1
00:00:02,010 --> 00:00:04,530
Welkom bij Vers voor Vers!

2
00:00:04,530 --> 00:00:13,650
Deze keer behandelen we
Psalmen 3, 4, 5, 13, 7, 8 en 9.

3
00:00:13,650 --> 00:00:16,050
Laten we Psalm 3 openslaan.

4
00:00:16,050 --> 00:00:19,650
Tot nu toe hebben we het
gehad over groepen psalmen.

5
00:00:19,650 --> 00:00:24,450
We hebben gesproken over de psalmen
die hoog opgeven van Gods Woord.

6
00:00:24,450 --> 00:00:28,650
We hebben gesproken over
verscheidene Messiaanse psalmen,

7
00:00:28,650 --> 00:00:32,850
hoewel we nog veel meer Messiaanse
passages zullen tegenkomen

8
00:00:32,850 --> 00:00:35,910
in sommige psalmen die we
nog niet hebben behandeld.

9
00:00:35,910 --> 00:00:40,410
Toch hebben we de psalmen die de
voornaamste Messiaanse psalmen

10
00:00:40,410 --> 00:00:42,990
lijken te zijn als groep behandeld.

11
00:00:42,990 --> 00:00:47,070
In hoofdstuk 1 maakten we kennis
met die eerste groep psalmen,

12
00:00:47,070 --> 00:00:51,750
en hoofdstuk 2 van de Psalmen bracht
ons bij de Messiaanse psalmen.

13
00:00:51,750 --> 00:00:54,030
Nu komen we bij Psalm 3.

14
00:00:54,030 --> 00:00:58,530
We hebben ook enige tijd besteed aan
het bestuderen van de boetepsalmen.

15
00:00:58,530 --> 00:01:02,070
De eerste daarvan komen
we tegen in hoofdstuk 6.

16
00:01:02,070 --> 00:01:07,650
De reden dat ik die groep behandelde
voordat ik hoofdstuk 3, 4 en 5 behandelde,

17
00:01:07,650 --> 00:01:12,450
was dat ik wist dat ik in één lezing
waarschijnlijk verder zou komen dan 3,

18
00:01:12,450 --> 00:01:14,130
4 en 5.

19
00:01:14,130 --> 00:01:18,510
Dan zou ik hoe dan ook bij
hoofdstuk 6 uitkomen, dus ik dacht:

20
00:01:18,510 --> 00:01:20,610
dan kan ik die alvast afhandelen.

21
00:01:20,610 --> 00:01:28,290
We zullen hoofdstuk 3, 4, 5, 7 enzovoort
behandelen, en hoofdstuk 6 overslaan,

22
00:01:28,290 --> 00:01:30,570
omdat we dat al behandeld hebben.

23
00:01:30,570 --> 00:01:35,010
Hoofdstuk 3 is een noodkreet van
David in een tijd van ellende.

24
00:01:35,010 --> 00:01:37,710
Het is interessant dat
die juist hier staat,

25
00:01:37,710 --> 00:01:41,070
omdat we het zojuist over de
boetepsalmen hebben gehad.

26
00:01:41,070 --> 00:01:43,410
Een van de laatste dingen
waarover we spraken,

27
00:01:43,410 --> 00:01:46,350
was de opstand van
Absalom tegen zijn vader.

28
00:01:46,350 --> 00:01:50,910
We spraken erover hoe Absalom zijn vader
uit Jeruzalem verdreef en ervoor zorgde

29
00:01:50,910 --> 00:01:55,170
dat het grootste deel van het leger van
Jeruzalem en veel andere mensen zich

30
00:01:55,170 --> 00:01:56,910
tegen David keerden.

31
00:01:56,910 --> 00:02:00,630
We hebben enkele psalmen gelezen
die vrijwel zeker in die tijd door

32
00:02:00,630 --> 00:02:02,310
David zijn geschreven.

33
00:02:02,310 --> 00:02:05,310
Hier hebben we een psalm
waarbij er geen twijfel over

34
00:02:05,310 --> 00:02:07,890
bestaat dat hij in die tijd geschreven is,

35
00:02:07,890 --> 00:02:11,250
want het opschrift van de
psalm zelf vertelt ons:

36
00:02:11,250 --> 00:02:15,390
Een psalm van David, toen hij
vluchtte voor zijn zoon Absalom.

37
00:02:15,390 --> 00:02:20,070
Dit is de gebeurtenis die beschreven
wordt in 2 Samuel, hoofdstuk 15,

38
00:02:20,070 --> 00:02:23,010
waar David vluchtte
voor zijn zoon Absalom.

39
00:02:23,010 --> 00:02:27,330
In die tijd leek het alsof het hele
volk zich tegen David had gekeerd.

40
00:02:27,330 --> 00:02:31,590
Absalom had trouwens heel geleidelijk
de gunst van het volk gewonnen.

41
00:02:31,590 --> 00:02:35,310
De Bijbel vertelt ons dat hij
eerst bij de stadspoort ging staan,

42
00:02:35,310 --> 00:02:39,510
waar de mensen gewoonlijk hun klachten
en rechtszaken lieten beoordelen.

43
00:02:39,510 --> 00:02:43,710
Omdat hij de zoon van de koning was,
genoot hij daar aanzien en zat hij

44
00:02:43,710 --> 00:02:45,150
bij de stadspoort.

45
00:02:45,150 --> 00:02:47,730
Wanneer de mensen bij hem kwamen, zei hij:

46
00:02:47,730 --> 00:02:51,390
O, was ik maar koning, dan zou
ik ervoor zorgen dat u in deze

47
00:02:51,390 --> 00:02:53,250
zaak recht werd gedaan.

48
00:02:53,250 --> 00:02:56,790
Zo plantte hij dat zaadje,
zodat de mensen zouden zeggen:

49
00:02:56,790 --> 00:03:00,330
‘Misschien zou Absalom een
betere koning zijn dan David.’

50
00:03:00,330 --> 00:03:04,650
Ze hadden namelijk het gevoel dat ze
onder David misschien geen recht kregen.

51
00:03:04,650 --> 00:03:08,910
Absalom beloofde plechtig dat ze dat
wel zouden krijgen als hij koning was.

52
00:03:08,910 --> 00:03:15,210
De Engelse bron parafraseert Absaloms
woorden hier als ‘als ik koning was’;

53
00:03:15,210 --> 00:03:23,250
in 2 Samuel 15:4 spreekt de HSV over zijn
wens om als rechter aangesteld te worden.

54
00:03:23,250 --> 00:03:26,970
Zo begon het volk zich naar
Absalom toe te keren, totdat,

55
00:03:26,970 --> 00:03:30,630
vlak voordat David zelfs maar
doorhad dat het gebeurde,

56
00:03:30,630 --> 00:03:36,510
het grootste deel van het volk
Absalom boven David leek te verkiezen.

57
00:03:36,510 --> 00:03:39,870
Toen Absalom zich uiteindelijk
tot koning uitriep,

58
00:03:39,870 --> 00:03:43,230
moest de minderheid die
David nog steeds vertrouwde,

59
00:03:43,230 --> 00:03:47,610
nog steeds achter hem stond
en hem trouw was, vluchten.

60
00:03:47,610 --> 00:03:51,750
De meerderheid van het leger, veel
van de andere edelen van de stad

61
00:03:51,750 --> 00:03:56,850
en de gewone burgers waren in
die tijd namelijk voor Absalom.

62
00:03:56,850 --> 00:04:01,410
David had dus sterk het gevoel dat
hem al zijn vrienden waren ontnomen,

63
00:04:01,410 --> 00:04:03,930
hoewel hij er nog wel een aantal had.

64
00:04:03,930 --> 00:04:08,370
Hun aantal wordt niet vermeld, maar
misschien was het een behoorlijk grote

65
00:04:08,370 --> 00:04:11,910
groep die samen met hem Jeruzalem verliet.

66
00:04:11,910 --> 00:04:14,430
Ze waren duidelijk in de minderheid.

67
00:04:14,430 --> 00:04:15,990
Daarom zegt hij:

68
00:04:15,990 --> 00:04:21,750
HEERE, hoe talrijk zijn mijn
tegenstanders; velen staan tegen mij op.

69
00:04:21,750 --> 00:04:26,670
Velen zeggen van mijn ziel: Hij
heeft geen heil bij God. Sela

70
00:04:26,670 --> 00:04:33,690
U echter, HEERE, bent een schild voor
mij, mijn eer; U heft mijn hoofd omhoog.

71
00:04:33,690 --> 00:04:39,510
Met mijn stem riep ik tot de HEERE, en
Hij verhoorde mij vanaf Zijn heilige berg.

72
00:04:39,510 --> 00:04:45,510
Sela Ik lag neer en sliep; ik ontwaakte,
want de HEERE ondersteunde mij.

73
00:04:45,510 --> 00:04:48,390
Ik vrees niet voor
tienduizenden van het volk,

74
00:04:48,390 --> 00:04:50,910
die zich aan alle kanten
tegen mij opstellen.

75
00:04:50,910 --> 00:04:55,890
Sta op, HEERE, verlos mij, mijn God,
want U hebt al mijn vijanden op de kaak

76
00:04:55,890 --> 00:05:00,390
geslagen, de tanden van de
goddelozen hebt U stukgebroken.

77
00:05:00,390 --> 00:05:06,570
Het heil is van de HEERE; Uw
zegen is over Uw volk. Sela

78
00:05:06,570 --> 00:05:11,910
Deze psalm van acht verzen valt uiteen
in tamelijk gelijke gedeelten van

79
00:05:11,910 --> 00:05:16,770
elk twee verzen: vier
gedeelten van elk twee verzen.

80
00:05:16,770 --> 00:05:20,430
In de eerste twee verzen
beschrijft hij de situatie.

81
00:05:20,430 --> 00:05:24,510
De situatie is dat hij zich
verlaten voelt en dat er inmiddels

82
00:05:24,510 --> 00:05:29,010
zo veel mensen tegen hem zijn
dat het reden tot wanhoop geeft.

83
00:05:29,010 --> 00:05:32,610
Hij zegt dat velen van hen
er volkomen zeker van zijn

84
00:05:32,610 --> 00:05:36,030
dat de zaak zich zo grondig
tegen David heeft gekeerd,

85
00:05:36,030 --> 00:05:39,690
dat zelfs God hem op dit
moment niet kan helpen.

86
00:05:39,690 --> 00:05:41,550
Velen van hen zeggen:

87
00:05:41,550 --> 00:05:47,490
Velen zeggen van mijn ziel: Hij
heeft geen heil bij God. Sela

88
00:05:47,490 --> 00:05:50,550
Ofwel ze zeggen dat God hem
in dit geval niet kan helpen,

89
00:05:50,550 --> 00:05:54,210
omdat zijn populariteit te
ver in het slop is geraakt,

90
00:05:54,210 --> 00:05:57,090
ofwel ze zeggen dat God
hem niet zou willen helpen,

91
00:05:57,090 --> 00:06:00,750
omdat ze geloven dat God
aan Absaloms kant staat.

92
00:06:00,750 --> 00:06:05,130
Hoewel David weet dat hij in deze
situatie recht staat voor God,

93
00:06:05,130 --> 00:06:08,070
doet het hem natuurlijk pijn
te weten dat veel mensen

94
00:06:08,070 --> 00:06:13,290
suggereren dat God hem nu niet zal helpen,
ook al vertrouwt hij erop dat Hij dat

95
00:06:13,290 --> 00:06:14,670
wel zal doen.

96
00:06:14,670 --> 00:06:18,990
In feite geven de volgende
twee verzen, 3 en 4,

97
00:06:18,990 --> 00:06:23,850
in wezen uitdrukking aan zijn geloof
dat God voor hem zal zorgen en dat er,

98
00:06:23,850 --> 00:06:28,950
in tegenstelling tot wat de meeste mensen
denken, voor hem wel hulp is bij God.

99
00:06:28,950 --> 00:06:29,670
Hij zegt:

100
00:06:29,670 --> 00:06:36,570
U echter, HEERE, bent een schild voor
mij, mijn eer; U heft mijn hoofd omhoog.

101
00:06:36,570 --> 00:06:42,450
Met mijn stem riep ik tot de HEERE, en
Hij verhoorde mij vanaf Zijn heilige berg.

102
00:06:42,450 --> 00:06:42,990
Sela

103
00:06:42,990 --> 00:06:48,990
De heilige berg zou Sion zijn, zoals we
weten uit het vorige hoofdstuk, Psalm 2,

104
00:06:48,990 --> 00:06:51,270
vers 6, waar God zegt:

105
00:06:51,270 --> 00:06:55,650
Ik heb Mijn Koning toch gezalfd
over Sion, Mijn heilige berg.

106
00:06:55,650 --> 00:06:59,370
De heilige berg is dus
Sion, waar Jeruzalem ligt.

107
00:06:59,370 --> 00:07:04,110
Hij zegt dat God hem vanuit Sion
hoorde toen hij tot de Heere riep.

108
00:07:04,110 --> 00:07:05,550
Vers 3 zegt:

109
00:07:05,550 --> 00:07:08,130
U, Heer, bent een schild voor mij.

110
00:07:08,130 --> 00:07:12,150
Een kanttekening in de Engelse
Bijbelvertaling die de spreker gebruikt,

111
00:07:12,150 --> 00:07:14,130
geeft als alternatieve lezing:

112
00:07:14,130 --> 00:07:15,810
of om mij heen.

113
00:07:15,810 --> 00:07:20,070
Dat is als een schild dat me volledig
omringt, helemaal rondom mij.

114
00:07:20,070 --> 00:07:23,310
De HSV heeft hier ‘een schild voor mij’.

115
00:07:23,310 --> 00:07:28,890
Ik word dus van voren en van achteren,
aan alle kanten, beschermd door God,

116
00:07:28,890 --> 00:07:33,690
Die Zich rondom mij legert en een schild
vormt tegen alle gevaren die mijn vijanden

117
00:07:33,690 --> 00:07:35,190
over mij zouden brengen.

118
00:07:35,190 --> 00:07:38,010
Hij zegt dat de Heere
mijn heerlijkheid is.

119
00:07:38,010 --> 00:07:42,690
Dit moet zijn reputatie betekenen en
de enige heerlijkheid die hij zoekt.

120
00:07:42,690 --> 00:07:46,290
Als koning in Israël bezat
hij veel heerlijkheid.

121
00:07:46,290 --> 00:07:49,410
Hij bezat veel koninklijke
pracht en heerlijkheid,

122
00:07:49,410 --> 00:07:52,290
en zijn regering was bijzonder roemrijk.

123
00:07:52,290 --> 00:07:55,230
Maar nu leek hij dat
allemaal te hebben verloren.

124
00:07:55,230 --> 00:07:59,730
Toch zegt hij: ‘Ik heb nog steeds
één ding dat mijn heerlijkheid is,

125
00:07:59,730 --> 00:08:02,010
en dat is mijn relatie met God.

126
00:08:02,010 --> 00:08:04,770
God, U bent mijn heerlijkheid.

127
00:08:04,770 --> 00:08:09,930
Bij U heb ik een goede reputatie, en
die is gebaseerd op mijn relatie met U,

128
00:08:09,930 --> 00:08:11,790
ook als ik niets anders heb.’

129
00:08:11,790 --> 00:08:12,870
Hij zegt:

130
00:08:12,870 --> 00:08:19,590
U echter, HEERE, bent een schild voor
mij, mijn eer; U heft mijn hoofd omhoog.

131
00:08:19,590 --> 00:08:23,190
Hij gebruikt een uitdrukking die op
veel plaatsen in de Schrift voorkomt,

132
00:08:23,190 --> 00:08:27,810
het opheffen van het hoofd, en die kan
veel verschillende dingen betekenen.

133
00:08:27,810 --> 00:08:32,130
Eén betekenis ervan kwam bijvoorbeeld
naar voren toen Jozef in de gevangenis zat

134
00:08:32,130 --> 00:08:35,730
en de schenker en de bakker daar
samen met hem gevangen zaten.

135
00:08:35,730 --> 00:08:37,170
Ze hadden allebei een droom.

136
00:08:37,170 --> 00:08:41,910
Toen hij hun dromen uitlegde, zei hij
tegen de schenker dat de koning zijn hoofd

137
00:08:41,910 --> 00:08:45,990
zou opheffen en hem in zijn
vroegere ambt zou herstellen.

138
00:08:45,990 --> 00:08:48,510
Het opheffen van het hoofd hield dus in

139
00:08:48,510 --> 00:08:51,510
dat de man weer op een
gezagspositie werd geplaatst,

140
00:08:51,510 --> 00:08:54,690
dat hij werd teruggebracht naar
zijn rechtmatige plaats van

141
00:08:54,690 --> 00:08:57,330
gezag of verantwoordelijkheid.

142
00:08:57,330 --> 00:09:00,510
Dat kan zijn wat David hier
bedoelt, want hij zegt:

143
00:09:00,510 --> 00:09:03,210
U bent degene die mijn hoofd weer opheft.

144
00:09:03,210 --> 00:09:07,350
Met andere woorden: U zult mij
terugbrengen naar mijn rechtmatige

145
00:09:07,350 --> 00:09:10,110
gezagspositie in het koninkrijk.

146
00:09:10,110 --> 00:09:12,990
De uitdrukking wordt ook op
een andere manier gebruikt,

147
00:09:12,990 --> 00:09:15,630
toen Jozef zijn uitleg aan de bakker gaf.

148
00:09:15,630 --> 00:09:19,350
Toen de bakker zijn droom had gehad,
hield een deel van de uitleg in

149
00:09:19,350 --> 00:09:23,070
dat de koning hem binnen drie
dagen uit de gevangenis zou halen,

150
00:09:23,070 --> 00:09:26,730
zijn hoofd zou opheffen en
hem aan een boom zou hangen.

151
00:09:26,730 --> 00:09:28,830
Het opheffen van het hoofd van de bakker

152
00:09:28,830 --> 00:09:32,130
hield dus verband met het
feit dat hij werd opgehangen.

153
00:09:32,130 --> 00:09:37,830
De uitdrukking ‘het hoofd opheffen’ had
dus in Jozefs uitleg van die twee dromen

154
00:09:37,830 --> 00:09:39,810
twee verschillende betekenissen.

155
00:09:39,810 --> 00:09:43,710
Aan de andere kant zouden we bij het
opheffen van het hoofd kunnen denken

156
00:09:43,710 --> 00:09:48,210
aan iemand die zijn hoofd heeft
gebogen van verdriet en wanhoop,

157
00:09:48,210 --> 00:09:52,050
en God pakt je bij je kin
en zegt: ‘Kom op, kop op,’

158
00:09:52,050 --> 00:09:55,230
en Hij bemoedigt je door
je hoofd op te heffen.

159
00:09:55,230 --> 00:09:59,130
Van de drie mogelijkheden
zijn de eerste en de derde

160
00:09:59,130 --> 00:10:01,050
hier de waarschijnlijkste betekenissen.

161
00:10:01,050 --> 00:10:05,550
Of David bedoelt: ‘God, U
bent mijn bemoediging,’ of,

162
00:10:05,550 --> 00:10:08,550
mogelijk nog waarschijnlijker,
hij zegt werkelijk:

163
00:10:08,550 --> 00:10:12,690
‘U bent Degene Die mij oorspronkelijk
in een gezagspositie heeft geplaatst,

164
00:10:12,690 --> 00:10:16,110
en U zult mij weer in mijn
rechtmatige ambt herstellen.’

165
00:10:16,110 --> 00:10:19,530
Nadat hij heeft uitgesproken
wat de Heere voor hem zal doen,

166
00:10:19,530 --> 00:10:21,930
namelijk dat er voor hem hulp is bij God,

167
00:10:21,930 --> 00:10:25,170
spreekt hij over zijn persoonlijke
gevoel van veiligheid.

168
00:10:25,170 --> 00:10:29,430
Dat komt voort uit zijn wetenschap
dat hij bij God in de gunst staat.

169
00:10:29,430 --> 00:10:34,710
Ik lag neer en sliep; ik ontwaakte,
want de HEERE ondersteunde mij.

170
00:10:34,710 --> 00:10:37,470
Ik vrees niet voor
tienduizenden van het volk,

171
00:10:37,470 --> 00:10:40,050
die zich aan alle kanten
tegen mij opstellen.

172
00:10:40,050 --> 00:10:44,010
Met andere woorden, hij heeft een
persoonlijk gevoel van veiligheid,

173
00:10:44,010 --> 00:10:46,170
hoewel hij in groot gevaar verkeert,

174
00:10:46,170 --> 00:10:51,090
of wat de natuurlijke omstandigheden
betreft in groot gevaar lijkt te verkeren.

175
00:10:51,090 --> 00:10:52,650
Toch is hij veilig.

176
00:10:52,650 --> 00:10:54,330
Hij gaat ’s avonds slapen.

177
00:10:54,330 --> 00:10:56,070
Hij ligt er niet wakker van.

178
00:10:56,070 --> 00:10:59,130
Hij vertrouwt erop dat
God hem zal ondersteunen.

179
00:10:59,130 --> 00:11:03,210
Daarom zegt hij: ‘Ik ging
slapen en werd weer wakker.

180
00:11:03,210 --> 00:11:05,250
Ik werd ’s nachts niet gedood.

181
00:11:05,250 --> 00:11:10,290
Ik kon rustig slapen, en mijn geloof
in God bleek hierin niet ongegrond.

182
00:11:10,290 --> 00:11:14,730
Ik ben niet bang, ook al zijn er
misschien tienduizenden mensen tegen mij.’

183
00:11:14,730 --> 00:11:19,290
In vers 1 zei hij dat degenen die hem
benauwen sterk in aantal zijn gegroeid

184
00:11:19,290 --> 00:11:21,030
en dat het er velen zijn.

185
00:11:21,030 --> 00:11:24,690
Maar hier zegt hij: ‘Zelfs
als het er tienduizend zijn

186
00:11:24,690 --> 00:11:27,990
en zij zich tegen mij opstellen,
zal ik niet bang zijn,’

187
00:11:27,990 --> 00:11:30,270
omdat God natuurlijk aan zijn kant staat.

188
00:11:30,270 --> 00:11:35,790
Dan vormen de laatste twee verzen een roep
tot God om hem in het gelijk te stellen.

189
00:11:35,790 --> 00:11:41,370
Sta op, HEERE, verlos mij, mijn God,
want U hebt al mijn vijanden op de kaak

190
00:11:41,370 --> 00:11:45,990
geslagen, de tanden van de
goddelozen hebt U stukgebroken.

191
00:11:45,990 --> 00:11:51,990
Het heil is van de HEERE; Uw
zegen is over Uw volk. Sela

192
00:11:51,990 --> 00:11:56,310
Het woord ‘behoud’ kan hier
ook weergegeven worden als

193
00:11:56,310 --> 00:11:59,310
‘bevrijding’ of ‘veiligheid’.

194
00:11:59,310 --> 00:12:04,650
We zien hier dus dit vertrouwen en dit
roepen tot God om op te staan en de zaak

195
00:12:04,650 --> 00:12:06,390
in Zijn handen te nemen.

196
00:12:06,390 --> 00:12:10,650
De verwijzing naar het slaan van de
vijanden op het kaakbeen en het breken van

197
00:12:10,650 --> 00:12:15,150
hun tanden is waarschijnlijk ontleend aan
het beeld van een herder die zijn schapen

198
00:12:15,150 --> 00:12:16,470
te hulp komt.

199
00:12:16,470 --> 00:12:20,430
Een leeuw of een beer heeft zich
op een hulpeloos schaap gestort,

200
00:12:20,430 --> 00:12:23,430
en de herder komt het
te hulp met zijn knots

201
00:12:23,430 --> 00:12:28,950
en slaat de tanden van de leeuw eruit door
hem op het kaakbeen of de kaak te slaan.

202
00:12:28,950 --> 00:12:32,670
Daarmee wordt het lam uit de
bek van het roofdier bevrijd.

203
00:12:32,670 --> 00:12:37,530
David heeft zichzelf al aangeduid als een
schaap van de Heere en de Heere als zijn

204
00:12:37,530 --> 00:12:41,430
herder, en hier zou hij in
diezelfde termen denken.

205
00:12:41,430 --> 00:12:43,950
Hij is als een hulpeloos lam.

206
00:12:43,950 --> 00:12:47,970
Zijn zoon Absalom en anderen die
zich tegen hem hebben gekeerd,

207
00:12:47,970 --> 00:12:53,190
zijn als verscheurende leeuwen, wolven,
beren of wat er ook maar achter de schapen

208
00:12:53,190 --> 00:12:54,450
aan zou komen.

209
00:12:54,450 --> 00:12:56,310
Maar God is zijn herder.

210
00:12:56,310 --> 00:12:59,850
Hij komt en slaat de tanden
van zijn vijanden eruit,

211
00:12:59,850 --> 00:13:04,110
zodat ze hem niet kunnen doden en niet
met hem kunnen doen wat ze willen.

212
00:13:04,110 --> 00:13:06,630
Dat is wat die psalm lijkt te zeggen.

213
00:13:06,630 --> 00:13:08,670
Nu gaan we naar Psalm 4.

214
00:13:08,670 --> 00:13:14,430
Dit is een avondpsalm, dat wil zeggen,
een psalm om ’s avonds te zingen.

215
00:13:14,430 --> 00:13:18,090
We weten dat vanwege vers
8, waarin wordt gezegd:

216
00:13:18,090 --> 00:13:24,090
In vrede zal ik gaan liggen en
weldra slapen, want U alleen, HEERE,

217
00:13:24,090 --> 00:13:25,710
doet mij veilig wonen.

