1
00:00:02,070 --> 00:00:04,230
Welkom bij Vers voor Vers!

2
00:00:04,230 --> 00:00:10,170
Deze keer behandelen we Markus
8, vers 1 tot en met vers 26.

3
00:00:10,170 --> 00:00:12,030
We gaan naar Markus 8.

4
00:00:12,030 --> 00:00:15,270
De vorige keer had Jezus een
conflict met de Farizeeën

5
00:00:15,270 --> 00:00:19,830
over het feit dat de discipelen hun
handen niet op de juiste manier wasten.

6
00:00:19,830 --> 00:00:24,630
Met ‘op de juiste manier’ bedoelen we
de manier waarop de Joodse rabbijnen

7
00:00:24,630 --> 00:00:26,490
leerden dat het moest gebeuren.

8
00:00:26,490 --> 00:00:29,850
Het was niet iets wat de
wet van Mozes voorschreef.

9
00:00:29,850 --> 00:00:35,310
Het was iets wat de Farizeeën onderwezen
omdat de rabbijnen het hadden onderwezen.

10
00:00:35,310 --> 00:00:39,570
En de Farizeeën geloofden dat de Joden
verplicht waren de tradities van de

11
00:00:39,570 --> 00:00:43,290
voorouders, van de
rabbijnen, in acht te nemen.

12
00:00:43,290 --> 00:00:46,350
Ze hadden dus dit uitgebreide
wassysteem ontwikkeld,

13
00:00:46,350 --> 00:00:49,410
en Jezus’ discipelen
verzuimden dat te volgen.

14
00:00:49,410 --> 00:00:51,810
Ze kregen kritiek van de Farizeeën.

15
00:00:51,810 --> 00:00:54,630
En Jezus verdedigde Zijn
discipelen natuurlijk

16
00:00:54,630 --> 00:00:59,250
en zei dat de Farizeeën met deze
kritiek hun huichelarij lieten zien.

17
00:00:59,250 --> 00:01:02,790
Zelf maakten ze zich schuldig aan
het overtreden van het Woord van God,

18
00:01:02,790 --> 00:01:05,370
terwijl ze hun tradities handhaafden.

19
00:01:05,370 --> 00:01:10,290
Na dat alles ontmoette Jezus een vrouw van
wie de dochter door een demon bezeten was,

20
00:01:10,290 --> 00:01:12,450
en ze bleef Hem lastigvallen.

21
00:01:12,450 --> 00:01:15,210
Aanvankelijk wilde Hij haar
verzoek niet inwilligen,

22
00:01:15,210 --> 00:01:17,970
of misschien was Hij dat
al die tijd wel van plan.

23
00:01:17,970 --> 00:01:21,870
We moeten beseffen dat Jezus niet
altijd vooraf precies laat zien wat Hij

24
00:01:21,870 --> 00:01:23,130
van plan is.

25
00:01:23,130 --> 00:01:26,850
Er zijn bijvoorbeeld momenten
waarop Hij bijna langs de boot loopt

26
00:01:26,850 --> 00:01:30,090
en wacht totdat de discipelen
Hem vragen aan boord te komen.

27
00:01:30,090 --> 00:01:32,550
Hij loopt op het water, en er staat:

28
00:01:32,550 --> 00:01:36,870
En Hij zag dat zij veel moeite moesten
doen om het schip vooruit te krijgen,

29
00:01:36,870 --> 00:01:41,850
want zij hadden de wind tegen; en
omstreeks de vierde nachtwake kwam Hij,

30
00:01:41,850 --> 00:01:46,170
lopend op de zee, naar hen
toe en wilde hun voorbijgaan.

31
00:01:46,170 --> 00:01:50,490
Maar ze schreeuwden het uit en
riepen Hem, en Hij stapte in.

32
00:01:50,490 --> 00:01:54,630
Zo was Hij na Zijn opstanding
ook op de weg naar Emmaüs.

33
00:01:54,630 --> 00:01:59,190
Toen de mannen bij hun huis aankwamen,
deed Jezus alsof Hij verder zou gaan,

34
00:01:59,190 --> 00:02:01,890
totdat ze Hem uitnodigden binnen te komen.

35
00:02:01,890 --> 00:02:07,350
Soms doet Jezus alsof Hij iets anders gaat
doen, tenzij je Hem iets blijft vragen.

36
00:02:07,350 --> 00:02:09,750
Deze vrouw bleef aandringen en zei:

37
00:02:09,750 --> 00:02:15,390
Maar zij kwam dichterbij , knielde
voor Hem neer en zei: Heere, help mij!

38
00:02:15,390 --> 00:02:17,550
Hij negeerde haar grotendeels.

39
00:02:17,550 --> 00:02:19,770
De discipelen zeiden tegen Jezus:

40
00:02:19,770 --> 00:02:22,230
Maar Hij antwoordde haar met geen woord.

41
00:02:22,230 --> 00:02:26,610
En Zijn discipelen kwamen naar Hem
toe en vroegen Hem: Stuur haar weg,

42
00:02:26,610 --> 00:02:28,350
want zij roept ons na.

43
00:02:28,350 --> 00:02:29,490
Hij zei:

44
00:02:29,490 --> 00:02:33,930
Hij antwoordde en zei: Ik ben alleen maar
gezonden naar de verloren schapen van het

45
00:02:33,930 --> 00:02:35,370
huis van Israël.

46
00:02:35,370 --> 00:02:36,690
Hij zei ook:

47
00:02:36,690 --> 00:02:40,890
Hij antwoordde echter en zei: Het is niet
behoorlijk het brood van de kinderen te

48
00:02:40,890 --> 00:02:43,170
nemen en naar de hondjes te werpen.

49
00:02:43,170 --> 00:02:44,730
Dat aanvaardde ze.

50
00:02:44,730 --> 00:02:49,590
Ze was een heidin, een hond volgens
de opvatting van de Joden. Ze zei:

51
00:02:49,590 --> 00:02:53,430
Maar zij antwoordde en
zei tegen Hem: Ja, Heere,

52
00:02:53,430 --> 00:02:57,810
maar de hondjes eten toch ook onder de
tafel van de kruimels van de kinderen.

53
00:02:57,810 --> 00:03:02,130
Jezus prees haar om haar geloof
en zei dat haar dochter beter was.

54
00:03:02,130 --> 00:03:05,190
We zien dus dat Jezus
op afstand kon genezen,

55
00:03:05,190 --> 00:03:08,310
zoals Hij bijvoorbeeld deed
met de dienaar van de hoofdman

56
00:03:08,310 --> 00:03:10,530
en met de zoon van de hoveling.

57
00:03:10,530 --> 00:03:15,150
De dienaar van de hoofdman staat in
Mattheüs 8, en de zoon van de hoveling,

58
00:03:15,150 --> 00:03:18,690
geloof ik, in het vierde
hoofdstuk van Johannes.

59
00:03:18,690 --> 00:03:21,810
Jezus hoefde niet aanwezig
te zijn om te genezen,

60
00:03:21,810 --> 00:03:26,370
en zelfs om demonen uit te drijven
hoefde Hij niet aanwezig te zijn.

61
00:03:26,370 --> 00:03:31,650
In dit geval was het meisje door een
demon bezeten, en Jezus was niet bij haar.

62
00:03:31,650 --> 00:03:33,510
Hij zei eenvoudig:

63
00:03:33,510 --> 00:03:37,410
En Hij zei tegen haar:
Omwille van dit woord ga heen,

64
00:03:37,410 --> 00:03:40,470
de demon is uit uw dochter uitgegaan.

65
00:03:40,470 --> 00:03:43,710
Ze kwam thuis en ontdekte
dat dit waar was.

66
00:03:43,710 --> 00:03:46,290
Zelfs demonen kunnen worden uitgedreven

67
00:03:46,290 --> 00:03:49,650
zonder dat Jezus daarbij
lichamelijk aanwezig is.

68
00:03:49,650 --> 00:03:53,670
Dat is maar goed ook, want Zijn
lichamelijke aanwezigheid is nu niet op

69
00:03:53,670 --> 00:03:56,190
dezelfde manier bij ons als vroeger.

70
00:03:56,190 --> 00:03:59,910
Toch kunnen demonen dus in
Zijn Naam worden uitgedreven.

71
00:03:59,910 --> 00:04:04,110
Paulus ontdekte dat dit waar
was nadat Jezus was opgevaren.

72
00:04:04,110 --> 00:04:08,490
In Handelingen 19 staat dat
Paulus, toen hij in Efeze was,

73
00:04:08,490 --> 00:04:10,590
buitengewone wonderen deed.

74
00:04:10,590 --> 00:04:13,710
Daaronder waren wonderen
waarbij stukken stof,

75
00:04:13,710 --> 00:04:17,610
schorten en zweetdoeken met
Paulus in aanraking waren geweest

76
00:04:17,610 --> 00:04:21,630
en naar zieke en door demonen
bezeten mensen werden gebracht.

77
00:04:21,630 --> 00:04:24,090
Hoewel Paulus zelf niet aanwezig was,

78
00:04:24,090 --> 00:04:27,510
werden degenen die deze
zweetdoeken en schorten van Paulus

79
00:04:27,510 --> 00:04:31,950
ontvingen van hun ziekten genezen,
en de demonen gingen uit hen weg.

80
00:04:31,950 --> 00:04:35,730
Niet alleen Jezus hoeft dus niet
lichamelijk aanwezig te zijn;

81
00:04:35,730 --> 00:04:38,670
zelfs de christen hoeft niet
lichamelijk aanwezig te zijn.

82
00:04:38,670 --> 00:04:41,670
Paulus kon deze demonen
op afstand uitdrijven.

83
00:04:41,670 --> 00:04:44,670
We zien dat er geen beperkingen
zijn aan Jezus’ vermogen

84
00:04:44,670 --> 00:04:48,930
om dingen voor mensen te doen, geen
beperkingen wat afstand betreft.

85
00:04:48,930 --> 00:04:51,510
Hij hoeft niet lichamelijk
aanwezig te zijn.

86
00:04:51,510 --> 00:04:54,510
Het was waarschijnlijk goed dat
Hij de discipelen dat leerde,

87
00:04:54,510 --> 00:04:59,610
omdat zij op dat moment niet wisten dat
Hij zoveel tijd afwezig van hen zou zijn.

88
00:04:59,610 --> 00:05:02,250
Ze wisten niet dat Hij
spoedig zou sterven.

89
00:05:02,250 --> 00:05:05,970
Binnen een jaar na dit
moment zou Hij zelfs sterven.

90
00:05:05,970 --> 00:05:09,210
En pas later in dit
hoofdstuk, hoofdstuk 8,

91
00:05:09,210 --> 00:05:11,610
horen ze Hem daar duidelijk over spreken.

92
00:05:11,610 --> 00:05:14,850
In hoofdstuk 8, de verzen 1 tot en met 10,

93
00:05:14,850 --> 00:05:18,210
hebben we een wonder waarbij
de menigten te eten krijgen.

94
00:05:18,210 --> 00:05:22,350
Dat klinkt heel bekend, want niet
lang daarvoor kwamen we in hoofdstuk 6

95
00:05:22,350 --> 00:05:24,750
het voeden van de vijfduizend tegen.

96
00:05:24,750 --> 00:05:28,470
Hoofdstuk 6, de verzen 30 tot en met 44,

97
00:05:28,470 --> 00:05:32,430
gaat erover dat Jezus
vijfduizend mensen te eten geeft.

98
00:05:32,430 --> 00:05:36,630
Bij deze gelegenheid geeft Hij
vierduizend mensen te eten.

99
00:05:36,630 --> 00:05:39,030
Het verhaal lijkt er duidelijk sterk op.

100
00:05:39,030 --> 00:05:42,930
De details zijn anders, en er zijn
misschien enkele dingen die het vermelden

101
00:05:42,930 --> 00:05:46,950
waard zijn omdat ze niet hetzelfde
zijn als in het andere verhaal.

102
00:05:46,950 --> 00:05:50,370
In die dagen, toen er een
heel grote menigte bijeen was

103
00:05:50,370 --> 00:05:56,490
en zij niets te eten hadden, riep Jezus
Zijn discipelen bij Zich en zei tegen hen:

104
00:05:56,490 --> 00:06:00,510
Ik ben innerlijk met ontferming
bewogen over de menigte,

105
00:06:00,510 --> 00:06:05,430
want zij blijven al drie dagen bij Mij
en hebben niets wat zij kunnen eten.

106
00:06:05,430 --> 00:06:09,930
En als Ik hen nuchter naar hun huis
stuur, zullen zij onderweg bezwijken,

107
00:06:09,930 --> 00:06:12,690
want sommigen van hen komen van ver.

108
00:06:12,690 --> 00:06:17,550
En Zijn discipelen antwoordden Hem: Waar
haalt iemand hier in deze afgelegen plaats

109
00:06:17,550 --> 00:06:21,630
zoveel broden vandaan, dat hij
deze mensen kan verzadigen?

110
00:06:21,630 --> 00:06:27,210
En Hij vroeg hun: Hoeveel broden
hebt u? En zij zeiden: Zeven.

111
00:06:27,210 --> 00:06:30,330
En Hij gebood de menigte
op de grond te gaan zitten.

112
00:06:30,330 --> 00:06:34,050
En Hij nam de zeven broden
en nadat Hij gedankt had,

113
00:06:34,050 --> 00:06:38,250
brak Hij ze en gaf ze aan Zijn
discipelen om ze hun voor te zetten;

114
00:06:38,250 --> 00:06:40,710
en zij zetten ze de menigte voor.

115
00:06:40,710 --> 00:06:45,330
Hij brak ze en gaf ze aan Zijn discipelen
om ze aan de mensen uit te delen.

116
00:06:45,330 --> 00:06:48,030
En zij deelden ze uit aan de menigte.

117
00:06:48,030 --> 00:06:52,110
Ze hadden ook een paar kleine vissen,
en nadat Hij die had gezegend,

118
00:06:52,110 --> 00:06:54,870
zei Hij dat ze die ook moesten uitdelen.

119
00:06:54,870 --> 00:06:59,610
Ze aten en werden verzadigd, en
ze haalden zeven grote manden met

120
00:06:59,610 --> 00:07:01,290
overgebleven stukken op.

121
00:07:01,290 --> 00:07:05,850
Er hadden ongeveer vierduizend mensen
gegeten, en Hij stuurde hen weg.

122
00:07:05,850 --> 00:07:09,030
Meteen stapte Hij met Zijn
discipelen in de boot en ging naar de

123
00:07:09,030 --> 00:07:10,710
streek van Dalmanuta.

124
00:07:10,710 --> 00:07:12,390
Dan gebeurt er iets anders.

125
00:07:12,390 --> 00:07:16,050
Maar we hebben hier dit verhaal, dat
natuurlijk sterk doet denken aan de

126
00:07:16,050 --> 00:07:18,090
spijziging van de vijfduizend.

127
00:07:18,090 --> 00:07:20,490
Maar er is beslist iets anders.

128
00:07:20,490 --> 00:07:24,570
Eén verschil is dat het er
vierduizend zijn, geen vijfduizend.

129
00:07:24,570 --> 00:07:29,070
Iets anders om op te merken is dat
dit in heidens gebied gebeurde.

130
00:07:29,070 --> 00:07:33,390
De spijziging van de vijfduizend
vond plaats in Joods gebied.

131
00:07:33,390 --> 00:07:36,390
In Galilea voedde Hij de vijfduizend.

132
00:07:36,390 --> 00:07:41,010
Maar nu is Hij het meer overgestoken
en bevindt Hij Zich in het gebied dat

133
00:07:41,010 --> 00:07:43,050
Dekapolis wordt genoemd.

134
00:07:43,050 --> 00:07:45,990
Dekapolis betekent tien steden.

135
00:07:45,990 --> 00:07:50,130
Het waren tien Griekse steden
die in Joods gebied lagen.

136
00:07:50,130 --> 00:07:53,130
De Bijbel zegt dat Hij nu
in de Dekapolis diende,

137
00:07:53,130 --> 00:07:56,070
wat betekent dat het heidens gebied was.

