1
00:00:02,010 --> 00:00:04,650
Welkom bij Vers voor Vers!

2
00:00:04,650 --> 00:00:11,550
Deze keer behandelen we Titus 1,
vers 1 tot en met vers 9, deel 1.

3
00:00:11,550 --> 00:00:14,790
Laten we Titus hoofdstuk 1 opslaan.

4
00:00:14,790 --> 00:00:18,570
Er staat niet zo heel veel in Titus
dat niet ook te vinden is in de

5
00:00:18,570 --> 00:00:20,370
brieven aan Timotheus.

6
00:00:20,370 --> 00:00:23,790
Veel van de dingen in deze brief
hebben we al kunnen bespreken,

7
00:00:23,790 --> 00:00:26,130
en ik heb er commentaar op gegeven.

8
00:00:26,130 --> 00:00:30,090
Er zijn heel wat gedeelten die
rechtstreeks overgenomen lijken te zijn,

9
00:00:30,090 --> 00:00:33,930
en de thema’s die we in beide
brieven aan Timotheus tegenkwamen,

10
00:00:33,930 --> 00:00:35,490
komen hier weer terug.

11
00:00:35,490 --> 00:00:40,290
Deze brief hoort dus beslist bij dezelfde
periode en dezelfde manier van denken

12
00:00:40,290 --> 00:00:43,530
in het leven van Paulus als
die andere twee brieven.

13
00:00:43,530 --> 00:00:47,070
We hebben geen rechtstreekse
informatie over de datering.

14
00:00:47,070 --> 00:00:50,670
Het lijkt er niet op dat Paulus,
toen hij deze brief schreef,

15
00:00:50,670 --> 00:00:52,770
al voor de tweede keer gevangenzat.

16
00:00:52,770 --> 00:00:57,450
Uit informatie in de brieven aan Timotheus
weten we dat die kennelijk na zijn eerste

17
00:00:57,450 --> 00:00:59,490
gevangenschap zijn geschreven.

18
00:00:59,490 --> 00:01:02,970
Vooral van 2 Timotheus weten
we dat die tijdens een tweede

19
00:01:02,970 --> 00:01:04,770
gevangenschap is geschreven.

20
00:01:04,770 --> 00:01:08,490
Maar 1 Timotheus en Titus zijn
kennelijk tussen de eerste

21
00:01:08,490 --> 00:01:12,390
en de tweede gevangenschap
geschreven, toen Paulus vrij was.

22
00:01:12,390 --> 00:01:15,690
Dat leiden we eenvoudig af
uit het feit dat hij in deze

23
00:01:15,690 --> 00:01:20,070
twee brieven zijn gevangenschap
niet noemt, maar in 2 Timotheus wel.

24
00:01:20,070 --> 00:01:24,630
Dat hij in boeien zit, komt in 2
Timotheus heel nadrukkelijk naar voren.

25
00:01:24,630 --> 00:01:29,490
Maar noch in 1 Timotheus, noch in
Titus wordt daar iets over gezegd.

26
00:01:29,490 --> 00:01:31,950
We weten niet hoeveel
jaar er verstreken zijn

27
00:01:31,950 --> 00:01:35,370
tussen zijn vrijlating uit zijn
eerste gevangenschap en zijn

28
00:01:35,370 --> 00:01:37,710
arrestatie voor zijn tweede gevangenschap.

29
00:01:37,710 --> 00:01:42,330
Die tijdsduur zou de uiterste
grenzen aangeven voor de datering van

30
00:01:42,330 --> 00:01:44,670
1 Timotheus en Titus.

31
00:01:44,670 --> 00:01:47,910
Timotheus is iemand over
wie we heel veel weten,

32
00:01:47,910 --> 00:01:51,630
maar Titus is iemand over
wie we niet zo veel weten.

33
00:01:51,630 --> 00:01:54,870
Titus wordt zelfs niet eens in
het boek Handelingen genoemd,

34
00:01:54,870 --> 00:01:58,950
hoewel het heel duidelijk is dat hij al
in de begintijd van Paulus’ bediening

35
00:01:58,950 --> 00:02:00,750
met hem meereisde.

36
00:02:00,750 --> 00:02:05,310
In Galaten sprak Paulus over een van
zijn eerdere bezoeken aan Jeruzalem.

37
00:02:05,310 --> 00:02:08,310
Dat was kennelijk vóór de
vergadering in Jeruzalem,

38
00:02:08,310 --> 00:02:11,250
die rond het jaar 50
na Christus plaatsvond,

39
00:02:11,250 --> 00:02:13,830
en vóór de tweede zendingsreis.

40
00:02:13,830 --> 00:02:17,070
Hij en Barnabas namen
Titus mee naar Jeruzalem.

41
00:02:17,070 --> 00:02:21,690
Er wordt ons verteld dat Titus een
heiden was en niet besneden was.

42
00:02:21,690 --> 00:02:24,930
De reden dat dit in Galaten
hoofdstuk 2 wordt vermeld,

43
00:02:24,930 --> 00:02:28,350
is dat Paulus en Barnabas
door de apostelen in Jeruzalem

44
00:02:28,350 --> 00:02:32,730
op geen enkele manier onder druk werden
gezet om deze heiden te besnijden.

45
00:02:32,730 --> 00:02:36,870
En dat terwijl de vraag of bekeerlingen
uit de heidenen besneden moesten worden,

46
00:02:36,870 --> 00:02:38,910
toen nog helemaal openlag.

47
00:02:38,910 --> 00:02:42,630
Paulus en Barnabas hielden natuurlijk
krachtig vast aan het standpunt

48
00:02:42,630 --> 00:02:46,170
dat bekeerlingen uit de heidenen
niet besneden hoefden te worden.

49
00:02:46,170 --> 00:02:50,190
Maar er waren mensen in Jeruzalem, onder
wie kennelijk ook enkele oudsten in

50
00:02:50,190 --> 00:02:54,210
Jeruzalem, die vonden dat heidenen
wel besneden moesten worden.

51
00:02:54,210 --> 00:02:57,630
Tenminste, tot aan de
vergadering in Jeruzalem.

52
00:02:57,630 --> 00:03:00,930
Titus was al vrij vroeg
tot bekering gekomen.

53
00:03:00,930 --> 00:03:03,450
Mogelijk kwam hij
oorspronkelijk uit Antiochië.

54
00:03:03,450 --> 00:03:06,990
Het lijkt zelfs waarschijnlijk
dat hij uit Antiochië kwam,

55
00:03:06,990 --> 00:03:10,770
aangezien dat zowel vóór als
na hun eerste zendingsreis

56
00:03:10,770 --> 00:03:13,770
de thuisgemeente van
Paulus en Barnabas was.

57
00:03:13,770 --> 00:03:17,370
Hoewel Titus ergens anders
tot bekering gekomen kan zijn,

58
00:03:17,370 --> 00:03:20,850
is hij waarschijnlijk in
Antiochië tot bekering gekomen.

59
00:03:20,850 --> 00:03:25,290
Hoewel nergens wordt vermeld dat hij op
een van Paulus’ zendingsreizen met hem

60
00:03:25,290 --> 00:03:28,950
meereisde, betekent dat
niet dat hij dat niet deed.

61
00:03:28,950 --> 00:03:32,190
We hebben in het boek Handelingen
namelijk geen volledige lijsten van

62
00:03:32,190 --> 00:03:34,170
al Paulus’ reisgenoten.

63
00:03:34,170 --> 00:03:38,970
Uit de brief aan de Galaten weten we wel
dat hij met Paulus naar Jeruzalem ging

64
00:03:38,970 --> 00:03:43,110
bij een gelegenheid waarbij het boek
Handelingen, dat dit bezoek beschrijft,

65
00:03:43,110 --> 00:03:44,790
Titus niet noemt.

66
00:03:44,790 --> 00:03:49,410
Uit onze studie van Galaten heb ik
geconcludeerd dat het bezoek aan Jeruzalem

67
00:03:49,410 --> 00:03:54,450
waarover in Galaten 2 wordt gesproken, het
bezoek is dat in Handelingen hoofdstuk 11

68
00:03:54,450 --> 00:03:56,610
slechts heel kort wordt genoemd.

69
00:03:56,610 --> 00:04:00,510
Paulus en Barnabas brachten toen een
bezoek aan Jeruzalem om wat geld te

70
00:04:00,510 --> 00:04:03,330
bezorgen aan de arme
heiligen in Jeruzalem.

71
00:04:03,330 --> 00:04:07,950
Dat geld was door de gemeenten uit
de heidenen met collecten ingezameld.

72
00:04:07,950 --> 00:04:10,650
Daarover wordt ons in één enkel vers

73
00:04:10,650 --> 00:04:13,890
aan het eind van Handelingen
hoofdstuk 11 verteld.

74
00:04:13,890 --> 00:04:18,690
Daar worden Paulus en Barnabas
genoemd; Titus wordt niet genoemd.

75
00:04:18,690 --> 00:04:21,150
Maar we weten dat Titus bij hen was.

76
00:04:21,150 --> 00:04:24,330
Dat vertelt ons dus dat
Titus soms bij Paulus was,

77
00:04:24,330 --> 00:04:26,850
ook al vermeldt het boek
Handelingen dat niet.

78
00:04:26,850 --> 00:04:29,790
Hoeveel Titus met hem heeft
gereisd, weten we niet.

79
00:04:29,790 --> 00:04:31,770
Maar hij noemt Titus wel:

80
00:04:31,770 --> 00:04:35,970
mijn oprechte zoon overeenkomstig
het gemeenschappelijk geloof.

81
00:04:35,970 --> 00:04:39,570
Dat is dezelfde uitdrukking die
hij voor Timotheus gebruikte.

82
00:04:39,570 --> 00:04:43,050
We weten hoezeer Paulus
op Timotheus steunde.

83
00:04:43,050 --> 00:04:47,190
We weten hoe trouw Timotheus vanaf de
vroegste tijd van Paulus’ bediening

84
00:04:47,190 --> 00:04:52,470
was als een betrouwbare helper en
afgevaardigde of gezant van Paulus.

85
00:04:52,470 --> 00:04:55,710
Titus wordt met dezelfde
liefdevolle benaming aangeduid

86
00:04:55,710 --> 00:05:00,030
en heeft misschien wel bijna evenveel
met Paulus gereisd als Timotheus.

87
00:05:00,030 --> 00:05:04,710
In elk geval blijkt uit de brief aan
Titus dat Paulus aan Titus soortgelijke

88
00:05:04,710 --> 00:05:09,870
taken toevertrouwde als aan Timotheus,
namelijk het aanstellen van oudsten.

89
00:05:09,870 --> 00:05:12,510
Timotheus werd naar Efeze gestuurd.

90
00:05:12,510 --> 00:05:15,270
Daarom hoefde hij daar geen
oudstenraad in te stellen,

91
00:05:15,270 --> 00:05:18,810
want de oudstenraad in Efeze
bestond al lang voordat Timotheus

92
00:05:18,810 --> 00:05:20,430
daarheen werd gestuurd.

93
00:05:20,430 --> 00:05:23,070
Paulus had de gemeente in Efeze gesticht.

94
00:05:23,070 --> 00:05:26,010
En we weten dat Paulus
op weg naar Jeruzalem,

95
00:05:26,010 --> 00:05:28,410
toen hij daar voor de
laatste keer naartoe ging,

96
00:05:28,410 --> 00:05:32,490
zelfs een ontmoeting had gehad met
de oudsten van de gemeente in Efeze.

97
00:05:32,490 --> 00:05:37,830
Hij ontmoette hen in Milete, en dat was
voordat Paulus Timotheus daarheen stuurde.

98
00:05:37,830 --> 00:05:42,090
Maar Timotheus kreeg niettemin
richtlijnen voor het kiezen van oudsten.

99
00:05:42,090 --> 00:05:46,350
Kennelijk moest Timotheus dus betrokken
zijn bij het aanstellen van vervangers,

100
00:05:46,350 --> 00:05:49,050
misschien voor oudsten
die gestorven waren.

101
00:05:49,050 --> 00:05:54,270
Of misschien was de gemeente eenvoudig zo
gegroeid dat ze meer leiders nodig had.

102
00:05:54,270 --> 00:05:58,110
Timotheus kreeg te horen hoe hij
oudsten moest toevoegen aan een groep

103
00:05:58,110 --> 00:05:59,550
die al bestond.

104
00:05:59,550 --> 00:06:04,710
Titus werd, naar het lijkt, naar een
gemeente gestuurd die nog maar pas bestond

105
00:06:04,710 --> 00:06:06,870
en misschien zelfs nog geen oudsten had.

106
00:06:06,870 --> 00:06:10,890
Ook hij krijgt te horen dat
hij oudsten moet aanstellen.

