1
00:00:02,010 --> 00:00:04,590
Welkom bij Vers voor Vers!

2
00:00:04,590 --> 00:00:09,210
Deze keer behandelen
we Mattheüs 5, vers 3.

3
00:00:09,210 --> 00:00:13,650
Een paar weken geleden zijn we begonnen
met een studie van het boek Mattheüs,

4
00:00:13,650 --> 00:00:17,670
en inmiddels zijn we aangekomen bij een
van de boeiendste gedeelten van het boek

5
00:00:17,670 --> 00:00:21,090
Mattheüs: zijn versie van de Bergrede.

6
00:00:21,090 --> 00:00:26,790
Ik zeg ‘zijn versie van de rede’, omdat
er in Lukas een rede staat die erop lijkt.

7
00:00:26,790 --> 00:00:30,030
Die verschilt in sommige opzichten,
maar komt er in heel veel

8
00:00:30,030 --> 00:00:31,890
opzichten mee overeen.

9
00:00:31,890 --> 00:00:36,150
De overeenkomst is zelfs zo groot dat
sommigen hebben gedacht dat het twee

10
00:00:36,150 --> 00:00:39,150
verschillende versies
van dezelfde rede zijn.

11
00:00:39,150 --> 00:00:44,010
Anderen zijn van mening geweest dat
Jezus bij verschillende gelegenheden twee

12
00:00:44,010 --> 00:00:46,770
sterk op elkaar lijkende
redes heeft gehouden.

13
00:00:46,770 --> 00:00:50,670
Wanneer we ze bekijken en proberen
te begrijpen wat Jezus te zeggen had,

14
00:00:50,670 --> 00:00:53,730
hoeven we niet tussen deze
twee mogelijkheden te kiezen.

15
00:00:53,730 --> 00:00:58,230
Het is echter duidelijk dat beide redes
beginnen met een reeks uitspraken die

16
00:00:58,230 --> 00:01:01,050
gewoonlijk de zaligsprekingen
worden genoemd.

17
00:01:01,050 --> 00:01:05,610
Een zaligspreking is een uitspraak
waarin iemand zalig wordt genoemd.

18
00:01:05,610 --> 00:01:09,330
Het is eigenlijk een uitspraak
waarin een bepaalde groep mensen

19
00:01:09,330 --> 00:01:12,510
of een bepaalde persoon
gezegend wordt genoemd.

20
00:01:12,510 --> 00:01:17,850
De zaligsprekingen beginnen in
Mattheüs 5, vers 3, met deze uitspraak:

21
00:01:17,850 --> 00:01:23,130
Zalig zijn de armen van geest, want
van hen is het Koninkrijk der hemelen.

22
00:01:23,130 --> 00:01:26,610
Het Koninkrijk der hemelen is
een zeer belangrijk thema in het

23
00:01:26,610 --> 00:01:28,170
onderwijs van Jezus.

24
00:01:28,170 --> 00:01:32,070
In het hele boek Mattheüs zul
je het Koninkrijk der hemelen

25
00:01:32,070 --> 00:01:34,230
herhaaldelijk genoemd zien worden.

26
00:01:34,230 --> 00:01:38,430
En Jezus maakt heel duidelijk dat wij het
Koninkrijk meer dan alle andere dingen

27
00:01:38,430 --> 00:01:39,630
zouden moeten verlangen.

28
00:01:39,630 --> 00:01:45,270
Later in diezelfde rede, in
Mattheüs 6, vers 33, zegt Hij zelfs:

29
00:01:45,270 --> 00:01:49,290
Maar zoek eerst het Koninkrijk
van God en Zijn gerechtigheid,

30
00:01:49,290 --> 00:01:52,890
en al deze dingen zullen
u erbij gegeven worden.

31
00:01:52,890 --> 00:01:56,910
Het Koninkrijk is dus datgene
wat wij eerst moeten zoeken.

32
00:01:56,910 --> 00:02:01,110
Het is je misschien opgevallen
dat de bewoording daar anders was.

33
00:02:01,110 --> 00:02:03,990
Want in Mattheüs 5, vers 3, staat:

34
00:02:03,990 --> 00:02:08,730
Want van hen is het Koninkrijk
der hemelen, terwijl Mattheüs 6,

35
00:02:08,730 --> 00:02:10,890
vers 33, zegt:

36
00:02:10,890 --> 00:02:13,650
Zoek eerst het koninkrijk van God.

37
00:02:13,650 --> 00:02:16,470
In de ene passage hebben
we dus de uitdrukking

38
00:02:16,470 --> 00:02:21,030
‘Koninkrijk van God’ en in de
andere ‘Koninkrijk der hemelen’.

39
00:02:21,030 --> 00:02:24,750
Onder christenen zijn er allerlei
theorieën geweest over het mogelijke

40
00:02:24,750 --> 00:02:29,130
verschil tussen deze twee
uitdrukkingen, ‘Koninkrijk van God’ en

41
00:02:29,130 --> 00:02:31,050
‘Koninkrijk der hemelen’.

42
00:02:31,050 --> 00:02:36,870
In de parallelle passage, Lukas 6, vers
20, staat de zaligspreking als volgt:

43
00:02:36,870 --> 00:02:42,210
En toen Hij Zijn ogen opgeslagen had naar
Zijn discipelen, zei Hij: Zalig bent u,

44
00:02:42,210 --> 00:02:45,810
armen, want van u is
het Koninkrijk van God.

45
00:02:45,810 --> 00:02:47,910
Waar Mattheüs de woorden heeft:

46
00:02:47,910 --> 00:02:53,070
Zalig zijn de armen van geest, want
van hen is het Koninkrijk der hemelen.

47
00:02:53,070 --> 00:02:55,950
luidt de parallelle
uitspraak in Lukas dus:

48
00:02:55,950 --> 00:02:58,650
Van jullie is het koninkrijk van God.

49
00:02:58,650 --> 00:03:02,610
‘Koninkrijk der hemelen’ en
‘Koninkrijk van God’ worden kennelijk

50
00:03:02,610 --> 00:03:04,230
door elkaar gebruikt.

