1
00:00:02,010 --> 00:00:04,470
Welkom bij Vers voor Vers!

2
00:00:04,470 --> 00:00:10,530
Deze keer behandelen we Mattheüs
3, vers 1 tot en met vers 6.

3
00:00:10,530 --> 00:00:13,470
Laten we naar Mattheüs hoofdstuk 3 gaan.

4
00:00:13,470 --> 00:00:16,710
We zullen verdergaan met onze
studie van het leven van Christus

5
00:00:16,710 --> 00:00:18,810
volgens het verslag van Mattheüs.

6
00:00:18,810 --> 00:00:23,190
In de eerste twee hoofdstukken hadden we
wat we geboorteverhalen zouden noemen,

7
00:00:23,190 --> 00:00:25,950
verhalen over de geboorte van Jezus.

8
00:00:25,950 --> 00:00:31,110
Twee van de vier Evangeliën bevatten zelfs
helemaal geen verhalen over de geboorte of

9
00:00:31,110 --> 00:00:32,670
jeugd van Jezus.

10
00:00:32,670 --> 00:00:36,150
Alleen Mattheüs en Lukas doen
dat, en zelfs zij geven maar

11
00:00:36,150 --> 00:00:38,250
zeer beperkte informatie.

12
00:00:38,250 --> 00:00:42,390
Mattheüs heeft ons verteld dat Jezus
na Zijn geboorte bezoek kreeg van

13
00:00:42,390 --> 00:00:44,070
wijzen uit het Oosten.

14
00:00:44,070 --> 00:00:48,570
Hij zou gedood zijn als Hij niet was
gered doordat Hij naar Egypte ontkwam,

15
00:00:48,570 --> 00:00:51,030
want Herodes probeerde Hem te doden.

16
00:00:51,030 --> 00:00:55,590
Daarna keerde Hij terug uit Egypte
en vestigde Hij Zich met Zijn gezin.

17
00:00:55,590 --> 00:00:59,850
Dit was toen Jezus nog vrij jong
was, waarschijnlijk nog een peuter.

18
00:00:59,850 --> 00:01:03,750
Ze vestigden zich in Nazareth,
een plaats in Galilea.

19
00:01:03,750 --> 00:01:07,470
Misschien moet ik op dit punt iets
zeggen over de geografie van Israël.

20
00:01:07,470 --> 00:01:11,310
Want wanneer we de Evangeliën
doornemen, moeten we weten hoe het land

21
00:01:11,310 --> 00:01:13,110
Israël was ingedeeld.

22
00:01:13,110 --> 00:01:17,730
Israël is eigenlijk een vrij klein
land, en het was lang en smal.

23
00:01:17,730 --> 00:01:20,370
Van noord naar zuid was
de afstand het grootst,

24
00:01:20,370 --> 00:01:23,490
en van oost naar west was
de afstand heel klein.

25
00:01:23,490 --> 00:01:26,010
Het was een lang, smal land.

26
00:01:26,010 --> 00:01:27,930
Dat is het trouwens nog steeds.

27
00:01:27,930 --> 00:01:32,730
In het zuidelijke deel van Israël
lag een provincie die Judea heette.

28
00:01:32,730 --> 00:01:37,530
In vroegere tijden heette die Juda, omdat
de stam Juda daar in de tijd van het Oude

29
00:01:37,530 --> 00:01:40,230
Testament de voornaamste stam was.

30
00:01:40,230 --> 00:01:45,750
Daar lag de hoofdstad van het land, en
Jeruzalem lag in Juda, oftewel Judea.

31
00:01:45,750 --> 00:01:50,610
Aan de noordkant van het land lag een
andere provincie, die Galilea heette.

32
00:01:50,610 --> 00:01:54,270
Daar groeide Jezus op, en daar
vond ook een groot deel van Zijn

33
00:01:54,270 --> 00:01:56,250
openbare bediening plaats.

34
00:01:56,250 --> 00:01:59,850
In Galilea woonden in feite
meer heidenen dan Joden,

35
00:01:59,850 --> 00:02:02,850
hoewel het officieel deel
uitmaakte van Israël.

36
00:02:02,850 --> 00:02:07,710
Het werd soms Galilea van de heidenen
genoemd, omdat er, zoals ik al zei,

37
00:02:07,710 --> 00:02:10,230
meer heidenen dan Joden woonden.

38
00:02:10,230 --> 00:02:13,170
Maar het maakte deel uit
van het gebied van de Joden.

39
00:02:13,170 --> 00:02:17,370
Ook maakte het deel uit van de streek
die in de tijd van het Oude Testament

40
00:02:17,370 --> 00:02:20,550
tot het noordelijke
koninkrijk Israël had behoord.

41
00:02:20,550 --> 00:02:25,050
Tussen Galilea in het noorden en
Judea in het zuiden lag een streek

42
00:02:25,050 --> 00:02:27,090
die Samaria heette.

43
00:02:27,090 --> 00:02:31,650
Samaria vormde als het ware een
buffer tussen Galilea en Judea.

44
00:02:31,650 --> 00:02:35,010
Maar de inwoners ervan werden
door de mensen uit Judea en

45
00:02:35,010 --> 00:02:37,590
Galilea niet gerespecteerd.

46
00:02:37,590 --> 00:02:42,630
De Samaritanen stamden af van Joodse
mensen die met heidenen waren getrouwd.

47
00:02:42,630 --> 00:02:45,930
Vele generaties later,
in de tijd van Jezus,

48
00:02:45,930 --> 00:02:50,430
waren de Samaritanen in de ogen
van de Joden een soort bastaardras

49
00:02:50,430 --> 00:02:52,350
van halfbloeden geworden.

50
00:02:52,350 --> 00:02:55,350
Ze hadden ook hun godsdienstige
gebruiken vermengd,

51
00:02:55,350 --> 00:03:00,690
zodat de Samaritanen ook in hun godsdienst
niet werkelijk zuiver Joods waren.

52
00:03:00,690 --> 00:03:03,990
Vanwege deze status van de
Samaritanen als een soort

53
00:03:03,990 --> 00:03:07,170
halfbloeden keken veel
Joden sterk op hen neer

54
00:03:07,170 --> 00:03:10,110
en wilden ze zelfs
Samaria niet binnengaan.

