1
00:00:02,070 --> 00:00:04,530
Welkom bij Vers voor Vers!

2
00:00:04,530 --> 00:00:11,910
Deze keer behandelen we Mattheüs
25, vers 1 tot en met vers 13.

3
00:00:11,910 --> 00:00:15,450
Laten we eens kijken naar Mattheüs 25.

4
00:00:15,450 --> 00:00:18,870
Dit is, althans in de
ordening van Mattheüs,

5
00:00:18,870 --> 00:00:25,230
een voortzetting van de zogenoemde
Olijfbergrede, die in hoofdstuk 24 begon.

6
00:00:25,230 --> 00:00:29,910
Veel mensen kennen de Olijfbergrede
als het gedeelte in Mattheüs 24,

7
00:00:29,910 --> 00:00:35,250
omdat dat gedeelte grotendeels overeenkomt
met de Olijfbergrede in Markus 13

8
00:00:35,250 --> 00:00:37,350
en Lukas 21.

9
00:00:37,350 --> 00:00:43,530
In Mattheüs beslaat deze rede echter nog
een heel hoofdstuk, namelijk hoofdstuk 25.

10
00:00:43,530 --> 00:00:48,390
Dit gedeelte in hoofdstuk 25 komt
niet voor in de andere evangeliën,

11
00:00:48,390 --> 00:00:50,910
in de andere verslagen van deze rede.

12
00:00:50,910 --> 00:00:54,450
Het kan zijn dat die andere
verslagen gewoon verkort zijn.

13
00:00:54,450 --> 00:00:58,350
Het kan ook zijn dat Mattheüs hier
uitspraken toevoegt die Jezus bij

14
00:00:58,350 --> 00:01:00,210
andere gelegenheden deed.

15
00:01:00,210 --> 00:01:02,850
Omdat het betrekking heeft
op hetzelfde onderwerp,

16
00:01:02,850 --> 00:01:07,110
kan Mattheüs het hier in
hoofdstuk 25 hebben samengebracht.

17
00:01:07,110 --> 00:01:11,910
Wat we in dit hoofdstuk hebben, zijn
eenvoudigweg drie gelijkenissen.

18
00:01:11,910 --> 00:01:16,290
De eerste is de gelijkenis van de
tien maagden, of bruidsmeisjes.

19
00:01:16,290 --> 00:01:19,110
De tweede is de gelijkenis
van de talenten,

20
00:01:19,110 --> 00:01:21,090
zoals die gewoonlijk wordt genoemd.

21
00:01:21,090 --> 00:01:24,690
De laatste is de gelijkenis
van de schapen en de bokken.

22
00:01:24,690 --> 00:01:28,830
Ze hebben allemaal te maken met de
wederkomst van Christus en met de noodzaak

23
00:01:28,830 --> 00:01:30,810
om daarvoor gereed te zijn.

24
00:01:30,810 --> 00:01:34,470
De gelijkenis van de maagden
gaat over tien maagden die als

25
00:01:34,470 --> 00:01:39,030
taak hadden te wachten op de komst van
de bruidegom, die de bruid kwam halen.

26
00:01:39,030 --> 00:01:43,530
Ze moesten hem tegemoetgaan, omdat hij
misschien midden in de nacht zou komen.

27
00:01:43,530 --> 00:01:47,490
Ze hadden hun lampen bij zich, en
dat waren in die tijd olielampen.

28
00:01:47,490 --> 00:01:50,790
Het was de bedoeling dat ze hem
tegemoetgingen en de weg voor hem

29
00:01:50,790 --> 00:01:54,150
verlichtten terwijl hij naar
het huis van de bruid kwam.

30
00:01:54,150 --> 00:01:59,190
De tweede gelijkenis in dit hoofdstuk,
de gelijkenis van de talenten,

31
00:01:59,190 --> 00:02:04,650
gaat over mensen aan wie hun heer bepaalde
delen van zijn bezit had toevertrouwd.

32
00:02:04,650 --> 00:02:09,510
Ze kregen de verantwoordelijkheid om die
bezittingen te investeren of te gebruiken

33
00:02:09,510 --> 00:02:11,130
ten bate van hun heer.

34
00:02:11,130 --> 00:02:14,070
Dan komt hij natuurlijk
terug, rekent met hen af

35
00:02:14,070 --> 00:02:17,250
en beloont hen overeenkomstig hun trouw.

36
00:02:17,250 --> 00:02:22,110
In de laatste gelijkenis van dit hoofdstuk
hebben we de schapen en de bokken.

37
00:02:22,110 --> 00:02:26,970
Hier hebben we het daadwerkelijke
oordeel bij de wederkomst van Christus.

38
00:02:26,970 --> 00:02:31,110
Alle mensen worden voor Hem gebracht
om rekenschap af te leggen van

39
00:02:31,110 --> 00:02:32,790
wat ze hebben gedaan.

40
00:02:32,790 --> 00:02:37,350
In die specifieke gelijkenis ligt de
nadruk op de manier waarop iemand zijn

41
00:02:37,350 --> 00:02:38,910
broeders heeft gediend.

42
00:02:38,910 --> 00:02:42,690
Als mensen hun christelijke broeders
op de juiste manier hebben behandeld,

43
00:02:42,690 --> 00:02:45,810
dan hebben ze Christus op
de juiste manier behandeld.

44
00:02:45,810 --> 00:02:49,170
Op grond van die zaken
zullen ze worden beloond.

45
00:02:49,170 --> 00:02:51,930
Dat zijn de drie gelijkenissen
in dit hoofdstuk,

46
00:02:51,930 --> 00:02:55,530
en daarmee wordt deze
rede heel aardig afgerond.

47
00:02:55,530 --> 00:02:59,430
Het zijn niet de eerste gelijkenissen
die in de rede voorkomen.

48
00:02:59,430 --> 00:03:03,570
Aan het einde van hoofdstuk 24
werd namelijk verwezen naar een

49
00:03:03,570 --> 00:03:05,730
dief die in een huis inbreekt.

50
00:03:05,730 --> 00:03:10,050
Ook werd daar verwezen naar een man
die zijn dienaren het beheer gaf

51
00:03:10,050 --> 00:03:12,330
over een groot deel van zijn bezit.

