1
00:00:02,070 --> 00:00:04,470
Welkom bij Vers voor Vers!

2
00:00:04,470 --> 00:00:11,370
Deze keer behandelen we Lukas
6, vers 20 tot en met vers 49.

3
00:00:11,370 --> 00:00:14,190
Nu komen we bij Lukas’ rede op de vlakte.

4
00:00:14,190 --> 00:00:18,390
Aan het einde van onze vorige bijeenkomst
heb ik enkele inleidende opmerkingen

5
00:00:18,390 --> 00:00:22,710
gemaakt over de overeenkomsten en
verschillen tussen deze rede en de

6
00:00:22,710 --> 00:00:24,690
Bergrede in Mattheüs.

7
00:00:24,690 --> 00:00:28,890
Zelf weet ik niet zeker of dit een
andere rede is of eenvoudigweg een andere

8
00:00:28,890 --> 00:00:30,690
versie van dezelfde rede.

9
00:00:30,690 --> 00:00:34,530
Ik neig naar de opvatting dat
het om dezelfde rede gaat.

10
00:00:34,530 --> 00:00:38,010
Er zijn enkele verschillen die dan
verklaard zouden moeten worden.

11
00:00:38,010 --> 00:00:42,690
Laten we bijvoorbeeld deze
zaligsprekingen lezen. Vers 20:

12
00:00:42,690 --> 00:00:48,990
En toen Hij Zijn ogen opgeslagen had naar
Zijn discipelen, zei Hij: Zalig bent u,

13
00:00:48,990 --> 00:00:52,950
armen, want van u is
het Koninkrijk van God.

14
00:00:52,950 --> 00:00:57,390
Zalig bent u die nu honger hebt,
want u zult verzadigd worden.

15
00:00:57,390 --> 00:01:01,110
Zalig bent u die nu
huilt, want u zult lachen.

16
00:01:01,110 --> 00:01:06,330
Zalig bent u, wanneer de mensen u
haten, en wanneer zij u uitstoten en u

17
00:01:06,330 --> 00:01:11,430
smaden en uw naam als slecht verwerpen
omwille van de Zoon des mensen.

18
00:01:11,430 --> 00:01:15,750
Verblijd u op die dag en spring
op van vreugde , want zie,

19
00:01:15,750 --> 00:01:18,210
uw loon is groot in de hemel.

20
00:01:18,210 --> 00:01:21,510
Hun vaderen deden immers
evenzo met de profeten.

21
00:01:21,510 --> 00:01:25,470
Maar wee u, rijken, want
u hebt uw troost al.

22
00:01:25,470 --> 00:01:29,610
Wee u, die verzadigd bent,
want u zult hongerlijden.

23
00:01:29,610 --> 00:01:33,810
Wee u die nu lacht, want
u zult treuren en huilen.

24
00:01:33,810 --> 00:01:36,750
Wee u, wanneer alle
mensen goed van u spreken,

25
00:01:36,750 --> 00:01:40,650
want hun vaderen deden
evenzo met de valse profeten.

26
00:01:40,650 --> 00:01:42,810
Hier hebben we acht uitspraken.

27
00:01:42,810 --> 00:01:46,890
Ik heb gezegd dat Mattheüs aan het
begin ook acht uitspraken heeft.

28
00:01:46,890 --> 00:01:49,530
In Mattheüs staan acht zaligsprekingen.

29
00:01:49,530 --> 00:01:54,930
Hier zijn er vier zaligsprekingen, en
daar staan vier wee-uitspraken tegenover.

30
00:01:54,930 --> 00:02:02,670
Het is duidelijk dat „Zalig bent u, armen”
zijn tegenhanger vindt in „Wee u, rijken”.

31
00:02:02,670 --> 00:02:07,110
„Zalig bent u die nu honger hebt”
vindt zijn tegenhanger in degenen

32
00:02:07,110 --> 00:02:08,670
die verzadigd zijn.

33
00:02:08,670 --> 00:02:14,430
Degenen die huilen staan tegenover
degenen die lachen, en die zullen huilen.

34
00:02:14,430 --> 00:02:17,790
En natuurlijk vindt de uitspraak
over degenen die worden gehaat

35
00:02:17,790 --> 00:02:19,710
haar tegenhanger in:

36
00:02:19,710 --> 00:02:23,250
Wee u, wanneer alle
mensen goed van u spreken,

37
00:02:23,250 --> 00:02:27,450
want hun vaderen deden
evenzo met de valse profeten.

38
00:02:27,450 --> 00:02:32,130
Degenen die gezegend zijn omdat
er kwaad over hen wordt gesproken,

39
00:02:32,130 --> 00:02:34,890
verkeren in het gezelschap
van de profeten.

40
00:02:34,890 --> 00:02:37,650
En degenen over wie goed wordt gesproken,

41
00:02:37,650 --> 00:02:41,430
verkeren in het gezelschap van
de valse profeten, zegt Hij.

42
00:02:41,430 --> 00:02:43,170
Dat zijn de parallellen.

43
00:02:43,170 --> 00:02:46,530
Maar zelfs de vier
zaligsprekingen die Lukas geeft,

44
00:02:46,530 --> 00:02:52,350
zijn niet noodzakelijk identiek aan die in
Mattheüs, hoewel ze op vier ervan lijken.

45
00:02:52,350 --> 00:02:53,790
Mattheüs heeft:

46
00:02:53,790 --> 00:02:58,890
Zalig zijn de armen van geest, want
van hen is het Koninkrijk der hemelen.

47
00:02:58,890 --> 00:02:59,730
en:

48
00:02:59,730 --> 00:03:03,750
Zalig zijn zij die hongeren en
dorsten naar de gerechtigheid,

49
00:03:03,750 --> 00:03:05,910
want zij zullen verzadigd worden.

50
00:03:05,910 --> 00:03:10,650
Dat zijn duidelijk geestelijke
toestanden: hongeren naar gerechtigheid en

51
00:03:10,650 --> 00:03:12,390
arm van geest zijn.

52
00:03:12,390 --> 00:03:16,950
Toch krijg je uit Lukas’ versie van deze
zaligsprekingen de indruk dat Hij over

53
00:03:16,950 --> 00:03:20,910
economische omstandigheden
spreekt: degenen die arm zijn,

54
00:03:20,910 --> 00:03:26,070
degenen die honger hebben, degenen die
huilen en degenen die vervolgd worden.

55
00:03:26,070 --> 00:03:29,850
Deze termen zouden allemaal kunnen
verwijzen naar maatschappelijke positie

56
00:03:29,850 --> 00:03:32,250
en economische omstandigheden.

57
00:03:32,250 --> 00:03:36,390
We moeten deze uitspraken ongetwijfeld
niet losmaken van die omstandigheden.

58
00:03:36,390 --> 00:03:39,210
Vooral Lukas richt zich in zijn evangelie

59
00:03:39,210 --> 00:03:43,050
namelijk op de benarde toestand
van de armen en op het contrast

60
00:03:43,050 --> 00:03:45,270
tussen de armen en de rijken.

61
00:03:45,270 --> 00:03:50,010
Hij richt zich in het bijzonder op het
feit dat Christus voor de armen opkomt,

62
00:03:50,010 --> 00:03:51,570
tegenover de rijken.

63
00:03:51,570 --> 00:03:55,050
In Lukas 1, in het Magnificat van Maria,

64
00:03:55,050 --> 00:03:58,650
spreekt Maria erover dat God
de armen te hulp is gekomen

65
00:03:58,650 --> 00:04:02,910
en de rijken en welgestelden met
lege handen heeft weggestuurd.

66
00:04:02,910 --> 00:04:06,690
In hoofdstuk 12, waar we nog
niet aan toe zijn gekomen,

67
00:04:06,690 --> 00:04:09,990
staat een gelijkenis over een rijke dwaas.

68
00:04:09,990 --> 00:04:14,970
In Lukas 12:16–21 zegt de rijke dwaas:

69
00:04:14,970 --> 00:04:17,970
En Hij zei tot hen een
gelijkenis en sprak:

70
00:04:17,970 --> 00:04:20,970
Het land van een rijke
man had veel opgebracht.

71
00:04:20,970 --> 00:04:25,050
En hij overlegde bij zichzelf
en zei: Wat zal ik doen?

72
00:04:25,050 --> 00:04:27,990
Want ik heb geen ruimte om
mijn vruchten op te slaan.

73
00:04:27,990 --> 00:04:33,690
En hij zei: Dit zal ik doen: ik zal
mijn schuren afbreken en grotere bouwen

74
00:04:33,690 --> 00:04:37,590
en ik zal daarin al mijn koren
en al mijn goederen opslaan.

75
00:04:37,590 --> 00:04:44,130
En ik zal tegen mijn ziel zeggen: Ziel, u
hebt veel goederen liggen voor veel jaren.

76
00:04:44,130 --> 00:04:47,730
Neem rust, eet, drink en wees vrolijk.

77
00:04:47,730 --> 00:04:50,490
Maar God zei tegen hem: Dwaas!

78
00:04:50,490 --> 00:04:55,470
In deze nacht zal men uw ziel van u
opeisen; en wat u gereedgemaakt hebt,

79
00:04:55,470 --> 00:04:57,150
voor wie zal het zijn?

80
00:04:57,150 --> 00:05:03,030
Zo is het met hem die voor zichzelf
schatten verzamelt en niet rijk is in God.

81
00:05:03,030 --> 00:05:05,490
Jezus zei dat die man een dwaas is.

82
00:05:05,490 --> 00:05:09,990
Hij is rijk in de dingen van deze
wereld, maar niet rijk tegenover God,

83
00:05:09,990 --> 00:05:12,870
en diezelfde dag werd zijn
ziel van hem opgeëist.

84
00:05:12,870 --> 00:05:16,230
In hoofdstuk 14, vers 12, zei Jezus:

85
00:05:16,230 --> 00:05:19,950
En Hij zei ook tegen hem
die Hem uitgenodigd had:

86
00:05:19,950 --> 00:05:24,510
Wanneer u een middag- of avondmaaltijd
houdt, roep dan niet uw vrienden,

87
00:05:24,510 --> 00:05:28,650
ook niet uw broers, en niet uw
familieleden of rijke buren,

88
00:05:28,650 --> 00:05:33,390
opdat ook zij u niet op hun beurt
terugvragen en het u vergolden wordt.

89
00:05:33,390 --> 00:05:39,870
In Lukas 16:1–14 hebben we de gelijkenis
van de onrechtvaardige rentmeester,

90
00:05:39,870 --> 00:05:42,450
die duidelijk slecht met geld omging.

91
00:05:42,450 --> 00:05:44,970
Hoewel hij om zijn
schranderheid wordt geprezen,

92
00:05:44,970 --> 00:05:47,670
was hij niet werkelijk een goed mens.

93
00:05:47,670 --> 00:05:55,050
Lazarus en de rijke man, in hoofdstuk
16, vers 19 tot en met 25 of 26,

94
00:05:55,050 --> 00:05:59,490
vormen natuurlijk een tegenstelling
tussen een arme man en een rijke man.

95
00:05:59,490 --> 00:06:04,410
De arme man ging naar Abraham toe en de
rijke man kwam in de vlammen terecht.

96
00:06:04,410 --> 00:06:07,830
In hoofdstuk 18 hebben
we de rijke jongeman,

97
00:06:07,830 --> 00:06:12,030
tegen wie wordt gezegd dat hij alles
wat hij heeft moet verkopen en aan de

98
00:06:12,030 --> 00:06:13,470
armen moet geven.

99
00:06:13,470 --> 00:06:17,790
In Lukas 19 hebben we
Zacheüs, een rijke man,

100
00:06:17,790 --> 00:06:22,350
maar iemand die op oneerlijke
wijze rijk was geworden. Hij zegt:

101
00:06:22,350 --> 00:06:25,350
Ik geef de helft van mijn
bezittingen aan de armen.

102
00:06:25,350 --> 00:06:26,550
Jezus zei:

103
00:06:26,550 --> 00:06:31,290
Toen zei Jezus tegen hem: Heden is
dit huis zaligheid ten deel gevallen,

104
00:06:31,290 --> 00:06:34,770
omdat ook deze een zoon van Abraham is.

105
00:06:34,770 --> 00:06:40,230
Dan hebben we in Lukas 21:1–4
het verhaal over de rijke mensen

106
00:06:40,230 --> 00:06:43,290
die veel geld in de
schatkist van de tempel deden

107
00:06:43,290 --> 00:06:46,830
en de arme weduwe die er
slechts twee muntjes in deed.

108
00:06:46,830 --> 00:06:49,290
Dit vormt natuurlijk een contrast.

109
00:06:49,290 --> 00:06:54,030
De rijke mensen brachten niet zo’n groot
offer en kregen geen lof van Jezus.

110
00:06:54,030 --> 00:06:57,750
Maar de arme weduwe deed alles
wat ze had in de schatkist,

111
00:06:57,750 --> 00:07:00,570
en zij krijgt bijzondere lof van Jezus.

112
00:07:00,570 --> 00:07:03,570
Lukas heeft een groot aantal uitspraken,

113
00:07:03,570 --> 00:07:08,490
verhalen enzovoort opgenomen die laten
zien dat de armen vaak meer begunstigd

114
00:07:08,490 --> 00:07:10,110
worden dan de rijken.

115
00:07:10,110 --> 00:07:13,110
Dit feit wordt soms ook
in Spreuken vermeld:

116
00:07:13,110 --> 00:07:19,590
een mens wordt niet door God geprezen
of door God bemind omdat hij rijk is.

117
00:07:19,590 --> 00:07:22,110
Dat kan in feite schadelijk zijn.

118
00:07:22,110 --> 00:07:26,670
Over de rijke jongeman zei Jezus dat
het voor een kameel gemakkelijker is

119
00:07:26,670 --> 00:07:30,450
om door het oog van een naald
te gaan dan voor een rijke

120
00:07:30,450 --> 00:07:33,330
om het Koninkrijk van God binnen te gaan.

121
00:07:33,330 --> 00:07:36,030
Hier zegt Hij in vers 24:

122
00:07:36,030 --> 00:07:40,230
Maar wee u, rijken, want
u hebt uw troost al.

123
00:07:40,230 --> 00:07:43,950
Dit lijkt tegenover ‘arm’
in vers 20 te staan,

124
00:07:43,950 --> 00:07:48,690
wat erop wijst dat ‘arm’ hier
een economische omstandigheid is.

125
00:07:48,690 --> 00:07:51,030
Hij spreekt over armoede.

126
00:07:51,030 --> 00:07:55,110
Mattheüs spreekt in de Bergrede
over de armen van geest.

127
00:07:55,110 --> 00:07:58,410
We moeten erkennen dat er
twee mogelijkheden zijn.

128
00:07:58,410 --> 00:08:03,690
Of Jezus gaf bij verschillende
gelegenheden twee reeksen zaligsprekingen:

129
00:08:03,690 --> 00:08:08,970
bij de ene gelegenheid sprak Hij tot
mensen die in materieel opzicht arm waren,

130
00:08:08,970 --> 00:08:14,070
en bij een andere gelegenheid sprak
Hij een zegen uit over mensen die arm

131
00:08:14,070 --> 00:08:15,750
van geest zijn.

132
00:08:15,750 --> 00:08:17,370
Dat is een mogelijkheid.

133
00:08:17,370 --> 00:08:21,270
Het kunnen twee verschillende
zaligsprekingen zijn die bij verschillende

134
00:08:21,270 --> 00:08:25,170
gelegenheden werden gegeven
en die allebei geldig zijn.

135
00:08:25,170 --> 00:08:27,510
Of het kan zijn dat Jezus zei:

136
00:08:27,510 --> 00:08:33,330
En toen Hij Zijn ogen opgeslagen had naar
Zijn discipelen, zei Hij: Zalig bent u,

137
00:08:33,330 --> 00:08:37,350
armen, want van u is
het Koninkrijk van God.

138
00:08:37,350 --> 00:08:41,730
Zalig bent u die nu honger hebt,
want u zult verzadigd worden.

139
00:08:41,730 --> 00:08:44,850
Zalig bent u die nu
huilt, want u zult lachen.

140
00:08:44,850 --> 00:08:50,190
Zalig bent u, wanneer de mensen u haten,
en wanneer zij u uitstoten en u smaden en

141
00:08:50,190 --> 00:08:54,330
uw naam als slecht verwerpen
omwille van de Zoon des mensen.

142
00:08:54,330 --> 00:08:58,470
Verblijd u op die dag en spring
op van vreugde , want zie,

143
00:08:58,470 --> 00:09:00,390
uw loon is groot in de hemel.

144
00:09:00,390 --> 00:09:04,110
Hun vaderen deden immers
evenzo met de profeten.

145
00:09:04,110 --> 00:09:07,770
maar dat Mattheüs, die een
apostel en geïnspireerd was,

146
00:09:07,770 --> 00:09:12,930
verduidelijkt dat Jezus niet het arm-zijn
op zichzelf als een zegen beschouwt.

147
00:09:12,930 --> 00:09:16,470
Veel arme mensen zijn
immers geen goede mensen.

148
00:09:16,470 --> 00:09:22,230
Veel arme mensen zijn goddeloze mensen en
zij hebben het Koninkrijk van God niet.

149
00:09:22,230 --> 00:09:26,250
Het zou in plaats daarvan kunnen verwijzen
naar een geestelijke toestand die

150
00:09:26,250 --> 00:09:29,910
Jezus bedoelde met het
gebruik van het woord ‘arm’.

151
00:09:29,910 --> 00:09:34,230
Ik acht het waarschijnlijk dat het twee
verschillende zaligsprekingen zijn,

152
00:09:34,230 --> 00:09:35,910
omdat Jezus met:

153
00:09:35,910 --> 00:09:41,490
Zalig zijn de armen van geest, want
van hen is het Koninkrijk der hemelen.

154
00:09:41,490 --> 00:09:44,310
zeker iets heel anders
zou bedoelen dan met:

155
00:09:44,310 --> 00:09:47,490
Gelukkig zijn jullie,
armen, in tegenstelling tot:

156
00:09:47,490 --> 00:09:49,170
jullie, rijken.

157
00:09:49,170 --> 00:09:53,610
We zullen ons niet bezighouden met de
zaligspreking over de armen van geest,

158
00:09:53,610 --> 00:09:57,270
omdat die niet in Lukas staat,
maar we zullen hiernaar kijken.

159
00:09:57,270 --> 00:10:00,510
Het lijkt erop dat Jezus
mensen prijst die arm zijn,

160
00:10:00,510 --> 00:10:04,950
maar niet noodzakelijk alle
mensen die arm zijn. Hij zei:

161
00:10:04,950 --> 00:10:06,870
Gelukkig zijn jullie, armen.

