1
00:00:02,070 --> 00:00:04,170
Welkom bij Vers voor Vers!

2
00:00:04,170 --> 00:00:12,270
Deze keer behandelen we Romeinen 3
vers 27 tot en met hoofdstuk 4 vers 25.

3
00:00:12,270 --> 00:00:14,670
We zijn nu in Romeinen hoofdstuk 3,

4
00:00:14,670 --> 00:00:18,810
en tijdens onze vorige bijeenkomst hebben
we de hele bijeenkomst besteed aan een

5
00:00:18,810 --> 00:00:22,530
bespreking van vers 21 tot en met 26.

6
00:00:22,530 --> 00:00:25,950
Dat was Paulus’ samenvatting
van wat hij te zeggen heeft,

7
00:00:25,950 --> 00:00:29,670
in tegenstelling tot wat de Jood
gewoonlijk over gerechtigheid dacht.

8
00:00:29,670 --> 00:00:33,690
De Jood beschouwde gerechtigheid
gewoonlijk als iets wat inherent was aan

9
00:00:33,690 --> 00:00:37,830
het leven onder de wet, aan het
hebben van de wet van Mozes.

10
00:00:37,830 --> 00:00:42,090
Het is waar dat niemand volmaakt is,
maar alleen al het bezit van de wet

11
00:00:42,090 --> 00:00:46,350
maakte hen tot een andere klasse
mensen. Ze waren besneden.

12
00:00:46,350 --> 00:00:48,510
Ze hadden een verbond met God.

13
00:00:48,510 --> 00:00:53,790
En daarom hoefden ze zich nooit echt
zorgen te maken over hoe God hen zag.

14
00:00:53,790 --> 00:00:55,650
Dat dachten ze tenminste.

15
00:00:55,650 --> 00:00:58,770
En Paulus heeft er veel tijd
aan besteed om te zeggen

16
00:00:58,770 --> 00:01:02,790
dat je je er wel degelijk zorgen
over moet maken hoe God je ziet

17
00:01:02,790 --> 00:01:05,250
als je geen rechtvaardig leven leidt.

18
00:01:05,250 --> 00:01:08,550
Het feit dat je besneden
bent, zal Gods ogen niet

19
00:01:08,550 --> 00:01:11,430
blind maken voor de
manier waarop je leeft.

20
00:01:11,430 --> 00:01:14,310
En de wet is nooit gegeven als het middel

21
00:01:14,310 --> 00:01:17,010
waardoor je in een goede
verhouding tot God staat,

22
00:01:17,010 --> 00:01:20,310
waardoor je in Zijn ogen
gerechtvaardigd bent.

23
00:01:20,310 --> 00:01:25,350
En dus heeft hij in vers 21 en de
verzen daarna gezegd dat er een andere

24
00:01:25,350 --> 00:01:28,830
grondslag is voor
gerechtigheid in Gods ogen.

25
00:01:28,830 --> 00:01:32,070
Er is een gerechtigheid van
God die je kunt bezitten,

26
00:01:32,070 --> 00:01:37,170
die tot jou komt en op jou rust wanneer
je in de juiste verhouding tot God staat.

27
00:01:37,170 --> 00:01:39,870
Die verhouding is gebaseerd op geloof.

28
00:01:39,870 --> 00:01:42,450
En zoals ik heb geprobeerd
duidelijk te maken,

29
00:01:42,450 --> 00:01:45,510
verwijst dat niet alleen naar
het geloven van dingen over God.

30
00:01:45,510 --> 00:01:49,950
Het heeft te maken met een werkelijke
verhouding tot God die gekenmerkt

31
00:01:49,950 --> 00:01:51,570
wordt door trouw.

32
00:01:51,570 --> 00:01:57,390
Trouw aan Hem en Zijn trouw aan jou,
en jouw vermogen om Hem te vertrouwen,

33
00:01:57,390 --> 00:02:01,170
en eerlijk gezegd, Zijn
vermogen om jou te vertrouwen.

34
00:02:01,170 --> 00:02:04,710
Het gaat erom dat wij
trouw behoren te zijn.

35
00:02:04,710 --> 00:02:08,850
Sterker nog, er wordt van ons
geëist dat wij trouw zijn.

36
00:02:08,850 --> 00:02:12,570
Daarover bestaat in de
Bijbel geen enkele twijfel.

37
00:02:12,570 --> 00:02:18,270
Jezus zei bijvoorbeeld tegen de
gemeente in Smyrna, in Openbaring 2:10:

38
00:02:18,270 --> 00:02:21,450
Wees niet bevreesd voor wat u lijden zult.

39
00:02:21,450 --> 00:02:26,850
Zie, de duivel zal sommigen van u in de
gevangenis werpen, opdat u verzocht wordt.

40
00:02:26,850 --> 00:02:29,790
En u zult een verdrukking
hebben van tien dagen.

41
00:02:29,790 --> 00:02:34,710
Wees trouw tot in de dood, en Ik
zal u de kroon van het leven geven.

42
00:02:34,710 --> 00:02:40,110
Als je leven wilt hebben, namelijk de
kroon des levens, het eeuwige leven,

43
00:02:40,110 --> 00:02:43,590
dan zul je uiteraard
trouw zijn tot de dood.

44
00:02:43,590 --> 00:02:47,970
Hoe valt dat nu te rijmen met de leer
van de rechtvaardiging door geloof?

45
00:02:47,970 --> 00:02:52,470
Het valt er volmaakt mee te
rijmen, want geloof (‘faith’)

46
00:02:52,470 --> 00:02:58,470
omvat ook trouw zijn (‘being
faithful’), trouw zijn tot de dood.

47
00:02:58,470 --> 00:03:02,670
Het betekent niet alleen dat je
God gelooft omdat Hij trouw is.

48
00:03:02,670 --> 00:03:06,630
Het betekent ook dat je op
God lijkt, in die zin dat jij

49
00:03:06,630 --> 00:03:08,850
eveneens trouw bent aan Hem.

50
00:03:08,850 --> 00:03:12,690
Je weerspiegelt Zijn
trouw door jouw trouw.

51
00:03:12,690 --> 00:03:18,030
En deze laatste twee verzen die we
behandeld hebben, vers 25 en 26,

52
00:03:18,030 --> 00:03:22,230
vertelden hoe God erin slaagde te
laten zien dat Hij rechtvaardig is.

53
00:03:22,230 --> 00:03:26,010
Hij toonde Zijn gerechtigheid door
de goddeloze te rechtvaardigen,

54
00:03:26,010 --> 00:03:29,970
want Hij had een voorziening getroffen
waardoor Hij geen enkel compromis hoefde

55
00:03:29,970 --> 00:03:34,530
te sluiten ten aanzien van Zijn
rechtvaardigheid of Zijn gerechtigheid.

56
00:03:34,530 --> 00:03:39,930
Dat wil zeggen: Hij stelde Christus voor
als Degene Die het zwaarste deel van de

57
00:03:39,930 --> 00:03:42,150
verschuldigde straf zou dragen.

58
00:03:42,150 --> 00:03:45,750
Daardoor zou de rechtvaardigheid
niet worden veronachtzaamd.

59
00:03:45,750 --> 00:03:47,970
De straf zou worden voltrokken.

60
00:03:47,970 --> 00:03:51,750
Maar een Plaatsvervanger heeft
die straf op Zich kunnen nemen.

61
00:03:51,750 --> 00:03:55,050
Hoe dat er nu precies toe leidt
dat ik een beter mens ben,

62
00:03:55,050 --> 00:03:59,790
of dat ik rechtvaardig ben in Gods ogen,
wordt hier niet volledig uitgelegd.

63
00:03:59,790 --> 00:04:04,830
Hij zal zulke dingen bespreken wanneer
we, denk ik, bij hoofdstuk 5 komen,

64
00:04:04,830 --> 00:04:09,870
bij de bespreking van Adam en Christus
in het laatste deel van Romeinen 5.

65
00:04:09,870 --> 00:04:14,430
Want daar zal hij bespreken hoe
het feit dat je in Christus bent,

66
00:04:14,430 --> 00:04:18,750
in tegenstelling tot het feit dat
je in Adam bent, je rechtvaardigt.

67
00:04:18,750 --> 00:04:21,510
Christus is onze Vertegenwoordiger.

68
00:04:21,510 --> 00:04:26,250
Hij heeft geleden voor de zonde, en
wij hebben dat in Hem ook gedaan.

69
00:04:26,250 --> 00:04:28,050
Wij hebben dat doorgemaakt.

70
00:04:28,050 --> 00:04:30,990
Wij hebben het lijden
voor de zonde doorgemaakt.

71
00:04:30,990 --> 00:04:34,710
Het is niet alleen zo dat Jezus
in onze plaats geleden heeft.

72
00:04:34,710 --> 00:04:39,390
Hij heeft als onze Vertegenwoordiger
geleden en daarmee, in zekere

73
00:04:39,390 --> 00:04:41,190
zin, als ons.

74
00:04:41,190 --> 00:04:44,550
Het is niet zo dat Hij
geleden heeft en ik niet.

75
00:04:44,550 --> 00:04:49,170
Nu ja, in zekere zin heeft Hij iets
geleden wat ik niet heb geleden,

76
00:04:49,170 --> 00:04:53,790
maar Hij leed als mijn Vertegenwoordiger
en ik word geacht in Hem te zijn.

77
00:04:53,790 --> 00:04:57,450
Daarom worden de verdiensten van
Zijn lijden mij toegerekend alsof het

78
00:04:57,450 --> 00:04:59,250
mijn lijden was.

79
00:04:59,250 --> 00:05:02,070
Paulus zei in Galaten 2:20:

80
00:05:02,070 --> 00:05:08,610
Ik ben met Christus gekruisigd; en niet
meer ik leef, maar Christus leeft in mij;

81
00:05:08,610 --> 00:05:11,250
en voor zover ik nu in het vlees leef,

82
00:05:11,250 --> 00:05:13,950
leef ik door het geloof
in de Zoon van God,

83
00:05:13,950 --> 00:05:18,810
Die mij heeft liefgehad en Zichzelf
voor mij heeft overgegeven.

84
00:05:18,810 --> 00:05:22,050
En dat komt doordat ik in Christus ben,

85
00:05:22,050 --> 00:05:25,170
in een bepaalde zin die
nader onderzocht moet worden

86
00:05:25,170 --> 00:05:28,350
en in latere hoofdstukken
onderzocht zal worden.

87
00:05:28,350 --> 00:05:32,130
Dat maakt deel uit van de
onderliggende denkwijze van Paulus

88
00:05:32,130 --> 00:05:35,670
wanneer hij in hoofdstuk 3
dit hele onderwerp bespreekt,

89
00:05:35,670 --> 00:05:37,830
maar hij gaat hier niet verder op in.

90
00:05:37,830 --> 00:05:41,670
Maar de reden waarom de dood van
Jezus invloed op mij kan hebben,

91
00:05:41,670 --> 00:05:44,490
is dat ik in zekere zin Hem ben.

92
00:05:44,490 --> 00:05:48,750
Ik ben in Hem, net zoals de organen
van mijn lichaam in mij zijn,

93
00:05:48,750 --> 00:05:51,870
en ze worden sterk
beïnvloed door wat ik doe.

94
00:05:51,870 --> 00:05:53,550
Ze delen in mijn lot.

95
00:05:53,550 --> 00:05:55,710
Ze delen in mijn bestemming.

96
00:05:55,710 --> 00:05:59,070
Als ik gedood word, sterven mijn organen.

97
00:05:59,070 --> 00:06:02,910
Als ik aan de dood ontsnap,
overleven mijn organen.

98
00:06:02,910 --> 00:06:06,930
Dat geldt voor mijn organen,
omdat ze in mij zijn.

99
00:06:06,930 --> 00:06:09,870
Hun lot en hun bestemming
kunnen niet worden

100
00:06:09,870 --> 00:06:12,870
losgemaakt van mijn
lot en mijn bestemming,

101
00:06:12,870 --> 00:06:16,290
en kunnen ook niet worden beschouwd
als iets anders dan mijn lot

102
00:06:16,290 --> 00:06:17,670
en mijn bestemming.

103
00:06:17,670 --> 00:06:22,650
In Christus zijn is een begrip waar Paulus
veel van houdt en dat hij vaak gebruikt,

104
00:06:22,650 --> 00:06:25,710
vooral op plaatsen zoals Efeziërs.

105
00:06:25,710 --> 00:06:29,610
Maar in al zijn geschriften
gaat hij van dit begrip uit.

106
00:06:29,610 --> 00:06:32,190
Wij zijn in Christus.

107
00:06:32,190 --> 00:06:35,850
Zijn dood betekent dus
dat wij gestorven zijn.

108
00:06:35,850 --> 00:06:40,650
Wij zaten in de dodencel, en
zie, wij zijn terechtgesteld.

109
00:06:40,650 --> 00:06:45,090
Niet persoonlijk, maar door onze
Vertegenwoordiger, Christus.

110
00:06:45,090 --> 00:06:47,430
Het vonnis is dus voltrokken.

111
00:06:47,430 --> 00:06:50,010
Aan de rechtvaardigheid is voldaan.

112
00:06:50,010 --> 00:06:55,290
En nu gaan wij vrijuit, net als Christus,
door Zijn opstanding uit de doden.

113
00:06:55,290 --> 00:07:00,750
Hij stierf, Hij leed, Hij betaalde
de straf, maar Hij leeft weer.

114
00:07:00,750 --> 00:07:05,430
Hij is dus vrij van de dood, en
wij zijn dat eveneens in Hem.

115
00:07:05,430 --> 00:07:10,350
Dit is allemaal nogal mystieke stof,
maar het kan iets beter worden uitgelegd,

116
00:07:10,350 --> 00:07:15,630
en dat zal in enkele latere gedeelten
ook wat uitvoeriger gebeuren.

117
00:07:15,630 --> 00:07:17,550
Maar nu ik dat allemaal gezegd heb,

118
00:07:17,550 --> 00:07:21,210
maakt het heel duidelijk dat
mijn rechtvaardiging heel weinig,

119
00:07:21,210 --> 00:07:26,130
of eigenlijk niets, te maken heeft
met enige verdienste van mijzelf.

120
00:07:26,130 --> 00:07:28,770
In wezen heeft die daar
niets mee te maken,

121
00:07:28,770 --> 00:07:33,330
behalve dan welke verdienste men misschien
meent te zien in het besluit om je

122
00:07:33,330 --> 00:07:34,590
over te geven.

123
00:07:34,590 --> 00:07:36,870
Dat is niet werkelijk verdienstelijk.

124
00:07:36,870 --> 00:07:39,210
Het levert me geen pluspunten op.

125
00:07:39,210 --> 00:07:42,630
Het brengt me alleen in de
juiste geestesgesteldheid

126
00:07:42,630 --> 00:07:45,930
om de genade en de
barmhartigheid te ontvangen,

127
00:07:45,930 --> 00:07:49,950
zodat God mij door Zijn Geest
in Christus kan plaatsen.

128
00:07:49,950 --> 00:07:52,650
Het gaat dus niet om wat ik heb gedaan.

129
00:07:52,650 --> 00:07:57,510
Daar komt Paulus op uit in vers 27,
en daarover blijft hij tot en met

130
00:07:57,510 --> 00:07:59,190
hoofdstuk 4 spreken.

131
00:07:59,190 --> 00:08:05,130
De laatste vijf verzen van hoofdstuk
3 en hoofdstuk 4 lopen in elkaar over

132
00:08:05,130 --> 00:08:09,090
alsof daar geen hoofdstukindeling
staat. Hij zegt:

133
00:08:09,090 --> 00:08:14,670
Waar is dan de roem? Hij is uitgesloten.
Door welke wet? Van de werken?

134
00:08:14,670 --> 00:08:17,490
Nee, maar door de wet van het geloof.

135
00:08:17,490 --> 00:08:23,610
Nu weten we dat roemen al in beeld was
in hoofdstuk 2, vers 17, waar hij zegt:

136
00:08:23,610 --> 00:08:26,250
Zie, u wordt Jood genoemd.

137
00:08:26,250 --> 00:08:29,310
U steunt op de wet en roemt in God,

138
00:08:29,310 --> 00:08:34,590
En in hoofdstuk 4 en het eerste deel
van hoofdstuk 5 zal er nog meer over

139
00:08:34,590 --> 00:08:36,150
roemen worden gesproken.

140
00:08:36,150 --> 00:08:41,430
Dit is belangrijk voor Paulus: dat we
weten dat we geen enkele grond hebben om

141
00:08:41,430 --> 00:08:43,410
tegenover God te roemen.

142
00:08:43,410 --> 00:08:48,570
Roemen is iets arrogants of hoogmoedigs,
en niets is aanstootgevender voor

143
00:08:48,570 --> 00:08:50,730
God dan hoogmoed.

144
00:08:50,730 --> 00:08:58,470
Deze zes haat de HEERE, ja, zeven zijn een
gruwel voor Zijn ziel: hoogmoedige ogen,

145
00:08:58,470 --> 00:09:02,790
een valse tong en handen die
onschuldig bloed vergieten,

146
00:09:02,790 --> 00:09:05,910
Hij echter geeft des te meer genade.

147
00:09:05,910 --> 00:09:09,750
Daarom zegt de Schrift : God
keert Zich tegen de hoogmoedigen,

148
00:09:09,750 --> 00:09:12,750
maar aan de nederigen geeft Hij genade.

149
00:09:12,750 --> 00:09:18,330
Roemen, wat een uiting van hoogmoed is,
is dus altijd aanstootgevend voor God,

150
00:09:18,330 --> 00:09:20,490
en daarom ook voor Paulus.

151
00:09:20,490 --> 00:09:23,730
Hij zegt dat God een situatie
tot stand heeft gebracht

152
00:09:23,730 --> 00:09:26,130
waarin roemen is uitgesloten.

153
00:09:26,130 --> 00:09:28,950
Niemand zal op zijn borst
kunnen kloppen en zeggen:

154
00:09:28,950 --> 00:09:31,050
‘Ik was beter dan iemand anders.’

155
00:09:31,050 --> 00:09:35,310
Want je bent niet door God aangenomen
omdat je beter was dan iemand anders,

156
00:09:35,310 --> 00:09:40,470
maar omdat je in Iemand bent Die beter
is dan iedereen, en dat is in Christus.

157
00:09:40,470 --> 00:09:43,410
Ik kan er dus niet over roemen
dat ik beter ben dan jij,

158
00:09:43,410 --> 00:09:47,850
of zelfs beter dan een niet-christen,
want ik heb evenveel slechte dingen gedaan

159
00:09:47,850 --> 00:09:49,890
als sommige niet-christenen.

160
00:09:49,890 --> 00:09:54,210
En zelfs als ik er niet
evenveel heb gedaan — weet je,

161
00:09:54,210 --> 00:09:57,510
veel christenen hebben
voordat ze behouden worden

162
00:09:57,510 --> 00:10:00,690
net zoveel slechte dingen gedaan
als een mens maar kan doen.

163
00:10:00,690 --> 00:10:04,410
Maar niemand is in
Christus op grond van iets

164
00:10:04,410 --> 00:10:06,990
waarvoor hij zichzelf de eer kan geven.

