1
00:00:01,950 --> 00:00:04,050
Welkom bij Vers voor Vers!

2
00:00:04,050 --> 00:00:11,610
Deze keer behandelen we Psalmen
107, 108 en 111 tot en met 113.

3
00:00:11,610 --> 00:00:14,310
We gaan nu naar Psalm 107.

4
00:00:14,310 --> 00:00:20,430
Met deze psalm beginnen we aan het vijfde,
laatste en langste boek van de Psalmen.

5
00:00:20,430 --> 00:00:24,930
Er zijn vijf verzamelingen
Psalmen, vijf boeken,

6
00:00:24,930 --> 00:00:28,590
die soms de poëtische
Pentateuch worden genoemd.

7
00:00:28,590 --> 00:00:32,310
Dit is de eerste psalm van
de laatste verzameling.

8
00:00:32,310 --> 00:00:36,870
Deze verzameling bevat enkele
interessante subgroepen.

9
00:00:36,870 --> 00:00:41,490
Zo zijn sommige Psalmen in deze
verzameling door David geschreven.

10
00:00:41,490 --> 00:00:46,950
Ik moet niet zeggen: heel veel, want ze
vormen in werkelijkheid de minderheid.

11
00:00:46,950 --> 00:00:51,090
Slechts ongeveer elf ervan
zijn door David geschreven.

12
00:00:51,090 --> 00:00:55,530
Psalm 108 tot en met 110
zijn door David geschreven,

13
00:00:55,530 --> 00:01:01,830
en Psalm 138 tot en met 145
zijn door David geschreven.

14
00:01:01,830 --> 00:01:07,110
Er zijn dus twee verschillende korte
groepen Psalmen die Davidisch zijn.

15
00:01:07,110 --> 00:01:14,730
We hebben ook een groep Psalmen, Psalm 120
tot en met 134, die opgangsliederen zijn:

16
00:01:14,730 --> 00:01:18,810
vijftien liederen of Psalmen
die bij elkaar horen.

17
00:01:18,810 --> 00:01:22,050
Daar zullen we het over hebben
wanneer we eraan toekomen.

18
00:01:22,050 --> 00:01:26,310
We hebben ook vijf Psalmen die
Hallelpsalmen worden genoemd.

19
00:01:26,310 --> 00:01:30,450
Het zijn de laatste vijf
Psalmen in het boek Psalmen.

20
00:01:30,450 --> 00:01:35,490
Ze worden Hallelpsalmen genoemd omdat
ze beginnen met het woord ‘halleluja’,

21
00:01:35,490 --> 00:01:38,310
oftewel ‘prijs de HEERE’.

22
00:01:38,310 --> 00:01:40,770
Hallel betekent lofprijzing.

23
00:01:40,770 --> 00:01:46,470
Er is ook nog een andere groep
Psalmen, van Psalm 113 tot en met 118.

24
00:01:46,470 --> 00:01:48,510
Dat zijn zes Psalmen.

25
00:01:48,510 --> 00:01:51,570
Ze worden soms het
Egyptische Hallel genoemd.

26
00:01:51,570 --> 00:01:55,530
Waarom ze de Egyptische Hallel worden
genoemd, weet ik eigenlijk niet,

27
00:01:55,530 --> 00:02:00,330
hoewel verscheidene ervan wel met
het woord ‘halleluja’ beginnen.

28
00:02:00,330 --> 00:02:03,750
Psalm 113 en 117 bijvoorbeeld doen dat.

29
00:02:03,750 --> 00:02:10,050
Psalm 113 tot en met 118 werden volgens de
traditie ten tijde van het Pascha door de

30
00:02:10,050 --> 00:02:12,570
Joden als één groep gezongen.

31
00:02:12,570 --> 00:02:17,310
In het Nieuwe Testament wordt ons
verteld dat Jezus bij het laatste Pascha

32
00:02:17,310 --> 00:02:20,430
samen met Zijn discipelen
een lofzang zong.

33
00:02:20,430 --> 00:02:24,630
Waarschijnlijk was dat dit Egyptische
Hallel, dat de Joden zongen.

34
00:02:24,630 --> 00:02:28,410
Wanneer we bij Psalm
113 tot en met 118 komen

35
00:02:28,410 --> 00:02:32,250
en bedenken dat Jezus die liederen
waarschijnlijk met Zijn discipelen zong in

36
00:02:32,250 --> 00:02:34,410
de nacht waarin Hij werd verraden,

37
00:02:34,410 --> 00:02:39,030
krijgen sommige regels daarin
werkelijk betekenisvolle nuances.

38
00:02:39,030 --> 00:02:44,490
In Psalm 107 hebben we echter een
verkondiging van Gods wonderlijke werken.

39
00:02:44,490 --> 00:02:48,570
In feite verlangt de schrijver
er in deze psalm viermaal naar

40
00:02:48,570 --> 00:02:52,590
dat de mensen de HEERE loven
om Zijn goedertierenheid

41
00:02:52,590 --> 00:02:55,710
en om Zijn wonderwerken
voor de mensenkinderen.

42
00:02:55,710 --> 00:03:04,650
Dit is een refrein dat viermaal terugkomt:
in vers 8, vers 15, vers 21 en vers 31.

43
00:03:04,650 --> 00:03:06,870
Viermaal hebben we het refrein:

44
00:03:06,870 --> 00:03:11,250
Laten zij de HEERE loven om
Zijn goedertierenheid en om Zijn

45
00:03:11,250 --> 00:03:13,470
wonderen voor de mensenkinderen.

46
00:03:13,470 --> 00:03:16,770
Die vier uitspraken, die vier refreinen,

47
00:03:16,770 --> 00:03:19,710
markeren de verschillende
delen van de psalm.

48
00:03:19,710 --> 00:03:23,070
Elk ervan lijkt een gedeelte
met verzen af te sluiten

49
00:03:23,070 --> 00:03:26,850
waarin verschillende soorten moeilijkheden
worden beschreven waarin mensen

50
00:03:26,850 --> 00:03:30,090
terechtkomen, en waaruit God hen bevrijdt.

51
00:03:30,090 --> 00:03:35,430
Er zijn, zouden we kunnen zeggen, vier
beelden van de soorten benarde situaties

52
00:03:35,430 --> 00:03:38,910
waarin mensen verzeild kunnen
raken, maar waaruit God,

53
00:03:38,910 --> 00:03:42,750
zoals door de geschiedenis heen
bekend is geworden, mensen bevrijdt.

54
00:03:42,750 --> 00:03:45,810
Het vierde daarvan zou
profetisch kunnen worden opgevat,

55
00:03:45,810 --> 00:03:48,330
maar ook als een beginselverklaring.

56
00:03:48,330 --> 00:03:52,170
Er is namelijk een opvallende
gebeurtenis in het leven van Jezus

57
00:03:52,170 --> 00:03:56,370
die de bewoording van het vierde
beeld letterlijk, woord voor woord,

58
00:03:56,370 --> 00:03:58,050
lijkt te vervullen.

59
00:03:58,050 --> 00:03:59,730
De psalm begint:

60
00:03:59,730 --> 00:04:04,950
Loof de HEERE, want Hij is goed, want
Zijn goedertierenheid is voor eeuwig.

61
00:04:04,950 --> 00:04:09,210
Dat is in wezen dezelfde
manier waarop Psalm 106 begon.

62
00:04:09,210 --> 00:04:11,130
Daar staat die uitspraak:

63
00:04:11,130 --> 00:04:12,570
Halleluja!

64
00:04:12,570 --> 00:04:18,150
Loof de HEERE, want Hij is goed, want
Zijn goedertierenheid is voor eeuwig.

65
00:04:18,150 --> 00:04:19,350
Er staat:

66
00:04:19,350 --> 00:04:22,110
Laten zo spreken wie
de HEERE verlost heeft,

67
00:04:22,110 --> 00:04:25,830
die Hij verlost heeft uit de
hand van de tegenstanders,

68
00:04:25,830 --> 00:04:29,310
Nu komen we bij ons
eerste beeld. Er staat:

69
00:04:29,310 --> 00:04:34,470
en die Hij uit de landen bijeengebracht
heeft, van het oosten en van het westen,

70
00:04:34,470 --> 00:04:36,750
van het noorden en van de zee.

71
00:04:36,750 --> 00:04:41,250
Er waren er die dwaalden in de
woestijn, op een weg door de wildernis,

72
00:04:41,250 --> 00:04:44,070
een stad om te wonen vonden zij niet.

73
00:04:44,070 --> 00:04:49,530
Zij waren hongerig, ja , ook dorstig,
hun ziel was in hen bezweken.

74
00:04:49,530 --> 00:04:52,950
Maar toen zij in hun
benauwdheid tot de HEERE riepen,

75
00:04:52,950 --> 00:04:54,990
redde Hij hen uit hun angsten.

76
00:04:54,990 --> 00:05:00,330
Hij leidde hen op een rechte weg, zodat
zij naar een stad konden gaan om te wonen.

77
00:05:00,330 --> 00:05:03,870
Laten zij de HEERE loven
om Zijn goedertierenheid

78
00:05:03,870 --> 00:05:06,690
en om Zijn wonderen
voor de mensenkinderen.

79
00:05:06,690 --> 00:05:12,330
Hier gaat het over mensen die ronddwalen
en verstrooid zijn, zonder vaderland,

80
00:05:12,330 --> 00:05:15,630
en toch brengt God hen
bijeen in een vaderland.

81
00:05:15,630 --> 00:05:19,710
Dit zou kunnen verwijzen naar de
Joden die in de woestijn ronddwaalden,

82
00:05:19,710 --> 00:05:23,970
of het zou kunnen verwijzen naar de Joden
tijdens hun Babylonische ballingschap.

83
00:05:23,970 --> 00:05:28,590
In beide gevallen waren de mensen
min of meer verstrooid en dakloos,

84
00:05:28,590 --> 00:05:33,870
en leidde God hen een vaderland binnen,
naar hun eigen stad, hun eigen woonplaats,

85
00:05:33,870 --> 00:05:36,330
zoals vers 7 daarnaar verwijst.

86
00:05:36,330 --> 00:05:39,750
Maar het is mogelijk dat hij
niet zozeer verwijst naar

87
00:05:39,750 --> 00:05:42,630
specifieke gebeurtenissen in
de geschiedenis van de Joden,

88
00:05:42,630 --> 00:05:44,430
als wel naar beginselen.

89
00:05:44,430 --> 00:05:49,650
Wanneer mensen verstrooid zijn, is
God Degene tot Wie ze moeten opzien om

90
00:05:49,650 --> 00:05:51,810
hen naar een woonplaats te brengen.

91
00:05:51,810 --> 00:05:55,830
Afgezien van de Joden kunnen we natuurlijk
niet veel mensen bedenken op wie dit van

92
00:05:55,830 --> 00:05:57,270
toepassing zou zijn.

93
00:05:57,270 --> 00:06:01,890
Maar er staat niet noodzakelijkerwijs dat
dit een bepaalde gebeurtenis in de Joodse

94
00:06:01,890 --> 00:06:05,910
geschiedenis is, hoewel het ten minste
gedeeltelijk van toepassing zou zijn

95
00:06:05,910 --> 00:06:08,310
op een paar verschillende perioden.

96
00:06:08,310 --> 00:06:11,310
Dan hebben we in vers 9 het tweede beeld:

97
00:06:11,310 --> 00:06:14,130
Want Hij heeft de dorstige ziel verzadigd

98
00:06:14,130 --> 00:06:17,070
en de hongerige ziel
met het goede vervuld.

99
00:06:17,070 --> 00:06:21,450
Er waren er die in duisternis en
in de schaduw van de dood zaten,

100
00:06:21,450 --> 00:06:23,910
gevangen in ellende en ijzer.

101
00:06:23,910 --> 00:06:27,330
Want zij waren ongehoorzaam
geweest aan de woorden van God

102
00:06:27,330 --> 00:06:30,570
en hadden de raad van de
Allerhoogste verworpen.

103
00:06:30,570 --> 00:06:33,210
Daarom vernederde Hij
hun hart door moeite,

104
00:06:33,210 --> 00:06:36,030
zij struikelden en er was geen helper.

105
00:06:36,030 --> 00:06:39,870
Dat betekent dat zij de raad
van de Allerhoogste verachtten.

106
00:06:39,870 --> 00:06:43,050
Maar toen zij in hun
benauwdheid tot de HEERE riepen,

107
00:06:43,050 --> 00:06:45,270
verloste Hij hen uit hun angsten.

108
00:06:45,270 --> 00:06:48,990
Hij leidde hen uit de duisternis
en de schaduw van de dood

109
00:06:48,990 --> 00:06:50,850
en verscheurde hun banden.

110
00:06:50,850 --> 00:06:54,090
Laten zij de HEERE loven
om Zijn goedertierenheid

111
00:06:54,090 --> 00:06:56,370
en om Zijn wonderen
voor de mensenkinderen.

112
00:06:56,370 --> 00:06:58,350
Hier zien we mensen in gebondenheid,

113
00:06:58,350 --> 00:07:01,530
misschien een heel volk dat in
gevangenschap is weggevoerd,

114
00:07:01,530 --> 00:07:05,130
zoals de Joden in Babylon
of toen ze in Egypte waren.

115
00:07:05,130 --> 00:07:08,430
Op beide situaties zou
hier gedoeld kunnen worden.

116
00:07:08,430 --> 00:07:11,310
Het zou zelfs kunnen slaan
op afzonderlijke mensen die

117
00:07:11,310 --> 00:07:14,670
in kerkers zitten en in de
gevangenis zijn opgesloten.

118
00:07:14,670 --> 00:07:18,030
Maar ze roepen tot de
Heere en Hij bevrijdt hen.

119
00:07:18,030 --> 00:07:23,310
Dit gold voor Manasse, de zoon van
Hizkia, die een goddeloze koning was.

120
00:07:23,310 --> 00:07:27,750
God bracht een oordeel over hem en
liet hem door zijn vijanden wegvoeren.

121
00:07:27,750 --> 00:07:32,250
Maar hij riep tot de Heere en
bekeerde zich, en God bevrijdde hem.

122
00:07:32,250 --> 00:07:36,150
We zouden dit dus kunnen zien als
iets wat betrekking heeft op volken,

123
00:07:36,150 --> 00:07:41,610
zoals bij de Joden, of op afzonderlijke
mensen, zoals in het geval van Manasse.