55
00:03:10,110 --> 00:03:14,310
Sommige Joden meenden zelfs dat
als de wind door Samaria waaide

56
00:03:14,310 --> 00:03:18,270
en daarna op hen blies, die
wind hen zou verontreinigen.

57
00:03:18,270 --> 00:03:21,330
Dit was natuurlijk niet iets
waartoe de Bijbel aanspoorde.

58
00:03:21,330 --> 00:03:25,350
Het was eenvoudigweg
onverdraagzaamheid onder de Joden.

59
00:03:25,350 --> 00:03:28,350
Hoe dan ook, zo was het land ingedeeld.

60
00:03:28,350 --> 00:03:34,950
Je hebt Judea in het zuiden, Samaria in
het midden en dan Galilea in het noorden.

61
00:03:34,950 --> 00:03:39,990
Jezus werd geboren in Bethlehem,
dat in het zuiden lag, in Judea,

62
00:03:39,990 --> 00:03:41,670
vlak bij Jeruzalem.

63
00:03:41,670 --> 00:03:45,450
Als baby had Hij enige tijd
in Egypte doorgebracht.

64
00:03:45,450 --> 00:03:49,710
Maar toen Herodes gestorven
was, verhuisden Jozef en Maria

65
00:03:49,710 --> 00:03:53,670
terug naar Galilea, waar ze
oorspronkelijk vandaan kwamen.

66
00:03:53,670 --> 00:03:58,170
Ze gingen naar de stad Nazareth, waar
Jozef timmerman was geweest en dat

67
00:03:58,170 --> 00:04:00,270
werk kennelijk voortzette.

68
00:04:00,270 --> 00:04:04,350
Na dit punt lezen we niet
veel over de jeugd van Jezus.

69
00:04:04,350 --> 00:04:09,930
Mattheüs vertelt ons verder niets, hoewel
Lukas ons in hoofdstuk 2 heel kort vertelt

70
00:04:09,930 --> 00:04:13,590
over iets wat gebeurde
toen Jezus twaalf was.

71
00:04:13,590 --> 00:04:17,610
Zijn ouders waren Hem in Jeruzalem
als het ware kwijtgeraakt.

72
00:04:17,610 --> 00:04:22,470
Ze vonden Hem terwijl Hij met de leraren
in de tempel sprak en hen verbaasde

73
00:04:22,470 --> 00:04:24,150
met Zijn wijsheid.

74
00:04:24,150 --> 00:04:29,070
Maar afgezien van dat verhaal, dat
plaatsvond toen Jezus twaalf was,

75
00:04:29,070 --> 00:04:33,570
vertelt de Bijbel ons eigenlijk bijna
niets over de rest van Jezus’ jeugd

76
00:04:33,570 --> 00:04:36,930
of zelfs over de tijd dat
Hij een jonge man was.

77
00:04:36,930 --> 00:04:41,850
Wanneer Mattheüs aan hoofdstuk 3
begint, is Jezus inmiddels volwassen.

78
00:04:41,850 --> 00:04:44,190
Hij is ongeveer dertig jaar oud.

79
00:04:44,190 --> 00:04:47,910
Mattheüs vertelt ons dat niet, maar
hetzelfde verhaal wordt verteld in

80
00:04:47,910 --> 00:04:49,710
Lukas hoofdstuk 3.

81
00:04:49,710 --> 00:04:54,330
Daar wordt ons verteld dat Jezus
op dat moment ongeveer dertig was.

82
00:04:54,330 --> 00:04:58,530
Mattheüs heeft dus bijna dertig
jaar van Jezus’ leven overgeslagen.

83
00:04:58,530 --> 00:05:03,090
Lukas, die ons natuurlijk één
gebeurtenis uit Jezus’ jeugd vertelt,

84
00:05:03,090 --> 00:05:06,810
toen Hij twaalf was,
slaat achttien jaar over.

85
00:05:06,810 --> 00:05:10,470
Er was dus een lange periode
in het leven van Jezus op aarde

86
00:05:10,470 --> 00:05:12,870
waarover we bijna niets weten.

87
00:05:12,870 --> 00:05:18,210
We weten wel dat de mensen van Nazareth
Hem later, toen Jezus daar kwam prediken,

88
00:05:18,210 --> 00:05:22,230
herkenden als de timmerman
en de zoon van de timmerman.

89
00:05:22,230 --> 00:05:26,730
Ze hadden Hem dus kennelijk tijdens
Zijn jeugd gekend als de zoon van Jozef,

90
00:05:26,730 --> 00:05:29,190
die in een timmerwerkplaats werkte.

91
00:05:29,190 --> 00:05:32,850
Er zijn nog een paar andere dingen die
we over Zijn jeugd kunnen afleiden.

92
00:05:32,850 --> 00:05:35,250
Maar die waren kennelijk
niet belangrijk genoeg

93
00:05:35,250 --> 00:05:38,490
om door de Evangelieschrijvers
te worden opgenomen.

94
00:05:38,490 --> 00:05:41,970
Ze maakten kennelijk geen deel
uit van de noodzakelijke boodschap

95
00:05:41,970 --> 00:05:44,130
over wat Jezus kwam doen.

96
00:05:44,130 --> 00:05:49,050
We zien dus dat de Evangelieschrijvers bij
het schrijven van hun levensbeschrijving

97
00:05:49,050 --> 00:05:51,870
heel onconventioneel te werk gaan.

98
00:05:51,870 --> 00:05:54,690
Ze doen niet wat de meeste
biografen zouden doen.

99
00:05:54,690 --> 00:05:58,890
Ze geven geen naadloos of doorlopend
verslag van het leven van de Man over

100
00:05:58,890 --> 00:06:02,790
Wie ze spreken, maar slaan
grote tijdsblokken over.

101
00:06:02,790 --> 00:06:07,650
De reden daarvoor is dat ze niet proberen
een gewone biografie te schrijven.

