1
00:00:02,070 --> 00:00:04,530
Welkom bij Vers voor Vers!

2
00:00:04,530 --> 00:00:09,690
Deze keer behandelen
we Richteren 10 en 11.

3
00:00:09,690 --> 00:00:12,570
Laten we Richteren hoofdstuk 10 bekijken.

4
00:00:12,570 --> 00:00:18,270
Aan het einde van de vorige keer zagen
we dat een van Gideons zonen, Abimelech,

5
00:00:18,270 --> 00:00:23,910
zijn 70 broers had gedood, op
één na, Jotham, die was gevlucht.

6
00:00:23,910 --> 00:00:27,690
Met de hulp van de mensen uit Sichem,
waar zijn moeder vandaan kwam,

7
00:00:27,690 --> 00:00:31,530
was Abimelech erin geslaagd
zijn broers te doden en alle

8
00:00:31,530 --> 00:00:34,650
mededingers naar de heerschappij
uit de weg te ruimen.

9
00:00:34,650 --> 00:00:38,130
Niet dat er eigenlijk mededingers naar
de heerschappij hadden moeten zijn,

10
00:00:38,130 --> 00:00:43,470
want Gideon was geen koning en zijn zonen
hadden op zichzelf geen enkel gezag.

11
00:00:43,470 --> 00:00:46,590
Maar het volk had Gideon
koning willen maken.

12
00:00:46,590 --> 00:00:51,390
Je herinnert je misschien dat het volk
in hoofdstuk 8 tegen Gideon had gezegd:

13
00:00:51,390 --> 00:00:55,890
Toen zeiden de mannen van Israël
tegen Gideon: Heers over ons,

14
00:00:55,890 --> 00:01:02,490
u zowel als uw zoon en uw kleinzoon, want
u hebt ons uit de hand van Midian verlost.

15
00:01:02,490 --> 00:01:04,890
Gideon had dat aanbod afgeslagen.

16
00:01:04,890 --> 00:01:07,170
Maar het volk kwam kennelijk op een punt

17
00:01:07,170 --> 00:01:09,930
waarop het een erfelijke
heerschappij wilde hebben,

18
00:01:09,930 --> 00:01:12,270
een erfelijke koningsdynastie.

19
00:01:12,270 --> 00:01:14,910
Het was nog niet zo dat ze die invoerden.

20
00:01:14,910 --> 00:01:17,550
Dat gebeurde pas in de tijd van Samuel.

21
00:01:17,550 --> 00:01:20,190
Maar hun gedachten gingen wel die kant op.

22
00:01:20,190 --> 00:01:23,670
Dus nadat Gideon zo lang
als richter had opgetreden,

23
00:01:23,670 --> 00:01:28,110
was het na zijn dood waarschijnlijk
gemakkelijk voor een van zijn zonen om dat

24
00:01:28,110 --> 00:01:33,330
voort te zetten en voor zichzelf aanspraak
op een bijzondere positie te maken.

25
00:01:33,330 --> 00:01:38,010
Die zoon was tijdens het leven van zijn
vader al een belangrijk persoon geworden.

26
00:01:38,010 --> 00:01:40,770
Sommige mensen waren
bereid daarin mee te gaan.

27
00:01:40,770 --> 00:01:44,430
Maar het liep slecht met hem
af, omdat God tegen hem was.

28
00:01:44,430 --> 00:01:50,250
En Hij zorgde ervoor dat de mensen uit
Sichem, die hem eerst hadden gesteund,

29
00:01:50,250 --> 00:01:54,210
zich tegen hem keerden en
oorlog tegen hem voerden.

30
00:01:54,210 --> 00:01:58,110
Hij werd gedood terwijl
hij een toren belegerde.

31
00:01:58,110 --> 00:02:03,150
Een vrouw liet een molensteen op zijn
hoofd vallen en verbrijzelde zijn schedel.

32
00:02:03,150 --> 00:02:08,010
Hij was nog net genoeg bij bewustzijn om
te beseffen dat hij door de hand van een

33
00:02:08,010 --> 00:02:11,610
vrouw zou sterven als er
niets anders gebeurde.

34
00:02:11,610 --> 00:02:15,750
Daarom liet hij zijn wapendrager
hem met een zwaard doden.

35
00:02:15,750 --> 00:02:21,090
Zo stierf hij, met een verbrijzelde
schedel en een zwaard door zijn hart.

36
00:02:21,090 --> 00:02:25,950
In hoofdstuk 10 maken we nog geen
kennis met een van de grote richters.

37
00:02:25,950 --> 00:02:30,510
We hebben hier wat de meeste uitleggers
kleine richters zouden noemen.

38
00:02:30,510 --> 00:02:34,350
Naast de grote richters zijn er
verschillende kleine richters.

39
00:02:34,350 --> 00:02:37,710
De volgende grote richter zal Jefta zijn.

40
00:02:37,710 --> 00:02:42,450
Ik denk dat ze hen eenvoudigweg grote
richters noemen omdat we veel meer

41
00:02:42,450 --> 00:02:44,430
informatie over hen hebben.

42
00:02:44,430 --> 00:02:48,330
Ze zijn niet per se werkelijk
belangrijker dan de anderen.

43
00:02:48,330 --> 00:02:51,090
We gaan bijvoorbeeld over Tola lezen.

44
00:02:51,090 --> 00:02:54,690
Hij gaf 23 jaar leiding
aan Israël als richter,

45
00:02:54,690 --> 00:02:59,130
en Jaïr gaf 22 jaar leiding
aan Israël als richter.

46
00:02:59,130 --> 00:03:05,190
Deze beide mannen gaven langer leiding aan
Israël dan Jefta, zoals we zullen zien.

47
00:03:05,190 --> 00:03:08,610
Maar over Jefta is meer
informatie gegeven,

48
00:03:08,610 --> 00:03:12,270
en daardoor neemt hij in het
verhaal een grotere plaats in.

49
00:03:12,270 --> 00:03:15,870
Over Tola of Jaïr weten we heel weinig.

50
00:03:15,870 --> 00:03:19,890
In vers 1 en 2 van hoofdstuk
10 wordt ons verteld:

51
00:03:19,890 --> 00:03:23,910
Na Abimelech stond Tola
op om Israël te verlossen.

52
00:03:23,910 --> 00:03:29,130
Hij was de zoon van Pua, de zoon
van Dodo, een man uit Issaschar,

53
00:03:29,130 --> 00:03:33,030
en hij woonde in Samir, in
het bergland van Efraïm.

54
00:03:33,030 --> 00:03:35,730
Hij gaf drieëntwintig
jaar leiding aan Israël.

55
00:03:35,730 --> 00:03:39,270
Toen stierf hij en werd begraven in Samir.

56
00:03:39,270 --> 00:03:44,070
Dit is alles wat we over deze man weten,
en we weten niet eens waar Samir ligt.

57
00:03:44,070 --> 00:03:47,130
Het is een plaats waarvan
de ligging onbekend is.

58
00:03:47,130 --> 00:03:51,990
We weten dus niet waar hij woonde, waar
hij stierf en waar hij begraven werd.

59
00:03:51,990 --> 00:03:56,190
We weten wie zijn voorouders
waren, een paar generaties terug,

60
00:03:56,190 --> 00:03:59,130
maar ook dat zijn voor
ons onbekende mannen.

61
00:03:59,130 --> 00:04:04,050
Deze man is dus zo ongeveer zo
onbekend als maar mogelijk is.

62
00:04:04,050 --> 00:04:08,850
Hij komt uit de stam Issaschar en
woonde in het bergland van Efraïm,

63
00:04:08,850 --> 00:04:12,510
en op de een of andere manier
heeft hij Israël gered.

64
00:04:12,510 --> 00:04:15,630
Er wordt ons niet verteld
waarvan hij hen heeft gered.

65
00:04:15,630 --> 00:04:19,530
In veel gevallen lezen we
dat het volk God mishaagde,

66
00:04:19,530 --> 00:04:21,930
deed wat slecht was in
de ogen van de Heere,

67
00:04:21,930 --> 00:04:25,410
en dat God een vijandelijk
leger het land liet binnenvallen

68
00:04:25,410 --> 00:04:28,590
om hen een bepaald aantal
jaren te onderdrukken.

69
00:04:28,590 --> 00:04:32,850
Wanneer het volk dan tot God riep,
deed Hij een richter opstaan om hen te

70
00:04:32,850 --> 00:04:38,430
bevrijden en de rest van zijn leven
als richter leiding aan hen te geven.

71
00:04:38,430 --> 00:04:41,910
Hier lezen we echter alleen
dat hij Israël redde.

72
00:04:41,910 --> 00:04:44,550
We lezen niet dat ze weer
kwaad waren gaan doen,

73
00:04:44,550 --> 00:04:47,550
hoewel ze daar misschien
nooit mee waren opgehouden.

74
00:04:47,550 --> 00:04:50,970
De tijd van Abimelech was
een behoorlijk slechte tijd.

75
00:04:50,970 --> 00:04:53,250
Abimelech was een slechte man.

76
00:04:53,250 --> 00:04:55,590
In Sichem aanbaden ze Baäl.

77
00:04:55,590 --> 00:04:59,310
Het kan dus zijn dat ze niet
opnieuw kwaad hoefden te doen

78
00:04:59,310 --> 00:05:02,370
in de ogen van de Heere om
bevrijding nodig te hebben.

79
00:05:02,370 --> 00:05:06,570
Maar welke vorm de onderdrukking
aannam, wordt ons niet verteld.

80
00:05:06,570 --> 00:05:08,970
We weten niet of hij hen daadwerkelijk

81
00:05:08,970 --> 00:05:11,490
aanvoerde in een oorlog
tegen onderdrukkers,

82
00:05:11,490 --> 00:05:15,330
zoals veel van hun richters
deden, zoals Gideon en anderen.

83
00:05:15,330 --> 00:05:19,470
Of misschien trad hij gewoon op in een
tijd waarin de mensen bereid waren te

84
00:05:19,470 --> 00:05:25,170
luisteren, kwam hij voor God op en sprak
hij recht over hen volgens Gods wetten.

85
00:05:25,170 --> 00:05:27,450
Er wordt gewoon te weinig over hem gezegd,

86
00:05:27,450 --> 00:05:31,410
dus we moeten verdergaan zonder
er veel meer over te zeggen.

87
00:05:31,410 --> 00:05:34,050
Over Jaïr weten we niet zo heel veel meer.

88
00:05:34,050 --> 00:05:35,850
We weten iets meer.

89
00:05:35,850 --> 00:05:39,030
Na hem stond Jaïr op, de Gileadiet.

90
00:05:39,030 --> 00:05:42,270
Hij gaf tweeëntwintig
jaar leiding aan Israël.

91
00:05:42,270 --> 00:05:46,770
Gilead lag aan de oostkant van de
Jordaan, in het gebied van Manasse,

92
00:05:46,770 --> 00:05:50,970
de halve stam Manasse die ten
oosten van de Jordaan woonde.

93
00:05:50,970 --> 00:05:52,950
Jefta kwam daar ook vandaan.

94
00:05:52,950 --> 00:05:58,470
Hij was een Gileadiet en gaf 22
jaar leiding aan Israël als richter.

95
00:05:58,470 --> 00:06:02,670
Samen gaven deze mannen dus
45 jaar leiding aan Israël.

96
00:06:02,670 --> 00:06:07,350
Het lijkt erop dat er onder de leiding
van deze twee mannen een periode van

97
00:06:07,350 --> 00:06:09,990
45 jaar van betrekkelijke vrede was.

98
00:06:09,990 --> 00:06:14,130
Hij had dertig zonen, die op
dertig ezelshengsten reden en

99
00:06:14,130 --> 00:06:15,810
dertig steden hadden.

100
00:06:15,810 --> 00:06:20,610
Men noemt ze tot op deze dag de dorpen
van Jaïr, die in het land Gilead liggen.

101
00:06:20,610 --> 00:06:22,590
Hij had dertig zonen.

102
00:06:22,590 --> 00:06:24,690
Dat zijn veel zonen.

103
00:06:24,690 --> 00:06:28,950
Hij had dus waarschijnlijk meerdere
vrouwen om zoveel nakomelingen te krijgen.

104
00:06:28,950 --> 00:06:34,050
Ze reden op dertig ezels, wat betekent dat
ze allemaal een soort hoofdmannen waren.

105
00:06:34,050 --> 00:06:36,810
Op een ezel rijden was iets ongewoons.

106
00:06:36,810 --> 00:06:38,730
De meeste mensen liepen.

107
00:06:38,730 --> 00:06:41,310
Mannen die geregeld op ezels reden, waren

108
00:06:41,310 --> 00:06:45,270
te vergelijken met mannen die tegenwoordig
een luxe vervoermiddel hebben.

109
00:06:45,270 --> 00:06:49,290
Je zou tegenwoordig van iemand
kunnen zeggen: ‘Hij had dertig zonen,

110
00:06:49,290 --> 00:06:53,370
en ze reden allemaal in een
Mercedes of een BMW’, of zoiets.

111
00:06:53,370 --> 00:06:56,910
Waarschijnlijk betekent het dat
ze een soort hoofdmannen waren.

112
00:06:56,910 --> 00:07:00,810
Misschien beginnen we hier iets te
zien van wat er bij Gideon gebeurde.

113
00:07:00,810 --> 00:07:05,190
Gideon was een richter, en minstens één
van zijn zonen begint zichzelf als een

114
00:07:05,190 --> 00:07:06,570
heerser te zien.

115
00:07:06,570 --> 00:07:09,690
Misschien ging de mentaliteit
van Israël meer die kant op,

116
00:07:09,690 --> 00:07:13,830
zodat de zonen van de richters ook
belangrijke mannen begonnen te worden.

