1
00:00:02,070 --> 00:00:04,590
Welkom bij Vers voor Vers!

2
00:00:04,590 --> 00:00:09,690
Deze keer behandelen
we Mattheüs 5, vers 7.

3
00:00:09,690 --> 00:00:13,410
We gaan kijken naar de vijfde
zaligspreking in de Bergrede,

4
00:00:13,410 --> 00:00:15,990
die in Mattheüs hoofdstuk 5 staat.

5
00:00:15,990 --> 00:00:19,230
In totaal zijn er acht, en
in de eerdere delen van deze

6
00:00:19,230 --> 00:00:22,110
studie hebben we naar
de eerste vier gekeken.

7
00:00:22,110 --> 00:00:27,810
De vijfde zaligspreking staat
in Mattheüs 5:7. Jezus zei:

8
00:00:27,810 --> 00:00:32,790
Zalig zijn de barmhartigen, want aan
hen zal barmhartigheid bewezen worden.

9
00:00:32,790 --> 00:00:37,650
Hier wordt sterk gesuggereerd dat alleen
zij barmhartigheid zullen ontvangen.

10
00:00:37,650 --> 00:00:41,010
Nu zou je kunnen zeggen:
‘Jezus zegt niet werkelijk

11
00:00:41,010 --> 00:00:44,430
dat alleen de barmhartigen
barmhartigheid zullen ontvangen.

12
00:00:44,430 --> 00:00:49,230
Hij zegt alleen dat barmhartige mensen
barmhartigheid zullen ontvangen.

13
00:00:49,230 --> 00:00:54,810
Hij zegt niet of onbarmhartige mensen
die wel of niet zullen ontvangen.’

14
00:00:54,810 --> 00:00:58,650
Wel, er wordt beslist gesuggereerd
dat alleen de barmhartigen

15
00:00:58,650 --> 00:01:00,690
barmhartigheid zullen ontvangen.

16
00:01:00,690 --> 00:01:03,210
Dat wordt niet alleen in
dit vers gesuggereerd,

17
00:01:03,210 --> 00:01:08,310
maar Jezus zegt het elders ronduit, en
het wordt ook elders in de Schrift gezegd.

18
00:01:08,310 --> 00:01:11,610
In feite is Jakobus de ene
brief in het Nieuwe Testament

19
00:01:11,610 --> 00:01:16,950
die vaker dan welke andere brief ook
de Bergrede citeert of erop zinspeelt.

20
00:01:16,950 --> 00:01:20,190
In die korte brief, die
vijf hoofdstukken telt,

21
00:01:20,190 --> 00:01:25,350
zinspeelt Jakobus minstens twintig keer
op de Bergrede of citeert hij eruit.

22
00:01:25,350 --> 00:01:30,150
Op een van de plaatsen waar hij dat doet,
zinspeelt hij op deze zaligspreking.

23
00:01:30,150 --> 00:01:32,970
In Jakobus 2:13 zegt hij:

24
00:01:32,970 --> 00:01:35,310
Want onbarmhartig zal het oordeel zijn

25
00:01:35,310 --> 00:01:38,310
over hem die geen
barmhartigheid heeft bewezen.

26
00:01:38,310 --> 00:01:40,830
En de barmhartigheid
triomfeert over het oordeel.

27
00:01:40,830 --> 00:01:43,950
Hij zinspeelt duidelijk
op deze zaligspreking:

28
00:01:43,950 --> 00:01:46,290
Gelukkig zijn de mensen
die barmhartig zijn,

29
00:01:46,290 --> 00:01:49,050
want zij zullen barmhartigheid ontvangen.

30
00:01:49,050 --> 00:01:52,530
Jakobus zegt dat het oordeel
zonder barmhartigheid zal zijn

31
00:01:52,530 --> 00:01:55,830
voor de persoon die geen
barmhartigheid heeft getoond.

32
00:01:55,830 --> 00:01:58,890
Dat betekent natuurlijk dat
wanneer je geoordeeld wordt,

33
00:01:58,890 --> 00:02:02,850
het oordeel dat je ontvangt zonder
barmhartigheid zal zijn als je niet

34
00:02:02,850 --> 00:02:04,590
barmhartig bent geweest.

35
00:02:04,590 --> 00:02:07,170
Jezus onderwees dat op
een aantal manieren,

36
00:02:07,170 --> 00:02:09,690
en misschien zullen we
enkele daarvan bekijken.

37
00:02:09,690 --> 00:02:13,230
Het is ook een begrip dat in
het Oude Testament voorkomt:

38
00:02:13,230 --> 00:02:17,850
barmhartigheid is een houding, een
gezindheid en een manier van leven die

39
00:02:17,850 --> 00:02:19,710
God graag zegent.

40
00:02:19,710 --> 00:02:22,350
En iemand die barmhartig
is tegenover anderen,

41
00:02:22,350 --> 00:02:25,830
is iemand tegenover wie
God barmhartig zal zijn.

42
00:02:25,830 --> 00:02:29,190
Barmhartigheid is dus iets waar
we hier naar moeten kijken.

43
00:02:29,190 --> 00:02:31,710
Wat betekent het om barmhartig te zijn?

44
00:02:31,710 --> 00:02:36,390
Barmhartigheid lijkt op mededogen en
is er misschien zelfs hetzelfde als.

45
00:02:36,390 --> 00:02:41,130
Barmhartigheid tegenover iemand hebben,
is mededogen met diegene hebben.

46
00:02:41,130 --> 00:02:45,630
Maar we zouden mededogen kunnen opvatten
als iets wat alleen in het hart aanwezig

47
00:02:45,630 --> 00:02:49,770
is, terwijl barmhartigheid
daadwerkelijk iets actiefs is.

48
00:02:49,770 --> 00:02:53,610
Aan Jezus werd eens gevraagd
wat de grote geboden waren.

49
00:02:53,610 --> 00:02:57,990
Een van de geboden waarvan Hij zei
dat het het grote gebod was, luidde:

50
00:02:57,990 --> 00:03:04,050
En het tweede, hieraan gelijk, is: U
zult uw naaste liefhebben als uzelf.

51
00:03:04,050 --> 00:03:06,930
De schriftgeleerde die
Hem de vraag stelde,

52
00:03:06,930 --> 00:03:10,290
wist dat er bepaalde mensen
waren die hij zelf niet liefhad.