165
00:10:06,990 --> 00:10:09,270
En er valt nergens over te roemen.

166
00:10:09,270 --> 00:10:10,350
Hij zegt:

167
00:10:10,350 --> 00:10:14,970
Waar blijft het roemen dan? Dat
is uitgesloten. Door welke wet?

168
00:10:14,970 --> 00:10:16,470
Die van de werken?

169
00:10:16,470 --> 00:10:19,050
Nee, door de wet van het geloof.

170
00:10:19,050 --> 00:10:22,650
Nu lijkt het woord ‘wet’ hier in
een andere betekenis te worden

171
00:10:22,650 --> 00:10:26,850
gebruikt dan de betekenis waarin hij
het in sommige gevallen heeft gebruikt.

172
00:10:26,850 --> 00:10:30,570
Het woord ‘wet’ heeft
allerlei betekenisnuances.

173
00:10:30,570 --> 00:10:33,150
We spreken over de wet
van de zwaartekracht,

174
00:10:33,150 --> 00:10:35,850
en we spreken ook over
de wet van het land.

175
00:10:35,850 --> 00:10:39,090
We zouden zeggen dat de
grondwet de wet van het land is,

176
00:10:39,090 --> 00:10:41,010
de hoogste wet van het land.

177
00:10:41,010 --> 00:10:44,190
Toch spreken we ook over de
wet van de zwaartekracht,

178
00:10:44,190 --> 00:10:49,110
waarbij we hetzelfde woord ‘wet’ gebruiken
voor iets wat enigszins anders is,

179
00:10:49,110 --> 00:10:51,450
misschien zelfs aanzienlijk anders.

180
00:10:51,450 --> 00:10:54,810
Want de wet van het land schrijft
eenvoudig voor wat er geacht

181
00:10:54,810 --> 00:10:56,310
wordt te gebeuren.

182
00:10:56,310 --> 00:11:00,870
De wet van de zwaartekracht beschrijft
wat er daadwerkelijk gebeurt.

183
00:11:00,870 --> 00:11:04,590
In feite weten we niet eens wat
de wet van de zwaartekracht is.

184
00:11:04,590 --> 00:11:09,930
Het is alleen een benaming die we geven
aan iets wat we altijd zien gebeuren.

185
00:11:09,930 --> 00:11:11,850
Dingen vallen op de grond.

186
00:11:11,850 --> 00:11:14,490
Er lijkt iets te zijn wat ze aantrekt.

187
00:11:14,490 --> 00:11:15,870
Dat gaan we een wet noemen.

188
00:11:15,870 --> 00:11:18,270
Dat is een volkomen
ander gebruik van de term

189
00:11:18,270 --> 00:11:21,750
‘wet’ dan wanneer we het over
de maximumsnelheid hebben.

190
00:11:21,750 --> 00:11:25,890
De maximumsnelheid schrijft voor
wat mensen wel of niet mogen doen,

191
00:11:25,890 --> 00:11:28,590
maar soms kunnen ze die overtreden.

192
00:11:28,590 --> 00:11:32,790
De maximumsnelheid vertelt ons
niet hoe hard mensen zullen rijden.

193
00:11:32,790 --> 00:11:37,230
Die vertelt ons hoe hard ze mogen rijden,
maar ze kunnen die wet overtreden.

194
00:11:37,230 --> 00:11:40,770
De wet van de zwaartekracht
beschrijft hoe dingen zullen gebeuren,

195
00:11:40,770 --> 00:11:43,050
niet hoe ze zouden moeten gebeuren.

196
00:11:43,050 --> 00:11:48,810
Daarom betekent ‘wet’ zelfs in ons gewone
taalgebruik niet altijd precies hetzelfde.

197
00:11:48,810 --> 00:11:52,230
De wet van Mozes is een wet
die gedrag voorschrijft,

198
00:11:52,230 --> 00:11:55,170
die voorschrijft hoe
mensen zouden moeten leven.

199
00:11:55,170 --> 00:11:59,010
De wet waar Paulus het nu over heeft,
lijkt volgens mij meer op de wet

200
00:11:59,010 --> 00:12:00,510
van de zwaartekracht.

201
00:12:00,510 --> 00:12:04,050
Het is een beginsel dat bepaalt
hoe de dingen functioneren.

202
00:12:04,050 --> 00:12:08,790
Het beginsel van werken is iets
anders dan het beginsel van geloof.

203
00:12:08,790 --> 00:12:13,410
Dat wil zeggen: volgens welk beginsel
kan er worden gezegd dat mij mijn

204
00:12:13,410 --> 00:12:14,970
roem wordt ontnomen?

205
00:12:14,970 --> 00:12:17,070
Volgens het beginsel van werken?

206
00:12:17,070 --> 00:12:21,390
Met andere woorden, als het beginsel
is dat ik deze werken doe en deze

207
00:12:21,390 --> 00:12:25,650
beloningen krijg, ontneemt dat
beginsel mij dan mijn roem?

208
00:12:25,650 --> 00:12:29,850
Nee, op grond van dat beginsel
wordt roemen niet uitgesloten.

209
00:12:29,850 --> 00:12:33,510
Dat beginsel zou roemen juist
eerder kunnen aanmoedigen,

210
00:12:33,510 --> 00:12:38,190
want ik heb iets tot stand gebracht, ik
heb iets gedaan, ik heb iets verdiend.

211
00:12:38,190 --> 00:12:41,070
Ik heb gedaan wat iemand
anders niet heeft gedaan,

212
00:12:41,070 --> 00:12:44,190
dus ben ik beter dan iemand
anders vanwege mijn werken,

213
00:12:44,190 --> 00:12:46,770
mijn gedrag en mijn prestaties.

214
00:12:46,770 --> 00:12:50,610
Volgens dat beginsel zou
roemen niet worden uitgesloten.

215
00:12:50,610 --> 00:12:54,930
Maar het wordt in feite wel uitgesloten
op grond van een ander beginsel:

216
00:12:54,930 --> 00:12:58,530
het beginsel dat je door
geloof wordt gerechtvaardigd.

217
00:12:58,530 --> 00:13:03,510
Dat beginsel van geloof, die wet —
de wet luidt: als je geloof hebt,

218
00:13:03,510 --> 00:13:05,370
word je gerechtvaardigd.

219
00:13:05,370 --> 00:13:08,610
Dat is een verklaring. Zo zijn de dingen.

220
00:13:08,610 --> 00:13:12,990
Hij zegt dus dat wat hij tot nu toe
heeft gezegd, en wat daaruit volgt,

221
00:13:12,990 --> 00:13:15,930
betekent dat niemand ergens
over zou moeten roemen.

222
00:13:15,930 --> 00:13:19,530
En dit is natuurlijk in zekere zin
een terechtwijzing voor de Joden,

223
00:13:19,530 --> 00:13:20,910
over wie hij zegt:

224
00:13:20,910 --> 00:13:22,950
Ze hebben zich op God beroemd.

225
00:13:22,950 --> 00:13:24,990
Ze hebben op de wet vertrouwd.

226
00:13:24,990 --> 00:13:28,950
Ze hebben gedacht dat ze gidsen voor
blinden en leermeesters van onmondigen

227
00:13:28,950 --> 00:13:34,950
waren, zoals Paulus in Romeinen
2:17 en 2:19–20 schrijft.

228
00:13:34,950 --> 00:13:39,030
Ze hebben zo’n arrogante, elitaire
en neerbuigende houding tegenover

229
00:13:39,030 --> 00:13:40,470
andere mensen gehad.

230
00:13:40,470 --> 00:13:45,090
Hij zegt dat dit wordt uitgesloten door
de manier waarop God met ons omgaat.

231
00:13:45,090 --> 00:13:49,170
Wij hebben geen enkele grond om
neerbuigend of arrogant te zijn.

232
00:13:49,170 --> 00:13:53,790
En dus heeft het beginsel waarvan ik
zeg dat het het ware beginsel is —

233
00:13:53,790 --> 00:13:58,590
rechtvaardiging door geloof — elke reden
weggenomen om te denken dat ik beter ben

234
00:13:58,590 --> 00:14:02,190
dan wie dan ook, of dat een
Jood beter is dan een heiden.

235
00:14:02,190 --> 00:14:05,850
Want als het door werken was,
zou dat grond geven om te roemen.

236
00:14:05,850 --> 00:14:10,050
Maar we hebben al betoogd dat het
niet door werken is, maar door geloof,

237
00:14:10,050 --> 00:14:14,010
en dat neemt elke grond weg om
jezelf op de borst te kloppen.

238
00:14:14,010 --> 00:14:15,750
Daarom concluderen we:

239
00:14:15,750 --> 00:14:20,130
Wij komen dus tot de slotsom dat de mens
door het geloof gerechtvaardigd wordt

240
00:14:20,130 --> 00:14:21,570
zonder werken van de wet.

241
00:14:21,570 --> 00:14:25,950
Nogmaals, met de werken van de wet
worden volgens mij die dingen bedoeld die

242
00:14:25,950 --> 00:14:29,010
specifiek Joods zijn, de ceremoniën.

243
00:14:29,010 --> 00:14:33,630
Ik geloof dat een mens zelfs los van de
morele daden van de wet door geloof wordt

244
00:14:33,630 --> 00:14:35,670
gerechtvaardigd, aangezien David

245
00:14:35,670 --> 00:14:39,030
bijvoorbeeld door geloof werd
gerechtvaardigd en hij de morele

246
00:14:39,030 --> 00:14:40,590
wet had overtreden.

247
00:14:40,590 --> 00:14:44,790
Maar ik denk niet dat de Joden tot wie
hij spreekt voornamelijk de morele wet in

248
00:14:44,790 --> 00:14:48,570
gedachten hebben als
datgene wat hen beter maakt.

249
00:14:48,570 --> 00:14:52,290
Ze gedragen zich volgens
de morele wet niet beter.

250
00:14:52,290 --> 00:14:55,350
Paulus heeft daar in
hoofdstuk 2 op gewezen.

251
00:14:55,350 --> 00:14:59,550
Het enige wat hen van de heidenen
onderscheidt, is niet de moraal,

252
00:14:59,550 --> 00:15:01,290
maar het ritueel.

253
00:15:01,290 --> 00:15:04,410
De werken van de wet
zouden de besnijdenis zijn

254
00:15:04,410 --> 00:15:08,670
en die kenmerkende Joodse gebruiken
waarvan de Joden kunnen zeggen:

255
00:15:08,670 --> 00:15:11,310
wij doen dit en de heidenen niet.

256
00:15:11,310 --> 00:15:14,790
De werken van de wet waardoor
zij zich superieur voelden,

257
00:15:14,790 --> 00:15:18,930
bestonden niet in het naleven
van de morele geboden dat je geen

258
00:15:18,930 --> 00:15:22,050
overspel mag plegen en niet mag moorden.

259
00:15:22,050 --> 00:15:27,810
Want heel wat heidenen plegen geen
overspel of moord, en sommige Joden wel.

260
00:15:27,810 --> 00:15:32,490
Er is dus geen enkele manier waarop de
moraal het kenmerkende onderscheid tussen

261
00:15:32,490 --> 00:15:34,290
Joden en heidenen wordt.

262
00:15:34,290 --> 00:15:37,170
Het gaat uitsluitend om de rituele wet.

263
00:15:37,170 --> 00:15:40,530
En de werken van de wet —
je pelgrimstochten maken,

264
00:15:40,530 --> 00:15:44,110
je keuken koosjer houden,
dat soort werken van de wet —

265
00:15:44,110 --> 00:15:48,090
houden natuurlijk geen verband
met rechtvaardiging, zei Paulus.

266
00:15:48,090 --> 00:15:50,730
Of is God alleen de God van Joden?

267
00:15:50,730 --> 00:15:52,590
En niet ook van heidenen?

268
00:15:52,590 --> 00:15:54,630
Ja, ook van heidenen.

269
00:15:54,630 --> 00:15:57,930
Nu kan ‘de God van’ meer
dan één betekenis hebben.

270
00:15:57,930 --> 00:16:01,530
De god van iemand kan het
voorwerp zijn dat hij aanbidt.

271
00:16:01,530 --> 00:16:07,410
Iemands god kan bijna alles zijn:
zijn huis, zijn auto, zijn geld.

272
00:16:07,410 --> 00:16:10,590
Afgoderij kent bijna
onbeperkt veel variaties,

273
00:16:10,590 --> 00:16:15,450
want mensen kunnen hun misplaatste eerbied
en aanbidding op bijna alles richten:

274
00:16:15,450 --> 00:16:19,170
een relatie, hun eigen
kinderen of wat dan ook.

275
00:16:19,170 --> 00:16:22,110
Die dingen kunnen voorwerpen
van aanbidding worden.

276
00:16:22,110 --> 00:16:26,550
En je zou kunnen zeggen dat alles wat
jij als voorwerp van aanbidding vereert,

277
00:16:26,550 --> 00:16:28,170
jouw god is.

278
00:16:28,170 --> 00:16:30,570
Aan de andere kant is het
ding dat je aanbidt niet

279
00:16:30,570 --> 00:16:33,210
noodzakelijkerwijs werkelijk een god.

280
00:16:33,210 --> 00:16:37,830
Wat jou en jouw manier van aanbidden
betreft, kan het jouw god zijn.

281
00:16:37,830 --> 00:16:42,270
Maar spreken over de god van iemand kan
ook doelen op de god die gezag over die

282
00:16:42,270 --> 00:16:46,470
persoon heeft, of de god die
aanspraak op hem kan maken.

283
00:16:46,470 --> 00:16:51,450
Want ‘God’ is niet slechts een woord dat
naar een voorwerp van aanbidding verwijst.

284
00:16:51,450 --> 00:16:56,430
Het woord verwijst naar Iemand Die
krachtens de schepping goddelijke status,

285
00:16:56,430 --> 00:17:00,450
goddelijke voorrechten en
goddelijke rechten heeft.

286
00:17:00,450 --> 00:17:05,730
En is God in die zin de God van de
heidenen en de Joden? Natuurlijk.

287
00:17:05,730 --> 00:17:09,270
De Joden zijn niet de enige mensen
die door God geschapen zijn.

288
00:17:09,270 --> 00:17:13,530
De Joden zijn niet de enige mensen
die voor Gods oordeel zullen staan.

289
00:17:13,530 --> 00:17:16,590
Er is één God van de Jood en de heiden.

290
00:17:16,590 --> 00:17:20,910
En daarom moet Hij een methode hebben om
mensen te aanvaarden of af te wijzen die

291
00:17:20,910 --> 00:17:22,950
voor allebei hetzelfde is.

292
00:17:22,950 --> 00:17:25,650
Joden en heidenen hebben
onderlinge verschillen die,

293
00:17:25,650 --> 00:17:30,690
voor zover het God betreft, niet ter zake
doen: de besnijdenis en dat soort dingen.

294
00:17:30,690 --> 00:17:35,430
Maar in de veel ruimere en belangrijkere
zin zijn alle mensen hetzelfde.

295
00:17:35,430 --> 00:17:37,950
Ze zijn allemaal door God geschapen.

296
00:17:37,950 --> 00:17:41,190
Ze staan allemaal voor Gods oordeel.

297
00:17:41,190 --> 00:17:44,430
Paulus heeft deze punten
eerder al gemaakt.

298
00:17:44,430 --> 00:17:49,290
En daarom is God niet alleen de
God Die aan de Joden toebehoort.

299
00:17:49,290 --> 00:17:52,230
Hij is ook de God Die aan
de heidenen toebehoort,

300
00:17:52,230 --> 00:17:56,670
en aan Wie ook de heidenen toebehoren.

301
00:17:56,670 --> 00:17:58,950
Omdat dit zo is, zegt hij:

302
00:17:58,950 --> 00:18:02,010
Het is toch immers één en dezelfde God,

303
00:18:02,010 --> 00:18:08,250
Die besnedenen rechtvaardigen zal uit het
geloof en onbesnedenen door het geloof.

304
00:18:08,250 --> 00:18:13,110
Daarom is Hij zowel de God van
de heidenen als van de Joden.

305
00:18:13,110 --> 00:18:16,530
Er is één God Die hen
allemaal rechtvaardigt.

306
00:18:16,530 --> 00:18:20,550
Nu is er aan het einde van vers
30 in de Engelse vertaling een

307
00:18:20,550 --> 00:18:22,590
verschil in formulering.

308
00:18:22,590 --> 00:18:25,770
Er staat dat Hij de
besnedenen rechtvaardigt

309
00:18:25,770 --> 00:18:29,970
‘by faith’ en de
onbesnedenen ‘through faith’.

310
00:18:29,970 --> 00:18:34,050
Het lijkt er bijna op dat hij een
onderscheid probeert te maken.

311
00:18:34,050 --> 00:18:37,170
In beide gevallen is
geloof erbij betrokken,

312
00:18:37,170 --> 00:18:40,650
maar de rechtvaardiging van
de Joden komt op de ene manier

313
00:18:40,650 --> 00:18:46,890
en die van de heidenen op een andere
manier: de Joden ‘by faith’, door geloof,

314
00:18:46,890 --> 00:18:51,510
en de heidenen ‘through
faith’, door middel van geloof.

315
00:18:51,510 --> 00:18:55,290
En mij is vaak gevraagd, en ik
heb het mezelf ook afgevraagd,

316
00:18:55,290 --> 00:19:00,090
of Paulus een bepaald verschil in
gedachten heeft tussen ‘by faith’

317
00:19:00,090 --> 00:19:02,250
en ‘through faith’.

318
00:19:02,250 --> 00:19:06,210
Ik ben eenvoudig tot de conclusie
gekomen dat dit niet zo is.

319
00:19:06,210 --> 00:19:08,490
Hij probeert alleen te voorkomen dat hij

320
00:19:08,490 --> 00:19:13,290
te vaak dezelfde uitdrukking gebruikt
en daardoor in herhaling valt.

321
00:19:13,290 --> 00:19:18,990
Gered worden ‘by faith’, door geloof,
en gered worden ‘through faith’,

322
00:19:18,990 --> 00:19:22,350
door middel van geloof,
is in wezen hetzelfde.

323
00:19:22,350 --> 00:19:26,910
Zeggen dat je ‘through faith’, door
middel van geloof, gered wordt,

324
00:19:26,910 --> 00:19:32,310
betekent dat je geloof hebt en dat je door
dat middel gered, gerechtvaardigd wordt.

325
00:19:32,310 --> 00:19:36,750
Zeggen dat je ‘by your faith’,
door je geloof, gered wordt,

326
00:19:36,750 --> 00:19:41,010
betekent eigenlijk hetzelfde,
alleen met iets andere woorden.

327
00:19:41,010 --> 00:19:45,450
Het beeld kan heel licht verschillen, maar
ik denk niet dat Paulus zegt dat er twee

328
00:19:45,450 --> 00:19:46,890
verschillende methoden zijn.

329
00:19:46,890 --> 00:19:49,890
Hij heeft zojuist het
tegenovergestelde gezegd:

330
00:19:49,890 --> 00:19:55,110
dezelfde God rechtvaardigt Joden en
heidenen allemaal op dezelfde manier,

331
00:19:55,110 --> 00:19:57,570
‘by faith’, door geloof.

332
00:19:57,570 --> 00:20:02,370
Of we zouden kunnen zeggen ‘through
faith’, door middel van geloof.

