1
00:00:02,010 --> 00:00:04,410
Welkom bij Vers voor Vers!

2
00:00:04,410 --> 00:00:11,130
Deze keer behandelen we Mattheüs
21, vers 15 tot en met vers 19.

3
00:00:11,130 --> 00:00:16,350
In Mattheüs hoofdstuk 21 zijn we
twee opvallende verhalen tegengekomen

4
00:00:16,350 --> 00:00:21,510
over wat Jezus deed op de eerste dag van
de laatste week van Zijn aardse loopbaan.

5
00:00:21,510 --> 00:00:24,810
Die laatste week noemen we
gewoonlijk de lijdensweek,

6
00:00:24,810 --> 00:00:27,510
en die eerste dag was Palmzondag.

7
00:00:27,510 --> 00:00:32,010
We hebben gelezen over twee opvallende
dingen die Hij die dag deed.

8
00:00:32,010 --> 00:00:36,930
Allereerst zien we in het eerste
deel van Mattheüs 21 dat Jezus op een

9
00:00:36,930 --> 00:00:41,850
ezel Jeruzalem binnenrijdt, terwijl
mensen voor Hem met palmtakken zwaaien

10
00:00:41,850 --> 00:00:44,130
en hun kleren voor Hem neerleggen.

11
00:00:44,130 --> 00:00:49,710
Een menigte mensen die Hem tegemoet is
gekomen, verklaart dat Hij de Messias is.

12
00:00:49,710 --> 00:00:54,330
Vervolgens zien we Hem de Joodse
tempel binnengaan en alles ontregelen:

13
00:00:54,330 --> 00:00:57,210
Hij keert de tafels van
de geldwisselaars om,

14
00:00:57,210 --> 00:01:02,130
keert de stoelen om van degenen die
duiven verkochten, stelt hen aan de kaak,

15
00:01:02,130 --> 00:01:07,230
drijft hen naar buiten en zegt dat ze van
de tempel een rovershol hadden gemaakt.

16
00:01:07,230 --> 00:01:12,570
Toen Jezus dit deed, was het kennelijk een
daad die bij veel mensen weerklank vond.

17
00:01:12,570 --> 00:01:16,350
Ik weet zeker dat veel mensen
hierom erg boos op Hem waren,

18
00:01:16,350 --> 00:01:21,090
vooral de geldwisselaars en waarschijnlijk
de overpriesters en de anderen die hier

19
00:01:21,090 --> 00:01:22,830
allemaal winst uit haalden.

20
00:01:22,830 --> 00:01:26,370
Maar het gewone volk had heel goed
al die tijd bezwaar kunnen hebben

21
00:01:26,370 --> 00:01:28,110
tegen deze praktijken.

22
00:01:28,110 --> 00:01:31,230
Zij waren echter
hulpeloze slachtoffers, of

23
00:01:31,230 --> 00:01:33,990
vonden dat ze hulpeloze
slachtoffers waren.

24
00:01:33,990 --> 00:01:38,790
Ze hadden het gevoel dat ze de gangbare
wisselkoers enzovoort wel moesten betalen,

25
00:01:38,790 --> 00:01:40,770
want wat konden ze anders doen?

26
00:01:40,770 --> 00:01:42,930
Ze werden door het systeem uitgebuit.

27
00:01:42,930 --> 00:01:46,530
Waarschijnlijk zagen ze Jezus als
een grote held die binnenkwam,

28
00:01:46,530 --> 00:01:48,630
deze mensen ter verantwoording riep en

29
00:01:48,630 --> 00:01:52,350
hen daadwerkelijk met lichamelijk
geweld de tempel uit gooide.

30
00:01:52,350 --> 00:01:56,790
Wanneer we de draad weer
oppakken bij Mattheüs 21:15,

31
00:01:56,790 --> 00:01:59,610
lezen we dat de mensen
verbaasd en opgewonden waren

32
00:01:59,610 --> 00:02:01,710
toen Jezus deze dingen deed.

33
00:02:01,710 --> 00:02:05,730
Zelfs de kinderen riepen in de
tempel en zongen Hem lof toe.

34
00:02:05,730 --> 00:02:07,410
In vers 15 staat:

35
00:02:07,410 --> 00:02:11,610
Toen de overpriesters en schriftgeleerden
de wonderen zagen die Hij deed,

36
00:02:11,610 --> 00:02:16,170
en de kinderen die in de tempel
riepen: Hosanna, de Zoon van David!

37
00:02:16,170 --> 00:02:18,030
namen zij Hem dat zeer kwalijk,

38
00:02:18,030 --> 00:02:22,410
Dat wil zeggen: de overpriesters en
schriftgeleerden waren verontwaardigd.

39
00:02:22,410 --> 00:02:26,010
Dit waren de mensen die in de
tempel hun brood verdienden.

40
00:02:26,010 --> 00:02:30,630
Toen ze Jezus deze dingen zagen doen en
zagen dat dit bij het gewone volk heel

41
00:02:30,630 --> 00:02:33,570
populair was — zelfs de kinderen zeiden:

42
00:02:33,570 --> 00:02:35,290
Hosanna voor de Zoon van David!

43
00:02:35,290 --> 00:02:39,090
— maakte dat de overpriesters
zeer verontwaardigd.

44
00:02:39,090 --> 00:02:42,450
Om te beginnen verkondigden
ze dat Jezus de Messias was.

45
00:02:42,450 --> 00:02:45,030
Ten tweede waren het
kinderen die dat deden.

46
00:02:45,030 --> 00:02:47,850
Men vond dat Jezus zelfs
de kleine kinderen bedierf

47
00:02:47,850 --> 00:02:51,510
en hen ertoe aanzette tegen het
systeem in opstand te komen.

48
00:02:51,510 --> 00:02:53,550
Daarom zeiden ze tegen Jezus:

49
00:02:53,550 --> 00:02:57,450
en zeiden tegen Hem: Hoort U
wel wat deze kinderen zeggen?