218
00:13:25,710 --> 00:13:30,390
Het is een psalm die David op een
avond schreef terwijl hij nadacht.

219
00:13:30,390 --> 00:13:35,550
Allereerst spreekt hij erover hoe
verbijsterd hij is dat goddeloze mensen

220
00:13:35,550 --> 00:13:38,670
hun goddeloze wegen kunnen blijven volgen.

221
00:13:38,670 --> 00:13:44,070
Maar God heeft hem geholpen wanneer
er goddeloze mensen om hem heen waren.

222
00:13:44,070 --> 00:13:49,710
We weten niet bij welke gelegenheid
deze psalm geschreven is of op welke

223
00:13:49,710 --> 00:13:52,650
specifieke gebeurtenis
hij misschien doelt.

224
00:13:52,650 --> 00:13:55,830
Maar daarna geeft hij
bepaalde aansporingen

225
00:13:55,830 --> 00:13:58,350
en spreekt hij bepaalde gebeden uit.

226
00:13:58,350 --> 00:14:00,210
We zullen hem nu lezen.

227
00:14:00,210 --> 00:14:04,890
Als ik roep, verhoor mij, o
God van mijn gerechtigheid!

228
00:14:04,890 --> 00:14:08,370
In de benauwdheid hebt U
ruimte voor mij gemaakt.

229
00:14:08,370 --> 00:14:11,730
Wees mij genadig en
luister naar mijn gebed.

230
00:14:11,730 --> 00:14:14,970
De spreker bespreekt hier
de Engelse vertaalwoorden:

231
00:14:14,970 --> 00:14:18,690
„enlarged” kan worden
weergegeven met „relieved”,

232
00:14:18,690 --> 00:14:22,770
en de New American Standard
kiest voor „relieve me”.

233
00:14:22,770 --> 00:14:27,450
De HSV vertaalt de uitdrukking
met „ruimte voor mij gemaakt”.

234
00:14:27,450 --> 00:14:32,610
Dan houdt hij op tegen God te spreken en
begint hij tegen de goddelozen te spreken.

235
00:14:32,610 --> 00:14:33,870
Hij zegt:

236
00:14:33,870 --> 00:14:37,530
Aanzienlijken, hoelang zult
u mijn eer te schande maken?

237
00:14:37,530 --> 00:14:42,270
Hoelang zult u het lege
liefhebben, de leugen zoeken? Sela

238
00:14:42,270 --> 00:14:47,370
„Leasing” is een uitdrukking die van tijd
tot tijd in de King James Version voorkomt

239
00:14:47,370 --> 00:14:50,070
en die bedrog of leugens betekent.

240
00:14:50,070 --> 00:14:51,150
Hij zegt:

241
00:14:51,150 --> 00:14:53,670
Jullie maken van mijn eer een schande.

242
00:14:53,670 --> 00:14:59,010
Zijn heerlijkheid, zo heeft hij
in Psalm 3:3 al gezegd, is God.

243
00:14:59,010 --> 00:15:01,350
Zij maken God tot een schande.

244
00:15:01,350 --> 00:15:06,630
Met andere woorden, door hun eigen gedrag
maken ze van de Heere iets schandelijks:

245
00:15:06,630 --> 00:15:11,370
ze maken de Heere te schande.
Dat is wat ze doen. En hij zegt:

246
00:15:11,370 --> 00:15:13,230
Hoe lang blijven jullie dat doen?

247
00:15:13,230 --> 00:15:15,930
Hoe lang blijven jullie van leegte houden?

248
00:15:15,930 --> 00:15:18,150
„Vanity” betekent leegte.

249
00:15:18,150 --> 00:15:23,250
Dat wil zeggen dat de dingen die de
heidenen najagen, lege leugens zijn.

250
00:15:23,250 --> 00:15:27,030
Ze doen bepaalde beloften, maar
de liefde voor deze wereld,

251
00:15:27,030 --> 00:15:31,950
haar rijkdom en haar genoegens houden
mensen bepaalde loze beloften voor.

252
00:15:31,950 --> 00:15:37,470
Zolang mensen die dingen najagen, jagen
ze iets na wat in werkelijkheid leeg is.

253
00:15:37,470 --> 00:15:42,210
Het is een lege belofte, een lege
leugen die de duivel hun voorhoudt.

254
00:15:42,210 --> 00:15:46,530
Hij zegt: „Hoelang blijven jullie
in dit bedrog verkeren en deze

255
00:15:46,530 --> 00:15:48,810
stompzinnige dingen najagen?”

256
00:15:48,810 --> 00:15:50,250
Dan zegt hij:

257
00:15:50,250 --> 00:15:54,750
Weet toch: de HEERE heeft Zich
een gunsteling afgezonderd;

258
00:15:54,750 --> 00:15:57,450
de HEERE hoort als ik tot Hem roep.

259
00:15:57,450 --> 00:15:59,010
Hij is apart gezet.

260
00:15:59,010 --> 00:16:04,350
Dat is in wezen wat het woord
„sanctified” betekent: apart gezet worden,

261
00:16:04,350 --> 00:16:07,230
afgezonderd worden voor
heilige doeleinden.

262
00:16:07,230 --> 00:16:12,270
God weet wie Zijn mensen zijn en Hij
heeft hen voor Zichzelf apart gezet.

263
00:16:12,270 --> 00:16:14,010
Daarom hoort Hij hen.

264
00:16:14,010 --> 00:16:18,210
Het is fijn om te weten dat wij apart
gezet zijn van de dwazen van de wereld,

265
00:16:18,210 --> 00:16:21,390
die lege, zinloze dingen najagen.

266
00:16:21,390 --> 00:16:26,130
En Hij heeft ervoor gezorgd dat
wij iets najagen wat niet leeg is.

267
00:16:26,130 --> 00:16:28,290
Het is het najagen van God.

268
00:16:28,290 --> 00:16:30,630
Nu krijgen we een aansporing:

269
00:16:30,630 --> 00:16:36,630
Wees ontzet, maar zondig niet; spreek in
uw hart wanneer u op uw slaapplaats ligt,

270
00:16:36,630 --> 00:16:39,450
en wees stil. Sela

271
00:16:39,450 --> 00:16:42,990
Hier hebben we nog een aanwijzing
dat dit een avondpsalm is.

272
00:16:42,990 --> 00:16:46,590
Het gaat erom dat je op je bed
met je eigen hart overlegt,

273
00:16:46,590 --> 00:16:48,990
ontzag hebt en niet zondigt.

274
00:16:48,990 --> 00:16:50,250
Deze uitspraak:

275
00:16:50,250 --> 00:16:57,630
Heb ontzag en zondig niet, lijkt sterk op
een uitspraak in Efeze 4:26, waar staat:

276
00:16:57,630 --> 00:17:03,030
Word boos, maar zondig niet; laat de
zon niet ondergaan over uw boosheid,

277
00:17:03,030 --> 00:17:08,010
Wat Paulus bedoelt wanneer
hij in Efeze 4:26 zegt:

278
00:17:08,010 --> 00:17:12,450
Wees boos, maar zondig niet,
is volstrekt niet duidelijk.

279
00:17:12,450 --> 00:17:16,950
Sommige mensen geloven dat het betekent
dat je een goddelijke boosheid tegenover

280
00:17:16,950 --> 00:17:20,970
zonde moet hebben, maar dat je jouw
boosheid niet zo ver moet laten gaan dat

281
00:17:20,970 --> 00:17:22,470
ze zondig wordt.

282
00:17:22,470 --> 00:17:26,610
Anderen menen dat wij zonde
vermijden door boos te zijn op zonde.

283
00:17:26,610 --> 00:17:29,790
Je kunt dus niet zondigen
door boos te zijn op zonde:

284
00:17:29,790 --> 00:17:32,010
Wees boos, maar zondig niet.

285
00:17:32,010 --> 00:17:37,710
Weer anderen hebben gemeend dat in de
Engelse formulering het woord „not”,

286
00:17:37,710 --> 00:17:40,170
N-O-T, op beide werkwoorden
van toepassing is.

287
00:17:40,170 --> 00:17:43,650
In die formulering staat het aan
het einde van de zin en zou het de

288
00:17:43,650 --> 00:17:45,270
hele zin ontkennen.

289
00:17:45,270 --> 00:17:50,910
Dit grammaticale argument geldt niet voor
de woordvolgorde van de HSV: „Word boos,

290
00:17:50,910 --> 00:17:52,410
maar zondig niet.”

291
00:17:52,410 --> 00:17:56,910
Normaal gesproken zou de uitspraak
zijn: „Wees boos en zondig.”

292
00:17:56,910 --> 00:18:00,570
Maar doordat „niet” aan het
einde wordt gezet, betekent het:

293
00:18:00,570 --> 00:18:02,970
„Wees niet boos en zondig niet.”

294
00:18:02,970 --> 00:18:05,970
De ontkenning zou beide
delen van de zin ontkennen:

295
00:18:05,970 --> 00:18:09,330
de uitspraak wordt eerst
gedaan en daarna ontkend.

296
00:18:09,330 --> 00:18:13,230
Er zou dus staan: „Wees
niet boos en zondig niet.”

297
00:18:13,230 --> 00:18:18,030
Welke van deze interpretaties Paulus
bedoelt, is mij volstrekt niet duidelijk.

298
00:18:18,030 --> 00:18:19,950
Meteen daarna zegt hij wel:

299
00:18:19,950 --> 00:18:24,570
laat de zon niet ondergaan over uw
boosheid, en geef de duivel geen plaats.

300
00:18:24,570 --> 00:18:28,170
Misschien zegt hij:
zelfs als je boos bent,

301
00:18:28,170 --> 00:18:32,490
zorg er dan voor dat je niet boos
blijft, want dan wordt het zonde.

302
00:18:32,490 --> 00:18:34,410
Het begint in je te etteren.

303
00:18:34,410 --> 00:18:39,030
Maar later in datzelfde
hoofdstuk, in Efeze 4, zegt hij:

304
00:18:39,030 --> 00:18:43,890
Laat alle bitterheid,
woede, toorn, geschreeuw en

305
00:18:43,890 --> 00:18:47,370
laster van u weggenomen
worden, met alle slechtheid,

306
00:18:47,370 --> 00:18:53,310
enzovoort. Het lijkt er niet op dat hij
boosheid zou aanmoedigen wanneer hij zegt:

307
00:18:53,310 --> 00:18:55,710
Word boos, maar zondig niet;

308
00:18:55,710 --> 00:18:58,110
Het is niet echt duidelijk wat hij zegt.

309
00:18:58,110 --> 00:19:01,710
Maar het lijkt erop dat hij zijn
bewoording ontleent aan deze

310
00:19:01,710 --> 00:19:03,630
Psalm, waar staat:

311
00:19:03,630 --> 00:19:06,090
Heb ontzag en zondig niet.

312
00:19:06,090 --> 00:19:10,830
De spreker leidt uit de Engelse
formulering „stand in awe” af

313
00:19:10,830 --> 00:19:16,410
dat onze houding tegenover God er een
van diepe eerbied en ontzag moet zijn;

314
00:19:16,410 --> 00:19:19,590
de HSV vertaalt hier „Wees ontzet”.

315
00:19:19,590 --> 00:19:24,630
Als we wijs waren, anders dan de dwazen
die ijdelheid liefhebben en leugens

316
00:19:24,630 --> 00:19:30,270
najagen, en als we onszelf zien als apart
gezet voor de Heere, zoals vers 3 zegt,

317
00:19:30,270 --> 00:19:33,150
dan zou het ons met diep
ontzag moeten vervullen

318
00:19:33,150 --> 00:19:38,250
wanneer we beseffen dat God ons genomen
heeft en ons uit de rest van de mensheid

319
00:19:38,250 --> 00:19:40,770
voor Zichzelf apart heeft gezet.

320
00:19:40,770 --> 00:19:43,170
Jezus zei in Johannes 15:

321
00:19:43,170 --> 00:19:47,310
Als u van de wereld zou zijn, zou
de wereld het hare liefhebben,

322
00:19:47,310 --> 00:19:52,050
maar omdat u niet van de wereld bent,
maar Ik u uit de wereld heb uitverkoren,

323
00:19:52,050 --> 00:19:54,150
daarom haat de wereld u.

324
00:19:54,150 --> 00:19:57,150
Jezus zei dat Hij ons uit
de wereld had gekozen.

325
00:19:57,150 --> 00:19:59,610
Hij zette ons voor Zichzelf apart.

326
00:19:59,610 --> 00:20:03,570
Dat zou ons versteld moeten doen
staan en met ontzag moeten vervullen.

327
00:20:03,570 --> 00:20:06,690
Als we ons volledig door
dat ontzag laten beheersen,

328
00:20:06,690 --> 00:20:12,870
is dat in zekere zin wat de vreze Gods
is: dat eerbiedige ontzag voor God.

329
00:20:12,870 --> 00:20:14,790
Dat zal ons van zonde weerhouden.

330
00:20:14,790 --> 00:20:17,490
Als we niet het juiste
ontzag voor God hebben,

331
00:20:17,490 --> 00:20:20,310
zullen we zonde
waarschijnlijk licht opvatten.

332
00:20:20,310 --> 00:20:23,310
Maar wanneer we beseffen
wat een machtig iets het is

333
00:20:23,310 --> 00:20:26,070
dat de Schepper van het
heelal ons in het bijzonder

334
00:20:26,070 --> 00:20:30,390
apart heeft gezet voor Zijn eigen
gebruik en Zijn eigen doeleinden,

335
00:20:30,390 --> 00:20:34,110
dan wordt zonde zo’n gewichtige
zaak dat we haar des te meer

336
00:20:34,110 --> 00:20:35,730
zouden willen vermijden.

337
00:20:35,730 --> 00:20:37,890
Het is een zeer gewichtige zaak.

338
00:20:37,890 --> 00:20:39,570
Dus zegt hij:

339
00:20:39,570 --> 00:20:45,450
Wees ontzet, maar zondig niet; spreek in
uw hart wanneer u op uw slaapplaats ligt,

340
00:20:45,450 --> 00:20:48,150
en wees stil. Sela

341
00:20:48,150 --> 00:20:51,030
Veel van de oude schrijvers
bevelen de gewoonte aan

342
00:20:51,030 --> 00:20:54,690
om iedere avond op je bed de
afgelopen dag te overdenken,

343
00:20:54,690 --> 00:20:58,830
om te zien of je zonden hebt begaan
waarvoor je vergeving nodig hebt.

344
00:20:58,830 --> 00:21:01,590
Ook dat kan een beeld uit Efeze zijn:

345
00:21:01,590 --> 00:21:06,570
Word boos, maar zondig niet; laat de
zon niet ondergaan over uw boosheid,

346
00:21:06,570 --> 00:21:11,730
waarmee bedoeld wordt dat je, als je boos
bent, je boosheid niet moet vasthouden,

347
00:21:11,730 --> 00:21:14,610
maar er vóór bedtijd van af moet komen.

348
00:21:14,610 --> 00:21:17,310
Laat de zon er niet over ondergaan.

349
00:21:17,310 --> 00:21:20,430
Ook hier hebben we een
soortgelijke context:

350
00:21:20,430 --> 00:21:23,250
Heb ontzag en zondig niet, en:

351
00:21:23,250 --> 00:21:25,770
Overleg in bed met je eigen hart.

352
00:21:25,770 --> 00:21:28,710
Dat wil zeggen: als je
’s avonds naar bed gaat,

353
00:21:28,710 --> 00:21:33,810
zorg er dan voor dat er tussen jou
en God geen onafgedane zaken zijn.

354
00:21:33,810 --> 00:21:37,770
Denk erover na hoe heilig
Hij is en hoe groot Hij is.

355
00:21:37,770 --> 00:21:40,290
Laat je ontzag onbegrensd zijn.

356
00:21:40,290 --> 00:21:43,290
In het licht van die
overdenkingen over Gods grootheid,

357
00:21:43,290 --> 00:21:46,470
Zijn macht en Zijn
heiligheid zul je vervolgens

358
00:21:46,470 --> 00:21:50,010
geneigd zijn je eigen daden
in een juister licht te zien.

359
00:21:50,010 --> 00:21:53,550
Je zult beginnen te zien waar
je die dag bent tekortgeschoten,

360
00:21:53,550 --> 00:21:57,150
waar je zonde moet belijden en
dat je dit moet doen voordat je ’s

361
00:21:57,150 --> 00:21:58,890
avonds gaat slapen.

362
00:21:58,890 --> 00:22:02,250
‘Spreek in uw hart wanneer
u op uw slaapplaats ligt’

363
00:22:02,250 --> 00:22:06,330
‘Overleg in bed met je eigen
hart’ betekent naar mijn mening

364
00:22:06,330 --> 00:22:10,530
dat je terugdenkt aan de dingen die
je die dag in je hart hebt verzameld,

365
00:22:10,530 --> 00:22:14,850
en dat je ervoor zorgt dat ze op de
juiste manier worden afgehandeld.

366
00:22:14,850 --> 00:22:17,070
Dan staat er in vers 5:

367
00:22:17,070 --> 00:22:21,330
Breng offers van gerechtigheid
en vertrouw op de HEERE.

368
00:22:21,330 --> 00:22:23,790
Als je je vertrouwen op de Heere stelt,

369
00:22:23,790 --> 00:22:27,150
breng je een ander soort offer
dan wanneer je dat niet doet.

370
00:22:27,150 --> 00:22:31,530
De uitdrukking ‘offers van gerechtigheid’
maakt heel duidelijk dat hij

371
00:22:31,530 --> 00:22:34,890
onderscheid maakt tussen
datgene waarover hij spreekt

372
00:22:34,890 --> 00:22:37,650
en de gewone offers die
gebracht konden worden door

373
00:22:37,650 --> 00:22:41,310
Joden die hun vertrouwen
niet op de Heere stelden.

374
00:22:41,310 --> 00:22:45,810
Veel Joden die niet op God
vertrouwden en God niet liefhadden,

375
00:22:45,810 --> 00:22:49,050
brachten offers als
onderdeel van hun ritueel.

376
00:22:49,050 --> 00:22:53,730
Maar hier wijst hij erop dat ze hun
vertrouwen op de Heere moeten stellen.

377
00:22:53,730 --> 00:22:57,510
Dan kunnen hun offers offers van
gerechtigheid genoemd worden.

378
00:22:57,510 --> 00:23:01,110
Dat wil zeggen: het zullen
rechtvaardige mensen zijn,

379
00:23:01,110 --> 00:23:06,330
en daarom zullen hun offergaven aan de
Heere rechtvaardige offergaven zijn.

380
00:23:06,330 --> 00:23:11,190
Naar mijn mening is vers 6 een
machtig vers. Daar zegt hij:

381
00:23:11,190 --> 00:23:14,670
Velen zeggen: Wie zal
ons het goede doen zien?

382
00:23:14,670 --> 00:23:18,150
Verhef over ons het licht
van Uw aangezicht, HEERE!

383
00:23:18,150 --> 00:23:22,530
Er zijn veel mensen die erg cynisch zijn
en geloven dat er niets goeds meer in

384
00:23:22,530 --> 00:23:23,730
de wereld is.

385
00:23:23,730 --> 00:23:25,890
Dat biedt sommige zondaars troost.

386
00:23:25,890 --> 00:23:28,470
Als ze geloven dat niemand
het beter doet dan zij,

387
00:23:28,470 --> 00:23:33,030
kunnen ze zich enigszins gerechtvaardigd
voelen in hun zondige gedrag.

388
00:23:33,030 --> 00:23:36,510
Ze redeneren: ‘Ik ben niet
slechter dan wie dan ook.

389
00:23:36,510 --> 00:23:38,730
Ik doe hetzelfde als iedereen.

390
00:23:38,730 --> 00:23:42,690
Niemand is volmaakt, dus van niemand
kan worden verwacht dat hij het beter

391
00:23:42,690 --> 00:23:43,830
doet dan ik.’

392
00:23:43,830 --> 00:23:46,410
Misschien denken ze niet
rechtstreeks in deze trant,

393
00:23:46,410 --> 00:23:50,850
maar onbewust komt het hierop neer:
‘God kan mij niet veel kwalijk nemen,

394
00:23:50,850 --> 00:23:53,430
want ik doe het even goed als ieder ander.

395
00:23:53,430 --> 00:23:55,290
Niemand is volmaakt.’

396
00:23:55,290 --> 00:23:57,870
Zo komen ze op het punt dat ze zeggen:

397
00:23:57,870 --> 00:24:00,930
‘Niemand kan ons werkelijk
iets goeds laten zien.

398
00:24:00,930 --> 00:24:03,270
Er is niets goeds in de wereld.

399
00:24:03,270 --> 00:24:05,190
Niemand is te vertrouwen.

400
00:24:05,190 --> 00:24:06,870
Niemand is trouw.

401
00:24:06,870 --> 00:24:08,730
Niemand is eerlijk.’

402
00:24:08,730 --> 00:24:11,790
Dat is het standpunt
waartoe velen zijn gekomen.

403
00:24:11,790 --> 00:24:13,110
Hij zegt:

404
00:24:13,110 --> 00:24:16,830
Velen zeggen: Wie zal ons
iets goeds laten zien?

405
00:24:16,830 --> 00:24:20,910
Met andere woorden, ze werpen
dat als een uitdaging op.

406
00:24:20,910 --> 00:24:24,750
Ze zijn niet werkelijk op zoek
naar iets goeds en zeggen niet:

407
00:24:24,750 --> 00:24:27,690
‘Wie zou me alsjeblieft iets
goeds kunnen laten zien?’

408
00:24:27,690 --> 00:24:31,230
Hij zegt in feite dat er
velen zijn die zeggen:

409
00:24:31,230 --> 00:24:33,930
‘Niemand kan ons iets goeds laten zien.’

410
00:24:33,930 --> 00:24:35,610
Dat ‘Wie kan dat?’

411
00:24:35,610 --> 00:24:40,710
is een retorische uitdaging: ‘Wie
kan ons iets goeds laten zien?

412
00:24:40,710 --> 00:24:43,170
Kijk maar of er iets goeds bestaat.

413
00:24:43,170 --> 00:24:46,290
Laat me er iets van zien, als er iets is.’

414
00:24:46,290 --> 00:24:51,090
Het antwoord op die cynische houding
is een gebed van David. Hij zegt:

415
00:24:51,090 --> 00:24:54,570
Heer, laat het licht van Uw
aangezicht over ons schijnen.

416
00:24:54,570 --> 00:24:58,170
Met andere woorden, laat Uw
goedheid over ons opgaan,

417
00:24:58,170 --> 00:25:01,050
zoals op andere plaatsen in
de Schrift wordt gesproken

418
00:25:01,050 --> 00:25:04,530
over de heerlijkheid van de
Heere die over ons opgaat,

419
00:25:04,530 --> 00:25:08,250
en het licht van Zijn
aangezicht dat over ons opgaat.

420
00:25:08,250 --> 00:25:10,050
Wanneer mensen zeggen:

421
00:25:10,050 --> 00:25:12,390
Wie zal ons iets goeds laten zien?

422
00:25:12,390 --> 00:25:15,570
dan zouden wij moeten kunnen
zeggen: ‘Kijk naar mij.

423
00:25:15,570 --> 00:25:17,730
Ik zal je iets goeds laten zien.

424
00:25:17,730 --> 00:25:21,930
Ik kan je de goedheid van God
laten zien in mijn eigen karakter.

425
00:25:21,930 --> 00:25:26,610
Je kunt kijken naar de manier waarop
wij als christenen met elkaar omgaan

426
00:25:26,610 --> 00:25:31,050
binnen de gemeenschap van christenen,
en daar kun je iets goeds zien.’

427
00:25:31,050 --> 00:25:35,190
Zo ontnemen we de goddelozen
daadwerkelijk hun excuus.

428
00:25:35,190 --> 00:25:39,030
Want als ze nooit iemand zien die
rechtvaardiger leeft dan zijzelf,

429
00:25:39,030 --> 00:25:42,930
kunnen ze het gevoel hebben dat
ze een excuus hebben om niet

430
00:25:42,930 --> 00:25:44,790
rechtvaardig te leven.

431
00:25:44,790 --> 00:25:49,650
Vooral als ze godsdienstige mensen,
die beweren dat ze de waarheid hebben,

432
00:25:49,650 --> 00:25:54,390
net zo goddeloos en huichelachtig
zien leven als zijzelf.

433
00:25:54,390 --> 00:25:57,990
Dan voelen ze zich natuurlijk
bijzonder gerechtvaardigd

434
00:25:57,990 --> 00:26:02,970
en hebben ze het gevoel dat zij
rechtvaardiger zijn en meer waard zijn

435
00:26:02,970 --> 00:26:07,650
om naar de hemel te gaan dan
zelfs de godsdienstige mensen.

436
00:26:07,650 --> 00:26:12,030
Maar wat David zegt, is:
‘Laten we hun de mond snoeren.

437
00:26:12,030 --> 00:26:16,350
God, laten we hun de mond
snoeren doordat U het licht van

438
00:26:16,350 --> 00:26:21,570
Uw aangezicht over ons laat opgaan,
zodat zij het op ons kunnen zien.

439
00:26:21,570 --> 00:26:26,430
Ze kunnen in ons de goedheid
zien die bij Uw karakter hoort.’

440
00:26:26,430 --> 00:26:27,990
Dan verheugt hij zich.

441
00:26:27,990 --> 00:26:29,790
Hij zegt in vers 7:

442
00:26:29,790 --> 00:26:35,310
U hebt mij meer blijdschap in het
hart gegeven dan ten tijde dat zij hun

443
00:26:35,310 --> 00:26:38,250
koren en hun nieuwe wijn
in overvloed hadden.