162
00:10:06,870 --> 00:10:08,970
Hij richt Zich tot Zijn discipelen,

163
00:10:08,970 --> 00:10:13,530
en daarom zegt Hij misschien
eenvoudigweg dit: hoewel jullie arm zijn,

164
00:10:13,530 --> 00:10:17,370
zijn jullie gezegend omdat jullie
het Koninkrijk van God hebben.

165
00:10:17,370 --> 00:10:20,850
Het is niet zo dat arm-zijn op
zichzelf een grote zegen is.

166
00:10:20,850 --> 00:10:25,410
Maar jullie mensen zijn nu eenmaal
arm, en toch zijn jullie gezegend.

167
00:10:25,410 --> 00:10:29,310
De meeste mensen zouden denken dat je
niet gezegend bent als je arm bent,

168
00:10:29,310 --> 00:10:30,990
maar dat kun je wel zijn.

169
00:10:30,990 --> 00:10:33,870
Je kunt arm zijn en ook gezegend.

170
00:10:33,870 --> 00:10:38,490
Je kunt beslist ook arm en vervloekt
zijn, want je kunt een arme,

171
00:10:38,490 --> 00:10:43,350
goddeloze ongelovige zijn, een
opstandeling tegen God die toevallig ook

172
00:10:43,350 --> 00:10:44,970
in armoede leeft.

173
00:10:44,970 --> 00:10:49,650
Jezus zou niet leren dat economische
omstandigheden alleen iemand bij God

174
00:10:49,650 --> 00:10:54,330
aanbevelenswaardig maken, want er zijn
daadwerkelijk enkele rijke mensen die

175
00:10:54,330 --> 00:10:57,090
Jezus liefhadden en Hem volgden.

176
00:10:57,090 --> 00:11:01,050
Hij zei dat het voor zulke mensen
heel moeilijk is om Hem te volgen,

177
00:11:01,050 --> 00:11:02,910
maar zulke mensen zijn er.

178
00:11:02,910 --> 00:11:08,250
Hij zegt dus niet dat alle rijke mensen
vervloekt zijn omdat ze rijk zijn en alle

179
00:11:08,250 --> 00:11:11,430
arme mensen gezegend
zijn omdat ze arm zijn,

180
00:11:11,430 --> 00:11:15,630
alsof hun economische omstandigheden
de enige factor waren.

181
00:11:15,630 --> 00:11:18,990
Wat we weten, is dat arme
mensen vaak degenen zijn

182
00:11:18,990 --> 00:11:22,890
die niets hebben waarop ze
kunnen terugvallen behalve God.

183
00:11:22,890 --> 00:11:24,990
De vromen zijn vaak arm.

184
00:11:24,990 --> 00:11:28,590
Ze kunnen deels arm zijn
omdat ze vervolgd worden.

185
00:11:28,590 --> 00:11:31,890
En als vervolgde mensen
worden ze in de zakenwereld

186
00:11:31,890 --> 00:11:35,610
en in de wereld in het algemeen
naar de rand gedrongen.

187
00:11:35,610 --> 00:11:40,470
Soms lopen ze kansen mis die gewetenloze
mensen wel zullen aangrijpen.

188
00:11:40,470 --> 00:11:43,710
Daarom is iemand die geen
compromissen wil sluiten

189
00:11:43,710 --> 00:11:48,330
er financieel vaak slechter aan toe
dan iemand die wel compromissen sluit

190
00:11:48,330 --> 00:11:49,530
en oneerlijk is.

191
00:11:49,530 --> 00:11:54,150
Hoe die rijkdommen ook zijn verkregen,
Jezus geeft in elk geval aan dat het

192
00:11:54,150 --> 00:11:59,850
bezit van rijkdommen een soort barrière
of hindernis vormt waar je overheen moet

193
00:11:59,850 --> 00:12:02,370
als je een volgeling van Hem wilt zijn.

194
00:12:02,370 --> 00:12:06,270
Want mensen die rijkdommen bezitten,
vinden het bijzonder moeilijk om niet

195
00:12:06,270 --> 00:12:08,250
op rijkdommen te vertrouwen.

196
00:12:08,250 --> 00:12:13,230
Zo is ook iemand die arm is van nature
veel meer geneigd om op God te vertrouwen,

197
00:12:13,230 --> 00:12:16,650
aangezien hij niets anders
heeft waarop hij kan steunen.

198
00:12:16,650 --> 00:12:21,990
Bij deze discipelen kan hun armoede heel
goed hebben bijgedragen aan hun bereidheid

199
00:12:21,990 --> 00:12:26,070
om volgelingen van Jezus te
worden en alles achter te laten.

200
00:12:26,070 --> 00:12:29,970
Maar voordat Hij hen riep,
waren ze niet buitengewoon arm.

201
00:12:29,970 --> 00:12:33,750
De tollenaar Mattheüs was
waarschijnlijk geen arme man.

202
00:12:33,750 --> 00:12:36,990
Zelfs Petrus en zijn metgezellen
hadden ondernemingen,

203
00:12:36,990 --> 00:12:41,730
en we hebben geen enkele reden om te
geloven dat ze uitzonderlijk arm waren.

204
00:12:41,730 --> 00:12:45,330
Maar ze werden beslist arm
toen ze alles achterlieten.

205
00:12:45,330 --> 00:12:46,950
Ze verlieten hun werk.

206
00:12:46,950 --> 00:12:51,030
Nu moesten ze voor hun
levensonderhoud op Christus vertrouwen

207
00:12:51,030 --> 00:12:53,730
en trokken ze eenvoudigweg met Hem mee.

208
00:12:53,730 --> 00:12:58,470
Ze zagen beslist af van werelds
gewin, en toch waren ze gezegend,

209
00:12:58,470 --> 00:13:03,090
omdat ze een winst hadden die
de wereld niet kent. Hij zei:

210
00:13:03,090 --> 00:13:08,730
En toen Hij Zijn ogen opgeslagen had naar
Zijn discipelen, zei Hij: Zalig bent u,

211
00:13:08,730 --> 00:13:12,630
armen, want van u is
het Koninkrijk van God.

212
00:13:12,630 --> 00:13:17,610
Zalig bent u die nu honger hebt,
want u zult verzadigd worden.

213
00:13:17,610 --> 00:13:21,750
Zalig bent u die nu
huilt, want u zult lachen.

214
00:13:21,750 --> 00:13:27,030
Zalig bent u, wanneer de mensen u haten,
en wanneer zij u uitstoten en u smaden en

215
00:13:27,030 --> 00:13:31,230
uw naam als slecht verwerpen
omwille van de Zoon des mensen.

216
00:13:31,230 --> 00:13:35,250
Verblijd u op die dag en spring
op van vreugde , want zie,

217
00:13:35,250 --> 00:13:37,530
uw loon is groot in de hemel.

218
00:13:37,530 --> 00:13:40,590
Hun vaderen deden immers
evenzo met de profeten.

219
00:13:40,590 --> 00:13:44,970
Kijk eens naar wat Jakobus zegt
in Jakobus hoofdstuk 2, vers 5.

220
00:13:44,970 --> 00:13:47,130
Jakobus 2:5 zegt:

221
00:13:47,130 --> 00:13:51,210
Luister, mijn geliefde broeders,
heeft God de armen van deze

222
00:13:51,210 --> 00:13:54,150
wereld niet uitverkoren om
rijk te zijn in het geloof,

223
00:13:54,150 --> 00:13:58,770
en erfgenamen te zijn van het
Koninkrijk, dat Hij beloofd heeft aan

224
00:13:58,770 --> 00:14:00,450
hen die Hem liefhebben?

225
00:14:00,450 --> 00:14:06,210
Merk op dat God de armen heeft uitgekozen
om erfgenamen van het Koninkrijk te zijn.

226
00:14:06,210 --> 00:14:07,470
Jezus zei:

227
00:14:07,470 --> 00:14:11,850
Gelukkig zijn jullie, armen; het
koninkrijk van God is van jullie.

228
00:14:11,850 --> 00:14:16,350
Dit lijkt een van de ongeveer negentien
of twintig plaatsen in het boek Jakobus te

229
00:14:16,350 --> 00:14:21,090
zijn waar Jakobus zinspeelt op de
Bergrede of de rede op de vlakte.

230
00:14:21,090 --> 00:14:25,110
De Bergrede is kennelijk de tekst
die Jakobus uitlegt wanneer hij

231
00:14:25,110 --> 00:14:26,490
zijn brief schrijft.

232
00:14:26,490 --> 00:14:30,810
In de vijf hoofdstukken van Jakobus heb
ik ongeveer twintig zinspelingen op de

233
00:14:30,810 --> 00:14:34,290
Bergrede gevonden, en dit
is er kennelijk een van.

234
00:14:34,290 --> 00:14:38,070
Jakobus zegt dat de gemeente
tot wie hij zich richt

235
00:14:38,070 --> 00:14:40,650
geneigd is de rijken voor te trekken.

236
00:14:40,650 --> 00:14:43,710
De man met de gouden
ring en de mooie kleding

237
00:14:43,710 --> 00:14:46,170
krijgt de ereplaatsen in de gemeente.

238
00:14:46,170 --> 00:14:51,030
De HSV vertaalt het betreffende
Griekse woord met „samenkomst”;

239
00:14:51,030 --> 00:14:55,710
de spreker wijst erop dat er
letterlijk „synagoge” staat.

240
00:14:55,710 --> 00:15:00,750
Als er in jullie synagoge een rijke man
binnenkomt met mooie kleding en een gouden

241
00:15:00,750 --> 00:15:03,990
ring, geven jullie hem
gewoonlijk de ereplaatsen.

242
00:15:03,990 --> 00:15:07,530
Maar tegen de arme man met
smerige kleding zeggen jullie:

243
00:15:07,530 --> 00:15:11,370
Want als in uw samenkomst een man zou
binnenkomen met een gouden ring aan zijn

244
00:15:11,370 --> 00:15:16,890
vinger, in sierlijke kleding, en er kwam
ook een arme man in haveloze kleding,

245
00:15:16,890 --> 00:15:20,850
en u zou hoog opzien tegen hem
die de sierlijke kleding draagt,

246
00:15:20,850 --> 00:15:24,570
en tegen hem zeggen: Gaat u
hier zitten op een mooie plaats,

247
00:15:24,570 --> 00:15:28,710
en u zou tegen de arme zeggen:
Gaat u daar maar staan, of:

248
00:15:28,710 --> 00:15:30,570
Ga hier zitten bij mijn voetbank,

249
00:15:30,570 --> 00:15:33,631
Hij zegt dat jullie rechters
met boze harten zijn —

250
00:15:33,631 --> 00:15:37,410
de HSV spreekt hier van
„verkeerde overwegingen”.

251
00:15:37,410 --> 00:15:41,310
Jullie zijn, met andere
woorden, boosaardige rechters,

252
00:15:41,310 --> 00:15:45,390
omdat God de armen heeft
uitgekozen en niet de rijken.

253
00:15:45,390 --> 00:15:49,590
Nu verwijst ‘uitgekozen’ niet naar
een of ander calvinistisch idee van

254
00:15:49,590 --> 00:15:54,210
uitverkiezing, want in die betekenis,
als het gaat om mensen die behouden zijn,

255
00:15:54,210 --> 00:15:57,690
zijn daar uiteraard zowel
rijken als armen bij.

256
00:15:57,690 --> 00:16:02,070
Maar hij zegt dat God de armen heeft
uitgekozen in de zin dat er een categorie

257
00:16:02,070 --> 00:16:05,430
mensen is die God
daadwerkelijk heeft uitgekozen.

258
00:16:05,430 --> 00:16:08,970
Het kan zijn dat Hij ervoor
heeft gekozen dat zij arm zijn,

259
00:16:08,970 --> 00:16:14,070
dat armoede Gods keuze voor hen is omdat
die ertoe heeft geleid dat zij rijk zijn

260
00:16:14,070 --> 00:16:16,770
in geloof. Jakobus zegt:

261
00:16:16,770 --> 00:16:21,210
God heeft de armen van deze wereld
uitgekozen om rijk te zijn in geloof

262
00:16:21,210 --> 00:16:23,310
en het koninkrijk te erven.

263
00:16:23,310 --> 00:16:27,990
Dit is ongetwijfeld Jakobus’ commentaar
op deze specifieke zaligspreking.

264
00:16:27,990 --> 00:16:31,650
De volgende zaligspreking,
in vers 21, luidt:

265
00:16:31,650 --> 00:16:36,210
Zalig bent u die nu honger hebt,
want u zult verzadigd worden.

266
00:16:36,210 --> 00:16:39,270
Zalig bent u die nu
huilt, want u zult lachen.

267
00:16:39,270 --> 00:16:43,530
Dat klinkt een beetje als de
zaligspreking in Mattheüs die luidt:

268
00:16:43,530 --> 00:16:47,610
Zalig zijn zij die hongeren en
dorsten naar de gerechtigheid,

269
00:16:47,610 --> 00:16:50,010
want zij zullen verzadigd worden.

270
00:16:50,010 --> 00:16:54,690
Maar opnieuw klinkt het in de versie van
Lukas alsof Hij het eenvoudigweg over

271
00:16:54,690 --> 00:16:59,490
economische omstandigheden heeft:
mensen die niet genoeg voedsel hebben.

272
00:16:59,490 --> 00:17:03,030
Dat staat tegenover vers 25:

273
00:17:03,030 --> 00:17:07,230
Wee u, die verzadigd bent,
want u zult hongerlijden.

274
00:17:07,230 --> 00:17:11,250
Wee u die nu lacht, want
u zult treuren en huilen.

275
00:17:11,250 --> 00:17:13,650
Het enige wat Hij in beide gevallen zegt,

276
00:17:13,650 --> 00:17:16,410
is dat jullie rollen
omgekeerd zullen worden.

277
00:17:16,410 --> 00:17:20,610
Jullie die nu honger hebben, zullen
uiteindelijk verzadigd worden.

278
00:17:20,610 --> 00:17:24,990
Jullie die nu verzadigd zijn,
zullen uiteindelijk honger hebben.

279
00:17:24,990 --> 00:17:29,370
In zekere zin kan dit vooruitwijzen
naar de komende omwenteling die alle

280
00:17:29,370 --> 00:17:34,890
omstandigheden in Israël zou veranderen,
namelijk de verwoesting van Jeruzalem.

281
00:17:34,890 --> 00:17:39,090
De armen die Jezus volgden en daar
zelf een prijs voor betaalden,

282
00:17:39,090 --> 00:17:42,750
en die daardoor misschien zelfs
gebrek en vervolging leden,

283
00:17:42,750 --> 00:17:47,550
zouden uiteindelijk verzadigd worden
wanneer zij uit Jeruzalem ontsnapten en

284
00:17:47,550 --> 00:17:49,470
Jeruzalem werd verwoest.

285
00:17:49,470 --> 00:17:53,550
De rijken die Christus hadden
verworpen, die verzadigd waren,

286
00:17:53,550 --> 00:17:57,210
feestvierden en zich niet
bewust waren van het gevaar,

287
00:17:57,210 --> 00:18:00,570
zouden honger hebben wanneer
de Romeinen binnenvielen.

288
00:18:00,570 --> 00:18:04,650
Zij zouden in de stad verhongeren, want
er zijn inderdaad mensen in Jeruzalem

289
00:18:04,650 --> 00:18:07,470
verhongerd toen de stad belegerd werd.

290
00:18:07,470 --> 00:18:11,610
Misschien wijst Hij vooruit naar de
ellende die zij zouden ondervinden

291
00:18:11,610 --> 00:18:16,650
nadat zij Hem hadden verworpen ten gunste
van tijdelijke genoegens op korte termijn.

292
00:18:16,650 --> 00:18:19,230
Hun tijd om te huilen zou komen.

293
00:18:19,230 --> 00:18:21,990
Hun tijd om honger te hebben zou komen.

294
00:18:21,990 --> 00:18:26,010
Dat is heel goed mogelijk, want Zijn
discipelen waren natuurlijk degenen die

295
00:18:26,010 --> 00:18:27,870
aan die ramp ontsnapten.

296
00:18:27,870 --> 00:18:30,390
Velen van degenen die
er niet aan ontsnapten,

297
00:18:30,390 --> 00:18:33,150
waren de mensen die het
goed hadden, de rijken

298
00:18:33,150 --> 00:18:37,350
en degenen die geen enkele
reden zagen om Jezus te volgen.

299
00:18:37,350 --> 00:18:41,490
Het kan dus zijn dat Hij deze
verandering van omstandigheden voorspelt,

300
00:18:41,490 --> 00:18:43,410
die niet zo ver weg was.

301
00:18:43,410 --> 00:18:46,470
Of Hij spreekt misschien
meer in geestelijke zin,

302
00:18:46,470 --> 00:18:50,790
namelijk dat je je beloning in de hemel
zult ontvangen, of iets dergelijks.

303
00:18:50,790 --> 00:18:55,470
Bedenk dat Jezus in Mattheüs 6, dat deel
uitmaakt van Mattheüs’ versie van de

304
00:18:55,470 --> 00:18:59,730
Bergrede, zei dat je, wanneer
je aalmoezen aan de armen geeft,

305
00:18:59,730 --> 00:19:02,310
dat niet voor de ogen
van de mensen moet doen.

306
00:19:02,310 --> 00:19:07,410
De Farizeeën, de huichelaars, doen het
om door de mensen gezien te worden.

307
00:19:07,410 --> 00:19:11,970
Dat is de beloning die zij zoeken en
dat is de beloning die zij hebben.

308
00:19:11,970 --> 00:19:15,330
Zij hebben hun beloning:
de mensen zien hen.

309
00:19:15,330 --> 00:19:17,190
Dat is alles wat zij willen.

310
00:19:17,190 --> 00:19:21,510
Maar Hij zegt dat wanneer jij het doet,
je het niet moet doen om gezien te worden,

311
00:19:21,510 --> 00:19:25,650
zodat je Vader je zal belonen en je een
beloning zult ontvangen van je Vader

312
00:19:25,650 --> 00:19:26,910
in de hemel.

313
00:19:26,910 --> 00:19:30,330
Er is dus in het volgende leven
een beloning voor het lijden

314
00:19:30,330 --> 00:19:34,290
en de offers die wij in dit
leven voor Christus op ons nemen.

315
00:19:34,290 --> 00:19:37,710
Maar het is ook waar dat de
toehoorders van Jezus een

316
00:19:37,710 --> 00:19:41,010
crisis tegemoetgingen
die niet zo ver weg was.

317
00:19:41,010 --> 00:19:45,570
Die crisis zou voor de meeste mensen
over wie Hij hier een wee uitspreekt

318
00:19:45,570 --> 00:19:48,510
een volledige ommekeer
van hun lot betekenen.