138
00:07:56,070 --> 00:08:00,270
Waarschijnlijk waren degenen die
Hem volgden merendeels Joden.

139
00:08:00,270 --> 00:08:03,630
Hij had tenslotte net tegen
de heidense vrouw gezegd:

140
00:08:03,630 --> 00:08:08,010
Hij antwoordde echter en zei: Het is niet
behoorlijk het brood van de kinderen te

141
00:08:08,010 --> 00:08:10,470
nemen en naar de hondjes te werpen.

142
00:08:10,470 --> 00:08:12,150
Maar zij had gezegd:

143
00:08:12,150 --> 00:08:16,290
Maar zij antwoordde en
zei tegen Hem: Ja, Heere,

144
00:08:16,290 --> 00:08:20,550
maar de hondjes eten toch ook onder de
tafel van de kruimels van de kinderen.

145
00:08:20,550 --> 00:08:26,190
In zekere zin kan het veelbetekenend zijn
dat dit wonder direct daarna gebeurt.

146
00:08:26,190 --> 00:08:29,430
Want Hij geeft brood, zoals
Hij bij de spijziging van de

147
00:08:29,430 --> 00:08:33,090
vijfduizend aan de kinderen,
aan de Joden, had gedaan.

148
00:08:33,090 --> 00:08:38,430
Dit kan een grotendeels heidense groep
zijn, in elk geval in heidens gebied.

149
00:08:38,430 --> 00:08:42,750
Hij kon er niet zeker van zijn dat
er geen heidenen aanwezig waren.

150
00:08:42,750 --> 00:08:48,030
Dit waren heidense steden, en daarom weet
ik zeker dat de heidenen er net zo sterk

151
00:08:48,030 --> 00:08:50,910
als de Joden naar
verlangden wonderen te zien.

152
00:08:50,910 --> 00:08:54,690
Het kan zijn dat we Hem hier
brood aan de honden zien geven,

153
00:08:54,690 --> 00:08:58,110
zoals Hij het aan de kinderen had
gegeven, bij wijze van spreken.

154
00:08:58,110 --> 00:09:03,510
En het kan zijn dat de spijziging van
de vijfduizend uitbeeldde dat Jezus voor

155
00:09:03,510 --> 00:09:06,510
Israël het brood des levens is.

156
00:09:06,510 --> 00:09:09,570
Uit Johannes 6 weten we dat Jezus de dag

157
00:09:09,570 --> 00:09:12,930
na de spijziging van de
vijfduizend een redevoering hield

158
00:09:12,930 --> 00:09:15,330
over het brood des levens.

159
00:09:15,330 --> 00:09:18,210
Eigenlijk hield Hij die
voor dezelfde mensen,

160
00:09:18,210 --> 00:09:20,670
omdat ze naar een ontbijt kwamen zoeken.

161
00:09:20,670 --> 00:09:25,170
Ze hadden de avond ervoor bij Hem gegeten
en ze dachten dat het een goede plek was

162
00:09:25,170 --> 00:09:30,090
om gratis te ontbijten, dus gingen
ze Hem zoeken. Toen zei Hij:

163
00:09:30,090 --> 00:09:34,770
U komt alleen naar Mij toe omdat
u gegeten hebt en verzadigd bent.

164
00:09:34,770 --> 00:09:38,550
Werk niet voor het voedsel dat vergaat,
maar voor het voedsel dat blijft tot in

165
00:09:38,550 --> 00:09:43,170
het eeuwige leven, dat de
Zoon des mensen u zal geven.

166
00:09:43,170 --> 00:09:44,490
Ze zeiden:

167
00:09:44,490 --> 00:09:48,570
Welk teken doet U dan, zodat
wij het zien en U geloven?

168
00:09:48,570 --> 00:09:51,810
Onze vaderen hebben het
manna in de woestijn gegeten.

169
00:09:51,810 --> 00:09:53,130
Jezus zei:

170
00:09:53,130 --> 00:09:58,530
Jezus dan zei tegen hen:
Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u:

171
00:09:58,530 --> 00:10:01,530
Niet Mozes heeft u het
brood uit de hemel gegeven,

172
00:10:01,530 --> 00:10:05,070
maar Mijn Vader geeft u het
ware brood uit de hemel.

173
00:10:05,070 --> 00:10:07,830
Zoals God Israël in de
woestijn had gevoed,

174
00:10:07,830 --> 00:10:11,550
zo had Jezus deze Israëlieten
buiten op de heuvel gevoed

175
00:10:11,550 --> 00:10:14,070
bij de spijziging van de vijfduizend.

176
00:10:14,070 --> 00:10:16,170
En zo waren de kinderen gevoed.

177
00:10:16,170 --> 00:10:17,850
Maar wat gebeurde er?

178
00:10:17,850 --> 00:10:19,710
Ze gooiden het brood weg.

179
00:10:19,710 --> 00:10:24,810
In Johannes hoofdstuk 6, in dat gesprek
dat Hij de volgende dag met hen voerde,

180
00:10:24,810 --> 00:10:29,310
staat dat ze aanstoot namen
aan wat Hij zei. Hij zei:

181
00:10:29,310 --> 00:10:34,530
Jezus dan zei tegen hen:
Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u:

182
00:10:34,530 --> 00:10:39,270
Als u het vlees van de Zoon des mensen
niet eet en Zijn bloed niet drinkt,

183
00:10:39,270 --> 00:10:41,130
hebt u geen leven in uzelf.

184
00:10:41,130 --> 00:10:44,550
Ze namen daar zeer aanstoot
aan en verlieten Hem.

185
00:10:44,550 --> 00:10:48,150
Uiteindelijk waren er aan het einde van
dat gesprek nog maar twaalf discipelen

186
00:10:48,150 --> 00:10:50,190
over. Hij zei:

187
00:10:50,190 --> 00:10:54,150
Jezus dan zei tegen de twaalf:
Wilt u ook niet weggaan?

188
00:10:54,150 --> 00:10:55,350
Petrus zei:

189
00:10:55,350 --> 00:11:00,270
Simon Petrus dan antwoordde Hem:
Heere, naar wie zullen wij heen gaan?

190
00:11:00,270 --> 00:11:02,790
U hebt woorden van eeuwig leven.

191
00:11:02,790 --> 00:11:07,530
We zien dus dat Hij de kinderen, de
kinderen van Israël, met brood voedt.

192
00:11:07,530 --> 00:11:11,070
Hij biedt Zichzelf letterlijk
aan als het brood des levens,

193
00:11:11,070 --> 00:11:13,650
en zij gooien het op de
grond voor de honden.

194
00:11:13,650 --> 00:11:15,270
Dus waar gaat Hij heen?

195
00:11:15,270 --> 00:11:19,290
Hij gaat naar de overkant, naar
Dekapolis, waar de honden zijn.

196
00:11:19,290 --> 00:11:23,610
Hij gaat naar de plek waar de heidenen
zijn, en nu geeft Hij hun brood.

197
00:11:23,610 --> 00:11:26,370
Het is interessant dat een
van de weinige dingen die

198
00:11:26,370 --> 00:11:30,270
tussen die gebeurtenissen plaatsvonden,
dit gesprek was dat Hij met de

199
00:11:30,270 --> 00:11:33,930
Syro-Fenicische vrouw
voerde. Tegen haar zei Hij:

200
00:11:33,930 --> 00:11:38,190
Hij antwoordde echter en zei: Het is niet
behoorlijk het brood van de kinderen te

201
00:11:38,190 --> 00:11:40,230
nemen en naar de hondjes te werpen.

202
00:11:40,230 --> 00:11:41,550
Maar zij zei:

203
00:11:41,550 --> 00:11:46,470
Zij zei: Ja, Heere, maar de hondjes eten
ook van de kruimels die er vallen van de

204
00:11:46,470 --> 00:11:48,150
tafel van hun bezitter.

205
00:11:48,150 --> 00:11:50,010
En zo hebben we dit verhaal.

206
00:11:50,010 --> 00:11:51,810
Ik vraag me af, en ik vermoed,

207
00:11:51,810 --> 00:11:55,530
dat de meerderheid van deze mensen
waarschijnlijk heidenen waren.

208
00:11:55,530 --> 00:11:58,170
Jezus week af van Zijn normale beleid om

209
00:11:58,170 --> 00:12:01,470
eerst naar de verloren schapen
van het huis van Israël te gaan.

210
00:12:01,470 --> 00:12:04,470
Sommige mensen zeggen dat
het vertrek van deze mensen

211
00:12:04,470 --> 00:12:07,050
na de spijziging van
de vijfduizend iets was

212
00:12:07,050 --> 00:12:09,930
wat geleerden soms de
Galilese crisis noemen,

213
00:12:09,930 --> 00:12:13,290
en dat Zijn bediening in Galilea
daarna nooit meer het niveau

214
00:12:13,290 --> 00:12:14,850
van daarvoor bereikte.

215
00:12:14,850 --> 00:12:18,630
Er waren nog steeds menigten die Hem
volgden aan de overkant van het Meer van

216
00:12:18,630 --> 00:12:21,450
Galilea, aan de andere
kant van de Jordaan,

217
00:12:21,450 --> 00:12:25,230
maar Zijn bediening in Galilea
had haar hoogtepunt bereikt.

218
00:12:25,230 --> 00:12:30,030
Ze had haar climax bereikt toen zoiets
als vijftienduizend mensen of meer

219
00:12:30,030 --> 00:12:31,470
naar Hem toe kwamen.

220
00:12:31,470 --> 00:12:35,370
Maar de volgende dag hadden ze
Hem vrijwel allemaal verworpen.

221
00:12:35,370 --> 00:12:39,570
Als er dus ooit een moment was waarop
Hij Zich tot de heidenen zou wenden,

222
00:12:39,570 --> 00:12:41,370
dan was het dit moment.

223
00:12:41,370 --> 00:12:44,130
Jezus wendde Zich niet
voorgoed tot de heidenen,

224
00:12:44,130 --> 00:12:47,250
maar het kan zijn dat dit
een manier was om te zeggen:

225
00:12:47,250 --> 00:12:51,330
Maar Jezus zei tegen haar: Laat
eerst de kinderen verzadigd worden,

226
00:12:51,330 --> 00:12:54,690
want het is niet behoorlijk het brood
van de kinderen te nemen en naar de

227
00:12:54,690 --> 00:12:56,130
hondjes te werpen.

228
00:12:56,130 --> 00:12:59,730
Maar zij antwoordde en
zei tegen Hem: Ja, Heere,

229
00:12:59,730 --> 00:13:03,930
maar de hondjes eten toch ook onder de
tafel van de kruimels van de kinderen.

230
00:13:03,930 --> 00:13:07,590
Als de kinderen het niet allemaal willen,
dan is er in het huishouden ook genoeg

231
00:13:07,590 --> 00:13:08,850
voor de honden.

232
00:13:08,850 --> 00:13:12,811
En dus gaat Hij daarheen en doet
Hij dit onder deze heidenen —

233
00:13:12,811 --> 00:13:16,590
waarschijnlijk heidenen in een
heidens gebied, in elk geval.

234
00:13:16,590 --> 00:13:19,170
Een paar andere dingen
zijn hier ook anders.

235
00:13:19,170 --> 00:13:21,810
Om te beginnen zei Jezus in vers 2:

236
00:13:21,810 --> 00:13:25,230
Ik ben innerlijk met ontferming
bewogen over de menigte,

237
00:13:25,230 --> 00:13:29,790
want zij blijven al drie dagen bij Mij
en hebben niets wat zij kunnen eten.

238
00:13:29,790 --> 00:13:33,330
Dit verhaal is trouwens alleen
te vinden in Mattheüs en Markus,

239
00:13:33,330 --> 00:13:37,650
hoewel de spijziging van de vijfduizend
in alle vier de evangeliën voorkomt.

240
00:13:37,650 --> 00:13:42,210
De spijziging van de vijfduizend is
het enige wonder van Jezus dat in alle

241
00:13:42,210 --> 00:13:44,490
vier de evangeliën voorkomt.

242
00:13:44,490 --> 00:13:49,950
Lukas, Mattheüs en Markus hebben namelijk
meestal veel overeenkomstig materiaal,

243
00:13:49,950 --> 00:13:53,610
maar wat Johannes behandelt,
overlapt daar niet vaak mee.

244
00:13:53,610 --> 00:13:57,750
Maar zelfs Johannes behandelt de
spijziging van de vijfduizend,

245
00:13:57,750 --> 00:13:59,550
omdat die belangrijk is.

246
00:13:59,550 --> 00:14:02,850
En alleen Johannes geeft
ons die bespreking daarna,

247
00:14:02,850 --> 00:14:07,050
waarin Jezus erover spreekt dat
Hij het brood des levens is,

248
00:14:07,050 --> 00:14:08,850
en zij Hem verwierpen.

249
00:14:08,850 --> 00:14:12,450
Maar alleen Mattheüs en
Markus geven ons dit verhaal,

250
00:14:12,450 --> 00:14:14,670
de spijziging van de vierduizend.

251
00:14:14,670 --> 00:14:17,970
In het evangelie van
Mattheüs zegt Jezus ook:

252
00:14:17,970 --> 00:14:20,970
En Jezus riep Zijn
discipelen bij Zich en zei:

253
00:14:20,970 --> 00:14:24,570
Ik ben innerlijk met ontferming
bewogen over de menigte,

254
00:14:24,570 --> 00:14:27,510
omdat zij al drie dagen
bij Mij gebleven zijn,

255
00:14:27,510 --> 00:14:32,010
en zij hebben niets wat zij kunnen
eten; Ik wil hen niet nuchter wegsturen,

256
00:14:32,010 --> 00:14:34,650
opdat zij onderweg niet bezwijken.

257
00:14:34,650 --> 00:14:38,190
De reden waarom ik dat noem,
is dat dit de enige keer is dat

258
00:14:38,190 --> 00:14:40,710
Jezus naar eigen zeggen medelijden heeft,

259
00:14:40,710 --> 00:14:44,370
hoewel de evangelieschrijvers
dat vaak over Hem zeggen.

260
00:14:44,370 --> 00:14:48,690
Bij de spijziging van de vijfduizend
wordt ons zelfs verteld dat Hij

261
00:14:48,690 --> 00:14:51,090
medelijden had met de menigten, omdat

262
00:14:51,090 --> 00:14:55,530
En toen Jezus uit het schip ging,
zag Hij een grote menigte en was

263
00:14:55,530 --> 00:14:59,250
innerlijk met ontferming bewogen
over hen, want zij waren als

264
00:14:59,250 --> 00:15:03,930
schapen die geen herder hebben; en Hij
begon hun veel dingen te onderwijzen.

265
00:15:03,930 --> 00:15:07,530
Dat staat in Markus
hoofdstuk 6, in het verhaal

266
00:15:07,530 --> 00:15:09,810
over de spijziging van de vijfduizend.

267
00:15:09,810 --> 00:15:14,070
Er wordt ons verteld dat Hij medelijden
had, maar voor zover wij weten,

268
00:15:14,070 --> 00:15:17,310
zegt Hij nergens anders
tijdens Zijn hele bediening:

269
00:15:17,310 --> 00:15:20,910
Ik ben innerlijk met ontferming
bewogen over de menigte,

270
00:15:20,910 --> 00:15:25,890
want zij blijven al drie dagen bij Mij
en hebben niets wat zij kunnen eten.

271
00:15:25,890 --> 00:15:30,030
In dit geval komt dat niet doordat
ze als schapen zonder herder zijn.

272
00:15:30,030 --> 00:15:34,950
De Joden waren immers Gods schapen, en
het was Gods bedoeling dat Zijn schapen

273
00:15:34,950 --> 00:15:36,450
herders zouden hebben.

274
00:15:36,450 --> 00:15:38,190
Hij gaf hun herders.

275
00:15:38,190 --> 00:15:43,950
Hij gaf hun priesters, profeten en leiders
die de herders van Israël moesten zijn.

276
00:15:43,950 --> 00:15:48,450
Maar zoals Ezechiël in
Ezechiël 34 duidelijk maakte,

277
00:15:48,450 --> 00:15:53,130
hadden de herders van Israël voor
zichzelf gezorgd en niet voor de schapen.

