1
00:00:02,070 --> 00:00:04,230
Welkom bij Vers voor Vers!

2
00:00:04,230 --> 00:00:09,210
Deze keer behandelen we Maleachi
hoofdstuk 1 tot en met 4.

3
00:00:09,210 --> 00:00:13,650
Het boek Maleachi is het derde van
de profeten na de ballingschap.

4
00:00:13,650 --> 00:00:18,390
Er waren, zoals je weet, drie profeten die
spraken tot de ballingen die uit Babylon

5
00:00:18,390 --> 00:00:22,230
terugkeerden, de Joodse ballingen
die naar Jeruzalem terugkeerden

6
00:00:22,230 --> 00:00:24,330
en de tempel herbouwden.

7
00:00:24,330 --> 00:00:26,730
Drie profeten spraken tot hen.

8
00:00:26,730 --> 00:00:30,630
Twee van hen waren tijdgenoten,
Zacharia en Haggaï,

9
00:00:30,630 --> 00:00:32,790
en we hebben hun boeken al bekeken.

10
00:00:32,790 --> 00:00:34,290
Het is niet met zekerheid bekend

11
00:00:34,290 --> 00:00:38,370
wanneer Maleachi precies
profeteerde en wanneer hij leefde.

12
00:00:38,370 --> 00:00:40,890
Op grond van aanwijzingen
in het boek zelf wordt

13
00:00:40,890 --> 00:00:44,910
aangenomen dat het waarschijnlijk ongeveer
tachtig jaar na de terugkeer van de

14
00:00:44,910 --> 00:00:48,750
ballingen was, heel goed
mogelijk na de tijd van Nehemia.

15
00:00:48,750 --> 00:00:52,890
In Maleachi 1:8 wordt naar
de landvoogd verwezen.

16
00:00:52,890 --> 00:00:55,290
Misschien is het
verleidelijk om te speculeren

17
00:00:55,290 --> 00:00:58,410
of die landvoogd Nehemia
zou kunnen zijn geweest,

18
00:00:58,410 --> 00:01:00,570
maar dat is niet zonder
meer waarschijnlijk.

19
00:01:00,570 --> 00:01:04,590
Het lijkt erop dat de geestelijke
toestand van de teruggekeerde ballingen,

20
00:01:04,590 --> 00:01:09,810
toen Maleachi schreef, op een lager peil
stond dan Nehemia zou hebben toegelaten.

21
00:01:09,810 --> 00:01:13,110
Nehemia trof inderdaad problemen
aan toen hij daar kwam,

22
00:01:13,110 --> 00:01:15,330
maar hij liet die niet voortbestaan.

23
00:01:15,330 --> 00:01:20,070
We vinden in het boek Nehemia nergens een
vermelding dat Nehemia hulp kreeg van een

24
00:01:20,070 --> 00:01:24,510
profeet als Maleachi, anders
dan bij Zerubbabel en Jozua,

25
00:01:24,510 --> 00:01:26,850
die in het boek Ezra worden genoemd.

26
00:01:26,850 --> 00:01:31,110
Ezra vermeldt dat de profeten
Zacharia en Haggaï betrokken waren

27
00:01:31,110 --> 00:01:33,210
bij het aanmoedigen van het werk.

28
00:01:33,210 --> 00:01:37,350
Maleachi hoort waarschijnlijk thuis in
een latere tijd dan die van Nehemia.

29
00:01:37,350 --> 00:01:41,070
Daarmee zou het het boek van
het Oude Testament zijn dat als

30
00:01:41,070 --> 00:01:46,350
laatste is geschreven, naar algemeen
wordt aangenomen bijna precies vierhonderd

31
00:01:46,350 --> 00:01:48,270
jaar vóór Christus.

32
00:01:48,270 --> 00:01:52,890
Met de afsluiting van het boek
Maleachi sluit het Oude Testament af

33
00:01:52,890 --> 00:01:56,550
en gaan we een periode van
vierhonderd jaar in die gewoonlijk,

34
00:01:56,550 --> 00:02:01,950
om voor de hand liggende redenen, de
intertestamentaire periode wordt genoemd.

35
00:02:01,950 --> 00:02:05,310
Die omvat de tijd tussen het
einde van het Oude Testament

36
00:02:05,310 --> 00:02:07,950
en het begin van het Nieuwe Testament.

37
00:02:07,950 --> 00:02:11,790
In Maleachi hebben we Gods
laatste woord tot de Joden,

38
00:02:11,790 --> 00:02:16,170
met natuurlijk als uitzondering
dat van Johannes de Doper en Jezus.

39
00:02:16,170 --> 00:02:20,970
Dat kwam vierhonderd jaar later, toen
God op het punt stond het nieuwe verbond

40
00:02:20,970 --> 00:02:22,170
in te voeren.

41
00:02:22,170 --> 00:02:27,450
Het boek Maleachi eindigt eigenlijk met
de dreiging dat God zou kunnen komen.

42
00:02:27,450 --> 00:02:33,810
In onze vertaling, de New King
James, staat in Maleachi 4:6:

43
00:02:33,810 --> 00:02:37,050
Hij zal het hart van de vaders
tot de kinderen terugbrengen,

44
00:02:37,050 --> 00:02:39,570
en het hart van de
kinderen tot hun vaders,

45
00:02:39,570 --> 00:02:43,470
opdat Ik niet zal komen en de
aarde met de ban zal slaan.

46
00:02:43,470 --> 00:02:47,790
Maar het Engelse woord ‘earth’,
eretz in het Hebreeuws,

47
00:02:47,790 --> 00:02:50,310
kan vertaald worden als ‘land’.

48
00:02:50,310 --> 00:02:54,930
De New American Standard vertaalt
het inderdaad als ‘land’:

49
00:02:54,930 --> 00:02:58,350
anders kom Ik en tref Ik
het land met een vloek.

50
00:02:58,350 --> 00:03:02,490
Het lijkt erop dat God Zijn geïnspireerde
woorden in het Oude Testament

51
00:03:02,490 --> 00:03:07,470
afsluit met de dreiging dat de Joden het
gevaar zouden lopen dat Hij zou komen

52
00:03:07,470 --> 00:03:11,790
en hun land met een vloek zou treffen
als ze hun leven niet beteren.

53
00:03:11,790 --> 00:03:16,410
Het Oude Testament eindigt in zekere
zin op een nogal negatieve toon.

54
00:03:16,410 --> 00:03:20,010
Het is een beetje deprimerend om dit te
beseffen na alles wat er daarvoor in de

55
00:03:20,010 --> 00:03:22,590
geschiedenis van het Oude
Testament is gebeurd:

56
00:03:22,590 --> 00:03:26,610
de waarschuwingen van de profeten,
de Babylonische ballingschap,

57
00:03:26,610 --> 00:03:31,170
de bekering van een overblijfsel
en hun terugkeer, enzovoort.

58
00:03:31,170 --> 00:03:34,590
Maar het laatste wat we in het
Oude Testament over de Joden horen,

59
00:03:34,590 --> 00:03:37,290
is dat ze opnieuw van God afdwalen.

60
00:03:37,290 --> 00:03:39,870
Dat kunnen we zien aan wat Maleachi zegt.

61
00:03:39,870 --> 00:03:42,690
Om te beginnen twijfelden
ze aan Gods liefde.

62
00:03:42,690 --> 00:03:44,970
Ze stelden in vers 2 de vraag:

63
00:03:44,970 --> 00:03:47,850
Hoe hebt U dan laten
zien dat U van ons houdt?

64
00:03:47,850 --> 00:03:51,630
Alsof ze God op dat punt ter
verantwoording wilden roepen:

65
00:03:51,630 --> 00:03:54,510
‘U hebt ons toch
eigenlijk niet liefgehad?’

66
00:03:54,510 --> 00:03:59,190
Ze leerden of geloofden dat het geen
voordeel opleverde om God te dienen.

67
00:03:59,190 --> 00:04:01,950
In hoofdstuk 2, vers 17, zeggen ze:

68
00:04:01,950 --> 00:04:08,070
U vermoeit de HEERE met uw woorden,
toch zegt u: Waarmee vermoeien wij Hem?

69
00:04:08,070 --> 00:04:13,050
Doordat u zegt: Iedereen die kwaad
doet, is in de ogen van de HEERE goed,

70
00:04:13,050 --> 00:04:15,090
Híj is hun genegen.

71
00:04:15,090 --> 00:04:18,150
Of: Waar is de God van het oordeel?

72
00:04:18,150 --> 00:04:19,410
En ze zeggen:

73
00:04:19,410 --> 00:04:24,450
Iedereen die kwaad doet, is goed in de
ogen van de Heer, en Hij is blij met ze.

74
00:04:24,450 --> 00:04:25,410
Of:

75
00:04:25,410 --> 00:04:28,350
Waar is de God die voor
gerechtigheid zorgt?

76
00:04:28,350 --> 00:04:31,350
Wat ze zeggen, is dat
het erop lijkt dat God

77
00:04:31,350 --> 00:04:34,890
degenen die kwaad doen
behandelt alsof ze goed doen.

78
00:04:34,890 --> 00:04:39,330
Hij lijkt behagen in hen te hebben,
omdat het de goddelozen goed gaat.

79
00:04:39,330 --> 00:04:42,270
Waar is de God die voor
gerechtigheid zorgt?

80
00:04:42,270 --> 00:04:46,770
‘Waar is de God Die goedheid
beloont en Die het kwaad straft?’

81
00:04:46,770 --> 00:04:48,210
Dat is wat ze vragen.

82
00:04:48,210 --> 00:04:52,350
Daarmee suggereren ze dat God hen
niet voor hun gerechtigheid beloont

83
00:04:52,350 --> 00:04:56,610
zoals ze hadden verwacht, en dat er
misschien geen voordeel te behalen valt

84
00:04:56,610 --> 00:04:58,470
door God te dienen.

85
00:04:58,470 --> 00:05:04,110
Ze zeggen het nog uitdrukkelijker in
hoofdstuk 3, vers 13 tot en met 15:

86
00:05:04,110 --> 00:05:08,130
Uw woorden tegen Mij waren
te hard, zegt de HEERE.

87
00:05:08,130 --> 00:05:12,510
Maar u zegt: Wat hebben wij
onder elkaar tegen U gesproken?

88
00:05:12,510 --> 00:05:16,290
U zegt: God dienen is nutteloos!

89
00:05:16,290 --> 00:05:20,670
Wat voor nut heeft het dat wij onze
taak ten behoeve van Hem vervullen

90
00:05:20,670 --> 00:05:23,970
en dat wij in het zwart gaan
voor het aangezicht van de HEERE

91
00:05:23,970 --> 00:05:25,650
van de legermachten?

92
00:05:25,650 --> 00:05:28,890
Welnu, wij prijzen de
hoogmoedigen gelukkig:

93
00:05:28,890 --> 00:05:32,610
niet alleen worden zij die
goddeloosheid doen, opgebouwd,

94
00:05:32,610 --> 00:05:35,970
zelfs als zij God beproeven, ontkomen zij.

95
00:05:35,970 --> 00:05:37,770
Dit is hun houding.

96
00:05:37,770 --> 00:05:41,430
Ze vinden dat het dienen van
God weinig waarde heeft gehad.

97
00:05:41,430 --> 00:05:44,610
Het levert niets op. Het is nutteloos.

98
00:05:44,610 --> 00:05:47,670
Ze denken dit omdat het hun
natuurlijk niet zo goed ging

99
00:05:47,670 --> 00:05:50,250
als ze vonden dat het hun zou moeten gaan.

100
00:05:50,250 --> 00:05:54,450
Maar Maleachi wijst erop dat de
reden waarom het hun niet goed gaat,

101
00:05:54,450 --> 00:05:58,230
is dat ze vanwege hun zonden
onder Gods vloek liggen.

102
00:05:58,230 --> 00:06:01,830
Het gaat mensen maar heel
zelden goed onder Gods vloek.

103
00:06:01,830 --> 00:06:07,350
We zien dat ze op dit punt hun aanbidding
van God niet helemaal hadden opgegeven.

104
00:06:07,350 --> 00:06:12,510
Ze brachten God nog steeds offers,
maar ze deden dat beslist halfslachtig.

105
00:06:12,510 --> 00:06:15,570
Hun aanbidding van God was niet krachtig.

106
00:06:15,570 --> 00:06:17,370
Die was lusteloos.

107
00:06:17,370 --> 00:06:21,390
Ze brachten God dieren
van mindere kwaliteit.

108
00:06:21,390 --> 00:06:24,750
Sterker nog, dieren die
volgens de wet niet als

109
00:06:24,750 --> 00:06:26,490
offer gebracht hadden mogen worden.

110
00:06:26,490 --> 00:06:29,610
Met andere woorden, ze
gaven God wat voor henzelf

111
00:06:29,610 --> 00:06:33,930
weinig waarde had en wat hun
dus geen erg groot offer kostte.

112
00:06:33,930 --> 00:06:37,650
Dat laat duidelijk zien dat hun
liefde voor God tekortschoot.

113
00:06:37,650 --> 00:06:41,550
Een ander kenmerk van hun futloze
godsdienst is dat ze verzuimden hun

114
00:06:41,550 --> 00:06:43,050
tienden te betalen.

115
00:06:43,050 --> 00:06:47,010
Dat was het middel dat God had ingesteld
om de Levieten, de dienaren van het

116
00:06:47,010 --> 00:06:48,810
volk, te onderhouden.

117
00:06:48,810 --> 00:06:51,870
Deze mannen konden niet
onderhouden worden als de andere

118
00:06:51,870 --> 00:06:54,270
stammen hun tien procent niet betaalden.

119
00:06:54,270 --> 00:06:58,890
Het volk verwaarloosde dat, en dat
betekende dat de priesters en de Levieten

120
00:06:58,890 --> 00:07:01,290
zelf de broekriem moesten aanhalen.

121
00:07:01,290 --> 00:07:05,070
Misschien was een ander bewijs van
hun gebrek aan vroomheid op dat moment

122
00:07:05,070 --> 00:07:08,250
dat ze zich niet eens aan hun
huwelijksbeloften hielden.

123
00:07:08,250 --> 00:07:12,030
Ze verlieten hun vrouwen, ze
scheidden van hun vrouwen.

124
00:07:12,030 --> 00:07:14,490
God moest hen daarvoor terechtwijzen.

125
00:07:14,490 --> 00:07:17,850
Het lijkt erop, althans
volgens één uitleg,

126
00:07:17,850 --> 00:07:21,930
dat ze misschien hun Joodse vrouwen
verlieten om te trouwen met heidense

127
00:07:21,930 --> 00:07:24,270
vrouwen die andere goden aanbaden.

128
00:07:24,270 --> 00:07:28,650
Dat hangt ervan af hoe we
hoofdstuk 2, vers 11 begrijpen.

129
00:07:28,650 --> 00:07:31,710
Daar zullen we over spreken
als we daar zijn aangekomen.

130
00:07:31,710 --> 00:07:36,210
Hoe dan ook, we zien deze negatieve
dingen in de Joodse gemeenschap:

131
00:07:36,210 --> 00:07:40,350
God halfslachtig aanbidden,
minderwaardige offers brengen,

132
00:07:40,350 --> 00:07:44,070
verzuimen tienden te betalen,
scheiden van hun vrouwen,

133
00:07:44,070 --> 00:07:48,030
mogelijk met heidense vrouwen
trouwen, klagen tegen God.

134
00:07:48,030 --> 00:07:52,050
De profeet Maleachi kwam hen waarschuwen
dat de houding die ze lieten zien voor God

135
00:07:52,050 --> 00:07:56,190
niet aanvaardbaar was, en dat hun
een oordeel te wachten stond als ze

136
00:07:56,190 --> 00:07:57,750
zich niet bekeerden.

137
00:07:57,750 --> 00:08:00,630
Hij brengt vaak een
beschuldiging tegen hen in.

138
00:08:00,630 --> 00:08:03,210
En wat de hardnekkigheid
van het volk laat zien,

139
00:08:03,210 --> 00:08:06,330
is dat ze bijna nooit ergens
van beschuldigd worden

140
00:08:06,330 --> 00:08:08,070
zonder dat ze ertegen ingaan.

141
00:08:08,070 --> 00:08:12,630
Als je Maleachi hebt gelezen, zal je een
van de opvallendste kenmerken van het boek

142
00:08:12,630 --> 00:08:16,950
zijn opgevallen: God brengt een
beschuldiging tegen het volk in,

143
00:08:16,950 --> 00:08:21,930
en ze zeggen bijna steevast zoiets
als: ‘O ja? Bewijs het maar.’

144
00:08:21,930 --> 00:08:24,990
Hij begint in vers 2 van hoofdstuk 1:

145
00:08:24,990 --> 00:08:31,290
Ik heb u liefgehad, zegt de HEERE, maar
u zegt: Waarin hebt U ons liefgehad?

146
00:08:31,290 --> 00:08:35,370
Was Ezau niet de broer van
Jakob? spreekt de HEERE.

147
00:08:35,370 --> 00:08:37,410
Toch heb Ik Jakob liefgehad,

148
00:08:37,410 --> 00:08:41,550
Verderop in hoofdstuk 1, aan
het eind van vers 6, staat:

149
00:08:41,550 --> 00:08:45,210
Een zoon eert zijn vader
en een slaaf zijn heer.

150
00:08:45,210 --> 00:08:48,690
Als Ik dan een Vader ben,
waar is de eerbied voor Mij?

151
00:08:48,690 --> 00:08:52,050
En als Ik een Heer ben,
waar is de vrees voor Mij?

152
00:08:52,050 --> 00:08:57,330
zegt de HEERE van de legermachten tegen
u, priesters die Mijn Naam verachten.

153
00:08:57,330 --> 00:09:00,990
Maar u zegt: Waardoor
verachten wij Uw Naam?

154
00:09:00,990 --> 00:09:04,110
Terwijl Hij hun net heeft
gezegd dat ze dat doen.

155
00:09:04,110 --> 00:09:06,150
In vers 7 zegt Hij:

156
00:09:06,150 --> 00:09:09,510
Doordat u onrein brood
op Mijn altaar brengt.

157
00:09:09,510 --> 00:09:13,410
En u zegt: Waardoor maken wij U onrein?

158
00:09:13,410 --> 00:09:18,090
Doordat u zegt: De tafel van
de HEERE, die is verachtelijk.

159
00:09:18,090 --> 00:09:21,030
Dat is hoofdstuk 1, vers 7.

160
00:09:21,030 --> 00:09:23,790
Hetzelfde gebeurt nog vele andere keren.

161
00:09:23,790 --> 00:09:26,310
In hoofdstuk 2, vers 14:

162
00:09:26,310 --> 00:09:28,650
Dan zegt u: Waarom?

163
00:09:28,650 --> 00:09:32,670
Omdat de HEERE Getuige is tussen
u en de vrouw van uw jeugd,

164
00:09:32,670 --> 00:09:37,950
tegen wie ú trouweloos handelt, terwijl
zíj toch uw metgezellin en de vrouw van

165
00:09:37,950 --> 00:09:39,390
uw verbond is.

166
00:09:39,390 --> 00:09:42,090
Of in hoofdstuk 2, vers 17:

167
00:09:42,090 --> 00:09:47,490
U vermoeit de HEERE met uw woorden,
toch zegt u: Waarmee vermoeien wij Hem?

168
00:09:47,490 --> 00:09:52,650
Doordat u zegt: Iedereen die kwaad
doet, is in de ogen van de HEERE goed,

169
00:09:52,650 --> 00:09:54,630
Híj is hun genegen.

170
00:09:54,630 --> 00:09:57,270
Of: Waar is de God van het oordeel?

171
00:09:57,270 --> 00:10:02,070
Ze vragen niet alleen maar om
informatie; ze trotseren de profeet.

172
00:10:02,070 --> 00:10:05,130
Ze trotseren God, Die deze klachten uit.

173
00:10:05,130 --> 00:10:08,850
Ze zeggen: ‘O ja? Wij zien dat niet zo.

174
00:10:08,850 --> 00:10:12,570
Hoe komt U erbij om dat zo
te zien? Bewijs het maar.

175
00:10:12,570 --> 00:10:15,570
In welk opzicht hebben
wij gedaan wat U zegt?’

176
00:10:15,570 --> 00:10:19,290
In hoofdstuk 3, vers
7, staat aan het eind:

177
00:10:19,290 --> 00:10:23,070
Sinds de dagen van uw vaderen bent
u afgeweken van Mijn verordeningen,

178
00:10:23,070 --> 00:10:25,530
en hebt u ze niet in acht genomen.

179
00:10:25,530 --> 00:10:28,230
Keer terug naar Mij, en
Ik zal naar u terugkeren,

180
00:10:28,230 --> 00:10:30,510
zegt de HEERE van de legermachten.

181
00:10:30,510 --> 00:10:34,530
Maar u zegt: In welk opzicht
moeten wij terugkeren?

182
00:10:34,530 --> 00:10:39,270
In vers 8 van hetzelfde hoofdstuk,
hoofdstuk 3, vers 8, zegt Hij:

183
00:10:39,270 --> 00:10:41,670
Zou een mens God beroven?

184
00:10:41,670 --> 00:10:44,070
Werkelijk, u berooft Mij!

185
00:10:44,070 --> 00:10:50,010
En dan zegt u: Waarvan beroven wij
U? Van de tienden en het hefoffer!

186
00:10:50,010 --> 00:10:54,810
We zien hier dus werkelijk verzet, zelfs
tegen de terechtwijzingen van de profeet.

187
00:10:54,810 --> 00:10:57,330
Ze zijn niet bereid zich
iets te laten leren.

188
00:10:57,330 --> 00:10:59,790
Hun hart is niet zacht tegenover God.

189
00:10:59,790 --> 00:11:01,650
Ze hebben God niet lief.

190
00:11:01,650 --> 00:11:03,990
Natuurlijk zegt de profeet uiteindelijk:

191
00:11:03,990 --> 00:11:07,230
Hij zal het hart van de vaders
tot de kinderen terugbrengen,

192
00:11:07,230 --> 00:11:09,690
en het hart van de
kinderen tot hun vaders,

193
00:11:09,690 --> 00:11:13,650
opdat Ik niet zal komen en de
aarde met de ban zal slaan.

194
00:11:13,650 --> 00:11:18,090
Misschien is het treurigste wel dat we
niet lezen hoe ze uiteindelijk reageerden.

195
00:11:18,090 --> 00:11:21,870
Naarmate de profetie in het boek
vordert, lijken ze in elk geval niet

196
00:11:21,870 --> 00:11:23,730
gunstig te reageren.

197
00:11:23,730 --> 00:11:25,530
Ze lijken zich te verzetten.

198
00:11:25,530 --> 00:11:29,370
Of ze uiteindelijk, toen het boek
ten einde was, wel reageerden,

199
00:11:29,370 --> 00:11:30,990
moet nog worden bekeken.

200
00:11:30,990 --> 00:11:35,130
Het slot van het boek voorspelt natuurlijk
in feite de komst van Johannes de Doper.

201
00:11:35,130 --> 00:11:37,770
Dat weten we omdat Jezus ernaar verwijst

202
00:11:37,770 --> 00:11:41,550
en hem zo identificeert in
de slotverzen van Maleachi:

203
00:11:41,550 --> 00:11:46,890
Zie, Ik zend tot u de profeet Elia,
voordat de dag van de HEERE komt,

204
00:11:46,890 --> 00:11:49,950
die grote en ontzagwekkende dag.

205
00:11:49,950 --> 00:11:54,270
Dit is Maleachi 4, vers 5 en 6.

206
00:11:54,270 --> 00:11:58,950
Deze vreselijke dag van de Heere is Gods
komst om het land te treffen met deze

207
00:11:58,950 --> 00:12:01,470
vloek waarmee Hij hier dreigt.

208
00:12:01,470 --> 00:12:06,390
Het dreigement is dat God hun nog
één kans zal geven om zich te bekeren

209
00:12:06,390 --> 00:12:08,730
voordat Hij het land met de vloek treft.

210
00:12:08,730 --> 00:12:12,750
Als ze deze laatste keer gehoor geven,
zal Hij het land misschien niet met

211
00:12:12,750 --> 00:12:14,070
de vloek treffen.

212
00:12:14,070 --> 00:12:18,990
Maar Hij zal het nog één kans geven
wanneer Hij de profeet Elia zendt.

213
00:12:18,990 --> 00:12:22,830
We weten uit Jezus’ eigen
onderwijs dat Jezus zei:

214
00:12:22,830 --> 00:12:27,930
En als u het wilt aannemen:
hij is Elia, die komen zou.

215
00:12:27,930 --> 00:12:32,910
En Hij verwees naar Maleachi, omdat
de discipelen ernaar hadden gevraagd.

216
00:12:32,910 --> 00:12:37,050
Johannes de Doper was dus deze
vervulling van de komst van Elia.

217
00:12:37,050 --> 00:12:39,510
God zei dat Hij Elia zou zenden:

218
00:12:39,510 --> 00:12:43,110
voordat die grote, verschrikkelijke
dag van de Heer komt.

219
00:12:43,110 --> 00:12:46,020
Ik ben van mening, en
dat zal niemand verbazen,

220
00:12:46,020 --> 00:12:52,410
dat de grote en ontzagwekkende dag van
de Heere in het jaar 70 na Christus over

221
00:12:52,410 --> 00:12:54,030
Israël is gekomen.

222
00:12:54,030 --> 00:12:58,590
Toen Johannes de Doper verscheen,
voorspelde hij dat. Hij zei:

223
00:12:58,590 --> 00:13:04,170
Zijn wan is in Zijn hand en Hij zal
Zijn dorsvloer grondig reinigen en Zijn

224
00:13:04,170 --> 00:13:10,110
tarwe in de schuur verzamelen en Hij zal
het kaf met onuitblusbaar vuur verbranden.

225
00:13:10,110 --> 00:13:14,610
Johannes sprak over een naderend
oordeel over het volk Israël.

226
00:13:14,610 --> 00:13:17,490
Tenzij hij zich vergiste, is dat gebeurd.

227
00:13:17,490 --> 00:13:22,470
Je hoeft geen groot geleerde te zijn om
te bedenken welke gebeurtenis zich kort

228
00:13:22,470 --> 00:13:24,390
daarna heeft voorgedaan.

229
00:13:24,390 --> 00:13:28,530
Dat was het oordeel van God over
degenen die zich niet bekeerden.

230
00:13:28,530 --> 00:13:32,550
Dat was God Die kwam om het
land met een vloek te treffen.

231
00:13:32,550 --> 00:13:39,030
De Engelse vertaling die ik gebruik, heeft
hier ‘vloek’, waar de HSV ‘ban’ heeft.

232
00:13:39,030 --> 00:13:41,670
Nu het over de vloek
gaat, moet je bedenken dat

233
00:13:41,670 --> 00:13:44,670
Mozes het volk in
Deuteronomium en op andere

234
00:13:44,670 --> 00:13:46,950
plaatsen in de wet had gewaarschuwd.

235
00:13:46,950 --> 00:13:51,450
Als ze Gods geboden en Gods
verbond schenden, zal er een vloek,

236
00:13:51,450 --> 00:13:54,690
een bepaalde zware vloek, over hen komen.

237
00:13:54,690 --> 00:13:59,490
Maleachi sluit het boek af door te zeggen
dat God als het ware klaarstaat om hen te

238
00:13:59,490 --> 00:14:04,290
treffen met precies die vloek die
Mozes over hun land had voorspeld,

239
00:14:04,290 --> 00:14:06,150
als ze zich niet bekeren.

240
00:14:06,150 --> 00:14:10,110
Hun laatste gelegenheid om zich te
bekeren zal zijn wanneer Johannes

241
00:14:10,110 --> 00:14:15,030
de Doper verschijnt, wanneer Elia
verschijnt, zoals hij het hier zegt.

242
00:14:15,030 --> 00:14:19,650
Daar zullen we meer over zeggen als
we bij dat gedeelte in Maleachi komen.

243
00:14:19,650 --> 00:14:22,350
Maar laten we beginnen
het boek door te nemen.

244
00:14:22,350 --> 00:14:27,690
Een last, het woord van de HEERE tot
Israël, door de dienst van Maleachi.

245
00:14:27,690 --> 00:14:31,530
De naam Maleachi betekent
‘mijn boodschapper’.

246
00:14:31,530 --> 00:14:34,530
Natuurlijk waren alle profeten
boodschappers van God,

247
00:14:34,530 --> 00:14:39,630
maar de naam van deze profeet betekende
werkelijk ‘mijn boodschapper’.