319
00:19:48,510 --> 00:19:52,710
En de mensen die Hem volgden, zouden als
het ware in het gelijk worden gesteld

320
00:19:52,710 --> 00:19:54,690
doordat zij het overleefden.

321
00:19:54,690 --> 00:19:55,890
Hij zegt:

322
00:19:55,890 --> 00:19:59,430
Gelukkig zijn jullie die nu
huilen, want jullie zullen lachen.

323
00:19:59,430 --> 00:20:03,090
Je huilt nu. We weten
niet waarom zij huilen.

324
00:20:03,090 --> 00:20:04,950
In Mattheüs staat:

325
00:20:04,950 --> 00:20:08,850
Zalig zijn zij die treuren, want
zij zullen vertroost worden.

326
00:20:08,850 --> 00:20:12,570
De bewoording is iets anders
en de belofte is iets anders,

327
00:20:12,570 --> 00:20:15,570
maar ze lijken duidelijk
enigszins op elkaar.

328
00:20:15,570 --> 00:20:18,930
Dat degenen die treuren in
Mattheüs vertroost zullen worden,

329
00:20:18,930 --> 00:20:22,050
verwijst waarschijnlijk opnieuw
naar een geestelijke toestand,

330
00:20:22,050 --> 00:20:27,210
zoals arm van geest zijn, hongeren
naar gerechtigheid, enzovoort.

331
00:20:27,210 --> 00:20:30,870
In Mattheüs gaat het treuren
waarschijnlijk om treuren over hun ziel

332
00:20:30,870 --> 00:20:32,370
en hun zonde.

333
00:20:32,370 --> 00:20:36,690
Zij hebben berouw en zijn bedroefd,
misschien bedroefd over hun zonden

334
00:20:36,690 --> 00:20:39,150
of over de zonden van de samenleving.

335
00:20:39,150 --> 00:20:44,490
Met andere woorden, zij zijn als Lot,
die in Sodom zijn rechtvaardige ziel

336
00:20:44,490 --> 00:20:49,470
dag aan dag kwelde vanwege de wetteloze
daden van de inwoners van Sodom.

337
00:20:49,470 --> 00:20:54,090
Hij stond daar zo lijnrecht tegenover
dat het hem bedroefde om het te zien.

338
00:20:54,090 --> 00:20:55,650
Toen Jezus zei:

339
00:20:55,650 --> 00:20:58,530
Wie van jullie treurt,
zal getroost worden,

340
00:20:58,530 --> 00:21:02,910
bedoelde Hij ongetwijfeld dat je
misschien treurt omdat je vervolgd wordt.

341
00:21:02,910 --> 00:21:05,370
Je treurt vanwege je eigen zonde.

342
00:21:05,370 --> 00:21:08,670
Je treurt vanwege de
toestand van de samenleving.

343
00:21:08,670 --> 00:21:11,310
Je treurt omdat je met God meevoelt.

344
00:21:11,310 --> 00:21:16,530
In Ezechiël 9 zag Ezechiël een visioen
van de zes mannen die slachtwapens in hun

345
00:21:16,530 --> 00:21:20,430
handen hadden en eropuit zouden
gaan om Jeruzalem te oordelen.

346
00:21:20,430 --> 00:21:25,230
Hij zag ook een andere man die een
schrijverskoker bij zich had. Hij zei:

347
00:21:25,230 --> 00:21:30,450
En de HEERE zei tegen Hem: Trek midden
door de stad, midden door Jeruzalem,

348
00:21:30,450 --> 00:21:35,490
en zet een merkteken op de voorhoofden
van de mannen die zuchten en kermen over

349
00:21:35,490 --> 00:21:39,030
al de gruweldaden die in het
midden ervan gedaan worden.

350
00:21:39,030 --> 00:21:41,490
Dat is het rechtvaardige overblijfsel.

351
00:21:41,490 --> 00:21:46,410
Zij zagen de gruweldaden die in Israël
werden bedreven en zij zuchtten,

352
00:21:46,410 --> 00:21:48,870
huilden en treurden erover.

353
00:21:48,870 --> 00:21:54,270
Dit zijn degenen die in moreel
opzicht met God meevoelden. Hij zei:

354
00:21:54,270 --> 00:21:56,850
Jullie zullen je troost al krijgen.

355
00:21:56,850 --> 00:22:01,890
Paulus zegt in 2 Korinthe 1 dat God
de God van alle vertroosting is,

356
00:22:01,890 --> 00:22:07,470
Die ons in al onze verdrukking vertroost,
zodat wij anderen kunnen vertroosten.

357
00:22:07,470 --> 00:22:11,610
Hier gaat het echter over
nu huilen en later lachen.

358
00:22:11,610 --> 00:22:17,430
Dat wil zeggen: je lijdt genoeg om erom
te huilen, maar later zul je feestvieren.

359
00:22:17,430 --> 00:22:21,150
Nogmaals, naar mijn mening
heeft dit niet noodzakelijk

360
00:22:21,150 --> 00:22:25,290
helemaal dezelfde geestelijke strekking
als het treuren en de vertroosting

361
00:22:25,290 --> 00:22:26,430
lijken te hebben.

362
00:22:26,430 --> 00:22:30,210
Maar het gaat wel over een
omkering van omstandigheden.

363
00:22:30,210 --> 00:22:35,150
Zij die Jezus toen volgden — en met
‘toen’ bedoelen we in Zijn tijd —

364
00:22:35,150 --> 00:22:39,810
zij die Zijn discipelen waren,
waren degenen in Israël die later

365
00:22:39,810 --> 00:22:43,890
reden zouden hebben om te lachen,
wanneer alle anderen kreunden,

366
00:22:43,890 --> 00:22:46,470
huilden en het uitschreeuwden van angst.

367
00:22:46,470 --> 00:22:47,970
Dan zegt Hij:

368
00:22:47,970 --> 00:22:53,610
En toen Hij Zijn ogen opgeslagen had naar
Zijn discipelen, zei Hij: Zalig bent u,

369
00:22:53,610 --> 00:22:57,450
armen, want van u is
het Koninkrijk van God.

370
00:22:57,450 --> 00:23:02,070
Zalig bent u die nu honger hebt,
want u zult verzadigd worden.

371
00:23:02,070 --> 00:23:06,030
Zalig bent u die nu
huilt, want u zult lachen.

372
00:23:06,030 --> 00:23:12,270
Zalig bent u, wanneer de mensen u haten,
en wanneer zij u uitstoten en u smaden

373
00:23:12,270 --> 00:23:16,770
en uw naam als slecht verwerpen
omwille van de Zoon des mensen.

374
00:23:16,770 --> 00:23:21,150
Verblijd u op die dag en spring
op van vreugde , want zie,

375
00:23:21,150 --> 00:23:23,670
uw loon is groot in de hemel.

376
00:23:23,670 --> 00:23:26,850
Hun vaderen deden immers
evenzo met de profeten.

377
00:23:26,850 --> 00:23:29,070
Ze sluiten je buiten en haten je.

378
00:23:29,070 --> 00:23:32,490
Uit de samenleving buitengesloten
worden omdat je christen bent,

379
00:23:32,490 --> 00:23:36,870
is een van de dingen die Jezus Zijn
discipelen leert te verwachten.

380
00:23:36,870 --> 00:23:40,890
Afwijzing door mensen is een van de
moeilijkste dingen om als discipel van

381
00:23:40,890 --> 00:23:42,570
Jezus te aanvaarden.

382
00:23:42,570 --> 00:23:46,770
Hoewel we Jezus willen, willen we
ook dat mensen ons aardig vinden.

383
00:23:46,770 --> 00:23:50,250
We willen vooral dat bepaalde
mensen ons aardig vinden.

384
00:23:50,250 --> 00:23:54,570
En sommige mensen van wie we graag
zouden willen dat ze ons aardig vinden,

385
00:23:54,570 --> 00:23:58,530
zullen ons niet aardig vinden
als we voor Christus opkomen.

386
00:23:58,530 --> 00:24:03,390
Door trouw te zijn aan Hem lopen we
daarom het risico buitengesloten te worden

387
00:24:03,390 --> 00:24:06,330
van gezelschap waar we
liever bij zouden horen.

388
00:24:06,330 --> 00:24:10,650
Dat is iets waarvan Jezus zei dat
je ermee te maken zult krijgen.

389
00:24:10,650 --> 00:24:12,810
Je zult buitengesloten worden.

390
00:24:12,810 --> 00:24:15,270
Je zult zelfs beschimpt worden.

391
00:24:15,270 --> 00:24:19,650
Dat betekent dat je belasterd en
bekritiseerd zult worden, enzovoort,

392
00:24:19,650 --> 00:24:21,630
omdat je christen bent.

393
00:24:21,630 --> 00:24:26,550
Zelfs je naam zal als iets kwaads
verworpen worden omdat je christen bent.

394
00:24:26,550 --> 00:24:30,810
Dat is interessant, want christenen
zijn mensen die staan voor wat goed

395
00:24:30,810 --> 00:24:32,550
en rechtvaardig is.

396
00:24:32,550 --> 00:24:36,570
Waarom zou iemand kwaadspreken over een
goede christen en zijn naam verwerpen

397
00:24:36,570 --> 00:24:38,130
alsof hij slecht is?

398
00:24:38,130 --> 00:24:42,570
Toch is dat precies wat er op dit
moment in onze samenleving gebeurt.

399
00:24:42,570 --> 00:24:47,070
Als je je uitspreekt voor gerechtigheid,
word je iemand genoemd die haat.

400
00:24:47,070 --> 00:24:48,870
Je bent een slecht mens.

401
00:24:48,870 --> 00:24:52,230
Je vormt een gevaar voor de
vooruitgang van de samenleving.

402
00:24:52,230 --> 00:24:54,630
Je moet uit de weg geruimd worden.

403
00:24:54,630 --> 00:24:56,490
Je moet heropgevoed worden.

404
00:24:56,490 --> 00:24:59,310
Je moet gevoeliger gemaakt
worden, of wat dan ook.

405
00:24:59,310 --> 00:25:03,690
Je bent een slecht mens als je opkomt voor
wat altijd als rechtvaardig is beschouwd,

406
00:25:03,690 --> 00:25:06,630
omdat de samenleving
een andere kant opgaat.

407
00:25:06,630 --> 00:25:09,630
Je zult buitengesloten en
beschimpt worden, en je

408
00:25:09,630 --> 00:25:12,330
naam zal als iets kwaads verworpen worden.

409
00:25:12,330 --> 00:25:15,990
Ik zeg niet dat je erop
moet rekenen, maar Hij zei:

410
00:25:15,990 --> 00:25:20,790
Gelukkig zijn jullie als dat gebeurt, want
zo werden de profeten precies door hun

411
00:25:20,790 --> 00:25:23,550
generatie behandeld. Hij zegt:

412
00:25:23,550 --> 00:25:26,790
Wees blij op die dag en
spring een gat in de lucht.

413
00:25:26,790 --> 00:25:30,210
Hier zegt Hij dat je beloning
groot is in de hemel.

414
00:25:30,210 --> 00:25:33,630
Je zult hier niet noodzakelijk
een beloning of een omkering van

415
00:25:33,630 --> 00:25:35,730
deze situatie krijgen.

416
00:25:35,730 --> 00:25:38,670
Misschien lijd je je hele
leven onder vervolging.

417
00:25:38,670 --> 00:25:40,650
Maar er is ook nog een ander leven,

418
00:25:40,650 --> 00:25:43,710
en daar zijn beloningen
om rekening mee te houden.

419
00:25:43,710 --> 00:25:46,470
Die maken het beslist de moeite waard.

420
00:25:46,470 --> 00:25:51,390
De profeten van vroeger werden voor het
grootste deel door hun landgenoten gedood.

421
00:25:51,390 --> 00:25:53,790
Ze werden beslist afgewezen.

422
00:25:53,790 --> 00:25:57,030
Daarom bevind je je in het
gezelschap van zulke mensen

423
00:25:57,030 --> 00:26:00,330
wanneer je ter wille van de
gerechtigheid wordt afgewezen.

424
00:26:00,330 --> 00:26:04,050
Het tegenovergestelde daarvan
is natuurlijk vers 26:

425
00:26:04,050 --> 00:26:07,890
Maar wee u, rijken, want
u hebt uw troost al.

426
00:26:07,890 --> 00:26:11,790
Wee u, die verzadigd bent,
want u zult hongerlijden.

427
00:26:11,790 --> 00:26:15,630
Wee u die nu lacht, want
u zult treuren en huilen.

428
00:26:15,630 --> 00:26:18,690
Wee u, wanneer alle
mensen goed van u spreken,

429
00:26:18,690 --> 00:26:22,230
want hun vaderen deden
evenzo met de valse profeten.

430
00:26:22,230 --> 00:26:26,490
Er is niets mis mee als er mensen
zijn die een hoge dunk van je hebben.

431
00:26:26,490 --> 00:26:31,050
Maar wanneer alle mensen goed over je
spreken, sluit je ergens een compromis.

432
00:26:31,050 --> 00:26:34,830
Als je een volkomen consequent
rechtvaardig leven leidt,

433
00:26:34,830 --> 00:26:37,650
zullen zondaars zich daar
niet prettig bij voelen.

434
00:26:37,650 --> 00:26:41,310
Zondaars voelen zich veel prettiger
wanneer het lijkt alsof iedereen net als

435
00:26:41,310 --> 00:26:44,850
zij is, want ooit hadden
zondaars een geweten.

436
00:26:44,850 --> 00:26:48,150
Soms hebben ze het zo afgestompt
dat ze het niet meer voelen,

437
00:26:48,150 --> 00:26:50,850
maar waarschijnlijk zit
het nog altijd in hen.

438
00:26:50,850 --> 00:26:54,390
Er is iets wat van tijd tot
tijd aan hen knaagt en zegt:

439
00:26:54,390 --> 00:26:56,010
Dit klopt eigenlijk niet.

440
00:26:56,010 --> 00:26:59,190
Maar zolang iedereen om
hen heen hetzelfde doet,

441
00:26:59,190 --> 00:27:02,010
denken ze dat dit het gemakkelijk maakt.

442
00:27:02,010 --> 00:27:06,210
Ik heb niet het gevoel dat dit helemaal
goed is, maar niemand doet het anders.

443
00:27:06,210 --> 00:27:08,310
Ik doe gewoon wat iedereen doet.

444
00:27:08,310 --> 00:27:11,190
Dus eigenlijk kan God me niet veroordelen.

445
00:27:11,190 --> 00:27:14,070
Dan zou Hij iedereen moeten veroordelen.

446
00:27:14,070 --> 00:27:16,110
Niemand doet het anders dan ik.

447
00:27:16,110 --> 00:27:18,390
Niemand is beter dan ik.

448
00:27:18,390 --> 00:27:21,390
God moet het vast wel relatief beoordelen.

449
00:27:21,390 --> 00:27:24,690
Maar dan verschijnt er iemand
die die slechte dingen niet doet,

450
00:27:24,690 --> 00:27:29,730
die rechtvaardig leeft, Jezus
volgt en geen compromissen sluit.

451
00:27:29,730 --> 00:27:32,250
De zondaars verwelkomen dat niet.

452
00:27:32,250 --> 00:27:35,250
Het licht verschijnt
en ze haten het licht.

453
00:27:35,250 --> 00:27:37,290
Ze hebben de duisternis lief.

454
00:27:37,290 --> 00:27:40,350
Ze willen niet dat hun
daden aan het licht komen.

455
00:27:40,350 --> 00:27:44,550
Alleen al de aanwezigheid van
rechtvaardige mensen laat zien dat niet

456
00:27:44,550 --> 00:27:47,250
iedereen deze goddeloze dingen doet.

457
00:27:47,250 --> 00:27:51,330
Opeens maakt het contrast hun
duidelijk dat ze schuldig zijn.

458
00:27:51,330 --> 00:27:56,010
Gewoonlijk halen mensen uit naar degenen
die hun kwade wegen aan het licht brengen

459
00:27:56,010 --> 00:27:57,930
en vervolgen ze hen.

460
00:27:57,930 --> 00:27:59,730
Reken erop, zegt Hij.

461
00:27:59,730 --> 00:28:04,530
Maar wanneer dat gebeurt, wanneer ze
je naam verwerpen en je vervolgen,

462
00:28:04,530 --> 00:28:07,350
zegt Hij dat je moet
opspringen van vreugde.

463
00:28:07,350 --> 00:28:11,370
Maar wee jou wanneer niemand dat
doet, wanneer niemand iets op je aan

464
00:28:11,370 --> 00:28:12,270
te merken heeft.

465
00:28:12,270 --> 00:28:15,030
Hij gaat verder in vers 27:

466
00:28:15,030 --> 00:28:20,190
Maar Ik zeg tegen u die dit
hoort: Heb uw vijanden lief;

467
00:28:20,190 --> 00:28:22,710
doe goed aan hen die u haten.

468
00:28:22,710 --> 00:28:27,450
Zegen hen die u vervloeken, en
bid voor hen die u belasteren.

469
00:28:27,450 --> 00:28:31,290
Bied hem die u op de ene
wang slaat, ook de andere.

470
00:28:31,290 --> 00:28:37,291
Verhinder hem die het bovenkleed van u
afpakt, niet ook uw onderkleed te nemen .

471
00:28:37,291 --> 00:28:40,530
Maar geef aan ieder die iets van u vraagt,

472
00:28:40,530 --> 00:28:44,670
en eis niet terug van hem
die neemt wat van u is.

473
00:28:44,670 --> 00:28:49,110
En zoals u wilt dat de mensen
u doen, doet u hun ook zo.

474
00:28:49,110 --> 00:28:54,270
En als u hen liefhebt die u liefhebben,
wat voor dank komt u daarvoor toe?

475
00:28:54,270 --> 00:28:58,590
Immers, ook de zondaars hebben
degenen lief die hen liefhebben.

476
00:28:58,590 --> 00:29:04,350
En als u goeddoet aan hen die u goeddoen,
wat voor dank komt u daarvoor toe?

477
00:29:04,350 --> 00:29:07,410
Immers, ook de zondaars doen hetzelfde.

478
00:29:07,410 --> 00:29:11,130
En als u leent aan hen van wie
u hoopt terug te ontvangen,

479
00:29:11,130 --> 00:29:13,710
wat voor dank komt u daarvoor toe?

480
00:29:13,710 --> 00:29:19,410
Immers, ook de zondaars lenen aan
zondaars, om hetzelfde terug te ontvangen.

481
00:29:19,410 --> 00:29:24,330
Maar heb uw vijanden lief en doe goed,
en leen zonder te hopen iets terug

482
00:29:24,330 --> 00:29:25,591
te krijgen .