278
00:15:53,130 --> 00:15:55,710
In Ezechiël 34 zei God:

279
00:15:55,710 --> 00:15:59,610
Ik zal Zelf naar Mijn schapen
vragen en voor hen zorgen;

280
00:15:59,610 --> 00:16:02,190
Ik zal Zelf Mijn schapen weiden.

281
00:16:02,190 --> 00:16:06,630
Dat werd natuurlijk vervuld toen
Jezus, de Goede Herder, kwam.

282
00:16:06,630 --> 00:16:11,310
Hij zag dat Israël als verstrooide
schapen zonder herder was.

283
00:16:11,310 --> 00:16:14,310
Dat was toen Hij de
vijfduizend te eten gaf.

284
00:16:14,310 --> 00:16:17,910
Hier noemt Hij niet zozeer de geestelijke
behoeften van de heidenen als wel

285
00:16:17,910 --> 00:16:19,830
hun lichamelijke behoeften.

286
00:16:19,830 --> 00:16:22,590
Hij zegt dat ze al drie
dagen bij Hem zijn.

287
00:16:22,590 --> 00:16:26,850
Toen Jezus de vijfduizend te eten
gaf, kwamen de mensen bijeen,

288
00:16:26,850 --> 00:16:31,230
werd er tot hen gepreekt, kregen ze
te eten en gingen ze weer uiteen,

289
00:16:31,230 --> 00:16:33,030
allemaal op één dag.

290
00:16:33,030 --> 00:16:36,630
Maar hier waren deze mensen
blijkbaar al drie dagen van huis,

291
00:16:36,630 --> 00:16:39,990
omdat Hij zich op een plek bevond
waar sommigen van hen van ver

292
00:16:39,990 --> 00:16:41,610
naartoe waren gekomen.

293
00:16:41,610 --> 00:16:43,530
Dat staat in vers 3:

294
00:16:43,530 --> 00:16:45,870
Want sommigen van hen komen van ver.

295
00:16:45,870 --> 00:16:50,250
Ze waren dus niet dicht bij huis, en er
waren daar niet veel steden in de buurt.

296
00:16:50,250 --> 00:16:53,790
Hij bevond Zich waarschijnlijk
niet in een van deze tien steden.

297
00:16:53,790 --> 00:16:56,550
Hij was waarschijnlijk in
het tussenliggende gebied.

298
00:16:56,550 --> 00:16:59,970
Daarom dacht Hij dat ze zelfs geen
plaatsen zouden kunnen bereiken waar ze

299
00:16:59,970 --> 00:17:04,050
eten konden kopen, nadat ze in
feite drie dagen hadden gevast

300
00:17:04,050 --> 00:17:05,850
terwijl ze naar Hem luisterden.

301
00:17:05,850 --> 00:17:09,150
Hij dacht dat ze in de hitte van
de zon misschien zouden flauwvallen

302
00:17:09,150 --> 00:17:11,910
als ze met een lege
maag werden weggestuurd.

303
00:17:11,910 --> 00:17:16,590
Jezus spreekt hier dus Zijn bezorgdheid
over hun lichamelijke behoeften uit,

304
00:17:16,590 --> 00:17:20,730
en Zijn discipelen antwoorden in
vers 4 op een verrassende manier.

305
00:17:20,730 --> 00:17:22,590
Ze antwoordden en zeiden:

306
00:17:22,590 --> 00:17:26,850
Hoe kan iemand deze mensen hier in de
woestijn genoeg brood te eten geven?

307
00:17:26,850 --> 00:17:31,110
Het verrassende is dat ze dit zeiden
nadat ze Hem de vijfduizend te eten

308
00:17:31,110 --> 00:17:32,430
hadden zien geven.

309
00:17:32,430 --> 00:17:35,850
Dit is hetzelfde bezwaar dat ze
destijds naar voren brachten,

310
00:17:35,850 --> 00:17:39,150
maar die gebeurtenis had hen
daarvan af moeten helpen.

311
00:17:39,150 --> 00:17:44,190
Later in dit hoofdstuk klaagt Jezus erover
dat ze van geen van beide gebeurtenissen

312
00:17:44,190 --> 00:17:45,630
iets hebben geleerd.

313
00:17:45,630 --> 00:17:51,030
Als we wat verderop kijken, in vers
18 van hetzelfde hoofdstuk, zegt Hij:

314
00:17:51,030 --> 00:17:53,790
U hebt ogen, en u ziet niet?

315
00:17:53,790 --> 00:17:56,610
En u hebt oren, en u hoort niet?

316
00:17:56,610 --> 00:18:01,891
En herinnert u zich niet, toen Ik de vijf
broden brak voor de vijfduizend mannen ,

317
00:18:01,891 --> 00:18:05,430
hoeveel volle manden met
stukken brood u opraapte?

318
00:18:05,430 --> 00:18:08,310
Zij zeiden tegen Hem: Twaalf.

319
00:18:08,310 --> 00:18:11,671
En toen Ik de zeven brak
voor de vierduizend mannen ,

320
00:18:11,671 --> 00:18:15,270
hoeveel volle manden met
stukken brood u opraapte?

321
00:18:15,270 --> 00:18:17,490
En zij zeiden: Zeven.

322
00:18:17,490 --> 00:18:20,910
En Hij zei tegen hen: Waarom
begrijpt u het dan niet?

323
00:18:20,910 --> 00:18:25,230
De reden waarom Hij hen bij die latere
gelegenheid in het hoofdstuk terechtwees,

324
00:18:25,230 --> 00:18:29,550
was dat ze niet genoeg eten hadden
meegenomen en dachten dat Jezus misschien

325
00:18:29,550 --> 00:18:33,930
boos was omdat ze niet genoeg
eten hadden meegenomen. Hij zegt:

326
00:18:33,930 --> 00:18:36,750
U hebt ogen, en u ziet niet?

327
00:18:36,750 --> 00:18:39,930
En u hebt oren, en u hoort niet?

328
00:18:39,930 --> 00:18:44,731
En herinnert u zich niet, toen Ik de vijf
broden brak voor de vijfduizend mannen ,

329
00:18:44,731 --> 00:18:48,390
hoeveel volle manden met
stukken brood u opraapte?

330
00:18:48,390 --> 00:18:51,030
Zij zeiden tegen Hem: Twaalf.

331
00:18:51,030 --> 00:18:53,911
En toen Ik de zeven brak
voor de vierduizend mannen ,

332
00:18:53,911 --> 00:18:57,510
hoeveel volle manden met
stukken brood u opraapte?

333
00:18:57,510 --> 00:19:00,030
En zij zeiden: Zeven.

334
00:19:00,030 --> 00:19:03,270
Hij merkt Zelf op dat ze
traag van begrip zijn.

335
00:19:03,270 --> 00:19:05,070
Ze herinneren zich dit niet.

336
00:19:05,070 --> 00:19:07,590
Maar ik kan het hun
echt niet kwalijk nemen.

337
00:19:07,590 --> 00:19:11,610
De kinderen van Israël in de woestijn
vergaten al snel de wonderen die voor hen

338
00:19:11,610 --> 00:19:14,670
waren gedaan, en dat
doen wij eigenlijk ook.

339
00:19:14,670 --> 00:19:19,290
Telkens als we in een moeilijke situatie
zitten en we bidden, en het komt goed,

340
00:19:19,290 --> 00:19:24,390
en we beseffen dat het de Heere is,
getuigen we tegenover onze vrienden: ‘O,

341
00:19:24,390 --> 00:19:26,670
de Heere heeft dit echt zo geleid.

342
00:19:26,670 --> 00:19:30,690
De Heere heeft deze gebeden
echt verhoord,’ enzovoort.

343
00:19:30,690 --> 00:19:34,770
Ons geloof is opeens heel sterk,
omdat we met eigen ogen Gods

344
00:19:34,770 --> 00:19:36,270
voorziening hebben gezien.

345
00:19:36,270 --> 00:19:40,230
Hoe lang duurt het voordat we ons
de volgende keer weer zorgen maken?

346
00:19:40,230 --> 00:19:43,770
Voordat we de volgende keer
vergeten dat God zulke dingen doet?

347
00:19:43,770 --> 00:19:46,230
Bij mij duurt dat eerlijk
gezegd niet erg lang,

348
00:19:46,230 --> 00:19:49,470
en ik heb Gods voorziening
honderden en honderden keren gezien.

349
00:19:49,470 --> 00:19:52,410
Maar laat er maar een paar
weken voorbijgaan zonder

350
00:19:52,410 --> 00:19:56,730
enig zichtbaar teken van voorziening,
terwijl mijn behoeften zich opstapelen,

351
00:19:56,730 --> 00:19:59,430
en ik maak me net als ieder ander zorgen.

352
00:19:59,430 --> 00:20:02,370
Ik kan het de discipelen
echt niet kwalijk nemen.

353
00:20:02,370 --> 00:20:05,490
Ze hadden Hem tenslotte wel één
keer een menigte zien voeden,

354
00:20:05,490 --> 00:20:09,570
maar ze hadden jarenlang waarschijnlijk
twee of drie maaltijden per dag

355
00:20:09,570 --> 00:20:11,130
met Hem gegeten.

356
00:20:11,130 --> 00:20:15,390
En Hij had slechts één keer een
menigte gevoed door brood te breken.

357
00:20:15,390 --> 00:20:18,810
Gewoonlijk moesten zij in
de stad eten gaan kopen.

358
00:20:18,810 --> 00:20:21,270
Daarom schaamden ze zich toen Hij zei:

359
00:20:21,270 --> 00:20:26,730
En Hij gebood hun en zei: Kijk uit, pas
op voor het zuurdeeg van de Farizeeën

360
00:20:26,730 --> 00:20:28,950
en voor het zuurdeeg van Herodes.

361
00:20:28,950 --> 00:20:31,050
Daar zijn we nog niet aan toegekomen.

362
00:20:31,050 --> 00:20:33,270
Dat komt later in dit hoofdstuk.

363
00:20:33,270 --> 00:20:38,670
Ze dachten dat Hij zei: ‘O, het komt
doordat we geen brood hebben meegenomen.

364
00:20:38,670 --> 00:20:42,570
Hij is boos op ons omdat we
geen brood hebben meegenomen.’

365
00:20:42,570 --> 00:20:46,770
Dat was duidelijk hun
verantwoordelijkheid: het eten meenemen.

366
00:20:46,770 --> 00:20:49,050
Gewoonlijk namen ze genoeg mee.

367
00:20:49,050 --> 00:20:53,490
Jezus vermenigvuldigde gewoonlijk
geen voedsel door het te breken.

368
00:20:53,490 --> 00:20:57,570
Het valt hun dus misschien te
vergeven dat ze naar de situatie keken

369
00:20:57,570 --> 00:21:02,490
en vergaten dat Jezus bij één
gelegenheid in een soortgelijke situatie

370
00:21:02,490 --> 00:21:06,810
iets had gedaan en door een wonder
in hun behoeften had voorzien.

371
00:21:06,810 --> 00:21:09,270
Hij deed zoiets niet altijd.

372
00:21:09,270 --> 00:21:11,310
Daarom stelden ze de vraag:

373
00:21:11,310 --> 00:21:16,470
En Zijn discipelen antwoordden Hem: Waar
haalt iemand hier in deze afgelegen plaats

374
00:21:16,470 --> 00:21:20,430
zoveel broden vandaan, dat hij
deze mensen kan verzadigen?

375
00:21:20,430 --> 00:21:21,510
Hij zei:

376
00:21:21,510 --> 00:21:23,430
Hoeveel broden hebben jullie?

377
00:21:23,430 --> 00:21:24,690
Ze zeiden:

378
00:21:24,690 --> 00:21:25,290
Zeven.

379
00:21:25,290 --> 00:21:30,270
Dit is in wezen dezelfde werkwijze
als toen Hij de vijfduizend voedde.

380
00:21:30,270 --> 00:21:34,410
Hij liet hen allemaal in groepen
van vijftig en honderd gaan zitten.

381
00:21:34,410 --> 00:21:37,590
Daarna liet Hij de
discipelen het eten uitdelen,

382
00:21:37,590 --> 00:21:41,610
terwijl Hij het brak en
vermenigvuldigde. Er staat:

383
00:21:41,610 --> 00:21:45,750
En zij hadden enkele visjes;
en toen Hij ze gezegend had,

384
00:21:45,750 --> 00:21:48,750
zei Hij dat zij ook
die moesten voorzetten.

385
00:21:48,750 --> 00:21:50,190
Vers 8 zegt:

386
00:21:50,190 --> 00:21:53,130
En zij aten en werden verzadigd.

387
00:21:53,130 --> 00:21:57,510
En zij raapten het overschot van
de stukken brood op, zeven manden.

388
00:21:57,510 --> 00:22:00,570
Toen Hij de vijfduizend voedde, staat er:

389
00:22:00,570 --> 00:22:04,170
En zij raapten twaalf manden
vol met stukken brood op,

390
00:22:04,170 --> 00:22:06,270
en wat over was van de vissen.

391
00:22:06,270 --> 00:22:12,030
Maar het woord ‘mand’ in dat verhaal is
een ander woord dan het woord ‘mand’ hier.

392
00:22:12,030 --> 00:22:16,410
Het Griekse woord dat wordt gebruikt
bij het voeden van de vijfduizend,

393
00:22:16,410 --> 00:22:18,390
duidt in feite op een kleine mand

394
00:22:18,390 --> 00:22:21,690
waarin misschien maaltijden
voor twee mensen pasten.

395
00:22:21,690 --> 00:22:25,590
Gewoon een open, vrij platte, ronde mand.

396
00:22:25,590 --> 00:22:30,810
Maar het woord dat hier voor ‘mand’
wordt gebruikt — er staat ‘grote manden’,

397
00:22:30,810 --> 00:22:32,190
maar hoe groot?

398
00:22:32,190 --> 00:22:37,710
— is hetzelfde woord dat in Handelingen,
hoofdstuk 9, vers 25, wordt gebruikt,

399
00:22:37,710 --> 00:22:42,810
toen Paulus vanuit de stad Damascus in een
mand over de muur werd neergelaten om te

400
00:22:42,810 --> 00:22:46,830
ontsnappen aan de vervolgers die
hem bij de stadspoorten opwachtten.

401
00:22:46,830 --> 00:22:50,730
Deze manden waren groot genoeg om
er een volwassen man in te zetten.

402
00:22:50,730 --> 00:22:53,550
Ik weet niet of hij erin
verborgen kon worden.

403
00:22:53,550 --> 00:22:56,970
Misschien kwam de mand maar tot
zijn dijen of tot zijn knieën.

404
00:22:56,970 --> 00:23:00,690
Maar hij kon hoe dan ook in deze
mand gaan zitten en over een

405
00:23:00,690 --> 00:23:02,070
muur worden neergelaten.

406
00:23:02,070 --> 00:23:04,470
Het waren dus grote manden, en van de

407
00:23:04,470 --> 00:23:08,370
overblijfselen van zeven
broden werden er zeven gevuld.

408
00:23:08,370 --> 00:23:12,270
Deze broden waren niet zoals wat
wij ons bij broden voorstellen.

409
00:23:12,270 --> 00:23:16,350
Wij stellen ons bij een brood
genoeg brood voor voor, wat,

410
00:23:16,350 --> 00:23:19,590
vijftien boterhammen of
zoiets? Ik weet het niet.

411
00:23:19,590 --> 00:23:23,430
Deze broden leken iets meer
op wat wij broodjes noemen.

412
00:23:23,430 --> 00:23:28,710
Het was een soort platbrood, niet
echt grote broden zoals onze broden.

413
00:23:28,710 --> 00:23:31,410
Er werd dus behoorlijk
veel voedsel binnengehaald.

414
00:23:31,410 --> 00:23:34,830
We weten niet wat ze met die
zeven volle, grote manden deden,

415
00:23:34,830 --> 00:23:36,630
want ze namen ze niet mee.

416
00:23:36,630 --> 00:23:40,770
Het volgende wat we weten, is dat
ze in een boot zitten en geen eten

417
00:23:40,770 --> 00:23:41,970
bij zich hebben.