248
00:14:39,630 --> 00:14:43,650
De openingsformule ‘Een
last, het woord van de HEERE’

249
00:14:43,650 --> 00:14:47,670
maakt het heel aannemelijk dat dit
boek tot dezelfde algemene periode

250
00:14:47,670 --> 00:14:49,050
behoort als Zacharia.

251
00:14:49,050 --> 00:14:53,490
Want de uitdrukking komt maar op twee
andere plaatsen in de Bijbel voor,

252
00:14:53,490 --> 00:14:55,590
allebei in Zacharia.

253
00:14:55,590 --> 00:15:01,290
Zacharia 9:1 en Zacharia
12:1 beginnen met de woorden:

254
00:15:01,290 --> 00:15:05,910
Een last, het woord van de
HEERE in het land Chadrach.

255
00:15:05,910 --> 00:15:10,470
Damascus zal zijn rustplaats zijn,
want de HEERE heeft oog voor mensen,

256
00:15:10,470 --> 00:15:12,870
net als voor al de stammen van Israël,

257
00:15:12,870 --> 00:15:17,130
Hier in Maleachi staat de enige
andere keer dat dit voorkomt.

258
00:15:17,130 --> 00:15:20,790
Het lijkt een kenmerkende
profetische uitdrukking uit de tijd

259
00:15:20,790 --> 00:15:22,710
na de ballingschap te zijn.

260
00:15:22,710 --> 00:15:23,790
Vers 2:

261
00:15:23,790 --> 00:15:29,430
Ik heb u liefgehad, zegt de HEERE, maar
u zegt: Waarin hebt U ons liefgehad?

262
00:15:29,430 --> 00:15:32,850
Was Ezau niet de broer van
Jakob? spreekt de HEERE.

263
00:15:32,850 --> 00:15:34,830
Toch heb Ik Jakob liefgehad,

264
00:15:34,830 --> 00:15:37,530
Deze uitspraak in vers 2 en vers 3,

265
00:15:37,530 --> 00:15:39,510
en Ezau heb Ik gehaat.

266
00:15:39,510 --> 00:15:42,330
Ik heb zijn bergen
gemaakt tot een woestenij,

267
00:15:42,330 --> 00:15:46,650
en zijn erfelijk bezit prijsgegeven
aan de jakhalzen van de woestijn.

268
00:15:46,650 --> 00:15:48,870
is Gods antwoord op hun vraag:

269
00:15:48,870 --> 00:15:51,750
Hoe hebt U dan laten
zien dat U van ons houdt?

270
00:15:51,750 --> 00:15:56,130
‘U zegt dat U ons hebt liefgehad,
maar het gaat ons niet voor de wind.

271
00:15:56,130 --> 00:15:58,770
De dingen gaan niet
zoals we zouden willen.

272
00:15:58,770 --> 00:16:02,850
Het lijkt erop dat het ons niets
heeft opgeleverd om U te dienen.

273
00:16:02,850 --> 00:16:05,190
Wat is het bewijs van Uw liefde?’

274
00:16:05,190 --> 00:16:09,510
En Hij zegt: ‘Wel, vergelijk hoe
Ik jullie heb behandeld met hoe Ik

275
00:16:09,510 --> 00:16:11,130
Edom heb behandeld.’

276
00:16:11,130 --> 00:16:12,390
Toen Hij zei:

277
00:16:12,390 --> 00:16:18,030
Ik heb u liefgehad, zegt de HEERE, maar
u zegt: Waarin hebt U ons liefgehad?

278
00:16:18,030 --> 00:16:21,570
Was Ezau niet de broer van
Jakob? spreekt de HEERE.

279
00:16:21,570 --> 00:16:25,050
Toch heb Ik Jakob liefgehad,
en Ezau heb Ik gehaat.

280
00:16:25,050 --> 00:16:27,690
Ik heb zijn bergen
gemaakt tot een woestenij,

281
00:16:27,690 --> 00:16:32,250
en zijn erfelijk bezit prijsgegeven
aan de jakhalzen van de woestijn.

282
00:16:32,250 --> 00:16:37,470
Hoewel Edom zegt: Als wij verwoest
worden, bouwen wij de puinhopen weer op,

283
00:16:37,470 --> 00:16:43,350
zegt de HEERE van de legermachten dit:
Zullen zíj bouwen, dan zal Ík afbreken,

284
00:16:43,350 --> 00:16:47,370
en men zal hen noemen:
Goddeloos gebied, en:

285
00:16:47,370 --> 00:16:51,450
Het volk waarop de HEERE tot
in eeuwigheid toornig is.

286
00:16:51,450 --> 00:16:57,090
Uw eigen ogen zullen het zien, en u
zult zelf zeggen: Groot is de HEERE,

287
00:16:57,090 --> 00:16:59,490
tot over de grenzen van Israël!

288
00:16:59,490 --> 00:17:03,390
sprak Hij niet over de persoon
Jakob of de persoon Ezau.

289
00:17:03,390 --> 00:17:06,090
Dat blijkt uit hoe Hij hier verdergaat.

290
00:17:06,090 --> 00:17:10,950
Hij spreekt over wat Hij met de Edomieten,
het volk van Ezau, heeft gedaan,

291
00:17:10,950 --> 00:17:15,210
tegenover wat Hij met de Joden,
het volk van Jakob, heeft gedaan.

292
00:17:15,210 --> 00:17:18,270
Nu we het hele Oude
Testament hebben doorgenomen,

293
00:17:18,270 --> 00:17:22,770
zul je wel weten dat het volk
Israël soms Jakob wordt genoemd.

294
00:17:22,770 --> 00:17:27,270
Zelfs Israël is de naam van een man,
niet zozeer de naam van het volk.

295
00:17:27,270 --> 00:17:31,470
Het is alleen zo dat de naam van
een man, de stamvader van een volk,

296
00:17:31,470 --> 00:17:33,630
vaak de naam van dat volk werd.

297
00:17:33,630 --> 00:17:37,050
De Amalekieten stamden af van Amalek.

298
00:17:37,050 --> 00:17:39,930
Soms noemt de Bijbel
dat volk gewoon Amalek.

299
00:17:39,930 --> 00:17:44,310
Het volk Israël stamde af van
Jakob, die ook Israël heette,

300
00:17:44,310 --> 00:17:48,210
en daarom wordt het volk
soms Jakob of Israël genoemd.

301
00:17:48,210 --> 00:17:50,790
Het was in Bijbelse
tijden niet ongebruikelijk

302
00:17:50,790 --> 00:17:54,810
dat de stichter van een volk zijn
naam naliet als de naam van het volk

303
00:17:54,810 --> 00:17:56,250
dat hij stichtte.

304
00:17:56,250 --> 00:18:01,350
Zo denken we bij Edom aan de naam
van een volk dat van Ezau afstamde.

305
00:18:01,350 --> 00:18:05,550
Maar je moet bedenken dat Ezau
in Genesis ook Edom heette.

306
00:18:05,550 --> 00:18:10,050
Dat wordt ons verteld in het verhaal over
hoe hij zijn eerstgeboorterecht verkocht.

307
00:18:10,050 --> 00:18:14,250
Zijn naam was Ezau, en
hij werd ook Edom genoemd.

308
00:18:14,250 --> 00:18:19,290
Daarom werden zijn nakomelingen, het volk
dat uit hem voortkwam, naar hem genoemd:

309
00:18:19,290 --> 00:18:21,630
Edom of Ezau.

310
00:18:21,630 --> 00:18:24,150
In dit geval worden ze Ezau genoemd.

311
00:18:24,150 --> 00:18:27,510
Het is om meer dan één reden
belangrijk om dit op te merken.

312
00:18:27,510 --> 00:18:31,410
Eén van die redenen is dat Paulus
deze verzen uit Maleachi aanhaalt

313
00:18:31,410 --> 00:18:34,350
in Romeinen hoofdstuk 9, vers 13.

314
00:18:34,350 --> 00:18:37,350
Paulus doet dat in een betoog
waarin hij de leer van Gods

315
00:18:37,350 --> 00:18:39,570
soevereine uitverkiezing bevestigt.

316
00:18:39,570 --> 00:18:43,230
Hij haalt eigenlijk twee verzen aan,
één uit het laatste boek van het Oude

317
00:18:43,230 --> 00:18:47,010
Testament en één uit het eerste
boek van het Nieuwe Testament,

318
00:18:47,010 --> 00:18:49,470
allebei over Jakob en Ezau.

319
00:18:49,470 --> 00:18:53,010
Hij haalt Genesis aan,
volgens mij is het Genesis 25,

320
00:18:53,010 --> 00:18:56,670
waar God tegen Rebekka zei over
de tweeling in haar schoot,

321
00:18:56,670 --> 00:18:59,190
die Jakob en Ezau bleken te zijn:

322
00:18:59,190 --> 00:19:01,530
en de meerdere zal de mindere dienen.

323
00:19:01,530 --> 00:19:06,270
En onmiddellijk daarna haalt Paulus dit
vers aan dat we hier voor ons hebben:

324
00:19:06,270 --> 00:19:09,450
Ik hield van Jakob, maar ik haatte Ezau.

325
00:19:09,450 --> 00:19:12,510
Omdat dit in Romeinen
9 in die context staat,

326
00:19:12,510 --> 00:19:15,330
heeft Paulus het over Gods uitverkiezing.

327
00:19:15,330 --> 00:19:20,430
Sommige mensen, met name de calvinisten,
hebben gedacht dat dit een goed bewijs is

328
00:19:20,430 --> 00:19:25,590
dat God mensen uitkiest geheel los
van hun verdiensten of tekortkomingen,

329
00:19:25,590 --> 00:19:30,210
geheel los van hun voorziene geloof
of daadwerkelijk beoefende geloof.

330
00:19:30,210 --> 00:19:32,730
Het is een onvoorwaardelijke
uitverkiezing,

331
00:19:32,730 --> 00:19:36,390
aangezien Jakob en Ezau allebei
nog in de moederschoot waren

332
00:19:36,390 --> 00:19:39,510
en geen van beiden goed of
kwaad had gedaan toen God

333
00:19:39,510 --> 00:19:42,330
Jakob uitkoos en Ezau verwierp.

334
00:19:42,330 --> 00:19:45,390
Paulus onderbouwt dat punt
met het citaat uit Genesis:

335
00:19:45,390 --> 00:19:50,550
‘De oudste’, dat was Ezau, ‘zal
de jongste dienen’, dat is Jakob.

336
00:19:50,550 --> 00:19:54,630
Daarmee wordt Jakob duidelijk
boven Ezau verkozen op dat moment,

337
00:19:54,630 --> 00:19:57,030
terwijl ze nog in de moederschoot waren.

338
00:19:57,030 --> 00:19:58,890
En dan dit citaat:

339
00:19:58,890 --> 00:20:04,530
Ik heb u liefgehad, zegt de HEERE, maar
u zegt: Waarin hebt U ons liefgehad?

340
00:20:04,530 --> 00:20:08,190
Was Ezau niet de broer van
Jakob? spreekt de HEERE.

341
00:20:08,190 --> 00:20:12,390
Toch heb Ik Jakob liefgehad,
en Ezau heb Ik gehaat.

342
00:20:12,390 --> 00:20:15,210
Ik heb zijn bergen
gemaakt tot een woestenij,

343
00:20:15,210 --> 00:20:19,830
en zijn erfelijk bezit prijsgegeven
aan de jakhalzen van de woestijn.

344
00:20:19,830 --> 00:20:24,750
Hoewel Edom zegt: Als wij verwoest
worden, bouwen wij de puinhopen weer op,

345
00:20:24,750 --> 00:20:30,510
zegt de HEERE van de legermachten dit:
Zullen zíj bouwen, dan zal Ík afbreken,

346
00:20:30,510 --> 00:20:34,710
en men zal hen noemen:
Goddeloos gebied, en:

347
00:20:34,710 --> 00:20:38,970
Het volk waarop de HEERE tot
in eeuwigheid toornig is.

348
00:20:38,970 --> 00:20:44,730
Uw eigen ogen zullen het zien, en u
zult zelf zeggen: Groot is de HEERE,

349
00:20:44,730 --> 00:20:47,190
tot over de grenzen van Israël!

350
00:20:47,190 --> 00:20:49,830
Maar er is een probleem
met het toepassen van deze

351
00:20:49,830 --> 00:20:53,910
Schriftgedeelten op de leer van
de individuele uitverkiezing.

352
00:20:53,910 --> 00:20:56,370
En ik geloof niet dat Paulus dat doet.

353
00:20:56,370 --> 00:21:00,510
Ik geloof dat Paulus het heeft
over de uitverkiezing van een volk,

354
00:21:00,510 --> 00:21:03,390
ofwel collectieve uitverkiezing.

355
00:21:03,390 --> 00:21:08,070
Het probleem is dat beide verzen,
dat in Genesis en dat in Maleachi,

356
00:21:08,070 --> 00:21:13,410
over Jakob en Ezau spreken
als volken, niet als personen.

357
00:21:13,410 --> 00:21:16,170
In de passage in Genesis waar staat:

358
00:21:16,170 --> 00:21:19,590
‘De oudste zal de jongste
dienen’, staat er.

359
00:21:19,590 --> 00:21:21,570
Eerder in hetzelfde vers staat:

360
00:21:21,570 --> 00:21:23,910
Je bent zwanger van twee volken.

361
00:21:23,910 --> 00:21:26,910
Een kamer zou al vol zijn
met twee volken erin,

362
00:21:26,910 --> 00:21:32,070
maar een moederschoot zou nog voller
zijn met twee volken erin. Maar Hij zei:

363
00:21:32,070 --> 00:21:35,610
Je bent zwanger van twee
volken, en uit jou zullen twee

364
00:21:35,610 --> 00:21:37,890
afzonderlijke volken voortkomen.

365
00:21:37,890 --> 00:21:40,110
En in die context zegt Hij:

366
00:21:40,110 --> 00:21:44,430
De HEERE zei toen tegen haar: Er
zijn twee volken in uw schoot,

367
00:21:44,430 --> 00:21:48,150
en twee naties zullen zich
uit uw lichaam vaneenscheiden.

368
00:21:48,150 --> 00:21:51,150
Het ene volk zal sterker
zijn dan het andere

369
00:21:51,150 --> 00:21:53,670
en de meerdere zal de mindere dienen.

370
00:21:53,670 --> 00:21:56,850
Dat wil zeggen: het
volk van het oudste kind

371
00:21:56,850 --> 00:21:59,670
zal het volk van het jongste kind dienen.

372
00:21:59,670 --> 00:22:03,450
Het is nooit zo geweest dat
de man Ezau Jakob diende.

373
00:22:03,450 --> 00:22:06,090
Tijdens hun leven is dat nooit gebeurd.

374
00:22:06,090 --> 00:22:10,230
Als dat een profetie was over de
bestemming van afzonderlijke personen,

375
00:22:10,230 --> 00:22:15,270
dan was het geen ware profetie,
want Ezau heeft Jakob nooit gediend.

376
00:22:15,270 --> 00:22:18,510
Maar de Edomieten werden
op een later tijdstip wel

377
00:22:18,510 --> 00:22:20,790
schatplichtig aan de Israëlieten.

378
00:22:20,790 --> 00:22:23,190
Dat is de vervulling van die profetie.

379
00:22:23,190 --> 00:22:28,590
De profetie gaat erover dat God het ene
volk boven het andere volk verkiest,

380
00:22:28,590 --> 00:22:33,210
niet dat Hij de ene persoon boven de
andere persoon verkiest tot behoud.

381
00:22:33,210 --> 00:22:36,630
Zo is het ook hier, wanneer
Paulus dit aanhaalt:

382
00:22:36,630 --> 00:22:42,510
Ik heb u liefgehad, zegt de HEERE, maar
u zegt: Waarin hebt U ons liefgehad?

383
00:22:42,510 --> 00:22:45,930
Was Ezau niet de broer van
Jakob? spreekt de HEERE.

384
00:22:45,930 --> 00:22:49,890
Toch heb Ik Jakob liefgehad,
en Ezau heb Ik gehaat.

385
00:22:49,890 --> 00:22:52,650
Ik heb zijn bergen
gemaakt tot een woestenij,

386
00:22:52,650 --> 00:22:57,030
en zijn erfelijk bezit prijsgegeven
aan de jakhalzen van de woestijn.

387
00:22:57,030 --> 00:23:01,950
Hoewel Edom zegt: Als wij verwoest
worden, bouwen wij de puinhopen weer op,

388
00:23:01,950 --> 00:23:07,530
zegt de HEERE van de legermachten dit:
Zullen zíj bouwen, dan zal Ík afbreken,

389
00:23:07,530 --> 00:23:11,010
en men zal hen noemen:
Goddeloos gebied, en:

390
00:23:11,010 --> 00:23:15,270
Het volk waarop de HEERE tot
in eeuwigheid toornig is.

391
00:23:15,270 --> 00:23:20,190
Uw eigen ogen zullen het zien, en u
zult zelf zeggen: Groot is de HEERE,

392
00:23:20,190 --> 00:23:22,410
tot over de grenzen van Israël!

393
00:23:22,410 --> 00:23:26,790
Dan denken mensen soms: nou,
dat lijkt niet erg aardig.

394
00:23:26,790 --> 00:23:30,150
Die baby's waren nog in de
moederschoot, een tweeling,

395
00:23:30,150 --> 00:23:34,950
geen van beiden had goed of kwaad
gedaan, en God haatte een van hen al.

396
00:23:34,950 --> 00:23:37,170
Dat lijkt niet erg aardig van God.

397
00:23:37,170 --> 00:23:39,630
Maar ook hier kunnen
we allereerst zien dat

398
00:23:39,630 --> 00:23:42,210
Maleachi het niet heeft
over Gods oordeel over

399
00:23:42,210 --> 00:23:45,630
Jakob en Ezau toen ze in
de moederschoot waren.

400
00:23:45,630 --> 00:23:50,670
Sterker nog, hij heeft het helemaal
niet over de twee mannen, Jakob en Ezau.

401
00:23:50,670 --> 00:23:54,690
Hij heeft het over het volk
van Jakob en het volk van Ezau,

402
00:23:54,690 --> 00:23:58,530
net zoals God dat deed in Genesis 25.

403
00:23:58,530 --> 00:24:02,730
Beide passages die Paulus
aanhaalt gaan over de volken.

404
00:24:02,730 --> 00:24:07,590
Waar Paulus het over heeft, is dus niet
of God deze persoon uitkoos tot behoud

405
00:24:07,590 --> 00:24:09,750
en die persoon tot verdoemenis.

406
00:24:09,750 --> 00:24:14,970
Hij koos veeleer één volk uit om Zijn
menselijke instrumenten op aarde te zijn,

407
00:24:14,970 --> 00:24:19,350
om de Messias voort te brengen, om
de kennis van God verder te dragen,

408
00:24:19,350 --> 00:24:22,470
om ons de Schriften te geven, enzovoort.

409
00:24:22,470 --> 00:24:25,650
God verkoos het ene volk
boven het andere volk,

410
00:24:25,650 --> 00:24:29,010
en Hij deed dat niet op grond
van de verdiensten van dat volk.

411
00:24:29,010 --> 00:24:31,170
Dat is wat Paulus duidelijk maakt.

412
00:24:31,170 --> 00:24:36,270
God koos het volk van Jakob uit zonder
rekening te houden met hoe goed of slecht

413
00:24:36,270 --> 00:24:37,770
Jakob of Ezau was.

414
00:24:37,770 --> 00:24:40,110
Hij had een soevereine keuze gemaakt.

415
00:24:40,110 --> 00:24:41,910
Hij moest er één kiezen.

416
00:24:41,910 --> 00:24:45,990
Als Hij een volk zou uitkiezen,
moest Hij enkele andere verwerpen.

417
00:24:45,990 --> 00:24:50,610
En Zijn keuze viel op Jakob, en
Zijn keuze viel niet op Ezau.

418
00:24:50,610 --> 00:24:52,470
Hij maakte die keuze.

419
00:24:52,470 --> 00:24:55,470
Dat heeft dus niets te maken
met de bestemming van die mannen

420
00:24:55,470 --> 00:24:57,630
als afzonderlijke personen.

421
00:24:57,630 --> 00:25:01,590
We weten niet wat Ezau's uiteindelijke
geestelijke toestand was,

422
00:25:01,590 --> 00:25:04,290
of hij behouden of verloren was.

423
00:25:04,290 --> 00:25:09,330
We weten dat hij tijdens zijn leven een
aantal behoorlijk vleselijke dingen deed,

424
00:25:09,330 --> 00:25:11,550
maar dat deed Jakob trouwens ook.

425
00:25:11,550 --> 00:25:16,710
Maar wij geloven dat Jakob behouden
is, en voor zover wij weten kan

426
00:25:16,710 --> 00:25:19,710
Ezau ook heel goed
behouden zijn gestorven.

427
00:25:19,710 --> 00:25:22,530
Op grond van de Schriftgedeelten
die hij aanhaalt,

428
00:25:22,530 --> 00:25:27,210
kan Paulus het niet hebben over de vraag
naar individuele uitverkiezing tot behoud

429
00:25:27,210 --> 00:25:28,830
of tot verdoemenis.

430
00:25:28,830 --> 00:25:32,310
Hij heeft het over Gods
keuze van een volk als geheel

431
00:25:32,310 --> 00:25:36,870
om Zijn aardse instrumenten te zijn voor
het uitvoeren van Zijn doeleinden in de

432
00:25:36,870 --> 00:25:39,870
tijd vóór de komst van de Messias.

433
00:25:39,870 --> 00:25:42,930
En Hij koos Israël, niet Edom.

434
00:25:42,930 --> 00:25:45,030
Dat is alles wat Paulus zegt.

435
00:25:45,030 --> 00:25:49,290
En daarbij onderbouwt hij het
hiermee: hij wijst erop dat God Jakob,

436
00:25:49,290 --> 00:25:54,210
dat wil zeggen Israël, heeft
bevoorrecht, maar dat Hij Ezau niet

437
00:25:54,210 --> 00:25:56,670
in gelijke mate heeft bevoorrecht.

438
00:25:56,670 --> 00:26:00,570
Aangezien die twee broers waren,
stammen de twee volken van precies

439
00:26:00,570 --> 00:26:02,250
dezelfde ouders af.

440
00:26:02,250 --> 00:26:05,490
Ze stammen allebei af van Izak en Rebekka.

441
00:26:05,490 --> 00:26:09,930
Daarom kan niemand beweren dat het komt
doordat Jakob een betere afstamming

442
00:26:09,930 --> 00:26:11,490
had dan Ezau.

443
00:26:11,490 --> 00:26:14,670
Het komt eenvoudigweg
door Gods uitverkiezing.

444
00:26:14,670 --> 00:26:17,430
Hij koos ervoor Jakob te bevoorrechten.

445
00:26:17,430 --> 00:26:20,070
En wanneer je in de Schrift
deze tegenstelling tussen

446
00:26:20,070 --> 00:26:21,360
liefde en haat tegenkomt:

447
00:26:21,360 --> 00:26:26,130
‘Ik hou van Jakob, ik haat Ezau’, dan
moeten we er van tijd tot tijd aan

448
00:26:26,130 --> 00:26:29,910
herinnerd worden dat deze manier van
spreken in de Joodse cultuur niet

449
00:26:29,910 --> 00:26:34,650
betekende dat iemand gehaat werd in de
zin dat men hem volkomen walgelijk en

450
00:26:34,650 --> 00:26:39,330
weerzinwekkend vond, zoals wij het
woord ‘gehaat’ zouden gebruiken.

451
00:26:39,330 --> 00:26:44,490
‘Geliefd’ en ‘gehaat’ zijn hier veeleer
een vaste uitdrukking, een hebraïsme,

452
00:26:44,490 --> 00:26:47,070
voor de een boven de ander verkiezen.

453
00:26:47,070 --> 00:26:53,130
Zo lezen we in Genesis dat Jakob twee
vrouwen had, Rachel en Lea, en er staat:

454
00:26:53,130 --> 00:26:57,630
Hij kwam ook bij Rachel en ook
had hij Rachel meer lief dan Lea.

455
00:26:57,630 --> 00:27:00,090
Hij werkte nog eens zeven jaar bij hem.

456
00:27:00,090 --> 00:27:01,890
Het volgende vers zegt:

457
00:27:01,890 --> 00:27:07,050
Toen de HEERE zag dat Lea minder
geliefd was, opende Hij haar baarmoeder;

458
00:27:07,050 --> 00:27:09,690
Rachel daarentegen was onvruchtbaar.

459
00:27:09,690 --> 00:27:14,070
Gregg leest hier de Engelse vertaling
‘the Lord saw that Leah was hated’:

460
00:27:14,070 --> 00:27:17,730
de HEERE zag dat Lea gehaat werd.

461
00:27:17,730 --> 00:27:22,110
De Herziene Statenvertaling
vertaalt dit als ‘minder geliefd’.

462
00:27:22,110 --> 00:27:23,850
Nou, ze werd niet gehaat.

463
00:27:23,850 --> 00:27:25,470
Hij sliep met haar.

464
00:27:25,470 --> 00:27:27,930
Hij kreeg zeven kinderen bij haar.

465
00:27:27,930 --> 00:27:30,930
De man vond haar in elk
geval niet weerzinwekkend.

466
00:27:30,930 --> 00:27:32,970
Maar het voorgaande vers zegt:

467
00:27:32,970 --> 00:27:36,450
hij hield meer van Rachel dan van Lea.

468
00:27:36,450 --> 00:27:40,770
Liefde en haat zijn in de Bijbel
in veel gevallen betrekkelijk,

469
00:27:40,770 --> 00:27:45,090
vooral wanneer je ze op deze
manier tegenover elkaar ziet staan.

470
00:27:45,090 --> 00:27:49,530
Jezus gebruikte hetzelfde
hebraïsme toen Hij onderwees:

471
00:27:49,530 --> 00:27:54,750
Niemand kan twee heren dienen, want of hij
zal de één haten en de ander liefhebben,

472
00:27:54,750 --> 00:27:58,530
of hij zal zich aan de één
hechten en de ander minachten.

473
00:27:58,530 --> 00:28:01,170
U kunt niet God dienen en de mammon.

474
00:28:01,170 --> 00:28:05,610
Als je nu zegt dat hij de een zal
liefhebben en de ander zal haten,

475
00:28:05,610 --> 00:28:08,010
is dat dan noodzakelijkerwijs zo?

476
00:28:08,010 --> 00:28:13,290
Als je twee banen had, twee werkgevers,
dan zou je beslist de een voorrang moeten

477
00:28:13,290 --> 00:28:15,510
geven boven de ander.

478
00:28:15,510 --> 00:28:19,170
Vooral als ze allebei wilden
dat je dezelfde dienst werkte.

479
00:28:19,170 --> 00:28:23,790
Je zou moeten zeggen: ‘Het spijt
me, ik geef deze hier voorrang.

480
00:28:23,790 --> 00:28:25,710
Ik moet hier een keuze maken.

481
00:28:25,710 --> 00:28:28,650
Ik verkies deze baan boven die baan.

482
00:28:28,650 --> 00:28:31,350
Ik verkies deze baas boven die baas.

483
00:28:31,350 --> 00:28:34,410
Ik kan ze niet allebei gelijk behandelen.

484
00:28:34,410 --> 00:28:36,750
Ze trekken me allebei een andere kant op.

485
00:28:36,750 --> 00:28:39,690
Ik moet kiezen aan wie
ik de voorkeur geef.’

486
00:28:39,690 --> 00:28:42,810
Maar het staat niet vast dat
je de een zult liefhebben

487
00:28:42,810 --> 00:28:47,670
en de ander zult haten in de betekenis
die wij aan die woorden geven.

488
00:28:47,670 --> 00:28:49,830
Je hoeft niet een van hen te haten.

489
00:28:49,830 --> 00:28:52,530
Maar Jezus gaf aan dat
je dat wel zou doen,

490
00:28:52,530 --> 00:28:56,610
omdat Hij die woorden gebruikt
volgens de Hebreeuwse zegswijze:

491
00:28:56,610 --> 00:29:00,450
je zult de een voorrang
moeten geven en de ander niet.

492
00:29:00,450 --> 00:29:04,230
Er zijn nog heel wat andere gevallen
waarin je in de Schrift dit soort

493
00:29:04,230 --> 00:29:07,890
tegenstelling tussen
liefhebben en haten aantreft.

