1
00:00:02,010 --> 00:00:04,590
Welkom bij Vers voor Vers!

2
00:00:04,590 --> 00:00:08,490
Deze keer behandelen we Johannes 20.

3
00:00:08,490 --> 00:00:11,430
We zijn natuurlijk bijna
helemaal aan het einde gekomen.

4
00:00:11,430 --> 00:00:13,410
We zijn in Johannes 20.

5
00:00:13,410 --> 00:00:16,410
Er zijn nog maar twee hoofdstukken
die we moeten behandelen.

6
00:00:16,410 --> 00:00:20,010
Maar in zekere zin heeft Johannes
het beste voor het laatst bewaard.

7
00:00:20,010 --> 00:00:24,450
Dat moest ook wel zo, want het beste
van het verhaal gebeurt aan het einde,

8
00:00:24,450 --> 00:00:26,970
wanneer Jezus opstaat uit de dood.

9
00:00:26,970 --> 00:00:32,190
De opstanding van Jezus uit de dood is wat
het christendom tot het christendom maakt.

10
00:00:32,190 --> 00:00:35,970
Het is niet de Bergrede die het
christendom tot het christendom maakt.

11
00:00:35,970 --> 00:00:38,400
Het is zelfs niet zozeer
het leven van Jezus,

12
00:00:38,400 --> 00:00:41,610
hoewel dat beslist niet onbelangrijk is.

13
00:00:41,610 --> 00:00:46,290
Het leven van Jezus vormt ook
één onlosmakelijk geheel met Zijn

14
00:00:46,290 --> 00:00:48,090
dood en opstanding.

15
00:00:48,090 --> 00:00:52,350
Het was Zijn zondeloze leven dat
Zijn opstanding mogelijk maakte

16
00:00:52,350 --> 00:00:56,550
en Zijn dood werkzaam maakte
als verzoening voor de zonde.

17
00:00:56,550 --> 00:00:58,770
Daar willen we dus niets aan afdoen.

18
00:00:58,770 --> 00:01:04,110
Maar het punt is dat iedere religie
een stichter heeft die geleefd heeft.

19
00:01:04,110 --> 00:01:08,371
Veel religieuze stichters
leidden uitzonderlijke levens —

20
00:01:08,371 --> 00:01:13,050
niet zo uitzonderlijk als het leven
van Jezus, maar toch opmerkelijk.

21
00:01:13,050 --> 00:01:16,470
Natuurlijk hadden alle religies
stichters die gestorven zijn.

22
00:01:16,470 --> 00:01:19,830
Maar geen enkel ander
religieus stelsel ter wereld

23
00:01:19,830 --> 00:01:22,710
heeft een stichter die
uit de dood is opgestaan,

24
00:01:22,710 --> 00:01:26,190
en geen enkel ander stelsel
beweert zelfs maar zoiets.

25
00:01:26,190 --> 00:01:30,450
Dit ondanks de inhoudsloze beweringen
van degenen die de zogenaamde

26
00:01:30,450 --> 00:01:35,910
Jezusmythetheorie naar voren brengen:
het idee dat het verhaal dat Jezus stierf

27
00:01:35,910 --> 00:01:41,490
en weer opstond eenvoudigweg is ontleend
aan de heidense mysteriereligies,

28
00:01:41,490 --> 00:01:46,470
en dat alle heidense goden van
vroegere religies goden waren

29
00:01:46,470 --> 00:01:48,570
die stierven en weer opstonden.

30
00:01:48,570 --> 00:01:52,890
Het idee is dat de Egyptische
god Horus, de god Mithras,

31
00:01:52,890 --> 00:01:57,810
of zelfs Krishna of Bacchus — enkele
van deze heidense godheden die

32
00:01:57,810 --> 00:02:02,730
vóór de tijd van Christus werden
aanbeden — stierven en weer opstonden.

33
00:02:02,730 --> 00:02:06,390
Maar ondanks de veelvuldige
herhaling van deze beweringen

34
00:02:06,390 --> 00:02:10,530
zul je tevergeefs zoeken naar
enig bewijs dat dit zo is.

35
00:02:10,530 --> 00:02:13,830
In de heidense religies komt
het idee van een god die

36
00:02:13,830 --> 00:02:18,270
sterft en weer opstaat in de
betekenis waarover we het hier hebben,

37
00:02:18,270 --> 00:02:19,950
eenvoudigweg niet voor.

38
00:02:19,950 --> 00:02:24,870
De Egyptenaren beweerden bijvoorbeeld
over Horus dat hij stierf en vervolgens

39
00:02:24,870 --> 00:02:26,910
de heer van de onderwereld werd.

40
00:02:26,910 --> 00:02:29,070
Hij stond niet op uit de dood.

41
00:02:29,070 --> 00:02:32,070
Hij bleef alleen ergens
anders voortbestaan.

42
00:02:32,070 --> 00:02:34,470
Het verhaal van Jezus is uniek.

43
00:02:34,470 --> 00:02:36,870
Jezus heeft geen enkele concurrent.

44
00:02:36,870 --> 00:02:41,130
Het is niet zo dat er een heel buffet aan
overtuigingen bestaat die allemaal sterk

45
00:02:41,130 --> 00:02:45,030
op elkaar lijken, maar elk
een iets andere smaak hebben.

46
00:02:45,030 --> 00:02:47,070
Er is maar één Jezus.

47
00:02:47,070 --> 00:02:50,430
Er is maar één Persoon die
uit de dood is opgestaan

48
00:02:50,430 --> 00:02:55,770
en bewezen heeft dat Hij goddelijk is, die
bewezen heeft dat Hij de Zoon van God is.

49
00:02:55,770 --> 00:02:59,550
Het verhaal van Zijn opstanding
staat in alle Evangeliën.

50
00:02:59,550 --> 00:03:02,610
Zonder dat verhaal zouden
er geen Evangeliën zijn.

51
00:03:02,610 --> 00:03:07,350
Zonder de opstanding uit de dood zouden
we werkelijk geen Evangelie hebben.

52
00:03:07,350 --> 00:03:11,850
Daarom vormt de opstanding van Christus
in elk van de Evangeliën het hoogtepunt

53
00:03:11,850 --> 00:03:13,350
en de afsluiting.

54
00:03:13,350 --> 00:03:18,750
Elk Evangelie vermeldt het feit dat
Jezus uit de dood opstond en daarna

55
00:03:18,750 --> 00:03:20,310
aan mensen verscheen.

56
00:03:20,310 --> 00:03:22,890
Het Evangelie van Markus
heeft in verschillende

57
00:03:22,890 --> 00:03:25,830
handschriften verschillende slotgedeelten.

58
00:03:25,830 --> 00:03:29,610
Niet alle handschriften van Markus
eindigen op dezelfde manier.

59
00:03:29,610 --> 00:03:35,190
De oudste eindigen zelfs zonder een
verschijning van Jezus na Zijn opstanding.

60
00:03:35,190 --> 00:03:38,850
Het enige wat we werkelijk hebben
in de kortste versie van Markus,

61
00:03:38,850 --> 00:03:43,650
is dat het graf leeg was en dat engelen
bij het graf tegen de vrouwen zeiden dat

62
00:03:43,650 --> 00:03:45,450
Jezus was opgestaan.

63
00:03:45,450 --> 00:03:48,990
In dat geval hebben we geen
verschijningen na de opstanding.

64
00:03:48,990 --> 00:03:53,370
Maar de langere slotgedeelten van Markus
bevatten een aantal verschijningen,

65
00:03:53,370 --> 00:03:56,490
en alle andere Evangeliën natuurlijk ook.

66
00:03:56,490 --> 00:04:00,690
Een van de moeilijke dingen is om de
verslagen van de verschijningen van Jezus

67
00:04:00,690 --> 00:04:04,590
na Zijn opstanding met elkaar
in overeenstemming te brengen.

68
00:04:04,590 --> 00:04:06,870
Ik geloof dat dit mogelijk is.

69
00:04:06,870 --> 00:04:09,090
Het is niet het
gemakkelijkste wat er bestaat,

70
00:04:09,090 --> 00:04:12,150
maar het kan worden
gedaan en is ook gedaan.

71
00:04:12,150 --> 00:04:16,590
Ik weet niet zeker of de manier waarop het
gedaan is ieder klein probleem uit de weg

72
00:04:16,590 --> 00:04:20,130
ruimt, maar uit de vier
Evangeliën kan beslist een

73
00:04:20,130 --> 00:04:23,430
redelijke volgorde van
gebeurtenissen worden samengesteld.

74
00:04:23,430 --> 00:04:25,170
Als we dat niet zouden kunnen —

75
00:04:25,170 --> 00:04:29,250
bijvoorbeeld als we niet genoeg informatie
hadden om te weten hoe we de verslagen met

76
00:04:29,250 --> 00:04:32,490
elkaar moesten verweven —
zou dat niet betekenen dat de

77
00:04:32,490 --> 00:04:34,470
Evangeliën fictie brengen.

78
00:04:34,470 --> 00:04:38,790
In feite hebben we juist in het gegeven
dat de vier Evangeliën moeilijk met elkaar

79
00:04:38,790 --> 00:04:42,450
in overeenstemming te brengen
zijn, bewijs dat het vier

80
00:04:42,450 --> 00:04:44,970
zeer onafhankelijke getuigen zijn.

81
00:04:44,970 --> 00:04:49,470
Als ze niet onafhankelijk waren,
zouden ze veel meer op elkaar lijken.

82
00:04:49,470 --> 00:04:52,770
Als de ene schrijver afhankelijk
was van andere schrijvers,

83
00:04:52,770 --> 00:04:56,610
zou hij op zijn minst een deel van
de informatie hebben overgenomen,

84
00:04:56,610 --> 00:05:00,570
of zijn verslag er ten minste mee
in overeenstemming hebben gebracht.

85
00:05:00,570 --> 00:05:05,190
Het feit dat de evangelieschrijvers
geen enkele poging hebben gedaan om hun

86
00:05:05,190 --> 00:05:08,010
verslagen met elkaar in
overeenstemming te brengen,

87
00:05:08,010 --> 00:05:12,390
of ze zelfs maar te laten klinken
alsof ze met elkaar overeenstemmen,

88
00:05:12,390 --> 00:05:17,310
bewijst dat de evangelieschrijvers
vier onafhankelijke getuigen zijn.

89
00:05:17,310 --> 00:05:20,550
Ze zijn als onafhankelijke
getuigen in een rechtszaal,

90
00:05:20,550 --> 00:05:25,470
die over iets getuigen en niet hebben
gehoord wat de anderen hebben gezegd.

91
00:05:25,470 --> 00:05:27,810
Johannes wist wat de
anderen hadden gezegd,

92
00:05:27,810 --> 00:05:30,870
en Johannes vulde dat doelbewust aan.

93
00:05:30,870 --> 00:05:33,870
De andere evangelieschrijvers
waren mogelijk wel,

94
00:05:33,870 --> 00:05:36,930
maar mogelijk ook niet
bekend met elkaars werk.

95
00:05:36,930 --> 00:05:40,890
Er wordt natuurlijk beweerd dat
Mattheüs en Lukas het Evangelie van

96
00:05:40,890 --> 00:05:42,390
Markus hebben gebruikt.

97
00:05:42,390 --> 00:05:46,890
Ik weet niet of dat de beste verklaring is
voor de gegevens die men met die theorie

98
00:05:46,890 --> 00:05:47,970
probeert te verklaren.

99
00:05:47,970 --> 00:05:52,710
Maar het punt is dat we vier getuigen
van dezelfde gebeurtenis hebben die

100
00:05:52,710 --> 00:05:54,750
duidelijk onafhankelijk van elkaar zijn.

101
00:05:54,750 --> 00:05:59,070
De wezenlijke gebeurtenis is dat
Jezus uit de dood is opgestaan,

102
00:05:59,070 --> 00:06:04,650
dat Zijn graf leeg was, dat daar engelen
waren die Zijn opstanding bekendmaakten,

103
00:06:04,650 --> 00:06:07,830
en dat Hij daarna aan een
aantal mensen verscheen.

104
00:06:07,830 --> 00:06:09,990
Als het moeilijk is om precies te weten

105
00:06:09,990 --> 00:06:12,690
in welke volgorde die
verschijningen plaatsvonden,

106
00:06:12,690 --> 00:06:16,890
is dat een veel kleiner probleem dan
het probleem waarvoor de scepticus staat

107
00:06:16,890 --> 00:06:21,930
wanneer hij probeert te verklaren hoe
vier getuigen het zo sterk over deze zaken

108
00:06:21,930 --> 00:06:26,670
eens konden zijn indien deze zaken
geen historische basis hadden.

109
00:06:26,670 --> 00:06:31,170
Eén ding dat we zouden moeten zeggen, is
dat er vier getuigen zijn van het feit dat

110
00:06:31,170 --> 00:06:33,330
Jezus na Zijn dood verscheen.

111
00:06:33,330 --> 00:06:35,790
Hij verscheen weer levend.

112
00:06:35,790 --> 00:06:40,350
In hoofdstuk 20 lezen we dat Maria
Magdalena naar het graf komt.

113
00:06:40,350 --> 00:06:42,870
Je krijgt de indruk dat ze alleen komt.

114
00:06:42,870 --> 00:06:47,190
Toch vertellen de andere evangeliën
ons dat er, toen het op zondag,

115
00:06:47,190 --> 00:06:51,930
de eerste dag van de week, begon te dagen,
een groep vrouwen naar het graf kwam,

116
00:06:51,930 --> 00:06:54,030
onder wie Maria Magdalena.

117
00:06:54,030 --> 00:06:57,270
Laat me je vertellen wat volgens mij
een waarschijnlijke volgorde van de

118
00:06:57,270 --> 00:07:01,290
gebeurtenissen is, waarbij alle
vier de evangeliën met elkaar in

119
00:07:01,290 --> 00:07:03,210
overeenstemming worden gebracht.

120
00:07:03,210 --> 00:07:06,150
Daarna zullen we bestuderen
wat Johannes ons vertelt

121
00:07:06,150 --> 00:07:11,250
en zien hoe dat past in dit grotere
beeld dat we uit alle evangeliën krijgen.

122
00:07:11,250 --> 00:07:16,050
Volgens mij is dit de beste manier om
de evangeliën op dit punt met elkaar in

123
00:07:16,050 --> 00:07:19,410
overeenstemming te
brengen: Maria Magdalena

124
00:07:19,410 --> 00:07:23,670
naderde samen met andere vrouwen
heel vroeg in de ochtend het graf,

125
00:07:23,670 --> 00:07:26,250
omstreeks zonsopgang op zondagochtend.

126
00:07:26,250 --> 00:07:30,210
Ze bespreken onderling hoe ze de
steen voor de ingang van het graf

127
00:07:30,210 --> 00:07:33,750
weg kunnen laten halen, want
ze brengen specerijen mee.

128
00:07:33,750 --> 00:07:37,950
Ze hopen het lichaam van Jezus
met hun specerijen te eren.

129
00:07:37,950 --> 00:07:41,730
Ze willen het lijk nog verder
met specerijen behandelen.

130
00:07:41,730 --> 00:07:45,150
Dat was een van de manieren
waarop ze eer betoonden.

131
00:07:45,150 --> 00:07:49,050
Ze bespreken het probleem hoe
ze de steen weg kunnen krijgen.

132
00:07:49,050 --> 00:07:53,130
Misschien dachten ze dat ze er met
zijn allen hun rug tegen konden zetten.

133
00:07:53,130 --> 00:07:57,090
Het lijkt erop dat ze met
minstens vier of vijf waren.

134
00:07:57,090 --> 00:08:01,410
Of misschien dachten ze dat ze onderweg
een man zouden tegenkomen die hen zou

135
00:08:01,410 --> 00:08:03,450
helpen de steen te verplaatsen.

136
00:08:03,450 --> 00:08:05,610
Maar dat waren ze aan het bespreken.

137
00:08:05,610 --> 00:08:08,850
Toen ze zo dichtbij kwamen dat
ze zicht op het graf kregen,

138
00:08:08,850 --> 00:08:12,870
konden ze van een afstand zien
dat de steen al verplaatst was.

139
00:08:12,870 --> 00:08:15,630
Maria Magdalena, en
misschien ook de anderen,

140
00:08:15,630 --> 00:08:18,690
nam aan dat iemand met
het graf had geknoeid

141
00:08:18,690 --> 00:08:20,910
en misschien het lichaam had gestolen.

142
00:08:20,910 --> 00:08:24,750
Wanneer Maria Magdalena dat ziet,
rent ze weg om Petrus en Johannes

143
00:08:24,750 --> 00:08:27,570
te vertellen dat iemand
het lichaam heeft gestolen.

144
00:08:27,570 --> 00:08:30,330
Aanvankelijk gaat ze niet
helemaal naar het graf toe.

145
00:08:30,330 --> 00:08:35,250
Ze ziet alleen dat het open is, verlaat
de andere vrouwen en vertelt de discipelen

146
00:08:35,250 --> 00:08:37,830
dat het lichaam van Jezus gestolen is.

147
00:08:37,830 --> 00:08:42,030
Die conclusie heeft ze getrokken uit
het weinige bewijs dat ze heeft gezien.

148
00:08:42,030 --> 00:08:44,550
De andere vrouwen rennen echter niet weg.

149
00:08:44,550 --> 00:08:48,210
Ze gaan naar het graf en wanneer
ze daar aankomen, zien ze engelen.

150
00:08:48,210 --> 00:08:49,410
De engelen zeggen:

151
00:08:49,410 --> 00:08:53,070
Maar ga heen, zeg tegen
Zijn discipelen, en Petrus,

152
00:08:53,070 --> 00:08:58,590
dat Hij u voorgaat naar Galilea; daar
zult u Hem zien, zoals Hij u gezegd heeft.

