1
00:00:02,130 --> 00:00:04,710
Welkom bij Vers voor Vers!

2
00:00:04,710 --> 00:00:10,350
Deze keer behandelen we Spreuken
hoofdstuk 10 tot en met 30.

3
00:00:10,350 --> 00:00:14,610
Ogenschijnlijk zijn we bezig geweest
met een overzicht van het boek Spreuken,

4
00:00:14,610 --> 00:00:18,270
maar in werkelijkheid hebben we
behoorlijk veel tijd besteed aan de

5
00:00:18,270 --> 00:00:20,250
eerste negen hoofdstukken.

6
00:00:20,250 --> 00:00:25,350
Dat komt doordat de eerste negen
hoofdstukken anders zijn dan de rest.

7
00:00:25,350 --> 00:00:29,070
Ze zijn niet gewoon een
verzameling uiteenlopende spreuken,

8
00:00:29,070 --> 00:00:34,470
maar vormen een doorlopend betoog over
de noodzaak om wijsheid te waarderen,

9
00:00:34,470 --> 00:00:37,110
te zoeken en te verkrijgen.

10
00:00:37,110 --> 00:00:39,930
Salomo had dat betoog
aan zijn zoon gegeven,

11
00:00:39,930 --> 00:00:45,210
in de hoop dat zijn zoon net zoveel van
wijsheid zou gaan houden als hijzelf ervan

12
00:00:45,210 --> 00:00:46,410
was gaan houden.

13
00:00:46,410 --> 00:00:49,890
Omdat dat niet zomaar een
bonte verzameling spreuken was,

14
00:00:49,890 --> 00:00:53,250
zijn we er min of meer vers
voor vers doorheen gegaan.

15
00:00:53,250 --> 00:00:56,130
Maar we zijn nog altijd
midden in ons overzicht.

16
00:00:56,130 --> 00:00:57,870
Wat we tot nu toe hebben behandeld,

17
00:00:57,870 --> 00:01:01,830
was eenvoudigweg een uiteenzetting
van de inhoud van het eerste

18
00:01:01,830 --> 00:01:05,970
grote gedeelte van het boek: de
poging van een vader om zijn zoon

19
00:01:05,970 --> 00:01:10,230
liefde voor wijsheid bij te
brengen, hoofdstuk 1 tot en met 9.

20
00:01:10,230 --> 00:01:13,230
Het volgende gedeelte van het
boek is het langste gedeelte

21
00:01:13,230 --> 00:01:18,030
en loopt van hoofdstuk 10 tot
en met hoofdstuk 22, vers 16.

22
00:01:18,030 --> 00:01:20,550
Ik heb dit Salomo’s notitieboek genoemd.

23
00:01:20,550 --> 00:01:24,270
Ik noem het zo omdat het erop
lijkt dat Salomo dingen opmerkte,

24
00:01:24,270 --> 00:01:27,390
ze noteerde en er spreuken over schreef.

25
00:01:27,390 --> 00:01:30,930
Ze lijken niet volgens een bepaald
onderwerp geordend te zijn.

26
00:01:30,930 --> 00:01:35,010
Het lijkt erop dat hij ze gewoon
opschreef zoals ze bij hem opkwamen,

27
00:01:35,010 --> 00:01:38,070
waarschijnlijk verspreid over
een periode van vele jaren.

28
00:01:38,070 --> 00:01:42,270
Kennelijk hebben we zoiets als een
notitieboek dat Salomo bijhield,

29
00:01:42,270 --> 00:01:46,830
met allerlei wijze inzichten die hij
opdeed en wist samen te brengen in deze

30
00:01:46,830 --> 00:01:49,770
kleine spreuken en korte uitspraken.

31
00:01:49,770 --> 00:01:54,390
De reden waarom ik de scheiding
leg bij hoofdstuk 22, vers 16,

32
00:01:54,390 --> 00:01:59,610
is dat hoofdstuk 22, vers 17
tot en met hoofdstuk 24 een

33
00:01:59,610 --> 00:02:05,190
ander gedeelte lijkt te zijn, dat enkele
preken bevat, hoofdzakelijk twee preken.

34
00:02:05,190 --> 00:02:08,370
De ene is langer en de
andere is vrij kort.

35
00:02:08,370 --> 00:02:15,930
De eerste preek loopt van hoofdstuk
22, vers 17 tot ver in hoofdstuk 24.

36
00:02:15,930 --> 00:02:23,970
Hoofdstuk 22, vers 17, heel hoofdstuk
23 en een groot deel van hoofdstuk 24,

37
00:02:23,970 --> 00:02:28,890
tot en met vers 22, kunnen dus
als één preek worden beschouwd.

38
00:02:28,890 --> 00:02:32,310
Ook dit zijn weer aansporingen
van wijze mannen die aan een

39
00:02:32,310 --> 00:02:34,110
zoon worden doorgegeven.

40
00:02:34,110 --> 00:02:37,230
Het staat niet vast dat dit
noodzakelijkerwijs woorden

41
00:02:37,230 --> 00:02:38,910
van Salomo zijn.

42
00:02:38,910 --> 00:02:42,750
In hoofdstuk 22, vers 17 staat:

43
00:02:42,750 --> 00:02:48,930
Neig uw oor en luister naar de woorden
van wijzen, richt uw hart op mijn kennis.

44
00:02:48,930 --> 00:02:54,090
Dat staat tegenover de raad en de wet
van je moeder en je vader, enzovoort,

45
00:02:54,090 --> 00:02:57,690
waarover hij in het eerste
gedeelte zo vaak sprak.

46
00:02:57,690 --> 00:03:01,890
Hij zei voortdurend tegen zijn zoon dat
hij naar de wijsheid van zijn vader en

47
00:03:01,890 --> 00:03:03,570
moeder moest luisteren.

48
00:03:03,570 --> 00:03:06,210
Hier wordt ervoor gepleit
naar de wijsheid van

49
00:03:06,210 --> 00:03:09,030
wijze mensen in het algemeen te luisteren.

50
00:03:09,030 --> 00:03:13,170
Daarom is het onzeker of
dit gedeelte van Salomo is.

51
00:03:13,170 --> 00:03:16,470
Salomo was niet de enige
wijze man in Israël,

52
00:03:16,470 --> 00:03:20,190
en er is niet noodzakelijkerwijs
reden om te denken dat alle

53
00:03:20,190 --> 00:03:22,290
Spreuken door Salomo zijn geschreven.

54
00:03:22,290 --> 00:03:26,490
Hoofdstuk 30 is blijkbaar zelfs
niet door Salomo geschreven,

55
00:03:26,490 --> 00:03:31,470
en in hoofdstuk 31 wordt iemand
genoemd die koning Lemuël heet.

56
00:03:31,470 --> 00:03:35,370
Dat was zeer waarschijnlijk Salomo,
maar niemand weet het zeker.

57
00:03:35,370 --> 00:03:38,130
We hoeven dus niet te
zeggen dat alles in het boek

58
00:03:38,130 --> 00:03:40,530
Spreuken door Salomo is geschreven.

59
00:03:40,530 --> 00:03:43,050
Het grootste deel ervan is dat wel.

60
00:03:43,050 --> 00:03:47,370
Het is voor het grootste deel een
verzameling spreuken van Salomo,

61
00:03:47,370 --> 00:03:50,010
maar er staan ook deze preken in.

62
00:03:50,010 --> 00:03:54,630
Zoals ik al zei, is de
eerste daarvan, hoofdstuk 22,

63
00:03:54,630 --> 00:03:59,190
vers 17 tot het grootste
deel van hoofdstuk 24,

64
00:03:59,190 --> 00:04:02,430
deze aansporing van wijze
mannen in het algemeen,

65
00:04:02,430 --> 00:04:05,370
of in elk geval een
aansporing aan een zoon

66
00:04:05,370 --> 00:04:08,970
om naar de raad van wijze mannen
in het algemeen te luisteren.

67
00:04:08,970 --> 00:04:15,390
De tweede preek beslaat de rest van
hoofdstuk 24, vers 23 tot en met 34.

68
00:04:15,390 --> 00:04:19,050
Ook die lijkt over wijze mannen
in het algemeen te gaan en niet

69
00:04:19,050 --> 00:04:20,970
alleen over Salomo.

70
00:04:20,970 --> 00:04:24,390
In hoofdstuk 24, vers 23 staat:

71
00:04:24,390 --> 00:04:27,810
Ook deze spreuken zijn van
de wijzen: Het is niet goed

72
00:04:27,810 --> 00:04:29,970
partijdig te zijn in een rechtszaak.

73
00:04:29,970 --> 00:04:33,030
Het lijken dus uitspraken
van wijze mannen te zijn,

74
00:04:33,030 --> 00:04:35,670
onder wie Salomo zich mogelijk bevond.

75
00:04:35,670 --> 00:04:40,290
Dit kunnen uitspraken van andere wijze
leermeesters zijn die hier zijn verzameld.

76
00:04:40,290 --> 00:04:44,430
Maar we keren wel terug naar uitspraken
die specifiek van Salomo zijn,

77
00:04:44,430 --> 00:04:47,190
in elk geval in hoofdstuk 25.

78
00:04:47,190 --> 00:04:52,050
Deze uitspraken van Salomo
in hoofdstuk 25 tot en met 29

79
00:04:52,050 --> 00:04:56,070
werden verzameld door de mannen
van Hizkia, de koning van Juda.

80
00:04:56,070 --> 00:04:59,010
Hizkia was een koning
die van Salomo afstamde,

81
00:04:59,010 --> 00:05:01,470
maar vele generaties later leefde.

82
00:05:01,470 --> 00:05:03,570
Ik weet het precieze aantal niet meer.

83
00:05:03,570 --> 00:05:06,570
Waarschijnlijk zaten er een stuk
of vijftien generaties tussen,

84
00:05:06,570 --> 00:05:08,250
stel ik me voor.

85
00:05:08,250 --> 00:05:13,950
Hizkia leefde lange tijd na Salomo, maar
Salomo’s uitspraken waren, neem ik aan,

86
00:05:13,950 --> 00:05:17,850
mondeling of in geschreven
vorm in omloop gebleven.

87
00:05:17,850 --> 00:05:20,910
Hizkia vond het een goed
idee om ze te verzamelen.

88
00:05:20,910 --> 00:05:24,330
Blijkbaar gaf hij daarom enkele
van zijn mannen de opdracht om

89
00:05:24,330 --> 00:05:27,090
authentieke uitspraken
van Salomo op te sporen

90
00:05:27,090 --> 00:05:31,290
en ervoor te zorgen dat er een
goede verzameling werd samengesteld.

91
00:05:31,290 --> 00:05:34,290
In hoofdstuk 25, vers 1 lezen we:

92
00:05:34,290 --> 00:05:38,730
Ook dit zijn spreuken van Salomo, die
de mannen van Hizkia, de koning van

93
00:05:38,730 --> 00:05:41,130
Juda, hebben overgeschreven.

94
00:05:41,130 --> 00:05:45,090
Sommige daarvan lijken natuurlijk op
bepaalde eerdere spreuken van Salomo

95
00:05:45,090 --> 00:05:47,370
of zijn er zelfs identiek aan.

96
00:05:47,370 --> 00:05:51,870
Ook hier hebben we dus heel wat
hoofdstukken met uitspraken van Salomo.

97
00:05:51,870 --> 00:05:54,870
De laatste twee hoofdstukken
staan op zichzelf.

98
00:05:54,870 --> 00:05:59,670
Ze zijn niet duidelijk van Salomo,
hoewel koning Lemuël, zoals ik al zei,

99
00:05:59,670 --> 00:06:03,870
misschien een andere naam voor
Salomo is. Niemand weet het echt.

100
00:06:03,870 --> 00:06:09,390
Maar de schrijver van hoofdstuk 30 is
een man die Agur heet, de zoon van Jake,

101
00:06:09,390 --> 00:06:11,850
en hij is beslist niet Salomo.

102
00:06:11,850 --> 00:06:14,010
Ik heb dit hoofdstuk het opschrift

103
00:06:14,010 --> 00:06:17,610
‘Waarnemingen van een
pretentieloze man’ gegeven.

104
00:06:17,610 --> 00:06:22,590
Hij is pretentieloos omdat hij niet
beweert dat hij tot de wijzen behoort.

105
00:06:22,590 --> 00:06:26,010
Hij zegt zelfs uitdrukkelijk
dat dit niet zo is.

106
00:06:26,010 --> 00:06:27,990
In vers 2 zegt hij:

107
00:06:27,990 --> 00:06:31,291
Voorzeker, ik ben onverstandiger
dan iemand anders ,

108
00:06:31,291 --> 00:06:33,390
ik heb geen menselijk inzicht.

109
00:06:33,390 --> 00:06:38,250
Hij beweert niet dat hij veel voorstelt,
maar hij doet wel enkele waarnemingen.

110
00:06:38,250 --> 00:06:41,550
In de eerste zes verzen
maakt hij dit voorbehoud.

111
00:06:41,550 --> 00:06:45,030
Vervolgens hebben we in
de verzen 7 tot en met 9

112
00:06:45,030 --> 00:06:47,790
wat ik zijn gebed om middelmatigheid noem.

113
00:06:47,790 --> 00:06:50,550
Ook hier is hij behoorlijk pretentieloos.

114
00:06:50,550 --> 00:06:53,070
Hij vraagt niet om veel. Hij zegt:

115
00:06:53,070 --> 00:06:57,570
Twee dingen heb ik van U gevraagd,
onthoud ze mij niet, voordat ik sterf:

116
00:06:57,570 --> 00:07:00,870
Houd valsheid en leugentaal ver van mij.

117
00:07:00,870 --> 00:07:03,930
En: geef mij geen armoede of rijkdom,

118
00:07:03,930 --> 00:07:07,470
voorzie mij van het mij
toegewezen deel aan brood.

119
00:07:07,470 --> 00:07:12,630
Anders zou ik, verzadigd, U
verloochenen en zeggen: Wie is de HEERE?

120
00:07:12,630 --> 00:07:18,810
of anders zou ik, arm geworden, stelen,
en de Naam van mijn God aantasten.

121
00:07:18,810 --> 00:07:22,410
Ik wil niet veel. Ik wil
niet uitzonderlijk zijn.

122
00:07:22,410 --> 00:07:25,110
Ik wil niet te arm of te rijk zijn.

123
00:07:25,110 --> 00:07:28,410
Geef me gewoon een tamelijk
oninteressant leven,

124
00:07:28,410 --> 00:07:31,350
een leven dat niet te
veel uitdagingen kent.

125
00:07:31,350 --> 00:07:35,550
De rest van het hoofdstuk,
de verzen 10 tot en met 33,

126
00:07:35,550 --> 00:07:39,750
bestaat uit allerlei waarnemingen
die hij over het leven heeft gedaan.