444
00:26:38,250 --> 00:26:41,010
Nu stelt hij zichzelf
opnieuw tegenover hen.

445
00:26:41,010 --> 00:26:45,930
Hij zegt: ‘Ik heb meer vreugde en
blijdschap in mijn hart dan zij hebben

446
00:26:45,930 --> 00:26:49,710
wanneer ze goede oogsten hebben,
wanneer het hun voor de wind gaat.’

447
00:26:49,710 --> 00:26:52,950
In die tijd werd zakelijk succes
afgemeten aan de hoeveelheid

448
00:26:52,950 --> 00:26:56,070
gewassen en druiven die
je oogstte, enzovoort.

449
00:26:56,070 --> 00:27:00,210
Hij zegt dat zij zich verheugen wanneer
het hun financieel voor de wind gaat,

450
00:27:00,210 --> 00:27:04,890
maar dat ik mij meer in God verheug dan
zij zich op zulke momenten verheugen.

451
00:27:04,890 --> 00:27:09,510
Mijn vreugde als christen is groter
dan de grootste vreugde die de aarde

452
00:27:09,510 --> 00:27:11,190
haar bewoners schenkt.

453
00:27:11,190 --> 00:27:14,970
Ten slotte herhaalt hij opnieuw
de zekerheid die hij in vers

454
00:27:14,970 --> 00:27:18,450
5 van het vorige hoofdstuk had. Hij zegt:

455
00:27:18,450 --> 00:27:24,210
In vrede zal ik gaan liggen en
weldra slapen, want U alleen, HEERE,

456
00:27:24,210 --> 00:27:25,950
doet mij veilig wonen.

457
00:27:25,950 --> 00:27:30,090
Hij wijst erop dat er een verschil
is tussen de godvrezende mens

458
00:27:30,090 --> 00:27:32,010
en de goddeloze mens.

459
00:27:32,010 --> 00:27:37,890
De goddeloze mens in vers 2 jaagt
lege bezigheden en leugens na.

460
00:27:37,890 --> 00:27:42,870
Maar de godvrezende mens is door
God voor Hemzelf afgezonderd,

461
00:27:42,870 --> 00:27:44,790
zoals in vers 3 staat.

462
00:27:44,790 --> 00:27:48,810
Daarom zal hij waarschijnlijk
anders zijn dan de goddeloze mens,

463
00:27:48,810 --> 00:27:50,730
omdat hij is afgezonderd.

464
00:27:50,730 --> 00:27:53,970
Eén verschil is dat God naar hem luistert:

465
00:27:53,970 --> 00:27:58,590
Als ik roep, verhoor mij, o
God van mijn gerechtigheid!

466
00:27:58,590 --> 00:28:01,710
In de benauwdheid hebt U
ruimte voor mij gemaakt.

467
00:28:01,710 --> 00:28:05,250
Wees mij genadig en
luister naar mijn gebed.

468
00:28:05,250 --> 00:28:09,750
Een ander verschil is dat hij zijn
zaken met God snel in orde maakt.

469
00:28:09,750 --> 00:28:11,730
Hij heeft ontzag voor God.

470
00:28:11,730 --> 00:28:14,130
Hij heeft de vreze Gods.

471
00:28:14,130 --> 00:28:16,170
Daarom leeft hij niet in zonde.

472
00:28:16,170 --> 00:28:20,910
En als hij wel zondigt, maakt hij het
snel in orde door ’s avonds zijn dag

473
00:28:20,910 --> 00:28:24,690
en zijn daden te overdenken
en zich zo nodig te bekeren,

474
00:28:24,690 --> 00:28:27,390
zodat zijn geweten zuiver is.

475
00:28:27,390 --> 00:28:30,150
Daardoor brengt hij,
anders dan de anderen,

476
00:28:30,150 --> 00:28:33,870
rechtvaardige offers en
vertrouwt hij op de Heere.

477
00:28:33,870 --> 00:28:37,170
Hij kan de cynicus ook de
gerechtigheid van God laten zien

478
00:28:37,170 --> 00:28:40,410
door zijn eigen karakter
en zijn eigen leven.

479
00:28:40,410 --> 00:28:46,230
Hij heeft meer vreugde dan de mensen in de
wereld hebben, zoals hij in vers 7 zegt.

480
00:28:46,230 --> 00:28:50,250
En in vers 8 heeft hij een
zekerheid die zij niet hebben:

481
00:28:50,250 --> 00:28:56,790
Ik ga rustig liggen en slapen, want
alleen U, Heer, laat mij veilig wonen.

482
00:28:56,790 --> 00:29:00,570
We zouden dit dus kunnen zien als
een psalm die de verschillende

483
00:29:00,570 --> 00:29:03,690
voordelen van een
godvrezend leven laat zien,

484
00:29:03,690 --> 00:29:06,690
in tegenstelling tot een goddeloos leven.

485
00:29:06,690 --> 00:29:12,390
God heeft de godvrezende voor Zichzelf
afgezonderd, zoals in vers 3 staat.

486
00:29:12,390 --> 00:29:15,390
Vervolgens laat de psalm
enkele verschillen zien

487
00:29:15,390 --> 00:29:18,990
tussen de godvrezende
mens en de goddeloze.

488
00:29:18,990 --> 00:29:23,490
Psalm 5 is ons bekend vanwege het
lied dat we zingen op basis van de

489
00:29:23,490 --> 00:29:25,290
eerste drie verzen.

490
00:29:25,290 --> 00:29:28,770
Deze psalm valt uiteen in vijf gedeelten.

491
00:29:28,770 --> 00:29:31,950
Het eerste gedeelte
bestaat uit drie verzen,

492
00:29:31,950 --> 00:29:34,890
het tweede gedeelte
bestaat uit drie verzen,

493
00:29:34,890 --> 00:29:39,270
en daarna zijn er drie
gedeelten van elk twee verzen.

494
00:29:39,270 --> 00:29:43,410
De gedachten zijn op die manier
paarsgewijs met elkaar verbonden.

495
00:29:43,410 --> 00:29:49,410
De eerste drie verzen horen bij elkaar, en
de volgende drie verzen horen bij elkaar,

496
00:29:49,410 --> 00:29:51,450
tot en met vers 6.

497
00:29:51,450 --> 00:29:57,090
Daarna volgen er tot het einde van het
hoofdstuk steeds paren van twee verzen.

498
00:29:57,090 --> 00:30:00,510
We zeiden dat de vorige
psalm een avondpsalm was.

499
00:30:00,510 --> 00:30:02,490
Dat weten we omdat er staat:

500
00:30:02,490 --> 00:30:08,730
Wees ontzet, maar zondig niet; spreek in
uw hart wanneer u op uw slaapplaats ligt,

501
00:30:08,730 --> 00:30:11,010
en wees stil. Sela

502
00:30:11,010 --> 00:30:12,330
en er staat ook:

503
00:30:12,330 --> 00:30:14,610
Ik ga rustig liggen en slapen.

504
00:30:14,610 --> 00:30:19,890
Het gaat dus over ’s avonds naar bed gaan,
en Psalm 4 is een psalm voor de avond.

505
00:30:19,890 --> 00:30:22,830
Psalm 5 daarentegen is een ochtendpsalm.

506
00:30:22,830 --> 00:30:27,570
De Schrift zegt, vooral in Deuteronomium
6, dat je met je kinderen over het Woord

507
00:30:27,570 --> 00:30:31,770
van God moet spreken wanneer je
opstaat, wanneer je naar bed gaat,

508
00:30:31,770 --> 00:30:35,850
wanneer je onderweg bent en
wanneer je gaat zitten om te eten.

509
00:30:35,850 --> 00:30:40,110
Wat je ook doet, je zou over het
Woord van God moeten spreken.

510
00:30:40,110 --> 00:30:44,490
Er zijn specifieke Schriftgedeelten
die bruikbaar zijn voor verschillende

511
00:30:44,490 --> 00:30:48,510
momenten van de dag, hetzij om er
met je kinderen over te spreken,

512
00:30:48,510 --> 00:30:52,050
hetzij eenvoudigweg om ze
tegen jezelf te zeggen.

513
00:30:52,050 --> 00:30:54,270
Dit is een ochtendpsalm:

514
00:30:54,270 --> 00:30:58,290
HEERE, neem mijn woorden ter
ore, let op mijn zuchten.

515
00:30:58,290 --> 00:31:05,430
Sla acht op mijn stem als ik roep, mijn
Koning en mijn God, want tot U bid ik.

516
00:31:05,430 --> 00:31:11,670
's Morgens hoort U mijn stem, HEERE; 's
morgens leg ik mijn gebed voor U neer

517
00:31:11,670 --> 00:31:13,710
en zie ik naar U uit.

518
00:31:13,710 --> 00:31:18,030
Want U bent geen God Die
vreugde vindt in goddeloosheid,

519
00:31:18,030 --> 00:31:21,090
de kwaaddoener zal bij U niet verblijven.

520
00:31:21,090 --> 00:31:24,270
De dwazen blijven niet
staande voor Uw ogen.

521
00:31:24,270 --> 00:31:29,010
U haat allen die onrecht bedrijven,
U brengt de leugenaars om.

522
00:31:29,010 --> 00:31:33,390
Van de man van bloed en bedrog
heeft de HEERE een afschuw.

523
00:31:33,390 --> 00:31:38,490
Ik echter zal door Uw grote
goedertierenheid Uw huis binnengaan,

524
00:31:38,490 --> 00:31:43,770
mij buigen naar Uw heilig
paleis in vreze voor U. HEERE,

525
00:31:43,770 --> 00:31:50,490
leid mij in Uw gerechtigheid, omwille van
mijn belagers; maak Uw weg vóór mij recht.

526
00:31:50,490 --> 00:31:55,830
Want in hun mond is niets wat betrouwbaar
is, hun binnenste is enkel verderf,

527
00:31:55,830 --> 00:32:00,210
hun keel is een open graf,
met hun tong vleien zij.

528
00:32:00,210 --> 00:32:05,250
Verklaar hen schuldig, o God, laat
hen ten val komen met hun opvattingen;

529
00:32:05,250 --> 00:32:10,770
verdrijf hen om hun vele overtredingen,
want zij zijn U ongehoorzaam.

530
00:32:10,770 --> 00:32:14,850
Maar laat verblijd zijn allen
die tot U de toevlucht nemen,

531
00:32:14,850 --> 00:32:18,750
laat hen voor eeuwig
juichen omdat U hen beschut;

532
00:32:18,750 --> 00:32:23,130
laat in U van vreugde opspringen
wie Uw Naam liefhebben.

533
00:32:23,130 --> 00:32:28,890
U immers zegent de rechtvaardige,
HEERE; U omringt hem met goedgunstigheid

534
00:32:28,890 --> 00:32:30,450
als met een schild.

535
00:32:30,450 --> 00:32:35,730
We zien in deze psalm veel van dezelfde
gedachten uit eerdere psalmen terugkomen.

536
00:32:35,730 --> 00:32:40,530
In de eerste drie verzen vraagt hij
God in feite om naar hem te luisteren,

537
00:32:40,530 --> 00:32:44,250
en dat vraagt hij Hem
steeds opnieuw. Hij zegt:

538
00:32:44,250 --> 00:32:46,230
Luister naar mijn woorden.

539
00:32:46,230 --> 00:32:48,030
Dat is één verzoek.

540
00:32:48,030 --> 00:32:53,430
De Engelse vertaling van de spreker
vervolgt met „consider my meditation”,

541
00:32:53,430 --> 00:32:59,010
wat hij uitlegt als: kijk naar mijn
gedachten, lees mijn gedachten.

542
00:32:59,010 --> 00:33:03,150
De HSV heeft hier „let op mijn zuchten”.

543
00:33:03,150 --> 00:33:06,330
Opnieuw vraagt hij Hem aandacht
te schenken aan wat hij zegt

544
00:33:06,330 --> 00:33:08,970
en aan wat hij denkt. En hij zegt:

545
00:33:08,970 --> 00:33:11,010
Want tot U zal ik bidden.

546
00:33:11,010 --> 00:33:17,010
U zult mijn stem ’s morgens horen, Heer;
’s morgens richt ik mijn gebed tot U

547
00:33:17,010 --> 00:33:18,150
en kijk ik omhoog.

548
00:33:18,150 --> 00:33:22,650
Elders in de Psalmen staat dat
wij de Heere vroeg moeten zoeken,

549
00:33:22,650 --> 00:33:26,070
en dit slaat ongetwijfeld
op vroeg in de ochtend.

550
00:33:26,070 --> 00:33:30,330
Hij zegt: ‘God, U zult niet
de hele dag hoeven wachten

551
00:33:30,330 --> 00:33:32,310
voordat U iets van mij hoort.

552
00:33:32,310 --> 00:33:34,770
Ik ga mijn dag met gebed beginnen.

553
00:33:34,770 --> 00:33:39,630
Ik ga mijn gebed ’s morgens als
eerste tot U laten opstijgen.

554
00:33:39,630 --> 00:33:44,130
En omdat ik er dus de hoogste prioriteit
van mijn dag van maak om te bidden,

555
00:33:44,130 --> 00:33:49,530
vertrouw ik erop dat U er de hoogste
prioriteit van zult maken om te luisteren

556
00:33:49,530 --> 00:33:50,970
naar wat ik zeg.’

557
00:33:50,970 --> 00:33:53,850
Dan beschrijft hij in
de volgende drie verzen

558
00:33:53,850 --> 00:33:57,750
het soort mensen naar wie God
niet luistert en voor wie Hij

559
00:33:57,750 --> 00:33:59,730
totaal geen achting heeft.

560
00:33:59,730 --> 00:34:03,510
God heeft geen behagen in mensen
die in goddeloosheid leven,

561
00:34:03,510 --> 00:34:06,810
en Hij zal geen enkel
kwaad bij Zich laten wonen.

562
00:34:06,810 --> 00:34:09,030
God verafschuwt die dingen.

563
00:34:09,030 --> 00:34:12,150
De dwazen blijven niet
staande voor Uw ogen.

564
00:34:12,150 --> 00:34:16,830
U haat allen die onrecht bedrijven,
U brengt de leugenaars om.

565
00:34:16,830 --> 00:34:21,030
Van de man van bloed en bedrog
heeft de HEERE een afschuw.

566
00:34:21,030 --> 00:34:24,510
De tegenstelling is dus
ongetwijfeld bewust bedoeld.

567
00:34:24,510 --> 00:34:28,170
Hij zegt: ‘Ik vraag U om naar
mijn roepen te luisteren,

568
00:34:28,170 --> 00:34:31,770
maar ik weet dat U niet naar mij
zou luisteren als ik tot deze

569
00:34:31,770 --> 00:34:35,250
categorie behoorde, de
categorie van goddeloze,

570
00:34:35,250 --> 00:34:37,770
bloeddorstige en bedrieglijke mannen.’

571
00:34:37,770 --> 00:34:39,510
Maar hoe is hij zelf?

572
00:34:39,510 --> 00:34:44,730
In vers 7 en 8 zegt hij, in tegenstelling
tot degenen die hij zojuist beschreef:

573
00:34:44,730 --> 00:34:49,410
Ik echter zal door Uw grote
goedertierenheid Uw huis binnengaan,

574
00:34:49,410 --> 00:34:54,150
mij buigen naar Uw heilig
paleis in vreze voor U. HEERE,

575
00:34:54,150 --> 00:35:00,090
leid mij in Uw gerechtigheid, omwille van
mijn belagers; maak Uw weg vóór mij recht.

576
00:35:00,090 --> 00:35:04,530
Hij zegt dus dat hij vanwege
Gods overvloedige barmhartigheid

577
00:35:04,530 --> 00:35:07,050
jegens hem tot God kan naderen.

578
00:35:07,050 --> 00:35:11,670
Hij beseft dat hij uit zichzelf eigenlijk
helemaal niet zo veel beter is dan

579
00:35:11,670 --> 00:35:13,350
deze goddeloze mannen.

580
00:35:13,350 --> 00:35:17,430
Maar door de barmhartigheid
van God is hij anders dan zij.

581
00:35:17,430 --> 00:35:23,550
Zijn zonden zijn hem vergeven, en daarom
kan hij voor God komen en Hem aanbidden.

582
00:35:23,550 --> 00:35:27,510
Hij heeft de vreze van God,
en dat is de gepaste houding

583
00:35:27,510 --> 00:35:30,390
waarmee je voor God in
de heilige tempel komt.

584
00:35:30,390 --> 00:35:31,770
En hij zegt:

585
00:35:31,770 --> 00:35:36,150
Leid mij, Heer, in Uw gerechtigheid
vanwege mijn vijanden.

586
00:35:36,150 --> 00:35:38,670
Maak Uw weg recht voor mij.

587
00:35:38,670 --> 00:35:43,170
Vanwege mijn vijanden is er altijd de
verleiding om de verkeerde weg te gaan,

588
00:35:43,170 --> 00:35:47,070
of om niet de goede weg te
gaan, uit vrees voor mensen.

589
00:35:47,070 --> 00:35:50,670
Mensen zullen zich tegen mij
verzetten als ik de goede weg ga.

590
00:35:50,670 --> 00:35:54,570
Toch zegt hij: ‘Ondanks dat
wil ik de goede weg gaan.

591
00:35:54,570 --> 00:35:59,130
Maar omdat zij er zijn, ben ik
geneigd mij te laten intimideren.

592
00:35:59,130 --> 00:36:01,830
Leid mij daarom alstublieft duidelijk.

593
00:36:01,830 --> 00:36:03,750
Geef mij een recht pad.

594
00:36:03,750 --> 00:36:06,450
Geef mij werkelijk Uw leiding.

595
00:36:06,450 --> 00:36:09,030
Zorg dat ik in de goede
richting blijf gaan.’

596
00:36:09,030 --> 00:36:14,190
Want in hun mond is niets wat betrouwbaar
is, hun binnenste is enkel verderf,

597
00:36:14,190 --> 00:36:17,970
hun keel is een open graf,
met hun tong vleien zij.

598
00:36:17,970 --> 00:36:20,910
Hij gaat opnieuw de
goddeloze mens beschrijven.

599
00:36:20,910 --> 00:36:23,190
In hun mond is geen trouw.

600
00:36:23,190 --> 00:36:27,090
Hun keel is een open graf
waar mensen in kunnen vallen.

601
00:36:27,090 --> 00:36:32,250
Verklaar hen schuldig, o God, laat
hen ten val komen met hun opvattingen;

602
00:36:32,250 --> 00:36:37,890
verdrijf hen om hun vele overtredingen,
want zij zijn U ongehoorzaam.

603
00:36:37,890 --> 00:36:40,530
Dit is de eerste
vervloeking in het Psalter.

604
00:36:40,530 --> 00:36:44,850
We hebben al gezien dat er een
staat in hoofdstuk 6, vers 10.

605
00:36:44,850 --> 00:36:50,130
Hier staat de eerste, die daaraan
voorafgaat, in hoofdstuk 5, vers 10.

606
00:36:50,130 --> 00:36:55,290
In de Engelse vertaling van de spreker
staat hier „Destroy Thou them”;

607
00:36:55,290 --> 00:37:00,330
op grond daarvan zegt hij dat David God
oproept zijn vijanden te vernietigen.

608
00:37:00,330 --> 00:37:06,390
De HSV formuleert dit als „Verklaar
hen schuldig” en „verdrijf hen”.

609
00:37:06,390 --> 00:37:08,970
We zullen zien dat er
verschillende psalmen zijn

610
00:37:08,970 --> 00:37:13,230
waarvan het hoofdthema een oproep
tot de vernietiging van vijanden is.

611
00:37:13,230 --> 00:37:16,830
Hoewel dit niet een van die psalmen
is, komt het hier voor het eerst in

612
00:37:16,830 --> 00:37:18,330
een psalm voor.

613
00:37:18,330 --> 00:37:21,150
Maar we zullen het in
veel psalmen tegenkomen.

614
00:37:21,150 --> 00:37:24,090
Opnieuw vraagt hij God hem
in het gelijk te stellen

615
00:37:24,090 --> 00:37:26,970
in plaats van het recht
in eigen hand te nemen.

616
00:37:26,970 --> 00:37:31,350
HEERE, neem mijn woorden ter
ore, let op mijn zuchten.

617
00:37:31,350 --> 00:37:36,720
Sla acht op mijn stem als ik roep, mijn
Koning en mijn God, want tot U bid ik.

618
00:37:36,720 --> 00:37:42,210
's Morgens hoort U mijn stem, HEERE; 's
morgens leg ik mijn gebed voor U neer

619
00:37:42,210 --> 00:37:44,010
en zie ik naar U uit.

620
00:37:44,010 --> 00:37:48,390
Want U bent geen God Die
vreugde vindt in goddeloosheid,

621
00:37:48,390 --> 00:37:51,210
de kwaaddoener zal bij U niet verblijven.

622
00:37:51,210 --> 00:37:54,330
De dwazen blijven niet
staande voor Uw ogen.

623
00:37:54,330 --> 00:37:59,010
U haat allen die onrecht bedrijven,
U brengt de leugenaars om.

624
00:37:59,010 --> 00:38:03,450
Van de man van bloed en bedrog
heeft de HEERE een afschuw.

625
00:38:03,450 --> 00:38:07,830
Ik echter zal door Uw grote
goedertierenheid Uw huis binnengaan,

626
00:38:07,830 --> 00:38:12,930
mij buigen naar Uw heilig
paleis in vreze voor U. HEERE,

627
00:38:12,930 --> 00:38:19,590
leid mij in Uw gerechtigheid, omwille van
mijn belagers; maak Uw weg vóór mij recht.

628
00:38:19,590 --> 00:38:25,110
Want in hun mond is niets wat betrouwbaar
is, hun binnenste is enkel verderf,

629
00:38:25,110 --> 00:38:29,670
hun keel is een open graf,
met hun tong vleien zij.

630
00:38:29,670 --> 00:38:34,710
Verklaar hen schuldig, o God, laat
hen ten val komen met hun opvattingen;

631
00:38:34,710 --> 00:38:41,010
verdrijf hen om hun vele overtredingen,
want zij zijn U ongehoorzaam.

632
00:38:41,010 --> 00:38:45,030
Maar laat verblijd zijn allen
die tot U de toevlucht nemen,

633
00:38:45,030 --> 00:38:49,050
laat hen voor eeuwig
juichen omdat U hen beschut;

634
00:38:49,050 --> 00:38:53,430
laat in U van vreugde opspringen
wie Uw Naam liefhebben.

635
00:38:53,430 --> 00:38:59,610
U immers zegent de rechtvaardige,
HEERE; U omringt hem met goedgunstigheid

636
00:38:59,610 --> 00:39:01,110
als met een schild.

637
00:39:01,110 --> 00:39:06,690
De verwijzing naar bescherming is
dezelfde als in hoofdstuk 3. Hij zei:

638
00:39:06,690 --> 00:39:12,810
HEERE, hoe talrijk zijn mijn
tegenstanders; velen staan tegen mij op.

639
00:39:12,810 --> 00:39:17,190
Velen zeggen van mijn ziel:
Hij heeft geen heil bij God.

640
00:39:17,190 --> 00:39:24,810
Sela U echter, HEERE, bent een schild voor
mij, mijn eer; U heft mijn hoofd omhoog.

641
00:39:24,810 --> 00:39:30,390
Met mijn stem riep ik tot de HEERE, en
Hij verhoorde mij vanaf Zijn heilige berg.

642
00:39:30,390 --> 00:39:37,830
Sela Ik lag neer en sliep; ik ontwaakte,
want de HEERE ondersteunde mij.

643
00:39:37,830 --> 00:39:40,770
Ik vrees niet voor
tienduizenden van het volk,

644
00:39:40,770 --> 00:39:43,770
die zich aan alle kanten
tegen mij opstellen.

645
00:39:43,770 --> 00:39:48,990
Sta op, HEERE, verlos mij, mijn God,
want U hebt al mijn vijanden op de kaak

646
00:39:48,990 --> 00:39:53,070
geslagen, de tanden van de
goddelozen hebt U stukgebroken.

647
00:39:53,070 --> 00:39:59,250
Het heil is van de HEERE; Uw
zegen is over Uw volk. Sela

648
00:39:59,250 --> 00:40:01,350
Hier stelt hij dezelfde waarheid vast.

649
00:40:01,350 --> 00:40:05,550
De verwijzing naar de vreugde van de
rechtvaardigen verschilt niet veel van

650
00:40:05,550 --> 00:40:09,930
vers 7 van de vorige psalm, Psalm 4:7:

651
00:40:09,930 --> 00:40:13,230
U hebt mij meer blijdschap
in het hart gegeven dan

652
00:40:13,230 --> 00:40:17,730
ten tijde dat zij hun koren en hun
nieuwe wijn in overvloed hadden.

653
00:40:17,730 --> 00:40:22,170
Blijdschap, veiligheid en
geborgenheid zijn opnieuw de dingen

654
00:40:22,170 --> 00:40:25,350
die aan het einde van
deze psalm worden gevierd.

655
00:40:25,350 --> 00:40:31,771
Merk op dat bijna al deze psalmen — 3,
4 en 5, die we zojuist hebben bekeken —

656
00:40:31,771 --> 00:40:35,370
beginnen met een duidelijke
bezorgdheid of zelfs wanhoop.

657
00:40:35,370 --> 00:40:37,170
Kijk naar Psalm 3:

658
00:40:37,170 --> 00:40:42,450
HEERE, hoe talrijk zijn mijn
tegenstanders; velen staan tegen mij op.