153
00:08:58,590 --> 00:09:03,090
Blijkbaar hadden Jezus en de discipelen
eerder besproken dat Hij hen in Galilea

154
00:09:03,090 --> 00:09:05,910
zou ontmoeten, kennelijk
op een bepaalde plaats.

155
00:09:05,910 --> 00:09:08,130
De engelen hoefden niet te zeggen waar.

156
00:09:08,130 --> 00:09:10,170
Galilea is een groot gebied.

157
00:09:10,170 --> 00:09:12,090
Ze zeiden eenvoudigweg:

158
00:09:12,090 --> 00:09:15,330
Ga de leerlingen vertellen dat
Hij ze in Galilea zal ontmoeten,

159
00:09:15,330 --> 00:09:17,070
zoals Hij heeft gezegd.

160
00:09:17,070 --> 00:09:21,570
Er moet een ontmoetingspunt zijn geweest
waarover Hij eerder met hen had gesproken,

161
00:09:21,570 --> 00:09:24,390
maar toen Hij stierf,
waren ze dat vergeten

162
00:09:24,390 --> 00:09:27,450
of hadden ze het niet langer
geloofwaardig gevonden.

163
00:09:27,450 --> 00:09:32,190
Nu leeft Hij weer, zegt de engel,
en jullie moeten Hem daar ontmoeten.

164
00:09:32,190 --> 00:09:35,490
Dit is merkwaardig, want de
vrouwen gaan vervolgens weg

165
00:09:35,490 --> 00:09:40,410
om de discipelen te vertellen dat
Jezus hen in Galilea zal ontmoeten.

166
00:09:40,410 --> 00:09:43,470
Later zien we echter dat
Jezus in werkelijkheid

167
00:09:43,470 --> 00:09:47,730
aan de discipelen in Jeruzalem
verschijnt, zowel op zondagavond,

168
00:09:47,730 --> 00:09:50,910
de dag van de opstanding,
als een week later.

169
00:09:50,910 --> 00:09:53,190
Ze zijn nog steeds in Jeruzalem.

170
00:09:53,190 --> 00:09:57,690
Het is vreemd dat de engel zegt dat
Hij hen in Galilea zal ontmoeten,

171
00:09:57,690 --> 00:10:02,610
terwijl Hij hen diezelfde avond in
werkelijkheid in Jeruzalem ontmoet,

172
00:10:02,610 --> 00:10:06,390
lang voordat ze de kans zouden
hebben om Galilea te bereiken.

173
00:10:06,390 --> 00:10:09,690
Mijn eigen gedachte is dat de engel zei:

174
00:10:09,690 --> 00:10:13,950
Vertel Zijn leerlingen dat Hij
ze in Galilea zal ontmoeten.

175
00:10:13,950 --> 00:10:16,650
Daarmee bedoelde de
engel niet de apostelen,

176
00:10:16,650 --> 00:10:19,530
maar alle discipelen in heel Galilea.

177
00:10:19,530 --> 00:10:24,150
Ga het nieuws verspreiden onder degenen
in Galilea die Zijn discipelen zijn:

178
00:10:24,150 --> 00:10:26,850
Hij zal hen in Galilea ontmoeten.

179
00:10:26,850 --> 00:10:29,550
Er was misschien een plek,
waarschijnlijk een berg,

180
00:10:29,550 --> 00:10:33,270
waar alle discipelen die in Galilea
woonden Hem zouden ontmoeten,

181
00:10:33,270 --> 00:10:37,530
of in elk geval zoveel van hen
als deze vrouwen konden vinden.

182
00:10:37,530 --> 00:10:39,630
Ze waren zelf Galileeërs.

183
00:10:39,630 --> 00:10:44,430
Waarschijnlijk hadden ze een netwerk van
vrienden die volgelingen van Jezus waren.

184
00:10:44,430 --> 00:10:48,030
Hun werd gezegd dat ze de discipelen
moesten gaan bijeenbrengen,

185
00:10:48,030 --> 00:10:51,450
maar daarmee werden niet
noodzakelijk de apostelen bedoeld,

186
00:10:51,450 --> 00:10:54,750
want Jezus zou veel eerder
aan hen verschijnen.

187
00:10:54,750 --> 00:10:57,990
De apostelen zouden Hem
diezelfde avond zien.

188
00:10:57,990 --> 00:11:01,170
Ondertussen vertrekken de vrouwen
om de opdracht uit te voeren

189
00:11:01,170 --> 00:11:06,150
waarvoor de engelen hen hebben gestuurd,
en Maria is aangekomen op de plaats waar

190
00:11:06,150 --> 00:11:09,450
Petrus en Johannes verblijven. Ze zegt:

191
00:11:09,450 --> 00:11:14,550
Daarom snelde zij terug en ging naar
Simon Petrus en naar de andere discipel,

192
00:11:14,550 --> 00:11:19,710
die Jezus liefhad, en zei tegen hen: Ze
hebben de Heere uit het graf weggenomen,

193
00:11:19,710 --> 00:11:22,770
en wij weten niet waar
zij Hem neergelegd hebben.

194
00:11:22,770 --> 00:11:27,990
Petrus en Johannes springen op en rennen
de deur uit, in de richting van het graf.

195
00:11:27,990 --> 00:11:32,010
Maria is een beetje moe, omdat ze
die tocht al een keer heeft gemaakt,

196
00:11:32,010 --> 00:11:33,930
en ze komt achter hen aan.

197
00:11:33,930 --> 00:11:38,070
Ook zij gaat naar het graf, maar
zij komen daar als eerste aan.

198
00:11:38,070 --> 00:11:41,430
Ze rennen, en Johannes
komt daar als eerste aan.

199
00:11:41,430 --> 00:11:45,330
Hij bukt zich en kijkt naar binnen,
maar hij gaat niet naar binnen.

200
00:11:45,330 --> 00:11:48,750
Petrus komt achter hem aan
en rent meteen naar binnen.

201
00:11:48,750 --> 00:11:50,850
Dan gaat Johannes ook naar binnen.

202
00:11:50,850 --> 00:11:52,290
Ze zien de grafdoeken.

203
00:11:52,290 --> 00:11:54,090
Petrus is verbijsterd.

204
00:11:54,090 --> 00:11:57,510
Op dat moment gelooft Johannes
dat Jezus is opgestaan.

205
00:11:57,510 --> 00:12:01,410
Daarna verlaten ze het graf, omdat ze
niet weten wat ze verder moeten doen,

206
00:12:01,410 --> 00:12:03,690
en gaan ze terug naar de
plaats waar ze verblijven.

207
00:12:03,690 --> 00:12:08,730
Nadat zij vertrokken zijn, komt Maria
Magdalena, die achter hen aan is gekomen,

208
00:12:08,730 --> 00:12:10,230
bij het graf aan.

209
00:12:10,230 --> 00:12:15,090
Op dat moment verschijnt Jezus aan haar,
zoals het Evangelie van Johannes vermeldt,

210
00:12:15,090 --> 00:12:19,290
en zij wordt de eerste die
Hem na Zijn opstanding ziet.

211
00:12:19,290 --> 00:12:22,710
Daarna zien de vrouwen Hem,
want ze zijn onderweg om het

212
00:12:22,710 --> 00:12:26,670
de discipelen in Galilea te
vertellen, en Hij verschijnt aan hen.

213
00:12:26,670 --> 00:12:27,810
En Hij zegt:

214
00:12:27,810 --> 00:12:28,830
Gegroet!

215
00:12:28,830 --> 00:12:32,670
En zij vallen aan Zijn
voeten neer en aanbidden Hem.

216
00:12:32,670 --> 00:12:35,430
Dat is wat er vroeg in de ochtend gebeurt.

217
00:12:35,430 --> 00:12:40,470
De discipelen Petrus en Johannes komen
naar het graf en zien wat daar is.

218
00:12:40,470 --> 00:12:43,710
Maria komt daar en ziet
Jezus daadwerkelijk.

219
00:12:43,710 --> 00:12:47,850
De andere vrouwen hebben een engel gezien
en zijn door de engel op pad gestuurd

220
00:12:47,850 --> 00:12:49,170
met een boodschap.

221
00:12:49,170 --> 00:12:52,110
Maar terwijl ze wegrennen om
die boodschap over te brengen,

222
00:12:52,110 --> 00:12:54,870
komt Jezus hun onderweg tegemoet.

223
00:12:54,870 --> 00:12:57,630
Later die dag, al weten
we niet precies wanneer,

224
00:12:57,630 --> 00:13:00,330
verscheen Jezus alleen aan Petrus.

225
00:13:00,330 --> 00:13:07,950
We weten dit omdat het in Lukas 24:34
staat en ook in 1 Korinthe 15:5.

226
00:13:07,950 --> 00:13:10,230
Er was dus een verschijning aan Petrus

227
00:13:10,230 --> 00:13:14,130
waarvan we niet precies weten
waar en wanneer die plaatsvond.

228
00:13:14,130 --> 00:13:19,350
Later die dag, in de middag, ontmoeten
twee mannen op de weg naar Emmaüs Jezus,

229
00:13:19,350 --> 00:13:22,290
maar ze beseffen niet
meteen dat Hij het is.

230
00:13:22,290 --> 00:13:25,290
Zodra ze Hem herkennen, verdwijnt Hij.

231
00:13:25,290 --> 00:13:29,610
Dus rennen ze terug naar Jeruzalem
en vertellen de discipelen dat ze

232
00:13:29,610 --> 00:13:31,230
Jezus hebben gezien.

233
00:13:31,230 --> 00:13:32,850
En de discipelen zeggen:

234
00:13:32,850 --> 00:13:37,770
Die zeiden: De Heere is werkelijk
opgewekt en is aan Simon verschenen.

235
00:13:37,770 --> 00:13:41,670
Terwijl die twee mannen uit Emmaüs nog
bij de discipelen in de bovenzaal zijn,

236
00:13:41,670 --> 00:13:45,450
is dat blijkbaar het moment waarop
Jezus voor het eerst aan hen allemaal

237
00:13:45,450 --> 00:13:48,030
verschijnt, behalve aan Thomas.

238
00:13:48,030 --> 00:13:50,550
Thomas is er op dat moment niet bij.

239
00:13:50,550 --> 00:13:54,450
Jezus verschijnt aan hen, en
alle apostelen behalve Thomas

240
00:13:54,450 --> 00:13:59,430
hebben Hem nu gezien en aangeraakt en
weten dat Hij werkelijk is opgestaan.

241
00:13:59,430 --> 00:14:02,370
Dit gebeurt allemaal op dezelfde dag.

242
00:14:02,370 --> 00:14:06,510
Alles waarover we tot nu toe hebben
gesproken, gebeurde op zondag.

243
00:14:06,510 --> 00:14:11,310
De volgende verschijning van Jezus vond
blijkbaar pas de zondag daarop plaats.

244
00:14:11,310 --> 00:14:15,390
In de tussentijd hebben de apostelen
Thomas over de opstanding verteld,

245
00:14:15,390 --> 00:14:18,150
maar hij gelooft het pas
wanneer hij het ziet.

246
00:14:18,150 --> 00:14:21,630
Jezus verschijnt opnieuw in de
bovenzaal aan de discipelen,

247
00:14:21,630 --> 00:14:26,550
deze keer terwijl Thomas erbij
is, en ook Thomas komt tot geloof.

248
00:14:26,550 --> 00:14:28,770
Chronologisch gezien kwam
daarna waarschijnlijk een

249
00:14:28,770 --> 00:14:30,630
verschijning in Galilea.

250
00:14:30,630 --> 00:14:33,750
De verschijningen waarover we
tot nu toe hebben gesproken,

251
00:14:33,750 --> 00:14:36,270
vonden allemaal in Jeruzalem plaats.

252
00:14:36,270 --> 00:14:41,190
Dat is begrijpelijk, want Jezus werd
tijdens het Pascha gekruisigd en daarna

253
00:14:41,190 --> 00:14:46,110
volgde het Feest van de Ongezuurde Broden,
dat een week duurde en waarvoor de Joden

254
00:14:46,110 --> 00:14:48,150
gewoonlijk in Jeruzalem bleven.

255
00:14:48,150 --> 00:14:50,790
De discipelen bleven daar dus die week.

256
00:14:50,790 --> 00:14:54,870
Daarom waren ze daar op de
zondagavond waarop Jezus opstond en op

257
00:14:54,870 --> 00:14:56,730
de zondagavond daarna.

258
00:14:56,730 --> 00:14:59,850
Ze bleven een week en een
paar dagen in Jeruzalem

259
00:14:59,850 --> 00:15:01,770
voordat ze teruggingen naar Galilea.

260
00:15:01,770 --> 00:15:03,870
Toen ze wel teruggingen naar Galilea,

261
00:15:03,870 --> 00:15:07,110
krijgen we het verhaal
van Johannes hoofdstuk 21,

262
00:15:07,110 --> 00:15:10,110
waar zeven van de apostelen
aan het vissen waren.

263
00:15:10,110 --> 00:15:13,350
Ze zagen en ontmoetten Jezus
aan de oever van het meer,

264
00:15:13,350 --> 00:15:16,290
zoals we in hoofdstuk 21 zullen zien.

265
00:15:16,290 --> 00:15:19,770
Blijkbaar was het daarna dat
Jezus alle discipelen ontmoette,

266
00:15:19,770 --> 00:15:22,110
misschien vijfhonderd of meer.

267
00:15:22,110 --> 00:15:25,410
Paulus vermeldt dat in 1 Korinthe 15.

268
00:15:25,410 --> 00:15:31,890
Hij zegt in 1 Korinthe 15:6 dat Jezus aan
vijfhonderd mensen tegelijk verscheen.

269
00:15:31,890 --> 00:15:35,430
Dat was waarschijnlijk de verschijning
waarover we aan het einde van Mattheüs

270
00:15:35,430 --> 00:15:39,690
lezen, waar Hij de discipelen op
een berg in Galilea ontmoette.

271
00:15:39,690 --> 00:15:43,410
Dat vertelt Mattheüs ons in Mattheüs 28.

272
00:15:43,410 --> 00:15:47,670
Op een berg in Galilea ontmoette
Hij de discipelen en gaf Hij hun

273
00:15:47,670 --> 00:15:50,370
wat wij de Grote Opdracht noemen.

274
00:15:50,370 --> 00:15:55,290
Dat was waarschijnlijk het moment waarop
vijfhonderd of meer mensen Hem zagen.

275
00:15:55,290 --> 00:15:59,190
Daarna is er een verschijning
aan Jakobus, de broer van Jezus,

276
00:15:59,190 --> 00:16:01,230
die niet is opgetekend.

277
00:16:01,230 --> 00:16:04,530
Jakobus was tot dat moment een ongelovige.

278
00:16:04,530 --> 00:16:08,370
Ik zeg dat die niet is
opgetekend, en misschien vraag je:

279
00:16:08,370 --> 00:16:10,110
‘Hoe weten we er dan van?’

280
00:16:10,110 --> 00:16:15,630
Er wordt op gezinspeeld in
1 Korinthe 15:7. Paulus zei:

281
00:16:15,630 --> 00:16:20,550
Daarna is Hij verschenen aan
Jakobus, daarna aan alle apostelen.

282
00:16:20,550 --> 00:16:23,190
Verder hebben we daar
geen informatie over.

283
00:16:23,190 --> 00:16:26,970
Maar na deze bijeenkomst met
de vijfhonderd die Hem zagen,

284
00:16:26,970 --> 00:16:29,790
verscheen Hij aan Zijn broer Jakobus.

285
00:16:29,790 --> 00:16:34,830
Dan is er nog één andere verschijning
die wel is opgetekend, op de Olijfberg,

286
00:16:34,830 --> 00:16:36,750
opnieuw in Judea.

287
00:16:36,750 --> 00:16:40,710
Dat was de gelegenheid waarbij
Jezus naar de hemel opsteeg,

288
00:16:40,710 --> 00:16:43,410
maar toen gaf Hij ook
nog een andere opdracht.

289
00:16:43,410 --> 00:16:48,390
In totaal zijn er dus ongeveer veertien
verschillende verschijningen van Jezus

290
00:16:48,390 --> 00:16:53,070
na Zijn opstanding, en dit is de
vermoedelijke volgorde daarvan.

291
00:16:53,070 --> 00:16:57,030
Johannes houdt zich voornamelijk
bezig met de vroegste verschijningen

292
00:16:57,030 --> 00:17:00,690
en vervolgens met een
van de latere in Galilea.

293
00:17:00,690 --> 00:17:05,490
Alle verschijningen in Johannes
hoofdstuk 20 vinden plaats in Jeruzalem,

294
00:17:05,490 --> 00:17:10,290
en de verschijning in hoofdstuk
21 vindt plaats in Galilea.

295
00:17:10,290 --> 00:17:14,250
Lukas concentreert zich op de
verschijningen in Jeruzalem.

296
00:17:14,250 --> 00:17:18,390
Mattheüs en Markus concentreren
zich op die in Galilea,

297
00:17:18,390 --> 00:17:20,730
en Johannes heeft van beide wat.

298
00:17:20,730 --> 00:17:24,690
Hij heeft verschijningen in
Jeruzalem in Johannes hoofdstuk 20

299
00:17:24,690 --> 00:17:28,590
en een verschijning in
Galilea in hoofdstuk 21.

300
00:17:28,590 --> 00:17:33,270
Op de eerste dag van de week kwam
Maria Magdalena vroeg naar het graf.