107
00:06:10,890 --> 00:06:15,570
We weten het niet zeker, maar er zijn
geen aanwijzingen dat er op Kreta,

108
00:06:15,570 --> 00:06:18,450
waar Titus was, al een
oudstenraad bestond.

109
00:06:18,450 --> 00:06:22,950
In het boek Handelingen wordt niet
eens vermeld dat Paulus Kreta bezocht,

110
00:06:22,950 --> 00:06:26,370
behalve één keer tijdens een storm
op zijn eerste reis naar Rome,

111
00:06:26,370 --> 00:06:30,750
toen hij geboeid was en voor zijn
berechting naar Rome werd overgebracht.

112
00:06:30,750 --> 00:06:33,210
Het schip legde wel even aan op Kreta,

113
00:06:33,210 --> 00:06:35,790
alleen om te schuilen
voor het slechte weer.

114
00:06:35,790 --> 00:06:38,790
Of Titus Paulus bij die
gelegenheid vergezelde

115
00:06:38,790 --> 00:06:42,270
en toen op Kreta werd achtergelaten,
kunnen we niet zeggen.

116
00:06:42,270 --> 00:06:45,450
Het boek Handelingen zwijgt
daar namelijk volledig over.

117
00:06:45,450 --> 00:06:47,850
Wat we in Handelingen in
elk geval niet vinden,

118
00:06:47,850 --> 00:06:52,830
is enig bewijs dat Paulus tijdens dat
bezoek een gemeente op Kreta stichtte.

119
00:06:52,830 --> 00:06:54,330
Hij was een gevangene.

120
00:06:54,330 --> 00:06:56,970
Het is onwaarschijnlijk
dat ze eropuit gingen,

121
00:06:56,970 --> 00:07:00,630
een gemeente stichtten en Titus
daar de leiding over gaven.

122
00:07:00,630 --> 00:07:04,710
Het is waarschijnlijker dat er,
toen Paulus op Kreta aanlegde,

123
00:07:04,710 --> 00:07:06,630
geen christenen waren.

124
00:07:06,630 --> 00:07:10,230
We lezen in Handelingen dat bepaalde
christenen uit steden Paulus

125
00:07:10,230 --> 00:07:13,110
tegemoetkwamen toen hij naar Rome reisde,

126
00:07:13,110 --> 00:07:16,050
maar vanuit Kreta kwam
niemand hem tegemoet.

127
00:07:16,050 --> 00:07:19,470
Waarschijnlijk waren daar geen
christenen toen Paulus zijn eerste

128
00:07:19,470 --> 00:07:21,270
reis naar Rome maakte.

129
00:07:21,270 --> 00:07:23,490
Daarom is het waarschijnlijk dat Paulus,

130
00:07:23,490 --> 00:07:26,610
toen hij uit zijn eerste
gevangenschap werd vrijgelaten,

131
00:07:26,610 --> 00:07:30,930
naar Kreta ging of eenvoudigweg
Titus daarheen stuurde.

132
00:07:30,930 --> 00:07:34,050
Waarschijnlijker is dat
Paulus er zelf naartoe ging,

133
00:07:34,050 --> 00:07:38,190
de gemeente stichtte en Titus
achterliet om de zaken te regelen.

134
00:07:38,190 --> 00:07:39,750
In vers 5 staat:

135
00:07:39,750 --> 00:07:42,330
Om die reden heb ik u
op Kreta achtergelaten,

136
00:07:42,330 --> 00:07:45,090
opdat u verder in orde zou
brengen wat nog ontbrak,

137
00:07:45,090 --> 00:07:49,650
en van stad tot stad ouderlingen zou
aanstellen, zoals ik u opgedragen heb.

138
00:07:49,650 --> 00:07:53,970
Dat klinkt alsof Paulus zelf met
Titus op Kreta was en Titus vervolgens

139
00:07:53,970 --> 00:07:57,330
achterliet toen Paulus verder
trok naar andere plaatsen.

140
00:07:57,330 --> 00:08:01,590
Afgezien van deze kleine stukjes
informatie weten we niet erg veel.

141
00:08:01,590 --> 00:08:04,950
We weten wel dat Paulus,
toen hij deze brief schreef,

142
00:08:04,950 --> 00:08:07,110
net als toen hij 2 Timotheus schreef,

143
00:08:07,110 --> 00:08:10,290
de ontvangers aanspoorde
om hem te komen bezoeken.

144
00:08:10,290 --> 00:08:13,650
Hij zei tegen Timotheus
in 2 Timotheus dat hij

145
00:08:13,650 --> 00:08:15,750
vóór de winter naar hem toe moest komen

146
00:08:15,750 --> 00:08:19,110
en zijn mantel en zijn
perkamenten moest meebrengen.

147
00:08:19,110 --> 00:08:21,390
Deze brief is van daarvoor.

148
00:08:21,390 --> 00:08:24,360
Om de een of andere reden,
hij zegt niet waarom,

149
00:08:24,360 --> 00:08:29,430
wil hij dat ook Titus hem komt bezoeken,
waar Paulus zich ook mag bevinden.

150
00:08:29,430 --> 00:08:33,990
Hij is in Nikopolis, maar niemand
weet helemaal zeker waar dat is.

151
00:08:33,990 --> 00:08:37,110
We lezen in hoofdstuk 3, vers 12:

152
00:08:37,110 --> 00:08:40,770
Wanneer ik Artemas naar u
toe zal sturen of Tychikus,

153
00:08:40,770 --> 00:08:44,310
beijver u dan naar mij
toe te komen in Nikopolis,

154
00:08:44,310 --> 00:08:47,250
want ik heb besloten daar
de winter door te brengen.

155
00:08:47,250 --> 00:08:51,630
Paulus overwoog op dat moment
Artemas of Tychicus te sturen om

156
00:08:51,630 --> 00:08:53,850
Titus op Kreta te vervangen.

157
00:08:53,850 --> 00:08:58,170
Hij zegt dat Titus naar hem toe moet
komen zodra deze mensen aankomen,

158
00:08:58,170 --> 00:09:00,930
of het nu Artemas of Tychicus is.

159
00:09:00,930 --> 00:09:05,970
Titus kon zijn post niet verlaten zolang
er niemand was om die plaats in te nemen.

160
00:09:05,970 --> 00:09:10,230
Titus moest oudsten aanstellen en de
dingen doen die hij hoorde te doen,

161
00:09:10,230 --> 00:09:13,650
maar hij moest klaarstaan om van
zijn taken te worden ontheven

162
00:09:13,650 --> 00:09:16,890
zodra de volgende boodschapper
van Paulus aankwam.

163
00:09:16,890 --> 00:09:21,450
Paulus wist in vers 12 blijkbaar niet
zeker of hij van plan was Artemas of

164
00:09:21,450 --> 00:09:24,210
Tychicus te sturen. Hij zegt:

165
00:09:24,210 --> 00:09:26,370
‘Artemas of Tychikus.’

166
00:09:26,370 --> 00:09:29,670
Blijkbaar wist hij niet zeker
wie van de twee het zou worden.

167
00:09:29,670 --> 00:09:33,570
We weten wel dat in 2 Timotheus
wordt gezegd dat Tychicus naar

168
00:09:33,570 --> 00:09:35,310
Efeze is gestuurd.

169
00:09:35,310 --> 00:09:39,210
In 2 Timotheus hoofdstuk
4, vers 12, zegt hij:

170
00:09:39,210 --> 00:09:41,910
Tychikus heb ik naar Efeze gestuurd.

171
00:09:41,910 --> 00:09:45,030
Het kan dus zijn dat Paulus,
toen hij Titus schreef,

172
00:09:45,030 --> 00:09:49,650
niet zeker wist of hij Artemas of
Tychicus naar Kreta zou sturen.

173
00:09:49,650 --> 00:09:53,850
Uiteindelijk besloot hij Tychicus
naar Efeze te sturen en stuurde hij

174
00:09:53,850 --> 00:09:55,530
Artemas naar Kreta.

175
00:09:55,530 --> 00:09:57,990
We kunnen dat op geen enkele manier weten.

176
00:09:57,990 --> 00:10:02,190
Hoe dan ook, het doel van het sturen
van een van deze mannen naar Titus

177
00:10:02,190 --> 00:10:06,330
was dat Titus Kreta kon verlaten en
naar de plaats kon komen waar Paulus

178
00:10:06,330 --> 00:10:08,310
was, in Nikopolis.

179
00:10:08,310 --> 00:10:12,990
Hoofdstuk 3, vers 12, suggereert dat
Paulus daar op het moment van schrijven

180
00:10:12,990 --> 00:10:14,790
was, in Nikopolis.

181
00:10:14,790 --> 00:10:19,110
Er is meer dan één plaats in de oude
wereld die bekendstaat als Nikopolis,

182
00:10:19,110 --> 00:10:22,830
en geleerden weten niet zeker
welke plaats dit precies was.

183
00:10:22,830 --> 00:10:26,250
Maar het lijkt wel een verdere
aanwijzing dat Paulus uit zijn eerste

184
00:10:26,250 --> 00:10:30,810
gevangenschap was vrijgelaten, want we
lezen nergens dat hij daarvoor ooit naar

185
00:10:30,810 --> 00:10:33,510
een plaats met de naam Nikopolis ging.

186
00:10:33,510 --> 00:10:37,110
Hij moet zijn vrijgelaten en
die reis later hebben gemaakt.

187
00:10:37,110 --> 00:10:41,370
Net als de andere pastorale brieven
is de brief aan Titus geschreven om

188
00:10:41,370 --> 00:10:43,350
orde in de gemeente te brengen.

189
00:10:43,350 --> 00:10:49,410
Paulus zei tegen Timotheus in 1
Timotheus hoofdstuk 3, vers 14 en 15:

190
00:10:49,410 --> 00:10:53,850
Deze dingen schrijf ik u, in de
hoop spoedig naar u toe te komen.

191
00:10:53,850 --> 00:10:56,370
Maar voor het geval
dat ik langer wegblijf,

192
00:10:56,370 --> 00:10:59,970
weet u nu hoe men zich moet
gedragen in het huis van God,

193
00:10:59,970 --> 00:11:05,310
dat is de gemeente van de levende God,
zuil en fundament van de waarheid.

194
00:11:05,310 --> 00:11:10,410
Hij schrijft dus aanwijzingen over hoe
je je in de gemeente behoort te gedragen.

195
00:11:10,410 --> 00:11:13,650
Ook Titus wordt blijkbaar
met dat doel gestuurd.

196
00:11:13,650 --> 00:11:16,830
Volgens Titus hoofdstuk 1, vers 5:

197
00:11:16,830 --> 00:11:19,890
Om die reden heb ik u
op Kreta achtergelaten,

198
00:11:19,890 --> 00:11:22,950
opdat u verder in orde zou
brengen wat nog ontbrak,

199
00:11:22,950 --> 00:11:28,290
en van stad tot stad ouderlingen zou
aanstellen, zoals ik u opgedragen heb.

200
00:11:28,290 --> 00:11:31,560
Orde in de gemeente was iets
waar Paulus belang aan hechtte.

201
00:11:31,560 --> 00:11:35,370
Een van de belangrijkste dingen die
blijkbaar moesten bijdragen aan een

202
00:11:35,370 --> 00:11:39,090
ordelijker gemeente, was
het aanstellen van leiders.

203
00:11:39,090 --> 00:11:42,990
Het is duidelijk een wanordelijke
situatie wanneer een gemeente

204
00:11:42,990 --> 00:11:47,010
helemaal geen erkende leiders
heeft, van welke aard dan ook.

205
00:11:47,010 --> 00:11:51,090
Wanneer er een vacuüm in de leiding
is, is er altijd wel iemand,

206
00:11:51,090 --> 00:11:55,590
meestal iemand met het slechtste karakter,
die naar voren wil komen om die plaats

207
00:11:55,590 --> 00:11:56,910
in te nemen.

208
00:11:56,910 --> 00:12:01,110
Vaak willen de mensen die geschikt zijn
om leiding te geven die positie niet.

209
00:12:01,110 --> 00:12:04,950
En degenen die haar wel willen, zijn
degenen die je het minst graag als

210
00:12:04,950 --> 00:12:05,970
leiders zou hebben.

211
00:12:05,970 --> 00:12:10,890
Dus zegt Paulus tegen Titus: ‘Je moet
een paar goede mannen aanstellen.’

212
00:12:10,890 --> 00:12:13,950
Dat is blijkbaar een van de
dingen die op Kreta ontbreken.

213
00:12:13,950 --> 00:12:16,110
Kreta was een eiland.