494
00:29:07,890 --> 00:29:09,870
Zelfs toen Jezus zei:

495
00:29:09,870 --> 00:29:15,090
Als iemand tot Mij komt en niet haat zijn
eigen vader en moeder en vrouw en kinderen

496
00:29:15,090 --> 00:29:19,260
en broers en zusters, ja,
ook zelfs zijn eigen leven,

497
00:29:19,260 --> 00:29:21,810
die kan Mijn discipel niet zijn.

498
00:29:21,810 --> 00:29:24,450
kan haten in die betekenis duidelijk niet

499
00:29:24,450 --> 00:29:28,470
betekenen wat wij in onze taal
gewoonlijk met dat woord bedoelen,

500
00:29:28,470 --> 00:29:30,630
want we mogen niemand haten.

501
00:29:30,630 --> 00:29:33,090
Ieder die zijn broeder
haat, is een moordenaar;

502
00:29:33,090 --> 00:29:38,310
en u weet dat geen moordenaar het
eeuwige leven blijvend in zich heeft.

503
00:29:38,310 --> 00:29:39,870
zegt de Bijbel ergens anders.

504
00:29:39,870 --> 00:29:42,750
Het is duidelijk dat we
iedereen moeten liefhebben,

505
00:29:42,750 --> 00:29:45,030
ook onze vrouw en onze kinderen.

506
00:29:45,030 --> 00:29:47,730
Dus wanneer Hij zegt
dat je hen moet haten,

507
00:29:47,730 --> 00:29:50,730
gebruikt Hij dat volgens
de Hebreeuwse zegswijze.

508
00:29:50,730 --> 00:29:54,870
Dat betekent dat je hun geen
voorrang mag geven boven God.

509
00:29:54,870 --> 00:29:59,550
Je moet God meer liefhebben en je
gezin geen voorrang geven boven God.

510
00:29:59,550 --> 00:30:01,350
Dus wanneer God zegt:

511
00:30:01,350 --> 00:30:07,590
Ik heb u liefgehad, zegt de HEERE, maar
u zegt: Waarin hebt U ons liefgehad?

512
00:30:07,590 --> 00:30:11,430
Was Ezau niet de broer van
Jakob? spreekt de HEERE.

513
00:30:11,430 --> 00:30:15,210
Toch heb Ik Jakob liefgehad,
en Ezau heb Ik gehaat.

514
00:30:15,210 --> 00:30:17,850
Ik heb zijn bergen
gemaakt tot een woestenij,

515
00:30:17,850 --> 00:30:22,530
en zijn erfelijk bezit prijsgegeven
aan de jakhalzen van de woestijn.

516
00:30:22,530 --> 00:30:27,750
Hoewel Edom zegt: Als wij verwoest
worden, bouwen wij de puinhopen weer op,

517
00:30:27,750 --> 00:30:33,510
zegt de HEERE van de legermachten dit:
Zullen zíj bouwen, dan zal Ík afbreken,

518
00:30:33,510 --> 00:30:37,110
en men zal hen noemen:
Goddeloos gebied, en:

519
00:30:37,110 --> 00:30:41,490
Het volk waarop de HEERE tot
in eeuwigheid toornig is.

520
00:30:41,490 --> 00:30:46,770
Uw eigen ogen zullen het zien, en u
zult zelf zeggen: Groot is de HEERE,

521
00:30:46,770 --> 00:30:49,350
tot over de grenzen van Israël!

522
00:30:49,350 --> 00:30:52,590
zegt Hij volgens de gebruikelijke
zegswijze alleen maar:

523
00:30:52,590 --> 00:30:57,930
‘Ik heb Jakob een voorkeursbehandeling
gegeven die Ik Ezau niet heb gegeven.’

524
00:30:57,930 --> 00:31:01,710
Het gaat er niet zozeer om dat
Hij zegt: ‘Ik veracht Ezau’,

525
00:31:01,710 --> 00:31:03,750
hoewel Hij dat misschien wel deed.

526
00:31:03,750 --> 00:31:06,450
Dat is niet noodzakelijkerwijs
wat Hij hier zegt.

527
00:31:06,450 --> 00:31:12,390
Hij zegt alleen maar: ‘Ik heb jou,
Israël, gunstiger behandeld dan Edom.’

528
00:31:12,390 --> 00:31:14,190
En Hij geeft het voorbeeld.

529
00:31:14,190 --> 00:31:16,050
Hij zegt in vers 3:

530
00:31:16,050 --> 00:31:17,910
Ezau, die heb Ik gehaat.

531
00:31:17,910 --> 00:31:21,090
Ik heb zijn bergen en
zijn erfgebied verwoest

532
00:31:21,090 --> 00:31:24,210
en aan de jakhalzen in
de woestijn overgelaten.

533
00:31:24,210 --> 00:31:27,930
Dat zou zijn geweest toen de
Babyloniërs waren binnengevallen.

534
00:31:27,930 --> 00:31:32,490
God had dit nog niet gedaan door de
uiteindelijke vernietiging van Edom.

535
00:31:32,490 --> 00:31:35,850
Die kwam later wel, door
de Nabateeërs en andere

536
00:31:35,850 --> 00:31:40,470
nomadische Arabische groepen die
kwamen en Edom volledig vernietigden.

537
00:31:40,470 --> 00:31:42,750
Maar op dit moment moet Hij verwijzen

538
00:31:42,750 --> 00:31:46,350
naar wat er tijdens de Babylonische
ballingschap was gebeurd.

539
00:31:46,350 --> 00:31:49,230
God had trouwens hetzelfde
met Jakob gedaan.

540
00:31:49,230 --> 00:31:51,690
Ook Juda was in gevangenschap gegaan,

541
00:31:51,690 --> 00:31:54,990
en Jeruzalem was door
de Babyloniërs verwoest.

542
00:31:54,990 --> 00:31:59,550
Maar het verschil is dat God het
volk van Jakob nu had hersteld.

543
00:31:59,550 --> 00:32:02,910
Het volk van Ezau en
het volk van Jakob waren

544
00:32:02,910 --> 00:32:08,190
allebei zwaar getroffen door de
Babyloniërs, maar God herstelde Jakob.

545
00:32:08,190 --> 00:32:10,230
Hij herstelde Edom niet.

546
00:32:10,230 --> 00:32:13,290
De Edomieten waren op dit
moment niet uitgestorven,

547
00:32:13,290 --> 00:32:16,590
en ze probeerden nog steeds hun
beschaving weer op te bouwen.

548
00:32:16,590 --> 00:32:18,630
Dat staat in vers 4:

549
00:32:18,630 --> 00:32:22,350
Ook al heeft Edom gezegd:
We zijn alles kwijtgeraakt,

550
00:32:22,350 --> 00:32:26,250
maar we komen terug en bouwen
de verwoeste plekken weer op.

551
00:32:26,250 --> 00:32:27,990
Gods antwoord is:

552
00:32:27,990 --> 00:32:31,050
Dat kunnen ze wel doen, maar
Ik haal alles weer neer.

553
00:32:31,050 --> 00:32:34,170
‘Ik heb Me weer met
gunst tot Jakob gewend,

554
00:32:34,170 --> 00:32:37,290
maar Ik heb Me niet weer
met gunst tot Ezau gewend.

555
00:32:37,290 --> 00:32:42,030
Mijn behandeling van deze twee volken
laat zien dat Jakob iets heeft om dankbaar

556
00:32:42,030 --> 00:32:43,050
voor te zijn.

557
00:32:43,050 --> 00:32:48,030
Ik heb Mijn liefde voor Jakob getoond door
voor Jakob te doen wat Ik voor Ezau niet

558
00:32:48,030 --> 00:32:50,430
heb gedaan.’ Dat is wat Hij zegt.

559
00:32:50,430 --> 00:32:55,350
In de beschrijving van de uiteindelijke
vernietiging van Edom in vers 4 en 5,

560
00:32:55,350 --> 00:32:58,170
vooral aan het einde van vers 5, staat:

561
00:32:58,170 --> 00:33:01,770
Jullie zullen het zelf zien
en zeggen: De Heer is groot,

562
00:33:01,770 --> 00:33:03,810
ook buiten de grenzen van Israël.

563
00:33:03,810 --> 00:33:08,190
We komen hier nog op terug, want we
zullen hier zo meteen naar terugverwijzen.

564
00:33:08,190 --> 00:33:11,550
Maar ik wil alleen even zeggen dat de
uitdrukking ‘tot over de grenzen van

565
00:33:11,550 --> 00:33:16,170
Israël’ zou kunnen betekenen: vlak aan
de andere kant van de grens van Israël,

566
00:33:16,170 --> 00:33:17,670
waar Edom lag.

567
00:33:17,670 --> 00:33:21,510
Het zou dus alleen maar kunnen zeggen
dat God in Edom werd grootgemaakt door

568
00:33:21,510 --> 00:33:22,950
hen te vernietigen.

569
00:33:22,950 --> 00:33:26,670
God maakt Zichzelf groot door
Zijn vijanden te vernietigen.

570
00:33:26,670 --> 00:33:32,010
Buiten de grens van Israël, in het land
Edom, zal God, wanneer Hij hem vernietigt,

571
00:33:32,010 --> 00:33:36,570
Zichzelf grootmaken door deze
overwinning op Zijn vijanden te behalen.

572
00:33:36,570 --> 00:33:37,470
Maar:

573
00:33:37,470 --> 00:33:41,970
buiten de grenzen van Israël zou
ook algemener bedoeld kunnen zijn.

574
00:33:41,970 --> 00:33:47,010
Het zou kunnen zeggen dat je op dat moment
zult moeten erkennen dat God ook op andere

575
00:33:47,010 --> 00:33:49,470
plaatsen dan Israël wordt grootgemaakt.

576
00:33:49,470 --> 00:33:53,430
Dat Gods handelen en Gods
zorg voor Zijn reputatie niet

577
00:33:53,430 --> 00:33:56,670
beperkt blijven tot binnen
de grenzen van Israël.

578
00:33:56,670 --> 00:34:00,030
God wordt buiten de grenzen
van Israël grootgemaakt.

579
00:34:00,030 --> 00:34:03,030
Het kan algemener op de hele wereld slaan.

580
00:34:03,030 --> 00:34:07,650
De reden dat ik dat opper, is dat Hij
verderop in vers 11 iets dergelijks gaat

581
00:34:07,650 --> 00:34:11,850
zeggen: Gods Naam zal over de
hele wereld worden grootgemaakt,

582
00:34:11,850 --> 00:34:14,010
in wezen onder de heidenen.

583
00:34:14,010 --> 00:34:20,250
Dus wat God in Maleachi 1:5 misschien
zegt, is: ‘Wanneer Ik Edom vernietig,

584
00:34:20,250 --> 00:34:25,410
zal dit slechts een teken zijn van
een grotere zaak, een groter beginsel.

585
00:34:25,410 --> 00:34:30,450
Namelijk dat Ik erop bedacht ben Mijzelf
te verheerlijken, niet alleen in Israël,

586
00:34:30,450 --> 00:34:32,610
maar ook buiten Israël.’

587
00:34:32,610 --> 00:34:36,450
Uiteindelijk zelfs over de hele
wereld, onder alle heidenen.

588
00:34:36,450 --> 00:34:39,630
Ook niet alleen Edom,
maar ook andere heidenen.

589
00:34:39,630 --> 00:34:42,510
Men zal gaan zien dat God
de Rechter van allen is,

590
00:34:42,510 --> 00:34:48,390
en Hij zal in alle delen van de wereld
geëerd worden, niet alleen in Israël.

591
00:34:48,390 --> 00:34:49,470
Vers 6:

592
00:34:49,470 --> 00:34:53,430
Een zoon eert zijn vader
en een slaaf zijn heer.

593
00:34:53,430 --> 00:34:57,510
Als Ik dan een Vader ben,
waar is de eerbied voor Mij?

594
00:34:57,510 --> 00:35:01,170
En als Ik een Heer ben,
waar is de vrees voor Mij?

595
00:35:01,170 --> 00:35:06,090
zegt de HEERE van de legermachten tegen
u, priesters die Mijn Naam verachten.

596
00:35:06,090 --> 00:35:10,050
Maar u zegt: Waardoor
verachten wij Uw Naam?

597
00:35:10,050 --> 00:35:14,370
Een groot deel van Maleachi, vooral
in de eerste twee hoofdstukken,

598
00:35:14,370 --> 00:35:16,710
is gericht tot de priesters.

599
00:35:16,710 --> 00:35:20,310
Ze worden terechtgewezen omdat
ze verzuimen te doen wat ze

600
00:35:20,310 --> 00:35:21,750
hadden moeten doen.

601
00:35:21,750 --> 00:35:24,630
We zullen later zien wat
ze hadden moeten doen.

602
00:35:24,630 --> 00:35:27,570
Maar Hij zegt dat ze Zijn Naam verachten.

603
00:35:27,570 --> 00:35:32,790
Het woord ‘verachten’ moet worden
opgevat als ‘geringachten’.

604
00:35:32,790 --> 00:35:38,070
Nogmaals, het Engelse woord ‘despise’
heeft in het hedendaagse Engels een

605
00:35:38,070 --> 00:35:40,230
heel sterke betekenis.

606
00:35:40,230 --> 00:35:44,550
In Bijbelse taal betekent
het doorgaans geringachten.

607
00:35:44,550 --> 00:35:50,370
Een goed voorbeeld staat in 1 Samuel
2, en ook elders in het Oude Testament,

608
00:35:50,370 --> 00:35:52,590
waar God ongeveer dit zegt:

609
00:35:52,590 --> 00:35:57,930
Daarom spreekt de HEERE, de God van
Israël: Ik had duidelijk gezegd:

610
00:35:57,930 --> 00:36:02,790
Uw huis en uw familie zullen voor
eeuwig voor Mijn aangezicht wandelen.

611
00:36:02,790 --> 00:36:08,250
Maar nu spreekt de HEERE: Er is bij
Mij geen sprake van, want wie Mij eren,

612
00:36:08,250 --> 00:36:12,990
zal Ik eren, maar wie Mij verachten,
zullen zelf veracht worden.

613
00:36:12,990 --> 00:36:18,030
De Engelse vertaling heeft in het tweede
zinsdeel ‘zullen geringgeacht worden’,

614
00:36:18,030 --> 00:36:21,450
waar de HSV ‘zullen zelf
veracht worden’ heeft.

615
00:36:21,450 --> 00:36:24,030
Het is duidelijk dat
daar een parallel in zit.

616
00:36:24,030 --> 00:36:26,910
Verachten en geringachten
zijn hetzelfde begrip.

617
00:36:26,910 --> 00:36:30,330
De priesters hebben God dus
niet werkelijk in ere gehouden.

618
00:36:30,330 --> 00:36:32,730
Ze hebben God geringgeacht.

619
00:36:32,730 --> 00:36:36,390
Ze hebben hun heilige roeping
niet ernstig genoeg genomen.

620
00:36:36,390 --> 00:36:41,490
Ze hebben God beschouwd als Iemand
met Wie ze een loopje kunnen nemen.

621
00:36:41,490 --> 00:36:46,230
Een beetje zoals Nadab en Abihu,
de priesters die besloten vreemd

622
00:36:46,230 --> 00:36:47,610
vuur te offeren.

623
00:36:47,610 --> 00:36:50,370
God heeft hen in Zijn
tegenwoordigheid verbrand,

624
00:36:50,370 --> 00:36:53,010
omdat ze God niet zo ernstig namen.

625
00:36:53,010 --> 00:36:55,050
God is dus boos op hen.

626
00:36:55,050 --> 00:36:59,430
Hij klaagt dat Hij niet eens zoveel
eer en eerbied krijgt als een vader

627
00:36:59,430 --> 00:37:04,410
en een meester in menselijke verhoudingen
gewoonlijk krijgen en verwachten.

628
00:37:04,410 --> 00:37:05,670
Hij zegt:

629
00:37:05,670 --> 00:37:07,950
Waar blijft het respect voor Mij?

630
00:37:07,950 --> 00:37:10,770
Waar blijft het ontzag dat Ik verdien?

631
00:37:10,770 --> 00:37:12,750
Die ontbraken duidelijk.

632
00:37:12,750 --> 00:37:18,690
Dit staat in contrast met vers 5, waar
stond dat God buiten de grenzen van Israël

633
00:37:18,690 --> 00:37:20,550
grootgemaakt kan worden.

634
00:37:20,550 --> 00:37:26,730
In heidense landen zal God eer ontvangen,
maar in Israël wordt Hij niet geëerd.

635
00:37:26,730 --> 00:37:29,370
Hij wordt er niet met eerbied behandeld.

636
00:37:29,370 --> 00:37:33,690
Dit is steeds weer hetzelfde verhaal
dat je zo vaak in de Bijbelse verhalen

637
00:37:33,690 --> 00:37:38,370
aantreft: de heidenen worden vaak
afgeschilderd als mensen die meer

638
00:37:38,370 --> 00:37:44,070
openstaan voor God en meer gehoor geven
aan God dan zelfs het volk van God.

639
00:37:44,070 --> 00:37:46,530
Aan het einde van vers 6 staat:

640
00:37:46,530 --> 00:37:50,550
Toch vragen jullie: ‘Waardoor
verachten wij Uw Naam?’

641
00:37:50,550 --> 00:37:52,230
En Hij antwoordt:

642
00:37:52,230 --> 00:37:55,650
Doordat u onrein brood
op Mijn altaar brengt.

643
00:37:55,650 --> 00:37:58,770
En u zegt: Waardoor maken wij U onrein?

644
00:37:58,770 --> 00:38:03,510
Doordat u zegt: De tafel van
de HEERE, die is verachtelijk.

645
00:38:03,510 --> 00:38:07,350
De voornaamste taak van de
priester is het brengen van offers,

646
00:38:07,350 --> 00:38:10,290
en zij offerden verontreinigd voedsel.

647
00:38:10,290 --> 00:38:14,130
Verontreinigd voedsel wil
zeggen onrein voedsel,

648
00:38:14,130 --> 00:38:19,230
en dat betekent eenvoudig dat het niet
geschikt is om geofferd te worden.

649
00:38:19,230 --> 00:38:22,410
Wat Hij precies met
verontreinigd voedsel bedoelt,

650
00:38:22,410 --> 00:38:24,870
vertelt Hij ons hier iets verderop.

651
00:38:24,870 --> 00:38:28,650
Of onrein, ongepast, ongeschikt.

652
00:38:28,650 --> 00:38:34,590
Nogmaals, ‘verachtelijk’ betekent dat
iets veracht of geringgeacht wordt.

653
00:38:34,590 --> 00:38:38,430
Ze nemen het heilige meubilair,
de heilige voorschriften

654
00:38:38,430 --> 00:38:42,630
en de heilige roeping die ze als
priesters hebben, niet ernstig.

655
00:38:42,630 --> 00:38:46,950
En als u een blind dier ten
offer brengt: Dat is niet erg!

656
00:38:46,950 --> 00:38:52,230
En als u een kreupel of ziek dier
ten offer brengt: Dat is niet erg!

657
00:38:52,230 --> 00:38:54,810
Bied het maar eens aan uw landvoogd aan.

658
00:38:54,810 --> 00:38:58,410
Zou hij u goedgezind
zijn of u ter wille zijn?

659
00:38:58,410 --> 00:39:01,290
Dit zegt de HEERE van de legermachten.

660
00:39:01,290 --> 00:39:05,370
Nu dan, tracht toch het aangezicht
van God gunstig te stemmen,

661
00:39:05,370 --> 00:39:07,830
dat Hij ons genadig zal zijn.

662
00:39:07,830 --> 00:39:12,210
Dit gebeurt door uw hand:
zou Hij u ter wille zijn?

663
00:39:12,210 --> 00:39:14,430
zegt de HEERE van de legermachten.

664
00:39:14,430 --> 00:39:19,710
Het offeren van blinde en kreupele dieren,
waarvan Hij zegt dat ze die als offer

665
00:39:19,710 --> 00:39:24,570
brachten, wordt op een aantal plaatsen
in het Oude Testament verboden.

666
00:39:24,570 --> 00:39:32,130
Deuteronomium 15:21 verbiedt
dit, en Deuteronomium 17:1 ook.

667
00:39:32,130 --> 00:39:37,590
Leviticus hoofdstuk 22,
vers 21 tot en met 25,

668
00:39:37,590 --> 00:39:42,390
somt eveneens de soorten dieren
op die niet geofferd mogen worden.

669
00:39:42,390 --> 00:39:47,250
Blinde dieren en kreupele dieren
mogen niet geofferd worden.

670
00:39:47,250 --> 00:39:49,650
Eén reden waarom dit zo
beledigend is voor God,

671
00:39:49,650 --> 00:39:54,450
is natuurlijk dat het op geen enkele
manier van eerbied of liefde getuigt

672
00:39:54,450 --> 00:39:57,090
als je iets offert wat je niets kost.

673
00:39:57,090 --> 00:40:00,090
Liefde houdt in alle
relaties de bereidheid in

674
00:40:00,090 --> 00:40:03,990
om bepaalde offers te brengen,
om je rechten of je bezittingen

675
00:40:03,990 --> 00:40:08,490
of wat dan ook voor iemand anders
op te geven. Dat is wat liefde is.

676
00:40:08,490 --> 00:40:12,210
Zo wordt liefde zichtbaar:
je offert wat van jou is op

677
00:40:12,210 --> 00:40:14,310
voor de persoon van wie je houdt.

678
00:40:14,310 --> 00:40:18,270
God liefhebben betekent dat je
bereid bent iets op te offeren.

679
00:40:18,270 --> 00:40:21,570
Maar als je een blind dier
of een kreupel dier offert,

680
00:40:21,570 --> 00:40:25,530
dan offer je een dier dat het
waarschijnlijk toch niet zal overleven.

681
00:40:25,530 --> 00:40:29,550
Het is waarschijnlijk een dier uit
je kudde dat je zult moeten afmaken.

682
00:40:29,550 --> 00:40:33,270
Je kunt nu eenmaal geen blinde dieren
hebben die overal tegenaan lopen,

683
00:40:33,270 --> 00:40:36,630
en kreupele dieren zullen
niet kunnen functioneren.

684
00:40:36,630 --> 00:40:41,970
Een herder, of iemand met vee, zou
die dieren gewoonlijk toch al afmaken.

685
00:40:41,970 --> 00:40:43,770
Ze zullen geen waarde hebben.

686
00:40:43,770 --> 00:40:46,170
Ze zullen niet geschikt
zijn om mee te fokken,

687
00:40:46,170 --> 00:40:49,230
om door te verkopen of
voor iets dergelijks.

688
00:40:49,230 --> 00:40:54,810
Dus zeggen ze: ‘Laten we dit dier aan God
offeren, want we raken het toch al kwijt.’

689
00:40:54,810 --> 00:40:58,350
Het lijkt een beetje op wat ik deed
toen ik één dag per week vastte.

690
00:40:58,350 --> 00:41:03,450
Toen we in Bandon in een leefgemeenschap
woonden, aten we altijd in de eetzaal.

691
00:41:03,450 --> 00:41:07,230
In het begin betrapte ik mezelf
erop dat ik naar het weekmenu keek

692
00:41:07,230 --> 00:41:12,330
en op grond van wat er werd geserveerd
bepaalde op welke dag ik zou vasten.

693
00:41:12,330 --> 00:41:17,550
Soms stonden er dingen op het menu die ik
niet zo lekker vond of toch niet zou eten.

694
00:41:17,550 --> 00:41:21,330
En het maakte het voor mij gemakkelijker
om te vasten op de dag dat ze iets

695
00:41:21,330 --> 00:41:25,590
serveerden wat ik toch niet wilde,
iets wat ik toch niet zou eten.

696
00:41:25,590 --> 00:41:29,550
Ik deed dat nog niet zo lang toen
ik besefte waar ik mee bezig was.

697
00:41:29,550 --> 00:41:33,270
Dit is net als blinde en
kreupele dieren aan God offeren.

698
00:41:33,270 --> 00:41:37,230
Wat ik toch niet kan houden, kan
ik net zo goed aan God geven.

699
00:41:37,230 --> 00:41:40,410
Wat ik niet wil hebben,
kan ik net zo goed offeren.

700
00:41:40,410 --> 00:41:43,830
Die maaltijd wil ik niet,
dus die zal ik opofferen.

701
00:41:43,830 --> 00:41:45,870
Op die dag zal ik vasten.

702
00:41:45,870 --> 00:41:48,870
Dat was onder de wet in beginsel verboden.

703
00:41:48,870 --> 00:41:53,310
Niet omdat God zo streng is als het gaat
om dieren en de kwaliteit van dieren,

704
00:41:53,310 --> 00:41:57,510
maar omdat Hij geeft om de houding
van het hart die daaruit blijkt.

705
00:41:57,510 --> 00:42:00,750
Als je God geeft wat voor
jou geen waarde heeft,

706
00:42:00,750 --> 00:42:03,270
toon je daarmee geen enkele eerbied.

707
00:42:03,270 --> 00:42:08,250
Toen David van Arauna het land kocht
waarop de tempel later werd herbouwd,

708
00:42:08,250 --> 00:42:12,030
bood Arauna, of Aravna, of Ornan,

709
00:42:12,030 --> 00:42:16,170
zoals hij op verschillende plaatsen
wordt genoemd, het hem gratis aan.

710
00:42:16,170 --> 00:42:18,150
Dat zul je je herinneren.

711
00:42:18,150 --> 00:42:21,450
David wilde het niet
aannemen, omdat hij zei:

712
00:42:21,450 --> 00:42:26,910
Maar de koning zei tegen Arauna: Nee, ik
wil het beslist voor de volle prijs van u

713
00:42:26,910 --> 00:42:32,850
kopen, want ik wil de HEERE, mijn God,
geen brandoffers brengen die niets kosten.

714
00:42:32,850 --> 00:42:37,410
Zo kocht David de dorsvloer en de
runderen voor vijftig sikkel zilver.

715
00:42:37,410 --> 00:42:40,110
Ik weet dat het in 1 Kronieken staat.

716
00:42:40,110 --> 00:42:47,670
Het staat ook in het allerlaatste
hoofdstuk van 2 Samuel, in 2 Samuel 24:24:

717
00:42:47,670 --> 00:42:52,590
Maar de koning zei tegen Arauna:
Nee, ik wil je er echt voor betalen,

718
00:42:52,590 --> 00:42:54,930
want ik ga de Heer, mijn God,

719
00:42:54,930 --> 00:42:58,230
geen brandoffers brengen
die mij niets hebben gekost.

720
00:42:58,230 --> 00:43:00,150
Dat is in beginsel hetzelfde.

721
00:43:00,150 --> 00:43:04,530
Ik wil God niet iets geven waaruit
blijkt dat het mij geen enkel offer kost,

722
00:43:04,530 --> 00:43:06,510
want dat is betekenisloos.

723
00:43:06,510 --> 00:43:08,730
Het is helemaal geen offer.

724
00:43:08,730 --> 00:43:13,351
Maleachi zegt: als je zo'n geschenk
aan je landvoogd zou aanbieden —

725
00:43:13,351 --> 00:43:17,370
als een deel van de belasting die je aan
je overheid betaalde uit vee bestond,

726
00:43:17,370 --> 00:43:22,050
en je bracht vee waarvan de landvoogd in
één oogopslag kon zien dat het gebrekkig

727
00:43:22,050 --> 00:43:27,210
was en dat je er zelf toch niets aan
had — zou hij dan blij met je zijn?

728
00:43:27,210 --> 00:43:29,790
En jij verwacht dat God blij met je is?

729
00:43:29,790 --> 00:43:33,810
Door dit te doen toon je God minder
respect dan je in zo'n geval je

730
00:43:33,810 --> 00:43:35,550
landvoogd zou tonen.

731
00:43:35,550 --> 00:43:37,110
Nu vers 10:

732
00:43:37,110 --> 00:43:40,170
Was er ook maar iemand onder
u die de deuren zou sluiten,

733
00:43:40,170 --> 00:43:43,590
dan zou u niet zonder reden
Mijn altaar aansteken.

734
00:43:43,590 --> 00:43:47,490
Ik heb geen welgevallen in u,
zegt de HEERE van de legermachten,

735
00:43:47,490 --> 00:43:50,550
en een graanoffer uit uw
hand aanvaard Ik niet.

736
00:43:50,550 --> 00:43:52,530
Hij spreekt tegen de priesters.