53
00:03:10,290 --> 00:03:14,010
Daarom hoopte hij dat zij misschien niet
als naasten zouden worden beschouwd,

54
00:03:14,010 --> 00:03:17,670
want God eist van hem dat
hij zijn naasten liefheeft.

55
00:03:17,670 --> 00:03:22,230
Hij probeerde ‘naaste’ zo te definiëren
dat hij niet verantwoordelijk zou zijn

56
00:03:22,230 --> 00:03:26,550
voor het liefhebben van mensen die
volgens hem niet zijn naasten waren.

57
00:03:26,550 --> 00:03:28,530
Daarom zei hij tegen Jezus:

58
00:03:28,530 --> 00:03:30,330
Wie is dan mijn naaste?

59
00:03:30,330 --> 00:03:34,770
Jezus vertelde het verhaal dat we allemaal
kennen en dat we gewoonlijk het verhaal

60
00:03:34,770 --> 00:03:37,350
van de barmhartige Samaritaan noemen.

61
00:03:37,350 --> 00:03:42,090
Jezus antwoordde en zei: Een man
ging van Jeruzalem naar Jericho

62
00:03:42,090 --> 00:03:45,930
en viel in de handen van rovers,
die hem de kleren uittrokken,

63
00:03:45,930 --> 00:03:50,790
hem daarbij slagen toedienden en hem
bij hun vertrek halfdood lieten liggen.

64
00:03:50,790 --> 00:03:54,930
Toevallig kwam er een priester langs
diezelfde weg, en toen hij hem zag,

65
00:03:54,930 --> 00:03:57,090
ging hij aan de overkant voorbij.

66
00:03:57,090 --> 00:04:01,350
Evenzo ging ook een Leviet, toen
hij op die plek kwam en hem zag,

67
00:04:01,350 --> 00:04:02,970
aan de overkant voorbij.

68
00:04:02,970 --> 00:04:07,770
Maar een Samaritaan die op reis was,
kwam in zijn buurt, en toen hij hem zag,

69
00:04:07,770 --> 00:04:10,470
was hij met innerlijke ontferming bewogen.

70
00:04:10,470 --> 00:04:15,750
En hij ging naar hem toe, verbond zijn
wonden en goot er olie en wijn op.

71
00:04:15,750 --> 00:04:18,090
Hij tilde hem op zijn eigen rijdier,

72
00:04:18,090 --> 00:04:20,850
bracht hem naar een
herberg en verzorgde hem.

73
00:04:20,850 --> 00:04:24,990
En toen hij de volgende dag wegging,
haalde hij twee penningen tevoorschijn,

74
00:04:24,990 --> 00:04:29,310
en hij gaf ze aan de waard en
zei tegen hem: Zorg voor hem,

75
00:04:29,310 --> 00:04:33,270
en wat u verder aan kosten maakt,
zal ik u geven als ik terugkom.

76
00:04:33,270 --> 00:04:37,110
Jezus vertelde het verhaal en
zei toen tegen de schriftgeleerde

77
00:04:37,110 --> 00:04:39,570
die aanvankelijk de vraag had gesteld:

78
00:04:39,570 --> 00:04:42,930
Wie van deze drie denkt u dat
de naaste geweest is van hem

79
00:04:42,930 --> 00:04:45,510
die in handen van de rovers gevallen was?

80
00:04:45,510 --> 00:04:47,250
Het gegeven antwoord was:

81
00:04:47,250 --> 00:04:51,330
En hij zei: Degene die hem
barmhartigheid bewezen heeft.

82
00:04:51,330 --> 00:04:55,350
Jezus zei tegen hem: Ga
heen en doet u evenzo.

83
00:04:55,350 --> 00:04:57,510
Wat hield barmhartigheid hier in?

84
00:04:57,510 --> 00:05:00,570
Het betekende dat je de
wonden van de man verzorgde.

85
00:05:00,570 --> 00:05:04,710
Het betekende dat je je eigen geld
gebruikte om voor het onderdak en het eten

86
00:05:04,710 --> 00:05:06,870
van de behoeftige man te betalen.

87
00:05:06,870 --> 00:05:11,430
Met andere woorden, barmhartigheid
verwijst in de Bijbel naar iets actiefs.

88
00:05:11,430 --> 00:05:16,230
In de Bijbel wordt vaak over Jezus
gesproken als iemand met mededogen.

89
00:05:16,230 --> 00:05:20,850
Maar alleen al in het boek Mattheüs staat
minstens een half dozijn keer dat Jezus

90
00:05:20,850 --> 00:05:22,950
met mededogen bewogen was.

91
00:05:22,950 --> 00:05:25,230
Dat is een interessante uitdrukking.

92
00:05:25,230 --> 00:05:27,990
Mededogen is het gevoel
van barmhartigheid,

93
00:05:27,990 --> 00:05:30,990
meegevoel of inlevingsvermogen met iemand.

94
00:05:30,990 --> 00:05:33,690
Maar Jezus werd door mededogen bewogen.

95
00:05:33,690 --> 00:05:37,650
Als je mededogen in je hart hebt,
maar het je niet tot handelen beweegt,

96
00:05:37,650 --> 00:05:39,870
dan deugt het nergens voor.

97
00:05:39,870 --> 00:05:42,270
In Jakobus hoofdstuk 2 staat:

98
00:05:42,270 --> 00:05:46,230
Als een broeder of zuster geen kleding
heeft en geen dagelijks voedsel,

99
00:05:46,230 --> 00:05:49,650
en iemand zegt: ‘Word
warm en word verzadigd’,

100
00:05:49,650 --> 00:05:53,970
maar je geeft hun niet wat hun lichaam
nodig heeft, wat heeft dat dan voor nut?

101
00:05:53,970 --> 00:05:58,770
Met andere woorden, je kunt iemand zien
die in nood verkeert en enig mededogen

102
00:05:58,770 --> 00:06:00,150
met diegene voelen.

103
00:06:00,150 --> 00:06:03,570
Maar als je niets voor diegene
doet, wat voor nut heeft dat dan?

104
00:06:03,570 --> 00:06:06,870
Als je mededogen hebt,
maar het je niet beweegt,

105
00:06:06,870 --> 00:06:11,610
als je niet met mededogen bewogen wordt,
dan ben je geen barmhartig mens in de zin

106
00:06:11,610 --> 00:06:14,970
van wat de Bijbel als normale
barmhartigheid beschrijft.

107
00:06:14,970 --> 00:06:20,310
Er zijn twee situaties, of twee
verbanden, waarin barmhartigheid nodig is.