102
00:06:07,650 --> 00:06:11,370
Ze proberen een Evangelie te
schrijven, dat wil zeggen:

103
00:06:11,370 --> 00:06:14,610
een uiteenzetting van het
goede nieuws van behoud.

104
00:06:14,610 --> 00:06:17,730
De meeste dingen die Jezus
tijdens die jeugdjaren deed,

105
00:06:17,730 --> 00:06:20,310
zijn kennelijk niet rechtstreeks
van belang voor deze

106
00:06:20,310 --> 00:06:21,750
boodschap van het Evangelie.

107
00:06:21,750 --> 00:06:24,570
Wanneer ze dan over het
Evangelie beginnen te spreken,

108
00:06:24,570 --> 00:06:27,210
beginnen ze meestal met Johannes de Doper.

109
00:06:27,210 --> 00:06:30,870
Alle vier de evangeliën vertellen eerst
iets over de bediening van Johannes

110
00:06:30,870 --> 00:06:35,010
de Doper, voordat ze iets vertellen
over de bediening van Jezus.

111
00:06:35,010 --> 00:06:38,370
Johannes de Doper was een
voorloper van de Messias.

112
00:06:38,370 --> 00:06:41,670
Niet hier in Mattheüs,
maar in Lukas hoofdstuk 1

113
00:06:41,670 --> 00:06:44,490
krijgen we bijzonderheden
over zijn geboorte.

114
00:06:44,490 --> 00:06:49,050
Ook Johannes de Doper werd op een
enigszins wonderbaarlijke manier geboren.

115
00:06:49,050 --> 00:06:53,730
Niet uit een maagd, zoals Jezus, maar
uit een oude vrouw die de vruchtbare

116
00:06:53,730 --> 00:06:55,350
leeftijd voorbij was.

117
00:06:55,350 --> 00:06:59,670
Het leek een beetje op de geboorte
van Izak uit Abraham en Sara,

118
00:06:59,670 --> 00:07:02,670
toen Sara te oud was
om kinderen te krijgen.

119
00:07:02,670 --> 00:07:07,170
De moeder van Johannes de Doper was
te oud geweest om kinderen te krijgen.

120
00:07:07,170 --> 00:07:11,550
Op wonderbaarlijke wijze werd ze zwanger
en bracht ze deze man ter wereld,

121
00:07:11,550 --> 00:07:14,190
die de grootste van de profeten zou zijn.

122
00:07:14,190 --> 00:07:18,930
Hij zou Israël toespreken, hen tot
bekering oproepen en hen voorstellen aan

123
00:07:18,930 --> 00:07:22,110
de Messias, Die natuurlijk Jezus was.

124
00:07:22,110 --> 00:07:26,250
Johannes de Doper is een heel
belangrijke figuur in de evangeliën.

125
00:07:26,250 --> 00:07:30,750
Hij is de profeet die op een paar plaatsen
in het Oude Testament werd voorzegd.

126
00:07:30,750 --> 00:07:35,250
In Jesaja hoofdstuk 40 wordt gesproken
over de stem van iemand die roept

127
00:07:35,250 --> 00:07:36,570
in de woestijn.

128
00:07:36,570 --> 00:07:41,370
Dat verwijst naar Johannes de Doper,
zoals Mattheüs ons duidelijk zal maken.

129
00:07:41,370 --> 00:07:46,410
Er is nog een profeet in het Oude
Testament, Maleachi, die in hoofdstuk 3,

130
00:07:46,410 --> 00:07:52,170
vers 1, profeteerde dat God vóór de
Messias een boodschapper uit zou sturen.

131
00:07:52,170 --> 00:07:54,270
Ook dat is natuurlijk Johannes de Doper.

132
00:07:54,270 --> 00:07:56,550
Johannes was een ongewone man.

133
00:07:56,550 --> 00:07:59,310
We krijgen hier wat
bijzonderheden over zijn leven.

134
00:07:59,310 --> 00:08:02,910
Johannes was ongeveer dertig
jaar oud, en Jezus ook,

135
00:08:02,910 --> 00:08:06,750
toen de gebeurtenissen van
Mattheüs hoofdstuk 3 plaatsvonden.

136
00:08:06,750 --> 00:08:10,290
Dit is eigenlijk het begin
van Jezus’ openbare bediening.

137
00:08:10,290 --> 00:08:12,930
Hoewel Hij op dit moment
dertig jaar oud was,

138
00:08:12,930 --> 00:08:16,110
had Hij hiervoor nog geen
openbare bediening gehad.

139
00:08:16,110 --> 00:08:18,570
Wanneer we bij Mattheüs hoofdstuk 3 komen,

140
00:08:18,570 --> 00:08:21,870
maken we kennis met de
bediening van Johannes de Doper.

141
00:08:21,870 --> 00:08:26,490
Die dient als een soort springplank naar
de bediening van Jezus als volwassene.

142
00:08:26,490 --> 00:08:27,570
We lezen:

143
00:08:27,570 --> 00:08:32,370
In die dagen trad Johannes de Doper op
en hij predikte in de woestijn van Judea,

144
00:08:32,370 --> 00:08:37,530
en zei: Bekeer u, want het Koninkrijk
der hemelen is nabijgekomen.

145
00:08:37,530 --> 00:08:42,330
Want deze is het over wie gesproken werd
door de profeet Jesaja toen hij zei:

146
00:08:42,330 --> 00:08:47,190
De stem van iemand die roept in de
woestijn: Maak de weg van de Heere gereed,

147
00:08:47,190 --> 00:08:49,230
maak Zijn paden recht.

148
00:08:49,230 --> 00:08:54,510
Deze Johannes had kleding van kameelhaar
en een leren gordel om zijn middel;

149
00:08:54,510 --> 00:08:57,690
zijn voedsel was
sprinkhanen en wilde honing.

150
00:08:57,690 --> 00:09:03,630
Toen liep Jeruzalem, heel Judea en heel
het land rondom de Jordaan naar hem uit,

151
00:09:03,630 --> 00:09:08,490
en zij werden door hem gedoopt in de
Jordaan, terwijl zij hun zonden beleden.