214
00:12:16,110 --> 00:12:18,150
Het was zelf geen stad.

215
00:12:18,150 --> 00:12:20,250
Er lagen verschillende steden op.

216
00:12:20,250 --> 00:12:24,030
Het lijkt erop dat er op het moment dat
Paulus dit schreef in elke stad op het

217
00:12:24,030 --> 00:12:27,570
eiland gemeenten waren, want
hij zegt dat er in elke stad

218
00:12:27,570 --> 00:12:29,670
oudsten aangesteld moeten worden.

219
00:12:29,670 --> 00:12:32,670
Natuurlijk waren er misschien
niet in elke stad gemeenten,

220
00:12:32,670 --> 00:12:35,850
en moesten er alleen oudsten
worden aangesteld in elke stad waar

221
00:12:35,850 --> 00:12:37,350
een gemeente was.

222
00:12:37,350 --> 00:12:41,430
Ook dat zou een zinnige manier
zijn om zijn woorden op te vatten.

223
00:12:41,430 --> 00:12:46,530
Maar het doet wel vermoeden dat er op
dat eiland meer dan, laten we zeggen,

224
00:12:46,530 --> 00:12:50,010
twee steden waren waar
gemeenten waren gesticht.

225
00:12:50,010 --> 00:12:53,190
En aangezien Paulus Titus
daar had achtergelaten,

226
00:12:53,190 --> 00:12:56,550
doet dat vermoeden dat
Paulus er zelf geweest was.

227
00:12:56,550 --> 00:13:00,690
Ik denk dat we waarschijnlijk mogen
aannemen dat Paulus in de periode tussen

228
00:13:00,690 --> 00:13:04,230
zijn eerste en tweede
gevangenschap een aantal gemeenten,

229
00:13:04,230 --> 00:13:07,890
een hele reeks gemeenten,
op dat eiland had gesticht.

230
00:13:07,890 --> 00:13:12,450
Een van de problemen op Kreta was
het karakter van de Kretenzers zelf.

231
00:13:12,450 --> 00:13:15,810
Ze waren geneigd tot
luiheid en kwaadaardigheid,

232
00:13:15,810 --> 00:13:18,510
en Paulus stelt dat heel duidelijk vast.

233
00:13:18,510 --> 00:13:23,490
Hij haalt zelfs een van hun eigen dichters
aan om die beoordeling te bevestigen.

234
00:13:23,490 --> 00:13:26,250
En er was blijkbaar een
bijzonder probleem met

235
00:13:26,250 --> 00:13:29,190
onruststokers uit de besnijdenispartij.

236
00:13:29,190 --> 00:13:31,890
Hij zegt in vers 10 van hoofdstuk 1:

237
00:13:31,890 --> 00:13:37,110
Want er zijn ook veel opstandigen,
mensen die zinloos praten en misleiders,

238
00:13:37,110 --> 00:13:39,450
vooral die van de besnijdenis zijn.

239
00:13:39,450 --> 00:13:42,990
In veel gevallen betekent ‘van
de besnijdenis’ in de geschriften

240
00:13:42,990 --> 00:13:44,550
van Paulus Joden.

241
00:13:44,550 --> 00:13:47,310
In dit geval denk ik niet
dat hij Joden bedoelt.

242
00:13:47,310 --> 00:13:51,570
Soms is het woord ‘besnijdenis’
gewoon een aanduiding voor de Joden,

243
00:13:51,570 --> 00:13:55,650
en is ‘onbesnedenheid’ een
aanduiding voor heidenen.

244
00:13:55,650 --> 00:13:58,410
Maar ik geloof niet dat
dit hier het geval is.

245
00:13:58,410 --> 00:14:03,270
Ik geloof dat de besnijdenis hier
verwijst naar de besnijdenispartij,

246
00:14:03,270 --> 00:14:08,430
die groep waarnaar hij in Filippenzen
hoofdstuk 3 verwijst, waar hij zegt:

247
00:14:08,430 --> 00:14:11,370
Pas op voor de snijders, de versnijdenis.

248
00:14:11,370 --> 00:14:15,390
Daarmee bedoelt hij een groepering van
mensen die blijkbaar nauw genoeg met de

249
00:14:15,390 --> 00:14:19,050
gemeente verweven waren om als
christenen te worden beschouwd,

250
00:14:19,050 --> 00:14:20,970
maar die gevaarlijk waren.

251
00:14:20,970 --> 00:14:24,690
In Filippenzen hoofdstuk
3, vers 2, zegt hij:

252
00:14:24,690 --> 00:14:29,910
Let op de honden, let op de slechte
arbeiders, let op de versnijdenis.

253
00:14:29,910 --> 00:14:32,550
Of ‘de snijders’ in het Grieks.

254
00:14:32,550 --> 00:14:34,110
Want, zegt hij:

255
00:14:34,110 --> 00:14:36,240
‘Want wij zijn de besnijdenis.’

256
00:14:36,240 --> 00:14:40,110
Daarmee bedoelt hij de
werkelijk besneden mensen.

257
00:14:40,110 --> 00:14:44,850
In Filippenzen 3:2 spreekt hij dus over
een groep mensen die de snijders worden

258
00:14:44,850 --> 00:14:49,890
genoemd, of de besnijdenispartij,
zoals geleerden hen gewoonlijk noemen.

259
00:14:49,890 --> 00:14:55,710
En vrijwel zeker verwijst ‘van de
besnijdenis’ hier in Titus 1:10 naar een

260
00:14:55,710 --> 00:15:00,930
partij in de gemeente, een sekte die
de besnijdenis van heidenen bepleitte.

261
00:15:00,930 --> 00:15:04,350
Dat het in dit geval geen Joden
waren die daarvoor pleitten,

262
00:15:04,350 --> 00:15:08,850
lijkt duidelijk uit hoofdstuk
1, vers 12, waar staat:

263
00:15:08,850 --> 00:15:14,730
Een van hen, hun eigen profeet, heeft
gezegd: Kretenzen zijn altijd leugenaars,

264
00:15:14,730 --> 00:15:17,430
kwade beesten, luie buiken.

265
00:15:17,430 --> 00:15:21,030
Hier wordt getuigd tegen iemand
van de besnijdenispartij,

266
00:15:21,030 --> 00:15:24,570
een van de onruststokers die hij
een paar verzen eerder noemde.

267
00:15:24,570 --> 00:15:29,130
Degene die tegen hen getuigt, komt uit
hun eigen midden en spreekt zich tegen

268
00:15:29,130 --> 00:15:30,870
de Kretenzers uit.

269
00:15:30,870 --> 00:15:34,050
Dit doet vermoeden dat
zij zelf Kretenzers zijn,

270
00:15:34,050 --> 00:15:38,130
net zoals degene die zich tegen
hen uitsprak een Kretenzer was.

271
00:15:38,130 --> 00:15:42,780
Dus de mensen van Kreta, dat wil zeggen de
oorspronkelijke bewoners van het eiland,

272
00:15:42,780 --> 00:15:45,630
lijken de onruststokers te zijn.

273
00:15:45,630 --> 00:15:48,810
In dit geval zijn het geen
Joden die daarheen zijn gekomen,

274
00:15:48,810 --> 00:15:52,890
hoewel de aanwezigheid van zo'n partij
doet vermoeden dat er misschien Joodse

275
00:15:52,890 --> 00:15:56,730
voorstanders van de besnijdenis,
judaïsten, geweest waren.

276
00:15:56,730 --> 00:16:00,990
Maar als ze er geweest waren, waren ze
nu blijkbaar waarschijnlijk vertrokken.

277
00:16:00,990 --> 00:16:04,290
Want Paulus richt zijn
opmerkingen niet tegen Joden,

278
00:16:04,290 --> 00:16:09,510
maar tegen Kretenzers die Joodse mythen
en de besnijdenis enzovoort bepleiten,

279
00:16:09,510 --> 00:16:11,070
zoals we zullen zien.

280
00:16:11,070 --> 00:16:14,910
Dat doet vermoeden dat sommige
christenen op Kreta een aantal van deze

281
00:16:14,910 --> 00:16:16,950
leerstellingen hadden overgenomen,

282
00:16:16,950 --> 00:16:19,650
oorspronkelijk waarschijnlijk
uit een Joodse bron.

283
00:16:19,650 --> 00:16:23,130
Hij pleit in deze brief
heel vaak voor goede werken.

284
00:16:23,130 --> 00:16:28,230
Dat doet vermoeden dat de Kretenzers,
omdat ze van nature tot luiheid neigden,

285
00:16:28,230 --> 00:16:32,250
na hun bekering moesten worden
aangespoord om goede dingen te gaan doen.

286
00:16:32,250 --> 00:16:35,430
En dat zien we in vers 12 van hoofdstuk 1:

287
00:16:35,430 --> 00:16:40,290
‘Ze zijn leugenaars, wilde
beesten en luie veelvraten.’

288
00:16:40,290 --> 00:16:43,230
Hij zegt over deze mensen in vers 16:

289
00:16:43,230 --> 00:16:48,390
Zij belijden dat zij God kennen, maar
zij verloochenen Hem met hun werken,

290
00:16:48,390 --> 00:16:52,290
aangezien zij verfoeilijk zijn
en ongehoorzaam en tot elk

291
00:16:52,290 --> 00:16:54,270
goed werk ongeschikt.

292
00:16:54,270 --> 00:16:57,150
Sommige van deze mensen
waren christen geworden,

293
00:16:57,150 --> 00:16:59,670
of beleden tenminste christen te zijn.

294
00:16:59,670 --> 00:17:01,110
Maar hun gedrag was nog niet

295
00:17:01,110 --> 00:17:04,590
werkelijk in overeenstemming
gekomen met hun belijdenis.

296
00:17:04,590 --> 00:17:09,450
Hun mond beleed het, maar hun
daden ontkenden dat ze God kenden.

297
00:17:09,450 --> 00:17:12,990
Zo zien we in de laatste
regel van vers 16 over hen:

298
00:17:12,990 --> 00:17:15,870
‘Ze deugen voor geen enkel goed werk.’

299
00:17:15,870 --> 00:17:21,270
En de uitdrukking ‘goed werk’ wordt
herhaaldelijk gebruikt in het boek Titus.

300
00:17:21,270 --> 00:17:24,450
In vers 7 zegt hij
bijvoorbeeld tegen Titus:

301
00:17:24,450 --> 00:17:28,350
Betoon uzelf in alles een
voorbeeld van goede werken.

302
00:17:28,350 --> 00:17:33,570
Betoon in het onderwijs zuiverheid,
waardigheid, oprechtheid,

303
00:17:33,570 --> 00:17:37,590
Verderop, in vers 14 van
hoofdstuk 2, zegt hij:

304
00:17:37,590 --> 00:17:42,270
Hij heeft Zichzelf voor ons gegeven,
opdat Hij ons zou vrijkopen van alle

305
00:17:42,270 --> 00:17:46,890
wetteloosheid en voor Zichzelf
een eigen volk zou reinigen,

306
00:17:46,890 --> 00:17:48,930
ijverig in goede werken.

307
00:17:48,930 --> 00:17:51,990
In hoofdstuk 3, vers 1, zegt hij:

308
00:17:51,990 --> 00:17:57,450
Herinner hen eraan dat zij de overheden
en machten onderdanig behoren te zijn,

309
00:17:57,450 --> 00:18:02,550
dat zij hun gehoorzaam zijn en dat
zij tot elk goed werk bereid zijn,

310
00:18:02,550 --> 00:18:06,030
In hoofdstuk 3, vers 8, zegt hij:

311
00:18:06,030 --> 00:18:10,710
Dit is een betrouwbaar woord en ik
wil dat u deze dingen sterk benadrukt,

312
00:18:10,710 --> 00:18:14,250
opdat zij die in God geloven,
ervoor zorgen dat zij

313
00:18:14,250 --> 00:18:17,550
anderen voorgaan in het
doen van goede werken.

314
00:18:17,550 --> 00:18:20,850
Deze dingen zijn goed en
nuttig voor de mensen.

315
00:18:20,850 --> 00:18:25,350
En hij zegt het nog één laatste
keer in hoofdstuk 3, vers 14:

316
00:18:25,350 --> 00:18:29,730
En ook de onzen moeten leren anderen voor
te gaan in het doen van goede werken,

317
00:18:29,730 --> 00:18:32,670
om in de noodzakelijke
levensbehoeften te voorzien,

318
00:18:32,670 --> 00:18:34,890
opdat zij niet onvruchtbaar zijn.

319
00:18:34,890 --> 00:18:39,570
In een brief die zo kort is, maar drie
hoofdstukken, die allemaal kort zijn,

320
00:18:39,570 --> 00:18:43,650
benadrukt hij maar liefst zes
keer de noodzaak van goede werken.