50
00:02:57,450 --> 00:03:00,030
Jezus zei tegen hen: Ja.

51
00:03:00,030 --> 00:03:04,770
Hebt u nooit gelezen: Uit de mond
van jonge kinderen en van zuigelingen

52
00:03:04,770 --> 00:03:07,710
hebt U voor Uzelf lof tot stand gebracht?

53
00:03:07,710 --> 00:03:09,450
Jezus zei tegen hen:

54
00:03:09,450 --> 00:03:14,610
Ja. Hebben jullie nooit gelezen: Uit
de mond van kleine kinderen en baby's

55
00:03:14,610 --> 00:03:16,770
hebt U volmaakte lof laten klinken?

56
00:03:16,770 --> 00:03:21,690
Toen verliet Hij hen, ging de stad
uit naar Bethanië en overnachtte daar.

57
00:03:21,690 --> 00:03:23,250
Toen Jezus zei:

58
00:03:23,250 --> 00:03:25,290
Hebben jullie dat nooit gelezen?

59
00:03:25,290 --> 00:03:27,930
citeerde Hij vervolgens uit de Psalmen.

60
00:03:27,930 --> 00:03:31,110
Die maakten natuurlijk deel
uit van de Bijbel van de Joden,

61
00:03:31,110 --> 00:03:33,630
en ze hadden die beslist moeten lezen.

62
00:03:33,630 --> 00:03:38,250
Ze hadden die ongetwijfeld werkelijk
gelezen, maar Hij zei in feite:

63
00:03:38,250 --> 00:03:41,850
„Jullie gedragen je alsof
jullie dat niet hebben gedaan.”

64
00:03:41,850 --> 00:03:44,190
Het gaat om Psalm 8:2.

65
00:03:44,190 --> 00:03:49,110
In de Psalmen luidt dit iets anders
dan de manier waarop Jezus het citeert.

66
00:03:49,110 --> 00:03:53,370
Want in Psalm 8:2 staat
in de Hebreeuwse Bijbel:

67
00:03:53,370 --> 00:03:56,670
Uit de mond van kleine
kinderen en zuigelingen

68
00:03:56,670 --> 00:04:01,050
hebt U een sterk fundament gelegd,
omwille van Uw tegenstanders,

69
00:04:01,050 --> 00:04:04,950
om de vijand en wraakzuchtige
te laten ophouden.

70
00:04:04,950 --> 00:04:06,810
Jezus parafraseert het:

71
00:04:06,810 --> 00:04:12,450
Uit de mond van kleine kinderen en baby's
hebt U volmaakte lof laten klinken.

72
00:04:12,450 --> 00:04:17,970
Dat betekent dat Jezus het volmaken
van lofprijzing gelijkstelde aan het

73
00:04:17,970 --> 00:04:20,370
geven van kracht tegen de vijand.

74
00:04:20,370 --> 00:04:23,670
Dat is wat de psalm in zijn
oorspronkelijke vorm zegt:

75
00:04:23,670 --> 00:04:27,570
U hebt kracht gegeven vanwege Uw vijanden.

76
00:04:27,570 --> 00:04:29,790
Jezus vervangt die woorden door:

77
00:04:29,790 --> 00:04:35,250
Uit de mond van kleine kinderen en baby's
hebt U volmaakte lof laten klinken.

78
00:04:35,250 --> 00:04:38,910
In de Engelse Bijbelvertaling
waarop deze uitleg berust,

79
00:04:38,910 --> 00:04:44,550
staat hier ‘perfected praise’
(‘lofprijzing volmaakt gemaakt’).

80
00:04:44,550 --> 00:04:49,470
Gregg leidt daaruit af dat lofprijzing
als wapen tegen Gods vijanden dient

81
00:04:49,470 --> 00:04:53,550
en dat er in lofprijzing een kracht
vrijkomt die tegen de vijanden van

82
00:04:53,550 --> 00:04:55,710
God wordt ontketend.

83
00:04:55,710 --> 00:04:58,050
We weten dat er een geestelijke strijd is.

84
00:04:58,050 --> 00:05:00,330
Daar wordt tegenwoordig veel over gezegd,

85
00:05:00,330 --> 00:05:03,750
omdat het een zeer populair
gespreksonderwerp is.

86
00:05:03,750 --> 00:05:06,450
Er zijn seminars en conferenties over.

87
00:05:06,450 --> 00:05:11,610
Er zijn hele boeken, veel boeken,
over de geestelijke strijd geschreven.

88
00:05:11,610 --> 00:05:14,490
Veel van wat er over de
geestelijke strijd wordt gezegd,

89
00:05:14,490 --> 00:05:16,770
gaat verder dan wat de Bijbel zegt.

90
00:05:16,770 --> 00:05:20,070
Daardoor wordt het heel moeilijk
om te beoordelen of het überhaupt

91
00:05:20,070 --> 00:05:22,110
enige geldigheid heeft.

92
00:05:22,110 --> 00:05:25,590
In christelijke kringen worden
veel theorieën onderwezen over

93
00:05:25,590 --> 00:05:30,390
demonen en over hoe er met demonen
moet worden omgegaan, enzovoort.

94
00:05:30,390 --> 00:05:33,690
Maar die gaan verder dan alles
wat de Bijbel ons vertelt.

95
00:05:33,690 --> 00:05:39,030
Eén ding vertelt de Bijbel ons echter wel:
wij worstelen tegen overheden en machten,

96
00:05:39,030 --> 00:05:42,630
tegen de heersers van de
duisternis van deze eeuw en tegen

97
00:05:42,630 --> 00:05:45,870
geestelijke machten van het
kwaad in de hemelse gewesten.

98
00:05:45,870 --> 00:05:50,910
We zijn werkelijk verwikkeld in een strijd
tegen geestelijke machten van het kwaad.