152
00:09:08,490 --> 00:09:12,510
Dat geeft ons een goed beeld van de
invloed die Johannes de Doper had.

153
00:09:12,510 --> 00:09:16,410
Het is nogal interessant dat we een heel
goede bevestiging van de bediening van

154
00:09:16,410 --> 00:09:22,050
Johannes hebben uit een niet-religieuze
bron uit die tijd, namelijk Josephus.

155
00:09:22,050 --> 00:09:24,930
Josephus was een Joodse geschiedschrijver.

156
00:09:24,930 --> 00:09:26,250
Hij was geen christen.

157
00:09:26,250 --> 00:09:30,150
Hij kende de evangeliën niet,
maar hij leefde in de eerste eeuw.

158
00:09:30,150 --> 00:09:32,370
Hij was een tijdgenoot van de apostelen,

159
00:09:32,370 --> 00:09:34,830
maar heeft hen
waarschijnlijk nooit ontmoet.

160
00:09:34,830 --> 00:09:39,150
Hij kreeg van de keizer de opdracht de
geschiedenis van de Joden te schrijven,

161
00:09:39,150 --> 00:09:43,230
en hij schreef zeer, zeer
omvangrijke geschiedwerken.

162
00:09:43,230 --> 00:09:47,850
In één passage in een van zijn
geschiedwerken wijst hij erop dat Johannes

163
00:09:47,850 --> 00:09:50,670
de Doper kwam en mensen doopte.

164
00:09:50,670 --> 00:09:55,410
In het werk van Josephus staat
eigenlijk maar één alinea over Johannes,

165
00:09:55,410 --> 00:10:00,930
ongeveer even lang als deze alinea die we
zojuist in de evangeliën hebben gelezen.

166
00:10:00,930 --> 00:10:05,370
Maar het is interessant hoeveel
daarvan overeenkomt met en bevestigt

167
00:10:05,370 --> 00:10:10,350
wat de evangeliën zeggen, hoewel het er
op geen enkele manier van afhankelijk is.

168
00:10:10,350 --> 00:10:12,810
We hebben dus een
bevestiging van buitenaf,

169
00:10:12,810 --> 00:10:15,510
afkomstig van een Joodse
geschiedschrijver,

170
00:10:15,510 --> 00:10:19,770
dat Johannes de Doper werkelijk
heeft bestaan en dat hij in wezen

171
00:10:19,770 --> 00:10:21,510
deze dingen heeft gedaan.

172
00:10:21,510 --> 00:10:25,650
Ons wordt verteld dat hij in
de woestijn van Judea predikte.

173
00:10:25,650 --> 00:10:30,810
Volgens Lukas hoofdstuk 1, vers
80, verbleef Johannes de Doper

174
00:10:30,810 --> 00:10:34,710
tot het begin van zijn openbare
optreden in de woestijnen.

175
00:10:34,710 --> 00:10:36,810
We weten niet op welke leeftijd,

176
00:10:36,810 --> 00:10:39,510
waarschijnlijk toen hij
twaalf of dertien was.

177
00:10:39,510 --> 00:10:43,410
Hij at alleen voedsel dat daar
in de woestijn te vinden was:

178
00:10:43,410 --> 00:10:45,990
wilde honing en sprinkhanen.

179
00:10:45,990 --> 00:10:50,430
Sommige mensen hebben geprobeerd van die
sprinkhanen een of andere plant te maken,

180
00:10:50,430 --> 00:10:53,430
misschien wilde
johannesbroodpeulen of zoiets.

181
00:10:53,430 --> 00:10:56,610
Maar er is geen reden om
er zoiets van te maken.

182
00:10:56,610 --> 00:11:00,690
Hij at sprinkhanen, dat wil
zeggen: veldsprinkhanen.

183
00:11:00,690 --> 00:11:04,110
In de Joodse wet, in
Leviticus hoofdstuk 16,

184
00:11:04,110 --> 00:11:07,650
vind je een lijst met dieren
die de Joden niet mochten eten.

185
00:11:07,650 --> 00:11:12,090
De meeste soorten dieren waren onrein
en de Joden mochten ze niet eten.

186
00:11:12,090 --> 00:11:16,410
Maar sommige waren rein, en
daaronder vielen ook enkele insecten.

187
00:11:16,410 --> 00:11:21,450
Bijna alle insecten waren voor de Joden
onrein, maar er was één uitzondering:

188
00:11:21,450 --> 00:11:25,230
ieder insect waarvan de achterpoten
boven het lichaam van het insect

189
00:11:25,230 --> 00:11:27,270
uitstaken, was rein.

190
00:11:27,270 --> 00:11:31,440
Dat zou betekenen dat springende
insecten zoals sprinkhanen,

191
00:11:31,440 --> 00:11:37,410
veldsprinkhanen en krekels daadwerkelijk
dieren waren die de Joden mochten eten.

192
00:11:37,410 --> 00:11:41,010
Er is geen reden om aan te nemen
dat de mededeling dat Johannes

193
00:11:41,010 --> 00:11:44,310
sprinkhanen en wilde honing
at iets anders betekent

194
00:11:44,310 --> 00:11:46,770
dan wat wij onder sprinkhanen verstaan.

195
00:11:46,770 --> 00:11:49,470
Hij moest ergens eiwitten vandaan halen.

196
00:11:49,470 --> 00:11:52,890
Daarom at hij gewoon het voedsel
uit de natuur dat hij daar in de

197
00:11:52,890 --> 00:11:54,330
woestijn kon vinden.

198
00:11:54,330 --> 00:11:59,070
Hij leefde daar in de woestijn als
een soort kluizenaar en profeet.

199
00:11:59,070 --> 00:12:03,270
Zijn boodschap wordt
samengevat in vers 2. Hij zei:

200
00:12:03,270 --> 00:12:06,990
Kom tot inkeer, want het
Koninkrijk der hemelen is dichtbij.

201
00:12:06,990 --> 00:12:10,890
De term Koninkrijk der hemelen, die
we hier voor het eerst in Mattheüs

202
00:12:10,890 --> 00:12:14,670
aantreffen, komt alleen in
het verslag van Mattheüs voor.