333
00:20:02,370 --> 00:20:07,050
We zouden in feite allebei kunnen
zeggen, en hij heeft ze allebei gezegd.

334
00:20:07,050 --> 00:20:10,230
Doen wij dan door het
geloof de wet teniet?

335
00:20:10,230 --> 00:20:13,590
Volstrekt niet, maar
wij bevestigen de wet.

336
00:20:13,590 --> 00:20:16,290
Waarom zou deze vraag nu worden gesteld?

337
00:20:16,290 --> 00:20:20,550
Paulus blijft retorische vragen stellen
waarvan hij aanneemt dat ze kunnen opkomen

338
00:20:20,550 --> 00:20:24,630
door een misverstand over iets
wat hij zojuist heeft gezegd.

339
00:20:24,630 --> 00:20:27,150
En Paulus heeft daar geen ongelijk in.

340
00:20:27,150 --> 00:20:29,850
Mensen begrijpen hem inderdaad verkeerd.

341
00:20:29,850 --> 00:20:34,350
Mensen stellen inderdaad de verkeerde
vragen en denken dat hij iets zegt wat

342
00:20:34,350 --> 00:20:35,730
hij niet zegt.

343
00:20:35,730 --> 00:20:38,010
Paulus wist niet alleen
wat hij zelf dacht,

344
00:20:38,010 --> 00:20:41,490
hij wist ook wat anderen zouden
denken over wat hij dacht.

345
00:20:41,490 --> 00:20:44,430
En hij wist wat hij bedoelde,
maar hij wist ook wat

346
00:20:44,430 --> 00:20:47,370
anderen misschien zouden
denken dat hij bedoelde.

347
00:20:47,370 --> 00:20:51,090
Wanneer hij zijn betoog uiteenzette,
bracht hij niet alleen zijn

348
00:20:51,090 --> 00:20:52,830
argument naar voren.

349
00:20:52,830 --> 00:20:57,150
Hij hield er ook rekening mee dat iemand
er waarschijnlijk een verkeerde conclusie

350
00:20:57,150 --> 00:20:58,650
uit zou trekken.

351
00:20:58,650 --> 00:21:02,250
Dus zal ik die vraag stellen
voordat anderen dat doen,

352
00:21:02,250 --> 00:21:04,350
en haar meteen beantwoorden.

353
00:21:04,350 --> 00:21:08,250
Dan hoeven zij haar niet zelf te
stellen en vormt het ontbreken van een

354
00:21:08,250 --> 00:21:10,830
antwoord geen struikelblok.

355
00:21:10,830 --> 00:21:13,710
Zo zou het kunnen klinken. Hoe dan?

356
00:21:13,710 --> 00:21:16,710
Omdat de Joden al die tijd de wet hadden.

357
00:21:16,710 --> 00:21:18,930
Dat maakte hen anders dan de heidenen.

358
00:21:18,930 --> 00:21:22,350
Voor hen bepaalde dat
volledig wie ze waren,

359
00:21:22,350 --> 00:21:26,250
vooral wat betreft hun kosmische
identiteit als volk van God,

360
00:21:26,250 --> 00:21:30,750
iets wat zelfs raciale en
nationale verschillen overstijgt.

361
00:21:30,750 --> 00:21:37,170
Het was een religieus verschil: zij werden
door God aanvaard en de heidenen niet.

362
00:21:37,170 --> 00:21:39,630
De wet was beslist alles.

363
00:21:39,630 --> 00:21:44,430
En toch heeft Paulus nu betoogd
dat ze in wezen niets is.

364
00:21:44,430 --> 00:21:49,650
De wet waarop jij je beroemt, is werkelijk
niets wat betreft datgene waarvoor je haar

365
00:21:49,650 --> 00:21:51,150
probeert te gebruiken.

366
00:21:51,150 --> 00:21:56,370
Het is niet zo dat ze niets voorstelt,
maar ze is niet wat jij denkt dat ze is.

367
00:21:56,370 --> 00:21:59,730
Ze is niet datgene wat jou
tot een beter mens maakt.

368
00:21:59,730 --> 00:22:03,630
Ze is niet datgene waardoor
God jou aardiger vindt.

369
00:22:03,630 --> 00:22:05,790
Dat is niet wat de wet is.

370
00:22:05,790 --> 00:22:09,030
En dus lijkt Paulus de wet te ontdoen van

371
00:22:09,030 --> 00:22:14,130
al haar geliefde eigenschappen die haar in
de ogen van de Jood onderscheidend maken.

372
00:22:14,130 --> 00:22:18,870
En hij zegt: nu zul je waarschijnlijk
zeggen dat alles wat ik heb gezegd over

373
00:22:18,870 --> 00:22:22,950
deze rechtvaardiging door geloof,
los van de werken van de wet,

374
00:22:22,950 --> 00:22:25,710
de wet gewoon het raam uit gooit.

375
00:22:25,710 --> 00:22:28,890
Sterker nog, het maakt de wet krachteloos.

376
00:22:28,890 --> 00:22:32,370
Het laat het bijna klinken
alsof de wet verkeerd was.

377
00:22:32,370 --> 00:22:34,650
Zeggen we dat de wet verkeerd was?

378
00:22:34,650 --> 00:22:37,050
Maken we de wet krachteloos?

379
00:22:37,050 --> 00:22:41,670
Suggereerde het Oude Testament niet
dat de wet verplicht en belangrijk was,

380
00:22:41,670 --> 00:22:44,850
dat mensen de wet moesten houden, en dat:

381
00:22:44,850 --> 00:22:49,650
Mijn verordeningen en Mijn
bepalingen moet u in acht nemen.

382
00:22:49,650 --> 00:22:52,530
De mens die ze houdt, zal erdoor leven.

383
00:22:52,530 --> 00:22:54,270
Ik ben de HEERE.

384
00:22:54,270 --> 00:22:58,170
enzovoort? Maken we de
wet krachteloos door deze

385
00:22:58,170 --> 00:23:02,610
schijnbaar tegengestelde
uitspraken te doen? En hij zegt:

386
00:23:02,610 --> 00:23:06,630
Zeker niet. Integendeel,
we bevestigen de wet.

387
00:23:06,630 --> 00:23:10,590
Nu heb ik er ergens in onze
eerdere inleidingen op gewezen dat

388
00:23:10,590 --> 00:23:11,970
deze laatste regel:

389
00:23:11,970 --> 00:23:14,220
We bevestigen de wet.

390
00:23:14,220 --> 00:23:16,950
grotendeels verkeerd is toegepast.

391
00:23:16,950 --> 00:23:20,910
Ik hoor zelfs maar heel
zelden iemand dat vers citeren

392
00:23:20,910 --> 00:23:23,010
zonder het verkeerd toe te passen.

393
00:23:23,010 --> 00:23:26,670
Paulus had er beslist een
juiste betekenis mee voor ogen,

394
00:23:26,670 --> 00:23:32,010
en ik hoor bijna nooit mensen het citeren
om duidelijk te maken wat hij bedoelde.

395
00:23:32,010 --> 00:23:37,050
In plaats daarvan citeren mensen het om
een punt te maken dat hij niet maakte.

396
00:23:37,050 --> 00:23:38,490
Wanneer hij zegt:

397
00:23:38,490 --> 00:23:41,235
Doen wij dan door het
geloof de wet teniet?

398
00:23:41,235 --> 00:23:44,880
Volstrekt niet, maar
wij bevestigen de wet.

399
00:23:44,880 --> 00:23:49,530
vatten zij dat op als: wij
laten de wet voortbestaan,

400
00:23:49,530 --> 00:23:53,490
wij bevestigen opnieuw dat
de wet van kracht blijft.

401
00:23:53,490 --> 00:23:59,310
Wij onderwerpen ons aan de wet en leven
onder de wet zoals de Joden dat deden.

402
00:23:59,310 --> 00:24:04,170
Dat is wat veel mensen Paulus lijken
te horen bedoelen wanneer hij zegt:

403
00:24:04,170 --> 00:24:06,270
We bevestigen de wet.

404
00:24:06,270 --> 00:24:08,790
Degenen die dit het vaakst citeren,

405
00:24:08,790 --> 00:24:13,830
zijn gewoonlijk zevendedagsadventisten
of andere sabbatsvierders,

406
00:24:13,830 --> 00:24:17,070
of misschien mensen uit
de Hebrew Roots-beweging,

407
00:24:17,070 --> 00:24:20,610
die geloven dat wij de Joodse
wetten zouden moeten houden.

408
00:24:20,610 --> 00:24:25,830
En zij zeggen dat zelfs Paulus de vraag
stelde of wij de wet krachteloos maken,

409
00:24:25,830 --> 00:24:29,970
en dat hij zei dat we dat niet
doen, maar haar bevestigen.

410
00:24:29,970 --> 00:24:31,710
Dus daar heb je het.

411
00:24:31,710 --> 00:24:34,710
Wij die onderwijzen dat
je de sabbat moet houden,

412
00:24:34,710 --> 00:24:37,710
wij die onderwijzen dat
je koosjer moet eten,

413
00:24:37,710 --> 00:24:41,910
wij die al deze dingen van de
Hebrew Roots-beweging onderwijzen,

414
00:24:41,910 --> 00:24:47,310
zoals het houden van de feesten, wij
doen wat Paulus deed: de wet bevestigen.

415
00:24:47,310 --> 00:24:52,650
Maar zij doen alsof de vraag van Paulus
luidt: laten wij de wet voortbestaan?

416
00:24:52,650 --> 00:24:55,590
Ja, wij laten de wet voortbestaan.

417
00:24:55,590 --> 00:24:59,250
Nee, hij zegt niet dat wij het
wetsstelsel laten voortbestaan.

418
00:24:59,250 --> 00:25:03,030
En zij begrijpen dit op precies
dezelfde verkeerde manier

419
00:25:03,030 --> 00:25:07,650
als de woorden van Jezus in
Mattheüs 5. Daar zei Hij:

420
00:25:07,650 --> 00:25:12,210
Denk niet dat Ik gekomen ben om de
Wet of de Profeten af te schaffen;

421
00:25:12,210 --> 00:25:16,110
Ik ben niet gekomen om die af
te schaffen, maar te vervullen.

422
00:25:16,110 --> 00:25:20,070
en zij denken dat dit alleen
maar zo kan worden begrepen dat

423
00:25:20,070 --> 00:25:25,530
Jezus van plan is de wet te laten
voortbestaan zoals ze was, ook nu,

424
00:25:25,530 --> 00:25:27,510
in dit huidige tijdperk.

425
00:25:27,510 --> 00:25:29,790
Hij kwam niet om haar te vernietigen.

426
00:25:29,790 --> 00:25:32,430
Ze wordt geacht door te blijven gaan.

427
00:25:32,430 --> 00:25:35,310
Maar zij gaan voorbij aan
het feit dat Hij zegt:

428
00:25:35,310 --> 00:25:37,770
Ik ben gekomen om die te vervullen.

429
00:25:37,770 --> 00:25:42,330
Wat Ik ben komen doen, zal inderdaad
dingen aan de wet veranderen.

430
00:25:42,330 --> 00:25:45,510
De wet zal niet dezelfde
status hebben als vroeger,

431
00:25:45,510 --> 00:25:48,750
maar wat Ik doe is niet
vernietigend voor haar.

432
00:25:48,750 --> 00:25:52,590
Het bevestigt juist datgene
waarop zij vooruitliep.

433
00:25:52,590 --> 00:25:57,510
Paulus heeft eerder in Romeinen meer
dan eens aangegeven dat de Wet en de

434
00:25:57,510 --> 00:26:00,030
Profeten zijn Evangelie bevestigen.

435
00:26:00,030 --> 00:26:04,830
Hij zei het vrijwel meteen in het
openingsvers, aan het begin van de brief.

436
00:26:04,830 --> 00:26:07,410
Aan het einde van vers 1 zei hij:

437
00:26:07,410 --> 00:26:12,630
Paulus, een dienstknecht van Jezus
Christus, een geroepen apostel,

438
00:26:12,630 --> 00:26:15,210
afgezonderd tot het Evangelie van God,

439
00:26:15,210 --> 00:26:16,770
En in vers 2:

440
00:26:16,770 --> 00:26:21,690
dat Hij tevoren beloofd had door Zijn
profeten, in de heilige Schriften,

441
00:26:21,690 --> 00:26:24,450
Het Oude Testament heeft dit beloofd.

442
00:26:24,450 --> 00:26:27,570
Dit is niet iets nieuws
dat Paulus heeft bedacht.

443
00:26:27,570 --> 00:26:31,710
Dit is iets waarvan het Oude
Testament zei dat het zou gebeuren.

444
00:26:31,710 --> 00:26:35,610
En zo zagen we ook in
hoofdstuk 3, vers 21:

445
00:26:35,610 --> 00:26:39,690
Maar nu is zonder de wet
gerechtigheid van God geopenbaard,

446
00:26:39,690 --> 00:26:43,170
waarvan door de Wet en
de Profeten is getuigd:

447
00:26:43,170 --> 00:26:49,470
Met andere woorden, hij heeft in hoofdstuk
3, vers 21 al gezegd wat hij hier zegt,

448
00:26:49,470 --> 00:26:55,770
namelijk dat de leer die hij onderwijst
overeenstemt met de Wet en de Profeten.

449
00:26:55,770 --> 00:27:01,290
Die leer houdt de huidige status of de
huidige praktijk van de Wet en de Profeten

450
00:27:01,290 --> 00:27:02,670
niet in stand.

451
00:27:02,670 --> 00:27:06,630
Maar ze brengt tot vervulling
wat zij zeiden dat er zou komen.

452
00:27:06,630 --> 00:27:11,130
En hij zegt dat het, wanneer we
rechtvaardiging door geloof verkondigen,

453
00:27:11,130 --> 00:27:14,610
misschien lijkt alsof we de
wet geweld komen aandoen.

454
00:27:14,610 --> 00:27:17,250
Nee, we komen de wet vervullen.

455
00:27:17,250 --> 00:27:22,591
We ‘bevestigen’ de wet — in de Engelse
vertaling staat hier ‘establish’ —

456
00:27:22,591 --> 00:27:26,970
omdat we hetzelfde zeggen als wat de
wet had gezegd dat er zou gebeuren.

457
00:27:26,970 --> 00:27:29,430
Hoe weet ik nu dat Paulus dat bedoelt?

458
00:27:29,430 --> 00:27:31,710
Omdat hij verdergaat, op een plaats

459
00:27:31,710 --> 00:27:35,850
waar er helemaal geen hoofdstukscheiding
zou moeten zijn. Hij zegt:

460
00:27:35,850 --> 00:27:38,970
Wat zullen wij dan zeggen
dat Abraham, onze vader,

461
00:27:38,970 --> 00:27:41,490
wat het vlees betreft verkregen heeft?

462
00:27:41,490 --> 00:27:43,950
Waarom begint hij op dit punt over hem?

463
00:27:43,950 --> 00:27:47,850
Omdat het verhaal van Abraham
in de Thora staat, de wet.

464
00:27:47,850 --> 00:27:52,650
En wat Paulus over Abraham gaat zeggen,
bevestigt rechtvaardiging door geloof.

465
00:27:52,650 --> 00:27:56,550
De wet heeft gezegd dat rechtvaardiging
door geloof plaatsvindt.

466
00:27:56,550 --> 00:27:58,590
Zo voert hij dus zijn betoog.

467
00:27:58,590 --> 00:28:00,450
Wij bevestigen de Thora.

468
00:28:00,450 --> 00:28:03,810
Was het tenslotte niet de Thora
die precies zei wat ik zeg?

469
00:28:03,810 --> 00:28:05,430
Want wat zegt de Schrift?

470
00:28:05,430 --> 00:28:09,870
En Abraham geloofde God, en het
is hem tot gerechtigheid gerekend.

471
00:28:09,870 --> 00:28:13,530
Dat is wat ik zeg. Ik zeg
hetzelfde als wat de wet zegt.

472
00:28:13,530 --> 00:28:16,470
Dus wanneer hij zegt dat
wij de wet bevestigen,

473
00:28:16,470 --> 00:28:19,890
bedoelt hij niet dat wij
het wetboek blijven naleven.

474
00:28:19,890 --> 00:28:23,910
Het betekent dat de Thora zelf,
waarop de Joden zich beroemen,

475
00:28:23,910 --> 00:28:27,030
de informatie bevat die
hij naar voren brengt.

476
00:28:27,030 --> 00:28:30,630
Hij zegt alleen hetzelfde als
wat de wet zei toen die zei:

477
00:28:30,630 --> 00:28:35,190
En hij geloofde in de HEERE, en Die
rekende hem dat tot gerechtigheid.

478
00:28:35,190 --> 00:28:36,450
Dus hij zegt:

479
00:28:36,450 --> 00:28:40,290
Wat heeft onze vader Abraham
op menselijk vlak bereikt?

480
00:28:40,290 --> 00:28:43,530
Dat wil zeggen: onze vader naar het vlees.

481
00:28:43,530 --> 00:28:48,330
Paulus is een Jood, en zijn
Joodse lezer zou, net als hijzelf,

482
00:28:48,330 --> 00:28:51,090
Abraham onze vader naar het vlees noemen.

483
00:28:51,090 --> 00:28:55,050
Nu sprak Paulus, wanneer hij
het over Abrahams kinderen had,

484
00:28:55,050 --> 00:28:58,650
soms over alle christenen als
het nageslacht van Abraham,

485
00:28:58,650 --> 00:29:00,510
maar niet naar het vlees.

486
00:29:00,510 --> 00:29:04,350
Er zijn kinderen van het vlees
en kinderen van de belofte.

487
00:29:04,350 --> 00:29:09,270
Paulus zal dat onderscheid in Romeinen
9 naar voren brengen. Hij zegt:

488
00:29:09,270 --> 00:29:13,410
Dat is: niet de kinderen van
het vlees zijn kinderen van God,

489
00:29:13,410 --> 00:29:17,670
maar de kinderen van de belofte
worden als nageslacht gerekend.

490
00:29:17,670 --> 00:29:22,470
Zo spreekt Paulus in Galaten 4 ook
over Abraham, die twee kinderen had,

491
00:29:22,470 --> 00:29:24,450
Izak en Ismaël.

492
00:29:24,450 --> 00:29:28,530
De een was naar het vlees geboren
en de ander door de belofte.

493
00:29:28,530 --> 00:29:32,610
Een kind van Abraham naar het vlees
is iets anders dan een kind van

494
00:29:32,610 --> 00:29:34,410
Abraham naar de belofte.

495
00:29:34,410 --> 00:29:37,350
Alle christenen hebben
Abraham als hun vader,

496
00:29:37,350 --> 00:29:40,290
omdat hij de vader van de gelovigen is.

497
00:29:40,290 --> 00:29:42,450
Paulus zei in Galaten 3:

498
00:29:42,450 --> 00:29:46,590
Zij die uit het geloof zijn,
zijn kinderen van Abraham.

499
00:29:46,590 --> 00:29:51,390
In zekere zin heeft dus ieder van ons
die christen is Abraham als vader.

500
00:29:51,390 --> 00:29:56,910
Maar hier spreekt hij specifiek tot
de Jood: onze vader naar het vlees.