124
00:07:41,610 --> 00:07:46,410
Hoe dan ook, er wordt gezegd dat God
in Zijn barmhartigheid en goedheid Zijn

125
00:07:46,410 --> 00:07:50,370
werken toont door Zijn volk te
bevrijden wanneer het tot Hem roept.

126
00:07:50,370 --> 00:07:53,070
Het volgende beeld komt in vers 16:

127
00:07:53,070 --> 00:07:56,070
Want Hij heeft de bronzen
deuren opengebroken en de

128
00:07:56,070 --> 00:07:58,530
ijzeren grendels stukgebroken.

129
00:07:58,530 --> 00:08:02,310
Er waren dwazen die om hun
weg vol overtreding en om hun

130
00:08:02,310 --> 00:08:04,470
ongerechtigheden gekweld werden.

131
00:08:04,470 --> 00:08:07,230
Hun ziel had een afschuw
van al het voedsel,

132
00:08:07,230 --> 00:08:10,050
zij waren tot aan de
poorten van de dood gekomen.

133
00:08:10,050 --> 00:08:13,290
Maar toen zij in hun
benauwdheid tot de HEERE riepen,

134
00:08:13,290 --> 00:08:15,690
verloste Hij hen uit hun angsten.

135
00:08:15,690 --> 00:08:21,450
Hij zond Zijn woord uit, genas hen
en bevrijdde hen uit hun graf kuilen.

136
00:08:21,450 --> 00:08:25,710
Laten zij de HEERE loven om
Zijn goedertierenheid en om Zijn

137
00:08:25,710 --> 00:08:27,390
wonderen voor de mensenkinderen.

138
00:08:27,390 --> 00:08:31,290
Dit lijkt te verwijzen naar ziekte, hoewel
het begint met een beschrijving van het

139
00:08:31,290 --> 00:08:34,230
verbreken van koperen poorten enzovoort.

140
00:08:34,230 --> 00:08:39,330
In wezen wordt er gezegd dat deze mensen,
ook al zijn ze uit gevangenschap bevrijd,

141
00:08:39,330 --> 00:08:41,970
nog steeds vaak overtredingen begaan.

142
00:08:41,970 --> 00:08:45,150
Volgens vers 17 zijn ze
dwaas als ze dat doen.

143
00:08:45,150 --> 00:08:48,870
Maar wegens hun overtreding
komt er verdrukking over hen.

144
00:08:48,870 --> 00:08:51,390
De verdrukking die in
vers 17 wordt genoemd,

145
00:08:51,390 --> 00:08:53,910
is waarschijnlijk lichamelijke ziekte.

146
00:08:53,910 --> 00:08:58,650
In vers 18 wordt die namelijk beschreven
als het verliezen van hun eetlust en het

147
00:08:58,650 --> 00:09:00,810
naderen tot de poorten van de dood.

148
00:09:00,810 --> 00:09:04,590
Dat zou natuurlijk betekenen dat ze
bijna op het punt stonden te sterven,

149
00:09:04,590 --> 00:09:06,870
waarschijnlijk door een ernstige ziekte.

150
00:09:06,870 --> 00:09:10,830
Toen Hij in vers 20 Zijn
woord zond, genas dat hen.

151
00:09:10,830 --> 00:09:15,570
Dat wil zeggen dat Hij de macht had om
hen door een gesproken woord te genezen.

152
00:09:15,570 --> 00:09:17,850
We kennen gevallen in het Oude Testament

153
00:09:17,850 --> 00:09:21,390
waarin mensen werden genezen
door Zijn woord te gehoorzamen.

154
00:09:21,390 --> 00:09:24,690
Toen de Israëlieten bijvoorbeeld
door slangen werden gebeten,

155
00:09:24,690 --> 00:09:29,850
zei God tegen hen dat ze naar de koperen
slang moesten kijken; wie dat deed,

156
00:09:29,850 --> 00:09:31,230
bleef in leven.

157
00:09:31,230 --> 00:09:34,290
De spreker beschouwt dit als
een voorbeeld van genezing door

158
00:09:34,290 --> 00:09:36,390
gehoorzaamheid aan Gods woord.

159
00:09:36,390 --> 00:09:39,090
Dat deden ze en ze werden genezen.

160
00:09:39,090 --> 00:09:42,450
Naäman, de Syriër, had melaatsheid.

161
00:09:42,450 --> 00:09:45,090
God liet hem door de
profeet zeggen dat hij zich

162
00:09:45,090 --> 00:09:47,550
zevenmaal in de Jordaan
moest onderdompelen.

163
00:09:47,550 --> 00:09:50,910
Hij deed dat en werd genezen, enzovoort.

164
00:09:50,910 --> 00:09:53,670
We hebben zulke gevallen
waarin God Zijn woord

165
00:09:53,670 --> 00:09:56,490
zond en gehoorzaamheid
aan Zijn woord ervoor

166
00:09:56,490 --> 00:09:58,830
zorgde dat zij van hun
ondergang werden gered.

167
00:09:58,830 --> 00:10:01,350
We zien dus dat dit naar ziekten verwijst.

168
00:10:01,350 --> 00:10:06,270
Dat de ziekte het gevolg was van
zonde, wordt in vers 17 genoemd.

169
00:10:06,270 --> 00:10:09,630
Daardoor is Gods
barmhartigheid des te groter.

170
00:10:09,630 --> 00:10:12,390
Als ze ondanks hun goedheid
ziek waren geworden,

171
00:10:12,390 --> 00:10:16,230
zou het misschien begrijpelijk
zijn dat God kwam en hen genas.

172
00:10:16,230 --> 00:10:19,530
Maar ze waren ziek geworden
vanwege hun zonden.

173
00:10:19,530 --> 00:10:21,570
Dit was een oordeel van God.

174
00:10:21,570 --> 00:10:25,350
Dat Hij hun geroep toch
beantwoordde en hen genas,

175
00:10:25,350 --> 00:10:28,230
maakt Gods genade des te treffender.

176
00:10:28,230 --> 00:10:33,330
Dit toont hoe goed Hij is en dat de
mensen Hem zouden prijzen om Zijn goedheid

177
00:10:33,330 --> 00:10:36,150
en om Zijn wonderwerken
voor de mensenkinderen.

178
00:10:36,150 --> 00:10:41,190
Dit laatste beeld, het vierde,
begint eigenlijk in vers 23,

179
00:10:41,190 --> 00:10:43,950
al moeten we vers 22 nog lezen.

180
00:10:43,950 --> 00:10:47,610
Het gaat over mensen die op
zee in een storm verkeren.

181
00:10:47,610 --> 00:10:52,290
Wanneer we het lezen, zul je de exacte
parallel zien met het verhaal waarin Jezus

182
00:10:52,290 --> 00:10:55,110
in de boot sliep toen de storm opstak.

183
00:10:55,110 --> 00:10:58,410
Zijn discipelen waren bang
en maakten Hem wakker.

184
00:10:58,410 --> 00:11:02,310
Ze riepen tot Hem en Hij
bracht de storm tot bedaren.

185
00:11:02,310 --> 00:11:07,230
In de evangeliën staat dat ze, nadat
Hij de storm tot bedaren had gebracht,

186
00:11:07,230 --> 00:11:10,230
onmiddellijk bij de haven
waren waar ze naartoe wilden.

187
00:11:10,230 --> 00:11:14,670
Wanneer we dit lezen, lijkt het bijna
alsof de psalmist de evangeliën had

188
00:11:14,670 --> 00:11:18,870
gelezen, omdat de bewoording
zo nauwkeurig overeenkomt.

189
00:11:18,870 --> 00:11:21,150
We zouden het zelfs
kunnen opvatten als een

190
00:11:21,150 --> 00:11:24,690
profetie die in het leven
van Jezus is vervuld.

191
00:11:24,690 --> 00:11:29,070
Als dat zo is, dan is dit waarschijnlijk
de meest gedetailleerde profetie in de

192
00:11:29,070 --> 00:11:30,750
Bijbel over Jezus.

193
00:11:30,750 --> 00:11:35,310
We hebben andere profetieën die
bijzonderheden over Zijn kruisiging geven,

194
00:11:35,310 --> 00:11:37,170
zoals Psalm 22.

195
00:11:37,170 --> 00:11:42,270
Ook dat is een van de meer gedetailleerde
profetieën over het leven van Jezus.

196
00:11:42,270 --> 00:11:47,010
Er zijn nog enkele andere plaatsen waar
een specifiek detail wordt gegeven,

197
00:11:47,010 --> 00:11:49,650
meestal in één of twee verzen.

198
00:11:49,650 --> 00:11:53,310
Soms gaat het om een van de belangrijkere
gebeurtenissen in Zijn leven,

199
00:11:53,310 --> 00:11:54,750
zoals Zijn dood.

200
00:11:54,750 --> 00:11:59,070
Maar dit lijkt te gaan over een
betrekkelijk klein voorval in Zijn leven.

201
00:11:59,070 --> 00:12:02,790
We moeten het feit dat iemand
de zee tot bedaren kon brengen,

202
00:12:02,790 --> 00:12:04,890
niet als iets kleins beschouwen.

203
00:12:04,890 --> 00:12:08,550
Maar vergeleken met zoveel
andere grote dingen die Hij deed,

204
00:12:08,550 --> 00:12:12,090
valt dit niet op als iets van
bijzonder grote betekenis.

205
00:12:12,090 --> 00:12:16,530
Het zou opmerkelijk zijn als dit
vooraf zo specifiek beschreven werd.

206
00:12:16,530 --> 00:12:20,010
Het zou kunnen aantonen dat de
profeet dat misschien niet wist.

207
00:12:20,010 --> 00:12:23,190
Misschien sprak hij alleen
over de algemene neiging van

208
00:12:23,190 --> 00:12:27,390
mensen om tot God te roepen wanneer
ze tijdens een storm op zee zijn,

209
00:12:27,390 --> 00:12:29,730
en over God Die hen komt redden.

210
00:12:29,730 --> 00:12:33,150
Maar zoals ik al zei, lijkt
de bewoording erop dat hij

211
00:12:33,150 --> 00:12:35,670
werkelijk de evangeliën heeft gelezen.

212
00:12:35,670 --> 00:12:39,750
We lezen de verzen 22 tot en met 31:

213
00:12:39,750 --> 00:12:44,250
Laten zij lofoffers brengen en met
gejuich van Zijn werken vertellen.

214
00:12:44,250 --> 00:12:49,950
Er zijn er die met schepen op zee varen
en handeldrijven op de grote wateren.

215
00:12:49,950 --> 00:12:53,850
Zíj zien de werken van de HEERE
en Zijn wonderen in de diepte.

216
00:12:53,850 --> 00:12:58,290
De discipelen van Jezus waren trouwens
mannen die op de grote wateren hun werk

217
00:12:58,290 --> 00:13:00,330
deden. Ze waren vissers.

218
00:13:00,330 --> 00:13:03,870
Wanneer Hij spreekt, doet
Hij een stormwind opsteken,

219
00:13:03,870 --> 00:13:06,150
die haar golven hoog opheft.

220
00:13:06,150 --> 00:13:09,990
Ze rijzen op naar de hemel, ze
dalen neer in de diepe wateren;

221
00:13:09,990 --> 00:13:12,570
hun ziel smelt weg van ellende.

222
00:13:12,570 --> 00:13:18,150
Zij wankelen en waggelen als een dronken
man, al hun wijsheid wordt verslonden.

223
00:13:18,150 --> 00:13:21,570
Maar toen zij in hun
benauwdheid tot de HEERE riepen,

224
00:13:21,570 --> 00:13:23,730
leidde Hij hen uit hun angsten.

225
00:13:23,730 --> 00:13:27,750
Hij brengt de storm tot stilte,
zodat hun golven zwijgen.

226
00:13:27,750 --> 00:13:32,850
Dan zijn zij verblijd, omdat de wateren
gestild zijn en Hij hen naar de haven van

227
00:13:32,850 --> 00:13:34,350
hun wens leidde.

228
00:13:34,350 --> 00:13:37,950
Laten zij de HEERE loven
om Zijn goedertierenheid

229
00:13:37,950 --> 00:13:40,710
en om Zijn wonderen
voor de mensenkinderen.

230
00:13:40,710 --> 00:13:46,410
Het gaat erover dat mensen de zee op gaan
en God gebiedt dat er een storm opsteekt.

231
00:13:46,410 --> 00:13:51,330
De golven zijn zo hoog dat ze de
boot omhoog en omlaag slingeren.

232
00:13:51,330 --> 00:13:53,430
De mensen zijn zeeziek.

233
00:13:53,430 --> 00:13:56,250
Ze wankelen rond als dronken mensen.

234
00:13:56,250 --> 00:14:00,090
Ze weten zich geen raad meer,
maar ze roepen tot de Heere

235
00:14:00,090 --> 00:14:02,850
en Hij brengt de storm tot bedaren.

236
00:14:02,850 --> 00:14:05,910
Dan komen ze op hun
gewenste bestemming aan.

237
00:14:05,910 --> 00:14:10,050
Dat vertoont heel veel parallellen
met het verhaal over Jezus.

238
00:14:10,050 --> 00:14:13,710
De discipelen riepen tot Jezus
toen ze zich tijdens de storm geen

239
00:14:13,710 --> 00:14:15,030
raad meer wisten.

240
00:14:15,030 --> 00:14:17,310
De boot dreigde te zinken.

241
00:14:17,310 --> 00:14:20,790
Jezus stond op en bracht
de storm tot bedaren,

242
00:14:20,790 --> 00:14:23,610
en toen waren ze onmiddellijk
op hun bestemming.

243
00:14:23,610 --> 00:14:25,770
Als dit niet als profetie bedoeld is,

244
00:14:25,770 --> 00:14:28,410
dan is het waarschijnlijk
dat de evangelieschrijvers,

245
00:14:28,410 --> 00:14:32,670
hoewel ze een waargebeurd verhaal
opschreven, wat duidelijk genoeg is,

246
00:14:32,670 --> 00:14:36,570
het feitelijk verwoordden op een
manier die naar deze psalm verwees.

247
00:14:36,570 --> 00:14:40,590
Johannes vermeldt namelijk dat de boot
onmiddellijk aan land kwam op de plaats

248
00:14:40,590 --> 00:14:45,630
waarheen de discipelen voeren; de
uitdrukking ‘de haven van hun wens’ staat

249
00:14:45,630 --> 00:14:48,450
in Psalm 107:30.

250
00:14:48,450 --> 00:14:52,770
De spreker ziet in die combinatie een
aanwijzing dat de evangelieschrijvers

251
00:14:52,770 --> 00:14:54,930
bekend waren met deze psalm.

