1
00:00:02,070 --> 00:00:04,890
Welkom bij Vers voor Vers!

2
00:00:04,890 --> 00:00:12,870
Deze keer behandelen we Psalmen
141 en 144 tot en met 150.

3
00:00:12,870 --> 00:00:16,350
We gaan nu naar Psalm 141.

4
00:00:16,350 --> 00:00:21,510
Je herinnert je misschien dat de
twee Psalmen na Psalm 141 bij andere

5
00:00:21,510 --> 00:00:25,470
gelegenheden al aan bod zijn
gekomen onder bepaalde onderwerpen,

6
00:00:25,470 --> 00:00:28,350
toen we verschillende
groepen Psalmen behandelden.

7
00:00:28,350 --> 00:00:35,970
We hoeven dus alleen nog Psalm 141 en
daarna Psalm 144 tot en met 150 te doen.

8
00:00:35,970 --> 00:00:40,290
We hebben er niet werkelijk zoveel te
behandelen als het misschien lijkt.

9
00:00:40,290 --> 00:00:42,270
Psalm 141:

10
00:00:42,270 --> 00:00:44,190
Een psalm van David.

11
00:00:44,190 --> 00:00:49,350
HEERE, ik roep U aan, kom spoedig
tot mij, neem mijn stem ter ore,

12
00:00:49,350 --> 00:00:51,270
wanneer ik tot U roep.

13
00:00:51,270 --> 00:00:54,870
Laat mijn gebed als reukwerk
voor Uw aangezicht staan,

14
00:00:54,870 --> 00:00:58,410
laat mijn opgeheven handen
als het avondoffer zijn.

15
00:00:58,410 --> 00:01:03,450
HEERE, zet een wacht voor mijn mond,
behoed de deur van mijn lippen.

16
00:01:03,450 --> 00:01:06,570
Laat mijn hart zich niet
neigen naar een slechte zaak,

17
00:01:06,570 --> 00:01:11,370
om goddeloze daden te verrichten
met mannen die onrecht bedrijven;

18
00:01:11,370 --> 00:01:14,550
en laat mij niet eten van hun lekkernijen.

19
00:01:14,550 --> 00:01:19,530
Slaat de rechtvaardige mij, het zal
een gunst zijn, bestraft hij mij,

20
00:01:19,530 --> 00:01:24,090
het zal olie op mijn hoofd wezen,
mijn hoofd zal het niet weigeren;

21
00:01:24,090 --> 00:01:28,170
dan nog is mijn gebed voor
hen in al hun ellende.

22
00:01:28,170 --> 00:01:31,110
Hun rechters zijn bij
de rotswand vrijgelaten,

23
00:01:31,110 --> 00:01:34,710
zij hebben gehoord hoe
aangenaam mijn woorden waren.

24
00:01:34,710 --> 00:01:38,010
Onze beenderen liggen verstrooid
bij de mond van het graf,

25
00:01:38,010 --> 00:01:41,850
alsof iemand op de grond iets
gekloofd en gespleten had.

26
00:01:41,850 --> 00:01:47,970
Maar op U zijn mijn ogen gericht, HEERE
Heere; tot U heb ik de toevlucht genomen,

27
00:01:47,970 --> 00:01:50,610
laat mijn ziel niet berooid achter.

28
00:01:50,610 --> 00:01:53,970
Bewaar mij voor de knellende
strik die zij mij gezet hebben,

29
00:01:53,970 --> 00:01:57,270
voor de valstrikken van
wie onrecht bedrijven.

30
00:01:57,270 --> 00:02:00,690
Laat de goddelozen in hun
eigen netten vallen, allemaal,

31
00:02:00,690 --> 00:02:02,790
totdat ík voorbij ben gegaan.

32
00:02:02,790 --> 00:02:07,410
Dat wil zeggen: laat de goddelozen
in hun eigen vallen terechtkomen,

33
00:02:07,410 --> 00:02:09,750
terwijl ik er heelhuids vanaf kom.

34
00:02:09,750 --> 00:02:14,490
Met “withal” bedoelt Gregg hier
dat David heelhuids ontkomt.

35
00:02:14,490 --> 00:02:17,970
Het laatste deel van deze Psalm
lijkt zo sterk op veel andere

36
00:02:17,970 --> 00:02:21,090
Psalmen dat het geen
commentaar nodig heeft.

37
00:02:21,090 --> 00:02:25,590
Hij roept God aan om ervoor te zorgen dat
de listen van de goddelozen op henzelf

38
00:02:25,590 --> 00:02:29,010
neerkomen en om hem uit
hun handen te bevrijden.

39
00:02:29,010 --> 00:02:33,210
Het eerdere deel van de Psalm
heeft enkele opvallende kenmerken.

40
00:02:33,210 --> 00:02:35,190
Vers 2 zegt natuurlijk:

41
00:02:35,190 --> 00:02:38,910
Laat mijn gebed als reukwerk
voor Uw aangezicht staan,

42
00:02:38,910 --> 00:02:42,390
laat mijn opgeheven handen
als het avondoffer zijn.

43
00:02:42,390 --> 00:02:46,830
In de Joodse wet was er iedere dag een
ochtendoffer en een avondoffer van een

44
00:02:46,830 --> 00:02:49,170
lam, dat de priesters brachten.

45
00:02:49,170 --> 00:02:53,850
Dat kwam boven op de afzonderlijke offers
die de mensen kwamen brengen, dagelijks,

46
00:02:53,850 --> 00:02:58,590
wekelijks of jaarlijks, afhankelijk
van het soort offers dat werd gebracht.

47
00:02:58,590 --> 00:03:01,531
Maar welke andere offers
er ook werden gebracht —

48
00:03:01,531 --> 00:03:05,910
en dat verschilde van dag tot dag
— één ding werd altijd geofferd:

49
00:03:05,910 --> 00:03:09,870
’s morgens een lam en ’s avonds een lam.

50
00:03:09,870 --> 00:03:12,870
Natuurlijk werd er ook
dagelijks reukwerk gebrand.

51
00:03:12,870 --> 00:03:16,470
De priesters gingen de
tabernakel binnen, de tent in,

52
00:03:16,470 --> 00:03:20,070
en offerden reukwerk op
het gouden reukofferaltaar.

53
00:03:20,070 --> 00:03:24,690
In het Nieuwe Testament wordt ons verteld
dat dit reukwerk in feite is als de

54
00:03:24,690 --> 00:03:25,950
gebeden van de heiligen.

55
00:03:25,950 --> 00:03:28,950
Als je belangstelling hebt voor een van
de verwijzingen daarnaar in het Nieuwe

56
00:03:28,950 --> 00:03:33,210
Testament, vinden we er
een in Openbaring 5:8.

57
00:03:33,210 --> 00:03:35,490
Openbaring 5:8 zegt:

58
00:03:35,490 --> 00:03:38,190
En toen Het de boekrol genomen had,

59
00:03:38,190 --> 00:03:42,870
wierpen de vier dieren en de vierentwintig
ouderlingen zich vóór het Lam neer.

60
00:03:42,870 --> 00:03:46,650
Zij hadden elk een citer en
gouden schalen vol reukwerk.

61
00:03:46,650 --> 00:03:48,810
Dit zijn de gebeden van de heiligen.

62
00:03:48,810 --> 00:03:50,850
Oftewel: reukwerk.

63
00:03:50,850 --> 00:03:54,930
Nu staat er in Openbaring 8,
slechts een paar hoofdstukken later,

64
00:03:54,930 --> 00:03:57,150
in de verzen 3 en 4:

65
00:03:57,150 --> 00:04:00,690
En er kwam een andere engel, die
met een gouden wierookvat bij het

66
00:04:00,690 --> 00:04:02,070
altaar ging staan.

67
00:04:02,070 --> 00:04:06,630
Aan hem werd veel reukwerk gegeven, opdat
hij dat samen met de gebeden van alle

68
00:04:06,630 --> 00:04:10,590
heiligen op het gouden altaar
vóór de troon zou leggen.

69
00:04:10,590 --> 00:04:14,610
En de rook van het reukwerk steeg,
met de gebeden van de heiligen,

70
00:04:14,610 --> 00:04:17,430
uit de hand van de engel op tot vóór God.

71
00:04:17,430 --> 00:04:21,390
Een wierookvat was een voorwerp
waarin reukwerk werd gebrand.

72
00:04:21,390 --> 00:04:23,970
In dit geval lijken de
gebeden van de heiligen

73
00:04:23,970 --> 00:04:26,670
bijna iets anders te
zijn dan het reukwerk.

74
00:04:26,670 --> 00:04:28,530
Ze worden samen geofferd.

75
00:04:28,530 --> 00:04:30,990
Maar misschien is het
beeld gewoon veranderd.

76
00:04:30,990 --> 00:04:33,690
Of misschien is het mogelijk
dat het reukwerk niet

77
00:04:33,690 --> 00:04:39,030
precies hetzelfde is als gebed — in dit
geval zou het lofprijzing kunnen zijn.

78
00:04:39,030 --> 00:04:41,730
Hoe dan ook, we kunnen
zien dat het beeld van het

79
00:04:41,730 --> 00:04:44,730
branden van reukwerk voor
God in het Nieuwe Testament,

80
00:04:44,730 --> 00:04:47,310
en kennelijk ook in het Oude Testament,

81
00:04:47,310 --> 00:04:50,550
verband houdt met het
opzenden van gebed tot God.

82
00:04:50,550 --> 00:04:53,370
Dat is een aangename geur in Gods neus.

83
00:04:53,370 --> 00:04:55,890
Wanneer hij in vers 2 zegt:

84
00:04:55,890 --> 00:04:59,310
Laat mijn gebed als reukwerk
voor Uw aangezicht staan,

85
00:04:59,310 --> 00:05:03,030
laat mijn opgeheven handen
als het avondoffer zijn.

86
00:05:03,030 --> 00:05:08,010
heeft dat ‘voor Uw aangezicht staan’
te maken met de ordelijke gang van

87
00:05:08,010 --> 00:05:09,990
zaken in de tabernakel.

88
00:05:09,990 --> 00:05:14,970
Gregg baseert deze uitleg op de
Engelse formulering ‘be set forth’.

89
00:05:14,970 --> 00:05:17,490
Ze zetten de tafel met
de toonbroden klaar,

90
00:05:17,490 --> 00:05:20,010
met het brood in de juiste volgorde.

91
00:05:20,010 --> 00:05:24,450
Ze zetten het reukwerk klaar in de
hoeveelheden voor de verschillende dagen,

92
00:05:24,450 --> 00:05:27,930
een bepaalde hoeveelheid
voor iedere dag, enzovoort.

93
00:05:27,930 --> 00:05:29,910
Je zou daarin kunnen zien dat hij

94
00:05:29,910 --> 00:05:33,690
suggereert dat zijn aanbidding
een gedisciplineerde zaak is.

95
00:05:33,690 --> 00:05:37,230
Het is niet alleen iets sporadisch,
waarbij hij af en toe zomaar

96
00:05:37,230 --> 00:05:38,850
een schietgebed doet.

97
00:05:38,850 --> 00:05:43,410
De aanbidding in de tabernakel was
georganiseerd en gedisciplineerd

98
00:05:43,410 --> 00:05:46,530
en vond met een bepaalde regelmaat plaats.

99
00:05:46,530 --> 00:05:51,210
Zo zouden ook zijn aanbidding en
gebeden bepaalde vaste patronen volgen.

100
00:05:51,210 --> 00:05:56,070
Dat zou niet betekenen dat er niet ook
zoiets zou zijn als incidentele gebeden,

101
00:05:56,070 --> 00:05:59,430
die spontaan bij hem
opkwamen. Dat deed hij ook.

102
00:05:59,430 --> 00:06:04,290
Maar we weten bijvoorbeeld dat hij ergens
anders zei dat hij zevenmaal per dag

103
00:06:04,290 --> 00:06:05,970
tot de Heere bad.

104
00:06:05,970 --> 00:06:11,190
[Vertalersnoot: Gregg verwijst
kennelijk naar Psalm 119:164;

105
00:06:11,190 --> 00:06:16,530
in de HSV staat daar dat de dichter
God zevenmaal per dag looft.]

106
00:06:16,530 --> 00:06:20,790
Dat geeft volgens Gregg aan dat
er vaste gebedstijden waren.

107
00:06:20,790 --> 00:06:24,570
Het Nieuwe Testament lijkt erop
te wijzen dat de vroege apostelen

108
00:06:24,570 --> 00:06:26,730
iets soortgelijks deden.

109
00:06:26,730 --> 00:06:31,530
Niet noodzakelijk zevenmaal per dag,
maar in Handelingen 3 wordt vermeld dat

110
00:06:31,530 --> 00:06:35,730
Petrus en Johannes rond het uur van
het gebed naar de tempel gingen.

111
00:06:35,730 --> 00:06:40,950
Bij die gelegenheid was dat het
negende uur, dus drie uur in de middag.

112
00:06:40,950 --> 00:06:44,970
We weten dat de Joden bepaalde
gebedsuren in acht namen.

113
00:06:44,970 --> 00:06:49,290
Volgens mij waren die om zes uur
’s morgens, negen uur ’s morgens,

114
00:06:49,290 --> 00:06:53,910
twaalf uur ’s middags, drie uur
’s middags en zes uur ’s avonds.

115
00:06:53,910 --> 00:06:57,090
Dan waren er ook nog
gebeden voor het slapengaan.

116
00:06:57,090 --> 00:07:00,150
Zo kwam het dus voor dat
vrome Joden daadwerkelijk

117
00:07:00,150 --> 00:07:02,730
zevenmaal per dag gebeden uitspraken.

118
00:07:02,730 --> 00:07:06,870
Dat betekent dat er een bepaalde
organisatie in de aanbidding zat.

119
00:07:06,870 --> 00:07:10,650
Het betekent niet dat spontane
aanbidding werd uitgesloten.

120
00:07:10,650 --> 00:07:15,810
Maar men zorgde er wel voor dat er ten
minste zo vaak, bij die gelegenheden,

121
00:07:15,810 --> 00:07:18,030
gebeden werden uitgesproken.

122
00:07:18,030 --> 00:07:21,090
Vaak willen we niet te veel
structuur in onze aanbidding,

123
00:07:21,090 --> 00:07:24,690
omdat we denken dat we dan
onze spontaniteit verliezen.

124
00:07:24,690 --> 00:07:29,730
Ik heb daar ooit een goed artikel
over gelezen van A. W. Tozer.

125
00:07:29,730 --> 00:07:34,290
Het heette ‘Organisatie:
noodzakelijk en gevaarlijk’.