301
00:17:33,270 --> 00:17:35,970
We weten dat ze niet
alleen was, omdat de andere

302
00:17:35,970 --> 00:17:39,390
Evangeliën zeggen dat er
andere vrouwen bij haar waren.

303
00:17:39,390 --> 00:17:43,350
Maar dat is voor Johannes niet belangrijk
genoeg om naar voren te brengen,

304
00:17:43,350 --> 00:17:46,470
omdat hij zich op de ervaring
van Maria wil richten.

305
00:17:46,470 --> 00:17:51,150
Het is interessant hoeveel we menen
te weten over Maria Magdalena.

306
00:17:51,150 --> 00:17:55,710
Vóór het lijdensverhaal is ze nergens
in het Evangelie van Johannes genoemd.

307
00:17:55,710 --> 00:18:00,870
Ze werd genoemd als een van de vrouwen die
op een afstand toekeken hoe Jezus stierf,

308
00:18:00,870 --> 00:18:03,930
en nu is zij degene
die naar het graf komt.

309
00:18:03,930 --> 00:18:07,770
Daarvóór werd ze in het Evangelie
van Johannes helemaal niet genoemd.

310
00:18:07,770 --> 00:18:12,150
In de synoptische evangeliën wordt zij
tijdens het optreden van Jezus maar

311
00:18:12,150 --> 00:18:16,350
één keer genoemd, opnieuw
in een lijst van vrouwen.

312
00:18:16,350 --> 00:18:19,170
In Lukas, ik denk in hoofdstuk 8,

313
00:18:19,170 --> 00:18:23,010
wordt haar naam genoemd
samen met andere vrouwen.

314
00:18:23,010 --> 00:18:28,710
Dat waren welgestelde vrouwen die Jezus
en de apostelen financieel ondersteunden.

315
00:18:28,710 --> 00:18:33,330
Het optreden van Jezus werd
voornamelijk ondersteund door een groep

316
00:18:33,330 --> 00:18:38,070
welgestelde vrouwen, en Maria
Magdalena was een van hen.

317
00:18:38,070 --> 00:18:41,790
Op die ene plaats waar zij in
Lukas wordt geïntroduceerd,

318
00:18:41,790 --> 00:18:48,690
wordt ons verteld dat Jezus zeven duivels,
zeven demonen, uit haar had uitgedreven.

319
00:18:48,690 --> 00:18:52,410
Uit haar. We hebben geen
verslag van die gebeurtenis.

320
00:18:52,410 --> 00:18:55,530
Er wordt ons alleen verteld
dat het gebeurd was.

321
00:18:55,530 --> 00:18:58,890
We weten dus heel weinig
over Maria Magdalena,

322
00:18:58,890 --> 00:19:01,470
afgezien van het verhaal dat we nu lezen.

323
00:19:01,470 --> 00:19:05,610
En toch wordt het zo beeldend verteld
dat we bijna het gevoel krijgen dat we

324
00:19:05,610 --> 00:19:07,050
de vrouw kennen.

325
00:19:07,050 --> 00:19:11,970
Zoals ik al zei, is haar naam hiervoor
alleen in lijsten voorgekomen,

326
00:19:11,970 --> 00:19:13,530
lijsten van vrouwen.

327
00:19:13,530 --> 00:19:16,050
En de enige informatie
die we over haar hadden,

328
00:19:16,050 --> 00:19:21,870
is dat zij Jezus financieel ondersteunde
en dat Hij bij een eerdere gelegenheid

329
00:19:21,870 --> 00:19:26,190
zeven demonen uit haar had
uitgedreven. Maar dat is alles.

330
00:19:26,190 --> 00:19:30,990
Soms wordt volgens de overlevering
verteld dat zij een zondige vrouw was.

331
00:19:30,990 --> 00:19:35,850
In de populaire verbeelding wordt zij
soms vereenzelvigd met de zondige vrouw

332
00:19:35,850 --> 00:19:40,110
die in het huis van Simon de
Farizeeër de voeten van Jezus waste.

333
00:19:40,110 --> 00:19:43,710
Maar dat is uitsluitend een
rooms-katholieke traditie.

334
00:19:43,710 --> 00:19:47,910
Het idee dat zij een prostituee was
of dat zij een grote zondares was,

335
00:19:47,910 --> 00:19:52,110
ontstond eigenlijk door een vergissing
van een van de pausen tijdens een preek.

336
00:19:52,110 --> 00:19:55,530
Ik denk dat het paus Gregorius
was, als ik mij niet vergis.

337
00:19:55,530 --> 00:19:58,890
Hij hield een preek waarin
hij Maria Magdalena aanduidde

338
00:19:58,890 --> 00:20:04,350
als die prostituee die de voeten van
Jezus met haar tranen en haar haar waste.

339
00:20:04,350 --> 00:20:05,910
Maar hij vergiste zich.

340
00:20:05,910 --> 00:20:09,030
De Bijbel zegt helemaal niets
van dien aard over haar.

341
00:20:09,030 --> 00:20:13,050
Er staat niets in de Bijbel waaruit
blijkt dat Maria een prostituee was

342
00:20:13,050 --> 00:20:15,270
of dat zij een slecht mens was.

343
00:20:15,270 --> 00:20:20,130
Misschien wekt het feit dat Jezus zeven
demonen uit haar uitdreef de indruk dat

344
00:20:20,130 --> 00:20:21,870
zij een slecht mens was.

345
00:20:21,870 --> 00:20:25,950
Maar ten eerste weten we niet hoe
zij door demonen bezeten raakte.

346
00:20:25,950 --> 00:20:28,770
We weten niet of zij
iets slechts had gedaan

347
00:20:28,770 --> 00:20:33,150
waardoor zij in die toestand terechtkwam,
of dat zij een slachtoffer was,

348
00:20:33,150 --> 00:20:37,110
zoals sommige andere mensen die
niets bewust hebben gedaan om door

349
00:20:37,110 --> 00:20:38,970
demonen bezeten te raken.

350
00:20:38,970 --> 00:20:44,610
We weten ook niet of zij slechte dingen
deed terwijl zij door demonen bezeten was.

351
00:20:44,610 --> 00:20:50,130
Bezetenheid door demonen lijkt zich
meer te uiten in onberekenbaar gedrag,

352
00:20:50,130 --> 00:20:54,810
in krankzinnigheid, en niet
noodzakelijk in immoreel gedrag.

353
00:20:54,810 --> 00:20:59,190
Er staat dus niets in de Bijbel
waaruit blijkt dat Maria een bijzonder

354
00:20:59,190 --> 00:21:00,930
immorele vrouw was.

355
00:21:00,930 --> 00:21:04,890
Als zij dat wel was, had zij misschien
des te meer reden om Jezus lief

356
00:21:04,890 --> 00:21:06,510
te hebben, want:

357
00:21:06,510 --> 00:21:11,790
Daarom zeg Ik u: Haar zonden, die
veel waren, zijn haar vergeven,

358
00:21:11,790 --> 00:21:16,530
want zij heeft veel liefgehad;
maar aan wie weinig vergeven wordt,

359
00:21:16,530 --> 00:21:17,970
die heeft weinig lief.

360
00:21:17,970 --> 00:21:20,730
Maar we weten niet of dat
bij haar het geval was.

361
00:21:20,730 --> 00:21:25,110
We weten vrijwel niets over haar,
behalve wat we in dit hoofdstuk vinden.

362
00:21:25,110 --> 00:21:28,710
En toch wordt het hoofdstuk zo
beeldend en realistisch verteld

363
00:21:28,710 --> 00:21:31,290
dat je het gevoel hebt dat je erbij bent.

364
00:21:31,290 --> 00:21:34,470
Je hebt het gevoel dat je deze vrouw kent.

365
00:21:34,470 --> 00:21:38,850
We gaan ons hier dus op haar ervaring
concentreren en laten het feit buiten

366
00:21:38,850 --> 00:21:42,030
beschouwing dat er aanvankelijk
andere vrouwen bij haar waren

367
00:21:42,030 --> 00:21:43,830
toen zij naar het graf ging.

368
00:21:43,830 --> 00:21:48,030
Maar blijkbaar ging zij bij hen vandaan
toen zij van een afstand zag dat de

369
00:21:48,030 --> 00:21:50,190
steen weggerold was.

370
00:21:50,190 --> 00:21:51,270
Er staat:

371
00:21:51,270 --> 00:21:56,370
En op de eerste dag van de week ging Maria
Magdalena vroeg, toen het nog donker was,

372
00:21:56,370 --> 00:22:01,650
naar het graf, en zij zag dat de
steen van het graf weggenomen was.

373
00:22:01,650 --> 00:22:06,330
Daarom snelde zij terug en ging naar
Simon Petrus en naar de andere discipel,

374
00:22:06,330 --> 00:22:11,610
die Jezus liefhad, en zei tegen hen: Ze
hebben de Heere uit het graf weggenomen,

375
00:22:11,610 --> 00:22:14,730
en wij weten niet waar
zij Hem neergelegd hebben.

376
00:22:14,730 --> 00:22:16,230
Merk op dat er staat:

377
00:22:16,230 --> 00:22:20,610
‘Wij weten niet.’ Dat wijst
erop dat zij niet alleen was.

378
00:22:20,610 --> 00:22:22,410
En dat was zij ook niet.

379
00:22:22,410 --> 00:22:27,270
De andere evangeliën vertellen ons
dat er andere vrouwen bij haar waren.

380
00:22:27,270 --> 00:22:31,230
Johannes heeft dat niet vermeld,
eenvoudigweg omdat het niet zijn bedoeling

381
00:22:31,230 --> 00:22:33,690
is al die bijzonderheden te geven.

382
00:22:33,690 --> 00:22:36,210
Maar alleen al het feit dat zij zegt:

383
00:22:36,210 --> 00:22:40,470
De woorden ‘wij weten niet’
betekenen dat zij niet alleen was

384
00:22:40,470 --> 00:22:43,530
toen ontdekt werd dat het graf open was.

385
00:22:43,530 --> 00:22:47,190
Zij was echter niet dichtbij genoeg
gekomen om de engelen te zien

386
00:22:47,190 --> 00:22:51,210
of de aankondiging te horen die daar
aan de andere vrouwen werd gedaan.

387
00:22:51,210 --> 00:22:54,510
In plaats daarvan rende zij
impulsief weg om het aan Petrus en

388
00:22:54,510 --> 00:22:56,010
Johannes te vertellen.

389
00:22:56,010 --> 00:23:00,870
Petrus dan ging naar buiten, en de andere
discipel, en zij kwamen bij het graf.

390
00:23:00,870 --> 00:23:04,710
En die twee liepen samen, maar de
andere discipel snelde vooruit,

391
00:23:04,710 --> 00:23:08,250
sneller dan Petrus, en kwam
als eerste bij het graf.

392
00:23:08,250 --> 00:23:11,970
Dat Johannes sneller liep dan Petrus
kwam waarschijnlijk eenvoudigweg

393
00:23:11,970 --> 00:23:14,730
doordat hij de jongere
discipel was, en niet

394
00:23:14,730 --> 00:23:17,490
doordat hij enthousiaster was dan Petrus.

395
00:23:17,490 --> 00:23:20,190
Petrus was waarschijnlijk een grote man.

396
00:23:20,190 --> 00:23:24,570
Misschien bewoog hij wat langzamer
dan Johannes omdat Petrus groot was.

397
00:23:24,570 --> 00:23:28,650
In het volgende hoofdstuk zien we
dat hij in zijn eentje een net met

398
00:23:28,650 --> 00:23:31,290
153 vissen aan land trekt.

399
00:23:31,290 --> 00:23:33,030
Blijkbaar deed hij dat zelf.

400
00:23:33,030 --> 00:23:36,210
Hij trok het hele net
met zoveel vissen erin.

401
00:23:36,210 --> 00:23:40,770
De vangst was te zwaar voor alle mannen
in de boot om hem aan boord te trekken.

402
00:23:40,770 --> 00:23:45,210
En toch kon Petrus hem aan land slepen
toen hij eenmaal vaste grond onder

403
00:23:45,210 --> 00:23:46,410
zijn voeten had.

404
00:23:46,410 --> 00:23:51,090
Hij moet een behoorlijk gespierde man zijn
geweest, en waarschijnlijk een grote man,

405
00:23:51,090 --> 00:23:54,330
en misschien was hij niet zo
snel ter been als Johannes.

406
00:23:54,330 --> 00:23:57,150
Johannes komt dus als eerste bij het graf.

407
00:23:57,150 --> 00:24:00,270
En toen hij vooroverboog,
zag hij de doeken liggen,

408
00:24:00,270 --> 00:24:02,610
maar toch ging hij er niet in.

409
00:24:02,610 --> 00:24:06,870
Simon Petrus dan kwam en volgde
hem, en ging het graf wel binnen

410
00:24:06,870 --> 00:24:08,490
en zag de doeken liggen.

411
00:24:08,490 --> 00:24:11,670
En de zweetdoek, die op
Zijn hoofd geweest was,

412
00:24:11,670 --> 00:24:15,690
zag hij niet bij de doeken liggen
maar afzonderlijk, opgerold,

413
00:24:15,690 --> 00:24:17,310
op een andere plaats.

414
00:24:17,310 --> 00:24:20,970
In het Grieks duidt dit woord
specifiek op een zweetdoek,

415
00:24:20,970 --> 00:24:23,190
iets wat om het gezicht werd gewikkeld.

416
00:24:23,190 --> 00:24:27,030
Toen ging ook de andere discipel, die
het eerst bij het graf gekomen was,

417
00:24:27,030 --> 00:24:30,150
naar binnen, en hij zag het en geloofde.

418
00:24:30,150 --> 00:24:34,710
Want zij kenden de Schrift nog niet
dat Hij uit de doden moest opstaan.

419
00:24:34,710 --> 00:24:37,170
De discipelen dan gingen weer naar huis.

420
00:24:37,170 --> 00:24:40,110
Maria loopt dus een eind achter hen aan.

421
00:24:40,110 --> 00:24:43,470
Ze rent niet, want ze is die ochtend
al een keer bij het graf geweest

422
00:24:43,470 --> 00:24:45,210
en weer teruggelopen.

423
00:24:45,210 --> 00:24:49,830
Ze loopt gewoon neerslachtig naar
het graf toe en huilt waarschijnlijk.

424
00:24:49,830 --> 00:24:52,770
Petrus en Johannes zijn
teruggerend naar het graf

425
00:24:52,770 --> 00:24:56,010
en zijn alweer vertrokken
voordat zij daar terugkomt.

426
00:24:56,010 --> 00:24:57,870
Wat zagen ze nu eigenlijk?

427
00:24:57,870 --> 00:25:01,350
Er staat dat Johannes geloofde
toen hij deze dingen zag.

428
00:25:01,350 --> 00:25:03,870
Er staat niet dat Petrus geloofde.

429
00:25:03,870 --> 00:25:06,450
Er staat dat ze de
Schrift nog niet kenden,

430
00:25:06,450 --> 00:25:09,270
namelijk dat Hij uit
de doden moest opstaan.

431
00:25:09,270 --> 00:25:12,090
Er staat niet Schriften, in het meervoud.

432
00:25:12,090 --> 00:25:16,590
Het kan zijn dat Johannes één bepaalde
Schriftplaats uit het Oude Testament

433
00:25:16,590 --> 00:25:18,030
in gedachten heeft.

434
00:25:18,030 --> 00:25:22,650
We weten niet welke, want in de Schrift
van het Oude Testament staat nergens

435
00:25:22,650 --> 00:25:26,250
rechtstreeks dat Jezus
uit de doden zou opstaan.

436
00:25:26,250 --> 00:25:28,170
We weten dat Jezus zei:

437
00:25:28,170 --> 00:25:33,630
Want zoals Jona drie dagen en drie
nachten in de buik van de grote vis was,

438
00:25:33,630 --> 00:25:37,830
zo zal de Zoon des mensen drie dagen
en drie nachten in het hart van

439
00:25:37,830 --> 00:25:39,210
de aarde zijn.

440
00:25:39,210 --> 00:25:41,790
Het kan zijn dat dit werd beschouwd als

441
00:25:41,790 --> 00:25:46,530
een van de belangrijkste oudtestamentische
voorafbeeldingen die voorspelden dat

442
00:25:46,530 --> 00:25:48,750
Jezus uit de doden zou opstaan.

443
00:25:48,750 --> 00:25:53,310
Of sommigen hebben gedacht dat het
verwijst naar Hosea, hoofdstuk 6, vers

444
00:25:53,310 --> 00:25:54,870
2, waar staat:

445
00:25:54,870 --> 00:26:00,330
Na twee dagen zal Hij ons levend maken,
op de derde dag zal Hij ons doen opstaan

446
00:26:00,330 --> 00:26:03,270
en zullen wij voor Zijn aangezicht leven.

447
00:26:03,270 --> 00:26:06,690
Al is het gezien de context de
vraag of dat naar de opstanding

448
00:26:06,690 --> 00:26:08,550
van Christus verwijst.

449
00:26:08,550 --> 00:26:12,390
Ook wordt in Jesaja 53 de
derde dag niet genoemd,

450
00:26:12,390 --> 00:26:15,450
maar er staat wel dat
de Messias zou sterven,

451
00:26:15,450 --> 00:26:19,470
dat Hij zou worden afgesneden
uit het land van de levenden.

452
00:26:19,470 --> 00:26:23,550
Maar vervolgens staat er dat
God Zijn dagen zou verlengen.

453
00:26:23,550 --> 00:26:28,290
Jesaja 53 wordt heel vaak
aangehaald in het Nieuwe Testament.

454
00:26:28,290 --> 00:26:31,590
Midden in Jesaja 53:8 staat:

455
00:26:31,590 --> 00:26:34,890
Hij is uit de angst en uit
het gericht weggenomen,

456
00:26:34,890 --> 00:26:37,530
en wie zal Zijn leeftijd uitspreken?