252
00:14:54,930 --> 00:14:58,590
Toen ze het waargebeurde verhaal
over dit voorval vertelden,

253
00:14:58,590 --> 00:15:02,970
verwoordden ze het daarom in taal
die aan deze uitspraak doet denken.

254
00:15:02,970 --> 00:15:05,490
Dan staat er in vers 32:

255
00:15:05,490 --> 00:15:09,870
Laten zij Hem roemen in de bijeenkomst
van het volk en op de zetels van de

256
00:15:09,870 --> 00:15:11,730
oudsten Hem loven.

257
00:15:11,730 --> 00:15:12,870
Er staat:

258
00:15:12,870 --> 00:15:14,370
Wie is wijs?

259
00:15:14,370 --> 00:15:17,430
Laat hij op deze dingen letten,
en de goedertierenheid van de

260
00:15:17,430 --> 00:15:19,830
HEERE aandachtig opnemen.

261
00:15:19,830 --> 00:15:21,750
Na zijn laatste uitroep:

262
00:15:21,750 --> 00:15:25,950
Laten zij de HEERE loven om
Zijn goedertierenheid en om Zijn

263
00:15:25,950 --> 00:15:27,930
wonderen voor de mensenkinderen.

264
00:15:27,930 --> 00:15:32,310
en zijn laatste beschrijving van
rampspoed waaruit God mensen bevrijdt,

265
00:15:32,310 --> 00:15:36,450
die eindigt in vers 31, roept
hij de mensen vervolgens op

266
00:15:36,450 --> 00:15:39,270
om God te verhogen in
de gemeente van het volk

267
00:15:39,270 --> 00:15:43,830
en Hem te loven in de vergadering
van de oudsten. Waarom?

268
00:15:43,830 --> 00:15:49,470
Vanwege Zijn grote soevereine ingrijpen
door heel de menselijke geschiedenis heen.

269
00:15:49,470 --> 00:15:54,090
Hij veroorzaakt droogte, zoals
in vers 33 wordt bedoeld.

270
00:15:54,090 --> 00:15:58,230
Vervolgens zorgt Hij ervoor dat
het tegenovergestelde gebeurt.

271
00:15:58,230 --> 00:16:01,770
Hij laat in woestijnen en
wildernissen waterbronnen ontspringen

272
00:16:01,770 --> 00:16:05,310
en maakt er weer vruchtbare
akkers voor wijngaarden van.

273
00:16:05,310 --> 00:16:07,770
Er staat dat Hij
hetzelfde met mensen doet.

274
00:16:07,770 --> 00:16:11,310
Hij zal hen een land binnenbrengen
en hun zegeningen geven,

275
00:16:11,310 --> 00:16:14,310
maar vervolgens zal Hij ook
onderdrukking over hen brengen.

276
00:16:14,310 --> 00:16:18,870
In wezen wordt hier gezegd dat God alle
omstandigheden in Zijn macht heeft.

277
00:16:18,870 --> 00:16:23,190
Hij kan mensen vervloeken als Hij dat
vanwege hun zonden in Zijn hart heeft,

278
00:16:23,190 --> 00:16:25,050
of Hij kan hen bevrijden.

279
00:16:25,050 --> 00:16:29,250
Als iemand wijs is, zal hij
daarom op deze dingen letten.

280
00:16:29,250 --> 00:16:33,750
Dat wil zeggen: hij zal de
soevereiniteit van de Heere overdenken,

281
00:16:33,750 --> 00:16:38,190
proberen deze dingen te
doorgronden en zien wat God doet.

282
00:16:38,190 --> 00:16:42,810
Als mensen dit doen, zullen ze de
goedertierenheid van de Heere begrijpen.

283
00:16:42,810 --> 00:16:45,810
Wanneer je naar de omstandigheden
in de geschiedenis kijkt

284
00:16:45,810 --> 00:16:49,350
zonder daarin Gods hand te
zien, geven die je niet per se

285
00:16:49,350 --> 00:16:54,450
enig bijzonder inzicht in Gods plan of
ook maar enig inzicht in Zijn wezen.

286
00:16:54,450 --> 00:16:58,350
Maar wanneer je begint te zien wat Hij
doet in de opkomst en ondergang van

287
00:16:58,350 --> 00:17:03,270
volken, in het zenden van droogten, in
het brengen van een overvloed aan water

288
00:17:03,270 --> 00:17:07,350
naar een door hongersnood getroffen
gebied, of in welke dingen Hij ook doet

289
00:17:07,350 --> 00:17:11,850
die Zijn soevereiniteit over de
geschiedenis tonen, dan verandert dat.

290
00:17:11,850 --> 00:17:16,410
Wanneer je begint te overdenken hoe Zijn
doeleinden worden verwezenlijkt en op deze

291
00:17:16,410 --> 00:17:19,590
dingen let, zul je meer
van het wezen van God

292
00:17:19,590 --> 00:17:22,170
en Zijn goedertierenheid gaan begrijpen.

293
00:17:22,170 --> 00:17:25,530
De volgende drie psalmen hebben
we al behandeld als onderdelen

294
00:17:25,530 --> 00:17:27,330
van verschillende groepen.

295
00:17:27,330 --> 00:17:30,930
Psalm 109 was bijvoorbeeld
een van de vloekpsalmen.

296
00:17:30,930 --> 00:17:35,850
Psalm 108 bestond eenvoudigweg
uit delen van twee andere psalmen.

297
00:17:35,850 --> 00:17:41,010
De eerste vijf verzen zijn overgenomen
uit het einde van Psalm 57,

298
00:17:41,010 --> 00:17:45,030
en de rest van de psalm is
overgenomen uit Psalm 60.

299
00:17:45,030 --> 00:17:49,350
Er staat dus niets in Psalm 108
wat niet elders te vinden is.

300
00:17:49,350 --> 00:17:53,730
We hebben daarover gesproken toen
we die andere psalmen behandelden.

301
00:17:53,730 --> 00:17:56,550
Psalm 110 was een van de belangrijke

302
00:17:56,550 --> 00:18:01,410
Messiaanse psalmen over de koninklijke
heerlijkheid van de Messias en over

303
00:18:01,410 --> 00:18:05,850
Hem als Priester voor eeuwig
naar de ordening van Melchizedek.

304
00:18:05,850 --> 00:18:08,490
Daar hebben we enige tijd
geleden over gesproken,

305
00:18:08,490 --> 00:18:11,430
toen we de Messiaanse psalmen behandelden.

306
00:18:11,430 --> 00:18:15,450
Dat brengt ons bij Psalm 111 en 112.

307
00:18:15,450 --> 00:18:20,250
Psalm 111 en 112 zijn
beide acrostische psalmen.

308
00:18:20,250 --> 00:18:22,410
Ze zijn allebei even lang.

309
00:18:22,410 --> 00:18:28,050
In de Hebreeuwse Bijbel zijn ze
verdeeld in 22 regels, niet in 10.

310
00:18:28,050 --> 00:18:31,110
In onze Bijbel hebben ze elk 10 verzen,

311
00:18:31,110 --> 00:18:35,250
maar in het Hebreeuws bestaan
ze feitelijk uit 22 regels.

312
00:18:35,250 --> 00:18:39,390
Elke regel begint met de volgende
letter van het Hebreeuwse alfabet,

313
00:18:39,390 --> 00:18:44,190
zodat elk van deze psalmen het
hele Hebreeuwse alfabet doorloopt.

314
00:18:44,190 --> 00:18:47,850
Er zijn enkele interessante
overeenkomsten tussen beide.

315
00:18:47,850 --> 00:18:50,070
Ze beginnen allebei met de woorden:

316
00:18:50,070 --> 00:18:51,510
Prijs de Heer.

317
00:18:51,510 --> 00:18:55,950
De eerste, Psalm 111,
bezingt de werken van God,

318
00:18:55,950 --> 00:18:59,610
en Psalm 112 bezingt de man van God.

319
00:18:59,610 --> 00:19:02,730
Nu zijn de mannen van God
eigenlijk Zijn werken.

320
00:19:02,730 --> 00:19:04,770
Hij heeft ons geschapen.

321
00:19:04,770 --> 00:19:09,511
Weet dat de HEERE God is; Híj
heeft ons gemaakt — en niet wij —

322
00:19:09,511 --> 00:19:12,750
Zijn volk en de schapen van Zijn weide.

323
00:19:12,750 --> 00:19:15,390
Bovendien zijn wij Zijn maaksel.

324
00:19:15,390 --> 00:19:20,070
De woordverbinding die de spreker
legt tussen Gods ‘werken’ en de mens

325
00:19:20,070 --> 00:19:27,630
als Gods werk berust mede op het Engelse
woord ‘workmanship’ in Efeze 2:10.

326
00:19:27,630 --> 00:19:29,430
Dat vers vertelt ons:

327
00:19:29,430 --> 00:19:35,431
Want wij zijn Zijn maaksel, geschapen in
Christus Jezus om goede werken te doen ,

328
00:19:35,431 --> 00:19:39,810
die God van tevoren bereid heeft,
opdat wij daarin zouden wandelen.

329
00:19:39,810 --> 00:19:43,230
Hij is aan het werk in ons
leven, zodat wat wij zijn een

330
00:19:43,230 --> 00:19:45,330
voorbeeld is van Zijn werken.

331
00:19:45,330 --> 00:19:48,090
Hij heeft ons gemaakt tot wat wij zijn.

332
00:19:48,090 --> 00:19:51,690
Psalm 111 spreekt over Zijn
werken in het algemeen.

333
00:19:51,690 --> 00:19:56,550
Of daarmee Zijn daden of Zijn schepping
worden bedoeld, is niet duidelijk,

334
00:19:56,550 --> 00:20:00,030
want het woord ‘werken’
kan beide betekenen.

335
00:20:00,030 --> 00:20:04,710
Wanneer we over Gods werken spreken,
kunnen we het hebben over Zijn daden,

336
00:20:04,710 --> 00:20:06,390
de dingen die Hij doet.

337
00:20:06,390 --> 00:20:10,110
Aan de andere kant kunnen we,
wanneer we over Zijn werken spreken,

338
00:20:10,110 --> 00:20:11,730
de schepping bedoelen.

339
00:20:11,730 --> 00:20:15,990
De hemelen zijn, om zo te zeggen,
de werken van Zijn handen.

340
00:20:15,990 --> 00:20:20,610
In beide gevallen wordt stilgestaan bij
de macht van God en de wijsheid van God,

341
00:20:20,610 --> 00:20:23,790
zoals die zichtbaar worden
in wat Hij heeft gedaan.

342
00:20:23,790 --> 00:20:29,010
Dat kan zijn in iets wat Hij geschapen
heeft, of in iets wat Hij aan het doen is.

343
00:20:29,010 --> 00:20:33,510
Steeds opnieuw vinden we, in
vrijwel elk vers van Psalm 111,

344
00:20:33,510 --> 00:20:36,330
een verwijzing naar de
werken van de Heere.

345
00:20:36,330 --> 00:20:41,490
Zoals bijna elk vers van Psalm 119
over het Woord van de Heere spreekt,

346
00:20:41,490 --> 00:20:46,590
zo hebben we hier de werken van de
Heere en vervolgens, in Psalm 112,

347
00:20:46,590 --> 00:20:48,090
de man van God.

348
00:20:48,090 --> 00:20:51,630
De werken van God en de
mannen van God worden in deze

349
00:20:51,630 --> 00:20:54,570
twee psalmen beschreven en geprezen.

350
00:20:54,570 --> 00:20:56,370
Psalm 111 zegt:

351
00:20:56,370 --> 00:21:00,330
Halleluja! Ik zal de HEERE
loven met heel mijn hart,

352
00:21:00,330 --> 00:21:03,810
in de kring van de oprechten
en in hun gemeenschap.

353
00:21:03,810 --> 00:21:06,030
De werken van de HEERE zijn groot,

354
00:21:06,030 --> 00:21:09,450
zij worden onderzocht door
allen die er vreugde in vinden.

355
00:21:09,450 --> 00:21:12,690
Zijn daden zijn vol majesteit en glorie,

356
00:21:12,690 --> 00:21:15,690
Zijn gerechtigheid
houdt voor eeuwig stand.

357
00:21:15,690 --> 00:21:18,750
Hij heeft voor Zijn wonderen
een gedachtenis gemaakt,

358
00:21:18,750 --> 00:21:22,470
zain de HEERE is genadig en barmhartig.

359
00:21:22,470 --> 00:21:25,230
Hij heeft voedsel gegeven
aan wie Hem vrezen.

360
00:21:25,230 --> 00:21:27,630
Hij denkt voor eeuwig aan Zijn verbond.

361
00:21:27,630 --> 00:21:30,930
Hij heeft de kracht van Zijn
werken bekendgemaakt aan Zijn volk

362
00:21:30,930 --> 00:21:34,470
door hun het erfelijk bezit
van de heidenvolken te geven.

363
00:21:34,470 --> 00:21:40,410
De werken van Zijn handen zijn waarheid en
recht, al Zijn bevelen zijn betrouwbaar.

364
00:21:40,410 --> 00:21:44,070
Zij worden ondersteund,
voor eeuwig en voor altijd,

365
00:21:44,070 --> 00:21:48,090
want zij zijn gedaan in
waarheid en oprechtheid.

366
00:21:48,090 --> 00:21:50,550
ain Hij heeft Zijn volk
verlossing gezonden;

367
00:21:50,550 --> 00:21:53,850
Hij heeft Zijn verbond
voor eeuwig ingesteld;

368
00:21:53,850 --> 00:21:57,390
Zijn Naam is heilig en ontzagwekkend.

369
00:21:57,390 --> 00:22:02,490
De vreze des HEEREN is het beginsel van
wijsheid, allen die ernaar handelen,

370
00:22:02,490 --> 00:22:07,590
hebben een goed inzicht; sin
Zijn lof houdt voor eeuwig stand.

371
00:22:07,590 --> 00:22:11,850
Zoals zoveel van deze psalmen begint
hij met een oproep aan de lezer om de

372
00:22:11,850 --> 00:22:13,290
Heere te prijzen.

373
00:22:13,290 --> 00:22:17,730
Het is duidelijk dat zij de Heere
moeten prijzen om Zijn grote werken.