127
00:07:39,750 --> 00:07:42,570
Daaronder bevinden zich
heel wat getallenspreuken,

128
00:07:42,570 --> 00:07:44,790
die we een andere keer zullen bekijken.

129
00:07:44,790 --> 00:07:48,330
Het laatste gedeelte van
het boek is hoofdstuk 31,

130
00:07:48,330 --> 00:07:50,550
dat vrouwelijke wijsheid bevat.

131
00:07:50,550 --> 00:07:55,470
Het lijkt de wijsheid van een moeder aan
haar zoon te zijn. De schrijver zegt:

132
00:07:55,470 --> 00:08:00,870
De woorden voor koning Lemuël, de last
waarmee zijn moeder hem onderwezen heeft.

133
00:08:00,870 --> 00:08:04,110
In de Engelse vertaling
waarop deze uitleg berust,

134
00:08:04,110 --> 00:08:07,230
staat ‘de woorden van koning Lemuël’.

135
00:08:07,230 --> 00:08:10,410
Dat klinkt alsof zijn moeder
hem deze woorden heeft geleerd

136
00:08:10,410 --> 00:08:13,110
en hij ze vervolgens heeft opgeschreven.

137
00:08:13,110 --> 00:08:16,770
De aangehaalde Nederlandse
vertaling spreekt echter van

138
00:08:16,770 --> 00:08:19,290
‘de woorden voor koning Lemuël’.

139
00:08:19,290 --> 00:08:24,930
Wie koning Lemuël is, blijft enigszins
een mysterie als hij niet Salomo is.

140
00:08:24,930 --> 00:08:29,190
Als hij Salomo is, blijft het nog
steeds een mysterie waarom hij

141
00:08:29,190 --> 00:08:30,510
Lemuël wordt genoemd.

142
00:08:30,510 --> 00:08:33,510
Het kan een koosnaam zijn
die zijn moeder hem gaf,

143
00:08:33,510 --> 00:08:37,350
en misschien noemde hij zichzelf
daarom in dit hoofdstuk zo.

144
00:08:37,350 --> 00:08:42,150
We weten dat het noordelijke koninkrijk
Israël in zijn hele geschiedenis

145
00:08:42,150 --> 00:08:46,710
19 koningen had en het zuidelijke
koninkrijk 20 koningen,

146
00:08:46,710 --> 00:08:49,230
en geen van hen heette Lemuël.

147
00:08:49,230 --> 00:08:51,690
Als dit een Joodse man en een koning was,

148
00:08:51,690 --> 00:08:55,110
dan moet Lemuël een andere naam
zijn voor een van de koningen

149
00:08:55,110 --> 00:08:58,470
die bij ons onder een
andere naam bekendstaat.

150
00:08:58,470 --> 00:09:00,750
Salomo is geen slechte gok.

151
00:09:00,750 --> 00:09:04,110
In de eerste negen verzen van hoofdstuk 31

152
00:09:04,110 --> 00:09:07,230
waarschuwt zijn moeder
hem voor wijn en vrouwen.

153
00:09:07,230 --> 00:09:09,270
Misbruik geen wijn.

154
00:09:09,270 --> 00:09:12,030
Bezwijk niet voor de
verleiding van vrouwen.

155
00:09:12,030 --> 00:09:15,810
Deze dingen zullen je
beoordelingsvermogen vertroebelen.

156
00:09:15,810 --> 00:09:19,770
Deze dingen hebben in het verleden
koningen ten val gebracht.

157
00:09:19,770 --> 00:09:23,190
Beschouw het liever als
je plicht als koning om:

158
00:09:23,190 --> 00:09:27,750
Open je mond voor een stomme, voor de
rechtszaak van allen die verkwijnen.

159
00:09:27,750 --> 00:09:29,310
Vers 9 zegt:

160
00:09:29,310 --> 00:09:35,250
Doe je mond open, oordeel rechtvaardig
en kom op voor de armen en behoeftigen.

161
00:09:35,250 --> 00:09:41,820
De laatste 22 verzen, de verzen 10
tot en met 31, vormen een acrostichon.

162
00:09:41,820 --> 00:09:45,990
Acrostisch betekent dat het
het Hebreeuwse alfabet volgt,

163
00:09:45,990 --> 00:09:48,150
zoals veel Psalmen dat doen.

164
00:09:48,150 --> 00:09:53,670
Zelfs sommige profetische geschriften zijn
acrostisch, zoals het boek Klaagliederen,

165
00:09:53,670 --> 00:09:56,670
dat een uitvoerig acrostichon is.

166
00:09:56,670 --> 00:10:00,450
Een acrostische psalm of
een acrostisch gedicht

167
00:10:00,450 --> 00:10:04,230
volgt de volgorde van de letters
van het Hebreeuwse alfabet.

168
00:10:04,230 --> 00:10:07,050
In dit geval zijn er 22 verzen.

169
00:10:07,050 --> 00:10:11,070
Elk vers begint met de volgende
letter van het Hebreeuwse alfabet.

170
00:10:11,070 --> 00:10:14,610
Het Hebreeuwse alfabet telt 22 letters.

171
00:10:14,610 --> 00:10:20,790
In het boek Psalmen zul je veel psalmen
aantreffen die 22 verzen lang zijn.

172
00:10:20,790 --> 00:10:25,770
Sommige zijn 44 verzen
lang en andere 66 verzen.

173
00:10:25,770 --> 00:10:30,750
Wanneer een psalm slechts 22 verzen heeft,
heb je vrijwel zeker te maken met een

174
00:10:30,750 --> 00:10:34,530
acrostichon met één vers
per letter van het alfabet.

175
00:10:34,530 --> 00:10:37,530
Elk vers begint met de
letter van het alfabet die

176
00:10:37,530 --> 00:10:39,930
volgt op die van het vorige vers.

177
00:10:39,930 --> 00:10:43,650
Als de psalm 44 verzen heeft,
bevat hij waarschijnlijk

178
00:10:43,650 --> 00:10:45,810
twee verzen voor elke letter.

179
00:10:45,810 --> 00:10:50,250
Psalmen met 66 verzen hebben
drie verzen voor elke letter.

180
00:10:50,250 --> 00:10:55,170
Maar Psalm 119 heeft acht verzen
voor elke letter van het alfabet.

181
00:10:55,170 --> 00:10:59,370
Dit lied aan het einde van
Spreuken is 22 verzen lang.

182
00:10:59,370 --> 00:11:03,570
In het Hebreeuws begint elk vers met
de volgende letter van het alfabet.

183
00:11:03,570 --> 00:11:08,850
Het is een lofzang op de deugdzame
echtgenote, of, zoals de King James zegt,

184
00:11:08,850 --> 00:11:11,070
de ‘virtuous woman’.

185
00:11:11,070 --> 00:11:15,150
Sommige vertalingen spreken van
een voortreffelijke echtgenote.

186
00:11:15,150 --> 00:11:18,810
De woorden vrouw en echtgenote
kunnen de vertaling zijn van

187
00:11:18,810 --> 00:11:20,970
hetzelfde Hebreeuwse woord.

188
00:11:20,970 --> 00:11:24,390
Het gaat in elk geval over
een echtgenote en moeder,

189
00:11:24,390 --> 00:11:27,630
en of zij deugdzaam of
voortreffelijk wordt genoemd,

190
00:11:27,630 --> 00:11:29,850
is een kwestie van vertaling.

191
00:11:29,850 --> 00:11:32,190
Dat is een samenvatting van het boek.

192
00:11:32,190 --> 00:11:34,470
Je hebt de negen
hoofdstukken aan het begin,

193
00:11:34,470 --> 00:11:37,290
die we vrij uitvoerig hebben bekeken.

194
00:11:37,290 --> 00:11:40,470
Vervolgens heb je de
verschillende verzamelingen.

195
00:11:40,470 --> 00:11:47,370
Hoofdstuk 10 tot en met hoofdstuk 22, vers
16, is wat ik Salomo’s notitieboek noemde.

196
00:11:47,370 --> 00:11:53,130
Hoofdstuk 22, vers 17, tot en
met hoofdstuk 24 bevat een paar

197
00:11:53,130 --> 00:11:57,390
preken waarin de wijsheid van de wijzen
in het algemeen wordt aanbevolen,

198
00:11:57,390 --> 00:11:59,010
en niet alleen die van Salomo.

199
00:11:59,010 --> 00:12:04,710
Hoofdstuk 25 tot en met 29 vormt nog
een verzameling geschriften van Salomo,

200
00:12:04,710 --> 00:12:07,470
bijeengebracht door de mannen van Hizkia.

201
00:12:07,470 --> 00:12:10,110
Van de laatste twee hoofdstukken
wordt niet gezegd dat

202
00:12:10,110 --> 00:12:13,590
Salomo ze heeft geschreven,
hoewel het mogelijk is dat hij

203
00:12:13,590 --> 00:12:15,750
een daarvan wel heeft geschreven.

204
00:12:15,750 --> 00:12:18,390
We zijn nu klaar met ons
overzicht van het boek.

205
00:12:18,390 --> 00:12:23,070
Laten we kijken naar hoofdstuk 30, dat
anders is dan de andere hoofdstukken.

206
00:12:23,070 --> 00:12:24,810
Hoofdstuk 30 begint:

207
00:12:24,810 --> 00:12:28,890
De woorden van Agur, de
zoon van Jake: de last.

208
00:12:28,890 --> 00:12:33,150
De man spreekt tot Ithiël,
tot Ithiël en Uchal.

209
00:12:33,150 --> 00:12:37,950
Wie zij zijn, weten we niet, maar zij
waren degenen die hem hoorden spreken.

210
00:12:37,950 --> 00:12:41,550
Misschien waren zij zelfs degenen
die zijn woorden optekenden.

211
00:12:41,550 --> 00:12:44,430
Anders zou het geen zin hebben
om te vermelden dat ze aan

212
00:12:44,430 --> 00:12:46,230
hen werden uitgesproken.

213
00:12:46,230 --> 00:12:49,950
Misschien was hij een soort mentor
of rabbi voor deze discipelen,

214
00:12:49,950 --> 00:12:54,510
en hebben zijn discipelen de kern
opgeschreven van wat hij hun leerde.

215
00:12:54,510 --> 00:12:55,650
Hij zegt:

216
00:12:55,650 --> 00:12:59,011
Voorzeker, ik ben onverstandiger
dan iemand anders ,

217
00:12:59,011 --> 00:13:01,050
ik heb geen menselijk inzicht.

218
00:13:01,050 --> 00:13:05,610
Ik heb geen wijsheid geleerd en de
kennis van heiligen niet bezeten.

219
00:13:05,610 --> 00:13:08,730
Hier kleineert hij zichzelf
misschien gewoon op een manier die

220
00:13:08,730 --> 00:13:10,830
gebruikelijk is in het Midden-Oosten.

221
00:13:10,830 --> 00:13:15,090
Of misschien zegt hij eenvoudigweg: ‘Ik
ga het voornamelijk hebben over dingen die

222
00:13:15,090 --> 00:13:16,950
mij boven de pet gaan.

223
00:13:16,950 --> 00:13:19,710
Bij het soort onderwerpen
waarover ik wil spreken,

224
00:13:19,710 --> 00:13:22,770
begeef ik me een beetje op
terrein dat mij te moeilijk is.’

225
00:13:22,770 --> 00:13:26,010
Hij zegt bijvoorbeeld
inderdaad in vers 18:

226
00:13:26,010 --> 00:13:29,490
Deze drie dingen zijn voor
mij te wonderlijk, ja,

227
00:13:29,490 --> 00:13:31,170
vier zijn er die ik niet kan vatten:

228
00:13:31,170 --> 00:13:34,710
Er zijn dingen die hij probeert te
doorgronden en waarover hij nadenkt,

229
00:13:34,710 --> 00:13:36,870
dingen die hij heeft waargenomen.

230
00:13:36,870 --> 00:13:41,010
Hij wil ze aanwijzen, maar hij heeft
ze zelf nog niet echt op een rijtje.

231
00:13:41,010 --> 00:13:44,190
Hij maakt dus geen aanspraak op het
laatste woord over de onderwerpen

232
00:13:44,190 --> 00:13:45,630
waarover hij spreekt.

233
00:13:45,630 --> 00:13:49,410
Hij beweert niet dat hij dit
noodzakelijkerwijs van God heeft gekregen,

234
00:13:49,410 --> 00:13:51,870
of zelfs dat hij wijsheid heeft geleerd.

235
00:13:51,870 --> 00:13:53,730
Hij zegt in vers 4:

236
00:13:53,730 --> 00:13:57,270
Wie is er naar de hemel
opgestegen en vandaar neergedaald?

237
00:13:57,270 --> 00:13:59,790
Wie heeft de wind in
Zijn handen verzameld?

238
00:13:59,790 --> 00:14:02,370
Wie heeft de wateren
in een kleed gebonden?

239
00:14:02,370 --> 00:14:05,190
Wie heeft alle einden
der aarde vastgesteld?

240
00:14:05,190 --> 00:14:09,810
Hoe is Zijn Naam en hoe is de Naam
van Zijn Zoon, u weet het immers?

241
00:14:09,810 --> 00:14:13,830
Je zult zien dat in de New King
James in de voorlaatste regel,

242
00:14:13,830 --> 00:14:18,750
‘What is his Son’s name?’, het woord ‘Son’
met een hoofdletter wordt geschreven.

243
00:14:18,750 --> 00:14:21,510
Dat is natuurlijk niet het
geval in het Hebreeuws.

244
00:14:21,510 --> 00:14:24,810
Het Hebreeuws kent geen
hoofdletters of kleine letters.

245
00:14:24,810 --> 00:14:27,150
Dit is dus een keuze van de vertalers.

246
00:14:27,150 --> 00:14:31,410
Het is duidelijk dat de vertalers denken
dat dit een verwijzing naar Christus is.

247
00:14:31,410 --> 00:14:33,570
Hoe komen ze tot die redenering?

248
00:14:33,570 --> 00:14:35,670
God heeft dat uiteraard gedaan.

249
00:14:35,670 --> 00:14:40,230
Sommigen menen dus dat hij hier naar
God verwijst en zegt: ‘Ken je Gods Naam?

250
00:14:40,230 --> 00:14:42,630
En ken je de naam van Zijn Zoon?’

251
00:14:42,630 --> 00:14:46,050
Er zijn niet veel plaatsen in het Oude
Testament die je kunt aanwijzen om te

252
00:14:46,050 --> 00:14:48,390
suggereren dat God een Zoon heeft.

253
00:14:48,390 --> 00:14:50,670
Daarom komen mensen die
in het Oude Testament

254
00:14:50,670 --> 00:14:53,430
naar zulk bewijs zoeken
vaak bij dit vers uit.