117
00:07:13,830 --> 00:07:14,850
Er staat:

118
00:07:14,850 --> 00:07:18,150
Jaïr stierf en werd begraven in Kamon.

119
00:07:18,150 --> 00:07:20,130
Meer is er niet over hem bekend,

120
00:07:20,130 --> 00:07:23,610
behalve dat hij tweeëntwintig
jaar richter over Israël was,

121
00:07:23,610 --> 00:07:26,730
en dat zijn zonen ook een of
andere positie begonnen te bekleden

122
00:07:26,730 --> 00:07:28,230
in dertig steden.

123
00:07:28,230 --> 00:07:31,230
Er is wat verwarring
over dit Havvoth-Jaïr,

124
00:07:31,230 --> 00:07:35,550
want het klinkt alsof deze dertig steden
naar deze man Jaïr werden genoemd.

125
00:07:35,550 --> 00:07:40,710
Maar er was eerder al een man in Gilead
die Jaïr heette, in de dagen van Mozes,

126
00:07:40,710 --> 00:07:43,170
en de steden kregen toen al die naam.

127
00:07:43,170 --> 00:07:45,630
Ze worden Havvoth-Jaïr genoemd.

128
00:07:45,630 --> 00:07:49,050
Dat kun je bijvoorbeeld zien als
je teruggaat naar Numeri hoofdstuk

129
00:07:49,050 --> 00:07:50,970
32, vers 41.

130
00:07:50,970 --> 00:07:54,750
Numeri hoofdstuk 32, vers 41 zegt:

131
00:07:54,750 --> 00:07:59,490
Jaïr nu, de zoon van Manasse,
ging heen en nam hun dorpen in,

132
00:07:59,490 --> 00:08:02,430
en hij noemde die de dorpen van Jaïr.

133
00:08:02,430 --> 00:08:05,070
Dit was blijkbaar in de dagen van Mozes.

134
00:08:05,070 --> 00:08:08,910
Toen ze dat gebied voor het
eerst op Sihon en Og veroverden,

135
00:08:08,910 --> 00:08:11,550
veroverde deze Manassiet die steden.

136
00:08:11,550 --> 00:08:16,170
Zijn naam was Jaïr, en ze
werden Havvoth-Jaïr genoemd.

137
00:08:16,170 --> 00:08:20,010
Het klinkt dus niet alsof ze die
naam kregen door deze latere richter

138
00:08:20,010 --> 00:08:21,930
die Jaïr heette.

139
00:08:21,930 --> 00:08:27,510
We vinden dezelfde informatie in
Deuteronomium hoofdstuk 3, vers 14.

140
00:08:27,510 --> 00:08:28,590
Daar staat:

141
00:08:28,590 --> 00:08:33,150
Jaïr, de zoon van Manasse,
nam heel het gebied Argob in,

142
00:08:33,150 --> 00:08:37,950
tot aan het gebied van de Gesurieten
en Maächatieten, en hij noemde het,

143
00:08:37,950 --> 00:08:42,870
namelijk Basan, naar zijn
eigen naam: dorpen van Jaïr.

144
00:08:42,870 --> 00:08:45,030
Zo heten ze tot op deze dag.

145
00:08:45,030 --> 00:08:50,430
Het is dezelfde informatie als in Numeri:
in de dagen van Mozes waren er steden,

146
00:08:50,430 --> 00:08:54,750
er staat niet hoeveel, die
Havvoth-Jaïr werden genoemd.

147
00:08:54,750 --> 00:08:59,190
Op een later tijdstip lezen we in het
eerste boek Koningen, hoofdstuk 4,

148
00:08:59,190 --> 00:09:02,970
vers 13, dat er zestig
van zulke steden waren.

149
00:09:02,970 --> 00:09:06,570
In 1 Koningen hoofdstuk 4, vers 13 staat:

150
00:09:06,570 --> 00:09:11,670
de zoon van Geber, in Ramoth in
Gilead; hij had de dorpen van Jaïr,

151
00:09:11,670 --> 00:09:16,410
de zoon van Manasse, die in Gilead
liggen; ook had hij het gebied Argob,

152
00:09:16,410 --> 00:09:22,110
dat in Basan ligt: zestig grote
steden met muren en bronzen grendels;

153
00:09:22,110 --> 00:09:24,750
Dat ligt daar in dat gebied van Gilead.

154
00:09:24,750 --> 00:09:29,730
Het gebied van Argob in Basan werd
volgens Deuteronomium hoofdstuk 3,

155
00:09:29,730 --> 00:09:32,670
vers 14 ook Havvoth-Jaïr genoemd.

156
00:09:32,670 --> 00:09:37,410
Hier lezen we over zestig grote steden,
en het aantal van zestig wordt ook

157
00:09:37,410 --> 00:09:42,570
bevestigd in de parallelle passage in
het eerste boek Kronieken, hoofdstuk 2,

158
00:09:42,570 --> 00:09:48,390
vers 23: er waren zestig steden die
naar deze man Jaïr werden genoemd.

159
00:09:48,390 --> 00:09:52,470
Dit was een eerdere Jaïr uit
dezelfde stam, in hetzelfde gebied,

160
00:09:52,470 --> 00:09:55,290
en niet de man over wie we hier lezen.

161
00:09:55,290 --> 00:09:59,850
Die eerdere Jaïr had ze veroverd op de
heidenen die aan die kant van het gebied

162
00:09:59,850 --> 00:10:03,810
woonden, en deze zestig steden
werden naar hem genoemd.

163
00:10:03,810 --> 00:10:05,730
Wat moeten we hier dan van denken?

164
00:10:05,730 --> 00:10:08,730
In hoofdstuk 10 van Richteren, vers 4:

165
00:10:08,730 --> 00:10:11,310
Hij had dertig zonen, die op dertig

166
00:10:11,310 --> 00:10:14,370
ezelshengsten reden en
dertig steden hadden.

167
00:10:14,370 --> 00:10:19,590
Men noemt ze tot op deze dag de dorpen
van Jaïr, die in het land Gilead liggen.

168
00:10:19,590 --> 00:10:23,790
De dertig steden die ze hadden,
waren blijkbaar dertig van de zestig.

169
00:10:23,790 --> 00:10:25,890
Er waren maar dertig van deze zonen,

170
00:10:25,890 --> 00:10:29,610
dus blijkbaar hielden ze toezicht
op dertig van de zestig steden,

171
00:10:29,610 --> 00:10:32,850
of bekleedden ze daar een
of andere gezagspositie.

172
00:10:32,850 --> 00:10:36,870
Met andere woorden, ze hadden dertig
van de zestig die tot op de dag van

173
00:10:36,870 --> 00:10:38,610
vandaag zo heten.

174
00:10:38,610 --> 00:10:40,650
Ze hadden er dertig van.

175
00:10:40,650 --> 00:10:43,590
Het is gewoon toeval dat
hun vader dezelfde naam had

176
00:10:43,590 --> 00:10:46,710
als de eerdere man die
die steden had veroverd.

177
00:10:46,710 --> 00:10:49,350
Misschien toeval, misschien ook niet.

178
00:10:49,350 --> 00:10:52,710
Hun vader was waarschijnlijk naar
die voorvader van hen genoemd,

179
00:10:52,710 --> 00:10:55,170
maar hij kreeg een vooraanstaande positie,

180
00:10:55,170 --> 00:10:58,890
en zijn zonen kregen een
vooraanstaande positie in die steden.

181
00:10:58,890 --> 00:11:00,270
Vers 6 zegt:

182
00:11:00,270 --> 00:11:04,590
Maar de Israëlieten deden opnieuw wat
slecht was in de ogen van de HEERE,

183
00:11:04,590 --> 00:11:10,170
en dienden de Baäls en de Astartes en
de goden van Syrië, de goden van Sidon,

184
00:11:10,170 --> 00:11:15,690
de goden van Moab, de goden van de
Ammonieten en de goden van de Filistijnen.

185
00:11:15,690 --> 00:11:18,870
Zij verlieten de HEERE
en dienden Hem niet.

186
00:11:18,870 --> 00:11:22,290
Toen ontbrandde de toorn
van de HEERE tegen Israël

187
00:11:22,290 --> 00:11:25,590
en Hij leverde hen over in
de hand van de Filistijnen

188
00:11:25,590 --> 00:11:27,870
en in de hand van de Ammonieten.

189
00:11:27,870 --> 00:11:32,070
Deze twee vijanden waren in het
laatste deel van de richterentijd

190
00:11:32,070 --> 00:11:34,590
de ergste vijanden van Israël.

191
00:11:34,590 --> 00:11:38,850
Een van de belangrijke richters die
opstonden, trok op tegen de Ammonieten,

192
00:11:38,850 --> 00:11:40,530
en dat was Jefta.

193
00:11:40,530 --> 00:11:45,150
De andere trok op tegen de Filistijnen,
en dat was natuurlijk Simson.

194
00:11:45,150 --> 00:11:49,650
Als Simson wat meer zelfbeheersing had
gehad en godvruchtiger was geweest,

195
00:11:49,650 --> 00:11:53,430
had hij de Filistijnse dreiging
misschien volledig kunnen uitroeien.

196
00:11:53,430 --> 00:11:57,270
Maar door zijn dwaasheid bracht
hij zichzelf in de problemen en

197
00:11:57,270 --> 00:11:59,130
stierf hij voortijdig.

198
00:11:59,130 --> 00:12:03,270
Daarbij doodde hij veel Filistijnen,
maar hij bevrijdde Israël niet volledig

199
00:12:03,270 --> 00:12:05,010
van de Filistijnen.

200
00:12:05,010 --> 00:12:09,870
Later deed Samuel dat wel, zoals we
in het boek 1 Samuel zullen zien.

201
00:12:09,870 --> 00:12:15,030
Deze twee, de Filistijnen en de
Ammonieten, het volk van Ammon,

202
00:12:15,030 --> 00:12:20,430
waren degenen in wier handen God hen
in deze latere periode vooral overgaf.

203
00:12:20,430 --> 00:12:23,970
En in datzelfde jaar begonnen
dezen de Israëlieten te verdrukken

204
00:12:23,970 --> 00:12:25,590
en te vertrappen.

205
00:12:25,590 --> 00:12:28,530
Achttien jaar onderdrukten
zij al de Israëlieten

206
00:12:28,530 --> 00:12:32,790
die aan de overzijde van de Jordaan
woonden, in het land van de Amorieten,

207
00:12:32,790 --> 00:12:34,530
dat in Gilead lag.

208
00:12:34,530 --> 00:12:36,750
Dat is natuurlijk waar Jefta zal opstaan.

209
00:12:36,750 --> 00:12:41,310
Bovendien staken de Ammonieten de Jordaan
over om ook tegen Juda te strijden

210
00:12:41,310 --> 00:12:47,010
en tegen Benjamin en het huis van Efraïm,
zodat Israël zeer in het nauw zat.

211
00:12:47,010 --> 00:12:51,990
Toen riepen de Israëlieten tot de HEERE
en zeiden: Wij hebben tegen U gezondigd,

212
00:12:51,990 --> 00:12:56,910
zowel omdat wij onze God hebben verlaten,
alsook omdat wij de Baäls hebben gediend.

213
00:12:56,910 --> 00:13:01,830
Maar de HEERE zei tegen de Israëlieten:
Heb Ik u niet van de Egyptenaren verlost,

214
00:13:01,830 --> 00:13:05,790
en van de Amorieten, de
Ammonieten en de Filistijnen,

215
00:13:05,790 --> 00:13:08,190
Daarmee bedoelt Hij bij de uittocht.

216
00:13:08,190 --> 00:13:12,030
Dat had Hij gedeeltelijk gedaan
bij eerdere verlossingen.

217
00:13:12,030 --> 00:13:15,690
Bedenk dat Samgar een heleboel
Filistijnen had gedood.

218
00:13:15,690 --> 00:13:19,770
En de Amorieten en de Ammonieten waren
betrokken bij enkele van de andere

219
00:13:19,770 --> 00:13:23,370
aanvallen die eerder tegen
Israël waren ondernomen.

220
00:13:23,370 --> 00:13:27,330
en van de Sidoniërs, de
Amalekieten en de Maonieten,

221
00:13:27,330 --> 00:13:32,730
toen zij u onderdrukten en u tot Mij
riep en Ik u uit hun hand verloste?

222
00:13:32,730 --> 00:13:37,470
Nu hebben we hiervoor nog niet over de
Maonieten gelezen. Over de anderen wel.

223
00:13:37,470 --> 00:13:42,450
De Septuaginta zegt ‘Midianieten’, en
daarin is misschien de oorspronkelijke

224
00:13:42,450 --> 00:13:44,130
lezing bewaard gebleven.

225
00:13:44,130 --> 00:13:47,550
Het is mogelijk dat er een fout in
de Hebreeuwse tekst is geslopen,

226
00:13:47,550 --> 00:13:50,970
want de Septuaginta zegt ‘Midianieten’.

227
00:13:50,970 --> 00:13:55,110
We weten dat zij degenen waren van
wie Israël door Gideon werd verlost.

228
00:13:55,110 --> 00:13:57,810
Het kan dus zijn dat
dit de betere lezing is.

229
00:13:57,810 --> 00:14:01,530
En toch hebt u Mij verlaten
en andere goden gediend.

230
00:14:01,530 --> 00:14:03,810
Daarom zal Ik u niet meer verlossen.

231
00:14:03,810 --> 00:14:07,470
Ga weg en roep tot de
goden die u verkozen hebt.

232
00:14:07,470 --> 00:14:10,830
Laten die u verlossen ten
tijde dat u in nood verkeert!

233
00:14:10,830 --> 00:14:14,970
Het klinkt alsof dit het einde van
het boek Richteren is, want God zegt:

234
00:14:14,970 --> 00:14:17,250
Ik ga jullie niet meer bevrijden.