51
00:03:04,230 --> 00:03:06,510
Zo is het in alle Evangeliën.

52
00:03:06,510 --> 00:03:09,630
Je zult zien dat de term
‘Koninkrijk der hemelen’

53
00:03:09,630 --> 00:03:12,690
alleen in het Evangelie
van Mattheüs voorkomt.

54
00:03:12,690 --> 00:03:17,610
Je zult ‘Koninkrijk der hemelen’ niet
in de andere Evangeliën aantreffen.

55
00:03:17,610 --> 00:03:21,750
Maar wanneer de andere Evangeliën dezelfde
uitspraken van Jezus weergeven als

56
00:03:21,750 --> 00:03:26,250
Mattheüs, en Mattheüs daarbij naar
het Koninkrijk der hemelen verwijst,

57
00:03:26,250 --> 00:03:29,610
gebruiken de andere Evangeliën
op diezelfde plaatsen de term

58
00:03:29,610 --> 00:03:31,230
‘Koninkrijk van God’.

59
00:03:31,230 --> 00:03:35,850
Het is dus duidelijk dat Mattheüs de
term ‘Koninkrijk der hemelen’ gebruikte

60
00:03:35,850 --> 00:03:40,890
op een manier die synoniem is met
‘Koninkrijk van God’ in andere passages.

61
00:03:40,890 --> 00:03:44,010
We zullen niet twisten over
subtiele betekenisverschillen tussen

62
00:03:44,010 --> 00:03:45,750
deze twee uitdrukkingen.

63
00:03:45,750 --> 00:03:49,230
Het lijkt erop dat ‘Koninkrijk
der hemelen’ in de Schrift

64
00:03:49,230 --> 00:03:54,210
en ‘Koninkrijk van God’ eenvoudigweg
onderling verwisselbare termen zijn.

65
00:03:54,210 --> 00:03:57,330
Dat blijkt uit het verschillende
gebruik ervan door de verschillende

66
00:03:57,330 --> 00:03:59,490
evangelisten in de Evangeliën.

67
00:03:59,490 --> 00:04:01,890
We kunnen dat ook in Mattheüs zien.

68
00:04:01,890 --> 00:04:06,690
Jezus spreekt in Mattheüs 5 niet alleen
over het Koninkrijk als het Koninkrijk der

69
00:04:06,690 --> 00:04:10,530
hemelen en in Mattheüs 6
als het Koninkrijk van God.

70
00:04:10,530 --> 00:04:14,550
We zien in Mattheüs 19 ook dat
Jezus de twee uitdrukkingen

71
00:04:14,550 --> 00:04:18,150
in twee opeenvolgende
verzen door elkaar gebruikt.

72
00:04:18,150 --> 00:04:21,750
Een rijke man kwam naar Jezus
toe, en Hij legde de man

73
00:04:21,750 --> 00:04:24,150
de voorwaarden van discipelschap voor.

74
00:04:24,150 --> 00:04:28,830
Hij was niet bereid de prijs daarvoor
te betalen, dus ging hij bedroefd weg.

75
00:04:28,830 --> 00:04:32,970
Toen de rijke man wegging, omdat hij niet
bereid was het noodzakelijke offer te

76
00:04:32,970 --> 00:04:36,630
brengen, maakte Jezus een
interessante opmerking.

77
00:04:36,630 --> 00:04:41,670
In Mattheüs 19, vers 23, zei
Jezus tegen Zijn discipelen:

78
00:04:41,670 --> 00:04:47,310
Jezus zei tegen Zijn discipelen: Voorwaar,
Ik zeg u dat een rijke moeilijk het

79
00:04:47,310 --> 00:04:49,290
Koninkrijk der hemelen kan binnengaan.

80
00:04:49,290 --> 00:04:53,910
Nogmaals zeg Ik u: Het is gemakkelijker
dat een kameel door het oog van een naald

81
00:04:53,910 --> 00:04:57,930
gaat, dan dat een rijke het
Koninkrijk van God binnengaat.

82
00:04:57,930 --> 00:05:02,250
Let erop dat Hij tweemaal vermeldt hoe
moeilijk het voor een rijke man is om het

83
00:05:02,250 --> 00:05:03,990
Koninkrijk binnen te gaan.

84
00:05:03,990 --> 00:05:10,410
Maar in twee opeenvolgende verzen,
Mattheüs 19, vers 23 en 24,

85
00:05:10,410 --> 00:05:16,470
wordt het eerst ‘Koninkrijk der hemelen’
en daarna ‘Koninkrijk van God’ genoemd.

86
00:05:16,470 --> 00:05:19,890
Het is hetzelfde Koninkrijk
en dezelfde uitspraak.

87
00:05:19,890 --> 00:05:24,930
Het is eenvoudigweg zo dat de twee termen
door elkaar gebruikt kunnen worden.

88
00:05:24,930 --> 00:05:28,950
Wanneer we dus in het Evangelie van
Mattheüs de term ‘Koninkrijk der hemelen’

89
00:05:28,950 --> 00:05:32,850
aantreffen — en dat is natuurlijk het
enige boek van de Bijbel waarin we die

90
00:05:32,850 --> 00:05:36,810
uitdrukking aantreffen — kunnen we
die desgewenst vervangen door de term

91
00:05:36,810 --> 00:05:41,850
‘Koninkrijk van God’, omdat die
gelijkwaardig is. Jezus zei:

92
00:05:41,850 --> 00:05:46,590
Gelukkig zijn de armen van geest, want
van hen is het Koninkrijk der hemelen,

93
00:05:46,590 --> 00:05:51,810
oftewel het Koninkrijk van God.
Zij bezitten het. Het is van hen.

94
00:05:51,810 --> 00:05:53,850
Wat is het Koninkrijk van God?

95
00:05:53,850 --> 00:05:58,470
Het Koninkrijk van God is het
hoofdthema van het onderwijs van Jezus.

96
00:05:58,470 --> 00:06:01,410
Zelfs voordat Jezus
verscheen, predikte Johannes

97
00:06:01,410 --> 00:06:06,570
de Doper dat het Koninkrijk van God, of
het Koninkrijk der hemelen, nabij was.