374
00:22:17,730 --> 00:22:19,590
Zoals in vers 2 staat:

375
00:22:19,590 --> 00:22:23,970
De werken van de HEERE zijn groot,
gimel zij worden onderzocht door

376
00:22:23,970 --> 00:22:27,090
allen die er vreugde in vinden. daleth

377
00:22:27,090 --> 00:22:30,750
Er zijn mensen die er vreugde in
scheppen God te zien handelen,

378
00:22:30,750 --> 00:22:33,750
en zij zullen ernaar verlangen
Hem te zien handelen.

379
00:22:33,750 --> 00:22:36,210
Ik geloof dat wij God moeten vragen om

380
00:22:36,210 --> 00:22:39,210
onder ons te werken en
Zijn werken te doen.

381
00:22:39,210 --> 00:22:43,170
Zij die vreugde scheppen in Zijn
werken, zullen ernaar zoeken.

382
00:22:43,170 --> 00:22:45,090
Zij zullen ze naspeuren.

383
00:22:45,090 --> 00:22:46,110
Er staat:

384
00:22:46,110 --> 00:22:49,890
Zijn daden zijn vol majesteit en glorie,

385
00:22:49,890 --> 00:22:53,850
he Zijn gerechtigheid houdt
voor eeuwig stand. waw

386
00:22:53,850 --> 00:22:59,250
Het is interessant, want over de man van
God staat in vers 9 van de volgende psalm:

387
00:22:59,250 --> 00:23:02,730
Hij deelt mild uit,
hij geeft aan de armen,

388
00:23:02,730 --> 00:23:05,850
pe zijn gerechtigheid
houdt voor eeuwig stand,

389
00:23:05,850 --> 00:23:09,450
tsade zijn hoorn zal met
eer opgeheven worden. koph

390
00:23:09,450 --> 00:23:11,850
Daar wordt niet over Gods
gerechtigheid gesproken,

391
00:23:11,850 --> 00:23:16,350
maar in Psalm 112:9 staat
over de man van God:

392
00:23:16,350 --> 00:23:19,770
Zijn rechtvaardigheid
blijft voor altijd bestaan,

393
00:23:19,770 --> 00:23:22,230
zoals we zullen zien wanneer we dat lezen.

394
00:23:22,230 --> 00:23:25,650
We zien dat Gods gerechtigheid
en de gerechtigheid van Zijn

395
00:23:25,650 --> 00:23:28,050
volk eeuwig standhouden.

396
00:23:28,050 --> 00:23:32,160
Wanneer we bedenken dat onze gerechtigheid
ons door geloof wordt toegerekend,

397
00:23:32,160 --> 00:23:36,030
dat God ons de gerechtigheid
van Christus heeft toegerekend,

398
00:23:36,030 --> 00:23:39,570
dan is ons eeuwige gerechtigheid gegeven.

399
00:23:39,570 --> 00:23:45,330
Het is die gerechtigheid van God, die
eeuwig standhoudt, die nu van ons is,

400
00:23:45,330 --> 00:23:48,870
zodat ook onze gerechtigheid
eeuwig standhoudt.

401
00:23:48,870 --> 00:23:49,890
Er staat:

402
00:23:49,890 --> 00:23:53,190
Hij heeft voor Zijn wonderen
een gedachtenis gemaakt,

403
00:23:53,190 --> 00:23:57,330
zain de HEERE is genadig
en barmhartig. cheth

404
00:23:57,330 --> 00:24:01,770
Dat gebeurt onder andere doordat er
psalmen als deze zijn geschreven.

405
00:24:01,770 --> 00:24:05,550
Daardoor worden Zijn wonderlijke
werken in herinnering gehouden.

406
00:24:05,550 --> 00:24:08,010
Ze herinneren ons aan die werken.

407
00:24:08,010 --> 00:24:11,790
De HEERE is genadig en vol ontferming.

408
00:24:11,790 --> 00:24:15,930
Er wordt vermeld dat Hij voedsel
heeft gegeven aan wie Hem vrezen.

409
00:24:15,930 --> 00:24:19,530
Dat verwijst waarschijnlijk naar het
voeden van de Joden in de woestijn,

410
00:24:19,530 --> 00:24:24,810
omdat deze psalm, net als de andere,
zo vaak naar die tijd verwijst.

411
00:24:24,810 --> 00:24:28,530
Er staat dat Hij Zijn volk de kracht
van Zijn werken heeft getoond,

412
00:24:28,530 --> 00:24:31,350
om hun het erfdeel van
de heidenen te geven.

413
00:24:31,350 --> 00:24:35,370
Dat verwijst ernaar dat Hij
hun onder Jozua overwinningen

414
00:24:35,370 --> 00:24:38,490
schonk in hun veldslagen
in het land Kanaän,

415
00:24:38,490 --> 00:24:42,150
en dat zij het erfdeel van
de heidenen in bezit namen.

416
00:24:42,150 --> 00:24:45,870
De werken van Zijn handen
zijn waarheid en recht,

417
00:24:45,870 --> 00:24:48,990
mem al Zijn bevelen zijn betrouwbaar. nun

418
00:24:48,990 --> 00:24:54,390
Het Engelse woord ‘verity’
betekent zekerheid of waarheid.

419
00:24:54,390 --> 00:24:56,910
Zijn werken zijn dus waarheid.

420
00:24:56,910 --> 00:24:59,970
In vers 8 staat er zelfs over die werken:

421
00:24:59,970 --> 00:25:05,250
Zij worden ondersteund,
voor eeuwig en voor altijd,

422
00:25:05,250 --> 00:25:09,210
samech want zij zijn gedaan in
waarheid en oprechtheid. ain

423
00:25:09,210 --> 00:25:14,310
In Psalm 33 staat een vers
dat in wezen hetzelfde zegt:

424
00:25:14,310 --> 00:25:19,170
Want het woord van de HEERE is
recht en al Zijn werk betrouwbaar.

425
00:25:19,170 --> 00:25:24,330
**Verwijzing gecontroleerd:**
de spreker noemde Psalmen 133,

426
00:25:24,330 --> 00:25:28,170
maar de bewoording is Psalmen 33:4.

427
00:25:28,170 --> 00:25:31,590
Dat is Psalm 33, vers 4.

428
00:25:31,590 --> 00:25:34,890
Dat wil zeggen dat God geen bedrieger is.

429
00:25:34,890 --> 00:25:40,830
Alles wat Hij doet, is in overeenstemming
met wat Hij heeft gezegd dat Hij zal doen.

430
00:25:40,830 --> 00:25:45,630
Zijn werken worden gedaan in
trouw, waarheid of eerlijkheid.

431
00:25:45,630 --> 00:25:47,790
Het zijn edele werken.

432
00:25:47,790 --> 00:25:51,150
Volgens vers 3 zijn het eervolle werken.

433
00:25:51,150 --> 00:25:52,890
In vers 9 staat:

434
00:25:52,890 --> 00:25:58,470
Hij heeft Zijn volk verlossing gezonden;
pe Hij heeft Zijn verbond voor eeuwig

435
00:25:58,470 --> 00:26:04,350
ingesteld; tsade Zijn Naam is
heilig en ontzagwekkend. koph

436
00:26:04,350 --> 00:26:08,550
Daarmee wordt natuurlijk bedoeld
dat Hij hen uit Egypte bevrijdde.

437
00:26:08,550 --> 00:26:11,910
Hij verloste hen uit de
hand van de Egyptenaren.

438
00:26:11,910 --> 00:26:15,030
Als dit na de Babylonische
ballingschap is geschreven,

439
00:26:15,030 --> 00:26:19,290
kan het ook verwijzen naar een tweede keer
waarop Hij hen uit de hand van de vijand

440
00:26:19,290 --> 00:26:22,350
verloste, namelijk uit de
Babylonische ballingschap.

441
00:26:22,350 --> 00:26:26,910
De conclusie is dat Gods
werken edel, krachtig, eervol,

442
00:26:26,910 --> 00:26:31,470
liefdevol en barmhartig zijn,
en in waarheid worden gedaan.

443
00:26:31,470 --> 00:26:35,190
Daarom is het eenvoudigweg
wijs om de HEERE te vrezen.

444
00:26:35,190 --> 00:26:39,150
Zijn werken zijn groot en je kunt
je nooit tegen Hem verzetten.

445
00:26:39,150 --> 00:26:41,610
Je kunt je maar beter naar Hem voegen.

446
00:26:41,610 --> 00:26:45,990
Je kunt je maar beter aan Zijn werken
onderwerpen en daarmee overeenstemmen en

447
00:26:45,990 --> 00:26:51,270
in harmonie zijn, in plaats van je tegen
Zijn werken en Zijn wegen te verzetten.

448
00:26:51,270 --> 00:26:54,510
Daarom zal de wijze mens de HEERE vrezen.

449
00:26:54,510 --> 00:26:59,730
De vreze des HEEREN is het beginsel van
wijsheid, resj allen die ernaar handelen,

450
00:26:59,730 --> 00:27:05,310
hebben een goed inzicht; sin Zijn
lof houdt voor eeuwig stand. taw

451
00:27:05,310 --> 00:27:09,570
Je hebt helemaal geen wijsheid als je
niet bent begonnen met God te vrezen.

452
00:27:09,570 --> 00:27:13,590
Wie Zijn geboden niet doet, heeft
volgens Spreuken helemaal geen inzicht,

453
00:27:13,590 --> 00:27:16,830
want zo iemand denkt niet na over
de gevolgen op de lange termijn

454
00:27:16,830 --> 00:27:18,090
van zijn daden.

455
00:27:18,090 --> 00:27:20,550
Als je nadenkt over je
uiteindelijke einde,

456
00:27:20,550 --> 00:27:23,370
zul je vanzelfsprekend
Zijn geboden houden.

457
00:27:23,370 --> 00:27:27,930
Wie dat doet, laat zien dat hij
een goed inzicht heeft. Er staat:

458
00:27:27,930 --> 00:27:30,870
Zijn lof blijft voor altijd bestaan.

459
00:27:30,870 --> 00:27:35,010
Psalm 112 gaat, zoals ik al zei,
niet over de werken van God,

460
00:27:35,010 --> 00:27:36,870
maar over de man van God.

461
00:27:36,870 --> 00:27:40,290
Het is een uitvoerige
beschrijving van de man van God.

462
00:27:40,290 --> 00:27:44,790
Paulus haalt die in 2 Korinthe aan om te
spreken over de vrijgevigheid van de man

463
00:27:44,790 --> 00:27:49,470
van God en om de gemeente in Korinthe
aan te sporen vrijgevig te zijn,

464
00:27:49,470 --> 00:27:52,710
en zo te laten zien dat
zij dit soort mensen zijn.

465
00:27:52,710 --> 00:27:53,730
Er staat:

466
00:27:53,730 --> 00:27:55,050
Halleluja!

467
00:27:55,050 --> 00:28:00,870
Welzalig de man die de HEERE vreest, aleph
die grote vreugde vindt in Zijn geboden.

468
00:28:00,870 --> 00:28:03,750
beth Zijn nageslacht zal
machtig zijn op aarde,

469
00:28:03,750 --> 00:28:06,870
gimel het geslacht van de
oprechten zal gezegend worden.

470
00:28:06,870 --> 00:28:10,950
daleth In zijn huis zal
bezit en rijkdom zijn,

471
00:28:10,950 --> 00:28:14,310
he zijn gerechtigheid
houdt voor eeuwig stand.

472
00:28:14,310 --> 00:28:19,050
waw Voor de oprechten gaat
het licht op in de duisternis.

473
00:28:19,050 --> 00:28:23,670
zain Hij is genadig en
barmhartig en rechtvaardig.

474
00:28:23,670 --> 00:28:27,750
cheth Goed gaat het een man
die zich ontfermt en uitleent,

475
00:28:27,750 --> 00:28:30,510
teth hij behartigt zijn
zaken volgens het recht.

476
00:28:30,510 --> 00:28:34,650
jod Voorzeker, hij zal
voor eeuwig niet wankelen,

477
00:28:34,650 --> 00:28:38,430
kaph de rechtvaardige zal
eeuwig in gedachtenis blijven.

478
00:28:38,430 --> 00:28:43,950
lamed Hij zal voor geen kwaad gerucht
vrezen, mem zijn hart is standvastig,

479
00:28:43,950 --> 00:28:45,930
hij vertrouwt op de HEERE.

480
00:28:45,930 --> 00:28:51,690
nun Zijn hart wordt ondersteund,
hij zal niet bevreesd zijn,

481
00:28:51,690 --> 00:28:54,870
samech totdat hij de val
van zijn tegenstanders ziet.

482
00:28:54,870 --> 00:28:58,230
ain Hij deelt mild uit,
hij geeft aan de armen,

483
00:28:58,230 --> 00:29:01,290
pe zijn gerechtigheid
houdt voor eeuwig stand,

484
00:29:01,290 --> 00:29:04,470
tsade zijn hoorn zal met
eer opgeheven worden.

485
00:29:04,470 --> 00:29:08,850
koph De goddeloze zal het
zien en toornig worden,

486
00:29:08,850 --> 00:29:11,490
resj knarsetandend zal hij wegteren.

487
00:29:11,490 --> 00:29:15,150
sjin Wat de goddelozen
verlangen, zal vergaan. taw

488
00:29:15,150 --> 00:29:20,970
Dat wil zeggen: de man die grote vreugde
vindt in Gods geboden — zijn nageslacht,

489
00:29:20,970 --> 00:29:24,390
zijn kinderen — zal machtig zijn op aarde.

490
00:29:24,390 --> 00:29:28,950
Dat wil zeggen: de kinderen of
het gezin van de oprechte man.

491
00:29:28,950 --> 00:29:32,010
De eerste negen verzen
gaan over de man van God,

492
00:29:32,010 --> 00:29:37,110
en het laatste vers stelt daartegenover
wat er met de goddeloze mens zal gebeuren.

493
00:29:37,110 --> 00:29:39,990
Die zal niet al deze zegeningen ontvangen.

494
00:29:39,990 --> 00:29:43,530
Over de rechtvaardige man worden
verschillende dingen gezegd.

495
00:29:43,530 --> 00:29:45,450
Allereerst wordt hij omschreven.

496
00:29:45,450 --> 00:29:49,950
De beschrijving van de man over
wie het gaat, staat in vers 1.

497
00:29:49,950 --> 00:29:54,570
Hij is iemand die God vreest en
vreugde vindt in Gods geboden.

498
00:29:54,570 --> 00:29:57,750
Hij vindt het aangenaam
om God te gehoorzamen.

499
00:29:57,750 --> 00:29:59,490
Hij doet dat met vreugde.