737
00:43:52,530 --> 00:43:55,590
Het sluiten van de deuren verwijst
waarschijnlijk naar de deuren van de

738
00:43:55,590 --> 00:43:58,230
tempel of de poorten van de tempel.

739
00:43:58,230 --> 00:44:02,310
Naar alle waarschijnlijkheid bedoelt Hij
dat de priesters deze gebrekkige dieren

740
00:44:02,310 --> 00:44:05,190
zouden moeten afwijzen
wanneer de mensen ze brengen.

741
00:44:05,190 --> 00:44:07,110
Dat was de taak van de priesters:

742
00:44:07,110 --> 00:44:11,850
de dieren onderzoeken en vaststellen
of ze geschikt waren om te gebruiken.

743
00:44:11,850 --> 00:44:15,630
Je zou kunnen zeggen dat het de schuld van
het volk was dat het deze dingen offerde,

744
00:44:15,630 --> 00:44:17,070
en dat was ook zo.

745
00:44:17,070 --> 00:44:19,590
Maar het was ook de schuld van de leiders.

746
00:44:19,590 --> 00:44:23,790
De priesters hadden deze dieren moeten
weigeren en moeten zeggen: ‘Nee,

747
00:44:23,790 --> 00:44:25,590
met zo'n dier kun je niet komen.

748
00:44:25,590 --> 00:44:28,110
Je moet er een brengen
dat aan de eisen voldoet.’

749
00:44:28,110 --> 00:44:32,310
Maar dat deden ze niet. Ze lieten
de deuren gewoon openstaan.

750
00:44:32,310 --> 00:44:34,170
De priesters hadden honger.

751
00:44:34,170 --> 00:44:36,030
Ze kregen hun tienden niet.

752
00:44:36,030 --> 00:44:37,950
Ze moesten toch iets eten.

753
00:44:37,950 --> 00:44:41,730
Dus ze zeiden: ‘Een blind
dier is beter dan niets.

754
00:44:41,730 --> 00:44:43,470
Het vlees is goed.’

755
00:44:43,470 --> 00:44:47,850
In plaats van aan hun principes vast
te houden en te zeggen: ‘Wacht eens,

756
00:44:47,850 --> 00:44:50,550
we kunnen deze offers
niet van jullie aannemen’,

757
00:44:50,550 --> 00:44:55,350
lieten ze de deuren wijd openstaan en
namen ze de minderwaardige offers aan.

758
00:44:55,350 --> 00:44:58,710
Dat kwam ongetwijfeld doordat
de priesters honger hadden,

759
00:44:58,710 --> 00:45:01,410
en een offer was voedsel voor priesters.

760
00:45:01,410 --> 00:45:05,790
Maar God zegt: is er onder jullie
priesters iemand die genoeg principes

761
00:45:05,790 --> 00:45:09,630
heeft, genoeg ruggengraat,
om de deuren te sluiten,

762
00:45:09,630 --> 00:45:13,890
zodat jullie niet doorgaan met het
brengen van deze zinloze offers?

763
00:45:13,890 --> 00:45:16,950
Laat geen mensen binnen
met dat soort offers.

764
00:45:16,950 --> 00:45:20,070
Sta erop dat ze met
het juiste soort komen.

765
00:45:20,070 --> 00:45:24,450
Misschien zul je honger lijden, maar
het blijft een kwestie van principes.

766
00:45:24,450 --> 00:45:25,590
Hij zegt:

767
00:45:25,590 --> 00:45:28,830
Was er ook maar iemand onder
u die de deuren zou sluiten,

768
00:45:28,830 --> 00:45:32,850
dan zou u niet zonder reden
Mijn altaar aansteken.

769
00:45:32,850 --> 00:45:36,870
Ik heb geen welgevallen in u,
zegt de HEERE van de legermachten,

770
00:45:36,870 --> 00:45:40,710
en een graanoffer uit uw
hand aanvaard Ik niet.

771
00:45:40,710 --> 00:45:43,890
Want vanwaar de zon opkomt
tot waar hij ondergaat,

772
00:45:43,890 --> 00:45:47,010
zal Mijn Naam groot zijn
onder de heidenvolken;

773
00:45:47,010 --> 00:45:50,970
in elke plaats zal aan Mijn Naam
een reukoffer gebracht worden,

774
00:45:50,970 --> 00:45:53,130
en een rein graanoffer.

775
00:45:53,130 --> 00:45:57,150
Voorzeker, Mijn Naam zal groot
zijn onder de heidenvolken,

776
00:45:57,150 --> 00:45:59,130
zegt de HEERE van de legermachten.

777
00:45:59,130 --> 00:46:02,310
‘Vanwaar de zon opkomt
tot waar hij ondergaat’

778
00:46:02,310 --> 00:46:05,430
is een uitdrukking die we
zouden kunnen opvatten als:

779
00:46:05,430 --> 00:46:08,790
van zonsopgang tot zonsondergang.

780
00:46:08,790 --> 00:46:10,650
Maar dat betekent het niet.

781
00:46:10,650 --> 00:46:14,670
In het Hebreeuws betekent de
opgang van de zon het oosten,

782
00:46:14,670 --> 00:46:17,910
en de ondergang ervan
verwijst naar het westen.

783
00:46:17,910 --> 00:46:21,930
Je zult dit steeds tegenkomen in
sommige Psalmen en sommige andere

784
00:46:21,930 --> 00:46:23,790
delen van het Oude Testament.

785
00:46:23,790 --> 00:46:28,470
Je kunt zien dat het dat betekent, omdat
er Schriftgedeelten zijn waar staat:

786
00:46:28,470 --> 00:46:33,510
Van waar de zon opkomt tot in het
westen Daar wordt de opgang van de zon

787
00:46:33,510 --> 00:46:36,030
duidelijk tegenover het westen geplaatst.

788
00:46:36,030 --> 00:46:38,970
De opgang van de zon is het oosten.

789
00:46:38,970 --> 00:46:40,170
Je vindt ook:

790
00:46:40,170 --> 00:46:43,770
Van het oosten tot waar de zon ondergaat.

791
00:46:43,770 --> 00:46:46,470
Deze uitdrukking komt in de Schrift voor.

792
00:46:46,470 --> 00:46:49,290
Het ondergaan van de zon is het westen.

793
00:46:49,290 --> 00:46:52,290
Het verwijst naar een
geografische richting,

794
00:46:52,290 --> 00:46:54,450
niet naar een tijdstip van de dag.

795
00:46:54,450 --> 00:46:58,470
Wat Hij dus zegt, is: van
het oosten tot het westen,

796
00:46:58,470 --> 00:47:02,490
over de hele uitgestrektheid
van de wereld, Ik ben...

797
00:47:02,490 --> 00:47:04,590
Mijn Naam zal groot zijn.

798
00:47:04,590 --> 00:47:10,350
In vers 5 stond dat de Heere buiten de
grens van Israël grootgemaakt zal worden.

799
00:47:10,350 --> 00:47:16,230
Nu wordt ons verteld hoe ver buiten die
grens: van het oosten tot het westen,

800
00:47:16,230 --> 00:47:19,050
onder elk volk, onder de heidenen.

801
00:47:19,050 --> 00:47:23,490
En Hij zegt dit als een terechtwijzing,
want het is duidelijk dat Hij zegt:

802
00:47:23,490 --> 00:47:26,070
Mijn Naam is onder jullie niet groot.

803
00:47:26,070 --> 00:47:29,970
Zelfs de priesters verachten
Zijn Naam, zegt Hij in vers 6.

804
00:47:29,970 --> 00:47:34,290
Maar de heidenen die jullie verachten,
zullen Zijn Naam wel degelijk eren.

805
00:47:34,290 --> 00:47:39,030
Er zal Hem reukwerk worden aangeboden,
en een offer, een rein offer.

806
00:47:39,030 --> 00:47:43,170
Natuurlijk vat ik dit geestelijk op, want
Hij doelt op het feit dat het Evangelie

807
00:47:43,170 --> 00:47:47,310
naar de volken is uitgegaan en dat
de volken het hebben aangenomen,

808
00:47:47,310 --> 00:47:49,950
terwijl de meeste Joden
het hebben verworpen.

809
00:47:49,950 --> 00:47:52,470
Het reukwerk en de offers die wij brengen,

810
00:47:52,470 --> 00:47:55,470
krijgen in de Schrift een
geestelijke betekenis.

811
00:47:55,470 --> 00:48:01,530
In Openbaring 5:8 staat dat het
reukwerk de gebeden van de heiligen is.

812
00:48:01,530 --> 00:48:07,350
Openbaring 5:8 zegt dat het reukwerk
de gebeden van de heiligen is.

813
00:48:07,350 --> 00:48:13,590
Wat offers betreft, zegt Hebreeën
13:15 dat wij God een lofoffer brengen.

814
00:48:13,590 --> 00:48:19,050
Onze gebeden en onze lofprijzing worden in
het Nieuwe Testament dus gelijkgesteld aan

815
00:48:19,050 --> 00:48:20,910
reukwerk en offers.

816
00:48:20,910 --> 00:48:22,350
Wanneer God zegt:

817
00:48:22,350 --> 00:48:25,590
Was er ook maar iemand onder
u die de deuren zou sluiten,

818
00:48:25,590 --> 00:48:29,070
dan zou u niet zonder reden
Mijn altaar aansteken.

819
00:48:29,070 --> 00:48:33,150
Ik heb geen welgevallen in u,
zegt de HEERE van de legermachten,

820
00:48:33,150 --> 00:48:36,390
en een graanoffer uit uw
hand aanvaard Ik niet.

821
00:48:36,390 --> 00:48:39,810
Want vanwaar de zon opkomt
tot waar hij ondergaat,

822
00:48:39,810 --> 00:48:43,050
zal Mijn Naam groot zijn
onder de heidenvolken;

823
00:48:43,050 --> 00:48:46,770
in elke plaats zal aan Mijn Naam
een reukoffer gebracht worden,

824
00:48:46,770 --> 00:48:48,990
en een rein graanoffer.

825
00:48:48,990 --> 00:48:53,190
Voorzeker, Mijn Naam zal groot
zijn onder de heidenvolken,

826
00:48:53,190 --> 00:48:55,410
zegt de HEERE van de legermachten.

827
00:48:55,410 --> 00:48:57,810
dan doelt Hij eigenlijk op de gemeente:

828
00:48:57,810 --> 00:49:00,090
de heidenen die hun lofprijzing en hun

829
00:49:00,090 --> 00:49:04,170
gebeden aan God aanbieden op een
manier die Hem welgevallig is,

830
00:49:04,170 --> 00:49:08,130
in tegenstelling tot de manier
waarop de Joden dat destijds deden.

831
00:49:08,130 --> 00:49:09,270
Vers 12:

832
00:49:09,270 --> 00:49:14,730
Maar jullie ontheiligen het Dat wil
zeggen: jullie ontheiligen Mijn Naam.

833
00:49:14,730 --> 00:49:20,550
Maar u ontheiligt hem, wanneer u zegt:
De tafel van de Heere, die is onrein,

834
00:49:20,550 --> 00:49:24,990
en wat zij oplevert, haar
voedsel, is verachtelijk.

835
00:49:24,990 --> 00:49:28,350
Verder zegt u: Zie, wat een vermoeienis!

836
00:49:28,350 --> 00:49:32,670
Maar u zou het kunnen wegblazen,
zegt de HEERE van de legermachten.

837
00:49:32,670 --> 00:49:36,450
U brengt wat geroofd, kreupel en ziek is.

838
00:49:36,450 --> 00:49:41,550
Als u dat graanoffer brengt, zou Ik dat
uit uw hand aanvaarden? zegt de HEERE.

839
00:49:41,550 --> 00:49:44,610
Ze worden het moe om God te dienen.

840
00:49:44,610 --> 00:49:49,230
Ja, vervloekt is de bedrieger die een
mannetjesdier in zijn kudde heeft,

841
00:49:49,230 --> 00:49:53,670
en een gelofte doet, maar aan de
Heere offert wat geschonden is!

842
00:49:53,670 --> 00:49:58,890
Voorzeker, Ik ben een groot Koning,
zegt de HEERE van de legermachten,

843
00:49:58,890 --> 00:50:02,250
en Mijn Naam is ontzagwekkend
onder de volken.

844
00:50:02,250 --> 00:50:04,710
En vooral onder het volk Israël.

845
00:50:04,710 --> 00:50:09,570
Hij zegt dat er een vloek rust op iemand
die een beter dier in zijn kudde heeft

846
00:50:09,570 --> 00:50:14,550
en God een dier verschuldigd is omdat
hij een of andere gelofte heeft gedaan.

847
00:50:14,550 --> 00:50:18,270
Hij moet zijn gelofte nakomen
door een dier te offeren.

848
00:50:18,270 --> 00:50:21,450
In plaats van het geschikte
dier uit zijn kudde te nemen,

849
00:50:21,450 --> 00:50:23,490
neemt hij een dier met een gebrek.

850
00:50:23,490 --> 00:50:28,110
De vloek rust niet op mensen die dieren
met gebreken offeren omdat ze niets anders

851
00:50:28,110 --> 00:50:30,330
hebben dan dieren met gebreken.

852
00:50:30,330 --> 00:50:33,210
Er waren waarschijnlijk
niet veel van zulke mensen.

853
00:50:33,210 --> 00:50:37,590
Als je maar één dier had, was de kans
niet groot dat het een gebrek had,

854
00:50:37,590 --> 00:50:42,570
tenzij je ongelooflijk arm was en alleen
een minderwaardig dier kon betalen.

855
00:50:42,570 --> 00:50:46,950
Als je dat aan God offerde, zou God
het, denk ik, hebben aangenomen,

856
00:50:46,950 --> 00:50:48,750
ook al had het een gebrek.

857
00:50:48,750 --> 00:50:52,830
Het zou namelijk zijn zoals bij de
vrouw die haar twee penningen gaf.

858
00:50:52,830 --> 00:50:54,210
Het was alles wat ze had.

859
00:50:54,210 --> 00:50:58,650
Het was geen grote gift, maar er
sprak heel veel toewijding uit.

860
00:50:58,650 --> 00:51:02,850
Hij veroordeelt dus degenen die
daadwerkelijk iets beters kunnen offeren,

861
00:51:02,850 --> 00:51:05,670
maar liever iets minderwaardigs geven.

862
00:51:05,670 --> 00:51:09,150
In hoofdstuk 2 blijft Hij
de priesters aanspreken.

863
00:51:09,150 --> 00:51:12,390
Nu dan, tot u komt dit gebod, priesters!

864
00:51:12,390 --> 00:51:17,670
Als u niet luistert en als u het niet ter
harte neemt om Mijn Naam eer te geven,

865
00:51:17,670 --> 00:51:22,050
zegt de HEERE van de legermachten,
zal Ik de vloek onder u zenden en

866
00:51:22,050 --> 00:51:23,790
uw zegeningen vervloeken.

867
00:51:23,790 --> 00:51:28,650
Ja, Ik heb ze al vervloekt,
want u neemt het niet ter harte.

868
00:51:28,650 --> 00:51:33,210
Dat vervloeken van hun zegeningen kan te
maken hebben met het laten opdrogen van

869
00:51:33,210 --> 00:51:37,950
hun inkomsten, wat Hij naar eigen
zeggen al heeft gedaan. Hoe?

870
00:51:37,950 --> 00:51:39,810
Ze ontvangen hun tienden niet.

871
00:51:39,810 --> 00:51:41,970
Dat komt later ter sprake.

872
00:51:41,970 --> 00:51:46,170
God verwijt het volk in hoofdstuk
3 dat ze hun tienden niet brengen,

873
00:51:46,170 --> 00:51:49,050
waarmee de priesters
onderhouden zouden worden.

874
00:51:49,050 --> 00:51:51,330
Hier krijg je dus twee signalen.

875
00:51:51,330 --> 00:51:56,670
Aan de ene kant heeft God de priesters
vervloekt en hun inkomsten laten opdrogen.

876
00:51:56,670 --> 00:52:00,930
Dat gebeurt natuurlijk doordat het
volk zijn tienden niet betaalt.

877
00:52:00,930 --> 00:52:06,030
Aan de andere kant krijgt het volk het
verwijt dat het zijn tienden niet brengt.

878
00:52:06,030 --> 00:52:11,790
De middenweg tussen die twee vind je
in vers 9 van hoofdstuk 2. Daar staat:

879
00:52:11,790 --> 00:52:16,950
Daarom heb Ik ook u verachtelijk gemaakt
en onbeduidend voor heel het volk,

880
00:52:16,950 --> 00:52:21,570
want u neemt Mijn wegen niet in acht
en ziet bij uw onderwijs in de wet

881
00:52:21,570 --> 00:52:22,710
de persoon aan.

882
00:52:22,710 --> 00:52:26,310
omdat jullie je niet aan Mijn wegen
hebben gehouden zoals het hoort,

883
00:52:26,310 --> 00:52:29,850
en jullie bij de toepassing van
de wet partijdig zijn geweest.

884
00:52:29,850 --> 00:52:34,350
Omdat de priesters Hem onteerd hebben,
heeft God ervoor gezorgd dat het

885
00:52:34,350 --> 00:52:37,170
volk geen respect voor de priesters heeft.

886
00:52:37,170 --> 00:52:40,950
Dat is natuurlijk de reden waarom
ze hun tienden niet brengen om de

887
00:52:40,950 --> 00:52:42,690
priesters te onderhouden.

888
00:52:42,690 --> 00:52:46,530
Als voorgangers merken dat de giften
in de gemeente waarin ze dienen

889
00:52:46,530 --> 00:52:49,230
niet helemaal zijn wat ze zouden wensen,

890
00:52:49,230 --> 00:52:52,650
zijn er een aantal mogelijke
antwoorden op dat probleem.

891
00:52:52,650 --> 00:52:57,330
Eén mogelijkheid is dat de gemeente
minder nodig heeft dan ze denken.

892
00:52:57,330 --> 00:53:01,650
Misschien hebben ze een paar dure
projecten die God niet wil financieren,

893
00:53:01,650 --> 00:53:03,510
en is er dus genoeg geld.

894
00:53:03,510 --> 00:53:07,110
Maar een andere mogelijkheid is
dat de mensen in die gemeente

895
00:53:07,110 --> 00:53:09,330
misschien gewoon niet gevoed worden.

896
00:53:09,330 --> 00:53:13,830
Wanneer mensen gevoed worden — als je naar
een restaurant gaat en je vindt het lekker

897
00:53:13,830 --> 00:53:18,150
wat ze serveren, dan vind je het
niet erg om de rekening te betalen.

898
00:53:18,150 --> 00:53:22,410
Je geeft zelfs graag een goede
fooi als je goed bediend bent.

899
00:53:22,410 --> 00:53:25,170
Vooral die fooi: dat is een gift.

900
00:53:25,170 --> 00:53:27,510
Die geef je uit vrijgevigheid.

901
00:53:27,510 --> 00:53:32,610
De meesten van ons — ik weet het niet,
misschien zijn er een paar gierigaards,

902
00:53:32,610 --> 00:53:36,150
maar ik vind het niet erg om
een heel royale fooi te geven

903
00:53:36,150 --> 00:53:39,090
als ik in een restaurant
heel goed bediend ben.

904
00:53:39,090 --> 00:53:42,570
En ik denk dat mensen op
dezelfde manier zouden reageren,

905
00:53:42,570 --> 00:53:47,070
zoals ze doorgaans ook gedaan hebben
in gemeenten waar ze goed gevoed worden

906
00:53:47,070 --> 00:53:50,070
en waar goed in hun geestelijke
behoeften wordt voorzien.

907
00:53:50,070 --> 00:53:53,070
Mensen willen er heel graag
voor zorgen dat die gemeente

908
00:53:53,070 --> 00:53:58,590
in zulke behoeften kan blijven voorzien,
en willen haar voortbestaan financieren.

909
00:53:58,590 --> 00:54:03,090
Ik denk vooral aan de gemeente die in de
loop der tijd de meeste invloed op mij

910
00:54:03,090 --> 00:54:07,770
heeft gehad, en dat is
Calvary Chapel Costa Mesa.

911
00:54:07,770 --> 00:54:09,810
Chuck vroeg nooit om geld.

912
00:54:09,810 --> 00:54:13,350
Op zondagochtend lieten ze
een collecteschaal rondgaan,

913
00:54:13,350 --> 00:54:16,290
maar ze hadden elke avond
van de week een dienst.

914
00:54:16,290 --> 00:54:19,230
Dan lieten ze nooit een schaal rondgaan.

915
00:54:19,230 --> 00:54:22,590
Er stond gewoon een doos
achterin als je iets wilde geven.

916
00:54:22,590 --> 00:54:26,790
Hij maakte van geld nooit
een punt. Hij bedelde nooit.

917
00:54:26,790 --> 00:54:30,690
Het enige waar hij zich op
toelegde, was de kudde voeden.

918
00:54:30,690 --> 00:54:34,710
Gewoon voeden, hun gewoon
onderwijs blijven geven.

919
00:54:34,710 --> 00:54:37,950
En hij hoefde van geld
nooit een punt te maken.

920
00:54:37,950 --> 00:54:40,590
Hij hoefde het zelfs nooit te noemen.

921
00:54:40,590 --> 00:54:44,910
En hij heeft waarschijnlijk een van
de welvarendste gemeenten ter wereld.

922
00:54:44,910 --> 00:54:50,730
Ze zijn ongelooflijk rijk, en dat zonder
ooit te proberen mensen te manipuleren,

923
00:54:50,730 --> 00:54:54,270
aan te sporen of een
schuldgevoel aan te praten.

924
00:54:54,270 --> 00:54:57,810
Wanneer mensen goed gediend
worden, wanneer er goed in hun

925
00:54:57,810 --> 00:55:02,310
geestelijke behoeften wordt voorzien,
zijn ze geneigd daarop te reageren

926
00:55:02,310 --> 00:55:06,450
door in de financiële behoeften te
voorzien van degenen die hen dienen.

927
00:55:06,450 --> 00:55:09,030
Dat gebeurde bij deze priesters niet.

928
00:55:09,030 --> 00:55:12,690
Zij voorzagen niet in de
geestelijke behoeften van het volk.

929
00:55:12,690 --> 00:55:15,930
Daarom waren ze verachtelijk
in de ogen van de mensen.

930
00:55:15,930 --> 00:55:20,190
God maakte hen verachtelijk, en daarom
betaalden de mensen de tienden niet.

931
00:55:20,190 --> 00:55:23,850
Dus zegt Hij in hoofdstuk 2, vers 2:

932
00:55:23,850 --> 00:55:28,770
Als u niet luistert en als u het niet ter
harte neemt om Mijn Naam eer te geven,

933
00:55:28,770 --> 00:55:32,970
zegt de HEERE van de legermachten,
zal Ik de vloek onder u zenden en

934
00:55:32,970 --> 00:55:35,010
uw zegeningen vervloeken.

935
00:55:35,010 --> 00:55:39,090
Ja, Ik heb ze al vervloekt,
want u neemt het niet ter harte.

936
00:55:39,090 --> 00:55:44,190
Zie, Ik ga uw nageslacht bestraffen:
Ik zal mest op uw gezicht strooien,

937
00:55:44,190 --> 00:55:48,330
de mest van uw feesten, en
daarmee zal men u wegdragen.

938
00:55:48,330 --> 00:55:51,630
Nu betekent het woord voor
afval hier eigenlijk mest.

939
00:55:51,630 --> 00:55:55,110
Het betekent dierenpoep.
En wanneer er staat:

940
00:55:55,110 --> 00:55:57,690
En iemand zal jullie
samen daarmee afvoeren,

941
00:55:57,690 --> 00:56:01,350
dan doelt Hij hier op het feit dat
er bij het offeren van een dier

942
00:56:01,350 --> 00:56:04,590
bepaalde delen van dat
dier niet geofferd werden.

943
00:56:04,590 --> 00:56:07,530
Sommige delen werden gewoon
als onrein beschouwd,

944
00:56:07,530 --> 00:56:10,650
en daar hoorde ook de
inhoud van de darmen bij.

945
00:56:10,650 --> 00:56:14,190
De ontlasting werd doorgaans
niet op het altaar geofferd.

946
00:56:14,190 --> 00:56:17,970
Die werd samen met enkele andere
lichaamsdelen — vaak de kop

947
00:56:17,970 --> 00:56:19,170
— apart gelegd.

948
00:56:19,170 --> 00:56:22,410
Die werden niet zoals de
rest bereid en opgegeten.

949
00:56:22,410 --> 00:56:25,170
Ze werden naar een bepaalde
plaats gebracht waar

950
00:56:25,170 --> 00:56:27,210
onreine dingen werden gestort.

951
00:56:27,210 --> 00:56:32,010
En zo werd elke dag al die dierenpoep en
dat spul dat uit de geofferde dieren werd

952
00:56:32,010 --> 00:56:35,370
gehaald, de stad uit
gedragen, Jeruzalem uit,

953
00:56:35,370 --> 00:56:39,270
en op een bepaalde stortplaats
gedumpt. Wanneer Hij dus zegt:

954
00:56:39,270 --> 00:56:41,790
Ik ga de poep over jullie gezicht smeren

955
00:56:41,790 --> 00:56:45,870
en ze zullen jullie samen daarmee
afvoeren, dan zegt Hij in wezen:

956
00:56:45,870 --> 00:56:50,070
Jullie zijn net zo onrein als die delen
van het offer die altijd als onrein worden

957
00:56:50,070 --> 00:56:53,550
beschouwd, en jullie zullen worden
afgevoerd zoals jullie die delen van

958
00:56:53,550 --> 00:56:55,170
het offer afvoeren.

959
00:56:55,170 --> 00:56:56,910
Dat zegt Hij tegen hen.

960
00:56:56,910 --> 00:56:59,610
Wanneer is dit nu gebeurd? Hij zei:

961
00:56:59,610 --> 00:57:04,350
Ik ga jullie nakomelingen terechtwijzen,
de nakomelingen van de priesters.

962
00:57:04,350 --> 00:57:06,270
Wat is de vervulling hiervan?

963
00:57:06,270 --> 00:57:09,030
Nou, eerlijk gezegd kan ik
daar niet zeker van zijn,

964
00:57:09,030 --> 00:57:12,330
want hierna waren er verschillende
momenten waarop de priesters

965
00:57:12,330 --> 00:57:14,310
ernstige problemen hadden.

966
00:57:14,310 --> 00:57:18,390
Antiochus Epiphanes heeft
hen beslist slecht behandeld.

967
00:57:18,390 --> 00:57:23,070
We weten dat de overpriesters degenen
waren die Jezus veroordeelden.

968
00:57:23,070 --> 00:57:27,030
En Paulus sprak een vloek uit
over de hogepriester in zijn tijd.

969
00:57:27,030 --> 00:57:30,270
En natuurlijk maakte het
jaar 70 na Christus een

970
00:57:30,270 --> 00:57:32,850
einde aan het hele priesterlijke stelsel.

971
00:57:32,850 --> 00:57:35,550
De priesters werden uit
de tempel weggevoerd,

972
00:57:35,550 --> 00:57:38,970
zoals het onreine spul van
het altaar werd weggevoerd.

973
00:57:38,970 --> 00:57:42,210
De priesters werden voorgoed
van het altaar verwijderd.

974
00:57:42,210 --> 00:57:46,110
En misschien zijn dit de nakomelingen
van de priesters bij wie deze

975
00:57:46,110 --> 00:57:48,030
profetie in vervulling ging.

976
00:57:48,030 --> 00:57:53,910
Het was een latere generatie, niet
Maleachi's eigen generatie. Hij zegt:

977
00:57:53,910 --> 00:57:59,130
Als u niet luistert en als u het niet ter
harte neemt om Mijn Naam eer te geven,

978
00:57:59,130 --> 00:58:03,570
zegt de HEERE van de legermachten,
zal Ik de vloek onder u zenden

979
00:58:03,570 --> 00:58:05,790
en uw zegeningen vervloeken.

980
00:58:05,790 --> 00:58:09,870
Ja, Ik heb ze al vervloekt,
want u neemt het niet ter harte.

981
00:58:09,870 --> 00:58:14,850
Zie, Ik ga uw nageslacht bestraffen:
Ik zal mest op uw gezicht strooien,

982
00:58:14,850 --> 00:58:18,990
de mest van uw feesten, en
daarmee zal men u wegdragen.