321
00:18:43,650 --> 00:18:46,770
Gemiddeld komt dat neer op
twee keer per kort hoofdstuk.

322
00:18:46,770 --> 00:18:49,650
Dat betekent dat goede
werken in deze brief

323
00:18:49,650 --> 00:18:53,970
veel nadrukkelijker naar voren komen
dan in de meeste brieven van Paulus.

324
00:18:53,970 --> 00:18:57,630
We weten uit wat Paulus elders
schrijft, en ook uit Titus,

325
00:18:57,630 --> 00:19:00,390
dat goede werken geen
middel tot behoud zijn,

326
00:19:00,390 --> 00:19:03,870
maar wel behoren tot de dingen
die met behoud gepaard gaan.

327
00:19:03,870 --> 00:19:07,710
Als iemand behouden is, zal hij
dat met goede werken laten zien.

328
00:19:07,710 --> 00:19:11,910
Als hij geen goede werken heeft,
laat hij eenvoudig zien dat hij geen

329
00:19:11,910 --> 00:19:13,650
veranderd leven heeft.

330
00:19:13,650 --> 00:19:18,150
Paulus spoort deze mensen aan om door
hun gedrag te laten zien dat ze gelovigen

331
00:19:18,150 --> 00:19:22,890
zijn, net zoals Jakobus iets
dergelijks zei over geloof en werken.

332
00:19:22,890 --> 00:19:26,070
Laten we beginnen met Titus, hoofdstuk 1.

333
00:19:26,070 --> 00:19:31,686
Het geheel is heel kort: eenendertig
plus vijftien, zesenveertig verzen.

334
00:19:31,686 --> 00:19:34,410
Zesenveertig verzen in totaal.

335
00:19:34,410 --> 00:19:37,830
Er zijn hoofdstukken in 1
Korinthe die langer zijn.

336
00:19:37,830 --> 00:19:41,610
Bovendien behandelen veel van deze
zesenveertig verzen onderwerpen

337
00:19:41,610 --> 00:19:46,050
die we al grotendeels hebben onderzocht
in de eerdere brieven aan Timotheus.

338
00:19:46,050 --> 00:19:50,910
Paulus, een dienstknecht van God
en een apostel van Jezus Christus,

339
00:19:50,910 --> 00:19:54,450
overeenkomstig het geloof
van de uitverkorenen van God

340
00:19:54,450 --> 00:19:58,710
en de kennis van de waarheid, die in
overeenstemming met de godsvrucht is,

341
00:19:58,710 --> 00:20:03,330
in de hoop op het eeuwige leven,
dat God, Die niet liegen kan,

342
00:20:03,330 --> 00:20:05,370
vóór de tijden der eeuwen beloofd heeft.

343
00:20:05,370 --> 00:20:10,950
En Hij heeft op de door Hem bestemde tijd
Zijn Woord geopenbaard, door de prediking,

344
00:20:10,950 --> 00:20:16,890
die aan mij toevertrouwd is overeenkomstig
het bevel van God, onze Zaligmaker.

345
00:20:16,890 --> 00:20:19,470
Aan Titus, mijn oprechte zoon

346
00:20:19,470 --> 00:20:22,290
overeenkomstig het
gemeenschappelijk geloof:

347
00:20:22,290 --> 00:20:25,170
Er zijn hier een paar
dingen waarop ik wil wijzen.

348
00:20:25,170 --> 00:20:28,290
Hij heeft zijn groet nog
niet eens uitgesproken.

349
00:20:28,290 --> 00:20:30,450
Die komt in vers 4:

350
00:20:30,450 --> 00:20:35,250
genade, barmhartigheid en
vrede zij u van God de Vader

351
00:20:35,250 --> 00:20:38,970
en van de Heere Jezus
Christus, onze Zaligmaker.

352
00:20:38,970 --> 00:20:42,330
Maar hij heeft deze lange
leerstellige uiteenzetting,

353
00:20:42,330 --> 00:20:47,190
en hij zegt dat hij een dienaar van God
en een apostel van Jezus Christus is

354
00:20:47,190 --> 00:20:50,310
overeenkomstig het geloof
van Gods uitverkorenen.

355
00:20:50,310 --> 00:20:55,110
Ik heb sommige predikers dit vers horen
uitleggen alsof het betekent dat iemand

356
00:20:55,110 --> 00:21:00,210
alleen werkelijk een apostel kan zijn als
Gods uitverkorenen geloven dat hij een

357
00:21:00,210 --> 00:21:02,490
apostel is. Hij zegt:

358
00:21:02,490 --> 00:21:07,170
‘Ik ben apostel op grond van het
geloof van Gods uitverkorenen.’

359
00:21:07,170 --> 00:21:11,310
Met ‘geloof’ wordt in die
uitleg ‘overtuiging’ bedoeld.

360
00:21:11,310 --> 00:21:15,870
Ik heb dit horen gebruiken alsof het wil
zeggen dat iemands apostelschap eigenlijk

361
00:21:15,870 --> 00:21:17,790
iets subjectiefs is.

362
00:21:17,790 --> 00:21:20,430
Als deze gemeente hem
als apostel aanvaardt,

363
00:21:20,430 --> 00:21:22,830
dan is hij voor hen een apostel.

364
00:21:22,830 --> 00:21:25,830
Als hij ergens anders niet
als apostel wordt aanvaard,

365
00:21:25,830 --> 00:21:28,890
dan is hij voor hen geen apostel.

366
00:21:28,890 --> 00:21:31,830
Misschien is er enige steun
voor dit idee te vinden

367
00:21:31,830 --> 00:21:34,530
in wat Paulus tegen de Korinthiërs zegt:

368
00:21:34,530 --> 00:21:37,890
Ben ik niet een apostel? Ben ik niet vrij?

369
00:21:37,890 --> 00:21:41,370
Heb ik niet Jezus Christus,
onze Heere, gezien?

370
00:21:41,370 --> 00:21:43,410
Bent u niet mijn werk in de Heere?

371
00:21:43,410 --> 00:21:47,310
Als ik voor anderen geen apostel
ben, dan ben ik het toch wel voor u,

372
00:21:47,310 --> 00:21:50,790
want u bent het zegel van
mijn apostelschap in de Heere.

373
00:21:50,790 --> 00:21:55,050
Maar ik denk niet dat Paulus erkent
dat hij, objectief gesproken,

374
00:21:55,050 --> 00:21:58,890
geen apostel is en dat hij alleen
een apostel is voor degenen die hem

375
00:21:58,890 --> 00:22:00,570
als zodanig erkennen.

376
00:22:00,570 --> 00:22:02,190
Ik denk dat hij zegt:

377
00:22:02,190 --> 00:22:06,390
‘Ook al zou ik voor anderen geen
apostel zijn.’ Voor anderen, dus.

378
00:22:06,390 --> 00:22:08,910
Hij was geen apostel voor de Joden.

379
00:22:08,910 --> 00:22:11,190
Hij was een apostel voor de heidenen.

380
00:22:11,190 --> 00:22:14,910
Hij was niet gezonden naar de
besnedenen, maar naar de onbesnedenen,

381
00:22:14,910 --> 00:22:19,050
en met die anderen zouden zij
bedoeld kunnen zijn. Maar hij zegt:

382
00:22:19,050 --> 00:22:20,970
Voor jullie ben ik dat zeker.

383
00:22:20,970 --> 00:22:24,630
Wat iemand tot apostel maakt, is echter
niet of mensen geloven dat hij dat

384
00:22:24,630 --> 00:22:25,830
is of niet.

385
00:22:25,830 --> 00:22:30,150
Er waren mensen in Korinthe die niet
geloofden dat Paulus een apostel was.

386
00:22:30,150 --> 00:22:32,850
Ze trokken zijn apostelschap
in twijfel, maar

387
00:22:32,850 --> 00:22:35,310
daardoor was hij niet minder een apostel.

388
00:22:35,310 --> 00:22:40,590
Wat iemand tot apostel maakt, is of
God, of meer bepaald Jezus Christus,

389
00:22:40,590 --> 00:22:43,530
hem heeft gezonden om apostel te zijn.

390
00:22:43,530 --> 00:22:48,150
Dat is wat het woord apostel
betekent: iemand die gezonden is.

391
00:22:48,150 --> 00:22:51,870
Als iemand door Christus
gezonden is, is hij een apostel,

392
00:22:51,870 --> 00:22:56,130
of ook maar één persoon in de
hele wereld dat nu erkent of niet.

393
00:22:56,130 --> 00:23:00,090
Paulus suggereert hier niet dat zijn
apostelschap berust op de bevestiging van

394
00:23:00,090 --> 00:23:04,590
de mensen op wie zijn bediening
gericht is. Wanneer hij zegt:

395
00:23:04,590 --> 00:23:09,570
Paulus, een dienstknecht van God
en een apostel van Jezus Christus,

396
00:23:09,570 --> 00:23:13,110
overeenkomstig het geloof
van de uitverkorenen van God

397
00:23:13,110 --> 00:23:17,430
en de kennis van de waarheid, die in
overeenstemming met de godsvrucht is,

398
00:23:17,430 --> 00:23:22,230
in de hoop op het eeuwige leven,
dat God, Die niet liegen kan,

399
00:23:22,230 --> 00:23:24,630
vóór de tijden der eeuwen beloofd heeft.

400
00:23:24,630 --> 00:23:30,450
En Hij heeft op de door Hem bestemde tijd
Zijn Woord geopenbaard, door de prediking,

401
00:23:30,450 --> 00:23:35,730
die aan mij toevertrouwd is overeenkomstig
het bevel van God, onze Zaligmaker.

402
00:23:35,730 --> 00:23:38,730
Aan Titus, mijn oprechte
zoon overeenkomstig

403
00:23:38,730 --> 00:23:40,590
het gemeenschappelijk geloof:

404
00:23:40,590 --> 00:23:45,450
Betekent het geloof daar niet zozeer het
geloven, maar de christelijke godsdienst.

405
00:23:45,450 --> 00:23:50,130
De uitdrukking ‘het geloof’ wordt in
de pastorale brieven vaak gebruikt.

406
00:23:50,130 --> 00:23:51,270
Paulus zegt:

407
00:23:51,270 --> 00:23:55,350
Maar de Geest zegt uitdrukkelijk
dat in latere tijden sommigen

408
00:23:55,350 --> 00:23:59,610
afvallig zullen worden van het geloof en
zich zullen wenden tot misleidende geesten

409
00:23:59,610 --> 00:24:01,410
en leringen van demonen,

410
00:24:01,410 --> 00:24:04,710
En behoud het geloof en een goed geweten.

411
00:24:04,710 --> 00:24:09,570
Sommigen hebben dit verworpen en hebben
in het geloof schipbreuk geleden.

412
00:24:09,570 --> 00:24:14,550
Zegt hij. Hij zegt dat we aan
het geloof moeten vasthouden.

413
00:24:14,550 --> 00:24:17,370
Het geloof stevig moeten vasthouden.

414
00:24:17,370 --> 00:24:19,530
Ik heb de goede strijd gestreden.

415
00:24:19,530 --> 00:24:21,990
Ik heb de loop tot een einde gebracht.

416
00:24:21,990 --> 00:24:23,970
Ik heb het geloof behouden.

417
00:24:23,970 --> 00:24:28,230
Het geloof is eenvoudig een verwijzing
naar het christelijke geloof,

418
00:24:28,230 --> 00:24:31,710
de christelijke godsdienst,
zouden we kunnen zeggen:

419
00:24:31,710 --> 00:24:35,670
het geheel van leringen dat de
kern van het christendom vormde.

420
00:24:35,670 --> 00:24:37,290
Dus wanneer hij zegt:

421
00:24:37,290 --> 00:24:42,210
‘Ik ben apostel op grond van het geloof
van de mensen die God heeft uitgekozen’,

422
00:24:42,210 --> 00:24:47,610
bedoelt hij niet in subjectieve zin dat
het geloven van Gods uitverkorenen bepaalt

423
00:24:47,610 --> 00:24:49,650
of hij een apostel is of niet.

424
00:24:49,650 --> 00:24:55,290
Maar hij is een apostel die gezonden is
als vertegenwoordiger van dit geloof,

425
00:24:55,290 --> 00:24:57,990
het geloof, het christelijke geloof.

426
00:24:57,990 --> 00:25:01,350
Je moet niet denken dat hij zijn
apostelschap afhankelijk maakt van de

427
00:25:01,350 --> 00:25:05,310
vraag of mensen hem al dan
niet als apostel erkennen.