418
00:23:41,970 --> 00:23:44,850
Blijkbaar gaven ze dat
eten terug aan de menigte,

419
00:23:44,850 --> 00:23:47,130
misschien om het mee naar huis te nemen.

420
00:23:47,130 --> 00:23:50,250
Jezus zag niet graag
dat eten werd verspild.

421
00:23:50,250 --> 00:23:55,050
Dat weten we omdat Jezus, nadat iedereen
bij het voeden van de vijfduizend volop

422
00:23:55,050 --> 00:24:00,510
had gegeten, de discipelen eropuit stuurde
om de overgebleven stukken te verzamelen.

423
00:24:00,510 --> 00:24:01,710
Hij zei:

424
00:24:01,710 --> 00:24:05,430
En toen zij verzadigd waren,
zei Hij tegen Zijn discipelen:

425
00:24:05,430 --> 00:24:09,690
Verzamel de overgebleven stukken,
zodat er niets verloren gaat.

426
00:24:09,690 --> 00:24:12,930
Is het niet interessant dat Hij
Zich daar zorgen over maakte,

427
00:24:12,930 --> 00:24:15,990
terwijl het brood in feite
door een wonder was verschaft?

428
00:24:15,990 --> 00:24:20,730
Het was niet zo dat iemand eropuit was
gegaan en voor dat brood had gewerkt.

429
00:24:20,730 --> 00:24:24,870
Die vijf broden en twee vissen die
Hij brak om de vijfduizend te voeden,

430
00:24:24,870 --> 00:24:26,550
hadden iemand iets gekost.

431
00:24:26,550 --> 00:24:30,030
Maar tegen de tijd dat Hij er
duizenden mensen mee had gevoed,

432
00:24:30,030 --> 00:24:32,490
waren alle stukken die er nog over waren

433
00:24:32,490 --> 00:24:35,010
beslist op wonderbaarlijke
wijze verschaft.

434
00:24:35,010 --> 00:24:37,770
En toch wilde Jezus niet
dat ze werden verspild.

435
00:24:37,770 --> 00:24:41,790
Soms gaan we minder zorgvuldig om met
dingen die gemakkelijk tot ons komen.

436
00:24:41,790 --> 00:24:44,730
Maar blijkbaar is
rentmeesterschap belangrijk,

437
00:24:44,730 --> 00:24:47,310
ongeacht de manier waarop
God iets verschaft.

438
00:24:47,310 --> 00:24:50,850
Wat we ook hebben, het kan
gemakkelijk tot ons zijn gekomen

439
00:24:50,850 --> 00:24:52,950
en misschien zelfs door een wonder.

440
00:24:52,950 --> 00:24:55,950
Toch zijn we er nog steeds
verantwoordelijk voor er als rentmeesters

441
00:24:55,950 --> 00:24:57,270
mee om te gaan.

442
00:24:57,270 --> 00:24:59,850
Jezus wilde niet dat
er iets werd verspild.

443
00:24:59,850 --> 00:25:03,750
Degenen die gegeten hadden,
waren met ongeveer vierduizend.

444
00:25:03,750 --> 00:25:07,770
In de versie van Mattheüs staat
dat er vierduizend mannen waren,

445
00:25:07,770 --> 00:25:10,410
vrouwen en kinderen niet meegerekend.

446
00:25:10,410 --> 00:25:12,510
Als we de vrouwen en kinderen meetellen,

447
00:25:12,510 --> 00:25:16,591
hebben we dus in werkelijkheid te
maken met een veel grotere menigte —

448
00:25:16,591 --> 00:25:20,190
waarschijnlijk wel twaalfduizend
mensen, of nog meer.

449
00:25:20,190 --> 00:25:23,670
Onmiddellijk stapte Hij met Zijn
discipelen in de boot en kwam Hij in de

450
00:25:23,670 --> 00:25:25,590
streek van Dalmanutha.

451
00:25:25,590 --> 00:25:28,350
Niemand weet van een
plaats die Dalmanutha heet.

452
00:25:28,350 --> 00:25:31,290
De meeste steden en dorpen
die in de evangeliën worden

453
00:25:31,290 --> 00:25:34,050
genoemd, zijn geïdentificeerd.

454
00:25:34,050 --> 00:25:37,410
Archeologen hebben ze gevonden,
of er zijn zelfs nog altijd

455
00:25:37,410 --> 00:25:39,450
nederzettingen op die plaatsen.

456
00:25:39,450 --> 00:25:43,830
Dalmanutha hebben ze tot nu toe met
geen enkele plaats kunnen identificeren.

457
00:25:43,830 --> 00:25:48,690
Maar in de versie van Mattheüs staat
in plaats van Dalmanutha: Magdala,

458
00:25:48,690 --> 00:25:50,670
in de streek van Magdala.

459
00:25:50,670 --> 00:25:54,570
Dalmanutha moet dus in dezelfde
streek hebben gelegen als Magdala.

460
00:25:54,570 --> 00:25:56,970
Het enige wat ons
interesseert aan Magdala,

461
00:25:56,970 --> 00:25:59,970
is dat Maria Magdalena daarvandaan kwam.

462
00:25:59,970 --> 00:26:02,250
Dat is wat Magdalena betekent.

463
00:26:02,250 --> 00:26:06,090
Magdalena betekent: afkomstig uit Magdala.

464
00:26:06,090 --> 00:26:08,790
Maria Magdalena kwam dus uit deze plaats.

465
00:26:08,790 --> 00:26:12,570
We komen er nooit achter wanneer
ze Jezus begon te volgen.

466
00:26:12,570 --> 00:26:17,250
Ik veronderstel dat het mogelijk is dat
ze Hem begon te volgen toen Hij haar

467
00:26:17,250 --> 00:26:20,730
woonplaats, of de streek
daaromheen, bezocht.

468
00:26:20,730 --> 00:26:23,010
Maar we hoeven dat niet aan te nemen.

469
00:26:23,010 --> 00:26:27,990
Ze kan Hem overal ontmoet hebben, want
mensen uit Magdala konden ook in Kapernaüm

470
00:26:27,990 --> 00:26:31,830
terechtkomen, of op een andere
plaats waar Jezus diende.

471
00:26:31,830 --> 00:26:35,970
Maar dit was toevallig haar
woonplaats, en dit is de enige keer

472
00:26:35,970 --> 00:26:39,150
waarvan we weten dat Jezus
daar in de buurt kwam.

473
00:26:39,150 --> 00:26:40,590
Vers 11 zegt:

474
00:26:40,590 --> 00:26:44,190
En de Farizeeën liepen uit en
begonnen met Hem te redetwisten

475
00:26:44,190 --> 00:26:48,570
en verlangden van Hem een teken
uit de hemel om Hem te verzoeken.

476
00:26:48,570 --> 00:26:54,450
En Hij zuchtte diep in Zijn geest en zei:
Waarom verlangt dit geslacht een teken?

477
00:26:54,450 --> 00:27:00,210
Voorwaar, Ik zeg u: Eer aan dit
geslacht een teken gegeven zal worden!

478
00:27:00,210 --> 00:27:02,670
Ze vroegen om een teken uit de hemel.

479
00:27:02,670 --> 00:27:05,370
Jezus had hun tekenen te over gegeven:

480
00:27:05,370 --> 00:27:08,790
Zijn genezingen en het
uitdrijven van demonen.

481
00:27:08,790 --> 00:27:12,990
Tegen die tijd had Hij zelfs al
één persoon uit de dood opgewekt.

482
00:27:12,990 --> 00:27:15,930
Hij had zojuist de
menigte te eten gegeven,

483
00:27:15,930 --> 00:27:19,950
al waren deze Farizeeën daar op dat
moment misschien niet bij geweest.

484
00:27:19,950 --> 00:27:24,030
Maar het punt is dat Hij voortdurend
dingen deed die konden worden beschouwd

485
00:27:24,030 --> 00:27:29,070
als tekenen van het Koninkrijk van
God, tekenen dat Hij de Messias was.

486
00:27:29,070 --> 00:27:31,830
Maar zij wilden een teken uit de hemel.

487
00:27:31,830 --> 00:27:36,090
Blijkbaar dachten ze aan iets
spectaculairs, zoals wat Elia deed:

488
00:27:36,090 --> 00:27:37,650
vuur uit de hemel.

489
00:27:37,650 --> 00:27:40,230
De discipelen wilden dat
ook eens zien gebeuren,

490
00:27:40,230 --> 00:27:43,890
toen de mensen in Samaria
Jezus niet gastvrij ontvingen.

491
00:27:43,890 --> 00:27:47,070
De discipelen Jakobus en Johannes zeiden:

492
00:27:47,070 --> 00:27:51,990
Toen de discipelen Jakobus en
Johannes dat zagen, zeiden zij: Heere,

493
00:27:51,990 --> 00:27:56,310
wilt U dat wij zeggen dat er vuur van
de hemel moet neerdalen en hen verteren,

494
00:27:56,310 --> 00:27:58,530
zoals ook Elia gedaan heeft?

495
00:27:58,530 --> 00:28:00,990
Het leek voor de hand te
liggen om dat te doen.

496
00:28:00,990 --> 00:28:03,270
Zoiets hadden zij nog nooit gedaan.

497
00:28:03,270 --> 00:28:07,350
Niemand had ooit zoiets
gedaan, behalve Elia. Maar:

498
00:28:07,350 --> 00:28:10,650
Als U het zegt, durf ik te
wedden dat we het kunnen.

499
00:28:10,650 --> 00:28:11,910
En Hij zei:

500
00:28:11,910 --> 00:28:17,550
Maar Hij keerde Zich om, bestrafte hen en
zei: U beseft niet wat voor Geest u hebt,

501
00:28:17,550 --> 00:28:22,050
want de Zoon des mensen is niet gekomen
om zielen van mensen te gronde te richten,

502
00:28:22,050 --> 00:28:23,850
maar om ze te behouden.

503
00:28:23,850 --> 00:28:26,070
En zij gingen naar een ander dorp.

504
00:28:26,070 --> 00:28:29,370
Veel mensen zouden graag
een teken uit de hemel zien,

505
00:28:29,370 --> 00:28:34,890
vuur dat uit de hemel valt of zoiets,
tenzij je in Sodom en Gomorra woont.

506
00:28:34,890 --> 00:28:36,810
Dan zou je het niet willen zien.

507
00:28:36,810 --> 00:28:39,390
Maar de vrouw van Lot
wilde zelfs dat zien,

508
00:28:39,390 --> 00:28:41,910
en haar belangstelling werd haar fataal.

509
00:28:41,910 --> 00:28:45,210
God heeft slechts één keer
vuur uit de hemel gezonden.

510
00:28:45,210 --> 00:28:49,470
Op andere plaatsen heeft Hij wel vuur
uit Zijn tegenwoordigheid gezonden.

511
00:28:49,470 --> 00:28:54,330
Zo kwam er bijvoorbeeld vuur uit
de tabernakel, dat Nadab en Abihu,

512
00:28:54,330 --> 00:28:56,730
de zonen van Aäron, verteerde.

513
00:28:56,730 --> 00:29:00,330
Maar de Farizeeën wilden
blijkbaar zoiets spectaculairs,

514
00:29:00,330 --> 00:29:02,670
iets wat alleen maar een teken was.

515
00:29:02,670 --> 00:29:05,310
Alle wonderen van Jezus
dienden als tekenen,

516
00:29:05,310 --> 00:29:07,710
maar ze hadden ook een praktisch doel.

517
00:29:07,710 --> 00:29:10,590
Jezus deed geen dingen
alleen voor de show.

518
00:29:10,590 --> 00:29:13,470
Hij deed geen dingen alleen
om geloof op te wekken,

519
00:29:13,470 --> 00:29:17,670
hoewel Hij wel aangaf dat mensen geloof
zouden moeten kunnen hebben als ze hadden

520
00:29:17,670 --> 00:29:18,870
gezien wat Hij deed.

521
00:29:18,870 --> 00:29:21,510
Maar Hij deed het niet
alleen om die redenen.

522
00:29:21,510 --> 00:29:24,450
Hij deed het om iets duidelijk te maken.

523
00:29:24,450 --> 00:29:28,530
Zoals we hebben gezegd, beeldt elk van
Zijn wonderen op de een of andere manier

524
00:29:28,530 --> 00:29:30,630
een geestelijke les uit.

525
00:29:30,630 --> 00:29:33,930
Soms maakt Jezus vlak
nadat Hij het wonder doet

526
00:29:33,930 --> 00:29:36,690
zelfs duidelijk wat
die geestelijke les is,

527
00:29:36,690 --> 00:29:39,990
zoals in de meeste gevallen
in het Evangelie van Johannes.

528
00:29:39,990 --> 00:29:44,970
Eerst is er een wonder, en daarna geeft
Jezus de geestelijke toepassing ervan.

529
00:29:44,970 --> 00:29:49,710
Andere keren wordt die niet gegeven, maar
het lijkt duidelijk dat er wel een is.

530
00:29:49,710 --> 00:29:51,930
Hij was daar dus niet
alleen om een of ander

531
00:29:51,930 --> 00:29:55,110
teken te geven waarmee Hij
indruk op hen kon maken.

532
00:29:55,110 --> 00:29:59,850
Hij zuchtte, blijkbaar omdat Hij
deze mensen moe begon te worden.

533
00:29:59,850 --> 00:30:02,790
Hij zuchtte diep in Zijn Geest en zei:

534
00:30:02,790 --> 00:30:05,850
Waarom wil deze generatie een teken zien?

535
00:30:05,850 --> 00:30:08,310
In het Evangelie van Markus zegt Hij:

536
00:30:08,310 --> 00:30:14,310
En Hij zuchtte diep in Zijn geest en zei:
Waarom verlangt dit geslacht een teken?

537
00:30:14,310 --> 00:30:20,070
Voorwaar, Ik zeg u: Eer aan dit
geslacht een teken gegeven zal worden!

538
00:30:20,070 --> 00:30:22,590
en hier noemt Hij geen uitzonderingen.

539
00:30:22,590 --> 00:30:24,930
Maar er was wel een uitzondering.

540
00:30:24,930 --> 00:30:32,610
In de parallelle passage in Mattheüs, die
te vinden is in Mattheüs 12:38–40, staat:

541
00:30:32,610 --> 00:30:37,470
Toen antwoordden sommigen van de
schriftgeleerden en Farizeeën: Meester,

542
00:30:37,470 --> 00:30:39,930
wij zouden van U een teken willen zien.

543
00:30:39,930 --> 00:30:42,330
Maar Hij antwoordde en zei tegen hen:

544
00:30:42,330 --> 00:30:46,350
Een verdorven en overspelig
geslacht verlangt een teken,

545
00:30:46,350 --> 00:30:50,730
maar het zal geen teken gegeven worden
dan het teken van Jona, de profeet.

546
00:30:50,730 --> 00:30:55,710
Want zoals Jona drie dagen en drie
nachten in de buik van de grote vis was,

547
00:30:55,710 --> 00:30:59,550
zo zal de Zoon des mensen drie dagen
en drie nachten in het hart van

548
00:30:59,550 --> 00:31:00,450
de aarde zijn.

549
00:31:00,450 --> 00:31:05,250
Hier zei Jezus hetzelfde als wat Hij in
Markus zei, alleen vermeldt Markus niet:

550
00:31:05,250 --> 00:31:07,230
Behalve het teken van Jona.

551
00:31:07,230 --> 00:31:08,730
Hij zegt alleen:

552
00:31:08,730 --> 00:31:11,610
Deze generatie zal geen teken krijgen.

553
00:31:11,610 --> 00:31:14,490
Maar wanneer we deze twee
passages vergelijken,

554
00:31:14,490 --> 00:31:18,210
helpt het om precies te zien
hoe de evangelieschrijvers het

555
00:31:18,210 --> 00:31:22,290
materiaal weergaven van wat
zij Jezus hadden horen zeggen.

556
00:31:22,290 --> 00:31:26,911
Markus wist beslist van die uitzondering
— het teken van de profeet Jona —

557
00:31:26,911 --> 00:31:29,850
maar liet die om welke reden dan ook weg.

558
00:31:29,850 --> 00:31:31,770
Eén reden waarom ik dit interessant vind,

559
00:31:31,770 --> 00:31:36,510
is dat de evangelieschrijvers om wat voor
reden dan ook soms dingen verkortten.