983
00:58:18,990 --> 00:58:20,310
en Hij zegt:

984
00:58:20,310 --> 00:58:22,290
Zo zal Ik ze behandelen.

985
00:58:22,290 --> 00:58:23,370
Vers 4:

986
00:58:23,370 --> 00:58:26,250
Dan zult u weten dat Ik dit
gebod tot u gezonden heb,

987
00:58:26,250 --> 00:58:30,930
opdat Mijn verbond met Levi blijven
zou, zegt de HEERE van de legermachten.

988
00:58:30,930 --> 00:58:35,370
of met de Levieten. Ook hier
is Levi geen man, maar de stam,

989
00:58:35,370 --> 00:58:40,050
net zoals Jakob en Ezau eerder niet
de mannen waren, maar hun volken.

990
00:58:40,050 --> 00:58:43,590
Dus hier verwijst Levi
duidelijk niet naar de man Levi,

991
00:58:43,590 --> 00:58:47,430
zoals we gemakkelijk kunnen zien
aan wat er over hem gezegd wordt.

992
00:58:47,430 --> 00:58:51,690
Mijn verbond met hem was:
het leven en de vrede.

993
00:58:51,690 --> 00:58:55,890
Die gaf Ik hem, tot vrees
voor Mij, en hij vreesde Mij

994
00:58:55,890 --> 00:58:59,370
en in de tegenwoordigheid van
Mijn Naam was hij verschrikt.

995
00:58:59,370 --> 00:59:02,010
Dat geldt zeker niet voor de man Levi.

996
00:59:02,010 --> 00:59:05,070
Hij was een van de
slechtste zonen van Jakob.

997
00:59:05,070 --> 00:59:10,530
Hij en zijn broer Simeon waren degenen
die de hele stad Sichem uitmoordden

998
00:59:10,530 --> 00:59:13,710
en daarvoor hun
eerstgeboorterecht verloren.

999
00:59:13,710 --> 00:59:18,090
Dit beschrijft niet de man Levi,
maar verwijst naar de Levieten.

1000
00:59:18,090 --> 00:59:21,150
Niet noodzakelijk naar een
bepaalde generatie Levieten,

1001
00:59:21,150 --> 00:59:23,370
maar naar de Levieten op hun best.

1002
00:59:23,370 --> 00:59:28,410
Toen de Levieten op hun best waren, hadden
ze hun momenten waarop ze vroom waren.

1003
00:59:28,410 --> 00:59:32,610
En natuurlijk waren er andere
perioden waarin ze niet vroom waren.

1004
00:59:32,610 --> 00:59:35,970
Misschien verwijst Hij naar
de gelegenheid waarbij Mozes,

1005
00:59:35,970 --> 00:59:39,750
tijdens het voorval met het
gouden kalf, de oproep deed:

1006
00:59:39,750 --> 00:59:44,610
ging Mozes bij de ingang van het kamp
staan en zei: Wie bij de HEERE hoort,

1007
00:59:44,610 --> 00:59:46,230
moet bij mij komen.

1008
00:59:46,230 --> 00:59:49,110
Toen verzamelden al de
Levieten zich bij hem.

1009
00:59:49,110 --> 00:59:53,010
En de Levieten kwamen naar hem toe,
en hij stuurde hen eropuit om het

1010
00:59:53,010 --> 00:59:56,910
oordeel te voltrekken aan degenen
die afgodendienaars waren.

1011
00:59:56,910 --> 01:00:02,010
Dat impliceert dat de Levieten zelf
óf geen afgoderij hadden bedreven, óf,

1012
01:00:02,010 --> 01:00:06,390
als ze dat wel hadden gedaan, zich
daarvan hadden bekeerd en de kant van de

1013
01:00:06,390 --> 01:00:07,770
HEERE hadden gekozen.

1014
01:00:07,770 --> 01:00:11,790
Mozes en Aäron waren natuurlijk
ook allebei Levieten.

1015
01:00:11,790 --> 01:00:14,790
Het kan dus naar die
generatie Levieten verwijzen,

1016
01:00:14,790 --> 01:00:18,930
of gewoon naar de beste Levieten,
wanneer ze op hun best zijn:

1017
01:00:18,930 --> 01:00:23,250
de geïdealiseerde Leviet, het soort
Leviet met wie God Zijn verbond

1018
01:00:23,250 --> 01:00:24,630
bedoelde te hebben.

1019
01:00:24,630 --> 01:00:27,930
Hij zegt dat Levi, of de Leviet:

1020
01:00:27,930 --> 01:00:32,010
Mijn verbond met hem was:
het leven en de vrede.

1021
01:00:32,010 --> 01:00:37,890
Die gaf Ik hem, tot vrees voor Mij, en hij
vreesde Mij en in de tegenwoordigheid van

1022
01:00:37,890 --> 01:00:40,290
Mijn Naam was hij verschrikt.

1023
01:00:40,290 --> 01:00:43,470
Betrouwbaar onderwijs in
de wet was in zijn mond,

1024
01:00:43,470 --> 01:00:46,650
geen ongerechtigheid werd
op zijn lippen gevonden.

1025
01:00:46,650 --> 01:00:51,270
In vrede en oprechtheid wandelde
hij met Mij en velen bekeerde

1026
01:00:51,270 --> 01:00:53,310
hij van ongerechtigheid.

1027
01:00:53,310 --> 01:00:57,150
Opnieuw is het niet helemaal duidelijk
op welk moment in de geschiedenis

1028
01:00:57,150 --> 01:00:59,730
dit op de Levieten van
toepassing zou zijn.

1029
01:00:59,730 --> 01:01:02,850
Het was zeker nooit op
Levi zelf van toepassing.

1030
01:01:02,850 --> 01:01:07,050
Het is zelfs niet echt duidelijk of
het ooit op Aäron van toepassing was,

1031
01:01:07,050 --> 01:01:10,830
aangezien hij degene is die
dat met het gouden kalf deed.

1032
01:01:10,830 --> 01:01:13,950
Er wordt hem nog één
andere zonde aangerekend:

1033
01:01:13,950 --> 01:01:18,150
toen hij klaagde over het huwelijk
van Mozes met een Ethiopische vrouw.

1034
01:01:18,150 --> 01:01:21,570
Maar het kan zijn dat Aäron
hier in het algemeen wordt

1035
01:01:21,570 --> 01:01:23,970
voorgesteld als de goede man.

1036
01:01:23,970 --> 01:01:25,410
Vers 7 zegt:

1037
01:01:25,410 --> 01:01:29,250
Voorzeker, de lippen van een
priester moeten kennis bewaren,

1038
01:01:29,250 --> 01:01:32,490
uit zijn mond moet men
onderwijs in de wet zoeken,

1039
01:01:32,490 --> 01:01:36,150
want hij is een gezant van
de HEERE van de legermachten.

1040
01:01:36,150 --> 01:01:41,551
Net zoals Maleachi een boodschapper was —
zijn naam betekent ‘mijn boodschapper’ —

1041
01:01:41,551 --> 01:01:44,850
moet ook de priester als Gods
boodschapper worden erkend.

1042
01:01:44,850 --> 01:01:49,650
Wat hier interessant is, is dat Maleachi
waarschijnlijk geen priester was.

1043
01:01:49,650 --> 01:01:54,630
Misschien was hij dat wel, maar dat wordt
ons niet verteld. Hij was een profeet.

1044
01:01:54,630 --> 01:01:59,610
Dat is één soort boodschapper die God
naar het volk stuurt: Zijn profeten.

1045
01:01:59,610 --> 01:02:03,630
De priesters moesten op hun beurt
ook boodschappers van God zijn.

1046
01:02:03,630 --> 01:02:07,230
Zij brengen de boodschap van
God, niet in profetische zin,

1047
01:02:07,230 --> 01:02:12,630
maar in de zin dat het volk van hen de
wet leert, het geschreven Woord van God.

1048
01:02:12,630 --> 01:02:16,110
De priesters waren degenen die van
God de opdracht hadden gekregen

1049
01:02:16,110 --> 01:02:20,910
om de wet te onderwijzen, omdat de meeste
mensen er geen afschrift van hadden.

1050
01:02:20,910 --> 01:02:22,830
Ze konden die thuis niet lezen.

1051
01:02:22,830 --> 01:02:26,970
Ze konden niet naar huis gaan en
hun concordantie tevoorschijn halen,

1052
01:02:26,970 --> 01:02:29,970
en hun vier Bijbelvertalingen
naast elkaar,

1053
01:02:29,970 --> 01:02:33,810
en commentaren en woordstudies
en dat soort dingen.

1054
01:02:33,810 --> 01:02:35,970
Ze hadden thuis niet eens een Bijbel.

1055
01:02:35,970 --> 01:02:38,190
Ze hadden er geen afschrift van.

1056
01:02:38,190 --> 01:02:41,670
De priesters waren de beheerders
van de afschriften van de wet.

1057
01:02:41,670 --> 01:02:45,930
Het was belangrijk dat zij het volk
regelmatig in de wet onderwezen,

1058
01:02:45,930 --> 01:02:49,170
zodat het volk daar niet
onwetend over zou blijven.

1059
01:02:49,170 --> 01:02:54,750
In Leviticus hoofdstuk 10, nadat Nadab
en Abihu vanwege hun goddeloosheid waren

1060
01:02:54,750 --> 01:02:59,790
gedood, vertelt God aan Aäron en
Mozes wat de priesters moeten doen.

1061
01:02:59,790 --> 01:03:04,950
In Leviticus 10, vanaf vers
9, sprak Hij tot Aäron en zei:

1062
01:03:04,950 --> 01:03:09,810
Wijn en sterkedrank mag u niet drinken,
u niet en uw zonen met u ook niet,

1063
01:03:09,810 --> 01:03:13,531
als u de tent van ontmoeting
binnenkomt, opdat u niet sterft —

1064
01:03:13,531 --> 01:03:17,551
het is een eeuwige verordening,
al uw generaties door —

1065
01:03:17,551 --> 01:03:18,870
Dat zijn de priesters.

1066
01:03:18,870 --> 01:03:25,230
In het vervolg, Leviticus 10:10–11, zegt
God dat zij onderscheid moeten maken

1067
01:03:25,230 --> 01:03:29,550
tussen heilig en onheilig
en tussen onrein en rein.

1068
01:03:29,550 --> 01:03:32,850
Ook moeten zij de Israëlieten
alle verordeningen onderwijzen

1069
01:03:32,850 --> 01:03:35,670
die Hij hun door Mozes gegeven heeft.

1070
01:03:35,670 --> 01:03:39,450
Hier gaf God Aäron en
zijn zonen, de priesters,

1071
01:03:39,450 --> 01:03:43,710
dus de opdracht om de kinderen van
Israël alle verordeningen te onderwijzen,

1072
01:03:43,710 --> 01:03:45,090
de wetten van God.

1073
01:03:45,090 --> 01:03:49,110
Het was de taak van priesters om mensen
het Woord van God te onderwijzen,

1074
01:03:49,110 --> 01:03:50,850
het geschreven Woord.

1075
01:03:50,850 --> 01:03:52,890
Ze waren geen profeten.

1076
01:03:52,890 --> 01:03:55,290
Ze kwamen niet met nieuwe godsspraken,

1077
01:03:55,290 --> 01:04:00,090
behalve in de weinige gevallen waarin
bepaalde priesters ook profeten waren,

1078
01:04:00,090 --> 01:04:03,750
zoals Ezechiël en Zacharia
en enkele anderen.

1079
01:04:03,750 --> 01:04:08,550
Maar over het algemeen was de priester een
boodschapper van God van een ander soort,

1080
01:04:08,550 --> 01:04:11,070
maar evengoed een boodschapper van God.

1081
01:04:11,070 --> 01:04:15,090
We moeten niet denken dat de een
belangrijker is dan de ander:

1082
01:04:15,090 --> 01:04:19,950
degene die het geschreven Woord
overbrengt en degene die een actuele,

1083
01:04:19,950 --> 01:04:21,990
levende godsspraak brengt.

1084
01:04:21,990 --> 01:04:24,870
Beiden zijn op hun eigen
manier boodschappers van God

1085
01:04:24,870 --> 01:04:27,450
die Gods boodschap overbrengen.

1086
01:04:27,450 --> 01:04:28,530
Vers 8:

1087
01:04:28,530 --> 01:04:33,810
U echter, u bent afgeweken van de weg:
velen hebt u door uw onderwijs in de

1088
01:04:33,810 --> 01:04:35,370
wet doen struikelen.

1089
01:04:35,370 --> 01:04:40,410
U hebt het verbond met Levi tenietgedaan,
zegt de HEERE van de legermachten.

1090
01:04:40,410 --> 01:04:44,970
Daarom heb Ik ook u verachtelijk gemaakt
en onbeduidend voor heel het volk,

1091
01:04:44,970 --> 01:04:49,170
want u neemt Mijn wegen niet in acht
en ziet bij uw onderwijs in de wet

1092
01:04:49,170 --> 01:04:50,370
de persoon aan.

1093
01:04:50,370 --> 01:04:54,270
Er zijn veel mensen die denken dat
God in de laatste dagen het Levitische

1094
01:04:54,270 --> 01:04:56,130
priesterschap zal herstellen.

1095
01:04:56,130 --> 01:04:59,610
Wanneer de tempel wordt hersteld
en de offers worden hersteld,

1096
01:04:59,610 --> 01:05:03,630
denken zij dat er een hersteld
Levitisch priesterschap zal zijn.

1097
01:05:03,630 --> 01:05:05,970
Ze denken dat dit in de
Schrift wordt voorspeld,

1098
01:05:05,970 --> 01:05:10,710
of op zijn minst wordt geïmpliceerd, omdat
God de Levieten beloften had gedaan dat

1099
01:05:10,710 --> 01:05:14,730
zij voor eeuwig als priesters voor
Zijn aangezicht zouden wandelen.

1100
01:05:14,730 --> 01:05:17,550
Wanneer God zegt dat iets
voor eeuwig moet zijn,

1101
01:05:17,550 --> 01:05:22,230
lijkt het erop dat het er ook nu nog
zou moeten zijn, als het voor eeuwig is.

1102
01:05:22,230 --> 01:05:24,690
Maar ik wil je erop wijzen dat God op

1103
01:05:24,690 --> 01:05:28,290
andere plaatsen duidelijk maakt
dat dit voorwaardelijk is.

1104
01:05:28,290 --> 01:05:32,370
Het is voor eeuwig, aangenomen
dat je aan de voorwaarden voldoet.

1105
01:05:32,370 --> 01:05:36,330
Als je niet aan de voorwaarden
voldoet, is dat een ander verhaal.

1106
01:05:36,330 --> 01:05:40,590
Kijk eens naar 1 Samuel
hoofdstuk 2 en vers 30.

1107
01:05:40,590 --> 01:05:43,350
1 Samuel 2 en vers 30.

1108
01:05:43,350 --> 01:05:48,090
God stuurt een profeet naar Eli, die
op dat moment de hogepriester is,

1109
01:05:48,090 --> 01:05:51,930
met een boodschap over Eli
en zijn zonen, de priesters.

1110
01:05:51,930 --> 01:05:56,910
De profeet zegt tegen Eli
in 1 Samuel 2 en vers 30:

1111
01:05:56,910 --> 01:06:02,190
Daarom spreekt de HEERE, de God van
Israël: Ik had duidelijk gezegd:

1112
01:06:02,190 --> 01:06:07,170
Uw huis en uw familie zullen voor
eeuwig voor Mijn aangezicht wandelen.

1113
01:06:07,170 --> 01:06:12,450
Maar nu spreekt de HEERE: Er is bij
Mij geen sprake van, want wie Mij eren,

1114
01:06:12,450 --> 01:06:17,370
zal Ik eren, maar wie Mij verachten,
zullen zelf veracht worden.

1115
01:06:17,370 --> 01:06:19,710
Dat is de familie van de priesters.

1116
01:06:19,710 --> 01:06:24,510
Daar heb je de belofte dat de Levieten
voor eeuwig priesters zouden zijn.

1117
01:06:24,510 --> 01:06:26,070
Dat heb Ik gezegd.

1118
01:06:26,070 --> 01:06:27,570
Dat heb Ik zeker gezegd.

1119
01:06:27,570 --> 01:06:31,170
Met andere woorden: Ik heb
deze belofte inderdaad gedaan,

1120
01:06:31,170 --> 01:06:34,350
maar je moet beseffen dat
die niet onvoorwaardelijk is.

1121
01:06:34,350 --> 01:06:39,150
Je moet Mij eren, wil Ik
Mijn belofte aan jou nakomen.

1122
01:06:39,150 --> 01:06:42,030
Als je Mij niet eert,
hoef Ik dat niet te doen.

1123
01:06:42,030 --> 01:06:45,450
Dit staat hier ook in
Maleachi hoofdstuk 2.

1124
01:06:45,450 --> 01:06:47,250
Hij zegt in vers 4:

1125
01:06:47,250 --> 01:06:50,850
Dan zult u weten dat Ik dit
gebod tot u gezonden heb,

1126
01:06:50,850 --> 01:06:55,830
opdat Mijn verbond met Levi blijven
zou, zegt de HEERE van de legermachten.

1127
01:06:55,830 --> 01:06:58,530
Let op het voorwaardelijke
karakter hiervan.

1128
01:06:58,530 --> 01:07:01,890
Als de priesters Gods Woord
erkennen en aanvaarden,

1129
01:07:01,890 --> 01:07:04,830
dan kan Gods verbond met Levi voortduren.

1130
01:07:04,830 --> 01:07:09,630
Anders kan Zijn verbond met Levi niet
voortduren, zo wordt geïmpliceerd.

1131
01:07:09,630 --> 01:07:14,430
Zeker, het was een eeuwig verbond,
maar alleen onder voorwaarden eeuwig,

1132
01:07:14,430 --> 01:07:17,190
net als elk ander verbond dat God sluit.

1133
01:07:17,190 --> 01:07:21,210
God kan allerlei beloften doen, maar de
vervulling daarvan is afhankelijk van

1134
01:07:21,210 --> 01:07:26,370
geloof, of gehoorzaamheid, of wat dan
ook, afhankelijk van wat Hij bepaalt.

1135
01:07:26,370 --> 01:07:29,490
In dit geval moesten de
priesters Hem trouw zijn,

1136
01:07:29,490 --> 01:07:32,790
anders zou het verbond met
Levi zijn geldigheid verliezen.

1137
01:07:32,790 --> 01:07:36,450
Uiteraard weten we dat de priesters
Hem niet trouw zijn gebleven,

1138
01:07:36,450 --> 01:07:39,330
aangezien ze uiteindelijk
Christus hebben gekruisigd.

1139
01:07:39,330 --> 01:07:41,550
Daarom is het verbond met Levi voorbij,

1140
01:07:41,550 --> 01:07:45,570
en het boek Hebreeën maakt dat
buiten redelijke twijfel duidelijk.

1141
01:07:45,570 --> 01:07:47,730
Maleachi 2:10:

1142
01:07:47,730 --> 01:07:50,070
Hebben wij niet allen één Vader?

1143
01:07:50,070 --> 01:07:52,590
Heeft niet één God ons geschapen?

1144
01:07:52,590 --> 01:07:56,610
Waarom handelen wij dan trouweloos,
eenieder tegen zijn broeder,

1145
01:07:56,610 --> 01:07:59,490
door het verbond met onze
vaderen te ontheiligen?

1146
01:07:59,490 --> 01:08:03,270
Laten we de hele passage lezen,
want die is niet helemaal duidelijk.

1147
01:08:03,270 --> 01:08:07,350
Je moet het hele gedeelte bekijken
om tot een oordeel te komen:

1148
01:08:07,350 --> 01:08:09,990
Hebben wij niet allen één Vader?

1149
01:08:09,990 --> 01:08:13,050
Heeft niet één God ons geschapen?

1150
01:08:13,050 --> 01:08:17,370
Waarom handelen wij dan trouweloos,
eenieder tegen zijn broeder,

1151
01:08:17,370 --> 01:08:20,610
door het verbond met onze
vaderen te ontheiligen?

1152
01:08:20,610 --> 01:08:24,870
Juda handelt trouweloos en er
wordt een gruweldaad begaan in

1153
01:08:24,870 --> 01:08:26,910
Israël en in Jeruzalem.

1154
01:08:26,910 --> 01:08:31,530
Want Juda ontheiligt het heilige
van de HEERE, dat Hij liefheeft:

1155
01:08:31,530 --> 01:08:34,770
hij is met de dochter van
een vreemde god getrouwd.

1156
01:08:34,770 --> 01:08:39,390
Moge de HEERE eenieder die dat doet,
uitroeien uit de tenten van Jakob,

1157
01:08:39,390 --> 01:08:44,370
wie waakt en wie antwoordt, zelfs wie
een graanoffer brengt aan de HEERE

1158
01:08:44,370 --> 01:08:45,990
van de legermachten.

1159
01:08:45,990 --> 01:08:50,910
In de tweede plaats doet u dit: het
altaar van de HEERE bedekken met tranen,

1160
01:08:50,910 --> 01:08:56,130
met geween en gekerm, omdat Hij Zich
niet langer tot het graanoffer wendt

1161
01:08:56,130 --> 01:08:59,070
en dat in welgevallen
uit uw hand aanneemt.

1162
01:08:59,070 --> 01:09:01,110
Dan zegt u: Waarom?

1163
01:09:01,110 --> 01:09:06,030
Omdat de HEERE Getuige is tussen
u en de vrouw van uw jeugd,

1164
01:09:06,030 --> 01:09:11,070
tegen wie ú trouweloos handelt,
terwijl zíj toch uw metgezellin

1165
01:09:11,070 --> 01:09:13,410
en de vrouw van uw verbond is.

1166
01:09:13,410 --> 01:09:17,610
Heeft Hij er niet maar één gemaakt,
hoewel Hij nog geest overhad?

1167
01:09:17,610 --> 01:09:19,170
En waarom die ene?

1168
01:09:19,170 --> 01:09:21,630
Hij zocht een goddelijk nageslacht.

1169
01:09:21,630 --> 01:09:24,750
Daarom, wees op uw hoede met uw geest,

1170
01:09:24,750 --> 01:09:28,470
en handel niet trouweloos
tegen de vrouw van uw jeugd.

1171
01:09:28,470 --> 01:09:34,410
Want de HEERE, de God van Israël, zegt dat
Hij het wegsturen van de eigen vrouw haat,

1172
01:09:34,410 --> 01:09:40,170
hoewel men het geweld bedekt met zijn
gewaad, zegt de HEERE van de legermachten.

1173
01:09:40,170 --> 01:09:44,370
Wees dus op uw hoede met uw
geest en handel niet trouweloos.

1174
01:09:44,370 --> 01:09:51,390
De verzen 10 tot en met 12 vormen een
alinea; vers 13 begint een nieuwe alinea.

1175
01:09:51,390 --> 01:09:54,510
Door te zeggen: ‘Dit
tweede wat jullie doen’,

1176
01:09:54,510 --> 01:09:59,430
wekt hij zeker de indruk dat de
verzen 13 tot en met 16 over een ander

1177
01:09:59,430 --> 01:10:03,450
onderwerp gaan dan de
verzen 10 tot en met 12.

1178
01:10:03,450 --> 01:10:08,910
De verzen 10 tot en met 12 gaan over
iets wat ze doen, en dan zegt hij:

1179
01:10:08,910 --> 01:10:12,570
En nog iets wat jullie doen en
vervolgens bespreekt hij dat,

1180
01:10:12,570 --> 01:10:16,230
alsof hier sprake is van twee
afzonderlijke onderwerpen.

1181
01:10:16,230 --> 01:10:18,930
Dat is een mogelijke
manier om het te begrijpen.

1182
01:10:18,930 --> 01:10:22,350
Als dat zo is, hebben de
verzen 10 tot en met 12

1183
01:10:22,350 --> 01:10:25,770
misschien niets te maken met de
mensen die van hun vrouw scheiden.

1184
01:10:25,770 --> 01:10:30,390
Want de verzen 13 tot en met 16 gaan
erover dat ze van hun vrouw scheiden,

1185
01:10:30,390 --> 01:10:32,430
maar dat is het tweede wat ze doen.

1186
01:10:32,430 --> 01:10:36,090
In de verzen 10 tot en met
12 gaat het over iets anders.

1187
01:10:36,090 --> 01:10:41,430
Als dat het geval is, gaan de verzen 10
tot en met 12 niet over echtscheiding.

1188
01:10:41,430 --> 01:10:47,070
Het gaat er dan alleen over dat ze, in het
algemeen gesproken, afgoderij bedrijven.

1189
01:10:47,070 --> 01:10:50,910
Dat ze zich in het huwelijk verbinden aan
de dochter van een vreemde god zou een

1190
01:10:50,910 --> 01:10:53,370
figuurlijke manier van
spreken kunnen zijn:

1191
01:10:53,370 --> 01:10:57,390
ze pleegden overspel met vreemde
goden in plaats van met God.

1192
01:10:57,390 --> 01:10:59,910
Dat is een mogelijke
manier om het te begrijpen,

1193
01:10:59,910 --> 01:11:04,590
maar ik wil ook opperen dat de verzen
10 tot en met 16 in hun geheel over

1194
01:11:04,590 --> 01:11:06,750
één onderwerp zouden kunnen gaan.

1195
01:11:06,750 --> 01:11:09,030
Wanneer hij in vers 13 zegt:

1196
01:11:09,030 --> 01:11:12,330
Dit tweede wat jullie doen voegt
hij misschien alleen een andere

1197
01:11:12,330 --> 01:11:15,330
dimensie toe aan het
vergrijp dat hij beschrijft.

1198
01:11:15,330 --> 01:11:19,470
Dit is hierom verkeerd, en ten tweede
is het verkeerd omdat je dit doet.

1199
01:11:19,470 --> 01:11:24,630
Alles bij elkaar genomen denk ik dat de
aanwijzingen erop duiden dat ook de verzen

1200
01:11:24,630 --> 01:11:27,270
10 tot en met 12 over echtscheiding gaan.

1201
01:11:27,270 --> 01:11:32,010
Een paar dingen die erop wijzen dat
dit hele gedeelte één geheel vormt,

1202
01:11:32,010 --> 01:11:37,230
zijn bijvoorbeeld wat hij in vers 11
zegt, tegen het einde van dat vers:

1203
01:11:37,230 --> 01:11:42,330
Jullie hebben de heilige instelling van
de Heere, die Hij liefheeft, ontheiligd.

1204
01:11:42,330 --> 01:11:46,950
De gebruikte Engelse vertaling
heeft hier ‘heilige instelling’,

1205
01:11:46,950 --> 01:11:50,010
waar de HSV ‘het heilige’ heeft.

1206
01:11:50,010 --> 01:11:53,850
De volgende uitleg sluit aan
bij die Engelse formulering.

1207
01:11:53,850 --> 01:11:57,390
Die heilige instelling zou
de tabernakel kunnen zijn,

1208
01:11:57,390 --> 01:12:02,070
het zou het offerstelsel kunnen zijn,
of het zou het huwelijk kunnen zijn.

1209
01:12:02,070 --> 01:12:07,170
Als argument dat het om het huwelijk gaat,
de heilige instelling die God liefheeft,

1210
01:12:07,170 --> 01:12:13,170
zou ik erop willen wijzen dat hij in vers
16 aangeeft dat Hij echtscheiding haat.

1211
01:12:13,170 --> 01:12:15,870
Dat lijkt een heel
natuurlijke tegenstelling.

1212
01:12:15,870 --> 01:12:20,250
Als God het huwelijk liefheeft,
dan haat Hij echtscheiding.

1213
01:12:20,250 --> 01:12:24,330
Wanneer er gesproken wordt over de
heilige instelling die God liefheeft,

1214
01:12:24,330 --> 01:12:28,230
in een context waarin later
staat dat Hij echtscheiding haat,

1215
01:12:28,230 --> 01:12:32,430
klinkt het alsof daarmee heel
goed precies dat bedoeld kan zijn:

1216
01:12:32,430 --> 01:12:36,270
dat de instelling die Hij
liefheeft het huwelijk is.

1217
01:12:36,270 --> 01:12:38,070
God heeft het lief.

1218
01:12:38,070 --> 01:12:41,850
Verder zien we dat hij in vers
10 het volk ervan beschuldigt

1219
01:12:41,850 --> 01:12:44,310
trouweloos met elkaar om te gaan.

1220
01:12:44,310 --> 01:12:48,930
Vervolgens geeft hij nader aan dat ze
vooral trouweloos tegenover hun vrouwen

1221
01:12:48,930 --> 01:12:51,510
zijn door van hen te scheiden.

