,

1009
01:00:15,630 --> 01:00:19,890
de vroege gemeente begreep dat daarmee
de mensheid buiten Israël in het

1010
01:00:19,890 --> 01:00:23,130
algemeen werd bedoeld: de heidenen.

1011
01:00:23,130 --> 01:00:27,870
Vaak wordt één volk of een groep
heidense volken specifiek genoemd,

1012
01:00:27,870 --> 01:00:31,650
maar die staan eenvoudigweg voor
de heidenen in het algemeen,

1013
01:00:31,650 --> 01:00:35,430
en niet noodzakelijkerwijs
voor die specifieke volken.

1014
01:00:35,430 --> 01:00:37,710
In hoofdstuk 11 van Jesaja worden

1015
01:00:37,710 --> 01:00:40,410
bijvoorbeeld behoorlijk
wat volken genoemd.

1016
01:00:40,410 --> 01:00:43,050
In de verzen 10 tot en met 12 staat:

1017
01:00:43,050 --> 01:00:46,830
Want op die dag zal de
Wortel van Isaï er zijn,

1018
01:00:46,830 --> 01:00:49,890
Die zal staan als banier voor de volken.

1019
01:00:49,890 --> 01:00:53,010
Naar Hém zullen de heidenvolken vragen.

1020
01:00:53,010 --> 01:00:55,710
Zijn rustplaats zal heerlijk zijn.

1021
01:00:55,710 --> 01:01:00,270
En het zal op die dag gebeuren dat de
Heere opnieuw, voor de tweede keer,

1022
01:01:00,270 --> 01:01:03,990
met Zijn hand het overblijfsel
van Zijn volk zal verwerven,

1023
01:01:03,990 --> 01:01:11,190
dat overgebleven zal zijn in Assyrië
en in Egypte, in Pathros, Cusj, Elam,

1024
01:01:11,190 --> 01:01:14,850
en in Sinear, Hamath en
op de eilanden in de zee.

1025
01:01:14,850 --> 01:01:18,450
Hij zal een banier omhoogheffen
onder de heidenvolken

1026
01:01:18,450 --> 01:01:22,770
en Hij zal de verdrevenen van Israël
verzamelen en hen die vanuit Juda

1027
01:01:22,770 --> 01:01:27,210
overal verspreid zijn, bijeenbrengen
van de vier hoeken van de aarde.

1028
01:01:27,210 --> 01:01:30,450
Er bestaat geen enkele twijfel
over de vervulling hiervan,

1029
01:01:30,450 --> 01:01:36,030
want Paulus citeert dit vers in
Romeinen 15 en zegt dat dit een vers is

1030
01:01:36,030 --> 01:01:39,210
dat zijn bediening onder
de heidenen onderbouwt.

1031
01:01:39,210 --> 01:01:42,690
Met andere woorden, Paulus
zei dat zijn bediening,

1032
01:01:42,690 --> 01:01:47,310
waarin hij de heidenen evangeliseerde,
in dit vers was voorzegd:

1033
01:01:47,310 --> 01:01:51,270
God heeft Christus opgericht
als een banier voor de volken,

1034
01:01:51,270 --> 01:01:53,430
en de heidenen zoeken Hem.

1035
01:01:53,430 --> 01:01:57,510
We kijken hier in Jesaja 11 dus
naar het Messiaanse tijdperk,

1036
01:01:57,510 --> 01:02:01,890
naar het gemeentetijdperk, naar het
tijdperk waarin Paulus tot de heidenen

1037
01:02:01,890 --> 01:02:06,570
predikte en waarin wij dat nog
steeds doen. Daar gaat dit over.

1038
01:02:06,570 --> 01:02:10,050
Veel van deze volken die genoemd
worden, bestaan niet meer

1039
01:02:10,050 --> 01:02:14,550
en bestonden ook niet in de tijd dat God
de banier voor de heidenen oprichtte.

1040
01:02:14,550 --> 01:02:18,450
Met andere woorden, veel
hiervan zijn verdwenen volken,

1041
01:02:18,450 --> 01:02:21,990
en toch staan ze eenvoudigweg
voor de heidenen in het algemeen,

1042
01:02:21,990 --> 01:02:24,870
omdat de vervulling plaatsvond
toen sommige van deze

1043
01:02:24,870 --> 01:02:26,850
volken al verdwenen waren.

1044
01:02:26,850 --> 01:02:29,010
Zo staat er ook in vers 12:

1045
01:02:29,010 --> 01:02:31,710
Hij zal een vaandel
oprichten voor de volken,

1046
01:02:31,710 --> 01:02:36,030
de verstotenen van Israël bijeenbrengen
en de verspreiden uit de vier hoeken van

1047
01:02:36,030 --> 01:02:37,590
de aarde verzamelen.

1048
01:02:37,590 --> 01:02:40,410
Hij spreekt dus over de
volken in het algemeen,

1049
01:02:40,410 --> 01:02:43,350
maar Hij noemt enkele specifieke volken.

1050
01:02:43,350 --> 01:02:47,310
Deze volken waren eigentijdse
volken in de tijd van Jesaja,

1051
01:02:47,310 --> 01:02:49,950
maar niet in de tijd
waarover de profetie spreekt.

1052
01:02:49,950 --> 01:02:54,870
De profetie spreekt over het heden,
maar noemt volken die nu niet bestaan.