108
00:06:20,310 --> 00:06:24,990
Het ene is in het verband van persoonlijke
ellende, zoals we al hebben gezegd.

109
00:06:24,990 --> 00:06:28,650
Dat is wanneer iemand arm of
behoeftig is, verdrukt wordt,

110
00:06:28,650 --> 00:06:33,030
hulp nodig heeft of gewoon in een
ongelukkige situatie verkeert.

111
00:06:33,030 --> 00:06:37,890
In dat geval toon je barmhartigheid door
die persoon te helpen met wat hij nodig

112
00:06:37,890 --> 00:06:42,510
heeft, door hem iets te geven als
hij niet heeft wat hij nodig heeft.

113
00:06:42,510 --> 00:06:45,990
Natuurlijk zijn er momenten waarop
we zelf niet genoeg hebben om

114
00:06:45,990 --> 00:06:48,210
alle mensen in nood te helpen.

115
00:06:48,210 --> 00:06:52,410
Er zijn momenten waarop ons hart
echt uitgaat naar mensen voor wie we

116
00:06:52,410 --> 00:06:56,070
eenvoudigweg niet de middelen
hebben om hen te helpen.

117
00:06:56,070 --> 00:07:00,510
Maar tegelijkertijd is er reden om aan
te nemen dat er iets aan je medeleven

118
00:07:00,510 --> 00:07:04,050
ontbreekt als je wel de
middelen hebt en niet helpt.

119
00:07:04,050 --> 00:07:07,290
Johannes zei in 1 Johannes, hoofdstuk 3:

120
00:07:07,290 --> 00:07:11,130
Als je de goederen van deze wereld hebt
en ziet dat je broeder gebrek heeft,

121
00:07:11,130 --> 00:07:14,790
maar hem niet helpt, hoe blijft
de liefde van God dan in je?

122
00:07:14,790 --> 00:07:18,810
Let op die voorwaarde: als je de
goederen van deze wereld hebt.

123
00:07:18,810 --> 00:07:23,310
Barmhartigheid zien we dus allereerst
met betrekking tot menselijke ellende.

124
00:07:23,310 --> 00:07:26,490
Er moet iets praktisch worden
gedaan voor mensen in nood.

125
00:07:26,490 --> 00:07:28,290
Dat is barmhartigheid.

126
00:07:28,290 --> 00:07:30,870
Jezus zag de menigten die honger hadden.

127
00:07:30,870 --> 00:07:33,270
Ze waren Hem trouwens achternagegaan.

128
00:07:33,270 --> 00:07:36,930
Hij stak het Meer van Galilea
over om bij hen vandaan te komen,

129
00:07:36,930 --> 00:07:39,930
zodat Hij wat rust en
ontspanning kon krijgen.

130
00:07:39,930 --> 00:07:43,890
Maar ze gingen Hem achterna en bereikten
de overkant van het meer nog voordat

131
00:07:43,890 --> 00:07:44,790
Hij daar aankwam.

132
00:07:44,790 --> 00:07:49,530
Hoewel Hij op wat rust had gehoopt, staat
er dat Hij met ontferming bewogen werd

133
00:07:49,530 --> 00:07:51,210
toen Hij hen zag.

134
00:07:51,210 --> 00:07:54,810
Daarom onderwees Hij hen,
gaf Hij hun Zijn tijd,

135
00:07:54,810 --> 00:08:00,150
genas Hij hun zieken en gaf Hij hun later
die dag te eten, omdat ze honger hadden.

136
00:08:00,150 --> 00:08:03,870
Dat is het medeleven van Jezus
dat in daden zichtbaar wordt.

137
00:08:03,870 --> 00:08:05,670
Dat is barmhartigheid.

138
00:08:05,670 --> 00:08:07,710
In het Oude Testament staat:

139
00:08:07,710 --> 00:08:11,790
Wie zich ontfermt over de
arme, leent uit aan de HEERE.

140
00:08:11,790 --> 00:08:14,070
Hij zal hem zijn weldaad vergelden.

141
00:08:14,070 --> 00:08:15,690
Met andere woorden:

142
00:08:15,690 --> 00:08:20,670
Zalig zijn de barmhartigen, want aan
hen zal barmhartigheid bewezen worden.

143
00:08:20,670 --> 00:08:25,170
Barmhartigheid is dus medeleven dat op een
praktische manier wordt getoond aan mensen

144
00:08:25,170 --> 00:08:31,410
die persoonlijk in nood verkeren —
door armoede, ziekte, pijn, verdriet,

145
00:08:31,410 --> 00:08:32,850
of wat dan ook.

146
00:08:32,850 --> 00:08:35,670
Menselijke ellende heeft
barmhartigheid nodig.

147
00:08:35,670 --> 00:08:38,070
Ook wij hebben barmhartigheid nodig.

148
00:08:38,070 --> 00:08:41,550
Wanneer wij in nood zijn,
wanneer we arm zijn of

149
00:08:41,550 --> 00:08:45,630
wanneer we een bijzondere nood hebben
waarvoor we Gods hulp willen inroepen,

150
00:08:45,630 --> 00:08:47,310
heeft Jezus gezegd:

151
00:08:47,310 --> 00:08:51,090
Want onbarmhartig zal het
oordeel zijn over hem die

152
00:08:51,090 --> 00:08:53,670
geen barmhartigheid heeft bewezen.

153
00:08:53,670 --> 00:08:57,270
En de barmhartigheid
triomfeert over het oordeel.

154
00:08:57,270 --> 00:09:00,750
Als je niet iemand bent die
anderen barmhartigheid betoont,

155
00:09:00,750 --> 00:09:04,950
verwacht dan niet dat God Zich op de een
of andere manier verplicht voelt om je te

156
00:09:04,950 --> 00:09:05,850
hulp te komen.

157
00:09:05,850 --> 00:09:09,330
Wanneer je hulp nodig hebt,
wanneer je een aalmoes nodig hebt,

158
00:09:09,330 --> 00:09:13,770
wanneer je genezing nodig hebt,
wanneer je iets van Hem nodig hebt,

159
00:09:13,770 --> 00:09:18,090
verwacht dan niet dat God met
ontferming over jou bewogen zal zijn

160
00:09:18,090 --> 00:09:22,770
als jij niet iemand bent die met
ontferming over anderen bewogen wordt.

161
00:09:22,770 --> 00:09:27,930
Sommigen zeggen misschien: „Wacht eens,
God staat op een hoger niveau dan wij.