483
00:29:25,591 --> 00:29:30,690
Dan zal uw loon groot zijn en zult
u kinderen van de Allerhoogste zijn,

484
00:29:30,690 --> 00:29:35,130
want Hij is goedertieren over
de ondankbaren en slechten.

485
00:29:35,130 --> 00:29:39,570
Wees dan barmhartig, zoals
ook uw Vader barmhartig is.

486
00:29:39,570 --> 00:29:45,090
Dit gedeelte wordt in Mattheüs 5
weergegeven, met slechts één uitzondering,

487
00:29:45,090 --> 00:29:48,570
namelijk de uitspraak die
we de gouden regel noemen.

488
00:29:48,570 --> 00:29:54,810
Wat Hij in vers 31 zegt, staat in Mattheüs
7, maar nog steeds in de Bergrede.

489
00:29:54,810 --> 00:29:59,430
Maar in Mattheüs 5 staat dit
onderwijs in een iets andere context.

490
00:29:59,430 --> 00:30:03,870
Mattheüs 5 bevat een reeks
uitspraken van Jezus waarin Hij zei:

491
00:30:03,870 --> 00:30:09,570
U hebt gehoord dat tegen het voorgeslacht
gezegd is: U zult niet doden; en:

492
00:30:09,570 --> 00:30:13,530
Wie doodt, zal door de rechtbank
schuldig bevonden worden.

493
00:30:13,530 --> 00:30:17,670
en dan citeert Hij iets waarvan ze
hebben gehoord dat het gezegd is,

494
00:30:17,670 --> 00:30:19,470
meestal iets uit de wet.

495
00:30:19,470 --> 00:30:20,850
Vervolgens zegt Hij:

496
00:30:20,850 --> 00:30:22,230
Maar Ik zeg u:

497
00:30:22,230 --> 00:30:25,350
waarbij Hij verder uitwerkt
wat ze al hebben gehoord.

498
00:30:25,350 --> 00:30:29,430
Wanneer Jezus daarop verder
ingaat, spreekt Hij het niet tegen,

499
00:30:29,430 --> 00:30:33,510
tenzij Hij het gedeelte tegenspreekt
dat een mens erbij heeft verzonnen.

500
00:30:33,510 --> 00:30:34,950
Hij zegt bijvoorbeeld:

501
00:30:34,950 --> 00:30:40,770
U hebt gehoord dat tegen het voorgeslacht
gezegd is: U zult niet doden; en:

502
00:30:40,770 --> 00:30:44,550
Wie doodt, zal door de rechtbank
schuldig bevonden worden.

503
00:30:44,550 --> 00:30:46,290
Hij wijst dat niet af.

504
00:30:46,290 --> 00:30:48,810
Hij voegt er iets aan toe. Hij zegt:

505
00:30:48,810 --> 00:30:53,730
Het is waar dat je niet mag moorden,
maar je mag evenmin haten of zonder reden

506
00:30:53,730 --> 00:30:55,230
boos zijn op je broeder.

507
00:30:55,230 --> 00:30:56,250
Hij zegt:

508
00:30:56,250 --> 00:31:02,010
U hebt gehoord dat tegen het voorgeslacht
gezegd is: U zult geen overspel plegen.

509
00:31:02,010 --> 00:31:06,330
Hij ontkent niet dat dit waar is,
maar Hij zegt dat je verder moet gaan

510
00:31:06,330 --> 00:31:09,630
en moet erkennen dat overspel
iets in je hart kan zijn,

511
00:31:09,630 --> 00:31:12,210
en niet alleen lichamelijke daden.

512
00:31:12,210 --> 00:31:14,610
De wet zegt dat als je
van je vrouw scheidt,

513
00:31:14,610 --> 00:31:16,770
je haar een scheidbrief moet geven.

514
00:31:16,770 --> 00:31:18,630
Als je van je vrouw gescheiden bent,

515
00:31:18,630 --> 00:31:21,810
moet je dat ongetwijfeld
inderdaad nog steeds doen.

516
00:31:21,810 --> 00:31:26,310
Maar Hij zei dat je niet van haar
moet scheiden, behalve wegens ontucht.

517
00:31:26,310 --> 00:31:29,730
Je moet ervoor zorgen dat je niet
ten onrechte van haar scheidt.

518
00:31:29,730 --> 00:31:30,990
Hij zei:

519
00:31:30,990 --> 00:31:34,350
Verder hebt u gehoord dat tegen
het voorgeslacht gezegd is:

520
00:31:34,350 --> 00:31:39,570
U zult de eed niet breken, maar u
zult voor de Heere uw eden houden.

521
00:31:39,570 --> 00:31:40,770
Hij zegt:

522
00:31:40,770 --> 00:31:45,990
Dat moet je zeker doen. Als je zweert
bij de naam van God, kom je eden dan na.

523
00:31:45,990 --> 00:31:50,070
Maar volgens mij kun je eden
beter helemaal achterwege laten.

524
00:31:50,070 --> 00:31:52,170
Je hoeft geen eden af te leggen.

525
00:31:52,170 --> 00:31:56,430
Je moet eerlijk genoeg zijn om geen
eed nodig te hebben om je aan je

526
00:31:56,430 --> 00:31:57,630
woord te houden.

527
00:31:57,630 --> 00:31:58,950
Dan zegt Hij:

528
00:31:58,950 --> 00:32:04,650
U hebt gehoord dat er gezegd is:
Oog voor oog en tand voor tand.

529
00:32:04,650 --> 00:32:08,310
Dit staat allemaal in
Mattheüs 5. Hij zegt:

530
00:32:08,310 --> 00:32:14,010
Maar Ik zeg: keer ook de andere wang toe,
geef aan wie iets van je vraagt en ga een

531
00:32:14,010 --> 00:32:15,570
tweede mijl mee.

532
00:32:15,570 --> 00:32:20,190
Geven aan degenen die je iets vragen,
staat ook hier in dit gedeelte.

533
00:32:20,190 --> 00:32:21,090
Maar:

534
00:32:21,090 --> 00:32:22,590
heb je vijand lief,

535
00:32:22,590 --> 00:32:28,110
waarover het hier vanaf vers 27 gaat,
vormt in Mattheüs 5 het zesde geval

536
00:32:28,110 --> 00:32:29,610
waarin Jezus zei:

537
00:32:29,610 --> 00:32:34,170
U hebt gehoord dat er gezegd
is: U moet uw naaste liefhebben

538
00:32:34,170 --> 00:32:36,390
en uw vijand moet u haten.

539
00:32:36,390 --> 00:32:40,950
Dit is het eerste van die gevallen waarin
Jezus tegenspreekt wat ze hebben gehoord.

540
00:32:40,950 --> 00:32:44,910
Maar wat Hij tegenspreekt, is
iets wat niet in de wet staat.

541
00:32:44,910 --> 00:32:46,530
De wet zei inderdaad:

542
00:32:46,530 --> 00:32:51,030
U hebt gehoord dat er gezegd
is: U moet uw naaste liefhebben

543
00:32:51,030 --> 00:32:53,310
en uw vijand moet u haten.

544
00:32:53,310 --> 00:32:58,470
Maar Ik zeg u: Heb uw vijanden
lief; zegen hen die u vervloeken;

545
00:32:58,470 --> 00:33:03,990
doe goed aan hen die u haten; en bid
voor hen die u beledigen en u vervolgen;

546
00:33:03,990 --> 00:33:05,550
Maar er stond niet:

547
00:33:05,550 --> 00:33:06,990
Haat je vijand.

548
00:33:06,990 --> 00:33:09,390
Dat was een rabbijnse toevoeging.

549
00:33:09,390 --> 00:33:13,170
Ze hadden horen onderwijzen dat
ze hun vijanden moesten haten,

550
00:33:13,170 --> 00:33:15,330
maar dat was niet wat God had gezegd.

551
00:33:15,330 --> 00:33:18,210
Dus Jezus corrigeerde dat.

552
00:33:18,210 --> 00:33:20,850
Merk op dat Jezus telkens zei:

553
00:33:20,850 --> 00:33:23,670
Jullie hebben horen zeggen, maar ik zeg:

554
00:33:23,670 --> 00:33:27,570
In de eerste vijf gevallen was
alles wat ze hadden gehoord de wet,

555
00:33:27,570 --> 00:33:30,090
en Hij sprak die niet werkelijk tegen.

556
00:33:30,090 --> 00:33:31,290
In wezen zei Hij:

557
00:33:31,290 --> 00:33:34,770
Hier zit een principe achter dat
verder gaat dan jullie denken.

558
00:33:34,770 --> 00:33:39,030
Ik zal jullie vertellen wat dat principe
is en hoever het werkelijk gaat.

559
00:33:39,030 --> 00:33:41,190
Maar het laatste geval was:

560
00:33:41,190 --> 00:33:45,930
Jullie hebben gehoord dat je je naaste
moet liefhebben en je vijand moet haten.

561
00:33:45,930 --> 00:33:49,110
Dat is niet wat de wet zegt. Dus zegt Hij:

562
00:33:49,110 --> 00:33:54,210
U hebt gehoord dat er gezegd is: U
moet uw naaste liefhebben en uw vijand

563
00:33:54,210 --> 00:33:55,530
moet u haten.

564
00:33:55,530 --> 00:34:00,990
Maar Ik zeg u: Heb uw vijanden
lief; zegen hen die u vervloeken;

565
00:34:00,990 --> 00:34:06,630
doe goed aan hen die u haten; en bid
voor hen die u beledigen en u vervolgen;

566
00:34:06,630 --> 00:34:10,770
Het gedeelte dat we zojuist hebben
gelezen, staat in dat verband.

567
00:34:10,770 --> 00:34:13,350
Lukas plaatst het in
een iets ander verband,

568
00:34:13,350 --> 00:34:15,870
omdat hij vlak daarvoor heeft gezegd:

569
00:34:15,870 --> 00:34:21,990
Zalig bent u, wanneer de mensen u haten,
en wanneer zij u uitstoten en u smaden en

570
00:34:21,990 --> 00:34:25,950
uw naam als slecht verwerpen
omwille van de Zoon des mensen.

571
00:34:25,950 --> 00:34:30,630
Je bent zalig, maar je moet weten
wat je in zulke situaties moet doen.

572
00:34:30,630 --> 00:34:32,790
Hoe behandel je zulke mensen?

573
00:34:32,790 --> 00:34:37,350
Daarom laat hij op die zaligsprekingen
en die vervloekingen dit volgen:

574
00:34:37,350 --> 00:34:42,150
Maar Ik zeg tegen u die dit
hoort: Heb uw vijanden lief;

575
00:34:42,150 --> 00:34:44,730
doe goed aan hen die u haten.

576
00:34:44,730 --> 00:34:49,290
Zegen hen die u vervloeken, en
bid voor hen die u belasteren.

577
00:34:49,290 --> 00:34:53,010
Bied hem die u op de ene
wang slaat, ook de andere.

578
00:34:53,010 --> 00:34:58,111
Verhinder hem die het bovenkleed van u
afpakt, niet ook uw onderkleed te nemen .

579
00:34:58,111 --> 00:35:00,930
Maar geef aan ieder die iets van u vraagt,

580
00:35:00,930 --> 00:35:04,650
en eis niet terug van hem
die neemt wat van u is.

581
00:35:04,650 --> 00:35:08,670
En zoals u wilt dat de mensen
u doen, doet u hun ook zo.

582
00:35:08,670 --> 00:35:13,170
En als u hen liefhebt die u liefhebben,
wat voor dank komt u daarvoor toe?

583
00:35:13,170 --> 00:35:17,610
Immers, ook de zondaars hebben
degenen lief die hen liefhebben.

584
00:35:17,610 --> 00:35:22,710
En als u goeddoet aan hen die u goeddoen,
wat voor dank komt u daarvoor toe?

585
00:35:22,710 --> 00:35:25,770
Immers, ook de zondaars doen hetzelfde.

586
00:35:25,770 --> 00:35:29,310
En als u leent aan hen van wie
u hoopt terug te ontvangen,

587
00:35:29,310 --> 00:35:31,770
wat voor dank komt u daarvoor toe?

588
00:35:31,770 --> 00:35:37,350
Immers, ook de zondaars lenen aan
zondaars, om hetzelfde terug te ontvangen.

589
00:35:37,350 --> 00:35:42,810
Je bent zalig als ze je haten, dus doe
hun geen kwaad terug. Doe hun goed.

590
00:35:42,810 --> 00:35:46,710
In zekere zin doen ze eigenlijk
iets wat je in één opzicht als goed

591
00:35:46,710 --> 00:35:48,150
zou kunnen beschouwen.

592
00:35:48,150 --> 00:35:51,090
Ze plaatsen je in de juiste categorie.

593
00:35:51,090 --> 00:35:54,750
Gehaat worden ter wille van de
gerechtigheid is een compliment.

594
00:35:54,750 --> 00:35:59,490
Als slechte mensen vinden dat je goed
genoeg bent om door hen gehaat te worden,

595
00:35:59,490 --> 00:36:04,170
en dat je genoeg van hen verschilt om
hen een ongemakkelijk gevoel te geven,

596
00:36:04,170 --> 00:36:06,390
dan is dat een soort compliment.

597
00:36:06,390 --> 00:36:09,810
Je moet beter zijn dan
je misschien had gedacht.

598
00:36:09,810 --> 00:36:13,650
In Handelingen staat dat de
discipelen Johannes en Petrus

599
00:36:13,650 --> 00:36:17,310
door het Sanhedrin werden
geslagen en vrijgelaten.

600
00:36:17,310 --> 00:36:20,310
Ze gingen daar weg en
verheugden zich erover

601
00:36:20,310 --> 00:36:24,810
En zij lieten zich door hem overtuigen;
en toen zij de apostelen bij zich geroepen

602
00:36:24,810 --> 00:36:30,270
hadden, geselden zij hen en geboden hun
dat zij niet zouden spreken in de Naam van

603
00:36:30,270 --> 00:36:32,970
Jezus, en zij lieten hen gaan.

604
00:36:32,970 --> 00:36:37,950
Zij dan gingen weg uit de tegenwoordigheid
van de Raad en waren verblijd dat zij

605
00:36:37,950 --> 00:36:42,930
waardig geacht waren, omwille van Zijn
Naam schandelijk behandeld te worden.

606
00:36:42,930 --> 00:36:44,850
Wie achtte hen dat waard?

607
00:36:44,850 --> 00:36:49,710
In zekere zin deed God dat waarschijnlijk,
maar het Sanhedrin deed het.

608
00:36:49,710 --> 00:36:53,550
Het Sanhedrin achtte hen waard
om ter wille van Jezus te lijden.

609
00:36:53,550 --> 00:36:58,290
Het Sanhedrin was zo tegen Jezus,
en zij waren zo vóór Jezus,

610
00:36:58,290 --> 00:37:03,390
dat ze christelijk genoeg waren om
aanstootgevend te zijn voor het Sanhedrin.

611
00:37:03,390 --> 00:37:07,530
Als het Sanhedrin hen niet
vervolgde terwijl het Jezus haatte,

612
00:37:07,530 --> 00:37:10,530
zou dat in zekere zin een
soort teleurstelling zijn.

613
00:37:10,530 --> 00:37:14,910
Als mensen die Jezus haten niets
aan jou kunnen vinden om te haten,

614
00:37:14,910 --> 00:37:18,630
dan achten ze je blijkbaar niet
genoeg op Hem lijken om voor hen een

615
00:37:18,630 --> 00:37:20,010
probleem te zijn.

616
00:37:20,010 --> 00:37:23,790
Het betekent niet dat we ernaar
moeten verlangen gehaat te worden.

617
00:37:23,790 --> 00:37:28,350
Maar we weten dat er mensen zijn
die zich fel tegen Jezus verzetten.

618
00:37:28,350 --> 00:37:33,210
Als ze vreedzaam met ons samenleven en
niets aanstootgevends aan ons vinden,

619
00:37:33,210 --> 00:37:37,770
dan zou dat ons iets moeten zeggen:
blijkbaar lijk ik niet erg op Jezus,

620
00:37:37,770 --> 00:37:41,430
want wat ze in Hem haten,
zien ze niet in mij.

621
00:37:41,430 --> 00:37:44,970
Vermoedelijk zouden ze het
ook in mij moeten haten.

622
00:37:44,970 --> 00:37:49,770
In zekere zin is het een compliment
als bepaalde slechte mensen je haten.

623
00:37:49,770 --> 00:37:53,310
Je zegt: „Uit jouw mond
is dat een compliment.”

624
00:37:53,310 --> 00:37:57,090
Want als je mij aardig vond, zou
dat kunnen betekenen dat ik te veel

625
00:37:57,090 --> 00:37:58,350
op jou lijk.

626
00:37:58,350 --> 00:38:02,310
Dat zeg je niet, maar dat is
eigenlijk wat Hij hier suggereert.

627
00:38:02,310 --> 00:38:07,350
Ze zegenen je door je bij de profeten te
rekenen, door je bij Christus te rekenen,

628
00:38:07,350 --> 00:38:11,190
doordat ze tegen jou dezelfde
bezwaren hebben als tegen Hem.

629
00:38:11,190 --> 00:38:15,390
Daarom zegen je degenen die je
vervloeken en bid je voor degenen die

630
00:38:15,390 --> 00:38:17,310
je boosaardig behandelen.

631
00:38:17,310 --> 00:38:18,450
Hij zegt:

632
00:38:18,450 --> 00:38:21,990
Als iemand je op de wang slaat,
bied hem dan ook de andere aan.

633
00:38:21,990 --> 00:38:24,390
In Mattheüs staat er specifiek:

634
00:38:24,390 --> 00:38:28,230
Ik zeg u echter dat u geen
weerstand moet bieden aan de boze;

635
00:38:28,230 --> 00:38:32,550
maar wie u op de rechterwang
slaat, keer hem ook de andere toe;

636
00:38:32,550 --> 00:38:33,630
Hier staat alleen:

637
00:38:33,630 --> 00:38:35,070
Op de wang.

638
00:38:35,070 --> 00:38:39,750
Eigenlijk staat in de Engelse brontekst
zelfs het woord „ene” er niet,

639
00:38:39,750 --> 00:38:43,410
al heeft de HSV hier wel „de ene wang”.

640
00:38:43,410 --> 00:38:45,330
Er staat in de bron alleen:

641
00:38:45,330 --> 00:38:50,550
Maar Ik zeg tegen u die dit
hoort: Heb uw vijanden lief;

642
00:38:50,550 --> 00:38:53,310
doe goed aan hen die u haten.

643
00:38:53,310 --> 00:38:57,870
Zegen hen die u vervloeken, en
bid voor hen die u belasteren.

644
00:38:57,870 --> 00:39:01,890
Bied hem die u op de ene
wang slaat, ook de andere.

645
00:39:01,890 --> 00:39:06,811
Verhinder hem die het bovenkleed van u
afpakt, niet ook uw onderkleed te nemen .