1053
01:02:54,870 --> 01:02:58,710
Ze staan eenvoudigweg voor
heidense volken in het algemeen.

1054
01:02:58,710 --> 01:03:04,590
Zoals ik al zei, citeert Paulus
uit dit vers in Romeinen 15:12.

1055
01:03:04,590 --> 01:03:10,230
In Romeinen 15:16 citeert hij
uit een ander vers in Jesaja

1056
01:03:10,230 --> 01:03:12,270
dat hetzelfde soort dingen doet.

1057
01:03:12,270 --> 01:03:14,910
Dat staat in hoofdstuk 66.

1058
01:03:14,910 --> 01:03:19,770
Jesaja 66 spreekt ook
over het gemeentetijdperk,

1059
01:03:19,770 --> 01:03:23,010
hoewel de taal poëtisch en symbolisch is.

1060
01:03:23,010 --> 01:03:30,270
Het gebruikt dit soort symboliek,
want in Jesaja 66:19 en 20 staat:

1061
01:03:30,270 --> 01:03:35,790
En Ik zal een teken op hen aanbrengen: Ik
zal uit hen die aan het gericht ontkomen

1062
01:03:35,790 --> 01:03:42,510
zijn, boden zenden naar de heidenvolken,
Tarsis, Pul, Lud, de boogschutters,

1063
01:03:42,510 --> 01:03:46,290
naar Tubal, Javan, de
verafgelegen kustlanden,

1064
01:03:46,290 --> 01:03:48,750
die geen tijding over Mij hebben gehoord

1065
01:03:48,750 --> 01:03:51,570
en die Mijn heerlijkheid
niet hebben gezien.

1066
01:03:51,570 --> 01:03:55,170
Zij zullen Mijn heerlijkheid
onder de heidenvolken verkondigen.

1067
01:03:55,170 --> 01:03:59,550
En zij zullen al uw broeders uit
alle heidenvolken brengen als

1068
01:03:59,550 --> 01:04:04,410
graanoffer aan de HEERE, op paarden
en op wagens, met huifkarren,

1069
01:04:04,410 --> 01:04:09,870
op muildieren en op snelle kamelen, naar
Mijn heilige berg toe, naar Jeruzalem,

1070
01:04:09,870 --> 01:04:15,090
zegt de HEERE, zoals de Israëlieten het
graanoffer in rein vaatwerk naar het huis

1071
01:04:15,090 --> 01:04:16,710
van de HEERE brengen.

1072
01:04:16,710 --> 01:04:20,250
Dit teken doet denken aan
de banier van hoofdstuk 11.

1073
01:04:20,250 --> 01:04:26,130
Paulus citeert vers 20, of
zinspeelt erop, in Romeinen 15:16.

1074
01:04:26,130 --> 01:04:29,910
Hij zegt dat de heidenen die hij
evangeliseert een offer voor de Heere

1075
01:04:29,910 --> 01:04:33,870
zijn, een uitdrukking die
uit dit vers afkomstig is.

1076
01:04:33,870 --> 01:04:37,710
Als je Romeinen 15:16 in
welke Bijbel dan ook opzoekt,

1077
01:04:37,710 --> 01:04:42,750
zal de kruisverwijzing zelfs
Jesaja 66:20 vermelden.

1078
01:04:42,750 --> 01:04:47,130
Algemeen wordt erkend dat Paulus
dit vers citeert of erop zinspeelt,

1079
01:04:47,130 --> 01:04:49,470
maar hij spreekt over zijn bediening.

1080
01:04:49,470 --> 01:04:54,030
Dit spreekt over het gemeentetijdperk,
over het bereiken van de heidenen,

1081
01:04:54,030 --> 01:04:59,070
waarin Paulus een pionier was, en hij
zag dit vers in zijn tijd vervuld worden.

1082
01:04:59,070 --> 01:05:05,310
Maar kijk naar de volken die specifiek
genoemd worden: Tarsis, Pul, Lud,

1083
01:05:05,310 --> 01:05:07,110
Tubal en Javan.

1084
01:05:07,110 --> 01:05:09,390
Dit zijn volken uit de oudheid.

1085
01:05:09,390 --> 01:05:13,170
Ze vertegenwoordigen eenvoudigweg
de heidenen in het algemeen.

1086
01:05:13,170 --> 01:05:16,770
Zo staat er in vers 20: „uit alle volken.”

1087
01:05:16,770 --> 01:05:19,950
Deze afzonderlijke volken
worden eenvoudigweg genoemd om

1088
01:05:19,950 --> 01:05:22,230
alle volken te vertegenwoordigen.

1089
01:05:22,230 --> 01:05:24,030
Zo wordt het soms gebruikt.

1090
01:05:24,030 --> 01:05:26,730
Ik geef in de aantekeningen
nog andere voorbeelden,

1091
01:05:26,730 --> 01:05:29,970
maar we gaan verder met deze
zelfde reeks aantekeningen.

1092
01:05:29,970 --> 01:05:33,390
We zullen enkele van de belangrijkste
gevallen zien van dit verschijnsel

1093
01:05:33,390 --> 01:05:37,350
waarbij symbolische manieren worden
gebruikt om over volken te spreken,

1094
01:05:37,350 --> 01:05:41,190
en in het bijzonder symbolische manieren
om te spreken over het volk dat de

1095
01:05:41,190 --> 01:05:41,910
Gemeente wordt genoemd.