126
00:07:34,290 --> 00:07:38,130
Daarin vertelde hij hoe organisatie
een gemeente om zeep kan helpen

127
00:07:38,130 --> 00:07:40,890
als alles te sterk georganiseerd is.

128
00:07:40,890 --> 00:07:45,750
Maar hij benadrukte ook dat er een
zekere mate van organisatie nodig was.

129
00:07:45,750 --> 00:07:49,950
Bepaalde stromingen binnen de gemeente
hadden alle organisatie overboord gezet

130
00:07:49,950 --> 00:07:55,110
en voor totale spontaniteit gekozen:
samenkomen in een bijeenkomst zonder

131
00:07:55,110 --> 00:07:59,730
enig idee te hebben wat er gaat gebeuren;
we laten het gewoon op gang komen.

132
00:07:59,730 --> 00:08:03,750
Hij zei dat zo’n bijeenkomst misschien
een bepaalde levendigheid heeft.

133
00:08:03,750 --> 00:08:06,090
Maar omdat ze niet georganiseerd is,

134
00:08:06,090 --> 00:08:09,630
worden heel vaak veel
belangrijke elementen weggelaten.

135
00:08:09,630 --> 00:08:13,710
Omdat alles spontaan gebeurt,
worden veel dingen verwaarloosd.

136
00:08:13,710 --> 00:08:17,970
Hij maakte duidelijk dat hij geen
voorstander was van liturgische kerken.

137
00:08:17,970 --> 00:08:22,650
Maar volgens hem zeggen de gebeden
die in sommige meer georganiseerde,

138
00:08:22,650 --> 00:08:26,130
liturgische kerken uit
gebedenboeken worden voorgelezen,

139
00:08:26,130 --> 00:08:30,630
in veel gevallen ten minste goede
dingen die goed zijn om uit te spreken.

140
00:08:30,630 --> 00:08:35,370
Als je die leest, kun je tijdens zulke
gebeden werkelijk aan het bidden zijn.

141
00:08:35,370 --> 00:08:38,610
En er is niets mis met wat er
in die gebeden wordt gezegd,

142
00:08:38,610 --> 00:08:42,390
zelfs niet in de katholieke
gebedenboeken, behalve als ze tot Maria

143
00:08:42,390 --> 00:08:44,250
bidden of iets dergelijks.

144
00:08:44,250 --> 00:08:48,210
Velen van ons zouden zich ongemakkelijk
voelen in een dienst waarin alles

145
00:08:48,210 --> 00:08:53,430
georganiseerd en gestructureerd was
en waarin geen spontaniteit bestond.

146
00:08:53,430 --> 00:08:55,470
Maar hij zei dat daar in een dienst

147
00:08:55,470 --> 00:08:58,590
ten minste dingen aan bod komen
die er waarschijnlijk in aan bod

148
00:08:58,590 --> 00:08:59,550
zouden moeten komen.

149
00:08:59,550 --> 00:09:02,790
Hij zei niet dat we voor dat
soort aanbidding moesten kiezen,

150
00:09:02,790 --> 00:09:06,210
want zelf behoorde hij niet
tot een kerk die dat deed.

151
00:09:06,210 --> 00:09:10,830
Hij maakte deel uit van de Christian
and Missionary Alliance Church,

152
00:09:10,830 --> 00:09:14,190
een behoorlijk vrije gemeente
in evangelische stijl.

153
00:09:14,190 --> 00:09:18,210
Maar hij opperde dat een zekere
mate van organisatie nodig is

154
00:09:18,210 --> 00:09:21,510
om ervoor te zorgen dat dingen
niet worden verwaarloosd.

155
00:09:21,510 --> 00:09:24,930
Als ik zeg: ‘Ik ga geen
gebedsuren in acht nemen,

156
00:09:24,930 --> 00:09:27,270
omdat ik spontaan wil zijn in mijn gebed,’

157
00:09:27,270 --> 00:09:29,910
dan is het denkbaar dat
er een dag voorbijgaat

158
00:09:29,910 --> 00:09:32,910
waarop ik helemaal niet
veel tijd aan gebed besteed.

159
00:09:32,910 --> 00:09:36,570
Andere noodzakelijke dingen
hebben het gebed dan verdrongen.

160
00:09:36,570 --> 00:09:39,390
Het lijkt erop dat de Joden
er zeker van wilden zijn

161
00:09:39,390 --> 00:09:42,090
dat ze ten minste vaste
gebedstijden hadden,

162
00:09:42,090 --> 00:09:44,970
zodat ze het gebed niet
zouden verwaarlozen.

163
00:09:44,970 --> 00:09:48,210
Ze konden ook op andere momenten
bidden, maar ze wisten dan

164
00:09:48,210 --> 00:09:53,010
dat ze in elk geval bij die gelegenheden
tijd aan gebed hadden besteed.

165
00:09:53,010 --> 00:09:57,330
Zoals ik al zei, kan het feit dat de
apostelen op het uur van het gebed naar de

166
00:09:57,330 --> 00:10:02,670
tempel gingen erop wijzen dat zij, ten
minste in de beginperiode van de gemeente,

167
00:10:02,670 --> 00:10:06,750
dezelfde gebedsuren bleven
onderhouden als de andere Joden.

168
00:10:06,750 --> 00:10:11,190
Dat zou erop wijzen dat hun aanbidding
een bepaald georganiseerd karakter had,

169
00:10:11,190 --> 00:10:13,650
zoals hier mogelijk wordt aangeduid:

170
00:10:13,650 --> 00:10:16,830
Laat mijn gebed als wierook voor U zijn.

171
00:10:16,830 --> 00:10:20,610
De aanbidding in de tabernakel,
het klaarzetten van het reukwerk

172
00:10:20,610 --> 00:10:24,390
en het toonbrood en de manier
waarop het offer werd gebracht,

173
00:10:24,390 --> 00:10:26,310
waren allemaal heel georganiseerd.

174
00:10:26,310 --> 00:10:30,870
Het zou kunnen betekenen: ‘Ik wil
mijn gebedsleven en mijn dagelijkse

175
00:10:30,870 --> 00:10:35,250
gebedsoefeningen zo organiseren dat
ze niet worden verwaarloosd en dat ik

176
00:10:35,250 --> 00:10:36,990
ze ijverig verricht.’

177
00:10:36,990 --> 00:10:40,770
Maar hij zag natuurlijk ook dat
alleen het branden van reukwerk

178
00:10:40,770 --> 00:10:44,310
en het brengen van offers
evenmin voldoende was.

179
00:10:44,310 --> 00:10:46,050
Er moest gebed zijn.

180
00:10:46,050 --> 00:10:51,270
Heilige handen moesten tot God worden
opgeheven en er moest vanuit het hart

181
00:10:51,270 --> 00:10:53,370
aanbidding tot God zijn.

182
00:10:53,370 --> 00:10:55,170
In vers 3 zegt hij:

183
00:10:55,170 --> 00:10:59,910
HEERE, zet een wacht voor mijn mond,
behoed de deur van mijn lippen.

184
00:10:59,910 --> 00:11:03,630
Hij bedoelt daarmee niet wat iemand
die op dieet is zou kunnen bedoelen

185
00:11:03,630 --> 00:11:07,410
wanneer hij zoiets zegt,
alsof hij zegt: ‘Heere,

186
00:11:07,410 --> 00:11:10,470
weerhoud mij ervan er
te veel in te stoppen.’

187
00:11:10,470 --> 00:11:14,370
Hij heeft het erover dat hij bepaalde
dingen niet naar buiten wil laten komen.

188
00:11:14,370 --> 00:11:17,730
Hij vraagt de Heere hem te
helpen zijn spreken te bedwingen.

189
00:11:17,730 --> 00:11:20,610
‘Heere, zet U de wacht voor mijn mond.’

190
00:11:20,610 --> 00:11:24,570
Zoals een wachter bij een poort kan
voorkomen dat iemand erdoorheen gaat,

191
00:11:24,570 --> 00:11:26,910
of die nu naar binnen of naar buiten gaat,

192
00:11:26,910 --> 00:11:31,290
zo wil hij dat God ervoor zorgt
dat er iets over zijn mond waakt.

193
00:11:31,290 --> 00:11:35,430
Het moet ervoor zorgen dat er geen
slechte dingen uitkomen die er niet uit

194
00:11:35,430 --> 00:11:36,750
zouden moeten komen.

195
00:11:36,750 --> 00:11:37,890
Hij zegt:

196
00:11:37,890 --> 00:11:40,650
Laat mijn hart zich niet
neigen naar een slechte zaak,

197
00:11:40,650 --> 00:11:44,610
om goddeloze daden te verrichten
met mannen die onrecht bedrijven;

198
00:11:44,610 --> 00:11:47,250
en laat mij niet eten van hun lekkernijen.

199
00:11:47,250 --> 00:11:49,590
Dat wil zeggen: laat mij niet worden

200
00:11:49,590 --> 00:11:53,490
meegetrokken door de verleidelijke
genoegens die mensen in deze wereld

201
00:11:53,490 --> 00:11:57,090
zoeken, zodat mijn hart zich
niet tot iets kwaads wendt.

202
00:11:57,090 --> 00:11:59,430
Vers 5 is een nogal merkwaardig vers.

203
00:11:59,430 --> 00:12:02,250
Hun rechters zijn bij
de rotswand vrijgelaten,

204
00:12:02,250 --> 00:12:04,770
zij hebben gehoord hoe
aangenaam mijn woorden waren.

205
00:12:04,770 --> 00:12:08,730
Ik weet het niet helemaal zeker, maar het
lijkt erop dat hij zegt dat hij liever

206
00:12:08,730 --> 00:12:13,050
terechtgewezen wordt door rechtvaardige
mensen die het beste met hem voorhebben,

207
00:12:13,050 --> 00:12:14,850
dan door vijanden.

208
00:12:14,850 --> 00:12:16,710
In Spreuken staat ook:

209
00:12:16,710 --> 00:12:20,490
Wonden door iemand die liefheeft,
zijn tekenen van trouw,

210
00:12:20,490 --> 00:12:23,430
maar overvloedig zijn
de kussen van een hater.

211
00:12:23,430 --> 00:12:28,650
Dat wil zeggen: als je vijand je
verwondt, doet hij dat om je te doden.

212
00:12:28,650 --> 00:12:31,710
Maar als je vriend of een
rechtvaardig mens je verwondt,

213
00:12:31,710 --> 00:12:33,810
doet hij dat om je te helpen.

214
00:12:33,810 --> 00:12:36,570
Het is als een chirurg
die in je moet snijden,

215
00:12:36,570 --> 00:12:39,750
die een wond moet maken
om je te kunnen helpen.

216
00:12:39,750 --> 00:12:43,950
Zo kan de terechtwijzing van
een vriend pijn doen en steken

217
00:12:43,950 --> 00:12:48,750
en iemand misschien verwonden, maar
het is een wond die genezing brengt.

218
00:12:48,750 --> 00:12:52,710
Die terechtwijzing moet eigenlijk
als een weldaad worden beschouwd,

219
00:12:52,710 --> 00:12:54,450
en niet als een aanval.

220
00:12:54,450 --> 00:12:56,130
Misschien zegt hij hier:

221
00:12:56,130 --> 00:13:00,690
Heer, als ik gestraft moet worden,
als ik terechtgewezen moet worden,

222
00:13:00,690 --> 00:13:03,990
laat dat dan tenminste door
rechtvaardige mensen gebeuren.

223
00:13:03,990 --> 00:13:06,570
Ik zal dat als een goede daad beschouwen.

224
00:13:06,570 --> 00:13:10,350
Ik zal het zien als Uw manier
om mij terecht te wijzen.

225
00:13:10,350 --> 00:13:14,310
Maar hij wilde niet worden overgeleverd
aan mensen die hem wilden doden.

226
00:13:14,310 --> 00:13:18,930
De verwijzing in vers 6 naar de rechters
die op rotsachtige plaatsen ten val worden

227
00:13:18,930 --> 00:13:23,850
gebracht, moet doelen op de rechters
van de goddeloze mensen, hun leiders.

228
00:13:23,850 --> 00:13:27,510
Hun leiders worden ten
val gebracht. Er staat:

229
00:13:27,510 --> 00:13:30,750
Onze beenderen liggen verstrooid
bij de mond van het graf,

230
00:13:30,750 --> 00:13:33,990
alsof iemand op de grond iets
gekloofd en gespleten had.

231
00:13:33,990 --> 00:13:38,370
Dit betekent dat wanneer God Zijn
oordeel over de goddelozen brengt,

232
00:13:38,370 --> 00:13:42,450
zij eerder bereid zullen zijn naar
de woorden van God te luisteren.

233
00:13:42,450 --> 00:13:46,350
Misschien zijn ze milder gestemd door
de manier waarop God met hen handelt,

234
00:13:46,350 --> 00:13:50,190
wanneer ze ten val worden
gebracht en als het ware uit hun

235
00:13:50,190 --> 00:13:52,710
ivoren torens worden gestoten.

236
00:13:52,710 --> 00:13:54,630
In vers 7 staat:

237
00:13:54,630 --> 00:13:58,170
Onze beenderen liggen verstrooid
bij de mond van het graf,

238
00:13:58,170 --> 00:14:02,070
alsof iemand op de grond iets
gekloofd en gespleten had.

239
00:14:02,070 --> 00:14:05,910
Je kunt je een beeld vormen van
het hakken en splijten van hout.

240
00:14:05,910 --> 00:14:10,050
Denk maar aan een schuur waar
mensen hout hebben gespleten.

241
00:14:10,050 --> 00:14:12,990
Overal liggen kleine houtsplinters.

242
00:14:12,990 --> 00:14:18,930
Overal liggen kleine stukjes hout, omdat
die als resten zijn achtergebleven.

243
00:14:18,930 --> 00:14:22,230
Hij zegt dat onze
beenderen er zo bij liggen.

244
00:14:22,230 --> 00:14:26,610
Het lijkt alsof iemand hout heeft staan
splijten, maar als je beter kijkt,

245
00:14:26,610 --> 00:14:28,590
zijn het geen stukken hout.

246
00:14:28,590 --> 00:14:32,370
Het zijn in werkelijkheid
uitgedroogde beenderen.

247
00:14:32,370 --> 00:14:36,750
Dit is kennelijk een beschrijving van
een ramp die Israël heeft getroffen,

248
00:14:36,750 --> 00:14:38,850
en niet alleen David.

249
00:14:38,850 --> 00:14:40,950
Want in vers 7 staat:

250
00:14:40,950 --> 00:14:42,330
Onze beenderen.