235
00:14:17,250 --> 00:14:20,250
Geen richters meer, geen verlossing meer.

236
00:14:20,250 --> 00:14:22,290
Maar Hij veranderde van gedachten.

237
00:14:22,290 --> 00:14:24,990
Het is heel belangrijk dat
we dit bij God opmerken.

238
00:14:24,990 --> 00:14:27,690
Er zijn namelijk dingen waarvan
mensen tegenwoordig denken

239
00:14:27,690 --> 00:14:32,310
dat het blijvende regelingen moeten zijn,
omdat God in het Oude Testament zegt:

240
00:14:32,310 --> 00:14:34,230
Ik zal dit nooit meer doen.

241
00:14:34,230 --> 00:14:35,070
Of:

242
00:14:35,070 --> 00:14:36,990
Ik ga dat niet meer doen.

243
00:14:36,990 --> 00:14:41,730
In feite wacht Hij er echt op dat
iemand Hem op andere gedachten brengt.

244
00:14:41,730 --> 00:14:45,150
Eigenlijk zegt Hij: ‘Goed,
Ik ben klaar met jullie.’

245
00:14:45,150 --> 00:14:47,850
Maar Hij kan op andere
gedachten worden gebracht.

246
00:14:47,850 --> 00:14:50,370
We zien bijvoorbeeld
dat Hij tegen Mozes zei

247
00:14:50,370 --> 00:14:55,410
dat Hij Israël zou uitroeien en uit
Mozes een groter volk zou maken.

248
00:14:55,410 --> 00:15:00,270
Toch liet Hij toe dat Mozes Hem door
zijn voorbede overreedde en Hem van

249
00:15:00,270 --> 00:15:02,010
gedachten liet veranderen.

250
00:15:02,010 --> 00:15:06,690
Hier zegt Hij: ‘Zoals het er nu voorstaat,
ga Ik niets meer voor jullie doen.

251
00:15:06,690 --> 00:15:11,070
Ik heb jullie al keer op keer
verlost, en jullie dienen Mij nooit.

252
00:15:11,070 --> 00:15:13,230
Waarom zou Ik jullie dan blijven helpen?

253
00:15:13,230 --> 00:15:14,850
Dat ga Ik niet meer doen.’

254
00:15:14,850 --> 00:15:15,870
Er staat:

255
00:15:15,870 --> 00:15:19,890
Maar de Israëlieten zeiden tegen
de HEERE: Wij hebben gezondigd.

256
00:15:19,890 --> 00:15:23,850
Doet U maar met ons naar alles
wat goed is in Uw ogen; alleen,

257
00:15:23,850 --> 00:15:25,710
red ons toch op deze dag!

258
00:15:25,710 --> 00:15:30,150
En zij deden de vreemde goden uit
hun midden weg en dienden de HEERE.

259
00:15:30,150 --> 00:15:33,750
Toen kon Zijn ziel de moeite van
Israël niet langer verdragen.

260
00:15:33,750 --> 00:15:36,210
In dit geval bekeerden
ze zich daadwerkelijk

261
00:15:36,210 --> 00:15:40,170
en deden ze de goden weg voordat er
enige belofte van verlossing was.

262
00:15:40,170 --> 00:15:43,290
God had zelfs gezegd dat
Hij hen niet zou verlossen.

263
00:15:43,290 --> 00:15:47,970
Maar ze waagden het erop en dachten:
‘We gaan ons hoe dan ook tot God wenden.

264
00:15:47,970 --> 00:15:50,730
Ook al heeft Hij gezegd dat
Hij ons niet zal verlossen,

265
00:15:50,730 --> 00:15:54,330
we zijn klaar met deze valse
goden.’ En dat was goed.

266
00:15:54,330 --> 00:15:59,550
God merkte dat op, en Zijn ziel kon de
ellende van Israël niet langer verdragen.

267
00:15:59,550 --> 00:16:01,470
Hij had medelijden met hen.

268
00:16:01,470 --> 00:16:06,030
En de Ammonieten werden bijeengeroepen
en zij sloegen hun kamp op in Gilead,

269
00:16:06,030 --> 00:16:10,650
terwijl de Israëlieten zich verzamelden
en in Mizpa hun kamp opsloegen.

270
00:16:10,650 --> 00:16:14,550
Toen zeiden het volk en de
vorsten van Gilead tegen elkaar:

271
00:16:14,550 --> 00:16:17,730
Wie is de man die zal beginnen
te strijden met de Ammonieten?

272
00:16:17,730 --> 00:16:20,970
Die zal het hoofd worden van
alle inwoners van Gilead.

273
00:16:20,970 --> 00:16:22,770
Hier zoeken ze een leider.

274
00:16:22,770 --> 00:16:25,830
In de andere gevallen deed
God een leider opstaan.

275
00:16:25,830 --> 00:16:29,010
Ze hoefden hem niet te
gaan zoeken. God riep hem.

276
00:16:29,010 --> 00:16:31,350
Maar hier heeft God tegen hen gezegd:

277
00:16:31,350 --> 00:16:33,630
Ik ga jullie niet meer bevrijden.

278
00:16:33,630 --> 00:16:37,950
Zij zeggen: ‘We gaan onze vijanden
hoe dan ook van ons afslaan.’

279
00:16:37,950 --> 00:16:42,150
Dus deden ze hun valse goden weg
en kwamen ze in Mizpa bij elkaar

280
00:16:42,150 --> 00:16:45,210
om zich voor de strijd
tegen Ammon te verzamelen.

281
00:16:45,210 --> 00:16:49,050
Dit gebeurde gewoonlijk niet
zonder dat er een richter opstond.

282
00:16:49,050 --> 00:16:52,290
Gewoonlijk bleef het volk
Israël onder zijn onderdrukkers

283
00:16:52,290 --> 00:16:56,850
totdat er een richter kwam die zei: ‘Kom
op, laten we tegen hen gaan vechten.’

284
00:16:56,850 --> 00:16:58,770
En dan kwamen ze bij elkaar.

285
00:16:58,770 --> 00:17:03,030
Hier lijkt het bijna een gezamenlijk
besluit van de stammen te zijn dat ze deze

286
00:17:03,030 --> 00:17:06,390
Ammonitische onderdrukking
niet langer kunnen aanvaarden.

287
00:17:06,390 --> 00:17:11,130
‘We gaan gewoon naar God toe, en als Hij
niet belooft ons de overwinning te geven,

288
00:17:11,130 --> 00:17:12,690
gaan we toch vechten.’

289
00:17:12,690 --> 00:17:14,550
Hij heeft het niet beloofd.

290
00:17:14,550 --> 00:17:17,250
Hij heeft gezegd dat Hij
ons niet zal verlossen,

291
00:17:17,250 --> 00:17:20,610
maar we gaan gewoon door
en trekken ten strijde.

292
00:17:20,610 --> 00:17:24,270
Hij heeft geen richter doen opstaan,
maar we hebben een leider nodig.

293
00:17:24,270 --> 00:17:27,510
Door wie zullen we ons
laten aanvoeren tegen Ammon?

294
00:17:27,510 --> 00:17:31,890
Het lijkt bijna een beetje op wat er
gebeurde toen Israël in het boek Numeri

295
00:17:31,890 --> 00:17:34,710
het slechte verslag van de
verspieders had gehoord.

296
00:17:34,710 --> 00:17:37,470
Ze waren in opstand
gekomen en hadden gezegd:

297
00:17:37,470 --> 00:17:41,910
Waarom brengt de HEERE ons dan naar dit
land, zodat wij door het zwaard vallen,

298
00:17:41,910 --> 00:17:46,171
en onze vrouwen en onze kleine kinderen
tot prooi worden van de vijand ?

299
00:17:46,171 --> 00:17:49,410
Zou het niet beter voor ons
zijn naar Egypte terug te keren?

300
00:17:49,410 --> 00:17:53,010
En zij zeiden tegen elkaar:
Laten wij een hoofd aanstellen en

301
00:17:53,010 --> 00:17:54,690
naar Egypte terugkeren!

302
00:17:54,690 --> 00:17:56,130
Toen zei Mozes:

303
00:17:56,130 --> 00:18:01,170
Zeg tegen hen: Zo waar Ik leef,
spreekt de HEERE, voorwaar,

304
00:18:01,170 --> 00:18:05,010
Ik zal met u doen zoals u ten
aanhoren van Mij gesproken hebt.

305
00:18:05,010 --> 00:18:08,130
In deze woestijn zullen
uw dode lichamen vallen,

306
00:18:08,130 --> 00:18:11,790
te weten allen van u die geteld
zijn, naar hun volledige aantal,

307
00:18:11,790 --> 00:18:16,350
van twintig jaar oud en daarboven,
u die tegen Mij gemord hebt.

308
00:18:16,350 --> 00:18:21,210
U zult beslist niet in dat land komen
waarover Ik Mijn hand opgeheven heb,

309
00:18:21,210 --> 00:18:26,850
dat Ik u daarin zou laten wonen, behalve
Kaleb, de zoon van Jefunne, en Jozua,

310
00:18:26,850 --> 00:18:28,350
de zoon van Nun.

311
00:18:28,350 --> 00:18:33,631
Uw kleine kinderen, van wie u zei: Zij
zullen tot prooi worden van de vijand !

312
00:18:33,631 --> 00:18:39,270
hen zal Ik erin brengen; zij zullen dat
land, dat u verworpen hebt, leren kennen.

313
00:18:39,270 --> 00:18:44,310
Maar wat u betreft, uw dode lichamen
zullen in deze woestijn vallen.

314
00:18:44,310 --> 00:18:48,270
Uw kinderen zullen veertig jaar
in deze woestijn rondzwerven,

315
00:18:48,270 --> 00:18:52,950
en zij zullen uw hoererijen dragen,
totdat uw dode lichamen in deze

316
00:18:52,950 --> 00:18:54,870
woestijn vergaan zijn.

317
00:18:54,870 --> 00:18:56,190
Het volk zei:

318
00:18:56,190 --> 00:18:58,470
O nee. We gaan nu naar binnen.

319
00:18:58,470 --> 00:18:59,970
En Mozes zei:

320
00:18:59,970 --> 00:19:02,370
Nee, God zal jullie niet bevrijden.

321
00:19:02,370 --> 00:19:03,390
Ze zeiden:

322
00:19:03,390 --> 00:19:08,970
Zij stonden 's morgens vroeg op en klommen
naar de top van de berg en zeiden: Zie,

323
00:19:08,970 --> 00:19:13,530
hier zijn wij, wij zullen op weg gaan
naar de plaats waarvan de HEERE gesproken

324
00:19:13,530 --> 00:19:15,450
heeft, want wij hebben gezondigd.

325
00:19:15,450 --> 00:19:20,070
Ze trokken het land binnen en werden
verslagen, omdat God niet met hen was.

326
00:19:20,070 --> 00:19:24,390
Het lijkt hier dezelfde situatie te
zijn, behalve dat ons aan het eind van

327
00:19:24,390 --> 00:19:28,470
vers 16 wordt verteld dat Gods
ziel de ellende van Israël niet

328
00:19:28,470 --> 00:19:30,150
langer kon verdragen.

329
00:19:30,150 --> 00:19:32,670
Hij had gezegd dat Hij
hen niet meer zou helpen,

330
00:19:32,670 --> 00:19:35,070
maar dat was niet Zijn laatste woord.

331
00:19:35,070 --> 00:19:38,190
Hij zag dat ze hun valse goden wegdeden.

332
00:19:38,190 --> 00:19:41,430
Hij zag dat hun bekering
bijna onvoorwaardelijk leek,

333
00:19:41,430 --> 00:19:46,590
want nu gingen ze God dienen, ook al had
Hij gezegd dat Hij hen niet zou verlossen.

334
00:19:46,590 --> 00:19:48,330
Ze gingen Hem toch dienen.

335
00:19:48,330 --> 00:19:50,850
En dus kreeg Hij medelijden met hen.

336
00:19:50,850 --> 00:19:55,890
Hoewel Hij deze richter niet deed opstaan,
tenminste niet in de gebruikelijke zin,

337
00:19:55,890 --> 00:20:00,630
en zij hem zelf gingen uitkiezen,
rustte Gods zegen daar blijkbaar op.

338
00:20:00,630 --> 00:20:04,290
Want van Jefta wordt gezegd
dat hij Israël richtte.

339
00:20:04,290 --> 00:20:06,450
Hij was een van de richters.

340
00:20:06,450 --> 00:20:09,450
Dit verliep iets anders
dan in de eerdere gevallen.

341
00:20:09,450 --> 00:20:12,150
Hier nam het volk ergens
het initiatief toe,

342
00:20:12,150 --> 00:20:16,530
in plaats van dat God het initiatief
nam om een richter te doen opstaan.

343
00:20:16,530 --> 00:20:20,910
Ze zeggen: ‘Wie gaan we vinden
om ons in de strijd te leiden?’

344
00:20:20,910 --> 00:20:25,350
In hoofdstuk 11, vers 6, lezen
we dat ze naar Jefta kwamen.

345
00:20:25,350 --> 00:20:30,030
Maar in de verzen 1 tot en met 5
moeten we eerst kennismaken met Jefta.

346
00:20:30,030 --> 00:20:34,410
Daarom nemen we de tijd om wat
achtergrondinformatie over hem te krijgen.

347
00:20:34,410 --> 00:20:38,610
Aan het eind van hoofdstuk 10 proberen
ze namelijk te besluiten naar wie ze toe

348
00:20:38,610 --> 00:20:43,770
zullen gaan, en in hoofdstuk
11, vers 6, kiezen ze Jefta.