646
00:39:06,811 --> 00:39:09,630
Maar geef aan ieder die iets van u vraagt,

647
00:39:09,630 --> 00:39:13,290
en eis niet terug van hem
die neemt wat van u is.

648
00:39:13,290 --> 00:39:17,370
En zoals u wilt dat de mensen
u doen, doet u hun ook zo.

649
00:39:17,370 --> 00:39:22,290
En als u hen liefhebt die u liefhebben,
wat voor dank komt u daarvoor toe?

650
00:39:22,290 --> 00:39:26,430
Immers, ook de zondaars hebben
degenen lief die hen liefhebben.

651
00:39:26,430 --> 00:39:31,830
En als u goeddoet aan hen die u goeddoen,
wat voor dank komt u daarvoor toe?

652
00:39:31,830 --> 00:39:34,710
Immers, ook de zondaars doen hetzelfde.

653
00:39:34,710 --> 00:39:38,430
En als u leent aan hen van wie
u hoopt terug te ontvangen,

654
00:39:38,430 --> 00:39:41,010
wat voor dank komt u daarvoor toe?

655
00:39:41,010 --> 00:39:46,770
Immers, ook de zondaars lenen aan
zondaars, om hetzelfde terug te ontvangen.

656
00:39:46,770 --> 00:39:51,210
Maar in Mattheüs is het specifieker:
hij slaat je op de rechterwang.

657
00:39:51,210 --> 00:39:54,450
Dat is belangrijk, want als
je tegenover iemand staat,

658
00:39:54,450 --> 00:39:58,170
is de rechterwang de wang die
overeenkomt met zijn linkerhand.

659
00:39:58,170 --> 00:40:01,770
Als een man je gaat aanvallen en
je echt pijn probeert te doen,

660
00:40:01,770 --> 00:40:05,910
is de aanname in de Schrift dat
de meeste mensen, de overgrote

661
00:40:05,910 --> 00:40:08,310
meerderheid, rechtshandig zijn.

662
00:40:08,310 --> 00:40:12,810
Dus als een man je wil uitschakelen,
zal hij je met zijn rechterhand slaan.

663
00:40:12,810 --> 00:40:17,490
Maar als hij tegenover je staat, zal die
rechterhand je op de linkerwang raken.

664
00:40:17,490 --> 00:40:19,410
Wanneer Jezus dus zegt:

665
00:40:19,410 --> 00:40:21,510
Als hij je op je rechterwang slaat,

666
00:40:21,510 --> 00:40:25,710
schetst Hij een situatie waarin iemand
je met de rug van zijn hand slaat.

667
00:40:25,710 --> 00:40:29,010
Als ik tegenover je sta,
je met mijn rechterhand sla

668
00:40:29,010 --> 00:40:33,270
en daarbij je rechterwang raak, moet
ik dat met de rug van mijn hand doen.

669
00:40:33,270 --> 00:40:37,710
Dit verwijst dus meer naar een
belediging dan naar lichamelijk letsel.

670
00:40:37,710 --> 00:40:41,670
Het gaat hier niet zozeer om het
bedwingen van het instinct tot zelfbehoud,

671
00:40:41,670 --> 00:40:45,390
maar om het bedwingen van het
instinct om je waardigheid te redden.

672
00:40:45,390 --> 00:40:49,350
Als iemand je beledigt, zijn dat
normaal gesproken woorden die tot een

673
00:40:49,350 --> 00:40:50,910
gevecht kunnen leiden.

674
00:40:50,910 --> 00:40:53,790
Maar jij moet je er niet
toe laten verleiden.

675
00:40:53,790 --> 00:40:55,650
Laat ze je maar beledigen.

676
00:40:55,650 --> 00:40:58,170
Laat ze je maar in het gezicht slaan.

677
00:40:58,170 --> 00:41:00,870
Voor een Jood is het
buitengewoon beledigend

678
00:41:00,870 --> 00:41:05,970
om zelfs maar het gezicht van een man aan
te raken, en al helemaal om hem te slaan.

679
00:41:05,970 --> 00:41:08,550
Dit is dus het beeld
van iemand die je haat,

680
00:41:08,550 --> 00:41:11,850
je wil beledigen en je
in het gezicht slaat.

681
00:41:11,850 --> 00:41:15,750
Het doet misschien een beetje pijn,
maar je raakt er niet door gewond.

682
00:41:15,750 --> 00:41:18,990
Je trots raakt er nog
steeds door gekrenkt.

683
00:41:18,990 --> 00:41:22,830
Maar Jezus zegt hier: „Slik je trots in.

684
00:41:22,830 --> 00:41:26,550
Aanvaard de belediging
en neem geen wraak.”

685
00:41:26,550 --> 00:41:27,630
Hij zegt:

686
00:41:27,630 --> 00:41:31,530
En als iemand je mantel afpakt,
houd dan ook je hemd niet achter.

687
00:41:31,530 --> 00:41:35,430
Dit is ongetwijfeld een
overdrijving. In Mattheüs staat:

688
00:41:35,430 --> 00:41:38,670
Als iemand je voor de rechter
sleept om je mantel te krijgen,

689
00:41:38,670 --> 00:41:40,410
geef hem dan ook je hemd.

690
00:41:40,410 --> 00:41:44,610
In plaats van het voor de rechtbank uit
te vechten, geef je hem wat hij wil.

691
00:41:44,610 --> 00:41:46,950
Geef hem meer dan hij wil.

692
00:41:46,950 --> 00:41:49,950
Er zullen momenten zijn waarop
je dit letterlijk zou doen,

693
00:41:49,950 --> 00:41:53,190
maar soms is het niet
noodzakelijk letterlijk bedoeld.

694
00:41:53,190 --> 00:41:57,690
Het idee is dat je je meer om hem
en zijn aanspraken moet bekommeren

695
00:41:57,690 --> 00:42:00,690
dan om jezelf en je eigen aanspraken.

696
00:42:00,690 --> 00:42:03,810
Het is de bedoeling dat je
anderen boven jezelf stelt,

697
00:42:03,810 --> 00:42:07,590
of hen ten minste op hetzelfde
niveau als jezelf plaatst.

698
00:42:07,590 --> 00:42:12,450
Dus als hij die mantel echt wil, heeft
hij misschien meer nodig dan dat.

699
00:42:12,450 --> 00:42:14,430
Geef hem ook je onderkleed.

700
00:42:14,430 --> 00:42:17,130
Stel zijn belangen boven die van jezelf.

701
00:42:17,130 --> 00:42:21,630
Dit is werkelijk een overdrijving, want
het zou verkeerd zijn om aan iedereen te

702
00:42:21,630 --> 00:42:23,610
geven die je iets vraagt.

703
00:42:23,610 --> 00:42:27,930
Om te beginnen zou je, als je de hele
dag naar christelijke radio luistert,

704
00:42:27,930 --> 00:42:32,910
al voor het einde van de dag blut zijn,
want iedereen zal je om geld vragen.

705
00:42:32,910 --> 00:42:37,710
Aan de andere kant zijn er bedelaars aan
wie je waarschijnlijk niet moet geven.

706
00:42:37,710 --> 00:42:41,790
Ouders moeten hun kinderen beslist
niet alles geven waar ze om vragen.

707
00:42:41,790 --> 00:42:45,450
Dat zou niet goed voor
hen zijn. Paulus zelf zei:

708
00:42:45,450 --> 00:42:49,470
er zijn mensen die niet werken en
dus ook niet zouden moeten eten.

709
00:42:49,470 --> 00:42:54,750
Als iemand dus weigert te werken, zou het
een overtreding zijn om hem geld te geven.

710
00:42:54,750 --> 00:42:56,610
Dus wanneer Jezus zegt:

711
00:42:56,610 --> 00:43:00,990
Maar Ik zeg tegen u die dit
hoort: Heb uw vijanden lief;

712
00:43:00,990 --> 00:43:03,030
doe goed aan hen die u haten.

713
00:43:03,030 --> 00:43:07,170
Zegen hen die u vervloeken, en
bid voor hen die u belasteren.

714
00:43:07,170 --> 00:43:11,010
Bied hem die u op de ene
wang slaat, ook de andere.

715
00:43:11,010 --> 00:43:15,931
Verhinder hem die het bovenkleed van u
afpakt, niet ook uw onderkleed te nemen .

716
00:43:15,931 --> 00:43:18,330
Maar geef aan ieder die iets van u vraagt,

717
00:43:18,330 --> 00:43:21,810
en eis niet terug van hem
die neemt wat van u is.

718
00:43:21,810 --> 00:43:25,830
En zoals u wilt dat de mensen
u doen, doet u hun ook zo.

719
00:43:25,830 --> 00:43:30,630
En als u hen liefhebt die u liefhebben,
wat voor dank komt u daarvoor toe?

720
00:43:30,630 --> 00:43:34,590
Immers, ook de zondaars hebben
degenen lief die hen liefhebben.

721
00:43:34,590 --> 00:43:39,630
En als u goeddoet aan hen die u goeddoen,
wat voor dank komt u daarvoor toe?

722
00:43:39,630 --> 00:43:42,570
Immers, ook de zondaars doen hetzelfde.

723
00:43:42,570 --> 00:43:46,110
En als u leent aan hen van wie
u hoopt terug te ontvangen,

724
00:43:46,110 --> 00:43:48,450
wat voor dank komt u daarvoor toe?

725
00:43:48,450 --> 00:43:53,970
Immers, ook de zondaars lenen aan
zondaars, om hetzelfde terug te ontvangen.

726
00:43:53,970 --> 00:43:58,290
bedoelt Hij dat niet volkomen letterlijk,
alsof je iedere keer dat iemand je iets

727
00:43:58,290 --> 00:44:00,630
vraagt, hem iets moet geven.

728
00:44:00,630 --> 00:44:03,990
Hij bedoelt veeleer dat je
zonder onderscheid moet geven.

729
00:44:03,990 --> 00:44:06,210
Je moet niet alleen aan je vrienden geven.

730
00:44:06,210 --> 00:44:09,090
Je moet niet alleen geven aan
mensen die je aardig vindt.

731
00:44:09,090 --> 00:44:11,250
Je moet aan iedereen geven.

732
00:44:11,250 --> 00:44:15,630
Hij heeft het erover dat je zowel je
vijanden als je vrienden moet liefhebben.

733
00:44:15,630 --> 00:44:20,670
Als je vijand iets nodig heeft, onthoud
het hem dan niet omdat hij je vijand is.

734
00:44:20,670 --> 00:44:24,450
Misschien zou je zonder aarzelen iets
aan je kinderen of je vrienden geven,

735
00:44:24,450 --> 00:44:28,950
maar omdat hij je vijand is, denk je:
„Ik denk niet dat ik hem ga helpen.”

736
00:44:28,950 --> 00:44:31,650
Nee, geef zonder onderscheid aan iedereen.

737
00:44:31,650 --> 00:44:35,250
Hij bedoelt niet ieder afzonderlijk
geval, want er zouden gevallen zijn

738
00:44:35,250 --> 00:44:38,970
waarin je zelfs aan je kinderen of
je vrienden niet zou willen geven.

739
00:44:38,970 --> 00:44:43,290
Wees veeleer niet bevooroordeeld tegen
bepaalde mensen wanneer je hun liefde

740
00:44:43,290 --> 00:44:46,890
betoont en praktische hulp
biedt als ze iets nodig hebben.

741
00:44:46,890 --> 00:44:51,870
Eerlijk gezegd geloof ik dat dit allemaal
overdrijvingen zijn. Toen Hij zei:

742
00:44:51,870 --> 00:44:55,830
Als iemand je op de ene wang slaat,
keer hem dan ook de andere toe,

743
00:44:55,830 --> 00:45:00,630
zijn er andere dingen die je kunt
doen. Je kunt weglopen. Je kunt...

744
00:45:00,630 --> 00:45:03,270
weet je, je kunt met hem praten.

745
00:45:03,270 --> 00:45:05,550
Er zijn verschillende
dingen die je kunt doen.

746
00:45:05,550 --> 00:45:10,350
Alleen maar zeggen: „Hier, sla deze
ook maar,” betekent niet per se...

747
00:45:10,350 --> 00:45:13,770
om het naar de letter te volgen,
zou je hem letterlijk je andere

748
00:45:13,770 --> 00:45:17,190
wang moeten toekeren en
zeggen: „Neem die ook maar.”

749
00:45:17,190 --> 00:45:19,350
Er is niets mis mee om dat te doen.

750
00:45:19,350 --> 00:45:23,730
Ik ben maar één keer geslagen, en
het was geen klap met de vlakke hand.

751
00:45:23,730 --> 00:45:28,410
Het was een vuistslag, maar ik wist niets
anders te doen dan de andere wang toe te

752
00:45:28,410 --> 00:45:30,630
keren. En dat deed ik.

753
00:45:30,630 --> 00:45:32,970
Gelukkig werd ik niet
nog een keer geslagen.

754
00:45:32,970 --> 00:45:36,750
Maar ik keerde letterlijk de andere
wang toe, omdat Jezus dat zei.

755
00:45:36,750 --> 00:45:39,150
Maar ik kan me zeker situaties voorstellen

756
00:45:39,150 --> 00:45:41,970
waarin iemand je beledigingen
naar het hoofd slingert,

757
00:45:41,970 --> 00:45:45,030
of zelfs van plan is je aan
te vallen en pijn te doen,

758
00:45:45,030 --> 00:45:48,030
en waarin weglopen het
juiste is om te doen.

759
00:45:48,030 --> 00:45:49,830
Keer hem de andere wang toe.

760
00:45:49,830 --> 00:45:53,970
Op andere momenten zou je rustig met
hen kunnen praten, of wat dan ook.

761
00:45:53,970 --> 00:45:56,670
Er zijn verschillende
dingen die je kunt doen.

762
00:45:56,670 --> 00:45:59,430
Jezus geeft eenvoudigweg
een model voor een

763
00:45:59,430 --> 00:46:03,750
ander soort reactie op mensen die
je haten, die je kwaad aandoen,

764
00:46:03,750 --> 00:46:08,310
die iets van je willen en die je anders
misschien geneigd zou zijn over te slaan

765
00:46:08,310 --> 00:46:10,590
wanneer je liefdadigheid betracht.

766
00:46:10,590 --> 00:46:15,270
Maar sla hen bij je liefdadigheid
niet over omdat ze je vijanden zijn.

767
00:46:15,270 --> 00:46:17,910
Dan zegt Hij in vers 31:

768
00:46:17,910 --> 00:46:22,770
Behandel anderen zoals je zelf
door hen behandeld wilt worden.

769
00:46:22,770 --> 00:46:28,710
In Mattheüs 7:12 gaf Jezus dezelfde
regel, en Hij liet daarop volgen:

770
00:46:28,710 --> 00:46:33,090
Alles dan wat u wilt dat de
mensen u doen, doet u hun ook zo,

771
00:46:33,090 --> 00:46:35,670
want dat is de Wet en de Profeten.

772
00:46:35,670 --> 00:46:37,950
Het is een andere manier om te zeggen:

773
00:46:37,950 --> 00:46:42,870
U hebt gehoord dat er gezegd is: U
moet uw naaste liefhebben en uw vijand

774
00:46:42,870 --> 00:46:44,190
moet u haten.

775
00:46:44,190 --> 00:46:49,650
Maar Ik zeg u: Heb uw vijanden
lief; zegen hen die u vervloeken;

776
00:46:49,650 --> 00:46:55,590
doe goed aan hen die u haten; en bid
voor hen die u beledigen en u vervolgen;

777
00:46:55,590 --> 00:46:59,130
Wat je wilt dat zij voor
jou doen, doe jij voor hen.

778
00:46:59,130 --> 00:47:00,390
En Hij zegt:

779
00:47:00,390 --> 00:47:05,370
En als u hen liefhebt die u liefhebben,
wat voor dank komt u daarvoor toe?

780
00:47:05,370 --> 00:47:09,510
Immers, ook de zondaars hebben
degenen lief die hen liefhebben.

781
00:47:09,510 --> 00:47:14,430
En als u goeddoet aan hen die u goeddoen,
wat voor dank komt u daarvoor toe?

782
00:47:14,430 --> 00:47:17,130
Immers, ook de zondaars doen hetzelfde.

783
00:47:17,130 --> 00:47:20,490
En als u leent aan hen van wie
u hoopt terug te ontvangen,

784
00:47:20,490 --> 00:47:23,130
wat voor dank komt u daarvoor toe?

785
00:47:23,130 --> 00:47:28,530
Immers, ook de zondaars lenen aan
zondaars, om hetzelfde terug te ontvangen.

786
00:47:28,530 --> 00:47:32,010
Dit komt overeen met iets
tegen het einde van Mattheüs 5,

787
00:47:32,010 --> 00:47:35,250
waar Jezus zegt dat zelfs
de tollenaars dat doen.

788
00:47:35,250 --> 00:47:39,990
Als je iemand begroet die je vriend is,
doe je niets meer dan tollenaars doen.

789
00:47:39,990 --> 00:47:43,170
Als je vriendelijk bent tegen
iemand die tot je vrienden behoort,

790
00:47:43,170 --> 00:47:46,770
doen zelfs de slechtste
mensen, de tollenaars, dat.

791
00:47:46,770 --> 00:47:48,630
Je moet verder gaan dan dat.

792
00:47:48,630 --> 00:47:53,010
Je moet mensen liefhebben die
niet je vrienden zijn, enzovoort.

793
00:47:53,010 --> 00:47:54,930
Dat is wat Jezus hier zegt.

794
00:47:54,930 --> 00:47:56,070
Hij zegt:

795
00:47:56,070 --> 00:48:00,390
Maar heb uw vijanden lief en doe goed,
en leen zonder te hopen iets terug

796
00:48:00,390 --> 00:48:01,531
te krijgen .

797
00:48:01,531 --> 00:48:06,030
Dan zal uw loon groot zijn en zult
u kinderen van de Allerhoogste zijn,

798
00:48:06,030 --> 00:48:10,110
want Hij is goedertieren over
de ondankbaren en slechten.

799
00:48:10,110 --> 00:48:14,250
Wees dan barmhartig, zoals
ook uw Vader barmhartig is.

800
00:48:14,250 --> 00:48:19,110
Deze laatste regel vormt ook het einde
van deze bespreking in Mattheüs 5,

801
00:48:19,110 --> 00:48:22,590
alleen luidt de laatste
regel in Mattheüs 5:

802
00:48:22,590 --> 00:48:28,110
Weest u dan volmaakt, zoals uw Vader,
Die in de hemelen is, volmaakt is.