251
00:14:42,330 --> 00:14:45,510
Ik weet niet welke ramp
hiervoor de aanleiding vormde,

252
00:14:45,510 --> 00:14:48,510
maar het moet een nationale
ramp zijn geweest.

253
00:14:48,510 --> 00:14:53,430
Hun ellendige toestand wordt beschreven
alsof hun beenderen verstrooid liggen.

254
00:14:53,430 --> 00:14:57,210
Als je denkt aan Ezechiël,
in het boek Ezechiël,

255
00:14:57,210 --> 00:15:02,010
dan zie je dat ook hij een visioen zag
waarin hetzelfde beeld werd gebruikt.

256
00:15:02,010 --> 00:15:05,610
Want toen Israël in ballingschap
naar Babylon verstrooid werd,

257
00:15:05,610 --> 00:15:09,330
werd het in zekere zin
vergeleken met dorre beenderen.

258
00:15:09,330 --> 00:15:12,510
Volgens mij is dat Ezechiël 37.

259
00:15:12,510 --> 00:15:17,490
In Ezechiël 37 staat het
visioen van de dorre beenderen.

260
00:15:17,490 --> 00:15:20,790
Daar zag hij Israël
symbolisch voorgesteld als

261
00:15:20,790 --> 00:15:23,970
dode beenderen die door
een dal verspreid lagen.

262
00:15:23,970 --> 00:15:26,250
Een engel zei tegen Ezechiël:

263
00:15:26,250 --> 00:15:31,530
Hij zei tegen mij: Mensenkind, zullen
deze beenderen tot leven komen?

264
00:15:31,530 --> 00:15:35,491
En ik zei: Heere HEERE, Ú weet het !

265
00:15:35,491 --> 00:15:36,870
Ezechiël zei:

266
00:15:36,870 --> 00:15:40,470
Heere, U weet het. Ik weet het niet.

267
00:15:40,470 --> 00:15:44,610
Toen begonnen de beenderen te
bewegen en kwamen ze weer bij elkaar.

268
00:15:44,610 --> 00:15:49,890
Er kwam vlees op, en ze vormden
samen een groot leger. God zei:

269
00:15:49,890 --> 00:15:52,530
Dit is wat er met Israël zal gebeuren.

270
00:15:52,530 --> 00:15:54,270
Ik heb hen verstrooid.

271
00:15:54,270 --> 00:15:58,170
Ze zijn als uitgedroogde beenderen
die overal verspreid liggen,

272
00:15:58,170 --> 00:16:00,270
maar ze zullen worden hersteld.

273
00:16:00,270 --> 00:16:03,270
Hij sprak over hun terugkeer
naar het land rond Jeruzalem

274
00:16:03,270 --> 00:16:05,430
na de Babylonische ballingschap.

275
00:16:05,430 --> 00:16:09,930
God zou hen weer tot leven brengen
en hen opnieuw als een volk vestigen.

276
00:16:09,930 --> 00:16:14,250
Hoewel David het volk hier als
verstrooide beenderen ziet, ziet hij niet,

277
00:16:14,250 --> 00:16:17,970
zoals Ezechiël, het visioen
waarin ze worden hersteld.

278
00:16:17,970 --> 00:16:22,410
Hij zei echter dat ondanks het feit dat
hun beenderen verstrooid liggen en het er

279
00:16:22,410 --> 00:16:24,090
slecht voor hen uitziet:

280
00:16:24,090 --> 00:16:29,550
Maar op U zijn mijn ogen gericht, HEERE
Heere; tot U heb ik de toevlucht genomen,

281
00:16:29,550 --> 00:16:32,010
laat mijn ziel niet berooid achter.

282
00:16:32,010 --> 00:16:36,270
Opnieuw schrijft hij in een tijd waarin
het volk in moeilijkheden verkeert.

283
00:16:36,270 --> 00:16:40,290
Hij draagt zijn gebeden aan God op
en vraagt of ze als reukwerk voor

284
00:16:40,290 --> 00:16:41,730
God mogen zijn.

285
00:16:41,730 --> 00:16:46,530
Hij vraagt God om zijn eigen mond
ervoor te bewaren aanstoot te geven,

286
00:16:46,530 --> 00:16:50,670
en om zijn hart ervoor te bewaren
de weg van de goddelozen op te gaan.

287
00:16:50,670 --> 00:16:53,610
Hij verlangt ernaar dat, als
hij geslagen moet worden,

288
00:16:53,610 --> 00:16:57,870
dit door Gods dienaren wordt
gedaan en niet door Gods vijanden.

289
00:16:57,870 --> 00:17:02,250
Als hij terechtwijzing nodig heeft,
laat God dan iemand sturen die hem op

290
00:17:02,250 --> 00:17:07,110
rechtvaardige wijze terechtwijst, en niet
zomaar iemand die hem kwaad wil doen.

291
00:17:07,110 --> 00:17:10,230
Hij brengt tot uitdrukking
dat hun toestand weliswaar

292
00:17:10,230 --> 00:17:14,370
negatief wordt voorgesteld, als
beenderen die bij de opening van het graf

293
00:17:14,370 --> 00:17:18,210
verstrooid liggen, maar dat hij
niettemin op God vertrouwt en bij

294
00:17:18,210 --> 00:17:20,010
God bevrijding zoekt.

295
00:17:20,010 --> 00:17:23,550
Dat komt ook tot uitdrukking in
het laatste gebed aan het einde,

296
00:17:23,550 --> 00:17:25,830
in de verzen 9 en 10.

297
00:17:25,830 --> 00:17:32,190
We slaan Psalm 142 en 143 over, omdat
we die al eerder hebben behandeld,

298
00:17:32,190 --> 00:17:34,890
en gaan naar Psalm 144.

299
00:17:34,890 --> 00:17:38,130
Dit is de psalm waarin
David spreekt als de koning,

300
00:17:38,130 --> 00:17:41,130
die de opperbevelhebber
van de strijdkrachten is.

301
00:17:41,130 --> 00:17:46,290
Hij spreekt over de overwinningen die God
hem heeft gegeven en viert die dingen.

302
00:17:46,290 --> 00:17:50,730
In het laatste deel van de psalm komt
hij uiteindelijk bij een bepaald gebed,

303
00:17:50,730 --> 00:17:54,630
een gebed om vrede en voorspoed
voor het volk van God.

304
00:17:54,630 --> 00:17:59,250
Hij viert de overwinningen op zijn
vijanden die God hem als koning en

305
00:17:59,250 --> 00:18:01,830
bevelhebber van de legers had gegeven.

306
00:18:01,830 --> 00:18:05,190
Nu hij die overwinningen
heeft meegemaakt, bidt hij om

307
00:18:05,190 --> 00:18:08,010
vrede en om de voorspoed van zijn volk.

308
00:18:08,010 --> 00:18:08,790
Hij zei:

309
00:18:08,790 --> 00:18:10,470
Een psalm van David.

310
00:18:10,470 --> 00:18:15,270
Geloofd zij de HEERE, mijn rots, Die
mijn handen leert om te strijden,

311
00:18:15,270 --> 00:18:20,310
mijn vingers om oorlog te voeren;
mijn goedertierenheid en mijn burcht,

312
00:18:20,310 --> 00:18:26,070
mijn veilige vesting en mijn,
ja, mijn Bevrijder, mijn schild,

313
00:18:26,070 --> 00:18:30,990
tot Wie ik de toevlucht heb genomen,
Die mijn volk aan mij onderwerpt.

314
00:18:30,990 --> 00:18:37,290
HEERE, wat is de mens, dat U hem kent,
de sterveling, dat U aan hem denkt?

315
00:18:37,290 --> 00:18:42,930
De mens lijkt op een zucht, zijn dagen
zijn als een voorbijgaande schaduw.

316
00:18:42,930 --> 00:18:49,230
Buig Uw hemel, HEERE, en daal neer,
raak de bergen aan, zodat zij roken.

317
00:18:49,230 --> 00:18:53,670
Slinger Uw bliksem en verspreid
hen, schiet Uw pijlen af

318
00:18:53,670 --> 00:18:56,070
en breng hen in verwarring.

319
00:18:56,070 --> 00:19:01,950
Steek Uw handen uit van omhoog, bevrijd
mij en ontruk mij aan de grote wateren,

320
00:19:01,950 --> 00:19:04,110
uit de hand van vreemdelingen;

321
00:19:04,110 --> 00:19:07,710
of, met andere woorden, de
kinderen van vreemdelingen,

322
00:19:07,710 --> 00:19:09,990
de volken van vreemde mensen:

323
00:19:09,990 --> 00:19:15,870
want hun mond spreekt valse dingen,
hun rechterhand is een hand vol bedrog.

324
00:19:15,870 --> 00:19:18,750
O God, ik zal een nieuw
lied voor U zingen,

325
00:19:18,750 --> 00:19:23,910
met de luit en het tiensnarig
instrument zal ik psalmen voor U zingen.

326
00:19:23,910 --> 00:19:27,330
U bent het Die koningen
de overwinning geeft,

327
00:19:27,330 --> 00:19:32,550
Die Zijn dienaar David bevrijdt
van het zwaard dat onheil brengt.

328
00:19:32,550 --> 00:19:36,270
Bevrijd mij en red mij van
de hand van vreemdelingen,

329
00:19:36,270 --> 00:19:38,850
van wie de mond valse dingen spreekt,

330
00:19:38,850 --> 00:19:42,990
van wie de rechterhand een
rechterhand vol bedrog is.

331
00:19:42,990 --> 00:19:48,330
Dan zullen onze zonen als planten
zijn, hoog opgegroeid in hun jeugd;

332
00:19:48,330 --> 00:19:53,250
onze dochters als hoekstenen, uitgesneden
naar het ontwerp van een paleis.

333
00:19:53,250 --> 00:19:57,810
Dan zijn onze schuren vol en leveren
zij de ene voorraad na de andere;

334
00:19:57,810 --> 00:20:00,570
—daarmee worden hun graanschuren bedoeld—

335
00:20:00,570 --> 00:20:03,270
dan werpen onze kudden bij duizenden, ja,

336
00:20:03,270 --> 00:20:06,270
met tienduizenden nemen
zij toe in onze velden.

337
00:20:06,270 --> 00:20:11,010
Dan zijn onze runderen zwaarbeladen,
dan wordt er geen inval of uitval gedaan

338
00:20:11,010 --> 00:20:13,590
en is er geen gejammer op onze pleinen.

339
00:20:13,590 --> 00:20:15,810
Welzalig het volk dat het zo vergaat,

340
00:20:15,810 --> 00:20:19,050
welzalig het volk waarvan
de HEERE zijn God is.

341
00:20:19,050 --> 00:20:22,830
Er is duidelijk een behoorlijk contrast
tussen het eerste deel van de psalm en

342
00:20:22,830 --> 00:20:24,210
het laatste deel.

343
00:20:24,210 --> 00:20:26,910
Want in het eerste deel zien
we een werkelijk dappere,

344
00:20:26,910 --> 00:20:29,130
krijgshaftige geest die zegt:

345
00:20:29,130 --> 00:20:30,870
God is mijn kracht.

346
00:20:30,870 --> 00:20:33,270
Hij is Degene Die mij
heeft geleerd te strijden,

347
00:20:33,270 --> 00:20:36,090
oorlog te voeren en
overwinningen te behalen.

348
00:20:36,090 --> 00:20:39,510
Hij is mijn schild en mijn
veilige vesting geweest.

349
00:20:39,510 --> 00:20:43,170
Hij ontleent beelden aan
een eerdere psalm, Psalm 18,

350
00:20:43,170 --> 00:20:46,110
waar dezelfde soort dingen
over God werden gezegd.

351
00:20:46,110 --> 00:20:50,490
Vervolgens gaat hij verder en
ontleent hij woorden aan Psalm 8:

352
00:20:50,490 --> 00:20:53,730
wat is dan de sterveling,
dat U aan hem denkt,

353
00:20:53,730 --> 00:20:57,270
Dit zijn psalmen die David
eerder had geschreven.

354
00:20:57,270 --> 00:21:02,730
Hij neemt gedachten uit zijn eerdere
psalmen, uit Psalm 18 en Psalm 8 en enkele

355
00:21:02,730 --> 00:21:06,990
andere gedeelten, en voegt
ze allemaal samen. Hij zegt:

356
00:21:06,990 --> 00:21:11,850
De mens lijkt op een zucht, zijn dagen
zijn als een voorbijgaande schaduw.

357
00:21:11,850 --> 00:21:17,610
Buig Uw hemel, HEERE, en daal neer,
raak de bergen aan, zodat zij roken.

358
00:21:17,610 --> 00:21:21,390
Maar dan roept hij tot God en
begint hij in vers 5 te bidden,

359
00:21:21,390 --> 00:21:23,250
helemaal tot en met vers 15.

360
00:21:23,250 --> 00:21:27,810
Allereerst vraagt hij God om nog meer
openbaringen van Zijn macht te zenden,

361
00:21:27,810 --> 00:21:31,590
om bliksem te zenden en zijn
vijanden uiteen te drijven,

362
00:21:31,590 --> 00:21:35,670
om Zijn pijlen af te schieten,
die misschien als de bliksem zijn,

363
00:21:35,670 --> 00:21:37,230
en hen te vernietigen.

364
00:21:37,230 --> 00:21:42,570
Aan het einde van vers 7 vraagt David om
bevrijding uit de hand van vreemdelingen.

365
00:21:42,570 --> 00:21:45,210
In vers 8 motiveert hij dat zo:

366
00:21:45,210 --> 00:21:50,910
want hun mond spreekt valse dingen,
hun rechterhand is een hand vol bedrog.

367
00:21:50,910 --> 00:21:57,150
De bede uit vers 7 vormt een refrein
dat in vers 11 opnieuw voorkomt.

368
00:21:57,150 --> 00:21:59,370
In vers 9 zegt David:

369
00:21:59,370 --> 00:22:02,190
O God, ik zal een nieuw
lied voor U zingen,

370
00:22:02,190 --> 00:22:07,410
met de luit en het tiensnarig
instrument zal ik psalmen voor U zingen.

371
00:22:07,410 --> 00:22:11,310
Hij herhaalt dat tweemaal
als onderdeel van zijn gebed.

372
00:22:11,310 --> 00:22:15,750
Die twee uitspraken zeggen:
bevrijd mij van mijn vijanden,

373
00:22:15,750 --> 00:22:17,610
die toevallig vreemdelingen zijn.