457
00:26:37,530 --> 00:26:41,190
Want Hij is afgesneden uit
het land van de levenden.

458
00:26:41,190 --> 00:26:45,330
Om de overtreding van mijn volk
is de plaag op Hem geweest.

459
00:26:45,330 --> 00:26:50,070
Het gaat er dus over dat Hij sterft
voor de zonden van Zijn volk.

460
00:26:50,070 --> 00:26:52,890
Maar vervolgens staat er in vers 10:

461
00:26:52,890 --> 00:26:58,050
Maar het behaagde de HEERE Hem te
verbrijzelen, Hij heeft Hem ziek gemaakt.

462
00:26:58,050 --> 00:27:01,350
Als Zijn ziel Zich tot een
schuldoffer gesteld zal hebben,

463
00:27:01,350 --> 00:27:05,250
zal Hij nageslacht zien,
Hij zal de dagen verlengen;

464
00:27:05,250 --> 00:27:09,810
het welbehagen van de HEERE zal
door Zijn hand voorspoedig zijn.

465
00:27:09,810 --> 00:27:14,190
Zijn dagen verlengen nadat
Hij gedood is? Hoe kan dat?

466
00:27:14,190 --> 00:27:18,030
Wij zouden dat natuurlijk zien als
een verwijzing naar de opstanding.

467
00:27:18,030 --> 00:27:22,470
Er staat niet bijzonder veel in het Oude
Testament dat rechtstreeks spreekt over

468
00:27:22,470 --> 00:27:27,390
Jezus Die op de derde dag opstaat,
hoewel Paulus vond dat dit er wel stond.

469
00:27:27,390 --> 00:27:32,370
In 1 Korinthe 15 vat hij een gedeelte
samen van het Evangelie dat hij eerder aan

470
00:27:32,370 --> 00:27:35,790
de Korinthiërs had
verkondigd. In vers 3 staat:

471
00:27:35,790 --> 00:27:39,390
Want ik heb u ten eerste overgeleverd
wat ik ook ontvangen heb,

472
00:27:39,390 --> 00:27:44,070
dat Christus gestorven is voor onze
zonden, overeenkomstig de Schriften,

473
00:27:44,070 --> 00:27:48,810
en dat Hij begraven is, en dat
Hij opgewekt is op de derde dag,

474
00:27:48,810 --> 00:27:50,670
overeenkomstig de Schriften,

475
00:27:50,670 --> 00:27:54,750
Dat wil zeggen dat de opstanding
van Jezus op de derde dag

476
00:27:54,750 --> 00:27:57,630
overeenkomstig de
profetische Schriften was.

477
00:27:57,630 --> 00:28:01,710
Het is niet helemaal duidelijk aan welke
Schriften uit het Oude Testament de

478
00:28:01,710 --> 00:28:06,690
apostelen dachten wanneer ze spraken over
de Schriften die zeggen dat Jezus uit de

479
00:28:06,690 --> 00:28:08,130
doden zou opstaan.

480
00:28:08,130 --> 00:28:11,910
Maar op dit tijdstip begrepen
de discipelen de Schriften niet

481
00:28:11,910 --> 00:28:15,330
waaruit bleek dat Jezus
uit de doden moest opstaan.

482
00:28:15,330 --> 00:28:23,790
Er kunnen dus Schriftplaatsen zoals Jesaja
53:10 of Hosea 6:2 zijn, of mogelijk Jona,

483
00:28:23,790 --> 00:28:28,590
die zij toen nog niet op die manier zagen,
maar die ze later wel zo gingen zien.

484
00:28:28,590 --> 00:28:32,730
Wat Petrus en Johannes in het
graf zagen, waren grafdoeken.

485
00:28:32,730 --> 00:28:35,130
Maar dat is op zichzelf al veelzeggend.

486
00:28:35,130 --> 00:28:38,910
Het was iets raadselachtigs,
want het lichaam was weg,

487
00:28:38,910 --> 00:28:41,670
maar de grafdoeken lagen er nog.

488
00:28:41,670 --> 00:28:45,750
Vergeet niet dat ze een dood lichaam
niet zomaar in een laken wikkelden.

489
00:28:45,750 --> 00:28:48,690
Ze maakten iets wat
bijna op een mummie leek,

490
00:28:48,690 --> 00:28:51,690
met stroken stof die
eromheen werden gewikkeld,

491
00:28:51,690 --> 00:28:54,570
zoals je iets met ducttape zou omwikkelen.

492
00:28:54,570 --> 00:28:59,130
Er waren dus al die afzonderlijke
stroken, die min of meer aan elkaar waren

493
00:28:59,130 --> 00:29:01,530
gekleefd met specerijen en dergelijke.

494
00:29:01,530 --> 00:29:05,370
Hij was dus in een heleboel
stukjes en stroken stof gewikkeld.

495
00:29:05,370 --> 00:29:09,510
Het was geen kledingstuk dat je
gewoon kon uittrekken en achterlaten.

496
00:29:09,510 --> 00:29:12,870
Het zou heel veel tijd kosten
om alles af te wikkelen.

497
00:29:12,870 --> 00:29:18,030
Een grafrover zou dus niet de tijd nemen
om het af te wikkelen en een naakt lichaam

498
00:29:18,030 --> 00:29:19,170
mee te nemen.

499
00:29:19,170 --> 00:29:23,670
Als ze het graf wilden beroven, zouden
ze het lichaam gewoon pakken en meenemen,

500
00:29:23,670 --> 00:29:26,370
en dan zouden de
grafdoeken er niet liggen.

501
00:29:26,370 --> 00:29:30,570
Bovendien staat er dat de hoofddoek
die om Zijn hoofd had gezeten,

502
00:29:30,570 --> 00:29:33,450
opgerold op een afzonderlijke plaats lag.

503
00:29:33,450 --> 00:29:37,470
Het leek er bijna op dat iemand
hem had opgevouwen en neergelegd.

504
00:29:37,470 --> 00:29:40,530
Dit was geen overhaaste grafroof.

505
00:29:40,530 --> 00:29:44,010
Het zag ernaar uit dat de
grafdoeken nog intact lagen

506
00:29:44,010 --> 00:29:48,030
op de plek waar ze op de stenen bank
hadden gelegen waarop het lichaam was

507
00:29:48,030 --> 00:29:53,250
neergelegd, en dat iemand de tijd had
genomen om de hoofddoek op te vouwen en

508
00:29:53,250 --> 00:29:54,810
daar neer te leggen.

509
00:29:54,810 --> 00:29:56,910
Hij liet geen rommel achter.

510
00:29:56,910 --> 00:29:59,190
Dit is eenvoudigweg niet het soort

511
00:29:59,190 --> 00:30:03,330
bewijsmateriaal waarvoor gemakkelijk
een verklaring te geven is.

512
00:30:03,330 --> 00:30:05,850
Toen Lazarus uit de dood werd opgewekt,

513
00:30:05,850 --> 00:30:09,270
kwam hij nog helemaal in
doeken gewikkeld uit het graf.

514
00:30:09,270 --> 00:30:13,530
De reden daarvoor is dat zijn
fysieke lichaam eenvoudigweg weer tot

515
00:30:13,530 --> 00:30:18,990
leven was gebracht en door die
grafdoeken werd belemmerd. Jezus zei:

516
00:30:18,990 --> 00:30:21,090
Maak hem los en laat hem gaan.

517
00:30:21,090 --> 00:30:25,050
Het opstandingslichaam van Jezus was
echter niet zoals dat van Lazarus.

518
00:30:25,050 --> 00:30:29,190
Het was niet slechts een reanimatie
van Zijn fysieke, natuurlijke lichaam.

519
00:30:29,190 --> 00:30:32,190
Het was veeleer een verheerlijking
van Zijn lichaam tot

520
00:30:32,190 --> 00:30:34,110
een bovennatuurlijke vorm.

521
00:30:34,110 --> 00:30:37,290
Zo zien we later, bij sommige
verschijningen van Christus aan de

522
00:30:37,290 --> 00:30:41,310
discipelen na Zijn opstanding, dat Hij
een kamer kon binnengaan terwijl de deuren

523
00:30:41,310 --> 00:30:42,630
op slot waren.

524
00:30:42,630 --> 00:30:45,630
Kennelijk kon Hij door
vaste voorwerpen heen gaan.

525
00:30:45,630 --> 00:30:49,770
Kennelijk kon Hij door de grafdoeken
heen gaan en ze daar laten liggen.

526
00:30:49,770 --> 00:30:53,130
Zijn lichaam kon er dwars
doorheen komen en ze achterlaten.

527
00:30:53,130 --> 00:30:56,970
Wat Hij daarna droeg toen Hij
aan hen verscheen, weten we niet.

528
00:30:56,970 --> 00:30:59,970
Dit is duidelijk een
wonderbaarlijke situatie.

529
00:30:59,970 --> 00:31:03,870
God kan Hem op wonderbaarlijke
wijze kleding hebben gegeven.

530
00:31:03,870 --> 00:31:06,870
Misschien had Hij een
gewaad aan of zoiets.

531
00:31:06,870 --> 00:31:09,150
Daar krijgen we geen
enkele beschrijving van,

532
00:31:09,150 --> 00:31:11,850
maar Hij had Zijn
grafdoeken niet meer aan.

533
00:31:11,850 --> 00:31:17,190
Hoe dan ook, zij zagen het bewijs, maar
wisten niet wat ze ervan moesten denken.

534
00:31:17,190 --> 00:31:20,850
Alleen Johannes geloofde
op dat moment, zo staat er.

535
00:31:20,850 --> 00:31:23,430
Johannes was de eerste die geloofde.

536
00:31:23,430 --> 00:31:27,630
Hij is de enige die geloofde
zonder eerst Jezus te zien.

537
00:31:27,630 --> 00:31:29,250
Maar hij zag wel iets.

538
00:31:29,250 --> 00:31:33,990
Hij zag de grafdoeken, en toen hij de
aanwijzingen met elkaar in verband bracht,

539
00:31:33,990 --> 00:31:37,470
raakte hij ervan overtuigd dat
Jezus inderdaad uit de dood

540
00:31:37,470 --> 00:31:38,970
moest zijn opgestaan.

541
00:31:38,970 --> 00:31:42,510
De andere discipelen geloofden
pas toen ze Hem zagen.

542
00:31:42,510 --> 00:31:45,930
We denken soms aan Thomas
als de ongelovige Thomas,

543
00:31:45,930 --> 00:31:48,390
omdat hij pas geloofde toen hij zag.

544
00:31:48,390 --> 00:31:51,690
Maar de andere discipelen
geloofden ook pas toen ze zagen.

545
00:31:51,690 --> 00:31:54,270
Behalve Johannes moesten
ze allemaal Jezus zien

546
00:31:54,270 --> 00:31:56,910
voordat ze geloofden
dat Hij was opgestaan.

547
00:31:56,910 --> 00:32:01,170
Thomas had alleen de pech dat hij er niet
bij was toen Hij de eerste keer verscheen,

548
00:32:01,170 --> 00:32:03,510
en daarom duurde het bij hem langer.

549
00:32:03,510 --> 00:32:05,310
Nu vers 11:

550
00:32:05,310 --> 00:32:10,410
Maar Maria stond huilend buiten
bij het graf en terwijl zij huilde,

551
00:32:10,410 --> 00:32:12,390
boog zij voorover in het graf,

552
00:32:12,390 --> 00:32:14,370
net zoals Johannes had gedaan.

553
00:32:14,370 --> 00:32:17,970
Johannes ging niet naar binnen
totdat Petrus hem in volle vaart

554
00:32:17,970 --> 00:32:19,590
voorbij was gerend.

555
00:32:19,590 --> 00:32:24,330
Petrus is altijd onstuimiger en denkt er
niet aan om te stoppen of wat dan ook.

556
00:32:24,330 --> 00:32:27,870
Hij rent Johannes gewoon
voorbij, zo het graf in.

557
00:32:27,870 --> 00:32:31,350
Als hij eenmaal binnen is,
volgt Johannes hem naar binnen.

558
00:32:31,350 --> 00:32:36,510
Maria is, net als Johannes, wat
terughoudender om naar binnen te gaan,

559
00:32:36,510 --> 00:32:38,190
maar ze kijkt naar binnen:

560
00:32:38,190 --> 00:32:41,310
en zij zag twee engelen
in witte kleding zitten,

561
00:32:41,310 --> 00:32:45,150
een aan het hoofdeinde en een
aan het voeteneinde van de plaats

562
00:32:45,150 --> 00:32:47,850
waar het lichaam van Jezus gelegen had;

563
00:32:47,850 --> 00:32:51,450
Blijkbaar wist ze op dat moment
niet dat het engelen waren.

564
00:32:51,450 --> 00:32:53,130
Ze zeiden tegen haar:

565
00:32:53,130 --> 00:32:58,650
en die zeiden tegen haar: Vrouw,
waarom huilt u? Zij zei tegen hen:

566
00:32:58,650 --> 00:33:01,770
Omdat ze mijn Heere weggenomen
hebben, en ik weet niet waar ze

567
00:33:01,770 --> 00:33:03,330
Hem neergelegd hebben.

568
00:33:03,330 --> 00:33:05,130
En zij zei tegen hen:

569
00:33:05,130 --> 00:33:09,990
En op de eerste dag van de week ging Maria
Magdalena vroeg, toen het nog donker was,

570
00:33:09,990 --> 00:33:14,970
naar het graf, en zij zag dat de
steen van het graf weggenomen was.

571
00:33:14,970 --> 00:33:19,770
Daarom snelde zij terug en ging naar
Simon Petrus en naar de andere discipel,

572
00:33:19,770 --> 00:33:25,230
die Jezus liefhad, en zei tegen hen: Ze
hebben de Heere uit het graf weggenomen,

573
00:33:25,230 --> 00:33:28,110
en wij weten niet waar
zij Hem neergelegd hebben.

574
00:33:28,110 --> 00:33:30,270
Daar gaven ze haar geen antwoord op.

575
00:33:30,270 --> 00:33:34,470
Ze zeiden niet tegen haar wat ze tegen
de andere vrouwen zeiden, namelijk:

576
00:33:34,470 --> 00:33:35,910
Hij is opgestaan.

577
00:33:35,910 --> 00:33:37,710
Dat hoefden ze niet te doen.

578
00:33:37,710 --> 00:33:41,430
Jezus had deze openbaring
voor Zichzelf voorbehouden,

579
00:33:41,430 --> 00:33:44,430
zodat Hij persoonlijk
aan haar kon verschijnen.

580
00:33:44,430 --> 00:33:49,350
En toen zij dit gezegd had, keerde zij
zich naar achteren en zag Jezus staan,

581
00:33:49,350 --> 00:33:51,930
maar zij wist niet dat het Jezus was.

582
00:33:51,930 --> 00:33:54,570
maar ze wist niet dat het Jezus was.

583
00:33:54,570 --> 00:33:57,090
Waarom wist ze niet dat het Jezus was?

584
00:33:57,090 --> 00:34:01,530
Dit is een van de merkwaardigheden van
veel verschijningen na de opstanding:

585
00:34:01,530 --> 00:34:06,270
mensen herkenden Hem vaak helemaal
niet, of ze herkenden Hem min of meer.

586
00:34:06,270 --> 00:34:08,910
Wanneer ik zeg dat ze Hem
min of meer herkenden,

587
00:34:08,910 --> 00:34:13,830
zul je in hoofdstuk 21 zien dat de zeven
discipelen die enorme hoeveelheid vis

588
00:34:13,830 --> 00:34:17,790
hebben gevangen, aan land
gaan en met Jezus ontbijten.

589
00:34:17,790 --> 00:34:20,370
Daar staat deze merkwaardige zin:

590
00:34:20,370 --> 00:34:24,390
Jezus zei tegen hen:
Kom, gebruik de maaltijd.

591
00:34:24,390 --> 00:34:27,330
En niemand van de discipelen
durfde Hem te vragen:

592
00:34:27,330 --> 00:34:31,110
Wie bent U? want zij wisten
dat het de Heere was.

593
00:34:31,110 --> 00:34:33,690
Wat een bizarre uitspraak is dat.

594
00:34:33,690 --> 00:34:36,510
Niemand van hen durfde het Hem te vragen.

595
00:34:36,510 --> 00:34:40,710
Zoals dat is verwoord, klinkt het
beslist alsof ze het wilden vragen,

596
00:34:40,710 --> 00:34:42,270
maar het niet durfden.

597
00:34:42,270 --> 00:34:46,590
Maar er staat dat dit kwam doordat
ze wisten dat het de Heere was.

598
00:34:46,590 --> 00:34:51,210
Als ze wisten dat het de Heere was,
waarom wilden ze het Hem dan vragen?

599
00:34:51,210 --> 00:34:53,370
Waarom zouden ze Hem willen vragen:

600
00:34:53,370 --> 00:34:54,690
Wie bent U?

601
00:34:54,690 --> 00:34:56,910
als ze wisten dat het de Heere was?

602
00:34:56,910 --> 00:34:59,850
Er is daar duidelijk sprake
van enige dubbelheid.

603
00:34:59,850 --> 00:35:03,930
Ze hebben min of meer het gevoel:
‘Natuurlijk is het de Heere.

604
00:35:03,930 --> 00:35:05,190
Wie zou het anders zijn?

605
00:35:05,190 --> 00:35:08,190
We kunnen de gaten in Zijn
handen en Zijn voeten zien,

606
00:35:08,190 --> 00:35:12,990
en we herkennen Zijn stem en dat
alles, maar er is iets anders aan Hem.’