560
00:31:36,510 --> 00:31:40,290
Wanneer je ziet dat in de ene
passage staat dat Jezus iets zei

561
00:31:40,290 --> 00:31:43,410
zonder de uitzondering te
noemen, terwijl de andere,

562
00:31:43,410 --> 00:31:47,250
parallelle passage het ook weergeeft
en de uitzondering wel noemt,

563
00:31:47,250 --> 00:31:50,490
moeten we aannemen dat
die uitzondering echt is.

564
00:31:50,490 --> 00:31:53,730
Welke reden de andere schrijver
ook had om haar weg te laten,

565
00:31:53,730 --> 00:31:56,250
het was niet zijn bedoeling
haar te verbergen.

566
00:31:56,250 --> 00:32:01,050
Misschien wilde hij gewoon de algemene
regel geven zonder alle uitzonderingen.

567
00:32:01,050 --> 00:32:04,830
Maar dit is ook interessant wanneer we
kijken naar de kwestie van echtscheiding

568
00:32:04,830 --> 00:32:07,410
zoals die in de evangeliën
wordt behandeld.

569
00:32:07,410 --> 00:32:11,790
Alleen in het Evangelie van Mattheüs
noemt Jezus een uitzondering.

570
00:32:11,790 --> 00:32:13,890
In Mattheüs 5 zegt Hij:

571
00:32:13,890 --> 00:32:18,810
Maar Ik zeg u dat wie zijn vrouw verstoot
om een andere reden dan hoererij,

572
00:32:18,810 --> 00:32:24,510
maakt dat zij overspel pleegt; en wie met
de verstotene trouwt, pleegt ook overspel.

573
00:32:24,510 --> 00:32:27,030
En in Mattheüs 19 zegt Hij:

574
00:32:27,030 --> 00:32:30,450
Maar Ik zeg u: Wie zijn
vrouw verstoot anders

575
00:32:30,450 --> 00:32:34,710
dan om hoererij en met een ander
trouwt, die pleegt overspel,

576
00:32:34,710 --> 00:32:38,610
en wie met de verstotene
trouwt, pleegt ook overspel.

577
00:32:38,610 --> 00:32:45,870
In Mattheüs zegt Hij dat tweemaal,
in Mattheüs 5:32 en Mattheüs 19:9.

578
00:32:45,870 --> 00:32:48,210
In beide gevallen zegt Jezus:

579
00:32:48,210 --> 00:32:51,390
Behalve als er sprake
is van seksuele ontrouw.

580
00:32:51,390 --> 00:32:55,950
Met andere woorden, zoals Mattheüs
het gezegde van Jezus weergeeft,

581
00:32:55,950 --> 00:33:00,750
vormt het geval van ontucht een
uitzondering op de algemene uitspraak.

582
00:33:00,750 --> 00:33:04,530
Maar in Markus hoofdstuk
10 en Lukas hoofdstuk 16,

583
00:33:04,530 --> 00:33:08,310
waar ook Jezus’ onderwijs over
overspel wordt weergegeven,

584
00:33:08,310 --> 00:33:10,710
wordt die uitzondering niet genoemd.

585
00:33:10,710 --> 00:33:12,330
Er staat eenvoudig:

586
00:33:12,330 --> 00:33:15,690
Ieder die zijn vrouw verstoot
en met een andere trouwt,

587
00:33:15,690 --> 00:33:20,910
pleegt overspel en ieder die met een vrouw
trouwt die door haar man verstoten is,

588
00:33:20,910 --> 00:33:22,950
pleegt ook overspel.

589
00:33:22,950 --> 00:33:27,210
**Verwijzing gecontroleerd:**
de spreker noemde Markus 10,

590
00:33:27,210 --> 00:33:30,690
maar de bewoording is Lukas 16:18.

591
00:33:30,690 --> 00:33:34,350
Op grond van die kortere, meer
beknopte vorm zijn er veel

592
00:33:34,350 --> 00:33:36,990
christenen die zeggen dat
Jezus echtscheiding en

593
00:33:36,990 --> 00:33:39,150
hertrouwen nooit toestaat.

594
00:33:39,150 --> 00:33:42,570
Maar dit is hetzelfde soort
geval als wat we hier zien.

595
00:33:42,570 --> 00:33:47,130
In Markus zegt Hij dat er aan dit
geslacht geen teken gegeven zal worden.

596
00:33:47,130 --> 00:33:52,230
Maar uit Mattheüs weten we dat Hij in
werkelijkheid wel een uitzondering gaf.

597
00:33:52,230 --> 00:33:55,890
Het teken van de profeet
Jona is een uitzondering.

598
00:33:55,890 --> 00:33:59,310
Waarom Markus de uitzondering
wegliet, weten we niet.

599
00:33:59,310 --> 00:34:01,470
Maar het feit dat hij haar wegliet,

600
00:34:01,470 --> 00:34:04,590
betekent beslist niet dat
Mattheüs haar verzonnen heeft.

601
00:34:04,590 --> 00:34:08,310
Zo moeten we ook in gevallen waarin
bijvoorbeeld het onderwijs over

602
00:34:08,310 --> 00:34:13,890
echtscheiding in Markus of Lukas geen
uitzondering noemt, maar in Mattheüs wel,

603
00:34:13,890 --> 00:34:16,350
aannemen dat het uitgebreidere onderwijs,

604
00:34:16,350 --> 00:34:19,110
het onderwijs dat meer
bijzonderheden bevat,

605
00:34:19,110 --> 00:34:21,810
aanvult wat de anderen hebben weggelaten.

606
00:34:21,810 --> 00:34:26,670
Zo is het ook hiermee: er zal aan dit
geslacht geen teken gegeven worden.

607
00:34:26,670 --> 00:34:30,570
Er zal er één zijn: de
opstanding van Jezus.

608
00:34:30,570 --> 00:34:32,490
Dat is het teken van Jona.

609
00:34:32,490 --> 00:34:34,410
Markus 8:13:

610
00:34:34,410 --> 00:34:38,190
En Hij verliet hen en nadat Hij
opnieuw in het schip gegaan was,

611
00:34:38,190 --> 00:34:40,170
voer Hij weg naar de overkant.

612
00:34:40,170 --> 00:34:42,810
Er waren twee dingen die ze niet begrepen.

613
00:34:42,810 --> 00:34:44,790
Het eerste waren Zijn woorden:

614
00:34:44,790 --> 00:34:48,570
En Hij verliet hen en nadat Hij
opnieuw in het schip gegaan was,

615
00:34:48,570 --> 00:34:50,610
voer Hij weg naar de overkant.

616
00:34:50,610 --> 00:34:53,670
En Zijn discipelen hadden
vergeten broden mee te nemen

617
00:34:53,670 --> 00:34:56,730
en zij hadden niet meer dan één
brood bij zich in het schip.

618
00:34:56,730 --> 00:35:02,130
En Hij gebood hun en zei: Kijk uit, pas
op voor het zuurdeeg van de Farizeeën

619
00:35:02,130 --> 00:35:04,350
en voor het zuurdeeg van Herodes.

620
00:35:04,350 --> 00:35:08,191
En zij spraken er met elkaar
over en zeiden: Dit zegt Hij ,

621
00:35:08,191 --> 00:35:10,110
omdat wij geen broden hebben.

622
00:35:10,110 --> 00:35:13,470
En Jezus, Die dat wist, zei tegen hen:

623
00:35:13,470 --> 00:35:16,650
Waarom spreekt u erover met
elkaar dat u geen broden hebt?

624
00:35:16,650 --> 00:35:19,230
Ziet u het nog niet in
en begrijpt u het niet?

625
00:35:19,230 --> 00:35:21,150
Hebt u nog uw verharde hart?

626
00:35:21,150 --> 00:35:23,670
U hebt ogen, en u ziet niet?

627
00:35:23,670 --> 00:35:26,070
En u hebt oren, en u hoort niet?

628
00:35:26,070 --> 00:35:30,571
En herinnert u zich niet, toen Ik de vijf
broden brak voor de vijfduizend mannen ,

629
00:35:30,571 --> 00:35:33,750
hoeveel volle manden met
stukken brood u opraapte?

630
00:35:33,750 --> 00:35:35,850
Zij zeiden tegen Hem: Twaalf.

631
00:35:35,850 --> 00:35:38,911
En toen Ik de zeven brak
voor de vierduizend mannen ,

632
00:35:38,911 --> 00:35:42,450
hoeveel volle manden met
stukken brood u opraapte?

633
00:35:42,450 --> 00:35:44,910
En zij zeiden: Zeven.

634
00:35:44,910 --> 00:35:48,630
En Hij zei tegen hen: Waarom
begrijpt u het dan niet?

635
00:35:48,630 --> 00:35:53,130
Wat ze niet begrepen, was dat
Hij het woord zuurdesem in een

636
00:35:53,130 --> 00:35:55,650
niet-letterlijke betekenis gebruikte.

637
00:35:55,650 --> 00:35:58,830
Hoe konden ze nu denken
dat dit naar brood verwees?

638
00:35:58,830 --> 00:36:01,710
Meteen dachten ze: ‘Zuurdesem.

639
00:36:01,710 --> 00:36:04,110
Hij weet dat we niet genoeg brood hebben.

640
00:36:04,110 --> 00:36:08,310
Hij weet dat we ingrediënten zullen
moeten kopen om brood te bakken.

641
00:36:08,310 --> 00:36:12,990
Misschien zegt Hij tegen ons dat we geen
zuurdesem van de Farizeeën en Herodes

642
00:36:12,990 --> 00:36:16,050
moeten kopen, omdat het
slechte mensen zijn.

643
00:36:16,050 --> 00:36:18,870
Misschien zullen ze ons vergiftigen.’

644
00:36:18,870 --> 00:36:21,750
Wie weet hoe ze dit met
elkaar in verband brachten?

645
00:36:21,750 --> 00:36:26,430
Maar Hij zei iets over zuurdesem en
daardoor gingen ze aan brood denken.

646
00:36:26,430 --> 00:36:28,950
Toen begon hun geweten hen te kwellen.

647
00:36:28,950 --> 00:36:32,430
‘We hadden brood moeten halen
en dat hebben we niet gedaan.

648
00:36:32,430 --> 00:36:34,110
Hij zinspeelt daarop.

649
00:36:34,110 --> 00:36:37,590
Hij doet het heel subtiel, maar
Hij geeft aan dat we ergens brood

650
00:36:37,590 --> 00:36:39,030
zullen moeten kopen.

651
00:36:39,030 --> 00:36:42,510
We kunnen maar beter oppassen voor
brood dat mogelijk door de handen van de

652
00:36:42,510 --> 00:36:47,370
Farizeeën of Herodes is gegaan,
want het zou bedorven kunnen zijn.’

653
00:36:47,370 --> 00:36:50,070
Het is niet erg verstandig
dat ze zo dachten.

654
00:36:50,070 --> 00:36:52,590
Ik zou dat niet uit die
opmerking hebben opgemaakt,

655
00:36:52,590 --> 00:36:55,050
maar blijkbaar dachten zij er zo over.

656
00:36:55,050 --> 00:36:57,810
Op de een of andere manier
legden ze dat verband.

657
00:36:57,810 --> 00:37:02,850
Maar Jezus berispte hen er niet om
dat ze niet begrepen dat Hij het woord

658
00:37:02,850 --> 00:37:05,490
zuurdesem figuurlijk gebruikte.

659
00:37:05,490 --> 00:37:08,610
Hij berispte hen omdat
ze dachten dat Hij Zich

660
00:37:08,610 --> 00:37:12,270
er zorgen over zou maken dat
ze niet genoeg brood hadden.

661
00:37:12,270 --> 00:37:15,390
Het was niet zo dat ze
helemaal geen brood hadden.

662
00:37:15,390 --> 00:37:20,370
In vers 14 staat dat ze niet meer
dan één brood bij zich hadden.

663
00:37:20,370 --> 00:37:22,950
Voor dertien mannen die samen gingen eten,

664
00:37:22,950 --> 00:37:26,850
was slechts één van die kleine
broden eigenlijk niet genoeg.

665
00:37:26,850 --> 00:37:30,570
Normaal gesproken hadden ze
waarschijnlijk voor iedere man minstens

666
00:37:30,570 --> 00:37:32,610
één brood of meer nodig.

667
00:37:32,610 --> 00:37:36,090
Ze hadden er een paar moeten
meenemen toen ze in de stad waren,

668
00:37:36,090 --> 00:37:37,950
maar ze hadden ze niet gekocht.

669
00:37:37,950 --> 00:37:40,950
Ze beseften: ‘We zullen honger lijden.

670
00:37:40,950 --> 00:37:45,030
Dit wordt gênant en we zullen aan
Jezus moeten toegeven dat we het hier

671
00:37:45,030 --> 00:37:46,650
alweer verknoeid hebben.’

672
00:37:46,650 --> 00:37:49,410
Het maakt Hem niet uit
hoeveel broden ze hebben.

673
00:37:49,410 --> 00:37:51,150
Hoeveel zijn er nodig?

674
00:37:51,150 --> 00:37:54,990
Met zeven broden kun je
vierduizend mensen te eten geven.

675
00:37:54,990 --> 00:37:58,770
Met vijf broden kun je
vijfduizend mensen te eten geven.

676
00:37:58,770 --> 00:38:02,850
Met één brood kon Hij gemakkelijk
dertien mannen te eten geven.

677
00:38:02,850 --> 00:38:06,990
Dat hadden ze moeten weten, vooral
omdat ze net voor de tweede keer hadden

678
00:38:06,990 --> 00:38:11,610
meegemaakt dat Hij broden
vermenigvuldigde. Wanneer Hij zegt:

679
00:38:11,610 --> 00:38:14,130
Weten jullie niet meer
hoeveel er overbleef

680
00:38:14,130 --> 00:38:17,790
toen we de vijfduizend en de
vierduizend te eten gaven?

681
00:38:17,790 --> 00:38:19,830
Begrijpen jullie het nog steeds niet?

682
00:38:19,830 --> 00:38:23,010
bedoelt Hij kennelijk:
„Begrijpen jullie nog steeds niet

683
00:38:23,010 --> 00:38:25,650
dat Ik Me geen zorgen
maak over de voorraad?

684
00:38:25,650 --> 00:38:29,190
Hebben jullie nog altijd niet geleerd
dat je je geen zorgen hoeft te maken over

685
00:38:29,190 --> 00:38:33,030
hoeveel voorraad je bij je hebt,
als je samen met Jezus bezig bent

686
00:38:33,030 --> 00:38:34,410
met Zijn opdracht?”

687
00:38:34,410 --> 00:38:38,610
Nu is het interessant dat zij over
het algemeen brood moesten kopen.

688
00:38:38,610 --> 00:38:42,330
Jezus verrichtte dus niet bij
elke maaltijd zomaar wonderen.

689
00:38:42,330 --> 00:38:47,070
Hij zei niet: „Scharrel ergens een
korst brood uit iemands lunch op,

690
00:38:47,070 --> 00:38:49,650
dan maken we daar gewoon
een feestmaal van.”

691
00:38:49,650 --> 00:38:53,190
Over het algemeen moesten ze
hun verantwoordelijkheid nemen.

692
00:38:53,190 --> 00:38:56,670
Ze moesten het brood
kopen. Ze moesten werken.

693
00:38:56,670 --> 00:38:59,550
Waarschijnlijk niet terwijl
ze met Jezus rondtrokken,

694
00:38:59,550 --> 00:39:02,070
maar ze moesten wel de gewone dingen doen.

695
00:39:02,070 --> 00:39:05,130
Ze trokken niet zomaar
rond met een goochelaar.

696
00:39:05,130 --> 00:39:11,070
Ze voeren niet op een vliegend tapijt over
het Meer van Galilea. Ze moesten roeien.

697
00:39:11,070 --> 00:39:14,430
Jezus kon in de boot stappen,
waarna ze zich onmiddellijk aan

698
00:39:14,430 --> 00:39:16,050
de overkant bevonden.

699
00:39:16,050 --> 00:39:18,630
Maar meestal moesten ze gewoon roeien.