349
00:20:43,770 --> 00:20:47,490
Maar we zouden niet weten wie Jefta
was als we de verzen 1 tot en met

350
00:20:47,490 --> 00:20:48,330
5 niet hadden.

351
00:20:48,330 --> 00:20:51,990
Dus wordt hier even een uitweiding
ingelast om de achtergrond van deze

352
00:20:51,990 --> 00:20:53,370
man te geven.

353
00:20:53,370 --> 00:20:54,510
Er staat:

354
00:20:54,510 --> 00:21:00,210
De Gileadiet Jefta nu was een strijdbare
held, maar hij was het kind van een hoer.

355
00:21:00,210 --> 00:21:02,670
Gilead had Jefta echter verwekt.

356
00:21:02,670 --> 00:21:05,370
Ook de vrouw van Gilead baarde hem zonen.

357
00:21:05,370 --> 00:21:08,430
En toen de zonen van deze
vrouw groot geworden waren,

358
00:21:08,430 --> 00:21:13,710
joegen zij Jefta weg en zeiden tegen hem:
Jij zult in het huis van onze vader geen

359
00:21:13,710 --> 00:21:17,430
erfbezit hebben, want je bent
een zoon van een andere vrouw.

360
00:21:17,430 --> 00:21:21,810
Toen vluchtte Jefta voor zijn broers
en ging in het land Tob wonen.

361
00:21:21,810 --> 00:21:26,730
En leeglopers verzamelden zich bij
Jefta en trokken er met hem op uit.

362
00:21:26,730 --> 00:21:30,090
Er staat niet wie ze overvielen,
maar het lijkt erop dat ze

363
00:21:30,090 --> 00:21:31,890
de Ammonieten overvielen.

364
00:21:31,890 --> 00:21:36,870
De Ammonieten onderdrukten hun volk, dus
hij werd bijna zo iemand als de Makkabeeën

365
00:21:36,870 --> 00:21:42,330
in een latere tijd, toen de Syriërs Israël
onderdrukten in de tijd van de Makkabeeën,

366
00:21:42,330 --> 00:21:44,610
in de tweede eeuw voor Christus.

367
00:21:44,610 --> 00:21:48,870
Deze familie kwam in opstand om een
guerrillaoorlog tegen hen te voeren,

368
00:21:48,870 --> 00:21:53,430
om overvallen op hen uit te voeren,
en verdreef hen uiteindelijk.

369
00:21:53,430 --> 00:21:57,510
Blijkbaar besloot Jefta, nadat
zijn broers hem hadden verstoten,

370
00:21:57,510 --> 00:22:00,630
dat hij er gewoon op eigen
houtje op uit zou trekken

371
00:22:00,630 --> 00:22:02,790
om de vijanden lastig te vallen.

372
00:22:02,790 --> 00:22:05,370
En er gingen een paar
nietsnutten met hem mee.

373
00:22:05,370 --> 00:22:08,730
Het feit dat de mannen die met
hem meegingen nietsnutten waren,

374
00:22:08,730 --> 00:22:13,650
kan de indruk wekken dat hij een slecht
mens was en dat zij slechte mensen waren.

375
00:22:13,650 --> 00:22:17,130
Dat is inderdaad hoe veel
commentatoren hem afschilderen.

376
00:22:17,130 --> 00:22:20,430
Ze schilderen hem af als een
slecht mens en een dwaas.

377
00:22:20,430 --> 00:22:24,330
Zelfs de gelofte die hij
aflegt en die zo omstreden is,

378
00:22:24,330 --> 00:22:26,850
zien ze als een dwaze gelofte.

379
00:22:26,850 --> 00:22:29,490
Je kunt dat beslist ook anders lezen.

380
00:22:29,490 --> 00:22:33,150
Als ik het verhaal lees, krijg
ik een andere indruk van hem.

381
00:22:33,150 --> 00:22:35,490
Ik zie hem als een vroom man.

382
00:22:35,490 --> 00:22:38,670
Maar hij wordt ten onrechte
door zijn broers vervolgd,

383
00:22:38,670 --> 00:22:41,310
alleen maar vanwege wie zijn moeder was.

384
00:22:41,310 --> 00:22:43,470
Daar had hij niets over te zeggen.

385
00:22:43,470 --> 00:22:47,970
Hij werd uit zijn huis verdreven,
dus besloot hij zich nuttig te maken.

386
00:22:47,970 --> 00:22:53,010
Er waren andere mensen die blijkbaar uit
de gewone samenleving waren verdreven.

387
00:22:53,010 --> 00:22:56,970
Dus werd hij hun leider, en ze
besloten dingen te doen om hun

388
00:22:56,970 --> 00:22:58,890
volk te helpen verlossen.

389
00:22:58,890 --> 00:23:02,730
Blijkbaar voerde hij al
overvallen uit op de Ammonieten,

390
00:23:02,730 --> 00:23:07,110
en daarom werd hij gekozen om
de leider van Israël te worden.

391
00:23:07,110 --> 00:23:09,030
Ze hadden van hem gehoord.

392
00:23:09,030 --> 00:23:14,070
In de ogen van de Ammonieten was hij
ongetwijfeld een vogelvrij verklaarde.

393
00:23:14,070 --> 00:23:19,290
Maar dat was David ook toen hij
vierhonderd mannen had die hem volgden.

394
00:23:19,290 --> 00:23:24,630
Precies hetzelfde wordt over David gezegd
in een bepaalde periode van zijn leven.

395
00:23:24,630 --> 00:23:29,790
In hoofdstuk 16 van 1 Samuel wordt
hij een dappere held genoemd.

396
00:23:29,790 --> 00:23:34,230
Dat wordt ons hier ook over
Jefta verteld. Vers 1 zegt:

397
00:23:34,230 --> 00:23:36,450
Hij is een dappere strijder.

398
00:23:36,450 --> 00:23:42,270
En in 1 Samuel hoofdstuk 22 wordt
ons verteld over de mensen die David

399
00:23:42,270 --> 00:23:46,950
volgden toen hij voor Saul
vluchtte en in de woestijn woonde.

400
00:23:46,950 --> 00:23:51,330
Zo worden ze beschreven in 1 Samuel 22:2:

401
00:23:51,330 --> 00:23:54,990
Ook voegde ieder zich bij
hem die in nood verkeerde,

402
00:23:54,990 --> 00:23:59,130
ieder die een schuldeiser had en
ieder die verbitterd van gemoed was,

403
00:23:59,130 --> 00:24:03,570
en hij werd hun leider, zodat er ongeveer
vierhonderd mannen bij hem waren.

404
00:24:03,570 --> 00:24:08,070
Zo wordt David beschreven in de tijd
voordat hij daadwerkelijk koning wordt,

405
00:24:08,070 --> 00:24:11,850
wanneer hij wordt vervolgd
door de zittende koning, Saul.

406
00:24:11,850 --> 00:24:13,890
David is een dappere held.

407
00:24:13,890 --> 00:24:17,730
Hij heeft mensen bij zich die schulden
hebben die ze niet kunnen betalen,

408
00:24:17,730 --> 00:24:21,570
mensen die in het nauw zitten,
mensen die ontevreden zijn,

409
00:24:21,570 --> 00:24:26,190
mensen die om wat voor reden dan ook
uitgestoten zijn uit de samenleving.

410
00:24:26,190 --> 00:24:29,250
Ze sluiten zich bij hem aan
en hij wordt een leider,

411
00:24:29,250 --> 00:24:32,070
en David en zijn mannen
verrichten daadwerkelijk

412
00:24:32,070 --> 00:24:34,590
krijgsdaden tegen de Filistijnen.

413
00:24:34,590 --> 00:24:37,830
Blijkbaar deed Jefta iets
wat daar veel op leek.

414
00:24:37,830 --> 00:24:41,910
David was zonder goede reden door
Saul uit zijn land verdreven.

415
00:24:41,910 --> 00:24:45,930
Jefta was zonder goede reden door
zijn broers uit zijn stad verdreven,

416
00:24:45,930 --> 00:24:48,630
omdat ze de erfenis niet
met hem wilden delen,

417
00:24:48,630 --> 00:24:51,150
omdat hij een andere moeder had dan zij.

418
00:24:51,150 --> 00:24:55,410
Het lijkt er dus op dat Jefta
ongewild in de wildernis terechtkwam.

419
00:24:55,410 --> 00:24:58,050
Hij werd door zijn broers
de stad uit gedreven,

420
00:24:58,050 --> 00:25:00,930
en hij vond een manier
om zich nuttig te maken.

421
00:25:00,930 --> 00:25:05,370
Het lijkt mij dat deze man voor die
tijd uitzonderlijk godvruchtig is.

422
00:25:05,370 --> 00:25:08,610
Wanneer hij daadwerkelijk een
boodschap naar de Ammonieten stuurt,

423
00:25:08,610 --> 00:25:10,470
lijkt hij heel belezen.

424
00:25:10,470 --> 00:25:13,050
Hij lijkt de Pentateuch
heel goed te kennen.

425
00:25:13,050 --> 00:25:17,670
Hij kan de geschiedenis uit het boek
Richteren vrij nauwkeurig navertellen.

426
00:25:17,670 --> 00:25:20,730
Hij lijkt dus een man te
zijn die de Schriften kende,

427
00:25:20,730 --> 00:25:23,490
waar destijds waarschijnlijk
maar heel weinig mensen

428
00:25:23,490 --> 00:25:25,530
enige aandacht aan besteedden.

429
00:25:25,530 --> 00:25:29,190
Hij leek een man te zijn die
aan de kant van zijn land stond,

430
00:25:29,190 --> 00:25:33,870
een man die er het beste van maakte
toen hij uit zijn stad was verdreven.

431
00:25:33,870 --> 00:25:35,250
Vers 4 zegt:

432
00:25:35,250 --> 00:25:39,210
En het gebeurde na enkele dagen dat
de Ammonieten tegen Israël streden.

433
00:25:39,210 --> 00:25:42,990
Daar wordt de draad weer opgepakt
waar we aan het einde van hoofdstuk

434
00:25:42,990 --> 00:25:44,730
10 gebleven waren.

435
00:25:44,730 --> 00:25:47,910
Het is de aanloop om dat
verhaal weer te hervatten.

436
00:25:47,910 --> 00:25:51,870
En het gebeurde, terwijl de
Ammonieten tegen Israël streden,

437
00:25:51,870 --> 00:25:56,970
dat de oudsten van Gilead op weg gingen
om Jefta uit het land Tob te halen.

438
00:25:56,970 --> 00:26:00,810
Zij zeiden tegen Jefta: Kom
en wees onze aanvoerder,

439
00:26:00,810 --> 00:26:03,450
en laten wij tegen de Ammonieten strijden.

440
00:26:03,450 --> 00:26:08,610
Hij had al een aantal mensen over wie hij
bevelhebber was, zijn bende vrijbuiters.

441
00:26:08,610 --> 00:26:11,790
Maar nu wil eigenlijk zijn
hele stam achter hem staan,

442
00:26:11,790 --> 00:26:16,110
hem steunen en onder zijn leiding
tegen de Ammonieten strijden.

443
00:26:16,110 --> 00:26:20,550
Jefta zei tegen de oudsten van Gilead:
‘Hebben jullie mij niet gehaat en uit het

444
00:26:20,550 --> 00:26:22,710
huis van mijn vader verdreven?

445
00:26:22,710 --> 00:26:26,430
Waarom komen jullie nu naar mij
toe, nu jullie in nood zijn?’

446
00:26:26,430 --> 00:26:29,550
En de oudsten van Gilead
zeiden tegen Jefta:

447
00:26:29,550 --> 00:26:32,490
Juist daarom zijn wij
nu naar u teruggekomen,

448
00:26:32,490 --> 00:26:36,030
opdat u met ons meegaat en
tegen de Ammonieten strijdt.

449
00:26:36,030 --> 00:26:40,530
U zult voor ons het hoofd zijn
over alle inwoners van Gilead.

450
00:26:40,530 --> 00:26:43,890
Met andere woorden, omdat we in nood zijn.

451
00:26:43,890 --> 00:26:49,530
Als hij een slechter mens was geweest, had
hij kunnen zeggen: ‘Zorg maar voor jezelf.

452
00:26:49,530 --> 00:26:53,070
Jullie hebben mij weggejaagd
toen het jullie goed ging.

453
00:26:53,070 --> 00:26:55,350
En nu gaat het slecht met jullie.

454
00:26:55,350 --> 00:26:57,210
Nou, zoek het maar uit.

455
00:26:57,210 --> 00:26:59,490
Ik red me prima in mijn eentje.

456
00:26:59,490 --> 00:27:02,190
Ik hoef jullie problemen
niet op me te nemen,

457
00:27:02,190 --> 00:27:04,530
en ik ben jullie niets verschuldigd.’

458
00:27:04,530 --> 00:27:07,590
Toen zei Jefta tegen
de oudsten van Gilead:

459
00:27:07,590 --> 00:27:10,830
Als u mij terughaalt om te
strijden tegen de Ammonieten,

460
00:27:10,830 --> 00:27:15,570
en de HEERE hen aan mij zal
overleveren, zal ík dan uw hoofd zijn?

461
00:27:15,570 --> 00:27:18,390
Hij zegt dus: ‘Wat zal de uitkomst zijn

462
00:27:18,390 --> 00:27:21,510
als ik jullie daadwerkelijk
naar de overwinning leid?

463
00:27:21,510 --> 00:27:23,970
Zal het zijn zoals toen Gideon dat deed?

464
00:27:23,970 --> 00:27:26,670
Zal het zijn zoals toen Othniël dat deed?

465
00:27:26,670 --> 00:27:28,950
Zal ik dan de richter in het land zijn?’

466
00:27:28,950 --> 00:27:32,670
Ze zeiden: ‘Ja’, en ze
legden daar een eed op af.