98
00:06:06,570 --> 00:06:09,210
Daarna onderwees Jezus hetzelfde.

99
00:06:09,210 --> 00:06:13,830
In heel Zijn onderwijs zul je zien dat het
onderwerp van het Koninkrijk vaak voorkomt

100
00:06:13,830 --> 00:06:16,050
en een centrale plaats inneemt.

101
00:06:16,050 --> 00:06:20,550
Jezus onderwees dat Hij kwam om een
Koninkrijk te beginnen of in te luiden.

102
00:06:20,550 --> 00:06:22,530
Dat was omdat Hij de Koning was,

103
00:06:22,530 --> 00:06:26,970
en een koninkrijk is eenvoudigweg het
gebied waarover een koning regeert.

104
00:06:26,970 --> 00:06:32,430
Jezus heeft nooit geregeerd over een
aards gebied met geografische grenzen die

105
00:06:32,430 --> 00:06:35,790
gemeten of op een kaart
aangegeven konden worden.

106
00:06:35,790 --> 00:06:40,830
Zo’n Koninkrijk heeft Hij nooit gehad,
althans niet sinds de dagen van Israël.

107
00:06:40,830 --> 00:06:42,930
Maar sinds de tijd dat Jezus kwam,

108
00:06:42,930 --> 00:06:46,770
is het Koninkrijk van God een
wereldwijd verschijnsel geweest,

109
00:06:46,770 --> 00:06:49,770
en Zijn onderdanen bevinden
zich in vele landen.

110
00:06:49,770 --> 00:06:53,730
Het Koninkrijk van Christus wordt
vereenzelvigd met Zijn volk,

111
00:06:53,730 --> 00:06:55,290
wie ze ook zijn.

112
00:06:55,290 --> 00:06:57,510
Zij zijn Zijn onderdanen.

113
00:06:57,510 --> 00:06:59,850
Zij zijn Zijn Koninkrijk.

114
00:06:59,850 --> 00:07:03,750
Christus regeert in de harten
van gelovigen, van christenen.

115
00:07:03,750 --> 00:07:06,890
Degenen die Zijn koningschap
werkelijk serieus nemen —

116
00:07:06,890 --> 00:07:10,010
of we zouden het woord
heerschappij kunnen gebruiken —

117
00:07:10,010 --> 00:07:14,010
zijn degenen van wie gezegd wordt
dat zij Zijn Koninkrijk zijn

118
00:07:14,010 --> 00:07:16,290
en Zijn Koninkrijk bezitten.

119
00:07:16,290 --> 00:07:19,770
Zo moeten we volgens mij het
Koninkrijk van God begrijpen.

120
00:07:19,770 --> 00:07:24,090
Er zijn mensen die het bezitten, en
er zijn mensen die het niet bezitten.

121
00:07:24,090 --> 00:07:26,730
Jezus zei over de armen van geest:

122
00:07:26,730 --> 00:07:30,330
De armen van geest bezitten
het koninkrijk van God.

123
00:07:30,330 --> 00:07:32,550
En daarom zijn zij zalig.

124
00:07:32,550 --> 00:07:37,830
Het woord zalig betekent bevoorrecht,
gelukkig of benijdenswaardig.

125
00:07:37,830 --> 00:07:42,510
Deze mensen zijn te benijden omdat
zij het Koninkrijk van God bezitten.

126
00:07:42,510 --> 00:07:45,930
Daarmee bezitten zij ook alle
andere noodzakelijke dingen,

127
00:07:45,930 --> 00:07:50,250
want Jezus zei dat als je het
Koninkrijk van God zoekt en het vindt,

128
00:07:50,250 --> 00:07:53,970
alle andere dingen je ook gegeven
zullen worden — dat wil zeggen,

129
00:07:53,970 --> 00:07:56,430
alle andere noodzakelijke dingen.

130
00:07:56,430 --> 00:08:00,810
In het Koninkrijk van God zijn,
betekent in een eeuwig Koninkrijk zijn.

131
00:08:00,810 --> 00:08:06,630
Over christenen zegt Paulus in
Kolossenzen, hoofdstuk 1, vers 13:

132
00:08:06,630 --> 00:08:10,170
Hij heeft ons getrokken uit
de macht van de duisternis en

133
00:08:10,170 --> 00:08:13,470
overgezet in het Koninkrijk
van de Zoon van Zijn liefde.

134
00:08:13,470 --> 00:08:18,270
Dus als we christenen zijn, zijn we
overgebracht naar het Koninkrijk.

135
00:08:18,270 --> 00:08:22,530
Deze zaligsprekingen beschrijven
de houding, gezindheid,

136
00:08:22,530 --> 00:08:27,510
geestesgesteldheid en het gedrag van
degenen die in het Koninkrijk zijn.

137
00:08:27,510 --> 00:08:30,990
Het eerste wat in de eerste
zaligspreking naar voren komt,

138
00:08:30,990 --> 00:08:34,530
is dat deze mensen arm van geest zijn.

139
00:08:34,530 --> 00:08:37,530
Wat betekent het om arm van geest te zijn?

140
00:08:37,530 --> 00:08:42,210
We weten wat het betekent om arm
te zijn als we daar de woorden ‘van

141
00:08:42,210 --> 00:08:44,310
geest’ niet aan toevoegen.

142
00:08:44,310 --> 00:08:47,190
Wat betekent het om arm te zijn?

143
00:08:47,190 --> 00:08:51,810
Het betekent dat je heel weinig
bezit, tot helemaal niets aan toe.

144
00:08:51,810 --> 00:08:54,450
Als je niets bezit, ben je arm.

145
00:08:54,450 --> 00:08:56,970
Het woord dat hier voor
arm wordt gebruikt,

146
00:08:56,970 --> 00:09:02,190
is het woord voor volslagen
behoeftigheid, voor totale armoede.

147
00:09:02,190 --> 00:09:06,630
Het is het woord dat gebruikt zou
worden om een bedelaar te beschrijven.