659
00:40:42,450 --> 00:40:43,830
In Psalm 4:

660
00:40:43,830 --> 00:40:48,090
Als ik roep, verhoor mij, o
God van mijn gerechtigheid!

661
00:40:48,090 --> 00:40:51,690
In de benauwdheid hebt U
ruimte voor mij gemaakt.

662
00:40:51,690 --> 00:40:54,930
Wees mij genadig en
luister naar mijn gebed.

663
00:40:54,930 --> 00:40:56,430
In Psalm 5:

664
00:40:56,430 --> 00:40:58,650
Neem mijn woorden ter ore.

665
00:40:58,650 --> 00:41:00,990
Luister naar mijn stem als ik roep.

666
00:41:00,990 --> 00:41:06,090
In elk geval draagt de psalmist een last
op zijn hart en komt hij om te bidden.

667
00:41:06,090 --> 00:41:08,430
Elk van deze psalmen is een gebed,

668
00:41:08,430 --> 00:41:13,110
hoewel sommige daarna overgaan in
aansporing en andere uitspraken.

669
00:41:13,110 --> 00:41:17,130
Maar ze beginnen als een gebed,
en voordat het gebed afgelopen is,

670
00:41:17,130 --> 00:41:22,590
hebben ze een positieve toon bereikt.
Er is zekerheid. Er is vertrouwen.

671
00:41:22,590 --> 00:41:24,330
Psalm 3 eindigt met:

672
00:41:24,330 --> 00:41:30,150
Het heil is van de HEERE; Uw
zegen is over Uw volk. Sela

673
00:41:30,150 --> 00:41:32,670
Dat is een zelfverzekerde uitspraak.

674
00:41:32,670 --> 00:41:34,530
Psalm 4 eindigt met:

675
00:41:34,530 --> 00:41:39,510
In vrede zal ik gaan liggen en
weldra slapen, want U alleen, HEERE,

676
00:41:39,510 --> 00:41:41,310
doet mij veilig wonen.

677
00:41:41,310 --> 00:41:43,530
En Psalm 5:12 zegt:

678
00:41:43,530 --> 00:41:48,930
U immers zegent de rechtvaardige,
HEERE; U omringt hem met goedgunstigheid

679
00:41:48,930 --> 00:41:50,430
als met een schild.

680
00:41:50,430 --> 00:41:54,930
Zoals ik in de vorige lezing al zei, zul
je merken dat dit bij de meeste Psalmen

681
00:41:54,930 --> 00:41:56,190
het geval is.

682
00:41:56,190 --> 00:42:00,930
Ze komen voort uit een tijd van spanning,
wanneer de psalmist begint te bidden.

683
00:42:00,930 --> 00:42:05,970
Maar voordat hij klaar is met bidden,
verheugt hij zich. Hij heeft vertrouwen.

684
00:42:05,970 --> 00:42:09,690
Hij heeft de overwinning behaald
en hij heeft van God gehoord.

685
00:42:09,690 --> 00:42:14,010
Telkens wanneer de Psalmen in wanhoop
beginnen, eindigen ze in overwinning,

686
00:42:14,010 --> 00:42:16,770
met uitzondering van drie Psalmen.

687
00:42:16,770 --> 00:42:19,710
Er zijn er drie waarin
de ommekeer niet komt.

688
00:42:19,710 --> 00:42:27,630
Sommige blijven van begin tot eind
negatief, en dat zijn Psalm 38, 39 en 88.

689
00:42:27,630 --> 00:42:31,470
Psalm 38, die we in de vorige
lezing hebben bestudeerd,

690
00:42:31,470 --> 00:42:38,190
Psalm 39 en Psalm 88 kennen geen ommekeer,
maar bij de overige gebeurt dat wel.

691
00:42:38,190 --> 00:42:40,650
Een opmerkelijk voorbeeld
van zo’n ommekeer,

692
00:42:40,650 --> 00:42:44,370
dat we binnenkort zullen
bestuderen, is Psalm 13.

693
00:42:44,370 --> 00:42:48,810
We zullen daar nu zelfs naartoe gaan
vanwege de opvallende manier waarop deze

694
00:42:48,810 --> 00:42:52,110
psalm deze tendens in
de Psalmen illustreert.

695
00:42:52,110 --> 00:42:54,930
Psalm 13 is zes verzen lang.

696
00:42:54,930 --> 00:42:57,630
Twee verzen geven uiting
aan neerslachtigheid

697
00:42:57,630 --> 00:43:00,810
en aan het roepen tot God
vanuit die neerslachtigheid.

698
00:43:00,810 --> 00:43:03,330
De volgende twee verzen vormen het gebed,

699
00:43:03,330 --> 00:43:07,170
en de laatste verzen bevatten
zijn zegevierende optimisme.

700
00:43:07,170 --> 00:43:11,790
Je kunt zien dat zijn houding in zes
korte verzen volledig is omgeslagen.

701
00:43:11,790 --> 00:43:13,710
Kijk naar de eerste twee:

702
00:43:13,710 --> 00:43:15,750
Hoelang nog , HEERE?

703
00:43:15,750 --> 00:43:17,850
Zult U mij voor altijd vergeten?

704
00:43:17,850 --> 00:43:21,330
Hoelang zult U Uw aangezicht
nog voor mij verbergen?

705
00:43:21,330 --> 00:43:25,710
Hoelang zal ik nog plannen maken in
mijn ziel, verdriet hebben in mijn hart,

706
00:43:25,710 --> 00:43:26,910
dag na dag?

707
00:43:26,910 --> 00:43:30,390
Hoelang zal mijn vijand zich
nog boven mij verheffen?

708
00:43:30,390 --> 00:43:34,230
Volslagen neerslachtigheid,
volslagen wanhoop.

709
00:43:34,230 --> 00:43:36,570
Zal dit voor altijd zo blijven?

710
00:43:36,570 --> 00:43:38,250
Gaat U mij vergeten?

711
00:43:38,250 --> 00:43:43,650
Gaat U mijn vijand zich voortdurend,
voor altijd, boven mij laten verheffen?

712
00:43:43,650 --> 00:43:46,590
Zal dit nooit veranderen? Zo bidt hij.

713
00:43:46,590 --> 00:43:50,910
Het kost hem niet meer dan dertig
seconden om het hele gebed uit te spreken,

714
00:43:50,910 --> 00:43:54,510
maar aan het einde is zijn
houding totaal veranderd.

715
00:43:54,510 --> 00:43:57,510
In het midden, in vers 3 en 4, staat:

716
00:43:57,510 --> 00:44:01,770
Zie mij aan, verhoor mij, HEERE, mijn God!

717
00:44:01,770 --> 00:44:06,570
Verlicht mijn ogen, anders ontslaap ik
in de dood, anders zegt mijn vijand:

718
00:44:06,570 --> 00:44:11,730
Ik heb hem overwonnen, en verheugen mijn
tegenstanders zich, wanneer ik wankel.

719
00:44:11,730 --> 00:44:17,550
Dit is zijn gebed: zie naar mij om
en hoor mij; verlicht mijn ogen.

720
00:44:17,550 --> 00:44:20,970
Dan, aan het einde, wanneer
zijn ogen verlicht zijn,

721
00:44:20,970 --> 00:44:26,310
ziet hij de dingen vanuit een ander
gezichtspunt, heel optimistisch. Hij zegt:

722
00:44:26,310 --> 00:44:32,070
Ik echter vertrouw op Uw goedertierenheid,
mijn hart zal zich verheugen in Uw heil,

723
00:44:32,070 --> 00:44:36,270
ik zal voor de HEERE zingen, omdat
Hij goed voor mij geweest is.

724
00:44:36,270 --> 00:44:38,250
Wat een vreemde ommekeer.

725
00:44:38,250 --> 00:44:40,410
In de eerste verzen zegt hij:

726
00:44:40,410 --> 00:44:42,750
Gaat U mij voor altijd vergeten?

727
00:44:42,750 --> 00:44:44,250
Waar bent U eigenlijk?

728
00:44:44,250 --> 00:44:45,990
Aan het einde zegt hij:

729
00:44:45,990 --> 00:44:48,510
De Heer is zo goed voor mij geweest.

730
00:44:48,510 --> 00:44:50,250
Ik voel me geweldig.

731
00:44:50,250 --> 00:44:53,430
Het is een kort gebed,
maar wat een ommekeer.

732
00:44:53,430 --> 00:44:57,690
Ik geloof dat dit getuigt van de kracht
van het gebed om lasten te verlichten,

733
00:44:57,690 --> 00:45:00,390
om lasten bij de Heere neer te leggen.

734
00:45:00,390 --> 00:45:05,970
Zelfs het zogenoemde Onze Vader, zoals
Jezus ons leerde bidden, begint met:

735
00:45:05,970 --> 00:45:10,471
Bidt u dan zo: Onze Vader,
Die in de hemelen zijt .

736
00:45:10,471 --> 00:45:12,390
Uw Naam worde geheiligd.

737
00:45:12,390 --> 00:45:14,010
Daarna gaat het verder:

738
00:45:14,010 --> 00:45:15,990
Uw Koninkrijk kome.

739
00:45:15,990 --> 00:45:20,610
Uw wil geschiede, zoals in
de hemel zo ook op de aarde.

740
00:45:20,610 --> 00:45:24,270
Tot zover richt het zich
hoofdzakelijk op Gods belangen.

741
00:45:24,270 --> 00:45:29,190
Maar wanneer we bij onze eigen concrete
situatie komen, luidt het gebed:

742
00:45:29,190 --> 00:45:31,530
Geef ons heden ons dagelijks brood.

743
00:45:31,530 --> 00:45:34,350
dat we het eten voor vandaag
nog niet eens hebben.

744
00:45:34,350 --> 00:45:36,930
We roepen werkelijk om
te kunnen overleven.

745
00:45:36,930 --> 00:45:42,210
En vergeef ons onze schulden, zoals
ook wij onze schuldenaren vergeven.

746
00:45:42,210 --> 00:45:44,790
Dat klinkt als een van de boetepsalmen.

747
00:45:44,790 --> 00:45:50,250
Vergeef ons onze zonden, zoals wij
degenen vergeven die tegen ons zondigen.

748
00:45:50,250 --> 00:45:51,690
Dan zegt Hij:

749
00:45:51,690 --> 00:45:55,770
En leid ons niet in verzoeking,
maar verlos ons van de boze.

750
00:45:55,770 --> 00:46:01,710
Want van U is het Koninkrijk en de kracht
en de heerlijkheid, tot in eeuwigheid.

751
00:46:01,710 --> 00:46:02,730
Amen.

752
00:46:02,730 --> 00:46:08,250
Opnieuw klinken sommige Psalmen zo:
verlos mij van mijn vijanden, enzovoort.

753
00:46:08,250 --> 00:46:11,790
Het gebed dat Jezus ons
leerde bidden, bevat al deze

754
00:46:11,790 --> 00:46:16,170
elementen van het roepen om hulp, om
hoogst noodzakelijke hulp in een tijd van

755
00:46:16,170 --> 00:46:18,630
gevaar, nood en gebrek.

756
00:46:18,630 --> 00:46:20,190
Maar hoe eindigt het?

757
00:46:20,190 --> 00:46:23,970
Met overwinning, met een
triomfantelijke verklaring:

758
00:46:23,970 --> 00:46:29,310
Want van U is het koninkrijk en de
kracht en de heerlijkheid, voor eeuwig.

759
00:46:29,310 --> 00:46:33,630
Dus ook al worden we misschien tot gebed
gedreven door een besef van dringende nood

760
00:46:33,630 --> 00:46:36,690
en door een gevoel van
nervositeit en spanning,

761
00:46:36,690 --> 00:46:40,530
toch zullen we na ons gebed
verlichting en vertrouwen ervaren,

762
00:46:40,530 --> 00:46:45,270
al is het misschien een heel kort gebed,
als het een gebed is dat iets uitwerkt.

763
00:46:45,270 --> 00:46:49,050
‘Wel, God, U bent Degene aan
Wie het Koninkrijk behoort.

764
00:46:49,050 --> 00:46:51,690
U bent Degene Die de macht heeft.

765
00:46:51,690 --> 00:46:55,470
U bent Degene Die voor
eeuwig de heerlijkheid heeft.

766
00:46:55,470 --> 00:47:00,270
Ik denk dat ik me nergens zorgen over
hoef te maken, want U hebt alles.’

767
00:47:00,270 --> 00:47:02,430
Zo hoort gebed dus te zijn.

768
00:47:02,430 --> 00:47:06,690
Sommige van deze Psalmen zijn heel
kort, maar we zien deze ommekeer erin.

769
00:47:06,690 --> 00:47:10,110
Ik geloof dat dit het beginsel
illustreert dat we in gebed

770
00:47:10,110 --> 00:47:14,550
werkelijk van onze lasten bevrijd kunnen
worden, zoals dat in deze Psalmen gebeurt.

771
00:47:14,550 --> 00:47:18,090
We slaan Psalm 6 over, omdat we
die al behandeld hebben als een

772
00:47:18,090 --> 00:47:19,710
van die boetepsalmen.

773
00:47:19,710 --> 00:47:24,570
We gaan verder met hoofdstuk 7, dat
in wezen een roep om gerechtigheid is.

774
00:47:24,570 --> 00:47:29,430
Er is ons soms gezegd dat we geen
gerechtigheid willen, maar barmhartigheid.

775
00:47:29,430 --> 00:47:31,230
In zekere zin is dat waar.

776
00:47:31,230 --> 00:47:34,290
We willen niet dat God ons geeft
wat we zonder meer verdienen,

777
00:47:34,290 --> 00:47:36,870
want we verdienen het
om naar de hel te gaan.

778
00:47:36,870 --> 00:47:39,930
In die zin hebben we werkelijk
Zijn barmhartigheid nodig

779
00:47:39,930 --> 00:47:41,970
in plaats van Zijn gerechtigheid.

780
00:47:41,970 --> 00:47:46,110
Aan de andere kant zijn er in bepaalde
situaties momenten waarop wij rechtvaardig

781
00:47:46,110 --> 00:47:48,750
zijn, waarop we niets
verkeerds hebben gedaan

782
00:47:48,750 --> 00:47:52,770
en toch door iemand worden
onderdrukt, gekweld of mishandeld,

783
00:47:52,770 --> 00:47:55,770
ondanks het feit dat we niets
verkeerds hebben gedaan.

784
00:47:55,770 --> 00:47:59,550
Op zulke momenten verlangen we
ernaar dat er recht wordt gedaan.

785
00:47:59,550 --> 00:48:03,810
Niet dat er volstrekte gerechtigheid aan
ons wordt voltrokken en dat ons elke zonde

786
00:48:03,810 --> 00:48:06,030
wordt vergolden naar wat die waard is.

787
00:48:06,030 --> 00:48:09,330
Want zoals ik al zei, we zouden
vernietigd worden als God

788
00:48:09,330 --> 00:48:11,490
de zonden in rekening zou brengen.

789
00:48:11,490 --> 00:48:13,830
Wie zou standhouden zegt de Bijbel.

790
00:48:13,830 --> 00:48:17,790
Maar het punt is dat er momenten
en situaties zijn waarin onze

791
00:48:17,790 --> 00:48:21,330
specifieke omstandigheden door
onrecht worden veroorzaakt,

792
00:48:21,330 --> 00:48:24,510
en wij niet degenen zijn die
onrechtvaardig zijn geweest.

793
00:48:24,510 --> 00:48:26,910
Wanneer iemand een zaak
voor de rechter brengt,

794
00:48:26,910 --> 00:48:30,270
doet hij dat omdat hij gelooft
dat hij in zijn recht staat.

795
00:48:30,270 --> 00:48:34,230
Hij wil dat de rechter hem in het gelijk
stelt tegenover degene die volgens

796
00:48:34,230 --> 00:48:35,850
hem ongelijk heeft.

797
00:48:35,850 --> 00:48:40,290
Hij wil dat er recht wordt gedaan, omdat
het recht in zijn voordeel zal uitvallen.

798
00:48:40,290 --> 00:48:42,750
Dat is waar deze Psalm om draait.

799
00:48:42,750 --> 00:48:46,110
Deze Psalm, en vele
andere die erop lijken,

800
00:48:46,110 --> 00:48:50,970
is een roep om gerechtigheid van iemand
die het gevoel heeft dat hij in deze zaak

801
00:48:50,970 --> 00:48:55,050
niets verkeerds heeft gedaan,
maar toch veel heeft geleden.

802
00:48:55,050 --> 00:48:59,790
Hij vraagt God om de zaak te beoordelen,
hem in het gelijk te stellen en

803
00:48:59,790 --> 00:49:02,790
recht te doen in de zaak
tegen degenen die hem kwellen.

804
00:49:02,790 --> 00:49:04,290
Zo gaat hij:

805
00:49:04,290 --> 00:49:08,250
HEERE, mijn God, tot U
neem ik de toevlucht,

806
00:49:08,250 --> 00:49:11,670
verlos mij van al mijn
vervolgers en red mij.

807
00:49:11,670 --> 00:49:15,750
Anders verscheuren zij mijn ziel
als een leeuw, slepen zij mij weg,

808
00:49:15,750 --> 00:49:18,030
terwijl er niemand is die redt.

809
00:49:18,030 --> 00:49:23,130
HEERE, mijn God, als ik dát gedaan heb,
als er onrecht aan mijn handen kleeft,

810
00:49:23,130 --> 00:49:26,611
als ik iemand kwaad vergolden
heb die vrede met mij had —

811
00:49:26,611 --> 00:49:29,970
wie mij zonder reden
benauwde, heb ik juist gered!

812
00:49:29,970 --> 00:49:33,210
— dan mag de vijand mij
vervolgen, achterhalen,

813
00:49:33,210 --> 00:49:38,550
mijn leven op de grond vertrappen en
mijn eer in het stof doen wonen! Sela

814
00:49:38,550 --> 00:49:45,270
Sta op, HEERE, in Uw toorn, verhef U tegen
de verbolgenheid van wie mij benauwen,

815
00:49:45,270 --> 00:49:49,230
ontwaak ter wille van mij;
U hebt het recht ingesteld.

816
00:49:49,230 --> 00:49:54,510
De gemeenschap van volken zal U omringen,
neem dan weer plaats hoog boven hen.

817
00:49:54,510 --> 00:49:57,390
De HEERE zal over de volken rechtspreken.

818
00:49:57,390 --> 00:50:02,430
Doe mij recht, HEERE, want ik ben
rechtvaardig en oprechtheid is bij mij.

819
00:50:02,430 --> 00:50:05,730
Laat er toch een einde komen aan
de slechtheid van de goddelozen,

820
00:50:05,730 --> 00:50:09,630
maar doe de rechtvaardige
standhouden, o rechtvaardige God,

821
00:50:09,630 --> 00:50:11,850
Die harten en nieren beproeft.

822
00:50:11,850 --> 00:50:15,750
Met het Engelse woord ‘reins’
worden de nieren bedoeld.

823
00:50:15,750 --> 00:50:19,650
Men dacht dat daar de motieven en
de diepste denkprocessen zetelden.

824
00:50:19,650 --> 00:50:23,310
Mijn schild is bij God, Die
de oprechten van hart verlost.

825
00:50:23,310 --> 00:50:27,630
God is een rechtvaardige Rechter,
een God Die iedere dag toornt.

826
00:50:27,630 --> 00:50:31,830
Als men zich niet bekeert, dan zal
Hij Zijn zwaard scherpen, Zijn boog

827
00:50:31,830 --> 00:50:33,510
spannen, en aanleggen.

828
00:50:33,510 --> 00:50:36,390
Hij heeft dodelijke wapens
voor Zich gereedgemaakt,

829
00:50:36,390 --> 00:50:39,570
Hij richt Zijn pijlen op
de felle achtervolgers.

830
00:50:39,570 --> 00:50:45,030
Zie, hij heeft weeën van onrecht en is
zwanger van kwaad, hij zal leugen baren.

831
00:50:45,030 --> 00:50:47,910
Hij heeft een kuil gedolven
en die uitgegraven,

832
00:50:47,910 --> 00:50:51,330
maar hij is gevallen in het
graf dat hij zelf gemaakt heeft.

833
00:50:51,330 --> 00:50:54,090
Zijn moeite zal op zijn
eigen hoofd terugkeren,

834
00:50:54,090 --> 00:50:57,090
zijn geweld op zijn
eigen schedel neerdalen.

835
00:50:57,090 --> 00:51:01,230
Het Engelse woord ‘pate’
betekent hier ‘schedel’.

836
00:51:01,230 --> 00:51:03,810
Ik zal de HEERE loven
om Zijn gerechtigheid,

837
00:51:03,810 --> 00:51:08,070
en voor de Naam van de HEERE,
de Allerhoogste, psalmen zingen.

838
00:51:08,070 --> 00:51:11,550
Je ziet dat het van begin tot
eind gaat over het oordeel,

839
00:51:11,550 --> 00:51:14,130
oordelen en in het gelijk stellen.

840
00:51:14,130 --> 00:51:19,410
Aan het begin, in de eerste vijf verzen,
zet hij in wezen zijn eigen zaak uiteen:

841
00:51:19,410 --> 00:51:21,510
hij heeft niets verkeerds gedaan.

842
00:51:21,510 --> 00:51:23,850
Iets later benadrukt hij dat ook.

843
00:51:23,850 --> 00:51:29,370
In vers 3 doet hij een soort uitspraak
die lijkt op wat Job had gezegd. Job zei:

844
00:51:29,370 --> 00:51:33,810
Als ik met leugens heb omgegaan, en mijn
voet zich gehaast heeft naar bedrog,

845
00:51:33,810 --> 00:51:36,990
laat Hij mij dan wegen in
een zuivere weegschaal,

846
00:51:36,990 --> 00:51:39,510
en God zal mijn oprechtheid weten.

847
00:51:39,510 --> 00:51:42,030
Als mijn schreden van
de weg zijn afgeweken,

848
00:51:42,030 --> 00:51:46,170
en mijn hart mijn ogen gevolgd is,
en er iets aan mijn handen kleeft,

849
00:51:46,170 --> 00:51:50,430
dan mag ik zaaien, maar een ander
eten, en wat bij mij uitspruit,

850
00:51:50,430 --> 00:51:51,570
mag ontworteld worden!

851
00:51:51,570 --> 00:51:55,471
Als mijn hart verleid is geweest
om naar een andere vrouw te gaan ,

852
00:51:55,471 --> 00:51:58,650
of als ik geloerd heb aan
de deur van mijn naaste,

853
00:51:58,650 --> 00:52:01,470
laat mijn vrouw dan koren
malen voor een ander,

854
00:52:01,470 --> 00:52:04,410
en laten anderen zich
over haar heenbuigen!

855
00:52:04,410 --> 00:52:05,610
enzovoort.

856
00:52:05,610 --> 00:52:08,730
Hier zegt hij in wezen
hetzelfde. Hij zegt:

857
00:52:08,730 --> 00:52:14,130
HEERE, mijn God, als ik dát gedaan heb,
als er onrecht aan mijn handen kleeft,

858
00:52:14,130 --> 00:52:17,971
als ik iemand kwaad vergolden
heb die vrede met mij had —

859
00:52:17,971 --> 00:52:21,330
wie mij zonder reden
benauwde, heb ik juist gered!

860
00:52:21,330 --> 00:52:24,510
— dan mag de vijand mij
vervolgen, achterhalen,

861
00:52:24,510 --> 00:52:30,090
mijn leven op de grond vertrappen en
mijn eer in het stof doen wonen! Sela

862
00:52:30,090 --> 00:52:31,650
Of liever gezegd:

863
00:52:31,650 --> 00:52:36,390
Als ik dit heb gedaan, als ik
iets slechts op mijn geweten heb…

864
00:52:36,390 --> 00:52:40,110
En dan volgt het tweede
deel hiervan, in vers 5:

865
00:52:40,110 --> 00:52:43,590
Laat de vijand mij dan
achtervolgen en grijpen.

866
00:52:43,590 --> 00:52:48,270
Laat hij mijn leven op de grond
vertrappen en mijn eer in het stof leggen.

867
00:52:48,270 --> 00:52:52,350
Wat hij in wezen zegt, is dat
de vijand dit inderdaad doet,

868
00:52:52,350 --> 00:52:54,690
hoewel hij het niet lijkt te verdienen.

869
00:52:54,690 --> 00:52:57,270
Hij heeft deze dingen niet gedaan.

870
00:52:57,270 --> 00:53:00,990
Sterker nog, tussen haakjes zegt
hij dat hij niet alleen geen

871
00:53:00,990 --> 00:53:05,670
kwaad met kwaad heeft vergolden, maar dat
hij zelfs goed heeft gedaan aan degenen

872
00:53:05,670 --> 00:53:07,470
die kwaad hebben gedaan.

873
00:53:07,470 --> 00:53:10,410
Hij moet daar natuurlijk
aan Saul hebben gedacht.

874
00:53:10,410 --> 00:53:14,550
Saul vervolgde hem, en David kreeg
tweemaal de gelegenheid om hem te

875
00:53:14,550 --> 00:53:17,430
vernietigen, maar spaarde zijn leven.

876
00:53:17,430 --> 00:53:21,690
Ik weet zeker dat hij daaraan dacht
bij die opmerking tussen haakjes:

877
00:53:21,690 --> 00:53:26,070
Ja, ik heb zelfs iemand gered
die zonder reden mijn vijand is.

878
00:53:26,070 --> 00:53:28,590
Saul was zonder reden Davids vijand.