467
00:27:32,670 --> 00:27:35,250
Zo ging Jefta met de
oudsten van Gilead mee,

468
00:27:35,250 --> 00:27:39,150
en het volk stelde hem als hoofd
en aanvoerder over zich aan.

469
00:27:39,150 --> 00:27:43,830
En Jefta sprak al zijn woorden voor
het aangezicht van de HEERE in Mizpa.

470
00:27:43,830 --> 00:27:48,030
Daarom denk ik dat Jefta hier als een
godvruchtig man moet worden gezien.

471
00:27:48,030 --> 00:27:53,370
Al deze woorden sprak hij voor het
aangezicht van Jahweh. Wat betekent dat?

472
00:27:53,370 --> 00:27:56,190
Natuurlijk gebeurt alles voor
het aangezicht van Jahweh,

473
00:27:56,190 --> 00:28:00,450
omdat Jahweh overal is, maar
dat is het vermelden niet waard.

474
00:28:00,450 --> 00:28:04,290
Hij sprak deze woorden bewust
in de tegenwoordigheid van God.

475
00:28:04,290 --> 00:28:08,070
In dit gedeelte staat in elk
geval uitdrukkelijk dat Jefta zijn

476
00:28:08,070 --> 00:28:11,910
onderhandelingen bewust in de
tegenwoordigheid van de HEERE voerde.

477
00:28:11,910 --> 00:28:16,350
Dat wil zeggen dat hij de HEERE in deze
zaak erkende en rekening hield met de

478
00:28:16,350 --> 00:28:18,930
HEERE, in plaats van deze beslissingen

479
00:28:18,930 --> 00:28:22,590
alleen maar vanuit een strikt
wereldse denkwijze te nemen.

480
00:28:22,590 --> 00:28:26,490
Jefta stuurde boden naar de koning
van de Ammonieten met de vraag:

481
00:28:26,490 --> 00:28:30,930
Wat hebt u tegen mij, dat u in
mijn land tegen mij komt strijden?

482
00:28:30,930 --> 00:28:35,010
De koning van de Ammonieten
antwoordde de boden van Jefta:

483
00:28:35,010 --> 00:28:39,390
Omdat Israël mijn land heeft
afgenomen toen het uit Egypte kwam,

484
00:28:39,390 --> 00:28:43,710
vanaf de Arnon tot aan de
Jabbok en tot aan de Jordaan.

485
00:28:43,710 --> 00:28:45,930
Geef die gebieden nu vreedzaam terug.

486
00:28:45,930 --> 00:28:50,790
In wezen wilden de Ammonieten land
terugkrijgen dat 300 jaar eerder was

487
00:28:50,790 --> 00:28:54,810
veroverd, toen de Israëlieten
uit Egypte waren gekomen.

488
00:28:54,810 --> 00:28:59,670
Het klopt niet helemaal dat Israël het
land van de Ammonieten heeft ingenomen.

489
00:28:59,670 --> 00:29:04,290
Toen ze door dat gebied trokken,
verbood God hun uitdrukkelijk om

490
00:29:04,290 --> 00:29:07,530
tegen de Ammonieten en
de Moabieten te strijden,

491
00:29:07,530 --> 00:29:12,570
omdat het een soort broedervolken
waren, eigenlijk meer verre neven.

492
00:29:12,570 --> 00:29:16,710
De Ammonieten en de Moabieten
waren de nakomelingen van Lot,

493
00:29:16,710 --> 00:29:19,830
en Lot was de neef van Abraham.

494
00:29:19,830 --> 00:29:24,270
Israël stamde natuurlijk af
van Abraham, Izak en Jakob.

495
00:29:24,270 --> 00:29:27,810
Abrahams neef is wat
verder aan hen verwant.

496
00:29:27,810 --> 00:29:31,410
En zijn twee zonen werden,
zoals je je herinnert,

497
00:29:31,410 --> 00:29:34,170
geboren uit zijn twee dochters in de grot,

498
00:29:34,170 --> 00:29:37,410
toen hij uit Sodom en
Gomorra was gevlucht.

499
00:29:37,410 --> 00:29:42,450
Toen ontstonden Ammon en Moab,
en dit waren hun nakomelingen.

500
00:29:42,450 --> 00:29:45,630
Dus toen Israël uit Egypte kwam, zei God:

501
00:29:45,630 --> 00:29:50,130
Toen zei de HEERE tegen mij:
Breng Moab niet in het nauw en

502
00:29:50,130 --> 00:29:55,530
ga niet de strijd met hen aan, want van
hun land zal Ik u niets in bezit geven.

503
00:29:55,530 --> 00:29:59,370
Ik heb Ar namelijk aan de
kinderen van Lot in bezit gegeven.

504
00:29:59,370 --> 00:30:03,750
Hoewel noch de Moabieten noch de
Ammonieten Israël vriendelijk gezind

505
00:30:03,750 --> 00:30:06,750
waren, viel Israël hen niet aan.

506
00:30:06,750 --> 00:30:10,350
In plaats daarvan voerde het
oorlog tegen de Amorieten,

507
00:30:10,350 --> 00:30:13,770
die Kanaänieten waren aan
de oostkant van de Jordaan.

508
00:30:13,770 --> 00:30:18,750
Maar wat er was gebeurd, was dat
Sihon, de koning van de Amorieten,

509
00:30:18,750 --> 00:30:22,470
ergens in die tijd land van
de Ammonieten had afgenomen.

510
00:30:22,470 --> 00:30:26,070
Daardoor kwam land dat
Ammonitisch gebied was geweest

511
00:30:26,070 --> 00:30:28,650
onder de Amoritische
koning Sihon te vallen.

512
00:30:28,650 --> 00:30:33,690
Hij werd door Israël verslagen en
het land werd door Israël ingenomen.

513
00:30:33,690 --> 00:30:38,130
Israël heeft dus niet rechtstreeks
land van de Ammonieten afgenomen.

514
00:30:38,130 --> 00:30:40,650
Ze hadden het aan een
andere koning verloren,

515
00:30:40,650 --> 00:30:45,630
en daarna overwon Israël die
andere koning en erfde zijn land.

516
00:30:45,630 --> 00:30:48,450
Zo verschuiven landsgrenzen nu eenmaal.

517
00:30:48,450 --> 00:30:53,850
Als China Amerika zou binnenvallen,
onder de voet zou lopen en zou overnemen,

518
00:30:53,850 --> 00:30:57,690
zouden de oorspronkelijke
Amerikaanse indianen China niet

519
00:30:57,690 --> 00:31:00,870
de schuld kunnen geven van
het feit dat Europeanen hun

520
00:31:00,870 --> 00:31:03,690
honderden jaren eerder
hun land hadden afgenomen.

521
00:31:03,690 --> 00:31:05,730
Dat zou nergens op slaan.

522
00:31:05,730 --> 00:31:08,430
En dat is eigenlijk wat
de Ammonieten deden.

523
00:31:08,430 --> 00:31:13,050
Ze zijn als oorspronkelijke Amerikanen
die proberen hun land van China terug te

524
00:31:13,050 --> 00:31:16,590
krijgen, als China het
van ons zou afnemen.

525
00:31:16,590 --> 00:31:20,850
Wij hebben het al 300 jaar,
of hoelang het ook geweest is.

526
00:31:20,850 --> 00:31:25,650
Israël had dit land al zo lang en had
het niet van de Ammonieten afgenomen.

527
00:31:25,650 --> 00:31:28,590
Het had op een eerder
moment aan hen toebehoord.

528
00:31:28,590 --> 00:31:31,050
Maar bijna al het land, waar dan ook,

529
00:31:31,050 --> 00:31:34,890
heeft op enig moment in het verleden
aan iemand anders toebehoord.

530
00:31:34,890 --> 00:31:38,970
Dat is niet hetzelfde als Israël ervan
kunnen beschuldigen dat het hen had

531
00:31:38,970 --> 00:31:42,090
aangevallen en hun onrecht had aangedaan.

532
00:31:42,090 --> 00:31:44,430
Zo reageerden de Ammonieten dus.

533
00:31:44,430 --> 00:31:48,930
Maar zoals ik al zei, Jefta gaf blijk van
een enorme kennis van de achtergrond van

534
00:31:48,930 --> 00:31:52,050
het land en de geschiedenis van Israël.

535
00:31:52,050 --> 00:31:56,070
Die kennis zou hij hebben opgedaan
door het boek Numeri te lezen,

536
00:31:56,070 --> 00:31:59,010
of er in elk geval mee vertrouwd te zijn.

537
00:31:59,010 --> 00:31:59,970
Vers 14:

538
00:31:59,970 --> 00:32:04,110
Jefta stuurde opnieuw boodschappers naar
de koning van de Ammonieten en liet hem

539
00:32:04,110 --> 00:32:08,670
zeggen: Dit zegt Jefta: Israël
heeft geen land afgepakt van

540
00:32:08,670 --> 00:32:10,710
Moab of van de Ammonieten.

541
00:32:10,710 --> 00:32:14,910
Toen de Israëlieten uit Egypte kwamen,
trokken ze door de woestijn tot aan de

542
00:32:14,910 --> 00:32:17,550
Rode Zee en kwamen ze in Kades.

543
00:32:17,550 --> 00:32:21,930
Toen stuurden ze boodschappers naar
de koning van Edom met de vraag:

544
00:32:21,930 --> 00:32:24,270
Mogen we alstublieft door uw land trekken?

545
00:32:24,270 --> 00:32:27,510
Maar de koning van Edom
wilde niet luisteren.

546
00:32:27,510 --> 00:32:30,270
Ze stuurden ook boodschappers
naar de koning van Moab,

547
00:32:30,270 --> 00:32:32,370
maar die gaf ook geen toestemming.

548
00:32:32,370 --> 00:32:35,010
Dus bleven de Israëlieten in Kades.

549
00:32:35,010 --> 00:32:38,730
Daarna trokken ze door de
woestijn, om Edom en Moab heen,

550
00:32:38,730 --> 00:32:42,930
en kwamen ze aan de oostkant van Moab,
waar ze aan de overkant van de Arnon

551
00:32:42,930 --> 00:32:44,550
hun kamp opsloegen.

552
00:32:44,550 --> 00:32:49,110
Maar ze trokken Moab niet binnen,
want de Arnon was de grens van Moab.

553
00:32:49,110 --> 00:32:53,430
Toen stuurde Israël boodschappers naar
Sihon, de koning van de Amorieten,

554
00:32:53,430 --> 00:32:55,410
die in Hesbon regeerde.

555
00:32:55,410 --> 00:32:59,370
Israël zei tegen hem: ‘Laat ons
alstublieft door uw land trekken

556
00:32:59,370 --> 00:33:00,810
naar onze bestemming.’

557
00:33:00,810 --> 00:33:04,830
Maar Sihon vertrouwde Israël niet
toe door zijn gebied te trekken.

558
00:33:04,830 --> 00:33:09,510
Daarom verzamelde hij heel zijn
volk, sloeg zijn kamp op in Jahza en

559
00:33:09,510 --> 00:33:11,250
streed tegen Israël.

560
00:33:11,250 --> 00:33:17,250
De HEERE, de God van Israël, leverde
Sihon en heel zijn volk aan Israël over,

561
00:33:17,250 --> 00:33:19,650
en de Israëlieten versloegen hen.

562
00:33:19,650 --> 00:33:24,030
Zo kreeg Israël al het land in bezit
van de Amorieten die daar woonden.

563
00:33:24,030 --> 00:33:26,970
Ze namen het hele gebied
van de Amorieten in bezit,

564
00:33:26,970 --> 00:33:31,410
vanaf de Arnon tot aan de Jabbok en
van de woestijn tot aan de Jordaan.

565
00:33:31,410 --> 00:33:35,310
Nu heeft de HEERE,
Jahweh, de God van Israël,

566
00:33:35,310 --> 00:33:39,570
de Amorieten voor Zijn volk
Israël uit hun bezit verdreven.

567
00:33:39,570 --> 00:33:42,030
Zou u dat land dan in bezit nemen?

568
00:33:42,030 --> 00:33:46,230
Neemt u niet in bezit wat uw
god Kamos u in bezit geeft?

569
00:33:46,230 --> 00:33:51,990
Zo zullen wij in bezit nemen wat Jahweh,
onze God, voor ons in bezit neemt.

570
00:33:51,990 --> 00:33:53,070
Hij zegt:

571
00:33:53,070 --> 00:33:55,950
Wij zijn niet degenen die
jullie hebben aangevallen.

572
00:33:55,950 --> 00:33:58,230
We vochten tegen de Amorieten.

573
00:33:58,230 --> 00:34:03,210
Voor ons die dit lezen, klinken Amorieten
en Ammonieten ongeveer hetzelfde,

574
00:34:03,210 --> 00:34:05,490
maar het zijn heel verschillende volken.

575
00:34:05,490 --> 00:34:08,490
Want de Ammonieten waren
verwant aan de Moabieten,

576
00:34:08,490 --> 00:34:11,250
die in de verte aan Israël verwant waren.

577
00:34:11,250 --> 00:34:15,330
De Amorieten waren de Kanaänieten
die uitgeroeid moesten worden.

578
00:34:15,330 --> 00:34:18,750
De Amorieten hadden eerder
land ingenomen dat kennelijk

579
00:34:18,750 --> 00:34:21,990
Ammonitisch gebied was geweest. Hij zei:

580
00:34:21,990 --> 00:34:24,150
We hebben het niet van jullie afgepakt.

581
00:34:24,150 --> 00:34:26,670
We hebben het van de Amorieten afgepakt.