148
00:09:06,630 --> 00:09:12,150
Iemand die bedelt, zou arm worden
genoemd met dit specifieke Griekse woord

149
00:09:12,150 --> 00:09:14,730
dat in het Nieuwe
Testament wordt gebruikt.

150
00:09:14,730 --> 00:09:18,990
We weten niet precies welk
Aramees woord Jezus gebruikte.

151
00:09:18,990 --> 00:09:23,250
Maar Zijn onderwijs is in een
Griekse vertaling tot ons gekomen,

152
00:09:23,250 --> 00:09:27,330
en we moeten erop vertrouwen dat de
Griekse woorden voldoende weergeven wat

153
00:09:27,330 --> 00:09:30,630
Jezus zei, hoewel Hij
een andere taal sprak.

154
00:09:30,630 --> 00:09:33,810
We zouden dit vers daarom
als volgt kunnen vertalen:

155
00:09:33,810 --> 00:09:38,490
Zalig zijn de armen van geest, want
van hen is het Koninkrijk der hemelen.

156
00:09:38,490 --> 00:09:43,950
Dat wil zeggen, degenen die bedelaars zijn
wat betreft hun eigen geestelijke toestand

157
00:09:43,950 --> 00:09:46,050
en hun geestelijke bezit.

158
00:09:46,050 --> 00:09:49,410
Waarom zou iemand te benijden
zijn als dat zijn toestand was?

159
00:09:49,410 --> 00:09:53,610
Je zou misschien denken dat Jezus juist
degene zou prijzen die geestelijk gezien

160
00:09:53,610 --> 00:09:56,130
veel had waarop hij zich kon beroemen.

161
00:09:56,130 --> 00:09:58,950
We hebben bijvoorbeeld
mannen uit Jezus’ eigen tijd

162
00:09:58,950 --> 00:10:02,130
die zichzelf geestelijk gezien
allesbehalve als bedelaars

163
00:10:02,130 --> 00:10:03,690
zouden hebben beschouwd.

164
00:10:03,690 --> 00:10:07,950
Zij beschouwden zichzelf als geestelijk
rijk, en die mannen waren de mensen die

165
00:10:07,950 --> 00:10:09,750
Farizeeën werden genoemd.

166
00:10:09,750 --> 00:10:13,710
Deze mensen waren zeer
godsdienstig en zeer nauwgezet.

167
00:10:13,710 --> 00:10:15,030
Ze hielden zich aan een groot

168
00:10:15,030 --> 00:10:19,050
aantal godsdienstige wetten waaraan
andere mensen zich niet hielden,

169
00:10:19,050 --> 00:10:22,650
en ze waren behoorlijk trots
op zichzelf omdat ze dat deden.

170
00:10:22,650 --> 00:10:26,610
We krijgen van Jezus in Lukas 18
zelfs een voorbeeld van de houding

171
00:10:26,610 --> 00:10:28,170
van een Farizeeër.

172
00:10:28,170 --> 00:10:30,630
Daar wordt die afgezet
tegen de houding van een man

173
00:10:30,630 --> 00:10:35,850
die helemaal niet godsdienstig was, een
man die tollenaar of belastinginner was.

174
00:10:35,850 --> 00:10:39,390
In de Joodse samenleving was
dit onder godsdienstige mensen

175
00:10:39,390 --> 00:10:42,930
een van de laagste en minst
gerespecteerde posities.

176
00:10:42,930 --> 00:10:46,950
Een belastinginner was namelijk iemand
die voor de Romeinen was gaan werken,

177
00:10:46,950 --> 00:10:50,070
en zij werden als de vijand
van Israël beschouwd.

178
00:10:50,070 --> 00:10:54,870
De Romeinen waren de onderdrukkers van
Israël en inden belastingen van Israël.

179
00:10:54,870 --> 00:10:59,130
De Joodse mannen die voor de Romeinen
waren gaan werken om belastingen te innen,

180
00:10:59,130 --> 00:11:02,370
werden niet alleen als
ongodsdienstige mannen beschouwd,

181
00:11:02,370 --> 00:11:07,830
maar ook als verraders van het volk
en als mensen die God hadden verraden.

182
00:11:07,830 --> 00:11:13,710
Een man die tollenaar of belastinginner
was, deed niet alsof hij godsdienstig was.

183
00:11:13,710 --> 00:11:16,590
Hij beschouwde zichzelf
niet als geestelijk rijk

184
00:11:16,590 --> 00:11:19,350
en dacht niet dat hij
God iets te bieden had.

185
00:11:19,350 --> 00:11:24,450
De Farizeeën daarentegen hadden
precies de tegenovergestelde houding.

186
00:11:24,450 --> 00:11:30,450
Jezus vertelt dit verhaal in Lukas,
hoofdstuk 18, vers 10 tot en met 14:

187
00:11:30,450 --> 00:11:33,270
Twee mensen gingen naar
de tempel om te bidden.

188
00:11:33,270 --> 00:11:37,050
De één was een Farizeeër
en de ander een tollenaar.

189
00:11:37,050 --> 00:11:41,670
De Farizeeër stond daar en
bad dit bij zichzelf: O God,

190
00:11:41,670 --> 00:11:47,790
ik dank U dat ik niet ben zoals de
andere mensen: rovers, onrechtvaardigen,

191
00:11:47,790 --> 00:11:51,030
overspelers of ook als deze tollenaar.

192
00:11:51,030 --> 00:11:53,250
Ik vast tweemaal per week.

193
00:11:53,250 --> 00:11:56,070
Ik geef tienden van alles wat ik bezit.

194
00:11:56,070 --> 00:12:00,750
En de tollenaar bleef op een afstand staan
en wilde ook zelfs zijn ogen niet naar de

195
00:12:00,750 --> 00:12:05,910
hemel opheffen, maar sloeg op zijn
borst en zei: O God, wees mij,

196
00:12:05,910 --> 00:12:08,070
de zondaar, genadig.

197
00:12:08,070 --> 00:12:12,570
Ik zeg u: Deze man ging
gerechtvaardigd terug naar zijn huis,

198
00:12:12,570 --> 00:12:14,550
in tegenstelling tot die andere .

