1
00:00:02,010 --> 00:00:04,410
Welkom bij Vers voor Vers!

2
00:00:04,410 --> 00:00:12,810
Deze keer behandelen we Mattheüs
13, vers 44 tot en met vers 46.

3
00:00:12,810 --> 00:00:16,950
We gaan samen naar twee heel
korte gelijkenissen kijken.

4
00:00:16,950 --> 00:00:20,490
Samen beslaan ze slechts
drie verzen in Mattheüs 13.

5
00:00:20,490 --> 00:00:22,590
Jezus vertelde ze in dit hoofdstuk, dat

6
00:00:22,590 --> 00:00:25,710
behoorlijk vol staat met
gelijkenissen van dit type.

7
00:00:25,710 --> 00:00:30,450
Met ‘van dit type’ bedoel ik dat van
alle gelijkenissen in dit hoofdstuk wordt

8
00:00:30,450 --> 00:00:35,430
gezegd dat ze over het Koninkrijk van God
gaan, of over het Koninkrijk der hemelen,

9
00:00:35,430 --> 00:00:37,650
zoals Jezus het in Mattheüs noemt.

10
00:00:37,650 --> 00:00:44,310
Ik begin te lezen in Mattheüs 13,
vers 44 tot en met 46. Jezus zei:

11
00:00:44,310 --> 00:00:48,930
Het Koninkrijk der hemelen is ook gelijk
aan een schat, in de akker verborgen,

12
00:00:48,930 --> 00:00:53,610
die iemand vond en verborg; en van
blijdschap daarover gaat hij heen

13
00:00:53,610 --> 00:00:57,150
en verkoopt alles wat hij
heeft, en koopt die akker.

14
00:00:57,150 --> 00:01:02,130
Ook is het Koninkrijk der hemelen gelijk
aan een koopman die mooie parels zoekt.

15
00:01:02,130 --> 00:01:05,250
Toen hij één parel van
grote waarde gevonden had,

16
00:01:05,250 --> 00:01:09,750
ging hij heen en verkocht alles
wat hij had, en hij kocht hem.

17
00:01:09,750 --> 00:01:13,170
Er zijn twee gelijkenissen,
maar één gedachte,

18
00:01:13,170 --> 00:01:16,950
in elk geval één overheersende
gedachte in beide.

19
00:01:16,950 --> 00:01:21,270
Want ze eindigen er allebei mee dat
iemand alles verkoopt wat hij heeft

20
00:01:21,270 --> 00:01:25,350
om datgene te verkrijgen wat
in de gelijkenis het Koninkrijk

21
00:01:25,350 --> 00:01:26,970
van God voorstelt.

22
00:01:26,970 --> 00:01:30,270
In de eerste gelijkenis
wordt het Koninkrijk van God

23
00:01:30,270 --> 00:01:32,070
vergeleken met een schat.

24
00:01:32,070 --> 00:01:36,390
In de tweede gelijkenis wordt het
vergeleken met een uitzonderlijke parel

25
00:01:36,390 --> 00:01:41,610
van onovertroffen waarde, een ander
soort schat, zouden we kunnen zeggen.

26
00:01:41,610 --> 00:01:43,590
Beide zijn buitengewoon waardevol.

27
00:01:43,590 --> 00:01:47,970
Als de gemiddelde mens zoiets zou
vinden, zou hij daarom inzien dat het

28
00:01:47,970 --> 00:01:51,510
meer waard was dan alles wat
hij verder bezat bij elkaar.

29
00:01:51,510 --> 00:01:54,750
Als hij al het andere moest
afstaan om het te verkrijgen,

30
00:01:54,750 --> 00:01:58,650
zou hij menen dat hij er met
die ruil op vooruit was gegaan.

31
00:01:58,650 --> 00:02:03,210
We moeten daarom aannemen dat de schat
in de gelijkenis een buitengewoon

32
00:02:03,210 --> 00:02:08,010
grote schat was, waarvan de waarde
alle bezittingen van de man overtrof.

33
00:02:08,010 --> 00:02:13,110
En de kostbare parel was inderdaad zo
kostbaar dat alle andere parels van de man

34
00:02:13,110 --> 00:02:17,610
en al zijn overige bezittingen
samen niet evenveel waard waren.

35
00:02:17,610 --> 00:02:22,230
De man in elk van beide gevallen
was dus gewoon een slimme handelaar.

36
00:02:22,230 --> 00:02:26,190
Hij zou graag afstand doen van wat hij
al had om dit waardevollere goed te

37
00:02:26,190 --> 00:02:29,070
verkrijgen: het Koninkrijk van God.

38
00:02:29,070 --> 00:02:33,510
De boodschap van beide gelijkenissen
is in zekere zin dezelfde.

39
00:02:33,510 --> 00:02:38,310
Die boodschap is dat het Koninkrijk
van God een ongelofelijke waarde heeft

40
00:02:38,310 --> 00:02:41,670
en meer waard is dan al
het andere bij elkaar.

41
00:02:41,670 --> 00:02:45,150
Als je dit toepast op de man die
het Koninkrijk van God zoekt,

42
00:02:45,150 --> 00:02:49,470
wijst het erop dat hij erbij wint, zelfs
als hij alles wat hij voorheen had moet

43
00:02:49,470 --> 00:02:52,950
prijsgeven om een burger van
het Koninkrijk te worden,

44
00:02:52,950 --> 00:02:57,630
deel te hebben aan het Koninkrijk
van God en het Koninkrijk te beërven.

45
00:02:57,630 --> 00:03:00,090
Laten we naar deze gelijkenissen kijken.

46
00:03:00,090 --> 00:03:04,290
Dit is namelijk de boodschap die in
beide het belangrijkst lijkt te zijn,

47
00:03:04,290 --> 00:03:09,630
al is het mogelijk dat elke gelijkenis
ons een andere invalshoek laat zien.

48
00:03:09,630 --> 00:03:14,910
In zekere zin bevat de eerste gelijkenis
meer bijzonderheden dan de tweede,

49
00:03:14,910 --> 00:03:17,250
omdat het Koninkrijk
een schat wordt genoemd.