582
00:34:26,670 --> 00:34:28,230
Daarna zegt hij:

583
00:34:28,230 --> 00:34:33,630
En nu de HEERE, de God van Israël, de
Amorieten van voor de ogen van Zijn volk

584
00:34:33,630 --> 00:34:38,970
Israël uit hun bezit verdreven heeft,
zou ú hun land dan in bezit nemen?

585
00:34:38,970 --> 00:34:42,390
Zou u niet het land in bezit
nemen van hen die uw god

586
00:34:42,390 --> 00:34:45,330
Kamos voor u uit hun bezit verdreef?

587
00:34:45,330 --> 00:34:50,370
Zo zullen wij al het land in bezit
nemen van hen die de HEERE, onze God,

588
00:34:50,370 --> 00:34:54,150
van voor onze ogen uit
hun bezit verdreven heeft.

589
00:34:54,150 --> 00:34:56,550
Hij zegt in vers 25:

590
00:34:56,550 --> 00:35:02,610
Welnu, bent u zoveel beter dan Balak,
de zoon van Zippor, de koning van Moab?

591
00:35:02,610 --> 00:35:05,250
Heeft hij het ooit tegen Israël opgenomen?

592
00:35:05,250 --> 00:35:07,050
Heeft hij ooit tegen hen gestreden?

593
00:35:07,050 --> 00:35:11,070
Dat wil zeggen, Balak was eigenlijk
bang om tegen hen te vechten,

594
00:35:11,070 --> 00:35:15,330
en hij was degene die Bileam
inhuurde om hen te vervloeken.

595
00:35:15,330 --> 00:35:20,430
Maar wat hij zegt, is dat Balak
nooit naar ons toe kwam en zei:

596
00:35:20,430 --> 00:35:24,870
‘Dat Amoritische land dat jullie
hebben ingenomen, was vroeger van mij’,

597
00:35:24,870 --> 00:35:27,150
wat kennelijk voor een deel ervan gold,

598
00:35:27,150 --> 00:35:30,090
‘en dus moeten jullie
het aan ons teruggeven.’

599
00:35:30,090 --> 00:35:34,170
Hij zegt: ‘Balak heeft nooit
zo'n aanspraak gemaakt.

600
00:35:34,170 --> 00:35:38,790
Hij wist dat hij het land eerlijk en
rechtmatig aan de Amorieten had verloren,

601
00:35:38,790 --> 00:35:42,390
en wij hebben het van hen
gekregen, niet van hem.’

602
00:35:42,390 --> 00:35:47,130
En dat terwijl Israël driehonderd jaar in
Hesbon en de bijbehorende plaatsen heeft

603
00:35:47,130 --> 00:35:51,091
gewoond, en in Aroër en
de bijbehorende plaatsen ,

604
00:35:51,091 --> 00:35:54,810
en in al de steden die aan de
oevers van de Arnon liggen.

605
00:35:54,810 --> 00:35:57,990
Waarom hebt u die dan al
die tijd niet bevrijd?

606
00:35:57,990 --> 00:36:01,590
Met andere woorden, als
we hier al 300 jaar zijn,

607
00:36:01,590 --> 00:36:06,090
is het moeilijk om iets te bedenken wat
mensen nog meer grond zou kunnen geven

608
00:36:06,090 --> 00:36:08,970
om te beweren dat dit hun gebied is.

609
00:36:08,970 --> 00:36:11,190
We zijn hier al 300 jaar.

610
00:36:11,190 --> 00:36:15,870
Jullie hebben het in die tijd nooit
teruggenomen, het zelfs nooit geprobeerd.

611
00:36:15,870 --> 00:36:19,170
Hoe kunnen jullie dan beweren
dat het jullie land is?

612
00:36:19,170 --> 00:36:23,610
Het is al 300 jaar van ons, en
jullie hebben dat nooit betwist.

613
00:36:23,610 --> 00:36:28,890
Niet ík heb tegen u gezondigd, maar ú
handelt verkeerd ten aanzien van mij door

614
00:36:28,890 --> 00:36:30,630
tegen mij te strijden.

615
00:36:30,630 --> 00:36:34,050
Laat de HEERE, Die Rechter is, deze dag

616
00:36:34,050 --> 00:36:37,350
oordelen tussen de
Israëlieten en de Ammonieten.

617
00:36:37,350 --> 00:36:41,850
Maar de koning van de Ammonieten
luisterde niet naar de woorden van Jefta,

618
00:36:41,850 --> 00:36:43,650
die hij hem gestuurd had.

619
00:36:43,650 --> 00:36:45,630
Dus moet er natuurlijk oorlog komen.

620
00:36:45,630 --> 00:36:49,230
Maar Jefta probeerde het
eerst met diplomatie.

621
00:36:49,230 --> 00:36:52,470
Jefta was een wilde, strijdlustige man.

622
00:36:52,470 --> 00:36:55,950
Hij was gewend om rooftochten
te ondernemen, en hij was een

623
00:36:55,950 --> 00:36:58,110
dappere man, enzovoort.

624
00:36:58,110 --> 00:36:59,850
Hij was een man die vocht.

625
00:36:59,850 --> 00:37:03,270
Maar blijkbaar wilde hij
niet onnodig bloed vergieten.

626
00:37:03,270 --> 00:37:07,290
Hij dacht dat hij zou proberen de
Ammonieten met argumenten te overtuigen en

627
00:37:07,290 --> 00:37:11,790
te zeggen: ‘Luister, jullie hebben
echt geen goede reden om hier te zijn.

628
00:37:11,790 --> 00:37:15,870
Waarom trekken jullie je niet gewoon
terug en laten jullie ons met rust?’

629
00:37:15,870 --> 00:37:18,390
Hij gaf hun de kans zich terug te trekken.

630
00:37:18,390 --> 00:37:21,930
De Ammonieten leden in deze
strijd een zware nederlaag,

631
00:37:21,930 --> 00:37:24,690
maar dat hebben ze alleen
aan zichzelf te wijten.

632
00:37:24,690 --> 00:37:29,550
Ze hadden namelijk de uitnodiging gekregen
om gewoon vreedzaam te vertrekken.

633
00:37:29,550 --> 00:37:34,050
En dat was precies wat Jefta probeerde
te bereiken: oorlog vermijden.

634
00:37:34,050 --> 00:37:35,910
Hij was niet bang om te vechten.

635
00:37:35,910 --> 00:37:37,710
Hij was een dappere man.

636
00:37:37,710 --> 00:37:41,790
Waarschijnlijk probeerde hij gewoon
onnodig bloedvergieten te voorkomen.

637
00:37:41,790 --> 00:37:45,330
Het was dus verstandig om het
eerst met diplomatie te proberen.

638
00:37:45,330 --> 00:37:49,710
Hij kon uitvoerig vertellen over de
geschiedenis van Israël en over hoe God

639
00:37:49,710 --> 00:37:51,450
tot hen had gesproken.

640
00:37:51,450 --> 00:37:54,390
Dat is niet iets wat een
man vanzelf zou weten.

641
00:37:54,390 --> 00:37:58,650
In die tijd hadden ze geen openbare
scholen waar geschiedenis werd onderwezen,

642
00:37:58,650 --> 00:38:00,750
en er waren geen synagogen.

643
00:38:00,750 --> 00:38:04,590
Hij moet die kennis dus uitsluitend hebben
opgedaan door zich op de een of andere

644
00:38:04,590 --> 00:38:06,870
manier vertrouwd te
maken met de Pentateuch.

645
00:38:06,870 --> 00:38:10,950
Dat betekent dat hij er moeite voor
had gedaan om te leren wat God door

646
00:38:10,950 --> 00:38:16,590
Mozes had gezegd, iets waar veel mensen
in die tijd de moeite niet voor namen.

647
00:38:16,590 --> 00:38:18,210
Vers 29:

648
00:38:18,210 --> 00:38:24,030
Toen kwam de Geest van de HEERE op Jefta,
en hij trok door Gilead en Manasse.

649
00:38:24,030 --> 00:38:28,830
Vervolgens trok hij door Mizpe in
Gilead, en vanuit Mizpe in Gilead

650
00:38:28,830 --> 00:38:30,450
trok hij op naar de Ammonieten.

651
00:38:30,450 --> 00:38:32,910
Doordat de Geest van de HEERE op hem kwam,

652
00:38:32,910 --> 00:38:36,930
kreeg hij de kracht om tegen de
Ammonieten ten strijde te trekken.

653
00:38:36,930 --> 00:38:40,050
Later wordt dit ook
over koning Saul gezegd.

654
00:38:40,050 --> 00:38:43,950
In de tijd van Saul vielen de
Ammonieten Gilead opnieuw lastig

655
00:38:43,950 --> 00:38:46,230
en probeerden ze het te heroveren.

656
00:38:46,230 --> 00:38:49,350
Saul kreeg daar bericht over. Er staat:

657
00:38:49,350 --> 00:38:53,850
De Geest van God werd vaardig over
Saul toen hij deze woorden hoorde,

658
00:38:53,850 --> 00:38:55,890
en hij ontstak in hevige woede.

659
00:38:55,890 --> 00:39:00,390
Hij werd heel boos en mobiliseerde
Israël om uit te trekken,

660
00:39:00,390 --> 00:39:04,350
te vechten en de mensen van
Gilead opnieuw te bevrijden.

661
00:39:04,350 --> 00:39:09,630
Gods Geest kwam in die tijd op mannen
om Zijn volk door oorlog te bevrijden.

662
00:39:09,630 --> 00:39:13,050
De legeraanvoerders die
God voor hen deed opstaan,

663
00:39:13,050 --> 00:39:15,810
waren mannen die vervuld
waren met de Geest.

664
00:39:15,810 --> 00:39:19,470
Wanneer de Geest in de tijd van
het Oude Testament op iemand kwam,

665
00:39:19,470 --> 00:39:23,430
was dat niet hetzelfde als toen de
Geest met Pinksteren op mensen kwam.

666
00:39:23,430 --> 00:39:26,070
Toen de Geest met
Pinksteren op mensen kwam,

667
00:39:26,070 --> 00:39:31,350
nam de Geest van God Zijn intrek in de
gemeente als Zijn blijvende woonplaats,

668
00:39:31,350 --> 00:39:34,650
Zijn huis, de tempel van de Heilige Geest.

669
00:39:34,650 --> 00:39:37,950
Mensen waren destijds niet
de tempel van Gods Geest.

670
00:39:37,950 --> 00:39:43,710
Hij kwam op hen en gaf hun kracht, maar
had niet altijd een heiligende werking.

671
00:39:43,710 --> 00:39:47,610
Simson is de minst geheiligde van
de richters over wie we lezen.

672
00:39:47,610 --> 00:39:51,810
Toch wordt er vaker vermeld dat de
Geest in hem werkte dan bij welke

673
00:39:51,810 --> 00:39:53,430
andere richter ook.

674
00:39:53,430 --> 00:39:57,750
We zouden dus moeten aannemen dat het
werk van de Geest van God in die tijd

675
00:39:57,750 --> 00:40:00,810
uitsluitend bestond uit
het geven van kracht.

676
00:40:00,810 --> 00:40:05,370
In het Nieuwe Testament is het werk van
de Geest daarentegen ook om te heiligen.

677
00:40:05,370 --> 00:40:08,610
De mannen uit het Oude
Testament op wie de Geest kwam,

678
00:40:08,610 --> 00:40:10,890
waren al dan niet geheiligde mannen.

679
00:40:10,890 --> 00:40:15,390
De Heilige Geest had in die tijd niet
noodzakelijk die uitwerking op hen,

680
00:40:15,390 --> 00:40:19,410
maar ze kregen wel op bovennatuurlijke
wijze kracht van de Geest.

681
00:40:19,410 --> 00:40:23,730
In vers 30, wanneer Jefta op het
punt staat ten strijde te trekken,

682
00:40:23,730 --> 00:40:25,470
legt hij een gelofte af:

683
00:40:25,470 --> 00:40:28,890
En Jefta deed de HEERE een gelofte en zei:

684
00:40:28,890 --> 00:40:31,950
Als U de Ammonieten geheel
in mijn hand zult geven,

685
00:40:31,950 --> 00:40:36,570
dan zal dat wat naar buiten komt en mij
vanuit de deur van mijn huis tegemoetkomt,

686
00:40:36,570 --> 00:40:40,770
als ik in vrede terugkeer van de
Ammonieten, voor de HEERE zijn,

687
00:40:40,770 --> 00:40:43,290
en ik zal het als brandoffer offeren.

688
00:40:43,290 --> 00:40:47,070
Zo trok Jefta op naar de Ammonieten
om tegen hen te strijden,

689
00:40:47,070 --> 00:40:49,650
en de HEERE gaf hen in zijn hand.

690
00:40:49,650 --> 00:40:54,990
En hij versloeg hen vanaf Aroër tot
waar u bij Minnith komt: twintig steden;

691
00:40:54,990 --> 00:40:59,010
en tot bij Abel-Keramim,
met een zeer grote slag.

692
00:40:59,010 --> 00:41:03,210
Zo werden de Ammonieten vernederd
van voor de ogen van de Israëlieten.

693
00:41:03,210 --> 00:41:09,090
De hele oorlog wordt in twee
verzen behandeld, in vers 32 en 33.

694
00:41:09,090 --> 00:41:11,610
De oorlog moet enige tijd hebben geduurd,

695
00:41:11,610 --> 00:41:15,390
en er moeten interessante bijzonderheden
over te vertellen zijn geweest.

696
00:41:15,390 --> 00:41:18,450
Maar voor de schrijver is het niet
belangrijk om ons te vertellen hoe de

697
00:41:18,450 --> 00:41:20,010
oorlog werd gewonnen.

698
00:41:20,010 --> 00:41:23,730
Het gaat er eenvoudig om dat
God Jefta de overwinning gaf

699
00:41:23,730 --> 00:41:28,110
overeenkomstig Jefta's verzoek,
dat aan de gelofte verbonden was.