99
00:05:50,910 --> 00:05:54,870
De Bijbel noemt een aantal wapens
die ons ter beschikking staan om deze

100
00:05:54,870 --> 00:05:57,210
machten van de duisternis te overwinnen.

101
00:05:57,210 --> 00:06:01,710
Het is verbazingwekkend hoe christenen
vaak de wapens verwaarlozen die God ons

102
00:06:01,710 --> 00:06:07,830
heeft gegeven en wapens van een andere
soort ter hand nemen: wereldse wapens.

103
00:06:07,830 --> 00:06:11,850
Maar de Bijbel zegt in 2 Korinthe 10:4–5:

104
00:06:11,850 --> 00:06:16,590
De wapens van onze strijd zijn immers
niet vleselijk, maar krachtig door God,

105
00:06:16,590 --> 00:06:18,870
tot afbraak van bolwerken.

106
00:06:18,870 --> 00:06:23,850
Want wij breken valse redeneringen af
en elke hoogte die zich verheft tegen de

107
00:06:23,850 --> 00:06:28,590
kennis van God, en wij nemen elke
gedachte gevangen om die te brengen tot de

108
00:06:28,590 --> 00:06:30,330
gehoorzaamheid aan Christus,

109
00:06:30,330 --> 00:06:34,410
We hebben machtige wapens, maar
het zijn geen vleselijke wapens.

110
00:06:34,410 --> 00:06:37,650
We strijden niet met hetzelfde
soort wapens als de wereld.

111
00:06:37,650 --> 00:06:41,610
Daarom werkt het niet wanneer mensen
wereldse methoden aangrijpen om te

112
00:06:41,610 --> 00:06:44,370
proberen het Koninkrijk
van God te bevorderen.

113
00:06:44,370 --> 00:06:48,510
Dat geldt zowel voor het zwaard, zoals de
kerk dat door de geschiedenis heen vaak

114
00:06:48,510 --> 00:06:51,270
heeft gehanteerd, als
voor andere middelen,

115
00:06:51,270 --> 00:06:55,950
politieke processen of wat dan ook waarmee
mensen het kwaad in de wereld met zulke

116
00:06:55,950 --> 00:06:59,790
vleselijke middelen proberen
te overwinnen. Het werkt niet.

117
00:06:59,790 --> 00:07:00,990
Het werkt niet.

118
00:07:00,990 --> 00:07:03,090
Dat is niet waartoe wij geroepen zijn.

119
00:07:03,090 --> 00:07:04,890
Dat zijn onze wapens niet.

120
00:07:04,890 --> 00:07:09,150
Het is beschamend dat christenen niet
beter hebben geleerd hoe ze de wapens

121
00:07:09,150 --> 00:07:11,970
moeten gebruiken die
God hun heeft gegeven.

122
00:07:11,970 --> 00:07:14,310
De Bijbel benoemt onze wapens wel.

123
00:07:14,310 --> 00:07:17,370
De Bijbel zegt in Efeze 6:17:

124
00:07:17,370 --> 00:07:22,170
En neem de helm van de zaligheid en het
zwaard van de Geest, dat is Gods Woord,

125
00:07:22,170 --> 00:07:25,170
Dat is een wapen, het zwaard van de Geest.

126
00:07:25,170 --> 00:07:27,810
In de Schrift worden nog
andere wapens genoemd

127
00:07:27,810 --> 00:07:32,790
die christenen gebruiken om de geestelijke
machten te verslaan waarmee wij strijden.

128
00:07:32,790 --> 00:07:38,670
Een daarvan is blijkbaar lofprijzing,
zoals ik al aangaf, want Psalm 8:2 zegt:

129
00:07:38,670 --> 00:07:41,370
Uit de mond van kleine
kinderen en zuigelingen

130
00:07:41,370 --> 00:07:45,390
hebt U een sterk fundament gelegd,
omwille van Uw tegenstanders,

131
00:07:45,390 --> 00:07:48,810
om de vijand en wraakzuchtige
te laten ophouden.

132
00:07:48,810 --> 00:07:50,430
Jezus gaf het zo weer:

133
00:07:50,430 --> 00:07:55,410
Uit de mond van kleine kinderen en baby's
hebt U volmaakte lof laten klinken.

134
00:07:55,410 --> 00:07:58,050
Wanneer lofprijzing in
ons leven volmaakt wordt,

135
00:07:58,050 --> 00:08:02,610
is dat in veel situaties de kracht
die God tegen de vijand inzet.

136
00:08:02,610 --> 00:08:08,370
De muren van Jericho zijn een heel goed
voorbeeld van hoe de vijanden van God niet

137
00:08:08,370 --> 00:08:12,330
door vleselijke middelen werden
verslagen, maar door te juichen,

138
00:08:12,330 --> 00:08:15,570
te loven en muziek te maken voor de Heere.

139
00:08:15,570 --> 00:08:20,490
Toen koning Saul door demonen bezeten
en door boze geesten gekweld werd,

140
00:08:20,490 --> 00:08:24,390
was het Davids aanbiddingsmuziek
die de overwinning teweegbracht en

141
00:08:24,390 --> 00:08:26,310
de demon verdreef.

142
00:08:26,310 --> 00:08:32,910
Er was een tijd, in 2 Kronieken hoofdstuk
20, dat Josafat, de koning van Juda,

143
00:08:32,910 --> 00:08:38,970
omsingeld was door reusachtige legers
die machtiger waren dan zijn leger.

144
00:08:38,970 --> 00:08:42,990
God gebood hem niet uit te trekken
en in die oorlog te strijden,

145
00:08:42,990 --> 00:08:47,670
maar in plaats daarvan de zangers en
de muzikanten eropuit te sturen om

146
00:08:47,670 --> 00:08:50,850
voor God te zingen en Hem te loven.