50
00:03:17,250 --> 00:03:22,050
Er wordt echter gezegd dat het een schat
is die in een akker verborgen ligt.

51
00:03:22,050 --> 00:03:26,790
Een man vindt hem en verbergt hem
vervolgens opnieuw in de akker.

52
00:03:26,790 --> 00:03:31,050
Daarna gaat hij weg, verkoopt
wat hij heeft en koopt de akker,

53
00:03:31,050 --> 00:03:34,350
zodat hij de schat in die
akker in bezit kan krijgen.

54
00:03:34,350 --> 00:03:37,290
Wat is de achtergrond van dit tafereel?

55
00:03:37,290 --> 00:03:40,710
Eeuwenlang leefden de mensen
in Israël in onzekerheid,

56
00:03:40,710 --> 00:03:44,310
omdat ze werden overlopen door
machtige volken uit zowel het

57
00:03:44,310 --> 00:03:45,990
noorden als het zuiden.

58
00:03:45,990 --> 00:03:48,390
Die volken kwamen het land binnen.

59
00:03:48,390 --> 00:03:52,710
Soms vielen ze Israël binnen met
geen ander doel dan het te veroveren.

60
00:03:52,710 --> 00:03:57,510
Andere keren trokken ze in optocht door
Israël om ergens anders heen te gaan.

61
00:03:57,510 --> 00:04:02,070
De Syriërs trokken vroeger door
Israël om Egypte binnen te vallen.

62
00:04:02,070 --> 00:04:07,470
En de Egyptenaren trokken door Israël om
Babylon, of welke andere plaats dan ook,

63
00:04:07,470 --> 00:04:10,050
binnen te vallen of ertegen te strijden.

64
00:04:10,050 --> 00:04:14,430
Israël lag midden tussen die gebieden
in en van tijd tot tijd marcheerden

65
00:04:14,430 --> 00:04:15,930
er legers doorheen.

66
00:04:15,930 --> 00:04:20,370
Wanneer ze erdoorheen trokken, bleven
ze niet altijd op de hoofdwegen.

67
00:04:20,370 --> 00:04:23,790
Soms verkrachtten,
plunderden en stalen ze.

68
00:04:23,790 --> 00:04:27,780
Omdat dit zo was, kon een man die
enig aanzienlijk vermogen bezat,

69
00:04:27,780 --> 00:04:31,230
laten we zeggen een hoeveelheid
goud die hij had verzameld,

70
00:04:31,230 --> 00:04:34,650
dat niet per se veilig
in zijn huis bewaren.

71
00:04:34,650 --> 00:04:36,870
Het volgende leger dat erdoorheen trok,

72
00:04:36,870 --> 00:04:40,890
kon zijn huis eenvoudigweg
plunderen en alles meenemen.

73
00:04:40,890 --> 00:04:44,130
Daarom was het heel gebruikelijk
dat mensen hun kostbaarheden in

74
00:04:44,130 --> 00:04:45,690
de akkers begroeven.

75
00:04:45,690 --> 00:04:49,830
De legers die erdoorheen trokken, gingen
natuurlijk niet hele akkers omspitten om

76
00:04:49,830 --> 00:04:50,790
ernaar te zoeken.

77
00:04:50,790 --> 00:04:54,690
Zo trokken de indringers verder
zonder deze schatten te vinden.

78
00:04:54,690 --> 00:04:57,210
Het moet echter niet
ongebruikelijk zijn geweest

79
00:04:57,210 --> 00:05:02,190
dat een man zijn bezittingen in de
akker begroef en vervolgens zelf stierf,

80
00:05:02,190 --> 00:05:05,670
terwijl niemand wist dat er
in die akker een schat lag.

81
00:05:05,670 --> 00:05:10,230
Als er een leger aankwam, laten we zeggen
dat iemand hoorde dat de Syriërs onderweg

82
00:05:10,230 --> 00:05:14,610
waren door Israël naar Egypte, kon een
Israëliet heel goed al het geld dat hij

83
00:05:14,610 --> 00:05:17,730
had meenemen en het in
zijn akker begraven.

84
00:05:17,730 --> 00:05:21,390
Misschien had hij niet eens tijd om iemand
te vertellen dat hij dat had gedaan,

85
00:05:21,390 --> 00:05:24,090
en misschien wilde hij het
ook aan niemand vertellen.

86
00:05:24,090 --> 00:05:27,810
Maar als de Syriërs de man doodden
toen ze erdoorheen trokken,

87
00:05:27,810 --> 00:05:29,610
stierf zijn geheim met hem.

88
00:05:29,610 --> 00:05:33,810
De schat bleef dan in de akker
liggen totdat iemand anders hem vond,

89
00:05:33,810 --> 00:05:37,830
misschien wel honderden jaren later,
als hij al ooit gevonden werd.

90
00:05:37,830 --> 00:05:41,370
Jezus schetst dus een man die
een schat in een akker vindt.

91
00:05:41,370 --> 00:05:43,470
Het is niet zijn akker.

92
00:05:43,470 --> 00:05:46,230
Hij moet eropuitgaan en hem kopen.

93
00:05:46,230 --> 00:05:50,370
We moeten ons dus ongetwijfeld
het volgende scenario voorstellen.

94
00:05:50,370 --> 00:05:53,730
Deze man is op het veld van
iemand anders bezig met iets

95
00:05:53,730 --> 00:05:58,290
waardoor hij daar een begraven schat zou
kunnen vinden, waarschijnlijk met ploegen.

96
00:05:58,290 --> 00:06:02,370
De man over wie het gaat, zal dan
waarschijnlijk een dagloner zijn

97
00:06:02,370 --> 00:06:05,910
die is ingehuurd om het veld
van iemand anders te ploegen.

98
00:06:05,910 --> 00:06:10,710
Terwijl hij aan het ploegen is, raakt
de punt van zijn ploeg iets hards.

99
00:06:10,710 --> 00:06:12,750
Het klinkt niet als een steen.

100
00:06:12,750 --> 00:06:15,690
De man graaft op die
plek en vindt een kistje.