700
00:39:18,630 --> 00:39:22,710
Ze moeten zich hebben afgevraagd:
„Als Hij dit soort dingen kan doen,

701
00:39:22,710 --> 00:39:24,990
waarom doet Hij het dan niet altijd?”

702
00:39:24,990 --> 00:39:28,290
De reden is dat ze het
niet altijd nodig hadden.

703
00:39:28,290 --> 00:39:32,850
Wij hebben verantwoordelijkheden waarvan
Hij verwacht dat we ze nakomen wanneer we

704
00:39:32,850 --> 00:39:34,470
daartoe in staat zijn.

705
00:39:34,470 --> 00:39:38,790
Maar wanneer we dat niet kunnen en tijdens
Zijn werk niet genoeg bij ons hebben,

706
00:39:38,790 --> 00:39:43,110
hoeven we niet bang te zijn dat Hij
niet in het ontbrekende kan voorzien.

707
00:39:43,110 --> 00:39:45,930
Hij had hen tenslotte in
de boot laten stappen.

708
00:39:45,930 --> 00:39:48,810
Hij had hen op weg
gestuurd naar de overkant.

709
00:39:48,810 --> 00:39:52,170
Op een gegeven moment zouden
ze een lunch nodig hebben.

710
00:39:52,170 --> 00:39:54,150
Ze deden wat Hij wilde dat ze deden.

711
00:39:54,150 --> 00:39:58,470
Ze hadden moeten weten: „Normaal gesproken
worden we geacht zelf voor dit soort

712
00:39:58,470 --> 00:40:01,470
dingen te zorgen, maar we
hadden het gewoon te druk.

713
00:40:01,470 --> 00:40:04,830
We hebben het niet gedaan.
We zijn het vergeten.

714
00:40:04,830 --> 00:40:07,230
Maar Jezus kan het oplossen.”

715
00:40:07,230 --> 00:40:09,990
Het is duidelijk dat
God wonderen kan doen.

716
00:40:09,990 --> 00:40:13,470
Het is niet de bedoeling dat de meeste
manieren waarop Hij in ons leven

717
00:40:13,470 --> 00:40:15,630
voorziet wonderbaarlijk zijn.

718
00:40:15,630 --> 00:40:19,650
De meeste mensen hebben een gewone
baan, en er bestaat een verband van

719
00:40:19,650 --> 00:40:22,410
oorzaak en gevolg tussen
het werk dat ze doen

720
00:40:22,410 --> 00:40:24,990
en het geld dat ze mee naar huis nemen.

721
00:40:24,990 --> 00:40:27,870
Maar ook als je meestal
een gewone baan hebt,

722
00:40:27,870 --> 00:40:30,750
zijn er tijden waarin
er te weinig geld is.

723
00:40:30,750 --> 00:40:35,430
Er zijn tijden waarin zich een
bijzondere behoefte voordoet, een crisis,

724
00:40:35,430 --> 00:40:39,030
of om welke reden dan ook
een daling van het inkomen.

725
00:40:39,030 --> 00:40:41,010
Dan maken we ons zorgen.

726
00:40:41,010 --> 00:40:45,210
Hoewel God normaal gesproken in ons
onderhoud voorziet doordat wij werken en

727
00:40:45,210 --> 00:40:48,210
verantwoordelijkheid
nemen, is Jezus ook in de

728
00:40:48,210 --> 00:40:53,010
boot wanneer omstandigheden waarop wij
geen invloed hebben dat onmogelijk maken.

729
00:40:53,010 --> 00:40:58,350
Hij kan zorgen voor alles wat nodig is, en
dat is wat Hij Zijn discipelen wil leren.

730
00:40:58,350 --> 00:41:01,470
Er is een evenwicht tussen
op God vertrouwen en doen wat

731
00:41:01,470 --> 00:41:03,390
je verantwoordelijkheid is.

732
00:41:03,390 --> 00:41:08,790
Als je zegt: „Ik vertrouw op God,” maar
niet doet wat je verantwoordelijkheid is,

733
00:41:08,790 --> 00:41:10,470
vertrouw je niet op God.

734
00:41:10,470 --> 00:41:12,270
Dan verzoek je God.

735
00:41:12,270 --> 00:41:18,450
Wat is het verschil tussen enerzijds leven
uit geloof en anderzijds God verzoeken?

736
00:41:18,450 --> 00:41:23,310
Ik heb bijvoorbeeld geen zorgverzekering
en wil geen zorgverzekering.

737
00:41:23,310 --> 00:41:27,030
Ik heb er nooit een gehad en
heb die nooit nodig gehad.

738
00:41:27,030 --> 00:41:31,290
Mensen zeggen soms: „Je
verzoekt God.” Dat denk ik niet.

739
00:41:31,290 --> 00:41:35,310
Ik probeer te leven vanuit
vertrouwen op de beloften van God.

740
00:41:35,310 --> 00:41:38,190
Niet naar beloften over
genezing of gezondheid,

741
00:41:38,190 --> 00:41:41,190
want ik zie die niet zoals
sommige mensen ze zien.

742
00:41:41,190 --> 00:41:44,790
Ik denk niet dat God beloofd
heeft dat ik niet ziek zal worden,

743
00:41:44,790 --> 00:41:48,450
of dat Hij mij bovennatuurlijk
zal genezen als ik wel ziek word.

744
00:41:48,450 --> 00:41:50,070
Maar Hij heeft beloofd:

745
00:41:50,070 --> 00:41:54,390
Maar mijn God zal u,
overeenkomstig Zijn rijkdom,

746
00:41:54,390 --> 00:42:00,090
voorzien van alles wat u nodig hebt,
in heerlijkheid, door Christus Jezus.

747
00:42:00,090 --> 00:42:01,170
en dat:

748
00:42:01,170 --> 00:42:04,830
Maar zoek eerst het Koninkrijk
van God en Zijn gerechtigheid,

749
00:42:04,830 --> 00:42:08,610
en al deze dingen zullen
u erbij gegeven worden.

750
00:42:08,610 --> 00:42:11,610
Als Hij mij ertoe leidt een
zorgverzekering te nemen,

751
00:42:11,610 --> 00:42:13,590
dan is dat wat ik moet doen.

752
00:42:13,590 --> 00:42:18,270
Als Hij dat niet doet en ik heel sterk
het gevoel heb dat ik het niet moet doen,

753
00:42:18,270 --> 00:42:20,730
dan ga ik ervan uit dat Hij kan voorzien.

754
00:42:20,730 --> 00:42:23,010
Ik heb dit verhaal eerder verteld.

755
00:42:23,010 --> 00:42:27,150
Er is maar één gelegenheid geweest
waarbij ik medische zorg nodig had.

756
00:42:27,150 --> 00:42:30,930
Ik heb vijf kinderen grootgebracht
tot ze volwassen waren.

757
00:42:30,930 --> 00:42:32,850
Ze zijn nu allemaal volwassen.

758
00:42:32,850 --> 00:42:36,870
Ik wilde zeggen dat ze allemaal
weg waren, maar er is er één terug.

759
00:42:36,870 --> 00:42:39,330
Ze zijn grotendeels zelfstandig.

760
00:42:39,330 --> 00:42:44,490
Ik heb 37 jaar lang kinderen grootgebracht
en hoefde nergens ooit een medische

761
00:42:44,490 --> 00:42:47,670
rekening te betalen, en
ik had geen verzekering.

762
00:42:47,670 --> 00:42:50,790
We gingen niet naar artsen
omdat we hen niet nodig hadden.

763
00:42:50,790 --> 00:42:54,570
We zouden wel gaan als we hen nodig
hadden, maar we hadden hen niet nodig.

764
00:42:54,570 --> 00:42:58,590
De enige keer dat ik ooit naar een
arts moest, was een paar jaar geleden.

765
00:42:58,590 --> 00:43:03,090
Mijn jongste zoon had zijn arm gebroken
en we hebben die laten behandelen.

766
00:43:03,090 --> 00:43:04,950
We moesten naar het ziekenhuis.

767
00:43:04,950 --> 00:43:08,790
Het kostte een paar duizend
dollar, maar God voorzag daarin.

768
00:43:08,790 --> 00:43:12,390
Hij voorzag er zelfs in op
de dag voordat het nodig was.

769
00:43:12,390 --> 00:43:16,350
Daarom was ik bij die gelegenheid
blij dat ik geen zorgverzekering had.

770
00:43:16,350 --> 00:43:18,690
Ik zeg niet dat jij er geen moet hebben.

771
00:43:18,690 --> 00:43:20,970
Jij doet wat God wil dat jij doet.

772
00:43:20,970 --> 00:43:23,130
Ik doe wat God wil dat ik doe.

773
00:43:23,130 --> 00:43:27,390
Mijn zoon zei tegen me: „Zou je nu niet
willen dat je een zorgverzekering had,

774
00:43:27,390 --> 00:43:31,770
omdat je zojuist tweeduizend dollar hebt
betaald om zijn arm te laten behandelen?”

775
00:43:31,770 --> 00:43:36,330
Ik zei: „Als ik tijdens de 37 jaar
waarin ik kinderen grootbracht

776
00:43:36,330 --> 00:43:38,670
premies voor een
zorgverzekering had betaald,

777
00:43:38,670 --> 00:43:43,830
zou deze arm me geen tweeduizend dollar
hebben gekost, maar tweehonderdduizend.”

778
00:43:43,830 --> 00:43:46,890
Er zijn momenten waarop God
je ertoe leidt iets te doen

779
00:43:46,890 --> 00:43:50,250
en je erop moet vertrouwen dat
Hij zal voorzien in de dingen die

780
00:43:50,250 --> 00:43:51,630
Hij heeft beloofd.

781
00:43:51,630 --> 00:43:55,590
Dat is niet God verzoeken wanneer
je de beloften van God volgt.

782
00:43:55,590 --> 00:43:59,070
God verzoeken is wanneer je
op eigen houtje je gang gaat,

783
00:43:59,070 --> 00:44:01,470
je eigen verantwoordelijkheden
verwaarloost

784
00:44:01,470 --> 00:44:05,130
die God je misschien heeft
gegeven, en verwacht dat God

785
00:44:05,130 --> 00:44:08,550
op wonderbaarlijke wijze
voor je tussenbeide komt.

786
00:44:08,550 --> 00:44:11,250
De discipelen waren
vergeten brood mee te nemen,

787
00:44:11,250 --> 00:44:14,430
maar dat betekent niet
dat ze echt nalatig waren.

788
00:44:14,430 --> 00:44:17,730
Hoe konden twaalf mannen die
daarvoor verantwoordelijk waren

789
00:44:17,730 --> 00:44:19,410
het allemaal vergeten?

790
00:44:19,410 --> 00:44:21,630
Ze moeten het buitengewoon
druk hebben gehad.

791
00:44:21,630 --> 00:44:24,990
Ze moeten erg afgeleid zijn
geweest doordat ze Jezus

792
00:44:24,990 --> 00:44:29,070
overal heen moesten brengen, Hem
tegen de menigten moesten beschermen

793
00:44:29,070 --> 00:44:30,930
en Hem moesten vervoeren.

794
00:44:30,930 --> 00:44:34,770
Ze moesten aan veel dingen denken,
en terwijl ze daarmee bezig waren,

795
00:44:34,770 --> 00:44:37,290
waren ze vergeten brood mee te nemen.

796
00:44:37,290 --> 00:44:39,930
Maar Hij maakte Zich
daar geen zorgen over.

797
00:44:39,930 --> 00:44:41,970
Hij berispte hen daar niet om.

798
00:44:41,970 --> 00:44:46,590
Hij had iets belangrijkers waarover
Hij wilde dat ze zich zorgen maakten:

799
00:44:46,590 --> 00:44:51,690
het zuurdeeg van de schriftgeleerden
en Farizeeën en van Herodes.

800
00:44:51,690 --> 00:44:56,010
Eigenlijk is het in de parallelle
passage in Mattheüs 16 iets anders,

801
00:44:56,010 --> 00:45:00,330
want daar gaat het niet om het zuurdeeg
van de Farizeeën en van Herodes.

802
00:45:00,330 --> 00:45:03,810
In hoofdstuk 16, vers 6, zegt Hij:

803
00:45:03,810 --> 00:45:08,070
Jezus zei tegen hen: Kijk
uit, en wees op uw hoede

804
00:45:08,070 --> 00:45:11,670
voor het zuurdeeg van de
Farizeeën en de Sadduceeën.

805
00:45:11,670 --> 00:45:16,170
Dus het zuurdeeg van de Farizeeën
en de Sadduceeën in Mattheüs

806
00:45:16,170 --> 00:45:20,370
is in Markus het zuurdeeg
van de Farizeeën en Herodes.

807
00:45:20,370 --> 00:45:24,630
Mijn vermoeden is dat Hij zei: „Pas
op voor het zuurdeeg van de Farizeeën,

808
00:45:24,630 --> 00:45:27,270
de Sadduceeën en Herodes.”

809
00:45:27,270 --> 00:45:31,590
Markus tekende twee van die dingen
op en Mattheüs tekende er twee op,

810
00:45:31,590 --> 00:45:33,390
maar Hij noemde ze alle drie.

811
00:45:33,390 --> 00:45:35,250
Maar wat is dit zuurdeeg?

812
00:45:35,250 --> 00:45:38,550
Hij legt dat in dit specifieke
verhaal in Markus niet uit,

813
00:45:38,550 --> 00:45:42,750
maar in Mattheüs begrepen de discipelen
de boodschap uiteindelijk wel.

814
00:45:42,750 --> 00:45:46,290
De parallelle passage
staat in Mattheüs 16.

815
00:45:46,290 --> 00:45:50,850
Nadat Hij hen had berispt,
zegt Hij in de verzen 11 en 12:

816
00:45:50,850 --> 00:45:55,230
Waarom ziet u dan niet in dat Ik
tot u niet over brood gesproken heb,

817
00:45:55,230 --> 00:45:57,570
toen Ik zei dat u op uw hoede moest zijn

818
00:45:57,570 --> 00:46:00,750
voor het zuurdeeg van de
Farizeeën en de Sadduceeën?

819
00:46:00,750 --> 00:46:03,450
Toen begrepen zij dat
Hij niet gezegd had dat

820
00:46:03,450 --> 00:46:06,870
zij op hun hoede moesten zijn
voor het zuurdeeg van het brood,

821
00:46:06,870 --> 00:46:10,350
maar voor het onderricht van
de Farizeeën en de Sadduceeën.

822
00:46:10,350 --> 00:46:14,250
Toen begrepen ze dat Hij hun niet
had gezegd op hun hoede te zijn

823
00:46:14,250 --> 00:46:18,090
voor het zuurdeeg van brood
— ik denk dat ze het begrepen

824
00:46:18,090 --> 00:46:21,751
omdat Hij het zojuist uitdrukkelijk
voor hen had uitgelegd —

825
00:46:21,751 --> 00:46:25,110
maar voor de leer van de
Farizeeën en Sadduceeën.

826
00:46:25,110 --> 00:46:27,630
Hij verwijst dus naar hun onderwijzingen.

827
00:46:27,630 --> 00:46:31,590
Het woord leer betekent onderwijzingen:
de onderwijzingen van de

828
00:46:31,590 --> 00:46:33,990
Farizeeën en Sadduceeën.

829
00:46:33,990 --> 00:46:38,250
Maar daarmee is de betekenis van het
zuurdeeg van de Farizeeën en Sadduceeën

830
00:46:38,250 --> 00:46:42,990
niet uitgeput, want in
Lukas 12:1 zegt Jezus:

831
00:46:42,990 --> 00:46:47,310
Intussen, toen er een menigte van
tienduizenden mensen bijeengekomen was,

832
00:46:47,310 --> 00:46:51,510
zodat zij elkaar bijna onder de
voet liepen, begon Hij te spreken,

833
00:46:51,510 --> 00:46:56,850
allereerst tot Zijn discipelen: Wees op uw
hoede voor het zuurdeeg van de Farizeeën,

834
00:46:56,850 --> 00:46:58,710
dat is de huichelarij.