500
00:29:59,490 --> 00:30:04,890
Hij doet het niet met tegenzin, want in de
vreze des HEEREN ontdekt hij dat het wijs,

501
00:30:04,890 --> 00:30:08,550
nuttig en vervullend is
om Gods geboden te houden.

502
00:30:08,550 --> 00:30:11,970
Er worden veel voordelen
genoemd die deze man heeft.

503
00:30:11,970 --> 00:30:14,910
Allereerst heeft het met
zijn kinderen te maken.

504
00:30:14,910 --> 00:30:19,290
Zijn kinderen zullen machtig zijn op
aarde, en het geslacht van de oprechten,

505
00:30:19,290 --> 00:30:22,830
ofwel de kinderen van de
oprechten, zal gezegend worden.

506
00:30:22,830 --> 00:30:26,610
Er is een interessant gegeven
waarover iemand me eens vertelde.

507
00:30:26,610 --> 00:30:30,330
Die persoon had gelezen over een
onderzoek naar beroemde mensen uit

508
00:30:30,330 --> 00:30:32,130
de moderne geschiedenis.

509
00:30:32,130 --> 00:30:35,250
Daarbij werd gebruikgemaakt
van het boek Who’s Who.

510
00:30:35,250 --> 00:30:40,350
Dat is natuurlijk een niet-religieus boek
waarin staat wie wie is in de wereld,

511
00:30:40,350 --> 00:30:44,490
wie grote dingen tot stand heeft
gebracht en wie op een of andere manier

512
00:30:44,490 --> 00:30:48,090
naam heeft gemaakt door een
bepaalde bijdrage te leveren aan de

513
00:30:48,090 --> 00:30:50,190
samenleving en de cultuur.

514
00:30:50,190 --> 00:30:54,150
Uit dit onderzoek bleek dat men had
gekeken naar de afkomst van de mensen die

515
00:30:54,150 --> 00:30:56,670
in Who’s Who waren opgenomen.

516
00:30:56,670 --> 00:30:58,650
Uit wat voor gezinnen kwamen ze?

517
00:30:58,650 --> 00:31:00,390
Hoe waren hun ouders?

518
00:31:00,390 --> 00:31:03,030
Ik kan de statistieken
niet geven, want het waren

519
00:31:03,030 --> 00:31:06,690
grote getallen en het is lang
geleden dat ik erover hoorde.

520
00:31:06,690 --> 00:31:09,390
Maar ik kan wel de kern van
het onderzoek weergeven.

521
00:31:09,390 --> 00:31:14,070
Het onderzoek liet zien dat
betrekkelijk weinig mensen in Who’s Who

522
00:31:14,070 --> 00:31:15,870
uit gezinnen van artsen,

523
00:31:15,870 --> 00:31:20,130
advocaten en vergelijkbare
vrije beroepsbeoefenaars kwamen.

524
00:31:20,130 --> 00:31:22,170
Het was ongeveer zo.

525
00:31:22,170 --> 00:31:27,630
Zoals zij het formuleerden, waren er
zoiets als vijfduizend artsen nodig om

526
00:31:27,630 --> 00:31:31,590
één kind voort te brengen dat
in Who’s Who terecht zou komen.

527
00:31:31,590 --> 00:31:36,690
Met andere woorden, één kind op de
vijfduizend mensen uit dat soort gezinnen

528
00:31:36,690 --> 00:31:39,630
komt werkelijk in Who’s Who terecht.

529
00:31:39,630 --> 00:31:42,750
Dat laat natuurlijk zien dat
mensen uit zulke gezinnen

530
00:31:42,750 --> 00:31:46,350
niet altijd zo’n grote
bijdrage aan de wereld leveren.

531
00:31:46,350 --> 00:31:49,050
Er waren veel verschillende
categorieën mensen.

532
00:31:49,050 --> 00:31:52,950
Maar het opvallendste
resultaat betrof predikanten.

533
00:31:52,950 --> 00:31:57,030
Zij werden in het onderzoek zelfs
naar kerkgenootschap ingedeeld,

534
00:31:57,030 --> 00:32:01,470
zoals presbyteriaanse en
methodistische predikanten.

535
00:32:01,470 --> 00:32:04,770
Naar schatting waren er
slechts tien gezinnen,

536
00:32:04,770 --> 00:32:08,970
of tien methodistische
predikanten of iets dergelijks,

537
00:32:08,970 --> 00:32:13,890
nodig om één persoon voort te
brengen die in Who’s Who terechtkwam.

538
00:32:13,890 --> 00:32:18,270
Van de mensen die door methodistische
predikanten waren grootgebracht,

539
00:32:18,270 --> 00:32:20,310
was het één op de tien.

540
00:32:20,310 --> 00:32:24,870
Dat is misschien niet het precieze
getal, maar het was zo’n heel laag getal.

541
00:32:24,870 --> 00:32:29,010
Voor zover ik me herinner,
gold het hoogste, of het beste,

542
00:32:29,010 --> 00:32:31,890
cijfer volgens mij voor
kinderen van zendelingen.

543
00:32:31,890 --> 00:32:35,670
Er waren zoiets als slechts
vijf zendingsgezinnen nodig,

544
00:32:35,670 --> 00:32:40,410
of misschien waren het er tien, om één
kind voort te brengen dat uiteindelijk in

545
00:32:40,410 --> 00:32:42,150
Who’s Who terechtkwam.

546
00:32:42,150 --> 00:32:44,250
Het is natuurlijk altijd een zwak punt

547
00:32:44,250 --> 00:32:47,610
wanneer je de precieze
cijfers niet kunt aanhalen.

548
00:32:47,610 --> 00:32:51,210
Toch was het onderzoek interessant,
omdat het illustreerde dat het

549
00:32:51,210 --> 00:32:55,170
nageslacht van degenen die de Heere
vreesden machtig was op aarde.

550
00:32:55,170 --> 00:32:58,710
Dat wil zeggen, ze werden
mensen van betekenis.

551
00:32:58,710 --> 00:33:02,670
Onder de mensen die door godvruchtige
ouders waren grootgebracht,

552
00:33:02,670 --> 00:33:05,550
had een hoger percentage
van degenen die door

553
00:33:05,550 --> 00:33:09,450
zendelingen en predikanten waren
grootgebracht daadwerkelijk

554
00:33:09,450 --> 00:33:14,550
een opmerkelijke bijdrage aan de
cultuur en de samenleving geleverd.

555
00:33:14,550 --> 00:33:17,190
Daarom worden ze in Who’s Who vermeld.

556
00:33:17,190 --> 00:33:20,730
Dat betekent natuurlijk alleen
dat je aardse eer ontvangt,

557
00:33:20,730 --> 00:33:23,310
namelijk dat je in dat boek staat.

558
00:33:23,310 --> 00:33:26,730
Het is geen aanwijzing dat
die mensen God behaagden.

559
00:33:26,730 --> 00:33:31,710
Maar het punt is dat hier wordt beloofd
dat het nageslacht van de godvruchtige man

560
00:33:31,710 --> 00:33:33,630
machtig zal zijn op aarde.

561
00:33:33,630 --> 00:33:37,170
Dat onderzoek lijkt die
stelling te ondersteunen.

562
00:33:37,170 --> 00:33:38,310
Er staat:

563
00:33:38,310 --> 00:33:41,790
Er zullen rijkdom en
overvloed in zijn huis zijn.

564
00:33:41,790 --> 00:33:45,630
Ik luisterde op een geluidsopname
naar deze psalm en dacht:

565
00:33:45,630 --> 00:33:49,590
„Ik vraag me af of dat betekent
dat ik niet erg godvruchtig ben.

566
00:33:49,590 --> 00:33:52,350
Ik heb niet erg veel
rijkdom of bezittingen.

567
00:33:52,350 --> 00:33:56,010
Als een godvruchtige man rijkdom
en bezittingen hoort te hebben,

568
00:33:56,010 --> 00:33:58,590
ben ik kennelijk niet erg godvruchtig.”

569
00:33:58,590 --> 00:34:02,310
Maar toen had ik het gevoel dat
de Heere mij eraan herinnerde

570
00:34:02,310 --> 00:34:05,490
dat wij rijkdom in de
hemelse gewesten hebben,

571
00:34:05,490 --> 00:34:09,810
dat onze schatten niet op aarde
worden verzameld, maar in de hemel.

572
00:34:09,810 --> 00:34:14,730
Het is waar dat aardse rijkdom
in het Oude Testament vaak als de

573
00:34:14,730 --> 00:34:18,750
zegen van God werd gezien en
waarschijnlijk aan rechtvaardige mensen

574
00:34:18,750 --> 00:34:19,950
ten deel viel.

575
00:34:19,950 --> 00:34:23,850
Maar in ons geval hebben
wij geestelijke rijkdom,

576
00:34:23,850 --> 00:34:26,370
zegeningen in de hemelse gewesten.

577
00:34:26,370 --> 00:34:29,910
Het is niet zo dat wij onze
huizen met rijkdom vullen.

578
00:34:29,910 --> 00:34:34,590
Jezus heeft ons uitdrukkelijk
gezegd dat niet te doen. Hij zei:

579
00:34:34,590 --> 00:34:39,450
Verzamel geen schatten voor u op de
aarde, waar mot en roest ze verderven,

580
00:34:39,450 --> 00:34:45,030
en waar dieven inbreken en stelen; maar
verzamel schatten voor u in de hemel,

581
00:34:45,030 --> 00:34:50,670
waar geen mot of roest ze verderft, en
waar dieven niet inbreken of stelen;

582
00:34:50,670 --> 00:34:53,430
Wij hebben een ander soort rijkdom.

583
00:34:53,430 --> 00:34:58,650
Wij hebben eeuwig leven, waarvan Jezus zei
dat het is als een schat die in een akker

584
00:34:58,650 --> 00:35:02,190
wordt gevonden, of als een
parel van grote waarde,

585
00:35:02,190 --> 00:35:06,570
waarvoor mensen alles wat ze hadden
zouden verkopen om die te verkrijgen.

586
00:35:06,570 --> 00:35:10,050
Alleen al het feit dat wij in
het Koninkrijk van God zijn,

587
00:35:10,050 --> 00:35:14,490
betekent dat wij een grote schat
bezitten: een geestelijke schat,

588
00:35:14,490 --> 00:35:17,610
niet noodzakelijkerwijs
een stoffelijke schat.

589
00:35:17,610 --> 00:35:21,030
Degenen onder ons die kinderen
hebben die gelovig zijn,

590
00:35:21,030 --> 00:35:23,730
kunnen zien dat wij
werkelijk rijke mensen zijn.

591
00:35:23,730 --> 00:35:27,990
Denk maar aan al die mensen aan wie door
hun kinderen verdriet wordt aangedaan

592
00:35:27,990 --> 00:35:30,690
en van wie de kinderen
hun tot schande worden.

593
00:35:30,690 --> 00:35:35,550
Maar degenen onder ons die kinderen hebben
die ons niet tot schande hebben gemaakt,

594
00:35:35,550 --> 00:35:41,130
maar de wegen van God lijken te gaan,
kunnen zichzelf werkelijk rijk noemen.

595
00:35:41,130 --> 00:35:45,810
In zekere zin hebben wij schatten
in ons huis, in ons gezin.

596
00:35:45,810 --> 00:35:49,290
Er bestaan naast geld nog
andere soorten schatten.

597
00:35:49,290 --> 00:35:53,190
De godvruchtige man zal op de een
of andere manier gezegend worden

598
00:35:53,190 --> 00:35:57,930
met een bepaalde schat die in
Gods ogen van grote waarde is.

599
00:35:57,930 --> 00:36:01,230
Merk op dat er aan het
einde van vers 3 staat:

600
00:36:01,230 --> 00:36:05,670
In zijn huis zal bezit en rijkdom zijn,

601
00:36:05,670 --> 00:36:10,110
he zijn gerechtigheid houdt
voor eeuwig stand. waw

602
00:36:10,110 --> 00:36:12,450
zoals er ook in vers 9 staat:

603
00:36:12,450 --> 00:36:16,650
Hij deelt mild uit,
hij geeft aan de armen,

604
00:36:16,650 --> 00:36:20,610
pe zijn gerechtigheid
houdt voor eeuwig stand,

605
00:36:20,610 --> 00:36:24,690
tsade zijn hoorn zal met
eer opgeheven worden. koph

606
00:36:24,690 --> 00:36:28,710
waarbij het gaat over de
gerechtigheid van de godvruchtige man.

607
00:36:28,710 --> 00:36:34,350
Zoals ik al zei, wordt onze gerechtigheid
ons door geloof in Christus toegerekend,

608
00:36:34,350 --> 00:36:39,750
net zoals Abraham God geloofde en het
hem tot gerechtigheid werd toegerekend.

609
00:36:39,750 --> 00:36:44,730
Wanneer wij dus op Christus vertrouwen,
wordt Zijn gerechtigheid ons gewaad.

610
00:36:44,730 --> 00:36:48,270
Zijn gerechtigheid wordt
onze positie voor God.

611
00:36:48,270 --> 00:36:54,810
Omdat Zijn gerechtigheid eeuwig is, is die
van ons dat ook, want de onze is de Zijne.

612
00:36:54,810 --> 00:37:00,510
Zoals je mij al eerder hebt horen
aanhalen, zegt 2 Korinthe 5:21 dat:

613
00:37:00,510 --> 00:37:05,550
Want Hem Die geen zonde gekend heeft,
heeft Hij voor ons tot zonde gemaakt,

614
00:37:05,550 --> 00:37:08,850
opdat wij zouden worden
gerechtigheid van God in Hem.

615
00:37:08,850 --> 00:37:11,670
Niet de gerechtigheid van
een rechtvaardig mens,

616
00:37:11,670 --> 00:37:15,090
maar de gerechtigheid van
God is wat wij geworden zijn,

617
00:37:15,090 --> 00:37:18,510
omdat Zijn gerechtigheid
ons wordt toegerekend.

618
00:37:18,510 --> 00:37:22,890
Er kan dus worden gezegd dat, net
zoals in de vorige psalm in vers 3 over

619
00:37:22,890 --> 00:37:24,210
God werd gezegd:

620
00:37:24,210 --> 00:37:28,110
Zijn daden zijn vol majesteit en glorie,

621
00:37:28,110 --> 00:37:31,590
he Zijn gerechtigheid houdt
voor eeuwig stand. waw

622
00:37:31,590 --> 00:37:36,210
er in deze psalm tweemaal hetzelfde
wordt gezegd over de godvruchtige man.