428
00:25:05,310 --> 00:25:09,870
Het gaat er veeleer om dat Gods
uitverkorenen iets hebben aanvaard wat het

429
00:25:09,870 --> 00:25:15,030
geloof wordt genoemd, en dat ze dit hebben
gedaan door de waarheid te erkennen.

430
00:25:15,030 --> 00:25:16,950
Met die erkenning van de waarheid

431
00:25:16,950 --> 00:25:20,070
beschrijft Paulus hoe
iemand tot bekering komt.

432
00:25:20,070 --> 00:25:25,110
Als je bijvoorbeeld kijkt naar 2
Timotheus hoofdstuk 2, vers 25,

433
00:25:25,110 --> 00:25:27,750
zegt Paulus dat de
dienstknecht van de Heere:

434
00:25:27,750 --> 00:25:31,770
Hij moet met zachtmoedigheid hen
onderwijzen die zich verzetten.

435
00:25:31,770 --> 00:25:35,490
Misschien geeft God hun eens
bekering, zodat zij tot erkenning van

436
00:25:35,490 --> 00:25:37,050
de waarheid komen

437
00:25:37,050 --> 00:25:41,550
Bekering heeft tot gevolg dat mensen
tot kennis van de waarheid komen.

438
00:25:41,550 --> 00:25:45,750
Behouden worden betekent dat je op het
punt bent gekomen waarop je het Evangelie

439
00:25:45,750 --> 00:25:50,010
erkent, dat de waarheid is,
en dat je tot het geloof komt.

440
00:25:50,010 --> 00:25:54,150
Die groep mensen die de waarheid hebben
erkend en die in het geloof zijn,

441
00:25:54,150 --> 00:25:56,850
duidt hij aan als de uitverkorenen.

442
00:25:56,850 --> 00:26:01,470
Hij werd door Christus gezonden om te
dienen ter wille van de uitverkorenen.

443
00:26:01,470 --> 00:26:05,550
Dat had hij eerder ook
gezegd in 2 Timotheus 2:10:

444
00:26:05,550 --> 00:26:08,670
Daarom verdraag ik alles ter
wille van de uitverkorenen,

445
00:26:08,670 --> 00:26:12,570
opdat ook zij de zaligheid in
Christus Jezus zouden verkrijgen,

446
00:26:12,570 --> 00:26:14,550
met eeuwige heerlijkheid.

447
00:26:14,550 --> 00:26:17,730
Hij beschouwt zijn bediening
als iets wat in de eerste plaats

448
00:26:17,730 --> 00:26:19,830
ten goede komt aan de uitverkorenen.

449
00:26:19,830 --> 00:26:23,190
Dat betekent niet noodzakelijk
degenen die al behouden zijn,

450
00:26:23,190 --> 00:26:26,670
hoewel een groot deel van Paulus’
bediening bestond uit het opbouwen van

451
00:26:26,670 --> 00:26:30,750
christenen en gemeenten en het dienen
van degenen die uitverkoren en al tot

452
00:26:30,750 --> 00:26:32,490
bekering gekomen waren.

453
00:26:32,490 --> 00:26:36,090
Maar hij geloofde natuurlijk dat
wij vóór de grondlegging van de

454
00:26:36,090 --> 00:26:37,890
wereld uitverkoren waren.

455
00:26:37,890 --> 00:26:42,510
Hij dient dus onder ongelovigen ter wille
van degenen onder hen die uitverkoren

456
00:26:42,510 --> 00:26:44,250
kunnen blijken te zijn.

457
00:26:44,250 --> 00:26:48,210
Zij kunnen laten blijken dat ze
uitverkoren zijn door hun beslissing om

458
00:26:48,210 --> 00:26:49,890
Christus aan te nemen.

459
00:26:49,890 --> 00:26:56,070
Paulus verbindt zijn bediening hier in
vers 1 met de uitverkorenen. Vers 2 zegt:

460
00:26:56,070 --> 00:27:01,110
Paulus, een dienstknecht van God
en een apostel van Jezus Christus,

461
00:27:01,110 --> 00:27:04,650
overeenkomstig het geloof
van de uitverkorenen van God

462
00:27:04,650 --> 00:27:09,090
en de kennis van de waarheid, die in
overeenstemming met de godsvrucht is,

463
00:27:09,090 --> 00:27:14,310
in de hoop op het eeuwige leven,
dat God, Die niet liegen kan,

464
00:27:14,310 --> 00:27:16,710
vóór de tijden der eeuwen beloofd heeft.

465
00:27:16,710 --> 00:27:22,650
En Hij heeft op de door Hem bestemde tijd
Zijn Woord geopenbaard, door de prediking,

466
00:27:22,650 --> 00:27:29,010
die aan mij toevertrouwd is overeenkomstig
het bevel van God, onze Zaligmaker.

467
00:27:29,010 --> 00:27:31,350
Aan Titus, mijn oprechte zoon

468
00:27:31,350 --> 00:27:34,110
overeenkomstig het
gemeenschappelijk geloof:

469
00:27:34,110 --> 00:27:37,830
Dat verwijst ofwel naar wat
de uitverkorenen hebben:

470
00:27:37,830 --> 00:27:40,590
zij hebben hoop op eeuwig leven.

471
00:27:40,590 --> 00:27:45,090
Ofwel Paulus zelf hoopt als
apostel op eeuwig leven.

472
00:27:45,090 --> 00:27:49,650
Het is niet helemaal duidelijk, maar zijn
bediening houdt verband met een hoop op

473
00:27:49,650 --> 00:27:51,570
eeuwig leven die er bestaat.

474
00:27:51,570 --> 00:27:57,150
Hij noemt de zalige hoop
later in Titus 2:13. Hij zegt:

475
00:27:57,150 --> 00:28:01,170
terwijl wij verwachten de zalige hoop en
verschijning van de heerlijkheid van de

476
00:28:01,170 --> 00:28:05,370
grote God en onze
Zaligmaker, Jezus Christus.

477
00:28:05,370 --> 00:28:09,150
Eeuwig leven verwijst hier dus niet
alleen naar het behoud en het leven dat we

478
00:28:09,150 --> 00:28:10,350
nu al hebben.

479
00:28:10,350 --> 00:28:13,710
Hij heeft het over het openbaar
worden van dat eeuwige leven

480
00:28:13,710 --> 00:28:17,370
in de eeuwige werkelijkheid
wanneer Jezus terugkomt.

481
00:28:17,370 --> 00:28:21,570
Onze hoop is dat eeuwige leven dat begint
bij de heerlijke verschijning van onze

482
00:28:21,570 --> 00:28:25,170
grote God en Zaligmaker Jezus Christus.

483
00:28:25,170 --> 00:28:28,950
Natuurlijk hebben we nu in een
andere betekenis eeuwig leven.

484
00:28:28,950 --> 00:28:31,230
Maar daar is nog een andere dimensie aan,

485
00:28:31,230 --> 00:28:36,330
een andere fase van ons leven waarnaar
we uitzien wanneer Jezus terugkomt.

486
00:28:36,330 --> 00:28:39,930
Er staat dat God dit
eeuwige leven heeft beloofd:

487
00:28:39,930 --> 00:28:41,730
voordat de tijd begon.

488
00:28:41,730 --> 00:28:46,230
We hebben het eerder gehad over die
uitdrukking, ‘before time began’,

489
00:28:46,230 --> 00:28:48,030
‘voordat de tijd begon’.

490
00:28:48,030 --> 00:28:53,370
Die uitdrukking komt alleen
hier en in 2 Timotheus 1:9 voor.

491
00:28:53,370 --> 00:28:56,430
In 2 Timotheus 1:9 spreekt hij over:

492
00:28:56,430 --> 00:29:00,690
Hij heeft ons zalig gemaakt en
geroepen met een heilige roeping,

493
00:29:00,690 --> 00:29:05,910
niet overeenkomstig onze werken, maar
overeenkomstig Zijn eigen voornemen en

494
00:29:05,910 --> 00:29:11,310
genade, die ons gegeven is in Christus
Jezus vóór de tijden der eeuwen,

495
00:29:11,310 --> 00:29:15,390
Toen we die passage bespraken, heb ik
gezegd dat je de indruk zou kunnen krijgen

496
00:29:15,390 --> 00:29:18,510
dat de tijd een begin had
en een einde zal hebben.

497
00:29:18,510 --> 00:29:23,070
Dat ondersteunt de gedachte dat de
eeuwigheid een dimensie is die geheel

498
00:29:23,070 --> 00:29:24,930
onafhankelijk is van de tijd.

499
00:29:24,930 --> 00:29:27,690
Maar de vertaling is niet nauwkeurig.

500
00:29:27,690 --> 00:29:31,350
Letterlijk staat er in het
Grieks: ‘before times eternal’.

501
00:29:31,350 --> 00:29:35,070
Zowel de NIV als de King
James en de New King James

502
00:29:35,070 --> 00:29:39,750
hebben deze uitdrukking zo weergegeven dat
ze naar het begin van de tijd verwijst.

503
00:29:39,750 --> 00:29:42,150
Maar de eigenlijke
bewoording in het Grieks,

504
00:29:42,150 --> 00:29:47,850
en de New American Standard volgt die
precies, is ‘vóór eeuwige tijden’.

505
00:29:47,850 --> 00:29:51,510
Die zinsnede bevat dus eigenlijk geen
duidelijke verwijzing naar een begin

506
00:29:51,510 --> 00:29:52,770
van de tijd.

507
00:29:52,770 --> 00:29:57,690
Wat ‘vóór eeuwige tijden’ betekent,
is beslist voor discussie vatbaar.

508
00:29:57,690 --> 00:30:01,410
Maar Paulus grijpt in vers 2
van Titus 1 de gelegenheid aan

509
00:30:01,410 --> 00:30:04,350
om te benadrukken dat God niet kan liegen:

510
00:30:04,350 --> 00:30:06,630
God, die niet kan liegen.

511
00:30:06,630 --> 00:30:08,850
God is Zelf de waarheid.

512
00:30:08,850 --> 00:30:11,310
Liegen gaat tegen Zijn karakter in.

513
00:30:11,310 --> 00:30:14,730
Ook in 2 Timotheus 2:13 werd gezegd:

514
00:30:14,730 --> 00:30:18,030
Als wij ontrouw zijn, blijft Hij getrouw.

515
00:30:18,030 --> 00:30:20,310
Hij kan Zichzelf niet verloochenen.

516
00:30:20,310 --> 00:30:23,190
Er zijn dingen die God niet kan doen.

517
00:30:23,190 --> 00:30:25,290
God kan niet alle dingen doen.

518
00:30:25,290 --> 00:30:27,750
Wanneer we over de
almacht van God spreken,

519
00:30:27,750 --> 00:30:32,370
betekent dat dat Hij de macht heeft om
alles te doen wat Hij zou willen doen.

520
00:30:32,370 --> 00:30:36,270
Maar het betekent niet dat Hij
in staat is om alles te doen.

521
00:30:36,270 --> 00:30:39,690
Hij is bijvoorbeeld niet in
staat om Zijn beloften te breken.

522
00:30:39,690 --> 00:30:42,150
Hij is niet in staat om te zondigen.

523
00:30:42,150 --> 00:30:45,330
Hij is niet in staat om tot
zonde verleid te worden,

524
00:30:45,330 --> 00:30:47,910
staat er in Jakobus hoofdstuk 1:

525
00:30:47,910 --> 00:30:50,670
God kan niet tot zonde verleid worden.

526
00:30:50,670 --> 00:30:53,010
Want Hij kan Zichzelf niet verloochenen.

527
00:30:53,010 --> 00:30:56,310
Hij kan niet ingaan tegen
Wie Hij van nature is.

528
00:30:56,310 --> 00:31:00,510
Van nature is Hij een waarachtige
God en daarom kan Hij niet liegen.

529
00:31:00,510 --> 00:31:05,670
Paulus zegt dus: luister, onze hoop
is betrouwbaarder dan wat dan ook,

530
00:31:05,670 --> 00:31:10,590
want ieder ander die tegen je spreekt,
kan zich best vergissen of liegen.

531
00:31:10,590 --> 00:31:14,430
God, Die spreekt, is niet
in staat om te liegen.

532
00:31:14,430 --> 00:31:15,870
Volstrekt niet!

533
00:31:15,870 --> 00:31:20,910
Zo echter moet het zijn: God is
waarachtig maar ieder mens een leugenaar,

534
00:31:20,910 --> 00:31:25,290
zoals geschreven staat: Opdat U
gerechtvaardigd wordt wanneer U

535
00:31:25,290 --> 00:31:28,830
rechtspreekt, en overwint
wanneer U oordeelt.

536
00:31:28,830 --> 00:31:31,170
zei hij in Romeinen hoofdstuk 3.