255
00:14:53,430 --> 00:14:57,630
Als je behoort tot degenen die het
idee verdedigen dat Jezus de Zoon is,

256
00:14:57,630 --> 00:15:01,590
of dat het Oude Testament een
Drie-eenheid leert, of iets dergelijks,

257
00:15:01,590 --> 00:15:04,830
dan wordt dit vers
bijna altijd aangehaald.

258
00:15:04,830 --> 00:15:08,850
Men gaat ervan uit dat degene die de
einden van de aarde heeft vastgesteld

259
00:15:08,850 --> 00:15:13,410
en de wateren in Zijn kleed heeft
gebonden een verwijzing naar God is.

260
00:15:13,410 --> 00:15:17,190
Daarom zou hier worden verwezen naar
het feit dat Hij een Zoon heeft.

261
00:15:17,190 --> 00:15:19,950
Maar ik denk dat Agur iets anders doet.

262
00:15:19,950 --> 00:15:22,590
Ik denk niet dat hij naar God verwijst.

263
00:15:22,590 --> 00:15:27,930
Volgens mij stelt hij een retorische vraag
en vraagt hij niet echt om informatie.

264
00:15:27,930 --> 00:15:30,630
Hij vraagt niet: ‘Wie is God?’

265
00:15:30,630 --> 00:15:35,430
Volgens mij zegt hij: ‘Welke mens zou ooit
kunnen spreken met het soort wijsheid dat

266
00:15:35,430 --> 00:15:36,990
wij nodig hebben?’

267
00:15:36,990 --> 00:15:39,330
Niemand is naar de hemel opgevaren.

268
00:15:39,330 --> 00:15:43,950
Trouwens, als ‘wie’ in al deze
gevallen naar God verwijst,

269
00:15:43,950 --> 00:15:45,570
waarom zou je dan zeggen:

270
00:15:45,570 --> 00:15:48,690
Wie is er naar de hemel
opgegaan of afgedaald?

271
00:15:48,690 --> 00:15:51,690
God was in feite niet
naar de hemel opgevaren.

272
00:15:51,690 --> 00:15:53,730
God woont in de hemel.

273
00:15:53,730 --> 00:15:58,050
Volgens mij zegt hij: ‘Welke mens is
er die ooit naar de hemel is opgegaan

274
00:15:58,050 --> 00:15:59,670
en is teruggekomen?

275
00:15:59,670 --> 00:16:03,810
En welke mens is er die kan spreken met
het gezag dat voortkomt uit goddelijke

276
00:16:03,810 --> 00:16:05,310
kennis van zaken?’

277
00:16:05,310 --> 00:16:09,390
Volgens mij draagt het woord
‘wie’ deze gedachte in zich:

278
00:16:09,390 --> 00:16:14,010
‘Is er een mens die naar de hemel is
opgevaren of daaruit is neergedaald?

279
00:16:14,010 --> 00:16:17,130
Is er een mens die de wind in
zijn vuist heeft verzameld?

280
00:16:17,130 --> 00:16:20,430
Is er een mens die de wateren
in een kleed heeft gebonden?

281
00:16:20,430 --> 00:16:24,090
Is er een mens die de aarde heeft
vastgesteld?’ Natuurlijk niet.

282
00:16:24,090 --> 00:16:28,770
En hij zegt: ‘Als er zo’n man bestaat,
zou ik graag willen weten wie hij is.

283
00:16:28,770 --> 00:16:31,710
Ik zou zelfs graag zijn zoon ontmoeten.’

284
00:16:31,710 --> 00:16:35,730
Welke mens is er die zulke dingen
over zichzelf zou kunnen beweren?

285
00:16:35,730 --> 00:16:39,810
Of welke zoon is er die zulke
dingen over zijn vader kan beweren?

286
00:16:39,810 --> 00:16:43,470
Is er iemand op aarde die met
dit soort gezag kan spreken?

287
00:16:43,470 --> 00:16:44,850
Wanneer er staat:

288
00:16:44,850 --> 00:16:48,150
Wie is er naar de hemel
opgegaan of afgedaald?

289
00:16:48,150 --> 00:16:52,710
dan hebben we in Johannes 3:13 iets
waarvan we niet weten of Johannes

290
00:16:52,710 --> 00:16:54,690
het zegt of Jezus.

291
00:16:54,690 --> 00:16:58,410
De aanhalingstekens zijn
door vertalers toegevoegd.

292
00:16:58,410 --> 00:17:03,930
Het is hun inschatting of Jezus in dit
vers nog steeds tot Nicodemus spreekt,

293
00:17:03,930 --> 00:17:10,050
of dat Hij in vers 12 is uitgesproken en
Johannes nu zijn eigen commentaar geeft.

294
00:17:10,050 --> 00:17:12,210
Maar in vers 13 staat:

295
00:17:12,210 --> 00:17:18,150
En niemand is opgevaren naar de hemel
dan Hij Die uit de hemel neergedaald is,

296
00:17:18,150 --> 00:17:22,470
namelijk de Zoon des
mensen, Die in de hemel is.

297
00:17:22,470 --> 00:17:23,790
Wat betekent:

298
00:17:23,790 --> 00:17:26,370
‘Geen mens is naar de hemel opgegaan’?

299
00:17:26,370 --> 00:17:31,470
In het Oude Testament voer Elia
ten hemel, en Henoch blijkbaar ook.

300
00:17:31,470 --> 00:17:33,150
Waarom staat er dan:

301
00:17:33,150 --> 00:17:35,670
‘Niemand is naar de hemel opgegaan’?

302
00:17:35,670 --> 00:17:40,050
Ik denk dat dit misschien een bewuste
echo is van de woorden van Agur:

303
00:17:40,050 --> 00:17:44,370
Wie is er naar de hemel
opgestegen en vandaar neergedaald?

304
00:17:44,370 --> 00:17:47,130
Wie heeft de wind in
Zijn handen verzameld?

305
00:17:47,130 --> 00:17:50,010
Wie heeft de wateren
in een kleed gebonden?

306
00:17:50,010 --> 00:17:53,130
Wie heeft alle einden
der aarde vastgesteld?

307
00:17:53,130 --> 00:17:58,410
Hoe is Zijn Naam en hoe is de Naam
van Zijn Zoon, u weet het immers?

308
00:17:58,410 --> 00:18:03,570
Dat wil zeggen: wie is er vandaag op
aarde die in de hemel is geweest en

309
00:18:03,570 --> 00:18:05,070
weer is teruggekomen?

310
00:18:05,070 --> 00:18:09,090
Wie zou je kunnen raadplegen als
je goddelijke dingen wilt weten?

311
00:18:09,090 --> 00:18:12,270
Is er iemand te vinden die
ten hemel is opgevaren,

312
00:18:12,270 --> 00:18:15,630
daar de informatie heeft verkregen
en die vervolgens weer mee naar

313
00:18:15,630 --> 00:18:17,310
beneden heeft gebracht?

314
00:18:17,310 --> 00:18:21,570
Johannes zegt: ‘Nou, er
is er één: Christus.’

315
00:18:21,570 --> 00:18:24,810
Hij kwam uit de hemel naar
beneden en voer ten hemel.

316
00:18:24,810 --> 00:18:30,750
Hij voer niet eerst ten hemel en
daalde daarna neer, zoals Agur vraagt:

317
00:18:30,750 --> 00:18:33,270
Wie is er opgegaan en weer afgedaald?

318
00:18:33,270 --> 00:18:37,110
Met andere woorden: wie heeft
daar informatie verkregen en

319
00:18:37,110 --> 00:18:38,910
die mee teruggebracht?

320
00:18:38,910 --> 00:18:43,110
Christus daalde in feite eerst
neer en voer daarna ten hemel,

321
00:18:43,110 --> 00:18:46,770
maar Hij is in de hemel
en Hij is de autoriteit.

322
00:18:46,770 --> 00:18:51,270
Het punt is dat, als je iemand zoekt
die met goddelijk gezag kan spreken,

323
00:18:51,270 --> 00:18:54,570
je niemand kunt vinden die wat
zijn kwalificaties betreft aan

324
00:18:54,570 --> 00:18:56,070
Christus gelijk is.

325
00:18:56,070 --> 00:18:58,230
Hij is in de hemel geweest.

326
00:18:58,230 --> 00:19:00,810
Hij kwam uit de hemel naar beneden.

327
00:19:00,810 --> 00:19:03,930
Welke andere mens zou dat
van zichzelf kunnen zeggen?

328
00:19:03,930 --> 00:19:07,830
Welke filosoof, welke
religieuze leider kan zeggen:

329
00:19:07,830 --> 00:19:10,650
‘Ik ben naar de hemel
en weer terug gegaan,

330
00:19:10,650 --> 00:19:14,670
en daarom heb ik deze informatie voor
jullie mee naar beneden gebracht’?

331
00:19:14,670 --> 00:19:20,730
Dat is volgens mij wat Agur vraagt: wie is
in de hemel geweest en weer teruggekomen?

332
00:19:20,730 --> 00:19:26,310
Ook in Deuteronomium 30:12 tot en
met 14 vinden we dit soort taal.

333
00:19:26,310 --> 00:19:30,390
In Deuteronomium 30:11
en verder zegt Mozes:

334
00:19:30,390 --> 00:19:35,430
Want dit gebod, dat ik u heden gebied,
is niet te moeilijk voor u en het is

335
00:19:35,430 --> 00:19:36,450
niet ver weg.

336
00:19:36,450 --> 00:19:39,690
Het is niet in de hemel,
zodat u zou kunnen zeggen:

337
00:19:39,690 --> 00:19:43,110
Wie zal voor ons naar de hemel
opstijgen om het voor ons te halen

338
00:19:43,110 --> 00:19:46,050
en ons te laten horen,
zodat wij het kunnen doen?

339
00:19:46,050 --> 00:19:49,710
Mozes zei dat je met betrekking tot
de geboden die God gegeven heeft

340
00:19:49,710 --> 00:19:53,310
niet hoeft te vragen wie voor ons
naar de hemel zal gaan om ze naar

341
00:19:53,310 --> 00:19:54,630
beneden te brengen.

342
00:19:54,630 --> 00:19:58,230
Hij zegt dat God al naar de
berg Sinaï is neergedaald

343
00:19:58,230 --> 00:20:00,570
en jullie deze dingen heeft gegeven.

344
00:20:00,570 --> 00:20:03,390
Je hoeft niet naar de hemel
te gaan om ze te halen.

345
00:20:03,390 --> 00:20:06,450
Hij kwam naar beneden,
naar waar jullie zijn.

346
00:20:06,450 --> 00:20:08,790
In vers 14 zegt hij zelfs:

347
00:20:08,790 --> 00:20:14,550
Want dit woord is heel dicht bij u, in
uw mond en in uw hart, om het te doen.

348
00:20:14,550 --> 00:20:18,510
Het punt is dat God goddelijke wijsheid
en goddelijke kennis naar beneden moet

349
00:20:18,510 --> 00:20:22,530
brengen, of dat iemand naar boven
moet gaan, naar waar Hij is,

350
00:20:22,530 --> 00:20:27,390
ze van Hem moet ontvangen en ze naar
beneden moet brengen. Dat is het idee.

351
00:20:27,390 --> 00:20:30,870
Johannes zegt dat Jezus ze
naar beneden heeft gebracht.

352
00:20:30,870 --> 00:20:35,250
Mozes zegt dat God ze bij de berg
Sinaï naar beneden heeft gebracht.

353
00:20:35,250 --> 00:20:39,810
Niemand hoeft ten hemel op te varen, en
niemand kan ten hemel opvaren om deze

354
00:20:39,810 --> 00:20:41,730
informatie te verkrijgen.

355
00:20:41,730 --> 00:20:44,250
Niemand anders met wie
je zou kunnen spreken

356
00:20:44,250 --> 00:20:48,810
en die misschien beweert met goddelijk
gezag te spreken, kan zoiets beweren,

357
00:20:48,810 --> 00:20:51,810
namelijk dat hij naar de
hemel en weer terug is gegaan.

358
00:20:51,810 --> 00:20:56,610
Dat is volgens mij wat Agur in
hoofdstuk 30, vers 4 vraagt:

359
00:20:56,610 --> 00:20:59,970
Wie is er naar de hemel
opgegaan of afgedaald?

360
00:20:59,970 --> 00:21:03,570
Is er op aarde een wijze die
aanspraak kan maken op meer dan Agur

361
00:21:03,570 --> 00:21:05,250
voor zichzelf opeist?

362
00:21:05,250 --> 00:21:08,190
Hij zegt: ‘Ik heb geen
kennis van de Heilige.

363
00:21:08,190 --> 00:21:09,930
Ik heb geen wijsheid.’

364
00:21:09,930 --> 00:21:13,110
Hoe zou enig mens kunnen
beweren die wel te hebben?

365
00:21:13,110 --> 00:21:15,450
Is er iemand naar de hemel
en weer terug geweest?

366
00:21:15,450 --> 00:21:20,370
Is er iemand met de bijzondere inzichten,
positie en ervaring die God heeft?

367
00:21:20,370 --> 00:21:23,190
Iemand die de wind in zijn
vuisten heeft gebonden,

368
00:21:23,190 --> 00:21:27,690
de grenzen van de zee heeft vastgesteld
of de einden van de aarde heeft bepaald?

369
00:21:27,690 --> 00:21:32,910
Natuurlijk heeft God dat gedaan, maar is
er enig mens die dat heeft gedaan? Nee.

370
00:21:32,910 --> 00:21:36,330
Dat is volgens mij wat met
dat ‘wie’ wordt bedoeld.

371
00:21:36,330 --> 00:21:39,330
Daarmee wordt niet de vraag
opgeworpen wie God is,

372
00:21:39,330 --> 00:21:43,350
maar wie onder de mensen zou kunnen
beweren dat hij de dingen heeft gedaan die

373
00:21:43,350 --> 00:21:44,910
God heeft gedaan.

374
00:21:44,910 --> 00:21:48,870
Wie zou kunnen beweren dat hij
Gods inzicht in de dingen heeft?

375
00:21:48,870 --> 00:21:53,190
Als je mij de naam van zo’n man kunt
vertellen, zou ik die graag willen weten.

376
00:21:53,190 --> 00:21:55,830
Of de naam van zijn
zoon zou voldoende zijn.

377
00:21:55,830 --> 00:21:59,610
Ik zou graag de naam van zijn
zoon weten, als jij die kent.

378
00:21:59,610 --> 00:22:04,170
Ik denk dus niet dat hij hier probeert
te bevestigen dat God een Zoon heeft.

379
00:22:04,170 --> 00:22:08,430
Het gaat mij er niet om te bewijzen
dat God dat wel of niet heeft.