623
00:37:36,210 --> 00:37:37,590
Vers 4 zegt:

624
00:37:37,590 --> 00:37:41,010
Voor de oprechten gaat het
licht op in de duisternis.

625
00:37:41,010 --> 00:37:45,451
zain Hij is genadig en
barmhartig en rechtvaardig. cheth

626
00:37:45,451 --> 00:37:48,690
Dat wil zeggen dat de rechtvaardige
man nog steeds licht heeft

627
00:37:48,690 --> 00:37:51,390
wanneer de wereld in duisternis verkeert.

628
00:37:51,390 --> 00:37:55,290
Licht had in het Oude Testament
vaak verschillende betekenissen.

629
00:37:55,290 --> 00:38:00,570
Soms betekende het verlichting en
soms betekende het eenvoudigweg zegen.

630
00:38:00,570 --> 00:38:01,830
De woorden:

631
00:38:01,830 --> 00:38:05,610
Velen zeggen: Wie zal
ons het goede doen zien?

632
00:38:05,610 --> 00:38:09,810
Verhef over ons het licht
van Uw aangezicht, HEERE!

633
00:38:09,810 --> 00:38:15,570
betekenden met andere woorden:
„Zegen ons; wees ons genadig.”

634
00:38:15,570 --> 00:38:18,630
Licht verwees ook vaak naar
de heerlijkheid van God,

635
00:38:18,630 --> 00:38:24,750
en misschien wordt dat hier bedoeld, want
dit vers lijkt op Jesaja 60, waar staat:

636
00:38:24,750 --> 00:38:28,170
Sta op, word verlicht, want uw licht komt

637
00:38:28,170 --> 00:38:31,470
en de heerlijkheid van
de HEERE gaat over u op.

638
00:38:31,470 --> 00:38:36,870
Want zie, de duisternis zal de aarde
bedekken en donkere wolken de volken,

639
00:38:36,870 --> 00:38:42,330
maar over u zal de HEERE opgaan en Zijn
heerlijkheid zal over u gezien worden.

640
00:38:42,330 --> 00:38:46,590
Dat wil zeggen: Gods heerlijkheid
zal over Zijn volk opgaan,

641
00:38:46,590 --> 00:38:48,690
ook al ligt de aarde in duisternis.

642
00:38:48,690 --> 00:38:52,050
Dat is wat deze Psalm in
vers 4 lijkt te zeggen:

643
00:38:52,050 --> 00:38:56,010
Voor wie oprecht zijn, gaat
er licht op in de duisternis.

644
00:38:56,010 --> 00:38:59,010
Terwijl de wereld om hen
heen in duisternis verkeert,

645
00:38:59,010 --> 00:39:03,570
zien zij de heerlijkheid van de Heere,
en is die heerlijkheid ook op hen.

646
00:39:03,570 --> 00:39:06,150
In de beschrijving van de
godvruchtige man staat:

647
00:39:06,150 --> 00:39:09,690
Voor de oprechten gaat het
licht op in de duisternis.

648
00:39:09,690 --> 00:39:13,950
zain Hij is genadig en
barmhartig en rechtvaardig.

649
00:39:13,950 --> 00:39:17,850
cheth Goed gaat het een man
die zich ontfermt en uitleent,

650
00:39:17,850 --> 00:39:21,391
teth hij behartigt zijn
zaken volgens het recht. jod

651
00:39:21,391 --> 00:39:25,830
Merk op dat hij barmhartig is en
zijn geld uitleent zonder rente,

652
00:39:25,830 --> 00:39:28,170
overeenkomstig Psalm 15.

653
00:39:28,170 --> 00:39:32,310
Met andere woorden, volgens de Engelse
vertaling die de spreker gebruikt,

654
00:39:32,310 --> 00:39:35,790
zal hij zijn bedrijf, zijn
gezin en zijn zakelijke

655
00:39:35,790 --> 00:39:38,670
aangelegenheden verstandig besturen.

656
00:39:38,670 --> 00:39:43,950
De HSV zegt hier dat hij zijn zaken
‘volgens het recht’ behartigt.

657
00:39:43,950 --> 00:39:47,790
Voorzeker, hij zal voor
eeuwig niet wankelen,

658
00:39:47,790 --> 00:39:52,410
kaph de rechtvaardige zal eeuwig
in gedachtenis blijven. lamed

659
00:39:52,410 --> 00:39:55,950
Omdat hij rechtvaardig is,
zal hij herinnerd worden.

660
00:39:55,950 --> 00:40:00,870
Helaas worden goede mensen vaak pas
herinnerd wanneer ze er niet meer zijn.

661
00:40:00,870 --> 00:40:04,230
Maar het is waar dat wij
rechtvaardige mensen onthouden

662
00:40:04,230 --> 00:40:08,610
wanneer we over hen horen, omdat
ze op ons overkomen als mensen

663
00:40:08,610 --> 00:40:10,590
die navolging verdienen.

664
00:40:10,590 --> 00:40:15,750
Hij zal voor geen kwaad gerucht
vrezen, mem zijn hart is standvastig,

665
00:40:15,750 --> 00:40:18,930
hij vertrouwt op de HEERE. nun

666
00:40:18,930 --> 00:40:23,550
Hij is niet bang, omdat hij
vastbesloten is op God te vertrouwen.

667
00:40:23,550 --> 00:40:29,190
Dat zijn hart vaststaat, betekent dat dit
de aangeleerde en bewust gekozen neiging

668
00:40:29,190 --> 00:40:30,750
van zijn hart is.

669
00:40:30,750 --> 00:40:34,530
Hij heeft zijn hart daarop
gericht en zal niet veranderen.

670
00:40:34,530 --> 00:40:39,930
Het staat vast, als iets wat in cement
is vastgezet, en het zal niet veranderen.

671
00:40:39,930 --> 00:40:42,330
Hij zal op de Heere vertrouwen.

672
00:40:42,330 --> 00:40:44,130
Daarom is hij niet bang.

673
00:40:44,130 --> 00:40:47,430
Zelfs wanneer er onheilstijdingen
komen, is hij niet bang.

674
00:40:47,430 --> 00:40:51,030
Als je op de Heere vertrouwt,
kun je je geen zorgen maken.

675
00:40:51,030 --> 00:40:54,390
Als je je zorgen maakt,
vertrouw je niet op God.

676
00:40:54,390 --> 00:40:57,930
Als je op God vertrouwt,
maak je je geen zorgen.

677
00:40:57,930 --> 00:41:02,310
Ook al hoort hij onheilstijdingen,
het soort berichten dat mensen

678
00:41:02,310 --> 00:41:07,770
bang of bezorgd zou kunnen maken, hij
zal zich eenvoudigweg geen zorgen maken.

679
00:41:07,770 --> 00:41:11,250
Dit wordt niet alleen genoemd als
een verwijzing naar hoe goed hij is,

680
00:41:11,250 --> 00:41:14,490
maar ook als een van de
zegeningen die hij ervaart.

681
00:41:14,490 --> 00:41:19,590
Omdat hij op de Heere vertrouwt, heeft
hij de zegen dat hij vrij is van zorgen.

682
00:41:19,590 --> 00:41:25,650
Vrij zijn van zorgen is geen deugd;
vrij zijn van zorgen is een zegen.

683
00:41:25,650 --> 00:41:28,590
Al is het wel een deugd
om op God te vertrouwen,

684
00:41:28,590 --> 00:41:33,870
en daarom kan het zo zijn dat een man
die zich geen zorgen maakt deugdzaam is.

685
00:41:33,870 --> 00:41:38,490
Maar het feit is dat het een zegen
is, want zorgen zijn een vloek.

686
00:41:38,490 --> 00:41:42,390
Wanneer mensen zich zorgen
maken, worden ze erdoor verteerd.

687
00:41:42,390 --> 00:41:46,230
Het maakt hun leven tot verdriet
en een kwelling voor hen.

688
00:41:46,230 --> 00:41:49,410
Er is bijna niets ergers
dan zorgen die je verteren,

689
00:41:49,410 --> 00:41:54,330
je voortijdig oud maken en je zelfs
voortijdig kunnen laten sterven.

690
00:41:54,330 --> 00:41:56,550
Deze man is vrij van zo’n vloek.

691
00:41:56,550 --> 00:42:00,090
Hij heeft de zegen vrij te
zijn van angst en zorgen,

692
00:42:00,090 --> 00:42:04,110
omdat hij zijn hart erop heeft
gezet op de Heere te vertrouwen.

693
00:42:04,110 --> 00:42:07,230
Dat sluit zorgen uit en roeit ze uit.

694
00:42:07,230 --> 00:42:11,190
Zijn hart wordt ondersteund,
hij zal niet bevreesd zijn,

695
00:42:11,190 --> 00:42:14,790
samech totdat hij de val
van zijn tegenstanders ziet.

696
00:42:14,790 --> 00:42:18,270
ain Hij deelt mild uit,
hij geeft aan de armen,

697
00:42:18,270 --> 00:42:21,450
pe zijn gerechtigheid
houdt voor eeuwig stand,

698
00:42:21,450 --> 00:42:24,570
tsade zijn hoorn zal met
eer opgeheven worden. koph

699
00:42:24,570 --> 00:42:30,990
Het eerste gedeelte van dit vers wordt
door Paulus aangehaald in 2 Korinthe 9:9.

700
00:42:30,990 --> 00:42:34,590
Daar probeert Paulus de gemeente
in Korinthe ertoe te bewegen

701
00:42:34,590 --> 00:42:36,150
vrijgevig te zijn.

702
00:42:36,150 --> 00:42:40,050
De gemeente in Jeruzalem was door
problemen in armoede geraakt,

703
00:42:40,050 --> 00:42:43,530
en de gemeente in Korinthe had
de middelen om te helpen door

704
00:42:43,530 --> 00:42:47,190
hulp en geld naar de gemeente
in Jeruzalem te sturen.

705
00:42:47,190 --> 00:42:51,030
Paulus spoorde hen aan dat te
doen. Dan haalt hij dit aan:

706
00:42:51,030 --> 00:42:54,450
Zoals geschreven staat:
Hij heeft uitgestrooid,

707
00:42:54,450 --> 00:42:59,970
hij heeft aan de armen gegeven; zijn
gerechtigheid blijft tot in eeuwigheid.

708
00:42:59,970 --> 00:43:03,450
Dat staat in 2 Korinthe 9:9.

709
00:43:03,450 --> 00:43:08,550
Hij wijst erop dat het een uiting van onze
gerechtigheid als christenen is om het

710
00:43:08,550 --> 00:43:13,350
soort rechtvaardige persoon te zijn
dat in deze Psalm wordt beschreven.

711
00:43:13,350 --> 00:43:16,110
Dat betekent dat we aan de armen geven

712
00:43:16,110 --> 00:43:19,290
wanneer we ons van hun
bestaan bewust zijn.

713
00:43:19,290 --> 00:43:23,550
Omdat de gemeente in Korinthe zich bewust
was van de armoede van de gemeente in

714
00:43:23,550 --> 00:43:28,890
Jeruzalem, gaf hij daarmee aan dat zij
moesten helpen als ze wilden voldoen

715
00:43:28,890 --> 00:43:32,670
aan wat in deze Psalm van de
godvruchtige man wordt gevraagd

716
00:43:32,670 --> 00:43:35,550
en diens kenmerken wilden vertonen.

717
00:43:35,550 --> 00:43:38,490
Vers 10 draait dit om en laat zien dat

718
00:43:38,490 --> 00:43:42,030
voor goddeloze mensen het
tegenovergestelde geldt.

719
00:43:42,030 --> 00:43:45,390
De rechtvaardige man is
gezegend en deugdzaam,

720
00:43:45,390 --> 00:43:47,910
terwijl de goddeloze
mensen het zullen zien,

721
00:43:47,910 --> 00:43:51,030
maar er alleen bedroefd
door zullen worden.

722
00:43:51,030 --> 00:43:54,330
Ze zullen nog meemaken dat
God de rechtvaardigen eert,

723
00:43:54,330 --> 00:43:56,910
maar ze zullen er bedroefd door worden.

724
00:43:56,910 --> 00:43:59,970
Ze zullen jaloers en afgunstig zijn.

725
00:43:59,970 --> 00:44:02,610
Zelf zullen ze die zegen niet ervaren.

726
00:44:02,610 --> 00:44:06,510
Ze zullen alleen maar kunnen
toekijken hoe wij gezegend worden.

727
00:44:06,510 --> 00:44:12,330
Psalm 91 sprak over de vernietiging die
over de goddelozen komt. Daar staat:

728
00:44:12,330 --> 00:44:17,070
Het zal u niet treffen; u zult alleen
zien wat er met de goddelozen gebeurt.

729
00:44:17,070 --> 00:44:20,190
Jij zult zien wat er met
de goddelozen gebeurt,

730
00:44:20,190 --> 00:44:23,190
en zij zullen zien wat er met jou gebeurt.

731
00:44:23,190 --> 00:44:26,010
Ze zullen uit afgunst en
jaloezie bedroefd zijn

732
00:44:26,010 --> 00:44:28,590
wanneer ze zien wat er met ons gebeurt.

733
00:44:28,590 --> 00:44:32,730
De goddeloze zal het
zien en toornig worden,

734
00:44:32,730 --> 00:44:35,610
resj knarsetandend zal hij wegteren.

735
00:44:35,610 --> 00:44:39,270
sjin Wat de goddelozen
verlangen, zal vergaan. taw

736
00:44:39,270 --> 00:44:44,970
Deze Psalm is duidelijk een krachtige
aansporing voor ons om de godvruchtige man

737
00:44:44,970 --> 00:44:48,810
of godvruchtige vrouw te zijn
die daarin wordt beschreven.

738
00:44:48,810 --> 00:44:53,130
De volgende Psalmen,
Psalm 113 tot en met 118,

739
00:44:53,130 --> 00:44:56,430
worden gewoonlijk het
Egyptische Hallel genoemd.

740
00:44:56,430 --> 00:45:00,030
Dit zijn de Psalmen die tijdens
het Paschafeest werden gezongen,

741
00:45:00,030 --> 00:45:01,590
en het zijn er zes.

742
00:45:01,590 --> 00:45:05,610
De eerste twee, Psalm 113 en 114,

743
00:45:05,610 --> 00:45:08,970
werden gewoonlijk vóór de
Paschamaaltijd gezongen.

744
00:45:08,970 --> 00:45:17,550
De overige vier — Psalm 115, 116, 117
en 118 — werden na de maaltijd gezongen.