879
00:53:28,590 --> 00:53:33,510
Trouwens, ik heb dit niet genoemd, maar in
het opschrift staat dat dit een Sjiggajon

880
00:53:33,510 --> 00:53:36,690
van David is, die hij voor de HEERE zong

881
00:53:36,690 --> 00:53:39,810
naar aanleiding van de woorden
van de Benjaminiet Kus.

882
00:53:39,810 --> 00:53:44,490
Ik weet niet wie de Benjaminiet Kus
was, en volgens mij weet niemand dat.

883
00:53:44,490 --> 00:53:49,290
Maar het punt is dat het mogelijk een
andere naam van Saul kan zijn geweest,

884
00:53:49,290 --> 00:53:51,930
want Saul was een Benjaminiet.

885
00:53:51,930 --> 00:53:54,150
Saul kwam uit de stam Benjamin.

886
00:53:54,150 --> 00:53:58,410
Maar het kan ook zijn dat Kus een
familielid van Saul was dat David

887
00:53:58,410 --> 00:54:00,630
eveneens probeerde te vervolgen.

888
00:54:00,630 --> 00:54:04,650
Maar David denkt hier beslist
aan Saul wanneer hij zegt:

889
00:54:04,650 --> 00:54:08,790
Ik heb iemand gered die
zonder reden mijn vijand was.

890
00:54:08,790 --> 00:54:13,530
Hij zegt in wezen: „Deze dingen zouden mij
moeten overkomen als ik ongerechtigheid

891
00:54:13,530 --> 00:54:16,950
heb bedreven en als ik degenen
die mij goed hebben gedaan met

892
00:54:16,950 --> 00:54:18,750
kwaad heb vergolden.

893
00:54:18,750 --> 00:54:20,670
Maar dat heb ik niet gedaan.

894
00:54:20,670 --> 00:54:25,710
Daarom heb ik alle reden om te hopen dat
wanneer God Zijn gerechtigheid toont,

895
00:54:25,710 --> 00:54:29,130
duidelijk zal blijken dat
mij niets te verwijten valt.”

896
00:54:29,130 --> 00:54:35,190
Dus roept hij God in vers 6 daadwerkelijk
op om Zijn toorn tegen de zonde te tonen

897
00:54:35,190 --> 00:54:38,910
en, aan het einde van vers 6, te oordelen:

898
00:54:38,910 --> 00:54:44,730
Sta op, HEERE, in Uw toorn, verhef U tegen
de verbolgenheid van wie mij benauwen,

899
00:54:44,730 --> 00:54:48,810
ontwaak ter wille van mij;
U hebt het recht ingesteld.

900
00:54:48,810 --> 00:54:52,530
Het is waar dat veel mensen zich
niet tot God aangetrokken voelen,

901
00:54:52,530 --> 00:54:56,010
omdat ze Hem niet zien doen
wat zij rechtvaardig vinden.

902
00:54:56,010 --> 00:55:01,050
Ze zeggen: „Als God werkelijk bestaat,
waarom laat Hij mensen dan naar de hel

903
00:55:01,050 --> 00:55:03,030
gaan en eeuwig branden?”

904
00:55:03,030 --> 00:55:04,710
Dat vinden ze niet rechtvaardig.

905
00:55:04,710 --> 00:55:08,790
Ze zeggen: „Als God werkelijk
een God van liefde is,

906
00:55:08,790 --> 00:55:12,690
waarom laat Hij dan misvormde
baby’s geboren worden?

907
00:55:12,690 --> 00:55:15,330
Waarom laat Hij kindermishandeling toe?

908
00:55:15,330 --> 00:55:18,930
Waarom laat Hij hongersnood
in Ethiopië toe?

909
00:55:18,930 --> 00:55:22,830
Waarom laat Hij dit,
dat of iets anders toe?

910
00:55:22,830 --> 00:55:26,850
Waarom liet Hij deze persoon
bij dit ongeluk omkomen,

911
00:55:26,850 --> 00:55:29,550
terwijl die niets verkeerds had gedaan?”

912
00:55:29,550 --> 00:55:32,490
Mensen beschouwen God als onrechtvaardig.

913
00:55:32,490 --> 00:55:36,090
Ze zien het niet duidelijk,
want God is rechtvaardig.

914
00:55:36,090 --> 00:55:39,270
Maar omdat ze Zijn
gerechtigheid niet begrijpen,

915
00:55:39,270 --> 00:55:42,030
worden sommigen door God afgestoten.

916
00:55:42,030 --> 00:55:46,470
Ze zien niet waarom God rechtvaardig
is en voelen zich daarom niet

917
00:55:46,470 --> 00:55:48,390
tot Hem aangetrokken.

918
00:55:48,390 --> 00:55:52,290
Maar David zegt: „Toon Uw gerechtigheid.

919
00:55:52,290 --> 00:55:57,630
Doe wat duidelijk rechtvaardig is,
en de mensen zullen naar U toe komen.

920
00:55:57,630 --> 00:56:00,330
Ze zullen zich rondom U verzamelen.

921
00:56:00,330 --> 00:56:03,450
Ze zullen zich tot U aangetrokken voelen.”

922
00:56:03,450 --> 00:56:08,070
God is natuurlijk niet verplicht om ons
te laten zien hoe rechtvaardig Hij is.

923
00:56:08,070 --> 00:56:10,830
Wij moeten dat in geloof aannemen.

924
00:56:10,830 --> 00:56:15,630
Als er iets gebeurt en we niet begrijpen
waarom dat eerlijk of rechtvaardig is,

925
00:56:15,630 --> 00:56:20,310
moeten we vaak eenvoudig geloven dat
Gods gerechtigheid er op de een of andere

926
00:56:20,310 --> 00:56:25,170
manier achter zit, dat Zijn
wegen hoger zijn dan onze wegen

927
00:56:25,170 --> 00:56:27,750
en dat we het op een dag zullen begrijpen.

928
00:56:27,750 --> 00:56:30,630
Misschien begrijpen we
het in de tussentijd niet.

929
00:56:30,630 --> 00:56:34,830
Maar het blijft een feit dat wanneer
blijkt dat God rechtvaardig is

930
00:56:34,830 --> 00:56:36,990
en dat Hij doet wat rechtvaardig is,

931
00:56:36,990 --> 00:56:40,830
het voor de gemiddelde mens veel
gemakkelijker is om zich tot

932
00:56:40,830 --> 00:56:44,130
Hem aangetrokken te voelen
en Hem te vertrouwen.

933
00:56:44,130 --> 00:56:46,470
Dus zegt hij in vers 8:

934
00:56:46,470 --> 00:56:49,830
De HEERE zal over de volken rechtspreken.

935
00:56:49,830 --> 00:56:55,290
Doe mij recht, HEERE, want ik ben
rechtvaardig en oprechtheid is bij mij.

936
00:56:55,290 --> 00:57:00,570
Naar aanleiding van het Engelse „judge me”
merkt de spreker op dat we God maar zelden

937
00:57:00,570 --> 00:57:04,650
zouden willen vragen om ons
in absolute zin te oordelen,

938
00:57:04,650 --> 00:57:07,050
want gewoonlijk willen we dat Hij ons

939
00:57:07,050 --> 00:57:10,230
barmhartigheid betoont in
plaats van gerechtigheid.

940
00:57:10,230 --> 00:57:16,530
De HSV maakt de contextuele betekenis
explicieter met „Doe mij recht”.

941
00:57:16,530 --> 00:57:21,210
Maar ook hier zegt de psalmist: „Ik
word zonder enige reden vervolgd.

942
00:57:21,210 --> 00:57:23,970
Ik zou mijn zaak graag
voor de rechter brengen.

943
00:57:23,970 --> 00:57:28,230
Ik zou graag willen dat God
over deze zaak oordeelt.”

944
00:57:28,230 --> 00:57:32,250
Hij is er volkomen zeker van
dat hij er goed vanaf zal komen.

945
00:57:32,250 --> 00:57:34,050
Hij zegt in vers 10:

946
00:57:34,050 --> 00:57:38,130
Mijn schild is bij God, Die
de oprechten van hart verlost.

947
00:57:38,130 --> 00:57:40,230
In vers 9 had hij gezegd:

948
00:57:40,230 --> 00:57:43,590
Laat er toch een einde komen aan
de slechtheid van de goddelozen,

949
00:57:43,590 --> 00:57:47,790
maar doe de rechtvaardige
standhouden, o rechtvaardige God,

950
00:57:47,790 --> 00:57:50,370
Die harten en nieren beproeft.

951
00:57:50,370 --> 00:57:52,950
Dat wil zeggen dat Hij de motieven en

952
00:57:52,950 --> 00:57:56,310
innerlijke gedachten van
mensen beproeft en onderzoekt.

953
00:57:56,310 --> 00:58:00,450
Hij is er volkomen zeker van
dat God de zaak zal onderzoeken.

954
00:58:00,450 --> 00:58:03,991
Dan zal degene die hem op dat
moment moeilijkheden bezorgde —

955
00:58:03,991 --> 00:58:09,210
Saul of de Benjaminiet Kus — veroordeeld
worden en David gerechtvaardigd,

956
00:58:09,210 --> 00:58:13,590
want hij zegt dat God elke dag
vertoornd is op de goddelozen.

957
00:58:13,590 --> 00:58:17,250
In vers 11 en de
daaropvolgende verzen staat:

958
00:58:17,250 --> 00:58:22,110
God is een rechtvaardige Rechter,
een God Die iedere dag toornt.

959
00:58:22,110 --> 00:58:27,450
Er wordt dus gezegd dat God gereedstaat om
de goddelozen, de vervolgers, te oordelen.

960
00:58:27,450 --> 00:58:31,650
Wanneer we denken aan de christenen die
tegenwoordig in Rusland lijden, denken we:

961
00:58:31,650 --> 00:58:35,190
„Hoelang nog, Heere, voordat
U in die situatie recht doet?

962
00:58:35,190 --> 00:58:37,290
Waarom lijden de christenen daar?

963
00:58:37,290 --> 00:58:39,990
Wanneer gaat U de vervolgers oordelen?”

964
00:58:39,990 --> 00:58:44,490
God heeft ons geen antwoord gegeven
op de vraag wanneer Hij dat gaat doen.

965
00:58:44,490 --> 00:58:48,810
Maar één ding zegt de Schrift
wel: Zijn boog is gespannen.

966
00:58:48,810 --> 00:58:51,090
Hij heeft Zijn pijl al gericht.

967
00:58:51,090 --> 00:58:55,410
Iedereen die in opstand tegen
God leeft en Gods volk vervolgt,

968
00:58:55,410 --> 00:58:58,110
is een doelwit waarop God kan schieten.

969
00:58:58,110 --> 00:59:02,071
Iemand zei eens — ik weet niet
meer precies hoe het luidde —:

970
00:59:02,071 --> 00:59:06,180
„Wie zijn vader en moeder onteert,
loopt waar al Gods pijlen vliegen”,

971
00:59:06,180 --> 00:59:08,310
of iets van dien aard.

972
00:59:08,310 --> 00:59:12,450
Het is het beeld van iemand die
de geboden van God overtreedt.

973
00:59:12,450 --> 00:59:15,690
Het is alsof hij dwars door het
midden van een slagveld loopt,

974
00:59:15,690 --> 00:59:20,430
waar Gods pijlen rondvliegen, en hij
zal onvermijdelijk geraakt worden.

975
00:59:20,430 --> 00:59:24,571
God schiet inderdaad pijlen —
natuurlijk geen letterlijke pijlen —

976
00:59:24,571 --> 00:59:27,510
maar Hij brengt het
oordeel over de goddelozen.

977
00:59:27,510 --> 00:59:31,170
Hoewel de vervolgers op het moment
dat deze psalm geschreven wordt

978
00:59:31,170 --> 00:59:35,670
nog steeds actief zijn, is
David er volkomen van overtuigd.

979
00:59:35,670 --> 00:59:39,570
Hij kan in de Geest zien dat
God Zijn pijl gericht heeft

980
00:59:39,570 --> 00:59:44,610
en dat Zijn boog gespannen is, klaar om
de pijlen op de vervolgers af te schieten.

981
00:59:44,610 --> 00:59:46,770
God houdt Zich echter zeer in.

982
00:59:46,770 --> 00:59:50,910
Als wij een boog vasthielden — ik weet
niet hoeveel pond trekkracht een goede

983
00:59:50,910 --> 00:59:55,170
boog heeft — zou onze arm misschien
beginnen te trillen als we hem te lang

984
00:59:55,170 --> 00:59:59,250
gespannen hielden, omdat wij ons
niet zo lang zouden kunnen beheersen.

985
00:59:59,250 --> 01:00:02,610
We zouden geneigd zijn de
pijl gewoon te laten vliegen.

986
01:00:02,610 --> 01:00:06,690
Maar God beheerst Zich
volkomen, Hij is zeer sterk,

987
01:00:06,690 --> 01:00:09,810
en Hij kan Zijn boog lange
tijd gespannen houden.

988
01:00:09,810 --> 01:00:14,970
Maar als de man zich niet omkeert —
als de goddeloze man zich niet omkeert,

989
01:00:14,970 --> 01:00:17,970
zoals hij in vers 12 zegt — dan zal God

990
01:00:17,970 --> 01:00:21,930
Zijn zwaard scherpen en Zijn
pijlen op die man afschieten.

991
01:00:21,930 --> 01:00:25,770
God geeft zondaars dus een
kans om zich om te keren.

992
01:00:25,770 --> 01:00:28,170
Dat is waar het daar helemaal om gaat.

993
01:00:28,170 --> 01:00:32,490
De reden waarom Hij nog geen oordeel over
de communistische leiders heeft gebracht,

994
01:00:32,490 --> 01:00:38,910
althans niet over hen allemaal, is dat Hij
hun een kans geeft om zich om te keren.

995
01:00:38,910 --> 01:00:42,570
Als ze zich niet omkeren, zullen
ze door Zijn schot vallen,

996
01:00:42,570 --> 01:00:45,870
want Hij is elke dag
vertoornd op de goddelozen.

997
01:00:45,870 --> 01:00:51,090
Het is goed om te weten dat God net zo
vertoornd is op de goddelozen als wij.

998
01:00:51,090 --> 01:00:55,170
Soms lijkt het alsof Hij voorbijgaat
aan het feit dat goddeloze mensen vrij

999
01:00:55,170 --> 01:00:58,710
rondlopen, dat niemand hun
iets in de weg lijkt te leggen

1000
01:00:58,710 --> 01:01:01,410
en dat ze overal mee weg lijken te komen.

1001
01:01:01,410 --> 01:01:05,070
Maar we weten tenminste dat
God vertoornd op hen is.

1002
01:01:05,070 --> 01:01:08,550
Hij heeft Zijn toorn echter veel
beter onder controle dan wij.

1003
01:01:08,550 --> 01:01:12,450
Hoewel Hij alle wapens heeft die nodig
zijn om hen uit te roeien en Zijn toorn

1004
01:01:12,450 --> 01:01:16,950
tegen hen brandt, beheerst Hij Zich toch
zo volkomen dat Hij hun de gelegenheid

1005
01:01:16,950 --> 01:01:18,870
geeft om zich om te keren.

1006
01:01:18,870 --> 01:01:22,230
Maar als ze dat niet doen,
betekent dat hun einde.

1007
01:01:22,230 --> 01:01:23,670
Wanneer er staat:

1008
01:01:23,670 --> 01:01:29,250
Zie, hij heeft weeën van onrecht en is
zwanger van kwaad, hij zal leugen baren.

1009
01:01:29,250 --> 01:01:32,490
Hij heeft een kuil gedolven
en die uitgegraven,

1010
01:01:32,490 --> 01:01:36,210
maar hij is gevallen in het
graf dat hij zelf gemaakt heeft.

1011
01:01:36,210 --> 01:01:38,910
Zijn moeite zal op zijn
eigen hoofd terugkeren,

1012
01:01:38,910 --> 01:01:42,090
zijn geweld op zijn
eigen schedel neerdalen.

1013
01:01:42,090 --> 01:01:47,910
dan gaat het vervolgens over de goddeloze
man, de vervolger, en niet over God.

1014
01:01:47,910 --> 01:01:53,550
„Travaileth with iniquity” betekent dat de
goddeloze man slechte dingen voortbrengt.

1015
01:01:53,550 --> 01:01:58,450
Zoals een vrouw barensweeën heeft —
daar wordt met „travail” naar verwezen —

1016
01:01:58,450 --> 01:02:03,570
en een baby ter wereld brengt, zo heeft
een goddeloze man barensweeën en brengt

1017
01:02:03,570 --> 01:02:08,490
hij goddeloze dingen, oftewel
ongerechtigheid, voort.

1018
01:02:08,490 --> 01:02:12,690
Wetteloosheid is wat
ongerechtigheid werkelijk betekent.

1019
01:02:12,690 --> 01:02:17,250
De man is zwanger geworden van
onheil en heeft leugen voortgebracht.

1020
01:02:17,250 --> 01:02:20,430
Het beeld is dat van
iemand die een kind baart.

1021
01:02:20,430 --> 01:02:26,190
Maar het kind dat de goddeloze man
baart, is goddeloosheid, leugen,

1022
01:02:26,190 --> 01:02:28,710
wetteloosheid en onheil.

1023
01:02:28,710 --> 01:02:34,950
In de verzen 15 en 16 staat dat de val die
de man heeft gezet, hemzelf zal vangen.

1024
01:02:34,950 --> 01:02:39,270
Dit beginsel is ook elders te
vinden, bijvoorbeeld in Spreuken,

1025
01:02:39,270 --> 01:02:41,910
maar ook in Psalmen en op andere plaatsen.

1026
01:02:41,910 --> 01:02:45,930
Het wordt zelfs uitgebeeld in
sommige verhalen in de Schrift:

1027
01:02:45,930 --> 01:02:50,490
mannen die vallen voor anderen hebben
gezet en er zelf in zijn gevallen.

1028
01:02:50,490 --> 01:02:56,010
Het opvallendste geval dat bij mij opkomt,
is Haman in het verhaal van Esther.

1029
01:02:56,010 --> 01:02:59,430
Hij probeerde Mordechai te
vernietigen en bouwde zelfs een

1030
01:02:59,430 --> 01:03:01,530
galg om hem aan op te hangen.

1031
01:03:01,530 --> 01:03:05,130
Maar naarmate de gebeurtenissen
in het verhaal zich ontvouwden,

1032
01:03:05,130 --> 01:03:10,590
werd Haman aan zijn eigen galg gehangen,
die hij voor Mordechai had opgericht.

1033
01:03:10,590 --> 01:03:15,630
Mordechai was een rechtvaardige
man en Haman was een goddeloze man.

1034
01:03:15,630 --> 01:03:19,710
Aan precies die galg die hij had
klaargemaakt om Mordechai aan op te

1035
01:03:19,710 --> 01:03:22,170
hangen, werd hij zelf opgehangen.

1036
01:03:22,170 --> 01:03:25,410
Hij viel bij wijze van
spreken in zijn eigen kuil.

1037
01:03:25,410 --> 01:03:28,590
Waarschijnlijk was het
belangrijkste voorbeeld hiervan dat

1038
01:03:28,590 --> 01:03:32,250
satan probeerde Jezus door middel
van het kruis te vernietigen.

1039
01:03:32,250 --> 01:03:36,810
Toen satan probeerde een einde aan
Jezus te maken door Hem te kruisigen,

1040
01:03:36,810 --> 01:03:40,170
heeft hij uiteindelijk in
feite zichzelf opgehangen.

1041
01:03:40,170 --> 01:03:44,250
Hij verbrijzelde zijn eigen kop
toen hij Jezus’ hiel doorboorde.

1042
01:03:44,250 --> 01:03:49,110
Hij verwondde Jezus’ hiel, maar daarbij
werd zijn eigen kop verbrijzeld.

1043
01:03:49,110 --> 01:03:53,730
De goddeloze man zet dus vallen, maar
uiteindelijk valt hij er zelf in.

1044
01:03:53,730 --> 01:03:58,650
De val die satan zette en de poging die
hij deed om Jezus en het Koninkrijk van

1045
01:03:58,650 --> 01:04:02,610
God te vernietigen, waren waarschijnlijk
het rampzaligste voor satan

1046
01:04:02,610 --> 01:04:04,710
wat je je maar kunt voorstellen.

1047
01:04:04,710 --> 01:04:07,830
Het is het opvallendste
voorbeeld van dit beginsel.

1048
01:04:07,830 --> 01:04:08,970
Er staat:

1049
01:04:08,970 --> 01:04:11,910
Hij groef een kuil en
maakte hem diep, maar

1050
01:04:11,910 --> 01:04:14,310
viel zelf in de kuil die hij had gemaakt.

1051
01:04:14,310 --> 01:04:18,390
Zijn kwaad komt op zijn eigen hoofd
neer en zijn geweld krijgt hij zelf te

1052
01:04:18,390 --> 01:04:21,390
verduren, oftewel op zijn eigen schedel.

1053
01:04:21,390 --> 01:04:25,770
Het beeld hier is natuurlijk dat God
niet eens altijd hoeft te oordelen.

1054
01:04:25,770 --> 01:04:28,710
God hoeft niet specifiek
een oordeel te zenden,

1055
01:04:28,710 --> 01:04:34,050
want een leven vol onheil en geweld leidt
als vanzelf tot de ondergang van degene

1056
01:04:34,050 --> 01:04:35,310
die zo leeft.

1057
01:04:35,310 --> 01:04:39,870
Zoals Jezus zei over iemand die
een gewelddadig leven leidt:

1058
01:04:39,870 --> 01:04:44,610
Toen zei Jezus tegen hem: Doe
uw zwaard terug op zijn plaats,

1059
01:04:44,610 --> 01:04:49,110
want allen die naar het zwaard grijpen,
zullen door het zwaard omkomen.

1060
01:04:49,110 --> 01:04:53,010
Het komt niet altijd doordat
God rechtstreeks in de situatie

1061
01:04:53,010 --> 01:04:57,510
ingrijpt om een oordeel te zenden, hoewel
we het volgens mij altijd zo zouden kunnen

1062
01:04:57,510 --> 01:05:01,170
zien, hetzij rechtstreeks,
hetzij indirect.

1063
01:05:01,170 --> 01:05:03,330
Maar wat hier volgens mij wordt gezegd,

1064
01:05:03,330 --> 01:05:08,010
is dat die schadelijke levenswijzen op
zichzelf al betekenen dat je gevaarlijk

1065
01:05:08,010 --> 01:05:10,470
leeft. Je loopt risico.

1066
01:05:10,470 --> 01:05:14,250
Als je in zonde leeft, kunnen
bepaalde dingen je overkomen,

1067
01:05:14,250 --> 01:05:19,230
enkel en alleen vanwege je zonden,
of God die nu wel of niet zendt.

1068
01:05:19,230 --> 01:05:23,790
Als je homoseksueel bent en op dat
gebied de wetten van God overtreedt,

1069
01:05:23,790 --> 01:05:25,470
kun je aids krijgen.

1070
01:05:25,470 --> 01:05:28,290
Je oogst eenvoudigweg wat je hebt gezaaid.

1071
01:05:28,290 --> 01:05:31,650
Het kan in algemene zin
een oordeel van God zijn,

1072
01:05:31,650 --> 01:05:35,730
maar het kan ook gewoon worden gezien
als het natuurlijke gevolg van het

1073
01:05:35,730 --> 01:05:38,010
overtreden van Gods wijze wetten.

1074
01:05:38,010 --> 01:05:41,430
Het komt op zijn eigen
hoofd neer. Hij zegt:

1075
01:05:41,430 --> 01:05:44,370
Ik zal de HEERE loven
om Zijn gerechtigheid,

1076
01:05:44,370 --> 01:05:49,050
en voor de Naam van de HEERE,
de Allerhoogste, psalmen zingen.

1077
01:05:49,050 --> 01:05:53,250
We gaan nu verder met Psalm
8, een heel belangrijke psalm.

1078
01:05:53,250 --> 01:05:55,650
Er worden maar enkele
gedachten in verwoord,

1079
01:05:55,650 --> 01:05:57,990
maar het zijn belangrijke gedachten.

1080
01:05:57,990 --> 01:06:00,630
Twee van de afzonderlijke
gedachten in deze psalm

1081
01:06:00,630 --> 01:06:04,470
worden zelfs in het Nieuwe
Testament herhaald en aangehaald.

1082
01:06:04,470 --> 01:06:06,510
Psalm 8 gaat als volgt:

1083
01:06:06,510 --> 01:06:08,250
HEERE, onze Heere,

1084
01:06:08,250 --> 01:06:11,910
Let nu op de twee schrijfwijzen
in de Engelse vertaling:

1085
01:06:11,910 --> 01:06:18,330
het eerste LORD staat volledig in
hoofdletters en geeft de Godsnaam JHWH

1086
01:06:18,330 --> 01:06:22,710
weer, die de spreker hier
als „Jehovah” uitspreekt.

1087
01:06:22,710 --> 01:06:28,530
Bij het tweede Lord staat alleen de L
als hoofdletter; dit geeft Adonai weer.

1088
01:06:28,530 --> 01:06:31,230
De beste uitleg hiervan zou dus zijn:

1089
01:06:31,230 --> 01:06:33,240
O Jehovah, onze Meester,

1090
01:06:33,240 --> 01:06:38,910
want Adonai betekent meester, of
lord in die betekenis van het woord,

1091
01:06:38,910 --> 01:06:45,030
terwijl L-O-R-D, volledig in
hoofdletters, voor Jehovah staat.