537
00:31:31,170 --> 00:31:36,570
Hij benadrukt hier dus de trouw van
God, vooral wat Gods beloften betreft.

538
00:31:36,570 --> 00:31:41,010
Hij heeft het over Gods belofte
om ons eeuwig leven te geven.

539
00:31:41,010 --> 00:31:43,110
Eén ding is hier interessant.

540
00:31:43,110 --> 00:31:49,290
Er staat dat God dit beloofd heeft voordat
de tijd begon, of vóór eeuwige tijden,

541
00:31:49,290 --> 00:31:51,570
of hoe we het ook willen weergeven.

542
00:31:51,570 --> 00:31:55,590
Hoe dan ook, hij heeft het over
iets wat lang geleden gebeurde,

543
00:31:55,590 --> 00:31:57,750
lang voordat wij hier waren.

544
00:31:57,750 --> 00:32:00,570
God heeft ons dit eeuwige leven beloofd.

545
00:32:00,570 --> 00:32:05,550
Het is moeilijk om precies te weten
in welke zin Hij het ons beloofd heeft

546
00:32:05,550 --> 00:32:07,470
voordat wij geboren waren.

547
00:32:07,470 --> 00:32:12,270
We kunnen zeggen dat Hij het Zich had
voorgenomen voordat wij geboren waren,

548
00:32:12,270 --> 00:32:14,670
maar aan wie heeft Hij het beloofd?

549
00:32:14,670 --> 00:32:17,550
Tegen wie heeft Hij deze
belofte uitgesproken?

550
00:32:17,550 --> 00:32:19,530
Ik weet het niet echt zeker.

551
00:32:19,530 --> 00:32:23,910
Misschien heeft Hij Zijn Vader beloofd
dat Hij hierin voor ons zou voorzien.

552
00:32:23,910 --> 00:32:25,230
Ik weet het niet.

553
00:32:25,230 --> 00:32:29,490
Maar Paulus leert beslist dat het
feit dat wij tijdens ons leven het

554
00:32:29,490 --> 00:32:35,250
eeuwige leven zijn binnengegaan, zoals bij
ons het geval is, God niet heeft verrast.

555
00:32:35,250 --> 00:32:39,990
Het is iets wat Hij altijd heeft
geweten en altijd heeft bedoeld.

556
00:32:39,990 --> 00:32:45,270
Zo wordt dezelfde uitdrukking ook weer
in 2 Timotheus gebruikt. Daar staat:

557
00:32:45,270 --> 00:32:49,410
Hij heeft ons zalig gemaakt en
geroepen met een heilige roeping,

558
00:32:49,410 --> 00:32:54,450
niet overeenkomstig onze werken, maar
overeenkomstig Zijn eigen voornemen en

559
00:32:54,450 --> 00:32:59,670
genade, die ons gegeven is in Christus
Jezus vóór de tijden der eeuwen,

560
00:32:59,670 --> 00:33:01,470
Nu is dit een mogelijkheid.

561
00:33:01,470 --> 00:33:05,970
Bedenk dat Paulus met de uitdrukking
‘in Christus Jezus’ bedoelt dat,

562
00:33:05,970 --> 00:33:12,510
als wij in Hem worden bevonden, de dingen
die voor Hem gelden, ook voor ons gelden.

563
00:33:12,510 --> 00:33:16,350
Als Hij dood is, zijn
wij in Hem gestorven.

564
00:33:16,350 --> 00:33:20,790
Als Hij is opgestaan,
zijn wij in Hem opgestaan.

565
00:33:20,790 --> 00:33:23,430
Als Hij aan de rechterhand van God zit,

566
00:33:23,430 --> 00:33:27,090
dan zitten wij in Christus
in de hemelse gewesten.

567
00:33:27,090 --> 00:33:30,450
Waar Hij ook is, wat Hij
ook heeft meegemaakt,

568
00:33:30,450 --> 00:33:34,050
het wordt ons toegerekend
alsof het ons is overkomen.

569
00:33:34,050 --> 00:33:36,450
In Efeze zegt Paulus:

570
00:33:36,450 --> 00:33:41,490
omdat Hij ons vóór de grondlegging van
de wereld in Hem uitverkoren heeft,

571
00:33:41,490 --> 00:33:46,230
opdat wij heilig en smetteloos
voor Hem zouden zijn in de liefde.

572
00:33:46,230 --> 00:33:51,630
Daar moeten we even naar kijken, want dit
is een van de passages over predestinatie

573
00:33:51,630 --> 00:33:57,090
waarvan het beslist de moeite waard is om
enig begrip van de betekenis te hebben.

574
00:33:57,090 --> 00:33:59,670
In Efeze 1:4 staat:

575
00:33:59,670 --> 00:34:02,910
‘Zoals Hij ons in Hem heeft uitgekozen.’

576
00:34:02,910 --> 00:34:05,610
Dat wil zeggen: in Christus.

577
00:34:05,610 --> 00:34:09,270
Als er nu staat dat God ons
in Hem heeft uitverkoren,

578
00:34:09,270 --> 00:34:13,470
moet je begrijpen dat Paulus niet
noodzakelijk zegt dat Hij ons heeft

579
00:34:13,470 --> 00:34:16,050
uitverkoren om in Hem te zijn.

580
00:34:16,050 --> 00:34:19,170
Dat kan waar zijn, maar dat staat er niet.

581
00:34:19,170 --> 00:34:24,030
Dat zou iets kunnen zijn wat je op grond
van een andere passage kunt aantonen.

582
00:34:24,030 --> 00:34:26,250
Maar wat er werkelijk staat, is:

583
00:34:26,250 --> 00:34:29,070
Hij heeft ons in Hem uitgekozen.

584
00:34:29,070 --> 00:34:32,790
Hij zegt een paar verzen
verder, in vers 6, ook:

585
00:34:32,790 --> 00:34:35,130
‘We zijn in Hem aanvaard.’

586
00:34:35,130 --> 00:34:38,850
Wat betekent het: ‘Hij heeft
ons in Hem uitgekozen’?

587
00:34:38,850 --> 00:34:41,790
Ik hoop dat iedereen me
hierin kan blijven volgen,

588
00:34:41,790 --> 00:34:45,870
maar voor mij is het belangrijk
om te weten of God mij als

589
00:34:45,870 --> 00:34:51,510
individu heeft uitverkoren om christen te
worden, en of dat is wat dit vers zegt.

590
00:34:51,510 --> 00:34:54,270
Ik geloof wel dat ieder
van ons kan betogen

591
00:34:54,270 --> 00:34:58,950
dat God ons op een bepaalde manier
heeft uitverkoren waarop mensen die niet

592
00:34:58,950 --> 00:35:02,190
behouden worden, niet zijn uitverkoren.

593
00:35:02,190 --> 00:35:06,750
Hij heeft er bijvoorbeeld beslist voor
gekozen om het Evangelie ons ter ore te

594
00:35:06,750 --> 00:35:12,510
laten komen op een moment waarop wij nog
niet te verhard waren om het te ontvangen.

595
00:35:12,510 --> 00:35:15,270
Anders zouden wij vandaag
geen christenen zijn.

596
00:35:15,270 --> 00:35:20,010
Ook het feit dat Hij ons in Zijn
soevereiniteit geboren heeft laten worden

597
00:35:20,010 --> 00:35:23,130
in een land waar het
Evangelie beschikbaar was,

598
00:35:23,130 --> 00:35:27,090
in plaats van in een of andere
stam waar het niet beschikbaar is,

599
00:35:27,090 --> 00:35:29,790
had beslist iets met Zijn keuze te maken.

600
00:35:29,790 --> 00:35:33,330
Waarop Hij deze keuze baseerde,
kunnen we niet zeggen.

601
00:35:33,330 --> 00:35:37,290
Hij heeft sommige mensen in
gunstige omstandigheden geplaatst.

602
00:35:37,290 --> 00:35:42,030
Maar is dat hetzelfde als zeggen dat Hij
bepaalde personen heeft uitverkoren om

603
00:35:42,030 --> 00:35:47,370
behouden te worden en ervoor heeft gekozen
dat sommigen niet behouden zouden worden?

604
00:35:47,370 --> 00:35:48,690
Dat denk ik niet.

605
00:35:48,690 --> 00:35:50,070
Wanneer er staat:

606
00:35:50,070 --> 00:35:54,990
‘Hij heeft ons in Hem uitgekozen’, dan
geloof ik dat dit hetzelfde betekent

607
00:35:54,990 --> 00:35:57,390
als dat wij in Hem aanvaard zijn.

608
00:35:57,390 --> 00:36:02,490
Dat betekent dat Christus aanvaard is
en dat wij delen in Zijn aanvaard-zijn

609
00:36:02,490 --> 00:36:04,410
wanneer wij in Hem zijn.

610
00:36:04,410 --> 00:36:08,130
Zoals Hij gestorven,
opgestaan en opgevaren is,

611
00:36:08,130 --> 00:36:13,950
zo delen wij in Zijn sterven, opstanding
en hemelvaart doordat wij in Hem zijn.

612
00:36:13,950 --> 00:36:18,810
Dit zijn dingen die voor Hem gelden, en
ze gaan voor ons gelden wanneer wij in Hem

613
00:36:18,810 --> 00:36:20,070
komen te zijn.

614
00:36:20,070 --> 00:36:25,650
Dus als wij in Christus aanvaard zijn,
is dat alleen omdat Hij aanvaard is.

615
00:36:25,650 --> 00:36:31,470
De Engelse vertaling die ik hier
gebruik, spreekt in Efeze 1:6 van

616
00:36:31,470 --> 00:36:33,390
‘aanvaard in de Geliefde’.

617
00:36:33,390 --> 00:36:34,950
In het Nederlands staat:

618
00:36:34,950 --> 00:36:37,830
tot lof van de heerlijkheid
van Zijn genade,

619
00:36:37,830 --> 00:36:41,010
waarmee Hij ons begenadigd
heeft in de Geliefde.

620
00:36:41,010 --> 00:36:46,170
En als wij in Hem worden bevonden,
delen wij in Zijn aanvaard-zijn.

621
00:36:46,170 --> 00:36:50,670
En als wij in Hem uitverkoren
zijn, zou je kunnen betogen dat Hij

622
00:36:50,670 --> 00:36:53,070
Degene is Die uitverkoren is.

623
00:36:53,070 --> 00:36:56,250
God heeft Jezus vanaf
het begin uitverkoren,

624
00:36:56,250 --> 00:36:58,590
vanaf de grondlegging van de wereld.

625
00:36:58,590 --> 00:37:00,990
En doordat wij christenen zijn geworden,

626
00:37:00,990 --> 00:37:05,010
hebben wij deel gekregen
aan dat uitverkoren-zijn.

627
00:37:05,010 --> 00:37:07,650
Wij zijn in Hem uitverkoren.

628
00:37:07,650 --> 00:37:12,510
Er staat niet noodzakelijk dat wij
uitverkoren zijn om in Hem te zijn.

629
00:37:12,510 --> 00:37:16,890
Maar omdat wij in Hem zijn, worden
wij als uitverkoren beschouwd,

630
00:37:16,890 --> 00:37:19,170
omdat Hij uitverkoren is.

631
00:37:19,170 --> 00:37:24,510
Wij hebben het voordeel van Zijn
uitverkoren-zijn en Zijn aanvaard-zijn.

632
00:37:24,510 --> 00:37:30,270
Daarom kan van ons gezegd worden dat wij
in Christus uitverkoren en aanvaard zijn,

633
00:37:30,270 --> 00:37:33,510
omdat Hij uitverkoren en aanvaard is.

634
00:37:33,510 --> 00:37:38,010
Daarom zou je van het uitverkoren-zijn
vóór de grondlegging van de wereld kunnen

635
00:37:38,010 --> 00:37:42,150
zeggen, en ik ken verschillende
auteurs die het zo beargumenteren,

636
00:37:42,150 --> 00:37:45,810
dat het Christus was Die vóór de
grondlegging van de wereld werd

637
00:37:45,810 --> 00:37:50,250
uitverkoren, en wij alleen bij
wijze van doortrekking daarvan.

638
00:37:50,250 --> 00:37:52,290
Wanneer wij in Christus komen te zijn,

639
00:37:52,290 --> 00:37:55,530
verkeren ook wij in de toestand
van uitverkoren te zijn,

640
00:37:55,530 --> 00:37:58,890
omdat wij in Hem waren
en Hij uitverkoren was.

641
00:37:58,890 --> 00:38:03,210
Dat klinkt misschien te esoterisch
en eigenaardig en vreemd,

642
00:38:03,210 --> 00:38:07,410
maar helaas zullen alle opvattingen
over voorkennis en predestinatie

643
00:38:07,410 --> 00:38:09,330
iets esoterisch hebben.