162
00:09:27,930 --> 00:09:31,830
Zijn barmhartigheid is
onvoorwaardelijk”, enzovoort.

163
00:09:31,830 --> 00:09:36,510
Nee, de Bijbel zegt niet dat Zijn
barmhartigheid onvoorwaardelijk is.

164
00:09:36,510 --> 00:09:40,890
Het is volkomen duidelijk dat Zijn
barmhartigheid afhankelijk is van het feit

165
00:09:40,890 --> 00:09:43,290
dat jij barmhartigheid toont.

166
00:09:43,290 --> 00:09:48,570
Laat me je iets voorlezen wat Jezus
daarover zei in Lukas, hoofdstuk 6,

167
00:09:48,570 --> 00:09:52,830
vers 37 en 38. Jezus zei:

168
00:09:52,830 --> 00:09:56,130
Oordeel niet en u zult
niet geoordeeld worden;

169
00:09:56,130 --> 00:09:59,730
veroordeel niet en u zult
niet veroordeeld worden;

170
00:09:59,730 --> 00:10:02,970
laat los en u zult losgelaten worden.

171
00:10:02,970 --> 00:10:08,670
Geef en aan u zal gegeven worden:
een goede, vastgedrukte, geschudde,

172
00:10:08,670 --> 00:10:12,270
overlopende maat zal men
u in de schoot geven,

173
00:10:12,270 --> 00:10:16,830
want met dezelfde maat waarmee u
meet, zal er bij u ook gemeten worden.

174
00:10:16,830 --> 00:10:22,110
Dat wil zeggen: dezelfde maatstaf die jij
gebruikt in je omgang met andere mensen

175
00:10:22,110 --> 00:10:26,550
wanneer zij in nood zijn, zal God
gebruiken in Zijn omgang met jou

176
00:10:26,550 --> 00:10:28,590
wanneer jij in nood bent.

177
00:10:28,590 --> 00:10:31,830
Dit wordt niet slechts op enkele
plaatsen in de Schrift geleerd,

178
00:10:31,830 --> 00:10:34,590
maar het is de consequente
leer van de Schrift.

179
00:10:34,590 --> 00:10:38,550
Wanneer mensen zeggen dat Gods
barmhartigheid onvoorwaardelijk is,

180
00:10:38,550 --> 00:10:40,830
geloof ik niet dat dit waar is.

181
00:10:40,830 --> 00:10:45,090
Jezus leerde namelijk niet dat het
waar was, en de apostelen evenmin.

182
00:10:45,090 --> 00:10:48,990
Laat me je vertellen over het
andere aspect van barmhartigheid.

183
00:10:48,990 --> 00:10:54,570
Ik zei al dat barmhartigheid werkzaam
is in de context van menselijke ellende.

184
00:10:54,570 --> 00:10:59,070
Maar er is nog een andere situatie waarin
mensen barmhartigheid nodig hebben,

185
00:10:59,070 --> 00:11:02,550
namelijk wanneer er sprake
is van menselijke schuld.

186
00:11:02,550 --> 00:11:06,450
Wanneer je iets verkeerds hebt
gedaan, moet je vergeving ontvangen.

187
00:11:06,450 --> 00:11:09,270
Toch is niemand je vergeving verschuldigd.

188
00:11:09,270 --> 00:11:11,850
God is ons geen vergeving verschuldigd,

189
00:11:11,850 --> 00:11:15,210
en niemand anders is jou
vergeving verschuldigd.

190
00:11:15,210 --> 00:11:19,170
Als je hun onrecht aandoet,
is de maatstaf van het recht:

191
00:11:19,170 --> 00:11:22,050
oog om oog, tand om tand.

192
00:11:22,050 --> 00:11:25,830
Als iemand je op de ene wang
slaat, is de maatstaf van het recht

193
00:11:25,830 --> 00:11:28,590
dat jij hem eveneens op de wang slaat.

194
00:11:28,590 --> 00:11:32,610
Maar als je barmhartig bent, geef
je mensen niet wat ze verdienen.

195
00:11:32,610 --> 00:11:34,170
Je vergeeft hen.

196
00:11:34,170 --> 00:11:36,450
Je keert hun de andere wang toe.

197
00:11:36,450 --> 00:11:40,830
Wanneer je anderen vergeeft,
bewijs je hun dus barmhartigheid.

198
00:11:40,830 --> 00:11:45,270
Als je anderen vergeeft, geef je
hun iets wat ze niet verdienen.

199
00:11:45,270 --> 00:11:47,250
Je bent bewogen met hen.

200
00:11:47,250 --> 00:11:51,450
Je denkt: „Hoe wil ik dat mensen mij
behandelen wanneer ik het verknald heb,

201
00:11:51,450 --> 00:11:53,550
wanneer ik een zonde heb begaan?

202
00:11:53,550 --> 00:11:55,770
Hoe wil ik dat God mij behandelt?”

203
00:11:55,770 --> 00:11:59,790
Als ik hoop op Gods barmhartigheid
doordat Hij mijn zonden vergeeft,

204
00:11:59,790 --> 00:12:02,850
moet ik de zonden van
andere mensen vergeven.

205
00:12:02,850 --> 00:12:07,590
Jezus onderwees dit op veel plaatsen
in niet mis te verstane bewoordingen.

206
00:12:07,590 --> 00:12:12,750
We hebben zojuist in Lukas,
hoofdstuk 6, gelezen dat Jezus zei:

207
00:12:12,750 --> 00:12:15,990
Oordeel niet en u zult
niet geoordeeld worden;

208
00:12:15,990 --> 00:12:19,110
veroordeel niet en u zult
niet veroordeeld worden;

209
00:12:19,110 --> 00:12:21,930
laat los en u zult losgelaten worden.

210
00:12:21,930 --> 00:12:25,170
Jij vergeeft; dat is barmhartig zijn.

211
00:12:25,170 --> 00:12:31,050
Jij zult vergeven worden; dat wil zeggen,
jij zult barmhartigheid ontvangen.

212
00:12:31,050 --> 00:12:33,990
Jezus verwoordde het heel krachtig.

213
00:12:33,990 --> 00:12:38,670
In Mattheüs 6, toen Hij over
gebed sprak, zei Hij onder andere:

214
00:12:38,670 --> 00:12:44,370
Vergeef ons onze schulden, of onze zonden,
zoals wij onze schuldenaren vergeven.