803
00:48:28,110 --> 00:48:31,590
Deze regel in Mattheüs is voor
mensen erg moeilijk geweest,

804
00:48:31,590 --> 00:48:35,850
omdat ze zeggen dat Jezus een
onmogelijke norm voorhoudt.

805
00:48:35,850 --> 00:48:39,210
Wij kunnen niet volmaakt
zijn zoals God volmaakt is.

806
00:48:39,210 --> 00:48:42,990
Sommigen hebben dat zelfs gebruikt
als excuus om te zeggen dat het niet

807
00:48:42,990 --> 00:48:47,130
werkelijk de bedoeling is dat
wij ons aan de Bergrede houden.

808
00:48:47,130 --> 00:48:49,470
Die stelt een onmogelijk hoge norm.

809
00:48:49,470 --> 00:48:51,990
Wat Jezus doet door deze norm te geven,

810
00:48:51,990 --> 00:48:56,730
is ons eenvoudigweg laten weten
dat wij niet gehoorzaam kunnen zijn

811
00:48:56,730 --> 00:48:58,890
op het niveau dat God eist.

812
00:48:58,890 --> 00:49:04,110
Het is dus de bedoeling dat we de hoop
opgeven ooit gehoorzaam te kunnen zijn

813
00:49:04,110 --> 00:49:07,170
en alleen op de genade van God vertrouwen.

814
00:49:07,170 --> 00:49:10,170
Deze regel aan het einde van Mattheüs 5:

815
00:49:10,170 --> 00:49:16,050
Weest u dan volmaakt, zoals uw Vader,
Die in de hemelen is, volmaakt is.

816
00:49:16,050 --> 00:49:20,310
geeft hun reden om te
opperen: „Oké, ik begrijp het.

817
00:49:20,310 --> 00:49:24,990
Deze regels die Jezus heeft gegeven,
zijn gewoon niet realistisch.

818
00:49:24,990 --> 00:49:29,970
Hij laat ons onszelf met God vergelijken,
en wij steken ongunstig af bij God

819
00:49:29,970 --> 00:49:32,010
en kunnen het niet beter doen.

820
00:49:32,010 --> 00:49:36,330
Hij moet ons dus leren op genade
te vertrouwen, niet op werken.”

821
00:49:36,330 --> 00:49:41,430
Dit is onder bepaalde evangelischen een
heel gebruikelijke uitleg van de Bergrede,

822
00:49:41,430 --> 00:49:43,830
en dat is een enorme vergissing.

823
00:49:43,830 --> 00:49:48,270
Jezus maakt namelijk duidelijk dat Hij wel
degelijk verwacht dat zij doen wat Hij in

824
00:49:48,270 --> 00:49:50,070
de Bergrede zegt.

825
00:49:50,070 --> 00:49:52,530
Aan het einde van de rede zegt Hij:

826
00:49:52,530 --> 00:49:56,550
Daarom, ieder die deze woorden
van Mij hoort en ze doet,

827
00:49:56,550 --> 00:49:59,250
die zal Ik vergelijken
met een verstandig man,

828
00:49:59,250 --> 00:50:01,650
die zijn huis op de rots gebouwd heeft;

829
00:50:01,650 --> 00:50:05,430
en de slagregen viel neer
en de waterstromen kwamen

830
00:50:05,430 --> 00:50:10,410
en de winden waaiden en stortten zich
op dat huis, maar het stortte niet in,

831
00:50:10,410 --> 00:50:12,930
want het was op de rots gefundeerd.

832
00:50:12,930 --> 00:50:16,590
En ieder die deze woorden van
Mij hoort en ze niet doet,

833
00:50:16,590 --> 00:50:21,630
zal met een dwaze man vergeleken worden,
die zijn huis op zand gebouwd heeft;

834
00:50:21,630 --> 00:50:23,910
Hij verwacht dat ze gedaan worden.

835
00:50:23,910 --> 00:50:26,670
Hij verwacht dat dit gedaan wordt.

836
00:50:26,670 --> 00:50:31,290
Maar hoe kun je volmaakt zijn zoals
je Vader in de hemel volmaakt is?

837
00:50:31,290 --> 00:50:33,570
Hier helpt Lukas ons verder.

838
00:50:33,570 --> 00:50:36,330
Lukas parafraseert dat als volgt:

839
00:50:36,330 --> 00:50:40,770
Wees barmhartig, zoals jullie
hemelse Vader barmhartig is.

840
00:50:40,770 --> 00:50:44,010
Hoe is dat relevant? Hoe is dat hetzelfde?

841
00:50:44,010 --> 00:50:47,070
Beide uitspraken worden
gedaan aan het einde van deze

842
00:50:47,070 --> 00:50:50,490
bespreking over niet alleen
vriendelijk zijn voor je vrienden,

843
00:50:50,490 --> 00:50:55,530
maar zelfs vriendelijk zijn voor je
vijanden, omdat God dat ook doet.

844
00:50:55,530 --> 00:50:57,030
In Mattheüs zegt Hij:

845
00:50:57,030 --> 00:51:01,350
zodat u kinderen zult zijn van
uw Vader, Die in de hemelen is,

846
00:51:01,350 --> 00:51:05,430
want Hij laat Zijn zon opgaan
over slechte en goede mensen,

847
00:51:05,430 --> 00:51:09,570
en laat het regenen over
rechtvaardigen en onrechtvaardigen.

848
00:51:09,570 --> 00:51:13,830
Dat wil zeggen: God is zonder
onderscheid vriendelijk.

849
00:51:13,830 --> 00:51:15,630
Dat zegt Hij hier ook:

850
00:51:15,630 --> 00:51:20,730
Maar heb uw vijanden lief en doe goed,
en leen zonder te hopen iets terug

851
00:51:20,730 --> 00:51:21,871
te krijgen .

852
00:51:21,871 --> 00:51:26,550
Dan zal uw loon groot zijn en zult
u kinderen van de Allerhoogste zijn,

853
00:51:26,550 --> 00:51:30,330
want Hij is goedertieren over
de ondankbaren en slechten.

854
00:51:30,330 --> 00:51:34,290
Het is duidelijk dat Hij
bedoelt: naast alle anderen.

855
00:51:34,290 --> 00:51:38,190
Dat wil zeggen dat God niet beperkt
is in Zijn liefde voor mensen.

856
00:51:38,190 --> 00:51:39,930
Zijn liefde omvat iedereen.

857
00:51:39,930 --> 00:51:44,790
Het woord ‘volmaakt’ in
Mattheüs zou ‘allesomvattend,

858
00:51:44,790 --> 00:51:47,790
grondig of volledig’ betekenen.

859
00:51:47,790 --> 00:51:52,410
Wees volledig in je liefde,
niet beperkt in je liefde.

860
00:51:52,410 --> 00:51:54,510
Wees zoals je Vader is.

861
00:51:54,510 --> 00:51:57,510
Wees barmhartig zoals Hij dat is.

862
00:51:57,510 --> 00:52:02,490
Wees volmaakt, dat wil zeggen:
allesomvattend in je barmhartigheid en je

863
00:52:02,490 --> 00:52:06,390
liefde, niet alleen tegenover
degenen die je vrienden zijn.

864
00:52:06,390 --> 00:52:08,490
De tollenaars doen dat ook.

865
00:52:08,490 --> 00:52:11,070
Jij moet anders zijn dan zij.

866
00:52:11,070 --> 00:52:13,290
Wees niet zoals de tollenaars.

867
00:52:13,290 --> 00:52:19,050
Wees zoals je Vader in de hemel:
volmaakt, volledig, grondig,

868
00:52:19,050 --> 00:52:20,910
onbeperkt in Zijn liefde.

869
00:52:20,910 --> 00:52:24,570
Hij heeft zelfs de goddelozen
en de onrechtvaardigen lief.

870
00:52:24,570 --> 00:52:28,710
Hij laat de zon over hen schijnen
en de regen op hen vallen.

871
00:52:28,710 --> 00:52:32,190
Hij is vriendelijk voor
ondankbare en slechte mensen.

872
00:52:32,190 --> 00:52:37,230
Wat Jezus zegt, is dat de tollenaars en
zondaars dankbaar en vriendelijk zijn

873
00:52:37,230 --> 00:52:41,430
tegenover hun vrienden, maar
niet tegenover hun vijanden.

874
00:52:41,430 --> 00:52:44,550
God is vriendelijk en
liefdevol voor iedereen.

875
00:52:44,550 --> 00:52:49,350
Dus zeg Ik je dat je zoals Hem moet
zijn, en dat is niet onmogelijk.

876
00:52:49,350 --> 00:52:50,670
Het is moeilijk.

877
00:52:50,670 --> 00:52:54,270
Het zou zonder de Geest van God
zelfs onmogelijk kunnen zijn,

878
00:52:54,270 --> 00:52:56,910
maar wij leven niet
zonder de Geest van God.

879
00:52:56,910 --> 00:53:00,510
Het is de bedoeling dat wij de
vrucht van de Geest laten zien.

880
00:53:00,510 --> 00:53:04,950
Daartoe behoort liefde die niet
beperkt is tot alleen onze vrienden.

881
00:53:04,950 --> 00:53:06,630
Die is bovennatuurlijk.

882
00:53:06,630 --> 00:53:10,950
Ik wil iets zeggen over dat
ene zinnetje in vers 35:

883
00:53:10,950 --> 00:53:13,710
Leen uit zonder iets terug te verwachten.

884
00:53:13,710 --> 00:53:16,650
Betekent dit dat we nooit
terugbetaald mogen worden

885
00:53:16,650 --> 00:53:18,750
voor wat we aan mensen uitlenen?

886
00:53:18,750 --> 00:53:21,450
Er is een verschil
tussen uitlenen en geven,

887
00:53:21,450 --> 00:53:24,990
maar hier klinkt het alsof
uitlenen en geven hetzelfde zijn.

888
00:53:24,990 --> 00:53:28,410
Je geeft iemand iets cadeau
en verwacht het niet terug.

889
00:53:28,410 --> 00:53:32,070
Maar als je iets uitleent, verwacht
je normaal gesproken wel dat

890
00:53:32,070 --> 00:53:33,690
je het terugkrijgt.

891
00:53:33,690 --> 00:53:38,370
Dat is het verschil tussen iets
uitlenen en iets cadeau geven.

892
00:53:38,370 --> 00:53:42,450
Waarom zou je dan iets uitlenen
zonder iets terug te verwachten?

893
00:53:42,450 --> 00:53:47,490
Ik denk dat wat Hij zegt ervan uitgaat
dat degene die leent behoeftig is.

894
00:53:47,490 --> 00:53:52,530
In die tijd leende men bijna
uitsluitend geld uit aan arme mensen.

895
00:53:52,530 --> 00:53:56,730
Ze hadden geen banken die zakelijke
leningen en dergelijke verstrekten.

896
00:53:56,730 --> 00:54:00,210
In deze samenleving dienen
de meeste leningen daarvoor.

897
00:54:00,210 --> 00:54:06,390
Maar destijds leende men geld uit aan een
arm iemand die in grote nood verkeerde en

898
00:54:06,390 --> 00:54:08,910
zei: ‘Kun je me hier even helpen?

899
00:54:08,910 --> 00:54:10,530
Ik betaal je terug.

900
00:54:10,530 --> 00:54:12,870
Als je vandaag een
hamburger voor me betaalt,

901
00:54:12,870 --> 00:54:15,570
betaal ik je donderdag
met alle plezier terug.’

902
00:54:15,570 --> 00:54:17,790
Dan zeg je: ‘Weet je wat?

903
00:54:17,790 --> 00:54:19,830
Ik koop die hamburger voor je.

904
00:54:19,830 --> 00:54:22,470
Als je me kunt terugbetalen, is dat prima.

905
00:54:22,470 --> 00:54:25,470
Als je dat niet kunt, is dat ook prima.’

906
00:54:25,470 --> 00:54:28,710
In gedachten laat je het los,
omdat je weet dat hij je misschien

907
00:54:28,710 --> 00:54:30,510
niet kan terugbetalen.

908
00:54:30,510 --> 00:54:33,690
Je gaat hem die last niet
opleggen als hij zo arm is.

909
00:54:33,690 --> 00:54:37,350
Misschien moet hij donderdag opnieuw
lenen in plaats van je donderdag terug te

910
00:54:37,350 --> 00:54:39,810
betalen. Je weet maar nooit.

911
00:54:39,810 --> 00:54:42,390
Misschien blijft hij
maar in nood verkeren.

912
00:54:42,390 --> 00:54:46,710
Je gaat hem niet onder druk zetten en
zeggen: ‘Je bent me nog geld schuldig.’

913
00:54:46,710 --> 00:54:50,070
Je leent het hem en laat
je aanspraak erop los.

914
00:54:50,070 --> 00:54:53,370
Het lijkt op een geschenk,
maar dit is het punt:

915
00:54:53,370 --> 00:54:56,310
sommige mensen lenen liever
iets en betalen het terug

916
00:54:56,310 --> 00:54:58,530
dan dat ze een geschenk aannemen.

917
00:54:58,530 --> 00:55:00,210
Daar zit meer waardigheid in.

918
00:55:00,210 --> 00:55:03,210
Er zit meer waardigheid
in wanneer je zegt:

919
00:55:03,210 --> 00:55:07,290
‘Ik kom op dit moment gewoon een
beetje tekort, maar ik kan dit aan.

920
00:55:07,290 --> 00:55:10,710
Als je me maar een paar dagen
geeft, betaal ik je terug.’

921
00:55:10,710 --> 00:55:15,750
Er zit een zekere waardigheid in
wanneer je zegt: ‘Ik ben geen bedelaar.

922
00:55:15,750 --> 00:55:19,410
Ik krijg alleen een paar dagen
wat hulp en ik ga dit oplossen.

923
00:55:19,410 --> 00:55:21,930
Ik neem mijn verantwoordelijkheid.’

924
00:55:21,930 --> 00:55:25,410
Liefdadigheid ontvangen is vernederender.

925
00:55:25,410 --> 00:55:30,930
Vaak kun je in plaats van liefdadigheid
te geven, zeggen: ‘Hier is een lening.’

926
00:55:30,930 --> 00:55:33,570
Maar in je hart is het liefdadigheid.

927
00:55:33,570 --> 00:55:38,670
Als hij het nooit terugbetaalt, ga jij
je daar in je hart niet druk om maken.

928
00:55:38,670 --> 00:55:40,770
Je gaat hem er niet mee belasten.

929
00:55:40,770 --> 00:55:42,990
Maar hij, degene die het ontvangt,

930
00:55:42,990 --> 00:55:46,710
moet zichzelf verantwoordelijk
achten om het terug te betalen.

931
00:55:46,710 --> 00:55:50,430
Als je geld leent van een
andere christen, zeg je niet:

932
00:55:50,430 --> 00:55:54,630
‘Hij moet niets terugverwachten,
dus ik betaal hem niet terug.’

933
00:55:54,630 --> 00:56:00,330
Nee, jouw verplichting als lener is
anders dan zijn verplichting als uitlener.

934
00:56:00,330 --> 00:56:04,890
Als lener moet je er nauwgezet op
toezien dat je al je schulden betaalt,

935
00:56:04,890 --> 00:56:07,950
omdat je hebt gezegd dat je dat zou doen.

936
00:56:07,950 --> 00:56:11,190
Christenen moeten doen wat
ze zeggen dat ze zullen doen.

937
00:56:11,190 --> 00:56:15,090
Wanneer je een lening aangaat,
beloof je die terug te betalen.

938
00:56:15,090 --> 00:56:17,730
Als je niet kunt terugbetalen,
wil die persoon je

939
00:56:17,730 --> 00:56:20,010
misschien liefdadigheid betonen.

940
00:56:20,010 --> 00:56:23,190
Maar in je hart moet het
zijn: ‘Ik ga betalen,

941
00:56:23,190 --> 00:56:25,770
omdat ik heb gezegd dat ik dat zou doen.

942
00:56:25,770 --> 00:56:27,330
Ik ga niet liegen.

943
00:56:27,330 --> 00:56:30,330
Ik ga deze lening niet onbetaald laten.’

944
00:56:30,330 --> 00:56:34,710
Degene die ontvangt, moet altijd
vastbesloten zijn terug te betalen.

945
00:56:34,710 --> 00:56:38,850
Maar degene die uitleent, moet erop
voorbereid zijn dat hij niet wordt

946
00:56:38,850 --> 00:56:42,090
terugbetaald en moet
daar geen punt van maken.

947
00:56:42,090 --> 00:56:44,490
Dit gaat natuurlijk
over hulp aan de armen.

948
00:56:44,490 --> 00:56:48,750
Als je iemand helpt een nieuwe auto
of een of ander luxeartikel te kopen,

949
00:56:48,750 --> 00:56:51,030
zouden er andere principes gelden.

950
00:56:51,030 --> 00:56:55,350
Dat is namelijk niet de situatie
die Jezus werkelijk voor ogen heeft,

951
00:56:55,350 --> 00:56:58,290
of die iemand in Zijn
tijd voor ogen zou hebben.

952
00:56:58,290 --> 00:57:01,290
Daar gelden ongetwijfeld andere principes.

953
00:57:01,290 --> 00:57:05,790
Al kan het nog steeds zo zijn dat je
uiteindelijk de lening moet kwijtschelden.

954
00:57:05,790 --> 00:57:07,410
Vers 37:

955
00:57:07,410 --> 00:57:10,710
Oordeel niet en u zult
niet geoordeeld worden;

956
00:57:10,710 --> 00:57:14,250
veroordeel niet en u zult
niet veroordeeld worden;

957
00:57:14,250 --> 00:57:17,490
laat los en u zult losgelaten worden.

958
00:57:17,490 --> 00:57:23,250
Geef en aan u zal gegeven worden:
een goede, vastgedrukte, geschudde,

959
00:57:23,250 --> 00:57:26,490
overlopende maat zal men
u in de schoot geven,

960
00:57:26,490 --> 00:57:31,170
want met dezelfde maat waarmee u
meet, zal er bij u ook gemeten worden.

961
00:57:31,170 --> 00:57:36,450
Deze leer wordt aan het begin van Mattheüs
7 wat minder uitvoerig weergegeven:

962
00:57:36,450 --> 00:57:39,570
Oordeel niet, opdat u
niet geoordeeld wordt;

963
00:57:39,570 --> 00:57:43,890
want met dezelfde maat waarmee je
meet, zal ook jou toegemeten worden.

964
00:57:43,890 --> 00:57:44,670
en:

965
00:57:44,670 --> 00:57:47,760
„Vergeef, dan zal jou
ook vergeven worden” —

966
00:57:47,760 --> 00:57:52,051
waar de HSV „laat los”
en „losgelaten” heeft —

967
00:57:52,051 --> 00:57:55,650
zijn eigenlijk uitwerkingen van
hetzelfde principe in enkele

968
00:57:55,650 --> 00:57:58,110
enigszins verschillende situaties.