1092
01:06:45,030 --> 01:06:46,350
Hij zegt dus:

1093
01:06:46,350 --> 01:06:49,950
maar wij zien Jezus met
heerlijkheid en eer gekroond,

1094
01:06:49,950 --> 01:06:53,250
Die voor korte tijd minder
dan de engelen geworden was,

1095
01:06:53,250 --> 01:06:57,090
vanwege het lijden van de dood,
opdat Hij door de genade van God

1096
01:06:57,090 --> 01:06:59,190
voor allen de dood zou proeven.

1097
01:06:59,190 --> 01:07:03,630
De psalm begint en eindigt
dus met dezelfde verklaring:

1098
01:07:03,630 --> 01:07:08,730
HEERE, onze Heere, hoe machtig
is Uw Naam op de hele aarde!

1099
01:07:08,730 --> 01:07:12,750
U Die Uw majesteit getoond
hebt boven de hemel.

1100
01:07:12,750 --> 01:07:18,330
Dit betekent óf dat de dingen die op aarde
plaatsvinden Zijn grote Naam verkondigen,

1101
01:07:18,330 --> 01:07:23,190
óf dat er eenvoudigweg wordt gezegd dat
Zijn Naam groter is dan iedere andere

1102
01:07:23,190 --> 01:07:25,350
naam die op aarde bekend is.

1103
01:07:25,350 --> 01:07:29,130
Op de hele aarde is er
geen voortreffelijker naam.

1104
01:07:29,130 --> 01:07:34,590
Hij denkt na over Gods voortreffelijkheid,
en in het bijzonder over het feit dat God

1105
01:07:34,590 --> 01:07:40,110
Zichzelf vernedert door zelfs aandacht te
schenken aan mensen en zelfs als het ware

1106
01:07:40,110 --> 01:07:42,630
baby’s en zuigelingen te gebruiken.

1107
01:07:42,630 --> 01:07:47,070
Let nu op de hoofdgedachte die David
er bij deze bijzondere gelegenheid toe

1108
01:07:47,070 --> 01:07:49,590
lijkt te hebben aangezet
om dit te schrijven.

1109
01:07:49,590 --> 01:07:53,670
Die wordt waarschijnlijk in vers 4
volgens de Engelse versnummering verwoord,

1110
01:07:53,670 --> 01:07:58,110
oftewel Psalmen 8:5 in de HSV:

1111
01:07:58,110 --> 01:08:02,490
wat is dan de sterveling, dat U
aan hem denkt, en de mensenzoon,

1112
01:08:02,490 --> 01:08:04,410
dat U naar hem omziet?

1113
01:08:04,410 --> 01:08:07,890
Met andere woorden, de
nietigheid van de mens.

1114
01:08:07,890 --> 01:08:13,290
Hij dacht hierover na toen hij de hemel,
de maan en de sterren aanschouwde.

1115
01:08:13,290 --> 01:08:17,850
Dit is bijna altijd wat er gebeurt wanneer
we op een sterrennacht naar buiten gaan en

1116
01:08:17,850 --> 01:08:22,230
even de tijd nemen om omhoog te
kijken en de sterren te zien.

1117
01:08:22,230 --> 01:08:25,110
Wanneer we dat niet als
vanzelfsprekend beschouwen,

1118
01:08:25,110 --> 01:08:28,650
maar gewoon omhoogkijken
en een minuut nadenken:

1119
01:08:28,650 --> 01:08:31,770
Wat ik zie, bevindt zich
volgens wetenschappers

1120
01:08:31,770 --> 01:08:37,770
miljarden kilometers ver weg — sommige van
die sterren zelfs miljarden lichtjaren.

1121
01:08:37,770 --> 01:08:41,190
Ik heb reden om aan sommige
van hun cijfers te twijfelen,

1122
01:08:41,190 --> 01:08:45,390
maar volgens mij is het wel duidelijk
genoeg dat sommige van die sterren

1123
01:08:45,390 --> 01:08:48,810
miljoenen en miljoenen
kilometers ver weg staan.

1124
01:08:48,810 --> 01:08:51,810
En misschien is het inderdaad
zo, zoals ze zeggen,

1125
01:08:51,810 --> 01:08:56,250
dat de hemel een doorsnede van
15 miljard lichtjaar heeft.

1126
01:08:56,250 --> 01:09:00,210
Je ziet al die sterren, en ons
wordt verteld dat veel daarvan

1127
01:09:00,210 --> 01:09:06,570
zo groot zijn als onze zon en dat onze zon
duizenden malen groter is dan de aarde.

1128
01:09:06,570 --> 01:09:10,950
Je denkt eraan hoe groot die dingen
zijn en toch hoe ver weg ze staan,

1129
01:09:10,950 --> 01:09:14,190
want ze fonkelen slechts als
kleine stipjes aan de hemel.

1130
01:09:14,190 --> 01:09:17,130
Je denkt aan heel die
uitgestrekte ruimte daarbuiten

1131
01:09:17,130 --> 01:09:21,510
en aan alles wat daar rondvliegt, en
je denkt: „Het is een groot heelal.”

1132
01:09:21,510 --> 01:09:26,010
Dan bedenk je dat God dat met één woord
heeft gemaakt en begin je na te denken

1133
01:09:26,010 --> 01:09:27,990
over de majesteit van God.

1134
01:09:27,990 --> 01:09:30,570
Opeens denk je: „Wat ben ik?

1135
01:09:30,570 --> 01:09:34,650
De aarde zelf is niets meer dan een
stofje, en als het erop aankomt,

1136
01:09:34,650 --> 01:09:38,550
ben ik werkelijk nog niet eens zo
groot als een atoom op een stofje.

1137
01:09:38,550 --> 01:09:41,910
Waarom zou God in hemelsnaam
aandacht aan mij schenken?

1138
01:09:41,910 --> 01:09:47,010
Wanneer Hij de hemel vervult en zelfs de
hemel der hemelen Hem niet kan bevatten,

1139
01:09:47,010 --> 01:09:52,050
zoals Salomo zei, waarom zou Hij dan ook
maar enige aandacht aan mij schenken?”

1140
01:09:52,050 --> 01:09:57,750
Dat is wat David zich afvraagt, en daarom
komt hij met deze woorden. Hij zegt:

1141
01:09:57,750 --> 01:10:00,330
Wat is de naam van de Heer toch geweldig!

1142
01:10:00,330 --> 01:10:04,410
God vernedert Zichzelf om met
de nietige mens om te gaan.

1143
01:10:04,410 --> 01:10:08,850
Hij heeft de mens zelfs verhoogd
en hem een gezagspositie gegeven.

1144
01:10:08,850 --> 01:10:11,490
Dat is iets wat David niet kan bevatten.

1145
01:10:11,490 --> 01:10:13,710
Wanneer hij in vers 2 zegt:

1146
01:10:13,710 --> 01:10:16,950
Uit de mond van kleine
kinderen en zuigelingen

1147
01:10:16,950 --> 01:10:21,270
hebt U een sterk fundament gelegd,
omwille van Uw tegenstanders,

1148
01:10:21,270 --> 01:10:24,750
om de vijand en wraakzuchtige
te laten ophouden.

1149
01:10:24,750 --> 01:10:29,010
dan doelen baby’s en zuigelingen
waarschijnlijk niet op echte kinderen,

1150
01:10:29,010 --> 01:10:30,510
al zou dat kunnen.

1151
01:10:30,510 --> 01:10:34,230
In wezen ziet hij de mens
opnieuw als heel klein.

1152
01:10:34,230 --> 01:10:38,910
Vergeleken met God zijn we als een baby
of een klein kind dat nog aan de borst

1153
01:10:38,910 --> 01:10:43,890
drinkt: volkomen hulpeloos,
volkomen klein en werkelijk

1154
01:10:43,890 --> 01:10:46,050
zonder ook maar iets te bieden.

1155
01:10:46,050 --> 01:10:50,610
Zo klein ziet hij zichzelf en de
mens wanneer hij de grote werken

1156
01:10:50,610 --> 01:10:51,690
van God beschouwt.

1157
01:10:51,690 --> 01:10:57,030
Die uitspraak in vers 2, is alleen op
grond van dit vers niet erg duidelijk.

1158
01:10:57,030 --> 01:11:00,930
Als hij had gezegd dat God
zuigelingen en kleine kinderen

1159
01:11:00,930 --> 01:11:03,030
gebruikte om de vijand te overwinnen,

1160
01:11:03,030 --> 01:11:05,850
zou dat misschien begrijpelijk
genoeg zijn geweest.

1161
01:11:05,850 --> 01:11:07,290
Maar waarom staat er:

1162
01:11:07,290 --> 01:11:12,150
Uit de mond van baby’s en kleine
kinderen Toen David over vijanden sprak,

1163
01:11:12,150 --> 01:11:15,090
had hij het gewoonlijk
over lichamelijke vijanden.

1164
01:11:15,090 --> 01:11:17,850
Hij sprak bijna nooit
over geestelijke vijanden,

1165
01:11:17,850 --> 01:11:21,750
want zijn vijanden waren de
Filistijnen, de legers van Saul,

1166
01:11:21,750 --> 01:11:25,410
de legers van Absalom en
alle legers van de heidenen.

1167
01:11:25,410 --> 01:11:27,630
Dus wanneer hij het
over de vijanden heeft,

1168
01:11:27,630 --> 01:11:30,990
spreekt hij bijna altijd
over lichamelijke vijanden.

1169
01:11:30,990 --> 01:11:34,950
Maar hoe kon er gezegd worden dat
lichamelijke vijanden verslagen zijn

1170
01:11:34,950 --> 01:11:38,910
door iets wat uit de mond van
zuigelingen en kleine kinderen komt?

1171
01:11:38,910 --> 01:11:44,010
Misschien zei hij dat God niettemin kracht
heeft beschikt door de bevelen die hij,

1172
01:11:44,010 --> 01:11:47,790
David de koning, gaf, de bevelen
die uit zijn mond kwamen,

1173
01:11:47,790 --> 01:11:50,550
terwijl hij een zuigeling
en een klein kind was.

1174
01:11:50,550 --> 01:11:53,550
Hem is groot gezag over legers gegeven.

1175
01:11:53,550 --> 01:11:56,550
Hoewel hij in zijn eigen
ogen een nietig mens is,

1176
01:11:56,550 --> 01:11:59,010
heeft hij een woord van gezag gekregen,

1177
01:11:59,010 --> 01:12:02,310
zodat legers in beweging
komen wanneer hij spreekt.

1178
01:12:02,310 --> 01:12:07,770
Op grond van het Engelse „ordained
strength” legt de spreker dit uit als:

1179
01:12:07,770 --> 01:12:11,190
God heeft uit zijn mond
militaire kracht beschikt.

1180
01:12:11,190 --> 01:12:15,690
De HSV geeft de uitdrukking weer
met „een sterk fundament gelegd”.

1181
01:12:15,690 --> 01:12:20,250
Dat zou ook overeenkomen met wat er
later wordt gezegd over de heerschappij

1182
01:12:20,250 --> 01:12:24,510
die aan de nietige mens is gegeven
over de dieren en al het andere.

1183
01:12:24,510 --> 01:12:29,970
Het gaat erover hoe God zo’n enorm
gezag heeft geschonken aan mensen die,

1184
01:12:29,970 --> 01:12:33,810
naar Davids idee, zo onbeduidend zijn.

1185
01:12:33,810 --> 01:12:37,170
In Gods ogen zijn ze niet
werkelijk onbeduidend.

1186
01:12:37,170 --> 01:12:41,430
Maar wanneer David nadenkt over de omvang
van het heelal en de wonderen van de

1187
01:12:41,430 --> 01:12:47,310
ruimte, komt hij tot de gedachte dat
de mens zo nietig en onbeduidend is.

1188
01:12:47,310 --> 01:12:52,290
Het is verbazingwekkend dat God militaire
kracht zou beschikken uit de mond van zo’n

1189
01:12:52,290 --> 01:12:58,170
klein kind en zuigeling als hijzelf, en
dat de mens zelfs het beheer over alle

1190
01:12:58,170 --> 01:13:00,090
andere schepselen zou krijgen.

1191
01:13:00,090 --> 01:13:03,210
Dat bewijst natuurlijk
niet dat de mens groot is.

1192
01:13:03,210 --> 01:13:07,650
Het bewijst alleen dat de schepselen
nog geringer zijn dan hij.

1193
01:13:07,650 --> 01:13:12,510
De mens is klein, maar hij heeft
macht over de schepselen gekregen.

1194
01:13:12,510 --> 01:13:15,390
Wat God betreft staat hij boven hen.

1195
01:13:15,390 --> 01:13:18,870
In Gods ogen zijn zij nog veel nietiger.

1196
01:13:18,870 --> 01:13:24,450
Maar Jezus vatte de uitspraak over
baby’s en zuigelingen letterlijker op.

1197
01:13:24,450 --> 01:13:29,250
Hij citeerde die uit de Septuaginta
toen Hij op Palmzondag Zijn

1198
01:13:29,250 --> 01:13:31,530
triomfantelijke intocht hield.

1199
01:13:31,530 --> 01:13:35,850
Dit wordt aangehaald in Mattheüs 21:16.

1200
01:13:35,850 --> 01:13:39,930
De overpriesters en schriftgeleerden
hoorden de kinderen zeggen:

1201
01:13:39,930 --> 01:13:44,490
Toen de overpriesters en schriftgeleerden
de wonderen zagen die Hij deed,

1202
01:13:44,490 --> 01:13:49,230
en de kinderen die in de tempel
riepen: Hosanna, de Zoon van David!

1203
01:13:49,230 --> 01:13:51,270
namen zij Hem dat zeer kwalijk,

1204
01:13:51,270 --> 01:13:55,410
Toen Jezus binnenkwam en de mensen
hun palmtakken voor Hem op de grond

1205
01:13:55,410 --> 01:13:58,410
uitspreidden, zeiden de Farizeeën:

1206
01:13:58,410 --> 01:14:03,390
En sommigen van de Farizeeën uit de
menigte zeiden tegen Hem: Meester,

1207
01:14:03,390 --> 01:14:05,190
bestraf Uw discipelen.

1208
01:14:05,190 --> 01:14:10,470
Met andere woorden, zij dachten dat
het godslastering was, omdat ze zeiden:

1209
01:14:10,470 --> 01:14:16,530
De menigte die vooropliep en die volgde,
riep: Hosanna, de Zoon van David!

1210
01:14:16,530 --> 01:14:20,250
Gezegend Hij Die komt
in de Naam van de Heere!

1211
01:14:20,250 --> 01:14:22,951
Hosanna, in de hoogste hemelen !

1212
01:14:22,951 --> 01:14:25,230
Ze begroetten Hem in feite als Messias,

1213
01:14:25,230 --> 01:14:29,550
en de Farizeeën vonden het enigszins
godslasterlijk dat Jezus dit liet

1214
01:14:29,550 --> 01:14:32,370
gebeuren. Daarom zeiden ze:

1215
01:14:32,370 --> 01:14:36,090
Wijs ze terecht. Zeg
dat ze stil moeten zijn.

1216
01:14:36,090 --> 01:14:39,930
Er staat dat vooral de kinderen in
de tempel hen hierover opwonden.

1217
01:14:39,930 --> 01:14:41,070
Jezus zei:

1218
01:14:41,070 --> 01:14:45,030
en zeiden tegen Hem: Hoort U
wel wat deze kinderen zeggen?

1219
01:14:45,030 --> 01:14:47,610
Jezus zei tegen hen: Ja.

1220
01:14:47,610 --> 01:14:52,170
Hebt u nooit gelezen: Uit de mond
van jonge kinderen en van zuigelingen

1221
01:14:52,170 --> 01:14:55,170
hebt U voor Uzelf lof tot stand gebracht?

1222
01:14:55,170 --> 01:14:56,490
Hij zei echter:

1223
01:14:56,490 --> 01:15:00,810
En Hij antwoordde hun en zei: Ik
zeg u dat de stenen zouden roepen,

1224
01:15:00,810 --> 01:15:02,910
als dezen zouden zwijgen.

1225
01:15:02,910 --> 01:15:05,610
Maar let erop hoe Hij het citeerde.

1226
01:15:05,610 --> 01:15:07,530
Psalm 8:2 zegt:

1227
01:15:07,530 --> 01:15:11,910
Uit de mond van kleine kinderen en
zuigelingen hebt U een sterk fundament

1228
01:15:11,910 --> 01:15:16,530
gelegd, omwille van Uw tegenstanders,
om de vijand en wraakzuchtige

1229
01:15:16,530 --> 01:15:18,090
te laten ophouden.

1230
01:15:18,090 --> 01:15:22,410
waarmee gesproken wordt over
militaire kracht tegen Gods vijanden.

1231
01:15:22,410 --> 01:15:26,070
Waarschijnlijk dacht David
aan natuurlijke, lichamelijke,

1232
01:15:26,070 --> 01:15:29,250
brute militaire kracht
tegen lichamelijke vijanden.

1233
01:15:29,250 --> 01:15:34,110
Maar ik geloof dat Jezus, die voor
Zijn citaat de Septuaginta gebruikt,

1234
01:15:34,110 --> 01:15:37,590
er een interessante wending
aan geeft. Hij zegt:

1235
01:15:37,590 --> 01:15:43,170
Uit de mond van baby’s en kleine kinderen
hebt U volmaakte lof laten klinken.

1236
01:15:43,170 --> 01:15:47,370
De spreker sluit hier aan bij
het Engelse „perfected praise”:

1237
01:15:47,370 --> 01:15:51,990
kinderen hebben volgens hem vaak een
zuiverder hart dan volwassenen en zijn

1238
01:15:51,990 --> 01:15:56,130
daardoor in staat om zuiverder
en volmaakter lof te brengen dan

1239
01:15:56,130 --> 01:15:58,170
volwassenen dat soms kunnen.

1240
01:15:58,170 --> 01:16:03,270
De HSV vertaalt de uitdrukking
met „lof tot stand gebracht”.

1241
01:16:03,270 --> 01:16:08,550
Kinderen zijn veel minder geremd en
veel minder onoprecht dan volwassenen.

1242
01:16:08,550 --> 01:16:14,070
Daarom kan hun lof vaak als volmaakter
worden beschouwd dan die van volwassenen.

1243
01:16:14,070 --> 01:16:18,870
Maar Jezus vervangt de
term door ‘volmaakte lof’.

1244
01:16:18,870 --> 01:16:24,810
Als we in deze passage in Psalm 8:2 de
uitspraak zouden lezen die Jezus deed,

1245
01:16:24,810 --> 01:16:27,390
zouden we die als volgt kunnen lezen:

1246
01:16:27,390 --> 01:16:33,150
Uit de mond van baby’s en kleine kinderen
hebt U volmaakte lof laten klinken vanwege

1247
01:16:33,150 --> 01:16:38,790
Uw vijanden, om de vijand en de
wraakzuchtige het zwijgen op te leggen.

1248
01:16:38,790 --> 01:16:43,590
Lofprijzing wordt gezien als een
wapen om de vijand en de wreker tot

1249
01:16:43,590 --> 01:16:45,030
zwijgen te brengen.

1250
01:16:45,030 --> 01:16:49,470
Als Jezus het door God verlenen van
kracht gelijkstelde aan het volmaken van

1251
01:16:49,470 --> 01:16:54,510
lofprijzing, betekent dit dat
lofprijzing een militaire tactiek of een

1252
01:16:54,510 --> 01:16:59,190
militair wapen van het volk van
God tegen geestelijke vijanden is.

1253
01:16:59,190 --> 01:17:04,530
Dit wordt elders bevestigd, vooral in
enkele verhalen uit het Oude Testament.

1254
01:17:04,530 --> 01:17:08,970
Toen de Joden rond de muren van
Jericho trokken, begonnen ze te roepen,

1255
01:17:08,970 --> 01:17:13,410
muziek te maken en op de bazuinen
te blazen, en de muren stortten in.

1256
01:17:13,410 --> 01:17:15,210
De vijand werd verslagen.

1257
01:17:15,210 --> 01:17:19,530
Dat was een lichamelijke vijand die
door lofprijzing werd verslagen.

1258
01:17:19,530 --> 01:17:22,950
Hoeveel te meer geldt dat dan
voor geestelijke vijanden?

1259
01:17:22,950 --> 01:17:27,210
Het andere geval dat bij me opkomt,
is de veldslag van Josafat in 2

1260
01:17:27,210 --> 01:17:29,490
Kronieken, hoofdstuk 20.

1261
01:17:29,490 --> 01:17:34,170
Josafat trok ten strijde tegen een
leger dat groter was dan hijzelf en

1262
01:17:34,170 --> 01:17:36,090
groter dan zijn legers.

1263
01:17:36,090 --> 01:17:41,010
Maar God had hun door een profeet gezegd
dat ze eropuit moesten trekken en hun

1264
01:17:41,010 --> 01:17:47,250
zangers, muzikanten en lofzangers voor het
leger uit moesten sturen. Dat deden ze.

1265
01:17:47,250 --> 01:17:51,750
Ze trokken eropuit en verkondigden
dat de Heere goed en genadig is

1266
01:17:51,750 --> 01:17:55,050
en dat Zijn barmhartigheid
voor eeuwig duurt.

1267
01:17:55,050 --> 01:17:58,950
Terwijl ze die woorden uitspraken,
zongen en muziek maakten,

1268
01:17:58,950 --> 01:18:01,290
begonnen de vijanden elkaar te doden.

1269
01:18:01,290 --> 01:18:04,530
De oorlog werd gewonnen door
de kracht van lofprijzing,

1270
01:18:04,530 --> 01:18:08,130
door de kracht van het
volk van God dat God prees.

1271
01:18:08,130 --> 01:18:11,430
Er zit dus een betekenis in
die Jezus eraan toevoegde,

1272
01:18:11,430 --> 01:18:14,130
waar David misschien
nooit aan had gedacht.

1273
01:18:14,130 --> 01:18:18,930
David dacht misschien eenvoudig aan
iemand die zo onbeduidend was als een worm

1274
01:18:18,930 --> 01:18:20,670
of een kleine baby.

1275
01:18:20,670 --> 01:18:24,570
In Psalm 22 beschreef hij
zichzelf immers als een worm.

1276
01:18:24,570 --> 01:18:27,570
Toch had zo iemand een
bepaald gezag gekregen.

1277
01:18:27,570 --> 01:18:30,690
Wanneer hij een bevel
gaf, trokken legers op

1278
01:18:30,690 --> 01:18:35,250
en werden de vijanden verslagen
vanwege deze baby die sprak.

1279
01:18:35,250 --> 01:18:37,530
Jezus zag er meer in dan dat.

1280
01:18:37,530 --> 01:18:43,770
Hij zei dat deze kleine kinderen die Hem
prezen, in zekere zin kracht grondvestten.

1281
01:18:43,770 --> 01:18:46,230
Ze vestigden het Koninkrijk van God.

1282
01:18:46,230 --> 01:18:50,310
Ze verdreven de vijandelijke
machten in de geestelijke wereld.

1283
01:18:50,310 --> 01:18:52,590
Volgens mij betekent Zijn toepassing dat.

1284
01:18:52,590 --> 01:18:54,750
Dan gaat hij verder met de uitspraak:

1285
01:18:54,750 --> 01:18:59,790
wat is dan de sterveling, dat U
aan hem denkt, en de mensenzoon,

1286
01:18:59,790 --> 01:19:02,130
dat U naar hem omziet?

1287
01:19:02,130 --> 01:19:04,650
In vers 4, nadat hij heeft gezegd:

1288
01:19:04,650 --> 01:19:10,530
Als ik Uw hemel zie, het werk van
Uw vingers, de maan en de sterren,

1289
01:19:10,530 --> 01:19:12,750
die U hun plaats gegeven hebt,

1290
01:19:12,750 --> 01:19:13,470
denkt hij:

1291
01:19:13,470 --> 01:19:15,750
Wat is de mens dat U aan hem denkt?

1292
01:19:15,750 --> 01:19:19,830
Dat wil zeggen: dat U ook maar
enige aandacht aan hem schenkt.

1293
01:19:19,830 --> 01:19:23,370
De mens lijkt zo klein
vergeleken met deze dingen.

1294
01:19:23,370 --> 01:19:25,890
Waarom zou God aandacht aan hem schenken?

1295
01:19:25,890 --> 01:19:28,050
Hier ligt de nadruk op het feit dat

1296
01:19:28,050 --> 01:19:30,810
grootte niets met
betekenis te maken heeft.

1297
01:19:30,810 --> 01:19:33,030
Veel mensen vinden het erg arrogant

1298
01:19:33,030 --> 01:19:37,830
wanneer christenen zeggen dat onze
planeet de enige planeet is waarop God

1299
01:19:37,830 --> 01:19:41,070
Zijn handelen werkelijk
heeft geconcentreerd.

1300
01:19:41,070 --> 01:19:46,350
We spreken erover dat de zon, de
maan en de sterren zijn gemaakt om

1301
01:19:46,350 --> 01:19:50,010
licht aan de aarde te geven,
zoals in Genesis staat.

1302
01:19:50,010 --> 01:19:54,570
Dat lijkt te betekenen dat de aarde
het middelpunt van Gods aandacht is.

1303
01:19:54,570 --> 01:19:59,670
Het verlossende werk van Christus, Die
aan het kruis stierf, vond hier plaats,

1304
01:19:59,670 --> 01:20:01,830
en Hij is nu in de hemel.

1305
01:20:01,830 --> 01:20:06,750
Niets wijst erop dat Hij naar andere
planeten is gegaan om dat daar te doen.