380
00:22:08,430 --> 00:22:11,430
Zoals jullie weten, weet
ik niet zeker of Jezus

381
00:22:11,430 --> 00:22:14,430
vóór Zijn menswording
ooit de Zoon werd genoemd.

382
00:22:14,430 --> 00:22:18,930
Hij was het Woord, en het Woord
was God, dus Hij was duidelijk God.

383
00:22:18,930 --> 00:22:24,330
Maar of die specifieke Vader-Zoonrelatie
vóór Zijn geboorte in Bethlehem bestond,

384
00:22:24,330 --> 00:22:28,230
daarover hebben we geen bewijs in de
Schrift dat ons een antwoord geeft.

385
00:22:28,230 --> 00:22:30,390
En voor mij maakt het ook niet uit.

386
00:22:30,390 --> 00:22:32,790
Mensen die proberen te bewijzen dat Jezus

387
00:22:32,790 --> 00:22:36,750
vóór Zijn menswording de Zoon
van de Vader, de eeuwige Zoon,

388
00:22:36,750 --> 00:22:40,650
of wat dan ook was, gebruiken
hiervoor meestal graag dit vers.

389
00:22:40,650 --> 00:22:44,490
Misschien was Hij dat en kan dat
vanuit de Schrift worden bewezen,

390
00:22:44,490 --> 00:22:47,550
maar dit vers beweert
dat waarschijnlijk niet.

391
00:22:47,550 --> 00:22:50,790
Het gaat waarschijnlijk
over mensen en zegt:

392
00:22:50,790 --> 00:22:55,050
‘Van wie onder de mensen zouden
deze dingen gezegd kunnen worden?

393
00:22:55,050 --> 00:22:56,490
Ken je zo iemand?

394
00:22:56,490 --> 00:23:00,750
Laat mij zijn naam weten, of de
naam van zijn zoon als je die kent.

395
00:23:00,750 --> 00:23:03,210
Ik zou graag met zo iemand praten.’

396
00:23:03,210 --> 00:23:04,770
Vers 5 zegt:

397
00:23:04,770 --> 00:23:08,730
Ieder woord van God is gelouterd,
Hij is een schild voor hen

398
00:23:08,730 --> 00:23:11,250
die tot Hem de toevlucht nemen.

399
00:23:11,250 --> 00:23:16,170
Wat hij zegt, is: ‘Ik weet niet echt
of ik namens God zou kunnen spreken.

400
00:23:16,170 --> 00:23:18,570
Ik heb niet eens de kennis van God.

401
00:23:18,570 --> 00:23:23,490
In de Engelse vertaling wordt
Gods woord hier ‘zuiver’ genoemd.

402
00:23:23,490 --> 00:23:25,110
Zo zuiver ben ik niet.

403
00:23:25,110 --> 00:23:30,030
Ik weet niet zeker of mijn woorden
daarvoor in aanmerking komen. Maar:

404
00:23:30,030 --> 00:23:34,470
Ieder woord van God is gelouterd,
Hij is een schild voor hen

405
00:23:34,470 --> 00:23:37,110
die tot Hem de toevlucht nemen.

406
00:23:37,110 --> 00:23:41,490
Voeg niets toe aan Zijn woorden,
anders zal Hij u straffen,

407
00:23:41,490 --> 00:23:44,370
omdat u een leugenaar zou blijken te zijn.

408
00:23:44,370 --> 00:23:44,371
’

409
00:23:44,371 --> 00:23:49,830
Dit hele gedeelte, vers 1 tot en met
6, is dus misschien zijn voorbehoud.

410
00:23:49,830 --> 00:23:54,870
Hij zegt: veel mensen zien mij
misschien als een profeet van God,

411
00:23:54,870 --> 00:23:58,830
of veel mensen beschouwen
mij misschien als een orakel.

412
00:23:58,830 --> 00:24:01,530
Zelf maak ik daar geen aanspraak op.

413
00:24:01,530 --> 00:24:04,110
Gods woorden zijn zuivere woorden.

414
00:24:04,110 --> 00:24:06,510
Je kunt op die woorden vertrouwen.

415
00:24:06,510 --> 00:24:11,130
Je moet er niets aan toevoegen, en ik
beweer niet dat ik er iets aan toevoeg.

416
00:24:11,130 --> 00:24:15,930
Ik beweer niet dat ik de wijze
man ben, de geïnspireerde man,

417
00:24:15,930 --> 00:24:18,690
of dat ik de kennis van de Heilige bezit.

418
00:24:18,690 --> 00:24:23,850
Ik beweer niet dat ik naar de hemel
ben opgevaren en weer ben neergedaald.

419
00:24:23,850 --> 00:24:25,110
Ik ben die man niet.

420
00:24:25,110 --> 00:24:27,870
Als er zo’n man is, zeg me dan wie hij is.

421
00:24:27,870 --> 00:24:30,870
Ik zou hem graag leren
kennen, maar ik ben hem niet.

422
00:24:30,870 --> 00:24:34,410
Ik denk dat hij misschien zegt
dat wijze mannen zoals hijzelf

423
00:24:34,410 --> 00:24:39,150
nederig moeten blijven, in het
besef dat God wijzer is dan zij.

424
00:24:39,150 --> 00:24:43,410
En wanneer zij spreken, doen zij dat
binnen de grenzen van wat menselijke

425
00:24:43,410 --> 00:24:49,350
waarneming zelfs de meest wijze mensen
kan bieden, want God weet meer dan zij.

426
00:24:49,350 --> 00:24:53,550
Dan gaat hij over op dat
gebed in vers 7 tot en met 9,

427
00:24:53,550 --> 00:24:55,410
dat we eerder hebben genoemd:

428
00:24:55,410 --> 00:25:00,450
Twee dingen heb ik van U gevraagd,
onthoud ze mij niet, voordat ik sterf:

429
00:25:00,450 --> 00:25:03,990
Houd valsheid en leugentaal ver van mij.

430
00:25:03,990 --> 00:25:07,530
En: geef mij geen armoede of rijkdom,

431
00:25:07,530 --> 00:25:11,190
voorzie mij van het mij
toegewezen deel aan brood.

432
00:25:11,190 --> 00:25:16,890
Anders zou ik, verzadigd, U
verloochenen en zeggen: Wie is de HEERE?

433
00:25:16,890 --> 00:25:22,770
of anders zou ik, arm geworden, stelen,
en de Naam van mijn God aantasten.

434
00:25:22,770 --> 00:25:24,150
Dat is één ding.

435
00:25:24,150 --> 00:25:29,010
Ik weet niet of hij bedoelt: ‘Laat mij
niet schuldig zijn aan bedrog en liegen.’

436
00:25:29,010 --> 00:25:30,510
Waarschijnlijk wel.

437
00:25:30,510 --> 00:25:34,890
Of misschien bedoelt hij: ‘Verwijder
mensen die bedrieglijk en leugenachtig

438
00:25:34,890 --> 00:25:36,930
zijn uit mijn aanwezigheid.

439
00:25:36,930 --> 00:25:39,330
Kon ik maar leven zonder met leugenaars,

440
00:25:39,330 --> 00:25:42,450
huichelaars en bedriegers
te hoeven omgaan.’

441
00:25:42,450 --> 00:25:44,070
Misschien bedoelt hij dat.

442
00:25:44,070 --> 00:25:48,870
Of misschien bedoelt hij: ‘Snijd alle
bedrog en alle leugenachtigheid uit mijn

443
00:25:48,870 --> 00:25:52,410
eigen karakter weg, zodat
ik een eerlijk man ben.’

444
00:25:52,410 --> 00:25:54,810
Misschien houden beide dingen hem bezig.

445
00:25:54,810 --> 00:25:57,870
Dat is dus een van de twee
dingen die hem bezighouden.

446
00:25:57,870 --> 00:26:01,290
Het ene is dat hij vrij
is van bedrog en leugens,

447
00:26:01,290 --> 00:26:05,790
en het andere is dat hij vrij is
van extreme rijkdom of armoede.

448
00:26:05,790 --> 00:26:07,590
Geef me gewoon genoeg.

449
00:26:07,590 --> 00:26:10,350
Geef ons heden ons dagelijks brood.

450
00:26:10,350 --> 00:26:13,170
Niet veel extra’s en ook niet te weinig.

451
00:26:13,170 --> 00:26:16,350
Soms hebben predikers dit
gebed van Agur gebruikt

452
00:26:16,350 --> 00:26:20,190
als voorbeeld van een goed gebed
dat christenen kunnen bidden:

453
00:26:20,190 --> 00:26:23,070
‘Maak me niet arm en maak me niet rijk.

454
00:26:23,070 --> 00:26:26,730
Maak me gewoon een goede
christen uit de middenklasse.’

455
00:26:26,730 --> 00:26:30,690
Maar wat de man zegt, is eigenlijk
geen goed voorbeeld voor christenen,

456
00:26:30,690 --> 00:26:36,330
want hij zegt: ‘Ik wil niet arm zijn,
omdat ik niet met armoede kan omgaan.

457
00:26:36,330 --> 00:26:38,250
Ik zal waarschijnlijk stelen.

458
00:26:38,250 --> 00:26:40,890
Ik denk niet dat ik die verzoeking aankan.

459
00:26:40,890 --> 00:26:45,270
Ik wil niet rijk zijn, omdat ik God
dan waarschijnlijk zal vergeten.’

460
00:26:45,270 --> 00:26:49,350
Hij zegt: ‘Ik kan niet met
rijkdom of armoede omgaan,

461
00:26:49,350 --> 00:26:52,170
dus onderwerp me niet
aan die beproevingen.

462
00:26:52,170 --> 00:26:55,410
Stel me aan geen van
beide beproevingen bloot.’

463
00:26:55,410 --> 00:26:57,930
Paulus had, zoals je
je misschien herinnert,

464
00:26:57,930 --> 00:27:02,430
in Filippenzen 4 precies de
tegenovergestelde houding.

465
00:27:02,430 --> 00:27:05,790
In Filippenzen 4, vers 11, zegt hij:

466
00:27:05,790 --> 00:27:10,350
Niet dat ik dit zeg vanwege gebrek, want
ik heb geleerd tevreden te zijn in de

467
00:27:10,350 --> 00:27:12,510
omstandigheden waarin ik verkeer.

468
00:27:12,510 --> 00:27:14,910
En ik weet wat het is vernederd te worden,

469
00:27:14,910 --> 00:27:17,850
ik weet ook wat het is
overvloed te hebben;

470
00:27:17,850 --> 00:27:21,270
in elk opzicht en in
alles ben ik ingewijd,

471
00:27:21,270 --> 00:27:24,690
zowel verzadigd te zijn
als honger te lijden,

472
00:27:24,690 --> 00:27:28,170
zowel overvloed te hebben
als gebrek te lijden.

473
00:27:28,170 --> 00:27:32,370
Alle dingen kan ik aan door
Christus, Die mij kracht geeft.

474
00:27:32,370 --> 00:27:37,290
Paulus zegt dus dat hij door Christus
werkelijk alle omstandigheden aankon.

475
00:27:37,290 --> 00:27:42,210
En wij zouden kunnen aanvoeren dat Agur
niet het voorrecht had Christus te kennen,

476
00:27:42,210 --> 00:27:44,730
omdat Christus nog niet gekomen was.

477
00:27:44,730 --> 00:27:47,490
Hij zegt: ‘Het zal mij niet veranderen.

478
00:27:47,490 --> 00:27:52,410
Ik zal God niet vergeten als ik rijk ben,
en ik zal niet stelen als ik arm ben.

479
00:27:52,410 --> 00:27:54,810
Zo gedragen christenen zich niet.’

480
00:27:54,810 --> 00:27:57,330
Christenen worden met beide beproefd.

481
00:27:57,330 --> 00:28:00,210
Agur had niet veel vertrouwen in zichzelf.

482
00:28:00,210 --> 00:28:03,210
Hij kon zien hoe mensen hadden gestolen of

483
00:28:03,210 --> 00:28:07,770
voor verzoeking waren bezweken toen ze in
moeilijke omstandigheden terechtkwamen,

484
00:28:07,770 --> 00:28:12,990
of op andere manieren hadden gezondigd
door God te vergeten toen ze rijk waren.

485
00:28:12,990 --> 00:28:15,210
Hij wilde dus geen van beide.

486
00:28:15,210 --> 00:28:18,570
‘Houd mijn leven gewoon
min of meer middelmatig,

487
00:28:18,570 --> 00:28:22,350
zonder uitzonderlijke beproevingen
van welke aard dan ook.’

488
00:28:22,350 --> 00:28:28,110
Zoals ik al zei, christenen moeten
niet bang zijn om arm of rijk te zijn.

489
00:28:28,110 --> 00:28:31,890
Paulus was voor geen
van beide bang. Hij zei:

490
00:28:31,890 --> 00:28:36,330
Ik heb geleerd tevreden te zijn,
wat mijn omstandigheden ook zijn.

491
00:28:36,330 --> 00:28:40,050
Ik kan genoeg te eten
hebben, ik kan honger hebben.

492
00:28:40,050 --> 00:28:43,770
Ik kan alles aan door
Christus, die mij kracht geeft.

493
00:28:43,770 --> 00:28:45,990
‘Ik zal God niet verloochenen.

494
00:28:45,990 --> 00:28:51,210
Ik zal niet stelen, want ik vertrouw erop
dat God mij de genade zal geven om in

495
00:28:51,210 --> 00:28:55,170
iedere omstandigheid waarin ik
verkeer zo te handelen dat Hij

496
00:28:55,170 --> 00:28:57,090
erdoor verheerlijkt wordt.’

497
00:28:57,090 --> 00:29:00,210
Agur zag, misschien
wijselijk voor zijn tijd,

498
00:29:00,210 --> 00:29:06,930
dat extreme armoede of extreme rijkdom
te veel was voor mensen die destijds niet

499
00:29:06,930 --> 00:29:11,010
de Heilige Geest hadden zoals mensen
die in het nieuwe verbond hebben,

500
00:29:11,010 --> 00:29:15,570
en die Christus niet kenden
zoals wij Hem kennen.

501
00:29:15,570 --> 00:29:17,310
Daarom wilde hij dat niet.

502
00:29:17,310 --> 00:29:20,490
Ik weet niet of wij dat
gebed zelf moeten bidden,

503
00:29:20,490 --> 00:29:23,490
‘Geef mij geen rijkdom
en ook geen armoede’,

504
00:29:23,490 --> 00:29:28,410
hoewel er beslist niets mis mee is om
gewoon tot de middenklasse te behoren.

505
00:29:28,410 --> 00:29:32,130
Maar er is ook niet echt iets
mis mee om rijk of arm te zijn.