101
00:06:15,690 --> 00:06:19,230
In die kist zitten, laten
we zeggen, gouden munten,

102
00:06:19,230 --> 00:06:21,810
en misschien zelfs diamanten en juwelen.

103
00:06:21,810 --> 00:06:27,270
Deze man beseft dat de eigenaar van het
veld niet weet dat deze schat daar ligt.

104
00:06:27,270 --> 00:06:31,110
Deze schat kan generaties
geleden begraven zijn.

105
00:06:31,110 --> 00:06:35,130
De man die hem gevonden heeft, heeft
dus niet het recht hem mee te nemen,

106
00:06:35,130 --> 00:06:37,530
want hij bevindt zich
niet op zijn eigendom.

107
00:06:37,530 --> 00:06:40,170
Maar hij weet dat de
eigenaar van het land niet

108
00:06:40,170 --> 00:06:43,710
weet dat de schat daar ligt
en zich daarom niet bewust is

109
00:06:43,710 --> 00:06:46,470
van de waarde die het
bezit van dat land heeft.

110
00:06:46,470 --> 00:06:49,950
Nadat hij deze schat heeft ontdekt,
begraaft hij hem dus opnieuw

111
00:06:49,950 --> 00:06:52,830
en legt hem terug waar
hij hem gevonden heeft.

112
00:06:52,830 --> 00:06:55,890
Dan zegt hij: „Ik ga dit veld kopen.”

113
00:06:55,890 --> 00:07:00,210
Hij gaat weg, verkoopt alles
wat hij heeft en koopt het veld.

114
00:07:00,210 --> 00:07:04,350
Waarschijnlijk kan hij het veld kopen
voor de prijs van onbebouwde grond.

115
00:07:04,350 --> 00:07:08,790
Daarom heeft hij misschien wel genoeg
geld om één of twee hectare te kopen,

116
00:07:08,790 --> 00:07:11,850
of een gedeelte van het veld
waar zijn schat in ligt,

117
00:07:11,850 --> 00:07:14,490
ook al is hij misschien niet erg rijk.

118
00:07:14,490 --> 00:07:19,350
Dat geldt vooral omdat de eigenaar er geen
idee van heeft dat de schat erin ligt.

119
00:07:19,350 --> 00:07:21,450
De man koopt het veld dus.

120
00:07:21,450 --> 00:07:24,210
Zodra hij het eigendomsrecht
op het veld bezit,

121
00:07:24,210 --> 00:07:26,790
behoort de schat natuurlijk aan hem toe.

122
00:07:26,790 --> 00:07:30,930
Sommige mensen hebben gezegd:
„Nou, dat klinkt niet erg eerlijk.”

123
00:07:30,930 --> 00:07:34,530
Het is niet bijzonder eerlijk
en ook niet oneerlijk.

124
00:07:34,530 --> 00:07:39,030
Het gaat er eenvoudig om dat hij weet
dat er iets van waarde in dat veld ligt,

125
00:07:39,030 --> 00:07:41,250
terwijl de verkoper dat niet weet.

126
00:07:41,250 --> 00:07:44,550
Ik weet niet of iemand verplicht
is een verkoper te vertellen

127
00:07:44,550 --> 00:07:47,730
wat hij allemaal aantrekkelijk
vindt aan diens eigendom,

128
00:07:47,730 --> 00:07:51,150
zodat de verkoper de prijs kan
verhogen wanneer hij het koopt.

129
00:07:51,150 --> 00:07:55,530
Hij weet eenvoudig dat er in dat veld iets
van waarde ligt waar niemand anders van

130
00:07:55,530 --> 00:07:58,830
weet, en voor hem is het de prijs waard.

131
00:07:58,830 --> 00:08:01,710
Omdat de eigenaar niet eens
weet dat de schat daar ligt,

132
00:08:01,710 --> 00:08:06,030
is het veld voor hem eigenlijk niet
meer waard dan de prijs van een veld.

133
00:08:06,030 --> 00:08:10,410
Hij heeft de schat immers niet gevonden
en vindt hem misschien wel nooit.

134
00:08:10,410 --> 00:08:13,770
Misschien zal die schat nooit
enige waarde voor hem hebben.

135
00:08:13,770 --> 00:08:16,470
Maar voor degene die weet
dat de schat daar ligt,

136
00:08:16,470 --> 00:08:19,350
heeft het veld uiteraard
een bijzondere waarde.

137
00:08:19,350 --> 00:08:22,410
De man gaat dus weg en koopt het veld.

138
00:08:22,410 --> 00:08:25,950
Door het veld te kopen, verkrijgt
hij natuurlijk ook de rechten op de

139
00:08:25,950 --> 00:08:27,630
delfstoffen in dat land.

140
00:08:27,630 --> 00:08:30,510
Daaronder vallen al het
goud en al het andere

141
00:08:30,510 --> 00:08:33,030
wat hij daar in het veld gevonden heeft.

142
00:08:33,030 --> 00:08:35,730
Hij heeft voor zichzelf een schat gekocht.

143
00:08:35,730 --> 00:08:39,210
Dat is natuurlijk de enige
reden waarom hij het veld kocht.

144
00:08:39,210 --> 00:08:43,590
Hij kocht het veld niet omdat hij nog
een hectare grond in bezit wilde hebben.

145
00:08:43,590 --> 00:08:48,630
Hij wilde de schat, maar om die te
kunnen bezitten moest hij het veld kopen.

146
00:08:48,630 --> 00:08:50,550
Hoe moeten we dit begrijpen?

147
00:08:50,550 --> 00:08:52,350
Waar doelt Jezus op?

148
00:08:52,350 --> 00:08:54,450
Laat ik een mogelijkheid voorstellen.

149
00:08:54,450 --> 00:08:58,050
Ik wil opperen dat de man
in dit geval Jezus is.

150
00:08:58,050 --> 00:09:01,170
Er zijn natuurlijk andere
manieren om het te begrijpen.

151
00:09:01,170 --> 00:09:03,750
Het zou algemeen bedoeld kunnen zijn.