1306
01:20:06,750 --> 01:20:11,130
Sommige mensen vinden christenen erg
arrogant omdat ze op die manier over de

1307
01:20:11,130 --> 01:20:15,990
aarde denken, met deze geocentrische
opvatting dat God de aarde als

1308
01:20:15,990 --> 01:20:17,730
iets bijzonders beschouwt.

1309
01:20:17,730 --> 01:20:22,350
De aarde is immers zo klein vergeleken
met de enorme sterrenstelsels

1310
01:20:22,350 --> 01:20:24,630
en alles wat zich daarbuiten bevindt.

1311
01:20:24,630 --> 01:20:27,870
Of er leven op andere planeten
is, kan ik niet zeggen.

1312
01:20:27,870 --> 01:20:32,430
Maar het is waar dat de Bijbel ons ertoe
brengt te geloven dat de aarde een plaats

1313
01:20:32,430 --> 01:20:36,390
is, een bol waarop God op
een bijzondere manier handelt

1314
01:20:36,390 --> 01:20:38,970
en waarvoor Hij bijzondere zorg heeft.

1315
01:20:38,970 --> 01:20:42,630
Hij heeft haar gemaakt om
bewoond te worden en, zo zei Hij,

1316
01:20:42,630 --> 01:20:46,350
opdat de heerlijkheid van de
Heere de aarde zou bedekken.

1317
01:20:46,350 --> 01:20:49,170
We geloven dus inderdaad
dat de aarde bijzonder is.

1318
01:20:49,170 --> 01:20:53,430
Maar het feit dat ze klein is
vergeleken met de rest van het heelal,

1319
01:20:53,430 --> 01:20:55,770
zegt niets over haar betekenis.

1320
01:20:55,770 --> 01:20:59,070
Een olifant is veel groter dan een mens.

1321
01:20:59,070 --> 01:21:02,310
Een walvis is zelfs nog veel groter.

1322
01:21:02,310 --> 01:21:08,010
Maar niemand zou beweren dat een walvis of
een olifant belangrijker is dan een mens.

1323
01:21:08,010 --> 01:21:13,110
Het is niet de grootte van de mens die
hem betekenisvol of onbetekenend maakt.

1324
01:21:13,110 --> 01:21:15,390
Neem zelfs een klein virus.

1325
01:21:15,390 --> 01:21:18,990
Ik zou liever een muis in mijn
huis hebben dan een bepaald soort

1326
01:21:18,990 --> 01:21:23,730
virus dat zich door mijn huis verspreidt
en iedereen daarin zou kunnen doden.

1327
01:21:23,730 --> 01:21:28,710
Een muis kan onaangenaam zijn, en
hoewel hij veel groter is dan een virus,

1328
01:21:28,710 --> 01:21:32,310
kan hij bij lange na niet
zoveel schade aanrichten.

1329
01:21:32,310 --> 01:21:35,490
De grootte van iets heeft dus
niets te maken met het belang of

1330
01:21:35,490 --> 01:21:37,290
de betekenis ervan.

1331
01:21:37,290 --> 01:21:42,390
Ook de mens is, hoewel hij klein is
in het heelal, niettemin belangrijk.

1332
01:21:42,390 --> 01:21:46,410
Hij is belangrijker dan alle
planeten en alle sterrenstelsels

1333
01:21:46,410 --> 01:21:50,430
die God ooit heeft gemaakt, want die
zijn niet naar Zijn beeld gemaakt,

1334
01:21:50,430 --> 01:21:52,290
maar de mens wel.

1335
01:21:52,290 --> 01:21:56,970
De mens is het enige geschapen wezen
dat naar Gods beeld is gemaakt.

1336
01:21:56,970 --> 01:22:00,690
Dat geeft hem een oneindige
betekenis die die van alle andere

1337
01:22:00,690 --> 01:22:04,410
geschapen dingen te boven
gaat, met inbegrip van de maan,

1338
01:22:04,410 --> 01:22:06,390
de sterren en de zon.

1339
01:22:06,390 --> 01:22:10,590
Ik weet zeker dat David zich dat
op bepaalde momenten realiseerde.

1340
01:22:10,590 --> 01:22:15,510
Maar op dit moment was hij overweldigd
door de omvang van het heelal en dacht

1341
01:22:15,510 --> 01:22:18,330
hij: de mens is zo klein.

1342
01:22:18,330 --> 01:22:21,330
Waarom zou God ook maar enige
aandacht aan hem schenken?

1343
01:22:21,330 --> 01:22:25,590
Het antwoord is dat God de mens naar
Zijn eigen beeld heeft geschapen,

1344
01:22:25,590 --> 01:22:28,230
opdat hij Zijn heerlijkheid zou dragen en

1345
01:22:28,230 --> 01:22:30,550
een van de verhevenste
bestemmingen zou hebben —

1346
01:22:30,550 --> 01:22:32,950
of waarschijnlijk de
verhevenste bestemming —

1347
01:22:32,950 --> 01:22:36,150
die enig geschapen wezen heeft.

1348
01:22:36,150 --> 01:22:41,370
Verhevener dan die van de engelen, want
wij zullen engelen oordelen. Daarom.

1349
01:22:41,370 --> 01:22:44,430
Maar wanneer hij in het
tweede deel van vers 4 zegt:

1350
01:22:44,430 --> 01:22:47,190
en het mensenkind, dat U naar hem omziet,

1351
01:22:47,190 --> 01:22:50,370
hebben veel mensen gemeend
dat dit naar Jezus verwijst,

1352
01:22:50,370 --> 01:22:54,270
omdat Jezus Zichzelf de
Zoon des mensen noemde.

1353
01:22:54,270 --> 01:22:59,250
Maar besef dat de uitdrukking ‘zoon
des mensen’ in het Oude Testament

1354
01:22:59,250 --> 01:23:02,670
doorgaans eenvoudig een
sterfelijk mens betekent.

1355
01:23:02,670 --> 01:23:06,510
Ezechiël werd in het boek
Ezechiël zeventig keer door

1356
01:23:06,510 --> 01:23:08,790
God ‘mensenkind’ genoemd.

1357
01:23:08,790 --> 01:23:15,450
Alleen al in dat ene boek noemde God
Ezechiël zeventig keer: ‘Jij mensenkind.’

1358
01:23:15,450 --> 01:23:20,490
Daarmee benadrukte Hij tegenover hem dat
hij slechts een mens was, niets meer.

1359
01:23:20,490 --> 01:23:22,290
Hij was niet bovenmenselijk.

1360
01:23:22,290 --> 01:23:24,870
Hij was gewoon een gewone man.

1361
01:23:24,870 --> 01:23:28,410
Door de Psalmen en Spreuken
heen zul je de uitdrukking

1362
01:23:28,410 --> 01:23:31,170
‘de zoon des mensen’ tegenkomen.

1363
01:23:31,170 --> 01:23:36,210
Maar die wordt meestal, zoals ook hier,
gebruikt in dichterlijk parallellisme.

1364
01:23:36,210 --> 01:23:41,430
Bedenk dat in Hebreeuwse poëzie dezelfde
gedachte vaak twee keer wordt uitgedrukt,

1365
01:23:41,430 --> 01:23:43,350
alleen met andere woorden.

1366
01:23:43,350 --> 01:23:46,350
Een van de meest voorkomende
verschijnselen in de Psalmen,

1367
01:23:46,350 --> 01:23:50,130
het boek Job en Spreuken
is dat dezelfde gedachte

1368
01:23:50,130 --> 01:23:52,530
twee keer met verschillende
woorden wordt uitgedrukt.

1369
01:23:52,530 --> 01:23:54,870
Dat is hier het geval wanneer hij zegt:

1370
01:23:54,870 --> 01:23:58,950
wat is dan de sterveling, dat U
aan hem denkt, en de mensenzoon,

1371
01:23:58,950 --> 01:24:00,930
dat U naar hem omziet?

1372
01:24:00,930 --> 01:24:05,130
Hij zegt eenvoudig twee keer
hetzelfde. Wat is de mens?

1373
01:24:05,130 --> 01:24:10,170
Wat is de sterfelijke mens, dat U aan
hem denkt of hem ook maar bezoekt?

1374
01:24:10,170 --> 01:24:12,750
Hier wordt niet specifiek
naar Jezus verwezen,

1375
01:24:12,750 --> 01:24:16,950
al is het interessant dat dit met
betrekking tot Jezus wordt aangehaald.

1376
01:24:16,950 --> 01:24:18,930
Maar het wordt in het
Nieuwe Testament niet

1377
01:24:18,930 --> 01:24:22,230
aangehaald om te zeggen
dat het over Jezus gaat.

1378
01:24:22,230 --> 01:24:25,410
Daar zullen we het zo meteen
over hebben. Er staat:

1379
01:24:25,410 --> 01:24:29,010
Toch hebt U hem weinig minder
gemaakt dan de engelen en hem met

1380
01:24:29,010 --> 01:24:30,870
eer en glorie gekroond.

1381
01:24:30,870 --> 01:24:34,890
Dat wil zeggen dat wij mensen
lager dan de engelen zijn gemaakt.

1382
01:24:34,890 --> 01:24:38,610
Dat betekent niet dat wij eeuwig
lager dan de engelen zullen zijn,

1383
01:24:38,610 --> 01:24:43,410
want Hebreeën vertelt ons in welk
opzicht wij lager dan de engelen zijn,

1384
01:24:43,410 --> 01:24:45,930
en daar zullen we het
zo meteen over hebben.

1385
01:24:45,930 --> 01:24:50,010
U hebt hem heerschappij gegeven, en
vervolgens worden de verschillende

1386
01:24:50,010 --> 01:24:53,070
delen van de schepping
opgesomd, in het bijzonder

1387
01:24:53,070 --> 01:24:57,210
de dierenwereld waarover God
ons heerschappij heeft gegeven.

1388
01:24:57,210 --> 01:25:03,570
Hij zegt dus dat dit iets wonderbaarlijks
is: dat God de mens zo’n heerschappij,

1389
01:25:03,570 --> 01:25:07,590
zo’n gezag, zo’n
verantwoordelijkheid heeft gegeven.

1390
01:25:07,590 --> 01:25:10,770
Uit de mond van een klein
kind heeft Hij kracht en

1391
01:25:10,770 --> 01:25:13,950
militaire macht tegen Zijn
vijanden doen uitgaan.

1392
01:25:13,950 --> 01:25:18,750
En Hij heeft de mens zelfs gezag
gegeven over heel het geschapen rijk.

1393
01:25:18,750 --> 01:25:23,310
Laten we eens kijken hoe dit in het tweede
hoofdstuk van Hebreeën wordt aangehaald.

1394
01:25:23,310 --> 01:25:26,250
Ik wil er niet te diep op
ingaan, omdat we op deze

1395
01:25:26,250 --> 01:25:28,590
school het boek Hebreeën
zullen behandelen,

1396
01:25:28,590 --> 01:25:31,770
en ik wil niet dezelfde dingen
twee keer hoeven te zeggen.

1397
01:25:31,770 --> 01:25:34,110
Maar we zullen er in elk
geval even naar kijken.

1398
01:25:34,110 --> 01:25:39,030
In Hebreeën 1 en 2 ligt de nadruk
er in het bijzonder op dat Jezus

1399
01:25:39,030 --> 01:25:41,010
groter is dan alle engelen.

1400
01:25:41,010 --> 01:25:46,050
Zowel het eerste als het tweede hoofdstuk
vergelijkt de engelen met Jezus.

1401
01:25:46,050 --> 01:25:47,910
En er staat in vers 5:

1402
01:25:47,910 --> 01:25:50,970
Want Hij heeft de komende
wereld, waarover wij spreken,

1403
01:25:50,970 --> 01:25:52,950
niet onderworpen aan de engelen,

1404
01:25:52,950 --> 01:25:55,230
Het citaat komt uit Psalm 8:

1405
01:25:55,230 --> 01:26:00,750
Wat is de mens, dat U aan hem denkt, of
de mensenzoon, dat U naar hem omziet?

1406
01:26:00,750 --> 01:26:04,110
U hebt hem voor korte tijd
minder gemaakt dan de engelen;

1407
01:26:04,110 --> 01:26:07,230
met heerlijkheid en eer
hebt U hem gekroond.

1408
01:26:07,230 --> 01:26:10,470
U hebt hem gesteld over
de werken van Uw handen;

1409
01:26:10,470 --> 01:26:13,530
alle dingen hebt U onder
zijn voeten onderworpen.

1410
01:26:13,530 --> 01:26:15,990
Het citaat gaat niet verder dan dat.

1411
01:26:15,990 --> 01:26:20,310
In de rest van dit vers begint hij
enig commentaar op de psalm te geven:

1412
01:26:20,310 --> 01:26:23,370
alle dingen hebt U onder
zijn voeten onderworpen.

1413
01:26:23,370 --> 01:26:26,070
Want bij het onderwerpen
van alle dingen aan Hem

1414
01:26:26,070 --> 01:26:30,030
heeft Hij niets uitgezonderd
wat Hem niet onderworpen is.

1415
01:26:30,030 --> 01:26:33,690
Nu zien wij echter nog niet dat
Hem alle dingen onderworpen zijn,

1416
01:26:33,690 --> 01:26:37,170
maar wij zien Jezus met
heerlijkheid en eer gekroond,

1417
01:26:37,170 --> 01:26:40,230
Die voor korte tijd minder
dan de engelen geworden was,

1418
01:26:40,230 --> 01:26:44,970
vanwege het lijden van de dood, opdat
Hij door de genade van God voor allen de

1419
01:26:44,970 --> 01:26:46,290
dood zou proeven.

1420
01:26:46,290 --> 01:26:50,070
Je kunt zien dat hij aan deze
passage illustraties ontleent

1421
01:26:50,070 --> 01:26:52,950
om bepaalde dingen over
Jezus te beschrijven.

1422
01:26:52,950 --> 01:26:56,790
Hij zegt niet dat de passage
specifiek over Jezus gaat.

1423
01:26:56,790 --> 01:27:01,170
Hij begint met te zeggen dat God het
bestuur over de toekomstige wereld niet

1424
01:27:01,170 --> 01:27:03,150
aan engelen heeft gegeven.

1425
01:27:03,150 --> 01:27:05,130
Aan wie heeft Hij het gegeven?

1426
01:27:05,130 --> 01:27:07,170
Hij heeft het aan mensen gegeven.

1427
01:27:07,170 --> 01:27:12,810
En hij wijst daarop door Psalm 8 aan te
halen, over het gezag dat God aan mensen,

1428
01:27:12,810 --> 01:27:17,130
aan menselijke wezens, heeft
gegeven. Hij wijst erop:

1429
01:27:17,130 --> 01:27:22,290
Wat is de mens, de mensenzoon, dat
U naar hem omziet en aan hem denkt?

1430
01:27:22,290 --> 01:27:24,870
U hebt hem weinig minder
gemaakt dan de engelen,

1431
01:27:24,870 --> 01:27:30,210
maar U hebt hem met heerlijkheid en eer
gekroond en hem heerschappij gegeven.

1432
01:27:30,210 --> 01:27:31,410
enzovoort.

1433
01:27:31,410 --> 01:27:35,190
Hij haalt deze psalm aan om
te laten zien dat God het

1434
01:27:35,190 --> 01:27:39,870
voorrecht om over de nieuwe wereld te
heersen niet aan engelen heeft geschonken,

1435
01:27:39,870 --> 01:27:42,150
maar aan menselijke wezens.

1436
01:27:42,150 --> 01:27:47,310
Vervolgens wijst hij erop dat Jezus een
mens werd, en wel de volmaakte mens,

1437
01:27:47,310 --> 01:27:49,350
eigenlijk de grootste mens.

1438
01:27:49,350 --> 01:27:54,150
Dat plaatst Hem automatisch in een
gezagspositie boven die van de engelen.

1439
01:27:54,150 --> 01:27:55,350
Er staat:

1440
01:27:55,350 --> 01:27:58,170
Want doordat Hij alles
aan hem heeft onderworpen,

1441
01:27:58,170 --> 01:28:02,010
heeft Hij niets overgelaten
wat niet onder hem staat.

1442
01:28:02,010 --> 01:28:06,450
Maar op dit moment zien we nog niet
dat alles aan hem onderworpen is.

1443
01:28:06,450 --> 01:28:10,230
Dat wil zeggen dat er
werkelijk niets is wat God niet

1444
01:28:10,230 --> 01:28:12,990
onder de heerschappij van
de mens heeft gesteld.

1445
01:28:12,990 --> 01:28:16,350
Maar hoe komt het dat wij
op dit moment niet zien dat

1446
01:28:16,350 --> 01:28:18,990
alle dingen door de mens worden beheerst?

1447
01:28:18,990 --> 01:28:21,570
Waarom heeft de mens tegenwoordig
bijvoorbeeld geen gezag

1448
01:28:21,570 --> 01:28:23,370
over de dierenwereld?

1449
01:28:23,370 --> 01:28:27,090
Waarom zijn er wilde dieren
die de mens zullen opeten,

1450
01:28:27,090 --> 01:28:31,410
en kan de mens ze niet tegenhouden
tenzij hij een geweer heeft?

1451
01:28:31,410 --> 01:28:34,290
Of waarom kan de mens
het weer niet bevelen?

1452
01:28:34,290 --> 01:28:37,890
Waarom zien we niet dat
alle dingen onder hem staan?

1453
01:28:37,890 --> 01:28:40,530
We weten dat de zondeval de reden is.

1454
01:28:40,530 --> 01:28:44,730
De mens verloor toen een groot deel
van zijn heerschappij. Er staat:

1455
01:28:44,730 --> 01:28:48,750
Nu zien wij echter nog niet dat
Hem alle dingen onderworpen zijn,

1456
01:28:48,750 --> 01:28:52,110
Blijkbaar zegt hij dat God heeft
bestemd dat de mens dat gezag

1457
01:28:52,110 --> 01:28:54,030
opnieuw zal verkrijgen.

1458
01:28:54,030 --> 01:28:58,170
Hoewel we nog niet zien dat alle dingen
onder de voeten van de mens zijn gesteld,

1459
01:28:58,170 --> 01:29:00,030
zien we wel één ding.

1460
01:29:00,030 --> 01:29:05,370
We zien Jezus als voorbeeld: een
specifieke Mens Die net als andere mensen

1461
01:29:05,370 --> 01:29:09,210
lager dan de engelen werd gemaakt,
vanwege het lijden van de dood,

1462
01:29:09,210 --> 01:29:12,390
opdat Hij voor ieder
mens de dood zou smaken.

1463
01:29:12,390 --> 01:29:17,730
Hij zegt dat Jezus vanwege het lijden
van de dood lager dan de engelen werd.

1464
01:29:17,730 --> 01:29:22,230
Dat wijst erop dat wanneer de psalm
zegt dat de mens een weinig lager dan de

1465
01:29:22,230 --> 01:29:26,370
engelen is gemaakt, dit in het
bijzonder betekent dat de engelen niet

1466
01:29:26,370 --> 01:29:28,650
sterven en de mens wel.

1467
01:29:28,650 --> 01:29:34,110
Daaruit zou dan volgen dat de mens alleen
in dat opzicht lager dan de engelen is,

1468
01:29:34,110 --> 01:29:36,750
namelijk dat de mens sterfelijk is.

1469
01:29:36,750 --> 01:29:41,550
De mens heeft de dood in het vooruitzicht,
terwijl engelen dat niet hebben.

1470
01:29:41,550 --> 01:29:44,850
Jezus werd in dat opzicht
aan de mensen gelijkgemaakt.

1471
01:29:44,850 --> 01:29:49,350
Hij werd lager dan de engelen gemaakt,
dat wil zeggen: Hij werd mens,

1472
01:29:49,350 --> 01:29:52,530
zodat Hij voor ons de dood kon ondergaan.

1473
01:29:52,530 --> 01:29:56,550
Daaruit zou dan volgen dat wanneer
wij ophouden sterfelijk te zijn,

1474
01:29:56,550 --> 01:29:59,730
wij ophouden lager dan de engelen te zijn.

1475
01:29:59,730 --> 01:30:03,030
En in zekere zin zijn wij niet
meer lager dan de engelen,

1476
01:30:03,030 --> 01:30:06,090
want wij zijn met Christus
gestorven en wij zijn

1477
01:30:06,090 --> 01:30:11,670
overgegaan uit de dood in het leven,
in het eeuwige leven. Jezus zei:

1478
01:30:11,670 --> 01:30:17,610
en ieder die leeft en in Mij gelooft, zal
niet sterven in eeuwigheid. Gelooft u dat?

1479
01:30:17,610 --> 01:30:22,590
Totdat wij wedergeboren werden, stonden
wij beslist lager dan de engelen.

1480
01:30:22,590 --> 01:30:27,570
Maar ik geloof dat de Bijbel aangeeft
dat wij nu boven de engelen staan,

1481
01:30:27,570 --> 01:30:30,570
omdat wij nu zonen van God zijn.

1482
01:30:30,570 --> 01:30:34,350
De engelen verlangen ernaar zich
te verdiepen in de dingen die God

1483
01:30:34,350 --> 01:30:38,970
zelfs aan ons heeft geopenbaard, en
zij kunnen zich er niet in verdiepen.

1484
01:30:38,970 --> 01:30:40,950
Zij kunnen ze niet begrijpen.

1485
01:30:40,950 --> 01:30:46,290
God heeft ons dingen geopenbaard die Hij
niet aan Zijn engelen heeft geopenbaard.

1486
01:30:46,290 --> 01:30:51,990
In Hebreeën 1:14 worden zij
beschreven als dienende geesten.

1487
01:30:51,990 --> 01:30:55,230
Dienende geesten betekent dienaren.

1488
01:30:55,230 --> 01:30:59,010
Zij zijn slechts dienaren
in Gods huisgezin.

1489
01:30:59,010 --> 01:31:02,850
Wij zijn zonen en erfgenamen
in Zijn huisgezin.

1490
01:31:02,850 --> 01:31:07,890
Toen David schreef, was de mens lager
dan de engelen omdat hij sterfelijk was.

1491
01:31:07,890 --> 01:31:14,070
Maar wij, die nu onsterfelijk zijn, wij
aan wie God eeuwig leven heeft gegeven,

1492
01:31:14,070 --> 01:31:17,310
bevinden ons in een
hogere positie dan zij,

1493
01:31:17,310 --> 01:31:21,870
omdat wij zonen en
mede-erfgenamen met Christus zijn,

1494
01:31:21,870 --> 01:31:24,210
terwijl de engelen dat niet zijn.

1495
01:31:24,210 --> 01:31:27,270
Tegen wie van de engelen
heeft Hij ooit gezegd:

1496
01:31:27,270 --> 01:31:32,250
En tegen wie van de engelen heeft Hij
ooit gezegd: Zit aan Mijn rechter hand ,

1497
01:31:32,250 --> 01:31:36,810
totdat Ik Uw vijanden neergelegd
heb als een voetbank voor Uw voeten?

1498
01:31:36,810 --> 01:31:41,310
Toch heeft Jezus gezegd dat
wij, als wij overwinnaars zijn,

1499
01:31:41,310 --> 01:31:43,530
aan Zijn rechterhand kunnen zitten.

1500
01:31:43,530 --> 01:31:47,730
In Efeze staat zelfs dat
wij al zijn opgewekt en met

1501
01:31:47,730 --> 01:31:50,610
Christus in de hemelse
gewesten zijn gezet.

1502
01:31:50,610 --> 01:31:53,130
De engelen zijn dat niet, maar wij wel.

1503
01:31:53,130 --> 01:31:56,790
Er is dus een betekenis,
een heel reële betekenis,

1504
01:31:56,790 --> 01:31:59,550
waarin wij nu boven de engelen staan.

1505
01:31:59,550 --> 01:32:02,310
Zij zijn dienaren in Gods huisgezin.

1506
01:32:02,310 --> 01:32:08,790
Wij zijn zonen en erfgenamen, en volgens
1 Korinthe 6 zullen wij engelen oordelen.

1507
01:32:08,790 --> 01:32:13,170
Wij zullen de wereld oordelen
en wij zullen engelen oordelen.

1508
01:32:13,170 --> 01:32:16,590
Je kunt dus zien dat wij
boven de engelen staan.

1509
01:32:16,590 --> 01:32:21,930
Nogmaals, dat maakt zelfs de woorden
van David in Psalm 8 betekenisvoller.

1510
01:32:21,930 --> 01:32:27,390
Wat is de mens, dat God hem zo’n hoge eer
zou bewijzen dat Hij hem boven de engelen

1511
01:32:27,390 --> 01:32:31,890
van God verheft en hem heerschappij
geeft over de hele schepping en over

1512
01:32:31,890 --> 01:32:33,750
de toekomstige wereld?

1513
01:32:33,750 --> 01:32:36,810
Het is werkelijk een
verbijsterend vooruitzicht.

1514
01:32:36,810 --> 01:32:38,790
Laten we Psalm 9 nemen.

1515
01:32:38,790 --> 01:32:41,730
Dit is onze eerste acrostichonpsalm.

1516
01:32:41,730 --> 01:32:44,010
We zullen er nog veel tegenkomen.

1517
01:32:44,010 --> 01:32:47,070
In de Nederlandse vertaling kun
je dat natuurlijk niet zien,

1518
01:32:47,070 --> 01:32:49,410
maar in het Hebreeuws begint elk vers

1519
01:32:49,410 --> 01:32:52,530
met de volgende letter van
het Hebreeuwse alfabet.

1520
01:32:52,530 --> 01:32:58,470
Het Hebreeuwse alfabet heeft 22 letters,
en je kunt zien dat deze psalm niet

1521
01:32:58,470 --> 01:33:01,110
werkelijk 22 verzen heeft.