199
00:12:14,550 --> 00:12:18,810
Want ieder die zichzelf verhoogt,
zal vernederd worden en wie zichzelf

200
00:12:18,810 --> 00:12:21,150
vernedert, zal verhoogd worden.

201
00:12:21,150 --> 00:12:24,030
Dat is een beginsel dat Jezus onderwijst.

202
00:12:24,030 --> 00:12:28,470
Iedereen die zichzelf verheft, iedereen
die zichzelf naar voren schuift,

203
00:12:28,470 --> 00:12:32,790
zichzelf op de voorgrond dringt,
over zichzelf opschept en

204
00:12:32,790 --> 00:12:36,630
eer voor zichzelf zoekt, zal
vernederd worden, zei Jezus.

205
00:12:36,630 --> 00:12:41,550
Maar degene die zichzelf vernedert en
werkelijk gering over zichzelf denkt,

206
00:12:41,550 --> 00:12:43,830
die persoon zal verhoogd worden.

207
00:12:43,830 --> 00:12:47,670
Zowel in 1 Petrus als in
het boek Jakobus staat:

208
00:12:47,670 --> 00:12:50,730
Hij echter geeft des te meer genade.

209
00:12:50,730 --> 00:12:54,870
Daarom zegt de Schrift : God
keert Zich tegen de hoogmoedigen,

210
00:12:54,870 --> 00:12:57,930
maar aan de nederigen geeft Hij genade.

211
00:12:57,930 --> 00:13:02,490
Let eens op deze twee mannen en wat
een contrast er tussen hen bestaat:

212
00:13:02,490 --> 00:13:04,710
twee religieuze typen.

213
00:13:04,710 --> 00:13:10,530
Nou ja, de een is een religieus mens
en de ander is een niet-religieus mens.

214
00:13:10,530 --> 00:13:15,510
De religieuze man feliciteert zichzelf
ermee dat hij niet is zoals de

215
00:13:15,510 --> 00:13:18,990
niet-religieuze mensen,
zoals deze tollenaar.

216
00:13:18,990 --> 00:13:24,030
Hij herinnert God aan alle goede dingen
die hijzelf voor God heeft gedaan.

217
00:13:24,030 --> 00:13:28,230
Hij vast, hij geeft zijn tienden
en hij houdt zich aan de wet.

218
00:13:28,230 --> 00:13:30,510
God zou tevreden moeten zijn.

219
00:13:30,510 --> 00:13:35,130
God zou er rijker van moeten worden
dat Hij deze man aan Zijn kant heeft.

220
00:13:35,130 --> 00:13:40,350
De man vindt dat God werkelijk boft
dat Hij zo'n man heeft die Hem volgt.

221
00:13:40,350 --> 00:13:45,210
De andere man, de tollenaar, kan
zich op niets van dien aard beroemen.

222
00:13:45,210 --> 00:13:48,930
Hij gaf geen tienden, hij
vastte niet tweemaal per week

223
00:13:48,930 --> 00:13:50,970
en hij hield zich niet aan de wet.

224
00:13:50,970 --> 00:13:56,550
Hij was door en door een zondaar, een
verstotene uit de religieuze samenleving.

225
00:13:56,550 --> 00:14:01,290
Toch was hij een man die wist dat hij
de barmhartigheid van God nodig had.

226
00:14:01,290 --> 00:14:05,070
Terwijl hij zich op de borst
sloeg, riep hij eenvoudig:

227
00:14:05,070 --> 00:14:09,270
God, wees mij, een zondaar, genadig.

228
00:14:09,270 --> 00:14:14,730
Het prachtige aan dit verhaal is dat
Jezus zei dat het deze laatste man was die

229
00:14:14,730 --> 00:14:16,650
gerechtvaardigd naar huis ging.

230
00:14:16,650 --> 00:14:21,630
Het woord ‘gerechtvaardigd’
betekent: als rechtvaardig beschouwd.

231
00:14:21,630 --> 00:14:27,090
God beschouwde deze man, de tollenaar,
als rechtvaardiger dan de Farizeeër.

232
00:14:27,090 --> 00:14:28,230
Hoe kan dat?

233
00:14:28,230 --> 00:14:33,570
De tollenaar had niet één rechtvaardige
daad verricht, maar hij was een bedelaar.

234
00:14:33,570 --> 00:14:37,350
Hij was een bedelaar van geest. Jezus zei:

235
00:14:37,350 --> 00:14:39,570
Gelukkig zijn de bedelaars van geest.

236
00:14:39,570 --> 00:14:44,430
De reden daarvoor is eenvoudig dat we,
hoeveel religieus werk we ook doen,

237
00:14:44,430 --> 00:14:47,970
nog altijd de barmhartigheid
van God nodig hebben.

238
00:14:47,970 --> 00:14:53,130
God stelt namelijk zulke hoge eisen van
volmaaktheid dat Hij dingen van ons eist

239
00:14:53,130 --> 00:14:55,530
waaraan niemand van ons kan voldoen.

240
00:14:55,530 --> 00:14:58,710
Als we ons koortsachtig, dag in dag uit,

241
00:14:58,710 --> 00:15:03,270
bezighouden met religieuze handelingen en
goede werken om op de een of andere manier

242
00:15:03,270 --> 00:15:07,170
te voldoen aan een bepaalde
maatstaf waarvan wij denken dat God

243
00:15:07,170 --> 00:15:10,470
die van ons verlangt, zullen
we daar niet aan voldoen.

244
00:15:10,470 --> 00:15:14,130
De kloof is te groot en de eis is te hoog.

245
00:15:14,130 --> 00:15:16,770
Volmaaktheid ligt buiten ons bereik.

246
00:15:16,770 --> 00:15:21,810
We zijn zondaars, en omdat we zondaars
zijn, zijn we aan de aarde gebonden.

247
00:15:21,810 --> 00:15:24,270
We kunnen niet opstijgen naar de hemel.

248
00:15:24,270 --> 00:15:26,910
Er is een grens aan hoe
hoog je kunt springen,

249
00:15:26,910 --> 00:15:30,510
en er is een grens aan hoe ver je
door je eigen werken kunt komen in de

250
00:15:30,510 --> 00:15:32,370
richting van volmaaktheid.