1222
01:12:51,510 --> 01:12:53,610
Hij zegt in vers 14:

1223
01:12:53,610 --> 01:12:56,130
Hebben wij niet allen één Vader?

1224
01:12:56,130 --> 01:12:58,830
Heeft niet één God ons geschapen?

1225
01:12:58,830 --> 01:13:02,970
Waarom handelen wij dan trouweloos,
eenieder tegen zijn broeder,

1226
01:13:02,970 --> 01:13:05,670
door het verbond met onze
vaderen te ontheiligen?

1227
01:13:05,670 --> 01:13:09,750
Juda handelt trouweloos en er wordt
een gruweldaad begaan in Israël

1228
01:13:09,750 --> 01:13:11,250
en in Jeruzalem.

1229
01:13:11,250 --> 01:13:15,390
Want Juda ontheiligt het heilige
van de HEERE, dat Hij liefheeft:

1230
01:13:15,390 --> 01:13:18,510
hij is met de dochter van
een vreemde god getrouwd.

1231
01:13:18,510 --> 01:13:22,950
Moge de HEERE eenieder die dat doet,
uitroeien uit de tenten van Jakob,

1232
01:13:22,950 --> 01:13:27,690
wie waakt en wie antwoordt, zelfs wie
een graanoffer brengt aan de HEERE

1233
01:13:27,690 --> 01:13:29,250
van de legermachten.

1234
01:13:29,250 --> 01:13:35,190
In de tweede plaats doet u dit: het
altaar van de HEERE bedekken met tranen,

1235
01:13:35,190 --> 01:13:40,590
met geween en gekerm, omdat Hij Zich niet
langer tot het graanoffer wendt en dat in

1236
01:13:40,590 --> 01:13:43,050
welgevallen uit uw hand aanneemt.

1237
01:13:43,050 --> 01:13:45,330
Dan zegt u: Waarom?

1238
01:13:45,330 --> 01:13:50,370
Omdat de HEERE Getuige is tussen
u en de vrouw van uw jeugd,

1239
01:13:50,370 --> 01:13:56,430
tegen wie ú trouweloos handelt, terwijl
zíj toch uw metgezellin en de vrouw van

1240
01:13:56,430 --> 01:13:57,930
uw verbond is.

1241
01:13:57,930 --> 01:14:02,310
Heeft Hij er niet maar één gemaakt,
hoewel Hij nog geest overhad?

1242
01:14:02,310 --> 01:14:04,050
En waarom die ene?

1243
01:14:04,050 --> 01:14:06,450
Hij zocht een goddelijk nageslacht.

1244
01:14:06,450 --> 01:14:09,690
Daarom, wees op uw hoede met uw geest,

1245
01:14:09,690 --> 01:14:13,410
en handel niet trouweloos
tegen de vrouw van uw jeugd.

1246
01:14:13,410 --> 01:14:19,410
Want de HEERE, de God van Israël, zegt dat
Hij het wegsturen van de eigen vrouw haat,

1247
01:14:19,410 --> 01:14:24,810
hoewel men het geweld bedekt met zijn
gewaad, zegt de HEERE van de legermachten.

1248
01:14:24,810 --> 01:14:29,310
Wees dus op uw hoede met uw
geest en handel niet trouweloos.

1249
01:14:29,310 --> 01:14:34,410
Nadat Hij in vers 16 heeft gezegd
dat Hij echtscheiding haat, zegt Hij:

1250
01:14:34,410 --> 01:14:37,830
Let dus goed op en wees niet ontrouw.

1251
01:14:37,830 --> 01:14:40,290
Trouweloosheid is dus
het gemeenschappelijke

1252
01:14:40,290 --> 01:14:44,130
thema van het hele gedeelte
van vers 10 tot en met 16.

1253
01:14:44,130 --> 01:14:48,330
Deze dingen wijzen er voor mij op dat het
in het hele gedeelte van vers 10 tot en

1254
01:14:48,330 --> 01:14:53,790
met 16 gaat over hun echtscheidingen,
hun ongeoorloofde echtscheidingen.

1255
01:14:53,790 --> 01:14:59,070
Als dat zo is, dan noemt Hij hun
echtscheidingen in vers 11 een gruwel.

1256
01:14:59,070 --> 01:15:02,670
‘Getrouwd met de dochter van
een vreemde god’ zou betekenen:

1257
01:15:02,670 --> 01:15:06,570
getrouwd met een buitenlandse
vrouw die andere goden aanbidt.

1258
01:15:06,570 --> 01:15:09,090
Met heidense vrouwen getrouwd.

1259
01:15:09,090 --> 01:15:12,810
Salomo deed dit, maar hij
scheidde van geen enkele vrouw.

1260
01:15:12,810 --> 01:15:16,650
Hij hield gewoon alle eerdere
vrouwen en nam er nog meer bij.

1261
01:15:16,650 --> 01:15:21,570
Deze mensen leefden, vermoed ik, in een
tijd waarin polygamie economisch niet

1262
01:15:21,570 --> 01:15:23,130
zo haalbaar was.

1263
01:15:23,130 --> 01:15:26,670
Of misschien werd er op dat
specifieke moment in hun geschiedenis

1264
01:15:26,670 --> 01:15:28,830
meer afkeurend naar gekeken.

1265
01:15:28,830 --> 01:15:31,590
Dus in plaats van hun
oudere vrouwen te houden,

1266
01:15:31,590 --> 01:15:35,850
met wie ze getrouwd waren toen ze
jong waren, de vrouw van hun jeugd,

1267
01:15:35,850 --> 01:15:37,230
scheidden ze van hen.

1268
01:15:37,230 --> 01:15:42,270
En in plaats daarvan namen ze nieuwe
vrouwen, die toevallig heidens waren.

1269
01:15:42,270 --> 01:15:45,810
Dit is nog een teken van hun
verminderde liefde voor God.

1270
01:15:45,810 --> 01:15:47,970
Iemand die met een heiden zou trouwen,

1271
01:15:47,970 --> 01:15:52,050
geeft liefde voor God geen erg
hoge prioriteit in zijn leven.

1272
01:15:52,050 --> 01:15:55,650
Ik herinner me dat ik nog maar
net in de bediening werkte,

1273
01:15:55,650 --> 01:16:00,690
en een van mijn eerste opdrachten was om
vragen van pasbekeerden te beantwoorden.

1274
01:16:00,690 --> 01:16:05,130
Eén ding dat pasbekeerden vrij snel
leerden, de vrijgezellen onder hen,

1275
01:16:05,130 --> 01:16:08,190
was dat ze niet met
niet-christenen mochten trouwen.

1276
01:16:08,190 --> 01:16:11,430
Maar een vraag die vaak
naar voren kwam, was:

1277
01:16:11,430 --> 01:16:14,790
‘Hoe zit het dan met daten
met niet-christenen?’

1278
01:16:14,790 --> 01:16:19,470
In die tijd had ik nog niet mijn huidige
opvattingen over daten in het algemeen.

1279
01:16:19,470 --> 01:16:22,830
Inmiddels ben ik helemaal geen
voorstander meer van daten,

1280
01:16:22,830 --> 01:16:26,970
maar in die tijd had ik me nog
niet echt afgevraagd of daten als

1281
01:16:26,970 --> 01:16:29,670
instelling ter discussie
gesteld moest worden.

1282
01:16:29,670 --> 01:16:33,450
Maar ik was gewoon verbijsterd
dat ze die vraag stelden.

1283
01:16:33,450 --> 01:16:38,430
Luister, je mag niet met een niet-christen
trouwen, en je vraagt je af of je met een

1284
01:16:38,430 --> 01:16:40,410
niet-christen kunt daten.

1285
01:16:40,410 --> 01:16:44,850
Ten eerste, waarom zou je daten met
iemand met wie je niet kunt trouwen?

1286
01:16:44,850 --> 01:16:47,010
Je gebruikt die persoon alleen maar.

1287
01:16:47,010 --> 01:16:50,670
Je bent nooit van plan er een
oprechte relatie van te maken.

1288
01:16:50,670 --> 01:16:54,150
Je gebruikt die persoon alleen
maar voor tijdelijk plezier.

1289
01:16:54,150 --> 01:16:57,150
Of als je denkt dat je
die persoon gaat bekeren:

1290
01:16:57,150 --> 01:17:02,790
er zijn betere manieren om mensen te
bekeren dan daten om iemand te bekeren.

1291
01:17:02,790 --> 01:17:05,970
Soms werkt het, maar
meestal werkt het niet.

1292
01:17:05,970 --> 01:17:08,310
En als het tot een
bekering lijkt te leiden,

1293
01:17:08,310 --> 01:17:12,570
is dat meestal een oppervlakkige
bekering die geen stand houdt.

1294
01:17:12,570 --> 01:17:16,710
Maar wat ik belangrijker
vond, was: wat trekt je aan?

1295
01:17:16,710 --> 01:17:19,050
Als je Jezus met heel je hart liefhebt,

1296
01:17:19,050 --> 01:17:24,090
als je alles in je leven bekijkt
vanuit Jezus, Jezus, Jezus,

1297
01:17:24,090 --> 01:17:28,830
als alles in je leven alleen maar
draait om Gods wil doen, Jezus dienen,

1298
01:17:28,830 --> 01:17:30,270
de Heere behagen,

1299
01:17:30,270 --> 01:17:36,750
En u zult de Heere, uw God, liefhebben
met heel uw hart en met heel uw ziel

1300
01:17:36,750 --> 01:17:40,410
en met heel uw verstand
en met heel uw kracht.

1301
01:17:40,410 --> 01:17:42,030
Dit is het eerste gebod.

1302
01:17:42,030 --> 01:17:45,450
wat zou je dan in vredesnaam gemeen
hebben met iemand die helemaal niets

1303
01:17:45,450 --> 01:17:47,130
om Jezus geeft?

1304
01:17:47,130 --> 01:17:50,190
Het verlangen naar een
betekenisvolle, diepe,

1305
01:17:50,190 --> 01:17:55,050
intieme relatie waarin je verbonden bent
met iemand die de Heere niet liefheeft,

1306
01:17:55,050 --> 01:17:58,710
wijst erop dat je de Heere niet
zo liefhebt als je zou moeten.

1307
01:17:58,710 --> 01:18:03,330
Als voetbal helemaal jouw ding was, en
voetbal het enige was waar je om gaf,

1308
01:18:03,330 --> 01:18:05,970
en je dag en nacht met voetbal bezig was,

1309
01:18:05,970 --> 01:18:09,690
dan zou dat het enige zijn
waar je ooit aan kon denken.

1310
01:18:09,690 --> 01:18:13,230
Kun je je voorstellen dat je een
betekenisvolle relatie zou hebben met

1311
01:18:13,230 --> 01:18:17,850
iemand die voetbal niet kon uitstaan,
er nooit iets over wilde horen

1312
01:18:17,850 --> 01:18:21,330
en het volkomen saai
en weerzinwekkend vond?

1313
01:18:21,330 --> 01:18:25,950
Natuurlijk wil je datgene waar je het
meest door in beslag genomen wordt,

1314
01:18:25,950 --> 01:18:29,370
gemeen hebben met degene
met wie je je leven deelt.

1315
01:18:29,370 --> 01:18:32,730
En het feit dat iemand
zelfs maar zou overwegen een

1316
01:18:32,730 --> 01:18:36,810
hechte relatie aan te gaan met
iemand die de Heere niet liefheeft,

1317
01:18:36,810 --> 01:18:40,950
wijst erop dat je eigen liefde
misschien een beetje koud is.

1318
01:18:40,950 --> 01:18:44,070
En dat deze mensen met
heidense vrouwen trouwden,

1319
01:18:44,070 --> 01:18:48,510
wijst erop dat ze hun vrouwen niet
uitkozen op grond van de liefde van die

1320
01:18:48,510 --> 01:18:50,070
vrouwen voor Jehovah.

1321
01:18:50,070 --> 01:18:53,670
Dat is een aanwijzing dat de liefde
van die mannen voor Jehovah niet

1322
01:18:53,670 --> 01:18:55,110
erg groot was.

1323
01:18:55,110 --> 01:18:59,790
Een andere aanwijzing was dat ze
trouweloos van hun vrouwen scheidden.

1324
01:18:59,790 --> 01:19:01,290
Dat is iets slechts.

1325
01:19:01,290 --> 01:19:03,570
Het is interessant wat God zegt over deze

1326
01:19:03,570 --> 01:19:06,450
mannen die van hun
vrouwen gescheiden waren.

1327
01:19:06,450 --> 01:19:11,670
Trouwens, zo begrijp ik vers 13, waar
staat dat ze het altaar van de Heere met

1328
01:19:11,670 --> 01:19:13,110
tranen hebben bedekt.

1329
01:19:13,110 --> 01:19:16,050
Dat zijn de tranen van
hun verstoten vrouwen.

1330
01:19:16,050 --> 01:19:20,790
Hun vrouwen zijn door de trouweloosheid
van hun mannen aan hun lot overgelaten,

1331
01:19:20,790 --> 01:19:24,390
en die vrouwen gaan naar
God toe en huilen voor God.

1332
01:19:24,390 --> 01:19:28,950
Jullie gedrag heeft ervoor gezorgd dat
Gods altaar bedekt is met de tranen van

1333
01:19:28,950 --> 01:19:32,010
jullie vrouwen, die jullie
onrecht hebben aangedaan.

1334
01:19:32,010 --> 01:19:35,790
En Hij zegt: „Luister, ze
is nog steeds je vrouw.”

1335
01:19:35,790 --> 01:19:39,330
Hij zegt dat ze nog steeds
je vrouw is door het verbond.

1336
01:19:39,330 --> 01:19:41,490
Je bent niet vrij van dat verbond.

1337
01:19:41,490 --> 01:19:46,290
Je hebt die vrouw niet op geldige
gronden verstoten. Jezus gaf aan:

1338
01:19:46,290 --> 01:19:51,390
Maar Ik zeg u: Wie zijn vrouw verstoot
anders dan om hoererij en met een ander

1339
01:19:51,390 --> 01:19:57,570
trouwt, die pleegt overspel, en wie met
de verstotene trouwt, pleegt ook overspel.

1340
01:19:57,570 --> 01:20:02,130
Hij leeft niet in een huwelijk; hij
leeft in een overspelige relatie.

1341
01:20:02,130 --> 01:20:07,110
De overheid heeft er misschien toestemming
voor gegeven en er een stempel op gezet

1342
01:20:07,110 --> 01:20:09,990
waarop staat dat dit
een tweede huwelijk is.

1343
01:20:09,990 --> 01:20:11,970
Het is geen tweede huwelijk.

1344
01:20:11,970 --> 01:20:16,770
Het is gewoon een overspelige relatie
als er geen zuivere breuk met het eerste

1345
01:20:16,770 --> 01:20:18,210
huwelijk is geweest.

1346
01:20:18,210 --> 01:20:22,230
En er zijn omstandigheden die wel
een zuivere breuk met het eerste

1347
01:20:22,230 --> 01:20:25,890
huwelijk geven en een tweede
huwelijk wel toestaan.

1348
01:20:25,890 --> 01:20:29,610
Maar in dit geval zegt Hij:
„Je had die gronden niet,

1349
01:20:29,610 --> 01:20:32,790
en daarom is ze nog
steeds je metgezellin.”

1350
01:20:32,790 --> 01:20:35,250
Het einde van vers 14 zegt:

1351
01:20:35,250 --> 01:20:37,350
Dan zegt u: Waarom?

1352
01:20:37,350 --> 01:20:42,210
Omdat de HEERE Getuige is tussen
u en de vrouw van uw jeugd,

1353
01:20:42,210 --> 01:20:47,910
tegen wie ú trouweloos handelt, terwijl
zíj toch uw metgezellin en de vrouw van

1354
01:20:47,910 --> 01:20:49,470
uw verbond is.

1355
01:20:49,470 --> 01:20:54,090
Vervolgens herinnert Hij hen eraan
dat het God was Die hen één maakte.

1356
01:20:54,090 --> 01:20:57,690
Ook Jezus herinnerde de Farizeeën
daaraan toen ze vroegen:

1357
01:20:57,690 --> 01:21:02,490
En de Farizeeën kwamen naar Hem toe om
Hem te verzoeken en zeiden tegen Hem:

1358
01:21:02,490 --> 01:21:06,630
Is het een man toegestaan zijn vrouw
om allerlei redenen te verstoten?

1359
01:21:06,630 --> 01:21:09,150
Hij zei: „Herinner je je dat niet?

1360
01:21:09,150 --> 01:21:11,850
God zei dat ze één vlees zijn.”

1361
01:21:11,850 --> 01:21:15,150
zodat zij niet meer twee
zijn, maar één vlees?

1362
01:21:15,150 --> 01:21:19,710
Dus, wat God samengevoegd heeft,
laat de mens dat niet scheiden.

1363
01:21:19,710 --> 01:21:22,950
Het beste argument tegen
echtscheiding is dat God

1364
01:21:22,950 --> 01:21:26,250
Degene is Die het huwelijk
tot stand heeft gebracht.

1365
01:21:26,250 --> 01:21:31,110
God is Degene Die hen één
heeft gemaakt. Vers 15:

1366
01:21:31,110 --> 01:21:37,170
Heeft Hij er niet maar één gemaakt, hoewel
Hij nog geest overhad? En waarom die ene?

1367
01:21:37,170 --> 01:21:39,570
Hij zocht een goddelijk nageslacht.

1368
01:21:39,570 --> 01:21:42,750
Daarom, wees op uw hoede met uw geest,

1369
01:21:42,750 --> 01:21:46,590
en handel niet trouweloos
tegen de vrouw van uw jeugd.

1370
01:21:46,590 --> 01:21:51,750
De gebruikte Engelse vertaling vraagt
hier: ‘Heeft Hij hen niet één gemaakt?’

1371
01:21:51,750 --> 01:21:53,910
en ‘Waarom één?’

1372
01:21:53,910 --> 01:22:00,990
De HSV heeft: ‘Heeft Hij er niet maar
één gemaakt’ en ‘En waarom die ene?’

1373
01:22:00,990 --> 01:22:05,850
De spreker baseert zijn uitleg over
het huwelijk op de Engelse formulering.

1374
01:22:05,850 --> 01:22:09,090
En hij stelt zelfs de vraag
— dit is belangrijk voor

1375
01:22:09,090 --> 01:22:13,650
christenen om over na te denken —
waarom God hen één heeft gemaakt.

1376
01:22:13,650 --> 01:22:16,050
Hij vraagt in vers 15:

1377
01:22:16,050 --> 01:22:17,670
Waarom één?

1378
01:22:17,670 --> 01:22:21,570
Waarom heeft God twee mensen met
elkaar in het huwelijk verbonden?

1379
01:22:21,570 --> 01:22:24,450
Waarom heeft God het
huwelijk eigenlijk geschapen?

1380
01:22:24,450 --> 01:22:27,210
Hij zocht godvruchtig nageslacht.

1381
01:22:27,210 --> 01:22:31,650
God heeft het huwelijk ingesteld
omdat het Hem om de nakomelingen ging.

1382
01:22:31,650 --> 01:22:35,130
De meeste mensen denken dat God
het huwelijk heeft geschapen omdat

1383
01:22:35,130 --> 01:22:36,870
Adam eenzaam was.

1384
01:22:36,870 --> 01:22:41,370
De Bijbel zegt niet dat Adam
eenzaam was. God zei wel:

1385
01:22:41,370 --> 01:22:45,690
Ook zei de HEERE God: Het is
niet goed dat de mens alleen is;

1386
01:22:45,690 --> 01:22:49,470
Ik zal een hulp voor hem maken
als iemand tegenover hem.

1387
01:22:49,470 --> 01:22:51,570
Daar staat niet waarom het niet goed is.

1388
01:22:51,570 --> 01:22:55,590
We nemen gewoon aan dat het kwam
doordat hij geen seksuele partner had.

1389
01:22:55,590 --> 01:22:59,610
We denken dat hij met al die
opgekropte seksuele frustraties zat.

1390
01:22:59,610 --> 01:23:02,010
Het was niet goed om in
die toestand te verkeren,

1391
01:23:02,010 --> 01:23:05,790
of hij was eenzaam en had
iemand nodig om mee te praten.

1392
01:23:05,790 --> 01:23:08,910
Misschien had hij die dingen
nodig, maar dat is niet de enige

1393
01:23:08,910 --> 01:23:10,470
redelijke verklaring voor:

1394
01:23:10,470 --> 01:23:12,930
het is niet goed dat een mens alleen is.

1395
01:23:12,930 --> 01:23:16,590
Volgens mij is de belangrijkste reden
waarom het niet goed is dat de mens

1396
01:23:16,590 --> 01:23:20,550
alleen is, dat hij dan niet kon
doen waarvoor hij gemaakt was:

1397
01:23:20,550 --> 01:23:23,310
vruchtbaar zijn en zich vermenigvuldigen.

1398
01:23:23,310 --> 01:23:25,110
Dat kon hij niet alleen.

1399
01:23:25,110 --> 01:23:27,270
Daar had hij een partner voor nodig.

1400
01:23:27,270 --> 01:23:32,010
En de partner die God voor hem maakte, was
niet alleen iemand met wie hij kon praten,

1401
01:23:32,010 --> 01:23:35,670
maar iemand met wie hij kon
samenwerken om vruchtbaar te zijn

1402
01:23:35,670 --> 01:23:37,710
en zich te vermenigvuldigen.

1403
01:23:37,710 --> 01:23:41,130
God schiep het huwelijk in
plaats van alleen vriendschap.

1404
01:23:41,130 --> 01:23:45,450
Als de mens eenzaam was, kon God
gewoon een vriend voor hem maken.

1405
01:23:45,450 --> 01:23:48,690
Hij kon een mannelijke vriend
krijgen en zo het probleem van

1406
01:23:48,690 --> 01:23:50,670
de eenzaamheid oplossen.

1407
01:23:50,670 --> 01:23:55,350
God maakte geen mannelijke vriend voor
hem; Hij maakte een vrouw voor hem.

1408
01:23:55,350 --> 01:23:56,430
Waarom?

1409
01:23:56,430 --> 01:23:58,230
Waarom schiep Hij het huwelijk?

1410
01:23:58,230 --> 01:24:00,930
Omdat Hij godvruchtig nageslacht zocht.

1411
01:24:00,930 --> 01:24:02,790
Hij zocht voortplanting.

1412
01:24:02,790 --> 01:24:06,990
Natuurlijk kunnen sommige mensen zich
in de gevallen wereld niet voortplanten.

1413
01:24:06,990 --> 01:24:09,990
Dat betekent niet dat
hun huwelijk ongeldig is.

1414
01:24:09,990 --> 01:24:14,490
Het huwelijk heeft nog andere voordelen
dan vruchtbaarheid, dan voortplanting.

1415
01:24:14,490 --> 01:24:17,850
Maar deze passage zegt
dat God hen één maakte

1416
01:24:17,850 --> 01:24:20,250
omdat het Hem om hun nakomelingen ging.

1417
01:24:20,250 --> 01:24:24,090
Hij wilde dat ze meer godvruchtige
mensen in de wereld zouden voortbrengen,

1418
01:24:24,090 --> 01:24:26,790
dat ze godvruchtige
nakomelingen zouden krijgen.

1419
01:24:26,790 --> 01:24:30,570
Dus hij spreekt over het
haten van echtscheiding.

1420
01:24:30,570 --> 01:24:35,850
In vers 16 — ik ben ervan overtuigd
dat God echtscheiding haat.

1421
01:24:35,850 --> 01:24:39,930
Maar veel mensen die zelf nooit
een echtscheiding hebben meegemaakt

1422
01:24:39,930 --> 01:24:44,850
en het idee alleen abstract bekijken,
als iemand die een of ander oordeel over

1423
01:24:44,850 --> 01:24:48,090
gescheiden mensen probeert
te vellen, vergeten iets.

1424
01:24:48,090 --> 01:24:53,670
Hoewel God echtscheiding haat, haat Hij
niet noodzakelijkerwijs gescheiden mensen.

1425
01:24:53,670 --> 01:24:57,090
Hij haat bepaalde handelingen,
en het kan heel goed zijn

1426
01:24:57,090 --> 01:25:00,150
dat Hij zelfs de mensen
haat die ze begaan.

1427
01:25:00,150 --> 01:25:05,130
Er zijn plaatsen in de Bijbel die
spreken over God Die bepaalde mensen haat

1428
01:25:05,130 --> 01:25:07,470
vanwege bepaalde dingen die ze doen.

1429
01:25:07,470 --> 01:25:10,890
Maar we moeten bedenken dat er
bij de meeste echtscheidingen

1430
01:25:10,890 --> 01:25:13,710
iemand is die de
echtscheiding teweegbrengt,

1431
01:25:13,710 --> 01:25:16,590
en iemand anders die het
misschien niet wilde,

1432
01:25:16,590 --> 01:25:20,250
er niet mee instemde en er
het slachtoffer van was.

1433
01:25:20,250 --> 01:25:23,550
En veel christenen die niet in
die situatie hebben gezeten,

1434
01:25:23,550 --> 01:25:26,910
hebben er onvoldoende over
nagedacht dat niet iedereen bij een

1435
01:25:26,910 --> 01:25:29,010
echtscheiding ermee instemde.

1436
01:25:29,010 --> 01:25:33,030
Niet iedere gescheiden persoon
is een misdadiger voor God.

1437
01:25:33,030 --> 01:25:37,410
Hij haat de echtscheiding omdat
echtscheiding trouweloosheid is.

1438
01:25:37,410 --> 01:25:42,030
Maar in zoveel gevallen vindt een
echtscheiding plaats omdat de ene persoon

1439
01:25:42,030 --> 01:25:46,350
trouweloos handelt tegenover de andere,
niet omdat ze allebei trouweloos

1440
01:25:46,350 --> 01:25:48,090
tegenover elkaar zijn.

1441
01:25:48,090 --> 01:25:51,570
Er zijn gevallen waarin ze
allebei trouweloos zijn,

1442
01:25:51,570 --> 01:25:55,590
en natuurlijk haat God dat —
de daden van beide partijen.

1443
01:25:55,590 --> 01:25:59,490
Maar de gemeente, of de mensen
in de gemeente in het algemeen,

1444
01:25:59,490 --> 01:26:03,630
hebben vaak onvoldoende nagedacht
over hoe ze moeten omgaan met mensen

1445
01:26:03,630 --> 01:26:05,310
die gescheiden zijn.

1446
01:26:05,310 --> 01:26:09,930
God haat geen mensen die tegen hun wil het
slachtoffer van een echtscheiding worden

1447
01:26:09,930 --> 01:26:12,870
doordat hun huwelijkspartner
trouweloos is.

1448
01:26:12,870 --> 01:26:17,370
Sommige mensen vergeten dat of denken
daar gewoon niet zo veel over na.

1449
01:26:17,370 --> 01:26:22,290
Het laatste vers van hoofdstuk 2 hoort
volgens mij eigenlijk beter bij hoofdstuk

1450
01:26:22,290 --> 01:26:24,150
3. Er staat:

1451
01:26:24,150 --> 01:26:30,090
U vermoeit de HEERE met uw woorden,
toch zegt u: Waarmee vermoeien wij Hem?

1452
01:26:30,090 --> 01:26:35,250
Doordat u zegt: Iedereen die kwaad
doet, is in de ogen van de HEERE goed,

1453
01:26:35,250 --> 01:26:37,170
Híj is hun genegen.

1454
01:26:37,170 --> 01:26:40,350
Of: Waar is de God van het oordeel?

1455
01:26:40,350 --> 01:26:45,750
Dit zijn twee dingen die ze zeiden: dat
God de goddelozen lijkt te begunstigen.

1456
01:26:45,750 --> 01:26:48,930
Het lijkt alsof God iedereen
die goddeloos handelt

1457
01:26:48,930 --> 01:26:51,630
begunstigt en behagen in hem heeft.

1458
01:26:51,630 --> 01:26:56,850
Ze baseren hun oordeel op het feit dat
de goddelozen wegkomen met wat ze doen.

1459
01:26:56,850 --> 01:26:59,670
En een ander aspect van deze vraag is:

1460
01:26:59,670 --> 01:27:02,850
Waar is de God die voor
gerechtigheid zorgt?

1461
01:27:02,850 --> 01:27:05,250
Waarom doet God niet wat juist is?