700
00:41:28,110 --> 00:41:31,950
Er wordt veel meer aandacht besteed aan
het vervullen van de gelofte dan aan

701
00:41:31,950 --> 00:41:33,630
de oorlog zelf.

702
00:41:33,630 --> 00:41:37,530
Veel mensen denken dat Jefta een
overhaaste gelofte heeft afgelegd.

703
00:41:37,530 --> 00:41:42,030
Veel uitleggers stellen het zelfs
zo voor dat hij een dwaze gelofte

704
00:41:42,030 --> 00:41:44,610
en zelfs een slechte
gelofte heeft afgelegd,

705
00:41:44,610 --> 00:41:47,490
alsof hij beloofde een
mensenoffer te brengen.

706
00:41:47,490 --> 00:41:51,930
Het lijkt heel onwaarschijnlijk dat Jefta
van plan was een mensenoffer te brengen.

707
00:41:51,930 --> 00:41:55,950
Toen hij ontdekte dat het een mens zou
zijn die hij aan de HEERE moest offeren,

708
00:41:55,950 --> 00:41:57,510
deed hem dat verdriet.

709
00:41:57,510 --> 00:41:59,310
Dat was natuurlijk zijn dochter.

710
00:41:59,310 --> 00:42:02,550
Maar sommige mensen denken dat
hij wel een mens had verwacht,

711
00:42:02,550 --> 00:42:05,550
maar niet dat zijn dochter
uit het huis zou komen.

712
00:42:05,550 --> 00:42:08,430
Misschien een dienaar of zo
die naar buiten zou komen,

713
00:42:08,430 --> 00:42:10,290
en die zou hij dan offeren.

714
00:42:10,290 --> 00:42:14,310
Dit is iets wat we zullen moeten bespreken
wanneer we naar de afloop kijken,

715
00:42:14,310 --> 00:42:18,630
want in vers 34 tot en met 40 krijgen
we een beschrijving van hoe hij

716
00:42:18,630 --> 00:42:20,310
zijn gelofte vervulde.

717
00:42:20,310 --> 00:42:24,390
Het wordt niet zo gedetailleerd beschreven
dat alle onenigheid over wat hij

718
00:42:24,390 --> 00:42:26,310
deed, wordt weggenomen.

719
00:42:26,310 --> 00:42:30,150
Veel mensen denken dat hij zijn
dochter als brandoffer heeft geofferd.

720
00:42:30,150 --> 00:42:34,230
Anderen denken van niet, en voor
beide standpunten zijn argumenten.

721
00:42:34,230 --> 00:42:36,390
Maar in vers 34 staat:

722
00:42:36,390 --> 00:42:39,870
Maar toen Jefta in Mizpa
bij zijn huis aankwam, zie,

723
00:42:39,870 --> 00:42:45,090
toen kwam zijn dochter naar buiten, hem
tegemoet, met tamboerijnen en in reidans.

724
00:42:45,090 --> 00:42:49,290
Nu was zij zijn enige kind ; hij
had verder geen zoon of dochter.

725
00:42:49,290 --> 00:42:53,070
Dat wordt vermeld omdat het voor een man
heel belangrijk was om nakomelingen te

726
00:42:53,070 --> 00:42:57,450
kunnen achterlaten, zodat zijn
naam na zijn dood zou voortleven.

727
00:42:57,450 --> 00:43:00,690
Daarvoor moest hij een zoon
hebben, of ten minste een dochter.

728
00:43:00,690 --> 00:43:03,210
Zijn naam zou niet via
een dochter voortleven,

729
00:43:03,210 --> 00:43:06,210
maar zijn bloedlijn in
bepaalde opzichten wel.

730
00:43:06,210 --> 00:43:09,450
Toch is zij hier de enige
nakomeling die hij heeft.

731
00:43:09,450 --> 00:43:13,230
Hij heeft geen zoon, en dat
is op zichzelf al tragisch.

732
00:43:13,230 --> 00:43:16,350
Met alleen een dochter kan
zijn naam niet voortleven.

733
00:43:16,350 --> 00:43:19,770
Maar een dochter kan hem in
elk geval kleinkinderen geven.

734
00:43:19,770 --> 00:43:23,430
De dochters van Zelafead
hadden een precedent geschapen:

735
00:43:23,430 --> 00:43:27,630
dochters konden het vermogen, de
landgoederen van hun vader erven als hij

736
00:43:27,630 --> 00:43:29,010
geen zoon had.

737
00:43:29,010 --> 00:43:33,030
Hij kon dus bezittingen nalaten aan
een dochter en aan zijn kleinzonen,

738
00:43:33,030 --> 00:43:35,550
maar niet als zij nooit kinderen kreeg.

739
00:43:35,550 --> 00:43:37,710
Dat is het tragische ervan.

740
00:43:37,710 --> 00:43:41,430
Dit is zijn enige nakomeling,
en andere had hij niet.

741
00:43:41,430 --> 00:43:46,530
En het gebeurde, toen hij haar zag,
dat hij zijn kleren scheurde, en zei:

742
00:43:46,530 --> 00:43:48,210
Ach, mijn dochter!

743
00:43:48,210 --> 00:43:52,650
Je laat mij diep neerbukken en je hoort
nu bij hen die mij in het ongeluk storten.

744
00:43:52,650 --> 00:43:55,530
Ik heb namelijk mijn mond
naar de HEERE opengedaan

745
00:43:55,530 --> 00:43:57,270
en ik kan er niet op terugkomen.

746
00:43:57,270 --> 00:43:59,670
Ook hieruit blijkt zijn vroomheid.

747
00:43:59,670 --> 00:44:02,550
De meeste mannen zouden in
die situatie zeggen: ‘Nou,

748
00:44:02,550 --> 00:44:06,090
dat was een domme toezegging
van me. Ik ga het niet doen.

749
00:44:06,090 --> 00:44:07,710
God moet het er maar mee doen.

750
00:44:07,710 --> 00:44:09,750
Ik ga deze gelofte niet houden.’

751
00:44:09,750 --> 00:44:13,710
Ik heb mensen gekend die geloften hadden
gedaan die minder moeilijk te houden

752
00:44:13,710 --> 00:44:16,050
waren, en die erop terugkwamen.

753
00:44:16,050 --> 00:44:17,850
En dat waren christenen.

754
00:44:17,850 --> 00:44:21,330
Het feit dat Jefta zichzelf
niet eens de mogelijkheid

755
00:44:21,330 --> 00:44:24,870
toestond om zijn gelofte
aan de HEERE niet te houden,

756
00:44:24,870 --> 00:44:27,030
bewijst dat hij een vroom man was.

757
00:44:27,030 --> 00:44:31,350
Hij wordt natuurlijk in het boek
Hebreeën genoemd als een man van geloof.

758
00:44:31,350 --> 00:44:33,690
Al zegt dat ons niet hoe vroom hij was,

759
00:44:33,690 --> 00:44:38,730
want ook Simson wordt in Hebreeën
11 genoemd als een man van geloof.

760
00:44:38,730 --> 00:44:44,310
Jefta lijkt in alle opzichten een
godvruchtig man te zijn. Dus zegt hij:

761
00:44:44,310 --> 00:44:46,770
Ik kan niet terugkomen op mijn belofte.

762
00:44:46,770 --> 00:44:52,350
Maar zij antwoordde hem: Mijn vader, als
u uw mond naar de HEERE hebt geopend,

763
00:44:52,350 --> 00:44:56,250
doe dan met mij overeenkomstig
datgene wat u hebt gesproken,

764
00:44:56,250 --> 00:44:59,730
aangezien de HEERE u immers
volledig gewroken heeft op uw

765
00:44:59,730 --> 00:45:01,770
vijanden, de Ammonieten.

766
00:45:01,770 --> 00:45:06,870
Dat is interessant, dat ze zomaar
zou zeggen: ‘Nou, wat je ook zegt,

767
00:45:06,870 --> 00:45:09,870
je kunt je woord aan de
Heere niet terugnemen,

768
00:45:09,870 --> 00:45:12,270
zelfs als het ten koste van mij gaat.’

769
00:45:12,270 --> 00:45:15,990
Het doet me denken aan een verhaal
dat Richard Wurmbrand vertelde.

770
00:45:15,990 --> 00:45:20,250
Hij was als predikant veertien
jaar lang gemarteld in een

771
00:45:20,250 --> 00:45:22,650
Roemeense communistische gevangenis.

772
00:45:22,650 --> 00:45:27,570
Hij kende de verhalen van veel andere
gevangenen die gemarteld waren, enzovoort.

773
00:45:27,570 --> 00:45:30,510
Hij zei dat er een man was,
volgens mij een predikant,

774
00:45:30,510 --> 00:45:33,510
die in een communistische
gevangenis werd gemarteld.

775
00:45:33,510 --> 00:45:36,750
Hij hield goed stand onder
de martelingen en brak niet.

776
00:45:36,750 --> 00:45:39,270
Dus werd zijn zoon binnengebracht.

777
00:45:39,270 --> 00:45:43,470
Ik weet niet meer hoe oud zijn zoon
was, volgens mij ongeveer twaalf jaar.

778
00:45:43,470 --> 00:45:46,350
Ze begonnen zijn zoon voor
zijn ogen te martelen.

779
00:45:46,350 --> 00:45:50,610
De predikant, die het goed had
doorstaan toen hij zelf gemarteld werd,

780
00:45:50,610 --> 00:45:54,750
merkte dat hij het niet kon aanzien
dat zijn zoon zo werd gemarteld.

781
00:45:54,750 --> 00:45:58,110
Hij sprak zijn zoon werkelijk
aan en zei: ‘Jongen,

782
00:45:58,110 --> 00:46:00,570
ik kan niet aanzien dat ze je dit aandoen.

783
00:46:00,570 --> 00:46:02,490
Ik zal moeten doen wat ze zeggen.

784
00:46:02,490 --> 00:46:04,830
Ik zal Christus moeten verloochenen.’

785
00:46:04,830 --> 00:46:09,450
Zijn zoon zei: ‘Als je Christus
verloochent, ben je mijn vader niet.’

786
00:46:09,450 --> 00:46:12,630
Dus werd zijn zoon voor
zijn ogen doodgemarteld.

787
00:46:12,630 --> 00:46:16,230
Dat is de prijs die sommige mensen in
communistische landen voor hun geloof

788
00:46:16,230 --> 00:46:17,670
hebben moeten betalen.

789
00:46:17,670 --> 00:46:20,790
Het is al moeilijk genoeg om
zelf doodgemarteld te worden,

790
00:46:20,790 --> 00:46:24,090
maar om te zien hoe je kinderen
voor je ogen worden doodgemarteld,

791
00:46:24,090 --> 00:46:26,010
zou nog veel moeilijker zijn.

792
00:46:26,010 --> 00:46:30,810
Maar dat een zoon dat standpunt
inneemt: ‘Je hebt je aan God verbonden.

793
00:46:30,810 --> 00:46:35,070
Je mag je verbondenheid aan God
niet verloochenen om mij te sparen.’

794
00:46:35,070 --> 00:46:38,250
Dat is werkelijk hoe een
godvruchtig kind zou moeten denken,

795
00:46:38,250 --> 00:46:41,010
maar volgens mij doen
heel weinig kinderen dat.

796
00:46:41,010 --> 00:46:42,150
Jezus zei:

797
00:46:42,150 --> 00:46:46,110
Wie vader of moeder liefheeft
boven Mij, is Mij niet waard;

798
00:46:46,110 --> 00:46:49,830
en wie zoon of dochter liefheeft
boven Mij, is Mij niet waard.

799
00:46:49,830 --> 00:46:53,370
Het is waar dat we niet zomaar
Christus kunnen verloochenen

800
00:46:53,370 --> 00:46:56,790
of onze verplichtingen tegenover
God kunnen schenden om onze

801
00:46:56,790 --> 00:46:58,350
kinderen te sparen.

802
00:46:58,350 --> 00:47:02,070
Toch ben ik van mening dat hij
zijn dochter niet heeft geofferd,

803
00:47:02,070 --> 00:47:05,610
maar de gelofte op een
andere manier heeft vervuld.

804
00:47:05,610 --> 00:47:07,710
Dus zei ze tegen hem:

805
00:47:07,710 --> 00:47:11,910
Je moet doen wat je tegen de
Heer hebt gezegd dat je zou doen.

806
00:47:11,910 --> 00:47:15,150
Maar dit zei ze ook in vers 37:

807
00:47:15,150 --> 00:47:19,950
Verder zei zij tegen haar vader: Laat
de volgende zaak ten aanzien van mij

808
00:47:19,950 --> 00:47:25,050
gebeuren: laat mij twee maanden
begaan, om af te dalen naar de bergen

809
00:47:25,050 --> 00:47:29,850
en te huilen omdat ik maagd zal
blijven, ik samen met mijn vriendinnen.

810
00:47:29,850 --> 00:47:34,290
Haar vader zei: ‘Ga maar’, en
liet haar twee maanden vertrekken.

811
00:47:34,290 --> 00:47:38,910
Zij ging met haar vriendinnen de bergen
in en beweende haar maagdelijkheid.

812
00:47:38,910 --> 00:47:42,030
Na twee maanden keerde
ze terug naar haar vader,

813
00:47:42,030 --> 00:47:44,550
die zijn gelofte aan haar uitvoerde.

814
00:47:44,550 --> 00:47:47,010
Zij had geen gemeenschap met een man.

815
00:47:47,010 --> 00:47:51,810
Het werd een gewoonte in Israël dat
de dochters van Israël ieder jaar

816
00:47:51,810 --> 00:47:56,610
vier dagen lang de dochter van
Jefta, de Gileadiet, gingen bewenen.