147
00:08:50,850 --> 00:08:56,550
Toen zij dit deden, zorgde de lofprijzing
die het volk Israël tot God richtte

148
00:08:56,550 --> 00:09:00,150
er daadwerkelijk voor dat de
vijand in verwarring raakte

149
00:09:00,150 --> 00:09:02,730
en dat de vijanden elkaar afslachtten.

150
00:09:02,730 --> 00:09:06,270
De strijd werd gewonnen door
de lofprijzingen van God.

151
00:09:06,270 --> 00:09:09,750
Toen de kinderen van Israël
net uit Egypte waren gekomen,

152
00:09:09,750 --> 00:09:14,910
werden ze aangevallen door de Amalekieten,
en daarom kwam het tot een oorlog.

153
00:09:14,910 --> 00:09:20,970
Mozes en twee van zijn metgezellen, Aäron
en Hur, gingen naar de top van een berg.

154
00:09:20,970 --> 00:09:24,810
Mozes hief zijn handen op in een
houding van aanbidding van God.

155
00:09:24,810 --> 00:09:29,190
Wanneer Mozes zijn handen in de lucht
hield, kwam Gods kracht tussenbeide,

156
00:09:29,190 --> 00:09:32,490
waardoor Israël de overhand
kreeg op zijn vijanden.

157
00:09:32,490 --> 00:09:35,490
Maar telkens wanneer Mozes
zijn handen liet zakken,

158
00:09:35,490 --> 00:09:40,650
werd Gods kracht teruggetrokken en leek de
vijand de overhand te krijgen op Israël.

159
00:09:40,650 --> 00:09:44,430
Zolang Mozes in een houding
van gebed en aanbidding bleef,

160
00:09:44,430 --> 00:09:47,550
was er kracht werkzaam tegen de vijand.

161
00:09:47,550 --> 00:09:51,270
Lofprijzing, zoals Jezus
die hier noemt, blijkt een

162
00:09:51,270 --> 00:09:55,410
groot en krachtig wapen in ons
geestelijke arsenaal te zijn.

163
00:09:55,410 --> 00:09:56,610
Jezus zei:

164
00:09:56,610 --> 00:10:01,950
Uit de mond van kleine kinderen en baby's
hebt U volmaakte lof laten klinken.

165
00:10:01,950 --> 00:10:04,170
Hoe wordt lofprijzing volmaakt?

166
00:10:04,170 --> 00:10:09,030
Het komt heel vaak voor dat gemeenten
muzikanten hebben die de lofprijzing en

167
00:10:09,030 --> 00:10:13,050
aanbidding leiden, soms
een hele groep muzikanten.

168
00:10:13,050 --> 00:10:15,870
Sommige muzikanten zijn beter dan andere.

169
00:10:15,870 --> 00:10:19,950
Sommigen zijn getalenteerd,
anderen zijn niet zo getalenteerd,

170
00:10:19,950 --> 00:10:22,650
en de meesten worden door oefening beter.

171
00:10:22,650 --> 00:10:26,490
Maar wanneer de Bijbel spreekt
over het volmaken van lofprijzing,

172
00:10:26,490 --> 00:10:30,690
gaat het niet over beter worden in
het bespelen van muziekinstrumenten,

173
00:10:30,690 --> 00:10:33,150
beter worden in het
leiden van de samenzang,

174
00:10:33,150 --> 00:10:38,070
of meer oefenen op je instrument
zodat je het vaardiger kunt bespelen.

175
00:10:38,070 --> 00:10:41,550
Dat wordt niet bedoeld, want
baby’s zijn over het algemeen

176
00:10:41,550 --> 00:10:43,530
geen vaardige muzikanten.

177
00:10:43,530 --> 00:10:48,450
Het zijn kleine kinderen en zuigelingen
die de lofprijzing hebben volmaakt.

178
00:10:48,450 --> 00:10:52,170
Het is duidelijk dat de
volmaaktheid van lofprijzing niet

179
00:10:52,170 --> 00:10:54,870
gelegen is in de technische
uitvoering ervan,

180
00:10:54,870 --> 00:10:59,190
in de bedrevenheid van de muzikanten
of in de vocale vaardigheid van degenen

181
00:10:59,190 --> 00:11:00,450
die haar brengen.

182
00:11:00,450 --> 00:11:05,190
Het heeft te maken met de volmaaktheid
van de motieven, met de zuiverheid ervan.

183
00:11:05,190 --> 00:11:08,790
God zoekt mensen die Hem in
geest en waarheid aanbidden.

184
00:11:08,790 --> 00:11:12,930
Er zijn te veel mensen die God
loven en daar huichelachtig in zijn.

185
00:11:12,930 --> 00:11:16,950
In feite is ‘Prijs de Heere’ een
uitdrukking die christenen vaak nogal

186
00:11:16,950 --> 00:11:20,850
gedachteloos gebruiken, een
beetje zoals ‘Hoe gaat het?’

187
00:11:20,850 --> 00:11:23,310
Je vraagt mensen: ‘Hoe gaat het met je?’

188
00:11:23,310 --> 00:11:26,250
maar je bent niet werkelijk
op zoek naar een antwoord.

189
00:11:26,250 --> 00:11:29,010
Meestal besef je niet eens
dat je dat hebt gevraagd.

190
00:11:29,010 --> 00:11:30,930
Het is gewoon een begroeting.

191
00:11:30,930 --> 00:11:35,430
Vaak zeggen christenen zo dikwijls ‘Prijs
de Heere’ dat ze niet eens beseffen wat ze

192
00:11:35,430 --> 00:11:40,110
zeggen, en dan is het helemaal geen echte
lofprijzing voor God vanuit hun hart.