607
00:35:12,990 --> 00:35:15,510
Misschien voelt het gewoon onwerkelijk.

608
00:35:15,510 --> 00:35:18,870
Misschien lijken ze zich af te
vragen of ze daar echt zijn,

609
00:35:18,870 --> 00:35:22,410
of ze werkelijk in de
aanwezigheid van Jezus zijn.

610
00:35:22,410 --> 00:35:25,830
Ze hadden Hem tenslotte enkele
dagen eerder zien sterven,

611
00:35:25,830 --> 00:35:29,910
en nu zitten ze in Zijn
aanwezigheid en praat Hij met hen.

612
00:35:29,910 --> 00:35:32,550
Zo was het ook nadat mijn vrouw stierf.

613
00:35:32,550 --> 00:35:36,810
Er waren een paar nachten waarop ik
werkelijk droomde dat ze terugkwam.

614
00:35:36,810 --> 00:35:38,670
Niet dat ze uit de dood opstond,

615
00:35:38,670 --> 00:35:41,610
maar dat ze uiteindelijk
helemaal niet was omgekomen.

616
00:35:41,610 --> 00:35:44,070
In de paar weken nadat ze was gestorven,

617
00:35:44,070 --> 00:35:49,110
had ik enkele dromen waarin ik ergens
naartoe ging en zij daar bleek te zijn.

618
00:35:49,110 --> 00:35:51,630
Het bleek dat ze niet was gestorven.

619
00:35:51,630 --> 00:35:56,250
Het was alleen maar een onjuist
bericht geweest dat ze was gestorven.

620
00:35:56,250 --> 00:35:58,950
Natuurlijk zag ik haar
dood toen ze stierf,

621
00:35:58,950 --> 00:36:01,650
maar in een droom zijn de dingen anders.

622
00:36:01,650 --> 00:36:06,510
In de droom is het zoiets als:
‘O, ik dacht dat je dood was.’

623
00:36:06,510 --> 00:36:10,290
En zij zegt: ‘Nee, ik ben gewoon hier.’

624
00:36:10,290 --> 00:36:13,650
Het was zo’n droom die
voortkwam uit wensdenken.

625
00:36:13,650 --> 00:36:16,710
Maar in de droom lijkt het
allemaal zo onwerkelijk.

626
00:36:16,710 --> 00:36:20,610
Je hebt je aangepast aan het
idee dat deze persoon dood is.

627
00:36:20,610 --> 00:36:23,070
Je zult diegene nooit meer zien.

628
00:36:23,070 --> 00:36:26,130
En dan is die persoon
daar ineens in de droom.

629
00:36:26,130 --> 00:36:29,910
Je zou zoiets hebben van:
‘Wauw, wat is dat vreemd!’

630
00:36:29,910 --> 00:36:34,350
Toen de discipelen Jezus zagen,
herkenden ze Hem blijkbaar min of meer,

631
00:36:34,350 --> 00:36:37,590
maar waren ze er tegelijkertijd
niet helemaal zeker van.

632
00:36:37,590 --> 00:36:39,750
Of ze waren er eigenlijk wel zeker van,

633
00:36:39,750 --> 00:36:42,750
maar wisten gewoon niet goed
wat ze ervan moesten denken.

634
00:36:42,750 --> 00:36:46,350
Het moet zijn geweest alsof
ze in een droomachtige,

635
00:36:46,350 --> 00:36:49,110
onwerkelijke gemoedstoestand verkeerden.

636
00:36:49,110 --> 00:36:53,610
De twee mannen op de weg naar Emmaüs
hadden Jezus tijdens Zijn leven gezien,

637
00:36:53,610 --> 00:36:59,070
maar herkenden Hem niet gedurende de hele
tijd dat ze met Hem naar Emmaüs liepen.

638
00:36:59,070 --> 00:37:03,930
Pas bij het breken van het brood
herkenden ze Hem, en toen verdween Hij.

639
00:37:03,930 --> 00:37:08,850
Zo werd Hij na Zijn opstanding van tijd
tot tijd niet onmiddellijk herkend.

640
00:37:08,850 --> 00:37:14,010
In dit specifieke geval van Maria wordt
echter soms geopperd dat Hij er niet

641
00:37:14,010 --> 00:37:15,810
werkelijk anders uitzag.

642
00:37:15,810 --> 00:37:20,070
Het kwam er eerder door dat
haar ogen vol tranen stonden.

643
00:37:20,070 --> 00:37:22,290
Dit wordt heel vaak geopperd.

644
00:37:22,290 --> 00:37:24,630
Er wordt ons verteld dat ze huilde.

645
00:37:24,630 --> 00:37:27,330
Haar ogen stonden vol tranen.

646
00:37:27,330 --> 00:37:29,130
Ze kon niet goed zien.

647
00:37:29,130 --> 00:37:32,490
Door haar tranen zag ze
alles min of meer wazig

648
00:37:32,490 --> 00:37:36,630
en kon ze niet goed onderscheiden
wie het was. Dat is mogelijk.

649
00:37:36,630 --> 00:37:40,410
Maar mogelijk is er ook
iets wat nog eenvoudiger is.

650
00:37:40,410 --> 00:37:43,170
Ze bukte zich en keek het graf in.

651
00:37:43,170 --> 00:37:46,770
Ze zit laag bij de grond
en kijkt de opening in.

652
00:37:46,770 --> 00:37:51,030
Hij staat achter haar, en ze draait
zich om en ziet Hem daar staan.

653
00:37:51,030 --> 00:37:54,030
Misschien heeft ze Zijn
gezicht niet meteen gezien.

654
00:37:54,030 --> 00:37:58,050
Zij zit hier op deze hoogte
en Hij staat hierboven.

655
00:37:58,050 --> 00:38:01,830
Ze draait zich om en ziet
dat daar een man staat.

656
00:38:01,830 --> 00:38:06,390
Ze huilt en kijkt niet onmiddellijk
omhoog om te zien wie het is.

657
00:38:06,390 --> 00:38:08,490
Ze weet niet dat Hij het is.

658
00:38:08,490 --> 00:38:12,390
Als je je omdraaide terwijl je zo laag bij
de grond zat en achter je een paar benen

659
00:38:12,390 --> 00:38:16,110
zag, zou je ook niet onmiddellijk
weten wie er achter je stond.

660
00:38:16,110 --> 00:38:20,610
We weten niet of Hij onherkenbaar was
of dat ze eenvoudigweg niet meteen naar

661
00:38:20,610 --> 00:38:22,110
Zijn gezicht keek.

662
00:38:22,110 --> 00:38:23,850
Jezus zei tegen haar:

663
00:38:23,850 --> 00:38:29,250
en die zeiden tegen haar: Vrouw,
waarom huilt u? Zij zei tegen hen:

664
00:38:29,250 --> 00:38:32,310
Omdat ze mijn Heere weggenomen
hebben, en ik weet niet

665
00:38:32,310 --> 00:38:34,230
waar ze Hem neergelegd hebben.

666
00:38:34,230 --> 00:38:36,930
Dit is hetzelfde als wat
de engelen hadden gevraagd,

667
00:38:36,930 --> 00:38:40,650
maar Jezus zou verdergaan
waar zij waren opgehouden.

668
00:38:40,650 --> 00:38:44,730
Jezus zei tegen haar:
Vrouw, waarom huilt u?

669
00:38:44,730 --> 00:38:50,490
Wie zoekt u? Zij dacht dat het de
tuinman was, en zei tegen Hem: Mijnheer,

670
00:38:50,490 --> 00:38:54,690
als u Hem weggedragen hebt, zeg
mij dan waar u Hem neergelegd hebt

671
00:38:54,690 --> 00:38:56,550
en ik zal Hem weghalen.

672
00:38:56,550 --> 00:39:00,570
Blijkbaar dacht ze dat iemand het
misschien lastig had gevonden dat Jezus in

673
00:39:00,570 --> 00:39:02,730
dit specifieke graf lag.

674
00:39:02,730 --> 00:39:04,650
Het was een rijk graf.

675
00:39:04,650 --> 00:39:10,590
Het was het eigen graf van Jozef van
Arimathea, het graf van een rijke man.

676
00:39:10,590 --> 00:39:14,310
Misschien dacht ze: ‘Jezus
was een eenvoudige man.

677
00:39:14,310 --> 00:39:18,750
Misschien heeft iemand besloten dat ze
Hem niet in hun dure graf wilden hebben,

678
00:39:18,750 --> 00:39:23,730
en hebben ze Hem ergens anders heen
gebracht en Hem ergens gedumpt.’

679
00:39:23,730 --> 00:39:26,850
Ik weet niet wat ze dacht,
maar ze dacht beslist niet

680
00:39:26,850 --> 00:39:28,890
dat Hij uit de dood was opgestaan.

681
00:39:28,890 --> 00:39:31,410
Daarom stroomden er
waarschijnlijk allerlei andere

682
00:39:31,410 --> 00:39:35,970
mogelijke verklaringen door haar hoofd,
zo veel als ze er maar kon bedenken.

683
00:39:35,970 --> 00:39:38,070
Toen zei Jezus tegen haar:

684
00:39:38,070 --> 00:39:39,210
Maria!

685
00:39:39,210 --> 00:39:42,990
Ze draaide zich om en
zei tegen hem: Rabboeni!

686
00:39:42,990 --> 00:39:45,630
Dat betekent: Meester.

687
00:39:45,630 --> 00:39:49,050
Rabboni is in wezen
hetzelfde woord als rabbi,

688
00:39:49,050 --> 00:39:52,830
misschien een wat meer
liefdevolle vorm van het woord.

689
00:39:52,830 --> 00:39:57,750
Rabbi betekent ‘mijn
leraar’ of ‘mijn meester’.

690
00:39:57,750 --> 00:39:59,730
Ze herkende Zijn stem.

691
00:39:59,730 --> 00:40:03,810
Sommigen denken dat Hij haar naam
uitsprak op de kenmerkende manier

692
00:40:03,810 --> 00:40:07,710
waarop zij Hem haar naam
vaker had horen uitspreken.

693
00:40:07,710 --> 00:40:12,570
Of misschien duurde het eenvoudigweg
tot dit moment voordat ze opkeek

694
00:40:12,570 --> 00:40:16,230
en zag dat Hij het was,
toen Hij haar naam noemde.

695
00:40:16,230 --> 00:40:18,090
Jezus zei tegen haar:

696
00:40:18,090 --> 00:40:21,150
Jezus zei tegen haar: Houd Mij niet vast,

697
00:40:21,150 --> 00:40:24,090
want Ik ben nog niet
opgevaren naar Mijn Vader,

698
00:40:24,090 --> 00:40:27,150
maar ga naar Mijn
broeders en zeg tegen hen:

699
00:40:27,150 --> 00:40:33,270
Ik vaar op naar Mijn Vader en uw
Vader, en naar Mijn God en uw God.

700
00:40:33,270 --> 00:40:36,990
Zijn uitspraak tegen haar,
‘Do not cling to Me’,

701
00:40:36,990 --> 00:40:40,290
is hier beter weergegeven
dan in de King James.

702
00:40:40,290 --> 00:40:43,890
In de King James Version
staat: ‘Touch Me not,

703
00:40:43,890 --> 00:40:46,950
for I have not yet ascended to My Father.’

704
00:40:46,950 --> 00:40:50,850
De vertaling ‘touch Me not’
is op zichzelf mogelijk,

705
00:40:50,850 --> 00:40:53,430
maar is in dit geval
waarschijnlijk niet juist.

706
00:40:53,430 --> 00:40:56,070
Het werkwoord hier is hapto.

707
00:40:56,070 --> 00:41:01,350
Je zou het schrijven als H-A-P-T-O, hapto.

708
00:41:01,350 --> 00:41:04,590
Dat woord betekent in
het Grieks ‘aanraken’.

709
00:41:04,590 --> 00:41:08,190
Het betekent ook ‘zich aan vastklampen’.

710
00:41:08,190 --> 00:41:11,670
In sommige contexten betekent
het een vuur aansteken:

711
00:41:11,670 --> 00:41:16,890
met een vlam een hoop aanmaakhout
aanraken en zo een vuur aansteken.

712
00:41:16,890 --> 00:41:21,150
In dit geval gaat het duidelijk niet
over het aansteken van een vuur,

713
00:41:21,150 --> 00:41:26,610
dus betekent het óf ‘aanraken’
óf ‘zich aan vastklampen’.

714
00:41:26,610 --> 00:41:30,750
De King James koos voor
‘touch’ — ‘Touch Me not,

715
00:41:30,750 --> 00:41:33,990
for I have not yet ascended to My Father.’

716
00:41:33,990 --> 00:41:38,190
Deze formulering heeft veel mensen
geleid tot een interpretatie die volgens

717
00:41:38,190 --> 00:41:40,170
mij onjuist is.

718
00:41:40,170 --> 00:41:44,910
Ze hebben gezegd: ‘Jezus kon,
nadat Hij uit het graf was gekomen,

719
00:41:44,910 --> 00:41:49,650
niet lichamelijk worden aangeraakt totdat
Hij naar de Vader zou opstijgen en het

720
00:41:49,650 --> 00:41:53,010
voorafbeeldende handelen van
de hogepriester zou vervullen,

721
00:41:53,010 --> 00:41:58,170
die het Heilige der Heiligen binnenging en
het bloed op het verzoendeksel sprenkelde.

722
00:41:58,170 --> 00:42:00,090
Jezus moest dat nog doen.

723
00:42:00,090 --> 00:42:04,890
Hij kon niet worden aangeraakt omdat
Zijn opstandingslichaam gereinigd was,

724
00:42:04,890 --> 00:42:08,610
en Hij mocht niet door menselijke
aanraking verontreinigd worden

725
00:42:08,610 --> 00:42:13,530
voordat Hij de hemel binnenging en Zijn
bloed op het verzoendeksel sprenkelde.

726
00:42:13,530 --> 00:42:15,930
Daarna kon Hij worden aangeraakt.’

727
00:42:15,930 --> 00:42:19,590
Ze wijzen erop dat kort
daarna, diezelfde ochtend,

728
00:42:19,590 --> 00:42:23,370
de andere vrouwen die op weg waren om
de discipelen te vertellen dat ze Hem in

729
00:42:23,370 --> 00:42:26,610
Galilea moesten ontmoeten,
Hem tegenkwamen.

730
00:42:26,610 --> 00:42:29,370
Ze grepen Zijn voeten
vast, en Hij zei niet tegen

731
00:42:29,370 --> 00:42:31,710
hen dat ze Hem niet mochten aanraken.

732
00:42:31,710 --> 00:42:34,890
Met andere woorden, ze
raakten Hem wel aan.

733
00:42:34,890 --> 00:42:38,010
Jezus zei volgens deze
opvatting tegen Maria:

734
00:42:38,010 --> 00:42:42,030
Raak Mij niet aan, want Ik ben nog
niet naar Mijn Vader opgestegen.

735
00:42:42,030 --> 00:42:46,950
Velen hebben daarom geopperd dat Hij
kort daarna naar de hemel is opgevaren.

736
00:42:46,950 --> 00:42:50,490
Dat zou gebeurd zijn tussen
Maria’s ontmoeting met Hem

737
00:42:50,490 --> 00:42:55,410
en de ontmoeting van de andere vrouwen,
wellicht minder dan een uur later.

738
00:42:55,410 --> 00:42:59,550
In de hemel zou Hij het bloed op het
verzoendeksel hebben gesprenkeld en

739
00:42:59,550 --> 00:43:01,770
vervolgens zijn teruggekomen.

740
00:43:01,770 --> 00:43:04,410
Toen mocht Hij wel worden aangeraakt.

741
00:43:04,410 --> 00:43:06,690
Zo hebben sommige mensen het opgevat.

742
00:43:06,690 --> 00:43:10,230
Volgens mij is dat zeer
ingewikkeld en onnodig.

743
00:43:10,230 --> 00:43:14,070
Hij doet niet een of andere mystieke
uitspraak die inhoudt dat Hij op dit

744
00:43:14,070 --> 00:43:19,110
moment niet aangeraakt kon worden, maar
wel nadat Hij naar de hemel was gegaan

745
00:43:19,110 --> 00:43:20,730
en was teruggekomen.

746
00:43:20,730 --> 00:43:22,830
Ik denk dat Hij alleen maar zegt:

747
00:43:22,830 --> 00:43:24,150
Hou Mij niet vast.

748
00:43:24,150 --> 00:43:26,790
Ik denk dat ze Hem werkelijk vasthield.

749
00:43:26,790 --> 00:43:28,830
Ze klampte zich aan Hem vast.

750
00:43:28,830 --> 00:43:31,410
We kunnen ons nauwelijks
iets anders voorstellen.

751
00:43:31,410 --> 00:43:36,930
Ze hield heel veel van Hem en dacht dat ze
Hem verloren had toen ze Hem zag sterven.

752
00:43:36,930 --> 00:43:38,970
Ze zag hoe Hij begraven werd.

753
00:43:38,970 --> 00:43:43,230
Ze had zich ingesteld op het idee
dat ze Hem nooit meer zou zien.

754
00:43:43,230 --> 00:43:47,970
En toen zag ze Hem, tot haar
grote vreugde, weer levend.

755
00:43:47,970 --> 00:43:50,010
Natuurlijk greep ze Hem vast.

756
00:43:50,010 --> 00:43:55,710
Ze zou het niet hardop zeggen, maar ze
zou denken: ‘Ik laat U nooit meer gaan.

757
00:43:55,710 --> 00:44:00,150
Ik dacht dat ik U één keer
verloren had, maar U bent terug.

758
00:44:00,150 --> 00:44:03,090
Ik ga U niet opnieuw verliezen.’