52
00:03:12,330 --> 00:03:16,650
Hij kwam terug en trof hen aan, en
dat lijkt sterk op de gelijkenis

53
00:03:16,650 --> 00:03:17,610
van de talenten.

54
00:03:17,610 --> 00:03:22,770
Aan het einde van deze rede in
Mattheüs 24 en 25 staan dus eigenlijk

55
00:03:22,770 --> 00:03:24,990
ongeveer vijf gelijkenissen.

56
00:03:24,990 --> 00:03:30,090
In één daarvan wordt de komst van Christus
vergeleken met de komst van een dief.

57
00:03:30,090 --> 00:03:32,970
In een andere wordt de komst van Christus

58
00:03:32,970 --> 00:03:36,630
vergeleken met de terugkeer
van een heer na een lange reis,

59
00:03:36,630 --> 00:03:38,610
die zijn dienaren beoordeelt.

60
00:03:38,610 --> 00:03:44,250
De drie gelijkenissen in Mattheüs 25 gaan
over de voorbereiding van Christus’ volk

61
00:03:44,250 --> 00:03:47,310
en over gereed zijn voor
Hem wanneer Hij komt,

62
00:03:47,310 --> 00:03:52,050
zodat ze voorbereid zijn om zonder
spijt door dat oordeel heen te gaan.

63
00:03:52,050 --> 00:03:56,430
Laten we eens kijken naar deze
eerste gelijkenis in Mattheüs 25.

64
00:03:56,430 --> 00:04:00,630
Die staat in de verzen 1
tot en met 13. Jezus zei:

65
00:04:00,630 --> 00:04:04,290
Dan zal het Koninkrijk der hemelen
gelijk zijn aan tien meisjes,

66
00:04:04,290 --> 00:04:08,670
die hun lampen namen en op weg
gingen, de bruidegom tegemoet.

67
00:04:08,670 --> 00:04:12,210
Vijf van hen waren wijs
en vijf waren dwaas.

68
00:04:12,210 --> 00:04:17,190
Zij die dwaas waren , namen wel hun
lampen maar geen olie met zich mee.

69
00:04:17,190 --> 00:04:21,270
De wijzen namen met hun lampen
ook olie mee in hun kruikjes.

70
00:04:21,270 --> 00:04:26,130
Toen de bruidegom uitbleef, werden
zij allen slaperig en vielen in slaap.

71
00:04:26,130 --> 00:04:31,350
En te middernacht klonk er een geroep:
Zie, de bruidegom komt, ga naar

72
00:04:31,350 --> 00:04:33,270
buiten, hem tegemoet!

73
00:04:33,270 --> 00:04:37,290
Toen stonden al die meisjes op
en maakten hun lampen in orde.

74
00:04:37,290 --> 00:04:43,050
De dwazen zeiden tegen de wijzen: Geef ons
van uw olie, want onze lampen gaan uit.

75
00:04:43,050 --> 00:04:46,531
Maar de wijzen antwoordden:
In geen geval ,

76
00:04:46,531 --> 00:04:49,830
anders is er misschien
niet genoeg voor ons en u.

77
00:04:49,830 --> 00:04:53,130
Ga liever naar de verkopers
en koop olie voor uzelf.

78
00:04:53,130 --> 00:04:58,651
Toen zij weggingen om olie te kopen, kwam
de bruidegom; en zij die gereed waren ,

79
00:04:58,651 --> 00:05:03,270
gingen met hem naar binnen naar de
bruiloft, en de deur werd gesloten.

80
00:05:03,270 --> 00:05:08,610
Later kwamen ook de andere meisjes,
die zeiden: Heer, heer, doe ons open!

81
00:05:08,610 --> 00:05:13,890
Hij antwoordde en zei: Voorwaar,
ik zeg u: ik ken u niet.

82
00:05:13,890 --> 00:05:18,450
Wees dan waakzaam, want u weet de dag
en ook het uur niet waarop de Zoon des

83
00:05:18,450 --> 00:05:19,950
mensen komen zal.

84
00:05:19,950 --> 00:05:23,430
In deze gelijkenis is er
duidelijk een bruidegom.

85
00:05:23,430 --> 00:05:27,150
Jezus Zelf maakt duidelijk
dat de komst van de bruidegom

86
00:05:27,150 --> 00:05:33,390
de komst van de Zoon des mensen voorstelt,
Zijn favoriete aanduiding voor Zichzelf.

87
00:05:33,390 --> 00:05:37,410
We hebben hier dus een verwijzing
naar de komst van de Zoon des mensen,

88
00:05:37,410 --> 00:05:39,510
de komst van Christus.

89
00:05:39,510 --> 00:05:43,950
Hij wordt vergeleken met een bruidegom
en Zijn volk wordt vergeleken met

90
00:05:43,950 --> 00:05:46,350
maagden die op de bruidegom wachten.

91
00:05:46,350 --> 00:05:49,530
Enige kennis van Joodse
huwelijksgebruiken is hier nuttig,

92
00:05:49,530 --> 00:05:53,550
omdat de totstandkoming van
een huwelijk drie stadia kende.

93
00:05:53,550 --> 00:05:56,490
Het eerste was het
regelen van een huwelijk.

94
00:05:56,490 --> 00:06:02,010
Het tweede was de verlovingsperiode
en het derde de eigenlijke bruiloft.

95
00:06:02,010 --> 00:06:07,050
De verlovingsperiode begon in feite
zodra er een overeenkomst was gesloten

96
00:06:07,050 --> 00:06:11,010
en een belofte was gedaan dat een
jonge man en een jonge vrouw met

97
00:06:11,010 --> 00:06:12,630
elkaar zouden trouwen.

98
00:06:12,630 --> 00:06:16,470
Daarna volgde gewoonlijk een
periode van ongeveer een jaar.

99
00:06:16,470 --> 00:06:20,190
Het hoefde geen jaar te zijn,
maar meestal was dat wel zo.

100
00:06:20,190 --> 00:06:23,850
In die tijd woonden ze apart, maar
ze zagen uit naar het huwelijk

101
00:06:23,850 --> 00:06:26,250
en troffen er voorbereidingen voor.

102
00:06:26,250 --> 00:06:29,190
Wanneer het einde van de
verlovingsperiode naderde,

103
00:06:29,190 --> 00:06:32,070
begon de bruidegom met zijn
vrienden bijeen te komen,

104
00:06:32,070 --> 00:06:34,650
een beetje zoals bij
een vrijgezellenfeest,

105
00:06:34,650 --> 00:06:37,110
en met hen feest te vieren.