969
00:57:58,110 --> 00:58:01,470
Zoals je andere mensen behandelt,
zo kun je verwachten dat je zelf

970
00:58:01,470 --> 00:58:03,030
ook behandeld wordt.

971
00:58:03,030 --> 00:58:05,730
Als zij dat niet doen, dan doet God het.

972
00:58:05,730 --> 00:58:08,550
Als je geeft, zullen zij jou teruggeven,

973
00:58:08,550 --> 00:58:11,730
hoewel degene aan wie je
geeft dat misschien niet doet.

974
00:58:11,730 --> 00:58:13,770
Maar God zal jou teruggeven.

975
00:58:13,770 --> 00:58:15,690
God zal jou belonen.

976
00:58:15,690 --> 00:58:19,290
Dat is wat Jezus iets
later in Lukas 14 zegt.

977
00:58:19,290 --> 00:58:24,930
In Lukas 14:12 zei Hij ook tegen
degene die Hem had uitgenodigd:

978
00:58:24,930 --> 00:58:28,350
En Hij zei ook tegen hem
die Hem uitgenodigd had:

979
00:58:28,350 --> 00:58:33,090
Wanneer u een middag- of avondmaaltijd
houdt, roep dan niet uw vrienden,

980
00:58:33,090 --> 00:58:37,110
ook niet uw broers, en niet uw
familieleden of rijke buren,

981
00:58:37,110 --> 00:58:41,550
opdat ook zij u niet op hun beurt
terugvragen en het u vergolden wordt.

982
00:58:41,550 --> 00:58:44,430
Verwacht niet dat zij je
gastvrijheid vergelden.

983
00:58:44,430 --> 00:58:49,590
Wanneer u echter een feestmaaltijd
gereedmaakt, nodig dan armen, verminkten,

984
00:58:49,590 --> 00:58:51,510
kreupelen en blinden.

985
00:58:51,510 --> 00:58:55,830
En u zult zalig zijn, omdat zij
niets hebben om u te vergelden.

986
00:58:55,830 --> 00:58:59,550
Want het zal u vergolden worden in
de opstanding van de rechtvaardigen.

987
00:58:59,550 --> 00:59:04,410
Dus als je aan de armen geeft, kunnen
zij je niet terugbetalen, en dat is goed.

988
00:59:04,410 --> 00:59:07,350
Want als ze dat wel doen,
ben je terugbetaald.

989
00:59:07,350 --> 00:59:11,430
Je verschijnt voor het oordeel en
niemand is je nog iets verschuldigd.

990
00:59:11,430 --> 00:59:15,570
Als je edelmoedige dingen voor mensen
doet en zij je niet terugbetalen,

991
00:59:15,570 --> 00:59:21,030
rekent God dat als Zijn schuld, en Hij
zal je bij de opstanding terugbetalen.

992
00:59:21,030 --> 00:59:24,630
Het is veel beter om door
God terugbetaald te worden.

993
00:59:24,630 --> 00:59:28,230
Daar komt ongetwijfeld rente bij. En dus:

994
00:59:28,230 --> 00:59:31,770
Oordeel niet en u zult
niet geoordeeld worden;

995
00:59:31,770 --> 00:59:35,430
veroordeel niet en u zult
niet veroordeeld worden;

996
00:59:35,430 --> 00:59:38,730
laat los en u zult losgelaten worden.

997
00:59:38,730 --> 00:59:44,430
Geef en aan u zal gegeven worden:
een goede, vastgedrukte, geschudde,

998
00:59:44,430 --> 00:59:47,790
overlopende maat zal men
u in de schoot geven,

999
00:59:47,790 --> 00:59:52,050
want met dezelfde maat waarmee u
meet, zal er bij u ook gemeten worden.

1000
00:59:52,050 --> 00:59:56,190
Op veel plaatsen in het onderwijs
van Jezus wordt dat punt benadrukt.

1001
00:59:56,190 --> 00:59:58,170
Maar hoe zit het hiermee?

1002
00:59:58,170 --> 01:00:02,490
Dit is beslist de Schrifttekst die
het meest verkeerd wordt begrepen,

1003
01:00:02,490 --> 01:00:04,950
in elk geval door ongelovigen.

1004
01:00:04,950 --> 01:00:09,690
Want iedere keer dat je zegt dat iets
wat zij doen verkeerd is, zeggen ze:

1005
01:00:09,690 --> 01:00:12,870
Oordeel niet, dan word
je ook niet geoordeeld.

1006
01:00:12,870 --> 01:00:15,930
Jullie christenen horen niet te oordelen.”

1007
01:00:15,930 --> 01:00:19,770
Wacht eens even. De Bijbel
gebiedt ons te oordelen.

1008
01:00:19,770 --> 01:00:23,430
Op veel plaatsen wordt ons
gezegd dat we moeten oordelen.

1009
01:00:23,430 --> 01:00:29,550
In het Evangelie van Johannes,
hoofdstuk 7, vers 24, zei Jezus zelfs:

1010
01:00:29,550 --> 01:00:34,530
Oordeel niet naar wat voor ogen is,
maar vel een rechtvaardig oordeel.

1011
01:00:34,530 --> 01:00:38,670
Er zijn twee plaatsen waar Jezus
zegt dat we niet moeten oordelen.

1012
01:00:38,670 --> 01:00:42,630
De ene staat in de Bergrede
en de andere staat hier.

1013
01:00:42,630 --> 01:00:44,190
Maar dan zegt Hij:

1014
01:00:44,190 --> 01:00:46,650
Maar oordeel wel rechtvaardig.

1015
01:00:46,650 --> 01:00:52,110
Er is evenzeer een gebod om te oordelen
als een gebod om niet te oordelen.

1016
01:00:52,110 --> 01:00:54,750
Er zijn verschillende soorten oordeel.

1017
01:00:54,750 --> 01:00:59,370
Sommige vormen van oordeel zijn
verboden, andere worden geboden.

1018
01:00:59,370 --> 01:01:03,870
We zijn verplicht over sommige
dingen rechtvaardig te oordelen.

1019
01:01:03,870 --> 01:01:06,090
Welke soort is dan verboden?

1020
01:01:06,090 --> 01:01:11,730
Een oppervlakkig oordeel, oordelen naar
de uiterlijke schijn, is een vergissing.

1021
01:01:11,730 --> 01:01:15,270
Achter wat er gebeurt en
achter de beweegredenen

1022
01:01:15,270 --> 01:01:18,510
gaat namelijk vaak een
diepere waarheid schuil.

1023
01:01:18,510 --> 01:01:22,590
Er zijn omstandigheden waarvan
je niet op de hoogte bent.

1024
01:01:22,590 --> 01:01:28,170
Vorm geen overhaaste oordelen over dingen,
alleen op grond van wat je hebt gezien.

1025
01:01:28,170 --> 01:01:31,110
Maar je moet wel
rechtvaardige oordelen vormen.

1026
01:01:31,110 --> 01:01:35,130
Er zijn veel plaatsen in de Bijbel,
waaronder een aantal in 1 Korinthe,

1027
01:01:35,130 --> 01:01:37,590
die ons zeggen dat we moeten oordelen.

1028
01:01:37,590 --> 01:01:39,990
Paulus zei in 1 Korinthe 2:

1029
01:01:39,990 --> 01:01:42,990
De geestelijke mens
beoordeelt wel alle dingen,

1030
01:01:42,990 --> 01:01:45,690
zelf echter wordt hij
door niemand beoordeeld.

1031
01:01:45,690 --> 01:01:46,770
Hij zegt:

1032
01:01:46,770 --> 01:01:52,050
Ik spreek toch tot u als tot verstandige
mensen , beoordeelt u dan zelf wat ik zeg.

1033
01:01:52,050 --> 01:01:53,190
Hij zegt:

1034
01:01:53,190 --> 01:01:58,410
En laten twee of drie profeten spreken,
en laten de anderen het beoordelen.

1035
01:01:58,410 --> 01:02:02,130
Er zijn nog veel andere plaatsen
waar ons wordt gezegd te oordelen.

1036
01:02:02,130 --> 01:02:03,870
Wat betekent dit dan?

1037
01:02:03,870 --> 01:02:06,990
Oordeel niet en u zult
niet geoordeeld worden;

1038
01:02:06,990 --> 01:02:10,530
veroordeel niet en u zult
niet veroordeeld worden;

1039
01:02:10,530 --> 01:02:13,890
laat los en u zult losgelaten worden.

1040
01:02:13,890 --> 01:02:19,350
Geef en aan u zal gegeven worden:
een goede, vastgedrukte, geschudde,

1041
01:02:19,350 --> 01:02:22,710
overlopende maat zal men
u in de schoot geven,

1042
01:02:22,710 --> 01:02:27,270
want met dezelfde maat waarmee u
meet, zal er bij u ook gemeten worden.

1043
01:02:27,270 --> 01:02:29,730
Dat blijkt duidelijk uit de context.

1044
01:02:29,730 --> 01:02:34,110
Hij zegt dat met de maat die je
gebruikt, jou weer gemeten zal worden.

1045
01:02:34,110 --> 01:02:38,250
Je wilt niet oordelen met een maat die
jou zou veroordelen als die ook voor

1046
01:02:38,250 --> 01:02:39,750
jou werd gebruikt.

1047
01:02:39,750 --> 01:02:43,170
Als je zegt: „Het is verkeerd
om naar de bioscoop te gaan,”

1048
01:02:43,170 --> 01:02:45,750
en je gaat vervolgens
zelf naar de bioscoop,

1049
01:02:45,750 --> 01:02:50,430
dan veroordeelt dezelfde norm waarnaar
je over anderen oordeelt ook jou.

1050
01:02:50,430 --> 01:02:53,670
In de versie van Mattheüs
zegt Jezus eerst:

1051
01:02:53,670 --> 01:02:57,510
Oordeel niet, opdat u
niet geoordeeld wordt;

1052
01:02:57,510 --> 01:03:02,070
Daarna zegt Hij dat als je broeder een
splinter in zijn oog heeft en jij zegt:

1053
01:03:02,070 --> 01:03:06,990
Of, hoe zult u tegen uw broeder zeggen:
Laat toe dat ik de splinter uit uw oog

1054
01:03:06,990 --> 01:03:11,010
haal; en zie, er is een
balk in uw eigen oog?

1055
01:03:11,010 --> 01:03:15,030
terwijl je een balk in je eigen
oog hebt, je een huichelaar bent.

1056
01:03:15,030 --> 01:03:19,890
Dit is een huichelachtig oordeel, waarbij
je doet alsof je beter bent dan zij,

1057
01:03:19,890 --> 01:03:22,710
terwijl je in werkelijkheid
slechter bent dan zij.

1058
01:03:22,710 --> 01:03:27,390
Je oordeelt over hen naar een norm
waardoor jij er slecht vanaf zou komen als

1059
01:03:27,390 --> 01:03:30,450
zij jou naar diezelfde
norm zouden beoordelen.

1060
01:03:30,450 --> 01:03:33,090
Maar Hij zegt in Mattheüs 7 wel:

1061
01:03:33,090 --> 01:03:38,610
Huichelaar, haal eerst de balk uit uw
oog en dan zult u goed kunnen zien om de

1062
01:03:38,610 --> 01:03:41,430
splinter uit het oog
van uw broeder te halen.

1063
01:03:41,430 --> 01:03:45,750
Er is een moment waarop je van nut
kunt zijn bij het beoordelen en

1064
01:03:45,750 --> 01:03:48,510
bekritiseren van het
gedrag van iemand anders,

1065
01:03:48,510 --> 01:03:53,130
en waarop je een zinvol en opbouwend
oordeel over diegene kunt geven.

1066
01:03:53,130 --> 01:03:57,750
Maar dat kan pas nadat je de balk
uit je eigen oog hebt gehaald.

1067
01:03:57,750 --> 01:04:02,130
Jezus ging ervan uit dat
dit mogelijk was. Hij zei:

1068
01:04:02,130 --> 01:04:05,610
Haal hem uit je oog;
dan kun je helder zien.

1069
01:04:05,610 --> 01:04:08,790
Jezus zegt dus niet dat
je nooit moet oordelen.

1070
01:04:08,790 --> 01:04:12,210
Maar je moet niet op een
huichelachtige manier oordelen,

1071
01:04:12,210 --> 01:04:16,350
op basis van een maatstaf
die jouzelf zou veroordelen.

1072
01:04:16,350 --> 01:04:19,950
Dat is precies wat Hij hier
op beide plaatsen zegt.

1073
01:04:19,950 --> 01:04:21,270
Vers 39:

1074
01:04:21,270 --> 01:04:25,050
Hij sprak tot hen een gelijkenis: Een
blinde kan toch niet een blinde op

1075
01:04:25,050 --> 01:04:26,430
de weg geleiden?

1076
01:04:26,430 --> 01:04:28,950
Zullen zij niet beiden in een kuil vallen?

1077
01:04:28,950 --> 01:04:31,350
Een discipel staat niet
boven zijn meester,

1078
01:04:31,350 --> 01:04:35,370
maar iedere volmaakte discipel
zal net als zijn meester zijn.

1079
01:04:35,370 --> 01:04:38,250
Waarom ziet u wel de splinter
in het oog van uw broeder,

1080
01:04:38,250 --> 01:04:41,250
maar merkt u de balk in
uw eigen oog niet op?

1081
01:04:41,250 --> 01:04:46,410
Of hoe kunt u tegen uw broeder zeggen:
Broeder, laat toe dat ik de splinter,

1082
01:04:46,410 --> 01:04:51,450
die in uw oog is, eruit haal, terwijl
u zelf de balk in uw oog niet ziet?

1083
01:04:51,450 --> 01:04:56,130
Huichelaar, haal eerst de balk uit uw
oog en dan zult u goed kunnen zien om de

1084
01:04:56,130 --> 01:04:59,910
splinter, die in het oog van
uw broeder is, eruit te halen.

1085
01:04:59,910 --> 01:05:04,590
Deze kwestie van het verwijderen van de
splinter wordt ingeleid met de uitspraak:

1086
01:05:04,590 --> 01:05:07,230
Hoe kan de ene blinde de andere leiden?

1087
01:05:07,230 --> 01:05:11,610
Als je over iemand oordeelt, vertel je hem
vermoedelijk welke kant hij op moet gaan

1088
01:05:11,610 --> 01:05:13,950
en welke kant hij niet op moet gaan.

1089
01:05:13,950 --> 01:05:16,470
Je zegt: „Dat hoor je niet te doen.

1090
01:05:16,470 --> 01:05:18,090
Dit hoor je te doen.”

1091
01:05:18,090 --> 01:05:19,770
Je geeft leiding.

1092
01:05:19,770 --> 01:05:23,790
Maar als je een balk in je oog
hebt, ben je even blind als hij.

1093
01:05:23,790 --> 01:05:26,610
Het is dus goed om
mensen leiding te geven.

1094
01:05:26,610 --> 01:05:30,510
Het is goed om hun te vertellen
wat goed en wat verkeerd is,

1095
01:05:30,510 --> 01:05:34,770
als je het tenminste bij het rechte
eind hebt en zelf niet blind bent.

1096
01:05:34,770 --> 01:05:37,770
Als je niet blind bent voor
je eigen tekortkomingen,

1097
01:05:37,770 --> 01:05:42,090
dan verkeer je in de positie om
andere mensen leiding te geven.

1098
01:05:42,090 --> 01:05:43,710
Vers 43:

1099
01:05:43,710 --> 01:05:47,550
Want er is geen goede boom die
slechte vrucht voortbrengt,

1100
01:05:47,550 --> 01:05:51,270
en geen slechte boom die
goede vrucht voortbrengt.

1101
01:05:51,270 --> 01:05:54,630
Want iedere boom wordt aan
zijn eigen vrucht gekend.

1102
01:05:54,630 --> 01:05:59,730
Men plukt immers geen vijgen van dorens
en men oogst geen druif van doornstruiken.

1103
01:05:59,730 --> 01:06:04,050
De goede mens brengt het goede voort
uit de goede schat van zijn hart,

1104
01:06:04,050 --> 01:06:08,790
en de slechte mens brengt het slechte
voort uit de slechte schat van zijn hart,

1105
01:06:08,790 --> 01:06:12,390
want uit de overvloed van
het hart spreekt zijn mond.

1106
01:06:12,390 --> 01:06:15,330
In Mattheüs 7 staat iets wat hierop lijkt,

1107
01:06:15,330 --> 01:06:19,110
maar precies dit onderwijs
is in Mattheüs 12 te vinden.

1108
01:06:19,110 --> 01:06:23,070
In Mattheüs 7, in de Bergrede, zegt Jezus:

1109
01:06:23,070 --> 01:06:27,150
Pas op voor de valse profeten, die
in schapenvacht naar u toe komen

1110
01:06:27,150 --> 01:06:29,910
maar vanbinnen roofzuchtige wolven zijn.

1111
01:06:29,910 --> 01:06:31,230
Hij zegt:

1112
01:06:31,230 --> 01:06:34,170
Aan hun vruchten zult u hen herkennen.

1113
01:06:34,170 --> 01:06:38,550
Men plukt toch geen druif van
doornstruiken of vijgen van distels?

1114
01:06:38,550 --> 01:06:42,390
Hij zegt dat een goede boom geen
slechte vrucht kan voortbrengen

1115
01:06:42,390 --> 01:06:46,050
en dat een slechte boom geen
goede vrucht kan voortbrengen.

1116
01:06:46,050 --> 01:06:50,070
Hij geeft dit dus in de context van
het herkennen van een ware profeet

1117
01:06:50,070 --> 01:06:53,970
en een valse profeet aan de
vrucht die zij voortbrengen.

1118
01:06:53,970 --> 01:06:57,330
Hier zegt Hij niets over
ware en valse profeten,

1119
01:06:57,330 --> 01:07:01,770
maar Hij geeft wel aan dat er een
juiste manier is om te oordelen.

1120
01:07:01,770 --> 01:07:05,970
Je kunt een boom beoordelen aan
zijn vrucht. Zijn uitspraak:

1121
01:07:05,970 --> 01:07:09,270
Oordeel niet, opdat u
niet geoordeeld wordt;

1122
01:07:09,270 --> 01:07:11,790
is dus beslist niet absoluut.

1123
01:07:11,790 --> 01:07:14,970
Er zijn andere gevallen
waarin je wel moet oordelen.

1124
01:07:14,970 --> 01:07:19,890
In de parallelle passage in Mattheüs
7 zegt Hij vervolgens zelfs:

1125
01:07:19,890 --> 01:07:24,630
Geef het heilige niet aan de honden,
en werp uw parels niet voor de zwijnen,

1126
01:07:24,630 --> 01:07:28,230
opdat die ze niet op enig
moment met hun poten vertrappen,

1127
01:07:28,230 --> 01:07:30,510
zich omkeren en u verscheuren.