835
00:46:58,710 --> 00:47:01,170
Hier wachtte Hij niet totdat
ze er zelf achter kwamen.

836
00:47:01,170 --> 00:47:06,150
Hij vertelde hun dat het zuurdeeg
van de Farizeeën huichelarij is.

837
00:47:06,150 --> 00:47:10,170
Het verwijst dus naar de onderwijzingen
van de Farizeeën en de Sadduceeën,

838
00:47:10,170 --> 00:47:14,190
naar hun huichelarij, en naar
de onderwijzingen van Herodes.

839
00:47:14,190 --> 00:47:18,990
Herodes was geen rabbi of leraar, maar
kennelijk was het zuurdeeg van Herodes

840
00:47:18,990 --> 00:47:23,670
zijn ongodsdienstige levenswijze,
terwijl het zuurdeeg van de Farizeeën en

841
00:47:23,670 --> 00:47:27,510
Sadduceeën hun hyperreligieuze
levenswijze was.

842
00:47:27,510 --> 00:47:31,590
Met hyperreligieus bedoel ik niet dat
je te heilig of te vroom kunt zijn.

843
00:47:31,590 --> 00:47:34,050
Je kunt God beslist
niet te veel liefhebben,

844
00:47:34,050 --> 00:47:36,870
maar je kunt godsdienstiger zijn dan God.

845
00:47:36,870 --> 00:47:40,050
Je kunt je vergissen in
wat voor God van belang is.

846
00:47:40,050 --> 00:47:45,030
Wat voor God van belang is, is niet
echt godsdienst, maar gerechtigheid.

847
00:47:45,030 --> 00:47:48,390
Godsdienst en gerechtigheid
zijn niet hetzelfde.

848
00:47:48,390 --> 00:47:53,790
Gerechtigheid heeft te maken met je
gedrag: eerlijk zijn, rechtvaardig zijn,

849
00:47:53,790 --> 00:47:59,970
barmhartig zijn, trouw zijn, nederig
zijn en qua karakter op Christus lijken.

850
00:47:59,970 --> 00:48:03,210
Dat heeft heel weinig met
godsdienstigheid te maken.

851
00:48:03,210 --> 00:48:06,750
Godsdienst heeft te maken met
de vaste handelingen en rituelen

852
00:48:06,750 --> 00:48:09,990
die plaatsvinden tijdens een
formele daad van aanbidding.

853
00:48:09,990 --> 00:48:14,430
Dat kan het brengen van dierenoffers
zijn, zoals in het Oude Testament;

854
00:48:14,430 --> 00:48:18,510
ceremonieel rein blijven door
geen onreine dingen aan te raken;

855
00:48:18,510 --> 00:48:22,170
onrein voedsel vermijden;
of pelgrimstochten

856
00:48:22,170 --> 00:48:25,650
maken naar de heilige
plaatsen op de heilige dagen.

857
00:48:25,650 --> 00:48:27,990
Dat zijn godsdienstige handelingen.

858
00:48:27,990 --> 00:48:31,590
Ze hebben niets te maken met de vraag
of je een goed mens bent of niet.

859
00:48:31,590 --> 00:48:37,230
Je kunt een slecht mens zijn en al die
dingen doen, maar God zoekt gerechtigheid.

860
00:48:37,230 --> 00:48:41,550
Jezus zei tegen Zijn discipelen
in de Bergrede, in Mattheüs 5:

861
00:48:41,550 --> 00:48:45,570
Want Ik zeg u: Als uw
gerechtigheid niet overvloediger is

862
00:48:45,570 --> 00:48:48,510
dan die van de schriftgeleerden
en de Farizeeën,

863
00:48:48,510 --> 00:48:51,930
zult u het Koninkrijk der
hemelen beslist niet binnengaan.

864
00:48:51,930 --> 00:48:54,030
Je moet rechtvaardiger zijn dan zij.

865
00:48:54,030 --> 00:48:58,170
Je zou onmogelijk godsdienstiger
kunnen zijn dan zij waren.

866
00:48:58,170 --> 00:49:01,050
Ze waren voltijds met godsdienst bezig.

867
00:49:01,050 --> 00:49:05,130
Dat was hun voltijdse
roeping: godsdienstig zijn,

868
00:49:05,130 --> 00:49:09,930
onreine dingen vermijden en zich aan
alle godsdienstige regels houden.

869
00:49:09,930 --> 00:49:14,790
Niet de morele regels, niet de dingen
die een man tot een beter mens maken,

870
00:49:14,790 --> 00:49:19,710
maar de dingen die een man eigenlijk tot
een godsdienstigere huichelaar maken.

871
00:49:19,710 --> 00:49:23,250
Dat was het zuurdeeg van de
Farizeeën en de Sadduceeën.

872
00:49:23,250 --> 00:49:28,230
Zij waren hyperreligieus, en
Herodes was ongodsdienstig.

873
00:49:28,230 --> 00:49:31,950
Herodes had Joods bloed
in zich, hoewel niet veel.

874
00:49:31,950 --> 00:49:37,470
Hij was deels Edomiet en deels Joods,
maar als koning over een deel van Israël

875
00:49:37,470 --> 00:49:41,850
had hij enige verplichting om het
Joodse geloof in acht te nemen.

876
00:49:41,850 --> 00:49:43,410
Maar dat deed hij niet.

877
00:49:43,410 --> 00:49:47,490
Hij leefde met de vrouw van zijn
broer en deed dat soort dingen.

878
00:49:47,490 --> 00:49:50,490
Het zuurdeeg van de Farizeeën was dus zo

879
00:49:50,490 --> 00:49:54,150
ongeveer het tegenovergestelde
van het zuurdeeg van Herodes,

880
00:49:54,150 --> 00:49:58,110
maar voor beide soorten zuurdeeg
moest je op je hoede zijn.

881
00:49:58,110 --> 00:50:00,270
Waarom noemt Hij ze zuurdeeg?

882
00:50:00,270 --> 00:50:02,670
Zuurdeeg betekent natuurlijk gist.

883
00:50:02,670 --> 00:50:07,770
In een van de gelijkenissen die we eerder
tegenkwamen, volgens mij in Markus 4,

884
00:50:07,770 --> 00:50:11,310
staat dat het Koninkrijk
van God als zuurdeeg is.

885
00:50:11,310 --> 00:50:15,870
Misschien staat die alleen in Mattheüs’
lijst met gelijkenissen in Mattheüs 13.

886
00:50:15,870 --> 00:50:18,810
Ik weet niet meer of Markus die ook bevat.

887
00:50:18,810 --> 00:50:21,810
Markus heeft een kortere groep
gelijkenissen dan Mattheüs.

888
00:50:21,810 --> 00:50:23,370
Maar Jezus zei:

889
00:50:23,370 --> 00:50:26,250
Een andere gelijkenis sprak Hij tot hen:

890
00:50:26,250 --> 00:50:29,490
Het Koninkrijk der hemelen
is gelijk aan zuurdeeg,

891
00:50:29,490 --> 00:50:33,030
dat een vrouw nam en in
drie maten meel verborg,

892
00:50:33,030 --> 00:50:35,550
totdat het helemaal doorzuurd was.

893
00:50:35,550 --> 00:50:39,390
In welk opzicht lijkt het
Koninkrijk van God op zuurdeeg?

894
00:50:39,390 --> 00:50:43,051
Je brengt het in een bepaald
element — de samenleving —

895
00:50:43,051 --> 00:50:47,550
zoals zuurdeeg in een klomp deeg
wordt gedaan, en het doortrekt die,

896
00:50:47,550 --> 00:50:51,810
verspreidt zich, oefent er
invloed op uit en verandert die.

897
00:50:51,810 --> 00:50:55,230
Het Koninkrijk van God
verandert de samenleving waarin

898
00:50:55,230 --> 00:50:56,850
het wordt binnengebracht.

899
00:50:56,850 --> 00:50:59,550
Er zijn ook andere dingen
die hun omgeving veranderen,

900
00:50:59,550 --> 00:51:01,530
en die zijn niet allemaal goed.

901
00:51:01,530 --> 00:51:06,510
In feite zijn de meeste dingen die in de
Bijbel zuurdeeg worden genoemd slecht.

902
00:51:06,510 --> 00:51:09,270
Toen Paulus in 1 Korinthe 5 zei:

903
00:51:09,270 --> 00:51:11,430
Uw roem is niet goed.

904
00:51:11,430 --> 00:51:15,390
Weet u niet dat een klein beetje
zuurdeeg het hele deeg doorzuurt?

905
00:51:15,390 --> 00:51:18,690
had hij het over het verdragen
van zonde in de gemeente.

906
00:51:18,690 --> 00:51:22,290
Als je zonde in de gemeente
verdraagt en geen bekering eist,

907
00:51:22,290 --> 00:51:25,590
dan zal dat de hele gemeente
doortrekken als zuurdeeg.

908
00:51:25,590 --> 00:51:28,350
Het zal de hele gemeente verdorven maken.

909
00:51:28,350 --> 00:51:32,310
Zo zijn ook de ongodsdienstigheid
die Herodes in praktijk bracht

910
00:51:32,310 --> 00:51:37,050
en de overmatige godsdienstigheid van de
Farizeeën en Sadduceeën houdingen die een

911
00:51:37,050 --> 00:51:41,550
mens ten kwade veranderen zodra ze
de kans krijgen wortel te schieten.

912
00:51:41,550 --> 00:51:43,350
Ze veranderen een mens.

913
00:51:43,350 --> 00:51:48,450
Ze breiden zich uit, besmetten en dringen
door in elk aspect van iemands leven,

914
00:51:48,450 --> 00:51:50,310
zoals zuurdeeg dat doet.

915
00:51:50,310 --> 00:51:53,850
Daarom zegt Hij tegen de discipelen
dat ze daarvoor moeten oppassen.

916
00:51:53,850 --> 00:51:59,670
Nu maken we in Markus 8, vers 22
kennis met het eerste en, denk ik,

917
00:51:59,670 --> 00:52:02,670
enige wonder dat Jezus
in twee stappen deed.

918
00:52:02,670 --> 00:52:07,710
Dat wil zeggen: Zijn eerste handeling
bracht geen volledige genezing teweeg.

919
00:52:07,710 --> 00:52:10,050
Daarom verrichtte Hij
een tweede handeling,

920
00:52:10,050 --> 00:52:12,750
die de volledige genezing teweegbracht.

921
00:52:12,750 --> 00:52:14,790
Het is iets eigenaardigs.

922
00:52:14,790 --> 00:52:17,490
Hoofdstuk 8, vers 22 zegt:

923
00:52:17,490 --> 00:52:21,870
En Hij kwam in Bethsaïda; en
ze brachten een blinde bij Hem

924
00:52:21,870 --> 00:52:24,630
en smeekten Hem dat Hij hem aanraakte.

925
00:52:24,630 --> 00:52:29,850
Jezus had veel blinde mensen genezen, en
Hij deed dat op verschillende manieren.

926
00:52:29,850 --> 00:52:32,010
Gewoonlijk raakte Hij hen aan.

927
00:52:32,010 --> 00:52:36,990
Soms deed Hij modder op hun ogen en
zei Hij dat ze die moesten afwassen.

928
00:52:36,990 --> 00:52:39,990
Soms spuugde Hij alleen maar in hun ogen.

929
00:52:39,990 --> 00:52:42,630
In dit geval gebruikte Hij ook speeksel,

930
00:52:42,630 --> 00:52:45,750
zoals Hij speeksel had gebruikt
bij de genezing van een

931
00:52:45,750 --> 00:52:51,150
doofstomme in hoofdstuk
7, vers 31 tot en met 37.

932
00:52:51,150 --> 00:52:54,810
Aan het einde van het vorige
hoofdstuk was er een doofstomme,

933
00:52:54,810 --> 00:52:58,470
en Jezus gebruikte Zijn
speeksel en bracht het aan op de

934
00:52:58,470 --> 00:53:01,650
oren en de tong van de
man om hem te genezen.

935
00:53:01,650 --> 00:53:04,590
Ook hier wordt dus speeksel gebruikt.

936
00:53:04,590 --> 00:53:09,150
En toen Hij de hand van de blinde
genomen had, leidde Hij hem het dorp uit;

937
00:53:09,150 --> 00:53:13,290
en nadat Hij in zijn ogen gespuwd
en de handen op hem gelegd had,

938
00:53:13,290 --> 00:53:15,630
vroeg Hij hem of hij iets zag.

939
00:53:15,630 --> 00:53:20,130
Hij was in de stad, maar Hij wilde de
genezing niet in de stad verrichten.

940
00:53:20,130 --> 00:53:23,970
Blijkbaar deed Jezus erg Zijn best
om op de achtergrond te blijven

941
00:53:23,970 --> 00:53:28,170
en te voorkomen dat de mensen helemaal
opgewonden raakten over de wonderen.

942
00:53:28,170 --> 00:53:31,530
Want als Hij wilde dat mensen
enthousiast werden over wonderen,

943
00:53:31,530 --> 00:53:33,630
kon Hij dat doen wanneer Hij maar wilde.

944
00:53:33,630 --> 00:53:37,290
Hij wilde mensen vinden die belangstelling
hadden voor het Koninkrijk van God,

945
00:53:37,290 --> 00:53:39,630
maar Hij wilde nog steeds mensen helpen.

946
00:53:39,630 --> 00:53:42,630
Hij wilde wonderbaarlijke
dingen doen om mensen te helpen,

947
00:53:42,630 --> 00:53:46,170
maar Hij wilde dat niet zo doen
dat er grote opschudding ontstond

948
00:53:46,170 --> 00:53:49,830
en er een groep nieuwsgierige
mensen op afkwam die geen enkele

949
00:53:49,830 --> 00:53:51,690
geestelijke belangstelling hadden.

950
00:53:51,690 --> 00:53:55,950
Dat probleem had Hij al gehad toen
Hij de vijfduizend te eten gaf.

951
00:53:55,950 --> 00:53:58,110
Dus leidde Hij hem de stad uit,

952
00:53:58,110 --> 00:54:04,350
En hij keek op en zei: Ik zie de mensen,
want ik zie hen, als bomen, rondlopen.

953
00:54:04,350 --> 00:54:08,250
Ik weet niet precies hoe een blinde
man wist hoe bomen eruitzagen,

954
00:54:08,250 --> 00:54:10,230
maar misschien had hij ze betast.

955
00:54:10,230 --> 00:54:14,130
Ik denk dat ik me in gedachten een
voorstelling kan maken van hoe een boom

956
00:54:14,130 --> 00:54:17,370
eruitziet, en hij had
waarschijnlijk ook mensen betast.

957
00:54:17,370 --> 00:54:21,630
Ik ben uiteraard nooit blind geweest,
maar een blinde moet zich op grond van de

958
00:54:21,630 --> 00:54:26,190
andere informatie die hij via zijn
andere zintuigen binnenkrijgt een soort

959
00:54:26,190 --> 00:54:28,170
voorstelling in gedachten maken.

960
00:54:28,170 --> 00:54:33,030
Maar hij wist hoe een boom eruit behoorde
te zien, en de mensen die hij zag,

961
00:54:33,030 --> 00:54:37,110
leken meer op hoe bomen eruit
behoorden te zien dan op mensen.

962
00:54:37,110 --> 00:54:40,410
Ze waren waarschijnlijk
niet echt groen, maar stijf.

963
00:54:40,410 --> 00:54:43,050
Hij kon alleen de vage omtrekken zien van

964
00:54:43,050 --> 00:54:48,330
rechtopstaande wezens die een beetje
bewogen, alsof er bomen rondliepen.

965
00:54:48,330 --> 00:54:51,690
Hij kon geen menselijke
gelaatstrekken onderscheiden.

966
00:54:51,690 --> 00:54:56,190
Het leek een beetje op wat ik nu zie
wanneer ik mijn bril niet op heb.

967
00:54:56,190 --> 00:55:00,690
Daarna legde Hij de handen opnieuw
op zijn ogen en liet hem weer kijken.

968
00:55:00,690 --> 00:55:04,350
En hij was hersteld en
zag allen heel duidelijk.

969
00:55:04,350 --> 00:55:06,510
Hij had de man de stad uit gebracht.