251
00:15:32,370 --> 00:15:36,810
De Farizeeën deden erg hun best door
zich aan veel religieuze regels te houden

252
00:15:36,810 --> 00:15:41,310
en behoorlijk wat offers te brengen,
maar het was bij lange na niet genoeg.

253
00:15:41,310 --> 00:15:46,110
Het probleem met deze religiositeit is dat
degenen die deze werken doen vaak denken

254
00:15:46,110 --> 00:15:49,830
dat ze dicht bij het doel zijn,
of het zelfs hebben bereikt.

255
00:15:49,830 --> 00:15:51,930
Dat is het grootste probleem.

256
00:15:51,930 --> 00:15:56,130
Een man die zeer religieus is, een
man die veel goede werken doet,

257
00:15:56,130 --> 00:16:00,390
heeft de barmhartigheid van God net zo
hard nodig als een man die geen goede

258
00:16:00,390 --> 00:16:02,010
werken heeft gedaan.

259
00:16:02,010 --> 00:16:05,430
Stel dat jij en ik besloten een
wedstrijd hoogspringen te houden.

260
00:16:05,430 --> 00:16:08,310
Ik zou zestig centimeter van
de grond kunnen springen,

261
00:16:08,310 --> 00:16:12,210
terwijl jij vijfenzeventig centimeter
van de grond zou kunnen springen.

262
00:16:12,210 --> 00:16:16,470
Dan zou je jezelf ermee kunnen
feliciteren dat je mij had overtroffen,

263
00:16:16,470 --> 00:16:19,770
dat jij bij het springen veel
beter had gepresteerd dan ik.

264
00:16:19,770 --> 00:16:23,550
Maar als blijkt dat de wedstrijd bedoeld
was om te zien wie van ons over een huis

265
00:16:23,550 --> 00:16:26,550
kon springen, dan is dat
ons geen van beiden gelukt

266
00:16:26,550 --> 00:16:30,030
en zijn we er zelfs geen van
beiden bij in de buurt gekomen.

267
00:16:30,030 --> 00:16:33,870
Daarom kun je jezelf er
onmogelijk mee feliciteren dat je

268
00:16:33,870 --> 00:16:38,070
vijfenzeventig centimeter hebt gesprongen
in plaats van zestig centimeter.

269
00:16:38,070 --> 00:16:42,210
Want de afstand die je niet hebt
afgelegd, is de afstand die ertoe doet,

270
00:16:42,210 --> 00:16:45,210
en je bent jammerlijk ver
onder het doel gebleven.

271
00:16:45,210 --> 00:16:49,890
Zo is het ook met wat God van ons verlangt
om in Zijn ogen aanvaard te worden:

272
00:16:49,890 --> 00:16:51,690
dat we volmaakt zijn.

273
00:16:51,690 --> 00:16:56,190
Toch kunnen we, zelfs met de uiterste
inspanningen waartoe ieder van ons in

274
00:16:56,190 --> 00:16:59,130
staat is, geen volmaaktheid bereiken.

275
00:16:59,130 --> 00:17:04,590
We kunnen een beetje religieuzer of veel
religieuzer worden dan we voorheen waren.

276
00:17:04,590 --> 00:17:07,230
We kunnen heel veel
goede daden verrichten,

277
00:17:07,230 --> 00:17:10,230
maar geen daarvan zal ons volmaakt maken.

278
00:17:10,230 --> 00:17:13,710
Daarom moeten we tot God
roepen om barmhartigheid.

279
00:17:13,710 --> 00:17:17,130
Hoe goed we ook zijn, we
zijn niet goed genoeg.

280
00:17:17,130 --> 00:17:21,210
Het probleem wanneer je zo
religieus bent als een Farizeeër,

281
00:17:21,210 --> 00:17:25,590
is dat je jezelf soms wijsmáákt
dat je hebt bereikt wat God wil

282
00:17:25,590 --> 00:17:29,310
en dat je op de een of andere
manier beter bent dan anderen.

283
00:17:29,310 --> 00:17:32,610
Hoewel jij net als anderen
bent tekortgeschoten,

284
00:17:32,610 --> 00:17:37,830
feliciteer je jezelf ermee dat je het goed
doet en vergelijk je jezelf met anderen.

285
00:17:37,830 --> 00:17:42,930
Het probleem met de Farizeeër was dat
hij zichzelf met de tollenaar vergeleek.

286
00:17:42,930 --> 00:17:46,110
In 2 Korinthe, hoofdstuk 10, zei Paulus:

287
00:17:46,110 --> 00:17:48,390
Want wij durven ons niet te rekenen onder,

288
00:17:48,390 --> 00:17:51,690
of te vergelijken met sommigen
die zichzelf aanbevelen;

289
00:17:51,690 --> 00:17:54,750
maar door zichzelf af
te meten aan zichzelf,

290
00:17:54,750 --> 00:17:59,490
en zichzelf te vergelijken met zichzelf,
zijn zij bepaald niet verstandig.

291
00:17:59,490 --> 00:18:03,750
Dat staat in 2 Korinthe,
hoofdstuk 10, vers 12.

292
00:18:03,750 --> 00:18:08,970
Jezelf met andere mensen vergelijken om
zo tot een bepaalde zelfbeoordeling of

293
00:18:08,970 --> 00:18:11,730
eigenwaarde te komen, is dwaas.

294
00:18:11,730 --> 00:18:16,290
Op de oordeelsdag zal God je niet
met een andere persoon vergelijken.

295
00:18:16,290 --> 00:18:19,830
Hij zal je vergelijken met
Zijn maatstaf van volmaaktheid,

296
00:18:19,830 --> 00:18:21,930
die zichtbaar is in Jezus.

297
00:18:21,930 --> 00:18:25,710
Daarom is het een dwaze
onderneming om jouw gerechtigheid,

298
00:18:25,710 --> 00:18:31,290
jouw gedrag of jouw religiositeit af
te meten aan die van iemand anders.