106
00:06:37,110 --> 00:06:41,490
Op een bepaald moment gingen hij en zijn
vrienden naar de andere kant van de stad,

107
00:06:41,490 --> 00:06:45,270
naar de overkant van de straat,
of waar hij ook maar heen moest,

108
00:06:45,270 --> 00:06:49,110
om de bruid bij haar huis op te
halen voor het bruiloftsmaal.

109
00:06:49,110 --> 00:06:51,870
De bruid wist dat dit zou gebeuren.

110
00:06:51,870 --> 00:06:55,890
Daarom moest ze tegen het einde van
de verlovingsperiode voorbereid zijn,

111
00:06:55,890 --> 00:06:58,470
en er werd van haar
verwacht dat ze klaarstond

112
00:06:58,470 --> 00:07:01,470
wanneer de bruidegom kwam
om haar mee te nemen.

113
00:07:01,470 --> 00:07:04,170
Ze had als het ware haar bruidsmeisjes.

114
00:07:04,170 --> 00:07:09,630
Dat zijn de maagden hier: andere
maagden, jonge vrouwen of jonge meisjes,

115
00:07:09,630 --> 00:07:12,750
die waarschijnlijk haar
metgezellen en vriendinnen waren.

116
00:07:12,750 --> 00:07:15,990
Ze hielpen haar uit te kijken
naar de komst van de bruidegom,

117
00:07:15,990 --> 00:07:18,270
zodat ze klaar zou zijn wanneer hij kwam.

118
00:07:18,270 --> 00:07:21,510
Deze bruidsmeisjes moesten
de bruidegom begeleiden.

119
00:07:21,510 --> 00:07:23,670
Zodra ze wisten dat hij eraan kwam,

120
00:07:23,670 --> 00:07:26,310
moesten ze naar buiten gaan
om hem tegemoet te gaan

121
00:07:26,310 --> 00:07:29,850
en hem de rest van de weg naar
het huis van de bruid begeleiden.

122
00:07:29,850 --> 00:07:32,310
Blijkbaar riepen de
vrienden van de bruidegom,

123
00:07:32,310 --> 00:07:35,910
wanneer hij met hen door de straat
naar het huis van de bruid kwam:

124
00:07:35,910 --> 00:07:38,070
‘De bruidegom komt eraan!’

125
00:07:38,070 --> 00:07:41,430
Daardoor wisten de bruidsmeisjes dat ze
met hun lampen naar buiten moesten gaan

126
00:07:41,430 --> 00:07:45,090
als het nacht was, wat volgens
mij meestal het geval was.

127
00:07:45,090 --> 00:07:49,770
Vergeet niet dat ze in die tijd geen
straatverlichting of elektriciteit hadden.

128
00:07:49,770 --> 00:07:53,430
Wanneer ze in het donker door de
straten gingen, hadden ze licht nodig,

129
00:07:53,430 --> 00:07:57,090
zodat mensen niet over dingen
struikelden of verdwaalden.

130
00:07:57,090 --> 00:08:00,810
Deze maagden moesten naar buiten
gaan en het pad verlichten,

131
00:08:00,810 --> 00:08:05,310
zodat de bruidegom en zijn vrienden
naar het huis van de bruid konden komen.

132
00:08:05,310 --> 00:08:10,110
Veel Bijbelleraren en Bijbellezers komen
in de verleiding om te proberen alles in

133
00:08:10,110 --> 00:08:15,150
deze gelijkenis met iets anders te laten
overeenkomen, maar dat is moeilijk.

134
00:08:15,150 --> 00:08:19,110
De grootste verleiding lijkt te zijn
dat men probeert vast te stellen wat

135
00:08:19,110 --> 00:08:20,730
de olie voorstelt.

136
00:08:20,730 --> 00:08:25,410
Omdat olie in de Schrift heel vaak een
symbool is van de Heilige Geest Zelf,

137
00:08:25,410 --> 00:08:29,550
hebben sommigen betoogd dat de olie
hier de Heilige Geest voorstelt.

138
00:08:29,550 --> 00:08:33,630
Ik kan niet zeggen dat de olie beslist
niet de Heilige Geest voorstelt,

139
00:08:33,630 --> 00:08:36,330
maar de Bijbel maakt daar geen punt van.

140
00:08:36,330 --> 00:08:39,690
Jezus zegt niet dat de olie
de Heilige Geest voorstelt,

141
00:08:39,690 --> 00:08:42,030
en we kunnen daar niet
werkelijk zeker van zijn.

142
00:08:42,030 --> 00:08:46,410
Het lijkt mij dat genoeg olie hebben
eenvoudigweg een manier is om te zeggen

143
00:08:46,410 --> 00:08:49,590
dat deze vrouwen voorbereid
waren op Zijn komst.

144
00:08:49,590 --> 00:08:53,010
Ze waren er in het bijzonder
op voorbereid dat Hij later

145
00:08:53,010 --> 00:08:55,290
zou komen dan ze hadden verwacht.

146
00:08:55,290 --> 00:08:58,770
Ze gingen allemaal naar
buiten met olie in hun lampen.

147
00:08:58,770 --> 00:09:01,530
Er waren tien van deze bruidsmeisjes.

148
00:09:01,530 --> 00:09:05,730
Van hen worden er vijf
dwaas en vijf wijs genoemd.

149
00:09:05,730 --> 00:09:07,950
Ze hadden allemaal olie in hun lampen,

150
00:09:07,950 --> 00:09:11,190
omdat ze wisten dat hun
lampen moesten branden.

151
00:09:11,190 --> 00:09:15,930
Vijf van hen hielden er echter rekening
mee dat het wachten lang kon duren en dat

152
00:09:15,930 --> 00:09:19,830
Hij misschien niet zou komen
voordat hun olie opraakte.

153
00:09:19,830 --> 00:09:22,770
Daarom namen ze een
extra voorraad olie mee.

154
00:09:22,770 --> 00:09:24,690
De anderen deden dat niet.

155
00:09:24,690 --> 00:09:30,090
Het verschil tussen de wijze en de dwaze
bruidsmeisjes in deze gelijkenis is

156
00:09:30,090 --> 00:09:34,590
eenvoudigweg dat de ene groep er
rekening mee hield dat Hij misschien niet

157
00:09:34,590 --> 00:09:36,270
onmiddellijk zou komen.