506
00:29:32,130 --> 00:29:35,790
Al die levensomstandigheden
passen bij bepaalde roepingen.

507
00:29:35,790 --> 00:29:38,910
Sommige mensen zijn
geroepen om arm te zijn.

508
00:29:38,910 --> 00:29:41,730
Sommigen zijn geroepen om rijk te zijn.

509
00:29:41,730 --> 00:29:45,810
Een christen moet niet zeggen:
‘God, laat me niet rijk zijn.

510
00:29:45,810 --> 00:29:48,270
Laat me niet op deze
manier beproefd worden’,

511
00:29:48,270 --> 00:29:51,510
als God in feite een bepaalde
roeping voor jouw leven heeft,

512
00:29:51,510 --> 00:29:54,690
namelijk dat je Zijn rijkdom uitdeelt,

513
00:29:54,690 --> 00:30:00,090
een grote hoeveelheid van Zijn bezittingen
beheert en rentmeester bent over veel.

514
00:30:00,090 --> 00:30:03,930
Aan de andere kant zijn velen van
ons daar misschien niet toe geroepen,

515
00:30:03,930 --> 00:30:06,750
en zouden we waarschijnlijk
zijn houding moeten hebben:

516
00:30:06,750 --> 00:30:09,810
‘Ik sta niet te popelen
om rijk te worden.’

517
00:30:09,810 --> 00:30:12,510
Er loopt een dunne
scheidslijn tussen de juiste

518
00:30:12,510 --> 00:30:15,390
en de verkeerde houding tegenover rijkdom.

519
00:30:15,390 --> 00:30:17,910
Aan de ene kant zouden
we heel blij moeten zijn

520
00:30:17,910 --> 00:30:21,750
als God ons de gelegenheid geeft
om veel andere mensen te helpen

521
00:30:21,750 --> 00:30:25,350
en ons voorspoedig maakt.
Het is een bediening.

522
00:30:25,350 --> 00:30:27,510
Mijn schoonvader had die bediening.

523
00:30:27,510 --> 00:30:30,810
Hij was multimiljonair
en gaf al zijn geld weg.

524
00:30:30,810 --> 00:30:35,130
Ik vind het niet erg om arm te zijn
of tot de middenklasse te behoren.

525
00:30:35,130 --> 00:30:38,490
Dat is een positie met iets
minder verantwoordelijkheid.

526
00:30:38,490 --> 00:30:42,930
Maar verantwoordelijkheid ontlopen is
dan ook weer niet echt zo volwassen.

527
00:30:42,930 --> 00:30:45,270
Het is gewoon luiheid, denk ik.

528
00:30:45,270 --> 00:30:48,810
Hoe dan ook, deze man was
zelf ook een beetje lui.

529
00:30:48,810 --> 00:30:52,530
Hij wilde de extra last van
armoede of rijkdom niet.

530
00:30:52,530 --> 00:30:55,470
In die opzichten wilde
hij een gemakkelijk leven.

531
00:30:55,470 --> 00:30:59,370
Maar waarschijnlijk vond hij zelf dat
hij met dit verzoek heel bescheiden was.

532
00:30:59,370 --> 00:31:03,750
Gezien de menselijke natuur en de
menselijke houding tegenover rijkdom

533
00:31:03,750 --> 00:31:07,170
is het een tamelijk bescheiden
standpunt wanneer iemand zegt:

534
00:31:07,170 --> 00:31:08,850
‘Ik wil niet rijk zijn.’

535
00:31:08,850 --> 00:31:10,830
Maar hij wilde ook niet arm zijn.

536
00:31:10,830 --> 00:31:14,730
Hij probeert dus in wezen innerlijke
strijd over rijkdom te vermijden,

537
00:31:14,730 --> 00:31:19,590
en ook de verleidingen die gepaard
gaan met te veel of te weinig hebben.

538
00:31:19,590 --> 00:31:21,030
Vers 10 zegt:

539
00:31:21,030 --> 00:31:25,110
Belaster een slaaf niet bij zijn
heer, anders zal hij u vervloeken

540
00:31:25,110 --> 00:31:26,850
en zult u schuldig zijn.

541
00:31:26,850 --> 00:31:30,570
Ik weet niet precies welk
scenario hij hier voor ogen heeft.

542
00:31:30,570 --> 00:31:35,130
Een dienaar bij zijn meester zwartmaken
— ik weet niet of dat betekent dat je het

543
00:31:35,130 --> 00:31:38,970
slechte gedrag van een dienaar
niet aan zijn meester moet melden.

544
00:31:38,970 --> 00:31:42,570
Het lijkt erop dat dit juist
verantwoordelijk en goed zou zijn.

545
00:31:42,570 --> 00:31:44,430
Misschien heeft hij laster op het oog,

546
00:31:44,430 --> 00:31:47,730
maar ik weet niet onder welke
omstandigheden iemand de dienaar van een

547
00:31:47,730 --> 00:31:49,290
ander zou belasteren.

548
00:31:49,290 --> 00:31:53,010
Als het er natuurlijk over gaat dat
christenen dienaren van God zijn,

549
00:31:53,010 --> 00:31:54,930
zou dit van toepassing zijn.

550
00:31:54,930 --> 00:31:58,110
Maar ik weet niet of
Agur dat voor ogen heeft.

551
00:31:58,110 --> 00:32:03,030
Paulus sprak erover dat sommige christenen
alles eten en anderen alleen groenten,

552
00:32:03,030 --> 00:32:06,510
en dat sommigen de ene dag als
heilig beschouwen en anderen

553
00:32:06,510 --> 00:32:09,570
alle dagen gelijk achten. Hij zegt:

554
00:32:09,570 --> 00:32:13,290
Wie bent u, dat u de huisslaaf
van een ander oordeelt?

555
00:32:13,290 --> 00:32:17,011
Of hij staat of valt, gaat
alleen zijn eigen heer aan .

556
00:32:17,011 --> 00:32:20,190
Hij zal echter staande gehouden
worden, want God is bij

557
00:32:20,190 --> 00:32:21,810
machte hem staande te houden.

558
00:32:21,810 --> 00:32:24,930
We zouden vers 10 op die
situatie kunnen toepassen:

559
00:32:24,930 --> 00:32:29,190
we maken een van Gods kinderen of
een van Gods dienaren niet zwart,

560
00:32:29,190 --> 00:32:31,650
omdat jij ook schuldig
bevonden zou kunnen worden.

561
00:32:31,650 --> 00:32:37,290
De woorden ‘Anders vervloekt hij je’
zouden waarschijnlijk op de dienaar slaan.

562
00:32:37,290 --> 00:32:40,710
Al zou misschien de meester
bezwaar maken en je vervloeken,

563
00:32:40,710 --> 00:32:43,110
waarna je schuldig bevonden zou worden.

564
00:32:43,110 --> 00:32:45,510
Misschien is het de gedachte:

565
00:32:45,510 --> 00:32:50,910
En toen zij Hem dit bleven vragen,
richtte Hij Zich op en zei tegen hen:

566
00:32:50,910 --> 00:32:55,710
Wie van u zonder zonde is, laat die
als eerste de steen op haar werpen.

567
00:32:55,710 --> 00:33:00,030
want als je kwaad over iemand anders
begint te spreken, kan het zijn dat ze,

568
00:33:00,030 --> 00:33:02,730
wanneer die schijnwerpers
op jou worden gericht,

569
00:33:02,730 --> 00:33:05,070
ook bij jou iets verkeerds vinden.

570
00:33:05,070 --> 00:33:09,450
Het is niet helemaal duidelijk wat Agur
precies voor ogen heeft in vers 10.

571
00:33:09,450 --> 00:33:14,670
Dan heeft hij in de verzen 11 tot en met
14 een reeks uitspraken die beginnen met:

572
00:33:14,670 --> 00:33:18,990
Er is een generatie die zijn vader
vervloekt en zijn moeder niet zegent,

573
00:33:18,990 --> 00:33:24,210
een generatie die rein is in zijn eigen
ogen, maar van zijn vuil niet gewassen is,

574
00:33:24,210 --> 00:33:28,051
een generatie — wat hebben zij
een hoogmoedige oogopslag —

575
00:33:28,051 --> 00:33:32,430
waarvan de wimpers opgetrokken zijn, een
generatie waarvan de tanden zwaarden,

576
00:33:32,430 --> 00:33:36,810
de hoektanden messen zijn, om de
ellendigen van de aarde en de armen onder

577
00:33:36,810 --> 00:33:38,550
de mensen te verslinden.

578
00:33:38,550 --> 00:33:42,570
Het woord ‘geslacht’ is
waarschijnlijk figuurlijk bedoeld.

579
00:33:42,570 --> 00:33:45,270
Een geslacht zou een familie betekenen.

580
00:33:45,270 --> 00:33:49,170
Als je het letterlijk neemt, zouden
de nakomelingen van een bepaalde man

581
00:33:49,170 --> 00:33:50,730
een geslacht vormen.

582
00:33:50,730 --> 00:33:52,590
Maar misschien spreekt hij figuurlijk.

583
00:33:52,590 --> 00:33:56,730
Wanneer we kijken naar de nakomelingen
van Kaïn, zeven generaties later,

584
00:33:56,730 --> 00:34:01,110
is een van hen de vader van hen die
in tenten wonen en schapen hoeden,

585
00:34:01,110 --> 00:34:06,570
en een ander de vader van hen die
muziekinstrumenten bespelen, enzovoort.

586
00:34:06,570 --> 00:34:11,190
Het is duidelijk dat niet iedereen die
schapen hoedt letterlijk uit één familie

587
00:34:11,190 --> 00:34:15,510
komt, en dat ook niet alle mensen
die muziekinstrumenten bespelen uit

588
00:34:15,510 --> 00:34:17,010
één familie komen.

589
00:34:17,010 --> 00:34:21,930
Dat hij hun vader wordt genoemd, betekent
dus dat hij de grondlegger van dat gedrag

590
00:34:21,930 --> 00:34:26,130
is, en dat zij die dit
doen zijn voorbeeld volgen.

591
00:34:26,130 --> 00:34:31,770
Daarom zijn allen die muziekinstrumenten
bespelen zonen van deze ene man.

592
00:34:31,770 --> 00:34:35,790
Het betekent niet werkelijk dat
zij letterlijk zijn zonen zijn,

593
00:34:35,790 --> 00:34:38,610
maar ze kunnen zijn
voorbeeld volgen, zoals

594
00:34:38,610 --> 00:34:41,490
zonen het voorbeeld van hun vader volgen.

595
00:34:41,490 --> 00:34:43,410
Bedenk dat Jezus zei:

596
00:34:43,410 --> 00:34:48,870
Zij antwoordden en zeiden tegen
Hem: Abraham is onze vader.

597
00:34:48,870 --> 00:34:53,010
Jezus zei tegen hen: Als
u Abrahams kinderen was,

598
00:34:53,010 --> 00:34:55,470
zou u de werken van Abraham doen.

599
00:34:55,470 --> 00:35:00,090
Iemand wordt in figuurlijke zin
beschouwd als de nakomeling van een ander

600
00:35:00,090 --> 00:35:02,730
als hij het voorbeeld
van die persoon volgt,

601
00:35:02,730 --> 00:35:05,790
zoals kinderen het voorbeeld
van hun ouders volgen.

602
00:35:05,790 --> 00:35:11,130
Als dat zo is, kan de uitspraak: ‘Er is
een geslacht van mensen die dit doen,’

603
00:35:11,130 --> 00:35:17,070
worden opgevat als de zonen of de familie
van iemand, maar dan in figuurlijke zin.

604
00:35:17,070 --> 00:35:20,310
Er is een bepaalde groep,
een bepaald soort mensen,

605
00:35:20,310 --> 00:35:22,890
die zich op een bepaalde manier gedragen.

606
00:35:22,890 --> 00:35:24,690
Dat is eigenlijk alles wat hij zegt.

607
00:35:24,690 --> 00:35:28,110
Wanneer je naar deze beschrijvingen
kijkt, is het interessant

608
00:35:28,110 --> 00:35:33,450
hoeveel ervan lijken op wat Jezus over
de Farizeeën en de schriftgeleerden zei.

609
00:35:33,450 --> 00:35:36,450
In de verzen 11 tot en met 14 staat:

610
00:35:36,450 --> 00:35:40,830
Er is een generatie die zijn vader
vervloekt en zijn moeder niet zegent,

611
00:35:40,830 --> 00:35:46,830
een generatie die rein is in zijn eigen
ogen, maar van zijn vuil niet gewassen is,

612
00:35:46,830 --> 00:35:51,571
een generatie — wat hebben zij
een hoogmoedige oogopslag —

613
00:35:51,571 --> 00:35:56,910
waarvan de wimpers opgetrokken zijn, een
generatie waarvan de tanden zwaarden,

614
00:35:56,910 --> 00:36:01,050
de hoektanden messen zijn, om
de ellendigen van de aarde en de

615
00:36:01,050 --> 00:36:03,690
armen onder de mensen te verslinden.

616
00:36:03,690 --> 00:36:08,610
Jezus zei in Mattheüs 15 dat de
schriftgeleerden en Farizeeën tradities

617
00:36:08,610 --> 00:36:12,630
hadden bedacht waardoor ze hun vader
en moeder niet hoefden te eren als ze

618
00:36:12,630 --> 00:36:13,950
dat niet wilden.

619
00:36:13,950 --> 00:36:18,570
Als ze iets materieels hadden waarmee
hun behoeftige ouders gebaat konden zijn,

620
00:36:18,570 --> 00:36:20,790
konden ze dat aan God wijden.

621
00:36:20,790 --> 00:36:23,610
Zo hoefden ze hun ouders er
niet langer mee te helpen

622
00:36:23,610 --> 00:36:25,770
wanneer ze hen niet wilden eren,

623
00:36:25,770 --> 00:36:29,490
bijvoorbeeld omdat ze vijandig
tegenover hen stonden.

624
00:36:29,490 --> 00:36:33,270
Jezus zei in Mattheüs 15, vers 5 en 6,

625
00:36:33,270 --> 00:36:36,510
dat de Farizeeën door hun
religieuze huichelarij

626
00:36:36,510 --> 00:36:40,770
slinkse manieren hadden bedacht om
hun vader en moeder niet te eren.

627
00:36:40,770 --> 00:36:42,810
Zij zouden kunnen worden beschouwd als dit

628
00:36:42,810 --> 00:36:47,190
geslacht dat zijn vader vervloekt
en zijn moeder niet zegent.

629
00:36:47,190 --> 00:36:49,050
In vers 12 staat:

630
00:36:49,050 --> 00:36:51,810
Er is een generatie die
zichzelf rein vindt,

631
00:36:51,810 --> 00:36:54,390
maar niet van haar vuil is gewassen.