203
00:12:14,670 --> 00:12:19,530
Hij wordt gebruikt als equivalent
van de term Koninkrijk van God.

204
00:12:19,530 --> 00:12:23,670
Koninkrijk der hemelen en
Koninkrijk van God zijn eenvoudigweg

205
00:12:23,670 --> 00:12:25,950
onderling verwisselbare termen.

206
00:12:25,950 --> 00:12:30,450
Mattheüs gebruikt deze term kennelijk
omdat hij schrijft voor Joodse lezers,

207
00:12:30,450 --> 00:12:35,010
die enigszins overgevoelig waren
voor het gebruik van het woord God.

208
00:12:35,010 --> 00:12:37,350
Het is niet zo dat ze
het nooit gebruikten,

209
00:12:37,350 --> 00:12:42,270
maar ze waren voorzichtig om het niet
te vaak of te lichtvaardig te gebruiken.

210
00:12:42,270 --> 00:12:45,150
Ze wilden niet per ongeluk
godslasteraars worden

211
00:12:45,150 --> 00:12:47,910
of de Naam van de Heere ijdel gebruiken.

212
00:12:47,910 --> 00:12:50,790
Dus op veel plaatsen waar
wij God zouden zeggen,

213
00:12:50,790 --> 00:12:54,030
zetten zij eenvoudigweg het woord hemel.

214
00:12:54,030 --> 00:12:55,950
De verloren zoon zei:

215
00:12:55,950 --> 00:13:02,370
En de zoon zei tegen hem: Vader, ik heb
gezondigd tegen de hemel en tegenover u.

216
00:13:02,370 --> 00:13:05,550
Ik ben niet meer waard uw
zoon genoemd te worden.

217
00:13:05,550 --> 00:13:06,690
Hij bedoelde:

218
00:13:06,690 --> 00:13:08,910
Ik heb tegen God gezondigd.

219
00:13:08,910 --> 00:13:13,650
Op veel plaatsen waar de andere evangeliën
de term Koninkrijk van God gebruiken,

220
00:13:13,650 --> 00:13:16,950
geeft Mattheüs die weer
als Koninkrijk der hemelen.

221
00:13:16,950 --> 00:13:19,710
Hij vervangt het woord God door hemel.

222
00:13:19,710 --> 00:13:23,430
Dit verschil in bewoording moet
ons niet van de wijs brengen.

223
00:13:23,430 --> 00:13:28,410
Het Koninkrijk der hemelen is gewoon een
andere term voor het Koninkrijk van God.

224
00:13:28,410 --> 00:13:32,790
We kunnen dit bijvoorbeeld zien door deze
uitspraken in Mattheüs te vergelijken met

225
00:13:32,790 --> 00:13:35,790
parallelle uitspraken
in de andere evangeliën.

226
00:13:35,790 --> 00:13:39,210
Alleen Mattheüs gebruikt de
term Koninkrijk der hemelen.

227
00:13:39,210 --> 00:13:44,310
Maar waar je parallelle uitspraken in
Mattheüs en de andere evangeliën aantreft,

228
00:13:44,310 --> 00:13:48,210
gebruiken de andere evangeliën
de term Koninkrijk van God

229
00:13:48,210 --> 00:13:52,050
waar Mattheüs de term
Koninkrijk der hemelen gebruikt.

230
00:13:52,050 --> 00:13:56,010
Daarom weten we dat Mattheüs
eenvoudigweg een andere term

231
00:13:56,010 --> 00:13:59,130
gebruikt om dezelfde
uitspraak weer te geven.

232
00:13:59,130 --> 00:14:03,810
We weten zelfs dat Koninkrijk
der hemelen en Koninkrijk van God

233
00:14:03,810 --> 00:14:08,310
onderling verwisselbaar worden gebruikt
in het evangelie van Mattheüs zelf.

234
00:14:08,310 --> 00:14:13,290
Want in Mattheüs 19 haalt Mattheüs
Jezus aan wanneer de rijke jongeman

235
00:14:13,290 --> 00:14:16,830
bedroefd is weggegaan, omdat
hij niet bereid was aan de

236
00:14:16,830 --> 00:14:19,290
eisen van het discipelschap te voldoen.

237
00:14:19,290 --> 00:14:24,330
Jezus zei dit in Mattheüs
19, vers 23 en 24:

238
00:14:24,330 --> 00:14:28,950
Jezus zei tegen Zijn discipelen:
Voorwaar, Ik zeg u dat een

239
00:14:28,950 --> 00:14:32,310
rijke moeilijk het Koninkrijk
der hemelen kan binnengaan.

240
00:14:32,310 --> 00:14:37,350
Nogmaals zeg Ik u: Het is gemakkelijker
dat een kameel door het oog van een naald

241
00:14:37,350 --> 00:14:41,550
gaat, dan dat een rijke het
Koninkrijk van God binnengaat.

242
00:14:41,550 --> 00:14:45,270
Merk op dat Jezus tweemaal hetzelfde zei.

243
00:14:45,270 --> 00:14:49,050
In wezen is het moeilijk voor een
rijke het Koninkrijk binnen te gaan.

244
00:14:49,050 --> 00:14:55,830
Maar in het ene vers, Mattheüs 19:23,
noemt Hij het het Koninkrijk der hemelen.

245
00:14:55,830 --> 00:15:00,390
In het direct daaropvolgende vers doet
Hij dezelfde uitspraak en herhaalt Hij

246
00:15:00,390 --> 00:15:04,110
Zichzelf, en noemt Hij het
het Koninkrijk van God.

247
00:15:04,110 --> 00:15:06,810
De termen zijn dus
onderling verwisselbaar.

248
00:15:06,810 --> 00:15:08,610
De reden dat ik dit ter sprake breng,

249
00:15:08,610 --> 00:15:13,830
is dat Mattheüs ons in Mattheüs 3:2
vertelt dat Johannes kwam prediken:

250
00:15:13,830 --> 00:15:18,270
en zei: Bekeer u, want het Koninkrijk
der hemelen is nabijgekomen.