158
00:09:36,270 --> 00:09:40,590
Daarom waren zij voorbereid op een
langere wachttijd dan de anderen.

159
00:09:40,590 --> 00:09:43,590
Degenen die geen extra
olie meenamen, waren

160
00:09:43,590 --> 00:09:46,890
er alleen op voorbereid
dat Hij spoedig zou komen.

161
00:09:46,890 --> 00:09:50,670
Als Hij niet spoedig kwam,
zouden ze geen olie meer hebben.

162
00:09:50,670 --> 00:09:54,750
Ze zouden niet voorbereid
zijn, en daarom waren ze dwaas.

163
00:09:54,750 --> 00:09:58,170
Ze wisten helemaal niet zeker
wanneer de bruidegom zou komen.

164
00:09:58,170 --> 00:10:02,970
Hij kon heel laat in de nacht
komen, nadat hun olie opgebrand was.

165
00:10:02,970 --> 00:10:06,990
Als ze wijs waren geweest, zouden
ze vooruit hebben gedacht en wat

166
00:10:06,990 --> 00:10:09,270
extra olie hebben meegenomen.

167
00:10:09,270 --> 00:10:11,070
Dat is wat ze niet deden.

168
00:10:11,070 --> 00:10:14,430
Ik ga de olie niet met iets
specifieks vereenzelvigen.

169
00:10:14,430 --> 00:10:17,730
Ik ga niet zeggen dat de olie
de Heilige Geest voorstelt,

170
00:10:17,730 --> 00:10:22,470
en ik ga je ook geen alternatief
geven voor wat de olie hier voorstelt.

171
00:10:22,470 --> 00:10:26,430
Misschien stelt ze iets voor,
maar Jezus vertelt ons niet wat.

172
00:10:26,430 --> 00:10:30,750
Ik denk dat het de bedoeling is dat
we de les van de gelijkenis begrijpen,

173
00:10:30,750 --> 00:10:33,870
in plaats van ons blind
te staren op de details.

174
00:10:33,870 --> 00:10:38,850
Wanneer we ons te veel op de details
blindstaren, raken we erg in de war.

175
00:10:38,850 --> 00:10:41,310
De verhouding tussen
Christus en de gemeente

176
00:10:41,310 --> 00:10:43,890
wordt in de Schrift
namelijk op veel manieren

177
00:10:43,890 --> 00:10:47,310
vergeleken met die tussen
een bruid en een bruidegom.

178
00:10:47,310 --> 00:10:50,670
Soms worden christenen echter
met de bruid vergeleken.

179
00:10:50,670 --> 00:10:55,230
Paulus zegt bijvoorbeeld in 2 Korinthe,
hoofdstuk 11, over de gemeente:

180
00:10:55,230 --> 00:10:58,710
Want ik beijver mij voor
u met een ijver van God.

181
00:10:58,710 --> 00:11:01,830
Ik heb u immers ten huwelijk
gegeven aan één Man om

182
00:11:01,830 --> 00:11:05,010
u als een reine maagd aan
Christus voor te stellen.

183
00:11:05,010 --> 00:11:10,050
De gemeente is dus als de bruid,
degene die met Christus verloofd is.

184
00:11:10,050 --> 00:11:15,450
Natuurlijk spreekt Openbaring 19 over
de gemeente als de vrouw van het Lam:

185
00:11:15,450 --> 00:11:19,950
Laten wij blij zijn en ons verheugen
en Hem de heerlijkheid geven,

186
00:11:19,950 --> 00:11:24,810
want de bruiloft van het Lam is gekomen
en Zijn vrouw heeft zich gereedgemaakt.

187
00:11:24,810 --> 00:11:28,230
Christus is het Lam en de
gemeente is Zijn vrouw.

188
00:11:28,230 --> 00:11:30,510
Toch zijn er andere
plaatsen waar de gemeente

189
00:11:30,510 --> 00:11:33,510
wordt vergeleken met de
gasten bij het bruiloftsmaal.

190
00:11:33,510 --> 00:11:37,170
Dat gebeurt bijvoorbeeld
in Mattheüs, hoofdstuk 22,

191
00:11:37,170 --> 00:11:39,930
in de gelijkenis van het bruiloftsmaal.

192
00:11:39,930 --> 00:11:44,130
Christus en God komen daarin
voor als de Vader en de Zoon.

193
00:11:44,130 --> 00:11:46,050
De Zoon is de bruidegom.

194
00:11:46,050 --> 00:11:50,190
In die specifieke gelijkenis
wordt niet naar de bruid verwezen,

195
00:11:50,190 --> 00:11:51,330
maar naar de gasten.

196
00:11:51,330 --> 00:11:54,570
De gasten in die gelijkenis
stellen de gemeente voor.

197
00:11:54,570 --> 00:11:58,950
De beeldspraak van een huwelijk kan dus
van tijd tot tijd veranderen om een ander

198
00:11:58,950 --> 00:12:01,110
aspect van de reactie van de christen

199
00:12:01,110 --> 00:12:04,110
en zijn verhouding tot
Christus te benadrukken.

200
00:12:04,110 --> 00:12:08,310
In één opzicht worden wij voorgesteld
als genodigden voor de bruiloft.

201
00:12:08,310 --> 00:12:12,450
In een ander opzicht worden wij
voorgesteld als de bruid zelf.

202
00:12:12,450 --> 00:12:16,950
In Openbaring 19 lopen deze
beide beelden zelfs door elkaar,

203
00:12:16,950 --> 00:12:20,430
want daar staat dat de vrouw van
het Lam zich gereedgemaakt heeft

204
00:12:20,430 --> 00:12:24,570
en dat het bruiloftsmaal is
aangebroken. En er staat:

205
00:12:24,570 --> 00:12:29,550
Zalig zijn zij die geroepen zijn tot het
avondmaal van de bruiloft van het Lam.

206
00:12:29,550 --> 00:12:33,090
Je ziet de gemeente dus voorgesteld
als de vrouw van het Lam

207
00:12:33,090 --> 00:12:36,750
en ook als degenen die voor het
bruiloftsmaal zijn uitgenodigd.