374
00:22:17,610 --> 00:22:22,170
Dat betekent buitenlanders,
mensen die geen Joden zijn,

375
00:22:22,170 --> 00:22:27,090
waarschijnlijk de Filistijnen of iemand
anders bij een gelegenheid als deze.

376
00:22:27,090 --> 00:22:28,650
Vers 12 zegt:

377
00:22:28,650 --> 00:22:34,170
Dan zijn onze schuren vol en leveren
zij de ene voorraad na de andere;

378
00:22:34,170 --> 00:22:37,591
dan werpen onze kudden bij duizenden, ja ,

379
00:22:37,591 --> 00:22:41,130
met tienduizenden nemen
zij toe in onze velden.

380
00:22:41,130 --> 00:22:45,810
In Psalm 128 was de zegen van
de Heere over het gezin te zien

381
00:22:45,810 --> 00:22:49,770
doordat de zonen als kleine
olijfscheuten rond de tafel waren,

382
00:22:49,770 --> 00:22:53,910
de kleine uitlopers van olijfbomen
die begonnen op te groeien.

383
00:22:53,910 --> 00:22:58,410
Maar nu zijn het stevige jonge
boompjes. Ze zijn opgegroeid.

384
00:22:58,410 --> 00:23:01,830
Ze zijn als planten die in
hun jeugd volgroeid zijn.

385
00:23:01,830 --> 00:23:04,050
Bij de dochters gaat het om hoekstenen.

386
00:23:04,050 --> 00:23:07,350
Het eigenlijke woord voor
hoekstenen is ‘zuilen’,

387
00:23:07,350 --> 00:23:09,990
en niet alleen stenen zoals die
in een fundament zouden kunnen

388
00:23:09,990 --> 00:23:12,090
zitten, maar zuilen.

389
00:23:12,090 --> 00:23:16,470
Hier wordt verwezen naar
gebeeldhouwde of uitgehouwen zuilen,

390
00:23:16,470 --> 00:23:18,630
bijna als standbeelden.

391
00:23:18,630 --> 00:23:21,090
Je kunt die zien in sommige oude gebouwen,

392
00:23:21,090 --> 00:23:24,930
waar een zuil is uitgehouwen in
de vorm van een menselijke figuur,

393
00:23:24,930 --> 00:23:28,050
zoals een godin in
sommige heidense tempels.

394
00:23:28,050 --> 00:23:32,970
Maar hier wenst hij dat de zonen sterk
en levendig zullen zijn als jonge bomen,

395
00:23:32,970 --> 00:23:35,490
en dat de dochters sierlijk zullen zijn

396
00:23:35,490 --> 00:23:39,330
als de gebeeldhouwde zuilen
van een tempel, misschien:

397
00:23:39,330 --> 00:23:42,210
gepolijst naar het
voorbeeld van een paleis,

398
00:23:42,210 --> 00:23:47,310
waarmee hij verlangt dat de dochters
van Israël statig en sierlijk zijn,

399
00:23:47,310 --> 00:23:50,730
terwijl de zonen sterk
en machtig zouden zijn.

400
00:23:50,730 --> 00:23:56,370
Vervolgens bidt hij in feite om
financiële zegen, of om materiële zegen:

401
00:23:56,370 --> 00:23:59,490
dat de graanschuren vol graan zouden zijn,

402
00:23:59,490 --> 00:24:02,730
dat de schapen zich overvloedig
zouden vermenigvuldigen,

403
00:24:02,730 --> 00:24:05,790
dat ook de runderen sterk
zouden zijn in het werk,

404
00:24:05,790 --> 00:24:10,470
en dat de mensen gelukkig zouden
zijn en niemand op straat zou klagen.

405
00:24:10,470 --> 00:24:14,850
Hij vraagt eigenlijk om voorspoed, om
goede nakomelingen voor de volgende

406
00:24:14,850 --> 00:24:19,050
generatie en om geluk
in de poorten. Hij zegt:

407
00:24:19,050 --> 00:24:21,690
Welzalig het volk dat het zo vergaat.

408
00:24:21,690 --> 00:24:25,290
Het is duidelijk dat ieder
volk dat deze zegeningen heeft,

409
00:24:25,290 --> 00:24:29,610
bijzonder gezegend is wanneer het
zich in zo’n toestand bevindt.

410
00:24:29,610 --> 00:24:33,210
Welzalig het volk waarvan
de HEERE zijn God is.

411
00:24:33,210 --> 00:24:36,690
Er zijn dus twee voorwaarden
voor het geluk van een volk.

412
00:24:36,690 --> 00:24:40,470
De ene is dat het materiële
zegeningen ontvangt.

413
00:24:40,470 --> 00:24:43,830
De andere is dat het God
als zijn Heere heeft.

414
00:24:43,830 --> 00:24:47,790
In ons land voldoen we aan ten
minste een van die voorwaarden.

415
00:24:47,790 --> 00:24:52,110
We hebben de welvaart, de
volle graanschuren, enzovoort.

416
00:24:52,110 --> 00:24:54,990
We voldoen aan een van die voorwaarden.

417
00:24:54,990 --> 00:24:57,030
Wij verkeren in die toestand.

418
00:24:57,030 --> 00:25:00,090
Maar helaas is ons land
niet langer zo dat het

419
00:25:00,090 --> 00:25:04,110
omschreven kan worden als een
volk waarvan God de Heere is.

420
00:25:04,110 --> 00:25:08,850
Er zijn veel christenen in dit land, maar
van het land zelf kan niet worden gezegd

421
00:25:08,850 --> 00:25:12,510
dat het er in het algemeen
naar streeft God te eren.

422
00:25:12,510 --> 00:25:17,070
Ik bedoel dat alle wetgevers en
alle rechtbanken en dergelijke niet

423
00:25:17,070 --> 00:25:22,290
noodzakelijkerwijs God op de eerste
plaats stellen bij al hun beslissingen.

424
00:25:22,290 --> 00:25:24,150
We zijn dus half gelukkig.

425
00:25:24,150 --> 00:25:28,290
We zijn gelukkig vanwege Gods
zegen op materieel gebied,

426
00:25:28,290 --> 00:25:32,670
maar het volk kent niet het geluk
dat voortkomt uit het feit dat God

427
00:25:32,670 --> 00:25:34,050
zijn Heere is.

428
00:25:34,050 --> 00:25:38,250
Maar er is een volk dat dit wel
kent, en dat is de gemeente.

429
00:25:38,250 --> 00:25:41,970
De gemeente is een heilig
volk en een bijzonder volk,

430
00:25:41,970 --> 00:25:45,690
en gelukkig is dat volk
waarvan God de Heere is.

431
00:25:45,690 --> 00:25:48,330
De gemeente is een gezegend volk.

432
00:25:48,330 --> 00:25:52,890
In Psalm 145 hebben we de laatste
psalm van David in het boek,

433
00:25:52,890 --> 00:25:55,710
en het is een van de acrostische psalmen.

434
00:25:55,710 --> 00:25:59,370
Er staan acht acrostische
psalmen in het boek Psalmen.

435
00:25:59,370 --> 00:26:01,170
Dit is de laatste daarvan.

436
00:26:01,170 --> 00:26:06,630
De acrostische psalmen zijn de psalmen
die het Hebreeuwse alfabet doorlopen,

437
00:26:06,630 --> 00:26:09,690
waarbij elk vers met een
volgende letter begint.

438
00:26:09,690 --> 00:26:16,110
Er zijn 22 letters, en zoals je kunt
zien, telt deze psalm slechts 21 verzen.

439
00:26:16,110 --> 00:26:19,710
Dat komt doordat in de Hebreeuwse
handschriften die wij hebben,

440
00:26:19,710 --> 00:26:23,010
een van de letters van het
Hebreeuwse alfabet ontbreekt.

441
00:26:23,010 --> 00:26:25,470
Er lijkt dus een vers te zijn weggevallen,

442
00:26:25,470 --> 00:26:29,430
dat kopiisten door de eeuwen heen
per ongeluk hebben weggelaten.

443
00:26:29,430 --> 00:26:31,890
We weten niet wat erin gestaan zou hebben.

444
00:26:31,890 --> 00:26:37,410
Het is de Hebreeuwse letter
noen, N-U-N, die ontbreekt.

445
00:26:37,410 --> 00:26:42,810
Ik geloof dat de Septuaginta in een van
haar versies het ontbrekende vers bevat.

446
00:26:42,810 --> 00:26:47,190
Of dat authentiek is, of dat het is
ingevuld door iemand die de weglating

447
00:26:47,190 --> 00:26:50,130
opmerkte en zelf iets
bedacht, weten we niet.

448
00:26:50,130 --> 00:26:53,190
Maar het zou ergens na vers 13 komen.

449
00:26:53,190 --> 00:26:56,010
Tussen vers 13 en 14 ontbreekt er een.

450
00:26:56,010 --> 00:26:58,410
Maar dit is opnieuw een lofpsalm.

451
00:26:58,410 --> 00:27:01,170
Dat is trouwens de titel. Er staat:

452
00:27:01,170 --> 00:27:03,090
Een lofzang van David.

453
00:27:03,090 --> 00:27:08,970
En zo ligt hier zijn laatste poëtische
acrostichon in het boek Psalmen voor ons.

454
00:27:08,970 --> 00:27:13,470
Daarna komen de laatste
psalmen, de vijf Hallelpsalmen,

455
00:27:13,470 --> 00:27:16,170
en daarmee wordt het hele boek voltooid.

456
00:27:16,170 --> 00:27:17,550
David schrijft:

457
00:27:17,550 --> 00:27:19,470
Een lofzang van David.

458
00:27:19,470 --> 00:27:26,010
Ik zal U roemen, mijn God, mijn
Koning; aleph ik zal Uw Naam loven,

459
00:27:26,010 --> 00:27:28,350
voor eeuwig en altijd.

460
00:27:28,350 --> 00:27:34,590
Iedere dag zal ik U loven beth en Uw
Naam prijzen, voor eeuwig en altijd.

461
00:27:34,590 --> 00:27:37,410
De HEERE is groot en zeer te prijzen,

462
00:27:37,410 --> 00:27:40,470
gimel Zijn grootheid
is niet te doorgronden.

463
00:27:40,470 --> 00:27:43,950
Generatie op generatie
zal Uw werken roemen,

464
00:27:43,950 --> 00:27:47,310
daleth zij zullen Uw
machtige daden verkondigen.

465
00:27:47,310 --> 00:27:50,910
Ik zal spreken van de heerlijke
glorie van Uw majesteit,

466
00:27:50,910 --> 00:27:53,550
he en van Uw wonderlijke daden.

467
00:27:53,550 --> 00:27:57,750
Zij zullen de kracht van Uw ontzagwekkende
daden in herinnering roepen;

468
00:27:57,750 --> 00:28:00,570
waw Uw grootheid, die zal ik vertellen.

469
00:28:00,570 --> 00:28:05,550
Zij zullen de mond doen overvloeien van
de gedachtenis aan Uw grote goedheid,

470
00:28:05,550 --> 00:28:09,390
zain en vrolijk zingen
van Uw gerechtigheid:

471
00:28:09,390 --> 00:28:15,210
Genadig en barmhartig is de HEERE, cheth
geduldig en groot aan goedertierenheid.

472
00:28:15,210 --> 00:28:20,670
De HEERE is voor allen goed, teth Zijn
barmhartigheid rust op al Zijn werken.

473
00:28:20,670 --> 00:28:27,450
Al Uw werken zullen U loven, HEERE;
jod Uw gunstelingen zullen U danken.

474
00:28:27,450 --> 00:28:32,070
Zij zullen de heerlijkheid van Uw
Koninkrijk in herinnering roepen kaph

475
00:28:32,070 --> 00:28:35,970
en van Uw macht spreken, om de
mensenkinderen Zijn machtige

476
00:28:35,970 --> 00:28:39,930
daden bekend te maken, lamed
de glorierijke heerlijkheid

477
00:28:39,930 --> 00:28:41,670
van Zijn Koninkrijk.

478
00:28:41,670 --> 00:28:45,330
Uw Koninkrijk is een
Koninkrijk van alle eeuwen,

479
00:28:45,330 --> 00:28:49,110
mem Uw heerschappij omvat alle generaties.

480
00:28:49,110 --> 00:28:54,750
De HEERE ondersteunt allen die vallen,
samech Hij richt alle gebogenen op.

481
00:28:54,750 --> 00:29:00,510
De ogen van allen wachten op U, ain
U geeft hun hun voedsel op zijn tijd.

482
00:29:00,510 --> 00:29:06,870
U doet Uw hand open pe en verzadigt
al wat leeft, naar Uw welbehagen.

483
00:29:06,870 --> 00:29:13,110
De HEERE is rechtvaardig in al Zijn wegen,
tsade goedertieren in al Zijn werken.

484
00:29:13,110 --> 00:29:19,530
De HEERE is allen nabij die Hem aanroepen,
koph allen die Hem in waarheid aanroepen.

485
00:29:19,530 --> 00:29:22,710
Hij vervult het verlangen
van wie Hem vrezen,

486
00:29:22,710 --> 00:29:26,070
resj Hij hoort hun
hulpgeroep en verlost hen.

487
00:29:26,070 --> 00:29:32,730
De HEERE bewaart allen die Hem liefhebben,
sjin maar alle goddelozen vaagt Hij weg.

488
00:29:32,730 --> 00:29:36,390
Mijn mond zal van de lof
van de HEERE spreken,

489
00:29:36,390 --> 00:29:42,630
taw alle vlees zal Zijn heilige
Naam loven, voor eeuwig en altijd.

490
00:29:42,630 --> 00:29:45,930
One generation shall praise
Thy works to another,

491
00:29:45,930 --> 00:29:49,170
and shall declare Thy mighty acts.

492
00:29:49,170 --> 00:29:54,570
I will speak of the glorious honor and
majesty, and of Thy wondrous works.

493
00:29:54,570 --> 00:29:58,050
And men shall speak of the
might of Thy terrible acts,

494
00:29:58,050 --> 00:30:00,630
and I will declare Thy greatness.

495
00:30:00,630 --> 00:30:04,110
They shall abundantly utter the
memory of Thy great goodness,

496
00:30:04,110 --> 00:30:06,510
and shall sing of Thy righteousness.

497
00:30:06,510 --> 00:30:10,170
The Lord is gracious and full
of compassion, slow to anger,

498
00:30:10,170 --> 00:30:11,790
and of great mercy.

499
00:30:11,790 --> 00:30:16,950
The Lord is good to all, and His
tender mercies are over all His works.

500
00:30:16,950 --> 00:30:22,230
All Thy works shall praise Thee, O
Lord, and Thy saints shall bless Thee.