251
00:15:18,270 --> 00:15:21,750
In het evangelie van Markus lezen
we de boodschap van Johannes

252
00:15:21,750 --> 00:15:27,570
niet op deze manier, maar we lezen later
dat Jezus dezelfde boodschap predikte.

253
00:15:27,570 --> 00:15:33,630
In Markus 1, vers 14 en 15,
staat dat Jezus kwam en zei:

254
00:15:33,630 --> 00:15:38,130
En nadat Johannes overgeleverd
was, ging Jezus naar Galilea en

255
00:15:38,130 --> 00:15:42,450
predikte het Evangelie van het
Koninkrijk van God, en Hij zei:

256
00:15:42,450 --> 00:15:47,070
De tijd is vervuld en het
Koninkrijk van God is nabijgekomen;

257
00:15:47,070 --> 00:15:50,370
bekeer u en geloof het Evangelie.

258
00:15:50,370 --> 00:15:53,970
Jezus zei dus dat het
Koninkrijk van God nabij is

259
00:15:53,970 --> 00:15:57,990
en dat men zich daarom
moet bekeren. Johannes zei:

260
00:15:57,990 --> 00:16:02,010
Kom tot inkeer, want het
Koninkrijk der hemelen is dichtbij.

261
00:16:02,010 --> 00:16:06,990
Koninkrijk van God en Koninkrijk der
hemelen zijn onderling verwisselbaar.

262
00:16:06,990 --> 00:16:10,470
Hier wordt verwezen naar
wat de profeten verwachtten:

263
00:16:10,470 --> 00:16:15,690
het Koninkrijk dat God onder Zijn volk
zou vestigen en waarover de Messias

264
00:16:15,690 --> 00:16:17,490
Zelf Koning zou zijn.

265
00:16:17,490 --> 00:16:20,430
We moeten begrijpen dat
het woord koninkrijk

266
00:16:20,430 --> 00:16:23,550
eenvoudigweg het rijk
van een koning betekent.

267
00:16:23,550 --> 00:16:26,430
Een koninkrijk is het rijk van de koning,

268
00:16:26,430 --> 00:16:30,330
en het rijk van een koning
bestaat uit zijn onderdanen.

269
00:16:30,330 --> 00:16:35,850
Een koninkrijk is niet noodzakelijkerwijs
beperkt tot een geografisch gebied.

270
00:16:35,850 --> 00:16:41,130
Waar de onderdanen van een koning zich
ook bevinden, daar is zijn koninkrijk.

271
00:16:41,130 --> 00:16:45,390
Spreken over het Koninkrijk van
God betekent dat God op aarde een

272
00:16:45,390 --> 00:16:50,310
rijk onder Zijn Messias zou
vestigen, Die als Koning zou regeren.

273
00:16:50,310 --> 00:16:54,270
Dat had Hij voorzegd door de
profeten van het Oude Testament.

274
00:16:54,270 --> 00:16:58,830
Zij die aan de Messias onderworpen
waren, die Hem als hun Koning

275
00:16:58,830 --> 00:17:02,130
en hun Heere aannamen,
zouden Zijn onderdanen zijn.

276
00:17:02,130 --> 00:17:06,210
Ze zouden alle voorrechten hebben die
horen bij het onderworpen zijn aan Gods

277
00:17:06,210 --> 00:17:09,990
eigen Koning en bij het
hebben van God als Koning.

278
00:17:09,990 --> 00:17:14,130
Israël als hele natie had
oorspronkelijk God als Koning.

279
00:17:14,130 --> 00:17:20,670
Toen ze uit Egypte kwamen, zei God
tegen hen in Exodus 19, vers 5 en 6:

280
00:17:20,670 --> 00:17:21,810
Hij zei:

281
00:17:21,810 --> 00:17:27,330
Nu dan, als u nauwgezet Mijn stem
gehoorzaamt en Mijn verbond in acht neemt,

282
00:17:27,330 --> 00:17:31,470
dan zult u uit alle volken
Mijn persoonlijk eigendom zijn,

283
00:17:31,470 --> 00:17:34,050
want heel de aarde is van Mij.

284
00:17:34,050 --> 00:17:39,690
U dan, u zult voor Mij een koninkrijk
van priesters en een heilig volk zijn.

285
00:17:39,690 --> 00:17:43,590
Dit zijn de woorden die u tot
de Israëlieten moet spreken.

286
00:17:43,590 --> 00:17:48,330
Dat wil zeggen dat God tegen
Israël zei dat zij voor Hem een

287
00:17:48,330 --> 00:17:50,850
koninkrijk van priesters zouden zijn.

288
00:17:50,850 --> 00:17:55,170
Het volk Israël had dus
Zijn Koninkrijk kunnen zijn.

289
00:17:55,170 --> 00:18:00,090
Maar in 1 Samuel 8 kwamen de
leiders van Israël naar Samuel

290
00:18:00,090 --> 00:18:03,150
en vroegen hem een koning
over hen aan te stellen,

291
00:18:03,150 --> 00:18:05,490
zoals alle andere volken die hadden.

292
00:18:05,490 --> 00:18:09,690
Dit mishaagde Samuel
en God, omdat God zei:

293
00:18:09,690 --> 00:18:14,970
Maar de HEERE zei tegen Samuel:
Geef gehoor aan de stem van het volk

294
00:18:14,970 --> 00:18:19,350
in alles wat zij tegen u zeggen;
want zij hebben ú niet verworpen,

295
00:18:19,350 --> 00:18:24,450
maar Míj hebben zij verworpen, dat
Ik geen Koning over hen zou zijn.

296
00:18:24,450 --> 00:18:29,430
Israël had dus het hoogste en unieke
voorrecht gekregen om God als Koning te

297
00:18:29,430 --> 00:18:34,050
hebben, maar koos er feitelijk voor
om een aardse koning te hebben,

298
00:18:34,050 --> 00:18:36,450
zoals alle andere volken die hadden.

299
00:18:36,450 --> 00:18:38,610
Dit was een grote teleurstelling.

300
00:18:38,610 --> 00:18:41,610
Dit was een verwerping van
Gods koningschap over hen.