759
00:44:03,090 --> 00:44:04,230
Dat Hij zegt:

760
00:44:04,230 --> 00:44:07,830
Hou Mij niet vast, want Ik moet
nog naar Mijn Vader opstijgen,

761
00:44:07,830 --> 00:44:12,930
kan eenvoudig het meest voor de hand
liggende betekenen: Hij moet weer weggaan.

762
00:44:12,930 --> 00:44:15,030
We weten dat Hij dat deed.

763
00:44:15,030 --> 00:44:18,450
Uiteindelijk voer Hij op in het
bijzijn van Zijn discipelen.

764
00:44:18,450 --> 00:44:22,650
Het boek Handelingen vermeldt dat,
en het Evangelie van Markus ook.

765
00:44:22,650 --> 00:44:24,210
Hij zou weer weggaan.

766
00:44:24,210 --> 00:44:27,090
Met andere woorden, Hij
is niet voor altijd hier.

767
00:44:27,090 --> 00:44:29,130
Hij is niet hier om te blijven.

768
00:44:29,130 --> 00:44:31,170
Hij gaat terug naar de hemel.

769
00:44:31,170 --> 00:44:33,030
Klamp je dus niet aan Hem vast.

770
00:44:33,030 --> 00:44:36,330
Dat wil zeggen: word er
emotioneel niet afhankelijk van

771
00:44:36,330 --> 00:44:38,910
dat Ik hier lichamelijk bij je ben.

772
00:44:38,910 --> 00:44:42,390
Je moet Mij loslaten,
want Ik zal weer weggaan.

773
00:44:42,390 --> 00:44:45,930
Het lijkt misschien alsof Ik terug
ben, maar Ik ben niet echt terug zoals

774
00:44:45,930 --> 00:44:47,130
je had gehoopt.

775
00:44:47,130 --> 00:44:50,670
Ik ga weer weg en dan
zal Ik er niet meer zijn.

776
00:44:50,670 --> 00:44:52,710
Klamp je dus niet te veel vast.

777
00:44:52,710 --> 00:44:57,750
Wees niet te emotioneel afhankelijk van
Mijn lichamelijke aanwezigheid hier.

778
00:44:57,750 --> 00:45:00,750
Dat lijkt te zijn wat Hij
werkelijk tegen haar zegt.

779
00:45:00,750 --> 00:45:01,830
Hij zegt:

780
00:45:01,830 --> 00:45:06,030
Ga Mijn broeders vertellen dat Ik
opstijg naar Mijn Vader en jullie Vader,

781
00:45:06,030 --> 00:45:08,670
naar Mijn God en jullie God.

782
00:45:08,670 --> 00:45:13,350
Veel mensen halen dit aan alsof
het betekent dat Jezus niet God is.

783
00:45:13,350 --> 00:45:19,230
Ze zeggen: ‘Nou, Hij sprak over
God als Zijn God.’ Dat is waar.

784
00:45:19,230 --> 00:45:23,130
Dat is niet schokkend voor christenen
die in de Drie-eenheid geloven.

785
00:45:23,130 --> 00:45:29,010
Jezus onderwierp Zich in Zijn menswording
aan Zijn Vader als Zijn God en Zijn Vader.

786
00:45:29,010 --> 00:45:34,350
Dat staat zelfs in Psalm 45, die in
Hebreeën hoofdstuk 1 wordt aangehaald

787
00:45:34,350 --> 00:45:37,290
als een gedeelte dat tot Jezus gericht is.

788
00:45:37,290 --> 00:45:44,730
Je kunt het vinden in Hebreeën hoofdstuk
1, vers 8 en 9, een citaat uit Psalm 45,

789
00:45:44,730 --> 00:45:46,830
vers 7 en 8.

790
00:45:46,830 --> 00:45:49,890
Hebreeën 1:8-9 zegt:

791
00:45:49,890 --> 00:45:56,010
maar tegen de Zoon zegt Hij : Uw troon,
o God, bestaat in alle eeuwigheid.

792
00:45:56,010 --> 00:45:59,910
De scepter van Uw koninkrijk
is een scepter van het recht.

793
00:45:59,910 --> 00:46:04,230
U hebt gerechtigheid lief
en haat ongerechtigheid.

794
00:46:04,230 --> 00:46:10,770
Daarom heeft Uw God U gezalfd, o God,
met vreugdeolie, boven Uw metgezellen.

795
00:46:10,770 --> 00:46:14,610
De schrijver van Hebreeën zegt
dat dit tot Jezus gericht is,

796
00:46:14,610 --> 00:46:17,190
en degene die tot Jezus spreekt, zegt:

797
00:46:17,190 --> 00:46:21,570
God, Uw God, heeft U
gezalfd met vreugdeolie.

798
00:46:21,570 --> 00:46:24,870
Het is duidelijk dat de schrijver
van Hebreeën zegt dat het niet

799
00:46:24,870 --> 00:46:28,290
ongepast is om de Vader de
God van Christus te noemen.

800
00:46:28,290 --> 00:46:30,930
Hij is Uw God.

801
00:46:30,930 --> 00:46:34,950
Maar merk op dat de Zoon aan het
begin van het citaat in vers 8

802
00:46:34,950 --> 00:46:36,690
ook God wordt genoemd:

803
00:46:36,690 --> 00:46:40,410
Uw troon, God, blijft voor altijd bestaan.

804
00:46:40,410 --> 00:46:44,730
De Messias wordt aangesproken als God,
en toch wordt over de Vader gesproken

805
00:46:44,730 --> 00:46:46,590
als Zijn God.

806
00:46:46,590 --> 00:46:49,890
Deze manier van spreken is
voor ons uiteraard verwarrend,

807
00:46:49,890 --> 00:46:53,610
omdat we de aard van de verhouding
tussen de Vader en de Zoon,

808
00:46:53,610 --> 00:46:59,130
de godheid van Christus en het Zoonschap
van Christus niet volledig begrijpen.

809
00:46:59,130 --> 00:47:04,710
Wat ons rest, is het idee dat Jezus,
hoewel Hij in de gestalte van God bestond,

810
00:47:04,710 --> 00:47:07,470
toen Hij de gestalte
van een dienaar aannam,

811
00:47:07,470 --> 00:47:12,690
een extra dimensie of identiteit aannam
naast wat Hij daarvoor had gehad.

812
00:47:12,690 --> 00:47:16,410
Hij was niet alleen God, maar
Hij was nu ook nog iets anders.

813
00:47:16,410 --> 00:47:18,150
Hij was ook een mens.

814
00:47:18,150 --> 00:47:20,070
Hij was een God-mens.

815
00:47:20,070 --> 00:47:24,090
De God-mens zag op naar
God de Vader als Zijn God,

816
00:47:24,090 --> 00:47:27,690
en toch was Hij die God
in menselijke gedaante.

817
00:47:27,690 --> 00:47:30,990
Hoe dit mogelijk kon zijn,
legt Johannes nooit uit,

818
00:47:30,990 --> 00:47:35,430
maar hij verwijst er vaker naar dan
welke andere evangelieschrijver ook.

819
00:47:35,430 --> 00:47:37,530
Hij begint met dat mysterie:

820
00:47:37,530 --> 00:47:43,110
In het begin was het Woord en het
Woord was bij God en het Woord was God.

821
00:47:43,110 --> 00:47:46,290
Met precies die paradox
opent hij zijn boek.

822
00:47:46,290 --> 00:47:48,870
Hij was bij God en Hij was God.

823
00:47:48,870 --> 00:47:53,250
In de bovenzaal, in
Johannes 14, zeiden ze:

824
00:47:53,250 --> 00:47:59,190
Filippus zei tegen Hem: Heere, laat
ons de Vader zien en het is ons genoeg.

825
00:47:59,190 --> 00:48:00,630
toen zei Jezus:

826
00:48:00,630 --> 00:48:05,070
Ben Ik zo’n lange tijd bij u,
en kent u Mij niet, Filippus?

827
00:48:05,070 --> 00:48:08,490
Met andere woorden: je wilt de Vader zien?

828
00:48:08,490 --> 00:48:10,470
Weet je niet naar Wie je kijkt?

829
00:48:10,470 --> 00:48:11,670
Hij zegt:

830
00:48:11,670 --> 00:48:15,870
Gelooft u niet dat Ik in de
Vader ben en de Vader in Mij is?

831
00:48:15,870 --> 00:48:21,330
De woorden die Ik tot u spreek, spreek
Ik niet uit Mijzelf, maar de Vader,

832
00:48:21,330 --> 00:48:24,690
Die in Mij blijft, Die doet de werken.

833
00:48:24,690 --> 00:48:28,950
Hij zegt duidelijk dat Zijn
vereenzelviging met de Vader

834
00:48:28,950 --> 00:48:30,630
bijna absoluut is.

835
00:48:30,630 --> 00:48:34,770
Als je Hem hebt gezien, hoef je
dus niet ook nog de Vader te zien.

836
00:48:34,770 --> 00:48:40,170
Je hebt dan zoveel van de Vader gezien
als iemand zich ooit zou kunnen wensen.

837
00:48:40,170 --> 00:48:45,330
Toch zegt Hij in hetzelfde hoofdstuk,
voordat het hoofdstuk afgelopen is:

838
00:48:45,330 --> 00:48:48,030
Mijn Vader is meer dan Ik.

839
00:48:48,030 --> 00:48:54,150
Hoewel Jezus God is — en dat is wat Thomas
uiteindelijk belijdt wanneer hij Hem ziet:

840
00:48:54,150 --> 00:48:58,890
Mijn Heer en mijn God — spreekt
Jezus over de Vader als:

841
00:48:58,890 --> 00:49:03,150
Mijn Vader en jullie Vader,
mijn God en jullie God.

842
00:49:03,150 --> 00:49:04,770
Hoe we de leer van de godheid van

843
00:49:04,770 --> 00:49:07,950
Christus en de leer van
Christus’ ondergeschiktheid als

844
00:49:07,950 --> 00:49:11,610
Zoon aan de Vader met elkaar in
overeenstemming moeten brengen,

845
00:49:11,610 --> 00:49:14,670
is voor theologen een
verbijsterende kwestie.

846
00:49:14,670 --> 00:49:19,650
Maar dat komt alleen doordat ze zichzelf
toestaan er verbijsterd over te zijn.

847
00:49:19,650 --> 00:49:22,710
De andere mogelijkheid is
om niet verbijsterd te zijn

848
00:49:22,710 --> 00:49:25,470
en het eenvoudigweg niet te begrijpen.

849
00:49:25,470 --> 00:49:30,090
Je hoeft het niet te begrijpen en je
hoeft er niet verbijsterd over te zijn.

850
00:49:30,090 --> 00:49:34,710
Je kunt erkennen dat er bepaalde
mysteries zijn die God begrijpt.

851
00:49:34,710 --> 00:49:38,970
Hij spreekt vanuit het standpunt
dat Hij die mysteries begrijpt,

852
00:49:38,970 --> 00:49:41,250
zonder ze aan ons uit te leggen.

853
00:49:41,250 --> 00:49:44,370
Er zijn meer dingen in
hemel en op aarde dan

854
00:49:44,370 --> 00:49:49,470
waarvan in onze filosofie wordt gedroomd,
en daarom moeten we het aanvaarden.

855
00:49:49,470 --> 00:49:56,790
Jezus zei dat de Vader Mijn Vader is en
dat Hij Mijn God is, en ook die van jou.

856
00:49:56,790 --> 00:49:59,370
Maar Jezus is eveneens God.

857
00:49:59,370 --> 00:50:02,910
Maria Magdalena kwam en
vertelde de discipelen dat

858
00:50:02,910 --> 00:50:07,470
zij de Heere had gezien en dat Hij
deze dingen tegen haar had gezegd.

859
00:50:07,470 --> 00:50:11,550
Voor zover wij weten, was die
eerste verschijning van Christus

860
00:50:11,550 --> 00:50:14,490
voordat Hij aan iemand
anders was verschenen.

861
00:50:14,490 --> 00:50:20,070
Maria Magdalena kreeg als eerste die
gelegenheid en zij getuigde ervan.

862
00:50:20,070 --> 00:50:23,970
De eerste getuige van de
opstanding was dus een vrouw.

863
00:50:23,970 --> 00:50:27,690
De andere vrouwen hadden van
engelen over de opstanding gehoord.

864
00:50:27,690 --> 00:50:31,170
Ze hadden dus een gezaghebbende
boodschap om over te brengen,

865
00:50:31,170 --> 00:50:34,110
maar ze konden niet als getuigen optreden.

866
00:50:34,110 --> 00:50:35,910
Ze hadden Hem niet gezien.

867
00:50:35,910 --> 00:50:39,930
Je kunt alleen getuigen van iets
wat je werkelijk hebt gezien.

868
00:50:39,930 --> 00:50:43,470
Als je naar de rechtbank gaat en ze
vragen je om te getuigen, en je zegt:

869
00:50:43,470 --> 00:50:46,050
‘Ik heb iemand dit horen
zeggen,’ dan zeggen ze:

870
00:50:46,050 --> 00:50:49,290
‘Dat is bewijs van horen
zeggen. Wat heb jij gezien?

871
00:50:49,290 --> 00:50:52,050
Wat gebeurde er werkelijk
voor je eigen ogen?’

872
00:50:52,050 --> 00:50:54,690
De rechtbank wil alleen
weten wat je hebt gezien.

873
00:50:54,690 --> 00:50:57,870
Je kunt alleen getuigen
van wat je hebt gezien.

874
00:50:57,870 --> 00:51:01,650
Maria was de eerste die had
gezien dat Hij was opgestaan.

875
00:51:01,650 --> 00:51:05,070
Johannes was het gaan geloven
door de grafdoeken te zien.

876
00:51:05,070 --> 00:51:09,510
De vrouwen waren het gaan geloven doordat
de engelen het hun hadden verteld.

877
00:51:09,510 --> 00:51:14,790
Maar Maria kon werkelijk getuigen:
‘Jezus leeft. Ik heb Hem gezien.’

878
00:51:14,790 --> 00:51:17,730
Daarom was zij de eerste
evangelist, de eerste

879
00:51:17,730 --> 00:51:21,690
boodschapper van het Evangelie
die als ware getuige optrad.

880
00:51:21,690 --> 00:51:25,170
De andere vrouwen waren ook
boodschappers van het Evangelie.

881
00:51:25,170 --> 00:51:27,750
Ze konden niet getuigen
van wat ze hadden gezien,

882
00:51:27,750 --> 00:51:32,610
maar ze hadden de informatie van engelen
gekregen en brachten die dus ook over.

883
00:51:32,610 --> 00:51:37,110
De allereerste mensen die het Evangelie
verkondigden, waren dus vrouwen.

884
00:51:37,110 --> 00:51:40,710
Er is vaak op gewezen dat dit
nauwelijks verzonnen kan zijn.

885
00:51:40,710 --> 00:51:44,730
Want als de Joden die de evangeliën
schreven het verhaal hadden bedacht,

886
00:51:44,730 --> 00:51:49,230
zouden ze vrouwen nooit tot de voornaamste
getuigen van de opstanding hebben gemaakt.

887
00:51:49,230 --> 00:51:54,210
De eenvoudige reden is dat het getuigenis
van vrouwen in de Joodse samenleving niet

888
00:51:54,210 --> 00:51:55,830
betrouwbaar werd geacht.

889
00:51:55,830 --> 00:51:58,530
Een vrouw mocht niet in
de rechtbank getuigen,

890
00:51:58,530 --> 00:52:02,490
omdat men niet dacht dat een vrouw
als getuige betrouwbaar kon zijn.

891
00:52:02,490 --> 00:52:06,270
In de Joodse samenleving werden vrouwen
als veel minderwaardig aan mannen

892
00:52:06,270 --> 00:52:09,630
beschouwd, en het getuigenis van
een vrouw in de rechtbank zou

893
00:52:09,630 --> 00:52:11,310
helemaal niet meetellen.

894
00:52:11,310 --> 00:52:14,790
In het Midden-Oosten staan
vrouwen niet hoog aangeschreven,

895
00:52:14,790 --> 00:52:18,630
of worden ze in ieder geval niet
als geloofwaardig beschouwd.

896
00:52:18,630 --> 00:52:22,470
Als verhalenvertellers uit het
Midden-Oosten dit hadden verzonnen,

897
00:52:22,470 --> 00:52:26,850
zouden ze daarom nooit vrouwen hebben
uitgekozen als de eerste getuigen,

898
00:52:26,850 --> 00:52:29,790
de personen die het getuigenis aflegden.

899
00:52:29,790 --> 00:52:33,750
Het is duidelijk dat deze
verhalen zo worden verteld omdat

900
00:52:33,750 --> 00:52:35,850
dit is wat er gebeurd is.

901
00:52:35,850 --> 00:52:39,150
De Joodse schrijvers zouden
veel liever aan het begin

902
00:52:39,150 --> 00:52:43,470
enkele mannelijke getuigen hebben
gehad, maar God had het nu eenmaal niet

903
00:52:43,470 --> 00:52:45,150
zo laten verlopen.

904
00:52:45,150 --> 00:52:49,530
God verwachtte van de mannen dat ze
het getuigenis van vrouwen geloofden,

905
00:52:49,530 --> 00:52:54,630
hoewel ze niet gewend waren geloof te
hechten aan het getuigenis van vrouwen.

906
00:52:54,630 --> 00:52:58,770
Er staat inderdaad in een van de
evangeliën dat het voor de discipelen als

907
00:52:58,770 --> 00:53:03,450
ijdel gepraat klonk toen de vrouwen
tegenover de apostelen getuigden dat ze

908
00:53:03,450 --> 00:53:04,950
Jezus hadden gezien.