1462
01:27:05,250 --> 01:27:07,290
Waarom oordeelt God niet?

1463
01:27:07,290 --> 01:27:10,350
Waar blijft de gerechtigheid
van God eigenlijk?

1464
01:27:10,350 --> 01:27:13,710
Let erop dat ze er bij al
dit geklaag van uitgaan

1465
01:27:13,710 --> 01:27:17,850
dat zij aan de kant van het recht
staan, dat zij de goeden zijn.

1466
01:27:17,850 --> 01:27:20,550
Waarom stelt God ons niet in het gelijk?

1467
01:27:20,550 --> 01:27:23,670
Wat Hij hun in dit hele boek
duidelijk heeft gemaakt,

1468
01:27:23,670 --> 01:27:27,090
is dat ze niet zo goed zijn. En Hij zegt:

1469
01:27:27,090 --> 01:27:31,170
Zie, Ik zend Mijn engel, die
voor Mij de weg bereiden zal.

1470
01:27:31,170 --> 01:27:36,330
Plotseling zal naar Zijn tempel komen
die Heere Die u aan het zoeken bent,

1471
01:27:36,330 --> 01:27:40,410
de Engel van het verbond,
in Wie u uw vreugde vindt.

1472
01:27:40,410 --> 01:27:44,610
Zie, Hij komt, zegt de
HEERE van de legermachten.

1473
01:27:44,610 --> 01:27:49,710
Opnieuw: ‘Mijn boodschapper’, wat de
betekenis is van Maleachi's eigen naam.

1474
01:27:49,710 --> 01:27:54,030
In dit geval ontdekken we dat
het over Johannes de Doper gaat,

1475
01:27:54,030 --> 01:27:57,870
omdat het in alle vier de
Evangeliën wordt aangehaald.

1476
01:27:57,870 --> 01:28:01,590
Johannes de Doper is in
dit geval de boodschapper.

1477
01:28:01,590 --> 01:28:05,610
Het is interessant dat ‘Mijn
boodschapper’ hier misschien een

1478
01:28:05,610 --> 01:28:08,970
weerklank is van hoofdstuk 2, vers 7.

1479
01:28:08,970 --> 01:28:11,850
De gebruikte Engelse
vertaling heeft op beide

1480
01:28:11,850 --> 01:28:14,850
plaatsen ‘messenger’ (‘boodschapper’).

1481
01:28:14,850 --> 01:28:24,150
De HSV gebruikt ‘engel’ in Maleachi
3:1 en ‘gezant’ in Maleachi 2:7.

1482
01:28:24,150 --> 01:28:29,550
Daar staat dat de priester de
boodschapper van de HEERE hoort te zijn.

1483
01:28:29,550 --> 01:28:31,890
Johannes de Doper was een priester.

1484
01:28:31,890 --> 01:28:36,330
Hij heeft eigenlijk nooit als priester
gediend, maar zijn vader was een priester.

1485
01:28:36,330 --> 01:28:40,050
Zijn moeder was een dochter
van Aäron, zegt de Bijbel.

1486
01:28:40,050 --> 01:28:44,790
Hij stamde uit een priesterlijk geslacht,
en op zijn dertigste zou hij zeker

1487
01:28:44,790 --> 01:28:49,530
priester zijn geworden als hij op
dat moment geen profeet was geworden.

1488
01:28:49,530 --> 01:28:52,890
Net als Ezechiël werd hij
op zijn dertigste geroepen,

1489
01:28:52,890 --> 01:28:55,170
toen hij priester zou zijn geworden.

1490
01:28:55,170 --> 01:28:57,930
In plaats daarvan werd hij profeet.

1491
01:28:57,930 --> 01:29:02,070
Maar hier hebben we een priester
die Gods boodschapper is.

1492
01:29:02,070 --> 01:29:06,510
De priester hoort Gods boodschapper
te zijn, maar deze priester,

1493
01:29:06,510 --> 01:29:11,250
Johannes de Doper, is in een
andere betekenis Gods boodschapper.

1494
01:29:11,250 --> 01:29:14,730
Hij dient niet in het
priesterschap, maar als profeet.

1495
01:29:14,730 --> 01:29:16,950
Hij maakt de weg voor Mij klaar.

1496
01:29:16,950 --> 01:29:21,390
Zoals ik al zei, wordt dit vers in
wezen in alle Evangeliën aangehaald

1497
01:29:21,390 --> 01:29:24,090
als iets wat in Johannes
de Doper is vervuld.

1498
01:29:24,090 --> 01:29:29,190
Over de uitleg ervan bestaat dus geen
twijfel, behalve over het gedeelte:

1499
01:29:29,190 --> 01:29:32,970
De Heer die jullie zoeken, zal
plotseling naar Zijn tempel komen,

1500
01:29:32,970 --> 01:29:35,190
de boodschapper van het verbond.

1501
01:29:35,190 --> 01:29:38,850
Dat is een andere boodschapper;
dat is de Messias.

1502
01:29:38,850 --> 01:29:41,610
Hier gaat het om de komst van de Messias.

1503
01:29:41,610 --> 01:29:45,030
Maar over welke komst
naar Zijn tempel gaat dit?

1504
01:29:45,030 --> 01:29:48,210
Jarenlang dacht ik dat dit
een voorspelling was van Jezus

1505
01:29:48,210 --> 01:29:52,710
Die met een zweep naar de tempel
kwam en de geldwisselaars eruit joeg.

1506
01:29:52,710 --> 01:29:55,230
De Heere komt plotseling naar de tempel.

1507
01:29:55,230 --> 01:30:00,390
Hij verscheen zomaar ineens, kwam
binnen en joeg die geldwisselaars eruit.

1508
01:30:00,390 --> 01:30:05,370
Maar het leek me altijd vreemd dat vers 2
hierop zou volgen als dat het geval was,

1509
01:30:05,370 --> 01:30:06,810
want daar staat:

1510
01:30:06,810 --> 01:30:09,930
Maar wie zal de dag van
Zijn komst verdragen?

1511
01:30:09,930 --> 01:30:12,570
Wie zal bij Zijn verschijning standhouden?

1512
01:30:12,570 --> 01:30:16,950
Want Hij is als vuur van een
edelsmid, en als zeep van de blekers.

1513
01:30:16,950 --> 01:30:20,790
Hij zal zitten als iemand
die zilver smelt en reinigt:

1514
01:30:20,790 --> 01:30:25,350
Hij zal de Levieten reinigen en
hen zuiveren als goud en zilver.

1515
01:30:25,350 --> 01:30:29,610
Dan zullen zij de HEERE een
graanoffer brengen in gerechtigheid.

1516
01:30:29,610 --> 01:30:33,390
Dat Jezus naar binnen ging en
geldwisselaars met een zweep naar buiten

1517
01:30:33,390 --> 01:30:37,410
joeg, heeft de zonen van Levi
nauwelijks gelouterd of ook maar

1518
01:30:37,410 --> 01:30:39,390
enige invloed op hen gehad.

1519
01:30:39,390 --> 01:30:43,050
En het was niet zo'n crisis
dat die de vraag zou oproepen:

1520
01:30:43,050 --> 01:30:45,330
‘Wie kan standhouden als dit gebeurt?

1521
01:30:45,330 --> 01:30:47,010
Wie zal het verdragen?’

1522
01:30:47,010 --> 01:30:51,150
De enigen die er echt onder te lijden
hadden, waren een paar geldwisselaars.

1523
01:30:51,150 --> 01:30:53,850
Voor de rest van de mensen
was er geen probleem.

1524
01:30:53,850 --> 01:30:56,190
Ze hebben Hem waarschijnlijk toegejuicht.

1525
01:30:56,190 --> 01:30:59,370
Zelfs de priesters werden er
niet ernstig door getroffen.

1526
01:30:59,370 --> 01:31:03,270
En toch staat er dat de Boodschapper van
het verbond plotseling naar Zijn tempel

1527
01:31:03,270 --> 01:31:06,150
zal komen, en wie zal dat verdragen?

1528
01:31:06,150 --> 01:31:08,370
Alsof maar weinigen dat zullen kunnen.

1529
01:31:08,370 --> 01:31:13,710
Naar mijn idee wijst het op een komst naar
de tempel die grootser en gewelddadiger

1530
01:31:13,710 --> 01:31:18,930
en veel verwoestender is dan alles wat
Jezus deed met Zijn zweepje van touwen en

1531
01:31:18,930 --> 01:31:21,630
het wegjagen van dieren uit de tempel.

1532
01:31:21,630 --> 01:31:26,160
En zoals ik het begrijp, gaat dit opnieuw,
misschien voor de tweede keer in Maleachi,

1533
01:31:26,160 --> 01:31:28,830
over de verwoesting van de tempel.

1534
01:31:28,830 --> 01:31:31,350
En later komt het nog een keer ter sprake.

1535
01:31:31,350 --> 01:31:35,610
Toen Jezus in oordeel kwam, kwam
Hij niet lichamelijk uit de hemel,

1536
01:31:35,610 --> 01:31:39,330
maar in de Bijbel vereist
dat taalgebruik dat ook niet.

1537
01:31:39,330 --> 01:31:42,930
De Bijbel spreekt vaak over
God Die in oordeel komt,

1538
01:31:42,930 --> 01:31:46,290
zonder dat het om een werkelijke
verschijning van God gaat.

1539
01:31:46,290 --> 01:31:50,370
Het gaat dan eerder om legers of
een ander oordeel in deze wereld,

1540
01:31:50,370 --> 01:31:53,700
dat door de hele profeten
heen, en ook in Openbaring,

1541
01:31:53,700 --> 01:31:56,910
als de komst van de
Heere wordt beschreven.

1542
01:31:56,910 --> 01:32:00,930
Het is ook interessant dat er in
Openbaring een gedeelte staat dat volgens

1543
01:32:00,930 --> 01:32:05,790
mij over de verwoesting van de tempel
in het jaar 70 na Christus gaat.

1544
01:32:05,790 --> 01:32:08,670
Het eindigt in Openbaring 6 met de vraag:

1545
01:32:08,670 --> 01:32:11,730
Want de grote dag van
Zijn toorn is aangebroken

1546
01:32:11,730 --> 01:32:14,070
en wie kan dan staande blijven?

1547
01:32:14,070 --> 01:32:16,770
Precies dezelfde vraag wordt hier gesteld:

1548
01:32:16,770 --> 01:32:18,930
Wie houdt stand als Hij komt?

1549
01:32:18,930 --> 01:32:22,710
Ik hecht er ook niet bijzonder aan om
je te dwingen het op mijn manier te

1550
01:32:22,710 --> 01:32:26,490
begrijpen, maar ik geloof dat dit
een voorspelling van het oordeel is.

1551
01:32:26,490 --> 01:32:29,010
De boodschapper Johannes
de Doper zal komen,

1552
01:32:29,010 --> 01:32:31,290
en het volgende wat de
Joden kunnen verwachten,

1553
01:32:31,290 --> 01:32:33,750
is het oordeel over hun tempel.

1554
01:32:33,750 --> 01:32:36,630
Dat komt in hoofdstuk 4 ook ter sprake.

1555
01:32:36,630 --> 01:32:40,230
Je hebt de komst van Elia,
die Johannes de Doper is,

1556
01:32:40,230 --> 01:32:44,070
en vervolgens de grote en
ontzagwekkende dag van de HEERE,

1557
01:32:44,070 --> 01:32:46,530
die de verwoesting van de tempel is.

1558
01:32:46,530 --> 01:32:49,950
Deze twee dingen worden door
Maleachi met elkaar verbonden.

1559
01:32:49,950 --> 01:32:53,670
Ze worden ook in het Nieuwe
Testament met elkaar verbonden.

1560
01:32:53,670 --> 01:32:58,290
Vers 4. Op welke manier werden
de zonen van Levi gezuiverd?

1561
01:32:58,290 --> 01:33:00,570
God zuiverde het priesterschap.

1562
01:33:00,570 --> 01:33:02,010
Hij verving het oude,

1563
01:33:02,010 --> 01:33:05,610
verdorven priesterschap door
een zuiver priesterschap,

1564
01:33:05,610 --> 01:33:11,010
een koninkrijk van priesters, geestelijke
priesters die geestelijke offers brengen.

1565
01:33:11,010 --> 01:33:14,730
Hetzelfde werd voorspeld
in Maleachi 1:11, waar

1566
01:33:14,730 --> 01:33:18,390
wierook en een zuiver offer door
de volken, door de heidenen,

1567
01:33:18,390 --> 01:33:20,850
op alle plaatsen zouden worden gebracht.

1568
01:33:20,850 --> 01:33:24,450
Dat is de zuivering van het
aanbiddingsstelsel van de Levieten.

1569
01:33:24,450 --> 01:33:27,930
Hij vaagde het Levitische
stelsel weg en liet degenen over

1570
01:33:27,930 --> 01:33:32,490
die aan de Heere zullen offeren, de
nieuwe Levieten, de nieuwe priesters,

1571
01:33:32,490 --> 01:33:35,610
die de Heere een offer
in gerechtigheid brengen.

1572
01:33:35,610 --> 01:33:40,410
Dan zal het graanoffer van Juda en
Jeruzalem voor de HEERE aangenaam zijn,

1573
01:33:40,410 --> 01:33:44,430
zoals in de dagen van oude tijden
af, zoals in vroegere jaren.

1574
01:33:44,430 --> 01:33:45,690
zegt vers 4,

1575
01:33:45,690 --> 01:33:47,910
Ik zal naar u toe komen voor het oordeel.

1576
01:33:47,910 --> 01:33:52,350
Ik zal een snelle Getuige zijn tegen
de tovenaars, tegen de overspelers,

1577
01:33:52,350 --> 01:33:55,230
tegen hen die valse eden afleggen en tegen

1578
01:33:55,230 --> 01:34:00,330
hen die het loon van een dagloner met
geweld inhouden, die het recht van weduwe,

1579
01:34:00,330 --> 01:34:06,510
wees en vreemdeling ombuigen, en Mij niet
vrezen, zegt de HEERE van de legermachten.

1580
01:34:06,510 --> 01:34:11,190
Dat Hij naar hen toe komt, betekent niet
noodzakelijk dat Hij lichamelijk komt.

1581
01:34:11,190 --> 01:34:14,190
Hij komt als het ware
naderbij om te oordelen.

1582
01:34:14,190 --> 01:34:18,150
tegen al degenen die zulke
dingen in Israël deden.

1583
01:34:18,150 --> 01:34:21,630
Zelfs in de tijd van Maleachi
deden ze dat allemaal.

1584
01:34:21,630 --> 01:34:24,030
Natuurlijk ook in de tijd van Jezus.

1585
01:34:24,030 --> 01:34:29,010
Want Ík, de HEERE, ben niet
veranderd, ú, kinderen van Jakob,

1586
01:34:29,010 --> 01:34:31,230
bent daarom niet omgekomen.

1587
01:34:31,230 --> 01:34:35,070
Ze hadden in hoofdstuk 2,
vers 17 de vraag gesteld:

1588
01:34:35,070 --> 01:34:41,190
U vermoeit de HEERE met uw woorden,
toch zegt u: Waarmee vermoeien wij Hem?

1589
01:34:41,190 --> 01:34:46,530
Doordat u zegt: Iedereen die kwaad
doet, is in de ogen van de HEERE goed,

1590
01:34:46,530 --> 01:34:48,690
Híj is hun genegen.

1591
01:34:48,690 --> 01:34:51,690
Of: Waar is de God van het oordeel?

1592
01:34:51,690 --> 01:34:55,350
Hij zegt: ‘Wil je het weten? Ik kom.’

1593
01:34:55,350 --> 01:34:59,610
Zie, Ik zend Mijn engel, die
voor Mij de weg bereiden zal.

1594
01:34:59,610 --> 01:35:03,990
Plotseling zal naar Zijn tempel komen
die Heere Die u aan het zoeken bent,

1595
01:35:03,990 --> 01:35:07,950
de Engel van het verbond,
in Wie u uw vreugde vindt.

1596
01:35:07,950 --> 01:35:11,730
Zie, Hij komt, zegt de
HEERE van de legermachten.

1597
01:35:11,730 --> 01:35:13,290
Ben je klaar voor Hem?

1598
01:35:13,290 --> 01:35:16,410
Maar wie zal de dag van
Zijn komst verdragen?

1599
01:35:16,410 --> 01:35:19,110
Wie zal bij Zijn verschijning standhouden?

1600
01:35:19,110 --> 01:35:23,490
Want Hij is als vuur van een
edelsmid, en als zeep van de blekers.

1601
01:35:23,490 --> 01:35:25,830
En in vers 5 is Zijn antwoord:

1602
01:35:25,830 --> 01:35:28,410
Ik zal naar u toe komen voor het oordeel.

1603
01:35:28,410 --> 01:35:33,630
Ik zal een snelle Getuige zijn tegen
de tovenaars, tegen de overspelers,

1604
01:35:33,630 --> 01:35:36,630
tegen hen die valse eden afleggen en tegen

1605
01:35:36,630 --> 01:35:41,730
hen die het loon van een dagloner met
geweld inhouden, die het recht van weduwe,

1606
01:35:41,730 --> 01:35:47,670
wees en vreemdeling ombuigen, en Mij niet
vrezen, zegt de HEERE van de legermachten.

1607
01:35:47,670 --> 01:35:48,750
‘Ik kom.’

1608
01:35:48,750 --> 01:35:53,790
Maar de God van het oordeel zal,
wanneer Hij komt, jou oordelen.

1609
01:35:53,790 --> 01:35:58,110
Je denkt dat de God van gerechtigheid
je vijanden zal oordelen.

1610
01:35:58,110 --> 01:36:00,390
Jullie zijn degenen die het verdienen.

1611
01:36:00,390 --> 01:36:04,230
De God van gerechtigheid —
je vraagt je af waar Hij is?

1612
01:36:04,230 --> 01:36:07,710
Je hoeft niet lang meer te
wachten. ‘Ik zal komen.’

1613
01:36:07,710 --> 01:36:11,190
En Hij zegt: ‘De reden dat
jullie nog niet vernietigd zijn,

1614
01:36:11,190 --> 01:36:14,370
is eenvoudig dat Ik een
onveranderlijke God ben.

1615
01:36:14,370 --> 01:36:18,330
Jullie denken dat Ik van gedachten ben
veranderd of Mijn beloften niet ben

1616
01:36:18,330 --> 01:36:20,730
nagekomen. Beslist niet.

1617
01:36:20,730 --> 01:36:25,170
Alleen doordat Ik Mijn beloften aan
Abraham, Izak en Jakob heb gehouden,

1618
01:36:25,170 --> 01:36:29,310
heb Ik jullie nog niet vernietigd,
wat jullie ruimschoots verdienen.’

1619
01:36:29,310 --> 01:36:30,450
Vers 6:

1620
01:36:30,450 --> 01:36:35,610
Want Ík, de HEERE, ben niet
veranderd, ú, kinderen van Jakob,

1621
01:36:35,610 --> 01:36:37,890
bent daarom niet omgekomen.

1622
01:36:37,890 --> 01:36:41,310
Zo komen we bij de kwestie
van het geven van tienden.

1623
01:36:41,310 --> 01:36:43,770
Zou een mens God beroven?

1624
01:36:43,770 --> 01:36:46,110
Werkelijk, u berooft Mij!

1625
01:36:46,110 --> 01:36:51,630
En dan zegt u: Waarvan beroven wij
U? Van de tienden en het hefoffer!

1626
01:36:51,630 --> 01:36:57,570
U bent door de vloek getroffen, omdat
u Mij berooft, als volk in zijn geheel.

1627
01:36:57,570 --> 01:37:02,490
Eerder zei Hij in hoofdstuk 2, vers 2 dat
Hij de priesters had vervloekt door hun

1628
01:37:02,490 --> 01:37:05,610
zegeningen, hun tienden, te vervloeken.

1629
01:37:05,610 --> 01:37:09,510
Maar nu zijn de mensen die de
tienden niet brengen ook vervloekt,

1630
01:37:09,510 --> 01:37:10,710
zelfs het hele volk.

1631
01:37:10,710 --> 01:37:15,810
Breng al de tienden naar het voorraadhuis,
zodat er voedsel in Mijn huis is.

1632
01:37:15,810 --> 01:37:19,710
Beproef Mij toch hierin, zegt
de HEERE van de legermachten,

1633
01:37:19,710 --> 01:37:25,470
of Ik niet de vensters van de hemel voor u
zal openen, en zegen over u zal uitgieten,

1634
01:37:25,470 --> 01:37:28,050
zodat er geen schuren genoeg zullen zijn.

1635
01:37:28,050 --> 01:37:30,930
of: stel Mij op de proef, zegt God,

1636
01:37:30,930 --> 01:37:33,750
Ik zal ter wille van u
de kaalvreter bestraffen,

1637
01:37:33,750 --> 01:37:37,410
zodat hij de vrucht van de aardbodem
bij u niet te gronde richt,

1638
01:37:37,410 --> 01:37:40,950
en de wijnstok op het veld bij u
niet zonder vrucht zal blijven,

1639
01:37:40,950 --> 01:37:43,290
zegt de HEERE van de legermachten.

1640
01:37:43,290 --> 01:37:46,050
Alle heidenvolken zullen
u gelukkig prijzen,

1641
01:37:46,050 --> 01:37:50,490
want u zult een aangenaam land zijn,
zegt de HEERE van de legermachten.

1642
01:37:50,490 --> 01:37:52,410
God is zo vrijgevig.

1643
01:37:52,410 --> 01:37:56,790
Deze mensen hebben Hem beledigd, Hem
verwaarloosd en Hem voortdurend een lange

1644
01:37:56,790 --> 01:38:01,890
neus gemaakt, maar Hij biedt nog steeds
zegen aan als ze zich maar willen omkeren.

1645
01:38:01,890 --> 01:38:04,770
Als je maar de eerste stappen
naar gehoorzaamheid zet,

1646
01:38:04,770 --> 01:38:08,010
begint je tienden te brengen,
zal dat alles veranderen.

1647
01:38:08,010 --> 01:38:11,010
Je economische situatie
zal helemaal omslaan.

1648
01:38:11,010 --> 01:38:13,230
Je oogsten zullen niet mislukken.

1649
01:38:13,230 --> 01:38:16,110
Je zult in de hele
wereld erkenning krijgen.

1650
01:38:16,110 --> 01:38:20,430
Mensen zullen erkennen dat je gezegend
bent en een heerlijk land bent.

1651
01:38:20,430 --> 01:38:22,290
Dit is allemaal mogelijk.

1652
01:38:22,290 --> 01:38:25,890
Dat God dit tegen zulke
ongehoorzame mensen zou zeggen,

1653
01:38:25,890 --> 01:38:29,730
is volgens mij een uiting van
Zijn nooit uitgeputte genade.

1654
01:38:29,730 --> 01:38:33,930
Natuurlijk hebben christenen deze
verzen vaak genomen, vooral vers 10,

1655
01:38:33,930 --> 01:38:37,470
en geprobeerd hiervan een leer
over het geven van tienden voor

1656
01:38:37,470 --> 01:38:38,970
christenen te maken.

1657
01:38:38,970 --> 01:38:42,270
Bedenk dat het woord
‘tiende’ tien betekent.

1658
01:38:42,270 --> 01:38:45,750
Tienden geven is niet hetzelfde als geven.

1659
01:38:45,750 --> 01:38:48,150
Geven is natuurlijk een algemeen begrip.

1660
01:38:48,150 --> 01:38:52,470
Je kunt welk percentage dan ook
geven, en dan ben je aan het geven.

1661
01:38:52,470 --> 01:38:58,590
Je kunt voedsel geven, of je kunt kleding
geven, je kunt geld geven, en dan geef je.

1662
01:38:58,590 --> 01:39:02,490
Tienden geven betekent
specifiek dat je tien procent

1663
01:39:02,490 --> 01:39:05,370
neemt van alles wat je
hebt gekregen en dat

1664
01:39:05,370 --> 01:39:08,670
naar de tempel brengt om
de Levieten te onderhouden.

1665
01:39:08,670 --> 01:39:10,890
Daar was de tiende voor bestemd.

1666
01:39:10,890 --> 01:39:14,070
Hij zegt hun de tienden naar
de voorraadkamer te brengen.

1667
01:39:14,070 --> 01:39:18,450
Veel christenen zeggen: ‘Nou, de
voorraadkamer is de plek waar je naartoe

1668
01:39:18,450 --> 01:39:20,370
gaat om je voedsel te halen.

1669
01:39:20,370 --> 01:39:24,630
En omdat je naar een plaatselijke gemeente
gaat en daar door de plaatselijke gemeente

1670
01:39:24,630 --> 01:39:28,110
gevoed wordt, moet je
daar je tiende afdragen.’

1671
01:39:28,110 --> 01:39:31,770
Nou, het spijt me, maar eerlijk
gezegd ga ik wel naar de gemeente,

1672
01:39:31,770 --> 01:39:34,410
alleen is dat niet de
plek waar ik gevoed word.

1673
01:39:34,410 --> 01:39:36,570
Ik word op andere plekken gevoed.

1674
01:39:36,570 --> 01:39:40,890
Maar zelfs als dat waar was, is de
voorraadkamer niet de plek waar je naartoe

1675
01:39:40,890 --> 01:39:42,750
gaat om je voedsel te halen.

1676
01:39:42,750 --> 01:39:46,830
De mensen die hun tienden afdroegen,
brachten hun tienden niet naar de plek

1677
01:39:46,830 --> 01:39:49,110
waar ze hun voedsel vandaan haalden.

1678
01:39:49,110 --> 01:39:53,730
Ze brachten hun tienden naar de plek waar
de Levieten hun voedsel vandaan haalden.

1679
01:39:53,730 --> 01:39:58,890
Ze gingen niet naar de tempel omdat
zij, de aanbidders, daar gevoed werden.

1680
01:39:58,890 --> 01:40:03,150
Ze gingen erheen om de Levieten
te voeden, die daar gevoed werden.

1681
01:40:03,150 --> 01:40:07,050
De voorraadkamers zijn de
voorraadkamers van de tempel,

1682
01:40:07,050 --> 01:40:11,010
waar het aandeel van de Levieten in de
opbrengst van het land werd bewaard,

1683
01:40:11,010 --> 01:40:13,230
zodat zij daarvan konden eten.

1684
01:40:13,230 --> 01:40:17,370
De gelijkstelling van de voorraadkamer
in deze profetie aan de plaats

1685
01:40:17,370 --> 01:40:20,970
waar je geestelijk gevoed
wordt, is niet ter zake.

1686
01:40:20,970 --> 01:40:24,510
De plaatselijke gemeente, zoals
we die tegenwoordig noemen,

1687
01:40:24,510 --> 01:40:28,230
is niet de tegenhanger van de
tempel in het Oude Testament.

1688
01:40:28,230 --> 01:40:30,870
Ze is de tegenhanger van de synagoge.

1689
01:40:30,870 --> 01:40:35,190
Elke stad had plaatselijke synagogen,
maar er is maar één tempel.

1690
01:40:35,190 --> 01:40:38,130
En die ene tempel in het
Oude Testament heeft zijn

1691
01:40:38,130 --> 01:40:41,070
tegenbeeld in de ene tempel
in het Nieuwe Testament,

1692
01:40:41,070 --> 01:40:43,470
en dat is het lichaam van Christus.

1693
01:40:43,470 --> 01:40:46,230
Waar er noden zijn in
het lichaam van Christus,

1694
01:40:46,230 --> 01:40:49,350
moeten we helpen daarin te
voorzien, al betekent dat niet

1695
01:40:49,350 --> 01:40:52,410
noodzakelijk dat we tien
procent moeten geven.

1696
01:40:52,410 --> 01:40:57,270
Dat percentage van tien procent was
specifiek voor Israël en hun Levieten,

1697
01:40:57,270 --> 01:41:00,690
die ongeveer tien procent
van de bevolking uitmaakten.

1698
01:41:00,690 --> 01:41:04,230
Daarom was het de juiste
hoeveelheid om hen te onderhouden.

1699
01:41:04,230 --> 01:41:09,270
Nergens in de Bijbel krijgt de christen
ooit het bevel om tien procent te geven.

1700
01:41:09,270 --> 01:41:12,750
Maar soms meer dan tien
procent, en misschien minder

1701
01:41:12,750 --> 01:41:15,150
als dat alles is wat hij kan missen.