215
00:12:44,370 --> 00:12:50,010
Dat wil zeggen: degenen die tegen ons
gezondigd hebben. Let op wat je vraagt.

216
00:12:50,010 --> 00:12:52,170
Jezus zei tegen Zijn discipelen:

217
00:12:52,170 --> 00:12:55,770
Jezus leerde hun zo te bidden: vraag God

218
00:12:55,770 --> 00:12:59,010
je zonden te vergeven op
dezelfde manier als jij

219
00:12:59,010 --> 00:13:01,650
anderen hun zonden tegen jou vergeeft.

220
00:13:01,650 --> 00:13:06,270
Wil ik dat God mij vergeeft op
dezelfde manier als ik anderen vergeef?

221
00:13:06,270 --> 00:13:11,010
Of ik dat nu wil of niet, dat
is precies wat Hij gaat doen.

222
00:13:11,010 --> 00:13:13,050
Dat is wat Jezus zei.

223
00:13:13,050 --> 00:13:16,770
Nadat Hij dit voorbeeldgebed
in Mattheüs 6 had gegeven,

224
00:13:16,770 --> 00:13:23,310
voegde Hij er aan het eind zelfs nog deze
opmerkingen aan toe, in vers 14 en 15.

225
00:13:23,310 --> 00:13:28,470
Dit is Mattheüs 6, vers 14
tot en met 15. Jezus zei:

226
00:13:28,470 --> 00:13:31,290
Want als u de mensen hun
overtredingen vergeeft,

227
00:13:31,290 --> 00:13:34,290
zal uw hemelse Vader u ook vergeven.

228
00:13:34,290 --> 00:13:37,350
Maar als u de mensen hun
overtredingen niet vergeeft,

229
00:13:37,350 --> 00:13:41,010
zal uw Vader uw overtredingen
ook niet vergeven.

230
00:13:41,010 --> 00:13:42,930
Het is volkomen duidelijk.

231
00:13:42,930 --> 00:13:45,750
Dit kan maar op één manier worden opgevat.

232
00:13:45,750 --> 00:13:50,430
God zal je niet vergeven als je
anderen niet vergeeft. Waarom niet?

233
00:13:50,430 --> 00:13:54,870
Omdat de barmhartigheid die jij anderen
betoont een voorwaarde is die God

234
00:13:54,870 --> 00:13:57,270
stelt om barmhartigheid te ontvangen.

235
00:13:57,270 --> 00:14:00,570
Laat ik dit nog wat duidelijker
zeggen, want ik denk dat mensen zich

236
00:14:00,570 --> 00:14:02,190
hierin kunnen vergissen.

237
00:14:02,190 --> 00:14:06,270
Je zou de indruk kunnen krijgen dat
je door barmhartigheid te tonen,

238
00:14:06,270 --> 00:14:08,250
barmhartigheid van God verdient.

239
00:14:08,250 --> 00:14:11,310
Met andere woorden: als
je anderen vergeeft,

240
00:14:11,310 --> 00:14:15,210
heb je verdiend dat God jou
vergeeft. Dat is niet zo.

241
00:14:15,210 --> 00:14:17,550
Je kunt barmhartigheid niet verdienen.

242
00:14:17,550 --> 00:14:21,150
Het ligt juist in de aard van
barmhartigheid dat ze onverdiend is.

243
00:14:21,150 --> 00:14:24,750
Als iets verdiend of door
eigen inspanning verkregen is,

244
00:14:24,750 --> 00:14:27,690
valt het niet onder de
categorie barmhartigheid.

245
00:14:27,690 --> 00:14:32,490
Hoe kan barmhartigheid aan voorwaarden
gebonden zijn als ze niet wordt verdiend?

246
00:14:32,490 --> 00:14:36,390
Heel eenvoudig: iemand kan
zoveel vergeven als hij maar wil,

247
00:14:36,390 --> 00:14:39,870
maar daarmee heeft hij geen
enkele vergeving van God verdiend.

248
00:14:39,870 --> 00:14:42,450
Dat is niet hetzelfde
als wanneer God zegt:

249
00:14:42,450 --> 00:14:46,110
Als je andere mensen niet
vergeeft, zal Ik jou niet vergeven.

250
00:14:46,110 --> 00:14:51,150
Gods vergeving komt tot ons omdat
Hij barmhartig is en graag vergeeft.

251
00:14:51,150 --> 00:14:55,050
Hij heeft Zijn Zoon gezonden
om voor onze zonden te sterven,

252
00:14:55,050 --> 00:14:58,350
zodat Hij een goede reden
zou hebben om te vergeven.

253
00:14:58,350 --> 00:15:02,850
Onze zonden konden op Jezus worden
gelegd en God kon ons behandelen

254
00:15:02,850 --> 00:15:05,070
alsof wij ze niet hadden begaan.

255
00:15:05,070 --> 00:15:08,370
Wat Hij werkelijk wil,
is barmhartigheid tonen.

256
00:15:08,370 --> 00:15:12,570
Maar Hij kan ook zeggen dat er obstakels
zijn die verhinderen dat je deze

257
00:15:12,570 --> 00:15:15,570
onverdiende gave van
barmhartigheid ontvangt.

258
00:15:15,570 --> 00:15:20,490
Een van die obstakels is dat je
zelf een onedelmoedige geest hebt.

259
00:15:20,490 --> 00:15:23,670
Het betekent niet dat je
door edelmoedig te zijn

260
00:15:23,670 --> 00:15:26,610
Gods edelmoedigheid
tegenover jou verdient.

261
00:15:26,610 --> 00:15:30,990
Maar het betekent wel dat God,
als je onedelmoedig bent, zegt:

262
00:15:30,990 --> 00:15:34,290
Want onbarmhartig zal
het oordeel zijn over hem

263
00:15:34,290 --> 00:15:36,990
die geen barmhartigheid heeft bewezen.

264
00:15:36,990 --> 00:15:40,410
En de barmhartigheid
triomfeert over het oordeel.

265
00:15:40,410 --> 00:15:45,030
God kiest ervoor barmhartigheid te
tonen aan mensen die barmhartig zijn.

266
00:15:45,030 --> 00:15:47,970
Maar dat betekent niet dat
je, als je barmhartig bent,

267
00:15:47,970 --> 00:15:50,910
daardoor op de een of andere
manier aanspraak kunt maken op Gods

268
00:15:50,910 --> 00:15:55,650
barmhartigheid, alsof je nu alles hebt
gedaan wat nodig is om ervoor te betalen.