152
00:09:03,750 --> 00:09:08,850
Het zou kunnen betekenen dat ieder mens
die het Koninkrijk van God vindt of ziet,

153
00:09:08,850 --> 00:09:12,990
bereid moet zijn alles wat hij heeft
prijs te geven om het te verkrijgen.

154
00:09:12,990 --> 00:09:17,730
Ik geloof dat dit waar is, maar ik wil
opperen dat dit in deze gelijkenis niet

155
00:09:17,730 --> 00:09:18,930
Jezus’ punt is.

156
00:09:18,930 --> 00:09:24,270
Zijn punt is veeleer dat Jezus Zelf
waarde hecht aan het Koninkrijk van God.

157
00:09:24,270 --> 00:09:27,930
Onder het Koninkrijk van God
moeten we de gemeente verstaan.

158
00:09:27,930 --> 00:09:32,130
In al Zijn gelijkenissen maakt
Jezus namelijk duidelijk dat het

159
00:09:32,130 --> 00:09:37,290
Koninkrijk der hemelen bestaat uit
mensen: de zonen van het Koninkrijk

160
00:09:37,290 --> 00:09:40,650
in de gelijkenis van het
tarwe en het onkruid.

161
00:09:40,650 --> 00:09:44,910
Het Koninkrijk van God bestaat
in werkelijkheid uit de burgers,

162
00:09:44,910 --> 00:09:46,770
de onderdanen van God.

163
00:09:46,770 --> 00:09:50,730
Het zijn dus de mensen
die Jezus Christus volgen.

164
00:09:50,730 --> 00:09:53,370
Zij zijn Zijn Koninkrijk.

165
00:09:53,370 --> 00:09:56,310
Zij zijn Zijn onderdanen.

166
00:09:56,310 --> 00:09:58,770
Zij zijn Zijn gemeente.

167
00:09:58,770 --> 00:10:03,390
Het Koninkrijk van God is in het Nieuwe
Testament ongeveer hetzelfde als de

168
00:10:03,390 --> 00:10:06,870
ware gemeente, de
volgelingen van Christus.

169
00:10:06,870 --> 00:10:11,190
Als dat zo is, hechtte Jezus
waarde aan de gemeente.

170
00:10:11,190 --> 00:10:16,170
Hij achtte Zijn volgelingen zo waardevol
dat Hij alles wat Hij had opgaf om de

171
00:10:16,170 --> 00:10:17,730
gemeente te kopen.

172
00:10:17,730 --> 00:10:20,070
Wat was alles wat Hij had?

173
00:10:20,070 --> 00:10:24,390
We lezen in de Schrift dat Jezus,
voordat Hij naar de aarde kwam,

174
00:10:24,390 --> 00:10:26,610
werkelijk in de vorm van God was.

175
00:10:26,610 --> 00:10:31,650
Hij bezat alle macht en alle
kennis, en alles was Zijn bezit.

176
00:10:31,650 --> 00:10:36,030
Hij was onkwetsbaar voor
pijn, verzoeking of de dood.

177
00:10:36,030 --> 00:10:42,150
Hij bevond Zich in een verheven staat,
gelijk aan die van God Zelf, de Vader.

178
00:10:42,150 --> 00:10:46,230
Niet iedereen is het daarmee eens, maar
dat lijkt wel de leer van de Schrift te

179
00:10:46,230 --> 00:10:49,710
zijn: dat Jezus gelijk was aan God.

180
00:10:49,710 --> 00:10:51,810
Hij was gelijk aan de Vader.

181
00:10:51,810 --> 00:10:55,110
Toch kwam Hij naar beneden
en werd Hij een arme man.

182
00:10:55,110 --> 00:11:00,210
Hij werd onderworpen aan pijn
en dood en allerlei ongemakken.

183
00:11:00,210 --> 00:11:02,130
Hij leefde in armoede.

184
00:11:02,130 --> 00:11:04,830
Hij gaf alles wat Hij
had op, niet voorgoed,

185
00:11:04,830 --> 00:11:07,830
maar Hij besteedde alles wat Hij
had om naar beneden te komen,

186
00:11:07,830 --> 00:11:12,510
zodat Hij kon sterven en de prijs kon
betalen die nodig was om de gemeente

187
00:11:12,510 --> 00:11:17,370
voor Zichzelf te verwerven, het
Koninkrijk van God, om die schat te kopen.

188
00:11:17,370 --> 00:11:22,530
Ik wil de mogelijkheid opperen dat Jezus
naar Zichzelf verwijst als de man die deze

189
00:11:22,530 --> 00:11:27,630
schat ontdekte en alles wat hij had
opgaf, of betaalde, om hem te kopen,

190
00:11:27,630 --> 00:11:29,970
zodat hij hem in bezit kon krijgen.

191
00:11:29,970 --> 00:11:34,830
Nu ik dat heb geopperd, moeten we nog een
ander detail van de gelijkenis bekijken.

192
00:11:34,830 --> 00:11:37,470
De man kocht niet eenvoudigweg de schat.

193
00:11:37,470 --> 00:11:41,490
Hij kocht de akker, zodat hij
de schat in bezit kon krijgen.

194
00:11:41,490 --> 00:11:46,470
Jezus legt deze gelijkenissen nergens uit,
dus blijft er voor ons een zekere mate

195
00:11:46,470 --> 00:11:48,090
van giswerk over.

196
00:11:48,090 --> 00:11:52,350
Maar we kunnen gefundeerde inschattingen
maken op basis van wat Jezus

197
00:11:52,350 --> 00:11:53,850
elders heeft gezegd.

198
00:11:53,850 --> 00:11:56,790
In de gelijkenis van
de tarwe en het onkruid

199
00:11:56,790 --> 00:11:59,370
zei Jezus dat de akker de wereld is.

200
00:11:59,370 --> 00:12:02,130
Als de akker in deze
gelijkenis de wereld is,

201
00:12:02,130 --> 00:12:04,970
dan zouden we kunnen stellen
dat de man die de akker kocht —

202
00:12:04,970 --> 00:12:08,790
als Jezus die man is — de
wereld kocht om de gemeente

203
00:12:08,790 --> 00:12:11,250
die in de wereld was te kunnen verwerven.