644
00:38:09,330 --> 00:38:14,010
Hoe God de toekomst kent, is een van
die dingen die nooit worden uitgelegd.

645
00:38:14,010 --> 00:38:18,090
Dus die uitleg is niet
esoterischer dan welke andere ook.

646
00:38:18,090 --> 00:38:23,250
Maar die zou erop wijzen dat God niet
bepaalde mensen koos om erbij te horen

647
00:38:23,250 --> 00:38:25,830
en bepaalde mensen om erbuiten te vallen.

648
00:38:25,830 --> 00:38:31,230
Hij koos Jezus vóór de grondlegging van
de wereld, en iedereen die in Hem is,

649
00:38:31,230 --> 00:38:35,670
is in Hem uitverkoren, net
zoals Hij uitverkoren is,

650
00:38:35,670 --> 00:38:39,270
en wordt uitverkoren
doordat hij in Hem is.

651
00:38:39,270 --> 00:38:42,210
Hij was vóór het begin
van de wereld uitverkoren,

652
00:38:42,210 --> 00:38:46,770
en dus zijn wij in Hem vóór het
begin van de wereld uitverkoren.

653
00:38:46,770 --> 00:38:51,510
Wij delen in die eeuwige uitverkorenheid
en eeuwige aanvaardbaarheid.

654
00:38:51,510 --> 00:38:54,090
Hoe dan ook, ik weet
niet of dat duidelijk is

655
00:38:54,090 --> 00:38:56,310
of dat ik het allemaal door elkaar haal.

656
00:38:56,310 --> 00:39:00,270
Maar wanneer er in Titus staat dat
Hij ons vóór het begin van de tijd

657
00:39:00,270 --> 00:39:04,170
eeuwig leven beloofd heeft, kan
hij daarmee bedoelen dat Hij het

658
00:39:04,170 --> 00:39:08,250
in Christus beloofd heeft,
aan ons in Christus.

659
00:39:08,250 --> 00:39:11,850
Dat wil zeggen, Hij beloofde
Christus deze bestemming,

660
00:39:11,850 --> 00:39:14,430
en dat was vóór het begin van de tijd.

661
00:39:14,430 --> 00:39:18,990
En wij delen daar nu in,
omdat wij nu in Christus zijn.

662
00:39:18,990 --> 00:39:22,470
Dat is misschien een vreemd
idee, maar zoals ik al zei,

663
00:39:22,470 --> 00:39:26,250
er is meer dan één auteur
die dat idee heeft verdedigd,

664
00:39:26,250 --> 00:39:29,130
en ik vind het wel enigszins logisch.

665
00:39:29,130 --> 00:39:33,690
Als je er een tijdje over nadenkt, vind
je het misschien ook enigszins logisch.

666
00:39:33,690 --> 00:39:37,830
Nu, in tegenstelling tot
‘vóór het begin van de tijd’,

667
00:39:37,830 --> 00:39:40,830
brengt hij ons in vers 3 bij het heden:

668
00:39:40,830 --> 00:39:46,470
En Hij heeft op de door Hem bestemde tijd
Zijn Woord geopenbaard, door de prediking,

669
00:39:46,470 --> 00:39:52,650
die aan mij toevertrouwd is overeenkomstig
het bevel van God, onze Zaligmaker.

670
00:39:52,650 --> 00:39:56,490
Vóór het begin van de tijd beloofde
Hij dit, maar tegenwoordig,

671
00:39:56,490 --> 00:40:00,090
in de moderne tijd, op de
bestemde tijd, heeft Hij het

672
00:40:00,090 --> 00:40:02,490
geopenbaard, duidelijk gemaakt.

673
00:40:02,490 --> 00:40:06,150
Hij vervulde de belofte door
de prediking van het Evangelie:

674
00:40:06,150 --> 00:40:08,910
dat aan mij is toevertrouwd, zegt Paulus,

675
00:40:08,910 --> 00:40:12,990
overeenkomstig het bevel
van God, onze Zaligmaker.

676
00:40:12,990 --> 00:40:17,490
waarmee hij aangeeft dat God
Paulus gebood een prediker te zijn,

677
00:40:17,490 --> 00:40:20,130
hem koos om een prediker te zijn.

678
00:40:20,130 --> 00:40:22,110
Hij had daarin geen keus.

679
00:40:22,110 --> 00:40:24,810
Hij heeft zichzelf niet aangesteld.

680
00:40:24,810 --> 00:40:29,730
genade, barmhartigheid en
vrede zij u van God de Vader

681
00:40:29,730 --> 00:40:33,750
en van de Heere Jezus
Christus, onze Zaligmaker.

682
00:40:33,750 --> 00:40:36,690
Niets heel ongewoons in die begroeting.

683
00:40:36,690 --> 00:40:39,630
Om die reden heb ik u
op Kreta achtergelaten,

684
00:40:39,630 --> 00:40:42,690
opdat u verder in orde zou
brengen wat nog ontbrak,

685
00:40:42,690 --> 00:40:48,090
en van stad tot stad ouderlingen zou
aanstellen, zoals ik u opgedragen heb.

686
00:40:48,090 --> 00:40:52,830
Blijkbaar waren er, zoals ik eerder
zei, op Kreta gemeenten gesticht,

687
00:40:52,830 --> 00:40:57,870
maar die moeten nog zo jong zijn geweest
dat er nog geen oudsten waren aangesteld.

688
00:40:57,870 --> 00:41:01,290
Misschien had Paulus een
rondreis door Kreta kunnen maken,

689
00:41:01,290 --> 00:41:06,030
waarbij hij verschillende grote steden
aandeed en in elke plaats een paar mensen

690
00:41:06,030 --> 00:41:07,350
tot bekering bracht.

691
00:41:07,350 --> 00:41:12,750
Zo ontstonden er in die gebieden groepen
discipelen die zichzelf vermenigvuldigden,

692
00:41:12,750 --> 00:41:17,670
maar die nog niet georganiseerd waren
en waarin nog geen orde was aangebracht.

693
00:41:17,670 --> 00:41:22,050
Zoals hij zegt, moesten ze als
gemeenten op orde worden gebracht.

694
00:41:22,050 --> 00:41:23,250
Hij zegt niet:

695
00:41:23,250 --> 00:41:25,650
Stel in elke gemeente oudsten aan.

696
00:41:25,650 --> 00:41:27,030
Dat is interessant, maar:

697
00:41:27,030 --> 00:41:28,530
in elke stad.

698
00:41:28,530 --> 00:41:31,170
Natuurlijk bedoelt hij
daarmee in elke gemeente,

699
00:41:31,170 --> 00:41:35,370
maar het ontbreken van het woord
‘gemeente’ daar kan erop wijzen dat deze

700
00:41:35,370 --> 00:41:39,390
christenen zelfs nog niet waren
samengebracht in groepen die gemeenten

701
00:41:39,390 --> 00:41:40,950
genoemd konden worden.

702
00:41:40,950 --> 00:41:45,750
Misschien waren er in elke plaats maar
een paar verspreid wonende bekeerlingen,

703
00:41:45,750 --> 00:41:51,090
en Paulus zegt tegen Titus: ‘Nu wil ik
dat je deze mensen als groep bijeenbrengt

704
00:41:51,090 --> 00:41:56,430
en leiders over hen aanstelt en hen vormt
en samenvoegt tot iets wat we werkelijk

705
00:41:56,430 --> 00:41:58,590
een gemeente zouden kunnen noemen.’

706
00:41:58,590 --> 00:42:02,910
In elke stad moet er enige leiding
zijn voor de christenen die daar zijn.

707
00:42:02,910 --> 00:42:05,490
We weten het een en ander over oudsten.

708
00:42:05,490 --> 00:42:09,690
We hebben over oudsten en diakenen
gesproken toen we 1 Timotheus

709
00:42:09,690 --> 00:42:11,730
hoofdstuk 3 bespraken.

710
00:42:11,730 --> 00:42:16,230
Ook daar hadden we vereisten voor een
oudste, zoals we die ook hier hebben.

711
00:42:16,230 --> 00:42:22,050
Zo iemand moet onberispelijk zijn, de man
van één vrouw, gelovige kinderen hebben,

712
00:42:22,050 --> 00:42:25,890
die niet te beschuldigen zijn van
losbandigheid of opstandigheid.

713
00:42:25,890 --> 00:42:30,870
Want een opziener moet onberispelijk zijn,
als een beheerder van het huis van God,

714
00:42:30,870 --> 00:42:37,170
niet eigenzinnig, niet opvliegend, niet
verslaafd aan wijn, niet vechtlustig,

715
00:42:37,170 --> 00:42:42,330
niet uit op oneerlijke winst, maar
gastvrij, goedwillend, bezonnen,

716
00:42:42,330 --> 00:42:47,490
rechtvaardig, heilig, beheerst, iemand
die zich houdt aan het betrouwbare woord,

717
00:42:47,490 --> 00:42:51,210
dat overeenkomstig de leer
is, zodat hij bij machte is

718
00:42:51,210 --> 00:42:54,570
anderen te bemoedigen door het
gezonde onderwijs en ook de

719
00:42:54,570 --> 00:42:56,670
tegensprekers te weerleggen.

720
00:42:56,670 --> 00:42:59,070
In de lijst met vereisten
voor oudsten hier

721
00:42:59,070 --> 00:43:02,610
zien we veel herhaling van
wat we in Timotheus hadden.

722
00:43:02,610 --> 00:43:06,990
In 1 Timotheus 3 worden grotendeels
dezelfde vereisten genoemd.

723
00:43:06,990 --> 00:43:09,990
Het gezinsleven van de
man lijkt voorop te staan,

724
00:43:09,990 --> 00:43:14,130
omdat hij zich in zijn gezin een
goede rentmeester moet betonen

725
00:43:14,130 --> 00:43:18,390
voordat hem het grotere gezin wordt
toevertrouwd, het huisgezin van God.

726
00:43:18,390 --> 00:43:22,530
Je kent het verhaal dat Jezus vertelde
over de rentmeesters die een bepaald

727
00:43:22,530 --> 00:43:26,070
bedrag aan geld kregen,
waarna hun heer vertrok.

728
00:43:26,070 --> 00:43:29,070
Later werd nagegaan wat
ze ermee hadden gedaan.

729
00:43:29,070 --> 00:43:31,650
Toen het tijd was om
verantwoording af te leggen,

730
00:43:31,650 --> 00:43:35,730
kregen degenen die hun rentmeesterschap
goed hadden vervuld meer,

731
00:43:35,730 --> 00:43:38,190
meer om als rentmeester te beheren.

732
00:43:38,190 --> 00:43:40,410
In die gelijkenissen zegt Jezus:

733
00:43:40,410 --> 00:43:45,270
Zijn heer zei tegen hem: Goed
gedaan, goede en trouwe dienaar,

734
00:43:45,270 --> 00:43:50,370
over weinig bent u trouw geweest,
over veel zal ik u aanstellen; ga in,

735
00:43:50,370 --> 00:43:52,050
in de vreugde van uw heer.

736
00:43:52,050 --> 00:43:54,690
zei Hij. Daarmee geeft Hij aan dat God

737
00:43:54,690 --> 00:43:59,190
ons zal beproeven in rentmeesterschap
waaraan minder risico verbonden is,

738
00:43:59,190 --> 00:44:03,630
om te zien of we ervoor in aanmerking
komen om met grotere risico’s in het

739
00:44:03,630 --> 00:44:05,850
rentmeesterschap te worden belast.

740
00:44:05,850 --> 00:44:10,650
Rentmeesterschap is eenvoudigweg het
beheren van het bezit van iemand anders.

741
00:44:10,650 --> 00:44:13,590
Paulus zegt ergens
anders, in 1 Korinthe 4,

742
00:44:13,590 --> 00:44:18,450
dat van rentmeesters wordt vereist
dat ze trouw zijn. Hij zei:

743
00:44:18,450 --> 00:44:22,350
En verder wordt van de beheerders verlangd
dat zij betrouwbaar blijken te zijn.

744
00:44:22,350 --> 00:44:26,130
Hij is betrouwbaar. Hij zal
zijn meester niet bestelen.

745
00:44:26,130 --> 00:44:29,070
Hij zal wat zijn meester
hem geeft niet misbruiken,

746
00:44:29,070 --> 00:44:31,710
verspillen of voor zichzelf gebruiken.

747
00:44:31,710 --> 00:44:36,510
Hij zal de goederen van zijn meester trouw
gebruiken in het belang van zijn meester.

748
00:44:36,510 --> 00:44:41,730
Paulus suggereert hier dat het gezin van
een man zoiets als rentmeesterschap is.