909
00:53:04,950 --> 00:53:07,350
De discipelen geloofden hen niet echt.

910
00:53:07,350 --> 00:53:10,350
Blijkbaar geloofden ze
Maria Magdalena ook niet.

911
00:53:10,350 --> 00:53:13,590
Daarom verscheen Jezus
vervolgens aan de apostelen.

912
00:53:13,590 --> 00:53:16,290
Natuurlijk zou je denken dat
zij de eersten zouden zijn,

913
00:53:16,290 --> 00:53:18,630
omdat ze Zijn apostelen zijn.

914
00:53:18,630 --> 00:53:23,250
Zij zijn degenen die Hij heeft uitgekozen
om in de toekomst blijvend als Zijn

915
00:53:23,250 --> 00:53:24,750
woordvoerders op te treden.

916
00:53:24,750 --> 00:53:29,190
Maar hier, in vers 19, verschijnt
Hij voor het eerst aan hen:

917
00:53:29,190 --> 00:53:32,070
Toen het nu avond was op
die eerste dag van de week

918
00:53:32,070 --> 00:53:35,070
en de deuren van de plaats
waar de discipelen bijeenwaren,

919
00:53:35,070 --> 00:53:38,430
uit vrees voor de Joden
gesloten waren, kwam Jezus

920
00:53:38,430 --> 00:53:41,670
en Hij stond in hun
midden en zei tegen hen:

921
00:53:41,670 --> 00:53:47,730
Vrede zij u! En nadat Hij dit gezegd had,
liet Hij hun Zijn handen en Zijn zij zien.

922
00:53:47,730 --> 00:53:51,330
De discipelen dan verblijdden
zich toen zij de Heere zagen.

923
00:53:51,330 --> 00:53:57,450
Jezus dan zei opnieuw tegen hen: Vrede
zij u! Zoals de Vader Mij gezonden heeft,

924
00:53:57,450 --> 00:54:03,510
zend Ik ook u. En nadat Hij dit gezegd
had, blies Hij op hen en zei tegen hen:

925
00:54:03,510 --> 00:54:05,370
Ontvang de Heilige Geest.

926
00:54:05,370 --> 00:54:10,530
Als u iemands zonden vergeeft, worden
ze hem vergeven; als u ze hem toerekent,

927
00:54:10,530 --> 00:54:12,510
blijven ze hem toegerekend.

928
00:54:12,510 --> 00:54:15,750
Dit waren alle apostelen behalve Thomas.

929
00:54:15,750 --> 00:54:19,290
Naar deze verschijning aan deze
mannen wordt soms verwezen,

930
00:54:19,290 --> 00:54:24,150
bijvoorbeeld door Paulus in 1 Korinthe
15, als Zijn verschijning aan de twaalf.

931
00:54:24,150 --> 00:54:26,430
Er waren er echter geen twaalf.

932
00:54:26,430 --> 00:54:29,670
Thomas was er niet bij
en Judas was er niet bij.

933
00:54:29,670 --> 00:54:31,470
Er waren er maar tien.

934
00:54:31,470 --> 00:54:34,110
Toch werden ze nog
steeds de twaalf genoemd.

935
00:54:34,110 --> 00:54:37,710
‘De twaalf’ was een technische term
geworden voor de groep apostelen.

936
00:54:37,710 --> 00:54:40,230
Ook als sommigen van
hen niet aanwezig waren,

937
00:54:40,230 --> 00:54:42,450
en zelfs toen hun aantal korte tijd tot

938
00:54:42,450 --> 00:54:45,930
elf was teruggelopen en daarna
weer op twaalf werd gebracht,

939
00:54:45,930 --> 00:54:49,830
werd de groep technisch gezien
nog steeds ‘de twaalf’ genoemd.

940
00:54:49,830 --> 00:54:52,410
Tien van hen zien Jezus dus op dit moment,

941
00:54:52,410 --> 00:54:57,930
en er gebeuren belangrijke dingen terwijl
Thomas afwezig is. Eerst zegt Jezus:

942
00:54:57,930 --> 00:55:01,170
Zoals de Vader Mij heeft
gestuurd, stuur Ik jullie ook.

943
00:55:01,170 --> 00:55:05,370
Hoewel Johannes het woord ‘apostel’
niet vaak in zijn evangelie gebruikt,

944
00:55:05,370 --> 00:55:09,030
is het woord ‘zenden’ hier het
werkwoord dat bij het zelfstandig

945
00:55:09,030 --> 00:55:11,190
naamwoord ‘apostel’ hoort.

946
00:55:11,190 --> 00:55:14,550
Het betekent in wezen:
‘Ik apostel jullie.’

947
00:55:14,550 --> 00:55:18,330
‘Ik zend jullie als apostelen’,
dat is wat dit werkwoord betekent.

948
00:55:18,330 --> 00:55:22,470
Toen Hij dat gezegd had, blies
Hij op hen en zei tegen hen:

949
00:55:22,470 --> 00:55:24,450
Ontvang de Heilige Geest.

950
00:55:24,450 --> 00:55:27,270
Dit is duidelijk vóór Pinksteren.

951
00:55:27,270 --> 00:55:31,410
Pinksteren, toen de Heilige Geest op de
honderdtwintig mensen die in de bovenzaal

952
00:55:31,410 --> 00:55:36,630
bijeenwaren in de bovenzaal kwam, zou
ongeveer zeven weken later plaatsvinden.

953
00:55:36,630 --> 00:55:41,190
Het lijkt erop dat deze discipelen de
Heilige Geest vóór Pinksteren ontvingen.

954
00:55:41,190 --> 00:55:43,710
Sommigen denken dat ze Hem niet ontvingen.

955
00:55:43,710 --> 00:55:48,750
Sommigen denken dat Jezus alleen maar
op hen blies en zei: ‘Ontvang de Geest’,

956
00:55:48,750 --> 00:55:52,890
als een manier om te zeggen: ‘Er zal een
tijd komen waarop de Heilige Geest op

957
00:55:52,890 --> 00:55:57,510
jullie zal vallen, en Ik spoor jullie
aan om Hem op dat moment te ontvangen.’

958
00:55:57,510 --> 00:55:59,970
Maar het lijkt niet nodig
dat Hij dat zou zeggen,

959
00:55:59,970 --> 00:56:05,010
want in de bovenzaal was het ontvangen van
de Heilige Geest geen punt van discussie.

960
00:56:05,010 --> 00:56:09,090
De Heilige Geest viel op hen allemaal
en ze werden allemaal vervuld met

961
00:56:09,090 --> 00:56:10,590
de Heilige Geest.

962
00:56:10,590 --> 00:56:14,790
Ze hoefden niet door een bijzondere
wilsdaad te proberen Hem te ontvangen.

963
00:56:14,790 --> 00:56:20,070
Dat Hij op dit moment op hen blaast,
lijkt natuurlijk op hoe God in Adam blies.

964
00:56:20,070 --> 00:56:25,350
Nadat Hij Adam uit klei had gemaakt,
blies Hij de levensadem in zijn neusgaten,

965
00:56:25,350 --> 00:56:27,930
en Adam werd een levende ziel.

966
00:56:27,930 --> 00:56:32,610
Op dit moment deelt Hij door de Heilige
Geest leven mee aan Zijn discipelen.

967
00:56:32,610 --> 00:56:36,150
Ik geloof dat we moeten aannemen
dat dit het moment is waarop

968
00:56:36,150 --> 00:56:37,890
ze werden wedergeboren.

969
00:56:37,890 --> 00:56:39,870
Ze worden opnieuw geboren.

970
00:56:39,870 --> 00:56:43,710
Ze zouden eerder opnieuw geboren
zijn als dat mogelijk was geweest.

971
00:56:43,710 --> 00:56:46,650
In 1 Petrus 1:3 staat:

972
00:56:46,650 --> 00:56:52,110
Geprezen zij de God en Vader van
onze Heere Jezus Christus, Die ons,

973
00:56:52,110 --> 00:56:57,150
overeenkomstig Zijn grote barmhartigheid,
opnieuw geboren deed worden tot een

974
00:56:57,150 --> 00:57:01,830
levende hoop, door de opstanding
van Jezus Christus uit de doden,

975
00:57:01,830 --> 00:57:07,410
Pas toen Jezus uit de dood opstond, kon
dit soort wedergeboorte plaatsvinden.

976
00:57:07,410 --> 00:57:10,710
Jezus schonk die bij de
vroegst mogelijke gelegenheid

977
00:57:10,710 --> 00:57:13,230
na Zijn opstanding aan Zijn discipelen.

978
00:57:13,230 --> 00:57:18,330
Het opstandingsleven van Christus is
wat wij bij de wedergeboorte ontvangen.

979
00:57:18,330 --> 00:57:20,910
Wij hebben deel aan Zijn opstanding.

980
00:57:20,910 --> 00:57:25,530
Wanneer we opnieuw geboren worden, gaan
we over van de dood naar het leven.

981
00:57:25,530 --> 00:57:30,510
Dat kunnen we alleen omdat Jezus van
de dood naar het leven is overgegaan.

982
00:57:30,510 --> 00:57:35,970
Hij moest eerst opstaan en daarna kon Hij
door de Geest een nieuw leven meedelen.

983
00:57:35,970 --> 00:57:40,050
Dat is wat er met ons allemaal
gebeurt wanneer we christen worden.

984
00:57:40,050 --> 00:57:45,030
Wat er met Pinksteren gebeurde, stond
daarvan los. Het was iets anders.

985
00:57:45,030 --> 00:57:49,770
Dat was het vervuld worden met de
Geest, en dat gebeurt niet automatisch.

986
00:57:49,770 --> 00:57:53,430
Christenen zijn niet allemaal
automatisch vervuld met de Geest.

987
00:57:53,430 --> 00:57:57,450
De Bijbel gebiedt ons zelfs om
vervuld te worden met de Geest,

988
00:57:57,450 --> 00:58:01,530
hoewel daarbij wordt aangenomen
dat we de Geest al hebben.

989
00:58:01,530 --> 00:58:07,290
In Efeze 1 vertelde Paulus de Efeziërs dat
ze de Geest hadden ontvangen nadat ze tot

990
00:58:07,290 --> 00:58:09,030
geloof waren gekomen.

991
00:58:09,030 --> 00:58:15,090
Maar in Efeze 5 gebiedt of spoort hij hen
aan om vervuld te worden met de Geest.

992
00:58:15,090 --> 00:58:18,030
Dat is blijkbaar iets anders
dan alleen de Geest hebben.

993
00:58:18,030 --> 00:58:20,850
In Efeze 1:13 staat:

994
00:58:20,850 --> 00:58:25,230
In Hem bent ook u, nadat u
het Woord van de waarheid,

995
00:58:25,230 --> 00:58:31,110
namelijk het Evangelie van uw zaligheid,
gehoord hebt; in Hem bent u ook,

996
00:58:31,110 --> 00:58:36,270
toen u tot geloof kwam, verzegeld
met de Heilige Geest van de belofte,

997
00:58:36,270 --> 00:58:40,230
Je hebt het zegel van de
Heilige Geest ontvangen.

998
00:58:40,230 --> 00:58:44,910
Je hebt de Heilige Geest, en dat
is als een zegel van God op jou,

999
00:58:44,910 --> 00:58:50,010
als een zegelring die aangeeft
dat je Gods eigendom bent.

1000
00:58:50,010 --> 00:58:55,770
De lezers hebben dus de
Heilige Geest, zegt Efeze 1:13.

1001
00:58:55,770 --> 00:58:59,010
Maar in Efeze 5:18 zegt hij:

1002
00:58:59,010 --> 00:59:03,150
En word niet dronken van
wijn, waarin losbandigheid is,

1003
00:59:03,150 --> 00:59:05,250
maar word vervuld met de Geest,

1004
00:59:05,250 --> 00:59:10,590
Hij schrijft aan mensen die de Geest
hebben, mensen die opnieuw geboren zijn,

1005
00:59:10,590 --> 00:59:14,250
en hij zegt tegen hen dat ze
vervuld moeten worden met de Geest.

1006
00:59:14,250 --> 00:59:16,890
Dat gebeurt blijkbaar niet automatisch.

1007
00:59:16,890 --> 00:59:20,550
Mensen moeten er dus uitdrukkelijk
toe worden aangespoord.

1008
00:59:20,550 --> 00:59:24,630
Vervuld worden met de Geest is wat
er met Pinksteren met de mensen in

1009
00:59:24,630 --> 00:59:26,550
de bovenzaal gebeurde.

1010
00:59:26,550 --> 00:59:29,790
Maar daarvoor waren de
discipelen blijkbaar wedergeboren

1011
00:59:29,790 --> 00:59:33,330
toen Jezus op hen blies
en zij de Geest ontvingen.

1012
00:59:33,330 --> 00:59:37,110
Dan zegt Hij tegen hen in Johannes 20:23:

1013
00:59:37,110 --> 00:59:42,450
Als u iemands zonden vergeeft, worden
ze hem vergeven; als u ze hem toerekent,

1014
00:59:42,450 --> 00:59:44,430
blijven ze hem toegerekend.

1015
00:59:44,430 --> 00:59:48,990
De rooms-katholieken hebben dit zo opgevat
dat God de apostelen een bijzondere

1016
00:59:48,990 --> 00:59:52,770
bevoegdheid gaf om zonden
wel of niet te vergeven.

1017
00:59:52,770 --> 00:59:56,910
Ze geloven ook dat de rooms-katholieke
bisschoppen de opvolgers van de apostelen

1018
00:59:56,910 --> 00:59:58,890
zijn en die bevoegdheid hebben.

1019
00:59:58,890 --> 01:00:01,650
En dat de bisschoppen
priesters kunnen aanstellen

1020
01:00:01,650 --> 01:00:04,230
en hun die bevoegdheid kunnen geven,

1021
01:00:04,230 --> 01:00:08,910
zodat alleen rooms-katholieke priesters
je zonden kunnen kwijtschelden.

1022
01:00:08,910 --> 01:00:11,670
Daarom biechten ze bij een priester.

1023
01:00:11,670 --> 01:00:17,910
De priester zegt: ‘Je zegt zoveel
weesgegroetjes, je zegt zoveel onzevaders,

1024
01:00:17,910 --> 01:00:24,390
je steekt zoveel kaarsen aan, je doet deze
dingen, en je zonden zijn je vergeven.’

1025
01:00:24,390 --> 01:00:29,130
De priester heeft het recht je
zonden wel of niet te vergeven,

1026
01:00:29,130 --> 01:00:32,070
omdat hij door een bisschop is aangesteld.

1027
01:00:32,070 --> 01:00:35,070
Die bisschoppen zijn de
opvolgers van de apostelen,

1028
01:00:35,070 --> 01:00:40,290
en God gaf de apostelen het recht
zonden wel of niet te vergeven.

1029
01:00:40,290 --> 01:00:45,570
De Rooms-Katholieke Kerk heeft de
Schrift beslist niet aan haar kant.

1030
01:00:45,570 --> 01:00:49,590
Zelfs als Jezus de apostelen
bijzondere toestemming gaf om

1031
01:00:49,590 --> 01:00:53,070
zonden wel of niet te
vergeven, betekent dat niet

1032
01:00:53,070 --> 01:00:57,630
dat zij opvolgers zouden hebben die
hetzelfde gezag zouden bezitten.

1033
01:00:57,630 --> 01:01:01,710
Er wordt nergens gezegd dat de
apostelen ooit opvolgers hebben.

1034
01:01:01,710 --> 01:01:06,390
De twaalf apostelen blijven tot
in eeuwigheid de twaalf apostelen

1035
01:01:06,390 --> 01:01:07,890
in de stad van God.

1036
01:01:07,890 --> 01:01:12,210
De twaalf fundamentstenen
vertegenwoordigen de twaalf apostelen en

1037
01:01:12,210 --> 01:01:13,770
dragen hun namen.

1038
01:01:13,770 --> 01:01:16,950
Zij zijn blijvend het
fundament van de gemeente.

1039
01:01:16,950 --> 01:01:21,630
Welk bijzonder gezag zij ook gehad
mogen hebben dat wij niet hebben,

1040
01:01:21,630 --> 01:01:24,990
zij hebben het niet aan
iemand anders doorgegeven.

1041
01:01:24,990 --> 01:01:28,830
Jezus kan de apostelen zo’n
bijzonder gezag hebben gegeven,

1042
01:01:28,830 --> 01:01:32,910
maar protestanten vatten dit
meestal enigszins anders op.

1043
01:01:32,910 --> 01:01:35,430
Volgens hen zegt Jezus in feite alleen:

1044
01:01:35,430 --> 01:01:38,670
Ik geef jullie de opdracht om
de mensen te vertellen dat hun

1045
01:01:38,670 --> 01:01:40,590
zonden vergeven kunnen worden.

1046
01:01:40,590 --> 01:01:44,970
Als jullie dat doen, zorgen jullie
ervoor dat ze vergeving krijgen.

1047
01:01:44,970 --> 01:01:48,510
Als jullie dat niet doen,
blijven hun zonden staan.

1048
01:01:48,510 --> 01:01:51,630
In zekere zin vergeven
jullie hun zonden dus.

1049
01:01:51,630 --> 01:01:56,430
Door het evangelie te verkondigen,
reiken jullie hun Gods vergeving aan.

1050
01:01:56,430 --> 01:01:59,970
Als jullie dat doen, zullen
ze ook echt vergeven worden.

1051
01:01:59,970 --> 01:02:05,310
Als jullie dat nalaten, blijven hun
zonden staan en worden ze niet vergeven.