204
00:12:11,250 --> 00:12:14,970
De gemeente was als een schat
die in een akker verborgen was,

205
00:12:14,970 --> 00:12:17,790
maar Hij kon niet
eenvoudigweg de schat kopen.

206
00:12:17,790 --> 00:12:22,230
Hij moest de akker kopen om de schat
die erin lag te kunnen verwerven.

207
00:12:22,230 --> 00:12:25,770
Toen Jezus stierf, kocht
Hij niet alleen de gemeente.

208
00:12:25,770 --> 00:12:28,890
Hij kocht de wereld, zodat
Hij de gemeente kon verwerven.

209
00:12:28,890 --> 00:12:33,270
Het lijkt misschien alsof ik daarmee
niets controversieels heb gezegd.

210
00:12:33,270 --> 00:12:36,090
Toch is dit een zeer controversieel punt,

211
00:12:36,090 --> 00:12:40,650
omdat het gereformeerde christendom
altijd heeft geleerd dat Jezus alleen de

212
00:12:40,650 --> 00:12:42,270
gemeente heeft gekocht.

213
00:12:42,270 --> 00:12:45,330
Dit wordt meestal de leer
van de beperkte verzoening

214
00:12:45,330 --> 00:12:47,910
of de bijzondere verlossing genoemd.

215
00:12:47,910 --> 00:12:50,430
Het is de opvatting van het calvinisme.

216
00:12:50,430 --> 00:12:54,570
Het is het derde van de vijf
punten van het calvinisme.

217
00:12:54,570 --> 00:12:59,490
Volgens die opvatting stierf Jezus
niet voor de zonden van de hele wereld.

218
00:12:59,490 --> 00:13:04,650
Hij stierf alleen voor de verlossing
van Zijn volk, de gemeente.

219
00:13:04,650 --> 00:13:09,900
De voornaamste reden waarom mensen dit
zeggen is — nu ja, er zijn veel redenen.

220
00:13:09,900 --> 00:13:15,450
Eén reden is dat het logisch voortvloeit
uit de andere punten van het calvinisme.

221
00:13:15,450 --> 00:13:18,510
Als de andere punten van
het calvinisme waar zijn,

222
00:13:18,510 --> 00:13:22,230
dan lijkt het erop dat deze
leer ook waar zou zijn.

223
00:13:22,230 --> 00:13:26,070
Maar wat de Schriftuurlijke onderbouwing
van de leer van de beperkte verzoening

224
00:13:26,070 --> 00:13:30,450
betreft: er zijn veel Schriftgedeelten
waarin de Bijbel zegt dat

225
00:13:30,450 --> 00:13:35,010
Jezus voor Zijn volk stierf, dat
Hij voor Zijn gemeente stierf.

226
00:13:35,010 --> 00:13:37,410
Denk eraan, Jezus zei:

227
00:13:37,410 --> 00:13:42,330
Ik ben de goede Herder; de goede herder
geeft zijn leven voor de schapen.

228
00:13:42,330 --> 00:13:47,850
In Handelingen, hoofdstuk 20,
vers 28, staat volgens mij dat:

229
00:13:47,850 --> 00:13:51,090
Zie dan toe op uzelf en op heel de kudde,

230
00:13:51,090 --> 00:13:55,950
te midden waarvan de Heilige Geest u tot
opzieners aangesteld heeft om de gemeente

231
00:13:55,950 --> 00:13:59,970
van God te weiden, die Hij verkregen
heeft door Zijn eigen bloed.

232
00:13:59,970 --> 00:14:03,690
We lezen ook in Efeze, hoofdstuk 5, dat:

233
00:14:03,690 --> 00:14:09,210
Mannen, heb uw eigen vrouw lief, zoals
ook Christus de gemeente liefgehad heeft

234
00:14:09,210 --> 00:14:13,470
en Zich voor haar heeft overgegeven,
opdat Hij haar zou heiligen,

235
00:14:13,470 --> 00:14:16,590
door haar te reinigen met
het waterbad door het Woord,

236
00:14:16,590 --> 00:14:20,070
opdat Hij haar in heerlijkheid
voor Zich zou plaatsen,

237
00:14:20,070 --> 00:14:23,850
een gemeente zonder smet of
rimpel of iets dergelijks,

238
00:14:23,850 --> 00:14:26,910
maar dat zij heilig en
smetteloos zou zijn.

239
00:14:26,910 --> 00:14:28,290
enzovoort.

240
00:14:28,290 --> 00:14:31,470
Zeggen dat Jezus Zichzelf
voor de gemeente gaf,

241
00:14:31,470 --> 00:14:36,450
dat de Goede Herder Zijn leven voor Zijn
schapen gaf en dat Jezus de gemeente

242
00:14:36,450 --> 00:14:40,770
met Zijn eigen bloed kocht — deze
uitspraken zijn in de ogen van sommige

243
00:14:40,770 --> 00:14:45,090
mensen aanwijzingen dat Jezus
alleen voor Zijn eigen volk stierf

244
00:14:45,090 --> 00:14:46,830
en niet voor iemand anders.

245
00:14:46,830 --> 00:14:50,490
Maar we hoeven zulke woorden
niet per se zo te begrijpen.

246
00:14:50,490 --> 00:14:54,990
De man die de akker kocht, kocht de
akker om de schat te bemachtigen.

247
00:14:54,990 --> 00:14:58,650
Je zou kunnen stellen dat hij,
toen hij al zijn geld uitgaf,

248
00:14:58,650 --> 00:15:01,050
dit deed om de schat te kopen.

249
00:15:01,050 --> 00:15:04,710
Als we dat zouden zeggen,
zou dat volkomen waar zijn.

250
00:15:04,710 --> 00:15:06,390
Dat was wat hij kocht.

251
00:15:06,390 --> 00:15:10,410
Hij kreeg er bij de koop een akker
bij, maar hij wilde de schat.