301
00:18:41,610 --> 00:18:45,330
Maar in latere profeten
vertelde God de Israëlieten

302
00:18:45,330 --> 00:18:49,110
dat Hij Zijn Koninkrijk
opnieuw zou vestigen en opnieuw

303
00:18:49,110 --> 00:18:51,090
over Zijn volk zou regeren.

304
00:18:51,090 --> 00:18:55,170
Dit Koninkrijk zou echter niet met
het hele volk Israël worden gevestigd,

305
00:18:55,170 --> 00:18:58,470
maar met het overblijfsel
dat Hem trouw was.

306
00:18:58,470 --> 00:19:03,390
En nu komt Johannes de Doper met de
aankondiging dat de vervulling van deze

307
00:19:03,390 --> 00:19:05,130
belofte nabij was.

308
00:19:05,130 --> 00:19:07,230
Dat betekent dichtbij.

309
00:19:07,230 --> 00:19:09,150
Het zou spoedig gebeuren.

310
00:19:09,150 --> 00:19:14,730
Jezus predikte dezelfde boodschap:
het Koninkrijk van God is nabij.

311
00:19:14,730 --> 00:19:20,310
Dit betekent dat God op het punt stond
het Koninkrijk van Zijn Zoon te vestigen

312
00:19:20,310 --> 00:19:24,150
onder het overblijfsel van
Israël, en dat dit het moment was

313
00:19:24,150 --> 00:19:26,190
waarop dat zou gebeuren.

314
00:19:26,190 --> 00:19:30,510
In die belofte lag natuurlijk
besloten dat de Messias zou komen,

315
00:19:30,510 --> 00:19:35,130
want de Messias moest er zijn om
over Zijn Koninkrijk te regeren.

316
00:19:35,130 --> 00:19:37,890
De aankondiging dat het
Koninkrijk nabij was,

317
00:19:37,890 --> 00:19:42,510
was dus een andere manier om te
zeggen dat de Messias Zelf nabij is

318
00:19:42,510 --> 00:19:47,010
en dat het Koninkrijk waarover
Hij zal regeren op het punt staat

319
00:19:47,010 --> 00:19:48,630
gevestigd te worden.

320
00:19:48,630 --> 00:19:52,170
In Mattheüs 3:3 vertelt Mattheüs ons:

321
00:19:52,170 --> 00:19:56,850
Dit is Johannes de Doper, over wie
de profeet Jesaja sprak toen hij zei:

322
00:19:56,850 --> 00:20:00,570
Iemand roept in de woestijn:
maak de weg vrij voor de Heer,

323
00:20:00,570 --> 00:20:02,850
maak de paden recht voor Hem.

324
00:20:02,850 --> 00:20:05,670
Deze profetie staat in Jesaja 40.

325
00:20:05,670 --> 00:20:08,370
De woestijn is in Jesaja
soms een symbool van de

326
00:20:08,370 --> 00:20:11,130
geestelijke toestand van het volk Israël.

327
00:20:11,130 --> 00:20:15,990
Voordat Johannes de Doper kwam, bevond
Israël zich in een geestelijke woestijn.

328
00:20:15,990 --> 00:20:20,010
Het bracht geen vrucht voort zoals een
tuin of een wijngaard dat zou doen.

329
00:20:20,010 --> 00:20:23,670
Het leek meer op een woestijn: onverzorgd,

330
00:20:23,670 --> 00:20:27,330
onvruchtbaar en in wezen
waardeloos voor God.

331
00:20:27,330 --> 00:20:29,970
Maar Hij zou daar verandering in brengen.

332
00:20:29,970 --> 00:20:33,930
Volgens veel gedeelten in Jesaja
zou het volgende gebeuren:

333
00:20:33,930 --> 00:20:37,710
In de dagen die komen,
zal Jakob wortel schieten,

334
00:20:37,710 --> 00:20:41,850
Israël zal bloeien en groeien en
zij zullen het wereldoppervlak

335
00:20:41,850 --> 00:20:43,470
met vruchten vervullen.

336
00:20:43,470 --> 00:20:47,250
Dat was een manier om te zeggen dat
God opnieuw geestelijke vrucht uit

337
00:20:47,250 --> 00:20:52,050
Israël zou voortbrengen, ook al was
het een geestelijke woestijn geworden.

338
00:20:52,050 --> 00:20:57,690
En zo zei de profeet Jesaja dat
God iemand, een profetische stem,

339
00:20:57,690 --> 00:21:00,750
deze woestijn van Israël in zou sturen.

340
00:21:00,750 --> 00:21:03,930
Die zou de mensen oproepen zich
gereed te maken voor de komst van de

341
00:21:03,930 --> 00:21:06,210
Heere, de Messias.

342
00:21:06,210 --> 00:21:10,590
Volgens Mattheüs is Johannes de
Doper die stem in de woestijn.

343
00:21:10,590 --> 00:21:13,650
Johannes woonde werkelijk
in de letterlijke woestijn,

344
00:21:13,650 --> 00:21:15,870
misschien om dit duidelijk te maken.

345
00:21:15,870 --> 00:21:21,150
Hij voorspelde dat de Messias zou komen
en het Koninkrijk van God zou vestigen,

346
00:21:21,150 --> 00:21:24,510
zoals zo vaak in het Oude
Testament was beloofd.

347
00:21:24,510 --> 00:21:27,990
We krijgen hier deze korte
beschrijving van Johannes zelf.

348
00:21:27,990 --> 00:21:32,970
Hij was gekleed in kameelhaar, met
een leren gordel om zijn middel.

349
00:21:32,970 --> 00:21:37,650
Met kameelhaar wordt niet de huid
of het vel van een kameel bedoeld.

350
00:21:37,650 --> 00:21:40,350
Wat hij droeg was geen leer.

351
00:21:40,350 --> 00:21:44,550
Kameelhaar was een stof die van het
haar van een kameel werd geweven,

352
00:21:44,550 --> 00:21:47,850
net zoals wol van het haar
van een schaap wordt geweven.

353
00:21:47,850 --> 00:21:51,630
De armere mensen in Israël
droegen soms kameelhaar.