269
00:15:55,650 --> 00:15:58,830
Je betaalt er niet voor
door barmhartig te zijn.

270
00:15:58,830 --> 00:16:02,010
Je komt er eenvoudigweg
voor in aanmerking.

271
00:16:02,010 --> 00:16:05,430
Of laat ik het zo zeggen:
als je niet barmhartig bent,

272
00:16:05,430 --> 00:16:08,250
sluit je jezelf er eenvoudigweg van uit.

273
00:16:08,250 --> 00:16:11,190
Ik zou tegen iemand kunnen
zeggen dat ik hem mijn huis geef,

274
00:16:11,190 --> 00:16:13,530
zolang hij er geen bordeel van maakt.

275
00:16:13,530 --> 00:16:17,010
Iemand zou kunnen zeggen: „Als
ik er geen bordeel van maak,

276
00:16:17,010 --> 00:16:19,770
verdien ik het dus om
jouw huis te krijgen.”

277
00:16:19,770 --> 00:16:21,690
Nee, dat is niet waar.

278
00:16:21,690 --> 00:16:25,830
Het is nog altijd aan mij om het
huis te geven aan wie ik maar wil,

279
00:16:25,830 --> 00:16:27,630
of het niet te geven.

280
00:16:27,630 --> 00:16:32,550
Niemand verdient mijn huis alleen maar
omdat hij er geen bordeel van zal maken.

281
00:16:32,550 --> 00:16:36,510
Het is barmhartigheid of
edelmoedigheid van mijn kant

282
00:16:36,510 --> 00:16:39,030
dat ik het onder die voorwaarden aanbied.

283
00:16:39,030 --> 00:16:43,230
Maar ik noem een voorwaarde waaronder
iemand het niet kan krijgen.

284
00:16:43,230 --> 00:16:46,590
Ik zeg niet dat iemand het
verdient te krijgen door aan deze

285
00:16:46,590 --> 00:16:48,270
voorwaarde te voldoen.

286
00:16:48,270 --> 00:16:53,130
Het is eenvoudigweg zo dat hij het
onder deze voorwaarde niet zal ontvangen

287
00:16:53,130 --> 00:16:55,230
als hij er een bordeel van maakt.

288
00:16:55,230 --> 00:16:56,490
God zegt:

289
00:16:56,490 --> 00:17:00,930
Mijn barmhartigheid kun je niet verdienen,
maar je kunt er wel degelijk voor zorgen

290
00:17:00,930 --> 00:17:03,630
dat je er niet meer
voor in aanmerking komt.

291
00:17:03,630 --> 00:17:08,370
Als je anderen geen barmhartigheid toont,
kom je er niet meer voor in aanmerking om

292
00:17:08,370 --> 00:17:10,410
barmhartigheid van Mij te ontvangen.

293
00:17:10,410 --> 00:17:14,400
Jezus heeft dit niet één of twee
keer gezegd, maar ik kom het drie,

294
00:17:14,400 --> 00:17:18,450
vier of vijf keer tegen in
het onderwijs van Jezus.

295
00:17:18,450 --> 00:17:21,150
Dit is consequent zo in de hele Schrift.

296
00:17:21,150 --> 00:17:24,870
Het verbaast mij hoeveel christenen
lijken te denken dat Gods

297
00:17:24,870 --> 00:17:27,150
barmhartigheid onvoorwaardelijk is.

298
00:17:27,150 --> 00:17:30,450
Er zijn duidelijk voorwaarden
aan verbonden die Hij Zelf noemt,

299
00:17:30,450 --> 00:17:32,430
en Hij noemt ze heel duidelijk.

300
00:17:32,430 --> 00:17:37,410
Kijk bijvoorbeeld naar Markus
11, vers 25. Jezus zei:

301
00:17:37,410 --> 00:17:41,130
En wanneer u staat te bidden,
vergeef als u tegen iemand iets hebt,

302
00:17:41,130 --> 00:17:46,650
opdat ook uw Vader, Die in de hemelen
is, u uw overtredingen vergeeft.

303
00:17:46,650 --> 00:17:50,430
Nogmaals, een uitspraak zou
niet duidelijker kunnen zijn.

304
00:17:50,430 --> 00:17:55,350
Het lijkt mij dat barmhartig zijn door
anderen te vergeven een vereiste is.

305
00:17:55,350 --> 00:17:59,490
Als je niet aan die vereiste
voldoet, zal God je overtredingen, je

306
00:17:59,490 --> 00:18:01,710
zonden, niet vergeven.

307
00:18:01,710 --> 00:18:05,730
Als je dus wrok koestert, als je
verbitterd blijft tegenover iemand die je

308
00:18:05,730 --> 00:18:10,470
niet hebt vergeven, als je geest niet
zuiver is tegenover iemand die jou

309
00:18:10,470 --> 00:18:14,550
onrecht heeft aangedaan, dan
zal God volgens Jezus Christus

310
00:18:14,550 --> 00:18:18,930
je zonden niet vergeven zolang je
in deze geestestoestand blijft.

311
00:18:18,930 --> 00:18:20,610
Dit is niet mijn mening.

312
00:18:20,610 --> 00:18:24,570
Dit is wat Jezus in de duidelijkst
mogelijke bewoordingen heeft gezegd.

313
00:18:24,570 --> 00:18:27,930
Dat klinkt misschien vreemd,
maar ik verzin dit niet.

314
00:18:27,930 --> 00:18:32,010
Als Bijbelleraar staat het mij niet
vrij om de waarheid te verzinnen.

315
00:18:32,010 --> 00:18:35,370
Ik ben hier alleen om te
onderwijzen wat er staat,

316
00:18:35,370 --> 00:18:37,890
en dit is wat er inderdaad staat.

317
00:18:37,890 --> 00:18:40,710
God zal je niet vergeven
zolang je nog altijd

318
00:18:40,710 --> 00:18:43,590
wrok koestert en iemand
anders niet hebt vergeven.

319
00:18:43,590 --> 00:18:48,030
Je zegt misschien: ‘Maar hoe zou
ik deze persoon kunnen vergeven?

320
00:18:48,030 --> 00:18:50,850
Die persoon heeft mij
zoveel kwaad aangedaan.

321
00:18:50,850 --> 00:18:53,550
Ik kan hem eenvoudigweg niet vergeven.’

322
00:18:53,550 --> 00:18:59,310
Het punt is dat een barmhartig
mens kan vergeven en zal vergeven.