632
00:36:54,390 --> 00:36:59,550
Jezus gaf beslist aan dat de Farizeeën
rein waren in hun eigen ogen.

633
00:36:59,550 --> 00:37:03,270
Ze vonden zichzelf rechtvaardig,
maar dat waren ze niet.

634
00:37:03,270 --> 00:37:04,890
Vers 13 zegt:

635
00:37:04,890 --> 00:37:08,010
Er is een generatie — wat
kijken ze uit de hoogte

636
00:37:08,010 --> 00:37:10,410
en wat hebben ze een hooghartige blik.

637
00:37:10,410 --> 00:37:15,030
Daar zie je de hoogmoedige blik die
God zozeer haat en die in Spreuken 6,

638
00:37:15,030 --> 00:37:16,770
vers 16 wordt genoemd.

639
00:37:16,770 --> 00:37:21,330
Jezus beschreef de Farizeeën
beslist als hoogmoedige huichelaars.

640
00:37:21,330 --> 00:37:26,190
Ze lieten de trompet voor zich uit blazen
voordat ze aalmoezen aan de armen gaven.

641
00:37:26,190 --> 00:37:29,790
Ze deden zulke dingen om aandacht te
trekken en er in de ogen van de mensen

642
00:37:29,790 --> 00:37:31,410
goed uit te zien.

643
00:37:31,410 --> 00:37:32,910
Vers 14 zegt:

644
00:37:32,910 --> 00:37:37,110
Er is een generatie met tanden als
zwaarden en hoektanden als messen,

645
00:37:37,110 --> 00:37:41,490
die de armen van de aardbodem en de
behoeftigen onder de mensen verslindt.

646
00:37:41,490 --> 00:37:47,010
Jezus zei dat de schriftgeleerden en
Farizeeën de huizen van weduwen verslinden

647
00:37:47,010 --> 00:37:49,770
en voor de schijn lange gebeden doen.

648
00:37:49,770 --> 00:37:53,370
Natuurlijk heeft Agur daarbij
niet de Farizeeën in gedachten,

649
00:37:53,370 --> 00:37:55,770
want die bestonden in zijn tijd nog niet.

650
00:37:55,770 --> 00:38:00,690
Maar het is interessant dat er een bepaald
soort mensen is, een bepaalde generatie,

651
00:38:00,690 --> 00:38:04,770
een bepaalde familie, een
stam, die zich zo gedraagt.

652
00:38:04,770 --> 00:38:07,770
Figuurlijk gesproken dan, een stam.

653
00:38:07,770 --> 00:38:12,630
Jezus wees bij de schriftgeleerden en
Farizeeën op de meeste van deze dingen.

654
00:38:12,630 --> 00:38:15,510
Er zijn dus mensen die denken
dat ze rechtvaardig zijn

655
00:38:15,510 --> 00:38:19,710
en die zich rechtvaardig gedragen,
maar die helemaal niet rein zijn.

656
00:38:19,710 --> 00:38:23,430
Ze zijn schadelijk en
verwoestend voor andere mensen.

657
00:38:23,430 --> 00:38:25,110
Vers 15 zegt:

658
00:38:25,110 --> 00:38:30,090
De bloedzuiger heeft twee
dochters: Geef, Geef.

659
00:38:30,090 --> 00:38:35,010
Deze drie dingen worden niet verzadigd,
vier zeggen niet: Het is genoeg.

660
00:38:35,010 --> 00:38:37,530
Dat is op zichzelf een
interessante uitspraak.

661
00:38:37,530 --> 00:38:40,950
Maar er staat dat de bloedzuiger
twee dochters heeft die roepen:

662
00:38:40,950 --> 00:38:42,450
Geef, geef!

663
00:38:42,450 --> 00:38:45,990
en vervolgens worden er
niet twee dingen genoemd.

664
00:38:45,990 --> 00:38:49,290
In plaats daarvan gaat
het over drie en vier.

665
00:38:49,290 --> 00:38:52,410
Misschien is het in feite
een getallenspreuk als deze:

666
00:38:52,410 --> 00:38:56,910
er zijn er twee—nee, drie—nee, vier.

667
00:38:56,910 --> 00:38:59,550
De bloedzuiger heeft twee dochters.

668
00:38:59,550 --> 00:39:02,970
Nee, er zijn drie dingen
die nooit genoeg hebben.

669
00:39:02,970 --> 00:39:05,610
Nee, er zijn vier die nooit zeggen:

670
00:39:05,610 --> 00:39:06,510
Het is genoeg.

671
00:39:06,510 --> 00:39:10,170
Het is mogelijk dat dit een
uitgebreidere getallenspreuk is,

672
00:39:10,170 --> 00:39:12,390
waarbij het niet alleen
om drie en vier gaat,

673
00:39:12,390 --> 00:39:15,750
maar die met twee begint
en tot vier oploopt.

674
00:39:15,750 --> 00:39:20,910
Alle uitspraken in vers 15 gaan over iets
wat nooit echt genoeg lijkt te krijgen.

675
00:39:20,910 --> 00:39:22,590
Het is nooit tevreden.

676
00:39:22,590 --> 00:39:24,570
Een van die dingen is het graf.

677
00:39:24,570 --> 00:39:28,950
Het graf lijkt eenvoudigweg nooit op
te houden slachtoffers op te eisen.

678
00:39:28,950 --> 00:39:30,870
Er blijven mensen sterven.

679
00:39:30,870 --> 00:39:35,370
De onvruchtbare moederschoot is,
net als het graf, nooit tevreden,

680
00:39:35,370 --> 00:39:37,170
maar om een andere reden.

681
00:39:37,170 --> 00:39:41,190
Het graf blijft zich voeden, maar
lijkt nooit genoeg te krijgen.

682
00:39:41,190 --> 00:39:44,730
De vrouw die onvruchtbaar is,
hunkert naar het moederschap,

683
00:39:44,730 --> 00:39:46,530
naar het krijgen van een kind.

684
00:39:46,530 --> 00:39:49,590
Maar haar onvervuldheid
is van een totaal andere

685
00:39:49,590 --> 00:39:52,350
aard dan de onverzadigbaarheid
van het graf.

686
00:39:52,350 --> 00:39:55,170
De aarde raakt niet verzadigd van water.

687
00:39:55,170 --> 00:39:57,570
Er lijkt geen grens te
zijn aan de hoeveelheid

688
00:39:57,570 --> 00:39:59,970
regen die de aarde kan opnemen.

689
00:39:59,970 --> 00:40:01,530
En vuur zegt nooit:

690
00:40:01,530 --> 00:40:05,370
Het graf, een gesloten
baarmoeder, een land dat niet van

691
00:40:05,370 --> 00:40:09,630
water verzadigd is en het vuur
zeggen niet: Het is genoeg.

692
00:40:09,630 --> 00:40:14,130
Over het algemeen blijft het vuur
gewoon doorgaan zolang er brandstof is.

693
00:40:14,130 --> 00:40:17,850
Het zegt nooit: ‘Goed,
ik heb genoeg verbrand.

694
00:40:17,850 --> 00:40:20,010
Ik denk dat ik nu maar eens ophoud.’

695
00:40:20,010 --> 00:40:24,030
Een vuur stopt alleen als je het
blust of als de brandstof opraakt.

696
00:40:24,030 --> 00:40:28,350
Het zegt nooit zomaar: ‘Goed,
ik heb nu genoeg gegeten.’

697
00:40:28,350 --> 00:40:30,270
Wat betekenen deze dingen?

698
00:40:30,270 --> 00:40:32,310
Hij geeft er geen toepassing bij.

699
00:40:32,310 --> 00:40:36,450
Maar misschien wil hij dat wij erover
nadenken en er een toepassing aan geven.

700
00:40:36,450 --> 00:40:39,990
Misschien zegt hij dat er iets voor
tevredenheid te zeggen is en dat we niet

701
00:40:39,990 --> 00:40:44,070
moeten zijn als het graf, of als
een onvruchtbare moederschoot,

702
00:40:44,070 --> 00:40:47,730
of als het vuur dat maar doorgaat
totdat het wel moet stoppen.

703
00:40:47,730 --> 00:40:50,850
Misschien zegt hij dat het
goed is om tevreden te zijn.

704
00:40:50,850 --> 00:40:53,490
Deze gedachten worden
niet echt uitgewerkt.

705
00:40:53,490 --> 00:40:57,810
Hij geeft alleen een lijst met dingen en
wil misschien dat wij die overdenken en er

706
00:40:57,810 --> 00:41:00,150
een toepassing voor het leven in vinden.

707
00:41:00,150 --> 00:41:01,710
Vers 17 zegt:

708
00:41:01,710 --> 00:41:06,270
Een oog dat een vader bespot, en de
gehoorzaamheid aan de moeder veracht,

709
00:41:06,270 --> 00:41:11,550
zullen de raven van de beek uitpikken,
de jongen van de arend zullen het opeten.

710
00:41:11,550 --> 00:41:15,390
Met andere woorden: eer
je vader en je moeder.

711
00:41:15,390 --> 00:41:19,050
Waarschijnlijk zegt hij niet dat dit
altijd het specifieke lot zal zijn van

712
00:41:19,050 --> 00:41:21,330
iedereen die zijn ouders onteert.

713
00:41:21,330 --> 00:41:23,070
Dit is een hyperbool.

714
00:41:23,070 --> 00:41:27,450
Hij zal uiteraard mensen hebben gekend die
hun ouders onteerden en uiteindelijk in

715
00:41:27,450 --> 00:41:31,830
een graf werden begraven, waar
vogels hun ogen niet uitpikten.

716
00:41:31,830 --> 00:41:36,270
Maar het lijkt erop dat hier wordt
bedoeld dat Gods oordeel over veel mensen,

717
00:41:36,270 --> 00:41:38,790
onder wie degenen die
hun ouders bespotten,

718
00:41:38,790 --> 00:41:41,190
inhoudt dat ze misschien
op het slagveld vallen,

719
00:41:41,190 --> 00:41:45,450
of op een andere oneervolle manier
sterven en niet begraven worden,

720
00:41:45,450 --> 00:41:48,690
zodat ze door de vogels in
de lucht worden opgegeten.

721
00:41:48,690 --> 00:41:52,110
Deze drie dingen zijn voor
mij te wonderlijk, ja,

722
00:41:52,110 --> 00:41:56,310
vier zijn er die ik niet kan vatten:
de weg van de arend in de lucht,

723
00:41:56,310 --> 00:42:01,050
de weg van een slang op een rots, de weg
van een schip in het hart van de zee,

724
00:42:01,050 --> 00:42:03,330
en de weg van een man bij een meisje.

725
00:42:03,330 --> 00:42:07,770
Ook hier is niet duidelijk dat al deze
dingen veel met elkaar gemeen hebben,

726
00:42:07,770 --> 00:42:10,410
behalve dat ze hem voor
een raadsel stellen.

727
00:42:10,410 --> 00:42:12,510
Ze zijn te wonderlijk voor hem.

728
00:42:12,510 --> 00:42:14,010
Hij komt er niet uit.

729
00:42:14,010 --> 00:42:17,670
Hij kan niet doorgronden hoe
een arend door de lucht vliegt.

730
00:42:17,670 --> 00:42:21,570
Ze kenden waarschijnlijk niet de
aerodynamische wetten die verklaren hoe

731
00:42:21,570 --> 00:42:23,370
vogels door de lucht vliegen.

732
00:42:23,370 --> 00:42:28,590
Maar meer dan veel andere vogels lijkt
de arend moeiteloos te kunnen vliegen.

733
00:42:28,590 --> 00:42:33,870
De arend stijgt op, brengt zijn vleugels
in positie en zweeft gewoon voort

734
00:42:33,870 --> 00:42:36,030
zonder met zijn vleugels te slaan.

735
00:42:36,030 --> 00:42:40,530
Dat was voor mensen in de oudheid
waarschijnlijk een enorm mysterie.

736
00:42:40,530 --> 00:42:43,590
Een vogel die met zijn
vleugels door de lucht slaat,

737
00:42:43,590 --> 00:42:47,670
leek hun zonder kennis van de wetten
van de aerodynamica misschien op een

738
00:42:47,670 --> 00:42:51,630
vis die met zijn vinnen slaat en
zich door het water voortstuwt,

739
00:42:51,630 --> 00:42:53,970
waarbij de lucht dan als water was.

740
00:42:53,970 --> 00:42:56,490
Ik weet niet hoe zij ertegen aankeken.

741
00:42:56,490 --> 00:43:00,570
Maar wanneer je een schepsel ziet
dat zijn vleugels uitgespreid houdt,

742
00:43:00,570 --> 00:43:03,390
niets doet en daar gewoon
in de lucht blijft,

743
00:43:03,390 --> 00:43:06,330
dan stelde dat hem
blijkbaar voor een raadsel.

744
00:43:06,330 --> 00:43:08,671
De weg van een slang op een rots —

745
00:43:08,671 --> 00:43:13,050
ook de manier waarop slangen zich
voortbewegen is verbazingwekkend.

746
00:43:13,050 --> 00:43:18,090
Als we een slang bestuderen, kunnen we
haar manier van voortbewegen beschrijven.

747
00:43:18,090 --> 00:43:22,230
Haar ribbenkast beweegt heen en weer,
en de schubben aan haar onderkant

748
00:43:22,230 --> 00:43:25,590
hebben een scherpe, naar
achteren wijzende rand.

749
00:43:25,590 --> 00:43:29,730
Wanneer ze zich voortbewegen,
grijpen ze daarmee de grond vast en

750
00:43:29,730 --> 00:43:33,690
duwen ze zichzelf vooruit, maar
ze kunnen zich snel voortbewegen.

751
00:43:33,690 --> 00:43:36,630
Het is verbazingwekkend
hoe ze zich voortbewegen.

752
00:43:36,630 --> 00:43:39,690
Maar iemand die dit nooit
echt heeft kunnen verklaren,

753
00:43:39,690 --> 00:43:43,350
zou gemakkelijk kunnen zeggen:
‘Dit is verbazingwekkend.

754
00:43:43,350 --> 00:43:47,370
Hier is een schepsel zonder poten,
en het beweegt zich gewoon over een

755
00:43:47,370 --> 00:43:50,730
rots voort en lijkt geen
poten nodig te hebben.

756
00:43:50,730 --> 00:43:52,290
Ik begrijp dat niet.’

757
00:43:52,290 --> 00:43:54,570
De weg van een schip midden op zee.

758
00:43:54,570 --> 00:43:57,990
Het is mogelijk dat de drie dingen
die hij tot dusver heeft genoemd —

759
00:43:57,990 --> 00:44:02,430
een arend in de lucht, een slang
op een rots en een schip op zee —

760
00:44:02,430 --> 00:44:06,270
één ding gemeen hebben: ze
laten geen spoor achter.