193
00:11:40,110 --> 00:11:43,410
Het is heel belangrijk dat onze
lofprijzingen oprecht zijn,

194
00:11:43,410 --> 00:11:47,610
want Jesaja klaagde, of
God klaagde door Jesaja:

195
00:11:47,610 --> 00:11:51,870
De Heere zei: Omdat dit volk
tot Mij nadert met zijn mond

196
00:11:51,870 --> 00:11:56,190
en zij Mij eren met hun lippen,
maar hun hart ver van Mij houden,

197
00:11:56,190 --> 00:12:00,690
en hun vrees voor Mij slechts een
aangeleerd gebod van mensen is,

198
00:12:00,690 --> 00:12:05,130
Lofprijzingen tot God uitspreken
zonder Hem in je hart te loven,

199
00:12:05,130 --> 00:12:07,410
is aanstootgevend voor God.

200
00:12:07,410 --> 00:12:10,470
Het is huichelarij, het
is oppervlakkigheid,

201
00:12:10,470 --> 00:12:15,630
het is uiterlijk vertoon, en dat is
niet wat God verlangt. David zei:

202
00:12:15,630 --> 00:12:19,110
Zie, U vindt vreugde in
waarheid in het binnenste,

203
00:12:19,110 --> 00:12:22,110
in het verborgene maakt
U mij wijsheid bekend.

204
00:12:22,110 --> 00:12:25,770
Het zijn kinderen die ieder
besef van aanstellerij missen,

205
00:12:25,770 --> 00:12:29,910
die niet het verlangen hebben om indruk
te maken op hun leeftijdgenoten met hun

206
00:12:29,910 --> 00:12:35,490
welsprekendheid enzovoort, van wie de
lofprijzing het oprechtst en zuiverst is.

207
00:12:35,490 --> 00:12:39,750
Die lofprijzing is volmaakt vanwege
de zuiverheid van haar motief,

208
00:12:39,750 --> 00:12:43,170
niet vanwege de welsprekendheid
waarmee zij wordt geuit.

209
00:12:43,170 --> 00:12:46,170
Jezus verdedigde deze
kinderen die Hem loofden.

210
00:12:46,170 --> 00:12:50,910
Het lijkt erop dat de schriftgeleerden en
de overpriesters er aanstoot aan namen dat

211
00:12:50,910 --> 00:12:56,550
ze Jezus met deze woorden loofden, omdat
ze Hem daarmee tot de Messias uitriepen.

212
00:12:56,550 --> 00:12:59,970
Zij dachten dat dit misschien
aan godslastering grensde.

213
00:12:59,970 --> 00:13:04,710
Jezus zei: ‘Nee, deze kinderen zijn
degenen aan wie God het vermogen heeft

214
00:13:04,710 --> 00:13:08,910
gegeven om God in geestelijke
zin op de juiste wijze te loven,

215
00:13:08,910 --> 00:13:13,350
en om hun lofprijzing volmaakt en
aanvaardbaar voor God te laten zijn.’

216
00:13:13,350 --> 00:13:17,910
In wezen zegt Jezus: ‘Wat zij
zeggen, is aanvaardbaar voor God.

217
00:13:17,910 --> 00:13:23,190
Ik zal er beslist geen aanstoot aan nemen,
en jullie zouden dat evenmin moeten doen.’

218
00:13:23,190 --> 00:13:25,110
Er staat in vers 17:

219
00:13:25,110 --> 00:13:30,510
En Hij verliet hen en ging vandaar de stad
uit naar Bethanië en overnachtte daar.

220
00:13:30,510 --> 00:13:33,450
Bethanië lag een paar
kilometer buiten Jeruzalem.

221
00:13:33,450 --> 00:13:39,090
Het was de plaats waar Maria, Martha,
Lazarus en Simon de melaatse woonden.

222
00:13:39,090 --> 00:13:42,330
Dit is de plaats waar Jezus
veel van Zijn tijd doorbracht

223
00:13:42,330 --> 00:13:45,270
wanneer Hij in de omgeving
van Jeruzalem was.

224
00:13:45,270 --> 00:13:48,510
Gedurende Zijn bediening
reisde Hij vaak naar Jeruzalem.

225
00:13:48,510 --> 00:13:52,290
Wanneer Hij dat deed, bracht Hij de
nacht gewoonlijk door in Bethanië,

226
00:13:52,290 --> 00:13:53,790
in het huis van Zijn vrienden.

227
00:13:53,790 --> 00:13:58,770
Deze laatste week van Jezus’ bediening,
waarover we in dit gedeelte van Mattheüs

228
00:13:58,770 --> 00:14:01,710
lezen, bracht Hij op deze manier door.

229
00:14:01,710 --> 00:14:06,270
Jezus ging elke dag naar Jeruzalem
en elke avond naar Bethanië,

230
00:14:06,270 --> 00:14:09,810
waar Hij kennelijk at, sliep, enzovoort.

231
00:14:09,810 --> 00:14:14,190
Dan stond Hij ’s morgens op en
ging Hij weer terug naar Jeruzalem.

232
00:14:14,190 --> 00:14:19,290
Voor hen was het minder dan een uur
lopen, dus zo had Hij het geregeld.

233
00:14:19,290 --> 00:14:22,410
Hij hoefde niet voor onderdak
in Jeruzalem te betalen,

234
00:14:22,410 --> 00:14:25,650
maar verbleef bij Zijn
vrienden in Bethanië.

235
00:14:25,650 --> 00:14:30,810
Zo zien we dat Jezus in deze laatste
week elke dag zo’n route aflegde.

236
00:14:30,810 --> 00:14:32,010
Er staat:

237
00:14:32,010 --> 00:14:36,690
's Morgens vroeg, toen Hij terugkeerde
naar de stad, kreeg Hij honger.

238
00:14:36,690 --> 00:14:39,210
En toen Hij een vijgenboom
langs de weg zag,

239
00:14:39,210 --> 00:14:43,530
ging Hij ernaartoe en vond er
niets aan dan alleen bladeren.