323
00:18:59,310 --> 00:19:01,230
Het is een keuze die je maakt.

324
00:19:01,230 --> 00:19:05,490
Nu zeg je misschien: ‘Maar ik kan die
gevoelens van wrok tegenover die persoon

325
00:19:05,490 --> 00:19:07,230
niet van me afzetten.’

326
00:19:07,230 --> 00:19:09,450
Misschien zul je daaraan moeten werken.

327
00:19:09,450 --> 00:19:11,850
Gevoelens veranderen
niet onmiddellijk, maar

328
00:19:11,850 --> 00:19:15,030
beslissingen kunnen in een
ogenblik worden genomen.

329
00:19:15,030 --> 00:19:18,810
Je kunt nu, voor God, besluiten
dat je degene zult vergeven

330
00:19:18,810 --> 00:19:21,510
die je tot nu toe niet hebt vergeven.

331
00:19:21,510 --> 00:19:25,950
Je kunt niet per se garanderen dat je
sommige van die oude gevoelens niet meer

332
00:19:25,950 --> 00:19:30,750
zult voelen, maar je kunt wel
dit doen: je kunt vergeven.

333
00:19:30,750 --> 00:19:34,050
En telkens wanneer gevoelens
van wrok weer de kop opsteken,

334
00:19:34,050 --> 00:19:37,950
moet je jezelf eraan herinneren:
‘Ik heb die persoon vergeven,

335
00:19:37,950 --> 00:19:40,530
omdat ik hoop dat God mij vergeeft.

336
00:19:40,530 --> 00:19:43,050
Omdat ik hoop op de
barmhartigheid van God,

337
00:19:43,050 --> 00:19:47,430
zal ik tegenover iemand anders niet
minder barmhartig zijn dan ik hoop dat God

338
00:19:47,430 --> 00:19:49,170
tegenover mij zal zijn.’

339
00:19:49,170 --> 00:19:52,830
Een gedachte die je jezelf
volkomen terecht kunt voorhouden,

340
00:19:52,830 --> 00:19:57,090
is dat al het kwaad dat iemand
anders je heeft aangedaan, nietig is,

341
00:19:57,090 --> 00:20:01,470
onmetelijk klein, verwaarloosbaar,
vergeleken met het kwaad dat jij

342
00:20:01,470 --> 00:20:03,090
God hebt aangedaan.

343
00:20:03,090 --> 00:20:06,150
Je zonden tegen God zijn
heel talrijk geweest.

344
00:20:06,150 --> 00:20:10,110
Je zonden tegen God zijn een
geweldige belediging voor Hem geweest.

345
00:20:10,110 --> 00:20:14,430
Je zegt misschien: ‘Ik heb nooit
iemand gedood of een bank beroofd.’

346
00:20:14,430 --> 00:20:17,130
Nee, maar er is één groot gebod.

347
00:20:17,130 --> 00:20:21,510
De Bijbel zegt, in de bewoordingen van
de vertaling die hier wordt gevolgd:

348
00:20:21,510 --> 00:20:24,210
zonde is het overtreden van de wet.

349
00:20:24,210 --> 00:20:28,230
Dus de grootste zonde is het
overtreden van de grootste wet.

350
00:20:28,230 --> 00:20:29,790
Wat is de grootste wet?

351
00:20:29,790 --> 00:20:32,430
Jezus zei dat het grootste gebod is:

352
00:20:32,430 --> 00:20:38,730
En u zult de Heere, uw God, liefhebben
met heel uw hart en met heel uw ziel

353
00:20:38,730 --> 00:20:42,330
en met heel uw verstand
en met heel uw kracht.

354
00:20:42,330 --> 00:20:44,190
Dit is het eerste gebod.

355
00:20:44,190 --> 00:20:50,430
En het tweede, hieraan gelijk, is dit:
U zult uw naaste liefhebben als uzelf.

356
00:20:50,430 --> 00:20:53,490
Er is geen ander gebod groter dan deze.

357
00:20:53,490 --> 00:20:55,650
Laten we alleen dat eerste nemen.

358
00:20:55,650 --> 00:20:59,910
Heb je God ieder moment van je
leven liefgehad met heel je hart,

359
00:20:59,910 --> 00:21:05,790
met heel je ziel, met al je kracht en
met heel je vermogen? Natuurlijk niet.

360
00:21:05,790 --> 00:21:10,290
Welk percentage van je tijd heb je
doorgebracht zonder God met heel je hart

361
00:21:10,290 --> 00:21:11,490
lief te hebben?

362
00:21:11,490 --> 00:21:15,330
Misschien is er maar heel weinig tijd
geweest waarin je Hem ooit volkomen hebt

363
00:21:15,330 --> 00:21:18,450
liefgehad, en misschien
heb je dat nooit gedaan.

364
00:21:18,450 --> 00:21:21,570
Maar zelfs als je iemand
bent die God liefheeft,

365
00:21:21,570 --> 00:21:25,230
zelfs als je een christen bent die
God over het algemeen liefheeft,

366
00:21:25,230 --> 00:21:28,530
durf ik wel te zeggen dat je een
aanzienlijk deel van je leven hebt

367
00:21:28,530 --> 00:21:34,050
doorgebracht met ook andere dingen lief
te hebben en met andere goden vóór Hem,

368
00:21:34,050 --> 00:21:36,630
andere goden in Zijn tegenwoordigheid.

369
00:21:36,630 --> 00:21:40,050
En dan bedoel ik niet alleen het
deel voordat je tot bekering kwam,

370
00:21:40,050 --> 00:21:44,070
maar zelfs een aanzienlijk deel van
je leven sinds je behouden bent.

371
00:21:44,070 --> 00:21:46,590
Je hebt Hem niet boven alles liefgehad.

372
00:21:46,590 --> 00:21:49,170
Als zonde nu het overtreden van de wet is

373
00:21:49,170 --> 00:21:53,370
en het overtreden van de grootste
wet daarom de grootste zonde is,

374
00:21:53,370 --> 00:21:55,830
dan heb je een grote zonde begaan.

375
00:21:55,830 --> 00:22:00,270
Je hebt die geregeld, herhaaldelijk
en voortdurend begaan,

376
00:22:00,270 --> 00:22:03,990
en dat is een belediging voor
God geweest. De Bijbel zegt:

377
00:22:03,990 --> 00:22:08,490
God is een rechtvaardige Rechter,
een God Die iedere dag toornt.