252
00:15:10,410 --> 00:15:13,950
Hij gaf niet alles wat hij had
uit om een akker te verwerven.

253
00:15:13,950 --> 00:15:17,910
Hij deed het om een schat te verwerven,
maar hij moest de akker kopen om de

254
00:15:17,910 --> 00:15:19,470
schat te bemachtigen.

255
00:15:19,470 --> 00:15:22,650
In dezelfde zin zouden we
het volgende kunnen stellen,

256
00:15:22,650 --> 00:15:29,010
als de akker in deze gelijkenis de wereld
was, de man Jezus en de schat de gemeente.

257
00:15:29,010 --> 00:15:34,230
Toen Jezus stierf en de prijs betaalde,
stierf Hij voor de hele wereld.

258
00:15:34,230 --> 00:15:39,810
Hij kocht de hele wereld, maar Hij deed
dat omdat Zijn gemeente in de wereld was

259
00:15:39,810 --> 00:15:42,090
en Hij haar wilde verwerven.

260
00:15:42,090 --> 00:15:45,390
Daarom zou het zelfs in dat
scenario niet verkeerd zijn

261
00:15:45,390 --> 00:15:48,030
om te zeggen dat Hij
voor de gemeente stierf,

262
00:15:48,030 --> 00:15:52,770
dat Hij de gemeente kocht of dat Hij
Zijn leven voor Zijn schapen gaf.

263
00:15:52,770 --> 00:15:57,750
Dat zou allemaal waar zijn, zelfs
als Jezus voor de hele wereld stierf.

264
00:15:57,750 --> 00:16:02,130
Er staan veel dingen in de Schrift die
erop wijzen dat Jezus inderdaad voor de

265
00:16:02,130 --> 00:16:03,810
hele wereld stierf.

266
00:16:03,810 --> 00:16:05,610
Johannes de Doper zei:

267
00:16:05,610 --> 00:16:10,110
De volgende dag zag Johannes Jezus
naar zich toe komen en hij zei:

268
00:16:10,110 --> 00:16:14,310
Zie het Lam van God, Dat de
zonde van de wereld wegneemt!

269
00:16:14,310 --> 00:16:19,830
Johannes zei in 1 Johannes, hoofdstuk
2, dat Jezus Zijn leven gaf:

270
00:16:19,830 --> 00:16:24,090
En Hij is een verzoening voor onze
zonden; en niet alleen voor de onze,

271
00:16:24,090 --> 00:16:26,910
maar ook voor de zonden
van de hele wereld.

272
00:16:26,910 --> 00:16:30,750
Ik geloof dat de Bijbel leert
dat Jezus, toen Hij stierf,

273
00:16:30,750 --> 00:16:33,750
voor de zonden van de
hele mensheid betaalde.

274
00:16:33,750 --> 00:16:35,610
Zoals in Hebreeën staat:

275
00:16:35,610 --> 00:16:39,330
maar wij zien Jezus met
heerlijkheid en eer gekroond,

276
00:16:39,330 --> 00:16:42,270
Die voor korte tijd minder
dan de engelen geworden was,

277
00:16:42,270 --> 00:16:46,050
vanwege het lijden van de dood,
opdat Hij door de genade van God

278
00:16:46,050 --> 00:16:48,270
voor allen de dood zou proeven.

279
00:16:48,270 --> 00:16:53,610
Omdat dat zo is, lijkt het op de man die
de akker kocht om de schat te verwerven.

280
00:16:53,610 --> 00:16:56,190
Ik denk dat dit is wat Jezus deed.

281
00:16:56,190 --> 00:17:01,050
Dan gaat de volgende gelijkenis over een
man die een parel van grote waarde vindt.

282
00:17:01,050 --> 00:17:05,010
Bij de parel is er niet die hele
ingewikkelde kwestie dat hij iets anders

283
00:17:05,010 --> 00:17:07,170
moet kopen om de parel te bemachtigen.

284
00:17:07,170 --> 00:17:11,430
Het Koninkrijk van God is eenvoudigweg
als een parel die een koopman vond,

285
00:17:11,430 --> 00:17:15,210
waarna hij al zijn andere bezittingen
verkocht om hem te bemachtigen.

286
00:17:15,210 --> 00:17:17,970
Ik ga iets opperen wat
niet bewezen kan worden,

287
00:17:17,970 --> 00:17:20,250
en daarom zou ik het mis kunnen hebben.

288
00:17:20,250 --> 00:17:22,950
Maar weeg dit eens af
en kijk hoe het klinkt.

289
00:17:22,950 --> 00:17:26,070
Ik denk dat de eerste van
deze gelijkenissen gaat over

290
00:17:26,070 --> 00:17:29,190
hoeveel het Koninkrijk
voor Christus waard was.

291
00:17:29,190 --> 00:17:32,250
Hij zag het Koninkrijk als
een schat in een akker.

292
00:17:32,250 --> 00:17:36,390
Hij was bereid alles wat Hij had op te
geven om die akker te verkrijgen en die

293
00:17:36,390 --> 00:17:38,070
schat te bezitten.

294
00:17:38,070 --> 00:17:41,430
Zo leren we hoeveel waarde
het Koninkrijk voor Hem had.

295
00:17:41,430 --> 00:17:44,970
Maar de volgende gelijkenis
is dan ook de slotsom daarvan.

296
00:17:44,970 --> 00:17:47,730
Als het Koninkrijk zo
waardevol voor Hem is,

297
00:17:47,730 --> 00:17:50,670
als Hij bereid was er
zoveel voor te betalen,

298
00:17:50,670 --> 00:17:53,550
hoeveel waarde zouden wij
er dan aan moeten hechten?

299
00:17:53,550 --> 00:17:57,450
Hoeveel zouden wij bereid moeten zijn
er als het ware voor te betalen om

300
00:17:57,450 --> 00:17:58,650
het te bezitten?

301
00:17:58,650 --> 00:18:02,750
Ik denk — en je kunt dit verwerpen
als het je niet logisch lijkt —

302
00:18:02,750 --> 00:18:07,950
dat de eerste gelijkenis ons vertelt dat
Jezus alles wat Hij had betaalde om de

303
00:18:07,950 --> 00:18:11,070
gemeente, het Koninkrijk, te verkrijgen.