501
00:29:56,910 --> 00:30:01,890
Nu besef ik dat de woorden ‘according
to the flesh’ in de New King James

502
00:30:01,890 --> 00:30:05,370
op een vreemde plaats staan
ten opzichte van ‘father’.

503
00:30:05,370 --> 00:30:10,710
De HSV geeft deze bepaling weer als
‘wat het vlees betreft verkregen heeft’,

504
00:30:10,710 --> 00:30:14,850
maar de spreker vat haar op als
een bepaling bij ‘onze vader’.

505
00:30:14,850 --> 00:30:20,790
De woordvolgorde, of de volgorde van
zinsdelen, is in het Grieks vaak flexibel.

506
00:30:20,790 --> 00:30:23,910
Volgens deze uitleg wordt
er dus niet gevraagd wat hij

507
00:30:23,910 --> 00:30:26,490
‘according to the flesh’ gevonden heeft.

508
00:30:26,490 --> 00:30:31,230
Het gaat over wat hij, onze vader
naar het vlees, gevonden heeft.

509
00:30:31,230 --> 00:30:35,190
De woordvolgorde in de New King
James is daar dus nogal verwarrend.

510
00:30:35,190 --> 00:30:38,190
Maar Paulus spreekt tegen
Joden zoals hijzelf,

511
00:30:38,190 --> 00:30:41,550
die Abraham onze vader naar
het vlees konden noemen.

512
00:30:41,550 --> 00:30:44,790
Wij zijn lichamelijke
nakomelingen van Abraham.

513
00:30:44,790 --> 00:30:48,990
Wat heeft onze vader naar het vlees
dan in geestelijke zin gevonden?

514
00:30:48,990 --> 00:30:53,670
Dat wil zeggen, als het gaat om een
grondslag voor een relatie met God.

515
00:30:53,670 --> 00:30:54,870
Hij zegt:

516
00:30:54,870 --> 00:30:58,590
Immers, als Abraham uit
werken gerechtvaardigd is,

517
00:30:58,590 --> 00:31:02,490
heeft hij iets om zich op te
beroemen, maar niet bij God.

518
00:31:02,490 --> 00:31:06,750
Nu zie je het verband
met hoofdstuk 3, vers 27.

519
00:31:06,750 --> 00:31:08,370
Waar is dan de roem?

520
00:31:08,370 --> 00:31:13,050
Hij is uitgesloten. Door
welke wet? Van de werken?

521
00:31:13,050 --> 00:31:15,570
Nee, maar door de wet van het geloof.

522
00:31:15,570 --> 00:31:20,190
Als Abraham werken had verricht, zou
hij iets hebben om zich op te beroemen.

523
00:31:20,190 --> 00:31:23,790
Beroemen wordt door de wet van
de werken niet uitgesloten.

524
00:31:23,790 --> 00:31:28,170
Als Abraham de werken had verricht
en hij daardoor gerechtvaardigd was,

525
00:31:28,170 --> 00:31:31,350
dan wordt beroemen dus niet uitgesloten.

526
00:31:31,350 --> 00:31:34,770
Hij zou werkelijk iets hebben
om zich op te beroemen.

527
00:31:34,770 --> 00:31:36,870
Maar niet tegenover God.

528
00:31:36,870 --> 00:31:39,150
Dat voegt Paulus er nog aan toe.

529
00:31:39,150 --> 00:31:44,010
Hoe goed Abraham ook was, en hoeveel beter
zijn werken misschien waren dan die van

530
00:31:44,010 --> 00:31:47,550
zijn buren, hij zou toch
nooit aan God kunnen tippen.

531
00:31:47,550 --> 00:31:53,190
Hij zou zich tegenover God niet kunnen
beroemen, maar wel tegenover zijn buren.

532
00:31:53,190 --> 00:31:57,270
Hij zou zich boven hen kunnen
verheffen als een rechtvaardiger mens

533
00:31:57,270 --> 00:32:00,210
vanwege alle goede werken
die hij had gedaan.

534
00:32:00,210 --> 00:32:04,410
Maar dat is niet de grondslag waarop
hij als rechtvaardig werd gerekend.

535
00:32:04,410 --> 00:32:08,010
Het is niet zo dat Abraham
veel slechte werken deed.

536
00:32:08,010 --> 00:32:11,550
Zoals de meeste mensen in het
Oude Testament had hij enkele

537
00:32:11,550 --> 00:32:14,490
misstappen begaan die opgetekend zijn.

538
00:32:14,490 --> 00:32:17,790
Sommige daarvan zijn zelfs
enigszins beschamend.

539
00:32:17,790 --> 00:32:19,770
Maar toch was hij een goed mens,

540
00:32:19,770 --> 00:32:22,710
en waarschijnlijk een
beter mens dan de meesten.

541
00:32:22,710 --> 00:32:24,390
Maar daar gaat het niet om.

542
00:32:24,390 --> 00:32:27,630
Dat is niet de manier
waarop God hem aannam.

543
00:32:27,630 --> 00:32:30,630
Hij werd niet door zijn
werken gerechtvaardigd.

544
00:32:30,630 --> 00:32:33,930
Er staat dat hij, als
dat wel zo was geweest,

545
00:32:33,930 --> 00:32:36,690
iets zou hebben om zich op te beroemen.

546
00:32:36,690 --> 00:32:39,870
Maar wat zegt de Schrift? Vers 3:

547
00:32:39,870 --> 00:32:41,730
Want wat zegt de Schrift?

548
00:32:41,730 --> 00:32:46,650
En Abraham geloofde God, en het
is hem tot gerechtigheid gerekend.

549
00:32:46,650 --> 00:32:48,090
Dat is geloof.

550
00:32:48,090 --> 00:32:51,570
Het citaat komt natuurlijk
uit Genesis 15, vers 6.

551
00:32:51,570 --> 00:32:55,710
Dat was bij de gelegenheid waarbij
God Abraham mee naar buiten nam,

552
00:32:55,710 --> 00:33:00,330
hem op de sterren wees en hem
een talrijk nageslacht beloofde.

553
00:33:00,330 --> 00:33:01,950
Vervolgens staat er:

554
00:33:01,950 --> 00:33:06,870
En hij geloofde in de HEERE, en Die
rekende hem dat tot gerechtigheid.

555
00:33:06,870 --> 00:33:08,250
En er staat:

556
00:33:08,250 --> 00:33:12,930
Abraham geloofde in de Heer en dat werd
hem als rechtvaardigheid toegerekend.

557
00:33:12,930 --> 00:33:16,110
Wat een vreemde plaats om
die opmerking te maken.

558
00:33:16,110 --> 00:33:21,450
Voor ons is het niet vreemd, omdat dit een
heel vaak aangehaald vers in de Bijbel is,

559
00:33:21,450 --> 00:33:24,090
en daardoor vergeten we hoe vreemd het is.

560
00:33:24,090 --> 00:33:28,110
Maar je leest gewoon een verhaal
over Abraham die God gelooft.

561
00:33:28,110 --> 00:33:31,830
Er zijn andere plaatsen in Genesis
waar wordt gesproken over God

562
00:33:31,830 --> 00:33:34,770
Die beloften doet, en daar staat niet:

563
00:33:34,770 --> 00:33:39,930
En Abraham geloofde Hem en dat werd
hem als rechtvaardigheid toegerekend.

564
00:33:39,930 --> 00:33:42,870
Het is bijna alsof Mozes Genesis schrijft

565
00:33:42,870 --> 00:33:46,050
en dit erin voegt als een
theologische uitspraak.

566
00:33:46,050 --> 00:33:50,970
Omdat Abraham God geloofde, krijgen
we nu een theologische interpretatie.

567
00:33:50,970 --> 00:33:53,190
God rekende hem rechtvaardig.

568
00:33:53,190 --> 00:33:55,110
Nu terug naar ons verhaal.

569
00:33:55,110 --> 00:33:59,670
Het lijkt gewoon een vreemde terzijde
in Genesis, maar het staat er wel.

570
00:33:59,670 --> 00:34:03,810
En waarschijnlijk staat het er
zodat Paulus het hier kon gebruiken.

571
00:34:03,810 --> 00:34:07,350
Als het er niet stond, zou
hij het niet kunnen gebruiken.

572
00:34:07,350 --> 00:34:11,490
En hij zegt: dit is wat
de Schrift zegt. Waar?

573
00:34:11,490 --> 00:34:14,490
In de Thora, in Genesis, in de wet.

574
00:34:14,490 --> 00:34:17,430
Dus als ik hier hetzelfde
zeg als de Thora,

575
00:34:17,430 --> 00:34:20,250
stel ik daarmee vast dat de wet waar is.

576
00:34:20,250 --> 00:34:22,050
De Thora is waar.

577
00:34:22,050 --> 00:34:25,650
Dat betekent niet dat ik wil dat
je je houdt aan de inzettingen,

578
00:34:25,650 --> 00:34:28,890
de verordeningen en dergelijke
die nu vervuld zijn.

579
00:34:28,890 --> 00:34:33,150
Aan hem nu die werkt, wordt het
loon niet toegerekend naar genade,

580
00:34:33,150 --> 00:34:35,730
maar naar wat men hem verschuldigd is.

581
00:34:35,730 --> 00:34:37,890
Bij hem echter die niet werkt, maar

582
00:34:37,890 --> 00:34:40,890
gelooft in Hem Die de
goddeloze rechtvaardigt,

583
00:34:40,890 --> 00:34:43,890
wordt zijn geloof gerekend
tot gerechtigheid.

584
00:34:43,890 --> 00:34:46,830
Opnieuw maakt Paulus een
heel scherp contrast,

585
00:34:46,830 --> 00:34:50,070
een absolute tweedeling
tussen twee mogelijke

586
00:34:50,070 --> 00:34:53,610
stelsels van godsdienst of
van een relatie met God.

587
00:34:53,610 --> 00:34:57,810
Het ene is op grond van werken,
het andere op grond van geloof.

588
00:34:57,810 --> 00:35:02,190
Als het op grond van werken is,
komt er geen genade aan te pas.

589
00:35:02,190 --> 00:35:04,590
Genade is dat wat onverdiend is.

590
00:35:04,590 --> 00:35:06,750
Genade is een geschenk.

591
00:35:06,750 --> 00:35:11,910
Genade is een weldaad die wordt geschonken
zonder dat iemand er aanspraak op heeft.

592
00:35:11,910 --> 00:35:15,630
Als ik nu een bepaalde hoeveelheid
werken moest doen, en God,

593
00:35:15,630 --> 00:35:21,330
zodra ik een bepaalde prestatiedrempel
overschreed, zei: oké, je mag binnenkomen,

594
00:35:21,330 --> 00:35:24,690
je hebt nu genoeg gedaan,
dan heb ik het verdiend.

595
00:35:24,690 --> 00:35:28,290
Er was namelijk een vastgestelde
prijs die betaald moest worden,

596
00:35:28,290 --> 00:35:30,270
en ik heb die prijs betaald.

597
00:35:30,270 --> 00:35:34,110
Dus nu is Hij het aan mij
verschuldigd om mij binnen te brengen.

598
00:35:34,110 --> 00:35:37,470
Als het zo werkt, zit daar
helemaal geen genade in.

599
00:35:37,470 --> 00:35:40,650
Het is gewoon een schuld
die God aan mij heeft.

600
00:35:40,650 --> 00:35:42,810
Iets waarover ik kan roemen.

601
00:35:42,810 --> 00:35:44,610
Hé, het is me gelukt.

602
00:35:44,610 --> 00:35:47,490
Ik heb gedaan wat gedaan moest worden.

603
00:35:47,490 --> 00:35:49,770
God Zelf staat bij mij in het krijt.

604
00:35:49,770 --> 00:35:52,530
Maar als het daarentegen
niet op grond van werken is,

605
00:35:52,530 --> 00:35:54,870
als God de goddelozen rechtvaardigt,

606
00:35:54,870 --> 00:35:59,070
waarmee vanzelfsprekend mensen worden
bedoeld die niet goed gepresteerd hebben,

607
00:35:59,070 --> 00:36:01,830
maar Hij dat doet op grond van hun geloof,

608
00:36:01,830 --> 00:36:05,430
dan wordt dat geloof natuurlijk
tot gerechtigheid gerekend.

609
00:36:05,430 --> 00:36:09,810
Toegerekend betekent dat het net is alsof
een boekhouder het in het grootboek aan

610
00:36:09,810 --> 00:36:11,010
jouw kant boekt.

611
00:36:11,010 --> 00:36:13,830
Het gaat hier allemaal
om Gods gerechtigheid,

612
00:36:13,830 --> 00:36:17,370
maar die gerechtigheid wordt
nu in jouw kolom geboekt.

613
00:36:17,370 --> 00:36:19,050
Ze wordt jou toegerekend.

614
00:36:19,050 --> 00:36:20,730
Je hebt haar niet verdiend.

615
00:36:20,730 --> 00:36:24,750
Het is een geschenk, en het
staat nu op jouw rekening.

616
00:36:24,750 --> 00:36:26,730
Dus ze is van jou.

617
00:36:26,730 --> 00:36:30,990
Je bent rechtvaardig, niet omdat je
iets hebt gedaan om dat te verkrijgen,

618
00:36:30,990 --> 00:36:36,390
maar omdat Iemand genadig zei: ‘Ik denk
dat Ik dit gewoon op jouw rekening zet.’

619
00:36:36,390 --> 00:36:40,890
En zo zegt hij dat ook David de zaligheid
beschrijft van de mens aan wie God

620
00:36:40,890 --> 00:36:43,830
gerechtigheid toerekent zonder werken.

621
00:36:43,830 --> 00:36:46,770
En hier haalt hij Psalm 32 aan:

622
00:36:46,770 --> 00:36:52,470
Welzalig zijn zij van wie de wetteloze
daden vergeven en de zonden bedekt zijn.

623
00:36:52,470 --> 00:36:56,670
Welzalig is de mens aan wie de
Heere de zonde niet toerekent.

624
00:36:56,670 --> 00:36:58,710
Nu zijn er hier een paar dingen.

625
00:36:58,710 --> 00:37:01,830
Waarom gebruikt hij voor
zijn punt deze Schrifttekst?

626
00:37:01,830 --> 00:37:04,950
Het ligt misschien voor de hand,
maar er zijn een paar dingen waarop

627
00:37:04,950 --> 00:37:06,390
we moeten letten.

628
00:37:06,390 --> 00:37:09,570
Eén daarvan is dat David na Mozes leefde.

629
00:37:09,570 --> 00:37:13,350
Paulus heeft laten zien dat Abraham
door geloof werd gerechtvaardigd,

630
00:37:13,350 --> 00:37:19,170
maar een Jood zou kunnen aanvoeren: ja,
maar dat was voordat God ons de wet gaf.

631
00:37:19,170 --> 00:37:21,030
Abraham leefde vóór de wet.

632
00:37:21,030 --> 00:37:24,450
Er moest duidelijk een ander
middel tot rechtvaardiging zijn

633
00:37:24,450 --> 00:37:27,930
voordat de wet als middel tot
rechtvaardiging werd gegeven.

634
00:37:27,930 --> 00:37:31,410
En toevallig hoefde hij zich
niet aan wetten te houden,

635
00:37:31,410 --> 00:37:33,990
omdat God er geen had gegeven.

636
00:37:33,990 --> 00:37:38,190
Abrahams rechtvaardiging door geloof
is dus eigenlijk niet relevant,

637
00:37:38,190 --> 00:37:41,790
want sinds zijn tijd is er
deze wet die God heeft gegeven

638
00:37:41,790 --> 00:37:44,010
en waaraan de Joden zich moeten houden.

639
00:37:44,010 --> 00:37:47,550
En dus zegt Paulus: laten we
het dan over David hebben.

640
00:37:47,550 --> 00:37:49,050
Wanneer leefde hij?

641
00:37:49,050 --> 00:37:50,970
Hij leefde na Mozes.

642
00:37:50,970 --> 00:37:52,530
Hij leefde onder de wet.

643
00:37:52,530 --> 00:37:57,270
Hij leefde in de Joodse samenleving die
door de Wet van Mozes werd bestuurd,

644
00:37:57,270 --> 00:38:01,290
net zozeer als in elke andere
tijd na de tijd van Mozes.

645
00:38:01,290 --> 00:38:03,990
Hier hebben we dus een
geval van na de wet.

646
00:38:03,990 --> 00:38:07,710
David werd op dezelfde manier
gerechtvaardigd als Abraham.

647
00:38:07,710 --> 00:38:12,090
In Abrahams tijd bestond de wet
nog niet; in Davids tijd wel.

648
00:38:12,090 --> 00:38:16,530
De wet had dus niets veranderd aan de
wijze waarop iemand werd gerechtvaardigd:

649
00:38:16,530 --> 00:38:20,850
Abraham kon zonder de wet
gerechtvaardigd worden, en David ook.

650
00:38:20,850 --> 00:38:25,710
En voordat Paulus het in vers 6
aanhaalt, formuleert hij het zo:

651
00:38:25,710 --> 00:38:30,030
ook David beschrijft de zaligheid
van de mens aan wie God gerechtigheid

652
00:38:30,030 --> 00:38:32,250
toerekent zonder werken.

653
00:38:32,250 --> 00:38:37,050
Deze Schrifttekst die hij geeft,
wijst heel specifiek op dat beginsel.

654
00:38:37,050 --> 00:38:42,930
David schrijft Psalm 32 namelijk na zijn
zonde met Bathseba en na zijn bekering.

655
00:38:42,930 --> 00:38:48,090
Er zijn twee Psalmen van David die verband
houden met zijn bekering van die zonde.

656
00:38:48,090 --> 00:38:50,550
De ene werd tijdens zijn
bekering geschreven,

657
00:38:50,550 --> 00:38:54,630
en de andere om de vreugde te
gedenken die hij daarna voelde.

658
00:38:54,630 --> 00:38:58,230
Psalm 51 is zijn
boetepsalm voor die zonde.

659
00:38:58,230 --> 00:39:01,770
In Psalm 51 bekeert hij
zich terwijl hij schrijft.

660
00:39:01,770 --> 00:39:05,070
Psalm 32 is in feite later geschreven,

661
00:39:05,070 --> 00:39:08,910
misschien onmiddellijk daarna
of misschien enige tijd daarna.

662
00:39:08,910 --> 00:39:12,690
Maar hij viert nog steeds de ruimte
en de vrijheid die hij nu heeft,

663
00:39:12,690 --> 00:39:15,450
omdat God hem zijn zonde heeft vergeven.

664
00:39:15,450 --> 00:39:18,630
Nu herinner je je misschien
hoe David vergeving ontving.

665
00:39:18,630 --> 00:39:21,390
Toen Nathan bij hem kwam
en hem ermee confronteerde,

666
00:39:21,390 --> 00:39:26,190
en David overtuigd werd van zijn zonde,
ging hij geen dierlijk offer brengen.

667
00:39:26,190 --> 00:39:29,610
Hij zegt zelfs uitdrukkelijk in Psalm 51:

668
00:39:29,610 --> 00:39:34,830
In slachtoffers en offers schept U
geen behagen, anders zou ik ze brengen.

669
00:39:34,830 --> 00:39:39,330
De offers voor God zijn een gebroken
geest en een verbrijzeld hart.