501
00:30:22,230 --> 00:30:25,950
They shall speak of the glory of
Thy kingdom, and talk of Thy power,

502
00:30:25,950 --> 00:30:29,250
to make known to the sons
of men His mighty acts,

503
00:30:29,250 --> 00:30:32,310
and the glorious majesty of His kingdom.

504
00:30:32,310 --> 00:30:34,830
Thy kingdom is an everlasting kingdom,

505
00:30:34,830 --> 00:30:38,670
and Thy dominion endureth
throughout all generations.

506
00:30:38,670 --> 00:30:44,130
The Lord upholdeth all that fall, and
raiseth up all those that are bowed down.

507
00:30:44,130 --> 00:30:48,390
The eyes of all wait upon Thee,
and Thou givest them their food in

508
00:30:48,390 --> 00:30:50,070
their due season.

509
00:30:50,070 --> 00:30:55,050
Thou openest Thine hand, and satisfiest
the desire of every living thing.

510
00:30:55,050 --> 00:31:00,510
The Lord is righteous in all His
ways, and holy in all His works.

511
00:31:00,510 --> 00:31:04,110
The Lord is nigh unto all
them that call upon Him,

512
00:31:04,110 --> 00:31:07,050
and all that call upon Him in truth.

513
00:31:07,050 --> 00:31:12,570
He will fulfill the desire of them that
fear Him: He also will hear their cry,

514
00:31:12,570 --> 00:31:14,190
and save them.

515
00:31:14,190 --> 00:31:20,550
The Lord preserveth all them that love
Him: but all the wicked shall He destroy.

516
00:31:20,550 --> 00:31:23,430
My mouth shall speak
the praise of the Lord;

517
00:31:23,430 --> 00:31:28,890
and let all flesh bless His
holy Name forever and ever.

518
00:31:28,890 --> 00:31:33,810
Het is duidelijk dat er niets in deze
psalm staat wat nieuw is en niet ook in

519
00:31:33,810 --> 00:31:36,150
een van de andere psalmen voorkomt.

520
00:31:36,150 --> 00:31:40,710
We kunnen daarom waarschijnlijk zonder
commentaar doorgaan naar de volgende.

521
00:31:40,710 --> 00:31:45,810
Zoals ik al zei, beginnen de laatste
vijf psalmen met het woord ‘halleluja’,

522
00:31:45,810 --> 00:31:48,870
en daarom worden ze de
Hallelpsalmen genoemd.

523
00:31:48,870 --> 00:31:53,190
Sommige beginnen en eindigen
met het woord ‘halleluja’.

524
00:31:53,190 --> 00:32:00,750
Eigenlijk lijken de meeste
dat te doen: 146, 147 en 148.

525
00:32:00,750 --> 00:32:03,930
Sterker nog, volgens mij
doen ze dat allemaal.

526
00:32:03,930 --> 00:32:07,110
Ik had niet beseft dat
ze dat allemaal deden.

527
00:32:07,110 --> 00:32:12,090
Sommige eerdere psalmen die Hallelpsalmen
zijn en verspreid in het Psalter staan,

528
00:32:12,090 --> 00:32:16,950
beginnen wel met het woord
‘halleluja’, maar eindigen er niet mee.

529
00:32:16,950 --> 00:32:21,570
Deze vijf eindigen er echter ook
allemaal mee, en dat maakt ze bijzonder,

530
00:32:21,570 --> 00:32:26,130
bijzonder waardevol om lof aan God
mee tot uitdrukking te brengen.

531
00:32:26,130 --> 00:32:30,750
Het zijn doorgaans jubelende,
vreugdevolle psalmen, en het is fijn om

532
00:32:30,750 --> 00:32:32,730
zulke psalmen te lezen.

533
00:32:32,730 --> 00:32:34,830
Psalm 146:

534
00:32:34,830 --> 00:32:39,030
Halleluja! Mijn ziel, loof de HEERE.

535
00:32:39,030 --> 00:32:44,070
Ik zal de HEERE loven in mijn leven,
ik zal voor mijn God psalmen zingen

536
00:32:44,070 --> 00:32:45,390
zolang ik er nog ben.

537
00:32:45,390 --> 00:32:50,550
Vertrouw niet op edelen, op het
mensenkind, bij wie geen heil is.

538
00:32:50,550 --> 00:32:55,290
Zijn geest gaat uit hem weg, hij
keert terug tot zijn aardbodem;

539
00:32:55,290 --> 00:32:57,870
op die dag vergaan zijn plannen.

540
00:32:57,870 --> 00:33:01,770
Welzalig is hij die de God
van Jakob tot zijn hulp heeft,

541
00:33:01,770 --> 00:33:04,950
die zijn verwachting stelt
op de HEERE, zijn God,

542
00:33:04,950 --> 00:33:09,810
Die hemel en aarde gemaakt heeft,
de zee en al wat daarin is;

543
00:33:09,810 --> 00:33:13,950
Die voor eeuwig de trouw bewaart,
Die de onderdrukten recht doet,

544
00:33:13,950 --> 00:33:16,170
Die de hongerigen brood geeft.

545
00:33:16,170 --> 00:33:21,690
De HEERE maakt de gevangenen los, de
HEERE opent de ogen van de blinden.

546
00:33:21,690 --> 00:33:26,490
De HEERE richt de gebogenen op, de
HEERE heeft de rechtvaardigen lief.

547
00:33:26,490 --> 00:33:30,870
De HEERE bewaart de vreemdelingen,
Hij houdt wees en weduwe staande,

548
00:33:30,870 --> 00:33:33,630
maar de weg van de
goddelozen maakt Hij krom.

549
00:33:33,630 --> 00:33:40,650
De HEERE zal voor eeuwig regeren; uw
God, Sion, is van generatie op generatie.

550
00:33:40,650 --> 00:33:41,850
Halleluja!

551
00:33:41,850 --> 00:33:46,470
In deze Psalm stelt hij de onzekerheid
van degenen die op mensen vertrouwen,

552
00:33:46,470 --> 00:33:50,550
zelfs op vorsten, waarmee
invloedrijke mensen bedoeld worden,

553
00:33:50,550 --> 00:33:53,850
tegenover de zekerheid van
degenen die op God vertrouwen.

554
00:33:53,850 --> 00:33:59,130
Hij wijst erop dat vertrouwen op vorsten
of op een mensenzoon geen hulp zal bieden.

555
00:33:59,130 --> 00:34:00,150
Waarom?

556
00:34:00,150 --> 00:34:02,250
Omdat er in vers 4 staat:

557
00:34:02,250 --> 00:34:06,990
Zijn geest gaat uit hem weg, hij
keert terug tot zijn aardbodem;

558
00:34:06,990 --> 00:34:09,510
op die dag vergaan zijn plannen.

559
00:34:09,510 --> 00:34:14,010
Met andere woorden, ze sterven, en
ze kunnen niet eens zichzelf helpen,

560
00:34:14,010 --> 00:34:15,510
laat staan jou.

561
00:34:15,510 --> 00:34:17,970
Geen mens kan voorkomen dat hij sterft.

562
00:34:17,970 --> 00:34:20,250
Hoe zouden ze jou dan kunnen helpen?

563
00:34:20,250 --> 00:34:24,330
Of hoe zouden zij uiteindelijk
datgene kunnen zijn waarop jij je hoop

564
00:34:24,330 --> 00:34:25,710
en je vertrouwen stelt?

565
00:34:25,710 --> 00:34:30,570
De verwijzing naar de Zoon des mensen is
hier opnieuw geen verwijzing naar Jezus.

566
00:34:30,570 --> 00:34:35,250
Wij zijn eraan gewend dat Jezus in het
Nieuwe Testament over Zichzelf spreekt

567
00:34:35,250 --> 00:34:37,470
als de Zoon des mensen.

568
00:34:37,470 --> 00:34:41,730
Dit is gewoon een van de vele
gevallen waarin de term mensenzoon

569
00:34:41,730 --> 00:34:46,230
eenvoudigweg een mens betekent,
iemand die uit Adam geboren is,

570
00:34:46,230 --> 00:34:48,390
iemand die slechts mens is.

571
00:34:48,390 --> 00:34:52,650
Vertrouw dus niet op vorsten of op
enig ander mens die slechts mens is,

572
00:34:52,650 --> 00:34:56,730
want zij sterven en kunnen je
daarom uiteindelijk niet helpen.

573
00:34:56,730 --> 00:35:01,890
Maar de man die op de God van Jakob
vertrouwt, in vers 5, is een gelukkig man,

574
00:35:01,890 --> 00:35:04,830
want hij gaat verder en spreekt over God.

575
00:35:04,830 --> 00:35:07,950
Om te beginnen is Hij
machtig genoeg om te helpen.

576
00:35:07,950 --> 00:35:11,790
Als je op iemand wilt vertrouwen om je
uit al je beproevingen te verlossen,

577
00:35:11,790 --> 00:35:14,970
moet die persoon ten eerste de
macht hebben om dat te doen,

578
00:35:14,970 --> 00:35:18,090
en ten tweede het verlangen
hebben om dat te doen.

579
00:35:18,090 --> 00:35:21,030
Er zouden mensen kunnen zijn
die je zouden kunnen helpen.

580
00:35:21,030 --> 00:35:24,810
Er zijn bijvoorbeeld mensen van wie
wij weten dat ze ons gemakkelijk uit

581
00:35:24,810 --> 00:35:27,810
al onze financiële moeilijkheden
zouden kunnen redden.

582
00:35:27,810 --> 00:35:31,830
Er zijn mensen op de wereld die
miljoenen en miljoenen dollars hebben,

583
00:35:31,830 --> 00:35:35,370
die ze waarschijnlijk nergens
voor gebruiken wat erg goed is.

584
00:35:35,370 --> 00:35:39,210
Ze zouden ons kunnen helpen, maar
óf ze weten niet van ons bestaan,

585
00:35:39,210 --> 00:35:42,030
óf ze zouden ons misschien
niet willen helpen,

586
00:35:42,030 --> 00:35:44,670
zelfs als ze wel van ons bestaan wisten.

587
00:35:44,670 --> 00:35:49,050
We zouden dus niet op hen vertrouwen, ook
al zouden ze de macht kunnen hebben om ons

588
00:35:49,050 --> 00:35:52,110
te helpen, omdat ze niet
geneigd zijn dat te doen.

589
00:35:52,110 --> 00:35:56,130
Andere mensen zouden er misschien wel
toe geneigd zijn en zeggen: ‘Tjonge,

590
00:35:56,130 --> 00:35:58,290
ik zou echt willen dat ik kon helpen.

591
00:35:58,290 --> 00:36:00,090
Ik heb het geld gewoon niet.’

592
00:36:00,090 --> 00:36:03,090
Ze hebben het verlangen,
maar niet de macht.

593
00:36:03,090 --> 00:36:05,490
Je kunt alleen je
vertrouwen op iemand stellen

594
00:36:05,490 --> 00:36:08,610
als je er zeker van bent dat
die persoon zowel de macht

595
00:36:08,610 --> 00:36:10,950
als het verlangen heeft om te helpen.

596
00:36:10,950 --> 00:36:14,310
Zonder een van die twee zal
er helemaal geen hulp zijn.

597
00:36:14,310 --> 00:36:17,490
Hij heeft al vastgesteld dat
de mens je niet kan helpen,

598
00:36:17,490 --> 00:36:19,950
en vaak willen mensen je niet eens helpen.

599
00:36:19,950 --> 00:36:22,350
Maar God kan het én wil het.

600
00:36:22,350 --> 00:36:25,350
Gelukkig is de man die zijn
vertrouwen op de Heere stelt,

601
00:36:25,350 --> 00:36:29,730
want Hij heeft de macht om te helpen,
zoals in vers 6 wordt aangetoond:

602
00:36:29,730 --> 00:36:33,810
Die hemel en aarde gemaakt heeft,
de zee en al wat daarin is;

603
00:36:33,810 --> 00:36:35,970
Die voor eeuwig de trouw bewaart,

604
00:36:35,970 --> 00:36:39,390
Hij verschaft recht aan de
onderdrukten, enzovoort.

605
00:36:39,390 --> 00:36:42,150
Hij laat vervolgens zien
dat Hij de Schepper is

606
00:36:42,150 --> 00:36:44,310
en daarom alle dingen kan doen.

607
00:36:44,310 --> 00:36:47,730
Maar Hij is niet alleen de
Schepper, Die alle dingen kan doen.

608
00:36:47,730 --> 00:36:50,730
Hij heeft al laten zien
dat Hij ertoe geneigd is

609
00:36:50,730 --> 00:36:54,810
en ernaar verlangt die dingen te
doen: de onderdrukten te helpen,

610
00:36:54,810 --> 00:36:58,110
de gevangenen los te maken,
de hongerigen te voeden,

611
00:36:58,110 --> 00:37:01,350
de ogen van de blinden
te openen, enzovoort.

612
00:37:01,350 --> 00:37:06,090
Hij laat daar vervolgens zien dat God,
op Wie wij ons vertrouwen stellen,

613
00:37:06,090 --> 00:37:08,190
in staat is alle dingen te doen.

614
00:37:08,190 --> 00:37:11,790
Omdat Hij de Schepper van
alles is, heeft Hij alle macht.

615
00:37:11,790 --> 00:37:15,870
Ten tweede heeft Hij al laten zien
dat Hij ernaar verlangt te helpen.

616
00:37:15,870 --> 00:37:19,650
Daarom roepen die overdenkingen
de lofprijzing van deze Psalm op,

617
00:37:19,650 --> 00:37:24,870
omdat wij zo gelukkig zijn doordat wij
vertrouwen op Iemand Die te vertrouwen is.

618
00:37:24,870 --> 00:37:28,530
Psalm 147, nog een Hallelpsalm, zegt:

619
00:37:28,530 --> 00:37:29,670
Halleluja!

620
00:37:29,670 --> 00:37:34,590
Het is immers goed om voor onze God
psalmen te zingen, want dat is lieflijk.

621
00:37:34,590 --> 00:37:36,570
Hem past een lofzang!

622
00:37:36,570 --> 00:37:41,670
De HEERE bouwt Jeruzalem weer op,
Hij verzamelt Israëls verdrevenen.

623
00:37:41,670 --> 00:37:46,230
Hij geneest de gebrokenen van
hart, Hij verbindt hen in hun leed.

624
00:37:46,230 --> 00:37:50,670
Hij telt het aantal sterren,
Hij noemt ze alle bij hun naam.

625
00:37:50,670 --> 00:37:56,430
Onze Heere is groot en geweldig in
kracht, Zijn inzicht is onmetelijk.