208
00:12:36,750 --> 00:12:39,930
Het is eenvoudigweg een
vermenging van beeldspraak,

209
00:12:39,930 --> 00:12:42,570
iets wat in de Schrift niet ongewoon is.

210
00:12:42,570 --> 00:12:46,590
Ook in deze gelijkenis wordt de
beeldspraak van een huwelijk gebruikt.

211
00:12:46,590 --> 00:12:50,250
Maar de gemeente wordt niet vergeleken
met de gasten op de bruiloft,

212
00:12:50,250 --> 00:12:53,070
en ook niet met de bruid op de bruiloft.

213
00:12:53,070 --> 00:12:57,390
Ze wordt vergeleken met de bruidsmeisjes,
die de taak hebben uit te kijken naar de

214
00:12:57,390 --> 00:13:01,650
komst van de bruidegom en klaar te
staan voor hem wanneer hij komt.

215
00:13:01,650 --> 00:13:06,630
Deze gelijkenis is niet bedoeld als
alternatief voor, of ontkenning van,

216
00:13:06,630 --> 00:13:09,090
het idee dat de gemeente de bruid is.

217
00:13:09,090 --> 00:13:13,470
Het is alleen zo dat Jezus, om
duidelijk te maken wat Hij hier

218
00:13:13,470 --> 00:13:17,910
specifiek wil zeggen, de gemeente
met deze bruidsmeisjes vergelijkt.

219
00:13:17,910 --> 00:13:21,150
Zij hebben de plicht uit te kijken
naar de komst van de bruidegom

220
00:13:21,150 --> 00:13:24,270
en klaar te staan voor
Hem wanneer Hij komt.

221
00:13:24,270 --> 00:13:27,930
Merk op dat de bruid helemaal
niet in de gelijkenis voorkomt.

222
00:13:27,930 --> 00:13:31,950
Als ze er wel in voorkwam, zou dat
de zaak misschien verwarrend maken,

223
00:13:31,950 --> 00:13:33,990
aangezien wij ook de bruid zijn.

224
00:13:33,990 --> 00:13:39,150
Maar deze gelijkenis spreekt alleen
over de bruidegom en de bruidsmeisjes.

225
00:13:39,150 --> 00:13:43,770
Op haar eigen manier vertelt ze ons
iets meer over onze reactie op Christus

226
00:13:43,770 --> 00:13:46,110
en onze verplichting tegenover Hem.

227
00:13:46,110 --> 00:13:50,190
De gedachte hier is dat de bruidegom
misschien niet zo snel terugkomt als

228
00:13:50,190 --> 00:13:52,290
de bruidsmeisjes hopen.

229
00:13:52,290 --> 00:13:55,290
Jezus is natuurlijk al
tweeduizend jaar weg.

230
00:13:55,290 --> 00:14:00,090
Soms wordt ons ten onrechte verteld dat
Jezus verwachtte dat Zijn komst heel

231
00:14:00,090 --> 00:14:01,950
spoedig zou plaatsvinden.

232
00:14:01,950 --> 00:14:07,710
Er zijn mensen die verkeerd begrijpen
wat Hij in Mattheüs 16 vers 28 zei:

233
00:14:07,710 --> 00:14:11,850
Voorwaar, Ik zeg u: Er zijn
sommigen van hen die hier staan,

234
00:14:11,850 --> 00:14:16,290
die de dood niet zullen proeven voordat
zij de Zoon des mensen hebben zien komen

235
00:14:16,290 --> 00:14:17,970
in Zijn Koninkrijk.

236
00:14:17,970 --> 00:14:21,990
Ze denken ten onrechte dat Hij
het over Zijn wederkomst heeft.

237
00:14:21,990 --> 00:14:25,830
Daarom denken ze dat Hij meende
dat Zijn wederkomst op handen was.

238
00:14:25,830 --> 00:14:28,350
Maar Jezus scheen dat niet te denken.

239
00:14:28,350 --> 00:14:31,650
Je zult zien dat Hij in de
gelijkenissen van dit hoofdstuk

240
00:14:31,650 --> 00:14:35,430
spreekt over enige vertraging,
over enige wachttijd.

241
00:14:35,430 --> 00:14:38,850
In dit geval staat er
uitdrukkelijk in vers 5:

242
00:14:38,850 --> 00:14:43,710
Toen de bruidegom uitbleef, werden
zij allen slaperig en vielen in slaap.

243
00:14:43,710 --> 00:14:47,670
Ook nu proberen sommige mensen een punt
te maken van het feit dat ze sliepen.

244
00:14:47,670 --> 00:14:49,230
Soms wordt er gezegd:

245
00:14:49,230 --> 00:14:52,230
Kijk, de kerk slaapt
en moet wakker worden,

246
00:14:52,230 --> 00:14:55,410
en het is verkeerd dat
de kerk in slaap valt.

247
00:14:55,410 --> 00:14:59,730
In bepaalde opzichten is het verkeerd
als de gemeente in slaap valt,

248
00:14:59,730 --> 00:15:03,870
maar we moeten van deze kwestie in
de gelijkenis niet te veel maken.

249
00:15:03,870 --> 00:15:06,690
Voor deze vrouwen werd
het laat op de avond.

250
00:15:06,690 --> 00:15:09,510
Mensen slapen nu eenmaal
wanneer het laat wordt.

251
00:15:09,510 --> 00:15:13,770
Ze waren erop voorbereid wakker te worden
wanneer de stem van de bruidegom te horen

252
00:15:13,770 --> 00:15:16,890
was, of de stem van Zijn vriend, die zei:

253
00:15:16,890 --> 00:15:22,050
En te middernacht klonk er een geroep:
Zie, de bruidegom komt, ga naar

254
00:15:22,050 --> 00:15:24,150
buiten, hem tegemoet!

255
00:15:24,150 --> 00:15:26,370
En ze werden inderdaad allemaal wakker.

256
00:15:26,370 --> 00:15:30,090
Er wordt hier niets gezegd om de
bruidsmeisjes te bekritiseren omdat ze

257
00:15:30,090 --> 00:15:31,410
in slaap vielen.

258
00:15:31,410 --> 00:15:33,930
Er kleeft geen negatief oordeel aan.

259
00:15:33,930 --> 00:15:37,890
De wijze en de dwaze vielen
trouwens allebei in slaap.