817
00:47:56,610 --> 00:48:01,890
Eigenlijk betekent het Hebreeuwse woord
dat in vers 40 in de Engelse vertaling met

818
00:48:01,890 --> 00:48:05,430
‘bewenen’ wordt weergegeven, ‘prijzen’.

819
00:48:05,430 --> 00:48:08,010
Ze gingen eropuit om haar te prijzen.

820
00:48:08,010 --> 00:48:11,370
De meeste mensen nemen bij het
lezen hiervan aan dat ze als

821
00:48:11,370 --> 00:48:16,110
brandoffer werd geofferd, maar ik denk
dat dat waarschijnlijk niet het geval is.

822
00:48:16,110 --> 00:48:18,750
Als we kijken naar de
gelofte die Jefta deed,

823
00:48:18,750 --> 00:48:22,950
vinden we de bewoording
daarvan in vers 31. Hij zei:

824
00:48:22,950 --> 00:48:27,450
dan zal dat wat naar buiten komt en mij
vanuit de deur van mijn huis tegemoetkomt,

825
00:48:27,450 --> 00:48:31,590
als ik in vrede terugkeer van de
Ammonieten, voor de HEERE zijn,

826
00:48:31,590 --> 00:48:34,050
en ik zal het als brandoffer offeren.

827
00:48:34,050 --> 00:48:38,070
Sommige kenners van het Hebreeuws
hebben gezegd dat het woord ‘en’ ook

828
00:48:38,070 --> 00:48:39,570
‘of’ kan betekenen.

829
00:48:39,570 --> 00:48:42,390
Ik weet dat dit in sommige talen zo is.

830
00:48:42,390 --> 00:48:44,550
En ik ken het Hebreeuws niet goed genoeg,

831
00:48:44,550 --> 00:48:47,610
maar sommige geleerden hebben
dat daadwerkelijk gezegd,

832
00:48:47,610 --> 00:48:51,270
en zij kennen wel Hebreeuws,
dus ik neem het van hen aan.

833
00:48:51,270 --> 00:48:56,130
Het woord ‘en’ kan ook ‘of’
betekenen, afhankelijk van de context.

834
00:48:56,130 --> 00:48:57,750
Als hij inderdaad zei:

835
00:48:57,750 --> 00:49:00,750
Wat me ook tegemoetkomt,
zal van de Heer zijn,

836
00:49:00,750 --> 00:49:03,090
of ik zal het als brandoffer offeren.

837
00:49:03,090 --> 00:49:05,430
dan geeft hij twee mogelijkheden aan.

838
00:49:05,430 --> 00:49:10,890
De ene is: als het een mens is die hem
tegemoetkomt, zal die van de Heere zijn.

839
00:49:10,890 --> 00:49:15,690
Of als het een dier is, een rein dier,
zal het als brandoffer worden geofferd.

840
00:49:15,690 --> 00:49:19,290
Als er een ezel of een hond
of een rat uit zijn huis kwam,

841
00:49:19,290 --> 00:49:23,130
kon hij die natuurlijk niet offeren,
want dat is een onrein dier.

842
00:49:23,130 --> 00:49:25,350
Een mens kon hij ook niet offeren.

843
00:49:25,350 --> 00:49:29,430
Zijn gelofte zou dus in wezen zijn:
als het een dier is dat als brandoffer

844
00:49:29,430 --> 00:49:32,190
geofferd kan worden, dan
zal ik dat ermee doen.

845
00:49:32,190 --> 00:49:35,250
Als dat niet zo is, zal ik
het aan de Heere wijden,

846
00:49:35,250 --> 00:49:37,530
zoals Samuel aan de Heere werd gewijd.

847
00:49:37,530 --> 00:49:42,390
Er zijn in de Schrift volop aanwijzingen
dat zowel jongens als meisjes

848
00:49:42,390 --> 00:49:45,570
door hun ouders aan de
Heere gewijd konden worden.

849
00:49:45,570 --> 00:49:49,650
Voor een meisje zou dit betekenen
dat ze niet zou trouwen.

850
00:49:49,650 --> 00:49:54,630
Een jongen zou wel kunnen trouwen,
want een priester mocht trouwen.

851
00:49:54,630 --> 00:49:59,490
Samuel was aan de Heere gewijd,
maar hij trouwde en kreeg kinderen.

852
00:49:59,490 --> 00:50:02,610
Blijkbaar zou een meisje
dat aan de Heere gewijd was,

853
00:50:02,610 --> 00:50:06,150
haar hele leven als maagd
in de tabernakel dienen.

854
00:50:06,150 --> 00:50:10,350
Ze zou daar gewoon alle werkzaamheden
verrichten die gedaan moesten worden.

855
00:50:10,350 --> 00:50:14,250
Jongens en meisjes zouden allebei
in de tabernakel opgroeien

856
00:50:14,250 --> 00:50:18,570
als ze aan God gewijd waren,
eigenlijk om als Levieten te zijn.

857
00:50:18,570 --> 00:50:22,890
Samuel was geen Leviet, en toch
vervulde hij priesterlijke taken toen

858
00:50:22,890 --> 00:50:24,270
hij ouder was.

859
00:50:24,270 --> 00:50:28,890
Waarschijnlijk omdat iemand die aan de
Heere gewijd is om in de tempel te dienen,

860
00:50:28,890 --> 00:50:31,770
in wezen hetzelfde zou
zijn als een Leviet.

861
00:50:31,770 --> 00:50:36,570
Blijkbaar zou men hem beschouwen als
iemand die niet van een Leviet verschilde.

862
00:50:36,570 --> 00:50:39,150
Maar een meisje is niet
precies als een Leviet,

863
00:50:39,150 --> 00:50:42,810
want vrouwelijke Levieten
dienden niet in de tabernakel.

864
00:50:42,810 --> 00:50:45,870
Ze zou meer op een non
lijken, een beetje meer

865
00:50:45,870 --> 00:50:49,890
op wat wij ons voorstellen
bij een non in een klooster.

866
00:50:49,890 --> 00:50:53,250
Veel mensen geloven dus
dat ze niet geofferd werd,

867
00:50:53,250 --> 00:50:55,410
en dat hij dat ook niet beloofd had.

868
00:50:55,410 --> 00:50:59,550
Wat hij beloofde, was dat hij
het een of het ander zou doen.

869
00:50:59,550 --> 00:51:03,930
Onder bepaalde omstandigheden zal
ik het gewoon aan de Heere wijden.

870
00:51:03,930 --> 00:51:07,650
Kon je een ezel aan de
Heere wijden? Ja, dat kon.

871
00:51:07,650 --> 00:51:12,390
Of je kon hem volgens de wet met een
lam vrijkopen of hem de nek breken.

872
00:51:12,390 --> 00:51:13,710
Hij was van de Heere.

873
00:51:13,710 --> 00:51:18,690
Het eerstgeboren jong van een ezel, het
eerstgeboren jong van welk dier dan ook,

874
00:51:18,690 --> 00:51:21,870
was van de Heere, ook
bij de onreine dieren.

875
00:51:21,870 --> 00:51:26,490
Die konden niet geofferd worden, maar ze
konden wel aan de Heere gewijd worden.

876
00:51:26,490 --> 00:51:28,350
Dat gold ook voor mensen.

877
00:51:28,350 --> 00:51:32,430
Maar sommige dieren, reine
dieren, konden geofferd worden.

878
00:51:32,430 --> 00:51:35,490
Ik denk dat hij het
waarschijnlijk zo verwoord heeft.

879
00:51:35,490 --> 00:51:40,650
Want hij kende de Pentateuch beslist goed
genoeg en hij was godvruchtig genoeg om

880
00:51:40,650 --> 00:51:43,830
nooit te beloven een
mensenoffer te brengen.

881
00:51:43,830 --> 00:51:48,030
Dit was een man die zijn gedachten
in een nauwkeurig en logisch betoog

882
00:51:48,030 --> 00:51:49,590
wist te verwoorden.

883
00:51:49,590 --> 00:51:53,490
Dat deed hij ook toen hij zich
tegenover de Ammonieten verdedigde,

884
00:51:53,490 --> 00:51:55,110
toen hij met hen sprak.

885
00:51:55,110 --> 00:51:58,590
Het is niet waarschijnlijk dat
hij zo onzorgvuldig zou zijn

886
00:51:58,590 --> 00:52:03,090
dat hij een gelofte deed die hem ertoe
verplichtte om wat dan ook als brandoffer

887
00:52:03,090 --> 00:52:07,470
te offeren, met inbegrip van
een onrein dier of een mens.

888
00:52:07,470 --> 00:52:11,250
Hij zou immers weten dat dit
verboden was in de Pentateuch,

889
00:52:11,250 --> 00:52:13,530
waarmee hij voldoende vertrouwd was.

890
00:52:13,530 --> 00:52:19,350
Ik denk dus dat zijn gelofte vertaald
moet worden zonder ‘en’, maar met ‘of’.

891
00:52:19,350 --> 00:52:21,690
Daarom was hij niet bedroefd omdat zijn

892
00:52:21,690 --> 00:52:24,450
dochter als brandoffer
geofferd zou worden.

893
00:52:24,450 --> 00:52:29,130
Hij was bedroefd omdat zij tot levenslange
maagdelijkheid verplicht zou worden

894
00:52:29,130 --> 00:52:31,650
en hij nooit nakomelingen zou hebben.

895
00:52:31,650 --> 00:52:33,870
Dat is toch wat hier wordt benadrukt?

896
00:52:33,870 --> 00:52:38,070
Ze ging eropuit om haar maagdelijkheid
te bewenen, niet haar dood.

897
00:52:38,070 --> 00:52:43,110
Ze ging eropuit om te bewenen dat ze nooit
zou trouwen en nooit kinderen zou krijgen

898
00:52:43,110 --> 00:52:46,950
en haar vader nooit kleinkinderen
zou geven, enzovoort.

899
00:52:46,950 --> 00:52:49,590
Dat zegt ze in vers 37:

900
00:52:49,590 --> 00:52:53,790
Laten we de bergen in trekken en
rondzwerven en erom treuren dat ik nooit

901
00:52:53,790 --> 00:52:55,530
met een man zal slapen.

902
00:52:55,530 --> 00:53:00,090
Wanneer er in vers 39 staat
dat hij zijn gelofte uitvoerde,

903
00:53:00,090 --> 00:53:03,810
staat er niet dat hij haar
offerde. Er staat alleen:

904
00:53:03,810 --> 00:53:06,330
En het gebeurde na
verloop van twee maanden

905
00:53:06,330 --> 00:53:08,790
dat zij naar haar vader terugkeerde.

906
00:53:08,790 --> 00:53:12,510
En hij voltrok aan haar zijn
gelofte, die hij had gedaan.

907
00:53:12,510 --> 00:53:15,270
Zij heeft geen gemeenschap
gehad met een man.

908
00:53:15,270 --> 00:53:17,790
En het werd een gewoonte in Israël

909
00:53:17,790 --> 00:53:21,990
Blijkbaar was haar maagdelijkheid
datgene waartoe hij zich met zijn

910
00:53:21,990 --> 00:53:23,790
gelofte had verbonden.

911
00:53:23,790 --> 00:53:29,250
Blijkbaar werd zij ertoe verplicht in de
tabernakel te dienen en nooit te trouwen.

912
00:53:29,250 --> 00:53:33,930
Dat zou dus een tragedie zijn die
zowel zij als haar vader zou bewenen,

913
00:53:33,930 --> 00:53:36,210
omdat zij het enige kind was.

914
00:53:36,210 --> 00:53:38,850
Dat hij hierdoor geen
nageslacht zou hebben,

915
00:53:38,850 --> 00:53:41,970
zou ook bij haar medeleven
met hem oproepen.

916
00:53:41,970 --> 00:53:46,170
Ze leefde duidelijk met haar
vader mee. Hij was bedroefd.

917
00:53:46,170 --> 00:53:50,550
Als ze ter dood gebracht zou worden, denk
je dan dat ze haar laatste twee maanden

918
00:53:50,550 --> 00:53:54,270
met haar vriendinnen op de heuvelhellingen
zou doorbrengen in plaats van

919
00:53:54,270 --> 00:53:55,590
met haar vader?

920
00:53:55,590 --> 00:53:58,410
Er was duidelijk genegenheid tussen hen.

921
00:53:58,410 --> 00:54:01,650
Dus ik denk echt gewoon niet
dat iets in dit verhaal het

922
00:54:01,650 --> 00:54:05,370
aannemelijk maakt dat hij een
mens aan God heeft geofferd.

923
00:54:05,370 --> 00:54:07,470
Dat zou een gruweldaad zijn.

924
00:54:07,470 --> 00:54:12,390
God verbood mensen streng om hun
zonen of hun dochters te offeren.

925
00:54:12,390 --> 00:54:16,950
Nogmaals, Jefta wordt in het boek
Hebreeën geprezen om zijn geloof.

926
00:54:16,950 --> 00:54:20,970
Dus ik denk dat een man die alleen
bekendstond om zo'n afschuwelijke

927
00:54:20,970 --> 00:54:24,090
daad als een mensenoffer,
ons niet als een groot

928
00:54:24,090 --> 00:54:26,670
voorbeeld van geloof
zou worden voorgehouden.

929
00:54:26,670 --> 00:54:29,010
Ik denk niet dat hij dat heeft gedaan.

930
00:54:29,010 --> 00:54:31,530
Ik denk dat zijn dochter
niet werd geofferd,

931
00:54:31,530 --> 00:54:35,610
maar dat zij werd verplicht haar
leven lang Jahweh te dienen,

932
00:54:35,610 --> 00:54:38,310
en daarom haar leven
lang maagd te blijven.