626
00:37:56,430 --> 00:38:01,890
De HEERE houdt de zachtmoedigen
staande, de goddelozen vernedert Hij,

627
00:38:01,890 --> 00:38:03,630
tot de grond toe.

628
00:38:03,630 --> 00:38:07,170
Zing voor de HEERE een
beurtzang met dankzegging,

629
00:38:07,170 --> 00:38:12,210
zing psalmen voor onze God met de
harp, Die de hemel met wolken bedekt,

630
00:38:12,210 --> 00:38:17,190
Die de aarde van regen voorziet, Die
het gras op de bergen doet groeien;

631
00:38:17,190 --> 00:38:21,870
Die de hemel met wolken bedekt,
Die de aarde van regen voorziet,

632
00:38:21,870 --> 00:38:25,530
Die het gras op de bergen
doet groeien; Die aan het

633
00:38:25,530 --> 00:38:30,150
vee zijn voedsel geeft en aan de
jonge raven wanneer zij roepen.

634
00:38:30,150 --> 00:38:33,150
Hij vindt geen vreugde in
de kracht van het paard,

635
00:38:33,150 --> 00:38:36,990
Hij schept geen behagen in
de spierkracht van de man.

636
00:38:36,990 --> 00:38:43,170
De HEERE is goedgezind voor wie Hem
vrezen en op Zijn goedertierenheid hopen.

637
00:38:43,170 --> 00:38:47,670
Jeruzalem, roem de
HEERE, Sion, loof uw God.

638
00:38:47,670 --> 00:38:50,850
Want Hij maakt de grendels
van uw poorten sterk,

639
00:38:50,850 --> 00:38:53,730
Hij zegent uw kinderen in uw midden.

640
00:38:53,730 --> 00:38:59,790
Hij doet in uw gebied vrede heersen, Hij
verzadigt u met het beste van de tarwe.

641
00:38:59,790 --> 00:39:04,710
Hij zendt Zijn bevel naar de
aarde: Zijn woord loopt zeer snel.

642
00:39:04,710 --> 00:39:09,270
Hij geeft sneeuw als wol,
Hij strooit rijp uit als as.

643
00:39:09,270 --> 00:39:13,890
Hij werpt Zijn ijs als stukken;
wie is bestand tegen Zijn koude?

644
00:39:13,890 --> 00:39:18,390
Hij zendt Zijn woord en doet dat alles
smelten, Hij doet Zijn wind waaien,

645
00:39:18,390 --> 00:39:20,130
de wateren stromen.

646
00:39:20,130 --> 00:39:22,650
Hij maakt Jakob Zijn woorden bekend,

647
00:39:22,650 --> 00:39:26,010
Israël Zijn verordeningen
en Zijn bepalingen.

648
00:39:26,010 --> 00:39:30,870
Zo heeft Hij voor geen enkel ander volk
gedaan; die kennen Zijn bepalingen niet.

649
00:39:30,870 --> 00:39:32,130
Halleluja!

650
00:39:32,130 --> 00:39:37,470
Ook hier worden de vele, vele
redenen gegeven om God te loven.

651
00:39:37,470 --> 00:39:40,410
De nadruk ligt grotendeels
op hoe groot Hij is,

652
00:39:40,410 --> 00:39:44,790
hoe machtig Hij is en hoeveel
groter Hij is dan al het andere.

653
00:39:44,790 --> 00:39:47,610
Al die verwijzingen naar
Zijn ijs en Zijn sneeuw,

654
00:39:47,610 --> 00:39:50,190
en naar wie stand kan
houden tegen Zijn kou,

655
00:39:50,190 --> 00:39:54,750
worden alleen maar gevolgd door het
feit dat Hij Zijn adem kan uitzenden,

656
00:39:54,750 --> 00:39:57,930
of Zijn Woord, en ze kan laten smelten.

657
00:39:57,930 --> 00:40:00,270
Hij kan alles laten bevriezen.

658
00:40:00,270 --> 00:40:02,850
Hij kan eenvoudigweg door het te willen of

659
00:40:02,850 --> 00:40:06,450
uit te spreken een grote
ijstijd veroorzaken.

660
00:40:06,450 --> 00:40:09,630
Maar vervolgens kan Hij
het door diezelfde macht,

661
00:40:09,630 --> 00:40:13,950
door het eenvoudigweg uit te
spreken, allemaal laten smelten.

662
00:40:13,950 --> 00:40:17,550
Hij kan de wind laten waaien en
het water uit de gletsjers en

663
00:40:17,550 --> 00:40:19,290
dergelijke laten stromen.

664
00:40:19,290 --> 00:40:21,750
Hiermee wordt duidelijk gemaakt dat God

665
00:40:21,750 --> 00:40:25,650
de volledige zeggenschap heeft
over het klimaat en over alle

666
00:40:25,650 --> 00:40:27,630
aangelegenheden op aarde.

667
00:40:27,630 --> 00:40:30,870
Er staat hoe Hij vrede binnen
je grenzen heeft gebracht.

668
00:40:30,870 --> 00:40:36,090
Hij heeft Zijn Woord aan Zijn volk en
aan je kinderen bevestigd, enzovoort.

669
00:40:36,090 --> 00:40:40,050
Hij heeft je kinderen in jouw
midden gezegend, enzovoort.

670
00:40:40,050 --> 00:40:44,970
Al deze dingen, zegt hij, heeft Hij
voor geen enkel ander volk gedaan.

671
00:40:44,970 --> 00:40:48,450
Hij is met geen enkel ander
volk op deze manier omgegaan.

672
00:40:48,450 --> 00:40:52,470
Er zijn mensen uit andere volken dan
Israël die God om de een of andere

673
00:40:52,470 --> 00:40:56,370
reden heeft gezegend,
zoals Naäman de Syriër,

674
00:40:56,370 --> 00:41:00,810
de weduwe van Zarfath of
anderen die geen Joden waren.

675
00:41:00,810 --> 00:41:05,850
Maar er was geen ander volk dat als
geheel onder deze zegeningen van God kwam.

676
00:41:05,850 --> 00:41:10,110
Bij geen ander volk vestigde
God vrede binnen hun grenzen,

677
00:41:10,110 --> 00:41:14,130
zegende Hij hun kinderen,
bevestigde Hij Zijn Woord aan hen

678
00:41:14,130 --> 00:41:18,210
en deed Hij al deze dingen,
waarbij Hij vreugde in hen vond.

679
00:41:18,210 --> 00:41:22,650
Het laat zien hoe bijzonder Israël
is vanwege de vreugde die God

680
00:41:22,650 --> 00:41:24,210
erin heeft gevonden.

681
00:41:24,210 --> 00:41:26,850
In het eerdere gedeelte
van de psalm worden

682
00:41:26,850 --> 00:41:29,850
andere aspecten van
Gods grootheid genoemd.

683
00:41:29,850 --> 00:41:34,830
Allereerst vermeldt hij in vers 2 dat God
de verdrevenen van Israël bijeenbracht

684
00:41:34,830 --> 00:41:37,110
en Jeruzalem weer opbouwde.

685
00:41:37,110 --> 00:41:40,830
Dit is waarschijnlijk na de
Babylonische ballingschap geschreven.

686
00:41:40,830 --> 00:41:46,290
Het blikt terug op het feit dat God Zijn
grootheid toonde door Israël op te bouwen

687
00:41:46,290 --> 00:41:50,070
en ervoor te zorgen dat de stad
Jeruzalem opnieuw werd opgebouwd,

688
00:41:50,070 --> 00:41:52,650
hoewel Israël verstrooid was.

689
00:41:52,650 --> 00:41:56,010
Die stad was eerder door
de Babyloniërs platgebrand.

690
00:41:56,010 --> 00:42:01,110
Dat getuigt van Zijn grootheid,
Zijn macht en Zijn barmhartigheid.

691
00:42:01,110 --> 00:42:03,930
Ook geneest Hij mensen
met een gebroken hart.

692
00:42:03,930 --> 00:42:07,110
Hij houdt Zich niet alleen
bezig met Zijn volk als geheel,

693
00:42:07,110 --> 00:42:09,630
maar ook met afzonderlijke mensen.

694
00:42:09,630 --> 00:42:13,110
Ergens anders wordt ons verteld
dat Hij dicht bij hen is

695
00:42:13,110 --> 00:42:16,650
die een gebroken hart en een
verbrijzelde geest hebben.

696
00:42:16,650 --> 00:42:19,890
Zijn macht blijkt niet alleen
uit wat Hij onder de mensen doet,

697
00:42:19,890 --> 00:42:21,690
maar ook in het heelal.

698
00:42:21,690 --> 00:42:23,670
Hij spreekt over de sterren.

699
00:42:23,670 --> 00:42:25,350
Hij kent hun aantal.

700
00:42:25,350 --> 00:42:27,390
Hij kent zelfs al hun namen.

701
00:42:27,390 --> 00:42:29,190
Alle sterren hebben namen.

702
00:42:29,190 --> 00:42:35,790
Dat staat ook in Jesaja 40, vers 26:
God heeft alle sterren een naam gegeven.

703
00:42:35,790 --> 00:42:40,170
Wij hebben namen voor ze, maar we weten
niet of dat dezelfde namen zijn die Hij

704
00:42:40,170 --> 00:42:41,730
eraan heeft gegeven.

705
00:42:41,730 --> 00:42:43,470
Het is interessant om te weten dat

706
00:42:43,470 --> 00:42:47,310
astronomen ons vertellen dat er
miljoenen miljarden sterren zijn.

707
00:42:47,310 --> 00:42:51,450
Dat is feitelijk ontelbaar,
precies zoals God tegen Abraham zei

708
00:42:51,450 --> 00:42:56,610
dat de sterren ontelbaar zijn en dat
ook zijn nageslacht ontelbaar zou zijn.

709
00:42:56,610 --> 00:42:59,430
Welnu, God had volkomen gelijk.

710
00:42:59,430 --> 00:43:02,730
Ze zijn ontelbaar, maar
Hij kent het aantal.

711
00:43:02,730 --> 00:43:06,330
Geen mens kan ze tellen,
maar God kent hun aantal.

712
00:43:06,330 --> 00:43:09,690
Hij weet niet alleen hoeveel er
zijn, maar Hij heeft ze allemaal een

713
00:43:09,690 --> 00:43:11,490
eigen naam gegeven.

714
00:43:11,490 --> 00:43:16,290
Dat toont natuurlijk dat Hij Zich bewust
is van ieder detail van Zijn schepping

715
00:43:16,290 --> 00:43:18,930
en dat Hij er nauw bij betrokken is.

716
00:43:18,930 --> 00:43:20,790
Hij roept ze bij hun naam.

717
00:43:20,790 --> 00:43:24,990
Ook staat er in vers 5 dat
Zijn inzicht oneindig is.

718
00:43:24,990 --> 00:43:30,390
Dat weerspiegelt dezelfde gedachte
die we in Psalm 139 zagen,

719
00:43:30,390 --> 00:43:32,970
namelijk dat Hij alles leek te weten.

720
00:43:32,970 --> 00:43:35,370
Er is geen grens aan Zijn inzicht.

721
00:43:35,370 --> 00:43:39,150
Dat zijn de geweldige dingen
die over God worden gezegd.

722
00:43:39,150 --> 00:43:41,550
Er is een heel mooi aanbiddingslied.

723
00:43:41,550 --> 00:43:45,270
Het is een vrij opgewekt lied in
Hebreeuwse stijl dat ik op een

724
00:43:45,270 --> 00:43:49,170
cassettebandje heb, maar ik heb
het onze mensen nooit geleerd.

725
00:43:49,170 --> 00:43:53,310
Het neemt gedeelten uit deze
psalm en voegt die samen.

726
00:43:53,310 --> 00:43:55,530
Het is echt een heel mooi lied.

727
00:43:55,530 --> 00:43:57,570
Misschien kunnen we het ooit leren.

728
00:43:57,570 --> 00:44:00,930
We gaan nu verder met Psalm 148.

729
00:44:00,930 --> 00:44:06,690
Halleluja! Loof de HEERE vanuit de
hemel, loof Hem in de hoogste plaatsen.

730
00:44:06,690 --> 00:44:11,550
Loof Hem, al Zijn engelen,
loof Hem, al Zijn legermachten.

731
00:44:11,550 --> 00:44:17,790
Het geheel, helemaal tot het einde toe, is
gewoon een aansporing om God te prijzen.

732
00:44:17,790 --> 00:44:20,490
Het begint eenvoudigweg met de woorden:

733
00:44:20,490 --> 00:44:21,390
Loof God.

734
00:44:21,390 --> 00:44:23,970
Daarna richt hij zich
tot specifieke dingen

735
00:44:23,970 --> 00:44:28,170
en zegt hij dat ze God moeten
prijzen, te beginnen met de engelen.

736
00:44:28,170 --> 00:44:31,530
Hij begint bovenaan en
werkt zich naar beneden toe,

737
00:44:31,530 --> 00:44:35,250
naar de aarde en door heel
het geschapen rijk heen.

738
00:44:35,250 --> 00:44:38,610
En hij gebiedt alles wat adem
heeft de Heere te prijzen.

739
00:44:38,610 --> 00:44:40,710
Het begint met de engelen:

740
00:44:40,710 --> 00:44:46,050
Loof Hem, al Zijn engelen,
loof Hem, al Zijn legermachten.

741
00:44:46,050 --> 00:44:51,930
Loof Hem, zon en maan, loof
Hem, alle lichtende sterren.

742
00:44:51,930 --> 00:44:56,970
Loof Hem, allerhoogste hemel,
en water dat boven de hemel is.

743
00:44:56,970 --> 00:45:03,270
Laten zij de Naam van de HEERE loven, want
toen Híj het gebood, werden zij geschapen.

744
00:45:03,270 --> 00:45:07,650
Met andere woorden, ze zijn Hem
hun lof verschuldigd omdat Hij

745
00:45:07,650 --> 00:45:09,270
hen geschapen heeft.

746
00:45:09,270 --> 00:45:11,130
Hij is hun Eigenaar.

747
00:45:11,130 --> 00:45:15,930
Ze zijn gemaakt tot Zijn welbehagen,
en omdat Hij hen geschapen heeft,

748
00:45:15,930 --> 00:45:18,390
zijn ze Hem lof verschuldigd.

749
00:45:18,390 --> 00:45:19,950
Dan vers 6:

750
00:45:19,950 --> 00:45:26,070
Hij heeft ze vast doen staan, voor
eeuwig en altijd, hun een orde gegeven,

751
00:45:26,070 --> 00:45:28,530
die geen van hen zal overtreden.