260
00:15:37,890 --> 00:15:39,570
Dat is hier niet het punt.

261
00:15:39,570 --> 00:15:44,130
Waar het wel om gaat, is dat de dwaze
bruidsmeisjes tijdens hun slaap niet

262
00:15:44,130 --> 00:15:46,410
merkten dat hun lampen uitdoofden.

263
00:15:46,410 --> 00:15:50,070
Ze waren niet voorbereid op een
spoedige komst van de bruidegom.

264
00:15:50,070 --> 00:15:54,990
De wijzen konden gerust in slaap vallen,
want zelfs als hun lamp uitdoofde,

265
00:15:54,990 --> 00:15:57,930
hadden ze wat extra olie
die ze konden gebruiken.

266
00:15:57,930 --> 00:16:01,170
Daarom konden ze het zich
veroorloven in slaap te vallen

267
00:16:01,170 --> 00:16:04,710
zonder daarmee de vervulling van
hun taak in gevaar te brengen.

268
00:16:04,710 --> 00:16:07,590
Dan wordt de komst van de
bruidegom aangekondigd,

269
00:16:07,590 --> 00:16:11,190
en alle bruidsmeisjes hebben
de plicht hem tegemoet te gaan.

270
00:16:11,190 --> 00:16:14,190
Maar sommigen van hen zijn
daar niet op voorbereid.

271
00:16:14,190 --> 00:16:16,650
Sommigen hebben niet
genoeg olie in hun lampen.

272
00:16:16,650 --> 00:16:18,330
Ze zeggen tegen de anderen:

273
00:16:18,330 --> 00:16:20,130
Geef ons wat van jullie olie.

274
00:16:20,130 --> 00:16:22,650
Maar ze kunnen die niet
van de anderen lenen.

275
00:16:22,650 --> 00:16:24,930
Ze moeten zelf olie gaan halen.

276
00:16:24,930 --> 00:16:28,890
Degenen die extra olie hebben, hebben
die misschien allemaal nodig om hun eigen

277
00:16:28,890 --> 00:16:30,390
taak te vervullen.

278
00:16:30,390 --> 00:16:33,870
Daarom kunnen ze die niet
uitlenen. En ze zeggen:

279
00:16:33,870 --> 00:16:37,590
Luister, jullie hadden dit moeten
halen toen jullie de kans hadden.

280
00:16:37,590 --> 00:16:40,890
Ga nu terug en haal wat
bij de olieverkopers.

281
00:16:40,890 --> 00:16:44,910
In dit beeld konden die vijf die olie
moesten gaan kopen natuurlijk onmogelijk

282
00:16:44,910 --> 00:16:48,090
verwachten dat ze die midden
in de nacht konden kopen.

283
00:16:48,090 --> 00:16:51,570
Het was middernacht en de
winkels waren niet open.

284
00:16:51,570 --> 00:16:56,370
Daarom bleven ze lange tijd weg en
waren ze eenvoudigweg onvoorbereid.

285
00:16:56,370 --> 00:17:00,690
Wat Jezus hier tegen ons zegt, is dat
Zijn komst misschien niet zo spoedig zou

286
00:17:00,690 --> 00:17:03,390
plaatsvinden als de discipelen hoopten.

287
00:17:03,390 --> 00:17:06,810
Ze moesten voorbereid zijn op
een langere afwezigheid van

288
00:17:06,810 --> 00:17:09,210
Christus dan ze misschien verwachtten.

289
00:17:09,210 --> 00:17:12,570
Dat betekent natuurlijk dat
ze, bij wijze van spreken,

290
00:17:12,570 --> 00:17:15,870
de vlam in hun ziel
brandend moeten houden.

291
00:17:15,870 --> 00:17:19,590
Ze moeten voorkomen dat hun
liefde voor God verkilt.

292
00:17:19,590 --> 00:17:22,950
Jezus sprak op een bepaalde
plaats over het feit dat,

293
00:17:22,950 --> 00:17:27,510
doordat de zonde zal toenemen, de
liefde van velen zal verkillen.

294
00:17:27,510 --> 00:17:30,330
Dat stond in Mattheüs 24.

295
00:17:30,330 --> 00:17:34,950
En als jouw liefde verkilt, ben je niet
voorbereid om Christus te ontmoeten.

296
00:17:34,950 --> 00:17:38,490
Veel mensen denken dat als je op een
bepaald moment in je leven Christus

297
00:17:38,490 --> 00:17:43,710
aanneemt, je daarna klaar bent om Hem
te ontmoeten en naar de hemel zult gaan,

298
00:17:43,710 --> 00:17:45,210
ongeacht wat je doet.

299
00:17:45,210 --> 00:17:47,430
De Bijbel leert zoiets helemaal niet.

300
00:17:47,430 --> 00:17:52,650
Het ontbreekt absoluut, voor honderd
procent, op de bladzijden van de Schrift.

301
00:17:52,650 --> 00:17:57,750
Overal in de Schrift wordt ons gezegd dat
de gelovige verplicht is te volharden.

302
00:17:57,750 --> 00:18:00,810
De gelovige moet in het geloof blijven.

303
00:18:00,810 --> 00:18:05,130
En de Schrift waarschuwt veelvuldig
tegen het afvallen van het geloof,

304
00:18:05,130 --> 00:18:09,210
het verlaten van de levende God,
of het terugkeren naar de wereld

305
00:18:09,210 --> 00:18:13,230
en het opnieuw liefhebben van de
wereld en de dingen van de wereld.

306
00:18:13,230 --> 00:18:17,970
Helemaal aan het einde van Mattheüs
24 stond zo’n waarschuwing.

307
00:18:17,970 --> 00:18:23,850
In Mattheüs 24:45–51 zei Jezus:

308
00:18:23,850 --> 00:18:26,670
Wie is dan de trouwe
en verstandige dienaar,

309
00:18:26,670 --> 00:18:30,990
die zijn heer over zijn personeel
aangesteld heeft om hun het voedsel op de

310
00:18:30,990 --> 00:18:32,970
juiste tijd te geven?

311
00:18:32,970 --> 00:18:35,850
Zalig die dienaar die door
zijn heer bij zijn komst

312
00:18:35,850 --> 00:18:38,430
zo handelend aangetroffen zal worden.

313
00:18:38,430 --> 00:18:42,930
Voorwaar, Ik zeg u dat hij hem over
al zijn bezittingen zal aanstellen.