749
00:44:41,730 --> 00:44:46,110
Hij is een rentmeester van God, en
daarom moet hij in het gezin bewijzen

750
00:44:46,110 --> 00:44:49,590
dat hij een goede rentmeester
is voordat hem de leiding van de

751
00:44:49,590 --> 00:44:51,270
gemeente wordt toevertrouwd.

752
00:44:51,270 --> 00:44:56,550
Dat zegt hij in vers 7, nadat hij de
vrouw en kinderen van de man heeft genoemd

753
00:44:56,550 --> 00:45:00,090
en hoe het gezin van de
man eruitziet. Hij zegt:

754
00:45:00,090 --> 00:45:05,070
Want een opziener moet als beheerder
van Gods zaken onberispelijk zijn.

755
00:45:05,070 --> 00:45:08,730
Dat wil zeggen, wat zijn eerdere
rentmeesterschap betreft,

756
00:45:08,730 --> 00:45:11,190
voordat hij tot oudste werd aangesteld:

757
00:45:11,190 --> 00:45:14,190
hij had het rentmeesterschap
over zijn gezin.

758
00:45:14,190 --> 00:45:18,150
Was hij op dat gebied onberispelijk
als rentmeester van God?

759
00:45:18,150 --> 00:45:21,930
Zo ja, dan komt hij in
aanmerking voor grotere dingen.

760
00:45:21,930 --> 00:45:24,390
Als hij met 10 talenten trouw is geweest,

761
00:45:24,390 --> 00:45:28,410
overweeg dan om hem deze keer
10 steden toe te vertrouwen.

762
00:45:28,410 --> 00:45:31,590
Als hij trouw is geweest in het
besturen van zijn huisgezin,

763
00:45:31,590 --> 00:45:36,210
dan zou nu overwogen moeten worden om
hem als het ware te bevorderen tot het

764
00:45:36,210 --> 00:45:37,350
huisgezin van God.

765
00:45:37,350 --> 00:45:41,191
Dit is een van de plaatsen in de
Bijbel — er is er meer dan één —

766
00:45:41,191 --> 00:45:46,290
waar we zien dat het woord ‘opziener’
eenvoudigweg hetzelfde betekent als

767
00:45:46,290 --> 00:45:49,110
‘oudste’, want hij zegt in vers 5:

768
00:45:49,110 --> 00:45:52,290
Om die reden heb ik u
op Kreta achtergelaten,

769
00:45:52,290 --> 00:45:55,650
opdat u verder in orde zou
brengen wat nog ontbrak,

770
00:45:55,650 --> 00:46:01,110
en van stad tot stad ouderlingen zou
aanstellen, zoals ik u opgedragen heb.

771
00:46:01,110 --> 00:46:03,930
En in de beschrijving
van oudsten zegt hij:

772
00:46:03,930 --> 00:46:09,870
Zo iemand moet onberispelijk zijn, de man
van één vrouw, gelovige kinderen hebben,

773
00:46:09,870 --> 00:46:14,130
die niet te beschuldigen zijn van
losbandigheid of opstandigheid.

774
00:46:14,130 --> 00:46:19,050
Want een opziener moet onberispelijk zijn,
als een beheerder van het huis van God,

775
00:46:19,050 --> 00:46:25,470
niet eigenzinnig, niet opvliegend, niet
verslaafd aan wijn, niet vechtlustig,

776
00:46:25,470 --> 00:46:31,290
niet uit op oneerlijke winst, maar
gastvrij, goedwillend, bezonnen,

777
00:46:31,290 --> 00:46:37,350
rechtvaardig, heilig, beheerst, iemand
die zich houdt aan het betrouwbare woord,

778
00:46:37,350 --> 00:46:42,690
dat overeenkomstig de leer is, zodat
hij bij machte is anderen te bemoedigen

779
00:46:42,690 --> 00:46:47,250
door het gezonde onderwijs en ook
de tegensprekers te weerleggen.

780
00:46:47,250 --> 00:46:52,590
Ik heb al eerder gezegd dat oudste,
het Griekse woord presbuteros,

781
00:46:52,590 --> 00:46:55,350
eenvoudigweg een oudere man betekent.

782
00:46:55,350 --> 00:46:58,890
Het woord voor opziener is episkopos,

783
00:46:58,890 --> 00:47:02,190
wat letterlijk iemand
betekent die toezicht houdt.

784
00:47:02,190 --> 00:47:05,910
De opzieners van de gemeente
waren dus de oudsten.

785
00:47:05,910 --> 00:47:10,530
Het lijkt er ook op dat er in
elke stad meerdere oudsten waren.

786
00:47:10,530 --> 00:47:13,110
Let op het meervoud in vers 5:

787
00:47:13,110 --> 00:47:19,350
‘Stel oudsten aan.’ Meervoud.
‘In elke stad.’ Enkelvoud.

788
00:47:19,350 --> 00:47:21,150
Zo ook in Jakobus:

789
00:47:21,150 --> 00:47:22,470
Is iemand onder u ziek?

790
00:47:22,470 --> 00:47:25,290
Laat hij dan de ouderlingen
van de gemeente bij zich roepen

791
00:47:25,290 --> 00:47:30,090
en laten die voor hem bidden en hem met
olie zalven in de Naam van de Heere.

792
00:47:30,090 --> 00:47:31,290
Meervoud.

793
00:47:31,290 --> 00:47:33,990
‘Van de gemeente.’ Enkelvoud.

794
00:47:33,990 --> 00:47:37,410
Elke gemeente in elke
stad had meerdere oudsten.

795
00:47:37,410 --> 00:47:41,130
We lezen nergens in de Bijbel over
een voorganger van een gemeente,

796
00:47:41,130 --> 00:47:45,390
of over een gemeente met één
persoon die de enige leider was.

797
00:47:45,390 --> 00:47:48,390
De oudsten van de gemeente
deelden blijkbaar gezamenlijk,

798
00:47:48,390 --> 00:47:52,230
in onderlinge samenwerking, de
last van het hoeden van de kudde.

799
00:47:52,230 --> 00:47:55,710
In vers 7 staat dat hij
niet opvliegend moet zijn.

800
00:47:55,710 --> 00:47:57,630
Dat alleen al zou veel mannen die

801
00:47:57,630 --> 00:48:01,890
tegenwoordig zowel oudste als
voorganger zijn, ongeschikt maken.

802
00:48:01,890 --> 00:48:06,390
Het was precies die tekortkoming
waardoor een voorganger in een gemeente

803
00:48:06,390 --> 00:48:09,210
uit zijn functie werd gezet en vervangen.

804
00:48:09,210 --> 00:48:12,930
Hij was een oudere man en
was al heel lang voorganger,

805
00:48:12,930 --> 00:48:17,010
maar iedereen die met hem werkte
wist dat hij een kort lontje en een

806
00:48:17,010 --> 00:48:18,330
scherpe tong had.

807
00:48:18,330 --> 00:48:22,650
Hij kwetste en intimideerde bijna
iedereen die met hem werkte.

808
00:48:22,650 --> 00:48:25,890
Als ze zich aan deze vereiste
voor oudsten hadden gehouden,

809
00:48:25,890 --> 00:48:28,530
zou die man nooit oudste zijn geworden.

810
00:48:28,530 --> 00:48:32,370
Het interessante is dat het
kerkgenootschap waartoe hij behoorde,

811
00:48:32,370 --> 00:48:34,230
vanwege deze uitspraak,

812
00:48:34,230 --> 00:48:39,390
Zo iemand moet onberispelijk zijn, de man
van één vrouw, gelovige kinderen hebben,

813
00:48:39,390 --> 00:48:43,350
die niet te beschuldigen zijn van
losbandigheid of opstandigheid.

814
00:48:43,350 --> 00:48:48,030
Want een opziener moet onberispelijk zijn,
als een beheerder van het huis van God,

815
00:48:48,030 --> 00:48:54,510
niet eigenzinnig, niet opvliegend, niet
verslaafd aan wijn, niet vechtlustig,

816
00:48:54,510 --> 00:49:00,510
niet uit op oneerlijke winst, maar
gastvrij, goedwillend, bezonnen,

817
00:49:00,510 --> 00:49:06,450
rechtvaardig, heilig, beheerst, iemand
die zich houdt aan het betrouwbare woord,

818
00:49:06,450 --> 00:49:10,590
dat overeenkomstig de leer
is, zodat hij bij machte is

819
00:49:10,590 --> 00:49:14,070
anderen te bemoedigen door het
gezonde onderwijs en ook de

820
00:49:14,070 --> 00:49:15,930
tegensprekers te weerleggen.

821
00:49:15,930 --> 00:49:20,550
als beleid heeft dat niemand die meer
dan één keer getrouwd is geweest,

822
00:49:20,550 --> 00:49:23,430
voorganger in hun
kerkgenootschap mag zijn,

823
00:49:23,430 --> 00:49:26,790
ongeacht de omstandigheden
van het vorige huwelijk.

824
00:49:26,790 --> 00:49:29,490
Tenzij ze natuurlijk
weduwnaar waren geworden.

825
00:49:29,490 --> 00:49:33,930
Maar als ze gescheiden waren, ongeacht
welke verklaring daarvoor gegeven kan

826
00:49:33,930 --> 00:49:39,570
worden, ongeacht welke overwegingen dan
ook, als ze gescheiden of hertrouwd zijn,

827
00:49:39,570 --> 00:49:43,110
kunnen ze geen voorganger
in dat kerkgenootschap zijn.

828
00:49:43,110 --> 00:49:48,330
Want ze willen vasthouden aan een strikte
uitleg van ‘de man van één vrouw’.

829
00:49:48,330 --> 00:49:52,350
Maar terwijl ze sommige voortreffelijke
mannen met een hoogstaand karakter

830
00:49:52,350 --> 00:49:57,450
uitsluiten van het voorgangerschap omdat
ze aan die ene regel hier vasthouden,

831
00:49:57,450 --> 00:50:00,510
laten ze bepaalde mannen die
maar één vrouw hebben gehad wel

832
00:50:00,510 --> 00:50:04,530
voorganger en oudste zijn, terwijl
die op deze andere gebieden een

833
00:50:04,530 --> 00:50:06,330
slecht karakter hebben.

834
00:50:06,330 --> 00:50:10,110
In dit specifieke geval was
opvliegendheid een probleem.

835
00:50:10,110 --> 00:50:14,250
De woorden ‘given to’
betekenen verslaafd aan wijn.

836
00:50:14,250 --> 00:50:17,250
Het verbiedt dus niet dat
hij ooit wijn aanraakt,

837
00:50:17,250 --> 00:50:22,050
maar hij mag geen man zijn die alcohol
nodig heeft of op welke manier dan ook

838
00:50:22,050 --> 00:50:26,850
afhankelijk is van alcohol, en
zeker niet iemand die dronken wordt.

839
00:50:26,850 --> 00:50:31,710
Hoe kun je in vredesnaam zien of
iemand geldzuchtig is of niet?

840
00:50:31,710 --> 00:50:36,030
Soms is het een stuk gemakkelijker
om te zien dat iemand dat niet is

841
00:50:36,030 --> 00:50:37,950
dan dat hij het wel is.

842
00:50:37,950 --> 00:50:42,270
Als ze het niet voor het geld doen,
als ze er geen geld voor krijgen,

843
00:50:42,270 --> 00:50:45,390
dan weet je dat ze het
niet voor het geld doen.

844
00:50:45,390 --> 00:50:49,050
Sommigen van jullie hebben een boek
gelezen dat ik onlangs ook heb gelezen,

845
00:50:49,050 --> 00:50:53,730
met de titel Will the Real
Heretics Please Stand Up.

846
00:50:53,730 --> 00:50:58,170
Ik vond het interessant om daar, in
citaten van de kerkvaders uit de tweede en

847
00:50:58,170 --> 00:51:02,610
derde eeuw, te lezen dat het als
ketterij werd beschouwd als een

848
00:51:02,610 --> 00:51:05,310
oudste van een gemeente betaald kreeg.

849
00:51:05,310 --> 00:51:07,830
Bij de kerkvaders, tot aan de tijd van

850
00:51:07,830 --> 00:51:10,590
Constantijn aan het
begin van de vierde eeuw,

851
00:51:10,590 --> 00:51:14,910
geloofden de kerkvaders dat het
iemand was die betaald kreeg.

852
00:51:14,910 --> 00:51:21,570
De opname eindigt midden in deze gedachte;
de slotzin is in de bron onvoltooid.

853
00:51:21,570 --> 00:51:26,430
De voorgaande zin zegt dat de kerkvaders
het als ketterij beschouwden als een

854
00:51:26,430 --> 00:51:27,390
oudste betaald kreeg.