670
00:39:39,330 --> 00:39:41,610
David bracht dus zelfs geen offer.

671
00:39:41,610 --> 00:39:45,330
Hij vertrouwde helemaal niet op iets in
de wet om ten aanzien van zijn schuld

672
00:39:45,330 --> 00:39:49,230
gerechtvaardigd te worden, om van
zijn schuld gereinigd te worden.

673
00:39:49,230 --> 00:39:53,010
Hij had in feite zonden begaan
waarvoor hij onder de wet niet

674
00:39:53,010 --> 00:39:54,870
gerechtvaardigd kon worden.

675
00:39:54,870 --> 00:39:58,470
Er was geen offer beschikbaar
voor moord en overspel.

676
00:39:58,470 --> 00:40:01,050
De remedie daarvoor was de dood.

677
00:40:01,050 --> 00:40:05,730
De wet kende geen enkel offer dat iemand
kon brengen als hij een moordenaar

678
00:40:05,730 --> 00:40:07,650
of overspeler was.

679
00:40:07,650 --> 00:40:12,870
Zo iemand moest eenvoudig sterven,
en hij stierf als veroordeelde.

680
00:40:12,870 --> 00:40:16,770
David kon natuurlijk niet op grond van
werken van de wet gerechtvaardigd worden

681
00:40:16,770 --> 00:40:18,510
voor wat hij had gedaan.

682
00:40:18,510 --> 00:40:21,630
Er was geen wet, geen
voorziening in de wet,

683
00:40:21,630 --> 00:40:24,990
waardoor hij van die daden
gerechtvaardigd kon worden.

684
00:40:24,990 --> 00:40:27,270
Toch werd hij gerechtvaardigd.

685
00:40:27,270 --> 00:40:31,590
Welnu, als het niet door de
wet was, waardoor dan wel?

686
00:40:31,590 --> 00:40:35,790
In vers 6 zegt Paulus dat
God gerechtigheid toerekent.

687
00:40:35,790 --> 00:40:38,910
Dat is hetzelfde als iets
op iemands rekening zetten.

688
00:40:38,910 --> 00:40:41,010
Hij zet het op zijn rekening.

689
00:40:41,010 --> 00:40:43,530
David kon die gerechtigheid
niet verdienen,

690
00:40:43,530 --> 00:40:47,670
want geen enkele wettelijke
procedure kon zijn zonde verhelpen.

691
00:40:47,670 --> 00:40:50,970
Maar hem kon wel gerechtigheid
worden toegerekend,

692
00:40:50,970 --> 00:40:53,490
en dat zou dan zonder
werken van de wet zijn.

693
00:40:53,490 --> 00:40:58,530
Als dat zo is, dan is David opnieuw een
goed voorbeeld van wat Paulus probeert te

694
00:40:58,530 --> 00:41:03,810
bewijzen: dat de werken van de wet niet
ter zake doen bij de rechtvaardiging.

695
00:41:03,810 --> 00:41:06,510
David werd rechtvaardig gerekend.

696
00:41:06,510 --> 00:41:08,910
David werd vergeven.

697
00:41:08,910 --> 00:41:11,370
David werd gerechtvaardigd.

698
00:41:11,370 --> 00:41:16,410
Maar daar kwamen helemaal geen werken
van de wet aan te pas. David zegt:

699
00:41:16,410 --> 00:41:20,790
Welzalig zijn zij van wie de
wetteloze daden vergeven zijn.

700
00:41:20,790 --> 00:41:22,650
Dat gebeurt los van de wet.

701
00:41:22,650 --> 00:41:27,690
Mijn daden zijn wetteloos en
toch vergeven, los van de wet.

702
00:41:27,690 --> 00:41:32,490
Welzalig zijn zij van wie de
wetteloze daden vergeven en de zonden

703
00:41:32,490 --> 00:41:35,610
bedekt, verzoend, zijn.

704
00:41:35,610 --> 00:41:40,890
Welzalig is de mens aan wie de
Heere de zonde niet toerekent.

705
00:41:40,890 --> 00:41:45,630
Nu ben ik een man die gezondigd heeft,
maar God rekent mij geen zonde toe.

706
00:41:45,630 --> 00:41:49,110
Hij schrijft mijn zonden
niet op mijn rekening.

707
00:41:49,110 --> 00:41:51,390
Wat komt er in plaats van zonde?

708
00:41:51,390 --> 00:41:53,730
Wel, gerechtigheid.

709
00:41:53,730 --> 00:41:56,430
Mij wordt gerechtigheid toegerekend.

710
00:41:56,430 --> 00:42:01,050
Daarom zegt Paulus aan het einde
van vers 6 dat David vierde dat hem

711
00:42:01,050 --> 00:42:03,330
gerechtigheid was toegerekend.

712
00:42:03,330 --> 00:42:07,230
David gebruikt die termen niet
uitdrukkelijk, maar hij zegt:

713
00:42:07,230 --> 00:42:09,930
God rekende mij de zonde niet toe.

714
00:42:09,930 --> 00:42:11,730
Wel, wat betekent dat?

715
00:42:11,730 --> 00:42:14,550
Dan rekende Hij mij dus
het tegenovergestelde van

716
00:42:14,550 --> 00:42:17,190
zonde toe: gerechtigheid.

717
00:42:17,190 --> 00:42:21,150
Wat Paulus in de loop van deze eerste
hoofdstukken nu dus heeft gedaan,

718
00:42:21,150 --> 00:42:26,610
is zijn leerstelling dat rechtvaardiging
niet door de wet maar door geloof is,

719
00:42:26,610 --> 00:42:31,110
tot dusver te onderbouwen vanuit
drie passages in het Oude Testament:

720
00:42:31,110 --> 00:42:35,370
één uit de Wet, één uit de
Profeten en één uit de Psalmen.

721
00:42:35,370 --> 00:42:38,670
Zo heeft hij uit elke
belangrijke verzameling

722
00:42:38,670 --> 00:42:43,170
geschriften in het Oude Testament
een gedeelte genomen en laten zien

723
00:42:43,170 --> 00:42:48,990
dat je op al deze plaatsen dezelfde
leer aantreft. De Wet zegt:

724
00:42:48,990 --> 00:42:55,050
En hij geloofde in de HEERE, en Die
rekende hem dat tot gerechtigheid.

725
00:42:55,050 --> 00:42:56,790
De Profeten zeggen:

726
00:42:56,790 --> 00:43:01,050
Zie, zijn ziel is hoogmoedig,
niet oprecht in hem,

727
00:43:01,050 --> 00:43:05,070
maar de rechtvaardige zal
door zijn geloof leven.

728
00:43:05,070 --> 00:43:09,690
De Psalmen zeggen dat een wetteloos
mens vergeven kon worden en dat God

729
00:43:09,690 --> 00:43:12,510
hem geen zonde zou toerekenen.

730
00:43:12,510 --> 00:43:14,430
Zo staat het er dus voor.

731
00:43:14,430 --> 00:43:18,210
Welk deel van de Schrift
zou hier dan tegen ingaan?

732
00:43:18,210 --> 00:43:21,630
We hebben vastgesteld wat
het Oude Testament zegt.

733
00:43:21,630 --> 00:43:26,430
De Jood die nog steeds een invalshoek
of een fout in het argument van

734
00:43:26,430 --> 00:43:31,170
Paulus probeerde te vinden, zou
waarschijnlijk hebben gezegd dat Abraham

735
00:43:31,170 --> 00:43:37,530
vóór de wet leefde en dat dit daarom voor
hem gold, maar sinds die tijd niet meer.

736
00:43:37,530 --> 00:43:42,030
Paulus beantwoordde dat door te
zeggen: maar hoe zit het dan met David?

737
00:43:42,030 --> 00:43:45,930
Hij leefde na de wet, en
het gold ook voor hem.

738
00:43:45,930 --> 00:43:48,810
Dan komen ze terug met
nog een mogelijkheid.

739
00:43:48,810 --> 00:43:53,370
Goed, Abraham leefde natuurlijk
vóór de wet, maar hij was besneden,

740
00:43:53,370 --> 00:43:57,810
en daarom is besnijdenis
noodzakelijk voor gerechtigheid.

741
00:43:57,810 --> 00:44:01,170
Misschien hield hij niet de
hele wet en had hij geen wet,

742
00:44:01,170 --> 00:44:03,750
maar hij had wel de besnijdenis.

743
00:44:03,750 --> 00:44:09,030
En daarom waren deze beide mannen
van wie beweerd wordt dat zij door

744
00:44:09,030 --> 00:44:14,490
geloof gerechtvaardigd waren,
Abraham en David, besneden mannen.

745
00:44:14,490 --> 00:44:19,470
De gemeenschappelijke factor die jij over
het hoofd ziet of onderschat, Paulus,

746
00:44:19,470 --> 00:44:21,150
is dus de besnijdenis.

747
00:44:21,150 --> 00:44:24,450
Paulus reageert op dat
verwachte bezwaar en zegt:

748
00:44:24,450 --> 00:44:28,770
Geldt deze zaligspreking nu alleen
voor besneden mensen of ook voor

749
00:44:28,770 --> 00:44:29,791
onbesneden mensen ?

750
00:44:29,791 --> 00:44:34,710
Wij zeggen immers dat aan Abraham het
geloof gerekend is tot gerechtigheid.

751
00:44:34,710 --> 00:44:37,770
David was gezegend, maar hij was besneden.

752
00:44:37,770 --> 00:44:43,050
Maar behoort zo’n zegening ook toe aan
mensen die niet besneden zijn? Hij zegt:

753
00:44:43,050 --> 00:44:46,710
En hij heeft het teken van de
besnijdenis ontvangen als een

754
00:44:46,710 --> 00:44:51,570
zegel van de gerechtigheid van het geloof
dat hij had toen hij nog onbesneden was,

755
00:44:51,570 --> 00:44:56,371
opdat hij een vader zou zijn van allen
die geloven, hoewel zij onbesneden zijn ,

756
00:44:56,371 --> 00:45:00,210
opdat ook hun de gerechtigheid
toegerekend zou worden;

757
00:45:00,210 --> 00:45:03,510
Dit is dus briljant.
Het is een voltreffer.

758
00:45:03,510 --> 00:45:06,930
Tegen iedereen die denkt dat
je besneden moet zijn en zelfs

759
00:45:06,930 --> 00:45:12,390
Abrahams besnijdenis als argument daarvoor
gebruikt, zegt hij: wacht eens even.

760
00:45:12,390 --> 00:45:14,850
Wanneer werd de volgende uitspraak gedaan?

761
00:45:14,850 --> 00:45:18,510
Dat was Genesis, hoofdstuk 15, vers 6.

762
00:45:18,510 --> 00:45:20,790
Wanneer werd Abraham besneden?

763
00:45:20,790 --> 00:45:23,970
In Genesis 17, twee hoofdstukken later.

764
00:45:23,970 --> 00:45:29,010
In feite jaren later, meer dan dertien
jaar later, werd Abraham besneden.

765
00:45:29,010 --> 00:45:31,230
Maar hem werd al meer dan tien jaar

766
00:45:31,230 --> 00:45:34,350
vóór zijn besnijdenis
gerechtigheid toegerekend.

767
00:45:34,350 --> 00:45:38,670
En hoewel hij later besneden werd, deed
hij dat daarom alleen als een zegel

768
00:45:38,670 --> 00:45:43,230
en een teken dat hij werkelijk op een
andere grondslag een man van God was.

769
00:45:43,230 --> 00:45:47,610
We zouden op deze manier over de doop
kunnen redeneren als we dat wilden.

770
00:45:47,610 --> 00:45:51,450
Sommigen zullen dat misschien betwisten,
maar ik denk dat ons behoud door

771
00:45:51,450 --> 00:45:55,170
genade is, door geloof,
en niet door de doop.

772
00:45:55,170 --> 00:45:57,810
Maar ons is geboden ons te laten dopen,

773
00:45:57,810 --> 00:46:01,530
en iedere gehoorzame christen
zal zich laten dopen.

774
00:46:01,530 --> 00:46:05,790
Een ongehoorzame christen is
eigenlijk een soort tegenstrijdigheid,

775
00:46:05,790 --> 00:46:08,670
want een christen is
iemand die Jezus volgt.

776
00:46:08,670 --> 00:46:11,850
En daarom is iemand
die bewust ongehoorzaam

777
00:46:11,850 --> 00:46:15,330
is eigenlijk helemaal
geen volgeling van Jezus.

778
00:46:15,330 --> 00:46:18,510
Een christen is dus
iemand die gehoorzaamt.

779
00:46:18,510 --> 00:46:21,390
En er is een gebod om je te laten dopen.

780
00:46:21,390 --> 00:46:25,530
Zo was ook Abraham een man die
rechtvaardiging door geloof had,

781
00:46:25,530 --> 00:46:30,690
waarna het gebod kwam om zich te
laten besnijden, en dus deed hij dat.

782
00:46:30,690 --> 00:46:32,970
Paulus zegt dat hij zich liet besnijden,

783
00:46:32,970 --> 00:46:36,390
maar daardoor werd hij niet
voor God gerechtvaardigd.

784
00:46:36,390 --> 00:46:41,550
Hij deed dat als een zegel en een teken
dat hij al een relatie met God had

785
00:46:41,550 --> 00:46:43,890
die op iets anders gebaseerd was.

786
00:46:43,890 --> 00:46:47,550
Maar een man die door geloof
zo’n relatie met God heeft,

787
00:46:47,550 --> 00:46:51,810
zal God natuurlijk gehoorzamen
wanneer God instructies geeft.

788
00:46:51,810 --> 00:46:56,550
Daarom zal iemand die werkelijk
wedergeboren is zich laten dopen.

789
00:46:56,550 --> 00:47:00,030
In de Bijbel lieten mensen
zich zelfs nog op dezelfde dag

790
00:47:00,030 --> 00:47:02,730
dopen waarop ze tot geloof kwamen.

791
00:47:02,730 --> 00:47:07,350
Er was geen enkel geval waarin
hun doop bewust werd uitgesteld.

792
00:47:07,350 --> 00:47:11,670
Zich laten dopen maakte in wezen
deel uit van het bekeringsproces in

793
00:47:11,670 --> 00:47:13,470
de vroege gemeente.

794
00:47:13,470 --> 00:47:18,930
Ze bekeerden zich, geloofden en lieten
zich dopen, allemaal kort na elkaar.

795
00:47:18,930 --> 00:47:24,150
Ze zouden nooit gedacht hebben dat er een
christen kon zijn die niet gedoopt was.

796
00:47:24,150 --> 00:47:27,450
Maar omdat er nooit een christen
was die niet gedoopt was,

797
00:47:27,450 --> 00:47:31,590
is er misschien ten onrechte gedacht
dat de doop je rechtvaardigt,

798
00:47:31,590 --> 00:47:33,750
dat die je tot christen maakt.

799
00:47:33,750 --> 00:47:37,710
Sommigen zouden dat zeggen, maar
volgens mij laat de doop zien dat je

800
00:47:37,710 --> 00:47:39,150
een christen bent.

801
00:47:39,150 --> 00:47:41,370
Ik bedoel dat het het eerste is.

802
00:47:41,370 --> 00:47:45,030
Er zijn andere dingen die nog sterker
laten zien dat je een christen bent,

803
00:47:45,030 --> 00:47:49,770
maar de doop is de verklaring dat je
nu een volgeling van Christus bent.

804
00:47:49,770 --> 00:47:54,510
En bij deze eerste stap zul je
Hem volgen door Hem te gehoorzamen

805
00:47:54,510 --> 00:47:57,450
toen Hij zei dat je je moest laten dopen.

806
00:47:57,450 --> 00:47:59,250
Dus dat is wat ik ga doen.

807
00:47:59,250 --> 00:48:02,190
Iemand die niet weet dat
hij zich moet laten dopen,

808
00:48:02,190 --> 00:48:06,870
omdat niemand hem dat heeft verteld, kan
een echte volgeling van Christus zijn

809
00:48:06,870 --> 00:48:11,190
en de doop alleen nalaten
omdat hij niet beter weet.

810
00:48:11,190 --> 00:48:14,010
Schande over degene die tot hem predikte.

811
00:48:14,010 --> 00:48:16,110
Dat had hem verteld moeten worden.

812
00:48:16,110 --> 00:48:19,890
Of zo iemand kan zijn als
de misdadiger aan het kruis.

813
00:48:19,890 --> 00:48:23,010
Hij komt tot geloof, maar
laat zich niet dopen,

814
00:48:23,010 --> 00:48:26,130
alleen omdat hij daar nooit
de gelegenheid toe krijgt.

815
00:48:26,130 --> 00:48:28,710
Toch zal hij bij Hem in het paradijs zijn.

816
00:48:28,710 --> 00:48:30,450
Maar dat is niet de norm.

817
00:48:30,450 --> 00:48:36,870
De norm is geloof, gevolgd door
gehoorzaamheid, en daar hoort de doop bij.

818
00:48:36,870 --> 00:48:41,310
Maar ik denk dat de doop een beetje lijkt
op wat de besnijdenis voor Abraham was,

819
00:48:41,310 --> 00:48:45,570
want Abraham geloofde eerst
en werd daarna besneden.

820
00:48:45,570 --> 00:48:49,890
Vervolgens bleek dat iedere Jood
na hem ook besneden moest worden.

821
00:48:49,890 --> 00:48:52,590
Zo moest ook iedere
christen gedoopt worden.

822
00:48:52,590 --> 00:48:54,270
Maar het was een teken.

823
00:48:54,270 --> 00:48:58,290
De uiterlijke handeling, het
ritueel, is het teken van een

824
00:48:58,290 --> 00:49:02,190
geestelijke werkelijkheid die
vóór het ritueel al bestaat.

825
00:49:02,190 --> 00:49:06,750
Maar die werkelijkheid zou eigenlijk niet
bestaan als het ritueel werd uitgesloten,

826
00:49:06,750 --> 00:49:09,990
want je zou in die tijd niet
werkelijk een man van God zijn

827
00:49:09,990 --> 00:49:12,510
als je weigerde je te laten besnijden.

828
00:49:12,510 --> 00:49:17,250
En in onze tijd zou je dat niet zijn
als je weigerde je te laten dopen.

829
00:49:17,250 --> 00:49:22,170
Je kunt geen man van God zijn terwijl
je bewust in ongehoorzaamheid leeft.

830
00:49:22,170 --> 00:49:23,370
Nu staat er:

831
00:49:23,370 --> 00:49:27,750
Geldt deze zaligspreking nu alleen
voor besneden mensen of ook voor

832
00:49:27,750 --> 00:49:29,371
onbesneden mensen ?

833
00:49:29,371 --> 00:49:34,350
Wij zeggen immers dat aan Abraham het
geloof gerekend is tot gerechtigheid.

834
00:49:34,350 --> 00:49:36,510
Hoe is het hem dan toegerekend?

835
00:49:36,510 --> 00:49:40,050
Toen hij besneden was
of als een onbesnedene?

836
00:49:40,050 --> 00:49:43,710
Niet als besnedene, maar als onbesnedene!