314
00:18:42,930 --> 00:18:47,910
Maar als die slechte dienaar in zijn hart
zou zeggen: Mijn heer blijft nog lang weg,

315
00:18:47,910 --> 00:18:51,390
en zou beginnen zijn
mededienaren te slaan en te eten

316
00:18:51,390 --> 00:18:56,070
en te drinken met de dronkaards, dan zal
de heer van deze dienaar komen op een dag

317
00:18:56,070 --> 00:18:59,670
waarop hij hem niet verwacht en
op een uur dat hij niet weet;

318
00:18:59,670 --> 00:19:04,590
en hij zal hem in stukken houwen en hem
doen delen in het lot van de huichelaars;

319
00:19:04,590 --> 00:19:07,710
daar zal gejammer zijn en tandengeknars.

320
00:19:07,710 --> 00:19:09,630
Dit is dezelfde dienaar.

321
00:19:09,630 --> 00:19:11,670
Er is in dit beeld één dienaar.

322
00:19:11,670 --> 00:19:14,670
Hij is een dienaar en hij
kan ervoor kiezen trouw of

323
00:19:14,670 --> 00:19:16,830
ontrouw aan zijn opdracht te zijn.

324
00:19:16,830 --> 00:19:21,330
Als hij trouw is, is hij gezegend,
omdat zijn meester hem bij zijn komst zo

325
00:19:21,330 --> 00:19:23,010
bezig zal aantreffen.

326
00:19:23,010 --> 00:19:27,750
Maar als hij een slechte dienaar is, het
verkeerde doet, zijn mededienaren slaat,

327
00:19:27,750 --> 00:19:31,650
enzovoort, dan zal hij worden
behandeld als de huichelaars,

328
00:19:31,650 --> 00:19:33,690
in tweeën worden gehakt en worden

329
00:19:33,690 --> 00:19:37,710
buitengeworpen naar de plaats
waar geween en tandengeknars is.

330
00:19:37,710 --> 00:19:39,930
Dit is de dienaar van de meester.

331
00:19:39,930 --> 00:19:43,890
Dit is de christen aan wie een
verantwoordelijkheid is gegeven.

332
00:19:43,890 --> 00:19:47,850
Wie trouw blijft en tot het einde
toe doet wat hij behoort te doen,

333
00:19:47,850 --> 00:19:49,530
zal gezegend worden.

334
00:19:49,530 --> 00:19:52,050
Maar iemand kan ontrouw worden, zich van

335
00:19:52,050 --> 00:19:57,030
Christus afkeren en terugkeren naar de
levenswijze die hij eerder had opgegeven

336
00:19:57,030 --> 00:19:59,430
toen hij een dienaar van Christus werd.

337
00:19:59,430 --> 00:20:05,250
Hij kan dronken worden, feest gaan vieren
en alles gaan doen wat ongelovigen doen.

338
00:20:05,250 --> 00:20:09,690
Wanneer Christus terugkomt, zal zo
iemand in tweeën worden gehakt en worden

339
00:20:09,690 --> 00:20:13,710
geworpen naar de plaats waar
geween en tandengeknars is.

340
00:20:13,710 --> 00:20:16,530
Er is geen zekerheid voor de ongelovige.

341
00:20:16,530 --> 00:20:20,430
Een echte gelovige gedraagt
zich als een gelovige.

342
00:20:20,430 --> 00:20:23,130
Deze persoon heeft zijn geloof verloren.

343
00:20:23,130 --> 00:20:26,790
En hij heeft het geloof
verloren omdat hij zei:

344
00:20:26,790 --> 00:20:29,730
Mijn meester laat lang op zich wachten.

345
00:20:29,730 --> 00:20:35,970
De woorden passen ook bij deze gelijkenis,
want in vers 5 van Mattheüs 25 staat:

346
00:20:35,970 --> 00:20:40,950
Toen de bruidegom uitbleef, werden
zij allen slaperig en vielen in slaap.

347
00:20:40,950 --> 00:20:46,050
Hier hebben we twee gelijkenissen achter
elkaar: één over dienaren en hun meester,

348
00:20:46,050 --> 00:20:49,650
en één over bruidsmeisjes
die op de bruidegom wachten.

349
00:20:49,650 --> 00:20:53,610
In beide gevallen blijft de
meester of de bruidegom langer weg.

350
00:20:53,610 --> 00:20:56,550
Wat gebeurt er als gevolg
van dat uitblijven?

351
00:20:56,550 --> 00:20:58,470
Daar gaat het Jezus hier om.

352
00:20:58,470 --> 00:21:00,990
Vanuit het gezichtspunt
van Zijn toehoorders

353
00:21:00,990 --> 00:21:03,930
zou Zijn wederkomst lang
op zich laten wachten.

354
00:21:03,930 --> 00:21:05,910
Zouden zij het geloof behouden?

355
00:21:05,910 --> 00:21:08,070
Op een andere plaats vroeg Hij:

356
00:21:08,070 --> 00:21:11,370
Ik zeg u dat Hij hun met
spoed recht zal doen.

357
00:21:11,370 --> 00:21:16,650
Maar zal de Zoon des mensen, als Hij
komt, wel het geloof op de aarde vinden?

358
00:21:16,650 --> 00:21:18,030
Dat is de vraag.

359
00:21:18,030 --> 00:21:21,990
Begin jaren zeventig maakte ik
deel uit van de Jesus Movement.

360
00:21:21,990 --> 00:21:26,550
Er werd toen sterk de nadruk gelegd
op de spoedige komst van Christus.

361
00:21:26,550 --> 00:21:30,030
Vele duizenden mensen
reageerden op altaaroproepen,

362
00:21:30,030 --> 00:21:33,210
werden gedoopt en leken
christen te worden.

363
00:21:33,210 --> 00:21:36,210
Velen van hen deden dat
onder druk van het besef

364
00:21:36,210 --> 00:21:39,990
of de gedachte dat Jezus
ieder moment kon terugkomen.

365
00:21:39,990 --> 00:21:44,370
Als ze niet voorbereid waren, zouden ze
in de grote verdrukking terechtkomen,

366
00:21:44,370 --> 00:21:46,590
of wat ze dan ook verwachtten.