240
00:14:43,530 --> 00:14:48,450
Hij zei tegen hem: Laat er aan u geen
vrucht meer groeien in eeuwigheid!

241
00:14:48,450 --> 00:14:51,090
En de vijgenboom verdorde onmiddellijk.

242
00:14:51,090 --> 00:14:55,230
Toen de discipelen dat zagen,
verwonderden zij zich en zeiden:

243
00:14:55,230 --> 00:14:58,230
Hoe is de vijgenboom zo ineens verdord?

244
00:14:58,230 --> 00:15:03,690
Maar Jezus antwoordde en zei
tegen hen: Voorwaar, Ik zeg u:

245
00:15:03,690 --> 00:15:08,610
Als u geloof had en niet twijfelde, zou u
niet alleen doen wat er met de vijgenboom

246
00:15:08,610 --> 00:15:12,750
is gedaan , maar zelfs als u
tegen deze berg zou zeggen:

247
00:15:12,750 --> 00:15:17,490
Word opgeheven en in de zee
geworpen, dan zou het gebeuren.

248
00:15:17,490 --> 00:15:22,350
En alles wat u in het gebed vraagt,
in geloof, zult u ontvangen.

249
00:15:22,350 --> 00:15:26,910
Dit verhaal over de vijgenboom heeft
een aantal mensen dwarsgezeten.

250
00:15:26,910 --> 00:15:30,570
Aan de ene kant lijkt het niet
erg aardig van Jezus om deze

251
00:15:30,570 --> 00:15:32,430
vijgenboom te vervloeken.

252
00:15:32,430 --> 00:15:34,050
Dat is een van de bezwaren.

253
00:15:34,050 --> 00:15:38,370
Een ander bezwaar is dat het verhaal in
het Evangelie van Markus iets anders wordt

254
00:15:38,370 --> 00:15:42,270
verteld, en sommigen hebben geprobeerd
een tegenstrijdigheid tussen de

255
00:15:42,270 --> 00:15:43,530
twee te vinden.

256
00:15:43,530 --> 00:15:45,930
Laten we eens naar het
eerste bezwaar kijken.

257
00:15:45,930 --> 00:15:49,470
Was het erg aardig van Jezus
om de vijgenboom te vervloeken?

258
00:15:49,470 --> 00:15:53,490
Misschien niet, maar aardig zijn
was niet waar het Jezus om ging.

259
00:15:53,490 --> 00:15:57,330
Jezus was hier met een opdracht,
en alles wat Jezus deed,

260
00:15:57,330 --> 00:15:59,430
werd door Zijn Vader geleid.

261
00:15:59,430 --> 00:16:03,030
Hij wandelde in de Heilige
Geest, en alles wat Hij deed,

262
00:16:03,030 --> 00:16:06,270
was wat de Heilige Geest
Hem opdroeg te doen.

263
00:16:06,270 --> 00:16:09,330
Daarom speelt deze
vervloeking van de vijgenboom,

264
00:16:09,330 --> 00:16:14,790
net als alles wat Jezus deed en zei, een
rol in de hele openbaring van wat Jezus

265
00:16:14,790 --> 00:16:18,570
ons kwam vertellen en
aan ons kwam openbaren.

266
00:16:18,570 --> 00:16:22,470
In een ander Evangelie, in Markus 11:13,

267
00:16:22,470 --> 00:16:26,970
wordt ons verteld dat het eigenlijk
niet het seizoen voor vijgen was.

268
00:16:26,970 --> 00:16:28,710
Daardoor lijkt het sommige mensen nog

269
00:16:28,710 --> 00:16:33,990
onredelijker dat Jezus de vijgenboom
vervloekte omdat die geen vijgen had.

270
00:16:33,990 --> 00:16:36,330
Het was niet het seizoen voor vijgen.

271
00:16:36,330 --> 00:16:40,350
Hoe kon van de vijgenboom worden
verwacht dat hij vijgen had?

272
00:16:40,350 --> 00:16:44,910
Bedenk allereerst dat de
vijgenboom geen bezield wezen is.

273
00:16:44,910 --> 00:16:47,550
Hij deed niets goeds of slechts.

274
00:16:47,550 --> 00:16:51,210
De vijgenboom deed niets
wat Jezus mishaagde.

275
00:16:51,210 --> 00:16:53,610
Hij hield hem net zomin verantwoordelijk

276
00:16:53,610 --> 00:16:57,990
als jij een bloem verantwoordelijk zou
houden voor het verwelken in de zon.

277
00:16:57,990 --> 00:17:02,310
Het was niet zijn eigen schuld, en
Jezus heeft geen moment gedacht dat dit

278
00:17:02,310 --> 00:17:03,630
wel zo was.

279
00:17:03,630 --> 00:17:06,270
Zijn daad was volgens mij symbolisch.

280
00:17:06,270 --> 00:17:09,570
Die vond plaats in een echte
situatie uit het dagelijks leven,

281
00:17:09,570 --> 00:17:13,650
waarin Jezus honger had en hoopte
vijgen aan de boom te vinden.

282
00:17:13,650 --> 00:17:16,410
Toen Hij beter keek, waren er geen vijgen,

283
00:17:16,410 --> 00:17:18,870
omdat het niet het
seizoen voor vijgen was.

284
00:17:18,870 --> 00:17:21,270
Dat het niet het seizoen voor vijgen was,

285
00:17:21,270 --> 00:17:24,870
betekent niet dat er onder andere
omstandigheden geen vijgen aan de boom

286
00:17:24,870 --> 00:17:29,670
hadden kunnen zitten, want ons wordt
verteld dat de boom bladeren had.

287
00:17:29,670 --> 00:17:32,490
In Israël krijgen bepaalde vijgenbomen hun

288
00:17:32,490 --> 00:17:35,610
vijgen inderdaad eerder
dan de andere vijgenbomen.