752
00:45:28,530 --> 00:45:32,250
Als allerlaatste komt
hij uit bij Israël zelf.

753
00:45:32,250 --> 00:45:36,930
Hij doorloopt de lijst van dingen
in de hemel: de engelen, de zon,

754
00:45:36,930 --> 00:45:39,090
de maan en de sterren.

755
00:45:39,090 --> 00:45:43,770
Dan komt hij dichter bij de aarde,
bij het water boven het uitspansel,

756
00:45:43,770 --> 00:45:46,590
waarmee de wolken en
dergelijke worden bedoeld.

757
00:45:46,590 --> 00:45:49,590
Daarna spreekt hij over
alle dingen op aarde:

758
00:45:49,590 --> 00:45:54,630
de zeedieren en de vliegende dieren,
en vervolgens alle elementen,

759
00:45:54,630 --> 00:45:58,410
vuur en hagel en sneeuw en damp.

760
00:45:58,410 --> 00:46:01,770
Daarna spreekt hij de mensen
aan, eerst de koningen,

761
00:46:01,770 --> 00:46:07,050
dan de vorsten en rechters van de aarde,
vervolgens jonge mannen en meisjes,

762
00:46:07,050 --> 00:46:08,670
oude mannen en kinderen.

763
00:46:08,670 --> 00:46:13,590
Hiermee wordt ongeveer elke categorie van
geschapen dingen die er bestaat genoemd,

764
00:46:13,590 --> 00:46:19,050
en worden ze allemaal, stuk voor stuk,
aangespoord de Heere te prijzen. Waarom?

765
00:46:19,050 --> 00:46:21,750
Omdat alleen Zijn Naam verheven is.

766
00:46:21,750 --> 00:46:26,370
Met andere woorden, Zijn Naam is
zodanig dat die om lof vraagt.

767
00:46:26,370 --> 00:46:30,030
Die vraagt om lof omdat Hij die waard is.

768
00:46:30,030 --> 00:46:35,130
Ten slotte vermeldt hij in vers 14 dat
God de hoorn van Zijn volk verheft,

769
00:46:35,130 --> 00:46:40,830
met andere woorden: Israël heeft
verheven, tot lof van al Zijn heiligen,

770
00:46:40,830 --> 00:46:45,090
namelijk de Israëlieten, het
volk dat dicht bij Hem staat.

771
00:46:45,090 --> 00:46:47,730
De laatste twee Psalmen zijn korter.

772
00:46:47,730 --> 00:46:52,050
Over de laatste helft van Psalm
149 hebben we het al gehad,

773
00:46:52,050 --> 00:46:55,290
omdat die in de categorie
van de vloekpsalmen valt.

774
00:46:55,290 --> 00:46:58,710
Althans, het laatste deel ervan doet dat.

775
00:46:58,710 --> 00:47:02,850
Het is de enige van de vloekpsalmen
die Gods volk daadwerkelijk

776
00:47:02,850 --> 00:47:06,210
aanduidt als de uitvoerders
van Gods oordeel.

777
00:47:06,210 --> 00:47:10,770
In de meeste vloekpsalmen wordt God
gevraagd om een oordeel te zenden,

778
00:47:10,770 --> 00:47:15,390
maar in dit geval wordt Gods volk
opgeroepen het oordeel uit te voeren dat

779
00:47:15,390 --> 00:47:17,010
God heeft bepaald.

780
00:47:17,010 --> 00:47:20,790
Maar het eerste deel van de
Psalm werkt daar naartoe en zegt:

781
00:47:20,790 --> 00:47:26,190
Halleluja! Zing voor de HEERE een
nieuw lied, Zijn lof zij in de gemeente

782
00:47:26,190 --> 00:47:27,870
van Zijn gunstelingen.

783
00:47:27,870 --> 00:47:30,570
Laat Israël zich verblijden in zijn Maker,

784
00:47:30,570 --> 00:47:34,290
laten de kinderen van Sion
zich verheugen over hun Koning.

785
00:47:34,290 --> 00:47:40,950
Laten zij Zijn Naam loven in reidans, voor
Hem psalmen zingen met tamboerijn en harp.

786
00:47:40,950 --> 00:47:43,590
Want de HEERE is Zijn volk goedgezind,

787
00:47:43,590 --> 00:47:46,470
Hij zal de zachtmoedigen
aanzien geven met heil.

788
00:47:46,470 --> 00:47:50,490
Laten Zijn gunstelingen om die
eer opspringen van vreugde,

789
00:47:50,490 --> 00:47:53,670
laten zij vrolijk zingen
op hun slaapplaatsen.

790
00:47:53,670 --> 00:47:58,770
Gods lofzangen klinken uit hun mond,
een tweesnijdend zwaard is in hun hand,

791
00:47:58,770 --> 00:48:03,450
om wraak te oefenen over de heidenvolken,
bestraffingen over de natiën,

792
00:48:03,450 --> 00:48:08,430
om hun koningen te binden met ketenen
en hun aanzienlijken met ijzeren boeien,

793
00:48:08,430 --> 00:48:11,730
om het beschreven recht
aan hen te voltrekken.

794
00:48:11,730 --> 00:48:16,710
Dát zal de glorie van al Zijn
gunstelingen zijn. Halleluja!

795
00:48:16,710 --> 00:48:18,810
In het eerste deel worden de mensen

796
00:48:18,810 --> 00:48:23,790
eenvoudigweg aangespoord om God te
prijzen, zich in God te verheugen en op

797
00:48:23,790 --> 00:48:25,890
hun bed lofliederen te zingen.

798
00:48:25,890 --> 00:48:29,490
Dat wil zeggen dat ze niet
moeten ophouden God te prijzen,

799
00:48:29,490 --> 00:48:32,190
zelfs niet nadat ze naar bed zijn gegaan.

800
00:48:32,190 --> 00:48:35,070
Ze moeten Hem de hele dag door prijzen.

801
00:48:35,070 --> 00:48:40,350
Enkele manieren om Hem te prijzen of
iets te vieren worden genoemd: dansen,

802
00:48:40,350 --> 00:48:43,590
tamboerijnen en harpen. Waarom?

803
00:48:43,590 --> 00:48:47,790
Omdat God volgens vers 4
behagen schept in Zijn volk.

804
00:48:47,790 --> 00:48:52,530
Omdat God behagen in ons schept,
behoren we Hem te aanbidden en Hem

805
00:48:52,530 --> 00:48:54,030
vreugde te geven.

806
00:48:54,030 --> 00:48:57,810
Het zou immers zeker mogelijk
zijn dat God zo afstandelijk was

807
00:48:57,810 --> 00:49:00,570
dat wij Hem volkomen onverschillig lieten,

808
00:49:00,570 --> 00:49:04,950
zodat onze lofprijzingen en dergelijke
Hem helemaal niets zouden doen.

809
00:49:04,950 --> 00:49:07,230
Maar Hij schept er wel vreugde in.

810
00:49:07,230 --> 00:49:10,230
Dat betekent dat Hij nederig genoeg is om

811
00:49:10,230 --> 00:49:13,410
zelfs aandacht te schenken
aan onze lofprijzingen.

812
00:49:13,410 --> 00:49:17,430
Wij hebben het voorrecht vreugde
te kunnen geven aan zo’n God,

813
00:49:17,430 --> 00:49:21,210
Die ons anders misschien
eenvoudigweg zou negeren.

814
00:49:21,210 --> 00:49:24,270
Daarom moeten we gebruikmaken
van deze gelegenheid

815
00:49:24,270 --> 00:49:27,210
om de God van het heelal vreugde te geven.

816
00:49:27,210 --> 00:49:31,230
Vers 5 vormt de overgang naar
het gedeelte over de strijd:

817
00:49:31,230 --> 00:49:35,130
Laten Zijn gunstelingen om die
eer opspringen van vreugde,

818
00:49:35,130 --> 00:49:38,310
laten zij vrolijk zingen
op hun slaapplaatsen.

819
00:49:38,310 --> 00:49:42,570
Deze passage kon in het Oude Testament
natuurlijk volkomen terecht letterlijk

820
00:49:42,570 --> 00:49:46,410
worden opgevat, want dit zijn de
dingen die God de Joden opdroeg

821
00:49:46,410 --> 00:49:50,490
toen ze Kanaän binnentrokken:
de Kanaänieten vernietigen,

822
00:49:50,490 --> 00:49:54,630
hen werkelijk uitroeien, hun
leiders straffen, enzovoort.

823
00:49:54,630 --> 00:49:57,030
Maar nu vatten wij dat niet letterlijk op.

824
00:49:57,030 --> 00:49:58,950
We vatten het geestelijk op.

825
00:49:58,950 --> 00:50:02,670
Ik bedoel, we vatten het
geestelijk gezien letterlijk op.

826
00:50:02,670 --> 00:50:04,650
We vatten het niet stoffelijk op.

827
00:50:04,650 --> 00:50:08,730
We vatten het niet op alsof het
over onze fysieke vijanden gaat,

828
00:50:08,730 --> 00:50:11,550
want dat is niet de geest
van het christendom.

829
00:50:11,550 --> 00:50:15,450
Jezus leidt ons er niet toe eropuit
te trekken volgens het oude lied

830
00:50:15,450 --> 00:50:21,210
of gezegde uit de Tweede Wereldoorlog:
‘Prijs de Heere en geef de munitie door.’

831
00:50:21,210 --> 00:50:22,890
Dat is niet van toepassing.

832
00:50:22,890 --> 00:50:26,010
Dat was niet van toepassing
op de Tweede Wereldoorlog.

833
00:50:26,010 --> 00:50:28,770
Het is niet op de christelijke
gemeente van toepassing

834
00:50:28,770 --> 00:50:34,170
zoals het op de Joden van toepassing
was, want de Joden voerden Gods oorlogen.

835
00:50:34,170 --> 00:50:36,270
God zei hun dat ze moesten gaan.

836
00:50:36,270 --> 00:50:38,970
God zei hun wie ze moesten doden.

837
00:50:38,970 --> 00:50:42,030
Hij zei hun in welke
mate ze dat moesten doen,

838
00:50:42,030 --> 00:50:44,550
hoe volledig ze alles moesten verwoesten.

839
00:50:44,550 --> 00:50:46,770
Hij gaf hun iedere instructie.

840
00:50:46,770 --> 00:50:49,050
God was in feite hun opperbevelhebber.

841
00:50:49,050 --> 00:50:54,090
Dat is nooit meer zo geweest sinds het
Nieuwe Testament zijn intrede deed.

842
00:50:54,090 --> 00:50:56,910
God heeft nooit meer legers aangevoerd.

843
00:50:56,910 --> 00:51:00,570
Sindsdien hebben mensen
altijd legers aangevoerd.

844
00:51:00,570 --> 00:51:03,390
Maar Jezus is onze bevelhebber.

845
00:51:03,390 --> 00:51:05,430
Hij is onze aanvoerder.

846
00:51:05,430 --> 00:51:07,290
Hij is onze Koning.

847
00:51:07,290 --> 00:51:10,170
Hij geeft ons bevelen, en die bevelen

848
00:51:10,170 --> 00:51:14,910
hebben ons altijd weggeleid van het
idee dat we mensen moeten doden en

849
00:51:14,910 --> 00:51:16,590
oorlog moeten voeren.

850
00:51:16,590 --> 00:51:20,070
Zijn bevelen waren dat we de
andere wang moeten toekeren,

851
00:51:20,070 --> 00:51:24,570
onze vijanden moeten liefhebben, moeten
bidden voor degenen die ons mishandelen

852
00:51:24,570 --> 00:51:26,610
en het zwaard moeten wegdoen.

853
00:51:26,610 --> 00:51:30,990
Toen zei Jezus tegen hem: Doe
uw zwaard terug op zijn plaats,

854
00:51:30,990 --> 00:51:35,490
want allen die naar het zwaard grijpen,
zullen door het zwaard omkomen.

855
00:51:35,490 --> 00:51:40,290
Het is dus duidelijk dat de veldslagen
die we voor onze opperbevelhebber voeren,

856
00:51:40,290 --> 00:51:42,450
niet van dat soort zullen zijn.

857
00:51:42,450 --> 00:51:46,410
Het zullen de geestelijke veldslagen
zijn waarover Paulus sprak.

858
00:51:46,410 --> 00:51:49,530
Hij zinspeelde daar verschillende
keren op in de brieven,

859
00:51:49,530 --> 00:51:52,530
maar vooral twee passages springen eruit.

860
00:51:52,530 --> 00:51:57,930
In Efeze 6 staat dat we de hele
wapenrusting van God moeten aantrekken,

861
00:51:57,930 --> 00:52:03,030
omdat we niet worstelen tegen vlees en
bloed, maar tegen geestelijke machten,

862
00:52:03,030 --> 00:52:06,090
tegen demonen, als je het zo wilt zeggen.

863
00:52:06,090 --> 00:52:10,350
Zij zijn de vijand, en wij
voeren een geestelijke strijd.

864
00:52:10,350 --> 00:52:12,450
We strijden niet tegen mensen.

865
00:52:12,450 --> 00:52:17,130
Voor zover het menselijke vijanden
betreft, hebben we onze vijanden lief.

866
00:52:17,130 --> 00:52:22,050
De enige vijanden met wie we agressieve,
gewelddadige conflicten hebben,

867
00:52:22,050 --> 00:52:23,670
zijn de demonen.

868
00:52:23,670 --> 00:52:26,550
En dat gebeurt niet door
fysieke gewelddaden,

869
00:52:26,550 --> 00:52:30,570
maar door fysieke daden van
zachtmoedigheid. Er staat:

870
00:52:30,570 --> 00:52:33,150
Want de HEERE is Zijn volk goedgezind,

871
00:52:33,150 --> 00:52:36,630
Hij zal de zachtmoedigen
aanzien geven met heil.

872
00:52:36,630 --> 00:52:39,870
en de overwinning komt
toe aan de zachtmoedigen.

873
00:52:39,870 --> 00:52:41,610
Daarom zei Jezus:

874
00:52:41,610 --> 00:52:46,350
Zalig zijn de zachtmoedigen,
want zij zullen de aarde beërven.

875
00:52:46,350 --> 00:52:50,310
Iemand van wie wij gewoonlijk zouden
denken dat hij de aarde zou beërven,

876
00:52:50,310 --> 00:52:53,250
is bijvoorbeeld Alexander de Grote.

877
00:52:53,250 --> 00:52:57,450
Hij heeft de aarde korte tijd beërfd,
maar hij was niet zachtmoedig.

878
00:52:57,450 --> 00:52:59,850
Hij was een agressieve krijger.