378
00:22:08,490 --> 00:22:11,790
Ieder moment waarop je Hem
niet met heel je hart, ziel,

379
00:22:11,790 --> 00:22:16,110
verstand en kracht hebt liefgehad,
heb je God tot toorn verwekt.

380
00:22:16,110 --> 00:22:21,630
Als je doet alsof je Hem met heel je hart,
verstand, ziel en kracht hebt liefgehad,

381
00:22:21,630 --> 00:22:24,990
vermindert dat Zijn toorn
niet, want Hij weet wel beter,

382
00:22:24,990 --> 00:22:27,330
en jij zou ook beter moeten weten.

383
00:22:27,330 --> 00:22:30,630
Je hebt je voor heel wat te
verantwoorden tegenover God.

384
00:22:30,630 --> 00:22:33,630
Toch zegt de Bijbel dat
Gods barmhartigheid vrij

385
00:22:33,630 --> 00:22:38,910
en onmiddellijk beschikbaar is wanneer je
je nederig tot Hem wendt en je bekeert.

386
00:22:38,910 --> 00:22:44,310
Roep dan: ‘O God, wees
mij, een zondaar, genadig.

387
00:22:44,310 --> 00:22:48,030
God, vergeef door Jezus
Christus mijn zonden.

388
00:22:48,030 --> 00:22:52,770
Reinig mij door het bloed van Jezus,
dat voor mijn zonden vergoten is.’

389
00:22:52,770 --> 00:22:56,970
Als Hij dat kan doen voor jou, die je
hele leven tegen Hem hebt gezondigd,

390
00:22:56,970 --> 00:23:01,170
kun jij dan niet dat kleine beetje genade
en barmhartigheid opbrengen voor de

391
00:23:01,170 --> 00:23:04,470
persoon die jou enig
kwaad heeft aangedaan?

392
00:23:04,470 --> 00:23:09,510
Zelfs als dat kwaad zich lange tijd heeft
voortgesleept of zeer ernstig is geweest,

393
00:23:09,510 --> 00:23:11,910
kan het in de verste verte niet opwegen

394
00:23:11,910 --> 00:23:14,850
tegen het kwaad dat
jij God hebt aangedaan.

395
00:23:14,850 --> 00:23:19,710
Toch heeft God je vrijelijk vergeven en
zal Hij je vrijelijk vergeven als je tot

396
00:23:19,710 --> 00:23:22,350
Hem roept en als je anderen vergeeft.

397
00:23:22,350 --> 00:23:27,210
Zalig zijn de barmhartigen, want aan
hen zal barmhartigheid bewezen worden.

398
00:23:27,210 --> 00:23:28,950
Wat een zegen is dat!

399
00:23:28,950 --> 00:23:32,910
Wat zijn de mensen gelukkig op wie
de barmhartigheid van God rust,

400
00:23:32,910 --> 00:23:36,390
want ieder mens moet de
barmhartigheid van God ontvangen,

401
00:23:36,390 --> 00:23:39,090
anders gaat hij zonder die
barmhartigheid verloren.

402
00:23:39,090 --> 00:23:41,250
Wij zijn allemaal zondaars.

403
00:23:41,250 --> 00:23:45,630
Wij kunnen niet voor God staan en
zeggen: ‘Ik heb nooit gezondigd.

404
00:23:45,630 --> 00:23:48,510
Ik verdien het om naar de hemel te gaan.’

405
00:23:48,510 --> 00:23:51,930
Wij zijn allemaal afhankelijk
van de barmhartigheid van God,

406
00:23:51,930 --> 00:23:55,110
en wat zijn degenen die
haar ontvangen gezegend.

407
00:23:55,110 --> 00:24:00,090
David zei in Psalm 32, en
misschien zinspeelt Jezus hierop:

408
00:24:00,090 --> 00:24:03,810
Welzalig is de mens van wie
de zonden vergeven zijn.

409
00:24:03,810 --> 00:24:08,190
Welzalig is hij aan wie God
de zonde niet toerekent.

410
00:24:08,190 --> 00:24:12,150
Je bent een gezegend mens als
Gods barmhartigheid op je rust.

411
00:24:12,150 --> 00:24:15,810
Dat ben je als je zeker weet
dat wanneer je voor God staat,

412
00:24:15,810 --> 00:24:20,490
het goed is tussen jou en Hem, omdat
je je van je zonde hebt bekeerd,

413
00:24:20,490 --> 00:24:24,870
tot God om barmhartigheid hebt
geroepen en Hem ieder moment van iedere

414
00:24:24,870 --> 00:24:26,550
dag serieus neemt.

415
00:24:26,550 --> 00:24:31,230
Hij is Degene Die je liefhebt en
Hij is Degene op Wie je vertrouwt.

416
00:24:31,230 --> 00:24:35,310
Als Hij je Heere is, zal Zijn
barmhartigheid op je rusten.

417
00:24:35,310 --> 00:24:38,670
Maar als Hij jouw Heere
is, moet je vergeven.

418
00:24:38,670 --> 00:24:42,570
Als je niet vergeeft, zal
Hij jou niet vergeven.

419
00:24:42,570 --> 00:24:45,810
Dat zei Jezus. Jakobus zei het zo:

420
00:24:45,810 --> 00:24:48,450
Want onbarmhartig zal
het oordeel zijn over

421
00:24:48,450 --> 00:24:51,330
hem die geen barmhartigheid heeft bewezen.

422
00:24:51,330 --> 00:24:54,930
En de barmhartigheid
triomfeert over het oordeel.

423
00:24:54,930 --> 00:24:57,330
Jezus verwoordde het positiever:

424
00:24:57,330 --> 00:24:59,850
Gelukkig zijn de mensen
die barmhartig zijn,

425
00:24:59,850 --> 00:25:02,790
want zij zullen barmhartigheid ontvangen.

426
00:25:02,790 --> 00:25:07,050
Barmhartigheid komt tot uiting
in concrete daden van mededogen,

427
00:25:07,050 --> 00:25:11,310
zowel tegenover mensen die in ellende
verkeren en geholpen kunnen worden,

428
00:25:11,310 --> 00:25:15,810
als tegenover mensen die schuldig
staan en vergeving nodig hebben.

429
00:25:15,810 --> 00:25:19,350
Wij hebben ze allebei van God
nodig, en wij moeten ze allebei ook

430
00:25:19,350 --> 00:25:20,790
aan anderen betonen.

431
00:25:20,790 --> 00:25:22,350
Anders zullen wij ze
niet van God ontvangen.