289
00:17:35,610 --> 00:17:38,910
Wanneer dat gebeurt, is dat
gewoonlijk te zien doordat ze ook

290
00:17:38,910 --> 00:17:40,770
vroeg bladeren krijgen.

291
00:17:40,770 --> 00:17:45,390
Wanneer ze bladeren hebben, zouden ze
normaal gesproken dus ook vijgen hebben.

292
00:17:45,390 --> 00:17:47,310
Hier stond een vijgenboom.

293
00:17:47,310 --> 00:17:51,270
Het was nog niet het seizoen voor
vijgen en hij had geen vijgen.

294
00:17:51,270 --> 00:17:55,470
Maar hij had wel bladeren, en daardoor
was het alsof hij aankondigde dat

295
00:17:55,470 --> 00:17:56,910
hij vijgen had.

296
00:17:56,910 --> 00:18:01,590
Als vijgenbomen bladeren hadden,
zouden ze gewoonlijk ook vijgen hebben.

297
00:18:01,590 --> 00:18:04,890
Jezus kwam in de hoop dat dit
hier misschien het geval was.

298
00:18:04,890 --> 00:18:08,850
Maar toen Hij geen vijgen vond
waarmee Hij Zijn honger kon stillen,

299
00:18:08,850 --> 00:18:12,390
verklaarde Hij dat deze boom
nooit meer vrucht zou dragen,

300
00:18:12,390 --> 00:18:16,110
of dat niemand ooit meer
vruchten van deze boom zou eten.

301
00:18:16,110 --> 00:18:18,570
Die daad was volgens mij symbolisch.

302
00:18:18,570 --> 00:18:22,710
Ik geloof dat de vijgenboom
in dit geval Israël voorstelt.

303
00:18:22,710 --> 00:18:27,030
Dat kan niet worden bewezen, want
Jezus zegt niet dat dit zo is.

304
00:18:27,030 --> 00:18:31,470
Er was echter een gelijkenis die Jezus
eerder tijdens Zijn bediening vertelde

305
00:18:31,470 --> 00:18:34,470
en die alleen in het Evangelie
van Lukas te vinden is.

306
00:18:34,470 --> 00:18:38,430
Die ging over een man die een vijgenboom
in zijn tuin of wijngaard had,

307
00:18:38,430 --> 00:18:40,890
en die boom bracht geen vrucht voort.

308
00:18:40,890 --> 00:18:43,890
Daarom zei hij tegen de man
die zijn wijngaard verzorgde:

309
00:18:43,890 --> 00:18:48,810
Toen zei hij tegen de wijngaardenier: Zie,
ik kom nu al drie jaar vrucht zoeken aan

310
00:18:48,810 --> 00:18:52,470
deze vijgenboom en vind
die niet. Hak hem om.

311
00:18:52,470 --> 00:18:54,990
Waarom beslaat hij de aarde nutteloos?

312
00:18:54,990 --> 00:18:57,750
Maar de man die de
wijngaard verzorgde, zei:

313
00:18:57,750 --> 00:19:03,090
En hij antwoordde en zei tegen hem:
Heer, laat hem ook nog dit jaar staan,

314
00:19:03,090 --> 00:19:06,210
totdat ik om hem heen
gegraven en hem bemest heb.

315
00:19:06,210 --> 00:19:08,370
Wellicht dat hij dan vrucht draagt.

316
00:19:08,370 --> 00:19:11,370
Maar zo niet, dan moet
u hem alsnog omhakken.

317
00:19:11,370 --> 00:19:14,730
Het lijdt vrijwel geen twijfel
dat dit een gelijkenis was die op

318
00:19:14,730 --> 00:19:16,410
Israël betrekking had.

319
00:19:16,410 --> 00:19:21,990
Israël is de boom zonder vrucht, of, zoals
het Oude Testament het vaak aanduidde,

320
00:19:21,990 --> 00:19:24,270
een wijnstok zonder vrucht.

321
00:19:24,270 --> 00:19:28,770
Jezus had Israël eerder in een
gelijkenis aangeduid als een vijgenboom.

322
00:19:28,770 --> 00:19:33,870
Nu komt Hij bij een vijgenboom die
sterk op Israël lijkt. In welk opzicht?

323
00:19:33,870 --> 00:19:36,150
God zocht vrucht bij Zijn volk.

324
00:19:36,150 --> 00:19:42,450
Volgens Jesaja hoofdstuk 5, vers 7, zocht
Hij de vrucht van recht en gerechtigheid.

325
00:19:42,450 --> 00:19:44,970
Israël hoorde die vrucht voort te brengen,

326
00:19:44,970 --> 00:19:48,330
zoals een vijgenboom vijgen
hoort voort te brengen.

327
00:19:48,330 --> 00:19:51,270
Israël heeft die vrucht
eigenlijk nooit voortgebracht.

328
00:19:51,270 --> 00:19:55,410
Maar soms deden ze wel alsof, zoals
een vijgenboom die met zijn bladeren

329
00:19:55,410 --> 00:19:59,910
aankondigde dat hij vijgen had,
terwijl er geen vijgen aan zaten.

330
00:19:59,910 --> 00:20:04,770
Israël vertoonde uiterlijk religiositeit,
alsof het een volk was dat rechtvaardig

331
00:20:04,770 --> 00:20:07,290
was en gerechtigheid beoefende.

332
00:20:07,290 --> 00:20:10,890
Maar wanneer je onder de oppervlakte
kijkt, tussen de bladeren,

333
00:20:10,890 --> 00:20:13,230
ontdek je dat daar geen werkelijk recht

334
00:20:13,230 --> 00:20:15,930
en geen werkelijke
gerechtigheid te vinden is.

335
00:20:15,930 --> 00:20:20,310
Daarom vond God in Israël geen vrucht om
de honger naar gerechtigheid te stillen

336
00:20:20,310 --> 00:20:22,470
die Hij gestild wilde zien.