879
00:52:59,850 --> 00:53:06,390
Hetzelfde gold vóór hem voor Nebukadnezar,
daarna voor Cyrus en ook voor de Romeinen.

880
00:53:06,390 --> 00:53:08,250
Ze waren niet zachtmoedig.

881
00:53:08,250 --> 00:53:12,150
Het waren agressieve,
oorlogszuchtige mensen.

882
00:53:12,150 --> 00:53:16,230
Al die groepen leken op enig
moment de aarde te hebben beërfd.

883
00:53:16,230 --> 00:53:20,730
Maar Jezus zei dat uiteindelijk de
zachtmoedigen de aarde zullen beërven:

884
00:53:20,730 --> 00:53:25,770
degenen die niet agressief zijn, degenen
die niet op natuurlijke wijze hun zin

885
00:53:25,770 --> 00:53:28,350
doordrijven om dingen
voor elkaar te krijgen,

886
00:53:28,350 --> 00:53:33,210
maar degenen die zich in zachtmoedigheid
aan God onderwerpen en Zijn kracht

887
00:53:33,210 --> 00:53:36,330
inzetten tegen Zijn geestelijke vijanden.

888
00:53:36,330 --> 00:53:41,190
Daarom is onze zachtmoedigheid
zelf onze wijze van oorlogvoeren.

889
00:53:41,190 --> 00:53:45,510
Juist onze onderwerping, juist het
feit dat we de andere wang toekeren,

890
00:53:45,510 --> 00:53:51,870
is datgene wat, zoals Paulus in Romeinen
12 zei, het kwade overwint door het goede.

891
00:53:51,870 --> 00:53:54,750
We hebben het dus over
het binden van de vijand.

892
00:53:54,750 --> 00:53:57,150
Het binden van de heersers van de heidenen

893
00:53:57,150 --> 00:54:00,390
zou natuurlijk het binden van
de demonische machten zijn.

894
00:54:00,390 --> 00:54:04,170
We binden hen door ons
gebed of, zoals hier staat,

895
00:54:04,170 --> 00:54:09,270
door de lofprijzingen van God in onze mond
en het tweesnijdende zwaard in onze hand.

896
00:54:09,270 --> 00:54:13,890
Voor de Joden was dat een letterlijk
tweesnijdend zwaard dat ze gebruikten.

897
00:54:13,890 --> 00:54:19,590
Maar voor ons is er het Woord van
God, dat volgens Efeze 6 vers 17

898
00:54:19,590 --> 00:54:21,690
het zwaard van de Geest is.

899
00:54:21,690 --> 00:54:24,450
En Hebreeën 4 vers 12 zegt:

900
00:54:24,450 --> 00:54:29,970
Want het Woord van God is levend
en krachtig en scherper dan enig

901
00:54:29,970 --> 00:54:35,730
tweesnijdend zwaard, en het dringt door
tot op de scheiding van ziel en geest,

902
00:54:35,730 --> 00:54:41,790
van gewrichten en merg, en het oordeelt de
overleggingen en gedachten van het hart.

903
00:54:41,790 --> 00:54:47,730
Ook de lofprijzingen van God maken deel
uit van onze strijd, van onze bewapening.

904
00:54:47,730 --> 00:54:51,150
Zo binden we de edelen met ijzeren boeien.

905
00:54:51,150 --> 00:54:55,590
Nu staat er dat dit een voorrecht
is dat alle heiligen hebben.

906
00:54:55,590 --> 00:55:00,750
Heel Gods volk heeft het voorrecht deel
uit te maken van Zijn oplossing voor de

907
00:55:00,750 --> 00:55:02,490
problemen van de wereld.

908
00:55:02,490 --> 00:55:07,410
Het probleem van de wereld is dat zij
in hoge mate onder de heerschappij

909
00:55:07,410 --> 00:55:09,270
van satan staat.

910
00:55:09,270 --> 00:55:13,110
Wij maken deel uit van de
oplossing voor dat probleem.

911
00:55:13,110 --> 00:55:16,770
We moeten eropuit trekken en
de vorsten van satan binden,

912
00:55:16,770 --> 00:55:20,550
om de wereld te bevrijden door de
prediking van het Woord van God

913
00:55:20,550 --> 00:55:22,950
en door de gebeden van de heiligen.

914
00:55:22,950 --> 00:55:25,710
Dit is onze bevrijdingsstrategie.

915
00:55:25,710 --> 00:55:29,490
Wanneer we dat doen, wanneer we
afzonderlijke mensen uit de macht van

916
00:55:29,490 --> 00:55:34,950
satan bevrijden, voltrekken we in zekere
zin het oordeel dat opgeschreven staat.

917
00:55:34,950 --> 00:55:38,130
In vers 9 staat dat wij
aan de demonen en aan

918
00:55:38,130 --> 00:55:42,030
satan het oordeel voltrekken
dat over hen is opgeschreven.

919
00:55:42,030 --> 00:55:47,610
Het oordeel over hen werd al helemaal
aan het begin, in Genesis, opgeschreven,

920
00:55:47,610 --> 00:55:51,870
toen God zei dat het zaad van de vrouw
de kop van de slang zou vermorzelen.

921
00:55:51,870 --> 00:55:54,570
Later zei Paulus in Romeinen 16:

922
00:55:54,570 --> 00:55:59,550
En de God van de vrede zal de satan
spoedig onder uw voeten verpletteren.

923
00:55:59,550 --> 00:56:04,950
De genade van onze Heere Jezus
Christus zij met u. Amen.

924
00:56:04,950 --> 00:56:07,350
God is satan aan het vermorzelen.

925
00:56:07,350 --> 00:56:10,950
Hij heeft hem aan het kruis eenmaal
op beslissende wijze verpletterd,

926
00:56:10,950 --> 00:56:16,050
maar zijn handlangers worden nog altijd
één voor één door de gemeente verslagen.

927
00:56:16,050 --> 00:56:21,450
Wij trekken eropuit en blijven hen kneuzen
totdat de laatste van hen gekneusd is,

928
00:56:21,450 --> 00:56:24,570
totdat heel het volk van God bevrijd is.

929
00:56:24,570 --> 00:56:29,610
Dit is een eer voor ons: Gods
werktuigen en Gods wapens te zijn.

930
00:56:29,610 --> 00:56:36,150
Als je even naar Jeremia 51 vers 20 gaat,
spreekt God tot Zijn volk en zegt Hij:

931
00:56:36,150 --> 00:56:39,870
U bent voor Mij een
strijdhamer, wapenrusting.

932
00:56:39,870 --> 00:56:45,210
Met u zal Ik volken stukslaan, met u
zal Ik koninkrijken te gronde richten.

933
00:56:45,210 --> 00:56:47,190
God zegt dat tegen Zijn volk:

934
00:56:47,190 --> 00:56:51,030
U bent Mijn strijdbijl
en Mijn oorlogswapens.

935
00:56:51,030 --> 00:56:54,210
Dat is Jeremia 51:20.

936
00:56:54,210 --> 00:56:57,270
Want met hen, dat wil
zeggen met Zijn volk,

937
00:56:57,270 --> 00:57:01,110
zal Hij de volken verdelen en
ze tot poeder verbrijzelen.

938
00:57:01,110 --> 00:57:03,630
Dat werd voorzegd in Daniël 2:

939
00:57:03,630 --> 00:57:07,470
de steen die zonder mensenhanden
uit een berg werd gehouwen,

940
00:57:07,470 --> 00:57:11,910
zou alle andere koninkrijken
vernietigen, ze tot poeder vermalen en de

941
00:57:11,910 --> 00:57:13,350
hele wereld overnemen.

942
00:57:13,350 --> 00:57:16,230
Maar dat zou niet alleen
door Jezus worden gedaan.

943
00:57:16,230 --> 00:57:20,970
Hij bracht de beslissende slag toe
waarmee de overwinning is behaald.

944
00:57:20,970 --> 00:57:23,430
Nu zijn wij de opruimploeg.

945
00:57:23,430 --> 00:57:27,450
Wij trekken eropuit en verzamelen
de buit van de overwinning.

946
00:57:27,450 --> 00:57:29,730
En wanneer alles verzameld is, kan

947
00:57:29,730 --> 00:57:32,550
werkelijk worden gezien
dat het vervuld is.

948
00:57:32,550 --> 00:57:36,810
Maar wij zijn de wapens van God
in Zijn hand en Zijn werktuigen.

949
00:57:36,810 --> 00:57:39,090
Dat is een eer die wij hebben.

950
00:57:39,090 --> 00:57:43,350
Het is een eer om voor Zijn eervolle
doeleinden gebruikt te worden.

951
00:57:43,350 --> 00:57:46,110
Hij zou het zonder ons
kunnen doen, neem ik aan,

952
00:57:46,110 --> 00:57:50,130
maar Hij geeft ons liever de eer
en de waardigheid om op deze manier

953
00:57:50,130 --> 00:57:52,590
een werktuig in Zijn hand te zijn.

954
00:57:52,590 --> 00:57:54,690
Nu Psalm 150.

955
00:57:54,690 --> 00:57:57,330
Daar hoeft nauwelijks iets
over gezegd te worden.

956
00:57:57,330 --> 00:58:01,890
Misschien herinner je je dat we de vijf
boeken van de Psalmen hebben besproken.

957
00:58:01,890 --> 00:58:06,210
Elk van die vijf verzamelingen in het
Psalter eindigt met een zogenoemde

958
00:58:06,210 --> 00:58:10,110
doxologie: een bijzondere uiting van lof.

959
00:58:10,110 --> 00:58:13,830
Gewoonlijk is dat één vers of zijn
het twee verzen aan het einde van

960
00:58:13,830 --> 00:58:15,690
een verzameling Psalmen.

961
00:58:15,690 --> 00:58:19,710
In dit geval, aan het einde van
het hele boek, het vijfde boek,

962
00:58:19,710 --> 00:58:25,230
is het een hele Psalm die een
doxologie vormt, een hele lofpsalm.

963
00:58:25,230 --> 00:58:30,090
Het is eenvoudigweg één voortdurende
aansporing om God te loven.

964
00:58:30,090 --> 00:58:32,010
Hoe moeten we Hem loven?

965
00:58:32,010 --> 00:58:34,050
Waar moeten we Hem loven?

966
00:58:34,050 --> 00:58:36,150
Waarom moeten we Hem loven?

967
00:58:36,150 --> 00:58:38,610
Al deze dingen worden aangeduid.

968
00:58:38,610 --> 00:58:42,450
Al deze vragen worden in
deze Psalm beantwoord.

969
00:58:42,450 --> 00:58:48,150
Met de muziekinstrumenten en alles erbij,
daar gaat deze Psalm helemaal over.

970
00:58:48,150 --> 00:58:54,510
Halleluja! Loof God in Zijn heiligdom,
loof Hem in Zijn machtig hemelgewelf.

971
00:58:54,510 --> 00:58:59,850
Loof Hem om Zijn machtige daden,
loof Hem om Zijn geweldige grootheid.

972
00:58:59,850 --> 00:59:04,710
Loof Hem met geschal van de
bazuin, loof Hem met luit en harp.

973
00:59:04,710 --> 00:59:10,470
Loof Hem met tamboerijn en reidans,
loof Hem met snarenspel en fluit.

974
00:59:10,470 --> 00:59:16,410
Loof Hem met helder klinkende cimbalen,
loof Hem met luid klinkende cimbalen.

975
00:59:16,410 --> 00:59:21,630
Laat alles wat adem heeft
de HEERE loven. Halleluja!

976
00:59:21,630 --> 00:59:23,490
Waar moeten we God loven?

977
00:59:23,490 --> 00:59:29,190
We moeten Hem loven in Zijn heiligdom
en in het uitspansel van Zijn macht.

978
00:59:29,190 --> 00:59:30,990
Waarom moeten we Hem loven?

979
00:59:30,990 --> 00:59:34,230
We moeten Hem loven om
Zijn machtige daden.

980
00:59:34,230 --> 00:59:39,030
Met andere woorden, Zijn machtige
daden roepen bij ons lof op die

981
00:59:39,030 --> 00:59:42,570
overeenstemt met Zijn
voortreffelijke grootheid.

982
00:59:42,570 --> 00:59:48,330
Zijn daden en Zijn inherente
grootheid zijn dus wat lof oproept.

983
00:59:48,330 --> 00:59:50,070
Hoe moeten we Hem loven?

984
00:59:50,070 --> 00:59:52,650
Met elk middel dat we kunnen gebruiken:

985
00:59:52,650 --> 00:59:58,230
elk muziekinstrument dat je maar kunt
bedenken, met dans en met feestvreugde.

986
00:59:58,230 --> 01:00:01,830
Met andere woorden, de manier
waarop God wordt geloofd,

987
01:00:01,830 --> 01:00:09,150
moet duidelijk heel feestelijk zijn, met
vreugde, dans, muziek en alles erbij.

988
01:00:09,150 --> 01:00:11,070
En wie moet Hem zo loven?

989
01:00:11,070 --> 01:00:15,810
Iedereen die adem heeft, zegt
vers 6, moet de Heere loven.

990
01:00:15,810 --> 01:00:20,610
We hebben dus waar Hij moet worden
geloofd, waarom Hij moet worden geloofd,

991
01:00:20,610 --> 01:00:24,810
hoe Hij moet worden geloofd
en wie Hem zo moet loven:

992
01:00:24,810 --> 01:00:29,550
Laat alles wat adem heeft
de HEERE loven. Halleluja!

993
01:00:29,550 --> 01:00:35,130
Zoveel Psalmen zijn een oproep tot
aanbidding en een oproep tot lofprijzing.

994
01:00:35,130 --> 01:00:40,530
De laatste Psalm is eenvoudigweg een
krachtige aansporing om God te loven,

995
01:00:40,530 --> 01:00:45,630
en een zeer, zeer beknopte uiteenzetting
en samenvatting van hoe dat wordt

996
01:00:45,630 --> 01:00:47,010
gedaan en waarom.

997
01:00:47,010 --> 01:00:50,130
Waarschijnlijk zijn we het er allemaal
over eens dat we voorlopig wel genoeg

998
01:00:50,130 --> 01:00:51,810
Psalmen hebben gehad.

999
01:00:51,810 --> 01:00:55,650
Ron wil dat we weer bij het begin
starten en alles opnieuw doornemen.

1000
01:00:55,650 --> 01:00:58,290
Maar ik ben bang dat we
daar geen tijd voor hebben.

1001
01:00:58,290 --> 01:00:59,910
We zullen daar later
op terug moeten komen.