761
00:44:06,270 --> 00:44:09,030
Hij zegt: ‘Ik ken de weg ervan niet.’

762
00:44:09,030 --> 00:44:12,930
Misschien bedoelt hij: ‘Ik kan
het gevolgde pad niet nagaan,

763
00:44:12,930 --> 00:44:15,270
want het laat geen voetsporen achter.

764
00:44:15,270 --> 00:44:17,430
Het laat geen spoor achter.’

765
00:44:17,430 --> 00:44:21,630
Een slang laat op zand een spoor
achter, maar op een rots niet.

766
00:44:21,630 --> 00:44:23,670
Wanneer de vogel door de lucht vliegt,

767
00:44:23,670 --> 00:44:26,310
laat hij niet zoiets als
een condensspoor achter

768
00:44:26,310 --> 00:44:28,590
om te laten zien waar hij is geweest.

769
00:44:28,590 --> 00:44:33,570
En zo kun je ook van een schip op zee,
nadat zijn kielzog weer gladgestreken is,

770
00:44:33,570 --> 00:44:35,970
niet echt zien waar het is geweest.

771
00:44:35,970 --> 00:44:40,890
Die dingen hebben dat gemeen, maar ik weet
niet of dat het punt is dat hij wil maken.

772
00:44:40,890 --> 00:44:42,330
Hij begrijpt het niet.

773
00:44:42,330 --> 00:44:43,890
Ik begrijp het ook niet.

774
00:44:43,890 --> 00:44:47,790
Ik begrijp niet precies welk
punt hij ermee probeert te maken,

775
00:44:47,790 --> 00:44:51,270
behalve dat hij erop wijst dat
er in de natuur veel dingen zijn

776
00:44:51,270 --> 00:44:55,290
die we allemaal regelmatig zien,
maar die met onze huidige kennis niet

777
00:44:55,290 --> 00:44:56,790
te verklaren zijn.

778
00:44:56,790 --> 00:45:01,650
Dat zei hij vanaf het begin: hij beweert
niet dat hij geheimzinnige dingen kent.

779
00:45:01,650 --> 00:45:06,210
Dit kunnen voorbeelden zijn van hoe mensen
die denken dat ze veel weten zichzelf

780
00:45:06,210 --> 00:45:09,450
zouden moeten vernederen en
zeggen: ‘Weet je hoe dit werkt?’

781
00:45:09,450 --> 00:45:12,810
En ook de weg van een man
met een vrouw, met een maagd.

782
00:45:12,810 --> 00:45:15,990
De Engelse vertaling spreekt
hier van een ‘maagd’;

783
00:45:15,990 --> 00:45:19,830
daarmee bedoelt hij een vrouw aan
wie een man het hof heeft gemaakt.

784
00:45:19,830 --> 00:45:23,670
In de aangehaalde Nederlandse
vertaling staat ‘meisje’.

785
00:45:23,670 --> 00:45:26,910
De wegen van de romantiek,
de wegen van de liefde,

786
00:45:26,910 --> 00:45:31,530
lijken enigszins onverkend te zijn,
zoals de weg van een arend in de lucht

787
00:45:31,530 --> 00:45:34,050
of de weg van een slang op de rots.

788
00:45:34,050 --> 00:45:36,330
Het is tamelijk onvoorspelbaar.

789
00:45:36,330 --> 00:45:39,750
Wanneer mensen verkering hebben
of een romantische relatie hebben,

790
00:45:39,750 --> 00:45:44,010
doen ze dingen die voor anderen in
sommige opzichten onverklaarbaar zijn.

791
00:45:44,010 --> 00:45:48,630
Je ziet mensen in romantische relaties die
normaal gesproken niet krankzinnig zijn,

792
00:45:48,630 --> 00:45:50,370
krankzinnige dingen doen.

793
00:45:50,370 --> 00:45:55,110
Je denkt: ‘Waarom zien ze niet welke
ramp ze hiermee over zich afroepen?’

794
00:45:55,110 --> 00:45:56,370
Dat zien ze niet.

795
00:45:56,370 --> 00:45:59,010
Ik weet niet of hij deze
hele lijst alleen maar

796
00:45:59,010 --> 00:46:03,750
gaf om dit punt te maken over een man
en een vrouw in een romantische relatie,

797
00:46:03,750 --> 00:46:06,570
iets wat even onmogelijk te analyseren is

798
00:46:06,570 --> 00:46:09,030
als de andere dingen
die hij heeft genoemd.

799
00:46:09,030 --> 00:46:10,470
Dan staat er:

800
00:46:10,470 --> 00:46:16,650
Zo is de weg van een overspelige vrouw:
zij eet, wist haar mond af en zegt:

801
00:46:16,650 --> 00:46:18,870
Ik heb geen onrecht bedreven.

802
00:46:18,870 --> 00:46:22,710
Dat er staat dat ze eet, is
waarschijnlijk figuurlijk bedoeld.

803
00:46:22,710 --> 00:46:24,870
Ze is een overspelige vrouw.

804
00:46:24,870 --> 00:46:29,790
Het gaat waarschijnlijk niet over haar
eten, maar over haar seksuele wangedrag.

805
00:46:29,790 --> 00:46:33,810
Ze is als iemand die gegeten
heeft, het bewijs van haar gezicht

806
00:46:33,810 --> 00:46:36,870
veegt en beweert dat er niets gebeurd is.

807
00:46:36,870 --> 00:46:41,730
Het idee lijkt te zijn dat een overspelige
vrouw het zal verbergen en ontkennen.

808
00:46:41,730 --> 00:46:44,670
Dat is geen buitengewoon
diepzinnige waarneming.

809
00:46:44,670 --> 00:46:47,430
Maar hij beweerde ook
niet diepzinnig te zijn.

810
00:46:47,430 --> 00:46:49,170
Dat is nu juist het punt.

811
00:46:49,170 --> 00:46:51,870
Hij beweert dat hij niet diepzinnig is.

812
00:46:51,870 --> 00:46:54,870
Hij doet eenvoudigweg enkele waarnemingen.

813
00:46:54,870 --> 00:46:56,550
Vers 21 zegt:

814
00:46:56,550 --> 00:47:01,470
Onder drie dingen siddert de aarde,
ja, onder vier die ze niet kan dragen:

815
00:47:01,470 --> 00:47:04,230
Hiermee bedoelt hij volgens
mij dat er bepaalde dingen zijn

816
00:47:04,230 --> 00:47:07,110
die over het algemeen ondraaglijk zijn.

817
00:47:07,110 --> 00:47:10,170
Zelfs de aarde zelf zou
die afschuwelijk vinden:

818
00:47:10,170 --> 00:47:13,770
onder een dienaar, als hij
koning wordt, onder een dwaas,

819
00:47:13,770 --> 00:47:19,050
als hij met brood verzadigd wordt, onder
een gehate vrouw , als zij gehuwd wordt,

820
00:47:19,050 --> 00:47:23,550
en onder een slavin, als zij de
bezittingen van haar meesteres erft.

821
00:47:23,550 --> 00:47:27,330
Dit zijn, neem ik aan,
situaties die hij heeft gezien

822
00:47:27,330 --> 00:47:29,610
en die niet goed zijn afgelopen.

823
00:47:29,610 --> 00:47:32,190
Ze zijn zelfs heel slecht afgelopen.

824
00:47:32,190 --> 00:47:36,390
De Engelse vertaling spreekt over
een dienaar ‘wanneer hij regeert’,

825
00:47:36,390 --> 00:47:40,890
terwijl de aangehaalde Nederlandse
vertaling zegt: ‘als hij koning wordt’.

826
00:47:40,890 --> 00:47:43,950
Ik weet niet zeker om wat
voor situatie het gaat.

827
00:47:43,950 --> 00:47:47,370
Misschien is het een dienaar die de
leiding krijgt over de andere dienaren van

828
00:47:47,370 --> 00:47:50,730
een huishouden, of een dienaar
die werkelijk de meester van

829
00:47:50,730 --> 00:47:52,170
een huishouden wordt.

830
00:47:52,170 --> 00:47:55,290
Maar ik weet niet zeker
hoe vaak dat zou voorkomen.

831
00:47:55,290 --> 00:47:59,310
Misschien heeft hij zoiets zien
gebeuren, want Spreuken zegt:

832
00:47:59,310 --> 00:48:03,870
Een verstandige dienaar zal heersen
over een zoon die beschaamd maakt,

833
00:48:03,870 --> 00:48:06,870
te midden van de broers zal
hij in de erfenis delen.

834
00:48:06,870 --> 00:48:12,270
Blijkbaar kende Salomo gevallen waarin een
man zijn bezit zou nalaten aan zijn zoon,

835
00:48:12,270 --> 00:48:16,530
die een etter was en aan wie hij
dat bezit niet zou toevertrouwen.

836
00:48:16,530 --> 00:48:19,050
Op een bepaald moment
dacht Abraham dat zijn

837
00:48:19,050 --> 00:48:22,110
dienaar Eliëzer zijn erfgenaam zou worden.

838
00:48:22,110 --> 00:48:25,950
Zo is het niet gelopen, omdat
daarna Izak werd geboren.

839
00:48:25,950 --> 00:48:30,570
Maar het was niet ondenkbaar dat een
rijke man als Abram zou sterven zonder

840
00:48:30,570 --> 00:48:34,890
nakomelingen en zijn hele bezit zou
nalaten aan een man die voorheen

841
00:48:34,890 --> 00:48:36,150
slaaf was geweest.

842
00:48:36,150 --> 00:48:40,050
Hoewel wij in ons land geen slavernij
hebben en zoiets nooit hebben zien

843
00:48:40,050 --> 00:48:44,490
gebeuren, neem ik aan dat het van
tijd tot tijd kon worden waargenomen.

844
00:48:44,490 --> 00:48:47,490
Een man die slaaf is, komt aan de macht.

845
00:48:47,490 --> 00:48:51,930
Hij wordt de eigenaar, maar misschien
is hij niet uit het goede hout gesneden

846
00:48:51,930 --> 00:48:55,290
of heeft hij geen ervaring
met eigendom en leiderschap,

847
00:48:55,290 --> 00:48:57,810
en wordt hij uiteindelijk
een onderdrukker.

848
00:48:57,810 --> 00:48:59,550
Ik weet het niet zeker.

849
00:48:59,550 --> 00:49:03,630
God waarschuwde Israël dat het ervoor
moest oppassen de vreemdelingen in zijn

850
00:49:03,630 --> 00:49:07,530
midden niet te onderdrukken, omdat
het moest bedenken dat het zelf

851
00:49:07,530 --> 00:49:10,230
vreemdeling was geweest
in het land Egypte.

852
00:49:10,230 --> 00:49:12,690
Blijkbaar is dat gemakkelijk te vergeten.

853
00:49:12,690 --> 00:49:16,830
Wanneer je een dienaar bent, weet je
hoe je behandeld zou willen worden.

854
00:49:16,830 --> 00:49:19,590
Maar zodra je niet meer
in die positie verkeert,

855
00:49:19,590 --> 00:49:22,170
is dat misschien gemakkelijk te vergeten.

856
00:49:22,170 --> 00:49:25,590
Het is een positie die je
naar het hoofd kan stijgen,

857
00:49:25,590 --> 00:49:29,670
en misschien begin je jouw nieuwe
machtspositie te misbruiken

858
00:49:29,670 --> 00:49:33,750
tegenover mensen met wie je juist
meer medelijden zou moeten hebben.

859
00:49:33,750 --> 00:49:36,870
Wat Agur in dit opzicht
heeft gezien, weet ik niet.

860
00:49:36,870 --> 00:49:41,190
Hij spreekt ook over een dwaas
wanneer die verzadigd is met voedsel.

861
00:49:41,190 --> 00:49:44,190
Wanneer een dwaas niet aan
nuttig werk wordt gezet,

862
00:49:44,190 --> 00:49:48,150
maar rijk genoeg is om zich
eenvoudigweg vol te proppen en

863
00:49:48,150 --> 00:49:53,130
verzadigd en lui te zijn, geeft dat
hem de gelegenheid kwaad te doen.

864
00:49:53,130 --> 00:49:57,630
Het is beter om een dwaas bezig te
houden met nuttig werk en hem voor zijn

865
00:49:57,630 --> 00:49:59,970
levensonderhoud te laten werken.

866
00:49:59,970 --> 00:50:04,650
Een beetje honger zou hem misschien
enige wijsheid kunnen bijbrengen.

867
00:50:04,650 --> 00:50:08,910
God zei dat Hij Israël in de
woestijn honger had laten lijden.

868
00:50:08,910 --> 00:50:11,250
In Deuteronomium 8 zegt Hij:

869
00:50:11,250 --> 00:50:15,930
Ik liet u honger lijden om u te leren
dat de mens niet alleen van brood leeft,

870
00:50:15,930 --> 00:50:19,410
maar van ieder woord dat
uit de mond van God komt.

871
00:50:19,410 --> 00:50:23,850
God vond het blijkbaar iets positiefs
om Israël honger te laten lijden,

872
00:50:23,850 --> 00:50:26,610
zodat Hij hun goede lessen kon leren.

873
00:50:26,610 --> 00:50:29,550
Een hatelijke vrouw
wanneer zij getrouwd is.

874
00:50:29,550 --> 00:50:33,750
Nu zouden de woorden ‘hatelijke
vrouw’ hier vertaald kunnen worden als

875
00:50:33,750 --> 00:50:35,670
‘een gehate vrouw’.

876
00:50:35,670 --> 00:50:39,210
Het is dus niet duidelijk of zij
een vrouw is die hatelijk is,

877
00:50:39,210 --> 00:50:42,270
of een vrouw die door
haar man gehaat wordt.

878
00:50:42,270 --> 00:50:44,010
Beide kunnen waar zijn.

879
00:50:44,010 --> 00:50:47,910
Een vrouw van wie de man haar
haat, zou uiteindelijk heel,

880
00:50:47,910 --> 00:50:51,150
heel negatief kunnen
reageren, maar dat hoeft niet.

881
00:50:51,150 --> 00:50:55,710
Een vrouw die hatelijk is, zou voor
haar man beslist ondraaglijk zijn.

882
00:50:55,710 --> 00:51:00,570
De Engelse vertaling spreekt over een
dienstmaagd die haar meesteres opvolgt;

883
00:51:00,570 --> 00:51:04,410
de aangehaalde Nederlandse vertaling
zegt dat zij de bezittingen van

884
00:51:04,410 --> 00:51:06,090
haar meesteres erft.

885
00:51:06,090 --> 00:51:08,970
Ook dit zou lijken op
een dienaar die regeert:

886
00:51:08,970 --> 00:51:12,630
iemand die wordt verheven tot
de positie van haar eigenaar.