1052
01:02:05,310 --> 01:02:10,050
Gewoonlijk wordt betoogd dat Jezus hier
alleen zegt dat je de taak hebt Gods

1053
01:02:10,050 --> 01:02:14,250
vergeving aan de wereld aan te bieden
door de prediking van het Evangelie,

1054
01:02:14,250 --> 01:02:16,410
door de verkondiging van de verzoening.

1055
01:02:16,410 --> 01:02:20,550
Als je dat niet doet, zullen de
zonden van de wereld blijven staan.

1056
01:02:20,550 --> 01:02:23,070
Er is mogelijk nog een andere betekenis.

1057
01:02:23,070 --> 01:02:26,970
Het zou mogelijk betekenen dat
christenen — niet alleen de apostelen,

1058
01:02:26,970 --> 01:02:31,890
maar christenen — het recht hebben mensen
de zonden te vergeven die deze mensen

1059
01:02:31,890 --> 01:02:33,630
tegen hen hebben begaan.

1060
01:02:33,630 --> 01:02:37,410
Misschien bedoelt Hij dat hier niet,
maar het lijkt er wel op dat wij,

1061
01:02:37,410 --> 01:02:41,790
als een koninkrijk van priesters, het
gezag hebben mensen vrij te spreken van

1062
01:02:41,790 --> 01:02:44,550
zonden die zij tegen ons hebben begaan.

1063
01:02:44,550 --> 01:02:49,590
Misschien is dit de reden waarom ons
zo vaak wordt gezegd elkaar te vergeven

1064
01:02:49,590 --> 01:02:51,390
wat ons is aangedaan.

1065
01:02:51,390 --> 01:02:56,190
Als je broeder tegen je zondigt, vergeef
hem, zodat jij vergeven kunt worden.

1066
01:02:56,190 --> 01:02:59,010
Toen Stefanus werd gestenigd, zei hij:

1067
01:02:59,010 --> 01:03:03,630
En terwijl hij op de knieën viel,
riep hij met luide stem: Heere,

1068
01:03:03,630 --> 01:03:05,790
reken hun deze zonde niet toe!

1069
01:03:05,790 --> 01:03:08,190
En toen hij dat gezegd had, ontsliep hij.

1070
01:03:08,190 --> 01:03:11,910
Hij kon niet vragen of al hun
zonden vergeven mochten worden.

1071
01:03:11,910 --> 01:03:14,190
Dat viel niet onder zijn bevoegdheid.

1072
01:03:14,190 --> 01:03:16,950
Maar over de zonde tegen hem zei hij:

1073
01:03:16,950 --> 01:03:19,290
Reken hun deze zonde niet aan.

1074
01:03:19,290 --> 01:03:21,990
Misschien heeft God dat
verzoek ingewilligd.

1075
01:03:21,990 --> 01:03:25,410
Stefanus dacht blijkbaar dat
hij het recht had dit te vragen.

1076
01:03:25,410 --> 01:03:30,210
Jezus Zelf zei, met specifieke verwijzing
naar degenen die Hem kruisigden:

1077
01:03:30,210 --> 01:03:35,850
En Jezus zei: Vader, vergeef het hun,
want zij weten niet wat zij doen.

1078
01:03:35,850 --> 01:03:39,150
En ze verdeelden Zijn
kleren en wierpen het lot.

1079
01:03:39,150 --> 01:03:42,450
Dit schonk niet automatisch
behoud aan al deze mensen,

1080
01:03:42,450 --> 01:03:46,650
maar het kan heel goed zijn dat
Jezus hen vrijsprak van deze

1081
01:03:46,650 --> 01:03:49,230
specifieke misdaad tegen Hemzelf.

1082
01:03:49,230 --> 01:03:53,370
Het kan zijn dat Jezus zegt: omdat
jullie verlengstukken van Mij zijn,

1083
01:03:53,370 --> 01:03:57,150
kunnen jullie mensen in elk geval
de zonden vergeven die tegen

1084
01:03:57,150 --> 01:03:58,650
jullie worden begaan.

1085
01:03:58,650 --> 01:04:03,390
Dat zal de last van hun schuld en hun
veroordeling op zijn minst verminderen.

1086
01:04:03,390 --> 01:04:07,650
Ik weet niet of Hij dat bedoelt,
maar vers 23 is onduidelijk,

1087
01:04:07,650 --> 01:04:12,390
en het is duidelijk dat katholieken en
protestanten het verschillend opvatten.

1088
01:04:12,390 --> 01:04:18,030
Thomas, die Didymus genoemd werd, een
van de twaalf — Thomas is Hebreeuws,

1089
01:04:18,030 --> 01:04:21,690
Didymus is Grieks; beide
betekenen ‘tweeling’ —

1090
01:04:21,690 --> 01:04:24,390
was niet bij hen toen Jezus kwam.

1091
01:04:24,390 --> 01:04:27,150
Daarom zeiden de andere
discipelen tegen hem:

1092
01:04:27,150 --> 01:04:29,010
Wij hebben de Heere gezien.

1093
01:04:29,010 --> 01:04:30,750
Maar hij zei tegen hen:

1094
01:04:30,750 --> 01:04:34,950
De andere discipelen dan zeiden tegen
hem: Wij hebben de Heere gezien.

1095
01:04:34,950 --> 01:04:39,630
Maar hij zei tegen hen: Als ik in Zijn
handen niet het litteken van de spijkers

1096
01:04:39,630 --> 01:04:43,530
zie, en mijn vinger niet steek
in het litteken van de spijkers,

1097
01:04:43,530 --> 01:04:48,510
en mijn hand niet steek in Zijn
zij, zal ik beslist niet geloven.

1098
01:04:48,510 --> 01:04:53,070
En na acht dagen waren Zijn discipelen
weer binnen, en Thomas was bij hen.

1099
01:04:53,070 --> 01:04:57,990
Jezus kwam terwijl de deuren gesloten
waren, stond in hun midden en zei:

1100
01:04:57,990 --> 01:04:59,310
Vrede voor jullie.

1101
01:04:59,310 --> 01:05:01,410
Toen zei Hij tegen Thomas:

1102
01:05:01,410 --> 01:05:06,330
Daarna zei Hij tegen Thomas: Kom hier
met uw vinger en bekijk Mijn handen,

1103
01:05:06,330 --> 01:05:10,890
en kom hier met uw hand en steek
die in Mijn zij; en wees niet

1104
01:05:10,890 --> 01:05:13,650
ongelovig, maar gelovig.

1105
01:05:13,650 --> 01:05:16,650
En Thomas antwoordde en zei tegen Hem:

1106
01:05:16,650 --> 01:05:19,050
Mijn Heer en mijn God!

1107
01:05:19,050 --> 01:05:21,150
En Jezus zei tegen hem:

1108
01:05:21,150 --> 01:05:26,370
Jezus zei tegen hem: Omdat u Mij
gezien hebt, Thomas, hebt u geloofd;

1109
01:05:26,370 --> 01:05:30,690
zalig zijn zij die niet gezien
zullen hebben en toch zullen geloven.

1110
01:05:30,690 --> 01:05:35,490
Heel kort hierover: doordat Jezus
op deze manier tegen Thomas sprak,

1111
01:05:35,490 --> 01:05:40,590
maakte Hij hem heel duidelijk dat Jezus
had gehoord wat Thomas had gezegd.

1112
01:05:40,590 --> 01:05:44,610
Jezus herhaalt namelijk in
wezen de woorden die Thomas

1113
01:05:44,610 --> 01:05:48,330
acht dagen eerder had
uitgesproken. Thomas zei:

1114
01:05:48,330 --> 01:05:53,490
De andere discipelen dan zeiden tegen
hem: Wij hebben de Heere gezien.

1115
01:05:53,490 --> 01:05:57,990
Maar hij zei tegen hen: Als ik in Zijn
handen niet het litteken van de spijkers

1116
01:05:57,990 --> 01:06:01,530
zie, en mijn vinger niet steek
in het litteken van de spijkers,

1117
01:06:01,530 --> 01:06:06,330
en mijn hand niet steek in Zijn
zij, zal ik beslist niet geloven.

1118
01:06:06,330 --> 01:06:10,050
Jezus was niet zichtbaar bij
hen, maar Hij luisterde wel,

1119
01:06:10,050 --> 01:06:12,390
en Hij maakte het heel duidelijk:

1120
01:06:12,390 --> 01:06:15,210
Weet je nog dat je dat
zei? Ik heb het gehoord.

1121
01:06:15,210 --> 01:06:18,270
Kom, steek je vingers maar in Mijn handen.

1122
01:06:18,270 --> 01:06:22,770
Tegen Thomas herhaalde Hij precies de
woorden die Thomas had gezegd toen Thomas

1123
01:06:22,770 --> 01:06:24,750
dacht dat Jezus er niet was.

1124
01:06:24,750 --> 01:06:29,251
Wat Jezus gedurende deze veertig
dagen na Zijn opstanding doet —

1125
01:06:29,251 --> 01:06:34,110
want volgens Handelingen hoofdstuk
1 lagen er veertig dagen tussen

1126
01:06:34,110 --> 01:06:39,450
Zijn opstanding en Zijn hemelvaart
— is verschijnen en verdwijnen.

1127
01:06:39,450 --> 01:06:42,990
Voor Zijn kruisiging was Hij
voortdurend bij hen geweest,

1128
01:06:42,990 --> 01:06:47,310
en na Zijn hemelvaart zou Hij
voortdurend van hen weg zijn.

1129
01:06:47,310 --> 01:06:52,230
Er was een tussenperiode van veertig
dagen waarin Hij hen daarop voorbereidde.

1130
01:06:52,230 --> 01:06:57,750
Soms was Hij zichtbaar en soms
onzichtbaar, maar Hij was altijd bij hen.

1131
01:06:57,750 --> 01:07:01,830
Hij liet daarmee zien dat Hij
ook luisterde en aanwezig was

1132
01:07:01,830 --> 01:07:03,990
wanneer zij Hem niet konden zien.

1133
01:07:03,990 --> 01:07:09,570
Hij bereidde hen voor op het idee dat Hij
onzichtbaar bij hen aanwezig zou zijn,

1134
01:07:09,570 --> 01:07:14,130
zoals zij Hem gedurende de
drieënhalf jaar van Zijn bediening

1135
01:07:14,130 --> 01:07:17,730
voortdurend tastbaar en
zichtbaar bij zich hadden gekend.

1136
01:07:17,730 --> 01:07:22,710
Hij zou niet meer zichtbaar bij hen zijn,
maar Hij zou nog steeds bij hen zijn.

1137
01:07:22,710 --> 01:07:26,490
Dit is een van de dingen die Hij
duidelijk maakt door te zeggen:

1138
01:07:26,490 --> 01:07:29,190
Thomas, ik heb gehoord wat je zei.

1139
01:07:29,190 --> 01:07:30,870
Ik geef je de kans.

1140
01:07:30,870 --> 01:07:34,230
Kijk zelf maar of dit
Mijn handen zijn of niet.

1141
01:07:34,230 --> 01:07:38,370
Wij krijgen de indruk dat Thomas
niet op Zijn aanbod inging,

1142
01:07:38,370 --> 01:07:44,190
maar dat alleen het zien en horen
van Hem genoeg was. Hij zei:

1143
01:07:44,190 --> 01:07:46,350
Mijn Heer en mijn God.

1144
01:07:46,350 --> 01:07:48,870
Mensen die niet geloven dat Jezus God is,

1145
01:07:48,870 --> 01:07:53,850
zeggen dat dit slechts een uitroep
van verbazing is, zoals: ‘O mijn God.’

1146
01:07:53,850 --> 01:07:56,970
Het is niet werkelijk een
verwijzing naar Jezus als God;

1147
01:07:56,970 --> 01:07:59,550
het is slechts een uiting van verbazing.

1148
01:07:59,550 --> 01:08:01,590
Maar dat is natuurlijk onzin.

1149
01:08:01,590 --> 01:08:04,950
Als dat het geval was, zou
het niet zijn opgeschreven.

1150
01:08:04,950 --> 01:08:10,770
Hij noemt Jezus zijn Heere en zijn God,
en Jezus had daar niets op aan te merken.

1151
01:08:10,770 --> 01:08:15,270
De God van Thomas en van de
apostelen was beslist Jahweh,

1152
01:08:15,270 --> 01:08:18,150
en nu erkent hij Jezus als zijn God.

1153
01:08:18,150 --> 01:08:22,170
Als Jezus niet Jahweh was, zou
dit godslastering zijn geweest,

1154
01:08:22,170 --> 01:08:25,530
maar Jezus had er niets op
aan te merken dat hij dit zei.

1155
01:08:25,530 --> 01:08:27,150
Jezus zei wel:

1156
01:08:27,150 --> 01:08:32,610
Jezus zei tegen hem: Omdat u Mij
gezien hebt, Thomas, hebt u geloofd;

1157
01:08:32,610 --> 01:08:37,590
zalig zijn zij die niet gezien
zullen hebben en toch zullen geloven.

1158
01:08:37,590 --> 01:08:42,270
Er zullen veel mensen zijn van wie
gevraagd wordt te geloven zonder te zien.

1159
01:08:42,270 --> 01:08:47,070
Nadat Jezus was opgevaren, zag
niemand Hem meer, behalve Paulus,

1160
01:08:47,070 --> 01:08:52,230
misschien enkele anderen van wie wij niets
weten, en Johannes op het eiland Patmos.

1161
01:08:52,230 --> 01:08:56,730
Maar van de meeste mensen zal
gevraagd worden in Hem te geloven

1162
01:08:56,730 --> 01:08:59,730
zonder de gelegenheid
te hebben Hem te zien.

1163
01:08:59,730 --> 01:09:04,830
Jezus sprak een bijzondere zaligspreking
uit over degenen die zouden geloven

1164
01:09:04,830 --> 01:09:07,650
zonder te zien. Dat zijn wij.

1165
01:09:07,650 --> 01:09:12,390
Er rust een zegen op degenen
die Hem zagen en geloofden.

1166
01:09:12,390 --> 01:09:16,470
Wat een zegen zou het zijn om
de opgestane Christus te zien.

1167
01:09:16,470 --> 01:09:18,450
Dat is een grote zegen.

1168
01:09:18,450 --> 01:09:22,890
Maar Jezus lijkt te zeggen dat
er een nog grotere zegen rust

1169
01:09:22,890 --> 01:09:27,690
op degenen die die gelegenheid niet
hebben en toch geloven zonder te zien.

1170
01:09:27,690 --> 01:09:32,430
Dat is wat van bijna alle christenen door
de hele geschiedenis heen verwacht is,

1171
01:09:32,430 --> 01:09:34,710
en wat van ons verwacht wordt.

1172
01:09:34,710 --> 01:09:35,970
Vers 30:

1173
01:09:35,970 --> 01:09:40,170
Jezus nu heeft in aanwezigheid van
Zijn discipelen nog wel veel andere

1174
01:09:40,170 --> 01:09:45,630
tekenen gedaan, die niet beschreven zijn
in dit boek, maar deze zijn beschreven,

1175
01:09:45,630 --> 01:09:51,750
opdat u gelooft dat Jezus de Christus
is, de Zoon van God, en opdat u,

1176
01:09:51,750 --> 01:09:55,770
door te geloven, het leven
zult hebben in Zijn Naam.

1177
01:09:55,770 --> 01:09:59,970
Johannes zegt dat er veel andere
dingen zijn die hij had kunnen opnemen,

1178
01:09:59,970 --> 01:10:03,630
andere tekenen en andere
wonderen die Jezus deed,

1179
01:10:03,630 --> 01:10:08,730
maar deze zouden voldoende moeten zijn
om je te laten geloven dat Jezus is

1180
01:10:08,730 --> 01:10:10,950
Wie Hij zei dat Hij was.

1181
01:10:10,950 --> 01:10:15,270
Zijn voornaamste zorg is niet alleen
dat veel mensen iets gaan geloven,

1182
01:10:15,270 --> 01:10:17,730
maar dat zij leven kunnen hebben.

1183
01:10:17,730 --> 01:10:22,710
‘Ik wil dat jullie door te geloven
in Zijn Naam leven kunnen hebben.’

1184
01:10:22,710 --> 01:10:27,570
Het doel van het boek, zegt Johannes, is
je leven te schenken door je voldoende

1185
01:10:27,570 --> 01:10:32,610
bewijs te geven dat je ertoe zal
brengen te geloven dat Jezus is

1186
01:10:32,610 --> 01:10:38,010
Wie Hij zei dat Hij is, want
langs die weg zul je leven hebben.

1187
01:10:38,010 --> 01:10:41,370
Met deze woorden klinkt
het alsof het boek eindigt.

1188
01:10:41,370 --> 01:10:47,010
Het is beslist een passend einde voor het
boek, en toch volgt er nog een hoofdstuk.

1189
01:10:47,010 --> 01:10:51,150
Alle geleerden zijn het
erover eens dat hoofdstuk 21

1190
01:10:51,150 --> 01:10:54,090
een afzonderlijk deel van
het verhaal lijkt te zijn,

1191
01:10:54,090 --> 01:10:57,570
dat misschien iets later
door Johannes is toegevoegd.

1192
01:10:57,570 --> 01:11:00,930
Maar het dient als
epiloog van het hele boek,

1193
01:11:00,930 --> 01:11:04,890
net zoals de eerste achttien
verzen van hoofdstuk 1 een

1194
01:11:04,890 --> 01:11:06,450
proloog van het boek vormen.

1195
01:11:06,450 --> 01:11:09,810
Hoofdstuk 21 lijkt een epiloog te zijn,

1196
01:11:09,810 --> 01:11:12,870
en dat zullen we afzonderlijk
behandelen wanneer we erop terugkomen.