299
00:18:31,290 --> 00:18:33,270
Het is volkomen zinloos.

300
00:18:33,270 --> 00:18:36,990
Het zal je geen enkele
waardevolle informatie opleveren.

301
00:18:36,990 --> 00:18:42,150
Misschien kun je jezelf ervan overtuigen
dat je religieuzer bent dan iemand anders,

302
00:18:42,150 --> 00:18:45,210
of dat je minder vaak
tekortschiet dan iemand anders,

303
00:18:45,210 --> 00:18:47,910
maar dat is niet relevant
voor jouw behoud.

304
00:18:47,910 --> 00:18:52,950
Wat wel relevant is voor jouw behoud,
is of God, wanneer Hij je oordeelt,

305
00:18:52,950 --> 00:18:56,730
zal kunnen zeggen: ‘Je bent
volmaakt in Mijn ogen.’

306
00:18:56,730 --> 00:18:59,730
En zo niet, dan zit je
even diep in de problemen

307
00:18:59,730 --> 00:19:04,590
als degene met wie je jezelf vergelijkt
en tegenover wie je gunstig afsteekt.

308
00:19:04,590 --> 00:19:06,990
Om die reden is rijk van geest zijn,

309
00:19:06,990 --> 00:19:12,750
heel religieus zijn en religieuze zaken
heel nauwgezet naleven op zichzelf

310
00:19:12,750 --> 00:19:14,670
niet per se een voordeel.

311
00:19:14,670 --> 00:19:17,850
Voor zover het je ervan overtuigt
dat het tussen jou en God

312
00:19:17,850 --> 00:19:21,810
echt wel goed zit omdat je deze
dingen doet, word je bedrogen.

313
00:19:21,810 --> 00:19:26,730
De persoon die een bedelaar van geest
is, weet dat hij niets kan bijdragen.

314
00:19:26,730 --> 00:19:29,730
Hij weet precies hoe hij
tegenover God staat en

315
00:19:29,730 --> 00:19:33,630
beseft dat hij voor honderd procent
van Gods barmhartigheid leeft.

316
00:19:33,630 --> 00:19:38,910
Wat hij ook doet, goed of slecht, hij zal
altijd tekortschieten ten opzichte van wat

317
00:19:38,910 --> 00:19:41,790
God van ons eist om behouden te worden.

318
00:19:41,790 --> 00:19:43,590
Zo iemand is beter af.

319
00:19:43,590 --> 00:19:47,730
Want als die persoon iets doet,
zal hij om barmhartigheid roepen.

320
00:19:47,730 --> 00:19:51,810
Hij zal tenminste niet voor God
staan en zichzelf feliciteren.

321
00:19:51,810 --> 00:19:56,010
Deze tollenaar, deze
belastinginner, zei alleen maar:

322
00:19:56,010 --> 00:20:00,030
O God, wees mij, de zondaar, genadig.

323
00:20:00,030 --> 00:20:03,210
Dat is precies wat de Farizeeër
ook had moeten zeggen,

324
00:20:03,210 --> 00:20:05,790
maar hij zag zichzelf
niet als een zondaar.

325
00:20:05,790 --> 00:20:09,870
Hij zag zichzelf niet als iemand
die barmhartigheid nodig had.

326
00:20:09,870 --> 00:20:12,990
Hij zag zichzelf niet als een bedelaar.

327
00:20:12,990 --> 00:20:16,650
Dit is het belangrijke
punt. Toen Jezus zei:

328
00:20:16,650 --> 00:20:21,930
Zalig zijn de armen van geest, want
van hen is het Koninkrijk der hemelen.

329
00:20:21,930 --> 00:20:26,010
bedoelde Hij dat je te benijden bent
als je je geestelijke gesteldheid

330
00:20:26,010 --> 00:20:30,690
en gerechtigheid beoordeelt, en dan
inziet dat je niets hebt waarvoor je

331
00:20:30,690 --> 00:20:32,730
jezelf kunt feliciteren.

332
00:20:32,730 --> 00:20:34,890
Je ziet dat je niets hebt waardoor God

333
00:20:34,890 --> 00:20:39,450
rijker wordt omdat Hij jou in Zijn
gemeente of aan Zijn kant heeft.

334
00:20:39,450 --> 00:20:42,330
Je ziet jezelf eenvoudigweg
als een bedelaar,

335
00:20:42,330 --> 00:20:46,350
iemand die volledig afhankelijk is
van de vrijgevigheid van een ander.

336
00:20:46,350 --> 00:20:49,230
Die ander is in dit geval God.

337
00:20:49,230 --> 00:20:53,730
Als je jezelf voor je behoud als
volledig afhankelijk ziet van de genade,

338
00:20:53,730 --> 00:20:59,550
barmhartigheid en vrijgevigheid van God,
dan mag jij, net als deze tollenaar,

339
00:20:59,550 --> 00:21:01,770
gerechtvaardigd naar huis gaan.

340
00:21:01,770 --> 00:21:05,190
De reden dat dit mogelijk is,
is natuurlijk niet dat God

341
00:21:05,190 --> 00:21:09,390
eenvoudigweg niets om zonde geeft
en die door de vingers zal zien

342
00:21:09,390 --> 00:21:11,550
als je om barmhartigheid roept.

343
00:21:11,550 --> 00:21:15,390
Als je roep oprecht is,
zal Hij je zonde vergeven.

344
00:21:15,390 --> 00:21:19,290
Maar Hij zal dat doen vanwege
wat Jezus heeft gedaan.

345
00:21:19,290 --> 00:21:25,050
Jezus is voor onze zonden gestorven, en
de Bijbel zegt daarover in 2 Korinthe,

346
00:21:25,050 --> 00:21:28,050
hoofdstuk 5, vers 21:

347
00:21:28,050 --> 00:21:33,450
Want Hem Die geen zonde gekend heeft,
heeft Hij voor ons tot zonde gemaakt,

348
00:21:33,450 --> 00:21:36,870
opdat wij zouden worden
gerechtigheid van God in Hem.

349
00:21:36,870 --> 00:21:38,910
Daarmee wordt Jezus bedoeld.