367
00:21:46,590 --> 00:21:50,490
Velen kwamen dus tot Christus,
maar velen vielen af.

368
00:21:50,490 --> 00:21:53,910
Ik geloof dat een van de
redenen waarom velen afvielen,

369
00:21:53,910 --> 00:21:56,610
was dat de Heere op Zich liet wachten.

370
00:21:56,610 --> 00:22:00,390
Hij kwam niet zo snel als
zij dachten. De Schrift zegt:

371
00:22:00,390 --> 00:22:04,710
Uitgestelde verwachting krenkt het
hart, maar een vervuld verlangen is een

372
00:22:04,710 --> 00:22:06,450
boom des levens.

373
00:22:06,450 --> 00:22:09,870
Velen van hen raakten
ontmoedigd omdat Christus niet

374
00:22:09,870 --> 00:22:12,570
zo snel kwam als zij hadden gehoopt.

375
00:22:12,570 --> 00:22:14,370
Daardoor vielen sommigen af.

376
00:22:14,370 --> 00:22:15,330
Ze zeiden:

377
00:22:15,330 --> 00:22:20,070
Maar als die slechte dienaar in zijn hart
zou zeggen: Mijn heer blijft nog lang weg,

378
00:22:20,070 --> 00:22:23,670
en ze begonnen met de dronkaards
te eten en te drinken en hun

379
00:22:23,670 --> 00:22:25,410
mededienaren te slaan.

380
00:22:25,410 --> 00:22:29,670
Of ze gingen er gewoon op uit en
werden materialistisch, immoreel,

381
00:22:29,670 --> 00:22:32,190
egocentrisch of narcistisch.

382
00:22:32,190 --> 00:22:35,130
Met andere woorden, ze verlieten Christus.

383
00:22:35,130 --> 00:22:38,550
Ze zijn als de bruidsmeisjes
die niet genoeg olie hadden.

384
00:22:38,550 --> 00:22:41,430
Ze waren er niet op
voorbereid om te wachten.

385
00:22:41,430 --> 00:22:45,870
Al deze bruidsmeisjes waren erop
voorbereid dat de Heere zou komen,

386
00:22:45,870 --> 00:22:50,550
maar ze waren er niet op voorbereid om op
Zijn komst te wachten en op een veel later

387
00:22:50,550 --> 00:22:53,250
tijdstip nog steeds voorbereid te zijn.

388
00:22:53,250 --> 00:22:57,150
Er zijn veel mensen die bereid zijn een
tijdlang op het rechte en smalle pad te

389
00:22:57,150 --> 00:23:01,950
leven en Jezus Christus te volgen,
als ze denken dat Jezus meteen komt.

390
00:23:01,950 --> 00:23:05,910
Maar als Hij op Zich laat wachten,
worden de echtheid van hun geloof,

391
00:23:05,910 --> 00:23:09,750
hun liefde voor Hem en hun
volharding op de proef gesteld.

392
00:23:09,750 --> 00:23:14,730
Als Hij niet spoedig komt, zijn ze als
deze maagden die niet genoeg olie hadden.

393
00:23:14,730 --> 00:23:18,270
Ze waren er niet werkelijk op
voorbereid om zo lang te wachten.

394
00:23:18,270 --> 00:23:22,290
Ze waren niet werkelijk bereid
hun hele leven aan Jezus te geven.

395
00:23:22,290 --> 00:23:25,770
Ze hoopten dat ze misschien maar
een klein beetje hoefden te geven,

396
00:23:25,770 --> 00:23:29,550
gewoon als brandverzekering,
zodat ze naar de hemel konden gaan

397
00:23:29,550 --> 00:23:32,010
in plaats van naar de
hel wanneer Hij komt.

398
00:23:32,010 --> 00:23:35,310
Maar ze waren niet werkelijk
bereid hun hele leven te geven

399
00:23:35,310 --> 00:23:40,110
en voor altijd op Hem te wachten,
totdat ze stierven of totdat Hij kwam.

400
00:23:40,110 --> 00:23:42,990
Dat is de toewijding
waartoe Christus ons roept.

401
00:23:42,990 --> 00:23:45,810
We zijn hier niet om Jezus
een tijdje te volgen,

402
00:23:45,810 --> 00:23:49,410
in de hoop dat Hij komt in de
periode waarin wij trouw zijn.

403
00:23:49,410 --> 00:23:51,150
Wij moeten doen wat Hij zegt:

404
00:23:51,150 --> 00:23:53,910
Wees niet bevreesd voor wat u lijden zult.

405
00:23:53,910 --> 00:23:58,950
Zie, de duivel zal sommigen van u in de
gevangenis werpen, opdat u verzocht wordt.

406
00:23:58,950 --> 00:24:01,830
En u zult een verdrukking
hebben van tien dagen.

407
00:24:01,830 --> 00:24:06,330
Wees trouw tot in de dood, en Ik
zal u de kroon van het leven geven.

408
00:24:06,330 --> 00:24:11,010
Dat heeft Hij tegen de gemeente van
Smyrna gezegd in Openbaring 2:10.

409
00:24:11,010 --> 00:24:13,230
Dat zegt Hij ook tegen ons.

410
00:24:13,230 --> 00:24:17,430
Jezus is niet zo snel gekomen als
sommigen dachten dat Hij zou komen.

411
00:24:17,430 --> 00:24:21,990
Misschien komt Hij nog heel lange tijd
niet, maar uiteindelijk zal Hij komen.

412
00:24:21,990 --> 00:24:26,550
Waar het om gaat, is dat we Hem trouw
blijven tot de dag waarop we sterven.

413
00:24:26,550 --> 00:24:30,870
Maar wie volharden zal tot het
einde, die zal zalig worden.

414
00:24:30,870 --> 00:24:33,270
Daar gaat deze gelijkenis over.

415
00:24:33,270 --> 00:24:37,290
Sommige afzonderlijke elementen
waarmee de gelijkenis is aangekleed,

416
00:24:37,290 --> 00:24:39,630
dienen waarschijnlijk alleen als decor.

417
00:24:39,630 --> 00:24:42,450
Maar de boodschap is
dat we moeten wachten.

418
00:24:42,450 --> 00:24:46,710
We moeten voorbereid zijn voor het
geval Christus op Zich laat wachten,

419
00:24:46,710 --> 00:24:47,911
en dat is wat we moeten doen.