1702
01:41:15,150 --> 01:41:18,450
Maar een christen moet zich
niet veroordeeld voelen over het

1703
01:41:18,450 --> 01:41:21,150
al dan niet naleven van
de wet op de tienden.

1704
01:41:21,150 --> 01:41:25,530
Het is echter duidelijk dat het verzuim
van het volk om tienden te geven,

1705
01:41:25,530 --> 01:41:28,230
liet zien dat ze God niet liefhadden.

1706
01:41:28,230 --> 01:41:33,630
Ze hadden God niet genoeg lief om ervoor
te betalen dat Zijn dienst kon doorgaan.

1707
01:41:33,630 --> 01:41:36,990
En we zouden kunnen zeggen,
zonder het over tienden te hebben,

1708
01:41:36,990 --> 01:41:41,730
maar gewoon over geven in het
algemeen, zoals Jezus zei:

1709
01:41:41,730 --> 01:41:45,930
want waar uw schat is,
daar zal ook uw hart zijn.

1710
01:41:45,930 --> 01:41:50,850
En als je schat in aardse dingen
ligt, bewijst dat dat je hart daar is.

1711
01:41:50,850 --> 01:41:52,890
Je hart is bij aardse dingen.

1712
01:41:52,890 --> 01:41:56,130
Als je schat wordt besteed aan
het ondersteunen van zending,

1713
01:41:56,130 --> 01:42:00,330
het ondersteunen van de gemeente, het
ondersteunen van bedieningen die de wil

1714
01:42:00,330 --> 01:42:04,890
van God doen door de armen te helpen,
dan laat dat zien waar je hart is.

1715
01:42:04,890 --> 01:42:07,110
Het is iets opmerkelijks.

1716
01:42:07,110 --> 01:42:10,710
Alle christenen beweren natuurlijk,
omdat ze christenen zijn,

1717
01:42:10,710 --> 01:42:12,510
dat ze de Heere liefhebben.

1718
01:42:12,510 --> 01:42:16,770
Maar het is zo gemakkelijk om te
toetsen of dat een leugen is of niet.

1719
01:42:16,770 --> 01:42:21,210
Ga gewoon eens na: waar gaat je
geld naartoe? Waar is je schat?

1720
01:42:21,210 --> 01:42:26,010
Als je God liefhebt, dan zal je schat
tot Zijn beschikking staan, helemaal.

1721
01:42:26,010 --> 01:42:29,610
Jezus zei in Lukas 14, vers 33:

1722
01:42:29,610 --> 01:42:33,750
Zo kan dan ieder van u die niet
alles wat hij heeft, achterlaat,

1723
01:42:33,750 --> 01:42:35,730
geen discipel van Mij zijn.

1724
01:42:35,730 --> 01:42:39,510
Tienden geven is dus niet de norm
voor het geven van christenen,

1725
01:42:39,510 --> 01:42:41,670
al was het dat wel voor de Joden.

1726
01:42:41,670 --> 01:42:45,870
Maar geven of tienden geven, allebei
blijven ze een graadmeter van

1727
01:42:45,870 --> 01:42:47,430
toewijding aan iets.

1728
01:42:47,430 --> 01:42:50,850
Waaraan je ook geeft, waaraan
je je geld ook uitgeeft,

1729
01:42:50,850 --> 01:42:53,310
dat is waaraan je toegewijd bent.

1730
01:42:53,310 --> 01:42:56,490
Natuurlijk bedoel ik het geld
waarover je vrij kunt beschikken.

1731
01:42:56,490 --> 01:43:00,570
Er zijn rekeningen die je moet betalen,
of je dat nu leuk vindt of niet.

1732
01:43:00,570 --> 01:43:04,590
Maar we hebben het over geld waarmee
je, nadat je rekeningen betaald zijn,

1733
01:43:04,590 --> 01:43:06,390
kunt doen wat je wilt.

1734
01:43:06,390 --> 01:43:10,110
Waaraan je het uitgeeft, zal
laten zien waar je hart is.

1735
01:43:10,110 --> 01:43:12,810
En dat is een regel die altijd opgaat.

1736
01:43:12,810 --> 01:43:16,890
Je kunt altijd zien waar iemands hart
is aan de bestemming van het geld

1737
01:43:16,890 --> 01:43:19,050
waarover hij vrij kan beschikken.

1738
01:43:19,050 --> 01:43:20,130
Nu vers 13:

1739
01:43:20,130 --> 01:43:23,430
Uw woorden tegen Mij waren
te hard, zegt de HEERE.

1740
01:43:23,430 --> 01:43:27,870
Maar u zegt: Wat hebben wij
onder elkaar tegen U gesproken?

1741
01:43:27,870 --> 01:43:31,230
U zegt: God dienen is nutteloos!

1742
01:43:31,230 --> 01:43:35,550
Wat voor nut heeft het dat wij onze
taak ten behoeve van Hem vervullen

1743
01:43:35,550 --> 01:43:38,670
en dat wij in het zwart gaan
voor het aangezicht van de HEERE

1744
01:43:38,670 --> 01:43:40,350
van de legermachten?

1745
01:43:40,350 --> 01:43:43,590
Welnu, wij prijzen de
hoogmoedigen gelukkig:

1746
01:43:43,590 --> 01:43:47,130
niet alleen worden zij die
goddeloosheid doen, opgebouwd,

1747
01:43:47,130 --> 01:43:50,190
zelfs als zij God beproeven, ontkomen zij.

1748
01:43:50,190 --> 01:43:55,170
Wat ze zeggen, is hetzelfde als wat ze in
het laatste vers van hoofdstuk 2 zeiden:

1749
01:43:55,170 --> 01:43:58,590
dat het lijkt alsof de
slechteriken ermee wegkomen.

1750
01:43:58,590 --> 01:44:02,130
Het lijkt alsof het geen enkel
nut heeft om God te dienen.

1751
01:44:02,130 --> 01:44:05,250
Maar stel nu dat voor ons
alles mis zou kunnen gaan?

1752
01:44:05,250 --> 01:44:09,450
Zouden we dan terecht concluderen dat
het geen nut heeft om God te dienen?

1753
01:44:09,450 --> 01:44:12,690
God dienen is op zichzelf een beloning.

1754
01:44:12,690 --> 01:44:16,350
Er kunnen extra beloningen zijn
die je soms ten deel vallen.

1755
01:44:16,350 --> 01:44:20,310
Maar als je Hem liefhebt, is het
een vreugde om God te dienen.

1756
01:44:20,310 --> 01:44:22,590
Deugd is haar eigen beloning.

1757
01:44:22,590 --> 01:44:27,810
Als je goedheid liefhebt, als je God
liefhebt, is God dienen je beloning.

1758
01:44:27,810 --> 01:44:31,170
Als Hij je andere beloningen
geeft, is dat alleen maar een

1759
01:44:31,170 --> 01:44:34,110
overvloed aan vrijgevigheid van Zijn kant.

1760
01:44:34,110 --> 01:44:38,670
Maar degenen die zeggen: ‘Het heeft
ons niets opgeleverd om God te dienen’,

1761
01:44:38,670 --> 01:44:41,550
die dienden Hem duidelijk niet uit liefde.

1762
01:44:41,550 --> 01:44:43,230
En dat is opnieuw een van de

1763
01:44:43,230 --> 01:44:47,490
treurige aanwijzingen voor hoe
ze hier tegenover God stonden.

1764
01:44:47,490 --> 01:44:48,690
Vers 16:

1765
01:44:48,690 --> 01:44:53,070
Dan spreken zij die de HEERE
vrezen, ieder tot zijn naaste:

1766
01:44:53,070 --> 01:44:55,890
De HEERE slaat er acht op en luistert.

1767
01:44:55,890 --> 01:44:58,890
Er is een gedenkboek geschreven
voor Zijn aangezicht,

1768
01:44:58,890 --> 01:45:02,790
voor wie de HEERE vrezen en
wie Zijn Naam hoogachten.

1769
01:45:02,790 --> 01:45:06,750
En zij zullen voor Mij, zegt
de HEERE van de legermachten,

1770
01:45:06,750 --> 01:45:10,710
op de dag die Ik maken zal,
een persoonlijk eigendom zijn.

1771
01:45:10,710 --> 01:45:15,450
Ik zal hen sparen, zoals een man
zijn zoon spaart die hem dient.

1772
01:45:15,450 --> 01:45:20,550
Dan zult u opnieuw het onderscheid zien
tussen een rechtvaardige en een goddeloze,

1773
01:45:20,550 --> 01:45:23,730
tussen wie God dient
en wie Hem niet dient.

1774
01:45:23,730 --> 01:45:27,450
Dit korte gedeelte hier,
vers 16 tot en met 18,

1775
01:45:27,450 --> 01:45:29,970
gaat duidelijk over het overblijfsel.

1776
01:45:29,970 --> 01:45:33,090
En omdat de gebruikte
Engelse vertaling hun spreken

1777
01:45:33,090 --> 01:45:36,150
en Gods luisteren in de
verleden tijd weergeeft,

1778
01:45:36,150 --> 01:45:39,570
klinkt het alsof het over een
werkelijke groep mensen gaat die

1779
01:45:39,570 --> 01:45:41,250
Maleachi hebben gehoord.

1780
01:45:41,250 --> 01:45:44,610
De meeste mensen zeggen:
‘O ja, bewijs het maar.

1781
01:45:44,610 --> 01:45:46,470
O ja, bewijs het maar.

1782
01:45:46,470 --> 01:45:48,270
O ja, bewijs het maar.’

1783
01:45:48,270 --> 01:45:51,270
Maar er waren enkele mensen
met een ontvankelijk hart,

1784
01:45:51,270 --> 01:45:53,430
degenen die de Heere vreesden.

1785
01:45:53,430 --> 01:45:57,990
Ze spraken met elkaar over wat
Maleachi zei. ‘Hoor je wat hij zei?

1786
01:45:57,990 --> 01:45:59,370
Wat vind je daarvan?

1787
01:45:59,370 --> 01:46:02,670
Ik denk dat hij gelijk
heeft, jij niet?’ ‘Ja.’

1788
01:46:02,670 --> 01:46:07,350
En de Heere hoorde hen, en Hij
schreef hun namen in Zijn gedenkboek,

1789
01:46:07,350 --> 01:46:09,450
degenen die de Heere vreesden.

1790
01:46:09,450 --> 01:46:11,490
En zij zijn van Hem.

1791
01:46:11,490 --> 01:46:14,430
En hoewel Hij het oordeel
over het volk gaat brengen,

1792
01:46:14,430 --> 01:46:18,390
zal Hij hen bijeenbrengen zoals
iemand zijn juwelen of zijn kinderen

1793
01:46:18,390 --> 01:46:20,490
bijeenbrengt en beschermt.

1794
01:46:20,490 --> 01:46:24,150
De gebruikte Engelse
vertaling heeft ‘juwelen’,

1795
01:46:24,150 --> 01:46:27,570
waar de HSV ‘persoonlijk eigendom’ heeft.

1796
01:46:27,570 --> 01:46:30,990
Wel, waarom brengt God
Zijn juwelen bijeen?

1797
01:46:30,990 --> 01:46:33,930
Waarom laat Hij ze niet
gewoon liggen waar ze zijn?

1798
01:46:33,930 --> 01:46:35,670
Omdat het huis afbrandt.

1799
01:46:35,670 --> 01:46:40,110
Wanneer het huis afbrandt, grijp je de
dingen die voor jou het waardevolst zijn

1800
01:46:40,110 --> 01:46:42,150
en breng je ze in veiligheid.

1801
01:46:42,150 --> 01:46:47,010
Israël, het huis van Israël, stond
op het punt vernietigd te worden.

1802
01:46:47,010 --> 01:46:50,490
Niet onmiddellijk in de tijd van
Maleachi, maar dat was wat er in

1803
01:46:50,490 --> 01:46:52,350
Maleachi werd voorspeld.

1804
01:46:52,350 --> 01:46:56,610
En wanneer God Zijn huis in vlammen
ziet staan en het ziet instorten,

1805
01:46:56,610 --> 01:47:01,230
zal Hij Zijn overblijfsel bijeenbrengen
zoals een man juwelen verzamelt,

1806
01:47:01,230 --> 01:47:05,370
of zoals hij zijn kinderen uit hun
bed haalt, uit een brandend huis.

1807
01:47:05,370 --> 01:47:07,710
Hij zal niet zonder hen vertrekken.

1808
01:47:07,710 --> 01:47:12,150
En daarom is de algemene boodschap van
Maleachi weliswaar een boodschap van

1809
01:47:12,150 --> 01:47:16,650
oordeel over het volk, maar staat
er, zoals altijd bij de profeten,

1810
01:47:16,650 --> 01:47:20,730
op zijn minst iets, een paar
verzen over het overblijfsel.

1811
01:47:20,730 --> 01:47:23,370
En het overblijfsel zal gered worden.

1812
01:47:23,370 --> 01:47:27,150
Het overblijfsel zal niet aan
het oordeel ten onder gaan.

1813
01:47:27,150 --> 01:47:30,870
De hoofdstukindeling bij
hoofdstuk 4 is ongelukkig.

1814
01:47:30,870 --> 01:47:35,130
Volgens mij heeft Maleachi in sommige
anderstalige Bijbelvertalingen

1815
01:47:35,130 --> 01:47:39,870
zelfs maar drie hoofdstukken, omdat
deze laatste zes verzen bij hoofdstuk

1816
01:47:39,870 --> 01:47:41,490
3 zijn opgenomen.

1817
01:47:41,490 --> 01:47:44,970
Ze horen bij hoofdstuk 3, omdat
hij verder spreekt over het

1818
01:47:44,970 --> 01:47:47,190
overblijfsel en het oordeel.

1819
01:47:47,190 --> 01:47:49,170
Hij zegt in hoofdstuk 4:

1820
01:47:49,170 --> 01:47:52,950
Want zie, die dag komt,
brandend als een oven.

1821
01:47:52,950 --> 01:47:57,690
Dan zullen alle hoogmoedigen en allen
die goddeloosheid doen, stoppels worden.

1822
01:47:57,690 --> 01:48:02,850
En de dag die komt, zal ze in vlam
zetten, zegt de HEERE van de legermachten,

1823
01:48:02,850 --> 01:48:06,390
Die van hen wortel noch tak zal overlaten.

1824
01:48:06,390 --> 01:48:12,510
Maar voor u die Mijn Naam vreest, zal de
Zon der gerechtigheid opgaan en onder Zijn

1825
01:48:12,510 --> 01:48:17,910
vleugels zal genezing zijn; en u
zult naar buiten gaan en dartelen als

1826
01:48:17,910 --> 01:48:19,650
kalveren uit de stal.

1827
01:48:19,650 --> 01:48:22,350
U zult de goddelozen vertrappen.

1828
01:48:22,350 --> 01:48:28,890
Voorzeker, stof zullen zij worden onder uw
voetzolen op die dag die Ik bereiden zal,

1829
01:48:28,890 --> 01:48:31,350
zegt de HEERE van de legermachten.

1830
01:48:31,350 --> 01:48:34,410
Voor mij is het zo
duidelijk wat dit voorspelt.

1831
01:48:34,410 --> 01:48:38,370
Want zie, die dag komt,
brandend als een oven.

1832
01:48:38,370 --> 01:48:43,830
Dan zullen alle hoogmoedigen en allen
die goddeloosheid doen, stoppels worden.

1833
01:48:43,830 --> 01:48:49,050
En de dag die komt, zal ze in vlam
zetten, zegt de HEERE van de legermachten,

1834
01:48:49,050 --> 01:48:53,250
Die van hen wortel noch tak zal overlaten.

1835
01:48:53,250 --> 01:48:55,350
Daar heeft hij het al over gehad.

1836
01:48:55,350 --> 01:48:59,850
Zie, Ik zend Mijn engel, die
voor Mij de weg bereiden zal.

1837
01:48:59,850 --> 01:49:04,290
Plotseling zal naar Zijn tempel komen
die Heere Die u aan het zoeken bent,

1838
01:49:04,290 --> 01:49:08,250
de Engel van het verbond,
in Wie u uw vreugde vindt.

1839
01:49:08,250 --> 01:49:11,970
Zie, Hij komt, zegt de
HEERE van de legermachten.

1840
01:49:11,970 --> 01:49:14,970
Maar wie zal de dag van
Zijn komst verdragen?

1841
01:49:14,970 --> 01:49:17,730
Wie zal bij Zijn verschijning standhouden?

1842
01:49:17,730 --> 01:49:22,230
Want Hij is als vuur van een
edelsmid, en als zeep van de blekers.

1843
01:49:22,230 --> 01:49:26,070
Hij zal zitten als iemand
die zilver smelt en reinigt:

1844
01:49:26,070 --> 01:49:30,690
Hij zal de Levieten reinigen en
hen zuiveren als goud en zilver.

1845
01:49:30,690 --> 01:49:35,190
Dan zullen zij de HEERE een
graanoffer brengen in gerechtigheid.

1846
01:49:35,190 --> 01:49:37,710
Dit is de verwoesting van Jeruzalem.

1847
01:49:37,710 --> 01:49:41,070
Hij heeft al gezegd dat Hij de
Zijnen die Hem vrezen zal redden,

1848
01:49:41,070 --> 01:49:44,430
als juwelen of als Zijn eigen
zonen die Hem aanroepen.

1849
01:49:44,430 --> 01:49:48,990
Hij zal hen redden, maar dat zal de komst
van deze verschrikkelijke oordeelsdag,

1850
01:49:48,990 --> 01:49:52,530
die zal branden als een
oven, niet tegenhouden.

1851
01:49:52,530 --> 01:49:56,670
Wat de hoogmoedigen betreft:
zij zullen het niet overleven.

1852
01:49:56,670 --> 01:49:59,550
Wortel noch tak zal overblijven.

1853
01:49:59,550 --> 01:50:03,510
Maar opnieuw zal er voor het
overblijfsel in vers 2 iets zijn:

1854
01:50:03,510 --> 01:50:08,610
Maar voor u die Mijn Naam vreest, zal de
Zon der gerechtigheid opgaan en onder Zijn

1855
01:50:08,610 --> 01:50:12,090
vleugels zal genezing zijn;
en u zult naar buiten gaan

1856
01:50:12,090 --> 01:50:14,970
en dartelen als kalveren uit de stal.

1857
01:50:14,970 --> 01:50:18,930
Dezelfde mensen als in de
verzen 16 tot en met 18.

1858
01:50:18,930 --> 01:50:21,330
U zult de goddelozen vertrappen.

1859
01:50:21,330 --> 01:50:27,270
Voorzeker, stof zullen zij worden onder uw
voetzolen op die dag die Ik bereiden zal,

1860
01:50:27,270 --> 01:50:29,730
zegt de HEERE van de legermachten.

1861
01:50:29,730 --> 01:50:33,390
Dat heeft Hij gedaan.
Jezus kwam met genezing.

1862
01:50:33,390 --> 01:50:36,330
Zijn bediening werd
gekenmerkt door genezing.

1863
01:50:36,330 --> 01:50:41,190
En jullie — dat is het overblijfsel
— zullen naar buiten gaan.

1864
01:50:41,190 --> 01:50:46,350
Vóór de verwoesting van Jeruzalem ontkwam
het overblijfsel, omdat Jezus was gekomen.

1865
01:50:46,350 --> 01:50:50,250
Hij had hen zowel lichamelijk
als geestelijk genezen.

1866
01:50:50,250 --> 01:50:55,350
Hij had hun leven veranderd en Hij leidde
hen naar buiten, naar een veilige plaats,

1867
01:50:55,350 --> 01:50:57,090
voordat het oordeel kwam.

1868
01:50:57,090 --> 01:51:02,070
De gebruikte Engelse vertaling spreekt
over kalveren die in de stal gevoerd zijn.

1869
01:51:02,070 --> 01:51:05,430
De spreker vergelijkt hun naar
buiten gaan met een man die zijn

1870
01:51:05,430 --> 01:51:07,050
kalveren naar buiten leidt.

1871
01:51:07,050 --> 01:51:11,730
Hij voert ze in de stal en daarna
leidt hij ze naar buiten om te grazen.

1872
01:51:11,730 --> 01:51:16,050
Nadat ze in de stal gevoerd zijn, kan
hij ze naar buiten brengen wanneer ze oud

1873
01:51:16,050 --> 01:51:17,970
genoeg zijn om te grazen.

1874
01:51:17,970 --> 01:51:22,170
De gemeente werd in haar begintijd
in Jeruzalem gevoed en verzorgd.

1875
01:51:22,170 --> 01:51:27,570
Maar toen de tijd aanbrak dat de stal zou
branden, toen de schuur in brand stond,

1876
01:51:27,570 --> 01:51:31,950
leidde Hij hen naar buiten en bracht Hij
hen naar een plek waar ze over een ruimer

1877
01:51:31,950 --> 01:51:33,630
gebied konden grazen.

1878
01:51:33,630 --> 01:51:36,390
Uiteindelijk vertrappen ze de goddelozen.

1879
01:51:36,390 --> 01:51:38,430
Dat is wat de gemeente aan het doen is.

1880
01:51:38,430 --> 01:51:41,610
Paulus zei dat in Romeinen 16:20:

1881
01:51:41,610 --> 01:51:46,410
En de God van de vrede zal de satan
spoedig onder uw voeten verpletteren.

1882
01:51:46,410 --> 01:51:51,390
De genade van onze Heere Jezus
Christus zij met u. Amen.

1883
01:51:51,390 --> 01:51:53,910
Hetzelfde wordt hier voorspeld.

1884
01:51:53,910 --> 01:51:55,770
Nu de laatste verzen:

1885
01:51:55,770 --> 01:52:00,810
Denk aan de wet van Mozes, Mijn
dienaar, die Ik hem geboden heb op

1886
01:52:00,810 --> 01:52:05,490
Horeb voor heel Israël, aan de
verordeningen en de bepalingen.

1887
01:52:05,490 --> 01:52:10,650
Zie, Ik zend tot u de profeet Elia,
voordat de dag van de HEERE komt,

1888
01:52:10,650 --> 01:52:13,590
die grote en ontzagwekkende dag.

1889
01:52:13,590 --> 01:52:16,650
Hij zal het hart van de vaders
tot de kinderen terugbrengen,

1890
01:52:16,650 --> 01:52:19,290
en het hart van de
kinderen tot hun vaders,

1891
01:52:19,290 --> 01:52:23,550
opdat Ik niet zal komen en de
aarde met de ban zal slaan.

1892
01:52:23,550 --> 01:52:27,691
Dit terugbrengen van de harten van de
mensen naar waar ze horen te zijn —

1893
01:52:27,691 --> 01:52:32,310
de kinderen die hun ouders respecteren,
de vaders die hun kinderen tot discipelen

1894
01:52:32,310 --> 01:52:35,911
vormen en hen grootbrengen in
de vermaning van de Heere —

1895
01:52:35,911 --> 01:52:39,570
is wat er moet gebeuren als
het volk gered wil worden.

1896
01:52:39,570 --> 01:52:44,070
Als Elia hierin faalt, zal God het
volk met een vloek moeten treffen.

1897
01:52:44,070 --> 01:52:47,070
Veel mensen geloven dat
Elia nog moet komen.

1898
01:52:47,070 --> 01:52:51,750
De Joden geloven dat, en aanhangers
van de bedelingenleer geloven dat,

1899
01:52:51,750 --> 01:52:54,870
maar Jezus zei dat Elia al gekomen was.

1900
01:52:54,870 --> 01:52:57,270
Hij zei dat op een paar plaatsen.

1901
01:52:57,270 --> 01:53:01,890
In Mattheüs hoofdstuk 11, de
verzen 13 en 14, zegt Hij:

1902
01:53:01,890 --> 01:53:06,270
Want al de profeten en de Wet hebben
tot Johannes toe geprofeteerd.

1903
01:53:06,270 --> 01:53:10,770
En als u het wilt aannemen:
hij is Elia, die komen zou.

1904
01:53:10,770 --> 01:53:13,650
Wie oren heeft om te
horen, laat hij horen.

1905
01:53:13,650 --> 01:53:20,010
Jezus zei iets wat daar sterk op lijkt in
Mattheüs 17, de verzen 12 tot en met 13,

1906
01:53:20,010 --> 01:53:21,630
waar Jezus zei:

1907
01:53:21,630 --> 01:53:22,830
Er staat:

1908
01:53:22,830 --> 01:53:27,510
Ik zeg u echter dat Elia al gekomen
is, en ze hebben hem niet erkend,

1909
01:53:27,510 --> 01:53:30,750
maar ze hebben met hem
gedaan alles wat ze wilden;

1910
01:53:30,750 --> 01:53:34,290
zo zal ook de Zoon des
mensen door hen lijden.

1911
01:53:34,290 --> 01:53:39,510
Toen begrepen de discipelen dat Hij tot
hen over Johannes de Doper gesproken had.

1912
01:53:39,510 --> 01:53:42,870
Johannes de Doper was volgens Jezus Elia.

1913
01:53:42,870 --> 01:53:45,390
Hij verwees terug naar Maleachi.

1914
01:53:45,390 --> 01:53:48,150
Dat is de enige plaats
in het Oude Testament

1915
01:53:48,150 --> 01:53:51,390
waarnaar Hij terug kon
verwijzen. Hij zegt:

1916
01:53:51,390 --> 01:53:54,090
Johannes is de Elia die zou komen.

1917
01:53:54,090 --> 01:53:56,490
Wat bedoel je, hij moet komen?

1918
01:53:56,490 --> 01:54:00,450
Zijn komst is voorzegd. Waar? In Maleachi.

1919
01:54:00,450 --> 01:54:03,210
Hij is degene die Maleachi heeft voorzegd.

1920
01:54:03,210 --> 01:54:04,950
En Maleachi zei:

1921
01:54:04,950 --> 01:54:10,050
Zie, Ik zend tot u de profeet Elia,
voordat de dag van de HEERE komt,

1922
01:54:10,050 --> 01:54:12,630
die grote en ontzagwekkende dag.

1923
01:54:12,630 --> 01:54:15,690
Hij zal het hart van de vaders
tot de kinderen terugbrengen,

1924
01:54:15,690 --> 01:54:18,150
en het hart van de
kinderen tot hun vaders,

1925
01:54:18,150 --> 01:54:22,230
opdat Ik niet zal komen en de
aarde met de ban zal slaan.

1926
01:54:22,230 --> 01:54:25,530
Johannes slaagde er niet in
hen tot inkeer te brengen.

1927
01:54:25,530 --> 01:54:28,830
Daarom kwam God en trof
Hij het land met de vloek,

1928
01:54:28,830 --> 01:54:32,670
maar niet voordat Hij degenen die
Hem vreesden naar buiten had geleid.

1929
01:54:32,670 --> 01:54:37,710
Maar voor u die Mijn Naam vreest, zal de
Zon der gerechtigheid opgaan en onder Zijn

1930
01:54:37,710 --> 01:54:41,790
vleugels zal genezing zijn;
en u zult naar buiten gaan en

1931
01:54:41,790 --> 01:54:44,070
dartelen als kalveren uit de stal.

1932
01:54:44,070 --> 01:54:49,170
Hij ging op; de Zon der gerechtigheid
ging op met genezing onder Zijn vleugels,

1933
01:54:49,170 --> 01:54:51,030
en Hij redde het overblijfsel.

1934
01:54:51,030 --> 01:54:55,230
Dan spreken zij die de HEERE
vrezen, ieder tot zijn naaste:

1935
01:54:55,230 --> 01:54:58,710
De HEERE slaat er acht op en luistert.

1936
01:54:58,710 --> 01:55:01,710
Er is een gedenkboek geschreven
voor Zijn aangezicht,

1937
01:55:01,710 --> 01:55:05,850
voor wie de HEERE vrezen en
wie Zijn Naam hoogachten.

1938
01:55:05,850 --> 01:55:10,410
en Hij redde hen zoals juwelen uit
een brandend huis worden gered.

1939
01:55:10,410 --> 01:55:14,970
Zo moeten we die laatste generatie zien,
vanaf de komst van Johannes de Doper

1940
01:55:14,970 --> 01:55:17,490
tot aan de verwoesting van Jeruzalem.

1941
01:55:17,490 --> 01:55:21,150
Zo is het voorzegd, en dat
is wat Johannes aankondigt.

1942
01:55:21,150 --> 01:55:25,230
De tijd is aangebroken wanneer je
Mattheüs openslaat en de bediening

1943
01:55:25,230 --> 01:55:25,950
van Johannes ziet.