745
00:45:17,550 --> 00:45:22,410
In Markus hoofdstuk 14, waar over
het laatste Avondmaal wordt verteld,

746
00:45:22,410 --> 00:45:25,890
gebruikte Jezus de Paschamaaltijd
met Zijn discipelen op de

747
00:45:25,890 --> 00:45:28,110
traditionele Joodse manier.

748
00:45:28,110 --> 00:45:33,090
In Markus 14:26 staat dat ze
daarna een lofzang zongen.

749
00:45:33,090 --> 00:45:38,010
Waarschijnlijk was de lofzang die ze
zongen deze traditionele Paschapsalm.

750
00:45:38,010 --> 00:45:41,970
Voor onze studie zal ik ervan
uitgaan dat dit inderdaad zo was.

751
00:45:41,970 --> 00:45:43,650
Waarschijnlijk hebben ze dit gezongen.

752
00:45:43,650 --> 00:45:46,830
Als we aannemen dat
Jezus deze Psalmen zong,

753
00:45:46,830 --> 00:45:50,070
geeft dat een bijzondere
betekenis aan onze lezing.

754
00:45:50,070 --> 00:45:54,510
We beseffen dan dat we iets
lezen wat Jezus Zelf zong.

755
00:45:54,510 --> 00:45:59,550
We kunnen er ook betekenissen in zien die
bij Hemzelf opgekomen moeten zijn toen Hij

756
00:45:59,550 --> 00:46:02,910
daar met Zijn discipelen
stond en deze Psalmen zong,

757
00:46:02,910 --> 00:46:06,750
in de nacht waarin Hij verraden
en gearresteerd zou worden.

758
00:46:06,750 --> 00:46:11,370
De volgende ochtend zou Hij gekruisigd
worden, zoals Hij heel goed wist.

759
00:46:11,370 --> 00:46:14,370
In deze Psalmen wordt daarnaar verwezen.

760
00:46:14,370 --> 00:46:17,250
Er staan enkele verzen
in deze Psalmen die niet

761
00:46:17,250 --> 00:46:22,350
bijzonder veel indruk op ons zouden maken
als we ze los van elke context lazen.

762
00:46:22,350 --> 00:46:27,330
Maar wanneer we ze plaatsen in de context
van Jezus Die ze vlak voor Zijn dood zong,

763
00:46:27,330 --> 00:46:30,810
beginnen ze een werkelijk
krachtige betekenis te krijgen.

764
00:46:30,810 --> 00:46:33,930
Laten we bijvoorbeeld Psalm 113 lezen:

765
00:46:33,930 --> 00:46:39,990
Halleluja! Loof, dienaren van de
HEERE, loof de Naam van de HEERE.

766
00:46:39,990 --> 00:46:44,790
De Naam van de HEERE zij geloofd,
van nu aan tot in eeuwigheid.

767
00:46:44,790 --> 00:46:47,850
Vanwaar de zon opkomt
tot waar hij ondergaat,

768
00:46:47,850 --> 00:46:50,370
zij de Naam van de HEERE geprezen.

769
00:46:50,370 --> 00:46:53,370
De HEERE is verheven
boven alle heidenvolken,

770
00:46:53,370 --> 00:46:55,950
boven de hemel is Zijn heerlijkheid.

771
00:46:55,950 --> 00:46:58,590
Wie is als de HEERE, onze God?

772
00:46:58,590 --> 00:47:03,810
Die zeer hoog woont, Die zeer laag
ziet, in de hemel en op de aarde;

773
00:47:03,810 --> 00:47:07,890
Die de geringe opricht uit het
stof, de arme verheft uit het vuil,

774
00:47:07,890 --> 00:47:11,850
om hem te doen zitten bij edelen,
bij de edelen van Zijn volk;

775
00:47:11,850 --> 00:47:16,830
Die de onvruchtbare doet wonen in haar
gezin: een blijde moeder van kinderen.

776
00:47:16,830 --> 00:47:18,090
Halleluja!

777
00:47:18,090 --> 00:47:20,070
Dit zijn voornamelijk korte Psalmen.

778
00:47:20,070 --> 00:47:23,850
Hoewel deze Psalm kort is, staan er
veel dingen in die waarschijnlijk een

779
00:47:23,850 --> 00:47:26,670
bijzondere betekenis
voor Jezus hebben gehad.

780
00:47:26,670 --> 00:47:32,070
In de eerste vijf verzen wordt God in
hoofdzaak geprezen om Zijn uniekheid,

781
00:47:32,070 --> 00:47:35,250
Zijn verhevenheid en Zijn heerlijkheid.

782
00:47:35,250 --> 00:47:40,710
Hij is hoog boven alle volken; Zijn
heerlijkheid is boven de hemelen.

783
00:47:40,710 --> 00:47:45,210
Niemand is zoals Hij, Die
in de hoge woont. Daarom:

784
00:47:45,210 --> 00:47:50,430
Loof, dienaren van de HEERE,
loof de Naam van de HEERE.

785
00:47:50,430 --> 00:47:55,350
De Naam van de HEERE zij geloofd,
van nu aan tot in eeuwigheid.

786
00:47:55,350 --> 00:47:58,170
Zulke uitspraken behoeven geen uitleg.

787
00:47:58,170 --> 00:48:02,670
Maar wanneer je bij vers 6 komt,
vinden we deze interessante uitspraak,

788
00:48:02,670 --> 00:48:06,450
die ook elders in de
Schrift voorkomt. Er staat:

789
00:48:06,450 --> 00:48:10,350
Die zeer laag ziet, in
de hemel en op de aarde;

790
00:48:10,350 --> 00:48:14,130
Voor de psalmist verwees dit
waarschijnlijk naar gebeurtenissen zoals

791
00:48:14,130 --> 00:48:18,450
die in Genesis 11, waar de mensen
de toren van Babel bouwden.

792
00:48:18,450 --> 00:48:21,150
Ken je het verhaal van
de toren van Babel nog?

793
00:48:21,150 --> 00:48:25,530
De mensen kwamen tegen God in opstand
en bouwden een toren die tot in de

794
00:48:25,530 --> 00:48:27,030
hemel moest reiken.

795
00:48:27,030 --> 00:48:31,290
Het was niet zo dat God de mensen ooit had
verboden een toren te bouwen die tot in

796
00:48:31,290 --> 00:48:32,850
de hemel reikte.

797
00:48:32,850 --> 00:48:35,550
Hij had hun gezegd dat
ze uiteen moesten gaan,

798
00:48:35,550 --> 00:48:40,530
zich moesten verspreiden en de aarde
moesten vervullen. Maar zij zeiden:

799
00:48:40,530 --> 00:48:45,150
Laten we een toren bouwen om te voorkomen
dat we over de aarde verspreid worden.

800
00:48:45,150 --> 00:48:49,410
De toren moest een centrum van
religieuze aanbidding worden.

801
00:48:49,410 --> 00:48:54,450
Zo zouden de mensen niet wegtrekken en
aan één centrale plaats gebonden blijven.

802
00:48:54,450 --> 00:48:59,490
Koning Nimrod, die destijds koning was,
wilde namelijk niet dat de mensen zich aan

803
00:48:59,490 --> 00:49:01,470
zijn macht zouden onttrekken.

804
00:49:01,470 --> 00:49:07,470
Hij was de koning en daarom wilde hij alle
volken onder zijn heerschappij verenigen.

805
00:49:07,470 --> 00:49:11,370
Met andere woorden, hij
wilde één wereldregering.

806
00:49:11,370 --> 00:49:16,650
Hij bouwde de toren van Babel als
religieus middelpunt voor alle mensen.

807
00:49:16,650 --> 00:49:20,010
Dit gebeurde enkele
generaties na de zondvloed.

808
00:49:20,010 --> 00:49:23,790
Hoewel God tegen de mensen had gezegd
dat ze zich moesten verspreiden

809
00:49:23,790 --> 00:49:27,930
en de aarde moesten vervullen,
verzette Nimrod zich daartegen.

810
00:49:27,930 --> 00:49:32,430
Met de toren van Babel probeerde hij
te voorkomen dat dit zou gebeuren.

811
00:49:32,430 --> 00:49:36,990
Het moest een zeer hoge toren worden,
een van de meest verheven prestaties

812
00:49:36,990 --> 00:49:38,310
van de mens.

813
00:49:38,310 --> 00:49:41,610
God zei daarover dat, als
Hij dit liet gebeuren,

814
00:49:41,610 --> 00:49:45,450
niets wat mensen zich voornamen nog
tegengehouden zou kunnen worden.

815
00:49:45,450 --> 00:49:49,590
Ze dachten dat ze met deze toren
werkelijk tot in de hemel zouden reiken.

816
00:49:49,590 --> 00:49:52,470
Maar in het verhaal in Genesis 11 zei God:

817
00:49:52,470 --> 00:49:56,250
God sprak erover dat Hij zou
neerdalen om het werk te bekijken.

818
00:49:56,250 --> 00:49:59,550
We zien hier waarschijnlijk een
verwijzing naar de Drie-eenheid:

819
00:49:59,550 --> 00:50:03,930
Kom, laten Wij neerdalen en laten
Wij hun taal daar verwarren,

820
00:50:03,930 --> 00:50:07,410
zodat zij geen van allen
elkaars taal zullen begrijpen.

821
00:50:07,410 --> 00:50:09,870
Dat is het ironische eraan.

822
00:50:09,870 --> 00:50:13,950
Mensen bouwden een toren waarvan ze
dachten dat die tot in de hemel reikte.

823
00:50:13,950 --> 00:50:16,710
Ze hadden er geen idee van hoe
ver ze in werkelijkheid van de

824
00:50:16,710 --> 00:50:18,090
hemel verwijderd waren.

825
00:50:18,090 --> 00:50:23,550
In Genesis 11:5 staat dat de HEERE
neerdaalde om de stad en de toren te

826
00:50:23,550 --> 00:50:28,470
bezien; in vers 7 zegt
God: ‘Laten Wij neerdalen.’

827
00:50:28,470 --> 00:50:33,630
De spreker verwoordt de ironie daarvan
zo: God kon de toren niet eens goed zien

828
00:50:33,630 --> 00:50:36,270
zonder af te dalen om hem te bekijken.

829
00:50:36,270 --> 00:50:40,170
Hij moest Zich verlagen, of
Zich als het ware vernederen,

830
00:50:40,170 --> 00:50:44,070
om af te dalen en de werken
van de mensen te aanschouwen.

831
00:50:44,070 --> 00:50:44,910
De uitspraak:

832
00:50:44,910 --> 00:50:49,320
De Engelse Bijbelvertaling waarop
de uitleg van de spreker berust,

833
00:50:49,320 --> 00:50:53,130
zegt hier dat God ‘Zich
vernedert om te zien’

834
00:50:53,130 --> 00:50:55,770
wat er in de hemel en op aarde gebeurt.

835
00:50:55,770 --> 00:50:59,850
De HSV geeft dit weer
als: ‘Die zeer laag ziet’.

836
00:50:59,850 --> 00:51:04,831
De spreker legt de Engelse
formulering zo uit: God is zo hoog —

837
00:51:04,831 --> 00:51:07,591
en dat vertellen de verzen 4 en 5 ons —

838
00:51:07,591 --> 00:51:11,490
dat Hij Zich zelfs moet verlagen om
de dingen te aanschouwen die op aarde

839
00:51:11,490 --> 00:51:14,490
gebeuren, of zelfs de dingen in de hemel.

840
00:51:14,490 --> 00:51:18,930
Hij moet Zich als het ware vernederen
om ze alleen maar te aanschouwen.

841
00:51:18,930 --> 00:51:23,910
Denk er eens over na wat dit voor Jezus
betekend kan hebben toen Hij dit zong.

842
00:51:23,910 --> 00:51:28,770
Over Jezus wordt ons in
Filippenzen 2, vers 5 en volgende —

843
00:51:28,770 --> 00:51:32,610
Filippenzen 2:5 en volgende — gezegd:

844
00:51:32,610 --> 00:51:37,650
Laat daarom die gezindheid in u
zijn die ook in Christus Jezus was,

845
00:51:37,650 --> 00:51:41,550
Hier wordt verwezen naar
Jezus Die Zichzelf vernederde.

846
00:51:41,550 --> 00:51:47,070
Hij bestaat in de gestalte van God, maar
Hij vernederde Zichzelf om mens te worden.

847
00:51:47,070 --> 00:51:50,850
Hoe betekenisvol moet dit
vers voor Jezus zijn geweest!

848
00:51:50,850 --> 00:51:54,690
Zijn discipelen begrepen dit mysterie
van de menswording op dat moment

849
00:51:54,690 --> 00:51:56,130
echter nog niet.

850
00:51:56,130 --> 00:51:58,230
Later gingen ze het begrijpen.

851
00:51:58,230 --> 00:52:00,150
Jezus begreep het beslist.

852
00:52:00,150 --> 00:52:03,270
En wanneer Hij beschrijft
hoe God Zichzelf vernedert

853
00:52:03,270 --> 00:52:07,170
om de aangelegenheden van de
mensen op aarde te aanschouwen,

854
00:52:07,170 --> 00:52:10,710
zou die verwijzing voor
Hem heel herkenbaar zijn.

855
00:52:10,710 --> 00:52:13,830
Want Hij was in feite
de belichaming van God,

856
00:52:13,830 --> 00:52:18,630
Die Zichzelf had vernederd om neer
te dalen en in menselijke gedaante

857
00:52:18,630 --> 00:52:20,130
onder de mensen te wonen.

858
00:52:20,130 --> 00:52:24,750
Dan staat er in vers 7 en 8 dat
God de arme uit het stof opricht,

859
00:52:24,750 --> 00:52:29,490
om hem onder vorsten te plaatsen
en hem een gezagspositie te geven.

860
00:52:29,490 --> 00:52:31,950
Dit zou natuurlijk ook
met betrekking tot Jezus

861
00:52:31,950 --> 00:52:34,770
worden geïllustreerd in
Filippenzen hoofdstuk 2,

862
00:52:34,770 --> 00:52:39,390
hetzelfde hoofdstuk en hetzelfde
betoog. Later staat er:

863
00:52:39,390 --> 00:52:45,030
Daarom heeft God Hem ook bovenmate
verhoogd en heeft Hem een Naam geschonken

864
00:52:45,030 --> 00:52:46,350
boven alle naam,

865
00:52:46,350 --> 00:52:51,750
want Jezus vernederde Zichzelf en
daalde af om onder de armen te zijn.