837
00:49:43,710 --> 00:49:45,630
En in vers 11 staat:

838
00:49:45,630 --> 00:49:48,750
Hij ontving het teken van
de besnijdenis als een

839
00:49:48,750 --> 00:49:52,650
zegel van de rechtvaardigheid
die hij door zijn geloof al had

840
00:49:52,650 --> 00:49:54,390
voordat hij besneden werd.

841
00:49:54,390 --> 00:49:59,190
Dus ook hier stelt Paulus vast
dat de gerechtigheid door geloof

842
00:49:59,190 --> 00:50:01,590
onafhankelijk is van de besnijdenis.

843
00:50:01,590 --> 00:50:05,010
Dat betekent niet dat de
besnijdenis nooit een doel had,

844
00:50:05,010 --> 00:50:09,330
of zelfs dat er nooit een verplichting
bestond om haar toe te passen.

845
00:50:09,330 --> 00:50:11,610
Maar ze is niet wat rechtvaardigt.

846
00:50:11,610 --> 00:50:13,350
Het geloof deed dat.

847
00:50:13,350 --> 00:50:18,810
En hij zegt dat Abraham op die manier de
vader kon worden van allen die geloven,

848
00:50:18,810 --> 00:50:22,770
ook als ze onbesneden zijn,
dus ook van de heidenen.

849
00:50:22,770 --> 00:50:28,530
Zoals ik al zei, hebben zelfs christenen
die heidenen zijn Abraham als hun vader.

850
00:50:28,530 --> 00:50:33,810
Hij is de vader van allen die geloven,
ook als ze onbesneden heidenen zijn.

851
00:50:33,810 --> 00:50:37,290
Maar wat de besnedenen betreft,
is hij de vader van hen

852
00:50:37,290 --> 00:50:41,070
die niet alleen besneden
zijn, niet alleen Joods zijn,

853
00:50:41,070 --> 00:50:45,630
maar ook wandelen in de voetstappen
van het geloof waarin Abraham wandelde.

854
00:50:45,630 --> 00:50:48,090
Wat Paulus dus zegt, is dat
iemand niet een kind van

855
00:50:48,090 --> 00:50:50,610
Abraham wordt doordat hij besneden is.

856
00:50:50,610 --> 00:50:54,330
Een man kan besneden zijn of niet,
maar als hij een man van geloof is,

857
00:50:54,330 --> 00:50:57,450
is hij een zoon van
Abraham, want God rekent

858
00:50:57,450 --> 00:50:59,910
Abrahams geloof als zijn verdienste.

859
00:50:59,910 --> 00:51:04,710
Iemands verwantschap met Abraham heeft
dus alleen waarde als hij hetzelfde geloof

860
00:51:04,710 --> 00:51:06,330
heeft als Abraham.

861
00:51:06,330 --> 00:51:10,350
Dat komt niet doordat hij dezelfde
besnijdenis heeft ondergaan.

862
00:51:10,350 --> 00:51:13,650
Dat was niet de grond van
Abrahams verdienste voor God,

863
00:51:13,650 --> 00:51:17,670
en daarom is het ook niet de grond van
de verdienste van iemand die tot zijn

864
00:51:17,670 --> 00:51:19,590
nageslacht wordt gerekend.

865
00:51:19,590 --> 00:51:23,310
Van onbesnedenen die
geloven is hij de vader.

866
00:51:23,310 --> 00:51:26,970
Van besnedenen die
geloven is hij de vader.

867
00:51:26,970 --> 00:51:32,130
Van besnedenen die niet geloven is
hij, nou ja, niet per se de vader,

868
00:51:32,130 --> 00:51:33,810
behalve naar het vlees.

869
00:51:33,810 --> 00:51:36,870
Maar hij maakt heel duidelijk
dat de besneden man,

870
00:51:36,870 --> 00:51:40,890
de Joodse man die Abraham als
zijn vader wil beschouwen,

871
00:51:40,890 --> 00:51:43,830
behalve besneden ook nog
iets anders moet zijn:

872
00:51:43,830 --> 00:51:46,890
en om een vader te zijn
van hen die besneden zijn ,

873
00:51:46,890 --> 00:51:49,350
voor hen namelijk die
niet alleen besneden zijn,

874
00:51:49,350 --> 00:51:54,150
maar die ook wandelen in de voetsporen
van het geloof van onze vader Abraham

875
00:51:54,150 --> 00:51:57,030
dat hij had toen hij nog onbesneden was.

876
00:51:57,030 --> 00:51:59,550
Aan besnijdenis heb je niet genoeg.

877
00:51:59,550 --> 00:52:02,190
Waar het wel op aankomt, is geloof.

878
00:52:02,190 --> 00:52:05,610
Het is interessant dat er staat
dat zij wandelen in het geloof,

879
00:52:05,610 --> 00:52:07,950
in de voetstappen van het geloof.

880
00:52:07,950 --> 00:52:10,230
Geloof heeft voetstappen.

881
00:52:10,230 --> 00:52:13,050
Geloof is zelfs iets
wat gehoorzaamd wordt.

882
00:52:13,050 --> 00:52:17,610
Denk eraan dat we in hoofdstuk 1 zagen
dat Paulus zei dat hij de opdracht had

883
00:52:17,610 --> 00:52:19,470
alle volken te roepen tot:

884
00:52:19,470 --> 00:52:21,510
Door Hem hebben wij genade

885
00:52:21,510 --> 00:52:26,070
en het apostelschap ontvangen tot
geloofsgehoorzaamheid onder alle heidenen,

886
00:52:26,070 --> 00:52:27,750
ter wille van Zijn Naam,

887
00:52:27,750 --> 00:52:32,130
Geloof is niet slechts een verzameling
denkbeelden in je hoofd die je gelooft.

888
00:52:32,130 --> 00:52:34,530
Het is iets waarin je wandelt.

889
00:52:34,530 --> 00:52:36,990
Abraham wandelde in geloof.

890
00:52:36,990 --> 00:52:41,910
Abrahams verhaal is min of meer een
prototype van de christelijke discipel.

891
00:52:41,910 --> 00:52:46,050
Hij wordt geroepen om de roeping
van God boven zijn familie,

892
00:52:46,050 --> 00:52:49,110
zijn achtergrond en zijn
traditie te stellen,

893
00:52:49,110 --> 00:52:52,650
en naar een gebied te gaan
waar hij nog nooit is geweest.

894
00:52:52,650 --> 00:52:54,330
Hij ervaart verlies.

895
00:52:54,330 --> 00:52:57,930
Hij doorstaat de beproevingen
van het verlies van zijn vader

896
00:52:57,930 --> 00:53:01,050
en uiteindelijk het
verlies van zijn vrouw.

897
00:53:01,050 --> 00:53:04,530
En zijn eerste zoon moet het
huis uit worden gestuurd.

898
00:53:04,530 --> 00:53:07,770
Hij wil hem niet verliezen,
maar dit is nu eenmaal een

899
00:53:07,770 --> 00:53:09,930
scheiding die hij moet voltrekken.

900
00:53:09,930 --> 00:53:13,470
Hij moet zelfs Izak offeren, of bijna.

901
00:53:13,470 --> 00:53:17,790
Dit zijn stappen van geloof
waarin we Abraham zien wandelen.

902
00:53:17,790 --> 00:53:23,550
En ook de christen wandelt door
geloof, in zulke stappen van geloof.

903
00:53:23,550 --> 00:53:25,410
In vers 13 staat:

904
00:53:25,410 --> 00:53:30,030
Want niet door de wet is de belofte
aan Abraham of zijn nageslacht gedaan

905
00:53:30,030 --> 00:53:32,850
dat hij een erfgenaam
van de wereld zou zijn,

906
00:53:32,850 --> 00:53:35,610
maar door de gerechtigheid van het geloof.

907
00:53:35,610 --> 00:53:39,690
Het idee dat Abraham erfgenaam
van de wereld zou zijn,

908
00:53:39,690 --> 00:53:44,850
hield verband met de belofte die God
hem deed voordat hij besneden was.

909
00:53:44,850 --> 00:53:49,050
Het maakt dus deel uit van zijn
relatie met God door geloof.

910
00:53:49,050 --> 00:53:54,030
Daarom zal de belofte niet vervuld worden
op grond van het feit dat iemand zich aan

911
00:53:54,030 --> 00:53:57,270
wetten houdt, maar op
grond van dat geloof.

912
00:53:57,270 --> 00:54:02,130
Het kan ons natuurlijk vreemd voorkomen
wanneer we lezen over de belofte dat hij

913
00:54:02,130 --> 00:54:04,350
erfgenaam van de wereld zou zijn.

914
00:54:04,350 --> 00:54:07,650
We lezen in het Oude Testament
eigenlijk nergens dat

915
00:54:07,650 --> 00:54:10,350
Abraham erfgenaam van de wereld zou zijn.

916
00:54:10,350 --> 00:54:15,630
De beloften die God aan Abraham deed,
betroffen het land van de Kanaänieten:

917
00:54:15,630 --> 00:54:21,210
Want al het land dat u ziet, zal Ik voor
eeuwig aan u en uw nageslacht geven.

918
00:54:21,210 --> 00:54:25,650
Het land van de Hethieten, de
Ferezieten, de Girgasieten,

919
00:54:25,650 --> 00:54:29,070
de Jebusieten en al die
verschillende stammen:

920
00:54:29,070 --> 00:54:33,690
Op die dag sloot de HEERE een
verbond met Abram, en zei:

921
00:54:33,690 --> 00:54:38,850
Aan uw nageslacht heb Ik dit land
gegeven, van de rivier van Egypte af

922
00:54:38,850 --> 00:54:44,970
tot aan de grote rivier, de rivier de
Eufraat: de Kenieten, de Kenezieten,

923
00:54:44,970 --> 00:54:51,270
de Kadmonieten, de Hethieten, de
Ferezieten, de Refaïeten, de Amorieten,

924
00:54:51,270 --> 00:54:55,650
de Kanaänieten, de
Girgasieten en de Jebusieten.

925
00:54:55,650 --> 00:55:01,410
Hij noemde zelfs grenzen: van de rivier
de Eufraat tot de rivier van Egypte,

926
00:55:01,410 --> 00:55:05,490
tot aan de Grote Zee, en aan
de andere kant de Jordaan.

927
00:55:05,490 --> 00:55:10,770
Deze grenzen worden genoemd als de grenzen
van het land dat God aan Abraham geeft.

928
00:55:10,770 --> 00:55:12,210
Hij zegt nooit:

929
00:55:12,210 --> 00:55:14,130
Ik geef je de hele wereld.

930
00:55:14,130 --> 00:55:15,810
Niet met zoveel woorden.

931
00:55:15,810 --> 00:55:18,750
Maar Paulus begrijpt de belofte wel zo.

932
00:55:18,750 --> 00:55:23,070
Zoals zoveel dingen in het Oude Testament
is de belofte van het land een type

933
00:55:23,070 --> 00:55:26,250
en een schaduw van een
veel grotere belofte.

934
00:55:26,250 --> 00:55:31,230
Zo was ook de besnijdenis een type en een
schaduw van de geestelijke besnijdenis.

935
00:55:31,230 --> 00:55:36,330
En de tempel van Salomo was een type en
een schaduw van de tempel van de Heilige

936
00:55:36,330 --> 00:55:39,090
Geest, en dat is de gemeente.

937
00:55:39,090 --> 00:55:43,590
Er zijn zoveel dingen in het Oude
Testament die typen en schaduwen van

938
00:55:43,590 --> 00:55:45,270
geestelijke dingen zijn.

939
00:55:45,270 --> 00:55:50,550
Het land dat God aan Abraham beloofde,
was een geografisch begrensd land.

940
00:55:50,550 --> 00:55:54,990
Maar het was een type van de uiteindelijke
erfenis van de hele wereld voor

941
00:55:54,990 --> 00:55:57,270
Abraham en zijn nageslacht.

942
00:55:57,270 --> 00:55:59,310
En wie is zijn nageslacht?

943
00:55:59,310 --> 00:56:03,870
Paulus vertelt ons hier niet
wie Abrahams nageslacht is.

944
00:56:03,870 --> 00:56:09,030
Er staat eenvoudig dat de belofte aan
Abraham en zijn nageslacht werd gedaan.

945
00:56:09,030 --> 00:56:14,430
Maar in Galaten 3 vers 16 zei Paulus
dat de belofte niet aan Abraham

946
00:56:14,430 --> 00:56:20,250
en zijn nageslachten, meervoud, is
gedaan, maar aan nageslacht, enkelvoud,

947
00:56:20,250 --> 00:56:22,170
en dat is Christus.

948
00:56:22,170 --> 00:56:27,150
Volgens Paulus zijn de beloften die God
aan Abraham deed dus bestemd voor hem,

949
00:56:27,150 --> 00:56:30,930
Abraham, en voor zijn
nageslacht, Christus.

950
00:56:30,930 --> 00:56:35,190
Abraham ontving de voorlopige
vervulling in de vorm van een type.

951
00:56:35,190 --> 00:56:38,250
Maar zijn nageslacht,
Christus, zal de volledige

952
00:56:38,250 --> 00:56:42,630
erfenis ontvangen die door de
typen en schaduwen werd aangeduid.

953
00:56:42,630 --> 00:56:48,330
Abraham en zijn familie zouden in de
daaropvolgende generaties Kanaän beërven.

954
00:56:48,330 --> 00:56:53,130
Maar zijn uiteindelijke nageslacht,
Christus, zal de aarde beërven.

955
00:56:53,130 --> 00:56:58,770
Er is een Messiaanse psalm, Psalm 2,
die heel duidelijk over Jezus gaat.

956
00:56:58,770 --> 00:57:03,810
Het is de psalm waarin in
vers 8, Psalm 2 vers 8, staat:

957
00:57:03,810 --> 00:57:08,190
Vraag Mij en Ik zal U de
volken als Uw eigendom geven,

958
00:57:08,190 --> 00:57:11,190
de einden van de aarde als Uw bezit.

959
00:57:11,190 --> 00:57:13,770
Daar spreekt God tot de Messias.

960
00:57:13,770 --> 00:57:17,370
God zal Jezus de einden van
de aarde als Zijn bezit geven.

961
00:57:17,370 --> 00:57:23,070
En de Bijbel zegt dat wij die christenen
zijn, mede-erfgenamen van Christus zijn.

962
00:57:23,070 --> 00:57:27,150
Dat betekent dat we samen
met Hem Zijn bezit beërven.

963
00:57:27,150 --> 00:57:32,190
Wat zei Hij dat we zouden
beërven? De aarde. De Bijbel zegt:

964
00:57:32,190 --> 00:57:36,450
Zalig zijn de zachtmoedigen,
want zij zullen de aarde beërven.

965
00:57:36,450 --> 00:57:41,550
God zal de hele wereld aan Abraham
en zijn nageslacht, Christus, geven.

966
00:57:41,550 --> 00:57:45,450
En Christus is die wereld zelfs nu al
aan het veroveren door de prediking

967
00:57:45,450 --> 00:57:47,070
van het Evangelie.

968
00:57:47,070 --> 00:57:48,870
Wij zijn veroverd.

969
00:57:48,870 --> 00:57:50,670
Hij heeft ons ontvangen.

970
00:57:50,670 --> 00:57:54,810
Op deze manier zal Abraham de
vader van vele volken worden.

971
00:57:54,810 --> 00:57:59,550
Waar het uiteindelijk op neerkwam toen
God deze belofte aan Abraham deed, was:

972
00:57:59,550 --> 00:58:04,230
Want niet door de wet is de belofte aan
Abraham of zijn nageslacht gedaan dat hij

973
00:58:04,230 --> 00:58:09,030
een erfgenaam van de wereld zou zijn,
maar door de gerechtigheid van het geloof.

974
00:58:09,030 --> 00:58:12,270
En Paulus neemt eenvoudig
aan dat dit begrepen wordt.

975
00:58:12,270 --> 00:58:15,870
Die belofte die God aan Abraham
en zijn nageslacht deed,

976
00:58:15,870 --> 00:58:21,090
dat zij de wereld zouden beërven, was
dus niet door de wet, maar door geloof.

977
00:58:21,090 --> 00:58:25,930
Het eerste deel daarvan, het deel dat onze
aandacht grijpt en ons versteld doet staan

978
00:58:25,930 --> 00:58:27,970
— wacht eens even, de wereld?

979
00:58:27,970 --> 00:58:31,650
— staat in de zin als
iets wat al vaststaat.

980
00:58:31,650 --> 00:58:35,910
Wat hij wil zeggen, is niet bedoeld
om een nieuw idee te introduceren.

981
00:58:35,910 --> 00:58:38,130
God zal hem de wereld geven.

982
00:58:38,130 --> 00:58:41,190
Dat is het deel dat als
bekend wordt verondersteld.

983
00:58:41,190 --> 00:58:45,330
Wat wordt uitgelegd, is dat dit niet
gebeurde omdat hij zich aan wetten hield,

984
00:58:45,330 --> 00:58:47,250
maar omdat hij geloof had.

985
00:58:47,250 --> 00:58:52,770
De hele wereld zal door Christus, het
nageslacht van Abraham, geregeerd worden.

986
00:58:52,770 --> 00:58:56,730
En Abrahams nageslacht zal dan
de hele wereld hebben beërfd.

987
00:58:56,730 --> 00:59:01,350
Want als degenen die zich aan de wet
houden de erfgenamen zijn — dat betekent:

988
00:59:01,350 --> 00:59:03,590
als de Joden de erfgenamen zijn —

989
00:59:03,590 --> 00:59:07,110
Immers, als zij die uit de
wet zijn, erfgenamen zijn,

990
00:59:07,110 --> 00:59:11,430
is het geloof zonder inhoud geworden
en is de belofte tenietgedaan.

991
00:59:11,430 --> 00:59:18,150
Want de wet brengt toorn teweeg, want
waar geen wet is, is ook geen overtreding.

992
00:59:18,150 --> 00:59:22,410
Nu heeft hij iets vergelijkbaars
gezegd in hoofdstuk 3, vers 20,

993
00:59:22,410 --> 00:59:25,890
waar hij zei dat door de wet
de kennis van de zonde is.

994
00:59:25,890 --> 00:59:29,430
Hij bedoelt dit: de wet
verleent geen voorrecht.

995
00:59:29,430 --> 00:59:34,650
De wet veroordeelt juist gedrag dat vóór
haar komst nog niet als wetsovertreding

996
00:59:34,650 --> 00:59:36,390
veroordeeld kon worden.

997
00:59:36,390 --> 00:59:39,330
Waar geen wet is, is geen overtreding.

998
00:59:39,330 --> 00:59:44,670
Dat betekent niet dat er zonder wet geen
wangedrag, verkeerde daad of zonde is.

999
00:59:44,670 --> 00:59:49,290
Er is alleen geen overtreding, want
het woord ‘overtreding’ betekent

1000
00:59:49,290 --> 00:59:51,930
specifiek dat een gebod wordt geschonden.

1001
00:59:51,930 --> 00:59:56,730
Waar geen gebod is, kan niets overtreden
en geen wet geschonden worden.

1002
00:59:56,730 --> 00:59:59,970
Maar dat betekent niet dat
wat iemand deed goed was.

1003
00:59:59,970 --> 01:00:01,830
Kaïn doodde Abel.