1128
01:07:30,510 --> 01:07:35,790
Om dat op te volgen, moet je beslist
enkele oordelen vellen. Wie is een zwijn?

1129
01:07:35,790 --> 01:07:37,170
Wie is een hond?

1130
01:07:37,170 --> 01:07:41,250
Daar moet ik een beslissing over nemen
voordat ik kan beslissen of ik mijn parels

1131
01:07:41,250 --> 01:07:42,810
voor hen moet werpen.

1132
01:07:42,810 --> 01:07:45,390
Er moeten veel oordelen geveld worden.

1133
01:07:45,390 --> 01:07:50,550
En veel daarvan liggen zelfs besloten
in hetzelfde hoofdstuk, Mattheüs 7,

1134
01:07:50,550 --> 01:07:52,110
dat begint met:

1135
01:07:52,110 --> 01:07:55,470
Oordeel niet, opdat u
niet geoordeeld wordt;

1136
01:07:55,470 --> 01:08:00,570
Het is beslist een vergissing om dat
gebod om niet te oordelen in absolute zin

1137
01:08:00,570 --> 01:08:01,650
op te vatten.

1138
01:08:01,650 --> 01:08:03,990
Nu vers 46:

1139
01:08:03,990 --> 01:08:09,030
Waarom noemt u Mij: Heere,
Heere, en doet niet wat Ik zeg?

1140
01:08:09,030 --> 01:08:13,650
Deze uitspraak is een verkorte versie van
een uitspraak die op dezelfde plaats aan

1141
01:08:13,650 --> 01:08:17,430
het einde van de Bergrede
staat. Daar zei Jezus:

1142
01:08:17,430 --> 01:08:21,150
Niet ieder die tegen
Mij zegt: Heere, Heere,

1143
01:08:21,150 --> 01:08:23,910
zal binnengaan in het
Koninkrijk der hemelen,

1144
01:08:23,910 --> 01:08:27,810
maar wie de wil doet van Mijn
Vader, Die in de hemelen is.

1145
01:08:27,810 --> 01:08:31,170
We hebben dus dezelfde
elementen: iemand zegt:

1146
01:08:31,170 --> 01:08:32,550
Heere, Heere,

1147
01:08:32,550 --> 01:08:35,310
maar doet niet wat de wil van de Vader is.

1148
01:08:35,310 --> 01:08:39,150
En hier stelt Jezus die wil
gelijk aan wat Hij zegt.

1149
01:08:39,150 --> 01:08:42,390
Wat Hij zegt, is de wil van de Vader.

1150
01:08:42,390 --> 01:08:46,350
Vervolgens spreekt Jezus daar in
Mattheüs over degenen die zeggen:

1151
01:08:46,350 --> 01:08:50,670
Velen zullen op die dag tegen
Mij zeggen: Heere, Heere,

1152
01:08:50,670 --> 01:08:56,430
hebben wij niet in Uw Naam geprofeteerd,
en in Uw Naam demonen uitgedreven,

1153
01:08:56,430 --> 01:08:59,250
en in Uw Naam veel krachten gedaan?

1154
01:08:59,250 --> 01:09:02,610
enzovoort. Dat gedeelte
is hier weggelaten.

1155
01:09:02,610 --> 01:09:04,410
Maar waarom noem je Mij:

1156
01:09:04,410 --> 01:09:08,910
Heer, Heer? Betekent „Heer” niet eigenaar?

1157
01:09:08,910 --> 01:09:12,450
Betekent „Heer” niet
iemand die slaven bezit?

1158
01:09:12,450 --> 01:09:16,470
Betekent het feit dat ik Hem Heer
noem niet dat ik een slaaf ben?

1159
01:09:16,470 --> 01:09:19,950
Als ik geen slaaf ben,
waarom noem ik Hem dan Heer?

1160
01:09:19,950 --> 01:09:23,610
En als ik een slaaf ben, waarom
gehoorzaam ik Hem dan niet?

1161
01:09:23,610 --> 01:09:25,770
Het is eigenlijk heel eenvoudig.

1162
01:09:25,770 --> 01:09:31,170
Er is geen reden om iemand Heer te noemen,
tenzij je zegt: „Ik ben jouw slaaf.”

1163
01:09:31,170 --> 01:09:36,510
En als je zegt: „Ik ben jouw slaaf”, dan
is er geen reden om niet te gehoorzamen.

1164
01:09:36,510 --> 01:09:37,890
Waarom zeg je:

1165
01:09:37,890 --> 01:09:42,510
Waarom noemt u Mij: Heere,
Heere, en doet niet wat Ik zeg?

1166
01:09:42,510 --> 01:09:44,190
maar gehoorzaam je niet?

1167
01:09:44,190 --> 01:09:47,370
Het is alsof er geen verband
tussen die twee bestaat.

1168
01:09:47,370 --> 01:09:50,910
En toch, hoeveel christenen denken
niet eens dat het hun plicht is om

1169
01:09:50,910 --> 01:09:52,650
Jezus te gehoorzamen?

1170
01:09:52,650 --> 01:09:57,450
Ze denken dat ze behouden zijn zonder
enige gehoorzaamheid van hun kant.

1171
01:09:57,450 --> 01:10:01,590
Volgens hen is het eenvoudigweg
een kwestie van genade door geloof,

1172
01:10:01,590 --> 01:10:04,290
en komen daar geen
goede werken aan te pas.

1173
01:10:04,290 --> 01:10:06,810
Er wordt geen gehoorzaamheid vereist.

1174
01:10:06,810 --> 01:10:10,890
Ze denken dat gehoorzaamheid
neerkomt op behoud door werken.

1175
01:10:10,890 --> 01:10:15,210
Nee, gehoorzaamheid betekent
eenvoudigweg dat je een Heere hebt,

1176
01:10:15,210 --> 01:10:18,090
en behoud komt doordat je een Heere hebt.

1177
01:10:18,090 --> 01:10:20,970
Je hebt een Heere; je hebt behoud.

1178
01:10:20,970 --> 01:10:23,910
Paulus zei in Romeinen 10:9:

1179
01:10:23,910 --> 01:10:28,590
Als u met uw mond de Heere Jezus belijdt
en met uw hart gelooft dat God Hem uit de

1180
01:10:28,590 --> 01:10:31,530
doden heeft opgewekt, zult u zalig worden.

1181
01:10:31,530 --> 01:10:34,350
Je bent behouden wanneer
je een Heere hebt.

1182
01:10:34,350 --> 01:10:37,170
Totdat je die hebt, ben je niet behouden.

1183
01:10:37,170 --> 01:10:43,470
De Engelse formulering waarop dit betoog
steunt, luidt expliciet: „Jezus is Heer.”

1184
01:10:43,470 --> 01:10:44,790
Maar als je zegt:

1185
01:10:44,790 --> 01:10:48,510
Heer, Heer, dan hoor
je ook te gehoorzamen.

1186
01:10:48,510 --> 01:10:52,590
Het is dus duidelijk dat gehoorzaamheid
aan Jezus niet facultatief is.

1187
01:10:52,590 --> 01:10:56,850
En Hij kan Zich zelfs niet voorstellen
waarom mensen de titel ‘Heere’ zouden

1188
01:10:56,850 --> 01:11:01,410
gebruiken wanneer ze tegen Hem spreken,
als ze niet inzien dat dit hen verplicht

1189
01:11:01,410 --> 01:11:03,690
om te gehoorzamen aan wat Hij zegt.

1190
01:11:03,690 --> 01:11:07,590
Ieder die naar Mij toe komt en
Mijn woorden hoort en ze doet,

1191
01:11:07,590 --> 01:11:10,350
Ik zal u laten zien aan wie hij gelijk is.

1192
01:11:10,350 --> 01:11:12,091
— hij gehoorzaamt ze —

1193
01:11:12,091 --> 01:11:14,670
Hij is gelijk aan een
man die een huis bouwde:

1194
01:11:14,670 --> 01:11:19,170
hij groef en diepte uit en
legde het fundament op de rots.

1195
01:11:19,170 --> 01:11:23,070
Toen de hoge vloed kwam, sloeg
de waterstroom tegen dat huis aan

1196
01:11:23,070 --> 01:11:27,150
en kon het niet doen wankelen,
want het was op de rots gefundeerd.

1197
01:11:27,150 --> 01:11:30,150
Maar wie ze gehoord en
niet gedaan zal hebben,

1198
01:11:30,150 --> 01:11:34,710
is gelijk aan een man die een huis
bouwde op de aarde zonder fundament.

1199
01:11:34,710 --> 01:11:38,850
Toen de waterstroom ertegenaan
sloeg, stortte het meteen in,

1200
01:11:38,850 --> 01:11:41,310
en de val van dat huis was groot.

1201
01:11:41,310 --> 01:11:46,830
— wat hoorde hij? Hij hoorde hier
de leer van Jezus en deed niets,

1202
01:11:46,830 --> 01:11:49,591
wat betekent dat hij
er niet naar handelde —

1203
01:11:49,591 --> 01:11:54,150
De Bergrede eindigt in Mattheüs
7 met diezelfde gelijkenis,

1204
01:11:54,150 --> 01:11:56,670
als we het een gelijkenis mogen noemen.

1205
01:11:56,670 --> 01:12:00,030
Het lijkt meer op een
metafoor of analogie.

1206
01:12:00,030 --> 01:12:03,570
Maar Hij spreekt over mensen
die Zijn woorden hebben gehoord,

1207
01:12:03,570 --> 01:12:06,210
maar ze negeren en er niet naar handelen,

1208
01:12:06,210 --> 01:12:10,590
en over mensen die Zijn woorden
horen en er wel naar handelen.

1209
01:12:10,590 --> 01:12:15,510
Nogmaals, degenen die denken dat het niet
de bedoeling is dat de Bergrede wordt

1210
01:12:15,510 --> 01:12:20,130
gehoorzaamd, maar dat hij alleen bedoeld
is om het idee over te brengen dat we niet

1211
01:12:20,130 --> 01:12:23,910
kunnen gehoorzamen en daarom
in plaats daarvan door

1212
01:12:23,910 --> 01:12:28,410
genade behouden moeten worden,
letten niet goed op. Jezus zei:

1213
01:12:28,410 --> 01:12:33,450
Waarom noemt u Mij: Heere,
Heere, en doet niet wat Ik zeg?

1214
01:12:33,450 --> 01:12:36,570
‘O Heere, ik dacht dat U
ons probeerde te vertellen

1215
01:12:36,570 --> 01:12:38,670
dat we niet kunnen doen wat U zegt.

1216
01:12:38,670 --> 01:12:42,450
Ik dacht dat dit nu juist de
hele strekking van de preek was.’

1217
01:12:42,450 --> 01:12:45,510
Nee, dat is niet de
strekking van deze preek.

1218
01:12:45,510 --> 01:12:48,990
De strekking van de preek
is: ‘Ik ben jullie Heere,

1219
01:12:48,990 --> 01:12:51,450
en jullie horen deze dingen te doen.’

1220
01:12:51,450 --> 01:12:53,970
Als je ze niet doet, ben je een dwaas.

1221
01:12:53,970 --> 01:12:58,350
Je kunt dan net zo goed huizen
op zand bouwen, zonder fundament.

1222
01:12:58,350 --> 01:13:02,130
Als je wijs bent en een huis
wilt bouwen dat standhoudt,

1223
01:13:02,130 --> 01:13:05,011
zul je horen en doen wat Jezus zegt —

1224
01:13:05,011 --> 01:13:08,190
namelijk de dingen die
Hij in deze preek zegt.

1225
01:13:08,190 --> 01:13:11,190
Het is dus duidelijk dat
gehoorzaamheid wordt verwacht,

1226
01:13:11,190 --> 01:13:14,070
en dat gehoorzaamheid wijs is.

1227
01:13:14,070 --> 01:13:18,630
Jezus is niet wettisch en deelt
niet zomaar willekeurige regels uit

1228
01:13:18,630 --> 01:13:22,110
om te zien of je wel of
niet zult gehoorzamen.

1229
01:13:22,110 --> 01:13:26,310
Hij vertelt je hoe je in overeenstemming
met de werkelijkheid moet leven,

1230
01:13:26,310 --> 01:13:29,130
en God is de voornaamste werkelijkheid.

1231
01:13:29,130 --> 01:13:33,210
De voornaamste werkelijkheid waarvan
de meeste mensen op aarde zich niet

1232
01:13:33,210 --> 01:13:35,430
bewust zijn, is God.

1233
01:13:35,430 --> 01:13:38,550
Als je in overeenstemming met
de werkelijkheid wilt leven,

1234
01:13:38,550 --> 01:13:42,330
kun je maar beter in
overeenstemming met God leven.

1235
01:13:42,330 --> 01:13:46,950
En Zijn leer vertelt je hoe je dat
doet: wat God wil dat mensen doen,

1236
01:13:46,950 --> 01:13:50,850
waarvoor Hij mensen heeft
ontworpen, wat Hij kan goedkeuren

1237
01:13:50,850 --> 01:13:52,950
en wat Hij niet kan goedkeuren.

1238
01:13:52,950 --> 01:13:58,230
Als een man zijn huis op zand bouwt, leeft
hij niet in contact met de werkelijkheid.

1239
01:13:58,230 --> 01:14:02,310
Er zijn waterstromen,
stormen en overstromingen.

1240
01:14:02,310 --> 01:14:07,170
Iedereen die een huis bouwt, beseft dat er
iets stevigers dan zand moet zijn om het

1241
01:14:07,170 --> 01:14:11,550
op te bouwen, tenzij hij een
buitengewoon grote dwaas is.

1242
01:14:11,550 --> 01:14:15,570
Als iemand dat deed, zou hij
daarmee laten zien dat hij beslist

1243
01:14:15,570 --> 01:14:17,310
bijzonder onverstandig was.

1244
01:14:17,310 --> 01:14:22,410
Zo is ook iedereen die zijn leven leidt
en veronachtzaamt wat Jezus heeft gezegd,

1245
01:14:22,410 --> 01:14:27,031
net zozeer het contact met de
werkelijkheid — de werkelijkheid van God —

1246
01:14:27,031 --> 01:14:31,350
kwijt als een man het contact kwijt
is met de werkelijkheid van de natuur,

1247
01:14:31,350 --> 01:14:33,930
het weer en het bouwen van huizen.

1248
01:14:33,930 --> 01:14:36,210
De man die zijn huis op een rots bouwt,

1249
01:14:36,210 --> 01:14:40,890
houdt eenvoudigweg rekening met de wetten
van de natuurkunde, de natuurwetten,

1250
01:14:40,890 --> 01:14:45,390
de manier waarop het weer werkt
en de manier waarop bouwen werkt.

1251
01:14:45,390 --> 01:14:48,870
In wezen handelt hij in
overeenstemming met de werkelijkheid

1252
01:14:48,870 --> 01:14:50,430
en tart hij haar niet.

1253
01:14:50,430 --> 01:14:55,530
Iemand die hoort wat Jezus zegt en het
niet doet, tart dus de werkelijkheid.

1254
01:14:55,530 --> 01:14:59,190
De voornaamste werkelijkheid
is dat er een God is.

1255
01:14:59,190 --> 01:15:02,550
En het gevolg daarvan,
zoals Mattheüs in dit geval

1256
01:15:02,550 --> 01:15:07,530
sterker naar voren brengt dan Lukas,
is dat er een oordeel van God is.

1257
01:15:07,530 --> 01:15:11,610
De context waarin Mattheüs dit
specifieke verhaal weergeeft,

1258
01:15:11,610 --> 01:15:16,350
zou zelfs kunnen suggereren dat het vallen
of blijven staan van het huis te maken

1259
01:15:16,350 --> 01:15:20,430
heeft met wat er op de oordeelsdag
met de persoon gebeurt.

1260
01:15:20,430 --> 01:15:22,710
In Psalm 1:5 staat dat

1261
01:15:22,710 --> 01:15:26,370
de goddelozen niet zullen
standhouden in het gericht.

1262
01:15:26,370 --> 01:15:30,750
Ze zullen wel in het oordeel zijn,
maar ze zullen niet blijven staan.

1263
01:15:30,750 --> 01:15:32,430
Ze zullen vallen.

1264
01:15:32,430 --> 01:15:36,570
Zo zullen ook bij het oordeel op
de laatste dag degenen die Christus

1265
01:15:36,570 --> 01:15:38,610
volgen, blijven staan.

1266
01:15:38,610 --> 01:15:41,730
Degenen die dat niet doen, zullen vallen.

1267
01:15:41,730 --> 01:15:46,110
In dit geval zou het zelfs kunnen
verwijzen naar een overstroming en

1268
01:15:46,110 --> 01:15:48,390
storm in de nabije toekomst.

1269
01:15:48,390 --> 01:15:52,650
Nogmaals, het jaar 70 na
Christus stond voor de deur,

1270
01:15:52,650 --> 01:15:55,590
en dat zou een storm van
enorme omvang worden.

1271
01:15:55,590 --> 01:15:58,950
Het zou het leven van ieder
mens op de proef stellen.

1272
01:15:58,950 --> 01:16:03,150
Sommigen zouden vallen onder
de veroordeling van Gods toorn.

1273
01:16:03,150 --> 01:16:05,670
Anderen zouden die overleven.

1274
01:16:05,670 --> 01:16:08,550
Het verschil tussen degenen
die zouden blijven staan

1275
01:16:08,550 --> 01:16:12,330
en degenen die zouden vallen, is
het verschil tussen degenen die Zijn

1276
01:16:12,330 --> 01:16:15,690
discipelen waren en Zijn
woorden gehoorzaamden,

1277
01:16:15,690 --> 01:16:18,150
en degenen die dat niet waren.

1278
01:16:18,150 --> 01:16:23,010
Voor Lukas is dit een tamelijk omvangrijk
voorbeeld van Jezus’ onderwijs.

1279
01:16:23,010 --> 01:16:27,090
Er staan in Lukas zelfs nog
omvangrijkere voorbeelden.

1280
01:16:27,090 --> 01:16:30,030
Nogmaals, ik kan het
probleem niet oplossen

1281
01:16:30,030 --> 01:16:34,170
of dit dezelfde toespraak is
als de Bergrede of een andere.

1282
01:16:34,170 --> 01:16:35,910
Het doet er nauwelijks toe.

1283
01:16:35,910 --> 01:16:40,830
Het is een echte toespraak, en of die nu
overeenkomt met een andere toespraak of op

1284
01:16:40,830 --> 01:16:45,330
zichzelf staat, het onderwijs
ervan blijft bindend voor hen die

1285
01:16:45,330 --> 01:16:46,710
discipelen van Jezus willen zijn.