354
00:21:51,630 --> 00:21:54,390
Het was niet zo comfortabel
als andere stoffen,

355
00:21:54,390 --> 00:21:57,930
maar het was goedkoop en het
was de kleding van de arme man.

356
00:21:57,930 --> 00:22:00,750
Het leek een beetje op het
dragen van een rouwgewaad.

357
00:22:00,750 --> 00:22:03,990
Wanneer de Israëlieten zich
van een grote zonde bekeerden,

358
00:22:03,990 --> 00:22:06,330
trokken ze vaak een rouwgewaad aan.

359
00:22:06,330 --> 00:22:11,730
Dat was een ruw, oncomfortabel kledingstuk
waarmee ze hun oprechtheid en hun verdriet

360
00:22:11,730 --> 00:22:13,590
over hun zonde lieten zien.

361
00:22:13,590 --> 00:22:17,430
Johannes droeg iets wat leek op
een rouwgewaad van kameelhaar.

362
00:22:17,430 --> 00:22:19,830
Dat was natuurlijk een teken van bekering,

363
00:22:19,830 --> 00:22:22,530
precies datgene waartoe
hij de mensen opriep.

364
00:22:22,530 --> 00:22:24,810
Hij droeg ook een leren gordel.

365
00:22:24,810 --> 00:22:26,790
Dat is in onze tijd niet zo vreemd,

366
00:22:26,790 --> 00:22:31,830
maar in die tijd droegen mensen stoffen
sjerpen om hun middel, geen leer.

367
00:22:31,830 --> 00:22:36,870
Volgens 2 Koningen 1 had de profeet
Elia een leren gordel gedragen.

368
00:22:36,870 --> 00:22:41,130
Johannes bootste de kleding van
de profeet Elia dus enigszins na.

369
00:22:41,130 --> 00:22:44,670
Later zullen we zien dat Johannes een
soort vervulling was van de profetie

370
00:22:44,670 --> 00:22:46,590
over de komst van Elia.

371
00:22:46,590 --> 00:22:49,770
We lezen hier ook over zijn
levenswijze in de woestijn:

372
00:22:49,770 --> 00:22:52,530
hij at sprinkhanen en wilde honing.

373
00:22:52,530 --> 00:22:56,850
De mensen uit Jeruzalem kwamen allemaal
naar hem toe om zich door hem te laten

374
00:22:56,850 --> 00:22:59,250
dopen en hun zonden te belijden.

375
00:22:59,250 --> 00:23:03,270
Er vond dus een soort opwekking
plaats door de prediking van Johannes.

376
00:23:03,270 --> 00:23:07,470
De mensen kregen er lucht van dat
daarbuiten een man stond te prediken.

377
00:23:07,470 --> 00:23:10,410
Tot wie hij het eerst
predikte, weet ik niet.

378
00:23:10,410 --> 00:23:14,430
Misschien wachtte hij gewoon totdat er
reizigers over de weg door de woestijn

379
00:23:14,430 --> 00:23:18,630
kwamen en begon hij hun toe te
schreeuwen dat ze zich moesten bekeren.

380
00:23:18,630 --> 00:23:21,150
Toen deze mensen in de
stad kwamen, zeiden ze:

381
00:23:21,150 --> 00:23:24,090
Er loopt daar in de woestijn
een of andere gek te preken.

382
00:23:24,090 --> 00:23:29,070
Het is moeilijk te zeggen hoe snel hij
bekend werd, maar hij werd het wel.

383
00:23:29,070 --> 00:23:31,890
Uiteindelijk kende iedereen zijn naam.

384
00:23:31,890 --> 00:23:35,490
Iedereen wist wie Johannes de Doper was.

385
00:23:35,490 --> 00:23:40,770
Zelfs de godsdienstige leiders moesten
spionnen eropuit sturen om te onderzoeken

386
00:23:40,770 --> 00:23:42,570
wat deze man deed.

387
00:23:42,570 --> 00:23:48,090
Hij had namelijk een enorme invloed
op het godsdienstige leven van Israël.

388
00:23:48,090 --> 00:23:49,830
Hij was niet een van hen.

389
00:23:49,830 --> 00:23:52,230
Hij was niet een van de Farizeeën.

390
00:23:52,230 --> 00:23:56,250
Hij kondigde duidelijk een
rivaliserende beweging aan,

391
00:23:56,250 --> 00:24:00,870
en die rivaliserende beweging werd
natuurlijk de beweging van Jezus.

392
00:24:00,870 --> 00:24:04,050
Maar daarmee lopen we op de zaken vooruit.

393
00:24:04,050 --> 00:24:08,430
Wat we kunnen zien, is dat
God, voordat Jezus kwam,

394
00:24:08,430 --> 00:24:11,130
de harten van de mensen
wilde voorbereiden.

395
00:24:11,130 --> 00:24:15,990
Ze moesten over hun behoeften beginnen na
te denken, hun zonde beginnen te erkennen,

396
00:24:15,990 --> 00:24:18,810
en God wilde hen tot bekering roepen.

397
00:24:18,810 --> 00:24:21,450
Hij roept ook ons vandaag tot bekering.

398
00:24:21,450 --> 00:24:26,070
Als we gezondigd hebben, kunnen we niet
in de juiste verhouding tot God staan

399
00:24:26,070 --> 00:24:30,450
zonder ons van onze zonde te
bekeren, ons tot Hem te wenden

400
00:24:30,450 --> 00:24:33,090
en vervolgens de Messias te ontvangen.

401
00:24:33,090 --> 00:24:36,510
Johannes de Doper wees
uiteindelijk Jezus aan als:

402
00:24:36,510 --> 00:24:41,250
De volgende dag zag Johannes Jezus
naar zich toe komen en hij zei:

403
00:24:41,250 --> 00:24:45,210
Zie het Lam van God, Dat de
zonde van de wereld wegneemt!

404
00:24:45,210 --> 00:24:49,050
en zei tegen zijn discipelen
dat ze Hem moesten volgen.

405
00:24:49,050 --> 00:24:52,710
Daarover zullen we lezen wanneer we
onze studie van dit Evangelie hervatten.