887
00:51:12,630 --> 00:51:15,810
Een meesteres is de eigenares
van een dienstmaagd,

888
00:51:15,810 --> 00:51:18,810
zoals Sarai de eigenares van Hagar was.

889
00:51:18,810 --> 00:51:22,590
In zekere zin leek Hagar
Sarai op te volgen,

890
00:51:22,590 --> 00:51:26,430
omdat Hagar zwanger werd
toen Sarai dat niet kon.

891
00:51:26,430 --> 00:51:30,810
Ze werd daar een beetje verwaand
door en verachtte Sarai min of meer.

892
00:51:30,810 --> 00:51:35,910
Sarai vond dat ondraaglijk en zei tegen
Abram dat hij haar moest wegsturen.

893
00:51:35,910 --> 00:51:37,710
Dit is het soort situaties dat

894
00:51:37,710 --> 00:51:42,630
Agur volgens mij waarschijnlijk had
waargenomen, waarna hij eenvoudigweg zei:

895
00:51:42,630 --> 00:51:45,330
Deze situaties gaan niet goed aflopen.

896
00:51:45,330 --> 00:51:48,870
De aarde zelf raakt door
deze dingen van streek.

897
00:51:48,870 --> 00:51:50,250
Dan zegt hij:

898
00:51:50,250 --> 00:51:55,230
Deze vier zijn het kleinst op aarde,
maar wijs zijn ze, wijs gemaakt:

899
00:51:55,230 --> 00:52:00,330
de mieren zijn een volk zonder kracht,
maar in de zomer bereiden ze hun voedsel,

900
00:52:00,330 --> 00:52:04,830
Salomo nam dat ook waar in enkele van
de Spreuken die we al hebben gezien.

901
00:52:04,830 --> 00:52:09,330
klipdassen zijn een volk zonder macht,
maar ze bouwen hun huis in de rots,

902
00:52:09,330 --> 00:52:12,870
Ze zijn kwetsbaar voor roofdieren,
maar ze weten goed genoeg

903
00:52:12,870 --> 00:52:15,450
dat ze zich in de rotsen moeten verbergen.

904
00:52:15,450 --> 00:52:18,990
Als ze geen natuurlijke, ingebouwde
verdedigingsmiddelen hebben,

905
00:52:18,990 --> 00:52:23,190
zoals een gordeldier of een schildpad
die heeft, en ze kwetsbaar zijn,

906
00:52:23,190 --> 00:52:25,950
dan zoeken ze voor zichzelf
een sterke vesting.

907
00:52:25,950 --> 00:52:27,150
Er staat:

908
00:52:27,150 --> 00:52:31,710
de sprinkhaan heeft geen koning, maar
hij trekt gezamenlijk ordelijk op,

909
00:52:31,710 --> 00:52:34,650
Zelfs zonder dat één
koning hun leiding geeft,

910
00:52:34,650 --> 00:52:38,790
lijken de sprinkhanen erin te slagen
als een leger op te trekken en alles te

911
00:52:38,790 --> 00:52:40,710
veroveren wat op hun weg komt.

912
00:52:40,710 --> 00:52:45,271
En de spin — sommige vertalingen
zeggen ‘de hagedis’ —

913
00:52:45,271 --> 00:52:47,970
een hagedis kunt u met
beide handen grijpen,

914
00:52:47,970 --> 00:52:50,610
maar hij zit in de paleizen van de koning.

915
00:52:50,610 --> 00:52:52,890
Al deze kleine schepselen worden

916
00:52:52,890 --> 00:52:56,250
ongetwijfeld als goede
voorbeelden voor mensen gegeven,

917
00:52:56,250 --> 00:52:58,710
zoals de mieren elders in Spreuken.

918
00:52:58,710 --> 00:53:02,670
De mier bereidt zich voor
op de winter. Zij is wijs.

919
00:53:02,670 --> 00:53:05,730
Zij is klein, maar heeft
veel gezond verstand,

920
00:53:05,730 --> 00:53:09,330
en waarschijnlijk zouden wij dat soort
gezond verstand ook moeten hebben,

921
00:53:09,330 --> 00:53:11,430
zelfs als wij niet zo klein zijn.

922
00:53:11,430 --> 00:53:15,510
Als we kwetsbaar zijn, moeten we
een vesting in de rots zoeken.

923
00:53:15,510 --> 00:53:20,430
Jezus is natuurlijk, zoals we
weten, onze rots en onze vesting.

924
00:53:20,430 --> 00:53:23,550
We erkennen dat we een
kwetsbaar, zwak volk zijn

925
00:53:23,550 --> 00:53:26,010
dat zijn woning in de rots zal maken.

926
00:53:26,010 --> 00:53:27,930
Wanneer we denken dat we sterk zijn,

927
00:53:27,930 --> 00:53:30,330
zullen we minder snel
naar de rots vluchten,

928
00:53:30,330 --> 00:53:34,230
de Naam van de Heere binnenvluchten,
die een sterke toren is,

929
00:53:34,230 --> 00:53:36,390
en daar veiligheid vinden.

930
00:53:36,390 --> 00:53:41,610
In staat zijn zonder leider te werken:
de sprinkhanen organiseren zichzelf.

931
00:53:41,610 --> 00:53:45,630
Ze hebben niet één koning boven
zich die hen allemaal organiseert.

932
00:53:45,630 --> 00:53:48,630
Mensen kunnen dat ook
zonder een bepaalde leider.

933
00:53:48,630 --> 00:53:52,230
Als ze dat willen, kunnen ze hun
plaats in de samenleving vinden,

934
00:53:52,230 --> 00:53:55,470
een positie innemen en
met anderen samenwerken.

935
00:53:55,470 --> 00:54:01,590
De Engelse vertaling spreekt hier van een
spin die behendig met haar poten grijpt

936
00:54:01,590 --> 00:54:04,590
en zich in de paleizen
van de koning bevindt.

937
00:54:04,590 --> 00:54:08,370
De aangehaalde Nederlandse
vertaling heeft daarentegen een

938
00:54:08,370 --> 00:54:12,150
hagedis die met beide
handen gegrepen kan worden.

939
00:54:12,150 --> 00:54:15,750
Ik weet niet precies wat met
de Engelse lezing wordt gezegd.

940
00:54:15,750 --> 00:54:19,050
Ik weet niet of ze in de paleizen
van de koning terechtkomt

941
00:54:19,050 --> 00:54:24,930
omdat ze klein genoeg is om onopgemerkt
te blijven, of wat hij daarmee wil zeggen.

942
00:54:24,930 --> 00:54:26,070
Er staat:

943
00:54:26,070 --> 00:54:33,570
Deze drie hebben een voorname tred, ja,
vier hebben een statige gang: een leeuw,

944
00:54:33,570 --> 00:54:39,450
de machtige onder de dieren, voor niemand
maakt hij rechtsomkeert, een ranke haan,

945
00:54:39,450 --> 00:54:43,290
of een bok, en een koning
met krijgsvolk bij zich.

946
00:54:43,290 --> 00:54:47,370
De windhond wordt hier in sommige
vertalingen een haan genoemd.

947
00:54:47,370 --> 00:54:51,510
Het Hebreeuwse woord dat hier
met ‘windhond’ is vertaald,

948
00:54:51,510 --> 00:54:56,910
betekent letterlijk ‘omgord van middel’,
wat duidelijk een vreemde uitdrukking is.

949
00:54:56,910 --> 00:55:01,110
Vertalers hebben blijkbaar gegist naar
iets dat een heel smal middel heeft,

950
00:55:01,110 --> 00:55:03,390
zoals een haan of een windhond.

951
00:55:03,390 --> 00:55:06,270
Het is moeilijk te weten
wat dit zou kunnen zijn.

952
00:55:06,270 --> 00:55:08,850
Er zijn van die passages
waarin het moeilijk is om

953
00:55:08,850 --> 00:55:11,190
precies te weten wat hij voor ogen heeft,

954
00:55:11,190 --> 00:55:14,850
omdat het Hebreeuwse woord niet
gemakkelijk te vertalen is.

955
00:55:14,850 --> 00:55:19,050
Er zijn mensen die eenvoudigweg met
een zelfverzekerde uitstraling lopen,

956
00:55:19,050 --> 00:55:21,150
en dat geldt ook voor dieren.

957
00:55:21,150 --> 00:55:23,490
Een leeuw wijkt voor niemand terug.

958
00:55:23,490 --> 00:55:28,230
Een koning die zijn legers bij zich
heeft, trekt vol vertrouwen voorwaarts.

959
00:55:28,230 --> 00:55:31,050
Als u dwaas gehandeld
hebt door u te verheffen,

960
00:55:31,050 --> 00:55:35,130
en als u het zich voorgenomen
hebt: de hand op de mond!

961
00:55:35,130 --> 00:55:38,850
Dat kan betekenen dat je, als
je mond verkeerde dingen zegt,

962
00:55:38,850 --> 00:55:42,930
maar beter je hand voor je mond
kunt houden, zodat je niet praat.

963
00:55:42,930 --> 00:55:44,670
Zeg geen verkeerde dingen.

964
00:55:44,670 --> 00:55:48,690
Als je je tong niet in bedwang kunt houden
door eenvoudigweg je tong in bedwang te

965
00:55:48,690 --> 00:55:51,930
houden, houd hem dan
met je hand in bedwang.

966
00:55:51,930 --> 00:55:55,590
Doe wat je moet doen om geen
onverstandige dingen te zeggen.

967
00:55:55,590 --> 00:56:01,410
Want druk op de melk brengt boter voort,
druk op de neus brengt bloed voort,

968
00:56:01,410 --> 00:56:04,710
druk van de toorn brengt onenigheid voort.

969
00:56:04,710 --> 00:56:08,550
Als je de woede van iemand anders
opwekt, zul je ruzie krijgen.

970
00:56:08,550 --> 00:56:10,830
Het is oorzaak en gevolg.

971
00:56:10,830 --> 00:56:14,310
Je karnt melk en die
zal in boter veranderen.

972
00:56:14,310 --> 00:56:17,670
Je wringt een neus en die
zal bloed voortbrengen.

973
00:56:17,670 --> 00:56:21,810
Je wekt iemands woede op en je
zult ruzie met die persoon krijgen.

974
00:56:21,810 --> 00:56:26,490
Er was een man die Holy Hubert
werd genoemd, Hubert Lindsay,

975
00:56:26,490 --> 00:56:29,850
die in de jaren zestig en
zeventig aan de Universiteit van

976
00:56:29,850 --> 00:56:32,010
Californië in Berkeley preekte.

977
00:56:32,010 --> 00:56:35,730
Hij werd vaak in elkaar geslagen
omdat hij heel brutaal was.

978
00:56:35,730 --> 00:56:39,210
Hij was een prediker die mensen
heel direct confronteerde,

979
00:56:39,210 --> 00:56:41,310
en hij stond daar jarenlang.

980
00:56:41,310 --> 00:56:44,310
Hij werd vaak in elkaar
geslagen en uitgescholden,

981
00:56:44,310 --> 00:56:47,670
maar mensen kwamen in de openbare
gedeelten van de universiteit

982
00:56:47,670 --> 00:56:51,270
naar hem luisteren omdat
hij zo buitensporig was.

983
00:56:51,270 --> 00:56:53,130
Maar hij was behoorlijk gevat.

984
00:56:53,130 --> 00:56:57,270
Hij had heel snel een antwoord klaar
voor mensen die hem uitjouwden en

985
00:56:57,270 --> 00:56:58,170
dat soort dingen.

986
00:56:58,170 --> 00:57:02,670
Zo zei iemand die hem uitjouwde
eens tegen hem: ‘Hubert,

987
00:57:02,670 --> 00:57:05,370
je moet een idioot zijn
om christen te worden.

988
00:57:05,370 --> 00:57:08,730
Je moet een idioot zijn
om christen te worden.’

989
00:57:08,730 --> 00:57:12,030
Hij zei: ‘Jij komt ervoor in aanmerking.

990
00:57:12,030 --> 00:57:14,550
Jij komt ervoor in aanmerking.’

991
00:57:14,550 --> 00:57:17,250
Hij had zulke antwoorden
echt heel snel klaar.

992
00:57:17,250 --> 00:57:20,550
Iemand die hem uitjouwde,
zei eens tegen hem: ‘Hubert,

993
00:57:20,550 --> 00:57:22,770
bewijs me dat de Bijbel waar is.’

994
00:57:22,770 --> 00:57:28,170
Hij stak zijn hand uit, greep de neus
van die man, draaide eraan en zei:

995
00:57:28,170 --> 00:57:31,050
Als je in een neus
knijpt, gaat die bloeden.

996
00:57:31,050 --> 00:57:33,750
Daarmee bewees hij dat de Bijbel waar is.

997
00:57:33,750 --> 00:57:35,910
Deze man was buitensporig.

998
00:57:35,910 --> 00:57:39,870
Hij was een legende op de Universiteit
van Californië in Berkeley.

999
00:57:39,870 --> 00:57:42,330
Hij kon die hele universiteit aan.

1000
00:57:42,330 --> 00:57:45,931
Maar goed, hij kon deze
Schrift gebruiken om —

1001
00:57:45,931 --> 00:57:49,111
ik weet niet of ik zou zeggen
met een goed resultaat of niet —

1002
00:57:49,111 --> 00:57:52,410
maar hij kon er wel mee
bewijzen dat de Bijbel waar is.

1003
00:57:52,410 --> 00:57:56,190
Maar goed, dat was het dan
wat Agurs mijmeringen betreft.

1004
00:57:56,190 --> 00:58:00,870
Dat is eigenlijk wat het werkelijk
is: niet meer dan wat mijmeringen.

1005
00:58:00,870 --> 00:58:03,810
Hij geeft ons niet werkelijk
bijzonder veel inzicht,

1006
00:58:03,810 --> 00:58:08,850
maar hij noemt wel dingen op om over
na te denken: dingen die statig lopen,

1007
00:58:08,850 --> 00:58:13,350
dingen die klein maar wijs zijn, dingen
waardoor de aarde in beroering raakt

1008
00:58:13,350 --> 00:58:16,410
en die zij niet kan verdragen, enzovoort.

1009
00:58:16,410 --> 00:58:19,770
Ik denk dat zijn voornaamste
punt misschien eenvoudigweg was

1010
00:58:19,770 --> 00:58:23,550
dat er veel dingen zijn om over
na te denken die we niet weten.

1011
00:58:23,550 --> 00:58:27,150
Als we denken dat we wijs zijn,
moeten we dat niet denken.

1012
00:58:27,150 --> 00:58:28,650
Zo wijs zijn we niet.

1013
00:58:28,650 --> 00:58:30,630
Dat is waarschijnlijk alles
wat hij probeert te zeggen.