350
00:21:38,910 --> 00:21:41,250
Er vindt een vreemde transactie plaats

351
00:21:41,250 --> 00:21:43,890
wanneer wij tot God om
barmhartigheid roepen

352
00:21:43,890 --> 00:21:46,650
en ons geloof in Jezus Christus stellen.

353
00:21:46,650 --> 00:21:51,930
Onze zonden, hoeveel het er ook zijn,
worden beschouwd alsof ze van Hem waren.

354
00:21:51,930 --> 00:21:55,650
Toen Hij stierf, werd Zijn
dood voor onze zonden beschouwd

355
00:21:55,650 --> 00:21:58,770
alsof wij voor onze
zonden gestorven waren.

356
00:21:58,770 --> 00:22:01,650
Dat is iets prachtigs,
want de Bijbel zegt:

357
00:22:01,650 --> 00:22:04,050
Want het loon van de zonde is de dood,

358
00:22:04,050 --> 00:22:10,650
maar de genadegave van God is eeuwig
leven, door Jezus Christus, onze Heere.

359
00:22:10,650 --> 00:22:13,350
Waar zonde is, moet de dood zijn.

360
00:22:13,350 --> 00:22:16,350
Maar je kunt óf voor je
eigen zonden sterven,

361
00:22:16,350 --> 00:22:18,870
in welk geval je niet
behouden zult worden,

362
00:22:18,870 --> 00:22:21,690
óf je kunt Jezus voor
je zonden laten sterven.

363
00:22:21,690 --> 00:22:25,530
Dit wordt natuurlijk werkelijkheid
wanneer je je tot Christus keert,

364
00:22:25,530 --> 00:22:28,650
je van je zonde bekeert
en op Hem vertrouwt.

365
00:22:28,650 --> 00:22:33,510
Je roept dan nederig om barmhartigheid,
erkent dat je werkelijk onwaardig bent

366
00:22:33,510 --> 00:22:39,210
en Hem nodig hebt als je Zaligmaker, en
je geeft je aan Hem over als je Heere.

367
00:22:39,210 --> 00:22:41,670
Wanneer je zo’n relatie met Hem aangaat,

368
00:22:41,670 --> 00:22:45,210
wordt niet alleen je zonde
beschouwd alsof die van Hem was.

369
00:22:45,210 --> 00:22:50,010
Hij is dus voor je zonden gestorven,
en jij bent als het ware door Hem,

370
00:22:50,010 --> 00:22:54,390
je vertegenwoordiger, gestorven,
waardoor je in de toekomst

371
00:22:54,390 --> 00:22:57,030
niet langer de doodstraf tegemoetgaat.

372
00:22:57,030 --> 00:23:02,250
Maar de Schrift zegt ook dat Zijn
rechtschapenheid, Zijn rechtvaardigheid,

373
00:23:02,250 --> 00:23:07,230
Zijn gerechtigheid en Zijn volmaaktheid
als de jouwe worden beschouwd.

374
00:23:07,230 --> 00:23:09,870
Wanneer je op de
oordeelsdag voor God staat,

375
00:23:09,870 --> 00:23:14,790
zal niets minder dan volmaaktheid op
jouw rekening ook maar iets uitmaken.

376
00:23:14,790 --> 00:23:18,090
Daarom zullen religieuze
werken niemand behouden.

377
00:23:18,090 --> 00:23:20,610
Je kunt namelijk veel goede werken doen,

378
00:23:20,610 --> 00:23:24,810
maar die schieten nog altijd tekort
ten opzichte van volmaaktheid.

379
00:23:24,810 --> 00:23:28,050
De enige manier waarop je
kunt hopen voor God te staan

380
00:23:28,050 --> 00:23:31,110
zonder tekort te schieten ten
opzichte van volmaaktheid,

381
00:23:31,110 --> 00:23:35,370
is als de volmaaktheid van Jezus
op jouw rekening wordt gezet.

382
00:23:35,370 --> 00:23:37,710
De Bijbel zegt over Abraham:

383
00:23:37,710 --> 00:23:42,510
En hij geloofde in de HEERE, en Die
rekende hem dat tot gerechtigheid.

384
00:23:42,510 --> 00:23:46,470
Het Nieuwe Testament zegt dat als
wij in Jezus Christus geloven,

385
00:23:46,470 --> 00:23:51,390
ons vertrouwen op Hem stellen en Hem
tot onze Heere en Zaligmaker maken,

386
00:23:51,390 --> 00:23:55,770
Zijn gerechtigheid ons zal worden
toegerekend alsof die van onszelf was.

387
00:23:55,770 --> 00:24:00,330
Wij zullen voor God staan en door
Hem behandeld en beschouwd worden

388
00:24:00,330 --> 00:24:03,570
alsof wij inderdaad aan
de norm hadden voldaan,

389
00:24:03,570 --> 00:24:07,950
alsof wij inderdaad de
volmaaktheid bezaten die Hij eist.

390
00:24:07,950 --> 00:24:11,010
Niet vanwege iets wat wij
werkelijk hebben gedaan,

391
00:24:11,010 --> 00:24:14,430
maar vanwege wat Jezus
voor ons heeft gedaan.

392
00:24:14,430 --> 00:24:17,250
Zijn volmaaktheid wordt ons toegerekend.

393
00:24:17,250 --> 00:24:21,330
De volgende keer zullen we het over
de volgende zaligspreking hebben.

394
00:24:21,330 --> 00:24:25,950
We zullen al deze zaligsprekingen
tamelijk langzaam doornemen.

395
00:24:25,950 --> 00:24:29,790
Daarna zullen we het tempo wat
opvoeren wanneer we bij de rest van

396
00:24:29,790 --> 00:24:31,530
de Bergrede komen.

397
00:24:31,530 --> 00:24:34,770
We zullen de passages in
Mattheüs behandelen in het tempo

398
00:24:34,770 --> 00:24:36,870
dat ze lijken te vereisen.

399
00:24:36,870 --> 00:24:39,870
We gaan hier langzaam doorheen
omdat ze diepgaand zijn.