970
00:55:06,510 --> 00:55:10,170
In plaats van hem terug de stad in te
sturen om bekend te maken wat Jezus had

971
00:55:10,170 --> 00:55:14,070
gedaan, wat ertoe zou leiden dat
allerlei menigten zouden komen

972
00:55:14,070 --> 00:55:17,490
en Jezus in Zijn
bewegingsvrijheid zouden beperken,

973
00:55:17,490 --> 00:55:21,690
zei Hij in feite dat hij gewoon naar zijn
huis kon gaan en het aan de mensen thuis

974
00:55:21,690 --> 00:55:25,290
kon vertellen, maar het aan
niemand in de stad mocht vertellen.

975
00:55:25,290 --> 00:55:28,710
Dit verhaal wordt alleen in het
Evangelie van Markus verteld,

976
00:55:28,710 --> 00:55:33,030
en dat geldt ook voor het verhaal over
de doofstomme in het vorige hoofdstuk.

977
00:55:33,030 --> 00:55:36,690
Er zijn niet erg veel verhalen
die alleen bij Markus voorkomen.

978
00:55:36,690 --> 00:55:40,770
Bijna al het materiaal in Markus is
ook te vinden in Mattheüs of Lukas,

979
00:55:40,770 --> 00:55:42,150
of in allebei.

980
00:55:42,150 --> 00:55:46,110
Maar slechts een heel klein
aantal komt alleen in Markus voor.

981
00:55:46,110 --> 00:55:50,730
Dit is een van die gelijkenissen, en het
is goed dat Markus die heeft opgenomen,

982
00:55:50,730 --> 00:55:53,070
aangezien de anderen
dat niet hebben gedaan.

983
00:55:53,070 --> 00:55:58,290
Het vertelt ons dat Jezus, zelfs wanneer
Hij iemand op wonderbaarlijke wijze genas,

984
00:55:58,290 --> 00:56:00,510
dat niet altijd in één keer deed.

985
00:56:00,510 --> 00:56:04,830
Soms vergeten we dat, omdat we weten
dat Hij in één keer kan genezen,

986
00:56:04,830 --> 00:56:07,650
en dat had Hij bij veel
gelegenheden gedaan.

987
00:56:07,650 --> 00:56:12,570
Hij had blinde mannen en mensen met andere
soorten ziekten in één keer genezen,

988
00:56:12,570 --> 00:56:16,770
en zelfs doden in één keer
opgewekt, alleen maar met een bevel.

989
00:56:16,770 --> 00:56:20,670
Maar misschien deed Hij het op deze manier
om te laten zien dat het niet altijd in

990
00:56:20,670 --> 00:56:22,230
één keer gebeurt.

991
00:56:22,230 --> 00:56:25,950
Soms moet je op God vertrouwen
voor meer dan één aanraking.

992
00:56:25,950 --> 00:56:29,850
Je moet misschien gedurende een
langere periode op God vertrouwen,

993
00:56:29,850 --> 00:56:33,570
terwijl Hij je toestand beetje
bij beetje laat verbeteren.

994
00:56:33,570 --> 00:56:38,370
In dit geval gebeurde het slechts in twee
stappen, maar als het er twee kunnen zijn,

995
00:56:38,370 --> 00:56:41,190
kunnen het er ook tien of twintig zijn.

996
00:56:41,190 --> 00:56:45,510
Het kan een maand of twee
duren, of een jaar. Wie weet?

997
00:56:45,510 --> 00:56:48,090
Als Jezus het niet
altijd onmiddellijk doet,

998
00:56:48,090 --> 00:56:51,450
wie kan dan zeggen hoelang
Hij het zou kunnen rekken?

999
00:56:51,450 --> 00:56:56,730
Het punt hier is dat Jezus ook op andere
manieren geneest dan alleen onmiddellijk.

1000
00:56:56,730 --> 00:57:01,470
Het is belangrijk dat wij dat weten, want
soms, wanneer we voor de zieken bidden,

1001
00:57:01,470 --> 00:57:03,270
worden ze niet genezen.

1002
00:57:03,270 --> 00:57:05,670
Of ze lijken misschien een
beetje beter te worden,

1003
00:57:05,670 --> 00:57:08,730
maar de volgende dag gaat het
helemaal niet beter met ze.

1004
00:57:08,730 --> 00:57:13,890
We moeten blijven geloven en God
blijven vragen om nog een aanraking om

1005
00:57:13,890 --> 00:57:15,330
hen te genezen.

1006
00:57:15,330 --> 00:57:20,370
Dit geldt ook voor andere soorten
wonderen, zoals bezetenheid door demonen.

1007
00:57:20,370 --> 00:57:24,270
Ik dacht vroeger dat als wij werkelijk
het gezag van Christus hadden,

1008
00:57:24,270 --> 00:57:28,650
we de demonen gewoon zouden bevelen
en ze er meteen uit zouden komen.

1009
00:57:28,650 --> 00:57:32,850
Ik dreef vroeger de spot met mensen
die langdurig probeerden de demonen uit

1010
00:57:32,850 --> 00:57:34,230
mensen te krijgen.

1011
00:57:34,230 --> 00:57:38,070
Maar later leerde ik dat mensen
soms meerdere demonen hebben,

1012
00:57:38,070 --> 00:57:40,710
en die komen er niet
allemaal tegelijk uit.

1013
00:57:40,710 --> 00:57:43,530
Uiteindelijk komen ze er wel allemaal uit.

1014
00:57:43,530 --> 00:57:46,890
Jezus behaalt werkelijk de
overwinning, en uiteindelijk,

1015
00:57:46,890 --> 00:57:50,970
als het geloof van de christen
standhoudt, komen alle demonen eruit,

1016
00:57:50,970 --> 00:57:52,530
maar niet allemaal tegelijk.

1017
00:57:52,530 --> 00:57:56,910
Dit verhaal geeft aan dat Jezus de
dingen die Hij vaak onmiddellijk deed,

1018
00:57:56,910 --> 00:58:00,990
bij gelegenheid niet onmiddellijk
deed, maar in twee fasen.

1019
00:58:00,990 --> 00:58:05,430
Sommigen denken misschien: ‘Het was
niet Jezus’ keuze om het zo te doen.

1020
00:58:05,430 --> 00:58:09,930
Het geloof van de man was
misschien zwak.’ Dat is mogelijk.

1021
00:58:09,930 --> 00:58:12,450
Jezus zei uiteraard vaak tegen mensen

1022
00:58:12,450 --> 00:58:15,750
wanneer ze op wonderbaarlijke
wijze geholpen werden:

1023
00:58:15,750 --> 00:58:21,030
Toen raakte Hij hun ogen aan en
zei: Het zal u gaan naar uw geloof.

1024
00:58:21,030 --> 00:58:21,750
of:

1025
00:58:21,750 --> 00:58:26,790
Toen zei Hij tegen haar: Dochter,
uw geloof heeft u behouden;

1026
00:58:26,790 --> 00:58:30,750
ga heen in vrede en wees
genezen van uw aandoening.

1027
00:58:30,750 --> 00:58:35,490
Ik ben zeker bereid de mogelijkheid te
overwegen dat de man er niet volledig op

1028
00:58:35,490 --> 00:58:38,430
vertrouwde dat Jezus hem kon genezen.

1029
00:58:38,430 --> 00:58:42,090
Maar hij had genoeg geloof
om van Jezus een kleine,

1030
00:58:42,090 --> 00:58:44,550
bemoedigende vooruitgang te ontvangen.

1031
00:58:44,550 --> 00:58:49,470
Dat versterkte ongetwijfeld zijn
geloof: ‘Ik zie inderdaad iets.

1032
00:58:49,470 --> 00:58:53,190
Misschien kunt U mij genezen.
Probeer het nog eens.’

1033
00:58:53,190 --> 00:58:56,370
Het is mogelijk dat het geloof
van de man moest toenemen,

1034
00:58:56,370 --> 00:58:59,550
maar dat doet niets af
aan wat ik zojuist zei.

1035
00:58:59,550 --> 00:59:03,690
Dat kan juist de reden zijn waarom God
dingen soms niet onmiddellijk doet,

1036
00:59:03,690 --> 00:59:08,490
waarom Hij dingen in fasen doet: ons
geloof is de eerste keer niet zo groot,

1037
00:59:08,490 --> 00:59:10,470
maar Hij komt ons tegemoet.

1038
00:59:10,470 --> 00:59:13,770
Hij geeft kleine bemoedigingen
en kleine beetjes,

1039
00:59:13,770 --> 00:59:16,890
zodat ons geloof steeds
sterker kan worden.

1040
00:59:16,890 --> 00:59:20,550
In zekere zin is dat het
verhaal van ons leven met God.

1041
00:59:20,550 --> 00:59:24,510
Dat is het verhaal van de manier waarop
Hij ons opbouwt tot mensen met een groot

1042
00:59:24,510 --> 00:59:28,950
geloof, want het echte wonder is dat wij
geestelijk volledig veranderd worden.

1043
00:59:28,950 --> 00:59:33,150
Het openen van de ogen van blinden
is in de Schrift vaak een beeld voor

1044
00:59:33,150 --> 00:59:38,430
geestelijk ontwaken, geestelijk
bewustzijn of geestelijke vooruitgang.

1045
00:59:38,430 --> 00:59:42,210
Denk tenslotte aan wat Jezus in
vers 18 van dit hoofdstuk tegen

1046
00:59:42,210 --> 00:59:43,770
Zijn discipelen zei:

1047
00:59:43,770 --> 00:59:46,710
U hebt ogen, en u ziet niet?

1048
00:59:46,710 --> 00:59:49,830
En u hebt oren, en u hoort niet?

1049
00:59:49,830 --> 00:59:53,310
Het is duidelijk dat Hij het daar
niet over lichamelijk zicht heeft.

1050
00:59:53,310 --> 00:59:56,310
Maar Hij spreekt over ogen en zien,

1051
00:59:56,310 --> 01:00:00,390
omdat zien een beeld is voor
geestelijke verlichting.

1052
01:00:00,390 --> 01:00:04,050
Dat deze man op deze manier
zijn gezichtsvermogen kreeg,

1053
01:00:04,050 --> 01:00:08,850
kan zeker een beeld zijn van de manier
waarop God ons, terwijl wij groeien,

1054
01:00:08,850 --> 01:00:12,810
steeds meer verlicht, totdat
we alle dingen duidelijk zien.

1055
01:00:12,810 --> 01:00:17,010
Aan het begin van ons christelijke leven
zijn er momenten waarop we denken dat we

1056
01:00:17,010 --> 01:00:20,610
veel zien, omdat we meer
zien dan ooit tevoren.

1057
01:00:20,610 --> 01:00:23,910
Maar we beseffen niet dat we in
werkelijkheid alleen mensen als

1058
01:00:23,910 --> 01:00:25,650
wandelende bomen zien.

1059
01:00:25,650 --> 01:00:28,650
We denken dat we alles duidelijker zien.

1060
01:00:28,650 --> 01:00:32,790
Als ik terugkijk op mijn groei en op hoe
mijn begrip van de dingen van God zich in

1061
01:00:32,790 --> 01:00:35,430
de loop van tientallen
jaren heeft ontwikkeld,

1062
01:00:35,430 --> 01:00:39,210
zou ik zeggen dat ik iets duidelijker
ben gaan zien dan voorheen.

1063
01:00:39,210 --> 01:00:41,550
Nu denk ik dat ik alles duidelijk zie,

1064
01:00:41,550 --> 01:00:46,170
maar er zit nog steeds schors op die
mensen en er zijn nog steeds wat bladeren.

1065
01:00:46,170 --> 01:00:49,290
Alleen wanneer God ons stap
voor stap verder helpt,

1066
01:00:49,290 --> 01:00:52,110
gaat het licht steeds helderder schijnen.

1067
01:00:52,110 --> 01:00:54,750
Op die manier groeien we
in onze kennis van God.

1068
01:00:54,750 --> 01:00:58,050
Paulus zei in 2 Korinthe 3:18:

1069
01:00:58,050 --> 01:01:03,150
Wij allen nu, die met onbedekt gezicht
de heerlijkheid van de Heere als in een

1070
01:01:03,150 --> 01:01:07,770
spiegel aanschouwen, worden van
gedaante veranderd naar hetzelfde beeld,

1071
01:01:07,770 --> 01:01:12,690
van heerlijkheid tot heerlijkheid,
zoals dit door de Geest van de Heere

1072
01:01:12,690 --> 01:01:13,471
bewerkt wordt .

1073
01:01:13,471 --> 01:01:18,630
Hij zegt in Kolossenzen 4 dat
wanneer Christus, Die ons leven is,

1074
01:01:18,630 --> 01:01:23,310
zal verschijnen, wij met Hem in
heerlijkheid zullen verschijnen.

1075
01:01:23,310 --> 01:01:26,670
Vervolgens zegt Johannes in 1 Johannes 3:

1076
01:01:26,670 --> 01:01:31,170
Geliefden, nu zijn wij kinderen van
God, en het is nog niet geopenbaard wat

1077
01:01:31,170 --> 01:01:32,550
wij zullen zijn.

1078
01:01:32,550 --> 01:01:38,130
Maar wij weten dat, als Hij geopenbaard
zal worden, wij Hem gelijk zullen zijn;

1079
01:01:38,130 --> 01:01:41,250
want wij zullen Hem zien zoals Hij is.

1080
01:01:41,250 --> 01:01:46,530
Op dit moment kan zelfs ons beeld van
Christus lijken op een wandelende boom.

1081
01:01:46,530 --> 01:01:48,330
Zo denken we er niet over.

1082
01:01:48,330 --> 01:01:50,190
Misschien doen we dat wel.

1083
01:01:50,190 --> 01:01:54,330
Misschien beseffen we dat we
Christus niet erg duidelijk zien.

1084
01:01:54,330 --> 01:01:57,810
Ik denk aan Jezus, en
wat stel ik me dan voor?

1085
01:01:57,810 --> 01:02:01,770
Waarschijnlijk iets wat in
werkelijkheid net zomin op Hem lijkt

1086
01:02:01,770 --> 01:02:04,530
als een wandelende boom op een mens lijkt.

1087
01:02:04,530 --> 01:02:07,410
Maar dat is niet erg als
ik weet dat ik een mens

1088
01:02:07,410 --> 01:02:09,810
slechts als een wandelende boom zie.

1089
01:02:09,810 --> 01:02:14,190
Wat echt erg is, is wanneer ik denk
dat ik alle dingen duidelijk zie,

1090
01:02:14,190 --> 01:02:19,290
terwijl ik in werkelijkheid slechts een
mens zie alsof hij een wandelende boom is.

1091
01:02:19,290 --> 01:02:21,210
Soms komen we zover.

1092
01:02:21,210 --> 01:02:23,730
We denken dat we Jezus duidelijk zien.

1093
01:02:23,730 --> 01:02:28,890
Maar als dat zo was, zouden we
als Hij zijn. Zoals Johannes zei:

1094
01:02:28,890 --> 01:02:32,130
Wanneer Hij verschijnt,
zullen we zijn zoals Hij,

1095
01:02:32,130 --> 01:02:35,250
omdat we Hem zullen zien
zoals Hij werkelijk is,

1096
01:02:35,250 --> 01:02:38,130
en niet zoals we ons
Hem hebben voorgesteld.

1097
01:02:38,130 --> 01:02:39,450
En Paulus zei:

1098
01:02:39,450 --> 01:02:43,290
Terwijl we als in een spiegel de
heerlijkheid van de Heer aanschouwen,

1099
01:02:43,290 --> 01:02:47,610
worden we van heerlijkheid tot
heerlijkheid veranderd in datzelfde beeld.

1100
01:02:47,610 --> 01:02:51,510
Toen Jezus deze wonderen deed,
waren het lichamelijke wonderen.

1101
01:02:51,510 --> 01:02:56,010
Maar het waren wonderen die
geestelijke werkelijkheden uitbeeldden.

1102
01:02:56,010 --> 01:02:58,350
Ik denk dat in dit specifieke geval

1103
01:02:58,350 --> 01:03:01,950
misschien wordt gezinspeeld op de
werkelijkheden die ik zojuist heb genoemd.