1522
01:33:01,110 --> 01:33:06,150
Feitelijk worden hierin slechts 11 letters
van het Hebreeuwse alfabet gebruikt,

1523
01:33:06,150 --> 01:33:10,830
hoewel de verzen in het Hebreeuws
anders zijn ingedeeld dan hier.

1524
01:33:10,830 --> 01:33:14,970
Maar het is een feit dat je ongeveer de
helft van het Hebreeuwse alfabet kunt

1525
01:33:14,970 --> 01:33:18,390
doorlopen terwijl je deze psalm doorwerkt.

1526
01:33:18,390 --> 01:33:21,090
De eerste letters van de
verzen in het Hebreeuws

1527
01:33:21,090 --> 01:33:24,810
zijn opeenvolgende letters
van het Hebreeuwse alfabet.

1528
01:33:24,810 --> 01:33:29,910
Dat betekent verder niets, behalve dat het
een van de dichtvormen illustreert die in

1529
01:33:29,910 --> 01:33:31,470
de psalm worden gebruikt.

1530
01:33:31,470 --> 01:33:35,190
Dit is een lofpsalm, waarin
God wordt geprezen om

1531
01:33:35,190 --> 01:33:37,470
specifieke dingen die worden genoemd.

1532
01:33:37,470 --> 01:33:39,630
Daarom staat er meteen aan het begin:

1533
01:33:39,630 --> 01:33:44,910
Ik zal de HEERE loven met heel mijn
hart, ik zal al Uw wonderen vertellen.

1534
01:33:44,910 --> 01:33:48,690
In U zal ik mij verblijden
en van vreugde opspringen,

1535
01:33:48,690 --> 01:33:52,950
ik zal voor Uw Naam psalmen
zingen, o Allerhoogste!

1536
01:33:52,950 --> 01:33:57,630
Want mijn vijanden zijn teruggedeinsd,
zij zijn gestruikeld en van

1537
01:33:57,630 --> 01:33:59,970
voor Uw aangezicht omgekomen.

1538
01:33:59,970 --> 01:34:05,910
Want U hebt mijn recht en mijn rechtszaak
behartigd, U hebt Zich gezet op de troon,

1539
01:34:05,910 --> 01:34:08,310
o rechtvaardige Rechter.

1540
01:34:08,310 --> 01:34:14,190
U hebt de heidenvolken bestraft, de
goddeloze omgebracht, hun naam uitgewist,

1541
01:34:14,190 --> 01:34:16,770
voor eeuwig en altijd.

1542
01:34:16,770 --> 01:34:20,790
O vijand, zijn de verwoestingen
voor altijd voltooid?

1543
01:34:20,790 --> 01:34:22,710
Hebt u steden weggerukt?

1544
01:34:22,710 --> 01:34:25,770
Hun nagedachtenis is met hen vergaan!

1545
01:34:25,770 --> 01:34:29,730
Maar de HEERE zetelt voor
eeuwig, Hij heeft Zijn troon

1546
01:34:29,730 --> 01:34:31,830
gereedgemaakt voor het gericht.

1547
01:34:31,830 --> 01:34:36,270
Hij Zelf zal de wereld oordelen
in gerechtigheid en over de

1548
01:34:36,270 --> 01:34:38,850
volken op billijke wijze rechtspreken.

1549
01:34:38,850 --> 01:34:42,390
De HEERE is een veilige
vesting voor de verdrukte,

1550
01:34:42,390 --> 01:34:45,870
een veilige vesting in
tijden van benauwdheid.

1551
01:34:45,870 --> 01:34:51,150
Wie Uw Naam kennen, zullen op
U vertrouwen, omdat U, HEERE,

1552
01:34:51,150 --> 01:34:53,970
niet hebt verlaten wie U zoeken.

1553
01:34:53,970 --> 01:34:57,690
Zing psalmen voor de
HEERE, Die te Sion woont,

1554
01:34:57,690 --> 01:35:00,210
verkondig onder de volken Zijn daden.

1555
01:35:00,210 --> 01:35:04,230
Want Hij eist vergelding voor
vergoten bloed, Hij denkt daaraan,

1556
01:35:04,230 --> 01:35:07,470
Hij vergeet het hulpgeroep
van de ellendigen niet.

1557
01:35:07,470 --> 01:35:14,130
Wees mij genadig, HEERE, zie mijn ellende
aan, mij aangedaan door wie mij haten,

1558
01:35:14,130 --> 01:35:16,890
U Die mij opheft uit
de poorten van de dood.

1559
01:35:16,890 --> 01:35:20,490
Dan zal ik al Uw loffelijke daden
vertellen in de poorten van de dochter van

1560
01:35:20,490 --> 01:35:23,490
Sion, mij verheugen in Uw heil.

1561
01:35:23,490 --> 01:35:26,550
De heidenvolken zonken in
het graf dat zij maakten;

1562
01:35:26,550 --> 01:35:30,631
hun voet raakte gevangen in het
net dat zij heimelijk spanden .

1563
01:35:30,631 --> 01:35:34,110
De HEERE is bekend geworden,
Hij heeft recht gedaan.

1564
01:35:34,110 --> 01:35:38,880
De goddeloze raakt verstrikt in het
werk van zijn eigen handen. Higgajon,

1565
01:35:38,880 --> 01:35:42,150
Higgajon, wat een overdenking betekent,

1566
01:35:42,150 --> 01:35:44,430
en dan: Sela.

1567
01:35:44,430 --> 01:35:50,070
De goddelozen keren terug, naar de hel
toe, alle heidenvolken, die God vergeten.

1568
01:35:50,070 --> 01:35:52,590
Want de arme wordt niet
voor altijd vergeten,

1569
01:35:52,590 --> 01:35:55,950
de hoop van de ellendigen
vergaat niet voor eeuwig.

1570
01:35:55,950 --> 01:35:59,790
Sta op, HEERE, laat de
sterveling zich niet sterk maken;

1571
01:35:59,790 --> 01:36:03,330
laat de heidenvolken voor Uw
aangezicht geoordeeld worden.

1572
01:36:03,330 --> 01:36:08,250
HEERE, jaag hun vrees aan; laat
de heidenvolken weten dat zíj

1573
01:36:08,250 --> 01:36:10,290
stervelingen zijn. Sela

1574
01:36:10,290 --> 01:36:14,130
De lof wordt hier aan God
gegeven vanwege de bevrijding

1575
01:36:14,130 --> 01:36:17,070
en omdat God de vijand heeft neergeslagen.

1576
01:36:17,070 --> 01:36:18,690
In vers 4 zei hij:

1577
01:36:18,690 --> 01:36:24,330
Want U hebt mijn recht en mijn rechtszaak
behartigd, U hebt Zich gezet op de troon,

1578
01:36:24,330 --> 01:36:26,610
o rechtvaardige Rechter.

1579
01:36:26,610 --> 01:36:32,370
In Psalm 7 vroeg David, dezelfde
schrijver, God juist om recht te spreken.

1580
01:36:32,370 --> 01:36:36,930
Hij vroeg God de zaken recht te zetten,
op Zijn rechterstoel plaats te nemen,

1581
01:36:36,930 --> 01:36:40,170
het recht uit te spreken en recht te doen.

1582
01:36:40,170 --> 01:36:42,810
Nu zegt hij dat God dat heeft gedaan.

1583
01:36:42,810 --> 01:36:46,530
Nu geeft hij God de lof
die Hem rechtmatig toekomt:

1584
01:36:46,530 --> 01:36:50,070
Want U bent opgekomen voor
mijn recht en mijn zaak.

1585
01:36:50,070 --> 01:36:53,250
Hij zegt dus: ‘Ik ben
naar de rechtbank gegaan,

1586
01:36:53,250 --> 01:36:57,090
ik heb God gevraagd het juiste
te doen, en Hij heeft dat gedaan.

1587
01:36:57,090 --> 01:36:59,190
En nu dank ik Hem daarvoor.’

1588
01:36:59,190 --> 01:37:01,230
Daarna richt hij zich tot de vijand.

1589
01:37:01,230 --> 01:37:05,190
En hij zegt: ‘Luister, aan alle
verwoestingen die jullie hebben

1590
01:37:05,190 --> 01:37:07,530
aangericht, is een einde gekomen.

1591
01:37:07,530 --> 01:37:12,210
Jullie hebben misschien steden verwoest,
maar God hebben jullie nooit vernietigd.

1592
01:37:12,210 --> 01:37:15,930
Hij zal voor eeuwig
blijven bestaan.’ Vers 7:

1593
01:37:15,930 --> 01:37:20,130
Maar de HEERE zetelt voor eeuwig,
Hij heeft Zijn troon gereedgemaakt

1594
01:37:20,130 --> 01:37:21,570
voor het gericht.

1595
01:37:21,570 --> 01:37:24,750
Hij Zelf zal de wereld
oordelen in gerechtigheid

1596
01:37:24,750 --> 01:37:28,230
en over de volken op
billijke wijze rechtspreken.

1597
01:37:28,230 --> 01:37:31,230
Hij zegt dus dat de vijand
heeft geprobeerd het

1598
01:37:31,230 --> 01:37:36,510
volk van God te vernietigen, maar dat God
hen desondanks heeft laten voortbestaan.

1599
01:37:36,510 --> 01:37:40,650
Aan de verwoestingen is een einde
gekomen, staat er in vers 6.

1600
01:37:40,650 --> 01:37:42,690
Nu staat er in vers 9:

1601
01:37:42,690 --> 01:37:45,630
De HEERE is een veilige
vesting voor de verdrukte,

1602
01:37:45,630 --> 01:37:48,570
een veilige vesting in
tijden van benauwdheid.

1603
01:37:48,570 --> 01:37:51,150
Dat is nog iets om God voor te loven.

1604
01:37:51,150 --> 01:37:54,870
In een tijd van benauwdheid zal
God voor hen een toevlucht zijn,

1605
01:37:54,870 --> 01:37:56,550
een veilige plaats.

1606
01:37:56,550 --> 01:38:00,810
Wie Uw Naam kennen, zullen op
U vertrouwen, omdat U, HEERE,

1607
01:38:00,810 --> 01:38:03,210
niet hebt verlaten wie U zoeken.

1608
01:38:03,210 --> 01:38:07,050
Dat doet me denken aan iets
wat Jezus in Johannes 17 zei.

1609
01:38:07,050 --> 01:38:11,850
In Johannes 17:26 bidt Jezus
voor Zijn discipelen en zegt Hij:

1610
01:38:11,850 --> 01:38:15,990
En Ik heb hun Uw Naam bekendgemaakt,
en zal die bekendmaken,

1611
01:38:15,990 --> 01:38:21,390
opdat de liefde waarmee U Mij hebt
liefgehad, in hen is, en Ik in hen.

1612
01:38:21,390 --> 01:38:22,650
Jezus zegt:

1613
01:38:22,650 --> 01:38:25,170
Ik heb hun Uw naam bekendgemaakt.

1614
01:38:25,170 --> 01:38:29,310
Maar welke naam van God is ooit
over de lippen van Jezus gekomen?

1615
01:38:29,310 --> 01:38:32,310
Heeft Jezus ooit bekendgemaakt
wat Gods naam is?

1616
01:38:32,310 --> 01:38:36,510
De Jehova’s getuigen zeggen
dat Gods naam Jehova is,

1617
01:38:36,510 --> 01:38:39,690
wat natuurlijk door het Oude
Testament wordt bevestigd.

1618
01:38:39,690 --> 01:38:43,350
Zij wijzen erop dat
Jezus hier in wezen zegt:

1619
01:38:43,350 --> 01:38:47,670
‘Ik heb de naam Jehova aan
de discipelen bekendgemaakt.’

1620
01:38:47,670 --> 01:38:52,170
Om die reden vinden zij het
gerechtvaardigd dat in hun Bijbel door het

1621
01:38:52,170 --> 01:38:57,690
hele Nieuwe Testament heen het woord
‘Lord’ door ‘Jehovah’ wordt vervangen,

1622
01:38:57,690 --> 01:39:02,010
want zij zeggen dat
Jezus God Jehovah noemde.

1623
01:39:02,010 --> 01:39:05,730
Het woord Jehovah komt niet
voor in het Nieuwe Testament,

1624
01:39:05,730 --> 01:39:10,530
want Jehovah is samengesteld
uit vier Hebreeuwse medeklinkers

1625
01:39:10,530 --> 01:39:12,630
en het is een Hebreeuwse naam.

1626
01:39:12,630 --> 01:39:15,510
Het Nieuwe Testament is
in het Grieks geschreven

1627
01:39:15,510 --> 01:39:19,350
en zulke Hebreeuwse medeklinkers
komen er niet in voor.

1628
01:39:19,350 --> 01:39:24,390
De naam Jehovah, of het tetragram,
zoals die vier letters worden genoemd,

1629
01:39:24,390 --> 01:39:26,970
komt niet voor in het Nieuwe Testament.

1630
01:39:26,970 --> 01:39:30,990
Wat je daar in plaats daarvan
aantreft, is het woord kyrios,

1631
01:39:30,990 --> 01:39:34,110
een Grieks woord dat Lord betekent.

1632
01:39:34,110 --> 01:39:37,590
Overal waar bijvoorbeeld een
schrijver van het Nieuwe Testament het

1633
01:39:37,590 --> 01:39:44,190
Oude Testament citeert, vervangt hij
het woord Jehovah door kyrios, Lord,

1634
01:39:44,190 --> 01:39:49,530
als hij een vers uit het Oude Testament
citeert waarin het woord Jehovah staat.

1635
01:39:49,530 --> 01:39:53,670
De schrijvers van het Nieuwe Testament
gebruiken de naam Jehovah dus niet;

1636
01:39:53,670 --> 01:39:58,710
wanneer ze verzen uit het Oude Testament
citeren waarin Zijn naam voorkomt,

1637
01:39:58,710 --> 01:40:03,090
vervangen ze die bovendien door
het gewone woord voor ‘Lord’.

1638
01:40:03,090 --> 01:40:06,630
Dat is hetzelfde als Adonai: meester.

1639
01:40:06,630 --> 01:40:10,110
Een dienaar kon zijn
meester kyrios noemen.

1640
01:40:10,110 --> 01:40:12,270
Caesar werd kyrios genoemd.

1641
01:40:12,270 --> 01:40:15,330
Met andere woorden, bij
de vertaling in het Grieks

1642
01:40:15,330 --> 01:40:19,470
werd betrekkelijk luchtig
met de naam Jehovah omgegaan.

1643
01:40:19,470 --> 01:40:23,190
Men vond niet dat die naam in de
vertaling behouden moest blijven.

1644
01:40:23,190 --> 01:40:26,910
Hij werd eenvoudig teruggebracht
tot het woord Lord.

1645
01:40:26,910 --> 01:40:30,630
Jezus heeft de naam
Jehovah nooit uitgesproken.

1646
01:40:30,630 --> 01:40:35,310
De enige keer dat Jezus de discipelen ooit
een benaming gaf waarmee ze God moesten

1647
01:40:35,310 --> 01:40:37,350
aanspreken, zei Hij:

1648
01:40:37,350 --> 01:40:38,670
Onze Vader.

1649
01:40:38,670 --> 01:40:39,750
Hij zei:

1650
01:40:39,750 --> 01:40:46,051
Hij zei tegen hen: Wanneer u bidt, zeg
dan: Onze Vader, Die in de hemelen zijt .

1651
01:40:46,051 --> 01:40:48,150
Uw Naam worde geheiligd.

1652
01:40:48,150 --> 01:40:50,250
Uw Koninkrijk kome.

1653
01:40:50,250 --> 01:40:54,870
Uw wil geschiede, zoals in
de hemel, zo ook op de aarde.

1654
01:40:54,870 --> 01:41:00,930
Ook door deze hele passage heen
spreekt Hij de Vader aan. Vers 24:

1655
01:41:00,930 --> 01:41:07,050
Vader, Ik wil dat waar Ik ben, ook zij
bij Mij zijn die U Mij gegeven hebt,

1656
01:41:07,050 --> 01:41:11,610
opdat zij Mijn heerlijkheid
zien, die U Mij gegeven hebt,

1657
01:41:11,610 --> 01:41:16,110
omdat U Mij hebt liefgehad vóór
de grondlegging van de wereld.

1658
01:41:16,110 --> 01:41:19,170
enzovoort. Vers 25:

1659
01:41:19,170 --> 01:41:24,450
Rechtvaardige Vader, de wereld heeft
U niet gekend, maar Ik heb U gekend,

1660
01:41:24,450 --> 01:41:28,110
en dezen hebben erkend
dat U Mij gezonden hebt.

1661
01:41:28,110 --> 01:41:33,750
Telkens wanneer Jezus tot God sprak en ons
vertelde hoe wij tot God moesten spreken,

1662
01:41:33,750 --> 01:41:37,110
zei Hij dat we de benaming
Vader moesten gebruiken.

1663
01:41:37,110 --> 01:41:39,870
Zelf gebruikte Hij de benaming Vader ook.

1664
01:41:39,870 --> 01:41:41,550
Dus wanneer Hij zegt:

1665
01:41:41,550 --> 01:41:46,230
En Ik heb hun Uw Naam bekendgemaakt,
en zal die bekendmaken,

1666
01:41:46,230 --> 01:41:51,870
opdat de liefde waarmee U Mij hebt
liefgehad, in hen is, en Ik in hen.

1667
01:41:51,870 --> 01:41:56,550
dan lijkt het erop dat de naam van
God die Jezus bekendmaakte Vader was,

1668
01:41:56,550 --> 01:41:59,130
ook al lijkt dat niet echt
een eigennaam te zijn.

1669
01:41:59,130 --> 01:42:02,970
Op de basisschool heb je misschien
geleerd dat als je het woord vader

1670
01:42:02,970 --> 01:42:06,330
gebruikt in de uitdrukking
‘mijn vader’, je het woord

1671
01:42:06,330 --> 01:42:08,670
vader niet met een hoofdletter schrijft.

1672
01:42:08,670 --> 01:42:14,730
Het is dan gewoon een soortnaam: mijn
vader, mijn moeder, mijn oom, mijn tante.

1673
01:42:14,730 --> 01:42:20,850
Maar als je het als eigennaam gebruikt —
Vader, Moeder, oom George, tante Sally —

1674
01:42:20,850 --> 01:42:25,110
schrijf je vader of moeder met een
hoofdletter. Het is een eigennaam.

1675
01:42:25,110 --> 01:42:27,270
Het wordt als eigennaam gebruikt.

1676
01:42:27,270 --> 01:42:30,270
Dat geldt ook voor Papa,
of voor iedere andere

1677
01:42:30,270 --> 01:42:33,750
benaming die in de plaats van
een eigennaam wordt gebruikt.

1678
01:42:33,750 --> 01:42:39,870
We zouden zelfs kunnen zeggen dat Jezus
in vers 24 beslist een eigennaam gebruikt:

1679
01:42:39,870 --> 01:42:44,010
Vader, met een hoofdletter, en in vers 25:

1680
01:42:44,010 --> 01:42:49,230
Rechtvaardige Vader, met een
hoofdletter. Het is een naam. Hij zei:

1681
01:42:49,230 --> 01:42:56,191
Hij zei tegen hen: Wanneer u bidt, zeg
dan: Onze Vader, Die in de hemelen zijt .

1682
01:42:56,191 --> 01:42:58,470
Uw Naam worde geheiligd.

1683
01:42:58,470 --> 01:43:00,510
Uw Koninkrijk kome.

1684
01:43:00,510 --> 01:43:05,070
Uw wil geschiede, zoals in
de hemel, zo ook op de aarde.

1685
01:43:05,070 --> 01:43:07,770
Ik geloof dus dat de naam van de Heere,

1686
01:43:07,770 --> 01:43:13,110
de naam van God die Jezus aan
ons bekendmaakte, Vader was.

1687
01:43:13,110 --> 01:43:16,290
Terug in Psalm 9 staat in vers 10:

1688
01:43:16,290 --> 01:43:21,930
Wie Uw Naam kennen, zullen op
U vertrouwen, omdat U, HEERE,

1689
01:43:21,930 --> 01:43:24,930
niet hebt verlaten wie U zoeken.

1690
01:43:24,930 --> 01:43:27,990
Jezus heeft Zijn naam
aan ons bekendgemaakt.

1691
01:43:27,990 --> 01:43:31,890
Hij heeft bekendgemaakt
dat God onze Vader is.

1692
01:43:31,890 --> 01:43:36,510
Wanneer mensen dat weten, en weten
dat zij God Vader kunnen noemen,

1693
01:43:36,510 --> 01:43:41,370
dan kunnen zij Hem vertrouwen zoals
zij een aardse vader kunnen vertrouwen.

1694
01:43:41,370 --> 01:43:44,370
Ik geloof dus dat dit daarnaar verwijst.

1695
01:43:44,370 --> 01:43:49,530
Dan heeft hij het nog wat meer over het
zingen van lofliederen. Vers 12 zegt:

1696
01:43:49,530 --> 01:43:54,150
Want Hij eist vergelding voor
vergoten bloed, Hij denkt daaraan,

1697
01:43:54,150 --> 01:43:57,090
Hij vergeet het hulpgeroep
van de ellendigen niet.

1698
01:43:57,090 --> 01:44:01,050
Dat wil zeggen: Hij denkt aan
de zaak van de onschuldigen.

1699
01:44:01,050 --> 01:44:05,310
Dus wanneer God eropuit trekt om
wraak te nemen op moordenaars,

1700
01:44:05,310 --> 01:44:11,370
denkt Hij aan degenen die zo verdrukt en
zo tot slachtoffer gemaakt zijn. Er staat:

1701
01:44:11,370 --> 01:44:15,150
Zing psalmen voor de
HEERE, Die te Sion woont,

1702
01:44:15,150 --> 01:44:17,610
verkondig onder de volken Zijn daden.

1703
01:44:17,610 --> 01:44:22,170
Want Hij eist vergelding voor
vergoten bloed, Hij denkt daaraan,

1704
01:44:22,170 --> 01:44:25,530
Hij vergeet het hulpgeroep
van de ellendigen niet.

1705
01:44:25,530 --> 01:44:31,290
Wees mij genadig, HEERE, zie mijn ellende
aan, mij aangedaan door wie mij haten,

1706
01:44:31,290 --> 01:44:34,410
U Die mij opheft uit
de poorten van de dood.

1707
01:44:34,410 --> 01:44:38,370
Dan zal ik al Uw loffelijke daden
vertellen in de poorten van de dochter van

1708
01:44:38,370 --> 01:44:41,490
Sion, mij verheugen in Uw heil.

1709
01:44:41,490 --> 01:44:46,530
Het lijkt erop dat in geen enkele
Psalm de vijanden ooit ver weg zijn.

1710
01:44:46,530 --> 01:44:50,490
Zelfs in de Psalmen waarin God
wordt geprezen voor bevrijding

1711
01:44:50,490 --> 01:44:54,750
en voor het verhoren van gebeden,
liggen de vijanden altijd ergens op de

1712
01:44:54,750 --> 01:44:56,550
achtergrond op de loer.

1713
01:44:56,550 --> 01:44:59,610
Hij is nooit helemaal vrij van vijanden.

1714
01:44:59,610 --> 01:45:03,990
Zelfs hier, waar hij God prijst
omdat God hem heeft bevrijd,

1715
01:45:03,990 --> 01:45:08,190
hem in het gelijk heeft gesteld en het
voor hem heeft opgenomen tegen zijn

1716
01:45:08,190 --> 01:45:10,890
vijanden, zegt hij nog steeds:

1717
01:45:10,890 --> 01:45:13,650
Heer, red mij van mijn vijanden.

1718
01:45:13,650 --> 01:45:18,630
Dan heeft hij het opnieuw over dezelfde
principes die we in hoofdstuk 7 zagen:

1719
01:45:18,630 --> 01:45:20,910
de vijand valt in zijn eigen kuil.

1720
01:45:20,910 --> 01:45:25,950
Het lijkt er bijna op dat hoofdstuk
9 kort na hoofdstuk 7 is geschreven,

1721
01:45:25,950 --> 01:45:30,810
want in beide staat de uitdrukking
dat de vijand in zijn eigen kuil valt.

1722
01:45:30,810 --> 01:45:35,370
Die gedachte komt in beide voor, en
in beide staat ook het idee dat God

1723
01:45:35,370 --> 01:45:38,550
rechtspreekt tussen hem en zijn vijanden.

1724
01:45:38,550 --> 01:45:40,350
Dan staat er in vers 17:

1725
01:45:40,350 --> 01:45:45,750
De goddelozen keren terug, naar de hel
toe, alle heidenvolken, die God vergeten.

1726
01:45:45,750 --> 01:45:48,390
Dat zou ons volk enige
vrees moeten inboezemen,

1727
01:45:48,390 --> 01:45:53,070
want ons volk wist vroeger iets over
God en is Hem zo goed als vergeten.

1728
01:45:53,070 --> 01:45:57,090
Bij sommige grondleggers van ons
land was er een zekere vreze Gods,

1729
01:45:57,090 --> 01:46:00,450
en die was ooit in een deel
van onze wetgeving vastgelegd.

1730
01:46:00,450 --> 01:46:05,130
Maar de vreze Gods is vrijwel volledig
uit de hele wetgeving verwijderd.

1731
01:46:05,130 --> 01:46:09,150
De volken die God vergeten, zullen
naar de hel worden verwezen.

1732
01:46:09,150 --> 01:46:12,630
Dat is de bestemming van volken
die zich van God afkeren,

1733
01:46:12,630 --> 01:46:15,030
en het onze voldoet beslist
aan die omschrijving.