337
00:20:22,470 --> 00:20:26,250
Zoals Jezus aan de boom geen vrucht
vond om Zijn honger te stillen,

338
00:20:26,250 --> 00:20:30,210
zo deed Hij daarna een uitspraak
die op deze boom als symbool van

339
00:20:30,210 --> 00:20:34,470
Israël van toepassing was: hij
zou nooit meer vrucht dragen.

340
00:20:34,470 --> 00:20:36,810
Hij verdorde en stierf.

341
00:20:36,810 --> 00:20:39,930
Dit was in wezen een profetie over Israël.

342
00:20:39,930 --> 00:20:44,610
Israël had namelijk geen vrucht
voortgebracht gedurende de vele eeuwen

343
00:20:44,610 --> 00:20:48,330
waarin God met haar gewerkt
en de profeten gezonden had.

344
00:20:48,330 --> 00:20:52,530
Nu had Hij zelfs de Messias gezonden,
en nog altijd wilde Israël de

345
00:20:52,530 --> 00:20:54,390
vrucht niet voortbrengen.

346
00:20:54,390 --> 00:20:58,050
Israël zou nu helemaal
ophouden vruchtdrager te zijn.

347
00:20:58,050 --> 00:21:03,150
Het zou sterven en verdorren, en niemand
zou ooit nog vrucht van die boom eten.

348
00:21:03,150 --> 00:21:06,690
De vijgenboom verdorde
en stierf inderdaad.

349
00:21:06,690 --> 00:21:10,710
Volgens het Evangelie van Markus
gebeurde dat de volgende dag,

350
00:21:10,710 --> 00:21:13,890
hoewel dit verslag zegt dat
hij onmiddellijk verdorde.

351
00:21:13,890 --> 00:21:15,810
Hij verdorde ook onmiddellijk.

352
00:21:15,810 --> 00:21:18,150
Blijkbaar begon hij
onmiddellijk te verdorren,

353
00:21:18,150 --> 00:21:21,750
maar de volgende dag troffen
ze hem volledig verdord aan.

354
00:21:21,750 --> 00:21:26,010
Jezus spreekt hier als het ware
een vloek uit over het volk Israël.

355
00:21:26,010 --> 00:21:30,270
Hetzelfde vinden we in het Oude
Testament, in Jesaja hoofdstuk 5,

356
00:21:30,270 --> 00:21:33,570
waar Israël wordt voorgesteld
als een wijnstok die niet

357
00:21:33,570 --> 00:21:36,150
de vrucht voortbracht die God verlangde.

358
00:21:36,150 --> 00:21:37,830
Hij zou hem vernietigen.

359
00:21:37,830 --> 00:21:41,430
Toch drukte Jezus het nog
sterker uit dan alleen te zeggen:

360
00:21:41,430 --> 00:21:43,050
Jij zult verdorren.

361
00:21:43,050 --> 00:21:44,130
Hij zei:

362
00:21:44,130 --> 00:21:47,550
‘Laat er aan u geen vrucht
meer groeien in eeuwigheid!’

363
00:21:47,550 --> 00:21:49,710
Het volk Israël heeft zijn kans gehad.

364
00:21:49,710 --> 00:21:52,170
Het heeft de vrucht niet voortgebracht.

365
00:21:52,170 --> 00:21:58,290
Op een andere plaats, in Mattheüs
21:43, zei Jezus tegen hen:

366
00:21:58,290 --> 00:22:03,030
Daarom zeg Ik u dat het Koninkrijk
van God van u weggenomen zal worden

367
00:22:03,030 --> 00:22:06,990
en aan een volk gegeven dat
de vruchten ervan voortbrengt.

368
00:22:06,990 --> 00:22:09,810
Dat volk is natuurlijk de gemeente zelf.

369
00:22:09,810 --> 00:22:12,090
God heeft het voorrecht om voor God

370
00:22:12,090 --> 00:22:16,230
vruchtdrager te zijn van het volk
Israël afgenomen en het voorgoed aan

371
00:22:16,230 --> 00:22:17,910
de gemeente gegeven.

372
00:22:17,910 --> 00:22:21,030
Ik zeg voorgoed, omdat Jezus zei:

373
00:22:21,030 --> 00:22:23,850
Niemand zal ooit nog vruchten van je eten.

374
00:22:23,850 --> 00:22:26,310
Wat is die vrucht voor de gelovige?

375
00:22:26,310 --> 00:22:28,590
Paulus noemt die de vrucht van de Geest:

376
00:22:28,590 --> 00:22:34,710
De vrucht van de Geest is echter:
liefde, blijdschap, vrede, geduld,

377
00:22:34,710 --> 00:22:40,950
vriendelijkheid, goedheid, geloof,
zachtmoedigheid, zelfbeheersing.

378
00:22:40,950 --> 00:22:43,170
Daartegen richt de wet zich niet.

379
00:22:43,170 --> 00:22:48,390
Dit is de vrucht van het Koninkrijk die
God door de gemeente, door christenen,

380
00:22:48,390 --> 00:22:50,250
voortgebracht wil zien worden.

381
00:22:50,250 --> 00:22:54,270
Hij wilde dat Israël die
voortbracht, maar dat deden ze niet.

382
00:22:54,270 --> 00:22:58,470
Net als deze vijgenboom werden
ze dood en vruchteloos verklaard.

383
00:22:58,470 --> 00:23:03,870
De vijgenboom verdorde en stierf, en
helaas is dat ook met Israël gebeurd.

384
00:23:03,870 --> 00:23:08,550
Maar dat is wat er gebeurde omdat ze
niet de vrucht voortbrachten waarvoor God

385
00:23:08,550 --> 00:23:10,170
dat volk geplant had.

386
00:23:10,170 --> 00:23:14,370
Ik moet later nog ingaan op enkele
van deze andere uitspraken van Jezus.