304
00:18:11,070 --> 00:18:15,450
De tweede gelijkenis gaat erover dat
wij alles wat we hebben prijsgeven om

305
00:18:15,450 --> 00:18:17,910
deel uit te maken van dat Koninkrijk.

306
00:18:17,910 --> 00:18:22,650
Voor ons is het een kostbare parel, en
we moeten alles wat we hebben verkopen om

307
00:18:22,650 --> 00:18:23,610
die te verkrijgen.

308
00:18:23,610 --> 00:18:26,610
Als ik zeg: ‘alles wat
we hebben verkopen’,

309
00:18:26,610 --> 00:18:29,490
spreken we natuurlijk in
termen van de gelijkenis.

310
00:18:29,490 --> 00:18:33,990
De Bijbel leert niet dat alle mensen
letterlijk alles wat ze bezitten moeten

311
00:18:33,990 --> 00:18:38,790
verkopen om het Koninkrijk te verkrijgen,
hoewel dat voor sommigen inderdaad wel het

312
00:18:38,790 --> 00:18:40,170
geval kan zijn.

313
00:18:40,170 --> 00:18:46,110
We weten dat tegen de rijke jongeman werd
gezegd dat hij precies dat moest doen.

314
00:18:46,110 --> 00:18:50,010
Sommige mensen moeten misschien
letterlijk alles verkopen wat ze hebben om

315
00:18:50,010 --> 00:18:52,950
behouden te worden en Christus te volgen.

316
00:18:52,950 --> 00:18:57,930
Maar het is niet automatisch zo dat iemand
die geroepen wordt om Christus te volgen,

317
00:18:57,930 --> 00:19:00,750
altijd alles moet verkopen wat hij heeft.

318
00:19:00,750 --> 00:19:06,570
Wat wel automatisch geldt, is
wat Jezus in Lukas 14:33 zei:

319
00:19:06,570 --> 00:19:11,190
Zo kan dan ieder van u die niet
alles wat hij heeft, achterlaat,

320
00:19:11,190 --> 00:19:13,230
geen discipel van Mij zijn.

321
00:19:13,230 --> 00:19:17,670
Wat Hij daarmee bedoelt, geloof ik,
is dat wanneer je tot Christus komt,

322
00:19:17,670 --> 00:19:21,090
alles wat je bezit aan
Hem wordt overgedragen.

323
00:19:21,090 --> 00:19:23,970
Je doet afstand van het
eigendomsrecht erop.

324
00:19:23,970 --> 00:19:26,310
Het wordt Zijn eigendom.

325
00:19:26,310 --> 00:19:28,950
Je betaalt als het ware alles.

326
00:19:28,950 --> 00:19:31,590
De Bijbel zegt in Eerste Korinthe 6:

327
00:19:31,590 --> 00:19:35,790
Of weet u niet, dat uw lichaam een
tempel is van de Heilige Geest,

328
00:19:35,790 --> 00:19:41,730
Die in u is en Die u van God hebt
ontvangen, en dat u niet van uzelf bent?

329
00:19:41,730 --> 00:19:44,070
U bent immers duur gekocht.

330
00:19:44,070 --> 00:19:49,050
Verheerlijk daarom God in uw lichaam
en in uw geest, die van God zijn.

331
00:19:49,050 --> 00:19:51,810
Je bent gekocht met het bloed van Jezus.

332
00:19:51,810 --> 00:19:55,710
Als dat zo is, en je in die
werkelijkheid wilt leven,

333
00:19:55,710 --> 00:19:59,370
haar wilt omarmen en je dat
behoud wilt toe-eigenen,

334
00:19:59,370 --> 00:20:04,170
dan moet je jezelf en alles wat je hebt
overgeven aan Hem Die je gekocht heeft.

335
00:20:04,170 --> 00:20:06,870
Het gaat er niet om dat
je jouw behoud verdient of

336
00:20:06,870 --> 00:20:09,330
koopt door op te geven wat je hebt.

337
00:20:09,330 --> 00:20:11,910
Nee, zo worden we niet behouden.

338
00:20:11,910 --> 00:20:13,950
We worden behouden door geloof.

339
00:20:13,950 --> 00:20:18,150
Maar het gaat erom dat we alles
wat we hebben aan God toewijden.

340
00:20:18,150 --> 00:20:22,650
Alles moet aan Hem worden
overgedragen: ieder deel van ons leven,

341
00:20:22,650 --> 00:20:27,510
alles wat we bezitten, iedere
relatie en iedere ambitie.

342
00:20:27,510 --> 00:20:29,550
God wordt de Eigenaar.

343
00:20:29,550 --> 00:20:32,550
God wordt de Heerser
over alles in ons leven,

344
00:20:32,550 --> 00:20:36,810
als we werkelijk de transactie hebben
verricht waardoor we discipelen worden.

345
00:20:36,810 --> 00:20:40,590
Alleen discipelen worden in de
Schrift voorgesteld als mensen die

346
00:20:40,590 --> 00:20:42,930
Christus volgen en behouden zijn.

347
00:20:42,930 --> 00:20:47,790
Als je in Hem gelooft, volg je Hem,
maar dat is niet zonder kosten.

348
00:20:47,790 --> 00:20:50,730
Hij betaalt de prijs voor jouw verlossing.

349
00:20:50,730 --> 00:20:55,110
In bepaalde opzichten betaal jij
de prijs voor het volgen van Hem,

350
00:20:55,110 --> 00:20:58,290
omdat je Hem niet kunt
volgen met al jouw spullen.

351
00:20:58,290 --> 00:21:03,630
Je kunt niet de kostbare parel hebben
en tegelijk al je andere parels houden.

352
00:21:03,630 --> 00:21:07,470
Te veel van de dingen die je
bezit zijn in strijd met Christus.

353
00:21:07,470 --> 00:21:12,510
Niemand kan twee heren dienen, want of hij
zal de één haten en de ander liefhebben,

354
00:21:12,510 --> 00:21:16,170
of hij zal zich aan de één
hechten en de ander minachten.