1004
01:00:01,830 --> 01:00:05,850
Er was geen wet, dus in die
zin was daar geen overtreding.

1005
01:00:05,850 --> 01:00:09,150
God had nog nooit gezegd:
‘U zult niet doodslaan.’

1006
01:00:09,150 --> 01:00:11,550
Toch deed Kaïn iets verkeerds.

1007
01:00:11,550 --> 01:00:15,450
Het was verkeerd, ook al was
daarover nog geen wet gegeven.

1008
01:00:15,450 --> 01:00:19,170
Later werd de wet gegeven:
u zult niet doodslaan.

1009
01:00:19,170 --> 01:00:22,290
Daardoor zou zo’n daad
een overtreding worden.

1010
01:00:22,290 --> 01:00:26,130
Als Kaïn van God het gebod had
ontvangen om niet te doden,

1011
01:00:26,130 --> 01:00:29,430
zou zijn zonde meer zijn
geweest dan alleen zonde:

1012
01:00:29,430 --> 01:00:32,910
ze zou ook een schending van
een gegeven wet zijn geweest.

1013
01:00:32,910 --> 01:00:35,730
Dat is wat ‘overtreding’ betekent.

1014
01:00:35,730 --> 01:00:38,250
Volgens Paulus is dat wat de wet doet.

1015
01:00:38,250 --> 01:00:42,690
Ze helpt je niet om beter te zijn;
ze maakt je tot een overtreder.

1016
01:00:42,690 --> 01:00:46,650
Eerst was je slechts een zondaar
die zich van geen kwaad bewust was,

1017
01:00:46,650 --> 01:00:48,990
maar nu ben je een wetsovertreder.

1018
01:00:48,990 --> 01:00:54,270
Door kennis van de wet krijg je kennis van
je overtreding en van je schuldige staat.

1019
01:00:54,270 --> 01:00:59,070
De wet zorgt er dus niet voor dat je
er beter voor staat, maar slechter.

1020
01:00:59,070 --> 01:01:01,950
Ze rechtvaardigt niet, maar veroordeelt.

1021
01:01:01,950 --> 01:01:06,450
Deze beloften kunnen daarom natuurlijk
niet op de wet gebaseerd zijn.

1022
01:01:06,450 --> 01:01:10,830
Ze moeten gebaseerd zijn op iets
wat werkelijk gerechtigheid schenkt

1023
01:01:10,830 --> 01:01:12,930
en niet alleen meer schuld.

1024
01:01:12,930 --> 01:01:16,890
Daarom is het uit het geloof,
opdat het naar genade zou zijn,

1025
01:01:16,890 --> 01:01:21,870
met als doel dat de belofte zeker
zou zijn voor heel het nageslacht,

1026
01:01:21,870 --> 01:01:24,510
niet voor dat wat uit de wet is alleen,

1027
01:01:24,510 --> 01:01:28,230
maar ook voor dat wat uit
het geloof van Abraham is,

1028
01:01:28,230 --> 01:01:30,750
die een vader is van ons allen.

1029
01:01:30,750 --> 01:01:34,470
Hij maakt dus heel duidelijk
dat het nageslacht van Abraham

1030
01:01:34,470 --> 01:01:38,910
niet alleen degenen omvat die uit
de wet zijn, niet alleen de Joden,

1031
01:01:38,910 --> 01:01:42,510
maar iedereen die het
geloof van Abraham heeft.

1032
01:01:42,510 --> 01:01:47,070
Abraham is de vader van ons
allen, Joden en heidenen.

1033
01:01:47,070 --> 01:01:49,590
Wij zijn allemaal kinderen van Abraham.

1034
01:01:49,590 --> 01:01:54,570
De beloften die God deed, gelden
voor allen die zijn kinderen zijn.

1035
01:01:54,570 --> 01:01:56,490
In vers 17 staat:

1036
01:01:56,490 --> 01:02:01,590
zoals geschreven staat: Ik heb u tot
een vader van vele volken gemaakt.

1037
01:02:01,590 --> 01:02:05,490
Let erop dat ‘vele volken’
ook heidenen omvat.

1038
01:02:05,490 --> 01:02:10,170
Israël was eigenlijk één volk, maar
Abraham is niet alleen de vader van

1039
01:02:10,170 --> 01:02:12,210
één volk, de Joden.

1040
01:02:12,210 --> 01:02:15,150
Hij is de vader van vele volken.

1041
01:02:15,150 --> 01:02:18,330
In één betekenis komt dat
doordat zijn nakomelingen

1042
01:02:18,330 --> 01:02:20,910
werkelijk vele volken
hebben voortgebracht.

1043
01:02:20,910 --> 01:02:25,590
De Edomieten, de Joden, de
Suahieten, de Midianieten,

1044
01:02:25,590 --> 01:02:30,090
de Ismaëlieten en verscheidene andere
volken stammen op de een of andere manier

1045
01:02:30,090 --> 01:02:31,230
van Abraham af.

1046
01:02:31,230 --> 01:02:34,410
In die zin was hij de
vader van vele volken.

1047
01:02:34,410 --> 01:02:37,710
Maar Paulus ziet er nog
een andere betekenis in.

1048
01:02:37,710 --> 01:02:42,030
Abraham is de vader van mensen
uit vele volken die niet

1049
01:02:42,030 --> 01:02:44,190
biologisch van hem afstammen.

1050
01:02:44,190 --> 01:02:47,490
Mensen uit vele volken die
het geloof van Abraham hebben,

1051
01:02:47,490 --> 01:02:49,410
zijn allemaal zijn kinderen.

1052
01:02:49,410 --> 01:02:53,850
Hij is dus de vader van een
multi-etnische familie die wordt bepaald

1053
01:02:53,850 --> 01:02:58,230
door het soort geloof dat hij had
en waarvan hij het voorbeeld was.

1054
01:02:58,230 --> 01:03:03,510
Hij geloofde in God, Die de doden levend
maakt en de dingen die niet bestaan,

1055
01:03:03,510 --> 01:03:05,730
roept alsof zij bestaan.

1056
01:03:05,730 --> 01:03:11,670
Tegen hoop in heeft hij in hoop geloofd,
zodat hij een vader van vele volken werd,

1057
01:03:11,670 --> 01:03:16,470
overeenkomstig wat gezegd was:
zo zal uw nageslacht zijn.

1058
01:03:16,470 --> 01:03:21,330
Dat staat in Genesis 15, waar
God zei: u ziet de sterren;

1059
01:03:21,330 --> 01:03:24,570
zo talrijk zal uw nageslacht zijn.

1060
01:03:24,570 --> 01:03:28,350
En het zijn niet alleen Joodse
sterren, maar vele volken.

1061
01:03:28,350 --> 01:03:33,030
En niet verzwakt in het geloof, heeft hij
er niet op gelet dat zijn eigen lichaam

1062
01:03:33,030 --> 01:03:36,710
reeds verstorven was — hij was
ongeveer honderd jaar oud —

1063
01:03:36,710 --> 01:03:40,650
en dat ook de moederschoot
van Sara verstorven was.

1064
01:03:40,650 --> 01:03:44,790
En hij heeft aan de belofte van
God niet getwijfeld door ongeloof,

1065
01:03:44,790 --> 01:03:49,350
maar werd gesterkt in het geloof,
terwijl hij God de eer gaf.

1066
01:03:49,350 --> 01:03:55,470
Hij was er ten volle van overtuigd dat God
ook machtig was te doen wat beloofd was.

1067
01:03:55,470 --> 01:03:58,410
Daarom ook is het hem tot
gerechtigheid gerekend.

1068
01:03:58,410 --> 01:04:02,310
‘Daarom’ betekent: vanwege
wat ik zojuist heb beschreven,

1069
01:04:02,310 --> 01:04:05,490
werd zijn geloof hem tot
gerechtigheid gerekend.

1070
01:04:05,490 --> 01:04:10,170
Dat woord suggereert dat zijn geloof
misschien niet tot gerechtigheid zou zijn

1071
01:04:10,170 --> 01:04:15,030
gerekend als het anders was geweest dan
het geloof dat zojuist is beschreven.

1072
01:04:15,030 --> 01:04:17,370
Omdat zijn geloof deze kracht,

1073
01:04:17,370 --> 01:04:21,630
deze vasthoudendheid en deze
volledige toewijding bezat,

1074
01:04:21,630 --> 01:04:24,570
werd het hem daarom tot
gerechtigheid gerekend.

1075
01:04:24,570 --> 01:04:27,690
Er bestaat ook iets wat
sommige mensen geloof noemen,

1076
01:04:27,690 --> 01:04:30,270
maar wat geen van die eigenschappen heeft.

1077
01:04:30,270 --> 01:04:35,310
Het bezit niet die volharding en niet die
neiging om de natuurlijke omstandigheden

1078
01:04:35,310 --> 01:04:40,410
buiten beschouwing te laten, eenvoudig
te geloven dat God kan doen wat Hij wil

1079
01:04:40,410 --> 01:04:42,270
en daarnaar te handelen.

1080
01:04:42,270 --> 01:04:48,030
Abraham deed dat uiteindelijk zelfs zo
ver dat hij bereid was Izak te offeren.

1081
01:04:48,030 --> 01:04:51,390
Zulk gedrag laat zien wat
voor geloof hij bezat.

1082
01:04:51,390 --> 01:04:55,230
Daarom werd dat geloof hem
tot gerechtigheid gerekend.

1083
01:04:55,230 --> 01:04:58,950
Een zwakkere soort geloof zou
dat vermoedelijk niet zijn.

1084
01:04:58,950 --> 01:05:01,590
Dat lijkt Paulus hier te suggereren.

1085
01:05:01,590 --> 01:05:06,030
Nu is het niet alleen ter wille van hem
geschreven dat het hem toegerekend is,

1086
01:05:06,030 --> 01:05:09,870
maar ook ter wille van ons, aan
wie het zal worden toegerekend,

1087
01:05:09,870 --> 01:05:14,850
aan ons namelijk die geloven
in Hem Die Jezus, onze Heere,

1088
01:05:14,850 --> 01:05:19,710
uit de doden opgewekt heeft, Die om
onze overtredingen is overgeleverd,

1089
01:05:19,710 --> 01:05:22,590
en opgewekt om onze rechtvaardiging.

1090
01:05:22,590 --> 01:05:24,810
Ik moet dit hier snel afronden.

1091
01:05:24,810 --> 01:05:27,690
Ik wil hier enkele opmerkingen over maken.

1092
01:05:27,690 --> 01:05:30,630
Aan het einde van vers 17 staat dat God

1093
01:05:30,630 --> 01:05:35,490
zoals geschreven staat: Ik heb u tot
een vader van vele volken gemaakt.

1094
01:05:35,490 --> 01:05:39,870
Dit was hij tegenover Hem in Wie
hij geloofd heeft, namelijk God,

1095
01:05:39,870 --> 01:05:46,170
Die de doden levend maakt, en de dingen
die niet zijn, roept alsof zij er waren.

1096
01:05:46,170 --> 01:05:49,890
Ik wil zeggen dat dit in feite
een van de verzen is geworden

1097
01:05:49,890 --> 01:05:53,910
die de mensen van de
Woord-van-Geloofbeweging graag gebruiken.

1098
01:05:53,910 --> 01:05:57,810
Want zij zeggen dat wij moeten
spreken zoals God spreekt.

1099
01:05:57,810 --> 01:06:02,190
God spreekt over dingen die er
niet zijn alsof ze er wel waren.

1100
01:06:02,190 --> 01:06:07,350
En daarom moeten wij over dingen die er
niet zijn spreken alsof ze er wel waren.

1101
01:06:07,350 --> 01:06:08,550
Ben ik ziek?

1102
01:06:08,550 --> 01:06:11,370
Nou, dan moet ik zeggen
dat ik niet ziek ben.

1103
01:06:11,370 --> 01:06:14,010
Ik moet zeggen dat ik genezen ben.

1104
01:06:14,010 --> 01:06:17,790
Nou, ben ik werkelijk
genezen? Dat doet er niet toe.

1105
01:06:17,790 --> 01:06:22,590
Ik hoor over dingen die er niet zijn
te spreken alsof ze er wel waren.

1106
01:06:22,590 --> 01:06:27,450
Misschien ben ik niet genezen, maar ik
hoor te spreken alsof ik genezen ben.

1107
01:06:27,450 --> 01:06:32,790
Ik zeg: ik ben genezen, ik ben
voorspoedig, het gaat goed met me,

1108
01:06:32,790 --> 01:06:34,470
alles gaat goed voor mij.

1109
01:06:34,470 --> 01:06:37,410
Is dat werkelijk waar?
Dat doet er niet toe.

1110
01:06:37,410 --> 01:06:40,290
Ik hoor dingen uit te
spreken die er niet zijn.

1111
01:06:40,290 --> 01:06:45,450
Met andere woorden, ik hoor te liegen en
te hopen dat mijn leugen verderop op de

1112
01:06:45,450 --> 01:06:48,450
een of andere manier met de
werkelijkheid overeenkomt.

1113
01:06:48,450 --> 01:06:51,570
Maar is dat wat God doet? Loog Hij?

1114
01:06:51,570 --> 01:06:54,810
Wanneer God zegt dat iets
waar is, dan is het waar,

1115
01:06:54,810 --> 01:06:59,850
op zijn minst in Zijn voornemens, en Zijn
voornemens zullen niet worden verijdeld.

1116
01:06:59,850 --> 01:07:02,370
Je kunt erop rekenen dat het waar is.

1117
01:07:02,370 --> 01:07:05,910
Wat is het specifieke geval
waar Paulus naar verwijst

1118
01:07:05,910 --> 01:07:10,650
wanneer hij zei dat God dingen die er
niet zijn noemt alsof ze er wel waren?

1119
01:07:10,650 --> 01:07:16,950
Wel, God zei in Genesis 17 tegen Abram dat
hij zijn naam in Abraham moest veranderen.

1120
01:07:16,950 --> 01:07:20,490
De naam Abraham betekent
vader van een menigte.

1121
01:07:20,490 --> 01:07:23,250
Ik ga je voortaan de vader
van een menigte noemen.

1122
01:07:23,250 --> 01:07:25,650
Dat ben je niet, maar
eigenlijk ben je het wel,

1123
01:07:25,650 --> 01:07:29,190
want Ik heb besloten dat er uit
jou een menigte zal voortkomen,

1124
01:07:29,190 --> 01:07:30,870
en jij bent de vader.

1125
01:07:30,870 --> 01:07:34,530
Je hebt nog niets van deze menigte
gezien, maar ze komen eraan.

1126
01:07:34,530 --> 01:07:38,310
Ik ga je zo noemen, zelfs
voordat het zover is.

1127
01:07:38,310 --> 01:07:42,390
En dat Ik je zo noem, is op
zichzelf al min of meer een belofte.

1128
01:07:42,390 --> 01:07:46,650
Ik zou je niet zo noemen als Ik niet
vastbesloten was je dat te maken.

1129
01:07:46,650 --> 01:07:51,030
Dus in dat specifieke geval ken ik
niet veel andere plaatsen in de Bijbel

1130
01:07:51,030 --> 01:07:54,870
waar Paulus naar zou kunnen verwijzen,
maar hij heeft het over het verhaal van

1131
01:07:54,870 --> 01:08:00,390
Abraham: God noemde hem de vader
van een menigte voordat hij dat was.

1132
01:08:00,390 --> 01:08:05,070
Het was niet iets wat waar was, maar
God noemde het alsof het waar was,

1133
01:08:05,070 --> 01:08:08,010
omdat het natuurlijk deel
uitmaakte van Zijn belofte,

1134
01:08:08,010 --> 01:08:10,410
die met zekerheid vervuld zou worden.

1135
01:08:10,410 --> 01:08:13,290
Wij hebben niet het
vermogen om met onze woorden

1136
01:08:13,290 --> 01:08:15,570
werkelijkheden tot bestaan te roepen.

1137
01:08:15,570 --> 01:08:18,930
Hoe graag veel mensen van
de Woord-van-Geloofbeweging

1138
01:08:18,930 --> 01:08:22,890
ook zouden zeggen dat dit een
voorrecht is dat christenen hebben,

1139
01:08:22,890 --> 01:08:26,070
je vindt nergens in de
Bijbel dat dit wordt gezegd.

1140
01:08:26,070 --> 01:08:31,230
En eenvoudigweg zeggen dat God dingen die
er niet zijn noemt alsof ze er wel waren,

1141
01:08:31,230 --> 01:08:34,020
betekent niet: ‘en
daarom doen wij dat ook.’

1142
01:08:34,020 --> 01:08:38,010
God heeft voorrechten en
machten die mensen niet hebben,

1143
01:08:38,010 --> 01:08:44,910
zelfs christelijke mensen niet. God is
God. Wij zijn mensen. Hij is de Schepper.

1144
01:08:44,910 --> 01:08:46,890
Wij zijn de schepselen.

1145
01:08:46,890 --> 01:08:51,210
Daarom betekent het feit dat God dit
soort voorrecht had niet dat dit op

1146
01:08:51,210 --> 01:08:53,010
ons wordt overgedragen.

1147
01:08:53,010 --> 01:08:56,850
Dat zou ons afzonderlijk verteld
moeten worden, en dat wordt het niet.

1148
01:08:56,850 --> 01:09:00,150
Nu staat er dat Abraham
tegen hoop in geloofde.

1149
01:09:00,150 --> 01:09:03,630
Want hij was natuurlijk
oud en zijn vrouw was oud.

1150
01:09:03,630 --> 01:09:09,090
En toch geloofde hij, omdat God
zei dat het zo zou zijn. God zei:

1151
01:09:09,090 --> 01:09:13,830
zal Ik u zeker rijk zegenen en
uw nageslacht zeer talrijk maken,

1152
01:09:13,830 --> 01:09:18,570
als de sterren aan de hemel en als het
zand dat aan de oever van de zee is.

1153
01:09:18,570 --> 01:09:22,410
Uw nageslacht zal de poort van
zijn vijanden in bezit hebben.

1154
01:09:22,410 --> 01:09:25,530
Nu had hij een dood
lichaam, zijn eigen lichaam,

1155
01:09:25,530 --> 01:09:28,410
en zijn vrouw had een dode moederschoot.

1156
01:09:28,410 --> 01:09:33,630
Het Engelse woord ‘dead’ hier — dat in
de weergegeven Nederlandse tekst van vers

1157
01:09:33,630 --> 01:09:36,751
19 met ‘verstorven’ is vertaald —

1158
01:09:36,751 --> 01:09:40,950
En niet verzwakt in het geloof, heeft hij
er niet op gelet dat zijn eigen lichaam

1159
01:09:40,950 --> 01:09:44,731
reeds verstorven was — hij was
ongeveer honderd jaar oud —

1160
01:09:44,731 --> 01:09:48,090
en dat ook de moederschoot
van Sara verstorven was.

1161
01:09:48,090 --> 01:09:52,710
is een voorbeeld van hoe Paulus het
woord ‘dood’ gebruikt wanneer hij niet

1162
01:09:52,710 --> 01:09:54,990
werkelijk letterlijk dood bedoelt.