866
00:52:51,750 --> 00:52:54,270
In 2 Korinthe 8:9 staat:

867
00:52:54,270 --> 00:52:57,570
Want u kent de genade van
onze Heere Jezus Christus,

868
00:52:57,570 --> 00:53:01,650
dat Hij omwille van u arm is
geworden, terwijl Hij rijk was,

869
00:53:01,650 --> 00:53:04,950
opdat u door Zijn armoede rijk zou worden.

870
00:53:04,950 --> 00:53:09,810
Er staat dat Jezus, hoewel Hij rijk
was, wat wil zeggen: in de hemel,

871
00:53:09,810 --> 00:53:12,210
omwille van jou arm werd.

872
00:53:12,210 --> 00:53:16,830
Hier in deze Psalm staat dat God
de arme uit het stof opricht.

873
00:53:16,830 --> 00:53:21,090
Het stof verwijst in de Psalmen
gewoonlijk naar de dood, het graf,

874
00:53:21,090 --> 00:53:23,010
het terugkeren tot stof.

875
00:53:23,010 --> 00:53:24,750
In de Psalmen zeggen ze:

876
00:53:24,750 --> 00:53:28,830
Wat voor winst is er in mijn bloed,
in mijn neerdalen in het graf?

877
00:53:28,830 --> 00:53:30,510
Zal het stof U loven?

878
00:53:30,510 --> 00:53:32,970
Zal dat Uw trouw verkondigen?

879
00:53:32,970 --> 00:53:36,210
Hier staat dat God de
arme uit het stof opricht.

880
00:53:36,210 --> 00:53:40,470
Wat dit voor de psalmist betekende,
kunnen we niet met zekerheid zeggen.

881
00:53:40,470 --> 00:53:44,010
Maar wat het voor Jezus zou
betekenen, is bijna zeker:

882
00:53:44,010 --> 00:53:46,530
dat Hij Zichzelf erin zou zien.

883
00:53:46,530 --> 00:53:50,790
Hij Die rijk was geweest,
had Zichzelf arm gemaakt.

884
00:53:50,790 --> 00:53:55,350
Maar nu Hij Zichzelf arm had
gemaakt en Zichzelf had vernederd,

885
00:53:55,350 --> 00:54:00,810
zou God Hem uit het stof oprichten, dat
wil zeggen: Hem uit de dood opwekken,

886
00:54:00,810 --> 00:54:03,870
en Hem een hoge plaats
onder de vorsten geven.

887
00:54:03,870 --> 00:54:07,410
In feite wordt ons gezegd:
boven alle vorsten,

888
00:54:07,410 --> 00:54:09,810
boven elke naam die genoemd wordt.

889
00:54:09,810 --> 00:54:13,470
Hij is nu Koning der
koningen en Heere der heren.

890
00:54:13,470 --> 00:54:17,250
Het beginsel dat God de arme tot
een verheven plaats verhoogt,

891
00:54:17,250 --> 00:54:21,030
is dus in de meest volkomen
mate in Jezus vervuld.

892
00:54:21,030 --> 00:54:26,490
Dat wil zeggen: Hij daalde volgens Efeze
af naar de lagere delen van de aarde,

893
00:54:26,490 --> 00:54:31,230
werd arm, leefde onder de lagere
lagen van de menselijke samenleving,

894
00:54:31,230 --> 00:54:35,970
onderwierp Zichzelf werkelijk aan de
dood en keerde terug tot het stof.

895
00:54:35,970 --> 00:54:41,130
Maar God richtte Hem op uit het stof
en plaatste Hem hoog onder de vorsten,

896
00:54:41,130 --> 00:54:47,190
dat wil zeggen: in een leidinggevende
positie, op een soevereine gezagspositie.

897
00:54:47,190 --> 00:54:49,290
Dan staat er in vers 9:

898
00:54:49,290 --> 00:54:54,270
Die de onvruchtbare doet wonen in haar
gezin: een blijde moeder van kinderen.

899
00:54:54,270 --> 00:54:55,530
Halleluja!

900
00:54:55,530 --> 00:54:59,190
Een huishouden voeren betekent
dat Hij haar een gezin geeft

901
00:54:59,190 --> 00:55:01,710
waarvoor zij een huishouden kan voeren.

902
00:55:01,710 --> 00:55:04,830
Hij geeft kinderen aan de
vrouw die onvruchtbaar is.

903
00:55:04,830 --> 00:55:09,630
Er stond een profetie in Jesaja 54
die Paulus aanhaalt met betrekking

904
00:55:09,630 --> 00:55:10,950
tot de gemeente.

905
00:55:10,950 --> 00:55:15,750
Het eerste vers van Jesaja 54
spreekt in feite tot een vrouw.

906
00:55:15,750 --> 00:55:19,530
In plaats van het onnauwkeurig aan
te halen, zal ik het voorlezen,

907
00:55:19,530 --> 00:55:22,710
want het is Jesaja 54:1:

908
00:55:22,710 --> 00:55:26,970
Zing vrolijk, onvruchtbare,
u die niet gebaard hebt,

909
00:55:26,970 --> 00:55:31,770
breek uit in gejuich en jubel het
uit, u die geen weeën gekend hebt,

910
00:55:31,770 --> 00:55:34,050
want de kinderen van de eenzame zijn

911
00:55:34,050 --> 00:55:37,470
talrijker dan de kinderen van
de getrouwde, zegt de HEERE.

912
00:55:37,470 --> 00:55:40,950
De manier waarop Paulus dit
uitlegde in Galaten hoofdstuk 4,

913
00:55:40,950 --> 00:55:45,450
waar hij het aanhaalt, was dat Israël
voor God als een getrouwde vrouw was.

914
00:55:45,450 --> 00:55:48,810
De heidenen hadden nooit
vrucht voor God gedragen.

915
00:55:48,810 --> 00:55:51,510
Ze waren als een onvruchtbare vrouw.

916
00:55:51,510 --> 00:55:55,290
Ze hadden nooit kinderen voor
God gehad. Maar er staat:

917
00:55:55,290 --> 00:55:59,970
Jij die onvruchtbaar bent, wees blij,
want je zult meer kinderen krijgen dan

918
00:55:59,970 --> 00:56:01,650
de getrouwde vrouw.

919
00:56:01,650 --> 00:56:06,390
Paulus haalt dat in Galaten 4 aan om
te laten zien dat er tegenwoordig meer

920
00:56:06,390 --> 00:56:09,450
heidenen vrucht dragen voor God dan Joden.

921
00:56:09,450 --> 00:56:11,970
De getrouwde vrouw was Israël.

922
00:56:11,970 --> 00:56:15,030
De heidenen waren de onvruchtbare vrouw.

923
00:56:15,030 --> 00:56:19,710
Maar God gaf zaad en vrucht aan de
onvruchtbare vrouw, de heidenen.

924
00:56:19,710 --> 00:56:23,430
Dat wil zeggen: de gemeente
was de vrucht van de voorheen

925
00:56:23,430 --> 00:56:26,910
onvruchtbare vrouw die
de heidenen voorstelde.

926
00:56:26,910 --> 00:56:32,550
Toen Jezus deze Psalm zong, bevond Hij
Zich met Zijn discipelen in de bovenzaal.

927
00:56:32,550 --> 00:56:36,450
Kort nadat Hij deze Psalm had
gezongen, of mogelijk ervoor,

928
00:56:36,450 --> 00:56:41,430
zei Jezus volgens het Evangelie
van Johannes tegen Zijn discipelen:

929
00:56:41,430 --> 00:56:46,290
Wanneer een vrouw baart, heeft zij
droefheid, omdat haar tijd gekomen is,

930
00:56:46,290 --> 00:56:50,850
maar wanneer zij het kind gebaard heeft,
denkt zij niet meer aan de benauwdheid,

931
00:56:50,850 --> 00:56:54,990
vanwege de blijdschap dat een
mens ter wereld gekomen is.

932
00:56:54,990 --> 00:56:58,770
Deze uitspraak verwees naar
de barensweeën die Jezus

933
00:56:58,770 --> 00:57:03,570
Zelf aan het kruis zou doorstaan om
de gemeente ter wereld te brengen.

934
00:57:03,570 --> 00:57:06,390
Dus het beeld van een
onvruchtbare vrouw die

935
00:57:06,390 --> 00:57:13,410
kinderen voortbrengt—als je het versnummer
wilt weten, het is Johannes 16:21.

936
00:57:13,410 --> 00:57:14,730
Jezus zei:

937
00:57:14,730 --> 00:57:19,230
Als een vrouw moet bevallen, heeft
ze pijn omdat haar tijd gekomen is;

938
00:57:19,230 --> 00:57:23,130
maar zodra het kind geboren is,
denkt ze niet meer aan de pijn,

939
00:57:23,130 --> 00:57:26,490
omdat ze blij is dat er een
mens ter wereld is gekomen.

940
00:57:26,490 --> 00:57:30,330
Hij spreekt erover dat Hij en Zijn
discipelen op dat moment verdriet hadden,

941
00:57:30,330 --> 00:57:33,690
omdat Hij op het punt stond
van hen weggenomen te worden.

942
00:57:33,690 --> 00:57:36,510
Maar het was als een vrouw
die een kind ter wereld brengt

943
00:57:36,510 --> 00:57:38,730
en barensweeën doorstaat.

944
00:57:38,730 --> 00:57:42,450
Hij zou barensweeën doorstaan.
Zijn discipelen ook.

945
00:57:42,450 --> 00:57:47,430
Maar wat hieruit zou voortkomen, zou iets
zijn waarover ze zich konden verheugen.

946
00:57:47,430 --> 00:57:51,210
Uiteindelijk zouden het verdriet
en de barensweeën worden vergeten

947
00:57:51,210 --> 00:57:54,390
vanwege de vreugde dat
de gemeente geboren was.

948
00:57:54,390 --> 00:57:59,850
De onvruchtbare vrouw, de heidenen, zou
een mannelijk kind ter wereld brengen:

949
00:57:59,850 --> 00:58:04,230
het lichaam van Christus, de
gemeente, vrucht voor God.

950
00:58:04,230 --> 00:58:06,810
Dat is wat vers 9 zou betekenen:

951
00:58:06,810 --> 00:58:12,150
Die de onvruchtbare doet wonen in haar
gezin: een blijde moeder van kinderen.

952
00:58:12,150 --> 00:58:13,410
Halleluja!

953
00:58:13,410 --> 00:58:17,370
Voor Jezus zou dit mogelijk ook
een tweede betekenis hebben gehad,

954
00:58:17,370 --> 00:58:20,310
die verwees naar Zijn eigen moeder, Maria.

955
00:58:20,310 --> 00:58:24,570
Zij was niet onvruchtbaar in de zin
dat zij geen kinderen kon krijgen,

956
00:58:24,570 --> 00:58:28,470
maar omdat zij maagd was, kon
zij geen kinderen krijgen.

957
00:58:28,470 --> 00:58:30,990
Maagden kunnen geen kinderen krijgen.

958
00:58:30,990 --> 00:58:35,010
Om kinderen te krijgen, moeten
ze geslachtsgemeenschap hebben.

959
00:58:35,010 --> 00:58:39,090
Maar zij kreeg een Kind zonder
geslachtsgemeenschap te hebben gehad.

960
00:58:39,090 --> 00:58:41,970
Hoewel zij als maagd geen
kinderen kon krijgen,

961
00:58:41,970 --> 00:58:44,310
kreeg zij toch een Kind
en werd zij moeder.

962
00:58:44,310 --> 00:58:47,790
Ik heb het gevoel dat er heel veel
door Jezus’ hoofd moet zijn gegaan toen

963
00:58:47,790 --> 00:58:49,050
Hij dit zei.

964
00:58:49,050 --> 00:58:51,390
Als deze gedachten
onmiddellijk bij ons opkomen,

965
00:58:51,390 --> 00:58:53,760
alleen al door onze
kennis van de Schriften,

966
00:58:53,760 --> 00:58:59,010
lijkt het onvoorstelbaar dat ze niet
ook bij Jezus zouden zijn opgekomen.

967
00:58:59,010 --> 00:59:03,390
Dat geldt des te meer omdat Zijn
kruisiging nog maar enkele uren van Hem

968
00:59:03,390 --> 00:59:08,790
verwijderd was en Hij wist dat uit
dat lijden de gemeente zou voortkomen.

969
00:59:08,790 --> 00:59:13,290
Zoveel van deze psalm zou voor Hem
een bijzondere betekenis hebben gehad

970
00:59:13,290 --> 00:59:15,270
met betrekking tot Zijn dood.

971
00:59:15,270 --> 00:59:17,790
We stoppen hier en
behandelen de rest van deze

972
00:59:17,790 --> 00:59:20,850
psalmen van het Egyptische Hallel later.

973
00:59:20,850 --> 00:59:25,770
We zullen zien dat sommige ervan,
vooral Psalm 118, maar ook andere,

974
00:59:25,770 --> 00:59:30,870
een bijzondere betekenis hebben met
betrekking tot wat Jezus op het punt stond

975
00:59:30,870 --> 00:59:32,130
door te maken.

976
00:59:32,130 --> 00:59:36,030
De Joden zongen deze psalmen
jaar na jaar tijdens hun Pascha,

977
00:59:36,030 --> 00:59:40,290
en uiteindelijk schonken ze waarschijnlijk
zelfs maar heel weinig aandacht aan wat

978
00:59:40,290 --> 00:59:41,550
er gezegd werd.

979
00:59:41,550 --> 00:59:45,690
Het werd waarschijnlijk zoals bij oude
gezangen die men uit het hoofd zong

980
00:59:45,690 --> 00:59:48,210
zonder veel over de woorden na te denken.

981
00:59:48,210 --> 00:59:53,670
Maar toen Jezus ze zong, moeten ze vol
betekenis en bewogenheid zijn geweest.

982
00:59:53,670 --> 00:59:56,970
Als Zijn discipelen hadden
geweten wat er stond te gebeuren,

983
00:59:56,970 --> 01:00:00,150
zouden die woorden ook voor
hen meer hebben betekend.

984
01:00:00,150 --> 01:00:04,530
Wanneer wij deze psalmen lezen en
weten wat er na die nacht gebeurde,

985
01:00:04,530 --> 01:00:09,210
en dat Jezus wist dat het zou
gebeuren toen Hij deze psalmen zong,

986
01:00:09,210 --> 01:00:12,570
geloof ik dat ze voor ons diepten
van betekenis zullen krijgen

987
01:00:12,570 --> 01:00:13,710
die ze anders niet zouden hebben.