355
00:21:16,170 --> 00:21:18,990
U kunt niet God dienen en de mammon.

356
00:21:18,990 --> 00:21:23,010
Als je Jezus Christus gaat dienen,
zul je jouw aanspraak op alle andere

357
00:21:23,010 --> 00:21:24,690
dingen moeten opgeven.

358
00:21:24,690 --> 00:21:28,770
Dat betekent niet dat Jezus je niet
zal toestaan sommige van die dingen te

359
00:21:28,770 --> 00:21:31,410
behouden en voor Hem te beheren.

360
00:21:31,410 --> 00:21:35,070
Wanneer je tot Christus komt, zijn
de bezittingen die je hebt niet

361
00:21:35,070 --> 00:21:36,750
langer van jezelf.

362
00:21:36,750 --> 00:21:40,410
Vervolgens moet je ermee doen
wat Hij wil. Als Hij zegt:

363
00:21:40,410 --> 00:21:47,190
Jezus zei tegen hem: Als u volmaakt wilt
zijn, ga dan heen, verkoop wat u hebt,

364
00:21:47,190 --> 00:21:51,690
en geef het aan de armen, en u
zult een schat hebben in de hemel;

365
00:21:51,690 --> 00:21:54,210
en kom dan en volg Mij.

366
00:21:54,210 --> 00:21:56,790
dan is dat goed; dan doe je dat.

367
00:21:56,790 --> 00:22:02,370
Als Hij zegt: ‘Gebruik dit voor Mij’,
dan doe je in plaats daarvan dat.

368
00:22:02,370 --> 00:22:05,670
Van Petrus wordt bijvoorbeeld
gezegd dat hij alles wat hij had,

369
00:22:05,670 --> 00:22:08,430
had prijsgegeven om Jezus te volgen.

370
00:22:08,430 --> 00:22:10,830
Toch bezat hij een huis en een boot,

371
00:22:10,830 --> 00:22:13,890
en gebruikte hij die
dingen in dienst van Jezus.

372
00:22:13,890 --> 00:22:19,410
Het huis van Petrus werd het hoofdkwartier
van Jezus’ bediening in Kapernaüm,

373
00:22:19,410 --> 00:22:24,090
en de boot van Petrus werd Jezus’
voornaamste vervoermiddel wanneer Hij het

374
00:22:24,090 --> 00:22:27,390
Meer van Galilea overstak,
wat vaak gebeurde.

375
00:22:27,390 --> 00:22:31,110
Hoewel de Schrift zegt dat Petrus
alles wat hij had prijsgaf,

376
00:22:31,110 --> 00:22:34,890
betekent dat niet dat hij alles
verkocht of een rommelmarkt hield en al

377
00:22:34,890 --> 00:22:36,630
zijn bezittingen verkocht.

378
00:22:36,630 --> 00:22:40,710
Het betekent dat alles wat hij
had aan Jezus was overgegeven.

379
00:22:40,710 --> 00:22:44,970
Jezus werd de Eigenaar;
Petrus werd de rentmeester.

380
00:22:44,970 --> 00:22:48,270
De Bijbel leert dat dit
voor alle discipelen geldt.

381
00:22:48,270 --> 00:22:51,690
Je komt niet tot Jezus terwijl
je vasthoudt aan wat van jou is

382
00:22:51,690 --> 00:22:55,230
en bij die transactie alleen maar
een kaartje naar de hemel krijgt.

383
00:22:55,230 --> 00:22:58,470
Je komt terwijl je jouw hele
leven aan Hem overgeeft,

384
00:22:58,470 --> 00:23:02,010
zoals een vrouw zich op haar
bruiloft aan haar man overgeeft.

385
00:23:02,010 --> 00:23:05,910
Ze geeft zelfs haar eigen naam op
om met hem vereenzelvigd te worden.

386
00:23:05,910 --> 00:23:09,330
Wat zij had, is van hem,
en hij is haar hoofd.

387
00:23:09,330 --> 00:23:12,930
Volgens de Bijbel is dat hoe
het met ons in Christus is.

388
00:23:12,930 --> 00:23:15,150
Zo stelt Jezus discipelschap voor.

389
00:23:15,150 --> 00:23:18,090
Zo moet het Koninkrijk
van God worden gezien.

390
00:23:18,090 --> 00:23:22,710
Het had zo'n allesovertreffende waarde
dat Jezus alles gaf wat Hij had om

391
00:23:22,710 --> 00:23:24,030
het te verkrijgen.

392
00:23:24,030 --> 00:23:28,650
En de discipel moet bereid zijn om,
wanneer dat van hem gevraagd wordt,

393
00:23:28,650 --> 00:23:32,430
eveneens alles op te geven wat
hij heeft om het te verkrijgen.

394
00:23:32,430 --> 00:23:36,090
Nogmaals, zelfs als we
alles opgeven wat we hebben,

395
00:23:36,090 --> 00:23:39,090
kunnen we onmogelijk ons
behoud hebben gekocht.

396
00:23:39,090 --> 00:23:41,790
Het kost meer dan wij
zouden kunnen betalen.

397
00:23:41,790 --> 00:23:44,130
Dat is voor ons gekocht als een geschenk,

398
00:23:44,130 --> 00:23:47,250
maar de voorwaarden om deel
te krijgen aan dat behoud,

399
00:23:47,250 --> 00:23:50,070
zijn dat we volledig
aan God toegewijd zijn.

400
00:23:50,070 --> 00:23:54,330
Dat omvat niet alleen alles wat we
zijn, maar ook alles wat we hebben,

401
00:23:54,330 --> 00:23:57,870
zoals de koopman die alles
verkoopt wat hij heeft om die

402
00:23:57,870 --> 00:24:00,330
parel van grote waarde te verkrijgen.

403
00:24:00,330 --> 00:24:03,210
Ik hoop dat je die
transactie bent aangegaan.

404
00:24:03,210 --> 00:24:06,510
Zo niet, laat me er dan bij je op
aandringen dat vandaag te doen.