1163
01:09:54,990 --> 01:09:58,650
Wanneer in Hebreeën 11 over
precies hetzelfde wordt gesproken

1164
01:09:58,650 --> 01:10:01,290
en in wezen dezelfde
uitspraak wordt gedaan,

1165
01:10:01,290 --> 01:10:04,290
is de formulering maar een
klein beetje veranderd.

1166
01:10:04,290 --> 01:10:08,250
En we kunnen zien dat Paulus
in Romeinen 4 hetzelfde bedoelt

1167
01:10:08,250 --> 01:10:11,430
als de schrijver van
Hebreeën in hoofdstuk 11.

1168
01:10:11,430 --> 01:10:15,210
Over Abraham staat in Hebreeën 11:12:

1169
01:10:15,210 --> 01:10:20,550
Daarom zijn er zelfs uit één man en dat
uit iemand wiens kracht al gestorven was,

1170
01:10:20,550 --> 01:10:24,330
zovelen geboren als de sterren
van de hemel in menigte

1171
01:10:24,330 --> 01:10:28,050
en als het zand op het strand van
de zee, dat niet te tellen is.

1172
01:10:28,050 --> 01:10:30,930
Merk op dat het dezelfde uitspraak is.

1173
01:10:30,930 --> 01:10:34,650
Abraham werd de vader van een
menigte, hoewel hij dood was.

1174
01:10:34,650 --> 01:10:41,490
Dat wil zeggen: Romeinen 4 zegt ‘dood’;
Hebreeën 11 zegt ‘zo goed als dood’.

1175
01:10:41,490 --> 01:10:43,830
Die twee spreken elkaar niet tegen.

1176
01:10:43,830 --> 01:10:48,510
Dit laat ons eenvoudig zien dat het
woord ‘dood’ soms die betekenis heeft:

1177
01:10:48,510 --> 01:10:50,250
zo goed als dood.

1178
01:10:50,250 --> 01:10:54,690
En dit is belangrijk, omdat Paulus het
woord ‘dood’ gebruikt op plaatsen waar

1179
01:10:54,690 --> 01:10:59,670
sommige mensen leerstellingen proberen
te funderen die Paulus niet onderwijst.

1180
01:10:59,670 --> 01:11:03,330
Een voorbeeld daarvan staat in Efeze 2:1:

1181
01:11:03,330 --> 01:11:06,211
Ook u heeft Hij met Hem levend gemaakt ,

1182
01:11:06,211 --> 01:11:09,510
u die dood was door de
overtredingen en de zonden,

1183
01:11:09,510 --> 01:11:13,830
En zij proberen daaruit af te
leiden dat wij volkomen dood waren

1184
01:11:13,830 --> 01:11:17,910
en helemaal niets konden doen,
zelfs niet in God geloven.

1185
01:11:17,910 --> 01:11:22,590
Maar wij waren zo goed als dood
in onze overtredingen en zonden.

1186
01:11:22,590 --> 01:11:25,410
Wij waren ten dode opgeschreven.

1187
01:11:25,410 --> 01:11:29,670
Als je op de treinrails staat en je kunt
niet uit de auto komen terwijl de trein op

1188
01:11:29,670 --> 01:11:33,990
je afkomt, en je zegt: ‘We
zijn dood’, dan zeg je niet:

1189
01:11:33,990 --> 01:11:36,330
‘Ik vertoon geen levenstekenen.’

1190
01:11:36,330 --> 01:11:37,950
Dat is niet wat je zegt.

1191
01:11:37,950 --> 01:11:41,010
Je zegt: ‘We zijn zo goed als dood.

1192
01:11:41,010 --> 01:11:43,710
We zijn ten dode opgeschreven.

1193
01:11:43,710 --> 01:11:47,490
Het kan niet anders dan dat we
over een paar seconden dood zijn.

1194
01:11:47,490 --> 01:11:49,710
Dit is wat er met ons gebeurt.

1195
01:11:49,710 --> 01:11:54,150
De dood is onze wezenlijke,
onvermijdelijke bestemming.’

1196
01:11:54,150 --> 01:11:58,650
Zeggen dat wij dood waren in
overtredingen en zonden is, geloof ik,

1197
01:11:58,650 --> 01:12:03,090
zoals wat Paulus zegt in
Romeinen 8:10, waar hij zegt:

1198
01:12:03,090 --> 01:12:08,670
Als Christus echter in u is, dan is
het lichaam wel dood vanwege de zonde,

1199
01:12:08,670 --> 01:12:11,790
maar de geest is leven
vanwege de gerechtigheid.

1200
01:12:11,790 --> 01:12:16,050
Mijn lichaam kan dood zijn, dat
wil zeggen, gedoemd om te sterven,

1201
01:12:16,050 --> 01:12:20,010
maar mijn geest is dat niet,
omdat Christus in mij is.

1202
01:12:20,010 --> 01:12:24,690
Wanneer hij zegt dat het lichaam dood is,
ben ik van mening dat hij bedoelt dat wij

1203
01:12:24,690 --> 01:12:26,550
zo goed als dood zijn.

1204
01:12:26,550 --> 01:12:29,250
Wij zijn ten dode opgeschreven.

1205
01:12:29,250 --> 01:12:34,470
Onze lichamen zijn, in tegenstelling
tot onze geest, sterfelijk en dood.

1206
01:12:34,470 --> 01:12:37,410
En zo was ook het
lichaam van Abraham dood,

1207
01:12:37,410 --> 01:12:40,650
zo goed als dood wat het
verwekken van kinderen betreft.

1208
01:12:40,650 --> 01:12:42,510
Maar daar dacht hij niet aan.

1209
01:12:42,510 --> 01:12:46,710
En hij heeft aan de belofte van
God niet getwijfeld door ongeloof,

1210
01:12:46,710 --> 01:12:51,150
maar werd gesterkt in het geloof,
terwijl hij God de eer gaf.

1211
01:12:51,150 --> 01:12:52,770
De belofte was er.

1212
01:12:52,770 --> 01:12:55,590
De omstandigheden waren niet bemoedigend.

1213
01:12:55,590 --> 01:12:58,890
Een dode man, bij wijze
van spreken, zo goed als

1214
01:12:58,890 --> 01:13:01,470
dood wat het verwekken
van kinderen betreft.

1215
01:13:01,470 --> 01:13:06,810
Zijn vrouw was zo goed als dood wat
het krijgen van kinderen betreft. Maar:

1216
01:13:06,810 --> 01:13:10,230
Hij twijfelde niet uit
ongeloof aan Gods belofte,

1217
01:13:10,230 --> 01:13:14,250
maar werd sterk in zijn
geloof en gaf God de eer.

1218
01:13:14,250 --> 01:13:19,170
Nu is het belangrijk om op te merken dat
wanneer je in het geloof versterkt wordt,

1219
01:13:19,170 --> 01:13:23,130
je door op God te vertrouwen
heerlijkheid aan God geeft.

1220
01:13:23,130 --> 01:13:26,850
Want je zegt: ‘Ik geloof
dat U eerlijk bent, God.

1221
01:13:26,850 --> 01:13:30,750
U hebt iets gezegd waarvan ik
nauwelijks enige bevestiging kan zien,

1222
01:13:30,750 --> 01:13:34,830
maar U hebt het gezegd en ik
geloof dat U eerlijk bent.

1223
01:13:34,830 --> 01:13:37,950
Ik geloof dat U de waarheid spreekt.’

1224
01:13:37,950 --> 01:13:42,510
Door Hem te geloven verklaar ik dat
ik erop vertrouw dat Hij trouw is.

1225
01:13:42,510 --> 01:13:46,350
Ik zou Hem niet geloven als
ik niet dacht dat Hij dat was.

1226
01:13:46,350 --> 01:13:49,410
Daarom verheerlijkt mijn geloof God.

1227
01:13:49,410 --> 01:13:51,330
Het verheerlijkt Zijn karakter.

1228
01:13:51,330 --> 01:13:54,390
Het is mijn verklaring
dat Hij te vertrouwen is.

1229
01:13:54,390 --> 01:13:56,970
In Hebreeën 11:11 staat:

1230
01:13:56,970 --> 01:14:01,290
Door het geloof heeft ook Sara zelf
kracht ontvangen om zwanger te worden

1231
01:14:01,290 --> 01:14:04,650
en een kind te baren,
ondanks haar hoge ouderdom,

1232
01:14:04,650 --> 01:14:08,490
omdat zij Hem getrouw heeft
geacht Die het beloofd had.

1233
01:14:08,490 --> 01:14:14,310
Er staat dat haar geloof eenvoudig inhield
dat zij oordeelde dat God trouw was.

1234
01:14:14,310 --> 01:14:15,810
Dat verheerlijkt Hem.

1235
01:14:15,810 --> 01:14:18,150
Dat is een verklaring van Zijn deugd.

1236
01:14:18,150 --> 01:14:23,010
En Abraham verheerlijkte God door,
tegen alle verwachting en alle hoop in,

1237
01:14:23,010 --> 01:14:25,170
zijn vertrouwen op God te stellen.

1238
01:14:25,170 --> 01:14:28,230
Op die manier gaf hij
heerlijkheid aan God.

1239
01:14:28,230 --> 01:14:29,070
En:

1240
01:14:29,070 --> 01:14:34,350
Hij was er ten volle van overtuigd dat God
ook machtig was te doen wat beloofd was.

1241
01:14:34,350 --> 01:14:37,770
Daarom ook is het hem tot
gerechtigheid gerekend.

1242
01:14:37,770 --> 01:14:40,350
Het was een soort geloof dat verschilt van

1243
01:14:40,350 --> 01:14:43,470
eenvoudigweg het geloof
dat de demonen hebben.

1244
01:14:43,470 --> 01:14:47,431
U gelooft dat God één is;
daar doet u goed aan .

1245
01:14:47,431 --> 01:14:50,970
Maar ook de demonen geloven
dit , en zij sidderen.

1246
01:14:50,970 --> 01:14:53,370
maar dat is een ander soort geloof.

1247
01:14:53,370 --> 01:14:57,450
Zij hebben dit soort geloof niet
en zij worden niet gerechtvaardigd.

1248
01:14:57,450 --> 01:15:02,070
Dus hij sluit af met de woorden dat
het niet alleen voor hem geschreven is.

1249
01:15:02,070 --> 01:15:06,630
Zeker, we lezen alleen
over hem in Genesis 15:6:

1250
01:15:06,630 --> 01:15:11,310
En hij geloofde in de HEERE, en Die
rekende hem dat tot gerechtigheid.

1251
01:15:11,310 --> 01:15:14,190
Maar waarom staat dat daar
eigenlijk opgeschreven?

1252
01:15:14,190 --> 01:15:16,530
Is dat ten behoeve van hem geschreven?

1253
01:15:16,530 --> 01:15:18,990
Hij heeft het zelfs nooit gelezen.

1254
01:15:18,990 --> 01:15:22,110
Abraham heeft het boek
Genesis nooit gelezen.

1255
01:15:22,110 --> 01:15:25,530
Dat dit daar staat, is niet
ten behoeve van Abraham.

1256
01:15:25,530 --> 01:15:28,890
Het is ten behoeve van ons,
zodat wij zullen weten dat God

1257
01:15:28,890 --> 01:15:32,850
mensen op deze manier
rechtvaardigt: door geloof.

1258
01:15:32,850 --> 01:15:34,890
Voor ons staat er geschreven:

1259
01:15:34,890 --> 01:15:38,730
maar ook ter wille van ons, aan
wie het zal worden toegerekend,

1260
01:15:38,730 --> 01:15:43,290
aan ons namelijk die geloven
in Hem Die Jezus, onze Heere,

1261
01:15:43,290 --> 01:15:48,210
uit de doden opgewekt heeft, Die om
onze overtredingen is overgeleverd,

1262
01:15:48,210 --> 01:15:50,910
en opgewekt om onze rechtvaardiging.

1263
01:15:50,910 --> 01:15:55,890
Dat Hij werd overgeleverd, wat betekent
dat Hij werd overgeleverd om te sterven

1264
01:15:55,890 --> 01:16:00,150
vanwege onze overtredingen,
is niet moeilijk te begrijpen.

1265
01:16:00,150 --> 01:16:01,710
Wij hebben gezondigd.

1266
01:16:01,710 --> 01:16:05,550
Hij stierf voor onze
zonden. Dat is duidelijk.

1267
01:16:05,550 --> 01:16:10,050
Wat betekent het dat Hij werd
opgewekt vanwege onze rechtvaardiging?

1268
01:16:10,050 --> 01:16:14,610
Ik weet niet voor honderd procent zeker
wat Paulus met die formulering bedoelt.

1269
01:16:14,610 --> 01:16:19,110
Maar blijkbaar suggereert dit dat
Jezus alleen uit de dood kon opstaan

1270
01:16:19,110 --> 01:16:22,230
omdat die rechtvaardiging
tot stand was gebracht.

1271
01:16:22,230 --> 01:16:27,630
Want Jezus’ dood werd door God aanvaard
als de dood van onze Plaatsvervanger

1272
01:16:27,630 --> 01:16:29,850
en als onze rechtvaardiging.

1273
01:16:29,850 --> 01:16:32,850
Daarom werd Christus
in het gelijk gesteld.

1274
01:16:32,850 --> 01:16:37,290
Als Christus onze zonden met Zich
mee het graf in had genomen en God

1275
01:16:37,290 --> 01:16:41,730
dat niet had willen erkennen, en ons
niet door Hem had willen rechtvaardigen,

1276
01:16:41,730 --> 01:16:45,390
dan zouden die zonden blijkbaar
nog steeds op Hem rusten.

1277
01:16:45,390 --> 01:16:49,530
Ik bedoel, het is niet duidelijk
wat er dan precies gebeurd zou zijn.

1278
01:16:49,530 --> 01:16:52,290
Maar het lijkt erop
dat Paulus zegt dat Hij

1279
01:16:52,290 --> 01:16:56,430
kon terugkomen omdat Zijn dood
ons daadwerkelijk rechtvaardigde,

1280
01:16:56,430 --> 01:16:58,950
omdat die werkelijk werkzaam was.

1281
01:16:58,950 --> 01:17:02,490
Daarom werd Hij opgewekt
vanwege onze rechtvaardiging.

1282
01:17:02,490 --> 01:17:06,150
En daarom wordt Zijn
opstanding een zichtbaar bewijs

1283
01:17:06,150 --> 01:17:08,130
dat wij gerechtvaardigd zijn.

1284
01:17:08,130 --> 01:17:10,050
We hoeven niet alleen
maar te zeggen: ‘Nou,

1285
01:17:10,050 --> 01:17:13,590
God heeft het gezegd en ik geloof
het, en daarmee is het beslist.’

1286
01:17:13,590 --> 01:17:17,550
O, dat is goed om te zeggen wanneer
je het op die manier moet zeggen.

1287
01:17:17,550 --> 01:17:20,490
Als je nergens bewijs voor
hebt en God heeft het gezegd,

1288
01:17:20,490 --> 01:17:22,230
dan moet je het toch geloven.

1289
01:17:22,230 --> 01:17:24,450
Maar wij hebben wel bewijs.

1290
01:17:24,450 --> 01:17:26,730
Hij zegt dat de opstanding van Christus

1291
01:17:26,730 --> 01:17:30,030
het bewijs is dat wij
gerechtvaardigd zijn.

1292
01:17:30,030 --> 01:17:33,330
We hoeven niet alleen maar een
loutere verklaring te geloven.

1293
01:17:33,330 --> 01:17:37,650
We hebben een zichtbaar bewijs dat
Christus uit de dood is opgestaan

1294
01:17:37,650 --> 01:17:40,050
vanwege onze rechtvaardiging.

1295
01:17:40,050 --> 01:17:42,630
Paulus zegt hier natuurlijk
dat dit hele punt,

1296
01:17:42,630 --> 01:17:46,710
dat Jezus vanwege onze
overtredingen werd overgeleverd

1297
01:17:46,710 --> 01:17:49,290
en vanwege onze
rechtvaardiging werd opgewekt,

1298
01:17:49,290 --> 01:17:52,470
teruggaat op wat hij zei over Christus,

1299
01:17:52,470 --> 01:17:56,250
Die als verzoening door voldoening
naar voren werd gebracht.

1300
01:17:56,250 --> 01:17:59,970
Wij worden behouden door de
verlossing die in Christus is.

1301
01:17:59,970 --> 01:18:02,970
Hij spreekt over dat
aspect van de verzoening.

1302
01:18:02,970 --> 01:18:07,350
Maar het grootste deel van wat hij tussen
die bespreking en dit laatste vers heeft

1303
01:18:07,350 --> 01:18:12,930
gezegd, komt erop neer dat wij door geloof
toegang tot deze verzoening krijgen.

1304
01:18:12,930 --> 01:18:17,670
En dat is niet iets wat in strijd is
met de theologie van het Oude Testament.

1305
01:18:17,670 --> 01:18:22,710
Het maakt onlosmakelijk deel uit van
de theologie van het Oude Testament.

1306
01:18:22,710 --> 01:18:26,970
Abraham en David — die
eerlijk gezegd, net als Mozes,

1307
01:18:26,970 --> 01:18:30,631
tot de hoogst aangeschreven
helden van de Joden behoorden —

1308
01:18:30,631 --> 01:18:34,650
worden allebei aangevoerd als
voorbeelden van het beginsel van

1309
01:18:34,650 --> 01:18:36,510
rechtvaardiging door geloof.

1310
01:18:36,510 --> 01:18:39,450
Hoe zou een Jood die het
Oude Testament geloofde,

1311
01:18:39,450 --> 01:18:42,750
daar nog verdere bezwaren
tegen kunnen aanvoeren?

1312
01:18:42,750 --> 01:18:48,210
En zo heeft Paulus aan het einde van
hoofdstuk 4 zijn punt stevig onderbouwd.

1313
01:18:48,210 --> 01:18:52,890
Wanneer we bij hoofdstuk 5 komen, zal
hij het hebben over de consequenties.

1314
01:18:52,890 --> 01:18:55,250
Aangezien we gerechtvaardigd
zijn door geloof —

1315
01:18:55,250 --> 01:18:59,911
dat staat nu vast op grond van wat
we hebben aangetoond; dat zijn we —

1316
01:18:59,911 --> 01:19:03,270
en aangezien we dat zijn,
is dit het resultaat:

1317
01:19:03,270 --> 01:19:05,250
We hebben vrede met God.

1318
01:19:05,250 --> 01:19:06,510
enzovoort.

1319
01:19:06,510 --> 01:19:11,190
Hoofdstuk 5 zal dus in zekere zin de
waarheden vieren waarvan Paulus vindt dat

1320
01:19:11,190 --> 01:19:17,130
hij ze op dit punt boven alle twijfel en
boven alle tegenspraak heeft vastgesteld.

1321
01:19:17,130 --> 01:19:20,190
Tegen het einde van
hoofdstuk 5 zullen we ook bij

1322
01:19:20,190 --> 01:19:24,450
een van de moeilijkere passages in
de Bijbel komen om te doorgronden.

1323
01:19:24,450 --> 01:19:28,950
Dat is de passage over Adam en
Christus, die weliswaar moeilijk is,

1324
01:19:28,950 --> 01:19:30,930
maar toch heel interessant.

1325
01:19:30,930 --> 01:19:33,151
Die ligt in het hoofdstuk
dat voor ons ligt.
